Ans ontsnapt

Page 1

HOE GOED WERKT HET ECTS?

VIRTUAL REALITY IN BEELD

CYBORG KEVIN WARWICK

OORLOGSVERSLAGGEVER OLAF KOENS

‘IN RUSLAND IS GEEN DAG VOORSPELBAAR.’

ANS

ONTSNAPT Algemeen Nijmeegs Studentenblad / jaargang 30, nummer 2


Vooraf Tekst: Redactie P. 2

commentaar Het is herfst. Dag in dag uit stap je in het donker op de fiets om te verdorren in de collegebanken, zoals de bladeren verdorren op de grond langs de weg. Het regent buiten. De sleur heeft je weer gevangen. De docent hangt voor de zoveelste keer hetzelfde verhaal op, waar niemand echt naar luistert. Je haalt een haastig gesmeerde boterham met pindakaas uit je rugzak en zucht. Eigenlijk wil je hier niet zijn. Je wilt hier weg. Ontsnappen. ’s Ochtends pindakaas, ’s avonds pizza; het komt je de neus uit. Al het studentenvoedsel ken je nu wel. Zelfs een frikandel speciaal is niet meer speciaal. Was er niet zo’n kerel die altijd discodip bij zijn frikandel met vroeg? Misschien moet je dat eens proberen. Of beter nog: een friet waterfiets met discodip. Een kinderfiets. Je kijkt om je heen. De betonnen muren zijn hetzelfde als gisteren. Ook je medestudenten halen hun bammetjes pindakaas tevoorschijn. Er gebeurt hier ook nooit wat. Elke dag staat iedereen om negen uur op en gaat iedereen om vijf uur weer naar huis. Om te eten, televisie te kijken en vervolgens naar bed te gaan. Je bent het zat. Misschien zou je naar het onvoorspelbare Rusland moeten gaan, waar mensen leven met de dag en absurditeit de norm is. Je slaat je laptop open, snuit je verstopte neus en schraapt je droge keel. Zucht. Ook in Rusland ontsnap je niet aan de pijntjes en kwaaltjes van het leven, bedenk je je. Je laptop bromt vredig voort. Hij heeft duidelijk geen last van lichamelijke kwaaltjes. Zouden we niet als machines kunnen leven om zo onze lichamelijke gebreken weg te programmeren? In een moment van onhandigheid mors je koffie over je laptop. Het scherm wordt zwart. Zelfs machines ontkomen niet aan de harde werkelijkheid. Je vloekt en iedereen kijkt verschrikt achterom. Je loopt rood aan. Was je maar ergens anders, in een werkelijkheid waar je zelf bepaalt wat er gebeurt. Het college is voorbij en je fietst terug naar huis. Je ploft neer op de bank en zet de televisie aan, even alle ellende ontvluchten. Een nieuwslezer vertelt dat er duizenden vluchtelingen naar Nijmegen komen om te ontsnappen aan de verschrikkingen van een oorlog. Beelden van mensen in rubberen bootjes volgen. Je zet de tv uit en trekt je schoenen aan. Met een glimlach op je gezicht trotseer je het bittere herfstweer. Zo slecht heb je het nog niet. Tijd voor een kinderfiets.

De hoofdredactie

ans

Online ANS-Online De afgelopen maanden is ANS-Online druk bezig geweest met het verslaan van nieuws en het houden van interviews. Onder andere de Nijmeegse Stadsnomaden, de voorzitters van de grote studentenverenigingen en psychiater Damiaan Denys kwamen aan bod. Op de gloednieuwe site zetten we deze lijn voort. Wellicht kun je zelfs enkele nieuwe rubrieken verwachten. Vluchtelingen Drieduizend vluchtelingen zullen zich in de loop van oktober vestigen in kamp Heumensoord. Op slechts 4 km van de universiteit worden zij voor ongeveer twaalf weken opgevangen. Een dergelijke ingrijpende verandering zal ook voor de studenten merkbaar zijn. Ook in oktober en november houdt ANS in de gaten wat er allemaal binnen en buiten de universiteit voor de vluchtelingen wordt georganiseerd. Bovendien zullen we de vluchtelingen zelf interviewen. Rondleiding Bruls Hubert Bruls kondigde in ons vorige nummer aan dat hij elke student die meende Nijmegen te kennen, een rondleiding aanbood door de stad. Een man een man, een woord een woord. In samenwerking met studievereniging Den Geitenwollensoc zal ANS daadwerkelijk een rondleiding van hem krijgen. InScience Wetenschap is heet. Na Radboud Reflects en Radboud Researchers’ Night, is het in november alweer tijd voor het filmfestival InScience. In dit nummer kun je het interview met cyborg Kevin Warwick lezen, die bij dit evenement te gast is. Op de site zal in de aanloop ervan de nodige content verschijnen over dit internationale festival. ANS

Op de hoogte blijven van al het studentennieuws? Check dan www.ans-online.nl, volg ons op Twitter (twitter.com/ANS_Online) of like de ANS-pagina op Facebook (facebook.com/ANSnijmegen).


deze ANS

Tekst: Redactie Deze ANS P. 3

04 Tot in de puntjes Hoe de studielastberekening wordt bepaald en of deze realistisch is, zijn zaken waar je vraagtekens bij kunt zetten. Het ECTS bestaat al ruim tien jaar, maar maakt het haar belofte wel waar? ANS zocht het uit.

08 Geen tijd voor de werkelijkheid 04

De ontwikkelingen van virtual reality op het gebied van onderzoek en amusement verlopen in razend tempo. Steeds meer fabrikanten en bedrijven maken gebruik van deze grensverleggende techniek. Is het tijdperk van virtual reality aangebroken?

18 Captain Cyborg ‘Captain Cyborg’ Kevin Warwick is ervan overtuigd dat wij onszelf moeten verbeteren, als we willen voorkomen dat robots ons de baas worden. ‘Gevaarlijke kunstmatige intelligentie moeten we tegenhouden, maar praktisch gezien zou ik niet weten hoe.’

24 ‘Rusland went nooit’ 08

18

24

Voormalig Ruslandcorrespondent Olaf Koens heeft zijn tijd in het land afgesloten met een boek, waarin hij de meest bizarre verhalen beschrijft. ‘In Rusland kan elke dag de laatste zijn en dat weet iedere Rus vanaf dag één.’

05

De Marsman

07

Het Laatste Oordeel

14

ANS geeft raad

13

De Graadmeter

16

Middenpagina

22

Het verhaal van ANS

27

Kroegtheoloog

28

Stamgasten

30

Deze ANS niet / Colofon

31

Crypto

32 Gevonden Voorwerp


Tot in de puntjes Tekst: Vera Crienen en Noor de Kort/ Illustratie: Carmen Groenefelt P. 4

TOT IN DE PUNTJES

Het European Credit Transfer System is ingesteld voor gelijke toepassing van studielastbepaling binnen Europa. In de praktijk is van gelijkheid in studielast nog geen sprake. Wat zijn de verbeterpunten voor de uitvoering van het ECTS? Al meer dan tien jaar wordt er in het Nederlandse hoger onderwijs gewerkt met het ECTS (European Credit Transfer System). Dit studiepuntensysteem werd destijds ingevoerd als onderdeel van het Bolognaproces, een initiatief van de Europese Commissie. Dit proces heeft als doel het hoger onderwijs in Europa op één lijn te krijgen. De hoeveelheid studiepunten is gebaseerd op de studielast voor een gemiddelde student om de leerdoelen van een cursus te voltooien. Een volledig collegejaar bestaat uit zestig studiepunten en één studiepunt correspondeert met 25 tot 30 uur werk. De richtlijnen zijn duidelijk, maar gelijkheid in studielast tussen opleidingen is alleen al binnen de Radboud Universiteit (RU) onzeker. De ene student bivakkeert soms twaalf uur per dag in de universiteitsbibliotheek, terwijl de andere student met zijn pretstudie meer tijd doorbrengt in de kroeg. Het systeem suggereert echter dat beide studenten evenveel voor de punten hebben gedaan. Het is onduidelijk waar de verschillen in studielast vandaan komen. ANS onderzocht hoe het ECTS in praktijk werkt op de RU en wat de gebreken zijn. Puntje bij paaltje Bij de vaststelling van een curriculum wordt volgens Luc Jan Laarhoven, opleidingscoördinator Natuurwetenschappen, bepaald hoe groot vakken mogen zijn. Hierover gaat het bestuur van het onderwijsinstituut dat bestaat uit de onderwijsdirecteur, opleidingscoördinatoren en studenten. ‘Globaal wordt gekeken hoeveel van een bepaald onderwerp in de opleiding moet zitten en hoe dat in de kwartalen kan worden gepast.’ Nadat de grootte van de vakken is bepaald en hier een hoeveelheid EC’s aan is gekoppeld, ligt de verantwoordelijkheid bij de docent. Het vertrouwen in de capaciteiten van de docent is groot, want deze heeft veel vrijheid bij de invulling van het vak. Laarhoven licht toe: ‘Het wordt niet aan de willekeur overgelaten, want alle docenten hebben hun basiskwalificatie onderwijs. Ze weten hoe ze de stof moeten verdelen

en wat ze kunnen vragen van de student.’ Wim van Meurs, opleidingscoördinator Geschiedenis, vult aan dat een goede inschatting van de hoeveelheid stof een ervaringskwestie is. Bij de opleiding Geschiedenis en de afdeling Natuurwetenschappen hoeven docenten dus niet te rapporteren over de gevraagde studielast. Van Meurs licht dit toe: ‘Je kunt wel het aantal pagina’s gaan tellen dat studenten moeten lezen, maar dat is ook maar een beperkte indicatie van de studielast.’ Laarhoven zegt daarnaast dat de onderwijsorganisatie dicht bij de studenten staat. Dit zorgt er volgens hem voor dat de opleidingscommissie vrij snel hoort of een kwartaal te zwaar is geworden. Communicatieproblemen Tussen verschillende vakgebieden is een gebrek aan contact over de studielast. Laarhoven zegt dat er ‘geen geïnstitutionaliseerd overleg over studielastberekening’ bestaat. Zelfs binnen faculteiten is er niet altijd sprake van communicatie over de studielast. Ook binnen de faculteit Letteren worden over dit onderwerp geen gedachten gewisseld. Margit Rem, opleidingscoördinator bij de studies Duits en Nederlands, vertelt dat de


