Impact - ondernemers redden de wereld

Page 1

Ondernemers redden de wereld


pagina 96

Lees verder 

buitenland.

werkten er 42 in het

van de 476 werknemers

stappen over de grens gezet:

had Gates ook de eerste

een omzet van 50 miljoen dollar

ook software ontwikkelde. Met

pc waarvoor Microsoft vanaf de start

een gloednieuw alternatief voor de

zag veel potentie in de Apple Macintosh,

trick pony maakte. Sterker nog: Gates

Microsoft definitief meer dan een one

tekstverwerker Word gelanceerd, dat van

en een paar maanden ervoor had hij

op zo’n beetje alle personal computers

draaide zijn besturingssysteem MS-DOS

gemaakt. Dankzij een deal met IBM

Microsoft toen deze foto in 1984 werd

had lang niet slecht geboerd met

William Henry Gates III (Seattle, 1955)

VA N P C GU Y...

Before


Bill Gates, 1984


Colofon

Productie

Medewerkers Impact

020 262 07 00

Art direction & Design Autobahn

Miloe van Beek / Jan Bletz /

redactie@sprout.nl

Druk Senefelder Misset

Peter Boerman / Bas Haring /

Paul van Vlissingenstraat 10E

Lithografie Djeeks

Loeka Oostra / Thijs Peters / Rutger Vahl / Erwin Wijman

1096 BK Amsterdam MT Mediagroep Redactie Sprout

Directie Berend Jan Veldkamp

Fotografie

Hoofdredacteur Remy Ludo Gieling

& Ewald Smits

Andreas ter Laak / Getty

Uitgever Erik Touwslager

Secretariaat Astrid Terpstra

Chef redactie Philip Bueters

Database JosĂŠ van den Haak

Bestellen Deze editie nabestellen of je

Online coĂśrdinator Maarten Keswiel Online redacteur Jelmer Luimstra

Adverteren

abonneren op de uitgaves van Sprout?

Community manager Guido Dongen

020 262 07 00

Ga naar sprout.nl/impact

Growth hacker Andres van der Boor

erik@sprout.nl


DE 10 MINUTEN UPGRADE voor ondernemers

Of u nu de regionale markt of de wereld wilt veroveren, één ding is kostbaar voor alle ondernemers: tijd. Er is altijd iets wat nu moet gebeuren en tien andere dingen die kunnen wachten. Daarom heeft KPN nu: de 10 minuten upgrade. Eén telefoongesprek met onze adviseur en wij regelen de telecom die het best past bij uw bedrijf. Zodat u weer door kunt met belangrijkere dingen.

Bel 0800-0403 en wij regelen de beste telecom voor uw bedrijf. Voel je vrij.


LAAT JEZELF ZIEN


COLOFON —006

EDITORIAL —010

Start V ERBE T ER DE W EREL D —012

IMPACT H1 BAS HARING ONDERZOEKT IMPACT —030

H4 DE ANDERE WORKFORCE —050

H7 DEZE TECH REDT DE WERELD —070

H2 IMPACT MAKEN EN METEN —034

H5 MAAK DE CIRKEL ROND —058

H8 ROCKET MAN —078

H6 VER VAN MIJN BED —064

H9 FILANTROPEN —084

H3 CARBON KILLERS —044

Exit NASLAGWERK VOOR DE VOLGENDE STAP —090


010–011


IMPACT Of de voormalige president van Amerika nog één levensles heeft voor het drieduizendkoppige publiek. Barack Obama maakt een pitstop in Nederland om zijn lessen over leiderschap te delen en heeft een uur lang anekdotes (advies: haal je schoonmoeder in huis en je blijft vanzelf normaal) en ervaringen (tip: van forenzen wordt niemand gelukkig) uit acht jaar presidentschap gedeeld. Maar ook wereldleiders weten: bewaar de belangrijkste boodschap voor het laatst. Serieuze verandering, vertelt Obama, komt niet van individuen die met diepe zakken en een megalomaan plan bergen verzetten. Serieuze verandering komt als we allemaal kleine stapjes maken in ons leven en binnen onze bedrijven om de wereld om ons heen een stukje beter en mooier te maken. Kijk dus op welk vlak – hoe pietluttig het ook mag lijken – jij een positieve bijdrage kunt leveren. We heard the man, vandaar dit bookazine. Zelfs wanneer je geen Elon Musk heet kun je met jouw bedrijf verandering teweegbrengen. Brouwerij De Prael werkt voornamelijk met medewerkers met ‘afstand tot de arbeidsmarkt’, Moyee Coffee maakt de winst van zijn koffieboeren inzichtelijk via de blockchain en Seepje gebruikt overgebleven schillen uit de sinaasappelpers bij de Albert Heijn als grondstof voor wasmiddel. Impact is niet het alleenrecht van ideële startups. AFAS draagt jaarlijks ruim 4 miljoen euro bij aan sociale initiatieven, Salesforce werkt al sinds 1999 met het 1-1-1-model: 1% van de winst, 1% van zijn product en 1% van de tijd van medewerkers geeft het aan maatschappelijke doelen. Waar je moet beginnen om met je business de wereld beter te maken? Obama gaf me tijdens de meet-and-greet achteraf de beste tip: ‘gotta keep your eyes open, man’. Of had hij het over de zojuist mislukte foto?

REMY LUDO GIELING



Start

p 012—027 13 min. 08 sec.

‘Duurzaamheid moet geen excuus worden om dingen half te doen’ Jasper Gabriëlse, Seepje  p 020


AMA HENK JA N BELTM A N

‘Ik ben nog lang niet tevreden’ Henk Jan Beltman maakte van Tony’s Chocolonely het grootste chocolademerk van Nederland. Zijn doel blijft: impact maken. ‘Als Tony’s over een paar jaar niet meer bestaat omdat de chocolade-industrie haar verantwoordelijkheid neemt en slavernij niet meer voorkomt, vind ik dat prima.’ Tekst PHILIP BU E T E R S Beeld A N D R E A S T E R L A A K/L U M E N

RESPEC T VOOR DIE 55 MIL JOEN W INS T­ G E V ENDE OMZE T, M A A R IS HE T G EEN DRUPPEL OP DE G LOEIENDE PL A AT A L S JE 5.000 VA N DE MIL JOENEN C AC AOBOEREN EEN BE T ER INKOMEN BIEDT? ‘Wat je als ondernemer bereikt, moet je niet tegen de macro-meetlat leggen. Ik kijk naar wat Tony’s voor elkaar krijgt: die duizenden boeren hebben allemaal een gezin, dus het gaat om 30.000 à 40.000 mensen op wiens leven we impact hebben. Bovendien zie ik dat we als katalysator werken, dat we andere partijen ook de eerste stappen laten zetten naar een eerlijker product. Ik ben trots op Tony’s, maar nog lang niet tevreden.’ TON Y’S IS EEN PR ACH T MERK. IS DAT MERK EN WAT JE ERMEE V ERDIEN T INMIDDEL S NIE T BEL A NG R I JKER DA N DE IMPAC T? ‘Nee: chocola en geld zijn middelen tot het doel: samen zorgen voor 100% slaafvrije chocola. Dat zag ik nog niet zo scherp toen ik instapte in het bedrijf: ik zag vooral een kans in de markt voor een nieuw chocolademerk. Maar vanaf het moment dat ik in Afrika een hummeltje zag dat als slaaf was verkocht terwijl ik mijn kinderen elke dag in Amstelveen naar school kon brengen, was ik helemaal om. Ik ben nu minstens zo

