Issuu on Google+

5 Vakblad voor de groenvoorziening | 36e jaargang | 27 februari 2014

Gasconne als begrazer Kleurige Berberis

5A Vakb ad vo r de gr envo rz en ng | 3

e

ja rg ng | 27 eb ua i 2014

Humaan ontwerpen Tijdelijke natuur Boomziekten


Inhoud

ru

Nieuws 4 5 6 7 8 9

Iepenzigzagbladwesp in Nederland Instemming met Participatiewet maar zorgen over budget en begeleiding blijven Mansveld houdt vast aan uitzonderingen verbod Duurzaam tuinieren centraal op TuinIdee Openbaar groen moet niet alleen netjes zijn, het moet doelgericht functioneren Tuin en Landschap online

Sortiment 10

10 De kleurige rijkdom van Berberis 14 Hans Kramer stelt voor: Helleborus x hybridus

Bedrijf en Organisatie 16 Hoveniersbedrijf De Biesbosch slaat nieuwe weg in met TuinExperience 20 Grondeigenaren nog altijd huiverig voor tijdelijke natuur 23 Zo-Zit-Dat: Fiscaal slim schenken, hoe werkt dat?

Ontwerp en Inrichting 20

24 Buurtuinen aan het water 28 Ruud Aanhane: Als groenprofessional moet je de inborst van mensen kennen

Aanleg en Onderhoud 30 Onderhoud plantentuin vergt plantenkennis 34 Rund uit PyreneeĂŤn houdt vegetatie Gaasperzoom kort 37 Werk in uitvoering: Verplanten moeraseiken

Machines en Gereedschap 24

38 Nieuwe R-Serie: achterop bij Avant

Service

Foto voorplaat Miranda Vrolijk

44 Leveranciersnieuws 46 Agenda I colofon 47 Groene Gast: Janneke van den Bos

34

TuinenLandschap | 5 | 2014

3


Nieuws

Iepenzigzagbladwesp in Nederland De invasieve nieuwkomer werd in augustus vorig jaar in Overijssel gespot door de Haarlemse stadsecoloog Dik Vonk. Pas onlangs bleek dat het ging om de iepenzigzagbladwesp. De ca 1 cm grote larven van dit ca 6 mm kleine insect eten bladmoes tussen de nerven in een kenmerkend zigzagpatroon. Het insect zal waarschijnlijk de Foto Dik Vonk

De iepenzigzagbladwesp (Aproceros leucopoda) is in Nederland gesignaleerd. Dat meldt het EIS Kenniscentrum Insecten. In hoeverre de iepenzigzagbladwesp zich al over Nederland verspreid heeft, is nog niet bekend. Een vervolgonderzoek hiernaar zal in 2014 worden ingesteld.

komende jaren heel Nederland veroveren. De bladwesp plant zich ongeslachtelijk voort en kan 3 tot 4 generaties per jaar voortbrengen. Daarbij verplaatst het insect zich op eigen kracht enkele tientallen kilometers per jaar. Ecoloog Vonk vermoedt dat vooral stadsiepen zullen worden aangetast: „In het buitengebied zijn er meer natuurlijke vijanden, zoals loopkevers, wantsen, oorwurmen en pimpelmezen.” Hoe schadelijk het insect precies is voor iepen, is niet helemaal duidelijk. Vraat aan bladeren is doorgaans geen heel groot probleem voor bomen. Toch kost het de boom energie; het is dan ook denkbaar dat kaalgevreten iepen wellicht minder weerstand kunnen bieden aan bijvoorbeeld de iepziekte.

Nieuwe prooi Het kenmerkende vraatpatroon van de iepenzigzagbladwesp

Sinds 2003 is de van oorsprong Japanse iepenzigzagbladwesp

ook in Centraal-Europa aanwezig, met plaatselijk kaalvraat van iepenbestanden tot gevolg. Inmiddels lijkt de dichtheid weer geleidelijk iets af te nemen. Vonk: „Predatoren moeten vaak leren dat er een nieuwe prooi is waar ze op kunnen jagen. Daarom zie je eerst een piek in schade en stabiliseert het later vaak op een lager niveau. Langdurige hoge plaagdruk als van de kastanjemineermot verwacht Vonk niet: „De kastanjemineermot zit echt in het blad waardoor predatoren er niet goed bij kunnen. Deze bladwesp zit aan de buitenkant van het blad en is daardoor een gemakkelijker prooi.” EIS-Nederland wil graag de ontwikkelingen in ons land volgen en roept iedereen op om gegevens, liefst met foto, over de iepenzigzagbladwesp te melden op Waarneming.nl, Telmee.nl of bij EIS-Nederland. <

Commentaar

Sociaal Vorige week heeft de Tweede Kamer de Participatiewet van staatssecretaris Jetta Klijnsma aangenomen. De wet kent een lange voorgeschiedenis, maar het lijkt er op dat 1 januari 2015 de wet van kracht wordt. Daarvoor moet de wet nog wel langs de Eerste Kamer, maar de coalitie heeft zich in het Sociaal Akkoord, en later door toezeggingen op het gebied van de Wajong en bijstand, van de steun van een meerderheid in de senaat verzekerd. Voor de groensector betekent de nieuwe wet een kans voor bedrijven om zich van hun sociale kant te laten zien. Veel groenbedrijven werken immers al met SW’ers, Wajongers en andere mensen met een arbeidsbeperking. Zoals VHG-bestuurder Frank Crucq het elders in dit blad uitdrukt: „De groensector heeft een groot absorptievermogen om mensen te werk te stellen.” In deze tijden van EMVI-aanbestedingen en aan-

4

TuinenLandschap

| 5 | 2014

dacht voor maatschappelijk verantwoord ondernemen is het een uitgelezen kans om het sociale gezicht van de groensector ook te gelde te maken. Overheden, zorginstellingen en woningcorporaties zullen bedrijven die werken met mensen met een arbeidsbeperking eerder een opdracht gunnen dan bedrijven die dit niet doen. Voor het verplichte quotum van 5% werknemers met een beperking hoeven groene ondernemers ook niet wakker te liggen. De meeste bedrijven zitten al ruim boven dit percentage. Wel belangrijk is de vraag of er straks genoeg geld is voor goede begeleiding. Want dat begeleiding van mensen met een beperking vitaal is voor het slagen van de missie, dat staat als een paal boven water. De Participatiewet mag niet enkel een bezuinigingsoperatie worden, want dan ligt een mislukking in het verschiet.

Ralph Mens vakredacteur


Instemming met Participatiewet, maar zorgen over budget en begeleiding blijven Een ruime meerderheid in de Tweede Kamer heeft donderdag 20 februari ingestemd met de Participatiewet. Gemeenten en brancheorganisaties blijven bezorgd over het beschikbare budget. De nieuwe wet moet mensen met een beperking meer kansen bieden op de arbeidsmarkt. De komende jaren komen er bij bedrijven 100.000 extra banen bij en nog eens 25.000 bij de overheid voor mensen met een beperking. Met ingang van volgend jaar valt iedereen die kan werken, maar niet in staat is het minimumloon te verdienen, onder één regeling. Nu is dat nog verspreid over de Wet werk en bijstand, Wet sociale werkvoorziening en Wajong.

VHG VHG-bestuurder Frank Crucq

ziet veel kansen in de Participatiewet. „Als sector willen we voorsorteren op deze nieuwe wet. De groensector heeft een groot absorptievermogen om mensen te werk te stellen. Gemeenten, zorginstellingen en woningcorporaties stellen het op prijs dat wij als sector onze verantwoordelijkheid nemen.” Binnen de nieuwe cao is daarom een werkgroep Sociale Werkvoorziening ingesteld. Crucq wijst ook op het sectorplan dat onlangs is afgesloten. Zo worden cursussen aangeboden voor groenvoorzieners waarin wordt geleerd om te gaan met ’collega's met een gebruiksaanwijzing’.

Cedris Branchevereniging van sociale werkvoorzieningsbedrijven Cedris steunt het uitgangspunt van de Participatiewet om meer

mensen aan de slag te helpen bij gewone werkgevers. Het budget voor begeleiding blijft voor Cedris echter een groot zorgpunt. Cedris-voorzitter Job Cohen: „Begeleiding is noodzakelijk om afspraken op papier om te zetten naar echt werk. Er moet geld zijn voor gerichte training, ondersteuning op de werkvloer en voor professionals die werkprocessen aan kunnen passen aan de mogelijkheden van mensen met een beperking.”

VNG De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) vindt ook het participatiebudget een zorgpunt. Wel is de VNG tevreden met de tegemoetkoming aan economisch zwakke regio’s als Oost-Groningen, ZeeuwsVlaanderen en Zuid-Limburg. Deze dreigden financieel in de

problemen te komen als gevolg van de Partcipatiewet. Er komt nu een nieuwe verdeelsystematiek waarbij wordt gekeken naar de opnamecapaciteit van de regionale arbeidsmarkt.

Bonden De vakbonden blijven kritisch over de Participatiewet. Abvakabo FNV is bang dat door bezuinigingen bij SW-bedrijven het recht op arbeid in aangepaste omstandigheden in de knel komt. CNV maakt zich zorgen over ondersteuning voor jonggehandicapten en wil een minimaal recht op ondersteuning in de wet vastleggen. Wanneer ook de Eerste Kamer instemt, treedt de Participatiewet op 1 januari 2015 in werking. <

Groen geluidsscherm voor woonwijk Foto Alpha Communications

In nieuwbouwwijk de Bunderhof in Reeuwijk is een NoiStop geluidsscherm van 3 m hoog geplaatst over een lengte van 110 m. Hiermee slaat de gemeente twee vliegen in één klap. Ten eerste wordt het opslagterrein van een bouwbedrijf aan het zicht onttrokken. Daarnaast absorberen de speciale geluidsschermen een flinke hoeveelheid lawaai. De schermen zijn opgebouwd uit elementen van geperst steenwol in een behuizing van gegalvaniseerd staal die luchtdicht op elkaar worden bevestigd. Het systeem zorgt voor een geluidsreductie van zo’n 40%. De schermen met speciaal groeigaas zijn inmiddels beplant zodat ze een groene uitstraling krijgen. <

