Issuu on Google+

franciscanen .nl minderbroeders franciscanen

3

Duurzaam franciscaans

6

‘ We hebben goud in handen’

8

Van twee kanten: over geld

1

jaargang 5 • januari/februari 2010


vooraf

minderbroeders franciscanen

Respect en openheid De nieuwe jaargang van ‘Franciscanen.nl’ start met twee nieuwe rubrieken: ‘Duurzaam ­f ranciscaans’ en ‘Van twee kanten’. Daarmee komen onderwerpen voor het voetlicht die vaak geassocieerd worden met Franciscus van Assisi: milieubescherming en dialoog. Franciscus’ ­respect voor de schepping en zijn openheid voor ‘andersdenkenden’ liggen hieraan ten

Franciscanen.nl is het tweemaan­ delijkse contactblad van de minder­

grondslag. ­

broeders franciscanen in Nederland. Het heeft tot doel een breed publiek op de hoogte te brengen van het franciscaanse denken en doen. Abonnement: Gratis aan te vragen via tel.: 030 2324080 en e-mail: provincialaat@franciscanen.nl. Vrijwillige bijdragen ter bestrijding van de onkosten zijn welkom op ING-bankrekening 10.33.896 t.n.v. ‘minderbroeders Utrecht’. Redactie:

Na de klimaattop in Kopenhagen klinkt wereldwijd de roep tot het behoud van de schepping steeds luider. In franciscaanse kring leeft het besef van ‘goed rentmeesterschap’ feitelijk al vanaf het begin van de orde in de dertiende eeuw. De specifieke invulling ervan in eigentijdse en ‘milieutechnische’ zin, kwam bij franciscaanse mensen in de laatste decennia van de vorige eeuw van de grond. ‘Duurzaam franciscaans’ belicht dergelijke initiatieven. In de rubriek ‘Van twee kanten’ komen mensen van uiteenlopende religies aan het woord over thema’s waar Franciscus een heel eigen kijk op had: geld, vasten, dieren, mensen, gezag en de kerk. Naast de nieuwe rubrieken vormt ook in 2010 ‘De binnenkant’ het hart van Franciscanen.nl. Maarten Lemmers ofm staat verder weer ‘overwegend’ stil bij onderwerpen die in het blad aan de orde komen. Het franciscaanse nieuws en de agenda zijn weer ingepland en dat geldt tevens voor de jongerenpagina op de achterkant en de ‘Woorden van Franciscus’. Het onderdeel ‘Ter zake’ keert eveneens terug. In deze editie is de rubriek gewijd aan de ‘Missionszentrale’ in Bonn, een instelling die mede vanuit Nederland is opgezet. De Nederlandse franciscaan Clemens van Weelden is er gastenbroeder en schrijft erover.

Ton Peters ofm (hoofdredacteur) Peter van Zoest (eindredacteur)

De redactie

Ger Marcellis (redactiesecretaris) Maarten Lemmers ofm, Joop Sierat. Ontwerp en drukwerk: ART= ontwerp- en reclameburo www.art-is.nl

Woorden van Franciscus

Contact:

Die broeders, aan wie de Heer de genade heeft gegeven om te arbeiden, zullen arbeiden in trouw en toewijding en wel zo, dat zij het niets doen, de vijand van de ziel, buitensluiten en de Geest van heilig gebed en van toewijding niet uitdoven. Want daaraan moet het overige van de wereld dienstbaar zijn.

Franciscanen.nl, Deken Roesstraat 13, 3581 RX Utrecht, tel.: 030 2324080, e-mail: redactie@franciscanen.nl, website: www.franciscanen.nl. Foto omslag: Franciscus vertrapt een zak met geld: beeld Hartebrugkerk, Leiden (pagina 8). ISSN 1871-7217 - TNT reg.nr. 135658

Detail fresco, Assisi.

2


Duurzaam franciscaans

Franciscaans Milieuproject Stoutenburg

De vierhoofdige communiteit. V.l.n.r. Guy Dilweg, Carolien Looman, Cocky van Leeuwen en Marco Ganzeman.

In 1991 ging het ‘Franciscaans Milieuproject’ van start in een voormalig klooster van de franciscanen in Stoutenburg. Tien ­m ensen ­w ilden zich toeleggen op gemeenschapsleven, natuurverbondenheid en spiritualiteit. Momenteel wordt het project gedragen door een vier­h oofdige communiteit. Naast hen zijn er zes vaste bewoners, twee ­v luchtelingen, tijdelijke vrijwilligers en gasten. Huis en tuin worden gehuurd van het Utrechts Landschap. “Toen we begonnen, kregen we de vraag waarom we geen franciscaanse milieupartij oprichtten. Lieve help, nee! Dan ben je alsmaar bezig jezelf in de etalage te zetten, moet je onderhandelen, organiseren, debatteren, ­demonstreren, profileren. En wat wij wilden was nou juist een manier van leven die ons niet weg zou trekken van waar het ons om gaat: het leven en beleven van onze verbondenheid met de aarde. Niet door het er over te ­hebben, maar door het te doen. Dat is dan ook het eigene van het project.” Aan het woord is Guy Dilweg ofm, iemand van het eerste uur. Het project wil weliswaar ook anderen via allerlei manieren warm maken voor het milieu, “maar onze basis is steeds het leven op déze plek, met dit bos eromheen en onze prachtige moestuin”. Mensen worden uitgenodigd om met de groep ‘mee te doen’ “en te ervaren hoe heerlijk en helend het is met je handen in de aarde te zitten, hoe je een huis ecologisch kunt runnen, hoe je een duurzame levensstijl kunt ontwikkelen, hoe je op een open manier je bronnen kunt verzorgen”, aldus de bevlogen pionier.