014–015


principieel als de mensen die Tony’s ooit begonnen. Daarom doet het echt pijn om te lezen dat ik als graaier wordt neergezet, en Tony’s als happy clappy. Hier wordt serieus en keihard aan impact gewerkt.’ Z I JN CONSUMEN T EN ECH T ZO T UK OP IMPAC T, OF V INDEN ZE TON Y’S G E WOON COOL? ‘Ik geloof wel degelijk dat een jonge generatie de bullshit van veel merken zat is, en verantwoord wil consumeren. Grofweg koopt 10% van de Nederlandse consumenten echt vanuit bewustzijn, daarbuiten is er een groep foodies die bezig is met lekker eten en wel eens een etiket leest om te kijken hoe het wordt gemaakt. En dan is er de groep die Tony’s inderdaad een leuk merk vindt. Prima, die kunnen we dan ook ons verhaal vertellen.’ ZOUDEN DE G ROT E CORP OR AT ES NIE T V EEL MEER IMPAC T KUNNEN M A KEN DA N JOU W BEDR I JF, A L S ZE EEN BEE TJE BI JS T UREN? ‘Natuurlijk. Bij impact is altijd de vraag: ga je zelf de grootste worden om de wereld te verbeteren of inspireer je anderen om te bewegen? Ik denk dat het eerste heel moeilijk zou worden. Vandaar dat ‘samen’ in onze missie: we doen al het mogelijke om anderen te inspireren en ons voorbeeld te laten volgen. Maar er is veel meer moed nodig om een corporate te laten bewegen dan om als ondernemer met een blanco vel papier te beginnen. Het partnership dat we nu hebben gesloten met Delicata, het huismerk van Albert Heijn, is een megastap om met andere chocolademakers volgens onze principes te gaan werken. Als meer concurrenten volgen en Tony’s zich straks niet meer kan onderscheiden, is dat wat mij betreft prima: de impact gaat vóór het merk en het geld.’ EN DE V ERKOOP A A N M A R S OF MONDEL E Z IS DE VOLG ENDE S TA P? ‘Als ik Tony’s kan onderbrengen bij een groot concern dat serieus aan de slag wil met ons programma: graag. Ik wil natuurlijk wel geld hebben voor mijn aandelen, en als ik ze aan een social impact-investeerder zou overdoen, lijkt me dat een gemiste kans. Genoeg voorbeelden van impactmerken, zoals Ben & Jerry’s, die het prima doen binnen een corporate. Het is trouwens echt niet zo dat Tony’s nu al te koop staat.’ HEB JE EEN FA BR IEK VA N 120 MIL JOEN, ME T ACH T BA A N, NODIG OM JE IMPAC T T E V ERG ROT EN? ‘Laten we zeggen dat ik graag een probleem creëer, zodat we gedwongen zijn een oplossing te zoeken: ik heb


PROFIEL SEEPJE

Jasper Gabriëlse Duurzaam, op basis van natuurlijke ingrediënten, met sociale impact in Nederland én Nepal: Jasper Gabriëlse heeft een wasmerk in handen om verliefd op te worden. ‘We willen het meest impactvolle was- en poetsmerk van Europa worden.’

Soms is het zoeken naar impact maken met je business, maar je kunt er ook tegenaan lopen. In een documentaire zagen Jasper Gabriëlse en Melvin Loggies in 2013 hoe Nepalese vrouwen de was doen met schillen van de Sapindus Mukorossi, oftewel de wasnoot. Een natuurlijk alternatief voor synthetische wasmiddelen, daar wilden de bijna afgestudeerde bedrijfskundigen wel mee aan de slag. Sinds de compagnons letterlijk op hun zolderkamer de eerste zakjes met wasnoten vulden, heeft Seepje veel bereikt. Honderden Nepalezen hebben hun inkomsten deels te danken aan Seepje. Datzelfde geldt voor tientallen medewerkers van sociale werkplaatsen die de producten verpakken. Afvalwater blijft schoner dan met conventionele wasmiddelen, wat bij de waterzuivering 85% van de energie scheelt. En gezondheidsclaims liggen gevoelig, maar de additieven die Seepje niet bevat, kunnen in elk geval niemand ziek maken. De schillen kregen gezelschap van vloeibaar wasmiddel, allesreiniger en afwasmiddel. Seepje staat bij Albert Heijn in het schap, de Nationale Postcodeloterij deelde 100.000 Seepje-pakketten uit als prijs. “Hoe meer mensen ons product kopen, hoe vaker we ons verhaal kunnen vertellen. We willen consumenten inspireren, maar ook de industrie: wij komen op het hoogste niveau bij Unilever over de vloer, en Unilever komt hier ook kijken hoe we dit doen”, zegt Gabriëlse. Een corporate als Unilever kan niet van de ene

020–021

dag op de andere omschakelen. Maar ook voor een scaleup als Seepje is het bijna onmogelijk om compromisloos duurzaam te ondernemen. “Er zijn altijd trade-offs. Daar discussiëren we regelmatig over met ons team en deskundigen die ons graag helpen. We zijn altijd op zoek naar de gaten in onze kennis, in onze business. Het verpakkingsmateriaal, de ingrediënten: je moet keuzes maken tussen wat bijvoorbeeld technisch en financieel haalbaar is en de impact die je wilt maken.” Toen Nepal door een aardbeving werd getroffen, was de aanvoer van wasnoten via land en water bijvoorbeeld afgesneden en moesten ze het vliegtuig in. “Dat wil je eigenlijk niet, maar als je nul verkoopt, heb je nul impact.” Het concentraat uit de wasnoten bleek bederflijk, zodat een conserveringsmiddel moest worden toegevoegd. “Ook weer zo’n keuze: wil je naar grotere volumes om meer impact te maken, dan moet je dat voorlopig gebruiken, terwijl je op zoek gaat naar een natuurlijker alternatief. Maar voor alles wat we doen geldt dat we de beste willen zijn in onze industrie. Ons ultieme doel is het meest impactvolle was- en poetsmerk van Europa worden.” Wat hij heeft geleerd? “Dat duurzaamheid geen excuus moet worden om dingen half te doen. Niet alleen je product moet top zijn, maar de verpakking moet er ook perfect uitzien. Dat geldt ook voor de marges: als je die uit het oog verliest, kun je niet groeien en blijft je impact beperkt.”


JA S PE R G A B RIË L S E 1991 G EBO REN IN ZO E T ERM EER 2010-2014 B ED RI JFSKU N D E, ER A SM US 2013 SEEPJE , M ED EO PRICH T ER



IMPACT

p 028—089

‘Er moet een mindshift komen bij ondernemers, pas dan kan een transitie naar een circulaire economie plaatsvinden’ Kim Tjoa, FLOOW2  p 063

81 min. 18 sec.


030–031


ESSAY Bas Haring

Achilles of tuinman

Waarom zou je impact willen hebben? Filosoof Bas Haring gaat op zoek naar het antwoord.

U kent vermoedelijk de klassieke held Achilles wel. Al was het maar van de vele sportverenigingen die naar hem vernoemd zijn. Volgens de mythe was Achilles de held der helden: knap, sterk en moedig. De persoon die we allemaal wel zouden willen zijn. Maar feitelijk was Achilles ook een beetje een treurige vent en was zijn leven helemaal niet te benijden. Hij stierf jong en in de strijd, en voordat-ie doodging had hij eigenlijk slechts gevochten. Leuk is anders. Volgens een van de verhalen baalde hij zo van zijn gewelddadige leven dat hij ermee wilde stoppen, om tuinman te worden of zo. Maar dat ging niet in het mythologische Griekenland. En dus vocht-ie verder, totdat hij geveld werd door een pijl. In zijn hiel, allicht. Niet het einde van Achilles’ leven, maar het begin vind ik het meest interessant. Vlak na zijn geboorte kreeg de moeder van Achilles een dilemma van de goden: haar zoon kon een rustig leven leiden dat door iedereen vergeten zou worden, gelukkig en lekker lang. Of hij zou kort en gewelddadig leven, en de geschiedenis ingaan als een beroemde held. Aan haar de keus. Het is duidelijk dat Achilles’ moeder koos voor optie twee.


