Page 1

De leven realiteit van de straat

RICO over opgroeien, rappen en Irie

Fashion

from the streets

Drugs, verkrachting, schulden

Kaascouse

‘Ik haat stereotypes’

Het verhaal van een tienermoeder

Van straatvoetballer naar prof

Bilal Basacikoglu

Hoer spelen voor prada’s

Het gebeurt


IN

HOUD STORIES Tienermoeder met zwaar verleden Van straatvoetballer tot prof Rapper Rico’s verleden Leven van een dealer Door de ogen van Eva Muziek als uitlaatklep Tatoeages en hun verhaal

8 12 14 18 24 34 39

REPORTAGES Kleding van de straat

28

EN OOK Defano Holwijn: Bekende Facebooker Lezen saai? Helemaal niet! Recensie: Wolf Hoer spelen voor prada’s De mens van de toekomst Sef’s De Leven

5 6 20 26 27 37

Wolf

Tattoo-verhaal

38

Je kent het wel: je ziet een dope tattoo en je bent benieuwd wat het verhaal erachter is. Sebastiaan van den Bovenkamp ging op pad en interviewde zijn naamgenoot hierover. Vanaf pagina 38 het verhaal van Sebastiaan de Vries, die zijn grootouders eert met een tatoeage.

2

De leven

Voor een lui avondje op de bank: een film over leven van een kickbokser uit een grauwe buitenwijk. Interessant voor de mannen. O, en ladies? Hoofdrolspeler Marwan Kenzari is ook best fijn om naar te kijken. Kijk op pagina 20 voor meer over de film.

20


HOOFDREDACTIE

Whatsup, Voor je ligt De Leven: een tijdschrift over- en van de straat. De reden dat dit blad ‘De Leven’ heet is omdat ‘ het leven’ op een of andere manier soft klinkt. Zoals Sef eens zei: de leven benadrukt meer hoe het echt is: soms regen, soms zonneschijn. In dit eerste nummer vind je interviews met onder andere Rico (Opgezwolle, remember?), Defano Holwijn en much more! Op pagina 8 lees je het verhaal over een tienermoeder die zich door allerlei struggles heeft heengeslagen. Maar ook dope streetfashion, kaascouse en de spraakmakende film Wolf komen voorbij.

Ook ik maak natuurlijk wel eens shit mee. Maar guess what: het hoort erbij. Dit tijdschrift is jij en ik. Het gaat over jouw buurmeisje en de dealer om de hoek. Het gaat over de donkere kanten, maar ook over de succesverhalen. Geen sprookjes, maar gewoon hoe het echt gaat. Het is tijd voor Realiteit. Het is tijd voor jou.

14

Dilan & Charley

De Leven

Van straatjochie tot succesvolle rapper. Blader snel door naar bladzijde 14 voor het verhaal van rapper Rico.

Hoofdredactie

12

Van de straat

Blader snel door naar pagina 12 voor het verhaal van profvoetballer Bilal. Ooit begon hij op straat. Maar inmiddels speelt hij in het eerste elftal van SC Heerenveen.

De leven

3


JUST DO IT.

NIKE 4

De leven


DEFANO HOLWIJN

BF’er (Bekende Facebooker) van Nederland

Defano Holwijn (21) uit Amsterdam is een ware Facebookhit. Met meer dan een ton aan likes is hij een bekendheid geworden in Amsterdam, maar ook nationaal wordt hij steeds bekender. Het principe is simpel: hij plaatst humoristische videos van zichzelf op Facebook en krijgt binnen een paar minuten honderden likes en reacties. In veel video’s is hij een typetje, maar zijn nogal kritische feedback op GTST-afleveringen (gtst-shorties) doet het ook erg goed bij het publiek.

Wanneer ben je begonnen met filmpjes maken en waarom?

In 2008 ben ik begonnen met het maken van filmpjes. Toen Hyves nog bestond zette ik al filmpjes van mezelf online. Ik wilde niet een tekstje schrijven of een status delen. Nee, ik wilde echt een stukje van mijzelf laten zien. Ik heb veel fantasie en inlevingsvermogen waardoor ik grappige dingen kan vertellen. Ik wilde dit graag delen en op een leuke manier uitbeelden. Het werd een succesje!

Hoe kom je op het idee om GTST-shorties te maken?

De shorties kwamen eigenlijk echt uit het niets. Ik dacht bij mezelf dat het leuk zou zijn als ik een filmpje zou maken over een GTST-aflevering. Ook omdat ik weet dat veel van mijn volgers ook volgers zijn van Goede Tijden, Slechte Tijden. Pas nadat ik het filmpje had geupload realiseerde ik mij dat deze soap ongelofelijk veel aanhangers heeft. Een miljoen kijker per dag is niet niks. Toen ik de likes alleen maar zag stijgen zag ik dit als een bevestiging en wist ik dat ik ermee moest doorgaan!

Waarom denk je dat jouw pagina in een korte tijd een hit is geworden?

Ik durf dit echt niet te zeggen. Ik denk gewoon dat ik de juiste dingen deed op de juiste tijd. Blijkbaar hebben mensen behoefte aan ‘droge’ humor of ontspanning. Misschien heb ik wel de gunfactor, I don’t know…

Met meer dan 100.000 likes ben je een beetje bekend geworden. Word je ook herkend of aangesproken op straat? Ik word inderdaad weleens herkend en aangesproken op straat. Het is wennen, maar ik vind het wel grappig. Het geeft mij ook wel een fijn gevoel omdat ik het zie als een soort erkenning dat ik het goed doe en op de juiste weg ben. En als het een mooie chick is, dan is het helemaal leuk!

Wat doe je buiten je pagina ? (werk, studie etc.)

Ik werk als MC/host (Freelancer). Ik organiseer feesten en ga in september beginnen aan de opleiding Journalistiek aan de Hogeschool van Utrecht.

Wat wil je uiteindelijk met je pagina bereiken? Met mijn pagina zou ik het liefst mijn grootste droom willen bereiken, namelijk een superheld zijn! Nou ja, dat gaat een beetje moeilijk geloof ik. Doe maar mijn andere grote droom, presentator worden.

Wat wil je gaan doen in de toekomst?

In de toekomst wil ik tv-presentator zijn. Het liefst zou ik mijn eigen show willen hebben, denk bijvoorbeeld aan de Dinoshow. Dat is wel echt een vette show om te zien. Hoe stoer zou het zijn als ik mijn eigen programma zou hebben. Maar hey, weet je wat…niets is onmogelijk!

Verdien je er op dit moment geld mee, zo ja op welke manier?

Ja, ik verdien geld door boekingen. Meestal word ik geboekt voor kleinere events of om mee te doen met een quiz of challenge voor bijvoorbeeld Youtube of middelbare scholen enzovoorts. Daarnaast werk ik ook met adverteerders waar ik geld aan verdien.

Hoe komt het dat jouw doelgroep heel variërend is. Van tatta’s tot mocro’s en anti’s?

Ik denk dat iedereen zichzelf herkent in mijn filmpjes. Ik maak ook hele verschillende filmpjes waarin ik allerlei typetjes uitbeeld en bepaalde accenten na doe. Van typische pvv’ers tot anti’s die maar blijven zeuren over het zwarte pieten verhaal. Daarom denk ik dat veel verschillende mensen zich kunnen herkennen en het ook kunnen waarderen. Daar ben ik ook heel blij mee! Iedereen is welkom!

Zien we jou als de next Dino van de Dinoshow? Ja, T-rex. *badum-psss*

Wat kunnen we van jou verwachten binnen nu en 5 jaar?

Ik hoop baardgroei, die heb ik namelijk nog niet echt. Daarnaast heb ik binnen nu en 5 jaar iets gepresenteerd op tv!

Naam: Defano Holwijn Leeftijd: 21 Geboorteplaats: Amsterdam Woonplaats: Amsterdam Extra info: Ik lijk op een geslaagd examenfeest.

De leven

5


Boek in BAD BOY

Van Abdelkader Benali. Bad Boy is geïnspireerd op het leven van Badr Hari (De Golden Boy). Het gaat over de Marokkaanse Amir die opgroeit in Amsterdam-Oost. Op school is hij een van de weinige buitenlanders. Zijn ouders stimuleren hem om vechtlessen te gaan volgen en Amir leert van zich af te bijten. Op school bakt hij er weinig van maar in de vechtring slijpt hij zijn talent. In de bokswereld groeit hij uit tot de beste van Nederland en het publiek sluit hem in de armen. Geld, mooie vrouwen, dure auto’s en een groot huis, het geluk komt hem tegemoet. Maar het succes heeft ook een andere kant. Er zijn mensen die verkeerde bedoelingen met hem hebben. Ook zijn vriendin loopt gevaar. Blijft Amir vechten of moet hij vluchten?

WOORD!

Van Vivien Waszink. Gaat hiphop alleen maar over dikke wagens, patta’s en doekoes? En is het muziekgenre vrouwonvriendelijk en draait het om schelden en straattaal? Nee! Dat vond ook de schrijfster van Woord! De taaldeskundige is juist onder de indruk van de Nederlandse hiphopteksten. ‘Nederhoppers zijn grappig als haha, cooler dan een pinguïn in een vriestas en stoer - ze naaien zelfs Van Gogh een oor aan,’ zo schrijft ze. In Woord! wordt de herkomst van termen als ‘nigger’ en ‘swag’ uitgelegd. En je krijgt een cursusje stijlmiddelen en beeldspraak. Wat? Dat zijn vergelijkingen als: ‘Ik pak meer grietjes dan Hans’ en ‘Wij zijn ziek, jullie zijn hypochonder’. De lyrics van Winne, Jiggy Djé, Brainpower en Rico komen aan bod. Maar daarvoor eerst nog een swag lesje hiphopgeschiedenis.

6

De leven


je $moel Lezen is sexy. Kijk maar naar Megan Fox. Voortaan die leuke chick of boy niet een drankje aanbieden, maar samen gaan lezen dus. Wij hebben een paar rauwe ideeën voor je. Van Charley Blomjous.

SJEUMIG

Van Pepijn Lanen. Een taxi naar de tering. Dat is een van de korte verhalen van Pepijn Lanen a.k.a. Faberyayo. Ben je liefhebber van de rare teksten van de Jeugd Van Tegenwoordig, dan is dit boek echt iets voor jou. Ook in Sjeumig wordt er namelijk veel fantasie gebruikt. Of beter gezegd, alleen maar. Hoofdpersonen als Sinterklaas (mét smartphone), ridders, etenswaren en pandaberen maken vreemde gebeurtenissen mee. Een appel en een ei gaan aan de xtc en een robot wordt door zijn vriendin opgebeld of hij niet zit te roken. Flink lachen en af en toe ‘huh?!’ roepen. Kun je de gedachtegangen van Faberyayo echt niet meer volgen, dan kan je nog altijd plaatjes kijken. Elk verhaal is namelijk voorzien van een dope illustratie.

Favoriete boeken van celebs

Jay-Z: The Seat of the Soul van Gary Zukav Will Smith: The Alchemist van Paulo Coehlo Megan Fox: Kiss the Girls van James Patterson

.. . r e d n o in d n Hé, eldsugeieen zin omodoenbnoaeakrewww.

