{' '} {' '}
Limited time offer
SAVE % on your upgrade.

Page 1

Magazine voor actuele Outsider Art

Jaargang 4 nummer 1 mei 2009 prijs â‚Ź 7,95

Thema: transport


Voorwoord

Out of Art is een uitgave van Amsterdam Art Metropole onder auspiciën van AM Foundation en verschijnt twee keer per jaar. Out of Art Postbus 75158, 1070 ad Amsterdam Telefoon 020 - 675 63 00 www.out-of-art.nl Werkgroep Out of Art 7: Frits Gronert, Karin Verboeket (hoofdredacteur), Phia Verstraete en Huib van den Wijngaard Aan dit nummer werkten verder mee: Armando, Ans van Berkum, Nico Bierlaagh, Larisa Glushtrom, Pamala Rogers, Jack Vreeke Samenvattingen: Karin Verboeket Vertalingen: Language Unlimited, Utrecht Vormgeving: Van Rosmalen & Schenk, Amsterdam Druk: Drukkerij Tesink, Zutphen Omslagfoto: Leon Hermans Omslagbeeld: Jaco Kranendonk, Tram naar IJsselmonde (detail), 2001, acryl op doek, 70 x 100 cm Opgave en vragen over abonnementen: Abonnementenland Postbus 20, 1910 aa Uitgeest Tel. 0900 - 226 52 63 Fax 0251 - 310 405 www.aboland.nl Abonnementen worden automatisch op 1 januari verlengd. Opzeggingen dienen 8 weken voor

afloop van de abonnementsperiode in ons bezit te zijn (uitsluitend schriftelijk). Abonnementsprijs € 15,- per jaar Voor verkooppunten zie www.out-of-art.nl

Niets uit dit magazine mag worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt zonder voorafgaande ­toestemming van de uitgever.

Kunst is altijd in beweging en buitengewoon veel beweging zit ‘m ook in het thema transport. Dit blijkt een onderwerp dat opvallend vaak wordt verbeeld door outsider kunstenaars. In een inleidend artikel probeert Ans van Berkum te verklaren waarom. De Amerikaanse auteurs Pamala Rogers en Larisa Glushtrom, eveneens experts op het gebied van de Outsider Art, schreven over de treinfanatici Susan Brown en James Allen. Deze kunstenaars verbeelden hun passie voor treinen met gevoel voor dramatiek, beweging en detail. Op de omslag prijkt een werk van Jaco Kranendonk, bekend om zijn wervelende, kleurrijke kunstwerken over het vervoer in Rotterdam. Ook besteden we aandacht aan Han Ploos van Amstel met zijn kleurpotloodtekeningen van auto’s, treinen en bussen, aan Laan Irodjojo die vanuit een fotografisch geheugen onder meer majestueuze schepen vastlegt en aan de jonge Merlijn Korner met zijn tekeningen van snelle auto’s. De Belgische Serge Delaunay maakt lineaire, technische tekeningen van auto’s en raketten. De Mexicaan Martín Ramírez tenslotte uitte zijn verlangen naar zijn geboorteland door het tekenen van treinen, auto’s en paarden. Het is met gepaste trots dat we onze lezers in dit nummer kennis laten maken met de grote verzameling tekeningen die Armando uit “pure hebzucht” bijeen bracht. Evenals veel andere hedendaagse kunstenaars voelt ook hij zich aangetrokken tot de kwaliteit in het werk van outsiders. We interviewden de meester thuis. In het Deense Gaia Museum werd de oprichter Dorte Eiersbo ondervraagd. Het museum wil voor de Outsider Art met steun van de Europese Unie een internationaal centrum worden. Verder spraken we voor de rubriek Ik ben ik, met de eigenzinnige Arnaud Rogard, danser, acteur, keramist en tekenaar in België. Zijn kunst blijkt vergeven van de mystiek. Mystiek, dynamiek, snelheid en beweging zijn de trefwoorden die deze uitgave van Out of Art kenmerken. Laat u overrompelen en meevoeren door de kunst. Met volle kracht vooruit want stilstaan is immers achteruitgang. Karin Verboeket, hoofdredacteur

© 2009

Out of Art 8 verschijnt december 2009 met een themanummer over dieren.

2

OUT OF ART MEI 2009

10

18

24


28

23

4 Thema: transport

4

Macht en genot; inleiding tot het thema transport Transport heeft een grote aantrekkingskracht op veel ­outsider kunstenaars. Ans van Berkum licht het waarom toe en denkt aan macht, genot en menselijk vernuft.

9

Eindeloze series op vier wielen; Han Ploos van Amstel Alle voertuigen staan netjes op een rij. Compleet met ­zijspiegels, bumpers en kentekenplaatjes.

17

Reizen van verlangen; Martín Ramírez Vol van heimwee tekende de Mexicaan Ramírez vanuit een Amerikaans hospitaal treinen, auto’s en paarden als ­vervoersmiddel om thuis te komen.

18

Op het juiste spoor; Susan Browns kunst Elke treinreis biedt Susan Brown nieuwe inspiratie. Pamala Rogers over een bestaan, geworteld in het maken van kunst.

23

Fotografische beelden; Laan Irodjojo Met zo’n fotografisch geheugen en zo’n trefzekere hand blijven gum en liniaal achterwege. Een schip vereeuwigd in acryl.

28

James Allen; dagdromen van treinen en techniek Larisa Glushtrom is gefascineerd door de combinatie van droombeelden en techniek met treinen in de hoofdrol.

36

De kracht van techniek; Serge Delaunay Lineaire tekeningen van auto’s, raketten en technische ­onderdelen. Delaunay repareert en assembleert.

37

Remklauw voor en achter; Merlijn Korner Ronkende transportmiddelen in een wereld van remklauwen en stroompakkerds.

38

Jaco Kranendonk; kapitein van havenstad Rotterdam Alles rond het Rotterdamse openbaar vervoer ligt opgeslagen in het geheugen van Kranendonk. Kleurenpracht in dikke klodders verf.

Rubrieken

10

Ik ben ik; Arnaud Rogard Het koningsgevoel Arnaud Rogard is een veelzijdig kunstenaar. Hij danst, acteert, tekent, dicht en maakt beelden van keramiek. Zelf zegt hij hierover “Arnaud moet maar met zijn vingers knippen en het beeld ontstaat vanzelf in zijn hoofd”.

24

The place to be; Gaia Museum in Denemarken Outsider Art verdient een plek In gesprek met de oprichter van een museum dat er niet als zodanig uit wil zien en dat de ambitie heeft uit te groeien tot spin in het web van de internationale Outsider Art.

30

Eindeloze begeerte; Armando Ik wil helemaal niet verzamelen Out of Art interviewde Armando. Niet over zijn eigen werk, maar over de tekeningen die hij verzamelt. Werk van outsider kunstenaars boeit hem “omdat het vaak origineel is en dat zie je meteen”.