Gemeenschap Guy Dilweg vertelt dat de groep twintig jaar geleden nog niet goed wist welke kant het op zou gaan. “We wilden leven in overeenstemming met de draagkracht van de natuur en we wilden ook van haar leren. We brachten Franciscus mee en zijn spiritualiteit van zuster- en broederschap met álle schepselen. We vormden een gemeenschap, want het is ­gemakkelijker je aan je idealen te houden, wanneer je dat samen doet. Misschien deden we wel een beetje té veel samen. De communiteit slonk van tien naar vier, maar buiten het huis groeide een gemeenschap van mensen die een band met Stoutenburg hebben. Bij elkaar zo’n zeshonderd mensen en dat is niet slecht voor een project dat niet echt aan de weg timmert.” ‘Stoutenburg’ draait op het geld dat de leden van de communiteit verdienen, ­onder meer met een kleinschalig conferentieoord, en op giften van sympathisanten.

Moeder Aarde “We zijn geen franciscaanse milieupartij gewor­ den”, besluit Guy Dilweg. “Maar we ­hebben wél

3

een eigen plekje in de rijk geschakeerde ­milieubeweging veroverd. We bieden een reli­gieuze visie en een daarop gebaseerde praktijk. We erkennen de aarde als medeschepsel. Tot vreugde van ons, onze bezoekers en - denken we - tot vreugde van onze zuster Moeder Aarde zelf.” Peter van Zoest Franciscaans Milieuproject Stoutenburgerlaan 5, 3835 PB Stoutenburg tel.: 033 4945500, e-mail: post@stoutenburg.nl website: www.stoutenburg.nl. Giften zijn welkom op ING 7661227 (aftrekbaar van de belasting).

Werken in de tuin.

Kasteel Stoutenburg, waarin het Franciscaans Milieuproject is gehuisvest.


ter zake In juni 1968 kwamen de missie­ secretarissen van de minder­ broeders franciscanen in Duitsland, Nederland, Oostenrijk en Zuid-Tirol bij elkaar. Ze wilden een antwoord vinden op de nieuwe vragen die op hen afkwamen. In de westerse ­wereld groeide destijds steeds meer twijfel aan het belang van ‘de missie’. De eerste kiem van de ‘Missionszentrale’ was gelegd.

Broeders met een wereldwijde missie­ Het was de tijd na het Tweede Vaticaans ­Concilie (1962-1965). Er kwamen grote veran­ deringen in het kerkelijk leven. Het concilie zag de kerk in open dialoog staan met de wereld. De missie van de kerk moest niet beperkt blijven tot degenen die nog nooit van het ­evangelie gehoord hadden, maar heel de ­geloofsgemeenschap werd opgeroepen missionair te zijn in eigen omgeving.

Vragen Had het nog zin de blijde boodschap ‘aan alle volkeren’ te verkondigen? Was missie eigenlijk geen vorm van cultureel imperialisme? Zou het niet beter zijn missie om te vormen tot ontwikke­ lingssamenwerking? De afzonderlijke francis­ caanse provincies wisten niet goed raad met deze vragen. Voorgesteld werd om ge­zamenlijk een nieuw bureau op te richten. De pro­vinciaals ­stemden in met de plannen van de missie­ secretarissen en besloten tot de stichting van de ‘Missions­zentrale der Franziskaner’. De officiële oprichting vond plaats op 28 september 1969. Het werk begon in de sacristie van de nieuwe Albertus ­Magnuskerk in Bonn (Bad Godesberg).

Fors bureau De Missionszentrale bestaat nu ruim veertig jaar. Naast de initiatiefnemers zijn ook de minderbroedersprovincies van Hongarije, ­Roemenië, Vlaanderen en Frankrijk er bij aangesloten. Wat begon in een kleine kerkruimte, is uitgegroeid tot een fors bureau met een dertigtal medewerkers. Er zijn inmiddels vestigingen in Berlijn en Wenen met ieder een bijzondere opdracht. Het centrum van de meeste activiteiten ligt in Bonn. In Berlijn wordt contact onderhouden met de Duitse regering en is ook de afdeling gevestigd die stages in de Derde Wereld organiseert. Vanuit Wenen zijn er contacten met Midden- en Oost-Europa. Per jaar wordt ongeveer vijftien miljoen euro aan verschillende projecten besteed. De uitgangspunten van het werk van de ­Missionszentrale zijn: een voorkeurskeuze voor de armen, dialoog met andere godsdiensten en culturen, inzet voor gerechtigheid en vrede, eerbied voor moeder aarde en inzet voor een kerk waarin mensen broeder en zuster van elkaar zijn. Met vaak beperkte middelen kan toch veel goeds worden gedaan. De medewer-