Nog ste n? Ga dan gew g.tumblr.com pe te duike epeoplereadinicca’s van knap attractivt spannende p acht je van voor wa mensen! Wat d lezende Depp? Johnny

De leven

7


Welkom in mijn Het leven is onvoorspelbaar. Dat weet de twintigjarige Deborah Bruinewold maar al te goed. De jonge moeder van zoontje Quinten (9 maanden) verloor haar jeugd al op jonge leeftijd. “Na de scheiding van mijn ouders, veranderde alles. Ik deed alleen nog maar wat ík wilde. Niemand mocht zich met mij bemoeien. Ik trok mijn eigen plan.” Langzamerhand rolde Deborah in een wereld van seks, drugs, verkeerde vrienden en schulden. Totdat ze haar zoontje kreeg. Door Elise de Jong

“Kom binnen”, zegt Deborah. Ze glimlacht en geeft me een stevige handdruk. Met de andere hand ondersteunt ze haar kleine buikje. “Let niet op mijn kleding, hoor”,,, giechelt ze. “De spijkerbroeken zitten inmiddels niet meer zo lekker.” Deborah is bijna twintig weken zwanger van haar tweede kindje. “Een meisje”, vertelt ze trots. “En we hebben al een naam bedacht. Maar die verklap ik nog niet.” Met haar ene hand zwiept ze haar lange, donkere haar naar achteren. Met de andere tilt ze de kleine Quinten in zijn loopstoeltje. Even oud zijn we, Deborah en ik. Zij een echte moeder, ik nog maar een meisje. Hoe heeft het allemaal zo kunnen lopen?

Onhandelbaar kind

“Ik schaam me als ik terugdenk aan vroeger”, vertelt Deborah. Het begon allemaal na de scheiding van haar ouders. “Ik verhuisde vaak. Van Rotterdam naar Leeuwarden en van Leeuwarden naar Drachten. Eigenlijk had ik niet meer echt een thuis.” Ook liep Deborah vaak weg van huis. “Dan ging ik naar mijn vader in Drenthe. Want hij was minder streng, ik mocht bijna alles van hem. Ik was zestien. Oud genoeg om mijn eigen regels te bedenken. Toch? Dat dacht ik tenminste.” Deborah werd onhandelbaar

8

De leven

en haar moeder wist niet meer wat ze met haar jongste dochter aan moest. Jeugdzorg schoot Deborah’s moeder te hulp. “Met hen kon ik praten over alles wat me dwarszat”, vertelt Deborah. “En nu begrijp ik pas hoeveel verdriet ik mijn moeder heb aangedaan. Dat vind ik heel erg.” Want met Deborah ging het van kwaad tot erger. “Ik leerde een jongen kennen via een vriendin. Het leek een aar-

“Ik was zestien. Oud genoeg om mijn eigen regels te bedenken. Toch?”

dige gast. Ik vertrouwde hem”, vertelt Deborah. “Maar alles bleek anders. Hij verkrachtte me.” Deborah friemelt aan haar verlovingsring en slaat haar ogen neer. “Eerst durfde ik het niet aan mijn moeder te vertellen. Maar ik kon het niet voor me houden.” Toen de last te groot werd, en ze die niet meer alleen kon dragen, vertelde ze het toch. Ze deden aangifte, maar hoorden er nooit meer iets van terug.

Abortus en schulden

“En toen werd ik verliefd”, vertelt Deborah. Even leek alles beter te gaan. Even dacht Deborah gelukkig te zijn. Op haar zeventiende ging ze het huis uit om met haar nieuwe liefde samen te wonen in Leeuwarden. Ze stopte met haar mbo-opleiding Helpende Zorg en Welzijn en dacht met hem een leven op te bouwen. “Maar hij was seks-verslaafd. Daar kon hij niets aan doen, het was een ziekte. Maar als ik niet wilde, werd hij boos.” Deborah schudt haar hoofd. “Ik wilde dit allemaal niet. Alles wat er met me gebeurde.” Toen Deborah ook nog zwanger raakte, werd alles haar teveel. “We hadden geen geld. We trokken elkaar de schulden in. Bovendien wilde ik geen kind van hem. Ik wilde mijn leven niet voor altijd met hem delen. Ik kon dit niet meer.” Deborah besloot abortus te plegen. Een besluit dat zij maakte, maar waar haar vriend niet achterstond. “Ik moest weg bij hem. Hij was niet goed voor mij.” Deborah kreeg een eigen flat toegewezen in Leeuwarden. “Voor het eerst woonde ik helemaal alleen.” Deborah was eenzaam en voelde zich niet op haar gemak in haar nieuwe huisje. Ze zocht steun bij de buren. De mensen van ‘het pleintje’, zoals ze de bewoners van de flat zelf noemde. Daar leerde ze na een week haar nieuwe vriend kennen. “Ik vond er fijn dat er iemand was, dat ik niet meer alleen hoefde te zijn”, vertelt Deborah. “Maar ik vond ook mijn buurman wel interessant. Hij kwam wel eens langs en ik vond hem best wel leuk. Maar we zaten ook beide in een relatie.” Het was een moeilijke situatie. Deborah was in de war. Over haar abortus, haar gevoelens voor de buurman, haar woning, de kosten. Uiteindelijk was Deborah ook nog steeds een kind, dat geen kind meer kon zijn.

Kapot geslagen

“Mijn vriend kwam erachter dat ik ook de buurman zag”, vertelt Deborah. “Toen ging hij helemaal door het lint.” Hij sloeg alles in haar huis kort en klein. Op het


n

LEVEN

Het mooie kereltje Quinten, Deborah’s jongste zoon.

fotolijstje met daarin een foto van haar oma na, lag alles in puin. Hij sloeg en schopte ook Deborah. “Ik smeekte hem om weg te gaan. Om te stoppen, maar hij bleef maar door gaan.” Deborah werd met haar hoofd tegen de muur geslagen, totdat de buren ingrepen. “Ze hoorden het lawaai en belden de politie.” Deborah’s vriend vluchtte en ze bleef alleen achter tussen chaos. De chaos om haar heen, maar vooral ook in haar hoofd. “Toen de politie kwam, heb ik heel erg gehuild. Alles kwam eruit”, vertelt Deborah. “En ook de buurman, Charles, kwam om mij te troosten.” En Charles bleef. Deborah dacht dat hij

altijd zou blijven. Ze had hem nodig, juist in deze tijd. Iemand die naar haar luisterde, er voor haar was, haar kon troosten.

“Ik smeekte hem om weg te gaan. Om te stoppen, maar hij bleef maar door gaan”

Maar na drie weken ruilde Charles Deborah in voor zijn ex-vriendin. “Ik werd in de steek gelaten en ik zakte helemaal in

elkaar. Ik kon niet meer”, vertelt Deborah. Ze tuurt door het raam naar buiten. Wéér een klap, wéér een teleurstelling. Alsof het allemaal nog niet genoeg was geweest. “Ik zocht een uitvlucht en vond die bij de mensen van ‘het pleintje’.

Bijna dood

“Door hen voelde ik me beter”, zegt Deborah. “Of eigenlijk vooral door de drugs die ze meenamen.” Deborah raakte aan de drugs. “Eerst kreeg ik wiet, XTC en MDA van ze. Zodat ik me beter voelde. En ik voelde me ook echt beter. Ik werd er happy van. Maar na een tijdje kon ik niet meer zonder en moest ik betalen >>

De leven

9


>> voor de pillen.” Bovendien ging Deborah de handel in. Ze verkocht pillen op straat en aan vrienden. Een ‘bijbaantje’ dat goed verdiende, maar waardoor haar eigen verslaving steeds meer toenam. Uiteindelijk verdiende ze er niets aan. Deborah raakte diep in de schulden en trok haar vijftienjarige nichtje mee in het drugscircuit. “Dat vind ik misschien nog wel het ergste van alles. Ze was nog maar een kind.” Soms was Charles er weer. Dan bloeide Deborah op. Maar zodra ze zichzelf in hem verloor, liet hij haar weer in de steek. Keer op keer. “Ik wilde alles vergeten. En haalde samen met mijn nichtje alcohol, wiet en pillen. Wat daarna gebeurde weet ik niet meer.” Deborah viel weg. Ze hoorde alles, maar kon niet reageren. Charles kwam, zijn oma en haar zus. Ze zag ze en ze hoorde hun angstkreten. Maar ze was verdoofd. “Ik had een overdosis gehad”, vertelt Deborah. “En ik werd met de ambulance opgehaald.”

voor de baby. Maar Charles bleef in de buurt. “Hij was tenslotte de vader van mijn kind.” Daarom verhuisde hij naar Drachten en probeerde het stel er het

“Charles keek niet naar zijn zoon om. Het boeide hem niet, hij was er nooit” beste van te maken. Ook toen de kleine Quinten ter wereld kwam. “Charles keek niet naar zijn zoon om. Het boeide hem niet, hij was er nooit”, vertelt Deborah. “Hij zat aan de drugs en in de schulden. Ik had niets aan hem. Maar ondanks al-

les, wilde ik toch bij hem blijven. Ik hield van hem en wilde dat het werkte.”

De bevrijding

Totdat Charles de bak in moest voor onbetaalde boetes. “Hij vroeg mij om wiet naar binnen te smokkelen, zodat hij dat door kon verkopen aan een andere gevangene. Dat wilde ik niet. Ik wilde het allemaal niet meer. Ik wilde Charles niet meer.” De tijd die Charles vastzat had Deborah nodig om zich van hem los te maken. Dit was haar kans om verder te gaan met haar leven. Dit was het moment om Charles achter te laten. “Ik ontmoette Joost, mijn huidige verloofde. Dat maakte het natuurlijk nog veel makkelijker.” Op de avond dat Charles vrijkwam, zette Deborah er een punt achter. “Nu pas

Verliefd en zwanger

Haar moeder wilde dat ze thuiskwam uit het ziekenhuis. In Drachten, waar het veilig en vertrouwd was. Maar Deborah weigerde en ging met Charles mee. “Ik wilde gewoon dat het tussen ons zou werken. Ik was verliefd op hem.” Na een tijdje kreeg het stel een eigen huisje aangewezen en al snel raakten ze zwanger. “Gepland was het niet, maar ik was heel erg blij. Ik dacht dat ik geen kinderen meer kon krijgen na de abortus. Het was een hele opluch-

“Hij vroeg mij om wiet naar binnen te smokkelen, zodat hij dat door kon verkopen aan een andere gevangene”

ting dat ik toch zwanger kon raken.” Ook Charles was heel gelukkig met het nieuws. Samen zouden ze proberen er het beste van te maken. “Maar we hadden vaak ruzie”, vertelt Deborah. “Hij liet me telkens weer in de steek voor zijn ex.” Toen een ruzie uit de hand liep en fysiek werd, besloot de verloskundige dat Deborah weer thuis moest gaan wonen. Dat was het beste. Voor Deborah, voor Charles en vooral Deborah met haar zoontje.

10

De leven


Deborah met haar nieuwe vriend en zoon. Trots gezinnetje.

voelde ik wat echt geluk was. Met Joost.” Na anderhalve maand was Deborah zwanger van haar tweede kindje. “Ik schrok ontzettend. Zo snel ook al.” Maar langzaam veranderde de schrik in trots en blijdschap. “We zijn heel erg benieuwd naar ons meisje en druk op zoek naar een eigen huisje.” Het gaat goed met Deborah. Ze is gelukkig. Samen met haar gezinnetje. Maar ze heeft nog een lange weg te gaan voordat ze verlost is van alle zorgen. “Charles is een rechtszaak begonnen. Hij wil zijn zoontje zien. Maar ik vertrouw hem

niet. Hij heeft mij via Facebook bedreigd met de dood en hij zit aan de drugs”, vertelt Deborah. “Ik heb onlangs zelfs de politie anoniem ingelicht over de wietplantage in zijn huis. Ik maak me dan ook geen zorgen om de rechtszaken. Hij gaat dat nooit winnen.” Ook de schulden zijn nog niet helemaal afgelost. “Maar ik kom er wel, dat weet ik zeker.”