35

Column: Karin Verboeket Vroemmm…

42 43 44

Agenda English summary Jack Vreeke’s Art Car Company

OUT OF ART MEI 2009

3


Thema: transport tekst: ans van berkum foto’s: museum dr. guislain en leon hermans

Macht Inleiding tot het thema transport

en genot

Jimmy Roy Wenzel (1959) is gek van treinen. Vanuit Friesland waar hij woont naar de familie in Nuth ­reizen, vormt voor hem het opper­ ste geluk. Het treinraam bakent een stukje van de wereld voor hem af. Hoe hard dat ook aan hem voor­ bij trekt; het wordt behapbaar. Zijn enthousiasme vindt zijn neer­ slag in tekeningen waarin treinen met een fantastische vitaliteit door het beeldvlak schieten. Knalgeel, ruwweg zwart omlijnd, staan ze afgetekend tegen de ­groene weiden en de blauwe lucht. Maar er zijn ook werken waarin zijn fascinatie op een indirecte manier verwerkt is. Je kunt namelijk niet altijd in een voortrazende trein ­zitten. Die arriveert, en dan is het

uit met dat heerlijke gevoel. Als je dan zelf een treinraam fabriceert en dat raamwerk voor je gezicht houdt, duurt het genot nog even voort.* Roy Wenzel voert dat slimme idee uit, en wandelt er tevreden mee rond. Uiteindelijk identificeert hij zich in zijn tekeningen zodanig met het raam, dat het de plaats inneemt van zijn gezicht. Zijn hoofd wordt een gat, afgebakend door het rozerode kozijn. Hij lijkt te schreeuwen en te lachen tegelijk. Zijn haar staat als een borstel overeind. Roy vereenzelvigt zich met de trein. Zijn blonde nichtje Inge die altijd met een taxi komt, versmelt in zijn tekeningen met dat voertuig. Ter hoogte van haar heupen steekt Roy de zwarte carrosserie in. Soms laat hij haar oprijzen uit een massa

auto’s, zwaaiend met haar pump. Roy-als-trein staat in de achtergrond, met een stukje treinwagon opzij. Categoriseren

Zijn fascinatie voor treinen, auto’s, vliegtuigen en alles wat daar om heen hangt deelt Roy met veel andere kun­ stenaars uit de outsider categorie. Waarom dat zo is kunnen we alleen maar raden. Heeft het thema aantrekkingskracht als symbool van macht en menselijk vernuft? Leent het zich bij uitstek om de drang tot ordenen en categoriseren die outsider kunstenaars kenmerkt, te bevredigen? Als je het werk van Han Ploos van Amstel (1926) ziet ga je bijna in dat laatste geloven. Hij tekent met kleurtjes, potlood en p Willem van Genk Centraal Station Amsterdam, 1950 - ’66 Gemengde techniek op papier, 130 x 106 cm Stichting Collectie De Stadshof Museum Dr. Guislain, Gent

4

OUT OF ART MEI 2009


p

OUT OF ART MEI 2009

5


een beperking. Daarnaast schrijft hij gedichten. In Nederland werd hij tijdens een poëziewedstrijd vooral bekend met ‘Arnaud heeft hemel en aarde geschapen’. In atelier De Zandberg is hij dagelijks met grote toewijding bezig met tekenen en het boetseren van grote beelden in klei. Arnaud en zijn werelden

Het is zelfs voor de meest nieuwsgierigen niet mogelijk om volledig mee te gaan in de fantasiewereld van

Arnaud Rogard Wintertijd, 2007 Kleurpotlood op papier, 21 x 29,7 cm

12

OUT OF ART MEI 2009

Arnaud Rogard Wintertijd, 2008 Keramiek, hoogte 42 cm

Arnaud Rogard. Slechts fragmentarisch vertelt hij over de nieuwe wereld die hij schept en waarvan alleen hij bepaalt hoe die er uit moet zien. Zo omschrijft hij zijn werkelijkheid als “… een veilige, vredige plaats. Alle mensen mogen er wonen. Cafeetjes zijn er in overvloed. Rogard heeft er geen verdriet en is er vooral gelukkig. Soms vliegt hij met een vliegtuig over die wereld”. Een enkele keer spreekt hij over “de oude wereld”, maar wie daar woont en wat zich daar afspeelt, blijft vaag.


Arnaud heeft hemel en aarde geschapen Arnaud heeft Hemel en aarde geschapen. Maandenlang, Een jaar. Arnaud Houdt van alles en doet. God Heeft hem geholpen. En dat voor de rest Van Arnauds leven. De vissen heeft Arnaud Door mekaar Leren laten zwemmen. Het mooiste wat Arnaud heeft gemaakt Was om te tekenen En hij heeft het getekend! Hij maakte eveneens Iets uit de klei. Het was zo zacht Als gehakt.

De directe omgeving noemt deze bescheiden man vooral “eigenzinnig”. Zijn idee over een nieuw te maken object geeft Rogard van tevoren nooit prijs en hij is al helemaal niet in voor goedbedoelde suggesties, van wie dan ook. Alleen in zijn gedichten en verhalen licht hij soms een tipje van de sluier op. In het eerder genoemde gedicht ‘Arnaud heeft hemel en aarde geschapen’, biedt hij de lezer meer informatie over zijn wereld dan wanneer iemand er direct naar vraagt. Zijn behoefte

op te treden als regisseur van zijn eigen realiteit, loopt als een rode draad door zijn poëzie. Huizekes

Bijna elke dag is Rogard te vinden in het keramieklokaal van De Zandberg. Hij werkt er met veel aandacht buitengewoon secuur aan zijn objecten van klei. In dit zachte materiaal kan hij treffend uitdrukken waar zijn verbeelding hem steeds toe aanzet. Sommige objecten lijken op hybride wezens uit de Klassieke Oudheid, ze p

Arnaud Rogard Kruidenierswinkeltje, 2008 Keramiek, hoogte 40 cm

OUT OF ART MEI 2009

13


Dansen als een vogel

Rogard vertelt zijn verhaal op vele manieren. Door de sterke expressie van zijn dansbewegingen en door zijn fiere houding is hij in staat de toeschouwer direct te ontroeren. Hij danst graag maar geeft niet thuis als hem de inhoud van een dans of performance wordt aangereikt. Suggesties wijst hij nadrukkelijk van de hand. Arnaud Rogard danst zijn eigen dansen in opperste concentratie. “Soms ben ik een vogel en de andere keer een beeldhouwer”, zegt

hij. Dansen voor publiek doet hij graag maar hij verliest de toeschouwers meteen uit het oog zodra hij in zijn eigen universum op gaat. Het publiek geniet maar welk doel achter de rijke fantasie schuil gaat, blijft in nevelen gehuld, iets dat wellicht juist een van de aantrekkelijkste kenmerken van zijn optreden vormt. Rogards fantasie blijkt een onuitputtelijke bron voor creativiteit en een prachtig uitgangspunt voor zijn verhalen. De lijst van projecten en publicaties groeit. Hoewel hij in

Arnaud Rogard Stalletjes, 2009 Keramiek, hoogte 26 en 22 cm

16

OUT OF ART MEI 2009

kleine kring bekendheid geniet, blijft Rogard bescheiden onder het applaus. In zijn innerlijke wereld speelt hij de rol van de man die alles onder controle heeft. Mijn laatste poging daarover nog iets meer te horen, maakt hem verveeld en hij zegt “Schrijf het allemaal maar op. Het is toch nooit echt gebeurd”.

www.artotheek.be


Thema: transport tekst: huib van den wijngaard foto: ellen mcdermott

Reizen van verlangen; Martín Ramírez Martín Ramírez Zonder titel, ca.1960 - ’63 Gemengde techniek op papier, 29 x 107,5 cm Particuliere collectie

