Schooldomein 5 - mei 2020

Page 1

5

SCHOOLDOMEIN

no.

jaargang 32 mei 2020

Anders werken aan Duurzaamheid voor Morgen

Een gezond binnenklimaat voor een betere leeromgeving Heeft u er ooit bij stilgestaan dat kinderen meer tijd op school doorbrengen dan waar dan ook, behalve in hun eigen huis? Ze zitten in totaal ongeveer tweehonderd dagen per jaar op school. De vraag is dus hoe we klaslokalen zo kunnen ontwerpen dat ze een gezonder binnenklimaat krijgen en de leerprestaties beter ondersteunen. Lees hier meer over op www.veluxcommercial.nl.

Hanzehogeschool Wiebengacomplex, Groningen Lessenaarsdak (96 modules)

SPORTDOMEIN ZORGDOMEIN WIJKDOMEIN

Magazine voor de perfecte leer-, werken leefomgeving

THOMAS RAU over actualiteit en urgentie HET GEBOUW is gast van het landschap ONDERWIJSROUTE 10-14 biedt differentiatie in keuzeproces AKOESTIEK ALS ONDERDEEL van een integrale beleving


� ch � r ge st m o “T��k � � e k bete � i � e �e�k � e � te � e m o m “ . � e k lek � ÉÉN KLASLOKAAL of een OPEN SCHOOL

Geron Verdellen Directeur Met BREEDVELD bepaalt u zelf wat u wilt delen. Denk aan een klaslokaal waarin u twee

Open school

Één klaslokaal

PA N E E LWA N D E N G L A S WA N D E N S C H U I F WA N D E N V O U W WA N D E N

groepen dankzij een mobiel wandsysteem zowel gemeenschappelijk als apart kunt doceren. Wij delen in ieder geval graag onze verfijnde kennis en ons vakmanschap met u. Ook voor bijhorende bouwkundige oplossingen.

Ruimte wordt waardevoller met Breedveld mobiele wanden

wee� w�� je bewee��

www.breedveld.com


ÉÉN KLASLOKAAL of een OPEN SCHOOL Met BREEDVELD bepaalt u zelf wat u wilt delen. Denk aan een klaslokaal waarin u twee groepen dankzij een mobiel wandsysteem zowel gemeenschappelijk als apart kunt doceren. Wij delen in ieder geval graag onze verfijnde kennis en ons vakmanschap met u. Ook voor bijhorende bouwkundige oplossingen.

Ruimte wordt waardevoller met Breedveld mobiele wanden www.breedveld.com


Bevlogen huisvestingsadviseurs sinds 1955

Onze adviseurs en

ICSadviseurs biedt

bouwprojectmanagers

huisvestingsadvies en

brengen ambities tot leven op het gebied van zorg, onderwijs, sport en welzijn.

projectmanagement voor maatschappelijk vastgoed. Ruim tachtig professionals werken vanuit Amsterdam, Rotterdam, Zwolle en Eindhoven aan efficiĂŤnte, duurzame en inspirerende omgevingen.

Fijne plekken

Vestiging Amsterdam

Vestiging Zwolle

Zekeringstraat 46

Burgemeester Drijbersingel 25R

om naar hartenlust

1014 BT Amsterdam

8021 DA Zwolle

Vestiging Eindhoven

Vestiging Rotterdam

Klokgebouw 263

Van Nelleweg 1

6e verdieping

Unit 2.3.

5617 AC Eindhoven

3044 BC Rotterdam

te leren, leven, spelen, werken, zorgen en ontmoeten.

088 235 04 27 icsadviseurs.nl


VAN DE REDACTIE HET GEVOEL VERSUS HET VERSTAND Anders werken aan duurzaamheid van morgen. Wie had gedacht dat het thema voor dit nummer zo actueel zou zijn, gegeven de coronacrisis. Ik werd getroffen door het artikel in de Volkskrant van 24 maart, waar de filosoof Martha Nussbaum het volgende zegt: “Geesteswetenschappen zijn van levensbelang als de nood aan de man is. De tegenstelling tussen gevoel en verstand is een schijntegenstelling, beide stuwen een mensenleven voort. Technologie veranderde niet de aard van de vragen over liefde, vriendschap en verbinding. Ik hoop dat we van het coronavirus leren wat belangrijk is en wat niet. Ik denk dat onze levens terugkeren naar een eerder tijdperk, toen we ons konden richten op denken en praten, zonder de onophoudelijke hype en afleiding van de dag. Vrienden, familie en hun gezondheid zijn extreem belangrijk.” De praktijk; kinderen krijgen massaal thuis les in Nederland. Sinds de scholen zijn gesloten, is er snel omgeschakeld naar manieren om toch thuis les te kunnen geven. Vrijwel elke school heeft zijn eigen manier van werken. In de Dit wordt het nieuws-podcast geven drie leerkrachten het volgende aan: “Thuis lesgeven geeft meer orde, maar ook gebrek aan sociaal contact.” In een gesprek met mijn twee buren geven zij aan dat thuis les geven leuk is, maar na twee uur ook erg vermoeiend, zeker wanneer je twee of meer kinderen thuis hebt. En ze missen de school en hun vriendjes en vriendinnetjes. Alles wat we nu meemaken heeft zeker een weerslag op dit bijzondere nummer. Zo stelt Thomas Rau in het grote interview: “Echt leiderschap reageert niet op actuele, maar op de urgente redenen. Als urgent actueel wordt is het altijd te laat; kijk naar de watersnoodramp, het coronavirus, de vluchtelingenstromen

ONZE VISIE

Schooldomein is een verrassend magazine voor managers en beleidsmakers die relevante beleidsinformatie, praktijkvoorbeelden en productinformatie vertalen in een optimale leer-, werk- en leefomgeving. Schooldomein biedt informatie rond de infrastructuur, organisatie en huisvesting van instellingen. Schooldomein is bedoeld voor iedereen die op het niveau van overheid,

instellingen, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties betrokken is bij het vinden van oplossingen voor samenhangende vraagstukken in de non profit en profit sector.

HET NETWERK

Schooldomein wordt zes keer per jaar gratis verstrekt aan alle onderwijsinstellingen en gemeenten in Nederland. Het blad wordt gefinancierd uit de exploitatie van advertenties, advertorials, artikelen en de bijdragen

wordt mede mogelijk gemaakt door:

Als maatschappelijk verantwoorde onderneming stimuleert Schooldomein doelen die goed zijn voor mens en milieu:

en de sprinkhanenplaag in Kenia. Het is een misvatting om te denken dat wij als mens centraal staan. Als je afhankelijk bent van alles sta je nergens boven. Ik noem dat de universele verklaring van de materialen.” Architect Alfonso Wolbert in zijn gesprek met Geron Verdellen: “Duurzaamheid kun je ook uitleggen als een impuls voor de meer inclusieve en sociale maatschappij. De paradox is dat mensen in Sjanghai na veertien jaar weer blauwe lucht zien en mensen in Venetië weer vissen in het water zien zwemmen. De aarde geeft ons een les in opvoeden die op de korte termijn al effect heeft.” Onze trendanalist Jaap de Kruijf stelt in zijn column: “Welke onderwijstrends zullen bestendig blijken na afloop en evaluatie van de coronacrisis? Ingrepen zoals scholen sluiten, eindtoets en centrale examens schrappen en vormen van onderwijs-op-afstand, zullen ongetwijfeld de richting veranderen. Voeg daarbij de maatschappelijke effecten van de ‘intelligente lockdown’ en het onthutsend beeld van tekorten aan werkers in de gezondheidszorg en hulpverlening, dan lijkt het onwaarschijnlijk dat een herwaardering van traditionele arbeidsmarktbeelden en geprognotiseerde ontwikkelingen uitblijft.” En tenslotte Annegien van Dijk, partner bij Brique Architecten: “Als ondernemers zorgen we voor onze werknemers, vanuit onszelf en vanuit de regels die de overheid daarvoor bedacht heeft. Een overheid die ons ondernemers steunt als het noodzakelijk is. En als het niet lukt? Dan is daar die zachte landing. We gaan dus door, ook met architectuur, omdat dat is zoals het is, omdat dat onze steen is om mee te bouwen.” Daar sluit ik me bij aan. Het is ondanks alles een mooie Schooldomein geworden, met leerzame boodschappen en vooral veel duurzame voorbeelden. Sterkte allemaal! Sibo Arbeek, Hoofdredacteur van partners. Schooldomein fungeert als een netwerk, waarbij partijen een meerwaarde genereren door een samenhangend product te bieden. Schooldomein fungeert als een platform voor alle partijen die een bijdrage willen leveren aan de kwaliteit van de onderwijsinfrastructuur.

UW MENING

Wij stellen uw mening zeer op prijs. Voor reacties kunt u mailen naar sibo.arbeek@schooldomein.nl.

U kunt ook reageren via de site www.schooldomein.nl. Praktische informatie vindt u in het colofon.

INTERNET

Voor meer informatie over Schooldomein en dit nummer kunt u kijken op www.schooldomein.nl. Via deze site kunt u onder meer alle artikelen van de afgelopen jaargangen opvragen, winkelen in onze rubrieken en relevante markt­ informatie zoeken.


INHOUD

BESTUUR EN BELEID

8

Niet over het hoe, maar over het waarom

12

Thomas Rau over actualiteit en urgentie.

Hoe creëer je inzicht in investering en rendement? Handvatten voor de verduurzaming van de vastgoedportefeuille onderwijs.

14

Verduurzaming van scholen loont Een pleidooi voor beleidsmakers en schoolbesturen om in te zetten op toekomstbestendige nieuwbouw en renovatie richting Frisse Scholen.

22

16

Fase NUL

18

7 stappen naar duurzame schoolgebouwen

Gezamenlijke standpunten over de gewenste capaciteit binnen en buiten.

Blijvende aandacht voor duurzame en gezonde onderwijshuisvesting.

ONTWERP EN INRICHTING

THEMA

Anders werken aan Duurzaamheid voor Morgen Anders werken aan Duurzaamheid voor Morgen is het thema van deze Schooldomein. Op verschillende manieren besteden we daar aandacht aan. Onder meer in de rubriek Architectuur en verbeelding geven architecten, ontwerpers en inrichters mooie voorbeelden daarvan.

25

T ijd voor een gezonde leer- en werkomgeving

28

Leerlingen doen onderzoek naar CO2 en leerprestaties

Goede lessen voor architectuur en bouwkunde.

Experiment leert hoe belangrijk ventilatie in gebouwen is voor de luchtkwaliteit.

30

Van verlaten kazerneterrein naar levendig stadspark 1e Fase monumentaal park Tapijn Maastricht in gebruik genomen.

33

Het gebouw is gast van het landschap Aannemer en architect filosoferen over de gevolgen van deze bijzondere tijd voor de inrichting van het fysieke domein.

36

Foto’s cover

Wolfert Dalton op weg naar nieuwbouw Een tijdelijk gebouw met een permanente en vooral transparante uitstraling.

TIAS Business School, Tilburg (pagina 42) IKC Prins Maurits, Leeuwarden (pagina 54) Kantoor Triodos Bank, Zeist (pagina 11)

Altijd de laatste updates van Schooldomein? facebook.com/schooldomein

twitter.com/schooldomein

38

Een bijzonder gebouw met drie poten

40

De Biënkorf van binnen naar buiten ontworpen

Nieuw Dr.-Knippenbergcollege eerste ontwikkeling op groene campus De Braak.

Nieuwbouw lijkt één groot blok maar heeft van binnen vier cadeautjes.

6

Schooldomein

januari 2020


42

Akoestiek als onderdeel van een integrale beleving Open structuren vragen om inrichtingsconcepten met aandacht voor akoestiek.

44 47

Meer bewegen op dezelfde footprint De nieuwe gymzaal komt er.

Onderwijsroute 10­-14 biedt differentiatie in keuzeproces Schoolinrichting als afgeleide van de onderwijsvisie.

50

Flexibel inrichten: een fluitje van een cent

52

Natuurlijk gebouw met een bijzondere inrichting

54

Kansrijke integratie onderwijs en kinderopvang

57

Een vliegende schotel in de wijk

60

Onderwijs als reis op NHL Stenden Hogeschool

63

Een schoolvoorbeeld van circulaire nieuwbouw

Mobiele wandsystemen maken flexibele ruimteverdeling kinderlijk eenvoudig.

BMV Auvermoer kent plekken voor ‘rust’ en ‘gedoe’.

IKC Prins Maurits heeft een gebouw met allure.

Zone.college: low tech gebouw voor innovatief groenonderwijs.

De Flotex vloer als eyecatcher.

Aeres Hogeschool wordt een Well-gecertificeerde hogeschool.

FACILITAIR EN BEHEER

66

Waarom deze tijd ook kansen biedt

68

Vloer biedt rust en goede akoestiek

Schoolgebouwen nu onderhouden zodat leerlingen en studenten straks kunnen presteren.

Nieuw IKC Kloetinge is groen, duurzaam en integraal.

OVERIGEN

71

Kenmerken Inspiratieboek 2015-2020 Ruim 100 rijk gedocumenteerde projecten op 500 pagina’s om huidige en toekomstige opdrachtgevers en gebruikers te inspireren.

RUBRIEKEN

21 73 74

Onderwijstrends door Jaap de Kruijf Column van Annegien van Dijk Vooruitblik naar Schooldomein 6

14 44 54 66 69


Niet over het hoe, maar over het waarom

THOMAS RAU OVER ACTUALITEIT EN URGENTIE 8

SCHOOLDOMEIN

december 2019


BESTUUR EN BELEID

Tekst Sibo Arbeek

Op het moment dat Schooldomein het gesprek met Thomas Rau had was nog niet te voorspellen dat de gevolgen van de Corona-crisis zo alomvattend zouden zijn. Maar in plaats van dat het artikel daardoor gedateerd is, wint het juist aan kracht en actualiteit. Thomas Rau: “Het is een misvatting om te denken dat wij als mens centraal staan.”

Fotografie: Suitable-Images

H

et bureau van Thomas Rau ligt aan de Hamerstraat in Amsterdam-Noord in een voormalige garageruimte, waar vroeger de auto’s naar binnen werden gereden: “We zitten hier samen met Bjarne Mastenbroek van SeARCH en delen ruimten en expertise.” Het gesprek gaat natuurlijk over ontwikkelingen op het gebied van circulair ontwerpen en bouwen. Thomas: “In 2008 maakten we al ons eerste energieleverende gebouw; het Christiaan Huygens College in Eindhoven. Nu is het mainstream en is iedereen met duurzaamheid bezig. Maar de kern van deze hele transformatie is dat het om het waarom gaat en niet om het hoe. Wat is het meest waardevolle in jouw leven? De meeste mensen noemen hun kinderen, maar nooit als eerste hun eigen partner. Niemand denkt op het moment suprême na over wat een kind gaat kosten. Dat is toch gek; dat je het benoemt als het meest waardevolle, maar vooraf niet over de investering, het rendement en het onderhoud nadenkt. Het meest waardevolle faciliteren we met het meest waardeloze verdienmodel ever. De school zou de meest waardevolle plek in deze maatschappij moeten zijn; ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat we dat in dit land niet altijd zo zien. Als je naar Finland kijkt komen alleen maar de allerbeste mensen voor de klas te staan. Er zit een fundamentele weeffout in ons systeem wat de positionering en waardering van het onderwijs betreft. De school is naast het ouderlijke huis de plek die niemand in zijn leven gaat vergeten. Het is het tweede ouderlijke huis, maar dan georganiseerd door de overheid. De school weerspiegelt de excentrieke en intrinsieke waarde van de samenleving. Op school wordt de jonge burger klaargestoomd voor het systeem. Je ziet steeds meer dat we onze kinderen vormen tot consument en ze steeds minder aanleren wat goed burgerschap is. De oorzaak ligt in het onderwijs-

systeem. Ieder mens heeft talent, alleen de meeste mensen zitten op de verkeerde school.” BIOGRAFISCHE WETMATIGHEDEN “De mens is onderhevig aan bepaalde biografische wetmatigheden, zoals tanden wisselen of de eigen seksualiteit ontdekken. In de scholenbouw onttrekken we ons aan wetmatigheden die juist voor kinderen belangrijk zijn. Kwaliteiten als ruimte, licht, kleur, richting en contrasten zijn enorm belangrijk voor ons menszijn. Maar wat overheerst zijn programma’s en budgetten, terwijl we ons bewust moeten zijn van de impact van een omgeving op de jonge burger. Architectuur in algemene zin is het ruimtelijk faciliteren van de biografische ontwikkeling van de mens. De meest kwetsbare context waar dit gebeurt is de school. Wat je vaak ziet is dat de school geïnstrumentaliseerd wordt om een architectonisch statement te maken. Daar is niets mis mee als het de maatschappelijke agenda dient en niet de subjectieve agenda van de architect of opdrachtgever. Net zoals bij de ontwikkeling van een kind dat zijn ouders imiteert is de school de fase waarin het kind in contact komt met datgene wat het verder vormt. Een ander aspect is dat een school de jonge burger klaarstoomt voor het systeem, maar ook bevordert dat deze door nieuwe inzichten aan een systeemverandering kan werken. We moeten constant het systeem willen transformeren en niet conserveren. Dat conserveren zien we in de architectuur heel vaak; we hebben duurzame condoompjes bedacht, waardoor opdrachtgevers ontwerpende partijen nu dwingen om oude fouten te herhalen. Ik ben in nieuwe fouten geïnteresseerd. Nieuwe fouten krijgen geen certificaat, maar hebben tenminste wel toekomst.” PERMANENTE CONSEQUENTIES “We moeten dus met wetmatigheden leren werken; alles hangt met alles samen. Het leven is supercomplex

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

9


10

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

ACTUALITEIT EN URGENTIE “Wanneer er meer geld naar een gedetineerde gaat dan naar een kind, gaat er iets fout. Een gevangenis hier is sowieso een groot drama; een schoolgebouw socialiseert mensen, een gevangenisgebouw resocialiseert mensen. Het meeste geld moet juist naar het onderwijs, die basis is totaal ontwricht. Er is ook geen moreel kompas in de klimaatdiscussie; we personaliseren de morele agenda op het individu. Dat is verkeerd; we hebben samen een probleem veroorzaakt en dat moeten we samen oplossen. De Friday For Future beweging leert ons dat kinderen niet voor niets opstaan. Dat betekent toch dat de overheid het moreel wenselijke gedrag via wetmatigheden zou moeten faciliteren, omdat de overheid het welzijn moet behouden en reguleren. Daarom ben ik blij met de 100-kilometer wetgeving; eindelijk een collectieve maatregel omdat het collectief nodig is. Dat zou het eerste teken van een systeemverandering kunnen zijn. Echt leiderschap reageert niet op actuele, maar op de urgente redenen. Als urgent actueel wordt is het altijd te laat; kijk naar de watersnoodramp, het coronavirus, de vluchtelingenstromen en de sprinkhanenplaag in Kenia. Een leider doet niet wat

Fotografie: Ossip van Duivenbode

“Architectuur in algemene zin is het ruimtelijk faciliteren van de biografische ontwikkeling van de mens”

Fotografie: Ossip van Duivenbode

LEIDERSCHAP VAN LEVEN “Op dit moment leven meer mensen op aarde dan ooit op aarde gestorven zijn, namelijk zeven miljard mensen. Het land dat het beste de vluchtelingen kan integreren heeft de meeste toekomst; gemengde culturen zijn het meest vitaal. Het hoopvolle is dat de geschiedenis laat zien dat er maar één iemand nodig is om het systeem fundamenteel te veranderen. Daar hebben we in de geschiedenis positieve en negatieve voorbeelden van gezien. De kans dat die ene iemand opstaat wordt steeds groter, want er zijn steeds meer mensen op aarde. Vroeger probeerde de kerk de intrinsieke waarden te bewaken en daar lag het morele leiderschap. De staat en overheden namen die rol over, maar hebben er moeite mee. Iedereen wist dat Erdogan de grenzen ooit open ging maken, maar we hebben al die tijd niets gedaan. Die fasen zijn we nu ook voorbij en we staan hulpeloos aan de kant. Leiderschap ligt dus nu bij de marktpartijen. De drie niveaus spirit, soul and body zien we op het fysieke niveau bij Amazon, op soul niveau bij Facebook dat ons sociale leven faciliteert en op het spirituele niveau bij de sociale media die ons voorschrijven hoe we ons moeten gedragen om een identiteit te suggereren. We zijn het leiderschap van leven kwijtgeraakt.”

Fotografie: Jack Tillmanns

en we proberen een simpel antwoord op een complexe vraag te vinden. In een ecosysteem wordt geen enkel aspect bevoordeeld ten koste van het totale ecosysteem. Wij denken soms dat als we een wetmatigheid ontkennen, hij niet van toepassing is. Volstrekte onzin; niemand op deze aarde gaat deze planeet levend verlaten. Alles is tijdelijk en alles wat we maken is een antwoord op een tijdelijke behoefte, alleen zijn de consequenties wel permanent. Dat betekent voor alle gebouwen dat we ze moeten ontwerpen als een depot van materialen. Iedere school wordt waardeloos en dat moet je faciliteren met waardevolle materialen. Behoeften zijn tijdelijk en de middelen zijn gelimiteerd om aan al die behoeften te voldoen. 50% van alle gebouwen die in 2060 staan moeten nog gebouwd worden.”


BESTUUR EN BELEID mogelijk is, maar wat nodig is. In principe is het de opgave van elke school het leiderschap in elk kind te koesteren zodat het zich kan ontvouwen.”

Fotografie: Ossip van Duivenbode

VASTGOED IS LOSGOED “Een school bouwen is dus één van de meest complexe opgaven die er is. Het is niet zo dat een school morgen een bejaardenhuis wordt en overmorgen een bakker. Dat misverstand rond multifunctionele gebouwen komt voort uit het feit dat we denken dat vastgoed vastgoed is, maar ons niet realiseren dat het eigenlijk losgoed is en een tijdelijk antwoord op een tijdelijke behoefte geeft. We denken dat we

Fotografie: Ossip van Duivenbode

waarde vernietigen door dingen anders te doen, maar ieder gebouw is een tijdelijke optie. Ik geloof niet in die programma’s met veel functies; je doet iedereen onrecht en het wordt één groot compromis waar niemand tevreden mee is. Je ziet hoe enorm

aantrekkelijk die schoolgebouwen van 100 jaar geleden zijn; daar kun je andere functies in maken, omdat ze nooit zo geprogrammeerd zijn. Voor een opdrachtgever is een bouwproces een incident, voor de gebruikers is het een fenomeen. Bij de opdrachtnemende partijen ligt een enorme verantwoordelijkheid om de echte vraag te achterhalen. De opgave is om antwoord te geven op de niet gestelde vragen waar de opdrachtgever dacht blij mee te zijn. Omdat alles tijdelijk is en materialen eindig zijn, is losmaakbaarheid belangrijk. Daardoor is alles remontabel en komt opnieuw beschikbaar. Bij het traject van de Triodosbank gaf de opdrachtgever ons het volgende mee: “We weten niet wat we willen vragen. De enige manier om te verantwoorden dat we nieuw bouwen is als we een nieuwe bouwcultuur inrichten. We willen het eerste nieuwe gebouw in een tijdperk van verandering.” Het gebouw is dus een materiaaldepot, vanuit een holistische benadering ontworpen, met een enorme biodiversiteit en CO2 negatief. Het geeft op alle fronten niet een antwoord maar een oplossing voor problemen. Daarnaast introduceert het een nieuwe cultuur voor de Triodos bank. Elke medewerker vindt het normaal om circulair te denken omdat ze het zelf hebben waargemaakt. Je bouwt altijd voort op je laatste project. Wanneer we het systeem willen veranderen, moet elk volgend gebouw een statement maken.”

Material Matters Ons nieuwe boek heet Material Matters: het alternatief voor onze roofbouwmaatschappij. Ik beleefde in 2009 een biografisch moment als eigenaar van een middelgroot bureau met 55 architecten. Ik kreeg voor de tweede keer roodvonk. Waarom krijg ik voor de tweede keer een kinderziekte? Als je 50 wordt en je krijgt nog steeds roodvonk doe je nog steeds niet in je leven wat je van plan was te doen. Toen ben ik naast RAU samen met mijn vrouw Turn Too begonnen; dat over de architectuur van een nieuw economisch systeem gaat. Duurzaamheid optimaliseert het systeem. Als we het systeem willen veranderen hebben we andere architectonische instrumenten nodig. Het eindigt met de copernicaanse wending dat we afstand moeten doen van het antroposofische denkbeeld. Het is een misvatting om te denken dat wij als mens centraal staan. Als je afhankelijk bent van alles sta je nergens boven. Ik noem dat de universele verklaring van de materialen.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

11


Tekst Sjoerd Groen en Rowin Oosterink

HANDVATTEN VERDUURZAMING VASTGOEDPORTEFEUILLE ONDERWIJS

Hoe creëer je inzicht in investering en rendement? Om de klimaatdoelstellingen te behalen is er de afgelopen jaren veel in gang gezet om schoolgebouwen te verduurzamen. De VNG stelde routekaarten per sector op om ervoor te zorgen dat gemeenten en onderwijsbesturen zoveel mogelijk worden ontzorgd in de route naar verduurzaming. Dit artikel biedt praktische handvatten om de opgave aan te pakken.

O

ndanks dat het klimaatakkoord van Parijs alweer twee jaar geleden is ondertekend, is de opgave nog steeds enorm. Wat zijn de kosten en opbrengsten en hoe creëer je inzicht in je portefeuille? De sectorale routekaart maatschappelijk vastgoed omschrijft de route naar energieneutrale schoolgebouwen. Maar wat betekenen deze voornemens concreet? 65% van het totale oppervlak aan schoolgebouwen komt uit de jaren 60, 70 en 80. Dat maakt dat de gemiddelde leeftijd van de onderwijsgebouwen in Nederland ruim 30 jaar is. Daarmee komen deze gebouwen al in de buurt van vervanging op opwaardering. Ze zijn vaak van slechte kwaliteit, enerzijds door beperkte tussentijdse renovatie maar ook functioneel, aangezien ze zijn ingericht op de onderwijsfunctie en bouwkundige eisen van destijds. Op dit moment beschikt slechts 16% van de schoolgebouwen over een A-label of hoger.

