Page 1

•

stichting carmelcollege

9 jaar

jaargang 9 nummer 21 september 2012

speciale jubileumuitgave

Bakermat Stichting Carmelcollege Op zoek naar de rode draad De boom en de vruchten Carmelvloot op koers

1


september 2012

In dit nummer

(Stand)punt van het College van Bestuur en vooral vooruitkijken...

4

Voor de eer van god en het geluk van jonge zielen De bakermat van de huidige Stichting Carmelcollege

6

Je geeft de leerling een kans... en nog een kans Op zoek naar de rode draad

mel r a c @stg atu res c e lVa m r ons @ Ca g l o ! V itte r w T op

OVer de boom en de vruchten Zijn lijnen en patronen na negentig jaar nog terug te vinden?

14

18

Vóór het eeuwfeest zijn we klaar De Carmelvloot op koers houden

andere rubrieken

Stichting Carmelcollege omvat 12 instellingen voor

Standpunt van het college van bestuur........ 3

we een breed onderwijs­aanbod in een kleinschalige en veilige

Column Jos Baack............................................................. 9 carmeltour......................................................................... 10 mijn droom in 90 woorden................................... 12 twitteractie #carmelisjarig.............................. 13 mijn passie........................................................................... 21 90 dagen................................................................................. 22

Het is dit jaar negentig jaar geleden dat Stichting Carmelcollege werd opgericht. In 2013 vieren onze oudste scholen, Titus Brandsmalyceum in Oss (onderdeel van Het Hooghuis) en Twents Carmellyceum in Oldenzaal (onderdeel van Twents Carmel College) hun negentigste verjaardag. Negentig jaar verantwoordelijk voor voortgezet onderwijs. Geen bestuur ontstaan onder invloed van onderwijspolitiek, maar van oudsher al een groot onderwijskundig verband. Een verband ook met een grote geografische spreiding. De eerste school in Oss, de tweede school in Oldenzaal, ruim 140 km van elkaar verwijderd. Nauw verbonden met de geschiedenis en de opdracht van de karmelieten. Een bewijs ook dat scholen die geografisch ver van elkaar verwijderd liggen, heel goed binnen hetzelfde bestuurlijke verband kunnen

vallen. Het is bij ons nooit anders geweest, vanaf het prilste begin. Besturingsfilosofie en bestuurscultuur zijn relevantere criteria voor min of meer succesvol opereren dan geografische afstand. Evenwicht tussen ruimte, gezamenlijkheid en solidariteit is cruciaal. Amarantis en InHolland hebben de schijnwerpers weer op de grote schoolbesturen gezet en dat leidt weer tot symptoombestrijding vanuit politiek Den Haag. Opknippen en uittreden zijn populaire begrippen, maar raken niet aan de kern van de zwakke of sterke punten van een schoolbestuur. In de kern is Carmel niet wezenlijk veranderd. Liefde voor mensen, mensen kansen en verantwoordelijkheid geven, samen optrekken. In deze speciale editie van Carmel Magazine willen we stilstaan bij onze verjaardag en vooral vooruitkijken. In het vertrouwen dat ons eeuwfeest over tien jaar reden is voor een mooi feest. ◗

Mr. drs. R.W.J. (Romain) Rijk Voorzitter

bijzonder voortgezet onderwijs. Op ruim 50 locaties verzorgen omgeving. Zo begeleiden we onze leerlingen. Elke dag opnieuw.

A.G.M. (Ton) Thomassen RA Lid

Onderstaande - voornamelijk brede - scholengemeenschappen zijn aan Carmel verbonden: Almelo, Pius X College, Sg. St.-Canisius ◗ Deventer, Etty Hillesum Lyceum ◗ Eindhoven, Sg. Augustinianum ◗ Emmen, Carmelcollege

standpunt

Emmen ◗ Enschede, Bonhoeffer College ◗ Gouda, Carmel­college Gouda ◗ Groenlo, KSG Marianum ◗ Haren, Maartenscollege, International School Groningen ◗ Hengelo, Sg. De Grundel, Sg. Twickel ◗ Oldenzaal, Twents Carmel College ◗ Oss, Het Hooghuis ◗ Raalte, Carmel College Salland

1922

30 mei 1922 - Oprichting Stichting Carmelcollege

‘In de kern is Carmel niet wezenlijk veranderd’

1923

Oprichting eerste officiële Carmelscholen: Titus Brandsmalyceum in Oss Twents Carmellyceum in Oldenzaal

3


september 2012

In dit nummer

(Stand)punt van het College van Bestuur en vooral vooruitkijken...

4

Voor de eer van god en het geluk van jonge zielen De bakermat van de huidige Stichting Carmelcollege

6

Je geeft de leerling een kans... en nog een kans Op zoek naar de rode draad

mel r a c @stg atu res c e lVa m r ons @ Ca g l o ! V itte r w T op

OVer de boom en de vruchten Zijn lijnen en patronen na negentig jaar nog terug te vinden?

14

18

Vóór het eeuwfeest zijn we klaar De Carmelvloot op koers houden

andere rubrieken

Stichting Carmelcollege omvat 12 instellingen voor

Standpunt van het college van bestuur........ 3

we een breed onderwijs­aanbod in een kleinschalige en veilige

Column Jos Baack............................................................. 9 carmeltour......................................................................... 10 mijn droom in 90 woorden................................... 12 twitteractie #carmelisjarig.............................. 13 mijn passie........................................................................... 21 90 dagen................................................................................. 22

Het is dit jaar negentig jaar geleden dat Stichting Carmelcollege werd opgericht. In 2013 vieren onze oudste scholen, Titus Brandsmalyceum in Oss (onderdeel van Het Hooghuis) en Twents Carmellyceum in Oldenzaal (onderdeel van Twents Carmel College) hun negentigste verjaardag. Negentig jaar verantwoordelijk voor voortgezet onderwijs. Geen bestuur ontstaan onder invloed van onderwijspolitiek, maar van oudsher al een groot onderwijskundig verband. Een verband ook met een grote geografische spreiding. De eerste school in Oss, de tweede school in Oldenzaal, ruim 140 km van elkaar verwijderd. Nauw verbonden met de geschiedenis en de opdracht van de karmelieten. Een bewijs ook dat scholen die geografisch ver van elkaar verwijderd liggen, heel goed binnen hetzelfde bestuurlijke verband kunnen

vallen. Het is bij ons nooit anders geweest, vanaf het prilste begin. Besturingsfilosofie en bestuurscultuur zijn relevantere criteria voor min of meer succesvol opereren dan geografische afstand. Evenwicht tussen ruimte, gezamenlijkheid en solidariteit is cruciaal. Amarantis en InHolland hebben de schijnwerpers weer op de grote schoolbesturen gezet en dat leidt weer tot symptoombestrijding vanuit politiek Den Haag. Opknippen en uittreden zijn populaire begrippen, maar raken niet aan de kern van de zwakke of sterke punten van een schoolbestuur. In de kern is Carmel niet wezenlijk veranderd. Liefde voor mensen, mensen kansen en verantwoordelijkheid geven, samen optrekken. In deze speciale editie van Carmel Magazine willen we stilstaan bij onze verjaardag en vooral vooruitkijken. In het vertrouwen dat ons eeuwfeest over tien jaar reden is voor een mooi feest. ◗

Mr. drs. R.W.J. (Romain) Rijk Voorzitter

bijzonder voortgezet onderwijs. Op ruim 50 locaties verzorgen omgeving. Zo begeleiden we onze leerlingen. Elke dag opnieuw.

A.G.M. (Ton) Thomassen RA Lid

Onderstaande - voornamelijk brede - scholengemeenschappen zijn aan Carmel verbonden: Almelo, Pius X College, Sg. St.-Canisius ◗ Deventer, Etty Hillesum Lyceum ◗ Eindhoven, Sg. Augustinianum ◗ Emmen, Carmelcollege

standpunt

Emmen ◗ Enschede, Bonhoeffer College ◗ Gouda, Carmel­college Gouda ◗ Groenlo, KSG Marianum ◗ Haren, Maartenscollege, International School Groningen ◗ Hengelo, Sg. De Grundel, Sg. Twickel ◗ Oldenzaal, Twents Carmel College ◗ Oss, Het Hooghuis ◗ Raalte, Carmel College Salland

1922

30 mei 1922 - Oprichting Stichting Carmelcollege

‘In de kern is Carmel niet wezenlijk veranderd’

1923

Oprichting eerste officiële Carmelscholen: Titus Brandsmalyceum in Oss Twents Carmellyceum in Oldenzaal

3


september 2012

De bakermat van Stichting Carmelcollege

Voor de eer van God en het geluk van jonge zielen Zenderen, halfweg Hengelo en Almelo. Op de hoek van de Hoofdstraat en de Hertmerweg staat de geschiedenis letterlijk verbeeld. Een pater karmeliet buigt zijn hoofd naar de leerling naast hem. Rechterhand geheven, want hij geeft uitleg. De jongen zwijgt eerbiedig, met in zijn handen een leerboek. Achter het tweetal kerk en klooster van de paters karmelieten. Hier ligt de bakermat van de huidige Stichting Carmelcollege.

bakermat

De beeldengroep staat er sinds 1995, 140 jaar na de komst van de eerste karmelieten, als dankbare herinnering aan hun betekenis voor het voortgezet onderwijs in Twente en elders. Maker Niek van der Leest heeft er compassie in gelegd. De pater is begaan, hij wil de leerling verder helpen. Die, op zijn beurt, toont zich nederig. Straks holt hij het lokaal uit om zich bij zijn klasgenoten te voegen. Ze zullen hem vragen wat de pater te zeggen had. Zoals past bij opschietende pubers, zal hij er een geintje over maken. Met een ondertoon van respect, dat wel. De vraag komt op wat deze in brons gegoten herinnering zegt over Stichting Carmelcollege, die op 30 mei haar negentigste verjaardag heeft gevierd. Een uitgebreid historisch artikel blijft daarom achterwege. Over tien jaar, bij het eeuwfeest, ligt er vast een kloeke dissertatie die het hele verhaal vertelt. Dan komt ook aan het licht hoe de lotgevallen van Carmel in grote mate mede zijn bepaald door externe factoren. Zelfs in het prille begin. Zenderen kent een bescheiden start. Vanuit Boxmeer arriveren in 1855 drie karmelieten om hier een klooster te stichten. Zodra er aanwas is, leiden de paters hun novicen op voor het priesterschap. Na verloop van tijd laten ze ook ‘burgerjongens’ toe (aan meisjes valt in die tijd niet te denken) en dat leidt in 1890 tot de oprichting van het gymnasium St.-Alberti. Verder gaan de gedachten van de karmelieten niet. Ze hebben geen plannen om andere scholen op te richten.

een vraagstuk dat de politieke gemoederen al tientallen jaren verhit: de schoolstrijd. De christelijke partijen eisen gelijkstelling van het confessionele en het openbare onderwijs. Als die overwinning via de grondwetswijziging is binnengesleept, beginnen de katholieken een offensief. Het zijn de hoogtijdagen van de emancipatie, waarin deze bevolkingsgroep de lange periode van achterstelling onder de Republiek der Verenigde Nederlanden wil inlopen. Onderwijs is hiervoor de brandstof. Dat weten ook de katholieken in Oss en Oldenzaal, die de karmelieten vragen om eigen voortgezet onderwijs te organiseren. In 1923 openen in beide plaatsen kersverse lycea hun deuren. Allebei onder het bestuur van Stichting Carmelcollege, in op elkaar gelijkende schoolgebouwen van de Nijmeegse architect J. Zwanikken. Pas na de Tweede Wereldoorlog komen er nieuwe scholen bij.

Verzelfstandiging Orde en Stichting trekken bijna een halve eeuw samen op. Tot opnieuw omstandigheden van buiten aanleiding geven voor verandering. In 1966 verzelfstandigen de Nederlandse bisschoppen het katholieke onderwijs. De karmelieten sluiten hierbij aan: in 1968 snijden ze de formele banden met de Stichting door. Voortaan telt het bestuur nog slechts twee leden uit hun gelederen. Een minderheid. De scholen houden niettemin vast aan het wapen van de orde als beeldmerk, en houden in veel gevallen nog een karmeliet als schoolleider - door

leerlingen eerbiedig aangesproken als ‘pater rector.’ Opmerkelijk, gezien op de stormen die in de jaren zestig en zeventig woeden in kerk en samenleving, is dan het behoud van de naam van Stichting Carmelcollege. Omwille van de herkenbaarheid, dat zeker. Maar dat kan nooit de hele verklaring zijn, want ook de verbreding van de jaren negentig laat de naam onaangetast. Al verandert de grondslag en meldt de Stichting dat de signatuur van haar scholen ‘varieert van rooms-katholiek en protestants-christelijk tot interconfessioneel en algemeen bijzonder’, de aloude naam blijft en wordt zelfs met trots gevoerd. Het kan niet anders, of de karmelieten hebben méér gebracht dan voorbeeldige inzet. Dat klinkt al door in het gedenkboek uit 1948, als de Stichting haar 25-jarig jubileum viert. De prior generaal van de orde, pater Kylian Lynch, schrijft er opgetogen over ‘hundreds of young men... who have grown in wisdom and grace’ onder de ‘able direction’ der karmelieten. De Nederlandse pater provinciaal, dr. Augustinus Nolte, voert een meer bescheiden toon. Hij spreekt de wens uit dat de orde ‘door haar middelbare scholen de eer van God en het ware geluk van de jonge zielen, die aan haar worden toevertrouwd’ blijft bevorderen. Dat is wat de beeldhouwer heeft gezien. Het is ook wat nog steeds velen binnen de Carmel inspireert voor de toekomst - zelfs als ze het verleden van de Stichting niet kennen en niet (kunnen) geloven in dat andere hogere doel van de toenmalige provinciaal. ◗ ‘De pater is

begaan, hij wil de leerling verder helpen’

Grondwetswijziging 1917 Dan speelt de grondwetswijziging van 1917 een rol. Terwijl half Europa zucht onder het geweld van de Eerste Wereldoorlog, beslecht het neutrale Nederland

1947

25-jarig bestaan Stichting Carmelcollege

4

1947

Opgericht als Collegium Mantuanum in Hengelo, nu bekend als Lyceum De Grundel

5


september 2012

De bakermat van Stichting Carmelcollege

Voor de eer van God en het geluk van jonge zielen Zenderen, halfweg Hengelo en Almelo. Op de hoek van de Hoofdstraat en de Hertmerweg staat de geschiedenis letterlijk verbeeld. Een pater karmeliet buigt zijn hoofd naar de leerling naast hem. Rechterhand geheven, want hij geeft uitleg. De jongen zwijgt eerbiedig, met in zijn handen een leerboek. Achter het tweetal kerk en klooster van de paters karmelieten. Hier ligt de bakermat van de huidige Stichting Carmelcollege.

bakermat

De beeldengroep staat er sinds 1995, 140 jaar na de komst van de eerste karmelieten, als dankbare herinnering aan hun betekenis voor het voortgezet onderwijs in Twente en elders. Maker Niek van der Leest heeft er compassie in gelegd. De pater is begaan, hij wil de leerling verder helpen. Die, op zijn beurt, toont zich nederig. Straks holt hij het lokaal uit om zich bij zijn klasgenoten te voegen. Ze zullen hem vragen wat de pater te zeggen had. Zoals past bij opschietende pubers, zal hij er een geintje over maken. Met een ondertoon van respect, dat wel. De vraag komt op wat deze in brons gegoten herinnering zegt over Stichting Carmelcollege, die op 30 mei haar negentigste verjaardag heeft gevierd. Een uitgebreid historisch artikel blijft daarom achterwege. Over tien jaar, bij het eeuwfeest, ligt er vast een kloeke dissertatie die het hele verhaal vertelt. Dan komt ook aan het licht hoe de lotgevallen van Carmel in grote mate mede zijn bepaald door externe factoren. Zelfs in het prille begin. Zenderen kent een bescheiden start. Vanuit Boxmeer arriveren in 1855 drie karmelieten om hier een klooster te stichten. Zodra er aanwas is, leiden de paters hun novicen op voor het priesterschap. Na verloop van tijd laten ze ook ‘burgerjongens’ toe (aan meisjes valt in die tijd niet te denken) en dat leidt in 1890 tot de oprichting van het gymnasium St.-Alberti. Verder gaan de gedachten van de karmelieten niet. Ze hebben geen plannen om andere scholen op te richten.

een vraagstuk dat de politieke gemoederen al tientallen jaren verhit: de schoolstrijd. De christelijke partijen eisen gelijkstelling van het confessionele en het openbare onderwijs. Als die overwinning via de grondwetswijziging is binnengesleept, beginnen de katholieken een offensief. Het zijn de hoogtijdagen van de emancipatie, waarin deze bevolkingsgroep de lange periode van achterstelling onder de Republiek der Verenigde Nederlanden wil inlopen. Onderwijs is hiervoor de brandstof. Dat weten ook de katholieken in Oss en Oldenzaal, die de karmelieten vragen om eigen voortgezet onderwijs te organiseren. In 1923 openen in beide plaatsen kersverse lycea hun deuren. Allebei onder het bestuur van Stichting Carmelcollege, in op elkaar gelijkende schoolgebouwen van de Nijmeegse architect J. Zwanikken. Pas na de Tweede Wereldoorlog komen er nieuwe scholen bij.

