Page 1

tweestRomenUnรถ maas en waals tijรถschRift VOOR stReekqeschieรถems elfรถe

nummeR 21

zomec 1975


Streekarchief Bommelerwaard

K O N T A K T B L A D VAN DE HISTORISCHE VERENIGING

"TWEESTROHENLAND"

tot beoefening van de geschiedenis van het Land van Maas en Waal on het Westelijk deel van het Rijk van Nijmegen.

Redactie

Jan van Gelder Huub van Heiningen Johan van Os

Zomer 1975

nummer

21

Bij het omslag

Een van de winige foto's,welke er in 19^4/^5 gemaakt zijn: alles wat er nog over gebleven is van de wo. ning van Harrie van Heertum aan de Dijk in Beneden-Leeuwen,, -1-


voorzitter vice-voorzitt er verenlgingssekretaris

2e sekretaris penningmeesteres 2e penningmeester archiefbeheer

Wezel Kerkstraat 7 Alphen tel» 08876 - 1258 JoAoVan Gelder Uilengat k Bergharen tel. 08873 - (1)42? Jac = Tri jsburg Maasdijk 20 Appeltern tel, 08"74 - 14?5 JoAoJansen Aalsburg 17-60 Wijchen t el o 08894 - 3276 mej„ G.Y 0 M 0 Klabbers Heuvel 111 Bruten tel. 08870 - 2401 G.F„Kaiser Hogestraat 9o Druten tel. 08870 - 2742 rnej„ F„J„van Oijen Molenstraat 54 Bov.Leeuwen tel„ 08879 - 1783

en van Heemstraweg 50 Beuningen tel. 08897 - 1325 redactiesekretaris J-P.M. van Os Houtsestraat 25 Puiflijk

leden en

J<,van Dinter Rooi jsestraev.t 23 Dreumel tel. 08877 - 1266 HoVan Leeuwen Rozenstraat 8lA Dieamel tel. 08877 - 1257

.De vereniging kent, zonder onderscheid van rechten, een subsidiërend, een buit engewoon, een begunstigend, een steunend en een gewoon lidmaatschap voor resp<. f. 100,'— „f 'o 50,--, f. 25,--, f. 15,-- en f ,12, 5° P°3 Giro: 2622012 t. n. v. de penningmeester ( es) o —2—


uit G e winter 1944 7/945 naar het daqboek van

HO/WC MUI KCCRTU/H uit BENEDEN-LEELW/EN -. 3 -


INLEIDING

Eind 1945 vroeg de toenmalige drs, L. de n ang die nu dr. L. de 3Ăśng is en Directeur van het Rijksbureau VLOT Oorlcgsdccumentatie, in een radiopraatje naar gegevens over het oorlogsgebeuren in ons land. Slager Harrie van Heertum uit Beneden-Leeuiuen, die van -jktober 1944 tot mei 1945 een dagboek had bijgehouden, reageerde onmiddellijk. Begin 1946 kreeg hij van drs. L. de Dong het verzoek zijn dagb/ek enige tijd af te staan om na te gaan - if het voor het nageslacht van belang was het in zijn geheel cf in gedeelten te copiĂŤren. In mei 1946 kwam het dagboek terug met'het volgende bericht: "Ik moge van deze gelegenheid gebruik maken mede namens het Directorium van het Rijksinstituut, mijn bijzcndere dank te betuigen vcor Uui medewerking. U kunt er van overtuigd zijn, dat deze voor het historisch onderzoek naar de jaren der Duitse bezetting tst in lengte van generaties van de grjotste betekenis zal zijn". Dr. L. de D'Jng heeft intussen zes boekdelen geschreven in nagc-n banden gewijd aan en onder de titel "Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Ulereldocrlcg". In het laatstverschenen zesde deel beschrijft hij de periode juli 1942 tot mei 1943. Het zal dus nog wel even duren voordat de periode 1944 1945 aan de beurt komt en wij zijn uiteraard zeer benieuwd wat er dan van het dagboek van Harrie van Heertum wordt overgenomen.

-4-


UJat of hoe dan ook, ujij ujillen de leden van Tu/eastromenland en alle andere belangstellenden niet langer laten wachten en het volledige dagboek in dit nummer verwerken. De schrijver tuas zo vriendelijk het aan onze vereniging voor publicatie vrij te geven, tuaarmee hij ons en het nageslacht-daar zijn ujij van overtuigdeen bijzonder goede dienst beujijst. lilij zijn hem daar dan ook zeer dankbaar voor.

Dertig jaar geleden is voor velen misschien een korte tijd, maar voor anderen toch weer lang. Het is voor h e n , die deze tijd niet meemaakten, veelal tasten in het duister. Voor hen in het bijzonder behoort die tijd tot het verleden. Al is het niet de mooiste tijd om aan terug te denken, toch m u n Ăź n mij er goed aan te doen het verleden niet te begraven, maar het in gedachtenis te houden, want juist het feit dat de verschrikkingen van deze oorlng voorbij zijn gegaan en mij nu in vrijheid en vrede mogen leven, leert ons enerzijds dankbaar en anderzijds waakzaam te zijn. Hoezeer het voorgevallene in die barre maanden de mensen heeft aangegrepen en de angst zich van de bevolking meester had gemaakt, komt in het dagboek herhaaldelijk naar voren. De twijfel aan de overleving en ondanks de capitulatie van de Duitsers de vrees voor nog meer vliegende bommen, granaten en kogels, benadrukt zeer duidelijk, dat het volk u/as geschokt en zelfs


het vertrouwen in de overwinning had verleren.

Tech is de bevrijding gekomen en na 30 jaar kunnen uje zeggen, dat mat vernield iiias, hersteld is, althans aan gebouujen. Het andere' wat verloren is gegaan, is vaak onherstelbaar gebleken.

t'De tijd heelt alle wonden", zo luidt een bekend gezegde. Het gaat helaas niet altijd op. Er zijn monden, die nooit helen c f telkens uieer morden opengetrokken-,

REDAKTIE

-6-


LEEUIUENSE OORLOGSKRQNIEK

1944/1945

De nacht van 6 op 7 oktober was voor ons u;c?l de verschrikkelijkste. Die hel, die vuurzee is bijna niet te vergeten. Tot-h was het net of je al dagen van tevoren die ramp had .voelen aankomen. Die spanning die daaraan vooraf ging. was niet alleen drukkend, je ':on hem als het ware tasten. Eerst dat schieten -p de U/aal, op dat sleepbootje met die ark ernaast enkele dagen van tevoren. Zo gemoedelijk hadden die moffen daar aan de andere kant in hun pas gegraven mitraillournesten dit af zitten kijken, alsof het hun in ! t geheel niet aanging, maar reken erop dat hun uiraakplannen op dat moment pas vaste vormen kregen en zij ze in hun brein tot in de finesses uitwerkten. Twee nachten voor de brand lag ik wakker. Het was ongeveer 3 uur in de morgen toen ik het tuffen van een motorbootje hoorde. Ik ging mijn bed uit en keek uit het raam op de rivier, (ik sliep toen nog boven, alhoewel ik er niet zo erg gerust op was, daar er een paar nachten van tevoren ee kogel tegen ĂŠĂŠn van de muren van ons huis was geketsi , afgeschoten van de andere kant van de rivier,) Het was helder maanlicht, Heel flauw kon ik een zwart plekje onderscheiden, zuiver uit de richting vanwaar het tuffend geluid kwam. Daar voer rustig een motorschuitje stroomopwaarts terwijl er een paar dagrn van tevoren door een Engelse tank bij ons vanaf de dijk een sleepbootje met een aan zijn zijde hangende ark in brand was geschoten. Erg veel schrik hadden die moffen toch niet, want het waren Duitsers, die daar voeren en dit werd nog meer bewaarheid toen even .later het tuffen ophield ter hoogte van de steenfabriek, waar sinds een dag of acht de moffen huisden. UJat w_as dit voor een geheimzinnig gedoe? UJat moesten ze daar nu met dat motorschuitje?

-7-


Twee nachten daarna kregen wij hierop antwoord. Do ondergrondse verzetsbeweging hield de wacht een de dijk hier, Donge jongens allemaal. Geen van allen ooit de vuurproef nog doorstaan. De nacht van tevoren waren er een stelletje moffen overgekomen naar UJamel (oen dorp verder). Ze maren brutaalweg vanaf de stad Tiel gekomen en op de dijk aangerukt, onder dekking van anti-tankgeschut, waarvoor alles wat ondergrondse heette op de vlucht was geslagen. In een ommezien staken zij tien a twaalf woningen in brand en namen daarbij nog een veertiental burgers als gijzelaars mat zich mede, welke de volgende dag zonder pardon werden gefusilleerd, wat wel het vreselijkste van alles was. De avond van 6 oktober nu, toen dan da ondergrondse jongens hun posten hadden bezet, was er nog geen vuiltje aan,de lucht. Het was zo stil zelfs dat de meeste burgers dan ook die avond vroeg te bed lagen, als compensatie aan ds onrust van de: nachten ervoor. Het zal ongeveer elf uur geweest zijn, toen de wacht aan de dijk, een stil afdrijvende boot bemerkte. T e.r hoogte van de "onderdij k" sloeg plctseling de motor aan on kwam het gevaarte zacht tuffend recht op onze dijk aangestoomd. Er cntstond verwarring in de bevelen der dienstdoende makkers van "schieten" en "niet schieten". Niettemin, eer men er op bedacht was, kwam er een handgranaat over do dijk suizen, wat consternatie tawoeg bracht in de ondergrondse gelederen. Kort daarna sloeg alles op de vlucht. Sluipend over de grond trokken een tiental moffen de dijk over en begonnen de eerste huizen binnen te dringen, .joegen do overrommelde burgers in nachtgewaad de straat op en staken de boel in brand. In korte tijd stonden reeds een 5 a: 6 huizon in lichterlaaie. En voort trekken de duivels, steeds verder, van huis tot huis. (Tlerkujaardig is het te vermelden hoo zij te werk gingen.


Bij de ecrsto woningen maar zij begonnen maren, namen zij oen aantal burgers gevangen on gelastten die midden op de dijk met hen meer op to trokken naar ieder volgend huis. Zelf slopen ze als katten langs da dijkglooilngon om gedekt to blijven bij eventuole tegenstand, welke echter niet kw.am. Zo ging het' voort, met recht als een lopend vuurtje. Tron zij onze buurt naderden, was het ongeveer half ttuaalf. De maan oias inmiddels opgekomen en er stond eon 'zeer straffe wind uit het oosten, do branden aanmerkelijk bevorderend. In onze buurt stonden nogal veol huizon en tamelijk :dicht op elkaar. Hier mas oen meesterstuk van 'den roode Haan" te maken, 'n grote houtzagerij met kniess a'l c- houtlcodson .on een daarbij gelegen grote, hooischuur, een kasteel van een woonhuis en daaromheen gelegen 'nog een stuk of '6 flinke woningen, mot schuren. Sommigen met rieten dak'en zblfa. Toen de eerste moffen mijn huis naderden, lag ik nog rustig to bcsd. Nergens van gehoord cf' gez'icn. Een 'vriend van me (onderduiker) , die do laatste nacht'cn geregeld bij me ha'd geslapen, werd- het eerst tuakkor en waarschuwde me, "Er is iets gaande",zai hij. (Yleteen werd er al op' de voordeur gehonsd, on. klonk er een stem: "Schnell, aufon die Tühr". In onze on—., derkloren snelden wc naar benedon, in dn haast nog wat kleren grijpend van kapstokken on haken. Toon we door de achterdeur in onze tuin kwamen, keken wc reeds in de vlammenzee van onze juurlui. .'t Geluid van knetterend vuur, geroep, gehuil van kinderen, varkens, kakelende kippen, overstemde de zoevende nostenwind, die inmiddels tot een st^rm was aangewakkerd, en ontzettende vonkenregens kilometers ver verspreidde, üjannecr we niet telkens elkanders ruggen e'n schouders afklopton, stonden in de kortste koron onze klexon ook nog in brand. Af en toe hoarde je boven alles u i t _ g e w e r e n knallen,

-g-


(Vqrmocdelijk van do moffon, om do schrik or in te houdon, mocht zich tegenstand voordoen). Ik h e b jaren galcdon oons 'n film gezien "Brand aan do IDolga". Dien bewuste nacht kwam hij me levendig voor ogen. Zo zagen wij onzo bezittingen, onze herinneringen, meedogenloos in vlammen opgaan. Een klein, toch merkwaardig voorval is hier nog bij te v o e g o n. Ulij hadden in ons huis een kanarie in 'n kooitje. Daar in die nacht, niemand die aan het beestje heeft gedacht. Toon iuo echter des andoron daag's droevig op do puinhopen van onze voormalige woning stonden t o kijken, of er nog iets redbaar was, huppelde daar vrolijk onze piet. Hij liet zich heel gemakkelijk vangen. Hoe was 't mogelijk dat dit diertje uit zijn gesloten koel mas gevlucht. Niemand had 'm eruit gelaten. Tenminste door iemand onzer familieleden niet. E v e n later, bij v e r d e r rondzien, on dekt c ik op de plaats u/aar voorheen de zijdeur had gezeten van ons huis, het kanarie-koritje. Staande naast de stoop. Totaal ongeschonden. Nee, toch niet. Het drinkbakje, uiclkc van porselein was, lag er in twee stukken naast. De gehele z i j muur van r n z e moning, mas over hot kooitje hoen getuimeld, zonder hot to raken, doch slechts 'n steen was terug gesprongen in do val, precies togen het porseleinen bakje. Zodoende ontstond or een opening, almaar d o - a n g s t i g opgcslotene had kunnen rntsnappcn. fïli j n •conclusie is neg steeds, dat een der brandstichters ons huis nog heeft dooriopcn v ö b r h e t geheel in lichte laaie stond..Een medelijdend hart (mol diep verscholen onder een SS verniclings-troepen-borst), opwellend, ondanks, heeft hot beestje met kooitje on al doen oppakken on buiten zotten, naast de stoop van do zijdeur. Hoe bestaat het? Die nacht zijn or niet minder dan 43 huizen en gebouwen totaal in as gelogd. Ulondor boven wonder geen mensen verbrand. UJcl varkons on paarden.

-10-


CafĂŠ Mercus in Afferden, waar de gemobiliseerde Nederlandse soldaten maar wal graag vertoefden.

In het achtergedeelte van Hotel â&#x20AC;&#x17E;Juliana" in Druten, dat ook lange tijd als distributiekantoor dienst deed, was de offlcierscantine. Toen prins Bernhard in maart 1940 de troepen kwam inspecteren, moest er natuurlijk een plaatje worden geschoten.


In de verdedigingsvesting Maas & Waal werden velt kazematten gebouwd. Hier is er een in aanbouw in Altforst bij de farn. Klippen aan de Kerkstraat. Het gevaarte is voor de helft de grond in gewerkt en staat er nu nog. Altforst's bakker, Sjaak Sanders, kijkt toe.

De vestiging werd gedeeltelijk onder water gezet. Hier een foto, gemaakt vanuit de toren van de R. K. Kerk in Alt-

forst, welke op uu andere foto is te zien. Ook de bekisting langs de straat

Is nog zichtbaar.


E n i g e - d a g e n na deze ramp kwamen de geallieerde troepen ons dorp bezetten. Voor ons helaas te laat. Zij bestookten gedurende de eerste dagen de mitrailleurnesten aan de overzij der rivier met granaten. Veel invloed had dit evenmei op dP moffen niet. Blijkbaar trokken zij zich van oen inslaande granaat evenveel aan als mij van het blaffen van een hond. Verschillende keren heb ik het gezien, hoe zij rustig liepen van de woning van een boerderij .naar de • tien motor verdergelegon schuur, terwijl een paar honderd nieten van het erf je de granaten kon zien uiteenspatten. De twee o drie opvolgende moken na de brand gebeurde er niet veel. Alleen do Engslsche artillerie zond bijna elke dag een behoorlijk portie granaten van achter uit cns dorp naar de overzij der UJ a a l. l/an enige tegenstand hoorden me of zagen we niets. Toch zijn er enkele malen bij nacht pogingen door de Duitschers gedaan om daar de inmiddels aangelegde versterkingen der Engelschen aan de dijk heen te breken. Dit merd, met enkele gewonden., afgeslagen. Eindelijk kwam * p 1 n o v e m b e r het luel steeds verwachte gevaar voor ons: "Granaten vanaf de overkant". De allereerste maren reeds gevallen. Daags tevoren en 's nachts in Druten en Leeuwen (Boven), welke echter alleen schade aan de huizen berokkende, maar bij ons eischten de eerste die er vielen al diroct slachtoffers. Dat was Allerheiligen, des namiddags ongeveer half drie. Een doffe slag klonk er aan de overzij der Waal.en direct daarop dat aanzwellend, angstio -geluid van een aansuizende granaat. Pats.' iïlidden voor het ziekenhuis, naast de kerk. Twee kloosterzusters getrsffen (een onmiddellijke dood) en een soldaat van de B.S. Dat bracht al direct vreselijke angst voor granaten bij de bevolking in ons dorp, waar niemand de uitwerking er nou nog zo. ze«r kende.

-11.


Er vielen er dien middag nog een stuk of vijf. Echter goen verdere schade berokkenend, iïlaar van die dag af kregen u/e ze iedere dag en nacht. Onze angst nam vocrtdurend toe. Na den brand van 6 op 7 october, was ik bij mijn broer onderdak, tevens mijn v a d e r , moeder en zuster. Ulij hadden tot nog tse steeds op zolder geslapon, maar van toon af zrchten ook wij zoals ook de andere reeds gedaan hadden een nachtverblijf in do kelder. Overbevolkt als het was met 16 persenen (waarbij 5 kinderen), voelden we cns daar toch mat veiliger. De twee of drie opeenvolgende nachten daarna ujaren vreselijk. Behalve e n k T l o voltreffers in woningen u/ a a r v a n de huisgenoten in kelders sliepen, k m a'm er ook een granaat midden in een keuken terecht, almaar vijf personen hun toevlucht hadden genomen, rmrede or goen grode kelder aanwezig u/as, Dit eischte vier doden en oen zwaar gewende, 'n Moeder, 'n zoon en twee dochters vonden oen di.ad. DG vader zu/aar geu/ond aan allebei zijn voeten. Daarbij raakte het huis in brand waarmede ook «Je aangrenzende tucning in vlammen tpging. Toch waren er dien nacht maar ongeveer 25 a 30 granaten gevallen. Als men nagaat dat er ock dagen geiueest zijn van 150 tot 250 stuks en waarbij de schade tcch heel gering u/as, mot enkel een paar licht gewonden, dan was deze betreffende nacht wel oen van de ongelukkigste. De Fam. Schcots, die hier dan sok als het ware met een 'slag werd uitgeroeid, wordt dan 'tck ten diepste betreurd, (TIen kan zich nu vorrstellen hoe de angst erin zat, onder rnze dorpsgenoten, na die rampzalige nacht. (Dijn bewondering ging in die dagen het maast uit naar de Engelsene soldaten, die wij inmiddels ingekwartierd hadden gekregen. Heel gerust sliepen aeze mannen op onze bovenverdiepingen u/anneer u/ij, angstig, in onze diepe kelder lagen te luisteren, waar de granaten insliegen. Kenden die dan geen angst? Waren zij- dan enku/etsbaar?

•12-


Ik hoor nog de woorden van den sergeant 't'oen ik hem ernaar vroeg: "You neod not to be afraad. Ulhen tie. is for you, hè .gats, you.1", zei hij schouderophalGn'd. Later heb ik hier nog dikwijls aan godsent. Ds man ha'd gelijk. Twee a drie maanden later nam ik het even,] luchtig op als zij. Maar' zelden dat ik toen nog de kelder in ging manneer er volop granaten vielen, ujan't in die tcuee S drie maanden was niet eens, maar wel"twintig, dertig keren voorgekomen dat ik er zo nu en dan overdag eens plat voor in de modder moest gaan liggen en die moordende projectielen niet verder dan 10 & 12 meter van mij af ontploften. Het is gebeurd, dat ik op w.eg iuas naar een kennis v a n - m e tere/ijl er aldoor granaten vielen. Steeds dökking zoekend, 'mijn weg^ vervolgend, kwam ik. voorbij 'een huis, almaar de bewoners mij vanuit hun schuilplaats toeriepen: "Kom even binnen ...n macht 'n poosje, het is cp het' ogenblik ju'ist zo hevig." UJat onwillig gaf ik gehoor aan hun verzoek en nam ook even in. hun schuilplaats plaats. On- . geveer 10 minuten. T.ren ik echter later bij het huis van mijn vriend kwam stond deze juist de schade,, cp te nemen van twee voltreffers, vlak naast zijn voor- . deur. Die waren daar ongeveer 20 minuten geleden gqvallen, zei hij. Precies de tijd dat ik da a" r op' die plaats was geweest. Hot was dus zoals die Engelsman zei "lühen hè is for you, hè .rets youj". iïlaar deze keer was ie dus neg niet voor mij. De gehele novembermaond door dregon we ons portie. Dan weer eens hevig overdag, dan weer eens des nachts. Op eon dag (het was zonda-g) zijn we zé"'lfs met goed fatsoen nie,t kelder uit geweest. Heel den dag door z'o met tusschenpozen van 'soms een; half uur, bleven ze vallen. ^Ingeveer 260 hebben we er die dag geteld. Daag.s daarna wa;s het zeer rustig, maar de dag daarop weer een-, s.tuk of tien. Zo leefden we van den ene dag in de andere. Bij dit alles deden wij toch nog zo goed en zo kuiaad als hot ging onze gewone bezigheden.

_ -il vjT; ——


Op groot gevaar af ging ik nog naar klanten ~p aangrenzende dorpen zoal s Puiflijk, Leeuwen boven en UJamel. Vooral in dit laatste plaatsje was het niet pluis. Recht tegenover de stad Tiel gelegen, Vormde het een veelvuldig mikpunt der Duitsche Artillerie. De mooie kerk vooral moest het duchtig ontgelden. Deze alleen heeft moer dan 1OGG voltreffers gehad. Op een namiddag kwam ik langs de reeds zeer gehavende toren. Het was ~mstreeks kwart ^ver vier. Het gehele bcuwwerk stind op vallen en rustte als het ware nog met een paar brokken steen op zijn fundering. Ik ben toen vlak onder de toren donr gefietst en keek angstig cmhoog naar den hangende steenkolcm, L*"ie kwartier later hoorde ik vertellen: "De U/a me Is ch o kerktwren er ingestort.'" (3e moest die dagen steeds geluk h e b b e n , want overal IcTreJe de dood.) Eindo' november kwam or een inzinking. Er vielen er alleen ze nu en dan rins nachts nrg. [Ylaar toch niet veel. Soms drie wf vier. Dan bleef h n t daar weer tij. U a n fiien tijd af begon ik iedere daij aan te tekenen, wanneer er eens niets gebeurde. Het was toen al net, E f je er g e w e e n cp zat te wachten, dat er iets gebeurde, Een en twee december was 't prachtig weer. "Lue liegen nu al elf weken aan 't front", schreef ik 's avnnd-s in mijn boekje. Steeds nog Duitschers aan do sverzij der rivier. Ulij zaton tnen te miĂźden der Canadezen. li/at zal het met 'Kerstmis weer zijn? Verandering in de toestand? Ik wget nog, dat ik in de tweede week van november met een kennis van me een weddenschap aanging, die als volgt luidde: iĂŻlot Kerstmis waren wij bevrijd van de ff!fJFfen aan de sverzij der river. Dat stond bij dien kennis van me als een paal boven water, "UJanneer we niet met c! e Kerstdagen naar Tiel zouden kunnen gaan," zei hij, "dan verspeel ik 2CO Engelsche sigaretten aan je." Als tegen-inzat beloofde ik hom (want ik was toen die dggen reeds zo pessimistisch,

-14-


dat ik er geen ogenblik aan geloofde met de Kerstdagen.een andere toestand te hebben) een vóör-oorlogsch Kerstdinee. Het was nu zaterdag 9 december 1944. Ko begint reeds zijn weddenschap als verloren te beschouwen,, schreef ik in mijn dagboekje. Er vielen die dag 6 granaten. Vlak ie de buurt van Selissen (de kleermaker). Alleen ruitenschade, (ik schrijf hier nu verder, zoals het in mijn dagboekje vermeld staat). Zondag l G december; Rustige dag. Zonder granaten. Alles mat je ziet lopen in het dorp is militairen. De "Canadians" zijn reeds overal thuis. Ze L'jpen overdag bij iedereen binnen, Spelen met de kinderen op straat. Ga_ar. 's avonds hier en daar kaarten. Vandaag ujas er zelfs in 't concertgebouw dansen. Dit ging van de soldaten uit. Verschillende meisjes in ons dorp waren uitgenodigd en er bestond warempel nog enige belangstelling, (lilat is de mensen toch gauw zijn leed vergeten). Gisteren nog vielen er granaten, nu gaat men dansen of er totaal gean gevaar bestaat. En zo is het iedere dag. Bij al het gevaar gaat het dagelijksche leven toch neg steeds zijn gang. U/anneer er een paar dagen geen granaten gevallen zijn, vrelen we ons alsof er helemaal geen oorlog meer is. lïlaar niet zodra vallen er weer, of het jaagt je de stuipen des te erger weer op je lijf. Deze gehele week blijft het tamelijk rustig tot nu toe. Deze afgelopen nacht echter, is er iets heel vreemds ; over ons dorp heen gegaan. (Het is vandaag de 15e december). Een geluid was het ongeveer alsof er een veertig of vijftig zware bommenwerpers tamelijk laag voorbij kwamen. Langzaam, bij het passeren, ging dat geluid dan over in eem onregelmatig broddelen, klapperen, stoten; fnaar dan ontzettend zwaar. De ramen en deuren staan te trillen. Zijn dat vliegtuigen? Het was vandaag heel den dag een donkere lucht.

-15-


l/erscheidene malen heeft zich dat hevige, knettere n d e aanzwellende geluid herhaald vandaar, maar door de d ix h t b e w o l~k t e lucht konden wij niet zien wat het eigenlijk is. De Engelsche en Canadesche soldaten beweren dat het vliegende bommen zijn. l/.Vs. Verbeeld je, dat zulke dingen eens niet goed afgesteld staan en hier cok nog eens terecht zouden komen. UJanneer zo'n ding midden in het dorp neerkomt, staat er geen huis meer overeind, zeggen ze. "(Tlaar die vallen hier niet, hoor.,1 Nee, die zijn gericht n p Antwerpen, 1 " Een ander weet t o vertellen dat er bij A r n h e m een niet: i:.1 e startbaan is geopend, waar deze projectielen worden afgeschoten. Speciaal cp Londen en Antwerpen. Volgens ik zo eens in mijn atlas heb bekeken, dan komt dit laatste tame--ÂŤ lijk goed uit. -Dan 1. pen we kans, dat er nog verscheidene van die lugubere dingen hier . zul jjen passeren. Nu, als ze maar zuiver afgesteld worden en ze passeren hier maar steeds hoog ever ons heen, dan kan het goen kwaad hier. Dan laat ze maar gaan. In A n t w e r p e n en Londen moeten ze ook maar weer zien waar ze ermee blijven, lilij krijgen hi'er granaten genoeg. UJanneer er neg l/.1's bijvielen was do ramp helemaal niet meer te overzien. 24 december (zondag); Vannacht i s h r t reeds gebeurd. Er viel zb'n vliegende bom in. Altforst, een (dein dorpje, vijf kilometer hier vandaan. Ongeveer 100 met-er verwijderd van een paar boerderijen die totaal in elkaar lagen. Uionder brven wonHor geen slachtoffers. In cns dorp hier en daar ruiten ercit. 'Er wordt ook verteld dat er een in UJannel gevallen is. Tusschen boerderijen in. 20 Stuks vee zijn er gedToti. Enkele menschen zwaar gewond. Een kennis van me, een arm gebroken. Toch . J geen. doden, 25 de.cember. Kerstmis; "Wrede op aarde aan de menschen van goede wil.1" UJat klinkt dat eigenaardig als je aan een front ligt.

-16-


Er is vandaag een gróót Kerstdinee gegeven voor Eng. Militairen in het concert-gebouw. V . 1 ' s komen er steeds meer over. lïleest in de morgenstond beginnen ze. -Vanmorgen in alle 'vroegte . van de Kerstnacht passeerden er reeds enkela. Het is iedere keer een geruststelling als je toa>rt dat ze voorbij zijn. 26 december. Hde Kerstdag; Vandaag was Prins Bernherd in ons dorp. Z: maar rnveruiachts kwam de Prins met nog enige offici'eren in zijn auto door onze straat. De menschen en kinderen en soldaten van de B.S. wuifden en riepen "hoera". Plotseling' voor een restaurant stepte de auto. Direct eon oploop.van volk en er werden vaderlandsche liedjes gezongen. De Prins groette vriendelijk en wuifde terug. Daarna gingen zij binnen en bestelden een maaltijd. Hl a n n e e r zo iets in normalen tijd in ons rustige dorpje tuas voorgevallen, zou de hemel te klein geweest zijn. Nu echter namen ui e het als de gewoonst/e zaak ter wereld op, "Prins Bernhard is in ons dorp. Hij dineert bij Juriè'ns, café-restaurant "het Hoekje". De oorlng met zijn spannende gebeurtenissen maakt de anders zo sensationele dingen als gewone dagelijksche. Tijdens de uren riet Z.K.Hoogheid in ons midden vertoefde vielen er nog enkele V.1's in de omgeving. Veel zijn er vandaag overgekomen. De lucht iuas zeer helder, zodat we ze duidelijk konden zien gaan. Ze lijken op een jachtvliegtuig met zeer korte vleugels.. Een verraderlijke vlam achter uit zijn staart, maakt het moordtuig in zekere zin schrikwekkend. Bij nacht en in 't donker ziet men ze al van verre aankomen. Wanneer de lucht heel dun bewolkt is verraadt een lichte plek in het wolkendek waar het manster zich b e v i n d t , want op het geluid is dit niet te bepalen bijna. Zodra "iit cp zijn hevigst is, zijn ze reeds een heel eind gepasseerd. Dit k. e w i j s t de ontzaglijke snelheid die het heeft.

•-17 —


31 december. Oudejaarsdag; Het is prachtig weer vandaag, iïlaar glad op straat. V a n morgen is er een Engelsche legarauto in de gracht gereden, bij Van lïlook. De uiagen kantelde en kwam met de wielen hrog in het water terecht. Van de *;!ƒ inzittenden kwam er slechts 6êr\ ..zwaargewond uit. Vier.jonge soldaten lieten hierbij hot laven. 'Acn het front, zo ziot men, sneuvelt toch niet iedereen door het oorlGgsgeweld. Onvoorzichtig rijden bij gladheid komt ook in normale tijd voor. Toch lijkt het nu veel jammerlijkor.' Eigenaardig toch.' . 1 Januari 1945: 'Het'nieuwG jaar begint met prachtig weer. Gek is hst feitelijk dat nu juist het weer je zo opvalt. Ulanneer de zon schijnt lijkt alles lang zo sombor niet. Hot doet voor het moment ds gsvaren vergeten. Tach word je er alwoor aan herinnerd. Vanmorgen in allo v r o o g t o viol er alweer 'n V,1 precies aan do overkant van de UJaal. Bij onze overbuurman en ook bij onszelf op de binnenplaats rinkelden ds ruiten eruit. Nu blijkt wel hooi duidelijk dat die 1',1's niet zuiver afgesteld kunnen worden. Zo komen zelfs nok tusschen de Duitsche stollingen terecht aan dan overkant. Dat zal nog wat geven als er niet gauw verandering in de tjcstand komt, Tot nu toe zijn vrijwel de meeste nogal wat ver uit do buurt gevaltben. f/laar blijft dat 2^7'Als het zo door blijft gaan, komen ar hier ^ c k nog eens vlakbij neer. iïlct granaten blijft het nogal rustig de laatsto weken. (Ylaar V.1's nemon steeds toe. 17 januari; Daar kregen we plots WEST granaten. Vanaf half docember hebben wo or geen last meer van gehad. Het look al zo'n beotjc of we hier voorgoed vanaf waren. Er werd soms al ocns vertold dat de Duitschcrs goen g c - r schut moer hadden, daar aan don overkant, «laar vandaag bleek hot toch anders, iïlidden o^> het kerkplein kwam er oen terecht. Een meisje van 10 jaar ' onmiddellijk dood. Twee jongens van 18 on 19 jaar zwaar ge-


wond. Een ervan was bij mij in dienst. Precies om half twee stuurde ik hom weg om een boodschap te doen. Tien minuten voor ttuec hoorden we plots twee scherpe knallen. .Inslag.' Alles vloog de kolder in. Al was het ruimt een maand geleden dat zoiets had plaatsgehad, maar al te goed kende iedereen, zowel kinderen als groten, de scherpe knal van oen inslaande granaat. Dag en nacht bulderen hier do Eng. kanonnen die overal en elders in het dorp staan opgesteld. Iedere mi~ nuut van do dag worden hier mortieren afgeschoten (-met een terugslaande doffe knal) zodat de ono explosie als het ware op do andere volgt. Doch iedereen is hier zo langzamerhand aan gewend geraakt, zodat het bijkans door do meestDn niet aens moor geheord wordt, iïlaar niet zodra komt er een granaat van de oovorkant of alle oren spitsen zich. "Dat is inslag, naar de kolder jongens. Er vallen granaten," De jeugd is er als het ware. in gctraird. Opvallend voel kinderen zijn er dagelijks r p straat (school is er niet) Alles ligt vol militairen, iïlaar toch sneuvelen er bij dit alles weinig kinderen. Ulannoer ik op zo : n dat, als vandaag zo ocns do dorpsstraat overzie en al het drukke militairo gedoe van tanks, carriers, vrachtauto's (leog on vol met srldaton)„ hot geloop van do soldaten van on naar do verschillende keukens en daar tussendoor talrijke burgers en kinderen dan aan m'n oog zie voorbijgaan, lijkt het me nog als een wonder dat een enkele dode on 'n pnar gewonden te vermelden zijn, bij zo plotseling vallende granaten. Het hadden er evengoed vijftig of honderd kunnen zijn. Otto Dorks (een dor twee zwaargewonden) was een knochtje van me. Hij kreeg een scherf door zijn buik, ligt in het ziekenhuis on zijn toestand is zeer bedenkelijk. Het meisje dat sneuvelde was een zusje van hem. Weer oen dag van ellende en ramp. Vandaag zijn er ook nog enkele U.1|s avcrgokomen, doch geen enkclo in do buurt gevallen.

-19-


Gisteren echter was het ernstiger. Er kwam een vliegende bom zo rakelings over ons dak heen, dat u/e niet anders dachten dan die neemt huis en al mee. Het geluid is geiuoonujeg niet te beschrijven. Ik kan zoiets nergens mee vergelijken. Het gaat door merg en been. Honderd zware bommenwerpers rakelings over je dak zouden zo cngeveer hetzelfde geluid weergeven. 11)e kunnen ons allemaal goed indenken, het aanzwellende geronk van een naderend, laagvliegend vliegtuig, iïlaar bij een naderende, laag vliegende I/.1 is dit aanzwellen nog geheel anders, Veel angstaanjagender. Deze V.1 van gisteren- dan scheerde over «ns huis en ever al de andere in onee dorpsstraat, zwenkte (o wonder) precies tusschen de kerk en de molen door en kwam netjes even buiten het dorp in een boomgaard terecht. Overal pannen van de daken en ruiten eruit. Waar het had best ook nog anders kunnen uitvallen en menschenlevens kunnen kosten. 24 januari: Er is veel sneeuw gevallen deze afgelopen week en het wintert tamelijk streng. V/olgens de laatste radioberichten hebben de Russen een geweldig groot offensief ingezet. Naar verluid zijn ze nog slechts 150 km. van Berlijn. Zou een en ander geen i n v l c e d hebben op het front hier ter plaatse? Ik wou dat die Russen nog maar een beetje harder opschoten zodat ze die Moffen hier aan de overzijde ook maar verdrevon. Het staat ons )p 't rmment gelijk wie de overwinning haalt, als wij dat gespuis maar kwijtraken, UJe zullen er toch wel eens 'n eind van zien dunkt me. Soms twijfel je er werkelijk aan, of die lïlof wel coit verslagen wordt. De laatste dagen is de U. 1 weer toegenomen. Ondanks sneeuw en koude; want we hadden ons al illusies gemaakt dat deze weersgesteldheid 'n stagnatie zou zijn. fflaar het schijnt oan niet. Er vielen er hier weer in den omgeving, nl. bij het Pakhuis in Leeuwen (Boven), Een in de Veesteeg en in' de Waal een.

