Page 1

SIMMER

De enige échte!

2018

Skûtsjekrant Uitgave van Uitgeverij PENN.nl

Jaargang 23

Redactie: Martsje de Jong en Klaas Jansma

Huizum outsider SKS ‘Sterke Jerke’ onnavolgbaar De laatste van Sjoerd Kleinhuis Vuur in de B-klasse

RADIO

KLAAS

Jachthavenstraat 55 8605 BV Sneek tel. 0515-421900

Voltastraat 5 8606 JW Sneek 0515-411211

DRACHTEN GORREDIJK JOURE

www.intersurf.nl

www.doumastaal.nl

www.kromhout.com


Skรปtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

samen werken.

samen werken en samen vooruit In de nieuwe gemeente De Fryske Marren houden we er met elkaar de vaart in. Ondernemers hebben in deze mooie gemeente alle ruimte en helpen elkaar waar dat maar kan. Moet de koers verlegd worden? Dan doen we dat samen. Want door krachten te bundelen, komen we verder. Meer weten? www.defryskemarren.nl

www.defryskemarren.nl

2


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Antieke schepen, moderne techniek Vaker dan vroeger zie je bij het skûtsjesilen van tegenwoordig een bemanningslid op een zwaard staan. Soms staat er iemand een hele wedstrijd op, soms even, na het overstag gaan. Zo’n zwaard glijdt in onze tijd namelijk gemakkelijker langs de romp op en neer dan vroeger. Dat komt voor een deel door de uierzalf, een goedkoop glijmiddel dat droog hout een beetje vettig maakt. Maar er zijn meer oorzaken. De huidige zwaarden zijn meestal niet meer van eikenhout gemaakt, zoals die van vroeger, maar van Afzelia of een andere tropische houtsoort. Dat drijft lichter. Omdat ze nog wel gevoelig zijn voor uitdroging in de felle zon, trekken zuinige schippers er een zwaardhuik overheen. Anderen, zoals de eigenares van de Sneker Pan, zorgen ervoor dat het schip geregeld wordt gekeerd, zodat de zon op beide kanten schijnt. Dat is ook beter voor mast, giek en roer. Ze zien er daardoor allemaal veel gladder uit dan vroeger. Een goed zwaard heeft een vleugelvorm en is aan de binnenkant een ietsje hol. Vroeger gold als norm dat er een 8-literse emmer in geleegd moest kunnen worden. Dat is ouderwets. Maar het is gemakkelijk te zien of een schip met goed gestroomlijnde zwaarden is uitgerust: dan kolkt er minder water rond de kop van het zwaard als het wat waait. Vroeger was de ophanging van veel zwaarden a-symmetrisch, tegenwoor-

dig zit de bout met de ster midden op de kop. De zwaardsleuf, waarmee je dit vlakke hout desgewenst iets naar voren of naar achteren kunt trekken, is vandaag de dag op alle skûtsjes standaard aangebracht. Vroeger was dat niet zo. Op ‘De Vlecke’ met Hylke de Vries als schipper hebben ze daar in 1975 nog flink ruzie om gehad. Datzelfde skûtsje vaart nu opnieuw mee. Het is de ‘Friesland’ van Johannes de Vries, vroeger de ‘Noord Friesland’ van Lodewijk Meeter en daarvoor de ‘Drie Gebroeders’ van eerst Johannes en later Bauke van Keimpema. De huidige zwaarden zijn, als de eigenaar dat wil, eenvoudig verstelbaar. Daar hoeft geen huisvlijt meer aan te pas te komen. Als zo ’n licht glijdend zwaard de neiging heeft te rijzen, zodat er iemand op moet staan om het onder water te houden, veroorzaakt het ‘lift’, extra opwaartse druk. Daardoor wordt een skûtsje lichter. Dat kan versterkt worden door een perfecte vormgeving.

Lift kan er door het toepassen van stroomlijnwetten zelfs toe leiden dat een schip gaat planeren en bijna gaat vliegen, zoals je bij de America’s Cup en snelle raceboten kunt zien. Dan staat zo’n vaartuig als het ware op een paar poten. De aloude wet ‘lengte loopt’ geldt in zo ’n geval niet meer, net zo min als de natuurlijke begrenzing van de rompsnelheid gekoppeld aan de lengte van een vaartuig. Er gelden in de aerodynamica nu eenmaal andere wetten, soms tegengesteld aan die van de hydrodynamica. De één maakt in het zeilen optimaal gebruik van technische mogelijkheden, de ander minder of niet. Soms is de neiging om te verbieden binnen een organisatie sterk, soms wordt bijna alles getolereerd. Zo varen Lemsteraken wel met halfwinders maar skûtsjes sinds 1970 niet (meer). En zo mochten vroeger boltsjes als de oude Sneker Pan nog gewoon in de SKS meedoen, en schepen met een uitgerekte roef als de Friesland bij de IFKS, en is dat tegenwoordig uitgesloten – zodat zelfs een mooi skûtsjeachtig vaartuig als de ‘Nynke’ gedegradeerd wordt tot goedkoop schip in de recreatievaart omdat het ooit op de Piipster Werf als bolschip is gebouwd. Deze ontwikkeling gaat door. Het gebruik van moderne elektronica aan boord van de honderd jaar oude skûtsjes is bij beide organisaties verboden. Maar hoe lang is dat verbod houdbaar als je tegenwoordig in de modale smartphonewinkel al een intelligent

Teake Witteveen houdt het zwaard ‘eronder’ aan boord van het Blauhúster skûtsje ‘Freonskip’. Aan de kolking rond de kop te zien is de vorm van het zwaard niet optimaal.

horloge met een beeldschermpje kunt kopen, en straks een zegelring met een uitschuifbare klep? Vrijwel alle informatie van weer en wedstrijdwater en zelfs de koers van concurrenten kun je daar op binnenhalen. Het is desnoods te projecteren op de onderkant van een dirksluik, als dat niet te druk beschilderd is. Inbreken in de transponder, die op de giek wordt bevestigd, is dan niet eens meer nodig. Wij weten dat op meerdere skûtsjes bij veel vaartochtjes moderne communicatiemiddelen aanwezig zijn. Zouden die in wedstrijden ineens niet gebruikt worden? Men kan deze innovatie uit nostalgisch oogpunt betreuren, men kan

het toejuichen. Feitelijk doet dat er niet toe. Zeilers zullen gebruik blijven maken van mogelijkheden om hun schepen sneller te maken. Gewicht is daarbij een belangrijke factor, zo is de laatste jaren bij de IFKS ten overvloede aangetoond. Van de organisaties mag echter gevraagd worden om de essentiële kwaliteiten van het skûtsjesilen in stand te houden. Welke die precies zijn, en welke daar niet bij horen, is elk jaar wel een uurtje vergaderen waard. Dus wel een stroomlijnzwaard gebruiken en geen smartwatch? Zeg het maar…

Klaas Jansma

Vaar op zeker U kunt pas écht zorgeloos van uw schip genieten als u daarvoor een goede verzekering heeft. Door onze

zeer ruime ervaring in het verzekeren van pleziervaar-

tuigen zijn wij specialisten op dit vakgebied. Wilt u een

passende offerte? Bel ons, of bezoek onze website www.kuiperverzekeringen.nl

Kuiper_Skutsjekrant_2018_260x183.indd 1

Postbus 116

8440 AC Heerenveen

Tel. (0513) 61 44 44 Fax (0513 ) 62 37 42

www.kuiperverzekeringen.nl

3

31-01-18 11:09


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Akkrum, Heerenveen en Huizum

Dringen aan kop bij SKS

Johannes Meeter zeilde in 2017 naar een zevende plaats in het klassement. Een opsteker voor alles wat ‘it Doarp Huzum’ een warm hart toedraagt.

Voor het eerst sinds dertig jaar is een Meeter met Bijna kampioen als debutant ‘It Doarp Huzum’ weer favoriet voor een podium- Sytze Brouwer had met de ‘Gerben plaats. Dat zegt niet deze redactie, maar Douwe van Manen’ in het eindklassement punten als de kampioen Azn. Visser, vorig jaar met ‘Doarp Grou’ SKS-kam- evenveel Douwe Azn. Visser, maar hij mocht pioen. Johannes Meeter heeft het, zegt hij, ‘lekker maar 6 punten aftrekken en Douwe 11. Bovendien had de laatste ‘skioan ’e praat’. Vorig jaar werd Huizum met 61 punten zevende in het eindklassement, comfortabel tussen Earnewâld en d’Halve Maen Drachten. Van deze twee had Earnewâld de pech dat de gewonnen wedstrijd bij De Veenhoop ongeldig voor het klassement werd verklaard door de wegvallende en ook nog licht draaiende wind in het Grytmansrak. Anders had er wel meer in gezeten voor Gerhard Pietersma c.s. – al was het waarschijnlijk geen podiumplekje geworden. Dit jaar doet Huizum het weer uitstekend. Eerste in de driedaagse wedstrijd van Lemmer Ahoy, dan presteer je wel wat. Bij Sprintwedstrijden heeft de huidige Huizumer bemanning, met naast de ervaren schipper toptalent Baint Kramer, al bewezen dat ze scherp kan starten. En bij gemiddeld weer loopt de vroegere ‘Sûn en Wol’, het huidige Huzumer Skûtsje, uitstekend. Wie had dat tien jaar geleden kunnen bevroeden!

Pech of strijdlust

Een vaste favoriet bij de SKS is Pieter Eildertszoon Meeter van het Akkrumer Skûtsje. Hij is schipper op een van de twee familieskûtsjes in de vloot, in het dagelijks leven gastheer op de Frisian Queen. De 47-jarige Pieter had vorig jaar (weer) kampioen kunnen worden als hij wat voorzichtiger was geweest. Bij Elahuizen kreeg Akkrum protest van Jaap Zwaga, die een dag later, bij Stavoren, met de zeilerij zou stoppen

4

omdat zijn Langweerder skûtsje niet vooruit te branden was. Dat was niet fijn, maar begrijpelijk. Dat dezelfde Pieter Meeter in de eerste wedstrijd bij Lemmer in koppositie stuurboord voor Auke de Groot van de SWH langs draaide, was ernstiger. Daar manifesteerde zich de strijdlustige schipper, die met wat meer gevoel voor de verhoudingen mooi bij de SWH achterlangs was geschoven en dan van bovenaf de kop had gepakt. Die strijdlust, en een spannende verhouding met de familie De Groot, dragen de Meeters al vier generaties met zich mee. Misschien wel meer, maar verder dan ‘pake Eildert’, de vader van Pieters pake Siete, kunnen we niet terugkijken. Vader Eildert was niet de grootste vriend van de inmiddels overleden Meindert. Pieter kreeg het in zijn loopbaan aan de stok met Auke Meindertszoon, die bij Grou zelfs aan boord van het Akkrumer skûtsje klom om zijn ongenoegen kenbaar te maken. Bij zo iemand ga je niet over stuurboord vlak voorlangs, zou je zeggen. Aan de andere kant is er het prachtige, snelle Piipster skûtsje, dat Siete Meeter in de vroege jaren zestig eigenhandig zeilklaar maakte. Dat staat al vele jaren garant voor een topklassering, mits er goed mee wordt gezeild. En zeilen kunnen de Meeters! Pieter toonde dat het afgelopen voorseizoen meermalen, van Lemmer Ahoy tot de Waterpoort Race.

tend gelok’ op de Snitser Mar, toen Auke de Groot een protest tegen hem weer introk vlak voordat hij met zijn SWH-skûtsje was omgeslagen. Als dat ‘uitgelokte’ protest (volgens Douwe) was doorgezet, was Sytze als debutant waarschijnlijk meteen kampioen geworden. Zijn prachtige eindklassering, tweede, dankte hij vooral aan een sterk optreden bij Lemmer: twee keer eerste. Het is een van de raadselen van de skûtsjesilerij waarom het snelle skûtsje van Heerenveen onder Brouwers wel presteert en met veel andere schippers teleurstelt. De laatste niet-Brouwer die het mocht proberen, was Alco Reijenga. Hij, toch geen slechte zeiler, verdween roemloos naar de coulissen met zelfs nog een laatste klassering op zijn palmares. Waarom Sytze het dan zo veel beter doet, net als eerder ‘Omke’ Tjitte Lammerts Brouwer en later Sytzes echte omke Tjitte en vader Pieter? Dat wordt nog een heel verhaal, waarin de invloed van de zeilformule zelfs ook nog genoemd kan worden. In het voorseizoen van 2018 deed de jeugdige Sytze Brouwer (35) het opnieuw uitstekend, wat aanleiding is om hem ook nu weer met stip bij de favorieten in te delen. Zelf verwacht hij vooral veel van Akkrum. En inderdaad ging het al een paar keer tussen die twee.

Titel prolongeren

Een goed of juist matig voorseizoen zegt bij Douwe van Albert Visser op

de ‘Doarp Grou’ niet zo veel. In 2017 keek hij maandenlang bezorgd naar zijn pas verlengde schip. Hij kon het maar niet goed aan de wind krijgen. Toch zou hij daarna voor eigen publiek tijdens de SKS-titelstrijd winnen, en daarna op ongekende wijze nog een

paar keer vlammen. In Grou werd hij, net als in de ruige wedstrijd bij Stavoren, eerste! Dat bleek representatief voor een fantastisch seizoen, dat in Sneek met een SKS-titel werd beklonken. Dat hij bij de start al een risico nam door

WEER VLOOT VAN VEERTIEN Sinds 1973, het jaar waarin Klaas van der Meulen bij Stavoren overleed en Woudsend zich daarom terugtrok, werden er altijd 14 skûtsjes geklasseerd. Dat was al het geval sinds 1970, toen dit aantal als maximum werd aangehouden door de Sintrale Kommisje Skûtsjesilen. Vorig jaar echter zagen de toeschouwers na de wedstrijd bij Stavoren steeds maar 12 schepen op het water. In de eindrangschikking over 2017 staan er 13 genoemd. Langweer, dat zaterdag in Stavoren met schipper Jaap Lammertszoon Zwaga voortijdig de kant opzocht, voer nadien niet meer uit, maar kreeg wel voor elke wedstrijd het maximale aantal punten. Dat Jaap er geen heil meer in zag, kwam door de verplichting om op zijn brede schip ‘De Twee Gebroeders’ het gewicht van een doorsnee Toyota als ballast mee te nemen. Hij had ook met een klein tuig van start kunnen gaan, maar daar was niet voor gekozen. Door die ballast kon de zwaan nooit snel ‘aanpikken’, zodat er nergens een acceptabele uitslag te halen was. In het voorseizoen hebben Jaap en zijn broer Ulbe met wisselend succes aan verschillende wedstrijden meegedaan. Ze mogen van achterneef Willem een oud tuig van het Leeuwarder skûtsje gebruiken, dat vanwege de ouderdom niet aan de profiel-eisen van de SKS hoeft te voldoen. Dan mag de zware ballast er ook uit. Waarschijnlijk is daar iets beter mee te varen dan met de combinatie van vorig jaar, al is het natuurlijk niet ideaal. De ‘Oeral Thús’ van Joure ontbrak vorig jaar helemaal in de uitslag. Dirk Jan Reijenga legde zich niet neer bij de afkeuring van zijn hommerbeslag, waarna diskwalificatie onvermijdelijk was. Inmiddels is de vroegere commissievoorzitter Klaas Plaatje overleden, schipper Dirk Jan Reijenga opgestapt, zijn een paar bemanningsleden vertrokken, heeft Hans Meetsma zijn speldje als lid van verdienste ingeleverd. Ulbe Zwaga werd als sollicitant voor het schipperschap afgewezen, Rinus de Jong aanvaard. Die heeft al vele jaren ervaring als bemanningslid op Earnewâld en Langweer en bij de IFKS. En de ‘Oeral Thús’ kan hard, is wel bewezen. We mogen er daarom van uitgaan dat we in 2018 gewoon weer een vloot van veertien skûtsjes mogen bewonderen.


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

over stuurboord voor Auke de Groot langs te gaan, bewijst zijn strijdlust. Maar, dat is de andere kant, hij had voor de zekerheid nog wel even gevraagd of het kon. Daarom was hij ook zo boos toen later de rode vlag in het want van de SWH wapperde. Al bood hij wel weer zijn excuses aan voor de misplaatste woorden ‘in mislike fine streek’. Al die gebeurtenissen typeren de ware kampioen in het moderne skûtsjesilen: fair als het kan, hard als het moet. Deze 55-jarige reder en invaller-schipper op de grote kustvaart heeft sinds 2005 met Grou al vier titels in de wacht gesleept. Natuurlijk wordt hij daarbij geholpen door een uitstekende bemanning en een actieve eigenarencommissie. Jan Feike Hoekstra en zijn mannen en één vrouw weten elk jaar genoeg geld op te halen om te investeren. In zijn bemanning heeft de Grouster schipper de sportieve Anne Tjerkstra, nestor van de vloot en zelf oud-schipper op Joure en Langweer. Die heeft tegenwoordig een vrije functie: overal bijspringen waar dat nodig is. Op het Langwarder skûtsje was ook Ulbe Brandsma, een ander bemanningslid, een tijdlang schipper. Dit jaar zeilt Grou met een nieuwe mast, waar ook weer een nieuwe trim bij hoort. Het verlengde skûtsje hebben ze nu wel in de macht, mag

je hopen. Maar bij de SKS weten ze ook dat het deze eeuw moeilijk is gebleken om een behaalde SKS-titel te prolongeren als je niet op de Sneker Pan zeilt en Douwe van Jappie Visser heet. Er zijn gewoon te veel kandidaten voor de zege. En, niet onbelangrijk, de weersomstandigheden zijn elk jaar anders.

De Lemster jonges

Albert Visser en de Lemster commissie hebben het afgelopen jaar de buidel flink opengetrokken. Giek, gaffel, zeil en fok zijn vernieuwd. Je kunt ook zeggen dat er een compleet ‘nij túch’ is aangeschaft. Dat past in een benadering die op prestaties is gericht, zoals men van een Visser en een ambitieuze commissie mag verwachten. Deze prestatielijn leidde in het verleden tot een saneringsoperatie bij de bemanning, waar de wat minder gemotiveerden na een paar goede gesprekken afvloeiden. Nu is het Lemster skûtsje flink aangepakt, kort voordat deskundigen voor het SKS-bestuur kritisch hebben gekeken naar de nieuwe zeilformule. Dat mag je wel gedurfd noemen, want stel dat er straks opnieuw iets aangepast moet worden. Maar Albert is, nu broer Douwe bij Sneek is opgestapt, wel eens aan een eindzege toe. Het is dan ook geen wonder dat het Lemster skûtsje met Albert Visser

Ook Albert Jzn. Visser, broer van de gestopte Douwe, heeft het nodige geïnvesteerd om zijn ‘Lemster Skûtsje’ naar het podium, en bij voorkeur uiteraard een titel, te sturen.

in verschillende lijstjes als een van de favorieten op de eindzege wordt genoemd. Of dat wordt waargemaakt, hangt een beetje van de weersomstandigheden af. Lemmer, in 1930 op Buitenstvallaat onder leiding van de toen al bejaarde Jan Oebeles van der Werff gebouwd, is het jongste skûtsje van de SKS-vloot. Het moet wind hebben, dat is altijd zo geweest.

de openingswedstrijd bij Grou. Die geschiedenis wil de Jouster commissie achter zich laten, en Rinus wil er niet eens meer over praten. ‘Wat west hat, hat west’. Zelf zegt hij in het SKS-Skûtsjejournaal 2018 bijvoorbeeld: ‘Er is weinig veranderd aan

het skûtsje, iets bovenin de mast. En er komt een nieuwe fok.’ Dat ‘iets bovenin de mast’ is de bewuste ring, die net iets hoger zit dan bij veel andere skûtsjes, maar in het kader van de originaliteit wel is goedgekeurd.

IM

Gekke dingen

Dit jaar verschijnen alle veertien skûtsjes weer aan de start. Bij Joure zit met Rinus de Jong een nieuwe schipper aan het helmhout. Langwar gebruikt dit jaar een oud tuig van de ‘Rienk Ulbesz’ en zal daar hopelijk wat beter mee uit de voeten kunnen dan met het materiaal van 2017.

De algemene verwachting is dat de nieuwe schipper op de Sneker Pan, Jappy Douweszoon Visser, dit jaar wel voorzichtig zal beginnen om de boel niet te vernielen. Of, zoals hij het zelf formuleerde in het Skûtsjejournaal van de SKS: ‘in het eerste jaar willen we vooral leren en geen gekke dingen doen.’ Maar we weten allemaal ook dat het voorseizoen dit jaar lang is geweest en dat het skûtsje niks aan snelheid heeft ingeboet. Integendeel, er is wéér geïnvesteerd, nu in een nieuwe mast en fok. Bovendien kan Jappy zeilen, heeft hij genoegzaam bewezen. En tot slot, hij heeft een jonge, enthousiaste bemanning. De meesten zijn net als de schipper als jongen al met hardzeilen begonnen. Enige voorzichtigheid mag ook verwacht worden van Rinus de Jong, de nieuwe schipper op Joure. Er is met dit skûtsje heel veel gebeurd, sinds het voorjaar van 2017 al. Dirk Jan Reijenga weigerde als schipper elk voorstel tot compromis van de keurende instanties bij de SKS, omdat hij zich verantwoordelijk voelde voor de veiligheid van zijn bemanning op dit compacte skûtsje. Uiteindelijk draaide het conflict om een decimeter hoogte van de ring om de hommer. Het leidde feitelijk tot diskwalificatie van Joure na

Altijd op zoek naar schonere brandstoffen, met betere prestaties

Veenema Olie, Chemie en Energie Druk, druk, druk? Waar haal je toch de energie vandaan? Bij Veenema in Sneek natuurlijk. Als 100% familiebedrijf weten we wat erbij komt kijken om de zaak draaiende te houden. Als leverancier van o.a. GTL Diesel (Gas To Liquid) doen we daarom net dat beetje meer. GTL zorgt voor minder uitstoot van schadelijke stoffen en is bovendien niet gevoelig voor bacterievorming. Dus ook voor uw ultra schone brandstof vaart u naar de jongens van Veenema. Raadpleeg onze website voor de verkooppunten.

Non-stop Veenema T (0515) 42 01 51 |

veenemaolie.nl

fa. Wassenaar Hogerhuisdyk 20 9045 RG Bitgummole info@mestweg.nl www.mestweg.nl

J.T. Wassenaar: 06-2003 75 68 G Wassenaar: 06-2003 75 67 A.P. Wassenaar: 06-2003 75 61 A. Wassenaar: 06-2003 75 70

5


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Zeven dagen spanning bij IFKS

'Sterke Jerke' komt eraan Als het voorseizoen representatief is voor de krachtsverhoudingen bij de IFKS, zeilt de allersnelste de komende titelstrijd in de C-klasse. Dat is de ‘Sterke Jerke’ met schipper Pieter-Jilles Tjoelker. Die blonk al uit op de ‘Engelina Smeltekop’ (nu ‘Lytse Famke’), en maakt zich op voor een glorieus seizoen. Maar is Tjoelker met de ‘Sterke Jerke’ wel de allerbeste? Is die status niet weggelegd voor Ulbe Rienksz Zwaga op de ‘Waaksdom’? Dit schip presteerde twee jaar geleden niks met Jelmer Bloembergen voor Dokkum. Nu ineens zeilt het zo goed dat de Technische Commissie van de IFKS het amper kan geloven. Tot twee keer toe is de ‘Waaksdom’ nu al uit het water getakeld om het skûtsje van alle kanten te controleren. Een keer om te controleren of de ijktekens nog wel op de juiste plek zaten en zaterdag 16 juni werd het schip nogmaals van voor naar achter gecontroleerd op onrechtmatigheden. Ulbe Zwaga zeilt met de ‘Waaksdom’ in de grote kampioensklasse A van de IFKS, nadat hij in enkele jaren tijd naar het hoogste niveau is gepromoveerd. Daar treft hij de eveneens gepromoveerde Fonger Talsma met ‘De Jonge Jan’, het snelle schip waar heit Jelle drie keer achtereen kampioen mee werd. Bij licht weer zou het wel eens het jaar van Ton Brundel kunnen worden. Die heeft niet voor niks een nieuw grootzeil laten maken. En hij gaat door, al is hij de zevenenzestig gepasseerd en geldt hij als een medisch wonder. Of zou Jaap Hofstee het nu beter doen, met ‘’t Swarte Wief’? De Tynsters kunnen bijna niet verliezen, zo lijkt het. Zelfs met een bak ballast aan boord, zeilen ze nog de sterren van de hemel.

Sterke kampioen

Merijn Olsthoorn was in 2017 IFKS-kampioen in de klasse A-groot met de ‘Emanuel’. Het was een sterke kampioen, die op de finaledag wel zes rivalen moest verslaan om eerste te worden. Earnewâld had dit skûtsje te danken aan een ruil met ‘de Poep’, De Jonge Jan, in 1978, toen Hidzer Meeter nog schipper was. Jappie en Klaas Lodewijks Meeter voeren er in de begintijd van de IFKS met wisselend succes op, voordat het in han-

Titelverdediger Merijn Olsthoorn is onder alle omstandigheden een goede zeiler, die ook in 2018 tot de favorieten behoort. Achter hem zeilt Froukje OsingaMeijer, die nog wel eens wisselvallig wil zijn, maar toch een absolute kandidaat is voor de titel.

den kwam van Allard Syperda. Die verhuurde het aan Anne Tjerkstra van Langweer. De ‘Emanuel’ was volgens Gerhard Pietersma niet geschikt om er ooit SKS-kampioen mee te worden. Earnewâld kon beter de ‘Twee Gebroeders’ kopen, in de beste jaren bevaren door Johannes Taekema. Dat schip kon immers worden verbouwd voordat het ter keuring werd aangeboden, zodat de eigenares geen last had van beperkende originaliteitsregels. Olsthoorns schip is eigendom van Kuipers Fundatie in Lemmer, vandaar het zeilteken KL. Dat staat helemaal achterin het zeil. Dan valt het bij een valse start wat minder op, was de verklaring van Merijn, die een leuke, intelligente en bevaren bemanning heeft. Jaap Hofstee heeft dat in Tijnje en wijde omgeving ook. Ze praten daar minder over mast, giek en gaffel dan over communicatie. Dat is typerend voor een nieuwe benadering van het skûtsjesilen. Een ander groot talent is Arend Wisse de Boer. Hij viel vorig jaar wat tegen in de IFKS-week, maar was er in

het voorseizoen weer goed bij. Jammer dat deze schipper op de ‘Drie Gebroeders’ voor de IFKS verloren gaat, al krijgt hij in Harmen Pieterszoon Brouwer hopelijk een waardig opvolger. Zelf blijft Arend Wisse bij het skûtsjesilen betrokken als adviseur op Joure naast de nieuwe schipper Rinus de Jong. Lucas Bouma zal het komend seizoen beter willen doen dan vorig jaar. Dat geldt zeker ook voor Geale Tadema, die zijn aanhang in Eastermar vorig jaar een titel heeft beloofd. Het

wordt tijd om die belofte in te lossen. Maar dan moeten ze wel Sikke Heerschop verslaan, die een wonderlijke wederopstanding doormaakt nu hij het op oudere leeftijd thuis wat rustiger aan kan doen. Bovendien heeft hij in Baint Kramer de beste adviseur van allemaal. En Jeroen de Vos, die met de Eelkje II na een bijna-degradatiejaar zomaar op het podium stond en dit voorseizoen soms top en soms flop was. Sietse Broersma dan, met de ‘Ora et Labora’? Of toch nog eens Froukje Osinga-Meijer, die nu wel eens

het lek moet hebben gevonden op de ‘Jonge Jasper’?

Opkomend talent

Het frustrerende voor volgers van de skûtsjekaravaan is dat er van de kansen op de eindoverwinning niks meer te zeggen valt. Wie je als favoriet aanwijst, kan volgend jaar wel degraderen: zie Arnold Veenema met de ‘Zeldenrust’ en Wytse Heerschop met de ‘Woeste Anne’. En elk jaar komen nieuwe talenten naar voren stormen. Dit jaar rekenen we good old Ulbe

NU OOK OP ZONDAG Voor het eerst in de eeuwenlange traditie van het skûtsjesilen zullen er wedstrijden op een zondag worden gehouden. Dat gebeurt bij de IFKS, vanwege de drukte, op 19 augustus in Stavoren. Door die ingreep in het programma is het mogelijk om een hele dag te reserveren voor rust en inhaalwedstrijden. Daarmee wordt voor de vele vrijwilligers en wedstrijdleider Saskia Westerhoff een beetje druk van de ketel afgehaald. De starttijden zijn ongewijzigd gebleven: voor de C-klasse begint het elke dag om 9.15 ’s ochtends, de B-klasse om 11 uur, de klasse a-klein om 12.45 en de A-klasse om 14.30 uur. Dat betekent dat de organisatie, voor wie het elke dag immers met een palaver begint en met de protestbehandeling eindigt, weer minstens zeven dagen lang tien tot veertien uren in touw is.

6

Fonger Talsma debuteert in de A-klasse met ‘De Jonge Jan’, het skûtsje waarmee zijn vader meermalen kampioen werd. Fonger raakte in het voorseizoen flink geblesseerd aan zijn knie en moest daardoor noodgedwongen rust nemen. Dat heeft de voorbereiding in de weg gestaan en zijn voornaamste prioriteit is handhaving.


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Wytse Heerschop en Wietse Bandstra, twee schippers die azen op promotie naar de A-klasse.

Vier podiumkandidaten in de a-klein: Rutger Boonstra met de ‘Hoop op Welvaart’, Martijn Kleintjens met ‘De Tiid Sil’t Leare’, Sjoerd Kleinhuis met de ‘Lytse Earnewâldster’ en Brandt de Vries, met de ‘Swanneblom’.

daar maar niet toe, maar Fonger Jelles Talsma wel. Jammer dat die jongeling nu net zijn knie zo verdraaid heeft. Sijmen Kalsbeek en Gerrit Huisman zijn al doorgedrongen tot de B-klasse. Die gaan met de ‘Raerder Roek’ en de ‘Ut ‘e Striid’ voor het hoogste niveau, daar kun je vergif op innemen. Maar in de B-klasse zeilen ook Remy de Boer (‘Eenvoud’), Kees van der Kooij (‘Ebenhaëzer’), Wytse Heerschop en Wietse en Jilles Bandstra. Als de voortekenen kloppen, krijgt Arjen de Jong het met de ‘Grytsje Obes’ moeilijk in dit geweld. Maar wie weet gooit hij nu de schroom van zich af en grijpt hij met hulp van omke en andere helpers de kansen die hem worden geboden. Tot het opkomend talent mag je zeker ook wel Jan Visser met de ‘Zeldenrust’ rekenen. Het schip is goed genoeg voor de A-klasse, heeft Arnold Veenema vorig jaar ondanks ­ zijn degradatie wel bewezen. Want die teleurstellende afloop was meer te wijten aan schippersfouten die door de umpire werden afgestraft dan aan een gebrek aan rompsnelheid van het skûtsje.