Verzelfstandiging Orde en Stichting trekken bijna een halve eeuw samen op. Tot opnieuw omstandigheden van buiten aanleiding geven voor verandering. In 1966 verzelfstandigen de Nederlandse bisschoppen het katholieke onderwijs. De karmelieten sluiten hierbij aan: in 1968 snijden ze de formele banden met de Stichting door. Voortaan telt het bestuur nog slechts twee leden uit hun gelederen. Een minderheid. De scholen houden niettemin vast aan het wapen van de orde als beeldmerk, en houden in veel gevallen nog een karmeliet als schoolleider - door

leerlingen eerbiedig aangesproken als ‘pater rector.’ Opmerkelijk, gezien op de stormen die in de jaren zestig en zeventig woeden in kerk en samenleving, is dan het behoud van de naam van Stichting Carmelcollege. Omwille van de herkenbaarheid, dat zeker. Maar dat kan nooit de hele verklaring zijn, want ook de verbreding van de jaren negentig laat de naam onaangetast. Al verandert de grondslag en meldt de Stichting dat de signatuur van haar scholen ‘varieert van rooms-katholiek en protestants-christelijk tot interconfessioneel en algemeen bijzonder’, de aloude naam blijft en wordt zelfs met trots gevoerd. Het kan niet anders, of de karmelieten hebben méér gebracht dan voorbeeldige inzet. Dat klinkt al door in het gedenkboek uit 1948, als de Stichting haar 25-jarig jubileum viert. De prior generaal van de orde, pater Kylian Lynch, schrijft er opgetogen over ‘hundreds of young men... who have grown in wisdom and grace’ onder de ‘able direction’ der karmelieten. De Nederlandse pater provinciaal, dr. Augustinus Nolte, voert een meer bescheiden toon. Hij spreekt de wens uit dat de orde ‘door haar middelbare scholen de eer van God en het ware geluk van de jonge zielen, die aan haar worden toevertrouwd’ blijft bevorderen. Dat is wat de beeldhouwer heeft gezien. Het is ook wat nog steeds velen binnen de Carmel inspireert voor de toekomst - zelfs als ze het verleden van de Stichting niet kennen en niet (kunnen) geloven in dat andere hogere doel van de toenmalige provinciaal. ◗ ‘De pater is

begaan, hij wil de leerling verder helpen’

Grondwetswijziging 1917 Dan speelt de grondwetswijziging van 1917 een rol. Terwijl half Europa zucht onder het geweld van de Eerste Wereldoorlog, beslecht het neutrale Nederland

1947

25-jarig bestaan Stichting Carmelcollege

4

1947

Opgericht als Collegium Mantuanum in Hengelo, nu bekend als Lyceum De Grundel

5


september 2012

Op zoek naar de rode draad ‘Het verhaal

Je geeft de leerling een kans... en nog een kans

mag niet in woorden stollen, het moet verder.’

Negentig jaar Stichting Carmelcollege maakt nieuwsgierig. Is er na zo’n lange periode nog iets terug te vinden van de oorspronkelijke inspiratie? Kees Waaijman, karmeliet, emeritus hoogleraar en vice-voorzitter van de Raad van Toezicht, en Albert Kamer, oud-voorzitter van Stichting Carmelcollege, laten er hun gedachten over gaan. Op zoek naar de rode draad.

‘We zijn nooit een typische onderwijscongregatie geweest’, steekt Waaijman van wal. ‘Onze orde heeft een beschouwelijke inslag, maar met de voeten in de klei. Je zou onderwijs als een vertaling daarvan kunnen zien. Maar de oprichting van onze kloosters in Zenderen en Oss heeft meer te maken met een fundamentele keuze voor de onderkant. Ik aarzel om daar begrippen als ‘emancipatie’ en ‘verheffing’ mee te verbinden, dat zijn te mooie woorden. Het is meer liefde voor mensen aan de arme kant. Dat is een wezenskenmerk van de orde, daarom vind je ons ook in Zuid-Amerika en op de Filippijnen. Aan de rand van de beschaafde samenleving, zeg maar.’ Na een korte denkpauze: ‘Je mag het ook liefde voor mensen noemen. Voor het menselijke van mensen. Van binnenuit, spontaan. Ze gaat gepaard met een zekere eenvoud, die eveneens van binnenuit komt. We hebben geen pretenties.’ Hier lacht Waaijman: ‘Dit zeg ik met gepaste schroom, misschien zeg ik zelfs te veel.’ De mysticus die hij óók is, heeft niets met gesloten redeneringen. Hij formuleert zorgvuldig, alsof hij woorden proeft en daarna inruilt voor andere. Tot ook die weer plaats moeten maken.

Platte organisatie Kenmerkend voor de orde, meent Waaijman, is verder de platte organisatie. ‘Wij leven al acht eeuwen vanuit de regel: ‘Wat allen aangaat, moet door allen worden behandeld.’ Dat is democratisch. Wij kiezen gezamenlijk een overste, voor een termijn van drie jaar. Ik denk dat de kenmerken die ik nu heb genoemd, worden gevoed vanuit de behoefte om te kijken met Gods ogen. Dat is de bron. Die kenmerken vind je terug in ons onderwijs. Zoals onze paters, probeert ook de Stichting een sfeer te creëren waarin mensen kunnen gedijen. Je geeft de leerling een kans. En nóg een kans. Als je me vraagt wat na negentig jaar nog merkbaar is, dan is het dit. Je geeft leerlingen een kans, ze mogen groeien. Zoals ook docenten en anderen mogen groeien.’ Opnieuw proeft Waaijman zijn woorden. ‘Ik zie het

6

terug in de signalen die ik van de vloer krijg, in de manier van omgaan, de gewoonheid, het niethiërarchische. Dat werkt door in de geschiedenis van mensen. En in het waardegerichte onderwijs. We gaan breder dan cognities. Die moeten er uiteraard zijn, maar er is meer. Alleen: wat is dat meer? Je kunt het niet aanwijzen; het heeft iets van vorming, van spiritualiteit ook. Mag het iets meer zijn? Leerlingen mogen groeien, sociaal zijn, volwassen en zelfstandig worden. Er is meer, maar dat kun je niet vastleggen. Het is altijd meer dan je zegt, het is ruimte, het is houding. We willen als Stichting bovenmodaal scoren, daarmee ben ik het eens, maar het is méér.’

Groei Voor Stichting Carmelcollege krijgt dat ‘meer’ in de jaren na de Tweede Wereldoorlog ook getalsmatig betekenis. In 1947 richt ze het Collegium Mantuanum in Hengelo op, nu scholengemeenschap De Grundel. Andere scholen volgen, waarbij het accent op Twente ligt. Daarbij kiest de Stichting voor openheid, door ook niet-katholieken toe te laten. Een opmerkelijke stap, gelet op de karakterisering van onderwijshistoricus W.A.W. van Walstijn over de situatie rond 1960: ‘De katholieke school was een school van katholieken voor katholieken, gericht op kerkelijke geloofsoverdracht (catechismus) en katholieke opvoeding. Gezin, school en parochie vormden als het ware ‘een drie-eenheid’; daar was weinig discussie over.’ Nóg niet, weten we nu. Om nog eens Van Walstijn te citeren: ‘In de jaren zestig is er een paradoxale situatie

1949

Oprichting Geert Groote College in Deventer, nu bekend als Etty Hillesum Lyceum

1953

Oprichting Jacobus College in Enschede, nu bekend als Bonhoeffer College

7


september 2012

Op zoek naar de rode draad ‘Het verhaal

Je geeft de leerling een kans... en nog een kans

mag niet in woorden stollen, het moet verder.’

Negentig jaar Stichting Carmelcollege maakt nieuwsgierig. Is er na zo’n lange periode nog iets terug te vinden van de oorspronkelijke inspiratie? Kees Waaijman, karmeliet, emeritus hoogleraar en vice-voorzitter van de Raad van Toezicht, en Albert Kamer, oud-voorzitter van Stichting Carmelcollege, laten er hun gedachten over gaan. Op zoek naar de rode draad.

‘We zijn nooit een typische onderwijscongregatie geweest’, steekt Waaijman van wal. ‘Onze orde heeft een beschouwelijke inslag, maar met de voeten in de klei. Je zou onderwijs als een vertaling daarvan kunnen zien. Maar de oprichting van onze kloosters in Zenderen en Oss heeft meer te maken met een fundamentele keuze voor de onderkant. Ik aarzel om daar begrippen als ‘emancipatie’ en ‘verheffing’ mee te verbinden, dat zijn te mooie woorden. Het is meer liefde voor mensen aan de arme kant. Dat is een wezenskenmerk van de orde, daarom vind je ons ook in Zuid-Amerika en op de Filippijnen. Aan de rand van de beschaafde samenleving, zeg maar.’ Na een korte denkpauze: ‘Je mag het ook liefde voor mensen noemen. Voor het menselijke van mensen. Van binnenuit, spontaan. Ze gaat gepaard met een zekere eenvoud, die eveneens van binnenuit komt. We hebben geen pretenties.’ Hier lacht Waaijman: ‘Dit zeg ik met gepaste schroom, misschien zeg ik zelfs te veel.’ De mysticus die hij óók is, heeft niets met gesloten redeneringen. Hij formuleert zorgvuldig, alsof hij woorden proeft en daarna inruilt voor andere. Tot ook die weer plaats moeten maken.

Platte organisatie Kenmerkend voor de orde, meent Waaijman, is verder de platte organisatie. ‘Wij leven al acht eeuwen vanuit de regel: ‘Wat allen aangaat, moet door allen worden behandeld.’ Dat is democratisch. Wij kiezen gezamenlijk een overste, voor een termijn van drie jaar. Ik denk dat de kenmerken die ik nu heb genoemd, worden gevoed vanuit de behoefte om te kijken met Gods ogen. Dat is de bron. Die kenmerken vind je terug in ons onderwijs. Zoals onze paters, probeert ook de Stichting een sfeer te creëren waarin mensen kunnen gedijen. Je geeft de leerling een kans. En nóg een kans. Als je me vraagt wat na negentig jaar nog merkbaar is, dan is het dit. Je geeft leerlingen een kans, ze mogen groeien. Zoals ook docenten en anderen mogen groeien.’ Opnieuw proeft Waaijman zijn woorden. ‘Ik zie het

6

terug in de signalen die ik van de vloer krijg, in de manier van omgaan, de gewoonheid, het niethiërarchische. Dat werkt door in de geschiedenis van mensen. En in het waardegerichte onderwijs. We gaan breder dan cognities. Die moeten er uiteraard zijn, maar er is meer. Alleen: wat is dat meer? Je kunt het niet aanwijzen; het heeft iets van vorming, van spiritualiteit ook. Mag het iets meer zijn? Leerlingen mogen groeien, sociaal zijn, volwassen en zelfstandig worden. Er is meer, maar dat kun je niet vastleggen. Het is altijd meer dan je zegt, het is ruimte, het is houding. We willen als Stichting bovenmodaal scoren, daarmee ben ik het eens, maar het is méér.’

Groei Voor Stichting Carmelcollege krijgt dat ‘meer’ in de jaren na de Tweede Wereldoorlog ook getalsmatig betekenis. In 1947 richt ze het Collegium Mantuanum in Hengelo op, nu scholengemeenschap De Grundel. Andere scholen volgen, waarbij het accent op Twente ligt. Daarbij kiest de Stichting voor openheid, door ook niet-katholieken toe te laten. Een opmerkelijke stap, gelet op de karakterisering van onderwijshistoricus W.A.W. van Walstijn over de situatie rond 1960: ‘De katholieke school was een school van katholieken voor katholieken, gericht op kerkelijke geloofsoverdracht (catechismus) en katholieke opvoeding. Gezin, school en parochie vormden als het ware ‘een drie-eenheid’; daar was weinig discussie over.’ Nóg niet, weten we nu. Om nog eens Van Walstijn te citeren: ‘In de jaren zestig is er een paradoxale situatie

1949

Oprichting Geert Groote College in Deventer, nu bekend als Etty Hillesum Lyceum

1953

Oprichting Jacobus College in Enschede, nu bekend als Bonhoeffer College

7


september 2012

ontstaan. Enerzijds is er een omvangrijk roomskatholiek georganiseerd onderwijsveld, maar ook groeit de twijfel over het bestaansrecht ervan in een pluraliserende en meer geopende samenleving.’ Vanouds overgeleverde zekerheden eroderen, priesters en paters treden uit, gelovigen keren de kerk de rug toe en de rol van leken groeit aan betekenis. Ook binnen Stichting Carmelcollege: in 1968 ontkoppelen de paters karmelieten hun orde en Stichting Carmelcollege. Op diverse katholieke scholen, binnen en buiten de Carmel, staat dan opeens ook het onderwerp identiteit op de agenda. Kerkelijke initiatieven om daaraan sturing te geven, komen te laat: de emancipatie is voltooid, de zuil verdampt, de kerken raken leeg. Toch, schrijft Van Walstijn, benoemen de bisschoppen in 1983 de katholieke school als een ‘waardegemeenschap’, als een pedagogisch milieu voor vorming. Het is in die richting waarnaar het accent in beleid en praktijk vanaf de jaren tachtig zal gaan verschuiven.’

