ICTheek Magazine april 2018

Page 1

jaargang 2 / nummer 3 / april 2018 uitgave van slbdiensten • software Ên onderwijs. goed geregeld.

21st century skills: Bittere noodzaak of pure onzin?

Toekomst

Drie innovators aan het woord

Edyssee

Twee broers op zoek naar werelds onderwijs

AFAS Software

Bedrijven en opleidingen kunnen nog beter samenwerken


Inhoudsopgave

Gepersonaliseerd onderwijs motiveert alle betrokkenen

Drie innovators aan het woord Een onderzoeker, een toekomstarchitect uit het bedrijfsleven en een beleidsstrateeg geven hun mening over het onderwijs van de toekomst.

8

42 Dé school van de toekomst of een verkeerd geprogrammeerd idee?

18

“21st century skills bestaan helemaal niet” De voortdurende nadruk op ‘21st century skills’ brengt de positie van vakkennis in gevaar en heeft een negatieve invloed op de onderwijskwaliteit. Vinden de tegenstanders van 21st century skills.

Laat leerlingen de eigenaar van hun eigen leerproces zijn. Daar gaat het om bij gepersonaliseerd leren. Hoe doen ze dat op het Stella Maris College Meerssen-Valkenburg?

16

Ruimte voor verbetering in aansluiting onderwijs op bedrijfsleven “Bedrijven en opleidingen kunnen nog beter samenwerken”, zegt Britt Breure, HR-manager bij AFAS Software.

22

Twee broers op ontdekkingsreis in het teken van werelds onderwijs

20

Volg de broers Luuk en Erik Ex tijdens hun edyssee van Finland naar Singapore.

24

Colofon ICTheek Magazine is een uitgave van SLBdiensten. Software én Onderwijs. Goed geregeld. Uitgever: SLBdiensten Redactieadres: SLBdiensten, Kim Koster, Vierwindenstraat 149, 1013 LA Amsterdam, telefoon: 020 -4201396, e-mail: redactie@ictheek.nl, Redactie: Kim Koster en Nancy Schneider (SLBdiensten) , Aäron van der Sanden (Mediatic), Dennis Mensink (Mediatic), Joris Brussel (Mediatic), Katrien Baarendse (Mediatic), Koos Plegt (Mediatic). Vormgeving: Edward Ouwerkerk Opmaak: Edward Ouwerkerk en Barry Hage. Heeft u vragen of wilt u meer exemplaren ontvangen van ICTheek Magazine? Neem dan contact op via redactie@ictheek.nl. Kijk ook op www.ICTheek.nl voor meer achtergrondverhalen over ICT in het onderwijs.

2 ictheek magazine nummer 3 / april 2018


Voorwoord

Agenda

Leergierig? Laat je inspireren! 1 juni: Nederlands Kampioenschap Office

Innovatie in het onderwijs: nuance is een groot goed ‘Onderwijs heeft moeite om te innoveren’, hoor ik vaak. Daar zit misschien wat in. Een school die massaal overging op tablets ‘omdat iedereen dat deed, handelde niet vanuit een bepaalde visie. Aan de andere kant is puur het hebben van een innovatievisie ook geen recept voor succes. Maar er zijn wel heel veel zwartkijkers, die het gras bij de buren (lees: in andere sectoren) altijd groener vinden. Zij gaan voorbij aan de complexe situatie waarin het onderwijs zich bevindt. Het is niet eenvoudig om stevig te innoveren binnen de onderwijssector. Het is ook de vraag of het nodig is. Er zijn veel belanghebbenden. En het gaat wel om kinderen: daar kun je niet even mee gaan A/B-testen. Het afbreukrisico is te groot, wat innoveren erg lastig maakt. ICT biedt geen garantie voor beter onderwijs. Aan de andere kant is het buitensluiten van ICT – wat sommige scholen doen – overreacting. Helemaal niet innoveren is namelijk ook geen alternatief. Het gaat erom dat een school een gewogen, genuanceerd besluit neemt. Het is voor een onderwijsinstelling simpelweg niet mogelijk om zo snel te veranderen als de wereld waarin we leven. De lessen even aanpassen, zodat de leerling helemaal bij is op het gebied van de laatste innovaties, is er gewoon niet bij. Er moet immers wel een gedegen curriculum in elkaar worden gezet. Tegelijkertijd verwacht het bedrijfsleven wel dat een leerling of student helemaal van deze tijd is als hij zich vol goede moed meldt op de arbeidsmarkt. Dat vraagt om flexibiliteit, bij beide partijen. Vrijwel alle onderwijsbestuurders die ik ken, zijn bezig met het thema innovatie. Wat ik spannend vind als het gaat om innovatie in het onderwijs: komt deze van bovenaf of bottom-up? En wat is het effect van de manier waarop innovatie wordt doorgevoerd? In veel landen is het top-down van overheidswege georganiseerd. Ik vraag me af of dat het slimst is; op de werkvloer weet men wellicht het best wat wel en niet zou kunnen werken. Maar ook hier geldt: er is geen ultiem stappenplan. Nuance is een groot goed. Jeroen Borgsteede, algemeen directeur SLBdiensten

Slim.nl organiseert de vierde editie van het NK Office. Het vindt plaats op het ICT, Design & Media College in Amersfoort. Studenten in het vo en mbo gaan met elkaar de strijd aan om de titel Nederlands Kampioen Microsoft Office. De winnaar mag naar het WK in Orlando Amerika! Meer info op slim.nl/nkoffice

5 juni: Maak van Office365 je startpagina met Synigo Plus SLBdiensten organiseert op haar kantoor samen met Synigo en Breinwave een bijeenkomst over het gebruik van SynigoPulse. Docenten, leerlingen en medewerkers kunnen hiermee meer uit hun werk halen. Voor iedereen die met Office 365 werkt Inschrijven via slbdiensten.nl/agenda

6 juni: Nederlands Kampioenschap Adobe Slim.nl organiseert de tweede editie van het NK Adobe bij het Grafisch Lyceum Rotterdam. Wij nodigen creatieve studenten uit om met elkaar de strijd aan te gaan wie het beste is in de Adobe programma’s Illustrator, InDesign en/of Photoshop. De Nederlands Kampioen mag deze zomer naar de Wereldkampioenschappen Adobe in Orlando, Amerika. Meer weten? Check slim.nl/nkadobe Voor wie: instellingen die actief zijn met de Adobe certificering ACA (Adobe Certified Associate)

Het volledige overzicht van al onze evenementen vindt u op: www.slbdiensten.nl/agenda

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 3


ONTWERP IETS GENIAALS. BOUW IETS FANTASTISCH.

SketchUp Pro licenties voor educatief gebruik zijn verkrijgbaar bij

SketchUp Pro trainingen vindt u op

WWW.SKETCHUP.NL © 2018 Trimble • SketchUp, SketchUp Pro en het SketchUp logo zijn een geregisteerd handelsmerk van Trimble Navigation Limited.


De schoolkrant

Speciale actie:

Gratis training voor scholen met Microsoft-overeenkomst Eind december ging de nieuwe Microsoft-overeenkomst voor scholen van start. Nieuw is dat iedere vo-school bij deze overeenkomst een voucher voor een gratis Microsoftgerelateerde training heeft ontvangen. De vouchers vertegenwoordigen een waarde van 435 euro en zijn al massaal verzilverd. Hoe gaat dit in zijn werk? Bij iedere Microsoft basisovereenkomst zit een voucher voor een gratis training in een Microsoft-programma. Met de Microsoft basisovereenkomst heeft je school al een mooie verzameling programma’s in handen. Het doel van de trainingen is om scholen (nog) beter gebruik te laten maken van de mogelijkheden van de Microsoft-producten. De trainingen variëren van een introductie van Office 365 voor scholen die nog aan het begin staan tot het volledig werken in de cloud via Azure voor de meer gevorderde scholen.

Over training ‘Azure fundamentals’

“Wij gaan in de zomer beginnen met een verdere implementatie van Office365/Azure binnen de organisatie. Daarvoor kwam deze duidelijk kennismaking met de Azure training goed van pas.” Over training ‘Microsoft tools in relatie tot AVG’

“Als systeembeheerder/ projectdeelnemer AVG had ik behoefte aan meer (technische) kennis en tools.” “Vanuit mijn rol in de organisatie benieuwd naar de mogelijkheden van Azure/Office, en dergelijk om AVG compliant te worden :-)”

Je hebt de keuze uit de volgende vijf trainingen: 1. Office 365, van aanzetten tot inzetten. 2. Azure Fundamentals. 3. Beheer van (mobiele) devices en gebruikers met EM+S. 4. Office 365 – recente ontwikkelingen in het onderwijs. 5. Microsoft tools in relatie tot de AVG. Op dit moment hebben zich al 170 scholen aangemeld. Erwin Lauffer, Productmanager Trainingen bij SLBdiensten: “In maart waren we helemaal uitverkocht en ook april is op dit moment – medio maart – al vrijwel volgeboekt. De deelnemers zijn heel tevreden over de trainingen; we krijgen mooie cijfers. Het is aan te raden de vouchers te verzilveren.”

Over training ‘Beheer van (mobiele) devices en gebruikers met EM+S’

“Ik ga het geleerde gebruiken om mijn omgeving deels te gaan porteren naar een cloud omgeving. De kennis helpt mij bij het maken van een visie en migratie.” Over training ‘Office 365 – recente ontwikkelingen in het onderwijs’

“Kennis vergroten van Office 365 om zo iets voor te lopen op de medewerkers van onze stichting.” “Benieuwd wat de recente ontwikkelingen zijn en 365 net ingevoerd in onze organisatie.”

Meer info over de Microsoft voucher actie vind je op slimindeklas.nl/microsoft-voucher-actie.

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 5


Het rooster van

Raymond van den Berg werkt al vijftien jaar bij het Tabor College in Hoorn, waarvan de laatste vier jaar als hoofd ICT. Het Tabor College is een scholengemeenschap die bestaat uit drie vestigingen; stuk voor stuk iPadscholen. Alle circa 4.200 leerlingen doen hun schoolwerk op iPads en alle docenten hebben beschikking over iPads en Macbooks.

C.V. Leeftijd: 35 Woonplaats: Grootebroek Opleiding: Apple ACTC en ACSP systeem-/ netwerkbeheer MBO+ 7 & opleiding Middle Management Skills: Apple in het onderwijs, Apple iOS/Mac Os deployment MDM, VMware, Google G Suite, Windows Server / Active Directory Hobby’s: Lezen van IT vakbladen, auto’s en reizen Sterke punten: Snel schakelen, korte lijntjes en oplossingsgericht

6 ictheek magazine nummer 3 / april 2018


Het rooster van

Het rooster van…

Raymond van den Berg In de rubriek ‘Het rooster van’ geven we je een kijkje in het leven van een professional uit het onderwijs. Deze week werpen we een blik in het dagboek van Raymond van den Berg, Hoofd ICT bij het Tabor College in Hoorn. 8.32 uur “De dag begint goed met onze maandelijkse ICT-vergadering. Als hoofd ICT ben ik eindverantwoordelijk voor alles wat er op ICT-gebied gebeurt binnen onze school. Omdat ICT zich niet in een ivoren toren afspeelt, is er per schoollocatie een directielid die het onderwerp ICT in zijn portefeuille heeft. Leuk en leerzaam om te zien wat er in onze drie scholen speelt. Deze keer bespreken we onder andere hoe we ons voorbereiden op de AVG-wetgeving en hoe we de centrale uitlevering van iPads gaan vormgeven voor de brugklassers van het nieuwe schooljaar. Daarnaast biedt dit overleg veel ruimte om kennis uit te wisselen tussen en inspiratie op te doen van de drie locaties. Zo wil een directielid een extern persoon inhuren om ouders van onze leerlingen iets te vertellen over socialmediagebruik door jongeren. De oplossing blijkt echter sneller gevonden: er is een docent van een andere locatie die hier al eerder uitgebreid aandacht aan heeft besteed en deze kennis graag nog eens deelt.”

10.01 uur “Vanaf het hoofdkantoor van onze school fiets ik naar de nieuwe locatie van het Werenfridus; één van onze vestigingen. Het Werenfridus gaat verhuizen naar een gloednieuw gebouw. Dit is een behoorlijk project, waarin we slechts drie weken de tijd hebben om de hele school inclusief alle inboedel maar ook de hardware en ITinfrastructuren te verhuizen. Ik loop met de installateur voor een controle langs de nieuwe patchkasten. En met de glasvezelmonteur bepaal ik hoe het redundante 10 GBglasvezelnetwerk door het pand moet komen te lopen. Niet veel scholen beschikken al over zo’n snel netwerk. Maar als we toch een nieuw gebouw krijgen, willen we dit ook zo toekomstgericht mogelijk inrichten. Met in totaal 4.200 leerlingen die allemaal tegelijkertijd op hun iPad met allerlei

cloudapplicaties werken, is een foutloze wifi-omgeving noodzakelijk.”