Achter Sterke Jerke

Kenners verwachten dat de strijd in de C-klasse komend seizoen vooral om de tweede plaats zal gaan, omdat de overige deelnemers van de ‘Sterke Jerke’ na één route alleen de kont maar zullen zien. Maar pas op. Jehanne Prins, die pas gedegradeerd is, wil terug. ­Jeroen Sytsma wil wat laten zien met 'De ­Brijbek’, het nieuwe Workumer skûts­ je. Dat was de ‘Nooit Volmaakt’ van

Cees Riezebos, tot diens degradatie goed voor een plek in de bovenste helft van de B-klasse. Jan Visser is al genoemd, te goed voor de status van outsider. Gerrit de Vries kan al wel een beetje zeilen en zijn skûtsje is snel. Hartman Witteveen uit Blauwhuis hoef je het niet meer te leren. Koos Lamme is een vaste waarde, en dan nu met een snel schip. En als Thomas de Boer genoeg traint met zijn bemanning, is de vroegere ‘Oude Zeug’ als ‘De Drie ­Haringen’ zeker een titelkandidaat. Nee, Pieter-Jilles Tjoelker krijgt het met de ‘Sterke Jerke’ niet cadeau, al waren zijn prestaties en klasseringen de afgelopen maanden wel griezelig goed. Maar iedereen weet: je loopt op klein water zomaar vast in een stuurboord-bakboordsituatie. En anders dan vroeger mag je nu niet meer hopen op de goedgunstigheid van je tegenstander. Er wordt, als je bij de favorieten hoort, op je gelet. Lisanne Thie zal met de ‘Zorg en Vlijt’ misschien nog geen potten kunnen breken, maar met ‘nieuwe tuigage’, bestaande uit een tweedehands

De achterkant van de ‘Sterke Jerke’. Van Pieter-Jilles Tjoelker wordt verwacht dat hij de C-klasse zal met ijzeren hand zal regeren.

zeil van de ‘Sneker Pan’ en een oude mast van de ‘Ut en Thús’, zal er vast meer mogelijk zijn dan in hun debuutjaar 2017. En of Johannes de Vries met de oude ‘Friesland’ tot de voorste gelederen kan doordringen, is ook heel sterk de vraag. Maar van Alisa Stekelenburg met de ‘Gerrit Ynze’ verwachten we nog wel wat, al was het maar een dagprijs. Zij is een van de vier vrouwen bij de IFKS, waarvan er drie in de C-klasse zeilen. Dat klopt niet meer in de huidige tijd, ze horen achter Froukje Meijer over alle klassen verdeeld te zijn.

Kleine a’s

Het leuke en het verdrietige van studentenskûtsjes is dat ze vaak van schipper en bemanning wisselen. Daarom kunnen we weinig zeggen van de perspectieven van de ‘­ Swanneblom’, nu gestuurd door Brandt de Vries. Coach en eigenaar Age Veldboom beperkt zich tot het geven van tips. Echt zich bemoeien met de strijd zal hij niet. Dat is jammer, want met zijn inbreng zou de ‘Swanneblom’ wel eens

s­erieus voor een podiumplekje kunnen gaan nu Pieter-Jilles Tjoelker er op de ‘Engelina Smeltekop’ niet meer bij is. Want Herke Boskma heeft in het voorseizoen wel laten zien dat hij vooral nog moet leren om goed met dit schip om te gaan, dat nu de naam ‘Lytse Famke’ draagt. Springt Bernd de Cneudt met de ‘Eemlander’ (voorheen ‘’t S ­warte Wief’1) in dit gat? De nieuwe Sneker Rutger Boonstra met het ­ Veenema­ ­ skûtsje ‘Hoop op Welvaart’ misschien, die in 2015 de titel pakte? Of zorgt Sjoerd Kleinhuis met de ‘­Lytse Earnewâldster’ in zijn laatste jaar nog voor een verrassing? Daar zit Gerke Kooi als medesponsor aan boord, die wil vast wel hetzelfde presteren als zoon Pieter met de ‘Sterke Jerke’.

Ook de Amsterdamse debutant Martijn ­Kleintjens, die de rappe ‘De Tiid Sil ’t Leare’ stuurt, heeft s­ node plannen. Gezien dit lijstje lijkt de tijd voorbij dat iemand één van de IFKS-klassen compleet kon domineren. Anders gezegd: van de vroege ochtend tot in de late namiddag zal een spannende strijd geleverd worden door de 63 skûtsjes die aan de strijd meedoen. En mocht het zo zijn dat Koos van ­Drunen ondanks een perfecte start af en toe achteraan zeilt, dan is het voor de kenners een feest om tenminste één skûtsje te zien met de mast op de ouderwetse plaats, de ‘Hoop doet ­Leven’ uit Nij Beets.

IM

MASTEN ZWAARDEN RONDHOUTEN SCHEEPSBETIMMERING SCHEEPSSERVICE (De Werf 20)

IM

Telefoon 06 5510 4706

De Werf 18 8401 JE Gorredijk

7


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Want Skûtsjesilen is noordelijk, sportief en populair

Skûtsjekrant nu bij Poiesz De Skûtsjekrant wordt deze zomer verspreid bij alle 70 Poiesz-winkels. Vele duizenden exemplaren gaan zo de wereld in, naar de klanten. ‘Dat past prima bij ons winkelconcept’, zegt Jan Hoitema (36) van het hoofdkantoor van Poiesz in Sneek. ‘Skûtsjesilen is een noordelijk evenement. Het is sportief en populair en het blijkt veel mensen aan te spreken. Als Hoofd Marketingcommunicatie geeft hij het concept van de noordelijke winkelketen mede inhoud. Poiesz maakt zich in zijn profilering van de winkels onder meer sterk voor noordelijke streekproducten. Dat past in een populair geworden trend onder bewuste consumenten. Het kost min-

der kilometers om ze aan te voeren, wat goed is voor het milieu. En het is vers, ook een troef waar Poiesz op inzet. De skûtsjes passen daarbij. Sinds jaar en dag is Poiesz er als medesponsor van de SKS bij betrokken. Dit jaar kunnen klanten en relaties met het Lemster skûtsje mee, als prijs, licht Hoitema toe. Bovendien vaart de grote Poieszboot bij de finale van de SKS-competitie op vrijdag 17 augustus bij Sneek op de Snitser Mar, met aan boord wel zo’n honderd klanten die mee hebben gedaan aan de winactie. ‘We laten het niet bij woorden. We doen er ook actief wat aan.’ Voor de Poiesz-klanten is het leuk dat ze nu gratis deze mooie Skût­ sjekrant kunnen krijgen. De meeste exemplaren worden uiteraard verspreid via de 50 Friese Poiesz-winkels. Maar omdat er ook in Groningen en Drenthe behoorlijk wat belangstelling voor het evenement blijkt te bestaan, liggen daar de kranten ook.

Het persoonlijke karakter

Bij Poiesz vinden ze het persoonlijke belangrijk en dat vertaalt zich naar de rol van de medewerkers op de winkelvloer. Daar is de nieuwe winkelformule 2.0 ook op ingericht. Die lijn wordt

8

overal in doorgetrokken. Zo traint de bekende kok Reitse Spanninga de koks van Poiesz om inhoud te geven aan het kookconcept ‘Wat maak je me nu’, dat al een paar jaar loopt. Daarin doen consumenten inspiratie op voor lekker koken met vooral

noordelijke, verse producten. Die lijn wordt zover mogelijk doorgetrokken, al schrikken ze bij Poiesz niet van een lekker stukje Iers vlees. De koks leren van Reitse niet alleen koken, zegt

Hoitema, maar vooral ook hoe je het enthousiasme op mensen kunt overbrengen. ‘Want dat kan R ­ eitse natuurlijk als geen ander.’ Het is de kunst om van het winkelen een feestje te maken. De koks en ander bedienend personeel spelen daar elk hun eigen rol in, aldus Hoitema. Daar hoort de creatieve toets bij die Spanninga als topkok kan bieden, en een informatief programmaboekje. Dit laat zich goed combineren met informatie over producten, bijvoorbeeld over het aantal calorieën. ‘Dat dringen we niet op: mensen moeten zelf beslissen wat ze eten. Maar we informeren ze wel.’ Bij al die informatie komt nu dus een krant, naast alles wat Poiesz zelf via zijn eigen media uitdraagt. Een leuke actie is het, ook voor de redactie van de Skûtsjekrant en Uitgeverij PENN.


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Douwe Visser krijgt het nog zwaarder

‘Wy binne net foar foefkes’ beginnen. Die wordt in zijn debuutjaar vast geen kampioen. Maar Sytze Pieterszoon Brouwer heeft met de ‘Gerben van Manen’ in 2017 al bewezen mee te kunnen doen om de titel en ook in 2018 ligt de verwachting voor Heerenveen hoog. Johannes Meeter doet het met zijn ploeg, en vooral adviseur Baint Kramer, in het voorseizoen uitstekend op Huizum. Hij won Lemmer Ahoy, de eerste grote overwinning in 39 jaar voor de Huzumers, die dit jaar jubileren. Die Baint is trouwens een verhaal apart, want bij de IFKS moet hij Sikke Heerschop bijstaan. En dus moest hij zichzelf eigenlijk in tweeën scheuren bij Lemmer Ahoy in mei 2018. Dat kon natuurlijk niet, zodat hij twee keer met Johannes zeilde, en won, en één keer met Sikke op de Wylde Wytse. Pieter Meeter van Akkrum zal nu eindelijk ook wel eens kampioen willen worden. Hij zit er al jaren vlakbij, maar steeds gaat het, vooral door zijn eigen strijdlust, mis. En vlak Lemmer ook niet uit, met Douwes neef Albert als schipper. Die heeft in 2016 de bezem door zijn ploeg gehaald en daar is het zacht gezegd niet minder van geworden. Genoeg strijd dus, komend jaar. Douwe, die het met zijn bedrijf een beetje rustiger aan kan doen als vaste invaller, ziet er alweer naar uit.

Nieuwe mast Douwe Visser werd SKS-kampioen in 2017. Bepaald geen abc’tje en de concurrentie wordt alleen maar groter, aldus de schipper.

Die kogellager in het lummelbeslag lag vorig jaar in Woudsend al op het dek voordat de controle kwam. ‘Dy siet der al 13 jier op, ik hie it wier noait sjoen’, zegt regerend SKS-kampioen Douwe Azn. Visser. ‘En foardiel ha wy der ek hielendal net fan hân.’ Het gaat over de foto die vanaf het Drachtster skûtsje via Joure is verspreid en behalve op skutsje.nl ook in de eerste editie van de Skûtsjekrant stond. De boodschap was: de SKS meet met twee maten en kampioen Douwe Visser van de ‘Doarp Grou’ heeft daarvan geprofiteerd. Want Joure kreeg wel extra strafpunten en Grou niet. De beschuldiging aan zijn adres is, zegt de 55-jarige schipper-reder zelf, absoluut niet terecht. ‘Want it lummelbeslach wie al trettjin jier goedkard.’ En Dirk Jan Reijenga was lang voor de SKS-competitie van 2017

gewaarschuwd voor de gevolgen van het aanbrengen van een niet-origineel beslag. De Grouster schipper en bemanning moet het helemaal niet hebben van handigheidjes en foefjes, zegt hij. Hoeft ook niet, want met de ‘Doarp Grou’ behoort Visser met zijn ploeg elk jaar bij de favorieten.

Zware concurrentie

Gaan ze dit jaar weer voor het kampioenschap? Douwe trekt zijn gezicht in een typerende grimas. ‘De konkurrinsje is sterk op ’t heden’, zegt hij. Jappy Visser zal op Sneek wel rustig willen

Douwe Visser zeilt met veel genoegen op het Grouster skûtsje. De commissie heeft het uitstekend voor elkaar. Vorig seizoen was er geld voor een verlenging, met alles wat erbij kwam. En nu staat er een nieuwe mast op het schip, van Hans Boersma in Gorredijk. Een vrij stugge mast, die ook bij zwaarder weer goed mee kan. Zeil en fok zijn nog prima, want die zijn gemaakt door de Grouster hofleverancier Zeilmakerij Molenaar. Vooral Jaap Jongsma kent er de fijne kneepjes van het zeilmaken, waar een groeiende groep afnemers van profiteert. En in de Grouster ploeg zit weinig verloop. Daar zeilt schipper Douwe nu nog steeds, met de oudste oud-schipper Anne Tjerkstra (voorheen Joure en Langweer), als bemanningslid, net als oud-schipper Ulbe Brandsma (eerder op Langweer) adviseur Tammo Oosterhof en zoon Albert. Die kan met zijn 27 jaar wel zeilen, weten zijn vaste tegenstanders bij de zestienkwadraats wel. Af en toe stuurt hij op de ‘Doarp Grou’, ook in wedstrijden. Hij zit in de kampioenscompetitie bij de start voorop om een gunstig begin van de

VISSER SHIPPING: VIER ZEESCHEPEN Douwe Azn. Visser is de baas van een betrekkelijk kleine rederij met vier schepen: twee van 9.500 ton, één van 8.000 en één van 5.000. De laatste heeft dus 100 keer het laadvermogen van een groot skûtsje, en toch hoort het tot de kleintjes van de zeevaart. Het vaargebied blijft voor twee van de vier schepen dan ook beperkt tot enkele kusten van de Noordzee, vooral Engeland. Ondanks de dreigende Brexit is het daar drukker dan ooit, vertelt Douwe. De andere twee varen door heel Europa. Het kantoor van Visser Shipping staat in een complex aan de Zeilmakersstraat in Sneek. In deze omgeving is de jonge Douwe als schipperszoon opgegroeid – als heit en mem niet met het schip onderweg waren tenminste. Hij behoorde als skûtsjesiler tot de gouden ploeg van zijn neven Douwe en Albert Jzn. Visser en de Pietersma’s Bennie, Gerhard en Jeroen. Deze drong in de jaren 1990 met de Sneker Pan door tot de absolute top van de SKS. Schipper werd hij op Drachten in 2002, en het was meteen raak, want het Drachtster skûtsje deed direct mee om de prijzen. In 2005 werd Douwe Azn. Visser schipper op Grou. strijd te bevorderen. Verderop in de wedstrijd komt hij dan bij heit en Tammo om de tactiek mee te bepalen en eventueel wat te ‘hantlangjen’ bij de grootschoot. Daar zijn bij harde wind wel vier paar handen nodig. Vier zwaarden heeft dit skûtsje: een stel lichtere van eikenhout die door Fedde van der Werf zijn gemaakt, en een paar van hard tropisch hout, zeg maar Afzelia. Zo kan de bemanning anticiperen op verschillende weersomstandigheden – al kun je natuurlijk onderweg geen zwaarden meer verwisselen. Dat moet vooraf gebeuren. Want ook de stryklatten moeten erop afgestemd zijn.

Hoe kan dat nou?

Met dit mooie materiaal en een 110 jaar oude, snelle Piipster scheepsromp, werken ze in Grou aan de ouderwetse optimalisatie van het zeilend vermogen. Dat is heel wat anders dan ‘foefjes uitvinden’, waar anderen sterker in zijn. En je blijft zoeken, zegt Douwe. Zo heeft hij bijvoorbeeld Gerhard Pietersma nog nooit kunnen verslaan met het zetten van de zeilen bij de walstarts op de Veenhoop en bij Earnewâld. Hoe die dat toch heeft? Visser vraagt het zich mysterieus lachend af. En de coating? Daar wordt door verfdeskundigen verschillend over gedacht. Voor het vorige seizoen dacht Jan van der Veen van de Friese Olieen Verfhandel nog dat Grou niet alle kansen benutte om sneller te varen. Dit jaar hanteert de concurrentie een wat andere visie, namelijk dat ogenschijnlijk stroef in het water wel eens bizar glad kan zijn, en dat de gladheid

Bij Boersma in Gorredijk werd een nieuwe mast gemaakt voor de ‘Doarp Grou’. Deze is vrij stug, zodat ze ook bij zware omstandigheden goed uit de voeten kunnen.

van siliconen of nano niet in alle opzichten gunstig is. Douwe Visser is er de man niet naar om daar heel wetenschappelijk over te doen. Hij vond het vorig jaar al lastig genoeg om het schip er goed bij te krijgen. Dat is dus wonderbaarlijk goed gelukt. Het voorseizoen biedt ook aanknopingspunten voor optimisme. Maar we zijn er nog lang niet, zegt Douwe . ‘By Lemmer Ahoy koene wy Jehannes net krije. Nee, dy binne goed bezich, dêr yn Huzum.’

Johannes Meeter met ‘It Doarp Huzum’ won verrassend Lemmer Ahoy. Douwe Visser werd daar derde, ook nog achter het IFKS-skûtsje ‘Waaksdom’ van Ulbe Zwaga. Sytze Brouwer werd op de eerste wedstrijddag in de Lemster baai tweede, maar viel daarna wat terug. Niettemin zijn de verwachtingen voor Heerenveen dit jaar hoog.

9


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Jumbo Els Boek Kruisdobbe 4 8939 BB Leeuwarden 058 – 2849060

Jumbo Van Loonstraat Van Loonstraat 12 8932 AV Leeuwarden 058 – 2983460

Jumbo Cambuurplein Cambuurplein 66 8921 RG Leeuwarden 058 - 2948710

TROTSE SPONSOREN VAN HET LJOUWERTER SKÛTSJE!

SKÛTSJEBEHANG Een mooie skûtsjefoto als behang! Tover een saaie muur om in een prachtige fotowand. Het fotobehang is geen gewoon behang, maar bestaat uit één deel, is supersterk, scheurt niet en is gemakkelijk af te nemen. Eenvoudig zelf aan te brengen.

MAATWERK MOGELIJK TOT OP DE CENTIMETER!

Voor formaten en prijzen ga je naar: www.thomasvaer.frl ‘afdruk bestellen’

Een foto van je eigen/favoriete ­skûtsje aan de muur?

www.thomasvaer.frl

Volg Thomas Vaer op Facebook: www.facebook.com/thomasvaerfotografie 10


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Ljouwerter Skûtsje naar linker rijtje

Roept Willem Zwaga straks ‘speed’? FRANK OERLEMANS, DE OVERLEVER De nog jeugdige Frank Oerlemans is het enige bemanningslid van Leeuwarden dat alle schippers sinds 2005 heeft meegemaakt. Hij zeilde al mee onder Ulbe Zwaga, bleef bemanningslid toen Jappie Meeter kwam, zeilde met Siete Meeter en is nu dus weer met Willem Zwaga van de partij. Behalve op Leeuwarden zien we hem ook bij de IFKS van mei tot september meezeilen als gewaardeerd bemanningslid. Hij is kennelijk een echte overlever. Als zeeman heeft hij Frank in zijn arbeidscontract laten opnemen dat hij van mei tot september niet buitengaats hoeft te varen. Vanwege het skûtsjesilen blijft hij dan in Fryslân.

Willem Zwaga met adviseur Durk Steneker tijdens de openingswedstrijd in Grou, 5 augustus 2017.

MAAZ Dairy Foods (kortweg MAAZ) is voor drie jaar hoofdsponsor van het Ljouwerter Skûtsje. Het bedrijf produceert en verkoopt hoogwaardige melkpoeder op de internationale markt. Ook drie Leeuwarder Jumbo Supermarkten hebben hun al lopende subsponsorcontract tussentijds opengebroken en weer met drie jaar verlengd. Samen met de andere trouwe sponsoren ziet de financiële situatie er op het hoofdstedelijke skûtsje weer fleurig uit. Nu de prestaties nog. Schipper Willem Zwaga draait er niet omheen. ‘It moat better as ferline jier’. Toen werd Leeuwarden tiende. De Leeuwarder schipper wil komend jaar beslist naar het linker rijtje. En op termijn kampioen, zegt het bestuur. Het kan ook beter dan vorig jaar. In ieder geval is er een nieuwe giek, met dank aan sponsor Speedcargo. En er is een grotere fok, zodat het Ljouwerter skûtsje meer power heeft. Misschien, zegt Zwaga, was het bij nader inzien beter geweest om alle extra ballast uit het skûtsje te halen en te kiezen voor een kleinere tuigage. Maar zoals bekend wordt de nieuwe zeilformule, waaruit het zeiloppervlak is afgeleid, wederom kritisch bekeken.

dat het bestuur van het Ljouwerter Skûtsje weer van samenstelling is veranderd. Voorzitter Rick Schuller is opgestapt. Zijn voorganger Marco Quak

is op verzoek van de andere bestuursleden teruggekeerd in de functie van ‘ambassadeur’. Daarin versoepelt hij de contacten tussen het skûtsje en de ‘maatschappelijke omgeving’, waar de sponsoren van grote betekenis zijn. Het bestuur is eind juni 2018 gecompleteerd met een nieuwe voorzitter. In Leeuwarden zijn ze erg blij met de nieuwe giek. Het rondhout is gemaakt door Hans Boersma in Gorredijk, die het dit voorjaar samen met vader Klaas razend druk heeft gehad met reparaties en nieuwe masten en gieken. Leeuwarder commissieleden zeggen, met een knipoog, dat als enige voorwaarde bij de sponsoring gold dat de schipper in het vervolg bij het overstag gaan niet ‘ree’ zegt maar ‘speed’. Dat zal dan wel.

Ook een Zwaga

Net als veel andere liefhebbers heeft de Ljouwerter schipper Willem Zwaga afgelopen jaar de gebeurtenissen tijdens de SKS-titelstrijd met afgrijzen gevolgd. Dat Joure na veel gedoe gediskwalificeerd werd en Langweer de strijd in Stavoren definitief staakte, deed hem ook als Langweerder pijn. Schipper Jaap Zwaga van Langweer zeilt nu weer goed mee. Hoe dat kan? ‘Wy hiene noch in âld túch dat sy wol liene mochten’, zegt Willem Zwaga. ‘Jaap is op ’t lêst ek in Zwaga en dy moat net oan ’e kant lizzen bliuwe.’ Mede dankzij die royale geste kan het Langweerder skûtsje met een oud doek en zonder ballast meezeilen. De profielregels gelden namelijk niet voor oude tuigen van voor 2010.

Ten tijde van het schrijven van dit artikel was het niet bekend waar dit toe zou leiden. Tussentijds kiezen voor een kleiner doek en minder ballast is ook niet goed mogelijk. Want dan kom je in conflict met de regels die bij de SKS voor het profiel gelden. Om daar weer uit te komen zouden fok en zeil verknipt en vernaaid moeten worden. Dat is helaas niet mogelijk en dus zijn nieuwe zeilen de enige optie. Een kostbare operatie, en misschien moet je dan komend jaar alles nog eens over doen.

Niet ree maar speed

Verschillen van inzicht over de te volgen koers hebben er toe bijgedragen

De eerste wedstrijd verliep ronduit ongelukkig. De ‘Rienk Ulbesz’ wist niet uit het achterveld weg te zeilen en eindigde als laatste.

LOUNGESKÛTSJE ‘FJOUWER FREONEN’ Willem Zwaga kocht in april van dit jaar toch weer een skûtsje. Een oudje, de ‘Vier Gebroeders’ [L 347 N], die in december 2016 door Jan Verhoeven uit Waalwijk te koop werd aangeboden. Hij had erop gewoond, maar het was hem te klein. Zwaga kocht de ‘Vier Gebroeders’ samen met zijn vrienden en bemanningsleden Frank Oerlemans en Mart en Steffen Huisman, zonen van de pas overleden Rinus ‘De Wiets’ Huisman. Het viertal laat het ijzeren scheepje ombouwen tot open loungeskûtsje, om voor het Ljouwerter Skûtsje ploegjes mee te zeilen. Sponsoren kunnen dan met dit skûtsje ook naar de wedstrijden van de ‘Rienk Ulbesz’ gevaren worden. De nieuwe naam wordt ‘De Fjouwer Freonen’. De Vier Gebroeders’ is een oud beurtscheepje, dat in 1898 werd gebouwd op de werf van Barkmeijer in Sneek, in opdracht van de Burgumer koopman Sjoerd Jochems van der Wielen. Van puddelijzer. Sjoerd had een winkel in Burgum en was beurtschipper op Leeuwarden en Groningen. Maar zomers werd het schip ook wel gebruikt voor schoolreisjes en voor verenigingen. In 1902 werd ze voor het eerst gemeten, op een lengte van 12,20 meter. Dat was vier jaar nadat ze gebouwd werd. Anno 2018 meet het skûtsje 15,02m, bij een breedte van 3,45m.

Tijdens de Waterpoortrace op zaterdag 16 juni j.l. werd de nieuwe fok uitgetest.

11


SKS

Skûtsje: Doarp Grou Thuishaven: Grou Schipper: Douwe Azn. Visser Bouwjaar: 1909 Werf: Roorda, De Piip, Drachten

Skûtsje: Gerben van Manen Thuishaven: Heerenveen Schipper: Sytze Brouwer Bouwjaar: 1915 Werf: Roorda, De Piip, Drachten

Klassering 2017: kampioen Klassering 2017: 2

Skûtsje: Sneker Pan Thuishaven: Sneek Schipper: Jappie Dzn. Visser Bouwjaar: 1913 Werf: Roorda, De Piip, Drachten

Skûtsje: Eildert Sietez Thuishaven: Akkrum Schipper: Pieter Meeter Bouwjaar: 1910 Werf: Roorda, De Piip, Drachten

Nieuwe schipper

Klassering 2017: 4

Skûtsje: Lemster Skûtsje Thuishaven: Lemmer Schipper: Albert Visser Bouwjaar: 1930 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Skûtsje: Twee Gebroeders Thuishaven: Earnewâld Schipper: Gerhard Pietersma Bouwjaar: 1930 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Klassering 2017: 5

Klassering 2017: 6

Skûtsje: It Doarp Huzum Thuishaven: Huzum Schipper: Johannes Meeter Bouwjaar: 1925 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Skûtsje: d’Halve Maen Thuishaven: Drachten Schipper: Klaas Westerdijk Bouwjaar: 1912 Werf: Roorda, De Piip, Drachten

Klassering 2017: 7

Klassering 2017: 8

12


SKS

Skûtsje: Súdwesthoek Thuishaven: Stavoren Schipper: Auke de Groot Bouwjaar: 1923 Werf: Barkmeijer, Stroobos Klassering 2017: 9

Skûtsje: Klaas van der Meulen Thuishaven: Woudsend Schipper: Teake Klaas van der Meulen Bouwjaar: 1911 Werf: Roorda, De Piip, Drachten Klassering 2017: 10

Skûtsje: Rienk Ulbesz Thuishaven: Leeuwarden Schipper: Willem Zwaga Bouwjaar: 1914 Werf: Roorda, De Piip, Drachten

Skûtsje: Twee Gebroeders Thuishaven: Drachten Schipper: Jeroen Pietersma Bouwjaar: 1913 Werf: Roorda, De Piip, Drachten

Klassering 2017: 11

Klassering 2017: 12

Skûtsje: De Twee Gebroeders Thuishaven: Langweer Schipper: Jaap Zwaga Bouwjaar: 1915 Werf: Wildschut, Gaastmeer

Skûtsje: Oeral Thús Thuishaven: Joure Schipper: Rinus de Jong Bouwjaar: 1923 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Klassering 2017: 13

Gediskwalificeerd in 2017

13


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Met gezond verstand moderniseren

Jachtwerf Popma, Oppenhuizen Nog twee jaar, dan bestaat Jachtwerf Popma in Oppenhuizen honderd jaar. Herre Popma vierde in 2017 zijn 40-jarige jubileum als eigenaar van de werf, ook al weer een hele poos. Het bedrijf is anders bepaald niet van vroeger. ‘We leveren de meest geavanceerde elektronica die je je maar kunt bedenken’. Jachtwerf Popma staat bekend om zijn unieke dwarshelling, die na 100 jaar nog altijd volop in gebruik is. Groot genoeg voor de grootste skûtsjes en qua gewicht kan de helling wel zes skûtsjes verstouwen. De schepen worden nog ouderwets, met karretjes, de helling op getrokken. Elektrisch aangedreven, dat wel. Herre Popma en zijn team houden wel van vernieuwing. Met de tijd meegaan is het devies, al denken sommige mensen misschien dat op zo’n oud bedrijf de techniek achterblijft. ‘Nee, dat is beslist niet het geval. Als je ziet hoe de elektronica vroeger werd aangelegd, het leek wel een bord spaghetti, zoveel draden. Daar hebben wij nu een aardig beter systeem voor, dat is ook meteen een stuk veiliger, want met elektriciteit aan boord is het altijd oppassen.’ Ze ‘hermotoriseren’ ook veel schepen. Oude, rokende, vervuilende, lawaaierige dieselmotoren worden steeds vaker vervangen door een lichtere en milieuvriendelijkere motor. Dat moet bruin wel kunnen trekken, natuurlijk, maar die nieuwe motoren

gebruiken veel minder brandstof en met die oude dingen blijf je aan het reviseren. Als je dan de kosten en de baten tegen elkaar afweegt, dan lijkt het nog niet zo gek.

‘Maar niet iedere vernieuwing is een verbetering,’ zegt Popma. ‘We kijken er met een gezonde scepsis naar, wij rennen niet maar blind achter alle hypes aan. Dat je met siliconenvervuiling geen kwast verf op z’n plek krijgt, daar waren wij dertig jaar geleden al achter. Dan lijkt het even helemaal geweldig, maar dat spul komt hier de werf niet op en je ziet dat het ook alweer op zijn retour is.’ Bij Jachwerf Popma kiezen ze voor een ‘gewoon’ tweecomponenten verfsysteem. En daar zijn ze zo bedreven in, dat zelfs zonder regelmatige

schoonmaakbeurt het schip na een jaar of acht nog altijd heel netjes is. Herre Popma is trots op zijn vaste klantenkring, met wie hij soms generatieslang een band heeft. Zelfs vanuit Zwitserland weten watersporters Oppenhuizen te vinden. Dat begon zo’n dertig jaar geleden met één Zwitser, die nieuwe kimmen wilde voor zijn skûtsje. ‘Maar het was een bolle en dat heb ik hem ook verteld,’ lacht Popma. De Zwitser komt nog altijd terug voor onderhoud aan zijn boltsje en liet het intussen ook bij Popma verlengen. Het toont de langdurige relatie

die het bedrijf heeft met zijn klanten. Van mond-tot-mondreclame krijg je de meeste klandizie, dus inmiddels volgden meerdere landgenoten het voorbeeld van die eerste Zwitser. Herre Popma investeert dan ook met alle liefde in zijn klanten. Als een ‘nieuweling’ vraagt om een offerte, doet hij dat niet uit de losse pols, maar rijdt naar de klant toe om kennis te maken en het schip te bekijken. Ook als dat aan de andere kant van Nederland is. ‘Als je elkaar in de ogen kijkt, weet je wat je aan elkaar hebt. Daar maak ik graag tijd voor.’

Scheeps- en Jachtwerf H.J. Popma Eastwei 2 8625 HV Oppenhuizen Tel. 0515-559532 E-mail: popma@jachtwerfpopma.nl www.jachtwerfpopma.nl

‘Verankerd in Scheepshistorie’

Sinds 1920 hebben wij op de ‘Helling fan Toppenhúzen’ de kennis en de expertise om met een no-nonsense mentaliteit uw schip te onderhouden, repareren, restaureren of te hermotoriseren.

‘Ambachtlik fakwurk foar jo skip’

• • • • •

Hellingen Scheepsmotoren Schilderwerk Reparatie /Restauratie Ligplaats- en Winterberging

Volledig scheepsonderhoud aan de Brêgefinne

Schoon schip bij Hooghiemstra BV Wie een boot heeft, weet dat die af en toe het water uit moet voor broodnodig onderhoud. Een onderwaterschip vol aangroei en corrosie komt de levensduur van het schip niet ten goede. Bij Straal- en Coatingsbedrijf Hooghiemstra BV in ­Uitwellingerga worden per jaar honderden boten onder handen genomen. Hooghiemstra begon in 1980 kleinschalig, met een mobiel straal­ apparaat. Inmiddels is het bedrijf flink gegroeid en behoort het tot de grootste straalbedrijven op het gebied van boten, met klanten uit binnen- en buitenland. Dan gaat het niet alleen om de behandeling van het onderwaterschip, maar ook van romp, opbouw of dekken. Daarnaast straalt en coat het bedrijf alle mogelijke industriële objecten, maar ook bijvoorbeeld sierobjecten als stalraampjes en melkbussen.

Geen siliconen

In het verleden kreeg Hooghiemstra veel skûtsjes onder handen, maar dat is inmiddels veranderd. ‘Een golfbeweging’, zegt directeur Marnix ­Kuindersma. ‘Ze willen het snelste en het nieuwste en onder invloed daarvan wordt nogal eens gewisseld van locatie. Dat is logisch. Er is een run geweest op siliconen en nano-coating. Dat wil ik hier niet op mijn bedrijf, de vervuiling van de werkomgeving met siliconendeeltjes gaat zo snel, dat is niet te voorkomen. Het zit op de banden van de bootkraan, het dwar-

14

relt bij het minste zuchtje wind rond, het zit aan je handen, maakt niet uit wat. Maar waar ook maar het kleinste deeltje siliconen zit, hecht geen enkele lak meer. Dat kan ik hier niet hebben. Wij werken met twee componenten epoxy en daarna komt er een laag antifouling op het schip. Dat is meer dan genoeg.’