‘In de geest van’

Maar wat was dat ‘iets’? Kamer formuleert openhartig: ‘Toen ik voorzitter werd, in 1994, wist ik zeker dat we aan onze communicatie moesten werken. En ik wilde het over onze identiteit hebben. Overal was het gaan schuiven, in de kerk, bij de karmelieten, maar binnen de Stichting bleven we zeggen dat we moesten werken “in de geest van de Carmel”. Niemand had het erover wat dat inhield. Ik wilde discussie over de vraag waar we voor staan. Over onze meerwaarde. Waarom doen we wat we doen en waarom doen we het zo? Voor de goede orde: ik was niet de enige die er zo over dacht.’ Het 75-jarig bestaan in 1997 voorziet in een gerede aanleiding om het daarover te hebben. “Wat bezielt ons?” is de leidende vraag van een groot onderzoek onder Carmelmedewerkers. ‘Het mooie is dat in de uitkomsten de pedagogische waarden voorop stonden. Onze leraren staan er niet voor de centen, maar voor de kinderen in de klas en voor hun vak. Dat heeft de impuls gegeven om verder na te denken.’ Bijvoorbeeld over een Geleidelijkheid missie. ‘Zolang je niet ergens heen ‘Waarom doen wilt, heb je geen missie nodig’, we wat we doen Van Walstijns woorden zijn ook zegt Kamer. ‘Maar dat wilden we van toepassing op Stichting wel, want het ministerie stelde en waarom doen Carmelcollege. Met een zekere heel andere eisen. We kregen de geleidelijkheid, weet drs. lumpsum, de vorming van de brede we het zo?’ Albert Kamer, bestuurslid vanaf scholengemeenschappen met grotere 1981 en voorzitter van 1994 tot verantwoordelijkheden, waarin ook 2001. ‘Die lange bestuurstermijn scholen van andere signatuur een plek onderstreept dat aan het bestuur kregen. aanvankelijk niet veel waarde werd gehecht’, constateert hij glimlachend. ‘Het onderwijs was van de scholen, daar mochten wij niet aankomen. Ik weet nog dat ik als net benoemd bestuurslid met de voorzitter een schoolbezoek zou afleggen. “Laten we eerst een blokje omlopen”, zei hij toen ik aankwam. “Jij bent nogal kritisch; zou je je een beetje willen inhouden?” Als bestuur waren we toen niet toezichthoudend, maar sanctionerend. Onze rol bestond uit het goedkeuren van wat bestuursbureau en scholen aan ons voorlegden.’ Hij voegt er meteen aan toe: ‘Dat kon toen nog, het onderwijs was anders. We hadden nog het oude bekostigingsmodel en Den Haag rammelde niet voortdurend aan de poorten. Het was een beetje dobberen. De echte sturing kwam vanuit het bestuursbureau. In die tijd werkte dat behoorlijk. Het was charmant, Bourgondisch ook.’ Kamer voelde zich er thuis, maar: ‘Op curiositeit kun je geen liefde ontwikkelen. Het was ondefinieerbaar en toch kon je voelen dat er meer was. Sfeer, cultuur, gevoel. Er was iets warmbloedigs, iets dat ik deelde met aardige en mooie mensen.’

1954

Oprichting Pius X-College in Almelo, nu bekend als Pius X College

8

In zo’n klimaat moet je weten wat je wilt, waar je voor staat.’ Henk van Dieten, indertijd beleidscontroller, en pater Falco Thuis (bestuurslid en tot voor enkele jaren lid van de Raad van Toezicht) boetseerden eraan. Het resultaat: ‘Heel de mens, ieder mens, alle mensen.’ Kamer: ‘Ik ben nu elf jaar weg. Toen we overstapten op een ander bestuursmodel (College van Bestuur, Raad van Toezicht) heb ik afscheid genomen. Vanaf afstand vind ik die misschien wel steeds beter. De menselijke relatie voorop, in de klas en onderling; niet de grootste willen zijn - dat hoor ik erin. En dat is wat ik binnen de Carmel vond.’

Levend kompas Kees Waaijman wijst op de dynamiek van de missie. ‘Ik zet ‘heel de mens’ tegenover de gewoonte om mensen in stukken te knippen. Een leerling is niet alleen leerling, hij of zij is een mens, die in de periode op school een grote geestelijke en lichamelijke ontwikkeling doormaakt. Docenten ontwikkelen ‘We willen zich eveneens; zij zijn eveneens mensen en bovenmodaal scoren, meer dan het vak dat ze geven. Dat vraagt maar mag het iets aandacht en ruimte, voor ieder mens, want we meer zijn?’ discrimineren niet. En we zijn er voor alle mensen. Dat vraagt om oog voor Europa, om intercultureel debat, misschien om nauwere banden met de Filippijnen. De orde der karmelieten is een internationale orde, Stichting Carmelcollege kan daar wellicht iets van overnemen. ‘Alle mensen’ wil ook zeggen: verbinden, contacten leggen, van elkaar leren.’ Het brengt hem tot een volgende gedachte: ‘Laat iedereen hierover zelf nadenken. De missie moet geen uithangbord zijn, maar heuristiek, een manier van zoeken. Laat iedereen exploreren en vinden. Dan wordt het een levend kompas. Ik vind dat mooier dan een missie. Het verhaal mag niet in woorden stollen, het moet verder. Laten we samen dat kompas bouwen en zijn.’ ◗

Erfgoed We nemen even de proef op de som. Maak de volgende versregels af: “Egidius, waer bestu bleven, mi lanct na di gheselle mijn.” Lukt niet, hè? Ik was er al bang voor. In Frankrijk ligt dat toch anders. Jan Willem Bruins heeft op een blinde muur in Parijs een gedicht van Arthur Rimbaud aangebracht, zo lees ik in de Volkskrant. Hij is ronduit verbaasd over de reacties die zijn muurgedicht teweegbrengt bij de Parijzenaars. Hij vindt ’s morgens bloemen aan zijn steiger, hele gedichten soms. Een buurvrouw brengt elke ochtend een taartje. Passanten blijven staan, ze declameren de regels die nog ontbreken, laten zich voor de verzen fotograferen. De liefde voor de poëzie zit diep, is zijn conclusie. Hoe doen de Fransen dat? Parijs, Centre Pompidou, tentoonstelling Matisse, een doordeweekse dag in mei. Ik zie een troepje peuters voor twee schilderijen staan, het kunnen ook kleuters zijn. In Frankrijk weet je dat nooit zeker, kindjes zijn daar heel klein. Een educatief medewerkster staat enthousiast vragen af te vuren. Kijk eens goed. Welke kleur valt in dit schilderij het meest op? Heel goed, blauw. En wat zie je? Een kamer, bravo. Zie je ook mensen? Wie ziet er een verschil? Sophietje ziet ondertussen iets heel anders, maar kordaat en vriendelijk wordt ze door een strategisch opgestelde moeder terug naar het groepje geleid. Een andere moeder draait hier een hoofdje bij, daar een lichaampje. Een omgevallen hummeltje wordt weer op zijn beentjes gezet. Maman wijst naar de vriendelijke juffrouw. Daar moet je naar kijken. Geen geschreeuw, geen geroep, alleen af en toe zacht gefluister. Zo doe je dat blijkbaar: vroeg beginnen, gedisciplineerd, zachte dwang. Een gedicht leer je uit je hoofd. Par coeur, uit je hart. We doen er nog een, deze beginzin ken je vast wel. “Behalve den man die de Sarphatistraat de mooiste plek van Europa vond...?” Schrijver dan? Boek misschien? O Romeo, Romeo! ◗

1959

Oprichting Katholiek Drents College in Emmen, nu bekend als Carmelcollege Emmen

JOS BAACK Docent Frans en CKV Twents Carmel College, locatie De Thij

9


september 2012

ontstaan. Enerzijds is er een omvangrijk roomskatholiek georganiseerd onderwijsveld, maar ook groeit de twijfel over het bestaansrecht ervan in een pluraliserende en meer geopende samenleving.’ Vanouds overgeleverde zekerheden eroderen, priesters en paters treden uit, gelovigen keren de kerk de rug toe en de rol van leken groeit aan betekenis. Ook binnen Stichting Carmelcollege: in 1968 ontkoppelen de paters karmelieten hun orde en Stichting Carmelcollege. Op diverse katholieke scholen, binnen en buiten de Carmel, staat dan opeens ook het onderwerp identiteit op de agenda. Kerkelijke initiatieven om daaraan sturing te geven, komen te laat: de emancipatie is voltooid, de zuil verdampt, de kerken raken leeg. Toch, schrijft Van Walstijn, benoemen de bisschoppen in 1983 de katholieke school als een ‘waardegemeenschap’, als een pedagogisch milieu voor vorming. Het is in die richting waarnaar het accent in beleid en praktijk vanaf de jaren tachtig zal gaan verschuiven.’

‘In de geest van’

Maar wat was dat ‘iets’? Kamer formuleert openhartig: ‘Toen ik voorzitter werd, in 1994, wist ik zeker dat we aan onze communicatie moesten werken. En ik wilde het over onze identiteit hebben. Overal was het gaan schuiven, in de kerk, bij de karmelieten, maar binnen de Stichting bleven we zeggen dat we moesten werken “in de geest van de Carmel”. Niemand had het erover wat dat inhield. Ik wilde discussie over de vraag waar we voor staan. Over onze meerwaarde. Waarom doen we wat we doen en waarom doen we het zo? Voor de goede orde: ik was niet de enige die er zo over dacht.’ Het 75-jarig bestaan in 1997 voorziet in een gerede aanleiding om het daarover te hebben. “Wat bezielt ons?” is de leidende vraag van een groot onderzoek onder Carmelmedewerkers. ‘Het mooie is dat in de uitkomsten de pedagogische waarden voorop stonden. Onze leraren staan er niet voor de centen, maar voor de kinderen in de klas en voor hun vak. Dat heeft de impuls gegeven om verder na te denken.’ Bijvoorbeeld over een Geleidelijkheid missie. ‘Zolang je niet ergens heen ‘Waarom doen wilt, heb je geen missie nodig’, we wat we doen Van Walstijns woorden zijn ook zegt Kamer. ‘Maar dat wilden we van toepassing op Stichting wel, want het ministerie stelde en waarom doen Carmelcollege. Met een zekere heel andere eisen. We kregen de geleidelijkheid, weet drs. lumpsum, de vorming van de brede we het zo?’ Albert Kamer, bestuurslid vanaf scholengemeenschappen met grotere 1981 en voorzitter van 1994 tot verantwoordelijkheden, waarin ook 2001. ‘Die lange bestuurstermijn scholen van andere signatuur een plek onderstreept dat aan het bestuur kregen. aanvankelijk niet veel waarde werd gehecht’, constateert hij glimlachend. ‘Het onderwijs was van de scholen, daar mochten wij niet aankomen. Ik weet nog dat ik als net benoemd bestuurslid met de voorzitter een schoolbezoek zou afleggen. “Laten we eerst een blokje omlopen”, zei hij toen ik aankwam. “Jij bent nogal kritisch; zou je je een beetje willen inhouden?” Als bestuur waren we toen niet toezichthoudend, maar sanctionerend. Onze rol bestond uit het goedkeuren van wat bestuursbureau en scholen aan ons voorlegden.’ Hij voegt er meteen aan toe: ‘Dat kon toen nog, het onderwijs was anders. We hadden nog het oude bekostigingsmodel en Den Haag rammelde niet voortdurend aan de poorten. Het was een beetje dobberen. De echte sturing kwam vanuit het bestuursbureau. In die tijd werkte dat behoorlijk. Het was charmant, Bourgondisch ook.’ Kamer voelde zich er thuis, maar: ‘Op curiositeit kun je geen liefde ontwikkelen. Het was ondefinieerbaar en toch kon je voelen dat er meer was. Sfeer, cultuur, gevoel. Er was iets warmbloedigs, iets dat ik deelde met aardige en mooie mensen.’

1954

Oprichting Pius X-College in Almelo, nu bekend als Pius X College

8

In zo’n klimaat moet je weten wat je wilt, waar je voor staat.’ Henk van Dieten, indertijd beleidscontroller, en pater Falco Thuis (bestuurslid en tot voor enkele jaren lid van de Raad van Toezicht) boetseerden eraan. Het resultaat: ‘Heel de mens, ieder mens, alle mensen.’ Kamer: ‘Ik ben nu elf jaar weg. Toen we overstapten op een ander bestuursmodel (College van Bestuur, Raad van Toezicht) heb ik afscheid genomen. Vanaf afstand vind ik die misschien wel steeds beter. De menselijke relatie voorop, in de klas en onderling; niet de grootste willen zijn - dat hoor ik erin. En dat is wat ik binnen de Carmel vond.’

Levend kompas Kees Waaijman wijst op de dynamiek van de missie. ‘Ik zet ‘heel de mens’ tegenover de gewoonte om mensen in stukken te knippen. Een leerling is niet alleen leerling, hij of zij is een mens, die in de periode op school een grote geestelijke en lichamelijke ontwikkeling doormaakt. Docenten ontwikkelen ‘We willen zich eveneens; zij zijn eveneens mensen en bovenmodaal scoren, meer dan het vak dat ze geven. Dat vraagt maar mag het iets aandacht en ruimte, voor ieder mens, want we meer zijn?’ discrimineren niet. En we zijn er voor alle mensen. Dat vraagt om oog voor Europa, om intercultureel debat, misschien om nauwere banden met de Filippijnen. De orde der karmelieten is een internationale orde, Stichting Carmelcollege kan daar wellicht iets van overnemen. ‘Alle mensen’ wil ook zeggen: verbinden, contacten leggen, van elkaar leren.’ Het brengt hem tot een volgende gedachte: ‘Laat iedereen hierover zelf nadenken. De missie moet geen uithangbord zijn, maar heuristiek, een manier van zoeken. Laat iedereen exploreren en vinden. Dan wordt het een levend kompas. Ik vind dat mooier dan een missie. Het verhaal mag niet in woorden stollen, het moet verder. Laten we samen dat kompas bouwen en zijn.’ ◗

Erfgoed We nemen even de proef op de som. Maak de volgende versregels af: “Egidius, waer bestu bleven, mi lanct na di gheselle mijn.” Lukt niet, hè? Ik was er al bang voor. In Frankrijk ligt dat toch anders. Jan Willem Bruins heeft op een blinde muur in Parijs een gedicht van Arthur Rimbaud aangebracht, zo lees ik in de Volkskrant. Hij is ronduit verbaasd over de reacties die zijn muurgedicht teweegbrengt bij de Parijzenaars. Hij vindt ’s morgens bloemen aan zijn steiger, hele gedichten soms. Een buurvrouw brengt elke ochtend een taartje. Passanten blijven staan, ze declameren de regels die nog ontbreken, laten zich voor de verzen fotograferen. De liefde voor de poëzie zit diep, is zijn conclusie. Hoe doen de Fransen dat? Parijs, Centre Pompidou, tentoonstelling Matisse, een doordeweekse dag in mei. Ik zie een troepje peuters voor twee schilderijen staan, het kunnen ook kleuters zijn. In Frankrijk weet je dat nooit zeker, kindjes zijn daar heel klein. Een educatief medewerkster staat enthousiast vragen af te vuren. Kijk eens goed. Welke kleur valt in dit schilderij het meest op? Heel goed, blauw. En wat zie je? Een kamer, bravo. Zie je ook mensen? Wie ziet er een verschil? Sophietje ziet ondertussen iets heel anders, maar kordaat en vriendelijk wordt ze door een strategisch opgestelde moeder terug naar het groepje geleid. Een andere moeder draait hier een hoofdje bij, daar een lichaampje. Een omgevallen hummeltje wordt weer op zijn beentjes gezet. Maman wijst naar de vriendelijke juffrouw. Daar moet je naar kijken. Geen geschreeuw, geen geroep, alleen af en toe zacht gefluister. Zo doe je dat blijkbaar: vroeg beginnen, gedisciplineerd, zachte dwang. Een gedicht leer je uit je hoofd. Par coeur, uit je hart. We doen er nog een, deze beginzin ken je vast wel. “Behalve den man die de Sarphatistraat de mooiste plek van Europa vond...?” Schrijver dan? Boek misschien? O Romeo, Romeo! ◗

1959

Oprichting Katholiek Drents College in Emmen, nu bekend als Carmelcollege Emmen

JOS BAACK Docent Frans en CKV Twents Carmel College, locatie De Thij

9


september 2012

Carmeltour We weten waar ‘Carmel’ vandaan komt: de orde van de karmelieten. Maar waar zie je Carmel nog terug in het

Proef Karmel

hedendaagse leven? Voor deze vraag zijn we het web ingedoken om, naast een klein stukje geschiedenis, leuke

Misschien denkt u bij Karmel meer aan een goud- tot bronskleurige drank met een schuimkraag. Juist, Tripel Karmeliet bier! Deze Belgische biersoort werd in 1966 gelanceerd en is tripel; een zeer zwaar bovengistend bier, waarin behalve gerst ook tarwe en haver zijn verwerkt. De brouwerij waar deze dorstlesser wordt gemaakt is Brouwerij Bosteels in Buggenhout. De naam Karmeliet komt van de karmelieten van Dendermonde die in het begin van de 17e eeuw ook een driegranenbier brouwden. Een bezoek aan deze brouwerij is mogelijk vanaf twintig personen. Meer informatie vindt u op de website www.bestbelgianspecialbeers.be ◗

Carmelplekken boven tafel te krijgen.