Column Finn Roelofs P. 5

opleidingscoördinatoren wel gezamenlijk overleg hebben, maar dat de studielast dan geen groot onderwerp is. Nathalie Vandystadt, woordvoerder van Educatie, Cultuur, Jeugd en Sport van de Europese Commissie geeft toe dat ‘er nog steeds inconsistentie bestaat in het gebruik van het ECTS en de toewijzing van EC’s’. Deze inconsistentie kan leiden tot grote verschillen in studielast tussen verschillende opleidingen. Door het Bolognaproces wordt echter het beeld geschetst dat de opleidingen op dit vlak vergelijkbaar zijn. Studiepunten zijn immers gebaseerd op studielast en iedere bachelor bedraagt 180 EC. De tijd die iedere student moet besteden om een diploma te halen, zou dus voor een gemiddelde student bij iedere opleiding hetzelfde moeten zijn. Op dit moment is het toezicht daarop beperkt. Vinger aan de pols Binnen opleidingen is er wel veel aandacht voor de gevraagde studielast. Elke drie jaar wordt een cursus via de afdeling Ondersteuning van Onderwijsuitvoering geëvalueerd. Volgens Van Meurs is er daarnaast ‘jaarlijks overleg over de afstemming van de cursussen en afstemming van de collegejaren op elkaar’. Rem vertelt dat studieadviseurs en mentoren een vinger aan de pols houden en dat docenten, onder andere in docentenvergaderingen, met elkaar overleg plegen. Als een studieprogramma wordt omgegooid, is er daarnaast vaak extra controle door de opleidingscoördinator op de studielast. In verband met onderwijsvernieuwing bij de studie Nederlands vraagt Rem aan docenten om hun berekeningen van de studielast te laten zien. ‘Ik probeer zo te inventariseren waar de zwaartepunten liggen.’ Dit is volgens haar niet makkelijk, omdat docenten vaak eigen gebruiken hebben. ‘De ene collega berekent de werklast wel nauwkeurig en bij de ander is het meer met een slag om de arm.’ Wanneer er geen sprake is van onderwijsvernieuwing, vindt controle vooral plaats via de opleidingscommissie waarin ook studenten plaatsnemen en via evaluatieformulieren. Het is maar de vraag of deze formulieren de werkdruk voor studenten inzichtelijk maken. In de evaluatieformulieren wordt expliciet gevraagd naar het aantal uur dat aan een cursus en tentamen is besteed. Studenten kunnen vaak wel zeggen of een cursus zwaarder of lichter is dan een andere cursus. Exact aangeven hoeveel uur er is besteed, wordt daarentegen vaak lastig gevonden. Het is daarom moeilijk te bepalen of het evaluatieformulier een goed beeld geeft van de hoeveelheid werk die studenten hebben verricht. Het ECTS is een van de middelen van de Europese Commissie om het hoger onderwijs in Europa gelijk te trekken. Hiervoor is veel communicatie over studielast een vereiste. Binnen opleidingen aan de RU is er veel contact over de studielastbepaling, maar tussen vakgebieden, zelfs binnen een faculteit, zijn overleg en controle minimaal. De RU zou moeten streven naar meer communicatie over studielast tussen opleidingen, zodat de gelijkheid in studielast die het ECTS beoogt, beter wordt gerealiseerd. Op die manier kan de UB-kluizenaar ook eens de Molenstraat onveilig maken en moet de feestneus toch echt de boeken in. ANS

DE MARSMAN Hij werd geboren in het Nijmeegse Waterkwartier. Als eerste in zijn familie ging hij naar het stedelijk gymnasium. Terwijl hij op het Erasmusplein zijn sigaretten rookt, voelt hij zich zo nu en dan een Marsman. De eerste weken van het academisch jaar hebben hun uittrede alweer gedaan. Met het vallen van de herfst wordt het begin definitief besloten. Tussen de buien door is het nog warm genoeg om op het Erasmusplein te zitten. Muziek staat op: Chet Baker – Almost blue. Marsman kijkt om zich heen en steekt een sigaret op. Op de Erasmus Universiteit in Rotterdam nemen ze alleen nog studenten die minstens een zeven gemiddeld staan aan voor masteropleidingen. Hier in Nijmegen ziet het College van Bestuur de norm van studiepunten die nodig zijn om door te gaan naar het tweede studiejaar graag iets verhoogd. Een eindje verderop kwam ze de Refter uit. Haar haren opgestoken in een soort van vogelnest, sierlijk, dat wel, met een krul die langer valt. Hoge jukbeenderen doen je blik langs haar wangen omlaag kijken. Ze had hem ook gezien en kwam zijn kant op. Hij dacht aan de voorgestelde maatregelen. Een student hoeft niet perse sneller te studeren, hij of zij moet wel inzet tonen in het eerste jaar. Daarna is er tijd voor andere dingen. Van Chet Baker zeiden ze dat hij speelde zoals hij zong. Zij liep zoals ze praatte. Van de hak op de tak. Onsamenhangend en niet met een bepaald doel voor ogen. ´Nee, BSA niet gehaald’, vertelde ze. ´Godverdomme, ik kan wel janken´. Ze gebruikte de juiste woorden voor iemand in haar situatie, maar daar bleef het bij. Oprecht verdriet of woede leek niet aanwezig te zijn. Ze had zich al maanden geleden bij haar situatie neergelegd. Bovendien was het niet bepaald een saai jaar geweest. Dit jaar krijgt ze haar herkansing. Het handige is dat het CvB de maatregel om het BSA ietsjes te verhogen, legitimeert door te wijzen op haar morele verantwoordelijkheid de studenten te behoeden voor onnodige studiekosten. Toen ze weg liep keek hij haar na. Haar schouderbladen bogen sierlijk van haar lange hals weg. Hij werpt zijn blik nog een maal op haar. Het is logisch en goed dat de Universiteit eisen stelt aan haar Studenten en het lijkt de eerste stap om op de lange termijn een betere universiteit te worden. Dan staat de Marsman op en loopt de andere kant uit. Hoge stappen nemend door de meute baant hij zich een weg naar de asbak en gooit zijn sigaret weg. ´Almost blue´, maar niet helemaal…


Adverteren? Kijk op ANS-Online.nl P. 6

ansjes Een Ansje mag maximaal 35 woorden bevatten en kost 5 euro voor studenten en 10 euro voor externen. De waarde van de aangeboden goederen mag de 900 euro niet te boven gaan. Mail naar: stichtingmultimedia@gmail.com NB. Standaardansje t/m dec 2015 10,Gitaarles. Ook vooropleiding conservatorium. 1e graads gitaardocent. Studenten 50% korting. 06 2919 7554


Tekst: Guusje van den Ouweland/ Foto: Radboud Universiteit Het Laatste Oordeel Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 7 P. 7

het laatste oordeel Duffe opsommingen of ultiem entertainment? ANS verschanst zich in de collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU. Studie: Grieke en Latijnse taal en cultuur College Klassieke Archeologie I, 21 september, 10.45-12.30, E 2.05 Docent: J.Z. van Rookhuijzen Uitstraling: Net uit de schoolbanken Publiek: Brave archeologen in spe Inhoud: Klassieke kloten

Een kop vol krullen en een hippe blouse; promovendus Janric van Rookhuijzen ziet er deze maandagochtend fris en fruitig uit. De zaal tegenover hem bestaat uit slaapdronken studenten. Zij worden op de vroege morgen meteen in een PowerPoint vol afbeeldingen van sculpturen en moeilijke Griekse namen geslingerd. Ondanks de vermoeidheid wordt er driftig mee getypt en geschreven. Opvallend is het kleine aantal laptops. Veel studenten laten zich niet afleiden door het wereldwijde web, op een enkeling na die verdwaald is op de Top 40-site. Het is te merken dat Van Rookhuijzen nog redelijk nieuw is in het lesgeven. Hij komt zenuwachtig over en zijn volume is laag. Vooral achterin is het lastig te volgen wat hij zegt. Van Rookhuijzen volgt zijn eigen programma strikt, waardoor hij de stof niet heel sprankelend overbrengt. Wanneer er vragen zijn vanuit de zaal leeft hij echter op. Hij vertelt over Athena Parthenos, een gigantisch beeld van goud en ivoor dat nagebouwd is door een miljonair in Tennessee. Een oplettende studente merkt op dat er niets van het beeld over is gebleven uit de oudheid: ‘Hoe wist die miljonair dan hoe dat nieuwe beeld eruit moest komen te zien?’ Van Rookhuijzen antwoordt dat er ‘kleine beeldjes uit die tijd zijn gevonden die een goede indruk geven van het originele beeld’. De studenten knikken ijverig mee bij de nieuw verkregen informatie en blijven vragen stellen. Een verkouden student is zelfs zo betrokken dat hij bijna gelijktijdig zijn vol geniesde hand afveegt aan een zakdoek en zijn andere hand opsteekt om een vraag te stellen.

Eindcijfer:

Na een korte pauze gaat Van Rookhuijzen in gestaag tempo door. Het college wordt interessanter op het moment dat hij de verschillende periodes in de beeldhouwkunst koppelt aan gebeurtenissen in de geschiedenis, zoals de Perzische Oorlogen. Het laatste halfuur verslapt de aandacht; er wordt geschoven op stoelen, gekucht en gefluisterd. Dit neemt niet weg dat iedereen braaf blijft zitten wanneer Van Rookhuijzen de tijd overschrijdt. De studenten schrijven stug door, bang om belangrijke informatie te missen. Deze eerstejaars hebben nog de juiste studiehouding te pakken.

jHet Laatste Oordeel der Studenten De studenten geven aan dat de lesstof boeiend is. Een student zegt ‘het onderwerp van het college zeer interessant te vinden, maar de dingen die worden verteld weinig vernieuwend’. Nu is het natuurlijk de vraag of een college over Griekse beeldhouwkunst erg ‘vernieuwend’ kan zijn. Verder komt een bonte verzameling van afleidende gedachten voorbij. Zo denken de studenten na over rookworsten, fruitvliegjes, downloads, een containerboot, tentamens, WhatsApp, de pauze en voornamelijk ‘alles behalve Griekse beelden’. Over Van Rookhuijzen zijn de studenten het eens. Hij is ‘een lieve man met veel kennis en duidelijke presentaties, maar aan zijn volume en zekerheid moet hij nog werken’. ANS



Tekst: Auke van der Veen/ Illustratie groot: Thijs van Woerkum en Alix van Lanen/ Illustratie klein: Bas van Woerkum Virtual Reality P. 9

GEEN TIJD VOOR DE WERKELIJKHEID Met virtual reality (VR) kan je met een druk op de knop de werkelijkheid ontvluchten. Hoe kunnen we nu en in de toekomst de grenzen van ons bestaan virtueel verleggen? ANS zette een VR-bril op, betrad een wonderbaarlijke wereld en zocht antwoorden op deze vragen. Je zit op een stoel aan een bureau. Naast een glimmende appel en een laptop is er niet veel bijzonders te zien, dus keer je je maar om. Ineens is alles veranderd. Op hoge steigers en omgeven door wolkenkrabbers is luid en duidelijk te horen hoe vogels zingen en auto’s toeteren. Vervuld van angst grijp je vast aan de zetel, om maar niet de diepte in te hoeven kijken. Na vluchtig opnieuw te hebben omgedraaid, zweeft de stoel opeens in een baan rond Mars, met onder de poten niets dan een grote, donkere leegte. Dan verwijdert de begeleider de bril en koptelefoon van je hoofd. De grinnekende gezichten van de omstanders laten zien dat je even helemaal van de wereld was.

