9 minute read

De dwarsdoorsnee

organiseert namelijk niet alleen protesten: deze voorziet studenten van juridische hulpverlening en praat met de gemeente mee over zaken die studenten aangaan, zoals betaalbare huisvesting. De organisatie belt bovendien haar leden en ondertekenaars van de ‘#nietmijnschuld’-campagne op tijdens de coronacrisis om op de hoogte te blijven van hun gesteldheid.

‘Hoe meer mensen lid zijn, hoe beter we weten wat er speelt.’

Advertisement

De collegezaal uit en de straat op

Studenten staan sterker als zij samen problemen aanpakken, zo meent Verhulp: ‘Iets wat mensen zich nog steeds niet voldoende realiseren, is dat je in je eentje soms dingen niet kunt bewerkstelligen die met een grote groep wel mogelijk zijn.’ Huisbazen, universiteitsbestuurders of de overheid hebben een onevenredige hoeveelheid macht ten opzichte van de individuele student. De meest effectieve manier om dit op te lossen is dat studenten zich bij een centraal punt verenigen, bijvoorbeeld bij de studentenvakbond. Hoe meer mensen hun meningen namelijk laten horen, hoe zwaarder deze zullen meewegen in toekomstige beslissingen. Het is bijvoorbeeld niet voor niets dat filosofiestudenten naar aanleiding van de Paul Bakkerzaak een petitie zijn gestart. Zij kregen van hun faculteit amper informatie over de gebeurtenissen omtrent het ‘ongepast handelen’ van hun hoogleraar en besloten dat het wellicht slimmer is om in groten getale te laten horen dat ze het daar niet mee eens zijn. Hun machtsvertoon zou zelfs nog groter worden als zij massaal niet aanwezig in college zouden zijn wanneer Bakker in februari toch weer zou gaan doceren.

Voorkomen is beter dan genezen

Hoewel het Bakkerverhaal een erg concrete aanleiding heeft, is het ook belangrijk om vanuit preventieve overwegingen bij een vakbond te gaan. Als individuen hebben studenten namelijk alleen informatie over hun eigen situatie. Uphoff bevestigt dat het ook voor de vakbond belangrijk is om soms een ander geluid te horen dan dat ze al kennen: ‘Hoe meer mensen lid worden van onze beweging, hoe beter we dan ook weten wat er daadwerkelijk speelt onder studenten.’ Zodoende kan de vakbond goed geïnformeerde gesprekken voeren met beleidsmakers en de belangen van studenten beter vertegenwoordigen. Meer zielen leiden bovendien tot meer creatieve ideeën en studenten kunnen dan samen nadenken over mogelijke oplossingen van problemen. Als het gros van de studenten zich dus zou aansluiten bij de plaatselijke studentenvakbond, zouden deze daardoor veel eerder, effectiever en vooral beter kunnen optreden wanneer studenten meldingen van misstanden maken. Samenwerking helpt, onderschrijven ook Verhulp en Akkerman. Er zal echter wel een organiserende partij bij moeten zijn, waarbij de vakbond de uitgelezen organisatie is. Als lid van de vakbond praat je niet alleen over het probleem, maar help je ook mee bij het vinden van de oplossing. Die oplossing klinkt met een groter aantal aangemelde studenten bovendien ook nog eens luider. ANS

In het normale leven is rechtenstudent Sjoerd Bakker vooral bezig met het schrijven en interpreteren van wetsartikelen en jurisprudentie. Buiten het recht om laat hij de strikte verwijzingen achterwege en komt de verbeeldingskracht tevoorschijn. In deze column beschrijft hij een gebeurtenis waarbij de lezer met selectieve context midden in het verhaal valt.

