Page 1

SLECHT SPELLENDE STUDENTEN LATEN ‘T KOFSCHIP ZINKEN

STUDENTEN MET RUNDFUNK HEEFT MEER SCHIJT DAN DE IDEALEN, ZE ZIJN ER NOG REST

CHRIS DE STOOP OVER DE HUIDIGE JOURNALISTIEK

ANS SPIEKT Algemeen Nijmeegs Studentenblad / jaargang 31, nummer 2


Vooraf Tekst: Redactie P. 2

commentaar ‘Ik ga zeggen dat jullie de hele tijd lopen te spieken als de brugklasjongens zich omkleden’, zegt meneer Heydrich genoegzaam in Rundfunk. Noor kijkt grijnzend naar de fascistische leraar Duits op het beeldscherm en denkt hardop na: ‘Vind je “ANS spiekt” een leuke titel voor deze editie?’ ‘Is “spiekt” niet een beetje een kinderachtig woord?’, reageert Tom vanachter zijn laptop. ‘Hoort “spieken” niet bij brugklasjongens of brugklasmeisjes die tijdens de grote pauze giechelend bekennen dat ze doen aan “zoenen met tong?”’ Maar ANS heeft schijt, aan leeftijd. ANS hinkelt zonder schaamte het Erasmusplein over, speelt net zo lang Stoepranden tot er een file van Heyendaalshuttles ontstaat en roept zo hard ‘Annemaria Koekoek’ dat de ramen op de eerste etage van de Erasmustoren geïrriteerd worden gesloten. Waarom zou je als student geen huisdier kunnen hebben? Wie wil er nou niet uren kunnen kijken naar een aquarium met een axolotl zoals een peuter tuurt naar een draaiende wasmachine? Ook het herendispuut Los Hombres Locos is niet helemaal age appropiate met de Power Rangers op de achterkant van hun almanak. Maar dat boeit hen niet; ze hebben schijt. Ook de RU heeft schijt aan leeftijd. Vanwege de dramatische spellingsvaardigheden van studenten is zij genoodzaakt volwassen mensen schoolse spellingtoetsjes te laten maken. Van een toets ga je echter niet beter spellen, dus menig student zal moeten spieken om te kunnen slagen.

ans

Online Auf wiedersehen Gerard! De nieuwsmotor komt in het nieuwe collegejaar gestaag op gang. Het nieuws werd in de eerste maanden vooral gedomineerd door universiteitsranglijsten, het begin van het politieke jaar in Den Haag en aantreden van de nieuwe USR aan de RU. Het opvallendste feit van de maand was dat College van Bestuur-voorzitter Gerard Meijer besloot zijn functie per 1 januari 2017 neer te leggen. Hij gaat terug de onderzoekswereld in aan het voor hem vertrouwde Fritz-Haber-Institut der Max-Planck-Gesellschaft in Berlijn. De RU zal snel op zoek gaan naar een waardige vervanger. Tot die tijd zal het CvB het weer met een lid minder moeten doen. Wetenschap en film hand in hand In de maand november wordt de tweede editie van het festival voor de wetenschapsfilm InScience georganiseerd in Nijmegen. Van 2 tot en met 6 november worden in filmhuis LUX de beste wetenschappelijke films van eigen en vreemde bodem getoond. Op de openingsdag gaat bijvoorbeeld The Next Rembrandt, een Nederlandse film waarin de werken van de schilder worden bestudeerd, in première. Naast het tonen van films zijn er ook lezingen, debatten en exposities. ANS is niet te beroerd om de wondere wetenschapswereld beter te leren kennen en zal InScience onder de loep nemen.

Wie bepaalt nou wat kinderachtig is? Dat bepalen we wel lekker zelf. ANS heeft schijt, ANS spiekt.

De hoofdredactie

Op de hoogte blijven van al het studentennieuws? Check dan www.ans-online.nl, volg ons op Twitter (twitter.com/ANS_Online) of like de ANS-pagina op Facebook (facebook.com/ANSnijmegen).


deze ANS

Tekst: Redactie Deze ANS P. 3

04 Muiterij op ‘t kofschip De Nederlandse taalvaardigheid van studenten is belabberd. In veel essays en scripties zijn de taalfouten niet meer op twee handen te tellen. Op verschillende faculteiten van de RU moeten studenten daarom nu een taaltoets maken. Het probleem moet echter worden aangepakt op de middelbare school.

13 Meer schijt dan de rest 04

24 oktober start het tweede seizoen van de komedieserie Rundfunk. Bedenkers en acteurs Yannick van de Velde en Tom van Kalmthout hebben een bloedhekel aan politieke correctheid. ‘Als wij iets grappig vinden, stoppen we het in de serie. Je kunt de vetste grappen maken over een onderwerp dat schuurt.’

18 Realistisch idealisme Ouderen vinden al snel dat jongeren tegenwoordig niet meer voor hun idealen opkomen. ANS zocht uit wat de verschillen zijn tussen het idealisme van toen en het idealisme van nu. Demonstraties vinden weliswaar minder vaak plaats, maar jongeren hebben andere manieren gevonden om te strijden voor hun idealen.

13

18

22

22 Revolutie in de nieuwsfabriek De Vlaamse ex-journalist Chris de Stoop levert met zijn nieuwe boek Ex-reporter kritiek op de huidige journalistiek. Dat de nadruk tegenwoordig steeds meer ligt op snel en sensationeel nieuws, was voor hem een reden om uit het vak te stappen. ‘Journalistiek kan het mooiste, maar ook het lelijkste vak ter wereld zijn.’ 05

CC’tje

07

Het Laatste Oordeel

09

Pindakaas van de pindabaas

16

MIddenpagina

21

De Graadmeter

25

Verward

26

Het Issue

28

Stamgasten

30

Deze ANS niet / Kutkunst / Colofon

31

Crypto

32 Gevonden Voorwerp


Muiterij op ‘t kofschip Tekst: Vera Crienen/ Illustratie: Eireen Westland P. 4

Muiterij op ‘t kofschip Tenenkrommende taalfouten, waardeloos gespelde werkwoorden en slordige tekststructuren. Het taalniveau van veel studenten is beroerd. Universiteiten proberen het niveau op te krikken met taaltoetsen, maar het probleem moet worden opgelost in het voortgezet onderwijs. De Nederlandse taalvaardigheid van veel studenten op de universiteit is gebrekkig. Essays, werkstukken en zelfs scripties zitten vol slechte spelling en rare zinsconstructies. Veel studenten beheersen spelling en grammatica onvoldoende. Dit probleem is ook op de Radboud Universiteit (RU) niet nieuw. Universiteitsblad Vox hield in 2011 een taaltoets Nederlands onder studenten, waarbij driekwart van de deelnemers zakte. Om hen een kompas te bieden in de woeste zeeën van de Nederlandse taal voeren universiteiten taaltoetsen of extra taalcursussen in. Ook op de RU hebben de Faculteit der Rechtsgeleerdheid (FdR) en de Faculteit der Letteren (FdL) een taaltoets ingevoerd. Dat de universiteiten het probleem erkennen en zoeken naar oplossingen is een goede zaak, maar het probleem zou moeten worden opgelost op middelbare scholen. Studenten moeten hier de basistaalvaardigheden van het Nederlands goed leren, zodat er op de universiteit meer ruimte is voor het eigen maken van academische vaardigheden. Het leerlijntje strak houden Op de middelbare school wordt te weinig aandacht besteed aan correct Nederlands schrijven. Volgens Anna Bosman, hoogleraar Dynamiek van Leren en Ontwikkeling aan de RU, ligt dat aan de vorm van het eindexamen Nederlands. ‘Nu is er vooral aandacht voor begrijpend lezen. Het schrijven van een correct en coherent verhaal wordt niet getoetst.’ Toch zegt het ministerie van Onderwijs dat het behalen van het eindexamen een goede beheersing van de Nederlandse taal betekent. Volgens Wilbert Spooren, hoogleraar Taalbeheersing van het Nederlands aan de RU, is er in de onderbouw van het voortgezet onderwijs juist veel aandacht voor taalvaardigheden als spelling en eenvoudige zinsbouw. ‘Aan het einde van de derde klas van de middelbare school zijn de meeste leerlingen uitstekend in staat om correct Nederlands te schrijven. In de bovenbouw verdwijnt spelling en zinsbouw echter uit het curriculum. De aandacht verschuift dan van foutloos schrijven naar begrijpend lezen.

Dit heeft als effect dat taalverzorging minder belangrijk wordt geacht door leerlingen.’ Taalvaardigheden moet je je leven lang blijven oefenen. Dat gaat in fases; je begint met spelling en zinsopbouw en gaat verder met verbanden beschrijven en bronnen overzien. Op de middelbare school wordt deze leerlijn echter onderbroken. Tijdens de gehele middelbare schoolperiode zou er aandacht voor taalverzorging moeten zijn. Op die manier hoeft de universiteit de studenten niet na een pauze weer te herinneren aan het belang van correct Nederlands schrijven. Duidelijke taal Wanneer er veel taalfouten in scripties of essays staan, hebben docenten bij het nakijken minder aandacht voor de inhoud van het stuk. Het corrigeren van spel- en taal-


Column Cecile Collin P. 5

fouten kost tijd en leidt af van de inhoud. Bosman merkt dat grote groepen studenten niet in staat zijn om goede zinnen te schrijven en daardoor geen heldere boodschap over kunnen brengen. ‘De spelling is bij velen echt verschrikkelijk.’ ‘Op de RU is al veel aandacht voor taalvaardigheden, want correct Nederlands kunnen schrijven is belangrijk voor een academicus’, vervolgt Bosman. ‘We proberen eerste- en tweedejaars studenten de basisvaardigheden bij te brengen, maar eigenlijk wil je ze leren een goed wetenschappelijk stuk te schrijven. We zouden graag willen dat de techniek om een stuk te schrijven, zoals correct spellen en formuleren, op de universiteit al aanwezig is.’ Spelling en grammatica zijn basisvaardigheden en geen zaken voor het Wetenschappelijk Onderwijs. Op de universiteit moet aandacht worden besteed aan academische vaardigheden zoals verbanden beschrijven, conclusies trekken en bronnen overzien. Ti taal tovermiddel De universiteit is niet de plek is om studenten basisvaardigheden van de Nederlandse taal bij te brengen. Daarnaast is een taaltoets op de universiteit geen echte oplossing voor de belabberde taalvaardigheden van studenten. Op de RU bestaat er op de FdL en de FdR een taaltoets voor studenten. Spooren vertelt dat het invoeren van de taaltoets op de FdL past bij de landelijke tendens. ‘Onder docenten aan universiteiten bestaat er een algemeen onbehagen over het feit dat het niveau van taalbeheersing en taalverzorging van de studenten die binnenkomen vaak te wensen overlaat.’ De taaltoets is per opleiding gekoppeld aan een vak waarbij wetenschappelijk schrijven wordt geleerd. Een onvoldoende voor de taaltoets betekent ook een onvoldoende voor het vak. Spooren gelooft echter niet dat de taaltoets het tovermiddel is om taalvaardigheden te bewerkstelligen. ‘Het effect dat ik er wel van verwacht, is dat taalverzorging en correct taalgebruik weer belangrijk worden gevonden door studenten.’ Ook Bosman denkt dat de taaltoetsen aan de universiteit geen oplossing zijn voor het gebrekkige taalniveau van studenten. ‘Een taaltoets heeft weinig zin. Dit is een probleem van jarenlange achterstand. Dat krijg je niet binnen een half jaar weggepoetst.’ De muiterij op ’t kofschip moet worden neergeslagen, maar niet door de universiteit. In het voortgezet onderwijs bestaat een onderbreking van de leerlijn van Nederlandse taal. Deze lijn moet weer worden hersteld, zodat de studenten zich op de universiteit kunnen richten op complexere problemen die komen kijken bij het schrijven van academische teksten. Door de aandacht voor taalverzorging niet halverwege de middelbare schoolperiode overboord te gooien, hoeven universiteiten niet achter een jarenlange achterstand aan te hollen. De taaltoets op de universiteit zal dan weer verleden tijd worden en ’t kofschip zal een juiste koers varen. ANS