Virtual Reality wordt al 60 jaar gebruikt. Virtual reality klinkt futuristisch, maar wordt al 60 jaar gebruikt, met name om computerspelletjes een extra dimensie te geven. De sensoren van de meer ouderwetse apparatuur lieten echter te wensen over, zodat het pixelachtige beeld voor je ogen meer leek op de wereld van Super Mario dan op de onze. Pas de laatste vijf jaar is de VR-industrie volwassen aan het worden. Het is mogelijk om rond te dwalen in het virtuele, verwoeste Aleppo en betrokken te raken bij het dagelijks leven van de Syrische inwoner. Dat dit tegenwoordig mogelijk is, hebben we te danken aan Palmer Luckey. In 2012 wist deze geluksvogel via crowdfunding miljoenen dollars te vergaren voor de ontwikkeling van de Oculus Rift, een VR-bril met sensoren

sterker dan ooit tevoren. Onderzoekers maken al volop gebruik van deze bril en begin volgend jaar ligt zijn geesteskind met een prijskaartje van rond de 350 euro ook voor de consument in de winkel. Bovendien verschijnen soortgelijke apparaten van merken als HTC en Razor. Is het tijdperk van VR aangebroken? Revolutionaire ontwikkelingen De VR-industrie groeit als kool. Met de dag worden de brillen krachtiger en verschijnen er nieuwe, steeds gekkere games en applicaties. Tim Nijland, deskundige bij het bedrijf VR-expert, denkt dat de groei in populariteit van VR ligt aan de grote commerciële potentie die bedrijven in de technologie zien. ‘Facebook kocht niet voor niets de Oculus Rift op in 2014. Het bedrijf zal proberen VR te integreren in hun eigen website.’ Misschien zetten we binnenkort onze computer alleen nog maar aan om te chatten in een virtueel café. Toch zal VR waarschijnlijk niet direct mainstream worden. ‘De meeste apparatuur moet eerst een stuk goedkoper worden. De Oculus Rift kost al 400 euro en daarbij heb je ook een krachtige computer van ongeveer 1000 euro nodig’, aldus Nijland. Hij legt uit dat er in plaats van dit soort desktop-VR ook mobiele varianten bestaan, die betaalbaarder zijn. ‘De eerste kennismaking met de virtuele wereld zal voor de meeste mensen een apparaat zijn dat ze gewoon in hun broekzak kunnen steken, zoals de mobiele telefoon. De mobiele Gear VR van Samsung komt in november voor een kleine 100 euro op de markt. Schuif daar een smartphone in en je hebt je eigen VR-bril.’ Google biedt nu al voor 15 euro een eigen vorm van deze mobile-VR aan: de kartonnen cardboard. Als je daar


Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 10

een smartphone instopt, kun je bijvoorbeeld 360 graden YouTube-filmpjes bewonderen. De beelden hiervan zijn met een speciale VR-camera met daarop een groot aantal lenzen in beeld gebracht, waardoor je in een filmpje elk moment iedere kant op kan kijken. Als je het per se wil, kan het ticket voor een compleet andere wereld dus morgen al op je deurmat liggen. Erg realistisch is de ervaring met zulke mobiele VR-brillen echter nog niet. Digitale dimensies Van schietspellen tot porno, van een interview met Jerry Seinfeld tot een achtbaansimulatie; met games en filmpjes dringt VR op amusementsniveau ons dagelijks leven binnen. Zelfs makers van korte speelfilms wagen zich tegenwoordig aan de virtuele wereld en schuiven de reguliere camera aan de kant voor een met lenzen bedekte VR-camera. Dit jaar is in Nederland bijvoorbeeld ‘A Perfect Party’ gecreëerd, een interactieve cinematische ervaring waarbij de goede afloop van het verhaal van de kijker afhangt. De techniek is echter meer dan louter een lolletje. In bijna elke sector van de maatschappij is er wel een toepassing van VR te bedenken om het leven makkelijker en goedkoper te maken. Makelaars die potentiële klanten op afstand door een huis laten laten lopen, autoverkopers die mensen thuis op de bank een testritje in een mooie cabrio laten doen, studenten die voordat ze de supermarkt betreden hun

avondmaal alvast virtueel uitkiezen. Je kunt het zo gek niet verzinnen, of VR is wel ergens voor te gebruiken. Volgens Nijland worden er zo veel virtuele toepassingen ontwikkeld omdat je met VR bijna elke mogelijke omstandigheid en omgeving kan simuleren. Het meest beeldende voorbeeld dat hij aanhaalt is dat van zijn samenwerking met een groot oliebedrijf. ‘Wij hebben simulaties verzorgd van branden op olieplatformen. Werknemers worden getraind in de virtuele wereld en leren wat de echte ramp voor gevolgen heeft. Je hoeft op deze manier niet een heel platform stil te leggen, wat miljoenen kost.’

In elke sector van de maatschappij is wel een toepassing van virtual reality te bedenken. Ook universiteiten kunnen baat hebben bij het betreden van virtuele werelden. Hans Gankema, manager Research & Innovation Support van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG), helpt op zijn onderwijsinstelling onderzoekers en andere werknemers met het gebruik van VR. ‘Wij gebruiken nu onder andere de zSpace. Met dit apparaat, een soort tablet, kun je met een bril op en een stylus in je hand interacteren


Virtual Reality Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 11 P. 11

met gesimuleerde objecten.’ Als een chirurg van het Universitair Medisch Centrum Groningen te weten wil komen hoe een hersenoperatie het best kan plaatsvinden, kan hij op deze manier oefenen. Virtuoze virtualiteit Diep weggestopt in de krochten van het Spinozagebouw van de Radboud Universiteit (RU) bevindt zich een achterzaaltje waar de vloer kan wegvallen en je lichaam in rook opgaat. In het ‘Radboud Immersive Virtual Environment Research (RIVER) lab’ van de RU worden met VR levensechte situaties nagebootst om onderzoek te doen naar angsten als hoogtevrees en spinnenfobiën. Het is zelfs mogelijk VRtherapie te geven om zulke angsten te verhelpen. Erik van den Berge helpt als stimulus designer onderzoekers door situaties te simuleren. Zijn functie bestaat al sinds 2007, maar pas vanaf dit jaar kan de designer heel effectief de wetenschap steunen. ‘Wij gebruikten vroeger een grote, zware helm met kabels aan het plafond en een te kleine kijkhoek. Je had hierdoor nooit het gevoel in een andere wereld te zijn. De Oculus Rift loste deze problemen op en kostte slechts 300 euro, terwijl de oude apparatuur 25.000 euro kostte. Dr. Wolf-Gero Lange, werkzaam aan de afdeling Klinische Psychologie van de RU, doet zelf onderzoek in het RIVER lab In zijn experimenten focust hij zich op het analyseren van sociale angst. VR komt hierbij om de hoek kijken wanneer bijvoorbeeld de afstand van een persoon tot een gesimuleerde ‘avatar’ wordt gemeten. Hoe meer sociale angst bij de proefpersoon, des te groter de lengte tussen de twee is. Diegene is dan te bang andere personen te benaderen. Lange meent dat zo’n virtuele avatar beter is dan een ‘confederate’, een acterende onderzoeksassistent. ‘Stel je voor dat de confederate, voordat een experiment begint, heel hard heeft moeten fietsen, of dat diegene net een slechte dag heeft. De zweetgeur of chagrijnige gezichtsuitdrukking die hierdoor ontstaan, kunnen een hoop verstoren bij de proefpersoon, vooral als die sociaal angstig is. Een avatar levert nooit dit soort problemen op, omdat deze altijd exact hetzelfde is.’

Op de RU worden levensechte situaties nagebootst om onderzoek te doen naar angsten en fobieën. Een avatar werkt volgens de psycholoog goed in onderzoek, omdat die als gewoon medemens wordt waargenomen. Dit komt volgens hem doordat je de virtuele wereld waarin je belandt al snel accepteert als de echte. ‘Wanneer er geen mismatch is tussen de visuele informatie die binnenkomt en je lichamelijke bewegingen, ga je direct op in de gesimuleerde wereld. Als je boven in de lucht de vogel-

tjes ziet en beneden de grond en die beelden draaien net zo snel als je fysieke hoofdbeweging, gaat je lichaam ervan uit dat de omgeving gewoon klopt.’ De VR-bril kan alleen op deze manier goed werken, anders ga je waarschijnlijk na een paar minuten al over je nek. Dromen geen bedrog De toekomst van VR is veelbelovend. Computers zullen steeds krachtiger worden, de brillen krijgen hogere resoluties en beide zullen stukken goedkoper worden. Ook zal de mobiele tak van deze technologie enorm groeien. Ontwikkelaars kunnen hierdoor vaker hun ideeën voor een groter publiek in de praktijk brengen. Waarschijnlijk kijken we over tien jaar allemaal documentaires waarin we worden opgeschrikt door een virtuele, grommende grizzlybeer, of spelen we een shooter in een Irak dat niet van het echte land te onderscheiden is. Nijland vertelt dat ook bedrijven meer zullen gaan profiteren van VR. Nu moet een kapitein bijvoorbeeld nog met een helikopter van zijn schip worden afgehaald wanneer hij de Rotterdamse haven binnenvaart, waarna de zeeman instructies krijgt hoe hij moet aanmeren. Nijland: ‘Als er een VR-installatie aan boord is, kan de bemanning van tevoren een simulatie zien, waardoor het schip veel sneller en goedkoper dan normaal de haven in kan.’

Waarschijnlijk spelen we over tien jaar schietspellen in een Irak dat niet van het echte land te onderscheiden is. Daarnaast zal VR ons dagelijks leven veel makkelijker maken. Je kunt straks duizenden kilometers van je huisarts zitten, terwijl je toch echt bij hem in zijn pratijk aanwezig lijkt te zijn. Nijland verwacht dat hierdoor wereldwijd samenlevingen beter met elkaar zullen integreren. ‘De wereld wordt kleiner, nog kleiner dan dat die tegenwoordig is dankzij bijvoorbeeld Skype.’ Ook in wetenschappelijk onderzoek zal VR steeds meer een plek krijgen. Nagebootste situaties zullen in toenemende mate natuurgetrouw worden. Een gesimuleerde avatar lijkt nu nog op een personage uit een game, maar zal in de loop van de tijd meer en meer op een echt mens gaan lijken. Virtuele omgevingen zullen niet van echte te onderscheiden zijn. Psycholoog Lange noemt een paar voorbeelden van behoorlijk futuristisch klinkende onderzoeken. ‘In een experiment kan worden gekeken naar de pijnconceptie bij proefpersonen wanneer er virtueel een naald in hun arm wordt gestoken. Ook zou je avatars in plaats van voorgeprogrammeerde zinnen echte sociale interacztie met proefpersonen kunnen laten hebben.’ Alles wat je kunt verzinnen, lijkt in de toekomst een virtuele werkelijkheid te worden. ANS


Interview Roy Santiago Tekst: Tijs Sikma/ Foto’s: Simone Both P. 12

Universitaire Studentenraad Ophoging BSA

Even voorstellen: de USR Op 31 augustus is de 19e Universitaire Studentenraad (USR) geĂŻnstalleerd. De USR bestaat uit veertien studenten die de belangen van alle studenten binnen de universiteit vertegenwoordigen. Van deze veertien studenten zijn acht verkozen en zes benoemd. De verkozen leden zijn afkomstig uit de partijen AKKUraatd, asap en De Vrije Student. De zes benoemde leden zijn afkomstig uit de koepels, respectievelijk het BOS (gezelligheidsverenigingen), CHECK (charitatieve en culturele verenigingen), CSN (christelijke studentenverenigingen), ISON (internationale studentenverenigingen), NSSR (sportverenigingen) en het SOFv (studieverenigingen). Door regelmatig met de Ondernemingsraad (OR) en het College van Bestuur te overleggen, behartigen wij de belangen van de studenten. In deze vergaderingen bespreken wij aan de hand van verscheidene commissies, bestaande uit leden van de USR en OR, alle universitair brede zaken. Daarnaast heeft de USR eigen werkgroepen opgericht waarin verschillende onderwerpen op initiatief van de USR behandeld worden. Zo is een werkgroep opgericht die gaat onderzoeken hoe binnen het onderwijs meer en beter gebruik kan worden gemaakt van weblectures. Daarnaast gaat de USR kijken of er verbeteringen mogelijk zijn als het gaat om studiebegeleiding.

