ANS-krant 1 (J36)

Page 1

Algemeen Nijmeegs Studentenblad ans.online ANS_online Editie 1 - 23 september 2021

2

Nieuws Ritalin heeft een verhogend effect heeft op de motivatie, echter is het afhankelijk van het dopaminegehalte.

3

Column De angst voor het eenzame diner.

3

Het laatste oordeel

ANS verschanst zich in de collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU

8

Kamervragen Twee zeer verschillende studenten vinden elkaar in een Pink Floyd poster.

Tijdgeest

DE BLOEIPERIODES VAN DE KAMERPLANT

illustratie Ande Cremers

Of het nou gaat om tientallen goed verzorgde, vrolijk ogende planten of een zielig verdord takje in de hoek van de kamer: de kamerplant is niet meer weg te denken uit de gemiddelde woonkamer. Pagina 7: Waar komt deze fascinatie voor kamerplanten vandaan en hoe lang blijft deze nog doorgroeien? Achtergrond

Op sommige momenten gaan jongeren voor een bepaald thema de straat op, maar soms blijft protest uit. Pagina 4: Wat beweegt jongeren om te gaan demonstreren?

Email redactie@ans-online.nl Adres Heyendaalseweg 141 6525AJ Nijmegen Tel. 0636458763

Interview

Afgelopen maart behaalde Volt onder leiding van lijsttrekker Laurens Dassen drie zetels bij de Tweede Kamerverkiezingen. Pagina 5: Wat kunnen zij verwachten en hoe vergaat het de jonge Dassen zelf in de Kamer?


2

COMMENTAAR

Nieuws Wetenschap

Opbloeien Een fysieke introductieweek, een kennismaking op de campus en een daadwerkelijke ontmoeting met je medestudenten. Het lijkt wel een droom. Het nieuwe collegejaar begint fysiek en zelfs de anderhalve meter wordt afgeschaft. Het is tijd voor een nieuw begin. Een nieuwe lichting studenten begint en van de voorgaande kan gezegd worden dat zij opnieuw begint. Twee generaties studenten kennen de universiteit namelijk vooral vanaf hun beeldscherm. Je wordt wakker, zet je laptop aan met de camera uit en zodra de break-out rooms worden aangekondigd ga je maar douchen. Dit jaar is echter anders. Dit jaar is er goede hoop. De universiteit gaat open en verstoppen kan je nu alleen nog achterin de grote collegezaal, maar dan zal je toch echt eerst gedoucht moeten hebben. Bereid je voor op dringen voor een plekje in de overvolle bus of haasten met de fiets. Bereid je voor op de aller saaiste hoorcolleges (prop je kussen maar in je tas), op de hoge prijzen van de Spar voor de pizzabroodjes en begin maar met sparen voor alle koffietjes uit de automaat die je nodig zal hebben komend jaar. Maar, bereid je vooral voor op biertjes in het Cultuurcafé, lunchen met je studiegenoten, langs hoppen bij de kamer van je studievereniging en het lezen van de ANS. Misschien ga je zelfs je kleine studentenkamer missen. Het gaat wel even wennen zijn om niet meer elke dag voor je planten te zorgen. Nu is echter de tijd aangebroken dat jij kan bloeien. Daar kan je niet snel genoeg mee beginnen als je de woorden uit het klimaatrapport van het IPCC moet geloven. Het weer wordt namelijk steeds extremer. Na zo’n schrikbarend rapport zou je toch verwachten dat de mensen die de toekomst moeten meemaken massaal de straat op gaan? Waarom is dit niet gebeurd? Geloven we dan allemaal in Nijmegen dat Laurens al de oplossing in handen heeft? Lees deze ANS en het antwoord zal je tegenmoetkomen. Opwarming van de aarde of niet, wij drukken op papier. Overal zijn we te vinden. Op de universiteit, in de stad, in studentencomplexen. Want wie wil het ANS nou niet? We denken echter ook wel aan het milieu. Je kan ons namelijk vinden op de site, app en sociale media. Zo kent men ANS toch nog als Algemeen Nijmeegs Studentenblad en verandert de afkorting niet in Aardbevingen, Natuurbranden en Stortvloeden. De hoofdredactie

Effect van Ritalin afhankelijk van dopaminegehalte Het is al langer bekend dat Ritalin de concentratie tijdens het studeren kan verbeteren. Uit onderzoek blijkt nu ook dat het dopaminegehalte in de hersenen verband houdt met de sterkte van het effect van Ritalin. Dit geneesmiddel heeft dan ook afhankelijk van het dopaminegehalte effect op de motivatie voor een taak.

Uit het onderzoek van Lieke Hofmans, onlangs gepromoveerd aan het Radboud UMC, blijkt dat methylfenidaat, beter bekend als Ritalin, verhogend werkt voor de motivatie voor een bepaalde taak. Bovendien blijkt dat mensen met een hoog dopaminegehalte in de hersenen extra kunnen profiteren van methylfenidaat. Dit betekent echter niet dat een pilletje Ritalin altijd positieve gevolgen heeft. ‘Te veel motivatie kan slecht zijn’, zegt Hofmans. ‘Stel dat je je gaat focussen op een taak omdat je er motivatie voor hebt, dan kan methylfenidaat ervoor zorgen dat je niet meer open staat voor andere taken. Bij het schrijven van een essay kun je bijvoorbeeld een tunnelvisie vormen op maar een aspect, waardoor het leggen van verbanden bijvoorbeeld minder goed lukt.’ Dopaminegehalte Hofmans onderzocht het effect van dopamine op de uitvoering van cognitieve taken. De proefpersonen in het onderzoek begonnen met een werkgeheugentaak. Er verscheen een set kleuren op het scherm en deze moesten de deelnemers onthouden. Daarna kregen ze nog een scherm te zien waarbij ze de opdracht kregen sommige kleuren te onthouden en andere te vergeten. De proefpersonen moesten dus constant opletten op zowel de kleuren als op de regels die ze moesten volgen. Afsluitend kregen ze vragen waarin ze precies aan moesten geven waar bepaalde kleuren op het scherm stonden.

Vervolgens kregen de proefpersonen ofwel een dosis methylfenidaat ofwel placebo toegediend. Na de inwerking van de medicatie moesten de proefpersonen kiezen tussen het spelen van een werkgeheugentaak of even niets doen terwijl ze in de testruimte bleven. ‘Methylfenidaat zorgt er niet alleen voor dat mensen vaker de motivatie

‘Er is veel variatie en je kunt dus niet voorspellen wat het effect van Ritalin bij jou is.’ hebben om voor de taak te kiezen’, zegt Hofmans. Het blijkt daarnaast dat het dopaminegehalte in de hersenen ook nog eens een versterkend effect heeft. Hofmans vat samen: ‘Hoe meer dopamine een testpersoon aanmaakt, hoe sterker het effect van methylfenidaat is.’ Gepersonaliseerde geneeskunde Het effect van methylfenidaat is volgens Hofmans niet eenduidig, gezien de verschillen in effect van methylfenidaat tussen proefpersonen door het dopaminegehalte in de hersenen. Dit benadrukt volgens haar het belang van gepersonaliseerde geneeskunde. Daarbij kijk je naar de symptomen van een persoon en hoe deze kunnen worden opgelost. ‘Niet alle mensen met ADHD hebben bijvoorbeeld dezelfde symptomen’, zegt Hofmans. ‘Het is dus belangrijk om niet te kijken naar alleen een diagnose, maar echt naar de mens op individueel niveau.’ Ze concludeert: ‘Er is veel variatie en je kunt dus niet voorspellen wat het effect van Ritalin bij jou is. De nadelen ervan zijn in ieder geval niet te onderschatten.’ Gian Oerlemans