Daarnaast heeft ongeveer 25% van de scholen een onaanvaardbaar slecht binnenklimaat, wat leerprestaties van kinderen negatief beïnvloedt. EINDDOEL 2050: ALLE SCHOOLGEBOUWEN ENERGIENEUTRAAL Als alle schoolgebouwen in 2030 over een A-label moeten beschikken en in 2050 energieneutraal moeten zijn, staan we aan de vooravond van een enorme investerings- en verduurzamingsopgave waarin goed samenspel tussen gemeenten en schoolbesturen noodzakelijk is. Gemeenten hebben de zorgplicht, ze zijn verantwoordelijk voor een goed onderwijsgebouw passend binnen de geldende wet- en regelgeving (met normbekostiging) én ze hebben hun gemeentelijke duurzaamheidsambities. Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor goed onderwijs, daarbij fungeren ze als een goed huisvader voor het in stand houden en exploiteren van de onderwijsgebouwen. Hiertoe worden instrumenten en mogelijkheden gecreëerd op het vlak van programmeren (via IHP’s) en verruiming van de investeringsmogelijkheden. De stap naar verduurzaming vraagt om een nieuwe dimensie in samenwerking, zoals in het vorige nummer beschreven door onze huisvestingadviseurs Sytske Ypma en Sarah Heemskerk. Samen optrekken, het kan niet anders! INZICHT OP PORTEFEUILLENIVEAU De gedeelde verantwoordelijkheid zorgt ervoor dat er op portefeuilleniveau (gemeentelijk niveau of per schoolbestuur) gekeken moet worden naar onderwijshuisvesting. Inzicht in kosten en besparingen is nodig om strategische keuzes te maken over het doorvoeren van verschillende maatregelen of wellicht het afstoten of slopen van bestaande gebouwen. Dit kost veel tijd en geld. De sectorale routekaart

12

SCHOOLDOMEIN

mei 2020


BESTUUR EN BELEID

Pagina 1

4/9/2020

Dashboard voor portefeuilleverduurzaming

Verdeling portefeuille aantal gebouwen per functie

Verdeling portefeuille op bouwjaar en bvo

Verdeling portefeuille totaal bvo per energielabel

20K Wonen

10,25%

32

Overige 11

Kantoor

11

(MFA) Onderwijs

107

7

Sport (Binnen)

7

C B

10K

F D

Gebouwen

9

Parkeren

Labels

25,73% 12,1%

BVO

(MFA) Bijeenkomst

1,41%

15K

30

217,81K

A

13,96%

5K

G

19,92%

Totaal BVO

0K

1900

1950

16,63%

2000

Bouwjaren

E

Op hoofdlijnen de planning en financiën van de totale portefeuille

Plannen en monitoren

Cummulatieve jaarlast (rechter as)

Verloop CO2 uitstoot in kg (rechter as)

Cummulatieve investering (linker as) 80M

6M 60M

Aandeel CO2 besparing per maatregelgroep 0%

Bouwkundig Installaties

-20%

4M 40M

PV panelen

-40%

2M

20M

-60% -80%

0M

2020

-100%

2025

2030

2035

2040

Jaar

0M 1/1

Afbeelding 1: Dashboard gemeentelijke portefeuille inclusief onderwijsvastgoed Pagina 2

4/9/2020

Factsheet op gebouwniveau Onderwijs Verdeling van het effect op CO2

7,78%

MFA Onderwijs

Verdeling van de jaarlast Maatregelen

2,5%

39,34%

12,88%

Functie

1968

5K

Bouwjaar

C

BVO

Energielabel

Verlichting

5,09%

Gevel

Maatregelen

1,48%

Gevel

11,12%

Pv panelen

30,52%

Vloer

Beglazing

Verlichting Tapwater

13,87%

Verwarming

17,72%

Dak Ventilatie

12,…

Tapwater 17,2%

Verwarming Vloer

Dak

Terugverdientijd in jaren per maatregel

22,92%

Ventilatie

Beglazing Pv panelen

Planning en financiën MFA onderwijs Kapitaallast

Beheersmaatrege…

Energiebesparing

Exploitatielasten

Kapitaallast sloop-nieuwbouw

Cummulatieve jaarlast

Mogelijke maatregel

Pv panelen Verlichting

0,4M

Ventilatie Tapwater Beglazing

0,2M

Dak Vloer Gevel

0,0M

Verwarming 0

50

100

“Met dit sturingsinstrument kunt u gericht aan de slag met de verduurzaming van uw vastgoedportefeuille”

2020

2025

TVT

2030

2035

Jaar

2040 1/1

Afbeelding 2: Factsheet op gebouwniveau MFA - Onderwijs

voor onderwijs spreekt over veel CO2 winst door het toepassen van vervangende nieuwbouw voor scholen gerealiseerd voor 1992. Dit heeft enorme invloed op hoe wordt gekeken naar verduurzaming van onderwijsgebouwen en IHP’s. Hiervoor heeft abcnova een sturingsinstrument ontwikkeld dat voorziet in een slimme analyse met indeling en prioritering waarin de gebouwen worden verduurzaamd. Hiermee krijgen gemeenten en schoolbesturen op het juiste abstractieniveau inzicht waarmee voor de komende jaren de strategie wordt bepaald en waarop kan worden gepland en gestuurd op portefeuilleniveau. Zoals weergegeven in de dashboards. Dit interactieve dashboard is een mooie blauwdruk voor de gezamenlijke route naar verduurzaming. Hierin wordt aangegeven wanneer en op welke wijze de gebouwen worden verduurzaamd. Inzicht in de huidige staat, de gebruikshorizon, kosten en besparingen is noodzakelijk om strategische keuzes te maken. Voor verschillende gemeenten en schoolbesturen hebben we het sturingsinstrument succesvol ingezet om te komen tot strategische keuzes over hun gemeentelijke vastgoedportefeuille van in totaal 1.500.000 m2.

WAT DOET HET STURINGSINSTRUMENT VAN ABCNOVA ? • Het sturingsinstrument voorziet in een slimme indeling en prioritering waarin de gebouwen worden verduurzaamd. •O p strategisch niveau keuzes maken, plannen en sturen in verduurzaming van uw vastgoedportefeuille. • Integratie van meerjarenonderhoudsplannen met logische verduurzamingsmomenten. • Inzicht in de stand van het ‘verduurzamingsniveau’ van uw gebouwen. • Verduurzamingsmaatregelen (in logische pakketten) om gefaseerd de duurzaamheidsambities te behalen. Deze verduurzamingsmaatregelen zijn gekoppeld aan BENG 1, 2 en 3. • Inzicht in de besparingen en kosten (CO2, investering en kosten/besparing op jaarlastniveau). •O p gebouw- en portefeuilleniveau overzicht houden en analyses uitvoeren en strategische keuzes maken. • Een zo optimaal mogelijke fasering en planning in de verduurzaming van uw portefeuille aanbrengen en dat op inzichtelijke wijze weergeven. • Flexibel omgaan met veranderingen en het Masterplan dan wel uitvoeringsplan hierop aan te passen. • Monitoren en (bij)sturen tijdens de uitvoering van de routekaart. Uit divers onderzoek, zoals de Krachtenveldanalyse verduurzamen schoolgebouwen uitgevoerd door Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, blijkt dat het versterken van expertise bij gemeenten en schoolbesturen - en het delen hiervan - tot beter begrijpbare businesscases leidt. Juist op dit vlak excelleert het sturingsinstrument; het biedt overzicht en inzicht, waardoor begrip wordt gecreëerd. De ervaring leert dat de samenwerking hierdoor een positieve boost krijgt en de dialoog wordt gevoerd op basis van een constructieve gesprekstoon om gezamenlijk te komen tot gezonde, duurzame en betaalbare scholen. Met dit sturingsinstrument kunt u dus gericht aan de slag met de verduurzaming van uw vastgoedportefeuille in het onderwijs. Onze collega’s Sjoerd Groen en Rowin Oosterink vertellen u hier graag meer over. Kijk voor meer informatie op www.abcnova.nl.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

13


Tekst Annemarie Weersink en Stefen Werner, Lievense | WSP Fotografie Michiel Kievits

Verduurzaming van scholen loont Verduurzaming betekent aandacht voor energiebesparing, inzet van duurzame energie in plaats van fossiele brandstof, maar ook aandacht voor het binnenklimaat. Ofwel, een pleidooi voor beleidsmakers en schoolbesturen om de komende jaren tegelijk met de energietransitie ook in te zetten op toekomstbestendige nieuwbouw en renovatie richting Frisse Scholen.

Brede School Moergestel – DAT Architecten. Met overstekken is overmatige opwarming in de klaslokalen te voorkomen.

E “In Coronatijd is het advies: zet het raam vooral ver open. In het voorjaar en de zomer kan dat prima” 14

SCHOOLDOMEIN

en lichte, frisse en rustige omgeving is prettiger om in te verblijven. Onderzoeken tonen aan dat zo’n omgeving leidt tot betere leerprestaties en minder ziekteverzuim. Op de korte termijn resulteert het in meer welzijn en een beter rapport en op de lange termijn in economische groei voor een land. Voor het ontwerp van een schoolgebouw is toekomstbestendigheid, inzet van duurzame materialen met een lage milieu-impact, circulariteit, een intrinsiek lage energiebehoefte en inzet van duurzame bronnen naast hoog renderende installaties belangrijk. Dit alles staat ten dienste van het realiseren van een gezonde school waar prettig en goed onderwijs kan worden gegeven. Kinderen en studenten zijn gemiddeld vijf dagen per week, waarbij vier à zes uur per dag op school. Met een continurooster is dat zelfs aaneensluitend. Die tijd is zelfs nog langer als ook naschoolse opvang wordt geleverd. Ook op mbo- en hbo-scholen maken studenten evenals onderwijzend en ondersteunend personeel lange dagen van acht uur of meer. Daarom is aandacht voor een gezond binnenklimaat van groot belang. Het draagt bij aan verlaging van het ziekteverzuim

mei 2020

van leerlingen en leerkrachten en verbetering van prestaties. Dit geldt voor de korte termijn, maar ook voor de lange termijn. Fraunhofer concludeerde in 2015 na een uitgebreid Europees onderzoek dat een stijging van 2,8% van de leerprestaties van schoolkinderen leidt, tot een economische groei van een land van 6,7 tot 9,5%, gerelateerd aan het BNP per hoofd van de bevolking (Grün G e.a., dec 2015). Deze cijfers tonen aan dat de zorg voor een goed binnenklimaat loont.

In Coronatijd is het advies: zet het raam vooral ver open. Flink ventileren met buitenlucht is een algemene maatregel om verspreiding van virussen via de lucht tegen te gaan. In het voorjaar en de zomer kan dat prima. Een hor voor het raam beperkt tocht en insecten. Volgens onderzoekers kan Covid-19 zich mogeljik ook via de lucht verspreiden. De kans op infectie is veel kleiner, maar slecht geventileerde binnenruimten vormen een risico. Dus liever geen leerplekken in gangen of op de schoolzolder. Minder leerlingen in de klas draagt wel bij aan een goede binnenluchtkwaliteit.


BESTUUR EN BELEID

Invloed van CO2 concentratie op leerprestatie 130

Relatieve (leer)prestatie [%]

125 120 115 110 105 100 95 90

Klasse A

85 80

400

B

600

800

C

1000

1200

1400

1600

1800

CO2 concentratie [ppm]

Figuur 1: Vergelijking relatief effect van ventilatie (met de CO2 concentratie als maatstaf) op leerprestaties in basisscholen ontleend aan drie onderzoeken [Shaughnessy ea 2006, de Gids 2007, Wargocki ea 2005]. In de grafiek zijn de bandbreedtes van de CO2 klassen A (groen), B (geel) en C (blauw) uit het Programma van Eisen (PvE) van Frisse Scholen aangegeven. Invloed temperatuur (thermische sensatie) op prestatie (bron: Jensen, 2008) 100%

Relatieve prestatie

99%

98%

97%

96%

95%

-3

-2

-1

0

1

2

3

Thermische sensatie [0 = neutraal, negatief = (te) koud, positief = (te) warm]

Figuur 2: Relatie tussen thermische sensatie en relatieve productiviteit volgens Jensen 2008 (-0.0029Ts2 -0.0034Ts+0.999).

INTEGRAAL MAATREGELENPAKKET Ook scholen ontkomen de komende jaren niet aan de energietransitieopgave. Zinvol is het om energiebesparing en verbetering van het binnenklimaat gezamenlijk op te pakken, zodat de maatregelen goed bij elkaar aansluiten. Een integrale beoordeling is het devies. Veel maatregelen die invloed hebben op beperking van de energiebehoefte, zoals isolatie, luchtdichtheid, warmteterugwinning, zonwering en (spui)ventilatie hebben immers ook invloed op het binnenklimaat. Voldoende frisse lucht, spuiventilatiemogelijkheden in de (korte) pauzes en op warme dagen tochtvrij kunnen ventileren, zijn belangrijke items om daarbij te benoemen. Het Programma van Eisen Frisse Scholen geeft goede prestatierichtlijnen bij verschillende ambitieniveaus. VERBETERING (LEER)PRESTATIES Interessant is de vraag hoe leerprestaties fors zijn te verhogen. Door voldoende ventilatie worden afvalstoffen uit het lichaam afgevoerd, alsook stoffen die door bouw- en inrichtingsmaterialen worden afgegeven. Denk aan CO2, lijm, formaldehyde, vluchtige organische stoffen uit deodorant en parfum. Voldoende

ventilatie is ook nodig om fijnstof af te voeren. Het meten van de CO2- en VOC- en fijnstofconcentratie in een vertrek levert dan goede informatie over de frisheid van de lucht. Uit onderzoek in 400 Amerikaanse scholen bleek het ziekteverzuim 10% tot 20% hoger te zijn bij CO2-concentraties van 1000 ppm hoger ten opzichte van buiten (Shendell, 2004). Ook is er een sterkere verspreiding van infectieziekten onder die omstandigheden. Uit verschillende onderzoeken in binnen- en buitenland blijkt dat rekenen en lezen beter gaat bij lagere CO2 concentraties, dus als er beter wordt geventileerd (zie figuur 1). Ten opzichte van de referentie van 1600 ppm (100%) is de prestatie ongeveer 10% beter bij de bovengrens van Frisse Scholen klasse A; bij klasse B is dit 8% en bij C is dit 4%. Bij Frisse Scholen Klasse A is de leeropbrengst (rekenen/ lezen) zo’n 6,6% hoger dan bij de bovengrens van klasse C; voor klasse B is dit 3,8% hoger. Het is dus zinvol om te investeren in een goed functionerend ventilatiesysteem. SPUIVENTILATIE VOOR BINNENTEMPERATUUR Ook de temperatuur heeft een groot effect op productiviteit. Hoewel grafiek 2 onderzoeksresultaten van kantoren toont, laat deze goed zien hoe de productiviteit wordt beïnvloed door de ‘thermische sensatie’ (met 0=neutraal, positief is (te) warm en negatief is (te) koud). Fors ventileren bij warme dagen is van belang; bij 30°C is er 10% reductie in productiviteit. Berekeningen in de temperatuuroverschrijding en van de adaptieve temperatuurgrenzen geven inzicht welke maatregelen effectief zijn om een forse temperatuurtoename te voorkomen. TOTAALPLAATJE Een behaaglijk en gezond binnenklimaat heeft invloed op het functioneren van de mens. Langdurig verblijven in een slecht binnenmilieu op school of thuis en/of na een lange nachtrust in een slecht geventileerde slaapkamer thuis, heeft als effect dat je slechter slaapt en het concentratievermogen afneemt. In nieuwbouw zijn energie- en gezondheidsmaatregelen door een multidisciplinaire projectaanpak goed te integreren. In bestaande scholen moet naar maatwerkoplossingen worden gezocht. Door in bestaande scholen regelmatig en in de pauzes meer te ventileren met frisse buitenlucht, is vaak al een forse verbetering van het binnenklimaat te bereiken. Automatische raamopeners kunnen daarbij een goede aanvulling zijn, gekoppeld aan CO2/VOC-metingen in de klas. In combinatie met energiebesparende maatregelen is CO2 gestuurde ventilatie of een mechanisch ventilatiesysteem met warmteterugwinning een goede optie om voldoende én energie-efficiënt te ventileren. Kijk voor meer informatie op www.lievense.com.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

15


Fase NUL

In Fase NUL formuleren de toekomstige gebruikers van een gebouw voor kinderen gezamenlijke standpunten over de gewenste capaciteit binnen en buiten. Daarnaast gaat het over hoe en waar dit op de beschikbare kavel past, over traditioneel, luxe of ‘minder dan normaal’ bouwen en over welke ruimten ze wel en niet gaan en kunnen delen.

Geschiedenis

1995

2000

2005

D

e maatschappij verandert, de toekomst laat zich moeilijk voorspellen. Duidelijk is wel dat er van kinderen andere kennis en vaardigheden worden verwacht en dat ouders steeds meer de zorg voor hun kinderen combineren met een baan. Het onderwijs verandert ook en steeds meer scholen zoeken de samenwerking met kinderopvang op om zo beter te kunnen aansluiten bij de vraag van ouders; een dag arrangement van 7 tot 19 dat bestaat uit onderwijs en een aanbod voor en na schooltijd. Samen met kinderopvang willen scholen een doorgaande ontwikkellijn realiseren zodat kinderen van 0 tot 13 jaar optimale ontwikkelingskansen krijgen.

“én educatie én brede ontwikkeling én elkaar ontmoeten én lunchen én (buiten)spelen in 1 gebouw”

16

SCHOOLDOMEIN

GEBOUWEN VOOR KINDEREN Een gebouw moet de werkwijze van de professionals ondersteunen en voor kinderen een plek zijn waar zij kunnen spelen, leren, eten, elkaar kunnen ontmoeten en hun brede talenten kunnen ontwikkelen. Daarom spreken wij niet van schoolgebouwen, maar van ‘gebouwen voor kinderen’. De ontwikkeling van traditionele schoolgebouwen naar gebouwen voor kinderen is een logische ontwikkeling vanuit de brede scholen naar mfa’s (multifunctionele accommodaties). De uitdaging is om een gebouw zo te realiseren dat onderwijs en kinderopvang zijn gehuisvest en er meerwaarde ontstaat voor de gebruikers, kinderen, professionals en ouders. NORMEN EN EISEN Ieder (ver)bouwproces start met het bepalen van het aantal m2 dat gebouwd wordt. Gemeenten, die de wettelijke taak hebben te zorgen voor onderwijshuisvesting, hanteren vaak de norm: 200 m2 basis + 5,03 m2 BVO per kind. Voor kinderopvang geldt de eis 3,5 m2 netto speeloppervlak per kind. In het daarop gebaseerde totaal aantal m2 zijn twee elementen cruciaal: de verdeling van de m2’s (kwantiteit) en het gebruik van die m2’s (kwaliteit).

mei 2020

IKC: Integraal model

2010

2015

KWANTITEIT De toekomstige gebruikers onderzoeken samen of, welke en hoe ruimten gedeeld kunnen worden en welke invloed dit heeft op het totaal aantal m². Hieronder ziet u een schema met drie kwantitatieve scenario’s. In scenario A bouwen en gebruiken onderwijs en opvang traditioneel hun eigen m²’s. In scenario 2 bouwen ze hun eigen m²’s en gaan zij een 140 totaal

140 totaal

100

40

100

40

120 totaal

80

40

120

20

60

80

20 20

100

40

Traditioneel (A)

Luxe (B)

Efficiënt (C)

• zelfde m2 • splitsbaar • niets delen

• zelfde m2 als A • meer ruimte dan A • ruimte delen

• minder m2 dan A • evenveel ruimte als A • ruimte delen

opp. onderwijs

opp. opvang

opp. dubbel gebruikte ruimte

Kwantiteit

Indicatieve tijdlijn

wij willen een gebouw voor kinderen

Fase NUL met RPvE + SO

ar t

1990

Compact model: school & kinderopvang

MFA: multifunctionele accomodatie

st

1985

Netwerk in de buurt

nu

Klassieke brede school


BESTUUR EN BELEID deel samen gebruiken. Zo ontstaat een luxe situatie, waarin er per partner meer m²’s in gebruik zijn dan ‘normaal’. Scenario 3 is een efficiënte vorm, die feitelijk in totaal minder m²’s realiseert. De partners hebben, door het delen van ruimten, toch hun benodigde aantal vierkante meters, die ze volgens de normen en eisen nodig hebben. Multi-Multi

Multi-Mono

FASE NUL Amper&Sand werkt vanuit de overtuiging dat de vorm de inhoud volgt. De gezamenlijk geformuleerde visie op hoe kinderen zich ontwikkelen en welk integraal aanbod daarbij past is het uitgangspunt waarmee we samen met de gebruikers onderzoeken welke ruimten die werkwijze maximaal ondersteunen. o

Mono-Mono

20m2

speellokaal +

kdv

algemene buitenruimte

130m2

in

10m2

buiten ruimte kdv

kdv

aula

team 50m2

t

keuken

1-2

50m2

70m2

t

t+m

ov ov

60m2

3

bieb 30m2

5

7

50m2

60m2

45m2

leerplein 1-2

bso

t

70m2

70m2

kdv

t

4

in

60m2

8

6

45m2

50m2

20m2

ov ov

in

bb

30m2

ruimte voor recreatie/ opvang/ expressie

ruimte voor educatie/ onderwijs/ instructie

hoofdgebruik onderwijs

Kwaliteit

dubbelgebruik

hoofdgebruik bso

hoofdgebruik opvang

Dit bollenschema is gebaseerd op keuzes in de kwantiteit en de kwaliteit van de ruimten die door de gebruikers gezamenlijk zijn gemaakt.

KWALITEIT Transformatie is de kern in het maken van keuzes voor ruimtegebruik. Transformatie kan plaatsvinden op de korte termijn, het dagelijks na elkaar of tegelijk gebruiken van ruimten. En op de lange termijn, de mogelijkheid flexibel te kunnen reageren op groei en krimp. Flexibel gebruik vraagt gezamenlijk geformuleerd beleid en praktische afspraken. Hieronder zijn drie kwalitatieve ruimtelijke principes uitgewerkt. Er is onderscheid gemaakt in de functies: educatie/ instructie en recreatie/opvang/expressie. Wanneer meerdere functies in één ruimte plaatsvinden (multi-multi) is een grotere ruimte nodig, namelijk minimaal 77 m2. Het aantal ruimten is gelijk aan het aantal (onderwijs)groepen dat met dit ruimtelijk principe wil werken. Wanneer gekozen is voor aparte instructieruimten en ruimten voor recreatie/opvang/ expressie (mono-mono) zijn de ruimten kleiner. Er kan natuurlijk ook een mix zijn van kleinere instructieruimten in combinatie met één (grotere) ruimte voor recreatie/opvang/expressie (multi-mono).

samenstellen bouwteam

VO + DO

vergunning

bestek

Dit leidt tot een Ruimtelijk Programma van Eisen (RPvE) in tekst, (referentie)beeld en ruimtelijk plan. Vlekkenplannen tonen de afmetingen van ruimten, de positionering in het gebouw en ten opzichte van elkaar en welke ruimten voor gezamenlijk gebruik zijn en welke een specifieke functie hebben. Het bollenschema is een ruimtelijk plan zonder specifieke invulling van de vorm van ruimten en gebouw. Varianten van de vlekkenplannen tonen dat de uiteindelijke vorm de inhoud blijft volgen. Een RPvE kan doorontwikkeld worden naar een schetsontwerp. Door Fase NUL gezamenlijk te doorlopen is er overeenstemming over de werkwijze in en de kwantiteit en kwaliteit van het te realiseren gebouw voor kinderen. Aarzel niet te bellen als u vragen of suggesties heeft met Joost Hillen (030-2218497) & Yvette Vervoort (06-24812125). Mailen kan natuurlijk ook via de website amper-sand.nl of direct naar wijzijn@amper-sand.nl.

wij hebben een gebouw voor kinderen

BOUW

keuze

ja 5 3,

ar

ar ja 5

ja 3

SCHOOLDOMEIN

ar

wij hebben een gebouw voor kinderen

BOUW

2,

ja

ar

aanbesteding

2

5

ja

ar

bestek

1,

25

ja

ar

vergunning

1,

ja

ar

VO + DO

0,7 5

0,5

ja

ar

architecten selectie

mei 2020

17


Tekst Kenniscentrum Ruimte-OK

BLIJVENDE AANDACHT VOOR DUURZAME EN GEZONDE ONDERWIJSHUISVESTING

7 stappen naar duurzame schoolgebouwen Schoolbesturen en gemeenten staan voor een behoorlijke opgave de komende jaren: duizenden schoolgebouwen verduurzamen vanwege het Klimaatakkoord. Maar hoe kunt u de vergaande ambities uit dit akkoord concretiseren? En hoe worden daarin andere ontwikkelingen als de vorming van integrale kindcentra en zaken als groei, krimp en gezonde leeromgeving ook meegenomen?

18

SCHOOLDOMEIN

mei 2020


BESTUUR EN BELEID

spoorboekje Visievorming

Beeldvorming

Stap 1 Inzicht

>

Stap 2 Opgave

Planvorming

>

Stap 3 Ambities

>

Implementatie

Stap 4 (Deel)plannen

>

Stap 5 Financiering

>

Besluitvorming

Stap 6 Uitvoering

>

Stap 7 Vaststellen

Ga voorbereid op reis en download het volledige spoorboekje met de 7 stappen op www.scholenopkoersnaar2030.nl/kennisbank-scholen-op-koers/stappenplan. Op naar 2030! Meer weten of ondersteuning nodig? Neem contact op met info@ruimte-ok.nl of kijk op www.scholenopkoersnaar2030.nl.

E

en Integraal HuisvestingsPlan (IHP) is daarbij essentieel maar niet de volledige oplossing. Ook starten met deeloplossingen zonder dat er een bovenliggend plan ligt, is niet de manier. Om de gebouwopgave zo slim en efficiënt mogelijk aan te pakken is een gezamenlijke planmatige aanpak de beste manier. Een aanpak die start met inzicht in de lokale opgave en helderheid over duurzaamheidsambities. Dit vraagt nu tijd maar levert uiteindelijk de meeste winst op. Winst in tijd, geld en organisatie. De volgende 7 stappen uit het programma Scholen op Koers naar 2030 van Kenniscentrum Ruimte-OK helpen hierbij. Deze 7 stappen vormen de route naar duurzame en gezonde schoolgebouwen:

gezien worden als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van schoolbestuur en gemeente, waarbij er gekeken wordt naar samenwerking met de verschillende beleidsvelden, zoals vastgoed, duurzaamheid, onderwijs, welzijn, sport en cultuur. Daarnaast is het belangrijk om hier de wijkaanpak mee te nemen en zo de switch te maken van energiebesparing naar CO2-reductie. Door in deze stap een gezamenlijke agenda te bepalen, krijgt u beter in beeld wat de lokale opgave is. “We merken dat de startbijeenkomsten die we organiseren hierbij goed ondersteunen en tot waardevolle inzichten leiden”, aldus Wim Lengkeek, expert bij Ruimte-OK. In deze fase is bovendien goed in beeld wat het beleidspad verduurzaming onderwijsgebouwen aangeeft. Hierin staat helder weergegeven waaraan moet worden voldaan en welke ontwikkelingen in de toekomst worden verwacht.

STAP 1 INZICHT: WAAR STAAT U? Het begint met het vormen van een beeld waar u, als gemeente en schoolbesturen, staat met alle schoolgebouwen. Vragen als hoe ziet het gebouwenbestand eruit qua omvang, bouwjaar en kwaliteit en wat is de ruimtebehoefte in de toekomst moeten allereerst beantwoord zijn. In deze fase wordt ook het energieverbruik in beeld gebracht en de CO2 uitstoot per gebouw. Een handige rekentool uit het Scholen Besparen Energie programma ondersteunt hierbij. Daarnaast geeft een speciaal voor onderwijsvastgoed ontwikkeld dashboard inzicht in onderwijsvastgoed per gemeente en per schoolbestuur. Door deze stap te doorlopen is de basis op orde en is er een gezamenlijk vertrekpunt. Dit is echt de eerste stap. Vaak wordt er direct gedacht aan de financiën. Zet dit onderwerp tot stap 5 in de ijskast. Hierna komt eerst de fase van visievorming.

STAP 3 AMBITIES: WAT WILT U PRECIES? De 3e belangrijke stap is het maken van een vertaling van de lokale opgave naar concrete doelen. Bij ver-/ nieuwbouw wordt er gekeken naar de gewenste situatie van onderwijsgebouwen op de langere termijn. Zo kan de wens zijn om een gebouw aan te laten sluiten op de gezamenlijke visie op kind- en talentontwikkeling maar wellicht ook op andere kindvoorzieningen als jeugdzorg en kinderopvang. Het samen onder één dak, zal iets anders van het gebouw en van de invulling van de speel- en leeromgeving van kinderen vragen. Het Kwaliteitskader Huisvesting is een handig hulpmiddel hierbij. Denk eraan ook samen de klimaatambitie in beeld te brengen. Als alle ambities helder en concreet zijn, weet u welk gezamenlijk doel u voor ogen heeft en volgt de planvorming.