CC’tje Wanneer Cecile Collin haar gedachten aan het papier schenkt, zet ze jou in de CC. Zo kan jij meelezen met de studentikoze ongemakken van deze student Nederlands. Een van de meest ingrijpende veranderingen op de campus deze zomer was ongetwijfeld de verhuizing van de spinningruimte in het Gymnasion. Wellicht heeft de metamorfose te maken met het vijftigjarig jubileum van het Radboud Sportcentrum. Het RSC vond het blijkbaar tijd om dit festijn zo letterlijk mogelijk te laten terugkomen in de aankleding van de sportruimte. Deze ontwikkeling kan ik alleen maar aanmoedigen. Mijn Fuikbuik begint zich steeds prominenter af te tekenen boven mijn sportbroekje, dus het werd tijd dat ik deze nachtclub met fietsjes erin ging uitproberen. Mijn keuze voor spinning is ontstaan uit het feit dat ik zelf totaal niet de discipline heb om maar een kilometertje te rennen. Ik heb iemand nodig die mij afbeult en tegelijkertijd meezingt met de sportieve muziek. Spinning houdt in dat je lid bent van een tijdelijk fietsclubje dat bang is voor de buitenlucht. Het is hartstikke gezellig: de groep voelt collectief de benen afsterven en doet toch alsof er niks aan de hand is, omdat ‘Insomnia’ van Faithless op staat, dat gewoon een lekker nummer is. Toch ontbrak er iets aan dit feestje: sfeer in de zweetzaal. De nieuwe Spinning heeft sexy zwarte muren. De neonverlichting die van kleur kan veranderen doet meteen denken aan dure cocktailbars waar je nooit belandt, omdat je als student liever vier bier drinkt dan één mojito. Er is daarnaast een geluidsinstallatie te vinden van hebik-jou-daar en de klokken zijn verwijderd, zodat je net als in de club geen idee hebt hoe laat het al is. Je zou bijna vergeten dat deze hele ruimte is gemaakt om in te bewegen en zweten. Dát gaat het lustrumjaar van het Sportcentrum een groot succes maken: inzetten op sfeer en beleving. Niet iedereen is zo’n fanatiekeling (lees: van wie je haren recht overeind gaan staan) die voor stoplichten squat en met een beker van de Body&Fitshop de collegezaal in wandelt. Maar op een gegeven moment moet een mens toch écht aan de bak. Dat moment is aangebroken wanneer je net als ik een pizza bestelt bij de pizzeria twee deuren verderop en je hijgend en puffend de trap af moet dalen om jouw avondeten in ontvangst te nemen. Als je conditie zodanig opgefrist moet worden, kan je daar maar beter een feestje van maken.


Adverteren? Kijk op ANS-Online.nl P. 6

ansjes Een Ansje mag maximaal 35 woorden bevatten en kost 5 euro voor studenten en 10 euro voor externen. De waarde van de aangeboden goederen mag de 900 euro niet te boven gaan. Mail naar: stichtingmultimedia@gmail.com

(MUSICAL)ZANGLES NIJMEGEN. Voor een laag tarief professionele zangles voor beginners, gericht op (adem)techniek en/of performance. Mail naar evamarijndevries@gmail.com. Slechts 20 euro per les!

Voor stage of vrijwilligerswerk naar een project voor straatjongeren in Afrika, Latijns-Amerika of AziĂŤ? Kom naar ons informatie- en trainingsweekend van 25 tot 27 november. Meer info en aanmelden: www.samen.org.


Tekst: Rein Wieringa/ Foto: Loren Brouwers Het Laatste Oordeel Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 7 P. 7

het laatste oordeel Duffe opsommingen of ultiem entertainment? ANS verschanst zich in de collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU. Studie: Psychologie

Eindcijfer:

College: General Introduction to Psychology Part A, 5 september, 10.45-12.30, CineMec Lent Docent: dr. D.J.L.G. Schutter Uitstraling: Geen zenuwen te bekennen Publiek: Deutschland über alles Inhoud: Grijze massa

Een paar busladingen psychologiestudenten slentert maandagochtend de rode loper over in de Cinemec in Lent. Bijna niemand spreekt Nederlands – de Engelstalige variant van Psychologie, gegeven door Dennis Schutter, wordt vrijwel alleen bezocht door Duitsers. Terwijl de studenten rustig in de bioscoopstoelen gaan zitten, blijven de lichten aan en de filmtrailers achterwege. In plaats van popcorn en bier halen de studenten laptops en notitieblokken tevoorschijn. Tafeltjes zijn er niet, bekerhouders wel. Schutter vraagt om stilte. Het brede podium is leeg, op een spreekgestoelte en een model van een stel hersenen na. Terwijl het Duitse gebabbel in de zaal langzaam wegebt, trapt hij af met een korte geschiedenis van de kennis over de hersenen. Descartes en Gall komen voorbij in bijna foutloos Engels met een waarneembaar Nederlands accent, dat in een glashelder surround sound uit de filmspeakers komt. Met één hand in zijn broekzak en de andere gebarend in de lucht wandelt Schutter kalm heen en weer voor het gigantische bioscoopscherm. Zodra het over de werking van de hersenen gaat, wordt zijn enthousiasme duidelijk. ‘There are a hundred billion neurons in your brain’, verkondigt hij geïmponeerd. Hij maakt dankbaar gebruik van het metersbrede witte doek door er animaties van zenuwcellen op te tonen en er een afbeelding van een plak hersenen op uit te vergroten. Niet iedereen vindt dat even smakelijk: uit sommige hoeken van de zaal klinken afkeurende geluiden. Het publiek krijgt even de tijd om bij te komen met een kop bioscoopkoffie. Na de pauze betrekt Schutter de studenten er weer bij door de gevolgen van drugsgebruik op de hersenen te bespreken. Met zijn verhaal over gedempte neurotransmitters confronteert hij de psychologen die wel eens een pilletje slikken. Schutter geeft toe dat hij zelf ook geen heilig boontje is:

‘Puberty is the moment in life when you start to experiment – at least that’s what I did’, vertelt hij eerlijk. Ondanks termen als ‘axon’ en ‘dendrite’’is het college goed te volgen. Zijn verhaal over neurotransmitters is zelfs voor psychologieleken begrijpelijk. Echt spannend wordt het echter nooit; de verhalen komen niet in de buurt bij de thrillers die normaal in de bioscoopzaal draaien. Het college is ook bepaald geen komedie. ‘The cerebral cortex, which we all have… I hope’, probeert Schutter, maar de zaal blijft teleurstellend stil. Geen geweldige grap, maar de Duitsers kunnen ook wel een sterkere humorzenuw gebruiken. Steeds moet Schutter het doen met een zacht gegrinnik. Schutters toewijding komt naar voren als hij foto’s laat zien van zijn dochtertje. Haar hoofd heeft hij volgeplakt met elektroden om de ontwikkeling van haar hersenen in kaart te brengen. Eindelijk lokt hij een reactie bij de zaal uit: een mengeling van vertedering en verbluffing. ‘She’s developing according to plan’, concludeert hij droog.

Het Laatste Oordeel der Studenten Als de psychologen in spe iets niet zijn, is het wel eensgezind. ‘Interactie is goed’ schrijft de een, ‘meer interactie’ de ander. De een geeft aan dat het college te snel gaat, terwijl de ander het college maar langzaam vindt. Wat de een ‘beweeglijk’ noemt, beoordeelt de ander met ‘hij loopt teveel heen en weer’. Gelukkig kunnen enkele studenten zijn grappen toch wel waarderen: ze vatten zijn gevoel voor humor samen als ‘apart maar leuk’. Ook zijn enthousiasme is goed overgekomen. Schutter kan termen als ‘gepassioneerd’ en ‘gemotiveerd’ in zijn broekzak steken – hij heeft geen hersendode zaal achtergelaten. ANS


Tekst: Noor de Kort/ Foto’s: Kelley van Evert Pindakaas van de pindabaas P. 9

Pindakaas van de pindabaas

Afgelopen zomer opende Michiel Vos in Amsterdam de eerste pindakaaswinkel van Nederland. ANS bezocht de pindabaas en vroeg hem naar het verhaal achter de winkel vol potten smeuïg, bruin broodbeleg.

‘Toen de winkel net open was, stopte er een trammachinist met een volle tram om een paar potten te halen’, vertelt Michiel Vos lachend. De eigenaar van de eerste pindakaaswinkel van Nederland, gekleed in een zwarte sweater met daarop de toepasselijke tekst ‘Pindabaas’, laat trots de verzameling potten zien. In het pand aan de Czaar Peterstraat in Amsterdam wordt de pindakaas niet alleen verkocht, maar ook gemaakt. Tegenover een kast die volledig is gevuld met het smeuïge beleg bevindt zich een keukenblok met op het aanrecht tien potten om te proeven. ‘Jullie mogen ze proberen hoor’, biedt Vos aan. Naast naturel is er keuze uit onder andere de varianten dadelkaneel, venkel-rozijn en pindakaas met extra eiwitten voor de sporters. De winkel is sinds de zomer open en het concept is een groot succes, aldus Vos. ‘We verkopen meer dan duizend potten per week.’ ANS bezocht De Pindakaaswinkel, trok de ene na de andere pot open om de bijzondere smaken te proeven en sprak met Vos over zijn motivatie voor het opzetten van de winkel. Succesvol smeersel ‘Ik eet al mijn hele leven veel pindakaas’, vertelt Vos. Als kind uit een boerenfamilie at hij altijd veel natuurvoeding waaronder keiharde, biologische pindakaas. ‘Dat was mijn jeugd’, zegt hij quasi-zielig. Hij verslindt na alle jaren nog steeds grote hoeveelheden van het beleg. ‘Vaak begin ik mijn dag met een bord havermout met pindakaas.’ Stevig, vloeibaar, Calvé of Amerikaans, Vos houdt van alle pindakazen en bedacht twee jaar geleden dat er meer mogelijk was met het beleg. ‘Ik was thuis aan het experimenteren met


Pindakaas de pindabaas Leef, woon,van werk, feest... met ANS P. P. 10 10

onder andere komkommer door de pindakaas. Ik dacht: “Als ik nou eens tien smaken bedenk, dan weet ik zeker dat er een paar bij zitten die echt lekker zijn.”’ Toen hij vorig jaar het pand aan de Czaar Peterstraat leeg zag staan, ontstond het idee voor een echte winkel. De letters van De Pindakaaswinkel waren nog maar net op het raam geplakt, of een paar bloggers pikten het initiatief al op, vertelt Vos. ‘Ik had de naam nog niet gereserveerd, maar kreeg toen al de eerste media-aandacht. Ik dacht wel dat ik met het product op het juiste spoor zat, maar had verwacht dat de aandacht later pas zou volgen.’ De naam van de winkel heeft een grote rol gespeeld bij de enorme hoeveelheid reacties, denkt Vos. ‘De naam spreekt heel erg aan; bij De Pindakaaswinkel denk je: “Oh, wat grappig”.’ Ook nationale trots heeft er volgens hem aan bijgedragen dat het idee zo enthousiast is ontvangen. ‘Als je aan Nederlanders vraagt wat ze het meest missen op vakantie, hoor je heel vaak pindakaas. We hebben heel erg het gevoel dat het product van ons, de Nederlanders, is.’ Lachend voegt Vos toe dat die gedachte niet eens klopt. ‘Pindakaas komt oorspronkelijk uit Amerika.’