ESSAY

Persoonlijk vind ik dat een onverstandige keuze. Hoe kan het nou verstandig zijn om een ellendig leven te verkiezen boven een leven dat plezierig is? Maar wáárom maakte de moeder van Achilles haar keuze dan toch? Ik ken haar niet, en de verhalen laten haar motieven in het midden, maar ik vermoed dat de moeder van Achilles wilde dat Achilles een leven zou leiden met impact. Een leven dat iets teweegbrengt. En zie hier mijn twijfel over het thema van dit bookazine: waarom zou u, of iemand anders, impact willen hebben? Is dat omdat impact plezierig is? Als dat zo is, dan wilt u toch plezier in plaats van impact? Of wilt u impact omdat impact niet zozeer plezierig is, maar belangrijk? En als dat zo is, bent u dan niet een beetje zoals de moeder van Achilles: u verkiest het zogenaamd belangrijke boven het plezierige? Een, mijns inziens, onverstandige keus wanneer het belangrijke onplezierig is. De vraag die ik hier dus wil stellen is: waarom zou men – u, ik en anderen – impact willen hebben? Ik ga er dan overigens vanuit dat dat überhaupt zo is: het zal toch niet voor niets zijn dat Sprout voor dít trefwoord gekozen heeft. Overigens merk ik al schrijvend en denkend dat ik mijn vraag direct een beetje moet aanscherpen. Het gaat niet om het hebben van impact an sich. Iedereen heeft impact. Simpelweg door er te zijn. De meeste mensen hebben op de een of andere manier relaties – vrienden, buren, kinderen, ouders – en hebben op hen sowieso een zeker effect, lees: impact. Het gaat in bovenstaande vraag om ‘veel impact’: waarom zou men veel impact willen hebben? Antwoord één: het is een morele verplichting. Het is goed om het goede te doen (allicht); en het is dus nog beter om véél van het goede te doen. ‘Veel goede dingen doen’ kun je lezen als ‘impact hebben’. Het klinkt logisch, maar ik vraag me af of het waar is. Ik vraag me vooral af of het waar is voor de lezers. Niet dat die geen goede dingen willen doen. Vast wel. Maar als ik ze hoor praten (jazeker, ik spreek wel eens met lezers van dit bookazine), hoor ik ze meer over de impact zelf, dan over het goede dat erachter schuilgaat. Ik hoor ze over méér producten verkopen, internationale expansie en wellicht zelfs een notering aan de beurs. Dat is toch iets anders dan ‘het goede’ (wat dat ook moge zijn). Antwoord één geloof ik niet. Ik geloof niet dat men impact nastreeft om zodoende het goede te doen. Antwoord twee: impact geeft geld, macht en status. Dat zal zo zijn. De ondernemer met impact zal vast een mooie boterham verdienen, en met impact komt ook macht: impact betekent zoiets als ‘veel voor elkaar krijgen’ en macht betekent ‘de mogelijkheid hebben veel voor elkaar te krijgen’. Als je veel voor elkaar krijgt, had je blijkbaar de mogelijkheid daartoe, oftewel macht. En die status geloof ik ook wel.

032–033


ESSAY

Ik geloof niet dat men impact nastreeft om zodoende het goede te doen

Zeker als de ondernemer in kwestie een mooie auto rijdt. Impact geeft inderdaad geld, macht en status. Maar als dit de redenen zijn om impact na te streven, dan is het toch veel eerlijker om te zeggen dat je geld, macht en status nastreeft in plaats van impact? Dan moet het thema van dit boekje toch niet impact zijn, maar geld, macht en status? Kortom, ik vind antwoord twee onbevredigend. Dan rest wat mij betreft antwoord drie. Wellicht kunnen anderen een antwoord vier of vijf verzinnen, maar mij lukt het niet: we streven impact na omdat een leven zonder impact zo leeg voelt. Het zou zo kunnen zijn, en ik ga er een beetje vanuit dat het op zijn minst een beetje klopt. We willen impact omdat we bang zijn voor de leegte en de betekenisloosheid van het leven. Opdat we kunnen zeggen: ‘Kijk, ik was er niet voor niks. Dit heb ik allemaal voor elkaar gekregen. Zonder mij was dat er allemaal niet geweest.’ Mocht antwoord drie juist zijn, minimaal een beetje, dan is er toch een aantal kanttekeningen bij te plaatsen. In de eerste plaats is het moeilijk om te weten hoeveel impact iemand feitelijk heeft. Een deel van uw impact vindt vermoedelijk in de toekomst plaats; misschien maakt u die impact niet eens meer mee. Een ondernemer die vandaag zijn baanbrekende product wereldwijd weet te slijten denkt misschien meer impact te hebben dan een prutsende uitvinder van een non-product; maar als dat non-product in de toekomst tóch relevant blijkt te zijn, is het misschien net andersom. Je weet het niet. Ten tweede is zo goed als elke impact gedoemd uiteindelijk weer te verdwijnen. Hoe baanbrekend ook, en hoe wereldwijd gebruikt, nagenoeg geen enkele innovatie, product of dienst heeft het eeuwige leven. Uiteindelijk was het allemaal voor niets. Of voor veel minder dan u hoopte. Als antwoord één niet klopt, antwoord twee onbevredigend is, en antwoord drie serieuze kanttekeningen kent, dan moeten we de vraag misschien opnieuw stellen: waarom zou u impact willen? En dan moeten we misschien constateren dat een alternatief het overwegen waard is: het leven zonder impact. Het leven dat nauwelijks iets teweeg heeft gebracht. Ik vind er eerlijk gezegd wel iets voor te zeggen. Sterker nog: ik probeer ernaar te leven. Mocht de New York Times me vragen vaste columnist te worden, dan doe ik dat niet. Ik schrijf immers al voor u. En hoewel dat niet veel impact heeft – hoeveel lezers heeft dit bookazine nou helemaal? – vind ik het impact genoeg. Ik voel de twijfel die Achilles had: kon hij niet beter tuinman worden? Maar in tegenstelling tot hem zou ik kiezen voor een leven zonder impact. Het leven dat vergeten wordt, maar wel gelukkig was. Hoewel een gelukkig leven mét impact vermoedelijk de voorkeur heeft. Maar waarom precies weet ik nog steeds niet.


HOOFDSTUK 2 M A A K IMPAC T

Elke ondernemer moet zichzelf de vraag stellen: meet ik mijn succes alleen af aan groei en winst of wil ik meer impact maken? Lees hier hoe je een businesscase bouwt die leidt tot meetbaar resultaat voor de maatschappij. Tekst PHILIP BU E T E R S

034–035


MAAK IMPACT


MAAK IMPACT

MVO wordt soms weggezet als reactief ondernemerschap

036–037


MAAK IMPACT

Je kunt het schetsen als het grote verhaal van de zondvloed die de wereld zal treffen zodra de temperatuur met gemiddeld meer dan 2 graden is gestegen. Je kunt het ook zoeken in kleine anekdotes. Zoals die van Tsetan Namgyal, de 65-jarige boer die in de Nubra-vallei in Ladakh woont, aan de voet van het Himalayagebergte. Al decennia valt daar telkens minder sneeuw, waardoor de rivieren en beekjes rond zijn land langzaam maar zeker droogvallen. De oogst van de knollen, aardappels en andere gewassen waarmee Namgyal zijn familie voedt, is al bijna gehalveerd en zelfs het gras voor zijn vee groeit nauwelijks meer. Een bitterzoet lichtpuntje in het rauwe bestaan van Namgyal: dankzij de temperatuurstijging kan hij nu fruitbomen planten die hier eerder in de kou nooit groeiden, als aanvulling op zijn beperkte dieet.