STAP 2 OPGAVE: WAAR WILT U HEEN? De opgave vraagt een andere werkwijze dan u wellicht gewend bent. Zo moeten schoolgebouwen

STAP 4 (DEEL)PLANNEN: HOE GAAT U HET AANPAKKEN? Een integrale totaalaanpak komt samen in het Integraal HuisvestingsPlan (IHP). In deze stap worden er

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

19


“Met een Duurzaam Meerjaren Onderhoudsplan (DMOP) wordt de vertaalslag gemaakt van wat je in een IHP met elkaar afspreekt”

keuzes gemaakt over nieuwbouw, renovatie en onderhoud, welke gebouwen van waarde zijn om naar de toekomst toe te behouden. Ook wordt de afweging gemaakt tot (Bijna) Energieneutrale Gebouwen (BENG/ ENG) om de CO2-reductie te halen. “We merken dat er daar waar er een IHP is vaak nog onvoldoende of geen rekening is gehouden met de verduurzamingsopdracht”, aldus Wim Lengkeek. ‘’Zodoende bieden wij een IHP-Koerscheck aan waarbij we het IHP van de gemeente doorlopen aan de hand van een checklist. Wij toetsen daarmee op doelstellingen zoals vastgesteld in het Klimaatakkoord.” Met een afgewogen plan, waarbij afspraken lokaal verankerd zijn heeft u inzicht gekregen in de totale investeringsbehoefte. De vraag is nu hoe u dit kunt gaan financieren. STAP 5 FINANCIERING: HOE GAAT U HET BETALEN? De doelen zijn bekend. Hoe worden deze gehaald? En zijn deze betaalbaar? Het onderwerp financiering levert best wel eens discussie op tussen gemeenten en schoolbesturen. Toch zijn er genoeg voorbeelden waarbij het lukt. Dit kan bijvoorbeeld door te kijken naar natuurlijke vervangingsmomenten, momenten waarop onderhoud sowieso al nodig was en Total Cost of Ownership (TCO), de totale kosten tijdens de exploitatiefase van de school. Met een Duurzaam Meerjaren Onderhoudsplan (DMOP) wordt de vertaalslag gemaakt van wat je in een IHP met elkaar afspreekt. Wanneer er in het Meerjaren Onderhoudsplan natuurlijke vervangingsmomenten zijn, loont het om te kijken of dit groot onderhoud gecombineerd kan worden met bijvoorbeeld energiebesparende maatregelen en/of duurzame energieopwekking. Denk bijvoorbeeld aan een moment als vervanging van de dakbedekking, kozijnen, het verwarmingssysteem of aan de installatie van zonnepanelen. Gemeente en schoolbestuur kunnen de focus op investeringskosten

20

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

loslaten door de investering samen te brengen met de exploitatie (TCO). Maak duidelijke afspraken over de kostenverdeling en zorg dat er een sluitende businesscase is waardoor u de plannen weet te realiseren. Bovendien helpt het scholen als duidelijk in het IHP staat wanneer hun school aan vervanging toe is. Hierdoor zijn ze beter in staat om reserveringen op te sparen en op één moment te kapitaliseren. STAP 6 UITVOERING: HOE GAAT U HET ORGANISEREN? Denk voor de uitvoering na over wie wat gaat doen (taken en verantwoordelijkheden) en hoe. Bedenk op welke wijze de markt benaderd kan worden, welke vorm van aanbesteden wenselijk is en hoe u misschien kunt komen tot een prestatiegerichte uitvraag met garanties. Hierbij is meer ruimte voor het aandragen van oplossingen in tegenstelling tot een prijsgerichte uitvraag op basis van een bestek. Door geslaagde praktijkervaringen is er meer en meer bekend welke oplossingen marktpartijen kunnen bieden en kan er worden overgegaan tot de besluitvorming. STAP 7 VASTSTELLEN: HOE GAAT U HET BORGEN? Borging wordt hier als laatste stap genoemd maar is misschien wel de belangrijkste stap. En eigenlijk is borging een stap na iedere fase. Zorg dat u toezicht houdt op de uitvoering, de voortgang bewaart en de herhalingscyclus bepaalt (herijking) door monitoring. Hierdoor weet u wat er beter kan en kunt u bijsturen. Meer weten of ondersteuning nodig? Neem contact op met info@ruimte-ok.nl of kijk op www.scholenopkoersnaar2030.nl.

Dit programma is onderdeel van het landelijk initiatief Kennis- en Innovatieplatform verduurzaming maatschappelijk vastgoed. Ons gezamenlijke doel is om maatschappelijk vastgoed in de sectoren Onderwijs, Zorg, Monumenten én Sport op weg te helpen om de verduurzaming in gang te zetten. Kenniscentum Ruimte-OK werkt samen met Kenniscentrum Sport, TNO, Stimular/MPZ, Rijksdienst van Cultureel Erfgoed (RCE) en RVO. De gezamenlijke doelstelling uit het klimaatakkoord is 49% minder CO2 uitstoot in 2030 t.o.v. 1990. Het programma Scholen op Koers naar 2030 van Kenniscentrum Ruimte-OK ondersteunt PO, VO-scholen en gemeenten en heeft bij de uitvoering een nauwe samenwerking met ministerie OCW, BZK, PO-Raad, VO-raad en de VNG.


Eduhuys

www.eduhuys.nl

Column

onderwijshuisvesting

IT Asset Management

“… een groene, frisse school. Een duurzaam, flexibel

gebouw met een gezond en plezierig leerklimaat. Een school, waar leraren en leerlingen zich thuis voelen...”

Trends in Onderwijsland Welke onderwijstrends zullen bestendig blijken na afloop en evaluatie van de corona-crisis? Ingrepen zoals scholen sluiten, eindtoets en centrale examens schrappen en vormen van onderwijs-op-afstand, zullen ongetwijfeld de richting veranderen. Voeg daarbij de maatschappelijke effecten van de ‘intelligente lockdown’ en het onthutsend beeld van tekorten aan werkers in de gezondheidszorg en hulpverlening, dan lijkt het onwaarschijnlijk dat een herwaardering van traditionele arbeidsmarktbeelden en geprognotiseerde ontwikkelingen uitblijft. Zonder op evaluaties en onderzoeken vooruit te lopen, kan geconstateerd worden, dat herwaardering en upgrading van beroepen en functies in de sector zorg en welzijn vanzelfsprekend wordt. Met name de uitvoerende functies verdienen meer dan ooit een opwaardering in het functie-en salarisbouwwerk. Scholen, universiteiten en opleidingsinstituten voor een langere tijd sluiten, kent talloze benoembare en niet-benoembare negatieve effecten voor leerlingen, studenten en medewerkers. Daarnaast biedt het ook mogelijkheden om na deze crisissituatie weer met een blik van ‘wederopbouw’ naar het onderwijs te kijken. Zonder nu in details te vervallen: Wat is de school als de sociale functie wegvalt en vrijwel alleen de taak van theoretische kennisoverdracht overblijft? Hoe blijf je leerlingen motiveren met ‘onderwijs-op-afstand’ en welke mogelijkheden zijn er om de praktijkgerichte vmbo-leerlingen bij de les te houden? De bijzondere situatie voor leerlingen met een speciale zorg- en begeleidingsvraag nog buiten beschouwing gelaten. De effecten van doorstroom met een ‘diploma-2020’ zal voor veel leerlingen en studenten niet onopgemerkt blijven. Hoe worden hiaten in de opleiding weggewerkt en praktische vaardigheden weer op peil gebracht?

Bezoekadres

T (073) 6924435

Hintham 156

E info@eduhuys.nl

5246 AK ‘s-Hertogenbosch

W www.eduhuys.nl

De ervaring met de diverse varianten van ‘onderwijs-op-afstand’ biedt mogelijkheden om knelpunten uit het ‘vóór-corona-tijdperk’ opnieuw te bekijken. Kunnen groepsgrootte, te volle klassen en werkdruk-beleving anders en meer gevarieerd benaderd worden, nu blijkt dat voor theorie- en creatieve vakken scholen succesvol andere vormen van lesgeven hebben ontwikkeld? Voor het beroepsonderwijs (vmbo en mbo) vormt dit helaas geen panacee. Praktijklessen worden nu eenmaal anders gegeven en beleefd, zij het dat ook hier skypen en het gebruik van virtuele reality (VR) wellicht een klein deel van het probleem oplossen. Echter niet de oplossing voor de ‘doeners’ in ons onderwijs. Naast de talloze andere facetten die een beschouwing verdienen, is er in ieder geval één die opvalt, namelijk het examensysteem in het voortgezet onderwijs. De sluiting van scholen rond de examenperiode toont nog weer eens aan hoe omvangrijk en divers het systeem van school- en centrale examens in het voortgezet onderwijs is. Waar de centraal ontwikkelde en georganiseerde examens wegvallen en de schoolexamens de diploma-norm worden, blijkt ineens hoe divers scholen naar inhoud en vorm met een ‘programma van toetsing en afsluiting’ (pta) omgaan. Ook laten leerlingen en studenten zien hoe het patroon van toetsing en examinering hun wijze van leren en studeren bepaalt.

www.eduhuys.nl

Een greep uit ‘te leren lessen’ en een inspiratiebron voor toekomstig onderzoek. Jaap de Kruijf


Anders werken aan Duurzaamheid voor Morgen is het thema van deze Schooldomein. In de rubriek Architectuur en verbeelding geven architecten, ontwerpers en inrichters mooie voorbeelden daarvan.

GORTEMAKER ALGRA FEENSTRA ARCHITECTS De Goudse Waarden “De baksteen schaarste, waarvan eind jaren ‘50 moest worden gesproken, heeft mij genoodzaakt de gevels hoofdzakelijk samen te stellen uit een geheel zichtbaar gewapend-betonskelet.” - architect Corns Elffers over het schoolgebouw De Goudse Waarden in het Bouwkundig Vakblad uit 1963. Nu 55 jaar later staat het architectenbureau Gortemaker Algra Feenstra voor hetzelfde probleem. Niet het materiaal, maar de metselaars zijn schaars en dus moeten er andere technieken en materialen worden bedacht en toegepast om gebouwen betaal­ baar te maken. Met dit in het achterhoofd is er een ontwerp gemaakt, waarbij hergebruik van het bestaande skelet de basis vormt. Dit was niet de meest voor de hand liggende optie, maar een raadslid vatte het mooi samen: “Het is een aanpak waarbij er gekozen wordt voor hergebruik en tegelijkertijd een volledig duurzame aanpak.”

leerlingen. Daarnaast wordt de wateropvang zichtbaar gefiltreerd, in samenwerking met het Waterschap, hierdoor zien de leerlingen de voordelen en wordt er bewustwording gecreëerd. Naast duur­ zaamheid is er binnen het ontwerp ook focus op de gezondheid van de leerlingen. Naast dat de kantine een gezond aanbod van eten aanbiedt, is er ook gedacht aan het stimuleren van de beweging van de leerlingen. De inrichting van het plein en de route om de school heen nodigt uit tot bewegen. Zodat er niet alleen bij sport wordt bewogen, maar ook in de pauzes en vrije tijd in en rondom school. Door deze aspecten toe te voegen wordt de school echt van de leerlingen. Hun plek voor ontmoeten, veiligheid en leren.

22

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

visualisaties: Gortemaker Algra Feenstra architects

Binnen het ontwerp is er ruimte gecreëerd voor sociale duurzaamheid. De regie over afvalscheiding ligt, door deze optie overal aan te bieden, bij de


Fotografie: Leonard Fäustle - info@leonardfaustle.nl

ARCHITECTUUR EN VERBEELDING

BERGER BARNETT ARCHITECTEN De Wereldboom is het eerste Integrale Kindcentrum op Humanistische grondslag in Amsterdam. Het nieuwe gebouw biedt ruimte aan ca. 500 leerlingen voor basisonderwijs, een kinderdagopvang en voor­ zieningen voor de BSO. Het gebouw is vormgegeven als een op zichzelf staand alzijdig volume in een groene ruimte tussen

twee woongebieden in. De vorm van het gebouw is het resultaat van de inpassing van de maximaal toegestane voetafdruk in combinatie met het sparen van zoveel mogelijk bomen. Het onderwijs wordt georganiseerd rond leerpleinen die in verbinding staan met de aula. De drie leerpleinen zijn speciaal ontworpen voor verschillende vormen van samen­ werken. De lesruimten zijn gegroepeerd rond een patio met een bestaande Esdoorn. Door een combinatie van innovatieve installatie­ technische oplossingen en een slimme gebouw­vorm is het ontwerp een Nul-Op-de-Meter (NOM) duurzame nieuwbouw school met lage exploitatiekosten en de ambitie energieleverend te worden. Met name het op het zuiden gerichte schuine dak is integraal onderdeel van het duurzaamheidsconcept van het gebouw, omdat de PV-panelen in een veel hogere dichtheid op het hellende dak worden gelegd. Daarnaast zijn duurzame materialen met een lange levensduur gebruikt die weinig of geen onderhoud vragen. Het ontwerp is all-electric en heeft geen gasaansluiting. Het gebouw heeft een Lucht Water Warmtepomp, lage temperatuur vloerverwarming, 654 stuks PVpanelen, hoge rc-waarden voor de buitenschil, CO2 gestuurde MV installatie met WTW, LED verlichting met bewegingsdetectie en automatisch gestuurde zonwering.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

23


Foto: Thijs Wolzak

KOSSMANNDEJONG BOLIDT Hoe kun je je klanten betrekken in het maakproces van je product? Kossmanndejong bedacht een concept voor een klantenexperience dat verder gaat dan het inrichten van een tentoonstelling. Samen met Bolidt en architect Joris Luchinger ontwikkelden ze een plek waar klanten geïnspireerd raken door het verhaal van familiebedrijf Bolidt. Wie door het gebouw loopt ziet en voelt alle stappen van het maakproces van de custom made gietvloeren: de executive room, brainstormruimtes, kantoorplekken, zelfs het laboratorium is zichtbaar. Daarvoor moesten de gehele werkwijze en veiligheidsvoorzorgen in het lab herzien worden. Het gevolg? Bezoekers én

24

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

mede­werkers krijgen direct inzicht in wat en wie er allemaal nodig zijn voor een nieuwe vloer. Bezoekers ontdekken ook de eindeloze technolo­ gische mogelijkheden en duurzame oplossingen. Zo kun je materiaaltests doen, het lab induiken, medewerkers wereldwijd in actie zien en een film met lichtshow bekijken. Overal vind je samples van de (co-)creaties van Bolidt en hun cliënten. Zo zijn het dakterras en de publiekstribune een enorme staalkaart. Uit alles spreekt de familiecultuur en de passie voor innovatie. Het gehele gebouw ademt het verhaal van Bolidt door middel van een grafische beeldtaal die alles met elkaar verbindt.


ONTWERP EN INRICHTING

GOEDE LESSEN VOOR ARCHITECTUUR EN BOUWKUNDE

Tijd voor een gezonde leer- en werkomgeving

Merletcollege, Foto: Arjen Schmitz

Tekst Sibo Arbeek

Iedereen zit te trappelen om weer naar school te gaan. Maar hoe zorg je ervoor dat de leer- en werkomgeving gezond is en blijft? Natuurlijk krijgen we te maken met procedures en richtlijnen, maar natuurlijk daglicht en vooral ruimte om te bewegen zijn belangrijke voorwaarden om gezond te blijven en elkaar - heel voorzichtig- weer te ontmoeten. SCHOOLDOMEIN

mei 2020

25


Merletcollege, Foto: Arjen Schmitz

A

“Een van de bijkomende voordelen van het creëren van openingen voor daglicht is dat we ook verbinding krijgen met de buitenwereld” 26

SCHOOLDOMEIN

tto Harsta is transitiestrateeg, ombouwer en aanjager. Als directeur Aldus bouwinnovatie en oprichter van Dutch Daylights, heeft Atto een duidelijke visie: “Door intensieve samenwerking met alle ketenpartijen bouwen aan een duurzame en gezonde samenleving. Licht, lucht en geluid; iedereen zegt dat het belangrijk is, maar uiteindelijk krijg je te maken met de wet van de snel dalende ambitie. We beginnen hoog, maar eindigen veelal op bouwbesluit-minus door de invloed van financiën, tekort aan tijd en veel afstemmingsfouten in de integrale benadering en uitvoering. Dan valt daglicht en natuurlijke ventilatie sowieso al snel af, want die hebben geen eigenaren zoals kunstlicht en energie wel hebben. Niemand komt op voor de kwaliteit van natuurlijk licht. Het probleem is dat het denken over omgevingen gedreven wordt door een smalle visie, ook vanuit de energieagenda. Dat leidt tot gesloten thermosflessen en nare gebouwen die zogenaamd duurzaam zijn. Er wordt apart van elkaar gewerkt aan de circulaire economie en het klimaatakkoord, maar dan vergeet je de integrale benadering en komen innovatieve oplossingen die beide transities dienen niet van de grond. We hebben behoefte aan toekomstbestendige gebouwen waarbij de scholen die we nu bouwen straks zorginstellingen kunnen worden (en vice versa). Nu voldoen ze vaak al niet meer na twintig jaar voor hun primaire functie. Juist in deze tijd is de focus op gezonde gebouwen belangrijker dan ooit tevoren.”

GEZONDE OMGEVING Atto verder: “Living Daylights (in 2018 omgedoopt in Dutch Daylights) heb ik opgericht vanuit mijn eigen bewustzijn en behoefte aan buiten zijn en natuurlijk daglicht. Niet iedereen is gelijk en sommigen hebben een verhoogde gevoeligheid voor straling en in mijn geval voor licht. Dat is met geluid ook zo. Ons bioritme is gekoppeld aan licht en donker. Architectuur en bouwkunde moeten daarop inspelen. We zijn in feite nog steeds dezelfde naakte apen van anderhalf miljoen

mei 2020

jaar geleden. Daar is evolutionair niet veel veranderd. Veel zaken zijn evolutionair goed geregeld, maar de laatste 60 jaar na de oorlog zijn we ons massaal naar binnen gaan bewegen. Waarom laat iedereen zich opsluiten; voor gezond leven heb je frisse lucht en licht nodig. Ik moet elke dag minimaal een uur buiten bewegen anders functioneer ik niet goed. VELUX is één van de weinige partijen die daglicht echt serieus neemt. Ze hebben als daglichtambassadeur vanuit hun betrokkenheid kennis naar de markt gebracht en daarmee hebben ze onder andere ook Living Daylights erg gestimuleerd. We hebben alles ingedeeld in kennisdomeinen waarbij architectuur en medische studies naar verschillende opleidingen zijn vertaald, terwijl ze elkaar beïnvloeden en versterken. De visuele behoefte van de mens is een andere behoefte dan onze gezondheidsbehoefte, maar voor beiden hebben we licht en lucht nodig. Wat we geregeld hebben is dat de kinderen het schoolbord kunnen zien, maar niet dat ze in een gezonde omgeving kunnen opgroeien.” INVLOED OP LEERRESULTATEN Phuong Nguyen is regionaal marketing manager bij VELUX Commercial: “Toen er onderzoek werd gedaan naar de invloed van het fysieke ontwerp van scholen op de leerresultaten van scholieren, was het weinig verrassende resultaat dat licht een van de belangrijkste individuele parameters bleek te zijn. Uit verschillende onderzoeken is gebleken dat daglicht niet alleen goed is voor de gezondheid en het welzijn van kinderen, maar dat daglicht ook de leerprestaties aanzienlijk kan verbeteren. Een van deze onderzoeken werd uitgevoerd door de Universiteit van Sorbonne, die het SINPHONIE -onderzoek bekeek waar 2.387 kinderen uit 13 Europese landen aan meededen. De conclusie luidde dat de schoolprestaties met 15% kunnen toenemen als leerlingen zich in klaslokalen met grotere ramen bevinden, zowel door het extra daglicht als door een beter uitzicht naar buiten. Het Clever Classrooms-onderzoek, dat werd uitgevoerd door de Universiteit van Salford (Verenigd Koninkrijk), concludeerde dat goed daglicht bijdraagt aan fysiek en mentaal welzijn. De voordelen gaan veel verder dan alleen beter kunnen zien.” ONTWERPEN MET DAGLICHT Daglicht moet soms worden aangevuld met voldoende, kwalitatief hoogwaardig kunstlicht als er te weinig licht binnenvalt. Atto: “We moeten er echter naar streven dat daglicht de belangrijkste lichtbron is in scholen. Als zonlicht goed wordt gereguleerd, wordt dat over het algemeen ervaren als een prettige bron van verlichting in gebouwen door heel Europa. Als ramen of lichtstraten op het noorden worden geplaatst, valt er over het algemeen zachter en diffuser licht naar binnen. Licht dat gedurende de dag subtiel verandert van hoeveelheid en kleursamenstelling. Als de ramen op een andere richting worden georiënteerd, versterkt zonlicht de algehele helderheid van de binnenruimtes, met specifieke gebieden van geconcentreerd licht.”


ONTWERP EN INRICHTING

International School Rivers

“Wat we geregeld hebben is dat de kinderen het schoolbord kunnen zien, maar niet dat ze in een gezonde omgeving kunnen opgroeien” DIEPE KLASLOKALEN Phuong knikt: “Het is vooral uitdagend om daglicht goed te gebruiken in diepe klaslokalen, als er veel afstand is tussen de ramen en de achterzijde van het lokaal. Er is dan vaak sprake van een verschil in lichtniveau: vlakbij het raam is het licht en achterin is het donkerder. Als adequate lichtniveaus in de gehele ruimte niet mogelijk zijn door de vorm of grootte van klaslokalen en/of als de mogelijkheid om ramen te plaatsten beperkt is, kunnen lichtstraten uitkomst bieden. Als er geen directe toegang is tot de lucht omdat er vloeren boven het lokaal zitten, kunnen lichttunnels een effectief alternatief zijn. Een van de bijkomende voordelen van het creëren van openingen voor daglicht is dat we ook verbinding krijgen met de buitenwereld. Hierdoor zien we veranderingen in het weer, het tijdstip van de dag en de seizoenen. Er zijn verschillende factoren die invloed hebben op de hoeveelheid daglicht die binnenvalt via ramen of lichtstraten. Denk bijvoorbeeld aan daglichttoetreding, dikte van de muren, externe blokkades, overhangende uitbouwen aan de bovenkant (zoals balkons) en zijkanten (zoals een uitbouw van het gebouw zelf), diepte van de kamer, enz. Als er rekening wordt gehouden met al Wiebengacomplex

deze factoren, laat een lichtstraat meestal twee keer meer daglicht binnen dan een even groot gevelraam.” GEVELKOZIJNEN OF LICHTSTRATEN Een goede daglichtverdeling in een ruimte wordt doorgaans het eenvoudigst bereikt door verschillende bronnen van daglicht te gebruiken, zoals een combinatie van lichtstraten en gevelkozijnen. Dit zorgt ook voor minder schittering en contrast. Lichtstraten, met op afstand bedienbare ramen, die strategisch in het algehele ontwerp worden opgenomen, laten in de donkere wintermaanden voldoende daglicht binnen. Daarnaast zorgen ze gedurende het hele jaar voor frisse lucht, waardoor de luchtkwaliteit verbetert en de temperatuur beter op peil blijft. Het Merletcollege in Cuijk is zo’n licht en ruim gebouw, dat in overleg met leerkrachten en leerlingen werd ontworpen. De school werd aan de oever van de rivier gebouwd en betrekt voor de eigen koeling ook het water uit de Maas. Transparantie en openheid vormen de sleutel tot het design van dit zelfvoorzienende gebouw dat volledig deel uitmaakt van het prachtige landschap. Hoe is het leerlandschap op een natuurlijke en gezonde manier georganiseerd: • De klaslokalen zijn rond een groot atrium georganiseerd; het levendige centrum van de school. In het atrium zijn zes VELUX zadeldaken geplaatst om een grote hoeveelheid daglicht binnen te laten in de centrale hal en de klaslokalen eromheen. • In de leeszaal werden 15 VELUX lessenaarsdaken geïnstalleerd, om het natuurlijke daglicht zoveel mogelijk te benutten. Het gebouw is ontworpen om in de eigen behoeften te voorzien en dat wordt deels mogelijk gemaakt door energie uit de rivier en gebruik te maken van het natuurlijk (zon-)licht. De natuurlijke ligging in combinatie met het gezonde binnenklimaat zorgen ervoor dat leerlingen en leerkrachten er met veel plezier leren en werken. En vooral gezond blijven. Kijk voor meer informatie op www.veluxcommercial.nl.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

27


Tekst Isaac Smits, Kyra Kap en Devika Raghubar - leerlingen Wolfert Tweetalig

GOEDE VENTILATIE BELANGRIJK

Leerlingen doen onderzoek naar CO2 en leerprestaties De afgelopen jaren verschenen er steeds meer krantenkoppen over hoge CO2-concentraties op scholen. Dit heeft een negatieve invloed op de gezondheid en leerprestaties. Leerlingen van de Rotterdamse school Wolfert Tweetalig besloten om zelf te meten hoe de situatie in hun school is als onderzoek voor hun profielwerkstuk. WAT IS CO 2 EN WAAROM IS VEEL CO 2 NIET GOED VOOR ONZE GEZONDHEID EN LEERPRESTATIES? CO2 (koolstofdioxide) is overal te vinden. Zowel in producten als in ons lichaam wordt CO2 geproduceerd. Het CO2-gehalte wordt uitgedrukt in PPM (parts per million). Om de hoeveelheid CO2 in klaslokalen in balans te houden, is het noodzakelijk om genoeg frisse lucht of ventilatie te hebben. Zonder ventilatie of bij weinig frisse lucht is het heel makkelijk om een hoog CO2-gehalte te bereiken. Dit kan zorgen voor onder andere hoofdpijn, vermoeidheid

en verergering van allergieën. Ook heeft onderzoek aangetoond dat een hoge CO2-concentratie niet goed is voor de leerprestaties. Leerlingen en docenten besteden vaak meer dan 6 uur in een schoolgebouw dat niet voldoet aan een goede binnenluchtkwaliteit. Wij als leerlingen vinden het heel belangrijk dat wij ons optimaal kunnen concentreren om optimale cijfers te behalen. Voor ons als examenleerlingen is elk tiende puntje extra van groot belang. Voor docenten is het daarom belangrijk om onze aandacht bij de les te hebben, zodat ook zij moeiteloos hun werk kunnen verrichten. Een klas vol ongeconcentreerde leerlingen maakt dat voor hen moeilijker. Voor een gezonde luchtkwaliteit mag de CO2-concentratie niet hoger zijn dan 1200 ppm (Klasse C uit het Programma van Eisen Frisse Scholen (RVO.nl)). In Nederlandse nieuwbouwscholen geldt een grenswaarde van ongeveer 950 ppm (Klasse B uit het PvE Frisse Scholen).

Wist u dat? • De luchtkwaliteit in een gemiddeld schoolgebouw vele malen slechter is dan in een kantoor of zelfs een gevangenis? • Een slecht binnenmilieu negatieve effecten heeft op de gezondheid? • Een slecht binnenmilieu ook effect heeft op de leerprestaties van leerlingen? • Uit onderzoek blijkt dat in 80% van de Nederlandse scholen de binnenlucht slecht is? • De juiste maatregelen bij schoolrenovatie kunnen leiden tot een besparing van 40% op de energiekosten? • Ziekteverzuim verminderd kan worden door een gezond binnenmilieu?

Wolfert tweetalig, Rotterdam

28

SCHOOLDOMEIN

mei 2020


ONTWERP EN INRICHTING

Het klaslokaal waarin het experiment is afgenomen.

ONS EXPERIMENT Met ons onderzoek wilden we het effect van de CO2-concentraties op de leerprestaties in de praktijk aantonen. Wij voerden tweemaal een meting van de CO2-concentratie uit. Tijdens de eerste test was het de bedoeling om zo min mogelijk CO2 in het lokaal te hebben. We hadden de docent gevraagd om alle ramen en de deur de hele dag open te houden. De tweede keer dat wij de meting uitvoerden, hebben we de docent gevraagd om de ramen en deur zoveel mogelijk dicht te houden. Dit lieten we de docent doen om de CO2-concentratie zo hoog mogelijk te krijgen voor ons onderzoek. Tijdens de les hebben alle leerlingen een leerprestatietest (Cambridge Brain Sciences) uitgevoerd. Om de variabelen zo min mogelijk te veranderen, voerden we de twee metingen een week na elkaar uit met dezelfde klas en in hetzelfde lokaal. RESULTAAT Tijdens de eerste metingen hebben we 1.380 ppm als hoogste concentratie gemeten. Dit is nog steeds boven het aantal ppm voor een goede kwaliteit binnenlucht. Nadeel was bovendien dat het ontzettend koud was doordat de ramen en de deur de hele dag open stonden. De tweede keer hebben we als hoogste waarde 2.010 ppm gemeten. De docent heeft zijn best gedaan om de hele dag de ramen en deuren dicht te houden. Hij gaf echter aan dat dit door de stank niet mogelijk was. Ook ging de deur vaker open dan dat wij gewild hadden, bijvoorbeeld doordat leerlingen na de les naar een ander lokaal gingen. De leerprestatietest was de eerste keer ingevuld door 26 leerlingen, de tweede keer door 12 omdat er veel ziekmeldingen waren. De uitkomsten waren niet zoals verwacht. In de eerste test, met een lagere CO2-concentratie, was de score gemiddeld 30 punten. Bij een hoge CO2-concentratie was de score gemiddeld 50 punten. In een situatie met veel ventilatie waren de prestaties dus minder goed. Een verklaring hiervoor is het leereffect. De test is afgenomen bij dezelfde leerlingen en de tweede keer konden ze de test beter maken, omdat ze al hadden geoefend. Verder speelt mee dat we in beide situaties geen goede

binnenluchtkwaliteit hadden (de CO2-concentratie lag steeds boven 1.200 ppm). Er moet dus veel meer gedaan worden dan alleen de ramen en deuren openen. CONCLUSIE Door dit experiment hebben we geleerd hoe belangrijk ventilatie in gebouwen is voor de luchtkwaliteit. Ook is het handig voor scholen die nieuw worden gebouwd om deze informatie mee te nemen en aan te passen in het gebouw. Met mechanische ventilatie is goede ventilatie veel makkelijker te realiseren. Wanneer er een mechanisch ventilatiesysteem wordt geplaatst, hoeft de leerkracht zich niet meer bezig te houden met de lucht in het lokaal en kan alle aandacht uitgaan naar het lesgeven. WAAROM SCHREVEN WIJ DIT ARTIKEL? We hebben besloten om dit artikel te schrijven, omdat wij ervan overtuigd zijn dat ons experiment hier niet hoort te stoppen. Het is vaak genoeg bewezen dat hoge CO2-concentraties op scholen kan zorgen voor slechtere leerprestaties en gezondheidsproblemen (denk aan snellere overdracht van infectieziekten). Door middel van dit artikel hopen wij op verandering. Samen met de hulp van onze docent Menno Vaas en Froukje van Dijken (GGD Rotterdam-Rijnmond en bba binnenmilieu) hebben wij ons experiment kunnen uitvoeren.