Terug naar de oorsprong

De eerste karmelieten waren westerlingen, aangetrokken door de eeuwige schoonheid van de berg Karmel bij de havenplaats Haifa in het huidige Israël. Het Karmelgebergte werd beschouwd als een heilige plek, verbonden met de profeet Elia. Hier leefden zij vanaf omstreeks 1200 om ‘hun God te dienen in een leven van voortdurend gebed’. Tegenwoordig is het gebergte een toeristische trekpleister, vanwege zijn mooie uitzicht. Omdat Haifa voor een gedeelte op de berg Karmel is gebouwd kun je vanuit veel plekken in de stad genieten van een prachtig uitzicht. Onderaan het Karmelgebergte ligt de bekende ‘grot van Elia’, waar de profeet Elia volgens de Bijbel zou hebben gewoond. ◗

Het echte Karmelgevoel: Kloosterpad Zenderen In het kleine Twentse dorp Zenderen staan nog drie kloosters, namelijk het bezinningscentrum “De Zwanenhof”, het slotklooster van de zusters Carmelitessen en het Karmelietenklooster. Om de religieuze geschiedenis van de kloosters onder de aandacht te brengen en deze geschiedenis vooral te behouden is in Zenderen een unieke wandelroute ontwikkeld. Drie keer per jaar worden wandelaars tijdens een georganiseerde seizoenswandeling rondgeleid door de gebouwen, op het slotklooster na. Naast de georganiseerde tochten, kunt u er dagelijks terecht voor verschillende wandelroutes. De route heeft een bijzondere geschiedenis, maar is ook nog volop in ontwikkeling. Aan de rand van de ‘Kloostergaarde’ is Theehuis de Karmeliet gevestigd. Hier kunt u na een kloosterwandeling verder genieten van de mooie omgeving. Meer informatie vindt u op de websites www.kloosterpadzenderen.nl en www.theehuisdekarmeliet.nl ◗

Pater, journalist, filosoof en strijder voor persvrijheid. Dat was Titus Brandsma (geboren als Anno Sjoerd Brandsma in 1881). In 1898 trad hij in bij de karmelieten en nam de kloosternaam Titus aan. Later werd hij priester en studeerde hij in Rome tot doctor in de filosofie.

Karmel in Nederland Rond het jaar 1240 moesten de kluizenaars het Karmelgebergte verlaten door dreigend gevaar van de Saracenen. Vanaf dit moment staken de eerste broeders over naar Europa en later de rest van de wereld. Zo kwamen de karmelieten uiteindelijk ook in Nederland terecht. Voor de karmelieten staat spiritualiteit en bezinning centraal. Tegenwoordig zijn er in Nederland nog Karmelgemeenschappen in Aalsmeer, Almelo, Amstelveen, Boxmeer, Dordrecht, Heerlen, Nijmegen, Oss en Zenderen. Meer informatie over Karmelgemeenschappen in Nederland vindt u op de website www.karmel.nl ◗

Titus Brandsma

is geopend van 1 april tot 15 november. Meer informatie vindt u op de website www.titusbrandsmamuseum.nl Maar we leven in een modern tijdperk, dus u kunt deze pater ook gewoon ‘live’ volgen op Twitter via @PaterTitus42. ◗

nieuwe huisstijl stichting carmelcollege Misschien was het u al opgevallen: Carmel heeft een nieuwe huisstijl. In feite komt het erop neer dat de reeds bestaande stijl die vorig jaar is doorgevoerd op bijvoorbeeld de nieuwe website en het Carmel Magazine, verder is ontwikkeld. Door het invoeren van de nieuwe huisstijl krijgt Carmel een frisse en eigentijdse uitstraling. Tegelijkertijd maken we van de gelegenheid gebruik om mogelijkheden te creëren langzaam over te gaan naar digitale communicatiemiddelen. Denk bijvoorbeeld aan e-mailnieuwsbrieven in plaats van gedrukte media. We verwachten dat Carmel door de invoering van de nieuwe huisstijl en het moderniseren van haar communicatiemiddelen op jaarbasis een aanzienlijke besparing realiseert. We zijn erg benieuwd wat u ervan vindt! Laat het ons weten via magazine@carmel.nl Dit is overigens ook het adres voor reacties en ideeën voor een volgend nummer, die altijd van harte welkom zijn! ◗

Tot op heden is hij een voorbeeld voor vele karmelieten. Zo ook voor de prior general, oftewel algemeen overste van tweeduizend paters in 35 landen van de orde der karmelieten: Fernando Millán Romeral (artikel pagina 14).

Amstelveen Aalsmeer

Almelo

West

Zenderen

In Nederland kennen we het Titus Brandsma Lyceum, locatie van Het Hooghuis in Oss, het Titus Brandsma Instituut in Nijmegen en het Titus Brandsma Museum in het Friese Bolsward. De laatstgenoemde is de ideale manier om een kijkje te nemen in het leven van deze pater. U vindt hier onder andere voorwerpen, brieven, ansichtkaarten, boeken (eerste drukken) en artikelen, foto’s en schilderijen van Titus Brandsma. Het museum

Den Haag Nijmegen

Boxmeer

1966

Dordrecht

Oss

Oprichting Twickelcollege in Hengelo Heerlen

10

1968

Formele banden karmelieten en Stichting doorgesneden

1973

Oprichting Thijcollege in Oldenzaal, nu bekend als onderdeel van Twents Carmel College

11


september 2012

Carmeltour We weten waar ‘Carmel’ vandaan komt: de orde van de karmelieten. Maar waar zie je Carmel nog terug in het

Proef Karmel

hedendaagse leven? Voor deze vraag zijn we het web ingedoken om, naast een klein stukje geschiedenis, leuke

Misschien denkt u bij Karmel meer aan een goud- tot bronskleurige drank met een schuimkraag. Juist, Tripel Karmeliet bier! Deze Belgische biersoort werd in 1966 gelanceerd en is tripel; een zeer zwaar bovengistend bier, waarin behalve gerst ook tarwe en haver zijn verwerkt. De brouwerij waar deze dorstlesser wordt gemaakt is Brouwerij Bosteels in Buggenhout. De naam Karmeliet komt van de karmelieten van Dendermonde die in het begin van de 17e eeuw ook een driegranenbier brouwden. Een bezoek aan deze brouwerij is mogelijk vanaf twintig personen. Meer informatie vindt u op de website www.bestbelgianspecialbeers.be ◗

Carmelplekken boven tafel te krijgen.

Terug naar de oorsprong

De eerste karmelieten waren westerlingen, aangetrokken door de eeuwige schoonheid van de berg Karmel bij de havenplaats Haifa in het huidige Israël. Het Karmelgebergte werd beschouwd als een heilige plek, verbonden met de profeet Elia. Hier leefden zij vanaf omstreeks 1200 om ‘hun God te dienen in een leven van voortdurend gebed’. Tegenwoordig is het gebergte een toeristische trekpleister, vanwege zijn mooie uitzicht. Omdat Haifa voor een gedeelte op de berg Karmel is gebouwd kun je vanuit veel plekken in de stad genieten van een prachtig uitzicht. Onderaan het Karmelgebergte ligt de bekende ‘grot van Elia’, waar de profeet Elia volgens de Bijbel zou hebben gewoond. ◗

Het echte Karmelgevoel: Kloosterpad Zenderen In het kleine Twentse dorp Zenderen staan nog drie kloosters, namelijk het bezinningscentrum “De Zwanenhof”, het slotklooster van de zusters Carmelitessen en het Karmelietenklooster. Om de religieuze geschiedenis van de kloosters onder de aandacht te brengen en deze geschiedenis vooral te behouden is in Zenderen een unieke wandelroute ontwikkeld. Drie keer per jaar worden wandelaars tijdens een georganiseerde seizoenswandeling rondgeleid door de gebouwen, op het slotklooster na. Naast de georganiseerde tochten, kunt u er dagelijks terecht voor verschillende wandelroutes. De route heeft een bijzondere geschiedenis, maar is ook nog volop in ontwikkeling. Aan de rand van de ‘Kloostergaarde’ is Theehuis de Karmeliet gevestigd. Hier kunt u na een kloosterwandeling verder genieten van de mooie omgeving. Meer informatie vindt u op de websites www.kloosterpadzenderen.nl en www.theehuisdekarmeliet.nl ◗

Pater, journalist, filosoof en strijder voor persvrijheid. Dat was Titus Brandsma (geboren als Anno Sjoerd Brandsma in 1881). In 1898 trad hij in bij de karmelieten en nam de kloosternaam Titus aan. Later werd hij priester en studeerde hij in Rome tot doctor in de filosofie.

Karmel in Nederland Rond het jaar 1240 moesten de kluizenaars het Karmelgebergte verlaten door dreigend gevaar van de Saracenen. Vanaf dit moment staken de eerste broeders over naar Europa en later de rest van de wereld. Zo kwamen de karmelieten uiteindelijk ook in Nederland terecht. Voor de karmelieten staat spiritualiteit en bezinning centraal. Tegenwoordig zijn er in Nederland nog Karmelgemeenschappen in Aalsmeer, Almelo, Amstelveen, Boxmeer, Dordrecht, Heerlen, Nijmegen, Oss en Zenderen. Meer informatie over Karmelgemeenschappen in Nederland vindt u op de website www.karmel.nl ◗

Titus Brandsma

is geopend van 1 april tot 15 november. Meer informatie vindt u op de website www.titusbrandsmamuseum.nl Maar we leven in een modern tijdperk, dus u kunt deze pater ook gewoon ‘live’ volgen op Twitter via @PaterTitus42. ◗

nieuwe huisstijl stichting carmelcollege Misschien was het u al opgevallen: Carmel heeft een nieuwe huisstijl. In feite komt het erop neer dat de reeds bestaande stijl die vorig jaar is doorgevoerd op bijvoorbeeld de nieuwe website en het Carmel Magazine, verder is ontwikkeld. Door het invoeren van de nieuwe huisstijl krijgt Carmel een frisse en eigentijdse uitstraling. Tegelijkertijd maken we van de gelegenheid gebruik om mogelijkheden te creëren langzaam over te gaan naar digitale communicatiemiddelen. Denk bijvoorbeeld aan e-mailnieuwsbrieven in plaats van gedrukte media. We verwachten dat Carmel door de invoering van de nieuwe huisstijl en het moderniseren van haar communicatiemiddelen op jaarbasis een aanzienlijke besparing realiseert. We zijn erg benieuwd wat u ervan vindt! Laat het ons weten via magazine@carmel.nl Dit is overigens ook het adres voor reacties en ideeën voor een volgend nummer, die altijd van harte welkom zijn! ◗

Tot op heden is hij een voorbeeld voor vele karmelieten. Zo ook voor de prior general, oftewel algemeen overste van tweeduizend paters in 35 landen van de orde der karmelieten: Fernando Millán Romeral (artikel pagina 14).

Amstelveen Aalsmeer

Almelo

West

Zenderen

In Nederland kennen we het Titus Brandsma Lyceum, locatie van Het Hooghuis in Oss, het Titus Brandsma Instituut in Nijmegen en het Titus Brandsma Museum in het Friese Bolsward. De laatstgenoemde is de ideale manier om een kijkje te nemen in het leven van deze pater. U vindt hier onder andere voorwerpen, brieven, ansichtkaarten, boeken (eerste drukken) en artikelen, foto’s en schilderijen van Titus Brandsma. Het museum

Den Haag Nijmegen

Boxmeer

1966

Dordrecht

Oss

Oprichting Twickelcollege in Hengelo Heerlen

10

1968

Formele banden karmelieten en Stichting doorgesneden

1973

Oprichting Thijcollege in Oldenzaal, nu bekend als onderdeel van Twents Carmel College

11


september 2012

Mijn droom in 90 woorden Femke Gerritsen (28), ICT-coördinator en docent mens & maatschappij, Bonhoeffer College in Enschede, Vlierstraat vmbo, masteropleiding Leren Innoveren afgerond

‘Ooit zou ik een eigen radioprogramma willen hebben, zoals Daniel Lippens en Ivo van Breukelen bij SLAM! FM. Hun programma heet De Avondploeg. Het is van alles wat, leuk om te beluisteren, op een echte jeugdzender. Zelf begon ik met een maatschappelijke stage bij RTV Raalte. Nu heb ik daar met anderen een vast radioprogramma. Ik presenteer en doe de techniek. Zelf een programma samenstellen, onderwerpen kiezen, gasten uitnodigen, dat is het mooiste. Over een jaar doe ik hier examen. Daarna wordt het Journalistiek aan Hogeschool Windesheim, geen twijfel mogelijk!’. ◗

‘ICT is de rode draad door mijn opleiding en werk. Ik geniet als ik zie hoe onze visueel ingestelde leerlingen met een iPad aan de slag zijn. De trots waarmee ze hun zelfgemaakte filmpjes aan hun ouders laten zien! Volgend jaar gaan we in de hele onderbouw met iPads werken. Docenten hebben daarvoor wel goede tools nodig. Dat is iets wat ik graag nog eens zou doen: met en voor collega’s een gereedschapskist met activerende werkvormen vullen. ICT-kennis uitwisselen is zo belangrijk. Daarom Twitter ik ook (@iPadjuf). Delen is vermenigvuldigen!’ ◗

Karin Staal (49), adjunct-directeur havo/vmbo onderbouw, Twents CarmelCollege, De Thij in Oldenzaal

Jantje Klein (51), teamsecretaresse vmbo/mavo Carmelcollege Emmen in emmen

@STGCARMEL

Thomas van der Hooft (17), leerling 5 havo, Carmel College Salland in Raalte

Twitteractie

#Carmelisjarig Ook op Twitter leefde het 90-jarig bestaan van Stichting Carmelcollege. Volgers van @stgcarmel konden de Stichting feliciteren op Twitter via de hashtag #Carmelisjarig. De drie leukste tweets werden beloond met een feestelijke taart. De actie resulteerde in foto’s, filmpjes en originele felicitaties in onze timeline:

@stgcarmel - Stg. Carmelcollege jarig! Op woensdag 30/5 bestaat Stichting Carmelcollege 90 jaar. Feliciteer @stgcarmel via #Carmelisjarig en maak kans op een taart! RT

@pdooijeweerd - peter dooijeweerd Feliciteer 90 jarige oude dame met een unieke tweet en #Carmelisjarig. Zie carmel.nl Please RT @maarten_dik - maarten dik Felicitados! #Carmelisjarig RT@stgcarmel 30/5 bestaat StCarmelcollege 90 jaar. Feliciteer @stgcarmel via #Carmelisjarig en win taart! RT @martyvandijken - marty van dijken Stichting carmel alvast gefeliciteerd, voordat ik het volgende week vergeet! 90 jaar dat is knap oud!!!! #Carmelisjarig #vandijken

De winnaars @Carmelemmen - Carmelcollege Emmen Het aftellen is begonnen: over 5 dagen, 8 uur en 23 min dan is @stgcarmel 90 jaar! #hieperdepiephoera! #carmelisjarig RT en win een taart!! @marjonklaassen - marjon @stgcarmel van <3 gefeliciteerd met het 90 jarige jubileum! Ben trots dat ik er een klein onderdeel van ben! #carmelisjarig

‘90 jaar Carmel! #Carmelisjarig’

@@AntoniusBodegra - AntoniusBodegraven #Carmelisjarig. Gefeliciteerd, op naar 100 jaar ondernemend, talentvol, ambitieus, dynamisch, inspirerend, 21e onderwijs! pic.twitter.com/C5FcF8uJ

‘Mijn droom is voor een ander. Ik zou het mijn vriend John (50) zo gunnen dat hij nog een keer in vrijheid kan rondlopen en zijn eigen keuzes kan maken. Sinds 28 jaar corresponderen we. Ik, destijds een 22-jarige student, begaan met mensenrechten. Hij, een halfbloed-Athabascaindiaan uit Alaska, op zijn 17e tot levenslang veroordeeld voor moord. Straf? Terecht. Maar nog meer straf, na zoveel jaren? Ik zie de meerwaarde niet. John vormt geen gevaar meer. Verzoeken tot vervroegde vrijlating hebben nog niet geholpen. Maar wie weet. Ik hoop het zo.’ ◗

12

‘Qua werk heb ik niets te wensen. Het is uitdagend en ik heb met iedereen contact: leerlingen én onderwijsgevenden. Dat is precies wat ik wilde toen ik twaalf jaar geleden mijn werk als sportlerares moest opgeven. Met mijn droom voor later ben ik in de praktijk nog niet echt bezig; het duurt nog wel even voor het zover is. Maar die droom ís er wel. Een huisje in Turkije. In Bodrum, waar het klimaat fijn is en de mensen gastvrij. Daar voel ik me goed, daar kom ik tot rust.’ ◗

@OPDCdeArcade - OPDC de Arcade Leerlingen en personeel van OPDC de Arcade feliciteert Stichting Carmelcollege met haar 90e verjaardag op 30 mei as #Carmelisjarig

@marjonklaassen - marjon @stgcarmel geslaagd! Bedankt voor de taart, komt goed van pas! @Carmelemmen - Carmelcollege Emmen Jammie, een taart gekregen v @stgcarmel #carmelisjarig!#leukstetweet. Smaakte goed, namens alle collegas dank! yfrog.com/hwn53cmj

@PS0401 - paul slegers zie ik net dat we deze week jarig zijn: Carmel wordt 90 jaar, van harte voor alle collega’s #Carmelisjarig @meneerweerden - ruud weerden meneer weerden houdt wel van taart en feliciteert Stichting Carmelcollege met 90 lentes #Carmelisjarig

@switchictpro - Switch ICT Profs Switch feliciteert @stgcarmel! Al 90 jaar veel passie voor het onderwijs! Zeker weten dat er nog vele jaren bij komen! #Carmelisjarig!