Beide verhalen maken duidelijk: het klimaat verandert, met nare gevolgen voor mens en natuur. Dat de klimaatverandering deels het gevolg is van menselijk handelen is inmiddels onbetwist, en daarmee dat ons handelen de sleutel kan zijn tot het voorkomen van meer ellende. Ons handelen als individu. Als consument, maar misschien meer nog als professional of ondernemer: wie een organisatie leidt, kan impact maken die vele malen groter is dan wat een mens alleen vermag. En eigenlijk is het dan niet eens meer de vraag óf je impact wilt maken met je business – bedoeld wordt impact die verder gaat dan marktaandeel veroveren, klanten blij maken of werknemers laten bloeien – het is de vraag hóe je die gaat maken. Voor het juiste begrip: het gaat dan om impact die valt te definiëren als meetbare verandering bewerkstelligen op het gebied van milieu, maatschappij of beide. Dat gaat een stuk verder dan het alweer wat stoffige maatschappelijk verantwoord ondernemen. MVO draait in essentie om het beperken van de negatieve effecten van het ondernemen. Vrijwel alle bedrijven, inclusief de grootste corporates ter wereld en hun aandeelhouders, hebben al lang ontdekt dat op die manier in praktijk gebrachte duurzaamheid een voorwaarde is voor succes op lange termijn. Dergelijke ‘do no harm’ bestaat bijvoorbeeld uit de reductie van milieuvervuiling, het weren van kinderarbeid in de keten en voldoen aan allerlei duurzame convenanten. Vaak worden ondernemingen bij MVO, ook bekend onder afkortingen als CSR (Corporate Social Responsibility) en ESG (Environmental, Social and Governance), gedreven door verwachtingen van de buitenwereld – beleggers, de overheid die duurzaam inkoopt of de publieke opinie – en minder vaak door de intrinsieke motivatie van de leider. Met excuses aan de ondernemers en ceo’s die wel degelijk met hart en ziel aan MVO doen: het wordt soms weggezet als reactief ondernemerschap. Actief bijdragen aan verandering door ondernemers gaat echter een stap verder en wordt vaak omschreven als sociaal ondernemen. Of, dit bekt wat ons betreft beter: impactondernemen. Het is de grote stap van ‘do no harm’ naar ‘do good’: een bedrijf levert dan een expliciete positieve bijdrage aan de samenleving. Idealiter vindt de ondernemer hiervoor een businesscase die maatschappelijke opbrengsten koppelt aan een financieel verdienmodel, zodat er geen liefdadigheid aan te pas komt en de continuïteit van de business is gegarandeerd. Ga er maar aan staan. Wat dat betreft zullen ervaren ondernemers ze benijden, de collega’s die from scratch een business gedreven door impact kunnen opbouwen. Maar pas op: in het boek Sociaal Ondernemen – van ambitie naar meervoudig rende­ ment beschrijven Karen Maas, directeur van het Impact Centre


MAAK IMPACT

Erasmus, Mark Hillen, oprichter van Social Enterprise NL en mede-auteurs dat impact maken niet het alleenrecht hoeft te zijn van ondernemingen die met dit doel zijn opgericht. Het boek schetst een trend die de auteurs hybridisering noemen: bestaande ondernemingen slagen er steeds vaker in om naast de klassieke businesscase met als belangrijkste drijfveer tastbare financiële winst ook een maatschappelijke businesscase te formuleren. Dat leidt als alles goed gaat tot een evenwichtige waardecreatie op beide fronten. Dat is het ideale businessmodel en daarmee de uitdaging die iedere ondernemer zichzelf zou moeten stellen: de efficiëntie en innovatiekracht van de commerciële markt combineren met maatschappelijke waardecreatie. Maar waar te beginnen? Of je nu een startup opzet of een nieuwe activiteit binnen een bestaande onderneming, de eerste stappen in impactbusiness verlopen eigenlijk niet heel anders dan voor andere ondernemers die een ‘pijn oplossen’ – zij het dat het nu draait om een maatschappelijke pijn. Je kunt een briljante ingeving krijgen, maar je zult ook zo snel mogelijk de deur uit moeten om onderzoek te doen, je aannames te testen en de impact die je wilt bereiken zo expliciet mogelijk te maken. Waar ‘gewone’ ondernemers in deze fase zullen kijken hoe gevestigde concurrenten de markt verdelen, is het voor impactondernemers vooral zoeken waar bestaande organisaties falen in het echt oplossen van milieu- of maatschappelijke problemen. De afgelopen jaren lijkt er een gemeenschappelijke taal te ontstaan die richting kan geven aan de zoektocht naar een impactmissie. Ze worden vaak ingeluid door kleurige pictogrammen: de Sustainable Development Goals (SDG’s) van de Verenigde Naties. In september 2015 werden ze afgekondigd, zeventien wereldwijde thema’s met 169 subdoelstellingen in een agenda, die erop gericht is de wereld tot ‘een betere plek te maken in 2030’. Daarvoor moeten extreme armoede en honger de wereld uit, en zullen meer mensen toegang moeten krijgen tot schone energie en schoon drinkwater, goed onderwijs en werk. Sustainable Goals rond de natuur zijn het tegengaan van klimaatverandering en een grotere zorg voor het leven op land en in het water. Die mondiale agenda was aanvankelijk vooral gericht op alle wereldleiders, maar inmiddels zijn ook investeerders en bedrijven aan de slag gegaan met de meest urgente SDG’s. Wat daarbij helpt, is dat de doelen niet als een glorieus vergezicht zijn omschreven. De VN verbond namelijk een reeks concrete targets aan zijn doelen, inclusief indicatoren waaraan valt af te meten of die targets inderdaad dichterbij komen. Dat is taal die ondernemers verstaan. Neem het beëindigen van armoede in all its forms everywhere, het belangrijkste ontwikkelingsdoel. Bij SDG 1 (no poverty) hoort als

038–039

‘Impact meten staat nog in de kinder­schoenen’

target: extreme armoede, gedefinieerd als het moeten rondkomen van minder dan 1,25 dollar per dag, moet in 2030 zijn uitgeroeid. De indicator laat zich raden: het aantal mensen dat onder die inkomensgrens leeft, zal in 2030 moeten uitkomen op 0. Denk trouwens niet dat SDG 1 een derdewereldkwestie is: een tweede target schrijft voor dat de armoede gemeten naar nationale maatstaven in 2030 óók moet zijn gehalveerd. Wat dat betreft zou het logo van SDG 1 niet misstaan op een geel hesje. Het hangt af van je politieke visie of je vindt dat armoede uitroeien een zaak van overheden is, maar feit blijft dat elke ondernemer zorgt voor het inkomen van zijn of haar werknemers en dat van vele anderen in de keten waarin hij of zij actief is. Nog een voorbeeld van een SDG die een directe opdracht geeft aan ondernemers is SDG nummer 7: affor­ dable and clean energy. Daarbij hoort als target ‘universele toegang tot dergelijke energie’, met als indicatoren: het deel van de bevolking dat die toegang daadwerkelijk heeft, en welk deel volledig gebruik kan maken van schone brandstof en energie.


MAAK IMPACT

De snelladers van FastNed, de biogasinstallaties die SimGas levert in Afrika, de schone scheepsdiesel van GoodFuels: genoeg voorbeelden van Nederlandse ondernemers die met dit doel aan de slag zijn. Zo dragen ze meteen ook bij aan SDG nummer 13, climate action, het aanpakken van klimaatverandering, dat inmiddels om de meest prominente positie in het rijtje strijdt. Maar ook in doelen over gezondheid, onderwijs en schoon drinkwater lezen ondernemingen als Yoni (duurzame tampons) en Earth Water (water voor drinkwaterprojecten) een opdracht voor zichzelf. Nog even met de ondernemersbril: de SDG’s zijn meer dan het onderwerp van breedsprakige topconferenties. Ze vertegenwoordigen een gigantische marktkans. De belangrijkste doelen zijn samen goed voor een potentiële markt van 12 biljoen dollar in de domeinen voedsel en landbouw, steden, energie en materialen en gezondheid. Dat becijferde de Business and Sustainable Development Commission, een clubje ceo’s en andere kopstukken dat werk wil maken van de SDG’s. Zoals wijlen Ray Anderson, oprichter van tapijtgigant Interface en een pionier in duurzaam ondernemen al zei: ‘What is the business case for ending life on earth?’ Heb je, geïnspireerd door de SDG’s, een verre reis of een briljant ondernemersverhaal je eigen impactmissie geformuleerd? Dan is het zaak die uit te werken tot een businesscase. Daarbij is een veelgebruikt handvat de Theory of Change, die zijn oorsprong vindt in de ideeën van Carol Weiss, een Amerikaanse professor die zich in de jaren negentig boog over de evaluatie van complexe maatschappelijke initiatieven. Laat je niet van de wijs brengen door de naam: het gaat om een model, een raamwerk dat wel iets weg heeft van een business model canvas. Het beschrijft welke stappen je bedrijf zet en hoe die leiden tot

