Page 1

nummer

INFO

63

j u n i 2 018

Voor vakmensen die alles willen weten

Het vakgebied ‘luchtdicht bouwen’ speelt een belangrijke rol bij het comfort van een gebouw, de energiezuinigheid én het voorkomen van bouwfysische problemen, maar is voor de bouwpraktijk nog steeds ongrijpbaar. In de praktijk blijkt dat bij de utiliteitsbouw – en dan met name wanneer er sprake is van metalen dak- en wandsystemen – er weinig kennis is op het gebied van luchtdicht bouwen. Toch komen ook juist bij deze projecten de eisen aan de luchtdichtheid steeds hoger te liggen.

Luchtdicht bouwen 2

Luchtdicht bouwen 2 Metalen gevel- en daksystemen

Luchtdicht bouwen 2

De publicatie Luchtdicht bouwen 2 gaat daarom aan de hand van dit vakgebied dieper in op metalen gevel- en daksystemen, waar conform het Bouwbesluit eisen worden gesteld aan het beperken van de luchtdoorlatendheid (Bouwbesluit 2012, artikel 5.4). Tevens richt de publicatie zich op utiliteitsgebouwen waar vanuit de functie van het gebouw (private) eisen worden gesteld aan de luchtdichtheid. Een voorbeeld hiervan is een geconditioneerde opslaghal.

Metalen gevel- en daksystemen

De publicatie gaat – naast de behandeling van het theoretisch kader, de wet- en regelgeving en de luchtdichtingsmaterialen – in op zowel ontwerp- als uitvoeringsaspecten. Binnen de metalen gevels hebben sandwichpanelen het grootste marktaandeel, gevolgd door metalen binnendozen (zogenaamde opbouwsystemen). Aan deze twee typen metalen gevels besteedt deze publicatie dan ook de meeste aandacht. Tevens wordt een aantal aansluitingen van vliesgevels op een metalen gevel behandeld. Luchtdicht bouwen 2 biedt hiermee inzicht in de achtergronden van luchtdicht bouwen specifiek voor metalen gevel- en daksystemen. De publicatie geeft aanwijzingen en instructies voor zowel de adviseur, ontwerper, bouwer als verwerker van een specifiek product of systeem. ISBN

978 90 5367 648 6

pag 21

pag 23

Publicatie Luchtdicht bouwen 2

pag 4 4-10-2017 13:11:02

Doorontwikkeling van SBR-referentiedetails


. . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEU

INHOUD . . . NIEUWS Klankbordgroepen helpen SBR-referentiedetails 4 Connect2025 leidraad bij kennisontwikkeling

5

Veel innovatie in Europese projecten ISSO

6

Voldoet mijn gebouw aan alle regelgeving?

7

VOORSTELLEN . . .

“Ons profiel als Sinds 1 januari 2018 zijn alle formaliteiten afgerond. Door de toevoeging van de

Matthijs Luijendijk en Jos de Leeuw

8

kennisproducten van het voormalige SBR aan

Nieuwe ISSO-Kennispartner Plandatis

9

het portfolio van ISSO is er nu een volwaardig

Holland Water nieuwe ISSO-Kennispartner . . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS Opmars balansventilatie

10

Kennisinstituut bouw- en installatietechniek ontstaan. De integratie van de beide portfolio’s

11

ligt op stoom en elke maand zijn er nieuwe

Bouwbesluitberekeningen vanuit BIM

11

De nieuwe TA-STAD van IMI TA

12

stappen te zien in dat proces. Rob van Bergen,

Specialist koeltorens versterkt Holland Water

13

Succesvolle lezing over commissioning

14

directeur van ISSO, vertelt over de activiteiten die zijn afgerond en die nog op stapel staan.

. . . EDUCATIE 2018 TVVL voert cursus Hydraulica uit met materiaal van ISSO

15

Eerste kandidaten halen via ISSO en Dosign certificaat Installatietechniek

16

Masterclass Procesengineering

16

Instructies over legionellaveilig beheren van koeltorens

18

Webinar zonne-energie van ISSO biedt vakman handvatten

18

BuildUpSkills ondersteunt vakmensen

20

. . . DUURZAME GEBOUWEN Betere bouwfysica met de publicatie Luchtdicht bouwen 2

21

Handboek Bouwen met kalkhennep ondersteunt biobased bouwen

21

Het begin van een lange, maar mooie reis richting PCM publicatie

22

ISSO maakt nieuwe WKO-expertisetool

23

. . . VEILIGE GEBOUWEN LegionellaScan toont stapsgewijs de regels en wetgeving

24

ISSO voegt rapport over noodstroom in zorg toe aan KennisBank

24

Kleintje Gas wordt primaire kennisbron in certificeringregeling Gas

25

. . . GEZONDE GEBOUWEN Installatiescan Scholen maakt klimaat in scholen comfortabeler en duurzamer

26

Pilot-onderzoek naar luchtkwaliteit krijgt wetenschappelijk vervolg

26

Publicatie ter kritiek nieuwe ventilatienorm NEN 1087 na de zomer

26

. . . EDUCATIE 2018 Incompany trainingen van ISSO 2

ISSOINFO JUNI 2018

28

“Nadat we de producten van SBR hebben overgenomen, was het zaak om zo snel mogelijk inzicht te hebben in het huidige klantenbestand. Ook wilden we de administratie, communicatie en marketing op een goede manier binnen onze organisatie integreren. Daar lag de afgelopen maanden de focus. Niets is zo vervelend als de klanten die bij SBR hun producten afnamen, ineens geen aanspreekpunt of geen goede afhandeling van hun bestellingen ervaren. Dat wilden we voorkomen. Natuurlijk hopen we dat we dit onder controle hebben, maar mocht het alsnog niet helemaal goed gaan, laat het ons weten. Dan kunnen we daarop reageren en procedures aanpassen.”

INTEGRATIE VAN KENNISPORTEFEUILLES “De volgende stap, één waar we nu aan toe komen, is de integratie van de kennisportefeuilles en de kennisbanken.


UWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . .

Goede voortgang bij integratie SBR-producten binnen ISSO

integraal kennisinstituut wordt met de dag sterker”

De producten van SBR zitten, net als de ISSO-producten in een kennisbank, maar wel op een ander niveau. Die niveaus willen we gelijktrekken, maar dat vergt een forse inspanning. We zijn nu begonnen met het inventariseren van, allereerst, de actuele staat waarin de producten zich bevinden. Wat is up-to-date, en welk producten moet nodig worden geactualiseerd? Als we dat inzichtelijk hebben, kunnen de werkgroepen daarmee aan de slag gaan. Een ander punt is het op elkaar afstemmen van de licentiestructuur. Uiteindelijk heeft ISSO straks maar een licentiestructuur, en dan maakt het niet uit welk type producten je wilt afnemen.”

ALLE KENNIS UIT ÉÉN KENNISINSTITUUT Volgens Rob van Bergen is het belangrijk dat het voor alle relaties duidelijk wordt dat alle kennis uit één kennisinstituut afkomstig is. “We voeren nog maar een portfolio, waarvan ISSO-publicaties en SBR-referentiedetails de kern vormen. Daarnaast zijn er veel andere handboeken, gezamenlijke publicaties en ‘kleintjes’ waarvan we de benaming zoveel mogelijk gelijk willen trekken. Daarnaast zullen we met veel enthousiasme aan de slag gaan met nieuwe kennisproducten, waarbij we nog meer dan in het verleden de bouw en installatietechniek kunnen samen-

brengen. We deden dat natuurlijk al, maar die mogelijkheden liggen nu nog meer voor de hand.”

TOEKOMST VAN HET BOUWEN Om die integratie te illustreren, noemt Van Bergen een paar actuele projecten waarvan recentelijk of zeer binnenkort de eerste kennisproducten zijn verschenen of zullen verschijnen. “Een publicatie over brandveilige doorvoeren raakt natuurlijk heel direct aan zowel de bouwkunde als de installatietechniek. Maar dat geldt ook voor een publicatie over PCM’s. Want is dat nu een bouwproduct of een installatiesysteem? Je moet PCM’s aan de bouwkundige constructie bevestigen, maar je moet ze ook in de klimaatberekeningen meenemen. Luchtdichtbouwen is nog zo’n onderwerp. Als het aan ons ligt, zijn dit de exponenten van de weg die wij als kennisinstituut de komende jaren zullen bewandelen. Dat wordt ook gewaardeerd, als ik de geluiden uit de markt zo beluister. In de afgelopen maanden heb ik eigenlijk alleen maar bijval gekregen van zowel de bouw- als de installatiesector, voor de wijze waarop wij aan een integraal kennisportfolio bouwen. Alleen willen wij dit erg zorgvuldig doen, en dat kost wel wat tijd.”

ISSOINFO JUNI 2018

3


. . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEU

Klankbordgroepen helpen bij doorontwikkeling van SBR-referentiedetails De SBR-referentiedetails vormen al vele jaren het hart van de bouwkundige kennis. De bouwwereld gebruikt de SBR-referentiedetails veelvuldig, maar om ze toekomstbestendig te maken wil ISSO ze doorontwikkelen. Dat wil zeggen dat ze de referentiedetails een diepere dimensie wil geven, waardoor ze op termijn ook binnen bijvoorbeeld een BIM en in bestekken te gebruiken zijn. Voor die doorontwikkeling voert ISSO nu een consultatie met gebruikers en klankbordgroepen die bestaan uit diverse partijen in de bouwsector.

maken. Daarvoor gaan we deze kennis doorontwikkelen. Het betekent dat we onder meer willen duiden hoe je de kennis over de bouwkundige prestaties in een SBRreferentiedetail kunt herleiden. Ook gaan we bijvoorbeeld aangeven waarmee je rekening moet houden als je gaat variëren met de waarden die de referentiedetails bevatten.”

KENNIS IN DE PRAKTIJK BRENGEN Volgens Van Bergen zal je in de praktijk nooit tegenkomen dat partijen letterlijk de kennis uit een referentiedetail in de bouw toepassen. “Maar daar willen we wel meer naar toe, zoals ook de installatiesector veel houvast heeft aan de kennis in de ISSO-publicaties als zij installaties ontwerpen en realiseren. Daarom voeren we nu consultaties met klankbordgroepen. Het meest recent hebben we hiervoor met een groep architecten aan tafel gezeten. Maar eerder dit jaar ook al met aannemers en in de komende periode gaan we met houtskelet- en staalbouwers, maar bijvoorbeeld ook met softwaremakers in gesprek. Uiteindelijk willen we een breed gedragen plan opstellen om die doorontwikkeling te laten slagen.”

VAN STATISCH NAAR DYNAMISCH ISSO ziet grote mogelijkheden als de SBR -referentiedetails straks digitaal veel meer en uitgebreide informatie bevatten. “Als we digitale informatie toevoegen, dan zijn deze kennisproducten straks erg goed te gebruiken in een BIM. Nu is een referentiedetail een vrij statisch plaatje, maar dat moet echt een dynamisch kennisproduct worden. Iets wat je niet alleen in het ontwerpproces gebruikt, maar juist ook bij de uitvoering, en natuurlijk na de oplevering bij de inspectie en het onderhoud. Het wordt kennis die in de hele levensduur van een gebouw met je mee gaat en inhoudelijke informatie biedt.”

HAALBAARHEIDSSTUDIE UITVOEREN

“Wie de SBR-referentiedetails nu gebruikt, weet dat het allemaal erg theoretisch is”, zegt Rob van Bergen. “Het is een referentie, maar de kennis past nooit 1-op-1 in een praktijksituatie. De kennis zit er namelijk vaak impliciet in, zoals wij dat noemen. En dat willen wij veel explicieter 4

ISSOINFO JUNI 2018

Omdat er ruim 1400 SBR-referentiedetails bestaan, is het zaak om eerst goed te onderzoeken wat de mogelijkheden, maar vooral ook wat de behoeften zijn. In dat proces zit ISSO nu. Met alle input die het kennisinstituut verzamelt, wordt straks eerst een ‘proof of concept’ gemaakt. Om deze haalbaarheidsstudie uit te voeren is een subsidie aangevraagd bij de TKI Urban Energy. “Wij zijn ervan overtuigd dat de impact van deze verrijkte SBRreferentiedetails er groot is en dat ze een forse bijdrage kunnen leveren aan de verduurzaming van onze gebouwde omgeving.”


UWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . .

“Connect2025 is voor ons een leidraad bij kennisontwikkeling” De installatiebranche heeft dit voorjaar Connect2025 gepubliceerd. Na eerdere toekomstverkenningen in 2004 en 2010 onder de noemer Radar, is Connect2025 de eerste toekomstverkenning die tezamen met alle kennisinstellingen is opgesteld. Ook ISSO heeft aan de totstandkoming een substantiële bijdrage geleverd. “Voor ons is dit een belangrijk document, omdat het heldere inzichten geeft in de kennisbehoefte van de branche, nu maar vooral in de toekomst”, vertelt ISSOdirecteur Rob van Bergen. Anders dan de eerdere toekomstverkenningen kwam Connect2025 tot stand na intensief overleg tussen specialisten van Uneto-VNI, TVVL, OTIB, Uit geKIENd en ISSO. Het document vormt daardoor een uitstekende leidraad en inspiratiebron. Niet alleen voor de installatiebranche maar ook voor politiek en overheid, onderwijs en wetenschap, klanten, opdrachtgevers en partners in sectoren als de bouw, industrie, energie, infra, mobiliteit en zorg. De verkenningen in het rapport zijn onderverdeeld in zes thema’s. Deze zijn: Nieuwe werkwijzen, Mensenwerk, Branche zonder grenzen, Data als grondstof, Nul = norm, De stad Nederland.

