't Polleken van april 2022

Page 1

Ledenblad van

België – Belgique

KONINKLIJKE

P.B. – B.P.

IMKERSGILDE

1840 Londerzeel

NEERBRABANT

BC25171

Verschijnt 5x per jaar: jan/feb. – mrt/april – mei/juni – sept/oct – nov/dec. Afgiftekantoor 1840 Londerzeel Erkenningsnr. P509236 Afzender: Jef Beuckelaers, Sneppelaar 4, 1840 Londerzeel Tel: 0479/51 46 04 e-mail: info@imkersgildeneerbrabant.be 22ste jaargang, nummer 2, mrt – april 2022

KONINKLIJKE IMKERSGILDE NEERBRABANT


Secretariaat:

Imkersgilde Neerbrabant, Eeckhout 39, 1840 Londerzeel Tel: 0479/51 46 04 E-mail: secretariaat@imkersgildeneerbrabant.be Rekeningnummer: BE55 9731 4593 7544

Bestuur: Voorzitter:

Jef Beuckelaers, Sneppelaar 4, 1840 Londerzeel Tel: 0479/51 46 04 E-mail: mex.b.j.snep@gmail.com

Secretaris, penningmeester:

Ria De Donder, Eeckhout 39, 1840 Londerzeel

Ledenadministratie:

Tel: 0473/48 26 13 E-mail: ria.dedonder@telenet.be

Bestuursleden:

Marc De Bont Tom De Pauw

Redactie:

Jef Beuckelaers

Lay-out:

Rudi Moeyersons

Opleidingsteam:

Jef Beuckelaers, Marc De Bont,

Bijenweide:

Marc De Bont

Webbeheer:

Marnik De Bont

Onze website:

www.imkersgildeneerbrabant.be

Tel: 0477/23 33 02 Tel: 0479/60 79 53

In de kijker Activiteiten in 2022 Zie pagina 29 26


Woordje van de voorzitter, We waren al opgelucht dat het coronagevaar aan het wegtrekken was, zodat we opnieuw met de imkers zouden kunnen samen komen. En plots worden we overstelpt met berichten over een nieuwe oorlog, waar een land met zware tanks een buurland binnen valt. Er volgen raketbombardementen die de huizen kapot maken en de bewoners zijn de slachtoffers. Hoeveel bijenkasten zouden er al gesneuveld zijn? Onbegrijpbaar dat er in het digitale tijdperk het fysieke geweld gehanteerd wordt om aan macht en grondgebied uitbreiding te doen, zoals in de onbeschaafde oudheid! Zielig! Laat ons hopen dat het gezond boerenverstand vlug geneest! Onze zon en het weer houden zich niet tegen en het lijkt er op dat de lente in aantocht is. Er zijn wel geruchten dat er toch bijensterfte geweest is in de voorbije winter. Waardoor zijn de bijen gestorven? Voedselgebrek? Een ziekte? Geen winterbijen maar zomerbijen in het volk? Het gedrag van de imker? Nu het openbare leven langzaam op gang komt zullen er ook bijenmarkten doorgaan waar er bijen kunnen gekocht worden. Let wel op het materiaal, want dikwijls worden er oude en versleten kasten aangeboden. Dit kunnen mogelijke ziektehaarden zijn! Achteraan in het vorige ’t Polleken staat er een werkwijze vermeld om bijen in een nieuwe woning over te zetten, en al het oude materiaal niet te gebruiken! Dit kan wel niet zo maar op een markt want dit vraagt tijd. Door het volgen van de basiscursus om bijen te houden veranderd de nieuwsgierigheid voor de bijen in een goesting om zelf bijen te houden en om imker te worden. Hierdoor komen er nogal wat vragen, over hoe moet dit 27