4

kers van de projectafdeling brengen geregeld bezoek aan de hun toegewezen landen. Teruggekomen melden ze hun ervaringen. Wat zij met het thuisfront delen, herinnert aan de eerste ervaringen van de franciscanen die begin dertiende eeuw terugkwamen van hun zending: ze vertelden elkaar over het goede dat hun dankzij de barmhartige Heer overkomen was en biechtten alles wat ze fout gedaan hadden op. En zelfs als ze alles hadden gedaan wat hun opgedragen was, dan nog zeiden ze dat ze onnutte knechten waren. “Niemand liet zich voorstaan op nuttige, heilige of rechtvaardige verrichtingen.” Clemens van Weelden ofm, gastenbroeder van de Missionszentrale en gardiaan van de communiteit in Bonn


overweging

Leven met een missie Het is hier een droog gebied. Moeizaam sjok ik door het mulle zand. Komt er ooit nog een einde aan deze uitgestrekte woestijn? In mijn rugzak heb ik nog een klein beetje water bij me. Water, je leven kan ervan afhangen. Vooral in tijd van nood. In tijd van nood ... Hoe zeiden we dat vroeger ook al weer? Oh ja: “In tijd van nood mag en moet iedereen dopen.”

Wat is het lang geleden dat ik iemand heb gedoopt! Vroeger ..., ja, toen was het aantal doopsels dat ik op mijn lijstje kon bijschrijven een bewijs van het succes van mijn missiewerk. Maar hoe ik daar nu over moet denken? Als ik in dit droge gebied iemand tegenkom die op sterven na dood is, een ongedoopte, iemand die mij om hulp vraagt, een mens die bijna omkomt van de dorst, zou ik mijn laatste beetje water aan hem besteden? Zou ik hem met dat water dopen? Of zou ik het hem te drinken geven? Wat is eigenlijk beter? Een mensenleven redden, ook al is het misschien maar voor een hele korte tijd? Of hem verzekeren van zijn eeuwig heil? Met een ruk schoot de oude missionaris wakker uit zijn middagslaapje. Het kwam de laatste tijd wel vaker voor dat hij even in slaap sukkelde. Vooral na het middageten. Dan zat hij in zijn gemakkelijke stoel. Een beetje achterover. Dan kon het zomaar gebeuren dat er van die vreemde beelden door zijn hoofd spookten. Flarden van teksten uit vroeger dagen. “In tijd van nood mag en moet iedereen dopen.” In tijd van nood ... Wat deed Jezus ook al weer toen er vele noodlijdenden bij Hem werden gebracht? Jezus zag de mensen en Hij voelde medelijden met hen. Hij genas de zieken. “Misereor super turbam”, “Ik heb medelijden met die menigte.” Dat had Jezus gezegd. “Misereor”, ja, weer zo’n oude tekst, uit de tijd dat hij nog Latijn las. Wat had Jezus zijn leerlingen ook al weer opgedragen? “Ga die mensen dopen?” Nee. “Geven jullie hun maar te eten”, dat had Hij gezegd. Uit het zestiende hoofdstuk van de voorlopige regel van de minderbroeders: “De broeders die naar een gebied gaan waar ons geloof niet bekend is, kunnen zo tussen de mensen gaan leven dat het begeesterend werkt. Ze moeten geen conflicten aangaan. Ze moeten hun medemensen van dienst zijn. Dat is het wat God wil. Ze kunnen er ook voor uitkomen dat ze christen zijn. En als God er ruimte voor schept, kunnen ze ook zijn woord bekend maken.” Maarten Lemmers ofm Humilis Reijn ofm in de missie in Pakistan.

5


de binnenkant Een gesprek met Piet Bots ofm begint met wat hij níet is. Hij is geen missionaris in Pakistan geworden, zoals aanvankelijk de bedoeling was. Van het plan om daar iets met arbeidersbewegingen te doen is dus ook niets uitgekomen. Hij heeft zich ook geen priester laten wijden. Hij is ook niet iemand die als centrale figuur op de voorgrond wil staan. Hij is wel een luisterende minderbroeder die graag meedenkt, liefst als tweede man op de achtergrond. Maar hij is ook iemand die vindt “dat wij, franciscaanse mensen, goud in handen hebben”.

‘We hebben goud in handen’ Na zijn theologische opleiding studeerde Piet Bots economie en werd hij gevraagd om zijn kennis en ervaring in te zetten voor de Papoea’s in het vroegere Nederlands Nieuw-Guinea. “Een echte voorkeur had ik niet, maar je moet goede redenen hebben om ‘nee’ te zeggen wanneer er een beroep op je wordt gedaan. En zo rolde ik als vanzelf in een landbouw- en veeteeltproject, in beginnende emancipatie van lokale vrouwenbewegingen, moeder- en kindzorg, herbebossingsprojecten, coöperaties, onderwijsvernieuwing en noem maar op ..., eigenlijk van alles waar je als één-oog in het land der blinden net iets meer te bieden had dan anderen.” Hij was daarnaast ook actief in de begeleiding en vorming van de jonge lokale Indonesische medebroeders en eindigde als directeur van de missie-vliegmaatschappij AMA. “Niet dat dit mijn hobby was, maar ja, het werk moest gedaan worden en iemand moest het toch doen.” Terug in Nederland bleef er diezelfde bereidheid om in te springen waar mensen hem nodig hadden: missiesecretaris, voorzitter van interne commissies van de Nederlandse franciscanen en van PACE, een stichting die zich inzet voor het cultureel erfgoed van de Papoea’s. Al enkele jaren is hij ook bestuurslid van de Franciscaanse Beweging.