KENNIS IN DIGITALE VORM

• Bewustwording & kennisdeling, • Onderwijs & vaardigheden, • Ontwikkelen & beproeven, • Samenwerken, binnen & buiten en • Cultuur, identiteit & positionering. “Voor ons zijn de eerste twee actielijnen, Bewustwording & kennisdeling en Onderwijs & vaardigheden het meest belangrijk. Maar dat spreekt denk ik wel voor zich”, vindt Van Bergen. “Zeker nu wij in onze hernieuwde strategie, sterker dan in het verleden, kennisontwikkeling centraal stellen. En met onze gevalideerde kennis zoeken wij dan de samenwerking met opleidingsinstellingen en andere toepassers van kennis, zodat zij deze informatie bij de mensen op de werkvloer kunnen krijgen.”

VERBINDING MAKEN Volgens Rob van Bergen is het belangrijk dat deze toekomstverkenning op een brede basis stoelt. Vanuit alle betrokken organisaties is er zowel in de stuurgroep als ook in klankbordgroepen het afgelopen jaar veel input geleverd. “Het mooie van dit document is dat het erg goed aansluit bij andere verkenningen en visies. Zo past Connect2025 naadloos bij de Bouwagenda, maar ook bij de Digitaliseringsdeal die in de maak is of de Smart Industry Implementatieagenda die eerder dit jaar is gelanceerd. Je zal zien dat we met Connect2025 echt de verbinding maken met alle partijen die actief zijn met de techniek achter Nederland.” Het rapport en alle informatie over Connect2025 is te vinden op de website: www.Connect2025.nl

“Van de zes thema’s zijn voor ISSO vooral Data als grondstof en Nul = norm erg relevant. Bij Data als grondstof bieden wij bijvoorbeeld heel gericht onze kennis in digitale vorm aan, voor de toepassing in BIM of voor het gebruik in de sterk groeiende softwareapplicaties. Bij Nul = norm heeft de branche enorm veel baat bij onze kennis over energieprestaties, hydraulica, nul-op-de-meter, en noem ze maar op. Aan de andere kant kunnen wij met deze themabeschrijvingen nu al zien waar de kennislacunes ontstaan. Zo kunnen wij onze kennisontwikkeling nog meer focussen”, zegt Van Bergen.

WERKEN VIA ACTIELIJNEN Naast de zes thema’s bevat Connect2025 vijf actielijnen die het startpunt vormen voor de dialoog met partners binnen en buiten de branche. Samen met die partners wil de installatiesector de implicaties van Connect2025 concreet vorm te geven. De vijf actielijnen zijn: ISSOINFO JUNI 2018

5


. . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEU

Veel innovatie in Europese projecten ISSO ISSO neemt samen met andere Nederlandse partijen deel aan verschillende Europese projecten. Doel van deze Europese projecten is om te innoveren in de verspreiding van kennis voor professionals binnen de bouw- en installatietechniek. Jan Cromwijk is als projectcoördinator betrokken bij diverse Europese projecten waar ISSO aan meewerkt. Hij is tevreden over de resultaten van eerder ingezette projecten en enthousiast over een nieuw project dat 1 mei jongstleden van start ging. Een inventarisatie. Een van de Europese projecten waar Cromwijk namens ISSO aan meewerkt, is BIMplement. “BIMplement richt zich op innovaties in het leren, zodat werknemers in de installatie- en bouwtechnieksectoren op de juiste momenten over de voor hen relevante informatie kunnen beschikken. Het doel is om vanuit ISSO beschikbare kennis door middel van een kwalificatie dynamisch te koppelen aan het bouwwerkinformatiemodel (BIM) en met handige digitale tools te ontsluiten. Zo kan de werknemer de bij het bouwwerk passende kennis en kunde tot zich nemen die hoort bij de werkzaamheden waar hij op dat moment mee bezig is”, aldus Cromwijk. “Verder onderzoeken we voor dit project hoe we op basis van het BIMmodel een overzicht van benodigd vakmanschap kunnen genereren.”

kwalificatie. De methoden die we daarvoor ontwikkelden, documenteren we op zo’n manier dat we straks ook andere technieken met BIMplement kunnen beetpakken.” Cromwijk verwacht dat die documentatie eind mei klaar is. Van juni 2018 tot eind 2019 wordt de methode getest en geïmplementeerd, waarbij de methode op basis van de ervaringen wordt bijgesteld. Naast Nederland experimenteren ook Spanje, Frankrijk, Polen en Litouwen met de BIMplement werkwijze.

ERKENNINGSREGELINGEN VOOR INFORMELE WERKTECHNIEKEN Een ander Europees project waarbij ISSO is betrokken, is NewCom. “Binnen NewCom kijken we welke technieken van belang zijn bij verduurzaming van gebouwen, maar waarvoor de erkenning van het vakmanschap nog onvoldoende op de kaart staat. Dit project zet erop in om erkenning van vakmanschap rond die technieken in heel Europa in de markt te zetten. In samenspraak met stakeholders binnen en buiten de sector ontwikkelen we einden toets-termen om aan te geven wat het vakmanschap moet inhouden, voor zowel de vakmensen als de inspecteurs. Daarna gaan wij met de belanghebbenden om tafel om een trainingspakket op te stellen waarmee de erkenning te verdienen is. Eind mei is het vooronderzoek afgerond en is bepaald op welke technieken we gaan inzetten. Vervolgens gaan we dit jaar de trainingstrajecten ontwikkelen en tegelijkertijd met de stakeholders kijken hoe we ervoor zorgen dat de toegevoegde vakmanschapserkenningen ook in de praktijk worden gebruikt.”

TOEPASSEN VAN BESCHIKBARE KENNIS

BOUWBREDE VERSTERKING BIM-KENNIS “BIMplement gaat ervoor zorgen dat bouwteams vanaf de werkvloer toegang hebben tot relevante bijscholing, checklists voor kwaliteitsvorming en overige publicaties om hun kennis vanuit BIM te vergroten. Zo brengen we leren naar de werkvloer”, zegt Cromwijk. “Met BIMplement zorgen we voor vakbekwame professionals door instructies ‘on the job’ en kwaliteitsborging aan te bieden. In Nederland maken we voor luchtdicht bouwen en de installatie van ventilatiesystemen binnen zeer energiezuinige en BENG-gebouwen een BIMplement6

ISSOINFO JUNI 2018

Op 1 mei gaat een nieuw project van start waar ISSO samen met andere Europese partijen aan meewerkt: TripleA-reno. Doel van dit project is om ervoor te zorgen dat vakmensen in de bouw- en installatietechniek in de praktijk aan de slag gaan met de beschikbare kennis. Cromwijk: “We maken een ontwerptool waarmee de professional samen met eigenaar, bewoners en gebruikers concepten kan ontwikkelen voor verduurzaming. Daarnaast willen we zogenoemde ‘vakmanschapsprofielen’ opstellen waar vakmensen ervaringspunten op kunnen krijgen als zij bepaalde competenties goed beheersen. Zo is het direct duidelijk wanneer professionals op bepaalde vlakken over expertise bezitten. De bouwer of installateur kan dan bewezen kwaliteit leveren. Op dezelfde wijze willen we onerzoeken of we feedback op ISSOpublicaties kunnen waarderen met bijvoorbeeld extra ervaringspunten.”


UWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . . . NIEUWS . .

Voldoet mijn gebouw aan alle regelgeving? Voor een gebouwbeheerder is niets zo lastig als zeker weten dat hij aan alle regels en wetgeving voldoet. Dit dilemma vormde dan ook het uitgangspunt voor Project Compliance, dat ISSO in samenwerking met Rabobank en TU Delft is gestart. De gebouwbeheerders van deze organisaties wilden een volledig overzicht van alle regels waaraan de techniek in hun gebouwen moet voldoen. ISSO startte, samen met een aantal partners, een inventarisatie die straks als digitale database ter beschikking komt. “Veel adviseurs en technisch dienstverleners weten allemaal wel ongeveer aan welke regels een gebouw moet voldoen, maar niemand blijkt toch echt een volledig overzicht te hebben”, vertelt Rob van Bergen, directeur van ISSO. “Op basis van de vraag die Rabobank en TU Delft ons stelden, hebben we specialisten van Royal HaskoningDHV, Deerns en Innax met onze specialisten samengebracht. Zij hebben ieder hun lijstjes gelegd naast de lijsten die Rabobank en TU Delft al hadden, waaruit een zo compleet mogelijk overzicht van alle geldende regelgeving is opgesteld.”

OVERZICHT EN HANDLEIDING Het overzicht dat nu is ontstaan, biedt enerzijds een inventarisatie: welke regelgeving is er en voor welke

installaties of systemen zijn ze van toepassing. Anderzijds biedt het overzicht ook een duidelijke handleiding hoe mensen aan die regels kunnen voldoen. “Uiteindelijk streven wij naar een breed gedragen en volledige database die een gebouwbeheerder kan gebruiken. Het samenstellen is in een aantal rondes gebeurt, omdat al snel bleek dat niet één, twee of drie mensen alle kennis paraat hebben. Je hebt meerdere specialisten van uiteenlopende disciplines nodig, om het overzicht compleet te maken”, zegt van Bergen.

TOETSING VAN DE DATABASE Rabobank is op dit moment bezig met de toetsing van de database. Daarna zal ook de TU Delft een test uitvoeren om te zien of het overzicht compleet en goed werkbaar is. “Deze database bevat straks alle regelgeving voor kantoorgebouwen. Ik sluit niet uit dat we, als deze database in een behoefte voorziet, ook een dergelijke database aanleggen voor bijvoorbeeld zorginstellingen of hotels.” Er wordt nog gekeken hoe en waar de database beschikbaar komt.

VOORSCHRIJVEN BIJ TOELEVERANCIERS “Organisaties als Rabobank en TU Delft kunnen straks, op basis van deze database, het gebruik van deze inventarisatie voorschrijven bij de werkzaamheden die hun toeleveranciers uitvoeren. Bovendien vormt de database een zeer goede aanvulling op onze ISSO-publicatiereeks Duurzaam Beheer en Onderhoud. Daarin vindt de vakman tenslotte alle informatie en de richtlijnen voor de praktische uitvoering van het onderhoud, dat voor naleving van de regelgeving weer cruciaal is”, besluit Van Bergen.

ISSOINFO JUNI 2018

7


EVE N VOORSTE LLE N M E DEWE R KE RS . . . EVE N VOORSTE LLE N M E DEWE R KE RS . . . EVE N VOORSTE LLE N

Jos de Leeuw

Projectcoördinator klimaatinstallaties in gebouwen

‘Het fascineert mij hoe een gebouw aangenaam kan zijn voor de gebruiker. En wat de beste klimaatomstandigheden zijn voor objecten, zoals schilderijen in musea. Daarin verdiep ik mij sinds 1985. Vanaf die tijd heb ik bij een installatiebedrijf en een adviesbureau in verschillende rollen met klimaatinstallatietechniek gewerkt: als tekenaar, ontwerper, projectleider en adviseur. Zo werkte ik 22 jaar als adviseur bij Sweco (voorheen Grontmij). Door de jaren heen kwam er van alles aan utiliteit op mijn pad: kantoren, musea, ziekenhuizen, gevangenissen, ministeries. Tot de verbeelding sprekende projecten zijn bijvoorbeeld het Rijksmuseum, de Nederlandsche Bank en Paleis Het Loo.’

Matthijs Luijendijk

DUIDELIJKHEID EN SNELLE SERVICE ‘De klant is koning, is mijn mening. Klanten zijn het bestaan van je organisatie. Om dat bestaan niet in gevaar te brengen, wil ik mensen tevreden houden of maken. ISSOINFO JUNI 2018

‘Mijn vakgebied omvat klimaatinstallaties in de breedste zin van het woord: verwarming, koeling, luchtbehandeling, hydraulische schakelingen en duurzame installatieconcepten. Waarom doet een installateur wat hij doet? En wat voor invloed heeft zijn werk op het gebouw en op de gebruiker? Op die vragen zoek ik vaak de antwoorden. Het is leuk om mijn kennis toe te passen in publicaties of hulpmiddelen! Zo neem ik namens ISSO deel aan het Europese project Insiter. Daarvoor maken we een e-learningprogramma voor de installateur en aannemer om zelfinspectie uit te voeren op energiezuinige klimaatinstallaties en gebouwonderdelen.’

ENERGIENEUTRALE GEBOUWEN ‘Installatietechniek is een mooi vak en kent, zeker in deze eeuw, veel uitdagingen. Bijvoorbeeld: welke stappen zetten we voor de realisatie van de energietransitie in 2050? Hoe krijgen we gebouwen energieneutraal en hoe dringen we faalkosten terug in de bouw? Wat mij hierin met name interesseert, is de combinatie van techniek, mens, communicatie en respect voor elkaars werk. Dat probeer ik bij ISSO op mijn vakgebied samen te brengen. Ik ben vier dagen per week te bereiken via 06 – 18 41 91 95 of mijn e-mailadres j.deleeuw@isso.nl.’