Het geheel eigen handschrift van de Mexicaanse autodidact Martín Ramírez (1895-1963) is alle aandacht waard. Zijn kleurrijke kunst herinnert aan de warmte en het levensritme van zijn geboorteland. Je zou denken dat deze fantastische werken gemaakt zijn in opperste staat van vreugde en gemoedsrust. Niets is minder waar. In 1925 verlaat Ramírez Los Altos de Jalisco om in Californië werk te zoeken. Het geld dat hij onder andere in de mijnbouw verdient, stuurt hij naar zijn gezin dat in Mexico achterblijft. Tijdens de economische depressie van de jaren dertig wordt Ramírez echter werkloos. Niet in staat in het Engels te communiceren, raakt hij totaal verward en geïsoleerd. De diagnose catatonische schizofrenie ‘rechtvaardigt’ een

opname in het psychiatrische ziekenhuis Stockton State Hospital. Hier start een leven binnen instituten en doet hij enkele mislukte ontsnappingspogingen. Totaal gesepareerd van huis, familie en vrienden spreekt hij meer dan dertig jaar nauwelijks met een ander. Zijn ‘life line’ wordt het maken van kunst. Steeds terugkerende onderwerpen zijn de trein, de auto en het paard. Ramírez vlucht in zijn eigen beeldtaal en werkt op zelfgemaakte ondergronden van gevonden snoeppapiertjes, ansichtkaarten, platgedrukte papieren kopjes, bedrukte bladzijden, alles tot grote formaten aan elkaar geplakt met zelfgemaakte lijm. Ondanks de vele beperkingen weet hij de Mexicaanse sfeer op te roepen die hem dichter bij huis brengt. Repeterend

met steeds dezelfde motieven, kleuren en onderwerpen droomt hij van werkstuk naar werkstuk. Treinen rijden de ene tunnel in en de andere tunnel uit. Op papier ontstaan reizen van verlangen. In 1950 ontdekt professor Tarmo Parbo het talent van Ramírez. Hij verschaft hem materialen en organiseert de allereerste exposities. Opvallend is dat Ramírez nooit werd geïnterviewd. Het blijft dan ook de interpretatie van derden als we ons afvragen waarom hij zo gefascineerd was door transport; door treinen, auto’s en paarden. Mijn verklaring is dat hij droomde van thuis en op deze wijze kon ‘reizen’ om te overleven, zonder het zelf te beseffen.

www.folkartmuseum.org

Martín Ramírez Zonder titel, ca. 1960-1963 Gemengde techniek op papier, 43 x 198 cm American Folk Art Museum, New York, bruikleen familie Dr. Max Dunievitz

OUT OF ART MEI 2009

17


Op het juiste spoor; Susan Brown Taxi’s op Madison Square Garden, 2007 Gemengde techniek op karton, 40 x 50 cm

18

OUT OF ART MEI 2009


Thema: transport tekst: pamala rogers foto’s: pure vision arts

Susan Brown (1957) wordt heel vroeg in de ochtend wakker, rijdt zelf naar het treinstation op Long Island en neemt daar de trein naar Manhattan. Vervolgens reist ze verder met de metro naar het New Yorkse Pure Vision Arts om daar acht uur lang te gaan schilderen. Zowel de heen- als de terug­ reis neemt ongeveer drie uur in beslag. Vaak komt ze met een enthousiast ­verhaal over haar reis binnen. De rest van de dag brengt ze door met over­ vloedig praten en schilderen. Haar interesse voor treinen is een obsessie en staat in haar leven op de eerste plaats. Susan vindt het heerlijk om met de trein te reizen en treingeluiden en stationsmededelingen na te doen. Ook is ze gek op de televisieserie ‘Soul Train’ en het liedje ‘Love Train’ van de O’Jays. De geluiden van haar treinreis heeft ze zelfs opgenomen om er puur voor haar plezier steeds opnieuw naar te luisteren. Het is dan ook geen verrassing dat ze haar liefde voor treinen graag door middel van kunst met anderen wil delen. Structuur en routine

Susan was altijd al geïnteresseerd in ­personenauto’s, maar ze begon ze pas te schilderen toen ze op haar 21ste met het

behalen van haar rijbewijs een mijlpaal in haar leven had bereikt. Nadat ze zelfstandig met de trein naar Manhattan begon te ­reizen, volgde ze al snel haar wens om ­treinen te tekenen. De iconografie van haar werk bestaat onder meer uit de vele auto’s die zij door de jaren heen heeft gehad en uit verschillende treinen en metro’s waarmee ze heeft gereisd. Op weg naar Pure Vision draagt Susan altijd een fotocamera bij zich, waarmee ze onderweg al duizenden foto’s heeft genomen van het rijdende verkeer, de treinen, metro’s en spoorwegen. Deze foto’s staan in haar geheugen gegrift en worden vertaald naar de losse en lyrisch gestileerde multimediale beelden, die momentopnames uit haar leven voorstellen. Veel mensen met autisme, zoals Susan, varen wel bij structuur en routine. Treinen rijden volgens een vast schema, zijn consistent en werken op een heel concrete manier. Susan vertelt dat ze geniet van de geruststellende en zich herhalende schommelingen en mechanische geluiden van treinen. Ze vertelt hoeveel lichtjes er in de tunnel waren, hoe vaak de trein tijdens haar reis heeft gefloten en in welk model ze zat. Professor Simon Baron Von Cohen van de universiteit van Cambridge is een expert

op het gebied van autisme. Volgens hem zijn kinderen met autisme gek op treinen en andere voertuigen, omdat ze graag dingen ordenen en van voorspelbare, op regels gebaseerde systemen houden. Aan autisme ligt het vermogen om moeiteloos met systemen om te gaan ten grondslag. Systemen veranderen niet. Sociale systemen zijn voor mensen met autisme echter wel moeilijk te doorgronden, omdat ze wel degelijk veranderen en dus onvoorspelbaar zijn. Portret van een leven

Bij Pure Vision Arts, overigens ook een sociale gemeenschap, worden gelijkgezinde kunstenaars gestimuleerd om zichzelf te zijn en kunst te creëren. Op 51-jarige leeftijd is Susan een getalenteerde autodidactische kunstenares. Haar werk heeft behoorlijk wat aandacht gegenereerd en is in diverse particuliere- en bedrijfscollecties opgenomen. Ook worden haar schilderijen regelmatig tentoongesteld in de Verenigde Staten en in Europa. Als kunstenares begint ze nu pas echt goed op stoom te komen. In het voorwoord van de publicatie ‘The Art of Susan Brown’ schrijft Esther Cohen van The Bread and Roses Cultural Project “Susan Brown leer je via haar schilderijen kennen. Ze zijn op veel verschillende p

Susan Browns kunst OUT OF ART MEI 2009

19


en vol improvisatie, net als de haar geliefde jazz. Dieptewerking en verkorting verwerkt ze moeiteloos in de stads­gezichten, spoor­ weg­formaties, unieke tunnelhoeken en per­ spectieven die in haar kunst tot leven komen. Cheryl Rivers, volkskunstwetenschapper en verzamelaar van het werk van Susan Brown, schreef “Susan Brown laat ons de dingen op een nieuwe manier bekijken. Haar rijke schilderijen van veerboten, trein­ stations en stadsgezichten zijn ge­trouwe en warme voorstellingen. Hoewel de schil-

Susan Brown De personenauto’s, 2008 Gemengde techniek op doek, 40 x 50 cm

22

OUT OF ART MEI 2009

derijen van Brown impressionistisch zijn, bieden ze ons toch een wonderlijke, originele reconstructie van de wereld en nodigen ze ons uit om die wereld voor de eerste keer te aanschouwen”. Het verhaal van Susan Brown werpt een licht op de creatieve geest van een eigentijdse autodidactische kunstenares die met autisme leeft. Daarnaast verschaft het ons een bijzonder inzicht in haar unieke en fascinerende kijk op het leven en de wereld om haar heen.

