Issuu on Google+

INHOUD

Inleiding: Van wie voor wie?

9

Nederlands equivalent van Belgische en Vlaamse instellingen

12

Deel 1 De bril maakt het verschil

13

1. De bril 1.1 Terug naar de relationele uitgangspunten: het contextuele mensbeeld 1.1.1 Hoe verhoudt de menselijke psyche zich dan tot zijn relaties? 1.1.2 De relationeel-ethische dimensie 1.1.3 Het belang van existentiĂŤle relaties 1.1.4 Hulpverlening in de relationele werkelijkheid 1.2 Contextuele hulpverlening: een inleiding 1.2.1 Ivan Boszormenyi-Nagy en de contextuele therapie 1.2.2 Basisbegrippen in de contextuele therapie 1.2.3 Contextuele hulpverlening 1.3 Meervoudig gekwetst in zijn verbindingen 1.3.1 Armoede onder de aandacht in een risicosamenleving 1.3.2 Armoede als een heterogeen gegeven 1.3.3 Armoede in zijn complexe gelaagdheid 1.3.4 HerdefiniĂŤring en verbreding van armen als meervoudig gekwetsten 1.3.5 Meervoudig gekwetst in zijn verbindingen 1.3.6 Afronding 2. Het verschil 2.1 Verbondenheid: een intergenerationele dynamiek 2.1.1 Een contextuele kijk op relationeel gedrag 2.1.2 Praktijkvoorbeeld: Cindy 2.2 Thuisloosheid 2.2.1 Verbinding versus ontankering 2.2.2 Thuislozen: gekwetst in hun verbindingen

15 15 16 18 21 22 24 24 25 29 32 33 41 47 54 58 63 65 65 66 67 82 82 88


6

Inhoud

Deel 2 Werken aan verbindingen

103

3. Basishouding 3.1 Een meerzijdige ik/gij-relatie 3.2 Fundamenten voor een grondhouding 3.2.1 Zorgethiek als basis voor een betrokken relatie op de ander 3.2.2 Goede zorg als morele benadering en taakstelling van de hulpverlening 3.2.3 Normatieve professionaliteit vanuit een individuele bestaansethiek 3.2.4 Rechtendenken als basis voor dialoog 3.2.5 Legitimatie en bemoeizorg 3.3 Verwondering als ingang tot dialoog 3.4 Een waaier van basisattitudes 3.4.1 Elementen van een verwonderde, naar de ander gerichte basishouding 3.4.2 Invalshoeken vanuit de presentietheorie 3.4.3 Afronding 3.5 De hulpverlener en zijn verbindingen 3.5.1 De hulpverlener is geen neutrale persoon 3.5.2 De ontmoeting van twee verhalen 3.5.3 De hulpverlener en zijn verbindingen 3.5.4 Focus naar buiten 4. Verbindend werken 4.1 Dialoog en ontmoeting 4.1.1 Men kan niet niet-verbonden zijn, besef het 4.1.2 Dialoog 4.1.3 Dialoog in de hulpverlening 4.1.4 De kracht van dialoog in de hulpverlening 4.1.5 Een geblokkeerde dialoog 4.1.6 Verbindend werken in de praktijk 4.1.7 Probleemverkennend en procesgericht hulpverlenen 4.1.8 Het rechtstreeks aanspreken in de hulpverlening 4.1.9 Het recht om zorg te mogen ontvangen 4.1.10 Ontmoeten en genezen 4.1.11 Het samenleven maakt elkaars wereld groter 4.1.12 De kwetsuren zijn zo diep dat men geen risico’s meer durft te nemen 4.1.13 Bouwen naar het leven toe in plaats van het bevriezen van keuzes 4.1.14 Integratie: droom of realiteit? 4.1.15 Een gekwetste samenleving 4.2 Verbinding leggen in een context waarin verbinding weinig of niet meer zichtbaar is 4.2.1 Naar een praktisch bruikbare theorie

105 105 108 109 112 114 116 118 120 123 123 132 133 134 135 135 137 141 143 144 144 145 146 148 149 150 153 154 155 156 157 158 159 160 161 162 162


Inhoud

4.2.2 Hulpverleningsmogelijkheden in het dagelijks leven in een opvangcentrum voor thuislozen 4.2.3 Besluit 5. Versterkend werken 5.1 Wat is empowerment? 5.1.1 Drie variabelen 5.1.2 Een aantal stellingen aangaande empowerment 5.1.3 Positie en rol van de hulpverlener 5.2 Empowerment geeft een verbindend ethisch kader met een normatief karakter 5.2.1 De sociale grondrechtenethiek 5.2.2 De wederkerige zorgethiek 5.2.3 De individuele bestaansethiek 5.2.4 Empowerment als synthese van de drie elementen: ‘autonomie in verbondenheid’ 5.2.5 Casus ter illustratie van empowering hulpverlening vanuit de ethische driehoek: het verhaal van Patsy 5.3 Empowerment en procesgericht handelen: hoe een grondhouding en procesmatig hulpverlenen samengaan 5.4 Versterkend werken op vier niveaus 5.4.1 Vaardigheden 5.4.2 Draagkracht en veerkracht 5.4.3 Inbedding en werken met natuurlijke hulpbronnen 5.4.4 Vertrouwen en balans in beweging 5.5 Conclusie en afronding

7

165 181 183 183 184 190 191 192 192 194 196 198 199 203 206 206 207 208 209 210

Epiloog: naar een ethisch welzijnsbeleid

213

Bibliografie

217

Over de auteurs

221


inhoudsopgave_31