Verkoop- en servicemedewerk

‘Belt u over ISSO-producten of bestellingen op ons algemene nummer 010 – 206 59 69, dan krijgt u waarschijnlijk mij aan de telefoon. Wat kost een publicatie of een bundel ISSO-Kleintjes? Wat is het verschil tussen een standaardabonnement en een plusabonnement? Dat zijn van die vragen die ik dagelijks aan de telefoon en per mail beantwoord. Is het een technische vraag, dan zoek ik de technisch specialist die daar antwoord op heeft.’

8

EUROPEES PROJECT INSITER

Eén van mijn motivaties is een ontevreden klant veranderen in een tevreden klant. In de regel wil iedere klant duidelijkheid en een snelle en kwalitatieve service. Het is mijn taak om dit in goede banen te leiden.’ ‘Ik heb de hbo-opleiding Integrale Veiligheid gedaan, dus ik ben eigenlijk een veiligheidskundige. Door een rare wending belandde ik op de afdeling sales van Ziggo. Daar won ik de prijs ‘beste nieuwkomer’. Terwijl het totaal mijn vakgebied niet was, bleek ik goed in verkopen.’

THUIS IN DE KENNISBANK ‘Het is belangrijk dat ik als verkoper achter het product van ISSO sta, het product goed ken en begrijp welke wens de klant heeft. Ook is het van belang om van fouten te leren. Wat gaat er mis in onze dienstverlening en hoe kunnen we dat bij ISSO voorkomen? De ISSO-KennisBank heeft veel producten die ik nog moet leren kennen. Voor veelgevraagde publicaties, zoals over legionellapreventie, hoef ik de zoekfunctie niet meer te gebruiken. Dagelijks ben ik bezig met de KennisBank, dus dat leert mij onderwerpen en producten te koppelen met elkaar. Over een half jaar kan ik de KennisBank drómen.’


VOORSTE LLE N . . . EVE N KE N N ISPARTN E RS VOORSTE LLE N . . . EVE N KE N N ISPARTN E RS VOORSTE LLE N

Softwarebedrijf Plandatis nieuwe ISSO-Kennispartner ‘Kennisdelen en gezamenlijke oplossingen ontwikkelen is een gezonde werkwijze,’ zegt Olaf Zernitz, directeur van Plandatis. ‘Het is een tendens die we toejuichen.’ Plandatis heeft veel kennis in huis. De software die de organisatie in samenspraak met de eindgebruikers ontwikkelt, wordt gebruikt door opdrachtgevers, adviesbureaus en technisch dienstverleners. Hun softwareapplicaties heten O-Prognose, Safety Register en EPAview. Ze zijn geschikt voor het technisch beheer en het planmatig onderhoud van alle gebouwen: van kantoren en scholen tot woningen en industriële gebouwen. De software van Plandatis speelt in op wet- en regelgeving en de duurzaamheid van de vastgoedsector.

KENNISNIVEAU IN DE SECTOR Olaf Zernitz: ‘Het kennisniveau van software in de installatiesector ligt redelijk hoog, merken wij. Technisch dienstverleners stellen zich steeds meer op als partijen die een totaaloplossing aanbieden. Dus van advies tot uitvoering bij projecten en het faciliteren van beheercontracten. Daar horen ook zaken bij als inventarisaties, inspecties en engineering. Veelal werken dergelijke specialisten vanuit centrale afdelingen, inzetbaar voor lokale vestigingen. Daarvoor moet hun kennisniveau voortdurend hoog en op peil blijven.’

Olaf Zernitz

KENNISOVERDRACHT STAAT CENTRAAL ‘Plandatis draagt bij aan de kwaliteit en het kennisniveau van de bouw- en installatiesector,’ stelt Olaf Zernitz. ‘Kennis staat steeds centraal bij Plandatis. We nemen bijvoorbeeld deel aan meerdere projectgroepen voor het ontwikkelen van nieuwe normen (zoals de NTA 8800) en voorschriften. Dat doen we met ISSO en met de NEN. Ook zijn we actief in diverse brancheverenigingen en we nemen natuurlijk deel aan kennisbijeenkomsten. Als ISSOKennispartner kunnen we nog meer betekenen.’

SOFTWARE VOOR EPA Olaf Zernitz: ‘ISSO kennen we al zo’n tien jaar, vanaf de tijd dat wij onze software hebben ontwikkeld voor energie-indexen en EPA-labels. Voor onze EPA-trainingen gebruiken wij de ISSO-publicatie 82.1 ‘Energieprestatie woningen’. Als ISSO-Kennispartner en als opleider kunnen we input geven die we meekrijgen door ontwikkelingen vanuit de markt. We kunnen onze kennis verder in dienst stellen van de gebruikers van onze software, ook door samen te

werken met andere leveranciers van kennisproducten. We weten wat er wel en niet toe doet bij technisch beheer. Die kennis doen we onder meer op tijdens implementaties van onze oplossingen. Onze ontwikkelaars staan immers dicht bij de praktijk.’

INPUT UIT DE PRAKTIJK ‘Door kennis te delen en daarin samenwerking te zoeken, kom je verder. Als softwareontwikkelaar hebben wij input uit de praktijk nodig om oplossingen te ontwikkelen en continu te blijven verbeteren. Zo kunnen we nieuwe tools en applicaties bedenken en realiseren. Dat kan mede door samenwerkingen zoals het ISSO-Kennisplatfom.’ ISSOINFO JUNI 2018

9


VOORSTE LLE N . . . EVE N KE N N ISPARTN E RS VOORSTE LLE N . . . EVE N KE N N ISPARTN E RS VOORSTE LLE N

Holland Water nieuwe ISSO-Kennispartner ‘Als we oprecht willen dat zaken verbeteren, moeten we daar actief onze bijdrage aan leveren’ stelt Leo de Zeeuw, oprichter en algemeen directeur van Holland Water. ‘Hiervoor heeft onze organisatie in ISSO een goede partner gevonden.’

Holland Water is wereldwijd actief met de behandeling van drink- en koelwater. In Nederland en België is het bedrijf met ruim 450 systemen marktleider op het gebied van koper- en zilverionisatie. Bekend zijn hun Bifipro® systemen, ontwikkeld in eigen beheer en door eigen mensen gebouwd en onderhouden. Het bedrijf opereert met een team van 17 mensen vanuit Driebergen en een nevenvestiging in Drachten.

WAT IS HET BELANG VAN DE EINDGEBRUIKER? ‘Veel bedrijven en organisaties zijn in staat om zaken daadwerkelijk te veranderen’, zegt Leo de Zeeuw. ‘Toch opereren veel partijen nog te vaak uit eigen belang en niet in die van de eindgebruiker. Dat ziet Holland Water graag anders. We hechten grote waarde aan het helpen met kennis en ervaringen over waterbehandeling. Zo zijn we al vele jaren regelmatig gesprekspartner van ISSO voor publicaties over sanitaire installaties en koeltoreninstallaties. Ook hebben we actief bijgedragen aan het grootschalige ISSO-onderzoek in 2017 naar de praktijk van legionellapreventie. Naar aanleiding daarvan hebben ISSO, IMIQ Advies en Holland Water de Legionellascan ontwikkeld. Daarmee kunnen eigenaren hun weg vinden door het woud van wet- en regelgeving. De Legionellascan komt in het voorjaar van 2018 beschikbaar.’

ISSO STAAT BOVEN DE PARTIJEN

ISSO-Kennispartner Met de komst van Holland Water heeft ISSO inmiddels 17 Kennispartners. De deelnemende bedrijven staan voor het motto: samen bereik je meer. Het platform ISSO-Kennis­ partners draagt structureel bij aan een hoger kennis- en kwaliteitsniveau van de installatieprofessional. Meer informatie over het platform ISSO-Kennispartners is te vinden op isso.nl.

Leo de Zeeuw: ‘In ISSO hebben we een goede partner gevonden, omdat die boven de partijen staat en goed bekend is met onze materie. Een onderwerp als legionella staat niet op zichzelf, maar is verbonden met allerlei facetten van een gebouw en het gebruik daarvan. Op de meeste fronten is ISSO meer dan thuis.’

I S S O - K E N N I S PA R T N E R S P L AT F O R M V O O R S A M E N W E R K I N G

M E E R I N F O R M AT I E O P W W W . I S S O . N L

10

ISSOINFO JUNI 2018


. . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS . . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS . . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS

Opmars balansventilatie dankzij warmtepomp Het opheffen van de aansluitplicht op aardgas heeft niet alleen consequenties voor het verwarmingssysteem. Uit onderzoek van online trendwatcher Bouwtrend blijkt dat de toename van het aantal warmtepompen leidt tot een duidelijke opmars van balansventilatiesystemen. Dit blijkt uit de analyse van de energieprestatieberekeningen van meer dan 85.000 nieuwbouwwoningen uit 2017 en 2018. Traditioneel krijgen de meeste nieuwbouwwoningen een mechanisch ventilatiesysteem. Dit systeem brengt buitenlucht via toevoerroosters de woning binnen en voert de vervuilde binnenlucht mechanisch af. Het belangrijkste alternatief voor mechanische ventilatie is balansventilatie. Deze vorm van ventilatie regelt de toe- ĂŠn de afvoer van ventilatielucht mechanisch. Uit analyse van de energieprestatieberekeningen uit de eerste maanden van 2018, blijkt dat het aandeel mechanische ventilatie en balansventilatie vrijwel gelijk ligt. In totaal gaat het om een analyse van ruim 31.000 woningen. In berekeningen van 54.000 nieuwbouwwoningen uit 2017 was 60 procent nog voorzien van een mechanisch ventilatiesysteem ten opzichte van 40 procent balansventilatie.

bineerd met balansventilatie. Het merendeel van de balansventilatiesystemen heeft namelijk de mogelijkheid tot warmteterugwinning. Door de ventilatielucht voor te verwarmen hoeft de warmtepomp minder vermogen te leveren om de woning op temperatuur te houden.

ONDERBOUWDE UITSPRAKEN Deze trend is zichtbaar geworden via analyse van de energieprestatieberekeningen. Die moeten verplicht worden opgesteld voor de bouwaanvraag van nieuwbouwwoningen. In deze berekening staat gedetailleerd aangegeven hoe goed de woning is geĂŻsoleerd, hoe de woning wordt verwarmd en geventileerd. In 95 procent van de gevallen stelt de bouw- en installatiesector deze berekening op met gespecialiseerde software van DGMR of Uniec 2. Bouwtrend ontsluit de informatie uit deze berekeningen en maakt trends en ontwikkelingen zichtbaar.

LOGISCHE VERKLARING Het groeiende aandeel van balansventilatie is grotendeels te verklaren door de toename van het aantal warmtepompen. De warmtepomp is het meest gekozen verwarmingssysteem als alternatief voor de traditionele gasketel. In 75 procent van de gevallen wordt een warmtepomp gecom-

Bouwbesluitberekeningen rechtstreeks vanuit BIM In de huidige ontwerppraktijk van architecten en adviseurs is het Bouwinformatiemodel (BIM) niet meer weg te denken. Desondanks worden Bouwbesluitberekeningen meestal nog handmatig uitgewerkt zonder directe koppeling met het BIMmodel. Dit maakt het opstellen en toetsen van Bouwbesluitberekeningen kostbaar en foutgevoelig. Bouwbesluit4BIM, het nieuwste softwareproduct van DGMR, brengt daar nu verandering in.

Ontwerpwijzigingen kunnen verstrekkende gevolgen hebben voor onder meer de energieprestatie, daglichttoetreding en ventilatiecapaciteit van gebouwen. Maar vaak worden deze gevolgen pas later in het proces duidelijk, met kostbare maatregelen en nieuwe ontwerpwijzigingen tot gevolg. Bouwbesluit4BIM integreert de rekensoftware voor Bouwbesluitberekeningen met het BIM-model. Dit geeft architecten en adviseurs direct inzicht in de consequenties van ontwerpbeslissingen ISSOINFO JUNI 2018

11


. . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS . . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS . . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS . . en stelt hen in staat het ontwerp te optimaliseren. Met Bouwbesluit4BIM is het ontwerp eenvoudig te toetsen aan de eisen voor EPC, BENG, daglichttoetreding, ventilatiecapaciteit en spuiventilatie.

RECHTSTREEKS VANUIT BIM Hoogwaardige Bouwbesluitberekeningen maken is vaak tijdrovend en foutgevoelig. In de praktijk is vaak een BIM beschikbaar, maar de Bouwbesluitberekeningen worden nog handmatig gemaakt. Dit kost veel tijd en de kans op fouten maken is groot, omdat er vaak onder tijdsdruk wordt gewerkt. Met het pakket van Bouwbesluit4BIM kunnen gebruikers EPC-BENG, Ventilatieberekening en Daglichttoetreding in één keer opstellen. Het BIM-model is te importeren in het 3D model Builder en vervolgens zijn de berekeningen te maken die nodig zijn voor de aanvraag van een bouwvergunning. Zijn er wijzigingen aan het gebouwmodel dan voeren gebruikers deze eenvoudig door. Het programma maakt dan een herberekening.

werp optimaliseren. Bijvoorbeeld als zij twijfelen tussen installatieconcepten, of over de invloed van betere schilisolatie op de energieprestatie van de woning. Gebruikers kiezen dan eenvoudig binnen de EPG een variant van de berekening en zien in een oogopslag wat de meest verantwoorde keuze is voor het ontwerp. Tegelijkertijd is te zoen hoe het project scoort op het niveau van EPC en BENG.