11:59 uur “Terug op kantoor zit er een mailtje van Apple in mijn mailbox. Een paar leerlingen die later zijn ingestroomd dit schooljaar, hebben via onze schoolwebshop een iPad besteld. Apple stuurt me de informatie waarmee ik ze kan toevoegen aan Apple School Manager. Nog voor de iPads bij de leerlingen thuis bezorgd zijn, regel ik al dat ze zijn toegevoegd aan onze Apple Profile Manager. De benodigde apps verschijnen dan direct op hun nieuwe iPad als ze deze nieuw uit de doos halen. Hoe gaaf is dat?”

13:16 uur “Er zijn twee 3D-printers geleverd op proef. Aankomend schooljaar moeten onze vmbo-examenleerlingen tijdens hun examens techniek opdrachten kunnen uitvoeren met een 3D-printer. Om al te oefenen, begint een aantal leerlingen met uitproberen. Terwijl ik met de systeembeheerder een plan maak over het printergebruik, print een leerling als probeersel een look-a-like iPhone-hoesje uit. Mooie poging; alleen wel een te klein hoesje. Blijven oefenen dus!”

14:58– 16:39 uur “Ik heb met mijn directe ICT-collega een oplossing bedacht voor toetsafnames bij leerlingen met dyslexie. Door een aantal iPads geheel af te schermen, kunnen wij deze toetsvragen volledig laten voorlezen. Ik test samen met onze dyslexiecoach deze speciaal geprepareerde iPad’s en heb een handleiding gemaakt. De leerlingen in kwestie zijn reuze enthousiast! We hebben daarom vanmiddag besloten het betaalde dyslexieprogramma definitief op te zeggen en met deze dichtgetimmerde iPads verder te gaan.”

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 7


Onderwijsvernieuwer

Innovators aan het woord

Als we het hebben over toekomstige educatie lijkt ‘het onderwijs van 2020’ het toverwoord. Maar wacht eens even; 2020 is geen lichtjaren maar slechts twee jaar van nu verwijderd. Terwijl de onderwijsrobots en slimme studie-apps ons soms sneller om de oren vliegen dan we aan kunnen, wil niemand doof zijn voor toekomstmuziek. Want hoe ziet toekomstig onderwijs er uit? En wat hebben leerlingen de komende jaren écht nodig? In dit drieluik beantwoorden een onderzoeker, een toekomstarchitect uit het bedrijfsleven en een beleidsstrateeg deze vraag. Hun overeenkomst? Ze zijn alle drie onderwijsvernieuwers pur sang en absoluut niet bang om vooruit te kijken.

8 ictheek magazine nummer 3 / april 2018


Onderwijsvernieuwer

Arie van Bellen:

“Digiwijsheid nodig om de informatiesamenleving te begrijpen” Een achttienjarige jongen legde onlangs met een DDoS-aanval de Belastingdienst plat. En mogelijk zit hij achter DDoSaanvallen op grote Nederlandse banken. “Het is indrukwekkend dat een scholier zulke technische vaardigheden beheerst. Maar blijkbaar heeft hij geen enkel besef van de enorme schade aan de maatschappij die hij heeft aangericht. Juist dit maakt digitale opvoeding en ICT-bewustzijn in de huidige informatiemaatschappij belangrijker dan ooit.” Het zijn de woorden van Arie van Bellen, directeur van ECP | Platform voor de InformatieSamenleving.

“Big Data, blockchain, the Internet of Things. Zaken waar niemand twintig jaar geleden het bestaan van af wist. Dankzij razendsnelle digitalisering komt de technologie in deze en andere steeds nieuwe verschijningsvormen onze maatschappij binnenvliegen. En diezelfde digitalisering maakt ons kwetsbaar als we ons vast blijven houden aan traditionele regels en kaders.” Vanuit deze filosofie richtte Van Bellen het ECP op, samen met VNO-NCW en het ministerie van Economische Zaken. Het is een onafhankelijk platform waarbij kennis uitgewisseld wordt over nieuwe technologie en met name de impact er van op de samenleving. Van Bellen: “Bij de volgende oorlog die uitbreekt, komen er geen tanks en kanonnen aan te pas. Eerder hackers, virussen en cyberaanvallen. Hetzelfde geldt voor onze samenleving; de hele wereld evolueert in een digi-samenleving. En daarom is het belangrijk dat we niet alleen stilstaan bij de werking van de technologie, maar met name bij de gevolgen ervan voor ons handelen. En daar is een cruciale rol weggelegd voor het onderwijs. Want volstaan we ermee om iedere scholier lukraak te leren programmeren als het gaat om innovatief onderwijs? Of is het

beter om een school vol te zetten met ICT-hulpmiddelen of om een legertje informatica-docenten in te vliegen? En is daarmee de vraag uit het bedrijfsleven naar toekomstige ICT’ers goed gedekt? Het is lastig om uit deze vragensoep de belangrijke vragen en antwoorden te destilleren. Daarom komen bij het ECP bestuurders van de overheid, uit het zakenleven en maatschappelijke instellingen samen om de koppen bij elkaar te steken om hier over na te denken.”

Een driehoeksbotsing met vier uitwegen “Wat mij betreft laat het vraagstuk dat digitalisering met zich meebrengt zich omschrijven in drie factoren: • De disruptieve technologie, zoals big data, cryptovaluta tot en met de macht van een booking.com-website of de invloed van een goede hacker dicteren iedere dag onze kranten. • De domeinen waarin we leven: de gezondheidszorg, het zakenleven, het onderwijs, de openbare ruimte krijgen te maken met de hierboven beschreven technologie. We moeten daar allemaal op onze eigen manier iets mee. • De kaders en stelsels die onze domeinen ordenen zijn >>

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 9


Onderwijsvernieuwer

>> traditioneel en verticaal ingericht. Ons zorgstelsel houdt rekening met een patiënt die wordt geopereerd door een chirurg en niet door een snijrobot. En niet iedere agent is opgewassen tegen cybercrimes. Laat staan als die hacker ook het ziekenhuis hackt en vervolgens een bank. Dan komen domeinen opeens met elkaar in aanraking, omdat de techniek geen ouderwetse drempels kent. Om de bovenstaande drie machten aan elkaar te koppelen, hebben we educatieve kaders nodig die ons leren begrijpen hoe we hiermee omgaan. Anders botst de boel. Daarom pleit ik voor digitaal onderwijs op vier niveaus: • In het basis- en middelbaar onderwijs moeten kinderen digiwijsheid opdoen: leren programmeren en kennismaken met allerlei apparatuur. • In het beroepsonderwijs moeten de ICT-lessen meer verbonden worden aan de vraag vanuit het bedrijfsleven. Dit gebeurt nu niet goed genoeg, krijgen we bij het ECP veel te horen. • Maatschappijbreed: ‘gewone mensen’ die niets met data en technologie hebben, moeten worden bijgeschoold. • Op leiderschapsniveau: we hebben mensen nodig die getraind worden om hun leiderschap te ontwikkelen, zodat ze ons kunnen ondersteunen om ons leven lang te leren en mee te bewegen ondanks alle snelheid van de nieuwe technologie.”

“Bij de volgende oorlog die uitbreekt, komen er geen tanks en kanonnen aan te pas. Eerder hackers, virussen en cyberaanvallen” Topteam digiwijsheid nodig “Als je naar het huidige regeerakkoord kijkt, dan zie je op iedere bladzijde ‘digitaal’ staan. Maar in de praktijk is er geen regie op de digitalisering. Er had een grensoverschrijdend topteam tussen de departementen moeten komen die het dossier digiwijsheid vormgeeft. Gelukkig heeft de jeugd letterlijk de toekomst. Dat zo’n team er nog niet is, betekent niet dat dit er niet uiteindelijk op een dag zal komen, als het aan mij ligt. Samen digiwijzer is het motto.”

10 ictheek magazine nummer 3 / april 2018

25 mei 2018 is een datum die elke onderwijsorganisatie omcirkeld moet hebben. Het liefst vergezeld van een aantal uitroeptekens. Op die dag treedt namelijk de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) in werking. Deze wet heeft de nodige gevolgen voor organisaties die persoonsgegevens verwerken. Wat moet er op scholen gebeuren zodat zij over enkele maanden ‘AVG-proof’ zijn?


Onderwijsvernieuwer

Dhoya Snijders:

“De parels en rafelranden van toekomstig onderwijs in kaart brengen” Rekenrobots die je overhoren, zelfsprekende digitale lesboeken en leraren die alleen nog de accu’s van digitale onderwijsassistenten vervangen. We hebben geen glazen bol als het gaat om hoe de technologische toepassingen binnen het onderwijs zich de komende tientallen jaren ontwikkelen. Zelfs bij de Stichting Toekomstbeeld der Techniek (STT) hebben ze die niet. Maar met haar ‘domeinoverstijgende en interdisciplinaire toekomstverkenningen’ bestudeert ze wel welke ICT-ontwikkelingen er aan zitten te komen. En vooral wat de impact op onze samenleving zal zijn. Onderzoeker Dhoya Snijders focust zich hierbij op het leren van de toekomst. Snijders is projectmanager ‘Altijd bij de les’: “Een project dat tot juni 2018 loopt waarbij we kunstenaars, bestuurders en ICT-bedrijven binnen het onderwijs vragen om mee te denken over ontwikkelingen binnen EduTech; oftewel onderwijstechnologie. We hebben onlangs 66 topbestuurders en managers uit het bedrijfsleven, overheid, wetenschap en het maatschappelijk middenveld gevraagd naar hun toekomstverwachtingen binnen dit thema. De groep is technooptimistisch. Bijna 75 procent van alle ondervraagden gaat er van uit dat technologische ontwikkelingen in 2040 positief bijdragen aan het vermogen van de mens om te leren.” Het gros van de ondervraagden verwacht dat kunstmatige intelligentie, virtual reality en learning analytics (het meten en analyseren van leerlingen in een bepaalde context) de komende tien jaar een belangrijke impact zullen hebben op de manier waarop we leren. Ze verwachten dat papieren lesmateriaal volledig verdwijnt en dat programmeren in het middelbaar maar ook in het lager onderwijs een verplicht vak wordt. Ook wordt ‘Een leven lang leren’ officieel overheidsbeleid. Men verwacht hierbij dat voor 2030 persoonlijke digitale assistenten ons niet alleen één-op-één ondersteunen, maar ook met ons meegaan van opleiding naar opleiding. “Daar verbaasde ik me wel over”, vertelt Snijders, “maar dat klinkt niet eens verkeerd. Ik wil als onderzoeker natuurlijk ook altijd nieuwe kennis blijven opdoen en op een verantwoorde manier monitoren wat ik leer.”

Doemscenario’s Toch worden er ook doemscenario’s genoemd door deelnemers aan het onderzoek. Een aantal mensen gaat ervanuit dat onderwijs meer onpersoonlijk zal zijn, als we meer afhankelijk zullen zijn

van technologie. Ook verwachten ze dat leerlingen veel meer tijd online dan offline zullen besteden, waardoor hun praktische analoge vaardigheden nog meer achteruitgaan. Als gevolg daarvan vertrouwen we klakkeloos op robots en nemen ze misschien zelfs wel onze taken over. “Ik mag me als onderzoeker natuurlijk niet te veel mengen in de discussie die voortvloeit uit de resultaten van dit onderzoek. Maar ik kan me in veel verwachtingen van onze respondenten redelijk goed vinden. Hoewel ik niet verwacht dat analoge schoolboeken zo maar zullen verdwijnen. Een ‘boek erbij pakken’ is zoiets universeels; dat besteed je niet even uit. En robots nemen niet zo maar de banen over, want werk en onderwijs zullen altijd een menselijk empathisch aspect nodig hebben.”

“Robots maken ook fouten” “Wat ik vooral interessant vind, is de schaduwkant die EduTech met zich mee brengt”, erkent Snijders. “Er kan op technologisch gebied al veel, maar wat is nuttig? Technologie leidt tot nieuwe menselijke relaties en ook tot nieuwe mens-technologie relaties. En robots maken ook fouten. Zo was ik op een school waar een robot leerlingen overhoorde door hen wiskundevragen te stellen. Een leerling met een accent gaf alleen maar goede antwoorden, maar de onderwijsrobot keurde haar antwoorden systematisch af. Puur omdat deze digitale onderwijsassistent niet was ingericht op dit specifieke dialect. Het illustreert het feit dat we als mens niet simpel blind de technologie mogen volgen. En dat het ook belangrijk is dat we realistisch zijn over de mate waarin nieuwe technologie ook vraagt om nieuw soort gedrag. Op een school waar ik was, werden >>

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 11


Onderwijsvernieuwer

>> learning analytics ingezet. Hierbij wordt allerlei persoonlijke data over je vooropleiding en achtergrond meegenomen in leeranalyses en evaluaties van leerlingen. Een leerling met slechte cijfers woonde ver van deze school af. Een onderwijsassistent die zijn profiel analyseerde, had direct zijn conclusie gereed. De leerling moest verhuizen of een andere school zoeken. Deze conclusie is natuurlijk behoorlijk voorbarig en kort door de bocht, want er zijn misschien nog wel tien factoren die invloed hebben op zijn onderwijsprestaties. De les die ik uit dit voorbeeld haal, is dat we in een Big Data wereld allemaal moeten leren wat data betekent en hoe we het kunnen lezen. De uitkomsten van data-analyses kunnen hevige gevolgen hebben op je leven; je kunt niet iedere onderwijsassistent zonder training leerlingen laten beoordelen op basis van complexe onderzoeksstatistiek.”