-20-.


Gevangen genomen Nederlandse soldaten werden soms per goederentrein, soms per boot (Rijnaak) naar Duitsland vervoerd. Hier een niet eerder gepubliceerde foto van troepenverplaatsing op een Rijnaak op de Waal bij de gedeeltelijk ingestorte spoorbrug bij Nijmegen. De foto is - clandestien overigens - gemaakt vanuit het toenmalige ijkkantoor in Nijmegen.

Maas & Waal was in mei 1940 een verdedigingslinie. Om de burgers tijdig in veiligheid te brengen, lag in het oude gedeelte van de Maas nabij de Blauwe Sluis, waar nu de grote campings liggen, een aantal schepen gereed om de burgers uit enkele dorpen te evacueren naar de provincie Zeeland. De schepen kwamen - achteraf gelukkig - niet verder dan Papendrecht. Hier een foto van de inscheping, waarbij op de voorgrond de bekende - inmiddels overleden meester Elemans uit Altforst.


Het klooster aan de dijk in Leeuwen, het St. Jozefgestlcht genoemd, heeft het in de oorlogs winter zwaar te verduren gehad.

De titels onder de foto's zeggen voldoende.


Bergharen is niet getroffen door beschietingen vanuit de bezette Betuwe. Toch is ook dit dorp niet geheel aan oorlogsverwoestingen ontkomen. Er vielen diverse vliegende bommen, die aan vele hulzen schade aanbrachten. De twee foto's tonen niettemin toch een door granaten getroffen woning. De ene - zonder kerktoren - is een tekening van de Engelse soldaat J. LemlnÂŁ, die het in oktober 1944 getroffen pand tekende. Het tragische bij deze granaatinslag was, dat de granaten afkomstig waren van Engels artilleriegeschut, dat in het Winssense veld was opgesteld. De soldaten hadden te veel aan de whisky gezeten en schoten de verkeerde kant op. Een Engelse soldaat, die tegenover de woning op de hoek van de Dorpsstraat en de Molenweg op wacht stond, werd daarbij gedood.

Ook Boven-Leeuwen bleef niet gespaard van inslaande granaten en vliegende bommen. Hier een beeld van getroffen woningen in de Bernhardstraat ? op 24 Januari 1945.


De R.K. Kerk van Wamei was vaak het doelwit van de artillerie van de Duitsers vanuit de Betuwe. Deze prachtige kerk werd zo vaak getroffen, dat aan herstel niet meer viel te denken. Niettemin heeft het nog enorme moeite gekost de ruĂŻne af te breken. Dif is geschied door de 'a. J. van Heek uit Alphen.


Ontzettend veel pannen van da daken en ruiten stuk. Doch alweer gelukkig geen doden. Ulat dat betreft valt het met die V.1 nogal dikwijls mee. MateriĂŤle schade tel je haast niet meer. Als je een mooi landhuisje ziet (tenminste wat voorheen 'n mooi uias )met alle pannen eraf en de ruiten eruit, dan zeg je gewoonweg "de bewoners leven nog", en de rest is van geen belang, 4 Februari; Slecht weer, regenachtig. Deze week veel V.1's gehad. Van donderdag op vrijdagnacht vielen er 5 & 6 in de nabijheid. Een in de achterstraat bij 'n boer, A. Sengers, Deze vliegende bom hoorde ik aankomen. Ik lag, zoals gewoonlijk, wakker on luisterde niet zonder angst naar het passeren der verscheidene V.1's. Plotseling een aanzwellend geluid, als van een laag naderend vliegtuig. Vliegensvlug ging ik plat naast mijn bed tegen de muur liggen, (ik uias de enige die nog op de gewone boneden-verdieping sliep, de anderen lagen allen in de kelder). Een helsch licht flikkerde plots door- de kamer; daarop, een ontzettende explosie waarbij alle ramen open vlogen. Het hele huis schudde alsof het van de grond getild werd. Hier en daar rinkelde glas, vermoedelijk bij de buren want na onderzoek bleek bij ons geen enkele ruit stuk. Dit kwam hoofdzakelijk doordat de ramen in ons huis draaiend waren, enu/el naar binnen zowel als naar buiten. Steeds hielden wij dezo in losstaande stand, zodat bij do talrijke explosies herhaaldelijk de ramen openvlagen, maar heel bleven. De laatstgenoemde V.1 was naast 'n boerderij terecht gekomen. Deze lag tctaal plafe voor de grond, met nog twee andere huizen vlak in de buurt. 5 Koeien en 1 paard maren er gedood. Wonderlijk wel weer geen menschenlĂŠvens. Deze kwamen uit de kelder met de schrik vrij.t Dienzelfden nacht viel er nog een V.1 bij de boterfabriek te Dreumel. Alles in de naaste omgeving plat.

-21-


Doch ook geen doden of gewonden. Erger \\ias het echter in Deest. Daar viel er een nacht tevoren een op 'n klooster. Een voltreffer. Ontzettend.' 8 Zusters en 4 andere inwonen'den gedood. Aan het Russische front" gaat hot geweldig. Nog 60 km. van Berlijn. Zou het nu hier nog niet merkbaar zijn. waarom zijn die Duitschers nog ?c fanatieR om die l/liege.ndc Bommen te .blijven lanceren? Zien zij nu nog een overwinning in dit alles? UJaarom moeten wij hier zolang in die ellende zitten? Zondag 11 februari. Deze. afgelopen ujoek a l ui e e r volop V. 1 ' s. In Deest meer t ui e e gevallen. (Daar krijgen ze ook hun portie. Een viel er in 't open veld, maar de andere kwam midden op een grote boerderij terecht. 9 fflenschen dood en 20 stuks vee. Huis en schuren totaal vernield, l/erder viol er oen in lUamel. Ook al., 'n voltreffer. Op de klompenfabriel? van de Biercan. Het woonhuis totaal in elkaar. 3 Slachtoffers; man, vrouw en zoon. l/resel-ijk is het.' (Het dit alles neemt do angst voor de vliegende bommen mot het uur toe. Hier in Leeuwen viel er een bij Balvers, op Den Koldert (net even buiten 't dorp). Een nog in Druten, bij de steenfabriek, flllemaal ruiten en pannenschade. Ook,verscheidenen vielen er in het veld. Donderdagnacht 15 februari kwamen er, onder hevig granaatvuur weer Duitschers ouer de LUaal. Tusschen LUamel en Leeuwen. Het was een geweldig kanongebulder, inslag dichtbij, dan weor veraf, mitrailleurgeratel enz. Des anderen daags 's morgens hoorden we. vertellen "Tu/ee soldaten van de B.S. hebben ze meegenomen vannacht en bovendien zijn er 3 of 4 Canadezen zwaargewond." Diezelfde avond was er weer dansen in 't concert gebouw. Eigenaardig. Daar schijnen die moffen blijkbaar op te loeren. Al eens dikwijlder is het gebeurd dat juist iedere keer, de nacht, na zo'n dansavond, een patrouilletocht der Duitschers in-

-22-


hield. (Schijnbaar wordt er dus. steeds nog geseind.) Vrijdagnacht kregen we mortieren midden in het dorp. Overal tusschen de huizen -toch geheel geen schade berokkenend. V.1's vallen er zoveel de laatste dagen dat het bijna geen uithouden meer is. Het lijkt ujel of ze speciaal op deze umgeving afgesteld zijn. Hoelang moet dat zo nog duren? Komt daar nog een eind aan? U)e ujeten het niet. Niomand meet het. Afwachten.' lïloed houden.' Zondag 18 februari; Weeï een week voorbij. De 22ste oorlcgsweek. Twee en twintig weken aan het front. Als we zo eens onze yedachten terug laten gaan, dan moeten we ook erkennen, dat de tijd bij al deze snelle opeenvolgende gebeurtenissen cmvliegt, maar wanneer komt het einde in 't zicht van dit alles? manneer zijn we uit. al dit gevaar? Dok deze week was het weer ontzettend met de V.1. Er waren dagen bij dat ze met 5 a 6 tegelijk rverkuiamen. Deze week is Howard iïlarshall vertrokken. (Hij is 'nEngelach scldaat dio sinds oen week of drie bij ons is ingekwartierd.) Hij gaat weer vcor 'n dag of 14 naar "het Eiland"; zo noemen zij de Betuwé, Andere t roepen komen dan weer terug in ons dorp. Zo wisselen zij voortdurend. Heel dikwijls gebeurd het dat er enkele van hun niet terug keren van het zg. "eiland", of ook omgekeerd, dat er ook wel eens sommige niet meer van hfer vertrekken; het is daar front maar ook hier. Het water is ontzettend hoog; in de lüaal zowel als in de Maas. Groot g,evaar van doorbraak is niet uitgesloten. Verbeeld je, dat er z£'n V.1 precies op een dijk terecht komt. Dat moet er nog bijkomen. Watersnood.' Dan is de ramp niet rneer te Lverzien. ' Vrijdag was het prachtig weer. Doch nu weer regen. Slecht voor de rivier. Zo raken w e « h e t hoge water 'niet kwijt. Hoelang zullen wij deze toestand nog houden? Ulat zal er nog allemaal gebeuren. ledere dag loert de dood. Het is of er aan dit alles geen eind meer komt.

-23-


25 februari; UJeer een ui eek voorbij on nog steeds dezelfde toestand. Voel \l. 1 ' s. Vooral des nachts, l/an zaterdag op zondagnacht vielen er 6 £ 7 hier in de omgeving. Dien nacht kwam er zelfs een laag, met stilstaande motor, over ons huis, Duidelijk hoorden wij het snuivende geluid door do lucht en zagen wij de langen, achteruit laaie n d e - v l a m docr 'n raam voorbij gaan. Iets vreselijks was dat. Wonderlijk zuieefde het monster n r g door tot even buiten ons dorp. Ongeveer 'n minuut later kwam do explosie waarbij onze ramen wodero'm voor do zuveelsto maal .dien nacht cpenvlogen. Er zijn dien nacht ook nog granaten gevallen. Op het ogenblik is er een geweldige brand tuaar te nemen van de stad f iel. Reeds andarhalven dag '-is het een cnonderbroke_-n vuurgloed daar met geweldige rookzuilen in do* lucht. Bij av;ond en dos nachts hangt er een rode gloed boven de stad; overdag bij eon beetje westenwind, komen verschroeide stukken papier, hier en daar in ons dorp neer. Op sommige zijn nog letters te lezen van verschillende firma's en zaken uit Tiel. Naar aanleiding hiervan kunnen u/ij enigszins b o palen'maar de brand in de stad LU o e d t. E e rgis t.erennacht hebben me een buitengemeen hevig artillerie duel meegemaakt. Het leek wel c f we er allemaal aan moesten. Granaten suisden van beide kanten, zo talrijk, of de lucrold verging. Het water in de Waal valt gelukkig goed LU e g. (Vanavond bij de nieuwe verwisselde troepen, was er een reuze pianist bij juriëns) Vanmorgen pannen np het dak weer g^ed gelegd. Er Icaren er gelukkig geen kaprt. fïlaar hoelang nog? Gaan ze er.deze wcak allemaal af? Op het ogenblik is het u/eer slecht. Regen en wind. De afgelopen week was het zo prach.tig. In don nacht van 26 op 27 februari viel er 'n l/,'t naast het kltoster in Leeuwen Boven. Alles- in 't gebouw lag omver en overhoop. Geen ruit meer erin en geen deur meer die paste. De meesten waren finaal

-24-


in splinters. De gehele achtergevel) lag ap.- LUonder

boveh monder geen doden* Slechts enkele gewonden. Op het ogenblik komen'dL3 V.1's met 5 a 6 tegelijk r v e r. Horen en zien'vergaat. Het is verschrikkelijk. Gisterenmiddag kwam er een met een feilen knal midden i n d e lilaal terecht. Kwamen ze daar maar allemaal in terecht. Twee vielen 1 er' in 't veld. UJ e zitten ;er dus, met recht, weer aardig tusschen in. Hoelang staat de boel hier nog overeind? UJe' zijn nu ock eens gauw aan de beurt, "Junkt me. Ook vallen er weer vol.op granaten. M a a n d a g m o r g e n bij Loefsn 2 blindgangers in de kamer. Een vrouw met 4 kinderen zaten er aan de tafel.'Een granaat ging in do hoek van de kamer door de muur; een vlak naast de tafel door de vloDr. O, louter geluk.' Toevallig 2 blindgangers, Slechts één ervan had maar behoeven ta ontploffen on er waren misschien vijf doden te betreuren geweest. Dat noemen ze boffen. Do boft als 'je twee granaten door je huis krijgt- en het zijn blindgangers J De laatste dagen hebben de moffen weer een nieuwe knelling erbij bedacht voor ons, UJe krijgen zo nu en dan hagelbuien van mitrailleur'kogels0Hoelang leven we nog? Er is nog geen verbetering te zien in de toestand. Zou ik nog eens ooit in do Kaag kamen? Zou ik ze daar allemaal nog ooit eens terug zien? Hoe zou het daar eigenlijk zijn? Zouden ze allemaal nog leven? Niemand van de jongens opgepikt zijn en naar Dyitschland gevoerd? Hoe kan het toch .allemaal zover komen? 2B februari; Er viel vandaag weer een V. 1 v l a k t i j de steenfabriek, aan de overzijde van -de Ulaal. Ook weer kregen we ontzettend veel kogels. Hier midden over de straat vlogen ze, op de daken, tegen de huizen, kortom overal, 'Zaterdag 3 maart; \lanaf vrijdagmorgen, ongeveer 7 'uur, tot vandaag na den middag 2 uur geen V/,1's gehad, iïlaar nu komen ze echter weer volop. Hoelang nog? Ulaar inoet het heen?

-25-


Soms betwijfel je of er ergens op de tuereld nog plaatsen zijn waar het vrede is. 3e kunt je- haast zoiets niet meer voorstellen. V/rede. Ongehinderd op straat lopen* Geen gevaar. Geen angst. Geen slapeloze' nachten. Komt dat nog ooit? Volgens do berichten gaat het zeer goed. De geallieerden beschieten Keulen en Dusseldorf. Zouden mij nu nog geen verlichting krijgen hier? Zondag 4 maart s Er viel een V , 1 in Mogen. 5 Zwaar gewonden. Hoeveel moeten er nog vallen hier. IL'anneer komt onze beurt. Hoe zou het toch met Jan van Lent zijn, van schip "lĂŻlina". (Den 18de sept. moesten zij van de Duitschers met hun schip naar de overzijde van de U/aal. Zij mochten niet aan deze kant blijven.) Slechts 1 kilometer van cns vandaan en ze zijn verdienen sinds die tijd. Niets hebben me meer gehoord of gezien van hen, Het schip kunnen we nog mol zien liggen, wanneer wij voorzichtig eens over de dijk loeren. Het is vreselijk gehavend door voltreffers van granaten. Van de bewoners is echter geen levende ziel meer te bespeuren. Vermoedelijk zullen zij wel de B e tuwe ingetrokken zijn of op Tiel aangetrokken. Waar wat 'kan or al niet met hun allemaal gebeurd zijn. luie weet wat zij al doorstaan hebben. Het zal mij eens benieuwen of wc o l k c; a r nog eens ooit ontmoeten. Er moet toch een keer een einde ean deze ellendige toestand komen. Lang kan het niet meer duren dunkt me. Hoogstens 2 a 3 maanden. Soms betwijfel ik of we het wel allemaal cverlev.en. Iedere dag levensgevaar. Kogels, granaten en vliegende bommen. Nu is er weer een week voorbij. U/at zal de volgende rns weer brengen? Afwachten.' 5 maart ; Vannacht viel er een V. 1 in de lĂźiel. Vele ruiten stuk, pannen van do daken. Dinsdag sneuvelde er een K.P.soldaat,(Van Deur s en uit Dreumel.) Hij werd getroffen door een kogel, vanaf de overkant' der U/aal.

-26-


Midden op de Kruisstraat hier. Kun je nagaan hoe gevaarlijk het voor ons is op straat of elders buiten. Mijn zuster was vlak achter hem en hoorde de kogels langs haar henen fluiten. Amerikaansche troepen trekken Keulen binnen, zegt de radio. Op het ogenblik zijn er al plaatsen in Duitschland die volkomen bevrijd zijn. LUaar geen granaten of kogels meer vallen, UJaar geen U.1 -s cverkomen. En

mij, wij zitten hier nog aan het front. In levensgevaar, ledere dag en nacht. UJaar zullen deze komende nacht uieer U.1 's vallen? Wanneer krijgen ujij onze beurt? UJoonsdagavond 7 maart; U a n a v o n d om 6 uur viel er een U.1 achter het huis van den heer Gijsbers. Ontzettend was de uitwerking. Overal in die buurt geen pan meer op het dak, geen ruit meer erin. Zelfs binnendeuren in de huizen la.gen duiars dooreen. De v o b r d e u r van Gijsbers'huis lag ongeveer 20 meter verder aan stukken op straat. Bij ons de grote etalageruit aan de o.ostkant in splinters. Ook boven nog een grote ruit en op de slachtplaats bijna alle kleine raampjes. Aan een kant lagen alle

pannen op ons dak naar beneden in de goot geschoven. Echter geen enkele stuk. Ik heb ze met behulp van nog een buurman direct meer goed gelegd. Dat kon nog net voor 't donker, maar het leek wel of die moffen aan

de overkant van de UJaal <ons boven de dijk uit konden zien zitten, uiant op momenten regende het zo van mitrailleurkogels dat UJB af en toe plat in de dakgoot

moesten gaan liggen. Toch lijkt het me onmogelijk op die afstand (en daarbij schemerdonker) dat het van ever de rivier te zien zou zijn. Ik denk dat zij meer geschoten hebben u p de door hen v e r m o e d d e kan-

sternatie in ons dorp, bij het vallen van die U.1. Natuurlijk hebben zij gedacht dat er vuel burgers en soldaten naar die plek zich begaven, en dat was voor

hen een mooi mikpunt om in 't wilde weg mat' kogels aan te verknoeien. Een grote cploop van menschen was

er absoluut niet, daar in die buurt van Gijsbers. -27-


Ieder had genoeg met zijn eigen woning te doon om die voor den nacht u/eet u/a't op orde te brengen mat pannen en ruiten betreft. De geallieerden zijn bij Bonn over de Rijn. Het zal ms benieuwen moar zij nu het eerst naartoe trokken. Er is nog oen bijzonderheid te vermelden over rjis laatst gevallen vliegende bom (bij den He(er Gijsbers). Een stuk van die V.1 ku/am een paar minuten na de explosie bij (T); van'Lent op do Bikkelaan terecht. Ulsk naast 2 menscho.i dio op straat stonden. Zij dachten dat het een granaat was (een blindganger). Na anderzo e k bleek het een zwaar verwringen stuk ijzer te zijn, Afkomstie, v o n die U.1. Het w - â&#x20AC;˘ o g ongeveer 60 pond, (De Bikkelaan is een halve kil -meter van het huis van Gijsbers.) Zondag 11 maart; Geen l/.1's meer overgekomen, sinds gistermorgen 7 UUT. Het is vandaag een rustige zondag geweest met mooi zacht voorj-iarsweer. Soms na z^'n rustige dag lijkt het werkelijk Pf de oarlrg voorbij is, iĂŻlaar 's nachts word je er wel weer aan horinnertt. Vannacht zullen ze wel weer dik overkomen na zo'n kalme dag, 't Benieuwt me wat er deze week weer zal gebeuren, Cf we het er weer met een gebroken ruit af zullen brengen,

M3a nda g . 12 maart; De wijnfabriek is af gebrand. -.De moffen schieten brandgranaten vanaf de overkant. Er zijn vanaf zaterdagavond 6 uur tot nu toe g een l/.1's meer overgekomen. Hoe bestaat het? (maar kegels des te meer.) Deze nacht zullen ze echter wel weer dik volop passeren. In het dorp U/amel vielen racet-granaten. Een Engelschte munitie-wagen vl-~>cg in brand er% het klooster van Warnel werd getrcffen. Kogels fluiten er nog steeds veel. Daar blijven ze mee aan de gang. 3e loopt heel den dag gevaar. Twee kwamen er gisteren IJJ'DT het raam boven op zolder. *

-28-


Donderdag 15 maart; Prachtig wser. Er wordt geweldig veel geschoten. Heel den dag door regent het van kogels, vanaf 03 overkant der UJaal. Af en toe moeten do menschen achter de huizen vluchten vo'ir beschutting. Geen minuut van de dag ben je je leven zeker op straat. V a n m i d d a g werd er een Engelsche soldaat g e d o c. d door zo'n kogel (bij de luijnfabriek in de buurt). 3e loopt nergens meer veilig. IDanneer komt er toch eens 'n eind aan- al deze ellende? Vrijdag 16 maart ; Vanmorgen om 5 uur is plotseling (t et onze grote ontsteltenis) de V. 1 wederom begonnen. Ze kwamen wel niet zo talrijk. Er schijnt tcch enigszins 'n stagnatie in gekomen, te zijn. l/ermoedelijk wel in verband met.de hevigen bombardementen ;p Duitschland, Het verkeerswezen daar heeft een stevige kraak gehad. Vandaag ujas -het weer niet zo mooi. Er is minder geschoten dan andere dagen. Toch kwam er hier en daar nog eon kogeltje doorheen gevlogen. Zondag over veertien dagen is het al Paaschen, en nog geen eind in 't zicht. "Het kan wei na-zomer worden", zegt Churchil. Dat bĂźlevon we niet meer, als het zolang moet duren. Als we al die maanden nog zo mo.eten blijven zitten, tusschen al die kogels en granaten en U. 1 's, dan hebben we allang allemaal een beurt gehad. En wat zal er van over de rivier dan terecht komen? lilaar zou 3. van Lent zijn? UJat maken die wal niet allemaal mee? En in de Kaag ? Hoe zou het daar zijn? maar zouden die jongens zijn? Theo, Antoon, 3an en Arie uit 81oe~ mendaal? Zouden zij al die tijd zich schuil kunnen houden voor de moffen?*Hoe zou Dirk het maken in Alkmaar? En bij de fam. Nijasen? UJat zullen die wel allemaal naar het einde snakken. En in Ede? tUie weet wat ze daar nog. allemaal meemaken. Ik ben benieuwd wat of er zo . allemaal van terecht komt. Als wij het overleven, iĂŻloed houden. (Yloed h'ouden?'

-29-


Zondag 16_jnaart; Prachtig u>aor. Tarelijko rustige dag. Vanmorgen in alle vroegte passeerden er een paar V.1's. Iets in zuidelijke richting. Ze kamen veel minder dan eerst. Er schijnt toch een soort stagnatie in' te zijn. Van die enkele die nog overkomen gaan de meeste diep door 't zuiden. Zou du startbaan soms iets verlegr 1 zijn? Dat is ook niet onmogelijk, Wanneer ik zo< de landkaart eens bekijk on dan veronderstel'.! dat zij met die startbanen iets verder Dui-schland zijn ingegaan dan liggen wij hier in Leeuwen niet meer zo direct onder die V.1-baan, ditó op A n t w e r p e n gericht is. Zouden uu j eindelijk oe'ns 'n klein beetje verlichting krijgen? Du mitraillcurkogels komen des te: orger de laatste dagen. Vannacht was het meer dan ontzettend. Den gansenen nacht door. D r.: n meer vlakbij, dan meer ver af. Af en tce togen de muren on op de dakpannen rikketikkend. Als dat zo nog Jang door gaat vallen er nog vele slachtoffers, Luant overdag kan het je zomaar treffen. 3e moet geluk hebben. Woensdag 21 maart; Vandaag is 't lente. Het mooiste u;eer wat je je maar denken kunt. Ontzattcnd veel activiteit in do lucht van Geallieerde vliegtuigen. Twee a drie groepen van 35 kwamen hier recht over heen on gingen het noordon van t. n s land in, de rivier «ver. Zou er een offensief cp til zijn? Zou eindelijk Nocrd-Wodcrland ook eens verlost worden? En wij dan tevens van allo granaten en kogels? O, want dat is weer bar, de laatste dagen. Gisteravond violen er weer een stuk of 5 S 6 granaten, doch gelukkig zonder veel schade. Zïëven, kwart voor twaalf, passeerden er weer wat V.1's. Vier a vijf kwamen er hier weer recht over, • Dat is alweer een paar dagen geleden dat we die heerden. Vannacht zullen ze wel 'n poosje bezig blijven, met die moordtuigen. Tegenwoordig dee ik 't gordijn van do kamer waar ik plat op de vlcer slaap (tusschen

-3ü-


Het dorpje Altforst heeft alleen te lijden gehad van vliegende bommen ztoals ook In het dagboek is vermeld. Na de bevrijding verschenen ook daar, zoals in de hele omgeving er van, de Canadese tanks en legerwagens in de dorpskom. Hier een beeld op het voormalige schoolpleln, thans plein van het dorpshuis „De Uithof" en vóór de woning van de familie Janssen- Deijnen.


Druten is ook enige tijd doelwit geweest van vijandelijke granaten. Ut- toto's geven een beeld van de kapot geschoten kerktoren, waarbij i Nog twee hoektorentjes staande bleven ; 2. het gehele torengetieelte gesloopt en S. de nieuwe toren in aanbouw is.


een bekisting van vleesch in blik), heel ver open. Dan kan ik zo, vanaf mijn primitieve- slaapplaats de walgelijke lichtstaarten .(V.. 1 ' s) al in de verte aan zien komen. Lelkqnmale is 't een rustig gevrel, wanneer ik dan zie dat de volgende, na d B re n d c, de richting niet over ons hu i s heeft. 22 -maart; : iĂŻlet gen vriend van me (Henk Kolvenb.ach) ben ik van-, daag naar Nijmegen geweest. Prachtig .ujeer w-as het. Hot leek wel zomer, .zo mooi. Het ujas ontzettend druk sp de ujeg, Geweldig oorlogsmateriaal onderujog en in . . Nijmegen gezien. Verschrikkelijke zware kanonnon stonden er in Afferden on .Doest. Er,vielen op onze . .. terugweg in Leauwen- Boven vier of 5 granaten.. UJij waren juist Druten gepasseerd, toon uie ze voor ons hoorden- inslaan. Even lator kwamen we daar op de plaats. Hst tuas. juist.gebeurd op den ^penb.are weg, maar uuij ook voorbij moesten. Er stond den groepje druk te praten (burgers en soldaten). UJe vernamen dat er 3 gewonden maren. EĂŠn heel zwaar. 3e moet toch maar geluk hebben. Uiij hadden precies op die plaats des onheus kunnen zijn wanneer niet 'n kennis toevallig ons had opgehouden even voor Druten. Dat was maar een kwestie van enkele minuten. Deze avond zijn er weer 10 of 12 U.1's overgekomen. En de vorige nacht ook nog enkele met nog wat mortieren die midden in 't dnrp, doch gelukkig tusschen de huizen ontploften. Mortieren zijn niet zo gevaarlijk, als je maar binnen bent. Ze geven wel ontzaglijk veel splint.ers, maar het zijn hele kleine scherfjes. Ze gaan niet zo gauw door de muren, zoals die van granaten. UJat zal er komende nacht weer gebeuren? Zal het bij 'n paar mo-rtieren blijven? Zaterdagavond 24 maart; Hst is -.n.og stseds prachtig weer. 'n Prachtige lente dit jaar. De natuur dr.uischt tegen al het oorlogsgeweld in.-.

-31-


Er is meer e on groot offensief ingezet bij lilezol, Zou dat het laatste traject zijn? Vanmiddag weer een zes a zevental granaten. Gelukkig zonder schade. Vanavond laat passeerden weer enige U.1's. Gisterennacht kwamen er tiuee Duitschars (men- vermoe-dt Holl, SS,.) de LUaal over nafcij de steenfabriek. Zij zijn het huis van de gebroeders Van iïlau-rik binnengedrongen, Duzo twee jongens luoonds-n met nog -een zuster nog steeds in hun boerderijtje 'vlak onderaan de binnenkant van de dijk. Het is daar min of meer een eenzaam stuk, even b-uiten het dorp (tusschen Leeuu/en Beven on Druten). Wel waren- er in de nabijheid Eng. en Holl, militaire- posten en stellingen. Vermoedelijk is de wacht niet al te actief geweest. In alle geval, die.twee SS'ers zijn daar naar binnen gestapt nadat ze do deur geforceerd had.den. Eerst bevolen zij de Gobr-, v, fflaurik eten voor h^n klsér te maken. Hieraan gaven do Gebr, van (Tlaurik direct gehoor. Toen zij het gereed zetten voor 'ia twee moffen, drongen deze erop aan er eerst zelf van te eten (wantrouwend voor eventuele vergiftiging). Daarna zetten zij zich aan tafel, de geweren naast zich. De gebr. v. lïl. bleven rustig op 'n stoel tegenover hen zitten. Op 'n gegeven mement v l:. eg plotseling een van de twee broers op een van de iïloffen met een schreeuw tot zijn andere bri-er "Grijp den andere." Doch deze was blijkbaar niet ulug genoeg. Hij kreeg deze tweede mof niet zo goed te pakken als zijn brcer den andere, want deze was inmiddels met dien volgeling van Hitler cp'den grond gerold en lag in een wip boven op hem en bewerkte hem niet zachtzinnig met een groot zakmes. Doch jammerlijk mocht dit alles niet baten. De twee gebr, v. iïiaurik, die zo moedig een aanval op deze indrin-.. gcrs deden, moesten het met de dood bekopen. Die ene mof wist vliegensvlug zijn geweer te grijpen vóór dat die tweede broer hem te pakken had en terwijl, de andere SS'ar (die zich in een benarde positie bevond) schreeuwde "Schiet, schiet dan", schoot hi'j -32-


inderdaad eerst de broer in don rug, die op zijn kameraad lag, en pafte daarna de tweede brner neer. Onmiddellijk sloegen zij hierop op de vlucht. Het meisje (do zuster van de Gebr, v.iïl.) die zich van het beginne af schuil had meten te houden, kujam op het schieten te voorschijn en vond beide broers stervende. Ze heeft direct hulp gehaald, doch dit heeft niet meer mogen baten. Enige ogenblikken later maren de dappere jongens v. lïlaurik dood. In Dreumel zijn ook een dezer nachten enkele Duitschers overgekomen. Zij gingen een boerderij binnen. Toen zij er alleen koeien op stal vonden en vorder door het gehele huis geen andere levende wezens, schoten ze drie van de stomme dieren dood. Hun moordlust ujas toch iets bevredigd, (Een der dieren hadden ze door de kop geschoten. Twee ervan door 't lijf, ujat hdél wreed is). Zaterdagmiddag 24 maart; Zojuist vielen er 6 of 7 granaten. Allemaal in de kom van het dorp doch weer geen ongelukken. Er zijn veel blindgangers bij. De sabottsge schijnt toch wel groot te zijn in de Duitsche oorlcgschindustrie. Zondag 25ste maart; Niet zo'n mooi uueer op 't ogenblik. De lucht is betrokken doch ondanks dat zijn er veel vliegtuigen in de lucht, iïtaar ook veel- \l. 1 ' s. De meeste komen nu over in de morgenstond en ook gisteravond laat. Vanmorgen onveer half twaalf, plotseling 3 granaten rond de Kruisstraat. UJe zaten rustig te kaarten bij Duriè'ns. In eens 3 felle ontploffingen, lïlenschen en kinderen volop op straat. Doch wonder boven wander geen mensen getjroffen. Een granaat sloeg in bij den secretaris (onze buurman) op het dak. Ramen, vensters en pannen beschadigd, doch allen ongedeerd. Het is geiuoon 'n ujonder. Deze middag kregen we. ujeer een aardige portie kogels. Dat houdt maar niet op. Zr zie je maar uieer. Geen dag of minuut zonder levensgevaar, Hoe lang moet dat zo nog? Komt er nooit geen eind aan? Soms

-33-


twijfel je nog u/el eens of UJG nog ui e l ooit vrede krijgen. Als die maar niet komt als het te laat is„

Moeten me dan eerst allemaal sneuvelen? Nu is Noord en Zuid s T meer dan een half jaar van elkaar gescheiden. Ik ben zo benieuwd hoe of dat afloopt. Op het ogenblik dat ik hier zo zit te schrijven wordt er uieer geweldig geschoten met zwaar £•."••...'.,. „ De- ramen en deuren staan te rammelen. Straks krijgen we weer 'n stelletje van de Moffen terug. En daar dan nog ui n t l/,1 's bij en morgen op den dag weer 'n flinke portie kogels. Zo leven we maar van den ene dag in den andere, 's Avonds ga je naar bed, maar wie weet of je den andere morgen nog wel opstaat? Overdag ga je boodschappen doen, maar je weet niet of je nog wel terugkomt, l/ a n d a a g is Howard (de Eng. soldaat die bij ons. ingekwartierd is) wederom naar de Betuwe vertrokke.n. Over twaalf dagen hoopt hij ui e o r o m te kernen. Ik ben ben-icuwd of we elkaar weer terugzien. Zij kunnen daar sneuvelen, wij hier. Afwachten on moed houden. Eens komt er toch een eind, Maandagavond'26 maart; Afgelopen nacht hebben wo weer 'n kwade nacht meegemaakt. Ontzettend voel V.1 ' s, Soms 5 of 6 tegelijk. Er vielen er weer .verscheidene , doch gelukkig niet ZQ rechtstreeks in onze gemeente. V a n d a a g c p da dag was het tamelijk rustig, Vanavond echter veel kogels c Aanhoudend fluiten ze tusschon de huizen en over de daken heen. Zoeven werd Fr. van Elk (sen oude man) door zo'n kogel getroffen. De man ging even naar bui ten, stond achter zijn huis en pats, pardoos een ko-

gel in zijn zijde. Woest zo'n mof zelf nu eens uietam dat hij daar even 'n oude onschuldige man treft met zijn blindelings vuren. Zomaar lukroak. Je moet maar pech hebben. U/at zal het deze nacht weer geven? Hoe komen we weer aan de morgenstond? Slapeloos? Of voor-

goedslapend?

