Page 1

Pieterskerk

Domkerk

Jacobikerk

rondwandeling

Fotoboek van een cursus van HOVO Utrecht in het kader van de ZOMERACADEMIE 2013. De cursus bestond uit een viertal rondleidingen door de binnenstad van Utrecht, onder de titel: ‘DE SCHOONHEID VAN MIDDELEEUWS UTRECHT’ Bezocht werden: * de Pieterskerk * de Domkerk * de Jacobikerk * markante punten uit de middeleeuwse geschiedenis van Utrecht. De rondleidingen werden verzorgd door mevr. dr. L.C.J.J. Bogaers, cultuurhistorica en directeur van ‘Levend verleden Utrecht’

DE SCHOONHEID VAN MIDDELEEUWS UTRECHT Foto’s, teksten en vormgeving: Joop Ross


Pieterskerk

dinsdag 2 juli 2013

Geschiedenis (bron Wikipedia) De Pieterskerk was een kapittelkerk, hetgeen betekent dat deze niet bedoeld was voor gewone burgers, zoals de parochiekerken (bijvoorbeeld de Buurkerk), maar voor een gemeenschap van kanunniken, die in een afgesloten, opzichzelfstaande enclave woonden waar de wereldlijke overheid niets in te brengen had. Het gehele Pieterskerkhof maakte deel uit van deze immuniteit, die werd omgeven door de Kromme Nieuwegracht. Aan het kapittel van de Pieterskerk waren dertig kanunniken verbonden. Met de bouw werd gegonnen in 1039 en de kerk werd op 1 mei 1048 ingewijd dooir bisschop Bernold. Hoewel de kerk in de loop van de tijd veranderingen heeft ondergaan, is het de meest compleet bewaarde romaanse kerk in Utrecht. De iets jongere Janskerk was oorspronkelijk vrijwel identiek (hoewel kleiner), maar werd in gotische stijl vergroot met een nieuw koor, terwijl bij de Pieterskerk het romaanse koor rond 1370 slechts aan de gotische stijl werd aangepast door kruisribgewelven aan te brengen en de vensters tot spitsbogen uit te hakken. Daarnaast werd rond 1300 de romaanse kapel ten zuiden van het koor door de grotere Dekenkapel in gotische stijl vervangen. De belangrijkste verandering van de Pieterskerk is het verlies van de meest westelijke travee en de twee bijbehorende torens; dit deel van de kerk werd beschadigd bij de tornado in 1674 die ook het schip van de Domkerk verwoestte, en vervolgens afgebroken. Bij deze gelegenheid werden ook de topgevels van het dwarsschip en de romaanse kruisgang gesloopt. Met de opbrengst van de verkochte materialen werd het herstel van de rest van de kerk bekostigd. De ingekorte kerk werd nu afgesloten met een nieuwe westgevel in eenvoudige renaissancestijl naar ontwerp van stadsarchitect Gijsbert van Vianen. De Pieterskerk viel in 1580 ten offer aan de Beeldenstorm. Na de Reformatie bestonden er plannen voor afbraak, maar die werden verhinderd door protesten van families die grafkelders in de kerk bezaten. De kerk werd toen jarenlang gebruikt als kazerne. Het koor werd van de rest van de kerk afgescheiden en in 1621 ingericht als snijkamer van de latere universiteit. In 1625 kwam de Pieterskerk in gebruik bij de Engelse gemeente en in 1656 aan de Waalse Gemeente. Een grootscheepse restauratie van de Pieterskerk had plaats van 1954 tot 1970.


Eerst een ronde langs de buitenkant van de Pieterskerk, over het mooie en stille Pieterskerkhof.


De Pieterskerk is vanaf 1656 in gebruik bij de Waalse Gemeente in Utrecht.


Opvallend zijn de uit een stuk gehouwen pilaren van rode zandsteen.


De Pieterskerk is in romaanse stijl gebouwd. In de loop der eeuwen zijn hoogkoor, Dekenkapel en transept ‘vergotiseerd’. Mevr. Bogaers doet op een deskundige en enthousiaste manier haar verhaal.


Het linkse reliëf stelt het oordeel van Pilatus en de kruisiging voor.

Het rechtse reliëf een engel op het geopende graf van Christus met drie naderende vrouwen.

Vier zandstenen reliëfs die tot de belangrijkste romaanse beeldhouwwerken in Nederland behoren. Zij zijn in 1965 tijdens de restauratie onder de vloer teruggevonden en op hun oorspronkelijke plaats, aan weerszijden van de trap op de scheiding van viering en koor aangebracht.