“Een ‘boek erbij pakken’ is zoiets universeels; dat besteed je niet even uit.” “ICT-giganten stormen de klas binnen” Uit bronnenstudie en het onderzoek blijkt dat EduTech waarschijnlijk vooral positieve effecten op leren zal hebben. Het verhoogt naar verwachting het leerrendement, de personificatie en de kwaliteit van onderwijs. Snijders: “En door technologie steeds meer te betrekken in het klaslokaal sluit de wereld binnen de school ook steeds beter aan bij de wereld van de leerling buiten de klas. Want ze zijn thuis al zo met apps, mobieltjes en geavanceerde tools aan het experimenteren, dat er een mismatch ontstaat als daar niet in de klas op geanticipeerd wordt.” Maar het samenbrengen van deze werelden brengt volgens Snijders ook rafelrandjes met zich mee: “Zo krijgen enorme ICT-spelers steeds meer invloed in de klas. Dat hoeft geen vervelend vooruitzicht te zijn, maar we moeten wel rekening houden met het feit dat een softwareproducent, een leerling en bijvoorbeeld een informaticadocent alle drie een eigen belevingswereld hebben. Aangezien het onderwijs een publiek domein is, is het fijn als de leerling en docent centraal blijven staan. Daarom moeten we vol inzetten op technologie in het onderwijs, maar wel op een verantwoorde manier.” Het STT-project ‘Altijd bij de les’ sluit af met een onderwijsfestival begin juni. Hierbij tonen leerlingen van kunstacademies in de vorm van kunstuitingen hoe zij de toekomst van een leslokaal op onder andere de middelbare school er uit ziet. “Wellicht geeft het al een inkijkje in de school waar onze kleinkinderen naar toe gaan. De combinatie van kunst, wetenschap, technologie en vooruitkijken zal er in ieder geval voor zorgen dat het bijzonder wordt.”

12 ictheek magazine nummer 3 / april 2018

“Mijn zoontje van 4 jaar oud stond ooit voor de televisie en probeerde naar een andere zender te ‘swipen’. In plaats van hem te zeggen dat het niet zo werkt, legde ik hem uit dat televisies nog domme apparaten zijn. Want moeten we accepteren dat logge systemen de fantasie en vindingrijkheid van onze kinderen in de kiem smoren? Als het om ICT in het onderwijs gaat, schreeuwt het lessysteem om nieuwe experimenten.” Het is de boodschap van Rob Adams, directeur/ oprichter bij innovatiebureau Six Fingers. ‘Vernieuwen; zo kun je de filosofie van Adams het beste omschrijven. Adams: “Wij noemen ons toekomstarchitecten. Bedrijven uit heel diverse sectoren komen bij ons met een probleem waarbij ze de oplossing niet kunnen vinden in conventionele kaders. In plaats van het finetunen van bestaande mechanismen, gaan we experimenteren met volledig nieuwe oplossingen waarbij techniek indien nodig ingezet wordt. Vernieuwen in plaats van verbeteren dus.” Met deze bril kijkt Adams ook naar het Nederlandse basis- en middelbaar onderwijs. “Mijn dochter van tien moest voor het vak topografie allerlei kleine dorpjes in Friesland en Drenthe uit haar hoofd leren. Natuurlijk is iets uit je hoofd leren niet zinloos, maar laat het wel relevant zijn. Ik zou persoonlijk liever hebben dat ze leert om Google Maps te gebruiken. Nieuwe technieken zijn de basis voor veel vernieuwingen, dus voor onderwijs erg belangrijk. Toen ik onlangs een leerreis naar Silicon Valley organiseerde, zag ik dan ook mijn kans schoon. Ik nam een paar IT-lespakketjes mee terug, waarmee je aan de hand van een soort Lego-bouwstenen een auto kunt bouwen en programmeren. Ik gaf dit toffe studiemateriaal aan de leraar van mijn dochter. Drie maanden later zag ik dat de Lego enkel een laag stof had gevangen, terwijl de leerlingen nog wel druk bezig waren met dorpen uit hun hoofd te stampen. Dan denk ik: Man man man, waar zijn we in vredesnaam mee bezig? Krijgen kinderen van nu dan echt precies hetzelfde onderwijs dat ik dertig jaar geleden kreeg? Zijn we dan echt zo bang voor vooruitgang en vernieuwing?” Bovenstaand voorbeeld illustreert voor Adams dat er in het onderwijs vaak niet wordt gekeken naar wat de behoefte van de toekomstige maatschappij is, maar puur naar wat men van huis uit gewend is. “En dat is toch raar? Je zou in de zorg moeten komen aanzetten bij een patiënt met de boodschap dat je systemen uit de jaren tachtig gebruikt. Puur omdat je geen tijd hebt om je te verdiepen in een digitale thermometer of een nieuwerwetse defibrillator. Daar word je zo voor aangeklaagd. Maar in het onderwijs is het schijnbaar de normaalste zaak van de wereld.”

Ontmantel het geaccrediteerde studiesysteem Geaccrediteerde opleidingen bestaan volgens Adams bij de gratie van het in stand houden van het huidige systeem: “Docenten wentelen


Onderwijsvernieuwer

Rob Adams:

“Zonder experimenteren blijft middelbaar onderwijs in de vorige eeuw hangen” zich in een comfortzone waar ze aan gewend zijn geraakt. En als ze wel willen vernieuwen, is er een ouderwetse accreditatiecommissie die in de weg staat. Vernieuwing slaat vervolgens dood. Onder andere doordat opleidingsvoorstellen blijven hangen bij accreditatiecommissies die vernieuwing proberen te vangen in hun ouderwets denkkader. Leren nu is écht anders dan 30 jaar geleden, maar het lijkt wel of dat besef er niet is.” Hij stelt dat leerlingen nu vaak al meer kennis op het gebied van ICT hebben dan hun docenten. “Als we verwachten dat ze over vijftien jaar het stokje van de docent overnemen of het bedrijfsleven instappen dan moeten we hun ontdekkingsdrang niet negeren, maar omarmen.” Het accreditatiesysteem loslaten vindt deze toekomstvernieuwer hierbij de eerste stap. “Kijk naar enkele IT-opleidingen in Silicon Valley; deze zijn niet geaccrediteerd (zie ook het artikel over Ecole 42 op pagina 18). Maar de eerste programmeurs die van deze scholen afkomen, zijn wel knettergoed in wat ze doen. Als zij bij ons kantoor zouden willen werken, zou ik ze aannemen ondanks het gebrek aan rechtsgeldigheid van hun studie. Want vraag je eens af: willen we volgende generaties klaarstomen om als autonome ontdekkingsreizigers werk te doen op basis van toekomstbestendige vaardigheden? Of willen we dat ze met een achterstand van school komen, omdat we gewend zijn geraakt aan de wurggreep van het traditionele schoolsysteem? Dat mensen die worden aangenomen als schooldirecteur niet per se extreme vernieuwers zijn, mag hierbij geen excuus zijn. Gelukkig hoor ik in de wandelgangen wel vaak dat onderwijzers openstaan voor vernieuwing.”

Scholieren als spiegel voor innovatie “Het zal duidelijk zijn; mijn handen jeuken om me te bemoeien met een onderwijsoplossing. Ik zou een paar middelbare scholen uitkiezen en met hen nagaan waar het in onze toekomst naar toegaat. Geef de leerlingen alle ruimte om met de trends die ze tof vinden aan de slag te gaan en te kijken waar hun expertise ligt. Kom maar met je frisse blik en je ongeremde vindingrijkheid. Neem het voorbeeld van de eerste auto. Die zag eruit als een soort paardenkar met motor. De uitvinders hadden immers de paardenkar als voorbeeld. Pas toen er een generatie ging

ontwerpen zonder een paardenkar gezien te hebben, werd het ontwerp echt vernieuwend. Dit onbevangen inzicht is de sleutel voor onderwijsinnovatie. Laat het vermogen tot dit inzicht nu net de kracht zijn die scholieren met zich mee brengen. Nu alleen nog benutten.” Adams benadrukt dat hij absoluut niet cynisch, pessimistisch of populistisch wilt overkomen als het gaat om onderwijsinnovaties. “Ik gun mijn kinderen en überhaupt de hele huidige generatie het best mogelijke onderwijs. En ik gun ons eigen bedrijf opvolgers die zich niet verstoppen voor oplossingsgericht denken. Ik wil leerlingen stimuleren om oplossingen te bedenken waarbij ze alle techniek mogen inzetten die er voor handen is. En dat als de techniek die ze nodig hebben nog niet bestaat, ze deze simpelweg zelf bedenken. Alleen scholieren die met deze mindset van school komen, zou ik de toekomst in het algemeen en specifiek de toekomst van Six Fingers toevertrouwen.”

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 13


CONNECTING PEOPLE, PLACES, AND THINGS Veilige toegang, support op afstand en online samenwerken ONLINE VERGADEREN EN SAMENWERKEN Met TeamViewer ondersteunt, helpt en reageert u op collega’s en werkt u met hen samen. Ga online vergaderen, trainen of presentaties geven. Deze tool maakt het mogelijk om te werken alsof u in dezelfde ruimte zit, maar dan zonder reistijd- en kosten.

HOGE BEVEILIGING TeamViewer maakt gebruik van RSA 2048-uitwisseling, AES (256 bit) end-toend sessiecodering, willekeurige wachtwoorden voor 1-malige toegang, optionele tweeledige authentificatiemethode en toegangsbeheer via zwarte en witte lijsten.

WERK OP AFSTAND U lost op afstand problemen bij collega’s binnen enkele seconden op. U kunt op het scherm meekijken of het zelfs overnemen. TeamViewer werkt op een groot aantal besturingssystemen en is dankzij het moderne gebruikersinterface gemakkelijk en snel te bedienen.

ONDERSTEUNING MOBIELE APPARATEN Maak eenvoudig verbinding met of vanaf Android, iOS, Windows of BlackBerry-apparaten. TeamViewer werkt op alle platformen en biedt ondersteuning voor Windows, macOS, Linux, Chrome OS, iOS, Android, Windows Universal Platform en BlackBerry.

Uw voordelen met TeamViewer Maximale compatibilitiet: flexibiliteit in platformen Grenzeloze connectiviteit: altijd en overal Ongekende productiviteit: vergaderen, ondersteunen en samenwerken Uitgebreide zekerheid: altijd beveiligde verbindingen

De juiste licentie voor uw situatie BUSINESS Gebruik de licentie op maximaal drie verschillende apparaten.

PREMIUM Max. 50 licentiegebruikers kunnen met een kanaal overal verbinden met een onbeperkt aantal apparaten.

CORPORATE ENTERPRISE Esther Klaster werkt als Max. 200 adviseur samenwerken en Het beheer van licentiegebruikers netwerken bij Common grote complexe ITEye.elke Zij promoveerde infrastructuren vereist kunnen vanaf cum laude op een locatie verbinding individuele oplossingen. proefschrift over regionale maken met drie kanalen Optimaal bij meer dan netwerken op de met een onbeperkt 200 gebruikers, waarvan beleidsterreinen onderwijs aantal apparaten. 12 gelijktijdig en 1.000 + en arbeidsmarkt. beheerde apparaten.

https://www.teamviewer.com/nl/


Update > IPON

Leraren en tech-bedrijven zetten samen een stap in de toekomst Een proeverij op het gebied van toekomstig onderwijs, met veel ontwikkelingen en ontdekkingen op de menukaart. Zo liet de IPON 2018 in de Jaarbeurs Utrecht afgelopen 7 en 8 februari zich het beste omschrijven. Middelbare-schooldocenten en technologieexperts kwamen er bij elkaar om de toekomst te verkennen.

