Issuu on Google+

Kwartaalblad december 2012 no. 76

De Reest

76


Kwartaalblad van Stichting Het Drentse Landschap

www.de12landschappen.nl www.de12landschappen.nl

3

Eruitgelicht

Beek- en beekdalherstel U k o Ve g t e r e n H e r m a n Wa n n i n g e n

4

9

— bestuursberichten

— beheer

Hoe Beeldschoon is het Drentse water?

10

Activiteiten

11

NPL

12

Klein Soestdijk in Veenhuizen Eric van der Bilt

— erfgoed

15

WMD

16

Wespendief in ontraadseling Rob Bijlsma

18

20

22

24

26

— fauna

Mensinge en Lieveren Bertus Boivin en Eric van der Bilt

— wandelroute

Wilgen Joan D.D. Hofman

— flora

Landgoederengordel in ere hersteld Alje Zandt

— cultuurhistorie

Vogelfotografie Geert de Vries

— educatie

Zuidoost-Drenthe – Nieuwe boerenerffietsroute Janny Oudega en Arnold Ruiter

— erfgoed

28

Webwinkel + Facebook

29

Samen zorgen voor een gezonde groene leefomgeving

30

Kortweg

35

In/uit de politiek

— berichten

Foto: Eric Wanders

Uitgave Stichting Het Drentse Landschap Bezoekadres: Kloosterstraat 5 - 9401 KD Assen Postadres: Postbus 83 - 9400 AB Assen Tel. (0592) 31 35 52 / Fax (0592) 31 80 89 e-mail: mail@drentslandschap.nl Web-site:www.drentslandschap.nl Website: www.drentslandschap.nl Bankrek. nr.www.facebook.com/drentslandschap Facebook: 30.28.75.751 Bankrek. nr. 30.28.75.751 Redactie E.W.G. van der Bilt, J.D.D. Hofman, S.S. van derE.W.G. Redactie Meer, van m.m.v. derH. Bilt, Colpa, J.D.D.J.G. Hofman, Schenkenberg B.M. van Mil, van Mierop S.S. van der en Meer, B. Zoer m.m.v. H. Colpa, J.G. Schenkenberg Vormgeving van Mierop en B. Albert Zoer Rademaker BNO, Annen Grafische productie Vormgeving Albert Rademaker Koninklijke BNO, van Annen Gorcum BV, Assen Grafische productie Koninklijke van Gorcum BV, Assen Omslag Exoërkyl / foto: Geert de Vries Omslag De Reest / foto: Joop van de Merbel ISSN 1380-3263 ISSN 1380-3263 Overname van artikelen met bronvermelding is toegestaan. Overname van artikelen met bronvermelding is toegestaan. De inhoud van de bijdragen van gastschrijvers weerspiegelt De inhoud van de bijdragen van gastschrijvers weerspiegelt niet noodzakelijk de opvattingen van Stichting niet noodzakelijk de opvattingen van Stichting Het Drentse Landschap. Het Drentse Landschap. Het Drentse Landschap is een uitgave van Stichting Het Het Drentse Landschap is een uitgave van Stichting Het Drentse Landschap. Het geeft informatie over de terrein­ Drentse Landschap. Het geeft informatie over de terrein­ bezittingen en activiteiten van de stichting. Het blad bezittingen en activiteiten van de stichting. Het blad verschijnt viermaal per jaar, bij het wisselen der seizoenen verschijnt viermaal per jaar, bij het wisselen der seizoenen en wordt gratis toegezonden aan de beschermers van het en wordt gratis toegezonden aan de beschermers van het Landschap. Begunstiger kan men worden door bijgevoegde Landschap. Beschermer kan men worden door bijgevoegde kaart in te vullen en te verzenden. Minimale bijdrage € 17,50 kaart in te vullen en te verzenden. Minimale bijdrage € 17,50 per jaar. Begunstiger voor het leven € 400,– . per jaar. Beschermer voor het leven € 400,– . Als u Het Drentse Landschap extra wilt steunen dan kan dat Als u Het Drentse Landschap extra wilt steunen dan kan dat op de volgende wijze: op de volgende wijze: Periodieke gift  In plaats van of naast uw begunstigersbijPeriodieke gift  In plaats van of naast uw beschermersbijdrage. Dit is een voor de inkomstenbelasting volledig aftrekdrage. Dit is een voor de inkomstenbelasting volledig aftrekbare periodieke bijdrage, die u voor minimaal 5 jaar met een bare periodieke bijdrage, die u voor minimaal 5 jaar met een eenvoudige notariële akte toezegt. Voor bijdragen van € 50 eenvoudige notariële akte toezegt. Voor bijdragen van € 50 en hoger per jaar regelt en betaalt de stichting de akte. Het en hoger per jaar regelt en betaalt de stichting de akte. Het kwartaalblad wordt u gratis toegezonden om u op de hoogte kwartaalblad wordt u gratis toegezonden om u op de hoogte te houden van Het Drentse Landschap. te houden van Het Drentse Landschap. Andere giften  Indien het totaal van uw giften in enig jaar Andere giften  Indien het totaal van uw giften in enig jaar zowel 1% van uw drempelinkomen als ook € 60 te boven zowel 1% van uw drempelinkomen als ook € 60 te boven gaat, is het meerdere aftrekbaar voor de inkomstenbelasting gaat, is het meerdere aftrekbaar voor de inkomstenbelasting tot ten hoogste 10% van het drempelinkomen. tot ten hoogste 10% van het drempelinkomen. Legaten of erfstellingen  U kunt Stichting Het Drentse Legaten of erfstellingen  U kunt Stichting Het Drentse Landschap en/of Stichting Oude Drentse Kerken ook in uw Landschap en/of Stichting Oude Drentse Kerken ook in uw testament begunstigen. testament begunstigen. Stichting Het Drentse Landschap en Stichting Oude Drentse Stichting Het Drentse Landschap en Stichting Oude Drentse Kerken zijn vrijgesteld van schenkings- en successierecht, Kerken zijn vrijgesteld van schenkings- en successierecht, zodat uw gift, schenking of legaat geheel ten gunste komt zodat uw gift, schenking of legaat geheel ten gunste komt van deze stichtingen. van deze stichtingen. Nadere inlichtingen over de hierboven vermelde mogelijke Nadere inlichtingen over de hierboven vermelde mogelijke vormen van steun kunt u inwinnen bij het kantoor van de vormen van steun kunt u inwinnen bij het kantoor van de stichting of bij uw notaris. stichting of bij uw notaris. Het Drentse Landschap Het Drentse Landschap


Bestuursberichten

Geef direct uw mening over het kwartaalblad op www.drentslandschap.nl/kwartaalblad

3

Het afgelopen jaar heb ik het voorwoord wel eens gebruikt om mijn gram te halen over het Rijksbeleid. Dat was niet best en deed ons pijn. Desondanks kunnen we vaststellen dat het afgelopen jaar veel goede dingen zijn gebeurd. Onze medewerkers hebben hun best gedaan om toch onze doelen te halen. We hebben kansen kunnen benutten dankzij giften en legaten en door op het vinkentouw te zitten. Cultuurhistorisch zijn stappen gezet in de veiligstelling van prachtige gebouwen en plekken. Lees in dit nummer over Klein Soestdijk en Ter Hansouwe. Je moet er niet aan denken dat een dergelijk erfgoed verdwijnt. Wij restaureren en brengen de gebouwen weer onder de mensen. Met nieuwe wandelroutes proberen we de waardevolle plekken te ontsluiten. En wat te denken van een beverspeurtocht voor kinderen. Zo laten we zien dat de consequente natuurontwikkeling in de Hunze zin heeft. Een mooi moment was de opening van Torenveen door staatssecretaris Joop Atsma die aandacht had voor onze prestaties, ook bij tegenwind. Velen hebben op de open dag van het gebied genoten of wellicht tijdens de Hunzeloop. Steeds vaker zijn we een partner bij de veiligstelling en ontwikkeling van kleine kwetsbare locaties in dorpen. Via onze kwartaalbladen houden we u op de hoogte van alle ontwikkelingen en activiteiten. Om nog beter aan uw wensen te voldoen doen we regelmatig een lezersonderzoek. In deze editie vindt u daarom een vragenlijst toegevoegd. Ik hoop dat u er aan meewerkt, want alleen dan bereiken we wat we allemaal samen willen. Bedankt alvast! Tenslotte, wens ik u het allerbeste in het nieuwe jaar. En natuurlijk wens ik dat ook de Drentse natuur toe, die we met z’n allen zo’n warm hart toedragen.

Ali Edelenbosch voorzitter Het Drentse Landschap


* U k o Ve g t e r e n H e r m a n Wa n n i n g e n

De Drentse beekdalen spreken al lang tot de verbeelding. Niet alleen bij natuurbeschermers, maar ook bij schilders, dichters, toeristen en bewoners. Allemaal liefhebbers van dit typisch Drentse landschap. Hein Schimmel schreef in 1955 een overzichtswerk over de natuurkwaliteit van de beekdalen in Drenthe. Van Peizerdiep tot Geeserstroom en van Hunze tot Vledder Aa. In de afgelopen jaren is door veel partijen geïnvesteerd in herstel van beken en beekdalen. Niet alleen voor de natuurwaarden maar ook vanuit de wens om het Drentse beekdallandschap te herstellen. In dit artikel staan we stil bij wat er is bereikt en hoe de toekomst van onze beekdalen eruit ziet.

Aantasting en bescherming

Het intensievere landgebruik zorgde in de afgelopen eeuw voor achteruitgang van de juist ook door de mens tot stand gebrachte ‘natuur’ in de Drentse beekdalen. Dit mondde uit in de ruilverkavelingen van de jaren zestig en zeventig. Deze leidden tot forse ontwateringen, rechtgetrokken beken, afgetakelde landschappen en grote verliezen aan planten- en diersoorten. Tegelijkertijd ontstond het maatschappelijk inzicht dat het behoud van beken en beekdalen belangrijk was. Zo werd het dal van de Drentse Aa door Harry de Vroome ontworsteld aan de verkavelingsdrift. De Reest bleef gespaard omdat bij deze grensbeek noch Overijssel noch Drenthe de eerste stappen tot het rechttrekken van de beek nam. Men deed eind 20e eeuw veel kennis op over de samenhang tussen waterhuishouding en natuur rond beken en beekdalen. Beleidsmatig ontstond de wens tot herstel van beekdallandschappen mede doordat men in combinatie met natuurherstel ook andere maatschappelijke wensen kon realiseren. De beekdalen werden op vele plekken in Drenthe de zogeheten ‘blauw-groene draden’ in de Ecologische Hoofdstructuur.Vanuit het waterbeheer onderkende men

Foto: Groene zoden fotografie

Foto: Herman Wanningen

Beek- en beekdalherstel in Drenthe

Over de Drentse beekdalen is veel geschreven. Kijken we grofweg naar de beekdalen van zo’n 1500 jaar geleden, dan rijst het beeld op van beekdalvenen die bestaan uit zeggenmoerassen en broekbossen. Beekdalen waren toen onaangename en ontoegankelijke terreinen waar het water langzaam over en via het veen zijn weg zocht. Bovenstrooms beginnend vanuit natte heide- en hoogveengebieden als slenkvormige laagten. In de middenstroom bestaande uit grondwater gevoede moerassen die overgingen naar de uitgestrekte laagveengebieden rondom het Drents plateau.Van beken was in veel gevallen nog geen sprake. De benedenlopen werden zelfs soms ‘getroffen’ door inbraken vanuit zee, zoals in de Hunze waarbij het zeewater tot voorbij Zuidlaren kon reiken. Door de toenemende invloed van de mens begon ook het vergroten van de waterafvoer via beken, sloten en greppels. Broekbossen werden gekapt en de veenvegetaties gingen langzaam over in hooilanden. Door de grote variatie in gebruik zowel in ruimte als in tijd ontstonden uiterst afwisselende beekdallandschappen met een keur aan soorten.


Herstel in enkele beekdalen

Herstel van beekdalen in beheer bij Het Drentse Landschap

Drentse Aa, middenloop Gasterensche Diep Herstel beekdalmoerassen Sterke vernatting door het dempen van sloten en greppels op plekken met sterke aanvoer van ijzer- en kalkrijk grondwater. Hooilandvegetaties zijn plaatselijk nu zo nat geworden dat overgangen naar kwelmoeras ontstaan. Vroeger algemeen in beekdalen, nu uiterst zeldzaam. Met Holpijp en Snavelzegge en op een enkele plek ook de zeldzame Ronde zegge als typische soorten.

Reest, Oude Diep en Hunze Deze drie Drentse beekdalen zijn in beheer bij Het Drentse Landschap. Sinds 1990 wordt hard gewerkt aan verbetering van natuurkwaliteit. In het Reestdal en het Oude Diep gelden als doelen het behoud en herstel van het kleinschalig cultuurlandschap en herstel van de waterhuishouding. In het Reestdal wordt dit bereikt door de beekpeilen te verhogen en het dempen/verondiepen van sloten en greppels. In gebied van het Oude Diep worden de streefbeelden bereikt door maatregelen als de herinrichting van beekdalgedeelten zoals Zuidmaten, Pesserma en (enigszins een buitenbeentje) de Oude Kene. Evaluatie van deze maatregelen in 2011 liet zien dat veel planten- en diersoorten terugkeren.

Oude Vaart, bovenloop Elperstroom Verschillende ontwikkelingsrichtingen binnen ĂŠĂŠn gebied Een beekdal waarin verschillende beheerkeuzen samenkomen. In bovenloopgebieden als de Stroetma is ingezet op herstel van broekbos en natuurlijke afwatering via laagten in het landschap. De hier met houtwallen omgeven percelen lopen langzaam dicht met bos. Voor het stroomafwaarts gelegen de Reitma is herstel van halfnatuurlijke blauwgraslanden en kalkmoeras het credo. Versterking van kwel in het maaiveld door het dempen van sloten waardoor typische blauwgraslandsoorten als Vlozegge en Tweehuizige zegge kunnen voortbestaan. Geeserstroom Herstel natuurlijk landschap Herstel van bovenloopgebied. Sterke vernatting, afwatering in hoofdzaak via slenken over lage delen van het maaiveld. Gebied met weliswaar nog een voedselrijk karakter vanwege het vroegere landbouwkundige gebruik, maar toch al mooie aanzetten tot herstel van natte beekdalvegetaties. Vledder Aa Bronherstel Een beekdal waar is getracht de bron, gelegen in het DrentsFriese Wold, te herstellen. Vanwege ontwatering van het gebied door onder meer grondwaterwinning is dit nog maar ten dele gelukt. Ook is de beek relatief ruim aangelegd waardoor water nog vrij snel wegstroomt. Herstel van een aangrenzend middenloopgedeelte van de Vledder Aa gaat op korte termijn plaatsvinden.