De Pieterskerk bevat een fraaie crypte uit de bouwtijd van de kerk, met gebeeldhouwde zuiltjes. In de crypte is in 1952 de sarcofaag van bisschop Bernold bijgezet.


Doorkijkje naar de Dekenkapel die in 1300 in gotische stijl herbouwd werd, ter vervanging van een kleinere romaanse kapel.


Domkerk

donderdag 4 juli 2013

Geschiedenis

(bron Wikipedia)

De Dom van Utrecht is een markante gotische kerk in het midden van Utrecht. De kerk werd vanaf 1254 gebouwd als de kathedraal van het bisdom Utrecht en is gewijd aan Sint-Maarten. Sinds 1580 is de kerk protestants. De 112,32 meter hoge Domtoren is de hoogste kerktoren van Nederland en het hoogste gebouw van Utrecht. De Domkerk was tot de kerkelijke herindeling in 1559 de enige kathedraal in Nederlandstalig gebied, en tot aan de ingebruikname van de Sint-Bavokathedraal in Haarlem in 1898 de enige als kathedraal gebouwde kerk. Van de kerk resteren tegenwoordig slechts het koor, het dwarsschip en de toren. Het schip, waarvan de bouw nooit was voltooid, stortte in bij een tornado in 1674. Als gevolg daarvan wordt de Domtoren nu door een plein van de kerk gescheiden. Bij het Domcomplex horen verder nog een kruisgang en de grote kapittelzaal (thans aula van de Universiteit Utrecht) waar in 1579 de Unie van Utrecht werd ondertekend. De kleine kapittelzaal van het Domcomplex, die tegen de westkant van de kruisgang was gebouwd, werd begin twintigste eeuw afgebroken. De Utrechtse Dom is ondanks het ontbrekende schip en de ernstige vernielingen die de overgang naar het Protestantisme rond 1578-1580 met zich meebracht, een van de belangrijkste gotische monumenten in Nederland. Zij was tevens een van de vroegste voorbeelden van de gotiek in Nederland en als enige gebouw hier te lande staat zij qua stijl dicht bij de klassieke Franse gotiek. Aan de huidige Dom ging een kathedraal in romaanse stijl vooraf. In de middeleeuwen was een kapittel van kanunniken aan de Domkerk verbonden dat een eigen immuniteit bezat, een grondstuk waarop de wereldlijke macht niets in te brengen had. Behalve de kathedraal zelf stonden hier de woningen van de kanunniken en van 1040 tot 1253 ook het paleis Lofen van de keizer van het Heilige Roomse Rijk. De immuniteit van de Dom grensde aan de zuidzijde aan de immuniteit van de Sint-Salvatorkerk of Oud-Munsterkerk met onder meer het paleis van de bisschop. Tussen beide kerken, op het grondgebied van de SintSalvator, stond een derde kerkje ingeklemd, de Heilig-Kruiskapel.


De plaquette aan de buitenzijde van de Domkerk geeft een beeld van de kerken die op het Domplein te Utrecht gestaan hebben.


De schilderachtige Kruisgang met Pandhof aan de zuidzijde van het koor van de kerk.


‘Rondje om de kerk’: de cursusgroep bewondert de bouwcontructie van het koor van de Domkerk. Steunberen, luchtbogen, pinakels en waterspuwers...

Boven de ingang van de Domkerk vinden we het in brons gegoten verhaal van Sint-Maarten, die de helft van zijn mantel wegschenkt aan een bedelaar.


Venster aan de noordzijde met vier hoofdrolspelers uit het Oude Testament: de hogepriester A채ron, koning David, wetgever Mozes, de profeet Eliah en de Ark van Noach.

Venster aan de zuidzijde, voorstellende de vier Evangelisten.

Gebrandschilderd glas naar ontwerp van Richard Roland Holst in de enorme vensters van het dwarsschip, daterend uit 1926/1936.


Het koor van de Domkerk. Dit voormalige liturgisch centrum wordt nu beheerst door het grafmonument van admiraal en Domkanunnik Willem Joseph van Ghent, die in 1672 sneuvelde in de 2e Engelse Zeeoorlog.


Kapiteel uit ca. 1317 in de kapel van Gwijde van Avesnes.

Graftombe van bisschop Gwijde van Avesnes (†1317), met twee pleurantes met geschonden gelaat.