COMPLEET PAKKET Bouwbesluit4BIM bestaat uit vijf modulen namelijk EPC en BENG, Rc- en U-waarde, Daglichttoetreding, Ventilatiecapaciteit en Spuiventilatie. Bouwbesluit4BIM is al verkrijgbaar voor slechts € 990,– per jaar. Bouwbesluit4BIM is ontwikkeld door DGMR Software in samenwerking met BINK Software. DGMR BINK Software is leverancier van technische rekensoftware voor de bouw- en installatiebranche. Sinds 1987 is BINK software een betrouwbare partner voor duizenden gebruikers. Sinds januari 2017 is BINK onderdeel van DGMR Software.

ONTWERP OPTIMALISEREN Door de tijdsbesparing is het makkelijker diverse varianten door te rekenen. Hiermee kunnen gebruikers hun ont-

De nieuwe TA-STAD van IMI TA IMI TA loopt al decennia voorop in oplossingen voor de (in) regeling van HVAC-installaties. Hun TA-STAD inregelafsluiter is sinds de introductie meer dan 60 jaar geleden de standaard voor nauwkeurig waterzijdig inregelen van verwarmings- en koelsystemen. Zijn prestaties en bedieningsgemak zijn nu nóg beter geworden. 12

ISSOINFO JUNI 2018

Zo heeft de TA-STAD onder andere een nieuw ergonomisch handwiel gekregen, een compacter ontwerp, een hogere nauwkeurigheid voor de instelling van ‘laag-debiet’ installaties, een veiliger, goed zichtbare beschermkap, een hogere (PN25) drukklasse, een nieuwe verpakking en aangepaste Kv-waardes.


. . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS . . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS . . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS . . . UITGEBREIDE RANGE MATEN STAD inregelafsluiters zorgen voor nauwkeurige waterzijdige inregeling in zeer veel toepassingen. Ze zijn ideaal om te gebruiken aan de primaire en secundaire zijde van verwarmings- of koelsystemen. Een paar belangrijke kenmerken van de STAD inregelafsluiters: hoge nauwkeurigheid voor alle instellingen, inregeling en debietuitlezing, duidelijke inregeling dankzij aflezing via het digitale handwiel, afsluitbaar voor eenvoudige service en onderhoud van de installatie, zelfdichtende meetnippels, gemaakt van AMETAL® (een ontzinkingsbestendige legering die een langere levensduur waarborgt).

• • • • • •

De TA-STAD is nog steeds verkrijgbaar in een uitgebreide range maten en configuraties, met of zonder aftap. Daar­­door is hij geschikt voor de meeste installaties, met smoothend en een uitvoering met twee keer buitendraad.

OOK UPDATE VOOR ONDERSTEUNING IMI TA heeft ook hun TA-Scope, HyTools en HySelect databases ge-update om de nieuwe STAD te ondersteunen. Tot 1 juli 2018 zijn zowel de “oude” als de nieuwe versie beschikbaar in de TA-Scope, HyTools en HySelect databases. De noodzakelijke Revit plugin voor gebruik in BIM zijn te downloaden vanaf de website van IMI TA: www. imi-hydronic.com.

Specialist koeltorens versterkt Holland Water Jacqueline Birkhoff is verguld met haar nieuwe positie als technical accountmanager bij Holland Water. In deze functie kan zij haar kunde, kennis en ervaringen in proceswaterbehandelingssituaties optimaal inzetten. “Wat mij enorm aanspreekt is het feit dat Holland Water met de Bifipro® Cool een totale waterbehandelingsoplossing aanbiedt, puur op basis van het juist en accuraat doseren van minieme hoeveelheden koper- en zilverionen.”

“De traditie van het inzetten van chemie als biocide, aangevuld met inhibitors kan volledig overboord. Daartoe dienen wel een aantal belangrijke parameters onder controle te zijn, zoals hardheid en chloride-gehalte in combinatie met de indikking. Ik zie erg goede mogelijkheden om de marktpositie van Holland Water in de koeltorenmarkt enorm uit te breiden.”

TOEPASSINGEN IN FOODSECTOR Toepassingen liggen voornamelijk in de foodsector waar al een aantal aansprekende klanten uiterst tevreden zijn met de aanschaf en werking van de Bifipro® Cool. Maar ook datacenters, ziekenhuizen en universiteiten kunnen hier veel voordeel uit halen. Niet alleen voordeel in de zin van duurzaamheid en een lagere belasting voor het milieu maar ook vanwege het economische aspect. “De ROI is snel erg aantrekkelijk en dat is natuurlijk een uitstekend verkoopargument”, zegt Jacqueline.

‘BEST BESCHIKBARE TECHNIEK’ Uit onafhankelijk onderzoek blijkt dat de Bifipro® Cool van Holland Water gerangschikt wordt als ‘best beschikbare

Jacqueline Birkhoff

techniek’ als het om niet-chemische waterbehandeling van koeltorens gaat. Daarnaast zijn de voordelen van het volledig vervangen van chemie natuurlijk evident. Klanten kiezen voor Bifipro® Cool vanwege de effectiviteit, het grote gebruiksgemak en lage operationele kosten. De sores en nadelen van het werken met chemie vallen weg vanwege de residuele werking en de monitorings- en aftersales service. ISSOINFO JUNI 2018

13


. . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS . . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS . . . NIEUWS VAN KENNISPARTNERS

Succesvolle lezing over commissioning management in Istanboel Het creëren van een omgeving waarin de parameters binnenmilieu en energieprestatie beheersbaar zijn, gebaseerd op een goed doordacht programma van eisen, klinkt ongecompliceerd en eenvoudig. De realiteit is echter dat er tot op de dag van vandaag een groot aantal gebouwen worden ontworpen en gebouwd die nooit de gestelde prestatie-eisen behalen. Het gevolg is dat er eigenaren en gebruikers zijn die over een gebouw beschikken dat niet geschikt is voor het beoogde doel.

van de losse onderdelen in een HVAC-systeem doorgaans niet tot prestaties leiden zoals bedoeld. Daarentegen leidt commissioning management van de HVAC-systemen wel tot uitstekende bouwprestaties.

KENNIS DELEN Afgelopen april hield de Turkse vereniging van HVAC- en sanitair-ingenieurs (TTMD) haar tweejaarlijkse, internationaal congres in Istanboel. De TTMD - de Turkse tegenhanger van onze TVVL - is ook aangesloten bij REHVA. Vanwege de goede banden die zowel IMI Aero-Dynamiek als de Turkse afdeling van IMI Hydronic Engineering hebben met deze vereniging, mochten we onze kennis delen op het gebied van commissioning management.

COMMISSIONING PLAN

Hoewel na de oplevering steeds meer gebouwinstallaties alsnog redelijk in gebruik worden gesteld en getest, is er een flinke verbeterslag mogelijk. Voorwaarde daarbij is dat er een integrale aanpak wordt gehanteerd; van het ontwerpproces tot en met de gebruiksfase. Uit praktijkervaringen blijkt dat alleen het in bedrijf stellen en testen

14

ISSOINFO JUNI 2018

André van Tongeren en Aydin Koyuk gaven acte de présence en verzorgden een presentatie waarin zij in gingen op het verschil tussen meten, inregelen, inbedrijfstellen (hands-on commissioning) en commissioning management. Ook het V-model van commissioning, de verschillende testpunten en hoe je deze opneemt in een commissioning plan kwamen daarin aan de orde. Bij de bijeenkomst was ook Co-Pilot, de Europese kartrekker op het gebied van commissioning, aanwezig. Co-Pilot is als joint venture van Eurovent en REHVA bezig met het opzetten van commissioning standaarden en met de certificering van commissioning autoriteiten. Ook hierbij is IMI AeroDynamiek nauw betrokken. Wilt u meer weten over dit onderwerp, neem dan contact op. www.aero-dynamiek.nl


. . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018

ISSO als kennisleverancier voor opleiders

TVVL voert cursus Hydraulica uit met materiaal van ISSO ISSO stelt haar les- en docentmateriaal beschikbaar voor opleiders. Het betekent dat ISSO zelf geen cursussen meer verzorgt, behalve de In-Company trainingen. ‘ISSO zal voornamelijk les- en docentmateriaal voor opleiders en de bijhorende kennis ontwikkelen en beheren’, zegt Rob van Bergen. ‘Opleiders kunnen het materiaal, dat ISSO beheert, tegen een vergoeding gebruiken. Tijdens de cursus krijgen de cursisten toegang tot het materiaal en de kennis via de ISSO-KennisBank. TVVL is de eerste opleider die met een ISSO-cursus aan de slag gaat, namelijk de cursus ‘Hydraulica: Hydraulische schakelingen voor verwarmen en koelen’. In de nieuwe situatie zal ISSO de cursus ‘Hydraulica: Hydraulische schakelingen voor verwarmen en koelen’ voortaan samen met TVVL organiseren. Rob van Bergen (algemeen directeur ISSO) en John Lens (directeur TVVL) ondertekenden de samenwerkingsovereenkomst op de beurs Building Holland. Per september organiseert TVVL deze cursus in de TVVL-leslokalen. ISSO beheert het lesen docentmateriaal.

passende verrijking van ons cursusaanbod. Het enige dat verdwijnt is de naam ‘Masterclass’, en wij verzorgen de cursus met onze docenten. Wij zijn blij dat ISSO betrokken blijft bij de kwaliteitsbewaking en het onderhoud van de cursus’.

ONDERZOEK NAAR KOUDEKLACHTEN Bijna alle oud-deelnemers bevelen de cursus Hydraulische schakelingen aan. Zij zijn erg tevreden over de inhoud, presentatie en deskundigheid van de docent. Opgeleid zijn onder meer medewerkers van de Nederlandse Gasunie, Strukton Worksphere, Heijmans, Installatiebedrijf Unica, Cofely Zuid-Nederland, HOMIJ en ROC Tilburg. ‘De cursus heeft mij een kapstok gegeven’, vertelt een cursist die werkt bij een raadgevend ingenieursbureau. Het bureau is gespecialiseerd in onder meer thermisch binnenklimaat, waardoor zij altijd te maken hebben met hydraulische schakelingen. Het ingenieursbureau onderzoekt ook via enquêtes de temperatuurbeleving van gebruikers in kantoren of schoolgebouwen. Zo zoeken ze uit waarom, bijvoorbeeld, gebruikers op de 5e verdieping meer koudeklachten hebben dan in de rest van het gebouw. ‘Dat kan het moment zijn om naar het hydraulische ontwerp of de hydraulische schakelingen te kijken.’

PRAKTIJKGERICHTE VRAGEN VAN MEDE-CURSISTEN

HOGE WAARDERING Rob van Bergen: ‘Deze 5-daagse cursus over hydraulische schakelingen voor verwarmen en koelen is niet eenvoudig, maar er is veel belangstelling voor. De cursus op hbo-niveau is gericht op installatieontwerpers en projectleiders die betrokken zijn bij het ontwerpen en beoordelen van cv- en koude-installaties. De cursus krijgt een hoge waardering van rapportcijfer 8,6’. John Lens is blij met de samenwerking: ‘We zien ernaar uit deze cursus te organiseren. Deze cursus heeft de afgelopen jaren bewezen erg waardevol te zijn. Wij zien dit als een mooie,

‘Tijdens de cursus worden alle elementen van een ingewikkelde hydraulische schakeling teruggebracht naar basisprincipes’, zegt de anonieme cursist. ‘Zo kan bijvoorbeeld een radiator(groep) in de regel op acht standaard manieren (schakelingen) worden gevoed vanuit de cv-ketels. Die leer je te herkennen. Nu kan ik een complex hydraulisch ontwerp op twee manieren benaderen. Eerst keek ik alleen vanuit de klachtenkant: na veel praktijksituaties raak je bekend met de fouten van een installatie. Nu weet ik hoe een goede hydraulische schakeling is opgebouwd en kan ik ook vanuit die invalshoek afwijkingen constateren. Daarbij leer je van mede-cursisten. De praktijkgerichte vragen van installateurs en adviseurs zijn voor mij als raadgevend ingenieur minstens zo interessant. Nu zie ik ook hoe andere professionals in hetzelfde vakgebied bepaalde situaties aanpakken.’

Aanmelden voor de cursus ‘Hydraulische schakelingen voor verwarmen en koelen’ kan via tvvl.nl ISSOINFO JUNI 2018

15


2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCA

Eerste kandidaten halen via ISSO en Dosign certifi Vier jaar geleden benaderde technisch detacheerder Dosign ISSO met de vraag om samen een 4-jarige training Installatietechniek op te zetten. Die training was speciaal bedoeld voor kandidaten van Dosign’s duale traineeship; mensen die werken en een hbo-opleiding Werktuigbouwkunde volgen. De eerste lichting kandidaten heeft het certificaat voor de Installatietechniek-training van ISSO en Dosign nu behaald.

behoorlijk beperkt. Dosign wilde vooral de kandidaten van de studie Werktuigbouwkunde meer theoretische en praktische kennis over Installatietechniek aanbieden. Ze benaderden ISSO om een additioneel programma ‘Installatietechniek’ op te zetten voor hun duaal-traject kandidaten. Vier jaar geleden startte het programma.