TuinenLandschap | 5 | 2014

5


Nieuws

Staatssecretaris Mansveld van Milieu houdt vast aan de uitzonderingen op het verbod voor chemische onkruidbestrijding. Dat bleek vorige week donderdag toen het onderwerp in de Tweede Kamer aan de orde kwam. In totaal werden negen moties ingediend. De stemming volgt dinsdag 4 maart. Mansveld zei tijdens het overleg in de Tweede Kamer dat haar doelstelling is om alle chemische middelen uit de openbare ruimte te weren. Maar daarin is een weg te gaan, aldus de staatssecretaris. Met name voor recreatie- en sportterreinen blijkt uit onderzoek door adviesbureau Tauw dat een totaal verbod in november 2017 niet haalbaar is. De staatssecretaris herhaalde ook dat een uitzondering voor biociden die een aantoonbaar lager risico kennen gehandhaafd blijft. Zodra bekend is welke middelen onder de

uitzondering vallen, zal dit bekend worden gemaakt. Staatssecretaris Mansveld reageerde hiermee op moties van oppositiepartijen GroenLinks, CDA, Partij voor de Dieren en SP. GroenLinks, PvdD en SP pleitten er in hun moties voor om de uitzonderingen te laten vervallen, zowel voor wat betreft de toepassing als voor laagrisicomiddelen. Het CDA pleitte voor ontheffing van het verbod voor bedrijventerreinen, aangezien deze niet openbaar zijn, en niet-chemische bestrijding hoge kosten met zich meebrengt. Mansveld stelde dat data voor het verbod op chemische onkruidbestrijding op het scherpst van de snede zijn gesteld, rekening houdend met de juridische houdbaarheid ervan. Daarnaast wees ze op de Green Deal met de sector die moet leiden tot minimalisering van het gebruik van chemische middelen. <

Foto innoVIRENS

Mansveld houdt vast aan uitzonderingen verbod

Zwijndrecht past Beplantingsmethode Ruyten toe Wethouder Henk Mirck van de gemeente Zwijndrecht slaat Arbretio boomplantwiggen op hun plaats; met de wiggen wordt de boom ondergronds verankerd. De boomplantactie is onderdeel van het groencompensatieproject dat op bedrijventerrein Bakestein plaatsvindt. Dit wordt uitgevoerd door innoVIRENS, die past de Integrale Beplantingsmethode Ruyten (IBR) toe. In deze methode wordt van tevoren de definitieve plantafstand bepaald. Zo kan het groen zich natuurlijk ontwikkelen en hoeft er na de aanplant niet meer te worden gesnoeid of gerooid. <

o l

Vertrouwen Als ontwerpers van tuinen en landschappen vinden wij het niet meer dan normaal: de klant centraal in het proces zetten. Het is aan de opdrachtgever, de gebruiker, aan wie je vraagt wat ze belangrijk vinden en welke functies, sferen, materialen ze graag in het nog te maken schetsontwerp vertaald zouden willen zien. En dat niet alleen. Het is tevens een kwestie van goed (kunnen) luisteren. Een half woord kan namelijk al genoeg zijn. Maar ook het zelf laten verzamelen van referentiebeelden kan flink bijdragen aan en helpen bij de totstandkoming van het uiteindelijke gewenste eindplaatje. Daar moet van beide kanten serieus de tijd voor worden genomen. Niets leuker dat dan spelenderwijs te doen in enkele sessies, bijvoorbeeld gebruikmakend van het beeldfenomeen Pinterest. Zo kun je het nuttige met het aangename verenigen. Vreemd genoeg heeft het gros van de traditionele

6

TuinenLandschap

| 5 | 2014

bouwwereld dit nooit echt begrepen. Eerst bouwen en dan pas komen de beoogde gebruikers in beeld. Welke zich moeten aanpassen aan vooropgelegde indelingen en maatvoeringen die ze liever heel anders hadden gezien en die soms maar heel moeizaam of tegen hoge kosten achteraf zijn aan te pakken. Keuken? Badkamer? Voordat überhaupt de bouw van start gaat, moet daar in korte tijd maar even ’snel’ over besloten worden (als je al een keuzemoment hebt). Maar gelukkig is er een nieuwe bouwbeweging gaande die het wonen actief en vanuit de nieuwe economie aan het benaderen is en samen met ons de klant als inspirator en figuurlijke energiebron ziet. Fijn om dan te ervaren dat de klant vanzelf ons weer centraal gaat zetten. En daar is maar één mooi woord voor: Vertrouwen!

Jack van Haperen ontwerper/hovenier Bart Hoes tuinontwerper Ruud Vermeer hovenier

Bart Hoes info@barthoes.nl


Duurzaam tuinieren centraal op TuinIdee Duurzaamheid was hét thema van TuinIdee 2014. De beurs in Den Bosch had dit jaar voor het eerst een complete hal gewijd aan dit onderwerp. Daarnaast stond duurzaam tuinieren ook centraal in de Nationale Wedstrijd Tuinaanleg van Branchevereniging VHG die tegelijkertijd plaatsvond.

TuinIdee vond plaats van 20 tot en met 23 februari in de Brabanthallen van Den Bosch. Met 25.000 m2 aan vloeroppervlakte is het in Nederland de grootste tuinbeurs. Dit jaar trok het evenement zo’n 23.600 bezoekers, dat is 6,5% meer dan vorig jaar.

Levende en Duurzame tuin Hal 2 van de beurs was compleet gewijd aan het thema ’duurzaam tuinieren’. Onder leiding van NL Greenlabel, het ecolabel voor de buitenruimte van Nico Wissing en Lodewijk Hoekstra, was centraal in de hal een grote, groene showtuin aangelegd: de Levende en Duurzame tuin. De tuin viel op door zijn golvende lijnvoering, de enorme knotwilgen en de inheemse en seizoensgebonden beplanting, onder meer veel voorjaarsbollen, Helleborus en siergrassen, maar ook onbekende planten zoals de vroegbloeiende sierheester Stachuyrus praecox. In de tuin waren tientallen duurzame producten en materialen verwerkt - van Ecolan-vijverfolie tot de ECOgrill, een natuurlijke barbecue - waarover de bezoekers in de omringende stands meer informatie konden vinden. Ook konden ze de diverse tuinprofessionals aanspreken die in de voorbeeldtuin aanwezig waren en Hoekstra en Wissing zelf.

De Levende en Duurzame Tuin van NL Greenlabel viel op door de enorme knotwilgen en de seizoensgebonden beplanting.

Duurzaamste Hovenier Op vrijdag 21 februari werd in deze hal ook de Duurzaamste Hovenier en de Duurzaamste Tuin van 2013 bekendgemaakt. In de door TuinPro en Innogreen georganiseerde competitie werd hoveniersbedrijf Sjaak Willemstein uit Waddinxveen benoemd tot Duurzaamste Hovenier tot tien medewerkers. Allure tuinen uit Den Haag veroverde deze titel in de categorie ’vanaf tien medewerkers’. De ingezonden tuin van Loek Gorris van Ecocare werd

uitgeroepen tot Duurzaamste tuin van 2013.

Wedstrijd Tuinaanleg Duurzaamheid speelde eveneens een grote rol in de Nationale Wedstrijd Tuinaanleg van Branchevereniging VHG. Vijf teams van jonge aankomende hoveniers legden in drie dagen tijd (negentien uur) een ontwerp aan van bureau Bladgoudtuinen van Wilco Boksebeld uit Heeten. In het ontwerp waren diverse duurzame elementen verwerkt, zoals een groen

Sedum-dak, een border met prairiebeplanting van kwekerij Lageschaar en een broeibak om te moestuinieren. Ook de gebruikte materialen zijn op hun duurzaamheid uitgekozen volgens wedstrijdleider Bas van Swigchem. Zo bestaan de houten constructies uit inlands onbehandeld hout, de bestrating uit gebakken tegels en is de beplanting voor een deel eetbaar, zoals de twee leiappels en de Amelanchier lamarckii.

Winnaars Uiteindelijk bleek na lang juryberaad het team van het Groenhorst in Velp - Simon Kuiperij en Bram Wevers - de hoogste punten te scoren. Zij lieten het team van De Groene Campus in Helmond - Tim de Kroon en Luc Leenen - net achter zich. Derde werd het team van AOC Oost, dat bestond uit Mike Poliste en Nick ter Bekke. < Voor extra foto’s van de Nationale Wedstrijd Tuinaanleg en TuinIdee, kijk op www.tuinenlandschap.nl

Vijf teams van hoveniers in opleiding legden op de beursvloer in negentien uur tijd een complete tuin aan.

TuinenLandschap | 5 | 2014

7


Uitgesproken

Openbaar groen moet niet alleen netjes zijn, het moet doelgericht functioneren

Wateropvang- en berging, klimaatbeheersing, het afvangen van fijnstof, gezondheid, de sociale functie, noem maar op. Waarom discussiëren we niet op een hoger niveau over het groen? We moeten het er op

Waarom lukt het andere disciplines wel?

beleidsniveau over hebben, er bij de politiek een strategisch punt van maken. Wanneer de politiek vraagt waarom het onderhoud van het groen zo veel moet kosten en je hebt er geen goed verhaal bij, dan resulteert dat in een bezuinigingsopdracht. Maar als je goed inzichtelijk maakt welke functies en toegevoegde waarde groen heeft en daar concrete organisatiedoelen van maakt, dan ontstaat er een andere uitgangspositie en discussie op het moment dat er bezuinigd moet worden. Waarom lukt het andere disciplines in de buitenruimte wel? Neem de jaren dertig wijk waarin ik woon, de complete straat wordt heringericht en van innovaties voorzien. Zo komt er een gescheiden riolering met bodeminfiltratie De

investering in het groen blijft echter beperkt tot speelfaciliteiten en het overeind houden van het ontwerp uit de jaren dertig. Het ontbreekt nog aan plannen om de huidige kennis en waarden van groen te vertalen naar de praktijk. Om de politiek op een juiste wijze te informeren en te voeden moet er natuurlijk wel een gemeenteman of -vrouw zijn die dit kan. En dat is de laatste jaren wel lastiger geworden binnen gemeenten, omdat er steeds meer groen vakmanschap is weggesneden. Daar ligt een belangrijk aandachtspunt. Ook dient de burger voortdurend betrokken en geïnformeerd te worden. Het is immers zijn dagelijkse leefomgeving.” <

Foto IPC Groene Ruimte

„In het openbaar groen staan we al decennialang stil. Als we over de kwaliteit ervan discussiëren gaat het over de onderhoudskwaliteit, of het groen er ’netjes’ bij ligt. Daarmee overstijgt het groen nog altijd niet zijn aloude functie van ’decor’ en sluitpost. Terwijl we al lang weten dat groen veel meer functies heeft die uit maatschappelijk oogpunt broodnodig zijn.

Ronny Sprong adviseur IPC Groene Ruimte

vhg

Deze kolom valt onder redactionele verantwoordelijkheid van vhg.