10 jaar garantie

Omdat Hooghiemstra een erkend Straal- en Coatingcenter van International is kan het de klant tien jaar garantie op de conservering van het onderwaterschip bieden . Daarbij wordt het schip één keer in de twee jaar opgeroepen voor een onderhoudscheck, waarbij het onderwaterschip wordt schoongemaakt en voorzien van een nieuw laagje antifouling. Stralen en plamuren, een kostbare en ingrijpende zaak, is dan niet nodig.

Alles dichtbij

Kuindersma prijst zich gelukkig met de ideale locatie van het bedrijf pal aan het Prinses Margrietkanaal, op slechts enkele kilometers van de Snitsermar.

Met de eigen bootkraan van het bedrijf kunnen schepen tot 50 ton uit het water getild worden. Het bespaart klanten een lastige, vaak risicovolle en ook dure rit over de weg. Op het industrieterrein aan de Brêgefinne in Uitwellingerga zitten meedere bedrijven waar Kuindersma graag mee samenwerkt, waaronder een jachtschilder, een scheepstimmerman en een onderhouds- en reparatiebedrijf. Samen kunnen ze alle mogelijke onderhoud aan uw schip doen, van betimmering en schilderwerk tot laswerk en motorreparaties. De korte lijnen maken de prijzen scherp. Op dit moment zit het Straal- en Coatingsbedrijf Hooghiemstra wel aardig aan zijn limiet wat grootte van het bedrijf betreft. Plezier- en beroepsvaartuigen tot een maximale lengte van 24 meter worden er onder handen genomen en groter hoeft van Marnix Kuindersma niet. Niet in omvang tenminste, groei in kwaliteit, daar streeft het bedrijf naar. In service, in klanttevredenheid en milieuvriendelijkheid, want ook daarvoor is Hooghiemstra gecertificeerd.

Met de eigen kraan kunnen schepen tot 50 ton uit het water getild worden. In de bedrijfshal worden deze schepen, tot een lengte van maximaal 24 meter, gestraald, geplamuurd en gecoat. Daarbij wordt volgens de modernste milieu-eisen gewerkt.


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Skûtsjemuseum Earnewâld 20 jaar Kijk voor mogelijkheden, openingstijden en tarieven op: www.skutsjemuseum.nl De speeldata voor het theaterspektakel ‘Myn Skip’ vindt u op: www.mynskip.nl

De originele roef van het Zwagaskûtsje, zoals ‘De Twee Gebroeders’ van Langweer wel wordt genoemd, is geschonken aan het Skûtsjemuseum en daar weer helemaal opgebouwd. Hier krijgen bezoekers een beeld van hoe krap de leefruimte op een skûtsje bemeten was.

Het was 1 juni j.l. alweer twintig jaar geleden dat de oude Lodewijk Meeter op een skûtsje door kinderen in de beage voor de kade van het huidige Skûtsjemuseum werd gesleept. Jong bracht oud naar het museum, om daar voort te leven tot in lengte van dagen. Inmiddels hoorden ruim honderdduizend bezoekers de verhalen van lang en hard werken, van veel kinderen in een klein roefje en van spectaculaire wedstrijden, waarbij vooral in het verleden ook nog een knappe bijverdienste viel te behalen. Voor jong en oud is er genoeg te beleven. Foto’s en video’s, maar ook aan levende lijve ondervinden wat het is om in de jaaglijn te lopen, een fok te hijsen, een kruiwagen te duwen,

of een touw te knopen. Er kan zelfs gezeild worden met de prachtige miniaturen van de veertien SKS-skûtsjes die het museum kreeg van de skût­ sjecommissie van Sneek. Enthousiaste modelbouwers werken tot in de details aan de kleine scheepjes. ­ Mini-blokjes, mini-klootjes, een zwaardje, een liertje, alles werkt, het tuig is zelfs trimbaar. Met een klein afstandbestuurbaar motortje erin, is het voor de jeugd, maar ook voor de

volwassenen, een feest om met deze unieke vloot te varen. De wisselexpositie staat in 2018 in het teken van het beurtschip ‘Dorp Grouw’, dat als werk-leerproject helemaal wordt gerestaureerd. Het ijzer­ werk van het ruim honderd jaar oude beurtschip werd in Drogeham gedaan, nu ligt ze bij het Skûtsje­ museum voor de afwerking. Die wordt overigens niet door de vrijwilligers gedaan, maar onder leiding van Age Veldboom uitgevoerd als leer-werk­ traject. De oude ‘Dorp Grouw’ werd in 1910 in opdracht van Wiebe Peekema gebouwd, als opvolger van het houten beurtscheepje ‘Ebelina’, dat later door de vrijwilligers van het Skûtsjemuseum is nagebouwd en nu als varend museum met gasten door Fryslân zeilt. De agenda van het Skûtsjemuseum zit ook dit jaar al flink vol. Jaarlijks komen er zo’n zesduizend bezoekers in het museum, nog los van de groepen die een tocht maken met de ‘Æbelina’. Dit jaar komt daar ook nog eens de decorbouw bij van het openluchtspektakel ‘Myn Skip’, dat eind september zes keer wordt opgevoerd op het Earnewâldster Wiid. Het stuk, een initiatief van Age ­Veldboom en ­Cathrienus Herrema, brengt honderd jaar skûtsjehistorie in muziek, beeld, dans, theater en verhalen. Het SKS-skûtsje van Earnewâld doet mee, maar ook de ‘Æbelina’ en diverse IFKS-skûtsjes uit het dorp. ‘Wy ha it drok genôch,’ aldus voorzitter Harm de Vlas. Wat dat betreft kan het Skûtsjemuseum nog jaren vooruit!

Kinderen mogen zelf varen met de miniaturen van de SKS-skûtsjes.

De wisselexpositie van 2018 is gewijd aan het ijzeren beurtschip ‘Dorp Grouw’, dat momenteel wordt gerestaureerd en tijdelijk naast het museum ligt.

Nieuwe uitdaging voor Erik Herder en Durlo Jachtschilders

Siliconen en nano zijn alweer passé over beide vernieuwingen is hij niet. ‘Siliconen is prachtich salang’t it skip yn it wetter leit. Mar as it derút moat foar ûnderhâld, bist der ferlegen mei.’ ‘Ik ha wolris in haai fêsthân en dy hat in stroef fel.’ Dat sluit aan bij de ervaring van Douwe Azn. Visser van Grou, die vorig jaar SKS-kampioen werd met een ‘stroeve’ antifouling. Mag dat dan nog? ‘Kinst der gjin peil op lûke’, zegt Herder. ‘It giet om it koper. En dat mei soms wol en soms net.’

Bescherming en verfraaiing

‘Iedereen kan wel wat verven’, zegt Erik Herder. ‘Maar wij kunnen schilderen’. Dat is echt wat anders, bedoelt hij maar. De jachtschilder van deze tijd moet zich kunnen redden met kwast, roller en spuit. En hij moet aanvoelen wat er nodig is om een kritische klant tevreden te stellen. De 48-jarige Erik Herder is een van de vennoten en de regelneef en aanspreekpunt in de VOF Durlo, werkzaam in Unit 49 in het bedrijvencomplex Multiship in Harlingen. Dit jachtschildersbedrijf trok in 2014 de aandacht met het bewerken van de onderwaterschepen van het ­Akkrumer, het ­Ljouwerter en het Huizumer skûtsje van de SKS. Van de IFKS kreeg de ‘Jonge Jasper’ een grote beurt. Toen was een siliconenbehandeling

nog wat nieuws, waar de opdrachtgevers wonderen van verwachtten. Aan de andere kant van het spectrum stond de nanocoating, waar Ale Bok mee de boer op ging nadat het experimenteel was aangebracht op de onderwaterschepen van Langweer en Earnewâld. Herder snapt best dat schippers zich op deze wijze willen onderscheiden. Er zit, zegt hij, ook een stukje psychologie bij. Maar echt enthousiast

Het schilderen van jachten is geen sinecure. Allereerst heb je het materiaal: hout, ijzer, staal, aluminium, polyester – of een combinatie van deze materialen. Dan zijn er de verfsystemen die de verschillende fabrikanten en hun dealers aanbieden, vaak rekening houdend met de nieuwste overheidsvoorschriften. En tot slot, zeker niet de onbelangrijkste factor, zijn er de klanten, die allemaal hun eigen eisen stellen. De één wil een snel schip dat kan winnen, de ander wil glanzend pronken met zijn bezit, een derde wil weinig onderhoud. ‘En liefst allemaal voor niks’, zegt Herder. De kern van het schildersvak is bescherming en verfraaiing. Hout, ijzer maar ook kunststof moet beschermd worden door een verflaag die beestjes, schimmels en andere w ­ oekeringen op afstand houdt. ‘En as ien in moai skipke foar de wâl hat, wol er dat ek sjen

Foto: Olivier van Meer Design

litte.’ Daarom glanzen bootjes soms dat het een lieve lust is. Daar wordt dan hoogglans voor gebruikt, waar echte antiekliefhebbers soms weer aan ‘mat’ de voorkeur geven. Niet onbelangrijk is het element ‘herkenning’, zegt Herder. Van Rijkswaterstaat tot een skûtsjecommissie

hechten klanten aan een bepaalde, specifieke kleurstelling. Daar zijn weliswaar boekjes voor, het komt precies. Zoals alles bij het professionele schilderwerk secuur voorbereid en uitgevoerd moet worden. ‘Dêrom is it ek moai dat wy mei ús fjouweren binne. De iene kin dit better, de oare dat’.

DURLO MET VIER MAN VERDER Jachtschildersbedrijf Durlo uit Harlingen nam zaterdag 16 december 2017 afscheid van mede-oprichter Durk Bloemhof. Hij ging op 63-jarige leeftijd met vroegpensioen. Het feestje werd opgefleurd met een open dag van tien tot vijf uur. Erik Herder, Hessel Bloemhof, Vinco Kokic en Lucas Kroon lieten toen op Kanaalweg 31 in Unit 49 zien wat ze kunnen. Durlo is in skûtsjekringen vermaard vanwege de glanzende onderwaterschepen van Akkrum, Leeuwarden, Huizum, de Jonge Jasper en andere. Ze werden behandeld met verfijnde coatingstechnieken.

15


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

ONDER"HOUT" Fries-water, Hollands-water, Zeeuws-water, Binnen-water, overal zijn gladde steigers door algenaanslag. Vervloekt door gebruikers en gehaat door beheerders want het is vallen en opstaan of zwoegen en ten onder gaan. ONDER"HOUT" is een 100% natuurlijk schoonmaak programma van AlgaVelan®. Niet schrobben, borstelen, hogedrukspuiten of andere nare middelen gebruiken maar Algavelan® aanbrengen en u ONDER"HOUT"! Algavelan® is de bewuste keuze van o.a. Jachthaven Willemstad in Hollands-Water die dit jaar naast de Blauwe Vlag ook de Groene Wimpel ontving voor duurzaam en milieuvriendelijk ondernemen mede door het gebruik van AlgaVelan®.

ALGAVELAN NEDERLAND

ALGENWEG.NL

Voor professionals, overheid en bedrijven

Voor particulier en huizenbezitter

www.algavelan.nl

www.algenweg.nl

info@algavelan.nl

info@algenweg.nl

ZEILEN VANUIT HARTJE DRACHTEN MET DE FRYSKE SNIKKE ‘SWAENTSJE’

Aannemersbedrijf Zijsling en Zonen B.V. Als het gaat om de aanleg van havens, het uitdiepen van kanalen, het baggervrij maken van kanalen, walbeschoeiing, grond en zandvervoer (overslag) of andere aan het water gerelateerde werkzaamheden.

Ook dit jaar biedt Ayay-Sailing een uniek arrangement met het voormalige turfscheepje ‘Swaentsje’, een Fryske Snikke. In vroeger tijden bracht zij de turf van de gebieden rondom Drachten naar bestemmingen in heel Friesland, tegenwoordig is de ‘Swaentsje’ opnieuw een zeilend bedrijfsvaartuig, met als thuishaven de Drachtstervaart.

In 20 jaar heeft het bedrijf een enorme groei doorgemaakt. Inmiddels beschikt Zijsling over 4 kraanschepen, 2 pontons, 3 sleepboten, 9 dekschuiten/elevatorbakken, 3 hydraulische kranen en sinds januari 2008 ook over een zelfzuigend beunschip.

Aan de kade in het centrum van Drachten kunt u inschepen voor een unieke zeiltocht over de vaart en de waterrijke omgeving van Drachten. Vanuit de ruime zitkuip van de ‘Swaentsje’ kunt u zich actief bezighouden met het zeilen, maar u kunt ook, met een hapje en een drankje, genieten van alles wat er op en om het water te beleven is. DE IDEALE INVULLING VAN UW PERSONEELSUITJE, FAMILIEDAG OF REÜNIE

De ‘Swaentsje’ vaart iedere donderdagavond om 19:30 uit voor een korte kennismakingstocht met individuele opstappers. De kosten hiervoor zijn 10,- euro pp. Meer informatie vindt u op www.friesesnik.nl. 06-26172502 / ayaysailing@gmail.com

·

·S

E

ENTSJ WA

18

1913

Riperwei 3 8623 XR Jutrijp 0515-424603

www.zijslingbv.nl 16


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Daan van der Meer debuteert in A-klasse

‘Skûtsjesilen is meer dan zeilen alleen’ Een jonge generatie schippers bestormt het hoogste podium van de IFKS. Fonger Talsma is daar één van, Daan van der Meer is dit jaar de tweede jonge debutant in de A-klasse. Met de ‘Singelier’ zeilde hij zich in één keer door de C- en de B-klasse, dit jaar komt hij met zijn nieuwe skûtsje ‘Westenwind’ uit tussen de allersterksten. Nog maar drie jaar geleden is het, dat Daan van der Meer als schipper van ‘De Tiid Sil ’t Leare’ vijfde werd in de a-klein. Hij had misschien wel kampioen kunnen worden, maar een protest vanwege een niet geborgde giek kostte hem het podium. Balen, maar met drie dagzeges was zijn naam gevestigd. Een jaar later startte Van der Meer met de ‘Singelier’ in de C-klasse. Hij werd meteen kampioen, vlak voor Fonger Talsma. In 2017 werd die laatste kampioen in de B-klasse, Van der Meer eindigde als derde, achter Ulbe Zwaga met de ‘Waaksdom’. Daarmee was promotie naar de A-Groot afgedwongen.

Meer dan zeilen alleen

Het is het beeld van een schipperscarrière waarin alles snel gaat. Van der Meer kwam, net als onder meer Bas Krom, Lisanne Thie en Harm van der Weiden, voor het eerst met skûtsjesilen in aanraking via de Amsterdamse studentenzeilvereniging ‘Orionis’, waar hij lid van was. Hij was al zeilinstructeur, maar op een platbodem zeilen was nieuw. Hij ging een weekend mee op het skûtsje en daar ontstond de liefde voor het oude vrachtschip en de bijbehorende historie. ‘Het pakte me,’ blikt Van der Meer terug, ‘skûtsjesilen is zoveel meer dan zeilen alleen.’ De jonge docent geschiedenis begon als bemanningslid op de ‘Elisabeth’, het jaar erna was hij schipper op de ‘De Tiid Sil ’t Leare’. Dat was ook maar voor één seizoen, omdat hij zijn studie had afgerond en dus geen lid meer was van Orionis. De vervolgstap was logisch: er moest een groot schip komen, om zo vanuit de C-klasse de weg omhoog in te slaan. Geld om te kopen was er niet, huren lukte wel en zo kwamen ze uit bij Henk Keizer, die de ‘Singelier’ nog had liggen. In feite was het een grote gok, grijnst de schipper nu, maar het pakte fantastisch uit.

Geluk

In de loop van 2017 werd duidelijk dat Henk Keizer de ‘Singelier’ graag wilde verkopen en dus moesten Van der Meer en zijn bemanning op zoek naar een alternatief. Het liefst een eigen skûtsje, maar daar hadden ze, als jonge kerels die nog maar net de collegezaal voor een baan hebben verruild, geen middelen voor. ‘Skûtsjesilen is verrekte duur, dat is de makke van de sport,’ constateert Van der Meer. ‘Maar wij hebben echt geluk gehad met Bas, die samen met ons een skûtsje kon en wilde kopen. Dat doet hij uit pure passie voor de sport.’ Met ‘Bas’ bedoelt hij de Amsterdamse advocaat Bas Willering, IFKS-fan van het eerste uur. Die had de droom om actief deel uit te maken van de vloot, ook het geld voor een wedstrijdskûtsje, maar geen team. Bij Daan van der Meer was dat precies andersom. Samen gingen de heren om tafel en de keus viel op de ‘Opsjitter’ van Willem Zwaga. Ook Daan’s

tweelingbroer en adviseur Tom, Niek Verhoeff, Alex van Westerlaak en Jan Niemeijer staan als mede-eigenaar genoteerd. ‘Het is geweldig dat Bas in dit gat is gesprongen,’ toont Van der Meer zich dankbaar. ‘Wij hebben een afkoopregeling afgesproken, dus op termijn is het skûtsje van ons’.

Boathandling kan beter

Ondertussen barst de schipper van de ambitie, al toomt hij die voor dit eerste jaar nog wel een beetje in. Er zijn immers nog wat dingetjes die aan het skûtsje moeten gebeuren, want net als iedere andere schipper wil hij het schip naar eigen wensen aanpassen. ‘Het schip heeft een goeie romp en het houtwerk is in orde, maar een paar kleine dingen wil ik wel veranderen. De overloop van de grootschoot naar fok, bijvoorbeeld, er moet nog een hals op de lier, de zwaardlopers wil ik net even anders en de ophanging van het roer ook,’ somt hij op. Dat kon nog wel eens een race tegen de klok worden, want de kampioenschappen naderen snel en Van der Meer wil uren maken met zijn team. Trainen, voelen, inspelen op situaties, het moet inslijpen. De boathandling kan ook beter, ze moeten nog aan elkaar wennen, het team en het skûtsje. De ‘Westenwind’ is een meter korter en flink lichter dan de grote ‘Singelier’. Dan word je dus ook eerder afgeremd. ‘Het aanspringen bij de start of bij het overstag gaan, kan absoluut beter,’ geeft Van der Meer toe. ‘We moeten daar met fok en grootzeil net wat beter op inspelen. Als we dat beheersen, hebben we een voordeel, omdat we gemakkelijker van vlaagje naar vlaagje kunnen springen. Kijk maar eens naar Ton Brundel, die kan dat erg goed.’ Eigenlijk zou het team wel wat meer begeleiding kunnen gebruiken, stelt Daan van der Meer. ‘We doen veel zelf en hebben wel helder wat we beter moeten doen, maar vreemde ogen zijn goed. Daar zijn we wel naar op zoek.’ Die rol wordt gedeeltelijk ook opgepakt door Bas Willering, die zelf meezeilt en na de wedstrijd advies geeft en met name een scherp oog heeft voor het groepsproces.

Nog vijf jaar

Daan van der Meer en zijn team worden wel vergeleken met Merijn Olsthoorn, een schipper waar hij ook veel naar kijkt. ‘Zij varen slim en zijn al kampioen. Dat wil ik ook. Dit jaar willen we ons proberen te handhaven, dat wordt al lastig genoeg. Het verschil tussen de B en de A is namelijk erg groot, ook in financieel opzicht. De A-klasse genereert veel meer media-aandacht en dat levert meer sponsors op en dus meer geld en hoe je het ook wendt of keert, geld bepaalt voor een groot deel het resulaat. Mochten we degraderen dan is dat geen ramp, dan proberen we het volgend jaar gewoon opnieuw. Het is mijn ambitie om binnen vijf jaar kampioen te worden en met dit schip moet dat kunnen.’

Tijdens de Slach om Heech zeilden Daan van der Meer en zijn bemanning niet onverdienstelijk mee, al eindigden ze uiteindelijk op de elfde plaats, omdat ze de zesde en laatste wedstrijd niet uitzeilden.

Met man en macht wordt de fokkeloet in de fok gehouden. Helemaal links Tom van der Meer, tweelingbroer van Daan en adviseur aan boord van de ‘Westenwind’.

Onafhankelijk en professioneel, met meer dan 10 jaar ervaring in zowel nieuwe als gebruikte schepen. Dealer van TUNA Boats (alu. toer- & visboten), Liberty sloepen, Gentle boten & I-trailers (TTH). De Opper 6 te Heeg (showroom, walplaatsen & 50 ligplaatsen)

M: +31 (0) 612150830 E: info@mdjachtbemiddeling.nl

17


IFKS A-GROOT

Skûtsje: Emanuel Thuishaven: Lemmer Schipper: Merijn Olsthoorn Bouwjaar: 1914 Werf: Bijlsma, Warten

Skûtsje: ‘t Swarte Wief Thuishaven: Tijnje Schipper: Jaap Hofstee Bouwjaar: 1909 Werf: J.O. Van der Werff, Wergea

Klassering 2017: Kampioen Klassering 2017: 2

Skûtsje: Eelkje II Thuishaven: Heeg Schipper: Jeroen de Vos Bouwjaar: 1914 Werf: De Roos en Van der Meijden, Leeuwarden

Skûtsje: It Doarp Eastermar Thuishaven: Eastermar Schipper: Geale Tadema Bouwjaar: 1911 Werf: A.T. Van der Werff, Leeuwarden

Klassering 2017: 3 Klassering 2017: 4

Skûtsje: Drie Gebroeders Thuishaven: Gorredijk Schipper: Arend Wisse de Boer Bouwjaar: 1927 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Skûtsje: Lytse Lies Thuishaven: Gaastmeer Schipper: Ton Brundel Bouwjaar: 1910 Werf: Roorda, De Piip, Drachten Klassering 2017: 6

Klassering 2017: 5

Skûtsje: Jonge Jasper Thuishaven: Franeker Schipper: Froukje Osinga - Meijer Bouwjaar: 1911 Werf: Roorda, De Piip, Drachten

Skûtsje: Wylde Wytse Thuishaven: Rotterdam Schipper: Sikke Heerschop Bouwjaar: 1906 Werf: Roorda, De Piip, Drachten Klassering 2017: 8

Klassering 2017: 7

18


IFKS A-GROOT

Skûtsje: Zes Gebroeders Thuishaven: Makkum Schipper: Klaas Kuperus Bouwjaar: 1904 Werf: A.T. Van der Werff, Schilkampen, Leeuwarden

Skûtsje: Striidber Thuishaven: IJlst Schipper: Siebo Zijsling Bouwjaar: 1910 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Klassering 2017: 9

Klassering 2017: 10

Skûtsje: Grutte Pier Thuishaven:Jorwert Schipper: Lucas Bouma Bouwjaar: 1909 Werf: H.P. Van der Werff, Langewijk, Drachten

Skûtsje: Ora et Labora Schipper: Sietse Broersma Thuishaven: Heeg Bouwjaar: 1912 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Klassering 2017: 11

Klassering 2017: 12

Skûtsje: Ut en Thús Thuishaven: Sneek Schipper: Floriaan Zwart Bouwjaar: 1910 Werf: Brandsma, Franeker

Skûtsje: De Jonge Jan Thuishaven: Warten Schipper: Fonger Talsma Bouwjaar: 1911 Werf: Roorda, De Piip, Drachten

Klassering 2017: 13 Klassering 2017: kampioen B-klasse, gepromoveerd

Z Skûtsje: Waaksdom Thuishaven: Joure Schipper: Ulbe Zwaga Bouwjaar: 1913 Werf: H.P. Van der Werff, Langewijk, Drachten Klassering 2017: 2de B-klasse, gepromoveerd

Skûtsje: Westenwind Thuishaven: Amsterdam Schipper: Daan van der Meer Bouwjaar: 1908 Werf: Minne Molles van der Werf, Sneek Klassering 2017: 3de B-klasse, gepromoveerd

19


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

SKUTSJESILEN Datum

Vanuit

Wedstrijdveld

Vertrektijd

Prijs

4 aug.

Sneek

Grou

10.00

€ 17,00

8 aug

Sneek

Terherne

12.00

€ 17,00

9 aug

Sneek

Langweer

11.00

€ 17,00

10 aug

Sneek

Elahuizen

10.30

€ 17,00

11 aug

Lemmer

Stavoren

10.00

€ 20,00

13 aug

Sneek

Woudsend

10.30

€ 17,00

15 aug

Lemmer

Lemmer

11.30

€ 17,00

16 aug

Lemmer

Lemmer

11.30

€ 17,00

17 aug

Sneek

Sneek

11.00

€ 17,00

ZOMERPROGRAMMA 2018 Zondag juli / aug Maandag juli / aug Dinsdag 10,17, 24 en 31 juli Woensdag juli/ aug. m.u.v. 4 juli en 8, 15 aug.

Rondvaart vanuit Lemmer Fountaintour vanuit Lemmer / Sneek Pannenkoektocht / Rondvaart vanuit Lemmer Dorpentocht vanuit Lemmer

Donderdag 12,19,26 juli / 2 aug

Pannenkoektocht / Rondvaart vanuit Sneek Donderdag 23 aug. Giethoorntocht vanuit Sneek Trossenlostocht: Compleet verzorgde dagtocht incl diner 24 mei, 21 juni, 27 juli, 30 aug, 20 sept

14.00 tot 16.00 10.00 tot 16.00

Veenstra|fritom voor uw logistieke rust

13.00 tot 15.00 11.00 tot 15.00 13.00 tot 15.00 09.30 tot 18.00

Prijzen en reserveren zie: www.rondvaart-vandijk.nl

‘van beurtschipper naar logistiek dienstverlener’

25

www.kuiperslemmer.nl

NIEUW: POINTER 22 MULTI PURPOSE Veelzijdig in gebruik en trailerbaar

BESTEL NU BIJ JACHTWERF HEEG

www.JACHTWERFHEEG.nl 20

Randmeer


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Smeding Jachtservice bouwt ook onder keur

Cascobouw 2.0 in Dronryp Veel jachtwerven besteden de bouw van casco’s liever uit aan een gespecialiseerd bedrijf, dan dat ze er zelf aan beginnen. Te specialistisch, een vak apart. Ze komen dan vaak terecht bij Smeding Jachtservice in Dronryp. Daar bouwen ze niet alleen stalen en aluminium casco’s, maar doen ontwerp en engineering ook zelf. Daarmee onderscheiden ze zich van de concurrentie. Smeding Jachtservice is een relatief jong bedrijf, met al even jonge eigenaren. Geert en Hugo Smeding waren respectievelijk 21 en 19 jaar jong, toen ze op 1 januari 2007 hun bedrijf lanceerden aan De Alde Mar 15 in Dronryp. Ze kregen daarbij een geweldige stimulans van hun ouders, die een half jaar eerder de woning met het bedrijfspand kochten waarin beide broers hun bedrijf konden starten. Als nieuwkomers in de jachtbouwindustrie bleven ze niet lang onopgemerkt, al moesten ze natuurlijk wel eerst hun naam zien te vestigen en hun jonge leeftijd en dus beperkte werkervaring maakten het niet gemakkelijk om het vertrouwen van werven te winnen. Ook de economische crisis die eind 2008 begon hakte er in de jachtbouw markt behoorlijk in. Desondanks heeft Smeding Jachtservice het hoofd boven water weten te houden en vanaf 2010 tot heden een constante groei weten te verwezenlijken. De sterke combinatie van ontwerp, engineering én cascobouw sprak veel jachtwerven aan, waardoor de klanten kring zich in de loop de jaren enorm heeft uitgebreid.

Engineering

‘De lijnen tussen engineering en cascobouw zijn letterlijk heel kort, als wij een engineeringpakket van een casco aan het uitwerken zijn, bespreken we constructiedetails altijd met onze cascobouwers, zodat elk pakket volledig afgestemd is op de praktijk,’ vertelt Hugo Smeding. Doordat de engineeringpakketten tot in detail worden uitgewerkt en volledig zijn afgestemd op de bouwwijze van de cascobouwers kan er efficiënt geproduceerd worden, in combinatie met absolute vakmensen in de cascobouw resulteert dit in een casco van hoge kwaliteit én tegen een concurrerende prijs.

Cascobouw

De jachtbouw wordt steeds luxer, casco’s krijgen steeds mooiere, rondere, maar complexere vormen, wat

meer vakmanschap maar dus ook meer bouwuren vraagt. Daarnaast eisen de klanten bij jachtwerven een snelle levering van hun schip. Dit vereist dat alle partijen die verantwoordelijk zijn voor de bouw van het schip in een korte tijd moeten produceren, dit geldt dus ook voor de cascobouw. Smeding Jachtservice bereikt dit door zoveel mogelijk modulair te bouwen. Romp en opbouw en andere componenten worden apart van elkaar gebouwd, zodat er met een hogere personeelsbezetting aan een casco gebouwd wordt en dus een kortere doorlooptijd behaald kan worden. Op het moment van schrijven wordt er in Dronryp onder meer gewerkt aan een aluminium casco van 23 meter, dat onder Lloyd’s keur gebouwd wordt. Veelal worden de casco’s van plezierjachten onder de veel soepelere eisen van het CE-keur gebouwd, maar de opdrachtgever van dit schip wilde het casco onder het professionele Lloyd’s keurmerk gebouwd hebben. Voor Smeding Jachtservice is dit het eerste complete casco dat onder Lloyd’s keur gebouwd wordt. In het verleden zijn wel diverse stuurhuizen en andere componenten onder keur gebouwd, maar dus nog niet eerder een compleet casco. Smeding Jachtservice wil in de toekomst naast de plezierjachtbouw ook casco’s bouwen voor de beroepsmarkt, waar bouwen onder keur gebruikelijk is. ‘Door de bouw van dit 23m aluminium casco onder keur kunnen wij ons ook in de beroeps- jachtbouwmarkt goed op de kaart zetten,’ aldus Geert Smeding. Daarnaast voert Smeding Jachtservice ook andere constructieprojecten uit voor onder andere de mega jachtbouw zoals de engineering en cascobouw van navigatiemasten, luiken, complete stuurhuizen etc. Maar ook schadeherstel op het gebied van metaal aan stalen en aluminium schepen na een aanvaring, of het aanbouwen van bijvoorbeeld een zwemplateau is mogelijk.

Uitbreiding

Smeding Jachtservice heeft, na een moeilijke start als gevolg van de economische crisis, sinds 2010 een constante groei weten te verwezenlijken. Dit resulteerde in een forse vergroting van de capaciteit in 2016, toen de enkele bedrijfshal van 280m2 werd verdrievoudigd naar een oppervlakte van ongeveer 1200m2 en er gescheiden hallen kwamen voor stalen en aluminium casco’s. ‘Wij hebben een goede naam opgebouwd in de bouw van stalen casco’s, maar we kregen ook steeds meer aanvragen voor de bouw van aluminium casco’s. Om aan deze vraag te kunnen voldoen is het noodzakelijk dat we gescheiden productiefaciliteiten hebben voor het bouwen van de stalen en aluminium casco’s. Hier hebben we dus onze uitbreiding van de productie faciliteiten op ingericht,’ vertelt Geert Smeding. Ook op personele bezetting is Smeding Jachtservice in de loop der jaren gegroeid, het engineerin werk wordt inmiddels gedaan door twee tekenaars en er werken elf mensen voor de bouw van de casco’s.

Smeding Jachtservice BV De Alde Mar 15 9035 VP Dronrijp 0517-232001 www.smedingjachtservice.nl

21


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Wiepie Oenema met ‘De Stiekeme Stoker’ in Bolsward

Kleinste distillateur zit in Bolsward Tuinhuisje

Drie troeven heeft distilleerderij ‘De Stiekeme Stoker’ in Bolsward. Dat zijn OENEMA FRYSKE BEARENBURCH, OENEMA FRYSKE GRAENJENEVER en AMARETSJE FAN MUOIKE TETSJE. Het bijzondere van de drie distilleerproducten is dat Wiepie Oenema ze van graan tot fles op ambachtelijke wijze zelf stookt, kruidt, bottelt en verkoopt. De fabrikant van mogelijk de kleinste distilleerderij, waar op authentieke, ambachtelijke wijze beerenburg wordt gemaakt, De Stoker zetelt in een gehuurd pand, Bolwerkplein 8, te Bolsward. Hier was sinds 1891 de eerste Zuivelschool van Bolsward gevestigd. Trijntje Hilarides, de latere zuiveldirecteur van Zurich, heeft er nog les gehad. Zodra je er binnenstapt, snuif je de heerlijke geuren van de jeneverstokerij op. Het moet een feest zijn om hier te werken. Oenema werkte tot

2009 op de afdeling Kwaliteitsdienst van Douwe Egberts in Joure. Hij kon er vervroegd uit. En omdat hij veel te vitaal was om in de rust te gaan, maakte hij zijn eigen keteltje voor de stiekeme alcoholstokerij. Dat begon met graan (gerst) en eindigde na ‘dubbele stook’ met schoon alcohol van 70%. Daar kun je door toevoeging van kruiden een heerlijke jenever of beerenburg van trekken zonder kleurstoffen of houdbaarheidsmiddelen, want daar wil Oenema niets van weten.