en hoe zit dat in mekaar? Een vraag die nogal eens terugkomt is “ Hoe dikwijls moet er naar de bijen gekeken worden, allee, hoe dikwijls moet een kast open gedaan worden? “ Een beginnende bijenhouder moet de bijen en hun levenswijze leren kennen. Een eerste handeling is om regelmatig het bijengedrag op de vliegplank gade te slaan en ongeveer iedere week de bijenkast open te doen om naar de ontwikkeling van het volk te kijken in het broednest, en ook naar mogelijke koninginnendoppen die opgebouwd worden speuren!. Door deze frequente storingen, waar ge veel van kunt leren, zal er minder of geen honing in de kast blijven. Denk aan het wintereten! De honing dat is voor later, wanneer de bijenhouder of bieboer een imker aan het worden is! Het leren gebeurt door het doen! Ondertussen zullen de reinigingsvluchten ook al plaats gehad hebben. Bijen die heel de winter in de kast hebben doorgebracht voelen de behoefte om hun volle darm te ledigen, en dat doen ze niet in hun woning. Bij het eerste uitvliegen, dat we reinigingsvlucht noemen, wordt er in de lucht ferm gekakt, en dat komt overal terecht, op de ruiten, op de auto, op de was die ophangt om te drogen! Eens we het weten kunnen we er rekening mee houden! We hebben in de gilde Neerbrabant toestellen om was te smelten en om waswafels te gieten. Onze leden kunnen er mee van genieten op de voorziene tijden, om de oude was te vernieuwen en de raten te vervangen! Onlangs kreeg ik een goed bedoelde maar dwaze vraag, die als volgt was “ Hoe haal ik de honing uit mijn bijenhotel?” Ik antwoordde dat er in een bijenhotel geen honingbijen wonen maar solitaire bijen, die geen voorraad opslaan, en dat er enkel larfjes en nog niet geboren bijen in zitten. De vraagsteller was eerst ongelovig verbaasd en nadien ontgoocheld, want hij dacht dat hij 28


imker was met de intentie om nog een bijenhotel bij te bouwen in de tuin. Ik heb hem het boek “ Gids van Bijen, Wespen en Mieren “ wat ik in een eerder ’t Polleken ook al eens vermeld heb, aanbevolen! De voorzitter.

Activiteiten in 2022 Beste leden, Omwille van de Covid-19 crisis en de bijhorende maatregelen is het al twee jaar geleden dat we nog samen geweest zijn voor een gildeactiviteit. Bij deze wordt u uitgenodigd voor de imkerbijeenkomsten, die doorgaan in de Tuinbouwschool, Molenbaan 54 te Peizegem van 9 tot 12 u. met koffiepauze op 24 april – we noemen dit praatcafé; om uw vragen te beantwoorden. 22 mei – zwermen, wat is dat en de aanpak? 12 juni – waswafels gieten, het waarom en het hoe? 03 juli – bijenproducten! Uw partner mag gerust meekomen! Een bezoek aan de educatieve bijenhal hoort er bij ( kapruin! ) De verdere jaarplanning van activiteiten volgt nog! 29


Het woord van het jaar 2021 Imkerscursiefje 59

Woordsprokkelen binnen de context van de imkerij om mee te dingen naar het woord van het voorbije jaar, ja dat waren we bijna vergeten. Bijna, dus niet geheel, integendeel! We friemelen in de taal zoals naar een herfstblad in het tapijt onder de bomen, waarmee een herbarium aangelegd wordt en plakken het op een bedje van wit papier. Om het dan parmantig te tonen aan imkersvrienden. Zoals bijtjes die op zoek gaan naar die ene bloemsoort welke een speciale roes verspreidt, ervan drinken en dan bloemdronken de collega’s ermee in een taalroes bedwelmen. Hier het nieuwe vocabularium, mede geïnspireerd door de coronacrisis ’20-‘22: Varroapas: in het jaar waarin de pasjesmaatschappij haar intrede deed, kan de bijensamenleving niet achterwege blijven. Bijen die foerageren zullen bij de in- en uitgang voortaan hun CST, sorry hun VST (Varroa Safe Ticket) moeten bewijzen. Je kan het best onthouden als het middel tegen VarroaSTabiliteit. Bijenbarometer: na de coronabarometer een nog betere uitvinding. Hij geeft aan welke ingrepen de imker achtereenvolgens moet ondernemen om de stijging van sterftes tegen te gaan. 30


Lockup: is de nieuwe term die de lente aankondigt voor de bijenpopulatie na de winterse lockdown. Vergelijk het met de knaldrang na de winterse knusse knuffelcontacten of noem het ‘contacthonger met de natuur’. Persdrang: slaat op de majestatische status van de koningin op het einde van diezelfde lockdown. Niets of niemand houdt haar nog tegen om de cellen om te toveren tot couveusjes voor nieuwe bijtjes. Of noem het eenvoudig weg ‘pershonger’. Kraamkost: voedsel in de vorm van een brij dat de koningin krijgt om haar verwachting(en) in te lossen. Of zeg gewoon dat ze ‘kraamhonger’ heeft ! Prikspijt: Een bij die het zich beklaagt om haar angel ten onrechte te hebben gebruikt. Zeg maar dat een zachte bij doorgaans ‘geen prikhonger’ manifesteert. Beecast: Afgeleid van de podcast: Een verzameling van audiofragmenten specifiek rond bijen en imkers, welke kunnen afgespeeld worden op iPhone / smartphone voor ‘bij-horigen’ of om je bijenhonger te stillen. Boosterbijen: die categorie welke met sprekende precisie de varroa besmette cellen opsnorren en doorprikken. Spermaten: verzameling darren die dingen naar de gunst van de koningin en uitverkoren worden om hun sperma te doneren. Als de koningin spermahonger heeft natuurlijk.

31


Vlinderbuik: als de koningin verliefd is, zit ze opgescheept met buikvlinders Bijen-van-kleur: voorheen denigrerend en discriminerend “zwarte bijen” genoemd. Spookvliegers: als een zwerm net vertrekt op het moment dat je hem wil ‘scheppen’. Vliegschaamte: de nieuwste trend onder de bijenziekten. Noem het een broertje/zusje van het DWV (Deformed Wing Virus), waarbij bijenvleugels dermate beschadigd of misvormd zijn dat ze niet kunnen vliegen. Vlieghonger hebben en niet kunnen, het zal je maar overkomen. Beeshing: is een specifieke vorm van phishing, na smiching en viching. Allemaal vormen om persoonlijke gegevens van mensen te ontfutselen. Beeshing is een vorm van cybercrime waarbij een bijenvolk zogezegd toegezegd wordt na het storten van een bepaald bedrag. Ook apps om je bijenvolken elektronisch te monitoren behoren tot de valse beloftes. Vooral beginnende imkers worden daarmee in de val gelokt. Gevestigde imkers zijn vooral fan van de beeapps en behoren evenzeer tot de risicogroep. Kangoeroekast: een kleine kast bijen met een al ietwat oudere koningin die wordt toegevoegd aan een volk met een jonge koningin, beiden gescheiden met een zg koninginnerooster om de privacy te garanderen; en levend in een LAT-relatie = living apart together. Of met 2 onder 1 dak = warmer, = knusser, = goedkoper!!! Hoe zegt men dat ook weer: een win-winsituatie! Nog een voordeel 32


om aan toe te voegen is dat noch een stedebouwkundig attest, noch meldingsplicht of vergunning vereist is. Depri-kolonie: veerkrachtig volk dat niet de verwachte vracht honing binnen schuurt, één van de symptomen van burn-out. Bee-jackers: dieven die bijenkasten stelen en daarbij geen geweld schuwen. Salonimkers: zij die veel (menen te ) weten over bijenaangelegenheden of het toch laten uitschijnen alsof ze de bijenwijsheid in pacht hebben. Kroegenlopers: Nederlandse benaming voor bijen die een andere plant opzoeken als ze een plant minder lekker vinden ruiken. Ze gaan op zoek naar de 'kroeg' waar het lekkerste te halen is. Bloemmeelhonger: in februari krijgen de bijen weer goesting om de bloemen te bespringen op rooftocht naar het mannelijk bloemenzaad op de stampers. Of noem het ‘zaadhonger’ bij de biekes. Gedoogvolk: bijenvolk dat niet echt geliefd is omdat het niet voldoet aan de verwachtingen van de imker, maar dat hij toch niet graag van de hand doet. Leasers: benaming van darrenvolken op Ameland of Baltrum voor eilandbevruchting. Ze leasen hun dekmannetjes enkele dagen aan maagdelijke koninginnen. 33


Stip-it: de jongerenactie om niet gepest te worden door bijen. De 4 puntjes staan voor: Stop it, pestbeesten! Strip it! Stick not! Stip ook je rug. (voor mensen - -> op de rug van je hand) Het is waar, we doen de bijentaal soms geweld aan en ja, we vertonen soms grensoverschrijdend gedrag. Maar beter taal betuttelen dan vrouwen wrijven en befriemelen of bepiemelen jep, alweer twee woorden die Van Dale nog niet haalden. Het is niet mijn ambitie om naar buitenland te (moeten) vluchten zoals een Rietbergen, of voor de rechtbank advocaten rijker te maken zoals Bart De Pauw of ten einde raad mijn eigen moord te organiseren zoals Epstein. Van gedrag overschrijdende grenzen gesproken: mannen die geen vrouw kunnen zien zonder er hun vingerafdrukken en ander DNA-materiaal op (in) achter te laten! Ontwaak taalbedwelmde lezer en kom met je 2 pootjes terug op de grond. De bijen doen dat op 6 pootjes. Ik hoop van harte weer je bijenhonger te hebben gestild of bevredigd. Woordzoeker Charlie Eylenbosch

We plaatsen een honingzolder Josfien De honingzolder is een romp met lege ramen, hetzij met uitgebouwde raten of met nog uit te bouwen wasraat, en wordt geplaatst wanneer het bijenvolk goed aan het groeien is en de natuur bloeiende bloemen heeft. 34


Afhankelijk van het weer kan dat begin april zijn! We leggen het gereedschap klaar en we zetten de honingzolder achter de kast. We steken de roker aan en zetten hem opzij. Het kastdeksel wordt er af genomen en omgekeerd neergelegd. Met de kastbeitel maken we de romp los van de bodem. Er wordt een beetje rook tussen geblazen. We nemen de romp van de bodem en zetten hem op het deksel. De bodem wordt gereinigd of er wordt een andere, propere, geplaatst. De romp er terug op zetten. Alle ramen in de romp worden nagekeken zodat we weten hoeveel eten er is en hoe het broednest er uitziet. Met de kastbeitel schrapen we de aangebouwde was op de bovenkant van de ramen er af. We houden de was bij in een gesloten emmer zodat de wasmotten er niet bij kunnen. We nemen links of rechts, het tweede raam er uit en hangen een darrenraam in de plaats. Aan de andere zijde in de romp hangen we een wasraat om uit te bouwen, want bijen willen bouwen met hun uitgezwete wasplaatjes! 1– zolder met uitgebouwde raten: op de broedromp leggen we een koninginnenrooster, we zetten de honingzolder er op en leggen er de afdekfolie over. We plaatsen het dak er op 2

zolder met wasraat in de ramen: uit de zolder nemen we het middelste raam, en zetten het opzij

35


uit de broedromp nemen we een broedraam met bijen, maar zonder de koningin, en hangen het in de open ruimte in de zolder. We schuiven de ramen in het broednest tegen elkaar. Opzij,. waar de opening ontstaat, hangen we het opzij gezette raam. We leggen een koninginnenrooster, en zetten de honingzolder erop, afdichten met de folie. Het deksel plaatsen in deze versie, moeten de raten eerst uitgebouwd worden vooraleer er nectar, die opgehaald wordt, kan geplaatst worden. Na een week, nakijken of de koningin, per toeval niet in de zolder aan de leg is! Noteer de vaststellingen en wat er gedaan werd!

Prijs van de Provincie VlaamsBrabant ( een oud bericht ) Op het einde van 2001 werd de heer Jef Beuckelaers, voorzitter van de Koninklijke Imkersgilde Neerbrabant, anoniem benaderd door Testaankoop voor de aankoop van honing! Testaankoop onderzocht toen 36 honingstalen: 36


26 stalen werden gekocht in de gewone winkel 4 stalen in natuurwinkels 2 stalen in de Wereldwinkel van Oxfam 4 stalen bij Belgische imkers: 1 bij Jef Beuckelaers 1 in het West –Vlaamse Leffinge 1 in Ligny – Wallonië 1 in Bonnine – Wallonië Deze honingen werden geproefd, getest, gemeten, en onderzocht op o.a. versheid, botanische herkomst, hygiëne, sporen van antibiotica en pesticiden Uitslag: Enkel de honing van Jef Beuckelaers uit Londerzeel behaalde een positieve 100 % score op alle gecontroleerde punten, zodat hij met zijn beste honing de laureaat was van deze onderzoek enquête. ( zie testaankoop: nr.451 – februari 2002 en kranten artikel 8 feb. 2002) Met deze gunstige promotie voor honing bracht de voorzitter ons product, dat net voordien in de pers met negatieve informatie in het nieuws kwam, in een zeer positief daglicht en werd hij hiervoor gelauwerd en in de bloemen gezet. Proficiat!

37


Een honingmaag? Jef Beuckelaers Zowel in de geschreven literatuur over de bijen als in de aangebrachte kennis door lesgevers, over het lichaam van de honingbijen komt het woord honingmaag voor! De maag is een orgaan van het voedselkanaal van levende wezens waarin een vertering plaats vindt. Het is in dit opzicht een verkeerde naamkeuze. We weten dat de bijen met hun tong de nectar uit de bodem van de bloem halen. Waarom zeggen we halen? Omdat ze niet zuigen, zoals er ook gezegd wordt! Wanneer de bijen hun tong in de aanwezige nectar steken, stijgt de vloeistof capillair naar boven. Ze kunnen niet kiezen of ze de vloeistof willen of niet willen!Ee n andere verklaring voor de verkeerde naamgeving is het feit dat de bijen geen honing verzamelen, maar wel nectar! Bijen bezitten een nectarblaas i.p.v. een honingmaag. De nectar komt langs de tong door de slokdarm in de nectarblaas. Tijdens een inzamelvlucht zal er in de nectarblaas tussen de 20 en de 40 ml. nectar aanwezig zijn. Wat wil zeggen, zo een 12.500 tot 25.000 reizen voor 50 cl. nectar, wat afhankelijk is van de soort nectar en de heersende weersomstandigheden. In de nectarblaas scheiden de aanwezige klieren fermenten af, waardoor het omzettingsproces naar honing een aanvang neemt. Een liter nectar zal ongeveer 400 g. honing worden. Een volle honingblaas bevat voor de bij zelf, voldoende voorraad voor meerdere dagen. De nectarblaas wordt door een klep afgesloten van de maag. Wanneer de bij wil eten gaat de klep open door een hongersignaal! 38


De plaats van de organen A = monddelen B = spijsverteringskanaal B1 = slokdarm B2 = nectarblaas B3 = ventiel C = voedersap klieren D = zenuwstelsel E = bloedsomloop F = vleugelspieren G = 1 – 4 = wasklieren H = gifblaas en angel

B4 = maag B5 = Malpighische vaten B6 = endeldarm

39


Solitaire bijen Josfien Met solitair wordt er aangegeven dat deze bijensoort alleen leeft, in tegenstelling tot de sociale bijen, waartoe de honingbijen behoren, die in groep leven als een sociale gemeenschap waar verschillende taken door verschillende individuen uitgevoerd worden. Een eerste groep solitaire bijen zijn de oerbijen, waar de maskerbijen toe behoren. Deze kale, zwart gekleurde bijen verzamelen stuifmeel door het op te eten om het later in hun cel uit te spuwen. Ze worden beschouwd als een oorspronkelijk primitief type waaruit andere, meer gespecialiseerde soorten zich ontwikkeld hebben. Bij de behaarde bijen is er een duidelijk verschil vast te stellen in de wijze waarop ze stuifmeel verzamelen. Er zijn de pootverzamelaarsters en ook de buikverzamelaarsters. Bij de eerste groep is de beharing van het achterste paar poten zeer sterk. Tijdens het bloembezoek vegen de bijen het stuifmeel van de meeldraden bij elkaar in bolletjes, maar ze plakken het niet samen zoals honingbijen dat doen, en duwen het tussen de haren van de achterste poten. Bij de buikverzamelaars zijn het niet de schenen, maar de buik die overvloedig behaard is. Deze beharing is enkel bij de vrouwelijke diertjes. Tot de uitgebreidste soort pootverzamelaarsters behoren de zandbijen en de groefbijen. De bekendste buikverzamelaarsters zijn de behangersbijen en de metselbijen. Als laatste groep solitaire bijen noemen we de

40


koekoeksbijen. De kegelbij en de wespbij zijn er de bekendste vertegenwoordigers van. Deze bijen leggen hun eitjes in de cellen van verzamelbijen wanneer er al stuifmeel aanwezig is. Meestal gaat dan het rechtmatige ei verloren en Behangersbij ontwikkeld het koekoeksjong zich voorspoedig. Een bijzonder aspect van dit verschijnsel is dat een bepaalde soort koekoeksbij slechts één soort verzamelbij uitkiest. Zo worden zandbijtjes alleen door wespbijen geparasiteerd. Er zijn in de periode van een jaar vroeg vliegende en later vliegende soorten met een redelijk vergelijkbaar levenspatroon. Het uitkomende wijfje wordt direct bevrucht door een naast het celletje wachtende mannetjes bij. Na de paring zal het wijfje een geschikte plaats zoeken om een celletje te bouwen waarin dan een hoopje stuifmeel en een drupje nectar aangebracht wordt, waarop dan een eitje gelegd wordt. Daarna wordt het celletje afgesloten met grond, waarna ze aan een nieuw celletje begint. Na enige dagen komt er uit het ei een larve die het aanwezige voedsel in enkele weken zal opeten, waarna ze zich zal inspinnen, verpoppen en als imago – is een volgroeid insect – binnen haar cocon de rest van het jaar en de winter zal doorbrengen. In het voorjaar of in de zomer van volgend jaar zal ze als volwassen mannelijk of vrouwelijk insect uitvliegen. Het levens ritueel herhaald zich! De verschillen tussen de soorten vallen het meeste op bij: de nestbouw, het soort van bloemen dat bezocht wordt, het stadium waarin overwinterd wordt zoals larve, pop, of imago, en het tijdstip dat mannetjes en vrouwtjes vliegen. 41


Kennis maken met de solitaire bijen kan al vroeg in de lente terwijl april en mei de drukste vliegperiode is. De verschillende soorten zijn op andere tijdstippen in het jaar actief. Wat de plaats van de nestbouw betreft, zijn er ook verschillen vast te stellen. Velen doen het in de grond terwijl anderen de braam, netels en rietstengels uitkiezen. De grote wolbij pleegt haar eitjes af te zetten in cellen die gemaakt werden in gaatjes van dode bomen, terwijl anderen lege slakkenhuisjes gebruiken als nestplaats. Een typerend gedrag vertonen de behangersbijen die bladstukken snijden uit bepaalde planten. Hiermee bekleden ze de nestruimte waar ze cellen in bouwen en er dan eitjes in leggen. De laatste jaren kwamen de educatieve bijenhotels en insectenmuren in de belangstelling. Hierin zijn er gaatjes in hout of in steen aanwezig die sommige solitaire bijen verkiezen en graag bezetten voor hun nageslacht. In zo een bijenhotel kunnen we de handel en wandel van de aanwezige bijen en hun predatoren, die het op de eitjes en de larfjes gemunt hebben, gadeslaan en opvolgen, want er gebeurd daar wel het een en ander waarvan we ons niet bewust zijn, zolang als we het niet zelf gezien hebben! Aanbeveling: Een mooi boek met nieuwigheden Titel : Gids van bijen wespen en mieren Auteur : Heiko Bellmann336 bl. - 343 kleurfoto’s – 67 tekeningen Uitgeverij : TirionISBN 90 5210 293 7 42


Het voorjaarsnazicht Josfien Wanneer doe ik het nazicht, en hoe doe ik dat? Afhankelijk van het weer zal een eerste nazicht van de bijen uitgevoerd worden in maart, maar het kan ook vroeger en het kan ook in april, als de temperatuur lang laag blijft. Mijn gereedschappen, zoals het kapruin, handschoenen, de beroker, de kastbeitel en de ramentang liggen al een poos klaar! En wanneer Sabine, de weervrouw, een goede periode aankondigt met temperaturen boven de 10°C. wordt het eerste kastnazicht gedaan! Hierbij wordt er rekening gehouden met twee belangrijke factoren: We hebben geleerd dat er aan de bijen met langzame bewegingen, zoals in een vertraagde film, gehandeld wordt, en we zullen dat dan ook zo doen! In de kast waarin het voorjaarsbroed groot gebracht wordt heerst er een temperatuur van rond de 35°C. die zal dalen wanneer de kast open gemaakt wordt. We moeten dus snel maar langzaam bezig zijn, en de warmte behouden We steken onze beroker aan, wie pas begint als imker zal dit werkje al enkele dagen voordien geoefend hebben, want al is het een eenvoudige handeling er wordt toch nogal eens mee gesukkeld en op de heiligen geroepen! We hebben de rook nodig om de bijen een beetje te doen opschuiven, zodat we aan de ramen kunnen. Het is niet de bedoeling om heel het volk met een rookoorlog aan te vallen! Als rookgrondstof gebruik ik gedroogde toppen van de fluweelboom. We trekken ons kapruin aan en zorgen ervoor dat alles bijendicht is. We maken ook onderaan de broekspijpen dicht. De handschoenen waarin een snuif talkpoeder 43


geschut werd, trekken we aan met de hemdsmouwen er in. Voor we beginnen toch vermelden dat er valse profeten zijn die beweren dat er in het vlieggat een rookpluim moet geblazen worden. Wat gebeurd er dan? Een aantal bijen kruipen naar boven in de kast, waar we ze dan liever niet hebben en daarna komen ze naar buiten om te zien wie of wat er hen komt verstoren. We doen dit dus niet! We nemen het dak van de kast en zetten het naast de kast. Later wanneer we een romp van de kast afnemen, leggen we het deksel omgekeerd op de grond om de romp er op te plaatsen. We zetten een romp of losse ramen nooit op de grond om een mogelijke bevuiling te vermijden! We kijken doorheen de afdichtende folie of we bijen zien en waar we ze zien. Met onze hand voelen we op de folie of het warm is. Als het koud voelt is er geen broed aanwezig en bestaat de kans dat er ook geen koningin aanwezig is. We maken de folie langs een van de twee zijden los, heffen het lichtjes op en blazen een klein wolkje rook over de bijen, die achteruit zullen gaan! We plooien de folie omhoog en maken drie ramen bloot en geven weer een beetje rook. We maken de keuze om het tweede raam te bekijken: -Bij een romp met kamijzers lichten we, met de kastbeitel, de twee raamoren lichtjes op, zodat het raam los hangt. -Bij een romp met Hoffmannramen duwen we met de kastbeitel de ramen uit elkaar zodat het tweede raam los ligt. Met de ramentang 44