(Advertentie)

Het College van Bestuur heeft door middel van een brief met notitie laten weten het BSA te willen ophogen naar 42-45 ect. De USR is van mening dat het leenstelsel studenten genoeg zal stimuleren om snel hun studiepunten te halen. Het is dus niet nodig om als extra stimulans het BSA op te hogen. De USR heeft dit onderwerp ook met andere medezeggenschapsgremia besproken. Tijdens de Gezamenlijke Vergadering van 5 oktober zal de USR dit stuk gezamenlijk bespreken met de Ondernemingsraad en het College van Bestuur.

NU!Medezeggenschap Wil jij op de hoogte zijn van wat de medezeggenschap het hele jaar doet? Houd dan NU!Medezeggenschap in de gaten. Hier kan je informatie vinden over wat o.a. de USR doet en wat speelt binnen de universiteit. Like ons op Facebook, volg ons op Twitter en neem eens een kijkje op onze website. Heb je tips of opmerkingen? Loop gerust even langs bij de USR kamer (TvA 3) of stuur een e-mail naar usr@ student.ru.nl.

Website: www.numedezeggenschap.nl Twitter: @NUMedezeggensch Facebook: www.facebook.com/NUmedezeggenschap E-mail: usr@student.ru.nl.

(Advertentie)


Tekst en foto’s: Tim Hebbink en Bas van Woerkum / Illustraties: Joost Dekkers De Graadmeter P. 13

De graadmeter In het studentenleven zijn de mogelijkheden niet te overzien. Waar kun je het beste wildkamperen, wat is het hipste kapsel en hoe scoor je het snelst een bedpartner? In De Graadmeter onderzoekt ANS de opties. Deze keer: Huisgemaakte magnetronsnacks

Wat: Mac and cheese Smaak: Rubberen kaasfondue Bereidingstijd: 10 minuten

Wat: Omelet met ham Smaak: Ver te zoeken Bereidingstijd: 1,5 minuut

Wat: Chips Smaak: Kruidige knabbel Bereidingstijd: 20 minuten

Een rubberen substantie met kaassmaak; daar is eigenlijk alles wel mee gezegd. Om dit gerecht te maken, stop je een handvol macaroni in een kom gevuld met water en zet je deze twee minuten in de magnetron. Roer er een keer door en herhaal dit twee keer. Gooi er nog wat jong belegen 30+ over en zet de kom terug totdat de kaas is gesmolten. Het resultaat is mislukte macaroni en verspilde tijd. De kleverige, met kaas versmolten bal tarwe die uit de magnetron tevoorschijn komt, zou je nog niet aan een dikke Amerikaan voorschotelen. Heb je honger, is de winkel dicht en heb je macaroni en kaas in huis, laat de macaroni dan liggen en maak gewoon een tosti. Zelfs uit de magnetron smaakt die nog beter dan dit gerecht.

Dit gerecht is een eitje. Ben je te lui om de koekenpan af te wassen, dan kun je drie eieren in een mok opkloppen en de microgolven het werk laten doen. Om het wat interessanter te maken kunnen er stukjes ham of paprika bij. Na anderhalve minuut is je mok gevuld met een gele substantie, die veel wegheeft van een misvormde, opgeblazen spons. De omelet ziet er eetbaar uit, maar daarmee is ook alles wel gezegd. Bij de eerste hap vermindert je enthousiasme door de smerige luchtige structuur en de chemische smaak. Wanneer je voor de tweede keer een stuk ei de mok uitlepelt, weet je het zeker: je wilt geen omelet uit een beker.

Stokbroodje-kruidenboterchips en chips met fajitasmaak: in de supermarkt is de keuze enorm. Mocht je toch nog smaken missen, dan kun je altijd zelf proberen chips in de magnetron te maken. Snij een aardappel in dunne plakken en trek vervolgens willekeurige kruiden uit je rek. Strooi die over de aardappel en stop ze 15 minuten in de magnetron. Hoewel de bereiding weinig energie kost, is het wachten wel vermoeiend. Verrassend genoeg wordt het geen slappe hap. De met straling bewerkte aardappelschijfjes zijn knapperig en sterk van smaak. Bij grote honger kun je echter beter een XXL-voordeelzak kopen, want voordat je genoeg hebt voor een volle bak chips, is de avond alweer voorbij. ANS

Meer huisgemaakte magnetronsnacks zien? Kijk op ANS-Online.nl


ANS geeft raad Tekst: Auke van der Veen en Miriam Zeroug / Illustratie: Jeroen Wintraecken P. 14

ANS GEEFT RAAD In ‘ANS geeft raad’ bepalen studenten zelf de collegestof. ANS schakelt deskundigen in voor praktisch advies over alledaagse kwesties en maakt hieruit de balans op. Deze keer geven een psycholoog, cultuursocioloog en cabaretier antwoord op de vraag: hoe maak ik een geslaagde grap?

Sibe Doosje, universitair docent Klinische en Gezondheidspsychologie aan de Universiteit Utrecht en oprichter van het ‘Humorlab’, dat workshops, lezingen en congressen organiseert over humor ‘Het basisingrediënt van een goede grap is de tragedie. Bij humor relativeer je in feite iets dat eigenlijk serieus en tragisch is. Wanneer iemand van het dak stort, lachen mensen om de ellende daarvan. Als er daarbij echter een nek breekt, is het niet meer grappig. Te ver gaan met narigheid werkt dus niet. Het meest komische is het uitbuiten van je eigen leed, omdat dat nog tragischer is dan de tegenspoed van een ander. Doen alsof je uitglijdt over een banaan, levert altijd een lach op. ‘Als een ernstige gebeurtenis net heeft plaatsgevonden, moet er genoeg tijd overheen gaan voordat je daar een grap over kan maken. Een gebeurtenis is pas rijp voor een grap als de tragedie niet meer aan de oppervlakte ligt. Iets naars dat nog vers in het geheugen ligt, is niet komisch. In 2015 worden plaatjes over vliegtuigen die het World Trade Center verwoesten door veel mensen leuk gevonden, maar vlak na de ramp was dat niet zo. ‘Als je intelligent bent en je hoort een originele grap die ingewikkeld in elkaar zit, kun je de humor ervan meer waarderen. Slimme mensen waarderen verfijnde, zelf bedachte grappen, omdat ze daarbij meer stof tot nadenken hebben. Canned jokes, moppen die niet gebonden zijn aan een bepaalde situatie, werken bij hen niet. Een goed voorbeeld hiervan is de grap over het blondje met een koptelefoon op. Waarom valt ze dood neer als je dat ding van haar hoofd aftrekt? Omdat het bandje zegt: “Adem in, adem uit”. Vrouwen en intellectuelen – vooral intellectuele vrouwen – zullen hier waarschijnlijk niet om schateren.’ Rob Urgert, cabaretier, televisiepresentator en schrijver van het boek Humor? Doe het zelf! ‘De ingrediënten van een goede grap zijn de aanwezigheid van een slachtoffer, een clue en emotie. Je moet er altijd voor zorgen dat iemand of een bepaald denkbeeld de sjaak is. Het is belangrijk dat de toehoorders worden verrast door een clou, een onverwachte wending van het plot waardoor alles op zijn plaats valt. Daarnaast moet je inspelen op de emoties van het publiek, zodat ze betrokken raken bij de grap. Bij het programma De Kwis waar ik aan meewerk wist Paul de Leeuw bijvoorbeeld met succes de drie bouwstenen van een geslaagde grap in de praktijk te brengen. Hij moest in de eerste aflevering aan Henk Bleker een vervelende vraag stellen en vroeg naar een broer die toevallig ‘Anus’ heette. Bleker was het slachtoffer, de clou was dat er werd gevraagd naar een man genaamd ‘anusbleker’ en de emotie van het publiek was shock. ‘Humor werkt alleen als mensen doorhebben dat een grap is bedoeld als grap. Een film van Jackass vind je bijvoorbeeld pas grappig wanneer je deze thuis op bank zit te kijken en doorhebt dat daarin grappige mannen rare dingen uithalen met mensen op straat. Je kunt nooit om die kerels lachen als je ze in de stad zelf tegen het lijf loopt terwijl ze met opnamen bezig zijn. Dan vind je het irritant om te worden lastig gevallen.’


ANS geeft raad Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 15 P. 15

Giselinde Kuipers, hoogleraar Cultuursociologie aan de Universiteit van Amsterdam, schrijfster van het boek Goede humor, slechte smaak en hoofredactrice van het internationale blad HUMOR ‘Voor een goede grap is het belangrijk dat je de situatie en de mensen met wie je praat goed inschat. Zorg dat het publiek jouw kijk op de wereld deelt, zodat ze je grappen begrijpen. Let er daarnaast op dat je toehoorders dezelfde stijl van humor hebben. Sommige mensen vinden gezelligheid, uitbundigheid en luidruchtigheid komisch. Voor anderen is het juist belangrijk dat je niet te veel laat zien dat je een grap leuk vindt en met een strak gezicht ironisch overkomt. Als ik bij collega’s schreeuwerig zou gaan moppentappen, zouden ze me raar aankijken. ‘Of een grap slaagt, hangt ervan af of deze aanluit bij de culturele groep. De opvattingen over humor verschillen niet alleen sterk binnen Nederland, maar ook tussen landen. Wij Noord-Europeanen vinden het bijvoorbeeld fijn als humor een beetje hard en grensoverschrijdend is, terwijl Noord-Amerikanen veel eerder de neiging hebben om humor te associëren met een positieve moraliteit en zien het als een probleem als anderen worden gekwetst. ‘Een geslaagde grap wordt op een impliciete manier verteld. Als je te duidelijk bent of een mop moet uitleggen, is deze niet leuk meer, dan verdwijnt het uitdagende puzzelelement. Met humor die niet expliciet is, breek je het verwachtingspatroon dat mensen hebben bij reguliere communicatie. Je verwacht in een normaal gesprek niet dat iemand veel informatie achterhoudt. Zoek wel een publiek uit dat genoeg achtergrondkennis heeft, want anders word je alleen maar uitgelachen.’

De balans van ANS 1. Zorg ervoor dat je de situatie waarin je zit en de mensen met wie je praat goed inschat. Wanneer je toehoorders hetzelfde wereldbeeld hebben en jouw cultuur delen, begrijpen ze jouw grollen. Ook lachen ze pas wanneer ze dezelfde stijl van humor hebben. Pientere personen prefereren bijvoorbeeld originele, complexe grappen zodat ze meer hebben om over te peinzen. 2. Het leven zit vol met tragedie. Daar is altijd wel een grap over te maken, vooral als deze jezelf betreft. Je relativeert iets wat volkomen serieus is. Pas wel op dat je niet te snel na een verse tragische gebeurtenis aan het moppentappen slaat. 3. Een grap werkt altijd wanneer iemand het slachtoffer ervan is, emoties van het publiek worden bespeeld en een verrassende clue de mop succesvol afsluit. 4. Een geslaagde grap is een puzzel. Wees impliciet en niet te simpel, omdat je op die manier het verwachtingspatroon van je toehoorders doorbreekt. 5. Een grap is pas leuk als je ook daadwerkelijk doorhebt dat deze als grap is bedoeld. ANS

Heb jij ook een prangende vraag aan de wetenschap? Mail deze naar redactie@ans-online.nl


www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon P. 16

Jet Bussemaker en haar discipelen.