-34-


D i n s d a g 2 7 maart; Deze nacht ujas het ook weer raak hoor.' Geweldig veel V.1's waarvan er weer verschillende vielen hier in de omgeving. Daarbij kregen we1 nog een stelletje granaten en af en toe hagelbuien van kogelc. Doch dit alles liep alweer zonder ongelukken af. Vanavond stond ik bij DuriiĂŤns (tegenover ons) in de voordeur uiat te 'praten en plotseling hoorden ui e afschieten aan den overkant van de UJaal. En ja hoor. Daar kwamen ze aansuizen.'Drie, vier granaten tegelijk. UJij vlogen naar binnen. Voordat ui e op de keldertrap waren viel er nog een vijfde. Toen was het afgelopen. Gelukkig,kwamen ook die weer tusschen de huizen terecht. Gp het ogenblik is 't weer rustig. Heel veraf slaan aan den overkant wat granaten in. Voor de rest' is 't heel stil buiten en prachtig maanlicht. Waar wat zal het in de nanacht weer geven? Wie weet wat- er weer voor een zuiertn V.1 's klaarstaan. Behalve het andere- wat we er nog bij overhoop krijgen. Waar weer afwachten, ip goed vertrouwen. Zolang ik het maar 'steeds cp kan schrijven is er niks in den weg. UJanneer zullen we toch het einde eens hebben van deze ellendige tijd, Het gaat reuze goed aan de fronten. Ik heb een voorspelling gemaakt van -tegen eind April,, .Ik ben benieuwd of we zover komen zonder ongelukken en hoe of we er dan voorstaan. 28 maart ; Er vielen weer enkele granaten vandaag. Vorige nacht was 't weer ontzettend met de V.1. Pflaar vanavond 'is 't nog heviger. Vanaf 8 uur ongeveer komen ze om de 10 minuten over. Van de 5 eerste die overkwamen vielen sr 3 van hier in de gemeente. EĂŠn in 't open veld achter het dorp, twee in lila ma l, vrijwel allebei op dezelfde plaats. Hieruit zouden wij .opmaken dat ze hier op dit gebied zijn afgesteld. UJat zal dat vannacht weer geven als dat zo doorgaat. Daar gaat et zojuist een laag over hier. O, een . vreselijk geluid,

-35-


maar hij blijft nogal door ktaetteren. Als ze maar weer. voorbij zijn. Ik hoop dat we het o r deze nacht ook lueer'gced afbreng a n, (Haar als hot zo aan blijft houden, dan krijgen ujij v/ast ook gauw onze beurt. Dat kan niet anders. UJat esn rampzalige tijd toch eigenlijk. 3e leeft van het ene uur. in 't andere, niet wetend of je or het volgende nog ui B l bent. Vannacht zijn ur ook nog Duitschers overgekomen en zijn brutaalti'-cg 'de Bikküllaan opgestapt. Daar zijn ze bij een' huisje aan hot wenster 'geweest on trokken deze vervolgens open, waarop o.cn' van de boluoners' (oen zekere H. Kooijmans) d i u in die kamer sliep de vlucht trachtte te nemen, doch voorda't hij do deur bereikt had, schoot een der moffen, dia' inmiddels zijn geweer in de aanslag gebracht ha.rt, hem pardoes n o e r. Hierna n a m o n zij direct de benen en zijn vermoedelijk de rivier weer overgetrokken. V/a n de dienstdoende Eng. wacht ^.f van ds B. 5. had niemand iets gehoord on waren ook niet ter plaatse geweest. Met dit al zijn wij er hier, vanaf september tot nog toe steeds slechter op g e m o r d e n , als je nagaat. In 't begin haddon we last van 't overkomen van Duitschers (ten tijde van die vreselijke brand.). Dat uras al erg. Toen hiold dat eindelijk 'n beetje op maar toen kregen u/e granaten. Ontzettend v/cel iedere dag en ook 's nachts. Daarna ging d a t ook weer z o'n beetje over, m a a r toen kwam de vliegende bom.•Dat was erger weer. In 't begin d a c h t o n wa, dat die hior niet vallen zou maar teen er ook hier in de omgeving afsloegen kregen wij daar ook de volle laag van. Niet minder dan 30 zijn er hier in de naaste omgeving reeds gevallen. Toch kwam aan de U.1 's ook weer zo'n beetje een inzinking, lïlaar toen kregen we weer kogels. Dat was ook niet mis,. Het regende er soms van en overal in, 't dorp liep je gevaar. En dat bleef zo totdat we er de I/.1 en ook nog we s r granaten bij kragen. En nu daarbij ook nog weer, tot overmaat

-36--


van ramp die vervloekte mof fen-strooptochten vanaf de overkant van de Ulaal. 3e moet het ongeluk maar eens hebben om er bij in handen te vallen. De uiordt meegenomen om daarna gefusilleerd te morden als zo het je niet direct doen. Dat zie je maar aan die H. Köoymans. Hij ligt in 't ziekenhuis, maar zijn toestand is hopeloss hoerde ik. Naar men zegt heeft io meer dan één schot gehad. Maar je moet het maar treffen. Zo kunnen ze oven goed eens 'n keertje wat verder nog het dorp inkomen en brengen hier bij ons ook eens zo'n nachtelijk bezoekje. Het is te hopen dat er gauw een eind komt aan dit alles. Het wordt

nu toch wel een beetje bar. iïloed houden.' 3D maart. Goeden Vrijdag; Vanmorgenvroeg, ongeveer half acht, vielen er 'al 4

granaten. Een zoon van Guus Vermeulen werd zwaar getroffen. V a n m i d d a g ongeveer 3 uur vielen er weer 'n s t u k - o f 5. Een kwam in 't huis -van Van Ricl (t.o. café Van Oss) terecht. (Gaten in het .dak en deuren en ramen kapot, 'doch geen slachtoffers). Er zijn geen V.1's overgekomen. UJel hebben we veel kogels gehad, 31 maart. Paasch Zaterdag; Vandaag een rustige dag. Geen V. 1 ' s , geen granaten. Heel weinig kogels. Dat doet je tjood zo'n dag. Dan leef je merkelijk ui eer eens op, 1 april. Paaschen ' 1945; ' Slecht weer, veel wind. Verder tamelijk rustig 1 . Alleen in Leeuwen (boven) uias het niet zo rustig. Daar kwamen, gepasseerde nacht, een stelletje moffen de rivier over en verbrand^ een kapitale boerderij. Alles hooischuren en een dertigtal koeien, varkens en schapen en een paar prachtige paarden,(bij Van Zoelen) 'n ramp. Bovendien stonden er op die boerderij -nog een stuk of zes Eng, tanks en carriers, die ook mee in -de vlammen opgingen. De moffen hebben hierbij nog gebruik gemaakt van panservuisten.

-37-


DG bewoners van hst huis hebbon zich nog juist op het nippertje in veiligheid kunnen stellen. 2de Paaschdag; l/anmiddag kregen we plotseling ujeer wat granaten, (om 5 uur n.m.) Ik zat rustig te lozen boven op een kamer en hoorde ze aan komer suizen. Ze sloegen ergens ('n halve kilometer van ons vandaan) in. Ik ben maar rustig door blijven lezen, til a t een verschil tegen die eerste tijd. In november toon mij die eerste granaten kregen zaten u/e angstig te rillen diep onder in de kelder. Nu blijf jo rustig boven zitten lezen als er ergens in je dorp granaten inslaan. Ik heb 't eerst nooit willen geloven, maar neusch, je ment tenslotte aan alles. Ook aan govaar. D i n s da g n a P a a sch en ; Slecht, buiig meer. l/anmorgon een hele colonne Belgen in ons dorp gehad, (die maren op doortocht), Zaterdag 7 april; Deze week ben ik in Nijmegen geiueost. In dienst bij de CÂťA.U.P. Canadian Army Vchicle Park. In de stad vallen geen granaten meer, sinds 3 weken. IMijmeqon is dus bevrijd. (Vtaar hier in Leeuwen vallen geregeld nog granaten. Fluiten nog steeds de kogels door do straten, rikketikken op de dakpannen en tegen de muren. Doch nu kan het ook niet lang meer duren en u/e zijn ook vrij van dit alles. De l/. 1 heeft reeds opgehouden. Die horen we do l a a t s e weken niet meer. Ik hoop. dat die nooit meer u/ e e r c m komt. De Engelsche en Canadezen rukken op naar Zwolle, A r n h e m wordt omsingeld. Dus de vooruitzichten zijn goed. Zondag 15 april; Iedere dag naar Nijmegen. Daar is alles rustig wat betreft granaten, iĂŻlaar hier in Leeuwen deugt 't zo af en toe niet; d e z e week vielen er weer verschillende van die ellendige projoctielen. Een houtstapel bij de Firma Salet werd in brand geschoten. Dat was dinsdag jl.

-38-


Er werden op de dijk (bij do mealfabriek) nog 1 man gedood' en 2 gemond. Vrijdagavond vielen er een stuk of drio granaten midden op straat bij de pastorie. Er uias gelukkig toevallig geen mensen in de buurt. Zaterdag vrij rustig verlopen. Alleen meer wat kogels, doch lang niet meer zoveel als voorheen. Zondag 22 april; Nog steeds zitten de moffen aan de overkant van de LUaal, Heel de uieek docr kregen mij zo nu en dan granaten. Dan meer veel, dan meor weinig. Het is^meest licht soort, (iïlen zegt"tankgranaten") H. van Gelder (schilder) merd licht gemond. Qck krijgen we nu moer een normaal portie kogels. In Nijmegen is alles zo rustig mat dat betreft. Daar hour je geen schot moer. iïlaar je mordt er bijna gek van 't geraas van alle auto's en oorlogsvoertuigen, 't Is enormj 29 april; Deze week nog steeds granaten iedere dag. Ulel niet veel. Soms 4 a 5. ffleest vallen zo de laat±e dagen vlak aan de dijk. 't Lijkt of ze niet vorder moer kunnen komen. 3 mei" Dinsdag jl. hebben me voor 't laatst granaten gehad. Maandag kregen me plotseling allemaal ons ontslag bij de C.A.U.P. 't Kamp vertrok naar Duitschland. Het einde is in zicht. Vrijdag kwam de capitulatie van 't Duitsche leger in ons land. Eindelijk dus verlost van de oorlogsgevaren, lile weten niet waar we zijn. Vrij van vliegende bommen, van granaten, van kogels. Voor hoelang?

-39-


De tekst van het dagboek van Harrie van Heertum is slechts op enkele plaatsen gewijzigd en ver-

beterd om zoveel mogelijk de gedachten weer te geven van iemand,die het barre oorlogsgebeuren van dichtbij hoeft meegemaakt o Zelfs de nog veel

gebruikte oude spelling is gehandhaafd., FOTO 's. . An,..MMM.MGB-Q.gKEN. De fotopagina's hebben ons nog al v/at moeite gekost«Vermoedelijk zijn er in die tijd

zeer

weinig foto's gemaakt en een derl er van is ook nog verloren gegaan»Vooral in 19^/^5 waren er weinigen,die een fototoestel hadden en bovendien was liet moeilijk fotorolletjes te bemachtigen en

te laten 'ontwikkelen..V/e hebben daarom -met veel dank aan hen,die foto's beschikbaar stelden- een keus moeten doen uit foto's uit de gehele streek en niet alleen uit de jaren l^kk/k^,maar ook zelfs van I9^0o:

'

Gebleken is,dat er nog andere dagboeken uit de streek zijn,welke mogelijk in de toekomst

nog

eens voor publicatie in aanmerking komen» Wij houden ons voor bruikbare stukken aanbevolen» Namens de redactie, J,v„G.

en

JoT„


tweestRomenUnรถ maas en waals trjรถschRift VOOR stReekqeschieรณems elfรถe jA&RQAnQ

-

nummec 22

-

hecfst 1975


K O N T A KT B L A D VAN

DE HISTORISCHE VERENIGING TWEESTROMENLAND

tot beoefening van de geschiedenis van het Land van Maas en Waal en het westelijk deel van het Rijk van Nijmegen

redaktie

Jan van Gelder Huub van Heiningen Johan van Os Jac.Trijsburg, ad hoc

herfst 1975 nummer 22

bij het omslag

Manneke Dinnissen met haar zoons en een loslopende "klocht kiepe" op eigen erf, Overasselt, + 1925


VERENIGINGSBESTUUR voorzitter

J. P. van Wezel, Kerkstraat 7, Alphen

Te!.: 08876- 1258 vice-voorzitter

J.A. van Gelder, Uilengat 4r Bergharen

Tel.: 08873- 1427 sekretaris

Jac. Trijsburg, Maasdijk 20 Appeltern Tel.: 08874- 1475

tweede sekretaris

J.A. Jansen. Aalsburg 17 - 60, Wijchen Tel.:08894- 3276

penningmeesteres

Me j, G.Y.M. Klabbers, Heuvel 111 Druten ToL:

tweede penningmeester

G.F. Kaiser, Hogestraat 98, Druten

Tol.: 08870- 2742 sden

J. van Dinter, Rooysestraat 23. Dreumol Tol.: 08877- 1266 H. van Leeuwen, Rooysestraat 81A Tel.: 08877 - 1257 J.P.M, van Os Houtsestraat 25 Tel.:

Draumel

Puiflijk

Mej. F.J. van Oijen, Molenstraat 54, Tel.:08879-1783 /Boven-Leeuwen

J o R, Vïsker, Van Heemstraweg 50 Tel.: 08897- 1325

***

* * * * * * * * * *** *** *** * * * * * * * * *

Beuningen

* * * * * * * * * *••* * * * *** * * * * * * * * *


bij het omslag

GEEN .KIP OP DE WEG Letterlijk genomen loopt ons geen kip meer voor de voeten, wanneer wij ons langs 's herenwegen haasten. Niettemin wordt, in figuurlijke zin, de uitdrukking "Geen kip op de weg" nog al eens gebruikt, als duidelijk gemaakt moet worden dat men ongewoon weinig verkeer op straat is tegengekomen. Feit is dat de kip als v/eggebruiker een uitgestorven grootheid is. Eenden, Kevers, Jaguars en andere geharnaste benzineslurpers hebben de race om het bezit van de openbare weg van deze verkeersdeelnemer gewonnen. Tegen andere wordt nog slag geleverd, getuige bijvoorbeeld de egels waarmee het asfalt soms lijkt bezaaid. Alleen ten aanzien van het roodwild heeft de wetgever iets geregeld. Borden met het silhouet van een ree moeten ons waarschuwen voor overstekend wild. Het voorkomen van een botsing is dan ook van wederzijds belang. De kip van het erf De loslopende "klocht kiepe" 1) van de omslagfoto, genomen in een tijd waarin legbatterijen nog niet waren uitgevonden, herinnerde ons aan een doordachte uitspraak van wijlen Frans Wolters uit Batenburg, buurtschap Lienden, die luidde: "Vaen kiepe en klaein jong hedde gekèèkel of kredde gekèèkel. „.. .en ruzie" 2). Bekender in het dïalekt van de streek tussen Maas en Waal ïs het spreekwoord "Urn kiepe en klaein jong kredde 't urste ruzie" 3), met als minder gangbare variant ' Aes ge ruzie wilt hebbe, motte schoop en kiepe haauwe" 4). U heeft zeker wel begrepen dat in deze gevallen de overeenkomst tussen kippen, schapen en kinderen gezocht moet worden in de over-

- 3


last die ze de buurlui bezorgden en de burenruzies die daarvan het gevolg waren. Deze spreekwoorden hebben thans hun letterlijke betekenis verloren; do "boermoes" 5) in de hof van onze buurman, zo daar al geen gazon is aangelegd, loopt geen gevaar meer. De kip is van het erf en zit met duizenden lotgenoten in de legbatterijcn. "H<?t leven van de biokip is rerugge' '"acht tof de al Ier simpelste vorm. Lopen is prakiisch onmogelijk. Fladderen is uitgesloten. Scharrelen in de grond is uil den boze. Warmte en kpu, zon en regen zijn onbekende begrippen, in de kale kcoïen kan de energie alleen woiden omgezet in hei pikken in eikaars Kjvon en het leggen van eieren. De e ie, ren kunnen niet worden weggestopt v/at de gewoonte is van kippen. Maar ze rollen via de hellende bodem van de kooien in een geul. Aan het einde van de dag liggen voor iedere kooi in de geul vier eieren van vier kippen. Vier eieren van gelijke vorm, van geli|k gewicht, van gelijke kleur'. Aldus Rien van den Heuvel in de Gelderlander, editie Achterhoek en Liemers., 11 oktober 1975 in een zeer lezenswaardig artikel over de kippenboer Joep Hoppenreïjs uit Duiven. Onopgemerkt zijn ze verdwenen, onze wormenzoekers, mestkrabbers en gootscharrelaars. Het "kiepevèèke" 6) op de de^ is leeg, het "klepelirtke" 7)> erheen vermolmd en het "kiepegat 8) in de deeldeur voorgoed met de schuif gesloten. Maar wat is eigenlijk verdwenen? Wel iets meer dan alleen maar een kakelende "kiepekraom' 9), bestaande uit Witte Leghorns of Barnevelders, de be-

- 4 _


kendste rassen tussen Maas en Waal van +_ 1925 tot j+^ 1950. In wezen oen belangrijk aandeel van moeder de vrouw in het agrarisch produki'ïeproces en bovendien haar financiële bijdrage aan het ekonomisch welvaren van de kleinste sociale eenheid in onze samenleving: het gez\nf dat vroeger trouwens zo klein niet was. Do kip in het huishouden Het is namelijk de vrouw geweest die in het Maas en Waalse, docfi ook elders, als een zorgzame kloek het wel en wee van de kippen 'bestierde. Zij zorgde voor een ongestoord plekje waar een broedse kip haar eieren kon uitbroeden, kweekte een toom kuikens op en behoedde ze voor rovers en moordenaars als ratten en "aeierwezels" 10), voerde zs met "rest" 11) en met wat van de maaltijden overbleef, raapte de eieren en slachtte de kippen als haar dagen na een jaar of vier geteld waren met het "hiepmes" 12) of de bijl op het blok.

i

De hoenderhof was haar trots; ze ging er groots op als h,aar kippen' lang doorlegden en geen enkele ziekte slachtoffers maakte. Voordat Barnevelders en Witte Leghorns de toon aangaven, hiejd zij ook nog Wyandotten en "leslanders" (rode en witte), Patrijsleghorns, Patrijskippen en Ierse Leghorns (witte en bruine)., ZÜverbrakels, Zwarte Leghorns en Acona's, "Uilevèère" 13), Kuifkippen en Zwarte Minorca's. Namen die de ware pluimveeliefhebber een bonte mengeling van verdwenen en bestaande rassen voor de geest toveren, maar die ons nauwelijks meer iets zeggen. Het zuiver houden van de rassen was een kunst op zich, doch de "boerekip" die het resultaat was van alle gewilde en ongewilde kruisingen moet de beste en sterkste van alle geweest zijn. Pe eieren vormden een welkome bron van inkomsten. Ze betaalde er de leveranciers mee, die er li tot 3 cent per stuk voor neertelden in de vorm van boodschappen. Ook spaarde ze er het vlees bij de slager mee uit, die, wanneer hij "deze week niet nodig" hoorde, omdat er een kip geslacht zou worden, antwoordde: "Aes ge 't mar düüt" 14). De auteur van deze uitspraak, slager Hent Witsiers uit Megen, die

- 5-


klanten in Appeltern en omgeving had, zei dan bovendien steevast: "Een kiep wor nie geslacht,, of de boer mot ziek zijn of de kiep, één vaen baeies" 15). Het moet me op deze plaats wel even van het hart dat de hamvraag ''Motte gin süüpke of een braoike?" 16) in vele gezinnen slechts een keer of drie per jaar gehoord werd. Meestal voor Pasen, Kermis en Kerstmis. In Horssen lieten verschillende mensen tegen Kerstmis de slager voor wie hij was, namelijk zij die konden rekenen op een koppel eenden, een "wüunder en 'n end" 17), gevangen in de eendenkooi van het Landgoed Horssen, indertijd het eigendom van Van Harpen Kuyper. Dat waren naast het personeel van het Huis en de pachters van de goederen, de burgemeester, de veldwachter, de pastoor, de dominee, leerkrachten van de dorpsschool etc., alles tezamen bijna het halve dorp.

Nog een ekonomisch voordeel was het, wanneer de slachtkïp haar veren Het. (Hoe aktueel klinkt dat in onze orert, die tuiten van de lof waarmee de nieuwe bruggen zijn bezongen, terwijl het Land van Maas en Waal al heel wat veren liet en verder nog zal worden kaalgeplukt). De vleugels waren zeer geschikt om er de wanmolen mee schoon te maken. Een losse veer leende zich goed voor het smeren van de klok of een enkele machine van een ambachtsman. Meer veren waren nodig voor het maken van vogelverschrikkers, aardappels die voor dat doel van alle kanten werden volgestoken met veren en die aan een touwtje en een stokje in de hof boven het kostbare zaaigoed moesten bengelen. Ook wisten kleine jongens er goed raad mee; zij speelden indiaantje met een band vol veren om het hoofd. Het overige verenpak werd later, als de voorraad flink was uitgebreid, gestoomd in een fornuispot (net niet in het water door er een bodem van een "ben" 18) halverwege klemvast in te leggen), gedroogd op een laken, om tenslotte als donsvulling verwerkt te worden in kussens en bedden. De harde puntjes van de meeste veren werden zeer zorgvuldig weggeknipt, omdat ze anders na ver-

- 6-


lojp van tijd door de stof heen zouden prikken. Eon geslachte kip kwam bijna altijd in de soep terecht. Braden was er nĂŻei bij met zuJke ouwe taaie. De haantjes mochten zelfs nog een zekere staat vpn volwassenheid bereiken, voor ze op het blok moesten sneuvelen; dan was er wat rneer aan te beleven. Het was de tijd waarin het woord "kiplekker1' nog betekenis had, zelfs een dubbele als v/e sommige oud-konsumenten mogen geloven. Soms echter waren ze in het geheel niet eetbaar, zoals aan de Blauwe Sluis bij Appeltern, wanneer de kippen zich ongans gegeten hadden in de "geffelen" 19), hot aanspoelsel van de rivier (!) de Maas na hoog water. Ze zouden daarvan een bleke lever krijgen, een leverziekte veroorzaakt door veel en eenzijdig voedsel. Hanen en Hennen

Geen monument houdt de herinnering aan deze huis-hof-en-haardgeschiedenis levend, maar in de spreektaal zijn de sporen nog te bespeuren. Naast de woorden en zinnen die ik al gebruikte, kwam ik tegen "Aes Jan mitte haone daags nao(r) de mert" 20). Dit gezegde word! bijvoorbeeld gehoord als iemand met iets komt aandragen dat reeds 3verbodig is geworden (A.B.N. "Mosterd na de maaltijd 1 '), riet spreidingsgebied van dit gezegde beperkt zich in hoofdzaak tot de Maaskant. Wanneer het vroeger Driekoningen was geworden werd gezegd: "We hcbbe wir ene haone(ge)schraeĂŻ gewonne" 21), met als betekenisverklarende variant: "De daag 's wir ene haone(ge)schraei gelaengd'1 22). Nu we al kraaiende halfweg de winter zijn gekomen, wordt het tijd de winterse omslagfoto met zijn ontbladerde bomen eens nader te bekijken. De onderstaande feiten danken we aan de speurzin van ons lid. de heer G.Rooyakkers uit Overasselt. "De foto op het omslag dateert van omstreeks 1925. De vrouw in het midden is Hanneke Dinnissen. Hanneke woonde op de Dwarsakkers (perceelsnaam) in de buurt-

- 7 -


i

schap tDe Sc..ai kul! onder Overasselt. Manneke, geb. 6 mei 1858, overleed 13 december 1952 en was gehuwd met Thccdorus fheunissen, geb.?, overleden in 19(K va1' beroep landbouwer. Ouderen kennen haar als Manneke Dinnissen, doch vroeger j-oen haar man nog teefde werd zij ook wel Manneke van Ted Theunissen genoemd. Het werkmuisie dat zij draagt is gehaaki on wo! door haar schoondochter /^nneke ThoumsscnDuigliuizen (gehuwd met ds z^on Toon, links p de foto). Zij sio'do de orginele foto vo^r pubükc»ie beschikbaar. Rochts op de f j\ i de zoon Knolis (C>rnelis). Wat de gj!> uwon belrefl is alleen het schuurtje, rechts ip de f-no, iog aanwezig. Het schuurtje op d«2 voorgrond is gesloopt ~m plaats te maken v j ^ r een champir,.unkwokorij .

Let wol even op de fracïo gr Mo schort die Manneke droogt'. V "or vele doeleinden geschikt, jo ïu.i bijvoorbeeld "de kèl de scnolk veurbaelne" 23). Me dunki dai in een huishouden waor hoi zo re • gelmatig toeging, de boer nier veel te vertellen had. In olk geval wjrden dan de volgende spreekwoorden werkelijkheid: "Ik haon ben koning in deze woning, aes ik hen nie thuis ben 2-!) en "Hij...? Hij is baos in 'i LiopGhok, aes t'n haon nie thuis is 25). Spreekwoordelijke wijshodon en. nwïjsheden, die hun omstaan danken aan een samenleving waarin het pluimvee gewoon thuishoorde zodat een ieder zag wat kïppekuren waren. Uit doze aandacht ontstond een gemeenschappelijke kennis van natuurlijke zaken, die ïn iverdrachrelï|ke zin als boerenwijsheid kon floreren. Een sterk voorbeeld luidt: ' Wcior ene goeie haon is, hoef gin hen te kraaeien". Het zal je maar gezegd zijn in het jaar van do

vrouw 26).

J .C. TRUSBURG - 8 -


Noten

1) 2)

Meegedeeld door A.W. Roelofs, Appeltern. /Vteegedeeld door J.C. Vleerning, A.ppeltern. Gebleken is dat het woordgrapje 'gekèèkel" (= gekakel en ruzie) wel in Balgoy en omgeving i pgcat, waar de au.eur (?) vandaan kwam, maar niet in de rest van de streek, jrndat daar het equivalent "gekankJ, gokaenkel of gekenkel" geen verband houdt mei gekckel .

3 -- f) Aieegedeeld door Vv'. bavolkouls - van Ooyen, Appeltern. 5) Meegedeeld do^r M. van Grinsven - de Swart, Appeltern. 'j i/rn 12) Meegedeeld door H„ Rommits - Basten, Appeliern. 11) Meegedeeld door M. van Grinsven - de Swart, Appel'ern. \A t/m l j) Juteegedoe!d door M, Remmits - Basten , .ppeltern. 17) Meegedeeld door M. van Grinsven - de Swart /»ppeltarn. 10) i1 ,eegedeeld door A.W. RoelcTs Appeltern. 19) Meegedeeld door H. Rernmits - Bosten, Appeltern. 2C) Meegedeeld door W. Sovelkruls - van Ooyen, ^.ppeltern. 21) M^eegedeeld door H. Remmïis - Basten, Appeltern. 22) ./toegedeeld door A.W. RoeloTs, Appeltern. 23) Meegedeeld door W. Savelkouls - van Ooyen, ,\ppeltern. 24) Meegedeeld door N. van Oijen, Beneden-Leeuwen. 25 -!- 26) Meegedeeld door M. van Grinsven - de Swart, /Appeltern.

***

* *

* *

* * *** * *

-f*

* * *** * *

* *

* * * * *

_ 9 _


GEMEENTEWAPENS IN

i i, , S EN W^AL (slot)

het waper van Wamel 1)

In ho! gerneentewapen van Wamel treffen we, op oen seHld van zilver,, drie nacst elkrar geplaatste kolven aan, mei her handvat aan de onderzijde. Over dil alles heen is een golvende dwarsbalk van nzuur. D^ kr~iun waarmee hei wapen wordt gedekt is van goud met drie bladeren en i wee pcnrlen. rle* wcpen is v rr Se! belangrijkste deel gelijk -TJI net geslochiswapen vrn de familie Von Balveren. Haar wapen hooft eenter in pï<-<jis ven een gjlv-ido dwarsbalk, cis symbool vjor de rivier de Wcal, twee zwane rechte dwarsbalken. De familie Van Balvere,: ncd in de 17e en 18e eeuw Li VVnrnei n >g cl w i ir> de melk \„ brokkelen. Ze had er veel beziitingen, o, c., de Lakenburgh en (J llensieyn. Regelmatig ook kor.ioa we in diverse stukken de namen ven leden van Het geslacht Van Bolveren tegen in de funktïe van arnbtrnun dijkgraaf en heemraad van Maas en Wacl. Van hun kcsteel Pollensteyn is thans helaas lieis meer te vinden d^/ch het huis de Lakenburgh is gelukkig nog in goede, z r ' h e t gewijzigde staot aanwezig.' Het huis is gelegen even ten noorden van de Vnn '-Seernstrabaan non de zuidvan Wnmel 2). het gemeentewapen,, \ rcrv^'n we geheel zi|n afgedwaald werd verleend ip 2. november 1938.

* * * * * * * * * * *

- 10


Het wapen ven Wïjchen 3)

Met schild van het gemeentewapen van W ï j c h e n is van lazuur. Als belading hierop zien we een drift koeien, bestaande uit twee beesten op een terras. Zowel ho' terras als de koeien zijn in goud. Rechts in het wapen is een boom geplaatst. Over deze boom wordt in do officiële wapenbeschrïjving echter niet gerept. De boom zal dus waarschijnlijk later zijn toegevoegd. Vermoedelijk herinnert het v/apcn aan de eertijds zo bekende veemarkten van Wïjchen. Het wcpcn heeft tenminste niets i'C maken met de bewoners ven hei kastae! van Wïjchen. Dit fraaie kasteel dat tot één der mooiste gebouwen tussen A/iaas en Waal gerekend mag worden, is in zijn tegenwoordige gedaante al ruim 350 jaar oud. Tussen 1609 en 1625 werd het kasteel gebouwd in opdracht van Dan Emanuei van Porvugal en zijn vrouw Emilia van Nassau, waarschijnlijk door een zeer ingrijpende verbouwing van een reeds bestaand kasteel 4). Behalve dit kasteel kennen we binnen de gemeente Wijchen ook nog het historisch niet onbelangrijke huis Hagert. Dit is een rernplacent uit 1906 ver» een in 1648 door de familie Singendonck gebouwd landhuis. Het ligt even ten zuiden van het kerkje ven Leur. Het goed is ook in het bezit geweest ven de families De Casembroot, Van Pal landt van Walfort en Van Leeuwen. In 1935 is hot door koop in het bazit gekomen van de familie Lepoutre die het ook thans nog bezit en bewoont 5). Het gemeentewapen is bevestigd op 20 juli 1816.

* * * * * * * * * * * - 11 -


Tabei /,:

Oorspong der gemeentewapens

gemeente

gemeentewapen afgeleid van

Appeltern Batenburg

g.w„ Van Appeltern g.w. Van Gennep?

Berghoren

gcmcGntestempel

Deuningen

Wc Rijk van Nijmegen

Dreumel

g.w. Van den Poll

Druten

g.w. \ en Druten (klejrrn omgekeex!)

Ewïjk

! 11 !il iV

hsumefi

g.\/. Vnn H ;>emen

Horssen

g.w. Van Ge l re

Overasself

l i!

Wamei

g o w. Van Bal veren

g.w. Vor. VVinssen g. w. Van Appsltern g.w. Ven Stepraedt w. Ri|k van Nijmegen

G « w « Van Schoonanburg w. Monniken St. Valéry, PiccrdiS

Wijchan

c^.w. = geslachtswapen w. = wapen

F.J. VAN CAPPELEVEEN

- 12 -


Noten 1)

afbeelding van dit gemeentawapen in Tweestromen l and, winrer 1972/73, nr. 15, blz. 17. 2) afbeelding van het Lcndhuis De Lakenburgh in deze uitgave. 3) Afbeelding van dit gemecntewapcn in Tweestromen l end, winter 1972/73, nr. 15, blz. 17. -1) A\fbeeldïng van het Kasteel-Racdhuïs Wijchen in deze uitgave, 5) Afbeeldingen van boerderij Den Hagert in deze uitgave.

*

*

*

* *

* * *

* *

*

F,.. .ILi^

VAN

*

*

**-*

Jr *

*

*

*

*

* * *

* *

Dc'R G RE l M

In het doopregister van de kerk ven Boarlo (Limburg), aanwezig in het gemeente-archief te Venlo, vond ik de volgende vermelding: "7 juni 1814 hic consuaJiter natus et baptisatus est Petrus f il rus legitimus Alardi van der Greim et Mariae Rem, confugem astiaturn Mond ie antium, pater infantis natus est in Peufelick in regi jne inier A/bsam et Wahalem, mater nata est in Loon op het Zand in de Meyerij van Sïlvaducensis". In het kort komt het hier op neer, dat op genoemde datum in Baarlo geboren en gedoopt werd Petrus, zoon van Alard(us) van der Greim en Marie Rem. De vader was geboren in Puiflijk in de streek tussen Maas en Waal en de moeder kwam uit Loon op Zand in de Meijerij van Den Bosch.

- 13 -


H xjgstwnarschijnlïjk is Ven dor Greïm een verschri|ving voor ''van de(r) Geqn, een naam die in PuïfÜjk nog steeds veel voorkomt. Hoe cieze PuifHjkenaar in Loon jp Zand en Baarlo terecht kwam, blijkt nïet uit deze doopvermelding. mogelijk heeft het iets te maken met

i et Franse leger.

/v \. ***

* *

* *

* *** *

BERGEVOET *, *

* *

* * * * *

* *

* *

* *** *

MONUMENTEN TUSSEN r/.-w.S EN WAAL (1) !n het kaüer van het Monumentenjcar '75 organiseerde onze vereniging een fotowedstrijd, waarvan het resultaat in de vorrn ven een tentoonstelling van weekeinde tot weekeinde en van dorp tot dorp rondreist, in dit nummer wil Je redcktie derhalve iets meer gegevens publiceren over enkele, eerder in dit nummer genoemde iuonumenten. Als eerste de ^ffïci'öle beschrijving van het Wijchense KasteoL Kasteel Wijchen

Omgracht kasteel, gebouwd tussen 1609 en 1625 in renaisscncevormen, wcarbfj aanzienlijke rnuurfrrgmenten van een voorgaand !aat-midde!eeuws slot werden gebruikt. In 1906 uitgebrand en vervolgens gerestaureerd door architekt F.A. Ludewig uit Nijmegen. Sinds 1933 in gebruik als gemeentehuis. Het slot bestaat uit drie vleugels, die een binnenplaats ornslui-


ten en op de hoeken uitgekraagde arkeltorentjes bezitten. De noordvleugel heeft aan de binnenplaatszijde een traptoren met een merkwaardige houten, door een lantaarn onderbroken spits rnet gezwenkte bekroning. De oostvleugel is naar de binnenplaats met een overwelfde galerij geopend. De vensters hebben geknikte en met blokken versierde ontlastingsbogen. De drie vleugels drogen hoge, leien daken, bekroond door sierlijke, door natuurstenen banden verlevendigde, schoorstenen. De binnenplaats wordt aan de zuidzijde afgesloten door een ondiep poortgebouw met rijk behandelde voorgevel, waarin een natuurstenen poortomlijsting met een borstbeeld in een aedicula geflankeerd door wapens. In het kasteel bevindt zich een natuurstenen renaissancesch&uw.

***

* *

*

* * * * * * * ' * * * *** *** * * * * * * * *

ZEVENAARS VOLKSGEBRUIK IN DRUTEN Dij de familie van de Geijn, destijds wonend Hogestraat 55-57 in Druten, handhaafde men jarenlang de volgende ceremonie: Als de aardappelen tot de laatste toe waren gerooid, vulde men een mand met de beste en versierde deze door er dahlia's in te steken, oen bloem die in die tijd van het jaar ruim voorhanden was. Dan namen twee van de kinderen de mand op en droegen die, begeleid door do moeder en de andere gezinsleden naar de vader., Gert>van de GeĂŻjn. Zij zetten de mand voor hem neer en boden hem dan de inhoud aan, onder het opzeggen van het volgende rijm:

- 15 -


Veder, hier is de pol; Hij is gewassen op het land. Het land is klein rnaar fijn. Christus is de wijnstok en wij. zijn de ranken; Als gij ons goed wat geeft, . , zullen wij U hartelijk bedanken. De vader gaf dan aan elk van de kinderen een cent. Daarna was het feest, want dan v/r s er als traktatie warme chocolademelk en waren er versa krentebollerr. Dit gebeurde in de jcren dertig. Het gebruik of een daaraan verwante plechtigheid js tussen Maas en Waal, voor zover wij weten, niet bekend. Mevrouw van de Geijn (BC jaar) vertelde ons dat zi| dit gebruik uit Zevenaar meegebrachi heeft en dat zij het weer vrn hacr rmeder heeft geleerd. Misschien bestaat deze traditie nog wel in Zevenaar :>f elders ĂŻr. de Liemers. Wie zal het zeggen?

W,A. VAN * *

* *

* * *

*

* *

* * * *

* *

OSS Jf

4

* * * *

*

* * * ' *

*

MONUMENTEN TUSSEN M.V.S EN WAAL

* *

(2)

Huis te liorssen D , jr een uitgestrekt

landschappelijk park omgeven landhuis/ in

de huidige vjrm midden ICo eeuw, opgetrokken nabij de placts wcar de funderingen van he;- middeleeuwse Huis te Horssen liggen,

Het in plcttegrjnd rechthoekige huis heeft een verdieping en een

- 16 -


De Lakenburg (2e kwart 19e eeuw), Wamel, is van oorsprong ouder De muren zijn Âą l meter dik ! De foto is rond de eeuwwisseling genomen Bewoners : Baron Van Delen, Fam. Monod de Voidevllle, Notaris Caron en thans Dokter van Hoeke. Zie blz. 10.