De toekomst

“Ik hoop niet dat mijn kinderen hetzelfde meemaken als ik”, zegt Deborah. Ze aait de kleine Quinten over zijn

gezicht. Hij bekijkt ons aandacht en glimlacht. “Ze moeten gewoon netjes hun school afmaken en werk hebben. En ze moeten hún kinderen zekerheid en stabiliteit kunnen bieden. Dat is veel beter.” Ik knik. “Maar je hebt een prachtig kereltje, Deborah”, knipoog ik. Ze straalt. Een jonge moeder. Die van het pad raakte, maar de goeie weg weer gevonden heeft. Deborah en ik, even oud, maar tegelijkertijd zo verschillend.

De leven 11


Bilal Basacikoglu in actie voor SC Heerenveen

12

De leven


“Mijn winnaarsmentaliteit heb ik van de straat” Het afgelopen seizoen maakten we in de Eredivisie kennis met Bilal Basacikoglu. Hij speelde zich bij sc Heerenveen in de kijker. Het leidde zelfs tot de selectie van Jong Oranje. Bilal oefende zijn skills op de straat. Zijn vloeiende voetbewegingen, pijlsnelle acties en doelgerichte schoten leerde Bilal vroeger op de pleintjes in Zaandam. Door Andor Faber Op welke leeftijd begon je met voetballen op de pleintjes? Toen ik net kon lopen, trapte ik al overal tegenaan. Sinds mijn derde of vierde jaar was ik het liefste elke dag buiten met de bal. Of dat nou alleen, met mijn vader of met mijn buurjongens was, ik was altijd buiten met de bal. We gingen dan tegen een muurtje schieten of doeltjes maken van onze jassen. Voetbal je nu ook nog wel eens op straat? Ja, in de zomervakantie. Dan houden we toernooitjes bij een stenen hok in onze buurt. We doen dan partijtjes van vier tegen vier, waarbij de verliezer eruit moet. Het blijft voetbal. Als je even stilstaat, dan mis je de bal. Dan ga je het liefste even met je vrienden tegen een bal trappen.

In hoeverre heb jij je tricks vroeger op de straat geleerd? Straatvoetbal is met veel trucjes. Die techniek heb ik op de straat geleerd. En steeds nieuwe trucjes leren van vrienden. Zo krijg je steeds meer techniek. Op een heel slecht veldje voetballen is ook goed voor je techniek. Daar word je alleen maar beter van. Hoe ouder je wordt, hoe moeilijker het is om dingen aan te leren. Je moet dus vroeg beginnen. Mijn techniek en de acties komen vooral van vroeger. Ik was een dribbelaar die de bal zo lang mogelijk aan de voet hield. Ik speelde de bal bijna niet af.

Wat hebben straatvoetballers volgens jou voor op jongens die in hun jeugd alleen maar op het veld speelden? Bijna alle voetballers hebben denk ik op de straat gevoetbald. Maar ik denk dat de techniek en de beleving van voetbal op de straat heel anders is dan op het veld. Met name de techniek vind ik heel erg belangrijk, daar begint voetbal mee. Kappen, draaien en aannemen leer je op de straat sneller als je het elke dag doet. Het ‘echte’ voetbal dat trainers je aanleren is vooral zakelijk.

Hoe belangrijk is de basis van de straat geweest voor waar je nu staat als voetballer? Ik denk heel belangrijk. Vooral de acties en het uitspelen van een verdediger heb ik vroeger al geleerd. Als je rond je veertiende of vijftiende die actie wilt leren, gaat dat heel moeilijk. Maar als je van kleins af aan een bepaalde actie oefent, komt er snelheid in. Op een gegeven moment doe je het met je ogen dicht. Dan gaat het automatisch. Als je een verdediger ziet uitstappen, weet je precies welke actie je moet inzetten. De verdediger weet dan niet wat ‘ie moet doen. Na een tijdje hoef je er niet meer bij na te denken.

Wat voor wetten golden er vroeger bij jullie op straat? Het ging er soms best hard aan toe, dat je tegen de hekken werd geduwd. Het liep soms uit de hand. Dan was iemand het bijvoorbeeld niet eens met een afgekeurd doelpunt. Je wilde gewoon altijd winnen. Dat zie ik nu ook terug in mijn eigen winnaarsmentaliteit. Als ik gelijk speel of verlies, dan word ik weer agressief. Dat is vroeger allemaal begonnen op de straat.

Hoe kon dat? Het was altijd zo druk. Als jouw team had verloren, dan moest je eruit. Totdat je weer aan de beurt was, moest je soms wel een halfuur wachten. Daar had je dan natuurlijk geen zin in. Dan ging je op elkaar zeuren. Het ging er stevig aan toe. Op de straat liggen er verleidingen op de loer. Heb jij die kunnen weerstaan? Als kleine jongen is het natuurlijk heel moeilijk. Mijn ouders gaven het goede voorbeeld. Ik had gelukkig ook de juiste vrienden. Zij steunden me. Maar het hangt ook van jezelf af. Of je makkelijk te verleiden bent of dingen je snel aanspreken. Voor mij was voetbal heel belangrijk. Ik voetbalde ook liever dan dat ik ergens op een bankje ging hangen. Ik was altijd aan het voetballen tot acht uur ‘s avonds. Nu heb je jongeren die liever

met zijn allen ergens gaan hangen en chillen in plaats van voetballen. Dat was voor mij anders.

Heb jij je daar altijd goed voor kunnen afsluiten? Af en toe moet je ook gewoon jezelf kunnen zijn en de drukte kunnen ingaan, maar je moet het niet teveel opzoeken. Je moet geen dingen gaan doen die je een slechte naam kunnen geven. Bijvoorbeeld een café inlopen waar wiet wordt gesmoket. Als iemand je daar naar binnen ziet lopen, ook al doe je zelf niet mee met roken, kan dat wat betekenen voor je naam. In deze tijd weet iedereen dat binnen twee dagen. Aan zulke dingen kan je voetbalcarrière kapot gaan. Heb je wel vrienden gezien die die verleidingen niet konden weerstaan en in de criminaliteit belandden? Ik ken jongens die in de criminaliteit belandden, maar dat waren geen vrienden van mij. In alle buurten heb je wel een paar jongens die verkeerde dingen doen. Maar als jij met hen gezien wordt, krijg jij ook een slechte naam. Je moet op een slimme manier goed afstand houden van zulke dingen. Als je niet sterk in je schoenen staat, kun je zo worden meegesleurd. Wat voor tip zou jij voetballers op de pleintjes willen meegeven? Altijd een bal pakken. Ook al ben je alleen. Dan kun je tegen een muurtje gaan schoppen, met je linker- en rechterbeen schieten en acties oefenen. Zodra je vrienden hebt die het ook leuk vinden, kun je partijtjes gaan spelen. Elkaar zo goed mogelijk dingen gaan aanleren en altijd je best doen op trainen. Vroeger keek ik via YouTube ook altijd naar andere voetballers. De acties van grote spelers, zoals Cristiano Ronaldo en Lionel Messi, hebben mij ver gebracht. Daar leer je als kleine jongen ook heel veel van. Je wilt hun actie nadoen.

De leven 13


De Leven chillt m Zo relaxed voor zo’n grote naam

Foto: Rico (rechts), samen me

14

De leven


met Rico

et A.R.T. Samen maakten ze Rico’s nieuwe album Irie

Je kent hem van Opgezwolle en Fakkelbrigade en zijn nieuwe album Irie. De Leven chillde op een warme woensdagavond met rapper Rico (36). We spraken in Hedon met hem over zijn jeugd, zijn muziek én zijn nieuwe albume, dat sinds vorige maand uit is. “Die plaat heeft me bepaalde dingen doen verwerken, als een therapie.” Door Charley Blomjous en Yvo Osterloh

“Pak die rust hè, tot volgende week.” Een jongen met witte pet loopt de kantine van Hedon uit. Hij is een van de jongeren die elke week raples van Rico krijgt. Iets dat de master himself miste toen hij jongere was. Hij zit tegenover ons aan een tafel in de hoek, frummelt aan zijn pakje van Nelleshag en begint te vertellen: “Mijn jeugd was niet echt ideaal te noemen. Geen nette woonwijk met groen gras voor de deur, wij woonden naast een houtfabriek, letterlijk. Buiten spelen kon alleen als mijn vader en moeder meegingen. Op school voerde ik geen flikker uit en ik haalde veel kattenkwaad uit. In 3 havo en 4 havo ben ik blijven zitten, twee keer dus. Toen besloot ik maar te stoppen. Ik ging werken in die houthakfabriek. Spijt dat ik had. Na een jaar was ik het werken helemaal zat, ik miste de sociale contacten van school. Ik besloot naar het mbo te gaan. “Prima dat je weer wilt leren maar het schoolgeld betaal je zelf,” zei mijn moeder. Bam, drieduizend fucking gulden per jaar. Toen merkte ik wel dat school echt belangrijk is.” Family affair Op zijn vijftiende gingen zijn ouders

scheiden. De rapper kreeg een stiefvader. Zoals je vaker bij scheidingen hoort, zorgde de verandering voor problemen in het gezin. “Nooit heb ik mijn stiefvader de kans gegeven zijn best te laten doen voor ons. Er waren veel ruzies. Rond die leeftijd begon ik ook met blowen, wat ik nog een hele tijd heb gedaan. Toen ik uit huis ging werd de band beter.” Al met al vindt hij niet dat hij een kutjeugd heeft gehad. “Echt een pretje was het niet. Wat ik nu inzie is dat het lastig is om als stiefvader voor een nieuw gezin met twee kinderen te gaan zorgen. Echt anders had ik het niet kunnen doen. Er waren teveel factoren waarom ik me toen zo gedroeg.” ” Hij is even stil, dan lacht hij. “Wat een high class interview is dit zeg, normaal krijg ik niet van zulke heftige vragen.” Sinds twee jaar leeft Rico een stuk gezonder. “Meer ritme, meer rust in mijn kop. Gezonder eten en genoeg slapen.” Na het mbo ging Rico naar het hbo. Sociaal Juridische Dienstverlening op Windesheim moest het worden. “Jongeren en muziek, daar wilde ik mee werken en die studie kwam daar het beste bij in de buurt.” Lang zat hij niet in de collegebanken. “Toen ik met >>

De leven

15


>> twee vrienden van school naar huis fietste zei een van hen: “We stoppen gewoon met onze studie en gaan alleen maar muziek maken.” Ik dacht: Fuck it, we doen het gewoon. Dat werd dus Opgezwolle.”

One love: music Hoedenplank is een van de hits van Sticks, Phreako Rico en Delic. Hun nederhopformatie gaf showtjes weg op festivals als Lowlands en werkte samen met Brainpower en Typhoon. In 2007 ging de groep uit elkaar. Rico vervolgde zijn werk als MC bij de Fakkelbrigade. Na een tijdje begon het te kriebelen, hij miste iets. “Twee jaar geleden plaatste ik een tweet. Ik wil meer halen uit mijn leven. De directeur van Hedon belde me, hij had wel iets voor me. En nu werk ik hier al een tijd. “ Met ‘hier’ doelt hij op de twee zaaltjes in Hedon waar jongeren die twee keer per week raples krijgen. “Allemaal hebben ze een verschillende achtergrond. Sommige hebben drugsproblemen, anderen zitten een lastige thuissituatie en sommigen zijn juist helemaal happy. Eén ding hebben ze gemeen: de liefde voor muziek.” Met de draaisets, mikes en speakers waar beats uitknallen kan de muziek goed flowen. “Net als voor mij is muziek maken voor hen een uitlaatklep. Je houdt ze ook van de straat op deze manier, ze zijn er uren ermee bezig. Het werk geeft mij echt voldoening.” De master herkent de kleine Rico’s in zijn groep. “Ik zie echt talent. Maar ik maak ze wel duidelijk dat je niet moet gaan rappen om rijk te worden. Kijk, Gers Pardoel en The Opposites, die hebben het gemaakt. Als het echt je passie is en je er met hart en ziel aan wilt werken moet je er natuurlijk voor gaan.”