STOOMCURSUS Technisch detacheerder Dosign bemiddelt hoger opgeleide technici. De detacheerder biedt kandidaten sinds 7 jaar een duaal-traject aan. Daarbij werken de aanstormende techneuten bij een installatiebedrijf of een adviesbureau in de installatiebranche en gelijktijdig volgen zij een hbo-opleiding Industriële automatisering, Werktuigbouwkunde of Elektrotechniek. De aandacht voor Installatietechniek binnen die hbo-opleidingen is

Oscar Nuijten, voormalig projectcoördinator bij ISSO, heeft dit programma voor Dosign destijds mede vormgegeven. Nuijten: ‘We wilden de kandidaten zo snel mogelijk productief maken op het terrein van Installatietechniek. Het eerste jaar was een soort stoomcursus. Alle basisonderdelen kwamen aan bod: duurzaamheid, verwarming, ventilatie, luchtbehandeling. Ook toegepaste natuurkunde stond het eerste jaar op het programma. We kregen

Masterclass Procesengineering; voor wie verder wil Steeds meer ontwerpers willen bij de uitwerking van een moderne installatie verder gaan dan het creëren van hydraulische schakelingen. Juist voor deze doelgroep ontwikkelt en organiseert ISSO de masterclass Procesengineering. Het eerste onderdeel van deze Masterclass Procesengineering, ‘Energieanalyses’, kunt u al volgen. De Masterclass is een vervolg op de Masterclass Hydraulica, die nu als cursus door TVVL gegeven wordt. Het begrip procesengineering is geïntroduceerd bij de realisatie van ISSO-publicatie 95. De term procesengineering past beter bij de realisatie van moderne duurzame en ingewikkeldere installaties dan het reeds bestaande begrip installatieontwerp. Het verschil zit hem vooral in het deellastbedrijf, dat bij duurzame installaties erg belangrijk is.

onderdeel is een vervolg en toepassing van de lesstof in de cursus hydraulische schakelingen. 3 Procesengineering: Automatisering - Bepalen van de automatische werking van een klimaatinstallatie. In dit onderdeel zet je het processchema om naar een proces- en instrumentatieschema en maak je een beschrijving van de automatische werking. Het resultaat is een zogenoemd functioneel ontwerp dat de basis vormt voor de realisatie van de automatiseringsinstallatie. Onderdeel 1 van deze masterclass wordt in 2018 verzorgd. Onderdelen 2 en 3, die ook elk drie cursusdagen zullen beslaan, worden momenteel uitgewerkt en kunnen vanaf 2019 worden gevolgd.

PROGRAMMA VAN DRIE DAGEN KENNISLEEMTE OPVULLEN Op het vakgebied van procesengineering is er sprake van een kennisleemte. Dit blijkt uit het feit dat tijdens het beheer van een klimaatinstallatie deze vaak niet presteert zoals die ontworpen is. Wie procesengineering volledig onder de knie wil krijgen, kan daarvoor het beste de volledige masterclass volgen die uit drie onderdelen bestaat. 1 Procesengineering: Energieanalyses - Bepalen van het systeemconcept met behulp van energieanalyses. 2 Procesengineering: Systeemconcepten - Op basis van het systeemconcept het ontwerpen en dimensioneren van een hydraulische schakeling (processchema). Dit 16

ISSOINFO JUNI 2018

Het eerste onderdeel van deze Masterclass, energieanalyses, bestaat uit drie dagen: Dag 1: Afgiftesystemen in de vertrekken Benodigde gegevens. Rekenmethoden. Vermogens en energiegebruik van de vertrekken. Mogelijke afgiftesystemen modulair opgebouwd. Voorbeelden en oefeningen.

• • • • •

Dag 2: Systeemconcepten energiecentrales Benodigde gebouw gegevens. Eenvoudige jaarlijkse rekenmethoden.

• •


ATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018

caat Installatietechniek

een goede respons op deze aanpak, de jongens waren snel ingewerkt bij hun werkgevers.’ In jaar 2 volgden de thema’s verwarmen, koelen, luchtbehandeling en ventileren. Leerjaar 3 draaide om riolering, water, brandblus en gastechniek. En in het laatste jaar kregen de kandidaten te maken met WKO, hydraulische schakelingen en regeltechniek. Elk onderdeel sloot af met een tentamen, zeven stuks in totaal.

plaatsvonden op het kantoor van ISSO of Dosign, deden we veel praktijkopdrachten’, vertelt Nuijten. ‘Dan gaf ik ze bijvoorbeeld de plattegrond van een gebouw en liet ik ze groepsgewijs een leidingwaterinstallatie aanleggen. Daarna bespraken de groepen hun oplossingen met elkaar, heel leerzaam.’ Uiteindelijk hebben vier kandidaten het programma tot het einde toe volbracht. Zij hebben onlangs bij ISSO het laatste tentamen afgenomen. Binnenkort krijgen zij een certificaat uitgereikt waarmee ze kunnen aantonen dat ze de intensieve training Installatietechniek bij ISSO hebben afgerond.

CERTIFICAAT-UITREIKING De meeste docenten van het programma werken bij ISSO. Ook Oscar Nuijten nam meerdere vakken voor zijn rekening. ‘Tijdens de lessen, die altijd in de avonduren

dan hydraulische schakelingen

5TE7

5TE6

• • • • • •

6TE6

Automatiseringsstation Vrijgave setpoint

Procesengineering voor Klimaatinstallaties

• Vermogens en energiegebruik gebouw. • Systeemconcept met ketels. • Systeemconcept met WKK en ketels.

Dag 3: Systeemconcept energiecentrale met warmtepomp en energieopslag in de bodem Benodigde gebouwgegevens. Gedetailleerde uurlijkse rekenmethoden. Vermogens en energiegebruik van een gebouw. Mogelijke systeemconcepten. Optimalisatie onderdelen van een systeemconcept. Voorbeelden en oefeningen.

6TE6

Besturing WP

5TE5

5TE4

BUS Vrijgave setpoint

6TE5

1TE3

1TE2

1TE4

1CP2

1RA2

Besturing WP

1CP1

1RA1

5TE7

1RA1

5TE7

5TE6

1RA2

5TE5

1CP1

5TE4

1CP2 1TE2

Meetwaarden e.d. Interne metingen en beveiligingen BUS Meetwaarden e.d. Automatiseringsstation

Besturingspaneel Warmte pomp

1CP2

1RA2

1CP1

1TE41RA1

5TE6

5TE7

1CP1

Interne metingen en beveiligingen 1TE1

1TE3

1TE4

1TE2

1TE1

6TE6 1RA2

Besturingspaneel Warmte pomp

5TE5

5TE6

6TE5 1CP2 1TE4 1TE2

6TE6

6TE4

6TE5

5TE4

5TE5

6TE4

6TE3

PUBLICATIE 95

5TE4

6TE3

6TE4

6TE5

1TE1

6TE4

1TE3 6TE3

1RA1

P R O C E S E N G I N E E R I N G VO O R K L I M A AT I N S TA L L AT I E S

• Systeemconcepten met energieopslag in de bodem. • Voorbeelden en oefeningen.

1TE1

6TE3

1TE3

Wie, waar en wanneer

23-11-16 15:25

De docent van deze masterclass is Jan Aerts, projectcoördinator bij ISSO. Het eerste onderdeel van de masterclass bestaat uit 3 opleidingsdagen: 13, 20 en 27 september. De kosten voor het eerste deel van de masterclass: energie­ analyses, bedragen voor niet OTIB-deelnemers € 1.050,– en voor OTIB-leden € 475,– (excl. btw). U kunt zich aanmelden via de website van ISSO.

ISSOINFO JUNI 2018

17


2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCA

Instructies over legionellaveilig beheren van koel Op 13 en 20 september verzorgt ISSO twee instructies over legionellaveilig beheren van koeltorens en luchtbevochtigers. De eerste instructie is bedoeld voor iedereen die met koeltorens en luchtbevochtigers te maken heeft. Aansluitend daarop volgt een tweedaagse instructie voor risicoanalisten, waarbij de bekwaamheid ook getoetst wordt. Op beide instructiebijeenkomsten komen uiteenlopende onderwerpen aan bod. Maar centraal staan het legionellaveilig en milieuverantwoord beheer binnen de wettelijke voorschriften van koeltorens en luchtbevochtigers. Daarnaast gaan de docenten in op de informatie uit de ISSO-publicatie 55.3, de risicoanalyse en het beheersplan.

BASIS - INVULLING VAN DE INSTRUCTIE LEGIONELLAPREVENTIE IN KOELTORENS EN KLIMAATINSTALLATIES Ochtend Opbouw en werking natte koeltorens en hybride koelers. Waterkwaliteit, legionella en waterchemie. Incidenten en casehistorie. Wetgeving, richtlijnen (Wm en Arbo). Waterbehandeling. Beheer en onderhoud van koeltoreninstallaties. Middag Risicoanalyse, beheersmaatregelen en calamiteitenplan volgens ISSO-55.3 (herziene versie 2014). Organisatie van het beheer, conform RACI-model.  Model risicoanalyse en beheersplan, herziene versie 2014.

• • • • • • • • •

• Toezicht op beheer, meldingsplicht en overschrijdingen, stand van zaken 2015. Deze instructie op basisniveau is bestemd voor: Gebouwbeheerders. Onderhouds- en facility managers. Toezichthouders/handhavers milieudiensten. Arbodiensten. Omgevingsdiensten en risicoanalisten.

• • • • •

De kosten bedragen € 395,– (excl. btw, incl. hand-out).

Webinar zonne-energie van ISSO biedt vakman ‘Schone’ energiebronnen worden steeds belangrijker in een land dat zich midden in de energietransitie bevindt. Zonne-energie is één van de belangrijkste duurzame energiebronnen en de vraag naar de plaatsing van zonnepanelen stijgt. Speciaal voor professionals binnen de bouw- en elektrotechniek, hield ISSO, samen met KvINL, donderdag 26 april een webinar. Daarin ging het over de kwaliteitsborging van de werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor het opwekken van zonne-energie.

18

ISSOINFO JUNI 2018

ISSO organiseerde het webinar over de kwaliteitsborging van werkzaamheden om zonne-energie op te wekken in samenwerking met Stichting Kwaliteit voor Installaties Nederland (KvINL). Sprekers tijdens het webinar waren André Derksen namens ISSO en KvINL-directeur Wil van Ophem.

ZONNEKEUR Na een introductie door Wil van Ophem over kwaliteitsborging en de functie en rol van KvINL daarin, was het woord aan André Derksen. Hij werkt als projectcoördina-


ATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018

torens VOOR RISICO-ANALISTEN – TWEEDAAGSE INSTRUCTIE LEGIONELLAVEILIG BEHEREN VAN KOELTORENS (Voor het goed kunnen volgen van deze instructie heeft u de basisinstructie nodig. Dag 1 Risicocomponenten in koeltoreninstallaties en luchtbevochtigers - en bevochtiging. Koeltorenwater en waterchemie. Waterbehandelingsstrategieën. Organisatie van het beheer.  Toezicht op het beheer. Lozen van spuiwater. Informatievoorziening.

• • • • • • •

Dag 2 Schouwen van een koeltoren­systeem op locatie. Interview met verantwoordelijk beheerder en legionella-eind­verantwoordelijke op locatie. Toelichting voor het maken van een risicoanalyse van het betreffende systeem. Toelichting voor het schrijven van een beheersplan. Implementatie van logboek en beheersplan in de klant-organisatie. Toelichting bij opdracht voor het schrijven van het beheersplan.

Dag 3 (halve dag) Bespreken van de opgestelde beheersplannen. Uitwisselen van praktijkervaringen. Uitreiken certificaten.

• • •

Deze meerdaagse instructie is bestemd voor: Risicoanalisten. Medewerkers van waterbehandelingsbedrijven. Fabrikanten. Adviesbureaus.

• • • •

De kosten bedragen € 995,– (excl. btw).

• • • • • •

Tussen dag 2 en 3 wordt u op afstand begeleid bij het opstellen van het beheersplan. Dit plan dient u (ruimschoots) voor dag 3 ter beoordeling in te leveren bij de instructeur.

ISSO-certificaat Bij voldoende resultaat ontvangt elke deelnemer een ISSOcertificaat voor risicoanalyse. De docent van de instructie is een specialist op het gebied van waterbehandeling en beheer & onderhoud van proceswaterinstallaties.

Incompany ISSO kan de instructie ook incompany verzorgen. Voor nadere informatie kunt u contact opnemen via instructies@isso.nl.

handvatten tor zonne-energie bij ISSO en ging inhoudelijk in op het onderwerp van het webinar. Derksen zette uiteen welke opleidingen en bijbehorende certificaten er bestaan voor werken met systemen die op zonne-energie werken. Vervolgens besteedde hij aandacht aan het nieuwe systeem dat geldt voor certificering van installateurs, monteurs en adviseurs.

dat de markt voor zonne-energie snel en veelvuldig verandert, zowel op het gebied van de producten als ook de regelgeving. Na een aantal voorbeelden van veelgemaakte fouten, sloot de projectcoördinator af met een oproep aan de volgers van het webinar: ‘Het verwerven van kennis is niet alleen voldoende; pas het ook toe!’ Na het seminar hadden de deelnemers aan het webinar de gelegenheid om vragen te stellen.