Het Hunzedal kent een wezenlijk andere insteek. Hier is het doel herstel van de Hunze als levende, (over)stromende rivier en vernatting rond de beek. Dit levert al snel en veel resultaat op. Niet in de laatste plaats vanwege de forse oppervlakte waarop, van boven- tot benedenloop, nieuwe natuur is ontstaan. Dit heeft geleid tot de terugkeer van kenmerkende soorten zoals Porseleinhoen, Snavelzegge en in de beek de Serpeling. Succesvol vanwege de verbinding die is gerealiseerd met andere beekdalfuncties zoals de toename van vermogen om water vast te houden, CO2-reductie door het bij hogere grondwaterstanden minder snel oxideren van veenbodems (veenafbraak), drinkwaterwinning en recreatieve mogelijkheden. Peizerdiep

Eelderdiep Drentse Aa

Oostervoortse diep

Hunze Gasterense diep

Vledder Aa

Peizer- en Eelderdiep Herstel midden-benedenloop met waterberging In beide stroomgebieden zijn recent herstelmaatregelen uitgevoerd. Het Oostervoortse Diep (Peizerdiep) is over een flink traject hersteld als meanderende beek die bij hoge afvoeren kan overstromen. In de benedenloop van het Eelderdiep is begin 2012 het peil opgezet om het beekdal als geheel te vernatten en als waterbergingsgebied te laten functioneren. De verbinding van het beeksysteem met het Leekstermeer is eveneens hersteld.

Elperstroom Aalderstroom Oude Vaart

Geeserstroom

Reest


Beheer

7

Foto: Jaap de Vries

Weidebeekjuffers

kun je misschien stoppen met beekonderhoud en wat is het effect hiervan? En een nog mooiere discussie: men ziet soms een controverse tussen het herstel van beek en het beekdal. Een hoog beekpeil gericht op vernatting van omliggende hooilanden kan leiden tot afname van stroming in de beek. Dit is voor vissen en libellen heel belangrijk. In veel herstelprojecten blijkt tegenwoordig vernatting en herstel van stromende beken toch goed te combineren door een kleine, ondiepe beek relatief hoog in het landschap te leggen. Moeraszegge

ook steeds meer het belang van beekdalen. Toverwoorden hierbij zijn water vasthouden, schoon water en beekherstel. Discussies rond herstelmaatregelen

Vanaf 1995 ging men, na een periode van onderzoek en beleidsvoorbereiding, concreet aan de slag. Zo zijn sindsdien herstelprojecten uitgevoerd in de stroomgebieden van de Reest,Vledder Aa, Geeser- en Aalderstroom, Hunze, Peizerdiep, Oude Vaart (Elperstroom), Oude Diep en natuurlijk de Drentse Aa. Steeds meer werd daarbij de gedachte leidend van herstel op het niveau van stroomgebieden. Ook al bleek uitvoering vaak alleen op lokale schaal mogelijk. De beek werd vanaf dat moment gezien als onderdeel van het totale beekdallandschap en niet als apart te herstellen onderdeel ervan. Toch bleven er discussiepunten. Bij het herstellen van beekdalen zijn keuzen op landschapsniveau steeds meer de basis voor herstelmaatregelen. Willen we bijvoorbeeld terug naar het cultuurhistorische, oud-agrarische landschap met natte schraalgraslanden zoals in de Drentse Aa? Of kiezen we juist voor herstel van natuurlijke landschappen waarbij water weer in hoge mate sturend is met hooguit extensieve begrazing. Met nieuwe (zeggen)moerassen en broekbos? De terugkeer naar de oorspronkelijke (op historische kaarten vaak nog aanwezige) beekloop ligt voor de hand. Maar soms is de maaiveldhoogte zo veranderd dat historische beeklopen niet meer op de laagste plekken in het landschap liggen. In bovenstroomse delen van beekdalen ligt het soms meer voor de hand niet de meanderende beek te herstellen maar de vroegere veensystemen met slenkvormige laagten terug te laten komen. Ook is er discussie over het onderhoud van herstelde beken:

Terugkijkend op de afgelopen periode blijkt dat het beeken beekdalherstel niet altijd zonder slag of stoot kan worden gerealiseerd.Vaak kan het herstel maar ten dele plaatsvinden. In de Vledder Aa moest men bijvoorbeeld rekening houden met aanwezige woningen. In de Hunze beïnvloedde de noodzaak tot afwatering van landbouwgebieden de wijze van beekherstel. Niet overal kunnen beek en beekdal weer tot leven komen vanwege andere belangen.Voor migrerende vissen, zoals de Rivierprik, is een vrije verbinding met zee onontbeerlijk. Deze verbinding is vooralsnog niet optimaal. Zelfs de Afsluitdijk speelt hierbij een rol. Ook de waterkwaliteit van beken is een zorgpunt. Die verbetert wel maar blijft in sommige beken problematisch. Niet voor niets kon fotograaf Willem Kolvoort in veel beken geen foto’s maken omdat het doorzicht nog te beperkt is en het onderwaterleven heel summier. Er is dus nog een (onder water)wereld te winnen alvorens herstel van beken en beekdalen succesvol zal zijn. Resultaat

Ondanks deze kanttekeningen is het algemene beeld dat in korte tijd veel is bereikt. Beekdalherstel gaf vaak de gewenste resultaten, soms verrassingen en een enkele keer ook tegenvallers. Successen zijn er legio. Zo gaat natuurherstel in beekdalen goed samen met het vergroten van de waterveiligheid, zo bleek nog maar eens begin januari 2012. Bij extreem natte omstandigheden werd toen een deel van de wateroverlast in de beekdalen opgevangen. Ook geeft de aanleg van vispassages vissen zoals Winde, Serpeling en Riviergrondel, de mogelijkheid bovenstroomse gebieden weer te bereiken, zo blijkt uit recent visonderzoek. En vernatting van beekdalen leidt op

Foto: Geert de Vries

Kanttekeningen


8

Beheer

veel plekken tot herstel van beekdalvegetaties en populaties van diersoorten zoals bijvoorbeeld de Weidebeekjuffer en de Moerassprinkhaan. Bij verder herstel van de beken en beekdalen in de toekomst moeten we met nieuwe ontwikkelingen rekening houden. Zo blijkt dat door klimaatverandering de temperatuur van het Drentse beekwater over de laatste 35 jaar gemiddeld met 1,5 graad Celsius is gestegen.Voor beekorganismen die

Foto: Eric Wanders

Toekomst

Foto: Herman Wanninge

afhankelijk zijn van koel water kan dit een probleem worden. Daarom is het belangrijk naast voldoende stroming lokaal beekbegeleidende beplanting toe te staan.Van de schaduwrijke en koele plekken die dat oplevert, met her en der dood hout, profiteert niet alleen de vis maar de hele beeklevensgemeenschap. Voor vissen, planten, insecten en zoogdieren is daarnaast verder herstel van de waterhuishouding en van vrije verbindingen nodig. Een stroomgebied waar hiervoor wezenlijke kansen liggen is de Oude Vaart. Nu heeft het beleidsmatig lage prioriteit waardoor potentiÍle kwaliteiten (de toevoer van schoon grondwater en een verbindende functie tussen Dwingelderveld, Leggelderveld en Hijkerveld) nog onbenut blijven. Iets anders is dat broekbossen (elzen, wilgen) vroeger in beekdalen veel algemener waren dan nu het geval is. Ze zouden in sommige beekdalen zoals de Drentse Aa en het Peizerdiep nieuwe kansen kunnen krijgen. Met als bijkomend voordeel het opnemen van voedingsstoffen vanuit voormalige landbouwgronden, het vastleggen van kooldioxide (CO2) en een beperkte beheerinspanning. De afgelopen jaren is beek- en beekdalherstel serieus van de grond gekomen. De komende jaren zal het in Drenthe ondanks de huidige bezuinigingen verder vorm krijgen. En wie weet kunnen we aan de hand van het werk van Hein Schimmel te zijner tijd ook nog eens nagaan wat we sinds 1955 hebben bereikt‌

Moeras Geeserstroom

< Vispassage Loonerdiep

* Drs. U.Vegter werkt als hoofd Onderzoek en Planning bij Het Drentse Landschap. Drs. H.Wanningen werkt bij het adviesbureau Wanningen Waterconsult.


Educatie

9

Hoe Beeldschoon is het Drentse water? Scholieren duiken het Drentse water in Schoon water is voor mens en natuur van levensbelang. De Europese Kaderrichtlijn water (KRW) speelt een belangrijke rol bij de verbetering van de waterkwaliteit. De KRW geldt sinds 2000 voor alle lidstaten in Europa. Hij verplicht Nederland om de waterkwaliteit in aangewezen waterlopen te verbeteren. De waterschappen hebben in de periode 2000-2010 hun plannen geschreven ten behoeve van de verbetering van de ecologische waterkwaliteit. In de periode 2010-2015 worden deze plannen uitgevoerd. Een aantal maatregelen is afgerond, onder andere in het Oostervoortsche Diep, het Oude Diep bij Hoogeveen, in de Hunze bij Torenveen en in de Geeserstroom. Wat heeft dit opgeleverd? Hebben de plannen en de uitvoering ervan het gewenste effect? We hebben scholieren gevraagd dit te onderzoeken.

In 2007 ging Willem Kolvoort in opdracht van de Natuur en Milieufederatie Drenthe en Stichting Het Drentse Landschap het Drentse water in om foto’s te maken in de Drentse beken. Dit gebeurde om te laten zien hoe het gesteld was met de waterkwaliteit in Drenthe. Nu, vijf jaar later, zijn vier schoolklassen het water ingegaan om een tussenstand op te maken.

Op een aantal plaatsen in Drenthe, waar al maatregelen zijn genomen, hebben de leerlingen een effectmeting gedaan. Dit deden ze op een niet-gangbare wijze, namelijk door (onderwater)beelden te maken en zo de waterkwaliteit in beeld te brengen. Onder begeleiding van n4 mediahouse en de fotograaf Roelof Bos zijn het Roelof van Echtencollege uit Hoogeveen, het Nassaucollege uit Gieten en de Penta locatie uit Assen en basisschool PCBS Rehoboth uit Gees het Drentse water ingegaan. De resultaten van hun zoektocht presenteren ze zelf in een viertal routes. Deze routes zijn te beleven via de app van AnnoDrenthe.nu.  Het project Beeldschoon Water is een uniek samenwerkingsproject van de Natuur en Milieufederatie Drenthe en Stichting Het Drentse Landschap samen met IVN Consulentschap Drenthe, Provincie Drenthe, de waterschappen Hunze en Aa’s, Noorderzijlvest, Velt en Vecht, en Reest en Wieden. Deze partijen willen de natuur onder water tastbaarder maken voor een brede doelgroep. Beeldschoon Water laat op een opvallende manier zien hoe mooi het Drentse water op sommige plaatsen is en op andere plaatsen nog kan worden.

Foto: Nymediahouse / Roelof Bos

Meer informatie Op www.beeldschoonwater.nl/routes vind u de film The making of 4 Beeldschone routes en een groot deel van het door de scholieren gemaakte beeldmateriaal. Beeldmateriaal is ook terug te vinden via de Facebook fanpages van Het Drentse Landschap en de Natuur en Milieufederatie Drenthe. In het voorjaar van 2012 zijn de routes via de app van annodrenthe.nu te beleven.


Activiteiten eruit gelicht Kijk voor meer activiteiten in de agenda oktober 2012 t/m maart 2013 of op www.drentslandschap.nl

Zo 20 januari 14.00 uur

Vogels hebben in de winter extra hulp nodig om eten te vinden. Kinderen mogen meehelpen om eten klaar te maken voor de hongerige vogels. Met vogelzaad, pinda’s en draad wordt iets moois gemaakt. Het voedsel kan vervolgens in eigen tuin worden opgehangen. Kosten € 2,50 p.p. Locatie: Drenthehof, Dorpsstraat 1a, 9441 PD Orvelte.

Foto: Geert de Vries

Wintervoedsel maken voor de vogels

Lezing: Erik van Ommen

Tekening: Erik van Ommen

Di 12 februari 20.00 uur

Wo 13 februari 20.00 uur

Foto: Auke Lubach

Film In het land van de Drentsche Aa

Zo 24 februari 14.00 uur

In het Kleine Kerkje in Gieterveen geeft Erik van Ommen een boeiende lezing over o.a. de IJsvogels in de Hunze, dit naar aanleiding van zijn laatste boek. Verder vertelt Erik over zijn reis naar Japan en het maken van sumi-e schilderijen, over zijn andere kunstvormen en natuurlijk komen ook de Zwaluwen, Kluten en IJsvogels aan bod. Erik vertelt aan de hand van prachtige foto’s en videoopnamen met geluid. Informatie en reserveren kan via info@hetkleinekerkje.nl of 0599-648574. De toegang is gratis. Locatie: het Kleine Kerkje, Broek 2, 9511 PT Gieterveen.

Vanavond kunt u nogmaals de 3e film van Henk Bos en Janetta Veenhoven zien. Aan deze film is ruim twee jaar onafgebroken in alle weersomstandigheden gewerkt en toont het Nationaal Park Drentsche Aa op een manier zoals dat nog nooit eerder werd gedaan. Het landschap en alles wat daarin leeft is op schilderachtige wijze in beeld gebracht. Moeilijk te spotten dieren als de Bunzing, Das en IJsvogel ontbreken niet. Aanmelden is noodzakelijk en kan via www. drentslandschap.nl/activiteiten. Kosten: € 7,- (beschermers van Het Drentse Landschap betalen € 5,-). Locatie: Informatiecentrum ’t Ende, Stapelerweg 20, 7957 NB De Stapel (bij De Wijk).

Sommige vogeltjes zijn afhankelijk van vogelkastjes. In de lente worden de kastjes gebruikt om er te broeden en in de winter om er te overnachten. Kinderen mogen deze middag zelf een vogelkastje maken. Je leert ook waar je het kastje het beste kunt ophangen. Kosten € 5,00 p.p. Reserveren kan via www.drentslandschap.nl/ activiteiten. Locatie: Drenthehof, Dorpsstraat 1a, 9441 PD Orvelte.

Foto: Geert de Vries

Vogelkastjes maken


Foto: Eric Wanders

bedankt!

Kom 2e Kerstdag naar de sfeervolle winterwandeling

In 2012 heeft Stichting Het Drentse Landschap dankzij de steun van de Nationale Postcode Loterij talloze projecten kunnen realiseren. Zo konden we in Drenthe het nieuwe natuurgebied Torenveen in het Hunzedal inrichten. Ook hebben we de restauratie van het hospice Eesinge en Ter Hansouwe dankzij deze hulp kunnen uitvoeren. De bijdrage van de Postcode Loterij zorgde er bovendien voor dat we educatieve programma’s en activiteiten konden ontwikkelen.

Op woensdag 26 december (2e Kerstdag) houdt Het Drentse Landschap haar traditionele Kerstwandeling. Dit jaar zijn we op bezoek bij onze collega’s van het Hunebedcentrum in Borger. Wandelaars kunnen starten tussen 11.00 en 14.00 uur. Een heerlijk uitje voor het hele gezin met onderweg veel verrassende ontmoetingen.

Het werk dat Stichting Het Drentse Landschap met de steun van de Postcode Loterij kan doen betekent winst voor de natuur, cultuur en voor de mens. Daarvoor willen we de Loterij heel hartelijk bedanken. Maar u wint ook, want bij de Postcode Loterij maakt u elke maand kans op duizenden prijzen. Als u meedoet aan de Postcode Loterij wint u dus eigenlijk altijd. Pak die kans en geef zo de natuur en cultuur in Nederland extra steun.

Sinds een aantal jaren houdt Het Drentse Landschap de Kerstwandeling in een van haar natuurgebieden. Dit jaar organiseren we het evenement samen met het Hunebedcentrum. De routes kunnen tussen 11.00 en 14.00 uur worden opgehaald bij het Hunebedcentrum. De wandeling voert u langs een aantal mooie hunebedden en prachtige natuurgebieden in de omgeving van Borger. Net als de voorgaande jaren zorgen we voor muzikaal vermaak, (kinder)activiteiten en een warm drankje. Een mooie gelegenheid om met het hele gezin even een frisse neus te halen! Honden mogen dit keer mee! Ze mogen echter niet in het Hunebedcentrum en in het restaurant.

Bel (0900) 300 1500 voor meer informatie.

Foto: Johan Vos

Tegen inlevering van de bon betalen beschermers van Het Drentse Landschap en Vrienden van het Hunebedcentrum € 1,25 p.p. (de bijgevoegde kaart in dit kwartaalblad geldt voor maximaal 6 personen). Overige wandelaars en nietbeschermers betalen € 2,50 p.p. Startlocatie: Hunebedcentrum, Bronnegerstraat 12, 9531 TG Borger. Meer informatie op www.drentslandschap.nl/activiteiten

Doe mee aan de Kerstwandeling fotowedstrijd. Kijk voor meer informatie op www.drentslandschap.nl/fotowedstrijd.


12

Erfgoed Eric van der Bilt*

Klein Soestdijk in Veenhuizen Veenhuizen is het kroonjuweel van ons Drentse erfgoed. Niet voor niets streven Rijk, Provincie en de Gemeente Noordenveld ernaar Veenhuizen van een nieuw leven, een nieuw elan en nieuwe vitaliteit te voorzien. Het is zelfs voorgedragen als Unesco werelderfgoed. Behoud door ontwikkeling is de slogan, waarbij door allerlei partijen fors ge誰nvesteerd wordt in restauratie en herbestemming van de vele monumentale panden. Toen onze stichting gevraagd werd zich te ontfermen over de monumentale directeurswoning Klein Soestdijk, hoefden we dan ook niet lang te aarzelen. post-napoleontische tijd een kans te geven een nieuw bestaan op te bouwen. Bedelaars, weeskinderen, landlopers, vagebonden, dronkaards en andere ongelukkigen werden onder forse dwang en discipline verplicht vanuit een kleine koloniewoning een nieuw bestaan als keuters op te bouwen. Ook in die tijd bleek de samenleving

minder maakbaar dan gedacht en het experiment mislukte. In 1859 nam de Staat der Nederlanden de onvrije kolonie Veenhuizen in eigendom over en maakte er een Rijksstrafinrichting van. Directeurswoning

Vrijwel direct na de overname in 1859 liet het ministerie van Binnenlandse

Foto: Hanna Schipper

Het experiment Veenhuizen begon in 1818 op initiatief van generaal Johannes v.d. Bosch die de Maatschappij van Weldadigheid oprichtte. Er werd in 1822 ca. 2500 ha heide en veen gekocht waarop via ontginning de kolonie Veenhuizen met haar typerende orthogonale landschap verrees. Met als doel de paupers uit de


Verkoop

Eind vorige eeuw werd Klein Soestdijk aan een particulier verkocht, net als de meeste andere woningen in Veenhuizen. In 2005 kocht Woonconcept, een woningcorporatie, het inmiddels behoorlijk verbouwde complex aan met als oogmerk Klein Soestdijk voor ouderenhuisvesting te gebruiken. Toen de daarvoor benodigde vergunning niet verleend werd, bood Woonconcept het pand in 2008 weer te koop aan. Om te voorkomen dat het pand een niet passende bestemming zou krijgen, gingen gemeente en Provincie Drenthe in gesprek met Het Drentse Landschap. Woonconcept werkte mee aan de overdracht en aankoop. De restauratie kon gefinancierd

worden met steun van de Provincie Drenthe, de Gemeente Noordenveld, de Europese Unie (POP-EOGFL), de NPL en onze stichting. De inzet was de restauratie van het monument en de tuin én een bestemming te zoeken die ten goede zou komen aan de leefbaarheid van Veenhuizen. Uitgangspunt was een combinatie van wonen, werken en erfgoedlogies. Er moest weer licht gaan branden in Klein Soestdijk. Historisch onderzoek

Architectenbureau B+O uit Meppel werd gevraagd om het verbouwingsplan te maken. Met als uitgangspunt om de belangrijkste bouwhistorische waarden te behouden. Door de jaren heen had Klein Soestdijk en ook de tuin veel van haar oorspronkelijke kenmerken verloren. Om de waardevolle elementen van het complex te beschrijven werd allereerst bouwhistorisch onderzoek gedaan. Daarbij bleek dat met name de indeling van het monument van waarde was. De grote voorkamers, de serre en de ruim opgezette T-vormige gang. Het aanwezige voorportaal bleek een latere toevoeging en is bij de verbouwing verwijderd.Verder werd via het Drents Plateau door mevrouw Den Hollander interieuronderzoek gedaan. Met als insteek om de beide voorkamers en de tuinkamer van een passende inrichting te voorzien. Uit haar onderzoek bleek dat vrijwel het gehele interieur in de loop der tijden aangepast was en er nog nauwelijks sprake van de originele detaillering was. Naast het casco en de indeling eigenlijk alleen de tegels in de gang. Geadviseerd werd om de

Foto: Sonja van der Meer

Zaken een woning voor de hoofddirecteur bouwen, in de volksmond Klein Soestdijk genaamd. De monumentenbeschrijving van de Rijksdienst voor het Culturele Erfgoed (RCE) beschreef Klein Soestdijk als volgt toen het in 1995 tot beschermd Rijksmonument aangewezen werd: ‘Een royaal woonhuis, evenwijdig en markant gelegen langs de Kolonievaart. Met een symmetrisch aangelegd oprijlaan en bijbehorende Engelse landschapstuin die als overtuin doorloopt aan de overzijde van de vaart. Met vleugels gebouwd in een statige en functionele stijl met een imposante ingangspartij met een paneeldeur. De woning markeert de omslag naar een grotere bemoeienis van de overheid met de rijkswerkinrichting en vormt daarmee een essentieel onderdeel van het uitzonderlijk waardevolle gebied Veenhuizen. Het gebouw is architectonisch, typologisch en stedenbouwkundig van belang. Gaaf en voor Veenhuizen uniek.’

plafond- en wandafwerking in een negentiende eeuwse stijl met stucwerk en behang, bij voorkeur in neorococostijl. Hetzelfde advies gold in hoofdlijn tevens voor de beide voorzalen, waarbij een behang in renaissancistische stijl werd geadviseerd. De bestaande parketvloeren en ook de schouwen, hoewel van een latere periode, konden worden gehandhaafd. De transformatie

Na aanbesteding en het verkrijgen van de benodigde vergunningen heeft de aannemer Hunebouw uit Hoogeveen, gesteund door installatiebedrijf Ten Kate tussen september 2010 en april 2011 de verbouwing gerealiseerd. In woorden lijkt zo’n restauratie heel eenvoudig maar in werkelijkheid is het een aaneenschakeling van tegenvallers, moeilijke keuzes en onverwachte


Foto: Archief HDL

gebeurtenissen. Na de sloop van de latere toevoegingen bleef er een puinhoop achter. Overal werd asbest aangetroffen hetgeen alleen al tot een tegenvaller van € 60.000,-- leidde. Het parket was door vocht deels verrot, de kapconstructie zakte door en moest verstevigd worden, de geschilderde stukken van de achtergevel moesten gezandstraald, het voegwerk met zorg hersteld. Door het publieke gebruik vroeg de brandveiligheid grote aandacht. Er werd ook heel goed nagedacht over het kleurgebruik. Op basis van oude foto’s, mededelingen van bewoners en de kleuren die elders in Veenhuizen zijn gebruikt, is gekozen voor een heel sober palet. Signaalzwart boven het maaiveld, Bentheimer geel op de gevels en kozijnen en grafietgrijs voor de kozijndorpels.

Van de ooit statige en voorname parktuin rond Klein Soestdijk waar symetrie vanuit het padenverloop centraal stond, was bij de aankoop weinig meer over. Op basis van de analyse van Greet Bierema heeft Bureau Hollema een op de reconstructie gericht tuinplan gemaakt. Door tijd- en geldgebrek moest echter de renovatie van de tuin af worden geblazen. Het voorterrein bleef hetzelfde. Er werd een sobere bestrating rond het huis aangelegd inclusief het terras achter de tuinkamer. Het project werd onder grote tijdsdruk door de fa. De Roo Drenthe BV uitgevoerd. Op 12 april 2011 werd het volledig gerenoveerde Klein Soestdijk door dhr. Van Vollenhove in zijn hoedanigheid van voorzitter van het Restauratiefonds en het Groenfonds feestelijk geopend. Veel waardering werd uitgesproken

voor de realisatie van ons project. De uitstraling van het monument is nu geweldig en passend bij haar status. Klein Soestdijk wordt tegenwoordig verhuurd.

* Drs. E.W.G. van der Bilt is directeur/bestuurder van Stichting Het Drentse Landschap.

Bent u ook geïnteresseerd in wonen en/ of werken in een cultuurhistorisch waardevol pand? Neem dan contact op met Jermo Tappel van de afdeling gebouwen: j.tappel@drentslandschap.nl


WMD 75 jaar In Drenthe kreeg Meppel in 1894 als eerste een waterleiding, gevolgd door Assen in 1897 en Coevorden in 1915. Hoogeveen was in 1927 de laatste van de vier Drentse steden die werd voorzien van een waterleiding. Dat waren aanvankelijk lokale waterbedrijven die uitsluitend actief waren in hun eigen gemeente.

De watertoren in Hoogeveen is in 1927 gebouwd in opdracht van het Gemeentelijk Waterbedrijf Hoogeveen. De toren is 38,3 meter hoog en het betonnen holbodemreservoir heeft een inhoud van 300.000 liter. De toren is nog steeds in gebruik.

Daardoor was bijna tachtig procent van de Drentse bevolking voor drinkwater nog steeds aangewezen op de put, de pomp of de regenton. Met de oprichting van Waterleidingmaatschappij Drenthe (WMD), in 1937 in Emmen, kwam daar een einde aan. WMD heeft er voortvarend aan gewerkt om iedere Drent van drinkwater te voorzien. Tussen 1950 en 1958 zijn in alle dorpen in Drenthe waterleidingen aangelegd. We beschikken nu over voldoende water om te drinken en mee te koken, voor de was, de afwas, het doorspoelen van het toilet en het wassen van de auto. Symbolisch bedrag In 1989 nam WMD het Gemeentelijk Waterbedrijf Hoogeveen over. Aanvankelijk zonder de watertoren, omdat WMD pompen wilde gebruiken om druk op de waterleiding te zetten. Later kwam men terug op dit besluit. De toren heeft als voordeel dat er een watervoorraad kan worden aangelegd, zodat er bij storingen minder drukschommelingen ontstaan in het leidingnet. In 1995 nam WMD de toren over van de gemeente voor het symbolische bedrag van ĂŠĂŠn gulden. In hetzelfde jaar werd de toren gerenoveerd. Industrieel erfgoed Sinds 1856 zijn in Nederland ruim 260 watertorens gebouwd. Stromend water was een teken van welvaart en was ontzettend belangrijk voor de verbetering van de volksgezondheid. Om die reden, maar ook omdat de hoge watertorens enorm opvielen in het vlakke landschap, werd er veel aandacht besteed aan het uiterlijk van de torens. Dat heeft een unieke verzameling torens opgeleverd. Er zijn geen twee Nederlandse watertorens helemaal hetzelfde. De toren in Hoogeveen is een voorbeeld van een sobere expressionistische stijl.

Kijk voor meer informatie over drinkwater op wmd.nl.


16

Fauna

Foto: Rob Bijlsma

Wespendief in ontraadseling

Voor veel mensen zal de Wespendief een wenssoort zijn: veel over gehoord, nog nooit gezien. Toch zijn Wespendieven verre van schaars, en betrekkelijk eenvoudig waar te nemen.

Rob Bijlsma*

Neem in juli of augustus met mooi weer plaats aan de rand van een Drents heideveld, bijvoorbeeld het Doldersummerveld, en blijf daar een paar uur zitten. Tien tegen één dat u minstens een tiental roofvogels voorgeschoteld krijgt, niet allemaal tegelijk natuurlijk, hun kringen draaiend in de lucht. Goede kans dat het merendeel van die zwevers uit Wespendieven bestaat. Tijdens het zweven worden de vleugels vlak gehouden (Buizerd V-vormig), het spitse kopje steekt uit (Buizerd heeft stierennek), de staart is lang en heeft afgeronde hoeken (Buizerd korter en rechte hoeken). Een eitje, die determinatie. Dat helemaal wanneer hij (of zij, dat kan ook) op grote hoogte opeens een opwaartse zwieper maakt en boven de lichaamsas met de vleugels gaat wapperen. Vlinderen, noemen we dat. Onmiddellijk herkenbaar als Wespendief, met niets te verwarren. Dat vlinderen doen ze vooral in juli en augustus, en alleen al daarom is het niet aannemelijk dat het balts betreft. Vermoedelijk is het een signaal waarmee activiteitsgebieden worden aangegeven, en wie weet ook een middel om de persoonlijke status te adverteren binnen de lokale wespendievenbevolking.

gemak ook maar bij, hebben honderden nesten opgespoord, jongen geringd en waarnemingen aan het gedrag gedaan. Daaruit kwam naar voren dat Wespendieven in de broedgebieden echte bosvogels zijn, die ‘s winters in subtropisch Afrika zitten. Ze leggen ‘altijd’ twee eieren, als ze ál tot broeden overgaan. Pardon? Wél 5000 km terugvliegen en niet eens een broedpoging doen? Jazeker. Het is een strategie die een langlevende vogel als de Wespendief zich kan veroorloven. Mochten de lokale omstandigheden beroerd zijn, weinig wespen bijvoorbeeld, of langdurig koud en nat (slecht weer en weinig wespen gaan vaak samen), dan is het ‘verstandig’ om het broedseizoen te laten voor wat het is. De energetische kosten van het opvoeden van jongen zijn dan te hoog en gaan ten koste van de eigen overleving. Niet broeden dus, volgend jaar immers een nieuwe kans. Want ze worden oud, die Wespendieven. Een in 2012 gevangen mannetje in Friesland bleek niet ver daarvandaan in 1996 als jong te zijn geringd. Zulke oude knakkers zijn niet uitzonderlijk; sommige individueel herkenbare vogels ken ik in het Drents-Friese Woud al langer dan tien jaar.

Bosvogels

Broedplek

Tot voor kort wisten we weinig van Wespendieven. Nou ja, weinig, dat is wat overdreven. De roofvogelspecialisten van ons land, en daar reken ik mezelf voor het

Het woord ‘wespen’ is gevallen. Alles in het leven van Wespendieven draait om wespen. Het zijn voedselspecialisten met een aangepaste lichaamsbouw en levenswijze. Ze


Fauna

zijn verbluffend goed in het opsporen van wespennesten, vooral die van grondbewonende soorten als Duitse en Gewone wesp. Ik weet dat omdat ik halftamme vogels op de voet heb gevolgd in het terrein rond mijn huis op Berkenheuvel. Daar wist ik alle wespennesten te zitten, dacht ik. Inmiddels weet ik beter: Wespendieven vinden er meer! Dat wil zeggen: áls er wespen zijn. De wespenstand schommelt met minimaal een factor veertig; uitstekende wespenjaren wisselen af met slechte. Bij wespenschaarste gaan Wespendieven niet dood van de

honger, omdat ze ook kikkers, jonge vogels en andere insecten vangen. Maar het opvoeden van jongen is dan een ander verhaal. Bij wespenschaarste is dat een lastige klus. Veel paren ‘besluiten’ daarom al direct na aankomst op de broedplaatsen in mei dat ze geen eieren gaan leggen. Let wel: op dat moment zijn er alleen nog maar wespenkoninginnen actief, en daar zie je bijna niets van. Hoe besluiten die Wespendieven dan of ze wel/niet tot broeden overgaan? Vermoedelijk gebruiken ze daar de temperatuur in mei voor. Die correleert namelijk met het wespenaanbod later in het seizoen. Niet zo gek, want een lage temperatuur (en veel neerslag) in de startfase van wespennesten zorgt voor sterfte onder koninginnen, of een trage ontwikkeling van het wespenvolk.

17

Nog veel onbekend

Al dan niet broeden wordt bovendien gedetermineerd door de aankomst op de broedplaats: laat arriverende vogels (juni) begínnen vaak niet eens aan een broedsel. Dat weten we, omdat er sinds 2008 Wespendieven met een datalogger op hun rug rondvliegen. Die loggers slaan exacte positiebepalingen in het geheugen op, tot wel eens per minuut. Zodra de vogels in de buurt van een uitleesstation komen, worden de gegevens automatisch gedownload. Zodoende weten we precies waar ze wanneer in Afrika zaten, hoe de weg erheen en terug verliep, wanneer ze op de broedplaatsen terugkeren en wat ze daar uitspoken. En daaruit blijkt: late aankomst, dan geen broedsel. Waarop zich direct een nieuwe vraag aandient. Wat zorgt voor een late aankomst: beroerde omstandigheden in Afrika, problemen onderweg? De lezer snapt het al: we weten meer niet dan wel. Precies de reden dat veldwaarnemers en onderzoekers nooit met pensioen gaan.

Foto: Joop van de Merbel

* R. Bijlsma is bioloog en roofvogelspecialist.


18

Wandelroute Bertus Boivin / Eric van der Bilt in samenwerking met Roelof Huisman

Mensinge en Lieveren Het landgoedbos van Mensinge is één van de mooiste bossen van Drenthe. Een echt ‘dikke bomenbos’ met oude eiken en beuken, hulststruiken, prachtige bosweitjes en de lange rechte, kruisende lanen van een sterrenbos. De wandeling brengt u naar het Lieversche Diep dat destijds op miraculeuze wijze wist te ontsnappen aan de graafmachines die het diepje maar al te graag net zo keurig recht wilden maken als het Groote Diep vóór het Lieversche Diep en het Peizerdiep erna. Die ingreep ging gelukkig niet door. Welkom in een ongelooflijk mooi stukje Noord-Drenthe.

Elisabeth Ripperda en zij was het die Mensinge zijn huidige vorm gaf. In 1818 werd de familie Kymmell eigenaar van Mensinge. Ze bleven er tot 1985 wonen. Tegenwoordig is de havezate eigendom van de Gemeente Noordenveld.

Deze route volgt ongeveer de helft van de Knapzakroute Lieveren-Roderesch. Het andere deel van de route ligt meer westelijk richting Steenbergen en Roderesch. Andere interessante aspecten van het Noord-Drentse landschap ziet u tijdens de Knapzakroute Altena-Peize en de Knapzakroute Langelo. De laatste wandeling loopt onder andere langs een deel van het Oostervoortsche Diep dat zijn oude meanders heeft teruggekregen. Vandaag zult u dit diepje in het Groote Diep zien uitkomen.

Mensinge U begint de wandeling langs de slotgracht van misschien wel de beste bewaarde en meest authentieke Drentse havezate (punt 1 in de route). Aan het eind van de veertiende eeuw was er voor het eerst in de oorkonden sprake van het Mensinge-goet. Daarna in 1485 kwamen huis en landgoed in handen van de machtige Groninger familie Van Ewsum die tot het begin van de achttiende eeuw op Mensinge bleven wonen. In 1727 was het huis eigendom van Ida

Het deel van het Mensingebos ten noorden van de weg van Roden naar Lieveren is het oudste deel van het bos (punt 2). Toen hier bij een zware storm in 1972 enkele enorme eiken omwaaiden, bleek één van die reuzen maar liefst 265 jaarringen te tellen, ofwel een boom uit 1707... Dat was de tijd dat Van Ewsums het besluit namen om een deel van hun landgoed te bebossen. Houtverkoop was toen één van de belangrijkste bronnen van inkomsten van de Drentse adel. Inmiddels hebben de eiken en beuken gezelschap gekregen van vele andere soorten bomen en struiken die van het Mensingebos één van de meest rijke bossen van Drenthe maken. De waarde van dit gebied was in de jaren zestig overigens ook de belangrijkste reden waarom het Lieversche Diep zijn gang mocht blijven gaan.

Lieversche Diep Tijdens de wandeling komt u twee keer via een stuw over het Lieversche Diep (punt 3 en 7). De beek maakt deel uit van het omvangrijke bekenstelsel van Noord-Drenthe. Hij ontspringt bij het Fochtelooërveen en heet De Slokkert en Groote Diep alvorens zijn naam in Lieversche Diep verandert. Verderop naar

Foto: Hans Dekker

Foto: Hans Dekker

Mensingebos


Tekning: Archief HDL

Heide en veen Het zuidelijk deel van het landgoed heeft een duidelijk ander karakter dan het oude loofbos ten noorden van de weg Roden-Lieveren. Een deel hier is nog steeds heideveld, een ander deel ervan is dankzij spontane opslag in de loop van de tijd dichtgegroeid. De rest is in het begin van de twintigste eeuw door de familie Kymmell bebost met naaldhout. Het was de tijd dat elders in Drenthe de Staatsbossen werden aangelegd. Het grootste stuk heide dat van west naar oost dwars door het Mensingebos loopt, heet het Moltmakersstuk. Hier lag een natuurlijke laagte, een zogeheten stroet die richting Lieversche Diep afwaterde. Tijdens de wandeling ziet u bij het vlonderpad (punt 8) dat het veenmos in het water het prima doet. Er ontwikkelt zich zelfs een nieuw klein hoogveentje.

2

1

Foto: Bertus Boivin

het noorden verandert de beek opnieuw van naam en gaat tot aan de DrentsGroningse grens Peizerdiep heten. Vooral ten zuiden van de tweede stuw onderweg (punt 7) is goed te zien hoe groot de ingreep van de normalisatie in landschap geweest is. Het Groote Diep werd rechtgetrokken en opgesloten tussen hoge kades. Geen wateroverlast meer en een waterpeil dat optimaal voor de landbouw gehouden kon worden. Achter de kades ziet u brede sloten die voor de afwatering van het land zorgen. Ze hebben het peil van de andere kant van de stuw. Bij de zuidelijke stuw ziet u zowel aan de oostkant van de beek als verderop voorbij de stuw ook aan de westkant oude bochten die bij de operatie afgesneden werden en een beetje verloren in het landschap achterbleven.

Foto: Havezate Mensinge

Uitneembaar routekaartje in dit nummer. Ook te downloaden op www.drentslandschap.nl

3

1 Niet alleen aan de buitenkant, maar ook van binnen is Mensinge een achttiende-eeuwse woning gebleven. Binnen ervaart u hoe de Drentse landadel gewoond en geleefd heeft. Mensinge heeft een aantal prachtige stijlkamers waar u moeiteloos teruggaat naar de tijd van de ‘jonkers’ en ‘juffers’ die destijds de havezate bewoonden. Kijk voor meer informatie op www.mensinge.nl. De havezate is ’s winters voor het publiek gesloten. 2 De Adderwortel (Persicaria bistorta) is een opvallende plant die het goed doet in het natte beekdal van het Lieversche Diep. Dankzij zijn grote roze bloemaren is hij in de zomer niet gemakkelijk over het hoofd te zien. Zoals de naam al doet vermoeden, lijken de zwarte kronkelende wortels een beetje op een slang. Het verdwijnen van de natte graslanden langs de beken is net als voor zoveel andere planten ook voor de Adderwortel bijna fataal geworden. Het Lieversche Diep is de plek in Drenthe waar je hem nog het meeste ziet. Elders zult u hem nauwelijks in de vrije natuur tegenkomen. 3 Bij punt 9 in de route ligt links van het pad wat er van de Oude Vaart over is. Halverwege de negentiende eeuw moest dit het begin worden van een waterweg die Assen met Groningen zou verbinden. In 1845 werd aan de gebroeders Balkema uit Delfzijl namelijk concessie verleend om een kanaal te graven vanaf de Drentsche Hoofdvaart via de Norgervaart door de gemeenten Norg en Roden naar het Leekstermeer. De Balkema’s begonnen vol goede moed. In 1848 moesten ze hun plan opgeven, omdat het geld op was...


Foto: Marinus Wieten/FN

Wilgen Joan D.D. Hofman*

In Drenthe komen zo’n tien soorten wilgen voor; enkele slechts sporadisch. Het zou dus niet zo moeilijk moeten zijn om ze in het veld te onderscheiden. Toch valt dat tegen, want sommige soorten kruisen veelvuldig en dan weet je niet met wie je van doen hebt.

Wilgen zijn pioniers. Als er ergens een plek vrij valt of er bij natuurontwikkeling ruimte is, dan is de kans groot dat een wilg er voet aan de grond krijgt. Dat lukt niet alle soorten overal, want elke soort stelt zo zijn eisen aan de groeiplaats. Kenmerkend voor pioniers is dat ze in de voorzomer veel zaad produceren, dat gemakkelijk kan worden verspreid. Doordat ze een ‘kuifje’ van ragfijne beharing hebben, zijn de zaadjes vederlicht en drijven ze als massale pluisjesregen door de lucht. Als een zaadje eenmaal op een voor zijn soort geschikte plek is geland, kan het heel snel kiemen en start een snelle groei. Bij pioniersomstandigheden moet je tegen een stootje kunnen. Daartoe beschikken wilgen over een groot regeneratievermogen. Bij breuk lopen ze al heel snel weer uit. Bij bepaalde soorten maakt de mens daar gebruik van. Wilgentwijgen zijn soepel en taai. Vóór het plastictijdperk werden ze voor allerlei doeleinden gebruikt: van gevlochten manden tot vlechtwerken bij waterwerken.Vanwege het economisch belang werden er wilgenbossen aangelegd. Dat kan met wilgen heel simpel door stekken in de grond te steken. Een bijzondere vorm ontstaat als een wilg – meestal een Schietwilg – steeds op dezelfde hoogte wordt gesneden. De boom vormt daar een dikke kop en zo ontstaat een knotwilg. In het landschap een karakteristiek element dat in die kop plaats biedt aan allerlei planten en mossen en vogels (bijvoorbeeld eenden en Steenuil). De wilgencultuur is een typisch Hollands fenomeen en het is cultuurhistorisch, landschappelijk en uit een oogpunt van

natuur van belang om die in stand te houden. Tweehuizig

Wilgen zijn tweehuizig: een plant is óf vrouwelijk óf mannelijk. De bloemen – die vaak eerder verschijnen dan de bladeren – zijn van opmerkelijke eenvoud. Het zijn stamperbloemen en meeldraadbloemen zonder kelk en kroon. Ze hebben honingkliertjes en staan dicht opeen in de welbekende katjes. De ene soort bloeit al in maart (Boswilg), een andere tot in juni (Laurierwilg). Zo is er in het voorjaar altijd wilgennectar beschikbaar.Voor tal van insecten, vooral (nacht-)vlinders, bijen, hommels en vliegen, is dit van groot belang. Bij de bestuiving spelen niet de wind maar met name hommels en vliegen een rol. De bast en de bladeren van wilgen bevatten salicylzuur, genoemd naar de geslachtsnaam van de wilgen: Salix. Tegenwoordig wordt het synthetisch gemaakt. Het is de grondstof voor onder meer aspirine. Andere toepassingen berusten op de eigenschap dat het de hoornlaag van de huid zacht maakt. Daarom wordt salicylzuur veelvuldig gebruikt bij de bestrijding van wratten en likdoorns en in cosmetische producten. Om een indruk te krijgen van de verscheidenheid binnen de Wilgenfamilie worden hierna drie in Drenthe (vrij) algemene soorten belicht, die qua groeivorm, grootte en leefmilieu sterk verschillen.


21

Foto: Frits van Dalen/FN

Foto: Bertil Zoer

Foto: Hans van den Bos/FN

Flora

Schietwilg

Laurierwilg

Kruipwilg

De meest hoge boom onder de wilgen; tot wel 20 meter. Hij produceert qua gewicht licht hout, dat zich gemakkelijk laat bewerken. De klompenindustrie maakte er veel gebruik van. Het is de meest verbreide smalbladige wilg, die onder kletsnatte omstandigheden kan groeien, maar het ook goed doet op het droge. Hij wordt vaak aangeplant, al of niet als kruising met de nauw verwante Kraakwilg. In Drenthe kunnen we hem van nature aantreffen in laagveenmoerassen en oude beeklopen. Aangeplant langs kanalen en veenwijken.

Binnen Nederland is dit een typisch Drentse soort. De grens van zijn WestEuropees verspreidingsgebied ligt namelijk net ten zuiden van onze provinciegrens met Overijssel. Die grens is in de loop der tijd langzaam naar het zuiden opgeschoven, maar zou nu door het warmer wordende klimaat wellicht tot stilstand kunnen komen. Gezien zijn voorkeur voor vochtige, voedselarme, zwak zure bodems, die we in de Drentse beekdalen aantreffen, is het niet verwonderlijk dat hij hier relatief veel voorkomt. Overigens is zijn verspreiding nogal ‘los’: meestal zijn het solitaire exemplaren. Het is een breedbladige wilg, waarvan de bladeren, knoppen en jonge twijgen een markante balsemgeur verspreiden.

Tenslotte de dreumes onder de wilgen; met een meter hoogte houdt het meestal wel op. Hij vermeerdert zich naast kieming door over de grond ‘kruipende’ stengels. Zo kan hij zich vanuit een vochtige startplaats tot op drogere gronden uitbreiden en zelfs kleine struwelen vormen. In Drenthe vrij veel voorkomend op voedselarme zandige, lemige of venige bodems. Afwisseling van natte en droge perioden vormt geen probleem.Voor zulke condities kunnen we hem met name aantreffen in dopheivelden en rond vennen.

*Drs. J.D.D. Hofman is redacteur van Het Drentse Landschap.


Foto: TOPFOTO

22

Landgoederengordel in ere hersteld Alje Zandt*

‘We poetsen de parelketting weer op,’ vertelt Eelco Nijboer trots. ‘De komende jaren krijgen de landgoederen van Eelde-Paterswolde een grondige opknapbeurt.’ Nijboer is rayonbeheerder voor Het Drentse Landschap en verantwoordelijk voor het beheer van Landgoed Lemferdinge. De eigenaren van de landgoederen bundelden op initiatief van Natuurmonumenten de krachten, schreven een visie en maakten een groot herstelplan. Het Drentse Landschap doet ook mee.

Uitgangspunt van het herstelplan is de historische aanleg van de landgoederen. Uiteraard is hierbij veel oog voor de rijkdom aan natuurwaarden. De visie en de plannen zijn besproken met omwonenden en gebruikers. ‘Het is nu tijd om met de uitvoering te starten, zodat de komende generaties net als wij kunnen genieten van een rij prachtige landgoederen,’ aldus Nijboer. Lemferdinge is het oudste gebouw in de gordel van landgoederen in de kop van Drenthe. Het wordt al genoemd in een huwelijksakte uit 1447. Daarin staat dat ‘Steven sr. zal zijn zoon geven (…) de hof te Lenferding, land op de Nijen Ackeren en al zijn goederen te Potterwolde. Mocht Steven overlijden vóór Grete, dan krijgt zij 30 mud uit de tienden per jaar (…).’ Het Drentse Landschap beheert het landgoed sinds 2004. De andere landgoederen ontstonden


Cultuurhistorie

Romantische plek

Lemferdinge bestaat tegenwoordig uit het oude schathuis met daarvoor een formele tuin. Deze tuin is in 1805 aangelegd. Het hoofdgebouw en het andere bijgebouw zijn verdwenen. In de vorige eeuw is de tuin uitgebreid en zijn de contouren van de verdwenen gebouwen in het tuinontwerp verwerkt. Een groot deel van de oorspronkelijke tuin is tegenwoordig een gemeentelijke parkeerplaats. Het pand wordt nu veel gebruikt voor vergaderingen, feesten en trouwerijen. Op de eerste verdieping runt de Culturele Raad van Eelde in samenwerking met Het Drentse Landschap een galerie. Aan de tuin grenst het parkbos, met monumentale beuken en eiken en daaronder jonge Hulst. ‘We weten niet wanneer het parkbos is aangelegd en hebben geen tekeningen van het oorspronkelijke ontwerp,’ vertelt Nijboer. ‘De slingerende paden en de waterpartijen geven het een romantisch karakter.’ In het bos ligt een kleine heuvel met leilinden. Het moest een natuurlijk

theekoepeltje worden, maar dat is het door de schaduw van de omstaande bomen nooit echt geworden. Een rechte waterpartij vormt de oorspronkelijke zichtas. Boswerk

In de eerste fase wordt het ‘skelet’ van de landgoederen aangepakt. ‘We willen deze winter starten met de werkzaamheden. De waterpartijen en sloten worden schoongemaakt en de waterhuishouding verbeterd. Nu is het waterpeil vaak te laag en staan de vijvers leeg en zitten de watergangen vol blad. Verwilderde Rododendrons ontnemen op sommige landgoederen het zicht op eilanden en landhuizen. Deze worden gesnoeid, zodat ze weer kunnen uitlopen tot mooie, bloeiende struiken. In sommige bosvakken worden bomen van dezelfde leeftijd gekapt, voor verjonging en om meer variatie te krijgen. De lanen worden gecontroleerd op veiligheid en krijgen hun statigheid terug. We halen hier en daar bomen weg die spontaan zijn opgegroeid en niet in het gelid staan. Een opgeschoten beuk kan na jaren een eik uit de laan dusdanig verdrukken, dat de eik het loodje legt. Daar waar de eik nog te redden is, verwijderen we een soms al veertig centimeter dikke beuk. Onderhoud en zagen hoort bij een landgoed.’ In de jaren daarna wordt gewerkt aan de aankleding van de landgoederen. Daar waar nodig worden elementen vernieuwd zoals landhekken, bankjes en andere recreatieve voorzieningen. Op verschillende plekken worden oude stinsenplanten gepoot. Deze geven in het voorjaar de landgoederen

Foto: Eric Wanders

in de eeuwen daarna. Ten westen van de Hoofdweg liggen de landgoederen Hesselinksbos, Westerbroek, De Marsch en De Braak. Aan de oostkant liggen Vennebroek, Lemferdinge,Vosbergen, De Duinen, Oosterbroek en Hooghullen. De landgoederen bestaan uit statige panden en fraai aangelegde tuinen en parklandschappen. Elk heeft zijn eigen karakter, met kenmerken uit de tijd van de eerste aanleg en de aanpassingen en verbouwingen in de periode daarna. Het herstelproject richt zich op de tuinen en het parklandschap er omheen.

23

kleur. ‘Het is een grote en ingrijpende klus,’ licht Eelco toe, ‘maar dat is het waard. Over een paar jaar liggen de landgoederen van Eelde-Paterswolde er weer prachtig bij.’

* A. Zandt is beleidsmedewerker communicatie van Natuurmonumenten in de Regio Groningen, Friesland en Drenthe.

Het herstel van de landgoederen wordt mede mogelijk gemaakt door de Provincie Drenthe, de Gemeente Tynaarlo en de Regio GroningenAssen. Regio Groningen-Assen ondersteunt en initieert projecten die een duidelijk toegevoegde waarde leveren aan de ontwikkeling van haar ambities in de regio. Ga Regio Groningen-Assen ontdekken! www.regiogroningenassen.nl.


Foto: Geert de Vries

Kramsvogel

Vogelfotografie Geert de Vries*

Menigeen met een compactcamera of mobieltje heeft wel eens geprobeerd een foto te maken van bijvoorbeeld een Buizerd op een landhek. Het resultaat was ongetwijfeld teleurstellend: veel hek en weinig Buizerd. Wat zo dichtbij lijkt, is op een foto toch ver weg. Hoe krijgt een vogelfotograaf dat dan wel voor elkaar? Goede apparatuur, vogelkennis en een flinke dosis doorzettingsvermogen zijn de minimale eisen waaraan een vogelfotograaf moet voldoen.

Een goed belichte beeldvullende foto zoals de hier afgebeelde Kramsvogel kan alleen gemaakt worden met een lichtsterke telelens. Fotograferen betekent letterlijk: met licht schrijven. Dat valt niet mee, want de lichtomstandigheden zijn lang niet altijd gunstig. Met zonnig weer is het licht vaak te hard of heb je tegenlicht. Licht bewolkt weer levert vaak de mooiste foto’s op. Zelfs met de sterkste telelenzen moeten kleine zangvogels op een afstand van hooguit 6 meter zitten om de vogel pontificaal op de plaat te krijgen. Helaas, vogels vertikken het om als fotomodel te fungeren. Ze vliegen meestal weg voordat je een foto hebt kunnen maken. Het is dan een kwestie van kiezen: uren wachten of toch maar elders je geluk zoeken.Vorig jaar ontdekte ik twee Dwergganzen tussen een groep Brandganzen. Na drie uren in de auto gewacht te hebben begonnen de twee zeldzame ganzen richting de fotograaf te lopen. Plotseling stopt er een auto waar vogelaars uitstappen die mij vragen of er nog ‘wat tussen zit?’. Weg Dwergganzen... Schuilplek

Hoewel de auto een goede schuilplek is, geef ik zelf de voorkeur aan een snel op te zetten schuiltent, al was het alleen maar om niet gestoord te worden door toeristen of vogelaars. Zet je de tent ver weg, dan is de kans groot dat de vogels snel gewend zijn. Echter foto’s op deze afstand leveren meestal geen spannende foto’s op. Dichterbij dan? Dan is de kans groot dat het lang duurt voordat de vogels gewend zijn. Vorig jaar mocht ik op aanwijzing van een onderzoeker mijn schuiltent dichtbij een nest van eem Grauwe klauwier zetten. Bij nader inzien vond hij deze locatie toch niet goed. De jongen waren nog te klein en moesten warm gehouden worden door het vrouwtje. Andere keer dan maar. Een week


Educatie

Kennis

Als je bijvoorbeeld een foto van een Krakeend maakt, dan is het mooi dat de karakteristieke witte spiegel op de foto goed zichtbaar is. In september lukt het niet om de mannetjeseenden in hun prachtkleed te fotograferen omdat ze dan een soort vrouwtjeskleed dragen. Je moet dus weten wanneer ze hun prachtkleed krijgen. En een foto van een vogel met zwarte kop zoals de Koolmees of het Visdiefje, is alleen maar geslaagd als er een glinstering in hun oog te zien is. Of wanneer komen

de Kramsvogels vanuit Noord Europa naar ons land en waar zijn ze dan te fotograferen? Een fotojacht naar de Grote zilverreiger in Drenthe lukt alleen maar in het winterhalfjaar, omdat ze ‘s zomers weg zijn. Een Roerdomp leeft van waterdiertjes, maar bij langdurige vorst wordt hij een muizenvanger die in wegbermen zijn slag slaat. Als vogelfotograaf heb je een hoop zaken waar je rekening mee moet houden. Je moet niet alleen de vogelsoorten kunnen herkennen, maar ook weten welke kenmerken karakteristiek zijn. Menig vogelfotograaf maakt van een soort tientallen foto’s achter elkaar in de hoop dat er paar mooie tussen zitten die de vogel in zijn meest karakteristieke houding weergeven. De ultieme wens is altijd een mooie actiefoto.

hebben en dat is niet te koop. Onlangs hoorde ik vlak achter een rietkraag Kleine zwanen. Bij gebrek aan laarzen moest ik op mijn schoenen door het water. De gevoelstemperatuur was min 7 graden. Het water was dieper dan ik dacht. Ik liep er tot mijn knieën doorheen. Tot overmaat van ramp zat er ook nog een sloot tussen mij en de zwanen. Wat te doen? Je bent toch niet voor niets nat geworden? Je moet het geluk afdwingen. Uiteindelijk stond ik tot mijn borst in het water. Onderkoeld, maar wel met een ontzettend voldaan gevoel over het resultaat. Vogelfotografie is moeilijk en vaak frustrerend. Toch geldt ook hier: hoe groter de geleverde inspanning is geweest, des te meer voldoening. Het resultaat telt! Wie eenmaal is besmet door een passie voor vogelfotografie wordt nooit meer beter.

Doorzettingsvermogen

Goede apparatuur kun je kopen. Kennis kun je je eigen maken. Maar bij vogelfotografie is doorzettingsvermogen het allerbelangrijkste dat je moet

* G. de Vries is lid van de Wetenschappelijke Adviescommissie van Het Drentse Landschap en is werkzaam als projectleider bij het IVN Consulentschap Drenthe.

Foto: Geert de Vries

later was er een herkansing op een nog mooiere plek. Helaas stonden die jongen op het punt om uit te vliegen. Te riskant. Het is nu wachten op een volgende keer. Toch heeft een schuiltent het grote voordeel dat je het decor kunt uitzoeken en dat je de belichting kunt regelen door te kiezen voor ochtend- of avondlicht. Het enige wat je moet doen, is geduldig wachten tot een gevederde wispelturige de hoofdrolspeler wil zijn in jouw act.

25

Wilt u zelf ook graag betere natuurfoto’s maken? Dan zijn de workshops van Het Drentse Landschap iets voor u! U gaat met Edo van Uchelen (auteur van het ‘Handboek natuurfotografie’) naar de mooiste plekjes in de natuurgebieden van Het Drentse Landschap. U leert anders kijken en beseft dat zien niet hetzelfde is als waarnemen. U maakt foto’s die net even anders zijn dan de middenmoot. En u doet veel inspiratie op die u later weer van pas komt! Meer info op www.drentslandschap.nl/natuurfotografie.

Kleine zwaam en Wilde zwaan


26

Erfgoed Janny Oudega en Arnold Ruiter*

Zuidoost-Drenthe Nieuwe boerenerffietsroute Zuidoost-Drenthe is een gebied vol verrassingen. Dit wordt al snel duidelijk als u de nieuwe boerenerffietsroute van de Werkgroep Boerenerven Drenthe fietst. Het is een boeiende speurtocht door een landschap van ruggen en venen. Je ervaart het meteen als je van Weerdinge naar Nieuw-Weerdinge fietst, of van Zuidbarge naar Erica. De hoogteverschillen zijn enorm, soms wel meer dan tien meter. Het is een landschap waar de ontstaansgeschiedenis van de bodem, de geomorfologie, de gebruiksmogelijkheden voor de boer bepaalt.

De ruggen zijn de uitlopers van de Hondsrug en de Rolderrug. Daarop is het goed boeren. De oude boerendorpen liggen er al sinds de middeleeuwen, andere zijn wat jonger. Net als in andere Drentse esdorpen liggen de boerderijen in groepjes bij elkaar temidden van het geboomte. Er is een eikenbrink, een of meer essen en een beek, er is bouwland, gras- en hooiland en hout voor de

bouw en om te stoken. Zo kennen we Emmen, Weerdinge, Westenesch, Erm, Noordbarge, Zuidbarge en, nog net op de rand, Den Hool en Den Haar. Dan zijn er ook de boerderijen op de veel smallere zandruggen langs de beken op de rand van het grote veengebied Bourtangermoor. Deze zijn bijna even oud. De middeleeuwse delen van Schoonebeek, Westersebos, Middendorp en Oostersebos liggen op zo’n kronkelig verlopende smalle zandrug. De boerderijen liggen aan de bochtige weg, het veen aan de noordkant en ten zuiden van de bewoning ligt het beekdal met het grasland. Het veen dat benut werd voor de boekweitteelt. Het beekdal van het Schoonebeker Diep wordt nog steeds als wei- en hooiland gebruikt. Ook op zo’n smalle, maar lagere rug ligt Roswinkel, met de boerderijen langs twee parallel lopende wegen en oorspronkelijk omringd door veen en groenland langs de Runde. De rug, de kleinschalige randveenontginningen nabij het dorp en de open veenkoloniale ontginningen van de 20ste eeuw bepalen nu het karakter van dorp en omgeving. De boerderijen van Dalerveen liggen op een kleine, smalle zandrug tussen

het beekdal van het Drostendiep en het veen. De weg over de rug is rechtgetrokken, zodat de meeste boerderijen nu een eindje van de weg af liggen. Eenvoud

De boerderijen van de oude zanddorpen op de ruggen verschillen niet zoveel van die van elders in Drenthe. De boerderijen behoren tot het hallenhuis-type, van oorsprong een lös hoes, met één ruimte voor mensen en vee en een zolder voor de opslag. Later komt er een afscheiding tussen woondeel en staldeel. Deze boerderijen hebben een werkerf rondom, functioneel en sober; een erf waar de wagens kunnen keren, een waterput, een kalverweitje en een stukje land voor het paard. Het grasland voor de koeien ligt verder weg. Soms is er een stookhok. Fruitbomen zijn er ook altijd wel, appels, peren en pruimen naast het voorhuis of in een fruithof. Om de groentetuin staat een hekje of een meidoornhaag ter bescherming tegen het vee. Een bloementuin is er meestel niet, hooguit een rozenstruik of een jasmijn. Armoede

Het grote veengebied achter Emmen werd tot in de 19e eeuw alleen exten-


Foto: Hans Dekker

Erfgoed

sief gebruikt voor de boekweitteelt en wat lokale turfwinning. Bewoning ontbrak. Investeerders uit Groningen, Amsterdam en Dordrecht zagen in de 19e eeuw brood in de veenontginning en de turfhandel. Ze lieten een stelsel van waterwegen graven voorafgaand aan de eigenlijke ontginning. Veenarbeiders kwamen uit alle windstreken. Ze gingen wonen in armoedige huisjes en houten keten op het veen en verdienden weinig. Naarmate de vervening vorderde, ontstonden in het open landschap de veenkoloniale dorpen als lintbebouwing langs de kanalen. Rijkdom

De eerste boeren in het veengebied komen als voormalige boerenarbeiders vanuit Zuid- en Noordbarge naar het veen van Nieuw-Dordrecht. Ze stichten er kleine boerenbedrijven. De grote boeren komen later als het meeste veen is omgezet in vruchtbare dalgrond geschikt voor de akkerbouw. Het zijn vooral de Groninger en Friese boeren die grote villaboerderijen laten bouwen in dorpen als NieuwWeerdinge en Nieuw-Amsterdam. Boeren die willen laten zien dat het ze goed gaat. Ze wonen aan de ene kant van het kanaal terwijl de winke-

liers en arbeiders aan de andere kant wonen. De erven zijn functioneel aan de achterkant met de werkruimte bij de schuur met grote wagendeuren. Erachter begint direct het open akkerland. Binnen is er alle ruimte voor de opslag van de oogst van de akkerbouw. Het erf aan de straatkant voor het voorhuis is een tuin voor de sier, de welvaart is zichtbaar. Er staan imposante rode beuken. Gazons met hellingen en slingerende paden doen denken aan een Groninger slingertuin. Groentetuin en fruitboomgaard liggen opzij van het huis, ruim bemeten. Niet alle boeren doen het ‘groots’. Kleinere boerderijen zijn er ook.Voor het huis staan kastanjes en lindes. De siertuin is bescheiden. Het erf is sober en niet verhard met weinig opgaand hout. Recent gebouwde boerderijen staan vooral buiten de dorpen. De tuin is een siertuin met exoten, het erf is groot en verhard en geschikt voor grote machines. De veenarbeiders die zich blijvend hebben gevestigd, verbeteren gaandeweg hun bescheiden onderkomens tot vrijstaande huizen met een eigen groentetuin en veel fleurige bloemen. Ze worden fabrieksarbeider, keuterboer, handelsman of ondernemer.

27

Het verschil tussen rug en veen blijft leesbaar in het landschap, in de bebouwing en in de beplantingen. Laten we daarom zorgvuldig omgaan met de kleine dingen die zich niet direct als monument opdringen: de inheemse bomen en struiken, paden, hekken en hagen, een bewust gebruik van kleuren en materialen, de horizontale en verticale lijnen in het landschap. Dan kan het verhaal worden doorverteld.

* Drs. J.J.H. Oudega-Schokker en ing. A.A. Ruiter zijn vrijwilliger bij de Werkgroep Boerenerven Drenthe.

Lezersactie De boerenerfroute B6 Emmen-SchoonebeekRoswinkel is voor € 4,50 te koop in de webwinkel van Stichting Het Drentse Landschap. Het boekje bevat zes fietsroutes variërend van 26 kilometer tot 56 kilometer. In totaal meer dan 200 km langs boerenerven in de gemeente Emmen die de uitgave ook mede mogelijk maakte. De routes zijn goed te combineren tot een meerdaagse tocht. Beschermers van Het Drentse Landschap betalen geen verzendkosten als ze deze nieuwe route bestellen. Kijk op www.drentslandschap.nl/webwinkel voor meer informatie over deze en andere fietsroutes. Geef bij uw bestelling code boerenerf 2013 op. De aanbieding is geldig tot 1 april 2013.


Op zoek naar een bijzonder boek of een origineel cadeau? In de webwinkel van Het Drentse Landschap vindt u tientallen artikelen. VariĂŤrend van een sleutelhanger, t-shirts tot boeken en wandel- en fietsroutes. Als beschermer ontvangt u op veel van onze artikelen aantrekkelijke kortingen. Tot 31 januari 2013 krijgt u bij elke bestelling gratis een setje natuurkaarten t.w.v. â&#x201A;Ź 4,95. Kijk snel op www.drentslandschap.nl/ winkel voor het complete overzicht. Vermeld bij uw bestelling: kaarten 2012. Met uw aankoop geeft u extra steun aan het werk van onze stichting. Nieuwsbrief Nog beter op de hoogte blijven van Het Drentse Landschap? Meld u dan aan voor onze Nieuwsbrief met de laatste nieuwtjes, aanbiedingen en leuke activiteiten. U kunt zich aanmelden via www.drentslandschap.nl/ nieuwsbrief.

Aanbieding Bij bestelling gratis setje natuurkaarten webwinkel Sinds enige maanden heeft Het Drentse Landschap een eigen Facebookpagina. De laatste nieuwtjes, aanbiedingen en leuke activiteiten worden daarop geplaatst. Word zelf ook Vriend en volg ons op www.facebook.com/ drentslandschap!


Natuurcollectief Lekker buiten bezig zijn, dat helpt iedereen om zich goed (of beter) te voelen. Het hoofd leegmaken, tot rust komen en ontspannen na een drukke werkweek, in beweging zijn om het lichaam gezond te houden, de frisse lucht inademen om nieuwe energie op te doen. Buiten zijn verhoogt de kwaliteit van leven van gezonde én zieke mensen. Daar kan soms geen medicijn of behandeling tegenop.   De Provinciale Landschappen en De Friesland Zorgverzekeraar geloven in de positieve relatie tussen natuur en gezondheid. Daarom werkt Het Drentse Landschap al een aantal jaren samen met De Friesland in de collectieve zorgverzekering ‘het Natuurcollectief’. Sinds dit jaar hebben we gezamenlijk de website www.ZoBuiten. nl ontwikkeld. Een nieuw initiatief waarmee we de samenwerking versterken. De website helpt u bij het vinden van uw ideale buitenbeleving. ZoBuiten.nl is er voor iedereen die het belangrijk vindt dat onze kinderen en kleinkinderen lekker buiten spelen en ook in de toekomst kunnen blijven genieten van de gezonde buitenlucht in een mooie omgeving. Verzekerd bij De Friesland of niet. Van ZoBuiten.nl heeft iedereen voordeel! Kies voor natuur! Laat uw groene hart spreken en stap over naar het Natuurcollectief. Dat levert niet alleen voordelen voor u op, maar zo draagt u ook extra bij aan het behoud van de Drentse natuur. De Friesland doneert namelijk eenmalig een bedrag aan onze stichting zodra u zich heeft aangemeld. Zo kunnen wij ons samen blijven inzetten voor de natuur. Want dat is ons doel: het behoud van die prachtige, natuurlijke omgeving. Niet alleen voor nu ,maar ook voor vele generaties na ons. Uw voordelen zijn: • 8% korting op de zorgverzekeringen van De Friesland (basis, aanvullend en tand) • 10% korting op de doorlopende reis- en annuleringsverzekering van De Friesland • Extra steun aan Het Drentse Landschap. Vraag een vrijblijvende offerte aan of stap direct over op www. defriesland.nl/drentslandschap. U kunt ook bellen met de afdeling Klantcontacten van De Friesland (058) 291 31 31. Zij regelen uw overstap snel en gemakkelijk en zeggen uw huidige verzekering automatisch voor u op. De volgende organisaties werken samen in ZoBuiten.nl en het Natuurcollectief: Het Drentse Landschap, It Fryske Gea, de Waddenvereniging, Landschap Noord-Holland, het Flevo-landschap, het Groninger Landschap, het Zuid-Hollands Landschap, Landschap Overijssel en De Friesland Zorgverzekeraar.

Samen zorgen voor een gezonde groene leefomgeving


Berichten

Kortweg

Annermoeras bij Spijkerboor >

Foto: Jaap de Vries

1 - Hijkerveld

Ringsslang

2

ASSEN

1

2 - Hunzedal

Een klein groepje vrijwilligers is onder aanvoering van de heer Van Dorp al enkele jaren bezig om bosopslag rond vennen op het Hijkerveld op te ruimen. De vennen komen hierdoor meer in het zonlicht te liggen en dat is gunstig voor kikkers. Op diverse plekken heeft dit al geleid tot een enorme toename in roepende Heikikkers in het voorjaar. Afgelopen zomer werd waargenomen dat ook de plantengroei goed reageert op de beheermaatregelen.Veel vennen zagen in de loop van de zomer geel van de bloemetjes van het Klein blaasjeskruid. Dit Klein blaasjeskruid is een plantje van voedselarme vennen. Het drijvende plantje verzamelt extra voedingsstoffen door onder de wateroppervlakte watervlooien te vangen. Op het Hijkerveld werd afgelopen zomer voor het eerst sinds 10 jaar weer een Ringslang waargenomen. Ook werden er veel jonge Zandhagedissen gezien. Zandhagedissen zetten hun eitjes af in stuifzand waar ze door de warmte van de zon worden uitgebroed. Door op enkele plekken het dichtgegroeide stuifzand weer open te spitten zijn geschikte legplaatsen ontstaan die met succes gebruikt worden door de hagedissenvrouwtjes.

Bij sportvissers staat het Hunzedal bekend als een aantrekkelijk en gevarieerd visgebied. Voor de Hengelsportfederatie Groningen-Drenthe was dit aanleiding om een sportvisserreisgids Hunzedal uit te geven. Dit handzame boekwerkje staat boordevol informatie over het Hunzegebied, de visstekken en de vissoorten die in de Hunze voorkomen. Bij de realisatie van de gids werd samengewerkt met het Waterschap Hunze en Aaâ&#x20AC;&#x2122;s en Het Drentse Landschap. Bestellen kan via de website: www.vissen.nl. In het gebied Zoersche Landen werd door de muizenvangers Guido Lek, Harold Steendam en Rolf van Leeningen dit najaar een Grote bosmuis gevangen. Dit betrof de eerste levende vangst van deze soort in Drenthe. De Grote bosmuis kwam tot voor kort niet in Drenthe voor. De laatste jaren breidt het dier zijn leefgebied vanuit Duitsland uit. Vorig jaar werd er voor het eerst een exemplaar gevangen in Oostelijk Groningen. Dit voorjaar belandde er eentje in een klapval bij het Bargerveen

2

3

EMMEN

4

Grote bosmuis

Foto: Guido Lek

HOOGEVEEN MEPPEL 4

Foto: TOPFOTO

30


Lezersaanbieding

Eeuwenwaard Grui en blui van ’t Keerpunt Op zaterdag 17 november ontving Eric van der Bilt van uitbater Willem Dijkema van café ‘t Keerpunt het eerste exemplaar van het boek Eeuwenwaard.

wat het diertje niet overleefde. Het exemplaar in de Zoersche Landen werd gevangen met een lifetrap. Een lifetrap is een diervriendelijke val waarmee inventarisatieonderzoek naar muizen kan worden gedaan. De Grote bosmuis lijkt sterk op de gewone Bosmuis. Behalve door zijn wat grotere formaat onderscheidt het dier zich door de aanwezigheid van een doorlopende halsband. Deze halsband is op de door de vangers gemaakte foto duidelijk te zien. Het is nog even afwachten of de Grote bosmuizen nu ook in andere delen van Drenthe gaan opduiken.

In het gebied Mandelanden wordt momenteel hard gewerkt aan herstel van dit bovenstroomse deel van het Voorste Diep. Nu al te zien en opvallend is het ijzeroer dat op veel plekken hoog in het profiel zit. Dit doet vermoeden dat de invloed van toestromend ijzeren kalkrijk grondwater (kwel) in het verleden behoorlijk groot is geweest. Een mooie getuige hiervan was ook een bloeiende Dotterbloem die half september werd gevonden in één van de nieuwe meanders.

Dotters zijn in Drenthe een goede indicatie van kwelplekken.Vermoedelijk gaat het om een exemplaar dat vanuit een vroegere slootkant nog in het gebied aanwezig was. Dotters bloeien normaal gesproken in april-mei, maar kunnen soms in de nazomer tot een tweede bloei komen.

Café ‘t Keerpunt werd in 1750 door Willem Grevijlink gebouwd. Lange tijd kwamen er vooral schippers aan van turf- en aardappelschuiten en de snik uit Groningen met goederen voor het Drentse achterland. Het café is vernoemd naar de draaikolk die er ooit lag en waar de schepen keerden. Tegenwoordig is het café een trefpunt voor het verenigingsleven en voor liefhebbers van muziek zoals blues en americana. Daarnaast is het café een trefpunt voor wandelaars die het Hunzedal verkennen, het gebied waar Het Drentse Landschap al jaren bezig is met het aanleggen van nieuwe natuur. Vanaf het begin kende het café elf uitbaters. Willem Dijkema zwaait als twaalfde in die rij de scepter over het café. Hij heeft ervoor gezorgd dat de geschiedenis van dit bijzondere café aan het papier is toevertrouwd. Het boek is geschreven door oud-journalist en stamgast Jan Hoekman en vormgegeven door Albert Rademaker, winnaar van de Culturele Prijs Drenthe in 2010. Het boek is verkrijgbaar in café ’t Keerpunt, Oostermoer 1 in Spijkerboor en kost € 20,-. Door het kopen van dit boek geeft u extra steun aan Het Drentse Landschap.


32

Berichten

3 - Doldersummerveld Eind augustus 2012 werd hoog in de lucht boven de heide een rondcirkelende Slangenarend gezien. Een Rode wouw, een Bruine kiekendief en vijf Buizerds vlogen om de vogel heen en deden aanvallen maar met een enkele soepele vleugelslag ontweek de arend de belagers. Plotseling dook de arend razendsnel naar beneden, poten in grijphouding vooruit, en landde in de heide. Of hij een prooi had gevangen was niet duidelijk. Op 1 en 2 september kwamen om ongeveer 10.00 uur twee Slangenarenden aanzetten vanuit een bosje aan

Diversen de rand van heide waar ze de nacht hadden doorgebracht. Ze draaiden om elkaar heen en riepen geregeld. Na een uur waren ze boven de heide uit het zicht. Deze uit Zuid- of Oost-Europa afkomstige arenden worden steeds vaker in de zomer waargenomen, vooral in Drenthe en op de Veluwe. Op het Doldersummerveld werden ze eerder gezien in mei 2008, augustus 2010 en junijuli 2011. Kennelijk vinden de arenden hier genoeg prooien zoals slangen of hagedissen.

Hospice Eesinge

4 - Reestdal nesthol als de eieren uitgekomen zijn. De dieren probeerden al eerder te nestelen in zandhopen langs het Overijsselse deel van het Reestdal. Op initiatief van plaatselijke vogelwerkgroep Vliegvlug werd dit jaar een steilwand aan de Drentse kant geschikt gemaakt voor deze vogel. Hiervan werd direct dankbaar gebruik gemaakt door een paartje. In de loop van de zomer werd waargenomen dat er jongen uitvlogen.

Foto: Sake Elzinga

In het Reestdal vond dit jaar een succesvol broedgeval van Bijeneters plaats. Bijeneters zijn op grote insecten jagende, exotisch gekleurde holenbroeders afkomstig uit Zuid-Europa. Al enkele jaren worden regelmatig meerdere exemplaren waargenomen in de omgeving. De laatste jaren proberen deze vogels vaker te gaan broeden in Nederland. Broedgevallen in Nederland zijn lang niet altijd succesvol wat mogelijk te maken heeft met een gebrek aan zomerse warmte in het

Eesinge Op 27 september is het Hospice Eesinge, gelegen in het Reestdal bij Meppel, feestelijk in gebruik genomen. Het is dankzij de inzet van velen prachtig geworden. Dank moet uitgaan naar de architect B+O te Meppel voor het mooie ontwerp en aannemer Bovenhuis voor de degelijke uitvoering. Door de enorme inzet van de Stichting Hospice Eesinge, de Stichting Vrienden van het Hospice Eesinge en Het Drentse Landschap hebben we dit mooie project vorm kunnen geven. Dank moet uitgaan naar de vele subsidiënten zoals de Provincie Drenthe, TenneT, Gemeente Meppel en de Nationale Postcodeloterij.

Legaten, giften, schenkingen Een legaat van € 2000,-- werd ontvangen van een mevrouw uit Meppel.Van mevrouw Radema uit Zoetermeer kregen we haar verjaardagsgeld van € 200,--. Mevrouw I. van den Berg uit Westerbork schenkt via een periodieke schenkingsakte de stichting de komende 5 jaar € 150,-- per jaar. Ook werd een 5-jarige schenkingsakte voor € 3.000,-- per jaar afgesloten. Stichting Oude Drentse Kerken mocht een extra donatie van € 1.000,-- ontvangen. Het Drentse Landschap wil allen zeer hartelijk danken voor deze mooie bijdragen.


Berichten Bijna 1000 belangstellenden bezochten in november de Open Dag in het steenhuis Ter Hansouwe. In maart 2013 verschijnt het boek cultuurschat Ter Hansouwe over de geschiedenis van dit enige steenhuis van Drenthe.

ook een nieuwe BRIM 2013 (Besluit Regeling Instandhouding Monumenten). Gebruik maken van deze regeling wordt geen loterij meer, zoals de afgelopen jaren het geval was, maar het subsidiepercentage is wel weer opnieuw verlaagd tot 50%. Monitoring diergezondheid natuurgrazers Sinds 2009 doet Het Drentse Landschap onderzoek naar de gezondheid van haar runderen en schapen. Het totale onderzoek duurt 4 jaar en wordt uitgevoerd door de Gezondheidsdienst voor Dieren in Deventer. Uit de evaluatie van het derde jaar is wederom gebleken dat de dieren in goede gezondheid verkeren. De gevonden waarden voor selenium, cobalt en koper zijn laag. De besmettingsgraad van teken die in 32 natuurgebieden zijn gevangen, wijken niet af van wat gemiddeld elders in Nederland wordt gevonden. Naast Het Drentse Landschap wordt het project financieel mogelijk gemaakt door bijdragen van Provincie Drenthe, Staatsbosbeheer, Ministerie van Economische Zaken en het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling. Gezocht: gidsen voor het Lofargebied LOFAR is de grootste radiotelescoop ter wereld, met een netwerk van duizenden sensoren. Die kleine antennes zijn verdeeld over een gebied met een diameter van

Foto: Hans Dekker

Van AOM tot POM Ondanks het feit dat staatssecretaris Zijlstra had aangegeven dat er waarschijnlijk geen wijziging in de status van de Aangewezen Organisaties voor Monumentenzorg (AOM’s) zou komen, blijkt dat nu toch het geval. Het Drentse Landschap is sinds 2007 als AOM aangemerkt hetgeen belangrijke financiële en administratieve voordelen oplevert. In het kader van de nieuwe regelgeving worden er in plaats van AOM’s nu Professionele Organisaties voor Monumentenzorg ofwel POM’s aangewezen. Door één extra eis van het ministerie van OCW komen organisaties als Provinciale Landschappen, Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer hier niet meer voor in aanmerking. Men moet namelijk 40% van de omzet besteden aan monumentenzorg.Voor instellingen met een meervoudige doelstelling zoals genoemde organisaties, is dat niet haalbaar. Het cynische is dat juist deze organisaties, die de Belvédèregedachte van de Rijksoverheid uitdragen, de dupe van deze eis worden. Uitgangspunt van deze visie is dat het monument in harmonieuze samenhang met haar omgeving, denk aan een boerderij in het landschap, een grotere waarde vertegenwoordigt dan een los element. De zoveelste onbegrijpelijke beleidsverandering van het Rijk dus. We doen er samen met anderen alles aan om dit te veranderen. Overigens is er

100 kilometer in Nederland en gekoppeld aan een supercomputer via een uitgestrekt glasvezelnetwerk. Het centrum van dit netwerk ligt in een natuurgebied van 320 ha tussen Exloo en Buinen dat door Het Drentse Landschap wordt beheerd. Stichting LofarTafel verzorgt samen met Astron en Het Drentse Landschap een opleiding tot LofarZone gids. Het gaat om drie theorieavonden op woensdag 6 februari, woensdag 20 februari en woensdag 13 maart 2013. De excursie vindt plaats op zaterdagochtend 6 april. Er zijn geen kosten aan de opleiding verbonden. Hebt u belangstelling of heeft u nog vragen dan kunt u contact opnemen met:

Ben te Nijenhuis, voorzitter telefoon 06-46118882 of met Martha Buitenkamp secretaris telefoon 06-21578477. U kunt ons ook mailen: m.buitenkamp@anantis.nl Kijk ook voor informatie op de site: lofarzone.nl. Kerk Bovensmilde Het Prins Bernhard Cultuurfonds heeft € 18.000,-beschikbaar gesteld voor de cascorestauratie van de kerk in Bovensmilde. De restauratie bevindt zich in de eindfase. De Open Dag begin oktober trok tientallen belangstellenden. Als de kerk klaar is, komt er weer een gelegenheid om een kijkje te nemen.

33


34

Berichten

Recordpoging grootste linosnede – Grafisch Proeflokaal Orvelte Het Grafisch Proeflokaal in Orvelte wil met het community-art project DinoDruk een 25 meter lange en 2 meter brede linosnede maken. Het is een recordpoging om de grootste linosnede te maken. Het thema van de linosnede is agrarisch erfgoed. Om het project gerealiseerd te krijgen is het Proeflokaal op zoek naar 800 deelnemers. Zij werken vanuit hun eigen visie aan het verbeelden van de agrarische ontwikkeling in de regio. Bijvoorbeeld door te laten zien welke invloed dit had op de samenleving en wat het belang is van samenwerking en gemeenschapszin oftewel “Naoburschap”. Hierbij zal zeker ook de invloed op culturele uitingen en de architectuur aan de orde komen. Tijdens het community-art project de DinoDruk maakt de kunstenaar een hoofdontwerp. De deelnemers krijgen een A4-tje waarop de persoonlijke verbeelding op het thema wordt uitgewerkt. Als het ontwerp klaar is dan wordt het op het linoleum geplaatst en uitge-

gutst. Op deze wijze wordt met de DinoDruk de ‘Thuistaal’ van Orvelte en Midden-Drenthe in kaart gebracht en verbeeld. Voor de realisatie van het project worden zo rond de 800 deelnemers gezocht. De deelnemers kunnen zijn: bewoners, bezoekers, toeristen, instellingen, scholen en bedrijven. Daarmee is dit community-art project niet alleen een recordpoging linosnede maar tevens een recordpoging Thuistaal. Voor de deelnemers worden diverse workshops georganiseerd. De workshops worden begeleid door professionele kunstenaars/grafici. Lijkt het u leuk om deel te nemen aan dit grootschalige community-art project of wilt u meer informatie? Surf dan naar www.grafischproeflokaal. nl of stuur een e-mail naar Eline.krottje@grafischproeflokaal.nl.

Vleesactie Ook deze herfst hebben een 800 beschermers vlees en/of vlees­producten van Het Drentse Landschap gekocht. Mocht u nog belangstelling hebben dan kunt u kijken op de website: www.drentslandschap.nl of bellen tijdens kantooruren met Aaltje Stroetinga (0592) 31 35 52.

Lezersaanbieding Ben van Voorn notities van een veelzijdig kunstenaar (1927-2004) Onlangs is bij uitgeverij Boucher een boek verschenen over het werk van Ben van Voorn. Nostalgie en eigenzinnigheid kenmerken het werk van deze schilder. Een romantisch verlangen naar de schoonheid van het oude Drentse landschap, de ongerepte natuur, de vrijheid van de vagebond, die kan gaan en staan waar hij wil.Van Voorn had een voorliefde voor schilderen in de vrije natuur, wat resulteerde in een enorme verzameling schilderijen en aquarellen van het Drentse landschap. In het boek vertellen vier schrijvers over zijn werk: Robin d’Arcy Shillcock over zijn olieverven, aquarellen en keramiek, Sim Visser over zijn Afrikareis, Jan Willem de Vries over de strips en films en Aafke Steenhuis over de dagboeken die hij samen met vriend Jan Schroot 30 jaar lang bijhield. Wat weinigen weten, is dat hij jarenlang voor de Toonder Studio’s werkte en later door Toonder gevraagd werd de achtergronden van de Bommelfilm te schilderen. Deze prestatie zorgde voor opdrachten vanuit de hele wereld. Zo maakte hij in Parijs de achtergronden voor twee Asterixfilms.Van Voorn prefereerde echter de beslotenheid van zijn atelier in Yde boven internationale roem en hield nieuwe opdrachten af. Het boek over Ben van Voorn, notities van een veelzijdig kunstenaar kost € 29,50. Beschermers van Het Drentse Landschap krijgen € 5,00 korting op het boek. U kunt het boek bestellen door het overmaken van 24,50 + 3,50 portokosten op rekeningnummer: 1228 18 202 te Vriescheloo t.n.v. de Stichting Ben van Voorn. Na verschijnen krijgt u het boek thuisbezorgd. Vergeet niet uw naam en adres te vermelden!


Voor het voetlicht Natuurakkoord hard gelag voor Drenthe In oktober 2010 ontvingen alle provincies een brief van staatssecretaris Bleker van Economie, Landbouw en Innovatie (ELI) waarin ze gesommeerd werden per direct te stoppen met verwerving en inrichting van natuurgebieden. Daarmee verbrak het Rijk eenzijdig de afspraken die met de provincies gemaakt waren om via de Investeringsregeling Landelijk Gebied (ILG) in een periode van 7 jaar tussen 2006 en 2013 de Ecologische Hoofdstructuur (EHS), de groene ruggengraat van de Nederlandse Natuur, verder te realiseren. Via het Natuurakkoord werden de provincies en de terreinbeheerders gedwongen in te stemmen met de 70% aan bezuinigingen op het natuurbeleid en een met 90.000 ha afgeslankte EHS. Voor een provincie als Drenthe, rijk aan natuur en arm aan middelen, een regelrechte ramp. Hetgeen de politieke weerstand om dit Natuurakkoord te tekenen begrijpelijk maakt. Drenthe had in 2010 ca. 43.2 miljoen euro aan aangegane verplichtingen waar toen ineens geen dekking meer voor bestond. Dit betrof vooral grote projecten zoals de Eelder- en Peizermaden en het Dwingelderveld. Veel andere provincies verkeerden in dezelfde situatie. Om de tekorten eerlijk te verdelen is toen een Externe Commissie Ontwikkelopgave Natuur in het leven geroepen. Deze Commissie Janssen moest de tekorten zo eerlijk mogelijk verdelen. In oktober werd het rapport openbaar. Voor Drenthe lijkt het erop dat met bijna € 18 miljoen er de komende jaren voldoende middelen voor het beheer zijn. Zij het dat nog niet helemaal duidelijk is wat er allemaal uit betaald moet worden. Bijvoorbeeld de extra uitgaven in verband met de wateropgave, de ammoniakproblematiek, het faunafonds en agrarisch natuurbeheer. Voor wat betreft de genoemde € 43.2 miljoen aan investeringen blijkt Drenthe ongeveer de helft zelf bij te moeten passen. Via slim boekhouden heeft gedeputeerde Munniksma deze middelen inmiddels via allerlei potjes in de provinciale kas kunnen vinden. Hetgeen een geweldige prestatie is. Verder bestaat de angst dat er de komende jaren geen cent voor aankoop en inrichting zal zijn. Waardoor bijvoorbeeld niet kan worden voldaan aan de internationale verplichtingen voortvloeiend uit Natura 2000 en de Kaderrichtlijn Water (KRW). Onze doelen zoals die via het Groenmanifest door de Provincie omarmd zijn, zouden daarmee ook op losse schroeven komen te staan. Om nog enige voortgang te boeken wilde het Rijk de provincies dwingen ca. 7.500 ha bestaande natuur te verkopen. Een oppervlakte groter dan het Nationaal Park Drents-Friese Wold. Ook terreinbeheerders zoals Het Drentse Landschap en Natuurmonumenten zouden natuurgronden moeten verkopen hetgeen zij om principiële redenen weigeren. Het Drentse Landschap werkt niet mee aan de uitverkoop van onze natuur. Duidelijk was dat de verdere realisatie van het natuurbeleid voor Drenthe vrijwel volledig tot stilstand zou gaan komen. Alleen als de Provincie Drenthe

zelf behoorlijk zal investeren in plattelandsontwikkeling zijn er nog kansen voor de natuur… Gelukkig is er door een voorschot te nemen op de middelen die vanuit de landelijke provinciale grondpot extra naar Drenthe zullen vloeien, ruimte gevonden om de komende drie jaar steeds 2 miljoen euro voor co-financiering vrij te maken. In het Lenteakkoord werd 200 miljoen extra uitgetrokken om de grootste problemen nog enigszins te verzachten. De Commissie Jansen pleit ervoor om deze € 200 miljoen structureel te maken en toe te voegen aan het Provinciefonds. Het nieuwe kabinet heeft daarmee ingestemd. Op dit moment is hieruit door EZ een projectenfonds ingesteld van € 120 miljoen waar allerlei instellingen en particulieren grootse en meeslepende projecten voor mogen indienen. Men zal daarbij ongetwijfeld ervaren dat zonder volledig grondeigendom er maar moeilijk grote projecten tot stand zullen kunnen komen. Inmiddels lijkt het erop dat de provincies hier het voortouw mogen nemen. Met het aantreden van het nieuwe kabinet gloort er weer licht aan de horizon. Men wil de EHS toch weer in de oorspronkelijke vorm realiseren, inclusief de verbinding. Een opsteker dus. Laten we hopen de komende tijd weer aan de slag te kunnen gaan. En verlost te worden van de veel te tijdrovende administratieve en beleidsmatige rompslomp. Schrikbarende afname vogels boerenland Op basis van gegevens van Birdlife blijkt dat het aantal vogels op het Europese boerenland gehalveerd is. Er zijn ca. 300 miljoen broedparen verdwenen, zo blijkt. De tellingen van SOVON geven nog een slechter beeld. Zij concluderen dat in Nederland de afgelopen 50 jaar zelfs 60% minder vogels op het boerenland zijn aangetroffen. Dat geldt zowel voor de graslanden als voor de akkers. Soorten als de Veldleeuwerik, Patrijs, Zomertortel en Ringmus zijn met 90% achteruitgegaan. De Grutto met ongeveer 75%. Oorzaak moet vooral gevonden worden in de intensivering van de landbouw. We spreken in ons land dan over het verdwijnen van het bijna onvoorstelbare aantal van 3,3 tot 5,7 miljoen broedparen uit het boerenland in de afgelopen 50 jaar. Willen we een einde maken aan dit schrikbarende verlies dan moeten we snel ons landschap vergroenen met bloemenveldjes en natte weilanden. Misschien dat dit met behulp van de Europese GLB-middelen vormgegeven kan worden. (Bron: SOVON, Vogelbescherming Nederland).

35

Natuur en landschap

de (Drentse) politiek

Eric van der Bilt Directeur Stichting Het Drentse Landschap


Deze uitgave werd mede mogelijk gemaakt dankzij een financiële bijdrage van:

• Nationale Postcode Loterij Amsterdam (0900) 300 15 00 Ma. t/m vr. 09.00 - 21.00 uur Loterij voor mens en natuur • VSBfonds Groningen - www.vsbfonds.nl Zet zich in voor de kwaliteit van de Nederlandse samenleving • PBCF Amsterdam - www.prinsbernhardcultuurfonds.nl Voor cultuur en natuurbehoud in Nederland • JMFonds Groningen - www.jmfonds.nl Levert bijdragen aan maatschappelijke ontwikkelingen • Bouwbedrijf H. Poortman Veeningen (Zuidwolde Dr.) (0528) 39 14 82 Restauratie-nieuwbouw-onderhoud-verbouw • GRONTMIJ DRENTHE Assen (0592) 33 88 99 Advies- en ingenieursbureau • ORANJEWOUD BV - HEERENVEEN Heerenveen (0513) 63 45 67 Ingenieursbureau • Attero Wijster (088) 550 10 00 Energiek met milieu – Terugwinning grondstoffen en productie duurzame energie uit afvalstromen. • NAM B.V. Assen (0592) 36 20 74 Aardoliemaatschappij • Havesathe ‘de Havixhorst’ De Wijk (0522) 44 14 87 Hotel - Restaurant • NV Waterleidingmaatschappij ‘Drenthe’ Assen (0592) 85 45 00 Als je de kraan opendraait... • Buro Hollema Rolde (0592) 24 13 13 Tuin- en landschapsarchitekten BNT • ARCADIS Assen (0592) 39 21 11 Advies- en ingenieursbureau (inrichting, infrastructuur, milieu en ecologie) • Quercus/Krinkels bv Zuidwolde (0592) 26 11 71 Uw bomen, onze zorg • N.V. Waterbedrijf GRONINGEN Groningen (050) 368 86 88 Wees wijs met water • KONINKLIJKE VAN GORCUM BV Assen (0592) 37 95 55 Uitgeverij/grafisch bedrijf • BORK SLOOPWERKEN B.V. Stuifzand (0528) 33 12 25 Sloopwerken, asbestsanering en puinrecycling • HARWIG Installatiegroep Emmen (0591) 65 67 69 Almere (036) 530 22 72 Groningen (050) 597 39 59 Uw installatie in goede handen! • DE ROO DRENTE BV Bedum (050) 301 25 00 Cultuurtechniek en groenvoorzieningen

• BARSINGERHORN CONSULTANCY Delfzijl (0596) 61 22 66 Training en coachen van personeel en organisatieadvies • ARCHITECTEN MEPPEL Meppel (0522) 25 57 96 • Concordia bouwmaterialenhandel Meppel (0522) 25 36 31 Hout- en bouwmaterialenhandel • oosterhuis bv Nijeveen (0522) 49 16 86 Loonbedrijf - Aannemersbedrijf g.w.w. - Landschapswerk • ASTRON/LOFAR Dwingeloo www.astron.nl www.lofar.nl • WARENHUIS VANDERVEEN (ASSEN) Assen (0592) 31 16 11 Shop-in-shop totaalwarenhuis elton bv •  Roden (050) 502 11 99 Producenten van ELLEN tochtprofielen • VNO NCW Noord Groningen (050) 534 38 44 Belangenbehartiger van het Noorden • Ensing Schilders Assen (0592) 348 080 Onderhoud- en protectiesystemen • VANDERSALM bouwkundig ontwerp- en adviesburo Dwingeloo (0521) 593 638 Nieuwbouw, verbouw, renovatie, projectontwikkeling en restauratie • DE FRIESLAND ZORGVERZEKERAAR Leeuwarden (058) 291 31 31 • Bureau B+O Architecten BV Meppel (0522) 246 625 • De Bonte Wever Assen 0592 - 356 000 / www.debontewever.nl Het meest complete all-in hotel van Nederland! ORANJA marketing communicatie reclame •  Meppel (0522) 26 20 95 Verbinden vanuit de essentie: www.oranja.nl Installatiebedrijf DICK SJABBENS •  Diever (0521) 59 19 94 Specialist in duurzame energietechnieken • Schildersbedrijf WESTERBEEK Zuidwolde, www.westerbeek-schilders.nl De beste vriend van uw huis Bouwbedrijf Bruins Slot V.o.f. •  www.bouwbedrijfbruinsslot.nl Restauratie - onderhoud - verbouw - nieuwbouw • GROENVERZORGING VOS BV Roden (050) 501 53 46 / www.vosroden.nl Boomverzorging en landschaponderhoud • KNOL TRAINING & ADVIES BV Gieterveen (0599) 89 19 70 Ingenieursbureau voor proces- en milieutechnologie • HOFSTRA HULSHOF BOUW BV Nieuw-Buinen (0599) 21 29 77 • Van Dijk Infragroep BV Meppel (0522-243612) Grond-, weg en waterbouw • CompuSystems Hoogezand (0598-343860)

Stichting Het Drentse Landschap zet zich in voor het behoud van de Drentse natuur en maakt zich sterk voor het in stand houden van ons culturele erfgoed. Dit doet ze door het aankopen en beheren van natuurterreinen en cultuurhistorisch waardevolle objecten. Stichting Het Drentse Landschap behartigt ook de belangen van:

• Stichting Drentse Boerderijen • Stichting Oude Drentse Kerken • Stichting drs. A.V.J. den Hartogh Fonds


Kwartaalblad nummer 76