Volgt u ons nog niet op Twitter? Op @stgcarmel vindt u het laatste nieuws over de Stichting en haar scholen. Via ons account @CarmelVacatures houden we u op de hoogte van de laatste Carmelvacatures.

13


september 2012

Mijn droom in 90 woorden Femke Gerritsen (28), ICT-coördinator en docent mens & maatschappij, Bonhoeffer College in Enschede, Vlierstraat vmbo, masteropleiding Leren Innoveren afgerond

‘Ooit zou ik een eigen radioprogramma willen hebben, zoals Daniel Lippens en Ivo van Breukelen bij SLAM! FM. Hun programma heet De Avondploeg. Het is van alles wat, leuk om te beluisteren, op een echte jeugdzender. Zelf begon ik met een maatschappelijke stage bij RTV Raalte. Nu heb ik daar met anderen een vast radioprogramma. Ik presenteer en doe de techniek. Zelf een programma samenstellen, onderwerpen kiezen, gasten uitnodigen, dat is het mooiste. Over een jaar doe ik hier examen. Daarna wordt het Journalistiek aan Hogeschool Windesheim, geen twijfel mogelijk!’. ◗

‘ICT is de rode draad door mijn opleiding en werk. Ik geniet als ik zie hoe onze visueel ingestelde leerlingen met een iPad aan de slag zijn. De trots waarmee ze hun zelfgemaakte filmpjes aan hun ouders laten zien! Volgend jaar gaan we in de hele onderbouw met iPads werken. Docenten hebben daarvoor wel goede tools nodig. Dat is iets wat ik graag nog eens zou doen: met en voor collega’s een gereedschapskist met activerende werkvormen vullen. ICT-kennis uitwisselen is zo belangrijk. Daarom Twitter ik ook (@iPadjuf). Delen is vermenigvuldigen!’ ◗

Karin Staal (49), adjunct-directeur havo/vmbo onderbouw, Twents CarmelCollege, De Thij in Oldenzaal

Jantje Klein (51), teamsecretaresse vmbo/mavo Carmelcollege Emmen in emmen

@STGCARMEL

Thomas van der Hooft (17), leerling 5 havo, Carmel College Salland in Raalte

Twitteractie

#Carmelisjarig Ook op Twitter leefde het 90-jarig bestaan van Stichting Carmelcollege. Volgers van @stgcarmel konden de Stichting feliciteren op Twitter via de hashtag #Carmelisjarig. De drie leukste tweets werden beloond met een feestelijke taart. De actie resulteerde in foto’s, filmpjes en originele felicitaties in onze timeline:

@stgcarmel - Stg. Carmelcollege jarig! Op woensdag 30/5 bestaat Stichting Carmelcollege 90 jaar. Feliciteer @stgcarmel via #Carmelisjarig en maak kans op een taart! RT

@pdooijeweerd - peter dooijeweerd Feliciteer 90 jarige oude dame met een unieke tweet en #Carmelisjarig. Zie carmel.nl Please RT @maarten_dik - maarten dik Felicitados! #Carmelisjarig RT@stgcarmel 30/5 bestaat StCarmelcollege 90 jaar. Feliciteer @stgcarmel via #Carmelisjarig en win taart! RT @martyvandijken - marty van dijken Stichting carmel alvast gefeliciteerd, voordat ik het volgende week vergeet! 90 jaar dat is knap oud!!!! #Carmelisjarig #vandijken

De winnaars @Carmelemmen - Carmelcollege Emmen Het aftellen is begonnen: over 5 dagen, 8 uur en 23 min dan is @stgcarmel 90 jaar! #hieperdepiephoera! #carmelisjarig RT en win een taart!! @marjonklaassen - marjon @stgcarmel van <3 gefeliciteerd met het 90 jarige jubileum! Ben trots dat ik er een klein onderdeel van ben! #carmelisjarig

‘90 jaar Carmel! #Carmelisjarig’

@@AntoniusBodegra - AntoniusBodegraven #Carmelisjarig. Gefeliciteerd, op naar 100 jaar ondernemend, talentvol, ambitieus, dynamisch, inspirerend, 21e onderwijs! pic.twitter.com/C5FcF8uJ

‘Mijn droom is voor een ander. Ik zou het mijn vriend John (50) zo gunnen dat hij nog een keer in vrijheid kan rondlopen en zijn eigen keuzes kan maken. Sinds 28 jaar corresponderen we. Ik, destijds een 22-jarige student, begaan met mensenrechten. Hij, een halfbloed-Athabascaindiaan uit Alaska, op zijn 17e tot levenslang veroordeeld voor moord. Straf? Terecht. Maar nog meer straf, na zoveel jaren? Ik zie de meerwaarde niet. John vormt geen gevaar meer. Verzoeken tot vervroegde vrijlating hebben nog niet geholpen. Maar wie weet. Ik hoop het zo.’ ◗

12

‘Qua werk heb ik niets te wensen. Het is uitdagend en ik heb met iedereen contact: leerlingen én onderwijsgevenden. Dat is precies wat ik wilde toen ik twaalf jaar geleden mijn werk als sportlerares moest opgeven. Met mijn droom voor later ben ik in de praktijk nog niet echt bezig; het duurt nog wel even voor het zover is. Maar die droom ís er wel. Een huisje in Turkije. In Bodrum, waar het klimaat fijn is en de mensen gastvrij. Daar voel ik me goed, daar kom ik tot rust.’ ◗

@OPDCdeArcade - OPDC de Arcade Leerlingen en personeel van OPDC de Arcade feliciteert Stichting Carmelcollege met haar 90e verjaardag op 30 mei as #Carmelisjarig

@marjonklaassen - marjon @stgcarmel geslaagd! Bedankt voor de taart, komt goed van pas! @Carmelemmen - Carmelcollege Emmen Jammie, een taart gekregen v @stgcarmel #carmelisjarig!#leukstetweet. Smaakte goed, namens alle collegas dank! yfrog.com/hwn53cmj

@PS0401 - paul slegers zie ik net dat we deze week jarig zijn: Carmel wordt 90 jaar, van harte voor alle collega’s #Carmelisjarig @meneerweerden - ruud weerden meneer weerden houdt wel van taart en feliciteert Stichting Carmelcollege met 90 lentes #Carmelisjarig

@switchictpro - Switch ICT Profs Switch feliciteert @stgcarmel! Al 90 jaar veel passie voor het onderwijs! Zeker weten dat er nog vele jaren bij komen! #Carmelisjarig!

Volgt u ons nog niet op Twitter? Op @stgcarmel vindt u het laatste nieuws over de Stichting en haar scholen. Via ons account @CarmelVacatures houden we u op de hoogte van de laatste Carmelvacatures.

13


september 2012

Herkenning Herkenning dus, en daarmee erkenning van het hoogste karmelietenniveau. Het boompje dat op 30 mei 1922 werd geplant, blijkt van een verrassende bestendigheid en draagt nog steeds vrucht. Zie het eerste hoofdstuk van het strategisch beleidskader Koers 2014, met de veelzeggende titel “Onze missie, onze waarden.” De eerste zin: “Centraal in onze missie staan ‘heel de mens’, ‘iedere mens’ en ‘alle mensen’, als kernwaarden, als uitgangs-

Woorden als “solidair”, “verbond” en “goed” verwijzen naar de onderliggende waardeoriëntatie die als vaste bagage meegaat tijdens Carmels reis door de tijd. De “Derde praktische gids voor waardegericht onderwijs”, verschenen in maart van dit jaar, laat zien hoe alle scholen handen en voeten geven aan wat Waaijman elders “het méér” heeft genoemd. In vele vormen: van oefeningen in socratische gesprekken en het gebruik van kunst om hoofd en hart te verbinden tot en met een ethische paragraaf in profielwerkstukken.

Brede scholengemeenschappen Andere voorbeelden zijn gemakkelijk te vinden. Oudbestuursvoorzitter Albert Kamer verwijst naar de jaren negentig van de vorige eeuw, toen het ministerie van Onderwijs stevig inzette op de vorming van brede scholengemeenschappen. ‘Het bestuur heeft op dat moment gezegd dat Stichting Carmelcollege zich verantwoordelijk voelt voor álle typen onderwijs in onze regio’s. Voor ‘alle mensen’, immers. We hadden een traditie van havo, vwo en gymnasium, maar voelden ons verplicht ook voor andere schooltypen zorg te dragen.’ Of neem de vernieuwingsschool Slash 21 in Lichtenvoorde (2002-2006), onderdeel van KSG Marianum. Kamer: ‘Het was een bijzondere vorm van onderwijsinnovatie, met een sterk pedagogisch klimaat en veel aandacht

1975

Oprichting Floris Radewijns College in Raalte, nu bekend als Carmel College Salland

14

Professionaliteit

De bezinning over vragen als deze heeft het College van Bestuur en de Raad van Toezicht er vorig jaar toe gebracht een korte reis naar Rome te maken (‘De reisen hotelkosten zijn overigens door de deelnemers zelf betaald’, merkt de Raad op in zijn jaarverslag 2011). Onder het motto ‘Terug naar de wortels van Carmel’ heeft het gezelschap ook een bezoek gebracht aan pater Fernando Millán Romeral, de algemeen overste van de orde der karmelieten. ‘Onze orde telt ongeveer 40.000 leerlingen in Nederland en ongeveer net zo veel elders op de wereld’, vertelt Waaijman. ‘De ontmoeting was buitengewoon hartelijk. De overste zei ons dat het werk van de Stichting belangrijk is in onze cultuur. Geen verheven ideeën, gewoon mensen opleiden.’

punten en als toetssteen van beleid.” Andere hoofdstuktitels kunnen als uitwerkingen hiervan worden gelezen: “Carmel als solidair verbond”, “Optimale onderwijsprocessen”, “Goed werkgeverschap”, “Goed onderwijs in goede huisvesting.”

carmelboom

Toegegeven: dit is een weerbarstig thema. Om een indruk te krijgen van de mate waarin de nagestreefde waarde tot werkelijkheid is geworden, zouden vooral (oud)leerlingen aan het woord moeten komen. ‘Zij zijn de enige zuivere maatstaf’, meent Kees Waaijman, karmeliet en vice-voorzitter van de Raad van Toezicht. ‘Ik zou het liefst eens met alumni praten. Als gymnasiast van Zenderen ben ik zelf oud-leerling, maar ik zou meer verhalen willen horen, waarin ook negatieve kanten een plek krijgen. Dan krijgen we een beeld van wat die Carmelschool heeft betekend, nog betekent of wellicht kan betekenen voor het individuele leven van al die duizenden mannen en vrouwen.’

Talentontwikkeling Waardegericht onderwijs

herkenbaar blijven.

Goed werkgeverschap

De mens centraal

Carmelcollege

terug te vinden zijn. En waar de befaamde woorden uit de missie: ‘heel de mens, iedere mens en alle mensen’

Excelleren

Dat maakt het boeiend om te proberen vast te stellen waar en hoe lijnen en patronen na negentig jaar nog

aandacht voor de waarden van die gemeenschap, zoals respect en vertrouwen, om de leerlingen uit te dagen in een veilige omgeving zelf hun eigen morele kompas te ontdekken. Dan is het geen catechismus, dat mag het niet zijn. Frans Leijnse, de nieuwe voorzitter van de Raad van Toezicht, heeft er eerder dit jaar terecht op gewezen. Dit is de pedagogische opdracht, waaraan we met de ouders invulling moeten geven. Onderwijs en opvoeding zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Carmel is een educatieve instelling en mag daarover best explicieter zijn.’

Onderwijsinnovatie

Solidair verbond

Betekenis geven

Goede huisvesting

Stichting

De karmelieten hebben hun onderwijskind veel meegegeven, blijkt uit twee eerdere artikelen in deze editie.

voor de relatie met leerlingen en hun ouders. Die elementen waren meer leidinggevend dan het leerplan in strikte zin.’ Henk van Dieten, indertijd projectleider van Slash 21, gaat hierop door. ‘Eén van de onderscheidende kenmerken van Slash 21 was de onderwijsgemeenschap die team, ouders en leerlingen samen vormden. We wilden de ouders nauw betrekken bij de groei van hun kinderen. Dat sluit aan bij de gelijkwaardigheid tussen de leden van die gemeenschap, die doorklinkt in de Carmelmissie. Daarom kregen de leerlingen ruimte om zelf verantwoordelijkheid te nemen voor hun leerproces. Met grote

Onderwijskwaliteit

Over de boom en de vruchten

‘Misschien zijn we toe aan de spiritualiteit van de leraar’ 15


september 2012

Herkenning Herkenning dus, en daarmee erkenning van het hoogste karmelietenniveau. Het boompje dat op 30 mei 1922 werd geplant, blijkt van een verrassende bestendigheid en draagt nog steeds vrucht. Zie het eerste hoofdstuk van het strategisch beleidskader Koers 2014, met de veelzeggende titel “Onze missie, onze waarden.” De eerste zin: “Centraal in onze missie staan ‘heel de mens’, ‘iedere mens’ en ‘alle mensen’, als kernwaarden, als uitgangs-

Woorden als “solidair”, “verbond” en “goed” verwijzen naar de onderliggende waardeoriëntatie die als vaste bagage meegaat tijdens Carmels reis door de tijd. De “Derde praktische gids voor waardegericht onderwijs”, verschenen in maart van dit jaar, laat zien hoe alle scholen handen en voeten geven aan wat Waaijman elders “het méér” heeft genoemd. In vele vormen: van oefeningen in socratische gesprekken en het gebruik van kunst om hoofd en hart te verbinden tot en met een ethische paragraaf in profielwerkstukken.