2. Boerderij den Hagert (1906), Wijchen. Een foto uit 1951, toen de rechterzijgevel nog ongewijzigd was. Zie blz. 10 en 24 e.v.


Vecrhui.s (18BU, Wamet De folo is van voor de Eerste Wereldoorlog. V.l.n.r. : Dienstbode Hanneke Peters en Leida Kooimans, de vrouw van cafĂŠhouder van Est, Hent en Arie Versteeg (?) en koetsier Bertus den Bieman. Kinderen v.l.n.r. Simon, Mina en Wijntje van Est De stalling verdween in 1939 voor de nieuwe veerweg en het veerhuis in september '44 door oorlogshandelingen. Zie nlz. 39 e.v.

4. R.K. Kerk te Winssen (1863 - 1938). Zie blz. 17 e.v.


omlopend schilddck met hoekschoorstenen. Vensters met zesruitsschuïfrcimen. Bordes met vier siervazen. Bouwhuis, waarschijnlijk omstreeks 1800, met zadeldak tussen puntgevels met vlechtingen. In het bouwhuis een stucplafond. Inrijhek rnet vier hardstenen hekpijlers, bekroond door Lodewijk XV-siorvazen en met smeedijzeren hekken. Beschrijving volgens de Monumentenlijst

"***

* *

* *

* * *** * *

* *

* * *** * *

* *

* *** *

NEO-GOTISCHE KERK TE _WI NSS E N In hot midden ven de 19de oeuw was de oude kerk ven Winssen ie klein geworden en deken Ciarcnbeek ]) liep rond met bouwplannen. De beste architekf uit die dagen werd erbij gehaald: Charles Weber 2) uit Roermond. In de zomer van 186G werd de oude kerk afgebroken, V/r.t nog gebruikt kon worden werd verwerkt cc r» het knstarshuis, waarvan de doel wsrd ingericht als noodkerk. De architekt berekende zi|n nieuwe kerk op 490 vierkante oliën. Op de plaats van de oude buitenmuren kwamen zwcre pilaren van het nieuwe gebouw, dat geheel van gemetselde gewelven werd voorzien. Het gemeentebestuur vond de kerk veel te hoog en te kostbaar (vanwege de gewelven) on protesteerde toen de al te voortvarende architekt- eigenmachtig de oude toren, die staan bleef, wilde veranderen. Dankzij de vasthoudendheid van het gemeentebestuur is de toren toen niet ver-ncogotiekt' .

17-


Het gebouw was al een heel eind klaar toen op de 31e januari 1861 's nachts in Leeuwen da dijk doorbrak. Het water bereikte al gauw Winssen en in de Hoek stond het water zo hoog, dat men met een boot over de doornenheggen heen kon varen. Zelfs in het vrij hoog gelegen Ewijk hcd men last van het water. De hele dijk was vol met mensen en vee en de kerk die op een hoog punt gelegen was, was één van de weinige droge plaatsen. Al het vee uit de buurt werd in de kerk gedreven en van de steigerpalen werden snel hokken gemaakt voor de beesten. Toen het water weer weg was kon de kerk worden afgebouwd en weldra konden ook de schilders beginnen. Volgens de mode van toen werd de gehele kerk van binnen beschilderd. Onder meer kwamen in het transept boven de zijaltaren ''de verheerlijking van Maria" on het wonder op de Tabor , daartegenover Je Jongeling van Ncfm en 'de dochter van Jotrus". In het middenschip kwamen 6 grote taferelen uit 'iei loven van de H, Antonius van Padua, beschermheilige der nieuwe kerk. De oude kerk was, voor deze in 1607 acn de gereformeerdon' kwam, toegwijd aan de apostelen Petrus en Paulus. In het koor \ddon de beschilderingen o.a. iot onderwerp "Jezus in de l laf ^ •> Olijven' en ds intocht in Jeruzalem '. De kerk werd ingewijd «tooi* Mg r. Ph. Deppen, leder keek zijn ogen uit op dit prachtige gebouw. Maar al spoedig kwamen de gebreken. De muren waren wel erg dik maar er was geen spouw in gemaakt en alles was met kalk gemetseld. Daardoor was de kerk erg vochtig en begon de verf af te bladderen. Later werden de muren en ook de stijlen van onder met marmer bekleed, wellicht een poging om het vocht te weren. Tot 1938 heeft de kerk, die ondermeer een prachtige oude barokke kommuniebank bezat, dienst gedaan. Toen was die weer te klein en bouwde men een nieuwe op een andere plaats.

H. VAN CAPELLEVEEN en P. HUURMAN

- 18 -


Noten 1)

Volgens L.H.C. Schutjes in zijn 'Geschiedenis van het Bisdom 's-Hertogenbosch" werd Franc, van Clarenbeek in 1833 pastoor van Winssen. De navolgende levensbeschrijving vindt men op biz. 925/26 in deer 5, St. Michielsgestel, 1876. "1833. Franc. v. Clcienbeek v. Neerbosch - dek. t 13 nov. 1873. Cfarenbeek geboren 12 jan. 1791, werd in 1813 priester en kapellaan te Leeuwen, in 1817 pastoor van Burgharen, kreeg in 1854 de dekenale waardigheid ven het district Druten, en legde dien eeivo'len last in 1Q66 af. De voortreffelijke priester bezweek bij de heerschende a'yssenterie, die in 1873 te WĂŻnsen vele s lag t offers eischte. 2) De parochiekerk van de H Arri^nius van Padua te Winssen, was de eerste die in ons werkgebied volgens een ontwerp van C. VVeber wera' gebouwd. Twee andere zijn ons bekend door her boek van Jan Kalf "De Koiholieka Kerken in Nederland", Amsterdam, 1906. Het zijn de parochiekerken ven Overasselt en Afferden Gld. â&#x20AC;˘In tegenstelling tot de kork van Winssen zijn deze twee neg intakt. De parochiekerk van de H. Antonius Abt te Overasselt werd op 10 augustus 1891 door Mgr. Godschalk gewijd. De parochiekerk van de H. Victor en Gezellen te Afferden is op 7 augustus 1903 geconsacreerd door Mgr. van de Ven.

***

* *

* *

* * *** * *

* *

* * *** * *

* *

* *** *

- 19 -


MONUMENTEN TUSSEN ./v-\AS EN WAAL (3) Kerktoren te Winssen Van do middeleeuwse parochiekerk is bewaard gebleven de 15c eeuwse- foren, opgetrokken uii baksteen en bestaande uïfr vier geledingen, waarvan de ondcrsie i wee, tufstenen banden nebben. Versieringen met rondboogrnssen en spaarvelden mei gekoppelde rondboog j es. Peschrif'ving volgens do * * * * * * * * * * * Volledigheidshalve volgt hier de beschrijving die Jan Kalf in zijn werk 'De Katholieke Kerken in Nederland" (zie vxjrgocnde blz. noot 2) jver deze t jren ^r\ de roon nog bestaande kerk gaf o,j biz. van dit werk. '19, De, p_qrociiiekerk van den H. Antonius van Pa•iua te Winsen. -Het merkw'-'örc'fgste van deze kerk is hcar toren, eenig overblijfse! der oude parrchiekerk welke de katholieken in 1799 herkregen tegen eene uitkeC'rïng van fuö', !-st., K' penningen aan de hervormden, Zij vervingen echter het oude gebouw in 1860 d or een nieuwe k^rk - volgens het jnrwerp van den architect Weber - v/elke in 1861 , gedeeltelijk

- 20 -


gereed,, in gebruik werd genomen en na hare voltooiing op 3 augustus 1863 door Mgr. Deppen is geconsacreerd. De toren, opgetrokken van groot-formaat baksteen, afwisselend met banden van tuf, is door waterlïjsten verdeeld in vier, telkens kleiner-wordende geledingen, versierd met lisenen, die door rondbogen en, in de tweede geleding, met een boogfries zijn verbonden. In hoofdzaak dagteekent hij vermoedelijk uit de dertiende eeuw. !n aansluiting bi| de nog romaansche vormen van dezen toren, ontwierp de heer Websr een boksteenkerk, van romaansch korakter, met driebeuicig schip van drie traveeën in de middenbeuk, wcarcan, door Siü^zenwechsel, zes gewelfvlakken in de zijbeuken beantwoorden, en een met een halven zeshoek gesloten priesterchoor, geflankeerd door rechthoekige zijkapellen. Op een dergelijke wijze als wij te Afferden zegen, zijn de wanden, en hier ook de pijlers, van onderen bekleed met gepolijst graniet en marmer, in het choor versierd met vergulde, ingegroefde figuren. De kerk, wier bovenvensters den vierpasvorm bezitten, is geheel rnet gebrandschilderd glas beglaasd, figurale tafereelen in verband tot het Altaarsacrament in het choor, overigens meest ornamentale grisailles. Er zijn in dït gebouw ongeveer 270 zitplaatsen".

***

* *•

* *

* * *** * *

* *

* * *** * *

* *

* *** *

- 21 -


VENLOS!:

SCHIPPER _lM

/'.PPELTERN

GESTRAND

(1903)

in jcnuarï 1908 zat do ;Vi"as bi^ Appel tern dichtgevroren, in de avond van dinsdag 7 januari begon de1 rivier te kruien en kwam ze los. Dcaibi| gebeurde in "ppehern een ongeluk: de aak Ons Genoegen' v'n de Venljse schipper J.M.H. Poulus, die daar acn de wal leg om grind te lossen,, werd ' in de grond gestoken , Mijzelf, zijn vrouw ®n huh drie kinderen hadden zi'jh dcarbij fe'ncuwerrKod kunnen redden met achteHof.ing van al hun bezittingen,, Pos drie weken lotor kon het schip met de lading - met hulp van inwoners van Appeliern •- gelicht worden» Schipper Paülüs1'werd door dii alles 'brocdoljos en diep ~-ngeiukkig' . Wat was namelijk het geval? In de eerste plaats had het schip een jaar tevoren een opknapbeurt gehad, wot de schipper ƒ600,- had gekost en waarvoor hij een lening van -".OT gulden had moeten opnemen Bovendien werd zijn schip nie'i rnoof arngonomen ïn de verzekering onidci het van hout en te ;ucl w s< Er nu het schïp boven water ge1 ,,c!d was 'niet kolossale in^pcnnHcj,. kunst- en vliegwerk, taxeerde J.!-], van Zutphen, scheepsb njv/cr uit Vreeswijk de reparatie'cosien jp 355 gulden (zie bi|lrgo). De burgemeester van eb Gemeente Appel tern, J.W„L. Tho-ns >r, trok zich het l >t ran v~n deze schipper, ' die overal iver allergunstigst bekend sraat , o r. nam k^ntakt op met zijn Venlose ambtgenoot M.B.J. van'Rijn. ' - i j stelde hem voor om In beide gemeenten een kommissie te voiTijn, die een inzameling TKCst gaan h ">uden .voor deze ' nu djodarme fanllie . Bovendien zou Pciuius een adres richten aan H,M. de Koningin en H.M. de Koningin-/''-Voeder. De burgemeester van Venlo brccit hierop het idee naar voren, ^m schipper Paulus zelf met oen intekenlijst rond te laten gaan,, doch Thomson vond dit niet zo bruikbcar, 'eerstens omdat hij (-Paulus) stokd Dcf ïs en ten anderen omdat eenige geschikte, nie' can Pau-

- 22


lus verwante ingezetenen, beter met die l ' j s t -ouden kunnen wei ken '. De kommissie in Venlo, bestaande uit de heren Smeets, H. ven Boom en Jean Nulens (br~>er van de staatsman Mgr. dr. W.H, Nolens) kon op 7 maart 525 gulden storten op een specical voor dit doel geopende rekening. De Appelternse kommissie (past'oor Lambermont, hoofd van de openbare school in Appeltern A. Smits en gemeentesekretaris R.F. van Teffelen) haalde, hoewel de burgemeester zoiets niet verwacht had, omdat hier heel weinig gegoede ingezetenen z i j n ' , het bedrog op van ƒ 102,80. Koningin Wilhelmina schonk een bedrag van 25 gulden en de Koningin-Moeder Emma nog eens 75 gulden. Met dit geld werd Paulus naar Venio gestuurd orn het daar bi|eengebrachte in ontvangst te nemen. Het gemeentebestuur daqr had ondertussen al besloten om de Ons Genoegen niet te laten opknappen, "want al wordt zij nog zoo goed gerepareerd, zal het toch steeds zwak blijven' . Korte tijd later kon de familie Paulus weer varen, echter met een niéuw schip.

M.

BERGEVOET

bijlage De ondergetekende J.H. van Zufphen scheepsbouwer Vreeswijk verklaart de schede opgenomen te hebben, van het in de Maas gezonken Aakschip, van schipper Jac. Poulus van Venlo, en thans gelicht zijnde. A,ls volgt. Voor een Nieuwe Roef Timmeren ƒ l 50.00 Reperatie aan 't Achterdek 50.00 Reperatie aan 't voordek en Bolders 15.00 Twee Hewen Repareoren 35.00 Een Nieuw Boorc! in 't schip 30,00 Het schip geheel over kalafaten 75.00 te zame ƒ355.00 Appeltern 4 Februari 1908 J.H. van Zutphen scheepsbouwer Vreeswijk

- 23 -


Gegevens Gemeente-archief Maasbommel, (correspondentie 1908; met dank aan de heer H.H.M. Banken gemeentesekretaris. Gemeente-archief Venh 1901-1920, inventaris 1895 a. Venlose Courant d.d. 11-1 en 23-2-1908,

***

* *

* *

* * *â&#x20AC;˘** * *

* *

* * *** * *

* *

* *** *

MONUMENTEN TUSSEN MAAS EN WAAL (4) Boerderii j den Hogert te Wijchen Bij gebrek aan' een beschrijving volgens de Monumentenlijst -waarop boerderij den Hagert niet voorkomt- volgt hier een fragment ven een artikel over "De Oud-Geldersche Bouwstijl" door C.L. van Balen gepubliceerd in Gelr.ĂŞ, Bijdragen en Mededeelmgen deel VHI, Arnhem, 1905, blz. 289 e. v. Het heeft betrekking op het oorspronkelijke gebauw en het, onthu] t tevens de reden waarom het pand in zijn huidige staat zo sterk aan zijn voorganger doet denken. "De boerderij "den Hagert" te Wijchen bij Nijmegen is de eenige mij bekende oud-Geldersche gevel, die niet als eind-, maar als opzetgevel behandeld is. Overal elders sluit de gevel de

24 A


hoofdkcp van hef gebouw aan eon oer uiteinden af. Hier echter is hij als eon grooi dakvcnster rechthoekig op de richting van de hoofdkap geplaatst, dus als cp'zetgsvel. De constructie is vrij eenvoudig. Vierkante, uitspringende hoekarĂŻ wisselen af met gebogen lijnen, aan de benedenhelft bol, aan de bovenhelft S-vormig.*- Krachtige rollagen onderstrepen die gebogen lijnen en metselvertwijgĂŻngen grijpen diep in het muurwerk in. De top draagt een werkelijken pinakel, met zijn voorvlak evenwijdig aan het gevelvlak geplaatst en een weinig vooruitspringend uit den muur. De uitspringende hoeken verraden ook hier hunne verwantschap met pinakels en wel doordat zij afgedekt zijn op de manier, zooals men dat in de 17de eeuw aan gebouwen van landelijk karakter ook met de werkelijke pinakels wel deed, nl. door er een stapeltje steenen piramidaal op te metselen. Dat is b.v. ook het geval aan de in deel VII (van Gelre, zie inleiding boven dit artikel, red.) in fragment afgebeelde boerderij "het Meyerink" te Le&sten. In de loop van 1904 werd mij van welingelichte zijde medegedeeld, dat "den Hagert" - het gebouw dateert kennelijk uit de, 17de eeuw - zou worden afgebroken. Later vernam ik van restauratieplannen en werden mij de daarvoor gemaakte ontwerpen toe- , gezonden met verzoek om voorlichting, opdat het karakter van het gebouw bewuard zou blijven. Ik gaf die gaarne. Nu onlangs werd mij geschreven, dat de boerderij in 1906 waarschijnlijk in den ouden stijl zal worden gerestaureerd". T Uit: Gelre, Bijdragen en Mededeelingen, deel VIII, Arnhem, 1905; "De Oud-Geldersche Bouwstijl", door C.L. van Balen, blz. 289-318. Het aangehaalde fragment staat op blz. 311-312.

***

* *

* *

* * *** * *

* *

* * *** * *

* *

* *** *

- 25 -


HET ARCHIEF VAN

HET BISDOM 's-HERTOGENBOSCH Op 28 maart 1973 verzorgde de heer drs. J.W.M. Peijnenburg, archivaris van het Archief van het Bisdom 's-Hertogenbosch. een lezing voor de Nederlandse Genealogische Vereniging, afdeling Kwartier van Nijmegen. Met zijn toestemming en met die der organiserende vereniging publiceren wij graag zijn betoog vanwege het belang ervan voor de amateur-h istor i ei in onze streek.

Mijnheer de Voorzitter, dames en heren, Uw voorzitter heeft me gevraagd, vanavond voor U iets te vertellen over het archief van het Bisdom 's-Hertogenbosch. Ik doe dat org graag; vooreerst omdat ook de kerkelijke archieven steeds rneer blijken te delen in de groeiende belangstelling voor de studie van hot verleden die elke archivaris bij zijn werk ervaart, en in de tweede plaats, omdat ik in deze stad (Nijmegen noot red.), waar ik zos jaren graag gewoond en gestudeerd heb, U iets mag vertellen over het archief van het Bossche Bisdom, dat ik nu in opdracht van onze Bisschop 2^ jaar heb beheerd. Omdat elk crchief nu eenmaal de neerslag is van een administratie, dis,hou drn ook bestuurlijk heeft gefunktĂŻoneerd, in dit gevai van een kerkeHjke administratie, die een viertal eeuwen bestaat in een gedeelte van de oude hertogdommen Brabanl en

Gelderland, lijkt het me het beste U even iets te vertellen over de geschiedenis van het Bisdom on daarna met U na te gaan, wat ons van die geschiedenis in de vorm van archivalia is overgebleven; daarbij dan speciaal de nadruk leggend op het Gelderse gedeelte van het Bisdom.

- 26 -


De geschiedenis van het Bisdom 's-Hertogenbosch begint op 12 mei 1559 met de bulle "Super universas" van Paus Paulus IV. Tevoren behoorde het overgrote deel van het nieuwe Bisdom en van het huidige NoordBrabant tot het Bisdom Luik. Eerste Bisschop werd Franciscus van der Velde, naar zijn geboorteplaats Son beter bekend als Sonnius. Op 11 maart 1561 verscheen er een tweede bulle "De statu Ecciesiarum", ditmaal van Paus Pius IV, die de grenzen van het Bisdom nader omschreef, Beide bullen, die immers werden toegestuurd aan de regering van de Nederlanden en niet can een kerkelijk bestuur, berusten in het Algemeen Rijksarchief te Brussel. Vergeleken met de huidige situatie waren sr twee geografische verschillen: het Rijk van Nijmegen en het Land van Moas en Waal en het Land van Cuyk behoorden tot het Bisdom Roermond, terwijl anderzijds wel tot het Bisdom behoorden een 15-tal parochies in de latere Zuidelijke Nederlanden, die tesamen het dekenaat Geel vormden, en waartoe o.a. behoorden Lommei, Postel en vooral Tongerloo - en om deze laatste was het begonnen - : om de Bisschop van Den Bosch een redelijk bestaan te garanderen, maakte men hem abt van de Norbertijnenabdij van Tongerloo. Er kwam veel verzet: van de zijde van het Bisdom Luik, dat de Noord-Brabantse gewesten niet graag afstond en van de Brabantse kapittels, die door een Bisschop in Den Bosch niet ten onrechte vreesden in hun oude rechten te worden beperkt. Vooral het verzet van het kapittel van St.Jan tegen Sonnius is fel geweest, terwijl het Luikse verzet vooral resultaat boekte in de heerlijkheid Ravenstein en het graafschap Megen. Men vreesde daar, dat inlijving bij het Bisdom 's-Hertogenbosch ook betekende inlijving bij het hertogdom Brabant'. Ă&#x2030;n dat verzet werd feller naarmate de oorlogstoestand tot gevolg kreeg, dat het noordelijke Brabant kwam te behoren tot de Republiek der Verenigde Nederlanden. Toch i? het pas de vrede van Munster (1648 noot red.) geweest, die de Romeinse autoriteiten bewogen heeft aan dat verlangen gehoor te geven, zodat Ravenstein en Megen in de tweede helft van de zeventiende eeuw weer tot het Bisdom Luik gingen behoren.

- 27 -


Men kan dus niet zeggen, del hei |onge Bisdom OivJ^*OEiV,:;tïn.7K'> 0^~

sternte begon, Nacst het binneokerkelijk verzet ten tijde van SO.HIIÜS kwamen daar weldra bij de troebelen in de Nederlanden met 'voortdurende tr^epenbewegingen en onrust in Noord-Brabant. Sonnius verhuisde weldra naar Antwerpen; zijn opvolger Laurens Mets(ïus), benoemd in 1570, kon maar enkele jaren rustig werken, waarvan wij ovenwei kostbare visitatieverslagen uit het Land van Heusden en Aitena hebben overgehouden. ^ .on moet zeggen, dat in feite al icon /Viasius en Zoesius in de periode 1605-1625 min of meer een normaal Bisschoppelijk bestuur konden voeren. Nicolaas Zoes werd opgevolgd

door Michaöl Ophovius, dio in 1029 Den Bosch moest verlaten. Daarmee kwam in feite een einde aan de eigenlijk pqs begonnen opbouw van het Bisdom. Officiöel omgezet in een apostolisch vicariaat is het Bisdom nooit: Rome benoemde geen bisschop meer en vanaf 1657 worden apostolische vicarissen benoemd, die in hun werk erg belemmerd waren, omdat ze niet tot bisschop gewijd waren en door de Staten-G enercal werden verhinderd zich in de Meijerïj te vestigen. Ze woonden vaak we! in

hun Bisdom - dat is de grote betekenis van het feit, dat het dekenaat Geel buiten de Republiek wns gebleven -. Die situatie heoff geduurd tot 1726 - toen stonden de Staten-Generaal toe, dat de aposiolïsche vicaris zich in Staats-Brabant vestigde. Spoedig daarna is hot dekenaat Geel 'overgegaan naar het Bisdom Antwerpen. In de 18de eeuw zijn het verder de dekens van Oïrschot, Hilvarenbeek en Schijndel geweest, die als apostolische vicarissen enigermate een normaal kerkelijk leven konden opbouwen. Men kan in feite ±eggen, dot vanaf

ongeveer 1780 de situatie die van een Bisdom weer begon te naderen. Andreas Aerts wist bescheiden te profiteren van de wat meer liberale

gedachten uit de patriottenHjd / terwijl Antonïus van Alphen dankbaar gebruik mcakte van de mogelijkheden van de Franse Revorutïe, toen de Bataafse Republiek tot stand kwarn en urtgeweken Leuvense professoren het seminarie van Heriaer stichtten. Aan de kortstondige Franse inlijving danken we de mislukte Napoleontische poging een Bisdom te

- 28 -


croören en de teruggave van de Bossche St.Jan. Onder Henricus den Dubbelden (1831-1851) ging do opbouw verder en sinds deze vicaris in 1842 tot bisschop gewijd was, verschilde de situatie alleen nog in naam van een gewoon bisdom. Zoals U weet, kwam de herstelling daarvan in 1853 en voor de komende kwarteeuw werd het Bisdom toen beheerst' (een ander woord pest niel bij het karakter van deze man) door Johannes Zwijsen, van 1853 tot 1868 ook aartsbisschop van Uitrecht. Zwijsen heeft in feite het Bisdom opgebouwd, zoals wij dat nu nog kennen. Wat ook de verschuivingen van de laatste jaren mogen gaan betekenen, voor het archief is er na 1853 voorshands geen andere caesuur aan te wijzen. Zoals gezegd, behoorden het Rijk van Nijmegen en het Land van Mass en Waal en het Land vdn Cuyk niet tot het Bisdom 's-Hertogenbosch ven 1559. Zoals U waarschijnlijk wel bekend is, behoorden Nijmegen en het Land van Maas en Waa! oudtijds kerkelijk tot het aartsbisdom Keulen en met name tot het aartsdïakonqat Xanten. Eén van de dokcnaten van dit aartsdiakonaat was Zyfflich, later vervangen door Nijmegen. Het dekenaat Nijmegen omvatte alle parochies, gelegen in het huidige Gelderse deel van het Bisdom 's-Hertogenbosch (Gelderland beneden de Waal) totdat in 1804 het Dekenaat Druten is opgericht. De invloed van het kapittel van St.Victor in Xanten was erg groot: het kapittel bezat het patronaatsrecht van verscheidene parochies, grondbezit en tienden. De verschillende St.Victorparochies °°a- Afferden, Batenburg en Warnel getuigen er nog van. Met het uit het diocees Luik afkomstige Land van Cuyk werd dit gebied ih T559 niet aan Den Bosch, maar aan het Bisdom Roermond toegevoegd. Deze kerkelijke administratie vanuit Roermond heeft natuurlijk veel moeilijkheden gekend in de tijd van de Republiek der Verenigde Nederlanden, maar is tot 1801 blijven bestaan. B!j het concordaat van 1801, gesloten tussen Pius VII en Napoleon Bonaparte,, toen le Consul van de Franse Republiek, werden alle Franse Bisdommen opgeheven, óók Luik en Roermond, die toen beide tot Frankrijk behoorden. Maar dat concordaat gold niet voor die delen

- 29 -


van beide Bisdommen, die buïion Frrnkrijk lagen én de* veren Nijmegen, Cuyk en Mnas en Weel len opzichte van Roermond,, Rcvensieïn on

Megen ten opzichte van Luïk. er ontstonden daar twee aparte viccriaten: dat van Grave voorde Bataafse delen von Roermond,, dat van Ravenstein-Mccjen vo^r de Bataafse delen van Luik. Twee vicariaten die te kijïn waren om zelfstandig levensvatbaar te zijn. die niei bij Set apostolisch vicariaat van Den Bosch hoorden, en nog minder bij de Hollandse zending. Tenslotte werden de districten op 2 |uni 1840 gevoog'd bij het '•postolisch vïcariaci van Den Bosch. Voorlopig hielden zi| een eigen bestuurder: de kruisheor Henricus vort der Velden, w*, nt de kerkelijke zelfstandigheid z?t er diep geworteld.' In 1842 nam Zwijsen f intussen co-adïutor den Dubbelden, het bestuur van de districten op zich - het wcs hem wel toevertrouwd een'einde te maken aan het verzet tegen de inlijving. Toen Zwïjsen in 1851 apostolisch vicaris van 's-Hertogenbosch werd, was de eenmaking ook de facto voltooid. Het Rijk van Nijmegen, het Land van Maas en Waal, het Lcnd van Cuyk en Ravenstein-Megen zijn sindsdien kerkelijk met het Bisdom van 's-Hertogenbosch verbonden gebleven. Wat voor archivalia heeft dit ver leden ons gel aten? In het Bisschoppelijk Archief zijn enkele hoofdonderdelen te onderscheiden. Zoals U uit het historisch overzicht wel kunt afleiden, beschouwen we aJs hoofdgroep: 1. het oud-archief voor 1853 Van de eerste bisschoppen lsf gezien de omstandigheden, nog redelijk wat bewaard. Van Sonnius,. dïe spoedig naar Antwerpen verhuisde. Is er niet veel; wel van Metsius, o. a. de reeds genoemde v ï s ï t tïeverslagen van hot Land van Neusden en Altena, die een goed bee ld geven van de l ar t-middeleeuwse kerkelijke situatie in dïe streken, korf voordat de Reformatie daar definitief de overhand kreeg. Wat Masius betreft ben ik zo gelukkig geweosi ongeveer een jaar geloden een groot deel van zijn k correspondentie terug te krijgen/ dïe in-Belgfë ïn p^rtïkulïer bezit wns verzeild. Ven Ophovïus Is nog een volledig dagboek bewaard over de periode 1629-1631, c!ai pastoor Frenken in doel )(! van do EJos-

- 3C- -


scha Bijdragen (1937-1938) heeft gepubliceerd. De periode 16481672 is nagenoeg een witte vlek in do geschiedenis van het Bossche Bisdom; de Vrede van Munster leidde in Staats-Brabant tot een algeheel verbod van uitoefening van de katholieke godsdienst. Wat gebeerde, geschiedde in het geheim en het zal U duidelijk zijn, dat rnen daarvan niet veel op papier zette. Na 1672 werd de situatie wel wat beter, maar van de apostolische vicarissen is niet veel bewaard. De eersten woonden allen buiten de Republiek en van de icctsten moet U zich voorstellen,, dat wanneer een vicaris doodging,,

de schriftelijke nalatenschap op een Brabantse boerenkar nocr zijn opvolger werd gebiacht en gezien de toestand van de wegen, zal' er

we! wat afgevallen zijn. Pas vanaf 1780 kunnen we weer van een goed archief spreken; de daden van het bestuur van het vicariaat z»p drin weer nauwkeurig geadministreerd. 1853 is dan ook voor ons iiioi zo con duidelijke grens nis b.v. voor de bisdommen Utrecht en

' Icrrlorn; hier fungeerde in feïto oen bostuur, dat niet veel verschilde ven dj normale kerkjrde, zukor niet na 1842. Bovendien is er vc,n Bissen DJI Zwijsen een prachtig cjrchïef bewaard vanaf het begin

ven zijn coadiutorschap in 1042, zocHi 1853 voor het archief niet zo een duidelijke grens vormt. Twch ïs het gezien de verdere uit-

bouw ven het Bisdom en omwille vori de Nederlandse kerkgeschiedenis als geheel duidelijk, dat hier een onderscheid is gemaakt. Interessen! is nog de geschiedenis van het archief, dat n& 1629 uit

Den Bosch verdween. Bisschop Ophovius werd n.!, wel de stcd uitgezet, maar dat gebeurde ook met egards. Hij mocht op vier wagens alles moenamen, wat in de St.Jcn en in zijn huis los h- wrikken wcs en daartoe behoren nu eenmdal ook archieven. !n België zijn deze aréhieven verspreid gerookt over het aartsbisdom Mechelen-Brussel en de Brusselse nuntiatuur. Wat in Mechelen was, is omstreeks 1960 te- " ruggokomen. Er bestaat n.l. een inventaris van de Bossche archieven, in 1734 opgemaakt op bevel vun Kardinaal d'Alsace, aartsbisschop van Mechelen, die een kleine twintig jaar geleden door Pater Polman is teruggevonden in de archieven van de Congregatie van de Prop. Fide te Rome. Zodoende weten we precies, wat er toen aan Bossche

,- 31 -


archivlL in België" was. <-4nn de hond van die ïnvontari- zijn mijn voorganger Rector Hens en de v x ï g e Mechelse archivris Kan. Tcmbuyser een ruil aangegaan , w'orbïj archivalia omtrent Geel zijn overgedragcn aan Mechelen (zij berusten nu te Antwerpen). Wat op de Brusselse nuntiatuur terecht is gekomen, is zoek. Bij inform* tie in Rome bleek daar jlleen het Brusselse nuntlatuurarchief v<-n nn 1835 te zijn en bij de wefnige stukken, die in de Franse tijd vjnuit deze nuntiatuur de weg naar het Warmondse seminarie en vondncr naar het bisschoppelijk rrchief van Hrcrlern v jnden, zijn geen stukken uit ons archief, zodat we moei-n < '-nnomcn, dat in de Fr -nse Rev ^ufie veel verdwenen is. Gezien het vermelde bij Je geschiedenis z^t het U duidelijk zijn, d it U over de tijd vóór 1801 in het archief \an het Bisdom sLchts zelden iets zult vinden over de Gelderse delen van het huïc'ic,e diocees. We hebben wel enkele handschriften: een 17o-ceuws van P tor Agolli i Augustijn "manuele missfonis Augustinice Noviomcgensis", een register betreffende het dekene <t Nijmegen 1724-1804 en een libcr decanatus Neomcgensis, dat in 1805 door deken Pater Muntjes Ö„P. is verv rardigd. Ik vermoed dot deze hrndschriften bij de overdrccnt van de AugusTinuskerk a'in de orde der Carmelieten in 1934 naar 's-Hertogenbosch zijn overgebracht. Ook is er één stuk betreffende de herstelling van de St.Stevenskerk alhier in 1585-1586.

2. Het nTeuw-^rchief sinds 1853

Het tweede hoofddeel van het bisschoppelijk archief is dus het archief van het Bisdom sinds 1853. U vindt hierin de neerslag van het bestuur, zoals dat sinds 1853 is gevoerd. De kern van dit archief zijn de bestuursbesluiten, benoemingen en beleidsbeslissingen van de bisschoppen en hun vicarissen-generooL Elke parochie heeft een eigen dossier, zodat de korrespondentie tussen het bestuur van het. Bisdom en een bepaald kerkbestuur gemakkelijk is te vinden. Omdat er vrij v^el bewaard is uit de tijd 1801-1840 kunt U in het archiefbezit ven het Bos-

- 32 -


sche Bisdom zich dus uitstekend oriönteren over de kerkelijke geschiedenis, ook van de Gelderse gebieden sinds het begin v n de 19e eeuw. Ook elke priester, die in het Bisdom werkt of gewerkt heeft, is opgenomen in een persoonsarchief. Daarnaast zult U begrijpen, dat wij aardig wat archieven hebben over c!o kerkelijke, sociale en charitatieve organisaties. Ook Jo Romeinse congregaties, de nuntictuur, hef kcpittel en de seminaries hebben in dit schema hun eigen plaats. Een aparte groep vormen dan nor, de ingekomen brieven, voorzover ze niot hun plaats hebben bij óön ven de genoemde kategorieön - ze zijn vaak moeilijk te plaatsen -. tr zijn nog altijd mensen, die ook in 1973 denken, dat de bisschop hun schuld wel kan betalen of direkt voor oo n huis zorgen. Het is dus het nog lopende archief, dat door do stormachtige ontwikkelingen van de laatste jaren in een even stomachtig tempo groeit. 0. De doop-, trouw- ert bograafregisters •Xze registers zou ik willen .onderscheiden als een derde belangrijke groc-i in ons archief; een groep, wcarvan ik vermeed c'et z- U bijzonder interesseert. Er ligt n. l, een besluit van Mgr. Mutsaers van begin 1950, waarbij de Bisschop heeft verzocht de parochislo registers Jïe in 1811/12 op de pastorieën zijn achtergebleven, can het bisschoppelijk archief in bewaring ^ geven. Op ruim 10 pastoors na, die hardnekkig in hun boosheid zijn hebben alle parochies daaraan gevolg gegeven. Het resultaat, dat Rector Hens heeft bereikt, mag er dan ook zijn: ruim tweehonderdvijftig oude registers. Van de > i meeste hiervan beschikt het Rijksarchief in Noord-Brabant over een film 0 Helaas ontbreekt mï| de tijd om klappers hierop te. maken. Hierbij dient nog vermeld te worden, dat de registers van het tiental parochies, dat sinds eeuwen bediend wordt door de Norbertijnen van Heeswijk, zich in het abdrjarchief bevinden. Wat de maer moderne registers betreft nog dit: sinds 1926 hebben de parochies de plicht om afschriften van de parochiöle registers aan het bisschoppelijk ar-

- 33 -


chief te zenden. In de laatsie oorlog, waarbij ook verschillende parochieregisters zijn verdwenen, is dit een voortreffelijk besluit gebleken, helaas moet ik sommige kerkbesturen nog al eens een verzoek sturen orn die afschriften nu eindelijk eens te zegden. Ik heb een overzicht gernoakt van de doop- trouw-en begraaf registers van de Geiderse parochies die nu in net besschoppelijk archief berusten^ (zie bijiqge) 4. Gedeponeerde archieven Tenslotte nog een enkel woord over andere archieven, die niet strikt tot het bisschoppelijk jarchief behoren, maar die wel bij ons berusten. Dat zijn allereerst twee oude middeleeuwse archieven: dat van Set Karthuizerkloostor te Vught >jn van het Pestzust^rskiooster aan do Paponhulst to 's-Hertogenbosch, Cok deze middeleeuwse kloosterarchieven zĂŻ|n na 1629 naar "hoi zuidon'' uitgeweken en zijn begin l'//1 teruggekomen in een rui! mot hef aartsbisdom Mecheien-8russol> wo beschikten n J. nog ov^r bolangrijko Zuid-Nederlandse archivalia, dio in dv, Franse tijd naar hier waren gekomen en d\^ in het sommanu van Haarsn berustten, het was oon Leuvens fonds, waarvoor rnon in Mecholon interesse had on hot gevolg is geweest, dat mijn voorgangor Roctor Hons en ik in maart 1971 oen koer de grens passeerden ,^iot niet minder dan 800 charters, die na 450 jaar naar Noord-Brabani terugkeerden c lot de archieven, die al-s oon-opart fonds verdor bij ons bewaard worden, behoren ook de archieven van het Groot-somenarie in Haaron, ^/aarvan inmiddels een gedoeito rs 'overgebracht' on dat'van hot Kloinseminario in St.Micfiielsgosto!, waarvan de overbrenging voltooid i s f . . Als laatste zou ik dan nog kunnen noemen: het archief van hot nieuw KapĂŻttol van St.Jan sinds 1858.