I Ans deze maand P. 17

Door: Sandra Mackus


CAPTAIN CYBORG Zonder enige inspanning deuren openmaken en een robotarm besturen met je zenuwstelsel. De internationaal bekende cyborg Kevin Warwick maakt het allemaal waar. ‘We moeten er voor zorgen dat computers ons niet zullen overheersen. If you can’t beat them, join them.’ Als wetenschapper en hoogleraar in de cybernetica houdt de Britse Kevin Warwick zich bezig met het samenbrengen van mens en robot. Dat neemt hij letterlijk. Tijdens zijn eerste experiment in 1998 liet hij onder begeleiding van een team wetenschappers en een chirurg een tijdelijke chip in zijn arm implanteren. Hiermee kon hij lichten aanmaken en deuren openen zonder enige handeling daarvoor te verrichten. In 2002 werd met Project Cyborg 2.0 zijn zenuwstelsel zelfs gekoppeld aan een robothand. Bewoog hij zijn eigen hand, dan deed de mechanische hand precies hetzelfde. ‘Tijdens mijn experimenten voelde ik mij meer dan een mens’, vertelt Warwick. Hij doet dingen die gewone mensen alleen in sciencefictionfilms zien. Na de twee geslaagde experimenten hoopt hij in de toekomst zelfs via breinsignalen met andere mensen te communiceren. ANS spreekt de cyberneticus over het mechanisch upgraden van de mens. Dit gaat niet door middel van hersensignalen, maar gebeurt ouderwets via een telefoongesprek. Wat kon u doen met de chip van het eerste experiment in uw arm? ‘Technisch gezien was dit een relatief makkelijk onderzoek. Ik had een identificatiechip in mijn arm die gelezen kon worden door het computersysteem van het gebouw. Op bepaalde punten in het gebouw was een sensor geplaatst . Als ik daar langs liep, gebeurde er iets. De chip kon helaas alleen deuren voor me openen, lichten aandoen en me begroeten. Achteraf gezien hadden het team en ik er ook voor kunnen zorgen dat er koffie voor me werd gezet of mijn bad volliep. Het experiment draaide er echter niet om de chip zoveel mogelijk verschillende taken geven. Het belangrijkste resultaat was het besef bij ons en de rest van de wereld dat mens en machine één kunnen worden. Toen ik verbonden was met het gebouw, was het onduidelijk waar mijn lichaam eindigde en het gebouw begon.’ Waarin verschilde de chip die u kreeg tijdens Project Cyborg 2.0 met die van het eerste experiment? ‘Dit project was een veel ingrijpender onderzoek. Ook hierbij kreeg ik een chip in mijn arm geïmplanteerd. Deze chip was niet verbonden met een computersysteem, maar stond in contact met mijn zenuwstelstel. In feite bestaat het zenuwstelsel uit een heleboel draden waar elektrische signalen door gaan, zodat je bepaalde delen van je lichaam kan bewegen. De chip zorgde er simpelweg voor dat die draden werden herschikt. Wanneer ik mijn hand bewoog, werden er signalen naar mijn

hersenen gestuurd. Mijn neurale signalen werden tijdens dat experiment door de chip opgepikt en naar de robothand gezonden. Hierdoor kon ik een derde hand in Engeland besturen, terwijl ikzelf in New York was.’


Tekst: Annemarie Segeren/ Foto: Kevin Warwick Interview Kevin Warwick P. 19


Interview Kevin Warwick P. 20

Hoe voelde dit? ‘Dit voelde gewoon als een extra hand die ook deel van mij was. De hand was als een verlenging van mijn lichaam. Ik had het van tevoren niet gedacht maar ik voelde me erg krachtig, veel sterker dan een mens. Het experiment maakte me bewust van de mogelijkheden voor de toekomst. Ik denk dat op korte termijn implantaten zullen worden gebruikt om mensen op therapeutische basis te helpen, bijvoorbeeld bij een verlamming. Op lange termijn zullen deze voor alle mensen zijn. Met een implantaat kunnen je hersenen op de ene plek zijn, maar het lichaam kan overal naartoe waar je wil.’ Gaat het niet tegen de natuur in om gezonde mensen te voorzien van een chip die hen intelligenter maakt? ‘Voor alle mensen geldt dat iets wat onze hersenen nu niet kunnen, met techniek wel mogelijk wordt. Gezonde mensen bestaan in feite niet, want het menselijk brein werkt heel beperkt en heeft veel minpunten. Het is slecht in herinneren en kan alleen in lengte, breedte en hoogte denken. Computers kunnen daarentegen wel tien dimensies aan. Kunstmatige intelligentie en machines presteren op sommige terreinen beter dan onze hersenen. Als we van die technologie gebruik kunnen maken, zal het menselijk brein aanzienlijk verbeteren. Je zou het geheugen bijvoorbeeld kunnen uitbesteden aan een extern apparaat, zodat je zelf niets meer hoeft te onthouden. Dat maakt het huidige onderzoek naar Alzheimer overbodig, omdat onze hersenen dan op een geheel andere manier zullen werken.’

‘Het menselijk brein werkt heel beperkt en heeft veel minpunten.’ Wat gebeurt er met ons lichaam als al deze ontwikkelingen werkelijkheid worden? ‘Het fysieke lichaam is er in feite alleen om je hersenen rond te dragen. We moeten eerst onderzoek doen naar hoe de hersenen kunnen leven zonder het lichaam. Daarna moet het brein voorzien worden van implantaten en hoeven we ons geen zorgen meer te maken over ziektes als kanker, want dan zijn we alleen onze hersenen. Ik denk dat over 100 jaar het lichaam minder belangrijk zal zijn. Dan kunnen we zoals in The Matrix gelukkiger leven en elke realiteit zien die we willen.’ Laat u in uw volgende experiment dan een chip in uw brein implanteren? ‘Dat zou ik graag willen laten doen, zodat ik een nieuwe vorm van communicatie kan onderzoeken. Dit is een van de belangrijkste eigenschappen van de mens. Het gaat bij dit onderzoek niet om het lezen van elkaars gedachten, maar door een soort telepathie zou ik hersensignalen willen sturen naar de hersens van iemand anders en andersom. Mijn team en ik zijn nog over dit experiment in gesprek. De technologie is er en we hebben een chirurg die bereid is om de operatie uit te voeren. Een hersenoperatie is echter risicovol. Mijn vrouw wil daarom niet dat ik het doe, maar ik zou het graag willen. You only live once.’

Moeten we ons tegen deze ontwikkelingen verzetten? ‘Op dit moment heeft nog nooit iemand signalen tussen menselijke hersenen verzonden of in meerdere dimensies gedacht. We weten dus niet hoe dit zal zijn en het heeft daarom denk ik nu geen zin om hier tegen te protesteren. Meer experimenten zijn nodig om erachter te komen hoe bepaalde dingen werken. Dan pas kunnen we beoordelen welke ontwikkelingen goed zijn en welke gevaarlijk kunnen zijn voor de samenleving. Toch is het belangrijk om steeds vragen te blijven stellen. Dat houdt onderzoekers scherp. Positieve resultaten zullen snel leiden tot commerciële interesse. Dat zal de technologische ontwikkelingen alleen maar versnellen. Dat betekent niet dat iedereen deze nieuwe technologie meteen zal omarmen. Sommigen zullen als gewone mensen willen achterblijven. Die keuze vind ik dom, want dan kan het zijn dat robots de overhand over hen nemen. Dat zou al rond 2050 kunnen gebeuren. Ik wil niet dat dat gebeurt en heb daarom de voorkeur voor het upgraden en verbeteren van mensen. If you can’t beat them, join them.’ Is de overheersing van robots een realistisch toekomstscenario? ‘De technologie ontwikkelt zich tegenwoordig zo snel, dat het zeker mogelijk is dat robots beter worden dan mensen. Over apparaten die zich maar op één taak hoeven te richten, zoals koffiezetapparaten, hoef je je gelukkig geen zorgen om te maken. Bij machines in bijvoorbeeld de financiële en militaire sector wordt kunstmatige intelligentie toegepast. Daar moeten we mee opletten. Systemen die leren en zelf bepalen wat ze doen kunnen gevaarlijk zijn. We moeten niet willen dat een machine uit zichzelf besluit iemand te doden. Zulke kunstmatige intelligentie moeten we tegenhouden, maar praktisch gezien zou ik niet weten hoe.’

‘Rond 2050 zouden robots de overhand kunnen nemen.’ Kunnen we niet met robots over de overheersing praten? ‘Mensen en machines denken op hun eigen manier. Het bewustzijn van een apparaat zal anders zijn door een eigen zintuiglijkheid en fysieke mogelijkheden. Machines hebben andere ethische standpunten en waarden. Hoe machines oordelen, zouden wij niet kunnen begrijpen. Net zoals dat koeien en wespen anders dan mensen denken. In theorie zou je een robot kunnen ontwikkelen waar het bewustzijn heel sterk lijkt op dat van een mens. Ik zie echter niet in waarom je dat zou willen doen. Die machine heeft geen praktisch nut, omdat er genoeg mensen bestaan.’ Wat zou er op het gebied van cybernetica mogelijk kunnen zijn over 500 jaar? ‘Dan zullen mensen zoals de Borg uit Star Trek zijn. Dat is een gemeenschap van cyborgs die steeds op zoek is naar nieuwe wezens om mee te assimileren. Over 500 jaar zullen we allemaal met elkaar zijn verbonden, brein met brein. Het lichaam is niet meer nodig, onze hersenen zijn dan wat we zijn. Dt betekent niet dat we geen fysieke verwezenlijking meer hebben, die kan zijn wat we maar willen.’ ANS



Het verhaal van ANS Tekst: Aline Arts / Illustratie: Carmen Groenefelt P. 22

HET VERHAAL VAN ANS ANS bestaat dit jaar dertig jaar. In een doorloopverhaal vertelt telkens een andere schrijver op geheel eigen wijze de veelzijdige geschiedenis van ANS. Deze keer: de Ondergang. Ik woelde met mijn hand door zijn donkere krullen. Geïrriteerd trok hij zijn wenkbrauwen op en boog zijn hoofd onder mijn vingers vandaan. ‘Ach, zo’n ramp is het niet. Jullie gaan er niet dood aan,’ probeerde ik. Flitsende blikken mijn kant op. Schouderophalend lepelde ik koffie uit de Alex Meijer-bus en liet mijn halvelitermok vollopen. Inmiddels vond ik moeiteloos mijn weg naar de koffieautomaat tussen stapels gekreukt papier, neonroze gestifte artikelen en vergeten memoblaadjes met waarschijnlijk vergeten boodschappen. Achterin een kast vol afgekloven pennen ontdekte ik zakjes suiker en een verdwaald, smerig lepeltje. Ik baande me een weg naar de wasbak. De donkerbruine krullen staken inmiddels mokkend boven een bejaarde Macintosh uit. ‘Willem?’ Mijn hoofdredacteur had het zwaar met onze verhuizing, ik was de tel van het aantal kwade mailtjes naar SNUF al kwijt. ‘Het gaat gewoon niet werken! We worden verdomme opgesloten in naar oud zweet en nieuwe sportschoenen stinkende kerkers, ver van het bruisende universiteitsleven. TvA 5 is daarmee vergeleken de hemel!’ Ik kon een grinnik niet onderdrukken, wat me opnieuw bliksemschichten en donderslagen opleverde vanuit Willems hoek. ‘Dramaqueen. Verhuis de tafel, smijt wat floppies in de rondte, laat wat peuters met vingerverf los op de muren en je hebt je hemel terug. Dat bruisende universiteitsleven bestaat vooral op basis van koffie, dus als je deze bus meeneemt volgen de studenten vanzelf. En anders bruisen we er zelf wel op los. Bart, Mark en Michel zijn ook ooit begonnen in een fantasieloos lokaal.’ Toen ik dit zei, had ik de schetsen van de nietszeggende nieuwbouwkantoren nog niet gezien. Misschien had ik dan wat minder makkelijk gedacht over onze georganiseerde chaossfeer. Willem was opgestaan. ‘In plaats van ons weg te jagen hadden ze ook gewoon dat on-

gebruikte SIAM-kantoor als lesruimte kunnen opeisen,’ was zijn enige reactie. Mopperend sloeg hij deur achter zich dicht. Omringd door mompelende, verhitte of teleurgestelde stemmen gaf ik een vastgelopen Macintosh een dreun en duwde mijn floppy erin. Hoewel de redactievergadering al half begonnen was, ontbrak het mijn artikel nog aan een paar laatste zinnen. Vandaag konden zelfs drie koppen koffie en twee bananen mijn concentratie niet verhogen. In die bananen had ik eigenlijk nooit geloofd. Willem was nog nergens te bekennen, wat me weer een paar brandende ogen in mijn rug scheelde. Soms vroeg ik me af hoe ik eigenlijk met die jongen bevriend was geraakt. Jaren bij ANS kunnen hun stempel zetten, denk ik. Op het moment dat het oude besje voor mijn neus eindelijk Word had bereikt, knalde de deur open. ‘Dames en heren! SNUF schrijft een verhalenwedstrijd uit “ter ere van de opening van de nieuwe locatie voor de universitaire