Brede scholengemeenschappen Andere voorbeelden zijn gemakkelijk te vinden. Oudbestuursvoorzitter Albert Kamer verwijst naar de jaren negentig van de vorige eeuw, toen het ministerie van Onderwijs stevig inzette op de vorming van brede scholengemeenschappen. ‘Het bestuur heeft op dat moment gezegd dat Stichting Carmelcollege zich verantwoordelijk voelt voor álle typen onderwijs in onze regio’s. Voor ‘alle mensen’, immers. We hadden een traditie van havo, vwo en gymnasium, maar voelden ons verplicht ook voor andere schooltypen zorg te dragen.’ Of neem de vernieuwingsschool Slash 21 in Lichtenvoorde (2002-2006), onderdeel van KSG Marianum. Kamer: ‘Het was een bijzondere vorm van onderwijsinnovatie, met een sterk pedagogisch klimaat en veel aandacht

1975

Oprichting Floris Radewijns College in Raalte, nu bekend als Carmel College Salland

14

Professionaliteit

De bezinning over vragen als deze heeft het College van Bestuur en de Raad van Toezicht er vorig jaar toe gebracht een korte reis naar Rome te maken (‘De reisen hotelkosten zijn overigens door de deelnemers zelf betaald’, merkt de Raad op in zijn jaarverslag 2011). Onder het motto ‘Terug naar de wortels van Carmel’ heeft het gezelschap ook een bezoek gebracht aan pater Fernando Millán Romeral, de algemeen overste van de orde der karmelieten. ‘Onze orde telt ongeveer 40.000 leerlingen in Nederland en ongeveer net zo veel elders op de wereld’, vertelt Waaijman. ‘De ontmoeting was buitengewoon hartelijk. De overste zei ons dat het werk van de Stichting belangrijk is in onze cultuur. Geen verheven ideeën, gewoon mensen opleiden.’

punten en als toetssteen van beleid.” Andere hoofdstuktitels kunnen als uitwerkingen hiervan worden gelezen: “Carmel als solidair verbond”, “Optimale onderwijsprocessen”, “Goed werkgeverschap”, “Goed onderwijs in goede huisvesting.”

carmelboom

Toegegeven: dit is een weerbarstig thema. Om een indruk te krijgen van de mate waarin de nagestreefde waarde tot werkelijkheid is geworden, zouden vooral (oud)leerlingen aan het woord moeten komen. ‘Zij zijn de enige zuivere maatstaf’, meent Kees Waaijman, karmeliet en vice-voorzitter van de Raad van Toezicht. ‘Ik zou het liefst eens met alumni praten. Als gymnasiast van Zenderen ben ik zelf oud-leerling, maar ik zou meer verhalen willen horen, waarin ook negatieve kanten een plek krijgen. Dan krijgen we een beeld van wat die Carmelschool heeft betekend, nog betekent of wellicht kan betekenen voor het individuele leven van al die duizenden mannen en vrouwen.’

Talentontwikkeling Waardegericht onderwijs

herkenbaar blijven.

Goed werkgeverschap

De mens centraal

Carmelcollege

terug te vinden zijn. En waar de befaamde woorden uit de missie: ‘heel de mens, iedere mens en alle mensen’

Excelleren

Dat maakt het boeiend om te proberen vast te stellen waar en hoe lijnen en patronen na negentig jaar nog

aandacht voor de waarden van die gemeenschap, zoals respect en vertrouwen, om de leerlingen uit te dagen in een veilige omgeving zelf hun eigen morele kompas te ontdekken. Dan is het geen catechismus, dat mag het niet zijn. Frans Leijnse, de nieuwe voorzitter van de Raad van Toezicht, heeft er eerder dit jaar terecht op gewezen. Dit is de pedagogische opdracht, waaraan we met de ouders invulling moeten geven. Onderwijs en opvoeding zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Carmel is een educatieve instelling en mag daarover best explicieter zijn.’

Onderwijsinnovatie

Solidair verbond

Betekenis geven

Goede huisvesting

Stichting

De karmelieten hebben hun onderwijskind veel meegegeven, blijkt uit twee eerdere artikelen in deze editie.

voor de relatie met leerlingen en hun ouders. Die elementen waren meer leidinggevend dan het leerplan in strikte zin.’ Henk van Dieten, indertijd projectleider van Slash 21, gaat hierop door. ‘Eén van de onderscheidende kenmerken van Slash 21 was de onderwijsgemeenschap die team, ouders en leerlingen samen vormden. We wilden de ouders nauw betrekken bij de groei van hun kinderen. Dat sluit aan bij de gelijkwaardigheid tussen de leden van die gemeenschap, die doorklinkt in de Carmelmissie. Daarom kregen de leerlingen ruimte om zelf verantwoordelijkheid te nemen voor hun leerproces. Met grote

Onderwijskwaliteit

Over de boom en de vruchten

‘Misschien zijn we toe aan de spiritualiteit van de leraar’ 15


september 2012

Zesjescultuur Zo komt Van Dieten tot een volgende observatie: ‘We klagen in Nederland over de zesjescultuur. Ik ben ervan overtuigd dat die ook een gevolg is van de praktijk om leerlingen de verantwoordelijkheid af te nemen voor hun eigen prestaties. Ik zou het aandurven om leerlingen veel meer zelf te laten oordelen over hun voortgang en ontwikkeling. Ze weten dondersgoed wanneer ze fout zitten, maar je kunt iemand alleen een spiegel voorhouden als dat gebeurt op voet van gelijkwaardigheid.’

VERANDERING

‘Team, leerlingen en ouders vormen een onderwijsgemeenschap’

Is Slash 21 daarmee een typische vrucht van de Carmelboom? Van Dieten: ‘In een andere bestuurlijke omgeving had die school er anders uitgezien. Maar Carmel gaf er ruimte voor vanuit de gemeenschappelijke noemer. Die zit niet in de vakken, die zit in onze pedagogische opdracht. En in het besef van gemeenschap, verbondenheid en gelijkwaardigheid die in de missie besloten liggen.’

Verandering Tegelijkertijd wijst hij op nog een element: ‘De kinderen van nu staan deels anders in het leven dan wij indertijd. De wereld verandert, en steeds sneller. Welke waarden kunnen we onze leerlingen dan meegeven om zin te geven aan hun wereld? Dat raakt aan de essentie van Carmel en onderstreept dat het antwoord niet vaststaat maar door leerlingen zelf moet worden gevonden. Wij kunnen alleen maar ondersteunen. Het wat en hoe van het onderwijs ziet er daarom in elke tijd anders uit, niet het waarom.’

1978

Sg. St.-Canisius in Almelo sluit zich aan bij Stichting Carmelcollege

16

Welke waarden geven we leerlingen mee om gelukkig te zijn in hun eigen wereld?

Van Dieten, gepensioneerd inmiddels, blijft overtuigd van de noodzaak tot verregaande innovatie. Ook nu het maatschappelijke klimaat daarin niet meegaat met zijn nadruk op kernvakken. Hij verwijst naar “de zeven leidende principes van goed onderwijs”, op Hetkind.org. Ze verbinden onderwijs met talent, ambitie en opvoeding, en kennen aan docenten en leerlingen de status van partners toe. Gepassioneerd: ‘Dat kun je bijna zó bij Carmel neerleggen. Als er ergens een plek is waar je deze waarden kunt vormgeven, dan is het hier. Laten we daar trots op zijn en er actief vorm aan blijven geven. En laten we nog meer de leerlingen hun eigen talent(en) laten ontdekken, zodat iedere leerling kan excelleren. Het is onze cultuur om mensen in hun waarde

te zetten en hun kracht te laten ontdekken. En dan heb ik het ook over docenten. “Heel de mens.” Een relatie tussen docent en leerling is pas zinvol zijn als de docent zich ook als mens laat zien: leraar, wie ben je?’

Nieuwe verbindingen Met zijn laatste opmerking lijkt Van Dieten impliciet te verwijzen naar een ander “majeur” Carmelproject: “Goed werknemerschap verdient goed werkgeverschap”. Het zoekt naar nieuwe arbeidsverhoudingen, die docenten inspireren en in staat stellen zich verder te professionaliseren om de kwaliteit van het onderwijs aan de leerlingen naar een nog hoger plan te brengen. Daar, suggereert Kees Waaijman, liggen mogelijkheden voor nog andere verbindingen. ‘Misschien zijn we eraan toe om aandacht te schenken aan de spiritualiteit van de leraar, als onderdeel van die professionalisering’, oppert hij. ‘Ik zou graag van docenten en andere medewerkers horen wat hen drijft en wat ze meemaken. Wat gaat er goed en wat niet? Dan kan het klimaat ontstaan waarin we samen onze waarden kunnen verkennen. Dat komt óók ten goede aan de relatie tussen leraar en leerling en aan de inhoud van het onderwijs.’ En het kan helpen de wereld meer binnen te halen. ‘Als leerlingen terugkeren van hun maatschappelijke stage, staan we stil bij de betekenis van hun ervaringen en belevenissen. We kunnen onszelf ook de vraag stellen wat die stage betekent voor ons onderwijs. Vanuit dezelfde attitude kunnen we overwegen de banden aan te halen met zusterscholen op de Filippijnen. Dat mag van mij uitgroeien tot een blijvende band in collegiale sfeer. Waarom bijvoorbeeld Haren en Gouda wel en Mindanao niet? Kunnen wij hen helpen? Kunnen wij iets van hen leren, ook voor ons onderwijs? Het zou goed passen bij ‘heel de mens, iedere mens en alle mensen.’ Henk van Dieten legt er een volgende gedachte naast. ‘Als het “alle mensen” zijn, hoe verhouden zich dan op lokaal niveau de eenheden van Stichting Carmelcollege met die van andere scholen? Moeten we die concurrentie wel willen? Misschien moet je elkaar juist ondersteunen en ook solidariteit tonen met scholen die niet tot de Carmel behoren, om zo gemeenschappelijk het belang van de leerlingen te dienen.’

1994-’95

Aangesloten bij Stichting Carmelcollege: Carmelcollege Ravenstein in Ravenstein, nu bekend als Het Hooghuis • Carmelcollege St.-Jan in Oss, nu bekend als Het Hooghuis • Carmelcollege Heesch in Heesch, nu bekend als Het Hooghuis • Carmelcollege R.K. Scholengemeenschap Marianum in Groenlo

Tot besluit Aan het einde van het tweede artikel over negentig jaar Stichting Carmelcollege zegt Kees Waaijman: ‘Het verhaal mag niet in woorden stollen, het moet verder.’ Dat kan het motto zijn dat verleden en toekomst verbindt. Over emancipatie van het katholieke volksdeel spreekt niemand meer, maar veel van het gedachtegoed van de oprichters is bewaard gebleven. Vergroting van het gevoel van eigenwaarde en van de participatie in het maatschappelijk leven van nu - van leerlingen, docenten, andere medewerkers en de Stichting als organisatie - heeft alles te maken met wat de oprichters voor ogen stond. Anders geformuleerd, maar uitingen van dezelfde compassie voor mens en wereld. De boom is nog steeds vitaal en draagt volop kiemen van nieuwe vruchten. Dit maakt de Stichting overigens niet volmaakt. Alle geïnterviewden en andere bronnen wijzen daar met nadruk op. Zelfrelativering en zelfironie zijn immers eveneens onderdelen van de Carmeltraditie. Net als de wens om ál te stellige uitspraken te vermijden, in het besef dat veel (nog) beter kan. Zoals één van de geraadpleegden zei: ‘We zijn misschien bijzonder, maar heiligen zijn we zeker niet.’ ◗

17


september 2012

Zesjescultuur Zo komt Van Dieten tot een volgende observatie: ‘We klagen in Nederland over de zesjescultuur. Ik ben ervan overtuigd dat die ook een gevolg is van de praktijk om leerlingen de verantwoordelijkheid af te nemen voor hun eigen prestaties. Ik zou het aandurven om leerlingen veel meer zelf te laten oordelen over hun voortgang en ontwikkeling. Ze weten dondersgoed wanneer ze fout zitten, maar je kunt iemand alleen een spiegel voorhouden als dat gebeurt op voet van gelijkwaardigheid.’

VERANDERING

‘Team, leerlingen en ouders vormen een onderwijsgemeenschap’

Is Slash 21 daarmee een typische vrucht van de Carmelboom? Van Dieten: ‘In een andere bestuurlijke omgeving had die school er anders uitgezien. Maar Carmel gaf er ruimte voor vanuit de gemeenschappelijke noemer. Die zit niet in de vakken, die zit in onze pedagogische opdracht. En in het besef van gemeenschap, verbondenheid en gelijkwaardigheid die in de missie besloten liggen.’

Verandering Tegelijkertijd wijst hij op nog een element: ‘De kinderen van nu staan deels anders in het leven dan wij indertijd. De wereld verandert, en steeds sneller. Welke waarden kunnen we onze leerlingen dan meegeven om zin te geven aan hun wereld? Dat raakt aan de essentie van Carmel en onderstreept dat het antwoord niet vaststaat maar door leerlingen zelf moet worden gevonden. Wij kunnen alleen maar ondersteunen. Het wat en hoe van het onderwijs ziet er daarom in elke tijd anders uit, niet het waarom.’

1978

Sg. St.-Canisius in Almelo sluit zich aan bij Stichting Carmelcollege

16

Welke waarden geven we leerlingen mee om gelukkig te zijn in hun eigen wereld?

Van Dieten, gepensioneerd inmiddels, blijft overtuigd van de noodzaak tot verregaande innovatie. Ook nu het maatschappelijke klimaat daarin niet meegaat met zijn nadruk op kernvakken. Hij verwijst naar “de zeven leidende principes van goed onderwijs”, op Hetkind.org. Ze verbinden onderwijs met talent, ambitie en opvoeding, en kennen aan docenten en leerlingen de status van partners toe. Gepassioneerd: ‘Dat kun je bijna zó bij Carmel neerleggen. Als er ergens een plek is waar je deze waarden kunt vormgeven, dan is het hier. Laten we daar trots op zijn en er actief vorm aan blijven geven. En laten we nog meer de leerlingen hun eigen talent(en) laten ontdekken, zodat iedere leerling kan excelleren. Het is onze cultuur om mensen in hun waarde

te zetten en hun kracht te laten ontdekken. En dan heb ik het ook over docenten. “Heel de mens.” Een relatie tussen docent en leerling is pas zinvol zijn als de docent zich ook als mens laat zien: leraar, wie ben je?’

Nieuwe verbindingen Met zijn laatste opmerking lijkt Van Dieten impliciet te verwijzen naar een ander “majeur” Carmelproject: “Goed werknemerschap verdient goed werkgeverschap”. Het zoekt naar nieuwe arbeidsverhoudingen, die docenten inspireren en in staat stellen zich verder te professionaliseren om de kwaliteit van het onderwijs aan de leerlingen naar een nog hoger plan te brengen. Daar, suggereert Kees Waaijman, liggen mogelijkheden voor nog andere verbindingen. ‘Misschien zijn we eraan toe om aandacht te schenken aan de spiritualiteit van de leraar, als onderdeel van die professionalisering’, oppert hij. ‘Ik zou graag van docenten en andere medewerkers horen wat hen drijft en wat ze meemaken. Wat gaat er goed en wat niet? Dan kan het klimaat ontstaan waarin we samen onze waarden kunnen verkennen. Dat komt óók ten goede aan de relatie tussen leraar en leerling en aan de inhoud van het onderwijs.’ En het kan helpen de wereld meer binnen te halen. ‘Als leerlingen terugkeren van hun maatschappelijke stage, staan we stil bij de betekenis van hun ervaringen en belevenissen. We kunnen onszelf ook de vraag stellen wat die stage betekent voor ons onderwijs. Vanuit dezelfde attitude kunnen we overwegen de banden aan te halen met zusterscholen op de Filippijnen. Dat mag van mij uitgroeien tot een blijvende band in collegiale sfeer. Waarom bijvoorbeeld Haren en Gouda wel en Mindanao niet? Kunnen wij hen helpen? Kunnen wij iets van hen leren, ook voor ons onderwijs? Het zou goed passen bij ‘heel de mens, iedere mens en alle mensen.’ Henk van Dieten legt er een volgende gedachte naast. ‘Als het “alle mensen” zijn, hoe verhouden zich dan op lokaal niveau de eenheden van Stichting Carmelcollege met die van andere scholen? Moeten we die concurrentie wel willen? Misschien moet je elkaar juist ondersteunen en ook solidariteit tonen met scholen die niet tot de Carmel behoren, om zo gemeenschappelijk het belang van de leerlingen te dienen.’