Mea culpa? Rico stopt zijn ziel en zieligheid in de muziek. “Muziek betekent heel veel voor mij. Het is houvast. In mijn leven heb ik gezien dat muziek mij nooit alleen laat, het is altijd bij me. Zonder muziek zou ik gewoon niet kunnen leven.’’ Hij lacht en wrijft in zijn handen wanneer zijn nieuwe album Irie ten sprake komt. ‘’De tempel toe is aan een onderhoudsbeurt’ rapt hij in het nummer ‘Mea Culpa’, dat Latijn is voor ‘het is mijn schuld’. Wat is dan Rico’s schuld? “Het was uit met mijn vriendin en het kostte energie en tijd om me beter te voelen.” Op tijd stond hij op uit de lappenmand. “Het is ook heel erg belangrijk om niet in schuld te blijven hangen. Daar word je echt niet beter van.” Muziek gaat voor Rico echt diep. Het is voor hem een manier om in de spiegel te kijken. “Het album heeft mij geholpen als een therapie. Ik zie mijn hoofd als een tempel. Als artiest leefde ik geen gezond leven. Mijn tempel was vol en ongezond. Ik was veel onderweg, werkte veel ’s nachts. Mijn agenda puilde uit. Weinig ritme, weinig slaap, amper rust. Nu ik wat ouder ben merk ik daar de nadelen van.” Is het onregelmatige leven het grote nadeel van beroemd zijn? “Goede vraag man! Het kan een nadeel zijn, maar dat hoeft niet. Vaak gaan grote sterren aan de drugs en drank. Dat gebeurt als ze de controle kwijt raken over hun leven. Mij overkwam dat niet, maar ik wist ook niet goed hoe ik met mijn beroemdheid om moest gaan. Nu pak ik meer rust, sport ik, eet ik beter. Ik ben volwassen.” Hij zwijgt even. “Bijna dan.’’ Dope shit in Hedon Rappen is de grootste passie van Dillest en Rapid Spegt (hun artiestennamen). De jongens, allebei vijftien, gaan elke

Wil je ook naar Hedon om te rappen en te chillen met allerlei jongeren, Philip en Rico? Elke maandag en woensdagavond ben je van 18:00 tot 21:30 welkom. Het adres is Burgemeester Drijbersingel 7, Zwolle.

16

De leven

maandag en woensdag naar de Zwolse poptempel om hun hiphoptracks up te spicen met Rico. “Hij is onze master, hij steunt ons bij het maken van muziek. En we hebben ook echt een vriendschap met elkaar,” vertelt Dillest. Hij leert veel van de andere jongeren in de groep. “Niet alleen helpen we elkaar bij het verbeteren van onze rap skills, we verwerken ook diepe shit samen. Het houdt je van de straat. Muziek is een uitlaatklep voor ons. We hebben ook veel lol met elkaar en dat is goed voor de flow.” Rapid Spegt denkt er net zo over. “Ik heb dingen gedaan die niet door de beugel kunnen. Ik kom hier nu een half jaar en ik merk echt verandering. Meer rust in mijn hoofd. Dat zie je ook in mijn rijmschema’s, daarin hoor je hoe ik nu in het leven sta.” De jongens ontwikkelen zichzelf in de rapgroep. Rapid Spegt wil net zo groot worden als zijn master. “Ik heb al wat dope shit online gepompt. Hopelijk krijg ik net zo veel succes.“ Philip van Vorstenbosch (27) werkt met de jongeren en helpt Rico op de avonden in Hedon. “Mijn werk is super leuk. Het is heel erg mooi om andere mensen te kunnen steunen. En ik leer zelf ook van de jongeren die hier komen.’’ Wat voor jongeren komen hier? ‘’Jongeren van alle soorten en maten, echt. Sommigen zitten op de universiteit, andere boys hebben geen opleiding. Sommigen hebben shit thuis, anderen komen hier gewoon om creatief bezig te zijn. Maar iedereen heeft steun aan elkaar.’’ Philip heeft een tip voor je als je je niet zo goed voelt. “ Praat met je matties over jouw problemen. Wat ook helpt: deel iets wat je gemeen hebt. Hier is dat hiphop, maar dat kan natuurlijk van alles zijn. Maar echt, praat met anderen.’’


OVER KABOUTERS DIE

MIDGETGOLF SPELEN EN EENZAME GANGSTERS Door Yvo Osterloh

Komt dit je bekend voor? Je hoort een dope lyric, maar je weet niet meteen waar die nou precies over gaat. De Leven zet een paar teksten voor je op een rijtje én legt uit. Misschien klinken de lyrics na het lezen van deze pagina wel heel anders!

1. We beginnen met Rico. Samen met Sticks en Delic was hij Opgezwolle. In één van hun vetste tracks, ‘Hoedenplank’, zit de volgende lyric:

‘’Als onze Hanzestad taxichauffeurs in de nacht, hier een zak snoep je word thuis gebracht .Dat is hoe het zit in Zwolle tegenover snackpoint Kolk wissel ik mijn woorden en kabouters spelen midgetgolf.’’ Het nummer gaat over het nachtleven in Zwolle. Soms was het zo laat dat de boys alleen nog taxi’s zagen. Bij Snackpoint Kolk, een snackbar, was Rico (die dit stukje spit) veel. De kabouters zijn de normale mensen, terwijl Opgezwolle groot waren als rappers. De rest laten de members van Opgezwolle aan de fantasie van de luisteraar over.

2. Je kent het nummer ’99 Problems’ van Jay-Z wel. In die dikke track zit een opvallende lyric:

‘’I ain’t pass the bar, but I know a little bit.’’

Jay-Z heeft niet gestudeerd. Maar als de politie hem aanhoudt, dan weet hij wel wat van zijn rechten. Genoeg om niet opgepakt te worden. Op deze manier laat Jay-Z zien dat niemand hem de les kan lezen. Nu hij één van de grootste hiphopartiesten ter wereld is, heeft hij gelijk gekregen.

3. The Notorious B.I.G was één van de grootsten. Hij verkocht miljoenen albums. In zijn nummer ‘Mo Money, Mo Problems’, rapt hij over beroemd zijn:

‘’Can’t stop ‘til I see my name on a blimp.’’

Een ‘blimp’ is een billboard, zo’n groot ding langs de snelweg. Biggie Smalls geeft aan dat hij door blijft gaan totdat zijn naam overal te zien is. Hij is nog lang niet klaar met rappen. Helaas voor de scene werd hij doodgeschoten in L.A., in 1997. De dader werd nooit gepakt.

4. 50 Cent rapt in het nummer ‘If I Can’t’ over trots:

‘’I’m down to die for my chain.’’

‘Chain’ staat voor één van 50’s kettingen. Maar voor hem zijn die kettingen niet zomaar voor de sier. Een ketting staat voor een rapper als 50 voor trouw aan zijn label en vrienden. In deze lyric rapt hij dus dat hij bereid is te sterven voor wat voor hem belangrijk is: zijn posse.

5. In het nummer ‘Temptations’ spit Tupac het volgende:

‘’Even thugs get lonely.’’

Thugs is een Engels woord voor gangsters. Tupac zag zichzelf ook als een thug. Ondanks alle roem en succes, zijn ook de sterren soms eenzaam, net als jij en ik. Ook Tupac werd doodgeschoten, maar dan in Las Vegas. Net zoals bij Biggie is de dader nooit gepakt.

De leven

17


“De meeste klanten zijn hele normale mensen” Het leven van een dealer

“Laat ik beginnen met zeggen dat ik heus wel weet dat het niet nodig is. In Nederland zijn er altijd andere mogelijkheden dan dit als je geen geld hebt. Een baantje zoeken bijvoorbeeld, desnoods een uitkering aanvragen, niemand hoeft hier namelijk te zwerven. Maar dat is niets voor mij. Ik doe dit al zo lang, stoppen wordt steeds moeilijker.” 18

De leven


Dit is het verhaal van Gregor. Midden twintig en een doodnormale jongen. Zijn kleding ziet er duur uit, maar een baan heeft hij niet. Hij had een profvoetballer kunnen worden, maar toen het erop aankwam - hij was toen zeventien- ontbrak het hem aan motivatie. In die periode ging er echter wel een ander balletje rollen. Al sinds zijn achttiende dealt hij drugs. Cocaïne en crack. En als er vraag naar is ook wel eens wat anders. “’s Ochtends word ik vaak wakker gebeld door de eerste. Ik spreek een plek en een tijd af en dan maak ik me klaar, dat is meestal om een uur of tien. Behalve op zaterdag en zondag, dan heb je altijd van die gekken die het hele weekend doorsnuiven. Die bellen me soms wel veertig keer op in de nacht, maar dan zet ik mijn telefoon gewoon op stil. Ik moet ook slapen, hoor. Ik deal al zeker zeven jaar. Het is gewoon zo gegaan, ik weet niet waarom. Toen

ik een puber was werd ik echt gezien als een probleemkind. Al mijn vrienden waren zo. Ik voetbalde veel, maar ik wist eigenlijk niet zo goed wat ik wilde met mijn leven. Uitgaan, dat vond ik leuk, maar een voetballer mag dat niet. Toen dacht ik: fuck it, ik ga gewoon leven. En ja, leven is duur, dus die drugs kwamen toen wel goed uit. Nu is dat eigenlijk nog steeds de reden dat ik het doe. Snel geld verdienen is een beetje verslavend.

Het is een voorspelbaar om te zeggen, maar je moet wel hard zijn als je dit doet. Natuurlijk heb ik geld nodig, maar verslaafden hebben mij nog veel harder nodig. Als ik zeg dat ze naar de andere kant van het land moeten komen doen ze het soms ook nog. Ze zijn heel erg afhankelijk. Het vervelende vind ik dan ook het schuldgevoel. Ik kan het gelukkig makkelijk van me afzetten, maar toch is het lastig. De meeste gebruikers zijn hele normale mensen. Van die mannen van vijftig die het al jarenlang doen, maar het voor iedereen geheimhouden uit schaamte. Hun vrouw, kinderen, collega’s, niemand weet het. Ook zijn er veel jongeren natuurlijk, maar die gebruiken vooral in het weekend. Of, nouja, de eerste jaren dan. De meeste mensen veranderen snel in junks. Ze denken dat ze het niet nodig hebben, maar zijn eigenlijk elke dag ermee bezig en geven al hun geld eraan uit. Als ik zie dat iemand te ver gaat verkoop ik hem niks meer. Dan kunnen ze bellen wat ze willen, maar ik neem niet op.

Meestal vinden ze dan helaas wel een andere dealer. Ik praat weleens met mensen over afkicken, als dat nodig is, maar praten helpt vaak niet. Een verslaving is iets raars. Hoe ik aan mijn drugs kom, wil ik niet zeggen. Ik vertel dit verhaal omdat ik soms schrik van verslaafde jongeren. Aan minderjarigen verkoop ik sowieso niks, want die hebben het totaal niet nodig. Ze gebuiken alleen maar omdat ze het willen proberen en dat is fucking gevaarlijk want voor je het weet ben je verslaafd. Als jonge gasten aan mij vragen of ze drugs van me kunnen kopen zeg ik nee.