Roosteren, malen, proeven Pindakaas werd in 1893 in de Verenigde Staten ontwikkeld door John Harvey Kellog, omdat het land toen te maken had met een pinda-overschot. Uiteindelijk kwam het product met de bevrijding van Nederland door de Amerikanen tijdens de Tweede Wereldoorlog hier terecht.

‘We hebben heel erg het gevoel dat pindakaas van ons, de Nederlanders, is.’ Vos vindt pindakaas een mooi product. ‘Het is veel gezonder dan bijvoorbeeld Nutella. Alle diëtisten en sporters zullen pindakaas adviseren.’ Vanwege het gebruik van kokosolie is pindakaas uit De Pindakaaswinkel volgens Vos nog gezonder dan de ‘supergefabriceerde’ Amerikaanse versie of de Calvé-variant. ‘In Calvé pindakaas zit veel palmolie om het product te stabiliseren, wat zorgt voor slechte vetten. Ik vind onze pindakaas


van de pindabaas Leef, Pindakaas woon, werk, feest... met ANS P.P.11 11

daarnaast lekkerder: je proeft echt de pinda’s.’ Op de werkbank in de winkel is de pinda in de verschillende stadia van het productieproces te zien: van de pinda aan een echte pindaplant, de pinda in schil, de gepelde pinda tot aan de gemalen pinda. Aan de plant in de winkel groeien volgens Vos wel pinda’s, maar hier in Nederland is daar veel geduld voor nodig. ‘Hier gaat het proces veel langzamer dan in Zuid-Amerika, want de plant heeft veel warmte nodig.’ Vos, die naast eigenaar van De Pindakaaswinkel ook nog boer is, vindt het wel jammer dat pindakaas geen lokaal product is. ‘Zelf pinda’s verbouwen op mijn boerderij zou leuk zijn, maar dat is gewoon niet mogelijk.’ De pinda’s van Vos worden geïmporteerd vanuit Argentinië en de kokosolie komt uit Sri Lanka. Veel meer is er niet nodig voor een pot pindakaas naturel. ‘Pinda’s en kokosolie vormen de basis van onze pindakaas en het enige wat je nodig hebt om het te maken, zijn een oven en een maler’, legt Vos uit. Eerst worden de pinda’s geroosterd in de oven, waarna ze worden gemalen en er kokosolie aan wordt toegevoegd. ‘Het proces is erg simpel, maar om het nog lekkerder te maken, voeg je allerlei smaken toe.’ De verschillende smaken pindakaas moeten wel origineel zijn, vindt Vos. ‘We willen niet te eenvoudig doen, want dan kun je het ook thuis zelf maken. We maken dus geen pindakaas met sambal, maar doen het net iets anders: pindakaas met gedroogde, crunchy banaan en chilipeper.’

De pindafabriek De verkoop van de pindakaas gaat zo hard dat praktisch materiaal om alle potten mee te vullen volgens Vos erg belangrijk is. ‘Pindakaas is vet en kleverig, dus het is niet zo makkelijk om ermee te werken. Bij één potje is dat niet erg, maar als je honderd of tweehonderd potten moet maken, is dat wel een klus.’ Eerst werden de potten gevuld met behulp van kannen, ‘maar dat werkte echt voor geen meter’. Vos gebruikt nu ketels van bijenhouders, omdat honing een zelfde soort kleverig product is. Zijn volgende plan is het opzetten van een klein fabriekje. ‘We willen het professioneler gaan aanpakken.’

‘Het enige wat je nodig hebt om pindakaas te maken zijn een oven en een maler.’ Vos vertelt dat ze voor nieuwe smaken genoeg inspiratie hebben. ‘We krijgen heel veel suggesties, dus voorlopig kunnen we vooruit.’ Enthousiast besluit hij dat er ook voor het najaar weer bijzondere smaken op de planning staan. ‘De nieuwste die eraan komen zijn pindakaas met rum en spek, met Belgische karamelchocolade en Pindaklaas: pindakaas met pepernoten.’ ANS


Interview Roy Santiago Tekst: Tijs Sikma/ Foto’s: Simone Both P. 12

Universitaire Studentenraad NU!Medezeggenschap Wil jij op de hoogte blijven van de bezigheden van de USR? Houd dan NU!Medezeggenschap in de gaten! Like ons op Facebook, volg ons op Twitter en neem eens een kijkje op onze website. Heb je tips of opmerkingen? Loop gerust even langs bij de USR kamer (TvA 3) of stuur een mail naar usr@student.ru.nl. Website: www.numedezeggenschap.nl Twitter: @NUMedezeggsch Facebook: www.facebook.com/NUmedezeggenschap E-mail: usr@student.ru.nl

Hallo studerend Nijmegen! Aan het begin van dit collegejaar is er weer een nieuwe Universitaire Studentenraad geïnstalleerd. Zoals altijd gaan wij ons dit jaar inzetten om jullie belangen te behartigen. Inmiddels zijn wij al een aantal weken bezig, maar voor wie ons nog niet zo goed kent, willen wij ons nog even voorstellen. Ook dit jaar bestaat de USR uit gekozen en benoemde leden. De gekozen leden zijn afkomstig van de studentenpartijen: asap, AKKUraatd en de Vrije Student. De benoemde leden nemen zitting in de USR namens de koepels: NSSR, SOFv, CSN, B.O.S., ISON en CHECK. Op de foto zien jullie ons van links naar rechts op de bovenste rij: Pim ten Broeke (NSSR), Cas Spaans (asap), Michelle Snaterse (AKKUraatd), Timo Bakrin (B.O.S.), Bente Bouwman (ISON), Maarten Dietz (asap). Op de onderste rij: Ilse Strikkeling (CHECK), Joppe Hamelijnck (De Vrije Student), Aline Tuls (CSN), Isa Corbeek (AKKUraatd), Dennis Walraven (asap), Else Giesbers (SOFv), Bob Smits (asap) en Dinja de Vries (AKKUraatd). Dit jaar gaan er op de universiteit weer een aantal dingen veranderen. Zo zal het SNUF dit jaar verdwijnen en worden alle diensten die hieronder vallen, zoals bestuursbeurzen en subsidies, onder een nieuw loket geplaatst: Loket Studentenleven. We zullen in de gaten houden of deze overgang soepel verloopt. Daarnaast worden er op de campus weer

allerlei gebouwen verbouwd. Sinds dit jaar hebben de Ondernemingsraad en de gekozen leden van de USR instemmingsrecht bij het vaststellen van de begroting en bij het Meerjaren Investeringsplan (MIP). Het MIP beslaat voornamelijk de plannen voor de nieuwbouw en onderhoud en zo kan de medezeggenschap over deze ontwikkelingen meebeslissen. Daarnaast zullen we dit jaar met de Refter aan tafel zitten om te praten over een nieuwe invulling hiervan. Tot slot gaan we binnenkort aan de slag met de Campusnacht en de speerpunten van alle betrokken partijen. Al deze thema’s worden behandeld in klankbordgroepen, en in werkgroepen die louter bestaan uit leden van de USR, in commissies, die bestaan uit leden van de Ondernemingsraad en de USR. Deze cyclus kwam onder andere de uitkomst van de jaarlijkse Nationale Studenten Enquête aan bod. Uit de laatste editie blijkt dat jullie best wel tevreden zijn met onze universiteit en dan met name met groepsgrootte, studiefaciliteiten en het niveau Engels van de docenten. De onderwerpen studiedruk en loopbaanoriëntatie kwamen echter naar voren als belangrijkste verbeterpunten. Vanuit het College van Bestuur zijn aandachtspunten en doelen gecommuniceerd aan de hand van deze feedback, dus vul hem zeker dit jaar weer in! Mocht er iets anders zijn dat jullie onder onze aandacht willen brengen, onze kamer bevindt tussen TvA 3 en 5 en zolang het gebouw nog niet gesloopt is, staat onze deur altijd voor jullie open! Kom langs of mail naar usr@student.ru.nl.

(Advertentie)


meer schijt dan de rest Na een succesvol begin komt de komedieserie Rundfunk 24 oktober op NPO3 met een tweede seizoen. Bedenkers en acteurs Yannick van de Velde (27) en Tom van Kalmthout (25) maken met het programma iets wat ze zelf grappig vinden, ook als dat ver over het randje is. ‘Je kunt de vetste grappen maken over een onderwerp dat schuurt.’


Een leraar Duits met in zijn kast twee opgesloten Joden of een gymleraar die een donkere jongen voor aap aanziet; niets is te gek voor de bedenkers en hoofdrolspelers van de absurdistische komedieserie Rundfunk, Yannick van de Velde (27) en Tom van Kalmthout (25). ‘Wij maken harde, platte grappen, maar dan in een mooi jasje gestoken; alles is zorgvuldig gefilmd en er spelen goede acteurs mee’, stelt Van de Velde. Het programma begon vorig jaar als een experiment bij 3LAB - volgens het duo ‘een plek die expres is weggestopt in de zomerperiode, zodat mensen kunnen maken wat ze willen’. Op televisie trok de serie weinig kijkers, maar op internet werd het programma wel een succes, waarna het idee voor een tweede seizoen ontstond. Van de Velde en Van Kalmthout ontmoetten elkaar voor het eerst bij audities in Maastricht, maar raakten pas echt bevriend tijdens hun tijd op de Amsterdamse Toneelschool en Kleinkunstacademie. ‘Ik weet niet waar ik eindig en Yannick begint; het is een symbiose’, grapt Van Kalmthout. ‘Je zou het een open, platonische relatie van twee jongens kunnen noemen.’ Van de Velde en Van Kalmthout wilden per se samenwerken. Dat idee is geslaagd met een serie die ze samen maken én waarin zij de hoofdrollen spelen. ANS ging in gesprek met de acteurs over de lompe, harde serie. Van de Velde: ‘Wij hebben wat meer schijt dan andere komedieseries; we maken gewoon wat we zelf grappig vinden.’ Hoe kwamen jullie op het idee voor de serie Rundfunk? Van Kalmthout: ‘Absurde, komische en soms lompe dingen vinden we heel vet. We zijn allebei groot fan van series als The Office, Extras, South Park, Jiskefet en Little Britain. In het theater maakten we al absurdistische sketches, maar hadden

dan vaak het idee: “Deze scène is eigenlijk veel vetter op film, in plaats van in het theater.” Toen dachten we: “Waarom gaan we geen serie maken?”’ Waarom hebben jullie gekozen voor de middelbare school als setting van de serie? Van Kalmthout: ‘We zijn groot fan van de high school comedy die je in de Verenigde Staten veel ziet. In Nederland bestaat dit genre jammer genoeg niet. Series als SpangaS en Brugklas zijn geschikt voor basisschoolleerlingen, maar er was een tekort aan series over de middelbare school voor mensen die van de basisschool af zijn. We baalden er zelf ook van dat er geen high school comedy was.’ Wat maakt de middelbare school een interessante omgeving voor een komedieserie? Van de Velde: ‘De middelbare school is de raarste plek op aarde.’ Van Kalmthout: ‘Docenten hebben goede bedoelingen en willen hun leerlingen wat bijbrengen. Alleen zitten de meeste leerlingen juist in een fase waarin ze helemaal niet willen leren. Ze kunnen niet tegen autoriteit en oudere mensen in het algemeen. Die combinatie maakt de middelbare school zo’n fucking rare plek. Als je de docenten in de serie extra absurd maakt, krijg je situaties die nog vreemder zijn.’ Waarom is het gedrag van de personages in Rundfunk vaak zo extreem? Van de Velde: ‘Wij houden ervan dat iemand meteen fucking lelijk of dom is. Als iemand maar een beetje worstelt met gewicht, wordt het al snel een realistisch, sociaal drama. Dat is helemaal niet wat wij willen maken. Dan is het meteen zoals in SpangaS: “Oh lieverd, je bent te zwaar. Misschien moet je