Zwemwater Vorige week vond de eerste kennisbijeenkomst plaats van het VHG-platform voor Natuurlijk Zwemwater. Vorig jaar is dit platform opgericht. Doelstelling is om samen te werken aan politieke lobby rondom zwemvijvers in (semi-)openbare gelegenheden, kennisdeling over normen en promotie. Tijdens de kennisbijeenkomst gaf Sander Voortman een inleiding over de aanleg en het onderhoud van zwemvijvers. Ik ben erg onder de indruk van wat hierbij komt kijken. Als tuinliefhebber word ik betoverd door de spiegeling van het water, die een extra ruimtelijke dimensie aan de tuin toevoegt, en het plezier dat je aan een zwemvijver kunt beleven. De professional speelt met een uitdaging. Het

8

TuinenLandschap | 5 | 2014

www.tuinenlandschap.nl

zwemwater blijft helder door een samenspel van factoren. Ecologie is het vertrekpunt. Het aanleggen en onderhouden van een zwemvijver is daarom een echt specialisme. De beeldvorming over de kwaliteit van het natuurlijke zwemwater bepaalt het succes om verder te komen in de markt. Het zou prachtig zijn als het in de toekomst ook mogelijk wordt om zwemvijvers in (semi-)openbare gelegenheden aan te leggen. Maar dan moet de regelgeving hierop wel afgestemd zijn. Daarom was het super dat de voorzitter van de projectgroep Zwemwaterwet van het ministerie van Infrastructuur & Milieu ook tijdens de kennisbijeenkomst aanwezig was. Egbert Roozen directeur vhg e.roozen@vhg.org


Tuin en landschap o

nline

www. tuinenlandschap. nl

Van onderstaande berichten staat een uitgebreide versie op de site van TuinenLandschap

Aziatisch lieveheersbeestje heeft natuurlijke vijanden

Svensk Gardning @svenskgardning Vandaag een prachtige gunning voor het herstellen van #elsensingels @provfryslan

Anders dan aanvankelijk gevreesd, blijkt het exotische Aziatische lieveheersbeestje toch natuurlijke vijanden in ons land te hebben. Het gaat om schimmels, nematoden en mijten. Dit is ontdekt door Wageningen UR.

Ralph Mens @ralphmens Planten en mandarijnengeur geven Utrechts winkelpubliek gevoel van veiligheid. Omzet winkels stijgt. ht.ly/2DYsSc #waardevangroen

Extra geld voor gezonde scholen Twee keer zo veel scholen dan verwacht hebben een aanvraag gedaan voor het project Gezonde School van de ministeries van VWS en OCW. Om aan de vraag te kunnen voldoen, stellen de ministeries €2 miljoen extra beschikbaar.

DonkergroenNL @DonkergroenNL #boomspecialisten #DonkergroenNL verwijderen 9 monumentale bomen uit borgtuin #Menkemaborgmuseum #stamrot

Meerderheid groensector positief over doorwerken

Wyke Smit @wykegroene11 Vanavond debat over bijen en bestrijdingsmiddelen, spannend!

Een meerderheid van de werkgevers (54%) en werknemers (67%) uit de groene sector is positief over de mogelijkheid om door te werken tot aan hun pensioen. Wel denkt ongeveer de helft dat er dan aanpassingen nodig zijn.

Boomfeestdag @Boomfeestdag 2014 is uitgeroepen tot Jaar van de Groene #Kinderopvang.

Groencompetitie Entente Florale 2014 van start Negen deelnemers presenteerden zich bij de aftrap van de groencompetitie voor gemeenten. In de categorie dorpen en kleine steden zijn dat Beesel, Hoenderloo, Vianen en Willem stad. In de categorie steden doen mee Bergen op Zoom, Culemborg, Dronten, Doetinchem en Oisterwijk.

Meerderheid wil langer doorwerken tuinenlandschap.nl Uit onderzoek blijkt dat een meerderheid in de groensector denkt langer door te kunnen werken. Haalt u uw pensioen?

Landschap Noord-Holland zoekt vogelbeschermers

Doe mee aan de discussie in de tuinenlandschap-groep

75% Foto Landschap Noord-Holland

zei nee tegen de stelling: ’Uitzondering sport- en recreatieterreinen op verbod chemische onkruidbestrijding is terecht’ Stem mee over de volgende peiling:

’De Participatiewet biedt kansen voor bedrijven in de groensector’

Landschap Noord-Holland is op zoek naar vrijwilligers om weidevogels zoals de grutto, kievit, scholekster en tureluur te beschermen. De natuurorganisatie ondersteunt circa 25 weidevogelgroepen met materialen, cursussen en informatieavonden. Ruim duizend vrijwillgers zijn jaarlijks actief.

ap

an

Bij sommige artikelen in dit blad staan icoontjes, deze verwijzen naar extra informatie op de website Foto’s

Filmpjes

Dossiers

Documenten en links naar websites

h dsc

Praat mee

enL

f

ie r b ws u e Ni

TuinenLandschap | 5 | 2014 Tuinen TuinenLandschap  Tuin

NieuwsPag_8-9.indd 9

9 24-02-14 13:50


Sortiment

Zijn stekelige karakter geeft hem een slecht imago. In tuinen tref je Berberis daarom nauwelijks aan. Onterecht want de zuurbes is een veelzijdig geslacht. Niet in de laatste plaats vanwege zijn rijkdom aan bloem en bes. Berberis is daarom toe aan een herwaardering voor toepassing in de tuin.

De kleurige rijkdom van Berberis H

et geslacht Berberis bestaat uit bladverliezende en bladhoudende soorten. Enkele hybriden (onder andere B. media) zijn halfwintergroen. De bladeren zijn altijd enkelvoudig. De meeste soorten en cultivars hebben scherpe driedelige doorns die direct onder de bladknoppen staan. Ook zijn er veel soorten en cultivars met (scherp) getande bladeren. Bij de bladverliezende soorten komen fraaie herfstkleuren voor, meestal oranje tot paarsrood. Berberis bloeit in het (vroege) voorjaar. De bloemen zijn in de regel mooi, variërend van bleekgeel tot dieporanje. De besvormige vruchten hebben eveneens opvallende kleuren, van oranjerood tot zwart. In sommige gevallen zijn ze grijsblauw berijpt. De wintergroene Berberis zijn over het algemeen vrij kleine tot middelgrote struiken. De bladeren variëren sterk in vorm en kleur. Soms zijn ze klein, ovaal of (omgekeerd ei)rond, zoals bij B. buxifolia. Bij andere soorten zijn ze langwerpig tot bijna lijnvormig, zoals bijvoorbeeld bij B. linearifolia en B. stenophylla. Sommige zijn gaafrandig, zoals B. buxifolia, andere, zoals B. candidula, hebben kleine

10

TuinenLandschap

| 5 |2014

stekeltjes aan de bladranden. Ook qua bladkleuren is er een grote verscheidenheid tussen de soorten: van blauwgroen (B. stenophylla) tot donkergroen. De meeste soorten en cultivars bloeien erg rijk. En omdat de bladeren vaak donkergroen zijn, vormen ze een mooie achtergrond voor de heldergekleurde bloei.

Stekelig Het is de combinatie van eigenschappen - relatief lage struiken, wintergroen en doornen - die de planten in het openbaar groen zo populair hebben gemaakt. De doornen en stekels maakt van Berberis een prima plant voor defensieve toepassingen. Helaas is het zijn stekelige karakter die de zuurbes een wat negatieve naam heeft gegeven. De meeste soorten en cultivars zijn in Nederland en België prima winterhard (USDA zone 6). Alleen de soorten B. darwinii, B. linearifolia, B. lologensis en B. stenophylla en hun cultivars kunnen tijdens strenge winters lichte vorstschade oplopen. Onder normale omstandigheden zijn de planten echter ruim voldoende winterhard in Nederland en België. <

Tekst Ronald Houtman Beeld Plant and Pictures


Berberis buxifolia ’Nana’ B. buxifolia is een ronde struik van 1 tot 2 m hoogte, van nature voorkomend in Zuid-Chili. De dwergvormige cultivar ’Nana’ is een rond struikje tot circa 50 cm hoog. De donkergroene, vrijwel ronde blaadjes zijn gaafrandig tot soms iets getand. De ronde habitus maakt de plant geschikt voor randbeplantingen. De plant is in eerste instantie geschikt voor kleine en middelgrote vakken aangezien hij zelden bloeit.

Berberis stenophylla ’Crawley Gem’ B. stenophylla is een breed opgaande struik met sierlijk overhangende takken tot een hoogte van circa 2 m. De smalle, donker blauwgroene bladeren hebben een grijswitte onderzijde. Rijkbloeiend met geel tot geeloranje bloemen. ’Handsworth’ is de kloon die algemeen in Nederland als B. stenophylla wordt gekweekt. ’Crawley Gem’ groeit lager en breder en heeft relatief brede donkergroene bladeren. De bloemen zijn meer oranjerood als die van de soort.

Herkomst Berberis behoort tot de Berberidaceae (zuurbesfamilie)en is met meer dan vijfhonderd soorten veruit het grootste geslacht in deze familie. Van nature komen ze voor in Noorden Zuid-Amerika, Afrika, Midden- en Oost-Azië en Europa. Het merendeel van deze soorten is bij ons niet in cultuur. Voornamelijk omdat deze niet winterhard zijn. Van de soorten die wel bij ons in cultuur zijn, wordt maar een beperkt aantal op (redelijk) grote schaal gekweekt. De belangrijkste soort is de bladverliezende B. thunbergii, waaraan in dit artikel geen aandacht wordt geschonken. Het grote aantal cultivars dat in de loop der jaren is benaamd en geïntroduceerd zorgt voor een grotere variatie in sier- en gebruikswaarde. De bladverliezende Berberis vulgaris is de enige in het wild in Nederland voorkomende soort. >

TuinenLandschap

| 5 |2014

11


Berberis lologensis

Berberis candidula

Berberis darwinii

Een hybride tussen B. darwinii en B. linearifolia die voorkomt in de natuurlijke verspreidingsgebieden Chili en Argentinië. De planten groeien breedopgaand, de bladeren zijn omgekeerd eirond en hebben vijf tanden. B. lologensis ’Apricot Queen’(abrikooskleurig oranje bloemen) en ’Mystery Fire’ worden het meest gekweekt. ’Mystery Fire’ bloeit rijk met zuiver oranje bloemen en is winterharder dan B. linearifolia.

Een laagblijvende, relatief breed uitgroeiende soort tot circa 50 cm hoog en beduidend breder. In tegenstelling tot B. verruculosa zijn de twijgen niet wrattig. De bladeren hebben enkele kleine tandjes aan de bladrand waardoor ze sierlijk golvend zijn. Ze zijn glimmend donkergroen met een grijswitte onderzijde. B. candidula is uitermate geschikt voor aanplant in grote plantvakken, op taluds en langs randen.

Een mooie soort met een breedopgaande, ovale habitus tot uiteindelijk circa 2 m hoogte. De bladeren zijn donkergroen en hebben een fijngetande bladrand. In het voorjaar bloeit B. darwinii overdadig met oranjegele bloemen, gevolgd door donkerpaarse bessen. Hij kan van strenge vorst te lijden hebben. B. darwinii is uitermate geschikt voor aanplant in particuliere tuinen. Deze plant bezit geen doorns.