Een paar flesjes kwamen via Oenema’s zonen bij de slijterij van Jumbo/ Kooistra en een plaatselijk café terecht. Daar werden ze gewaardeerd en zodoende vlot verkocht, zodat Oenema ineens een nieuw perspectief zag. Maar hij moest wel een vergunning aanvragen. En om aan alle eisen te voldoen, moest hij over een aparte productieruimte beschikken. Dat werd zijn tuinhuisje aan de Drift 2 in Bolsward. Sindsdien is de vroegere hobby een compleet professionele business geworden. Maar nog wel steeds heel kleinschalig, waarbij ‘de baas’ vrijwel alles nog met de hand doet. Wel is veel van dat werk gemechaniseerd, zoals het vullen van de fles, het sluiten met een schroefdop en het kaarsrecht opplakken van de etiketten. Die etiketten laten aan duidelijkheid niks te wensen over. Bertina Tilma heeft mooie schilderijtjes gemaakt, die het karakter van ‘De Stiekeme Stoker’ versterken. Daar hoort ook de ‘amandel-likeur’ bij, of liever het ‘Amaretsje fan Muoike Tetsje’. De dame in kwestie is met blozende wangetjes getekend.

naam en etiket te voorzien. Dan begint de stokerij al bijna op een kleine industrie te lijken. Voor de omzet is dat mooi. Steeds meer producten van Oenema vinden zo hun weg naar klanten in geheel Nederland, maar toch vooral in Friesland. Maar zelf vindt hij het toch ook heel mooi om met zijn eigen geheime kruidenrecept echte Oenema-producten af te leveren. Vol trots toont Wiepie een cadeautje van een klant, de Brandweer van Echten. Die heeft een fles Oenema’s Fryske Beerenburg in een mooie brandblusser verwerkt. Bijna zou je naar een flinke brand verlangen, om die met deze edele drank te blussen.

Grotere bestellingen

Oenema is al lang niet meer uitsluitend afhankelijk van slijters en café’s om zijn klanten te bereiken. Sommigen bestellen meerdere flessen in één keer. Anderen wensen het ambachtelijke product uit Bolsward van een eigen

Matez realiseert uw scheepswensen

Sloepjes werden woonschepen Niels Bak uit Sneek is al zijn hele leven gefascineerd door stalen schepen. Als kind al prutste hij met sloepjes, vletjes en opduwers. Een beetje opknappen, kleine reparaties uitvoeren. De sloepjes werden kruisers, de kleine reparaties aan opduwertjes werden totale refits en nieuwbouw van grote stalen schepen. Bak leerde veel in zijn jaren als matroos op de binnenvaart. Het onderhoud van een schip, het repareren van een motor, het kwam hem allemaal uitstekend van pas in zijn vrije uren, als hij ging zeilen, of met zijn motorbootje eropuit was. Na vijf jaar bij het Korps Mariniers ging Niels Bak aan de slag als ZZP’er

bij verschillende werven, waar hij ervaring opdeed als ijzerwerker. In 2010 nam hij de grote stap om Matez Boten in Woudsend over te nemen. Bak beschikt over een eigen loods in Sneek, waar hij met een team van vier tot zes mensen de meest uiteenlopende projecten aanpakt. Af en toe werkt hij ook samen met scholen, die

De Matez 58, een sloep van 5,80 meter lengte.

22

De 12,50 meter lange Matez 125, in zeiluitvoering.

stagiairs bij hem onderbrengen om het werken met ijzer onder de knie te krijgen. Inmiddels bouwt Matez grote, luxe jachten, maar ook schepen voor de woningmarkt in Amsterdam (HarbourHome). Dat doet hij soms als onderaannemer voor andere werven, maar ook particulieren weten Matez te vinden. ‘In principe hebben we alle mogelijkheden in huis,’ zegt Niels Bak. We kunnen een gecoat casco afleveren, maar ook een totaal afgebouwd schip, met intimmering en elektrische installatie en al. Soms verbouwen we schepen ook totaal naar de wensen van de klant, of voeren we alleen reparaties uit.’ Voor kleinere schepen heeft Matez de beschikking over een loods in Sneek. Voor grotere schepen, mo-

De Matez Custom 43, een refitproject dat inmiddels is afgerond en te koop ligt.

menteel wordt er gebouwd aan een schip van maar liefst veertig meter lengte, maakt Bak met zijn team gebruik van een loods die tijdelijk word gehuurd, per project dus. In de afgelopen tijd leverde Matez een paar knotsen van woonschepen af, maar verzorgde hij bijvoorbeeld ook de totale refit van verschillende schepen. In zijn spaarzame vrije uren gaat het werk gewoon door: ‘’s Avonds werk ik aan de eigen Matez-modellen, die gaan van een klein sloepje van 5,50meter, tot roefschepen en bakdekkers met een lengte van een meter of vijftien. Ieder jaar heb ik zo een scheepje klaar voor de verkoop. Momenteel ligt er een Matez Van Lent Cabrio van 13 meter te koop, dat is echt een chique schip, met slaapplaats voor zes personen.

Maar ieder Matez-model is helemaal naar wens van de klant op te bouwen, dus alles is mogelijk. Op dit moment is het erg druk, geeft Niels bak aan, maar hij geniet hier enorm van. ‘Een gezonde werkdruk geeft geen stress, maar houdt je scherp. Zolang je als team achter elkaar staat en je dus elke klus samen succesvol afrondt, valt alles op zijn plek en is er na hard werken ruimte om hard te ontspannen, dat is mijn visie.’

Matez Boten Selfhelpweg 8a 8607 AB SNEEK


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Debutanten bij de IFKS

Nieuwelingen klaar voor de start Zoals ieder jaar verschijnen er ook dit seizoen een aantal debutanten aan de start van de IFKS. Herke Boskma is met zijn 18 jaar de jongste debutant, Jelle Bekkema is ruim dertig jaar ouder en dit jaar de oudste nieuwkomer. Een korte voorstelronde. Herke Boskma

Van alle debutanten is Herke Boskma met zijn 18 jaar niet alleen de jongste, hij heeft qua schip ook het beste van het beste. De ‘Lytse Famke’ won als ‘Engelina Smeltekop’ bakken met titels. ‘Dat schept verwachtingen en daar heb ik het maar mee te doen’, sprak hij dit voorjaar nuchter. De jonge Lemster tempert die verwachtingen naar zichzelf toe meteen. Hij heeft een paar jaar meegezeild met Bouke van der Vaart op de ‘Goede Verwachting’ en was een jaar zwaardenman aan boord van het SKS-skûtsje ‘d’ Halve Maen’. ‘Maar dat maakt mij nog geen wedstrijdschipper,’ weet Boskma zelf ook. ‘Dat moet de tijd mij leren’. Vooralsnog is de start bescheiden, zoals ook de schipper zelf bescheiden is. ‘Ik verwacht geen prijzen, dit jaar eerst maar eens elkaar en het schip als wedstrijdformatie leren kennen.’

Jelle Bekkema

Jelle Bekkema (1969) is de zoon van een IFKS-man van het eerste uur: Sint Bekkema. Net als zijn vader is hij sportman in iedere vezel van zijn lichaam. Zeilen uiteraard, maar ook schaatsen, voetballen en wielrennen. Bekkema zeilde tussen 1989 en 1992 samen met zijn vader als bemanning op de ‘Eureka’ van Age Veldboom. Sindsdien varen ze samen op ‘De Verandering’. Dat Jelle het roer eens van zijn vader over zou nemen, stond al lang vast. Dit seizoen is Sint adviseur bij zijn zoon. ‘De Verandering’ is niet het snelste schip van de vloot. De laatste tien jaar zijn er geen grote investeringen meer gedaan, zodat ze nu ‘jaar op jaar ach-

teruit zeilen’. Dat komt omdat er geen echte sponsor is, die er financieel mee voor kan zorgen dat het schip in optimale conditie is. ‘Spitich, mar it is net oars,’ aldus de nieuwbakken schipper. ‘De Verandering’ is waarschijnlijk het enige schip dat nog niet gestraald en geplamuurd is en nog met dubbelingen op de kimmen zeilt. Een nieuw tuig is ook hard nodig, maar ook dat gaat niet. Een schoonmaakbeurt en een nieuwe laklaag, meer zit er niet in. Hoe het zal lopen in de C-klasse is afwachten, ‘sportief meezeilen’ is het devies en ‘dan sjogge wy it wol’.

Thomas de Boer

In maart van dit jaar werd bekend dat het skûtsje ‘Oude Zeug’, waar Koos Lamme altijd mee zeilde, verkocht was naar Enkhuizen. De nieuwe naam van het schip luidt ‘De Drie Haringen’ en schipper is Thomas de Boer. De wedstrijden in het voorseizoen moest het team aan zich voorbij laten gaan, het schip kreeg een grote onderhoudsbeurt waar de nodige tijd in ging zitten. De 29-jarige Thomas de Boer staat aan het hoofd van een enthousiast team zeilers. Hij heeft ruime ervaring als co-schipper op de klipper ‘Deinemeid’ tijdens wedstrijden als de Klipperrace, Beurtveer en Pieperrace. Als jongen van zestien schipperde hij op de familietjalk ‘De Gooische Boer’ en later was hij bemanningslid bij Cees Riezebos en fokkenist bij Remy de Boer op de ‘Eenvoud’. Gezien de roemruchte geschiedenis van Jan Bakker, die begjin jaren tachtig met de ‘Hollandse Nieuwe’, tegenwoordig ‘Wâldwiif’ van Tim Roosgeurius, bij de IFKS zeilde, leek

het De Boer schitterend om nogmaals een wedstrijdskûtsje naar Enkhuizen te halen. Met de naam ‘De Drie Haringen’, ook de bijnaam van de ‘Hollandse Nieuwe’, wordt Jan Bakker geëerd en tegelijk verwezen naar het wapen van de stad Enkhuizen. Dit seizoen willen ze vooral samen het schip leren kennen, knallen komt later.

Martijn Kleintjens

Brandt de Vries

De 25-jarige Brandt de Vries, student Technische Planologie, komt oorspronkelijk uit Wijnaldum, een klein dorpje tussen Harlingen en Franeker. Hij debuteert dit jaar als schipper op de ‘Swanneblom’, het skûtsje dat sinds een paar jaar gehuurd wordt door de Groningen studentenzeilvereniging Mayday. De Vries vond als ‘boekemantsje’ het skûtsjesilen al mooi en zeilde al vijf jaar mee als bemanningslid op de ‘Wylde Wytse’ van Sikke Heerschop, met wie hij in 2013 het kampioenschap van de A-klasse meemaakte. Brandt de Vries en zijn adviseur Willem van Nuland hebben een team samengesteld van studenten met en zonder ervaring op een skûtsje. Er is hard getraind en in het voorseizoen is al wat wedstrijdervaring opgedaan, want het team wil in topvorm aan de start van de IFKS verschijnen. Op Lemmer Ahoy boekten ze met een dagwinst hun eerste succes. De Vries en zijn bemanning hebben afgelopen winter met dank aan de sponsoren en de ‘vrienden van de Swanneblom’ een nieuwe giek en een nieuwe fok aan kunnen schaffen. Maar geheel in de geest van zijn leermeester Sikke Heerschop is ook voor Brandt de Vries ‘het team nog veel belangrijker’. Ze hebben getraind met verschillende skûtsjeschippers en zelfs nog een lezing gehad van Douwe ‘Sneek’. Hoewel ook bij deze debutant de verwachtingen niet al te hoog gespannen zijn, hoopt hij wel op een dagprijs en een eindklassering in het linker rijtje. Maar bovenal: ‘moai sile!’

De nieuwe schipper op het Amsterdamse studentenskûtsjes ‘De Tiid Sil ’t Leare’ is de 25-jarige Haarlemmer Martijn Kleintjens. Hij maakt al sinds 2013 deel uit van het skûtsjeteam van Orionis, zowel op de grootschoot, als op de trim. Het leek een uitgemaakte zaak dat Christiaan Polen, in 2017 nog adviseur bij Harm van der Weijden, dit jaar als schipper op ‘De Tiid’ zou zeilen, maar hij heeft ervoor gekozen om zich te bekwamen in andere disciplines van de zeilsport. Zo was de weg vrij voor Martijn Kleintjens, die niet de ambities heeft om op een groot schip de wereldzeeën te bezeilen, om de simpele reden dat hij nogal snel zeeziek is. Zoals dat gaat bij studentenzeilverenigingen is ook bij Orionis het verloop groot en dus zitten er deze zomer weer veel mensen op nieuwe plekken. Tijdens het voorseizoen zijn ze echter goed op elkaar ingespeeld geraakt en inmiddels voelt de basis goed, zegt de schipper. ‘We leren allemaal snel en verbeteren ons dus ook snel’. De Amsterdammers zijn eigenlijk altijd goed voor een hoge klassering en ook dit jaar willen ze zeker in de top vijf staan, maar stiekem wordt er naar het podium gekeken. En anders zeker volgend jaar, want ook in 2019 wil Martijn Kleintjens nog steeds de schipper zijn op ‘De Tiid Sil ’t Leare’.

Jeroen Sytsma

Jeroen Sytsma uit Workum is schipper op de ‘Brijbek’, het skûtsje dat vorig jaar nog als ‘Nooit Volmaakt’ van Cees Riezebos uit Hindeloopen degradeerde uit de B-klasse. Helemaal debutant is hij niet, het is meer dat hij dit jaar voor het eerst officieel als schipper te boek staat en dus ook die verantwoordelijkheid draagt. Stuurman op de ‘Nooit Volmaakt’ was hij al langer. Nu het schip door Riezebos is verkocht aan de Workumers, is er ook

een stichting in het leven geroepen die met behulp van vele enthousiaste sponsoren uit de stad de ‘Brijbek’ tot een echt stadsskûtsje maakt. Er is inmiddels een nieuwe fok gekomen en dat voelt erg goed, aldus Sytsma. In het voorseizoen hebben ze zich een paar keer goed laten zien en dat biedt perspectief voor de IFKS-week. Want ze starten weliswaar in de C-klasse, als het aan de schipper ligt is dat een eenmalig iets en zeilt de ‘Brijbek’ in 2019 in de B-klasse.

Jan Visser

De 51-jarige Jan Visser uit Heeg, eigenaar van Visser Yachtdesign, is de laatste in het rijtje debutanten bij de IFKS. Hij huurt met zijn bemanning de ‘Zeldenrust’ van Arnold Veenema en mag met dit snelle skûtsje uitkomen in de C-klasse. Visser zeilde in het verleden een jaar mee als fokkenist bij Grou en vier jaar aan de grootschoot op de ‘Sneker Pan’. In die jaren werd Douwe V ­ isser maar liefst drie keer achter elkaar kampioen, een prachtige tijd. Na die laatste keer stopte de Hegemer als bemanningslid, maar hield de droom om ooit zelf skûtsjeschipper te zijn. Hij ging op zoek naar een skûtsje en een bemanning. In zijn achterhoofd zat een lijstje met schepen, want hij wilde wel een goed skûtsje, waar hij niet al te veel meer aan hoefde te sleutelen om er goed mee voor de dag te kunnen komen. Bovenaan dat lijstje stond de ‘Zeldenrust’, maar ‘ik hie n ­oait tocht dat ik dy krije kinne soe’, zegt Visser nu. Dat hij af en toe meetrainde met de gebroeders Veenema heeft daar zeker aan bijgedragen. Hij kende het schip goed en de Veenema’s kenden hem en ook zijn wens om zelf te schipperen. Toen Arnold Veenema vorig jaar september aankondigde te stoppen, zei hij al direct tegen Jan Visser dat die het schip wel kon overnemen. Die hapte meteen toe. Hoewel het voorseizoen absoluut goed te noemen was met een tweede plaats in Langweer en een tweede plaats tijdens de Slach om Heech, is Jan Visser toch voorzichtig in zijn verwachtingen van de IFKS-week. Je moet als schipper, bemanning en schip een eenheid worden en daarvoor moet je uren maken. Bovendien is de concurrentie in de C-klasse moordend. ‘Wy ha in moaie, fanatike ploech, mar it wurdt noch dreech genôch’, eindigt Visser bescheiden.

23


Skรปtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Heerenveen - Leeuwarden - Sneek - Drachten

Uitzenden - Werving & Selectie - Detacheren

GEEFT WERK BETEKENIS ! Schrijf je in bij Olympia, laat je CV achter en laat ons jouw baan vinden.

M: techniek.friesland@olympia.nl

(0512) 537 744 www.olympia.nl

Echtenerbrug, de poort tot Friesland en Overijssel is het ideale vertrekpunt voor een onvergetelijke watersportvakantie!

Vroegboekkorting tot 20%! Zonder vaarbewijs!

Voor dagverhuur hebben we sloepen, toervletten en enkele Doerakken ter beschikking! Yachtcharter Turfskip

Turfkade 15 - NL 8539 SV Echtenerbrug Tel. 0031 (0)514 54 14 67 Fax: 0031 (0)514 54 16 06 info@turfskip.com - www.turfskip.com

24


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

IFKS verliest trouwe deelnemer

Sjoerd Kleinhuis stopt ermee Het is nauwelijks voor te stellen dat volgend jaar de klasse a-klein van de IFKS zonder Sjoerd Kleinhuis zeilt. Hij is er al bij sinds 1989. In 1995 was hij de eerste kampioen in de toen pas gevormde klasse b-klein, waar illustere figuren als Age Veldboom, Klaas Meter, Jelle van der Meulen, Sikke Heerschop en Irma Joustra in deelnamen. Na twee tweede plaatsen won Kleinhuis in 1998, ’99 en 2000 opnieuw. In die tijd was de ‘Lytse Earnewâldster, in 1908 bij Bijlsma in Warten gebouwd, bijna onverslaanbaar. Maar toen kwam de glorietijd van de ‘Engelina Smeltekop’ en won ook Age Veldboom een titel met de ‘Swanneblom’. Kleinhuis doorbrak in Earnewâld samen met plaatsgenoot Age Veldboom en Jelle van der Meulen het monopolie van het Earnewâldster (SKS)-skûtsje, en kon mede naar voren komen doordat SKS-kampioen 1982 en ’83 Jeen Zwaga wat problemen kreeg met enkele bemanningsleden. Op vergelijkbare wijze droeg Kleinhuis in 1995 ook bij tot de oprichting van een aparte klasse van kleine schepen, met een maximale lengte van 17,10 meter. De ‘Lytse Earnewâldster’ mat 16,58 bij 3,45m, met een laadvermogen van 28 ton. Dat was wel een acceptabele maat in kleine wateren, maar niet echt geschikt voor het ruime water bij Hindeloopen, Stavoren en Lemmer, zeker niet als er flink wat deining stond. Maar heel vaak heeft Kleinhuis daar

toch opmerkelijk goed gepresteerd.

Doorstroming

Langzamerhand verdwijnen de vertrouwde namen van weleer. De schepen blijven wel, maar er is maar één met de mast op de ouderwetse plaats, de ‘Hoop doet Leven’ van Koos van Drunen. Dat zeilt minder snel dan met de mast naar achteren, maar vroeger was de ruiminhoud de broodwinning van de schipper. Dat was in hoge mate bepalend voor de vorm, met natuurlijk de roef als woning, die rond 1900 het Friese waterland veroverde ten koste van de ouderwetse dekschepen met hooguit leefruimte in het paviljoen achterin. Sikke Heerschop zeilt al vele jaren op het hoogste niveau op een grote ‘Wylde Wytse’. De legendarische ‘Engelina Smeltekop’ is nu ‘Lytse Famke’, maar schipper Herke Boskma moet er nog goed mee leren zeilen. Van het nest Van der Vaarten is er met Jochum nog één karakteristieke deelnemer over. En we zien Age Veldboom nog geregeld op de ‘Swanneblom’. Hij

Sjoerd Kleinhuis neemt dit jaar na 30 jaar afscheid als schipper van de ‘Lytse Earnewâldster’.

is al jaren geen schipper meer, maar coacht zijn ploeg huurders, studenten uit Groningen. Die wisselen geregeld van schipper. Deze keer mag Brandt de Vries het helmhout hanteren. Daan van der Meer is inmiddels doorgestroomd naar de groten, op het Amsterdamse studentenschip ‘De Tiid Sil’t Leare’ debuteert nu ­Martijn Kleintjens als schipper. Bernd de Cneudt doet het geweldig met de ‘Eemlander’. Tynsters werden in het verleden kampioen met dit bij Jan Bos uit Echtenerbrug gebouwde beurtschip, dat flink verlengd was en niet meer ‘Koophandel’ maar ‘’t Swarte Wief’ heette. Inderdaad, met ie, want ooit werd in Tijnje en omgeving door Gieterse veenarbeiders ‘kromme’ gepraat.

Bernd de Cneudt zal met zijn ‘Eemlander’ (links) een gooi naar de titel doen. Hij was er al een paar keer dichtbij. Rechts Jochum van der Vaart met de ‘Nooit Volmaakt’, beter bekend als ‘het kanon’ Ook hij draait al lang mee in de IFKS.

Bernd krijgt het dit jaar overigens wel moeilijk, zelfs als Sjoerd Kleinhuis het wat kalmer aan doet, omdat Rutger Boonstra altijd snel is met zijn ‘Hoop op Welvaart en Tjibbe van der Veer al een paar jaar goed zeilt met de ‘Welvaart’. Nu Arnold Veenema verlost is van de schipperszorgen op de ‘Zeldenrust’ wil hij vast nog wel eens aandacht besteden aan dit mooie scheepje.

Toch origineel?

Ooit was het de droom van Age en een paar medestrijders om van de klein a een ‘originaliteitsklasse’ te maken, waarin ook schepen konden meedoen die niet verlengd en gestript waren. Dat is er niet helemaal van gekomen. Er lonkt misschien een nieuw toe-

komstperspectief nu van niet-Friese zijde actief belangstelling voor het skûtsjesilen met deze oude schepen wordt getoond. De rompen zijn over het algemeen minstens een eeuw oud. En nu er steeds meer oude skûtsjes worden gerestaureerd – na de ‘­Jonge Trijntje’ nu ook het beurtscheepje ‘Dorp Grouw’ – kon dat wel eens voor een leuke opleving zorgen. Studenten genoeg die er op willen zeilen, en anders maar senioren. Want die worden tegenwoordig ook steeds vitaler oud. Hoe dat komt, zal straks Sjoerd Kleinhuis van de zijkant volgen. Hij is er dan als schipper niet meer bij. Dat zal voor hem, na dertig jaar, wennen zijn. En voor ons, toeschouwers, niet minder.

25


IFKS a-klein

Skûtsje: Eemlander Thuishaven: Eemnes Schipper: Bernd de Cneudt Bouwjaar: 1903 Werf: Bos, Echtenerbrug

Skûtsje: De Tiid Sil ’t Leare Thuishaven: Amsterdam Schipper: Martijn Kleintjens Bouwjaar: 1905 Werf: Wildschut, Gaastmeer

Klassering 2017: 2

Schipper debuteert

Skûtsje: Lytse Earnewâldster Thuishaven: Earnewâld Schipper: Sjoerd Kleinhuis Bouwjaar: 1908 Werf: Bijlsma, Warten

Skûtsje: Swanneblom Thuishaven: Earnewâld Schipper: Brandt de Vries Bouwjaar: 1913 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Klassering 2017: 3

Schipper debuteert

Skûtsje: It Abbegeaster Skûtsje Thuishaven: Abbega Schipper: Henk Frankena Bouwjaar: 1905 Werf: T.A. Van der Werff, Wergea

Skûtsje: Hoop op Welvaart Thuishaven: Sneek Schipper: Rutger Boonstra Bouwjaar: 1911 Werf: Bijlsma, Warten Klassering 2017: 7

Klassering 2017: 6

Skûtsje: Avontuur Thuishaven: Heeg Schipper: Age Bandstra Bouwjaar: 1906 Werf: A.T. Van der Werff, Schilkampen, Leeuwarden

Skûtsje: Stad Harlingen Thuishaven: Harlingen Schipper: Sikke Tichelaar Bouwjaar: 1910 Werf: Van der Werf, Kootstertille

Klassering 2017: 8

Klassering 2017: 9

26


IFKS a-klein

Skûtsje: Doeke van Martena Thuishaven: Drachten Schipper: Riemer de Graaf Bouwjaar: 1906 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Skûtsje: Welvaart Thuishaven: Elahuizen Schipper: Tsjibbe van der Veer Bouwjaar: 1910 Werf: Wildschut, Gaastmeer Klassering 2017: 11

Klassering 2017: 10

Skûtsje: Nooit Volmaakt Thuishaven: Lemmer Schipper: Jochum van der Vaart jr. Bouwjaar: 1896 Werf: Barkmeijer, Briltil

Skûtsje: Hoop op Zegen Thuishaven: Leeuwarden Schipper: Chris van den Berg Bouwjaar: 1909 Werf: Van der Werf, Sneek

Klassering 2017: 12

Klassering 2017: 13

Skûtsje: Twa Famkes Thuishaven: Drachten Schipper: Pieter Jansma Bouwjaar: 1912 Werf: T.A. Van der Werff, Wergea

Skûtsje: Hoop doet Leven Thuishaven: Nij Beets Schipper: Koos van Drunen Bouwjaar: 1910 Werf: Van der Werf, Sneek Klassering 2017: 15

Klassering 2017: 14

Skûtsje: Lytse Famke Thuishaven: Lemmer Schipper: Herke Boskma Bouwjaar: 1923 Werf: - J.O. van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten Schipper debuteert

27


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L Zoekt u een ligplaats in een rustige, gezellige jachthaven, voorzien van alle gemakken en op loopafstand van het centrum van Heeg?

Skûtsjemuseum Earnewâld

Open van 28 april t/m 30 september 2018 op za. en zo. 13:00 - 17:00 uur. Juli en aug: alle dagen 13:00 - 17:00 uur behalve op maandag. Voor groepen (min. 10 personen) het gehele jaar geopend, 's morgens, 's middags en 's avonds, alleen op afspraak. Entree € 3,50 Kinderen t/m 12 j. € 1,-. De Stripe 12 • 9264 TW Earnewâld • www.aebelina.nl www.skutsjemuseum.nl • e-mail: info@skutsjemuseum.nl • Info: 06-16933805

Jachthaven: Ontzorging: • Beschutte ligging, • Winterstalling, • Op loopafstand van centrum, • Motoronderhoud, • Parkeren op eigen terrein, • Lak- en schilderwerk, • Goede sanitaire voorzieningen, • Polyester reparatie, • Technische installatie, • Walstroom & drinkwater, • RVS laswerk • Wifi, • Polijsten / poetsen • Dieselpomp aanwezig, • Etc. • Vuilwaterpomp aanwezig.

ACTIE: tegen inlevering van deze advertentie krijgen nieuwe ligplaatshouders het eerste jaar 10% korting op het liggeld!!

Van Roeden Watersport | Gouden Boaijum 13 | 8621CV Heeg 0515-443330 | vanroedenwatersport.nl | info@vanroedenwatersport.nl

Skûtsjesilen Radio Klaas Augustus 2018 Normaal dag programma*

SKS

IFKS

Aan boord 11:00 Welkom, koffie 11:30 Varen en netwerken 11:30 - 12:30 Lunch met soep en drinken 12:30 - 13:15 Gezelligheid 13:15 - 14:00 Wedstrijd 14:00 -16:30 Terugkeer, afronding 16:30 - 17:30

Zaterdag 4 Grou Maandag 6 De Veenhoop Dinsdag 7 Earnewâld Woensdag 8 Terherne Donderdag 9 Langweer Vrijdag 10 Elahuizen Zaterdag 11 Stavoren Maandag 13 Woudsend Dinsdag 14 Reserve/Rustdag Woensdag 15 Lemmer Donderdag 16 Lemmer Vrijdag 17 Sneek

Zaterdag 18 Hindeloopen Zondag 19 Stavoren Maandag 20 Heeg Dinsdag 21 Sloten Woensdag 22 Reserve/Rustdag Donderdag 23 Echtenerbrug Vrijdag 24 Lemmer Zaterdag 25 Lemmer finale

*NB: vanwege de weersomstandigheden kan een wedstrijd worden uitgesteld of afgelast. Het programma wordt dan aangepast. Onder extreme omstandigheden kan de vaart worden afgelast. Dit wordt de avond voorafgaand voor 21:30 uur besloten en vanaf dat moment per app en bericht en de facebookservice van RadioKlaas, alsmede op skûtsje.nl, bekendgemaakt.

MEEVAREN??

Info: Jan Boonstra 06- 831 976 39 De kerstmusical in De Lawei is dit jaar losjes gebaseerd op de geschiedenis van twee belangrijke skûtsje-bouwers uit Drachten.

e van drs e k a m van & n A nieer v i l O

Scrooge uit het Dickens’ A Christmas Carol wordt Skrûtsj. De hoofdfiguur Bauke Boorda krijgt in de nacht voor kerstmis bezoek van drie geesten die hem confronteren met zijn verleden, heden en toekomst… Zoals altijd wordt deze voorstelling gespeeld door jong en oud amateurtalent uit de omgeving. Komt dat zien! Bezoek ook onze expositie Het Skûtsje De Galerij zo 16 dec t/m zo 3 feb 2019

Familievoorstelling

vr 21, zo 23, wo 26 t/m zo 30 dec www.lawei.nl

28


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

De vonken spatten eraf

Concurrentie in de B-klasse Als van de IFKS in 2018 alleen de B-klasse zou zeilen, werd het nóg een prachtig kampioenschap. De twee gepromoveerden Sijmen Kalsbeek (‘Raerder Roek’) en Gerrit Huisman (‘Ut ’e striid’) willen doorstomen naar de A-klasse. Maar Wytse Heerschop wil terug.

De B-klasse is de leukste: je kunt er uit promoveren en uit degraderen. Wietse Bandstra, dit hele jaar al in vorm met de ‘Redbad’ en ook hier voorop tijdens de Slach om Heech dit jaar, is een kanshebber voor het podium, maar dat is Bas Krom met de ‘Verwisseling, links van hem, ook. Voor Rein Wiebe Leenstra, met de ‘Dageraad’, komt dat misschien nog te vroeg, maar een dagprijs is ook voor deze jonge schipper zeker mogelijk.

Het zijn in dit geval de vaders die een belangrijke rol spelen bij de vervulling van de ambities der zonen. Wytse vecht al jaren met de ‘Woeste Anne’ om zijn vader Sikke op te volgen. Tot vorig jaar leek hij zelfs diens schip te kunnen krijgen als hij hem in de klasse A-groot versloeg. Maar Wytse degradeerde en Sikke maakte een wederopstandig door. En nu is er een jonge Anne, die zijn rechten opeist. Of Wytse tegen die druk bestand is, valt niet te zeggen. Want het hele voorseizoen bracht hij in een gigantische zandbak door, in Dubai, waar hij laat zien hoe je een groot bedrijf moet runnen. Het is grappig dat in de deelnemerslijst die plaats als domicilie wordt genoemd. Want het skûtsje ligt al maanden gewoon in Sneek, hebben we gezien. Als Wytse het niet wordt, dan Sijmen maar? Diens ‘Raerder Roek’ verdient beter dan de B-klasse. Maar het is bij de IFKS nu eenmaal gebruik dat

niet de schepen promoveren of degraderen, maar de schippers. Daarom moest Sijmen van onderaf aan opnieuw beginnen na het afscheid van vader Michiel. Toen had hij trouwens al vele malen het mooie, snelle skûtsje, dat ooit als ‘Zwaluw’ begon, gestuurd.