Zelf heb ik trouwens nog nooit drugs gebruikt. Dat mag ook niet, number one rule: never get high on your own supply. Ik ben echt de laatste die het zou proberen, omdat ik dagelijks zie wat het met mensen doet. Zo iemand wil ik echt nooit worden, dus ik blijf er wel van af, geen probleem. De reden dat ik nog steeds deal is omdat ik niet weet wat ik anders moet. Ik kan wel gaan werken, maar daar verdien ik helemaal niks mee, hooguit een minimumloontje. Het is moeilijk om daarvoor te kiezen, want dan moet ik helemaal anders gaan leven. Soms wil ik het wel, hoor. Een normaal leven hebben klinkt namelijk veel relaxter, hoe tegenstrijdig dat ook is. Veel geld is makkelijk, maar continu op mijn hoede zijn maakt me soms gek. Ik kan nooit ontspannen praten door de telefoon, aan bekenden vertellen waar ik woon of een avondje uitgaan zonder junkies tegen te komen. Drugsdealer. Het klinkt misschien wel tof of stoer, maar dat is bullshit. Echt.”

De leven

19


RECENSIE 20

De leven


WOLF Wolf is een van de nieuwste Nederlandse films met Marwan Kenzari als hoofdrolspeler. De regisseurs Jim Taihuttu en Victor Ponten ken je vast nog wel van Shouf Shouf. Maar Wolf is alles behalve een feelgoodmovie. Wolf is volgens Jim geen rooskleurige film maar de harde realiteit. Je hebt al gauw door dat de hele film zwart-wit is, wat in het begin even wennen is. Naarmate je de film verder kijkt begin je het zwart-wit effect wel te waarderen. Het voegt dat ‘rauwe’ edgy sfeer toe aan de film. Het verhaal speelt zich af in de winter. Marwan speelt de hoofdrol als draaideurcrimineel Majid en Nasrdin speelt zijn doodzieke broer. Het begin van de film trekt direct je aandacht. Je ziet twee mocro’s voor een etalage met scooters staan midden in de nacht. Alsof het de normaalste zaak van de wereld is nemen ze de scooters een voor een mee. Niet de daad, maar de manier waarop de twee communiceren trekt je aandacht. Eigenlijk alle ‘foute’ dingen die Majid met zijn vriend doet heeft een geestige touch, waardoor je als kijker in de schoenen staat van de ‘bad guys’. In de film zitten veel Mocro-cliches die je voorbij ziet komen. Foute vriendjes, een sletje, een vriend die je naait en problemen met de maffia. Majid heeft niet veel geld en wil zichzelf omhoog werken met kickboxen. Hoewel hij veel te stoer doet in de film ontdek je als kijker een kleine zwak voor hem omdat hij ook een hele gevoelige jongen is. Zijn broer is doodziek en stervende en zijn vader wil zijn criminele zoon niet meer in huis hebben. Deze film staat erg dichtbij de realiteit en heeft een open einde. Een Wolf 2 is niet uitgesloten… Cijfer: 8

De leven 21


22

De leven


“You never know how strong you are, until being strong is your only choice� - Bob Marley

De leven 23


Door de ogen van Marokkaanse jongeren die hoereren voor Prada’s en Somalische meiden die mishandeld worden wegens een verboden liefde, niets is te gek voor Eva Verburg. Zij werkt drie jaar bij Spirit Jeugdzorg in Amsterdam Zuid en is vaak betrokken bij de meest heftige situaties. Hoewel jeugdzorg onmisbaar is, is er aan het einde van de tunnel vaak geen licht te zien. Toch heeft ze een enorme passie om haar ‘kinderen’ - zoals zij hen noemt - te helpen en te begeleiden. Bij mij zie je ontzettend veel verschillende clienten voorbij komen. Verschillende culturen en etiniciteiten. Er zijn ongeveer evenveel allochtonen als autochtonen bij de jeugdzorg. Het zijn bijna altijd jongeren met een rugzakje die uit een achterstandswijk komen. Wat je vaak ziet is dat jongeren uit een rijk en hoogopgeleid gezin niet snel aankloppen bij jeugdzorg. Het kind wordt dan vaak gebracht naar een prive-kliniek. Ik merk wel dat autochtonen sneller aan de bel trekken, terwijl het bij allochtonen vaak via de rechter gaat.’’

Volgens het Gelders onderzoek – Jeugdzorg en allochtone clienten – klopt dit. Dit onderzoek toont aan dat allochtone jongeren en hun ouders onbekend zijn met de hulpverlening van de jeugdzorg. Zij maken weinig gebruik van de vrijwillige hulpverlening en komen vaak pas met jeugdzorg in aanraking als de problemen groter zijn. Dat betekent dat allochtone jongeren zich niet vaak vrijwillig melden bij de Jeugdzorg. Volgens Eva komt dit doordat allochtone gezinnen meer te maken hebben met eer en schaamte. ‘’Jeugdzorg inschakelen voor je kind is volgens veel ouders met een niet-westerse achtergond een schande. Daarom besluiten ze in veel gevallen hun kind onder te laten brengen bij een familielid’’.

gisch werknemer.’’ Ze vertelt dat het zien van geesten en het geloven in voodoo veel meer geaccepteerd is bij niet-westere culturen, terwijl je bij autochtonen al snel denkt aan een psychose of schizofrenie. Hetzelfde geldt volgens haar voor meiden die mishandeld worden door hun vader wegens het hebben van een vriendje dat niet toegestaan is. ‘Het feit dat ze mishandeld wordt is natuurlijk ernstig, maar dat zegt niets over de liefde die haar vader voor haar voelt. Hij probeert haar op de verkeerde manier te beschermen waardoor een uit-huis-plaatsing soms te ver kan gaan.

‘Ik vind het prachtig dat ik mijn werk kan doen, maar soms vraag ik me weleens af of ik werkelijk iets voor de kinderen kan betekenen. Je moet jeudgzorg zien als een gevangenis. Jongeren met problemen bevinden zich in een omgeving met andere jongeren met nog meer problemen. Iemand die te maken heeft met een gedragsprobleem kan ineens iemand verkrachten doordat diegene dat heeft geleerd van iemand anders die veel ernstigere afwijkingen heeft. De jongeren zijn vaak zo beschadigd dat ze er nooit echt beter uitkomen dan ze waren, vertelt Eva teleurgesteld.

Uit een onderzoek van Bureau Jeudgzorg Utrecht blijkt dat vooral jongeren met een Marokkaanse achtergrond zijn oververtegenwoordigd, in lichtere mate de jongeren met een Turkse achtergond. ‘’De Turkse gemeenschap is veel meer gesloten waardoor problemen niet snel naar buiten worden gebracht. Turken hebben een hechtere band en een sterkere saamhorigheidsgevoel’’, verklaart Eva. Uit het rapport van Bureau Jeugdzorg Utrecht blijkt ook dat niet-westere clienten vaker binnenkomen via een zorgmelding door politie of een arts. Vaak is de situatie dan al redelijk ernstig. ‘De vraag is hoe wij allochtonen kunnen bereiken, zodat ze wel durven aan te kloppen. Wat ik heel vaak zie is dat hulpverlening niet goed gespecialiseerd zijn in niet-westerse culturen. Als je alle culturen vanuit een westerse bril observeerd, dan trek je vaak een hele andere conclusie dan wanneer je je zou verdiepen in de achtergrond van die culturen. Vaak wordt de plank dan volledig misgeslagen. Er moet meer interculturele hulpverlening komen. Er komen steeds meer niet-westerse jongeren in Nederland, waardoor de allochtone clienten ongetwijfeld zullen toenemen in de jeugdzorg, concludeert de pedago-

24

De leven

Eva Verburg (26)


n Eva Hieronder volgen twee verhalen die Eva het meeste zijn bijgebleven sinds haar werk bij Spirit Jeudgzorg. De namen zijn wegens prive-redenen gefingeerd. Hanan is 18 jaar en Somalisch. Ze is gevlucht en woont sindskort in Nederland. De Somalische cultuur verschilt enorm van de Nederlandse cultuur. Hanan is zoals veel Somalische vrouwen besneden. Ze wist niet beter, want elke vrouw in Somalie moet besneden worden en als dat niet zo is dan ben je een hoer. Pas toen zij met haar moeder en twee zusjes naar Nederland was gevlucht kwam ze erachter dat haar besnijdenis eigenlijk helemaal niet zo normaal was. Het gezin van Hanan kreeg een woning toegewezen die zich in een extreem slechte conditie bevond, het stonk er naar rotte eieren. Terwijl Hanan en haar zusjes op de grond sliepen, sliep hun moeder in bed. Ze wilde dolgraag naar school, net zoals alle andere kinderen. Maar haar moeder wilde dat Hanan thuis bleef en helemaal niets deed. Als ze de schoenen in de hal niet had rechtgezet dan werd ze mishandeld totdat er bloed vloeide. Na twee jaar mishandeling was ze het zat en besloot ze om te vluchten uit huis. Ze belde aan bij jeugdzorg en vertelde in gebrekkig Nederlands dat ze het niet meer trok. Ze wilde nooit meer naar huis. Ik zag een heel donker meisje met een hoofddoek. Haar prachtige ogen vielen mij als eerst op. Op een dag besloot ik met haar op een bootje te varen door de Amsterdamse grachten. Ik heb nog nooit iemand zo zien stralen en zien lachen, en dat alleen maar omdat ze zich vrij voelde. Tijdens Sinterklaas kocht ik cadeautjes voor haar, gewoon simpele beautyproducten van de Action. Ze heeft me zo lang geknuffeld. Eigenlijk was het heel gek om te bedenken dat ze 18 jaar was. Ze leek wel een meisje van dertien. Hoewel Hanan dolgelukkig was in de instelling, was ze soms ook erg gesloten. Ze wilde nooit haar hoofddoek af doen waar ik bij was. Ik vroeg haar voor het slapen gaan bewust of ik haar haar mocht vlechten. Ik wilde dat ze zich volledig op haar gemak zou voelen bij mij. Na veel moeite deed ze haar hoofddoek af. Ik schrok enorm van de kale plekken op haar hoofd. Ze vertelde dat haar moeder soms plukken haar uit haar hoofd trok. Ik benoemde het niet en ik begon met mijn hand over haar haren te strelen. Ik vergeet nooit het moment waarop ze haar hand op de mijne legde en heel stevig tegen haar hoofd aandrukte. Helaas kon Hanan niet blijven bij Spirit omdat er geen genoeg bewijs voor de mishandelingen door haar moeder. Ze wilde absoluut niet naar huis, nooit niet. Ik bracht haar naar huis en ze smeekte mij met tranen in haar ogen of ze terug mocht. Ze wilde bijna op haar knieen en ze liet mij maar niet los. Daarna heb ik haar niet meer gezien. Via haar gegevens in de computer kon ik zien dat ze na twee maanden weer bij een andere jeugdzorgd is opgevangen.

Van Marokko naar Spanje, van Spanje naar Frankrijk

en van Frankrijk naar Nederland. Ayoub (19) vluchtte zonder geld op zak van Marokko naar Nederland. Hij

sprak alleen Arabisch en Frans en gooide om tactische

redenen zijn paspoort weg om zo zijn leeftijd te verdoe-

zelen. In Nederland werd hij door de politie gesignaleerd in de homoscene. Hij kon zich niet identificeren en sprak slecht Nederlands waardoor hij werd opgepakt door

de politie. Toen kwam aan het licht dat hij zijn lichaam verkoopt voor geld. Terwijl hij niet homoseksueel is,

wist hij heel goed dat hij veel kon verdienen door seks te hebben met andere mannen. In Amsterdam zie je vaker dat vooral Marokkaanse jongeren seks tegen betaling

aanbieden en dat voor mooie auto’s en prada’s. Omdat

het nogal een taboe is wordt er nooit echt over gespro-

ken. Ayoub is een tijdje mijn client geweest. Het uitzonderlijke was is dat hij geen extreem gedrag vertoonde.