6

Rode draad “Het lijkt misschien een beetje losse flodderwerk”, zegt Piet, “maar eigenlijk zijn het allemaal stukjes van de rode draad die door mijn leven loopt. In alles probeer ik steeds mensen op weg te zetten. Ik heb er altijd voor gewaakt daarbij te ‘doenerig’ zelf dingen te beginnen, maar probeer vooral te stimuleren door te luisteren, te praten, te faciliteren en mee te denken. Waarom ik dat doe? Het zit gewoon in mijn karakter, maar ik voel me daarin ook volop franciscaans, want ook Franciscus gaf gehoor aan wat de maatschappij en de broeders van hem vroegen. Hij zocht het niet zelf en soms had hij er helemaal geen zin in. Maar toen Clara hem aanspoorde om zich niet terug te trekken in de eenzaamheid maar naar de mensen te gaan, gaf hij daar wel gehoor aan.” Dat terugtrekken in eenzaamheid ligt Piet overigens helemaal niet. Hij is een typische ‘mensen-mens’. “Ik heb mensen nodig en in mijn leven ben ik gelukkig steeds die mensen tegengekomen die ik op dat moment nodig had. Ze helpen me een stuk verder op mijn weg. Vaak ervaar ik mensen als een geschenk. Mensen hebben voor mij iets van God in zich. En het maakt me blij wanneer ik merk dat het wederkerig is en dat mensen ook mij nodig hebben.”


Klik naar God De weg van Piet naar God loopt via mensen. En soms zijn er momenten dat hij in de communicatie met mensen ineens en onverwacht die klik naar God ervaart. “Niet lang geleden had ik een vertrouwelijk gesprek met iemand met wie ik goed en diepgaand contact heb. Meestal klikt het tussen ons maar in dat ene gesprek voelden we allebei dat de klik er niet was. Maar toen er een bepaald woord viel, was het er ineens. Door dat ene woord begrepen we elkaar precies en was de klik ­terug, Dit overkomt me vaker en dan ervaar ik dat als: ‘Dit is me ­gegeven. Dit overstijgt mezelf.’ Van de ene kant weet ik dat het uit mezelf komt, maar tegelijk ervaar ik iets van: dit overkomt me. Ik zie dit als een geschenk. Mensen zijn voor mij de spiegel van God.” En daar moet Piet het mee doen, want, zegt hij: “Ik heb veel met mezelf geworsteld en me afgezet tegen de geloofsdefinities die ik overhield aan mijn opvoeding, mijn ouders, de studie en de eerste jaren in de broederschap. Nu is het allemaal wat gematigder en komt de cirkel weer rond. Wat ik nooit gedaan heb, doe ik nu: een kaarsje opsteken. Dat mag weer van mezelf! Ik worstel niet zo hard meer. Er ligt een diep besef in me dat ik in Gods hand ben en dat het allemaal wel goed komt. En ik kan vrede hebben met de vaagheid die God is.”

Authentieke dingen Piet Bots is actief binnen de Franciscaanse Beweging. Hij heeft grote bewondering voor Franciscus en Clara. Ze staan ergens voor. “Ze hebben een sterke radicaliteit die me - gelukkig -

onrustig houdt.” Het is de moeite waard om hun gedachtegoed uit te dragen. Veel mensen, ook jongeren, herkennen Franciscus in hun eigen leven. Dat merk je in de gesprekken met hen en in wat je over hen leest. ‘Jullie hebben goud in handen’, zei iemand pas. Ons verhaal over Franciscus en Clara maakt mooie en authentieke dingen in mensen los. Het is goud ... “ Piet wil zich inzetten om dat goud op zijn franciscaanse manier door te geven. Maar hij heeft daar ook zorgen om. “Het is allemaal zo fragiel. In de franciscaanse groepen zit zoveel grijs haar. We zouden verder moeten kijken, over onze grenzen heen. ­Misschien zitten we zelf teveel in ons eigen hokje, waardoor we maar moeilijk kunnen zien wat er elders in de maatschappij en bij een jongere generatie leeft. We hebben goud in handen, maar zijn onvoldoende in staat dat te laten zien aan anderen, aan jongeren en mensen die veel van Franciscus herkennen maar voor ons onbereikbaar. Ze zijn best geïnteresseerd maar voelen er minder voor om zich als lid bij een vage club aan te sluiten. Toch heb je een bepaald kwantum nodig om naar buiten een beetje body te krijgen. Gelukkig begint er binnen de franciscaanse ordes, congregaties en lekengroepen steeds meer aandacht te komen voor wat ons bindt en de noodzaak om dat in een gezamenlijke vorm te gieten zodat we naar buiten toe ook meer zichtbaar kunnen zijn. Ik denk dat we inderdaad goud in handen hebben, maar het is onze roeping om te proberen dat goud van het franciscaanse gedachtegoed zo om te smelten dat we het als een geschenk, een juweel van God, aan elkaar kunnen geven.” Joop Sierat

Een jonge Piet Bots aan het werk in Irian Jaya, de huidige Indonesische provincie Papoea.