12

Berberis frikartii

Berberis julianae

Een hybride tussen B. candidula en B. verruculosa. Bekend geworden door de twee op elkaar lijkende cultivars ’Amstelveen’ en ’Telstar’. Beide zijn afgeplat bolvormig met glimmend donkergroene bladeren die aan de onderzijde blauwachtig wit zijn, en bloeien lichtgeel. ’Amstelveen’ wordt circa 1 m hoog, ’Telstar’ circa 1,2 m. De B. frikartii-cultivars groeien sterker dan B. candidula en B. verruculosa waardoor ze meer geschikt zijn voor grootschalige toepassing.

Middelgrote, breed opgaand groeiende struik tot circa 2,5 m hoog. De langwerpige bladeren zijn dof donkergroen en de plant heeft zeer scherpe, tot 4 cm lange doorns. In mei-juni bloeit B. julianae zachtgeel, gevolgd door blauwe berijpte bessen. Op zandgronden kan B. julianae een schitterende rode herfstkleur krijgen. De heester is zeer winterhard. Goed toe te passen in grote plantvakken en als brede hagen in defensieve beplantingen.

TuinenLandschap

| 5 |2014


Standplaats

Toepassing

De wintergroene Berberis zijn vrijwel bodemvaag en groeien op alle gronden. Van nature hebben ze een voorkeur voor een neutrale tot iets alkalische bodem, maar ook op zure grond zullen de planten goed groeien. De bodem moet wel voldoende vochtig maar gedraineerd zijn. Droogte wordt slecht verdragen. Ze gedijen in halfschaduw tot volle zon.

Hoveniers en tuin- en landschapsarchitecten lijken een haat-liefdeverhouding met Berberis te hebben. Dat lijkt een kwestie van imago. Berberis heeft de naam kleurloos en scherp te zijn. Dit laatste is natuurlijk niet te ontkennen, maar kleurloos is Berberis zeker niet. Hoewel niet wintergroen, hebben de nieuwe cultivars van B. thunbergii het geslacht goed op de kaart gezet in het particuliere segment. Het is aan hoveniers en architecten om deze positieve benadering van de bladverliezende Berberis ook door te zetten naar de wintergroene.

Naam

Hoogte

Bloemkleur

P

O

Opmerkingen/toepassing

B. ’Bokratin’ (TINY ‘N’ SPINY)

50 cm

geel

x

x

B. candidula B. darwinii B. frikartii ’Amstelveen’ B. frikartii ’Telstar’ B. gagnepainii var. lanceifolia B. ’Haalboom’ B. hybrido-gagnepainii ’Chenaultii’ B. interposita ’Wallich’s Purple’

50 cm 200 cm 100 cm 120 cm 175 cm 100 cm 150 cm 125 cm

geel oranjegeel lichtgeel lichtgeel lichtgeel lichtgeel geel n.v.t.

x x

x

B. julianae

250 cm

lichtgeel

B. linearifolia ’Orange King’

125 cm

oranje

B. lologensis ’Apricot Queen’

100 cm

abrikoos-oranje

x

B. lologensis ’Mystery Fire’

100 cm

oranje

x

B. stenophylla ’Autumnalis’ B. stenophylla ’Crawley Gem’ B. stenophylla ’Handsworth’ B. stenophylla ’Irwinii’ B. verruculosa

100 cm 75 cm 200 cm 100 cm 125 cm

geel oranjegeel donkergeel oranjegeel geel

Groeit iets sneller een vak dicht dan B. candidula; fris donkergroen blad Veelzijdige soort Zeer mooie soort, niet erg scherp Topper in het openbaar groen Als ’Amstelveen’, maar iets hoger Kan ook in de schaduw Sterke groeier; lijkt op B. candidula Forse struik; dofgroen blad Jonge scheuten purperrood; bloeit nauwelijks Veelzijdige hoge struik; ook voor brede hagen Mooie bloemheester voor de particuliere tuin Mooie bloemheester voor de particuliere tuin Mooie bloemheester voor de particuliere tuin Bloeit in de herfst Twijgen iets overhangend Als solitair of in (kleine) groepen Breed ovale groeiwijze Lijkt op B. candidula maar forser

x

x x x x x x x

x

x x x x

x x x x x

TuinenLandschap

| 5 |2014

13


Sortiment

Hans Kramer stelt voor:

Helleborus x hybridus Waarom zien we zo weinig Helleborus orientalis hybride in zuiver wit? Het lijkt wel of hij van de aardbodem verdwenen is. Toch is deze plant verreweg de sterkste, taaiste, kleurrijkste en de meest langlevende van alle Helleborus. Een voorjaarsbloeiend juweel voor tuin en park. Tekst en beeld Hans Kramer

Hans Kramer is vasteplantenkweker. Hij bestrijdt eentonigheid in Nederlandse tuinen en plantsoenen door onbekend, maar goed toepasbaar sortiment onder de aandacht te brengen. www.hessenhof.nl

14

TuinenLandschap

| 5 | 2014

W

e raken overspoeld met hybriden tussen Helleborus niger, H. argutifolius en H. lividus. In tuincentra, supermarkten en zelfs benzinepompen worden de planten voor een habbekrats aangeboden. Deze groep is heel gemakkelijk uit weefselkweek (meristeemcultuur) te kweken. Als men de afgeharde planten in mei oppot, heeft men rond kersttijd een leverbare, bloeiende plant. Op zich is er niets mis mee maar de herkomst van H. argutifolius uit Corsica en H. lividus uit Majorca duidt op een mindere winterhardheid. Dat merkten we twee jaar geleden, toen veel planten het loodje legden. De echte H. niger is ook in ĂŠĂŠn jaar tijd tot een bloeiende plant te kweken. Prachtig om te zien, maar in de tuin is hij kieskeurig en leeft hij meestal niet lang. Neem dan H. orientalis hybride, weliswaar een wispelturige plant uit weefselkweek maar een kei in de tuin. Uit zaad


1 Helleborus x hybridus stelt weinig eisen aan de grond en de standplaats. 2 De zuiverwitte bloem van Helleborus x hybridus (H. orientalis hybriden) 3 Er zijn ook vormen met donkerrood gespikkelde bloemen en een witte rand.

Herkomst en naam Over de Nederlandse en de Latijnse naam heerst geen overeenstemming. Volgens de Engelse plantenvinder heet de plant Helleborus x hybridus, maar zelf vind ik die te onduidelijk. Liever spreek ik over H. orientalis hybriden want er zit H. orientalis bloed in. Dat zijn compleet andere planten dan de hybriden tussen H. niger, argutifolius en lividus. De plant komt uit de Kaukasus, van NoordoostTurkije tot in de Oekraïne. De botanici van die landen spreken over Helleborus caucasicus. Hij groeit op open bergweides, tussen licht struikgewas en op zware, vruchtbare grond. De mooiste planten, groengeel met een tikkeltje roze, zag ik op open zuidhellingen staan. Waar nu de winterspelen zijn, komt de ondersoort H. orientalis abchasicus voor. Deze is over het algemeen violet-purper. Officieel heeft H. Orientalis hybriden geen Nederlandse naam. Gek eigenlijk, want de andere soorten wel: kerstroos (H. niger), stinkend nieskruid (H. foetidus) en wrangwortel.(H. viridis). Wetenschappelijke naam Helleborus x hybridus Nederlandse naam kerstroos of winterroos Bloeitijd februari-april Hoogte 40 cm Grondsoort elke redelijk goede tuingrond Standplaats volle zon tot lichte schaduw Bijzonderheid bladhoudend

duurt het zeker twee tot drie jaar voordat je een bloeiende plant kunt kweken. Ze zijn dan ook een stuk duurder dan de hiervoor genoemde soorten. Daar staat tegenover dat ze tientallen jaren vast in de tuin blijven staan, waarbij ze zichzelf kunnen uitzaaien. En de plant stelt veel minder eisen aan de grond en standplaats. Helleborus wordt in twee groepen ingedeeld, ’stengelvormende’ en ’stengelloze’ soorten. H. argutifolius, H. lividus en H. foetidus behoren duidelijk tot de eerste groep. Ze hebben een wintergroene, houtige stengel met bladeren, waarboven de bloemen staan. H. orientalis hybriden behoort duidelijk tot de stengelloze groep. Hier worden de bloemstengels kort voor de bloeitijd gevormd, de wintergroene bladeren komen rechtstreeks uit het rhizoom in de grond. De laatste groep is het grootst en bijna alle soorten

behoren hiertoe. Helleborus niger is een tussenvorm. Een zuiver witte H. orientalis hybride is een juweel in de tuin en kan het zonder moeite opnemen tegen de mooiste H. niger. De stengels zijn veel hoger en daardoor worden ze bij een flinke regenbui nauwelijks met opspattend modder besmeurd. Ik ken daarbij geen effectvollere plant voor de winter. Ze kunnen enorm worden, waardoor je ze al vanaf tientallen meters ziet. De planten gedijen prima in de volle zon, zolang het maar een plek is waar de warmte weg kan. In een beschutte patiotuin zou ik hem liever in de schaduw zetten. Ook onder loofhout, op een niet te lichte grond, groeien ze goed. Uit de natuur wordt vaak de combinatie van Corylus avellana en Helleborus gekopieerd en die is inderdaad adembenemend.

Het is raadzaam om in de late winter het wintergroene blad geheel af te knippen. Zo voorkom je dat eventuele schimmels die op het enigszins verwaaide, beschadigde blad zitten, direct in contact komen met de uitlopende plant. Op lichtere gronden kan men daarna een mulchlaagje van een goede kalkrijke compost aanbrengen. Op zware gronden is dat niet nodig. Het kan raar lopen, weefselkweek kan ervoor zorgen dat oude vertrouwde en bewezen planten ineens schaars worden. Vraag als groene vakman bij je leverancier eens expliciet naar deze super voorjaarsbloeier, want het is verreweg de allersterkste en meest tolerante Helleborus. <

TuinenLandschap

| 5 | 2014

15


Bedrijf en Organisatie

Hoveniersbedrijf De Biesbosch nieuwe weg in met TuinExperie Hoveniersbedrijf De Biesbosch uit Dordrecht combineerde dertig jaar lang de hoveniersactiviteiten met een eigen tuincentrum. Twee jaar geleden besloten eigenaren Robert Dokman en Ruud Mol het roer om te gooien. Het tuincentrum werd ingeruild voor een showroom met modeltuinen, TuinExperience genaamd. Mol: â&#x20AC;&#x17E;Ik ben nog elke dag blij met dit besluit.â&#x20AC;?

Tekst en beeld Ralph Mens

16

TuinenLandschap

| 5 | 2014


het besluit genomen om te stoppen met het tuincentrum.”

Bedrijfsinformatie

Uitbreiding en overname

▸ Locaties Dordrecht (De Biesbosch) en Barendrecht (Gijsbers Groenprojecten) ▸ Aantal medewerkers Respectievelijk 7 en 5 ▸ Werkzaamheden Tuinaanleg, -onderhoud en -ontwerp voor met name particulieren (Dordrecht), boomverzorging voor gemeenten en waterschappen (Barendrecht). ▸ Verdeling Dordrecht 90% particulier, 10% zakelijk; Barendrecht 75% overheden, 25% particulier.