Hij loog over het feit dat hij minderjarig was terwijl hij overduidelijk meerderjarig was. Misschien was hij wel

over de twintig, maar hij wist heel goed dat hij per direct het land uitgezet zou worden als er officieel aangetoond kon worden dat hij meerderjarig was. Ayoub was een knappe jongen om te zien en hij wist zijn uiterlijk ook

heel goed te gebruiken. Wegens het feit dat hij bijna geen Nederlands sprak en loog over zijn achtergrond, weten we niet precies waarom hij gevlucht is. Waarschijnlijk

om een ‘beter’ leven op te bouwen. Hij koos hier dus voor een ‘makkelijke’ baan. Ik kon aan hem zien dat het werk hem opbrak. Hoewel het zijn eigen keuze is, is het voor

een niet-homoseksuele man telkens weer een moeilijke stap om seks te hebben met een man. In het begin denk je alleen aan het geld, maar naarmate je het vaker doet tast het je ook psychisch aan. Dan zie je vaak dat ze

psychische problemen krijgen doordat ze zich zo hebben

verlaagd. En als ze dan ook geen uitweg meer zien omdat

het zo makkelijk verdient, dan zit je in een vizieuce cirkel waar je niet makkelijk uitkomt. Dat was ook het geval

met Ayoub. Ik zag hem extreem afdwalen tot ik op een

dag een telefoontje ontving van de politie die melde dat

Ayoub naakt door de Albert Heijn liep om vervolgens zijn

behoefte te doen midden in de supermarkt. Hij was doorgedraaid en heeft meerdere psychoses gehad. Meestal als je twee psychoces hebt gehad, wordt je niet meer beter. Hij zit nu in een gesloten inrichting.

De leven

25


Hoer spelen voor Prada’s

26

De leven


r o o d n e s s u #f f t Hoe zien mensen er in de toekomst uit? Wat gebeurt er met onze kleding, ons haar en... ons ras? Dat vroeg National Geographic zich ook af. Zij puliceerden vorige maand de ‘Amerikaan van de toekomst’. Geen Afrikanen, Aziaten en Europeanen meer. De mens van de toekomst in gemixt met alles. Check het:

De leven

27


STREETSTYLE FASHION Goede patta’s, een nonchalante houding en dope details. Er is over nagedacht, maar zo mag het er niet uitzien. done, but undone: de beste styles vind je op straat.

28

De leven


De leven

29


30

De leven


De leven

31


Rapper Kaascouse over zijn roots:

“Ik kan niet tegen stereotypes” Door Cathalijne Runia

H

oe belangrijk is je afkomst voor jou? In een land als Nederland kom je allerlei soor-

ten mensen met allerlei verschillende nationaliteiten tegen. ‘Hey, waar kom je eigenlijk vandaan?’, het wordt je vast wel eens gevraagd. En weet je wat: het is belangrijk. Roots horen gewoon bij je, simple as that. je afkomst is wie je bent en je cultuur bepaalt wie je wordt. Of toch niet…? Rapper Kaascouse, winnaar van The Next MC (BNN), vertelt over zijn roots. Kaascouse, die naam zegt al genoeg. Je bent half Nederlands en half Marokkaans. Hoe belangrijk zijn jouw roots voor je? “Ik identificeer me met beide kanten, natuurlijk. Als Nederland speelt voel ik me trots, maar als Marokko speelt voel ik me ook trots. Het is trouwens ook maar net hoe je het bekijkt, want als ik naar Marokko toe ga word ik ook maar gezien als een toerist. Maar ik vind het wel heel belangrijk dat ik weet waar ik vandaan kom. Op hetzelfde moment identificeer ik me trouwens meer met mijn stad dan

32

De leven

met mijn afkomst. In Rotterdam zie je dat er een hele sterke verbintenis is tussen de jongeren en de stad, dus in plaats van ‘trots op je land’ zijn mensen daar ‘trots op de stad’. Alleen al die Nultien kledinglijn, ik vind het wel grappig. Iedereen voelt zich een Rotterdammer in plaats van een Surinamer, Turk of Nederlander. Want uiteindelijk ben je allemaal gewoon een Nederlander en woon je in Nederland.

Wat vind je belangrijk aan je afkomst? “Nou, deels de geschiedenis. Ik wil weten waar mijn opa vandaan komt en

wat voor leven hij gehad heeft, bijvoorbeeld. Daarnaast vind ik eten ook heel belangrijk. Ik wil mijn zoon verschillende dingen leren van de Marokkaanse cultuur. De taal bijvoorbeeld, het eten, de muziek. Dat zijn wel echt de dingen die ik kostbaar vind om mee te geven aan de volgende generatie.” Hebben jouw ouders jou ook dingen meegegeven van beide culturen? “Jazeker! Ik moest bijvoorbeeld toen ik jong was in het weekend altijd naar de Koranschool. Elke zaterdag en zondag moest ik Arabisch leren en ik heb


Heb je het ooit lastig gevonden om half Marokkaans te zijn en half Nederlands? “Nou, ik heb het van beide kanten mee mogen maken. In Rotterdam Zuid werd ik bijvoorbeeld echt gezien als een halve Nederlander. Maar in Poortugaal – een soort dorpje net buiten de stad- was ik echt ‘die Marokkaan’. Omdat ik het van beide kanten heb mogen ervaren heb ik een soort afkeer gekregen van stereotypes. Stereotype Nederlanders, stereotype Marokkanen, überhaupt alle stereotypes. Nee. Ik kan daar echt niet tegen. Ik vind het echt vervelend om te zien dat iemands persoonlijkheid totaal beïnvloed is door zijn nationaliteit. Van die Marokkaanse boys op straat in Zuid die niet correct Nederlands praten omdat ze Marokkaans zijn. ‘Beter gewoon zo a wat, ik ben toch Mocro of wat?’ Weet je wat het is: je doet jezelf tekort. Je laat je hele vocabulaire liggen vanwege je afkomst. Maar hetzelfde geldt voor Nederlanders, hoor. Van die kortzichtige Nederlandse mensen die niet openstaan voor andere culturen, daar kan ik ook totaal niet Zit dat er in voor jou, wat je vader wil? tegen.” “Nee man, denk het niet. Ik zou nooit dat stereotype Marokkaan of moslim kunnen Soms zien mensen je meer als Nederlander, soms meer als Marokkaan. worden met een baard, die vijf keer per Voel je je dan ook meteen zo? dag bidt. Ik zie dat niet gebeuren. Maar toch: ik weet wel hoe het in elkaar steekt. “Ik denk dat ik me goed weet aan te passen. Als ik in een ruimte ben met alIk ben wel dankbaar voor die kennis, zelfs voor al die zaterdagen op de islami- leen maar Marokkaanse mensen, kan ik me makkelijk aanpassen en ben ik even tische school en de koranversjes. Ik zie dat die kennis bij veel mensen verwaterd een Marokkaanse jongen. Ik spreek ook is. Heel veel Marokkaanse jongens die ik gewoon de taal, ik ken de normen en ken komen er op late leeftijd pas achter waarden. Dat zijn hele andere normen en waarden dan wanneer ik bij mijn Nederdat ze toch op die manier willen leven. Van die jongens die eerst lekker los gaan, landse oom thuis zit. Het is echt gewoon en als ze 25 of 30 zijn denken ze opeens een kwestie van aanpassen. ‘hey, ik ga trouwen’. Dan gaan ze zich heel Nu we het daar over hebben, ik denk dat aanpassen een groot struikelblok is anders gedragen en worden ze opeens tegenwoordig. Iedereen vindt maar dat precies zoals hun vader, maar dan een anderen zich aan moeten passen, maar iets modernere versie. ze denken niet aan zichzelf. Je ziet dat zulke cultuurdingen in veel Maarja, terug naar je vraag: dat is dus landen veranderen. Maar de ene culhoe ik er mee omga. Als ik in een ruimte tuur is sneller dan de andere. Als de bijvoorbeeld de Turkse bevolking en de ben met Marokkaanse mensen, voel ik Marokkaanse bevolking vergelijkt, zie je me meer Marokkaans. Maar het ligt wel aan het moment. Als er bijvoorbeeld iets dat Turken altijd net iets vooruit lopen op de Marokkanen. Dat is grappig, want heel stereotypisch gebeurt voel ik me juist weer heel Nederlands. Dan denk die culturen liggen best wel dicht bij ik ‘ah, kom op, waarom zijn jullie zo elkaar. Waar vrouwen op de Turkse tv kortzichtig.’ bijvoorbeeld al gewoon zonder hoofddoek verschenen, duurde het bij ons nog Ik ben dus ook heel blij dat ik het antwoord ‘Kaascouse’ heb gevonden. Ik krijg wel vijf jaar ofzo. In het straatbeeld zie je dat ook. Turken zijn net iets moderner mijn hele leven al de vraag wat ik me dan Marokkanen, geloof ik.” superveel koranversjes geleerd in mijn weekenden. Mijn vader was daar wel echt streng op. Thuis kreeg ik ook Marokkaanse les. Dat was wel handig, want op die manier leerde ook mijn moeder de taal: twee vliegen in een klap dus. Grappig dat mijn vader dat vroeger zo belangrijk vond, want dat is tegenwoordig helemaal niet meer zo: hij laat me gewoon leven hoe ik dat wil.” Waarom denk je dat hij dat doet? “Ik denk dat hij ziet dat het goed met me gaat. Ik heb mijn leven, ik doe mijn ding, ik maak muziek, ik kom op tv. Hij krijgt daar ook veel complimenten over. Hij ziet dat het goed met me gaat, dus gelooft wel dat het goed zit met mij. Ik denk wel dat hij diep in zijn hart hoopt dat ik ooit naar Marokko ga. Je weet wel: een Marokkaanse vrouw trouw, naar Mekka afreis en een baard laat staan, dat soort dingen. Dat zou zijn ideaalbeeld zijn, omdat hij zelf zo is. Maar ondanks dat merk ik dat hij accepteert wie ik ben. Daar heeft hij gelukkig geen moeite mee.”

meer voel: Nederlands of Marokkaans. Dan zeg ik altijd gewoon ‘Kaascouse’.”

Waarom denk je dat afkomst zo belangrijk is voor jongeren? “Ik denk dat veel jongeren ergens bij willen horen. Dat is natuurlijk ook zo met voetbalclubs, en hypes enzo. Het gaat om een soort saamhorigheid, een raakvlak dat je met anderen hebt. Daarnaast worden de hokjes tegenwoordig ook kant en klaar aangeboden. Al heel vroeg wordt er tegen kinderen gezegd ‘je bent Surinaams’, of ‘je bent Marokkaans’. Die oudste van mij kijkt ook het jeugdjournaal. Dan komt hij naar me toe en dan vraagt hij wat hij eigenlijk is. Heel vroeg worden we allemaal bewust gemaakt dat we ‘iets’ zijn.

Wat leer jij je kinderen daarover? “Ik heb twee kinderen: mijn stiefzoon en mijn eigen zoon. Mijn stiefzoon is half Nederlands, kwart Ghanees en kwart Indonesisch. Ik probeer ze alle talen mee te geven. Mijn stiefzoon leert van ons Engels, Nederlands en Ghanees. Die kleine van mij gaat er straks dan ook nog Arabisch bij krijgen. Ik probeer ze daarnaast ook wel uit te leggen ‘wat’ ze zijn en waar dat ligt, maar ik vertel ze ook vooral dat ze gewoon Nederlanders zijn. Dat hun opa en oma ergens vandaan komen- dus waarom ze dat kleurtje hebben- is goed om te weten, maar dit is hun leven en mijn zoon is gewoon een Almeerder.”