Tekst: Noor de Kort en Tom Oomen/ Foto’s: Stijn Hoekstra en Tom Sebus (KRO-NCRV) Meerwerk, schijtfeest... dan demet restANS P. 15 Leef, woon, P. 15

een keer die donut laten liggen”, waarop ze gaat huilen. Dat willen we niet. Wij vinden het gewoon vet grappig dat ik een gore boterham tegen de muur flikker, waarna een dik personage deze van de muur aflikt. Hoe hoger de inzet van een grap is, hoe meer er te winnen of te verliezen valt.’ Wanneer is een grap geschikt voor Rundfunk? Van de Velde: ‘Als wij iets grappig vinden, stoppen we het erin. Je kunt de vetste grappen maken over een onderwerp dat schuurt. Wanneer mensen zich ergens aan ergeren of geschokt over zijn, betekent het dat er iets zit. We kunnen wel een grap maken over iemand die over een banaan uitglijdt, maar dat is al zeshonderd keer gedaan. Bij een woordgrap denk ik: “Ja, je hebt een grapje gemaakt over een woord, vet leuk, maar daar zit niemand op te wachten in deze wereld.” Wij vinden het veel vetter om het te hebben over een thema waar je eigenlijk niet over kunt of mag praten.’

‘We hebben een bloedhekel aan politieke correctheid.’ Waar liggen de grenzen bij jullie grappen? Van Kalmthout: ‘We gebruiken onderwerpen zolang deze grappig zijn. Als je de dag na de ramp met de MH17 een grap maakt die alleen maar naar is voor de nabestaanden, dan is het een slechte grap: je maakt dan de grap alleen ten koste van iemand.’ Van de Velde: ‘Volgens mij is het al snel goed als je mensen op een leuke, creatieve manier even anders over iets heftigs laat denken. Vaak hoeft dit niet per se beledigend te zijn. Als je zegt: “Haha, er gingen allemaal Joden dood in de Tweede Wereldoorlog”, dan is dat gewoon kut, maar als je de grap verpakt in iets dat over de top is, hebben mensen snel door dat het ironisch is bedoeld. We zouden achterlijk zijn als we een scène zouden doen waardoor we de volgende dag waarschijnlijk onthoofd zullen worden, maar ik vind dat je overal grappen over moet kunnen maken. We hebben een bloedhekel aan politieke correctheid.’ Waarom hebben jullie hier een hekel aan? Van de Velde: ‘Je kunt tegenwoordig niets meer zeggen. Een uitspraak of grap is meteen racistisch of discriminerend, terwijl je er negen van de tien keer niets mee bedoelt. Dat we een hekel hebben aan politieke correctheid zie je bijvoorbeeld terug bij de gymleraar. Wij vinden het heel grappig dat hij buitengewoon racistisch is en dat niet doorheeft. Hij ziet een donker jongetje aan voor een aap en wil dan zó politiek correct doen dat hij denkt dat iedereen een aap wil beledigen.’ Van Kalmthout: ‘De wereld zou zo mooi zijn als we allemaal lekker konden lachen om onze mankementen en verschillen. Nu kan dat niet: er vallen altijd mensen over een grap.’

Zijn er ooit gevallen geweest waarbij jullie een scène schrapten omdat deze te ver ging? Van de Velde: ‘We hebben ooit een scène geschrapt waarin een juf leerlingen verwelkomt in het nieuwe jaar. Ze zou heel erg geil van de leerlingen worden. We hadden bedacht dat de leerlingen allemaal jongens van een jaar of zeventien, achttien zouden zijn. De juf zou ze teder zoenen en in hun kont knijpen. Op de set bleken de figuranten kinderen van twaalf jaar te zijn. Toen vonden we het niet meer leuk. In het ene geval zou het grappig zijn: een vrouw van vijftig die denkt: “Oh my god, de zesde klas, wat geil, daar zijn ze weer.” In het andere geval zou het een naar beeld opleveren, want dan zijn die jongetjes veel te kwetsbaar. We hebben de scène toen niet gedraaid.’ Waarin verschilt het nieuwe seizoen van het eerste? Van Kalmthout: ‘Het nieuwe seizoen heeft een duidelijkere verhaallijn. Elke aflevering blijft een aflevering op zichzelf, maar aflevering vijf is wel tien keer leuker als je de vier afleveringen daarvoor hebt gezien.’ Van de Velde: ‘We hebben ook een nieuw personage, maar we gaan niet verklappen wie dat is.’ Van Kalmthout: ‘Heb je het over de conciërge?’ Van de Velde: ‘Nu heb je het al verkloot.’ ANS


www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon P. 16


Masterstudenten Filosofie Merel van Slobbe en Simone Zwitserloot maakten voor ANS samen deze poĂŤzieposter. Simone Zwitserloot ilAns deze maand lustreert vaak haar eigen gedichten, maar maakte nu een illustratie bij P. 17 het gedicht Lek van Campusdichter Merel van Slobbe.


Realistisch idealisme Tekst: Chiel Nijhuis/ Illustraties: Carmen Groenefelt P. 18

realistisch idealisme Het beeld van hordes studenten die voor hun idealen op de barricade staan, lijkt verleden tijd. Tegenwoordig gaan veel jonge mensen maatschappelijke problemen te lijf door zelf met oplossingen te komen. Wat motiveerde jongeren vroeger om te strijden voor hun idealen en wat zijn de drijfveren van de huidige generatie? Het is gedaan met de massademonstraties van vroeger. Grote protestacties waarbij honderdduizenden mensen de straat op gaan, zoals tijdens de studentenprotesten in 1968 of bij het protest tegen kernwapens in 1981, zijn uit het straatbeeld verdwenen. Dit betekent niet dat demonstraties tegenwoordig helemaal geen rol van betekenis meer spelen, daarnaast komen jonge mensen steeds vaker met eigen initiatieven om de wereld te verbeteren. Ze richten bijvoorbeeld stichtingen en verenigingen op om zelf een probleem in de samenleving aan te pakken. Wat drijft jongeren om op deze manier voor hun idealen op te komen?

Idealisme 2.0 Volgens Gabriel van den Brink, hoogleraar Maatschappelijke Bestuurskunde aan de Tilburg University, zijn jongeren pragmatischer geworden in de manier waarop zij voor hun idealen opkomen. ‘In de jaren 60 en 70 was de jeugd pretentieuzer. De hele wereld moest op de schop. Dat zie je tegenwoordig nauwelijks meer. De huidige generatie probeert liever in de eigen omgeving iets te doen om de samenleving te verbeteren. Jongeren hebben tegenwoordig minder vertrouwen in politieke oplossingen. Hierdoor zoeken ze liever zelf manieren om problemen aan te pakken.’

‘Het probleem van ouderen is dat zij hun eigen idealen te veel als maatstaf hanteren.’ Goede voorbeelden van dit idealisme 2.0 zijn de initiatieven van Nicky Kroon (26), medeoprichter van duurzaamheidsplatform Opgemärkt en het zero waste lifestyleblog Emma + John. Opgemärkt wil duurzame initiatieven samenbrengen en probeert tegelijkertijd mensen te enthousiasmeren om ook duurzaam te leven. Kroon, die in haar vrije tijd voor het platform werkt, vertelt enthousiast hoe zij en haar vriendinnen op het idee zijn gekomen. ‘Ik ben met dit initiatief begonnen, omdat ik altijd al interesse had in duurzaamheid, maar geen goede manier kon vinden om mijn fulltime baan te combineren met een duurzame manier van leven. Veel projecten die ik tegenkwam, vond ik te extreem, of juist te vrijblijvend. Uit mijn zoektocht is uiteindelijk het idee ontstaan om via een vereniging mensen in contact te brengen met het duurzame initiatief dat het best bij hen past.’


Realistisch idealisme P. 19

Dat jongeren steeds vaker zelf manieren bedenken om maatschappelijke problemen op te lossen, betekent niet dat er geen demonstraties meer plaatsvinden. ‘Het nut van actievoeren moet niet worden onderschat.’ Zegt Giel Grens (23), student Culturele Antropologie en Ontwikkelingssociologie en links activist: ‘De activistische cultuur in Nederland is de laatste jaren op de achtergrond geraakt. Volgens mij heeft dit vooral te maken met de invoering van de Wet Kraken en Leegstand. Hierdoor zijn veel kraakpanden verdwenen, die het centrum vormden van de organisatie van protestacties.’ Dat wil volgens Grens echter niet zeggen dat de activistische cultuur helemaal is verdwenen.‘ Actievoeren is minder populair dan vroeger, maar demonstraties waar mensen in grote aantallen samenkomen komen nog steeds voor. Voor mij is demonstreren niet alleen een manier om te laten zien dat je het ergens niet mee eens bent. Ik kan mij een protestmars herinneren vóór de komst van migranten. Daarin liepen ook Syrische vluchtelingen mee, sommigen met tranen in hun ogen. Op zo’n moment voel ik mij echt verbonden met die mensen. Dat maakt het voor mij de moeite waard.’

