Page 1

Heeft u er ooit bij stilgestaan dat kinderen meer tijd op school doorbrengen dan waar dan ook, behalve in hun eigen huis? Ze zitten in totaal ongeveer tweehonderd dagen per jaar op school. De vraag is dus hoe we klaslokalen zo kunnen ontwerpen dat ze een gezonder binnenklimaat krijgen en de leerprestaties beter ondersteunen. Lees hier meer over op vms.velux.nl.

Hanzehogeschool Wiebengacomplex, Groningen Lessenaarsdak (96 modules)

SPORTDOMEIN | ZORGDOMEIN | WIJKDOMEIN

Magazine voor de perfecte leer-, werk- en leefomgeving

SCHOOLDOMEIN

Een gezond binnenklimaat voor een betere leeromgeving

6 oog voor

no. jaargang 31 juli 2019

ontwerpen voor de toekomst

ZOEKTOCHT naar betekenisvolle omgevingen WAT VINDT DE DOCENT van het gebouw? SPELEND LEREN over duurzaamheid LEEROMGEVING van de toekomst


25 sep

Onderwijsvastgoed Dag 2019 Datum: woensdag 25 september 2019 Programma: 10.00 uur – 16.30 uur Locatie: Nyenrode Business Universiteit, Breukelen

Actuele thema’s en oplossingen Laat u inspireren, ontdek kansen en creatieve oplossingen voor nieuw en bestaand vastgoed in het onderwijs. Speel in op de ontwikkelingen op het gebied van de energietransitie en leer wat de ontwikkelingen in het onderwijsvastgoed voor uw organisatie kunnen betekenen.

Hoofdprogramma

FLEXIBELE ESTHETICA WAAR HET STIL VAN WORDT

Het klimaatakkoord daagt met de routekaart onderwijsinstellingen uit om nu stappen te zetten. Het gaat om de versnelling van de energietransitie door een forse opschaling. Verschillende aspecten worden besproken in zowel het plenaire als het break-out programma.

Maar er is meer. Hiernaast vindt u alvast het programma van het plenaire onderdeel van deze dag.

DESIGN & AKOESTIEK

Break-out sessies

Tijdens de break-out sessies kunt u uw programma verder persoonlijk invullen door twee van de acht aangeboden verdiepende break-out sessies over actuele onderwerpen te volgen. Voor wie: Voor toezichthouders/schoolbesturen, directie en staf van schoolorganisaties, verantwoordelijken bij gemeenten voor scholen en anderen die zich in het dagelijks werk bezighouden met onderwijsvastgoed. Uw deelname: € 395,= excl. btw voor scholen en gemeenten en € 425,= excl. btw voor overige organisaties. Lunch, koffie, thee en netwerkborrel zijn inbegrepen. Ontmoet uw collega’s en deelin ervaringen! Werken een flexibele

PA N E E LWA N D E N G L A S WA N D E N S C H U I F WA N D E N V O U W WA N D E N

en

Routekaart PO, SO en VO Onderwijsvastgoed in relatie tot de energietransitie Gerhard Jacobs – partner HEVO

Total Cost of Ownership en energietransitie Ervaringen uit de praktijk Wichert Eikelenboom – lid CvB Voila Krimp is (bijna) overal Big data geeft inzicht waar dit het meest knelt Marten Middendorp – partner Republiq Campus Lelystad Het organiseren van kleinschaligheid Rinske Wikkerink - projectarchitect/associate partner Kraaijvanger Optimale besteding van huisvestingsmiddelen Gemeenten en schoolbesturen worden partners Max Hoefeijzers - medeverantwoordelijk voor de doordecentralisatie PO en VO in Breda Werkplekbeleving Onorthodoxe aanpak van werkdruk Wim Pullen - directeur Center for People and Buildings

Nationale Trendradar Onderwijsvastgoed 2019 in de relevante trends rustigeInzicht omgeving Wim Fieggen - partner IVVD

Met haar mobiele wandsystemen haalt BREEDVELD het beste uit elke ruimte. De focus ligt op duurzaamheid, esthetiek, akoestiek, gebruiksvriendelijkheid en klanttevredenheid. Dat geldt voor alle u intotop www.onderwijsvastgoeddag.nl producten: vanSchrijf paneelwanden ingenieuze dubbelwandige (smart)glaswand. Meer informatie: www.breedveld.com – T +31 (0) 487 542888


FLEXIBELE ESTHETICA WAAR HET STIL VAN WORDT

Werken in een flexibele en rustige omgeving Met haar mobiele wandsystemen haalt BREEDVELD het beste uit elke ruimte. De focus ligt op duurzaamheid, esthetiek, akoestiek, gebruiksvriendelijkheid en klanttevredenheid. Dat geldt voor alle producten: van paneelwanden tot ingenieuze dubbelwandige (smart)glaswand. Meer informatie: www.breedveld.com – T +31 (0) 487 542888


Bevlogen huisvestingsadviseurs sinds 1955

Onze adviseurs en

ICSadviseurs biedt

bouwprojectmanagers

huisvestingsadvies en

brengen ambities tot leven op het gebied van zorg, onderwijs, sport en welzijn.

projectmanagement voor maatschappelijk vastgoed. Ruim tachtig professionals werken vanuit Amsterdam, Rotterdam, Zwolle en Eindhoven aan efficiĂŤnte, duurzame en inspirerende omgevingen.

Fijne plekken

Vestiging Amsterdam

Vestiging Zwolle

Zekeringstraat 46

Burgemeester Drijbersingel 25R

om naar hartenlust

1014 BT Amsterdam

8021 DA Zwolle

Vestiging Eindhoven

Vestiging Rotterdam

Klokgebouw 263

Van Nelleweg 1

6e verdieping

Unit 2.3.

5617 AC Eindhoven

3044 BC Rotterdam

te leren, leven, spelen, werken, zorgen en ontmoeten.

088 235 04 27 icsadviseurs.nl


VAN DE REDACTIE

OOG voor ontwerpen voor de toekomst. Het laatste thema alweer van een jaargang, die mij veel heeft gebracht. Allereerst het mooie boek Goede gesprekken dat ik mocht samenstellen. Verder natuurlijk mijn Koninklijke onderscheiding, die ik in mijn grote interview in dit nummer graag ook opdraag aan alle partners van Schooldomein en de enthousiaste vertegenwoordigers en gebruikers van de scholen die ik in de afgelopen 30 jaar mocht bezoeken. Schooldomein gaat alweer zijn 32e jaargang in omdat opdrachtgevers, gebruikers en marktpartijen durven innoveren en er samen voor zorgen dat leef-, leer- en werkomgevingen steeds beter werken. In dit nummer het prachtige De Fryske Akademy, waar architect Jo Janssen verschillende historische gebouwen en nieuwbouw door één ingreep rondom de centrale hof met elkaar verbond en prachtig natuurlijk daglicht werkt door een modulaire lichtstraat aan te brengen. Nieuwsgierig maakt ook de nieuwe beweegvriendelijke IKC die TOPOS voor het geïntegreerde schoolbestuur PIT ontwerpt, waar kinderopvang en onderwijs tot dezelfde organisatie behoren. “Hoezo 1 speellokaal; de hele school is een speellokaal.” Echt

ONZE VISIE

Schooldomein is een verrassend magazine voor managers en beleidsmakers die relevante beleidsinformatie, praktijkvoorbeelden en productinformatie vertalen in een optimale leer-, werk- en leefomgeving. Schooldomein biedt informatie rond de infrastructuur, organisatie en huisvesting van instellingen. Schooldomein is bedoeld voor iedereen die op het niveau van overheid,

instellingen, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties betrokken is bij het vinden van oplossingen voor samenhangende vraagstukken in de non profit en profit sector.

HET NETWERK

Schooldomein wordt zes keer per jaar gratis verstrekt aan alle onderwijsinstellingen en gemeenten in Nederland. Het blad wordt gefinancierd uit de exploitatie van advertenties, advertorials, artikelen en de bijdragen

SMART is het gebouw van het Technova College in Ede; een goed geslaagde vernieuwbouw waarbij een bestaand gebouwdeel prachtig is geïntegreerd in de strakke, industriële look van deze school voor beroepsonderwijs. En natuurlijk de Building Study van Ecophon in De Henricus Amsterdam, gevestigd in het Catharina Complex, een gemeentelijk monument in de Bossche stijl uit 1953, waar architect Berger Barnett met liefde voor het ontwerp transparantie, akoestiek en verbindingen heeft aangebracht. Verder de eerste resultaten van het onderzoek van studenten van de VU naar de relatie tussen de tevredenheid van docenten en hun fysieke werkplek. En over ontwerpen voor de toekomst gesproken: de drie artikelen over MFA Onderdak in Biggekerke, IKC Ter Aar en MFA het Noorderhuis in Noordeloos laten zien hoe toekomstgericht ontwerpen kan zijn. Het gevolg van die mooie projecten levert een vruchtbaar onderwijslandschap op, waar nog vele jaren geslaagd geëxperi­ menteerd en ontwikkeld gaat worden. Het kan, als je maar wilt en elkaar durft op te zoeken! Schooldomein staat er graag weer met de neus bovenop! Veel leesplezier, Sibo Arbeek, Hoofdredacteur

van partners. Schooldomein fungeert als een netwerk, waarbij partijen een meerwaarde genereren door een samenhangend product te bieden. Schooldomein fungeert als een platform voor alle partijen die een bijdrage willen leveren aan de kwaliteit van de onderwijsinfrastructuur.

UW MENING

Wij stellen uw mening zeer op prijs. Voor reacties kunt u mailen naar sibo.arbeek@schooldomein.nl.

U kunt ook reageren via de site www.schooldomein.nl. Praktische informatie vindt u in het colofon.

INTERNET

Voor meer informatie over Schooldomein en dit nummer kunt u kijken op www.schooldomein.nl. Via deze site kunt u onder meer alle artikelen van de afgelopen jaargangen opvragen, winkelen in onze rubrieken en relevante markt­ informatie zoeken.

wordt mede mogelijk gemaakt door:

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

5


INHOUD BESTUUR EN BELEID

8

Zoektocht naar betekenisvolle omgevingen Koninklijke onderscheiding voor Schooldomeins hoofdredacteur Sibo Arbeek.

12

Op weg naar een duurzaam IHP

16

Wat vindt de docent van het gebouw?

Debat Ruimte-OK op zoek naar de ontwikkeling van duurzame IHP’s.

VU-studenten doen onderzoek naar de relatie tussen de docent en de werk- en leeromgeving.

ONTWERP EN INRICHTING

20 THEMA

Oog voor ontwerpen voor de toekomst Oog voor ontwerpen voor de toekomst is het thema van deze Schooldomein. Op verschillende manieren besteden we daar aandacht aan. Onder meer in de rubriek Architectuur en verbeelding geven architecten en inrichters mooie voorbeelden daarvan.

22

We want MOR praktijk!

24 27

Het proces naar een gebouw dat past

30 32

Modulair, flexibel en vooral permanent

34

Geslaagde renovatie met een geweldige akoestiek

Europe 2019 in Hongarije.

In IKC Ter Aar staan verbindingen centraal.

Architecten van geluk LIAG ontwerpt al 100 jaar gezonde en toekomstbestendige onderwijsomgevingen.

Eerste gasloze school in Renkum bijna een feit.

Leeromgeving van de toekomst Onderwijsinstellingen op zoek naar flexibiliteit, efficiency, een eigen identiteit.

Een building study bij basisschool De Henricus in Amsterdam

37

Samen voor het kind, met één sterke pedagogische basis Vier scholen voor speciaal onderwijs, kinderopvang en jeugdzorg samen in een nieuw Integraal Kind- en Expertisecentrum.

38 40

IKC De Twijn wordt anders Een integraal concept voor leren en bewegen.

Natuurlijk gebouw voor en door de gebruikers School, kinderopvang, dorpshuis, gymzaal, bibliotheek, opbaarruimte: MFA Noordeloos bedient

Foto’s cover

het hele leven.

MFA Het Noorderhuis in Noordeloos (pagina 40) Basisschool De Henricus in Amsterdam (pagina 34) Fontys Hogeschool ICT in Eindhoven (pagina 32)

Altijd de laatste updates van Schooldomein? facebook.com/schooldomein

6

Studenten TU Delft op weg naar de Solar Decathlon

Schooldomein

juli 2019

twitter.com/schooldomein

43

Slim nieuw Technova College Nieuwbouw in alle opzichten toegesneden op de toekomst van het techniekonderwijs.


46

Schuifwanden voor beter onderwijs

48

Spelend leren over duurzaamheid

49

SPO Utrecht vol energie vooruit

Goed voor het onderwijs en heel effectief om tijdelijke uitval van collega’s op te vangen.

The Gamer: een interactief en energieopwekkend speeltoestel voor de buitenruimte.

Bestuur van 36 openbare basisscholen bouwt vijf energieneutrale scholen in Utrecht.

50

Goede samenwerking sleutel tot succes!

52

MFA Onderdak is er voor iedereen

55

Een tent in een duinpan

58 61

De droom die uitkwam

Deelnemers Kindercampus Joseph in Lisse hebben oog voor elkaars belang.

Basisschool en dorpshuis slaan de handen ineen op bijna het verste puntje van de provincie Zeeland.

Na drie jaar een eigen ziel voor brede school De Jutter op Vlieland.

Villa Vrolik combineert visie met inrichting.

Licht bevordert ontmoeting en interactie Fryske Akademy compleet getransformeerd, vernieuwd en gerenoveerd.

FACILITAIR EN BEHEER

64

Fraaie nieuwe vleugel voor Leidse instrumentmakers School Prachtige Allura Colour vloer komt volledig tot zijn recht.

66

Strak interieur past bij tijdloze uitstraling Rotterdam Business School faciliteert verbinding.

RUBRIEKEN

19 19 68 69 70

Kort nieuws Onderwijstrends door Jaap de Kruijf De etalage Column van Ad Vos Vooruitblik naar Schooldomein 1

28 34 41 52 55


Foto: Martine Sprangers Fotografie

Zoektocht naar betekenisvolle omgevingen 8

SCHOOLDOMEIN

juli 2019


Tekst Paul Voogsgerd

BESTUUR EN BELEID

26 april jl. werd hoofdredacteur Sibo Arbeek geridderd vanwege zijn 30-jarig hoofdredacteurschap voor Schooldomein en de maatschappelijke betekenis van dit netwerk voor de ontwikkeling van mooie en betekenisvolle scholen. Een bijzonder moment en ook aanleiding om zijn visie op onderwijs en de gebouwde omgeving op te tekenen: alles staat of valt met goed opdrachtgeverschap.­

“W

at ik zelf een uit de hand gelopen hobby vind werd verder ingekleurd door het uitreiken van de ridderorde door burgemeester Jan van Zanen uit Utrecht. Edward van der Zwaag als voorzitter van de redactie­adviesraad, redactiesecretaris Brenda Breems en uitgever Henrico ten Brink uit Meppel hebben hun best gedaan om mij als hoofdredacteur voor te dragen. Indrukwekkend vind ik dat en ik ben zeker vereerd. Het is ook een aanleiding om stil te staan bij 30 jaar Schooldomein en mijn passie daarbij. Het zoeken naar ‘betekenis’ is een rode draad in die dertig jaar. Alle activiteit vindt plaats in de samenhang tussen de omgeving, het gebouw en de gebruiker. Wanneer een gebouw bijvoorbeeld niet past in zijn omgeving of niet inspirerend is voor zijn gebruikers werkt het niet goed. Ik heb tien scholenbouwprijzen voor het ministerie georganiseerd en bezoek al 30 jaar voor School­domein vele projecten door het hele land (en buitenland). Elke keer wanneer ik een stad, wijk of dorp inrijd op zoek naar het betreffende gebouw probeer ik dat begrip betekenis een plek te geven. Ik lees het gebouw, kijk of het in zijn omgeving past, ervaar hoe het voelt om over het plein naar de ingang te lopen, signaleer hoe de ontvangst is, hoe gebruikers door het gebouw bewegen en vooral hoe de opdrachtgevers hun verhaal vertellen, vaak vergezeld door architect, aannemer en adviseurs. Tijdens de rondleiding beleef ik vervolgens de werking van geluid, klimaat, licht, lucht, kleur en inrichting. Ik word van tevoren vaak gevraagd om een lijstje met vragen toe te sturen, maar in de praktijk is één vraag al voldoende: hoe is het allemaal begonnen? Vervolgens brandt een betrokken en gepassioneerde opdrachtgever los en vertelt het verhaal zichzelf. Ik luister en hoef het alleen maar op te tekenen en de essentie eruit te halen.”

TWEE LEERMOMENTEN “Ik zou in mijn eigen ontwikkeling twee voor mij belangrijke momenten willen benoemen: “Ik volgde jaren geleden een managementtraining vanuit de Rodingroep op een prachtige plek in Umbrië. Elke morgen leerden we aan de rand van een vijver met de helaas te vroeg gestorven Taoïstisch leermeester René Ransdorp filosoferen rond het thema ‘ont-’. Door te ontmoeten leer je minder moeten, door te ontcijferen minder cijferen en door te ontwikkelen minder ingewikkeld bezig zijn. René leerde me dat ‘de weg ontstaat gaande de weg’. Samen dezelfde kant op bewegen is belangrijker is dan een specifiek doel op de horizon te benoemen. Je kunt nog zoveel willen en bedenken, maar als niemand er zin in heeft gebeurt er niets. Het tweede inzicht kreeg ik tijdens een masterclass dienend leiderschap bij Kloosterhotel Zin in Vught, onder begeleiding van onder meer emeritus hoogleraar in de praktische Theologie Tjeu van Knippenberg. Hij leerde me verder te denken dan de dimensies tijd en ruimte, waarbinnen we onze werkelijkheid structureren. Buiten die dimensies heeft veel met energie te maken, waardoor iets lading krijgt. In termen van dienend leiderschap betekent dat de organisatie een organisme is, waarbij verbindingen tussen mensen centraal staan. De leider dient zijn medewerkers en ‘verdient’ daardoor leiderschap. Een organisatie is meer dan een begroting en een organogram; het gaat vooral om de samengebalde energie van de mensen die het leuk vinden met elkaar samen te werken. Ik houd van opdrachtgevers die verder kijken dan alleen de bouwopgave en het type onderwijs; met een gebouw vorm je de ruimte en vorm je mee de toekomst van de volgende generaties leerlingen en medewerkers. Vandaar ook het belang van een goed programma van eisen voor scholen, waarbij gebruikers meedenken over de kernwaarden van hun toekomstige plek en daarmee ook de

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

9


voorwaarden voor een goede organisatie beschrijven. Ik geloof in gebouwen en organisaties die blijven uitdagen, of zoals mijn collega Teun van Wijk van ICSadviseurs zegt: die verleiden om te blijven, maar ook prikkelen om verder te reizen.” TEKST EN BEELD “De relatie tussen tekst en beeld heeft me altijd geboeid. Binnen mijn studie Nederlands leerde ik het begrip taaldaad; taal kan de werkelijkheid veranderen en helpen betekenis te geven, net zoals een gebouw

”Je kunt nog zoveel willen en bedenken, maar als niemand er zin in heeft gebeurt er niets” Sibo Arbeek met links Edward van der Zwaag en rechts Henrico ten Brink

10

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

of ruimte in zichzelf betekenisvol kan zijn. De vraag is interessant of een gebouw ook een ziel kan hebben; we hebben het soms immers over een zielloos gebouw. Het tegenovergestelde ervaren we in prachtige dorpen in het landschap van Spanje of Italië of recent bij de Notre-Dame waarvan het dak deels afbrandde en symbool staat voor gedeelde geschiedenis en waarden. Een gebouw betekent iets in tijd en ruimte en dat geldt ook voor de plek waarop het staat. In die zin; de eeuwen voor ons was de samenleving in herkenbare lagen georganiseerd. Bij elke groep hoorde een gebouw dat die publieke functie weerspiegelde: de school, de kerk, de bibliotheek, het gemeentehuis, het bankgebouw of het theater. Mede door de individualisering en digitalisering veranderen sociale patronen en daarmee de hechting aan fysieke symbolen. De ontwikkeling naar slimme gebouwen die naar functie uitwisselbaar zijn is vooral ingegeven door effecten rond ontzuiling, stede­lijke verdichting versus krimp, klimatologische ontwikkelingen, digitalisering en het dreigende tekort aan grondstoffen. Rijksbouwmeester Floris Alkemade zegt dat heel mooi in zijn agenda: erosie van het publieke domein adresseren; hoe ziet samenleven eruit? Ik zie steeds meer hybride gebouwen en omgevingen die los staan van specifieke doelgroepen gebruikers, maar wel als uitdaging hebben in de tijd aantrekkelijk te blijven. Dat levert nieuwe fantastische verblijfsplekken op, omdat een goede beleving een noodzakelijke voorwaarde voor exploitatie wordt: places to be, waar je elkaar tijdens en na het leren of werken kunt ontmoeten.” BELEVING EN ONTMOETING “Directeur Wim Pullen van de Center for People and Buildings (CfPB) constateert het volgende: “Ik zie dat we gebouwen steeds meer menselijke eigenschappen toedichten en gebruikers als passanten verdingen.” Gebouwen zijn slim, adaptief, vriendelijk of zelfs barmhartig. Zijn pleidooi is om meer de mens als uitgangspunt te nemen in het denken over een fijne werkomgeving: “De meeste open kantoortuinen zijn bedacht om kosten te besparen: meer mensen in minder ruimte. Een gebouw voorziet vooral ook in een hoop primaire behoeften: geborgenheid, schuilen voor de elementen en sociale interactie.” Filosoof Henk Oosterling omschrijft die ontwikkeling heel mooi: “Ons denken over onderwijs is nog geënt op de verlichting, waarbij de mens centraal kwam te staan. Dat zien we nog steeds in de organisatie van het onderwijs terug, terwijl de toekomst in continue veranderende relaties ligt, waartoe een individu zich dient te verhouden en dus ook een school(-gebouw). Dat betekent dat hechting aan die gemeenschap (weer) belangrijk wordt. Duidelijk is dat het lastig wordt om voor één specifieke doelgroep over een langere periode een gezonde exploitatie in stand te houden. Interessant vind ik hoe belangrijk beleving en ontmoeting binnen het publieke domein worden


Foto Iris Tasseron

BESTUUR EN BELEID

Nieuwe Notre Dame met glazen kap

waarbij de fysieke infrastructuur steeds meer uit her te gebruiken onderdelen bestaat. Zelfs de gevel wordt een interieurelement, bijvoorbeeld als lichtkrant of kleurig gordijn. Plek en gebouw zijn een variabele geworden en bestaan zolang er behoefte aan een invulling is.” ONAFFE GEBOUWEN “Voorop staat dat de keuze voor een (aanpassing aan een) gebouw met een idee begint. Daarbij lijkt de verbinding met de omgeving (weer) belangrijker te worden. Architect Alfonso Wolbert omschrijft het treffend: “De kunst is het onaffe gebouwen te maken die zichzelf blijven evalueren.” In mijn vele gesprekken met opdrachtgevers, architecten, bouwers, inrichters en vooral gebruikers zocht ik steeds naar die achterliggende idee. Een goed gebouw valt te lezen, zonder dat het saai wordt en dient als een gids door het veranderende leerlandschap. Ik heb eens een aantal opdrachtgevers geïnterviewd rond de vraag wat zij als goed opdrachtgeverschap zien. Het meest treffende antwoord kreeg ik van een opdrachtgever die stelde dat hij zo weinig mogelijk zelf wilde weten. Hij was bewust niet-wetend en gericht op het bijdragen aan goede verbindingen tussen in- en externe partijen en stakeholders tijdens het ontwerp- en bouwproces.” INNOVATIES DOOR DE MARKT “Als voormalig bestuurslid van het Nederlands Forum voor Onderwijs en het EFEA (the European Forum on Educational Administration) bezocht ik veel scholen en overheidsorganisaties in Nederland en in verschillende landen. Ik vind dat wij hele mooie schoolgebouwen hebben. De decentralisatie van huisvestings­ taken, -verantwoordelijkheden en -middelen naar gemeenten verdient niet de schoonheidsprijs, maar zorgt wel voor een spanningsveld tussen overheid, onderwijs en maatschappelijke organisaties over de kwaliteit van het onderwijs, die zich vertaalt in een voortdurende dialoog. Toch verbaas ik me er ook over hoe lelijk en functioneel relatief recente

Smart building Hogeschool Inholland Zeeburgereiland

schoolgebouwen kunnen zijn, soms onder de vlag van duurzaamheid. Die overdreven aandacht voor onder meer installaties vertaalt zich nu gelukkig weer in een nieuw bouwfysisch bewustzijn, waarbij die verbinding met de omgeving manifest wordt; eerst gebruik maken van natuurlijke kwaliteiten in gebouw en omgeving en dan pas kijken of er nog installaties en verdere techniek nodig zijn. Belangrijk zijn ook de ontwikkelingen naar lichte, luchtige en akoestisch perfecte leer- en werkomgevingen, die adaptief zijn en vitaal en bewegend leren stimuleren. De kracht van Schooldomein ligt in het signaleren dat de markt hele mooie innovaties laat zien en vaak sneller denkt dan de overheid in regels, wetten en bekostiging mondjesmaat weet aan te passen. In de woorden van burgemeester Van Zanen: “De voorbeelden in Schooldomein maken het voor andere schoolbesturen mogelijk om concreet inzicht te krijgen wat er mogelijk is op het gebied van duurzame leeromge­vingen.” Daarom heb ik mijn koninklijke onderscheiding mede te danken aan alle partners van Schooldomein en via hen de projecten, opdrachtgevers en gebruikers die ik al die jaren mocht bezoeken en ondervragen om achter de ziel van het gebouw als leeromgeving te komen. Ik hoop er nog vele jaren mee door te mogen gaan. En de elfde Scholenbouwprijs staat nog zeker op mijn lijstje; belangrijk omdat de overheid daarmee goed opdrachtgeverschap waardeert.”

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

11


Tekst Sibo Arbeek Foto’s Martine Sprangers Fotografie

Op weg naar een duurzaam IHP Er zat veel landelijke expertise aan tafel rond onderwijs­ huisvesting in het nieuwe gemeentehuis van Woerden, waar wethouder George Becht en beleidsmedewerkers Cees de Heer en Siebe Sneep als gastheer optraden. Ruimte-OK was de initiator van deze expertmeeting. De aanleiding was het onderzoek naar de ontwikkeling van duurzame IHP’s. Conclusie: het moet beter en het kan beter!

Huisvestingsadviseur Siebe Sneep trapt af: “In het woud van alle regelingen en richtlijnen stellen we in Woerden een werkdocument op, waarin de belangrijke thema’s zijn uitgelegd. Goed voor de volgende generaties bestuurders en opdrachtgevers.” De deelnemers reageren positief op de vaststellingsovereenkomst tussen gemeente en schoolbesturen. Harry de Vink: “Daarin leg je wederzijdse verplichtingen vast. Er staan kwaliteitseisen in en afspraken over financiële borging wederzijds.” Zo dragen de schoolbesturen € 150,- per meter bij om tot een bepaalde kwaliteit te komen. Dan gaat het om maatregelen die in de exploitatie binnen een redelijke termijn terugverdiend worden.” Siebe: “We werken met een basis- en plusscenario. Wil de gemeente of een schoolbestuur meer, dan zullen er elders middelen gevonden moeten worden. Dat voorkomt dat die extra voorzieningen ten koste van het reguliere huisvestingsbudget gaan.” Een

12

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

IHP kijkt ver vooruit, maar hoe realistisch is dat, wanneer er ook sprake van krimp en leegstand is? Schoolbestuurder Harry de Vink: “Ik vind een lange termijn perspectief belangrijk. Voor de eerste vijf jaar is helder wat er gebeurt en dat ligt in een beschikking vast. Daarna is het optioneel, maar weet ik wel dat ik aan de beurt kom. Dat is belangrijk voor de functionaliteit en uitstraling van mijn portefeuille.” “Het gaat om vertrouwen”, vult Ton de Roos van het Kalsbeek College aan, “waardoor je samen meer kunt bereiken. In eerste instantie was ik voor doordecentralisatie, inmiddels niet meer.” INVESTERINGSVERBOD Arnout Huijnink van het ministerie van OCW over het investeringsverbod: “Feit is dat de inspectie handhaaft en dat niet alles zomaar kan. We willen voorkomen dat schoolbesturen middelen toevoegen die formeel voor rekening van de gemeente


DEBAT Gemeente Utrechtse Heuvelrug/Commissie Nijpels Gemeente Den Haag Gemeente Woerden Gemeente Haarlemmermeer Schoolbesturen VO Woerden Schoolbesturen PO Woerden PO-Raad Ministerie van OCW Platform Onderwijshuisvesting Platform Onderwijshuisvesting Penta Rho HEVO MDAB Schooldomein Ruimte-OK Platform 31 Bouwagenda Versnellingsteam Provincie Overijssel

Chantal Broekhuis Daniël van Drunen Siebe Sneep en Cees de Heer Thierry van der Weide Ton de Roos/ Kalsbeek College Harry de Vink/ SPCO Groene Hart Tanja van Nes Arnout Huijnink Peter Jan Bakker-ICSadviseurs Pim Commandeur Jan Roelofs en Marieke Stevering Mireille Uhlenbusch Martijn Droog Hoofdredacteur Sibo van Arbeek Marco van Zandwijk en Jeroen Paas Donald van den Akker Olivier Lauteslager Remond Molenkamp

zijn.” Toch hebben de PO-Raad, VO-Raad en de VNG al duidelijke handvatten gegeven. Conclusie: af­stemming vooraf met de accountant is altijd belangrijk, waarbij er voldoende voorbeelden zijn waarbij de accountant een eigen bijdrage heeft goedgekeurd. Marco van Zandwijk van Ruimte-OK brengt vervolgens een drietal stellingen in, waarover overwegend consensus bestaat en die in de praktijk van Schooldomein ook regelmatig positief in actuele projecten zijn vertaald: • Elke nieuw te (ver)bouwen school moet direct energieneutraal zijn. • Een school is pas echt duurzaam als er optimaal geleerd en lesgegeven kan worden. • Schoolgebouwen zijn vanwege hun maatschappelijke functie in de wijk aanjagers voor het verduurzamen van maatschappelijk vastgoed.

De volgende reeks stellingen levert wel discussie op: SCHOOLBESTUREN ZIJN GEEN PARTIJ VOOR HET MAKEN VAN LANGJARIGE AFSPRAKEN Olivier Lauteslager van de Bouwagenda: “Natuurlijk zijn schoolbesturen partij, maar we blijven met elkaar afzonderlijk het wiel uitvinden, terwijl gemeenten samen een grote speler zijn. Waarom lukt het niet om het maatschappelijk vastgoed vanuit een centraal perspectief integraal in de markt te zetten, waardoor de portefeuille versneld verduurzaamd kan worden?” Wethouder Chantal Broekhuis: ”Wacht even; onderwijshuisvesting is ondersteunend aan het onderwijs, dus het kan toch niet zo zijn dat schoolbesturen geen onderdeel vormen van langjarige afspraken. Docenten zijn belangrijk, maar goede huisvesting draagt ook bij aan de kwaliteit van het onderwijs.” Arnout Huijnink: ”Schoolbesturen hebben een

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

13


EEN DUURZAAM IHP IS MAATWERK EN DAARDOOR NIET TE STANDAARDISEREN Olivier: “We moeten de opgave standaardiseren, anders lukt het die 355 gemeenten voor die 10.000 schoolgebouwen afzonderlijk nooit.” Tanja van Nes van de PO-Raad vult aan: “We zitten nog steeds met een sterk verouderde opgave, die vanuit het huidig systeem niet snel genoeg aangepakt wordt. We lopen achter.” Arnout: “Maar het is wel een gedecentraliseerde opgave dus het is aan de gemeente om het samen met de schoolbesturen vorm te geven.” Siebe:

formele verantwoordelijkheid om samen met de gemeente voor goede huisvesting te zorgen. Die verantwoordelijkheid kun je niet uitsluitend bij de gemeente of een ander publiek lichaam neerleggen.” HET VERDUURZAMEN VAN BESTAAND ONDERWIJSVASTGOED IS EEN SEPARATE OPGAVE EN STAAT LOS VAN HET IHP Peter Jan Bakker van ICSadviseurs en Platform Onderwijshuisvesting: “Je kunt niet alles op het onderwijs afschuiven, want het gaat om een bredere

opgave. We werken ook aan IHP’s waarbij we de verduurzamingsopgave breder bekijken dan alleen het onderwijs.” Chantal Broekhuis: “Bouwen we volgens het bouwbesluit of gaan we voor ENG? ENG kan echt niet uit het normbudget, maar de energietransitie biedt de mogelijkheid grotere stappen te zetten met veel meer impact.” Daniël van Drunen van de gemeente Den Haag: “Wij staan in Den Haag voor een enorme opgave om 240 scholen te verduurzamen. Met duurzame vervanging alleen red je het dan niet. Om schoolbesturen te stimuleren om ook bestaande schoolgebouwen, die voorlopig niet voor vervanging in aanmerking komen, te verduurzamen hebben we een co-financieringsregeling voor maatregelen in bestaande schoolgebouwen met een garantie op de terugverdientijd van tien jaar. Daarbij draagt de gemeente maximaal 50% bij.” Olivier: “Ik ben geen voorstander van regelingen met terugverdientijden omdat die de discussie over een integrale verduur­ zaming van de portefeuille in de weg staan.” Chantal: “De discussie rond het stelsel staat los van de duurzaamheidsdoelstelling; je kunt die niet inte­greren in de IHP-discussie. We moeten niet vergeten dat er daarnaast ook nog een enorme functiona­liteitsopgave is.”

14

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

“Het zou toch mogelijk moeten zijn tot een integrale visie op het maat­ schappelijk vastgoed te komen met een een­ duidige regeling”

“Eens; je kunt een aantal onderdelen standaardiseren, maar je bent afhankelijk van specifieke omstandigheden zoals demografische ontwikkelingen, leeftijd van het vastgoed, een stedelijke of juist een plattelandsgemeente en de visie op het onderwijs.” Thierry van der Weide van de gemeente Haarlemmermeer herkent dat: “Ik ben voor een goede vaststellingsovereenkomst, maar verder heb je vooral een hele goede procesaanpak op maat binnen je eigen gemeente nodig.” Chantal: “Bedenk wel dat veel gemeenten met hoge schuldenlasten kampen. Ik heb net een VNG-congres gehad en elke gemeente heeft problemen met de effecten van de decentralisatie van de jeugdzorg. Bij onderwijs kun je de huisvesting nog als middel inzetten, maar om alleen daarmee het kind goed te faciliteren en naar een klimaatneutrale stad te groeien is onvoldoende. Het zou toch mogelijk moeten zijn tot een integrale visie op het maatschappelijk vastgoed te komen met een eenduidige regeling.” OM SCHOLEN KLIMAATNEUTRAAL TE KRIJGEN IS EEN CENTRAAL GESTUURDE AANPAK NODIG Chantal: “Ons stelsel met gescheiden financieringsstromen is hopeloos verouderd en dat zit ons in de


DEBAT

weg. Ik vind dat gemeenten nog te weinig de mogelijkheid van innovatieve financiering onderzoeken, waarbij het vastgoed bijvoorbeeld in een gemeentelijke stichting wordt ondergebracht. Wij kijken of we onze woningbouwopgave met scholenbouw kunnen combineren, waardoor je vanuit de grondexploitatie de financiering van schoolgebouwen kunt regelen.” Pim Commandeur van POH: “Je krijgt nu gemeenten die het wel redden en gemeenten die hopeloos vast zitten.” Donald van den Akker van Platform 31: “Normen, waarden en ambities veranderen in de tijd.

zet ons enorm klem. Het gevolg is dat aanbeste­ dingen mislukken en de kaasschaaf over projecten wordt gehaald. Een begroting maak je op basis van marktrealiteit; ik zie normbedragen vooral als ­referentiebedragen.” Pim: “Eigenlijk moet je de discussie op projectniveau voeren, waarbij je een kostenraming op basis van een bestek maakt en vervolgens kijkt hoe de markt daar op reageert. Normbedragen gaan over de investering, maar eigenlijk moet voor elk project een TCO-benadering gelden. De gescheiden geldstromen staat het maken van duur-

Ging duurzaamheid eerst nog over energie­besparing en gescheiden afval, nu willen we circulaire en slimme gebouwen. De financiering lijkt dan al snel een issue maar is het niet. Het gaat in feite over veranderende kernwaarden die we in een langdurige transitie belangrijk vinden maar waar we nauwelijks over praten. Liever hebben we het over concrete oplossingen, systeemverbeteringen, in plaats van te formuleren wat we nu echt willen.”

zame keuzen in de weg.” Olivier: “Wanneer je vanuit TCO wilt ontwikkelen moet je gelijk stoppen met het maken van ontwerpen en bestekken en de markt beter en slimmer betrekken.” Thierry: “Ik ben nu bezig met een DBM-aan­besteding waarbij ik ook twintig jaar onderhoud mee wil aanbesteden. Ik wil samen met een aantal marktpartijen aan kennisontwikkeling doen.”

DUURZAAM RENOVEREN HEEFT DE VOORKEUR BOVEN NIEUWBOUW Pim: “Het besluit om een gebouw na 25 jaar duurzaam te renoveren moet er wel toe leiden dat het weer veertig jaar mee kan.” Peter Jan knikt: “Je moet de kwaliteit van nieuwbouw van toepassing verklaren op een te renoveren gebouw. In onze IHP’s is renova­ tie een gelijkwaardig alternatief voor nieuwbouw.” Siebe: “Toch ontkom je er niet aan dat nieuwbouw soms beter en efficiënter is. Je moet elke keer de beste oplossing kiezen.” Martijn Droog van MDAB: “Het blijft een keuze van de raad; wanneer ze denken dat ze een ENG-gebouw voor de normvergoeding kunnen krijgen wordt vanzelf duidelijk dat dat zo niet werkt.” Peter Jan: “Het normatieve karakter in de discussie

Jan Roelofs van Penta Rho vat samen welke thema’s in 100 onderzochte IHP’s steeds terugkomen: “Verduurzaming, financiële borging, een sluitende business case en de behoefte aan een lange termijn perspectief versus een korte termijn dekking. Samengevat is voor mij een IHP waar het woord ‘duurzaam’ niet in staat geen IHP.” Marco ten slotte: “De lopende ondersteunings­programma’s rondom de 11 pilots ‘Aardgasvrije en Frisse Scholen’ en het nieuwe programma ‘Scholen besparen energie’ biedt gemeenten en schoolbesturen handvatten om direct stappen te zetten op het gebied van verduurzaming. Niets doen is dan ook niet langer een optie.” Kijk voor meer informatie over de meest actuele regelingen op ruimte-ok.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

15


Tekst studenten Vrije Universiteit/Sibo Arbeek

DE PERFECTE WERKPLEK

Wat vindt de docent van het gebouw?

De afgelopen maanden werkten studenten van de Vrije Universiteit (VU), richting Bestuur en Organisatie, samen met het Center for People and Buildings en ICSadviseurs. Drie groepen studenten deden onderzoek naar de relatie tussen de docent en de werk- en leeromgeving. In dit artikel de bevindingen.

I

s er een verband tussen de tevredenheid over de leer-en werkomgeving en de werkdruk die in toenemende mate ervaren wordt? In hoeverre kan de organisatie van het onderwijs en de vertaling daarvan in functionele ruimten de werkdruk versterken of juist verlichten? Drie groepen studenten van de Bachelor opleiding “Bestuur & Organisatie” (B&O) van de VU zetten hun tanden in dit vraagstuk en kwamen tot eerste resultaten. De aanname is dat veel schoolgebouwen ingericht zijn naar de wensen van de leerlingen, en aanmerkelijk minder tegemoet komen aan de behoeften en de wensen van de docenten. Dit bleek ook uit het onderzoek van de Algemene Rekenkamer uit 2016 waarbij de schoolgebouwen slechter worden beoordeeld door docenten dan door andere gebruikers. Met dit gezamenlijke project willen de drie opdrachtgevers meer inzicht krijgen in het gebruik en de beleving van het schoolgebouw als leer- en werkomgeving.

16

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

Een belangrijke vraag waarmee de studenten aan de slag zijn gegaan is: is er een verband tussen de tevredenheid over de leer- en werkomgeving en de werkdruk die in toenemende mate ervaren wordt. De drie groepen studenten deden verkennend, kwalitatief onderzoek in zowel het basis- als voortgezet onderwijs naar de ervaring van leerkrachten met hun werkomgeving, naar de mate van personaliseren van de werkplek in het voortgezet onderwijs, waarbij ook leerpunten uit het nieuwe werken in de zakelijke sector worden betrokken en tenslotte naar de relatie tussen het gebruik van nieuwe technologieën en de beleving van de werkplek.“ PARADOXEN WERKOMGEVING Het eerste team stelde op basis van literatuur­ oriëntatie de volgende hoofdvraag: “Hoe geeft een leerkracht in het primair onderwijs betekenis aan het schoolgebouw en de werkplek als werkomgeving?” Uit


BESTUUR EN BELEID

de literatuuroriëntatie en data-analyse kwamen vijf belangrijke topics naar voren: atmosfeer, werkplek, fysieke ruimte, licht en geluid. Uit het onderzoek blijkt dat in het primair onderwijs het klaslokaal de voornaamste werkplek van de leerkracht is (en blijft). Een belangrijk perspectief hierin is dat vooral de gebruikers de sfeer van een werkomgeving bepalen. De leerkracht geeft betekenis aan de ruimte; de persoonlijkheid en de competenties van de leerkracht bepalen mede hoe aspecten zoals licht en geluid worden ervaren. Opvallend zijn de paradoxen die in het onderzoek naar voren kwamen. Zo blijkt dat natuurlijk licht als erg fijn wordt ervaren, maar dat te veel zonlicht als storend wordt ervaren. Een zonnescherm of gefilterd daglicht is hiervoor vaak een oplossing. Tegelijkertijd kan een zonnescherm storend zonlicht voorkomen, maar het kan ook de ventilatie van het lokaal negatief beïnvloeden. Een andere paradox heeft te maken met het geluid en de ventilatie van het klaslokaal. Wanneer een raam openstaat voor ventilatie merken leerkrachten meer geluidsoverlast. Het raam sluiten vermindert de overlast, maar daardoor is de ventilatie in het lokaal niet optimaal. In het onderzoeksrapport zijn per topic twee aanbevelingen geformuleerd. Een centrale aanbeveling luidt als volgt: “Houd rekening met paradoxen, zorg ervoor dat de oplossing van het ene probleem niet een ander probleem veroorzaakt. Hierbij is het belangrijk dat er wordt gedacht vanuit het perspectief van de leerkracht als dagelijkse gebruiker van de ruimte.” Het volgende citaat laat zien wat de behoefte van veel leerkrachten in het onderzoek is: “Ik zou graag een wat groter lokaal willen hebben, waar echt een leeshoek is, waar ze lekker op zitzakken kunnen lezen. Ik zou heel graag losse tafeltjes willen, waardoor je zelf groepjes kan vormen. Ik zou chromebooks willen hebben, waarmee ze op hun eigen werkplek kunnen werken. Ik zou een mooie grote boekenkast willen hebben en een creativiteitshoek.”

Vlnr: Susanne van Groningen, Celine de Kruiter, Nicky Visser, Max van Stigt

“Veel school­ gebouwen zijn ingericht naar de wensen van de leerlingen en komen minder tege­ moet aan de behoeften en wensen van docenten”

INDIRECT EN ONBEWUST Het tweede team onderzocht op een aantal scholen voor voortgezet onderwijs de mate waarin subjectieve ervaringen van docenten meewegen bij hoe zij werktevredenheid relateren aan het gebouw als werkomgeving. Wat blijkt is dat docenten het lastig vinden om hun ruimtelijke werkomgeving in termen van mate van (werk-)tevredenheid te definiëren. De ruimtelijke omgeving speelt een belangrijke rol, maar dat blijkt pas als daar expliciet naar wordt gevraagd. De werkomgeving wordt doorgaans als vanzelfsprekend gezien en als weinig beïnvloedbaar. Docenten projecteren hun tevredenheid meer op de samenwerking en interactie met leerlingen en collega’s. De vraag wat de relatie is tussen tevredenheid en het gebouw als werkruimte levert op dat er vaak te weinig persoonlijke werkruimte voor docenten is. De werkplekken die er zijn worden vaak niet gebruikt omdat docenten er niet geconcentreerd kunnen werken. Verder zijn ruimtes vaak onvoldoende gefaciliteerd. Het leerplein als middel om het onderwijs te organiseren wordt als positief gewaardeerd, omdat de interactie tussen docenten en leerlingen op een natuurlijke manier plaats vindt. Wel noemen docenten dat ze daardoor juist onvoldoende hun werk kunnen doen, omdat zij zich onvoldoende kunnen concentreren door de constante bewegingen. Opvallend is dat docenten op alle onderzochte scholen het binnenklimaat als onvoldoende waarderen. Docenten noemen technologie niet als een centraal thema, maar wel als belangrijk middel om lessen efficiënter te organiseren. Docenten zijn zich ervan bewust dat ze niet afhankelijk moeten worden van technologie; zij zien het als relevante toevoeging binnen het lesgeven en als communicatiemiddel tussen docenten en leerlingen

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

17


Vlnr: Henriet Schonewille, Savanne Janse, Maike de Haas, Daphne Schouten

Boven: Matthijs Linck, Lisanne Damsma, onder: Rens Mulder (l) en Niels Pouw

onderling. Frustraties gaan over niet-werkende middelen, verschillende versies of onvoldoende onder­ steuning vanuit de ICT-afdeling. Technologie zorgt ervoor dat docenten thuis ook toegang hebben tot het schoolsysteem en op die manier thuis ook werkzaamheden kunnen uitvoeren. Docenten noemen meer aspecten dan alleen maar de kwaliteit van het gebouw. Het schoolgebouw speelt vooral een rol in de voorwaardenscheppende sfeer, waarbij docenten een zekere speelruimte nodig hebben, waar zij tot op zekere hoogte een persoonlijke invulling aan kunnen geven. Dat wil dus niet zeggen dat de ruimte ondergeschikt is aan andere factoren binnen het bepalen van hun werktevredenheid. Eerder is het zo dat de ruimte van invloed is op nagenoeg alle aspecten van het werk en leerproces. CRITERIA VOOR EEN GOEDE WERKOMGEVING Het derde team deed eveneens onderzoek op verschillende middelbare scholen, waarbij het doel was om te achterhalen hoe vormgeving en personalisatie van de werkplek bijdraagt aan de werkervaring volgens de docent. Een belangrijke bevinding was dat docenten behoefte hebben aan gedifferentieerde leer- en werkplekken voor leerlingen en dat daarmee hun eigen werkkwaliteit positief wordt beïnvloed. Er is behoefte aan plekken waar leerlingen zelfstandig aan het werk kunnen, waarbij er wel een visuele relatie moet zijn, zodat de docent overzicht kan houden. De docenten gaven aan dat de mogelijkheid tot differentiatie positief werkt op de werkdruk die ze ervaren, omdat ze op deze manier hun input zo efficiënt

18

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

mogelijk onder de leerlingen kunnen verdelen. Uit het onderzoek blijkt dat bepaalde aspecten van de werkomgeving van een docent wel degelijk van invloed zijn op de werkdruk die de docent ervaart. Omdat toenemende werkdruk binnen het onderwijs een steeds groter probleem vormt heeft deze groep mogelijke criteria benoemd, die in bouw- of inrichtingsprojecten van belang zijn, maar ook in een volgende Scholenbouwprijs kunnen worden meegenomen. Het is van belang dat de school beschikt over voldoende (stilte) werkruimtes voor de docent, dat de docenten een eigen opbergkast hebben in het schoolgebouw, dat de school beschikt over mogelijkheden tot differentiatie van leerlingen, dat de school ramen heeft die klaslokalen scheiden van gangen, dat de school maatregelen treft om het binnenklimaat te meten en aan te passen per lokaal en dat de indeling en technologie van het schoolgebouw voldoet aan de behoeftes van eindgebruikers zoals docenten. Hierom is het belangrijk de docent meer te betrekken bij beslissingen rondom het schoolgebouw als leer- en werkomgeving en specifiek het meedenken over de kwaliteit van hun directe werkomgeving. Het betreft een afstudeeronderzoek van drie groepen afstudeerders van de Bachelor opleiding “Bestuur & Organisatie” (B&O) van de VU Amsterdam. Deze eerste resultaten geven goed aan hoe belangrijk een goede werkomgeving is voor het welbevinden van de docent. Nader onderzoek is geboden, maar de aanbevelingen kunnen goed worden gebruikt in het opstellen van programma’s van eisen en het organiseren van een volgende Scholenbouwprijs.


Kort nieuws

Column

Onderwijsparticipatie zet door in hbo-opleidingen facility management

H

et onderwijs van studenten facilitair management speelt zich steeds vaker buiten de schoolmuren af. Onderwijs, bedrijfs­leven en onderzoeksinstellingen trekken meer en meer samen op. Beperkte die samenwerking zich eerst vooral tot het mbo, ook in het hoger beroepsonderwijs raken theorie en praktijk steeds meer verstrengeld. Een kijkje achter de schermen bij de praktijk­ ervaringen van schoonmaakbedrijf Gom. Zo trokken studenten Facility Management van de Hanzehogeschool Groningen eropuit voor een onderzoek naar hospitality. Hogeschool Rotterdam liet studenten, in opdracht van Gom, de aantrekkingskracht van campussen in kaart brengen. ‘Als die student straks ergens gaat solliciteren heeft hij of zij niet alleen maar theoretische kennis opgedaan, maar ook al relevante praktijkervaring’, zegt Johan Hoekstra, senior beleidsadviseur Facilitair Bedrijf van de Hanzehogeschool.

Zo kwam er in het voorjaar van 2018 een innovatiewerkplaats Campus Design op de Hanzehogeschool Groningen, bedoeld om praktijkvragen te integreren in het onderwijs. Met Gom en de Hanzehogeschool Groningen hebben ook de gemeente Groningen, bedrijvenvereniging WEST en Triade hiervoor de handen ineen geslagen. De Hanzehogeschool heeft inmiddels zo’n vijftig van die werkplaatsen, verdeeld over alle opleidingen. ‘Zo’n innovatiewerkplaats kan een fysieke omgeving zijn, maar ook een virtuele. Waar het om gaat is dat het een samenwerking is tussen onderwijs, onderzoek en beroepspraktijk en er reële opdrachten worden uitgezet. Dat kan een eenmalige opdracht zijn, maar het is bij voorkeur een langer lopende samenwerking. In ieder geval zit er een samen­ werkingsconvenant achter.’ Kijk voor meer informatie op gom.nl/onderwijs.

TRENDS IN ONDERWIJSLAND Techniek is ‘hot’. Geen onderwerp scoort in onderwijsland zo hoog als techniek en technologie. Na jaren de noodklok te hebben geluid over tekorten aan technisch opgeleide leer­ lingen en studenten, kan het bedrijfsleven nu meesurfen op het inmiddels onderkende belang van techniek en technologie. Niet alleen in het voortgezet onderwijs, maar zelfs in het basisonderwijs wordt vroegtijdig interesse voor techniek gewekt. Waar we enerzijds de bezwaren kennen van ‘vroegkeuze’ lijkt dit voor de keuze richting techniek en technologie niet te gelden. Ook de ombuiging van geldstromen van de overheid accentueert het accent op techniek. Een voorbeeld is het inmiddels veel geciteerde rapport ‘Wissels om’ voor de universitaire wereld. Ook de Voorjaarsnota toont de focus op techniek. Naast reeds bestaande geldstromen stuurt de regering extra middelen naar mbo en hbo opleidingen in deze sector. Het absorptievermogen van deze financiële middelen zal geen probleem vormen, het blijvend rendement mogelijk wel. Gelijktijdig rijst de vraag of een ander onderwijsbeleidsaspect niet in de knel komt, namelijk loopbaanoriëntatie en –begeleiding, afgekort als LOB. Naast alle andere aspecten van een goed LOB-beleid, staat centraal: ‘Leer nadenken over wat je kunt en wie je bent en relateer dat aan werk dat je wilt gaan doen’. Te vroeg en te veel pushen in een - economische - richting kan op de lange termijn schadelijk zijn voor de betrokkene en dus nadelig voor die sector van de arbeidsmarkt. Overigens is de wijze waarop LOB binnen veel scholen en onderwijsinstellingen aange­ boden wordt een nadere analyse waard. Waar de uitgangspunten duidelijk benoemd zijn (de vijf loopbaancompetenties van prof. dr. Marinka Kuijpers) en beleden worden, blijkt het in de onderwijspraktijk nog al eens te verworden tot een extra vak. Hopelijk zijn het slechts ‘kinderziekten’, behorend bij de invoering en kan verdere scholing van begeleiders de uitgangspunten recht doen. Het Nederlands onderwijsstelsel en Europese kaders raken elkaar in een combinatie van letters die in onderwijsland nog niet is ingeburgerd: NLQF. Voluit en vertaald spreken we over het Nederlands Kwalificatieraamwerk. Ruim 10 jaar nadat het Europees Parlement het EQF vaststelde, start Nederland wetgeving op dit onderwerp. Inmiddels heeft de Onderwijsraad duidelijk geadviseerd en kan het wetsvoorstel tege­ moet gezien worden. Ons onderwijsstelsel met zijn acht kwalificatieniveaus, vanaf vmbo basis­beroepsgericht tot en met master en doctoraal, wordt via het NLQF ondergebracht in het reeds bestaande Europese equivalent. De vraag is, blijft het bij een eenvoudig wetsvoorstel waarbij vergelijkbaarheid en waardering van opleidingen en diploma’s de intenties zijn, of streeft de minister naar een breed opgetuigd wetsvoorstel? In het laatste geval verdwijnt het voordeel van de eenvoud in een extra hoofdstuk onderwijsbureaucratie. Jaap de Kruijf

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

19


Oog voor ontwerpen voor de toekomst is het thema van deze Schooldomein. In de rubriek Architectuur en verbeelding geven architecten, ontwerpers en inrichters mooie voorbeelden daarvan.

NS, MECANOO EN GISPEN “Lezen, chillen, werken, mijmeren, het kan nog beter in de reis van morgen!” NS brengt op een gemiddelde werkdag 1,2 miljoen reizigers naar hun bestemming en dat worden er ieder jaar meer. Om ook in de toekomst Nederland goed bereikbaar te houden voor iedereen, denkt NS voortdurend vooruit hoe de reis beter en prettiger kan. Vernieuwen kan en wil NS niet alleen. Daarom heeft de vervoerder de krachten gebundeld met architectenbureau Mecanoo en projectinrichter Gispen rondom de uitdaging hoe ín de treinreis van morgen meer mensen een plek te geven en tegelijkertijd hun reisbeleving te vergroten. Meer capaciteit én een aangename reis waarin de reistijd door de reizigers wordt beleefd als eigen tijd; tijd om te relaxen, te werken, te studeren of elkaar te ontmoeten. Het nieuwe treininterieur is volledig gebaseerd op wensen van reizigers. Samen met Mecanoo en Gispen onderzocht NS waar reizigers in de trein behoefte aan hebben. Reizigers benoemen zes categorieën van activiteiten die ze graag in de trein willen doen. Zo zijn er activiteiten waar concentratie voor nodig is, als werken en studeren of juist ontspannende activiteiten, zoals lezen, film kijken of een spelletje doen. Daarnaast heeft ook een groep reizigers behoefte aan sociale activiteiten zoals bellen en gezellig samen reizen en bijpraten. Op basis van deze drie clusters van reizigersbehoeften zijn twaalf flexibele interieurmodules ontworpen. TOEKOMST BESTENDIG Het uitgangspunt van het ontwerp was om de trein te benaderen zoals een interieur in een gebouw, geen huls gevuld met stoelen maar een totaalconcept. Door een modulair grid toe te passen wordt iedere centimeter benut en passen de modules als bouwstenen in de trein. Sarah Schiffer, product en concept manager bij Gispen vertelt: “De modules zijn geschikt voor elk type trein en kunnen in een treinstel gecombineerd worden, zodat elke reiziger meer plek in de spits heeft en buiten de spits een plek naar wens kan vinden. Door op een modulaire en circulaire manier te ontwerpen is dit concept tijdloos en universeel inzetbaar. Kijk voor meer informatie op gispen.com

20

SCHOOLDOMEIN

juli 2019


ARCHITECTUUR EN VERBEELDING

MAIKEL SUPER – KOSCHUCH ARCHITECTS “Een vanzelfsprekend huis voor een breed scala aan voorstellingen” Sinds 1847 heeft het Musis Sacrum een uiteenlopende reeks van verschij­nings­ vormen gekend. Het resultaat was een ingewikkeld ruimtelijk complex dat niet goed functioneerde met een gedateerde uitstraling. Desondanks is het gebouw geliefd in Arnhem en omstreken. Het project bestaat uit de renovatie van het bestaande monument en de sloop/nieuwbouw en uitbreiding van de grote zaal evenals de inpassing van ondersteunende functies en entree­gebied. Het ontwerp grijpt terug op de essentie

van het Musis Sacrum: het genieten en ten gehore brengen van muziek in een uitmuntende akoestiek en aantrekkelijke groene omgeving. Door geen concessies te doen aan de akoestiek en de multi­functionaliteit kan het Musis Sacrum het vanzelfsprekende huis worden voor een breed scala aan voorstellingen, van symfonische muziek tot popmuziek en alles daartussenin. De uitbreiding is vormgegeven als een uitnodigend en alzijdig paviljoen in het park dat het bestaande monument op respectvolle wijze aanvult en als zodanig in het land-

schap is opgenomen. De concertzaal heeft achter het podium een grote glazen gevel met uitzicht op het Musispark als ‘groen decor’, welke ook te openen is voor openluchtvoorstellingen. Bestaand en nieuw worden door een gemeenschappelijke plint met elkaar verbonden, waarmee het Musis Sacrum een eigentijdse, nieuwe monumen­ taliteit krijgt die hoort bij een muzikaal programma van dergelijk niveau. Kijk voor meer informatie op fritsvandongen.nl en op koschuch.com.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

21


Tekst Gertjan Verbaan - DGMR Adviseurs

We want MOR praktijk! Vrijdagmorgen half 9 kom ik aan op de bouwplaats. Daar waar vroeger het Bouwkunde-gebouw van TU Delft stond is nu een experimentele wijk in een groene oase ontstaan. Geen maquettes meer, maar echte gebouwen. Vrachtwagens en bouwkranen, bouwvakkers en studenten. Studenten? Hier wordt hard gewerkt om een prototype op tijd klaar te hebben voor de oplevering op 3 juni. Om daarna alles weer uit elkaar te halen en nog een keer op te bouwen in Szentendre, Hongarije.

H

et MOR-team van de TU Delft bouwt het prototype van een energie producerend appartement in The Green Village in Delft. Het team Modulair Office Renovation (MOR) speelt met hun ontwerp in op de problematiek in Nederlandse steden. Aan de ene kant de grote vraag naar woningen en aan de andere kant de leegstand van kantoorpanden. Het typische ontwerp van een kantoorpand met betonnen structuur is uitgangspunt voor een energieneutraal appartement met slimme (ontwerp)technische oplossingen. DUURZAAM ONTWERPÂ Het doel van deze groep van 52 studenten: winnen bij de Solar Decathlon Europe 2019 in Hongarije. Daarvoor zijn ze al ruim een jaar bezig met organiseren, ontwerpen en ontdekken. Wat is het klimaat in Hongarije in de zomer? Hoe kunnen we aan de eisen voldoen? Maar ook: hoe maak je dat? Door hun enthousiasme weten ze een hoop partners aan zich te binden, van TBI groep tot ABN Amro en van DGMR tot De Groot & Visser. Vanaf september 2018 coach ik ze samen met collega Peter van de Leur op

22

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

het gebied van bouwfysica, duurzaamheid en brand­ veiligheid. We geven hier en daar praktische tips over een energie of akoestische berekening of te gebruiken materiaal. Het duurzame ontwerp richt zich enerzijds op de testsituatie in de hete zomer in Hongarije. Anderzijds is het een voorbeeld van herbestemming van een kantoor naar wonen aan de hand van een echte case in Rotterdam (de Marconi-torens), dus ook ontworpen op ons Nederlandse klimaat. Het ontwerp vordert en er komen extra partners bij die ook de producten gaan leveren. Met een strakke planning en veel inzet werken ze sinds 15 april toe naar de oplevering op 3 juni. PRAKTIJKTESTEN We lopen een rondje over de kleine bouwplaats waar een flinke groep mensen actief is. Door de slijptol kunnen we elkaar amper verstaan, maar we zien nog wel de gaten in de kierdichting en de improvisaties die gedaan moesten worden. Het schuifraam in het gevelkozijn moet nog wat beter afgesteld worden en hoe krijg je die naad van 30 mm daar dicht? Kleine details als je kijkt naar de grote stappen die in korte


ONTWERP EN INRICHTING

Solar Decathlon

tijd gemaakt zijn. Bewondering voor wat het MORteam in zo’n beperkte tijd met zo weinig ervaring voor elkaar hebben gekregen. DGMR kijkt straks mee bij praktijktesten met infrarood en voor luchtdichtheid en geluid om te beoordelen hoe goed het gebouwtje hier al is. Maar ook om te leren hoe het nog beter kan, als straks het appartement weer gedemonteerd en in Hongarije opgebouwd is. Het team wil tenslotte ook

“We geven hier en daar prak­ tische tips over een energie of akoestische berekening of te gebruiken materiaal” echt voor de eerste prijs gaan. Aanschouwend onder­ wijs in zijn meest praktische vorm en voor ons als DGMR-adviseurs leuk om een steentje bij te dragen. Aan de grote tafel in de geïmproviseerde directiekeet (de installatieruimte van het entreegebouw van Green Village) draait alles rondom de planning en de info die hier via de laptop binnenstroomt. LEREN OVER DUURZAAMHEID Eigenlijk hebben de studenten nu al gewonnen; ze hebben enorm veel geleerd en in de praktijk gebracht. Heel mooi dat TU-studenten nu al kennis­

Het team Modulair Office Renovation (MOR) gaat in juli 2019 naar Hongarije om mee te doen aan de Solar Decathlon. Tijdens deze internationale competitie strijden studententeams van over de hele wereld om een woning te bouwen die energetisch onafhankelijk is en gebruik maakt van zonne-energie. Het MOR-team van de TU Delft is één van de zestien finalisten die hun inzending in Hongarije bouwen en twee weken lang testen. Adviseurs van DGMR helpen het MOR-team toewerken naar een succesvolle bouw van het prototype. Voor bouwfysica, duurzaamheid en brandveiligheid beoordelen we de oplossingen die studenten aandragen. En we coachen de studenten om tot een zo goed mogelijk eindresultaat te komen. Het doel is het Delftse team te overtreffen dat in 2014 tijdens de Solar Decathlon maar liefst vijf prijzen won. Een bijzondere manier van kennisdeling en kennisontwikkeling voor DGMR, naast de interessante stage- en afstudeerplekken voor bijvoorbeeld Haagse Hogeschool, Hogeschool Rotterdam en TU Delft die we al jaren aanbieden.

maken met de ontwikkeling naar duurzaamheid. Niet alleen met de praktische kant van het bouwen, maar ook het hele proces met alle betrokken partijen, de financiën, het geregel, de communicatie en de pers. En dat terwijl veel studenten tegelijkertijd ook nog met hun Master afstudeerproject bezig zijn. Overdag op de bouw, ‘s avonds en ‘s nachts achter de computer om die andere deadlines te halen. En het mooie is dat het prototype nog een keer terugkomt. Na de expositie in Hongarije komt het energie producerende appartement terug naar Delft en krijgt het een vaste plek in de Green Village, zodat ook de volgende generatie ermee verder kan. En wie weet inspireren ze de eigenaar van de Marconi-torens om de stap naar schaalvergroting echt te wagen. Op naar een duur­ zame toekomst met de studenten van TU Delft! Gertjan Verbaan is senior adviseur en unitmanager bouwfysica/ duurzaamheid bij DGMR Den Haag. Kijk voor meer informatie op dgmr.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

23


Tekst Sibo Arbeek

VERBINDING ALS BINDMIDDEL

Het proces naar een gebouw dat past Een goed gesprek over IKC Ter Aar. Dat is althans de werktitel van het nieuwe landhuis dat het centrum van het dorp Ter Aar gaat worden. Waarbij verbindingen centraal staan en het gebouw nadrukkelijk onderdeel is van het landschap. Maar het begon allemaal bij drie scholen die op inhoud wilden samenwerken.

24

SCHOOLDOMEIN

juli 2019


ONTWERP EN INRICHTING

A

an tafel zit een rijk gezelschap van directeuren en adviseurs: “Marijke Kieboom van PC De Fontein, Maria Uyttewaal van RK De Vosseschans, Eveline Hilkes van het openbare Het Kompas, procesmanager Jan Willem van der Linde van de gemeente Nieuwkoop, landschapsarchitect Marnix Vink van Felixx, architect Bart van Kampen van De Zwarte Hond en Mijke Kromdijk van ICSadviseurs die het proces begeleidt. Jan Willem trapt af: “Voor de herindeling in 2008 naar de nieuwe gemeente waren de betrokken drie scholen al bezig met nieuwe huisvesting. Twee gebouwen waren er slecht aan toe en in het proces naar een nieuw gebouw ging Het Kompas ook mee. Het is toen een tijdje blijven liggen vanwege de herinde-

het proces het inzicht dat er een landschaps­ architect geselecteerd diende te worden. Marnix heeft vervolgens een masterplan gemaakt waar het schoolplein wordt verbonden met het omliggend landschap en de sportvelden. Toen wij begonnen als adviseur hadden wij niet kunnen bedenken dat de oorspronkelijke opgave zou uitgroeien tot deze schaal.”

ling tot het bureau KAW uit Rotterdam opdracht kreeg een locatiestudie te doen voor een zorgcomplex en een brede school in Ter Aar. Uit dat onderzoek is de uiteindelijke locatie voor de brede school gekozen.” Mijke Kromdijk vult aan: “We begonnen met een programma van eisen voor drie scholen die verre­gaand wilden samenwerken in een nieuw onderwijsconcept met twee kinderopvangorgani­ saties. Gaandeweg kwam ook de sporthal erbij en toen ook de bibliotheek en het Centrum voor Jeugd en Gezin. En dat allemaal op een complexe nieuwbouwlocatie waar de beperkte omvang van het kavel en de kritische houding van omwonenden in de te lopen bestemmingsplanprocedure veel beperkingen stelt aan het te realiseren bouw­volume. De complexiteit van de opgave bracht gedurende

is. Dat noemen wij verbindend sterker zijn. Ik heb voorbeelden in het land gezien van drie schoolpleinen naast elkaar in hetzelfde dorp, wat niet logisch is. Je bent drie aparte vakjes in een gemeenschap, maar je voetbalt ver­volgens wel met elkaar. Dat is toch gek?” Eveline: “Je moet het wel uitleggen. Ouders kiezen soms bewust voor een openbare school. Wat wordt dan straks het nieuwe concept?” Maria knikt: “We hebben broed- en zwermsessies georganiseerd en dat heeft veel opgeleverd. We hebben ook een koers­ notitie opgesteld, samen met de ouders. Dat gaat over eigen identiteit en ontwikkeling en houd je zover op de rails dat er ook ruimte overblijft om ervan af te wijken. Dat koersdocument is de basis voor het inhoudelijk programma van eisen. We vinden rekenen en taal als basis belangrijk, dus willen we instructie-

VERBINDING BELANGRIJK Marijke Kieboom knikt: “We wilden als drie scholen elkaar niet als concurrent zien, waardoor we onze expertise voor een dorp als Ter Aar konden bundelen. Je bent er voor alle kinderen en we wilden ook naar de gemeenschap uitstralen dat verbinding belangrijk

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

25


ruimten. Maar we werken ook met 21e-eeuwse vaardigheden waar een ander type ruimten voor nodig is. Goed onderwijs is onderwijs dat voortdurend in ontwikkeling is. We wilden dus een flexibel gebouw dat dat allemaal kan faciliteren.” KEUZEN MAKEN Bart: “Vanwege de krappe plot hebben we gekozen voor een drielaags gebouw met vier units en daarin groepsruimten die open maar ook gesloten kunnen zijn. Daarnaast zijn er open leerpleinen die verbonden zijn met het hart.” Maria: “We noemen het groots in het gebouw, maar klein in de beleving. In die vier units ervaar je kleinschaligheid en dat willen ouders ook. Op elke verdieping heb je contact met buiten en we gaan bewegen en buiten leren ook stimuleren. We hebben allemaal een plek gekregen en het gebouw heeft een centraal hart dat vanuit alle voorzieningen zichtbaar is.” Mijke: “Die groei tijdens het proces heeft veel tijd gekost. We wilden daarom een architect

Vlnr: Marijke Kieboom, Maria Uyttewaal en Eveline Hilkes

“De koersnotitie gaat over eigen identiteit en ontwikkeling en houd je zover op de rails dat er ook ruimte overblijft om ervan af te wijken” selecteren die als ontwerphouding breed en flexibel kon denken. Door de krappe kavel en het meerlaags gebouw moest je soms andere keuzen maken. In het begin wilde iedereen op de begane grond; uiteindelijk ging het centrum voor jeugd en gezin naar de eerste verdieping. De BSO gaat de open leerpleinen gebruiken, de plek van de jeugdcollectie en de maakruimte van de nieuwe school. Daardoor ontstond ruimte.” Marijke: “Zo hebben we een deel van onze ruimte aan de bibliotheek toegerekend, waarbij het deel voor volwassenen op de begane grond zit en de jeugdcollectie boven bij het onderwijs. Doordat je er zo mee bezig bent elimineer je wat niet kan. Je kunt het wel willen, maar zo werkt het niet. Daarom is zo’n projectgroep onder leiding van ICSadviseurs zo goed; een buitenstaander helpt om in te zoomen en waar nodig te masseren, maar ook om met elkaar de helicopterview te houden.” LANDHUIS TER AAR Bart: “Het gebouw krijgt de uitstraling van het landhuis voor Ter Aar. Vroeger was het landhuis voor de elite, nu heeft het onderwijs die rol, omdat het de volgende generatie vormt. Doordat je grenzen slecht ontstaat een verbinding met de gemeenschap. Daarom wilden we gebouw, buitenruimte en openbare ruimte ook met elkaar verbinden.” Landschaps­

26

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

architect Marnix legt uit: “Het gebied dat wij aan elkaar rijgen is 70.000 vierkante meter groot en biedt straks ruimte om te ontspannen, sporten, ontmoeten en recreëren.” Jan Willem: “Door dat krappe kavel in relatie met onze ambities en de bijzondere plek realiseerden we ons hoe belangrijk voldoende groen is in combinatie met slim medegebruik; de medewerkers van het IKC kunnen straks bij de voetbal parkeren, waardoor we geen grote parkeerlocatie hoeven aan te leggen. Daarnaast wordt de grote sportzaal verdiept gebouwd.” Bart: “En we bouwen het zo duurzaam mogelijk. Behalve de beperkte footprint wordt het gebouw grotendeels installatie-arm. Dat betekent dat zeker zes maanden per jaar de installatie uit kan.” KERS OP DE TAART Marijke: “Op papier is alles compleet uitgewerkt, maar we gaan pas over twee jaar het nieuwe gebouw in. Die tijd gebruiken we om samen aan onze vernieuwende onderwijsconcepten te werken. Daarnaast worden we straks een school voor 550 leerlingen en moeten onze drie culturen samensmelten. Onze kinderen moeten leren om straks in een heel andere ruimte te gaan leren en werken. Dat vraagt iets van leerkrachten en ook van onze kinderen. Hoe krijg je rust in een grote groep kinderen, waarbij je thematisch gericht onderwijs wilt geven en kinderen zelf hun leervragen mogen stellen?” Bart: “Ik ben daarom blij dat het vermogen om te verbinden vooral bij de scholen zit. De gemeenschap van Ter Aar krijgt straks een echt cultuurhuis, waarin alle maatschappelijke functies hun plek gaan vinden. Met natuurlijk een grand café. Het wordt de centrale ontmoetingsplek met loungeplekken, van waaruit je in de sporthal kunt kijken. Er komt een grote leestafel in en alle medewerkers kunnen elkaar daar ‘s morgens bij hun eerste kop koffie ontmoeten. Het is mooi om te zien hoe in dit proces de grenzen zijn vervaagd, waardoor er voor iedereen meerwaarde is ontstaan. Misschien is dat wel het centrale thema van dit gebouw.” Maria knikt: “En het gebouw is niet maatgevend, maar wel de kers op onze taart.” Kijk voor meer informatie op icsadviseurs.nl.


ONTWERP EN INRICHTING

LIAG: 100 JAAR ONTWERPEN AAN GEZONDE EN TOEKOMSTBESTENDIGE ONDERWIJSOMGEVINGEN

Architecten van geluk LIAG architecten en bouwadviseurs viert dit jaar zijn honderdjarige bestaan. De ontwerpvisie is in al deze jaren nooit veranderd. Nog steeds is voor LIAG een onderwijsgebouw pas geslaagd als het bijdraagt aan het welzijn van de leerlingen en docenten. Als het een plek is waar iedereen zich thuis voelt en als het uitnodigt tot ontmoeting. Een gezond gebouw dat gebruikers uitdaagt het beste uit zichzelf te halen.

D

e eerste school bouwde LIAG 90 jaar geleden voor Philips in Eindhoven, de eerste bedrijfs­ school van Nederland voor bijna 4.000 leerlingen. Het onderwijsaanbod was er divers en het aantal ruimten uiteenlopend. Naast werkplaatsen en laboratoria waren in dit gebouw verschillende les­vertrekken gesitueerd. Dit waren veelal vrij knusse kleine klaslokalen. Dirk Roosenburg, oprichter

van LIAG, had in die tijd al oog voor het welzijn van de leerling. Er was een grote speelplaats aanwezig. Lichamelijke opvoeding vormde een belangrijk onderdeel van het onderwijsprogramma. Een gezonde geest in een gezond lichaam was het uitgangspunt. In het gebouw kwam een overvloed aan daglicht binnen door de grote raampartijen. Dit zorgde voor een positieve invloed op het welzijn en de productiviteit.

Het meest opvallende element zijn de vrijstaande huisjes op de leerpleinen (foto: Ben Vulkers)

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

27


Aan de vide zijn zones gemaakt

Het IJburg College is een levendige

waar de kinderen individueel of

leergemeenschap waar leerlingen

in groepen kunnen werken (foto: Ben Vulkers)

Verspreid door het gebouw is een diversiteit aan werkplekken te vinden

kleur geven aan de school (foto: Ben Vulkers)

Interieurelementen zijn ingezet om eigen plekken te creëren (foto: Ben Vulkers)

leerlingen. Nu, 12 jaar later, blijkt het concept zonder enkele verbouwing of de wens om te verbouwen nog steeds bijzonder succesvol. Het gebouw won in 2008 de Scholenbouwprijs (foto: Iemke Ruige) Om een gevarieerd gebruik, ook voor de toekomst, te

STIMULERENDE OMGEVING In 2007 ontwierp LIAG een multifunctioneel onderwijsgebouw voor vmbo: het Niekée in Roermond. Later in 2014 werd er de leerroute Agora aan toegevoegd. Het doel was om leerlingen voor te bereiden op een leven lang leren. Bij Agora zitten alle leerlingen van alle niveaus en leeftijden bij elkaar in een vaste coachgroep. Iedere leerling maakt vanuit zijn eigen wensen en vragen een persoonlijke leerroute. Om deze reden ondersteunt het gebouw het natuurlijke leerinstinct en interesses van de leerlingen. Een fysieke omgeving die de verwondering stimuleert met ruimtes waarbij alle zintuigen geprikkeld worden. Het gebouwconcept is open met een groot atrium en verschillende veelkleurige volumes die door de leerlingen vrij kunnen worden gebruikt. Overal zijn plekken waar leerlingen kunnen werken. Rondom het atrium bevinden zich de klaslokalen, die door middel van transparante wanden van elkaar gescheiden zijn. Het gebouw werkt als een uitdagende fabriek, een atelier, een werkplaats. De lerarenkamer wordt omgetoverd tot grand café, de grote wand in het atrium wordt een klimmuur, de prachtige receptie een werkplek voor

garanderen, zijn werkruimten als doosjes in de open ruimte gehangen (foto: Iemke Ruige)

28

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

MAXIMALE FLEXIBILITEIT Toekomstbestendige onderwijsgebouwen moeten zich aan kunnen passen aan veranderende pedago­ gische concepten. Ook veranderende leerlingenaantallen hebben hierop invloed. In architectonisch opzicht moeten de gebouwen daarom een grote, ruimtelijke flexibiliteit hebben, zodat ze in de toekomst makkelijk kunnen worden aangepast aan nieuwe ontwikkelingen. Om al de verschillende wensen in het gebouw mogelijk te maken, zijn daarom draagconstructies nodig waartussen veranderbare plattegronden ontwikkeld kunnen worden. De constructie en de logistiek zijn vast, de rest is flexibel van opzet om ruimten multifunctioneel te gebruiken en vrij in te delen, passend bij de verschillende werkvormen en wisselende groepsgroottes. Denk aan lokalen met brede (glazen) schuifpuien rondom een leerplein. Ruime gangen die zijn ingericht als studieplek. Een trap als tribune bij voorstellingen, een vensterbank die als leesplek fungeert. VRIJE STRUCTUUR Het door LIAG ontworpen IJburg College I in Amsterdam verrees in 2011. Opvallend aan het interieur van deze school is dat het geen gangen kent. Zonder gangen verdwaal je niet en ben je altijd


ONTWERP EN INRICHTING LIAG 100 JAAR Al een eeuw lang wijdt LIAG architecten en bouwadviseurs zich aan het realiseren van duurzame, flexibele en toekomstbestendige gebouwen. Naast sport- en zorggebouwen nemen onderwijsinstellingen van basisonderwijs tot aan universiteiten en hogescholen een belangrijke plaats in het portfolio. De projecten van LIAG kennen een hoog ambitieniveau op het gebied van duurzaamheid, circulariteit en gezond bouwen. LIAG is een bureau dat zich het beste thuis voelt bij complexe projecten. Complex kan betekenen dat er veel verschillende stakeholders bij betrokken zijn, dat uitdagende bouwkundige oplossingen bedacht moeten worden of dat een gevarieerd en multifunctioneel PVE naar een ontwerp vertaald moet worden. Zo wordt LIAG vaak gevraagd als men innovatieve vernieuwende onderwijsconcepten wil vertalen. Het bureau heeft dan ook de ontwerpen van de eerste school zonder klaslokalen en de eerste Agora-school van Nederland op haar naam staan. Met een eigen bouwadviesafdeling gaan zij ver in de samenwerking met de opdrachtgevers en partners. Zo treedt het bureau op als aannemer of blijft het na oplevering verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van een gebouw.

In 1929 verrees de eerste bedrijfsschool van Nederland

zichtbaar: dat is de visie van de school. Om de kleinschaligheid te waarborgen is het gebouw opgedeeld in zes deelscholen van ieder maximaal 200 leerlingen. Iedere deelschool is gevestigd in een grote ruimte - het leerplein - met daaraan gekoppeld een aantal lokalen voor onderwijs of zelfstudie. De leerlingen worden gestimuleerd zoveel mogelijk zelfstandig te studeren. Het interieur faciliteert dat. Het grootste gedeelte van de dag bevinden de leerlingen zich in hun deelschool, met uitzondering van een aantal lessen die in vaklokalen buiten de deelschool worden gegeven. LIAG ontwierp samen met interieur­ architect Ateliers een open basis, vrij invulbaar voor de school. Op de vloeren van de deelscholen is een grid aangebracht. Dit geeft een structuur om de meubelen vrij te kunnen verplaatsen, afhankelijk van de behoeftes. Doordat alles open en licht is, is de sociale veiligheid groot. Alles wat in de school gebeurt is zichtbaar. Het interieur is ingetogen en neutraal vorm gegeven voornamelijk in de kleuren grijs, zwart en wit. De leerlingen geven zelf kleur en sfeer aan de school. KINDGERICHT GEBOUW IKC De Toverberg (2017) in Zoetermeer, is één van de eerste scholen zonder klaslokalen. In wisselende leergroepen wordt het onderwijs hier afgestemd op de leerbehoeften van de kinderen. De leerlingen krijgen instructie in hun eigen basisgroep, maar werken voor sommige opdrachten samen met leerlingen uit andere basisgroepen. Dan worden ze bijvoorbeeld ingedeeld op gedeelde interesses of leerstijlen. De onder-, midden- en bovenbouw zijn verdeeld in verschillende niveaus door middel van een split level, die op zijn beurt door los meubilair verdeeld is in verschillende zones. Tijdens het werken, spelen en oefenen komen

“In archi­ tec­tonisch opzicht moeten de gebouwen daarom een grote, ruimtelijke flexibiliteit hebben”

de kinderen elkaar tegen in de ontdekhoeken of bij de werkplekken zodat ze van elkaar kunnen leren en met elkaar kunnen sparren. Bovendien zijn alle zones zo ontworpen dat ze als klaslokalen kunnen worden gebruikt. Vensterbanken zijn zo ontworpen dat je erop kunt zitten of om in kleine groepen samen te werken. Een brede houten trap met een grote glijbaan staat midden in de ruimte en zorgt voor een heldere routing. AANPASBAAR VOOR DE TOEKOMST Oog voor de toekomst heeft zeker ook het derde Onderwijsgebouw voor de Wageningen University &Research (WUR) wat binnenkort in uitvoering gaat. Een uiterst flexibel gebouw met een modulaire opzet. Het gebouw kenmerkt zich door een open structuur. Aan het atrium, die bijeenkomstfuncties en food pop-up voorzieningen herbergt, zijn de verschillende onderwijs- en laboratoriumruimten verbonden. Een ruime, centrale trap voert door het gebouw. Rondom deze trap is een diversiteit aan werkplekken te vinden. De opzet bevordert interactie en spontane ontmoeting. Rekening is gehouden met de benodigde aanpasbaarheid, óók voor de toekomst. College­ zalen kunnen met elkaar verbonden worden. En in de toekomst kunnen de collegezalen omgebouwd worden tot laboratoria. Het onderwijsgebouw, ontworpen volgens het BENG-principe, fungeert als hét visitekaartje van de WUR. Zo wekt één van de gevels energie op. Het gebouw heeft daarnaast een ‘groene’ uitstraling. Planten vormen een belangrijk onderdeel in het interieur, dat zich verder kenmerkt door veel daglicht, overzicht en sterke relaties tussen binnen en buiten. Kijk voor meer informatie op liag.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

29


Tekst Sibo Arbeek

EERSTE GASLOZE SCHOOL IN RENKUM BIJNA EEN FEIT

Modulair, flexibel en vooral permanent De nieuwe school wordt gebouwd voor de schoolbesturen SKOVV en PPO de Link in Renkum en biedt onderdak aan De Keijenberg en De Atlas. De bouw is nog in uitvoering, maar de oplevering wordt in augustus verwacht, waarna de leerlingen na de herfstvakantie overgaan. Het wordt het eerste gasloze schoolgebouw in de gemeente.

W

e spreken af op de bouwplaats aan de Hogekampseweg in Renkum waar nog druk aan de school gewerkt wordt. Samen met Toine van Beijsterveldt en uitvoerder Jeroen Spierings van BUKO praten we met beleids­adviseur René Jansen van de gemeente Renkum en de beide directeuren Manja de Hond van De Keijenberg en Rob Hulstein van De Atlas. René: “In 2012 stelden we het IHP vast als planningsdocument; het aantal leerlingen liep terug en verschillende scholen waren sterk verouderd. De twee betrokken besturen kwamen overeen om de vier bestaande locaties te verlaten en terug te gaan naar twee scholen en met een nieuwe eigen identiteit samen een nieuw gebouw te gaan betrekken op deze nieuwe locatie, naast de MFC Doelum, dat eind 2017 is opgeleverd.” Rob knikt: “Wanneer we wat verder terug in de tijd kijken vonden wij het logisch om samen

naar één gebouw te gaan. Ons nieuwe gebouw telt straks 450 leerlingen, verdeeld over de twee scholen. We hebben twee wissellokalen en als beide scholen zouden groeien, kan in het ontwerp makkelijk aangebouwd worden.” FLEXIBEL GEBRUIK Manja de Hond: “Naast de beide scholen komt Kinderopvang Brede Plein er met peuter 3+ en een bso in, die ons samen gaan bedienen en gebruik gaan

“Wij willen het gebouw zo multi­functioneel en flexibel mogelijk inzetten, met zo weinig mogelijk verkeers­ ruimten” maken van onze ruimten. Daarnaast stelt bibliotheek Veluwezoom een jeugdcollectie beschikbaar en daarvoor stellen wij ruimte beschikbaar.” Rob vult aan: “Kijkend naar de toekomst willen we goede doorgaande lijnen hebben. Het is dus belangrijk om deze voorzieningen in het gebouw te hebben. Wij willen het gebouw zo multifunctioneel en flexibel mogelijk inzetten, met zo weinig mogelijk verkeersruimten. Natuurlijk zijn we twee scholen met een eigen identi­ teit, maar we delen het speellokaal, het schoolplein, de aula en een centrale keuken.”

vlnr: Rob Hulstein, Manja de Hond, Toine van Beijsterveldt en René Jansen

30

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

BEELDKWALITEITSPLAN René over het bouwproces: “De scholen vroegen ons bouwheer te zijn, waarbij we goede afspraken


ONTWERP EN INRICHTING

PROJECTINFORMATIE Project Nieuwbouw voor twee basisscholen De Keijenberg en De Atlas in Renkum Opdrachtgever Gemeente Renkum Aannemer BUKO Architect KAW architecten Adviseur Kleissen Bouwmanagement en Advies Stichtingskosten e 5,2 mio incl. btw Bvo 2.600 m2 Oplevering Augustus 2019

hebben gemaakt over het proces. Het bureau Kleissen Bouwmanagement en Advies uit Hengelo heeft het proces- en aanbestedingsmanagement verzorgd en KAW architecten geselecteerd, die het tot het VO+ hebben uitgewerkt om het vervolgens als een Engineer en Build opdracht in de markt te zetten. Vervolgens hebben we een nationale aanbesteding gehouden, waarbij in eerste instantie twaalf partijen zich hebben ingeschreven. Dat aantal werd naar vijf teruggebracht en uiteindelijk heeft BUKO de opdracht gegund gekregen, waarbij we voor 60% op prijs en 40% op kwaliteit hebben geselecteerd.” Toine lacht: “Er was in eerste instantie wat koudwatervrees richting systeembouwen, maar dat konden we goed uitleggen. Bovendien konden we de strakke planning waar­ maken met een bouwtijd van 7,5 maanden: Vorig jaar december zijn we begonnen en in de laatste week van januari stond de staalconstructie. In augustus wordt het gebouw opgeleverd. In eerste instantie was gekozen voor een bouwprincipe met kalksteenwanden, traditioneel metselwerk en de staalconstructie. Wij hebben er voor gekozen met een rode keramische steenstrip te werken. Die is ook gebakken met de kwaliteit van tegelwerk. Hier vind je ook een staal­constructie met kanaalplaatvloeren en houtskeletbouw wanden. Daarop hebben we de stucwerk buitengevel aangepast met de keramische steenstrip. Het voordeel in vergelijk met traditioneel bouwen is dat de constructie en wanden veel lichter zijn. We kunnen daardoor veel makkelijker binnen dit pakket een hogere isolatiewaarde halen. Het is weliswaar systeembouw, maar feitelijk is dit een permanent gebouw dat 40 jaar

staat. Het voordeel is bovendien dat het makkelijk uitbreidbaar is, omdat alleen het staalskelet dragend is. Zolang je van je kolomstructuur afblijft, is het flexibeler dan een traditioneel gebouw.” SPLIT LEVEL Jeroen: “In het gebouw moesten we een hoogte­ verschil van anderhalf meter opvangen; dat merk je straks goed in de aula, waar we met een split level werken. Het wordt een licht gebouw, met aan weerzijden de ruimten voor de scholen. In het hart liggen de aula en het speellokaal, die door een schuifwand te openen is, waardoor een grote ruimte met aan weerszijden tribunetrappen kan ontstaan. Die ruimte is gezamenlijk te gebruiken, maar ook weer apart te scheiden. Vanuit een modulaire lichtstraat valt natuurlijk daglicht deze ruimte in.” René: “Daarnaast is 1.600 m² extra openbaar groen bij de school betrokken om er een natuurlijk speelplein van te kunnen maken.” Rob knikt: “Dat gaan we op een heel natuurlijke manier inrichten en zo afschermen dat duidelijk is dat het vooral voor het spelende kind bedoeld is.” Manja ten slotte: “We werken beiden met het concept van De Vreedzame School, maar in de kleurstelling zijn we straks apart herkenbaar; de Keijenberg werkt met natuurtinten en bij de Atlas komt het thema duurzaamheid overal terug. Ik hoop dat de collega’s van de twee scholen straks op vrijdag in de centrale keuken neerstrijken om nog wat met elkaar te drinken. We kijken uit naar de opening!” Kijk voor meer informatie op scholenvanbuko.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

31


Tekst Sibo Arbeek Foto’s Gispen | Fotografie Chris van Koeverden

Leeromgeving van de toekomst

Van voortgezet onderwijs tot universiteit: dé basis voor een effectieve onderwijsomgeving is een prettige fysieke ruimte. Veel onderwijsinstellingen zijn op zoek naar flexibiliteit, efficiency, een eigen identiteit. En ergonomisch verantwoord leren en werken.

H

et onderwijs evolueert. Studenten werken steeds meer projectmatig. Lesgeven verschuift naar een mix van doceren en coachen. Digitalisering is vanzelfsprekend; laptops en tablets gaan mee de collegezaal of klas in. Tijd- en plaatsonafhankelijk studeren is in opkomst. Al deze ontwikkelingen hebben hun impact op de fysieke leeromgeving. Er is steeds meer behoefte aan multifunctionele accommodaties. Ruimtes die op het ene moment meer traditioneel zijn ingericht, maar ook de flexibiliteit bieden om op een andere manier onderwijs te geven en volgen. De leeromgeving van de toekomst is een plek die docenten en studenten, leerkrachten en leerlingen de ruimte geeft om aan de slag te gaan waar, wanneer en hoe zij dat willen. Samen discussiëren, improviseren en inspiratie uitwisselen maakt leren persoonlijker, interessanter en leuker. VRIJHEID VAN MAATWERK Maarten Houdijk, accountmanager en onderwijsspecialist van Gispen: “Vanuit het motto ‘Duurzaam design’ creëert Gispen onderwijsomgevingen die

32

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

motiveren, stimuleren én die aansluiten bij nieuwe vormen van leren. Samen met Mecanoo architecten doen wij onderzoek naar de leeromgeving van de toekomst. Een tastbaar resultaat van onze samenwerking met Mecanoo is meubelserie HUBB. Een duurzaam en modulair inrichtingsconcept dat custom made onderwijs mogelijk maakt binnen bestaande structuren. HUBB is een serie bouwstenen met een ogenschijnlijk eenvoudige basisvorm, waarmee eindeloos gecombineerd en gevarieerd kan worden. Met HUBB bieden we het onderwijs de vrijheid van maatwerk en het gemak en de kwaliteit van een beproefd systeem. Dit zijn uiteraard belangrijke uitgangspunten voor de inrichtingsoplossingen die wij ontwerpen en produceren. Naast jarenlange ervaring binnen het onderwijs, brengt Gispen veel ervaring in binnen kantoor- en zorgomgevingen.” INNOVATIEF ONTWERPEN Maarten verder: “De circulaire economie is geen hype. Recente ontwikkelingen maken het mogelijk om op een nieuwe manier te produceren en te consumeren. Hergebruik, waardebehoud en minder ver-


ONTWERP EN INRICHTING DRIE PRAKTIJKCASES: Pulse voor verbinding De grote behoefte aan extra onderwijsruimtes vormde voor de TU Delft de directe aanleiding voor het nieuwe onderwijsgebouw Pulse. Daarbij is effectief ruimte­ gebruik, net als voor veel andere onderwijsinstellingen, heel belangrijk. Ofwel: teruggaan in het aantal vierkante meters en ruimtes flexibel inzetten. De studentenaantallen per faculteit fluctueren soms sterk. Daarom is een faculteitsonafhankelijk gebouw gecreëerd, zowel inzetbaar voor onderwijs als voor ontmoetingen en samenwerken. Met als bijkomend voordeel: meer verbinding tussen de verschillende faculteiten. Hiermee slaat de TU Delft meerdere vliegen in een klap: efficiëncy, flexibiliteit en meer ontmoeting en verbinding universiteitsbreed. Gispen verzorgde de totaalinrichting van zowel de horeca- als onderwijsomgeving in het gebouw. Inclusief kabel­ management en projectleiding, want de TU Delft was bewust op zoek naar ‘ontzorging’. Pulse is vanaf de start van studiejaar 2018/2019 in gebruik.

Een strakke basis in grafisch zwart/wit

“Als ontwerper, producent én leverancier van inrichtingen vinden we het belangrijk om een bijdrage te leveren aan de circulaire economie” bruik zijn belangrijke steekwoorden hierbij. Gispen is koploper in de branche als het gaat om circulair huisvesten. Gispen wil zich volledig inzetten voor een circulaire economie. Ons doel is om te transformeren naar een circulair businessmodel dat in 2025 moet staan. Wij kiezen voor circulair ontwerpen, produceren en ondernemen. Als ontwerper, producent én leverancier van inrichtingen vinden we het belangrijk om een bijdrage te leveren aan de circulaire economie. In de ‘oude’, lineaire economie winnen we grondstoffen en verwerken deze in producten, die na gebruik worden weggegooid. In de circulaire economie maken we de cirkel rond. We zorgen ervoor dat we grondstoffen en producten zoveel mogelijk hergebruiken en dus verspilling voorkomen. Dat doet Gispen door innovatief te ontwerpen en produceren en door te adviseren over slim gebruik.

Het pand van het Grafisch Lyceum aan de Vondellaan in Utrecht bestaat uit een hoog atrium dat twee vleugels met elkaar verbindt. In deze vleugels – met elk drie verdiepingen – bevinden zich alle onderwijsruimtes. Het Grafisch Lyceum in Utrecht is een kleinschalige mbo-vakschool op het gebied van media, vormgeving en communicatie. De oude onderwijsruimtes in het pand aan de Vondellaan waren toe aan een update. Een renovatie vormde de basis voor een meer creatieve, sprekende uitstraling. Na een aanbesteding werd Gispen geselecteerd voor interieurontwerp én totaalinrichting. Uniek aan dit project: het eerste ontwerp sloot direct zo goed aan, dat het een op een is doorgevoerd. Eindresultaat: een strakke basis in grafisch zwart/wit, gecombineerd met creatieve en kleurrijke interieurelementen. De oude situatie leverde belangrijke beperkingen op.

Innovatielab op Strijp S Op de campus in Eindhoven groeide de ICT-opleiding van Fontys uit haar jasje. Toen er extra ruimte nodig was voor 300 studenten, besloot Fontys twee verdiepingen te huren in gebouw TQ op Strijp-T. Dit oude Philips-terrein wordt net als Strijp-S compleet herontwikkeld. Een geweldige kans om op deze plek, in het oude industriële erfgoed, een nieuw onderwijsconcept neer te zetten. Fontys Hogeschool ICT opende hier een nieuw InnovatieLab. Twee verdiepingen, bij elkaar maar liefst 2.000 vierkante meter, waar studenten, docenten en bedrijfsleven samenwerken aan innovaties en kennis delen. Voor het interieurontwerp en de inrichting lag er een grote uitdaging: álles moest te demonteren en verplaatsen zijn. Die uitdaging gingen Fontys, Gispen en Bossche Studio’s samen aan.

Kijk voor meer informatie op gispen.com en roomtolearn.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

33


Tekst Sibo Arbeek

BUILDING STUDY DE HENRICUS AMSTERDAM

Geslaagde renovatie met een geweldige akoestiek

Basisschool De Henricus is gevestigd in het Catharina Complex, een monument in de stijl van de Bossche School uit 1953. Architect Hans Berger van Berger Barnett Architecten kreeg de opdracht om de Henricusschool in aansluiting op het nieuwe onderwijsconcept te renoveren tot een gezond, energiezuinig en toekomstbestendig schoolgebouw. En dat is zeker gelukt! Reden voor Ecophon om er een building study te organiseren.

R

obert Muis van Architectenweb trapt af: “De Katholieke basisschool De Henricus maakt deel uit van het zogeheten Catharina Complex, een gemeentelijk monument dat uit twee scholen, een kerk en aanverwante gebouwen bestaat. Het complex is rond 1953 ontworpen door de architec­ten Evers en Sarlemijn volgens de principes van de architect-monnik Dom Hans van der Laan. De Henricus is tijdens de Architectenweb Awards tot schoolgebouw van het jaar 2018 verkozen. De jury was enthousiast over de geslaagde renovatie,

34

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

waarbij met name de detaillering werd geroemd. De tussendeuren zijn voorzien van frameloos glas en het glas bij de rondgang is slim aan de binnenkant van de kolommen geplaatst, zodat het beeld en de beleving van de rondgang overeind blijft. De keuze voor de panelen om de akoestiek in de klaslokalen op te lossen vindt de jury ook goed gevonden.” RENOVATIE OF NIEUWBOUW Roland Kruijsman van Stichting KBA Nieuw West: “Sint Henricus was een bastion binnen de wijk; een


ONTWERP EN INRICHTING

echte buurtschool, maar wel gedateerd. Wij wilden onderwijskundig naar een unitschool groeien en dat kon hier echt niet; behalve de fysieke problemen waren de bovenbouw en onderbouw gescheiden. De lokalen waren alleen buitenom te bereiken; er was geen aula, geen werkplekken voor docenten en een decentrale teamkamer. Bovendien was er geen verbinding tussen het binnen- en buitenterrein, ook omdat de kloostergang in de loop van de jaren was dichtbebouwd. Het was een slecht geïsoleerd gebouw met een matig binnenklimaat en een beroerde

akoestiek. We hebben nog vervangende nieuwbouw aangevraagd, omdat het functioneel en technisch echt verouderd was. Toen we hoorden dat we hier mochten renoveren was onze eis dat dat tegen nieuwbouwkwaliteit moest.” UNIT ONDERWIJS Esther Hafkamp over het unitonderwijs: “De kern is dat ieder kind op zijn eigen niveau kan werken; dat vraagt om anders organiseren van het onderwijs, waarbij je van en met elkaar leert. Kinderen zijn

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

35


eigenaar van hun leerproces en dat helpt ze later weerbare burgers te worden. Wij wilden als organisatie ook groepsoverstijgend kunnen organiseren en personeel inzetten naar interesses en kwaliteiten. Onze basisgroep kent bijvoorbeeld een andere in­ richting van ruimten. Daar zitten twee leerjaren bij elkaar en dat vraagt om een specialisatie van de leerkrachten. Het bestaande gebouw met zijn traditionele inrichting was niet geschikt voor ons onderwijs. Nu is het prachtig opengebroken, zijn de gangen hersteld en hebben we ruimte voor samenwerken met stiltewerkplekken en instructieplekken. Daardoor is er meer maatwerk mogelijk en ervaren onze kinderen meer dat ze zelf keuzes kunnen maken.” HET PLASTISCHE GETAL Architect Hans Berger: “Eind 2015 zijn we met de renovatie en deels uitbreiding begonnen. Een belangrijke opgave was om de transitie naar open werk­vormen mogelijk te maken, zonder daarbij de proporties in de architectuur van het complex geweld aan te doen. Het oorspronkelijke gebouw is bedacht en uitgevoerd volgens de theorie van het plastische getal, waardoor de getallenreeks 1 tot 7 in

“Een belangrijke opgave was om de transitie van klassikaal onderwijs naar open werkvormen te begeleiden, zonder de proporties in de architectuur geweld aan te doen”

de ver­houding van veel elementen is terug te vinden. We hebben veel nieuwe visuele verbindingen en openingen gecreëerd, maar om de oorspronkelijke kwaliteit van het gebouw te behouden en te versterken is er aan de bestaande structuur niet veel veranderd. Door de overdekte buitenruimte, een voormalige klooster­gang, met glas dicht te zetten is er meer ruimte en een betere circulatie in het gebouw gecreëerd. De originele roze deuren zijn in ere hersteld en het oorspronkelijke gebeitste houten plafond is weer zichtbaar gemaakt. Aan de buitenzijde is een nieuwe glazen entree gerealiseerd die de kleuterschool en de lagere school met elkaar verbindt. Naast de mooie nieuwe ingang is een kleine aula ingepast. Samen met de nieuwe erkers is er een doorzicht gecreëerd vanaf de straat naar het binnenterrein. Op de speelplaats is de originele vakkenstructuur weer teruggebracht en gecombineerd met speelelementen van natuurlijke materialen. De luchtbehandeling en akoestiek hebben we zichtbaar onder de prachtige houten plafonds gehangen. Na 70 jaar is de school weer perfect in orde en daarmee een mooi voorbeeld van duurzaamheid.” AKOESTIEK EN DE INVLOED OP LEERLINGEN EN DOCENTEN Concept Developer Bianca Scherpenhuyzen van Ecophon wijst op de kwaliteit van de akoestiek in de klaslokalen en algemene ruimten: “In de aula en de lokalen hebben we voor Solo plafondeilanden gekozen, die en flexibel zijn en maatwerk mogelijk maken. Het mooie is dat je nu de originele houten plafonds weer ziet, waarbij de eilanden niet detoneren. In de gymzaal zijn Super G B panelen aangebracht met een stootvaste afwerking. Uit onderzoek blijkt telkens weer hoe belangrijk een goede akoestiek is. Die was hier slecht en het is daarom mooi dat we in een vroeg stadium konden meedenken met de architect, zodat zijn ontwerp akoestisch versterkt werd en de oorspronkelijke kwaliteit van het gebouw weer zichtbaar is geworden.” Voor meer informatie surft u naar www.bergerbarnett.nl of www.ecophon.nl.


ONTWERP EN INRICHTING

Tekst Christel Witteveen - bbn adviseurs

Samen voor het kind, met één sterke pedagogische basis Vier scholen voor speciaal onderwijs, kinderopvang en jeugdzorg in West-Friesland gaan samen­ werken in een nieuw Integraal Kind- en Expertisecentrum (IKEC). Hier kunnen de leerlingen in een vertrouwde omgeving onderwijs, begeleiding en zorg krijgen. Dat bevordert hun ontwikkeling en leerresultaten en helpt deze groep kinderen zelfstandig te functioneren in onze samenleving.

D

e scholen zijn op dit moment verdeeld over vijf gebouwen in West-Friesland. Tjarda Adema, projectmanager bij bbn adviseurs, ontwikkelt samen met de scholen een plan om ze onder te brengen in één gebouw. Een pand dat ruimte biedt aan onderwijs, opvang én aan zorgverleners. Dan hoeven de kinderen voor afspraken met hun zorgverlener niet meer weg van school. Dat is fijn voor de kinderen en voor hun ouders. VERZAMELDE EXPERTISE “Ik ben zelf moeder en het raakt me wanneer ik kinderen met problemen zie. Ik draag er graag een steentje aan bij dat ook kinderen in het speciaal onderwijs een prettige leeromgeving hebben. Kinderen vinden het vervelend tijdens lestijd door hun ouders opgehaald te worden voor een afspraak met een zorgverlener. Voor de een is dat een gesprek met een psycholoog. Voor de ander een bezoek aan een logopedist of fysiotherapeut. Ze missen dan een paar uur van de les en zo’n onderbreking zorgt voor onrust. Ik vind het een mooi plan om een centrum te maken waar de kinderen de extra hulp in hun vertrouwde schoolomgeving kunnen krijgen. Het is prettig wanneer de verzamelde expertise, die aanwezig is in het gebouw, aangewend kan worden daar waar het kind is.” DE JUISTE BALANS Het nieuwe centrum is een initiatief van Stichting Trigoon, Stichting Kinderopvang Hoorn en Jeugdzorg. Deze partijen werken in de ontwikkeling van het centrum nauw samen met de gemeente Hoorn. “Als projectmanager breng ik alle partijen bij elkaar. Samen met de architect en adviseurs, achterhalen we de kern waaraan het nieuwe gebouw moet voldoen.

“Kinderen vinden het vervelend tijdens lestijd door hun ouders opgehaald te worden voor een afspraak met een zorgverlener”

Met de gebruikers ontwikkelen we vervolgens het plan van eisen en het ontwerp voor het IKEC. Ik zoek de juiste balans tussen het verwerken van nieuwe ideeën en de bedoeling en voel goed aan waar knelpunten zitten. Het IKEC ontwikkelen we samen, waarbij ik één van de schakels in het geheel ben. Net als bij het IKEC is mijn motto ‘Samen voor het kind’. Ik let erop dat het nieuwe gebouw aansluit bij dit mooie motto.” Kijk voor meer informatie op bbn.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

37


Tekst Sibo Arbeek

INTEGRAAL CONCEPT LEREN EN BEWEGEN

IKC De Twijn wordt anders Natuurlijk; het ging over het toekomstige gebouw voor IKC De Twijn, maar daarnaast vooral over bewegend en ontdekkend leren. Dat vraagt om duidelijke keuzen die niet vanzelfsprekend zijn.

D

irecteur van het IKC De Twijn Martijn Beekhof discussieert samen met zijn bestuurder Ad Vos van PIT Kinderopvang & Onderwijs en architect Ronald de Rooij van Topos over de nieuwe IKC en hoe je daar letterlijk beweging in krijgt. Martijn: “IKC De Twijn zit nu nog in twee gebouwen aan de Parallelweg en hier aan de Pieter de Hooch­ plaats; de locaties waar de twee oorspronkelijke scholen zaten. Deze locatie wordt straks gesloten, want vanaf oktober 2020 zit De Twijn in één nieuw gebouw aan de Parallelweg, samen met logopedie en de gedragsspecialisten van 12fly. Toen we over het concept IKC begonnen na te denken stond het nog in de kinderschoenen; eerst was het opvang en onderwijs, nu gaat het om een doorgaande leeren ontwikkellijn tussen 0 en 13 jaar. Wat voor gebouw hoort daarbij?” Ronald: “Het ging eerst vooral om het zo flexibel mogelijk inrichten voor het onderwijs, maar al snel ging het ook over het ontwikkelen op bewegen en motoriek.” Martijn knikt: “Voor de onderbouw is ons thema het spelende kind en voor de bovenbouw maak gebruik van je talenten. Het gaat erom hoe je vanuit een gerichtheid op welbevinden en cognitie ook het motorische deel kunt betrekken. Dus niet ernaast, maar als onderdeel van je visie. We willen veel meer vanuit doelen werken en minder vanuit

38

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

methodieken. Daardoor krijgen leerkrachten meer ruimte om zelf te kiezen.” Ad: “Die ontwikkeling liep parallel aan onze bestuurlijke fusie tussen Stichting Kinderopvang Zwijndrecht en PCOAZ om samen te werken voor kinderen om meer te investeren in het jonge kind om daarmee later erger te voorkomen. In 2011 spraken we de intentie uit, in 2015 zijn we gefuseerd tot PIT Kinderopvang & Onderwijs. In dat proces hebben we ook de activiteiten van de plaatselijke kinderopvangorganisatie in De Twijn overgenomen. Dan heb je je eigen personeel, visie en aansturing.” Martijn knikt: “Dat bracht een positieve versnelling in het proces; ineens waren we collega’s en werkten voor dezelfde baas. Ook vanuit het bouwproces is het veel makkelijker geworden om met partijen en de gemeente samen te werken.” Ad: “We zien De Twijn als een kroon op de fusie, waarin onze visie, missie en ideeën worden gebrandmerkt in een fantastisch gebouw.” ONTWIKKELRECHT Ad verder: “Bewegen is wegbezuinigd door de overheid en de focus ligt overdreven op de cognitieve kant. Wij willen onze kinderen laten bewegen om het brein meer lucht te geven.” Ronald: “Ik merk dat kinderen bijna niet meer kunnen gooien en mikken. Daar heb je hele mooie interactieve spellen voor, waarbij je een bal op nummers op de muur gooit en zo gelijk leert rekenen. Ik haal veel inspiratie en voorbeelden uit Denemarken, waar de overheid net iets meer visie met het onderwijs deelt en durft te expe­rimenteren. Wij willen dat kinderen buiten de reguliere gymles minimaal drie kwartier per dag extra bewegen binnen lessen als rekenen en lezen. Wat je dan hoort is een reactie als: leg het maar weer op het bordje van de leerkracht. Ik begrijp dat, maar in Denemarken zie je dat je kinderen niet aan hoeft te zetten om te bewegen. Als je daar een goede om­ geving bij maakt geeft dat de leerkracht juist meer rust en ruimte. Concentratie gaat beter als ze ook hun


ONTWERP EN INRICHTING

energie kwijt kunnen.” Ad knikt: “In de leeftijd van de kinderopvang zie je de wil om te bewegen. Dat wordt vanaf het vierde jaar weer om zeep geholpen. Ons statement is dat kinderen het recht hebben zich te ontwikkelen. Dat noemen we ontwikkelrecht.” OUDERS GOED INFORMEREN Martijn: “Ik heb de tekeningen van het ontwerp aan alle groepen laten zien. Kinderen mochten meedenken. “Krijgen we dan een rooster om te bewegen”, was een vraag. “Nee, je mag bewegen als je het gebouw binnen komt en soms ook onder de lessen”. Ouders hebben ook op de tekeningen ge­ reageerd: niemand vroeg hoe het met vallen zat. Het is goed voor de ontwikkeling van het kind als het een risicovol spel aan gaat. Dat kan soms een blauwe plek opleveren omdat ze vallen of tegen elkaar opbotsen, maar dat hoort erbij. Zo maken we buiten een ontdekplein, dat modderig kan worden. Dus moet je ze niet de duurste kleren aantrekken.” Ad knikt: “We zullen ouders hierover goed moeten informeren. Als integraal bestuur hebben we ook met de GGD te maken. Dan merk je hoe kleine dingen worden uitvergroot zodat een kind geen enkel risico meer loopt. We zijn doorgeschoten.” INTEGRAAL MEENEMEN Ronald: “Ik merkte met mijn beweegontwerpen dat scholen enthousiast zijn, maar er vervolgens geen budget voor hebben. Inrichten voor bewegen hoort nergens bij. Hier hebben we ervoor gezorgd dat het binnen het bouwbudget gemarkeerd is. Wanneer je het namelijk niet integraal meeneemt, wordt het

“Dan merk je hoe kleine dingen zijn uitvergroot zodat een kind geen enkel risico meer loopt”

Vlnr: Ad Vos, Martijn Beekhof en Ronald de Rooij

lastiger om het later in te passen. Voor bewegen moet je plekken en ruimte maken. Zo maken we een schuine klimwand naast de trap; die zou je er later niet meer inkrijgen. We gaan boven de vide een ruimte maken met een net waarin je kunt klimmen; dat is onderdeel van de constructie. We zijn nu al bezig met toestellen die in de gangen komen. Niet alleen plekken voor bewegen, maar ook een chillplek en een keuken waarin je met kinderen kunt koken. Buiten komt een plek met mooie bomen en een spel-, speelen ontdekzone.” Kijk voor meer informatie over bewegend leren en ontwerpen op topos.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

39


Tekst Sibo Arbeek

MFA NOORDELOOS MARKEERT DE RUIMTE

Natuurlijk gebouw voor en door de gebruikers

40

SCHOOLDOMEIN

juli 2019


ONTWERP EN INRICHTING

Overal kijk je door het gebouw heen en maak je verbinding met buiten; als een prachtig schilderij met het landschap als omlijsting. Je vindt er de school, een kinderopvang, het dorpshuis, een grote gymzaal, een kleine bibliotheek en zelfs een opbaarruimte, die akoestisch zo goed is, dat je er ook muziek kunt maken: MFA Noordeloos bedient het hele leven.

I

k loop met Bonne Maat van Sika en architect André van der Slik van De Zwarte Hond door het net opgeleverde gebouw dat er prachtig uitziet.” André: “De gemeente wilde graag een gemeenschapshuis met meerdere functies in dit dorp. Op verschillende plekken was er leegstand of waren gebouwen verouderd. Dit was de beoogde locatie, tegen de grens van het dorp en het weidse landschap aan. Wij wonnen in 2015 de architecten­ selectie omdat we het forse programma in verschillende delen of huizen hebben opgeknipt en ten opzichte van elkaar ruimtelijk geaccentueerd, waardoor er een verspringend effect ontstaat. Door de kappen hebben we hoogte accenten in het gebouw gebracht, waardoor de lokalen hoger en leuker zijn geworden. Door die verspringing hebben we ruimte om het gebouw heen gehouden en volgen we ook de morfologie van de omliggende wijk, waarbij we zichtlijnen hebben gehandhaafd; vanuit de straten kijk je nog steeds de polder in. Je kunt het gebouw vergelijken met een grote schuur. Daarmee doe je het tekort, maar het raakt wel aan de vormentaal van het landschappelijke gebied, waar je veel houten schuren vindt.” HUISKAMER André verder: “Het multifunctionele komt ook terug in de wijze waarop de open, verbonden ruimten

stimuleren om activiteiten te delen: vanuit de centrale entreepartij kom je in het hart met de balie en de centrale houten trap annex tribune en de professionele horecakeuken; dat wordt de huiskamer van het dorp. De open zaal tegenover de tribune krijgt theaterlampen, zodat er bijvoorbeeld ook concerten gegeven kunnen worden. Het hart met de bieb wordt ook door de school gebruikt en daar komt ook een

“Ik vind deze vloer mooi omdat er een waaiervormig lijnenspel in zit” historische collectie van het dorp te liggen. Vanuit de bar kom je ook zo in de gymzaal, die zowel door de school als door de verenigingen wordt gebruikt. De vergaderkamers worden dubbel ingezet. De School met de Bijbel heeft ook een ingang aan het plein, maar er is één hoofdingang. Het schoolplein en het dorpsplein gaan naadloos in elkaar over en de buitenruimte is echt van de gemeenschap.” CIRCULAIR Bonne Maat: “In het voortraject ben ik al vroeg betrokken om over de vloeren mee te denken voordat het definitieve bestek klaar was. Op basis van de wensen hebben we de vloeren in de MFA en de sportzaal bepaald. We hebben total cost of ownership berekeningen gemaakt, om aan te tonen dat deze vloeren over de totale looptijd aantrekkelijk zijn. Een gietvloer is naadloos, onderhoudsvriendelijk en qua hygiëne perfect. Na tien jaar kun je deze vloer makkelijk voorzien van een nieuw design of kleur. Onze gietvloeren presteren vanuit Frisse Scholen qua uitstoot beter dan andere vloeren en draagt bij aan het frisse gevoel in een school.” André: “Ik vind deze vloer mooi omdat er een waaiervormig lijnenspel in zit. Veel gietvloeren zijn egaal van kleur en daar zie je veel op. Hier zit een bepaalde levendigheid in die goed past bij de rustige kleuren in het gebouw. Het naadloze van de gietvloer verbindt alle ruimten met elkaar. De sportvloer in de gymzaal is combi-elastisch

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

41


en een Klasse 1 (NOC*NSF) sportvloer. Dat was een wens van de gebruiker omdat ze ook festiviteiten in de zaal willen houden.” André: “De gymzaal kan ook open worden gezet, zowel naar binnen als naar buiten, dat maakt hem erg geschikt voor multifunctioneel gebruik.” NATUURLIJKE MATERIALEN Opvallend zijn de natuurlijke materialen, de lange zichtlijnen en het vele licht dat in het gebouw valt. André: “Het gebouw is energieneutraal met een EPC van 0. Het heeft een vloerverwarmingssysteem en wko-opslag. Er ligt deels sedem op het dak en verder veel zonnepanelen. De gevels zijn van verantwoord Siberisch lariks en de kern is een staalconstructie, die op termijn weer gedemonteerd kan worden. Door de vele openingen en zichtlijnen is er voortdurend contact met buiten.” Bonne: “De toplaag van de combi elastische sportvloer is 100% circulair, deze is op de houten onderconstructie verlijmd. Dit specifieke type sportvloer is zo sterk dat je er met een heftruck op kan rijden en dan blijft de vloer nog goed. Wist je dat deze dempende laag van gemalen vliegtuigbanden is gemaakt? Deze dempende laag (Regupol® shockpad) zorgt voor een uitmuntende demping voor comfort en blessureveiligheid. Aan het einde van de levensduur kunnen we de toplaag en de shockpad weer terugnemen en voor nieuwe vloeren gebruiken. Vandaar de naam pulastic to pulastic. De watergedragen coating heeft een bijzonder lage geurbelasting tijdens applicatie en een maximale bescherming van de binnen­luchtkwaliteit gedurende de gebruiksperiode. We werken met eigen verwerkers die onze polyurethaan gietvloeren kunnen aanbrengen. Dat zijn partners die we hebben getraind hoe ze dat soort vloeren moeten aanbrengen. Dat past bij onze driehoek: garantie op het product, garantie op het aanbrengen en garantie op het onderhoud.”

PROJECTINFORMATIE Project Nieuwbouw MFA Noordeloos Opdrachtgever Gemeente Giessenlanden Vloeren Sika Nederland B.V. – Pulastic sportvloeren Architect De Zwarte Hond Adviseur ICSadviseurs (programma van eisen, aanbesteding) Duurzaamheid Merosch Oplevering Medio 2019

Bonne Maat (l) en André van der Slik

42

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

Kijk voor meer informatie op sika.com of pulastic.com.


Tekst Sibo Arbeek Foto’s cepezed | Lucas van der Wee

ONTWERP EN INRICHTING

Slim nieuw Technova College

Het nieuwe Technova College in Ede is zowel qua business case, ruimtelijke opzet, bouwmethodiek als toegepaste technologie een slim gebouw. Het is dan ook helemaal toegesneden op de toekomst van het techniekonderwijs. Het pand is een combinatie van nieuwe en bestaande bouw, maar door de vanzelfsprekende indeling en het strakke gevelbeeld ervaar je het als één geheel.

P

rojectarchitect Paddy Sieuwerts van cepezed ontmoet tijdens het interview met School­ domein een tevreden Ad Kuivenhoven, Hoofd huisvesting en facilitaire zaken van de Christelijke Onderwijs Groep (COG) Vallei en GelderlandMidden. “Het nieuwe gebouw voor onze technische en creatieve mbo-opleidingen is supermooi en schittert van eenvoud,” vertelt Ad. “Het is op een slimme manier geassembleerd met standaard­ elementen, waarbij veel basic materialen zijn toegepast. De plint met werkplaatsen en een transparante gevel toont goed wat er binnen gebeurt. De school gaat daardoor een directe relatie met de omgeving aan. Het hart van het gebouw is de innovatieve werkplaats, een prachtige dubbelhoge ruimte grenzend aan de kantine en theaterzaal. Die werkplaats is de showcase waarin de opleidingen hun vernieuwende producten presenteren en een plek waar onderwijs en bedrijfs­leven elkaar ontmoeten.”

FOCUS OP TCO “De gebouwen op deze locatie waren verouderd en er was al jaren geen onderhoud meer gepleegd,” vertelt Ad verder. “De huisvesting moest dan ook echt worden aangepakt. Een masterplan dat we lieten opstellen, toonde aan dat de bestaande locatie aan de Bovenbuurtweg prima geschikt was voor al onze ambities: de grond was van onszelf, er stond al bebouwing en met andere onderwijsinstellingen vormden we hier al de Kenniscampus Ede. Samen met M3V hebben we de onderwijsvisie aangescherpt en onze koers bepaald. M3V had met Living Building Veenendaal ervaring met innovatief aanbesteden en is een voorstander van een projectbenadering op basis van Total Cost of Ownership (TCO). Uiteindelijk hebben we de bestaande bouw deels gesloopt en een Design, Build, Maintain & Energy-aanbesteding opgezet voor nieuwbouw gecombineerd met een bouwdeel dat we hebben behouden. De winnende partij is in zo’n

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

43


Foto: Sibo Arbeek

traject niet alleen verantwoordelijk voor het ontwerp en de uitvoering, maar ook voor alle onderhoud en energielevering de komende 25 jaar. Dat dwingt inschrijvers om al vanaf de tekentafel kritisch te zijn; op de gebouwstructuur, de materialen, het klimaatconcept, de installaties en het bouwproces. Het is in zo’n traject dan ook belangrijk dat de architect verder kijkt dan alleen het gebouwontwerp. Als winnaar kozen we het consortium Team TechINnova, een initia­ tief van de drie lokale Edese bedrijven Bouwbedrijf

Paddy Sieuwerts (l) en Ad van Kuivenhoven

44

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

Kreeft, ITN Installatietechniek en Bruil bouw, dat zelf architectenbureau cepezed had betrokken. Ik ben erg enthousiast over de bijzondere aanbestedingsvorm en het bijna energieneutrale gebouw dat daarvan het resultaat is. Het is gewoon allemaal erg goed gelukt.” DOORDACHTE KEUZEN Paddy licht toe: “Gerelateerd aan het programma en de ambities was het budget eigenlijk ontoereikend. Dat maakte het nodig goed na te denken over de


ONTWERP EN INRICHTING

inzet ervan. De TCO-component van de opgave bood kansen toch alle wensen te realiseren. Met een onderhoudsarm en energiezuinig ontwerp konden we de langetermijnkosten drukken en zo meer investeren aan het begin.” “Daarnaast hebben we ruimtelijk, functioneel en bouwtechnisch gezocht naar optimale efficiëntie en een zo hoog mogelijke toekomstwaarde,” gaat Paddy verder. “Het masterplan ging uit van een nieuw, compact meerlaags gebouw verbonden met het bestaande. Veel werkplaatsen zouden dan op verdiepingen komen. Dat is zowel constructief als functioneel niet handig, want in die werkplaatsen staat allemaal zware apparatuur voor bijvoorbeeld hout- en metaal­ bewerking. We hebben daarom alle werkplaatsen naast elkaar in één langgerekte plint ondergebracht en daarboven een laag gemaakt met ruimten die te gebruiken zijn als theorielokalen, praktijklokalen, dynamische onderwijsruimten of kantoren.” SUPERFLEXIBEL “Naast dat we zo een lichtere, efficiëntere constructie konden maken en je betere mogelijkheden hebt voor het plaatsen van al die apparatuur, heeft die opzet nog belangrijke andere voordelen,” vertelt Paddy: “Zo zijn de werkplaatsen en theorielokalen voor de verschillende studierichtingen steeds direct boven elkaar geplaatst. Ook is de totaalstructuur superflexibel, je kunt afdelingen eenvoudig groter of kleiner maken wanneer studentenaantallen door de tijd veranderen. Bovendien konden we het bestaande gebouw voor de ICT, media en creatieve studies makkelijk in de opzet van het nieuwe integreren en er met hetzelfde, moderne gevelsysteem één strak geheel van maken. Om een hogere kwaliteit te bereiken, hebben we de onderhoudskosten voor de bestaande bouw zo dus naar voren getrokken en die op termijn daarmee juist sterk beperkt. En last but not least: het Technova College is super trots op wat er allemaal in de school gebeurt. Door de hele plint met werkplaatsen transparant te maken, hebben we de school een enorme etalage richting de buurt gegeven.” KNX SYSTEEM Ad vult Paddy’s verhaal aan en vertelt over de kwaliteiten op het gebied van welzijn en duurzaamheid: “De school is een prachtig lichte omgeving met veel daglicht, dat via royale lichtstraten en grote glazen geveldelen naar binnen valt. De ventilatie voldoet aan de normen voor Frisse Scholen Klasse B. Het gebouw is bijna energieneutraal (BENG), met zonnepanelen op het dak en aansluiting op een biomassacentrale. Om het gebouw- en energiegebruik op allerlei aspecten te monitoren en allerlei processen te automatiseren, is een KNX smart building systeem opgenomen. Daarmee kunnen we onder meer precies aflezen hoe het energieverbruik door de dag heen is. Voor het

gebouwgebonden deel van de energie betalen we een vast bedrag aan het consortium, maar voor het gebruiksgebonden deel zijn we zelf verantwoordelijk. Ik kan precies zien waar dat verbruik ligt. Zo bleek bijvoorbeeld 28% afkomstig van de catering, die ’s morgens vroeg al de frituur aanzette om bij de lunch kroketten te kunnen serveren. Zo’n inzicht maakt dat je goed met elkaar in gesprek gaat over hoe dingen beter kunnen.” STOER, INDUSTRIEEL EN FLEXIBEL Het nieuwe Technova College is helemaal gericht op samenwerking en interactie. Zichtlijnen zijn lang en de routings zijn zo dat studenten en docenten van de verschillende studierichtingen elkaar steeds tegenkomen. De innovatieve werkplaats is ook direct de centrale verkeersruimte en doet dienst als multifunctionele samenkomstruimte. “De inrichting van de school is stoer en industrieel,” vertelt Paddy.

“De innovatieve werkplaats is de showcase waarin de opleidingen hun vernieuwende producten presenteren en een plek waar onderwijs en bedrijfsleven elkaar ontmoeten”

“In de materiaalkeuze is aansluiting gezocht bij de materialen waarmee de scholieren zelf werken, zoals hout en staal. De docenten zijn betrokken geweest bij het vormgeven van de werkplaatsen. Er was dan ook veel draagvlak en docenten en studenten ervaren het gebouw als zeer prettig.” Ad denkt alweer verder: “Het mooie is ook dat het gebouw kan meebewegen met ontwikkelingen in het techniekonderwijs. Zo hebben alle werkplaatsen dezelfde grote vrije hoogte en ruime diepte. Dat is niet overal nodig, maar geeft wel extra flexibiliteit: functies zijn zo makkelijk te wisselen, verschuiven, uit te breiden of in te krimpen. En mochten we nog enorm groeien, kunnen we zo een stuk gevel demonteren, een stuk aanbouwen en de gevel weer terugplaatsen.” Kijk voor meer informatie op cepezed.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

45


Tekst Sibo Arbeek

Schuifwanden voor beter onderwijs Een belangrijk leermoment tijdens het bezoek aan OBS Delfshaven in Rotterdam: schuifwanden zijn goed voor het onderwijs en zijn ook heel effectief om tijdelijke uitval van collega’s op te vangen. Zo snijdt het mes aan twee kanten.

A

strid Brinks is locatieleider van OBS Delfshaven aan de Pieter de Hoochstraat in Rotterdam. Zij schetst de geschiedenis van de school, terwijl ook Meerscholen directeur BOOR Angelique Snoei en directeur Martijn de Wolf van BREEDVELD aanschuiven: “Ik werk hier al vanaf 1977. Dit gebouw staat er vanaf 1984 en is gebouwd als een 6+2 school. We begonnen aan de Coolhavenstraat en de Pieter de Hoochstraat en zijn vervolgens gefuseerd met het Palet. Op een gegeven moment hadden we drie locaties en dat was niet handig. Door een daling van het aantal leerlingen pasten we in dit gebouw, dat onderwijskundig en ruimtelijk wel verouderd was. Ruim twee jaar geleden is het inpandig verbouwd en nu is het een fijne plek voor onze 140 leerlingen en collega’s om te werken en te leren.” GOEDE RESULTATEN “Het Coolhaveneiland heeft een bijzondere ligging in de stad en wordt feitelijk ingesloten door bruggen. Op een andere plek in de wijk hebben we een wijktrefpunt gecreëerd met wooncorporatie de Woonbron en de politie; dat is inmiddels voor onze ouders uitgegroeid tot een echt trefpunt. Het is echt een achter-

46

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

standswijk en onze ib-er is steeds meer bezig met de sociale problematiek van de leerlingen. Gelukkig behalen onze leerlingen wel een goed eindniveau en scoren we boven of rond het landelijk gemiddelde. Onze visie is dat de school er voor iedereen is en we de lat zo hoog mogelijk leggen. We lopen er wel tegenaan dat we een grote in- en uitstroom hebben. Laatst keken we hoeveel kinderen uit groep acht hier ook echt begonnen zijn; dat waren er maar zes of zeven. Mensen komen hier wonen, maar willen na een paar jaar ook weer weg.”

Vlnr: Angelique Snoei, Astrid Brinks en Martijn de Wolf


ONTWERP EN INRICHTING

VAN STOPTREIN NAAR SNELTREIN Het gebouw is onder architectuur gebouwd. Van buiten oogt het gesloten, maar wanneer je binnenkomt, is het verrassend ruimtelijk en licht. Astrid: “Voor de verbouwing had je overal gangen, lokalen en kamertjes; dat is nu veel beter. Angelique heeft als nieuwe directeur geholpen de school een meer open karakter te geven. Toen ze hier kwam zei ze: je hebt een stoptrein en een sneltrein; wij gaan ervoor zorgen dat we met z’n allen in de sneltrein komen te zitten.” We hebben ons ontwikkeld van meer traditioneel klassikaal onderwijs naar een school met open lokalen en leerpleinen; er is nu veel meer samenwerking tussen de groepen onderling. Nu kunnen boven- en onderbouw samenwerken, bijvoorbeeld op het gebied van tutorlezen.” MEER RUIMTE CREËREN Astrid: “Via Angelique zijn we met de firma BREEDVELD in contact gekomen. We wilden meer communicatie en verkeer tussen de groepen mogelijk maken. Afgelopen jaar zijn we gestart met een 2/3 combilokaal, waarbij de oudste kleuters samen spelen en leren met kinderen uit groep drie. Daarvoor wilden we de wanden van de lokalen kunnen openen, zodat je niet via de gang hoeft om te lopen om bij elkaar te komen. Daardoor hebben we meer natuurlijk contact met elkaar en spreken we elkaar gemakkelijker aan.” Angelique: “We hebben voor paneelwanden tussen de lokalen gekozen. Door die te openen kun je gemakkelijk een grote ruimte creëren. We zijn beneden begonnen en het bevalt zo goed dat we het ook voor de oudere groepen boven willen toepassen.” Martijn knikt: “Voor ons is belangrijk te weten waarvoor de mobiele wand precies dient en hoe vaak je deze gebruikt. We hebben verschillende typen

“Samen met de onderwijs­ assistent kan de duo leer­ kracht prima die extra klas opvangen, zonder dat je steeds de deur door moet”

mobiele wandsystemen ontwikkeld, die afhankelijk van de toepassing meer, of minder geschikt zijn in een bepaalde situatie. Wanneer een school zo min mogelijk vaste wand wil opofferen en een eenvoudige open/dicht situatie wil kunnen creëren dan is een schuifwand die in de vaste wand schuift ideaal. Heb je een grote doorgang nodig dan kan zowel een paneelwand als een vouwwand toegepast worden. Het grote voordeel van een vouwwand is dat deze heel makkelijk en snel te openen en te sluiten is. Wil je iets met glas, dan kom je uit op paneel- of schuifwanden. Momenteel lopen er meerdere grote scholen projecten waar we samen werken met de architecten, die onze wanden gebruiken om mooie openingen te maken, terwijl je toch de wand kunt sluiten. En het is een duurzaam product; schuifwanden en paneelwanden zijn goed her te gebruiken en gaan langer dan twintig jaar mee.” TIJDELIJKE ZIEKTE OPVANGEN Angelique knikt: “We hebben brede gangen en leerpleinen; de combinatie waarbij je het lokaal naar de gang kunt openen en tussen de lokalen flexibele ruimte kunt creëren biedt veel extra onderwijskundige mogelijkheden. Ik ben ook directeur van OBS De Boog in de wijk Schiemond in Rotterdam, waar we ook schuifwanden hebben toegepast. Daar hebben we gemerkt dat flexibele wanden ook helpen om het lerarentekort of tijdelijke ziekte op te vangen. In de bovenbouw werken we met schuifwanden en als er een keer iemand ziek is kunnen we de wanden open zetten. Samen met de onderwijsassistent kan de duo leerkracht prima die extra klas opvangen, zonder dat je steeds de deur door moet. Dat helpt echt.” Kijk voor meer informatie op breedveld.com.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

47


Tekst Marieke Kol

Spelend leren over duurzaamheid Spelend leren, lekker bewegen én energie opwekken voor je omgeving. Deze drie thema’s worden samengebracht in een interactief en energieopwekkend speeltoestel voor de buitenruimte; The Gamer genaamd.

E

ducatie rondom duurzame energie is belangrijk, maar ook obesitas en een gezonde en actieve levensstijl voor jonge kinderen staan steeds meer in de belangstelling. The Gamer combineert deze factoren door kinderen inzichtelijk te maken dat ze bewust met energie om kunnen gaan, op een manier die bij hun belevingswereld past; actief en interactief. THE GAMER, ZO WERKT HET The Gamer bestaat uit 9 vloertegels van elk 60 x 60 cm met beloopbare zonnepanelen en een toplaag van stevig antislip glas. De 9 tegels zijn voorzien van sensoren die reageren op beweging van de kinderen.

“Kinderen ‘bedienen’ The Gamer door op de tegels te springen” PROJECTINFORMATIE Energieopbrengst 35W per vloermodule (tegel) Materialen Elke vloermodule is voorzien van een glazen toplaag met geïntegreerde zonnepanelen en Ledverlichting in een gerecycled kunststof frame Afmetingen gamer 1.80 x 1.80 M

De ledverlichting in de vloer nodigt uit om te spelen. Er valt dus van alles te beleven op de vloer! Kinderen ‘bedienen’ The Gamer door op de tegels te springen. ‘Turn of the Lights’ is bijvoorbeeld een reactiespelletje voor alle leeftijden. Zodra de verlichting in een tegel aan gaat, springen de kinderen erop om de tegel weer ‘uit’ te doen. Elk level komen er meer lichten bij en moet er meer gesprongen worden. Zelfs voor de kleinste kleuters leuk en begrijpelijk.

Veiligheid De veiligheid van The Gamer is gewaarborgd door de CE-certificering Hiermee voldoet The Gamer aan alle veiligheids­ eisen voor speeltoestellen in de buitenruimte Installatie De installatie van The Gamer wordt door de gecertificeerde technici van onze partner ENGIE Energy gedaan

48

SCHOOLDOMEIN

VIER SPELLEN Standaard wordt The Gamer geleverd met vier geprogrammeerde spellen; Follow the Light, de Tafel Trainer, Snake en Turn off the Lights. Naast deze spellen kunnen er in de toekomst oneindig veel andere ‘games’ geprogrammeerd worden door de kinderen zelf. Hiermee sluit The Gamer volledig aan bij de doelstellingen van scholen om 21st Century Skills te integreren in het lesprogramma.

juli 2019

POWEREN The Gamer wordt aangesloten op het elektriciteitsnet van de school zelf. De opgewekte energie van de solar panelen wordt gebruikt om The Gamer te ‘poweren’ en het restant kan direct gebruikt worden door de locatie zelf. Hiermee bespaart een school op jaarbasis nog een leuk bedrag. Kortom met The Gamer voeg je een uniek, duurzaam, interactief én educatief speeltoestel toe aan jouw schoolplein. Bewegend leren was nog nooit zo leuk en uitdagend! Kijk voor meer informatie op energy-floors.com/gamer.


ONTWERP EN INRICHTING

Tekst Eddy Steenvoorden

SPO Utrecht vol energie vooruit Een groene sprong vooruit. Zo mag je de bouw van vijf energieneutrale scholen door SPO Utrecht gerust noemen. Het bestuur van 36 openbare basisscholen in de stad loopt daarmee vooruit op de milieueisen die vanaf 2020 gelden voor álle nieuwe gebouwen in Nederland.

B

ijna EnergieNeutraal Bouwen (BENG) is over een paar jaar wettelijk verplicht. SPO Utrecht gaat nu al een stap verder. “Laat dat ‘bijna’ maar weg, was een paar jaar geleden al ons idee, we wilden vollédig ENG gaan bouwen,” zegt beleids­ adviseur huisvesting Rob van der Westen. In 2017 ging het schoolbestuur om de tafel zitten met de gemeente. Belangrijkste agendapunt, zoals zo vaak wanneer het om nieuwbouw gaat: de financiën. Want wat doe je bijvoorbeeld wanneer je flink investeert, maar het gebouw uiteindelijk, zoals gebruikelijk, weer eigendom wordt van de gemeente? “De gemeente stak de helpende hand toe door eventuele dan nog lopende verplichtingen over te nemen.”

ROOSKLEURIG Maar dat scenario kan vermoedelijk in de kast blijven, want de bouw-berekeningen voor de vijf scholen - uitgevoerd door ICSadviseurs – zagen er bijzonder rooskleurig uit. Ja, er zijn op korte termijn serieuze investeringen nodig die om extra inspanningen vragen. Maar op de langere termijn zijn er door de energiebesparing aanzienlijke voordelen in de exploitatie van de scholen te behalen en dat geld kan weer gebruikt worden voor het onderwijs. Verduurzamen kost dus geen onderwijsgeld en tegelijk heeft SPO Utrecht als maatschappelijke organisatie oog voor de toekomst. “De conclusie is eigenlijk simpel: we zouden wel gek zijn als we het niét doen!” LICHTEN OP GROEN Alle lichten gingen daarna op groen. De Kees Valkensteinschool (Leidsche Rijn) en de school voor speciaal onderwijs SO Fier (Tuindorp-Oost) zijn al begonnen met bouwen, daarna volgen Kindcentrum Rijnvliet (De Meern), Jules Verne (Ondiep) en Pantarijn (De Meern). Pantarijn wordt ook het onderkomen voor de Shri Krishnaschool, SPO Utrecht werkt hiervoor samen met de Stichting Hindoe Onderwijs Nederland. “Ik ben uitermate trots op de ingezette koers, die niet mogelijk zou zijn zonder medewerking van de gemeente. Scholen zijn de etalages van wijken: we laten zien hoe het hoort en dragen bij aan meer bewustwording als het om duurzaamheid gaat.”

“Ik ben uitermate trots op de ingezette koers, die niet mogelijk zou zijn zonder medewerking van de gemeente”

Rob van der Westen (foto: Eddy Steenvoorden)

ZONNEPANELEN Die koers komt niet uit de lucht vallen. Een kleine 15 jaar terug maakte SPO Utrecht al werk van het verbeteren van de bedompte binnenmilieus in scholen. Dit jaar worden de laatste gebouwen aangepakt. “Inmiddels heeft zo’n twee derde van onze scholen ook zonnepanelen op de daken en zijn we begonnen met onderzoek naar mogelijkheden om scholen gasloos te maken.” Rob van der Westen houdt de vorderingen met de nieuwbouw nauwlettend in de gaten, ook omdat de financiën een kwetsbaar punt blijven. Berekeningen zijn één, maar de praktijk is vaak weerbarstig. “Kostenoverschrijdingen blijven altijd een risico. Tot nu toe gaat het goed, maar je moet wel voldoende reserves hebben of bereid zijn te lenen. Die beslissing is steeds aan het bestuur, maar als het aan mij ligt, bouwen we altijd energieneutraal.” Critici die zeggen dat je eerst voor goed onderwijs moet zorgen, snoert de ‘duurzaamheidsambassadeur’ de mond. “Duurzaamheid draagt juist bij aan goed onderwijs, kinderen leren dat energie geen vanzelfsprekendheid is.” WIlt u met uw school ook energie besparen? De gemeente Utrecht kan u daarin adviseren en ondersteunen. Kijk voor meer informatie op www.utrecht.nl/duurzaamondernemen of neem contact op met Wanda van den Berg: energie@utrecht.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

49


Foto’s Eddy Boerakker

NIEUWBOUW KINDERCAMPUS JOSEPH TE LISSE

Goede samenwerking sleutel tot succes! Het realiseren van een nieuw schoolgebouw begint vaak met een unieke samenwerking tussen partijen. Betrokken partijen zijn veelal een gemeente, een schoolbestuur en een kinderdagopvangorganisatie. Soms kennen die partijen elkaar vanuit een eerder samenwerkingsverband, zoals in Lisse, maar meestal niet.

I

n beide gevallen is de vraag; hoe wordt de samen­werking zo ingevuld dat het de basis is voor een succesvol project? Wetende dat een nieuwbouwproces de nodige tijd in beslag neemt, zijn de vertegenwoordigers van het schoolbestuur Sophia Scholen vroegtijdig in gesprek gegaan met de gemeente Lisse en SKOL Kinderopvang. De vorm van samenwerking tussen de school, kinder­opvang en gemeente was één van de eerste gespreks­onderwerpen. Daarnaast was er nadrukkelijk aandacht voor het faciliteren van sport en bewegen en duurzaamheid. Door uitgestelde besluitvorming over andere nieuwbouwprojecten liet de definitieve keuze voor de nieuwbouwlocatie van de Kindercampus echter nog op zich wachten. Ook was er nog geen duidelijkheid over het wel of niet realiseren van een nieuwe gymzaal. Om vertraging

“Een Kinder­ campus is geen gebouw waarin de verschillende gebruikers toevallig in één gebouw zitten”

50

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

in het proces te voorkomen, kregen Sophia Scholen, SKOL Kinderopvang en ZRi vanuit de gemeente des­ondanks groen licht om te starten met het treffen van de voorbereidingen. GEZAMENLIJKE VISIE De gezamenlijke visie op de samenwerking werd nader uitgewerkt; hoe moest deze in praktijk vorm­ gegeven worden? Leidend in deze visie was de doelstelling dat het onderwijs en de pedagogische omgeving elkaar moesten versterken. ZRi bezocht samen met Sophia Scholen en SKOL Kinderopvang meerdere Integrale Kindcentra waar onderwijs en opvang op zowel ruimtelijk als didactisch verschillende wijze bij elkaar waren gebracht. Hierdoor werd een gezamenlijk referentiekader gecreëerd, dat zijn waarde bewees in het opstellen van het programma van


ONTWERP EN INRICHTING

PROJECTINFORMATIE Bouwheer gebouw Stichting Sophia Scholen Bouwheer terrein Gemeente Lisse Projectmanagement en aanbestedingsadviseur Stichting Sophia Scholen ZRi

eisen en bij het ontwerptraject. Een grondhouding van partijen was dat niet alleen gekeken werd naar elkaars voorkeuren, maar vooral ook hoe de samenwerking tussen het onderwijs en de kinderopvang te versterken. Hieruit volgde dat SKOL Kinderopvang besloot om niet alleen te investeren in haar eigen vierkante meters, maar ook in ‘onderwijs’-ruimten die dubbel gebruikt kunnen worden. Daardoor ontstonden grote gezamenlijk te gebruiken ‘leerpleinen’ en praktijkruimten. Deze bieden het onderwijs en de kinderopvang, zowel letterlijk als figuurlijk, de ruimte om maatwerk te bieden aan kinderen die daar behoefte aan hebben. Daarnaast geeft het de mogelijkheid om het gebouw breder in te zetten, bijvoorbeeld voor het in de avonduren en weekenden vervullen van een buurt- en dorpsfunctie.

Projectmanagement en planeconomie gemeente Lisse Metafoor Ruimtelijke Ontwikkeling Gebruikers St. Josephschool en Kinderopvang SKOL Gebouw: Architect Frencken Scholl Architecten Bouwfysica, brandveiligheid & akoestiek ZRi Installatieadvies Fore Installatie Adviseurs Constructieadviseur Pieters Bouwtechniek Bouwkundig aannemer SMT Bouw & Vastgoed W-installateur/ E-installateur Verstappen van Amelsvoort/ Schulte & Lestraden Terrein: Directievoering en toezicht Waterpas Terreinaannemer Ahco Weg- en waterbouw

TWEE SCENARIO’S Op het moment dat de samenwerkingsvisie tussen de school en de kinderopvang gereed was, had de gemeente door omstandigheden nog geen besluit kunnen nemen over het al dan niet realiseren van een nieuwe gymzaal. Om het nieuwbouwproces niet te vertragen is in samenspraak met de betrokken partijen de keuze gemaakt om in het programma van eisen-fase met twee scenario’s te werken; met en zonder nieuwe gymzaal. Uiterlijk bij de start van de ontwerpfase zou een besluit genomen worden. Die afspraak heeft goed gewerkt. Door de projectvoorbereiding deels los te koppelen van de politieke besluitvorming en parallel te laten verlopen werd vertraging voorkomen. Uiteindelijk besloot de gemeente om een nabijgelegen gymzaal te behouden en de Kindercampus te realiseren naast het oude schoolgebouw.

Hierdoor kwam de nieuwbouw te staan op een riant plot met sportfaciliteiten op steenworpafstand. Hier is voor gekozen vanwege het halen en brengen van kinderen, parkeren (dubbelgebruik met de buurt) en de mogelijkheid tot het creëren van een prachtig open speelplein dat sport en bewegen stimuleert. Doordat de nieuwbouw naast de bestaande school gebouwd werd was geen tijdelijke huisvesting nodig. Met het bespaarde geld zijn aanvullende duurzaamheidsmaatregelen getroffen. SUCCESFACTOREN Bij de Kindercampus Joseph hebben met name twee ingrediënten het succes bepaald. Ten eerste begint het met gezamenlijk geformuleerde doelen en ambities. Het creëren van een gezamenlijk referentiekader, door bijvoorbeeld het afleggen van referentiebezoeken, helpt doelen en ambities te formuleren maar ook om deze in gezamenlijkheid te realiseren. Ten tweede moeten partijen oog hebben voor elkaars belang. Een Kindercampus is geen gebouw waarin de verschillende gebruikers toevallig in één gebouw zitten. Dat betekent dat investeringsbeslissingen niet enkel worden genomen met het eigen doel voor ogen, maar met het oog op het geheel. Het gaat daarbij niet alleen om investeringsbeslissingen, maar ook om begrip voor elkaars processen en hier naar te handelen. In Lisse was het gezamenlijk doel en de ambitie ‘het maken van een toekomstbestendige en duurzame kindercampus waar kinderen zich in hun eigen tempo en op de eigen wijze kunnen ontwikkelen en opgroeien’. Mede door het gezamenlijk belang te stellen boven het eigen belang zijn die doelen gerealiseerd. Dat vraagt inspanning, flexibiliteit en lef van alle betrokken partijen. Kijk voor meer informatie op zri.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

51


Tekst Sibo Arbeek Foto’s Katja Effting

TOEKOMSTGERICHT ONTWERPEN IN BIGGEKERKE

MFA Onderdak is er voor iedereen Op bijna het verste puntje van de provincie Zeeland ligt Biggekerke; een typisch Walchers kerkdorp met 885 inwoners. Hoe bijzonder is het dat de basisschool en het dorpshuis de handen ineen hebben geslagen met als resultaat een prachtig gemeenschapsgebouw dat de naam MFA Onderdak heeft gekregen.

A

an tafel zitten de directeur van de CBS Onderdak Petra Rijn, de algemeen directeur van de Primas scholengroep Agnes de Jong, voormalig directeur Carla Koole, Han Kole namens Stichting dorpscentrum Biggekerke en architect Aafke de Bode van NOAHH | Network Oriented Architecture. Iets verder in het gesprek geeft Petra aan dat we eigenlijk in de slaapkamer van een nog onbekende toekomstige bewoner zitten, maar nu is het nog de kamer van de directeur. Aafke legt uit: “Eigenlijk was het een proces van omgekeerde transformatie. We weten dat het aantal kinderen in

52

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

de tijd afneemt, dus hebben we een gebouw gemaakt dat in de toekomst ook tot vier levensloopbestendige woningen kan worden omgebouwd. Dat betekent dat we vanuit dat eindperspectief een gebouw voor de kinderen van nu hebben ontworpen.” Oud-directeur Carla Koole was bij het hele proces betrokken en blikt terug: “De school was inmiddels 56 jaar oud en werd steeds slechter. We zijn een kleine school met 62 leerlingen waarbij we minimaal vier groepen willen laten draaien om goed onderwijs te kunnen geven.” Han: “De dorpsraad heeft in 2007 een dorpsblik ontwikkeld, we hebben samen


ONTWERP EN INRICHTING met de stichting Dorpscentrum en de Dorpsraad contact gezocht met de school, omdat we beiden afzonderlijk op termijn geen bestaansrecht meer hadden.” Agnes knikt: “Toen hebben we samen een plan ontwikkeld, waar ook nadrukkelijk bewegen en bewegend leren bij hoorden. Onze kinderen moesten de bus nemen om in een ander dorp te sporten en dat vonden wij geen goede zaak. De gemeente had toen nog het beleid om in elke kern een multifunctionele accommodatie te maken, zodat er leefgemeenschappen op de 13 kleine dorpen zouden ontstaan. De totstandkoming van het gebouw is vooral te danken aan de vasthoudend­ heid van diverse mensen uit de gemeenschap. Bovendien was de inzet en medewerking van voormalig wethouder René Molenaar zeer belang-

“Dat vond ik zo goed aan deze gebruikers; altijd blijven meedenken in oplossingen, maar de eigen stevige visie overeind houden”

rijk.” Carla knikt: “In Biggekerke zijn verder geen faciliteiten en je wilt zoveel mogelijk behouden wat er is, zoals sport, de bieb, kinderopvang, de ouderensoos en het dorpshuis met biljarten en koersballen. Er is hier geen supermarkt meer en het café is ook net dicht gegaan. Deze ontwikkeling was enorm belangrijk voor ons dorp.” MEEST INSPIREREND Carla: “In dat proces naar nieuwbouw is bewust voor NOAHH gekozen. Zij waren het meest inspirerend en begrepen wat wij wilden. Je wilt als klein dorp iets

maken dat in de omgeving past en geen platte doos. We wilden een modern gebouw dat in zijn verschijningsvorm geënt was op de agrarische bouw die je hier in de omgeving vindt. “Aafke: “In zo’n klein dorp is dit een groot gebouw en je maakt al snel veel indruk. We vonden houvast in de schuren die bij de morfologie van het gebied horen. Het gebouw heeft de vorm van een karakteristieke Zeeuwse boerenschuur gekregen. Het oude dorpshuis en de school stond op een wat gekke kavel en we zochten naar een compacte oplossing, zodat er minder grond nodig zou zijn om de nieuwe MFA te bouwen. Zo hebben we goed gekeken naar het plein en ruimte vrijgespeeld waar twee woningen kunnen worden gebouwd. Dat is meegenomen in de totale exploitatie.” Han: “De Stichting heeft grond en gebouw overgedragen en de corporatie Zeeuwland is eigenaar en bouwheer geworden. Wij huren van de corporatie en onderwijs betaalt voor energie en onderhoud.” Petra knikt: “Als school zijn we ontzorgd; ik hoef niet meer aan het onderhoud te denken en vier uur per week komt er iemand van Zeeuwland langs.” LEAN EN SLIM Carla: “En we hebben geen vervoerskosten naar Meliskerke meer. Daarnaast hoefde de school geen aparte speelzaal, maar maakt gebruik van de beweegruimte die aan de foyer grenst en door de stichting Dorpshuis Biggekerke wordt geëxploiteerd in combinatie met de foyer. Ook hebben we geen lift gebouwd, maar goed gekeken welke groepen we waar zouden plaatsen.” Aafke: “Zo hebben we continu in het proces lean gewerkt en slim gekozen. De puzzel was om zoveel mogelijk te combineren en een optimum te zoeken wat nodig was en gevraagd. We hebben een richtlijn voor essentiële onderdelen gegeven. Alles wat niet nodig was ging ervan af. Op een gegeven moment stelde de aannemer voor de tribunetrap te schrappen. Daar waren we eensgezind op tegen omdat het gewoon geen optie was. Dat vond ik zo goed aan deze gebruikers; altijd blijven meedenken in oplossingen, maar de eigen stevige visie overeind houden.” MAKKELIJK OMBOUWEN Uiteindelijk is het een prachtig gebouw geworden, met een wit aanzicht en aan weerszijden grote raampartijen en van boven natuurlijk daglicht via mooi verspreide dakramen. Opvallend is ook de latten bekleding van de plafonds in het gebouw, waardoor het een lichte en natuurlijke uitstraling heeft. Aafke: “De buitenkant van het gebouw, met drie ‘puntdaken’ is zwart met een dak dat bestaat uit staalplaat met aluminium coating waarop, niet zichtbaar, zonne­ panelen liggen. In het linkerdeel vind je de ruimte voor het dorpshuis en de verenigingen. De rechter­ kant is voor CBS Onderdak, met onder meer vijf lokalen. De beide delen worden verbonden door een aula in het midden, een foyer met tribunetrap en een

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

53


PROJECTINFORMATIE Project Nieuwbouw MFA Onderdak Biggekerke Opdrachtgever Zeeuwland, Gemeente Veere Architect

Foto: Bo de Jong

NOAHH | Network Oriented Architecture Aannemer Bouwbedrijf De Delta Oplevering Februari 2019 Bouwkosten e 1,5 mio (excl. btw)

grote loopbrug die alle ruimtes in het gebouw met elkaar verbindt. Het concept van het gebouw werkt als een markthal waarbij een geplooid overhuivend dak, refereert naar historische boerderijen. Het pand is zo geconstrueerd dat het makkelijk kan worden omgebouwd en in de toekomst voor andere functies kan worden gebruikt. Dit is een ‘nul op de meter’ gebouw. Dat betekent dat er geen kosten zijn, het gebouw is uitermate goed geïsoleerd en er zijn voorzieningen in het gebouw, waardoor het gebouw elektrisch verwarmd wordt. Daarnaast is er bij de bouw gebruik gemaakt van duurzame materialen die hergebruikt kunnen worden.”

Bvo 1.376 m2

HART VAN HET DORP Carla: “Dit gebouw is echt het hart van het dorp geworden. De kliederkerk doet veel met knutselen en we hebben hier jaarlijks de befaamde solexrace.

54

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

De uitbater probeert hier activiteiten te ontwikkelen, zoals een terras, waar fietsers een kopje koffie kunnen drinken.” Petra: “En vanuit andere dorpen komen ze hier kijken. Je hoopt toch dat ze door zo’n mooie voorziening hier willen komen wonen. Wat je ziet zijn mensen die als kind hier woonden er terugkomen, nadat ze elders gestudeerd hebben. We hebben zelfs al wat meer aanmeldingen dan vorig jaar. En de kinderen vinden het prachtig, vooral door de ruimte, het vele licht en de makke­ lijke oversteek naar de beweegzaal. De lokalen beneden grenzen aan het schoolplein en de deuren gaan open wanneer het kan. Het is een gebouw om in te spelen, waarbij het bovendien aan een prachtig landschap met uitzicht op een terp en schaapjes grenst.” Kijk voor meer informatie op noahh.nl.