heffen we het losse raam op en bekijken de inhoud = eten! We laten het raam zakken en doen met de volgende ramen hetzelfde tot we aan het broed komen. We leggen de folie terug op de plaats en doen langs de andere zijde van de romp dezelfde handelingen. We weten nu: hoeveel eten er aanwezig is, of niet aanwezig is! hoeveel ramen met broed er zijn. Het broed hangt aansluitend naast elkaar! of er veel of weinig bijen in de kast aanwezig zijn. We kijken de afdekfolie nog eens na en plaatsen het deksel op de kast. Op de kastkaart noteren we de datum en wat er gedaan en gezien werd! Een volgend nazicht plannen we binnen een week of twee drie.

45


Basiscursus voor beginnend imker Bij de aanvang op 31 okt. 2021 van de basiscursus voor beginnend imker, die georganiseerd wordt door de imkersverenigingen van Grimberen en Neerbrabant, mochten de 52 cursisten nog samen zitten in het leslokaal. Een poosje later werd er, door het invoeren van strengere Coronamaatregelen, over gegaan tot het digitaal lesvolgen. Op 20 februari 2022 mochten we terug in de klas, wat toch een aangenamer en een beter sociaal gevoel gaf om de leerstof over het houden van honingbijen op te nemen!

46


Honing, beste ‘hoestsiroop’ voor verkouden kinderen Hoestsiropen kregen al meermaals nogal wat negatieve actualiteit. Met klinische studies werd aangetoond dat honing een veel veiliger en gezonder antihoestmiddel is dan de meeste medicinale siropen. De professor Ian Paul en zijn team van de universiteit van Pensylvania deden een onderzoek bij 105 verkouden patiëntjes, die door de hoest niet konden slapen. De 105 kinderen werden onderverdeeld in drie groepen. Groep 1 kreeg voor het slapengaan een lepel biologische, vloeibare honing. Groep 2 nam een lepel medicinale hoestsiroop in. Groep 3 kreeg niets. Uit het onderzoek bleek dat de kinderen die de vloeibare honing hadden ingenome minder hoesten en de beste nachtrust hadden. Waarom is honing zo goed? Honing in vloeibare vorm lijkt op hoestsiroop, maar het is zeer rijk aan antioxidanten en stoffen die microben op natuurlijke wijze doden. Op de vraag hoeveel honing de kinderen gedurende de test kregen was het antwoord de eenvoud zelf. Kinderen tussen 2 en 5 jaar kregen een halve koffielepel, jongens en meisjes in de leeftijdscategorie tussen 6 en 11 jaar consumeerden een volledige koffielepel. Oudere kinderen kregen 2 koffielepels zeggen de onderzoekers. http://www.abcgezondheid.be/nl/news/honing%2C_beste_%27hoestsiroop%27_voor_verkouden_ki nderen/ 47


Literair: d’Oude imkers zijn geld waard. Ze hebben zilver in hun haren, En goud in hun tanden, Gas in hun darmen, En stenen in hun nieren, Ze hebben lood in hun schoenen, En kalk aan hun nagels, Ook staal in hun heupen, En plastic in de knieën. Vol met dure medicijnen, Lijken ze wel goudmijnen. Een mens met zoveel mineralen, Is met geen miljoen te betalen, Daarbij leveren hun bijen goed werk, Want in kwaliteitshoning zijn ze sterk En het bestuivingswerk voor het fruit Brengt veel op maar zeg het niet te luid. En al is d’oude imkerskennis niet te vatten, Het zijn en blijven echte schatten. 48


Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.