‘Het is goed om een rondje te wandelen nadat je de hele dag binnen hebt gezeten.’ Als iedere student dit veel gegeven advies zou opvolgen, zouden we nu met files kampen op de voetpaden in en rondom Nijmegen. De paden zijn bedroevend leeg en ook voor mij helpt dit advies niet. Het wandelen brengt mij vooral ongewenste gevoelens van verveling en eenzaamheid. Waar komt die goede raad dan eigenlijk vandaan? Vaak valt te horen dat mensen tot rust komen tijdens het wandelen. In het nooit voltooide boekje Overpeinzingen van een eenzame wandelaar legt Jean-Jacques Rousseau zijn ervaringen vast. Deze filosoof uit de achttiende eeuw schrijft dat tijdens het wandelen zijn geest helder wordt en hij zijn gedachten en gevoelens kan ordenen. Hij had last van waanbeelden, hij was een soort Lange Frans avant la lettre, wat in zijn tijd tot gevolg had dat hij sterk vereenzaamde. Zijn eenzaamheid beperkte zich niet tot het wandelen. De levensomstandigheden van Rousseau verbeterden niet, wel kon hij zijn gedachten op een rijtje krijgen door het wandelen. Bij mij is dit anders. Mijn gevoelens en gedachtes van ongemak openbaren zich tijdens het wandelen. Waar Rousseau een eenzame wandelaar was, word ik eenzaam tijdens het wandelen: Het heeft veel te maken met een angst die zich bij mij al vroeg openbaarde. Als kind dacht ik nooit last te hebben van nachtmerries, tot ik erachter kwam dat bijna al mijn dromen nachtmerries waren. Ik droomde bijvoorbeeld dat ik rondliep door de school en mijn klas niet kon vinden. Vaak was ik bang om alleen achtergelaten te worden. Ik denk terug aan de lege voetpaden in en rondom Nijmegen en vermoed hiermee een verklaring te hebben gevonden. Het kan voor niemand fijn zijn om beduusd in een veel te grote wereld rond te lopen. Voor mij openbaarde zich dit al in mijn nachtmerries. Zou het kunnen dat die voortkwamen uit een gevoel dat meer mensen herkennen? Hebben we daarom geen files op de voetpaden?

Interview

FROUKJE: GROEN IN QUARANTAINESEIZOEN

Froukje Veenstra (19) ging afgelopen januari viral met haar single Groter dan ik. Inmiddels toert ze door het land als hoofdact van muziekfestival Popronde en brengt ze dit najaar een nieuwe EP uit. Ze is een rising star, en dat in coronatijd. ‘Dit was mijn moment en alles leek in te storten.’

Vlak voordat de pandemie de popzalen van hun publiek beroofde en ziekenhuizen volstopte met zieken, brak een nieuwe ster door in de Nederlandse muziekwereld: Froukje Veenstra. Met haar single Groter dan ik bereikte de conservatoriumstudent in een klap duizenden luisteraars. Haar boodschap over klimaatverandering schalde door speakers in het hele land: ‘De wereld staat in de fik, en ik zou het willen blussen, maar het vuur is groter dan ik.’ In een mum van tijd stond haar agenda volgepland: te

gast bij talkshow M van Margriet van der Linden, interviews van verschillende kranten en spelen op NPO 3FM. ‘Ik dacht dat ik nooit meer tijd zou hebben om een boek te kunnen lezen, maar dat is gelukkig goed gekomen’, grinnikt Froukje. De jonge muzikant brengt binnenkort een nieuwe single uit en als de coronamaatregelen het toelaten, zal ze ook optreden. Afgelopen jaar zijn veel artiesten financieel genekt door afgelaste concerten. Froukje heeft gelukkig minder geleden onder het wegvallen van optredens: ‘Ik ben als artiest niet anders gewend dan coronatijd en studeer nog. Daarnaast ben ik financieel niet afhankelijk van optredens’, legt de zangeres uit. De huidige crisis stemt haar niet weemoedig, integendeel. Ze lijkt zelfs de wind mee te hebben. Zo verklapt ze ons glunderend dat er dit jaar een nieuwe EP wordt uitgebracht en dat ze een nummer heeft geschreven samen met Pepijn Lanen, bekend als Faberyayo van de Jeugd van Tegenwoordig. Hoe komt het dat Froukje juist bekend is geworden te midden van een wereldwijde crisis? In de gure wind op een terras vlakbij Rotterdam Centraal sprak ANS de muzikant. Op anderhalve meter afstand vertelt Froukje over haar nieuwe muziek en het artiestenbestaan in tijden van quarantaines en mondkapjes.

Alles leek goed te gaan totdat corona roet in het eten gooide.

Doorbraak tijdens uitbraak

Een droom kwam uit toen de jonge zangeres in januari doorbrak met haar single. ‘Ik wilde van jongs af aan al artiest worden’, vertelt ze terwijl ze haar handen warmt aan een cappuccino. ‘Mijn ouders zijn beiden muzikant en voor elke gelegenheid werd een lied gemaakt.’ Zo werd musiceren er met de paplepel ingegoten. Het is dan ook niet gek dat ze besloot om haar dromen na te jagen bij het Rotterdamse conservatorium Codarts. Afgelopen jaar schreef ze Groter dan ik als opdracht voor haar opleiding. ‘We moesten een nieuwjaarslied maken’, zegt de muzikant opgewekt. ‘Meestal krijgen we technische opdrachten, dit was meer voor de leuk.’ Froukje produceerde het nummer in haar studentenkamertje: ‘Het was allemaal nogal do it yourself: ik heb de demo zelf ingezongen en de muziek is duidelijk niet van hele goede kwaliteit.’ Haar beste vriend en producer Jens vond het nummer beter dan ‘voor de leuk’ en spoorde haar aan om het nummer écht uit te brengen. ‘Groter dan ik heeft zowel clubtunes om op te dansen als betekenisvolle lyrics. Die combinatie maakt dat het nummer mensen zou kunnen prikkelen’, legt de zangeres uit. ‘Daarnaast was ik er simpelweg trots op en had ik niets te verliezen.’ In één ‘powerdag’ hebben ze de demo samen in de studio getransformeerd naar een professionele song.