Pamala Rogers is directeur van The Shield Institute Pure Vision Arts studio in New York City, een atelier voor kunstenaars met autisme en andere ontwikkelingsstoornissen

www.purevisionarts.org


Thema: transport tekst: frits gronert foto’s: leon hermans

Fotografische beelden; Laan Irodjojo Na een schoolreisje naar de Rotterdamse haven werd het beeldende talent van Laan Irodjojo (1969) ontdekt. Terug op school tekende hij op verschillende vellen papier alle kranen, schepen en kades die hij die dag had gezien. Moeiteloos. Zo uit zijn geheugen. Als autist met het savantsyndroom kan Laan bogen op een bijzonder scherp waarnemingsvermogen en een fotografisch geheugen. Zijn favorieten onderwerpen zijn schepen, vliegtuigen, treinen, bruggen en ook gebouwen. Laan tekent ze snel, altijd kaarsrecht, zonder liniaal maar met een natuurlijk gevoel voor verhoudingen en perspectief. Wie door zijn schetsboek bladert ziet dat hij in zijn voorbereidende potloodschetsen nooit een gum gebruikt. Alle lijnen worden trefzeker en in één keer neergezet. Recent maakte Laan een serie tekeningen en doeken van het enorme passagiersschip de Queen Mary, een kolos die in 2007 enkele dagen lag afgemeerd in de Rotterdamse haven. Op de kade bij de Holland Amerika Lijn schetste hij het schip om het vervolgens in acrylverf uit te werken op papier en doek. Als hoofdkleuren koos hij zijn favoriete koelblauw en grijs, laag over dunne laag aangebracht. Vrijwel zonder correctie. Tot slot kaderde hij zijn kleurvlakken af met een zwarte lijn. En daar ligt ze dan in volle glorie, de Queen Mary. Tot op de millimeter past ze op het gekozen formaat. Het is opvallend. Waar de meeste kunstenaars met een fascinatie voor vervoer geraakt worden door de dynamiek en de beweging, lijkt Laan de passie voor dit thema juist te vinden in het stille, het monumentale van een trein of een boot.

www.herenplaats.nl Laan Irodjojo Queen Mary (deel 1 t/m 3), 2006 Acryl op papier, 70 x 100 cm

OUT OF ART MEI 2009

23


The place to be; Gaia Museum in Denemarken tekst en foto’s: frits gronert

Hij sprak over klassiekers als Adolf Wolfli en Madge Gill maar ook over jonge kunstenaars zoals Pascal Verbena, Anne Grgich en Ody Saban. Bovendien ging Rhodes in op kunst van outsiders uit instituten, waaronder Judith Scott, Anny Servais, Paulus de Groot, Roy Wenzel en Laan Irodjojo. Hij toonde de hoge kwaliteit van hun werk aan en sloot af met de wens dat Outsider Art niet ten onder zal gaan binnen de dominantie van de heersende kunstuitingen. Velen zijn het met Rhodes eens dat de Outsider Art een formele plek binnen de kunstgeschiedenis dient te krijgen om zich zo in alle schoonheid verder te kunnen ontplooien.

verstandelijke beperking. In 1997 ­kregen we subsidie vanuit de overheid en werd ik voorzitter van de Landsforeningen for Kunstskoler for Uduklingshaemmede, een nationale vereniging voor kunstonderwijs voor mensen met een beperking. We organiseerden de nationale tentoonstelling Art Aparte 1 die wegens groot succes, werd opgevolgd door Art Aparte 2 waarbij deelnemers uit dertien verschillende landen hun werk exposeerden. Door deze tentoon­ stellingen ontdekten we het enorme talent van al deze kunstenaars, iets dat mij enorm motiveerde een ­museum met en voor deze kunst op te richten.

Outsider Art verdient een Op 6 en 7 oktober 2008 stond het Deense Gaia Museum in het teken van een Europees project over Outsider Art. Een van mijn mede­ sprekers tijdens de conferentie was professor Colin Rhodes, verbonden aan de faculteit kunstgeschiedenis van de universiteit van Sydney, auteur van het boek ‘Outsider Art Spontaneous Alternatives’ * en publicist voor onder andere Raw Vision. Onder de titel ‘The Scope and Usefulness of Outsider Art’ gaf hij een lezing over de ‘inclusions and exclusions‘, ofwel de grenzen van de kunst en over de plek die Outsider Art in neemt binnen de hedendaagse kunst en cultuur. Bij de opening van een tentoonstelling in het Gaia Museum

24

OUT OF ART MEI 2009

Oprichting Gaia Museum

De conferentie in het Gaia Museum in Randers bood een goede aanleiding de initiatiefneemster en oprichtster, Dorte Eiersbo te interviewen. Zij vertelt “Het idee om een museum voor Outsider Art op te richten is langzaam gegroeid. Het begon te kriebelen toen ik in 1995 een kunstopleiding opzette voor kunstenaars met een

In september 2002 begonnen we echt. In die tijd konden we van de gemeente geld krijgen om banen te creëren voor mensen met een ­verstandelijke beperking. Binnen de stichting begonnen we met een staf van negen vaste mensen. Momen­teel biedt het museum werk aan 32 mensen met een verstandelijke beperking. p


plek


Thema: transport tekst: larisa glushtrom foto’s: project onward chicago

James Allen; dagdromen van treinen en techniek Toen ik de treintekeningen van James Allen voor het eerst onder ogen kreeg, deden ze me direct denken aan de lange treinreizen die ik als kind met mijn ouders in Oekraïne maakte. Ik weet nog hoe zeer ik me bij het zien van zijn schetsboek verbaasde over hoe precies, gedetailleerd en zelfs obsessief deze tekeningen zijn. En als je daarbij bedenkt dat Allen ze uit het blote hoofd maakt; fascinerend. James Allen leerde ik in 2005 kennen tijdens mijn stage bij Project Onward in Chicago. Hij luistert op zijn koptelefoon naar muziek en is het liefst alleen in een kleine studio, apart van de grote ruimte waar de anderen werken. Hij wil zich volledig kunnen concentreren en straalt het zelfvertrouwen uit van een doorgewinterde kunstenaar die altijd weet waar zijn volgende kunstwerk over gaat. Hij is dromerig en stil maar neemt alles nauwkeurig in zich op. Zijn kunst lijkt complexer en ontwikkelder dan van de meeste andere kunstenaars die hier werken. Obsessie met treinen

James begon op zijn zesde te tekenen, geïnspireerd door zijn oudere broer. “Ik heb geen opleiding gevolgd. Ik heb mijzelf alles geleerd. Ik was altijd enthousiast over treinen, dus toen ik begon met tekenen, dacht ik ‘waarom zou ik ze eigenlijk niet gewoon vastleggen op papier’?” James kwam bij Project Onward via Gallery 37, een project voor jonge mensen die er de kans krijgen een kunstopleiding te ­volgen en een baan in de kunst te vinden. Mentoren helpen de ­jongeren bij het vinden van een betaalde leerwerkplek. “Ik was in 2004 voor het laatste jaar deelnemer van Gallery 37 Center for the Arts omdat ik 21 werd. Toen leerde ik Mark Jackson (een van de studio­­directeuren van Project Onward) kennen. Hij was nieuws­ gierig naar mijn obsessie met treinen en de gedetailleerdheid van mijn tekeningen. In de herfst werd ik deelnemer van Project Onward.”