Na binnenkomst van de tot onderwijswalhalla omgetoverde beurshal; was het net alsof je in een tijdmachine van Back to the Futureachtige proporties had gezeten. Dit magische voertuig was ook op de beurs aanwezig, dus dat beloofde veel. De tijdreis die men tijdens de IPON kon maken, had alleen geen bestemming in het verleden, maar juist in de toekomst. We stapten binnen in een futuristische wereld waarin robots op commando danspasjes oefenden en bezoekers door een VR-bril keken naar de mogelijkheden van de toekomst. HoLolenzen, SMARTboards en andere technologische hoogstandjes die het onderwijs kunnen verrijken werden gedemonstreerd. En de tijdreis waar de IPON voor staat, had ook een hele duidelijke geografische bestemming. Gastspreekster Deborah Carter computerwetenschapsexpert bij NewTechKids – opende het evenement. Ze vertelde over hoe we nog veel van Silicon Valley kunnen leren, als het gaat om de betekenis van techniek voor het middelbare onderwijs.

Elkaar inspireren Het viel op met hoeveel enthousiasme docenten elkaar inspireerden en tips gaven. De beurs stond in het teken van exploratie van nieuwe technieken en het aanwakkeren van discussie over de mogelijkheden. Docenten en techneuten gaven elkaar handvatten om eenvoudig de techniek in het onderwijs op te nemen.

SLBdiensten liet bezoekers van de IPON kennismaken met de HoloLens.

geven de mogelijkheid om atomen en moleculen inzichtelijk te maken en de planeten van de Melkweg via een spel aan te leren.

Vervanging versus toevoeging Potentiële digitale genieën Scholieren moeten kennismaken met de mogelijkheden maar ook de gevaren van online toepassingen. Zij weten nog niet welk beroep ze later gaan beoefenen maar het is vrij zeker dat ze er IT-vaardigheden bij nodig hebben. Ook bleek dat de kennis van de leerlingen soms wordt overschat. Docenten moeten uitleggen hoe ze een nieuwe pagina moeten invoegen in Word, terwijl ze dachten dat leerlingen de basis wel wisten. Leerlingen die in deze tijd worden geboren zijn niet per definitie digitaal vaardig, ze hebben veel potentie om dit te worden met de juiste begeleiding en tools. Door bijvoorbeeld een Microsoft Office Specialist-certificering (in jargon ‘MOS’) te halen krijgen leerlingen deze IT-vaardigheden die altijd van pas zullen komen. Dat kan al eenvoudig met de begeleiding van SLBdiensten. De robot van robotsindeklas.nl biedt een eenvoudige en leuke introductie om leerlingen de basis van programmeren mee te geven. SMARTboards

Wat essentieel is bij de overgang naar het digitale onderwijs, is dat het geen vervanging van regulier onderwijs of het klassikaal werken met boeken is. Het is een toevoeging. Scholen moeten op zoek naar de balans tussen offline en online leren. Dat is een veel gehoorde conclusie die onderwijsinnovators, aanwezige docenten en overige beursbezoekers met elkaar eens zijn. Een docent vertelde dat leerlingen online duo’s mochten maken voor een opdracht; leerlingen zagen dit als een tool en niet een communicatiemiddel. De leerlingen in de klas draaiden zich om naar hun maatjes en vroegen: ‘Zullen wij samenwerken? Dan nodig ik je nu online uit!’ De dansende robot zal ook niet de wiskundeles overnemen, maar is een ondersteuning om online mogelijkheden en het digitaal denken in de klas te introduceren. De boeken hoeven dan ook gelukkig niet op de brandstapel; de combinatie van lessen, boeken en digitale toepassingen vormen de kracht van het onderwijs van de toekomst.

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 15


Leren leren

Gepersonaliseerd onderwijs motiveert alle betrokkenen Leerlingen de eigenaar van hun leerproces laten zijn: daar draait het om bij gepersonaliseerd leren. Harold Limpens, docent en projectmanager Innovatie bij het Stella Maris College MeerssenValkenburg, ging naar Zweden om te zien hoe het onderwijs daar werd ingericht en kwam met tassen vol inspiratie terug. Hij coรถrdineert het gepersonaliseerd leren op zijn school en ziet dagelijks wat voor verschil het maakt. 16 ictheek magazine nummer 3 / april 2018


Leren leren

Het is nu zo’n drie jaar geleden dat het Stella Maris College, met locaties in zowel Meerssen als Valkenburg, het huidige onderwijssysteem grondig begon te analyseren. Harold Limpens, als docent en projectleider Gepersonaliseerd Leren werkzaam op het Stella Maris College: “Gesprekken met collega’s, waar onder ander het motivatieproblemen van leerlingen ter sprake kwam, gecombineerd met een externe analyse, overtuigden ons van het feit dat er iets moest veranderen.” Gestuurd door verhalen van mede-docenten en andere scholen toog Limpens naar Zweden, om te zien hoe daar kinderen werden onderwezen. Wat hij daar zag, opende hem de ogen. Limpens: “Kinderen waren bewust met leren bezig en voerden onder begeleiding hun schooltaken uit. Ik kwam helemaal enthousiast terug!”

Kunskapsskolan Vóór zijn reis naar Scandinavië was al duidelijk dat de benadering van de Zweedse Kunskapsskolan (wat vrij vertaald “Kenniskundeschool” betekent) weleens aan zou kunnen sluiten bij de onderwijsvisie die het Stella Maris College voor ogen had. Limpens: “Het onderwijs van de Kunskapsskolan is gebouwd op vier pijlers. Allereerst is ieder kind anders en moet het onderwijs dat deze leerling volgt daarop aansluiten. Daarnaast moeten kinderen worden uitgedaagd, waarbij het hokjesdenken in het onderwijs, gebaseerd op onderwijsniveaus, overboord moet. Ook moet het onderwijs de leerlingen intrinsiek motiveren: de motivatie moet van binnenuit komen. Kinderen moeten niet willen leren omdat de leraren of ouders dit zeggen, maar omdat ze dit zélf willen. Daarnaast leer je niet alleen op school: leren doe je je leven lang.” Teruggekeerd van zijn reis naar Zweden begon hij ook anderen te enthousiasmeren en collega’s mee te nemen naar Nederlandse scholen waar de visie van Kunskapsskolan al werd toegepast. Limpens: “Kunskapsskolan Nederland is inmiddels een belangrijke partner van ons in het vormgeven van ons Gepersonaliseerd Leren.”

Limpens: “Momenteel zijn er veel medewerkers ziek. Dan leggen we aan de leerlingen voor: wat heeft dit voor invloed op jullie planning? Wat kunnen jullie nu al doen, zonder deze vakspecialist?”

Leerdoelen De coaches hanteren geen lesmethoden, maar leerdoelen, die door Kunskapsskolan Nederland zijn vormgegeven. “Binnen het gepersonaliseerd leren spiegelen onze leerlingen zich continu aan deze leerdoelen. Heb je het gevoel dat je je leerdoel hebt bereikt? Dan komt er een evaluatie, in de vorm van bijvoorbeeld een filmpje, een presentatie of een moodboard.” Op de vraag of dit type onderwijs geschikt is voor álle leerlingen, moet Limpens lachen. “Dat is een vraag die ik van iedereen krijg. In theorie zou ieder kind aan de hand van gepersonaliseerd leren aan de slag kunnen. Coaches hebben per kind maar beperkt de tijd om diegene te begeleiden: gemiddeld zo’n vijftien minuten per week. Voor leerlingen die veel meer persoonlijke begeleiding nodig hebben is gepersonaliseerd leren nog niet geschikt.”

“De keuze voor gepersonaliseerd leren heeft behoorlijk wat voeten in de aarde.” Niet ieder kind past binnen het systeem, maar hetzelfde geldt voor de ouders. “Die hebben vaak toch een bepaald beeld bij middelbaar onderwijs, gebaseerd op cijfers en rapporten. Tijdens informatieavonden leg ik hen voor: wat wéét je als je de cijfers van je kinderen ziet? Dat hij of zij een voldoende heeft inderdaad. Maar wat wéét je nu van hetgeen je kind heeft geleerd? Dan blijft het stil.”

Coach Want de keuze voor gepersonaliseerd leren heeft behoorlijk wat voeten in de aarde gehad. Niet alleen voor de leerlingen, maar ook voor de docenten en de fysieke onderwijslocaties zelf. Limpens: “Er moesten leerpleinen komen in onze schoolgebouwen.” Gepersonaliseerd leren betekent immers ook open leeromgevingen creëren, waar leerlingen en docenten elkaar kunnen treffen en samenzitten. Oh ja, docenten... De klassikale lesgever van weleer is binnen het gepersonaliseerd leren van het Stella Maris College vervangen door een ‘coach’. Limpens: “Als coach heb je verschillende hoedanigheden. Je bent allereerst een vakspecialist, die in gesprek gaat met de leerlingen. ‘Wat begrijp je dan precies niet?’ Niet direct beginnen met uitleggen dus, maar vragen stellen is het devies. Na een paar vragen is de leerling vaak al in staat om de vraag die hij of zij heeft gesteld zélf te beantwoorden.” Daarnaast is de leraar ook een persoonlijke coach, die vijftien minuten per week met ieder kind samenzit en de voortgang bespreekt en afspraken maakt. Iedere dag begint daarnaast met het coachen van de ‘basisgroep’: een zestiental leerlingen waar de coach mee in conclaaf gaat.

Eigenaarschap Met Gepersonaliseerd Leren worden leerlingen echt eigenaar van hun onderwijsproces. Limpens: “En eigenaarschap, dáár draait het om. Door leerlingen eigenaar te maken van hun leerproces staan ze er ook echt achter en gaan ze er zelfstandig mee aan de slag.”

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 17


ICTrends

dĂŠ school van de toekomst of een verkeerd geprogrammeerd idee? 18 ictheek magazine nummer 3 / april 2018


ICTrends 42 - niet te verwarren met het Spaanse Licór 43 – is een getal met steeds meer impact. Het staat voor sommige mensen wel symbool voor katers of lange nachten doorhalen, maar hier komt geen sterke drank aan te pas. Hooguit energiedrankjes, fluisteren haar studenten voorzichtig in artikelen over dit onderwijsfenomeen. Maar wat is dat geheimzinnige 42 toch precies?

Laten we beginnen bij het begin; 42 is een programmeerschool in Parijs die in 2013 is opgericht door Xavier Niel, miljardair en oprichter van een Frans telecombedrijf. Hij wilde met zijn vermogen een disruptieve programmeeropleiding neerzetten, waarmee hij mensen de mogelijkheid wilde bieden om zonder financiële barrières een goede programmeeropleiding te kunnen volgen.

Project based learning Studenten bij 42 kunnen zelf bepalen welke projecten ze oppakken en werken vervolgens samen. Hierbij worden ze ondersteund vanuit een e-learning omgeving waarin ze ook hun resultaten aanbieden, elkaar helpen en waarmee ze punten kunnen verdienen. Hierbij beoordelen ze elkaars bijdrage aan de groepsinspanningen. Na afronding van een project stroom je door in het volgende project, en werk je weer samen met andere leerlingen. Zo werk je je in je eigen tempo door de opleiding heen.

Geen curriculum en geen docenten Er is geen vast curriculum en er zijn geen vooraf beschreven einddoelen of -eisen. De opleiding richt zich ook niet op een formeel ‘diploma’. Door de jaren heen ontwikkelt het curriculum zich; zo is men in staat 42 actueel te houden en aan te sluiten bij de huidig gangbare techniek en marktvraag. Een student is ‘klaar’ als er 21 projecten zijn afgerond. Doordat de programma’s digitaal aangeboden en gemonitord worden en leerlingen zelf teams vormen en zich door de projecten heen werken, is er nauwelijks personeel en sowieso geen docenten. Er zijn hooguit een paar begeleiders waar de leerlingen bij terecht kunnen.

Studenten staan in de rij Mensen die geïnteresseerd zijn, moeten een online intake doen. Na deze ronde word je mogelijk uitgenodigd voor een intensieve programmeerbootcamp die ze ‘Piscine’ (Frans voor zwembad) noemen. De studenten die deze fase goed doorkomen, worden uitgenodigd voor het drie- tot vijfjarige hoofdprogramma. Je hoeft overigens geen regel te kunnen coderen voor je begint. Wel moet je talent hebben, sterk gemotiveerd zijn en uithoudingsvermogen hebben.