Het verhaal van ANS P. 23

gemeenschap”, zoals ze zo mooi weten te vertellen. Ik stel voor dat ANS deze wedstrijd wint!’ Zoals gewoonlijk veroorzaakte onze baas van schrik omgestoten theemokken. Hij greep een van de stoffige bureaustoelen. ‘We hebben ons best gedaan om het voorstel van tafel te vegen, maar dat mocht niet baten. Wie denkt hen literair eens even flink op hun plek te kunnen zetten?’ Triomfantelijk keek hij rond. Ik strekte mijn vingers boven mijn toetsenbord en probeerde me opnieuw te focussen. De stilte zou nog wel even duren. ‘Kom op jongens, ik weet dat een paar van jullie absoluut de kwaliteiten bezitten om SNUF keihard in de zeik te nemen. Emma? Karel? Eveline? Jaap?’ Hoopvol keek hij rond. Mijn rug kreeg ook een beurt, natuurlijk. Ik schudde kort mijn hoofd, waarbij het gewiebel van mijn knotje Willem genoeg op de hoogte stelde. ‘Ik zie het wel zitten, samen.’ Jaap knikte onze hoofdredacteur toe. ‘Mooi, dan kunnen we nu over naar de zaken die er écht toe doen,’ grijnsde Willem. Onze zware houten redactietafel, op zichzelf een ton aan dierbare herinneringen, stond inmiddels in het midden van het verder kale grijze kantoor. Inspiratieloos was nog zacht uitgedrukt en de stank van nieuwigheid was niet te harden. Hoe konden we hier in hemelsnaam een puinhoop van maken? Alex Meijer-snelfiltermaling en de koffieautomaat, die ons slapeloze nachten vol tikkende vingers en vierkante ogen hadden bezorgd, waren veilig meeverhuisd. De memoblaadjes die als vloerbedekking hadden mogen dienen

hadden hun rust gevonden in de papiercontainer. Ook ons persoonlijke pennenmassagraf bestond niet langer. Ik liet me op een krukje zakken terwijl Jaap met Karel een gloednieuwe Mac binnendroeg. Om me heen werd gewerkt. Oude ANSen kregen een bestemming als behangpapier, tafels werden in elkaar gezet of weer uit elkaar gehaald als gevolg van ons gebrek aan technische kennis. Iemand ging met koekjes rond. Tussen het gelach en gekletst verzonk ik in mijn eigen herinneringen. Hoewel nieuwe computers vast ontelbare mogelijkheden zouden bieden, was ik stiekem toch een beetje gehecht geraakt aan de stapel floppies in mijn kast. Onze eerste redactievergadering in een nieuw kantoor voelde als een inwijding. Dat mocht gevierd worden: Jaap had borrelnootjes, goedkoop bier en zure wijn ingeslagen ter ere van deze nieuwe kans. Een overdosis paracetamol en liters water de volgende dag waren natuurlijk onvermijdbaar. Ik geloof niet dat iemand er om 4 uur ’s nachts nog aan twijfelde dat dit kantoor ANS een prachtige toekomst kon bieden. Willem en Jaap hadden om de spanning op te bouwen besloten hun SNUF-verdelgende verhaal op het hoogtepunt van het feestje voor te dragen. Hoewel vrijwel niemand zich de volgende ochtend nog een woord van het meesterwerk kon herinneren, maakte de titel een onvergetelijke indruk: DE ONDERGANG Van het hart van Thomas van Aquino naar de kerkers van SNUF Of dit kwam door de trots van onze hoofdredacteur of door het feit dat de woorden, gebruld op alle denkbare melodietjes, de verdere nacht de betonnen wanden deden trillen, is van geen enkel belang. We hoopten gewoon dat deze verhuizing niet écht de ondergang zou betekenen. ANS


‘RuslaND went nooit’

Olaf Koens deed verslag van de MH17-ramp, het conflict op de Krim en de Olympische Spelen in Sotsji. Hij reisde af naar elke grote Russische stad en iedere uithoek. ‘In Rusland bestaat geen sleur. Alles kan ieder moment voorbij zijn en dat weet iedere Rus vanaf dag één.’


Tekst en foto’s: Bas van Woerkum Interview Olaf Koens P. 25

‘Mijn boek gaat echt fucking goed, binnen een week ligt de derde druk al in de winkel’, vertelt Olaf Koens trots op het pontje richting Amsterdam-Noord. Hij komt net terug uit Brussel voor de promotie van zijn nieuwe boek Oorlog en Kermis. Met deze titel sloot Koens een acht jaar lange correspondentie in Rusland af. Hij sprak drugsverslaafden, taxichauffeurs, militairen en walvisvangers, maar bovenal gewone burgers. Toen Koens 19 jaar oud was, vertrok hij halsoverkop naar Rusland, de liefde achterna. Na verschillende bijbaantjes werd hij in 2007 correspondent voor RTL en in 2013 voor De Volkskrant. Als er ergens iets staat te gebeuren, dan wil Koens er meteen op af. ‘Ik vind dat fantastisch. Ik heb een rugzak en daar kan ik de hele wereld mee over. Achter nieuws aanrennen is leuk. Ik hoef niet de eerste te zijn, maar ik wil er wel bij zijn.’ In 2014 werd Koens door het vakblad Villamedia verkozen tot Journalist van het Jaar. Toch vond Koens op een gegeven moment dat hij niet langer in Rusland kon blijven. ‘Sinds de oorlog is er veel veranderd, het was tijd om te gaan.’ legt hij uit. ‘Rusland is echter een geweldig land. Ik mis het ook enorm.’ Vlak voordat hij vertrekt naar Tel Aviv voor een nieuwe baan, vertelt hij over het bizarre Rusland, waar veelvuldig drugsgebruik, een verzonnen oorlog en een propagerende Poetin de realiteit zijn. Russische kermis ‘Rusland is echt het tegenovergestelde van AmsterdamNoord’, begint Koens. ‘Geen dag is er voorspelbaar, ieder moment kan er iets gebeuren. Dat is hier gewoon niet zo’. Tolstoj en Dostojevski vingen de essentie van Rusland al mooi in vier woorden: oorlog en vrede, misdaad en straf. Koens sluit zich volledig bij deze bijschrijving aan, maar voegt er met zijn boek nog een vijfde aan toe: ‘Rusland is ook een beetje een kermis, omdat iedereen ondanks alle nare dingen, toch vrolijk en positief blijft. Een mooi Russisch gezegde luidt: “Het gaat slecht, maar het is nog nooit zo goed gegaan”. Dat vangt de mentaliteit van de Russen erg goed’, lacht Koens.

‘Als je verliefd bent, moet je meteen met dat meisje naar bed.’ Iedere Rus leeft alsof het zijn of haar laatste dag is, want in Rusland weet je het nooit zeker. ‘Het is altijd feest, sleur bestaat er niet. Als je geld hebt, moet je dat nu uitgeven. Als je verliefd bent moet je nú met dat meisje naar bed, want voor je het weet is ze morgen met iemand anders getrouwd. Als je dat meisje echt leuk vindt, moet je ook meteen met haar trouwen’, vertelt Koens vol waardering. ‘Geen getreuzel, gewoon doen. Ik vind dat fantastisch.’

Gewoon doen: naar die spreuk leven de Russen ten volste en dat is ook te zien aan het drugsgebruik. Veel mensen gebruiken sol en spice: synthetische drugs die mensen na langer gebruik stemmen laat horen, ze gek maakt en soms zelfs uit het raam doet springen. ‘In Rusland is dat een enorm probleem. Van sol en spice zijn geen betrouwbare gegevens, maar in 2008 waren 2,5 miljoen van de 143 miljoen Russen verslaafd aan heroïne. Heroïne is nog redelijk moeilijk om aan te komen. Sol en spice maak je gewoon in je eigen badkamer met spullen die je via internet legaal thuis kunt laten bezorgen.’ Waarom Russen deze drugs die hen het graf injagen, toch gebruiken? ‘Omdat Russen extremisten zijn. Krankzinnige drugs? Oké, let’s try!’ ‘Poetin is niet zo relevant’ ‘Rusland is veel meer dan alleen Poetin, maar daar kom je alleen achter door heel Rusland door te jakkeren’, aldus Koens. In de Westerse media wordt de Russische president vaak gezien als de belichaming van het gehele land. Koens heeft er bewust voor gekozen Poetin in zijn boek uit beeld te laten, omdat hij de grote rol die hem wordt toebedeeld, overdreven vindt. ‘Als Poetin er niet was geweest, was er wel een andere Poetin geweest’, legt hij uit. Volgens Koens is hij slechts een deel van het verhaal, een micromanager die kleine problemen oplost en het Russische systeem op die manier naar zijn hand zet. ‘Natuurlijk mag je zijn rol niet onderschatten, maar door enkel hem te begrijpen, weet je niet hoe heel Rusland in elkaar steekt. Daarvoor moet je overal in het land met allerlei verschillende Russen spreken.’

‘Rusland is veel meer dan alleen Poetin.’ ‘We zijn helemaal mediageil overal alles wat Poetin doet’, vervolgt Koens. ‘Als die gast in een duikboot naar de bodem van de aarde gaat, dan moet dat gelijk op alle persbureaus te zien zijn. Hoe meer ik daarover nadacht, des te meer ik dacht: “Fuck it, ik laat hem gewoon weg.” Ik wilde niet dat iedereen nog een keer de Wikipediapagina van Poetin door de strot kreeg geduwd. Het probleem dat we in Nederland hebben, is dat we pas iets interessant vinden als er een dictator bij komt kijken. Dat is een beetje een journalistieke afwijking. Ik mocht op Lowlands bijvoorbeeld eens een speech geven en ik wilde het over de liefde hebben. Dat vond iedereen saai. Toen zei ik: “Ik zou het ook leuk vinden om een speech te geven waarin ik uitleg waarom Poetin niet zo interessant is”. Onmiddellijk klonk het: “Oh, Poetin. Geweldig, doen!”. Zelfs het verhaal dat die gast niet interessant is, vinden we boeiend omdat het over hem gaat.’