Prodent-smile

Het schijnt dat vrouwen op leeftijd wegsmelten als ze de jeugdige schipper Gerrit Huisman van dichtbij zien. Dat komt niet van zijn ogen, maar vooral van zijn Prodentsmile. Die is minstens zo onweerstaanbaar als die van Arjen de Boer, anchorman bij Omrop Fryslân. Maar om blinkend witte tanden gaat het bij de skûtsjesilerij niet. Je moet kunnen varen en een goed schip hebben. Welnu, in beide opzichten kan Gerrit Huisman goed meedoen. Bijna net zo opvallend als vroeger zijn vader Jacob – de jongste IFKS-kampioen al-

ler tijden - behoort deze kleinzoon van IFKS-oprichter Gerrit Roosjen tot de aanstormende jeugd. En hij mag varen op zijn vaders ‘Ut ’e Striid’ met de grote F van Franeker in het zeil. Pake voer daar als eigenaar-bemanningslid al op met Hylke de Vries, en tot 2015 was dit het wedstrijdskûtsje van Langweer – welwillend door Jacob afgestaan die er, naar verluidt, Ulbe Zwaga op wilde laten varen. Maar de Langweerder commissie besliste anders, in 2016\5 werd de ‘Ut ’e Striid’ vervangen door de ‘Twee Gebroeders’, die met de toen geldende zeilformule in het voordeel was. Inmiddels is daar een andere Zwaga, Jaap, schipper op en is het voordeel van het grote schip veranderd in een schrijnend nadeel en wordt gezeild met een oud tuig van de Rienk Ulbesz, dat de rode lantaarn van 2017 moet doen vergeten. Gerrit heeft in zijn maatschappelijke ontwikkeling al veel van de wereld gezien, met ups en downs. Maar als schipper verbaasde hij menig skûtsjevolger door vorig jaar meteen kampioen te worden in de C-klasse van de IFKS. Terwijl daar toch wel een paar matjedoren meededen. Dit voorseizoen heeft Gerrit ook al wat gepresteerd. En met zijn vader en moeder vaart hij geregeld met gasten.

Wytse Heerschop woont en werkt inmiddels in Dubai, maar is voor het skûtsjesilen vaak in Fryslân te vinden. Hij degradeerde in 2017 uit de A-klasse en wil zeker terug.

Wietse en Jilles Bandstra

Als het niet te hard waait, heeft de ‘Lonneke’ met Jilles Bandstra wel een kans om wederom hoog in de B-klasse te eindigen en recht op promotie af te dwingen. Bij zwaar weer redt dit scheepje het niet, hoewel Jilles een uitstekende schipper is, die ook het zilte nat wel durft bedwingen met grote zeilschepen. De ‘Lonneke’ is al een paar keer heen en weer gereisd tussen de A- en de B-klasse, maar blijkt steeds net niet helemaal opgewassen tegen de felle competitie bovenin. Achterneef Wietse Bandstra verraste in het voorseizoen al een paar keer met de ‘Redbad’, maar hij krijgt nu van meerdere kanten concurrentie. In Workum zelf deelt hij in de slag om de sponsoren met het nieuwe Workumer skûtsje ‘Brijbek’, vroeger de ‘Nooit Volmaakt’ van Cees Riezebos. En in de wedstrijden komt hij nu behalve de drie jonge favorieten Wytse, Sijmen en Gerrit ook weer Walter de Vries tegen, die al een paar keer te sterk is gebleken voor de Amsterdamse marketingmanager met Staverse roots. En dan is er nog Remy de Boer

De jongste in de B-klasse is Gerrit Huisman, die met de ‘Ut ’e Striid’ vorig jaar kampioen werd in de C-klasse. Daar hoefde hij niet veel voor te zeilen, de meeste wedstrijden werden afgelast. Dit jaar wil hij zich laten zien in de B-klasse. Gezien de kwaliteiten van schip en schipper, moet er zeker rekening met hem gehouden worden.

met de ‘Eenvoud’, die het hele voorseizoen als schipper en als bemanningslid heeft gevaren, van Turfrace Smallingerland tot Loosdrecht. Weinig deelnemers hebben zo veel vaaruren als hij. Maar of hij mee kan doen om de prijzen? Dat is zeer de vraag.

Degradanten

In één opzicht is de B-klasse de leukste van de hele IFKS: je kunt er zowel uit promoveren als degraderen. Minstens zes van de zestien zien we volgend jaar niet terug in deze klas-

se. Zo’n degradatie naar het laagste niveau hakt erin, zoals iedereen kan bevestigen die het heeft meegemaakt. Het is zelfs geregeld de directe aanleiding om maar met skûtsjesilen te stoppen. Maar dat zijn dan meestal de ouderen. Van hen is nu alleen Floris Bottema met de Harmonie nog actief. Wat de jonge garde gaat doen als het eens flink tegenzit, durven we niet te voorspellen. Kijken, volgen en serieus nemen. Want één ding is zeker: net als vorig jaar zullen ook in 2018 de vonken er weer vanaf spatten.

Welkom bij ‘t Skûthûs ‘t Skûthûs ligt in het hart van Warten met een prachtig terras aan het water! Komt u met de fiets, auto of boot? ‘t Skûthûs is altijd goed bereikbaar. U kunt uw boot aanleggen aan één van onze steigers. Uiteraard kunt u ook binnen genieten van een heerlijk kopje koffie, lunch, diner of gewoon een drankje bij de open haard. Heeft u iets vieren? Ook dan is ‘t Skûthûs de locatie. Samen stellen wij uw feest samen naar wens en zorgen dat het voor u een onvergetelijk dag wordt. Wij verwelkomen u graag in ’t Skûthûs!

29


IFKS B-klasse

Skûtsje: Jonge Rein Thuishaven: Wijtgaard Schipper: Erik Jonker Bouwjaar: 1907 Werf: De Roos en Van der Meijden, Leeuwarden

Skûtsje: Verwisseling Thuishaven: Yndyk Schipper: Bas Krom Bouwjaar: 1925 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten Klassering 2017: 5

Klassering 2017: 4

Skûtsje Grytsje Obes Thuishaven: Koudum Schipper: Arjen de Jong Bouwjaar: 1914 Werf: J.O. van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Skûtsje: Redbad Thuishaven: Workum Schipper: Wietse Bandstra Bouwjaar: 1911 Werf: Draaisma, Franeker Klassering 2017: 7

Klassering 2017: 6

Skûtsje: Dageraad Thuishaven: Gaastmeer Schipper: Rein Wiebe Leenstra Bouwjaar: 1904 Werf: H.P. Van der Werff, Langewijk, Drachten

Skûtsje: Sinnekening Thuishaven: Leeuwarden Schipper: Jan Sipko van der Veen Bouwjaar:1911 Werf: De Roos en Van der Meijden, Leeuwarden

Klassering 2017: 8

Klassering 2017: 9

Skûtsje: Lonneke Thuishaven: Stavoren Schipper: Jilles Bandstra Bouwjaar: 1906 Werf: H.P. Van der Werff, Langewijk, Drachten

Skûtsje: De Eenvoud Thuishaven: Harlingen Schipper: Remy de Boer Bouwjaar: 1914 Werf: Barkmeijer, Stroobos Klassering 2017: 11

Klassering 2017: 10

30


IFKS B-klasse

Skûtsje: Hoop op Zegen Thuishaven: Heerenveen Schipper: Paul de Koe Bouwjaar: 1902 Werf: Croles, IJlst

Skûtsje: Wâldwiif Thuishaven: Kootstertille Schipper: Tim Roosgeurius Bouwjaar: 1906 Werf: De Roos en Van der Meijden, Leeuwarden

Klassering 2017: 12

Klassering 2017: 13

Skûtsje: Goede Verwachting Thuishaven: Sloten Schipper: Walter de Vries Bouwjaar: 1910 Werf: Van der Werf, Sneek

Skûtsje: Woeste Ånne Thuishaven: Dubai, VAE Schipper: Wytse Heerschop Bouwjaar: 1909 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Klassering 2017: 15de A-klasse, gedegradeerd

Klassering 2017: 16de A-klasse, gedegradeerd

Skûtsje: Ut 'e Striid Thuishaven: Galamadammen Schipper: Gerrit Huisman Bouwjaar: 1910 Werf: Roorda, De Piip, Drachten

Skûtsje: Ale Thuishaven: Heeg Schipper: Ron Syperda Bouwjaar: 1913 Werf: H.P. Van der Werff, Langewijk Drachten

Klassering 2017: Kampioen C-klasse, gepromoveerd

Klassering 2017: 2de C-klasse, gepromoveerd

Skûtsje: Raerder Roek Thuishaven: Raerd (SWF) Schipper: Sijmen Kalsbeek Bouwjaar: 1906 Werf: J.O. Van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Skûtsje: Ebenhaëzer Thuishaven: Dokkum Schipper: Kees van der Kooij Bouwjaar: 1913 Werf: H.P. Van der Werff, Langewijk, Drachten

Klassering 2017: 3de C-klasse, gepromoveerd

Klassering 2017: 4de C-klasse, gepromoveerd

31


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Sanco Processing Nu meer dan 10 jaar houdt Sanco Processing zich bezig met het ontwerpen, fabriceren, automatiseren en installeren van complete procesinstallaties, veelal geschikt voor voedingsmiddelen. Als watersportliefhebber maakt eigenaar Sander Jansen naast zijn werk tijd vrij voor het skûtsjesilen. De meeste aandacht gaat uit naar de prestaties van het Makkumer Skûtsje onder leiding van Klaas Kuperus. Sanco is sponsor van deze lokale trots, die in 2016 het kampioenschap in de A-Klasse IFKS wist binnen te slepen.

Sanco Processing is ontstaan uit het in 2007 opgerichte Sanco Projects. De doelstelling was toen om complete projecten te realiseren op het gebied van indampers en sproeidrogers. Inmiddels is Sanco Projects van een klein bedrijf gegroeid is naar Sanco Processing. De projecten begonnen klein en werden steeds omvangrijker. Sinds 2012 opereert Sanco Processing ook internationaal. ‘Onze filosofie is het uitvoeren van de diverse projecten samen met door ons geselecteerde toeleveranciers. Deze toeleveranciers zijn zeer divers, van draaiwerk tot kant en klare componenten. Met de diverse fabricagefaciliteiten waarmee we werken zorgen we ervoor dat we flexibel blijven en de planning kunnen garanderen’,

aldus Sander. ‘We zijn continu bezig producten te verbeteren of nieuwe componenten te ontwerpen. In de voorgaande 10 jaar zijn er verschillende producten vernieuwd en verbeterd of is er een fabricage verfijnd wat tijdbesparend werkt. Zo hebben we veel input gestoken in het, vaak on-site, bouwen van torenkamers, indirecte luchtverhitters en proces filters (cip reinigbaar). Het 10-jarig jubileum werd in maart 2017 gevierd binnen een uitgebreid team van specialisten op procesgebied in een ruim en modern pand met alle faciliteiten om de projecten uit te kunnen voeren. ‘Een bijzonder gevoel om je te realiseren dat dat tien jaar terug aan de keukentafel is begonnen’.

Ervaring en enthousiasme bij DJS Jachtservice Jan Slump is een ervaren bouwer die alle facetten van de jachtbouw kent. Na bij diverse jachtwerven gewerkt te hebben kwam Jan bij Abma’s jachtwerf in de cascobouw. Tim de Jong begon hier in 2009 als stagiair, waarbij zij veel samenwerkten. Tim bleek een snelle leerling, want binnen een jaar verstond hij het vak van cascobouwer. Vanwege de grote passie voor de jachtbouw besloten Tim en Jan in 2014 om een eigen bedrijf te starten. Er werd een geschikte loods gevonden aan de Zwaan 18 B te Woudsend. Een jaar later werd er vanwege de vele opdrachten al een tweede aangrenzende loods bij gehuurd. Onderhand zijn er meer dan 30

casco’s gebouwd, voor o.a. Jetten Shipyard en Brandsma Jachten. Tevens voeren ze ook complete refits (ombouwen en restylen van bestaande boten) uit. DJS Jachtservice, dat staat voor ­De-Jong-Slump, is trots op het behaalde resultaat. Na drieënhalf jaar hard werken staat er een prachtig florerend bedrijf.

DJS Jachtservice De Zwaan 18B 8551 RK Woudsend www.facebook.com/DJS-Jachtservic info@djsjachtservice.nl Jan Slump 06-14205953 Tim de Jong 06-15596125 www.djsjachtservice.nl 32


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Jeroen Sytsma maakt zich klaar voor de C-klasse

Workum trots op ‘De Brijbek’ Eerder dit jaar maakte Cees Riezebos uit Hindeloopen bekend te stoppen als schipper bij de IFKS. Hij gunde het schip aan zijn bemanning, die er een stichting rond oprichtte. Zo werd de Hindelooper ‘Nooit Volmaakt’‘De Warkumer Brijbek’, met Jeroen Sytsma, die al stuurman was, als schipper. Het kon ook bijna niet anders dan dat de ‘Nooit Volmaakt’ voor Workum zou gaan zeilen, want de bemanning bestond nagenoeg geheel uit Workumers. Alleen Peter Abma uit It Heidenskip en natuurlijk Cees Riezebos zelf, kwamen niet uit die stad. De Hindelooper ondernemer gaf al langer aan dat hij ‘de jongens’ het schip graag zag overnemen. ‘Wy wienen der hieltyd noch net klear foar,’ zegt schipper Jeroen Sytsma. Het bijeen brengen van het geld, het oprichten van een stichting, het was iets dat ze voor zich uit schoven. Maar de overname van het skûts­ je kwam in een stroomversnelling toen Cees Riezebos en zijn bemanning in 2017 degradeerden naar de ­C-­klasse. Twee bemanningsleden, Minne ­ Okkema van Okkema Workum Betonbouw, en Bouke-Jan de Jong, van­­ Transportbedrijf E.J. de

Jong uit ­ Workum/Parrega, besloten de aankoop van het schip te financieren. In de stad toonden zich vele bedrijven en particulieren bereid om de stichting financieel te ondersteunen ­ en de inwoners van Workum konden een mogelijke naam voor het nieuwe stadsskûtsje insturen. Dat werd, niet heel verrassend, maar wel toepasselijk, ‘Brijbek’, want zo luidt de schimpnaam van de Workumers. In het zeil prijken de letters WK.

Wisselende schippers

Jeroen Sytsma is de schipper van ‘De Brijbek’. Hij was al twaalf jaar bemanningslid bij Cees Riezebos en had zijn vaste plek aan de grootschoot. Ze zeilden met wisselend succes, ook omdat het team geregeld van stuurman wisselde. Zo kon het dat in 2016 ­Sytze Brouwer tijdens de IFKS-week aan het helmhout van de ‘Nooit

­ olmaakt’ zat. Hoewel het toen nog V niet bekend was dat hij een jaar later schipper op het SKS-skûtsje ‘Gerben van Manen’ zou worden, wilde hij al wel ervaringen opdoen als wedstrijdschipper. Jeroen Sytsma stuurde de wedstrijden in het voor- en naseizoen. Ideaal was al dat gewissel aan het roer niet, de continuïteit ontbrak en dat was in de klasseringen terug te zien, met de degradatie naar de C-klasse in 2017 als resultaat.

Groot onderhoud

De degradatie was jammer, maar de Workumers tillen er niet zwaar aan. Sterker nog, ze zien er voordelen in. Een hele nieuwe start, van voren af aan beginnen en dan omhoog kijken. Want het skûtsje is van zichzelf een prima wedstrijdschip, al is ze dan wat smal. Ze namen ‘De Brijbek’ afgelopen winter flink onder handen. Er kwam een nieuwe fok, het houtwerk werd opgeknapt, het roer verbouwd, er kwam een nieuwe giek met stagbocht en de zwaarden zien er ook weer goed uit. De mast was nog prima. ‘Alles om ’e romp hinne is no klear,’ aldus de schipper. ‘Letter dit jier moat it casco dien wurde.’

De ‘Brijbek’ onder zware omstandigheden tijdens de Slach om Heech. De WK lijkt een kandidaat voor promotie naar de B-klasse.

Nu vooruit

Jeroen Sytsma vond het in eerste instantie ingrijpend om als schipper te boek te staan. De verantwoordelijkheid voor schip en bemanning zijn niet niks. Maar hij was al een tijdje de vaste man aan het helmhout en de meest logische opvolger van Cees Riezebos. In eerste instantie wilde hij zijn eerste fokkenist, Sikke Foekema, als adviseur aan boord hebben, maar die gedachte liet hij al snel varen, want zoals hij dat zelf zegt: ‘Mei de 1e fokkenist hellest wol it stjoer fan dyn skip en wy ha foar him gjin opfolger’. Als nieuwe adviseur kwam ‘De Brijbek’ uit bij de andere Foekema, ­ Henk, die tot nog toe lierenman was. De eerste wedstrijdresultaten van dit seizoen brengen een bescheiden optimisme naar boven. Bij Skûtsje­ silen Langwar eindigde ‘De Brijbek’ als derde in haar lengteklasse, achter Ton Brundel met de ‘Lytse Lies’ en Jan Visser met de ‘Zeldenrust’ maar voor bijvoorbeeld Floriaan Zwart met de ‘Ut en Thús’ en Lucas Bouma met de ‘Grutte Pier’. Tijdens Lemmer Ahoy zeilden Sytsma c.s. naar de middenmoot. ‘Netsjes genôch,’ zegt hij zelf. ‘Ik fernim dat dy nije fok echt in soad bringt. Wy ha noch net hiel folle

treend, dus wy moatte noch sjen hoe’t it allegear giet, mar ús doel is al om fan ’t simmer drekt te promovearjen nei de B-­klasse. It skip is goed genôch om heech yn dy B-klasse te silen.’

Concurrentie

Dat is zeker het geval. In 2006 werd Riezebos nog kampioen van die B-klasse, maar een jaar later degradeerde hij weer, nadat hij eenmaal het wedstrijdwater voortijdig verlaten had en een protest verloor van Henk Regts. Zover is het echter nog lang niet voor ‘De Brijbek’, want de concurrentie in de C-klasse is moordend. Met nieuwkomer ‘Sterke Jerke’ nu al als gedoodverfde favoriet, met de snelle ‘Zeldenrust’ van Jan Visser uit Heeg en ook Gerrit de Vries die eindelijk wel eens een klasse hoger wil. Aan Jeroen Sytsma en zijn bemanning zal het niet liggen en aan de vele enthousiaste donateurs en sponsoren ook niet. In september komt er een feestdag voor alle begunstigers en hoewel die bij voorbaat al geslaagd is, zou een promotie wel voor extra glans zorgen.

Met de nieuwe fok loopt de ‘Brijbek’ al een stuk beter. Tijdens de Slach om Heech eindigden de Workumers steeds bij de eerste vijf.

DRIJVENDE KRACHT ACHTER HET ONTWERPEN EN REALISEREN VAN UW HUISVESTING

33


IFKS C-klasse

Skûtsje: Twee Gebroeders Thuishaven: Oppenhuizen (Top en Twel) Schipper: Jan Overwijk Bouwjaar: 1907 Werf: Wildschut, Gaastmeer

Skûtsje: Freonskip Thuishaven: Blauwhuis Schipper: Hartman Witteveen Bouwjaar: 1911 Werf: De Roos en Van der Meijden, Leeuwarden

Klassering 2017: 5

Klassering 2017: 6

Skûtsje: Gerrit de Vries Thuishaven: Sneek Schipper: Gerrit de Vries Bouwjaar: 1906 Werf: Barkmeijer, Sneek

Skûtsje: Goede Verwachting Schipper: Bouke van der Vaart Thuishaven: Lemmer Bouwjaar: 1912 Werf: Van der Werf, Sneek

Klassering 2017: 7

Klassering 2017: 8

Skûtsje: Gerrit Ynze Thuishaven: ­Galamadammen Schipper: Alisa Stekelenburg Bouwjaar: 1913 Werf: Roorda, De Piip, Drachten

Skûtsje: Zorg en Vlijt Thuishaven: Heeg Schipper: Lisanne Thie Bouwjaar: 1917 Werf: Van der Werf, Sneek Klassering 2017: 10

Klassering 2017: 9

Skûtsje: Galamadammen Thuishaven: Galamadammen Schipper: Simon van der Lingen Bouwjaar: 1912 Werf: H.P. Van der Werff, Langewijk, Drachten

Skûtsje: De Verandering Thuishaven: Boornbergum Schipper: Jelle Bekkema Bouwjaar: 1910 Werf: A.T. Van der Werff, Schilkampen, Leeuwarden Schipper debuteert

Klassering 2017: 11

34


IFKS C-klasse

Skûtsje: Harmonie Thuishaven: Bolsward Schipper: Floris Bottema Bouwjaar: 1905 Werf: Barkmeijer, Sneek

Skûtsje: Singelier Thuishaven: Stavoren Schipper: Koos Lamme Bouwjaar: 1905 Werf: Barkmeijer, Briltil Nieuwe combinatie

Klassering 2017: 13

Skûtsje: De Lege Wâlden Thuishaven: Terherne Schipper: Jehanne Prins Bouwjaar: 1924 Werf: H.P. Van der Werff, Langewijk, Drachten

Skûtsje: Sterke Jerke Thuishaven: Earnewâld Schipper: Pieter Jilles Tjoelker Bouwjaar: 1923 Werf: J.O. van der Werff, Buitenstvallaat, Drachten

Klassering 2017: 16de B-klasse, gedegradeerd

Nieuwe combinatie

Skûtsje: De Drie Haringen Thuishaven: Enkhuizen Schipper: Thomas de Boer Bouwjaar: 1904 Werf: Zwolsman, Makkum

Skûtsje: De Brijbek Thuishaven: Workum Schipper: Jeroen Sytsma Bouwjaar: 1907 Werf: Zwolsman, Makkum

Schipper debuteert

Schipper debuteert

Skûtsje: Zeldenrust Thuishaven: Heeg Schipper: Jan Visser Bouwjaar: 1908 Werf: Van der Werf, ­Kootstertille

Skûtsje: De Friesland Thuishaven: Sneek Schipper: Johannes de Vries Bouwjaar: 1910 Werf: Barkmeijer, Briltil Nieuwe combinatie

Schipper debuteert

35


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

AST DE BESTE SILER BIST HAST DE BESTE KLEAN OAN

Watersport op z’n best

Yachtservice It Ges is gunstig gelegen aan de Dorpsvaart It Ges bij Sneek, die door de dorpen Oppenhuizen en Uitwellingerga stroomt en via de Houkesleat een open verbinding heeft met de Snitsermar. Yachtservice It Ges beschikt over: • 54 vaste ligplaatsen van 8 tot 10 meter lang en tot 4 meter breed • Langs de kade plaats voor kleinere bootjes • Toilet en douche voor de gasten van de haven • Winterberging • Een botenkraan tot 25 ton • Een hydraulische, zelfrijdende botenkar tot 20 ton • Onderhoud en reparaties

36

Bij ons op de haven kunt u ook overnachten en van een heerlijk ontbijt genieten in onze ‘Bêd & Brochje’. We beschikken over 2 mooie kamers die u altijd kunt reserveren als u bijvoorbeeld onderhoud aan uw boot wilt plegen, of van de omgeving wilt genieten en even de drukte van alledag wilt verlaten. Op diverse plaatsen langs de kade staan gratis water- en stroompunten tot uw beschikking. Zo kunt u uw

­ ccu’s in goede conditie houden met a een onderhoudslader, en uw watertank makkelijk vullen met vers drinkwater. Tijdens het vaarseizoen kunnen passanten gebruik maken van vrije vaste ligplaatsen in onze haven. Direct op de hoek van de haven zijn er voorzieningen zoals een douche, toilet en een wascabine. Ook kunt u hier gebruiken maken van onze gratis WIFI. Direct aan de dorpsvaart It Ges bevinden zich een café en een restaurant aan het water waar u met uw boot of fiets zo terecht kunt. Genoeg mogelijkheden voor een plezierige vakantie. Wij adviseren u graag over dagtochten in de omgeving.

Uw huisdieren zijn van harte welkom, maar honden graag aan de lijn op ons terrein. Er is ook voldoende parkeergelegenheid voor uw auto, caravan of camper. Wilt u weten of wij nog een plaatsje voor u beschikbaar hebben? Neem dan contact met ons op.

www.yachtserviceitges.nl yachtserviceitges@gmail.com 06-222 412 09


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Mesthandel en Openbaar Vervoer van weleer

Tekst: Willem Plet

45 jaar Strontrace en Beurtveer

Het publiek trekt de deelnemers aan de jaaglijn door It Soal. Voorbij de vuurtoren van Reid de Jong worden de zeilen gehesen en kan de strijd beginnen.

De ruim 140 jaar oude Stevenaak ‘La Bohème’ vaart bij nacht het IJsselmeer over tijdens het Beurtveer.

Wanneer de slotwedstrijd bij Heeg al achter de rug is en de eerste nachtvorst zijn intrede doet, leeft er in Workum iets op dat de welbekende start van het skûtsjesilen op Grou en Earnewâld bij elkaar brengt.

zal Workum in de ban zijn van de Visserijdagen, het Internationale festival voor maritieme muziek ‘Liereliet’ en de voorbereidende vloten van het Beurtveer en de Strontrace. Komt dat zien, komt dat zien!

Een wedstrijd met het Zuid-Hollandse Warmond als bovenboei en de steiger van het havenkommetje in Workum als start- en finishlijn. Een uitputtingsslag met ‘stront’ heen en bloembollen terug, zoals het vroeger ging, op zeil en met spierkracht. De Strontrace: bomen, jagen, zeilen. Ook dit jaar verschijnen er weer meerdere skûtsjes aan de start en zal het toegestroomde publiek de vloot aan de jaaglijn door It Soal trekken. En dat voor de 45e keer, een jubileum! Als de schepen aan het eind van It Soal eenmaal de vuurtoren van Reid de Jong voorbij zijn, worden de zeilen gehesen, de jaaglijnen binnengehaald en vertrekken de symbolische scheepsladingen van gedroogde mest (een paar zakjes van 25 kilogram) van de Workumse mestdrogerij naar Warmond, vlak boven Leiden. Dit spektakel is een levendige nabootsing van de lucratieve handel van Friese mest naar de bollenstreek in Zuid-Holland, die er in het begin van de vorige eeuw was.

Kort na de start van de Strontrace en de Stronttocht start het Beurtveer. Zo’n twintig tjalken en klippers maken drie etmalen lang het IJsselmeer en het Markermeer woelig. Maar wat voor wedstrijd is dit nu eigenlijk? Het doel van deze ‘Oefening onder zeil’ is om zo snel mogelijk van Workum naar Amsterdam en weer terug te zeilen met passagiers aan boord. Maar niet zonder eerst de verplichte en facultatieve havens in zowel het IJsselmeer als het Markermeer aan te doen. En dat alles mét passagiers aan boord en zonder het gebruik van de motor welteverstaan. Maar dat is lang niet alles. Tijd voor een korte uitleg. Tot een paar uur voor de start mogen de beurtschippers peinzen over hun uitgestippelde route waarop ze naar Amsterdam en weer terug trachten te komen. Deze keuze moeten ze namelijk op papier al doorgeven aan de wedstrijdleiding. Er zijn nogal wat tactische keuzes te maken. Kiezen ze bijvoorbeeld om op de heenweg via de sluizen van Enkhuizen te gaan, dan moeten ze op de terugweg over Lelystad. Twee keer over Lelystad mag echter ook, want dat is de langere route en daar is dus dikwijls weinig tijdswinst te behalen. En alsnog is deze keuze slechts het tipje van de ijsberg.

Welke koers?

Direct na de start zal er een keuze gemaakt moeten worden door welke sluis de Houtribdijk gepasseerd wordt: Enkhuizen of Lelystad? Op de terugweg zal immers in de andere sluis geschut moeten worden. Een tactisch spel waarbij schippers afwegingen moeten maken tussen de kwaliteiten van schip en bemanning en de veranderende weersomstandigheden. Er wordt uitsluitend op de traditionele wijze genavigeerd; de moderniteit is in geen velden of wegen te bekennen. Alleen een afgeplakte gps-tracker verraadt op de website van de Vereniging Zeilvracht hoe het veld zich over de meren en kanalen beweegt. Eenmaal

aangekomen in Amsterdam moet de tweede grote tactische beslissing worden genomen: de Houthaven in en over de Oostelijke Ringvaart via Schiphol naar Warmond, of juist doorvaren naar Spaarndam en over het Spaarne via Haarlem de stront afleveren.

Loodzwaar

Tenminste drie dagen lang wordt er hevige strijd geleverd op het IJsselmeer en op de trekvaarten. Zo jagen de kleine en lichte scheepjes hun opgelopen achterstanden soms weer helemaal weg en wordt er om iedere meter jaagpad gestreden. Een gesloten brug kan dan zomaar roet in het eten gooien en zo kunnen er gedurende de wedstrijd meerdere herstarten plaatsvinden. De Strontrace is een zeer gevarieerde race en houdt het oude schippersvak in ere, zoals de SKS en IFKS dat zo mooi doen op de meren en vaarten van Fryslân. Met dit behoud voor het nageslacht en de meerwaarde van een spectaculair en loodzwaar evenement verdient ook de Strontrace zeker uw aandacht. Wat let u om zelf mee te doen; als bemanningslid of met een zelf ingeschreven skûtsje? Of met een groep vrienden eerst een keer de Stronttocht ervaren? Zelfde route, maar zonder wedstrijdelement. De Vereniging Zeilvracht, nodigt u van harte uit om op maandag 22 oktober bij de start aanwezig te zijn. Bent u voor meer te porren dan alleen het uitzwaaien en het jagen door It Soal? Dan kunt u zich opgeven via de website www.zeilvracht.nl. Daar is de mogelijkheid voor schippers en bemanningsleden om elkaar te vinden voor het samenstellen van bemanningen. Het hele weekend van 20-21 oktober

Race met passagiers

en Volendam. Degene die het snelst alle havens aandoet, zonder daarbij gebruik te maken van de motor mag zich zelf de winnaar noemen van het Beurtveer. Voor een hoge klassering is het dus van belang hoe dan ook alle havens aan te doen en daar bij niet te hoeven motoren. Want al ben je de snelste zeiler, maar heb je 1 minuut gemotord, dan win je het Beurtveer per definitie niet.

manier om het schip weer de haven uit te krijgen? Soms wordt er wel een paar honderd meter voor de haven al een anker uit gegooid. In de haven rent een aangewezen bemanningslid naar het adres van de havenmeester om een ansichtkaart te posten als bewijs van het aanleggen in de haven. En dan begint het grote binnenhaalfestijn van het anker…..

Via Medemblik?

Windschiftingen, druktes in de havens, lagerwalletjes en vermoeide bemanningen: het zijn allemaal factoren die de beurtschippers drie etmalen lang in de ban houden. Zo wordt het oude openbaar vervoer tussen de Zuiderzeesteden weer heel even nieuw leven in geblazen, want op vrijwel alle schepen varen er passagiers mee. Deze stappen op in Workum en gaan mee tot in Amsterdam of weer mee terug tot de finish. Alle reglementair gefinishte schepen ontvangen in Workum een penning van initiator Reid de Jong en de winnaar gaat naar huis met de Zilveren Brijlepel. Geef je op met je schip of huur met een stel studenten een charterschip in. Het is een geweldige ervaring, dag en nacht door, op de woelige ‘Zuiderzee’.