Nadat het besluit was genomen, rees de vraag: hoe krijgen we straks klanten voor tuinen binnen? Tot dan toe kwamen die vaak via het tuincentrum. Daarnaast was de vraag wat te doen met de grote kas waar het tuincentrum in was gevestigd. Mol: „We hadden veel geïnvesteerd in de kas, door middel van vloerverwarming en veiligheidssystemen.” De compagnons kozen voor uitbreiding en een overname. De overname kwam in januari 2013 door Gijsbers Groenprojecten in Barendrecht in te lijven. Daarnaast ontstond het idee voor een showroom met modeltuinen. Mol: „Bij keukencentra kun je als klant modelkeukens bekijken, zoiets bestond nog niet bij hoveniersbedrijven. Het voordeel van een showroom is dat de klant kan zien hoe de tuin en materialen staan als alles klaar is.” De showroom met de naam TuinExperience opende in april 2013. Nu, bijna een jaar later, stellen de eigenaren tevreden vast dat het concept werkt. „Van de veranda die hier staat verkochten we voorheen misschien één exemplaar per jaar. Afgelopen jaar hebben we er zeven verkocht. Voorheen konden mensen alleen een plaatje zien, nu zien ze het eindresultaat.” Mol heeft het grondplan voor de showroom zelf ontworpen. Ook de uitvoering is geheel in eigen beheer gedaan, op het stuken van de muren na. „Gelukkig hadden we vorig jaar een strenge winter, daardoor hadden we buiten weinig werkzaamheden en konden we goed doorwerken.” Behalve de showroom binnen is het plan om ook buiten een drietal showtuinen aan te leggen. „Dat moet niet te groot worden, het moet geen tweede Appeltern worden. We moeten de tuinen eenvoudig kunnen bijhouden.”

Eigenaren Ruud Mol (links) en Robert Dokman in de showroom TuinExperience.

slaat nce

H

oveniersbedrijf De Biesbosch ligt in de Zuidbuitenpolder van Dordrecht, pal naast het natuurgebied waaraan het bedrijf haar naam ontleent. Oorspronkelijk lag hier een boomgaard met fruitbomen. Enkele hagen langs het bedrijf herinneren hier nog aan. In 1978 werd door de toenmalige eigenaar de overstap naar een tuincentrum gemaakt. Dat begon met de verkoop van wat planten en coniferen uit de eigen kwekerij. Later werden fruitkappen van de Floriade in Zoetermeer geplaatst als eerste overkapping. Vanaf 1986 kwam het hoveniersbedrijf erbij. Wat begon met af en toe wat bestraten, groeide uit tot een volwaardig hoveniersbedrijf dat zich richt op tuinaanleg, tuinonderhoud, tuinontwerp en boomverzorging. In de loop der jaren verschoof het zwaartepunt van de activiteiten steeds meer richting het hoveniersbedrijf. Mol: „Het tuincentrum liep eigenlijk steeds minder. De concurrentie van andere tuincentra, bouwmarkten en supers werd steeds groter. Mensen willen een uitgebreid assortiment van potten en planten, tot dierartikelen en barbecues aan toe. Daarom hebben we twee jaar geleden

Beeldhouwwinkel De showroom wordt ook verder ingericht. „Het eerste jaar was het vooral veel bouwen en zorgen dat alles op tijd klaar is. Nu richten we ons op de aankleding met accessoires, tuinmeubelen en beplanting. Er is ook een kunstenaar die hier beelden van glas en andere materialen exposeert. Daar wordt regelmatig iets van verkocht.” De grote uitdaging in de praktijk blijft om mensen in de showroom te krijgen. „Je hebt niet tien klanten per dag die een tuin komen uitzoeken. Daarom zijn we begonnen met verhuur van de ruimte voor bedrijven die een personeelsfeest willen houden, of voor lezingen en workshops. Zo krijg je mensen over de vloer, onder>

TuinenLandschap | 5 | 2014

17


nemers, die contacten zijn heel belangrijk.” De Biesbosch heeft in de nieuwe opzet een aparte afdeling waar beeldhouwartikelen worden verkocht. „Dat is eigenlijk een uit de hand gelopen hobby. Bij het afstoten van het tuincentrum wilden we met de beeldhouwwinkel stoppen. We hebben het te koop aangeboden, maar de geïnteresseerden trokken zich terug. Uiteindelijk hebben we besloten om de afdeling 100% uit te breiden. Nu is het een van de vijf grootste in Nederland.” Behalve dat de beeldhouwafdeling omzet genereert, komen via deze activiteit mensen ook in de showroom. Er worden cursussen en workshops gegeven. Overdag wordt de materialenloods gebruikt als atelier. De bedoeling is om ook keramiekartikelen te verkopen.

Barendrecht

Het tuincentrum maakte plaats voor een showroom waarin modeltuinen en materialen staan opgesteld. Het nieuwe concept blijkt volgens de eigenaren te werken.

Naast de uitbreiding met de showroom is de andere grote verandering de overname van Gijsbers in Barendrecht. In Dordrecht werken in totaal zeven man, in Barendrecht vijf. Ook hebben beide bedrijven hun eigen specialismen. De Biesbosch richt zich vooral op onderhoud van particuliere tuinen. „Voor ons is onderhoud belangrijker dan aanleg. We hebben 260 vaste klanten, die hebben

ons door de crisis geholpen.” Het bedrijf in Barendrecht richt zich voor 75% op boomverzorging voor gemeenten en waterschappen en voor 25% op particuliere klanten. Zakelijke klanten heeft De Biesbosch weinig. Mol: „Daar hebben we bewust voor gekozen. Onze werknemers zijn stuk voor stuk vakmensen, die moet je niet inzetten voor schoffelen. Die komen beter tot hun recht bij het fijnhovenierswerk waar veel vakkennis voor nodig is en waar je goed moet communiceren met de klant. Klanten staan er vaak met hun neus boven op, die weten waar ze over praten.” Werkte De Biesbosch vroeger voornamelijk met vaste mensen, nu worden vaak mensen ingehuurd voor specifieke klussen zoals graafwerk of boomverzorging. Zo wordt er veel met zzp’ers gewerkt door het bedrijf. Mol: „Je bent slagvaardiger en flexibeler. We kunnen nu een klus aannemen die op korte termijn moet gebeuren, door tijdelijk extra mensen in te huren.” De nieuwe manier van werken heeft alles te maken met de crisis. „Tot 2008 waren we verwend. Nu moeten we er hard voor werken. Toch zijn we tegen de stroom in uitgebreid en hebben we een overname gedaan. We gaan niet stil zitten wachten tot er iets gebeurt.” <

Hovenier te huur De Biesbosch heeft op haar website de volgende aanbieding staan: 4 uur een vakbekwame hovenier in uw tuin voor €165. Ruud Mol: „Het idee is om mensen duidelijk te laten weten waar ze aan toe zijn. Vooraf geeft de hovenier aan wat hij in vier uur tijd kan doen. Dat vergt wel enige communicatievaardigheden van onze hoveniers.” Het concept blijkt goed aan te slaan. Mol kwam op het idee doordat hij zelf als klant de ervaring bij garages heeft dat je van tevoren nooit weet op wat voor bedrag je kunt rekenen. „Op deze manier zijn de kosten van een tuinbeurt vooraf helder. Wat de klant ervoor krijgt, is eveneens duidelijk. Aan het begin van de onderhoudsbeurt inspecteert onze medewerker de tuin en bespreekt met de klant wat hij in de tuin gaat doen.”

18

TuinenLandschap

| 5 | 2014


Bedrijf en Organisatie

Grondeigenaren nog altijd huiverig voor tijdelijke natuur Grondeigenaren kunnen een ontheffing voor ’tijdelijke natuur’ aanvragen voor gebieden met een bouwbestemming die de komende jaren braak zullen liggen. De natuur kan zo haar gang gaan, zonder dat de eigenaar bang hoeft te zijn dat beschermde diersoorten zich op zijn terrein vestigen. Deze mag hij – met zorg – van het terrein verwijderen. Ondanks de juridische zekerheid en de voordelen die tijdelijke natuur biedt, zijn grondeigenaren zoals gemeenten vaak wat huiverig. Stadsecologen moeten flink hun best doen om hun collega’s op het gemeentehuis over de streep te trekken. Tekst Kirsten Dorrestijn | Beeld gemeenten Almelo en Roermond

D

e gemeente Roermond heeft sinds augustus 2013 tijdelijke natuur op een gebied van 8 ha ten zuiden van het centrum van de stad. Dit voormalige sportveld en agrarische gebied zal uiteindelijk worden bebouwd. Zolang daar nog geen sprake van is, krijgt de natuur een kans. Dieren en planten maken er dankbaar gebruik van en ook omwonenden profiteren van het groene gebied. Flora- en fauna-adviseur Frederique de Bruijn vroeg de ontheffing aan. „Tot voor kort liet de gemeente op dit terrein een agrariër gras maaien en werd de grond drie keer per jaar bemest met uitspoeling van fosfaat en stikstof naar het lagergelegen natuurgebied Hattem tot gevolg. Met de ontheffing voor tijdelijke natuur is daar een eind aan gekomen. Bovendien hebben we nu een mooie, tijdelijke bestemming gevonden voor het terrein. Nu kan het groen ongestoord haar gang gaan en hebben we geen probleem als er beschermde diersoorten op het terrein komen.”

Kruidenvegetaties

In Almelo is het bedrijvenpark Twente Noord als tijdelijk natuurgebied ingericht. Natuurorganisaties monitoren het gebied.

20

TuinenLandschap

| 5 | 2014

De Bruijn vroeg een ontheffing aan voor das, buizerd en enkele vleermuizen. „Ik verwacht die soorten binnen afzienbare tijd op het terrein, in ieder geval om te foerageren. Op het deel van het gebied waar voorheen het sportveld lag, is een enorme ruigte ontstaan met verschillende kruidenvegetaties. Daar komen vlinders, zweefvliegen en andere insecten op af en dat trekt weer vleermuizen, kleine zoogdieren en vogels aan. Op de akker

naast het landgoed foerageren al dassen. De kans is groot dat die gaan oversteken.” De afgelopen jaren heeft de Rijksdienst voor Ondernemers 25 aanvragen voor tijdelijke natuur gehonoreerd. Volgens Nico Beun van InnovatieNetwerk is de vrees voor het onbekende de grootste hindernis onder grondeigenaren. „De regeling klinkt misschien te mooi om waar te zijn. Eigenaren vragen zich af of er geen addertje onder het gras zit, of ze daadwerkelijk de natuur kunnen opruimen zodra zij hun bouwplannen willen realiseren.” De Bruijn heeft haar best moeten doen om samen met de wethouder het Roermondse gemeentebestuur te overtuigen. „Mijn collega-ambtenaren waren het er al snel mee eens, maar het bestuur was in het begin wat huiverig. Zo van: ’Je kunt dit nu wel zeggen, maar straks zitten wij in de problemen’. Ik heb geregeld met de wethouder gepraat om onduidelijkheden weg te nemen. Ook heb ik gewezen op voorbeeldprojecten. De havenbedrijven van Amsterdam, Rotterdam en Groningen zouden nooit zoiets doen als ze risico zouden lopen.”