de verandering die je wilt bewerkstelligen. In de Theory of Change (ToC) zul je (letterlijk) moeten uittekenen welke activiteiten ervoor noodzakelijk zijn, wat je daarvoor aan middelen (input) moet inzetten en welke concrete output het rechtstreekse resultaat is van je activiteiten. Daarbij blijft het model niet steken: uiteindelijk moet die output leiden tot de gewenste directe of indirecte effecten: de outcome, oftewel de verandering die je beoogt. Yumeko bijvoorbeeld heeft als activiteit in zijn ToC opgenomen het verkopen van duurzame dekbedden en het vertellen van het verhaal eromheen. Daarvoor werkt het langdurig samen met partners in de keten, met als output dat meer partners voldoen aan FairChain-standaarden en meer consumenten bewust worden van de problematiek en duurzame alternatieven. Als effecten streeft het naar een eerlijker loon voor arbeiders, een diervriendelijkere behandeling van schapen, minder gebruik van chemicaliën, meer consumenten die duurzame slaapproducten kopen en collega’s die meebewegen. Het zal een behoorlijke zoektocht zijn om alle ingrediënten van een Theory of Change op een rij te krijgen. Wil je bijvoorbeeld met een product bijdragen aan een leefbaar inkomen voor arbeiders of boeren in ontwikkelingslanden, dan zul je alle schakels in de handelsketen in beeld moeten krijgen. En antwoord vinden op de vragen wat een verantwoord loon is en hoe je het voor elkaar krijgt dat de mensen het ook echt in handen krijgen. De ToC is in dit stadium nog steeds theorie: het is vooral een uitgebreide inventarisatie van aannames. Die zul je moeten toetsen. Aannemelijk maken en, als de business vaart krijgt, meten. Impact meten is cruciaal voor ondernemers die de wereld beter willen achterlaten. Het financiële of marktsucces van je bedrijf kun je namelijk afmeten aan omzet, aantal klanten of afnemers. De


HOOFDSTUK 3 C A RBON KILLER S

Als we afwillen van CO2-uitstoot, vraagt dat om disruptieve innovatie. Komt die van cleantech startups of van corporates? Tekst RU TG E R VA H L

044–045


Broeikasgassen in de atmosfeer houden warmte vast. Een grote meerderheid van de wetenschappers denkt dat de toename van broeikasgassen, met name CO2, leidt tot steeds hogere temperaturen en daarmee klimaatverandering. Het is bijna onvermijdelijk daarin de hand van de mens te zien: met name bij de verbranding van fossiele brandstoffen (voor energieopwekking en transport) komen al 200 jaar grote hoeveelheden CO2 in de atmosfeer, waarbij de grootste toename in de afgelopen vijftig jaar plaatsvond. Om de stijging van de temperatuur op aarde tot 2 graden te beperken, werd in 2015 het Akkoord van Parijs gesloten, met daarin maatregelen om de CO2uitstoot drastisch te beperken, maatregelen die in 2018 in het Poolse Katowice verder werden uitgewerkt. Voor Nederland betekent het verdrag dat er in 2030 49 procent minder kooldioxide de lucht in mag worden gebracht, vergeleken met 1990. In 2018 stelde Nederland zijn eigen Klimaatwet op, waarin is vastgelegd dat dit in 2050 zelfs 95% moet zijn. De cijfers laten geen onduidelijkheid bestaan waar de grootste winst te behalen valt: van de 32,5 biljoen kilo (11 nullen) CO2 die in 2017 wereldwijd vrijkwam, was een kwart afkomstig van de energieproductie en 24% van land- en bosbouw. Nog eens 21% werd uitgestoten door de industrie. Transport en verkeer droegen 14% bij. Ook hier geldt de befaamde economische wetmatigheid: “Tachtig procent van de uitstoot wordt door twintig procent van


CARBON KILLERS

de bedrijven veroorzaakt,” weet de Rotterdamse professor duurzaamheid Jan Rotmans. “In Nederland is dat niet anders. De Rotterdamse haven tekent voor 20 procent van de Nederlandse emissie. Met de glastuinbouw van het Westland erbij zit je op 27 procent. Wil je de Parijse doelen halen, dan moet je met name in die regio iets doen.” Er is in 2018 aan zogenoemde klimaattafels maandenlang onderhandeld over een Klimaatakkoord tussen bedrijfsleven, ngo’s en overheid. Dat geeft een goed beeld van waar de meeste CO2-uitstoot valt te bestrijden maar vooral van hoe lastig het wordt om de pijn te verdelen tussen de hoofdrolspelers. In 2030 moet 70 tot 80 procent van de verbruikte energie in Nederland groen zijn. Dat betekent 700 nieuwe windmolens op zee en 500 op land. Plus 75 miljoen zonnepanelen. In de gebouwde omgeving is ook veel te halen, door meer isolatie, minder energieverbruik en het vervangen van gas door elektriciteit. Vanaf 2021 worden daarom jaarlijks 50.000 (oplopend naar 200.000) woningen verduurzaamd. In de Nederlandse industrie zijn de zeven grootste bedrijven goed voor 70% van de totale CO2-uitstoot. Helaas staan de hoofdkantoren vaak in het buitenland, wat afspraken maken moeilijk maakt. Bij de klimaattafel Mobiliteit bleek het ook moeilijk om tot concrete afspraken te komen, maar duidelijk is dat ons vervoer zo snel mogelijk emissievrij moet worden.

moeten omgooien. Het zijn naast de energiecentrales de Tata Steels en Shells die ook in Nederland de meeste CO2 uitstoten volgens cijfers van de Nederlandse Emissie Autoriteit (NEA). Maar Rotmans verwacht niet dat de noodzakelijke technologische innovaties van de vervuilende industrie zelf zullen komen. “Ze ervaren simpelweg nog altijd veel te weinig prikkels om hun koers echt te wijzigen. Vasthouden aan het verleden om de aandeelhouderswaarde te kunnen vergroten, is bij deze bedrijven leidend.” Het lijkt erop dat de technologische vernieuwing van cleantech startups moet komen. Hun aandeel in de oplossing van het probleem is nog klein, maar over tien tot twintig jaar moeten zij het verschil kunnen maken. Wie zich erin verdiept, stuit op honderden jonge bedrijven die claimen dat hun product voor een doorbraak in CO2reductie zal gaan zorgen. Hoe kansrijk zijn hun innovaties? En wat moet er gebeuren opdat ze hun belofte ook echt kunnen inlossen?

‘De IT is tamelijk ouderwets’

─CLEANTECH STARTUPS Om de emissiedoelen te halen, zouden met name grote bedrijven hun technologie, en in het geval van olieconcerns, zelfs hun hele businessmodel, radicaal

046–047

─SCHONE ENERGIE EN BESPARING Energie moet groener worden opgewekt, een opdracht waar de grootste energiebedrijven, producenten van zon- en windtechnologie en aannemers de handen aan vol hebben. Maar hoe meer we besparen, hoe minder er hoeft te worden opgewekt. Tientallen Nederlandse startups richten zich op beide kanten van de energiemedaille. Een van de meest kansrijke is het Haarlemse Asperitas, dat technologie ontwikkelt waarmee datacenters stroom besparen. Volgens statistica.com draaien er wereldwijd circa 8 miljoen datacenters. Die stoten samen net zoveel CO2 uit als de hele luchtvaart, die goed is voor 2% van de totale menselijke CO2-emissie. Dat komt door het enorme stroomverbruik van de servercomputers maar ook de koeling. Asperitas lost het warmteprobleem van datacenters op door chips te koelen met olie en de warmte af te voeren als heet water (dat weer hergebruikt kan worden). In Eindhoven realiseerde Asperitas zo een nieuw datacenter dat 50 procent minder CO2 uitstoot dan gebruikelijk. Maikel Bouricius, marketingman bij Asperitas: “De moeilijkheid is dat de IT-industrie tamelijk ouderwets is. Het duurt lang voordat innovatieve nieuwe technologie is geaccepteerd. Dat klinkt misschien vreemd, maar is het niet: datacenters zijn de ruggengraat van het internet, en daarom wordt er gekozen voor technologie die zich bewezen heeft. Daarmee sta je als startup meteen op achterstand.”