Onderwijs

Honderden meldingen van studenten over de coronacompensatie De Landelijke Studentenvakbond (LSVb) heeft sinds 10 augustus een pagina op hun website waarop studenten een melding kunnen maken van de misgelopen coronacompensatie. Inmiddels zijn er al honderden meldingen binnen. ‘Het is belangrijk dat de studenten hun ervaringen delen.’ Studenten die afgelopen jaar vertraging opliepen vanwege corona krijgen een vergoeding van de overheid van 535 euro. Een voorwaarde is dat ze voor 31 augustus 2021 zijn afgestudeerd. ‘We kregen via de studentenlijn te horen dat verschillende studenten tussen wal en schip vallen bij deze huidige regeling’, vertelt Ama Boahene, voorzitter van de LSVb. Door ziekte of afgelaste stages lopen veel studenten deze vergoeding mis. Zij moeten aankomend jaar nog een korte periode doorstuderen en ontvangen daardoor geen tegemoetkoming. ‘Dat is oneerlijk’, stelt Boahene. Daarom heeft de LSVb sinds kort het Meldpunt Coronacompensatie. Meldingen Er komen verschillende soorten meldingen binnen, zo vertelt de voorzitter. ‘Zo zijn er bijzondere verhalen over studenten die slechts een of een paar dagen vertraging oplopen doordat ze hun scriptie pas later kunnen inleveren’, zegt Boahene. ‘Deze studenten vallen buiten de regeling en dat is denk ik niet de bedoeling geweest.’ Er komen niet alleen meldingen van afstuderende masterstudenten, maar ook universitaire bachelorstudenten kaarten het probleem aan op de website van de LSVb, laat Boahene weten. Ook zij kunnen vertraging oplopen, maar komen überhaupt niet in aanmerking voor de vergoeding van 535 euro.

Doelen ‘Het is belangrijk dat de studenten hun ervaringen delen’, stelt de voorzitter. ‘Op die manier kunnen we een beter beeld krijgen van het

‘Er zijn verhalen over studenten die slechts een of een paar dagen vertraging oplopen doordat ze hun scriptie pas later kunnen inleveren.’ aantal studenten dat vertraging heeft opgelopen maar geen compensatie krijgt.’ Boahene laat weten dat de LSVb dit probleem al eerder heeft aangekaart bij het ministerie, maar er toen niets mee is gedaan. Op 31 augustus sluit de LSVb het meldpunt en gaan ze nog een keer in gesprek met het ministerie. ‘Als het ministerie ziet dat er zoveel gedupeerde studenten zijn dan moet er wel iets mee worden gedaan’, vertelt ze. ‘We laten immers zien dat de regeling niet goed werkt.’ Vervolg Mocht er niets worden veranderd dan kan het probleem wel nog op de politieke agenda komen, zo zegt Boahene. ‘Kamerleden kunnen bijvoorbeeld een motie indienen.’ De voorzitter heeft echter goede hoop voor een verbeterde regeling. ‘In de ideale situatie wordt elke student die vertraging heeft opgelopen gecompenseerd, op wat voor manier dan ook’, stelt ze. Delphine Broasca

Onderwijs

Doorstroom naar Engelstalige masters beperkt: ‘Universiteit kan meer geld besteden aan ondersteuning.’ Uit een publicatie van de Inspectie van het Onderwijs blijkt dat niet alle studenten na hun bachelordiploma in gelijke mate naar een Engelse master doorstromen. De oorzaak voor de mindere doorstroming ligt deels bij de omgeving van deze studenten. Toch kan ook de universiteit een rol spelen om de doorstroming te verbeteren: ‘Sommige studenten hebben net een extra duwtje in de rug nodig.’ Uit de publicatie blijkt dat eerstegeneratiestudenten, studenten met een lage sociaaleconomische status en studenten met een migratieachtergrond minder vaak doorstromen naar Engelstalige masters dan hun collega-studenten. ‘Hoewel deze doorstroom verschillend is, blijkt er bij selectieve masters, die bestaan uit zowel Nederlands- als Engelstalige masters, geen verschil te zijn tussen deze groepen en overige studenten wat betreft de doorstroming naar een master’, zegt Margriet van Hek, universitair docent onderwijssociologie aan de Radboud Universiteit. Ze ziet de evenredige vergelijkbare doorstroming naar selectieve masters dan ook als goed nieuws in het kader van kansengelijkheid. Deze verschillen vindt ze echter wel opvallend. ‘Je zou denken dat daar grotendeels dezelfde mechanismen aan ten grondslag liggen.’ Zelfselectie Volgens Van Hek wordt de mindere doorstroom naar Engelstalige masters veroorzaakt door een aantal factoren. Zo kan je denken aan verschillen in onderwijsloopbaan (bijvoorbeeld de soort bachelor) en selectieprocedures die bepaalde groepen voortrekken. Een andere verklaring is zelfselectie. Studenten besluiten in dat geval zelf om niet voor een bepaalde master te kiezen. De reden hiervoor zoekt de

universitair docente in de directe omgeving van studenten. Een belangrijk onderdeel hiervan zijn familie en vrienden. ‘Het kan bijvoorbeeld voorkomen dat een student vanuit huis minder wordt gestimuleerd om voor een Engelstalige master te gaan’, stelt Van Hek. ‘Je ziet bij deze groepen ook vaak een voorkeur om in de buurt te blijven van de omgeving waarin ze zijn opgegroeid.’ Daarnaast kan een vriendengroep invloed hebben op de keuze tot een (Engelstalige) master. ‘Stel dat je de enige in je vriendengroep bent die aan de universiteit studeert, dan zullen je vrienden je naar verwachting niet aanmoedigen om voor de specifieke master te gaan door op de uitdaging en de loopbaankansen van een master te wijzen’, vervolgt Van Hek. Dit staat in scherp contrast tot een directe omgeving met veel hoogopgeleiden. Die zou volgens de sociologe juist wel stimulerend kunnen werken in de keuze om een Engelstalige master te gaan doen. Mentorfunctie Hoewel de oorzaken dus liggen bij de directe omgeving, kan de universiteit ook een bijdrage leveren. ‘Zij kan bijvoorbeeld meer ondersteuning bieden om de doorstroming te verhogen door meer geld te besteden aan ondersteuning door studieadviseurs’, zegt Van Hek daarover. Het kan bovendien helpen om docenten meer tijd te geven voor onderwijstaken, aldus Van Hek. Ze observeert dat eerstegeneratiestudenten, studenten met een lage sociaaleconomische status en studenten met een migratieachtergrond in het algemeen onzekerder zijn over hun kunnen dan overige studenten: ‘Zij hebben net een extra duwtje in de rug nodig. Door extra tijd voor onderwijstaken te regelen, kan een docent meer een mentorfunctie vervullen voor studenten.’ Ze concludeert: ‘Op deze manier kunnen docenten meer in gesprek gaan met studenten over hun masterkeuze.’Gian Oerlemans


3

HET LAATSTE OORDEEL tekst Loïs Verkooijen en Tom Steenblok illustratie Ande Cremers

Duffe opsommingen of ultiem entertainment?