Interview Olaf Koens P. 26

Natuurljk speelt Poetin wel een grote rol in Rusland. De meeste Russen hebben veel vertrouwen in hun president. Daarnaast houden de ze zich echter niet zo met politiek bezig. ‘De verhouding tussen de gemiddelde Rus en het Kremlin is heel anders dan die tussen de gemiddelde Nederlander en het Binnenhof. Ik werk godzijdank niet bij de publieke omroep, maar als ik dat wel deed, had ik vijf keer per dag gehoord: “En dat van onze belastingcenten!” Dat is een typisch Westers, democratisch gevoel, dat de Russen totaal niet hebben. Ze maken een heel groot onderscheid tussen politiek en wie ze zelf zijn en ze verwachten ook niets van het Kremlin. Daarnaast hebben ze nooit beter geweten dan dat er een despoot in het Kremlin zit.’ Een verzonnen oorlog De Russen hebben altijd behoefte gehad aan een machtig leider, iemand die hen de juiste weg wijst. Dat is in de huidige situatie niet anders. ’84 procent van de Russen loopt achter Poetin aan’, vertelt Koens. ‘Hij heeft veel klaargespeeld, zoals de organisatie van de Olympische Spelen en grote economische groei. Na zijn herverkiezing moest Poetin dit soort wonderen blijven verrichten om het vertrouwen van het volk te behouden. Op een gegeven moment lukte hem dat echter niet meer. Een oorlog is dan een handig middel om het volk achter je te krijgen, omdat iedereen dan samen tegenover de gezamenlijke vijand gaat staan. Het conflict op Oost-Oekraïens grondgebied, dat door de annexatie van de Krim is uitgemond in een oorlog, is op

deze manier ontstaan. Aan het einde van het derde hoofdstuk van zijn boek, schrijft Koens dat de oorlog is verzonnen om een broedervolk met een lange, gezamenlijke geschiedenis uiteen te drijven. ‘Als je drie jaar geleden had beweerd dat Rusland en Oekraïne binnenkort met elkaar in oorlog zouden zijn, zou je worden uitgelachen.’

‘De hele oorlog in Oekraïne is verzonnen om een broedervolk uiteen te drijven.’ ‘De hele oorlog is nep, gemaakt door televisiebeelden’, roept Koens. ‘De Russische staatstelevisie laat alleen maar zien hoe de fascisten uit Kiev de mensen in Oost-Oekraïne afslachten. In Oekraïne zijn alleen maar beelden te zien van Russische soldaten die Oekraïne binnenvallen en mensen vermoorden. Als je daar lang genoeg naar kijkt, ga je vanzelf in die beelden geloven. De leugens worden waarheid, het wordt ineens echt oorlog. Op dat moment krijgen het Kremlin en de macht in Kiev een vrijbrief om daar hard op in te spelen. En dat werkt. Als je de media onder controle hebt, heb je alles onder controle.’ Beangstigende ontwikkelingen Na tien jaar lief en leed met Rusland te hebben gedeeld,


Column Joanne Vrijhof P. 27

was het voor Koens genoeg geweest. ‘Sinds de oorlog in Oekraïne is het klimaat heel erg omgeslagen, dat was aan veel dingen merkbaar. Op een gegeven moment vloog ik naar Magadan, een plaatsje ongeveer tienduizend kilometer van de Krim vandaan. Het enige waar men het daar over had was die oorlog. De gedachte dat mensen helemaal aan de andere kant van Rusland ook met de oorlog bezig waren, vond ik beangstigend.’ Een andere ontwikkeling laat echter nog duidelijker zien dat er in de afgelopen jaren veel veranderd is, vindt Koens. ‘Onlangs is er een wet aangenomen in Rusland, die ervoor zorgt dat mensen met een dubbel paspoort zich moeten inschrijven in een soort nationaal register. Ik moest daardoor met mijn dochter in de kinderwagen naar een of ander lelijk Sovjetkantoor waar zo’n pennenlikker zat, die vroeg of ik even kon wachten. Even later komt een man naar buiten. “Wie is hier de verrader?” vroeg hij doodgewoon. Mijn dochter van vijf maanden was een verrader, alleen omdat ze een dubbel paspoort had. Toen ik een kwartier later buiten stond dacht ik echt holy shit. Daarna ben ik naar huis gegaan en zei ik tegen mijn vrouw: “We moeten hier weg.” Toen zei ze: “Je hebt groot gelijk, we gaan weg.”’

‘Mijn dochter van vijf maanden was een verrader.’

KROEGTHEOLOOG ‘Als je alleen maar de regels volgt en niet geniet, doe je het geschenk van het leven geen eer aan.’ Theologiestudent Joanne denkt na over de balans tussen geloven en plezier maken en beschrijft het studentenleven met een zakbijbel in haar hand. Ongemakkelijk geschuifel op stoelen, onderdrukt gegrinnik, ge-ssht als iemand per ongeluk iets zegt en eerbiedige gezichten die je verwachtingsvol aankijken; of je al klaar bent met je ritueel. ‘Maar, vraag je dan aan God of hij ervoor wil zorgen dat het eten lekker smaakt?’ Afgelopen zomer was ik met vrienden op vakantie in Frankrijk. Daar waar ik het in de alledaagse hectiek vaker vergeet, vond ik het fijn om elke avond voor het eten wél te bidden. Op vakantie heb je daar gelukkig alle tijd voor. Maar omdat de meerderheid van mijn vrienden niet gelovig is, wekte mijn stilzijn vragen op. Nee, ik vraag niet of Iemand ervoor zorgt dat het eten lekker smaakt. Ik geloof niet in een God die zich ergens boven op een wolk druk maakt om de smaakervaring van individuen. Bidden is niet een verlanglijstje schrijven naar een Sinterklaas-God, zoals Janis Joplin erover zingt: ‘Oh lord, won’t you buy me a Mercedes-Benz’. ‘Maar waarom bid je dan wél?’

Rusland over vijf jaar? De toekomst van Rusland is compleet onvoorspelbaar, net zoals elke dag dat is. ‘Ik heb geen idee hoe het land er over vijf jaar uit ziet, niemand weet dat. Wie had vijf jaar geleden kunnen voorspellen dat het nu zo zou zijn? Alles gebeurt er zo onverwachts, dat went nooit. Het grootste probleem nu in Nederland, is dat er bijna geen contact is: binnen de diplomatieke wereld spreken weinig mensen de Russische taal en op universiteiten wordt deze ook nauwelijks nog onderwezen. Daarnaast zijn er veel te weinig journalisten die zich met Rusland bezighouden. Die drie factoren zorgen voor veel onbegrip. Ik geef veel lezingen en voordrachten over Rusland en vaak wordt mij dan gevraagd: “Wat kunnen wij doen?” Dan zeg ik: “Ga maar. Ga maar naar Rusland toe. Ga maar kijken. Ga maar met ze praten. Ga vrienden maken.” Het belangrijkste is dat er contact is, dan weet je wat er speelt.’ Hij lacht: ‘Met een beetje geluk of pech kom je getrouwd en met een kind terug.’ ANS

In Frankrijk was ik dankbaar voor een vakantie met vrienden en een bord vol lekker eten, maar ondertussen blijf ik altijd hopen dat uiteindelijk ieder mens zo’n rijkdom en vrijheid mag ervaren. Zowel het geluk dat ik heb, als de narigheid in de wereld, liggen niet volledig in mijn handen. Daarom richt ik het naar buiten. Veel mensen doen dit, hoewel ook op andere manieren. Een voorbeeld is het laatste gedicht van Hans Andreus, geschreven toen hij ongeneeslijke kanker had. Hierin spreekt hij God aan, en vermeldt gelijk dat hij zich bij God nauwelijks iets voorstelt, maar dat hij toch liever tegen iemand praat dan in de lege ruimte. Maar ook in alledaagse situaties: ‘Laat er nog ruimte zijn in de Heyendaalshuttle’ en ‘laat mij dit tentamen halen’. Ook hier geloof je niet dat er een God is die een paar mensen de bus uitgooit, of je de antwoorden van het tentamen influistert. Het zijn zaken die je bezighouden en daarom uit je ze. Als ik dus bid, spreek ik geen God aan die mij te hulp schiet zodra ik mijn handjes ineen sla. Ik bid om te danken en te hopen. En of er nu iemand is die het (ver)hoort of niet, dat maakt dank en hoop niet overbodig.


Stamgasten Tekst: Noor de Kort/ Foto’s: Mike Ruth / Illustratie: Josse Blase P. 28

Stamgasten Lallende disputen, vage figuren aan de bar of uitbundige dansers, elke kroeg heeft zijn eigen publiek. ANS duikt de vaste stek van een groep studenten in, velt haar oordeel over het café en test de kennis van de trouwe gasten. Deze KEER: dispuut Corporale metal associatie in café de deut

Kandelaars, Mariabeelden, truttige lampen en glimmend goud behang vormen de inrichting van Café de Deut. Maandelijks komt het dispuut Corporale Metal Associatie (CoMA) van Karpe Noktem hier samen. ‘De Deut is net zo kitscherig als wij’, lacht Praeses Stan (24), voormalig student Natuurkunde. Olivier (27), voormalig Psychologie, vertelt dat het café twaalf taps en tachtig bieren op de fles heeft. De erelijst aan de muur boven de hoofden van de leden laat zien dat de heren er hiervan al de nodige hebben geproefd. Regelmatig wordt er geproost en klinkt het motto van CoMA ‘Age, unum plus bibamus’, vrij vertaald als: ‘Kom, we drinken er nog eentje’. Als dispuut bestaat CoMA pas sinds 1 september 2014, maar het idee ontstond vier jaar geleden tijdens Stans bestuursjaar bij Karpe Noktem. ‘We organiseerden een cantus waar veel mensen op afkwamen. Blijkbaar was er toch interesse binnen de vereniging voor iets corporaals met een knipoog’. Het dispuut is opgericht als algemeen dispuut. Toch zou Jordi (22), student Culturele en Maatschappelijke Vorming aan de HAN, graag zien dat CoMA een herendispuut werd. ‘Als herendispuut heb je het mooie privilege om te borrelen met damesdisputen’ zegt hij glunderend. De CoMA-leden komen regelmatig bij elkaar om te borrelen, voor een sigaarproeverij of een golfclinic. Daarnaast organiseert het dispuut activiteiten voor alle leden van Karpe Noktem, zoals de jaarlijkse cantus. Tijdens dit bierfestijn is een van de strafacties ‘Jansens Nekje’, een biertje met Goldstrike. Stan vertelt over het ontstaan van dit fenomeen: ‘Op een avond besloot de heer Jansen meerdere glazen bier snel achter elkaar naar binnen te gieten.’ Toen de dispuutsleden Goldstrike in zijn bier gooiden, ging het tempo plotseling sterk achteruit. ‘Even later was hij op het toilet te vinden’, vertelt Stan droog. Hoewel CoMA ook activiteiten voor alle leden van Karpe Noktem organiseert, is het dispuut volgens Olivier toch ‘het buitenbeentje van de vereniging’. ‘Karpe Noktem is een geweldige vereniging voor leden die geen verplichtingen willen. Het corporale van CoMA gaat daar recht tegenin’, vervolgt hij. Het clichébeeld van Karpe-Noktemleden klopt volgens hem dus niet. ‘Lang haar en naar metal luisteren zijn absoluut geen vereisten om lid te worden van Karpe.’ Jordi geeft zelfs toe een voorkeur voor techno te hebben. Voor Stan gaat dit net een stap te ver: ‘Ik wil niet dat dit wordt opgenomen in het artikel.’ ANS


Stamgasten P. 29

kroegpraat Café de Deut staat bekend als ‘het kitscherigste cafeetje van Nijmegen’. Deze naam past goed bij de kroeg, die een kruising is tussen een kapel en de woning van je overgrootoma. De Deut beweert niet de

grootste, maar wel de meest speciale bierkaart te hebben. Voor bierliefhebbers zoals de CoMAleden is het daarom een fijn thuiskomen. Groot is het café niet, maar dat is ook niet nodig voor het kleine dispuut CoMA.