De volgorde waarin deelnemers de havens bezeilen mag nog tot twee uur na de start worden gewijzigd. Stuurt bijvoorbeeld een groot deel van de vloot na de start op de haven van Lemmer aan, dan is het vanwege de te verwachten drukte in die haven het overwegen waard om eerst via Medemblik, of direct naar Amsterdam te zeilen en op de terugweg die havens alsnog aan te doen. Immers, meer dan een handjevol van deze ijzeren kolossen – met alle acrobatische manoeuvres die er bij komen kijken - passen niet tegelijkertijd in het gemiddelde zuiderzeehaventje. Eenmaal in het zicht van de havens wacht de bemanningen een tactische en/of zware klus. Tot hoe lang blijft het zeil erop? Is er voldoende ruimte om te draaien? En wat is de makkelijkste

Zilveren brijlepel

IM

Zonder motor

Het Beurtveer is een tactisch spel waarbij er gekozen moet worden tussen vijf routes waarin de havens Workum, Medemblik, Lemmer, Lelystad (sluis), Enkhuizen (sluis) en Amsterdam verplicht zijn. Daarnaast kunnen er ook een aantal facultatieve havens worden aangedaan, namelijk het Blocq van Kuffeler, Hoorn, Urk

37


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Stichting Jachthaven Wartena Gelegen aan de Rogsloot, op een steenworp afstand van het Prinses Margrietkanaal, vindt u de Stichting Jachthaven Wartena. Een jachthaven die beschikt over 600 ligplaatsen voor zeilboten, motorboten en jachten met een diepgang tot 1.80 meter. Met de auto is onze haven in 10 minuten bereikbaar vanuit Leeuwarden en in 20 minuten vanuit Drachten. Eenmaal aan boord is de keuze voor het vaargebied helemaal aan uzelf.

38

Direct ten zuiden van het dorp Warten(a) ligt het Nationaal Park “De Alde Feanen”, waar u de hele dag rond kunt zwerven zonder een brug tegen te komen. Het Nationaal Park “De Alde Feanen” biedt ook genoeg mogelijkheden voor de wandel- of fietsliefhebber. Vanuit de jachthaven brengt Zonnepont De Oerhaal u zo naar de overkant van het Prinses Margrietkanaal. Vanaf dit punt fietst u in 5 minuten naar Earnewald. Geen fiets bij u? Bij het havenkantoor kunt u een fiets huren. Naast de prachtige omgeving en de comfortabele ligplaatsen kan de Stichting Jachthaven Wartena u ook alle faciliteiten bieden voor service en onderhoud van uw schip. Denk hierbij bijvoorbeeld aan winterstalling (binnen of buiten). Ook kunt u voor onderhoud beschikken over één van de DoeHet-Zelf werkplaatsen. Deze werkplaatsen zijn ruim (20x7meter) en professioneel uitgevoerd met centrale verwarming, afzuiging, spoelinrichting, perslucht en natuurlijk een douche en toilet. Om even bij te komen is er ook een kantineruimte. Zo kan het niet anders dan dat het onderhoud van uw schip een feestje wordt. De havenmeesters kunnen met hun ROODBERG trailer uw schip tot 14 meter en 20 ton gewicht uit het water halen. Alle ligplaatsen vanaf 9 meter hebben een eigen elektriciteitaansluiting, een drinkwateraansluiting op de steiger en vanzelfsprekend is er op de gehele haven internettoegang middels WiFi.

Voor meer informatie verwijzen wij u graag naar onze website: www.jachthavenwartena.nl of anders Tot ziens in Warten!


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Best jaar voor Piet ten Woude

‘Ielaak’ is mooi opgeknapt De Hegemer palingaak ‘Korneliske Ykes’, een museale replica van een authentiek houten schip, is rond de jaarwisseling prachtig opgeknapt. Een legertje vrijwilligers is er in de hal van scheepsbouwer Piet ten Woude in IJlst weken mee bezig geweest. Die vaart deze zomer weer als een vorst. Ruimte en onderdak bieden aan doehetzelvers is een van activiteiten waarmee Piet ten Woude de loop erin houdt op zijn sfeervolle werf op het IJlster bedrijventerrein. De vrijwilligers die de ielaak onder handen namen, hadden het druk met het opknappen van het vlak, dat voor een klein deel

gebreeuwd moest worden. Zelf kunnen Piet en zijn medewerkers het echte vakwerk doen, dat er natuurlijk ook bij hoort. Zo hebben ze een boegschroef aangebracht op de luxemotor Hydra. De tjalk Hollandia is van nieuwe platen onder het vlak voorzien, die nodig waren om door de

Scheepswerf ten Woude voor al uw o.a. scheepsrenovaties, nieuwbouw, motoreninbouw onder 1 dak...

keuring te komen. ‘En ast dan oan ‘e gong bist, komme der noch wat dit­ sjes en datsjes by fansels’, zegt Ten Woude. Die Hydra van Pierre Hoekstra vaart in charter voor de liefhebbers, en Piet is niet te beroerd om even een fotootje door te sturen aan iemand die er misschien belangstelling voor heeft.

te monteren of te verwijderen. ‘Wy moasten eins noadich ynvesteare, mar wêryn?’ Ja, zeg dat wel, want bij Ten Woude voldoet vrijwel alles aan de eisen die je als schipper of eigenaar kunt stellen. Nou ja, voor het overzichtelijke werk dan, want echt grote schepen van

meer dan een paar honderd ton zoeken hun heil elders. Maar voorlopig zit er nog genoeg muziek in dit segment van de scheepsbouw. In ieder geval is het een ideale tijd om achterstallig onderhoud, dat je hier en daar al wat zag optreden, te verhelpen.

Best jaar

Piet ten Woude is vorig jaar toegetreden tot de IFKS-businessclub. Dat kon bijna niet anders, want bij hem zijn alle drieënzestig schepen in de vier klassen van de IFKS gewogen. De veertien van de SKS zijn er gemeten. Daar kwam natuurlijk het nodige werk bij – ook al beschikte met name Sikke Heerschop van de IFKS zelf over de weegapparatuur. De businessclub van de IFKS kwam in zijn scheepshal op bezoek en genoot van de sfeervolle entourage. Ten Woude geniet zelf mee, zeker als de schippers even in zijn keukentje zitten voor een bakje koffie of thee. Want dan komen de sterke verhalen los, en dan koestert elk zijn eigen gelijk. ‘Ast’ hjir fiif skippers sitten hast, dan hast ek fiif mieningen.’ ‘It giet hartstikke bêst’, zegt Ten Woude verder over zijn bedrijf. Schippers en andere scheepseigenaren weten de weg naar IJlst te vinden. En ze waarderen het bijzondere concept, waarbij ze op de kosten kunnen besparen door zelf te schuren, te lakken,

Anko van der Plas werkt voor Bijlsma Warten

Boten Rijkswaterstaat komen uit Fryslân Een serie multifunctionele werkschepen laat Rijks- Ploegjes gesprekje met Anko is een voortwaterstaat in Fryslân bouwen. Vrijdag 29 juni werd Een durend feest van herkenning, want hij de ‘Waddenstroom’ te water gelaten, het tweede kent ze allemaal, de hoofd- en bijrolvaartuig dat bij Bijlsma Wartena is gebouwd. Het spelers. Vanaf zijn vroege jeugd is hij gegrepen door het skûtsjesilen. Zelf is een Multi Purpose Vessel 30, waaraan een nieu- heeft hij de tjalk ‘De Tiid Sil ’t Leare’, we generatie Bijlsma werkte. Belangrijke onderde- die in 1911 in Veendam is gebouwd. schipper voer hij onder meer op len leverde Anko van der Plas van AP Marine uit Als de ‘Swan’ en de ‘Twee Gebroeders’, Franeker. beide schepen op Langweer. De 54-jarige Van der Plas heeft bijzondere banden met het skûtsjesilen. Hij was bij de IFKS schipper op ‘De Twee Gebroeders’ toen Merijn Olsthoorn met zijn Hollandse ploeg het Friese skûtsjesilen ontdekte. Maar Olsthoorn greep als adviseur het helmhout, zodat hij niet weer hoefde. Vorig jaar werd deze Amsterdammer kampioen

bij de IFKS met de ‘Emanuel’. Dit schip is gebouwd op de scheepswerf van Bijlsma in Warten. Aan nazaten van Gerben Bijlsma in dezelfde plaats, nu Warten, leverde Van der Plas onder meer een rescuekraan, lieren, ankers en kaapstanders voor ‘De Waddenstroom’. Ook bij vervolgopdrachten is hij betrokken.

Het skûtsjesilen was, en is nog steeds, zijn lust en zijn leven. Reeds als 20-jarige had Anko de ‘Oeral Thús’ kunnen kopen, het huidige Jouster skûtsje. Dat was toen eigendom van de taxiondernemer Gerrit Roosjen, de oprichter van de IFKS. Anko had ermee willen ploegjezeilen, maar op aanraden van zijn broer ging dat niet door. In plaats daarvan werd hij in Bolsward de jongste kroegbaas van Fryslân. In die tijd, midden jaren tachtig, kon je nog wat met ploegjezeilen verdienen, het varen met gasten. Dat was veel minder toen Anko van der Plas in 2010 schipper op ‘De Twee Gebroeders’ was, in de C-klasse van de IFKS. En tegenwoordig is het chartervaren een ‘sinterske negoasje’, als je het niet heel commercieel organiseert.

Nieuwe vloot

De nieuwe werkboot ‘Waddenstroom’ van Rijkswaterstaat werd op 29 juni j.l. bij Bijlsma in Warten te water gelaten.

Dat ze in Warten zijn betrokken bij de opbouw van een nieuwe vloot voor de Rijksrederij, is iets om trots op te zijn. De samenvoeging van schepen van Douane, Kustwacht, LNV en Rijkswaterstaat in één vloot van de nieuw

gevormde dienst is begonnen in 2009. Voorheen hanteerde elke afdeling haar eigen specificaties op basis van de uit te voeren taken. De nieuwe schepen zijn multi-inzetbaar. Dat is voordeliger, want flexibeler. Uiteraard stelt dat bijzondere eisen aan zowel de schepen

als aan de bemanningen. Van der Plas is trots dat hij daar als Friese skûtsjeman een bijdrage aan mag leveren. En zeker nu zijn bedrijf, sinds begin 2018, in een nieuw bedrijfspand op Kiehoek 4 in Franeker gevestigd is.

Kiehoek 4 | 8801 RD Franeker | The Netherlands 0515 - 338 914 | 06-13 892 824 | info@ap-marine.nl

39


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Meer voor afwatering dan om te varen

Door dr. Karel Ferdinand Gildemacher

Friese vaarwegen 1500-1900 VAN SCHROOT NAAR VLOOT 2 Het eerste deel van Van Schroot naar Vloot, in november 2016 verschenen, is compleet uitverkocht. Dit jaar nog verschijnt bij Uitgeverij PENN deel 2, met daarin een bijgewerkt overzicht van alle bekende Skûtsjes. Dit is eerder uitgebracht als het veelgebruikte maar inmiddels sterk verouderde naslagwerk Van Ambulant tot Zwaluw. Bij de heruitgave van dit werk is gebruik gemaakt van de vele data die Frits Jansen als documentalist en bestuurslid van Stichting Foar de Neiteam heeft verzameld. De eindredactie van Van Schroot naar Vloot 2 berust bij Klaas Jansma en Martsje de Jong. De nieuwe uitgave bevat verder een boeiend essay over de overgang van hout op ijzer, en een uitgebreid historisch overzicht van de ontwikkeling van Friese vaarwegen, vanaf de terpentijd tot vandaag de dag. Dit laatste is geschreven door historicus dr. Karel Ferdinand Gildemacher. Bijgaand een (ingekorte) versie van een deel van zijn lezenswaardige verhaal. Deel 2 van Van Schroot naar Vloot telt 280 bladzijden en is rijk geïllustreerd. Bij voorintekening tot 20 november 2018 is de prijs € 24,90. Na verschijnen kost het boek €29,90. De nieuwe uitgave van Ambulant tot Zwaluw is ook los verkrijgbaar. Deze kost €14,90. Zie voor meer bijzonderheden de advertentie op pagina 40 in deze krant.

Het stoomschip Stad Leeuwarden sleept hier twee zwaar geladen skûten met turf langs Deinum richting Franeker. Het pad links is de trekweg langs de vroegere Trekvaart. Nu maakt de waterweg deel uit van het Van Harinxmakanaal. Bij de aanleg ervan zijn veel historische bochten afgesneden. (foto Fries Scheepvaartmuseum)

In het hart van de dichtgeslibde Middelzee pasten overheden kort na 1500 een restgeul aan tot een vaarweg, de Swette. Tussen Leeuwarden en Sneek was hiermee een betere en kortere verbinding tot stand gebracht. (…) Van groot belang voor Leeuwarden was verder een verbinding met Harlingen en vandaar met open water. De nieuwe (sinds 1498) Saksische machthebbers vonden goed dat Franeker wat land in Het Bildt kreeg, mits de stad dan (1503) zelf een vaarweg naar Harlingen realiseerde. De Saksers wilden die vaarweg ook als militaire aanvoerroute gebruiken. Leeuwarden wenste aansluiting. En hoewel dorpen uit Menameradiel en Franekeradeel niet mee wilden betalen - ’als de stad zo graag wil, betalen ze het zelf maar!’ - kwam dat stuk vaart rond 1508 klaar. De aanleg ervan bestond grotendeels uit het met elkaar verbinden van enkele Vroegmiddeleeuwse geulen in het voormalige getijdengebied. Dat verklaart het bochtige karakter.

Oude zeegeulen

De 15e-eeuwse vaarweg tussen Sneek en Franeker gaat ook terug op voormalige zeegeulen. Hier en daar is duidelijk te zien dat er een recht stuk is gegraven om twee panden te verbinden. Iets ten oosten van Franeker komt de Frjentsjerter Feart uit in het (huidige) Van Harinxmakanaal. Sneek had verder met de verbreding van de Houkesleat een uitstekende verbinding richting Snitser Mar. Na het graven van het Somerrak in de vroege 16e eeuw lag de stad weer vrijwel aan het grote water. Via de Wâldfeart was men met schip en boot snel in Langweer. De doorgaande vaarweg (De Rien) naar de Tsjûkemar en vervolgens naar Lemmer (ook via een Rien) zorgde voor uitstekende verbindingen over water. De vaart tussen Bolsward en Leeuwarden zal pas aan het einde van de 16e eeuw of het begin van de 17e eeuw tot stand zijn gebracht. Die vaart stond bekend vanwege de 99 bochten (een bewijs dat het om verbonden geulen gaat). Deze Boalserter Feart kruist de Frjentsjerter Feart bij Easterlittens. Aan de kruising is te zien dat de Frjentsjerter Feart ouder is. Tussen Dronrijp en Deinum kom je in het (hui-

40

dige) Van Harinxmakanaal. Bolsward verbond ook enkele wateren op de grens van klei en veen om een zuidelijke vaarverbinding te creëren. Dat werd de huidige Wimerts, die ten westen van IJlst aansloot op de (Wide) Wimerts. Verder was voor Bolsward de vaarweg naar Makkum belangrijk. Hoewel die voor afwatering was bedoeld, maakte ook de scheepvaart er gebruik van. Toen de Bolswarders in 1542 de te vernieuwen zijl in Makkum ten behoeve van hun schippers met een voet (30cm) wilden (laten) verbreden, ging het niet door, omdat de tegenstanders te veel inlaat van zout water vreesden. De verbinding van Bolsward met Harlingen kwam eveneens in deze eeuw tot stand, maar had niet dezelfde omvang. Scheepvaart werd steeds belangrijker. Toen de Boazumer syl in 1535 vervangen moest worden, vonden de Boazumers de breedte van een snik (6 voet, dus ca. 1,80m) wel genoeg. Franeker wilde dat er minstens een turfschip of een praam met hooi zou kunnen passeren. Het Hof in Leeuwarden besliste tenslotte dat de sluis breder mocht, maar dat Franeker 2/3 van de kosten moest betalen.

De Spaanse kolonel

Een militair-strategisch motief vormde net als bij Franeker-Harlingen de achtergrond bij het tot stand brengen van een (betere) verbinding tussen Leeuwarden en Groningen. Niet voor niks heet die vaarweg in oostelijk Fryslân Kolonelsdiep (tegenwoordig: Knillesdjip), vernoemd naar de Spaanse kolonel en stadhouder van Friesland en Groningen (1568-1573) Caspar de Robles. Het vervoeren van manschappen en materieel van Groningen naar Leeuwarden en vice versa verliep toen, in de Tachtigjarige Oorlog, via het kronkelende Reitdiep, de Lauwerszee en dan langs Dokkum naar de Friese hoofdstad. Dat vond De Robles te

ver. Hij wilde vanuit de Burgumer Mar recht naar het oosten varen. Dat traject was rond 1570 klaar. Kort voor Stroobos ging het dan de bestaande Alde Feart langs om bij Surhuizum de grens over te steken richting Doezum. Hoewel Robles vanaf Stroobos liever rechtuit wilde, werd daarmee pas rond 1597 (kort na de Reductie van Groningen) door Stad begonnen. Dat werd het Hoendiep. Het diep voorzag in een behoefte. In 1616 moest het Knillesdjip breder en dieper, maar men zag tegen de kosten op en wist niet hoe het met tolheffing moest. Groningen had het aansluitende deel toen al klaar. Tot in de 20e eeuw zie je dat patroon bij deze vaarweg terug: het Van Starkenborghkanaal was voor de Tweede Wereldoorlog al klaar, maar het Friese deel van de vaarweg Lemmer - Delfzijl, het Prinses Margrietkanaal, werd pas in 1951 in gebruik genomen. In het Knillesdjip lagen verscheidene verlaten, die in de loop van de 18e eeuw zijn verwijderd. Het kort voordien afgebroken Schuilenburger Verlaat moest in 1740 toch worden hersteld. Vlak voor 1859 moet het definitief zijn verdwenen. Het Blauw Verlaat is kort na 1797 opgeruimd. Voor schepen werd de vaarweg daardoor steeds gemakkelijker. Vanaf de 16e eeuw zullen veel dorpen aansluiting met de grotere vaarwegen hebben gekregen.

van de 17e eeuw. Vrij kort nadat de Langwarder Wielen bij Boornzwaag was verlaten, koerste men een stukje naar het oosten om dan weer de oude zuidoostelijke richting te kiezen. De laatste ontwikkeling in de 18e eeuw was (andermaal) een nieuw pand, het huidige, dat in zuidelijke richting ging op de plek waar nu de A6 de Rien kruist. Voordien liep de (Nieuwe) Rien vanaf die plek rechtdoor om langs de dijk langs Ouwster Nijega en Oldeouwer naar de Tsjûkemar te gaan. Voor de scheepvaart was de bouw van de Scharster brug lastig. In 1637 moest een schipper hier een halve stuiver tol betalen. In 1857 bedroeg

het tarief voor een schip tussen vijf en 24 ton twintig cent. In deze eeuw zie je tot in detail uitgewerkte tolregelingen verschijnen. Dit tolstelsel, dat tot ver in de tijd teruggaat, beleefde aan het einde van de 19e eeuw een hoogtepunt. Uit onderzoek (1905) bleek dat iemand zonder bijkomende kosten van Rotterdam naar Lemmer voer, maar dat de vaart door Fryslân aan tol- en bruggelden ƒ6,75 kostte. En Groningen was nóg duurder! Voor een schipper bleef het onbegrijpelijk dat hij voor het omhoog draaien van een brug moest betalen, want die was er toch voor het landverkeer! Met het betalen voor het gebruik van een vaart, zoals de Twizelder Feart

Zeventiende eeuw: zware tol

In de 17e eeuw ging de ontwikkeling van de veenvaarten door en verschillende dorpen elders in de provincie kregen een aansluiting op hoofdvaarwegen. Die werden (onderhoud inbegrepen) door een dorp zelf bekostigd, want daar had men verbindingen met de centrale marktplaatsen nodig. Voor de scheepvaart was de vervanging van de tijdens de grote ontginningen ontstane (Alde) Rien van de Langwarder Wielen in de richting van de Tsjûkemar zeer belangrijk; voor de afwatering speelde die een kleine rol. Het was een hoofdvaarweg vanuit het midden van de provincie naar Lemmer. Deze werd, een paar honderd meter oostelijker dan de oude, volledig nieuw aangelegd in het begin

Elk dorp had vroeger een vaarverbinding met andere plaatsen. Soms zijn die vaarwegen verdwenen, maar soms bleven ze, al verdween de scheepvaart. Deze vaart door Arum was eens een belangrijke vaart om van Bolsward eerst langs de vaart naar Harlingen te gaan en dan de afslag naar Franeker te nemen. (foto K.F. Gildemacher)


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

(1680), lag het anders. Men had in schipperskringen ook minder problemen met het betalen van tol voor de Nije Feart (Surhuisterveen-Knillesdjip) in 1760. Meestal was de tol afhankelijk van de grootte van een schip. Ook een vaste mast, ankers op de boeg of de aanwezigheid van een braadspil telde. Vaak moest een schipper ‘s nachts veel meer betalen dan overdag. Het innen van de tol werd verpacht aan de tollenaar. De pachtsom was bestemd voor het onderhoud van de brug of het vaarwater, de tol was voor de tolgaarder. Toen de inwoners van Warten in 1674 een brug wilden bouwen (en tol vragen), mocht dat, mits ze drie droogtes voor het dorp in de vaarweg zouden opruimen. Wergea (1734) mocht anderhalve stuiver van elk de brug passerend schip vragen om het slatten van de dorpsvaart te betalen. De armvoogden van Heeg vroegen (onder andere in 1763) tol van elk schip dat door het Hegemer Gat het meer op voer. Van de opbrengst moest het onderhoud worden betaald en de armvoogden moesten zorgen voor een ton en een baken. Zo kunnen we tijden doorgaan.

Achttiende eeuw: afvoer

De belangrijkste aanpassingen in de waterwegenstructuur waren in de 18e eeuw met name gericht op het verbeteren van de waterafvoer. Vooral de afwatering van het midden van de provincie kende veel problemen. Overtollig water moest richting de Lauwerszee. Met de aanleg van de Dokkumer Nieuwezijlen (1725-1729) als reactie op de Kerstvloed van 1717 werd de afstroomcapaciteit flink verhoogd. Diverse waterwegen in oostelijke richting werden in deze eeuw verruimd. Dat de oude sluis in Dokkum werd opgeruimd, was goed nieuws voor schippers. Nog steeds ondervond men echter problemen, maar nadat bij de slatting uit 1777 de Ie was verdiept en verbreed en de drempel bij Burdaard was opgeruimd, ging het een poos beter tussen Leeuwarden en Dokkum. Op zo’n veertig plekken in de provincie ontwikkelde zich aan een vaarwater een soort waterbuurt, een buurtschap aan een waterweg. Burdaard is daar een duidelijk voorbeeld van, maar ook Ureterp aan de vaart, Stobbegat (Vegelinsoord) en de drie buurtschappen waaruit Heerenveen ontstond, zijn oorspronkelijk zulke nederzettingstypen. Met het oog op nieuwe verveningen in westelijk Stellingwerf liet de familie Heloma in 1775 de later naar hen vernoemde vaart graven. Die Jonkers- of Helomavaort verbond de Lende met de Tsjonger en was na de kanalisatie van Tsjonger en Lende in de 19e eeuw ook van belang voor de afwatering, zeker nadat het stoomgemaal in Tacozijl (Teakesyl) in gebruik was genomen. Omdat de Helomavaort verspringt op de plek waar die de Schene kruist, kun je heden ten dage nog zien dat die ouder is. Momenteel maakt de Helomavaort deel uit van de verbinding van Noordwest-Overijssel met het Friese merengebied.

Negentiende eeuw: ouderwets kleinschalig

Een van de oorzaken waardoor de 19e-eeuwse industrialisatie in Fryslân sterk achterbleef, is dat de verkeersstructuur kleinschalig en ouderwets was. Veel vaarwegen waren smal en ondiep; veenkanalen hadden slechte oevers. Skûtsjes pasten wel bij dat waterlandschap, met hun geringe diepgang en relatief grote laadvermogen. De meeste schippers behoorden tot de wilde vaart (losse vrachten) of waren beurt- dan wel veerschipper. Weliswaar voeren schippers met klei (voor de aardewerkfabrieken), zand (voor bouwwerkzaamheden e.d.), kalk

Deze gedrukte kaart (met handschriftelijke aantekeningen) werd gemaakt ten behoeve van tolheffingen, maar ook om de verschillenden klassen van de Friese vaarwegen met de diepte ervan ten opzichte van het Fries Zomerpeil aan te geven. Verder staan kettingen (enkele werden zoals aangetekend opgeheven), bruggen en sluizen aangegeven. Overal moest een schipper betalen. Het is duidelijk dat de turf (door de schipper) duur werd betaald. Schipper-schrijver ­Tsjipke Postma klaagde er terecht over. (kaart Tresoar)

Ten zuiden van Engwierum was tot in de 18e eeuw een grote meander in het Dokkumer Djip. Die belemmerde de bevaarbaarheid van de waterweg en ook de afwateringscapaciteit van deze belangrijke watergang werd erdoor gehinderd. Op deze kaart uit 1855 staat het plan getekend om die bocht af te snijden. Uiteindelijk werd die afsnijding nog iets zuidelijker aangelegd dan in het oorspronkelijke plan, in roze, stond getekend. In dezelfde periode gebeurde dat met meer meanders van het Dokkumer Djip. Op de zogenaamde Bonnekaart uit 1930 zijn de veranderingen goed zichtbaar. Het water van de afgesneden bocht heet hier dan ook Oud Dokkumer Diep. (kaart Tresoar)

(voor kalkovens), maar verder was er weinig industrie. Met de komst van de zuivelfabrieken vanaf 1879 veranderde er buiten de gewenste levering van brandstoffen voor de motoren weinig voor de schippers, al kwam er voor het melktransport tijdelijk wel veel kleine zeil- en later motorvaart bij. Akkerbouwproducten zoals wortelen, uien

en aardappelen, vonden hun weg naar de lokale markten en vandaar soms naar Holland. Voor boter en kaas geldt hetzelfde. De vaarwegen in de kleibouwstreek en door de steden en dorpen waren smal. Doordat schepen, de praam en de (smalle) snik, op de geringe breedte van de waterwegen waren aangepast, vormde dat geen echt probleem.

Dergelijke pramen en snikken voeren vooral in het noordwesten van de provincie. De op de boerderij gemaakte boter en kaas vond met kleine particuliere scheepjes de weg naar de wagen, waarvan die in Sneek en Leeuwarden de belangrijkste waren. Na weging en verhandeling werd de lading in grotere schepen verder vervoerd. Vis werd

met name lokaal verkocht (het bederft immers snel). Paling, die met speciale snelle bunschepen van stapelplaatsen als Langweer en Earnewâld was gehaald, ging na tijdelijke opslag in ‘karen’ vanuit Workum, Heeg en Gaastmeer met palingaken naar Holland en Londen.

41


Skûtsjekrant 2018

Adv Goliath A4 2014:Adv Goliath A4 2014

24-01-2014

• Aanwezig

09:36

ACTIEF IN EUROPA

op diverse beurzen

Neem contact op met 1 van onze makelaars bij u in de buurt of neem contact op met ons hoofdkantoor 0031(0)515-560410.

• Dagelijks nieuw aanbod

Nr.

W W W. S K U T S J E . N L

Pagina 1

1

in verkoop en service

• Eigen verkoophavens

• Schepen in

vele maten en prijzen

WOLKOM in ’t Schippershuis van Terherne ’t Schippershuis verwelkomt u graag in het hart van Terherne. Het aan het water gelegen hotel, biedt u de ideale kans om deze prachtige kant van Friesland te ontdekken. Omgeven door gastvrijheid, ambachtelijke producten en het moderne maar landelijkeinterieur kunt u genieten van de Friese streekproducten waar onze chef-kok graag mee kookt.

’t Schippershuis bestaat uit 10 hotelkamers, verschillende terrassen aan het water, een loungehoek met haard, ontbijtgedeelte en een sfeervol restaurant. Vanaf 2018 hebben wij nu ook een overdekt terras en verwarmd terras aan het water! Kortom genieten van de heerlijke keuken, Friese wateren en gastvrijheid.

el hebben Momente dan 1000 we meer s per dag bezoeker

Scan deze QR-code en u gaat direct naar onze site.

Reclame van méér dan 850 schepen op méér dan 20 botensites! Meer weten? Neem contact op met Sjoerd Kampen: 0031(0)6-54723943 of mail naar info@goliath.nu en/of sjoerd@scheepsmakelaardijgoliath.nl U kunt ook contact opnemen met ons hoofkantoor: 0031(0)515-560410 of mailen naar info@scheepsmakelaardijgoliath.nl | www.scheepsmakelaardijgoliath.nl

’t Schippershuis is de unieke locatie om elkaar te ontmoeten en te blijven slapen ‘t Schippershuis Terherne • Buorren 69, 8493 LD Terherne 0566 745010 • info@tschippershuis.nl • www.tschippershuis.nl

MINDER WERK! MEER RENDEMENT! Maïs sleufsilo – “lasagne” inkuilen

Profiteer nu optimaal van de Vamil/MIA regeling voor uw maïs sleufsilo! Naast ons standaard KCS Afdeksysteem hebben wij nu ook een KCS Budget Oprolsysteem en een KCS Low Budget Treksysteem ontwikkeld. Behaal groot voordeel bij het tussentijds inkuilen met het zware (1,8 kg per m²) gepatenteerde elastische Kornet Cover Solutions afdekkleed voor een optimale conservering van uw ruwvoer! Vraag naar de mogelijkheden, tel: 0514-601990 of kijk op onze website

Een briesje in de zeilen, heerlijk kanoën of zachtjes tuffen op de wateren. Volop waterplezier in Tytsjerksteradiel. Op meren en kanalen, grote en kleine plassen, smalle en brede wateren. Niet voor niets zeggen we ook hier: Tytsjerksteradiel, alles wat Fryslân moai makket.

In de zomermaanden vinden tal van zeilevenementen plaats in onze mooie gemeente. Zo kunt u, uw hart ophalen bij onder andere SKS Skûtsjesilen in Earnewâld of bij skûtsjesilen op ‘e Burgumer Mar.

42


In goede handen bij Multiship Holland Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

De meest voorkomende werkzaamheden binnen Multiship zijn stralen en conserveren. Dit jaar werd er een woonschip binnen gereden van maar liefst 175 ton. Tevens heeft één van de werknemers zich opgewerkt tot bedrijfsleider binnen de werf. De meest voorkomende werkzaamheden binnen Multiship Holland het bedrijf Op de vraag hoeveel schepen er ­M ultiship zijn kan stralen Dit jaar werd waar men terecht voor en conserveren. ± jaarlijks worden behandeld be- er scheepsreparatie en onderhoud, een woonschip binnen geredengonnen van Wiecher maar liefst 175teton. en Froukje onder leiding Oud-IFKS-skûtlachen. ‘Kunnen de vragen niet tot Ook heeftvan één van de werknemers zich opgewerkt sjesiler Sieb Meijer. Met 5 vaste bedrijfsleider binnen de werf. wat makkelijker’ antwoord Wiekrachten en een handje vol ZZP-

In goede handen bij Multiship Holland ers, enkeleHolland, met een het vastebedrijf taak waar Multiship en deels allround mannen, men terecht kan voor scheepsreparawordt de scheepswerf tie en onderhoud, staatdraaiende onder leiding gehouden. van voormalig IFKS-skûtsjesiler Sieb Meijer. Met vijf vaste krachten en een handjevol van wie De werf isZZP’ers, te vinden aan deenkele ka- met een vaste33taak en deels of allrounders, naalweg te Harlingen via wordt de scheepswerf draaiende het water in de buitenbocht te- gehouden. genover de Oostpoorthaven. De

werkzaamheden die worden uitDe werf is te vinden aan de Kanaalgevoerd binnen Multiship zijn weg 33 te Harlingen, of via het water andere scheepsreparatie, inonder de buitenbocht tegenover de Oostonderhoud aan jacht poorthaven. De schepen, werkzaamheden die refit, onderwaterschipbehandeworden uitgevoerd binnen Multiship ling,onder stralen en conserveren. De onzijn meer scheepsreparatie, laatste twee stralen derhoud aan begrippen, schepen, jacht refit, onderwaterschipbehandeling, stralen en en conserveren worden er op conserveren. De laatste twee begriphet moment het meest uitgepen, stralen en conserveren worden er voerd. momenteel het meest uitgevoerd.