Vibe Jeroen Borgsteede – directeur van SLBdiensten – bezocht in SiliconValley een vestiging van 42 die daar in 2016 is opgericht. Hij sprak meerdere leerlingen van 42 Silicon Valley; zoals deze locatie heet. In de afgelopen twee jaar meldden zich daar maar liefst 150.000 leerlingen aan, waarvan er 3.000 werden toegelaten. Borgsteede: “Een ochtendje op bezoek bij 42 Silicon Valley gaf

me stof tot nadenken. Hoewel de leerlingen veel enthousiasme en motivatie uitstraalden, was de ambiance apart te noemen. 42 Silicon Valley is gevestigd in een pand zonder enige uitstraling in een omgeving waar niets te doen is. Op basis van wat je van buiten ziet, is er weinig om enthousiast over te worden. Maar het vuur in de ogen van de leerlingen en hun drive om te slagen maakt veel energie los. De leerlingen zijn er van overtuigd dat ze met deze opleiding een (goed betaalde) baan kunnen krijgen bij een IT-bedrijf in Silicon Valley. Sommigen dromen van een startup, anderen hopen bij één van de top vijf tech-bedrijven in Sillicon Valley (Google, Facebook, Microsoft, Amazon of Apple) aan de slag te gaan. En dat is niet eens een gekke gedachte. Ook al zijn er in de VS nog geen leerlingen ‘klaar’; er wordt al stevig gescout.”

Gratis? Waar zit het addertje? In de VS is een goede opleiding al snel erg kostbaar. Een aantal studenten gaf dan ook aan dat ze vooraf flink twijfelden of ze moesten geloven dat een 42-opleiding kosteloos is. Toch is dat echt zo. Er hoeft geen schoolgeld of een vergoeding voor boeken of computers betaald te worden. En zelfs onderdak wordt kosteloos gefaciliteerd. Ook hoeven de leerlingen niet verplicht na afloop een paar jaar voor niets te werken en ze hoeven ook geen afstand te doen van hetgeen ze coderen.

Is het 42-concept ook geschikt voor Nederland? Voor de Amerikaanse studenten is het vooruitzicht van een goede opleiding zonder torenhoge studieschuld een lot uit de loterij. In Nederland is het onderwijs veel minder kostbaar. De 42 Silicon Valley-opleiding richt zich niet op een door de overheid geaccrediteerd diploma, maar simpelweg op de vraag vanuit het bedrijfsleven. Borgsteede vraagt zich daarom oprecht af of de 42-filosofie bij Nederland past. Rekening houdend met leerlingen die leerplichtig zijn, omdat ze nog geen startkwalificatie hebben, biedt deze oplossing mogelijk uitkomst. Maar het vergt wel een financiële impuls, zonder verwachte tegenprestatie. Een gift dus. Nu nog een vermogende (IT-)ondernemer vinden die een soortgelijk initiatief op zijn of haar bucketlist heeft staan…”

Waarom 42? De liefhebbers van het boek The Hitchhiker’s Guide to the Galaxy herkennen het meteen: 42 is in Douglas Adams’ bestseller het antwoord op ‘the ultimate question of life, the universe and everything…’ Maar is 42 in de praktijk ook daadwerkelijk het antwoord op al onze levensvragen en de oplossing voor al het toekomstig onderwijs van de toekomst? Maybe in a galaxy far away…

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 19


In de aula

“21st century skills bestaan helemaal niet” Met het tempo waarin de wereld zich ontwikkelt, is vandaag opgedane kennis morgen alweer achterhaald. Vanuit deze gedachte leggen onderwijsinstellingen en de overheid steeds meer nadruk op het aanleren van ‘21st century skills’ zoals creativiteit en samenwerken. Toch is er ook een tegengeluid: de voortdurende nadruk op deze generieke vaardigheden brengt de positie van vakkennis in gevaar en heeft een negatieve invloed op de onderwijskwaliteit.

Deze stelling is afkomstig van Erik Meester, Sarah Bergsen en Paul A. Kirschner in een spraakmakend artikel in het decembernummer van THM&HA (Tijdschrift voor Hoger Onderwijs & Management), dat ook te vinden is op het blog van Kirschner. Het artikel werd meer dan 10.000 keer gelezen en het regende reacties uit het onderwijs. “Het idee dat wij tegen innovatie zouden zijn, is in ieder geval onjuist”, verduidelijkt Meester, in het dagelijks leven organisatie- en onderwijsadviseur en verbonden aan Academica Business College in Amsterdam. Bergsen is onderwijskundig docent en onderzoeksbegeleider aan de Fontys Hogeschool Kind en Educatie en Kirschner universiteitshoogleraar aan de Open Universiteit. “Ons betoog is juist een pleidooi voor onderwijsvernieuwing en -verbetering. Maar begin nu eens bij wat we al weten over goed onderwijs.”

Generieke vaardigheden niet aan te leren Wat is er nu precies aan de hand? Het begrip ‘21e-eeuwse vaardigheden’ rukt op in het (inter)nationale onderwijs. Onder meer de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling), het Nederlandse ministerie voor Onderwijs, Het Nationaal Regieorgaan

20 ictheek magazine nummer 3 / april 2018

Onderwijsonderzoek (NRO) en de Sociaal-Economische Raad (SER) pleiten in rapporten en andere publicaties voor het aanleren van generieke vaardigheden. Dit zou leerlingen beter voorbereiden op hun toekomst dan het aanleren van snel verouderende feitelijke kennis die nu toch voor iedereen gemakkelijk toegankelijk is via het internet. Meester, Bergsen en Kirschner zijn echter van mening dat deze generieke vaardigheden niet bestaan en daarom ook niet aan zijn te leren. “Creativiteit is bijvoorbeeld helemaal geen vaardigheid”; zegt Kirschner. “Het is heel moeilijk om creatief te schilderen als je niks weet van schilderen. Of een creatieve schaakoplossing te bedenken zonder kennis van stukken, strategieën en zetten.” Juist daarom is het zo gek dat veel scholen leerlingen zelf alles laten uitzoeken. Imiteren (of beter gezegd: modelleren) is een biologisch primaire manier van leren. Een baby doet dat zonder enige bewuste inbreng. Kennis verandert bovendien niet zo snel als men soms stelt. “De stelling van Pythagoras geldt nog steeds en ook het aantal atomen in waterstof of stikstof blijft onveranderd. Wat wel gebeurt, is dat er een toename van aanwezige informatie is. De maatschappij gaat verder en er


In de aula

Links: Erik Meester: “Vaardigheden zijn het gevolg van kennis” Rechts: Paul Kirschner: “Een echte vakman of -vrouw is op alle gebieden expert”

worden nieuwe dingen uitgevonden. Dat betekent nog niet dat eerder opgedane kennis onbruikbaar of ongeldig is. Integendeel; vaak is het juist de basis om de nieuwe dingen te begrijpen.”

Directe instructie blijft essentieel Veel scholen organiseren ‘hackathons’ en ‘learning expeditions’ of richten ‘fablabs’ in waardoor leerlingen 21st century skills kunnen aanleren. Heeft dit eigenlijk wel zin? Meester: “Veel reacties op ons artikel gingen erover dat het ons alleen om kennis gaat. Dat is niet waar. We stellen juist dat kennis en vaardigheden onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Vaardigheden zijn het gevolg van kennis. Kennis kun je onderwijzen en de vaardigheden moet je vervolgens doelgericht laten inoefenen.” Directe instructie heeft nog altijd een belangrijke plek in het pedagogisch-didactische arsenaal van de docent, vindt Kirschner. “Iedereen heeft er een hekel aan, maar het ‘probleem’ is alleen dat het werkt. De docent begeleidt als expert de leerling naar het stadium waarin deze een taak zelfstandig kan uitoefenen, maar zeker in het beginstadium hoort daar veel uitleg en ondersteuning bij.” Binnen onderwijsvernieuwing is ICT niets meer en minder dan gereedschap. Kirschner: “Mensen die bijvoorbeeld niet geleerd hebben om een goede voordracht te houden, worden niet geholpen door PowerPoint. En kennis is misschien overal op internet aanwezig, maar zonder goede onderzoeksvaardigheden aan te leren, ga je niet vinden

wat je zoekt.” Kirschner trekt graag de vergelijking met het koksvak, dat hij in het verleden uitoefende. “Een goede kok is expert op drie gebieden: ingrediënten, gereedschappen en techniek. Voor de docent geldt hetzelfde: met de vakinhoudelijke kennis als ingrediënten, middelen zoals ICT als gereedschap en de pedagogisch-didactische vaardigheden als technieken. Een echte vakman of -vrouw is op alle gebieden expert.”

Investeer in vakmanschap Kortom: het roer moet volgens Meester, Bergsen en Kirschner dus helemaal niet om in het onderwijs. Wat wel moet gebeuren, is meer investeren in de kwaliteit van het onderwijs. “En dan met name investeren in het vakmanschap van de docent binnen professionele leergroepen, ondersteund vanuit effectief leiderschap. Dat geldt voor het WO en HBO, maar ook voor het voortgezet onderwijs en het basisonderwijs”, stelt Meester. “Scholen die hier een expliciet beleidspunt van maken, zien dit ook terug in betere leerprestaties. “Er is overweldigend wetenschappelijk bewijs dat het didactische repertoire een van de meest bepalende factoren voor de leerprestaties van leerlingen en de kwaliteit van het onderwijs is. Waarom besteden docententeams niet meer tijd en aandacht aan het doelgericht oefenen en verbeteren van instructietechnieken en feedback? Dit gebeurt nu slechts heel incidenteel, maar scholen die er aandacht aan besteden maken enorme sprongen in hun onderwijskwaliteit.”

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 21


Spreekbeurt

Ruimte voor verbetering in aansluiting onderwijs op bedrijfsleven Onderwijsvernieuwing en -innovatie zijn natuurlijk een taak van de onderwijsinstituten zelf, maar een school bereidt leerlingen ook voor op het werkzame leven. Hoe kijkt het bedrijfsleven aan tegen het onderwijs in Nederland? Britt Breure, HR-manager bij AFAS Software ziet ruimte voor verbetering: “Bedrijven en opleidingen kunnen nog beter samenwerken. Opleidingen hebben vaak moeite om bij te blijven in de snel veranderende IT-markt. Bovendien worden momenteel te veel studenten opgeleid in de breedte in plaats van in een bepaalde expertise.”

AFAS Software is allesbehalve een saaie speler op het gebied van softwareontwikkeling. Het bedrijf ontwikkelt ERP-software voor zowel de zakelijke als de consumentenmarkt. De onderneming is bekend van de sponsoring van AFAS Live, voetbalclub AZ en het AFAS Circustheater in Scheveningen. Het is een bedrijf met een bijzondere bedrijfscultuur: je houdt ervan of je vindt het niets, een middenweg is er niet. Vooropleiding is daarom niet alleen zaligmakend bij het aannamebeleid, het gaat ook om de klik. Onder medewerkers zitten afgestudeerden aan de Hogere Hotelschool, piloten en psychologen.

dan twee vakken op de hogeschool en brengen de rest van de tijd fulltime bij de Leusdense automatiseerder door om te werken aan specifieke opdrachten. Ze leren er presentatietechnieken, samenwerken en krijgen een grote verantwoordelijkheid. Breure: “Voor de student werkt dat heel fijn. En wij kunnen met eigen ogen zien hoe ze zich ontwikkelen. De modellen kennen ze wel. Maar hoe je bepaalde trajecten aanvliegt, jezelf presenteert en op een goede manier lef toont: dat leren ze minder. Niet alleen AFAS, maar ook andere bedrijven zijn juist ook op zoek naar deze ‘soft skills’.”

Link met het bedrijfsleven vaak minimaal

Ook bedrijfsleven heeft nog slag te slaan

Breure ziet duidelijk verbetermogelijkheden voor het onderwijs. “De link met het bedrijfsleven is vaak minimaal. Bedrijfskundige kennis en proceskennis ontbreken bij pas afgestudeerden in een specialistische richting. Wat scholen verwachten – kennis van modellen en literatuuronderzoek doen – en wat bedrijven verwachten – heel concreet een product opleveren – ligt nu nog ver uit elkaar. Die koppeling met de praktijk ontbreekt in het onderwijs. Hoe werkt het nou echt in een bedrijf? Daarvoor moet je met de voeten in de klei staan.” Het onderwijs zou daarom ook nog meer de samenwerking kunnen zoeken met een aantal enthousiaste bedrijven. Te beginnen door het organiseren van bedrijfsbezoeken.” Het is een van de redenen waarom AFAS zelf een minor van 20 weken aanbiedt op de Hogeschool Utrecht. De studenten volgen

Toch ziet Breure ook opleidingen en zelfs specifieke docenten, die wel op een goede manier de koppeling met het bedrijfsleven maken. Naast de Hogeschool van Utrecht werkt AFAS ook samen met de Christelijke Hogeschool Ede, de Universiteit van Amsterdam – vooral voor de ‘hardcore architecten van de software van de toekomst’ – en de IVA Business School in Driebergen. “Het bedrijfsleven heeft zelf ook nog een slag te slaan: stagiairs laat je niet de vervelende klusjes doen, maar geef je juist uitdagende opdrachten en verantwoordelijkheden. Stagiairs moeten daarom ook vaak wennen bij ons: we geven ze dezelfde rechten als medewerkers, maar verwachten ook dat ze hetzelfde leveren. Daar hebben ze de eerste weken wel moeite mee, maar leren ze uiteindelijk het meeste van.” AFAS zoekt het onderwijs ook bewust op, doordat medewerkers

22 ictheek magazine nummer 3 / april 2018


Spreekbeurt

gastcolleges geven. “Vaak op de opleiding die ze zelf gevolgd hebben. Zo houden we de verbinding met studenten. We krijgen veel van dat soort aanvragen en daar gaan we ook vaak op in. We willen studenten enthousiast maken voor IT, een andere kijk op software geven. En het is mooi als de naam AFAS blijft hangen, zodat ze hier komen solliciteren.” De automatiseerder is populair onder de pas afgestudeerden: het afgelopen jaar kreeg AFAS 580 sollicitanten op bezoek. Waar let het bedrijf op bij de aanname? “Dat is natuurlijk afhankelijk van de functie. Voor de afdelingen support, sales en consultancy kijken we vooral hoe iemand zich presenteert. Hoe enthousiast en gedreven kom je over? Kun je een boodschap overbrengen? De software kun je immers altijd nog leren. Daarnaast moet je uitdrukkelijk bij de cultuur en de club passen. We selecteren nog liever iemand die wel bij de cultuur past met een minder cv, dan andersom. Het gaat erom dat je hier sprankelend binnenkomt en het gevoel hebt dat je bij de organisatie past, dan haal je ook het beste uit jezelf.”