Altaarschildering in de kapel van Gwijde van Avesnes.


Toegang tot de kapel van bisschop Jan van Arkel. In 1662 kreeg de grafkapel een nieuw toegangshek vol ‘knipoogjes’ naar de dood.


Het altaarretabel (met Anna te DrieĂŤn) in de kapel van bisschop Jan van Arkel, zeer geschonden tijdens de Beeldenstorm in 1580.

Het cenotaaf voor bisschop George van Egmond uit 1549 in zuivere renaissancestijl, bestaande uit een boog waaronder vroeger het beeld van de knielende bisschop zal hebben gestaan.


Mevr. Bogaers vertelt het verhaal van een grafzerk uit de vroege Renaissance.


Interieur middenschip gezien richting koor.

Interieur zuidertransept.


Jacobikerk

dinsdag 16 juli

Geschiedenis

(bron: Wikipedia)

De patroonheilige van de Jacobikerk was Jakobus de Meerdere (tevens de naamgever van de bedevaartsplaats Santiago de Compostella) en de kerk werd dan ook aangedaan door pelgrims op weg naar dit bedevaartsoord. Tegenwoordig herinnert de windvaan op de toren in de vorm van een sint-jakobsschelp nog aan dit verleden. De kerk is ontstaan in een kleine handelsnederzetting aan een tak van de Rijn, even noordelijk van de handelswijk Stathe, die in de 12e eeuw binnen de omwalling van Utrecht werd opgenomen. De kerk werd tussen 1330 en 1460 in fasen uitgebreid om tegemoet te komen aan de steeds groeiende bevolking. Uiteindelijk is de toren rond 1400 ingebouwd geraakt door de omringende schipbeuken. De toren kreeg in 1410 een zeer hoge naaldspits. De oudste delen van de kerk dateren uit de 13e eeuw, maar de huidige vorm als een geheel in steen overwelfde hallenkerk dateert uit de 15e eeuw. In 1566 vond ook in de Jacobikerk een Beeldenstorm plaats. Hierbij verdween onder meer het laatgotische koorhek voor het hoofdkoor. Dit hek werd vervangen door een eigentijds hek in Renaissancestijl. Tijdens de Opstand, bij het beleg van kasteel Vredenburg in 1576-1577 raakten de zuid- en westzijde van de toren door beschieting beschadigd. In deze roerige tijden was Hubert Duifhuis predikant van de Jacobigemeente. In 1580 werd de kerk definitief protestants. De zeer ranke torenspits (reikend tot ca. 80 m) woei om tijdens de zomerstorm van 1674. Hierbij ging ook de beiaard uit ca. 1650, van de gebroeders Hemony, verloren. De spits stortte met carillontorentje door het dak en het stenen gewelf heen. Het gewelf werd nadien niet hersteld, maar vervangen door de nog aanwezige houten zoldering. Mogelijk zijn de grote draagbalken van deze zoldering afkomstig uit het ingestorte schip van de Domkerk. De torenspits werd eveneens niet hersteld, maar vervangen door een laag tentdak. Pas in 1953 werd een nieuwe spits gebouwd, aanmerkelijk lager dan de oorspronkelijke. De toren is nu 63 meter hoog. In 1975-76 is de kerk, tegelijk met vijf andere oude binnenstadskerken grondig gerestaureerd en gerenoveerd.


Jacobikerk, zuidgevel. Achter de uitbouw gaat een kapel schuil.


Ingang Jacobikerk.

Zoals gebruikelijk eerst uitleg over de buitenkant van de kerk, de omgeving ervan en de ligging aan een tak van de Rijn.


De Jacobikerk kenmerkt zich door een prachtig licht interieur. De groep luistert naar een mooie explicatie over de geschiedenis van de kerk.


Uitgebreide toelichting op de panelen en de teksten zijn eveneens aan de muur van de Jacobikerk te lezen.

Reproductie van het paneel van de Armenpot van Sint-Jacob, waarop de armenwerken van de Armenpot staan afgebeeld. De Armenpot stond zowel voor- als na de reformatie onder toezicht van de Potmeesters, die zorgden voor de uitdeling van ‘de schotelen’ aan de armen. Het originele paneel is gemaakt in 1562, waarschijnlijk ter gelegenheid van een grote schenking van Alit Salm, dochter van een belangrijk graankoopman, aan de Armenpot.