Stralen is de perfecte manier om Naast Sieb schuilen er nog twee roest, vuil en oude laklagen van bekende gezichten uit de skûtsjeweeenachter boot teMultiship verwijderen. In onze reld Holland. Wiecher straalhalisvan meter stralen Hij is Kocken één40 van die gezichten. begonnen kleine we onder als hoge drukzelfstandig het schip ondernemer, maar tegenwoordig runt hij de helemaal schoon. Na het stralen werf. ‘Toen Sieb met het idee coaten wij uw boot. Dit wordt kwam de werf te kopen, hebben we bedacht gedaan in onze spuithal. Hierbij dat ik de werkzaamheden onder mijn kan gedacht worden aan eenWiecher. hoede zou nemen,’ vertelt twee-componenten Sinds 2017 heeft verfsysteem Froukje Osinga -Meijer zich tussen het duo gevestigd. voor industriële constructies in Zij is al enkele jaren werkzaam binnen een meerlaags systeem. Met de het bedrijf en heeft zich opgewerkt tot twee-componenten verfsysteem bedrijfsleider/aandeelhouder. is uw jacht optimaal beschermd. Op de vraag hoeveel schepen er Naast Sieb schuilen er nogbehandeld, 2 bejaarlijks ongeveer worden beginnen Wiecher en Froukje kende gezichten vanuit de skût-te lachen. ‘Kunnen vragen niet wat sje wereld achterdeMultiship makkelijker,’ antwoordt Wiecher Holland. Wiecher Kocken is één daarop. ‘Het is erg moeilijk om een gemidvan die gezichten. Begonnen als delde aan te geven. Ieder jaar is weer klein zelfstandig ondernemer tot beanders. In 2017 zijn er 65 schepen nu het runnen de werf. handeld.’ ‘Maarvan dit jaar willen we daar overheen’ aan. De vorige ‘Toen Siebvult metFroukje het idee kwam jaren lagen er enkele skûtsjes op de de werf te kopen hebben we bewerf onderhoud. Deze winter is dachtvoor dat ik de werkzaamheden het nieuwe wedstrijdskûtsje ‘Sterke onder mijn hoede zou nemen.’ Jerke’ door ons gestraald en daarna verteld Sinds door de Wiecher. bemanning zelf2017 geschilderd.

heeft Froukje Osinga -Meijer zich tussen het duo gevestigd. Zij is al enkele jaren werkzaam binnen het bedrijf en heeft zich opgewerkt tot bedrijfsleider/ aandeelhouder.

MULTISHIP HOLLAND BV

cher daarop. Het is erg moeilijk

Werk engemiddelde hobby aan te geom een

Dit jaar is Wiecher gestopt op het ven. Ieder jaar is weer anders. In skûtsje ‘Jonge Jasper’, waar Froukje 2017 65 schepen behan- mijn aan hetzijn roerer zit. ‘Niet vanwege deld. ‘Maar dit jaar willen werk hoor, maar ik wil gaanwe genieten daar vultvrije Froukje van mijnoverheen’ tjalk in mijn tijd,’aan. vertelt Kocken. Toen Froukje in enkele 2012 het De vorige jaren lagen er helmhout vandehaar overnam skûtsjes op werf vader voor onderheeft zij Wiecher benaderd als houd. Deze winter is skûtsje adviseur op het skûtsje. Zij hebben zes Sterke Jerke door ons gestraald jaar samen gezeild op de ‘Jonge Jasen is doordie de bemanning zelf op ge-het per’. Vanuit samenwerking schilderd. skûtsje is Froukje aan het werk gekomen bij de Multiship Holland. worden Voor ‘doe-het-zelver’

er units verhuurd. Dit kan zijn

Binnenschip voor eigen onderhoud wordt woonschip

Steeds vaker werken de mannen bij Samenaan werken & Multiship woonschepen. Dit zijn vaak oude binnenvaartschepen die samen hobbyen worden omgebouwd tot ‘woning’, Dit jaarook is Wiecher op vandaar de naamgestopt woonschepen. het Jonge Jasper, tot waar Het skûtsje zijn grote schepen wel 40 meter, deze gaan snelzit. naar een geFroukje aan het alroer ‘Niet wicht van 100 Veelal vanwege mijnton. werk hoor.wordt MaarMultiship ingezet voor werkzaamheden ik wil gaan genieten van mijn zoals stralen en coaten, soms wordt tjalknog in mijn vrije tijd.’ daar ijzerwerk aan vertelt toegevoegd. Kocken. Toen Froukje in 2012 ‘Mochten wij enkele dingen ontdekhet helmhout vanofhaar ken aan het schip, looptvader het anders dan gepland, danzijwordt de benaeigenaar overnam heeft Wiecher opderd de hoogte gesteld. Eventuele als adviseur op het skûtsje. extra werkzaamheden gaan allemaal in Zij hebben dus 6 jaar samen gegoed overleg met de klant.’ zeild de Jonge Jasper. Vanuit ‘Vorigopjaar hebben we een schip de samenwerking het skûtsje gehad van 175 ton,’opvertelt Froukje. Froukjegelift aan het werk in geko‘Ditis moest worden combinatiemen met bij eenMultiship telekraan. Dit woonschip Holland. moest compleet gestraald en gecoat worden.’ Van oud Op de fotobinnenvaartschip rechtsboven wordt het schip alle behandelingen weer te tot na woonschip water gelaten.

Steeds vaker werken de mannen bij Multiship Werken op aan de woonschepen. werf Dit zijngeeft vaak aan oudedat binnenvaartWiecher het leuk is om opschepen de werfdie te worden werken. omge‘De faciliteiten zijnbouwd goed tot voor elkaar, vandaar dat maakt het ‘woning’, werken stukwoonschepen. makkelijker. Hierdoor ook deeen naam heb je veel plezier in je werk.’ Froukje fronst haar wenkbrauwen, ‘Ik vind het werk op de werf veel leuker dan verwacht. Het contact met klan-

HARLINGEN

Het zijn grote schepen tot wel 40 meter, deze gaan al snel naar de 100 ton. Veelal worden werkzaamheden zoals stralen en coaten gebruikt, soms wordt daar nog ijzerwerk ten vind ik erg leukaan en toegevoegd. het werk is heel Dit allemaal wordt in overleg dynamisch. We moeten soms gesnel daan met de klant. ‘Mochten schakelen of dingen tegelijk doen.’wij Zeenkele had ooit ergens wel iets dingen ontdekken aanvoor zichzelf willenof beginnen, maar wist het schip loopt het anders niet waarin. ‘Wie had ooit gedacht dat dan gepland, zal de eigenaar op ik samen met Wiecher een werf zou de hoogte worden gesteld.’ runnen? Ik niet,’ lacht Froukje. ‘Vorig hebben een schip Op dit jaar moment is we Multiship opgehad van 175 ton’ verteld zoek naar een ‘alleskunner’: iemand Froukje. moest wordie graag zijnDeze handen uitgelift de mouwen den in combinatie met een telekraan. Dit woonschip moest compleet gestraald en gecoat worden. Op foto rechts boven wordt het schip na alle behandelingen weer te water gelaten.

vindt ik erg leuk en het is heel dynamisch. We moeten soms snel schakelen of dingen tegelijk doen.’ Ze had ooit ergens wel is iets voor haar zelf willen beginmaariswist waarin. ‘Wie steekt.nen Helaas hetniet vinden van goed had ooit gedacht dat ik samen personeel steeds lastiger. ‘Hier maak werf zou runik mij met tochWiecher wel wat een zorgen over,’ gooit Kocken opiktafel. nen, niet.’ lacht Froukje. Even de crisis er behoorlijk Opheeft dit moment is Multiship opingehakt. in de scheepszoekNiet naaralleen een ‘alleskunner’, bouw, maar overal. Iedereen heeft het iemand die graag zijn handen uit meegekregen. Op het moment hoor de dat mouwen steekt. Helaas is het je vaak mensen zeggen: ‘Gelukvinden van goed personeel kig merken we dat de crisis voorbij ik mij is’. Is steeds dat bij lastiger. Multiship‘Hier ookmaak het geval?

toch wel wat zorgen over’ gooit Kocken op tafel.

Even heeft de crisis er behoorlijk ingehakt. Niet alleen in de scheepsbouw maar overal, iedereen heeft het meegekregen. Op het moment hoor je vaak dat zeggen ‘Gelukkig merWiechermensen en Froukje beginnen wat te ken we dat de crisis voorbij is’. lachen. ‘Dat is zeker te merken bij ons Hoe zitzegt dat nu bij Multiship, is op de werf,’ Kocken. ‘We hebben steeds meerook klandizie en de klant dat hier het geval? Wiecher heeft geld om te beginnen investeren in te leuke & Froukje wat ladingen. Dingen die niet moeten maar chen. ‘Dat is zeker te merken bij kunnen. ’ de werf’ te zegtblijven: Kocken.deDe ‘Om ons in op zeiltermen hobbymensen trekken aan mensen gaan sneller overstag,’weer besluit Froukje.en er is weer geld om te investeren in leuke dingen. ‘Dingen die niet moeten maar kunnen.’ Om in zeiltermen te blijven ‘de mensen gaan sneller overstag.’ vult Froukje aan.

Werken op de werf Waarom het leuk is om op de werf te werken geeft Wiecher aan ‘De faciliteiten zijn goed voor elkaar, dat maakt het werken een stuk makkelijker. Hierdoor heb/krijg je veel plezier in je werk.’ Froukje fronst haar wenkbrauwen, ‘Ik vindt het werk op de werf veel leuker dan verwacht. Het contact met klanten

E. INFO@MULTISHIPHOLLAND.NL

T. 0517-235857

WWW.MULTISHIPHOLLAND.NL

43


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Kies voor Maritieme Techniek bij ROC Friese Poort

Laat je droomschip varen! Als je aan Friesland denkt, dan denk je aan water. In de waterrijke provincie worden de grootste jachten en boten gebouwd en gerenoveerd. Van een sloep tot een superjacht. De maritieme sector staat te springen om goed opgeleide vakmensen. Wie wil werken in een technische wereld vol innovatie en een sector met veel werkgelegenheid, kiest voor een opleiding Maritieme Techniek.

Vakmanschap

Studenten leren schepen en (plezier) jachten onderhouden, repareren en bouwen. Ook is het mogelijk om je te specialiseren als scheepsmetaalbewerker, meubelmaker/(scheeps) interieurbouwer, of als industrieel lakverwerker. Met persoonlijke begeleiding en lessen gericht op de praktijk, stoomt de opleiding je klaar voor een baan waarin je de technische kennis meteen kunt toepassen. Dit gebeurt in samenwerking met watersportbedrijven en scheeps- en jachtbouwers uit de regio. Bij deze bedrijven werken studenten projectmatig samen aan praktijkopdrachten, bijvoorbeeld bij

het bouwen van een sloep of een elektrische pont.

Persoonlijke groei

Bij de mbo-instelling leer je het beste uit jezelf te halen en je talent te ontwikkelen. Dit komt onder andere tot uiting in ‘The Brewery’. Dit is een maritiem innovatielab dat ROC Friese Poort samen met ingenieursbureau Vripack heeft opgezet. De studenten bedenken samen met het bedrijfsleven ideeën om betere schepen in minder tijd te kunnen ontwikkelen.

Yacht Builders Academy en Maritieme Academie Holland ROC Friese Poort vindt het belangrijk om de opleidingen zo goed mogelijk aan te sluiten op de (doorstroom) mogelijkheden en wensen van het werkveld, het vmbo, en hbo. Daarom maakt zij zowel onderdeel uit van de

Yacht Builders Academy als de Maritieme Academie Holland. De Yacht Builders Academy is hét kenniscentrum van de jacht- en scheepsbouw in Noordwest-Nederland. De partners (het bedrijfsleven, de overheid, en het onderwijs) delen elkaars kennis, passie, en ervaring en ontwikkelen bijvoorbeeld nieuwe lesstof. De Maritieme Academie Holland is een samenwerkingsverband van de maritieme opleidingen in IJmuiden, Amsterdam, Sneek, Harlingen, Leeuwarden, Terschelling, Delfzijl en Urk. ROC Friese Poort heeft een breed aanbod aan opleidingen en cursussen voor jongeren, volwassenen, en mensen die al werkzaam zijn in de maritieme sector. Naast een maritiem technische opleiding kun je ook kiezen voor de Scheepvaart en Visserij. Deze opleidingen en cursussen voor jongeren en volwassenen bieden we aan op Urk. Hier leer je onder andere varen met de nieuwste simulatoren. Ga naar onze website voor het volledige opleidingsaanbod en onze voorlichtingsmomenten: www.rocfriesepoort.nl

Onbezorgd uitbesteden door kennis en kwaliteit! Staalbewerkingen

Toelevering

Handmatig & Machinaal stralen

Constructie & Machinebouw

Industrieel coatwerk

Gecertificeerd laswerk

Brandwerende systemen

Leuningwerk & Trappen

Duplex systemen

RAAT Liggers

Touch Up & onderhoud

THQ Liggers

Refit EN-1090 gecertificeerd

Vulcanus 7, 8448 CH Heerenveen, Tel: 0513-571441 44

Staalcoating

www.stcheerenveen.nl


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Tweehonderd jaar Maritiem Onderwijs

Harlingen leert modern varen De modernste simulator voor de binnenvaart niveaus VMBO (12-16 jaar) en MBO moeten het leren. De een gaat dat staat in Harlingen. Aan de Almenumerweg 1 staat gemakkelijker af dan de ander, dat is de Maritieme Academie Harlingen,onderdeel altijd al zo geweest. Maar een diploma deze academie wordt serieus gevan de coöperatieve vereniging Maritieme Aca- van nomen, over de hele wereld. demie Holland. Skûtsjehelden als de Vissers, de Brouwers en de Zwaga’s hebben hier allemaal Breed programma Veruit de meeste leerlingen/studende fijne kneepjes van het varen geleerd. Daarom ten worden hier opgeleid tot matroos, stuurman, schipper of schipper-onzeilen onze skûtsjes zo goed.

eindigde. Want dan moesten de studenten achter de walvissen aan. Kallenborn ontwikkelde zijn eigen beoordelingssysteem, dat nog jarenlang in zwang bleef. Bestuur en leerlingen konden eruit afleiden hoe geschikt de laatsten waren voor het vak van zeevarende. De binnenvaart werd toen namelijk nog niet als aparte bedrijfstak onderscheiden.

er nog lang niet. Zeilen dan maar, op zo’n zeekasteel? En het gaat niet alleen om de techniek. Prominent aanwezig in het hoofdgebouw zijn waarschuwingen tegen het pesten en tegen het gebruik van alcohol en andere drugs. Beide vormen van wangedrag, mogen we begrijpen, worden hier absoluut niet getolereerd.

Directeur Arjen Mintjes (57) zwaait al twintig jaar de scepter in Harlingen. Jarenlang zeilde hij met gasten op een grote klipper. Bij de Strontrace is hij aan boord van de Dankbaarheid van Johannes Hobma bijna altijd van de partij – en met succes. De Harlinger directeur was qualitata qua in Sint Petersburg en in Venetië. In de eerste stad sprak hij de massa toe en nam hij een grote parade af. In de tweede zag hij met eigen ogen hoe het vervoer geregeld is in een stad met vrijwel alleen smalle straatjes. Toch vind je volgens Mintjes nergens zo’n uitdaging als hier in zijn eigen Harlingen, waar een groot spandoek op een mooi modern gebouw verkondigt: ‘Hier leer je varen’. Want de vernieuwing houdt nooit op, in de binnenvaart net zo goed als op zee. Binnen het maritieme onderwijs,

Vernieuwend

De Harlinger Maritieme Academie is vernieuwend. Dat zie je direct bij binnenkomst aan een grote foto die vanuit de bedieningsruimte van een ultramoderne binnenvaartsimulator is genomen. Daarmee kun je alles leren, van een correcte belading tot het manoeuvreren in een drukke wereldhaven. Het passeren van een lage en nauwe brug staat hier net zo goed op het programma als het afmeren in een sluis en het afremmen op slippende stroppen. Door dat in je opleiding in theorie en praktijk goed te leren, voorkom je pijnlijke ongelukken. Tegenwoordig, vertelt Mintjes, worden steeds meer ontwerpen van nieuwe bruggen in de simulator gestopt, zodat bruggenbouwers tijdig rekening kunnen houden met waarschuwingen vanuit de varende praktijk. In Amerika is dat al langer voorschrift, in Nederland werd het voor kort zelden gedaan. Dus ging het nogal eens mis. Een saillant voorbeeld is de brug bij het Groningse Dorkwerd. Die moest, was de opdracht aan de architect, wegvallen in het landschap. ‘Nou, dat deed hij zo goed dat er geregeld een schip tegenaan voer’, vertelt Mintjes. ‘Want de schippers zagen het zelf ook niet.’ Zo was elders een brug bedacht waar een schip van 110 meter lengte zich bijna niet recht in kon manoeuvreren. Gelukkig kon dat bijtijds met de simulator worden aangetoond. Veel technieken aan boord zijn vrij nieuw. Het navigeren bijvoorbeeld is totaal veranderd door de komst van GPS en AIS. Moderne binnenvaart containerschepen hebben een gemiddelde lengte van 110 meter. Er zijn nieuwe robotsystemen ontwikkeld, zodat de schipper naast zijn pientere pookje zijn conditie op peil kan houden. Maar de uitdaging blijft, nu bijvoorbeeld veroorzaakt door de opdracht om straks emissievrij te varen. Dat wordt nog wat, zeker als fundamenteel onderzoek wordt ontmoedigd door (te) lage brandstofprijzen. Met een goede coating alleen zijn we

In de praktijk

aldus Mintjes, gaat het om twee belangrijke hoofdzaken. Allereerst het verwerven van de in de binnen- en de zeevaart gevraagde nautische competenties. Dat zijn er nogal wat, want je moet ook kunnen navigeren als het stormt en de stroom uitvalt, en op sommige vaarwaters is het tegenwoordig wel erg druk. Daarnaast is het belangrijk om de persoonlijke vaardigheden te ontwikkelen die nodig zijn om met collega’s gedurende langere tijd samen te leven en te werken op een beperkt aantal vierkante meters. Ook dat hoort immers bij het varen. Vijfentachtig medewerkers van de Maritieme Academie, onder wie bemanningslid Harmen Pieters Brouwer van het Heerenveenster skûtsje ‘Gerben van Manen’, weten wat die eisen voor een opleidingsinstituut betekenen. De 565 leerlingen/studenten van de

dernemer. Sommigen stromen door naar de Hogere Zeevaartschool. Dat laatste kan heel dichtbij, want de Willem Barentsz staat op Terschelling. Een zeer gevarieerd opleidingsprogramma wordt aangeboden op de Maritieme Academie, die op 24 en 25 mei jongstleden het feit vierde dat in december 2018 het maritieme onderwijs in Harlingen tweehonderd jaar geleden begon. In samenwerking met de Fryske Akademy wordt er een speciaal symposium aan gewijd. In de beginjaren heette de opleiding ‘School voor Wis- en Zeevaartkunde’. De plaatselijke afdeling van de Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen nam het initiatief tot de oprichting in wat toen nog de derde haven van Nederland was. De eerste directeur Pieter Kallenborn begon met 12 leerlingen aan een pittige avondcursus, die in november begon en in april al weer

De Walvisvaart, geschilderd door de Harlinger Dirk Jacobs Danser (1745-1748). Na 1860 ging dit voorheen lucratieve bedrijf ten onder aan overbevissing. Illustratie uit de Collectie van het Hannemahuis, afgebeeld in het jubileumboek.

De theorie van talen, wis- en natuurkunde en communicatie is onmisbaar in het varende bestaan. Elk skûtsjebemanningslid weet dat het op een winnend schip om veel meer gaat dan om kracht en inzet. De kop moet er goed bij. Die theorie wordt bij de Maritieme Academie gekoppeld aan de praktijk op opleidingsschepen, waar studenten een deel van hun opleiding praktisch invullen. Sommige, zoals de tjalk Tromp, zijn een joint venture met andere partijen. Andere, zoals de Prinses Maxima, Prinses Amalia en MS EMELI, zijn van de Academie zelf. Of er wordt een Tall Ship ingehuurd voor een paar weken. Dan staat er vaak ook zeilen op het programma. Want die oervorm van de scheepvaart blijft de leerlingen/studenten aanspreken, en er komt van alles bij kijken wat je als varensgast moet beheersen. Trouwens, zo vertelt Mintjes, er komen de laatste jaren steeds meer niet-schippers bij de Maritieme Academie studeren. Het veelzijdige programma met de voortdurende wisselwerking tussen theorie en praktijk spreekt hen aan. En als ze al niet ergens aan boord stappen, dan biedt de opleiding genoeg aanknopingspunten voor een carrière elders. Het breed samengestelde team dat het onderwijs op de Maritieme Academie verzorgt, is van die mogelijke keus een afspiegeling. Hier leer je niet alleen varen. Je leert ook hoe het altijd beter kan, en hoeveel vreugde de reis kan geven als je de bestemming kent. Dat dagelijks ervaren, zegt Mintjes, is zijn grote inspiratie. Plus de wetenschap, verwoord in een voorwoord in het speciaal gemaakte jubileumboek, ‘dat elke afgestudeerde leerling werk vindt in de maritieme branche. Of dat in tijden van robotisering en autonoom varen zo zal blijven, zal afhangen van het aanpassingsvermogen van ons onderwijs. Gezien het verleden heb ik daar zeker vertrouwen in.’

45


MARITIEME ACADEMIE 200 JAAR

De Schippersvrouw Catering "200 JAAR MARITIEM ONDERWIJS IN HARLINGEN"

Gefeliciteerd! Els Hogenhuis info@schippersvrouw.nl

Harlingen Tel: +31 (0)6-26647922

Feliciteert Wij feliciteren de Maritieme Academie met het 200 jarig jubileum. Wij hopen nog lang te mogen samenwerken.

met haar 200 jarig bestaan!

HOMMINGA’S FIJNE WINKELTJE EN KERSTPAKKETTEN

Voorstraat 21 8861 BD Harlingen 0517412510 www.fijnewinkeltje.nl www.kerstenrelatie.nl

Flexibel | Korte lijnen | Meedenkend

Wij zijn trots op het 200-jarig bestaan en willen ook via deze weg jullie feliciteren.

Industrieterrein de Oostpoort Kelvinstraat 5, 8861 ND Harlingen T +31 (0) 517- 418411 info@haismascheepsmotoren.nl

www.haismascheepsmotoren.nl Water vergroot je wereld

Metaalbedrijf, RVS, Aluminium bewerking op het

allerhoogste niveau! Met nu

super sonic water jet snijder. 4000 bar

De partners van de Maritieme Academie Holland feliciteren Maritieme Academie Harlingen met het 200-jarig bestaan!

Visser Special Metal Products is gespecialiceerd in:

o.a. Plaatwerk

• •

Waterjet snijden knip en zetwerkzaamheden

Maritiem onderhoud

o.a. Constuctiewerk

• •

mig en tig lassen van rvs en aluminium boor en zaagwerkzaamheden

Amusement

Geïnteresseerd ? Voor meer informatie en voorbeeldprojecten verwijzen wij u graag naar onze website www.vsmp.nl

46

Voor al uw Volvo Penta onderdelen.

Nieuwbouw en ontwikkeling

Horeca en Harlingen food sector Keermuur

Visser Special Metal Products Celsiusstraat 11 8861 NE Harlingen

0517- 430266 info@vsmp.nl www.vsmp.nl

www.maritiemeacademieholland.nl


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

200 Jaar Maritiem Onderwijs in Harlingen

J.R. Leinenga: ‘Leren navigeren’ ALLE KLOKKEN GELIJK IN HARLINGEN

De opleidingsschepen Prinses Amalia en Prinses Maxima in 2012-2013. Foto collectie Maritieme Academie Harlingen.

De eerste schooldag van de School voor Wis- en Zeevaartkunde in Harlingen was op 7 december 1818. Dertien leerlingen kregen vier avonden in de week van zes tot acht uur les bij meneer Pieter Kallenborn thuis aan de Turfhaven, tegenwoordig Heiligeweg 1, in de havenstad. Het was individueel onderwijs, want elke leerling nam zijn eigen bagage aan kennis en ervaring mee. Navigeren was toen nog een hoogst ingewikkelde bezigheid, waar je letterlijk de mist mee in kon gaan. Belangrijk was de correcte positiebepaling door het meten van de hoek die de zon of een ster maakt ten opzichte van de horizon. Maar wat als het dagen achtereen bewolkt was, of mistig? We hebben het hier over de bepaling van de geografische breedte. Nog lastiger was tot het midden van de achttiende eeuw de lengtebepaling. Daarvoor had je een secuur ge-

lijk lopende chronometer nodig. Die was pas in 1762 door John Harrison ontwikkeld, maar toen duurde het nog vele jaren voordat op elk schip zo’n kostbaar instrument aanwezig was. Maritiem historicus Jurjen R ­ .L ­ einenga beschrijft dit in het mooi geïllustreerde jubileumboek van de H ­arlinger ­Maritieme Academie,‘Leren Navigeren / 200 JAAR MARITIEM O ­ NDERWIJS IN HARLINGEN’.

Kwijnende stad, bloeiende opleiding

Leinenga beschrijft beeldend, mede aan de hand van zorgvuldig uitge-

werkte levensbeschrijvingen van oud-studenten, hoe Harlingen ondanks grote inspanningen van het stadsbestuur geleidelijk naar de tweede rang van de Nederlandse havens afzakte. De haven was te klein voor het grootscheeps verkeer dat in de mode kwam. De school maakte wisselende tijden door, ook toen er al veel meer dan dertien studenten waren en het programma werd uitgebreid tot een volwaardige dagopleiding. Daar mochten, in het kader van de Wet op het Middelbaar Onderwijs (1863), alleen bevoegde docenten les geven. Professionalisering leidde in 1873 tot oprichting van een beroepsvereniging ‘Ter Bevordering van het Zeevaartkundig Onderwijs’. Uiteraard hield die zich ook bezig met de salariëring van de onderwijskrachten. Die was het laagst op de Waddeneilanden Ameland, Vlieland, Schiermonnikoog en op Terschelling. Alleen de laatste bestaat

Standaardtijd bestond in de negentiende eeuw niet. Elke plaats had zijn eigen kerkklok. En die luidde op gezette tijden ‘zijn’ tijd. Dat was secuur genoeg voor het stapvoetse tempo van een vroegere generatie. De dienstregeling van beurtschepen was dan ook meestal gekoppeld aan het tijdstip van afvaart, dat iedereen op de hoge klok kon waarnemen of via de luiklok kon horen. Horloges waren voorbehouden aan hoog geplaatsten of andere rijken. En de tijd van aankomst hing sterk af van weer en wind. Directeur A. van Slee van de Harlinger School voor Wis- en Zeevaartkunde nam, nadat hij in 1852 in Engeland een kostbare chronometer had laten kopen, een voor die tijd opmerkelijk initiatief. Meteen vroeg hij het stadsbestuur om alle stadsklokken te synchroniseren met behulp van deze chronometer. Dat gebeurde, en het was ook verbazend handig voor stoombootkapiteins, die nu een norm hadden om hun eigen klokken op gelijk te zetten. Zo kreeg Harlingen de eerste internationaal geijkte klokken van Fryslân, en misschien wel van Nederland. Dat gebeurde in een tijd waarin er toch al van alles veranderde. Zo kwamen er in 1847 stoomsleepboten in de haven die trekkersploegen overbodig maakten en veel dagloners werkloos. Een nieuwe haven werd gegraven, de Willemshaven oftewel het Dok. Nog een later viel het doek voor de walvisvaart, die meer dan een halve eeuw welvaart had gebracht in Harlingen en wijde omgeving. Mooie commandeurshuizen op de Waddeneilanden getuigen daar nog van. Maar de best renderende walvissoorten raakten op door de overbevissing. Ondertussen brak, als illustratie van de wet van Murphy, een vele jaren durende crisis in de scheepvaart uit. nog. Groningen was ook berucht als slecht betalende instelling. Amsterdam spande met de salarissen de kroon. Daar wilde iedereen die goed kon lesgeven, graag naar toe. Hoewel het voor Harlingen – een tussenpositie innemend tussen Amsterdam en Groningen – soms moeilijk was om goede docenten te vinden en het studentental op peil te houden, groeide de opleiding met horten en stoten tot een volwaardig instituut. Dat moest ook goed gehuisvest worden, weer een ander onderwerp dat uitgebreid beschreven is. En ondertussen ging de technologische ontwikkeling in stroomversnelling door, met betere navigatie-instrumenten, verbeterde stoommachines, ijzeren schepen, beter voedsel voor de bemanningen, enzovoort.

De nieuwe tijd

Hoewel het ‘lange’ verleden in het boek van Leinenga uitvoerig wordt beschreven, ontbreekt ook de nieuwe tijd er niet in. De Tweede Wereldoorlog is op bijzondere wijze geïllustreerd met een flink aantal levensbeschrijvingen. En op pagina 167 zien we een indrukwekkende foto van het voltallige personeel van de Maritieme Academie, met allemaal ‘thumbs up’, zoals dat tegenwoordig hoort. In dit slothoofdstuk komt onder meer de noodzakelijke vervanging van dieselmotoren door hetzij waterstofof een andere brandstof-aangedreven krachtbron aan de orde. Ook hierin werkt Harlingen via haar opleidingsschip Emeli weer samen met anderen, in het Interreg project Marigreen. De tijd gaat door, ook al besta je al 200 jaar.

De brugsimulator, in 2016. Foto collectie Maritieme Academie Harlingen

47


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Jubileumboek Huzumer skûtsje

Meeter na Meeter Wie zegt skûtsjesilen, die noemt ook al snel de naam Meeter. Of het nu van Akkrum is of van ­Huzum, zowel Siete als Lodewijk Meeter hebben allebei bijgedragen aan de instandhouding van een Friese folklore met inmiddels nationale allure.

gelegenheid van het 50-jarig jubileum in 2018, is door bemanningslid en ‘skûtsjehistoricus’/-documentalist van de Stichting Foar de Neiteam Frits J. Jansen een jubileumboek geschreven, in samenwerking met oud schipper Eildert Lzn Meeter. In ‘Meeter na Meeter, 50 jaar Stichting Vriendenclub Huzumer Skûtsje’ is de aanloop tot aan de oprichting en het verdere verloop van de Stichting beschreven. Vanaf de Tweede Wereldoorlog en de oprichting van de SKS worden de belevenissen van Lodewijk Meeter beschreven. Ook de vindingrijkheid bij het aanpassen van het wedstrijdschip, waarbij veel bedacht en als eerste toegepast werd, of het NA nu geoorloofd was of niet. Hoe was en is de opvolging gereLorem ipsum dolor sit amet, consectetuer adipiscing elit. Aenean comgeld van het schipperschap? De bemodo ligula eget dolor. Aenean massa. Cum sociis natoque penatibus et vanridiculus de bemanningen, de magnis distrokkenheid parturient montes, nascetur mus. Donec quam felis, ultricies nec, pellentesque eu, pretium quis, sem. Nulla consequat masontwikkelingen van het skûtsjesilen, sa quis enim. Donec pede justo, fringilla vel, aliquet nec, vulputate eget, arcu. In enim rhoncus ut, imperdiet vitae, justo.mensen Nuldejusto, Stichting en dea, venenatis betrokken lam dictum felis eu pede mollis pretium. Integer tincidunt. Cras dapibus. worden uitvoerig beschreven. NatuurVivamus elementum semper nisi. Aenean vulputate eleifend tellus. Aenean leo ligula,lijk porttitor eu, consequat eleifend ac, enim. Aliquamdie loremvoor worden devitae,beide skûtsjes ante, dapibus in, viverra quis, feugiat a, tellus. Phasellus viverra nulla ut vervolgens Langweer. Siete, die altijd de Stichting hebben gezeild, de eerste metus varius laoreet. Quisque rutrum. Aenean imperdiet. Etiam ultricies nisi vel augue. ultricies (huidige nisi. Nam eget dui. aan boord van zijn broer Lodewijk aan ‘it Curabitur Doarpullamcorper Huzum’ ‘Sinnekede fok had gezeild, schafte in 1961 ning’) en de tweede ‘it Doarp Huzum’ een eigen schip aan. Ook Lodewijk (de voormalige ‘Sûn en Wol’), belicht. kreeg in 1968, met de komst van een Uit alles blijkt dan ook dat deze familie Vriendenclub uit Huizum, weer de ge- en Stichting onlosmakelijk verbonden legenheid om met een eigen skûtsje zijn met de Friese cultuurdrager, het uit te komen in de SKS. skûtsjesilen. Een en ander is rijkelijk De uit het bedrijfsleven en1 9 famiuit vele familiearchieven. 6 8 - geïllustreerd 2 0 1 8 lie- en kennissenkring stammende Het jubileumboek is te bestellen in 50 JAAR Vriendenclub kreeg een officieel tintje de webshop op de website van het Stichting Vriendenclub Huzumer Skûtsje door de oprichting van de Stichting ­Huzumer skûtsje. Vriendenclub Huzumer Skûtsje. Ter www.itdoarphuzum.nl

Meeter Meeter

1981, uit archief Eildert Lzn Meeter

Lodewijk kocht in 1947 als eerste particuliere eigenaar een skûtsje niet voor de vracht, maar waar naast het wedstrijdzeilen alleen op gewoond en gewerkt kon worden. Met dit skûtsje de ‘Noord Friesland’ voer hij tot 1958 bij de Sintrale Kommisje Skûtsjesilen als particulier. Er volgde een periode van tien jaar dat Lodewijk niet meer de regie over zijn eigen skûtsje had. Eigenarencommissies kregen het voor het zeggen. Eerst de Friese Aannemerssociëteit en

Archief Wietze Landman

Meeter Meeter NA

1 9 6 8

-

2 0 1 8

50 JAAR Stichting Vriendenclub Huzumer Skûtsje

PIETER ACHTIEN: UW KLAUWVERZORGER IN DE REGIO De Alu-Hooftrimmer is de lichtste en sterkste klauwbekapbox op de markt! Deze boxen worden in Nederland geproduceerd en zijn geheel CE goedgekeurd. Bij uitstek voor professionals, maar ook voor melkveehouders te gebruiken, met veel opties om de box geheel naar wens gebruiksklaar op te stellen. De verschillende typen onderscheiden zich in uitrusting, samenstelling en gebruiksdoel.