“Britt Breure, AFAS Software: Te veel studenten worden opgeleid in de breedte in plaats van in een bepaalde expertise”

Altijd blijven leren Wie door de strenge selectie komt, begint met een opleiding van twee maanden aan de AFAS Academy. Die twee maanden krijgt de nieuwe werknemer een gedegen kennismaking met de software, het bedrijf en de bedrijfscultuur. Het grootste deel gaat dan aan de slag bij de afdeling support of in het team Commercie / Sales Binnendienst. “Dan gaat het echt om kilometers maken. Je wordt echt in het diepe gegooid,” aldus Breure. Ook daarna blijf je continu leren. “Daar zitten veel soft skills trainingen bij: communicatie, presenteren, hoe ga je om met een boze klant? Allemaal om je voor te bereiden op het vak buiten de deur: de consultancy of sales. Scholing houdt niet op als je aan het werk gaat.”

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 23


Onderwijsinspiratie

Twee broers op ontdekkingsreis in het teken van werelds onderwijs Broers Luuk en Erik Ex reizen van Finland naar Singapore tijdens een edyssee: een onderwijsodyssee. In deze twee landen en een aantal bestemmingen die ertussen liggen, doen ze onderwijslessen op. ICTtheek.nl volgt hun reisavonturen de komende maanden. We vroegen ze naar hun onderwijservaringen in de landen die ze tot dusver aandeden, zoals Estland, Rusland, Oekraïne, Turkije en Cyprus. “Weet je nog die twee broers die een wereldreis wilden maken?” Het lijkt op het begin van een goede grap. Maar in dit geval is deze reis geen onderdeel van een grap, maar een bijzondere educatieve reis waarmee de broers hun volgers willen verrijken met hun ervaringen met buitenlands onderwijs. Erik was zes jaar werkzaam als docent geschiedenis bij ORS Lek en Linge in Culemborg. Hij zegde zijn baan op en verkocht zijn huis om in het ruim vijfentwintig jaar oude Volkswagen-busje van zijn moeder de wereld over te reizen om lessen over buitenlands onderwijs op te doen. Zijn broer Luuk is journalist bij de Volkskrant en vergezelt hem om hun avonturen te filmen en te plaatsen in de Facebook-groep: facebook.com/onderwijsreis. Ook werkt hij voor Radio 1 en maakte hij drie uitzendingen over geschiedenisonderwijs in de landen Oekraïne, Turkije en Cyprus.

Schoolkrijtjes versus Instagram Op het gebied van ICT en technologische toepassingen in de klas, zijn er genoeg verschillen te herkennen tussen de diverse landen.

24 ictheek magazine nummer 3 / april 2018


Onderwijsinspiratie

Zo valt het op dat in Finland – bekend om haar geavanceerde schoolsysteem – weinig met mobiele apparaten in de klas gedaan wordt. In tegenstelling tot in Oekraïne, wat tot nu toe het relatief armste land is dat het tweetal aandeed. Erik Ex: “We waren in Oekraïne op een school waar veel van de lessen aan de hand van iPads werden gegeven. Leerlingen nemen daar hun eigen iPads mee en kinderen die deze apparaten niet kunnen betalen, huren ze op school. Daarnaast was een school die we in het Turkse deel van Cyprus bezochten de enige school waar we helemaal geen smartboards hebben gezien. Alles gebeurt daar op een schoolbord met krijt. Dankzij alle nieuwerwetse technologie voelt dat dan opeens wel heel ouderwets. En dat terwijl we gewoon nog in Europa zijn. Terwijl de leraar over het bord krast met zijn krijtje en de leerlingen meeschrijven in hun schriftje, ben ik een Facebook-post aan het

“Totdat ik aan deze reis begon, stond ik mobieltjes toe tijdens mijn lessen.” tikken. Die plaats ik direct ook even op Instagram waar ik zie dat mijn eigen oud-leerlingen meteen reageren op mijn post.” Het is een van de vele contrasten waar de broers mee te maken krijgen. Net als de dilemma’s betreffende de schoolaanpak in Nederland en daarbuiten. Zo veranderde de mening van Erik ten aanzien van het gebruik van mobiele telefoons in de klas tijdens de onderwijsreis.

Telefoons in de klas voortaan in een mand “Totdat ik aan deze reis begon, stond ik mobieltjes toe tijdens mijn lessen. Ik beschouwde telefoons als een extra lesmiddel; om bijvoorbeeld even wat achtergrondinformatie mee op te zoeken of om mobiele quizjes mee te doen in de klas. Zolang ik telefoontjes niet voortdurend gebruikt zag worden en ze alleen op tafel kwamen als ze een educatief doel hadden, vond ik dat ok. Ik sprak Pasi Sahlberg; deze Finse ‘onderwijsgoeroe’ stelde dat ICT in de klas de concentratie kapotmaakt en leerlingen niet op de juiste wijze stimuleert. Dat vond ik in eerste instantie best zwaar aangezet. Ik heb de afgelopen weken veel lessen op buitenlandse scholen gevolgd, waarbij ik achter in de klas plaatsnam. Vanuit deze positie viel me op dat mobieltjes inderdaad meer effect hebben op de concentratie dan dat ze als lesmiddel iets opleveren. Ongeacht of leerlingen het mobieltje daadwerkelijk uit hun broekzak halen; de telefoontjes zijn constant aanwezig. Ze trillen of maken geluid wanneer een berichtje binnenkomt en ze leiden leerlingen op deze manier erg af. Op zich geen nieuws. Maar dat deze afleiding een universeel gegeven is voor alle leerlingen werd extra duidelijk door in verschillende landen te zien dat alle leerlingen op dezelfde manier geprikkeld worden door hun telefoon. Daarom neem ik als ik weer les ga geven waarschijnlijk een voorbeeld aan een Russische school waar we langs zijn geweest. Voordat de les begint gaan alle telefoons daar in een mand of een tas. Dat lijkt me geen gek idee.

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 25


Onderwijsinspiratie

Maar het is niet zo dat we als docenten nu opeens mobiele telefoons compleet moeten gaan negeren. Meer nog dan de telefoons weren uit de les, ben ik er voorstander van dat leerlingen leren op welke manier en wanneer ze hun telefoon kunnen gebruiken. Want in het onderwijs hebben we niet de taak om te doen alsof telefoons niet bestaan, maar moeten we de leerlingen juist een vorm van bewustzijn aanleren.” Het is één van de vele lessen die de broers van hun reis mee terug naar Nederland zullen nemen.

Eén allesomvattend geschiedenisboek Erik: “Onze reis is geslaagd als we een discussie teweeg kunnen brengen onder leraren op basis van onze ervaringen in het buitenland. Wat wij leren van andere onderwijssystemen, gebruiken we niet om te prediken wat wel en niet goed is. Als leraren maar in het belang van de leerling nadenken over onderwijsmogelijkheden die – letterlijk en figuurlijk – verder van ze af liggen. Dat doen we deels door puur te schetsen wat ons opvalt in andere landen. Zo verdienen de leraren in Oekraïne ongeveer niets. Hoe houd je deze docenten daar gemotiveerd als je ze er amper voor kunt belonen? En in Rusland wordt toegewerkt naar één overkoepelend geschiedenisboek dat voor iedereen bedoeld is en vanuit één kader is geschreven. Een vorm van eenduidigheid die haaks staat op alle binnenlandse verschillen die het land kent. Want iemand uit Kazan en iemand uit Moskou krijgen van huis uit toch een andere regionale geschiedenis mee. Kun je dat overrulen door op nationaal niveau te besluiten hoe de Russische geschiedenis eruitziet? Het zijn onderwerpen en vraagstukken waar we met

26 ictheek magazine nummer 3 / april 2018

onderwijsvernieuwers en scholen graag over praten. We nodigen dan ook iedereen uit te discussiëren over de onderwijsvraagstukken die we tijdens onze reis aankaarten.

Wat is een ervaring die indruk op jullie heeft gemaakt? Erik: “Ik ben op een Turkse school geweest, waar in iedere klas ook een aantal Syrische vluchtelingen zaten. Ik mocht aanwezig zijn bij een speciale taalles, waarbij zeven Syrische leerlingen hun Turkse grammatica moesten leren. Ze kregen les van een blinde taaldocent, die werd bijgestaan door twee Syrische leerlingen uit de klas. De kinderen hadden werkboekjes voor zich liggen, waarin ze hun opdrachten maakten. De leraar opende op een smartboard de pagina die de leerlingen open hadden liggen. Hij vroeg leerlingen naar de juiste uitgang van bepaalde woorden. Nadat een leerling het juiste antwoord gaf, schreven de ‘klassenassistenten’ dit antwoord op het smartboard. Bijzonder om te zien hoe een blinde man dankzij nieuwerwetse technologie ondersteund wordt in zijn vak. Maar ik werd me ook bewust van de haken en ogen van de toepassing van nieuwe technologieën. De klassenassistenten waren ook Syrisch en hadden zelf ook moeite met het Turks. Ondanks dat de leraar het goede antwoord van één van zijn leerlingen had gehoord, schreven ze een paar keer het woord verkeerd gespeld op het bord. Het zou handig zijn als het smartboard de opgeschreven woorden ter controle nog eens zou voorlezen. Maar daar werd niet aan gedacht, omdat de leraar letterlijk geen zicht had op het smartboard en de scholieren zich niet bewust waren van de spelfouten. Zo zie je maar dat techniek nieuwe mogelijkheden biedt, maar vervolgens ook weer nieuwe uitdagingen oplevert.”


Kijkje in de klas

Lakeman:

“Iedereen kan overweg met ICT als je maar klein begint” Meer ICT in de klas? ’Daar heb ik geen tijd voor.’ ’Daar heb ik geen verstand van.’ ’Daar hebben we de informaticadocent al voor.’ Deze antwoorden zijn voor veel docenten in het middelbaar onderwijs waarschijnlijk herkenbaar. “Maar puzzelen met een klein en simpel onderwijstooltje kan je lessen al zo veel leuker maken. Wees niet bang en ga experimenteren”, zegt ICT-docent Peter Lakeman. Lakeman is docent Media, Vormgeving en ICT aan het Zuiderzee College in Zaandam, maar ook docent multimediale producten aan de HvA en oprichter en docent bij Toptalent Academy. Dat zijn veel functietitels, maar wel met een duidelijke rode draad die ze verbindt: “Ik probeer leerlingen en docenten het licht te laten zien als het gaat om de toepassing van IT in het onderwijs. Want veel mensen in het onderwijs lijken bang voor nieuwe technologie. Dat docenten verplicht moeten werken met gedrochten als het administratieprogramma Magister draagt niet bij aan hun voorliefde voor IT. Maar toen ik collega’s vroeg wat de bijdrage van ICTtoepassingen kan zijn, was het unanieme antwoord: “ICT kan lessen leuker maken. Dat is nou net de gedachte waar ik op inhaak”.”

op de arbeidsmarkt. Dat telt net zo goed voor Lakeman. “Mijn leerlingen hoeven geen whizzkids te worden. Als ze hun angst voor Excel en hun rekenmachine uit het raam gooien en leren hoe ze een eenvoudig Exceltabelletje kunnen maken, hebben ze al zoveel meer plezier in hun werk.”