Detail siersmeedwerk

Voor de grafkapel van de familie Panthaleon van Eck (voorheenAndreaskapel) staat een laatgotisch houten hek met smeedijzeren traliewerk. Dit hek is rond 1517gemaakt door Jan van den Ende. Het houtsnijwerk en siersmeedwerk bevat veel symboliek. Het hek kreeg in 1631 de kleuren van het familiewapen Van Eck. (Foto vanuit de kapel naar de kerk).


Tijdens de verbreding en verhoging van de zijbeuken in de 15e eeuw, ontstond er een ruimte in de zuidwestelijke pijler, die als bidcel gebruikt werd door Alyt Ponciaens. Via dit luikje in de bidcel kon zij de mis op het hoogaltaar zien en horen. Destijds kwam het vaker voor dat mensen zich lieten inkluizen om zich aan God en de medemens te wijden: kluizenaars fungeerden als raadgever en voorbidder.

Foto vanuit de kluis richting grafkapel. Aan de wanden veel informatie en gedichten van o.a. Alyt Ponciaens en Suster Bertken, kluizenares van de Buurkerk.


Links: engel met toorts en wierookvat. Muurschildering uit de 15e eeuw, boven het voormalig deurtje naar de verdwenen Gerfkamer (kleedkamer).

Rechts: kapitelen uit de oudste gotische kerk (ca. 1290).

Tekening van een 15e-eeuwse muurschildering van het toenmalige silhouet van de stad.

Bijzondere gewelfsleutel (sluitsteen) van de kruisribben in het gewelf.


Zicht op het schip van de kerk, richting koor

Zicht op het middenschip, door het koorhek richting het orgel


Nogmaals de grafkapel met bovenin de muurschildering van de kwartierstaten van Dirk van Eck die de kapel in 1631 in bezit kreeg. Onder, door het toegangshek, de ingang naar de bidcel van de kluizenares.

Kapel met het gedachtenisbord van jonkheer Gerard van Weede, kerkmeester en weldoener van de kerk. In 1883 schonk hij het nieuwe meubilair van de pas gerestaureerde kerk.


Liturgisch centrum van de Jacobikerk met doopvont en preekstoel. Het renaissance koorhek dateert van 1567. Het oorspronkelijke koperen gotische koorhek, door Jan van den Ende gemaakt tussen 1516 en 1519, is in de beeldenstorm van 1566 vernield.


De huisjes tegen de voorgevel van de kerk zijn zogenaamde vrijwoningen, ook wel armenhuisjes genoemd. Deze zijn in de 18e eeuw gebouwd om armen die door de diaconie werden onderhouden een woning te geven. Ze doen vandaag de dag dienst als wijkcentrum.


rondwandeling langs restanten van middeleeuws utrecht donderdag 18 juli

De rondwandeling voerde vanaf het Domplein naar de Bisschopshof, door de Servetstraat naar de Maartensbrug, vervolgens naar het Buurkerkhof, het Zoudenbalchhuis, Steenweg en de Oudegracht. In de belichting van de middeleeuwse geschiedenis werden drie elementen uitgediept: - De bestuurlijke taken van kerk (bisschop en kapittels), keizer en stadsbestuur. - Het functioneren van stedelijke instellingen (gilden, burgerwacht en stadsbestuur). - De betekenis van de rivieren die door en om Utrecht gestroomd hebben. En natuurlijk was er veel aandacht voor allerlei bezienswaardigheden uit de middeleeuwen. Het was een zonovergoten dag in een ‘bruisend’ Utrecht.


De stichting van nederzettingen was in de middeleeuwen sterk afhankelijk van de loop van rivieren. Voor Utrecht was de Rijn de hoofdstroom. De geschiedenis wordt op een plaquette tegen de zuidmuur van de Domkerk weergegeven, waarvan hier een gedeeltelijke afbeelding.


Poort vanaf het Domplein naar de Bisschopshof.

Poort naar de bisschopshof, vanuit de Servetstraat. Op de achtergrond de cursusgroep in de Bisschopshof.


Restanten van de fundering van de traptoren die de bisschop toegang gaf tot de oudste Domtoren. Op de achtergrond is de muur van de huidige Domtoren (1321-1382) zichtbaar.


Dit torenvormige huis is het enige bewaard gebleven onderdeel van het bisschoppelijk paleis, dat tot 1803 op deze plaats heeft gestaan. De benedenverdieping van dit gebouw, destijds Spinde genoemd, diende als opslagruimte voor graan en andere voorraden.