‘PAS OPGEDANE KENNIS TOE’ In het vervolg van de webinar kwam ook de noodzaak van bijscholing aan de orde. Derksen stipte hierbij aan

Het webinar is te bekijken op ons YouTube kanaal via isso.nl

ISSOINFO JUNI 2018

19


EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE

BuildUpSkills ondersteunt vakmensen met actuele bijscholing pleter en actueler te maken, maar nu is er een versie die echt gebruiksklaar is.”

E-LEARNING EN TESTJES

ISSO heeft in samenwerking met OTIB, Bouwradius, Kenteq, het voormalige SBRCURnet en vier ROC’s een app ontwikkeld die vakmensen met mbo-niveau helpt met hun bijscholing. De BuildUpSkills Advisor app is een digitale tool die werknemers met een mbo-opleiding helpt hun kennis op verschillende vlakken te testen. Gebruikers van de app zien vervolgens direct per vakgebied welk scholingsaanbod er is om hun vakkennis op dit vlak up-to-date te krijgen. Namens ISSO neemt projectcoördinator Jan Cromwijk deel aan het project BuildUpSkillsNL. “De app is al beschikbaar in de Apple- en Google store”, geeft Cromwijk aan. “De eerste versie was een pilot, om gebruikers van de app naar input te vragen en om de app com-

20

ISSOINFO JUNI 2018

“De app bevat naast een overzicht van het scholingsaanbod ook een onderdeel met leer-interactie. Aan de hand van foto’s van bouwprojecten vragen we de appgebruiker of hij een bouwfout ziet of dat hij denkt dat de installatie foutloos is neergezet. De deelnemer krijgt feedback op het antwoord en de gegeven argumenten. Zo maken we vakmensen bewust van het feit of ze kwaliteit visueel kunnen herkennen. Verder werken we momenteel aan zes extra leermodules voor de installatietechniek en een twintigtal leermodulen voor de bouwtechniek. Via deze modules kunnen vakmensen snel inzien wat specifieke thema’s als isoleren of groene daken inhouden.”

PROF/TRAC Waar BuildUpSkills zich volledig richt op vakmensen met een mbo-opleiding, richtte het inmiddels afgeronde project PROF/TRAC zich op de hbo-opgeleide professional. “Op de website van PROF/TRAC staan de competentieprofielen voor verduurzaming van gebouwen, die je als professional binnen de bouw- of installatiesector kunt gebruiken voor professionalisering”, aldus Cromwijk. “Aan de opleidingskant onderwezen we de opleiders die trainingen gaan geven in verduurzaming. Zo realiseerde TVVL in PROF/TRAC met succes drie trainingen over de realisatie van bijna energieneutrale gebouwen (BENG).”


GEBOUWEN . . . DUURZAME GEBOUWEN . . . DUURZAME GEBOUWEN . . . DUURZAME GEBOUWEN . . . DUUR

Betere bouwfysica met de publicatie Luchtdicht bouwen 2

De kennis en vaardigheden rondom luchtdicht bouwen spelen bij het realiseren van een hoog comfort, energiezuinigheid en het voorkomen van bouwfysische problemen een cruciale rol. In de praktijk blijkt de kennis over deze manier van bouwen nog lang niet overal in voldoende mate aanwezig. De publicatie Luchtdicht bouwen 2 moet hierin verandering brengen.

COVER_Luchtdichtbouwen_staal_RUG5.53_nieuw.indd 1

ONLINE EN GEPRINT De uitgave Luchtdicht bouwen 2 is bedoeld om inzicht te geven in de achtergronden van luchtdicht bouwen, specifiek bij gebouwen met metalen gevel- en daksystemen. De publicatie geeft aanwijzingen en instructies voor zowel de adviseur, ontwerper, bouwer als verwerker van een specifiek product of systeem en is beschikbaar in gedrukte versie of als digitale versie via www.sbrcurnet.nl. Luchtdicht bouwen 2 Metalen gevel- en daksystemen

Het vakgebied ‘luchtdicht bouwen’ speelt een belangrijke rol bij het comfort van een gebouw, de energiezuinigheid én het voorkomen van bouwfysische problemen, maar is voor de bouwpraktijk nog steeds ongrijpbaar. In de praktijk blijkt dat bij de utiliteitsbouw – en dan met name wanneer er sprake is van metalen dak- en wandsystemen – er weinig kennis is op het gebied van luchtdicht bouwen. Toch komen ook juist bij deze projecten de eisen aan de luchtdichtheid steeds hoger te liggen.

Luchtdicht bouwen 2

ISSO heeft zeer recent de vernieuwde publicatie Luchtdicht bouwen 2 uitgebracht. In deze publicatie informeert het kennisinstituut de lezer over de werkwijze, het materiaalgebruik en de eisen die gelden bij het werken volgens het principe van luchtdicht bouwen. Met de publicatie hoopt ISSO de kennis over het onderwerp op een uniform niveau te brengen zodat partijen binnen de bouwsector een robuuste kwaliteit afleveren bij het luchtdicht bouwen.

Luchtdicht bouwen 2

De publicatie Luchtdicht bouwen 2 gaat daarom aan de hand van dit vakgebied dieper in op metalen gevel- en daksystemen, waar conform het Bouwbesluit eisen worden gesteld aan het beperken van de luchtdoorlatendheid (Bouwbesluit 2012, artikel 5.4). Tevens richt de publicatie zich op utiliteitsgebouwen waar vanuit de functie van het gebouw (private) eisen worden gesteld aan de luchtdichtheid. Een voorbeeld hiervan is een geconditioneerde opslaghal.

Metalen gevel- en daksystemen

De publicatie gaat – naast de behandeling van het theoretisch kader, de wet- en regelgeving en de luchtdichtingsmaterialen – in op zowel ontwerp- als uitvoeringsaspecten. Binnen de metalen gevels hebben sandwichpanelen het grootste marktaandeel, gevolgd door metalen binnendozen (zogenaamde opbouwsystemen). Aan deze twee typen metalen gevels besteedt deze publicatie dan ook de meeste aandacht. Tevens wordt een aantal aansluitingen van vliesgevels op een metalen gevel behandeld. Luchtdicht bouwen 2 biedt hiermee inzicht in de achtergronden van luchtdicht bouwen specifiek voor metalen gevel- en daksystemen. De publicatie geeft aanwijzingen en instructies voor zowel de adviseur, ontwerper, bouwer als verwerker van een specifiek product of systeem. ISBN

978 90 5367 648 6

4-10-2017 13:11:02

Handboek Bouwen met kalkhennep ondersteunt biobased bouwen

De uitgave Handboek Bouwen met kalkhennep biedt inzicht in de wijze waarop ontwerpers, planners en bouwers het materiaal kunnen toepassen. Daarnaast bevat de publicatie een reeks referentieprojecten met verschillende toepassingen van het duurzame bouwmateriaal, zodat zichtbaar is welke toepassingsmogelijkheden er zijn.

INFORMATIE ONDERLIGGENDE CONCEPTEN Het kan verleidelijk zijn om het bouwen met kalkhennep naar eigen inzicht in de praktijk te brengen. De techniek is namelijk al langer bekend, het materiaal is laagdrempelig toe te passen en lijkt op bestaande bouwtechnieken.

Toch vereist het bouwen en verwerken van kalkhennep specifieke methodes en regels. Juist omdat het belangrijk is die specifieke onderliggende bouwconcepten, de materiaaleigenschappen en achtergrond van bouwen met kalkhennep te kennen, deelt ISSO deze informatie in Handboek Bouwen met Kalkhennep. Bouwen met kalkhennep

Er is in Nederland nog een wereld te winnen in het gebruiken van duurzame bouwmaterialen. In de mondiale klimaatafspraken hebben we ons als doel gesteld om in 2050 CO2 neutraal te zijn. Echter het bouwproces en de delving en productie van bouwmaterialen waarvan een gebouw gemaakt wordt gebruiken ook energie. Het gebruiken van duurzame biobased materialen kan hierin verandering brengen. Kalkhennep is zo’n materiaal. Handboek Bouwen met kalkhennep gaat in op de benodigde

grondstoffen en de herkomst van kalkhennep waarbij wordt aangetoond dat het materiaal CO2 opneemt in plaats van produceert. Na de gebruiksfase is het materiaal volledig biologisch afbreekbaar. Andere belangrijke eigenschappen van kalkhennep die in dit handboek aan de orde komen zijn onder meer de positieve invloed op het binnenklimaat en de specifieke vochtregulerende kwaliteiten. Hierdoor is het materiaal ook in renovatieprojecten een goed alternatief.

Handboek Bouwen met kalkhennep

De bouw heeft de laatste jaren steeds meer aandacht voor de effecten van bouwactiviteiten op het milieu. Een innovatieve manier om met milieuvriendelijk materiaal te bouwen is het gebruik van kalkhennep. Dit duurzame biobased materiaal neemt CO2 op voor en tijdens het gebruik en is volledig biologisch afbreekbaar. Om partijen binnen de bouwsector te ondersteunen bij duurzame bouwconcepten brengt ISSO een publicatie uit met informatie over bouwwerkzaamheden met kalkhennep.

Handboek Bouwen met kalkhennep

BOUWCOMPACT

Reden te meer om dit materiaal vaker te gaan gebruiken. Dit handboek biedt daarom inzicht in de wijze waarop het materiaal toegepast kan worden, voor ontwerpers, planners en bouwers. Een reeks referentieprojecten van diverse toepassingen laat zien wat er al mogelijk is. Handboek Bouwen met Kalkhennep biedt de nodige inspiratie waarmee bouwend Nederland gemakkelijker met dit bijzondere materiaal aan de slag kan om duurzaam bouwen te stimuleren.

ISBN

978 90 5367 660 8

ONLINE EN GEPRINT BESCHIKBAAR Bouwen met kalkhennep past naadloos in het bouwthema ‘De toekomst van het bouwen’. De publicatie Handboek Bouwen met kalkhennep is als losstaande publicatie beschikbaar en legt de nadruk op de toegevoegde waarde van het gebruik van het duurzame bouwmateriaal in de bouw. Het is mogelijk om de publicatie Handboek Bouwen met Kalkhennep als gedrukte en gebundelde uitgave te bestellen, maar het handboek is ook aan te schaffen als digitale versie via www.sbrcurnet.nl/publicaties ISSOINFO JUNI 2018

21


DUURZAME GEBOUWEN . . . DUURZAME GEBOUWEN . . . DUURZAME GEBOUWEN . . . DUURZAME GEBOUWEN . . .

Het begin van een lange, maar mooie reis richting PCM publicatie ‘De reis begon op 18 juni 2013 in het Drijvend Paviljoen in Rotterdam. Daar was ik dan: projectcoördinator van stichting ISSO in de rol van gastheer bij een informatiebijeenkomst en workshop over Phase Change Materials. Doel van de bijeenkomst: de aanwezigen informeren over de mogelijkheden van Phase Change Materials (PCM’s), oftewel faseovergangsmaterialen.’

Rob, Marco, Tom, Anneli en Susanne. Vooral op één vraag aan de aanwezigen wilde ik antwoord krijgen: waarom worden Phase Change Materials niet standaard als ontwerp-optie meegenomen in gebouwen? Het antwoord van de deelnemers bleek: er zijn geen objectieve richtlijnen en veel PCM-projecten zijn experimenteel. “Was er maar een ‘normerende’ ontwerprichtlijn voor”, zeiden de aanwezigen in feite.’

GOEIE DISCUSSIES IN DE WERKGROEP ‘Daar kon ik wel wat mee. Samen met een werkgroep bestaande uit stakeholders uit de bouw- en installatiesector en leveranciers zijn we met deze vraag aan de slag gegaan. Denk aan architecten, bouwkundig aannemers, fabrikanten uit binnen- en buitenland en brancheverenigingen. De werkgroep bestond uit 24 actieve deelnemers met verschillende belangen, maar met hetzelfde doel: PCM’s op de kaart zetten. U denkt nu misschien dat het werken met 24 betrokken bedrijven, over een relatief nieuw onderwerp voor de bouw- en installatiesector in een onzekere bouw- en installatiemarkt vast een uitdaging was. Dat was het ook. Goeie discussies, verschillende belangen te verenigen en complexe materie te vertalen zorgden voor een flink project. We zochten zelfs partners uit andere landen om ook hun ervaring te integreren in de publicatie.’

VAN DE BASIS TOT ONTWERPEN IN SOFTWARE

Arjan Schrauwen ‘PCM’s zijn namelijk uitstekend in te zetten als duurzame techniek. De materialen slaan overdag lokaal warmte op, door het PCM te laten smelten waardoor de ruimte wordt gekoeld. ’s Nachts stolt het PCM weer via ventilatie. Zo is een gebouw perfect te klimatiseren. HVAC-installaties zijn nu vaak overdreven groot, daarbij storingsgevoelig, en ze vergen veel onderhoud. In combinatie met PCM’s kun je veel kleinere, en dus eenvoudigere en goedkopere, installaties toepassen.’