Op de barricade tegen de verslaafde consument Hoewel jongeren nog steeds opkomen voor hun idealen, hebben oudere mensen volgens Van den Brink vaak een verkeerd beeld van wat jongeren tegenwoordig bezighoudt. ‘Het is voor ouderen makkelijk om te mopperen dat demonstraties en bezettingen minder vaak voorkomen dan vroeger. Dit klopt ook, maar jongeren zijn echt nog wel met hun idealen bezig. Ze doen dit alleen op een andere manier. Het probleem van ouderen is dat zij hun eigen idealen te veel als maatstaf hanteren. Hierdoor zien ze niet wat jongeren tegenwoordig doen of wat hen beweegt.’ Dit roept de vraag op wat jongeren vroeger motiveerde om te strijden voor een betere samenleving. Roel van Duijn, oud-politicus en medeoprichter van Provo in 1965, vertelt waarom hij destijds in actie kwam: ‘In zekere zin ben ik een product van de Tweede Wereldoorlog en in mijn tijd was de dreiging van een atoomoorlog zeer reëel. Voor ons was het dus zaak een nieuwe oorlog te voorkomen. Ik ben fulltime revolutionair geworden, toen ik vanwege het uitdragen van mijn ideeën op de middelbare


Realistisch idealisme P. 20

school werd uitgesloten van het eindexamen.’ Provo had als doel de samenleving op een ludieke wijze te provoceren. De beweging deed dit door onder andere happenings te organiseren rondom het standbeeld Het Lieverdje op het Spui in Amsterdam. Volgens Provo stond het beeld symbool voor de vercommercialiserende samenleving en de ‘verslaafde consument van morgen’. Hoewel Provo al na twee jaar ophield te bestaan, heeft de beweging volgens Van Duijn wel voor verandering gezorgd. ‘In de samenleving is nu ruimte voor creativiteit, zelfstandigheid en de verantwoordelijkheid van het individu. Ik denk dat onze acties daar zeker aan hebben bijgedragen.’ Van Duijn blijft wel realistisch en vervolgt: ‘Helaas is niet alles waar wij voor stonden door de maatschappij opgepikt. Onze waarschuwingen voor kernwapens en de verslaafde consument van morgen hebben weinig effect gehad. Steeds meer landen beschikken over kernwapens en helaas zijn er nu meer verslaafde consumenten dan ooit te voren.’ Oude idealen, nieuwe problemen Volgens Van den Brink zijn de idealen sinds de jaren 60 niet wezenlijk veranderd. ‘De idealen waar in de jaren 60 voor is gestreden, zoals vrouwenemancipatie en de acceptatie van homoseksuelen, zijn binnen Nederland grotendeels aanvaard.’ Dat betekent niet dat er nu geen andere problemen zijn. Volgens Van den Brink zijn er daarom nieuwe idealen ontstaan. ‘De opwarming van de aarde en zaken zoals internationale spanningen en terrorisme zijn problemen die niet eenvoudig zijn op te lossen. Deze kwesties dwingen ons na te denken over de wereld waarin wij willen leven.’

‘Kwesties als de terrorisme dwingen ons na te denken over de wereld waarin we leven. Een van de nieuwe problemen van deze tijd is de milieuschade die ontstaat door het afval dat mensen produceren. Kroon gaat dit probleem te lijf door zoveel mogelijk te leven zonder afval. Op het blog Emma + John geeft Kroon, samen met haar zus, tips over hoe je dit het best kunt aanpakken. Ze vertelt dat het best goed mogelijk is om minder vuilnis te produceren: ‘Soms ontkom je er niet aan om producten met een verpakking te kopen, zoals dat bij medicijnen het geval is. Af en toe koop ik ook producten met een recyclebare verpakking. Toch denk ik dat ik voor 95 procent zonder afval leef.’ Je kunt je afvragen of het veel zin heeft om alleen, of met een kleine groep, een duurzaam leven te leiden, maar Kroon is optimistisch over het nut van haar initiatieven: ‘Zelf met duurzaamheid bezig zijn, heeft op de lange termijn zeker effect. Onze economie is vraaggestuurd, dus als mensen steeds minder plastic zakjes gebruiken zal het aanbod van plastic zakjes afnemen. Daardoor is er niet alleen minder afval, maar worden er ook minder grondstoffen gebruikt. Ik heb niet de verwach-

ting dat iedereen zonder afval gaat leven. Gelukkig zie je wel dat mensen geïnspireerd raken door ons blog en kleine aanpassingen doen in hun leven.’ Duurzaamheid is ook voor Grens belangrijk. Hij vertelt over een bezettingsactie die vorig jaar plaatsvond in de Duitse stad Lausitz. ‘Tijdens deze bezetting heb ik samen met vierduizend andere actievoerders uit verschillende landen een bruinkolenmijn vier dagen lang buiten bedrijf gesteld.’ Volgens Grens is deze bezetting niet zonder gevolgen gebleven. ‘De actie heeft enorme ophef in de Zweedse media veroorzaakt. Het Zweedse bedrijf dat eigenaar is van de mijn heeft hier veel last van gehad. Hierdoor is volgens mij veel meer aandacht ontstaan voor de milieuschade die wordt veroorzaakt door het stoken van bruinkolen.’ Net als vroeger willen jonge mensen de samenleving verbeteren. Jongeren worden wel geconfronteerd met nieuwe problemen. Daarnaast hecht de jongste generatie minder waarde aan de politiek en probeert zij daarom de samenleving vaak zelf te verbeteren. Dit kan een effectieve manier zijn om problemen zoals milieuvervuiling tegen te gaan. Protestacties hebben hun functie echter niet verloren. Demonstraties zijn misschien niet meer zo grootschalig als vroeger, maar activisten slagen er nog steeds in een vuist te maken om problemen in de samenleving aan te kaarten. Realisme en idealisme gaan voortaan hand in hand om de wereld tot een betere plek te maken. ANS


Tekst: Mae Boevink en Sam Frijns/ Foto’s: Ted van Aanholt en redactie/ Illustraties: Joost Dekkers De Graadmeter P. 21

De graadmeter In De Graadmeter zijn de mogelijkheden niet te overzien. Waar kun je het beste wildkamperen, wat is het hipste kapsel en hoe scoor je het snelst een bedpartner? In De Graadmeter onderzoekt ANS de opties. Deze keer: Nostalgische pauzespellen

Wat: Annemaria Koekoek Benodigheden: Stalen zenuwen Nostalgie: Meters smokkelen Stilzitten in college blijft lastig. Annemaria Koekoek is daarom het ideale pauzespel om je benen even goed te strekken. Het doel is om als eerste bij Annemaria, bewaker van de finishlijn, aan te komen. De adrenaline giert door je lijf naarmate je dichterbij komt. Zodra Annemaria zich omdraait en je indringend aankijkt, komt het aan op stalen zenuwen en een pokerface. Stilstaan zorgt ervoor dat je in de race blijft. Geregeld wordt er geschreeuwd dat iemand anders beweegt. De spelers zijn namelijk fanatieker dan de deelnemers aan de Hunger Games. Natuurlijk probeer je ook wat meters te smokkelen. Valsspelen blijft immers op iedere leeftijd leuk.

Wat: Stoepranden Benodigheden: Weinig vrienden Nostalgie: Flashbacks naar trefbal Spelen met ballen is niet voor iedereen weggelegd. Stoepranden is uitermate geschikt voor mensen met weinig vrienden; het kan namelijk maar met twee mensen worden gespeeld. Een bal op een stoeprand gooien lijkt simpel, tot blijkt dat je er geen bal van kan. Opeens wordt pijnlijk duidelijk waarom je vroeger nooit als eerste werd gekozen bij trefbal. Sommige stoephoeren zijn namelijk meer bedreven in het spelen met ballen en hebben binnen de kortste keren het winnend aantal punten binnen. Dit alles zorgt ervoor dat je al snel aan het randje van de afgrond staat en wilt opgeven. Je zal ballen moeten tonen om niet uit frustratie huilend naar huis te rennen; stoepranden is living on the edge.

Benieuwd naar meer nostalgische pauzespellen? Kijk op ANS-Online.nl

Wat: Hinkelen Benodigheden: Krijt en een stijve poot Nostalgie: Een wit lijntje leggen Het kind in jezelf smeekt om meer aandacht, dus wordt het tijd om hinkelen weer een kans te geven. Met een krijtje in de hand teken je een mooie hinkelbaan midden op het Erasmusplein. Zet je beste beentje voor, want iedereen met gespierde benen vormt een bedreiging in dit spel. Na wat geklungel met het gooien van het spelsteentje wordt het duidelijk dat je je poot stijf moet houden, wil het spel voor jou succesvol verlopen. Het wachten op je beurt maakt het lastig om op de been te blijven. Je coĂśrdinatie- en uithoudingsvermogen waren toch beter toen je van mama nog niet mocht drinken. Stappen zonder alcohol gaat nu niet meer zo lekker. ANS


Tekst: Vera Crienen/ Foto’s: Tom Plaum Revolutie in de nieuwsfabriek P. 23

revolutie in de nieuwsfabriek Sneller, spannender en sensationeler; de journalistiek is in de afgelopen decennia enorm veranderd. Te veel voor de befaamde Vlaamse journalist Chris de Stoop, die om deze reden uit het vak stapte. ANS zocht hem op en vroeg naar de misstanden in de huidige media. Chris de Stoop is al meer dan dertig jaar een van de bekendste Vlaamse journalisten. De Stoop schreef bestsellers en maakte reportages over sociale problemen binnen en buiten België waaronder vrouwenhandel, jihadisten, en de uitzetting van vreemdelingen. Zijn werk leidde tot parlementaire enquêtes en discussies, en de vervolging van criminelen. Voor zijn boek Ze zijn zo lief, meneer ging De Stoop undercover in een bende van vrouwenhandelaars die honderden meisjes importeerden en tot prostitutie dwongen. Naar aanleiding van dat boek kwam er een onderzoek en werden de leden van de bende opgepakt. De Stoop werd een nationale held en zelfs de toenmalige Belgische koning Boudewijn was zo onder de indruk van het boek dat hij actief de strijd tegen vrouwenhandel ging steunen. Al die tijd was De Stoop ook werkzaam bij Knack, een toonaangevend opinietijdschift in Vlaanderen.

‘Journalistiek kan het mooiste, maar ook het lelijkste beroep ter wereld zijn.’ Na een journalistieke carrière van dertig jaar stapt De Stoop echter uit het vak. Op 29 september verscheen zijn boek Ex-reporter, waarin hij terugblikt op zijn tijd als journalist en kritiek levert op de huidige journalistiek. ‘Het is tijd voor een blik in de achteruitkijkspiegel’, stelt de Vlaamse reporter in zijn boek. De Stoop staat kritisch tegenover de veranderingen in de journalistiek die de afgelopen jaren plaats hebben gevonden. De media zijn tegenwoordig sneller en sensationeler, en hierdoor oppervlakkiger. ‘Journalistiek kan het mooiste, maar ook het lelijkste beroep ter wereld zijn.’ Waarom bent u journalist geworden? ‘Ik wilde graag reizen en schrijven; de wereld zien en proberen daar zo mooi mogelijke reportages over te maken. Toen ik 23 was kreeg ik hier de kans voor bij Knack. Door

verhalen te vertellen kun je de wereld begrijpen. Dat is wat ik altijd heb gedaan. Ik wilde op de eerste plaats de wereld begrijpen en op de tweede plaats proberen een verhaal zo goed mogelijk over te brengen op een publiek. Bladen waar ik naar opkeek in de jaren 80 waren de Haagse Post en Vrij Nederland. Zij beoefenden wat men “narratieve journalistiek” noemt: verhalende journalistiek. De Haagse Post en Vrij Nederland brachten mooie sfeerreportages, maar je kon de inhoud op een bierviltje samenvatten. Ik wilde een combinatie maken van die sfeerreportages en de harde onderzoeksjournalistiek. ‘Mijn doel was een sterk gedocumenteerd en relevant verhaal schrijven. Een groot voorbeeld voor mij was Truman Capote, die in de jaren 60 In Cold Blood schreef. Hij vertelde het verhaal van een seriemoordenaar, op een manier die veel dieper ging dan de gebruikelijke journalistiek deed. Hij kroop diep in de huid van zijn personage en schreef op een heel literaire manier. Verhalende journalistiek zoals dit wilde ik ook brengen.’ Na dertig jaar bent u uit het vak gestapt. Wat was de reden daarvoor? ‘De journalistiek is de laatste tien jaar ontzettend veranderd. Het vak is oppervlakkiger geworden. Dit heeft te maken met de evolutie van het internet, waardoor alles sneller, korter en feller moet. Het grote verschil tussen journalistiek van nu en journalistiek van vroeger is tijd. De lezer neemt de tijd niet meer om zich door een verhaal van vijfduizend woorden te ploegen. De lezer - vooral de jonge lezer - heeft onder invloed van het internet een andere manier van lezen ontwikkeld: scannend lezen, waarbij je snel de tekst bekijkt om alleen de essentiële informatie te verzamelen. ‘Een redacteur krijgt daarnaast ook niet meer de tijd om lange stukken te schrijven. Dit ligt aan de crisis in de traditionele media, die is veroorzaakt door de groeiende commerciële druk op de journalistiek. Kranten en tijdschriften zijn een groot deel van hun lezers kwijtgeraakt en gaan daarom met elkaar concurreren. In de