Ik hoop U op doze manier oon ovorzicht gegeven te hebben van wat or dus zool aan geschreven vorloden op Peperstraat 5 in Don Boscn wordt bowaard. Voor de openbaarheid golden in beginsel de rogels.. dÂť-i in Ho Archiefwet van 1S6C zijn voorzien voor de qrchiovon van de

34 -


Nederlandse overheidsinstanties, hoewel de wet strikt genomen niet voor partikuliere archieven geldt. Ik mag U echter zeggen, dat onze Bisschop en het bestuur van het Bisdom achter mijn streving staan om dit enorme Cultuurbezit, dat wij als kerk nu eenmaal geërfd hebben uit het verieder», zoveel mogelijk dienstbaar te maken aan de wetenschap van de geschiedenis en daarmee ook aan de mensen van vandaag. Ik dank U voor Uw aandacht en ben graag bereid nog op vragen Uwerzijds te antwoorden. 's-Hertogenbosch, 28 maart 1973

J. PEIJNENBURG PR. * * * * * * * * * * * * Bijlage Kerkelijke doop-, trouw- en overlijdensrügisters van de R. K. Parochies in het Gelderse gedeelte van het Bisdom 's-Hertogenbosch, barustende in het bisschoppelijk archief.

Alem

Balgoy en Keent

l

Doopsels Huwelijken

1609-1636 1609- 1623

II

Doopsels Huwelijken Overledenen Memoriale Parochiae

1690- 1817 1690- 1777 1724-1776

l

Doopsels Huwelijken

1698- 1758

1693 173616931706-

1734 1737 1734 1818 - 35 -


II

Balgoy en Keent

Doopsels Huwelijken Overledenen

Botenburg

Doopsels ' iuwelijkon Overledenen

1766- 1808 1766- 1808 (1795) 1801 - 1808

l i!

Doopsels Overledenen

1796- 1827 180C- 1852

i Joopsels ' -uweiijken

1706- 1730 (CV) 1706- 1780

! iuwelijken Overledenen

1780- 1863 1012- 1858

Doopsels

1801 - 1851 1795 - lSCl

II

Doopsels Huwelijken

1801 - 1810 1801 - 1810

I

Doopsels Huwelijken Doopsels

1673- 1707 1772 - 1724 1707- 1724

II

Doopsels Huwelijken

1725- 1754 1725- 1840

III

Doopsels

1770 - 1819

l

Doopsels Huwelijken

1756- 1865 (met hioten) 1789- 1813

Druten

- 36 -

1765 1832 . 1832 1832

III

Dreurm

Hernen en Leur

17321808 18101808-


5. Een zeldzame foto van „De Kannenmarkt", nu Maasdijk geheten, te Appeltern. Nummers en beschrijvingen zijn van pastoor Latnbermont, die In 1898 de nieuwe pastorie liet bouwen, In 1906 de waterstaatskerk (zie foto) van 1829 Het slopen vanwege de bouw van een nieuwe kerk, gereed In 1909. De Chr. School en het meestershuis onder één kap van 1835 zijn in 1907 o.l.v. dominee de Jong en meester Roest verbouwd. Waar de schepen voor de loswal liggen is de aak van schipper Paulus in 1908 verongelukt. Zie blz. 22 e.v.


6. Heerewaardense Schokker ,,Maasstro«rn ï". ,.op stroom" vissend met de ankerkuiï in een bocht van de Maas nabij De Voorn. Zlc bl/. 4H e v


II

Doopsels

1857- 1875

III

Doopsels

1874- 1905

IV

Overledenen

1842 - 1905

l

Huwelijken Doopsols

1707 - 1779 1736, 1745

I

Doopsels

1776- 1820

II

Huwelijken Doopsels

1776- 1829 1821 - 1828

Uuth

l

Doopsels huv/elïjk-n OverLcLn^n

1715 - 1802 1716- 1801 1716- 1802

A .aasbomrnel

l

Doopsels Huwelijken

1746- 1837 1813- 1C37

Ooy en Persingen

l

Doopsels Huwelijken

1805 - 1C64 1 807 - 1 864

Wame l

I

Doopsels

V760- 1836

II

Huwelijken

1765- 1836

I

Doopsels Overledenen

1797 - 1844 1799-

II

Huwelijken

1799- 1842

l

Doopsels Overledenen Huwelijken

1672- 1713 1672 - 1713 1673 - 1713

^n en

Heumcn (vóór 1799 H eumen-Malden)

Kerkdriv

Weurt

Wt jchen

- 37-


Doopsels

1672- 1751

Doopsels

1752- 1803

IV

Doopsels Huwelijken Overledenen

1803- 1831 1803- 1826 1803- 1847

l

Doopsels Overledenen Huwelijken

1722-1780 1724-1792 1723 - 1780

II

Overledenen

1792 - 1834

III

Doopsels Huwelijken

1811-1826 1811 - 1826

Wijchen

Zaltbommel

Nota: Bij het raadplegen van deze registers moet U er wel op letten, dat er ten aanzien van de registers, berustende in hef Rijksarchief te Gelderland, vaak van duplikaten sprake is, waarbij het verschillend is, waar het origineel berust. Gezien de situatie van de Katholieke Kerk in sommige gedeelten van Gelderlond (met name de Bomm^lerwaard) verdient het aandacht, dat soms dopelingen uit een verre omgeving voorkomen en dat men vcnuit Maas & Waal nogal eens de /Saas overstak ten einde de sakrainonten te ontvangen in het Land van Ravenstein en in Megen, waar de uitoefening van de Roomskatholieke godsdienst steeds vrij gebievon is*

***

- 38 -

* *

* *

* * *** * *

* *

* * *** * *

* *

* *** *


OEVERVERBINDINGEN In 1974 organiseerde de Historische Vereniging Tweestromenland een prijsvraag om artikelen betreffende de historie van oeververbindingen. De Stichting Wcalbrug bij Tiel stelde een, bedrag van ƒ 1500,- beschikbaar, bestemd voor de winnaars van deze wedstrijd. Helaas heeft de jury, bestaande uit de heren Drs.J.J.den Hoed, verbonden aan het Streekarchief Tiel-Buren-Culemborg, Dr.J.v.Dijck,, verbonden aan hot Rijksarchief in Noord-Brabant en H.v„Heiningen redakteur bij De Gelderlander editie Maas en Waal en Tiel, moeten besluiten orn geen der inzendingen te bekronen. Het resultaat was dan ook vri| pover,, ondanks het feit dat het probleem van de oeververbindingen nog steeds een zaak is die vele mensen in de streek bezig blijft houden, getuige de vele artikelen in de dagbladen, de ingezonden stukken en de aktiekomité's tot behoud van diverse veren. Wellicht is de verwachting algemeen, dat het historisch onderzoek geen resultaten zal opleveren, die de stellingname inzake de kwestie van oeververbindingen kunnen beïnvloeden. Met een spokulatio 'atacüeze1 kon scnJefj-gfien rekening worden gehouden als het om de geschiedbeoefening zelf gaat. De goede beoefenaar van de geschiedschrijving laat zich nïer voor de kar van voorstanders van bruggen of veren spannen. Hij zal eenvoudig trachten de historie voor zich te laten spreken en daar zo mogelijk zijn konklusies aan verbinden. De aktuele vraag naar de oplossing van de kwestie van het huidige isolement, kan als uitgangspunt dienen. Maar zuiverder is de verwondering over het opmerkelijk verschil in het patroon der oeververbindingen een kleine honderd jaar geleden en heden. Het is immers een feit dat het Land van Maas en Waal en het westelijk deel van het Rijk van Nijmegen honderd jaar geleden door meer

- 39 -


dan dertig veren rrier Brabant over de Maas en met de Betuwe ovei de Waai verbonden waren. Thans verbinden alleen de bruggen bij Grave en Niftrïk en de veren bi| Batenburg, Appeltern Maasbommel, Alphen (de Schans) en Alphen (Moordhuizen) ons werkgebied met hot Overmaasse, terwij! als verbindingen naar het noorden naast de Nïjmeegse brug, de Prïns-Willem-Alexanderbrug en hei Tielse voetveer bestaan. l ei feit dct de strook tussen Maas en WacJ honderd ;acr geleden mat zoveel veren hei isolement wist te doorbreken, is ontleend aan oen serie kaarten van Rijkswaterstaat. De kaarten ven de Waal dateren, tenzJi anders vermeld, uit 1871 die van de Maas uit 1873. Met de stille hoop op voortzetting van hol hisiorisch onderzoek, volgt hier een zo volledig mogelijke iifsi.

kaart 6

Groot veer van Beuningen, Runswaard en Si. Oven r«c>ar Altona, Gem ^ Valburg kaart 7 Groot veer van Beuningen, de Waardsche Dam naar Steenoven 1853, Loenen kaart 8 Voetveer van Dees', de Klok naar Steenoven 1868, Hien kaart 9 Voetveer van \fferden, Turksweerd naai de Roskam/ Doodewaard kaart 9 Voetveer ven Diufen, Veerdam nonr Vaardmanshcis, Ochton kcarf IC Voetveei v on kruien, de Kiepperhei en lf«62 naar Kerkkrib gelegd 1784, Ochten kaart 11 Voetveei van Leeuwen, het Witte Paard aan de Si rang naar Voorhuis, Uzendoorn kaart 12 Groot veer van Wamel, Vocrdam 1863 naar Tis>i i kaart 17, daterend uit 1875 van Steendr v Gebr l & H van Langenhuizen geeft G ierpont on Vloi'brug van Wamel, Veerdarn 1863 naar Tiel kaart 17 (ïd,) Voetveer van Droumel, Veerhuis N.v.Sonsbeek naar Roode molen, Zennewijncn - 40 -


kaart 18, tcb.'c.end L'It 1S79 von Sic^ncr v Gebr i £ H van Langenhuizen geeft Stoombootveer van Dreurnel, Stoombootveerhu is aan de Waaldijk bij buurtschap Oude Maasdijk . ' naar Ophcraert kaart 18 (id,)Stoombootênveer van Dreumel, Veerhuis en Steenovens Peereboom. Le Roy en C 10 , Heerewaarden naar, Varlk * * * * * * * * • * • * * * * kaart 13 Voetveer van Hecrewaardsn, waar de Dorps en Kerke Rijswaard bi| een zijs'Taat van de Hooge straat eindigt in een punt can de Maas naar hei- land grenzend aan de Beigensche Kil, Gern- Heercwcarder ever de Maas Ponteveer van Alphen, i\"ioordhuizen bij V,H.Hurk kaart 14 naar Do Veerdam, Lith Voetveer van Alphen De Arphensche Uiterwaard kaari 15 naar Nieuwe Wie! 1799, Lithoijon Voetveer van Alphen, (café van Wichcn) kaart 15 naar De Blaasbalk, Gem£ Qijer, en TeeFfelen Het Alphensche Veer van Alphen, Rijksche Sluis kaari- 15 naar De Veer Straat, Oijan kaart 15 Voetveer van Maasbommel, (Berghuizen) naar Wenseler Waardje, Otjori Voetveer van Maasbommel, Wester Blok kaart 10 naar hïoogstraat, Machoren Ponteveer van Maasbommel, (stad) kaart 16 naar Veer weg 'bij De Scheles, Megen Voetveer van Appeltern, Blaauwe Sluis kaart l ó naar De Megensche Ham, Megen Voetveer van Appehcrn, (café Verbruggen) kaart 17 naar Veerfiuis, Megen Voetveer van Appeltern, (veerhuis Plag, Spitsestraat) kaart 17 naar De Diedensche Uiterdijk, Dieden

- 41 -


kaart 18 kaart 1£ kaart 19 kaart 19 kaari 19 kaart 20 kaari 21 kaart 22

Ponteveer van Baienburg (stad) naar L"e Voor Straat, Demon Ponteveor van Niftrik de Veerweg naar Veerhuis, Ravenstoin Voetveer van Niftrik (dorp) naar De Staai, Neerloon Voetveer van Keeni de molen naar Bovenpolder 's Lands v. Ravesioin Voetveer van Oudkeent het Mertse Straa^e in de Uiterdijk ncor Aan 't Veer Gem6- Rook Pontevoer van Fori Coehoorn, fN©eJeitisSe)t, Veerhuïs naar de stad Grave Ponteveer van Overasselt, Het Maas straatje naar C1 a Groot Lindenscho Sluis, Linden Voetveer van Heumen Kasteel in de Hcurnenschc Uiterwaard naar Oe Lindensche Sluis Polders G rootLinden.

Hef zou wat voorbarit, zijn, indien aan deze droge opsomming verregaande konklusios werden verbonden. Daar is deze lijst ook niet vooi bedoeld. Duidelijk is, dat de studie van do oeververbindingen in het werkgebied van de vereniging, zowc! in ruimve ais in t i j d oen grooi veld beslaat. Dit wordt eens te meer duidelijk, wanneer U de n» volgende inzending voor do wedstrijd loost van AA. Bergevoet die de ledaktïo U beslist niot wil onmouder.

JAC. TRIJSBURG

*

*

*

***

*

*

*

42 -

* * Jc

*

*

*

*

*

*

***

*

*

*

***

*

*

*


HiT VEER DREUMEL - ZENNEWIJNEN Ligging het voetveer tussen Dreumel en Zennewijnen (Zennewaerden, Sonwerden), komen we voor het eerst tegen in )326. Het vertrok van Dreumel vanuit 'een inham of strang in de uiterwaarden (Drömelrelant) en legde aan de overkant van de rivier De Waal aan ergens tussen Zennewijnen en Ophemert (Sonwerderlant). In 1834 blijkt het veer te vertrekken van Dreumel aan de oude veerstap, om aan te komsn "aan het Zennewljnsche gemeente of de Stiftswaard tegen over de drie fïoolen" onder Zennewijnen. Mogelijk Is het voetveer in de vorige eeuw verlegd. In maart 1858 schrjjftide heer L.A.J.W. Sloet namelijk aan Baron Mackay, de toenmalige eigenaar; ' Tiel heeft edne geschiedenis gehad overeenkomende met de Uwe, Het veer werd daar voor Benige |aren verlegd. De oude veerman bleef op de oude plaats overzetten". . In elk geval vertrok kort na het begin van döze eeuw van Dreume] een voetveer vanuit de uiterwaarden, om aan de overkant aan te. leggen bij de Rode Molen tussen Zennewijnen en Ophemert. Eigenaars Dd eigenaar van het veerrecht was oorspronkelijk de graaf, later de hertog van Gelre. Deze beleende er in 1326 Lamme van Berghusen mee. De tweede belening is van 1379 aart Ludekin van /vtiddelwijck, wiens zoon Ludolf zijn vader in 1402 (en later nog in 1404 en 1415) opvolgde. Na de familie Van Middelwijck werden twee leden van het geslacht Van Zulen met het veer beleend Walraven in 1436 en Otto in 1455. Deze laatste deed liet veer over aan Johan van den Poll Segerssoon, dï.e er in 1466 mee beleend werd. Drie jaar Jater werd zijn dochter iJohanna leenvrouwe. - _ ' 11' . r '

- 43 -


Dit was mogelijk

omdat hoi voor

'ten Zutphensche rucnte

be-

leend werd, dat wil zeggen dat hot in mannelijk en vrouwelijke lijn kon vererven. Johanna van den Poll, uit het geslacht van do noren van Dreumol, was gehuwd mot Goossen van Vanck ^n het veer Dreumel-Zv-nnewijncn is in deze laatste familie gebleven toidat Philips van Vanck het In 1689 verkocht aan Frans vgn Dorth heer van Varick. Z\\n kleinzoon Zeger van den Steenhuys erfde hel veer in 1701 maar verkocht het zes jaar later aan Reinhard van Haeften. Van deze familie h Set voetveer in de vorige eeuw vercrfd op het geslacht Mackcy van Ophemert.

Tarief In ]83'4 stond koning Willem l aan de bezitster van .iet veer toe, de tarieven te veihogen. De basisprijs werd gesteld op 5 cenf per persoon per overtocht. Stond het water zo hoog, dof de veèrbaas van de dijk moest vertrekken, dan was de prijs hei dubbele. Dubbel veergeld gold ook " b i j stormwinden, wan?ver de Ophemersche koornmolen aan vier einden gezwicht is" evenals "'s nachts en na zonnenordergang '. Bi| ijsgang en een "zittende rivier" werd het tarief naar redelijkheid door het plaatselijk bestuur vastgesteld, 'zoals boven on beneden geheven wordi".

Geschiedenis /^ ogelijk hebben de eersre bezitteis van het veer DreumelZennewijnsn dit veer zelf geĂŤxploiteerd. Later echter werd her verpacht. Zo werden in 1774 Willem de Jong en Dirk van du Eyck "in compagnie, ider voor de geregte helft pachters van het veer en wel voor de t i j d van drie jaar, jaarlijks voor drie en dartig guldons vrij geit, bhjvende alle onkosten van vaartuigen etc. voor rekening van pagtoron". Werd de pachtsom niet op lijd betaald dan kon de eigenaar op staande voet het veer aan een ander verpachten. De pachters motoren het veer "bevaren en gebruyken zoals dat vanouds het geval wo$ geweest. Dit hield in dat zij het

~ 44 -


veer bij dag, avond en snagts desnoots zijnde neerstig moete waernemen, sonder twist of tweedragt te hebben". In de Franse tijd werden alle "heerlijke" rechten afgeschaft en werd dus ook het veerrecht oan de familie Van Haeften ontnomen. De veerlieden konden echter, ingevolge het Reglement op het Binnenlandsche Last-, Water-, Plaizier en Passagie-geld van 12 december 1809, een admissie van de Franse overheid krijgen om hun veren alsnog varende te houden. Nadat de Fransen vertrokken waren, werden bij Koninklijk Besluit van 24 juli 1814 no.55 alle "veeren, die van oudsher ean particulier eigendom gaweest zijn (-) aan hunne voormalige eigenaars" teruggegeven mits zij het recht van eigendom konden bewijzen. Uiteraard moest hierbij rekening gehouden worden met eerder afgesloten pachtkontrakten. Zo kwam ook de familie Van Haeften weer in hot bezil van het veer DreurrolZennewi|nen„ Waarmoe werden de mensen nu overgevaren? We vernemen hierover iets in een besluit van 25 april. 1834 no.88 van Koning Wïllem l, waarin hij aan de bezitster van het veer toestaa'i de tarieven te verhogen mof de bepaling, "dat de requosirante verpligt zal zijn, om 're zorgen dat op het veer steeds 0010 bjkwame zeïlaak en roeiboot tevens voor handen zal zijn, on hetzelve altijd door deskundige persoonen worde bediend". Bovondïen moesten de vaartuigen van tijd tot tijd gekeurd worden. Blijkbaar is dit alles lator nogal verwaterd, want ten ti|de van de opheffing in het begin van dozo eeuw (de preciese datum is niet te geven) voer de laatste "vodbaas", een caféhouder aan de dijk in Dreumel, de mensen de Waal over in een ........... roei boot je.

.

M. BERGEVOET

* * * * *

- 45 -


Bronnen

1.

2. 3. 4.

5.

Archief, afkomstig van het geslacht Mackay van Ophernert etc», berustend in het Algemeen Rijksarchief in 's-Gravenhage ïnventarïsnrs. 1213 t/rn l?ló. Registor op de Leenakienboeken van het Kwartier van Ni [negen, no.39, p. 99-10»-. Koninklijk Besluit van 2C april 1814 no.50, Kcart van de piovincie Gelderland naar de topogrgphischo en militaire kaart van hu> Ministerie van Oorlog en schetsen van de geneenten door P„ '.VVhkamp, 1866 (schaal 1:200.000 reeden) „ / \ondelinge gegevens van do lieren Van Heun t<- Ophemert, Eisen, sekretaris van c!e gemeente Dreumel en Van Rossuin, oud-sekr^taris van deze gemeente.

L11 st van personen, die me< het veer Dreumei-Zennewijnen beleend zijn geweest

Lamme van Berghusen, 1326 Ludekïn van Middelwijck !37V zijn zoon Ludolf, 1402, KO/1 1415 Wendelmoet van Middelwljck, 1408 Walraven van Zuteh, 1436 Otto van Zul en, 1455 Johan van den Poli, Segerssoon,, 1461 zijn dochïer Johanna, I4ó/1. l',73, 1481, 1486, haar zoon Goossen van Varick, 1528, 1544 z i j n zoon Cornelïs, 1553, 1557 1558 zijn zoon Goossen, 1560, 1501 1581 zijn zoon Philips, 1623 zijn zoon Cornelis 1639

- 46 -

1487 1503


Lijst van personen, die met het veer Dreumel-Zennewijnen beleend

zijn geweest (vervolg) zijn zoon Philips, 1.664, 1678. Deze verkoopt het veer aan Frans van Dorth, 1689 zijn kleinzoon Zeger van den Steenhuys, 1701. Deze verkoopt Ifiet veer aan Reinhard van Haefren, 1707 zijn zoon Walraven, 1741 diens broer Barthold, 1747 zijn zoon Jan Walraven, 1773 diens broer Reynier, 1775 in 1834 was Anna Margaretha van Haeften eigenaresse en in 1858 A.E, Baron Mackay van Ophemert * *** *

* *

* * *** * *

* *

* * *** * *

* *

* *** *

DE WATERSNOOD VAN 1926 Bij de jaarwisseling van 1975 - 1976 zal het precies 50 jaar geleden zijn, dat de MaasdĂŻjk bij Overasselt doorbrak en de rivier de Maas het hele gebied tussen Maas en Waal overstroomde. Een gedenkwaardig feit, dat het bestuur van de Historische Vereniging Tweestromen l and aanleiding heeft gegeven tot de uitgave van een geĂŻllustreerd gedenkboek. Hiervan is mededeling gedaan bij de jaarvergadering in april. Sedertdien hebben vele mensen materiaal in de vorm van foto's en verhalen jn bruikleen gegeven. Wanneer U ook een bijdrage heeft, wacht er dan niet te lang mee en zend deze zo toedig mogelijk naar de redaktie of het bestuur.

- 47 -


STICHTING RIVIERVISSERU NEDERLAND In Heerewaarden, het eerste dorp ten westen van het Land van Maas en Waal en ten oosten van de Bommelerwaard, om zo te zeggen precies tussen die iwee streken in, is de Stichting Riviervisserij Nederland gevestigd. ! iet doel van deze Stichting is als volgt 'in hdar Statuten omschreven: "het bevorderen en m stand houden van de kennis der riviervisserij in Nederland, met alle daartoe diensüge en geëigende middelen, neer in het bijzonder door hst bijeen brengen en in stand houden van een verzameling van al hetgeen bijdracgi rot het vormen van een zo volledig mogelijk beeld van die rivïervisserïf in heden en verleden, het tentoonstellen van het geheel of een deel der te vormen verzameling en het oprichten en in stand houden van een geheel of mede aan de riviervisseri] gewijd museum . Schokker "Maasstroom l"

Binnenkort hoopt deze Stichting een schip te verwerven, nl. de ijzeren schokker "Maasstroom l", gebouwd op de Werf Janssen te Druten un in bedrijf gesteld in 1924. De schokker lig h in Heerewaarden. De laatste eigenaar en gebruiker was de 78-jarige visser J.W. Udo. De schokker is nog volledig ingericht. De bijbehorende inventaris bestaat o.a. uït een kuilanker, een nylon ankerkuïl, een ketting, sprenkels, hanepoten, een aftrekker en ku i (houten. Voor het geven van een goed beeld van de schokkervïsserïj is het bezit van een schokker met de bijbehorende inventaris een noodzaak. De "Maassiroom l" is de laatste Heerewaardense schokker met een komplete inventaris. In de afgetapen 25 jaar zijn bijna alle schokkers gesloopt of voor de pleziervaart verkocht. De aankoop van dit schip zal voor de Stichting een belangrijke stap zijn in de richting van een ''aan de rivïervisserij gewijd museum".

- 48 -


Aankoop, hellingbeurt en expositie

Kopen alleen is niet voldoende, het schip moet worden opgeknapt en zal te zijner tijd buiten op een exposjtierterreih zodanig geplaatst moeten worden dat de gang van zaken bij het vissen met de ankorkuil zo goed mogelijk kan worden gedemonstreerd. Daartoe zal op enige punten elektrische bediening worden ingebouwd om "bij de uitleg enkele essentiële bewegingen te kunnen uitvoeren. Voor de benodigde gelden is een verzoek om subsidie ingediend bij de Provincie Gelderland, met name voor een bijdrage uit de BRW-pot", zoals, die in de wandeling genoemd wordt. Desgevraagd heeft het bestuur van Tweestromenland op 22 januari 1975 adhesie betuigd aan de voorgenomen aankoopi van de "Maasstroum i" en een aanbeveling verzonden aan de Intergemeentelijke advieskommissïe voor het Bijzonder Regionaal Welzijnsbeleid 1973 - 1976 in West Maas en Waal en Heerewaarden vanwege de Provincie Gelderland. Ock de Historische Kring Bommelerwaard steunde in deze zin de Stichting Riviervisserij Nederland bij haar appèl op de BRW. Onlangs werd bekend dat het tekort van 25% (de BRW subsidieert 75% maximaal) zal worden aangezuiverd door het Prins Bernhcrdfonds. Een varend monument bewaard Dankzij de aktiviteiten van de Stichting Riviervisserij Nederland zal een voor het Nederlands rivierenland belangwekkend 'varend monument" voor de toekomst bewaard blijven. Het spreekt vanzelf dat één schip nog geen museumi maakt. De Stichting bezit al wel het materiaal van twee zaimzegenvisser'ijen uit Heerewaarden, maar werkt enthousiast voor de uitbreiding van haar bezit. Wellicht zijn er onder ons leden, die materiaal met betrekking tot de riviervisserïj bewaren en dit de Stichting ten geschenke, in bruikleen of te koop willen aanbieden. Het korrespondentie-adres van de Stichting Riviervisserij Nederland is p/a de Heer R. Besaneon, Hogestraat 14, Heerewaarden; tel.:08877-1350.

JAC. TRIJSBURG - 49 -


INHOUD

blz

Geen kip pp cje weg (bij het omslag) Jac. Trijsburg

3

Gemeentewapens in Maas en Waal (slot) F. J. van Capelleveen

10

Familie van der Greim M. Bergevoet

13

Monumenten tussen Maas en Waal (1), Kasteel Wijchen

14

Zevenaars volksgebruik in Druten W.A. van Oss

15

Monumenten tussen Maas en Waal (2), Huis te Horssen

16

Neo-gotische Kerk te Wïnssen H„ van Capelleveen en P. Huurman

17

Monumenten tussen Maas en Waa! (3), Kerktoren te Wïnssen

20

Venlose schipper in Appeltorn gestrand (1908) M. Bergevoet

22

Monumenten tussen Maas en Waal (4), Boerderij den Hagert te Wrjchen, C.L. van Balen (uit: "Gelre" deel VHI, 1905)

24

Het archief van het Bisdom 's-Hertogenbosch J.W 0 M„ Peijnenburg

26

Oeververbindingen Jac. Trijsburg

39

Hot veerÜreumel-Zennewijnen M. Bergevoet

43

De watersnood van 1926 Stichting Rïviervisserij Nederland Jac. Trijsburg - 50 -

.

47 48


KOMMISSIE

ARCHIEFBEHEER s.

Me]. F.J. van Oïjen, Molenstraat 54, Boven-Leeuwen; Tel.: 08879- 1783 Jac. Trijsburg, Maasdijk 20, Appeltern; Tel.: 08874 - 1475 J.R. Visker, Van Heemstraweg 50 Beuningen; Tel,: 08897 - 1325

REDAKTIEKOMMISS1E J.A. van Gelder, Uilengat 4, Bergharen; Tel.: 08873 - 1427 H. van Heiningen, Heuvelstraat 24, Alphen a/d Maas; TeL: 08876- 1467 J.P.M, van Os, Houtsestraat 25, Puiflijk Jac. Trijsburg, ad hoc, Maasdijk 20, Appeltern; Tel.: 08874 - 1475

KOMMISSIE

STREEKHISTORISCHE

BIBLIOGRAFIE M. Bergevoei, Marióstraai 2A, Vcnlo; Tel.: 077 - 15475 Drs. H. len Boom, Akkerwinde 3G9, Capelle a/d Ijssel; T e l . : 010 - 509482 Drs. G. J. Meniink, De Wuurde 7, Eist (Gld.); Tel.: 08819 - 2233 Jac„ Trijsburg, Maasdijk 20, Appeltern; Tel.: 08874- 1475

***

* * * * * * * * * * * * *** *** * * * * * * * * *

* * * * * * * * *

* * * * , * * * * * *** * * * * * *


KOMMISSIE

V J T R l N c ZO R G

H. J, vgn Capelleveen, Dorpsstraat 5, Leur (Gld.) , Mej. G. de Haas, Johannes Zwijsenlaan l, Oss C.P.M, van den Heuvel, Tuïnschouwsfragt 36, Druten; Tel.:08870-3360 ' P.A. Huurman, Kolkweg 33, Deventer; Tel.: 05700 - 26744 Mejo G.Y.M. Klabbers, Keuvel 111, Druten Mevr, A. de Koek,- Willems, Saringenstraat 2, Beneden-Leeuwen; Tel,: 08879- 1952 - • ' .i • , S.J. Notn, Burgemeester de Leeuwstraat 18, Druten; Tel.: 08870- 2976 J.P.M, van Os, Houtsestraat 25, PuifHjk

N. Timmers, Hostert 29, Puiflïjk; Tel.: 08870 - 3470 Jac. Trijsburg, Maasdijk 20 'Appeltern; Tel.: 08874 - 1475 A.A.M. Vermeulen

Lakenstraat 49, Wamel; Tel.: 08878 - 357

A,M. Vermeulen, Lakenstraat 59, Wamel; Tel.: 08878 - 316 G.A.L. Wattenberg, Zandbergseweg 8, Hernen; Tel.: 08873 - 1575

L l DM/t/- TSCHAP

De vereniging kent, zonder onderscheid in rechten, een subsidiërend, een buitengewoon, een begunstigend, een steunend en een gewoon lidmaatschap, waarvan de kontributies respektievelijk ƒ 100,-, ƒ50,-. ƒ25,-, ƒ 15,- en ƒ 12,50 per jaar bedragen, te storten op girorekening 2622012 t.n.v. Penningmeesteres Vereniging Tweostromenland, p/a Heuvel 111, Druten of op bankrekening 11.27.01.493 bij Rabobank Midden Maas en Waal te Druten.


7. Boerderij den Hagert (1648) bij Leur. Afbeelding uit Oelre, 1905.


en WA&IS tijoschRift VOOR stReekqeschieoenis -

nummeu 23

-

w.nteR 1975


TWEESTROMENLANDI TWEESTROMENLAND TWEESTROMENLAND T W E E S T R O M E N L A N D T W E E S T R O M E N L A N D T W E E S T R O M E N L A N D T W E E S T R O M E N L A N D T W E E S T R O M E N L A N T W E E S T R O M E N L A

D N

D

maas en w a a l s t i j d s c h r i f t voor s t r e e k g e s c h i e d e n i s kontaktblad

van

de

historische

vereniging

TWEESTROMENLAND tot beoefening van de geschiedenis van het Land van Maas en Waal en het westelijk deel van het Rijk van Nijmegen

redaktie

Jan van Gelder Huub van Heiningen Johan van Os Jac.Trijsburg, ad hoc

winter 1975/76, nummer 23 bij het omslag

een ki]kje in en een kiekje van buurtschap "De Biauwe Sluis" bij Appeltern, anno 1921


bij het omslag

BLAUWE

SLUIS

POSEREND

IN

1921 De voornaamste feiten van de foto, die U nu op het omslag vindt, leverden na vele interviews een tekst op, te uitgebreid om eronder te zetten. Er moest gekozen worden tussen gedeelten weglaten of het onderschrift uitspinnen tot een verhaal. Dat laatste is het geworden. Bijgevolg werd de foto toen geschikt voor het omslag. In "Tweestromenland" liggen zo'n dertig dorpen en minstens zoveel buurtschappen. Het ware te wensen dot meer leden te rade gingen bij de oudste inwoners van deze samenlevingsverbanden, zoals gedaan is naar aanleiding van deze foto. Dan gaat veel wetenswaardigs niet verloren, maar kan het door publikatie in dit tijdschrift bewaard blijven. De originele foto werd beschikbaar gesteld door ons lid, Mevr. G.M. Litjens - Loeffen van "De Ravenswaard" te Bergharen, waar - uniek voor onze streek - boerenkaas wordt gemaakt.

Wie -

wat - w a a r ?

Van links naar rechts: Johan Loeffen en zijn vrouw Rika Welten voor hun bakkerij en winkel; Han (Remmits -) Basten, Dora Gremmen - Spierings en in de deur Gerrit, zoon van laatstgenoemde; naast Naodus Basten staat zijn broer Sander, Man's vader, beiden met mokers en schootsvellen; tenslotte "d'n Aauwe Frans" Loderus en zijn schoondochter Marie met

- 3-


Unia op de arm. Als we de foto nauwkeurig bekijken, zien we hoe de fotograaf gezwoegd heeft om een goede vlakverdeling en dieptewerking te krijgen: de mensen twee aan twee, telkens een aantal meters uit elkaar naar achteren toe, de voeten zo geplaatst dot de kans om bewogen op de gevoelige plaat te komen zo gering mogelijk werd. Gefotografeerd warden was in die tijd nog een ernstige aangelegenheid. Let maar eens op de gezichten. Geen lachje kon er op overschieten. De enige die zich van het gewichtige moment niets lijkt aan te trekken is de kleine Unia, 66n brokfe levendigheid tegenover de gespannen rust van de rest. Tifd om zich te verkleden heeft de fotograaf hen niet gelaten. Was dot soms opzet? Loeffen staat er met opgerolde hemdsmouwen en een bakkersschort op, alsof hij juist met beide handen het deeg in de trog heeft gekneed. Het gezegde: "Diejen baekker knipt ne ze lank in z'n deeg, wis da "ie gin brood mir over het" (javg), zal echter niet op hem van toepassing zijn geweest; hij was een goed mens, verstond zijn vak als geen ander en gaf ieder waar voor zijn geld. Daar weten ze in W i n s s e n , waar hij zich later heeft gevestigd, van mee te praten. Dot de mensen doorgaans gewend waren om rogge- en bruinbrood te eten en bif uitzondering "mik" (= wittebrood), kunnen we afleiden uit een ander oud gezegde: "G if ons hede ons dagelijks brood en 's zondags een mikske" (mvgds). Ook Naodus en Sander Basten lijken zo uit hun werkplaats, "de smees" (= smederij) te komen, getuige hun uitrusting. De korte kar op de dijk voor de helaas niet zichtbare hoefstal was mogelijk in reparatie. 's Zomers moesten de ifzeren banden van de wielen van de meeste wagens warden ingekort, omdat ze er anders door de warmte af zouden I open. Frans Loderus en Dora Gremmen hebben allebei hun "peppele onderaeinde" (- klompen) nog aan. Zeker bif Hent en Cis

- 4-


Brandts gekocht, die halverwege de Sluissestraat woonden en klompen maakten of anders bij Hannes van Gelder van 't Moleneind. Ze zullen toch niet gedacht hebben: "Da kan'k nog wel op m'n klompe af" (hrb). Frans heeft bovendien zijn pet op en Dora haar daagse mutsje. De drie panden op de foto staan er nog. Er is wel het een en ander aan veranderd, maar de situatie is gelijk gebleven. Wat opvalt is dot aan dit dijkvak van de Blauwe Sluis indertijd de middenstand was geconcentreerd. Links de bakkerij en winkel van Loeffen, thans het levensmiddelenbedrijf van Piet Hulsen. Uiterst rechts de smederij van Basten en iets verder de kleermakerij van Gremmen.