“Door dit experiment hebben we geleerd hoe belangrijk ventilatie in gebouwen is voor de luchtkwaliteit�

Kijk voor meer informatie over binnenklimaat in scholen op binnenmilieu.nl of dgmr.nl.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

29


Tekst Sibo Arbeek Fotografie Ronald Tilleman

1e FASE TAPIJN MAASTRICHT IN GEBRUIK GENOMEN

Van verlaten kazerneterrein naar levendig stadspark In maart werd de eerste fase van het nieuwe open leer- en recreatielandschap door studenten van de Universiteit in gebruik genomen. De totale opgave behelst het ontwerpen en herstructureren van het monumentale park Tapijn voor de Universiteit Maastricht en de stad. De opdracht betreft de renovatie van 9.000 m2 bestaande gebouwen en het toevoegen van 7.200 m2 nieuwe onderwijsruimten.

D

e voormalige Tapijnkazerne ligt op een 6,3 hectare groot terrein met een aantal historische en monumentale panden en wordt ontwikkeld tot openbaar park met gebouwen voor Universiteit Maastricht. Het ensemble van gebouwen in het park doet denken aan de opzet van een Engels landgoed. Vastgoedontwikkelaar Ralph Herben van de Universiteit Maastricht: “Het terrein was als kazerne van 1916 tot 2010 in gebruik en bevat een aantal monumentale gebouwen en ook het monument van generaal Dibbets. De kazerne is gebouwd in oude inudatiekommen die onder water gezet konden worden. De kazerne was onder andere in gebruik als opleidingscentrum voor de infanterie, troepen voor Indonesië, diverse regimenten en verschillende afdelingen van de NAVO tot 2007. In oktober 2010 verlieten de laatste NAVO-militairen de Tapijn­ kazerne en sinds 1 oktober 2013 is de kazerne

30

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

officieel in eigendom gekomen van de Universiteit Maastricht en de Gemeente Maastricht. De opgave was ook het monument technisch te verbeteren en te verduurzamen. Je werkt mee om tal van gebouwen, die iedere Maastrichtenaar van zien kent, op alle gebieden klaar te maken voor de toekomst. Maar ook ga je een omgeving die decennia afgesloten is geweest voor publiek prepareren voor openbaar gebruik. En tot slot gaan hier duizenden studenten een plek krijgen om kennis te vergaren om straks succesvol te kunnen zijn in hun vak.” VAN BINNEN NAAR BUITEN Team LIAG maakte het ontwerp voor het totale gebied, waarbij in fase 1 overbodige gebouwen zijn gesloopt, de panden via een verdiept bouwdeel met elkaar verbonden zijn en in de tweede fase een prachtig multifunctioneel gebouw met ontmoetings-


ONTWERP EN INRICHTING functies wordt toegevoegd. Erik Schotte en Carina Nørregaard van LIAG vertellen met passie over dit bijzondere project dat zij inmiddels al vier jaar begeleiden. Erik: “Wij hebben de bestaande gebouwen met een veelal gesloten gevel geopend naar het park. Dit hebben we gedaan door serre-achtige ruimtes toe te voegen en zonder het monumentale karakter geweld aan te doen. De overgang van binnen naar buiten is extra versterkt doordat we de buitenruimte mee hebben ontworpen als verlengde van de onderwijsruimten. Zo is een open leerlandschap ontstaan, waarbij het hele park en terrein voor leren en ontspannen gebruikt wordt door Maastrichtenaren en de studenten van de Universiteit.” Ralph: “Ontmoeten is het hoofdthema van de opgave. Dat is vertaald in multifunctionele gebouwen waarbij elke ruimte als onderwijsruimte, kantoor of learning space gebruikt kan worden. Het meeste onderwijs is PGO-gestuurd, waarbij studenten individueel of in kleinere groepen werken.” ZICHTLIJNEN Carina: “De orthogonale structuur en korrelgrootte van de bestaande gebouwen blijven onveranderd en de zichtlijnen tussen de gebouwen komen weer terug, want die waren in de loop van de tijd door verschillende uitbreidingen dichtgezet. Daar moesten we ingrepen in doen met als opgave om totaal 18.000 m2 gebouw terug te laten komen. Dat heeft geleid tot de renovatie van 9.000 m2 bestaande gebouwen en 7.200 m2

nieuwbouw programma. Wij hebben dit vertaald in een ontwerp voor een modern en nieuw multifunctioneel gebouwcomplex. Verder hebben we een verdiept souterraingebouw toegevoegd, die de gebouwen verbindt. In deze plint zijn ruimten met werk- en studielandschappen en er is een visuele verbinding met het groen van het park. De glooiing in het parklandschap zorgt ervoor dat de plint in het souterrain ruim voldoende daglicht krijgt. Daarbij worden er verschillende plekken gecreëerd en door middel van lichtkoepels en grote puien wordt daglicht toegelaten.” DOOS IN EEN DOOS Erik: “Fase 1 is inmiddels uitgevoerd; dat waren de oude slaapzalen voor de manschappen in de carré gebouwen en het exercitieterrein. Deze zijn getransformeerd tot een studielandschap met een ondergrondse verbinding. In fase 2 wordt het nieuw te

“Ontmoeten is het hoofd­thema van de opgave. Dat is vertaald in multifunctionele gebouwen waarbij elke ruimte als onderwijsruimte, kantoor of learningspace gebruikt kan worden”

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

31


PROJECTINFORMATIE Opgave Transformatie van voormalig kazerneterrein naar Universiteit en park. Ontwerp integratie park en gebouwen. 9.000 m2 bestaand en 7.200 m2 nieuw toe te voegen. Opdrachtgevers Universiteit Maastricht en Gemeente Maastricht Architect LIAG architecten en bouwadviseurs, Den Haag Installatietechniek VIAC Installatie adviseurs, Houten Bouwfysica DGMR, Den Haag Landschapsarchitect Bosch-Slabbers, Den Haag Renovatiearchitect Jelle de Boer, Den Haag Aannemer Mertens Bouw, Weert Directievoering Exaedes Bouwrealisten, Roermond Constructeur

bouwen centrale ontmoetingspunt gerealiseerd. We hebben een verdiepte plint gemaakt met een centraal horecapunt. Omdat het landschap naar beneden loopt kun je vanaf de horeca zo het park inlopen. De gebouwen van het carré zijn klaar en bevatten de nieuwe multifunctionele (vlakke) college­zalen en onderwijsruimten. De drie gebouwen zijn verbonden met de lange ondergrondse plint met studieplekken die onderdeel zijn van de universiteits­bibliotheek. In de verbindingsgang zijn aan de binnenkant nisjes in de kleuren van de regenboog gemaakt waar alleen of in tweetallen kan worden gewerkt, uiteraard met overal stopcontacten en goede wifi. Aan de pleinkant hebben we ook studieruimten voor grotere groepen gemaakt. Het plein ligt 1,5 meter boven de vloer van het souterrain; het park zelf vier meter boven het souterrain.” Carina: “We hebben alles in het zicht gelaten en de wanden zoveel mogelijk in de originele staat teruggebracht. Zo zit er akoestische sier­pleister tegen het plafond en is er een verhoogde vloer gemaakt in aansluiting op de wanden. Op de wanden van de toenmalige slaapzalen zijn de oude kleuren weer teruggebracht. Alle gevels zijn aan de binnenkant geïsoleerd, er is een witte achterzetgevel gemaakt met grote voorzetramen. De oude trappenhuizen zijn behouden. De oude kozijnen zijn bewaard gebleven en in de oude kleuren van 1916 afgewerkt. In elke beuk zijn flexibele tussen- en binnenwanden gemaakt, zodat de inrichting in de toekomst aan­pasbaar is. We hebben overal de houten spanten schoongemaakt en in het zicht gehouden. De interventies zijn steriel en strak, zoals de glazen balustrade rond de trap.”

Bouwadviesbureau Van der Ven, Ridderkerk

DUURZAAM EN CIRCULAIR Al het nieuwe is simpel in strak wit en grijs uitgevoerd, waarbij zoveel mogelijk gebruik is gemaakt van natuurlijke materialen. Carina: “De glazen wanden zijn van restglas van een leverancier van glazen systeemwanden en het tapijt is grotendeels gemaakt van oude visnetten. Zo hebben we een abstract ge­detailleerde

Bouwkosten eerste fase e 17.5 mio (exclusief btw) Oplevering eerste fase Maart 2020 Oplevering tweede fase n.t.b.

32

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

serre, een glazen doos, toegevoegd tussen de twee collegezalen van elk 200 personen; zodat de oude elementen zichtbaar blijven. Op de koppen hebben we een nieuw trappenhuis gemaakt. Ook bijzonder is de gepolijste betonvloer in het souterrain die 40 centimeter dik is.” Ralph: “De oude gebouwen zijn met liefde voor de historie gerenoveerd met gebruik van deze circulaire grondstoffen. Waar mogelijk hebben wij bij de sloop van een aantal gebouwen bestaand materiaal geoogst, zoals dakpannen, paneeldeuren en vensterbanken. Tapijn heeft het BREEAM-excellent certificaat gekregen en is Energie Neutraal en all electric. Elektriciteit wordt gekregen van een zonnepark in de buurt en overal is ledverlichting toegepast.” ALPHA, BRAVO EN CHARLIE Het in gebruik nemen van de monumentale gebouwen door de Universiteit Maastricht versterkt de positie van de universiteit in de stad. Ralph: “Het is een ongekende prestatie waarbij we werkelijk alles zijn tegengekomen wat je je maar kunt bedenken, inclusief bezwaren en archeologische vondsten. Met dit team hebben we het plan gezamenlijk uitgewerkt met als resultaat een prachtige synergie tussen oud en nieuw. Met de komst van de nieuwe gebruikers zal Tapijn nog generaties lang een belangrijke plek in Maastricht zijn. Leuk om te vermelden: in de branding van de verschillende ruimten heeft de universiteit de militaire geschiedenis in acht genomen. Zo heb je de ruimten Alpha, Bravo en Charlie. Het is toch leuker om in de ruimte Foxtrot af te spreken dan in ruimte 1.3.1.bis? Dit wordt de nieuwe ontmoetingsplek van Maastricht. We zijn er trots op dat we als eerste onderwijsinstelling buiten de VS het Well-Building Silver certificaat hebben behaald. Daarnaast gaat professor Wouter van Marken-Lichtenbelt van het project Tapijn een living-lab maken om te kijken of de genomen duurzame maatregelen ook invloed op de prestaties en het ziekteverzuim hebben.” Kijk voor meer informatie op www.liag.nl.


ONTWERP EN INRICHTING

Tekst Sibo Arbeek

DE KANS VAN HET MOMENT

Het gebouw is gast van het landschap Wat gebeurt er wanneer je een aannemer en een architect laat filosoferen over de gevolgen van deze bijzondere tijd voor de inrichting van het fysieke domein? Dan krijg je een heel mooi gesprek met mooie ideeën om het anders en vooral beter te doen. Het gaat niet om het ding maar om het moment.

A

lfonso Wolbert is architect en CEO van ARX Architecten, Geron Verdellen is directeur van SMT Bouw & Vastgoed. Ze filosoferen over noodzakelijke veranderingen binnen het publieke domein. De huidige crisis toont aan hoe urgent dat is. Afonso: “Alles begint met filosofie; inzicht in de grote bewegingen en abstracte gedachten. Daar moet de verandering plaatsvinden en dat vertaal je dan concreet naar een andere manier van werken.” Geron: “Deze tijd moet iets opleveren,

waarmee we verder kunnen. De kracht van Skype, WhatsApp, Zoom of Microsoft Teams wordt nu volop benut. Ik mag hopen dat we straks niet vervallen in de oude manier van werken.” Alfonso knikt: “Ik merk dat de mensen meer het gevoel toelaten. De gekte van de laatste jaren heeft geleid tot de focus op het ding. Het ding is het gebouw, de functie, de stenen en alles wat daaronder ligt. Vanuit het ding benaderen we begrippen als circulariteit en CO2. Ook al gebruik je gebruikte materialen, dan heb

IKC Overwater is een gebouw zonder wanden waar het onderwijs zich schijnbaar vanzelf organiseert.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

33


je het nog niet over circulariteit. De paradox is dat mensen in Sjanghai na veertien jaar weer blauwe lucht zien en mensen in Venetië weer vissen in het water zien zwemmen. De aarde geeft ons een les in opvoeden die op de korte termijn al effect heeft.” Geron: “Het kenmerk van circulariteit is flexibiliteit. Het gaat veel meer over de omgeving en de waarde van spontane ontmoetingen. Duurzaamheid kun je ook uitleggen als een impuls voor de meer inclusieve en sociale maatschappij. Dan ga je anders over gebouwen nadenken.” GEZELLIGE KANTOORDAGEN Geron: “Je merkt dat natuurlijk verbinden niet meer vanzelfsprekend is; ik mis de gezellige kantoordagen, maar leer ook dat je vanuit huis prima via teams en skype kunt vergaderen. Zakelijk gezien is het niet noodzakelijk om fysiek naar kantoor te gaan en zou je het concept kantoor anders kunnen benaderen. Wij zijn een aannemingsbedrijf, maar hebben de bouwvak losgelaten, ook omdat de oudere mede­werkers een andere behoefte hebben dan de gezinnen met kinderen.” Alfonso: “In plaats van op kantoor te vergaderen planken wij nu elke dag om 10.00 uur op afstand en komen zo tot mooie inzichten en initiatieven. Waarom houden we het ding kantoor nog in stand? We hebben het verbonden met werktijden en contracten, waardoor je nu 40 uur per week vol moet maken. Sociale interactie maakt dat je mensen

Geron Verdellen (l) en Alfonso Wolbert

34

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

>> Deze illustratie geeft een indruk van onze circulaire-biophylic benadering.

De ‘boom’ is een abstractie van de ‘schaduw bomen’ in Ethiopië waaronder de koffiestruiken groeien en zorgen voor biodiversiteit. Het vormt de basis voor het interieurontwerp dat gericht is op beleving en ‘activiteits-plekken’.

gelukkig maakt; verplicht elke dag ergens werken niet. Het systeem heeft gemaakt dat we geld-, maar niet waarde gedreven zijn. Mijn verwachting is dat onze generaties weer snel vervallen in de economische verdienmodellen, maar ik hoop dat ze hiervan leren.” SEQUENTIEEL SYSTEEMDENKEN Alfonso: “Het gaat dus minder om de structuur, maar meer om momenten van persoonlijke interactie, gedachten en concentratie. Het maken van een ontwerp zou daarover moeten gaan. Hoe organiseren we die momenten in abstracte zin? Als we dat abstracte concreet kunnen maken levert dat veel op. In de pragmatische maatschappij leidt ons handelen en denken tot sequentieel systeemdenken; het begint ergens en het houdt ook op. In feite hebben we inhoudelijk en fysiek gesloten systemen gemaakt. Terwijl alles onaf is en aan voortdurende verandering onderhevig. Het ding wil af zijn, terwijl alles per definitie onaf is. Dan is het gek dat het ook in de opleidingen om concrete dingen blijft gaan die af moeten. Is een fysieke school wel echt nodig? Waarom moet een leraar op hetzelfde moment dertig leerlingen in een ruimte hebben en richt hij zich niet meer op de individuele vraag? Die unieke momenten stimuleren levert veel meer op dan alles uitsmeren in een roosterprogramma.” Geron: “Een mooi voorbeeld vind ik de Toverberg; daar zit geen wand meer in en organiseert het onderwijs zich schijnbaar vanzelf. In de ontwikkeling van het Kindcentrum Helen Parkhurst hebben we ook vanuit


ONTWERP EN INRICHTING

Een ontwerp voor een schoolgebouw waarin de beleving en ontwikkeling van de gebruikers centraal stond. ‘Licht- ruimtenatuur- kleur- uitzicht en geluid’ zijn hier als ‘gereedschappen’ gebruikt om functie-plekken te definiëren.

de omgeving gewerkt. Vaak bepaalt de demarcatie dat kansen niet opgepakt worden. Daar hebben wij als aannemer mee te maken. We zouden graag vanuit de omgeving willen werken, met meer kansen voor groen, licht, ruimte en verbinding.” PERMANENT ADAPTIEF Alfonso: “Je zou van scratch af aan een omgeving willen maken waarin leren, bewegen en ontmoeten bij elkaar komen. In Japan kijken ze anders naar gebouwen en de gebouwde omgeving omdat ze weten dat alles grenzeloos is; daar ontwerpen ze in dunne lijntjes die in elkaar overlopen. Ik ben voor een biophilic benadering waarbij je de mens voorop zet en de natuur erbij betrekt. Dat inzicht zijn we verloren in de pragmatische benadering van de laatste decennia. Je voelt je beter in de natuur, dus waarom breng je die niet meer naar binnen. Mensen willen plekken met voldoende zuurstof, licht en uitzicht. Het denken in momenten en plekken is veel beter dan het doorzetten van de bestaande systemen. Dat doen ze beter in de zorg, waar door gewijzigde wetgevingen en maatschappelijke inzichten de gebouwen veel adaptiever zijn. Vaak wordt er veel aan die gebouwen geknutseld. Wanneer je van tevoren vanuit die verandering denkt ontwerp je hele andere omgevingen. Eigenlijk zou je een timelapse op de levenscyclus van een gebouw moeten zetten, om te leren wat je vooraf beter had kunnen doen. Hoe maak je iets wat permanent adaptief is en toch in de behoefte blijft voorzien?”

“Het denken in momenten en plekken is veel beter dan het doorzetten van de bestaande systemen”

MODELLEN VAN MORGEN Geron: “We bouwen straks geen scholen meer maar omgevingen met plekken om te concentreren, te ontmoeten en in projecten te werken. De nieuwe leefomgeving maken wordt een beleefomgeving voor maken en werken. Ons werken is voor een groot ding permanent leren geworden.” Alfonso: “Veel antwoorden voor de modellen van morgen hebben met de exploitatie ervan te maken. Hoe kun je een circulaire economie maken? Dat leidt tot een andere vormgeving; niet alleen organisatorisch, maar ook in besef van de tijd. En dan niet in de zin van op de klok kijken, maar hoeveel tijd heb je nodig om tot iets te komen. Van 8 tot 5 met een schetsontwerp bezig zijn of tijdens een boswandeling ineens weten waar de ontmoeting het beste kan plaatsvinden. We zijn gericht op het systeem van de klok, maar het gaat om de kwaliteit van de momenten. Het gaat om de intrinsieke motivatie en behoefte, waardoor er kleinschaliger modellen komen. Vroeger nam je mensen aan die het wisten, nu wil je juist mensen die willen leren. Dat inzicht waarbij het vaststaande ding iets wordt dat permanent onaf is leidt tot een compleet andere inrichting van het publieke domein dan we nu gewend zijn. Er zijn geen grenzen tussen leren, werken, filosoferen en ontspannen. Dat leidt tot compleet iets anders dan we nu gewend zijn. Als je iets gaat bouwen moet het met respect zijn voor de natuur, want het gebouw is te gast in het landschap. De vraag is hoe we plekken kunnen verrijken in plaats van verstoren.” Kijk voor meer informatie op www.smtbv.nl.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

35


Tekst Sibo Arbeek

TIJDELIJK MET EEN PERMANENTE UITSTRALING

Wolfert Dalton op weg naar nieuwbouw Wolfert Dalton is een kleinschalige school voor vwo, havo en mavo en de enige Daltonschool voor voortgezet onderwijs in Rotterdam. Wolfert Dalton krijgt een nieuw gebouw, maar dat duurt nog enkele jaren. Totdat het klaar is zet BUKO Huisvesting een tijdelijk gebouw neer met een permanente en vooral transparante uitstraling.

B

egin 2021 wordt gestart met de bouw van het nieuwe schoolgebouw van Wolfert Dalton aan de Argonautenweg 55 dat door DP6 architectuurstudio is ontworpen. Het is een groene plek, omgeven door een singel; de nieuwe school komt op dezelfde locatie als het huidige gebouw, dat gefaseerd wordt gesloopt. Het bestaande gebouw kent een opzet met vier met elkaar verbonden paviljoens, een gymzaal en het hoofdgebouw. Twee paviljoens worden van de zomer gesloopt en de gymzaal eind dit jaar; voorlopig blijven twee paviljoens en het hoofdgebouw nog staan. Op de locatie van het noodgebouw komt dan nog de Mytylschool De Brug voor vmbo/havo. Leon de Brouwer begeleidde het project namens BUKO Huisvesting: “Wij hebben

36

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

ingeschreven op basis van een ontwerp en de visualisaties gemaakt met als resultaat een hoogwaardig verplaatsbaar gebouw met een luxe transparante uitstraling met een metalen zwarte golfplaat en veel glas. Op basis van dit ontwerp wonnen wij de aanbesteding van de gemeente Rotterdam voor een tijdelijk schoolgebouw van 760 m², waarbij we naast lokalen ook ruimte voor leerpleinen hebben gemaakt. De tijdelijke huisvesting in een L-vorm voldoet aan de eisen voor permanente bouw en heeft een vloerisolatie Rc-waarde van 3 en een dakisolatie Rc-waarde van 6. Verder heeft de tijdelijke huisvesting betonvloeren met vloerverwarming. De gebruikers hebben meegedacht in het programma van eisen en hadden een duidelijke vraagspecifica-


ONTWERP EN INRICHTING

“We kijken uit naar de tijdelijke huisvesting, want gaan er in vergelijking met het bestaande gebouw enorm op vooruit” tie. Wolfert Dalton kwam uit een gedateerd gebouw en wilde in de tijdelijke huisvesting graag een leeromgeving die past bij de eigen onderwijsvisie. In het tijdelijke gebouw zijn leerpleinen gemaakt, naast glazen wanden tussen de rij lokalen en de gangpartij. Normaal is een standaardgang drie meter breed, we hebben de tijdelijke bouw nog eens met zes meter verbreed zodat het mogelijk was om fysiek leerpleinen te maken, naast een kantoorunit.”

PROJECTINFORMATIE Project Tijdelijk gebouw voor Wolfert Dalton Rotterdam Opdrachtgever Gemeente Rotterdam Eigenaar Gemeente Rotterdam Aannemer BUKO Huisvesting (inclusief ontwerp) BVO 760 m² Oplevering 17 april 2020 Stichtingskosten € 1.25 miljoen excl. btw

HOOGWAARDIGE HUISVESTING Remco Berghuis is projectleider vanuit de gemeente Rotterdam voor de nieuwbouw en tijdelijke huisvesting van de Wolfert Daltonschool: “Onze uitgangspunten waren kwaliteit en modulariteit. We hebben meervoudig onderhands aanbesteed met een ontwerpopgave en een plafondbudget, waarbij we de markt ruimte gaven om er iets leuks van te maken. Drie partijen schreven in en BUKO Huisvesting sprong er als beste partij uit, zowel op kwaliteit, planvorming en uitstraling. Het bestaande gebouw is sterk verouderd en aan vervanging toe; het was mogelijk voor die tijd aansprekend, maar anno nu niet meer functioneel met veel geveloppervlak, veel niet-functionele ruimte en vooral te veel verkeersruimte. In het proces naar een nieuw gebouw wilden we niet dat de school in lelijke tijdelijke noodbouw moest zitten; we wilden hoogwaardige huisvesting als opstap en referentie richting de nieuwbouw, met het ontwerp van DP6 architectuurstudio in het achterhoofd. Daarom zitten er ook leerpleinen in, zodat ze alvast functioneel kunnen experimenteren om in de nieuwbouw gelijk goed van start te gaan. We hebben het tijdelijke gebouw in eigendom, omdat er in Rotterdam veel projecten op stapel staan. Bijzonder is dat er in de tijdelijke bouw ruimte voor vleermuizen is, die we in het kader van de flora- en faunawet moesten verplaatsen. Op 30 plaatsen zijn vleermuiskasten in de gevel geïntegreerd in de gevel.”

KWALITEITSVERBETERING Matthijs Ruitenberg is lid van de centrale directie van Wolfert van Borselen, waaronder Wolfert Dalton valt. Hij heeft bedrijfsvoering in zijn portefeuille: “We kijken uit naar de tijdelijke huisvesting, want gaan er in vergelijking met het bestaande gebouw enorm op vooruit. Het oude gebouw dateert uit de jaren ’60 en is echt helemaal op. Je wilt niet weten wat ik maandelijks voor gasrekening moet betalen. Het heeft enkel glas en heel veel lange gangen waar de wind doorheen waait. In het tijdelijke gebouw gaan we gelijk merken dat het beter wordt. In ons gesprek met de gemeente hebben we ook als voorwaarde meegegeven dat er nadrukkelijk sprake moest zijn van een kwaliteitsverbetering. Daarbij wilden we geen oude containers, maar tijdelijke huisvesting waarin we ons Daltononderwijs kunnen geven. Dat kon eigenlijk al niet in het oude gebouw, dat als een traditionele school is opgezet en steeds meer een blokkade was voor ons Daltononderwijs. In de zomer werd het er ook veel te warm. In de tijdelijke school krijgen we leerpleinen en transparante grote lokalen. Dat maakt dat we kunnen oefenen op weg naar het nieuwe gebouw, dat door DP6 architectuurstudio is ontworpen. Je merkt ook dat onze leerlingen behoefte hebben aan een vernieuwende leeromgeving die ook comfortabel is en een goed binnenklimaat heeft. Het nieuwe gebouw wordt een combinatie van open lokalen en brede gangen die als leerpleinen dienen; het wordt een hybride leeromgeving voor onze 650 leerlingen, waarbij we kunnen groeien tot 750 leerlingen. Kenmerk van onze school is dat we een gemeenschap vormen, waarbij alle leerlingen van alle niveaus met elkaar samenwerken, of je nu op de mavo zit of op het vwo; iedereen kent elkaar en hoort erbij.” Kijk voor meer informatie op buko.nl.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

37


Tekst Sibo Arbeek

NIEUW DR.-KNIPPENBERGCOLLEGE ONDERDEEL VAN CAMPUS DE BRAAK

Een bijzonder gebouw met drie poten

Het schoolgebouw is de eerste ontwikkeling op de groene campus; het krijgt een paviljoenachtige uitstraling en is straks herkenbaar aan de witte en lichte kleuren, transparant met veel glas en gevelbanden rondom. De gevel verandert naarmate de oriëntatie wijzigt waardoor de banden dikker of dunner worden. En het wordt een school met drie poten, met een bijzondere indeling en inrichting.