‘Dit voorjaar is dit alles uitgemond in een vuistdikke ISSOpublicatie. Hij is gericht op ontwerpers van gebouwen en gebouwinstallaties. Dit kunnen aannemers zijn met een ontwerpafdeling, maar bijvoorbeeld ook bouw- en installatietechnische adviseurs en architecten. De publicatie begint met een stevige thermodynamische basis. Er staat in omschreven wat PCM’s zijn en hoe ze werken. Daarna gaat de publicatie in op PCM’s halffabricaten en eindproducten. Verder staat er in hoe Phase Change Materials te integreren zijn in een ontwerp. Er zijn rekenregels bedacht die in software zijn toe te passen, en er is een uitleg voor het handmatig berekenen van een ontwerp. Je hoeft geen voorkennis te hebben om de publicatie te begrijpen, maar de lezer moet zich wel voorbereiden op vrij stevige kost.’ Arjan Schrauwen, projectcoördinator ISSO (a.schrauwen@isso.nl)

OP ZOEK NAAR DE RICHTLIJN ‘Zo groen als gras was ik op het gebied van gastheer spelen, maar gelukkig werd ik bijgestaan door mijn collega’s 22

ISSOINFO JUNI 2018

De uitgave is beschikbaar via kennisbank.isso.nl


. DUURZAME GEBOUWEN . . . DUURZAME GEBOUWEN . . . DUURZAME GEBOUWEN . . . DUURZAME GEBOUWEN

ISSO maakt nieuwe versie WKO-expertisetool In 2016 bracht ISSO de WKO-expertisetool op de markt. De tool is destijds ontwikkeld door Rijksvastgoedbedrijf en overgedragen aan ISSO. Ontwerpers kunnen met de tool de opbouw, energieanalyse, het vermogen van de opwekkers en de energiebalans van een WKO-installatie bepalen. Maar de tool is omvangrijk en niet erg gebruiksvriendelijk. ISSO ontwikkelt daarom een nieuwe WKO-expertisetool. Die wordt én online, én veel eenvoudiger in het gebruik. Met de WKO-expertisetool kunnen ontwerpers relatief snel vermogens- en energieberekeningen maken van de gebouwinstallatie en de energiecentrale met WKO (warmte koude opslag). De tool maakt een rapportage van het ontwerp, conform de certificeringseisen zoals die gelden voor de BRL 6000-21.

ONLINE APPLICATIE ‘De WKO-tool uit 2016 was toe aan vernieuwing’, vertelt Richard van Dommelen, ICT-professional bij ISSO. ‘Een nadeel is namelijk dat hij werkt in combinatie met Excel. Dat heb je niet altijd bij de hand. Ook moeten gebruikers

veel informatie in de tool invoeren. Voor veel waarden geldt dat ontwerpers die eerder zelf al hebben berekend. Die willen ze het liefst direct kunnen invoeren in de WKOepertisetool. Bij de nieuwe versie van de tool kan dat. Hij wordt veel gebruikersvriendelijker. Het wordt bovendien een online applicatie die je via een browser kunt bereiken.’

OOK EEN RAPPORT OP JAARBASIS De app genereert een rapport over de te ontwikkelen WKO-installatie. Bij de nieuwe tool kunnen gebruikers straks kiezen voor een overzicht op jaarbasis, en een rapport dat van uur tot uur alle feiten van het system toont. Het rapport van het jaaroverzicht is meer praktisch toepasbaar en kan helpen bij een verdere ontwikkeling van project. De WKO-expertisetool sluit één op één aan op ISSO-publicaties 39 ‘Ontwerp, realisatie en beheer van een Energiecentrale met warmte en koude opslag (WKO)’ en ISSO-publicatie 11 ‘Warmteterugwinning in klimaatsystemen’. Ergens dit jaar komt de nieuwe versie van de tool beschikbaar via de kennisbank. Houd de berichtgeving in de gaten.

PUBLICATIE 39 bovengronds deel: Energiecentrale

communicatiemodel energieuitwisseling met omgeving

gebouwinstallatie

warmtevoorziening warmtegebruikers

bodemenergiesysteem

bovengronds deel:

E N E R G I E C E N T R A L E M E T WA R M T E - E N KO U D E O P S L AG ( W KO )

Versie 2017, aangepast met regelgeving SPF en communicatietabellen

communicatiemodel

koudevoorziening koudegebruikers

TSA

ondergronds deel: WKO installatie

model

watervoerende zandlaag (aquifer)

koude bron

warme bron

ENERGIECENTRALE MET WARMTEEN KOUDEOPSLAG (WKO) ONTWERP, REALISATIE EN BEHEER ISSOINFO JUNI 2018

23


. . VEILIGE GEBOUWEN . . . VEILIGE GEBOUWEN . . . VEILIGE GEBOUWEN . . . VEILIGE GEBOUWEN . . . VEILIGE GE

LegionellaScan toont stapsgewijs de regels en wetgeving Tijdens de beurs Aqua Nederland in Gorinchem heeft ISSO op 14 maart de LegionellaScan geïntroduceerd. Met die digitale tool kunnen eigenaren en beheerders van collectieve leidingwaterinstallaties in gebouwen stap voor stap ontdekken of zij de juiste maatregelen treffen, en of zij aan de voor hen geldende, wettelijke regelgeving voldoen. ‘Voor gebouweigenaren en -beheerders is het nog altijd erg lastig om exact te weten welke wetgeving van toepassing is en welke regels zij moeten naleven. Met de LegionellaScan hebben wij een hulpmiddel ontwikkeld dat stap voor stap duidelijk maakt aan welke regels, en op welke wijze, je moet voldoen’, vertelt Irene van Veelen, projectcoördinator en sanitair specialist bij ISSO. ISSO ontwikkelde de tool samen met Imiq Advies en Holland Water. De digitale tool is mede-ontwikkeld naar aanleiding van een groot onderzoek dat ISSO vorig jaar onder gebouweigenaren en beheerders uitvoerde. Daarin gaf 75% van de respondenten aan ooit een legionellabesmetting in de installaties te hebben gehad.

GEBREK AAN DUIDELIJKHEID Dat er nog zoveel fout gaat bij Legionellapreventie, komt volgens Irene van Veelen deels door een gebrek aan duidelijkheid. Niet door onwil bij eigenaren en beheerders. ‘Adviseurs zouden de eigenaren daarbij moeten helpen, maar ook zij doorzien vaak niet de volledige reikwijdte van de regelgeving. De LegionellaScan geeft eigenaren dat inzicht, maar het kan ook adviseurs helpen om hun klanten een objectief overzicht te geven van de noodzakelijke verplichtingen en maatregelen’, vertelt Irene van Veelen. De LegionellaScan is gericht op collectieve waterleidingsystemen bij ziekenhuizen, zorginstellingen, asielzoekerscentra en gevangenissen, sportaccommodaties

met sauna’s, hotels, bed & breakfast, kampeerterreinen, wegrestaurants met douches en jachthavens. Uiteraard kunnen ook andere eigenaren, die vermoeden dat zij iets aan legionellapreventie moeten doen, de scan uitvoeren.

GRATIS VIA DE KENNISBANK De LegionellaScan is, na eenmalige (anonieme) registratie, gratis beschikbaar in de ISSO-KennisBank. De scan bestaat uit een digitale, stapsgewijze vragenlijst die de gebruiker meeneemt door de regels en benodigde maatregelen. Zo wil de scan onder andere weten om wat voor categorie de locatie gaat, of een BRL6010-gecertificeerd adviesbureau een risicoanalyse heeft gemaakt, en of er recent aanpassingen zijn gedaan aan de installatie. Onder elke vraag biedt de scan een korte toelichting die helpt de vraag te beantwoorden. Het resultaat van de scan geeft uiteindelijk aan welke vorm van beheer wel of niet mogelijk en noodzakelijk is. Gebruikers kunnen na afloop een rapport afdrukken dat hen een goed beeld geeft van hun systeem in relatie tot de bescherming tegen legionella.

VOLLEDIG ANONIEM Zes weken na de introductie van de LegionellaScan hadden al 350 unieke bezoekers de tool bekeken. Daarvan doorliepen 100 mensen de scan tot het einde, wat ongeveer 10 minuten duurt. ‘Mensen kunnen de scan volledig anoniem invullen, ondanks de registratie’, benadrukt Irene van Veelen. ‘Voor ons is het van belang te weten met welk type eindgebruiker we te maken hebben, en hoe en hoe vaak de scan wordt ingevuld. De gegevens die ISSO opslaat, zijn niet herleidbaar naar de individuele eindgebruiker. Dat zou de bereidheid om de scan te gebruiken enorm verminderen vanwege de gevoeligheid van de informatie.’

ISSO voegt rapport over noodstroom in zorg toe Een belangrijke taak binnen ziekenhuizen en andere zorginstellingen is het ondervangen van stroomuitval. Schadelijke gevolgen voor de gezondheid van patiënten en/of cliënten naar aanleiding van een stroomstoring moet worden voorkomen met behulp van noodstroomvoorzieningen. Maar ook de preventie van kosten door bedrijfsonderbrekingen omdat de stroom wegvalt, is een belangrijk punt. Om installateurs en adviseurs te helpen bij het ontwerpen en beheren van noodstroominstallaties heeft ISSO het rapport ‘Noodstroom in de zorg’ toegevoegd aan de ISSO-KennisBank. 24

ISSOINFO JUNI 2018

Het rapport over noodstroom binnen de zorg behandelt verschillende overwegingen bij het ontwerp en beheer van noodstroomvoorzieningen binnen ziekenhuizen en andere zorginstellingen. Installateurs en adviseurs die belast zijn met de aanleg of het onderhoud van noodstroomvoorzieningen kunnen het rapport als leidraad gebruiken bij hun werkzaamheden.

BEPALING VERMOGEN NOODSTROOMINSTALLATIE Eén van de vragen bij noodstroomwerkzaamheden binnen zorginstellingen is hoe groot het vermogen van de nood-


BOUWEN . . . VEILIGE GEBOUWEN . . . VEILIGE GEBOUWEN . . . VEILIGE GEBOUWEN . . . VEILIGE GEBOUWEN . .

Kleintje Gas wordt primaire kennisbron in certificeringregeling Gas K E N N I S I N S T I T U U T VO O R D E I N S TA L L AT I E S E C TO R

K L E I N TJ E G A S

Het is nog niet 100% zeker dat er een certificeringsregeling komt voor gasgestookte installaties. Maar de regering heeft wel het voornemen, en alleen de Tweede Kamer moet later dit jaar nog een beslissing nemen. Als de regeling er Richtlijnen voor veilige komt, is dit een en zuinige gasinstallaties tot 130 kW reactie van het kabinet op het koolmonoxiderapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid uit november 2015. Een van de conclusies was dat de branche, met haar keurmerken, niet in staat blijkt om zelf de kwaliteit te organiseren waarmee we de burger voldoende veiligheid kunnen bieden. KLEINTJE

Gas

De constatering in het rapport, dat er jaarlijks circa 10 doden vallen en honderden gewonden als gevolg van koolmonoxide bij cv-ketels, vereist ingrijpen van de overheid. Met de wettelijke certificering wil de overheid het koolmonoxide-gevaar terugdringen.

jaren moet worden bijgeschoold. Uiteindelijk zullen er ongeveer tweeduizend installatiebedrijven moeten worden gecertificeerd. Het uitgangspunt van de regeling is dat alleen gecertificeerde bedrijven waar mensen werken met kennis van zaken, straks nog werkzaamheden aan gasverbrandingstoestellen, luchttoevoer en rookgasafvoer mogen uitvoeren.

KENNIS WAARBORGEN Daarbij is de huidige stand van zaken dat bedrijven die zich willen certificeren hun interne proces op orde moeten hebben. Ook moeten zij de kennis van hun medewerkers waarborgen en de medewerkers met de juiste hulpmiddelen uitrusten om hun werkzaamheden te kunnen uitvoeren. Alleen personen die aantoonbaar aan de vakbekwaamheidseisen voldoen, mogen de gasverbrandingstoestellen in gebruik stellen.

KLEINTJE GAS ALS NASLAGWERK ISSO zorgt ervoor dat de juiste kennis beschikbaar is om het kennisniveau en de vakbekwaamheidseisen op niveau te brengen. Als aanvulling op de vereiste normen (o.a. NEN 1078) ziet het ernaar uit dat het Kleintje Gas, een ISSO-publicatie, als primaire kennisbron zal worden aangewezen in de certificeringsregeling. Daarnaast is het permanent scholen van medewerkers ook een eis in deze regeling. Bedrijven kunnen daarvoor bijvoorbeeld gebruik maken van de incompany training ‘Gasvoorschriften in de praktijk’ die ISSO bij bedrijven verzorgt, op basis van de kennis in het Kleintje Gas.

GEFASEERDE INVOERING Zoals het er nu naar uitziet, kan de regeling in de loop van 2019 gefaseerd worden ingevoerd. De fasering heeft te maken met het grote aantal partijen dat de komende

Bezoek de website www.kvinl.nl als u de laatste stand van zaken rondom de certificeringsregeling wilt weten.

aan KennisBank stroominstallatie moet zijn. Het beantwoorden van deze vraag is vooral een kwestie van het beantwoorden van de vraag welke onderdelen binnen het gebouw noodstroom moeten ontvangen bij stroomuitval. De beslissing wat wel en wat niet op noodstroom moet draaien, is deels een beleidsmatige beslissing en ligt dus niet enkel bij de installateur of adviseur.