Met

name

genoemd

De families Basten en Gremmen heetten naar him beroep achtereenvolgens "de Smid" en "de Snijer". Dot gold zelfs voor de vrouwen. "Man de Smid" en "Dora de Snijer"; het waren de vaste benamingen in deze kleine gemeenschap. En niet de enige. Zo kende men molenaar Coppens nauwelijks anders dan als "Harrie de Mulder". Dezelfde gangbare achternaam is nu verbonden aan het caf6-restaurant van de familie Harbers, dot pal naast de molen staat. EÂŁn stapje verder en we zijn van de beroepsaanduiding als benaming bij de bijnamen. Zo ging Hannes Brouwers als "Hannes de Paus" door het leven, omdat zijn vader een oudZouaaf was. Niet zelden werd de roepnaam van vader of echtgenoot als achternaam gehanteerd. De zoons van Gonde Lemmers en Jup van Eldijk noemde men "Cup vaen Juppe" en "L'wie vaen Juppe". "Hanna vaen Gertjes" heette eigenlijk Hanna van Beek en was getrouwd met Gertje Mulders.

- 5-


We mogen aannemen dat al deze benamingen in het bijzijn van de personen in kwestie werden gebruikt. Zodra dit niet het geval was, zijn dergelijke benamingen te beschouwen als scheldnamen. In overleg met onze zegslieden is besloten hiervan geen voorbeelden mee te delen, omdat dit grievend kan zijn voor de nabestaanden. Men dient zicn wel te realiseren dat de bevolking van zo'n gemeenschap zo vertrouwd was met deze beroeps-, bij- en scheldnamen, dat de eigenlijke namen soms geheel vergeten werden. Het laat zich denken dat kinderen, die soms niet beter wisten, een enkele maal voor een onthutsende onthulling zorgden door plompverloren een scheldnaam te gebruiken in het bijzijn van het slachtoffer. Niet voor niets luidt het spreekwoord: "Aauwe minse en klaein kaeinder zegge de waorhed" (hbr). Daar zijn tientallen anekdotes over in omloop. Tenslotte is het van belong te onderkennen dat de roepnamen, die van de doopnamen werden afgeleid, soms zeer onHollands klonken. Hierbij komt een stukje streekeigen taalgebruik boven water, dat meer en meer verdrongen wordt door even on-Hollandse als on-Nederlandse namen, waarbij we denken aan namen als Sylvia, John, Monique, Harold etc.. Van Johannes komt Haske Van Jacobus komen Cup en Jup Van Judith komt Juuk Van Arnoldus komt Nl'dl Van Hendricus komt Hent Van Cornells komt Knil Van Theodorus komt Taus Van Theodora komt Dot De lijst is honderdmaal longer te maken. Al misgunnen we het niemand om Evelyn, Patricia, Jacques, Roger, Barry of hoe dan ook te heten, zijn we toch bar benieuwd naar de afleidingen van de doopnamen die tot voor kort tussen Maas en Waal gebruikelijk waren; namen die vrijwel alleen mondeling

-6-


kunnen worden overgeleverd. Het vereist wel een systematisch onderzoek, waarin de gehele streek betrokken zou moeten worden en het zal er een keer van moeten komen, anders is de tijd ons te vlug af.

Voorboden

toen,

r e l i k t e n

nu

Terugkerend naar ons uitgangspunt, de foto, willen we even de aandacht vestigen op de telefoonpaal en op de schoorsteen van het stoomgemaal. Men zou ze kunnen houden voor voorboden van onze tijd die de Blauwe Sluis verandert van een verstild gehucht in een vet randje aan een Gouden Ham. Telefoonpalen hebben echter afgedaan; de leiding verdween onder de grond. Het is te hopen dat de hoogspanningslijnen eens zullen volgen. Stoomgemalen hebben in onze streek al jaren geleden voor het laatst hun stoom afgeblazen. Nieuwe elektrische gemalen hebben hun taak overgenomen en wel zo grondig dat in tegenstelling tot vroeger de polders 's winters niet meer onder water staan en de watergangen (op de weteringen na) praktisch droog staan, zeer tot genoegen van de boerenstand. Het zou een wonder heten als daar geen kanttekening bij gemaakt zou kunnen worden, "'t Is noit goed of 't tug nie" (wsvo), zou een pessimist in het dialekt zeggen. De leden van de visklubs willen nog al eens mopperen over het verdwijnen van de uitgezette vis, maar de boerennachtegalen kunnen na een barre winter helaas niet laten horen hoe zij erover denken; hun modderige winterslaapplaats wordt soms een ijskoud doodsbed. De ooievaars hebben bijgevolg de lange benen maar genomen en dan te weten dat uit de nog onvoltooide dokumentatie van ooievaarsnesten tussen Maas en Waal blijkt, dat er in deze streek tenminste 64 bewoonde nesten waren. Een mens is nooit te ver om te horen. De eersten in deze

- 7-


omgeving die deze rek lameslagzin van Tante Pos bevestigd kregen, waren Hannes Gurts (= Gerrits) en Lieske Mulders, echtelieden in A l t f o r s t . Zij hielden het postkantoor. De tweede telefoon verscheen in cafĂŠ De Kikvors in A l t f o r s t aan de wetering tegenover "d'n Bom", een afgeplatte boomstam die als brug diende. Daarover kwam men op "Sanders paedje dur de legt", die langs de "Milheuvel" (= Middenheuvel) naar de Kerkstraat voert. De derde kwam aan de Blauwe Sluis bij Adriaan Mulders. Voor deze aansluiting heeft de telefoonpaaj op de foto kunnen dienen. Het stbomgemaal dateert van 1913. Op de herinneringssteen die in de voorgevel van het nog altijd bestaande pand prijkt, staan de namen van P.H. Noorduijn en P.G. de Leeuw J.A.z. voorzitters. Als ondervoorzitter is W.J.J. Verstraaten vermeld. Heemraden waren P.W. Kleijnen, A.J. Beijer, G.J. v.d. Zandt en A.C. Krijnen. Secretaris was W. Verheijen. Tenslotte staan op de steen v. Hasselt en de Koning civ. ings. In het stoomgemaal is op het ogenblik een diskobar gevestigd. Gedurende het weekeinde krijgt men de indruk dat de spreuk, waarmee Maas en Waalse moeders vroeger hun dochters thuis wisten te houden: "'s Aoves vliege d'r gin duive, mar vlirmuize rond" aan kracht heeft ingeboet (hrb).

Brood

uit

het

water

Wat de reden is om van de Blauwe Sluis als van een vet randje aan een Gouden Ham te spreken, weet ieder die de groei van de rekreatie aan de Oude Maas waarneemt. Het lijkt wel of deze rekreatie rond en spoedig in de Megense Ham snel goed maken moet wat de buurtschap de Blauwe Sluis te kort gekomen zou zijn, sinds deze door de verlegging en kanalisatie van de Maas ver van deze rivier verwijderd werd. Toch zijn er toen geen scheepswerven of beurtschippers in de

- 8-


knel gekomen. Die waren er gewoon niet. Wel vissers. Met name Herman Melis kon met zijn schokker en ankerkuil niet meer "op stroom" vissen. De vangsten liepen daardoor terug en de opkopers uit Woerkom (= Woudrichem), die ook paling van de fuikenzetters kochten, kwamen op de duur niet meer. Zo is aan het wisselvallige bedrijf van de visserij definitief een einde gekomen. Hoe wisselvallig het was, kunnen we afleiden uit het spreekwoord: "Bij een visser en een vinker, zal het spek in de pot nie stinke" (hrb). Met andere woorden: bij vissers en vogelvangers moest van de hand in de tand worden geleefd. Verdreef de kanalisatie de schokkers van de Maas, vervuiling van het water verjoeg bepaalde vissoorten: steur, elft, fint, prik, "kwabaol". Voor ons zijn het slechts namen. Er zal ook geen sportvisser meer zijn die verwacht uit de wetering een zalm aan de haak te slaan. Toch behoorde dat vroeger tot de mogelijkheden. Tenslotte heeft de "alver" ook het loodje gelegd. Dat was een klein visje, dat veel weg had van een sardientje. De opkopers uit Woerkom kwamen ooit met grote zegens om zelf de alver te vangen toen ze er nog volop waren. In ĂŠĂŠn trek zat er soms 1100 pond in (beslist geen visserslatijn). Ze waren dan verplicht om alle andere soorten vis overboord te zetten. Het was namelijk niet toegestaan om naast de alver andere vis aan boord te hebben. Ze vertelden dat het niet zo zeer om het visje zelf ging, als om de schubben. Daar werd paarlemoer van gemaakt (visserslatijn?). Al deze menselijke bedrijvigheid had zijn tegenhanger in de natuur. Hierbij denken we aan de nooit aflatende vissende aktiviteiten van de otters. Tussen het Werdje en de Bovenwerd huisden ze. Bij tijd en wijle werd er jacht op hen gemaakt. Eenmaal zelfs met sukses. Inmiddels zijn ze, voorgoed of niet, verdreven naar de otterhemel. Wij wachten betere tijden af. Zij ook?

- 9-


G e o g r a f i s c h e

ligging

Wat de bestaansgrond van de buurtschap de Blauwe Sluis was, zo'n vijftig jaar geleden, heeft veel te maken met de geografische ligging. Daarmee wordt gelijk iets gezegd van de reden van het onstaan, zij het lang niet alles. Eerstens ligt de buurtschap op de grens van drie kerspelen: A l t f o r s t , A p p e l t e r n e n M a a s b o m m e l . Voor d e laatste twee steeds bereikbaar langs de Maasdijk. Vanuit A l t f o r s t via de Walstraat, die 's winters als de polders blank stonden en andere wegen onbegaanbaar waren, doorgaans droog bleef. Met het oog op de aanvoer van allerlei goederen over de Maas vormde de Blauwe Sluis een soort voorhoven voor A l t f o r s t . M a a s b o m m e l en A p p e l t e r n hadden hun eigen los- en laadplaatsen aan het water. Voor het verkrijgen van het broodnodige meel waren deze kerkdorpen aangewezen op de Maasbommelse molen, zeker sinds de dwangmolen aan het einde van de Molenstraat bij 't Mun verdween. Wie zijn koren wilde laten malen of gewoon om meel verlegen zat, ging naar molenaar Herckenrath, later Coppens. Die van A p p e l t e r n en A l t f o r s t konden daar niet anders komen dan langs de Blauwe Sluis, waar uiteraard aangegaan werd bij één van de vele bierhuizen. "In de kerk en in de kroeg, kamde duk te laot, mar noit te vroeg" (msvo), was de eerste konklusie als men binnen was, want de nieuwkomer had natuurlijk heel wat in te halen aan nieuwtjes en meningen over het weer en andere zaken. "Ge mot 't spek goed onder de pèèkel haauwe" (hrb), was het altijd geldige argument om er eentje te vatten en een tweede "Umrede do ge op ene been nie kan staon" (jh). Waarom sommigen door bleven "buizen" verhaalt de historie niet, wel dat ze soms zo zat waren dat men ze wijsmaken kon "da Onzenlievenheer Hendrik hiet". Wie goede ogen heeft, ziet rechts van de voordeur van het

-10-


woonhuis van smid Basten een donker punt j 3. Dat was de ring waaraan men het paard vastmaakte, als men binnen zijn dorst ging lessen. Het is werkelijk zo geweest dat men huis aan huis terecht kon voor een borreltje, tegen betaling wel te verstaan. Over vergunningen werd niet gerept, tot de dienaren van Hermandad een inval pleegden. De eerste was er dan gloeiend bij, maar de anderen werden zo snel gewaarschuwd, dat overal elders in de buurtschap de sterke arm zonder resultaat de klink van de deuren lichtte. "Een goei buurt is goud werd" (wsvo). Van de Maasbommelse molen is helaas niets meer over dan de romp. Het is een grondzeiler, met die van Heumen de enige in "Tweestromenland". De molen staat op de monumentenlijst. We mogen hopen dat mettertijd met de restauratie ernst gemaakt zal worden, wat voor het rekreatieprojekt "De Gouden Ham" een welkome afwisseling aan de horizon zal zijn en een even eerlijke als heerlijke attraktie als die molen met behulp van een vrijwillig molenaar van tijd tot tijd zal draaien. Toch zal zo'n vrijwillig molenaar nooit zo'n groot vakmanschap kunnen verwerven als een echte mulder bezat. Die wist bij elkaar gemalen partijen weer feilloos te scheiden en wel zo, dat men er een fraai gezegde op baseerde: "Da motte Onzenlievenheer of t'n mulder laote schèèje" (hrb). Wat het verkeer over het water betreft, voeren de Janssenboten uit Lith op de loswal. Ze beschikten over stoom en waren donkergrijs geschilderd met een lichtere streep. Ze vervoerden o.a. het graan voor de molen. De zwarte boten van Bergen uit Venlo brachten het ijzer aan van van der Loo uit dezelfde plaats, bestemd voor de smeden. Tegenwoordig staat op de dijk voor de "Oude Loswal" een kruisbeeld, waarvan velen denken dat die zeer oud is. In 1921 bestond dat kruisbeeld echter niet; het is er pas gekomen onder de Appelternse pastoor Vierboom (28-2-1929/10-12-1949). Naar verteld wordt is het bekostigd door een schipper, die


vaak aan deze wal aanlegde, als penitentie. Anderen beweren dat het een geschenk is van een onbekende dame en dat het daar staat voor de schippers die er hun gebeden konden doen, omdat de dichtstbijzijnde kerk nog altijd een kwartier gaans van de loswal verwijderd was. Daar stelde iemand tegenover, dat schippers helemaal niet als bidachtig bekend stonden en eerder bijgelovig dan vroom waren. De gissingen daargelaten, is het toch goed dat het kruisbeeld, door de jaren sterk verweerd, na een vakkundige restauratie door meesterschilder Geert v.d. Boom, weer op de vertrouwde plaats staat, al kennen we de schenker niet en heeft het zijn funktie verloren. Van het verkeer over water naar het verkeer op de. weg. De eerste auto's in deze kontreien waren die van dokter Verstraalen uit M a a s b o m m e l , veearts den Daas uit D r u t e n en van Antoon Gremmen, cafĂŠhouder in A p p e l t e r n . Wat een sensatie als ze langs kwamen. Daar stond je voor op en keek uit het raam. Van lieverlede kende je het geluid en zei wanneer er eentje langskwam, zonder op te kijken: "Daor gaot te dokter". En hij was het bijna altijd. Toen Gremmen voor het eerst aan de Blauwe Sluis verscheen met zijn wagen, moet een zoontje van Hanna Remmits-Basten erheen gestapt zijn, een peuter van drie, en gezegd hebben: "Wa 'n mooie dokter!" Wist hij veel dat zo'n apparaat een automobiel heette. Het wegdek werd, toen het nog niet verhard was, wekelijks door de vrouwen aangeveegd in een "visgraatpatroon". Dat gebeurde 's zaterdags. Dan werd tevens de buitenboel gedaan met het oog op de komende zondag; alles moest er dan proper uit zien. Denkt U zich eens in, wanneer U 's zomers op een zonovergoten zondag op de dijk aan de Blauwe Sluis staat en het wemelt er van campinggasten en zondagsrijders van de perenroute, hoe een halve eeuw geleden de vrouwen in hun hooggesloten

- 12 -


donkere japonnen en kraakheldere witte poffermutsen en kanten mutsen naar de vroegmis gingen, het kerkboek in de hand en zwarte pelerines of omslagdoeken om de schouders. De Blauwe Sluis poserend in 1921. Een watersnood, een dijkverhoging, krisisjaren, kanalisatie van de Maas, een wereldoorlog, een ruilverkaveling en een aantal jaren welvaart liggen tussen toen en nu. Dat is heel wat. Samen met een aantal oudste inwoners is getracht een brug naar het jaar 1921 te slaan. Mocht deze poging enigszins geslaagd zijn, dan is dit in de eerste plaats aan hen te danken. Jac.

Trijsburg

Lijst van afkortingen

hrb javg jh mvgds wsvo

H. Remmits- Basten, Appeltern/Blauwe Sluis J .A. van Gruijthuijzen, Appeltern J.Hermans, Appeltern/Blauwe Sluis M. van Grinsven-de Swart, Appeltern W. Savelkouls-van Ooyen, Appeltern

- 13 -


Standermolen te Alphen (1798), foto van Jac .v.Oss, inzending van de f o t o - w e d s t r i j d en tentoonstelling Mo(nu)mentopname 1975.


DE

DRUTENSE

MOLEN

*)

Iemand die in Druten komt wonen en iets wil weten over de verdwenen molen uit die plaats, zal meteen op de namen Molenstraat en Molenhoek stuiten. Hier loopt men echter vast. Wat is er namelijk aan de hand? De gemeente Druten heeft bij de straatnaamgeving een betreurenwaardige fout gemaakt. De eigenlijke Molenhoek is helemaal niet de wijk tussen het oude kerkhof en de Mr. Van Coothstraat, maar het open terrein tussen de Hogestraat, de Molenstraat en het kerkhof, het terrein dat nu de naam Markt draagt. Deze laatste naam is trouwens ook fout, want die behoort bij het kruispunt van de Hogestraat en de Kattenburg **). Laten wij ons tot de eigenlijke Molenhoek bepalen, het tegenwoordige marktplein. Dit plein is aardig vlak, doch dit is pas enkele jaren zo. Vroeger stond aan het paadje, dat voorlangs het kerkhof liep, een groot huis, waarin de families Van Donzel en Van Kampen woonden. Naast het achterste deel van deze enorme boerderij stond een schuur, waarin de maalderij De Zon van de heer Van Kampen was gevestigd. Achter deze maalderij gaapte een groot gat tot aan het zogenaamde Rustpad. Dit gat, de Molenkuil of Zandkuil genaamd, is ontstaan toen men de heuvel, waarop onder andere de parochiekerk en de Trio gebouwd zijn, afgegraven had om de bult waar de molen oorspronkelijk op stond, zo hoog mogelijk te kunnen maken. Toch was het geen berg- of beltmolen, die van Druten, maar een standerdmolen, zoals die van A l p h e n , B a t e n b u r g , B e u n i n g e n , O v e r - en N e d e r a s s e l t , die nog bestaan.

- 15-


G e s c h i e d e n i s Deze molen, natuurlijk af en toe herbouwd, was zeer oud. EĂŠn van de eerste gegevens dateert uit 1375. In dat jaar verpachtte Everard Hertog van Gelre het "gemaele van P u y f l i c k , van Druete, A e f f e r d e n ende D e e s t " aan Claes Ridder van Druten. Hij bepaalde daarbij dat de inwoners van genoemde plaatsen verplicht waren hun graan op deze molen te laten malen (dit was een zogenaamde "dwangmolen"). Alleen de abdis van het klooster Graf enthal mocht op haar bezittingen in D e e s t een rosmolen behouden. In 1482 dragen de broers Asfart en Floris van der Horst de molen over aan commandeur Johan Schenck van Nijdeggen en twee jaar later aan Hendrik, een ander lid van deze familie. De molen blijkt in 1539 te bestaan uit een wind- en rosmolen. Blijkbaar vertrouwde men ook toen al niet altijd op het weer en was de molen geschikt gemaakt voor aandrijving door paarden. Nog later, in 1592, komt de molen door vererving in het bezit van Christiaan Schenck van Nijdeggen en zijn vrouw Aleyda van der Lippe, genaamd Hoen en in 1664 erft een andere Christiaan Schenck de "Wyntmoolen ende Roszmoelen". Deze Christiaan raakte aan lager wal en moest rond 1680 de molen verkopen aan Johan van der Moeien, die ook de nieuwe Heer van Druten werd. Zijn dochter Jeanette huwde later met Steven van Delen.

Kalk

in

de

Molenkuil

We slaan nu een kleine 200 jaar over om terecht te komen in 1875, toen J. Sengers * * * ) eigenaar was van de Drutense molen op de Molenberg. Deze Sengers had de maalderij enkele jaren tevoren van Baron Van Delen gekocht. Hij was ook lid van een kommissie van parochianen, die samen met het

-16-


l l,

7. Het onderschrift bij deze foto uit een tijdschrift (?) van 2 nov. 1910 luidde :

â&#x20AC;&#x17E;De ontredderde Korenmolen te Wijchen ; aan den voet ziet men de massief ijzeren spil, het kamrad en de wieken, die door den geweldigen wind werden afgeslagen ; foto boven rechts : het portret van de 16-jarigen zoon, die gedood werd. (Zie tekst)". Bedoelde tekst luidde : â&#x20AC;&#x17E;Het vreselijk ongeluk te Wijchen (Prov. Oelderl.). Tengevolge van een windkolk of zuiger, begonnen de wieken van den korenmolen van den heer J. P. de Kleijn geweldig te werken ; de 16-jarige zoon van dezen schoot toe om den vang open te zetten, toen plotseling door het breken van een ketting de kap keerde, en deze met spil, wieken en kamrad door den wind opgelicht werd en naar beneden stortte ; de 19-jarige knecht was onmiddellijk dood, de zoon werd door de ijzeren molenroede weggeslagen en stervende door zijn vader opgenomen. Het uitgelichte gevaarte weegt 13000 k.g. ; wel een bewijs dat de kracht van den wind enorm was".

8. Panorama van Wijchen met links de beltmolen en in noordelijke richting de nog vrij landelijke omgeving (1930- 1935).


9. Oudste klassefoto van de Chr. School Wamel. In de rijen v.l.n.r. zitten van voor naar achter : Ie rij : Mientje den Dunnen, Martlen Drost en Evert Udo, Hendrik Udo en Jan v.d. Linden, Johan Hofman en Jan Wouters. 2e rij : Corry Ooyer en Stientje van Zuidam, Corry Woutersen?, Annle Bandsma en Aal van Dijk, Hendrik Schimmel en Dick van Lith, Arie den Dunnen en Wim dB Zwaan, Wim van Lith en Marlnus van Lith. 3e rij : Oerrit van Dijk en Wout van Toorn, Sjaantje van Zuidam en Corry van Alphen, Mientje van Hoften en Annie den Dunnen, Jan van Hoften en Floris v.d. Linden, Sjaan van Lith en Ineke van Lith, Meester v.d. Wijngaard en Melndert van Toorn. 4e rij : Marie van Zuidam en Joke van Zuidam, Sjaan Verkerk, Riekie Drost, Willy van Toorn, Juffrouw Liese.


kerkbestuur de bouwkommissie vormde van de nieuwe kerk (de parochiekerk die er nu nog staat). Deze kommissie vraagt eind augustus 1875 aan Sengers of hij niet een gedeelte van de Molenkuil achter zijn bedrijf wil afstaan, omdat de kalk voor de bouw nog voor de winter moet worden geblust. Hij kan dit echter om "diverse redenen" nog niet toezeggen en wacht enkele weken. Half september besluit de kommissie dan ook de hoofdopzichter bij de bouw, Langelaar, uit te nodigen om tot een kompromis te komen. Op die vergadering is Sengers zelf afwezig, evenals op de volgende bijeenkomst, waarop men besluit hem nog eenmaal te vragen of hij "een hoekje zijner grond" wil afstaan. De volgende vergadering stemt de molenaar er eindelijk in toe een stukje van de Molenkuil te verpachten, op voorwaarde dat hij daarvoor de "gewone bruto opbrengsten ontvangen" zal, waarmee de kommissie noodgedwongen akkoord gaat. Welke redenen Sengers voor zijn tijdrekken heeft gehad, weten we niet. Wel weten we dat hij als molenaar hard zal hebben moeten werken om zijn vrouw en acht kinderen te kunnen onderhouden en dat daarbij het tuintje, dat hij in de Molenkuil had aangelegd, nauwelijks gemist kon worden. Waarschijnlijk was hij bang dat hij zijn hele tuin kwijt zou raken, of dat de kalk de grond zodanig zou verpesten dat die jarenlang niet gebruikt zou kunnen worden. De oude standerdmolen, die de heer Sengers op de Molenberg exploiteerde, werd aan het eind van de jaren twintig van deze eeuw afgebroken, waarna het muldersbedrijf tot voor enkele jaren in de stoommaalderij De Zon werd voortgezet. M. B e r g e v o e t

- 17-


Noten

Zie foto 5 in dit nummer. Deze afbeelding is gelijk aan 27 in "Druten in oude ansichten" door W. T. H. van den Dobbelsteen en J. G. W. R. Dekkers, Zaltbommel 1971, waarin de molen ook te zien is op de foto's 7, 15, 28 en 29. Reeds twee jaar geleden vestigde ons lid, de heer Jos van Haaren van het "Witte Huis" te Druten, de aandacht op een aantal "onjuiste benamingen" in Druten. In een ingezonden stuk in De Gelderlander, editie Maas en Waal en Tiel van 3 mei 1974, bracht hij naar voren dat het plein achter de dekenale kerk, Molenbergplein behoorde te heten. De familienaam Sengers is tevens verbonden aan nog drie andere molens tussen Maas en Waal. Als aanknopingspunt voor onderzoek naar een mogelijke verwantschap, volgen hier de gegevens die mij bekend zijn: I. Stellingmolen te A f f e r d e n (Gld.). Eigenaren: H. Sengers 1869-1895 W. v. Bronkhorst, Wed. H. Sengers 1895- 1896 V. W. P. Sengers 1896-1899 A. M. Vermeulen, Wed. V. W. P. Sengers 1899- 1927 H. W. Sengers 1927II. Beltmolen te W i n s s e n . (Voor plm. 1835 poldermolen te A l p h e n (Gld.). H. Sengers -1858 III. Beltmolen te B e r g h a r e n . (Voor 1904 standerdmolen, zie tekening). "De huidige molen werd gebouwd door Willem Coppes - Bergharens molenbouwer - en eigenaar was Jan van Lith. Vóór hem was diens vader Piet van Lith eigenaar. Deze was getrouwd met Gerarda Sengers, die een dochter was van de molenaar Peter Sengers".

-18-


Bronnen Het Schenckengoed in Druten, Contactblad no. 3 (mei 1966),

p. 11-19. J. Dekkers en M. Bergevoet, De bouw van de Drutense Kerk, deel l, Contactblad no. 7 (maart 1969). De gegevens van I. en II. onder noot ***) zijn ontleend aan Gelders Molenboek, Zutphen 1969, die van III. aan J. A. v. Gelder, Bergharens Molen De Verrekijker, Hier en Ginder, 14e jaargang no. 9 (september 1973).

Standerdmolen te Bergharen, 1486- 1903

- 19-


- 20 - - l'


WILLEM

VAN

BATENBURG

Wanneer U met de auto van Haarlem naar Leiden rijdt, gaat U waarschijnlijk door de "Bollendorpen"

langs de oude Herenweg. Als U Heemstede voorbij bent ziet U aan Uw rechterhand, enigszins verscholen onder struikgewas, een monumentje, een stenen naald op een voetstuk omgeven door een ijzeren hek. Het staat op de hoek van een weggetje naar het westen, het Manpad. Gaan we nog 150 meter verder langs de Herenweg, dan zien we, weer aan de rechterzijde, onder hoog geboomte, een mooi en groot landhuis uit de 17e eeuw met verschillende bijgebouwen, het Huis te Manpad. Hoe wa aan naam Manpad komen, weten wij niet. Het is natuurlijk wel een beetje verwarrend, maar de Herenweg heette vroeger het Manpad. Genoeg over de aardrijkskunde; wij weten nu wel waar ik U heen wilde brengen. Heeft U wel eens een boek van Jacob van Lennep gelezen? Ferdinand Huick? Of De Roos van Dekama? Allicht vindt U ze nu wat verouderd, maar vorige geslachten hebben ervan gesmuld. De schrijver Jacob van Lennep

woonde op het Huis te Manpad. En zijn vader, David Jacob van Lennep, woonde er ook al en zijn grootvader ook. David Jacob van Lennep heeft dat monumentje daar in 1817 laten plaatsen. Monumenten uit die tijd, vaak de herinnering aan een veld-

slag, hadden nog al eens de vorm van een naald. Zo ook dat aan het Manpad. Het moest de herinnering aan twee veldslagen levendig houden. De eerste in 1304 toen Witte van Haem-

stede, de zoon van de bekende Floris de Vijfde, daar de uit

-21 -


het zuiden opdringende Vlamingen, die Zeeland al bijna helemaal veroverd hadden en nu Holland ook nog wilden veroveren, terugsloeg. De tweede in het jaar 1573 bij een poging om Haarlem, dat toen door de Spanjaarden onder Don F rederik, de zoon van Alva, belegerd werd, te ontzetten. Let maar op wat David Jacob van Lennep op het voetstuk van het monument liet beitelen:

Ter eere van

W I T T E

VAN

HAEMSTEDE

Grave Floris zoon van Holland en van De brave burgers van Haarlem

Die met hem De vreemde mannen langs dit pad

verdreven D XXVI April MCCCIIII en ter eere van hen Die tot ontzet van Haarlem

Bij dit Mannepad hun leven waagden

D VII July MDLXXIII Over die eerste veldslag onder Witte van Haemstede willen wij het hier niet hebben. Het gaat ons om de bevrijdingspoging van Haarlem in 1573. Haarlem was al zeven maanden door de Spanjaarden belegerd. Zolang men over het Haarlemmermeer nog voedsel en ammunitie kon aanvoeren, was de verdediging een succes. Maar toen Don Frederik de Udijk bij Halfweg wist door te laten graven, zodat vanuit Amsterdam oorlogsschepen over het IJ op het Haarlemmermeer konden ko-

- 22 -


'f JfASTXEZ.

Een kopergravure uit 1741 van het Kasteel te Batenburg door H. Spilman gegraveerd naar een gewassen pentekening van J. de Beyer (partikuliere kollektie). Waarschijnlijk kreeg het Batenburgse Kasteel dit uiterlijk na wederopbouw en restauratie door Johan van Horn, gouverneur van Grave en echtgenoot van Johanna van Bronkhorst-Batenburg in het 3e kwart van de 17e eeuw. Het Kasteel was immers gedurende de 80-jarige Oorlog tegen Spanje (1568-1648) enige malen verwoest. Dit fraaie uiterlijk is wel zeer grondig vernield door een brand, aangestoken door Franse soldaten op 26 oktober 1794 en is sindsdien geleidelijk verder afgetakeld. De tegenwoordige rutne, eigendom van de Stichting Vrienden der Geldersche Kasteelen, zal mettertijd worden gekonserveerd om verder verval te voorkomen en deels worden gerestaureerd.

- 23-


-24-


men, kregen de Spanjaarden daar de meerderheid. Amsterdam heeft zich in deze moeilijkste tijd van de Tachtigjarige Oorlog heel onvaderlandslievend gedragen. Het was spaansgezind. In Haarlem sprak men van Moorddam. Na het doorgraven van de Udijk volgde een zeeslag op het Haarlemmermeer, waarin de Hollanders verslagen werden en jammerlijk de vlucht moesten nemen. Onze vloot stond onder bevel van Marinus Brand en de troepen die aan boord waren stonden onder bevel van Willem van Bronkhorst, Heer van Batenburg. Hiermee zijn we aan de man gekomen over wie dit artikel gaat. Hij wordt meestal Willem van Batenburg genoemd. Deze Willem was de legeraanvoerder van Prins Willem van Oranje, die de pogingen tot ontzet van Haarlem leidde. Bij Sassenheim, ongeveer halverwege Leiden en Haarlem had hij zijn legerkamp. Van hieruit probeerde hij, dwars door Holland heen, de toevoerwegen van de Spanjaarden af te snijden. Deze liepen alle over Amsterdam. Zo trachtte hij zich te nestelen in Ouderkerk aan de Amstel; langs dit water bereikten ammunitie en troepen Amsterdam. Maar deze en andere pogingen mislukten. Intussen steeg de nood in Haarlem. Er moest een bevrijdingspoging gedaan worden. Heel Holland, behalve natuurlijk "Moorddam", werkte hieraan mee. Burger-vrijwilligers uit de steden, vooral Delft en Gouda, meldden zich aan. De Prins van Oranje, Willem l, was echter huiverig om deze poging tot ontzet te ondernemen, maar kon aan de algemene aandrang om voor Haarlem te vechten geen weerstand bieden. Hij wilde zelf het bevel op zich nemen, maar de Staten van Holland verboden hem dat, waarschijnlijk omdat zij voorzagen, dat ze zonder hem helemaal zonder leider zouden zitten. Zo werd dan de poging tot ontzet van Haarlem onder Willem van Batenburg ondernomen. Maar het spreekt vanzelf dat Don Frederik dit al lang voorzien had. Door spionnen wist hij van de voorbereidingen in het kamp bij Sassenheim. Boven-

- 25-


dien had hij een paar postduiven met de laatste afspraken onderschept. De Haarlemmers moesten een uitval doen als zij daartoe het teken, een vuurpijl, kregen. Don Frederik echter legde een hinderlaag in Den Hout bij Haarlem en plaatste troepen aan weerskanten van de Herenweg, waarlangs Batenburg met zijn krijgsmacht, 4000 man voetvolk en 600 ruiters, vele wagens en ook rijdbare dikke houten schotten met een opening om de loop van een kanon door te steken, terwijl deze schotten dik genoeg waren om aan musketvuur weerstand te kunnen bieden, naar het noorden trok. Toen de voorhoede van Batenburg, die uit een afdeling ruiters bestond, in de Haarlemmerhout was gekomen, werd zij van alle kanten aangevallen. Tussen de bomen en de struiken konden zij zich niet goed verweren. Zij namen de vlucht en stortten zich ongeveer bij het Manpad op de hoofdmacht. Deze hoofdmacht werd ook nog van twee kanten door sterke Spaanse troepen aangevallen. Het zou een algehele vernietiging zijn geworden, als niet velen in het duister wisten te ontkomen. Men schatte het aantal gesneuvelden aan onze kant op 700- 1500 man; de Spanjaarden hadden vrijwel geen verliezen. Alva schatte onze verliezen op 3000 man, maar we weten nu wel wat dergelijke schattingen door de vijand waard zijn. Veel burger-vrijwilligers lieten het leven: 76 uit Delft, 50 uit Gouda, 40 uit Den Briel, 30 uit Rotterdam. Tot de ge-

sneuvelden behoorde ook Willem van Batenburg, die zich in de voorhoede had bevonden. Bij zijn vertrek uit Leiden, enige dagen tevoren, had hij beloofd Haarlem te zullen ontzetten of het leven te laten. Hij heeft zijn woord gestand gedaan. Hij was een onfortuinlijk krijgsman, die z i j n leven voor de goede zaak gegeven heeft. Haarlem was nu verloren en moest zich overgeven. Natuurlijk ontbrak het niet aan kritiek op de leiding. Dat is altijd zo als er iets mis gaat. Als tegenwoordig een fabriek moet sluiten, heet het toch ook altijd dat de leiding tekort is

-26-


TS e e T "r aan ]B a-t, e J

- 27-


00 CN / ti T)atJ.'u>-Maa>s fcnJe/itf.s ceüa tui 'En/f . ^< •** ,\"obilmm leftc darc multn i'i

Jferoas , vrepritf prcjcrilm lerri

"Tas Juit ^'f

munaanff J^hihppo ,


geschoten. Batenburg zou onbesuisd en zorgeloos zijn voortgetrokken. Zelfs beweerde men dat hij dronken zou zijn geweest. Wel was het mogelijk niet verstandig dat de wagens tussen de troepen geplaatst waren; daardoor konden de laatste zich niet vrij bewegen. Uit niets blijkt echter dat dit de oorzaak van de nederlaag was. Men was gewoon in een hinderlaag gevallen. Natuurlijk was te voorzien geweest dat men op sterke tegenstand zou stuiten. Het samentrekken van een grote troepenmacht in Sassenheim kon nu eenmaal niet geheim blijven. Dat Don Frederik niet precies wist in welke nacht de vijand zou komen, blijkt evenwel uit het feit dat de Spaanse troepen al drie nachten in hun hinderlaag hadden postgevat. Nog eenmaal komen wij terug bij het monumentje aan het Manpad. Witte van Haemstede wordt er verheerlijkt, omdat hij de Vlamingen zou hebben verslagen, maar Willem van Batenburg, die er zijn leven liet voor de zaak van onze vrijheid, wordt verzwegen. Hooft moet al eens gezegd hebben: Bij een overwinning wil ieder deel hebben aan de eer, bij een nederlaag is één de zondebok. Dit laatste zou op Willem van Batenburg kunnen slaan. Wanneer wij met het bericht van zijn geweldadige dood, ons naar het slot te Batenburg verplaatsen, vinden we daar zijn moeder, Petronella van Praet. Het is haar oudste zoon, de opvolger van zijn vader als Heer van Batenburg, wiens dood haar wordt aangezegd. Echter niet de eerste. De jongsten immers waren vijf jaar tevoren, op 1 juni 1568 op de Paardenmarkt in Brussel op last van Alva onthoofd. Nu zij behalve Diederik en Gljsbert ook Willem verloren heeft, rest haar nog slechts één zoon: Karel, die in 1580 te Keulen door een

Spanjaard zal worden vermoord. In 1594 sterft zij, kinderloos. O. H. Di j k s t r a

- 29-


s

Prentbriefkaart van Maarten van den Bosch, uit een serie van 20, gemaakt door leerlingen van het Pax Christi College te Druten, verkrijgbaar bij de administratie van deze school. Leuk idee!