7


van twee kanten

Een katholieke bankier en een franciscaan over… Bert Heemskerk was tot 1 juli 2009 bestuursvoorzitter van de Rabobank. Hij is filosoof en studeerde van 1967 tot 1969 theologie in Tübingen bij Hans Küng en Joseph Ratzinger, de huidige paus Benedictus XVI. Het hoofddoel van ons economisch handelen moet volgens Heemskerk niet ‘winstbejag’ zijn, maar dienst­verlening aan de gemeenschap.

Bert Heemskerk is theoloog maar koos voor een carrière als bankier in de wereld van het grote geld. Als hij voor de maaltijd het Onze Vader bidt, realiseert hij zich “dat wat wij op tafel hebben, meer is gegeven dan verdiend”. Maar geld verdienen is niet verderfelijk, vindt hij. “We moeten winst maken want winst is de motor van de economie. Aan de andere kant probeer ik voor ogen te houden dat het uiteindelijk niet alleen gaat om het zakelijke. Het is allemaal zo tijdelijk en zo vergankelijk.” Bij zijn bank “wordt de winst direct teruggepompt in de maatschappij en kunnen we steeds meer kredieten geven en mensen ten dienste zijn. Met geld kun je ook goede dingen doen voor de mens.” Heemskerk praat bijvoorbeeld zelf graag over de investeringen die de Rabobank heeft gedaan in banken in Tanzania “Drieënhalf jaar geleden namen we als eerste een belang in de grootste bank van Tanzania. Die bank had toen 500 miljoen dollar op de balans. Al dat geld zat in Tanzaniaans staatspapier. Onze missie was om er een echte landbouwkredietbank van te maken. Nu financieren wij producenten van cashewnoten, cacao, katoen en koffie. Zeshonderdvijftigduizend boeren in totaal. Ik vind het de beste manier van ontwikkelingssamenwerking. Het werkt echt.” Het bankiersvak staat in deze tijd van economische neergang in een slecht daglicht. Begrijpelijk, vindt Heemskerk, want lang niet altijd wordt het gezien als dienstverlening aan de maatschappij. Geen goed woord heeft hij over voor beleggingsfondsen die uit korte termijn winstbejag louter bedrijven opsplitsen en dan weer weg zijn. Dat zou niet moeten mogen. Ook heeft hij weinig waardering voor de topbankiers die er op uit zijn om zichzelf te verrijken. “De voorzitter van Citibank was zo iemand. Die was niet tevreden met 1 miljoen dollar, het moest 100 miljoen zijn. Ik vond het schaamteloos en dat was het. Puur en alleen zichzelf verrijken. Dat denken is volstrekt doorgeslagen.” Voor Heemskerk zijn er grenzen aan het genoeg. Dat geldt voor de mensen met giga-salarissen en overdreven grote bonussen. Maar eigenlijk geldt dat voor de hele maatschappij. We leven in een te ver doorgeslagen consumptiemaatschappij, vindt hij. “Overconsumptie is net als overkreditering slecht. Dat weten we ook met zijn allen en nu worden we weer hard met onze neus op de feiten gedrukt.” De pot verwijt de ketel? “Ik heb zelf ook meegedaan. Er moet heel wat gebeuren voordat de mensen zeggen: ‘Ik koop alleen nog maar een nieuw kostuum als het oude helemaal versleten is.’ Over twee jaar is ook mijn Mercedes versleten en dan ga ik toch weer een nieuwe kopen.” De mening van topbankier Heemskerk is kort en krachtig. Handelen in geld zou niet mogen uit ‘winstbejag’, maar moet als doelstelling hebben de dienstverlening aan de gemeenschap. Geld is niet verderfelijk. Je kunt er ook veel goed meer doen. Er is echter wél een grens, een ‘genoeg’’. Dat geldt niet alleen voor de ‘rijken’, maar voor iedereen in de westerse maatschappij. En een katholieke bankier is niet roomser dan de paus. Voor hem ligt de grens van het ‘genoeg’ hoog, maar ook in de hoogte blijft het een zoeken naar het ‘genoeg’.

Bert Heemskerk.

8


geld Zijn er raakvlakken in de visie van deze hedendaagse katholieke bankier met die van de dertiendeeeuwse Franciscus? Daarover komt de franciscaan Guy Dilweg aan het woord. Hij is bestuurslid van de Nederlandse franciscanen en landelijk eindverantwoordelijk voor de economische zaken. Ook hij heeft dus te maken met geld. Wat vindt hij van de visie van Heemskerk. Is er iets franciscaans in te ontdekken?