Als ik het goed begrijp haat je het gewoon als mensen elkaar in hokjes plaatsen, of niet? “Ja. Maar ook als je dat zelf doet. Mensen doen zichzelf tekort door zich in een hokje te laten plaatsen. Zo van: je kunt zogenaamd Nederlandse mensen met een hond niet begrijpen, omdat je een Marokkaan bent. Mijn vader vindt dat bijvoorbeeld echt smerig, en die snapt dat niet. Ik probeer het hem dan uit te leggen, maar luisteren? Nee hoor. Ik vind dat je jezelf op die manier tekort doet. Omdat jij iets niet meekrijgt vanuit jouw cultuur, is het heus niet raar. Weet je wat: we zouden allemaal eens bij elkaar in de keuken moeten kijken om te zien wat we kunnen leren van elkaar. Uiteindelijk zijn we allemaal Nederlanders. We kunnen nog veel meer van elkaar leren. Ja man, dat zou goed zijn.”

De leven

33


‘’Ik wilde mijn leven weggooien,

zij vocht ervoor’’ Sjoerd brengt zijn jeugd grotendeels door op de skatebaan. Er is liefde, steun en ontspanning. Thuis moet hij sinds zijn dertiende dealen met een ernstig zieke moeder. Met bloed, zweet en tranen vecht hij zich door de dagen heen. Het lukt niet. Sjoerd doet een zelfmoordpoging en belandt in een kliniek. Kort daarna overlijdt zijn moeder. Het lijkt of Sjoerd het leven definitief opgegeven heeft. Juist daar is het omslagpunt. Waar eerder de ziekte van moeder Pietje reden was om alles op te geven, wordt het nu samen met muziek maken de drijfveer om door te gaan. Muziek is zijn uitlaatklep, oplaadpunt en verbinding. Zijn moeders dood de reden om opnieuw te beginnen. Sjoerd vertelt hoe een uitzichtloos leven kan omslaan in een hoopvolle toekomst. Door Chris Bil Het is november 2013. Sjoerd Steegstra is live op de regionale zender Omrop Fryslân te zien. Een gitaar heeft hij in zijn hand geklemd, zijn mond bij de microfoon en volledig opgaand in zijn optreden. Een linkeroor vol met piercings, twee door zijn lip en zijn lichaam vol met tatoeages. Er staat een gelukkige vent op het podium. Het is geen toeval dat Sjoerd staat te shinen daar. Muziek is zijn levensdoel geworden. ‘’Muziek is simpelweg alles. Het is mijn uitlaadklep, oplaadpunt en mijn verbinding tot mezelf en anderen’’, aldus de singer/ songwriter.

34

De leven

Sjoerd treedt steeds vaker op, zowel nationaal als internationaal. Met zijn band Baldrs Draumar bestrijkt hij de Nederlandse en Duitse markt. Ze brengen Vikingmetal ten gehore. De band is zo belangrijk dat op Sjoerd zijn linkbovenarm een tattoo met de bandnaam prijkt. Het beviel hem zo goed dat hij als hobbyist ook aan het tatoeëren is geslagen. Op zijn eigen lichaam vooral. Ook solo timmert Sjoerd aan de weg. Hij heeft een Friestalig album ‘Tusken libben en dea’ uitgebracht. De teksten scheef hij zelf. Alles gaat over zijn moeder en de strijd die Sjoerd voerde.

Strijd kende hij. Sjoerd werd vroeger gepest en was erg gevoelig voor depressies. Toen hij 13 was, kwam het bericht dat zijn moeder borstkanker had. Het sloeg in als een bom en Sjoerd kon het amper bevatten. Gevoelsmatig was zijn moeder de enige die hem begreep. Het gevoel dat hij haar los zou moeten laten werd een te grote trigger. Hij was veel op straat te vinden en zwierf urenlang rond op de skatebaan in Dokkum. Hij ging zich anders kleden en experimenteerde met drugs. ‘’Op straat vond ik mensen die hetzelfde als ik waren. We hadden een verhaal. Daarom praatten we met


elkaar en hielden we elkaar overeind. We voelden ons verenigd en dat maakte me minder eenzaam. Ik vond het heerlijk om in vrijheid gezellige mensen te ontmoeten en te socializen’’, aldus Sjoerd. Mentaal ging het wel steeds minder. De levensverwachting van zijn moeder was een jaar. Ze maakte er uiteindelijk zeven van. ‘’Ze is een bewonderingswaardige vrouw en mijn motivatie tot het leven. Haar liefde en levensinstelling hebben mij als mens veranderd’’, spreekt Sjoerd trots over zijn topper.

Sjoerd haalde zijn HAVO-diploma met het laatste beetje power dat hij had. Daarna was hij leeg en ging het mis. Een zelfmoordpoging was het trieste gevolg van jaren knokken, strijden en verliezen. Sjoerds vader vond hem en dat is zijn redding geweest. Achteraf is hij zijn vader dankbaar. Duidelijk was wel dat het zo niet verder kon. Een opname in een kliniek was het gevolg. Hij kreeg rustgevende medicijnen, antidepressivum, antipsychotica en meer medicatie. In deze periode leerde Sjoerd langzaam weer leven. Na zijn tweede en laatste opname had hij zelfs een levensdoel gekregen. Wrang genoeg ontstond dat pas na het overlijden van zijn moeder. Sjoerd legt uit: ‘’Mijn moeder was er niet meer. Jarenlang had ze gevochten en ik had gedacht nooit zonder haar te kunnen. Nu moest ik. Ik heb haar beloofd nooit weer zoiets verschrikkelijks te doen. Ik voelde die belofte als een last maar heb het kunnen ombouwen tot een levensstijl. Ik ben ontzettend blij dat ik leef en dat mijn vader me toen gevonden heeft. Ik zie mijn moeder terug in mezelf, zowel innerlijk als uiterlijk. Dat geeft me kracht. Ik zing erover en dat maakt het taboe minder erg.’’ Het is direct de reden dat Sjoerd zijn band met zijn moeder zo sterk was en is. ‘’Zij heeft me laten zien dat je blij kunt zijn met kleine dingen. Ik wilde mijn leven weggooien terwijl zij er

Opvallend is de enorme tattoo op Sjoerds borst. Hij liet deze zetten als aandenken aan zijn moeder. ‘’Ze is altijd bij me.’’

voor vocht. Ze stond me bij al kon ze niet begrijpen wat ik had gedaan. Ik heb een gigantische fout gemaakt maar wil nu laten zien dat het anders kan. Er is een leven zonder pijn en depressies. Ik hoop dat ik zo andere mensen ervoor kan behoeden zoiets te doen’’, aldus Sjoerd.

Leven zonder pijn is nu meer regelmaat dan uitzondering voor de singer/songwriter. Hij heeft zijn leventje op de rit en heeft van zijn probleem zijn toekomst gemaakt. Toen hij in het zorgcircuit rond wandelde kwam hij een functie als ervaringsdeskundige op het spoor. Hij was al gestopt met de PABO en ging solliciteren. Hij werd een maand later aangenomen. ‘’Wat ik doe is bij mensen langsgaan die bij ons in de zorg zijn en met hen praten over psychische problematiek. Zonder

taboe, en met herkenning en erkenning. Mensen vinden het vaak makkelijker praten doordat ik een verleden hierin heb. Mijn verleden is dus mijn ervaring die ik inzet’’, verklaart Sjoerd.

Ook privé gaat het goed. Sjoerd heeft een vriendin en woont sinds een jaar antikraak in Dokkum in een oude school. Hier wonen ook vrienden van hem. Hij fitnesst veel. Het geef rust en structuur. Ook maakt hij minstens anderhalf uur per dag muziek. Ook hier is de rust belangrijk. Daarnaast houdt hij reptielen. Hun groeiproces en prehistorische trekken fascineren hem. Is er dan kans dat Sjoerd ooit weer afzakt naar de onderkant? ‘’Nee’’, is het antwoord zelfverzekerd. ‘’Ik zie mijn toekomst positief in. Dankzij de therapieën en opnames heb ik door de jaren heen een handleiding voor mezelf ontworpen. Ook muziek helpt me om in contact met mezelf te blijven. Ik zie me dan ook nooit weer zover afdwalen als vroeger’’, aldus Sjoerd. Hij heeft nog wel een tips voor mensen met struggles: ‘’Neem jezelf serieus. Als jij het niet doet, doet niemand het. Als je het bespreekbaar maakt, maak je het concreet en dat levert feedback op. Dat kan ontzettend waardevol zijn.’’

Sjoerd Steegstra gaat compleet op in de muziek. De gitaar zit niet voor niets stevig in zijn handen geklemd. Muziek is onderdeel van zijn leven.

Meer over Sjoerd Steegstra en zijn werk vind je op www.journalistiekzwolle.nl/ tijdschriften en http://www.sjoerdsteegstra.nl/

De leven 35


Sef - De Leven

36

De leven


Sef - De Leven Soms okura, 8 gangen Soms tempura, champagne Soms, somsvim Soms Gucci Soms Comme des Garcons Soms Louis Soms dansen Soms lichtjes Soms, Soms drankjes Soms flitsen Soms 150 paar kicks En soms helemaal niks Soms New York Soms Londen Soms, soms high, stomdronken Soms, soms Tokyo Soms Parijs Soms puur Soms met ijs Soms shows Soms aandacht Soms, soms allemaal chicks En soms helemaal niks Dit is de leven En ik weet dat dit leven is En ik weet niet of het nog lang duurt Maar zolang het er nog even is Geniet ik er van, elke dag En ik weet dit de leven is En ik weet niet of het nog lang duurt Maar zolang het er nog even is Geniet ik er van, elke dag

Soms balen Soms huilen Soms, soms liever niet naar buiten Soms, soms bang zijn voor later Soms, soms mis ik mijn vader Soms, soms crisis Soms verdriet Soms, soms eventjes niet Soms, soms even een dip En soms helemaal niks Soms gezeik Soms gehaat Soms, soms gekijk Soms op straat Soms uitschelden, omkijken Soms bek houden, doorbijten

Soms, soms flippen, doorslaan Soms, soms slikken, doorgaan Soms, soms een tand door de lip En soms helemaal niks Dit is de leven En ik weet dat dit leven is En ik weet niet of het nog lang duurt Maar zolang het er nog even is Geniet ik er van, elke dag En ik weet dit de leven is En ik weet niet of het nog lang duurt Maar zolang het er nog even is Geniet ik er van, elke dag

Als het morgen over is En er helemaal niks meer over is Dan kan ik zeggen dat ik heb geleefd En dat ik meer ben vergeten dan je weet, snap je? Stapje voor stapje dichterbij het einde Jij leef je leven, ik leef de mijne En mijne is bijna met geen pen te beschrijven Daarom flitsen in me hoofd allemaal lijnen voorbij als HSL-treinen Of sneller, Concordes waarschijnlijk Nergens spijt van, alles was mooi Ook de dalen, en die andere zooi Alles geplakt, niks laten liggen De vijver van de leven heb ik leeg zitten vissen Ik heb niks gemist Echt helemaal niks Dit is de leven En ik weet dat dit leven is En ik weet niet of het nog lang duurt Maar zolang het er nog even is Geniet ik er van, elke dag En ik weet dit de leven is En ik weet niet of het nog lang duurt Maar zolang het er nog even is Geniet ik er van, elke dag

De leven 37


38

De leven


TATOEAGES

ZIJN GEEN PLAKPLAATJES Plakplaatje. Trampstamp. Anuspijl. Voor sommige mensen is een tatoeage niet meer dan een ordinaire tekening op het lichaam, maar niet voor niet voor iedereen. Niet voor Sebastiaan de Vries. In het Belgische Hamme geeft hij opnieuw betekenis aan zijn leven. Door Sebastiaan van den Bovenkamp