ANS verschanst zich in de collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU STUDIE :

Economie & Bedrijfseconomie

COLLEGE :

Microeconomie, 10:30 - 12:15, online

DOCENT :

Dr. Albert de Vaal

EINDCIJFER:

UITSTRALING : Geronimo Stilton zonder fantasie PUBLIEK :

Stille kapitalisten

D

r. Albert de Vaal begint het langdradige en dichtgepakte college met veel optimisme over de mooie dinsdagochtend. De ruim zestig aanwezigen volgen het college via Bongo, waarbij iedereen zoals gewoonlijk de camera uit laat. Het college gaat over monopolies, oligopolies en markten met perfecte competitie. De Vaal verduidelijkt de stof aan de hand van een illustratie over twee vliegtuigmaatschappijen. Dit is een voorbeeld dat hij, aan de kwaliteit van de plaatjes te zien, al jarenlang gebruikt. Vanaf het startschot is het duidelijk dat de docent het monopolie op de microfoon heeft, aangezien reacties van studenten uitblijven wanneer hij vragen stelt. Het vak Microeconomics is ondanks de deskundige uitleg van De Vaal de schrik van veel economiestudenten. Jaarlijks haalt slechts een derde het tentamen bij de eerste kans. Dit jaar is er geen reden tot meer hoop. Na ruim een half uur slaakt een van de studenten dan ook een noodkreet in de chat: ‘I don’t understand any of this :)’, om aan te geven dat het kwartje voor haar niet valt. De docent reageert echter niet en gaat zuchtend verder met de rappe uitleg van de ingewikkelde stof. De Vaal probeert kort daarna toch wat

interactie te creëren met een Mentimeter van welgeteld één vraag. Deze laagdrempelige poging heeft effect. Het publiek lijkt wakker te zijn geschud en de studenten vinden hun weg naar de chatfunctie. De econoom demonstreert zijn vakkennis door elke vraag zorgvuldig te beantwoorden. Zelfs wanneer een student hem corrigeert blijkt de docent het na even zoeken toch bij het rechte eind te hebben. De student verontschuldigt zich snel in de chat. ‘You should be sorry’, grapt De Vaal. Na de pauze raakt het college toch weer in recessie: in de chat heerst een doodse stilte. De Vaal probeert de droge stof op te leuken met een sporadisch grapje. Toch maken in het laatste half uur van het college ruim tien van zijn kijkers de balans op: ze besluiten hun verlies te nemen en verlaten het college. Tot ieders schrik verschijnen er, na vijftig minuten taaie stof, ook nog eens complexe formules op de slide. De al enigszins verslapte aandachtsspanne van studenten begeeft het nu helemaal. Het verduidelijkt des te meer dat de meeste economiestudenten niet van alle markten thuis zijn. De Vaal sluit zijn monoloog af met een publiek van veertig toeschouwers, een krimp van ruim dertig procent. ANS

STUDENTENMOMENTJE Eerstejaars Claire Vaessen verruilt het vertrouwde Culemborg voor het spannende Nijmegen, waar het studentenleven op haar wacht. Of het je nou gisteren of jaren geleden gebeurde, iedere student herkent de kleine momenten die zij vastlegt.

De angst voor het eenzame diner Gulzige blikken verwelkomden ons toen we met een reusachtige pan chili sin carne het balkon op liepen. Ze waren afkomstig van de bewoners van het studentenhuis waar een vriend en ik op bezoek waren. De vriend in kwestie stond naast me met een geïmproviseerde salade in zijn handen, die samen met de rest van de maaltijd als bedankje diende voor het aangeboden onderdak. Ik voelde me een beetje jaloers toen ik de bewoners hoorde over de enorme hoeveelheid wraps die ze de laatste tijd aten. Niet omdat ik zo dol ben op wraps, maar omdat hieruit bleek dat ze vaak samen aten. Dit vermoeden had ik al bij het zien van de keuken. Deze was versierd met uitgescheurde vegetarische recepten en er lag slechts één opscheplepel. In het studentenhuis van mijn broer is dit heel anders: daar staan twee magnetrons, schitteren kale muren en heeft iedereen een eigen kleur afwasborstel. Dat mijn broer elke dag alleen op zijn kamer eet, met uitzondering van de enkele keren dat hij bij vrienden op bezoek gaat, vindt hij absoluut geen probleem. Anders dan hij moet ik er echter niet aan denken om mijn laptop als dinnerdate te hebben. Vandaar dat ik opspring van enthousiasme als ik tijdens mijn kamerjacht een Facebookadvertentie zie met ‘niemand hoeft hier ooit alleen te eten’. Helaas hebben deze huizen vaak intimiderende wensen als ‘we willen graag dat je veel thuis bent, ook in het weekend’ en ‘we zoeken een man van 20+’. Die beloftes durf ik simpelweg niet te maken. Het is dus nog even zoeken naar een geschikt huis waar ik niet alleen hoef te eten. Mijn afkeer daartegen is ontstaan toen mijn ouders een keer een week van huis waren. Na de zoveelste troosteloze snelle pasta kreeg ik genoeg van het eten met uitsluitend een slechte comedy ter gezelschap. Huizen waarbij iedereen ‘lekker zijn eigen ding doet’, schrikken me sindsdien een beetje af. Het advies van mijn vader schoot me ineens te binnen: ‘goed netwerken’. Voorzichtig vroeg ik, met de dampende pan nog in mijn handen, of de bewoners hun ogen voor me open wilden houden. Naast wat instemmend geknik kreeg ik ook nog tips voor als het ideale huis dan ooit op Facebook verschijnt. ‘Uiteindelijk vindt iedereen een gezellige plek om te wonen’, werd me op het hart gedrukt door een van hen. Hij had zelf ook een langdurige kamerzoektocht achter de rug. ‘En anders weet ik nog wel een leuke serie.’

tekst Claire Vaessen illustratie Inge Spoelstra


4

Achtergrond

JE BENT JONG EN JE WILT WAT tekst Jochem Bodewes en Irene Wilde illustratie Flórián Kiers

Waar jongeren zich tijdens de Black Lives Matter-protesten verenigden en hun stem lieten horen, is het stil rondom de nijpende situatie op de woningmarkt. Op sommige momenten gaan jongeren voor een bepaald thema de straat op, maar soms blijft protest uit. Wat beweegt jongeren om te gaan demonstreren?

‘H

Wij tellen ook mee amper in de Tweede Kamer en een deel van et zijn jongeren die deze week naar de Jongeren die zich activistisch uiten, doen dat deze groep heeft nog geen stemrecht. Door stadscentra trokken in om hun stem te laten horen. ‘Dat is vooral be- te protesteren nemen zij toch deel aan het de strijd tegen racis- langrijk als je onder een gemarginaliseerde democratische proces. me’, duidde dagblad groep zoals jongeren valt. Zij worden over Activisme komt in talloze vormen voor, en het algemeen niet serieus genomen door straatprotest is daarvan het meest zichtbaar. Trouw de Black Lives Matter-protesten die plaatsvonden in de zomer volwassenen’, vertelt Emma Broholm, voorzit- ‘Dat is dan ook de meest prototypische vorm’, van 2020. Het lukte deze jonge mensen toen ter en bestuurslid bij Alert Fonds voor Jonge- legt Jacquelien van Stekelenburg uit, die als om gezamenlijk op grote schaal ergens voor ren. Deze Nederlandse organisatie verstrekt hoogleraar Sociale Verandering en Conflict te demonstreren. Dezelfde generatie speelde fondsen aan initiatieven van activistische, aan de Vrije Universiteit onderzoek doet naar ook de hoofdrol in de klimaatstakingen die progressieve jongeren over de hele wereld. demonstraties. Hiernaast zijn er minder zichttwee jaar geleden begonnen. Bij die acties ‘Dat doen we omdat ze niet dezelfde midde- bare manieren waarop jongeren zich activisverzamelden tienduizenden jongeren zich om tisch uiten. Een voorbeeld hiervan is political publiekelijk hun boodschap te verkondigen: consumerism: ‘Consumenten laten hierbij op deze manier kan het niet langer. politieke motieven hun koopgedrag bepaToch gaan jongeren niet altijd makkelijk de len door een buycot of boycot’, verklaart Van straat op: op sommige thema’s blijft protest Stekelenburg. Zij kopen bijvoorbeeld geen uit. Neem bijvoorbeeld het nijpende woningkleding waar kinderarbeid aan te pas is getekort, bij uitstek een probleem van de jonge len hebben als volwassenen om hun mening komen, maar wel fair trade koffie. generatie die is veroordeeld tot onmogelijke te uiten’, verklaart ze het doel van de orgakamer- en woningzoektochten of torenhoge nisatie. Jongeren hebben namelijk minder Momentum voor verandering huurprijzen. Dat heeft de afgelopen tijd ech- mogelijkheden om de publieke opinie te Historisch gezien demonstreren jongeren vooral voor toekomstgerichte en idealistiter niet tot groot zichtbaar activisme geleid. beïnvloeden en ze bekleden minder machtssche thema’s, vertelt Hoetink. ‘Volwassenen Ook voor thema’s waar eerder wel voor is posities. Deze ongelijkheid leidt ertoe dat zij gaan vaker de straat op voor het behoud gedemonstreerd, wordt op sommige mo- worden gemarginaliseerd in politieke beslui- van zaken, terwijl jongeren vaker bezig zijn menten geen protest gevoerd. Zo heeft het ten en protest nog noodzakelijker is. ‘Je zou met wat er allemaal anders moet’, licht ze toe. Niet vreemd: jongeren zijn gemiddeld klimaatprobleem, dat onverminderd groot is demonstraties kunnen zien als een parallelle ten opzichte van twee jaar geleden, niet meer volksvertegenwoordiging’, voegt Carla Hoe- genomen progressiever dan volwassenen. tot grote demonstraties geleid. Het roept de tink toe, die zich als historicus aan de Rad- Volgens Hoetink was dit in de jaren zestig te zien toen jongeren zich uitspraken voor een vraag op: wat beweegt jongeren om de boud Universiteit bezighoudt met tradities vrijere seksuele moraal. Vandaag de dag straat op te gaan? van massaprotest. Jongeren zitten immers komt het contrast terug in bijvoorbeeld de