Zet de beren op de weg om in kansen

Volgens Lakeman begint het aanleren van ICT-vaardigheden bij de acceptatie dat een eenvoudig beginnetje goed genoeg is. “Hoeveel mensen zijn er bang voor Word? Bijna niemand. Maar wie haalt er meer dan 60 procent van de functionaliteiten uit dit Peter Lakeman: “Ik eis van mijn programma? Ook bijna leerlingen en collega’s dat we in niemand. En dat is ok. een programma als Google Docs Vanuit dat besef kun samenwerken” je je ook op andere toepassingen storten. Vraag een collega welke onderwijsapplicaties hij of zij gebruikt of google op een leuke onderwijsapp en ga met je leerlingen aan de slag. Begin klein en ervaar hoe groot het enthousiasme onder je leerlingen is als je durft te spelen met techniek.”

Lakeman geeft inleidingen in onderwijsapps en multimediale producten. Laagdrempeligheid is voor hem het sleutelwoord. “Neem als voorbeeld Pinterest. Een wereldwijd bekend social media platform. Maar ik schat dat 80% van de leerlingen er nooit van gehoord heeft. Leerlingen die als schoolopdracht een website bouwen, snappen dat ze een moodboard nodig hebben om het design te maken. Dan kan ik twee dingen doen: ze een schaar, papier en een magazine geven en succes wensen. Of ze leren hoe je op Pinterest samen met de opdrachtgever van de website een online moodboard kunt maken. Je snapt dat ik voor het tweede kies.” Dat klinkt als een vanzelfsprekend voorbeeld. Maar Lakeman ziet ook nog veel docenten die bij een vergadering aantekeningen in een schrijfblok maken om ze vervolgens in hun vrije tijd uit te schrijven en rond te mailen. “Daar snap ik écht helemaal niets van. Ik eis haast van mijn leerlingen en collega’s dat we bijvoorbeeld in Google Docs samenwerken. Want als je maar gewoon met een eenvoudig tooltje begint en de beren op de weg omzet in kansen, kan iedereen met ICT omgaan.”

Rekenmachine eruit en Excel erin Veel docenten zien het als hun taak om leerlingen voor te bereiden

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 27


De maker verklaart

Papierloos vergaderen dankzij iBabs Nederland is hét vergaderland bij uitstek en ook binnen het onderwijs wordt heel wat afgepolderd. Maar met uiteenlopende vak- en werkgroepen, decanaten, afdelings­ bijeenkomsten, directievergaderingen, rapportvergaderingen en wat al niet meer, raakt het overzicht nog weleens verloren. Om over de hoeveelheid papierverspilling nog maar te zwijgen. Met iBabs is dat allemaal verleden tijd.

De agenda opmaken. Nieuwe agendapunten opnemen. Wat is er tijdens de laatste vergadering ook alweer besproken? Verstandig om dat ene Excel-bestand bij de hand te houden! Wie maakt er aantekeningen? Iedereen die regelmatig een vergadering bijwoont herkent al deze taken en gedachten die rondom ieder overleg opnieuw opdoemen en regelmatig voor grijze haren zorgen. Niet geheel verbazingwekkend: waar agenda’s, notulen, eigen aantekeningen en overige benodigde

28 ictheek magazine nummer 3 / april 2018

documenten op allemaal verschillende plekken staan opgeslagen zal het overzicht weleens ontbreken. Hoe fijn is het om dit alles op één plaats te hebben staan en vanuit één programma te kunnen coördineren? Met de vergadertool van iBabs is dat mogelijk. “iBabs digitaliseert alle taken die bij een vergadering horen”, aldus Rachel Mannaerts, Salesmanager bij iBabs. Of diegene nu op een vaste pc zit, met een tablet rondloopt of liever de mobiele telefoon gebruikt: iBabs is platformonafhankelijk. Mannaerts: “Het is maar net


De maker verklaart

welk device iemand het fijnste vindt voor zijn of haar vergaderingen.” Dat alles niet meer op papier gezet, geprint en uitgedeeld hoeft te worden levert behoorlijk wat tijd op. “Het scheelt gemiddeld zo’n 70 procent van de voorbereidingstijd”, rekent Mannaerts voor.

Papierloos Maar de winst zit hem niet alleen in tijd. Ook het milieu wordt flink ontzien wanneer de traditionele vergadermiddelen worden ingeruild voor de vergadertool van iBabs. Ga maar na hoeveel papier én inkt er per vergadering worden verspild: aan agenda’s, aan printjes van de eerdere notulen, eerdere documentatie die erbij gepakt moet worden: en dat allemaal ook nog eens in veelvoud. Door dit allemaal te digitaliseren wordt de ecologische voetafdruk van vergaderingen fors teruggedrongen. Mannaerts: “Scholen en andere bedrijven die gebruikmaken van iBabs tonen op deze manier aan dat ze bezig zijn met maatschappelijk verantwoord ondernemen. Daarnaast scheelt het ook een hele berg print- en sjouwwerk voor de betrokkenen.” Ook lijf en leden worden dus ontzien.

Purmerendse Scholengroep Eén van de tevreden gebruikers van iBabs (inmiddels maken zo’n 2.000 bedrijven, scholen en ministeries gebruik van de vergadertool) is de Purmerendse Scholengroep. Jan Buurkes, hoofd Huisvesting & Ondersteuning van de Purmerendse Scholengroep: “Alles gaat vandaag de dag digitaal, dus het is eigenlijk vrij logisch dat we ook onze vergaderingen meer zouden gaan digitaliseren. Op de één of andere manier waren we daar, tot het moment dat we iBabs aanschaften, nog helemaal niet mee bezig. Zoals zoveel scholen daar nu nog niet echt mee bezig lijken.” Wanneer wordt gevraagd naar de voordelen van iBabs, heeft Buurkes verschillende praktische voorbeelden paraat. “Als er iets in me opkomt waarvan ik vind dat het in de vergadering terug moet komen, kan ik het er gelijk zelf inzetten. Dat is heel erg handig, zeker wanneer je meerdere vergaderingen op de planning hebt staan. Geen los mailtje met de agenda in een bepaald formaat rondsturen, die vervolgens tig keer terugkomt en nog steeds niet up-to-date is op het moment dat de vergadering begint.” Daarnaast is het niet noodzakelijk om online te zijn, op het moment dat iBabs wordt gebruikt. Buurkes: “Zowel on- als offline is iBabs bereikbaar: super handig. Ik heb zelfs al de vraag gekregen of we iBabs niet op meerdere vlakken kunnen gaan gebruiken, want het is allemaal wel erg handig.”

Robuust iBabs, dat als bedrijf inmiddels zo’n 22 jaar bestaat en is ontstaan vanuit de behoeften van ministeries om het vergaderen overzichtelijker plaats te laten vinden, is in zijn kernactiviteiten inmiddels zo betrouwbaar en functionerend, dat gebruikers met de huidige functionaliteiten uitstekend vooruit kunnen. Mannaerts: “Technische ontwikkelingen focussen zich nu voornamelijk op het nóg robuuster maken van iBabs. Daarnaast zijn we de afgelopen jaren erg druk geweest met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG, red.), waar we inmiddels volledig

compliant mee zijn.” Vergaderen blijft uiteindelijk ook gewoon vergaderen. Mannaerts: “En daar gaan we niet plots allemaal toeters en bellen aan ophangen.”

Vliegende Start Om ervoor te zorgen dat klanten zo snel mogelijk met iBabs uit de voeten kunnen, wordt hen een ‘Vliegende Start’ aangeboden. Mannaerts: “We komen bij de school langs en verzorgen twee workshops. Tijdens de eerste sessie krijgt het secretariaat alles uitgelegd én gaan ze direct met iBabs aan de slag. De overige medewerkers die met iBabs gaan werken krijgen gedurende de tweede workshop tekst en uitleg over onze vergadertool.” Mocht een school nog niet zeker weten of iBabs iets voor hen is, bestaat er dan een proefvariant? Manaerts: “De iBabs-app is sowieso gratis te downloaden voor Android, iOS en Windows. Daarin zit een demoversie opgenomen, waarmee gebruikers een idee krijgen van hoe iBabs eruitziet en aanvoelt. Ook komen we graag vrijblijvend langs op school, om geïnteresseerden te laten zien wat iBabs hen oplevert.”

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 29


Impero Education Pro is a feature-rich network management, classroom management and online safety solution.

a truly cross platform solution for education

Trusted by schools across Holland since 2002, Impero’s software is designed to support networks, empower teachers and protect students.

online safety

classroom management

network management

Protecting students with state-ofthe-art online safety technology that goes beyond blocking.

Empowering teachers with classroom control features compatible with PCs, Macs and mobile devices.

Supporting school IT teams with remote control and network management tools.

Impero Education Pro is the complete package all rolled into one product, and it offers far more than the previous solution that we had in place.

A handy and useful program that is a must-have solution for every school. Esloo Onderwijsgroep, Netherlands

I wouldn’t be able to perform my role without it! It saves so much time, it’s absolutely essential in any IT environment. Segbroek College, Netherlands

exclusive offer

De Spinaker Transferium, Netherlands

Until you start using Impero Education Pro, you don’t truly understand how much time and money it can save you. Lyceum Sancta Maria Haarlem, Netherlands PM-SLB-2018-v2

Ubbo Emmius College, Netherlands

We needed a powerful solution that wouldn’t let us down, and Impero was the answer.

Take advantage of a 30% discount on orders placed before 31st July. Contact SLB or Impero directly using the code SLB30.

discover the benefits of Impero Education Pro imperosoftware.com | +44 (0)1509 611 341 email: info@imperosoftware.com


Column

Het onderwijs is klaar voor de next step Het Nederlandse onderwijs ontwikkelt zich in sneltreinvaart en verwelkomt allerlei technologische ontwikkelingen met open armen. Loop maar eens door een klaslokaal heen, vergelijk dit eens met pak ‘m beet twintig jaar geleden en je zult zien dat lesgeven op technologisch vlak een fikse vlucht heeft genomen. Het krijtbord is vervangen door een smartboard en waar vroeger papieren schriften op de tafels lagen wordt er nu voornamelijk gewerkt op laptops en tablets. Het onderwijs beweegt enerzijds dus mee met technologische innovaties, maar heeft er anderzijds nog steeds moeite mee om aan te sluiten bij de leefwereld van de leerlingen waaraan les wordt gegeven. Waar een recente generatie docenten opgroeide met Mario Bros in een 2D-wereld, zijn de scholieren anno 2018 juist gewend aan een 3D-omgeving. Tablets en laptops zijn mooie devices om lessen mee te ondersteunen, maar verdere ontwikkelingen zijn dus noodzakelijk. Het gebruik van Virtual Reality en Augmented Reality in het klaslokaal is een eerste stap, maar met het gebruik van de HoloLens gaat er écht een hele nieuwe wereld open voor middelbare scholen en het beroepsonderwijs. Op het Vechtdal College zijn we sinds dit jaar bezig met het integreren van de Hololens binnen lesmethoden én bekijken we hoe deze bril verder binnen het onderwijs kan worden ingezet. De leerlingen worden niet meer uit de eigen omgeving gehaald en in een virtuele omgeving geplaatst (Virtual Reality), maar projecteren een extra dimensie binnen de daadwerkelijke omgeving (Mixed Reality). Of dit nu een klaslokaal, een grasveld of een werkplaats is. En de mogelijkheden die door de HoloLens worden geboden zijn eindeloos. Voor techniekleerlingen worden 2D-werktekeningen plots begrijpelijk en inzichtelijk, doordat ze door hun zelfontworpen bouwplaats kunnen lopen. En biologieleerlingen begrijpen hoe een hart daadwerkelijk functioneert, doordat ze met behulp van de HoloLens een hologram van een werkend hart kunnen bekijken en uit elkaar halen. Wij lopen met onze school op de troepen vooruit. Dat merken we aan het feit dat het bedrijfsleven aan óns komt vragen hoe zíj de HoloLens toe zouden kunnen passen. De wereld op zijn kop, want normaliter kijkt het onderwijs het gebruik van technologische ontwikkelingen af van het bedrijfsleven. Wat eigenlijk vreemd is: als school leiden we kinderen toch niet op voor het verleden, maar juist voor het heden en maken we ze klaar voor de toekomst? Toepassingen als de HoloLens gaan de leraren natuurlijk niet vervangen, maar voegen, mits juist gebruikt, écht waarde toe aan de lesmethode binnen íéder vakgebied. Ewout Warringa, docent VO Vechtdal College / Hololens evangelist.

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 31


OneNote

Vier voordelen van Microsoft OneNote in de klas Microsoft OneNote, hét digitaal notitieblok: veel leerlingen en docenten hebben er wel van gehoord, maar wat kun je er precies mee? Marieke Vreeswijk is havo- en vwo-docent scheikunde op de CSG Willem de Zwijger in Schoonhoven. Tijdens de onderwijsinnovatiebeurs IPON 2018 benoemde ze de vier grootste voordelen van werken met Microsoft OneNote in de klas.