ONTWERP EN INRICHTING

Tekst Sibo Arbeek Foto’s Vincent Nijhof

NA DRIE JAAR EEN EIGEN ZIEL VOOR DE JUTTER

Een tent in een duinpan De teamleiders primair en voortgezet onderwijs Cees Visser en Thijs Speelman hebben samen met hun team de brede school De Jutter op de kaart gezet, na een paar moeilijke jaren. Het nieuwe gebouw moest zijn plek veroveren, maar voelt nu als een tweede huid. Een bijzonder verslag van een pareltje op Vlieland.

B

van de nieuwe school is geschetst. We wilden een brede school voor de gemeenschap, waar ook plek was voor de bibliotheek, muziek, jongerenwerk en kinderopvang.” Henno knikt: “Om de nieuwe voorziening te realiseren was een deskundig project­ managementbureau benodigd. Omdat abcnova ook een brede school op Terschelling aan het realiseren was, hebben wij hen ook uitgenodigd. Hittjo: “Tijdens de aanbesteding scoorden wij goed op onze presentatie en plan van aanpak, met heldere fasen en go-no-go momenten en betrokkenheid voor de gebruikers en overige organisaties op het eiland. Bij de selectie van de architect begreep Daan Josee van Kristinsson goed wat het eiland

Foto Sibo Arbeek

eleidsambtenaar Henno Nieuwenhuis van de gemeente Vlieland: “In april 2016 werd de brede school De Jutter feestelijk in gebruik genomen, waar OBS De Zeester, VMBO De Krijtenburg, kinderopvang, de bibliotheek en veel organisaties hun plek hebben gevonden.” Ruim drie jaar later is het een mooi moment om met Henno, architect Daan Josee van Kristinsson, senior projectmanager Hittjo Braam van abcnova en de beide teamleiders Cees Visser en Thijs Speelman van het primair en voortgezet onderwijs terug- en vooruit te kijken. Thijs: “In 2012 zijn we gaan nadenken wat voor onderwijs bij ons eiland past. Dat heeft geresulteerd in een visiedocument, waarin het profiel

Cees Visser en Thijs Speelman

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

55


wilde, waarbij hij ook inzette op duurzaamheid en kostenbewust ontwerpen. Zijn ontwerpvisie sloot goed aan bij het visiedocument en de uitwerking van de vijf leerfasen, van 0 tot 3 jaar waar het spelen centraal staat, 3-7 jaar, 7 tot 10 jaar, 10-14 jaar en 14-18 jaar. De ontwerpvisie is dat je je op een natuurlijke manier in het gebouw ontwikkelt, waarbij je beneden begint en uiteindelijk boven eindigt en klaar bent voor een vervolg in de maatschappij. De gemeenschapsruimte is daarbij de

“Het proces rond de bouw en de eerste jaren kostte tijd en energie, waarbij we vooral bezig waren met onze plek te vinden” plek die alles verbindt. Tijdens het proces hebben we met verschillende burgemeesters en een aantal schooldirecteuren samengewerkt en uiteindelijk hebben Thijs en Cees een belangrijke rol gespeeld in de afstemming van het ontwerp, keuzes tijdens de uitvoering en waren zij ook betrokken bij de excursie en de diverse terugkoppelmomenten.” SAMENWERKEN BELANGRIJK Cees: “We zijn nu bezig om onze pedagogische concepten beter op elkaar af te stemmen. Na een aantal jaren ervaart iedereen hoe belangrijk samen­werken is.” Thijs: “Ons credo is samen waar het kan, apart waar het moet. Cees is van het primair onderwijs, maar hij werkt ook met het adaptieve onderwijs­platform snappet en ondersteunt daarmee onze docent wiskunde. We zijn hier de enige scholen voor primair en voortgezet onderwijs en het kan elk jaar net weer anders zijn. Vroeger hadden we hier een oude mavo waar iedereen naar toe ging, ongeacht het niveau. Een slagingspercentage van 100% kwam regelmatig voor. Nu bieden we in de onderbouw alle niveaus aan en hebben een vmbo-tl afsluiting. We kunnen differentiëren en alle leerlingen op hun eigen niveau bedienen; elk jaar kijken we welke leerlingen naar welk niveau doorstromen.” TENT IN DUINPAN Daan Josee: “Toen ik de plek zag wilde ik eigenlijk een grote tent in de duinpan maken. Het is een transparant gebouw geworden, waarbij de zijgevels taps toelopen en een omarmend effect ontstaat waardoor het plein als het ware het gebouw in loopt. De kleurnuances passen bij de omringende dennenbomen

56

SCHOOLDOMEIN

juli 2019


ONTWERP EN INRICHTING

Hittjo Braam

PROJECTINFORMATIE Project Brede School De Jutter Vlieland Opdrachtgever Gemeente Vlieland Architect Kristinsson architecten Projectmanagement abcnova (inclusief directievoering) Ingebruikname april 2016 Bvo 2.200 m²

en de lichtsturingslamellen vangen heel mooi de reflectie van het eilandlicht. Alle karakteristieke gebouwen in Vlieland hebben een voorplein, waardoor er een betere inpassing in de wijk is. Dat hebben we hier ook toegepast, zodat er een wisselwerking is met de openbare ruimte.” Cees: “In het begin vonden we het gebouw mooi maar steriel en verlangden we terug naar onze oude gebouwen. Nu na drie jaar heeft het een eigen ziel gekregen. Het is een open gebouw met links de bibliotheek en de kinderopvang. Rechts vind je het podium en boven de ruimten voor voortgezet onderwijs. Het lokaal is de basis, waarbij leerlingen individueel of in groepjes op de leerpleinen aan de slag gaan. In het voortgezet onderwijs gebruiken we de dagopening op het leerplein om aan onderlinge betrokkenheid te werken. Elke week behandelt een docent een actueel thema.” “We zien dat de school leeft, we willen dit verder uitbouwen zodat dat ook na schooltijd gebeurt”, vult Thijs aan, “leerlingen blijven nu nog rondhangen in de bibliotheek of duiken achter de computer. De buurthuis functie is sowieso sterk; we hebben hier een schilderclub voor ouderen, dit willen we uitbouwen naar bijvoorbeeld een koffie inloop uur voor de buurt, waarbij onze leerlingen ook helpen met bijvoorbeeld het omgaan met social media. Verder maken de fanfare, de toneelclub het kerst- en zeemanskoor gebruik van De Jutter. En op zaterdag en zondag worden hier yogalessen gegeven.” UNIEK PROJECT Henno: “Dat was uitdrukkelijk het uitgangspunt van de gemeente; een goede onderwijsvoorziening voor de eilanders, zodat hun kinderen niet naar de vaste wal hoeven en andersom een mooie onderwijs­ voorziening voor gezinnen die zich op Vlieland willen vestigen.” Hittjo: “De brede school De Jutter is een project waar wij als abcnova enorm trots op zijn, omdat het een bijdrage levert aan de leefbaarheid op het eiland en de jeugd van 0-18 jaar. Daardoor hebben we ook meer budget gekregen dan de normvergoeding, naast extra subsidie van de provincie Friesland. De Jutter voldoet aan alle eisen van Frisse Scholen klasse B, waarbij het regenwater wordt opgevangen voor de toiletspoeling en kent een zeer geavanceerd

luchtverversingssysteem zonder overdruk. Het was voor ons en de bouwers een uniek project, waarbij we met Kristinsson een goed team vormen, al was het alleen omdat we vaak samen op de boot zaten en op het eiland overnachtten. We moesten natuurlijk een gebouw bedenken dat qua logistiek en transport goed te realiseren was. We hebben veel gewerkt met prefab materialen, metselwerk en veel glastoepassing om de koppeling tussen gebouw en buitenruimte te maken. Het was een traditionele aanbesteding omdat we onderweg voldoende betrokkenheid bij het plan wilden houden. Dat is een verstandige keuze geweest en paste ook bij het project. De Jutter is een geweldige voorziening voor de gemeenschap, waarbij de gemeente Vlieland, de gebruikers van het gebouw en mensen uit de omgeving betrokken waren. Dan ben ik trots dat alles zo mooi samenkomt en het eind­ resultaat de verwachtingen overtreft.” LEEFBAARHEID Thijs: “We ontwikkelen onze visie verder en dat doen we met mensen die bij ons passen. We begonnen met twee aparte teams met wat oudere docenten en gaande­weg zijn we naar een nieuw team gegroeid. Dat kun je niet plannen; daar moet de tijd overheen gaan. Nu zie je hoe het gebouw dat proces van veranderen kan faciliteren. We hebben collega’s die elkaar graag opzoeken en daar leent het gebouw zich ook voor. We hebben de afgelopen jaren vanaf 2011 en 2010 acht directeuren versleten en kregen vanuit de inspectie een zwakke beoordeling. Afgelopen december is de inspectie weer voor een vierjarig onderzoek op bezoek geweest en kregen we te horen dat we het goed voor elkaar hadden, waarmee we allebei in het basisarrangement komen. Dat is enorm belangrijk voor het gevoel bij het team en bij de ouders”. “De Jutter is belangrijk voor Vlieland”, besluit Cees, “de term eilandschool is veelzeggend; het is het middelpunt van het eiland waar iedereen wel een kind, kleinkind, buurjongen of -meisje op De Jutter heeft. Samen met de bewoners willen we mooi onderwijs maken.” Voor meer informatie surft u naar https://www.abcnova.nl/nl/ of naar http://www.kristinssonarchitecten.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

57


Tekst Sibo Arbeek

VILLA VROLIK COMBINEERT VISIE MET INRICHTING

De droom die uitkwam Opvallend in het gesprek is de vanzelfsprekende uitwisseling van ideeën tussen voormalig directeur Janie Mooi, inrichtingsspecialist van Presikhaaf Schoolmeubelen Rob Stöver en vestigingsmanager Eline Teterissa van Bink Kinderopvang; “Dat komt omdat visie en inrichting samengaan. Anders krijg je een gebouw dat niet past.”

“H

et begon met een droom”, trapt Eline af, “we zaten in de dependance Villa Lorentz samen in één gebouw met in het midden een gang. Links zat de opvang en rechts de school en er was nog een peuterspeelzaal. Vanuit de historie hadden we elke vier weken een overleg; zo is het balletje gaan rollen.” Janie: “We kregen van de gemeente toestemming om op een nieuwe locatie te bouwen en zagen daar kans om een IKC te ontwikkelen. Het aantal leerlingen nam toe en daarmee hadden we budget waarmee we alvast onze visie concreet konden maken. We begonnen met één lokaal te delen als een voorschot op

vlnr: Rob Stöver, Eline Teterissa en Janie Mooi

58

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

de nieuwbouw en op een gegeven moment deelden we alles op vier groepen na. We besloten al snel om alleen inrichting te bestellen die multifunctioneel was. Toen kwam Presikhaaf in beeld.” Rob: “De dames waren het over de uitgangspunten eens, maar niet altijd over de uitwerking. Zo zijn we lang met de kleurstelling bezig geweest. Wij konden daar een goede rol in spelen.” Janie lacht: “Waar we het wel mee eens waren was dat we anders wilden zijn dan de gemiddelde school. De kwaliteit van je concept zit ook in het detail. Als je hier als bezoeker binnenkomt, moet je een fris gebouw ervaren dat met zorg en liefde is ingericht. Daarin vonden we elkaar. We wilden één lijn en alles deelbaar hebben, ook in het gebruik van de ruimten. Je moet de functie niet aan de ruimte kunnen aflezen; dat was de gedeelde noemer.” Eline knikt: “Zo wilden we één werkhoogte en stoelen die in hoogte verstelbaar zijn, zodat ze door peuters, maar ook door leerlingen uit groep 8 te gebruiken zijn. En we wilden materiaal met een natuurlijke uitstraling.” GOED LUISTEREN Rob: “Mijn rol was goed luisteren en met een advies over kleurstellingen te komen dat past. Zo wilde Janie geen eikenhouten blad, maar een wit blad met een wit frame. Eline wilde ook graag met de kleuren groen en oranje werken. Zo zijn we tot een afgewogen inrichtingsplan te komen vanuit een rustige basis. Het moest ook een concept van BSO tot en met groep 8 worden, waarbij je ook moet zorgen dat kleuren niet voor te veel prikkels zorgen; daarom moet je niet te veel knalkleuren gebruiken.” Eline: “En we wilden niet alle meubilair rechthoekig of vierkant, daar hebben we in de vormen speelsheid aangebracht; we hebben ovale, ronde en rechthoekige tafels en afgeronde hoeken. Kinderen werken juist effectiever als ze hun eigen plek kunnen kiezen. Dus moest het ook flexibel zijn; je moet snel kunnen schuiven, maar het


ONTWERP EN INRICHTING

PROJECTINFORMATIE Project Nieuwbouw IKC Vrolik Opdrachtgever Gemeente Hilversum Integrale inrichting Presikhaaf Schoolmeubelen Adviseur ICSadviseurs (programma van eisen/ projectmanagement) Architect Bonnemayer Architecten Aannemer Pellikaan Bouwbedrijf Ingebruikname Juli 2017

moet wel smoelen.” Rob knikt: “Jullie waren volgens mij de eersten met een treinbank in de klas, die je vaak in een kantine ziet.” Janie: “Goed en afwisselend meubilair is belangrijk en heeft ook met houding te maken; ben je gefocust of wil je juist even relaxed zitten? We hadden richting de leverancier ook harde eisen, omdat we er zo goed over nagedacht hadden. Het was: kun je dat leveren of niet?” Rob lacht: “En dan ging ik weer met huiswerk terug, zoals de digiborden met daaromheen halfronde instructie­tafels. Het was hier net even anders dan anders. Zo zie je de verbinding tussen lokalen en onderbouwpleinen ook in de vloer terug. De leerpleinen, keuken en teamkamer hebben we ook aangepakt. Op de leerpleinen hebben we vaste elementen ingebracht.” Janie: “Jij kwam met de idee een soort huislijn in te brengen, waar kinderen zich goed thuis in kunnen voelen.” Rob knikt: “Dat idee heb ik verder uitgewerkt en vertaald naar huisjes op het onderbouwplein; die ook weer erg geschikt zijn voor de BSO. Dan ontmoeten de werksoorten elkaar en dat thema huiselijkheid is boven voor de bovenbouw ook erg goed uitgelegd.” Eline knikt: “Die huizen zijn eyecatchers; ze zijn qua constructie open en dragen echt bij aan de sfeer. Ik merk dat ouders het ook erg leuk vinden om hun kinderen daar te zien werken.” Janie: “Voor ons was

inrichting een onderdeel van de visie; we hebben dat nooit los van elkaar gezien. Dus niet dit is mijn tafel en mijn ruimte, maar ruimten die voor iedereen toegankelijk en daarmee te gebruiken zijn.” THUISKOMEN Dan nog even over het gebouw zelf: “Vanuit de hoofd­ ingang kom je in een ruime ontvangsthal met een tafel waar iedereen welkom is. Aan de wand hangt een prachtig kunstwerk van Wouter Stips aan de hand van tekeningen die door de kinderen zijn gemaakt. Aan weerszijden beneden liggen de lokalen voor onder- en middenbouw en de peuterspeelzaal. Boven

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

59


“We hebben steeds gezegd dat onderwijs en kinderopvang ondergeschikt zijn aan onze visie” vind je de bovenbouw en de kleine bibliotheek. Telkens zijn er vier lokalen die met een grote schuifpui met de pleinen verbonden zijn, waardoor een grote ruimte ontstaat. Janie: “Het voelt hier als thuis­ komen. Als je in een bestaand gebouw met ruimten en meubilair zit is het lastiger om je eigen visie door te voeren in de ruimte en met het meubilair dat er is. Nu konden we het zelf bedenken en hebben we onze visies aan elkaar gespiegeld: wat betekent het echt in de praktijk als je een IKC wilt zijn en hoe kan de inrichting daarin faciliteren? Dat betekent dat je je ook in de ander moet kunnen verplaatsen en kijken hoe het voor die ander werkt. Daarom hebben we ook een gezamen­lijke teamkamer waarin je elkaar kunt ontmoeten met drie zones voor briefing, werken en ontspannen. Ik heb een medewerker die alo-er is en ook de gymlessen geeft. Onze IB-er wordt voor de zorg aan alle kinderen ingezet. We hebben steeds gezegd dat onderwijs of kinderopvang ondergeschikt zijn aan onze visie; het gaat om die doorlopende leer- en ontwikkellijn.” Eline: “In dit huis zijn we één organisatie met twee entiteiten, omdat dat wettelijk nu eenmaal niet anders kan. Maar we hebben één uiting naar buiten en als de ene organisatie genoemd wordt, dan ook de andere organisatie; het is altijd Villa Vrolik.” Kijk voor meer informatie op schoolmeubelen.com.

60

SCHOOLDOMEIN

juli 2019


Tekst Sibo Arbeek

ONTWERP EN INRICHTING

COMPLETE TRANSFORMATIE, VERNIEUWING EN RENOVATIE FRYSKE AKADEMY

“Door één snede in het plafond en de nok van het dak te maken en van hieruit daglicht binnen te brengen, verandert de donkere introverte centrale ruimte van de voormalige Noorderkerk in een open, heldere binnenruimte en bevordert de lichtinval ont­moeting en interactie, energie-efficiëntie in een open werksfeer voor de flexibele studie-, werk- en overlegplekken in de middenzone.” Zie hier het effect van een VELUX Modulaire Lichtstraat in de Fryske Akademy in Leeuwarden SCHOOLDOMEIN

juli 2019

Photography Kim Zwarts

Licht bevordert ontmoeting en interactie

61


E

n die snede werd aangebracht tijdens de ingrijpende verbouwing en restauratie van de Fryske Akademy in Leeuwarden, het onderzoeks­ instituut naar de Friese taal, cultuur, geschiedenis en samenleving dat verbonden is aan de Koninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschappen. Hoofd algemene zaken Jos Tjalsma: “Het is nu prachtig met veel licht, maar oorspronkelijk waren we gevestigd in het monumentale Coulonhûs. In de loop van de tijd was dit instituut met monumentale woonhuizen steeds weer provisorisch uitgebreid, waardoor een kruip door sluip door situatie met verschillende trapgangen was ontstaan. We hadden drie koffiepunten en iedereen zat in kleine groepjes ergens in het gebouw te werken zonder logische samenhang. Dat vormde de represen­tatieve huisvesting van de Fryske Akademy en het was voor iedereen duidelijk dat die situatie op termijn niet houdbaar was. Het was niet efficiënt, logistiek slecht, had te veel meters en kende behoorlijk wat achterstallig onderhoud. Het was ook zonde van al de prachtige elementen in de gebouwen, die vaak niet meer zichtbaar waren omdat er gips- of hardboardplaten voor zaten. Belangrijk; het was voor de samenhang en daarmee voor de kwaliteit van ons werk ook niet goed meer.”

Photography Kim Zwarts

COMPLEXE OPGAVE Architect Jo Janssen stond voor een complexe opgave: “Het transformatieproces moest meer openheid en synergie genereren tussen de verschillende werkgroepen, meer identiteit toevoegen en de toeganke­ lijkheid voor het publiek te vergroten. De kunst was een integrale ruimtelijk-functionele oplossing te vinden, met als uitdaging het inpassen van een nieuwbouwprogramma binnen het historische weefsel van Leeuwarden. Een inwendige ruimtelijke transformatie van het hoekpand tot centrale entree-

62

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

“De mogelijk­ heden die de modulaire lichtstraat ons geboden heeft, hebben we benut om het inwendige van de Noorderkerk te trans­ formeren”

hal, maakte het mogelijk om hier, gebruikmakend van de schuin weglopende gevel, een ogenschijnlijk vrijstaand entreegebaar te maken en in de gevellijn van het uit 1713 daterende Coulonhûs te plaatsen. Hierdoor is er een nieuwe hoofdingang gerealiseerd op de hoek van de Groeneweg en de Doelestraat. Door die ingrepen konden de monumentale panden weer hun representatieve functie vervullen en ruimtelijk-functioneel werden de verschillende historische gebouwen door één ingreep rondom de centrale hof met elkaar verbonden.” Jos knikt: “Door die ingrepen konden we de Noorderkerk functioneel behouden en transformeren. Eerst was daar namelijk de parkeer­ garage bedacht, die met meerdere partijen zou worden gedeeld. Het congres- en studiecentrum It Aljemint is compleet gestript en verbouwd tot kantoorruimte. Het rijk gestileerde interieur van het Coulonhûs is in de oorspronkelijke staat terug­ gebracht.” Jo: “Door de te openen delen konden we gebruik maken van de hoogte van het gebouw en de ruimte. De ingreep en de mogelijkheden die de modulaire lichtstraat van VELUX ons geboden heeft, hebben we dankbaar kunnen benutten om het inwendige van de Noorderkerk te transformeren naar een ruimtelijk, boeiend studielandschap. De werking van zo’n complete lichtstraat is geweldig; de straat verlicht op natuurlijke wijze het centrale gedeelte van het gebouw. De modulaire lichtstraten zijn ook op andere vlakken ingezet. Op een hele efficiënte en esthetisch fraaie wijze kun je zo in ruimten natuurlijk daglicht creëren.” DRIE ONDERDELEN De transformatie bestaat in totaal uit drie onder­ delen, legt Jos uit: “In 2009 werd het budget bepaald en dat was aan de krappe kant. Nadat de financiering rond was konden we in 2014 aanbesteden, net voor de krapte op de markt. De restauratie van het rijksmonument was een onbekende en daar hebben we ons laten leiden door een eerder kosten­ overzicht. Gaandeweg het werk zijn in bouwteams de werkzaamheden verricht. We zijn begonnen met de oude Noorderkerk, It Aljemint, dat van binnen gestript en opnieuw opgebouwd is. De voormalige kerk was zo’n elf centimeter verzakt. Voorheen was het een congres- en studiecentrum, nu worden er onderzoekswerkplekken van de Fryske Akademy in


PROJECTINFORMATIE

Photography Kim Zwarts

Photography Kim Zwarts

ONTWERP EN INRICHTING

Opdracht Renovatie/vernieuwbouw Fryske Akademy Opdrachtgever Fryske Akademy Leeuwarden Architect Jo Janssen Architekten, Maastricht (Jo Janssen, Arabella El Ginawy) Licht VELUX modulaire lichtstraten Bouwdirectie Project en Bouwmanagement Giezen, Assen Aannemer Bouwgroep Dijkstra Draisma Oplevering April 2016

gevestigd. Het tweede deel is nieuwbouw. ‘Dat hebben we opgebouwd uit een stalen skelet met hout­­ skeletbouwelementen. Het derde deel, de restauratie van het monumentale delen van het Coulonhûs, is door gespecialiseerde restaurateurs uitgevoerd. Daarnaast hebben we een aantal duurzaamheidsmaat­ regelen genomen: “We hebben Hr-ketels, warmteterugwinunits en een zuinige gasinstallatie geplaatst. De besparing zit met name in de isolatiewaarde van de kerk en de nieuwbouw. In de nieuwbouw en in It Aljemint zijn veel installaties in het zicht geplaatst en dat ziet er mooi uit. In het monumentale gedeelte hebben we daar niet voor gekozen. Er is goed na­gedacht over de hele constructie en de klimaat­ installaties zijn aangepast op de hoge isolatiewaarde van het pand. En het natuurlijk daglicht in de voormalige Noorderkerk is natuurlijk prachtig. Wat zo’n modu­laire lichtstraat met een voorheen donkere ruimte doet is heel bijzonder.”

onze medewerkers konden verhuizen en het werk kon blijven doorgaan. De uiteindelijke voltooiing van de opdracht was eind april 2016. Het interieur van zowel het Coulonhûs en de later door de Akademy aangekochte oude Noorderkerk hebben de bouwers zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat teruggebracht, vanzelfsprekend passend bij de huidige eisen. Het oude kerkgebouw hebben we bijvoorbeeld compleet in de Eternit leien gezet. Het is toch mooi dat we met nieuwe toepassingen de isolatiewaarde sterk verbeterd hebben, óók die van It Aljemint. De grote, oude ramen hebben we laten zitten, daar plaatsten we voorzetramen voor. En ook aan de akoestiek is in de nieuwbouwplannen aandacht besteed, bijvoorbeeld door het plaatsen van lignatur-vloeren en plafondeilanden. Serene rust is voor zo’n wetenschappelijk instituut natuurlijk van levensbelang. Het mooiste aan dit soort projecten is, dat de samen­ werking goed verloopt. Alle partijen hebben de juiste mensen op het project gezet, met de vrijheid om te beslissen. Het is echt een project waar we heel trots op zijn. Zo’n complexe opgave tot een prachtig geheel brengen is iets dat je wel bijblijft! Nu drie jaar later wordt de kerk door onze wetenschappers als onderzoekswerkplekken gebruikt. In de rijksmonumenten zit de ondersteuning en de overige ondersteunende diensten. De groepen zijn bij elkaar geclusterd en dat werkt in de praktijk goed. Daarnaast is er een centrale kantine in de nieuwbouw aan de Groeneweg. Dat is de centrale ontmoetingsruimte geworden waar mensen elkaar ontmoeten en het werk overlegd wordt.” Toepassing VELUX modulaire lichtstraten in de Fryske Akademy: Een lessenaarsdak 5°, doorvalveilig glas, energiebesparend

OORSPRONKELIJKE STAAT De oplevering vond in twee delen plaats. Jos: “Eerst leverden we It Aljemint op in augustus 2015, zodat

tweelaags glas met zonwerende coating en acht ventilerende modules voor comfortventilatie. Kijk voor meer informatie op veluxcommercial.nl.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

63


Tekst Sibo Arbeek Foto’s: Forbo Flooring

PRACHTIGE ALLURA COLOUR VLOER

Fraaie nieuwe vleugel voor Leidse instrumentmakers School De LiS is een MBO vakschool in precisietechniek en werd in 1901 opgericht door Nobelprijswinnaar Kamerlingh Onnes. Toen hij in 1913 de Nobelprijs kreeg, verklaarde hij dat hem dat nooit gelukt was zonder de instrumentmakers van de Leidse school. Koning Willem-Alexander heeft in 2016 een nieuwe vleugel geopend waar de mooie Allura Colour van Forbo prachtig uitkomt.