HOOFDSTUK 4 DE A NDERE WORKFORCE

050–051


DE ANDERE WORKFORCE

Ondernemers die de krapte op de arbeidsmarkt zien, boren een nieuwe groep werkzoekenden aan: mensen met ‘een afstand tot de arbeidsmarkt’. Zijn die inzetbaar? ‘De arbeidsmarkt heeft een afstand tot de mensen, niet andersom.’ Tekst LO E K A O OS T R A

Wie naar een van de proeflokalen van brouwerij De Prael komt voor een speciaal biertje, hoeft er niet op te rekenen dat alles vlekkeloos verloopt. Concentratieproblemen kunnen ervoor zorgen dat de bediening je bestelling zomaar vergeet. “Maar in welke Amsterdamse kroeg kom je nog perfecte service tegen?” lacht medeoprichter Arno Kooy. De Prael werkt met 160 mensen die veelal een gedragsstoornis hebben. Tienermoeders, ex-psychiatrische patiënten, ex-verslaafden, maar ook jongeren die vanwege ziekte of handicap een Wajong-status hebben: allemaal staan ze achter de bar, verkopen ze bier in de proeflokalen of helpen ze bij het afvullen van de fusten of de logistiek. “Kan iemand dus niet zo goed bestellingen onthouden, dan kan hij bijvoorbeeld doorschuiven naar de winkel, waar dat minder van belang is. Zo helpen we iedereen aan een baan op maat.”

Zoals De Prael zijn er legio ondernemingen die werken met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Met de introductie van de participatiewet stelde kabinet Rutte II voorop dat iedereen zijn steentje kan bijdragen aan de maatschappij. Daarmee kwam ook deze groep kwetsbare werknemers onder druk te staan. Met de afschaffing van de Wet Sociale Werkvoorziening bezuinigde het kabinet namelijk meteen 300.000 euro per arbeidsgehandicapte in de sociale werkplaatsen. Harry Hummels, de Utrechtse hoogleraar Social Entrepreneurship, ziet inmiddels dat de overheid sinds 2015 mondjesmaat is teruggekomen op dit besluit. “Het idee was dat de overheid en bedrijven zelf meer arbeidsbeperkten zouden opnemen. Bedrijven kregen weliswaar loonkostensubsidies, maar soms zijn de problemen zo groot dat ze daar niet genoeg ondersteuning voor kunnen bieden.” Dat wijzen de cijfers ook uit: het SCP meldde halverwege 2018 dat de werkloosheid onder werkzoekende arbeidsbeperkten met 40 procent was toegenomen: dat waren de mensen die tot 2015 bij de sociale werkplaats aan de gang konden. Hummels: “De overheid zag zelf ook al snel dat dat niet een kwestie is van een bureau toewijzen en een laptop geven.”


HOOFDSTUK BEELD 6 BEDRI IMPACJFSCULTUUR T

Rifkever Een VW Beetle in onder ­water­beeldentuin MUSA, voor de kust van Mexico. Het beeld van de Brit Jason deCaires Taylor heeft een ideaal oppervlak voor de bewoners van het koraalrif, zodat het met de 500 andere sculpturen bijdraagt aan de hoeveelheid bio­ massa in de omgeving. Beeld G E T T Y

056–057



HOOFDSTUK 8 ROCKE T M A N

078–079


ROCKET MAN

Elon Musk is befaamd om zijn opruiende tweets en begeerlijke Tesla’s. Hij is ook de gangmaker achter The Boring Company, Hyperloop en SolarCity, maar met zijn raketbedrijf SpaceX verandert hij pas echt de wereld – en maakt hij hem letterlijk groter. Tekst E RW IN W I J M A N

Als je redeneert als Elon Musk is het volgende aan de hand: de aarde stevent af op zijn ondergang door overbevolking, vervuiling, opwarming en een tekort aan energie en voedsel. Dus wil de mens blijven voortbestaan, dan moet hij andere planeten koloniseren. Omdat Mars de dichtstbijzijnde planeet is en in principe leefbaar te maken valt, zet Musk zijn zinnen op Mars. En om daar te komen, is een pendeldienst nodig die betaalbaar is. Bestaande ruimtevaartorganisaties en raket­ leveranciers zijn te duur en daarom richtte Musk in 2002 zijn eigen raketfabriek op, SpaceX – nog vóór Tesla werd geboren. Of we in 2024 daad­werkelijk naar Mars emigreren, zoals het Big Hairy Audacious Goal van SpaceX luidt, is de vraag. Maar ondertussen heeft SpaceX in zestien jaar tijd een revolutie ontketend in de ruimtevaartindustrie. Met een Big Plan, een ongeëvenaarde drang naar efficiency en de durf om risico’s te nemen kun je de wereld veranderen en die vergroten. Elon Musk is wat je noemt een man op een missie: de mens moet zich ontwikkelen tot een multi-planetaire soort en zich niet laten opsluiten op de aarde. Die overtuiging gaat al heel ver terug, tot de basisschool. Musk had weinig aansluiting met leeftijdsgenoten. Hij vond het in de klas allemaal veel te langzaam gaan, was vaak afwezig en dromerig, en werd beschouwd als een nerd en een betweter. Om die reden werd hij vaak gepest, waardoor hij zich nog meer opsloot in zijn eigen gedachtewereld en fantasieën. Hij las de hele dag, van heroïsche stripboeken tot de Tolkien-trilogieën, en raakte geobsedeerd door sciencefiction en fantasy. Zijn Hyperloop-idee is daar een duidelijk uitvloeisel van, net als SpaceX en zijn Mars-plan. Musk was als jongetje al een rationalist pur sang. “Ik was als kind echt bang voor het donker. Tot het tot me doordrong dat donker niks anders is dan het ontbreken van fotonen in de zichtbare golflengte, van 400 tot 700 nanometer. En het is niet slim om


ROCKET MAN

bang te zijn voor een tekort aan fotonen. Daarna was ik nooit meer bang in het donker.” Door te lezen, wist Musk te ontsnappen aan de dagelijkse realiteit en nog belangrijker: hij kreeg door dat je dankzij je fantasie naar een andere wereld kunt, een ideale wereld. Zo groeide bij hem de overtuiging dat technologie de mogelijkheid biedt tot verandering en vooruitgang. Alleen dat kan redding brengen voor de mensheid. “Elon ziet de dingen helderder dan wie dan ook”, zei Musks broer Kimbal ooit, die vroeger vaak met hem schaakte. “Een schaakgrootmeester kan twaalf zetten vooruitdenken, maar Elon kan in élke situatie twaalf stappen vooruit denken.” Net als ooit de dino’s loopt de mensheid een groot risico op uitsterven. Ook vóór de dinosauriërs verdwenen, is het leven op aarde al vijf keer weggevaagd, blijkt uit fossiele big data. Daarom is een ontsnappingsroute noodzakelijk, vond Musk al als kind. “When I was in college I wanted to be involved in things that would change the world. Now I am,” zei Musk later. Dat klopt. Musk maakt het verschil. De communis opinio in de ruimtevaartindustrie was namelijk lange tijd: raketten zijn heel duur en ze zullen altijd heel duur blijven. Musk stelde zichzelf de simpelst denkbare vraag: is dat wel zo? Met die vraag ontketende hij een revolutie in de ruimtevaartindustrie. Een van de uitgangspunten van SpaceX is om dure componenten te hergebruiken en zoveel mogelijk zelf te produceren. De eerste rakettrappen belandden weer terug op aarde via een speciaal landingsplatform, en wel zo gracieus en precies dat ze nauwelijks beschadigd raakten. SpaceX heeft al 23 keer een eerste rakettrap van een Falcon 9 laten landen en 11 daarvan zijn weer gebruikt in latere lanceringen. Het bedrijf maakt tussen de 80 en 90 procent van zijn raketten, motoren, elektronica en andere onderdelen zelf. Dat is extreem veel, zeker als je bedenkt dat United Launch Alliance, een partnership tussen Lockheed Martin en Boeing, meer dan 1.200 toeleveranciers aan het werk houdt. En net als Boeing voert ook SpaceX ruimtevluchten uit voor Nasa, ’s werelds grootste opdrachtgever, maar een missie van SpaceX kost niet een miljard dollar per keer, zoals die van Boeing, maar slechts 60 miljoen dollar. Kostte het vervoer van een lading van 250 kilogram aan spullen naar het International Space Station ISS voorheen minstens 30 miljoen dollar, de Falcon 1 van SpaceX flikt het kunstje voor nog geen 7 miljoen dollar met een bijna drie keer zo zware lading van 635 kilo. En de lanceerkosten zullen dankzij SpaceX nog sneller zakken, doordat het zijn raketten hergebruikt, wat