1994-’95

Aangesloten bij Stichting Carmelcollege: Carmelcollege Ravenstein in Ravenstein, nu bekend als Het Hooghuis • Carmelcollege St.-Jan in Oss, nu bekend als Het Hooghuis • Carmelcollege Heesch in Heesch, nu bekend als Het Hooghuis • Carmelcollege R.K. Scholengemeenschap Marianum in Groenlo

Tot besluit Aan het einde van het tweede artikel over negentig jaar Stichting Carmelcollege zegt Kees Waaijman: ‘Het verhaal mag niet in woorden stollen, het moet verder.’ Dat kan het motto zijn dat verleden en toekomst verbindt. Over emancipatie van het katholieke volksdeel spreekt niemand meer, maar veel van het gedachtegoed van de oprichters is bewaard gebleven. Vergroting van het gevoel van eigenwaarde en van de participatie in het maatschappelijk leven van nu - van leerlingen, docenten, andere medewerkers en de Stichting als organisatie - heeft alles te maken met wat de oprichters voor ogen stond. Anders geformuleerd, maar uitingen van dezelfde compassie voor mens en wereld. De boom is nog steeds vitaal en draagt volop kiemen van nieuwe vruchten. Dit maakt de Stichting overigens niet volmaakt. Alle geïnterviewden en andere bronnen wijzen daar met nadruk op. Zelfrelativering en zelfironie zijn immers eveneens onderdelen van de Carmeltraditie. Net als de wens om ál te stellige uitspraken te vermijden, in het besef dat veel (nog) beter kan. Zoals één van de geraadpleegden zei: ‘We zijn misschien bijzonder, maar heiligen zijn we zeker niet.’ ◗

17


september 2012

Talentontwikkeling en professionalisering hand in hand

‘Vóór het eeuwfeest zijn we klaar’ Samen houden ze de Carmelvloot op koers: Romain Rijk, voorzitter van het College van Bestuur en

toekomst

Harry Claessen, voorzitter van het Convent van Schoolleiders. Hoe kijken zij naar de toekomst?

In Koers 2014 gaat het over betere onderwijsprocessen, talentoptimalisatie, waardeoriëntatie, loopbaanbeleid en professionalisering, doordecentralisatie van huisvesting, interne en externe verantwoording… Jullie voorgangers in 1922 zouden jullie hoogst bevreemd hebben aangekeken. Romain Rijk (RR): ‘Niet helemaal. Op de waardeoriëntatie zouden we elkaar meteen gevonden hebben. “Heel de mens, iedere mens, alle mensen”: in de kernwaarden van Carmel is niets veranderd. Verbinding zoeken, maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen, zorgzaam zijn; dat gold toen en dat geldt nu. Wel leggen we een extra accent. Onze zorgzaamheid is er niet alleen voor de zwakkere leerlingen, ook voor de bovenste 10 tot 15 procent. Dat we de lat hoger leggen, is wel van deze tijd. We mogen weer zeggen dat presteren de norm is.’ Harry Claessen (HC): ‘Daarmee komt de balans in evenwicht. Lange tijd hebben we ons in het Nederlandse onderwijs gericht op de grootste gemene deler. Succes stond gelijk aan het voorkomen van schooluitval. Voor de duidelijkheid: het ís een feestje waard als we alle leerlingen binnenboord weten te houden, maar evenzeer als we het opleidingsniveau verhogen en talent tot ontwikkeling laten komen. Daarmee zijn we weer bij de doelstellingen die de karmelieten hadden toen in 1923 de eerste Carmelscholen van start gingen. Ook talent mogen we vieren, met de uitreiking van de eerste Carmel Award bijvoorbeeld.’

‘Alle leerlingen hebben een “restcapaciteit”. Die gaan we benutten.’ Hoe koersvast is Carmel? Koers 2013 werd binnen een jaar gevolgd door Koers 2014. RR: ‘Ik ga me pas zorgen maken als een beleidskader een lange houdbaarheid heeft. Dan is het blijkbaar zo vaag dat niemand voor of tegen is. Dat wilden wij juist voorkomen. Daarom zijn we over Koers 2013 op alle instellingen met alle managers gesprekken gaan voeren.’ HC: ‘Dat werd Koers 2014, een concrete en duidelijke uitwerking. Verstoppen kan niet meer.’ RR: ‘Het mooie is dat er door al die gesprekken echt een gemeenschappelijke taal is ontstaan. In een organisatie als de onze moet je altijd zoeken naar het evenwicht

‘We mogen weer zeggen dat presteren de norm is’

1997

tussen centraal en decentraal. Ik vind het een tour de force dat dit is gelukt. Als collectief is Carmel vele malen sterker dan tien, vijftien jaar geleden. Toen was de sfeer tussen de schoolleiders nog: “Wil je iets van mijn school weten? Kijk maar in het jaarverslag”. Nu zijn we veel meer een kennisalliantie, nu is het Convent een platform voor ontwikkeling en intervisie. Er is openheid en veiligheid, waardoor schoolleiders ook durven te zeggen wat niet zo goed gaat. En solidariteit: we doen het samen en als een van ons het moeilijk heeft, springen de anderen bij.’ HC: ‘De samenwerking groeit ook op schoolniveau. Mijn eigen school (Twents Carmel College, red.) en Carmel College Salland hebben elkaar als kritische vrienden bevraagd. Je moet je kwetsbaar durven opstellen en je moet het van elkaar kunnen hebben, maar je wordt er wél beter van. Als Convent hebben we net ingestemd met een volgende stap op het terrein van collegiale visitatie.’

‘Als collectief is Carmel vele malen sterker dan tien, vijftien jaar geleden.’ Bovengemiddelde opbrengsten, het benutten van alle talenten bij alle leerlingen: Carmel verwacht nogal wat van de scholen. HC: ‘Ik kan geen reden bedenken waarom Carmelscholen niet bovengemiddeld zouden scoren. De randvoorwaarden zijn gunstig en we kennen geen grotestedenproblematiek, alleen hier en daar middelgrotestedenproblematiek.’ RR: ‘Op zijn minst moet de basis op orde zijn. Daarna kán en - gelet op onze doelstellingen - móet de lat omhoog. Dat is vooral een kwestie van blijven kijken door de juiste bril. Je aandacht niet versnipperen, blijven focussen op resultaat.’ HC: ‘Betere opbrengsten bereik je niet van de ene dag op de andere. Je moet de feiten kennen, analyseren, verbeteren, evalueren en dat steeds opnieuw. Voor het benutten van talenten geldt dat ook. Het makkelijkst

1997

Het Augustinianum sluit zich aan bij Stichting Carmelcollege

75-jarig bestaan Stichting Carmelcollege

18

19


september 2012

Talentontwikkeling en professionalisering hand in hand

‘Vóór het eeuwfeest zijn we klaar’ Samen houden ze de Carmelvloot op koers: Romain Rijk, voorzitter van het College van Bestuur en

toekomst

Harry Claessen, voorzitter van het Convent van Schoolleiders. Hoe kijken zij naar de toekomst?

In Koers 2014 gaat het over betere onderwijsprocessen, talentoptimalisatie, waardeoriëntatie, loopbaanbeleid en professionalisering, doordecentralisatie van huisvesting, interne en externe verantwoording… Jullie voorgangers in 1922 zouden jullie hoogst bevreemd hebben aangekeken. Romain Rijk (RR): ‘Niet helemaal. Op de waardeoriëntatie zouden we elkaar meteen gevonden hebben. “Heel de mens, iedere mens, alle mensen”: in de kernwaarden van Carmel is niets veranderd. Verbinding zoeken, maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen, zorgzaam zijn; dat gold toen en dat geldt nu. Wel leggen we een extra accent. Onze zorgzaamheid is er niet alleen voor de zwakkere leerlingen, ook voor de bovenste 10 tot 15 procent. Dat we de lat hoger leggen, is wel van deze tijd. We mogen weer zeggen dat presteren de norm is.’ Harry Claessen (HC): ‘Daarmee komt de balans in evenwicht. Lange tijd hebben we ons in het Nederlandse onderwijs gericht op de grootste gemene deler. Succes stond gelijk aan het voorkomen van schooluitval. Voor de duidelijkheid: het ís een feestje waard als we alle leerlingen binnenboord weten te houden, maar evenzeer als we het opleidingsniveau verhogen en talent tot ontwikkeling laten komen. Daarmee zijn we weer bij de doelstellingen die de karmelieten hadden toen in 1923 de eerste Carmelscholen van start gingen. Ook talent mogen we vieren, met de uitreiking van de eerste Carmel Award bijvoorbeeld.’

‘Alle leerlingen hebben een “restcapaciteit”. Die gaan we benutten.’ Hoe koersvast is Carmel? Koers 2013 werd binnen een jaar gevolgd door Koers 2014. RR: ‘Ik ga me pas zorgen maken als een beleidskader een lange houdbaarheid heeft. Dan is het blijkbaar zo vaag dat niemand voor of tegen is. Dat wilden wij juist voorkomen. Daarom zijn we over Koers 2013 op alle instellingen met alle managers gesprekken gaan voeren.’ HC: ‘Dat werd Koers 2014, een concrete en duidelijke uitwerking. Verstoppen kan niet meer.’ RR: ‘Het mooie is dat er door al die gesprekken echt een gemeenschappelijke taal is ontstaan. In een organisatie als de onze moet je altijd zoeken naar het evenwicht

‘We mogen weer zeggen dat presteren de norm is’

1997

tussen centraal en decentraal. Ik vind het een tour de force dat dit is gelukt. Als collectief is Carmel vele malen sterker dan tien, vijftien jaar geleden. Toen was de sfeer tussen de schoolleiders nog: “Wil je iets van mijn school weten? Kijk maar in het jaarverslag”. Nu zijn we veel meer een kennisalliantie, nu is het Convent een platform voor ontwikkeling en intervisie. Er is openheid en veiligheid, waardoor schoolleiders ook durven te zeggen wat niet zo goed gaat. En solidariteit: we doen het samen en als een van ons het moeilijk heeft, springen de anderen bij.’ HC: ‘De samenwerking groeit ook op schoolniveau. Mijn eigen school (Twents Carmel College, red.) en Carmel College Salland hebben elkaar als kritische vrienden bevraagd. Je moet je kwetsbaar durven opstellen en je moet het van elkaar kunnen hebben, maar je wordt er wél beter van. Als Convent hebben we net ingestemd met een volgende stap op het terrein van collegiale visitatie.’

‘Als collectief is Carmel vele malen sterker dan tien, vijftien jaar geleden.’ Bovengemiddelde opbrengsten, het benutten van alle talenten bij alle leerlingen: Carmel verwacht nogal wat van de scholen. HC: ‘Ik kan geen reden bedenken waarom Carmelscholen niet bovengemiddeld zouden scoren. De randvoorwaarden zijn gunstig en we kennen geen grotestedenproblematiek, alleen hier en daar middelgrotestedenproblematiek.’ RR: ‘Op zijn minst moet de basis op orde zijn. Daarna kán en - gelet op onze doelstellingen - móet de lat omhoog. Dat is vooral een kwestie van blijven kijken door de juiste bril. Je aandacht niet versnipperen, blijven focussen op resultaat.’ HC: ‘Betere opbrengsten bereik je niet van de ene dag op de andere. Je moet de feiten kennen, analyseren, verbeteren, evalueren en dat steeds opnieuw. Voor het benutten van talenten geldt dat ook. Het makkelijkst

1997

Het Augustinianum sluit zich aan bij Stichting Carmelcollege

75-jarig bestaan Stichting Carmelcollege

18

19


is het misschien om te beginnen met iets extra’s in het vwo. Maar ook in andere schooltypen hebben leerlingen talenten die we onvoldoende aanspreken. Alle leerlingen hebben een “restcapaciteit”. Die gaan we op onze scholen benutten; is het niet vandaag, dan morgen. Natuurlijk moeten we ook niet doorschieten: als leerlingen die prima vakmensen kunnen worden, geen diploma krijgen omdat ze een algemene rekentoets niet kunnen halen, gaan we te ver. Maar in het algemeen zetten leerlingen er fluitend een tandje bij.’

Lange tijd is daarvoor vanuit de overheid weinig waardering geweest. Doorgroeien kon alleen als je het docentschap vaarwel zei. Met maatregelen als de functiemix en de Lerarenbeurs is dat veranderd. Eindelijk zijn er hogere docentfuncties mogelijk en hebben docenten professionaliseringsmogelijkheden binnen hun vak. Met onze functieprofielen spelen we daarop in: docenten kunnen vakspecialist worden, maar ook in het team een voortrekkersrol vervullen. Scholen hebben goede LC-ers en LD’ers nodig.’

Wat vraagt dat van docenten? HC: ‘Dat ze kunnen omgaan met verschillen; dat is de kern van het leraarsvak en het is goed dat daar nu - onder andere in het Bestuursakkoord VO - meer aandacht voor is. De pedagogische kwaliteit is van oudsher wel op orde. Maar het didactisch repertoire en het toetsrepertoire zijn nogal eens onder de maat.’ RR: ‘Daarom gaat talentontwikkeling hand in hand met professionalisering. Dat is een thema waarmee we binnen Carmel al veel langer op weg zijn. Nu wordt het ingebed in een breder geheel. We stimuleren bijvoorbeeld dat de scholen volgend jaar - met steun van het centraal bureau - in clusters van drie op docentenniveau visitaties gaan organiseren. Bij elkaar in de keuken kijken leidt altijd tot leren. Er is overal wel iets te halen.’ HC: ‘We zetten ook in op persoonlijke professionalisering. Het is goed als docenten zich uit hun comfortzone begeven en zich afvragen: waar kan ik beter in worden?

Over tien jaar wordt Carmel honderd. Wat zouden jullie dan bereikt willen zien? HC: ‘Het is geen kwestie van “jullie”. Goed besturen gaat niet over wij tegen zij. Als er hier alleen een paar bestuurders aan een touw zaten te trekken, kwamen de scholen echt niet in beweging.’ RR: ‘Uiteindelijk trekken we met zijn allen aan dezelfde kant van het touw. Natuurlijk is er wel een systeem van checks and balances: we weten wat we van elkaar verwachten en spreken elkaar daarop aan. Dat geldt voor Harry en mij, voor het College van Bestuur en het Convent en voor de schoolleiders en hun school. Maar de doelen zijn van ons samen.’ HC: ‘En voordat Carmel honderd wordt, hebben we die doelen bereikt, daar ben ik van overtuigd. Het bewijs zal zijn dat onze scholen echt bovengemiddeld presteren.’ RR: ‘Noteer dat maar: voor het eeuwfeest zijn we klaar.’ ◗

‘Goed besturen gaat niet over wij tegen zij’

1998

Carmelcollege Gouda sluit zich aan bij Stichting Carmelcollege

20

MIJN PASSIE

september 2012

Harry Heskamp (56), hoofd technische dienst Twents Carmel College Oldenzaal, locatie De Thij Harry Heskamp was op 30 mei 2012 alles bij elkaar op de kop af negen jaar in dienst van Carmel:

‘Ik ben geen mens voor stilzitten. Mijn generatie deed de lts en ging dan hup, aan het werk. Waar, was niet belangrijk; werken wilden we. Lange tijd zat ik in het witgoed. Bezorgen, monteren, repareren. Op een gegeven moment kwam ik thuis te zitten. Ik was zo blij dat ik hier mocht beginnen. In ’t begin was het wel wennen - de drukte van 1300 kinderen! - maar het werk was leuk. En ik kon het met de leerlingen meteen goed vinden. Ze zeggen gewoon Harry. Vooral de jongeren zijn spontaan. Loop ik in de pauzes buiten, dan komt er altijd wel eentje vertellen wat-ie heeft ‘Leuke verhalen, meegemaakt. Leuke verhalen, trieste verhalen. Vaak is er iets anders aan de hand dan waarvoor trieste verhalen’ ze komen. Het geeft voldoening als ik kan helpen. En is er echt wat, dan licht ik de coördinator in. Achteraf krijg ik meestal feedback over hoe het verder is gegaan, dat is fijn. De afwisseling maakt dit werk leuk. De meeste tijd gaat op aan technische klussen en onderhoud. Wandje plaatsen, wc ontstoppen, elektra aansluiten; we doen het allemaal zelf. Echt iets presteren geeft een goed gevoel. Maar er gaat op een school wel tijd overheen voordat iets af is. Er komt eens iemand een sleutel vragen, er valt een kind van de trap, er is een brandoefening. Voor ik het weet Overgang naar bestuursmodel CvB/RvT fiets ik ’s avonds naar huis en heb ik nog niet gedaan wat ik van Verbreding van de statutenwijziging - tot 2001 plan was. Maar ja, morgen verder. Kom daar maar eens om bij een katholieke stichting, na 2001 een stichting baas. Dit is een hele fijne school om te werken. Ik zou niet graag voor bijzondere scholen van katholieke, weg willen. Het is het sociale, hè. Toon je inzet, dan krijg je ruimte. interconfessionele, protestants-christelijke en Is er privé eens wat aan de hand, dan is er begrip. Dat hoor je algemeen bijzondere grondslag. wel eens anders.’ ◗

2001

21


is het misschien om te beginnen met iets extra’s in het vwo. Maar ook in andere schooltypen hebben leerlingen talenten die we onvoldoende aanspreken. Alle leerlingen hebben een “restcapaciteit”. Die gaan we op onze scholen benutten; is het niet vandaag, dan morgen. Natuurlijk moeten we ook niet doorschieten: als leerlingen die prima vakmensen kunnen worden, geen diploma krijgen omdat ze een algemene rekentoets niet kunnen halen, gaan we te ver. Maar in het algemeen zetten leerlingen er fluitend een tandje bij.’