Revolutie in de nieuwsfabriek P. 24

journalistiek leeft iedereen met een zwaard van Damocles boven het hoofd; bestaat ons blad over vijf jaar nog wel? Die commerciële druk zorgt ervoor dat iedereen achter hetzelfde nieuws aanholt. ‘De media denken dat deze concurrentieslag niet meer te winnen is met diepgravende, mooi geschreven reportages. Het aantal artikelen van meer dan drieduizend woorden is slechts een fractie van wat het twintig jaar geleden was. Dat is een van de redenen dat ik uit de journalistiek gestapt ben: de lange, grote reportages waar ik mij altijd op toelegde, verdwijnen uit de tijdschriften en kranten.’ Waarom vindt u die commerciële druk verkeerd? ‘De kranten en tijdschriften verliezen publiek en voelen de commerciële druk, waardoor het aantal lezers, kijkers, en vooral clicks - het aantal keer dat men op een online artikel klikt - belangrijker worden gevonden dan de relevantie van de onderwerpen. Ik vind dat een journalist geen delicate thema’s uit de weg mag gaan. Recentelijk heb ik bijvoorbeeld een boek geschreven over het boerenlandschap dat verdwijnt ten koste van nieuwe natuurgebieden. Daarmee ga ik lijnrecht in tegen de dominante visie van altijd maar meer natuur aangeleggen. Nu is de tendens echter het surfen op de stroom van de publieke opinie. De media gaan niet meer tegen de stroom in. Als je iedereen wilt bedienen, zoals men nu probeert, dan is de journalistiek niet meer dan een product. Journalisten zijn dan gewoon handelaren in nieuws.

‘De pers vergeet dat ze een maatschappelijke rol heeft. Ze heeft een immense impact op alle niveaus van de samenleving. Die maatschappelijke rol en verantwoordelijkheid mogen niet vergeten worden. Ooit was de journalist iemand die een enorme vrijheid had. Nu is dezelfde journalist een bescheiden werknemer geworden in de grote fabriek van de nieuwsindustrie.

‘Als je iedereen wilt bedienen, is de journalistiek niet meer dan een product.’ ‘Een goed voorbeeld van de nieuwe journalistiek is de verslaggeving van de aanslagen in Brussel op 22 maart. De televisiekanalen, de nieuwssites en de kranten wilden zo snel mogelijk de eerste ontwikkelingen laten zien en brachten real time verslaggeving. Op die manier is er geen enkele afstand tussen feit en berichtgeving. De media nemen geen tijd voor controle en reflectie, maar gooien de berichten zo snel mogelijk op het scherm. De adrenaline spat eraf, maar maakt het de kijker wijzer, of alleen angstiger? Het ergst was dat de media vanaf het begin achter de verkeerde verdachte aanzaten. De naam en foto van deze man werden bekend gemaakt, terwijl hij er achteraf gezien niets mee te maken had. Door dit soort blunders verliezen de media hun geloofwaardigheid.’


Column Lex Crijns P. 25

Wat wilt u bereiken met de kritiek die u uit in Exreporter? ‘De media zitten op een hellend vlak en moeten zich bezinnen. In de journalistiek is zelfreflectie echter een taboe. Je schrijft als journalist niet over de beroepsgroep; dat is nestbevuiling. Deze gedachte vind ik helemaal fout. Met mijn boek wil ik dat taboe doorbreken en hoop ik medestanders te vinden. ‘Gelukkig bestaan er nog wel gevallen van zelfkritiek in de media. Bart Eeckhout, hoofdredacteur van De Morgen, heeft een kritisch stuk geschreven over het falen van de media tijdens de incidenten in Keulen afgelopen jaarwisseling. Ook het NRC Handelsblad plaatste een artikel in die trend. In eerste instantie werd er niets gezegd over asielzoekers die betrokken konden zijn bij deze incidenten, maar daarna ging het bijna alleen nog over vluchtelingen. Deze journalisten gaven toe: “We hebben ons laten beïnvloeden door de meute. We zijn daarin te ver mee gegaan. Wij hebben gefaald”.’ Is er nog hoop voor de journalistiek? ‘Ik ga ervan uit dat de ware journalistiek zal overleven. Ik ben daar optimistisch over, enerzijds omdat er altijd mensen zijn die een roeping hebben om kwalitatief goed journalistiek werk te leveren, anderzijds omdat er nog steeds een publiek is voor geëngageerde verhalen. Gelukkig zijn er nog genoeg journalisten die tegen de stroom ingaan. Na de aanslag in Brussel zette De Correspondent bijvoorbeeld op hun website “Wij schrijven voorlopig geen stukken over de aanslagen.” Daarmee gingen ze tegen alle trends in. In hun artikelen doen ze aan zelfreflectie en bekritiseren de reguliere media. De Correspondent heeft bijna vijftigduizend betalende abonnees. Dat bewijst dat je met kwaliteitsjournalistiek een publiek kunt vinden dat daarvoor wil betalen. Ik denk dat er genoegen moet worden genomen met een niche markt voor diepgravende reportages. Men moet de concurrentiestrijd met de snelle, digitale media opgeven en zich richten op een kleiner, maar ook zeer waardevol publiek.’ ANS

ANS ZOEKT MEDEWERKERS EN FOTOGRAFEN Vind jij het leuk om te schrijven of te fotograferen? Kom dan langs op ons kantoor (onder het Gymnasion) of stuur een mail naar redactie@ansonline.nl.

Verward Lex Crijns snapt er af en toe helemaal niets van en probeert zijn verwarring in vierhonderd woorden voor u samen te vatten. Als u het niet begrijpt, vindt hij dat niet erg; dan is hij tenminste niet de enige. Eerder dit jaar maakte Halina Reijn - bekend als tafelopvulling bij De Wereld Draait Door - een documentaire onder de naam De OK-vrouw. OK staat in deze context voor ‘ongewenst kinderloos’. Die term ken ik nog uit mijn middelbare-schooljaren. Mijn biologieboek uit de derde klas bevatte namelijk een paragraafje over ‘methoden voor het opheffen van ongewenste kinderloosheid’. Daarmee werden technieken zoals IVF en draagmoederschap bedoeld. Ook toen al vond ik ‘ongewenste kinderloosheid’ een vreemde benaming. Bij autodealers vind je ook niet de tekst: ‘Hef hier uw ongewenste autoloosheid op!’ Het probleem zit ‘m waarschijnlijk in het gebruik van het woord ‘ongewenst’. Dat laat het klinken alsof er iets vervelends gebeurd is waardoor de vrouw in kwestie het nu zonder kinderen moet stellen. Halina Reijn heeft echter nooit kinderen gehad. Ze heeft waarschijnlijk genoeg kansen gehad om daaraan te beginnen, maar heeft bewust andere keuzes gemaakt. Voor vrouwen zoals zij biedt mijn biologieboek enkele medische oplossingen, die vrij goed schijnen te helpen. Eigenlijk niet zoveel aan de hand dus. ‘Maar Lex!’, zegt een stemmetje in mijn hoofd, ‘Is het niet heel gemakkelijk van jou om Halina Reijn te bekritiseren?’ Jazeker, denk ik terug (want stemmetjes in je hoofd hebben altijd gelijk). Voor een 19-jarige mannelijke student als ik zijn de problemen van OK-vrouwen inderdaad een ver-van-mijn-bedshow. Als ik in bed lig, maak ik me druk over mijn Ongewenste Tentamen of om de Ongewenste Herrie die uit de woonkamer van mijn buren klinkt. Die kleine ongemakken verbleken bij het dilemma waar Halina Reijn voor staat. Denk eens aan wat anderen doormaken, is een veel gehoord advies voor mensen zoals ik. Als ik erover nadenk, kom ik echter tot de conclusie dat er veel meer andere mensen zijn dan er ikken bestaan. Die hebben ook nog eens allemaal hun eigen problemen. Ik kan me onmogelijk met al die kwesties bezighouden, dus richt ik mij voorlopig nog maar op mijn ongewenste tentamen psycholinguïstiek. De wereld begrijpen, dat doe ik wel als ik ouder ben. “OK dan”, mompelt mijn stemmetje beteuterd.


Het Issue Tekst: Vince Decates en Chiel Nijhuis/ Illustratie: Jim Burgman P. 26

HET ISSUE

In deze rubriek staat iedere editie een ander issue centraal dat de gemoederen flink bezighoudt. Deze editie: de invloed van de mislukte couppoging in Turkije op de Turkse gemeenschap in Nederland.

Tanks in de straten, straaljagers boven Ankara en militairen die bruggen in Istanboel blokkeren; in de nacht van 15 op 16 juli probeerde een factie binnen het Turkse leger de macht in Turkije te grijpen. Omdat grote groepen van de bevolking uit protest de straat op gingen, lukte het de coupplegers niet de regering omver te werpen. Geschat wordt dat tijdens de couppoging 256 mensen zijn omgekomen. De staatsgreep was nog in volle gang toen de Turkse president Recep Tayyip Erdogan geestelijk leider Fethullah Gülen ervan beschuldigde aanstichter te zijn van het geweld. Van belang is dat tegen de achtergrond van de couppoging meespeelt dat Erdogan en Gülen tot 2013 samenwerkten. Erdogan had de Gülenisten nodig om grip te krijgen op de Turkse staat. Na de couppoging voerde Erdogan een groot aantal zuiveringen door binnen het Turkse staatsbestel. Meer dan honderdduizend vermeende Gülenisten verloren hun baan of werden gearresteerd. De onrust die door de mislukte staatsgreep is ontstaan, is niet beperkt gebleven tot Turkije; ook in Nederland zijn groepen binnen de Turkse gemeenschap lijnrecht tegenover elkaar komen te staan. Daarom vraagt ANS zich dit keer af: hoe denken betrokkenen over de invloed van de couppoging op de Turkse gemeenschap in Nederland? Ahmet Kaya, buitenpromovendus aan de RU op het gebied van meervoudige identiteiten en loyaliteiten ‘De situatie in Nederland is uit de hand gelopen, omdat al tijdens de coup in Turkije een schuldige aangewezen werd door de Turkse overheid: de Gülen-beweging. De heftige reacties van Turkse Nederlanders werden grotendeels veroorzaakt door de liefde voor het vaderland en de emotie over de gebeurtenissen in Turkije als gevolg van de mislukte couppoging. ‘Met die opmerking wil ik echter geen kant kiezen. Ik positioneer mijzelf meer in een grijs gebied, dat volgens veel Turken niet meer bestaat. Ik veroordeel de coup dan ook ten zeerste. Als er veranderingen komen in Turkije, moeten deze via een democratisch proces plaatsvinden. ‘Belangrijk is dat Turkse Nederlanders zich gaan gedragen naar de normen en waarden van de democratische samenleving. Het probleem ligt in Turkije en dit kunnen we in Nederland niet oplossen. We kunnen er wel voor zorgen dat mensen hier in dit land beter met elkaar omgaan. Niet alleen binnen de Turkse gemeenschap, maar in de hele samenleving moet meer ruimte voor empathie komen. Nu heerst een sterk anti Erdogan gevoel in de gehele Nederlandse maatschappij, waardoor veel gebeurtenissen in Turkije en Nederland niet goed worden begrepen. De reacties op wat er in Turkije gebeurt moeten echter wel wenselijk blijven binnen een democratische maatschappij. Bedreigingen, uitsluiting of aanslagen zijn uit den boze. We moeten er voor zorgen dat het onderlinge gesprek tussen Turkse Nederlanders weer op gang komt.’