Microsoft OneNote is een digitaal notitieblok waarin je kunt schrijven, tekenen en samenwerken met anderen. Leraren kunnen OneNote gebruiken om lesplannen te organiseren in digitale notitieblokken. Ze kunnen lesmateriaal interactief digitaal beschikbaar maken, eenvoudig opdrachten toewijzen en toetsen geven. Op verschillende manieren kunnen ze feedback geven op de aantekeningen en gemaakte opdrachten en toetsen van leerlingen. Bovendien hebben ze een centraal overzicht van wie wel en niet huiswerk heeft ingeleverd. Leerlingen kunnen in OneNote samenwerken, bestanden delen en hebben een centrale plek om hun opdrachten in te leveren. Het zijn nog maar enkele van de vele mogelijkheden van Teams en OneNote Class Notebook van Microsoft om de samenwerking en communicatie in en buiten de klas eenvoudiger, efficiënter en toegankelijker te maken. Marieke Vreeswijk schetste op de IPON 2018 de vier belangrijkste voordelen.

1. Ieder zijn eigen tempo en niveau “Ik laat leerlingen zelf in OneNote hun werkzaamheden plannen en in hun eigen tempo werken. Niet iedereen hoeft hetzelfde af te hebben. Er zit differentiatie in tempo, maar ook in niveau. Zo zijn er binnen mijn lessen opdrachten voor leerlingen die extra hulp nodig hebben, normale opdrachten en extra uitdagende opdrachten. In OneNote geef ik de verschillende opdrachten in specifieke gekleurde blokken weer, om ze van elkaar te onderscheiden. Overzichtelijk voor mij en voor de leerlingen zelf.”

2. Vrije keuze in extra ‘quests’ “Leerlingen kunnen naast bovenstaande opdrachten binnen mijn vak scheikunde ook side quests kiezen in OneNote. Dit zijn niet-verplichte opdrachten; vaak drie per hoofdstuk. Vaak een creatieve quest, een theoretische quest en een praktische quest. Voor de leergierige scholieren een uitkomst. Zo kunnen ze extra oefenen en leren op de

32 ictheek magazine nummer 3 / april 2018

manier die voor hen prettig is. Dit doen ze in OneNote Classroom. Iedere leerling heeft daarin een eigen mapje. Als ze aan een quest beginnen, zetten ze in de titel de naam van de quest. Ik zoek dan op de naam van de quest en zie direct wie welke quest heeft gedaan.”

3. Evalueren kun je leren “Leerlingen vullen zelf in OneNote evaluatiebestanden in na het maken van hun lessen. Ik kan dan goed bijhouden welke stof individueel en welke stof klassikaal besproken moet worden. Wat OneNote hierbij ideaal maakt, is dat je in het programma al je tools samen kunt brengen. Zelfs als je programma’s wilt inzetten – zoals forms, bookwidgets, quizlets – die niet standaard in OneNote staan, is dit geen probleem. Je kunt links van andere programma’s embedden en programma’s binnen OneNote combineren. Dat maakt evalueren zo eenvoudig. De leerlingen hoeven niet in allerlei programma’s te werken en daar hun specifieke evaluatie in te vullen. In OneNote is er één centrale plek waarin alles voor ze samenkomt.”

4. Vooruitgang makkelijk bijhouden “In OneNote heb ik mapjes gemaakt om het werk van leerlingen in te zien; net als hun opdrachten en meetrapporten. Door hun persoonlijke mapjes te bekijken, zie ik hoe ze hun werk maken. Alle inleveropdrachten staan hierbij op een rij en raken niet kwijt. Dus leerlingen kunnen nooit als smoes opgeven dat hun huiswerk is kwijtgeraakt en ik loop ook minder risico’s dat het ingeleverde huiswerk verdwijnt. Het biedt overzicht, structuur en vooral veel gemak.”

Zelf aan de slag met OneNote in de klas? Tijdens de speciaal voor docenten ontwikkelde training Teams & OneNote in de klas krijg je de handvatten aangereikt om zelf snel stappen te zetten. Kijk op slimindeklas.nl/training-onenote


Licentienieuws

Verlengde contracten

ROVABU De producten van ROVABU nemen ICT-beheerders van onderwijsinstellingen veel werk uit handen bij het grootschalig installeren van Windows desktop applicaties op een Windows computer. De Setup Commander producten automatiseren het proces van het configureren van applicaties voor de installatie. Het toepassen van deze software bespaart tijd, zorgt voor een uniforme manier van installeren en levert een kostenbesparing op.

WELLNOMICS Wellnomics software verbetert de gezondheid, het welzijn en de productiviteit van beeldschermwerkers. Wellnomics software past bij instellingen die verzuim willen voorkomen door arbeidsrisico’s effectief tegen te gaan.

ESET ESET heeft een groot aanbod aan oplossingen, waaronder beveiliging voor endpoints, mobiele apparaten, bestanden, e-mail en gateways. Beheer de beveiliging van alle endpoints binnen uw bedrijfsnetwerk eenvoudig vanaf één locatie met de nieuwe centrale beheerconsole.

MAGIX MAGIX Academic Suite is een creatief totaalpakket van producten voor digitale mediaproductie. De suite is helemaal afgestemd op de wensen van leerlingen en leraren en bestaat uit vier producten: Video deluxe, Music Maker, Web Designer en Photo & Graphic Designer.

SANAKO (TES EDUCATIEF) Sanako is leverancier van talen- en multimediapractica, leslokaal management systemen, virtueel leren, professionele les- en examenontwikkeloplossingen.

Nieuwe versies van licenties

TeamViewer 13 Met TeamViewer kun je op het scherm van je collega’s meekijken. Zo kun je hen helpen, met hen samenwerken en informatie uitwisselen. TeamViewer maakt het mogelijk om te werken alsof je allemaal in dezelfde ruimte zit, zonder reistijd en -kosten. TeamViewer 13 is de meest recente versie van de software.

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 33


Onderwijsinstellingen besparen flink op Adobe Creative Cloud. SLBdiensten heeft speciaal voor instellingen diverse licentieafspraken met Adobe afgesloten, zodat uw instelling kan profiteren van educatieve tarieven. Heeft u nog geen Adobe licentie of wilt u meer weten over de voorwaarden en prijzen, neem contact op met Sandra Fiege (sandra.fiege@slbdiensten.nl). GeĂŻnteresseerd in Adobe trainingen voor uw medewerkers? Ons uitgebreide trainingsaanbod vindt u op slimindeklas.nl/trainingen VERKRIJGBAAR BIJ


ICTheek Away

In vijf stappen aan de slag met de Aanpak IBP Informatiebeveiliging en privacy staan meer dan ooit in het middelpunt van de aandacht op scholen. Voor het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs is daarom de Aanpak Informatiebeveiliging en Privacy (Aanpak IBP) ontwikkeld. Job Vos, adviseur privacy bij Kennisnet, geeft alvast enkele tips.

Mede door de komst van de Algemene Verordening Gegevens­ bescherming, die op 25 mei in werking treedt, mag de Aanpak IBP zich op veel belangstelling verheugen. Dit is een initiatief van de VO-raad, in samenwerking met de PO-raad en Kennisnet, en is gebaseerd op de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp), de AVG en de internationale normen voor informatiebeveiliging ISO 27001 en 27001. Het project, dat nog volop in ontwikkeling is, geeft naast veel informatie ook formats en voorbeelddocumenten. De vijf tips van Job Vos:

1. Ga aan de slag Veel schoolbestuurders zeggen op 25 mei nog niet klaar te zijn voor de AVG. Dit is echter geen reden om in paniek te raken. Vos: “Als je nu nog moet beginnen ben je best laat, maar het belangrijkste is dat je begint met het beleid rond IBP goed te regelen.” De eerste stap is het organiseren van beleid. Alle benodigde informatie, waaronder een stappenplan en verschillende checklists, zijn door Kennisnet online gezet: https://kn.nu/IBPonderwijs.

2. Je bent nooit klaar IBP ondergaat ieder jaar een cyclus. “Kijk ieder jaar wat je nu weer moet regelen en doen. Het moet eigenlijk in je dna zitten.” Het advies aan scholen luidt om ieder jaar met het IBP-beleid terug naar de tekentafel te gaan en een inventarisatie te doen van data, systemen en risico’s. Op basis hiervan worden maatregelen genomen om de risico’s te verkleinen.

stapsgewijs. Het complexe thema van IBP is door Kennisnet opgeknipt in subthema’s: “Als je bijvoorbeeld iets voor datalekken moet regelen, dan kijk je eerst hiernaar. En morgen, overmorgen of volgende maand pak je een ander onderwerp op, bijvoorbeeld een gedragscode of het beleid rondom wachtwoorden. Dat maakt het behapbaar.”

5. Leer omgaan met informatiebeveiliging

Bij scholen waar IBP in hun dna zit, maakt het niet uit welke systemen in gebruik zijn. Omdat nieuwe risico’s voortdurend opduiken, is het belangrijk dat men weet hoe met de situaties om te gaan. Ook belangrijk is dat er iemand de kar trekt rondom IBP. “Dit kan een ICT’er zijn, maar ook een beleidsmedewerker. Het gaat om samen slim zijn en samenwerken. En als je als school systematisch omgaat met IBP, kun je ieder probleem aan.”

3. Ga voor het laaghangende fruit Geen onderwijsinstelling hoeft zelf het wiel uit te vinden. Kennisnet zet voortdurend nieuwe informatie rondom de Aanpak IBP online, waarmee scholen aan de slag kunnen. De risico-inventarisatie vormt het uitgangspunt; het is immers belangrijk om in ieder geval de grootste risico’s in kaart te brengen. “Het mooie is dat deze vaak ook het makkelijkst op te lossen zijn en maatregelen hiervoor het snelst merkbaar resultaat opleveren.”

4. Laat je niet intimideren Het terrein dat IBP beslaat is groot, maar de aanpak ervan kan

ictheek magazine nummer 3 / april 2018 35


Training & Advies

Nieuwe trainingen voor ICT’ers Slim in de klas biedt een breed trainingsportfolio, gericht op ICT-medewerkers, onderwijsbestuurders en docenten. De trainingen gaan in op actuele onderwijsvraagstukken en dragen bij aan het gebruik en de implementatie van ICT in het onderwijs.

Office 365 – van aanzetten tot inzetten Deze training biedt je een kort maar krachtig overzicht van de technische en beheeraspecten waar je vanuit ICToogpunt rekening mee moet houden als je Office 365 op een slimme manier wilt inzetten en beheren.

Studieduur: 1 dag Kosten: € 435,= (excl. btw)

Office 365 – recente ontwikkelingen voor het onderwijs

Beheer van (mobiele) devices en gebruikers met EMS

Office 365 wordt voortdurend doorontwikkeld. Tijdens deze training krijg je een overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen en nieuwe mogelijkheden. We kijken daarbij niet alleen naar functionaliteiten, maar ook naar het effectief inzetten ervan binnen de school.

Studieduur: 1 dag Kosten: € 435,= (excl. btw)

Azure Fundamentals Deze training biedt je een overzicht van de mogelijkheden die Azure biedt in relatie tot het onderwijs. Je leert hoe je er actief mee aan de slag kunt gaan en voor welke scenario’s je Azure kunt inzetten binnen het onderwijs.

Studieduur: 1 dag Kosten: € 435,= (excl. btw)

Microsoft-tools in relatie tot AVG Deze training geeft een overzicht van de mogelijkheden die Office 365 en Azure bieden bij het adresseren van je AVGbeleid. Inclusief de concrete tools die Microsoft biedt om te bepalen over welke persoonlijke gegevens je beschikt en hoe deze te beveiligen.

Studieduur: 1 dag Kosten: € 435,= (excl. btw)

• Dé website voor iedereen die meer wil met ICT in het onderwijs • Trainingen, certificeringsprogramma’s en e-learning • Declareer achteraf of laat de factuur voldoen door je werkgever

Slim met ICT? Kijk op Slimindeklas.nl

Tijdens deze training krijg je een overzicht van de mogelijkheden die Windows Intune (for Education) en Azure AD Premium je bieden om mobiele devices van leerlingen en docenten effectief te beheren op school. Beide zijn onderdeel van de EMS-suite.

Studieduur: 1 dag Kosten: € 435,= (excl. btw)

SharePoint SharePoint is een ‘doos bouwblokjes’ waarmee je veel nuttige toepassingen kunt realiseren. Denk aan een intranet, medewerkersportaal, documentbibliotheken, samenwerkingsruimtes en meer. De training vertaalt de mogelijkheden van SharePoint naar concrete toepassingen voor het onderwijs.

Studieduur: in overleg Kosten: op aanvraag

Meer informatie? Ons volledige trainingsaanbod en bijbehorende data vindt u op Slimindeklas.nl/trainingen.


Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.