James Allen Laatste dag van de Great Budd M1, 2009 60,5 x 46 cm, kleurpotlood en stift op papier Morrison Knudesen 3200 series Chicago, 2009 25 x 19 cm, kleurpotlood en stift op papier Classic TGV, 2008 41 x 53 cm, kleurpotlood en stift op papier

28

OUT OF ART MEI 2009


Daar heeft James nu de beschikking over een werkplek, kunst­ benodigdheden en professionele ondersteuning. Kunstenaars worden hier in een gemeenschappelijke werkomgeving geholpen om een professioneel oeuvre op te bouwen. Sinds James hier werkt, is zijn kunst in verschillende galeries binnen en buiten Chicago en zelfs in het buitenland tentoongesteld. Complexe beelden

James vindt het stimulerend om in een omgeving te werken waar “… zo min mogelijk herrie is, mijn favoriete muziek op de radio is, ik m’n koptelefoon op heb met muziek die m’n hersens wordt in gedreund, al het andere verstomt en waar ik in m’n eigen wereldje kan leven”. Het formaat waarop James tekent en schildert, varieert van een klein kaartje tot stukken van 1,5 meter bij 1 meter. Dat hangt af van “wat ik in mijn kunstwerk wil vastleggen en hoe gedetailleerd ik te werk wil gaan”. Op mijn vraag hoeveel tijd het kost om zoveel details te tekenen, zegt hij “Ik ben best snel. Over een groot kunstwerk doe ik ongeveer twee weken als ik er acht uur per dag aan werk. Kleinere kunstwerken kosten me hooguit een dag of twee”. James haalt zijn inspiratie uit, zoals hij zegt, “mijn treinreis of wanneer ik aan het lezen of dag­ dromen ben”.

James Allen De grote Duplex Englewood 1947 15 x 26 cm, kleurpotlood en stift op papier

Deze arbeidsintensieve tekeningen ademen een sfeer van volledige beheersing. Ze zijn nauwkeurig gestructureerd en bevatten heldere, onderliggende geometrische patronen. Elke compositie bestaat uit een complex beeld van een trein die door een tunnel of landschap rijdt. Toch weet Allen een bijzonder evenwicht te bewaren tussen vormen die door de mens zijn gemaakt, en in dit geval zijn dat dan voornamelijk treinen, en vormen van organische oorsprong. Zo combineert hij techniek met droombeelden, een balans die wellicht verklaart waarom zijn kunst emoties oproept en beklijft. Als grootste prestatie noemt hij “… dat ik een functionerende, vastberaden kunstenaar ben, die met zijn kunst zijn brood verdient en aan anderen laat zien dat je datgene kunt doen wat je het liefst doet”. Op de vraag wat hem tenslotte het meest trots maakt antwoordt hij “Dan ga ik toch voor de gouaches omdat ik daarin net zo gedetailleerd te werk ben gegaan als in mijn multimediale kunst. De expositie waar ik het meest trots op ben, is ‘Éloge du Dessin’ van maart 2008*. Ik vind het indrukwekkend dat mijn kunst al op mijn 25ste in Parijs is tentoongesteld. Het is heel bijzonder om zoiets mee te maken en hopelijk gaat dat vaker gebeuren”, een wens die ik als bewonderaar van dit oeuvre alleen maar kan ondersteunen. * De tentoonstelling ‘Éloge du Dessin’ was van 24 maart t/m 28 augustus 2008 te zien in Halle Saint Pierre in Parijs. www.hallesaintpierre.org

www.projectonward.org www.egov.cityofchicago.org

OUT OF ART MEI 2009

29


Met het geld, met het beetje geld, kwam de hebzucht Blij verrast was ik met het bericht dat Armando (1929) de redactie van Out of Art toestemming gaf voor een interview over zijn uitgebreide collectie tekeningen, met daarin nogal wat werk van outsiders. Sinds jaar en dag bewon­ der ik deze veelzijdig getalenteerde kunstenaar enorm door de diver­ siteit in zijn werk. Tevoren spraken we echter af het nadrukkelijk niet te hebben over zijn eigen kunst maar over de kunst die hij verzamelt. “Puur uit hebzucht”

Vanaf de bovenste etage van het appartementencomplex waar

Franz Kernbeis Kirche, 1991 Kleurpotlood op papier, 62,4 x 44 cm Oswald Tschirtner Junge Birken, 1973 Gemengde techniek op papier, 17,4 x 12,4 cm August Walla Pavillon 11!, 1998 Gemengde techniek op papier, 16,5 x 29,7 cm

32

OUT OF ART MEI 2009

Armando woont als hij in Nederland is, heb ik een majestueus uitzicht over de weilanden. Weids en schitterend. Binnen staat de woonkamer vol met Afrikaanse beelden, houten wachters om, zoals Armando zegt, “de kwade geesten te verjagen, maar het helpt niet”. Op mijn vraag waar zijn verzamelde tekeningen zich bevinden, haalt hij zijn schouders op. “Al het werk is in een depot in Amersfoort. In het begin hield ik een schriftje bij waarin ik mijn aankopen optekende maar daar is de klad in gekomen. Ik heb geen idee hoeveel het er zijn. Het verzamelen is gewoon pure ordinaire hebzucht. Ik kan het niet laten. Ik verzamel alleen maar tekeningen, ik besluit heel snel ‘die wil ik hebben’. Ik ben zo ontzettend uitgesproken. Ik ben niet consequent maar heb het liefst tekeningen met potlood, in elk geval werken op papier”. Hij begint in een stapel spullen te zoeken en toont een mapje met


Ja, voor amateurs is kunst leuk

foto’s van verschillende ingelijste tekeningen van uiteenlopende ­kunstenaars. Met uiteenlopende thema’s. Allemaal op papier. Mede­ werkers van het Armando Museum inventariseren en documenteren zijn bijzondere en nog steeds groeiende collectie. Ik vraag hem welke outsiders hij interessant vindt. “Ik kocht gewoon tekeningen die ik tegenkwam. Met het geld, met het beetje geld, kwam de hebzucht. Eigenlijk wil ik helemaal niet verzamelen, maar het gebeurt toch, helaas…”. “De belangstelling voor de outsider kunst is pas veel later gekomen. Ik kan mij nog herinneren dat er in Der Spiegel een verhaal stond over Gugging. Toen was ik op de kunstmarkt in Keulen en daar zag ik bij Galerie Suzanne Zander werk van Gugging kunstenaars. Dat vond ik hartstikke mooi. Dat was zo mooi. Toen dacht ik ‘godskolere,

dat is goedkoop!’ Zo is het begonnen, eigenlijk. Daarvoor kocht ik wel andere dingen. Maar dat was het begin van de hebzucht voor de outsider kunst. Ik kocht elk jaar van Zander, twee of drie dingen. Op ‘t ogenblik, de laatste jaren, koop ik voornamelijk bij Galerie Hamer.” Van de Oostenrijkse kunstenaarsgroep Gugging bezit Armando inmiddels begeerlijke tekeningen van Franz Kernbeis (1935), Oswald Tschirtner (1920-2007) en August Walla (1936-2001). p

