3D Printmagazine december 2019

Page 20

Reality check tijdens mtc3 moet aanzet geven om industrialisatie te versnellen

Tegenwind voor Additive Manufacturing De Additive Manufacturing industrie heeft de wind tegen. Groeicijfers vallen tegen. Mooier kon Oerlikon topman Michael Süss het tijdens mtc3 in München niet maken. Méér en beter samenwerken moet de industrialisatie aanjagen. En CEO en CTO’s in de grote bedrijven moeten overtuigd worden. Want zij moeten de technologie dragen, anders komt de revolutie er nooit.

A reality check: dat was dit jaar de ondertitel van mtc3, de 3e editie van munich technology conference. Technology staat in dit geval voor Additive Manufacturing, want daar gaat de conferentie van Oerlikon en TUM (Technical University of Münich) over. Deze realiteit in de AM-industrie is momenteel minder florissant dan enkele jaren geleden verwacht. De groeicijfers zijn niet zo uitbundig als in menig onderzoeksrapport is voorspeld. “Maar we praten nog steeds over 10 tot 20 procent groei, waar andere industrieën krimpen”, zegt professor Michael Süss, bestuursvoorzitter van de Oerlikon Group. Hij is minder ‘bullish’ dan twee jaar geleden. De sector heeft meer wind in de rug nodig. De hoofdrolspelers in de AM-industrie hebben momenteel echter last van tegenwind door de handelsoorlog tussen VS en China, de Brexit en de problemen in de automobielindustrie. Om door

Michael Süss, bestuursvoorzitter van Oerlikon Group: meer samenwerken om additive manufacturing echt te industrialiseren.

20

te groeien naar een omvang van 20 tot 30 miljard dollar is geen probleem. Maar wil Additive Manufacturing echt doorbreken als productietechnologie, dan zullen de voordelen en de mogelijkheden volledig benut moeten worden. Dat vraagt erom de voordelen sterker te benadrukken, aldus Süss: kortere time to market, functie-integratie, andere verdienmodellen. “Als je voor een bestaand product of proces de technologie inzet, haal je de potenties er niet uit. Dan blijf je in de prototypesfeer.”

Vaart maken met industrialisatie

Michael Süss durfde op de drukbezochte conferentie de hand in eigen boezem te steken. In de sector wordt veel gesproken over industrialisering. “Maar als wij 50% goedkeur halen, dan is dat nog geen geïndustrialiseerd proces.” Dat vindt ook Mathias Wolpianksy, die bij DMG Mori de AM-activiteiten leidt. “Klanten verwachten een OEE (Overall Effectiveness Efficiency) van meer dan 95% en een repeatability beter dan 5 micron. We moeten werken aan nauwkeurigheid en consistentie.” De huidige metaalprinters zijn nog te veel gebouwd rond het laboratoriumproces, zo vat Chris Schuppe, general manager GE Additive, het samen. Voor Michaël Süss (Oerlikon) ligt de oplossing in veel samenwerking om innovatie te versnellen. “We moeten veel meer samen doen. En focussen.” Daarnaast moeten hogescholen en universiteiten veel sneller AM integreren in de curricula. “Engineers werken nog steeds vanuit de beperkingen van boren, frezen en gieten. We zullen de stap naar de nieuwe wereld niet maken zolang we de oude niet achter ons laten.” En als derde moeten AM-bedrijven de beslissers in de industrie overtuigen van het potentieel dat Additive Manufacturing biedt. Van de waarde die men hiermee kan creëren, van de nieuwe verdienmodellen die AM mogelijk maakt. Maar het is toch vooral de samenwerking waar Süss op hamert. Ook de politiek en de wetenschap moeten sneller bewegen, zeker in Duitsland, voegt professor Nikolaus Adams van TUM toe aan de woorden van de Oerlikon bestuurder. “Andere economieën gebruiken

print magazine december 2019