H “De belangrijkste ruimtes en speerpunten in de nieuwe school zijn de talentgebieden sport, media en technologie” 38

SCHOOLDOMEIN

et gebouw van het Dr.-Knippenbergcollege in Helmond was technisch en functioneel verouderd en vooral erg gedateerd. Er komt nieuwbouw, waarbij op de bestaande locatie woningen worden ontwikkeld. Martijn van Leeuwen van RoosRos Architecten: “Het gaat om de herontwikkeling van de sportcampus De Braak, waarbij het nieuwe gebouw van Dr.-Knippenberg naast een multifunctionele sportaccommodatie komt te liggen. De school gaat er actief samenwerken met ROC ter AA en op de campus met Helmond Sport en andere sportverenigingen die er ook liggen. Het heeft een dynamische vorm, bedacht vanuit de plattegrond, waarbij de gevel is ontworpen vanuit de oriëntatie op de zon. De noordgevel heeft bijna geen overstek, maar in de zuidgevel is het overstek maximaal, waardoor er naar de drie zijden maximale variatie ontstaat.” DYNAMISCHE UITGANGSPUNTEN De docenten en leerlingen hebben zich actief voorbereid op hun nieuwe en innovatieve onderwijsomgeving en hebben onder leiding van ICSadviseurs actief meegedacht over hun nieuwe school. In een sessie met leerlingen werden uitspraken genoteerd als: “Als je het onderwijs opnieuw zou uitvinden haal

mei 2020

je het niet in je hoofd om een leerling elke 50 minuten iets anders te laten doen. We vinden activiteiten als debatteren, meewerken aan een musical en het bezoeken van bedrijven voor je vorming erg belangrijk” of “we willen een gebouw, dat open en transparant is, met minder onderscheid in niveaus en theorie- en praktijkvakken. We willen meer in vakoverstijgende projecten werken; je schooltijd is een belangrijke fase om jezelf te leren kennen. De school kan daarin een belangrijke rol spelen door activiteiten zoals muziek, debatteren en ruimte voor sport aan te bieden.” Ook mooi: “De school zou een goede combinatie van IQ en EQ moeten bieden.” Martijn: “Met deze dynamische uitgangspunten zijn we aan de slag gegaan, waarbij deze ambities in een helder ambitiedocument en een eerste ruimtestaat waren uitgewerkt. De school wilde onderwijs in domeinen, georganiseerd in sectoren en vertaald naar een gebouw met eigen vleugels. Centraal moest de inhoudelijke en ruimtelijke relatie tussen het lokaal en het leerplein staan waar de interactie plaats vindt. De belangrijkste ruimtes zijn de talentgebieden sport, media en technologie. De centrale ruimtes die die elementen verbinden zijn de werkplaatsen. ICSadviseurs is het hele proces aan boord gebleven en heeft de plattegronden getoetst op


ONTWERP EN INRICHTING

PROJECTINFORMATIE Project Nieuwbouw Dr.-Knippenbergcollege Helmond Opdrachtgever Ons Middelbaar Onderwijs (OMO) Architect RoosRos Architecten Adviseur ICSadviseurs (programma van eisen tot en met bouwmanagement) Aannemer Heerkens van Bavel Bouw Bvo Ongeveer 9.500 m² Geplande oplevering Zomer 2021

het programma van eisen en gekeken wat de bezettingsgraden en roosters zouden zijn.” MERCEDES-STER Inmiddels wordt er gebouwd en is de fundering gestort. De basis is eenvoudig en symmetrisch opgezet. Martijn: “Het wordt een gebouw in drie lagen; het heeft de vorm van een driepoot waarbij elke poot of vleugel er in casco hetzelfde uitziet en op de Mercedes ster lijkt, maar dan zonder cirkel eromheen. Het gebouw kent over de verdiepingen meerdere vides en trappen en in één van de poten bevindt zich de kantine. Elke vleugel bevat of een onderwijscluster of een deel van de aula; het onderwijslandschap is over de verschillende verdiepingen uitgelegd. Oorspronkelijk wilden we alle lokalen van elk cluster rondom een leerplein organiseren, maar dat kwam in verhouding ruimtelijk niet goed uit. We hebben de leerpleinen deels aan de lokalen gelegd en deels in het centrale studielandschap in een open verbinding met de kantine. Daardoor is een spannend concept ontstaan waarbij leren en pauzeren geleidelijk in elkaar overgaan door dat tussengebied, waarin de clusters elkaar ontmoeten. Daar is ook een collegezaal ingebracht. Meestal ligt de kantine centraal in het gebouw, maar

hier ligt hij in de zuidelijke vleugel met daglicht naar buiten en uitzicht rondom naar het groen. Er zijn twee ingangen, waardoor er altijd toezicht is; vanuit de centrale entree kom je in de kantine met een uitgiftepunt voor eten en drinken. Daar vind je ook de ruimte voor de conciërge en de leerling administratie. Ruimtelijk gezien is het rechts pauzeren en links leren. In feite hebben we hier een nieuwe typologie gemaakt, waarbij we het gebouw niet hebben georganiseerd vanuit een grote overweldigende hal maar in kleinere aaneengeschakelde ruimtes waarin je als vanzelf van pauzeren via ontmoeten en studeren naar leren gaat.” GEZONDE LEEROMGEVING “Het is een BENG gebouw, met een hoge isolatiewaarde, zonnepanelen en vooral ingestoken op gezondheid. We wilden zoveel mogelijk daglicht en natuurlijk zonlicht naar binnen brengen. Vanuit de lokalen en kantine ervaar je overal licht en uitzicht met hoge ruimtes en een gezond binnenklimaat met geavanceerde klimaatpanelen in het plafond. Het wordt een prettig en comfortabel gebouw. Om te sporten ga je straks naar het stadion en de sportzalen, maar de opleiding sport krijgt wel eigen kantoren en lesruimte in het schoolgebouw. Het interieur wordt met wall prints en speciale uitingen aangekleed. Ook mooi: “We hebben gebruik gemaakt van de taluds zodat je vanuit de aula heel mooi uitkijkt op de sportvelden en de hele campus. Het ontwerp van het terrein is een integraal onderdeel van het ontwerp van de school. Het wordt prachtig.” Kijk voor meer informatie op www.roosros.nl.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

39


Tekst Sibo Arbeek

SIMPELE DOOS MET VIER CADEAUTJES

De Biënkorf van binnen naar buiten ontworpen “Eigenlijk is het een klassieke school, met een middenbouw met de hoofdentree en een monumentale trap en twee vleugels links en rechts en dat is het eigenlijk. Het lijkt één groot blok, maar daarbinnen vind je vier cadeautjes.” Het verhaal van een geslaagd proces met een mooi gebouw als resultaat. de onderbouw hebben beneden een plek gekregen en de bovenbouw zit boven.” Het nieuwe gebouw laat duidelijk de handtekening van Huub Frencken van Frencken Scholl Architecten zien, met veel natuurlijke materialen, de inzet van het hout en het compacte van de vorm. Cathy: “Maar ik zie ook heel erg terug wat we samen met Huub hebben bedacht, gepuzzeld en getekend.” Huub: “Ik vind het juist een echte Cathyschool geworden.”

C “Als je een nieuwe school krijgt, is alleen de buitenkant nieuw; de ziel moet je er zelf in brengen” 40

SCHOOLDOMEIN

athy Vos is directeur van De Biënkorf: “Onze school staat in Nieuwendam, maar we trekken kinderen uit de hele stad.” De Biënkorf is onderdeel van de ASKO scholen en behoort tot de eerste Jenaplanscholen van Nederland, met naast Jenaplan ook Ervaringsgericht Onderwijs (E.G.O.) als onderwijsconcept. “Bij ons speelt kunstzinnige vorming een belangrijke rol; in ons atelier komen verschillende kunstdisciplines aan bod en we organiseren binnen en buiten de schoolprojecten, bezoeken regelmatig musea en organiseren tentoonstellingen. Op de agenda stonden recent een eerste lentewandeling, een bezoek aan het stadslab en het bijwonen van de voorstelling De Toverfluit in de Meervaart.” Huub: “Wanneer je naar het gebouw kijkt zie je op het eerste oog een rechthoekig volume, met bakstenen muren en daarboven een houten doorlopende fries met aluminium spijlen. Als je goed kijkt zie je ramen, maar daarnaast verschillende openingen. Dat zijn inpandige dakterrassen; zo heeft de bovenbouw twee terrassen met moestuinen en twee buitenlokalen. Naast de centrale entree zijn er aparte ingangen aan weerszijden; zo wordt het verkeer geregeld. Het heeft een prachtig trappenhuis met mooie tegeltjes en een knipoog naar de Amsterdamse school. De kleuters en

mei 2020

GEBOUW MET EEN ZIEL De Biënkorf staat in Nieuwendam-Oost; een 60’er jaren wijk in Amsterdam-Noord die flink aan het transformeren is. Het gebouw ligt aan de Mariëndal en kijkt aan de achterkant op de Wieden, met een fietspad en mooie bomen aan weerszijden. Huub knikt: “Ik heb het gebouw zoveel mogelijk naar achteren geschoven, zodat een groot school- en speelplein is ontstaan.” Cathy: “Daarnaast is aan de voorkant de sociale veiligheid het grootst. Ons oude schoolgebouw lag ook op deze plek; het bestond vijftig jaar en was in de loop van de tijd steeds verder uitgebreid. Eigenlijk was het niet meer geschikt voor het onderwijs dat we willen geven, hoewel de sfeer erg goed was. We waren blij dat we nieuwbouw kregen en ook blij dat we op deze locatie mochten bouwen voor 450 kinderen; het is een groene


ONTWERP EN INRICHTING

plek met veel mooie bomen op het plein. Ik wilde geen gebouw met een schoolplein op het dak. Daarnaast liggen we dicht bij het winkelcentrum en zijn zo in de dorpen of de stad. We zijn hier ook goed per fiets bereikbaar. Op een andere plek was het ook een ander gebouw geworden. Als je een nieuwe school krijgt, is alleen de buitenkant nieuw; de ziel moet je er zelf in brengen. Een nieuw gebouw betekent voor kinderen niet zoveel; ze herkennen hun spullen en groepsleider en gaan weer aan de slag. Maar ouders vinden het wel belangrijk dat ons speciale gevoel hier ook voel- en zichtbaar is. We hebben veel oude spullen meegenomen en in het nieuwe gebouw gezet, zoals tafels en kasten die we weer opgeknapt en geverfd hebben. Het grootste compliment was dat het gelijk vertrouwd aanvoelt; alsof het gebouw er nog niet maar zo kort staat.”

PROJECTINFORMATIE Project Nieuwbouw de Biënkorf Amsterdam Opdrachtgever Gemeente Amsterdam in samenwerking met ASKO Architect Frencken Scholl Architecten Aannemer De Geus Bouw Geopend juni 2019

RUST EN OVERZICHT “Als je nieuw mag bouwen begin je met het team na te denken en bezoek je verschillende scholen; die zijn het dan net niet. Het was een Europese aanbesteding en bij de architectenselectie bleven er vier architecten over die met een moodboard mochten pitchen. Eén architect presenteerde toch een ontwerp en dat leidde van de kern af, een ander was niet echt creatief, dus dat werkte ook niet. Met Huub ging het organisch; hij toonde een soort kwetsbaarheid, waardoor we echt met elkaar in gesprek gingen; hij voelde goed aan wat we wilden en dus werd hij het. Vervolgens gingen we opnieuw met het programma van eisen aan de slag en dat viel tegen. Je hebt het al druk en niet altijd energie om met het gebouw bezig te zijn. Toen hebben we opnieuw een paar scholen bezocht. Die bezoeken maakten duidelijk wat we niet wilden; zoals enorme leerpleinen, waar we vooral zagen dat er geen kinderen zaten. Die worden meer als afzet gebruikt dan als afgeleide van de onderwijsvisie. Op kantoortuinen voelen mensen zich niet fijn, laat staan kinderen. We wilden eigen plekken voor kinderen en dat hebben we vertaald in grote lokalen van 60 m². We wilden ook geen glazen wanden, waardoor je het gevoel hebt dat je in een vissenkom werkt. Rust en overzicht zijn belangrijk; we hebben vier clusters voor de onderbouw, de groepen drie en vier, vijf en zes en zeven en acht. Elk cluster heeft vier lokalen en een leerplein en ze fungeren bijna als kleine

schooltjes. Wij wilden dat je op de gang kunt werken zonder dat je last van elkaar hebt. Elke bouw heeft een eigen spreekkamer op één na die voor een serverkast is opgeofferd. Verder heeft elke bouw een eigen magazijn. Huub kwam met de idee om midden in elke bouw een doosje te zetten waar je omheen kunt lopen, zo wordt de ruimte gestructureerd. Dit doosje, waar bergingen en leidingschachten in zitten heeft een spiegel- en magneetwand. Kinderen kunnen er rustig werken.” VAN BINNEN NAAR BUITEN Huub: “We hebben deze school echt van binnen naar buiten ontworpen. Het doel was om genoeg ruimte te maken voor de kinderen en leerkrachten, met een goede akoestiek en voldoende opruimmogelijkheden en bergingen. Daarnaast is het een duurzaam en energieneutraal gebouw, met ledverlichting, koeling en zonnepanelen. Het duurde even voordat het gasloos werd en we hadden geluk dat de gemeente alle openbare ruimten in 2020 gasloos wilde hebben en een extra bijdrage deed voor de zonnepanelen en warmtepomp.” Cathy: “In het oude gebouw hadden we de lokalen op de zonkant met als gevolg dat het vaak heet was in de zomer. We wilden dus nu alle lokalen op de schaduwkant. En een grote multifunctionele ruimte voor de vieringen, met een grote trap en een verschuifbaar podium.” Huub legt uit: “Cathy wilde de aula kunnen afsluiten van de school. We hebben een multifunctionele ruimte gemaakt gekoppeld aan de speelzaal die open kan, zodat daar de vieringen en voorstellingen kunnen plaatsvinden. De aula ligt aan de centrale entree met daarnaast de keuken. Het is mogelijk met een schuifwand de aula dicht te maken, zodat je hem als een meer intieme ruimte ook voor een klas kunt gebruiken, of een activiteit zoals een talentenjacht. Verder hebben we een aparte ruimte voor beeldende vorming gemaakt.” Cathy: “Het moest ook een gebouw met een zachte buitenkant worden. We heten de Biënkorf en we wilden omarmd worden door het gebouw.” Huub tenslotte: “Ik heb veel met baksteen en hout gewerkt; in de gevel zie je mooie verfijningen in het metselwerk. Dat lijkt op een kleurrijke bijenkorf met bijen in hun holletjes.” Kijk voor meer informatie op frenckenscholl.nl.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

41


Tekst Sibo Arbeek

ROOM TO LEARN

Akoestiek als onderdeel van een integrale beleving Akoestiek is onderdeel van inrichtingsconcepten geworden omdat er steeds meer open structuren ontstaan. Je ziet het overal, in de horeca, op kantoren en natuurlijk ook in het onderwijs. In plaats van de functionele ruimten ontstaan open structuren, waarin van alles mogelijk is en die vooral moeten verleiden.

A

lice Tabak is interieurarchitect bij Gispen en deskundig op het gebied van akoestiek: “Je ziet dat scholen andere vormen van onderwijs aanbieden, wat tot een diversiteit aan werkvormen leidt. Dat heeft gevolgen voor de inrichting en daarmee komen nieuwe interieurconcepten de school binnen. Er wordt steeds meer in projectgroepen gewerkt en individueel of in groepen geleerd en dat gebeurt niet altijd meer in afgesloten ruimten. In feite zie je steeds meer hybride omgevingen ontstaan; alles is leeromgeving geworden. Een mooi voorbeeld is Fontys Eindhoven in gebouw TQ op Strijp-T, waar we een soort tribuneomgeving hebben gemaakt, waar je je projecten aan elkaar presenteert. Gangen worden lesruimten of plekken waar je kunt werken. We proberen met het juiste

meubilair niet alleen de werksfeer, maar ook de productiviteit te verhogen. De psychologie van de gebruiker is natuurlijk enorm belangrijk. Akoestiek is één van de elf onderdelen van WELL, naast bijvoorbeeld lucht, water, voeding, licht, fitheid, comfort en psyche. Dan gaat het om functionele, maar ook emotionele punten van het welbevinden. Dat is niet heel zwart wit maar kan voor iedereen iets anders betekenen en raakt alle elementen rond het inrichten van ruimten.” RUIMTE IN RUIMTE “Door de open leeromgevingen en het anders samen werken zijn nieuwe elementen de onderwijsomgeving binnengekomen. Wij vertalen die ontwikkelingen deels esthetisch, gestoffeerd, met mooie materialen en bijpassende kleuren. Esthetisch mooi, aangenaam en functioneel kunnen heel goed samengaan. Mooie omgevingen zorgen ervoor dat mensen het mooi houden. We kijken naar de functionaliteit en dat het tegen een stootje kan. Doordat het er mooi uitziet voelen studenten zich mede-eigenaar van de omgeving, waardoor ze er voorzichtiger mee om gaan. Gesloten projectruimten, halfopen studieplekken of een langgerekte vaste werktafel met liefst zicht op het groen buiten bieden gebruikers een ruime variatie aan werkplekken. De kenmerkende HUBB’s worden met los meubilair en unieke interieurelementen gecombineerd. Met een HUBB maak je in feite een ruimte in een ruimte.” AKOESTIEK IN INRICHTING “We denken bij akoestiek vaak aan standaard plafondplaten in specifieke functionele ruimten. Doordat er steeds meer open ruimten en een diversiteit aan leeren werkvormen ontstaan is akoestiek onderdeel van het ontwerp geworden. We beginnen met het inventariseren van de activiteiten en kijken hoe ze zich ten opzichte van elkaar verhouden. Vaak maken we voor open ruimten een plan voor losse inrichting, waarin gestoffeerde elementen een rol spelen. Onze HUGG concentratieplekken hebben bijvoorbeeld geluiddempende wandpanelen. Met MOXX kunnen we bij een open kantoor privacy én een stilteruimte creëren die zowel binnen als buiten MOXX het geluid dempt met speciale geluidsisolatie. Ook de gestoffeerde MultiLounge en de TST lijn dragen bij aan akoestisch

42

SCHOOLDOMEIN

mei 2020


ONTWERP EN INRICHTING

“Juist doordat de variëteit toeneemt heb je meer beweging nodig en dat houdt in dat je meer meters gebruikt”

ziet die buitenbeleving heel sterk terug in de lichte atria tussen gebouwdelen. Dat zijn vaak prettige ruimten waar mensen graag samenkomen.”

comfort. Naast meubilair bieden we nog veel meer mogelijkheden die akoestiek en comfort verbeteren; denk aan speciale panelen, schermen, lampen en andere objecten. Elke situatie is anders, en vraagt om een oplossing op maat. Je ziet soms ook combinaties met schermen, die aan de ene kant gestoffeerd en aan de andere kant een whiteboard zijn. Daarmee combineer je functionaliteit met akoestiek, eventueel aangevuld met gordijnen. Voorheen hadden veel scholen vaak harde vloeren die akoestisch niet meewerken; door het openen van de ruimten merk ik dat we meer tapijt gaan toepassen. Dat geeft rust als erop gelopen wordt.”

SOCIALE WEZENS “De coronacrisis benaderen we serieus en we proberen te helpen waar het kan. Er ontstaat een virtuele onderwijsomgeving met vormen van afstandsleren. Bepaalde lessen kun je prima op afstand op internet bekijken, zoals met flipping the classroom, waarbij je meer online werkt en zelf je moment en tempo van leren kiest. Toch zijn wij sociale wezens; zonder ontmoeten en sociale omgang werkt het minder goed; daar heb je fijne plekken voor nodig. Ik denk wel dat deze crisis de verandering naar vormen van het digitale leren en werken versnelt en dat is ook het gevolg van onderwijsomgevingen die steeds opener worden. Je ziet hoe onderwijs in klaslokalen in een aantal jaren transformeert naar een diversiteit aan leer- en werkvormen. Dat kunnen wel flexibele meters zijn met verschillende soorten meubilair. Als je je ruimten scrum inricht, moet je wel de ruimte hebben om te kunnen veranderen.” Kijk voor meer informatie op www.gispen.com/nl/onderwijs.

SPREIDING EN VARIATIE “Je wilt aan het einde van de dag dat studenten en docenten energie overhouden. Een goede balans in de diversiteit van werkplekken en dus ook de inrichting is belangrijk. De één houdt meer van drukte, de ander van samenwerken of individueel geconcentreerd werken. Er zijn dus veel verschillende accenten mogelijk, die je visueel benadert of juist akoestisch voor de plekken die rustiger mogen zijn. We bouwen het vaak op in het gebouw, van ontmoeten en meer drukte op de begane grond en de entree en naar boven meer spreiding en variatie met rustiger omgevingen. Daarbij is de omgeving rond het gebouw ook een inrichtingselement. Die scheidslijn wordt minder hard. Je

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

43


Tekst Sibo Arbeek

DE NIEUWE GYMZAAL KOMT ER

Meer bewegen op dezelfde footprint

Nederland telt ruim 5.000 gymzalen. Het merendeel is afgeschreven, energetisch niet goed, bouwkundig slecht en bovendien niet circulair. Gemeenten, sportopleidingen en toeleveranciers houden elkaar in een ijzeren greep en blijven dezelfde zaal reproduceren en inrichten. Maar het kan zoveel leuker in de nieuwe gymzaal.

A

rchitect Ronald de Rooij van Topos en adviseur inrichting sportaccommodaties Pim Scherpenzeel werken samen met een team aan uitvoerende partijen met als doel een slimme nieuwe binnensportaccommodatie te ontwikkelen, die bovendien circulair en energieneutraal is. “Fijn om weer een fysieke afspraak te hebben,” verzucht Pim in het verder verlaten kantoor van Topos. Ronald: “We komen er door deze crisis nu achter welke ingewikkelde logistieke processen er allemaal zijn; dat China een groot deel van onze mondkapjes maakt en de Parmaham eerst via Nederland naar Italië gaat en dan weer terugkomt. Terwijl veel lokale initiatieven nu laten zien dat mooie dingen mogelijk zijn met eigen producten.” Daarom zijn nieuwe concepten belangrijk, die meerwaarde hebben. Pim: “Ik zie als voormalig gymleraar dat vitaal bewegen voor jong en oud

“De crux is dat je niet eerst bouwt en daarna kijkt wat erin kan, maar eerst weet wie de gebruikers zijn en wat ze willen zodat hij altijd aansluit op de wensen van gebruikers” 44

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

steeds belangrijker wordt, maar dat onze gebouwen nog steeds traditioneel worden ingericht. Ik heb ook jaren bij Nijha gewerkt en me vaak verbaasd hoe traditioneel deze branche nog steeds in elkaar zit. Waarom blijven we het dan zo doen?” BESTAANDE RICHTLIJNEN Pim: “Opdrachtgevers zijn vaak gemeenten, waarbij ambtenaren niet anders weten dan dat het zo moet. Iedereen denkt dat binnensport gebonden is aan bepaalde eisen. Elke voorziening wordt ingericht voor de bekende sporten, met de zwarte belijningen en de combi-velden. Zo hebben we een sjabloon voor alle hallen en daar drukken we dan een NOC*NSF-stempel op. Het programma van eisen van sporthallen wordt standaard gedicteerd door zaalsporten als basketbal waar het de elektrisch bedienbare borden betreft. Maar waarom doen we niets met skeeleren of


ONTWERP EN INRICHTING bepaalde fitness sporten? In de gymzalen staan nog steeds dezelfde toestellen die de grondlegger van het turnen Friedrich Ludwig Jahn in 1788 heeft bedacht. De productie van een turnbok had te maken met de leerlooiers, die de bok met koeienhuid bekleedden. En die bok staat nog steeds symbool voor het turnen van vandaag. Mensen willen nu free runnen, cross fitten en slacklinen.” Ronald: “De ALO’s hanteren ook hun traditionele programma’s, omdat deze aansluiten bij de standaard inrichting die de studenten later in hun praktijk aantreffen De derde factor zijn de leveranciers; Nijha, Jansen-Fritsen en Bosan, die binnen deze format blijven produceren en inrichten. Hoe doorbreek je die vicieuze cirkel? Door te laten zien hoe het anders kan. Daarom hebben we een nieuw concept ontwikkeld, dat veel meer mogelijkheden biedt en inspeelt op de veranderende behoeften.” BOUWEN NAAR BEHOEFTE Ronald: “Wij maken op dezelfde plot als een traditionele gymzaal bijna twee keer zoveel sportoppervlak en bovendien gasloos en circulair. We gaan met gebruikers aan de slag en ze kunnen het inrichten zoals ze het zelf willen. Het doosje blijft het doosje en de schil is super duurzaam; het dak ligt vol met zonnepanelen. Alles wat we in die doos stoppen is gebaseerd op de toekomstige gebruiker. Het prototype is een gymzaal die groter is dan de huidige standaard van 21 x 12 meter die al decennia wordt toegepast. In ons concept kan de beweegruimte toenemen tot ruim 500 m², afhankelijk van de opties die gekozen worden. De reguliere gymlessen staan altijd voorop, omdat de gemeente daar een wettelijke verplichting heeft. Maar het kan zoveel leuker voor de kinderen van het basisonderwijs. We kunnen het concept ook uitbreiden naar een gymzaal+ of het formaat van een sportzaal. Daarbij zeggen normen ons weinig, we maken iets dat duurzaam is en waar echt behoefte aan is. Het voordeel van ons concept is dat het goedkoop is in de exploitatie en er een veel dynamischer beheer mogelijk is.” INFIT BEWEEGCONCEPTEN Ronald: “Steeds meer gemeenten en organisaties zien de gymzaal als het nieuwe ontmoetingspunt in de wijk. Je kunt er veel meer dan nu het geval is. Zo maken wij een voorziening met een verdieping erin. Vervolgens kun je hem modulair inrichten. Waar wil je de kleedruimten, boven of beneden, moeten er wel of niet douches in? Kan die kleedkamer ook betrokken worden bij de zaal om voor het turnen een extra aanloop te creëren? Je kunt verschillende soorten bergingen maken, meerdere kleinere, of juist een grote, waarin ook turntoestellen kunnen? De verdieping biedt vele mogelijkheden. Je kunt daarbij denken aan een kleine kantine maar ook een dojo of een danszaal. En alles is goed zichtbaar vanaf de begane grond. De inrichting is circulair en modulair, de buitenkant heeft de uitstraling van een permanent gebouw. Het enige

dragende element is de constructie; die we overigens ook nog op de ondervloer van de bestaande accommodatie kunnen zetten, waardoor de bouwkosten minder worden. De crux is dat je niet eerst bouwt en daarna kijkt wat erin kan, maar eerst weet wie de gebruikers zijn en wat ze willen zodat hij altijd aansluit op de wensen van gebruikers. Ons concept is gestoeld op het meerdere keren herhalen. We hebben hierover goede afspraken kunnen maken met een aantal vaste adviseurs met ruime ervaring op het gebied van gymzalen. We kunnen het daarom goedkoper doen en nemen daarin de inrichting mee.” Kijk voor meer informatie op www.denieuwegymzaal.nl.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

45


“Het gebouw is prach�g, maar hee� ook echt iets veranderd bij de leerlingen. Ze gaan nu uit zichzelf werken aan de tafels…” Oud rector Ilse van Eekelen

experts in scholenbouw www.spring-architecten.nl

SAMEN BETER IN BOUWEN. JONG GELEERD OUD GEDAAN. Al jarenlang zijn wij als familiebedrijf actief in het bouwen van scholen. Bij BM van Houwelingen hebben we het goed voor elkaar en zijn we ook goed voor elkaar. Door onze ervaring kunnen we efficiënt en effectief bouwen. Omdat we alle expertise in huis hebben, kunnen we ieder project naar volle tevredenheid uitvoeren. Met ons ervaren team streven we altijd naar het beste resultaat.