Armando, in 1929 geboren in Amsterdam, brengt zijn jeugd door in Amersfoort. Hij studeert enkele jaren kunstgeschiedenis en sluit zich aan bij de in 1959 door Jan Henderikse opgerichte Nederlandse Informele Groep, die in 1960 opgaat in de Nederlandse Nul-beweging. Sinds eind jaren zeventig woont Armando afwisselend in Nederland en Duitsland. Naast zijn werk als beeldend kunstenaar en dichter is hij een bekende in de wereld van de journalistiek, het theater en de televisie (o.a. ‘Herenleed’ bij de VPRO). Hij speelde jarenlang als violist in het zigeunerorkest van Tata Mirando en bij zijn eigen Armandokwartet. Armando is een van de weinige hedendaagse Nederlandse kunstenaars aan wie een museum is gewijd. Het Armando Museum Bureau is het projectbureau van het Armando Museum dat eind 2008 afbrandde. Het blijft bestaan tot het moment in 2010 dat het Nieuwe Armando Museum terugkeert in de herbouwde Elleboogkerk in Amersfoort.

www.armandomuseum.nl

OUT OF ART MEI 2009

33


Thema: transport tekst: karin verboeket foto’s: leon hermans

De kracht van techniek; Serge Delaunay Was het leven louter een kwestie van techniek, dan hadden de mensen ‘een goeie’ aan Serge Delaunay (1956). In het bijzondere handschrift dat hem zo eigen is, tekent deze Belgische kunstenaar dagelijks auto’s en ruimtevaartuigen. Hij repareert ze, assembleert ze en vindt ze uit. Het lijkt wel alsof hij zo in staat is zijn eigen levensverhaal te reconstrueren. In zijn tekeningen is dat leven maakbaar en smelten droom en werkelijkheid ineen. Delaunay is een man van weinig woorden maar met een groot voorstellingsvermogen, gevoelig voor wat er om heen gebeurt. Hij observeert en creëert een persoonlijk universum waarin zijn eigen tijd en ritme gelden. Vrijwel autonoom werkt hij aan eindeloze reeksen tekeningen in zwart wit en kleur. Zijn oeuvre groeit en wordt alom gewaardeerd. Naar eigen zeggen werkte hij ooit in een Renault fabriek. We herkennen de onderdelen van deze en andere automerken tot in de kleinste details. In zijn ‘fabrieken van verlangen’ ontstaan steeds nieuwere en betere modellen. Vanuit vogelvluchtperspectief getekende fabrieken staan op verre planeten. Soms ogen zijn werken als striptekeningen of doen ze denken aan illustraties bij technische handleidingen, compleet met dwarsdoorsneden van machines. De tekeningen van de ruimtevaart, zoals van de raketten Ariadne en Apollo ogen futuristisch. In de teksten die zijn werk begeleiden, lezen we dat Delaunay in 5079 zal sterven en dat zijn lichaam dan de gedaante van een technische vogel zal aannemen. Gevoed door de wens alles te laten verlopen zoals het eigenlijk hoort, moet er een specifiek denkpatroon achter zijn kunst ­schuilen. Begrijpen doen wij het niet maar als beschouwer ben je elke keer weer gefascineerd. Met zijn kennis van rijdende en vliegende voertuigen fungeert Delaunay als techneut die een microkosmos schept waarin onderdelen geassembleerd worden tot grotere, betere gehelen. Alsof er nog hoop is voor wie durft te vertrouwen op de techniek. Gebaseerd op ‘Serge Delaunay’, onder redactie van Carine Fol, Art en Marge, Brussel, 2007, ISBN 296.0035.682

www.artenmarge.be Serge Delaunay Mechanique, 1993 Zwarte stift op papier, 71 x 55 cm Rechterpagina Merlijn Korner In de toekomst: “vervoer”, 2006 Pastel en potlood op papier, 40 x 40 cm

36

OUT OF ART MEI 2009


Thema: transport tekst: frits gronert foto’s: leon hermans

Remklauw voor en achter; Merlijn Korner Snelheid, perspectief, diepte en techniek zijn sleutelwoorden binnen het oeuvre van Merlijn Korner (1988). Hij verwerkt deze aspecten in tekeningen waarin futuristische treinen, auto’s, vliegtuigen, raketten en helikopters de hoofdrol spelen. Zijn ronkende transportmiddelen lijken afkomstig uit een andere wereld, een wereld van snelheid en techniek waarin de mens nauwelijks nog voorkomt. Zijn beeldend talent heeft Merlijn naar eigen zeggen van zijn vader die werkzaam was als vormgever van verpakkingen. Van hem leerde hij ook de beginselen van het perspectivisch tekenen. Het liefst werkt hij met potlood, zoals die uit een Caran d’Ache doos met liefst 30 kleuren, nauwgezet gerangschikt naar de volgorde die de kleuren innemen binnen de kleurencirkel van Johannes Itten. Ook gebruikt hij dagelijks grijze tekenpotloden, gerangschikt op hardheid; van 2H tot 9B. Zijn lievelingspotlood binnen deze serie is de HB die door veelvuldig gebruik steevast binnen vijf dagen tot de helft van de lengte slinkt. Het allerliefst zijn hem echter de kleurpotloden uit de metallic lijn van Bruynzeel. Deze technische potloodtekeningen lijken op futuristische ontwerpen uit computer games waarin dan ook teksten voorkomen als ‘Fire Bird, New Body Kit, Steerling Wheel, Spinner, Body Accessoires Games, Butterfly van Amiga, 2 Knight Rider en niet te vergeten, Ridge Racer’. Teksten als ‘High Speed Rail, Randstad Rail, Inter City Express, Holland/Japan, Turbo, Fast/Slow’ verraden enkele van zijn andere favoriete onderwerpen. Details zijn in al zijn tekeningen van groot belang. Zo bevinden de ‘stroompakkerds’ (de elementen op treinen die contact maken met de bovenleiding) zich in een vooraf bepaalde volgorde op de rijtuigen. Recent maakte Merlijn een animatiefilmpje waarin raketten, vuurspuwende kraters en vliegende draken een hap uit onze planeet lijken te nemen. Naast het vertrouwde tekenen biedt de techniek van de computer voorlopig nog voldoende technische mogelijkheden de futuristische wereld van deze ‘snelheidsduivel’ tot leven te brengen. Al is het maar virtueel.


Thema: transport tekst: frits gronert foto’s: leon hermans

Jaco Kranendonk; kapitein van havenstad Rotterdam Al bladerend door het persoonlijke fotoalbum van Jaco Kranendonk (1951), vertelt broer Evert over vroeger. “Als we op vakantie gingen, huurden we vaak kano’s en gingen het water op. Zelf was ik druk in de weer met de ­peddels, maar Jaco zat stil voor zich uit te staren; het was geen kano, maar een bus of tram, misschien was het wel een schip dat de haven uitvoer met Jaco als kapitein”.

het gestencilde blaadje van de ret, waar elke botsing en beschadiging van tram en bus in beschreven stond, werd door Jaco gespeld. Tot de dag van vandaag is hij nog steeds exact op de hoogte van het wel en wee van de ret. Jaco’s moeder was blij dat haar zoon tenminste een ‘normale hobby’ had, immers in zijn belangstelling voor het openbaar vervoer staat Jaco zeker niet alleen. Stadsdynamiek verbeeld