Klauwverzorging en Veebenodigdheden

Wij zijn gespecialiseerd in klauwverzorging en de verkoop van veebenodigdheden en onze klauwbekapboxen, de Alu-Hooftrimmer. Deze produceren wij in eigen beheer en brengen wij op de Nederlandse en buitenlandse markt. Tevens zijn wij vergunninghouder voor de verkoop van diergeneesmiddelen. De klauwverzorging voeren wij met een vast professioneel team 48

uit met een of meerdere klauwbekap boxen, Zodat we grote en kleinere koppels koeien moeiteloos kunnen behandelen. Wilt u meer weten? Kijk eens verder op onze website, of neem contact met ons op, wij adviseren u graag! Pieter Achtien Jelle Beenenwei 1 8403 BC Jonkerslân 06 53 67 27 80 0513 46 27 75 achtienklauwverzorging@hetnet.nl

Alu-Hooftrimmer www.aluhooftrimmer.nl

www.achtienklauwverzorging.nl


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

3 - 6 AUGUSTUS 2018 The Tall Ships Races Harlingen

Door Pam van Vliet

Maritiem feest voor iedereen Liefhebbers van traditionele schepen kunnen van 3 tot en met 6 augustus in Harlingen hun hart ophalen. Want Harlingen is dit jaar finishplaats van The Tall Ships Races 2018 en dat betekent dat de grootste en mooiste traditionele Tall Ships van de wereld op vrijdag 3 augustus Harlingen binnenvaren en daar tot en met maandag 6 augustus te bewonderen zijn. Daarnaast is er in de Friese havenstad vier dagen lang nog veel meer te beleven. In de Willemshaven in Harlingen, vlakbij treinstation Harlingen Haven, liggen de prachtigste barken, klippers en windjammers uit onder andere Zweden, Engeland, Noorwegen, Frankrijk, Nederland en Rusland. Onder de deelnemende schepen zijn bijvoorbeeld de giganten ‘Mir’, ‘Kruzenshtern’, ‘Sedov’, ‘Gulden Leeuw’, ‘Stad Amsterdam’ en ‘Christian Radich’. Maar ook tientallen andere klassieke en moderne schepen komen naar Harlingen. Het historische havenstadje is er een geweldig decor voor. Heer-

lijk om op je gemak langs al die indrukwekkende schepen te slenteren. Voor wie de schepen liever varend ziet, zijn de Sail In op vrijdag 3 augustus en de Sail Out op maandag 6 augustus een aanrader. Vanaf de Zuiderpier heb je er prachtig zicht op.

Gevarieerde optredens

The Tall Ships Races Harlingen 2018 beloven een enorme happening te worden. Niet alleen door de aanwezigheid van de prachtige schepen, maar ook door alle activiteiten op

TRAINEES The Tall Ships Races zijn de grootste internationale oceaanraces voor Sail Training-schepen. Alles draait bij dit jaarlijkse zeilevenement om de trainees (jongeren tussen de 15 en 25 jaar). Op de schepen varen circa 3.000 bemanningsleden, waarvan meer dan de helft uit trainees bestaat.

het water en aan de kade. Er zijn drie podia waar diverse optredens plaatsvinden. Zo staan Ali B, Elske DeWall, Dilana Smith en Cindy Oudshoorn op het hoofdpodium The Harbour Stage, onder begeleiding van de Hubert Heeringa All Stars Band. The Harbour Stage is overigens óók een prachtige locatie om te genieten van de overweldigende Sail In en Sail Out. Andere artiesten die koers zetten naar Harlingen zijn onder andere Skævver, TenTemPiés, Best of Britain, Jack and the Weatherman, Stuart Mavis en The Cool Quest. Daarnaast ontbreken natuurlijk ook de shantykoren niet. In de Zuiderhaven treden 20 shantykoren uit heel Nederland op tijdens het Shantykorenfestival.

VAN ALLES TE BELEVEN • Sail In en openingsspektakel met vuurwerk (3 augustus) • Crew Parade (4 augustus)
 • Sail Out (6 augustus)
 • Publieksvaartochten • Themapleinen • Podia met spetterende acts en optredens

Themapleinen

Op vijf themapleinen aan de Willemshaven en Zuiderhaven vinden diverse activiteiten plaats met muziek, horeca en verschillende markten. Er zijn een beachplein, ambachtsplein, kidsplein, duurzaamheidsplein en cinemaplein. Deze zomer hoeven we Fryslân niet uit om te genieten van internationale grandeur. Net als vier jaar geleden – toen Harlingen starthaven was voor The Tall Ships Races – wordt het dankzij de circa 60 tallships absoluut werelds in Harlingen! Meer weten? Kijk voor het complete programma op www.tsrh2018.nl De Sail In tijdens de Tall Ships Races van 2014 leverde een schitterend beeld op.

British

Marine

Meezeilen tijdens de The Tall Ships Races

‘Yes, echt kicken!’

Door Roelf Hut

Nynke Wiersma uit Nij Beets gaat een maand lang zeilen op het Tall Ship ‘Sørlandet’, het oudste nog varende opleidingsschip van Noorwegen. Een gesprek met een nuchtere jongedame, een student, die bijna laconiek een avontuur aangaat dat de meeste lezers nooit zullen meemaken. De ‘Sørlandet’ is een Volschip, full rigged, met een lengte van 65 meter, een totale hoogte van 35 meter, drie masten en een vaste bemanning van twintig personen. Jij bent een van de weinige trainees die alle races meevaart tijdens The Tall Ships Races 2018. Heb je daar bewust voor gekozen? ‘Toen ik mij aan ging melden voor de gehele race dacht ik dat het wel goed zou zijn om het schip eerst een bee tje te leren kennen voorafgaand aan de wedstrijd. Daarom heb ik mij niet alleen voor de races ingeschreven, maar stap ik alvast aan boord van de ‘Sørlandet’ tijdens twee reizen voorafgaand aan The Tall Ships Races.’ ‘Het avontuur aan boord van het schip lijkt mij goed voor mijn ontwikkeling en vooral voor het leren van de

Engelse taal, wat niet mijn sterkste punt is. Aan boord wordt vooral in het Engels gecommuniceerd, dan moet je wel. Mijn ouders zijn in 2014 in Harlingen geweest toen het starthaven was tijdens The Tall Ships Races. Ze vonden het fantastisch en hoorden van de mogelijkheden om als trainee mee te varen. Het leek hun goed voor mijn ontwikkeling om dat eens mee te maken. Enthousiast geworden door hun verhalen, heb ik besloten om mij op te geven.’ Was je al bekend met de Tall Ships? ‘Nee, eigenlijk niet. Wel van foto’s en verhalen van mijn ouders, maar pas kort geleden heb ik de ‘Christian’ Radich bezocht. Tijdens de Vlootdag in Harlingen hadden we een bijeenkomst met alle trainees en dan pas

ª

Gezellige drukte tijdens de optredens van diverse grote artiesten.

49


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

MARITIEM FEEST VOOR IEDEREEN -6 AUG 2018 3

HARLINGEN

GROOTSTE TRADITIONELE TALL SHIPS

’S WERELDS

de kade Activiteiten op het water en aan

o.a. MUZIEK, THEATER, CULTUUR en LIVE ACTS

18.NL Bekijk het programma op TSRH20

British

50

Marine


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

3 - 6 AUGUSTUS 2018

De ‘Sørlandet’ aan de kade in Harlingen.

kom je tot de ontdekking dat zo’n schip toch wel heel groot is. Zeker als je op enig moment in de mast mag klimmen.’ Je gaat mee op de ‘Sørlandet’. Net als de ‘Christian Radich’ een Noors schip. Is er een reden waarom je voor die eerste hebt gekozen? ‘Dat heeft te maken met het feit dat de ‘Sørlandet’ kon garanderen dat ik de gehele reis aan boord kon blijven. Bij de ‘Christian Radich’ zou het kunnen dat ik voor een deel van het traject op een ander schip zou komen. Bovendien had de ‘Sørlandet’ een duidelijke agenda op hun site staan en dat was bij andere schepen nog niet het geval. Dat heb ik meegenomen in mijn beslissing.’ Wat zijn zoal je verwachtingen? ‘Ik verwacht eigenlijk zeeziek te worden,’ vertelt ze met een kleine lach op haar gezicht. ‘Toen ik met de ferry overstak naar Engeland is mij dat ook overkomen. Ik werd zeeziek en het zou zo maar weer kunnen gebeuren. Maar dat gaat wel over als je eenmaal gewend bent.’ Over de groei die ze als mens mee gaat maken heeft ze nog niet nagedacht. Het tekent haar nuchtere persoonlijkheid. ‘We zullen wel zien. Ik verwacht wel veel nieuwe vrienden te maken, uit alle delen van Europa.’ Alle trainees hebben op de Maritieme Academie in Harlingen een uitgebreide voorlichting gehad over het reilen en zeilen aan boord van een Tall Ship. Hierdoor heeft Nynke een redelijk beeld gekregen van wat haar te wachten staat. ‘Je wordt ingedeeld in verschillende groepen, in shifts, en dan ben je 4 uren op en 8 uren af. Dit betekent 4 uren actief en 8 uren rust. De diensten wisselen, zodat je alles mee kunt maken. Het is natuurlijk een schip dat dag en nacht doorvaart. Ze hebben mij verteld dat het een heel mooi moment is als je met z’n allen je hangmatje tevoorschijn haalt om lekker te gaan slapen. En als je wakker wordt, ruim je het hangmatje weer op. Dan kan de volgende ploeg slapen. Het meest bijzondere lijkt me het werken in de nacht. Misschien dat je een ander schip op afstand ziet, maar de kans is groot dat je op een grote open ruimte vaart en de sterren helder ziet stralen.’ Het lijkt haar ook heel bijzonder dat je met een onbekende groep mensen, onder leiding van professionals, gaat samenwerken en niet van tevo-

ren weet wie er in de groep zitten en waar ze vandaan komen. ‘Gewoon met z’n allen in actie, samenwerken en vertrouwen hebben in de mensen om je heen. Samen de strijd aangaan met de elementen, want je bent afhankelijk van de wind om op de plaats van bestemming te komen. Dat is het bijzondere van zeilen en zeker bij zo’n groot schip.’ Je hebt op school een aantal weken eerder vrij geregeld. Ging dat allemaal van een leien dakje? ‘Eigenlijk wel en het viel mij mee. Ik heb twee weken eerder vrij gekregen van school en terwijl ik enige weerstand had verwacht, kreeg ik gelijk toestemming. Op het Drachtster Lyceum vinden ze het best stoer dat ik dit ga doen en er hangt nu ook een poster van The Tall Ships Races Harlingen in het gebouw. Het komt ook allemaal precies goed uit. De reis was al geregeld en nu blijkt dat ik voorafgaand aan mijn vertrek precies klaar ben met mijn toetsen. Woensdag de laatste toetsdag en op donderdag stap ik in het vliegtuig op weg naar Noorwegen. En dan mag ik maandags van tevoren ook nog rijexamen doen.’

Zie je tegen de reis op? ‘Eigenlijk heb ik daar nog geen tijd voor. Ik ben er nog niet zo mee bezig hoewel ik wel besef dat het al snel 5 juli is. Mijn moeder vindt het wel spannend nu het allemaal wat dichterbij komt. Het is namelijk ook de eerste keer dat ik alleen op reis ga.’ Om als trainee deel te kunnen nemen aan The Tall Ships Races heb je geld bij elkaar gebracht. Hoe heb je dit aangepakt? ‘Alles bij elkaar kost het best veel geld. De vliegreis, het verblijf aan boord en de aanschaf van geschikte kleding, zoals een zeilpak en andere materialen. Gelukkig betalen mijn ouders een deel en zaterdags werk ik in een ijsfabriek. Zij sponsoren mij voor een deel, evenals het bedrijf waar mijn vader werkt. Voor de ijsfabriek schrijf ik een blog. Voor het bedrijf waar mijn moeder werkzaam is heb ik nieuwe kasten in elkaar gezet en in ruil daarvoor hebben ze mij gesponsord. Dat was ook wel leuk om samen met andere leden van het gezin zo’n klus te doen. Ook mijn opa en oma hebben een bijdrage gedaan.’ Vanuit de organisatie van The Tall Ships

Nynke Wiersma uit Nij Beets vaart een maand lang mee op de ‘Sørlandet’.

Races Harlingen hebben de trainees een voorlichting over sponsorwerving gekregen om de trainees van tips te voorzien. ‘Het is wel heel leuk, maar deelname aan alle races kost zeker €3000,-.’ Hoe gaat dat als je eenmaal in Noorwegen op het vliegveld bent aangekomen? ‘Dat mag ik ook zelf regelen. Ik ga ervan uit dat ik met een bus bij de boot kan komen. Er is niet iemand die mij opwacht. Ik zie het wel als ik daar aankom en anders is er vast wel een taxi. Ik red mij wel.’

Wat is ongeveer het vaarplan? ‘Vanuit Kristiansand vertrekken we eerst naar een andere Noorse haven, waarna we de oversteek naar Engeland maken. Daar begint de race.’ Wanneer vertrek je? ‘Op 5 juli stap ik in het vliegtuig naar Noorwegen en dan kom ik op vrijdag 3 augustus terug tijdens de Sail In van The Tall Ships Races Harlingen.’ Heb je er zin in? Plotseling verdwijnt het rustige en zie ik een glinstering in Nynke’s ogen. Haar mondhoeken gaan omhoog en ze balt haar vuisten en zegt: ‘Yes, echt kicken!’

De ‘Sørlandet’ onder vol tuig. Foto: Trygve E. Tønnessen

51


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Ankkuri herstelt profiel en stevigheid

De bolling terug in het zeil Zeilers kennen het probleem allemaal: zeilen die na een paar jaar last krijgen van slijtage en daardoor minder presteren dan nieuw doek. Bij Zeilwasserij Van den Anker in Kerkdriel kunnen ze daar wat aan doen. Met hun Ankkuri-behandeling krijgt het zeil zijn vorm en stevigheid terug, waardoor je er veel langer plezier van hebt.

Bootkappen, sprayhoods, dektenten, ze zien er allemaal weer onberispelijk uit na een reiniging en coating.

In de zeilwasserij in Kerkdriel hebben ze al ruim 25 jaar ervaring in het behandelen en reinigen van zeilen, bootkappen en zonwering. Ze maken je zeil niet alleen onberispelijk schoon, door de vuil- en regenafstotende coating die ze aanbrengen blijft het ook veel langer zo en is het dus onderhoudsarm. Bootkappen, sprayhoods en dektenten kunnen ook bij Van den

Anker afgeleverd worden voor een onderhoudsbeurt. Het is het behoud van het doek, als het tijdig wordt gereinigd en de zeilwasserij heeft het er dan ook druk mee. Per jaar worden een grote aantallen zeilen en bootkappen door Van den Anker behandeld. Ook zonwering voor de horeca, zoals grote parasols van bijvoorbeeld De Efteling, of het Leidsche Plein, worden

in Kerkdriel gereinigd en eventueel behandeld met een brandvertragende coating, waar de klant dan een certificaat bij krijgt. De klanten komen niet alleen uit Nederland, maar uit heel Europa. Van den Anker kan namelijk als enige bedrijf in West-Europa Tall-Ship zeilen tot wel 650m2 reinigen. Daarbij vergeleken is het gemiddelde skûtsjezeil een peuleschil. En alles gebeurt zonder dat er een machine aan te pas komt, omdat machines schade toe kunnen brengen aan het weefsel. Tijdig onderhoud verlengt de levensduur van je materiaal, maar alle watersporters weten dat zeilen na een paar jaar slap worden en minder presteren. Een crime voor eigenaren van skûtsjes, die zich dan genoodzaakt zien om een duur, nieuw tuig aan te schaffen, of tegen wil en dank ‘achteruit’ te zeilen. Frustrerend als de wil er wel is, maar de financiële middelen ontbreken, want skûtsjesilen is duur. Wie de top wil bereiken heeft niet alleen zeiltalent nodig en een snel schip, maar ook een tuig dat in topvorm is. Bij Zeilwasserij Van den Anker hebben ze een behandeling ontwikkeld die maakt dat je aanmerkelijk langer met je zeil toekunt: de Ankkuri behandeling, speciaal voor Dacronzeilen, of laminaatzeilen met tafetta. Bij een Ankkuri Sail Refit regeneratieproces, zoals de behandeling voluit heet, wordt het profiel van het zeil hersteld en de structuur en stevigheid van het

Door de speciale Ankkuri behandeling krijgt het zeil zijn profiel en stevigheid terug en zal weer goed presteren.

weefsel verbeterd. De behandeling start na het ‘gewone’ wassen en drogen. Het zeil wordt aan beide zijden meermalen bewerkt met een speciale coating, waardoor het zeil als het ware gefixeerd wordt. Het wordt dus steviger en krijgt bovendien een regen- en vuilafstotende laag, waardoor het zeil ook veel minder te lijden heeft van het weer. Daar is directeur Wilfred van den Anker best trots op, al verbaast het hem dat wedstrijdzeilers er nog niet in

lijken te geloven. ‘Als een zeil last krijgt van slijtage, verliest het zijn bolling. Je kunt minder hoog aan de wind zeilen en moet bijvoorbeeld bij harde wind eerder reven. Wij kunnen het zeil weer terug in vorm brengen, profiel en stevigheid teruggeven. Wij zijn de enigen die dit kunnen.’ Het kostenplaatje van een Ankkuri-behandeling valt erg mee; het kost €15/m2 en dat is aanmerkelijk minder dan een nieuw zeil.

Voorheen Belser

Hét adres voor professionele reiniging en coating van zeilen, bootkappen, sprayhoods, dektenten en zonwering. Ruim 25 jaar ervaring op het gebied van handmatig wassen en coaten. Vakbekwaam en oog voor detail. Specialist op het gebied van zeilregeneratie.

Ankkuri Sail Refit

‘Wij halen eruit wat erin zit’

Nijverheidsstraat 6H | 5331 PT Kerkdriel | T: 0418-635363 | E: info@zeilwasserijvandenanker.nl | www.zeilwasserijvandenanker.nl

52


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Bertus Stallman levert houtsnijwerk Friso

Wie maakte de leeuw? Vol spanning wachten vader en zoon Bertus en Prangende vraag Titus Stallmann van het familiebedrijf Roosje in De Koninklijke Zeilvereniging Oostergoo uit Grou en de Nederlandse Hindeloopen op de winter. Dan kan de vergulde Maatschappij voor Nijverheid en Hanhoutgesneden leeuw van het Friese Statenjacht del afdeling Leeuwarden kochten in 1953 de bijna zestig jaar oude boeier worden losgemaakt van de roerklik. En dan blijkt voorheen ‘Friso’ om deze voor Nederland te behouden. Ze schonken het hopelijk definitief wie deze heeft gemaakt.

De vergulde leeuw op de roerklik is prachtig, maar wie is de maker van het sieraad?

Het fraai bewerkte mastbord van Statenjacht ‘Friso’ is weer als nieuw.

De 77-jarige Bertus Stallmann, vader van eigenaar Titus Stallmann van de maker van echt Hindelooper Aardeen houtsnijwerk, heeft de afgelopen maanden het edele vak van houtsnijder weer beoefend. Hij maakte op verzoek van skûtsje- en Statenjachtschipper Gerhard Pietersma diverse onderdelen voor de fraaie boeier

‘Friso’, die in 1893-’94 door Eeltje Holtrop van der Zee in Joure werd gemaakt. Opdrachtgever was toen baron mr. Binnert Philip van Harinxma thoe Slooten, Commissaris van de Koningin in Friesland. Een telg uit dit geslacht, mr. P(ieter) A.V. baron van Harinxma thoe Slooten, volgde hem in 1909 op.

jacht aan de provincie, om het voor representatieve doeleinden te gebruiken en uiteraard goed te onderhouden. Bekende skûtsjeschippers als Douwe Tjerkstra, Anne Tjerkstra en Gerhard Pietersma zijn er bemanningslid op geweest. De laatste toonde bij het zestigjarig bestaan vooral belangstelling voor het fraaie houtsnijwerk, waaronder een vergulde mastwortel en een eiken grote en kleine vlaggenstok met fraai verguld snijwerk op de knoppen. Die waren ooit gemaakt door Eberhard Ebertus Stallmann uit Hindeloopen. Zijn kleinzoon Bertus bleek bereid om in de werkplaats van Roosje drie nieuwe vlaggenmastknoppen te maken. ‘Dan ha se ek ien foar it brekken.’ Stallman, die jarenlang commissielid is geweest van de organiserende SKS-commissie van Elahuizen, gebruikt daarbij authentiek schetsmateriaal dat zijn grootvader zestig jaar geleden al gemaakt moet hebben. Blijft de vraag wie de mooie vergulde houten leeuw heeft gemaakt. Volgens de huidige Roosje-eigenaar Titus Stallmann, die al veel onderzoek in archieven en oude kranten heeft gedaan, zou dat best zijn oerpake

Commissaris des Konings Arno Brok neemt een van de vlaggenstokken met nieuwe mastknop in ontvangst.

geweest kunnen zijn. Maar omdat hij het definitieve bewijs niet heeft, wil hij daar niet op vooruitlopen. Daarom zijn vraag: is er iemand die weet of Eberhard Ebertus of een ander de leeuw op het Statenjacht heeft gemaakt? Dan graag een telefoontje naar Hindeloopen, of naar de redactie van deze Skûtsjekrant.

Onthulling

Bertus’ zoon Titus (49) heeft inmiddels de Commissaris des Konings Arno Brok op bezoek gehad, nadat eerder Gerhard Pietersma al een paar keer langs was geweest. Hij weet dat zijn overgrootvader mooi snijwerk aan de onderkant vaak markeerde met zijn initialen en de bedrijfsaanduiding e.e.s. cv-rh. De laatste afkorting staat voor Commanditaire Vennootschap

Roosje Hindeloopen. Misschien staat dit teken aan de onderkant van de leeuw, maar dat kun je pas zien als het sieraad van de roerklik wordt gehaald. En dat kan natuurlijk niet in een druk seizoen dat we nu doormaken, met tal van ceremoniële optredens voor het Statenjacht, onder meer ook in verband met Kulturele Haadstêd 2018, en natuurlijk het Skûtsjesilen van SKS en IFKS. Komende winter, als het mooie jacht weer voor enkele maanden veilig wordt opgeborgen om het weer pico bello in orde te maken, zou wellicht de onderkant van de leeuw goed bekeken kunnen worden. Dan wordt hopelijk ook duidelijk wie deze heeft gemaakt.

Luxe genieten op loungeklipper ‘Avontuur’

Klipper met klasse

Aan de Dokkade in Harlingen liggen vele tweemasters. Charterschepen waarop grote groepen jongeren zich aan het varende leven wagen. Een klipper loopt er echter ver uit, wat uitstraling betreft. Het is de loungeklipper ‘Avontuur’ van ­ Wamme van der Kuip. Het opvallende teakhouten dek hint op de doelgroep van de schipper.

‘Met de ‘Avontuur’ mik ik op de leeftijdscategorie vanaf een jaar of veertig,’ vertelt de schipper. ‘Mensen die relaxed, maar wel in stijl en met comfort, willen varen. Het teakhouten dek geeft een warme uitstraling en met de ligkussens aan dek hebben we aan boord een informele en ontspannen sfeer. Schoenen uit, slippers aan en een mooi glas wijn erbij.’ Het opvallend moderne en lichte interieur doet eerder aan een goede strandtent denken, dan aan een charterschip. Of aan een Grand Café, zo je wilt. Van der Kuip breekt heel doelbewust met het toch wat morsige imago dat aan de ‘bruine vloot’ kleeft. ‘Ik wil mijn klanten een moderne en verzorgde trip bieden, in een schone en informele sfeer genieten van het Wad. Dat kan met groepen tot 22 mensen. Hier aan boord zijn alleen maar 2-persoonshutten, dus dat biedt mensen echt de nodige privacy. Onderweg droogvallen of ankeren en dan de barbecue aansteken, het kan allemaal.’ De ‘Avontuur’ is ook erg geschikt voor kleinere groepen gepensioneerden. Mensen die een passie voor water hebben, maar zelf geen groot jacht meer bevaren, kunnen hun hart ophalen aan boord van de klipper, waar ze eventueel mee mogen helpen tijdens het varen. ‘Gepassioneerd zeilen doen we graag, maar tegelijk merk ik dat de wat oudere doelgroep het zwaarste werk liever door een elektrische lier laat doen. Daar vinden we in samen-

spraak altijd een juiste balans in.’ De ‘Avontuur’ kan volledig verzorgd gehuurd worden, dus ook met catering. Daarvoor heeft Van der Kuip verschillende cateraars achter de hand, al naar gelang de wensen van de groep. Wamme van der Kuip verhuurt zijn schip wel voor dagtochten, maar maakt toch hoofdzakelijk langere trips op het Wad. Daarbij probeert hij de grootste drukte te vermijden. Als er een hele grote groep charterschepen de haven van Terschelling aandoet, stuurt Van der Kuip zijn ‘Avontuur’ liever richting een zandbank om daar droog te vallen en de nacht over het Wad te zien vallen, want dat verveelt nooit.

Loungeklipper ‘Avontuur’ Wamme van der Kuip 06 – 14395708 www.klipperavontuur.nl

SNEL ZEILSCHIP De ‘Avontuur’ liep in 1911 bij Boot in Leidschendam van de helling onder de naam ‘Wij gaan Voorbij’ en is met haar 31,50m bij 5,50m een rank schip, dat het water wel los wil laten. Een feest voor de schipper, die graag even mag kijken of hij de andere schepen voorbij kan zeilen en zich ook geregeld op wedstrijden laat zien. De Brandarisrace met opstappers en het Beurtveer met een professioneel team, laat Van der Kuip nooit aan zich voorbij gaan. De ‘Avontuur’ kan dan goed met de snelsten mee. ‘Ze gaat in echt in de kimmen hangen en schiet vooruit. Als je werk maakt van de trim, is ze erg snel,’ aldus de ­eigenaar.

53


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Ontdek en ervaar • • • • • •

Motorjachten Staalbouw Openboten, sloepen, tenders Accessoires Recreatie/funpaviljoen Klassieke schepen

8 t/m 13 februari 2019 WTC Expo Leeuwarden www.boot-holland.nl

Heliconweg 52 - Leeuwarden (Ingang West - Slauerhoffweg) - Tel. 058 2941 500 - info@wtcexpo.nl

54


Skûtsjekrant 2018

W W W. S K U T S J E . N L

Ontdek Fryslân vanaf het water Zeilen in een platbodem alleen weggelegd voor doorgewinterde zeilers? Helemaal niet! De platbodemliefhebbers van Wellekom Watersport in Woudsend zijn van mening dat iedereen met zeilervaring in valken en/of kajuitzeilboten ook kan zeilen met een platbodem. Wellekom Watersport maakt zeilen op een platbodem voor iedereen laagdrempelig toegankelijk. Het schip wordt rustig aan u overgedragen en u krijgt er een uitgebreide instructie bij. Aan `onervaren` zeilers wordt veel aandacht besteed aan het manoeuvreren op de motor en het gebruik van de zwaarden, zowel in theorie als in de praktijk. Persoonlijke cursussen zijn ook mogelijk. De zeer verzorgde verhuurvloot van Wellekom bestaat uit kleine en grote platbodems (van 7 tot 13,5 meter) in verschillende types zoals grundels, zeeschouwen en lemsteraken.

De Zwaan 8 8551 RK WOUDSEND (Friesland) Telefoon +31 (0) 514 – 59 28 00 Mobiel +31 (0) 6 – 29 27 30 37

Vakantie vieren op de mooiste plekken !

www.wellekom-watersport.nl info@wellekom-watersport.nl

Platbodemverhuur

Lemsteraken Zeeschouwen

Schokkers Grundels

voor vakanties en dagtochten

SILERSAGENDA 2018 AUGUSTUS

22 en 23 Hylper Hurdsilerij, Hindeloopen

SEPTEMBER

27 juli tm 5 augustus Skûtsjewike Grou www.skutsjewike.nl

29 augustus t/m 1 september Harlinger Visserijdagen www.visserijdagenharlingen.nl

3 t/m 6 Tall Ships Races, Harlingen www.thetallshipsracesharlingen.n

8 Amateurzeilen SKS, Sneek www.skutsjesilen.nl

OKTOBER 6 en 7 Friese Hoek Race, Lemmer www.ifks.frl

3 t/m 12 Sneekweek www.sneekweek.nl

1 en 2 Skegrace, Lemmer www.zevenwolden.nl

4 t/m 17 SKS Kampioenschap www.skutsjesilen.nl

6 t/m 9 Admiraliteitsdagen, Dokkum www.admiraliteitsdagen.nl

18 t/m 25 IFKS Kampioenschap www.ifks.frl

15 en 16 SKK, Skûtsje Kortebaan Kampioenschappen http://skk.histos.nl

24 en 25 24-uursrace Medemblik www.24uurszeilrace.nl

15 en 16 Skûtsjesilen yn ‘e Wâlden, Burgumermar www.skutsjesilenynewalden.nl

6 IFKS Slotdag, Heeg www.ifks.frl

Ontwerp/vormgeving Kees Klip

Redactie Martsje de Jong Klaas Jansma

20 en 21 Brandarisrace, Harlingen www.kuiperbrandarisrace.nl

Acquisitie Eddie Ferbeek Coördinatie Martsje de Jong

Websites www.skutsje.nl www.ifks.nl www.skutsjesilen.nl www.skutsjehistorie.nl www.facebook.com/skipperspraat

Druk Hoekstra Krantendruk Emmeloord ISSN 1874-0073 NB: Niets uit deze uitgave mag zonder toestemming van de uitgever worden overgenomen.

Colofon

James Wattstraat 4 8912 AR LEEUWARDEN Tel 058 284 94 10 www.uitgeverijpenn.nl info@uitgeverijpenn.nl

Fotografie Tom Coehoorn Kees Klip

20 en 21 Roekoepôlle Race, Sneek www.sneekweek.nl

20 tm 28 Strontrace, Beurtveer en Visserijdagen, Workum www.strontrace.nl

21 en 22 Jeugdzeilen, Pikmeer, Grou www.skutsjehistorie.nl/jeugdzeilen

De Skûtsjekrant is een uitgave van

22 en 23 Kampioenschap Nije Fryske Sylpream, Langwar www.denijesylpream.nl

55


Skรปtsjekrant 2018

56

W W W. S K U T S J E . N L

Skûtsjekrant 2018 Zomer-editie  
Skûtsjekrant 2018 Zomer-editie  
Advertisement