Door te protesteren nemen zij toch deel aan het democratische proces.

Zwartepietendiscussie. Het zijn voornamelijk volwassenen die zich activistisch uiten voor het behoud van de traditie. Het antiracisme-activisme, waarin vooral jongeren actief zijn, richt zich daarentegen op een drastische verandering van de huidige situatie in de maatschappij. Hoetink stelt dat deze roep voor verandering niet altijd even luid klinkt. Hoewel de problemen doorlopend zijn, is er in het algemeen een directe aanleiding nodig om activisme in gang te zetten. ‘Als de regering een nationaal woonplan presenteert, zou dat een gelegenheid kunnen vormen voor jongeren om elkaar op te roepen naar Den Haag te trekken’, licht ze toe. Op zo’n moment kunnen demonstranten zich concreet over een probleem uiten, waardoor mensen sneller te mobiliseren zijn. De afgelopen jaren heeft een concrete trigger zich echter nog niet voorgedaan op de woningmarkt. Broholm herkent het belang van een aanleiding in de aanvragen die Alert Fonds binnenkrijgt: ‘Je merkt dat protesten en de-

Desondanks organiseren jongeren ook regelmatig op eigen houtje protesten.

monstraties vaak op korte termijn worden georganiseerd omdat het een reactie is op wat er dan speelt.’ Zo kreeg de organisatie naar aanleiding van het oplaaiende geweld in Israël en Palestina afgelopen mei veel aanvragen binnen voor pro-Palestina demonstraties. Een ander voorbeeld van reactieve demonstraties waren de Black Lives Matter-protesten. De moord op George Floyd, waarvan iedereen de schokkende beelden op het internet te zien kreeg, en de massale protesten overzees zorgden ondanks de coronacrisis voor een grote mobilisatie onder Nederlandse jongeren. Eigen bosbrandje Als er eenmaal een aanleiding is, is voor de totstandkoming van een demonstratie in de eerste plaats een organisatie of individu nodig die het initiatief neemt. Dit noemt Van Stekelenburg de aanbodzijde. Een voorbeeld van zo’n organisatie is studentenvakbond AKKU, die regelmatig demonstraties op touw probeert te zetten. Volgens Broholm is netwerken belangrijk om een succesvol initiatiefnemer te worden: ‘Op het moment dat je bij een organisatie zit of daarbinnen mensen kent, helpt dat als je een demonstratie wil opzetten.’ Binnen deze kringen is immers veel kennis over het vormgeven van demonstraties, het gebruik van sociale media en het mobiliseren van mensen. Desondanks organiseren jongeren ook regelmatig op eigen houtje protesten. Volgens Broholm is de reden hiervoor dat individuen bestaande actieorganisaties niet kennen, zich er niet bij willen aansluiten of omdat er simpelweg nog geen relevante organisatie is. De eerste klimaatstakingen die de Fridays For Future-beweging (FFF) organiseerde, zijn een voorbeeld van zelf opgezette acties. Scholieren zonder activistische ervaring organiseerden daarbij grote demonstraties. De protesten kwamen in heel de wereld op gang en ook in Nederland was er een onverwacht grote opkomst bij de klimaatstaking in 2019. Toch lukte het de Nederlandse tak van FFF niet om dit soort demonstraties regelmatig te organiseren. ‘Om bepaalde issues terug te laten komen, heb je wel enige structuur nodig. FFF organiseerde in Zweden en België iedere vrijdag protesten’, vertelt Van Stekelenburg. De scholieren die daarbij betrokken raakten, wisten zich snel te organiseren en zetten het onderwerp herhaaldelijk met toewijding op de agenda. In Nederland vonden de organiserende scholieren het onderwerp daarentegen wel interessant en belangrijk, maar waren ze volgens Van Stekelenburg te druk


5 met het dagelijks leven zoals examens: ‘Hierdoor kon er geen duurzaam geheel ontstaan.’ Als jongeren eigenhandig demonstraties willen organiseren, is het dus van belang dat zij consequent protesten aanbieden. ‘Hé waar blijf je, eikel’ Wanneer het aanbod van een demonstratie ontstaat, is het vervolgens belangrijk dat er voldoende anderen zijn die zich genoeg zorgen maken om voor het onderwerp de straat op te willen gaan. Van Stekelenburg noemt dit aspect de vraagzijde. ‘Om bereid te zijn mee te demonstreren, moeten jongeren boos of verontwaardigd over een onderwerp zijn.

Komen de bezorgde jongeren daadwerkelijk naar het protest? Daarnaast kan identificatie met een persoon ook een rol spelen.’ Ze gebruikt het voorbeeld van Greta Thunberg, die in haar eentje klimaatmarsen over de hele wereld aanwakkerde en bij wereldleiders werd uitgenodigd. ‘Uit ons onderzoek blijkt dat met name meiden zich sterk identificeren met Greta’, stelt

van Stekelenburg. ’Ze zien dat het haar lukt om invloed uit te oefenen en dat activeert hen om ook de straat op te gaan.’ Wanneer jongeren het gevoel krijgen dat er dankzij activisme naar hen kan worden geluisterd, zijn ze dus eerder bereid de barricaden op te gaan. De aanbod- en vraagzijde komen samen in de mobilisatie. Daarin staat één vraag centraal: komen de bezorgde jongeren daadwerkelijk naar het protest? Via sociale media kunnen organisatoren van demonstraties ze in ieder geval aanmoedigen. Dit zorgt volgens Broholm dan ook voor een veel groter bereik van jongerenactivisme. ‘De Black Lives Matter-protesten zijn hier een voorbeeld van: die hebben zich vooral verspreid via sociale media’, vertelt ze. Van Stekelenburg beaamt dat sociale media bijdragen aan de mobilisatie, al is sociale controle wel nodig om jongeren het laatste zetje te geven om ook echt de straat op te gaan. Ze zag dit terug bij haar eigen zoon: ‘Toen hij met klasgenoten naar de klimaatstaking in Den Haag ging, was een van hen niet komen opdagen. Dan wordt er meteen geappt: “Hé waar blijf je, eikel?!” Ook Hoetink erkent dit sociale aspect: ‘Er kan wel veel aandacht voor een bepaald onder-

werp zijn, maar de lont gaat pas in het kruitvat als je in de collegezaal met elkaar besluit om echt iets te gaan doen.’ (On)zichtbaar activisme Naast de grootschalige protesten, kan activisme zich ook minder opzichtig manifesteren. ‘Het beeld heerst bij mensen dat activisme altijd betekent dat je met spandoeken de straat op gaat, maar op lokaal niveau de samenleving of een gemeenschap sterker maken is ook activisme’, aldus Broholm. Volgens haar passen organisaties als Verdedig Noord in Amsterdam dit ‘onzichtbare activisme’ toe in

‘Dat is een vorm van activisme waar we ons niet altijd bewust van zijn.’ de strijd op de woningmarkt: ‘Zij zetten zich in tegen de woningcrisis door gesprekken te voeren met de gemeente. Dat is een vorm van activisme waar we ons niet altijd bewust van zijn.’ Wat is de oorzaak van de afwezigheid van zichtbare protesten rondom dit thema? Volgens Hoetink heeft dit ermee te maken dat de

woningcrisis een lastig ‘demonstreerbaar’ onderwerp is: ‘Jongeren die nu geen eigen huis hebben, maar dat in de toekomst wel zouden willen, horen nog nergens bij.’ Dit heeft invloed op het samenkomen van de aanbod- en vraagzijde. Hoewel er misschien genoeg individuele jongeren zijn die zich zorgen maken om dit thema, blijkt het namelijk lastig om hen die op straat staan ook de straat op te krijgen. Hoetink herkent dit: ‘Voor huurders en eigenhuisbezitters zijn er verenigingen, maar voor jongeren zonder woning niet. Er zou eerst een soort platform moeten komen om deze groep te mobiliseren.’ De woningcrisis toont mooi aan dat alleen boosheid onder jongeren niet genoeg is om ze daadwerkelijk de straat op te krijgen. Sociale media kunnen de demonstraties vooruit helpen, maar een organisatie die ze mobiliseert is de belangrijkste voorwaarde voor een geslaagd protest. Als daaraan is voldaan en jongeren hun stem luid hebben laten horen, is het aan de machthebbenden of die vorm van parallelle volksvertegenwoordiging serieus wordt genomen. ANS

Interview

DE LADING DEKKEN MET VOLT tekst Julia Meilink afbeeldingen Faye Westen

Afgelopen maart behaalde Volt onder leiding van lijsttrekker Laurens Dassen drie zetels bij de Tweede Kamerverkiezingen. Met name jongeren stemden op de partij. Wat kunnen zij verwachten en hoe vergaat het de jonge Dassen zelf in de Kamer? ‘Het is alsof ik Brightspace nog even moet doorgronden, op orde brengen en de meldingen moet aanzetten.’

V

Je zegde je baan bij ABN AMRO op om Volt lak voor de zomervakantie Nederland op te richten. Had je al politieke wacht ANS nog een kwartiertje op Laurens Dassen (35), frac- interesse tijdens je studententijd en jeugd? tievoorzitter van Volt en oud- ‘Tijdens mijn studie ben ik op een gegeven moment bij United Netherlands gegaan. Daar kreeg -student Bedrijfskunde aan de Radboud Universiteit. In de wan- ik een half jaar lang elke vrijdag trainingen en delgangen van de Tweede Kamer komt Jesse Kla- colleges van allerlei experts. Uiteindelijk moest ik tijdens verschillende modelconferenties, op ver al wel even voorbij. Vrolijk laat hij weten wat hij van zijn nieuwe collega vindt. ‘Beste nieuw- onder andere Harvard, landen vertegenwoordikomer in de Kamer’, roept hij voordat hij op zijn gen over allerlei onderwerpen. Zo heb ik Burkina roze loafers en met verfomfaaid kapsel verder Faso vertegenwoordigd op het gebied van ruimteafval terwijl ik daar niets van wist. Ik moest mij schoffelt. De nieuwkomer in kwestie heeft een stuk meer haast en komt met een wervelwind dan echt gaan verdiepen in hun kijk daarop en een kaal kantoortje binnen. Enthousiast vertelt ook uitzoeken hoe die stellingname zich verhield Dassen dat hij van de ene naar de andere meeting vliegt en het ook wel even heeft geduurd voordat hij alle krochten van het kamergebouw kende. Het Nederlandse parlementsgebouw is als het aan Volt ligt niet het enige dat moet worden verkend. De partij wil in de hele Europese Unie ze- tot die van andere landen. Samen met de internationale groep studenten die meedeed heb tels halen op regionaal, nationaal en Europees niveau zodat het continent zich samen sterk ik toen geleerd om een visie te vormen op de kan maken om de grote problemen van nu op wereld. Ik zou niet zeggen dat het de doorslag te lossen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om het gaf om bezig te gaan met Volt, maar het was wel mijn eerste stapje richting de politiek. Daarvoor klimaat, sociaaleconomische ongelijkheid en digitalisering. Het zijn onderwerpen die jon- was ik ook al geïnteresseerd in de wereld om me heen, maar waren het vooral mijn ouders die geren aanspreken, maar hoe gaat Volt deze daadwerkelijk aanpakken en wat hebben vermoedden dat de politiek iets voor mij was. Ik vond het heel belangrijk om voor bepaalde dinstudenten aan de partij? gen op te komen en het viel hen in discussies op dat ik veel geduld en een duidelijke mening had.’

Toen heb ik geleerd om een visie te vormen op de wereld.

• Laurens Antonius Josephus Maria Dassen • Eindhoven, 19 oktober 1985 • Studeerde bedrijfskunde aan de Radboud Universiteit • Lid Tweede Kamer & voorzitter van Volt Nederland


6

Wat waren dan zoal onderwerpen die je Je noemt al een aantal thema’s die jullie broeikasgassen en die roep is alleen maar met hen besprak? belangrijk vinden. Zou je voor de politie- luider geworden. In de afgelopen jaren zijn ‘Het ging vaak over Europese samenwerking, ke sukkel eens kunnen uitleggen wat Volt jonge mensen over de hele wereld dan ook aangezien mijn vader ook lid was van de Euro- precies inhoudt? terecht de straat op gegaan om te demonstrepese Beweging Nederland. Daarnaast was het ‘Dat is heel simpel. Volt is na de Brexit opge- ren voor hun toekomst. Nog steeds handelt de richt door een groep Europeanen die zag dat natuurlijk de tijd van de aanslagen op de Twin politiek niet snel genoeg. In de coronacrisis Towers en de invasie van Irak. Ik weet echter landen van elkaar afdreven. Vanuit ieder land hebben we gezien hoe het ook kan: opeens niet meer precies wat mijn standpunt over dat werd en wordt met eigen belangen naar Euro- werden er tal van investeringen gedaan. Alles laatste was.’ pa gekeken. Dat moet anders, vonden zij. We was mogelijk en binnen anderhalf jaar hadden hebben te maken met grensoverschrijdende we een vaccin. Waar een wil is, is dus een weg Dat is lekker veilig om nu te zeggen. problemen, zoals klimaat, die ook zodanig om snel te handelen. Laten we die wil gebruiLacht: ‘Ja, dat klopt.’ moeten worden aangepakt. Om dat goed te ken en ambitie tonen.’ doen zijn wij in alle verschillende lidstaten van Destijds kon je nog oefenen, maar hoe is de EU met een soortgelijk verkiezingspro- In Frankrijk gebruiken ze al jarenlang het om hier als jonge nieuwkomer echt gramma actief.’ kernenergie, terwijl ze in Duitsland de rond te lopen? winning sinds tien jaar terugdringen ‘We zijn natuurlijk nog aan het leren hoe de Jullie hebben dezelfde ideeën als Groen- vanwege de kernramp in Fukushima. Nezaken er in de Tweede Kamer aan toegaan. links over groene energie en het belasten derland heeft überhaupt maar één kernHet is alsof ik Brightspace even moet door- van de vervuiler. Daar voegen jullie nog centrale. Dat verschilt nogal in beleid. gronden, op orde brengen en de meldingen wat aan toe: meer kernenergie, ook uit Hoe moeten we hier à la Volt een Europemoet aanzetten. Gelukkig maken we ons snel Nederland. Wat is de toegevoegde waar- se samenwerking in zien? wegwijs, al ben ik wel in een rollercoaster te- de daarvan? ‘Er is nu inderdaad overal nog een andere recht gekomen. Vanaf februari dit jaar groeide ‘Wij staan inderdaad positief tegenover kern- mix van energiewinning. Dat kun je ook niet Volt en kwam er steeds meer media-aandacht. energie. De reden daarvoor is dat we in Ne- een-twee-drie veranderen, maar we kunnen derland qua CO2-reductie onderaan de lijstjes er wel voor zorgen dat energienetwerken in van Europa bungelen. Om het klimaatakkoord Europa op elkaar worden aangesloten. We wiltoch te halen, willen we onder andere groene len dat windenergie uit Denemarken bijvoorwaterstof gebruiken. Dat is een heel belangrij- beeld ook in Nederland kan worden gebruikt. ke duurzame stof waarmee onder andere zon- Hetzelfde idee zou opgaan voor zonne-eneren windenergie op kunnen worden geslagen, gie die in Spanje wordt gewonnen: die kan in maar er is ook energie nodig om groene wa- Frankrijk worden gebruikt. Zo kan ik nog wel terstof op te wekken. Waar gaan we dat van- even doorgaan. Er zijn ook landen die het op daan halen? Wij vinden dat je alle opties op energiegebied heel slecht doen. Zo heeft Potafel moet hebben om de uitstoot van broeiDaardoor begon ik al een heel ander leven kasgassen te verminderen, dus ook kernenerte leiden, maar de dag na de verkiezingen gie. Op de lange termijn willen we toe naar drong het pas tot me door dat wat we hier mo- een energiemix die volledig duurzaam is. Dat gen doen echt heel bijzonder is. We mogen wil zeggen: wind, water en zon. Voor nu kunbijvoorbeeld in commissies meedraaien en nen we kernenergie echter nog niet uitsluiten.’ meepraten over het klimaat, onderwijs, migratie, digitalisering en de Europese Unie. Tegelijkertijd willen jullie het klimaatAf en toe ren je letterlijk en figuurlijk van het doel van Parijs om in 2050 CO2-neutraal een naar het ander, maar het is heel eervol dat te zijn al in 2040 halen. Ambitieus, maar we aan de discussie mogen bijdragen.’ je moet kernenergie inzetten omdat het len nog vele malen meer vervuilende kolenanders niet gaat lukken. Waarom maken centrales dan wij in Nederland. Daar moeten jullie die afweging? we als Europa zo snel mogelijk van af en daar Opgewonden: ‘Wij vinden de doelstelling van zullen grote investeringen voor moeten wor2050 niet ambitieus genoeg. We worden al ja- den gedaan.’ renlang gewaarschuwd over het gevaar van

Wij vinden dat je alle opties op tafel moet hebben om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen.

In de coronacrisis hebben we gezien hoe het ook kan: opeens werden er tal van investeringen gedaan.

Zijn er ook thema’s die jullie aan nationale regeringen willen overlaten? ‘Onderwijs. Wat ons betreft kan dat best nationaal worden uitgevoerd. Dat is een kwestie van keuzes maken over welk type onderwijs je als land wil. Daarbij kunnen we wel dingen leren van anderen. In Finland wordt er in het hoger onderwijs bijvoorbeeld geen collegegeld betaald zodat studeren voor iedereen toegankelijk is. Dat hebben wij ook in ons verkiezingsprogramma staan.’ Volt wil het leenstelsel afschaffen en een basisbeurs invoeren. Het was tijdens de verkiezingen echter nog vaag wat jullie als compensatie voor de pechgeneratie wilden organiseren. Is dit inmiddels wat duidelijker? ‘We vinden het belangrijk dat studenten goed worden gecompenseerd, maar zijn nog steeds aan het kijken naar de verschillende routes waarop dat kan. Er zijn namelijk een paar uitdagingen omdat de situatie per student enorm verschilt.’ Het lijkt me onmogelijk om dat voor iedereen goed te compenseren. ‘Nee, dat klopt. Sommige studenten hebben vanwege het stelsel thuis gewoond of hebben moeten werken naast het studeren. Andere ervoeren veel stress, de situatie is enorm complex. Het is inderdaad onmogelijk om het leenstelsel voor iedereen perfect te compenseren.’ Het lijkt me niet makkelijk om dat als nieuwkomer allemaal te gaan regelen en overal mee bekend te raken. Slaap je nog wel een beetje? ‘Het zijn lange dagen, maar ik krijg er ook heel veel energie van. Het is echt bijzonder dat we aan tafel zitten om mee te denken over de richting die we met Nederland op willen. Dat is voor ons een heel belangrijke mijlpaal en tegelijkertijd een grote verantwoordelijkheid om daadwerkelijk verandering te gaan creëren. Desondanks slaap ik gelukkig goed. Af en toe een uurtje te weinig, dat wel.’ ANS


7

Tijdgeest

DE BLOEIPERIODES VAN DE KAMERPLANT

In Tijdgeest wordt iedere editie het verleden, heden en de toekomst van de kijk op een fenomeen of ontwikkeling besproken. tekst Annika Eskes illustratie Ande Cremers

Of het nou gaat om tientallen goed verzorgde, vrolijk ogende planten of een zielig verdord takje in de hoek van de kamer: de kamerplant is niet meer weg te denken uit de gemiddelde woonkamer. Op straat komen we steeds meer stekkastjes tegen, op Facebook wemelt het van de plantenruilgroepen en alle hippe cafés staan er vol mee. Waar komt deze fascinatie voor kamerplanten vandaan en hoe lang blijft deze nog doorgroeien? Toekomst: De groene verlichting

Verleden: Groene trends

Heden: Blije planten en blije bewoners

olgens historici verschenen de eerste planten halverwege de negentiende eeuw in huis. Door de industrialisatie trokken veel mensen naar de stad en verloren ze hun groene omgeving, waardoor er behoefte was aan groen in huis. Hans Marks, antropoloog aan de Radboud Universiteit, speculeert dat er nog een andere oorzaak aan ten grondslag ligt. ‘Met de opkomst van de burgerij werden planten als voedsel naar binnen gehaald door de dienstmeiden’, legt hij uit. ‘Eerst waren dat dus vooral kruiden, maar langzamerhand begonnen planten steeds meer als decoratie te fungeren.’ Zo was de kamerplant geboren. Een duidelijke trend in de kamerplantcultuur is pas aan te wijzen vanaf de jaren zeventig van de twintigste eeuw, stelt trendwatcher Aafje Nijman. ‘Dat hing samen met een golf van aandacht voor de natuur.’ Kamerplanten waren vooral voor jongeren een hype van het decennium. ‘In de jaren zeventig zie je dat de vensterbanken vergroenen. Het groeit zelfs zo vol dat gordijnen overbodig zijn geworden’, lacht Nijman. Onder de plantenliefhebbers ontstond daarnaast een ruilcultuur, waarin planten en stekjes werden uitgewisseld. ‘Het bestedingsniveau van studenten in de jaren zeventig lag vele malen lager dan nu. Je ging dus niet naar de winkel om een plant te kopen’, legt de trendwatcher uit. In de decennia die volgen verwelkt de hype. ‘Dit hangt samen met de interieurtrend van die periode’, vertelt Nijman. In de jaren tachtig wordt de maatschappij een stuk zakelijker en killer. De planten werden uit de vensterbank geveegd en de hoofdkleuren in de inrichting werden zwart en wit. ‘Je kunt het vergelijken met het haar van David Bowie. In de jaren zeventig stond het alle kanten op en in de jaren tachtig was het strak naar beneden gekamd’, illustreert Nijman enthousiast. Enkel planten die een bepaalde luxe uitstralen, zoals de paradijsvogelplant, belandden nog in het interieur. Dit werd doorgetrokken tot en met de jaren nul. ‘Het werd echt een statussymbool’, legt Nijman uit, ‘Er stonden twee grote vazen voor het raam met onopvallende planten erin, waarbij het eigenlijk vooral om die vazen ging.’