Hoeveel jaar duurde de langste coma ooit? Stan: ‘Ik denk 40, 50 jaar.’ Jordi: ‘Ik dacht ook aan 40 jaar.’ Stan: ‘Laten we rond de 45 doen, 42.’ Olivier: ‘Ja, natuurlijk. Het antwoord is altijd 42.’ Met deze verwijzing naar The Hitchhiker’s Guide to the Galaxy van Douglas Adams waarin 42 het antwoord is op de ultieme vraag over het leven, verdient het dispuut biertje nummer twee. Afgelopen 18 mei overleed de Indiase Aruna Shanbaug die sinds 1973 in coma lag. Voor welk doel werd de muziek van Metallica gebruikt door de Navy SEALs tijdens de oorlog in Irak? Stan: ‘Die muziek werd gebruikt voor het martelen van gevangen. De gevangenen moesten in een ruimte zitten met keiharde muziek en lichtflitsen, waardoor ze helemaal gek werden. Als ze bijna in slaap vielen, werd die muziek plotseling weer aangezet.’

De pubquiz Hoeveel comazuipers waren er in 2014 onder de achttien? Jullie mogen er tien naast zitten. Jordi: ‘In ieder geval de zusjes van Jansen, dat zijn er al drie.’ Stan: ‘Even serieus, ik gok 23.000.’ Olivier: ‘Zoveel? Nee, echt niet.’ Stan: ‘Oké, 2300.’ Jordi: ‘Ze zeggen ja tegen MDMA, dus ook tegen comazuipen.’ Olivier: ‘Ik denk dat je eerder in de buurt van de 500, 600 moet denken.’ Stan: ‘Laten we in het kader van metal 666 zeggen.’ In 2014 waren er 545 minderjarigen die in een coma belandden door een borreltje te veel. Voor de heren is de coma nog ver weg, want het eerste biertje gaat hen aan de neus voorbij. Noem minstens tien subgenres van metal. Olivier: ‘Death metal, black metal.’ Stan: ‘Melodic metal, folk metal, doom metal, nu metal, speed metal, trash metal.’ Jordi: ‘Je hebt toch ook glam metal, en gothic metal?’ Olivier: ‘Power metal.’ Jordi: ‘Piratenmetal. Babymetal is in Japan ook een ding.’ Deze vraag levert de leden geen problemen op. Met maar liefst dertien subgenres headbangen ze het eerste biertje binnen.

De Navy SEALs gebruikten de muziek inderdaad om de gevangenen te martelen, tot Metallica eiste dat dit moest stoppen. Het derde biertje is binnen. Waar komt de term corps vandaan binnen het studentenleven? Stan: ‘Dat komt van corpus, wat lichaam betekent in het Latijn. Misschien is het dat je van feut, een ongeborene, tot volwaardig lid, een lichaam wordt?’ Olivier: ‘De term kan ook zijn ontstaan binnen de medicijnenstudies.’ Stan: ‘Iets met belichaming? Oké, we verzinnen iets leuks: er waren van origine allemaal christelijke verenigingen en die noemden zich het lichaam van Christus.’ Creatief is het antwoord zeker, maar het kan niet worden goed gerekend. Het corps was het lichaam dat alle studenten vertegenwoordigde.

De Afrekening

Hoewel de CoMA-leden beweren dat metal niet belangrijk is binnen het dispuut, worden de vragen over dit onderwerp goed beantwoord. Het dispuut kan daarentegen wel een opfriscursus gebruiken als het gaat om het corporale wereldje. Met de oubollige, maar gezellige huiskamersfeer in Café de Deut komt de eindstand te staan op vier biertjes.


Deze ANS niet/ Colofon Tekst: Redactie/ Illustratie: Bas van Woerkum P. 30

DEZE ANS NIET

Waterijsje Voor iedereen die de kleurensamenstelling van de letters op de voorkant van de intro-ANS niet begreep: eet eens wat vaker een raketijsje. Kijk nog eens goed wat burgermeester Bruls in zijn hand heeft. Zo, is dat ook weer opgehelderd.

Vriendelijk bedankt Het leenstelsel is pas net ingevoerd, of we krijgen mogelijk alweer de volgende ‘stimulerende’ maatregel op ons dak. Aan de rendementsmaatregelen lijkt geen einde te komen. Met de verhoging van het BSA zullen nog meer studenten het eerste jaar niet doorkomen. Lekker bezig, RU.

30e jaargang Hoofdredactie Tijs Sikma en Bas van Woerkum Redactie Noor de Kort, Tom Plaum, Auke van der Veen Medewerkers Aline Arts, Vera Crienen, Tim Hebbink, Annemarie Segeren, Miriam Zeroug Illustraties Josse Blase, Joost Dekkers, Carmen Groenefelt, Bas van Woerkum, Thijs van Woerkum Foto’s Alix van Lanen, Mike Ruth, Bas van Woerkum Voorpagina Bas van Woerkum Columnisten Finn Roelofs en Joanne Vrijhof Eindredactie Evy van der Aa, Max Bosschaart, Dennis van der Pligt, Melissa Ketelaar, Saskia Verheijden, Inge Widdershoven Crypto Bas Dikmans Ontwerp Marloes de Laat en Roel Vaessen Lay-out Bas van Woerkum Dagelijks bestuur Loes Tijssen (secretaris), Dennis van der Pligt (penningmeester)

Druk MediaCenter Rotterdam

Uitgave, abonnementen en advertentie-acquisitie Stichting MultiMedia: stichtingmultimedia@gmail.com

Redactieadres Heyendaalseweg 141 6525 AJ Nijmegen Tel 06-36428931 Mail redactie@ans-online.nl

Het Algemeen Nijmeegs Studentenblad is een onafhankelijk blad dat gratis in de binnenstad en op de Radboud Universiteit Nijmegen wordt verspreid. Het verschijnt 7 keer per jaar in de maanden september t/m juni. De uitgave van ANS wordt mede mogelijk gemaakt door:


CRYPTO

Crypto Tekst: Redactie/ Illustratie: Bas van Woerkum niet AnsDeze dezeANS maand P. 31 31 P.P.31

Het is weer de kille en grauwe tijd van het jaar. De herfst lost de zomer af en oktober is nu officieel begonnen. In Nederland betekent dit elk jaar weer de gerespecteerde traditie van haal-je-dikste-regenjas-van-de-bovenste-plank-te-voorschijn. Bij onze oosterburen worden echter de lange houten tafels en de grote bierpullen tevoorschijn gehaald voor het Oktoberfest. Als studenten laten wij dit ook niet aan ons voorbijgaan, toch? Pak een ijskoud pilsje, zet het tegen je mond, en kom alvast in de stemming met het Okto-BIER-fest cryptogram.

De winnaar van het Kamertje Verhuren in de Intro-ANS is Wieske de Swart. De oplossing vind je op www.ans-online.nl. ANS mag dit keer een bierpakket t.w.v. 20 euro van De Bierhoeder weggeven, de bierspeciaalzaak met bieren uit heel de wereld, maar ook uit de regio. Staat een emmer met bier ook op je bucketlist? Mail je oplossing van de crypto v贸贸r 12 november naar redactie@ans-online.nl

Horizontaal: 1. Engelsen kruipen telkens weer de kroeg in (8), 3. Dit is uiteindelijk een meisjesnaam (5), 4. Ik wil onmiddelijk een goudgele rakker (8), 5. In het begin van de week is het nog niet zo ver lopen (12), 7. Deze amerikaanse metalband is niet meer in (7), 8. kom overeind, meubelstuk! (8), 12. dit is het onvermijdelijke gevolg wanneer je wielen niet meer goed vast zitten (13), 14. laat je bedienen door het hemellichaam (11), 17. gedrogeerde kitten (8), 19. anders kwam ik nipt aan (4), 20. een tandheelkundige kan deze manier van drinken wel aan aanbevelen (10), 21. een strenge superheld (6). Verticaal: 1. Deze italiaanse ontdekkingsreiziger heeft ook zijn eigen fRItessaus uitgevonden (9), 2. het perfecte voorbeeld dat entertainment voor ouderen past in een studentencultuur (9), 6. deze bezopen, kleine oost-europeaan is al-tijd aanwezig bij een potje bierbong (14), 9. dit huisdier is niet voor avondmensen (12), 10. dit drankje doet je de das om (10), 11. een van de teletubbies heeft een glaasje te veel op (5), 13. wat is de offici毛le afkorting van de Directeur van Nederland? (6), 15. het water stroomt bij dit soort bier noit in de verwachte richting (9), 16. In essen is deels naar voren gekomen dat er met mevrouw Janssen wordt geflirt (7), 18. een oplossing vertoont zich in stappen (3).


GEVONDEN VOORWERP www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon P. 32

Tekst: Tom Plaum/ Foto: Mike Ruth

Wie: Anthony (22), vijfdejaarsstudent Biologie Voorwerp: Discodel Wat voor kleurrijke vleesrol hebben we hier? ‘Dit is de discodel: een frikandel met mayonaise en discodip. Het is een combinatie van twee werelden: het lekkere van de frikandel en het feestelijke van de discodip. De topping geeft de snack een zoete smaak. Het is in feite een frikandel met mayonaise, maar dan met een lading kleurrijke suikerbolletjes erop.’ Waar komt deze originele creatie vandaan? ‘Drie vrienden van mij wilden de slogan van de Febo “jij bestelt het, wij hebben het”, op de proef stellen. Iedere avond na het stappen bestelden ze iets anders. Zo kwamen een softijsje met satésaus en een frietje met mosterdsaus voorbij. Op een avond wilden ze graag een frikandel met mayonaise en discodip uitproberen. Door die creatieve ingeving is de discodel geboren. Van alle innovatieve snacks was deze de enige eetbare. Sinds ik van deze variant op de frikandel met mayonaise heb gehoord, eet ik hem regelmatig; het is mijn favoriete snack.’

Waar kan je de discodel bestellen? ‘Bij Cafetaria Keizer Karelplein is de snack al bekend, omdat we de discodel daar altijd bestellen. Ik vind dat de discodel eigenlijk op de lijst moet komen te staan als Nijmeegse snackspecialiteit. Eerst verkocht de Febo deze snack ook, maar dat is door een misverstand helaas verleden tijd. Ik was daar een avond met drie vrienden. We bestelden drie discodellen en een bak kippenvleugels. Op een gegeven moment had mijn vriend met de kip geen zin meer in zijn eten, dus besloot hij het door de zaak te smijten. Vanaf toen associeerde de Febo de discodel altijd met een snack die door de winkel zou worden gegooid als iemand hem bestelde. Ik snap dat niet, want de frikandellen in kwestie hebben nooit de andere kant van de winkel gezien.’ Hoe reageren mensen als ze de discodel zien? ‘Ze kijken meestal erg verbaasd op, vooral wanneer ik de discodel bestel en de frietboer achter de balie mijn bestelling in één keer begrijpt. Als ik dan met de kleurrijke frikandel langsloop, word ik aangekeken alsof ik gek ben. Ik heb aan verschillende mensen uitgelegd hoe de discodel is ontstaan. “Leuk”, zeggen ze dan, maar proeven willen ze niet.’ ANS