BMVANHOUWELINGEN.NL

0184 677 200


Tekst Sibo Arbeek

ONTWERP EN INRICHTING

INRICHTING AFGELEIDE VAN ONDERWIJSVISIE

Onderwijsroute 10-14 biedt differentiatie in keuzeproces Netwerkregisseur Annelies Robben van de Onderwijsroute 10-14 in Zwolle heeft het druk met het organiseren van het onderwijs tijdens de Corona-crisis: “Het onderwijs gaat gewoon door en we zijn gewend om online te werken.” Het concept Onderwijsroute 10-14 jaar is inmiddels zijn derde jaar ingegaan en blijkt succesvol te zijn. SCHOOLDOMEIN

mei 2020

47


“R

egulier beginnen we ’s morgens met een online inbelmoment met elke stamgroep. Daarna volgt iedere leerling zoals gebruikelijk zijn eigen workshops. Tijdens deze workshops krijgen de leerlingen via een videovergadering instructie en gaan vervolgens aan de slag. Tijdens de afronding van de les bellen de leerlingen weer in om samen de les af te ronden en te evalueren. Vervolgens gaan ze weer door met de volgende opdracht.” Annelies Robben is netwerkregisseur van onderwijsroute 10-14, onderdeel van Stichting Openbaar Onderwijs Zwolle: “We zijn het eerste jaar begonnen met 50 kinderen, zitten nu op 166 leerlingen en de verwachting is dat we doorgroeien richting de 200. Het nieuwe schooljaar beginnen we met een tweede instroompunt aan de andere kant van Zwolle, omdat we op de huidige locatie niet verder kunnen groeien. Waarom kiezen ouders en hun kinderen voor ons concept? Soms hebben ze een slechte ervaring met de reguliere afstroom, zoeken ze naar innovatief en vernieuwend onderwijs of naar een andere verbinding tussen basis- en voortgezet onderwijs. Niet elk kind is op de leeftijd van elf jaar al klaar om een keuze voor vervolgonderwijs te maken. Ze komen ook niet altijd bij ons omdat ze de slimste of de beste zijn. Ik zie wel dat ze bij ons in een andere energie komen; je hoort erbij, fietst zelfstandig naar school en hebt een eigen kluis; veel kinderen voelen het als een upgrade. Ons concept richt zich op het opleiden van wereldburgers; je hebt een eigen stem en je mag je mening geven. Het gaat hier om veel meer dan alleen maar kennisoverdracht. Daarom is het ook lastig om de competenties van onze leerlingen te vergelijken met die van een reguliere school. Ze ervaren hier verschillen en dat mag ook. In de echte wereld doen we ook niet allemaal hetzelfde op hetzelfde moment.” DEFINITIEF ANKERPUNT “In Nederland krijg je op je 12e een schooladvies en ga je een loopbaan in. Wij vinden dat 12 jaar te vroeg

is voor een definitief ankerpunt. Met ons concept bieden we differentiatie rond het keuzemoment. Dat is voor veel kinderen heel prettig. Je weet dus niet in welk leerjaar de ander zit en je bent zelf je eigen corrigerende factor. Binnen ons onderwijsconcept zijn individuele coaching, persoonsvorming en onderzoekend vermogen belangrijk. De leeftijd tien tot veertien jaar is voor veel kinderen een turbulente periode. Terwijl hormonen door het lijf gieren, spelen vragen als ‘wat kan ik’ en ‘wie ben ik’ een grote rol. Zij krijgen bij ons de kans zichzelf in alle rust en vanuit (zelf)vertrouwen te verkennen en ontdekken. En zijn ze 14 jaar, dan kunnen ze op eigen niveau instromen in het derde jaar van het VO. Bij ons leren kinderen in een uitdagende leeromgeving, onder leiding van een hybride team van docenten uit het basis- en voortgezet onderwijs. We zorgen voor een veilige en gemoedelijke setting en beginnen ook wat later, om kwart voor 9, zodat je niet in de massa opgaat. We bieden een doorgaande leerlijn, waarbij we in de derde klas al inzetten op de keuze voor een profiel. Vanaf volgend schooljaar komt er een eigen derde leerjaar vanuit onderwijsroute Mens& en 10-14. Dan is reguliere uitstroom niet meer aan de orde.” KINDEREN FLOREREN “We werken nauw samen met hogeschool Windesheim; alles wat we niet weten laten we onderzoeken, bijvoorbeeld formatief toetsen in relatie tot gerichte coaching, de effecten van digitale geletterdheid en computational thinking. Dat doen we samen met de leerling, omdat die mede-eigenaar van het leerproces is. De coach blijft wel eindverantwoordelijk, om te bewaken dat leerlingen keuzen maken waar ze aan toe zijn. Als je de jaargroepen loslaat kun je onderwijs op

48

SCHOOLDOMEIN

mei 2020


ONTWERP EN INRICHTING

“Ze ervaren verschillen en dat mag ook. In de echte wereld doen we ook niet allemaal hetzelfde op hetzelfde moment”

maat bieden, in kleine groepen instructie geven zodat je dicht bij de ontwikkeling van het kind blijft. Elke week zijn er feedback momenten en is er coaching in een peergroup, waarbij je met elkaar terugkijkt en de week inricht. Leerlingen werken op basis van leerdoelen en weten per week welke doelen centraal staan. Verrassend is dat door de heterogeniteit kinderen elkaar corrigeren en helpen. Kinderen floreren en dat heeft niets met leeftijd te maken, iemand van groep 7 kan iemand van klas 1 ook wat leren. Docenten leren ook van elkaar en de leerlingen, waardoor het goede gesprek gevoerd wordt. Op een natuurlijke manier ontdek je zo waar je affiniteit mee hebt. Aan onze docenten merk ik dat er nu in het derde jaar meer rust ontstaat. Je weet welke aanpakken werken en sommige patronen zijn herkenbaar. We zijn nu bezig met de derde versie van het lesmateriaal. In deze Coronacrisis is het snel schakelen; onze docenten

zijn gelukkig al digitaal vaardig. De lesomgeving start al digitaal en dan is overschakelen naar 100% online onderwijs makkelijker dan wanneer je alle werkboeken nog digitaal moet leren te gebruiken.” PREFERRED SUPPLIER “Dit is een tijdelijk gebouw en we gaan naar nieuwbouw op deze locatie aan de Lassuslaan, waarbij we een echte open space ruimte maken en in werkvormen kunnen variëren. In ons nieuwe gebouw kun je experimenteren, waarbij we soms in grotere groepen instructie geven, soms in kleine groepjes of zelfstandig. Het wordt een flexibele ruimte die ons alle mogelijkheden biedt, maar wel vanuit de collega’s overzichtelijk is. Je geeft kinderen meer keuzevrijheid, dus dan is goed zicht belangrijk. Het is vernieuwend onderwijs dus je wilt geen traditionele leerlingsetjes maar groepstafels en andere soorten meubels, in hoogte verschillend om ook speelsheid en kinderlijkheid ruimte te geven. Zo werken we ook met kleuren en underlayment op de wanden. Daarmee kun je gebieden accentueren waardoor je met een bepaalde sfeer het gewenste gedrag stimuleert. In een treinwagon verwacht je groepswerk en moet je kunnen overleggen. Werkplekken aan de wand met een kruk stimuleren dat je alleen kunt werken. In de stilteruimte werken we met neutrale kleuren, terwijl in het dubbele lokaal met verschillende soorten werkplekken veel diversiteit aanwezig is. We wisselen lage met hoge tafels af, zodat je kunt staan en anders met elkaar gaat werken. Zitten is het nieuwe roken, dus we vinden bewegend leren belangrijk. Daarom zijn routing en functionaliteit belangrijk, omdat je daarop je inrichting kunt afstemmen. Presikhaaf leverde de verschillende typen meubilair en heeft met ons meegedacht.” CONCEPTUEEL MEEDENKEN “Presikhaaf Schoolmeubelen is hofleverancier en preferred supplier bij OOZ. Ik had nog het beeld van traditionele leerlingsetjes, maar toen ik hun aanbod zag was ik positief verrast.” Ronald Burgers van Presikhaaf Schoolmeubelen knikt: “We denken graag mee met de onderwijsvisie en vanuit die verbinding zoeken we naar een goede invulling.” Annelies: “Als je een school in gaat richten heb je een onderwijsvisie maar geen verstand van inrichting. Presikhaaf heeft expertise die wij niet bezitten; neem bijvoorbeeld de Ongo-kruk die kinderen stimuleert om de juiste houding aan te nemen. Die zijn erg populair, omdat je er lekker op kunt wiebelen. Ze passen heel goed op de gangen bij de individuele werkplekken, maar je moet ze niet in een lokaal zetten, omdat de docenten gek worden van alle die beweeglijke kinderen. Door op conceptueel niveau expertise te koppelen wordt 1 + 1 = 3 en ontstaat maatwerk. Dan is de inrichting ook echt het verlengstuk van je onderwijsvisie.” Kijk voor meer informatie op www.schoolmeubelen.com.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

49


Flexibel inrichten: een fluitje van een cent Waarom multifunctionele klaslokalen? Omdat veranderingen in het onderwijs om flexibele oplossingen vragen. Eén van die oplossingen is de toepassing van mobiele wanden. Met de mobiele wandsystemen van BREEDVELD is flexibele ruimteverdeling een fluitje van een cent. De producent uit Horssen heeft vier typen mobiele wanden: glas-, vouw-, schuif- en paneelwanden. Met name de laatste drie zijn uitermate geschikt voor toepassing in het onderwijs. sen. Verder hebben we het plafond in de lokalen en in de gang vervangen en er ledverlichting in geplaatst. Het is een paneelwand geworden, waarbij we wat hoger in de wand geluidsisolerende ramen hebben geplaatst, om meer daglicht in de lokalen te krijgen en de vlakheid van de massa te doorbreken.” EEN FLEXIBELE SCHOOLOMGEVING Een duurzame, mooie en vooral flexibele schoolomgeving met smoel. Dat waren de wensen van het onderwijsteam van CBS De Glashorst in Scherpenzeel in een notendop. De nieuwe, ongeveer 1.500 m2 grote school, heeft een gezond binnenklimaat met een laag energiegebruik. Daglicht wordt diep het ruimtelijke gebouw in gebracht door grote raampartijen en daklichten. De aula is door middel van een transparant BREEDVELD-schuifwand-systeem gescheiden van het speellokaal. Bij grotere bijeenkomsten kan de glaspaneelwand volledig worden opgeborgen en vormt de ruimte zich als geheel tot het centrale hart van de school. De STRUCTURELE OPLOSSING De Jozefschool in Aalsmeer is een echte ouderwetse gangenschool die in de loop van de jaren steeds is uitgebreid. Het gebouw heeft zijn oorspronkelijke sfeer behouden, maar miste een goede gemeenschappelijke ruimte. Voor grotere ontmoetingen werden twee ruimten gebruikt, met een flexibele wand ertussen die niet geluiddicht was. Martijn de Wolf van BREEDVELD: “Ik ben na de vraag van de directeur gelijk komen kijken om de situatie in te schatten. Het gaat hier om een verschuifbare wand van 3,5 meter hoog en als je iets goed geluidsisolerend wilt maken moet je massa toevoegen. Alle wandsystemen hangen aan een bovenrail; de vraag was dus of de bouwkundige constructie boven het plafond zo’n zware verplaatsbare wand kon dragen. Daarom zijn we de zolder opgekropen, om naar de balkenconstructie te kijken. We hebben de draagbalk verzwaard om stijfheid in de constructie te brengen; in de bestaande situatie hadden we deze wand niet zo kunnen plaat-

50

SCHOOLDOMEIN

mei 2020


ONTWERP EN INRICHTING

“En het is een duurzaam product; schuifwanden en paneelwanden zijn goed her te gebruiken en gaan lang mee” paneelwanden van BREEDVELD maken dit centrale hart optimaal flexibel. De ogenschijnlijk vaste wand is eenvoudig in zijn geheel te openen en sluiten. Voor het dagelijks betreden van de speelruimte is de wand voorzien van een dubbele schuifdeur. Bijzonder aan deze wand is dat deze ondanks de grote glasopeningen optimaal geluidswerend is. SCHUIFWANDEN GOED VOOR HET ONDERWIJS Een belangrijk leermoment tijdens het bezoek aan OBS Delfshaven in Rotterdam: schuifwanden zijn goed voor het onderwijs en zijn ook heel effectief om tijdelijke uitval van collega’s op te vangen. Zo snijdt het mes aan twee kanten. Wanneer een school zo min mogelijk vaste wand wil opofferen en een eenvoudige open/dicht situatie wil kunnen creëren dan is een schuifwand die in de vaste wand schuift ideaal. Heb je een grote doorgang nodig dan kan zowel een paneelwand als een vouwwand toegepast worden. Het grote voordeel van een vouwwand is dat deze heel makkelijk en snel te openen en te sluiten is. Wil je iets met glas, dan kom je uit op paneel- of schuifwanden. DUURZAAM EINDRESULTAAT Martijn: “Momenteel lopen er meerdere grote scholenprojecten waar we samenwerken met de architecten, die onze wanden gebruiken om mooie openingen te maken, terwijl je toch de wand kunt sluiten. En het is een duurzaam product; schuifwanden en paneelwanden zijn goed her te gebruiken en gaan lang mee. Geen mobiele wand is hetzelfde. De

impressies op de website van BREEDVELD zeggen genoeg. In feite zijn er vier opties: Glaswand: Streeft u naast flexibiliteit ook naar openheid en transparantie? Dan is de mobiele glaswand dé oplossing. Afhankelijk van de functies van een ruimte levert BREEDVELD een glaswand met de juiste kenmerken. Denk aan gewicht, bedieningsgemak, uitstraling en geluidisolatiewaarde. Vouwwand: Een vouwwand is een wand die als accordeon open en dicht gaat. Dé oplossing wanneer u een ruimte meermalen per dag wilt vergroten of verkleinen. Het grote voordeel van de vouwwand is dat u deze in één handbeweging snel geheel kunt openen of sluiten. Leverbaar tot wel 46 dB (vergaderkwaliteit)! Schuifwand: Een schuifwand is een wand die in één beweging open of dicht geschoven kan worden. Hierdoor kunnen ruimtes of openingen tussen twee klaslokalen eenvoudig worden afgesloten of juist geopend. Leverbaar met (grote) glasopeningen en hoge geluidisolatiewaarden. Praktijktestrapporten van meer dan 50 dB voorhanden! Paneelwand: Een paneelwand is een beweegbare binnenwand. Deze ogenschijnlijk vaste wand is opgebouwd uit losse sandwichpanelen. Deze panelen zijn via wielstellen die in een aluminium bovenrail rollen eenvoudig door één persoon te verplaatsen. Met een paneelwand kunt u gemakkelijk één of meer ruimtes creëren. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het vergroten van de aula voor een ouderbijeenkomst. Het technisch team realiseert oplossingen voor elke denkbare situatie. En dan kijkt de Gelderse producent niet alleen naar de wand, maar ook naar de bouwkundige omgeving zoals draagconstructies en plafonds. Dankzij het moderne machinepark in combinatie met gemotiveerde en gespecialiseerde handvaklieden zijn opdrachtgever en eindgebruiker gegarandeerd van een perfect en duurzaam eindresultaat. Alle onderdelen van de BREEDVELD-wanden zijn van oerdegelijke kwaliteit, de garantie voor langdurig gebruiksgemak. Daarin is BREEDVELD dan weer niet flexibel. Kijk voor meer informatie op www.breedveld.com.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

51


Tekst Sibo Arbeek Fotografie Guido Smit

BMV AUVERMOER KENT PLEKKEN VOOR ‘RUST’ EN ‘GEDOE’

Natuurlijk gebouw met een bijzondere inrichting Mede vanwege het uiterst duurzame en circulaire karakter en de unieke onderwijskundige visie van de Brede Maatschappelijke Voorziening (BMV) Auvermoer hebben gemeente Heerlen en IBA Parkstad samengewerkt in dit nieuwbouwproject. Heutink heeft voor een toekomstbestendige inrichting gezorgd.

N

aast basisschool Wonderwijs zijn Peuter­ opvang Heerlen, Kinderopvang Parkstad, twee logopediepraktijken en fanfare St. Gabriël in het gebouw gehuisvest. De ver­binding met de natuur en het omliggende landschap van de Caumerbeek spelen een belangrijke rol in het ontwerp van de BMV. Het voegt zich op natuurlijke wijze in het parkgebied, dat via de hof (het schoolplein) een integraal onderdeel is geworden van het buitenterrein van de school, de peuter­opvang en de kinderopvang. Alle pedagogische- en onderwijs­ ruimten zijn daarop georiënteerd. Wouter Wetzelaer is directeur van de fusieschool BS Wonder­ wijs in Hoensbroek en was als projectbegeleider namens Onderwijsstichting Movare verantwoordelijk voor de onderwijshuisvesting binnen het

52

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

nieuwbouwproject. Wouter: “Het is geworden zoals het vooraf was bedacht. Het is een transparante en open leeromgeving waarin collega’s letterlijk naast elkaar lesgeven en gezamenlijk onderwijs vormgeven. Het gebouw is nu een paar maanden in gebruik en we zien al dat ons onderwijsconcept goed functioneert; vanaf de eerste dag merken wij dat zowel de leerlingen als de collega’s zich hier thuis voelen.” DOORGAANDE LEERLIJN De peuter- en kinderopvang zijn beide aansluitend aan de onderbouw op de begane grond gesitueerd waarmee een doorgaande leerlijn (2 tot ca. 6 jaar) en samenwerking tussen de gebruikers is gerealiseerd. Het vloerveld op de begane grond sluit direct aan op de hof (schoolplein) onder een groot overstek. Wouter: “De leerkrachten dachten in het begin dat het mooie uitzicht ten koste ging van de concentratie bij de leerlingen. De zonwering ging dan wel eens bewust naar beneden. Zowel de kinderen als de collega’s zijn echter snel gewend geraakt aan het mooie uitzicht. Datzelfde geldt ook voor de openheid en transparantie binnen het gebouw. Binnen het onderwijsconcept staat eigenaarschap van leerlingen centraal. De leerlingen zijn dus gewend om zelfstandig te werken en kijken zelfs niet meer op als er nieuwsgierige bezoekers zijn in het gebouw.” Adviseur Nick de Jong van Heutink Projectinrichting: “Vanaf het moment dat de tekeningen voor de bouw gereed waren, zijn we als Heutink Projectinrichting aan de slag gegaan met het eerste voorstel van TenW architecten. We hebben de visie van de school vertaald naar de producten. Vervolgens hebben we ons over de diverse uitvoeringen en kleuren van de betreffende producten gebogen. Het lichaam van kinderen is gebaseerd op bewegen, vandaar dat we dit ook terug hebben laten komen in de inrichting. Denk


ONTWERP EN INRICHTING

Wouter Wetzelaer

hierbij aan diversiteit in zitmogelijkheden: de tafels met fietsen, wiebelkrukken, stoelen met 3D bewegende zitting en de banken.” OPENLUCHTSCHOOL Wouter: “Het gebouw is zo ontworpen dat kinderen hun eigen keuze kunnen maken. De peuterspeelzaal is aansluitend op de onderbouw gesitueerd waarmee een doorgaande leerlijn en samenwerking is gereali­ seerd. Omdat de glazen gevel voor een groot deel kan worden geopend ontstaat een openluchtschool, waar ‘binnen en buiten’ gezamenlijk de onderwijsruimte vormen. Het park omgeeft het gebouw op een vanzelfsprekende manier, waardoor de kinderen het gevoel hebben dat ze in het park spelen.” Nick knikt: “Kinderen moeten in alle vrijheid kunnen bewegen en op iedere plek in de school alleen, samen, of in groepjes kunnen werken. Door kasten midden in de ruimte te plaatsen, ontstaan diverse hoeken in een ruimte. In die hoeken kunnen de verschillende kinderen werken.” NIEUW INRICHTINGSCONCEPT Mede dankzij het bijzondere onderwijsconcept heeft onderwijsstichting Movare besloten om het gebouw ook gedeeltelijk te voorzien van nieuw meubilair. Heutink heeft samen met enkele leerkrachten en de interieurarchitect van TenW architecten het inrichtingsconcept bedacht. Wouter: “We hebben daarbij een helder onderscheid gemaakt voor ruimten met ‘rust’ voor instructie en zelfstandig werken ten opzichte van de ruimten met ‘gedoe’ waar de leerlingen zelfstandig of in groepen al doende en ontdekkend hun kennis en vaardigheden ontwikkelen. In de ‘rust’zones is gebruik gemaakt van traditioneel leerlingenmeubilair aangevuld met nieuwe zithuisjes en treinbanken. Ook zijn hier de nieuwe zitarena’s te vinden die als instructie- en thuisgroepplek worden gebruikt. De zone van ‘gedoe’ heeft een heel ander gevoel en uitstraling opgeleverd. Je vindt er een aantal hoge tafels met trapfietsen en er is een plek met een Lego-wand en een roboticatafel om te program­meren. Verder hebben we een makerspace (werkplaats) met

“Het gebouw is zo ontworpen dat kinderen hun eigen keuze kunnen maken”

mooie houten tafels en een wand met gereedschap en zijn onze keukens met een nieuwe inrichting uitgerust. Behalve duurzaamheid stond ook akoestiek centraal bij het ontwerp. Er is bijvoorbeeld gebruik gemaakt van houten vloeren en lambri­seringen en de zachte wandafwerking is gemaakt van gerecyclede petflessen. Hierdoor heeft elke plek en zone in het gebouw een eigen akoestiek gekregen die past bij de activiteit.” Nick knikt: “We hebben aanvullende leerlingenstoelen tot en met handvaardigheidsinrichting geleverd; van de directie-/teamkamer tot en met werkhuizen voor de leerlingen. Daarnaast hebben we bijvoorbeeld werkplaatsen aan de wand en kastenwanden op maat geleverd voor het BiNaSk-gedeelte. In tegenstelling tot meer gebruikelijke inrichtingen met leerlingensets, instructietafels, docentenwerkplekken en kasten, zijn bij Wonderwijs allemaal speciale elementen geleverd. Op deze manier kunnen de kinderen op diverse plaatsen en op verschillende manieren leren. We kijken als Heutink Projectinrichting terug op een geslaagd project met een inrichting waar Wonderwijs mee vooruit kan!” Kijk voor meer informatie op www.heutink.nl.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

53


Tekst Sibo Arbeek

IKC PRINS MAURITS HEEFT EEN GEBOUW MET ALLURE

Kansrijke integratie onderwijs en kinderopvang Het maken van een echt integraal kindcentrum was een belangrijk uitgangspunt in het programma. Zo worden diverse lokalen samen gebruikt, zoals het kook- en technieklokaal. Ook is er een deel voor geconcentreerd leren en een deel voor ontmoetend leren.

54

SCHOOLDOMEIN

mei 2020


ONTWERP EN INRICHTING

Foto: Vincent Nijhof

V

oor alle kinderen van nul tot en met twaalf jaar uit de wijk Bilgaard in Leeuwarden is er nu IKC Prins Maurits. Naast onderwijs en kinderopvang is er in het gebouw ruimte voor de buurtsportcoach, zijn er activiteiten voor dans en cultuur, vind je er een schoolbibliotheek en is er ruimte voor verschillende maatschappelijke activiteiten. Op de site van de nieuwe IKC staat: “Eén plek voor baby- en peuteropvang, basisschool, buitenschoolse opvang, bibliotheek, sport, hulp bij alle opgroei- en opvoedingsvragen en nog heel veel meer. Je komt er om te leren, te spelen, te dansen, te sporten en om je te ontspannen.” “We hebben het zo ontworpen dat de kinderen zo veel mogelijk

PROJECTINFORMATIE Project Nieuwbouw IKC CBS Prins Maurits Opdrachtgever Gemeente Leeuwarden Architect Kristinsson Architecten Bouwdirectie Lindhorst huisvestingsadviseurs Programma van eisen De Mevrouwen Aannemer

contact met elkaar kunnen maken,” vertelt Daan Josee van Kristinsson Architecten, “want dat is de belangrijkste functie van een kindcentrum.” Directeur Antonio de Ruiter van IKC Prins Maurits is trots: “Het is een identiteitsrijke school, waarin kinderen van zo’n dertig verschillende nationaliteiten les krijgen. Ze hebben echt een gebouw met allure gekregen, waarin ze de kans krijgen hun talenten zo goed mogelijk te ontwikkelen. We bieden ook speciale programma’s voor alle kinderen uit de buurt die bijvoorbeeld dammen of schaken willen leren, of toneelspelen, verdedigingssporten, muziek of techniek. Het is vooral ook een plek voor iedereen die gewoon eens lekker op een rustig plekje een boek wil bekijken of lezen. En we hebben een heleboel ouders die hun talenten aanbieden, zoals programmeren, iets met techniek of zelfs iemand die een circusact in huis heeft. Hoe leuk is het voor ouders om zelf hun kinderen te helpen en te stimuleren.” Het is het eerste integrale kindcentrum (IKC) van de christelijke koepel PCBO Leeuwarden dat nieuw is gebouwd, in nauwe samenwerking met Sinne kinderopvang. Door de nieuwbouw kon direct nagedacht worden over een handige integratie van de kinderopvang. Er is een aparte ingang voor de leeftijd nul tot zes, maar daarnaast zijn ruimten gemaakt die samen worden gebruikt zoals het kook- en technieklokaal. Met de ingebruikname van IKC Maurits geven PCBO Leeuwarden en Sinne kinderopvang verder invulling aan het ‘vlekkenplan’ voor de totstandkoming van diverse IKC’s in de gemeente Leeuwarden. Antonio: “Het is een sterk concept en we werken daarin goed samen.”

Bouwcollectief Sneek & Bouwbedrijf Van der Meer BVO 1.780 m² Stichtingskosten

Foto: Henri Vos

€ 3.500.000, - (exclusief btw) Oplevering November 2019

TINY FOREST De omgeving speelde een belangrijke rol in het ontwerp, legt Daan uit: “Bilgaard is een typische 70’er jaren wijk met een zogenaamde stempelstedenbouw. Die opzet bestaat uit hofjes woonclusters, met afwisselend laag- en hoogbouw en in het midden een verzorgingsstrip met winkels en maatschappelijke functies. We hebben het IKC in het midden van

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

55


NATUURLIJKE LEEFTIJDSLIJN De school telt 220 leerlingen en de dagopvang 50 kinderen. Daan: “Door het gebouw als het ware op te rollen is er een natuurlijke leeftijdslijn van nul tot 12 jaar ontstaan die als een soort hoekige spiraal in een doos ligt. Als kind begin je onder in het gebouw bij de kinderopvang en draai je vervolgens ieder jaar met de wijzers van de klok mee omhoog. Bijzonder is de gebouwhoek met een overstek, waardoor er een geaccentueerde buitenruimte ontstaat. Het gebouw bestaat verder uit

“We hebben het bestaande ontwerp als het ware opgerold waardoor er een compact volume is ontstaan van ongeveer 30 bij 30 meter in twee bouwlagen” 56

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

Foto: Vincent Nijhof

Foto: Vincent Nijhof

de strip gezet en in het ontwerp rekening gehouden met de bouwprincipes uit die tijd. Het bestaande gebouw was een lange strook met lokalen aan de ene en een gang aan de andere kant in één bouwlaag. De grootste uitdaging was om het programma in een zo’n compact mogelijk volume in te passen met behoud van rijke interne relaties tussen functieclusters, voldoende transparantie en de lichttoetreding in het gebouw. We hebben het bestaande ontwerp als het ware opgerold waardoor er een compact volume is ontstaan van ongeveer 30 bij 30 meter in twee bouwlagen. Daardoor is een vorm ontstaan die in het gevelbeeld met gemetselde stenen goed past bij de bestaande blokvormen in de strip. Door de compacte vorm is er veel speelruimte op de locatie vrijgekomen zodat er nu zelfs ruimte is voor een Tiny Forest, een initiatief vanuit IVN (het instituut voor natuureducatie). Een Tiny Forest is een dichtgegroeid inheems bos ter grootte van een tennisbaan. Je vindt er vogels, vlinders, bijen en kleine zoogdieren en het is natuurlijk ook een natuurlijke leeromgeving voor kinderen.”

twee helften, één met het accent op aandachtig en geconcentreerd leren en een helft met juist ruimte voor ontmoetend leren. In die helft zit een tribunezittrap met een groot venster op de buurt. De lokalen zijn om de centrale middenruimte geplaatst. De middenruimte wordt gevormd door een brede trap die ook als tribune kan dienen bij voorstellingen. De grootte van de lokalen is verschillend; zo zijn de lokalen van de onderbouw kleiner gemaakt, om het leerplein juist meer ruimte te geven.” Wat opvalt, is het vele licht in het gebouw. Het middelste stuk van de gevel aan de straatkant is volkomen van glas en in het plafond is een strook met een lichtkoepels geplaatst. Ook de raampartijen passen bij de jaren zeventig, maar verder is het wel een volkomen modern gebouw. Daan: “Visueel is er weinig scheiding. Doordat we gebruik hebben gemaakt van 12 millimeter glas waren er geen kozijnen nodig. Dat geeft een prachtig effect. Natuurlijk licht is belangrijk, want je krijgt geen verlichte geesten in een donker hol.” DUURZAAM GEBOUW Het gebouw is compact en duurzaam gebouwd, met oog voor circulariteit. Er is gekozen voor een slimme, eenvoudige constructie die het mogelijk maakt weinig dragende wanden te gebruiken. Bijzonder zijn de grote overspanningen met vloervelden van 10,6 meter en een kolom afstand van bijna acht meter. Het is daardoor een adaptief gebouw geworden, die helemaal uit kanaalplaten met stalen kolommen en geïntegreerde stalen balken bestaat. De gevel, het dak en de vloer hebben een hoge isolatiewaarde; het gebouw is all-air en all-electric. Daan: “Verder hebben we gebruik gemaakt van vertrouwde materialen met een lage exploitatielast. De gevel bestaat uit baksteen, met aluminium kozijnen en oregon pine binnenkozijnen en ook een oregon pine wandbekleding, wat een mooi effect geeft. Kenmerkend voor ons zijn natuurlijk ook de gipskaders om de systeemplafonds, zodat je het plafond ook bij de architectuur betrekt. Tenslotte was het een mooi project en hebben we binnen het integrale bouwteam goed met elkaar samengewerkt met als resultaat een prachtig kindcentrum.”


ONTWERP EN INRICHTING

ZONE.COLLEGE: LOW TECH GEBOUW VOOR INNOVATIEF GROENONDERWIJS

Een vliegende schotel in de wijk Als je graag praktisch bezig bent, in een groene omgeving met dieren, planten, voeding en techniek om je heen, is het vmbo Zone.college in Doetinchem een goede keuze. De bijzondere nieuwbouw wordt in de volksmond al ‘de vliegende schotel’ genoemd.

A

an de Gezellenlaan in Doetinchem staat sinds januari 2020 een bijzonder bouwwerk, met een vorm die doet denken aan een vliegende schotel. De vmbo-leerlingen van het Zone. college mochten begin januari echt aan de slag in hun nieuwe futuristische, maar toch ook natuurlijk groene omgeving, waar het Groene Lyceum ook een plek heeft gekregen. Blikvanger van de nieuwbouw is de eerste verdieping: een schotel met een diameter van zestig meter waar de theorielessen gegeven worden. De schotel is verdeeld over drie homes met acht ruime lokalen met flexibele wanden, een cen-

trale werkruimte en twee docentenruimtes. Hier kunnen leerlingen in groepen, maar ook individueel leren en werken. De centrale hal heeft een hoge, grote lichtkoepel en veel groen. Aan de randen van de koepel zijn de praktijkruimtes ingericht, waar leerlingen aan de slag kunnen binnen hun groene wereld onder begeleiding van docenten. Op de eerste verdieping zijn drie homes ingericht, waar theorie de boventoon voert. Op de begane grond hebben vakgebieden als de groene werelden, biologie, natuurkunde en handvaardigheid eigen werkruimtes, ingericht door de docenten. De schotel komt

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

57


te liggen op een schijnbaar glazen gebouw met een begroeid dak, waar de praktijkruimtes liggen. Het hart wordt gevormd door een ‘gigantisch’ atrium van 880 vierkante meter. “Dat wordt niet zomaar een plek waar je even kunt ontspannen. “Het wordt een open ruimte met groen, bomen, een vijver en dieren waar leerlingen werken aan hun opdrachten,” legt een enthousiaste directeur René Vijn uit. Binnen valt er nog veel meer te zien. René wandelt naar de groene muren bij de hoofdingang, die uit mos bestaan, “deze moslaag houdt het klimaat in de school vriendelijk. Mos maakt de lucht schoon. Deze muren houden het zo’n tien jaar vol, daarna worden ze vervangen.” GROENE SAMENLEVING Het nieuwe Zone.college is in opdracht van Stichting Groen Onderwijs Oost Nederland gerealiseerd. Het Zone.college, voorheen AOC Oost is een Agrarisch Opleidingscentrum en verzorgt voorbereidend en middelbaar beroepsonderwijs voor mensen die straks de groene samenleving maken. Na een jaar van bouwen, is de bestaande locatie in fasen vervangen door een nieuwe schoolzone, inclusief terreininrichting en bijgebouwen. De bijgebouwen bestaan uit een sporthal, kas, kapschuur en een dierenverblijf. Het is een zeer

58

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

“Als groene onderwijsinstelling moet groen, ecologisch en duurzaamheid in het DNA zitten en tot uiting komen in huisvesting”

duurzaam gebouw met een duurzame en circulaire energie- en waterhuishouding dat onderdeel is van een lokaal ecosysteem. Het is een lowtech gebouw met een hightech performance met toepassing van circulaire materialen. De nieuwbouw kostte 19 miljoen euro, inclusief inrichting van het buitenterrein en is geschikt voor 750 leerlingen. René: “We hebben al meer dan 800 leerlingen en groeien door naar 850. Dat was niet voorzien, maar daar komen we uit. Het gebouw is dan ook zeer aantrekkelijk, met moderne en leuke praktijkruimtes, dierverblijven, keukens, tuinen en technieklokalen. Bij ons leer je door zélf te ontdekken, te doen en te ervaren. Onze focus ligt op ondernemerschap, duurzaamheid en het ontwikkelen van ‘21e -eeuwse vaardigheden. De brede toepassing van bloem en groen in en op


ONTWERP EN INRICHTING

gebouwen staat enorm in de belangstelling. Hier leer je de nieuwe trends en innovaties die de wereld mooier en leefbaarder maken. Dat vraagt ook om goed geschoolde vakmensen en daarom werken we intensief samen met bedrijven om onze opleidingen up to date te houden.”

PROJECTINFORMATIE Project Nieuwbouw Zone.college vmbo Doetinchem Opdrachtgever Stichting Groen Onderwijs Oost-Nederland Adviseur draaijer+partners (PvE, architectenselectie, aanbesteding, bouw- en projectbegeleiding, exploitatie- en contractmanagement) Innovatief aannemer Binx Smartility Projectpartners Ector Hoogstad Architecten, Greenm2, Enervisie en ABT Wassenaar Contractvorm UAV-GC BVO 6.910 m² (hoofdgebouw) Stichtingskosten € 19 miljoen (inclusief btw) Ontwerp-oplevering Oktober 2018- januari 2020

VOLLEDIG ONTZORGEN Adviseur Erwin Alders van draaijer+partners: “Eén van de panden in Doetinchem voldeed niet meer aan de eisen van Zone.college. Zone.college heeft ons gevraagd een haalbaarheidsonderzoek te doen en in een aantal scenario’s te vertalen, waarbij we ook naar de gevolgen voor de exploitatie hebben gekeken. Die hebben we vervolgens uitgewerkt in de scenario’s voor nieuwbouw en renovatie op een nieuwe of bestaande locatie. Op basis van de uitkomsten heeft Zone.college besloten om nieuwbouw op de bestaande locatie aan de Gezellenlaan te plegen. Dat betekende een proces van slopen en gefaseerd opnieuw opbouwen. We hebben als eerste met het personeel van de locatie en interne diensten een functioneel en ruimtelijk Programma van Eisen. Vervolgens is een Programma van Prestaties ontwikkeld, waarbij een aantal speerpunten voor duurzaamheid leidend was. Nadat we samen met de opdrachtgever een goede architect hebben geselecteerd is een structuurontwerp gemaakt. Dat ontwerp was vervolgens richtinggevend voor het integrale contract. Als aanbestedingsprocedure hebben we gekozen voor de concurrentiegerichte dialoog, met als doel om een Design, Build, Maintain & Operate-contract te sluiten. Onderdeel van dat contract moest ook een schoonmaak- en energievolume-garantie zijn. We hebben de markt maximaal uitgedaagd om met voorstellen te komen. Ondanks een overvraagde markt is het ons gelukt om de doelstellingen binnen de financiële kaders te realiseren. Het geselecteerde consortium werd vanaf de ontwerpfase betrokken en leverde na twee jaar een gasloze nieuwe school op die bovendien low tech is en een energiezuinige installatie heeft. Het hoofdgebouw is in november 2019 opgeleverd en in januari 2020 in gebruik genomen. De bijgebouwen en het terrein volgen ongeveer een jaar later.”

LOW TECH GEBOUW Casper Meinders, exploitatie manager bij draaijer+partners: “We hebben ook samen met Zone. college in een workshop onderzocht welk type onderhoudscontract het beste aansluit bij de visie en ambities van Zone.college. Op basis van de uitkomst is een Europese aanbesteding voor het prestatiegericht onderhouden van de gebouwgebonden installaties georganiseerd, met als doel meer grip te krijgen op het onderhoud en de dienstverlening in financiële en kwalitatieve zin. Dan praat je over zaken als schoonmaak, logistiek en gedeeltelijk het reststoffenmanagement. In de aanbestedingsprocedure en het contract hebben we extra aandacht besteed aan het borgen van de prestaties, zodat het onderwijs zo weinig mogelijk hinder ondervindt van verstoringen. Een jaar voor de ingebruikname van het gebouw en tijdens het eerste jaar van de exploitatiefase hebben wij Zone.college gefaciliteerd bij het inrichten van hun eigen (management)organisatie en de wijze waarop zij haar rol vervult richting de opdrachtnemer. Wij hebben letterlijk de basis gelegd voor de samenwerking die de komende vijftien jaar van kracht blijft. Het resultaat van dit intensieve proces is een lowtech gebouw met een hightech performance, met toepassing van circulaire materialen. Erwin: “Een belangrijk aandachtspunt is de toepassing van een duurzame en circulaire energie- en waterhuishouding dat onderdeel is van een lokaal ecosysteem. Het is een Frisse school klasse B school geworden, waarbij het consortium een energievolumegarantie van 15 jaar voor het gebouwgebonden deel heeft afgegeven en tien jaar voor het onderhoud. Deze geïntegreerde contractvorm in de vorm van UAV-gc hebben we met Smartility toepasbaar gemaakt, dat onder meer Building As A Service (BAAS) mogelijk maakt. Daardoor kan het Zone.college zich zo veel mogelijk met kwalitatief goed groenonderwijs bezig houden.” Kijk voor meer informatie op www.draaijerpartners.nl.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

59


Tekst Sibo Arbeek Fotografie Michael van Oosten

DE FLOTEX VLOER ALS EYECATCHER

Onderwijs als reis op NHL Stenden Hogeschool Het hoofdgebouw van NHL Stenden Hogeschool is sinds 2012 met 4.500 m² uitgebreid en deels gerenoveerd. Het totale oppervlak telt ruim 30.000 m², waarbij het belangrijkste thema in het ontwerp van BRTArchitecten het stimuleren van ontmoetingen en het samenbrengen van studenten en docenten is.

P

rojectmanager ver-/nieuwbouw Siebrith Hoekstein, architect Erik van Wel van BRTArchitecten en Segmentmanager Onderwijs bij Forbo Marieke Meulman praten over het geslaagde project. Siebrith: “In 2012 hadden we ons huisvestingsplan vastgesteld; we zaten krap in ons jasje en moesten uitbreiden, Vanaf 2015 zijn we echt losgegaan, waarbij het een uitdaging was om een herkenbaar gebouw voor de hotelschool te vinden. We vonden plek in het voormalige bestuurs- en ondersteuningsgebouw De Haak. In 2018 is Stenden gefuseerd met NHL tot NHL Stenden. We hebben de grootschalige renovatie en vernieuwbouw, waarbij in 2018 ook de karakteristieke molen op ons terrein werd gerenoveerd, gefaseerd aangepakt,

60

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

omdat het onderwijs moest doorgaan. Ons centrale thema was de integrale werkplekomgeving (IWO) en het creëren van ontmoetingsgebieden, waarbij werken en ontmoeten vanzelfsprekend samenkomen en eigen accenten krijgen. We werkten inmiddels al met ateliers, maar merkten ook dat de grote studielandschappen voor onze deels internationale studenten te onpersoonlijk waren. Zo wilden we de hotelschool meer een lobby-uitstraling geven, alsof je echt een hotel binnen komt. Dat mocht uitbundig zijn en vooral een hotelgevoel opleveren.” ONDERWIJS ALS REIS Erik: “De vernieuwbouw voor de Hotelschool kun je niet los zien van het geheel. Door het hele gebouw


ONTWERP EN INRICHTING met meer dan 30.000 m2 hebben we op de strategische plekken, zoals bij de trappenhuizen en de centrale looplijnen, gebieden gemaakt met een zogenaamde reisbestemming. Het thema van NHL Stenden is namelijk onderwijs als reis. Vanwege het internationale karakter van de hogeschool met meer dan 60 nationaliteiten, wilden we het reizen voelbaar maken. Niet letterlijk, in de vorm van vlaggen of afbeeldingen, maar door verschillende gebieden een eigen tapijt te geven in de vorm van een landschap. Je voelt als reiziger dat je op je bestemming bent aangekomen. Eenmaal op de bestemming tref je vaak een boekenkast aan met achtergelaten boeken, zoals de lonely planet. Op elk van die bestemmingen hebben we zo’n kast gemaakt, waarbij de grootste

de super secretaire van 30x45 meter is, die heel veel ‘laatjes’ heeft voor alle geheimen van NHL Stenden. Daarnaast wilden we het verbinden van mensen verder voelbaar maken. Niet met een videoscherm, maar meer analoog. In de Nieuwe Kerk in Amsterdam bezocht ik een tentoonstelling van de kunstenaar Jef Koons; hij had een klassiek schilderij minutieus nageschilderd en hing daarvoor een grote spiegelbol op. In die bol zag je de reflectie van jezelf, het schilderij en het interieur van De Nieuwe Kerk. Dat riep een gevoel van verbondenheid en tegelijkertijd tijdloosheid op. Bij kunst gaat het over het verhaal, dus ik heb bij elk van de meubels in Stenden zo’n bol gehangen, waardoor je je echt bewust bent van de plek waar je op dat moment bent. Paradoxaal genoeg zorgt Corona ervoor dat je ondanks de afstand die je moet bewaren meer verbinding met mensen hebt, in de supermarkt bijvoorbeeld heeft nu iedereen oogcontact met elkaar. Dat vind ik interessant, die thema’s afstand en toch verbinding.” Siebrith: “En je ziet hoe snel het onderwijs op de nieuwe situatie inspeelt. Toetsen op afstand was altijd lastig. Nu is de omschakeling naar digitaal leren snel gemaakt. Dat was anders nooit zo snel gegaan.” Erik: “Je gaat anders over leren en ontmoeten nadenken in relatie tot fysieke plekken. Zo bedacht ik me laatst dat het goed zou zijn om een keuken in de verschillende ontmoetingsgebieden te maken. Want als je op reis bent is het juist leuk om met je reisgenoten te koken en ervaringen uit te wisselen; de verschillende smaken en geuren in de school herinner ik me beter dan de verschillende lessen die we hadden in mijn buitenlandse studietijd. Wat deze tijd me ook leert is dat onderwijsgebouwen snel veranderen, maar de mens evolueert niet zo snel. De mens blijft behoefte houden aan sociale contacten, ontmoeting en het gevoel dat je ergens thuis bent. Het thema onderwijs als reis past daar goed bij.” FLOTEX VISION Marieke Meulman: “Je vindt hier plekken waar studenten kunnen zitten, werken en overleggen. Vaak zie je dat voor concentratie rust nodig is. Erik heeft in die gebieden Flotex Vision toegepast, waardoor de vloer eyecatcher wordt en een extra dimensie aan de ruimte toevoegt. Erik heeft verschillende ontmoetingsplekken gecreëerd en deze een eigen

“De vloer wordt eyecatcher en voegt een extra dimensie aan de ruimte toe” SCHOOLDOMEIN

mei 2020

61


PROJECTINFORMATIE Project Uitbreiding en inrichting Stenden hotel managementschool en het hoofdgebouw van NHL Stenden Hogeschool Architect BRTArchitecten Opgeleverd December 2019 Vloer Flotex Vison van Forbo Vloerenleverancier Rob Oost Projectinrichting

landschap gegeven. Zo is er een gebied met een maïsveld, een tropisch regenwoud en een deltalandschap. Deze landschappen zijn op Flotex geprint en vormen een mooie aandachtstrekker in de ruimte. De lange houten trap en de wanden zijn deels met planten begroeid en op de vloer ligt een prachtig groen grasveld geprint op Flotex Vision. Zo is er een mooi groen tulpenveld uit onze Flotex Dutch Design collectie te zien.” Verder zijn er andere prints van Flotex die naadloos zijn ingelegd in de rest van de vloerbedekking. Flotex is een unieke combinatie van ontwerpflexibiliteit, akoestiek en reinigingsgemak. In het midden van de centrale hal liggen kubusvormige elementen waarop geklommen, gezeten, gelegen en gebouwd kan worden. Marieke: “Flotex is vrij compact en geeft een mooie overgang naar harde materialen. Er is geen overgangsprofiel nodig om van het ene naar het andere materiaal te gaan, bijvoorbeeld van een tapijt naar een hardere vloer. Je kunt het digitaal printen; bij Forbo hebben we een beeldbank met 600 beelden, maar ontwerpen we ook eigen

designs die haarscherp zijn. Een voordeel van Flotex is dat het voor een reductie van het omgevingsgeluid zorgt. Dat werkt enorm goed in al die verschillend ontworpen studielandschappen. Daarnaast is het ook nog eens de meest hygiënische textiele vloer die goed schoon te maken is; je kunt er makkelijk met de schrobmachine overheen. Bij een gewoon tapijt krijg je koffievlekken er niet uit, bij Flotex zijn de koffievlekken er goed uit te krijgen. Het is gemaakt van 100% nylongaren. Dit materiaal wordt veel in het hoger onderwijs toegepast en in toenemende mate ook in het basisonderwijs.” Het voordeel van die aparte prints is dat je met Flotexvloeren goed ruimtes kunt afbakenen en begrenzen, alleen al door verschillende kleuren, prints en materialen te gebruiken. In verkeersruimten gebruiken we meer harde materialen en in de verblijfsruimten meer zachte materialen. Alle vloeren zijn flexibel, maar dragen bij aan de totale beleving. Daarmee wordt de vloer steeds meer onderdeel van de interieurarchitectuur en word je steeds meer al in de ontwerpfase betrokken om mee te denken. DECORATIEF EN PRAKTISCH Marieke tenslotte: “We zien binnen het hoger onderwijs dat het integrale concept manifester wordt, vergelijkbaar met de inrichting van een kantooromgeving. Het is steeds belangrijker om studenten te trekken, omdat de leeromgeving ook steeds meer een beleving wordt; het gebouw wordt neergezet als een marketingtool. In dit gebouw zie je een unieke combinatie van heel erg decoratief in combinatie met erg praktisch en duurzaam. Ik signaleer dat hoogpolig tapijt minder geschikt is voor het hoger onderwijs. Juist die combinatie van beleving, geluidsreductie, duurzaamheid en exploitatie is zeer aantrekkelijk. Dat zorgt ervoor dat eindgebruikers ook na langere tijd nog tevreden zijn.” Kijk voor meer informatie op www.forbo-flooring.nl.

62

SCHOOLDOMEIN

mei 2020


Tekst HEVO experts in huisvesting en vastgoed

ONTWERP EN INRICHTING

AERES HOGESCHOOL WORDT EEN WELL-GECERTIFICEERDE HOGESCHOOL

Een schoolvoorbeeld van circulaire nieuwbouw Aeres Hogeschool in Almere laat zien dat het kan: een duurzaam gebouw realiseren dat even ambitieus is als de studenten die er opgeleid worden. In vele opzichten is het project een schoolvoorbeeld van circulaire nieuwbouw. PROJECTINFORMATIE Project Circulaire nieuwbouw Aeres Hogeschool in Almere Bouwmanagement, kostenmanagement

B

innenkort start de bouw van dit groene, gezonde en bijzonder duurzame schoolgebouw, dat ook het ontvangstgebouw is van de Floriade 2022. Hoe het Aeres lukt om deze droom ook echt waar te maken? Het antwoord is simpel: door te investeren in een innovatief (bouw)proces. Want hoe daag je jezelf en elkaar uit tot het daadwerkelijk realiseren van een

circulair, duurzaam, gezond en groen onderwijsgebouw? Door het voortouw te nemen, het ‘wij-gevoel’ te creëren en plezier uit te stralen in een bouwproces. Dan is de vraag natuurlijk ‘hoe wordt een innovatief (bouw)proces georganiseerd?’ Onderwijs draait om kennisoverdracht en kennisdeling. Hetzelfde zou moeten gelden voor een bouwproces. Juist het

en directievoering HEVO Architect BDG Architecten Constructeur JVZ Ingenieurs Installatie adviseur Innax Bouwfysisch adviseur DGMR Well adviseur DGMR Adviseur groen Van Ginkel Veenendaal B.V.

SCHOOLDOMEIN

maart 2020

63


delen van kennis is van wezenlijk belang bij ambitieuze doelstellingen voor duurzame nieuwbouw. Onderwijsorganisaties hebben veelal onvoldoende specifieke kennis en ervaring om een bouwproces te begeleiden, maar weten wel hoe ze toekomstbestendig onderwijs willen organiseren en aanbieden. Het inschakelen van deskundige professionals helpt om die droom te vertalen naar concrete uitgangspunten. Daarom vroeg Stichting Aeres Groep vastgoedexpert HEVO om te helpen haar bouwambities en wensen helder te krijgen en het bouwproces te organiseren. In de praktijk sneuvelen veel ambities en dromen omdat ze niet binnen de strakke financiële kaders, beoogde planning en stringente regelgeving passen. Aeres koos samen met HEVO om andersom te werken. Creatieve oplossingen en een intrinsiek duurzame mindset vormen de basis om de ambitie van deze ongekend ‘groene’ school te realiseren. DE ZOEKTOCHT NAAR CREATIVITEIT Het zoeken naar (creatieve) oplossingen begint met het stellen van de juiste vraag. Voor Aeres was dat vooral de vraag wat duurzaamheid precies inhoudt en hoe dat in de nieuwbouw terug moet komen. Duurzaamheid is namelijk véél meer dan een energieneutraal gebouw met hergebruikte of duurzame materialen.

Het gaat nadrukkelijk ook over de samenhang tussen People, Planet en Profit. Vanuit deze visie op en definitie van duurzaamheid formuleerde Aeres samen met HEVO belangrijke ambities en uitgangspunten voor de nieuwbouw: 1. People • Gezond gebouw, onder andere luchtzuiverend, fris en licht. • Gebouw bevordert geluk, welzijn en onderling contact en samenwerking, onder meer door indeling van ruimten en aantrekkelijke toepassing van groen in, op, aan en bij het gebouw.

64

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

2. Planet • Energie- en CO2-neutraal gebouw. • Energie opwekken met duurzame energiebronnen. • Bouwmaterialen die het milieu zo min mogelijk belasten op een dusdanige wijze gebruiken dat ze opnieuw in de circulaire keten gebracht kunnen worden. • Klimaatbestendig: beperken wateroverlast, hitte stress en verhogen biodiversiteit. 3. Profit • Ontwikkeling waardevast vastgoed met lange levensduur. • Groene omgeving draagt bij aan economische waarde. • Sturen op Total Cost of Ownership. • Gebruik van onderhoudsarme en herbruikbare materialen. KENNIS DELEN BRENGT VERDER De duidelijke definitie van duurzaamheid vormde het fundament van het bouwproces. De volgende stap was om het Programma van Eisen te vertalen naar een (voorlopig) ontwerp. Ook hierin ondersteunde HEVO Aeres, onder meer met de Europese aanbesteding van de architect en de overige ontwerpteamleden. De nadruk lag op het selecteren van partners die écht begrijpen wat de ambitie en doelstellingen bij de nieuwbouw zijn. Daarom hebben architecten en adviseurs in een selectiegesprek hun visie op het gebouw en ontwerp toegelicht. Zo kreeg Aeres goed zicht op de ervaring en ‘drive’ van architecten en adviseurs om een beeldbepalend, innovatief gebouw te ontwerpen binnen de stedenbouwkundige, wettelijke, financiële en duurzame kaders. Door met het complete ontwerpteam een bezoek te brengen aan drie al gerealiseerde projecten werd deze abstracte stap een stuk concreter. De referentiebezoeken gaven inzicht in de valkuilen en succesfactoren voor de bouw en exploitatie van een duurzaam schoolgebouw. Nog belangrijker was dat deze kennisdeling heel inspirerend werkte en zorgde voor een gezamenlijk referentiekader. Maar het zorgde in de eerste plaats voor heel veel enthou-


ONTWERP EN INRICHTING

“Bij circulair aanbesteden speelt prijs een minder grote rol en is er nadrukkelijk oog voor kwaliteit, waardebehoud van een gebouw en hoogwaardig hergebruik van materialen” siasme om een duurzaam gebouw te ontwerpen dat aan de vastgestelde duurzaamheidskaders voldeed. Ook bij de leveranciersselectie lag de focus op kennisdeling. Logisch, want het is nog onduidelijk welke prestatieafspraken gemaakt kunnen worden voor circulariteit. Bovendien bestaat vroeg in een ontwerpproces nog veel onduidelijkheid over de definitieve materialen en toepassingen. Daarom organiseerde HEVO samen met Aeres tijdens het ontwerpproces een marktdialoog voor innovatieve leveranciers. CIRCULAIR AANBESTEDEN Vanwege het opgebouwde vertrouwen én de bewezen expertise van HEVO schakelde Aeres deze vastgoedexpert ook in voor het kosten-, duurzaamheids- en onderhoudsadvies, het bouw- en projectmanagement en de circulaire aanbesteding. Deze aanbestedingsvorm is nieuw, maar HEVO heeft er al wel ervaring mee. Bij circulair aanbesteden speelt prijs een minder grote rol en is er nadrukkelijk oog voor kwaliteit, waardebehoud van een gebouw en hoogwaardig hergebruik van materialen. Dat vergt een andere insteek bij de aanbesteding en van de relatie die met aannemers en installateurs wordt aangegaan. Aeres en HEVO waren vooraf transparant over het beschikbare budget, waardoor de druk om alleen op prijs te concurreren werd weggenomen. In plaats daarvan werden partijen uitgedaagd om binnen de

aanbesteding op het technisch ontwerp - waarin de EPC, MPG en circulariteitsindex al vaststonden - alternatieven aan te dragen om de circulariteit en duurzaamheid van de nieuwbouw verder te verhogen. Daardoor verschoof de aandacht van de prijs naar deskundigheid. Dat was belangrijk, omdat circulair bouwen nog geen staande praktijk is. Het succes hangt dus af van de expertise en kennisdeling van innovatieve bouwpartners. GEZOND GEBOUW Door voldoende tijd te steken in een zorgvuldige selectie van partijen zorgde HEVO dat alle bouwpartners dezelfde drive hebben om de duurzame nieuwbouw te realiseren. Opvallend is dat elke partij in het ontwerpteam bereid is om over de eigen grenzen te kijken en een stap extra te zetten. Een mooi voorbeeld daarvan is het streven om als eerste hogeschool de WELL-methode toe te passen. Dit is een relatief nieuwe meetmethode voor duurzaamheid die zich richt op de gezondheid van het gebouw voor de gebruikers. Juist door de zorgvuldige selectie van alle teamleden op hun persoonlijke gedrevenheid om dit bijzonder duurzame schoolgebouw te realiseren ligt de lat erg hoog. De nieuwbouw komt mogelijk na oplevering in aanmerking voor de gouden of zelfs platina WELL-score. Deze score geeft niet alleen aan hoe duurzaam de gebouwprestaties in werkelijkheid zijn, maar ook hoe gezond en prettig het gebouw is voor de gebruikers. En dat is uiteindelijk waar het allemaal om draait!

Practice what you preach Aeres Hogeschool heeft vestigingen in Almere, Dronten en Wageningen. Elke locatie heeft haar eigen onderwijsfocus. In Almere biedt Aeres hoger onderwijs in Food, Nature & Urban Green. Het nieuwe schoolgebouw van 4.000 m2 biedt onderdak aan 900 studenten en 80 werknemers. Bijzonder is dat de nieuwe school het ontvangstgebouw wordt van de Floriade 2022. Dat past bij het uitgangspunt dat de hogeschool zich ontwikkelt tot een kennishub. In het kader van ‘practice what you preach’ had Aeres de uitdrukkelijke wens om duurzaam, energieneutraal en zo circulair mogelijk te bouwen. De volledige energiebehoefte wordt in eigen beheer opgewekt, onder meer door optimaal gebruik van zonnepanelen. Het nieuwe schoolgebouw wordt zoveel mogelijk met circulaire materialen gebouwd en heeft onder meer groene gevels, een gevel met zonnepanelen, waterretentiedaken met daktuinen, een tropendak met zonnepanelen, hoogwaardige gevelisolatie en een smart-skin. De nieuwbouw heeft een circulariteitsindex van 54% en is energieneutraal (EPC 0). Binnenkort start de bouw, waarna deze school in 2021 haar deuren zal openen.

De betrokken HEVO-experts zijn willem.adriaanssen@hevo.nl, myrthe.mulder@hevo.nl, john.otten@hevo.nl en jeanmarc.vloemans@hevo.nl. www.hevo.nl | info@hevo.nl | 073-6409409.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

65


Tekst Sibo Arbeek

NU ONDERHOUDEN, STRAKS PRESTEREN

Waarom deze tijd ook kansen biedt De gebouwen in het onderwijs worden noodgedwongen even niet gebruikt. Hoe logisch is het dan om nu het onderhoud aan de vloeren uit te voeren? Dat zorgt ervoor dat wanneer het weer mag de focus volledig op de prestaties van de leerlingen en studenten komt te liggen. Omdat het gebouw er dan weer perfect bij ligt.

A

an het woord is commercieel directeur Ruud van der Sloot van Bolidt: “Het is een gekke tijd voor iedereen. Puur bedrijfseconomisch biedt deze tijd ons kansen en bedreigingen. Bedreigingen omdat buitenlandse werkzaamheden op een laag pitje staan, ook vanwege de regelgeving. In Nederland gaat het bijna gewoon door met de productie en het aanbrengen van de vloeren door onze eigen applicatieteams, waarmee we goede afspraken maken over de richtlijnen van het RIVM. Daarmee beperken we de gezondheidsrisico’s voor onze werknemers en opdrachtgevers tot een minimum. Mooi is ook dat we zowel productie en applicatie zelf in huis hebben; we zijn niet afhankelijk van een leverancier of installateurs en kunnen snel op vragen inspelen, repareren of een nieuwe vloer maken. Het in huis hebben van veel specialismen zoals SHEQ (Safety Health Environment Quality) biedt in deze tijden nog meer uitkomst.”