Het onderzoek van De Vries en Hermans is slechts Inmiddels heeft de plantenhouder afscheid genoeen van de onderzoeken naar de voordelen van kamen van de statementpieces. In de jaren tien keert merplanten. In de wetenschap wordt er steeds meer de fascinatie voor kamerplanten weer terug in het onderzoek gedaan naar mogelijke toepassingen interieur. ‘De afgelopen jaren zijn veel mensen naar van kamerplanten. Zo ook naar de mogelijkheden de stad vertrokken en zij hebben behoefte aan om energie op te wekken uit het fotosynthetische groen’, vertelt Nijman. ‘Vanwege de extra aandacht proces van planten. De Rotterdamse start-up Nova voor het klimaat zijn we de natuur gaan herwaardeInnova is bijvoorbeeld begonnen met het ontwikkeren.’ De trendwatcher ziet nog een verklaring voor de len van de zogenaamde living light: een kamerplant toegenomen hoeveelheid planten in huis: ‘Er is een die energie produceert en ledlampjes in de plant generatie jonge mensen die niet met kamerplanten laat oplichten. Met het oog op duurzaamheid klinkt in huis is opgegroeid. Onder hen heerst verbazing dat iets kan groeien als je het water en zonlicht geeft.’ dit voor veel mensen als een uitkomst. De Vries en Hermans zijn echter overwegend pessimistisch over Die verbazing spoort hen aan om zelf met planten de kamerplant als energieopwekker. ‘Mensen zullen bezig te gaan. Winkels, zoals Albert Heijn, spelen het vooral een leuke gadget vinden’, stelt De Vries. in op de trend met de moestuintjes. ‘De lol die dat Hermans voegt daaraan toe: ‘Om dat te laten werbrengt, zorgt dat het een hobby wordt’, aldus Nijman. ken heb je echter veel zonlicht nodig en dat heb je Waar de urban jungle soms uit de klauwen loopt, nauwelijks in huizen.’ Marks benadrukt daarnaast dat beginnen sommige plantenverzorgers hun stekjes de achterliggende gedachte niet nieuw is. Volgens tegenwoordig aan te bieden in weggeefkastjes bij hem tappen mensen al jaren energie af van planten: hun voordeur. ‘Dat zagen we tien jaar geleden al ‘In dit geval gaat het om stroom, maar we gebruiken gebeuren met boeken die voor het huis werden geplanten bijvoorbeeld ook al langer als eten.’ De plant legd’, legt Marks uit. ‘Tegenwoordig worden de boeis in dat opzicht een heus consumptieproduct, zowel ken steeds vaker vervangen door stekjes die geruild in het verleden als in de toekomst. worden of gratis kunnen worden meegenomen.’ De Of planten in de toekomst als stroomopwekkers ruilcultuur van de jaren zeventig bloeit dus weer op, zullen worden gezien, blijft nog in het duister tasten. maar de reden hiervoor is anders. Waar studenten Marks speculeert daarnaast dat we in de toekomst voorheen ruilden vanwege hun kleine portemonnee, op een menselijke manier over planten gaan praten. doen ze het nu om te recyclen. Dat het een hype is mag duidelijk zijn, maar er zitten ‘Dat zien we nu bijvoorbeeld al in de wetenschap’, stelt de antropoloog. ‘We hebben het bijvoorbeeld ook voordelen aan onze groene vriendjes. Deze koover bomen die met elkaar communiceren.’ Volgens men van pas op de werkvloer, stellen onderzoekers hem is het een aanneembare ontwikkeling. Je ziet Tia Hermans en Sjerp de Vries, verbonden aan de immers ook al dat mensen hun gevoelens uiten teWageningen University & Research. Uit hun ondergenover hun planten. ‘Er vindt dus al een bepaalde zoek naar de effecten van kamerplanten blijkt dat ze uitwisseling plaats’, aldus Marks. ‘Er zal meer resde luchtvochtigheid verbeteren, waardoor werknepect komen voor planten.’ Dit zal samenhangen met mers minder last hebben van droge ogen achter hun de toenemende aandacht voor het milieu. ‘In de toecomputerscherm. Planten zorgen daarnaast voor komst zal er nog onderzoek moeten worden gedaan een esthetisch aantrekkelijke ruimte, minder zieknaar hoe die verhouding is’, benoemt Marks. teverzuim en werknemers functioneren beter in een Nijman deelt deze mening. ‘De bezorgdheid rondruimte met planten. Werkgevers zijn enthousiast over om het milieu en het klimaat is eigenlijk nog maar net de effecten. ‘Ze staan positief tegenover meer groen begonnen en dat zie ik niet zomaar verdwijnen’, stelt in het kantoor om het voor de werknemers zo aangeze. Het lijkt er dus op dat het groen onze huizen nog naam mogelijk te maken’, vertelt Hermans. Het verwel een tijdje blijft opfleuren. ANS groenen van een kamer is in onze tijd dus niet alleen meer iets voor de gezelligheid.

V

Halverwege de negentiende eeuw verschenen de eerste planten kamerplanten

Jaren zeventig van de twintigste eeuw: Kamerplanten zijn de hype van het decennium

Jaren tachtig van de twintigste eeuw: Enkel kamerplantenplanten die luxe uitstralen

Jaren tien van de eenentwintigste eeuw: Toename kamerplanten door herwaardering van de natuur

Toekomst: Menselijke kijk op planten


KAMERVRAGEN tekst Loïs Verkooijen en Cameron-May Bosch afbeeldingen Loïs Verkooijen en Cameron-May Bosch

In Kamervragen gaan twee studenten op ontdekkingstocht in elkaars kamer en speculeren ze over de persoonlijkheid, activiteiten en vreemde trekjes van de bewoner. Kunnen ze uitvinden wat voor persoon er achter de kamer schuilgaat? Deze editie: Merve en Johan Johan op bezoek bij Merve ‘Oké, daar gaat-ie’, zegt Johan licht gespannen. Zodra hij de deur naar Merves kamer opent, wijst hij onder de indruk naar het hoge plafond. Links van hem staat een bank en rechts een opgemaakt bed met aan het voeteneind Johan een televisie en een Xbox. Uit die laatste combinatie trekt Johan een conclusie: ‘Ze is een huismus.’ De kamer is erg licht dankzij de grote, hoge ramen, waaronder kleding netjes aan een rek hangt. ‘Ik moet zeggen dat het aardig is opgeruimd, maar het is de vraag of dat altijd zo is’, grapt Johan. Dan valt hem een grote Pink Floyd-poster op die een prominente plek boven een schouwtje heeft gekregen. ‘Die vind ik gaaf’, zegt hij grijnzend. Direct daarna vangt een elektrische piano tegen de muur rechts van de poster zijn blik. ‘Wow, wat een muzikaal persoon’, roept hij. ‘Romantische Fluitmuziek’, leest hij van een boekje bij de piano. ‘Zoiets heeft ook niet iedereen. En deze

persoon speelt ook nog gitaar.’ Zoekend naar meer informatie over het gender van de persoon in kwestie zegt hij twijfelend: ‘Aan de kleding vind ik lastig te zien of het een man of een vrouw is. Ik herken alleen een vrolijke stijl in vele kleuren.’ De foto’s die door de kamer hangen verklappen Johan toch dat er een vrouw woont: ‘Eén meisje komt op veel foto’s terug, ik denk zijzelf. Bovendien lijkt ze erg sociaal, ik zie namelijk veel vrienden.’ Johan draait zich weer naar de deur waardoor hij binnenkwam. Dan valt hem de boekenplank pas op, die verstopt zat achter een gordijntje. ‘Sartre en ‘Misdaad en Straf’’, peinst hij hardop. ‘Ik denk dat ze filosofie of rechten studeert.’