Weer de poort van de Bisschopshof, maar nu richting de Servetstraat


De Bisschopshof grenst aan de achterzijde tegen de woningen van de Lichte Gaard. De hof is nog niet lang geleden geheel gerestaureerd en is een heerlijke plek om te vertoeven, je bent er even los van de stadsdrukte.


Op de Maartensbrug geeft mevr. Bogaers geeft een uitleg over de werfkelders (had weer alles met water te maken!). Overigens: dit was wel het topppunt van Zomeracademie!


Nog steeds op de Maartensbrug. Deze brug vormt de verbinding tussen de stad en het kerkelijk centrum. Aan het bisschoppelijk paleis stonden kramen. De huizen van de Vismarkt, Servetstraat en de Lichte en Donkere Gaard grensden aan het paleis van respectievelijk keizer en bisschop.


Buurkerkhof met de Buurkerktoren.

Buurkerktoren en Domtoren (uit Google afbeeldingen).

Sinds enige jaren is een oude traditie in ere hersteld: het luiden van de Banklok op zaterdagmiddag om 5 uur, ten teken dat de markt gaat sluiten. Deze klok in de Buurkerk werd al in 1471 geluid om raadsbesluiten en terechtstellingen te bekrachtigen, maar ook om te waarschuwen voor brand.


Toegangsdeuren tot de toren van de Buurkerk. De reliĂŤfs zijn ca. 1946 gemaakt door de beeldhouwer Willem van Kuilenburg. Boven de linkerdeur (bovenste detailfoto) is de kracht van middeleeuws Utrecht afgebeeld: het stadswapen wordt gefankeerd door vier burgemeesters en de schutters van de burgerwacht. Rechts zijn musicerende en zingende engelen afgebeeld.


Gezicht vanuit de 3e Buurkerksteeg richting Zoudenbalchhuis aan de Donkerstraat.

De alom tegenwoordige Domtoren, gezien vanaf het Buurkerkhof.


Het Zoudenbalchhuis is rond 1467 gebouwd in de Donkerstraat en het bestaat uit meerdere, nog oudere, delen die vanaf de tuinkant nog steeds zichtbaar zijn. Het huis is vernoemd naar het patriciĂŤrsgeslacht Zoudenbalch, vanouds een van de machtigste families in de stad. Zij hebben het stadskasteel Oudaen laten bouwen. In 1903 raakte huis Zoudenbalch bij een brand ernstig beschadigd, vrijwel het hele interieur ging verloren. In 1905 volgde een restauratie onder leiding van de architect Pierre Cuypers.


Met een blik op de oude stadshaven, kwam aan de serie rondwandeling een einde. Mevr. Bogaers viel veel dank en een hartelijk applaus ten deel!


naar de website van HOVO Utrecht, www.hovoutrecht.nl naar de website van Levend Verleden Utrecht www.levendverledenutrecht.nl

Beschrijving van de cursus in het gidsje van HOVO Utrecht over de Zomercursus 2013

Rondleidingen…

Docent: Mw. dr. L.C.J.J. Bogaers. Zij is cultuurhistorica en directeur van ‘Levend Verleden Utrecht’ Een serie van vier bijeenkomsten waarin steeds weer een ander aspect van middeleeuws Utrecht centraal staat. Eerst duiken we in de geschiedenis van het Domplein, de Domkerk en het Domkapittel. In de volgende bijeenkomst staat de romaanse Pieterskerk centraal met alle informatie die dit bouwwerk te bieden heeft over de zogeheten memoriecultuur. Daarna bezoeken we een middeleeuwse parochiekerk: de Jacobikerk. Hier is de betrokkenheid van parochianen op alle mogelijke manieren zichtbaar: van de investeringen die zij ten behoeve van de kerk deden tot de plaats van broederschappen, gilden en kluizenaars, inclusief de grafcultuur. Tot slot maken we een wandeling door het middeleeuwse hart van Utrecht: de omgeving van de Buurkerk en het stadhuis. Hier lag de haven, hier waren de markten en hier stonden gasthuizen. De indrukken die we visueel en auditief opdoen geven een goede indruk van de religieuze beleving, de economische gedrevenheid en het bestuurlijk pragmatisme in het laatmiddeleeuwse Utrecht. mevr. Bogaers bij de uitgang van de Jacobikerk, na afloop van haar presentatie aldaar

'De schoonheid van middeleeuws Utrecht'  

Fotoverslag van de cursus van HOVO Utrecht, zomer 2013