O

Foto: Sibo Arbeek

p bezoek bij die prachtige school sprak ik met Robin Hollebeek die zowel facilitair manager, bouwcoördinator, docent mate­ riaalkunde en oud-leerling is en met directeur Godelieve Bun: “Omdat we zo’n speciale en niet te grote school zijn hebben meerdere collega’s dubbele taken. Leuk te melden is dat 60% van de docenten oud-leerlingen zijn, zoals Robin.” Robin: “Kamerlingh Onnes kreeg wereldfaam vanwege zijn onderzoek naar het gedrag van gassen. Belangrijk in zijn onderzoek was dat hij heliumgas vloeibaar kon maken bij extreem lage temperaturen. Op een bepaald moment heeft hij zijn buitenlandse vaklieden opdracht gegeven talentvolle jonge mensen te gaan opleiden tot bekwaam instrumentmaker. Het is aan hem te danken dat de Leidse instrument­makers School bestaat. In 1901 is de opleiding geforma-

64

Robin Hollebeek en Godelieve Bun

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

liseerd door de oprichting van de ‘Vereniging tot bevordering van de opleiding tot instrument­ maker’. Vanaf december 1997 heeft de school een eigen locatie aan de Einsteinweg 61 te Leiden op het Bio Science Park.” Godelieve: “In 2016 vierden we ons 115-jarig bestaan. Dit gebouw heeft na de uitbreiding een capaciteit voor 400 studenten en we hebben nu ongeveer 300 studenten.” PRECISIETECHNOLOGIE Godelieve verder: “De Leidse instrumentmakers School is een MBO-vakschool voor precisietechnologie. Onze studenten bedenken, ontwerpen en maken instrumenten zoals testopstellingen en prototypes in opdracht van de wetenschap. Als je een uitvinder in je hebt dan kom je hier helemaal tot je recht. Onze studenten zijn mbo’ers maar sparren wel met mensen op universitair niveau. Ze werken samen met wetenschappers, met het ziekenhuis en zelfs voor de ruimtevaart.” Robin: “Dat is het mooie aan deze school. Waar kun je dat nog doen; bedenken en zelf sleutelen? Vroeger werd je loodgieter en mocht je alles doen, nu moet je de software van een cv ketel kunnen lezen.” Godelieve: “Onze studenten werken met handen én hoofd en hebben een grote interesse voor techniek. Het merendeel van de studenten komt van het vmbo maar er zijn ook havisten en zij-instromers die specifiek voor onze vakschool kiezen. STRAK ZAKELIJK KARAKTER De door Kentie en Partners ontworpen uitbreiding heeft een strak zakelijk karakter en bevat op de be­ gane grond een nieuwe werkplaats en kantine. Op de tweede verdieping zijn leslokalen en een docentenruimte aangebracht. Tussen het bestaande school-


FACILITAIR EN BEHEER

gebouw ook in het beheer en onderhoud goed blijft. Er wordt niet beknibbeld op kwaliteit en duurzaamheid.”

PROJECTINFORMATIE Projectnaam Leidse instrumentmakers School (LiS) Locatie Bio Science Park Leiden Architect Kentie en Partners Architekten Halfweg Interieurarchitect Global Facilities Petra van Oosterhout In opdracht van Global Facilities Oplevering Juli 2016

gebouw en de nieuwbouw bevindt zich de nieuwe hoofdentree en het trappenhuis. Robin: “Je leert hier in de praktijk een instrument te maken. Dat betekent dat je met het bewerken van materialen, glas blazen, lenzen maken, draaien en frezen bezig bent. Daar heb je een goede ruimte voor nodig, waarbij we in de uitbreiding een vloer met een draagvermogen van vijf ton en hoge isolatie-eisen hebben laten leggen. Machines worden qua footprint kleiner, maar zijn zwaarder geworden. We hebben ook een meetruimte en om deze reden moet het gebouw trillingvrij zijn. De onderwijsruimtes moeten daarnaast toekomstbestendig zijn. Belangrijke ontwikkelingen in het onderwijs hebben met communicatiemogelijkheden, digitalisering en speciale elektrische voorzieningen te maken. Wij wilden een inrichting die kwalitatief erg goed zou zijn, omdat wij dat als onderwijs willen uitstralen. Dat betekent ook dat kleuren voor ons erg belangrijk zijn. Om die reden heb ik de interieur­ architect Global Facilities aan de architect gekoppeld. Samen hebben zij de hele inrichting uitgewerkt en daarmee rekening gehouden met alle aspecten van het binnenklimaat. Parallel aan het bouwproces heb ik een onderhoudsprogramma gemaakt zodat het

FEEL GOOD Key account manager education van Forbo Marieke Meulman: “De opdrachtgever heeft op de vloer onder meer gekozen voor het ijzersterke Allura van Forbo Flooring dat nauwelijks onderhoud nodig heeft en makkelijk is schoon te maken. Deze PVC vloeren worden met geavanceerde technieken geproduceerd waardoor de vloer extra vormvast is en blijft. Deze PVC tegels passen goed bij de zakelijke uitstraling van de school. Kortom; een prachtige opdracht en we zijn trots op het resultaat.” Robin: “Je kunt een functie van een ruimte voor ogen hebben, maar mensen gaan het op een bepaalde manier gebruiken. Het is een omgeving waar mensen in leven. Het moet een feel good experience opleveren.” Godelieve ten slotte: “Onze studenten moeten heel nauwkeurig werken en elke dag hun werkplek schoon achterlaten. Dat komen ze ook tegen in hun toekomstige baan en dat zien we elke dag terug in het gebouw dat er nog steeds perfect uitziet.” Kijk voor meer informatie op globalfacilities.nl/project/ leidse-instrumentmakers-school en op forbo.com.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

65


Tekst Sibo Arbeek

ROTTERDAM BUSINESS SCHOOL FACILITEERT VERBINDING

Strak interieur past bij tijdloze uitstraling

Foto: Ossip van Duivenbode

Het is een spectaculair gezicht wanneer je in het atrium van de Rotterdam Business School aan de Kralingse Zoom komt; een enorme ruimte, met verschillende verdiepingen, waar in verschillende open en gesloten ruimten studenten aan het werk zijn of elkaar ontmoeten. De metafoor voor het onderwijs is connectiviteit, stelt architect Paul de Ruiter. En daar hoort een tijdloze, strakke inrichting bij.

H

et gesprek met Cornelis Zoeteman en Marien Ippel van Nora, architect Paul de Ruiter van Paul de Ruiter Architects en gebouwbeheerder René van Gorp levert een mooi beeld op van het gebouw na drie jaar in gebruik. Paul: “Dit onderwijsgebouw was de laatste toevoeging aan de Rotterdam Business School. Het idee is een flexibele ruimte met veel verschillende plekken waar je individueel of in kleine groepen kunt leren en elkaar ontmoeten. Daar hebben we een gebouw omheen ontworpen, waarbij we rondom het atrium een flexibel indeelbare ring hebben gecreëerd met lokalen, collegezalen en kantoren. Vroeger kreeg je les en nam je kennis tot je; nu wil je die kennis toepassen in samenwerking met anderen en daar horen andere ruimtes bij. De brede trap die de zeven verdiepingen verbindt is een belangrijk

66

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

onderdeel om te zorgen dat mensen elkaar op een natuurlijke manier ontmoeten en onderweg keuzen maken. Interieur is belangrijk, want bepaalt mede de uitstraling. Ik vind dat er in schoolgebouwen vaak vloeren liggen die snel gedateerd zijn. Wij wilden in contrast met het vele licht en het hout een donkere vloer met een tijdloze uitstraling, die tegelijkertijd ook van deze tijd is. Het is een vloer die goed is om op te lopen en die niet te glad en robuust is. Deze vloer is over tien jaar nog mooi, ook omdat je er minder vervuiling op ziet.” DUURZAME FOOTPRINT Marien: “We kennen Paul vanuit de Stichting Westelijke Tuinsteden, waar onze vloer voorgeschreven was. Rubber is van zijn oubollige imago af en levert inmiddels prachtige en duurzame vloeren op.


FACILITAIR EN BEHEER gerealiseerd wordt. Ik neem regelmatig klanten mee naar het gebouw en het ligt er nog steeds strak in. Er ligt een zwarte Noraplan vloer van twee millimeter, ingestrooid met graniet. Je hebt geen onderbreking op de naden, waardoor je de vloer als een mooi groot vlak ervaart. Als je er goed naar kijkt zie je hele kleine steentjes en dat geeft een mooi effect.” Marien: “Als onze vloeren in gebruik worden genomen ervaren ze dat het contactgeluid afneemt. De akoestische waarde van de vloer is een sterk argument. Rubber blijft altijd flexibel; een ander materiaal gaat uitharden en verliest zijn akoestiek. De levensduur van onze vloeren is dertig jaar, waarbij we tien jaar garantie geven.”

“Je hebt geen onderbreking op de naden, waardoor je de vloer als een mooi groot vlak ervaart” Het is een CO2-neutrale vloer, heeft een environmental footprint en geen emissies of uittreding. Daarnaast is het onderhoudsvriendelijk en hoeft het niet in de was. Op een zeker moment hoorden we dat in het project Noraplan kwam. De architect bepaalt de duurzaamheid, kleur en het type vloer. Ik praat dan met hem over zaken als prijs en onderhoud.” Cornelis vult aan: “Dan zorgen wij dat het netjes

AANDACHTSPUNTEN René van Gorp is manager bouwkundig beheer en onderhoud: “Als het gebouw is opgeleverd valt het onder ons en moet ik het in een goede conditie houden. Na drie jaar is het nog steeds een goed gebouw met een prachtige uitstraling met die gevel­ zones. Het is niet voor niets BREAAM excellent gewaardeerd. Het sluit aan bij wat de studenten hip vinden. Het is in feite een simpele doos met veel glas, openingen en ruimte, maar het geeft een functionele beleving en is toch enorm sfeervol. Ik ben betrokken geweest bij de keuze van de Noraplan vloer, wat ik nog steeds een goede keuze vind. Het is een sterk materiaal en de beleving is strak. Rubber doet iets voor het contactgeluid, net als overigens de afwerking op de wanden. We gaan nu ook met wandvullende decoraties van stof met een geluiddempend materiaal werken. De combinatie van lichte wanden, het vele glas en de naadloos ogende vloer werkt goed. Verder camoufleert de rubber vloer vervuiling en dat is ook belangrijk voor de uitstraling. Iets wat er mooi uitziet wordt netter gebruikt. Aandachtspunt is wel dat rubber qua onderhoud wat lastiger is om te repa­ reren zodat het niet opvalt. Verder hebben die vele prachtige witte wanden ook aandacht nodig. Wachtende studenten staan tegen de muur en dan gaat er altijd wel een voetje naar achteren. Op de plekken waar er sprake is van vervuiling gaan we afneembare beplating in de gangwanden uitvoeren. Het gebouw staat aan een drukke verkeersader; de A16 en het tracé. Dat betekent veel uitstoot van CO2, geluid, fijnstof en gassen. Dat werkt uitstekend bij een gesloten gebouw met een goede filtering, maar dit gebouw heeft ook ramen die open kunnen. Het is natuurlijk wel zo dat het openen van de raamkleppen het binnenklimaat nadelig beïnvloedt maar zeer wordt gewaardeerd door de gebruikers. Zo blijf je als gebouwbeheerder altijd bezig omdat een gebouw er voor de gebruikers is.” De Amerikaanse tapijttegelfabrikant Interface heeft nora­ systems overgenomen; samen met Interface is nora in staat om een ​​nog breder scala aan producten en diensten aan klanten aan te bieden. Kijk voor meer informatie op nora.com.

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

67


De etalage

Foto: Arjen Schmitz

BNG Bank onderwijsdagen Innovatief financieren in onderwijsvastgoed Hoe kan ik mijn onderwijshuisvesting anders financieren en realiseren? Welke innovatieve oplossingen helpen me daarbij? En welke mogelijkheden kan ik benutten om mijn onderwijsvastgoed versneld te verduurzamen? Deze en andere vragen staan centraal tijdens de Onderwijsdagen die BNG Bank organiseert in samenwerking met Schooldomein. De bijeenkomsten zijn bedoeld voor schoolbesturen, schooldirecteuren, hoofden huisvesting en financiën in het primair- en voortgezet onderwijs en voor ambtenaren/bestuurders van gemeenten die verantwoordelijk zijn voor onderwijshuisvesting. De eerste bijeenkomst in juni was een succes, de volgende twee zijn gepland in het najaar: • Donderdag 17 oktober 2019: Noorderpoortcollege, Groningen • Medio november 2019: Midden Nederland (locatie volgt)

68

SCHOOLDOMEIN

juli 2019

PROGRAMMA Het programma biedt veel ruimte om met elkaar in gesprek te gaan. Sibo Arbeek, hoofdredacteur van Schooldomein, opent het programma en is gespreksleider van de dag. Na zijn welkom geven we plenair een overzicht van ontwikkelingen in het onderwijs en uitdagingen waar de sector voor staat. Daarna zetten we, in de vorm van pitches, kort maar krachtig drie verschillende mogelijkheden uiteen voor het realiseren en financieren van nieuw en bestaand onderwijsvastgoed. In drie tafelrondes kunt u vervolgens met de verschillende partijen in gesprek. 12:30 uur Inloop met broodjes en kennismaken 13.00 uur Plenair programma 13.10 uur T rends binnen het onderwijs: Sectorontwikkelingen, uitdagingen en een schets van de mogelijkheden door Sibo Arbeek, hoofdredacteur Schooldomein 13.30 uur Innovatief financieren in de praktijk 13.55 uur P  itch A: Ontzorging via Bewust Investeren door Bart Hoevers, mede-oprichter van Bewust Investeren

14.05 uur Pitch B: Ontzorging via Huren als Eigenaar door Donald van der Veen, directeur Stichting Maatschappelijk Vastgoed 14.15 uur Pitch C: Financiering schoolbestuur onder borgstelling door de gemeente door Marc Braaksma, senior adviseur ruimtelijke economie bij Sweco 14.25 uur Pauze 14.35 uur Tafelronde 1 14.55 uur Tafelronde 2 15.15 uur Tafelronde 3 AANMELDEN Meer weten over innovatieve oplossingen bij het realiseren van onderwijsvastgoed PO/VO? Kom dan naar de onderwijsdagen van BNG Bank en meld u vandaag nog aan via bngbank.nl/ onderwijsdagen. BNG Bank is betrokken partner voor een duurzamer Nederland. Wij stellen de publieke sector in staat maatschappelijke doelstellingen te realiseren. Kijk voor meer informatie op bngbank.nl.


Column Duidelijkheid over kwaliteit, investering en exploitatie Herman Wesselink College, Amstelveen

Goede gebouwen zijn een basisvoorwaarde om uw onderwijsvisie te kunnen realiseren. Verbouwen of nieuw bouwen: elk proces heeft zijn eigen aanpak nodig. Daarbij is duidelijkheid over kwaliteit, investering en exploitatie noodzakelijk. bbn adviseurs biedt ondersteuning in alle fasen van het proces. Wij zijn in het PO, VO, MBO en HO actief met advisering over huisvesting, duurzaamheid, kosten en exploitatie en bouwmanagement.

bbn adviseurs, De Molen 100 Houten T +31 (0)88 226 74 00

E info@bbn.nl

W www.bbn.nl

FUSIE KINDEROPVANG-ONDERWIJS: OMDAT HET MOET EN OMDAT HET KAN De ontwikkeling van kinderen begint niet bij 4 jaar, maar bij 0 of zelfs bij -9 maanden. Investeren in jonge kinderen heeft een positief effect op hun latere ontwikkeling, tonen wetenschappelijke studies aan. Die bewijzen ook dat investeringen in de middengroep meer resultaten opleveren dan alleen in de onderkant. Om die redenen ontstond op 1 september 2015 PIT Kinderopvang & Onderwijs (400 medewerkers, 3.500 kinderen) vanuit een bestuurlijke fusie van een onderwijs- en een kinderopvangorganisatie. PIT vindt dat elk kind vanaf het prille levensbegin ontwikkelrecht heeft. Dat recht moet van baby tot puber goed geborgd zijn en niet afhangen van de toevallige motivatie en welwillendheid van professionals om samen te werken. Daarom een bestuurlijke fusie, een organisatorische verankering van een ontwikkelomgeving die duurzaam in de goede stand staat. Met als resultaat één missie, één visie, één team, één werkgever, één leiding, één beleid. Kinderen (en hun ouders) plukken daar de vruchten van. Zij ervaren con­ tinuïteit en herkenbaarheid in de vorm van een doorgaande ontwikkellijn. Eerst in de belangrijkste ontwikkelperiode van 0 tot 7 jaar, vervolgens door de samensmelting van informeel en formeel leren in de verbinding van buitenschoolse opvang en basisonderwijs. Hierdoor hebben kinderen meer mogelijkheden voor talentontwikkeling. Maar er is meer. Ook medewerkers hebben meer ontwikkelmogelijkheden. Zij leren van en met elkaar vanuit de visie en het beleid met organisatie­ brede basisafspraken. Dat levert een gouden combinatie op, een krachten­ bundeling van de pedagogische kennis en kunde van onze pedagogisch medewerkers met de didactische expertise van onze leerkrachten. Samen praten, samen denken en samen ontwikkelen, genereert meer kennis over het kind en meer mogelijkheden voor een pedagogische en didactische aanpak. Niet alleen binnen een kindcentrum, maar integraal over en door de hele organisatie; een ideale voedingsbodem voor een professionele cultuur. Ad Vos – PIT Kinderopvang & Onderwijs

Schooldomein

juli 2019

69


colofon Schooldomein Magazine voor de perfecte leef-, leer- en werkomgeving sinds 1988. Schooldomein verschijnt zes keer per jaar. Op internet: www.schooldomein.nl. Uitgever Schooldomein is een uitgave van Schooldomein Relaties en Ten Brink Uitgevers Redactie Sibo Arbeek, Paul Voogsgerd, Brenda Breems Vaste medewerkers Martijn Buskermolen (fotografie), Jaap de Kruijf, Anje

1

no.

Anders werken aan bouwen Het volgende nummer van Schooldomein ligt begin oktober in de bus en kent als thema ‘Anders werken aan bouwen’. In de nieuwe (school)jaargang nemen we de praktijk nog verder onder de loep. Wat gaat goed en wat kan beter? We gaan er weer een mooie jaargang van maken. Een greep uit de artikelen:

Romein, Kees Rutten (fotografie), en Martine Sprangers (fotografie). Redactieraad De redactie en de partners van Schooldomein onder voorzitterschap van Edward van der Zwaag. Redactieadres Postbus 59112, 1040 KC Amsterdam, tel 06 82548370 E-mail: info@schooldomein.nl Arrangementen partners Schooldomein. Voor het plaatsen van artikelen, advertenties of advertorials in het magazine Schooldomein, kunt u contact opnemen met Brenda Breems van Schooldomein Relaties, Postbus 59112, 2014 BT Amsterdam, telefoon 06-82548370, brenda.breems@schooldomein.nl. Voor de online activiteiten van Schooldomein (website en sociale media) kunt u contact opnemen met Paul Voogsgerd, Zuiderkruis 588, 3902 XS Veenendaal, paul.voogsgerd@ schooldomein.nl, 06-46337000. De advertentietarieven en arrangementen van Schooldomein vindt u op www. schooldomein.nl. Abonnementen Betaling, opgave, abonnement, opzegging en adres­ wijziging kunt u doorgeven aan Administratie Schooldomein, Postbus 1064, 7940 KB Meppel, tel (085) 27 36 36 7, e-mail: sdo@tenbrinkuitgevers.nl. Schooldomein verschijnt zes keer per jaar in controlled circulation voor alle instellingen in het primair-, voortgezet-, middelbaar- (ROC’s) en hoger onderwijs (hbo en

• Groot interview met bijzonder hoogleraar Frank de Jong: de transitie naar een circulaire economie begint met ecologisch intelligent handelen. • Duurzaam en gezond: over een gezond binnenklimaat en tijdloos bouwen bij Klein Amsterdam. • Bijzondere inrichting Coenecoop College: waarom inrichting steeds belangrijker wordt in de beleving van het onderwijs. • Vernieuwend VMBO in Hengelo: het nieuwe CT Stork College bundelt de krachten. • IVVD Onderwijsvastgoed Dag 2019: de nieuwe trendradar en veel meer. • Innovatief financieren werkt: verslag van de eerste BNG Onderwijsdag. • Grenzeloze ambities Inovation Center Bolidt: zoals de toekomst er vandaag uitziet.

wo). Elke instelling krijgt op instellingsnaam een exemplaar toegestuurd. Daarnaast krijgen alle gemeenten Schooldomein toegestuurd. Voor meerdere exemplaren alsmede voor abonnementen voor particulieren, instellingen en bedrijven geldt een abonnementsprijs van e 45,- voor losse nummers e 8,- incl. verzendkosten. Abonnementen kunnen schriftelijk tot uiterlijk 1 juli van het lopende abonnementsjaar worden opgezegd bij de administratie van drukkerij Ten Brink. Bij niet tijdige opzegging wordt het abonnement automatisch met een jaar verlengd. Productie Grafische productie: Drukkerij Ten Brink, Meppel Projectbegeleiding: Communicabel, Veenendaal Vormgeving en website: FIZZ | Digital Agency – fizz.nl Schooldomein wordt mede mogelijk gemaakt door een groot aantal partners. Een overzicht daarvan vindt u op pagina 5.

70

SCHOOLDOMEIN

juli 2019


25 sep

Onderwijsvastgoed Dag 2019 Datum: woensdag 25 september 2019 Programma: 10.00 uur – 16.30 uur Locatie: Nyenrode Business Universiteit, Breukelen

Actuele thema’s en oplossingen Laat u inspireren, ontdek kansen en creatieve oplossingen voor nieuw en bestaand vastgoed in het onderwijs. Speel in op de ontwikkelingen op het gebied van de energietransitie en leer wat de ontwikkelingen in het onderwijsvastgoed voor uw organisatie kunnen betekenen.

Hoofdprogramma

FLEXIBELE ESTHETICA WAAR HET STIL VAN WORDT

Het klimaatakkoord daagt met de routekaart onderwijsinstellingen uit om nu stappen te zetten. Het gaat om de versnelling van de energietransitie door een forse opschaling. Verschillende aspecten worden besproken in zowel het plenaire als het break-out programma.

Maar er is meer. Hiernaast vindt u alvast het programma van het plenaire onderdeel van deze dag.

DESIGN & AKOESTIEK

Break-out sessies

Tijdens de break-out sessies kunt u uw programma verder persoonlijk invullen door twee van de acht aangeboden verdiepende break-out sessies over actuele onderwerpen te volgen. Voor wie: Voor toezichthouders/schoolbesturen, directie en staf van schoolorganisaties, verantwoordelijken bij gemeenten voor scholen en anderen die zich in het dagelijks werk bezighouden met onderwijsvastgoed. Uw deelname: € 395,= excl. btw voor scholen en gemeenten en € 425,= excl. btw voor overige organisaties. Lunch, koffie, thee en netwerkborrel zijn inbegrepen. Ontmoet uw collega’s en deelin ervaringen! Werken een flexibele

PA N E E LWA N D E N G L A S WA N D E N S C H U I F WA N D E N V O U W WA N D E N

en

Routekaart PO, SO en VO Onderwijsvastgoed in relatie tot de energietransitie Gerhard Jacobs – partner HEVO

Total Cost of Ownership en energietransitie Ervaringen uit de praktijk Wichert Eikelenboom – lid CvB Voila Krimp is (bijna) overal Big data geeft inzicht waar dit het meest knelt Marten Middendorp – partner Republiq Campus Lelystad Het organiseren van kleinschaligheid Rinske Wikkerink - projectarchitect/associate partner Kraaijvanger Optimale besteding van huisvestingsmiddelen Gemeenten en schoolbesturen worden partners Max Hoefeijzers - medeverantwoordelijk voor de doordecentralisatie PO en VO in Breda Werkplekbeleving Onorthodoxe aanpak van werkdruk Wim Pullen - directeur Center for People and Buildings

Nationale Trendradar Onderwijsvastgoed 2019 in de relevante trends rustigeInzicht omgeving Wim Fieggen - partner IVVD

Met haar mobiele wandsystemen haalt BREEDVELD het beste uit elke ruimte. De focus ligt op duurzaamheid, esthetiek, akoestiek, gebruiksvriendelijkheid en klanttevredenheid. Dat geldt voor alle u intotop www.onderwijsvastgoeddag.nl producten: vanSchrijf paneelwanden ingenieuze dubbelwandige (smart)glaswand. Meer informatie: www.breedveld.com – T +31 (0) 487 542888


Heeft u er ooit bij stilgestaan dat kinderen meer tijd op school doorbrengen dan waar dan ook, behalve in hun eigen huis? Ze zitten in totaal ongeveer tweehonderd dagen per jaar op school. De vraag is dus hoe we klaslokalen zo kunnen ontwerpen dat ze een gezonder binnenklimaat krijgen en de leerprestaties beter ondersteunen. Lees hier meer over op vms.velux.nl.

Hanzehogeschool Wiebengacomplex, Groningen Lessenaarsdak (96 modules)

SPORTDOMEIN | ZORGDOMEIN | WIJKDOMEIN

Magazine voor de perfecte leer-, werk- en leefomgeving

SCHOOLDOMEIN

Een gezond binnenklimaat voor een betere leeromgeving

6 oog voor

no. jaargang 31 juli 2019

ontwerpen voor de toekomst

ZOEKTOCHT naar betekenisvolle omgevingen WAT VINDT DE DOCENT van het gebouw? SPELEND LEREN over duurzaamheid LEEROMGEVING van de toekomst

Profile for Schooldomein

Schooldomein 6 - juli 2019  

Schooldomein 6 - juli 2019  

Advertisement