NOODSTROOMAGGREGATEN Het rapport ‘Noodstroom in de zorg’ behandelt ook een

aantal mogelijkheden en de bijbehorende beschouwingen voor het testen van de noodstroominstallaties. Om de aansluiting van een noodstroomaggregaat goed te kunnen doorgronden, geeft het rapport wat meer informatie over de meest gebruikte stroomstelsels in Nederland. Verder bevat het rapport meer informatie over het noodstroomaggregaat (NSA), hoe deze geïnstalleerd dient te worden en een reeks van overwegingen bij het maken van keuzen betreffende onderhoud en vervanging van noodstroominstallaties. ISSOINFO JUNI 2018

25


GEZONDE GEBOUWEN . . . GEZONDE GEBOUWEN . . . GEZONDE GEBOUWEN . . . GEZONDE GEBOUWEN . . . GEZOND

Installatiescan Scholen maakt klimaat in scholen co ISSO heeft onlangs een nieuwe tool toegevoegd aan de ISSOKennisBank: de Installatiescan Scholen. Daarmee kunnen adviseurs en installateurs een beter advies uitbrengen om klimaat- en elektrische installaties in schoolgebouwen te verduurzamen en optimaliseren. ISSO heeft deze scan, die sinds 2016 bestaat, geoptimaliseerd en als digitale variant aan haar kennisportfolio toegevoegd. DWA ontwikkelde de eerste versie van de Installatiescan Scholen in 2016 in opdracht van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De RVO vroeg ISSO ver-

volgens om deze scan te digitaliseren, zodat adviseurs en installateurs hem nog efficiënter kunnen gebruiken. Het doel van de scan is om met bestaande middelen snel een comfortabele, energiezuinige en duurzame klimaathuishouding te creëren en energie(kosten) te besparen.

KLEINE AANPASSING, GROTE VERBETERING Aan de hand van de Installatiescan Scholen kunnen installateurs en onderhoudsmonteurs controleren of ze alle onderdelen van de inspectie hebben uitgevoerd. Maar ook als de inspectie er al op zit, speelt de scan een

Pilot-onderzoek naar luchtkwaliteit krijgt wetensch De luchtkwaliteit in 1 op de 7 Nederlandse huizen is onvoldoende, met name als gevolg van fijnstof. Dat bleek eerder dit jaar uit een pilot-onderzoek van de samenwerkende partijen het Longfonds, Philips, Eneco, Quby en de coalitie Awaire. Daarbij hield een sensor 9 maanden lang de luchtkwaliteit in de gaten in 749 huishoudens. Als gevolg van de alarmerende resultaten uit deze pilot start TNO nu een wetenschappelijk onderzoek naar de luchtkwaliteit in woningen.

grootste deel van de dag onvoldoende te zijn als gevolg van fijnstof. Het onderzoek is uitgevoerd door de coalitie Longfonds, Philips, Eneco, Quby en Awaire. Awaire is een samenwerkingsverband van ISSO en een consortium van leveranciers binnen de ventilatiesector (Airspiralo, Brink, Ferroli, Itho Daalderop, Jaga, Orcon, Velux en Zehnder).

BEWUSTZIJN VERGROTEN Tijdens het pilot-onderzoek, in opdracht van het Longfonds, monitorde de Philips Airvibe sensorbox 9 maanden lang het gehalte aan CO2, fijnstof (PM2,5), luchtvochtigheid en temperatuur in de woningen. In vrijwel alle huizen werden verhoogde concentraties fijnstof gemeten. Bij 1 op de 7 woningen bleek de luchtkwaliteit het

‘Deze eerste resultaten uit het pilot-onderzoek zijn zorgelijk’, zegt Marco Hofman, programmamanager gezonde gebouwen bij ISSO en woordvoerder van coalitie Awaire. Hofman vindt het dan ook heel goed en belangrijk dat TNO de pilot van onder meer het Longfonds en Awaire nu wetenschappelijk vervolg geeft. Tijdens de studie zal TNO

Publicatie ter kritiek nieuwe ventilatienorm NEN 1 Als het gaat om ventilatie van gebouwen, schieten zowel de eisen in de regelgeving als de bepalingsmethoden voor de luchtinstallaties ernstig tekort. Wie de eisen voor ventilatie in gebouwen uit het Bouwbesluit opvolgt volgens bepalingsmethode NEN 1087, heeft geen garantie dat de ventilatie in iedere ruimte voldoende is. Diverse onderzoeken tonen dat al tien jaar aan. De projectgroep ‘Ventilatie en luchtdoorlatendheid van gebouwen’ van de NEN normcommissie werkt daarom aan een herziening van de norm. De groene versie van NEN 1087 voor nieuwbouw wordt na de zomer gepubliceerd. De normen NEN 1087, ‘Ventilatie van gebouwen – Bepalingsmethoden voor nieuwbouw’, en NEN 8087, ‘Ventilatie van gebouwen – Bepalingsmethoden voor bestaande bouw’, dateren beide uit 2001. De laatste tien jaar zijn er talloze onderzoeken gedaan naar prestaties 26

ISSOINFO JUNI 2018

van luchtinstallaties en de bijbehorende luchtkwaliteit in woningbouw. De resultaten daarvan toonden telkens aan dat in meer dan 80% van de nieuwbouwhuizen, de prestatie van de luchtinstallaties niet voldoet aan de Bouwbesluit-eisen. Met alle gevolgen voor de energetische prestaties en de binnenluchtkwaliteit van dien. De bepalingsmethoden voor ventilatie, NEN 1087 en NEN 8087, zijn dringend aan een grondige herziening toe. Ook de minimale eisen in de Bouwbesluit dienen een betere waarborg te geven voor ventilatie van gebouwen.

LUCHTKWALITEIT AANTOONBAAR BETER Wat NEN 1087 betreft is de aanpassing nu bijna klaar. ISSOprogrammamanager Marco Hofman: ‘We kunnen het normontwerp van NEN 1087 na de zomer publiceren. Dat is de zogenaamde ‘groene versie’. De markt kan op die versie


DE GEBOUWEN . . . GEZONDE GEBOUWEN . . . GEZONDE GEBOUWEN . . . GEZONDE GEBOUWEN . . . GEZONDE GEB

mfortabeler en duurzamer belangrijke rol. De vakman kan deze dan namelijk gebruiken als opening voor een gesprek met de gebouwbeheerder over mogelijkheden voor het verduurzamen van de klimaatinstallatie. Voor scholen is de installatiescan handig omdat deze relatief snel identificeert welke (kleine) aanpassingen de prestaties van de klimaatinstallatie kunnen verbeteren. Op zeer veel scholen, zo bleek uit testen die ISSO uitvoerde, valt nog energie te besparen zonder dat dit afbreuk doet aan het comfort. Bijvoorbeeld door de installaties beter in te regelen of bepaalde componenten te vervangen.

GRATIS BESCHIKBAAR De scan geeft duidelijke instructies voor de verbetermaatregelen. Omdat de E- en de W-kant van klimaatinstallaties vaak door verschillende personen worden beheerd, zijn deze twee onderdelen gesplitst in de scan. Gebruikers van de tool kunnen dus kiezen om het E- of W-gedeelte uit te voeren. De twee delen samen vormen de complete Installatiescan Scholen. De Installatiescan Scholen is gratis uit te voeren vanuit de ISSO-KennisBank.

appelijk vervolg ook onderzoek doen naar manieren om het bewustzijn van bewoners over luchtkwaliteit in huis te vergroten. Hoognodig, want uit het pilot-onderzoek bleek bijna 90% van de huishoudens zich nog nooit te hebben verdiept in de luchtkwaliteit binnenshuis.

INSPELEN OP DE VRAAG Maar dat tij lijkt nu te keren. Het aanstaande onderzoek met TNO als kartrekker zal gezonde luchtkwaliteit prominenter op de kaart zetten. Ook de media hebben het onderwerp ontdekt. Toen het Longfonds recent de resultaten van de pilot publiceerde, besteedden meerdere kranten er aandacht aan. Het magazine van Vereniging Eigen Huis maakte het zelfs voorpaginanieuws. Marco

Hofman: ‘Consumenten worden zich er daardoor meer en meer bewust van. Ze zullen vaker actief naar een goede oplossing gaan vragen. Het is aan onze branche om die handschoen op te pakken. De markt, en dan denk ik met name aan fabrikanten en installateurs, moet oplossingsgericht gaan denken. Dat wil zeggen: klanten actief helpen om de woning goed te ventileren. Het begint bij de consument, maar onze markt kan perfect op de vraag in spelen.’

1087 na de zomer reageren en zijn stem laten horen.’ Hofman is sinds 2012 voorzitter van de Nationale NEN-normcommissie ‘Ventilatie en luchtdoorlatendheid van gebouwen’. Daarnaast is hij sinds 2016 projectleider voor het project ‘herziening NEN 1087’. ‘De nieuwe norm geeft een aanzienlijk betere garantie dat de lucht waarmee we ventileren ook echt op de goede plekken komt, en in de juiste hoeveelheden. Dat maakt de binnenluchtkwaliteit in alle kamers aantoonbaar beter’, zegt Hofman. Naast het minimaal kunnen voldoen aan de prestatie-eisen uit het Bouwbesluit, nu en in de toekomst, zal de kwalitatieve beoordeling van ventilatiesystemen integraal onderdeel gaan uitmaken van deze wettelijk aangewezen bepalingsmethode.

IN GESPREK MET MINISTERIE De herziening van de NEN 1087 is niet het enige waar-

mee de NEN-normcommissie bezig is. Sowieso publiceren zij in 2019 ook een herziening van NEN 8087, de bepalingsmethode voor bestaande bouw. Daarnaast hebben zij hun pijlen ook gericht op de minimale eisen in het Bouwbesluit. Marco Hofman: ‘We zijn intensief in gesprek met het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties om de bouwregels op punten uit te breiden en aan te passen. Dat is echt nodig. Op dit moment weten we van nieuwbouwwoningen al vóór de oplevering dat de slaapkamerventilatie onvoldoende is als daar twee mensen slapen. En dat is slechts één voorbeeld.’ De “groene versie” van NEN 1087 wordt na de zomer gepubliceerd. Houd onze nieuwskanalen in de gaten voor de laatste informatie. ISSOINFO JUNI 2018

27


EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE . . . 2018 EDUCATIE

Incompany trainingen van ISSO ISSO brengt uw medewerkers met Incompany trainingen binnen een dag(deel) op de hoogte van de huidige wet- en regelgeving

in hun vakgebied. Een specialist van ISSO komt daarvoor bij u langs en informeert uw medewerkers tijdens een training over alle actuele, technische ontwikkelingen.

De instructies van de specialisten van ISSO zijn praktijkgericht en compact, waardoor uw medewerkers de nieuwverworven kennis snel kunnen toepassen in de praktijk. Wanneer uw personeel actuele kennis van zaken heeft, dan verhoogt dit de kenniskwaliteit van uw bedrijf en versterkt u het vertrouwen van opdrachtgevers.

Kleintje Ventilatie) Veilige Leidingwaterinstallaties (op basis van Kleintje Legionellapreventie) Warmteverliesberekening utiliteits- en bedrijfsgebouwen (op basis van ISSO-publicatie 53) Legionellapreventie in Koeltorens (op basis van ISSOpublicatie 55.3) Regels voor gebouwriolering (op basis van de NTR 3216) Regeltechniek voor klimaatinstallaties (op basis van ISSO-publicatie 94) BIM (ISSO-publicatie 109)

• • • •

INCOMPANY TRAININGEN ISSO heeft instructies over alle onderwerpen waarover ook ISSO-uitgaven verschenen zijn. Hieronder volgt een aantal voorbeelden van onderwerpen waarvoor wij Incompany trainingen beschikbaar hebben: Hydraulische schakelingen voor verwarmen en koelen Warmtepompen (op basis van ISSO-publicaties 72 en 98, wordt afgesloten met een examen)  Gasvoorschriften in de praktijk (op basis van Kleintje Gas) Ventilatievoorschriften in de praktijk (op basis van

• • • •

• •

MEER WETEN? Als u vragen heeft over de Incompany trainingen dan beantwoorden wij die graag. Laat u vrijblijvend informeren door een bericht te sturen naar instructies@isso.nl.

Colofon

ISSO Info is een uitgave van

ISSO, kennisinstituut bouw- en installatietechniek, houdt zich bezig met het identificeren van kennisvragen binnen de bouw- installatiesector, het ontsluiten en toegankelijk maken van

ISSO

deze kennis. Kijk voor meer informatie op www.isso.nl

Weena 505 3013 AL Rotterdam

Vormgeving: Stijlmeesters

Postbus 577, 3000 AN Rotterdam Tel. 010 - 206 59 69

De uitgever kan niet aansprakelijk worden gesteld voor persoonlijke of materiële schade,

info@isso.nl, www.isso.nl

veroorzaakt door onjuistheden in de redactionele kolommen.

kennisbank.isso.nl

28

Redactie: Anneli van Kleven-Pijpers, Therese van Warmerdam en Stijlmeesters

Fax 010 - 213 03 84

ISSOINFO JUNI 2018

ISSO Info 63  

Nieuwsblad van kennisinstituut ISSO. Voor vakmensen die alles willen weten.

ISSO Info 63  

Nieuwsblad van kennisinstituut ISSO. Voor vakmensen die alles willen weten.