Hakan Büyük, eindredacteur van de Nederlandstalige Turkse krant Zaman Vandaag ‘De tegenstellingen tussen de verschillende groepen binnen de Turkse samenleving waren op de achtergrond al langer aanwezig. Door de couppoging zijn deze tegenstellingen blootgelegd. De spanningen in Turkije hebben ook invloed op de Turkse gemeenschap in Nederland. Sinds de couppoging is in Nederland al meer dan honderd keer aangifte gedaan wegens bedreiging van Gülenisten door Erdogan-aanhangers. In de nasleep van de couppoging zijn er hier ook aanslagen gepleegd. Bij enkele gebouwen van stichtingen gelieerd aan Gülen is bijvoorbeeld brandgesticht. Daarnaast worden onze journalisten bedreigd omdat wij ten onrechte als Gülen-krant worden gezien. Dit zorgt voor veel spanning rondom artikelen van Zaman Vandaag over de couppoging. ‘Deze spanningen zijn niet alleen voelbaar tussen verschillende bevolkingsgroepen binnen de Turkse gemeenschap in Nederland. Turks-Nederlandse families worden er ook door verscheurd. Het komt namelijk voor dat een vader van een gezin Erdogan steunt, terwijl zijn zoon aanhanger van Gülen is. Men kan zich afvragen of de verdeeldheid binnen de Turkse gemeenschap ooit zal verdwijnen. Recentelijk zijn er in Turkije weer vijftigduizend mensen door de Turkse overheid ontslagen. De harde maatregelen die de Turkse regering na de couppoging heeft getroffen, worden weken later nog steeds doorgezet. Vanwege de sterke band die Turken in Nederland met Turkije hebben blijven de verhoudingen ook in dit land op scherp staan.’


Het Issue P. 27

Erik-Jan Zürcher, hoogleraar Turkse taal en cultuur aan de Universiteit Leiden (UL) ‘Het conflict tussen Gülen en Erdogan speelt al sinds 2013, toen Gülen beschuldigingen van corruptie uitte De situatie in Turkije zelf aan het adres van Erdogan. Na de couppoging is deze De relatie tussen de aanhangers van de AK-Partij van strijd verder opgelaaid. Dit conflict is overgewaaid naar Erdogan en de Gülenisten is al sinds 2013 gespande Turkse gemeenschap in Nederland doordat grote nen. In dat jaar werd Erdogan, toen nog premier, door groepen Turkse Nederlanders in contact staan met Fethullah Gülen beschuldigd van corruptie. Hierdoor Turkije via de moskee en de Turkse media. Ook hebben ontstond een breuk binnen de Soennitische gemeenveel Turkse Nederlanders nog familie in Turkije wie straaljaTanks in demet straten, schap, die de meerderheid van de Turkse bevolking gers boven A zij nauwe banden onderhouden. die de bruggen in Istanboel uitmaakt. Dit is niet het enige probleem waar Turkije blokkeren; in ‘Zowel Erdogan-aanhangers als Gülen-aanhangers zijneen factie 16 juli probeerde mee te maken heeft. Het land kent namelijk geen et- binnen het Tu conservatieve, nationalistische Turken. Het gaat dus om Omdat in Turkije te grijpen. nische of religieuze eenheid. Naast Soennieten wonen grote groepe een conflict binnen deze groep. De seculiere en op gingen, uit protestTurken de straat lukte het de c er namelijk ook veel Koerden en Alevieten, die er andere minderheden staan hier enigszins buiten. Wesregering omver te werpen. een andere interpretatie van de Islam op na houden. Geschat word terse landen, zoals Nederland, worden door de Turken couppoging 256 mensen zijn Vooral de relatie tussen de Soennieten en de Koerden omgekomen vaak gewantrouwd, omdat deze landen wasweinig nog inbegrip volle gang toen is gespannen. Van 1984 tot 2013 voerden Koerden on- de Turkse pre hebben voor de situatie in Turkije. DeTayyip TurkseErdoğan overheid geestelijk der de vlag van de PKK een gewapende strijd tegen leider Fethull speelt in op dit wantrouwen om Gülen-aanhangers ook beschuldigde aanstichter te de Turkse staat, om meer rechten en zelfbeschikking zijn van het g buiten de eigen staatsgrenzen op te jagen. De Turkse is dat tegen de achtergrond te krijgen. De oorlog in Syrië heeft tot gevolg gehad van de coupp overheid betitelt de Gülen-bewegingdat alsErdoğan een terrorisen Gülen tot 2013 dat het conflict met de Koerden recentelijk weer is samenwerkte tische organisatie. In Nederland worden ook enkele opgelaaid. ANS Gülenistische organisaties door de Turkse overheid als terroristisch bestempeld.’


Stamgasten Tekst: Bas van Woerkum/ Foto’s: Steven Huls/ Illustratie: Josse Blase P. 28

Stamgasten

Lallende disputen, vage figuren aan de bar of uitbundige dansers, elke kroeg heeft zijn eigen publiek. ANS duikt de vaste stek van een groep studenten in, velt haar oordeel over het café en test de kennis van de trouwe gasten. Deze keer: Onafhankelijk herendispuut Los Hombres Locos in café Tweekeerbellen.

Arnold, Sander en Han

Han, Sander, Bart, Arnold en Max

Han, Arnold, Sander en Max

Met bijna 30 graden doet de temperatuur deze septemberavond niet onder voor een zomeravond in Mexico. Hoewel de gekke jongens van Los Hombres Locos niet in hun droomland zijn, zitten ze tevreden aan een hoge tafel op het terras van TweeKeerBellen. De tequila blijft vooralsnog uit, maar de meters bier worden voortdurend aangevoerd. De naam van het dispuut en het Mexicaanse thema ontstonden toen de oprichters in dronken toestand naar de film Blood in, blood out keken. ‘Die film heeft een hele vette verhaallijn en er gebeurt ontzettend veel shit’, roept Max (25), masterstudent International Relations. De ‘Vatos Locos’ komen enkele keren voor in de film en dat was voor de oprichters voldoende reden om een Mexicaans getint dispuut te beginnen. ‘Ons dispuut is opgericht als een grote grap, om te schoppen tegen andere disputen. Het is nooit de bedoeling geweest zo lang te bestaan’, legt Arnold (23), eerstejaarsstudent HBO Rechten, uit. De loco’s zijn dan ook simpel gekleed in bordeauxrode polo’s met hun logo – een cactus – op de borst. ‘Je zal ons maar zo’n drie keer per jaar in pak zien’, zegt Han (27), zevendejaarsstudent Rechten. Het dispuut kent ook geen vernederende ontgroening. ‘Ons aspirantaat is puur gericht op kennismaking, om te kijken of een persoon bij ons dispuut wil en erbij past’, vertelt Max. Alle aspiranten, ook wel ‘niño’s’ genoemd, krijgen traditiegetrouw een kleine cactus met wiebeloogjes erop geplakt. De bedoeling is dat deze in leven blijft. ‘Die van mij kreeg een schimmelinfectie’, betreurt Max. Net zo roekeloos als Max omging met zijn cactus zijn de heren als ze samen op dispuutsweekend gaan. Vorig jaar reisden de heren naar Friesland af om te varen op de Friese meren met boten van bijna vijftien meter, zonder ook maar een seconde vaarervaring. ‘Ons zo’n enorme boot laten besturen, was een van de meest onverantwoorde dingen die ik ooit heb gezien’, lacht Bart (21), derdejaarsstudent Amerikanistiek. Hoewel Arnold bij de eerste keer wegvaren een boot bijna heeft laten zinken en later iemand rakelings een steiger miste bij het aanmeren, zijn er geen loco’s gewond geraakt. ‘We zijn wel een veilig dispuut’, grapt Sander (22), eerstejaarsstudent Geneeskunde. Naast bootvaren zeggen de heren ook graag een potje Mario Kart of het kaartspel Machiavelli te spelen. ‘Af en toe zijn we niet helemaal age appropriate’, kenmerkt Arnold het dispuut. Dat is bijvoorbeeld af te leiden uit het feit dat ze een schattige beschermbeer – de grizzly – hebben in plaats van een beschermheer. Ook is hun jonge geest terug te zien in de almanak van het dispuut, vertelt Han. ‘Na vier dagen brainstormen over wat voor afbeelding er achterop zou moeten komen, besloten we: “Fuck it, we zetten de Power Rangers erop.”’ ANS


Stamgasten P. 29

kroegpraat Los Hombres Locos viert vanavond een feestje met hun aspirant-leden, zodat ze nader kennis kunnen maken. Het is stervensheet in de kroeg, maar sommige fanatiekelingen trotseren de warmte en zijn al

druk bezig het café in discothema te versieren. Op het terras zijn de heren ruim vertegenwoordigd, waarmee ze laten zien dat TweeKeerBellen ook vroeg op de avond een leuke kroeg kan zijn.

Noem drie Nederlandse woorden waar de letters L, O, C en O achter elkaar instaan. Bart: ‘Locomotief, locoburgemeester.’ Han: ‘Logopedie, logistiek.’ Max: ‘Nee, loco. Logistiek is niet met een c.’ Sander: ‘Loco, loco, discotoko. Nee, het moet nog iets met ‘loco’ zijn.’ Max: ‘Locomotor.’ Verder dan ‘loco’ als voorzetsel komen de heren gek genoeg niet, maar dat is ook niet nodig. Andere antwoorden zijn onder meer locosecretaris, celloconcert en waterpolocoach. De hombres verdienen hun eerste biertje. Wat houdt het in als tequila ‘extra añejo’ is? Han: ‘Daarover stond geen informatie op Wikipedia.’ Arnold: ‘Het lijkt op het Franse woord voor leeftijd.’ Han: ‘Wacht, dat is een van de vier soorten tequila. Je hebt namelijk plata, blanca – de derde weet ik even niet – en je hebt ook añejo. Dat betekent dat de tequila meer dan een jaar heeft gerijpt.’ Han komt dichtbij het juiste antwoord met zijn tequilakennis, maar deze vijfde soort, die in maart 2006 is geïntroduceerd, was bij hem nog niet bekend. Een tequila die extra añejo is, heeft langer dan vijf jaar gerijpt.