Merve op bezoek bij Johan Wanneer Merve de kamer binnenwandelt, kijkt ze meteen verbaasd. ‘Wat een donkere ruimte zeg’, begint ze lachend. ‘Het is dan ook een kelder.’ De plafonds zijn dus hartstikke Merve laag. Ze loopt richting het slaapkamergedeelte, die van de rest wordt gescheiden middels een glazen wand. Een blauwe piano tegenover het bed grijpt haar aandacht. ‘Deze is heel mooi, van hout ook nog. De bewoner is vast erg muzikaal, zoiets koop je niet zomaar’, stelt ze. Ze schrikt daarna echter van een onthoofde gitaar die op een plank naast het bed ligt. ‘Is dit echt of kunst?’ Ze kijkt verder rond en stuit op twee zeer abstracte schilderingen en een Pink Floyd-poster boven de piano. ‘Deze is gaaf’, zegt ze enthousiast. Vervolgens komt ze bij wat voor haar het hoogtepunt van de kamer is: naast de glazen afscheiding staan enorm veel planten met daarboven paars licht. ‘Volgens

mij hoef je aan deze plantjes niet zo veel aandacht te besteden. Zijn ze überhaupt echt?’ vraagt ze zich hardop af. Bij nadere inspectie blijken ze inderdaad te leven.

VRAGENUURTJE Tijd voor de confrontatie: hadden de studenten het bij het juiste eind of sloegen ze de plank compleet mis? Johan (38, premaster student culturele antropologie) en Merve (20, tweedejaars politicologie) ontmoeten elkaar op het terras. Als Merve aan komt lopen wijst Johan haar direct aan: ‘Ik herken je van de foto’s in je kamer’, zegt hij vrolijk. Ook Merve kan haar nieuwsgierigheid niet bedwingen en nog voordat ze zit, brandt ze los: ‘Vind je het niet vervelend dat het plafond zo laag is?’ Johan lacht: ‘De blauwe plekken op mijn hoofd zijn niet meer te tellen.’ Hoewel ze qua plafond niet op hetzelfde niveau zitten, doen ze dat wel op andere vlakken. ‘Vertel, waarom Pink Floyd?’, wijzigt Johan het onderwerp. Merve vertelt dat ze rond haar achttiende veel naar het rockfenomeen luisterde. Inmiddels is dat wat minder, maar ze is gek op de poster die ze van haar broer kreeg. Johan maakte op jonge leeftijd kennis met Pink Floyd toen hij gitaar ging spelen. ‘Speel je nog gitaar?’ vraagt Merve twijfelend. ‘Ik zag alleen een halve.’ Johan zegt dat zijn dagen als gitarist

Johan vervolgt zijn ronde langs de andere kant van de kamer. Zijn oog valt op een plantje. ‘Wauw, een papyrusplant’, zegt hij gefascineerd. ‘Die kom je niet veel tegen. Ze houdt volgens mij wel van aparte dingen.’ Hij zoekt naar meer groene vriendjes in de kamer en vindt een potje met een bruin takje erin. ‘Deze is in memoriam’, grinnikt hij. Bij de laatste ronde door de kamer blijft hij nog even stilstaan bij de Pink Floyd-poster: ‘I really like that’, knikt hij nogmaals.

Merve stapt om de glazen wand heen en staat in het grotere deel van de kamer. Rechts van haar spot ze iets spannends: ‘Kijk die werkbank’, roept ze uit. ‘Wat cool. Misschien doet hij wel iets creatiefs of maakt hij zelf dingen, zoals die schilderijen bijvoorbeeld. Met al die hobby’s lijkt hij mij iemand die goed op zichzelf kan zijn.’ Naast de werkbank stuit ze op een volle boekenkast waar ze titels ziet zoals The Ancient Art of Discourse en Van Wie is de Natuur. ‘Zou hij filosofie studeren?’ Ze vervolgt haar tocht door de kamer en komt aan bij grote computerschermen met kabels en allerlei muziekapparatuur die schuin tegenover de werkbank staan. Vooral een toetsenbord met draaibare knopjes, dat wat weg heeft van een synthesizer, trekt haar aandacht. Haar vermoeden dat de bewoner muzikaal is wordt hierdoor alleen maar versterkt. ‘Ik denk dat hij alternatieve rockmuziek maakt vanwege de Pink Floyd-poster’, stelt ze. ‘Ja, hij heeft er wat leuks van gemaakt. Ik vind dit echt mooi ingericht.’ inderdaad achter hem liggen. Hij stort zich nu op zijn liefde voor plantjes, iets wat hem beter af lijkt te gaan dan Merve. De twee kletsen door alsof ze elkaar al jaren kennen. Nieuwsgierig of haar vermoedens klopten, vraagt ze of Johan teruggetrokken en graag op zichzelf is, wat blijkt te kloppen. Bij het raden van elkaars studie hadden de twee minder succes. Johan ging door het zien van Merves boekenkast uit van rechten, terwijl ze politicologie studeert. Merve dacht op haar beurt aan filosofie. Ze sloeg de plank niet volledig mis, aangezien Johan dat inderdaad studeerde voor hij aan antropologie begon. Een aantal koppen koffie later blikt Johan terug op het bezoek. Hij concludeert dat hij veel van Merves eigenschappen uit haar kamer kon halen. ‘Volgens mij ben je erg sociaal, maar houd je er ook wel van om tijd te spenderen op je kamer.’ Merve beaamt dat, maar vertelt dat ze wel bij een studentenvereniging zit. Johan baalt toch een beetje: ‘Als antropoloog vind ik het teleurstellend dat ik in dit ‘veldonderzoek’ niet alles heb kunnen ontdekken’, grapt Johan. ANS

36e jaargang Hoofdredactie Delphine Broasca en Simon Swelsen Redactie Annika Eskes, Rik Sinnige, Loïs Verkooijen en Gian Oerlemans Medewerkers Cameron-May Bosch, Irene Wilde, Jochem Bodewes, Tom Steenblok en Julia Meilink Illustraties Ande Cremers, Laura Umbgrove, Flórián Kiers en Inge Spoelstra Foto’s Faye Westen en Vincent Veerbeek Columnist Claire Vaessen

ANS ZOEKT MEDEWERKERS! Vind jij het leuk om te schrijven, illustreren, vertalen of fotograferen? Stuur dan een mail naar redactie@ans-online.nl. De koffie staat klaar!

Eindredactie Elze Bekkers, Sanne Breedveld, Simone Bregonje, Mara Burgstede, Pim Dankloff, Julia Mars, Inge Spoelstra, Floor Toebes, Vincent Veerbeek, Simone Vlug, Irene Wilde, Jochem Bodewes, Julia Meilink, Cameron-May Bosch, Naomi Habashy, Tom Steenblok en Mayra Hijdra Lay-out Simon Swelsen Logodesign voorpagina Noah Kleijne Dagelijks bestuur Shiba Shohra Fahim (penningmeester), Seber Faraj (secretaris) en Sumaya Jimale (voorzitter) Druk Flevodruk Harlingen BV Uitgave, abonnementen en advertentie-acquisitie Stichting MultiMedia: stichtingmultimedia@gmail.com Redactieadres Heyendaalseweg 141 6525 AJ Nijmegen Mail: redactie@ans-online.nl Digitale nieuwsbrief ontvangen? Ga naar ans-online.nl en klik rechts in het menu op ANS-nieuwsbrief om de krant in je e-mail te ontvangen.