-30-


T W E E S T R O M E N L A N D 1976/1 N I E U W S B R I E F ******************************************************** Algemene ledenvergadering De algemene ledenvergadering wordt gehouden op maandag 17 mei in dorpshuis De Meent te Afferden, aanvang 20.00 uur precies. De avond zal besloten worden met een diavertoning over de watersnood van 1926, dit jaar vijftig jaar geleden. Agenda:

1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10.

Opening door J. P. v.Wezel, voorzitter. Mededelingen en ingekomen stukken. Verslag algemene ledenvergadering 14-4-1975. Jaarverslag 1975. Rekening en balans 1974. Rekening en balans 1975. Voorstel minimumkontributie Ć&#x2019;15,- p. j. Voorstel kontributie-inning per acceptgirokaart. Jaarplan 1976. Bestuursverkiezing. Aftredend is Jac.Trijsburg. Kandidaten voor een bestuurszetel dienen zich voor de aanvang der vergadering schriftelijk bij de voorzitter bekend te maken. 11. Kommissies, opheffing en instelling, benoemingen. Kandidaten kunnen zich staande de vergadering bekend maken. 12. Rondvraag. 13. Sluiting.

3. Verslag algemene ledenvergadering 14-4-1975. 1. Opening. Scheidend voorzitter, F.H.J.Wasmann, zei dat het hem speet, dat zijn drukke praktijk en het gezinsleven hem zo zeer opeisten, dat hij zich genoodzaakt zag zijn plaats in het bestuur en het voorzittersschap op te geven. Volgens zijn eigen woorden verliet hij geen zinkend schip, maar een bloeiende ver-


eniging, die hij als testament de wens naliet om bij al het speurwerk in het verleden ook nog tijd en energie te steken in het leggen van fundamenten voor de toekomst. Hij dankte het bestuur voor de prettige samenwerking en de leden voor het in hem gestelde vertrouwen. Hierop dankte vice-voorzitter J. P. v. Wezel hem en ontving dokter Wasmann uit handen van "Jup van Hent van den Endenpoel" een fles vol vele neutjes. Mevrouw Wasmann die zich zo vaak een goede gastvrouw betoond had, werd door "Mentje van Knil van de Redt" in de bloemetjes gezet. 2. Verslag algemene ledenvergadering 31-31974. Deze werden goedgekeurd en de wijzigingen van de statuten werden vanaf dit moment geldig verklaard.

3. Jaarverslag 1974.

Geen op- of aanmerkingen. Goedgekeurd.

4. Financieel verslag 1974. Hierop kwamen van vele zijden vragen, waarop zo uitvoerig mogelijk werd ingegaan.

5. Verslag Kaskommissïe. De Kaskommissie, bestaande uit G.F. Kaiser en L.J.H.Vosmar, kon helaas geen volledig verslag uitbrengen. Zij vroeg uitstel om het werk te kunnen afmaken. Dit uitstel werd door de vergadering verleend. 6. Benoeming Kaskommissie 1975. De nieuwe Kaskommissie, die zich met het boekjaar 1975 zal bezighouden, zal bestaan uit L. J.H.Vosmar en Mevrouw van Roosmalen. 7. Jaarplan 1975. Het voorgestelde jaarplan werd met algemene stemmen aangenomen, wijzigingen voorbehouden, 8. Begroting 1975. Een vergelijking tussen de begroting '74 en het financieel verslag van hetzelfde jaar toonde een groot verschil. Begroot ƒ12.000,- en resultaat ƒ18.067,65. Op grond van dit erhorbitant grote verschil besloot de vergadering nog zo'n slag in de lucht achterwege te laten. 9. Bestuursverkiezing. Middels een schriftelijke stemming werden de vijf beschikbare bestuurszetels toegewezen aan J.R.Visker, J.A.Jansen, G.F.Kaiser, J. v. Dinter en H. v.Leeuwen, de vier eerstgenoemden op voorstel van het bestuur. Mej.F. J. v. Oi jen, aftredend, werd herkozen.


10. Kommissies, opheffing en instelling. Opgeheven werden: Kommissie Historische Boerderijen-onderzoek, Landschapsbescherming en Dialekt-onderzoek. Gehandhaafd werden: Redaktiekommissie, Kommissie voor een Streekhistorische Bibliografie, Kommissie Vitrinezorg en Kommissie Archiefbeheer, terwijl het bestuur volmacht kreeg om desgewenst een kommissie in te stellen voor onderzoek naar de historisch-landschappelijke waarde van de Waalbandijk f met name het dijkvak Heersweg/Druten tot Tesstraat/Leeuwen. l l . Rondvraag. "Jup van Hent van den Endenpoel" en "Mentje van Knil van de Redt" beantwoordden in dialekt de vraag van dokter Wasmann naar de bekende weg tussen Deest en Wijchen, die zo machtig veel bochten telt. Besloten werd voorts, n.a.v. vragen, in de volgende vergadering terug te komen op het probleem van bezoldiging van medewerkers. Op voorstel van J.v. Gelder ging de vergadering akkoord met het plan om in het vervolg de notulen te beperken tot het vastleggen van de genomen besluiten en deze in de Nieuwsbrief te publiceren. 12. Sluiting. Hierna dankte de fungerend voorzitter, J. P. v. Wezel de aanwezigen voor hun aandacht en sloot de vergadering. 4. Jaarverslag 1975. Zes Nieuwsbrieven en ĂŠĂŠn "bijsluiter" (over de tentoonstelling van kerkschatten in Beneden-Leeuwen) boekstaven de aktiviteiten, die de vereniging in 1975 ontplooide. Het jaarverslag beperkt zich derhalve tot een samenvatting. Droge kost, maar noodzakelijk om een afgerond beeld te krijgen. 14 maart - Beneden-Leeuwen - Zaal Jurriens - 70 personen. Lezing + lichtbeelden door drs.G . P. v.d. Ven over "De Waal en de Maas voor 1850". Tentoonstelling door de Kommissie Vitrinezorg van "Rivierkaarten van de Waal en de Maas omstreeks 1870". 5 april - Batenburg - 100 personen. Bezichtiging N.H. Kerk met toelichting van J. v.d. Bovenkamp.


Stadswandeling met toelichting van J. Stapper. Koffietafel in cafĂŠ "De Viersprong". Tentoonstelling in gemeenschapshuis "De Hostert" door de Kommissie Vitrinezorg van "Schilderachtig Batenburg", waar ook: Diavertoning door Jac.Trijsburg over "Monumenten tussen Maas

en Waal" en Lezing +diskussie, A. Peetoom en J. Stapper over "Toekomst voor Batenburgs Verleden". 14 april - Bergharen - Zaal "De Tolbrug" - 40 personen. Algemene ledenvergadering. Voordracht in dialekt door J. v.Gelder (Jup van Hent van den Endenpoel) en Me j. M. Hoes (Mentje van Knil van de Redt) over de vraag naar de bekende weg tussen Deest en Wijchen, die zo machtig veel bochten telt.

Tentoonstelling door de Kommissie Vitrinezorg van "Mutsen, poffers en foto's van goedgemutste Maas en Waalse vrouwen". 18 april - Zaltbommel - St.Maartenskerk - 15 personen. Bezichtiging expositie Monument '75, toelichting J. v. Os.

17 mei - Druten - Gemeentehuis - 60 personen. Lezing door drs.R. S.Hulst over "Villa op de Klepperhei uit de Romeinse Tijd door de R.O.B, onderzocht". Organisatie samen met A.W.N, afdeling Nijmegen e.o. Tentoonstelling bodemvondsten (17 mei tot l juli), drs. R. S.Hulst en Kommissie Vitrinezorg.

21 juni - Boven-Leeuwen - 50 personen. Diavoorstelling in Zaal Peters door Jac.Trijsburg over "De historisch-landschappelijke waarde van de Waalbandijk, dijkvak Heersweg/Druten tot Tesstraat/Leeuwen".

Exkursie naar bovengenoemd dijkvak en bezichtiging van het "Huis te Leeuwen/De Poort" en de N.H. Kerk. Lezing door drs.H.ten Boom over de "N.H.Kerk te Leeuwen".

15-24 augustus - Beneden-Leeuwen - 10.000 personen. Tentoonstelling "Kerkschatten uit Tweestromenland", drs.W.

Knippenberg. Komplete lijst medewerkers in Nieuwsbrief 5.


September t/m december - 1200 personen. Tentoonstelling Mo(nu)mentopname Tweestromen land 1975: 27/28 september - Hernen - Kasteel Hernen, 4/5 oktober - Ewijk - Verpleeghuis Waelwick, 11/12 oktober - Weurt - Dorpshuis Kloosterhof, 18/19 oktober - Afferden - Dorpshuis De Meent, 25/26 oktober - Wamel - Jongensschool, 8/9 november - D reumei - Jongensschool, 15/16 november - Alphen - Parochiehuis, 22/23 november - Maasbommel - Zaal De Mulder, 7 december - Horssen - Dorpshuis, 13/14 december - Overasselt - Zaal De Ster. Twee nummers van het Tijdschrift Tweestromenland verschenen. Nummer 21 was gewijd aan de "Leeuwense Oorlogskroniek" van Harrie van Heertum, uitgebreid met foto's uit de Tweede Wereldoorlog, gemaakt in ons werkgebied en bijna alle voor het eerst gepubliceerd. Nummer 22 bevatte verschillende artikelen, een aantal met foto had betrekking op monumenten tussen Maas en Waal, vanwege Monumentenjaar '75. Het ledental overschreed de 1000! Op 5 december 1974 telde de vereniging nog 933 leden. Ruim één jaar later, op 28 januari 1976, waren 1096 personen lid van de vereniging. Het bleek ondoenlijk uit te maken wie precies het 1000e lid was. Steeds meer mensen - met name leerlingen van voortgezet en beroepsonderwijs - maakten gebruik van dokumentatie uit ons archief om werkstukken,skripties e.d. te vervaardigen. Het verdriet ons wel dat de oproep in Nieuwsbrief 3 om medewerkers voor het toegankelijk maken van het archief nog geen enkel resultaat heeft gehad. Aan de aanstelling van een vaste kracht voor deze en andere werkzaamheden kon, vanwege de financiële konsekwenties, nog niet worden gedacht. Wel mogen we tot onze vreugde vaststellen, dat het merendeel van de gemeenten in ons werkgebied, alsmede het Polderdistrikt en de Waterleiding in 1975 een "bijzonder lidmaatschap" aangingen.


5a. Resultatenrekening -------------------------

1974 Lasten

Baten

Kontributies

f 10.497,oo

Schenkingen Tros di versen

,I 1,

250,OO 6430

1: 2.465,25 136,50

::

3.055,oo 195,oo

,(

1.407,13

,,

2.700,40

I,

1.265,44

f

Organisatie Aktiviteiten exku rsie Mook exkursie Xanten lezingen, diavoorstel I ingen Periodieken Nieuwsbrief Tijdschrift Porti

1,

8365

1: 1.221,50 68,25

1,

133,oo

1,

74250

II II

204,28 860,OO

0,

186,32

1,

136,39 II

25,02

,, 4.040,69 1, 891,34

Archief

1, boeken diaâ&#x20AC;&#x2122;s, aanschaf dia-verhuur prenten

Bibliografie

1.273,87

I

Vitrinezorg

402 ,OO

Rente Afschrijving vitrines Reservering voorzieningen aanwijsbare Saldo,

voordelig

i.2. risikoâ&#x20AC;&#x2122;s

II

219,88

,,

3.250,OO

1,

f

360,59 18.067,65

f

18.067,65


5b. Balans per 31 december 1974

Aktiva

Passiva

Vastgelegde middelen Vitrines, glas ƒ1.099,42

Schulden op korte termijn Geldlening Vooru itont vangen kontributies '75

Uitstaande middelen Papiervoorraad Debiteuren

„ 3.309,00 „ 1.400,00

Betalingsmiddelen Kas Bank Giro

„ 167,88 „ 806,34 „ 1.690,95

*)

870,00

Reservering Voorzieningen i.z. aanwijsbare risiko's

„ 3.250,00

Afschrijving vitrines, glas

Vermogen, positief

„ 2.133,71

ƒ8.473,59

219,88

ƒ8.473,59 5c. Kaskommissie

*) Dia's, cliché's, foto's Boeken, periodieken Vitrines, frame-werk Prenten, oudheden Tentoonstel lingsmat.

ƒ2.000,00

p.m. p.m. p.m. p.m. p.m.

Op 9 december 1975 heeft de Kaskommissie '74, bestaande uit G.F. Kaiser en L.J.H. Vosmar de kontrêle van de financiële bescheiden afgesloten en alles in orde bevonden.


óa. Resultatenrekening 1_-l - 1_975 t/m 31 - l -]976 Lasten

Kontributies bijzondere bijdragen

Baten

ƒ 13. 137,05 ,, 857,50

Organisatie

ƒ

1.472,12

250,00

Aktiviteiten lezing Ben.-Leeuwen Batenburg-dag lezing Druten exkursie Bov.-Leeuwen expositie kerkschatten Mo(nu)mentopname '75

„ „ „ „ „ „

79,00 674,23 60,76 77,80 3.755,39 1.951,39

„ „ „ „ „ „

„ „ „

1.872,50 5.275,65 1.019,63

787,20

423,40 „

83,75

435,60

490,00

„ „

104,60 606,75

100,00

54,64

„ ,,

219,88 330,00

5,00 599,50 77,25 125,00 3.755,39 1.238,86

Periodieken

Nieuwsbrief Tijdschrift porti

Archief kalenders dia's, aanschaf d ia-verhuur prenten

Rente Afschrijvingen vitrines, glas schrijfmachine Reservering f voorzieningen

i.z.aanwijsbare risiko's

Saldo, voordelig

„ 3.250,00

195,14

ƒ21.682,49

ƒ21.682,49


6b. Balans per 31 - 1_- 1_976_ Aktiva

Passiva

Vastgelegde middelen

Schulden op korte termijn Krediteuren Vooru itontvangen kontributies '76

Vitrines, glas Schrijfmachine Uitstaande middelen Papiervoorraad Debiteuren '74 Debiteuren '75 Termijndeposito

ƒ

„ „ „

1.099,42 660,00

l.659,00 407,50 2.334,50 2.500,00

Betalingsmiddelen

Kas Bank Giro

„ „ „

1.210,08 1.517,73 136,21

ƒ

673,33

1.252,50

Reservering Voorzieningen i.z. aanwijsbare risiko's

6.500,00

Afschrijvingen Vitrines, glas Schrijfmachine Vermogen, positief

439,76 330,00 „

2.328,85

*)

ƒ11.524,44 *) Dia's, cliché's, foto's

Boeken, periodieken Vitrines, frame-werk Prenten, oudheden Tentoonstel lingsmat.

p.m. p.m. p.m. p.m. p.m.

ƒ11.524,44 6c. Kaskommissie Op 12 april 1976 heeft de Kaskommissie '75 bestaande uit L. J.H.Vosmar en Mevrouw v. Roosmalen de kontröle van de financiële be-

scheiden afgesloten en alles in orde bevonden,


M o ( n u ) m e n t o p n a m e

1975

Op zaterdag 27 september 1975 ging in het Kasteel te Hemen de reizende foto-tentoonstelling Mo(nu)mentopname 1975 Tweestromen land van start. Deze expositie was het resultaat van de fotowedstrijd, die de vereniging in het kader van Monumentenjaar '75 organiseerde. Tien verschillende plaatsen in de streek heeft de reizende fototentoonstelling in de loop van vier maanden bezocht, daarbij op de voet gevolg door De Gelderlander, die in verschillende artikelen het monumentenbestand van de streek belichtte en zelfs eenmaal met een komplete foto-pagina voor de dag kwam. Ter gelegenheid van de opening in Hemen deed namens Tweestromenland voorzitter J.P. v.Wezel het woord. Hij zei o.m. dat het opvallend was dat de inzenders "of zij nu meer of minder vakkundig zijn in het foto's schieten, het monument hebben gefotografeerd in zijn omgeving. Uit de opnamen blijkt dat de omgeving voor een monument erg belangrijk is. Als wij dan de monumenten in stand wensen te houden, zal het ook nodig zijn dat wij de omgeving beschermen. Het is onze taak om Maas en Waal gaaf en schoon te houden". Ook zei hij dat verschillende foto's het verval van sommige monumenten in beeld brengen en best gezien mogen worden als een waarschuwing ! Drs. A.G . Schulte, verbonden aan de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, liet daarop in zijn inleiding horen, dat hij met veel belangstelling de inzendingen bekeken had. Hij was vooral benieuwd geweest naar de onderwerpen. Hem was gebleken dat de inzenders kans hadden gezien een tamelijk volledig beeld van het monumentenbestand uit de streek te geven. Door de bril van Monumentenzorg werden echter enkele typerende zaken gemist. Bijvoorbeeld de waterstaatskerkjes, enkele neo-gotische en neoromaanse kerken en verschillende landhuizen. Voor het overige was hij bijzonder te spreken over het initiatief van Tweestromenland om deze wedstrijd en tentoonstelling te houden. Voorts besteedde hij enkele pittige uitspraken aan de gevolgen van het


"openbreken" van de streek. Hij was van mening dat sommige wegen "desastreus" zijn voor de streek, een "kultuurlandschap in optima forma". Weinig gelukkig was hij ook met de voltrokken ruilverkavelingen. Ten aanzien van de dorpskernen, die naar zijn inzicht ver uitsteken boven het landelijk gemiddelde qua struktuur van bebouwing en wegenplan, maande hij tot grote oplettendheid. Nieuwbouw, industrialisatie en ontsluiting zouden wel eens voorgoed kunnen kapotmaken, wat nu nog waardevol aanwezig is. Speciale aandacht besteedde hij aan de dijkverzwaring, die een ander aspekt van het kultuurlandschap zal vernietigen. Tenslotte merkte drs.Schulte op dat de lijst van beschermde monumenten in de streek ongeveer 300 objekten telde. Volgens zijn onderzoek zouden er 1200 (!) "monumentwaardige gebouwen" tussen Maas en Waal aanwezig zijn. Een niet gering verschil, maar Schulte stelde dat deze 1200 nog maar een fraktie zouden zijn van het totaal voor Nederland, die wĂŠl op de monumentenlijst zijn geplaatst. De rij van sprekers werd gesloten door de voorzitter van de Stichting Streekbelangen Maas en Waal en Rijk van Nijmegen, drs.Z. M.Deurvorst, burgemeester van de gemeente Wamel. Hij spitste zijn betoog toe op het effekt van de wedstrijd op de deelnemers, die daardoor kreatief bezig zijn geweest met bouwkunstige kreaties uit het verleden. Ook meende hij dat via de ontstane tentoonstelling vruchtbare impulsen gegeven kunnen worden voor het bouwen in onze tijd. In zijn ogen waren de uitbreidingen van de jaren na de oorlog nu niet en waarschijnlijk nooit fraai genoeg om ze als monument te beschouwen. Hij hoopte dat onze generatie bij de voorgaande inspiratie mag vinden om "monumentaal" te bouwen voor de toekomst. Sprekers en jury-leden werden door Tweestromen l and verrast met ouderwetse manden met fruit, waarbij soorten die niet meer in de handel zijn en die in de annalen van de "Pomologie" al 300 jaar geleden zijn beschreven.


De jury, bestaande uit C. Blazer, H . v.Heiningen, M. v d. Kamp en F .H. J. Wasmann bekroonde inzendingen van de volgende personen: Jongeren t/m 15 jaar

1. Cinty Visker, Beuningen: "Graftombe familie v . ' t Lindenhout".

Ouderen boven 15 jaar 1. H.v.Leeuwen, Dreumel: "Twee kerken te Dreumel". 2. P.Fleuren, Ewijk: "Spijkershof te Neerbosch". 3. P.A.Huurman, Winssen: "Custerie te Batenburg". 4. F.M.R.Trijsburg-Benthem Sypkens, Andelst: "Molen te Alphen". 5. Mevr.Gennissen-v. Heek, Ben.-Leeuwen: "N.H . Kerk Leeuwen" 6. T. Ebben, Druten: "Bovenlicht Boerderij 't Uiversnest te Deest". 7. Mej.A.J.Top, Nijmegen: "N.H.Kerk te Batenburg". 8. J.Gremmen, Ben.-Leeuwen: "Preekstoel N.H . Kerk te Wamel". 9. A.M.Vermeulen, Wamel: "N.H. Kerk te Wamel". 10. J.R.Visker, Beuningen: "Achterhuis v. Bon te Beuningen". Amateurfotografen 1. 2. 3. 4. 5. 6.

J.W.v.Oss, Druten: "Toren R. K. Kerk te Alphen a/d Maas". B.A.P.Gijsbers, Bergharen: "Kasteel te Ewijk". J. E. M. Basten, Afferden: "Oude Toren te Afferden". J.H.M.Barten, Puiflijk: "Oude Toren te PuĂŻflijk". G.Geurts, Wijchen: "Boerderij De Gordenaars te Batenburg". J.H.Engels, Afferden: "Hooiberg te Afferden".

De prijzen, die de winnaars in ontvangst mochten nemen, werden aangekocht met de financiĂŤle hulp van de gemeenten in het werkgebied van de vereniging, waarvoor wij bijzonder erkentelijk zijn. Bovendien werden boeken beschikbaar gesteld door uitgeverijen, t. w. Kluwer te Deventer, Unieboek te Bussum, Thieme te Zutphen en door de heer C. Blazer te Altforst. Alle gevers hartelijk dank! Tenslotte verdienen allen, die belangeloos hebben meegewerkt onze achting; zonder hun inzet was Mo(nu)mentopname niet mogelijk

geweest.


eerste

schets

van

het

S T R E E K D R A C H T E N O N D E R Z O E K in

het

land

van

maas

en

waal

en het w e s t e l i j k deel van het r i j k van nijmegen

1.1.

Voorgeschiedenis

In september 1973 werd in het Drutense Gemeentehuis een tentoonstelling gehouden van merklappen e.d., getiteld "Met Naald en Draad". Tijdens de voorbereidingen van deze expositie brachten de penningmeesteres van de Historische Vereniging Tweestromen land, me j. G.Y.M. Klabbers en ondergetekende een bezoek aan het Rijksmuseum voor Volkskunde "Het Nederlands Openluchtmuseum te Arnhem". Daar hadden wij een gesprek met mevr. A. Meulenbelt-Nieuwburg, hoofd van de afdeling handwerken en textiel. De vraag was of zij ons van advies wilde dienen en kon helpen bij de merklappendokumentatie en -tentoonstelling. Haar antwoord was gelukkig positief. Sindsdien hebben wij in samenwerking met mevr. Meulenbelt een tweetal tentoonstellingen van merklappen mogen organiseren: de eerdergenoemde in Druten en "Borduurwerk uit T weestromen l and" in het Kasteel - Raadhuis te Wijchen van 22 december 1974 t/m 5 januari 1975. Thans bezit de Historische Vereniging van de merklappen uit het werkgebied een voortreffelijke dokumentatie, die niet in de laatste plaats aan haar te danken is. De tentoonstellingskatalogi, waarvan op het sekretariaat nog een beperkt aantal voorradig zijn, geven daarvan een samenvatting. Tenslotte leverden deze aktiviteiten een drietal schenkingen van borduurwerk aan de Vereniging op, waarover een publikatie in voorbereiding is.

- 31 -


Tijdens het bezoek aan het NOM - mevr. Meulenbelt had toen de beschikking over kantoorruimte boven de ingang van het klederdrachtengebouw - maakten wij tevens kennis met de heer J. Duyvetter, hoofd van de afdeling klederdrachten. Wij vroegen hem, of het NOM ook voorbeelden van de streekdrachten uit het Land van Maas en Waal en het westelijk deel van het Rijk van Nijmegen bewaarde. Hij vertelde ons, dat er maar heel weinig of niets aanwezig is uit deze streek en er zelfs geen betrouwbare gegevens over de dracht tussen Maas en Waal gepubliceerd zijn. Onze streek was nimmer systematisch onderzocht en hij zag er zelf geen kans toe er ooit aan te beginnen. Wanneer de Historische Vereniging T weestromen l and daar haar aandacht op wilde richten en materiaal verzamelen, zou hij in ieder geval bereid zijn om zo nodig te adviseren en hulp te bieden. In feite werd op dat ogenblik het idee geboren om na de merklappendokumentatie, een streekdrachtenonderzoek op poten te zetten. Reeds tijdens de dokumentatieprocedure van de merklappen is daar een bescheiden begin mee gemaakt.

l .2.

De a a n z e t

Dit bescheiden begin bestond uit een experimenteel onderzoek aan De B l a u w e S l u i s bij A p p e l t e r n . De aanleiding om juist in deze buurtschap te beginnen was een toevallige en werd gevormd door de eerder In dit nummer besproken (omslag)foto van De B l a u w e S u i s . In "Weer wat nieuws", een inmiddels opgeheven regionaal adverteniieblad, werden de eerste gegevens, verkregen uit dit onderzoek, gepubliceerd onder de titel "De goedgemutste vrouwen aan de Blauwe Sluis". In het kort kwam het erop neer dat een goede halve eeuw geleden tenminste een veertiental vrouwen aan de

- 32 -


Blauwe Sluis "goedgemutst" waren; de dracht was een "hoofdzaak" en de overige kleding was niet zo uitzonderlijk dat men van een streek- of plaatsgebonden kostuum kan spreken. In het algemeen gingen ze, vergeleken met de stedelingen enigszins "oudmodes" gekleed, 's Zondags droegen sommigen een pelerine (een soort korte cape, afgezet met gitten) en in de week zeer velen een "nuzzik" (= puntdoek, een dubbelgevouwen omslagdoek). De mannen hadden 's zondags gele klompen aan, de vrouwen zwarte met een leren band. De verscheidenheid in mutsen lijkt in genoemd artikel groot, door het gebruik van 8 verschillende benamingen. Bij nader onderzoek blijken ze alle, op één uitzondering na, van hetzelfde type te zijn afgeleid. Het experiment aan Blauwe Sluis had een soort olievlekeffekt. De mutsendragende bewoonsters van vroeger waren door allerlei familiebanden zo nauw met andere plaatsen in de streek verbonden, dat het bijna vanzelf sprak deze oude relatiepatronen te benutten en de draden op te nemen waar ze eindigden. Een verantwoord systeem bleek bij voortzetting van het onderzoek onontbeerlijk te zijn. De ervaringen aan de Blauwe Sluis hebben daarvoor als grondslag gediend. Het onderzoek had resultaat. In elk geval leek het verantwoord om ermee door te gaan, hetgeen gebeurde, zij het nog altijd op eigen houtje. Wel wist ik mij verzekerd van de hulp van mej. T, Oosterbaan uit Heerhugowaard, verzamelaarster van mutsen; de heer Aug. van Breugel uit St. Oedenrode, kenner bij uitstek van de Brabantse mutsen en de heer Duyvetter van het MOM,

1.3.

Onder

auspiciën

van

T we est r o m e n l a nd

In de jaarvergadering van de Historische Vereniging Tweestromenland op 14 april 1975 hechtten de leden goedkeuring

- 33 -


aan dit onderzoek. Het zou voortaan uitgevoerd worden onder auspiciĂŤn van de Vereniging. Een daartoe strekkend voorstel was uitgegaan van het bestuur. In de "Tolbrug" te Bergharen, waar de vergadering werd gehouden, was ook een kleine tentoonstelling ingericht van verschillende mutsen, poffers en foto's. De te verzamelen dokumentatie zou ondergebracht worden in het Archief van de Vereniging, ten laste waarvan de kosten zouden worden geboekt. Publikaties van de voortgang van het onderzoek en de verkregen resultaten zouden moeten plaatsvinden in het Tijdschrift van de Vereniging of uiteindelijk in een aparte uitgave. Bovendien werd de mogelijkheid aanwezig geacht om eens met een tentoonstelling te komen. Tenslotte zijn er scholieren van middelbare scholen en beroepsopleidingen, vier in getal, die geprobeerd hebben op basis van de dokumentatie in het Archief een skriptĂŻe te vervaardigen. Op hun resultaten wordt gewacht.

2.1.

Inleiding

tot

systematisch

onderzoek

Het onderzoek komt eigenlijk te laat. De mutsendraagsters zijn allen overleden. Mutsenmaaksters en -wasters zijn er, althans in onze streek evenmin meer in leven. Wij moeten het dus hebben van wat ons is nagelaten: in natura (mutsen, sieraden, kleding e.d.), in geschrifte (publikaties, archivalia, rekeningen etc.), op foto's (portret-, familiefoto's en andere afbeeldingen) en aan persoonlijke herinneringen. Voor dat

laatste zijn gesprekken nodig met de oudste inwoners van alle dorpen. Uit het bovenstaande blijkt dat het onderzoek uit vier komponenten kan bestaan. In deze zin dat het gaat om stoffelijke, schriftelijke, fotografische en mondelinge gegevens. Deze moeten voortdurend aan elkaar worden getoetst, wil niet een overstelpende en verwarrende hoeveelheid onbewerkt materiaal

- 34 -


ontstaan, waar geen doorkomen aan is. Voorts zal ieder onderdeel afzonderlijk systematisch moeten worden opgezet.

2.2.

Mondelinge

gegevens

De eerste stap is de konstatering dat zij die jonger zijn dan plm.70 jaar, nauwelijks voor deugdelijk mondeling materiaal kunnen zorgen. Wie de boekjes kent uit de reeks "...in oude ansichten", kan dit bevestigen. De Europese Bibliotheek in Zaltbommel, die de uitgever is van deze serie, liet de volgende deeltjes het licht zien: Dreumel, Wamel/Beneden-Leeuwen/ Boven-Leeuwen, Druten, Ewijk/Winssen en Wijchen. Van gelijksoortige opzet is de reeks "Kent U ze nog?", waarin verschenen zijn: de Drutenaren en een deeltje over de oude inwoners van Ewijk/Winssen. Alleen foto's van voor 1914 vertonen zo hier en daar wat mutsendraagsters. Dit wil niet zeggen dat het na 1914 afgelopen is met de muts, maar de bloeitijd is dan wel voorbij. Dit vindt zijn oorzaak in het feit dat door de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) de handel tussen de Europese landen en Nederland stagneerde en zich nadien anders heeft ontwikkeld. Van Breugel geeft in zijn "Brabantse mutsen uit grootmoeders tijd" en in eerdere publikaties aan, waar de grondstoffen voor de mutsen vandaan gekomen zijn. Vier jaar oorlog halen een streep door deze handelsbetrekkingen en de muts verdwijnt van het toneel (sneuvelt soms roemloos op het toneel van een plaatselijk toneelgezelschap). Van Breugel meent bovendien dat de opkomst van het rijwiel ten plattelande het verdwijnen van met name de poffermuts heeft bespoedigd. In het vlakke Brabantse land (en m. i. in het even onbeschutte Maas en Waalse), had de wind op de poffermutsen teveel greep. Thuislaten was het enige alternatief. Het zal U inmiddels wel duidelijk zijn geworden dat een

- 35-


naam- en adreslijst van 70-jarigen en vooral ouderen bij het onderzoek niet gemist kan worden. Zij moeten ten spoedigste worden benaderd, als we tenminste wensen, dat wat zij weten over de streekdrachten, niet voorgoed verloren gaat. Om met deze berichtgevers zinvol over de dracht te kunnen spreken, is het nodig dat men over een vragenlijst beschikt. De lijst die gebruikt wordt komt echter alleen op tafel, als het gesprek stokt en het de vraag is of alle punten wel aan de orde kwamen. Van groot belang zijn bovendien de foto's. Herinneringen hebben immers de eigenaardigheid dat ze vaak pas boven komen, wanneer zulke geheugensteuntjes onder de aandacht worden gebracht. De mutsen zelf zijn eveneens handig gespreksmateriaal. Plaatselijke verschillen (die naar de mutsenmaakster te herleiden zijn) zijn daardoor wat gemakkelijker te bespreken. Wel lastig om mee te nemen, maar het loont de moeite.

2.3.

Fotografische

gegevens

Met de namen van de mutsendraagsters, -maaksters en -wasters en, niet te vergeten, de nazaten op zak, trachten we van dezen de foto's te verzamelen. In M a a s b o m m e l , A l t f o r s t en Appeltern zijn we daar ten dele in geslaagd. Ook van elders uit de streek bezitten we reeds foto's. De originelen gaan terug naar de eigenaren en reprodukties belanden in een gestandariseerd formaat in het Archief. Een eenvoudige methode om aan de juiste personalia van de vrouwen te komen, vormt het overnemen van de gegevens van de bidprentjes. Bij Hervormden biedt de familiebijbel uitkomst. Niet zelden staan op de schutbladen kompleet uitgewerkte gegevens van voorvaders en -moeders. Een laatste toevlucht is de Burgerlijke Stand, waar totnutoe incidenteel gebruik van gemaakt is.

-36-


2.4.

Schriftelijke

gegevens

Schriftelijke gegevens zijn er nog altijd niet, tenzij men de bidprentjes tot deze kategorie wil rekenen. Als gezegd gaan de gedachten uit naar ander materiaal, bijvoorbeeld rekeningen, dagboeknotities, brieven e.d. Literatuur over de streekdrachten tussen Maas en Waal bestaat er hoegenaamd niet. Over de dracht in Brabant is wel wat geschreven en aangezien onze streek zich in dit opzicht laat aansluiten bij het kleigebied over de Maas: van oost naar west, het Land van Cuijk, het Land van Ravenstein en Maasland, zitten we niet helemaal zonder.

2.5.