De pubquiz Hoeveel soorten cactussen zijn er? Han: ‘Jezus, daar vraag je wat. Ik denk 151, want zoveel Pokémon zijn er ook.’ Max: ‘Ik denk dat er maar één soort cactus is.’ Bart: ‘Dat is net iets te weinig, denk ik. Ik gok 57 soorten cactussen.’ Max: ‘We gaan voor 42 soorten.’ De heren zitten pijnlijk ver naast het juiste antwoord. Hoewel de soorten ontzettend veel op elkaar lijken, bestaan er volgens kenners tussen de 1500 en 1800 soorten cactussen. Noem twee redenen waarom een cactus stekels heeft. Han: ‘De stekels beschermen het sap in de cactus.’ Bart: ‘Het staat leuk.’ Max: ‘Een baard hebben is in; cactussen liepen dus op de trend vooruit.’ Arnold: ‘Dat vind ik een goed antwoord.’ Max: ‘Cactussen gaan nooit op een Tinderdate, dus ze scheren hun benen niet.’ Deze vraag prikkelt het brein van de loco’s en ze komen met interessante antwoorden. Helaas is alleen het eerste antwoord juist en levert ook deze vraag geen sapje op. De tweede reden is dat de stekels zorgen voor een schaduw op de cactus, waardoor de temperatuur van de cactus daalt en er minder water uit de plant verdampt.

Waar komt de naam ‘ranchera’, de naam van een populair Mexicaans muziekgenre, vandaan? Han: ‘Is dat muziek die werd gespeeld op een ranch?’ Max: ‘Daar heb ik volgens mij een vak over gehad, wacht even hoor.’ Sander: ‘Ik denk dat het uit Ranchera-stad komt.’ Arnold: ‘Muziek die werd gespeeld op een ranch door Mexicaanse Cowboys, is op zich een goed antwoord. Ranchera is westernmuziek, maar dan uit Mexico.’ Arnold merkt terecht op dat er muziek in Hans antwoord zit. Het woord ‘ranchera’ komt van het Spaanse woord ‘rancho’, dat boerderij betekent. Dit muziekgenre is ontstaan op de boerderijen van Mexico. Het tweede biertje is binnen.

De Afrekening

Het gebrek aan cactuskennis bij de loco’s doet zeer, maar door goed naar de termen in de vragen te luisteren, weten de gekke jongens toch een hoop goede antwoorden te geven. Helaas voor hen was een deel van de antwoorden onvolledig, waardoor er slechts twee cervezas werden verdiend. In een nog rustige TweeKeerBellen zorgen de jongens wel al voor veel gezelligheid, waarvoor nog een extra biertje wordt getapt.


Deze ANS niet/ Kutkunst/ Colofon Tekst: Redactie P. 30

DEZE ANS NIET Van ANS naar ANITA Afgelopen september meldde De Pipet, de Radboudiaanse variant van De Speld, dat ANS vanaf volgend jaar verder gaat als ANITA, de Algemene Nijmeegse Intellectualiteiten & Taalvoutjes Associatie. Verschillende redacteuren hebben na het horen van het nieuws direct een kortpittig kapsel laten aanmeten dat past bij de nieuwe spicy naam. Volgend jaar zal de site vol staan met recensies van De Toppers en zullen er reportages verschijnen over de Huishoudbeurs en het rapsen van koekjes en kaas.

Helaas pindakaas Op het kantoor van ANS zijn de potten pindakaas niet aan te slepen. Een eigen ANS-pindakaas met een vleugje keukenazijn; het zou een droom zijn die uitkomt. Deze editie kwam de redactie dicht in de buurt van het verwezenlijken van deze bruine, smeuĂŻge droom, met het bezoek aan de Pindakaaswinkel. Pindabaas Michiel Vos kon zich echter niet in het idee vinden. De redactie neemt nu noodgedwongen genoegen met de Helaes Pindakaas van de Aldi.

31e jaargang Hoofdredactie Noor de Kort en Tom Plaum Redactie Vera Crienen en Chiel Nijhuis Medewerkers Mae Boevink, Vince Decates, Sam Frijns, Tom Oomen, Rein Wieringa, Bas van Woerkum, Wout Zerner Illustraties Josse Blase, Jim Burgman, Joost Dekkers, Carmen Groenefelt, Eireen Westland Foto’s Ted van Aanholt, Loren Brouwers, Kelley van Evert, Stijn Hoekstra (KRO-NCRV), Steven Huls, Noor de Kort, Tom Plaum, Tom Sebus (KRO-NCRV) Voorpagina Stijn Hoekstra (KRO-NCRV) Columnisten Cecile Collin en Lex Crijns Eindredactie Evy van der Aa, Pim ten Broeke, Danique Janssen, Bram Jodies, Hanan Noij, Dennis van der Pligt, Annemarie Segeren, Tijs Sikma, Auke van der Veen Crypto Bas Dikmans Cartoon Anne van der Heijden Ontwerp Marloes de Laat en Roel Vaessen Lay-out Noor de Kort Dagelijks bestuur Manon Abbo (voorzitter), Liselotte Noordhuizen (secretaris), Pia Rademacher (penningmeester)

Druk MediaCenter Rotterdam

Uitgave, abonnementen en advertentie-acquisitie Stichting MultiMedia: stichtingmultimedia@gmail.com Redactieadres Heyendaalseweg 141 6525 AJ Nijmegen Tel: 06-36428931 Mail: redactie@ans-online.nl

Het Algemeen Nijmeegs Studentenblad is een onafhankelijk blad dat gratis in de binnenstad en op de Radboud Universiteit Nijmegen wordt verspreid. Het verschijnt 7 keer per jaar in de maanden september t/m juni. De uitgave van ANS wordt mede mogelijk gemaakt door:


CRYPTO

Crypto Ans deze maand P. 31 P. 31

Mark Rutte heeft zijn excuses aangeboden! Hiermee is de landelijke campagne voor de tweede kamerverkiezingen van 2017 van start gegaan. ANS doet mee aan de Haagse propaganda door middel van deze politiek getinte crypto. Succes ermee, en als ‘ie te moeilijk is… Sorry!

1

2

3

4

5

6

8

7

De oplossingen van de vorige crypto vind je op www.ans-online.nl. ANS mag dit keer twee vrijkaarten voor een film in de CineMec in Lent weggeven.

9

10

11

12

13

15

14

De CineMec-locaties zijn zowel bioscoop, theater als congreslocatie. De moderne, eigentijdse gebouwen zijn onder bijzondere architectuur gebouwd, waar mensen naartoe komen voor informatie én voor entertainment. Een plek waar mensen elkaar ontmoeten. We zijn goed bereikbaar, liggen direct aan snelwegen en hebben veel parkeerplaatsen voor de deur. Wil je kans maken op twee vrijkaarten van de CineMec? Stuur dan voor 8 november je oplossingen naar redactie@ ans-online.nl.

16

17

Horizontaal: 4. Een veerboot zonder felle kleuren is een gemis voor politieke berichtgeving (13), 6. Acne van het gaan stemmen? (18), 8. Aantrekkelijk tv-medium is ouder geworden (8), 9. Zonder het studentenblad is het ritme een politieke partij (3), 10. Politieke onbetrouwbaarheid resulteert in een Engelse das (9), 12. Het is verwarrend dat een malle laxeerwind met politiek te maken heeft (15), 13. Vocaal papiertje? (10), 16. Christelijk slotwoord chronisch vergeten leidt tot wetswijziging (10), 17. Deze vragenlijst maakt je tand slimmer (9). Verticaal: 1. In Engeland zeiden ze al dat deze man geen geluk heeft (8), 2. Baan die er al was voor het insect bestond (7), 3. Deze politieke functie gaat over werk, inclusief bloeiwijze (9), 5. Voor sommigen is de politiek een zeevaardersfeest (12), 7. Duitse vrouw is onwenselijk tijdens verkiezingen (6), 9. Als Costa Rica een terroristengroep blijkt te zijn, is er sprake van een noodsituatie (6), 11. Een fragiele plek in het partijprogramma? (9), 14. Een duizendste van Europa heeft aandacht voor de natuur (6), 15. Wanneer er dubbel is geschreven is er sprake van illegaal downloaden, terwijl het enkel met politiek te maken heeft (8).


GEVONDEN VOORWERP www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon P. 32

Tekst: Wout Zerner/ Foto: Noor de Kort

Wie: Dylan Lardinois (20), derdejaarsstudent Geografie, Planologie en Milieu Voorwerp: Axolotl Hoe kom je aan het gekke beest in die kom? ‘Dit rare beest is een axolotl, een amfibie die in Centraal-Amerika voorkomt. Samen met twee Duitse huisgenoten wilde ik al een tijdje een huisdier, maar op onze kamers is het verboden om huisdieren te hebben die niet in een aquarium zitten. Tijdens een avond in het casino hadden we 100 euro gewonnen. Met dat geld zijn we op zoek gegaan naar een leuk huisdier dat we wel mochten houden van onze huisbaas. Een van mijn vrienden stelde daarom voor om een axolotl te nemen. Omdat het toch tentamenweek was, hadden we veel tijd over. Hierdoor konden we een paar dagen het internet doorzoeken naar een winkel waar we deze beestjes konden kopen. Bij een kweker hebben we toen drie axolotls gekocht.’ Waarom wilden jullie een axolotl als huisdier? ‘Het is een bijzonder dier, want je komt een axolotl bijna nergens anders tegen. De meeste mensen vinden het een raar beest als ze hem voor het eerst zien, maar later zijn ze vaak toch geïnteresseerd. Mijn huisgenoot kan met gemak een kwartier gefascineerd voor het

aquarium zitten alsof het een televisie is. Deze dieren zijn nog altijd boeiender dan goudvissen.’ Is het moeilijk om deze beestjes te onderhouden? ‘De axolotl is een eenvoudig huisdier om te verzorgen, want de beestjes hebben maar eens in de twee dagen voedsel nodig. Het lastigste is dat de temperatuur van het water tussen de 13 en 19 graden moet liggen. Zeker in de zomer is het een uitdaging om deze te reguleren. Dan proberen we met bevroren flessen water de temperatuur in het aquarium laag te houden. Van de drie axolotls is er nu nog maar één over. Eén axolotl is overleden door een te hoge temperatuur van het water. Hiervan raken ze zeer gestrest. We hebben nog geprobeerd het dier te redden door hem een week in de koelkast te zetten, maar het was al te laat.’ Hoe kwam de ander aan zijn einde? ‘De andere axolotl is doodgegaan doordat de overgebleven axolotl hem voor eten aanzag. Als een ledemaat wordt afgebeten, groeit deze vanzelf weer aan, maar bij deze axolotl groeiden de poten verkeerd terug. Hierdoor was hij verzwakt en vormde zo een makkelijke prooi voor de andere amfibie in het aquarium. Ik vind het daarom niet gek dat deze dieren met uitsterven worden bedreigd.’ ANS

ANS spiekt  
ANS spiekt  
Advertisement