Fascinatie

Jaco groeide op tussen de schepen in het havengebied op de Heijplaat, waar zijn vader chef was op de smederij van de Rotterdamse Droogdok Maatschappij. Gleed er een nieuw schip van de helling, dan kregen de kinderen vrij van school en liep het hele dorp uit om te kijken. Van jongs af aan was Jaco zo vaak ziek dat zijn bed regelmatig in de woonkamer stond. Als het kon, ging hij naar school. Na de basisschool volgde hij een administratieve opleiding die hij echter niet ­voltooide. Het was op deze school dat zijn fascinatie voor bus, tram en trein ontstond. Samen met twee vrienden maakte hij talloze tochten met het openbaar vervoer en

38

OUT OF ART MEI 2009

De familie vertrok naar Rhoon waar Jaco als jongste bediende bij een expeditiebedrijf opruim- en typewerk verrichtte. Omdat hij hier uiteindelijk toch te veel een ‘outsider’ bleek te zijn, werd hij na verloop van tijd stil en afwezig, kwam hij te vroeg uit zijn werk thuis, was hij moeilijk aanspreekbaar en reageerde hij emotioneel. Na twee en een half jaar volgde zijn ontslag waarna tevergeefs werd gezocht naar ander werk. Uiteindelijk werd Jaco in 1973 voor drie jaar opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis waar hij behandeld werd en voor de rest van zijn leven medicijnen kreeg voorgeschreven. Evert herinnert zich deze tijd nog goed. ”Als Jaco tijdens de vakantie meeging naar het strand van

Rockanje durfde hij nauwelijks over het strand te wandelen. Zo bang was hij voor de mensen die hij tegenkwam”. Binnen de zorg kreeg Jaco bij de Pameijer Stichting als taak de interne post te bezorgen op verschillende locaties in Rotterdam. Maar al te graag maakte hij hierbij gebruik van het openbaar vervoer. Zo trok hij hele dagen met de tram, de metro en de bus door de stad; eindelijk een baantje waarvan hij intens genoot. Rotterdam was flink in ontwikkeling. De dynamiek spatte er van af; overal verschenen hoge gebouwen, nieuwe bruggen overspanden de Maas en metrolijnen groeiden in kluwen onder de grond. Bij elke verhuizing kreeg Jaco’s elektrische modelspoorbaan een prominente plek in zijn kamer. Uren was hij in de weer met nieuwe en oude modeltreinen van de Nederlandse Spoorwegen. Omdat bekend was dat hij graag over zijn passie tekende, werd Jaco in 1991 een van de eerste deelnemers van Atelier Herenplaats. Vanaf die tijd tekende en schilderde hij vrijwel ­onafgebroken, vijf dagen in de week. Helaas laat zijn gezondheid deze frequentie niet meer toe, maar zodra hij kan, tekent hij. p


Jaco Kranendonk Eindhoven, 2007 Acryl op doek, 60 x 50 cm

OUT OF ART MEI 2009

39


Agenda Amsterdam Amsterdam Outsider Art

Rotterdam Galerie Atelier Herenplaats

Brussel, België Art en Marges Museum

Münster, Duitsland Kunsthaus Kannen

Nieuwe Keizersgracht 1a

Schiedamse Vest 56-58

Rue Haute 312

Alexianerweg 9

www.amsterdam-outsider-art.nl

www.herenplaats.nl

www.artenmarge.be

www.kunsthaus-kannen.de

D 1 okt – 10 jan 2010 Vreemde verbindingen; tentoonstelling t.g.v. de opening van het museum

D t/m 27 sep 2009 Kreidezeichnungen; August Vibert, Josef Schwaf en Ulrich Röckmann

www.amsterdamoutsiderart.hyves.nl

D 11 jun – 19 sep 2009 De Kennismakings Expositie Goes Galerie Atelier De Kaai J.A. van der Goeskade 65 www.artoteek.be

t/m 21 jun 2009 Het Koningsgevoel Arnaud Rogard, beelden en Rik Meijers, poëzie D aug – okt 2009 Arts in Difference Uit de collectie van Art en Marge, Brussel Leiden Olof Art Gallery Volmolengracht 29 www.olaf-art.nl

D t/m 6 jun 2009 The Pure Vision Arts Exhibition Kunstenaars van Pure Vision Arts, New York, w.o Susan Brown D 13 jun – 26 jul 2009 Promises of Mind Yair Levy, Eyal Ben Zevi, Yaniv Cohen, Rony Yarkony en Ross Brodar D 2 aug – 12 sep 2009 The Paramaribo Dream Rinaldo Klas, Kenneth Flyders, Willemien van Dijke, Marjori Lutter, Matoekoe (Opo Aye) en Albert Roessingh

D t/m 14 jun 2009 Op Wieltjes en zo James Allen, Serge Delaunay, Han Ploos van Amstel, Jaco Kranendonk, Merlijn Korner en Laan Irodjojo hebben één ding gemeen: ze zijn in de ban van vervoer D 17 mei 2009 (20.00 uur) Transport in de Outsider Art lezing door Frits Gronert, toegang € 5, incl. koffie en gebak, opbrengst voor ropa run 2009 D 26 jun - 30 aug 2009 Tekenfascinatie Reginald Drooduin, Roos van Lierop, Mies van der Perk, Bridget van Roosendaal, Klaas Koopmans en Hein Dingemans D 11 sep – 1 nov 2009 Kim Nobel, Solo De in Londen woonachtige Kim Nobel maakt haar werk vanuit verschillende persoonlijkheden Weert Kunsthal Weert IJzerenmanweg 5k www.kunsthalweert.nl

D 7 jun 2009 Peru of Honduras D 5 jul 2009 Harold Pieternella

D 20 sep – 31 okt 2009 Textile exhibition o.a. Scarlett Haasnoot, Rietje Koot, Sonja Weber Gilkey D 8 nov – 31 dec 2009 Outside Her o.a. Anne Grgich, Candyce Brokaw, Susan Brown, Alison en Marjori Lutter 42

OUT OF ART MEI 2009

D 2 aug 2009 Danast D 6 sep 2009 Liselotte de Groot

Gent, België Museum Dr. Guislain J. Guislainstraat 43. www.museumdrguislain.be

D t/m 13 sep 2009 Goran Djurovic en Francois Burland, schilderijen D 10 okt – 2 mei 2010 Uit het geheugen Over weten en vergeten Luik, België Galerie du MadMusée Parc d’Avroy www.madmusee.be

D t/m 13 jun 2009 Hein Dingemans - Tekeningen Heidelberg, Duitsland Prinzhorn Collectie Vosstrasse 2 www.prinshorn.uni-hd.de

D t/m 14 sep 2009 Artists off the Rails August Richter, Karlmax Würtn­ berger en Hans Otto Schönleber. Bezoek ook een van de beroemdste collecties uit de geschiedenis van de psychiatrie met meer dan 5000 werken in een vaste opstelling Agendagegevens voor Out of Art 8 graag vóór 15 september 2009 mailen naar: frits@herenplaats.nl

Baltimore, Verenigde Staten American Visionary Museum 800 key highway www.avam.org

D t/m sep 2009 The marriage of Art, Science and Philosophy Vijftig visionaire kunstenaars exposeren, w.o. Terry Turrell en J.J. Cromer New York, Verenigde Staten American Folk Art Museum 45 west 53RD Street www.folkartmuseum.org

D Verlengd t/m sep 2009 Up close Henry Darger Arvika, Zweden Rackstadmuseet

D 26 sep – 8 nov 2009 Internationale Outsider Art Biënnale Met een expositie over Europese Outsiders, seminars, workshops (27 sep – 2 okt 2009) www.rackstadmuseet.se/ outsider-art-biennale/ Lausanne, Zwitserland Collection De L’Art Brut 11 avenue des Bergières www.artbrut.ch