Franciscus is nog steeds actueel. Guy Dilweg geeft zijn beeld een schoonmaakbeurt.

“ ‘Bankieren als dienst aan de gemeenschap’, dat is precies waar ik het vorig jaar over heb gehad met mensen van de bank toen we ons halfjaarlijkse overleg hadden. Het heeft me echt geschokt dat zoveel bankiers het belang van hun klanten en van de gemeenschap op het spel hebben gezet in de dans om zelfverrijking. Die dans is een gevolg van de globalisering: degelijke Europese banken moesten internationaal gaan opereren om te overleven en haalden daarmee de Amerikaanse graaicultuur binnen. Walgelijk. En ik heb Franciscus weer bewonderd om zijn feilloze intuïtie. Je kunt niet God (en dan lees ik: de grote gemeenschap van levende wezens) dienen én de Mammon. Hij wilde niets met geld te maken hebben en wees broeders op dit punt ongewoon scherp terecht. Ik vond zijn afkeer van geld aan het pathologische grenzen: teveel afzetten tegen zijn vader en te weinig oog voor de bruikbaarheid van geld in het onderlinge verkeer. Maar, heb ik zelf niet ervaren hoe het geld aan me trok, toen ik mijn eerste salaris verdiende en moeite had dat af te dragen? Of toen ik toch maar een eigen potje wilde maken ‘voor het geval dat’. En dat niet uit wijs beleid, maar gewoon uit een slim beredeneerde vorm van hebzucht? Ja, Franciscus had het goed gezien: geld ontmaskert onze hebzucht en heeft de kracht ons in zijn ban te trekken.” “Maar hoe doen we dat dan in de orde? We hebben heel wat geld vastgezet om onze broeders van huisvesting, levensonderhoud, een goede oude dag en goede vorming te voorzien. Ieder jaar discussiëren we er over als de jaarrekening besproken wordt: is het niet teveel en ‘stelen’ we niet het geld van de armen? Want ons uitgangspunt is: wat we niet zelf nodig hebben, geven we terug aan de armen. Die discussies voorkomen dat de ‘bankier’ in onszelf de overhand krijgt. En het geld dat we opzijzetten? Ook daar zijn we heel kritisch over. We beleggen op een manier waardoor er met dit geld niet gespeculeerd kan worden. En de bank weet dit ook heel goed. We willen op geen enkele manier ondernemingen steunen die met dit geld mensenrechten schenden of de schepping schade aandoen. ‘Ethisch beleggen’ noemen we dat. En dat is dan ook wel het minste wat je kunt doen als je vindt dat je geld moet bijdragen aan de opbouw van de gemeenschap.”

9

Franciscus vertrapt een zak met geld (beeld Hartebrugkerk, Leiden).


Rangel Geerman ofm van de communiteit in Megen, bij het kraampje van het Franciscaans Jongerenwerk op het kapittel.

nieuws

Mensen

Algemeen kapittel Franciscaanse Beweging Iedereen die zich aangesproken voelt door Franciscus, Clara en hun spiritualiteit, kan lid worden van de ‘Franciscaanse Beweging’. De vereniging telt bijna 1500 leden. Ongeveer de helft van hen behoort tot een orde of congregatie. De andere leden vormen een pluriform gezelschap met uiteenlopende religieuze of kerkelijke achtergrond. De beweging belegde op 21 november in ‘s-Hertogenbosch een ‘algemeen kapittel’. Er waren inleidingen gebeds­ vieringen en workshops. De bezoekers konden naar een ‘markt’ waar franciscaanse groepen en initiatieven zich presenteerden, waaronder de Orde van Franciscaanse Seculieren, woon- en leefgemeenschappen De Wonne en Stoutenburg, de Oriëntatiebeweging van de kapucijnen, het Franciscaanse Jongerenwerk, de Tochtgenoten van Sint Frans, Lieverlede, de clarissen, de Vereniging Broeder Frans, de Franciscaanse Vredeswacht, en de werkgroep Stille Retraites. De Francisaanse Beweging kijkt terug op een geslaagde bijeenkomst met veel ruimte voor ontmoeting voor de naar schatting 150 bezoekers. Daarnaast vielen er ook bezorgde geluiden te horen vanwege de toekomst. Om zichtbaar naar buiten te kunnen treden en voldoende vrijwilligers voor de activiteiten te kunnen hebben, zal er meer aan ledenwerving gedaan moeten worden, vooral onder jongeren.

Op 10 november 2009 overleed in Weert Wout Barnhoorn. Hij werd 80 jaar oud. In 1950 trad hij in bij de franciscanen. Vier jaar later legde hij zijn plechtige professie af. In 1957 werd hij priester gewijd. Hij was missieprocurator en godsdienstleraar in Sittard en Heerlen. In Maastricht was hij van 1966 tot 1975 kapelaan. Daarna werd hij basispastor in Venray en een jaar later pastoor. In Weert was hij van 1995 tot 1998 gardiaan en later vicarius. Op 6 december 2009 overleed te Warmond op 84-jarige leeftijd Theo Simons. Hij was 65 jaar franciscaan en 58 jaar priester. Van 1974 tot 1980 was hij ministerprovinciaal van de Nederlandse provincie van de minderbroeders franciscanen. Als leraar wiskunde en muziek heeft hij op verschillende scholen lesgegeven, onder meer in Venray, Katwijk en Heerlen. Ook bekleedde hij bestuurlijke taken in de orde in binnen- en buitenland. Zo was hij meerdere keren gardiaan van de communiteit van de franciscanen in Heerlen en lid van de Internationale Financiële Commissie van de Orde.

‘Kanjerprijs’ voor Megense franciscanen Het klooster van de franciscanen in Megen wordt het komende jaar met een bijdrage van vijftigduizend euro uit de ‘Kanjerprijs’ voor monumenten van de gemeente Oss opgeknapt. Op 25 november ontving Loek Bosch ofm namens de communiteit uit handen van de Osse wethouder Hendrik Hoeksema in het gemeentehuis van Oss een symbolische kanjercheque. De jury stelt dat het restauratieplan van het minderbroedersklooster in Megen voor bibliotheek en zuidgevel bijdraagt aan de uitvoering van urgent en wenselijk herstel van dit beeldbepalend religieus monument. De kloosterorde heeft er volgens de jury blijk van gegeven zeer zorgvuldig met het monumentale bouwwerk om te gaan en het in goede conditie te houden. Bovendien gaat het om een functionerend monumentaal klooster, een categorie waarvan het aantal sterk afneemt in de provincie Noord-Brabant. Loek Bosch ofm met de symbolische kanjercheque.

10


Voetstappen naar het licht Het Paasfeest is

het symbool van de opstan­ ding naar het Licht. We kunnen het Licht pas ingaan als we ook het duister in onze ervaring toelaten. Zo kunnen we ontdekken dat we eigenlijk kinderen van het licht zijn. We gebruiken teksten van moderne mystici, geleide meditatie, vraag­ stelling, poëzie, muziek,

dans en gebaar, die verwijzen naar het Licht. data 17 en 24 maart tijd 10.00-12.30 uur prijs € 25,Kunstige verhalen en verhalende kunst

“Wat ik zie, kan anders zijn dan wat ik hoor ...” Beeldende kunst vertelt vaak een verhaal achter de werkelijkheid. En wat verhalen in woorde­n ve­rtellen, laat kunst in beelden zien. Laat u verrassen door ‘kunstig zien en beeldend vertellen’.

Voor meer informatie en opgave: Derkinderenstraat 82 1062 BJ Amsterdam tel.: 020 3467530 e-mail: info@laverna.nl website: www.laverna.nl

Ontdek wie je bent

Rondom de Stille

data

locatie minderbroeders-

Je bent nog jong, je hebt veel idealen, jouw levensweg ligt nog open. Als boven alles voor jou een belangrijke vraag is: ‘Wat is de zin van mijn leven?, doe dan mee met: ‘christelijke meditatie in gebaar en beweging’. Wellicht brengt het je dieper in contact met de bron van je leven, je bestaan. locatie clarissenklooster, Megen data 26-28 maart prijs € 50,-

Omgang Jongeren die zich

meer willen verdiepen in de betekenis van de Stille Omgang en die dat graag doen vanuit een franciscaanse geest, zijn het hele weekend welkom in de communiteit van de minderbroeders in het centrum van Amsterdam. We doen actief mee aan de bereiding en het opdienen van de maaltijd voor dak- en thuislozen bij de zusters van Moeder Teresa. locatie communiteit Joden breestraat, Amsterdam

Het gaat om elf cursus­dagen, Als je wilt weten hoe wij hier verspreid over het jaar, met wonen, wat we hier allemaal als thema’s: uitstraling en doen en waarom, kom dan levensenergie in de natuur naar onze informatiemiddag. waarnemen, interpreteren en Je bent welkom op elke laatste verbeteren. De cursus loopt van zondag van de maand. Het pro- februari tot en met december. gramma begint om 14.00 uur Voor meer informatie zie en duurt ongeveer twee uur. www.ecotherapie.org prijs € 995,Informatiemiddag

Energetisch Beheer

Hans Andeweg start weer met een nieuwe cursus ‘Grondbeginselen Energetisch­Beheer’.

Kloosterdagen­ arrangement In overleg

bieden wij de mogelijkheid

19 (20.00 uur)21 maart (15.00 uur) prijs € 25,-

datum 4 maart tijd 20.00-22.00 uur prijs € 15,-

Canti Francescani

klooster, Megen data 9 (19.30 uur) 11 april (14.00 uur) prijs € 50,-

Een weekend voor jongeren die én graag zingen én zich bezig willen houden met franciscaanse spiritualiteit. We kijken naar een film over het leven van Franciscus en verdiepen ons vervolgens in zijn spiritualiteit door franciscaanse liederen in verschillende talen te gaan zingen. Bespeel je een instrument? Neem het mee!