Lange tijd is daarvoor vanuit de overheid weinig waardering geweest. Doorgroeien kon alleen als je het docentschap vaarwel zei. Met maatregelen als de functiemix en de Lerarenbeurs is dat veranderd. Eindelijk zijn er hogere docentfuncties mogelijk en hebben docenten professionaliseringsmogelijkheden binnen hun vak. Met onze functieprofielen spelen we daarop in: docenten kunnen vakspecialist worden, maar ook in het team een voortrekkersrol vervullen. Scholen hebben goede LC-ers en LD’ers nodig.’

Wat vraagt dat van docenten? HC: ‘Dat ze kunnen omgaan met verschillen; dat is de kern van het leraarsvak en het is goed dat daar nu - onder andere in het Bestuursakkoord VO - meer aandacht voor is. De pedagogische kwaliteit is van oudsher wel op orde. Maar het didactisch repertoire en het toetsrepertoire zijn nogal eens onder de maat.’ RR: ‘Daarom gaat talentontwikkeling hand in hand met professionalisering. Dat is een thema waarmee we binnen Carmel al veel langer op weg zijn. Nu wordt het ingebed in een breder geheel. We stimuleren bijvoorbeeld dat de scholen volgend jaar - met steun van het centraal bureau - in clusters van drie op docentenniveau visitaties gaan organiseren. Bij elkaar in de keuken kijken leidt altijd tot leren. Er is overal wel iets te halen.’ HC: ‘We zetten ook in op persoonlijke professionalisering. Het is goed als docenten zich uit hun comfortzone begeven en zich afvragen: waar kan ik beter in worden?

Over tien jaar wordt Carmel honderd. Wat zouden jullie dan bereikt willen zien? HC: ‘Het is geen kwestie van “jullie”. Goed besturen gaat niet over wij tegen zij. Als er hier alleen een paar bestuurders aan een touw zaten te trekken, kwamen de scholen echt niet in beweging.’ RR: ‘Uiteindelijk trekken we met zijn allen aan dezelfde kant van het touw. Natuurlijk is er wel een systeem van checks and balances: we weten wat we van elkaar verwachten en spreken elkaar daarop aan. Dat geldt voor Harry en mij, voor het College van Bestuur en het Convent en voor de schoolleiders en hun school. Maar de doelen zijn van ons samen.’ HC: ‘En voordat Carmel honderd wordt, hebben we die doelen bereikt, daar ben ik van overtuigd. Het bewijs zal zijn dat onze scholen echt bovengemiddeld presteren.’ RR: ‘Noteer dat maar: voor het eeuwfeest zijn we klaar.’ ◗

‘Goed besturen gaat niet over wij tegen zij’

1998

Carmelcollege Gouda sluit zich aan bij Stichting Carmelcollege

20

MIJN PASSIE

september 2012

Harry Heskamp (56), hoofd technische dienst Twents Carmel College Oldenzaal, locatie De Thij Harry Heskamp was op 30 mei 2012 alles bij elkaar op de kop af negen jaar in dienst van Carmel:

‘Ik ben geen mens voor stilzitten. Mijn generatie deed de lts en ging dan hup, aan het werk. Waar, was niet belangrijk; werken wilden we. Lange tijd zat ik in het witgoed. Bezorgen, monteren, repareren. Op een gegeven moment kwam ik thuis te zitten. Ik was zo blij dat ik hier mocht beginnen. In ’t begin was het wel wennen - de drukte van 1300 kinderen! - maar het werk was leuk. En ik kon het met de leerlingen meteen goed vinden. Ze zeggen gewoon Harry. Vooral de jongeren zijn spontaan. Loop ik in de pauzes buiten, dan komt er altijd wel eentje vertellen wat-ie heeft ‘Leuke verhalen, meegemaakt. Leuke verhalen, trieste verhalen. Vaak is er iets anders aan de hand dan waarvoor trieste verhalen’ ze komen. Het geeft voldoening als ik kan helpen. En is er echt wat, dan licht ik de coördinator in. Achteraf krijg ik meestal feedback over hoe het verder is gegaan, dat is fijn. De afwisseling maakt dit werk leuk. De meeste tijd gaat op aan technische klussen en onderhoud. Wandje plaatsen, wc ontstoppen, elektra aansluiten; we doen het allemaal zelf. Echt iets presteren geeft een goed gevoel. Maar er gaat op een school wel tijd overheen voordat iets af is. Er komt eens iemand een sleutel vragen, er valt een kind van de trap, er is een brandoefening. Voor ik het weet Overgang naar bestuursmodel CvB/RvT fiets ik ’s avonds naar huis en heb ik nog niet gedaan wat ik van Verbreding van de statutenwijziging - tot 2001 plan was. Maar ja, morgen verder. Kom daar maar eens om bij een katholieke stichting, na 2001 een stichting baas. Dit is een hele fijne school om te werken. Ik zou niet graag voor bijzondere scholen van katholieke, weg willen. Het is het sociale, hè. Toon je inzet, dan krijg je ruimte. interconfessionele, protestants-christelijke en Is er privé eens wat aan de hand, dan is er begrip. Dat hoor je algemeen bijzondere grondslag. wel eens anders.’ ◗

2001

21


september 2012

90 dagen

Yvonne Bouw (44), Docent geschiedenis, KSG Marianum

1. Kun je iets vertellen over je eerste 90 dagen bij Carmel? ‘Twee jaar geleden kwam ik drie dagen voor het nieuwe schooljaar binnen bij het Marianum. Op het laatste moment zag ik de vacature en voor ik het wist was ik fulltime aan de slag. Ik had net mijn LIO afgerond in Haaksbergen en het was prettig dat ik hier dus als volwaardig docent binnenkwam. Ook een grote verandering was dat ik hier in een team van het derde leerjaar zit. Ik was gewend om in een sectieteam geschiedenis te werken. Met ons team hebben we nu leerlingen uit hetzelfde leerjaar onder onze ‘Mijn eerste hoede en dat bevalt goed.’

90 dagen bij Carmel’

2. Wat heb je in de 90 maanden voordat je bij Carmel kwam gedaan? ‘Na mijn studie geschiedenis (inmiddels 25 jaar geleden!), ben ik aan de slag gegaan bij verschillende PR-bureaus, daarna als redacteur gewerkt bij ThiemeMeulenhoff. Tijdens de 90 maanden voor Carmel werkte ik als freelance redacteur voor diverse educatieve uitgeverijen, deels in combinatie met de lerarenopleiding en de LIO-stage bij het Assink in Haaksbergen. Waarom ik uiteindelijk toch voor het onderwijs heb gekozen? Als redacteur van educatieve uitgaven had ik veel te maken met auteurs die ook lesgaven. Door hun verhalen over het vak werd ik nieuwsgierig. Bovendien wilde ik inhoudelijk en didactisch mijn bijdrage kunnen leveren aan de lesmethoden. Dat ik uiteindelijk fulltime voor de klas terecht ben gekomen, was helemaal niet de bedoeling.’

2006

Maartenscollege Haren sluit zich aan bij Stichting Carmelcollege

22

3. Waar staat Yvonne Bouw over 90 maanden? ‘Over 90 maanden zie ik mezelf nog steeds bij het Marianum werken. Het bevalt hier zo goed. Wel denk ik dat ik me dan meer richt op de bovenbouw. Volgend jaar ga ik voor de eerste keer een examenklas lesgeven. Hier ben ik erg benieuwd naar. Het lijkt me wel spannend, vooral in de periode voor en tijdens de examens. Soms zie ik docenten die nog zenuwachtiger zijn dan de leerlingen. Maar ergens heb ik ook nog de auteursdroom om me bezig te houden met het ontwikkelen en maken van nieuwe lesmethoden en lesboeken. Dit zie ik mezelf nog wel doen als ik hier een tijdje zit en alles wat meer routine is. Enerzijds houd ik van vastigheid, maar ik wil wel nieuwe dingen blijven doen. Momenteel begeleid ik bijvoorbeeld ook wel eens studenten van de HAN die docent willen worden en bij ons op school een kijkje nemen.’ 4. Hoe ziet jouw ideale verjaardag eruit?

‘Oh, heel saai! Ogen dicht en hopen dat ‘ie snel voorbij is. Alleen toen ik 40 werd dacht ik “laat ik eens een feestje geven”.’ ◗

Colofon Carmel Magazine wordt gemaakt voor medewerkers en relaties van Stichting Carmelcollege en verschijnt drie keer per jaar. bronvermelding De jaartallen uit de tijdlijn komen uit ‘De Karmel in Twente 1855-1995’, uitgave ‘De Stichting De karmelieten in Twente en de Twente Akademie’. Redactie Fijke Hoogendijk Daphne Razi (Stichting Carmelcollege) Hans Morssinkhof (Hans Morssinkhof Publicity, Arnhem) Suzanne Visser (Perspect, Baarn) Fotografie Marty van Dijken (Van Dijken, Enschede) Grafisch ontwerp Nieuwewind Druk Gildeprint, Enschede Oplage 4800

23


september 2012

90 dagen

Yvonne Bouw (44), Docent geschiedenis, KSG Marianum

1. Kun je iets vertellen over je eerste 90 dagen bij Carmel? ‘Twee jaar geleden kwam ik drie dagen voor het nieuwe schooljaar binnen bij het Marianum. Op het laatste moment zag ik de vacature en voor ik het wist was ik fulltime aan de slag. Ik had net mijn LIO afgerond in Haaksbergen en het was prettig dat ik hier dus als volwaardig docent binnenkwam. Ook een grote verandering was dat ik hier in een team van het derde leerjaar zit. Ik was gewend om in een sectieteam geschiedenis te werken. Met ons team hebben we nu leerlingen uit hetzelfde leerjaar onder onze ‘Mijn eerste hoede en dat bevalt goed.’

90 dagen bij Carmel’

2. Wat heb je in de 90 maanden voordat je bij Carmel kwam gedaan? ‘Na mijn studie geschiedenis (inmiddels 25 jaar geleden!), ben ik aan de slag gegaan bij verschillende PR-bureaus, daarna als redacteur gewerkt bij ThiemeMeulenhoff. Tijdens de 90 maanden voor Carmel werkte ik als freelance redacteur voor diverse educatieve uitgeverijen, deels in combinatie met de lerarenopleiding en de LIO-stage bij het Assink in Haaksbergen. Waarom ik uiteindelijk toch voor het onderwijs heb gekozen? Als redacteur van educatieve uitgaven had ik veel te maken met auteurs die ook lesgaven. Door hun verhalen over het vak werd ik nieuwsgierig. Bovendien wilde ik inhoudelijk en didactisch mijn bijdrage kunnen leveren aan de lesmethoden. Dat ik uiteindelijk fulltime voor de klas terecht ben gekomen, was helemaal niet de bedoeling.’

2006

Maartenscollege Haren sluit zich aan bij Stichting Carmelcollege

22

3. Waar staat Yvonne Bouw over 90 maanden? ‘Over 90 maanden zie ik mezelf nog steeds bij het Marianum werken. Het bevalt hier zo goed. Wel denk ik dat ik me dan meer richt op de bovenbouw. Volgend jaar ga ik voor de eerste keer een examenklas lesgeven. Hier ben ik erg benieuwd naar. Het lijkt me wel spannend, vooral in de periode voor en tijdens de examens. Soms zie ik docenten die nog zenuwachtiger zijn dan de leerlingen. Maar ergens heb ik ook nog de auteursdroom om me bezig te houden met het ontwikkelen en maken van nieuwe lesmethoden en lesboeken. Dit zie ik mezelf nog wel doen als ik hier een tijdje zit en alles wat meer routine is. Enerzijds houd ik van vastigheid, maar ik wil wel nieuwe dingen blijven doen. Momenteel begeleid ik bijvoorbeeld ook wel eens studenten van de HAN die docent willen worden en bij ons op school een kijkje nemen.’ 4. Hoe ziet jouw ideale verjaardag eruit?

‘Oh, heel saai! Ogen dicht en hopen dat ‘ie snel voorbij is. Alleen toen ik 40 werd dacht ik “laat ik eens een feestje geven”.’ ◗

Colofon Carmel Magazine wordt gemaakt voor medewerkers en relaties van Stichting Carmelcollege en verschijnt drie keer per jaar. bronvermelding De jaartallen uit de tijdlijn komen uit ‘De Karmel in Twente 1855-1995’, uitgave ‘De Stichting De karmelieten in Twente en de Twente Akademie’. Redactie Fijke Hoogendijk Daphne Razi (Stichting Carmelcollege) Hans Morssinkhof (Hans Morssinkhof Publicity, Arnhem) Suzanne Visser (Perspect, Baarn) Fotografie Marty van Dijken (Van Dijken, Enschede) Grafisch ontwerp Nieuwewind Druk Gildeprint, Enschede Oplage 4800

23


P.S. ANDERS EN EENDER De leerlingen van nu lijken in niets op hun voorgangers die in 1923 de eerste Carmelscholen binnenstapten. Hun kleding is anders, net als hun manier van spreken en hun omgang met docenten en klasgenoten. De leraren doen evenmin aan hun vroegere collega’s denken en het gebouw is allang vervangen of gerenoveerd. Zelfs het schoolbord is van kleur verschoten. En dan blijven vakken, didactiek en leermiddelen nog buiten beschouwing.

Toch treffen, zeker na zoveel tijd, de overeenkomsten meer dan de verschillen. Nog steeds stromen leerlingen binnen om hun toekomst ter hand te nemen. Ze zoeken houvast en richting in hun eigen glazen bol, gecoacht en begeleid door docenten en ondersteuners. En die bieden méér aan dan louter kennis en de toepassing daarvan. Hun horizon reikt verder dan het diploma.

‘Negentig jaar al reist Stichting Carmelcollege door de tijd. Door alle veranderingen heen is ze verrassend zichzelf gebleven.’

Stichting Carmelcollege Drienerparkweg 16 Postbus 864 7550 AW Hengelo (074) 245 55 55 info@carmel.nl www.carmel.nl @stgcarmel 24 @CarmelVacatures

Carmel Magazine september 2012  

Carmel Magazine september 2012

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you