D Verlengd tot 6 sep 2009 Japon Lausanne; l’Art Brut en het land van de reizende zon Japanse outsiders


English summary I am who I am; The Emperor Arnaud Rogard Arnaud Rogard (1977) is a Belgianborn illustrator, ceramicist, dancer, actor and poet. This versatile and unique artist works in De Zandberg studio where, like an emperor, he reigns over a fantasy world that, for those on the outside, remains an enigma. Only in his poetry are we given fleeting glimpses of the world in which ‘he loves everything and does.’ Fantasy and reality merge in his work, and he has no shortage of ideas, explaining “Arnaud only has to snap his fingers and the image materialises in his head”. In his inner world, he plays the role of the man who has everything under control. pp. 10-16

The place to be; Gaia Museum, Denmark During the conference Art Beyond Limits, we interviewed the founder of the Gaia Museum in Denmark. Dorte Eiersbo: “The idea of establishing a museum for Outsider Art grew slowly. The seed was sown in 1995 when I started an art education programme for mentally challenged artists. It began in earnest in 2000.” The museum, which is deliberately different from a normal museum, “has now grown into an internationally renowned museum of art housing more than 400 objects”. It “displays art created by people who occupy positions outside ‘normal’ social ­structures, people who create art because they feel it is something they are compelled to do”. With the help of European funding, the ambition is “to function as a key player in the European network of people involved in Outsider Art”. pp. 24-27 Endless desire; Armando Multi-talented Armando (1929), one of the few living Dutch artists for whom a museum has been established, ­collects drawings, including those by outsiders, out of “pure avarice. I can’t help myself. I make snap decisions.

I am inconsistent but I prefer pencil drawings, or at the very least works on paper. ” Armando is not necessarily interested in the background of the artist who drew it, and, therefore, makes no distinction between the work of outsiders and the work of mainstream artists.

An exhibition in 2007 featured his own drawings alongside works taken from his collection, which currently numbers 200 drawings. Staff at the Armando Museum in Amersfoort (which will re-open in 2010 after a devastating fire) ­inventory and document this master’s unique collection. pp. 30-35 Transport Power and enjoyment: introduction to the theme of transport Why outsider artists are often so ­fascinated with transport is unknown. Is it because transport has an allure that symbolises power and human ingenuity? Look at the direct and indirect ways in which Roy Wenzel represents his fascination. Look at the tendency that Han Ploos van Amstel has to represent everything that is characteristic of an object like the car. Look at the perspectivally interesting works of Jaco Kranendonk, who ­collapses shipyard cranes into harmonicas so that they fit into the picture. And what about Willem van Genk, whose art asks us to open ourselves up to the experience of an overpowering urban chaos, complete with zeppelins, buses, trains, metros, road systems, zebra crossings, station­ houses and railway platforms.

All of these are maintained by terrifying systems that control and determine human existence or, in his words, that “weave webs, trapping you before you have time to blink.” pp. 4-8 Han Ploos van Amstel (1931-2004) began to draw motorised vehicles on wheels after he retired. They are characterised by their repetitive character and simple composition, with the cars being recognisable on account of their number plates and wing mirrors. p. 9 Martin Rámiréz (1895-1963) left Mexico for the United States in order to support his family who had stayed behind. After being diagnosed with catatonic schizophrenia, he resided in a psychiatric hospital for more than 30 years, where he created collages using sweet wrappers and paper cups on which he drew trains, horses and cars. The use of repetitive motifs was a metaphor for his desire to return to Mexico. p. 17 A One Track Mind; the art of Susan Brown

layer of ships, airplanes, trains, bridges and buildings from imagination, without using a rubber, preferably in icy blue and grey. p. 23 James Allen; daydreaming of trains and technology James Allen (1985) began to draw when he was six. “I am completely self-taught. I was always enthusiastic about trains so when I started drawing I thought, why not immortalise them on paper?” At Project Onward in Chicago, he works in different formats. His labour-intensive drawings have a unique b­ alance between forms that are man-made and others that have organic origins. His work is meticulously structured and contains clear, underlying geometric patterns. Larisa Glushtrom says they still evoke an emotional response. Perhaps because he combines technology with his own daydreams? pp. 28-29 Serge Delaunay (1956) is interested in people and machinery. His drawings combine his real life with his fantasies. He claims to have worked at a Renault factory and is, therefore, an expert in rendering technical looking drawings of factory processes, complete with machinery, parts and finished cars. pp. 36-37 Merlijn Korner (1988) incorporates speed, perspective and technology into his pencil drawings of futuristic trains, cars, airplanes, rockets and helicopters. p. 37

Pamala Rogers writes about Susan Brown (1957), a talented autodidactic artist with autism. On weekdays, she travels by train to the Pure Vision Art studio in New York City, a journey which provides her with inspiration for her paintings and mixed media images that allow her to share her obsession for trains with other people. The very nature of her existence is rooted in making art that reflects her prodigious photographic memories and personal life experiences. She renders perspective and depicts foreshortening effortlessly in her city scenes, train track formations, unique tunnel angles and vantage points that come to life in her work. pp. 18-22 Laan Irodjojo (1969) has Savant Syndrome and has both a photographic memory and an expressive talent, which allows him to draw layer upon

Jaco Kranendonk; captain of the harbour city of Rotterdam From infancy, Jaco Kranendonk (1951) was often ill. During his school years, he began to travel around Rotterdam, the city in which he was born. Later, during his work, he enjoyed nothing more than catching the train, metro or bus. Ships also held a fascination for him. Since 1991, Kranendonk has sketched and painted his passion for public transport in Atelier Herenplaats, creating an impressive oeuvre characterised by his uniquely colourful ­signature style in which he uses thick daubs of paint to portray the flows of cars, buses, trams and metro trains that converge on and beneath the city’s streets. He also paints ships with the same masterful direction. The metro­ polis of Rotterdam is stored in the memory of this unique artist. pp. 38-41

OUT OF ART MEI 2009

43


Jack Vreeke’s Art Car Company Als kunstenaar en verzamelaar (zie Out of Art nr.1, 2006) is Jack Vreeke bepaald geen outsider. Toch kan hij zich sieren met dit predikaat sinds hij, volkomen gespeend van autotechniek, de ene Art Car na de andere produceert. Weliswaar werd de eerste in 2007 al geëxposeerd, maar voor liefhebbers van echte auto’s is hij een vreemde eend in de bijt. Vreeke stoeit voortdurend met de uitspraak van Ludwig Wittgenstein, dat iets wat zichzelf is geen beeld kan zijn van iets anders. Toch werkt hij met vormen van hergebruik waarin het totaalbeeld overheerst, maar de herkenbaarheid van oude kentekenplaten, verkeersborden, straatnamen en zelfs borduurwerk duidelijk aanwezig blijft. www.jackvreeke.nl

Royal Art Car

Celtic Dog Car

44

OUT OF ART MEI 2009

One Way Car

Eurocar

Profile for Out of Art

Out of Art 2009#1  

Bekijk enkele pagina’s van Out of Art 2009-1. Houd je van kunst met een rafelrandje? Lees dan Out of Art, hét kunstmagazine over hedendaags...

Out of Art 2009#1  

Bekijk enkele pagina’s van Out of Art 2009-1. Houd je van kunst met een rafelrandje? Lees dan Out of Art, hét kunstmagazine over hedendaags...

Advertisement