Slecht nieuws Nico Beun merkt nog een ander knelpunt op: de vrees om het slechte nieuws te brengen als het gebied weer wordt opgeruimd. Ervaring is hier nog niet mee opgedaan; van de bestaande tijdelijke natuurgebieden is er nog niet één opgeheven. InnovatieNetwerk adviseert om in een vroeg stadium samenwerking te zoeken met lokale natuurorganisaties.


Roermond kent sinds augustus 2013 tijdelijke natuur op een gebied van 8 ha ten zuiden van het centrum van de stad.

„Zo’n organisatie kan als een positieve ambassadeur van de tijdelijke natuur optreden”, zegt Beun. „Er zijn natuurlijk altijd omwonenden die zich aan een gebied gaan hechten, omdat ze er sporten, de hond uitlaten of wandelen. Het maakt nogal verschil of de grondeigenaar zelf het bericht brengt dat een bepaald gebied weer wordt opgeruimd, of dat een natuurvereniging dat doet.” Christian Bekhuis, projectleider bij de gemeente Almelo, zocht voor tijdelijke natuur op Bedrijvenpark Twente Noord samenwerking met de lokale IVN- en KNNV-afdelingen. „Een voorwaarde voor het beschikbaar stellen van de grond was dat er geen extra kosten aan verbonden mochten zijn. Ik heb natuurverenigingen laten meedenken over oplossingen voor knelpunten. Boeren uit de omgeving waren bang voor het verwaaien van onkruidzaden van berenklauw of akkerdistel. Wij hebben ze ervan kunnen overtuigen dat de houtsingel dit tegengaat.” Bekhuis sprak met de natuurorganisaties af dat zij het gebied monitoren, iets wat een voorwaarde is voor het verkrijgen van de ontheffing. Ook zorgen deze organisaties voor ’handjes’ als beschermde diersoorten uiteindelijk moeten worden verplaatst.

Tijdelijke natuur moet averechts effect F&F-wet verhelpen In het verleden heeft de Flora- en Faunawet voor heel wat vertraging van bouwplannen gezorgd. Beschermde diersoorten als de korenwolf of de zeggekorfslak legden miljoenenprojecten stil. Om te voorkomen dat deze dieren zich op braakliggende grond vestigen, spuiten grondeigenaren soms liever gif of maaien ze consequent de boel plat. Met de officiële status ’tijdelijke natuur’ hoopt men deze averechtse werking van de Flora- en Faunawet te verhelpen. Bureau Stroming, ARK Natuurontwikkeling en InnovatieNetwerk ontwierpen de regeling voor tijdelijke natuur. Havenbedrijf Amsterdam was het eerste bedrijf dat

Aangeharkt Grondeigenaren zijn soms bang dat hun braakliggende stuk grond een rotzooitje wordt met de tijdelijke natuur. In de ontheffing staat dat de eigenaar niets hoeft te doen om het terrein te beheren of de natuur te bevorderen. Beun: „Het is niet verboden om bepaalde maatregelen te treffen, maar wij gaan er wel van uit dat je de verschillende stadia voor ontwikkeling een kans geeft. Sommige mensen zien liever een aangeharkt park, maar

in 2009 een generieke ontheffing heeft gekregen. In de Green Deal Tijdelijke Natuur spraken de Vlinderstichting, De Twaalf Landschappen, Groningen Seaport, Haven Amsterdam, Cascade, Roelofs, het ministerie van Economische Zaken en InnovatieNetwerk af zich in te zetten voor de promotie van tijdelijke natuur. Grondeigenaren kunnen een aanvraag voor een ontheffing tijdelijke natuur indienen via innovatienetwerk.org. Netwerk Groene Bureaus en InnovatieNetwerk organiseren op 5 maart een themabijeenkomst over tijdelijke natuur voor groene adviseurs. Zie netwerkgroenebureaus.nl.

wat ons betreft is het niet nodig de tijdelijke natuur zodanig te onderhouden.” In Almelo was dit een punt van discussie. Bekhuis: „In eerste instantie dacht de gemeente eerder gegadigden voor het bedrijventerrein over de streep te kunnen trekken als we een netjes gemaaid perceel konden laten zien. Maar omdat het bedrijventerrein zich als ’groen’ profileert, vonden we het een uitgelezen kans om hier ruimte te geven aan spontane natuurontwikkeling.” <

TuinenLandschap | 5 | 2014

21


Zo-zit-dat

Fiscaal slim schenken, hoe werkt dat? Hovenier Klaas Geluk* heeft voor zijn bedrijfspand een lening bij de bank en op zijn woning ook. Hij heeft begrepen dat het mogelijk is dat zijn vader hem belastingvrij een mooi bedrag kan schenken. Hij wil graag weten of hij gebruik kan maken van de regeling.

Tekst Egbert Jan Blonk | Beeld Peter Moorman

D

oor al tijdens uw leven vermogen te schenken, kunnen nabestaanden vaak veel belasting besparen. Voor schenkingen gelden namelijk speciale vrijstellingen, waaronder een algemene, jaarlijks terugkerende vrijstelling. Door geleidelijk te schenken, kunnen nabestaanden bovendien een tariefsvoordeel behalen. De schenk- en erfbelasting kennen namelijk oplopende tarieven.

Tarieven De tarieven schenk- en erfbelasting zien er als volgt uit. Deel van belaste verkrijging 2014 1 1a 2 €0 - €117.214 10% 18% 30% €117.214 - hoger 20% 36% 40% 1. Partners en kinderen 1.a Kleinkinderen 2. Overige verkrijgers

Vrijstellingen Erfbelasting Erfrechtelijke verkrijgers hebben recht op

de volgende vrijstellingen: ▸ partners €627.367; ▸ kinderen en kleinkinderen €19.868; ▸ bepaalde zieke en gehandicapte kinderen €59.601; ▸ ouders €47.053; ▸ overige verkrijgers €2.092. Schenkbelasting Verkrijgers van een schenking hebben recht op de volgende vrijstellingen: ▸ kinderen (jaarlijks) €5.229; ▸ kinderen 18-40 jaar (eenmalig) €25.096*; ▸ overige verkrijgers (jaarlijks) €2.092; ▸ kinderen en overige verkrijgers (eenmalig) €100.000**. *De eenmalige vrijstelling bedraagt €52.281, mits de geldsom wordt gebruikt voor de bekostiging van een studie. **De eenmalige vrijstelling bedraagt tot eind 2014 maximaal €100.000, indien de geschonken geldsom wordt gebruikt voor de aanschaf, verbetering of het onderhoud van de eigen woning, de aflossing van een eigenwoningschuld of

restschuld. Voor deze schenking geldt geen leeftijdsgrens en de schenking mag ook door anderen dan ouders worden gedaan. De kosten van de tuin bij uw woning vallen onder de woning.

Schenken op papier Wilt u schenken, maar kunt u het vermogen eigenlijk niet missen? Dan is de zogenoemde papieren schenking wellicht een aantrekkelijk alternatief voor u. De begiftigden lenen in dat geval het geschonken bedrag meteen weer aan u terug. Hun vordering is pas opeisbaar bij uw overlijden. Tijdens uw leven kunt u dus gewoon over uw vermogen blijven beschikken. Bij een schenking op papier moet wel aan een aantal (formele) voorwaarden worden voldaan. Zo moet jaarlijks een rente worden betaald van 6% en moet de schenking notarieel worden geregeld. Wilt u schenken? Stel dan eerst een schenkingsplan op. Aan de hand hiervan bepaalt u wat u moet schenken om een optimaal fiscaal voordeel te behalen. <

Egbert Jan Blonk is accountant bij Grant Thornton, E Egbertjan.blonk@gt.nl

Hoe-zit-dat?

* Deze naam is fictief

Heeft u vragen of problemen die geschikt zijn voor bespreking in de rubriek Zo-zit-dat, laat het de redactie weten. Met behulp van een deskundige trachten wij het juiste antwoord of de juiste aanpak van uw probleem te vinden. TuinenLandschap | 5 | 2014

23


Ontwerp en Inrichting

Buurtuinen aan het water Op een bijzondere plek aan het water in Haarlem zijn twee nieuwe woningen gebouwd met opvallende gevels van zwartgeschilderd hout. Bart Biesot van Biesot Tuinen en Parken in Vijfhuizen maakte een passend ontwerp voor de twee buurtuinen, elk met een eigen sfeer. Tekst en Beeld Modeste Herwig

24

TuinenLandschap

| 5 |2014


Het terras voor de eettafel van de familie Bouman ligt dicht bij het water en is omsloten door beplanting. Links een rij Miscanthus sinensis ’Morning Light’ die na verloop van tijd een ’haag’ zal vormen tussen de twee buurtuinen. Grijsgroen blad van Pyrus salicifolia ’Pendula’ doet denken aan wilgenblad en past goed bij het water.

D

e hoge gevels van de nieuwe Haarlemse huizen zijn omgeven door forse bomen. De tuinen rondom zijn dan ook bewust open gehouden om maximaal te kunnen profiteren van de zon. Royale terrassen in de achtertuinen (op het westen) bieden veel zitruimte en een speelplek voor de kinderen. De strakke lijnen van het ontwerp sluiten aan bij het exterieur en het interieur van de woningen. In de zijtuinen zijn lange zichtlijnen gemaakt, om de lengte van het perceel te benadrukken. Een kader van groen omringt de verschillende terrassen. Zwarte schuttingen vormen een contrastrijke achtergrond voor de beplanting. Ze zijn in de stijl van de huizen doorgetrokken, gemaakt van zwartgebeitst tuinhout. De planken zijn verticaal geplaatst, net als aan de onderkant van de gevels, en verspringen zodat er geen kieren te zien zijn. Vlonderterrassen aan het water bieden veel extra leefruimte. Beide families hebben een boot, waar ze vanaf de vlonder zo in kunnen stappen om een tochtje te maken. Ook al zijn de buurtuinen door dezelfde ontwerper gecreëerd, toch hebben ze een eigen sfeer. Dat komt voornamelijk door een andere verdeling van de harde materialen en het verschil in beplanting.

Familie Bouman Bart Biesot www.biesot.nl

Bij het huis van de familie Bouman is een familietuin aangelegd, met kleurrijke bloemenborders en veel speelruimte voor de kinderen. Het perceel meet 200 m2. De bewoners wilden graag een moderne tuin met veel bestrating, maar wel in elk seizoen kleurige bloemen. Heel het tuinseizoen door bloeit er dan ook wel iets in de borders die ontworpen zijn door Thijs Bloedjes. De hoge beplanting beschermt tegen kijkers vanaf het water. De voortuin is voor een groot deel bestraat om een parkeerplek te creëren. Langs het pad naar de

voordeur is een afwisselende beplanting met vaste planten en heesters aangebracht. Links van de woning loopt een bestrating van bakstenen door naar de achtertuin. Om sfeer en contrast te geven zijn hier verschillende materialen gebruikt. Langs het hek staat een beplanting van Calamagrostis brachytricha als contrast met de zwarte gevel. Na een houten vlonder komt een speelweitje van kunstgras, met ingegraven trampoline. Daarachter ligt een terras van vierkante antracietkleurige tegels. Helemaal rechts ligt een verdiept vlonderterras aan het water, vanwege de nog jonge kinderen afgesloten door een metalen hek. In verhoogde plantvakken aan de waterkant borders met een kleurige beplanting.

Familie Van Oirschot De familie Van Oirschot wilde een onderhoudsvriendelijk ontwerp met een eenvoudige beplanting en extra zitruimte aan het water. Het perceel meet 230 m2. In de voortuin zijn vier plantvakken gemaakt, elk beplant met één soort. In de zijtuin zijn plantvakken uitgespaard, gevuld met buxusbollen en lavendel, in een bestrating van klinkers en betontegels. Slechts op twee plekken zijn betontegels gebruikt, verder is voor klinkers en hout gekozen om een warme uitstraling te krijgen. Direct achter het huis is een grote vlonder gemaakt om als terras te dienen. Twee plantvakken langs de schutting met de buren zijn gevuld met siergrassen. Een groter vak in het midden heeft een afwisselende beplanting gekregen met Geranium, Gaura, Delphinium en Deschampsia. De vlonder aan het water is veel breder dan die van de buurtuin, zodat er veel zitruimte is. Bovendien is de boot van de familie zo gemakkelijk te bereiken. De vlonder loopt aan de waterkant zonder onderbreking door naar de buurtuin, maar dan een stuk smaller.

TuinenLandschap

| 5 |2014

>

25


Het verdiepte vlonderterras aan het water in de tuin van de familie Bouman is voor de veiligheid afgesloten met een hek. De zwarte schutting loopt door tot aan het water en zorgt voor privacy. Gladde hardhouten planken zijn zowel voor de vlonder als voor de 75 cm hoge keerwand gebruikt.

Direct achter het huis van de familie Bouman bevindt zich een royaal terras met ruimte voor een grote loungehoek van steigerhout. De betontegels zijn van Schellevis. Links een op maat gemaakte hardhouten trap naar het aan het water gelegen vlonderterras.

26

TuinenLandschap

| 5 |2014

Het vlonderterras in de tuin van de familie van Oirschot zorgt voor een warme uitstraling. Links de verhoogde border met Deschampsia, Delphinium, Geranium, Gaura en Anemone x hybrida ’Honorine Jobert’. Voor de zwarte schutting groeit Miscanthus sinensis. Op de achtergrond de buurtuin.

In de voortuin van de familie van Oirschot zijn vier plantvakken en paden van grof basaltsplit aangelegd. In de vakken groeit lavendel en Hydrangea paniculata ’Limelight’. Om hoogte te creëren zijn er drie Catalpa op stam geplant. Direct voor het huis liggen lichtgrijze betontegels, het pad naar de voordeur is bestraat met contrasterende warm bruine bakstenen.


Uitgelicht

Vlonders en keerwanden

Op de lage vlonder van de familie Van Oirschot is ruimte voor een tuinbank. Aan beide zijden van de verhoogde border is een brede trap aangelegd. Langs de border een lage buxushaag. In de keerwand is verlichting aangelegd. Op de achtergrond de diepere borders van de buren met Aster en Persicaria.

In deze tuinen aan het water spelen vlonders en keerwanden een belangrijke rol. Langs het water heeft Biesot Tuinen en Parken eerst een nieuwe damwand gemaakt. Met een kraantje is een nieuwe sleuf gegraven en met een palenboor zijn gaten voor de palen gemaakt. Om de 50 cm is een hardhouten paal geplaatst, hierop zijn bangkirai-damwanddelen van 3 x 18,5 cm breed geschroefd. Achter de damwand is antiworteldoek aangebracht. Voor de vlonder zijn om de 60 cm azobĂŠ-palen geplaatst, daar zijn met rvs-schroeven regels van 4,5 x 9 cm aan bevestigd. Ten slotte zijn geschaafde bangkirai-vlonderplanken van 2,8 x 14,5 cm op de regels geschroefd. Om het niveauverschil met het water te compenseren zijn er twee verhoogde plantenbakken gemaakt, afgezet met

een 75 cm hoge wand van dezelfde vlonderplanken. De planken zijn met slotbouten bevestigd aan vierkante hardhouten palen. Tussen de twee plantenbakken is een houten trap gemaakt. Om vanuit de woning goed zicht op het water te houden is de trap 2 m breed. De hoogte van elke trede is 18 cm, de diepte 44 cm. In de houten keerwand is verlichting verwerkt, zowel aan de kant van het water als langs de traptreden. Dit geeft in de avond een mooie gloed over de vlonder en de trappen zijn veilig verlicht. De verlichting is vanuit de woning aan en uit te zetten. De stroomkabel is bij de aanleg vanuit het huis getrokken en ligt 60 cm diep in het plantvak. Er is ook een stopcontact gemaakt; dit is praktisch in verband met de boot die aan de vlonder ligt afgemeerd.

TuinenLandschap

| 5 |2014

27


Ontwerp en Inrichting

Ruud Aanhane pleit voor humaan ontwerpen:

Als groenprofessional moet je de inborst van mensen kennen De tuinen van nu worden volgens ontwerper Ruud Aanhane te functioneel ingericht. Zonder veel oog voor die ongrijpbare zaken waar wij als mensen echt gelukkig van worden. Die eenzijdige benadering wil hij met een pleidooi voor een humaner ontwerp aan de kaak stellen. „Als groene vakman moet je de inborst van mensen kennen.’’

Tekst Miranda Vrolijk | Beeld Gerdien de Nooy

28

TuinenLandschap

| 5 | 2014

D

e tuin van tegenwoordig bestaat uit een ordening die zo min mogelijk gezeur geeft en op die manier ’functioneert’: bomen, struiken, een schutting en terras. Zoals we alles in het leven rationeel benaderen, zo doen we dat ook in de tuin. Maar zijn we gelukkig in zo’n tuin?’’ Aan het woord is tuin- en landschapsontwerper Ruud Aanhane. Toen hij een opleiding volgde bij Michel Lafaille van het Ontwerpinstituut kwam hij voor het eerst in aanraking met het door Lafaille geponeerde begrip ’humaan ontwerpen’. Dit staat voor meer aandacht voor de mens tijdens het ontwerpproces. ’Voor een humaner en


natuurlijker ontwerp, in plaats van de functiegerichte terreininrichtingen zoals ze nu veel voorkomen. De mens met zijn beleving (...) van de buitenruimte staat centraal en niet de overheersende doelmatigheid’, zoals op de website staat te lezen. Samen met zijn studiegenoot, stedenbouwkundige Vera van den Broek, heeft Aanhane het begrip humaan ontwerp verder onderzocht. Via een zoektocht langs filosofische en sociologische boeken is hij inmiddels een vurig pleitbezorger van humaan ontwerpen en ervan overtuigd dat het beter kan. Aanhanes grootste bezwaar tegen de huidige tijd is het heilige geloof in de maakbaarheid van de wereld. „De DuitsNederlandse filosoof Peter Sloterdijk spreekt in zijn boek ’Sferen’ over domestificatie: het zit in de mens om de wereld te domestificeren, te temmen, te beheersen, naar onze hand te zetten. Dat proces is al vanaf Adam en Eva aan de gang. En het lijkt erop dat we daarin uiterst succesvol zijn – met name de Nederlanders. We hebben ons doel bereikt, maar wat heeft dat ons gebracht? Is die aardbol daarvan zo veel op vooruitgegaan?’’

Optelsom van oplossingen Ook in de tuin heerst het geloof in de maakbaarheid, vindt Aanhane. „De tuin is een optelsom van oplossingen. Met de hovenier als ingenieur die kennis heeft van de planten, de bodem en bouwkundige constructies. Is het te nat? Dan leggen we drainage aan. Wordt die houten vlonder glad als het geregend heeft? Dan gebruiken we een antislipmateriaal. Dijt die plant te veel uit? Weg ermee! De natuur is in de tuin getemd tot een beheersbare vorm. Kijk naar hoe horizontaal tuinen de laatste tien jaar zijn geworden of naar al die leibomen.’’ De overtuiging dat we de wereld in onze hand hebben, is volgens Aanhane domweg niet waar. „Wij hebben onszelf niet eens in de hand, was dat wel zo dan waren er geen oorlogen. Kijk hoe emoties vaak een loopje met je nemen. Het laagje cultuur dat wij als mens over alles hebben heen gelegd, is flin-ter-dun. Krab jezelf maar eens tot bloedens toe en de natuur toont zich ten volle aan je.’’ Of neem de recentelijke overstromingen in Engeland; en hoe moeilijk blijft het om

onkruid op verhardingen te bestrijden? We zijn als mens tegenover de natuur komen te staan, het is de vijand die getemd moet worden. „Maar daar zijn we niet gelukkiger van geworden, omdat we daarmee ook steeds verder van onszelf zijn komen te staan, omdat wijzélf natuur zijn. Humaan ontwerp kan ons helpen in dat bewustzijn.’’