080–081

In de ruimtevaart maakt SpaceX als enige commerciële partij winst


ROCKET MAN

kostenbesparingen van 30 tot 50 procent oplevert. Bovendien melden zich wereldwijd steeds meer toetreders op de lanceermarkt, waardoor het aantal lanceringen toeneemt. Musk schopte al langer aan tegen de gewoonte in de conventionele ruimtevaartindustrie om extreem dure producten met extreme prestaties te maken. “Ze bouwden voor elke lancering een Ferrari, terwijl een Honda Accord ook goed geweest zou zijn.” SpaceX maakt gewoon die Honda. Daardoor is het tot nu toe de enige partij in de commerciële ruimtevaart die winst maakt. Maar hoe komt Musk op Mars? Daarvoor heeft hij gedetailleerde technische plannen, compleet met vluchtsimulatievideo’s. Musk heeft een enorme, zelfvoorzienende stad voor ogen op de rode planeet. Het ontwikkelen van de voor het zogeheten Interplanetaire Transport Systeem benodigde Big Falcon Rocket BFR (die F stond eigenlijk voor een ander woord) zal naar schatting 10 miljard dollar kosten. Op elke vlucht, gepland om de 26 maanden, in de periodes dat Mars en de Aarde het dichtst bij elkaar zijn, kan de BFR circa 100 passagiers meenemen. Om een zichzelf in stand houdende Marsbevolking van 1 miljoen mensen te realiseren – een van de uitgesproken life goals van Musk – zijn naar schatting ongeveer 10.000 vluchten nodig, plus nog de nodige bevoorradingsvluchten met voedsel en apparatuur. Het zal al met al 40 tot 100 jaar duren om de nieuwe stad op Mars zelfvoorzienend te maken. De lucht produceren die al die mensen moeten inademen is geen probleem, betoogt Musk met verwijzing naar het International Space Station ISS, waar met veel succes kooldioxide wordt omgezet in zuurstof. ─TICKET NAAR MARS De eerste vluchten worden volgens Musk, die hoopt op co-funding door publiek-private partijen, zeker duur, maar uiteindelijk hoeft een ticket naar Mars niet meer te kosten dan 100.000 à 200.000 dollar. Volgens veel wetenschappers is het project zowel uiterst ambitieus als technisch haalbaar, en tegelijkertijd niet waarschijnlijk. Maar is het wel zo belangrijk dat er al in 2024 daadwerkelijk mensen naar Mars gaan? De internationale raketwetenschap is

dankzij Musk en zijn SpaceX in een andere baan terechtgekomen. En dát is de impact die de geboren Zuid-Afrikaan misschien wel onsterfelijk zal maken. De herbruikbare lanceerraketten van de Falcon 9 en Falcon Heavy, plus het feit dat ze een recordgewicht aan lading kunnen meenemen, hebben een nieuwe norm gezet in de ruimtevaartindustrie. Uit een onderzoek getiteld The SpaceX Effect, gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift New Space, blijkt dat allerlei met SpaceX concurrerende ruimtevaartorganisaties – variërend in mate van publiek-private financiering en eigenaarschap, herkomst en doelstellingen – het hergebruik van raketten tot nieuwe standaard maken. Nog interessanter is dat deze organisaties ruiterlijk toegeven dat Musk en zijn SpaceX daarbij een bepalende invloed hadden. Het SpaceX-effect is anders gezegd gigantisch. De vernieuwingen en het lef van Musk c.s. leidden tot een omvangrijk disruptie van een hele industrie. ─EEN GROOT DOEL Maar de impact van rocketman Musk en SpaceX gaat nog veel verder dan de ruimtevaartindustrie alleen, betoogt Tom Agan in zijn beschouwing What SpaceX Can Teach Us About Cost Innovation in Harvard Business Review. De werkwijze van SpaceX – uitgaan van een Groot Doel, leren van het verleden, kijken naar het hele plaatje om de belangrijkste winkansen te bepalen en vervolgens het optimaliseren van de kernaspecten van het vliegen naar de ruimte – kan iedere organisatie creatiever maken bij het snijden in kosten. Ga maar na. In de meeste bedrijven is kostenreductie een taak van de afdeling boekhouden of de financieel directeur, die dan kijkt naar een bepaalde afdeling, divisie of locatie. De SpaceX-aanpak staat daar lijnrecht tegenover. Daar kijken ze niet naar onderdelen maar naar het geheel. Niet alleen naar de raket zelf maar ook naar de overhead, de ondersteunende serviceafdelingen, de planning, alles. Dankzij het werken in kleine teams en lage overheadkosten kon SpaceX binnen zes jaar zo from scratch een vliegende raket realiseren. Bovendien ontwikkelde SpaceX een totaal nieuwe


Exit

p 090—097 4 min. 54 sec.

‘The more you know, the less you need’ Yvon Chouinard, Patagonia  p 093


INSPIR ATIE ONDERW EG, OP DE Z A A K OF IN BED

Impact maak je niet door te blijven meehollen met de massa. Neem rust en laat je inspireren door deze boeken, podcasts en video’s.

Must Read

C A N BUSIN E SS SAV E TH E E A RTH? Michael Lenox en Aaron Chatterji deden 10 jaar onderzoek en komen daarna met een positieve conclusie: ja, innovatie uit het bedrijfsleven kan waarde creëren, en tegelijkertijd de milieubelasting reduceren. Al is ook de hulp van de consument onmisbaar. S TA N FO RD BUSIN ESS BOO K S, $ 29,95

Z AKEN DIE JE R AKEN Willemijn Verloop, oprichter van Social Enterprise NL, en mede-auteurs beschrijven hoe sociaal ondernemers grote maatschappelijke vraagstukken aanpakken. Zaken die je Raken staat bol van de Sprout-ondernemers, is opgewekt, maar zeker niet oppervlakkig. BUSIN ESS CO NTAC T, € 19,99

PL A S T IC SO U P ATL A S VA N DE W E RE LD Michiel Roscam Abbing pluist aan de hand van 60 thema’s het wereldwijde milieuprobleem uit. Aan de hand van recente wetenschappelijke inzichten, indringende foto’s en infographics passeren oorzaken, gevolgen en oplossingen de revue. UI TG E V E R I J L I A S, € 29,95

SOCIA AL ONDERNEMEN

S TA RT SO M E THIN G TH AT M AT TE R S Op reis door Argentinië kwam Blake Mycoski kinderen tegen die het moesten doen zonder schoenen. Hij bedacht dat hij beter een schoenenmerk kon opzetten dan geld in te zamelen, en daarmee was Toms Shoes geboren, inclusief het One for One-model: elke klant die een paar Toms koopt, schenkt een paar aan iemand ver weg. Inmiddels zijn 86 miljoen paar Toms verkocht, wat een verhaal. R A N DO M H O US E, € 17,99

Van ambitie naar meervoudig rendement Hoogleraar sociaal ondernemen Karen Maas en haar mede-auteurs beschrijven na onderzoek bij 17 organisaties hoe je als ondernemer maatschappelijk met financieel rendement kunt combineren. De heldere, gefundeerde inzichten en praktijkvoorbeelden maken goed dat het boek zich niet per se focust op mkb’ers. S M S, € 24,95