Voor meer informatie en opgave: Fer van der Reijken ofm Kloosterstraat 6 5366 BH Megen tel.: 0412 465770 / 465780 e-mail: fjwmegen@hetnet.nl website: www.franciscanen.nl, ‘Jongeren’

voor (school)groepen van minimaal tien personen om op doordeweekse dagen het kloosterleven in Stoutenburg te ervaren. Informeer naar de mogelijkheden en prijzen.

liederen te kiezen uit diverse tradities, van Afrika tot Taizé. data 18, 25 februari, 4, 11 en 18 maart tijd 19.30-21.30 uur. Prijs € 10,- per avond

Voor meer informatie en opgave: Stoutenburgerlaan 5 Mink, muziektherapeute en zanglerares, biedt de deelne- 3835 PB Stoutenburg mers repertoire door alle talen, tel.: 033 4945500 tijdperken en genres heen. Zij e-mail: post@stoutenburg.nl zorgt voor zangavonden door website: www.stoutenburg.nl

Zingen in Kasteel

Stoutenburg Susanne

11

Franciscaans Jongerenwerk

tijd 14.00-16.00 uur prijs € 35,-

Stoutenburg

In de weken voor Pasen wordt op vele plaatsen het passie­ verhaal uitgevoerd volgens het evangelie van Matteüs of Johannes. Wij lezen gedeelten uit het passieverhaal volgens Lucas: de intocht van Jezus in Jeruzalem, het Laatste Avondmaal, Goede Vrijdag en de verrijzenis. We kijken ook hoe een kunstenaar het gebeuren heeft verbeeld en hoe dit ons verstaan ervan verrijkt. data 25 februari, 11, 25 maart

Activiteiten Franciscaans Milieuproject

De passie van Lucas

La Verna

activiteiten


Franciscus op vijfde Katholieke Jongerendag In De Bossche Maaspoort werd 8 november het eerste lustrum gevierd van de landelijke ‘Katholieke Jongerendag’. Dit jaar was het thema: ‘Durf te leven!’ Zo’n 2000 jongeren uit het hele land kwamen er op af. Het ‘menu van de dag’ bestond uit vier gangen: een hoofdprogramma, een scala aan workshops, een infomarkt, ruimte om te sporten, te biechten en te bidden. De dag werd besloten met een eucharistieviering. Het Franciscaans Jongeren­ werk had een marktkraampje bemenst. “Zo’n jongerendag kun je vergelijken met

en gevarieerd het kleurenpalet is dat onder

wokken bij de Chinees”, vat Fer van der

de katholieke paraplu schuilgaat: behalve or-

Reijken van het Franciscaans Jongerenwerk

des en congregaties waren er organisaties als

samen. “Je loopt langs het buffet en je kiest

de KNR, Jong Lourdes, Xplore, Diaconaction,

zelf wat je eet, hoeveel en in welke volgorde.

KBS, Kerk in Nood, Passiespelen Tegelen,

Behalve Fer van der Reijken (Megen) en

Kerk en Dier, ‘Sponsor een olijfboom in

Hans van Bemmel (Delft) waren Jelle

Palestina’, en nog veel meer. Inspirerend

Hilberink en zijn plaatsgenoten, de Megense

vond ik de oprechte getuigenissen in het

clarissen Johanna Schuts en Rebecca Braun,

openingsprogramma in de grote zaal. RKK-

plus Mariette Fleur en Esther Hoogbruin

coryfee Leo Fijen vertelde over zijn zieken-

van de Orde van Franciscaanse Seculieren

huisopname na een botbreuk. Hij durfde het

present rond de franciscaanse marktkraam.

aan om zijn ervaringen van kwetsbaarheid

Waxinelichtjes

en afhankelijkheid met de jongeren te delen en ook te vertellen hoe deze botbreuk

Als een ‘give away hebben de franciscaanse

helend werkte in zijn Godsrelatie. Marius van

mensen zo’n 1000 waxinelichtjes aan

der Knaap, drummer van The Fruits, kwam

de jongeren uitgedeeld met daarop zes

het podium op en vertelde hoe hij in Brazilië

websites van onze franciscaanse ordes en

een roofoverval overleefd had. De ove­rvaller

bewegingen. Voor wie belangstelling had

met het dreigende pistool pal naast hem

waren er folders en brochures, Tau- en San

maakte in zijn beleving plaats voor God die

Damiano-kruisjes, gebedsarmbandjes en

het leven geeft. Bescheiden en authentiek

kaarten. “Alles vond gretig aftrek”, vertelt

stond hij daar een moment; het grote, verder

Jelle Hilberink. “En bij het geven van iets

lege podium vullend met zijn geschenk van

tastbaars ontstonden vaak korte, maar

het Leven zelf. Later op die dag verscheen

indringende gesprekken. Boeiend!”

hij bij onze marktkraam. Blijkt hij al drie keer

Katholieke paraplu

op eigen houtje naar Assisi te zijn geweest om te zien waar zijn doopnaam ‘Franciscus’

“Ik heb me erover verwonderd hoeveel

vandaan komt en omdat de plek hem zo

groepen en organisaties er die dag op de

inspireert!”

­infomarkt ‘acte de présence’ gaven”, aldus Fer van der Reijken. “En vooral ook hoe bont

Peter van Zoest


Franciscanen.nl, nr. 1, januari/februari 2010