Stoffelijke

gegevens

Men is in eerste instantie geneigd om het verzamelen van mutsen, pelerines, omslagdoeken etc. als startpunt van het onderzoek te nemen. De ervaring leert echter, dat hieraan grote bezwaren kleven. Men verzuimt in het begin meestal deze stoffelijke bewijzen behoorlijk te dokumenteren. Het vergaren staat dan zo centraal dat de dokumentatie er bij inschiet. Daar komt bij dat men zich eigenlijk nauwelijks bewust is van de verschillende facetten die bij zo'n dokumentatie aan de orde moeten komen. Het eind is dan dat men wel over een aardige kollektie "spullen uit grootmoeders tijd" beschikt, maar door het ontbreken van zorgvuldig getoetste gegevens, over de historische achtergronden geheel in het duister tast. Wanneer dan blijkt dat die gegevens niet meer te achterhalen zijn, is zo'n kollektie welbeschouwd waardeloos. Een muts, waarvan men de funktie en behandeling, de draagster, maakster en waster niet kent en van wie geen antecedenten zijn, is een lor. Zo'n verzamelaar had het historisch onderzoek een betere dienst bewezen door er met zijn vingers (en zijn geld) af te

- 37-


blijven, tenzij het ging om iets te redden dat anders in de vuilnisbak verdwenen was. Toch komt dit laatste maar zelden voor. De meeste bezitters zijn zuinig op hun spullen; uit preteit blijven ze zorgvuldig bewaard en worden ze slechts bij hoge uitzondering ten behoeve van voordrachten e.d. uitgeleend onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat men ze zo snel mogelijk en zeker onbeschadigd terug zal brengen. De waarde is, het is goed om dat duidelijk te stellen, niet in geld uit te drukken. Op veilingen en antiekbeurzen gaan deze spullen maar zelden van hand tot hand en als er een aanbod is, dan Is de prijs gelijk aan "wat de gek er voor geeft". Er zijn hooguit 10 serieuze partikuliere verzamelaars in Nederland en uiteraard een veel groter aantal musea, die er wel belang in stellen om ze te verwerven, maar er geen belang bij hebben om de prijs op te drijven. Het antieke textiel heeft zelden gebruikswaarde en voor de verfraaiing van onze interieurs is het ten enen male ongeschikt. Tenslotte vormt de konservering een zo groot probleem dat TNO er zich ten behoeve van de musea al jaren mee bezig houdt. De waarde ligt dan ook zonder meer op het historisch-folkloristisch vlak. De stoffelijke bewijzen van klederdrachten vormen een laatste en zeer interessante bron van informatie en van verifikatie. Als de beschreven procedure gevolgd is, hebben de eerste drie kategoriEn gegevens ons de weg gewezen naar verfrommelde mutsen in een dekenkist op zolder of naar beter bewaarde in de laden van een linnenkast. Aangezien er in de streek geen mutsenmaakster of -waster meer in leven is, gaan we met de in eigendom of bruikleen verworven exemplaren naar Brabant, waar enkele mutsenwasters ons verder helpen. Daarmee is het probleem van het reinigen en opmaken van de mutsen niet geheel opgelost. Plaatselijke verschillen zouden door gebruik te maken van overmaasse mutsenwasters verdoezeld kunnen worden. Je houdt

- 38 -


dan, historisch gezien, onzuiver materiaal over. Om precies te weten hoe de muts er uit hoort te zien, wordt deze tevoren uitvoerig beschreven, opgemeten en gefotografeerd, -dat geldt ook voor de mutsen die bij de eigenaren blijven-. Voor de mutsenwaster is dat weer een grote steun, wanneer de muts losgetornd en gereinigd is en deze zo oorspronkelijk mogelijk moet worden gerekonstrueerd, "opgemaakt" zeggen ze.

3.1.

Voorlopig

resultaat

De gegevens overziende, die tot heden zijn verzameld, kunnen we stellen dat er zeker 10 verschillende typen mutsen tussen Maas en Waal hebben bestaan. Van één type "de kanten muts", bijgenaamd "de knipmuts", kennen we zeker 8 varianten, waarvan "de poffermuts" wel de bekendste is en 7 varianten zijn onzeker. Van een ander type "de neepjesmuts" kennen we l zekere en l onzekere variant en van een derde type "de zwartwollen wintermuts", bijgenaamd "de kaper", zijn zeker 2 varianten bekend. Hiermee komt het aantal typen met varianten op 26 stuks, waarvan er dus 8 varianten nog onzeker zijn. De oogst van bijna twee jaar incidenteel onderzoek bestaat uit zeker 18 typen en varianten. Met zeker bedoelen we dat er tenminste één afbeelding of één exemplaar van gedokumenteerd is. Een vermelding in de desbetreffende literatuur wordt ook als zeker aanvaard, maar als er geen afbeeldingen of exemplaren van te vinden zijn, wordt naarstig gepoogd deze "bewijzen" te pakken te krijgen. Onzeker wil dan ook zeggen dat over zo een muts wel mondelinge gegevens voorhanden zijn, maar op geen enkele andere manier het bestaan bewezen is. Hand in hand met dit onderzoek gaat het verzamelen van spreekwoorden, volksrïjmpjes e.d. in het dialekt. Van de 233

- 39-


geregistreerde, zijn er 24 die betrekking hebben op kleding.

3.2.

Mutsentypen

en

varianten

Zelf heb ik in het begin ondervonden hoe moeilijk het is om je een voorstelling van een bepaalde muts te maken, als daar alleen maar mondelinge of schriftelijke gegevens van zijn. Daarom ga ik hier niet verder dan het bespreken van de afgebeeld vier in dit nummer.

3.3.

Neepjesmuts

met

zwarte

overmuts

(foto 1 )

3.3.1. d r a a g s t e r Janna Mechtalia van Brenk (Vrouw Spies), geboren in Eek en Wiel, 13-2-1848, overleden in A p p e l t e r n / d e W a l , 29-11-1919, getrouwd met Gerrit Spies, van beroep koetsier, later boer, geboren in Echteld, 13-9-1839, overleden in A p p e l t e r n / d e W a l , 8 - 8 - 1 9 1 6 . 3.3.2. m a a k s t e r Zoals uit de antecedenten genoegzaam blijkt, was de draagster van oorsprong een Betuwse. Het ligt voor de hand aan te nemen dat de muts in Eek en Wiel of daaromtrent gemaakt is. De gegevens van de mutsenmaakster zijn nog niet achterhaald. 3.3.3. w a s t e r Van de waster is bekend, dat ze in T ie l woonde. Vrouw

Spies placht te zeggen dat de mutsenwasters in Megen, het Brabantse stadje net over de Maas bij Appeltern, er niets mee konden aanvangen. Dit kunnen we ons wel voorstellen, want

het type was in het Land van Maas en Waal en aan de overkant niet algemeen. Nadere gegevens ontbreken.

- 40 -


3.3.4. t y p e De neepjesmuts zelf is gemaakt van een fijne, witte stof. Om het gezicht sluit in hoefijzervorm de gepijpte voorstrook. Waar deze voorstrook eindigt, begint los van de voorstrook en aan de mutsebodem een ingerimpelde randstrook, die als ze gesteven is, naar buiten toe uitstaat en in een halve cirkel om de achterzijde van de hals sluit. Een katoenen bandje wordt onder de kin gestrikt, opdat de muts niet verschuiven zal. Deze witte neepjesmuts kon gewassen, gesteven en gestreken worden. De gepijpte voorstrook moest uiteraard opnieuw worden geplooid. De zwarte overmuts werd niet gewassen en is wat dat betreft te vergelijken met de Brabantse poffer. Ook de funktie vertoont een frappante overeenkomst. Naar me j. T. Oosterbaan vertelde, zal de zwarte overmuts van stro zijn en versierd met veren, kralen, crêpe en linten; de afhangende linten zijn opvallend. 3.3.5. v e r s p r e i d i n g s g e b i e d Van Breugel stelde in zijn boek "Brabantse mutsen..." vast dat het type "neepjesmuts" alleen in overwegend Reformatorische streken van Noord - Brabant voorkwam, met name in het gebied tussen Moerdijk en Dinteloord. Hij haalt in dit verband Prof. Dr. A. Weijnen aan uit diens "Onderzoek naar de dialectgrenzen in Noord - Brabant 1973" Par. 281. Volkskunde. Mutsen. Par. 215-220. Een relevant détail: het echtpaar Spies was Nederlands Hervormd. Op pag. 40 van het genoemde boek van Van Breugel treft men een afbeelding, no. 26, aan van een vrouw in Fijnaart, die dezelfde muts draagt, echter zonder zwarte overmuts. Volgens mej. Oosterbaan was het verspreidingsgebied van dit type muts niet beperkt tot westelijk Noord - Brabant, maar kwam men deze ook tegen in het Hollands en westelijk deel van het Gelders Rivierengebied. Uit het feit dat Vrouw Spies déze en geen andere muts ge-

-41 -


dragen heeft, kan men konkluderen dat een vrouw, eenmaal gewend aan een bepaalde muts, deze niet meer verving door een ander, al kwam ze door huwelijk of andere omstandigheden in een andere plaats of streek terecht. Van Breugel kent dit verschijnsel, dat met traditiezin te maken heeft, ook. Zie "De verscheidenheid..", blz.121.

3.4.

Plooimuts,

"endenkont"

(foto 2)

3.4.1. d r a a g s t e r Maria van Wetten (Miet van Wetten), geboren in H o r s s e n , 28-10-1850, overleden in A p p e l t e r n , 29-1-1934, getrouwd met Bernardus G remmen (Bartje), van beroep boer, geboren in M a a s b o m m e l , 3-10-1842, overleden in Appeltern, 29-8-1914. 3.4.2. m a a k s t e r Vermoedelijk Is de muts een zelfgemaakte. 3.4.3. w a s t e r De muts werd door Miet zelf gewassen, gesteven en gestreken. 3.4.4. t y p e Het type doet een beetje denken aan het "Bolhenneke" uit Diessen, van Breugel "Brabantse mutsen...", blz.20, foto 9, blz. 22. De muts was gemaakt van een effen, witte stof. Net als bij de neepjesmuts en het bolhenneke is aan de achterzijde van de bodem een ingerimpelde strook in een halve cirkel aangezet. Bij de slapen is in grove plooien een strook stof op de rand van de bodem genaaid, die de muts in gesteven toestand een merkwaardig cachet geeft. Niet voor niets heeft men het A p p e l t e r n over een "vliegerig model". Me j. Oosterbaan herkende de muts als ĂŠĂŠn die in Achter-

- 42 -


berg bij Rhenen nog door iemand wordt gedragen. Zij noemt deze muts een "plooimuts", ook wel "plat of glad mutsje". We doen moeite om het mutsje te laten rekonstrueren, want een origineel exemplaar zijn we nog niet tegengekomen. De Achterbergse die deze nog draagt, is niet bereid gevonden het onderzoek van dienst te zijn. De muts werd door Miet op werkdagen gedragen, wanneer er visites moesten worden afgelegd. De benaming "endenkont" komt van een andere draagster van een gelijke muts: Trui van Genen. In het Archief bevindt zich van haar een foto met deze muts. Zij en haar man zijn geboren en getogen in A p p e l t e r n . 3.4.5. v e r s p r e i d i n g s g e b i e d Buiten de genoemde plaatsen is deze muts alleen teruggevonden op een dia in het Archief. Temidden van vele anderen in een straat te A f f e r d e n , staat een vrouw met net zo'n muts. Wie is het en waar komt ze vandaan? We weten het niet.

3.5.

kanten

muts

(foto 3)

3.5.1. d r a a g s t e r Aldegonda Heijligers Jansen (Vrouw Steur), geboren in Berg h a re n, 1-9-1839, overleden in A p p e l t e r n , 30-9-1911, getrouwd met Gerardus Steur (Grad Steur), van beroep daglogeboren in A p p e l t e r n , 2-4-1848, /ner, overleden in A p p e l t e r n , 21-2-1926. 3.5.2. m a a k s t e r Onbekend. 3.5.3. w a s t e r Onbekend. 3.5.4. t y p e Van het type "kanten muts" zijn vele varianten (15) be-

-43-


kend. Dit is ongetwijfeld veroorzaakt door het feit dat dit type muts de strekste verbreiding had van alle. Tussen Maas en Waal noemt men deze muts "knipmuts". Kenners verstaan onder die term een ander type. Vandaar dat we liever van "kanten muts" willen spreken. De muts bestaat uit vijf onderdelen. 1. De bodem of met een iets duidelijker woord "bol". Deze is gemaakt van tule, geborduurd met rozetten. Bestaat de bodem uit banen kloskant, dan spreken we van een "baanmuts". 2. De plooirand of voorstrook. Meestal is deze gemaakt van machinale kant. Tussen Maas en Waal zijn vrijwel alle voorstroken verstevigd met karkas, dat vervaardigd is uit koperdraad en omwonden is met heel fijn katoendraad, blauw van kleur. Behalve dit karkas, zorgde een "raampje" van ijzerdraad voor de nodige stevigheid. Dat is meestal met wit katoendraad omwonden. 3. Het pasje. De gepijpte voorstrook is niet onmiddellijk aan de bol genaaid. Tussen bol en voorstrook bevindt zich een tulen strook, "pasje" genaamd, die bij uitzondering net zo bewerkt is als de bol. 4. Kanten randstrook. Van oor tot oor, beginnend bij de uiteinden van de gepijpte voorstrook en het pasje is een kanten randstrook aangenaaid. Vrouwen van "heiboeren" in Brabant konden zich de weelde van kant niet veroorloven en droegen fopkant van tule met motieven in een doorstoptechniek. Zoals de voorstrook door het pasje aan de bol is verbonden, zo is de kanten randstrook aan de bol verbonden via een tulen tussenstrook: no. 5. Waar deze tussenstrook en bol aan elkaar genaaid zijn, bevindt zich bij Maas en Waalse mutsen een zoom, waar de katoenen bandjes door lopen, die onder de kin worden vastgestrikt. Ook ziet men op dezelfde plaats en met dezelfde funktie een gehaakt "laddert j e " . Neemt U dit gerust letterlijk, misverstand uitgesloten. Bij exemplaren die praktisch niet gebruikt zijn, zagen we duilijk dat voor- en tussenstrook geblauwd waren. Bol, pasje en kanten randstrook hadden een lichte roomkleur. Opmerkelijk!

-44-


1. Vrouw Spies uit Appeltern met een witte neepjesmuts. Een bijpassende zwarte overmuts, die rijk versierd Is, kompleteert het geheel.

3. Vrouw Steur uit Appeltern met een lange kanten muts, waarvan de geplooide voorstrook In een halve cirkel om het gezicht sluit. Aan het zwarte ondermutsje hangen mutsebellen l Let ook op de halsketting met email sluiting en de strik die met pronkspelden

versierd is.

2. Miet van Wetten uit Appeltern met kleinzoon Bernard draagt een soort plooimuts, glad of plat mutsje geheten, door haarzelf â&#x20AC;&#x17E;endenkont" genoemd. Het Is een visitemuts voor werkdagen.

4. Nelleke van Vugt uit Appeltern met

een kanten muts en poffer. Hier steekt de geplooide voorstrook als een klep horizontaal naar voren. De linten, die gewoonlijk op de rug hangen, eindigen in een franje van kettingdraden ; de inslagdraden zijn eruit.


5. Standaardmolen bij de R.K. Kerk te Druten. De opname dateert van 1914.

6. Grafzerken op het Joods kerkhof op den Gelenberg nabij Afferden. Het is in 1961 geruimd en overgebracht naar de IsraĂŤlitische begraafplaats te Nijmegen.


3.5.5. v e r s p r e i d i n g s g e b i e d In het hele werkgebied van onze Vereniging en ver daarbuiten -midden en oostelijk Noord - Brabant - is deze muts de algemene dracht geweest. Er zou een speciaal nummer van ons Tijdschrift aan te wijden zijn, om alle varianten te bespreken. Op het ogenblik is daar nog geen aanleiding toe, want de dokumentatie vertoont naar ons oordeel nog teveel leemten. Een andere spreiding is die in de sociale lagen van de bevolking. Toon mij Uw muts en ik zal U zeggen tot welk milieu U behoort. Immers de breedte van de kantstrook en de kwaliteit daarvan getuigen van de welstand van de draagster. Ook het al dan niet dragen van de poffer ('s zondags) en de weelderigheid daarvan zijn naar de dikte van de beurs te herleiden. Men kan dus op goede gronden de mening zijn toegedaan dat de muts, behalve een folkloristisch attribuut ook een statussymbool is geweest. Een derde vorm van spreiding is die in de tijd. Bij de onderschriften van foto 3 en 4 staat vermeld dat de voorstrook bij de ĂŠĂŠn in een halve cirkel om het gezicht sluit en bij de ander als een klep horizontaal naar voren steekt. De laatste vorm is waarschijnlijk de jongste.

3.6.

"poffermuts"

3.6.1. d r a a g s t e r Petronella Wilhelmina Banken (Nelleke van Vugt), geboren in A p p e l t e r n , 17-8-1853, overleden in A p p e l t e r n , 7-7-1931, getrouwd met Joannes van Vugt (Jan), van beroep boer, geboren in Oijen, 18-6-1849, overleden in A p p e l t e r n , 18-5-1920. 3.6.2. m a a k s t e r Geertruda Johanna Wattenberg (Truike)

- 45 -


geboren in Megen, 8 - 3 - 1 8 6 5 , overleden in Megen, 22-9-1945, ongetrouwd, van beroep mutsen- en poffermaakster. 3. 6.3. w a s t e r Als hiervoor. 3.6.4. t y p e De grondvorm van de muts is gelijk aan 3.5.4. Het verschil zit in de poffer, die Vrouw Steur niet en Nelleke van Vugt wel droeg. Over de vervaardiging van poffers kan men het beste "Brabantse mutsen..." van Van Breugel nalezen. Hier willen we volstaan met te zeggen dat de poffer in zijn grondvorm een sikkelvormige wrong is, bestaande uit ijzerdraad en windselen (gaas), waarop trossen kunstbloemen in tere tinten roze, groen e.d. genaaid zijn. Een waar kunststuk, dat niet gewassen kon worden en derhalve maar zelden gaaf en fris terug gevonden wordt. 3.6.5. v e r s p r e i d i n g s g e b i e d Als 3.5.5.

N a woo rd Laten we elkaar niet wijsmaken dat met het voorgaande de eigenlijke geschiedenis van de "hoofddrachten" tussen Maas en Waal uit de verf komt. Daarvoor is het onderzoek niet ver genoeg gevorderd en zijn de verzamelde gegevens nog te weinig in ĂŠĂŠn verband te plaatsen. Door ons alleen met de foto's die in dit nummer zijn gepubliceerd bezig te houden, is het artikel niet meer dan wat er in de titel staat,, een "eerste schets". Jac.

-46-

Trijsburg


Literatuurlijst Th. Molkenboer

Trees Dorenbosch - Meyer Aug. van Breugel

Jac. Trijsburg

Aug. van Breugel

De Nederlandse Nationale Klederdrachten, plm. 1916/17, p. 214/15. De Brabantse Boerenmuts, Brabants Heem V, no. 2, p. 30-42, 1953. De verscheidenheid van de Brabantse Muts in het begin van de 20e eeuw, met foto's van Pater Wiro Heesters ss.cc., Brabants Heem ? no. ? p. 110-124, 19.. De goedgemutste vrouwen van de Blauwe Sluis, Weer Wat Nieuws, no. 21, p. 1/2, 1975. Brabantse mutsen uit grootmoeders tijd, Bijdrage tot de studie van het Brabantse Heem, deel XIV, 1975.

- 47 -


~7O Molen van Heerewaarden V Tot het laatst varende veren T i j d e l i j k e stoombootverbinding Oude veren

- 48 -

Situatiekaartje Heerewaarden 1590-heden Vorense gat of kanaal Heerewaardense gat of kanaal c. Schanse gat of kanaal van St. Andries d. Huidige verbinding met schutsluis l. Schans Voren of Nassau l 1. Schans St. Andries l l. Fort Nieuw St. Andries


OEVERVERBINDINGEN met

HEEREWAARDEN

Het zal niet moeilijk zijn om te begrijpen dat een plaats als Heerewaarden zich van veren bediend heeft, als men weet dat we het over twee eilanden hebben, de situatie van voor plm. 1700 in aanmerking genomen. De Maas en de Waal kwamen op drie plaatsen bij elkaar. Op nevenstaand kaartje laten deze plaatsen zich gemakkelijk herkennen. Begin 1700 is men begonnen met lage bedijkingen aan te leggen tussen Heerewaarden en D reu me l , echter nog te laag om bij hoogwater droogvoets van het Land van Maas en Waal in dit eeuwenoude vissersdorp te kunnen komen. De verbinding die van Heerewaarden een schiereiland van het Maas en Waalse maakte is eigenlijk pas rond 1850 tot stand gekomen; toen werd de dijk aan de Waalkant op de huidige hoogte gebracht. De verbindingen over de rivieren werden tot voor kort met veren onderhouden. Aangezien het verkeersaanbod in de regel te klein was voor de veerbazen om er zelfs maar de boten en de aanlegplaatsen van te onderhouden, hadden ze neveninkomsten. Ik spreek hier van de twee belangrijkste: die bij de Bol te Heerewaarden naar Lith-Maren en Kessel en die bij de Heerewaardense molen naar Varik. De eerstgenoemde had behalve zijn inkomsten uit het veer, een bijverdienste uit het beheer van de Bol (gemeentelijke laad- en losplaats). Voor een bolgaarder was er het jaar rond werk: in- en uitladen van de beurtschepen, verzorgen en bezorgen van te laden of geloste materialen, toezicht op het laden en lossen, want alles ging per schip, of het Heerewaarden inkwam of uitging. Men

- 49-


begrijpt dat de komst van gemotoriseerd vrachtvervoer acn deze tak van inkomsten van de veerbaas tenslotte een einde maakte. Bi] het veer had de veerbaas ook nog een tapperij in

het Veerhuis. Desgewensi kon man daar ook overnachien. Wie er nu komt, vindt op deze plaats eïn bar, die de toepasselijke naam "Het oude veerhuis" draagt.

Ook bij het veer bij de

Heerewaardense molen vond men een veerhuis met tapperij etc. maar de veerbaas kwam van de overkant van de Waal, uit Varik.

Twee

echte

ponten

en

één

van

papier

Waar men tegenwoordig het watersportcentrum "De Lithse Ham" vindt, aan de overzijde van de Maas, lagen voorheen grote lappen grond die bij Heerewaarden hoorden. Boeren uit Heerewaarden hadden daar veel hooiland. Maar om het hooi thuis te krijgen moest men van het veer Lith - Moordhuisen ten westen van het Maas en Waalse A l p h e n gebruik maken. Dat vergde nog al wat tijd, met kar en paard drie uur! Geen wonder dat de Heerewaardense boeren bij alle veren die er al waren, er één bij wilden hebben, die ze zo naar hun hooiland bracht. In 1929 nog stelde het kerkbestuur van de Hervormde Kerk zich in verbinding met de autoriteiten om een veer te mogen leggen In de Maas, uitsluitend voor de boeren die op de Bergen en Wijken bij Lith hun vee lieten grazen, gingen melken en hooien. Het zou alleen in de zomermaanden behoeven te varen. Het feest ging echter niet door; het pontje voer niet verder dan de onderste lade van de ambtelijke papier molen. Rond 1900 was er een veer van De Kop naar Ophemert,

een voetveer weliswaar, maar hoevelen reisden toen van de ene naar de andere zijde van de Waal met rijtuigen of karren? Een tweede veer trof men aan bij steenfabriek de Hogewaard, die een verbinding onderhield met Maren over de

- 50 -


Maas. Alsof de vier genoemde (bij de Bol, de Molen, de Kop en de Hogewaard) nog niet voldoende waren, bestond er voor wie de werktijden van de arbeiders der steenfabrieken wist nog de mogelijkheid om met hen gelijk de Maas te worden overgezet met een bootje van zo'n fabriek.

Uit

bestofte

dokumenten

Als men in de bronnen van de geschiedenis van Heerewaarden snuffelt, komt men de vreemdste zaken tegen die te maken hebben met de vele veren die er geweest zijn 1697 "Aert Henrickse voor schuytenvragt wegenst overvoeren van de peerden op de peerdenmereckt - item aen den nieuwendijck in den jaere 1697 te samen 12-13-0" "Deselve driemael na Dreümel gewest om het hout bij Tijssen te gaen visseteren met de timmerluyden comt haer voor verteringe en veergelt 6 - 0 - 0 " "Crijn van de Kop werd geset voor verteringe en veergelt na Dreümel en na Alpe 4 - 6 - 0 " 1716

"Voor de veerlüyden van St. Andries twe stuivers"

"Arien van Hoeflaeken comt voor dat in Nov. 1716 den Amptman en naederhant den Heer van Wadenojen - eens met twe en eens met eens paert den veerschijyt getrokken heeft over het canael 12 güld" 1737 "Voor de veerlüyden op St. Andries voor t'overvoeren van de barlijn van den Heere Amptman over de Wael en het canael" Zo kunnen we doorgaan. In het polderarchief, waaruit het bovenstaande is aangehaald, is heel veel te vinden over de

- 51 -


de veren en overzetplaatsen die in Heerewaarden nu eenmaal noodzakelijk waren en thans geheel verdwenen zijn.

Dientje

Plezier

Over het veerhuis bij de Heerewaardense molen nog het volgende: Bij een jaren durend konflikt tussen het gemeentebestuur en de kerkeraad van de Hervormde Gemeente van Heerewaarden, waren de gemoederen zo verhit dat het gemeentebestuur er in 1885 op wees dat een inwoner die tot diaken gekozen was, van beroep tapper en slijter zijnde, uit dit kerkelijk ambt geweerd had moeten worden volgens art. 11 van het Synodaal Reglement. Het kerkbestuur kwam echter met de volgende verklaring: "De klacht houde intuschen ingewikkeld de lasterlijke verdachtmaking als zou hij (de diaken) in staat kunnen weezen bedeelden in zijne herberg het hun toebedeelde geld te laten verteeren. Wat verder de bouw zijner herberg betreft, adressanten weeten heel goed, zijn huis is eigenlijk een veerhuis rnet vergunning, zoodot de gaande en de komende man er wat kan gebruiken, maar waar geen plaats is voor ongebondenheid en ook op kermisdagen niet gespeeld of gedanst wordt, ware voorts om der wille zijner herberg en zeedel i jkheids oogpunt zijne benoeming niet af te keuren, enz." Ongetwijfeld een merkwaardige kwestie: een gemeentebestuur, zo puriteins, dat deze met een kerkelijk reglement in de hand, de juistheid van de benoeming van een tapper / herbergier in een kerkbestuur gaat betwisten en anderzijds een kerkbestuur dat niet aarzelt om het voor deze man op te nemen. Toch blijven er vraagtekens bij deze zaak, want volksverhalen melden ons vandaag de dag nog van een zeker vrouwspersoon, bewoonster van hetzelfde veerhuis, Dientje Plezier

- 52 -


genaamd, die het nog aanwezige opkamertje inrichtte voor de meiden en jongens. Maar laten wij de bedsteedeuren maar gesloten houden, want in zulke zaken kan onze kandelaar toch geen helder licht meer laten schijnen. Het is bijna 100 jaren her. .P. Lobregt


De rite der besnijdenis. De afbeelding is een houtsnede uit een Joods volksboek met beschrijvingen van godsdienstige gebruiken, m i n c h a g i m in het Hebreeuws. In dit geval een minchagimboek dat in Amsterdam in 1713 werd gedrukt. Dr.R. Boon schrijft in zijn "De joodse wortels van de christelijke eredienst" op p. 38 dat de houtsneden kennelijk ouder zijn dan het boek zelf.

- 54 -


JOODSE

INWONERS van

"TWEESTROMENLAND" (laatste

kwart

18e

en

eerste

helft

19e

eeuw)

In zijn boek "Zij lieten hun sporen achter", ondertiteld: "Joodse bijdragen tot de Nederlandse beschaving", konstateert

dr. Jaap Meijer enkele feiten, die voor belangstellenden in de geschiedenis der Joodse inwoners van onze streek, niet zonder betekenis zijn. In het hierna te citeren gedeelte wordt

gesproken van Geffen, dat bij Oss ligt, en van een inwoner Zadok van den Bergh genaamd, omdat deze de vader was van een zekere Simon, stichter van het wereldconcern "UnĂŻlever". "Archieven kenden kleine 'killes' als Geffen nauwelijks. Wat 'mohel-boekjes' (besnijdenisboekjes) bleven soms over, waarin een accuraat 'mohel' (kerkelijk besnijder) de namen

nauwkeurig opschreef van alle Joodse jongetjes, die hij had opgenomen in het Verbond van Abraham. Geboortedata

en sterfdata werden in de regel bijgehouden op schutbladen van oude gebedenboeken. Eerst als de Franse Tijd aanbreekt, treden vele provinciale Joden uit de burgerlijke anonimiteit, en onder hun genoemde Zadok van den Bergh:" Wie dus de geschiedenis van Joodse inwoners van plattelandsgebieden als het Land van Maas en Waal en het Rijk van Nijmegen wil onderzoeken is, wat de tijd voor de invoering van de Burgerlijke Stand betreft, aangewezen op de meestal toevallige vondst van een 'mohel-boekje' en gebedenboeken. De publikatie van zo'n vondst in Gens Nostra (jaargang 26, no. 12, dec. 1971) onder de titel "Een Nijmeegs besnijdenis-

- 55-


registert je" heeft recht op onze belangstelling, aangezien het gegevens betreffende de Joodse inwoners van ons werkgebied

bevat. Dit registert je, in 1833 uit het Hebreeuws vertaald, bevat een aantal inschrijvingen van besnijdenissen uit de periode

1782-1816, waaronder ook besnijdenissen van Joodse jongetjes uit " T weestromen l and".

Ik wil de gegevens uit dit regis-

tertje vergelijken met enkele andere bronnen over het aantal Joden in onze streek en wel in de eerste plaats met de opgaven van J. de Man, als onderdeel van de "Statistieke beschrijving van de steden en het platteland van Gelderland uit

1808". In het Nijmeegs registertje komen de volgende besnijdenissen uit

B a t e n b u r g voor:

11- 9-1793 25- 1-1796 2- 2-1800

Joseph, zoon van Levy Abraham, zoon van Levy (dezelfde als hiervoor) Levy, zoon van Eliazer Batenburg (waarschijnlijk ook daar woonachtig) 25-12-1809 Anderis, zoon van Emanuel Als aantekening staat bij deze laatste nog vermeld, dat Marie Anne Nieuwkerken, geboren in B a t e n b u r g , 32 jaar, koopvrouw, echtgenote van Manuel Mozes, op 4 - 8 1812 de naam Susanna Nieuwkerken aannam; haar zoon AndrĂŠ 3 jaar, kreeg de naam AndrĂŠ Rijnberk. Volgens J. de Man woonden op 10-12-1808 in B a t e n b u r g wel 428 katholieken en 81 hervormden, maar hij geeft

geen joden op. Het is mogelijk dat de eerste twee gezinnen uit B a t e n b u r g vertrokken zijn, maar van het laatste gezin

zouden we dan moeten aannemen dat het na de beschrijving van de Man B a t e n b u r g is binnengekomen. Uit W i n s s e n de volgende besnijdenissen:

22- 7-1783

- 56-

Nehemia, zoon van Joseph


8- 7-1800 Naton, zoon van Mozes 18- 4-1803 Salum, zoon van Mozes (dezelfde als hiervoor) De Man geeft voor W i n s s e n - A m b t s op 439 katholieken en 21 hervormden, voor W i n s s e n - R i j k s resp. 193 en 17, zonder vermelding van joodse inwoners, terwijl het toch aannemelijk is, dat Natan en Salum met hun vader Mozes in 1808 nog in W i n s s e n woonachtig waren. Uit L e u r de besnijden is van 12- 1-1800 Joseph, zoon van Isaac en uit H ors c h e 30- 1-1811 Myer, zoon van Abraham. Voor L e u r geeft de Man op: 30 hervormden en 3 lutheranen, voor H o r s s e n 531 katholieken, 38 hervormden, 2 lutheranen en 3 joden. Verder noemt hij nog B e r g h a r e n (6 joden), M a a s b o m m e l (7), D reu me l (4), L e e u w e n (7) en D rut en (5), uit welke plaatsen in het registert je geen besnijden issen voorkomen.

De tweede bron waaruit we gegevens kunnen putten over het aantal Joodse inwoners van "Tweestromenland", is het "Aardrijkskundig Woordenboek" van A. J. van der Aa. Deze noemt in onze streek slechts drie plaatsen, waar Joden woonachtig waren. Voor B a t e n b u r g (dl.II, 1840) geeft hij het getal 5 op, wat dan wel geldt voor de hele toenmalige gemeente. Mogelijk hebben zich na 1808 (de Man gaf geen Joden voor deze plaats op) toch weer Joden gevestigd. Bovendien is het niet uitgesloten dat de familie Rijnberk, die op 25-12-1809 met 2 en op 4 - 8 - 1 8 1 2 met 4 gezinsleden in het Nijmeegs besnijdenisregistertje staan vermeld, zich heeft uitgebreid. In H o r s s e n telt van der Aa (dl.V, 1844) 8 Joodse inwoners, die tot de ringsynode van Nijmegen behoren. Blijkbaar heeft zich hier ook een uitbreiding voorgedaan, want de Man

-57-


geeft voor 1808, 3 Joodse inwoners op. In de gemeente Wam e l tenslotte, die naast de gelijknamige plaats ook L e e u w e n omvatte, wonen volgens van der Aa (dl.XII, 1849) 10 Joden, die tot de bijkerk te Tiel behoren. Zij moeten zich na 1808 in deze gemeente gevestigd hebben, als ze in Wam e l zelf wonen, want de Man heeft voor deze plaats geen Joodse inwoners opgegeven. Anders wordt het, als ze in L e e u w e n hebben gewoond, waar de Man er immers 7 telde in 1808. Verdere konklusies durf ik uit de vergeleken bronnen niet te trekken, omdat door mij geen andere bronnen onderzocht zijn (bijvoorbeeld bevolkingsregisters of akten van de Burgerlijke Stand). Ik hoop echter dat door dit artikel en dat van de heer van den Dobbelsteen over de "Joodse gemeenschap van Druten", eerder in dit blad verschenen, blijvend de belangstelling voor de Joodse inwoners van "Tweestromenland" is opgewekt en dat deze artikelen een nader onderzoek tot gevolg zullen hebben.

M.

Be r g e v o e t

Literatuurlijst Gens Nostra, jaargang 26 no. 12, dec. 1971. J. de Man, Statistieke beschrijving van de steden en het platteland van Gelderland, 1808. Gepubliceerd door P.D. Keymel in Bijdragen en Mededelingen van de Vereniging Gelre, dl. 65, 1971. A.J. van der Aa, Aardrijkskundig Woordenboek, dl.II, 1840, dl.V, 1844, dl.XII, 1849. W. van den Dobbelsteen, De Joodse gemeenschap van Druten in de vorige en in het begin van deze eeuw, Tweestromen-

- 58 -


land, Kontaktblad no. 12, dec. 1971. Dr. Jaap Meijer, Zij lieten hun sporen achter, Joodse bijdragen tot de Nederlandse beschaving, Utrecht 1964. Dr. R. Boon, De joodse wortels van de christelijke eredienst, mededelingen aflevering 40, Prof. Dr. G. van der Leeuwstich-

ting, Amslerdam 1970.

Titelblad minchagimboek, Amsterdam 1713.

- 59-


INHOUD

blz.

Blauwe Sluis poserend in 1921 Jac. Trijsburg, Maasdijk 20, Appeltern

2

De Drutense Molen

14

M. Bergevoet, Mariastraat 2 A, Venlo Willem van Batenburg Dr. O. H. Dijkstra, Spaarnelaan 26, Haarlem

20

Eerste schets van het streekdrachtenonderzoek in het

31

Land van Maas en Waal en het westelijk deel van het R i j k ven Nijmegen Jac. Trijsburg, Maasdijk 20, Appeltern Oeververbindingen met Heerewaarden P. Lobregt, Burgemeester Wolterstraat 11, Heerewaarden

48

Joodse inwoners van "Tweestromenland" (laatste kwart 18e en eerste helft 19e eeuw) M. Bergevoet, Mariastraat 2 A, Venlo

54

Nota

bene!

Foto 7 korrespondeert met een artikel over de onlangs gerestaureerde Wijchense Molen, dat door onvoorziene omstandigheden niet gereed gekomen is.

Foto 8 korrespondeert met een artikel van drs. H. ten Boom over de historie van Christelijke scholen te Wamel, dat wegens de lengte helaas niet in dit overvolle nummer kon worden opgenomen.

S ek r e t a r i aa t,

- 60 -

p/a

Maasdijk

20,

Appeltern


10. Monument Manpad bij Haarlem, getekend door H. J. van Capelleveen, 19-^-75,

1975  
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you