66

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

“We zien juist in deze tijd kansen om het onderhoud bij instellingen die daar normaal geen tijd voor hebben naar voren te trekken. Denk aan scholen, musea, stadions en multifunctionele accommodaties. Er is nu rust in veel gebouwen om iets te doen wat anders ook gedaan moet worden. Gemiddeld kunnen we tot 1.000 m2 per week onderhouden; een basisschool is gemiddeld 2.000 m² groot en een school voor voortgezet onderwijs tussen de 4.000 en 6.000 m². Daar kunnen we meerdere applicatieteams aan het werk zetten. Mijn advies is dan ook om het onderhoud naar voren te trekken, nu het gebouw leeg staat, zodat we straks weer vol voor het onderwijs kunnen gaan. Wij kunnen economischer aanbieden omdat we grotere oppervlakten tegelijkertijd kunnen aanpakken.” UNIEK PRODUCT Vooral de Bolidtop® 700 College vloeren doen het goed. Ruud: “Het lange voortraject met architecten en opdrachtgevers heeft duidelijk zijn vruchten afgeworpen. We zien dat onze productiecapaciteit flink is opgevoerd en in ons R&D Center hard wordt gewerkt. De Bolidtop® 700 College is geen gietvloer, maar een machinaal aangebracht vloersysteem dat met vlindermachines wordt verdicht. Het is een prachtig en uniek product dat zich binnen het onderwijs


FACILITAIR EN BEHEER

Op afspraak zijn bezoeken in het Bolidt Innovation Center nog steeds mogelijk. Wij bieden sinds de uitbraak van covid19 echter ook de mogelijkheid voor schooldirecties, facilitaire professionals en architecten om virtueel mee te kijken naar de vloeroplossingen. Experts van het R&D Center laten de hygiënische functionaliteiten van onze vloeren zien door middel van verschillende teksten, , projectmanagers vertellen hoe het project efficiënt en lean kan worden uitgevoerd, onze kleur- en designspecialisten laten zien welke kleuren en patronen geschikt zijn voor de diverse ruimtes, onze SHEQ professionals vertellen hoe gezondheidsrichtlijnen worden doorgevoerd en hoe gezondheidsrisico’s voor eigen mensen en andere partijen op de bouw tot een minimum beperkt worden. Tijdens de virtual tour geven zij antwoord op al uw vragen.

inmiddels op een aantal locaties heeft bewezen, zoals het Krimpenerwaard College, het IJssel College in Krimpen aan de Lek, het Sint Nicolaas Lyceum en het IJburg College Amsterdam. Zo zijn er nog wel meer en ook leuk te melden is dat we een Bolidtop® 700 College vloer bij het kindcentrum SOL Villa in Hendrik Ido Ambacht hebben aangebracht.” AMBASSADEURS “Onze ambassadeurs zijn onze opdrachtgevers en facilitaire medewerkers. De vloer is niet goedkoop, maar je hebt er geen onderhoud aan behalve het reinigen en dagelijks onderhoud. De Bolidtop® 700 College hoeft ook niet meer vervangen te worden en heeft dezelfde levensduur als het gebouw. Linoleumvloeren moet je elk jaar strippen en in de was zetten, dat hoeft hier niet. Jaarlijks bespaart de school op het budget aan onderhoud en kan die ruimte extra besteden aan zaken die belangrijk zijn, zoals docenten en voorzieningen in de klas. De initiële kosten zitten vaak ook in het bouwbudget; het is geen losse inrichting, want is nagelvast aan de grond verbonden.” STRAK DESIGN Ruud verder: “Het is een strakke egale vloer die ook nog eens vuil verhullend werkt omdat hij gemêleerd

“De Bolidtop® 700 College is geen gietvloer, maar een machinaal aangebracht vloersysteem dat met vlindermachines wordt verdicht”

is. Je ziet een gespikkeld oppervlak, waardoor hij ook niet te steriel is. Hij is volledig gesloten en daarmee ook goed te reinigen. Voordeel is ook dat je hem in alle gebieden kunt toepassen zoals in gangen, de aula en lokalen, praktijklokalen en laboratoria. Daardoor ontstaat een uniform beeld in de hele school. Onze vloeren doen mee in de puntentelling voor een Breeam certificaat. Duurzaam is dat onze vloer niet vervangen hoeft te worden en na de levensduur van het gebouw als vulmiddel van nieuwe producten kan worden verwerkt. Bedenk dat ook de circulaire economie geld kost, omdat je datgene wat je weghaalt weer moet bewerken. Onze vloer blijft tot het einde van het gebouw liggen. Wat we doen is dat we onze oudere gietvloeren van een nieuwe verzegellaag kunnen voorzien. Dat zijn vloeren die vaak al 30 tot 35 jaar in een gebouw liggen, waarvan het oppervlak niet meer fris is. We geven ze een second life door het oppervlak te behandelen met een nieuwe coating; dan kan hij weer vele jaren mee. Je kunt ook het design veranderen door een andere kleur uit ons programma te kiezen; je kunt met vlakken of belijningen werken, zonder hem helemaal te vervangen.” Kijk voor meer informatie op www.bolidt.com.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

67


Tekst Sibo Arbeek Fotografie Studio Beeldwerken

IKC KLOETINGE GROEN, DUURZAAM EN INTEGRAAL

Vloer biedt rust en goede akoestiek Bij hoge uitzondering spreken we dit keer niet af op de locatie in Kloetinge; de Coronacrisis laat dat niet toe. Het gesprek gaat online, met de beelden van het net opgeleverde IKC Kloetinge op het scherm. Na een week moest het gebouw weer tijdelijk dicht, maar de eerste ervaringen waren alleen maar erg positief. Het is energieneutraal en ligt prachtig in het groene lint.

H

et gesprek is met accountmanager Jos Franken van Interface, architect Eefje Rikhof van Rothuizen Architecten en Erik Otte die bovenschools de portefeuille huisvesting bij de Albero scholen heeft. Erik: “Het dorp Kloetinge met ongeveer 3.300 inwoners ligt eigenlijk aan Goes vast en vormt onderdeel van de gemeente. De school is de enige in het dorp en het gebouw was aan vervanging toe. In 2018 is het project echt goed opgepakt en in een bouwtijd van een jaar gerealiseerd. We hebben in een bouwteam gewerkt en dat beviel erg goed. De oplevering was begin februari en na de voorjaarsvakantie trok de school erin. Hij was vervolgens een week open en moest toen weer dicht vanwege de Coronacrisis. We

68

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

plannen de opening nu in mei of anders in juni en dan loopt het hele dorp uit. De gemeente heeft op alle fronten positief meegewerkt en een aanvullend budget voor duurzaamheid vrijgemaakt. Het is een energieneutraal en gasloos gebouw dat zijn eigen gebruikersstroom opwekt.” GROENE PLEK Via een sterke pedagogische visie en een inhoudelijk verregaande samenwerking tussen KIBEO en de Kloetingse school wordt het IKC Kloetinge een plek om te spelen en te leren voor alle kinderen tussen de 0 en 12 jaar. De open instructieruimten grenzen aan de grote centrale onderwijsruimtes. Deze ‘pleinen’ worden gebruikt voor individueel onderwijs en cen-


FACILITAIR EN BEHEER

“De rustige kleur van de vloer in combinatie met de goede akoestiek zijn perfect in balans en bieden een geweldig podium voor de kinderen”

PROJECTINFORMATIE Project Nieuwbouw IKC Kloetinge voor 180 leerlingen Opdrachtgever Gemeente Goes i.s.m. schoolbestuur Albero Architect Rothuizen Architecten Stedenbouwkundigen Vloeren Interface

trale activiteiten binnen het IKC en de BSO. Eefje: “Je merkt in het gebouw geen verschil tussen plenaire, verlengde en individuele instructie. We wilden er een fijne plek maken waar veilig én met plezier geleerd en gespeeld kan worden. Het ontwerp kenmerkt zich door een metselwerk plint met daarboven drie houten volumes die in schaal en maat aansluiten bij de omringende wijk. De lessenaarsdaken brengen daglicht tot diep in het gebouw en worden gebruikt voor zonnepanelen. Door het lichte metselwerk en de verticale houten geveldelen wordt het een licht gebouw in het groen. Op deze locatie stond eerst een oude kleuterschool en een aantal omwonenden was tegen een nieuwe school. We hebben een ontwerp gemaakt waarbij het gebouw zich op een natuurlijke manier tot de omgeving verhoudt, met een maatvoering, schaal en gekozen materialen die naadloos aansluiten. Het moest ook een groene plek worden en daarom zijn mooie bomen behouden en hebben we besloten schooltuintjes gemaakt. Daarnaast zijn twee open klaslokalen tussen de hagen in het groene lint verwerkt, waar je bij mooi weer buiten les kunt hebben.” Erik: “IKC Kloetinge wordt niet door de muren begrensd. Daarom hebben we als bouwteam het civiele werk meegenomen, mede vanwege de verkeerssituatie en de veiligheid. Het schoolplein en de weg vallen nu heel mooi samen en dat zorgt ervoor dat er automatisch minder hard wordt gereden.”

Vloerinstallatie TMC Project in Goes Aannemer Bouwgroep Peters B.V. BVO 1.366 m² Bouwkosten € 2.062.304 exclusief btw Oplevering februari 2020

NOORDELIJK LICHT Erik: “Het ontwerp in twee lagen werd door iedereen omarmd, omdat het zo kleinschalig aanvoelt en mooie sheddaken heeft. Door die sheddaken valt er een mooi noordelijk licht in de school, waardoor de gekozen vloer prachtig uitkomt, die door het hele gebouw loopt. De wens van het IKC was om veel rust en warmte uit te stralen. Ik kende de vloeren van Interface al uit een eerder project en wist dat het heel mooi zou passen bij de lichte structuur van

het gebouw. Een heel team met de directeur, de KDV en docenten hebben meegedacht in de kleurkeuze van de vloer.” Jos knikt: “Wij werken al jaren met het schoolbestuur met veel plezier samen. Hier ligt een harde en onderhoudsarme vloer, luxe vinyltegels (LVT), die we sinds 2 ½ jaar in onze collectie hebben. Voordeel is dat je hem niet meer in de was hoeft te zetten, wat in de exploitatie voordelig is. Het is bovendien een akoestische vloer met een contactgeluid van 16 dB. Normaal is dat bij een traditionele harde vloer 3 dB. Een voordeel is verder dat alles los wordt gelegd in stroken van 1 meter bij 25 centimeter, op dezelfde manier als de tapijttegels van Interface. De stroken zijn niet 100% gefixeerd op de ondervloer, zodat een strook makkelijk vervangen kan worden. De kleur is Topaz, grijs met een beetje bruin erin. Hij oogt levendig, maar als hij ligt wordt hij heel rustig.” Eefje: “Het is een warme, een beetje bronsachtige kleur, die goed aansluit bij de plint, de lichte wanden en de grote puien waarin de garderobes zitten. Er is bewust gekozen voor één kleur door de hele school; het is één IKC. De rustige kleur van de vloer in combinatie met de goede akoestiek zijn perfect in balans en bieden een geweldig podium voor de kinderen.” Kijk voor meer informatie op www.interface.com.

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

69


Het beste advies voor de beste gebouwen BOAadvies ondersteunt gemeenten, schoolbesturen en welzijnsinstellingen bij nieuwbouw, verbouw, aanpassing en onderhoud van hun vastgoed. Als gesprekspartner voor alle betrokken partijen zorgt BOAadvies voor heldere, professionele begeleiding in elke fase van het bouwproject.

Amsterdam

Zwolle

Zekeringstraat 46

Burgemeester Drijbersingel 25R

1014 BT Amsterdam

8021 DA Zwolle

088 235 04 27

088 235 04 27

Maria Montessorigebouw, Radboud Universiteit

Geef je plannen de ruimte Goede gebouwen zijn een basisvoorwaarde om uw onderwijsvisie te kunnen realiseren. Of u nu gaat verhuizen, verbouwen, of nieuw gaat bouwen: wij kennen het hele proces. We begeleiden u van het initiatief tot en met de exploitatie bij het ontwikkelen, realiseren en gebruiken van onderwijsgebouwen. bbn adviseurs heeft ervaring met primair en voortgezet onderwijs, MBO, HBO en universiteiten. We ondersteunen met vastgoedadvies, huisvestingsadvies, bouwmanagement, bouwkostenmanagement en advies op het gebied van onderhoud en beheer. bbn adviseurs T +31 (0)88 226 74 00 E info@bbn.nl W bbn.nl

70

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

www.boa-advies.nl


Tekst Sibo Arbeek

INSPIRATIEBOEK

Kenmerken Inspiratieboek 2015-2020 Eind juni ziet het Inspiratieboek 2015-2020; samenwerken aan de school van morgen het daglicht met circa 500 pagina’s, ruim 100 rijk gedocumenteerde projecten, inleidingen en trendanalyses. Dat alles om huidige en toekomstige opdrachtgevers en gebruikers te inspireren. Vele partijen deden met hun projecten mee en kozen drie kenmerken uit om hun projecten te introduceren. Het boek is vanaf medio juni te bestellen.

IKC Wijzer Haarlem

I

n het bezoeken van inmiddels honderden projecten overal in Nederland merkte ik dat de gevoelde kwaliteit van een project met een aantal kenmerken samenhangt; zoals de manier waarop het gebouw in zijn omgeving staat, of het een open of gesloten indruk maakt, of de leer- en werkomgeving gezond, logisch en uitdagend is en de wijze waarop het gebouw toekomstige ontwikkelingen kan faciliteren. Het door Schooldomein uit te geven inspiratieboek is in feite een praktische oefening om duurzame en uitdagende leer- en werkomgevingen te ontdekken. Om die specifieke kwaliteiten van een gebouw te duiden heeft de redactie negen kenmerken bedacht. De negen kenmerken vormen samen de ideale leer- en werkomgeving, waarbij de gebruiker (rood) centraal staat en in een vitale verbinding staat met het gebouw (blauw) en de omgeving waarin het gebouw staat (groen): De kracht van verbinding: daarmee wordt uitgedrukt dat in het programma van eisen en vervolgens het ontwerp al rekening is gehouden met de verbinding tussen de gebruikers en de omgeving; zoals omwonenden en maatschappelijke organisaties. Het gebouw faciliteert die verbinding, waarmee de school of het IKC als vitaal netwerk in de samenleving fungeert. Een mooi voorbeeld is IKC Wijzer in Haarlem, waar directeur Ruud Barnhoorn het volgende zegt: “Het is hier zoveel meer dan een school alleen. Ouders komen hier sporten, doen de vaatwasser aan en zetten koffie. Ze vinden het fijn om hier te komen. Samen met het CJG, JGZ en de GGD hebben we hier een prachtige voorziening voor de wijk.”

De Spaaihoeve Eindhoven

De Uitdaging Nijmegen

Een innovatief onderwijsconcept: waarbij in het programma van eisen nieuwe vormen van onderwijs centraal staan, vertaald naar uitdagende leer- en werkomgevingen. Een aansprekend voorbeeld is Lumion in Amsterdam waarbij architect Dorte Kristensen het mooi verwoordt: “De wens om in je onderwijs transparant te zijn levert in de uitwerking een mooie zoektocht op; hoe creëer je zo min mogelijk dode hoeken, maar maak je wel knusse plekken waar leerlingen een beschut gevoel krijgen.”

71 Onderwijsroute 10-14


Greswarenfabriek

Klein Amsterdam

De gebruiker centraal: met in het programma van eisen de focus op de gebruiker, niet alleen de leerling, maar ook de medewerkers. Treffend voorbeeld is De Spil in Nieuwleusen. Bestuurder Hans Groenhuis: “Vanaf het begin hebben we aan de potentiële deelnemers gevraagd wat ze voor de ander en voor De Spil kunnen betekenen. De nadruk lag direct op de verbinding en niet op de eigen inbreng. Dan gaat een bibliotheek nadenken hoe ze met de basisschool kan samenwerken en kinderopvang wat ze met de welzijnsorganisatie kan doen.” Samenwerken vanuit inhoud: waarbij het gebouw en de inrichting een duidelijke resultante zijn van de inhoudelijke samenwerking tussen partners. Mooi voorbeeld is BMV Auvermoer. Directeur Wouter Wetselaer: “In onze zoektocht naar een ruimtelijke vertaling van onze visie hebben we niet voor een aparte teamruimte gekozen, maar een ruimte die we delen met andere gebruikers. Zo gaan wij ook de repetitieruimte van de fanfare gebruiken. De essentie is dat we grote ruimten willen waar je avontuurlijk doorheen kunt lopen.” Visie op inrichting: omdat de inrichting een afgeleide van de visie is en niet -alleen- een functionaliteit die aan het einde van het proces wordt ingevuld. Mooi voorbeeld is Onderwijsroute 10-14 waar onderwijsregisseur Annelies Robben het volgende zegt: “Werkplekken aan de wand met een kruk stimuleren dat je alleen gaat werken, terwijl in het dubbele lokaal met verschillende soorten werkplekken veel diversiteit aanwezig is. Zitten is het nieuwe roken, dus we vinden bewegend leren belangrijk. Daarom zijn routing en functionaliteit belangrijk, omdat je daarop je inrichting kunt afstemmen.”

Lumion Amsterdam

De Spil Nieuwleusen

BMV Auvermoer

Bijzondere teamprestatie: gaat over de interactie tussen gebruikers en partijen in het ontwerp-, bouw- en inrichtingsproces. Het Grescollege in Reuver is een treffend voorbeeld, waarbij projectmanager Arthur van Kempen van HEVO het volgende aangeeft: “Wat ik bijzonder vind is dat alle partijen samen zijn blijven zoeken naar wegen om de Greswarenfabriek een tweede leven te geven, óók toen het er op leek dat de ingeslagen weg een doodlopend spoor was. Het is nadrukkelijk de bedoeling dat andere maatschappelijke organisaties onderdak krijgen in de Greswarenfabriek.”

“Dat alles maakt dat een leeren werkomgeving gezond en uitdagend is en dat ik het begrip betekenisvolle omgeving ontdekte; dan gaat het ook ergens over”


Duurzaamheid met overtuiging: niet alleen in de materialisering, maar ook in het voorbeeldgedrag en het gebouw als duurzaam leermiddel. Geslaagd voorbeeld is De Spaaihoeve in Eindhoven. Architect Simon Hanemaaijer van RoosRos: “De positieve impact van een natuurlijke onderwijsomgeving - gebouwd met gezonde, biobased bouwmaterialen - versterkt de rustige, huiselijke en gemoedelijke uitstraling van het gebouw. Gezien de natuurlijke omgeving van het schoolgebouw zijn in de gevel 4 verblijfplaatsen voor vleermuizen en 16 neststenen voor de huismus aangebracht.” Energieneutraal en/of circulair: dan gaat het om projecten die al voorloper zijn in de ontwikkeling naar duurzame en circulaire gebouwen. Klein Amsterdam bijvoorbeeld. Adam Duivenvoorden van De Groot Vroomshoop: “Daarom hebben we een maquette van de school gemaakt, die leerlingen zelf in elkaar kunnen zetten. Op die manier ervaren de kinderen hoe eenvoudig het eigenlijk is om dit houten schoolgebouw te maken, uit elkaar te halen en weer ergens anders op te bouwen. Met dit nieuwe bouwconcept bewijzen we dat architectuur, verplaatsbaarheid en een permanente kwaliteit prima samengaan.” Slim en adaptief in ruimtegebruik: Daarbij kan het gebouw in zijn omgeving vanuit het programma op een vanzelfsprekende manier mee bewegen en transformeren op basis van toekomstige veranderingen. Een mooi voorbeeld is De Uitdaging in Nijmegen. Toine van Beijsterveldt van BUKO Huisvesting: “Flexibiliteit is het uitgangspunt van De Uitdaging en dat begint al bij de fundering. Je ziet hier mooi het drager inbouw principe, met als basis een staalconstructie met betonnen vloeren en demontabele wanden. Alles in het gebouw is demontabel en niet dragend. Alle binnenwanden kunnen eruit; je kunt terug naar je staalconcept en de vloeren en de school opnieuw ontwerpen.” U kunt het inspiratieboek bestellen via www.schooldomein.nl/inspiratieboek.

Foto: Edward Hermans

Column

GELUKKIG DAT IK LEEF EN ONDERNEEM IN NEDERLAND En toen zat ik thuis. De laptop op de keukentafel, geen collega’s, geen kleurenwaaiers, geen dozen met bakstenen om me heen. Wel een bureau om draaiende te houden en projecten die minstens dezelfde inzet vragen als anders. Het went snel; contact met collega’s, opdrachtgevers en studenten via alle mogelijke kanalen. Prognoses en planningen aanpassen, rekening houdend met verschillende scenario’s. In de avonduren naar een leeg kantoor om de post en wat productmonsters op te halen. Maar het voelt irrelevant af en toe. De aandacht voor esthetiek, materialen en detaillering. Het ontwerpen van gebouwen zoals scholen, kantoren en hotels die nu nauwelijks gebruikt worden. Onze ontwerp- en bouw­ processen vragen om een vooruitziende blik tot ver in de onzekere toekomst, terwijl het nú zoveel belangrijker lijkt te zijn vandaag. Een item op de radio maakte me nog bewuster dan anders, hoe gelukkig ik ben dat ik leef en onderneem in Nederland. Het ging over de Verenigde Staten waar duizenden mensen van de één op andere dag geen baan meer hebben en dan niet landen in een sociaal vangnet. Waar bedrijven om­ vallen en niet gesteund worden door de overheid. Ik ben blij dat we hier voor elkaar zorgen. Niet alleen in de zorg, maar ook economisch. Als architecten zorgen we voor fijne gebouwen. Als onder­ nemers voor onze werknemers, intrinsiek én dankzij de regels die de overheid daarvoor bedacht heeft. Een overheid die ons ondernemers steunt als het noodzakelijk is. En als het niet lukt? Dan is daar die zachte landing. We werken dus door, ook aan architectuur. Ook aan scholen, kantoren en hotels, met aandacht voor esthetiek, materialen en detaillering. Om alles draaiende te houden, voor die onzekere toekomst. Omdat dat nu eenmaal is zoals het is, omdat dat onze steen is die we bijdragen. Annegien van Dijk | Brique Architecten

SCHOOLDOMEIN

mei 2020

73


colofon Schooldomein Magazine voor de perfecte leef-, leer- en werkomgeving sinds 1988. Schooldomein verschijnt zes keer per jaar. Op internet: www.schooldomein.nl. Uitgever Schooldomein is een uitgave van Schooldomein Relaties en Ten Brink Uitgevers Redactie Sibo Arbeek, Paul Voogsgerd, Brenda Breems Vaste medewerkers

6

no.

Martijn Buskermolen (fotografie), Jaap de Kruijf, Anje Romein, Kees Rutten (fotografie), en Martine Sprangers (fotografie). Redactieraad De redactie en de partners van Schooldomein onder voorzitterschap van Edward van der Zwaag. Redactieadres Postbus 59112, 1040 KC Amsterdam, tel 06 82548370 E-mail: info@schooldomein.nl Arrangementen partners Schooldomein. Voor het plaatsen van artikelen, advertenties of advertorials in het magazine Schooldomein, kunt u contact opnemen met Brenda Breems van Schooldomein

Anders werken aan Exploiteren met Perspectief Het volgende nummer van Schooldomein ligt eind juni in de bus en kent als thema ‘Anders werken aan Exploiteren met Perspectief’. En we hopen natuurlijk dat we tegen die tijd weer fysiek in onze schoolgebouwen mogen werken, onderhouden en exploiteren. Daarom ook weer mooie bijdragen in dit nummer.

media) kunt u contact opnemen met Paul Voogsgerd, Zuiderkruis 588, 3902 XS Veenendaal, paul.voogsgerd@ schooldomein.nl, 06-46337000. De advertentietarieven en arrangementen van Schooldomein vindt u op www. schooldomein.nl. Abonnementen Betaling, opgave, abonnement, opzegging en adres­ wijziging kunt u doorgeven aan Administratie Schooldomein, Postbus 1064, 7940 KB Meppel, tel (085) 27 36 36 7, e-mail: sdo@tenbrinkuitgevers.nl. Schooldomein verschijnt zes keer per jaar in controlled circulation voor alle instellingen in het primair-, voortgezet-, middelbaar- (ROC’s) en hoger onderwijs (hbo en wo). Elke instelling krijgt op instellingsnaam een exemplaar toegestuurd. Daarnaast krijgen alle gemeenplaren alsmede voor abonnementen voor particulieren,

•G root interview met Jan Rotmans: we leven niet in een tijdperk van transformatie maar in een transformatie van een tijdperk. •N ieuwbouw Horizon College Purmerend: debat met SMT over circulair ontwerpen en bouwen. •E en conceptstore in hartje Leeuwarden: FOR Real van ROC Friese Poort maakt leren werken leuk. •V oorzieningencluster Nijkerkerveen: net open en nu al verbindend! •P ark Triangel in Waddinxveen: hoe ontwikkel je een nieuw onderwijsconcept in een wijk in ontwikkeling? •H oe transformeer je een basisschool naar praktijkonderwijs: Mevrouw Meijer laat het in Delft zien. • I nspiratieboek 2015-2020 nu te koop: 100 projecten en boordevol informatie, trends en tips.

SCHOOLDOMEIN

06-82548370, brenda.breems@schooldomein.nl. Voor de online activiteiten van Schooldomein (website en sociale

ten Schooldomein toegestuurd. Voor meerdere exem-

Een greep uit de artikelen:

74

Relaties, Postbus 59112, 2014 BT Amsterdam, telefoon

mei 2020

instellingen en bedrijven geldt een abonnementsprijs van e 46,20, voor losse nummers e 8,20 incl. verzendkosten. Abonnementen kunnen schriftelijk tot uiterlijk 1 september van het lopende abonnementsjaar worden opgezegd bij de administratie van drukkerij Ten Brink. Bij niet tijdige opzegging wordt het abonnement automatisch met een jaar verlengd. Productie Projectbegeleiding: Communicabel, Veenendaal Vormgeving en website: FIZZ | Digital Agency – fizz.nl Schooldomein wordt mede mogelijk gemaakt door een groot aantal partners. Een overzicht daarvan vindt u op pagina 5.


� ch � r ge st m o “T��k � � e k bete � i � e �e�k � e � te � e m o m “ . � e k lek � ÉÉN KLASLOKAAL of een OPEN SCHOOL

Geron Verdellen Directeur Met BREEDVELD bepaalt u zelf wat u wilt delen. Denk aan een klaslokaal waarin u twee

Open school

Één klaslokaal

PA N E E LWA N D E N G L A S WA N D E N S C H U I F WA N D E N V O U W WA N D E N

groepen dankzij een mobiel wandsysteem zowel gemeenschappelijk als apart kunt doceren. Wij delen in ieder geval graag onze verfijnde kennis en ons vakmanschap met u. Ook voor bijhorende bouwkundige oplossingen.

Ruimte wordt waardevoller met Breedveld mobiele wanden

wee� w�� je bewee��

www.breedveld.com


5

SCHOOLDOMEIN

no.

jaargang 32 mei 2020

Anders werken aan Duurzaamheid voor Morgen

Een gezond binnenklimaat voor een betere leeromgeving Heeft u er ooit bij stilgestaan dat kinderen meer tijd op school doorbrengen dan waar dan ook, behalve in hun eigen huis? Ze zitten in totaal ongeveer tweehonderd dagen per jaar op school. De vraag is dus hoe we klaslokalen zo kunnen ontwerpen dat ze een gezonder binnenklimaat krijgen en de leerprestaties beter ondersteunen. Lees hier meer over op www.veluxcommercial.nl.

Hanzehogeschool Wiebengacomplex, Groningen Lessenaarsdak (96 modules)

SPORTDOMEIN ZORGDOMEIN WIJKDOMEIN

Magazine voor de perfecte leer-, werken leefomgeving

THOMAS RAU over actualiteit en urgentie HET GEBOUW is gast van het landschap ONDERWIJSROUTE 10-14 biedt differentiatie in keuzeproces AKOESTIEK ALS ONDERDEEL van een integrale beleving


Articles inside

Vooruitblik naar Schooldomein 6

3min
pages 74-76

Column van Annegien van Dijk

2min
page 73

Natuurlijk gebouw met een bijzondere inrichting

4min
pages 52-53

Meer bewegen op dezelfde footprint

5min
pages 44-46

Een schoolvoorbeeld van circulaire nieuwbouw

6min
pages 63-65

Onderwijs als reis op NHL Stenden Hogeschool

6min
pages 60-62

Waarom deze tijd ook kansen biedt

4min
pages 66-67

Flexibel inrichten: een fluitje van een cent

4min
pages 50-51

Onderwijsroute 10-14 biedt differentiatie in keuzeproces

6min
pages 47-49

Akoestiek als onderdeel van een integrale beleving

4min
pages 42-43

Het gebouw is gast van het landschap

6min
pages 33-35

Onderwijstrends door Jaap de Kruijf

6min
pages 21-24

Niet over het hoe, maar over het waarom

8min
pages 8-11

Wolfert Dalton op weg naar nieuwbouw

4min
pages 36-37

Een bijzonder gebouw met drie poten

4min
pages 38-39

De Biënkorf van binnen naar buiten ontworpen

6min
pages 40-41

Leerlingen doen onderzoek naar CO en leerprestaties 2

5min
pages 28-29

Tijd voor een gezonde leer- en werkomgeving

6min
pages 25-27
Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.