De leven

39


Iedere witte streep op de weg brengt hem dichter bij zijn bestemming. De pruttelende motor van de gammele Alfa Romeo is de soundtrack van de reis naar eeuwigheid. De 23-jarige Sebastiaan is een van de velen die het verleden een plek willen geven met een tatoeage. Daarvoor reist hij samen met zijn vriendin Marjolein naar Hamme, een Vlaams dorpje onder de rook van Antwerpen. Jaarlijks vindt in de Belgische plaats de Tattoo Conventie plaats, een enorm evenement voor bezitters en liefhebbers van tatoeages. In Hamme probeert hij het verleden een plek te geven. Sinds zijn geboorte voelde hij weinig steun van zijn ouders. Hij was altijd op zichzelf aangewezen. Alles wat hij leerde en presteerde heeft hij bereikt door hard werken. De enige liefde die hij in zijn kindertijd voelde, was van zijn grootouders. Zij steunden hem door dik en dun. Helaas werden ze enkele jaren geleden van hem afgenomen. Om zijn geliefde Bert en Gerda te eren, geeft Sebastiaan ze een plekje. Op zijn lichaam. De reis naar Vlaanderen is meer dan een bezoekje aan een conventie. Het is een eerbetoon. Na een gammele rit van ruim anderhalf uur bereiken we het parkeerterrein van Sporthal De Wuiten, een gigantisch sportcomplex waar de conventie gehouden wordt. Bij het uitstappen van de auto wordt duidelijk dat Sebastiaan niet als enige geïnteresseerd is in tatoeages. Overal waar je kijkt, zie je getatoeëerde personen. Doorgewinterde rockers met schedels op hun schouders, maar ook pubermeisjes met zwaluwen op hun polsen. Het is een aparte verzameling van verschillende persoonlijkheden. Het is een plek waar de Hagenaar zich thuisvoelt. “Iedereen hier heeft een verhaal,

weet je? Ik ook. We hebben allemaal onze struggles meegemaakt en willen dat op deze manier uiten. Dat maakt het zo speciaal.” Vluchtig draait hij een peuk en neemt een flinke hijs om te ontspannen. Hij is zenuwachtig. Voor hem heeft de tatoeage een grote betekenis. Het is niet zomaar een plakplaatje, voor niemand hier. Iedereen op het parkeerterrein, en in de immense hal, wil bevrijd worden van het verleden. Voor Sebastiaan komt de bevrijding met iedere stap dichterbij. We gaan naar binnen.

Een forse beveiliger heet ons welkom. Zijn imponerende gestalte lijkt stukken minder indrukwekkend zodra hij zijn mond opendoet.”Mag ik jullie toegangsbewijzen zien”, zegt hij op een nasale manier. “We zijn binnen, het feest kan beginnen.” Sebastiaan lijkt enthousiast te zijn over het nieuwe hoofdstuk in zijn leven. “Het is maar schijn, hoor”, fluistert zijn vriendin. Zo lijkt het inderdaad. De 23-jarige probeert krampachtig een nieuw peuk te rollen, nauwelijks vijf minuten na zijn vorige rookbeurt. Met trillende handen probeert hij het papieren ding aan te steken. Bij de derde poging vat de sigaret vlam. “Toch lekker, hè”, zegt hij terwijl hij een grote rookwolk uitblaast. De zenuwen verdwijnen zodra we de conventie betreden. Sebastiaan komt allemaal bekende gezichten tegen als we door de grote ruimte van de conventie wandelen. Uiteraard allemaal versierd met meerdere plaatjes. Het bezit van een tatoeage lijkt te verenigen, te verbroederen. Iedere bekende wordt begroet met een fistbump en een flinke omhelzing, alsof ze na een jarenlange oorlog worden herenigd. “We hebben allemaal iets meegemaakt in ons leven en dat verwerken we allemaal op dezelfde manier. Natuurlijk heeft iedereen zijn of haar ei-

gen betekenis aan het ontwerp gegeven, maar voor ons is een tatoeage belangrijk. We zijn net een grote familie. Een soort Tros met tatoeages, haha.” Als we bij het einde van de eerste rij stands zijn aangekomen, snelt de Hagenaar als een jonge hond richting het tentje op de hoek. Verschillende artiesten zijn er aan het werk, maar onze hoofdrolspeler roept naar het hoogblonde meisje achterin. “Laura!”. De getatoeëerde tweelingzus van Barbie kijkt op en plots verschijnt er een grote glimlach op haar gezicht. Zoals gewoonlijk volgt er wederom een omhelzing. “Kijk, zij heeft me ontmaagd”, zegt Sebastiaan met trots over het iele meisje. Het lijkt misschien een vreemde openbaring, maar hij vertelt geen leugen. De 24-jarige dame, veel ouder dan ze in eerste instantie lijkt, had namelijk de eer om de eerste tatoeage op het lichaam van De Vries te zetten. Hij trekt zijn vest uit en toont de tekst “It Never Ends” op zijn rug. “Hier ben ik wel heel trots op”, zegt de vrouwelijke artiest. “Los van de technische uitvoering is dit gewoon een klein meesterwerkje. Sebastiaan was heel openhartige over de reden van de tatoeage. Ik voelde me gevleid dat ik hem dus mocht zetten”. Ook deze tatoeage was een manier om het verleden een plaats te geven. Een herinnering dat slechte keuzes een mens kunnen achtervolgen. “Zoiets geeft gewoon rust”, vervolgt de 24-jarige Laura. “Helaas mag ik niet zijn nieuwe zetten.” Die eer is weggelegd voor Gabriel, een Argentijnse tatoeëerder. De Zuid-Amerikaan met het vlassige snorretje mag dan niet groot van formaat zijn, zijn reputatie is enorm. Liefhebbers over de hele wereld staan te springen om een tatoeage van de legendarische artiest. Sebastiaan heeft de Argentijn weten te strikken en is, understatement, enthousiast dat de Argentijn een gaatje heeft weten te vinden om een nieuwe mijlpaal op het lichaam van de Hagenaar vast te leggen. “Ik ben siked, dude. Siked! Over een paar uur staat een kunstwerk van Gabriel op mijn arm. Met mijn verhaal. Siked!” Plots beseft de 23-jarige dat het verleden een plaats krijgt. Temidden van duizenden bezoekers staart hij zielloos voor zich uit. Geen beweging in zijn hele lichaam. “Schat, gaat het wel?”, vraagt zijn vrienden. Hij schrikt op en neemt een moment. “Ja, gaat prima, babe.” Samen lopen ze verder, hand in hand, richting Gabriel. Tijd voor de toekomst. 14:00 uur. Het moment der waarheid. Sebastiaan staat oog in oog met de Argentijnse artiest Gabriel. Met een accent dat rechtstreeks uit een Zuid-

40

De leven


Argentijnse artiest Gabriel tatoeëert Sebastiaan de Vries op de Tattoo Conventie in Hamme

Amerikaanse pornofilm lijkt te komen, vertelt de Argentijn wat de bedoeling is. Hij gebaart dat Sebastiaan op de stoel moet plaatsnemen. Vervolgens legt hij een stuk doorzichtig papier op de arm van de Hagenaar. Het ontwerp. Vooraf hebben de twee al contact gehad over de tatoeage, het gedenkteken aan zijn opa en oma. Zodra Sebastiaan de plaatsing heeft goedgekeurd, begint de Argentijn met de voorbereiding. De harige arm wordt geschoren en ingesmeerd met een vochtinbrengende lotion. Vervolgens plakt Gabriel het ontwerp als een plakplaatje op de arm. Het is echter nog maar het begin. Hij tovert een naald tevoorschijn en dipt het in de inkt. De inktmachine gaat aan. Met gebrekkig Engels vertelt de artiest dat het moment is aangebroken.Op het moment dat de naald de huid van Sebastiaan raakt, krullen zijn mondhoeken. “Het is pijnlijk, maar tegelijkertijd toch ook heerlijk, gast. Het is verslavend. “ Terwijl onze hoofdrolspeler van het moment lijkt te genieten, ploetert de Argentijn voort. Inkt en veeg. Inkt en veeg. Inkt en veeg. Op deze manier gaat het proces nog uren door. Langzaam maar zeker beginnen de contouren van het eindresultaat vormen aan te nemen. Er verschijnt een raaf op de huid van de 23-jarige klant. Een donkere vogel met een mensenschedel in de kop. Da’s niet alles. Het sombere ontwerp toont ook het werk van de bekende wiskundige M.C. Escher (geen rapper), een surrealistisch patroon in de buik van het beest. Na lange tijd doorbreekt Sebastiaan de stilte. “Hij wordt strak, hè.

Hij is al bijna klaar. De raaf staat voor de dood. De schedel symboliseert de ziel. Het Escher-patroon staat voor oneindigheid en bijzonderheid.” Bij het uitspreken van deze woorden krijgt hij het weer moeilijk. Eerder lukte het hem nog om de tranen te bedwingen, maar de natte ogen kan hij toch niet tegenhouden. “Het kan me geen reet schelen wat de rest van de wereld hiervan vindt. Dit is míjn manier om mijn opa en oma levend te houden. De herinnering in ieder geval. Zonder hen had ik het niet overleefd, was ik op straat terechtgekomen. Door hun steun en liefde ben ik gegroeid tot de man die ik nu ben. Daarvoor ben ik ze eeuwig dankbaar.” Plotseling stopt het gezoem van de inktmachine. De tatoeage is klaar. Tatoeëerder Gabriel legt zijn machine weg en smeert de inkttekening in met een vloeistof. Zodra hij kan, grijpt Sebastiaan zijn vriendin Marjolein. Een moment lijkt de tijd stil te staan. Zijn partner begrijpt wat

de tatoeage voor hem betekent. Samen bewonderen ze zijn eerbetoon aan zijn grootouders. “Hij is prachtig”, zegt ze. “Ja, hè”, zegt hij terwijl hij zijn arm optilt om de tatoeage beter te bewonderen. Veel tijd krijgt hij echter niet als de Argentijnse artiest zijn arm inpakt met een speciale folie. Zoals verwacht volgt de gebruikelijke fistbump en een bro-knuffel. Een half uur later, zo voelt het tenminste, is hij klaar om de conventie te verlaten. Hand in hand nemen Sebastiaan en Marjolein afscheid van de sporthal in Hamme. Terug richting het vertrouwde Alfa Romeootje. Vlak voordat hij instapt om aan de terugreis te beginnen, kijkt de jongeman naar de lucht. De hemel. Hij slaat een kruisje, kust zijn vuist en wijst naar boven. “Dit is voor jullie. Wat ik zonder jullie zou hebben gemoeten... Ik heb er geen woorden voor.” Woorden zijn ook niet nodig. Soms zegt een beeld meer dan duizend woorden. In dit geval een tatoeage.

TATOEAGES ZIJN EEN TAAL

De meeste mensen die een tatoeage hebben of willen, zien dat voornamelijk als een unieke lichaamsversiering. Volgens professor sinologie Victor Mair is er een ‘direct en onmiskenbaar linguïstisch verband tussen het concept van tatoeages en de ontwikkeling van het Chinese schrift’ is. Dat schrijft Mair op Language Log. Hiermee geeft de professor aan dat tatoeages in hun eigen manier ook een taal is. Chinese symbolen, soortgelijk aan tatoeages, zijn de voorganger van het huidige Chinese schrift. Hiermee laat Mair zien dat tatoeages niet alleen een identificatiemiddel zijn, maar ook een manier van communiceren.

De leven 41


COLOFON

De redactie

Andor Faber- Yvo Osterloh - Elise de Jong- Cathalijne Runia Dilan Kutlubay- Chris Bil - Sebastiaan van den Bovenkamp Charley Blomjous


De leven  

Urban, street life, fashion, et.