092–093


Must Watch

Must Listen

HOW TO TR ANSFORM APOC ALYPSE FATIGUE De Noorse econoom/filosoof/politicus Per Espen Stoknes laat in een TED talk zien hoe je mensen achter klimaatactie krijgt. Collapse porn (monsterstormen! killer waves!) zorgt voor apocalypse fatigue, stelt hij. Daarom buigt hij de psycholgische barrières die we hebben om niets te doen om tot een boodschap die klimaatactie vanzelfsprekend en simpel maakt. TE D.CO M

RECODE DECODE MET MARC BENIOFF Salesforce is machtig en oprichter Marc Benioff neemt zijn verantwoordelijkheid: zijn mensen investeren 1% van hun tijd, 1% van de producten/diensten en 1% van de winst in de samenleving. Benioff springt in de bres voor daklozen, maar ook voor lhbt’ers en hij kocht Time Magazine. Zonder borstklopperij of geslepen marketingdoelen: inspirerend. RECO DE.N E T/P O DC A S T S

BILL GATES OVER EX TREME ARMOEDE Kudos voor pc guy Bill Gates, die met zijn miljardenstichting voorgaat in het maken van impact. Hier laat hij zien welke enorme vooruitgang er al is geboekt met de bestrijding van extreme armoede - sinds 1990 hebben zich er al 1,2 miljard mensen aan ontworsteld. Wat nodig is voor de genadeslag: investeren in jonge mensen, het menselijk kapitaal dat innovatie aanjaagt. YOUTU B E.CO M/G ATE S FO U N DAT IO N

LET MY PEOPLE GO SURFING ‘This is wrong, I’m going to do it another way’. Yvon Chouinard, de excentrieke oprichter van het duurzame outdoorkledingmerk Patagonia, vergelijkt een ondernemer graag met een jeugddelinquent. In How I Built this vertelt hij waarom hij zoveel mogelijk regels over­ treedt. ‘Mijn bedrijf is het enige middel dat ik heb om te laten zien dat je op een andere manier zaken kunt doen’. N PR.O RG/P O DC A S T S

THE TRUE COST Vlees, hamburgers, auto’s: boosmaakdocu’s over de negatieve impact van alles wat we consumeren vind je volop op Netflix. Met The true cost brengt regisseur Andrew Morgan vanaf de cat walk tot de sloppenwijken in kaart hoe fast fashion roofbouw pleegt op mens en milieu. Als consument ga je nadenken over je volgende aankoop, als ondernemer gaat het misschien kriebelen. N E TFL I X.CO M

SOCIAL STARTUP SUCCESS Stanford-docent Kathleen Kelly Janus schreef een boek over het succes van sociale startups en de .org-afdelingen van Facebook, Google en de rest. Ze hamert erop dat nonprofits meer data driven moeten worden: hun impact meten om te kunnen innoveren en groeien. En dat is een kwestie van het ijzer smeden nu het heet is: Janus noemt dit de Golden Age van de filantropie. RECO DE.N E T/P O DC A S T S


Gesprekken met topauteurs Lessen uit de beste business boeken

business books podcast. LUISTE R EN ABONN EER NU VIA SPOTIF Y / ITU NES / SOUND CLOUD

www.businessbookspodcast.nl mede mogelijk gemaakt door Voicebooking.com


VINDEN TERMEN EN N A MEN

Register Abel, Bas van    061, 065 Albert Heijn   015, 020, 062 Ampyx    075 d’Angremont, Peter    067 Asperitas 047 Avance 040 Beltman, Henk Jan    014 Bezos, Jeff    026 Biomimicry    019 Black Bear    048 Braungart, Michael    060 Bundles    060 Castro, Sanne   065 Circulaire economie    060 Copper8    059 Cradle to cradle    059 Damen, Maayke    060 Deurloo, Renzo    052 Donné, Tony    072 Donuteconomie    059 Dresen, Annemiek    086 Effectief altruïsme    087 Effective Giving    086 Eurofusion    067 Excess Materials Exchange   059 Factory as a forest   019 Fairphone    061, 065 FLOOW2    060 Fockema Andreae, Florentine   040 Gabriëlse, Jasper   020, 065 Fastned   039 Gates, Bill    004, 072, 085, 096 Geus, Marnix    086 Gitmans, Thijs    049 GoodFuels   039, 049 GreenFox Social Return    052 Green Minerals   048 Hillen, Mark   038 Hummels, Harry   016, 051 Hugense, Jos    047 Hoefsloot, Lex    024

Hormis, Roby    089 Hyperloop    082 Impact Centre Erasmus    037 Instock    062 Interface    019, 039 IRIS    040 Kooy, Arno    051 Korteweg, Jaap   047 Kronemeijer, Dirk   049 Leapp    060 Leyden-Jar    048 Lightyear     024 Liket, Kellie    086 Lopez Cardoso, Martijn    048 Luining, Daan     047 Maas, Karen     037 Mainport Innovation Fund   049 Maissan, Monique   067 Max Havelaar    066 Meatable     047 Meatless   040, 047 Mosa Meat   047, 076 Moyee Coffee    066 Mud Jeans    060 Musk, Elon    026, 079 MVO    037 New Bees    086 Van Nimwegen, Freke    062 De Nood, Krijn   047 Nutrileads   040 Ojah    022 Oneplanetcrowd   022 Van Oppen, Cécile    059 OrangeGas    022 Peerby    022, 060 Peters, Marcel    060 Le Poole, Steven    087 Post, Mark    076 De Prael    051 RGS Developmen    022 Van Rijsselberghe, Marc    077

Rodenburg Biopolymers    022 Rood, Christiaan    048 Rooseboom, Laura 022 Rotmans, Jan   046 Roza, Kim    089 Roza, Lonneke    086 Salt Farm Foundation    077 SamenVijf    088 Seepje    020, 064 Shift Invest    040 SimGas    039, 064 Social Enterprise NL    038 Van Son, Bert    060 Space mining   077 SpaceX    079 StartGreen Capital   022 Van Staveren, Guido   067 SDG’s   022, 038, 064 Swoop    060 Synple   049 Tesla    079 The Hup    085 The Next Closet   022 The Present Movement    086 Theory of Change   039 Tjoa, Kim    063 Tocardo   022 Tony’s Chocolonely    014, 040 Tosti Creative    089 True Price   040 Van Tulder, Rob   065 Unilever    020, 041 VandeBron    040 De Vegetarische Slager    047 Vos, Bart    063 Vries, Coenraad de    022 Waste2Wear   067 Weiss, Carol   039 Van Wersch, Marcel    085 Yumeko    039 Zantman, Frans    088


After … TOT

Lees terug  pagina 4

vermogen weg te geven.

miljardairs beloven de helft van hun

Giving Pledge, waarmee zij en mede-

Warren Buffett stichtte hij ook The

met goede vriend en superbelegger

ondernemers in goede doelen. Samen

Bill Gates onbetwist hét voorbeeld van

opereren en zijn spending power is

Wereld. Met zijn zakelijke manier van

sanitaire voorzieningen voor de Derde

in verbeterde gewassen en betere

ziektes als polio, malaria en hiv,

medicijnen en onderzoek rond

en investeert daarvoor in vaccinaties,

en extreme armoede terugdringen

van de wereld­bevolking verbeteren

Foundation wil de gezondheidszorg

ter wereld is. De Bill & Melinda Gates

2018 op 90 miljard dollar) de rijkste

Gates’ fortuin (Forbes prikte hem in

goede­doelenorganisatie die dankzij

Bill & Melinda Gates Foundation, de

zich volledig kunnen wijden aan de

van zijn 90.000 werknemers. Hij wilde

2008 nam Bill Gates als ceo afscheid

Hij was al aan het afbouwen, maar in

VOORBEELDFILANTROOP


Bill Gates, 2015




OV ERDENKINGEN M A RC BENIOFF

‘Business is a great platform for change’

9 789492 693075

SPROUT.NL/IMPACT