‘Die linkse chick’

‘In het begin heb ik klimaatinstanties zoals Greenpeace en het Wereld Natuur Fonds gemaild om het lied te verspreiden omdat ik dacht dat mijn songtekst iets bij zou kunnen dragen aan een debat’, legt Froukje uit. ‘Blijkbaar droeg het inderdaad iets bij want opeens luisterden veel mensen naar de single en deelden ze het met elkaar.’ Alles leek goed te gaan, totdat corona roet in het eten

gooide. Evenementen waar nieuwe artiesten zich gewoonlijk introduceren, zoals optredens of muziekfestivals, gingen niet door. ‘Dit was mijn moment, maar alles leek in te storten’, vertelt ze. ‘Gelukkig viel dat achteraf reuze mee.’ De artiest kreeg er namelijk alleen maar meer luisteraars bij. ‘Tijdens de quarantainetijd zaten mensen natuurlijk veel thuis achter een beeldscherm. Misschien hebben ze me daardoor vaker voorbij zien komen.’ Momenteel toert Froukje rond voor het muzikale festival Popronde en treedt ze in het echt op. ‘Nu mag ik door corona juist in de grote popzalen, zoals het Nijmeegse Doornroosje spelen, in plaats van zingen in kleine kroegjes’, vertelt ze vrolijk. ‘Internationale artiesten komen door de restricties minder snel naar Nederland en daardoor is er meer plek voor debuterende muzikanten zoals ik.’ Hoewel ze op de planken van Nederlands grote podia staat, herkent men haar op straat nog niet. ‘Maar ik heb weleens op datingsapps gehad dat iemand me herkende’, giechelt ze.

‘Ik vind het niet heel kut dat iedereen me ziet als klimaatactivist.’

Inmiddels is Froukje door verschillende media geïnterviewd en gaan de meeste interviews over haar mening omtrent het klimaat, die duidelijk te herkennen is in Groter dan ik. Omdat media vooral dit onderwerp aansnijden, gaat het niet vaak over Froukjes muzikale kunsten. Wat vindt ze daar eigenlijk zelf van? ‘Ik vind het niet heel kut dat iedereen me ziet als klimaatactivist, maar ik ben boven alles vooral artiest’, antwoordt ze stellig. ‘Ik sta nog steeds achter de boodschap van mijn eerste single hoor’, nuanceert ze vervolgens. ‘Maar nu word ik gezien als “die linkse chick” die zich vooral bezighoudt met klimaatactivisme, terwijl ik meer in mijn mars heb.’ Om dit beeld recht te zetten, slaat ze interviews over het klimaat momenteel over en gaat haar tweede single dan ook niet over een opwarmende aarde maar over iets heel anders, namelijk: het omgaan met ongelukkig zijn. ‘In Ik wil dansen zing ik dat je door de anonimiteit van het uitgaansleven even je problemen kan vergeten’, vertelt Froukje. Deze tekstuele inhoud ligt er volgens de artiest niet heel dik bovenop en in eerste instantie hoor je vooral het bouncy housegeluid om jawel, op te dansen.

Dansbare tunes met diepe teksten

Volgens de zangeres is haar muziek te herkennen aan precies dat dansbare geluid. Verder zingt ze alleen in het Nederlands: ‘Daar voel ik me vertrouwd bij en ik kan daarnaast ook niet zo goed schrijven in het Engels.’ Haar nummers in een genre passen, vindt ze lastiger: ‘Ik denk dat mijn muziek bestaat uit een mix van house- en hiphopinvloeden maar dat je het ook electropop kan noemen.’ Qua onderwerpen kunnen haar nummers overal over gaan. ‘Soms houdt iets me zo erg bezig dat ik nergens anders over kan schrijven, maar meestal verzin ik liedjes over dingen die ik zelf meemaak of voel.’ Zo gaat haar aankomende single bijvoorbeeld over ongelukkig zijn binnen een relatie en heeft ze een ander lied op

This article is from: