Page 1

SUGGESTIE AAN DE COMMISSIE VOOR MEDIABELEID VAN HET VLAAMS PARLEMENT Gericht aan de voorzitter van de Commissie voor Mediabeleid met vraag dit document te verspreiden onder de leden van de Commissie. Naar aanleiding van: Vergadering dd. 12.01.1999 Commissie voor Mediabeleid Betreft: -Bespreking van het voorstel van decreet van Mevrouw Marijke Dillen houdende wijziging van artikel 78 van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecooördineerd op 25 januari 1995, met het oog op een strikte beperking aan programma's met overdreven geweld en/of met pornografische scenes wat het tijdstip van uitzenduren betreft. -Bespreking van het voorstel van decreet van de heer Michel Doomst houdende wijziging van de decreten betreffende de radio-omroep en de televisie, gecoördineerd op 25 januari 1995. -Amendementen voorgesteld door de heer Michel Doomst en mevrouw Kathy Lindekens.

Ankie Vandekerckhove, kinderrechtencommissaris bij het Vlaamse Parlement, en een van haar medewerkers woonden op 12.01.1999 de vergadering bij van de Commissie voor Mediabeleid. Tijdens die vergadering werd het amendement besproken, ingediend door de heer Michel Doomst en mevrouw Kathy Lindekens, tot het oprichten van een tweede afdeling bij de Geschillenraad. De bespreking wordt op dinsdag 19.01.1999 verder gezet. Het is niet aan de Kinderrechtencommissaris om de wenselijkheid of de opportuniteit van de Geschillenraad te beoordelen. De kinderrechtencommissaris wil van deze pauze in het debat wel gebruik maken om een suggestie te formuleren met betrekking tot de samenstelling van de tweede afdeling van de Geschillenraad. Suggestie met betrekking tot de samenstelling van de tweede afdeling van de Geschillenraad De heer Michel Doomst en mevrouw Kathy Lindekens stellen in een amendement voor een artikel 5 toe te voegen aan het voorstel van decreet. Daarin heet het dat "de tweede afdeling van de Geschillenraad bestaat uit personen met kennis van en betrokkenheid bij de leefwereld van kinderen en jongeren”. Tijdens het debat werd gezocht naar een manier om die vage omschrijving te objectiveren. Er werd gesproken over diplomavereisten en over professionele ervaring (academisch onderzoek, jeugdrechtbank, relevant werkveld,...). De Kinderrechtencommissaris meent dat het niet in het belang van het kind is om er als een evidentie van uit te gaan dat "kennis van en betrokkenheid bij de leefwereld van kinderen en jongeren" automatisch kan bewezen worden door een specifiek diploma of een specifieke professionele ervaring. Een diploma op zich is geen garantie voor inlevingsvermogen in de leefwereld van kinderen. De visie op kinderen is de laatste tijd sterk gewijzigd. Die gewijzigde kindvisie werd niet volkomen vertaald binnen de diverse studierichtingen.


Kan men er verder automatisch van uit gaan dat bijvoorbeeld een parketmagistraat bij een jeugdrechtbank een voldoende ruim zicht heeft op kinderen en jongeren in het algemeen, als blijkt dat hij doorgaans slechts met een deelgroep van minderjarigen in contact komt? SUGGESTIE De Kinderrechtencommissaris suggereert de Commissie voor Mediabeleid om in haar voorstel van decreet een benoemingsprocedure te bepalen waarbij potentiële leden worden getoetst op hun kennis van en betrokkenheid bij de leefwereld van kinderen en jongeren. De Commissie zou ook zelf relevante benoemingscriteria kunnen bepalen. De Kinderrechtencommissaris denkt dat de leden van de tweede afdeling van de Geschillenraad zowel moeten gerecruteerd worden uit de praktijkwereld als uit de onderzoekswereld. Jeugdwerkers, leerkrachten, e.d. zouden een waardevolle inbreng kunnen hebben. Gezien de beslissingsbevoegdheid van de tweede afdeling van de Geschillenraad is het ook aangewezen om minstens één magistraat aan te duiden.

Ankie Vandekerckhove, Kinderrechtencommissaris

1998_1999_3_geschillenraad_media_pdf  
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you