Van overheersen naar ontmoeten Volgens Aanhane is de tuin dé plek waar natuur en cultuur samen komen. De natuur staat dan voor wildheid en het ontembare en cultuur voor de behoefte van mensen om zich uit te drukken, om te ordenen en zich de natuur eigen te maken. „Onze directe leefomgeving is daarin uniek, nergens anders komen die twee samen. Ik pleit ervoor om in de tuin de ontmoeting tussen cultuur en natuur meer uit te dragen. Niet door de natuur volledig te temmen, maar door haar toe te laten, ze mag er zijn. De tuin wordt dan een plek waar je je als mens over de natuur kunt verwonderen. Over het mos dat op een beeld groeit, het ochtendlicht dat in de tuin valt. Op die manier houdt de tuin ons een spiegel voor. Het maakt ons bewust van ons menszijn.’’ Behalve het toelaten van natuur in de tuin, gaat humaan ontwerpen over betekenis geven aan ruimte. „Het succes van een tuin, de mate waarin de eigenaar gelukkig is, hangt veel meer af van schijnbaar ongrijpbare zaken dan van de functionele ordening. Daarom heb je als ontwerper niet alleen ingenieurschap nodig, maar vooral kennis van mensen. Je moet als ontwerper weten wat hun inborst is, wat drijft hen?’’ In dit verband haalt Aanhane het boek ’Drive’ aan van de Amerikaan Daniel H. Pink. Volgens de auteur willen mensen zelf hun leven kunnen leiden (autonomie), steeds beter worden in wat ze doen (meesterschap) en een zinvolle bijdrage leveren aan de maatschappij (zingeving). Deze drie zaken motiveert hen, zij geven betekenis aan het leven van mensen. Aanhane heeft die voor de directe leefomgeving vertaalt in identiteit, oriëntatie en reflectie. „Kan ik mezelf herkennen in de tuin? Heeft de tuin een eigen identiteit, een genius loci? Kan ik me geografisch oriënteren en kan ik me oriënteren in de

tijd? Biedt de tuin ruimte voor reflectie? Word je zintuigelijk getroffen door de geur van een bloem of de beweging van de wind? Kun je zoals de Duitse Eckhart Tolle schrijft in zijn boek ’Een Nieuwe Aarde, De uitdaging van deze tijd’ loskomen van je ego en in het hier en nu zijn in de tuin?’’ Het zijn slechts handvatten benadrukt Aanhane, daarom wil hij ook geen echte concrete voorbeelden geven omdat die gauw te plat worden, „humaan ontwerpen is geen maniertje’’. Waar humaan ontwerpen voor alles over gaat, is over ons menszijn, niet voor niets is het afgeleid van het humanisme dat in de Renaissance is ontstaan. Voor het eerst werd er vanuit het perspectief van de mens gekeken en niet vanuit God. De maat van de mens werd leidend. Bovendien ging het humanisme voor het eerst uit van de positieve aard van mensen. Humaan ontwerpen doet daarom ook een beroep op de ’common sense’ van mensen, de redelijkheid. Aanhane: „Tuinen worden beheerst door regelzucht, ook zo’n dogma. Neem bijvoorbeeld een boom, die moet 2 m van de erfgrens staan. Maar als je samen met je buren besluit dat een boom waardevol is, dan zou de beste plek leidend moeten zijn en niet de regelgeving. Waarom kij-

’Humaan ontwerpen gaat over menswording in al zijn facetten’

ken we niet vaker naar wat redelijk is?’’ Een citaat van de humanist Justus Lipsius (1547 - 1606) beschrijft volgens Aanhane het beste waarover humaan ontwerp gaat. „Niet de kerker van huis en stad, maar de tuin onder de open hemel biedt stilte en afzondering om over gemoedsrust en standvastigheid, over leven en dood te spreken en de ruimte verschaft tot denken, lezen en schrijven. De tuin, die met kunst ontworpen plek van levende natuur (...) oefenschool van wijsheid (...) bolwerk der vrijheid.’’ Volgens Aanhane is de tijd rijp voor een humaner ontwerp: „Mensen verlangen naar saamhorigheid en kwaliteit van leven.’’ <

TuinenLandschap | 5 | 2014

29


Aanleg en Onderhoud

Ontwikkeling van een siertuin in 8 jaar

Onderhoud plantentuin vergt plantenkennis In 2005 maakte Erik Bretveld van hoveniersbedrijf Babako een natuurlijk ogende plantentuin in het buitengebied in Laren (Gld). Een gedegen (kiem)plantenkennis is nodig om de balans te houden tussen vaste planten die langzaam uitdijen en kortlevende soorten die zich door zaaien verspreiden. Tekst Lilian Verhaak | Beeld Erik Bretveld

D

De tuin is in principe iedere dag open voor belangstellenden. Voor informatie: www.atelier-ruimzicht.nl.

Opdracht en inspiratie Een natuurlijke uitstraling, aansluiting bij het landschap en forse, kleurrijke vlakken luidde de opdracht die hovenier Erik Bretveld kreeg: „Het grasland moet een landschap worden.” Er zijn 4.000 planten van meer dan 100 verschillende soorten de grond ingegaan. Veel siergrassen met daartussen opvallende kleuren van bloeiende planten. Bretveld: „Ik voelde me overstelpt door de mogelijkheden die ik voor me zag en wist dat ik hier de praktijk van mensen als Oudolf en Gerritsen kon toepassen.”

30

TuinenLandschap

| 5 | 2014

e tuin ligt op een relatief dunne vruchtbare zode van 30 tot 40 cm met daaronder een lemige laag die door jarenlang gazonmaaien en graafwerk bij de vijveraanleg sterk is ingeklonken. Bij aanleg is twee spaden diep gespit waarbij alleen de bovenste laag van het leem is meegespit. De bodem heeft door de fijne samenstelling, de neiging dicht te slibben en een harde, slecht absorberende bovenlaag te vormen. Dat de bodem van nature vrij onvruchtbaar is, is voor de meeste vaste planten geen probleem, eerder een voordeel volgens hovenier Erik Bretveld. „De planten zijn zo gekozen dat ze hierop kunnen groeien. Daarbij worden ze hier niet al te hoog, dat maakt ze sterker in de wind. Bovendien groeien er niet gauw agressieve onkruiden.” Het onderhoud gebeurt op een natuurvriendelijke manier: de tuin stort gedurende de winter langzaam maar zeker in. In het vroege voorjaar wordt alles kortgeknipt. Bij grotere beplantingen kan hiervoor een bosmaaier worden gebruikt. Het snoeiafval wordt deels geruimd en blijft deels enigszins fijngeknipt liggen. Door jaarlijks kalk te geven wordt de compostering van het maaisel bevorderd, zo wordt langzamerhand de bodemstructuur verbeterd. Bretveld: „Kalk is niet zozeer een meststof, maar zorgt ervoor dat organisch materiaal wordt omgezet in voor planten opneembare stoffen.” De eerste tien weken vanaf maart wordt er handmatig gewied. Door ruimte te maken tussen de planten krijgen zaailingen ook een kans. Het herkennen hiervan vraagt een gedegen kiemplantenkennis. Na tien weken heeft de plantenlaag zich gesloten en daarmee vermindert ook het onderhoudsregime drastisch tot eens in de maand. <


Grassen De grassen geven beweging in de tuin. In de tuin zijn grassen van verschillende hoogten en verschillende groeiwijzen gebruikt: Miscanthus, Deschampsia, Molinia, Stipa en Panicum. Ze blijken het allemaal goed te doen op deze grond. Panicum komt pas laat op en zorgt daarom voor meer onkruidgroei in het voorjaar. Om dat tegen te zijn worden rond de Panicum vroeg opkomende planten geplaatst. Miscanthus is een langzame groeier, maar is na vijf jaar volwassen en uitgedijd tot bossen van soms wel 1 m dikte.

Vijver Met Ligularia przewalskii (midden) aan het water heeft Bretveld een beeld neergezet van een natuurlijke oever. Maar de oever is hier stijl en de plant heeft het zwaar in het leemzand. In de zomer wordt het blad lelijk. Daarom is gezocht naar een andere grootbladige plant en worden nu de Ligularia vervangen door Salvia Glutinosa, kleverige salie, in combinatie met Ceratostigma plumbaginoides. Om ecologische redenen zou Bretveld de oevers trouwens nu niet meer zo maken. â&#x20AC;&#x17E;Als ik nu een vijver maak, dan is tenminste een van de oevers geleidelijk aflopend.â&#x20AC;?

> TuinenLandschap | 5 | 2014

31


32

Ruimte voor uitzaai

Voorzichtig wieden

In de eerste jaren is nog ruimte voor spontane uitzaai van een- en tweejarigen. In deze fase is het wieden van onkruiden cruciaal. De eerste onkruidgolf wordt veroorzaakt door het zaad dat in de bodem aanwezig was. Doordat de onkruidzadenvoorraad uitgeput raakt en de beplanting in de loop van de jaren steeds beter sluit, neemt de hoeveelheid onkruid over de jaren af.

Thalictrum rochebrunianum weet zich door uitzaai goed te handhaven. Voorzichtig wieden in het devies, anders verdwijnt hij na een aantal jaren. De witte Echinacea purpurea ’Green Edge’ is geen succesvolle uitzaaier en inmiddels verdwenen. Veronicastrum virginicum ’Pink Glow’ is een langzaam uitdijende vaste pol, die het al zeven jaar goed doet. De beplantingssamenstelling bepaalt de concurrentieverhoudingen en hoe vaak moet worden ingegrepen.

Kiemplanten herkennen

Terugknippen

De spectaculaire Angelica gigas, de engelwortel, is een tweejarige plant, die zich prima handhaaft door uitzaai. Deze foto dateert uit de begintijd, de bloemen zijn nog rood. De bloemen van de zaailingen zijn wit, net als de oorspronkelijk wilde plant. Door zaailingen bewust te gebruiken in je beplantingsplan, ontstaat vanzelf een natuurlijk beeld. Het vergt wel een gedegen plantenkennis. Bij het wieden moeten de kiemplanten herkend worden.

De paarse Vernonia crinita ’Mammuth’ toont geen tekenen van vermoeidheid, evenmin als Anemone x hybrida. Vernonia is een prima bijenplant. Het gras op de voorgrond is ruwe smele (Deschampsia cespitosa), destijds een erg populair gras. Het deed wat het in eerste instantie moest doen, namelijk goed groeien en de bodem bedekken. Maar de pollen worden vrij vroeg in de zomer slordig en moeten dan teruggeknipt.

TuinenLandschap

| 5 | 2014


Overlevingsstrategie Planten die zeer vast zijn. Zij overleven door langzaam maar zeker uit te dijen: ▸ Helenium ’Die Blonde’ ▸ Hemerocallis ’Gentle Shepherd’ ▸ Hemerocallis citrina ▸ Hemerocallis ’Little Grapette’ ▸ Inula magnifica ▸ Aster nov.-angl. ’Andenken an Alma Pötschke’ ▸ Chrysanthemum ’Paul Bossier’ ▸ Potentilla atrosanguinea ▸ Sanguisorba officinalis ’Red Thunder’

Planten die zich door uitzaai handhaven. Zonder ingrepen zullen deze planten verdrongen worden door de uitdijende vaste planten:

Zoethout Linksvoor staat Glycyrrhiza yunnanensis, de Chinese zoethoutstruik. Het is een sierlijke en sterke halfheester, die ruim 2 m hoog wordt en de hele winter mooi blijft. Bijzonder zijn de zaaddozen en de fraaie oranje vruchten. De struik is van hetzelfde geslacht als het gewone zoethout, Glycyrrhiza glabra, maar maakt in tegenstelling tot laatstgenoemde geen hinderlijke uitlopers. Het roze in het midden is van Lobelia ’Eulalia Berridge’, die aanmerkelijk taaier - en goed winterhard - is gebleken dan je op basis van het delicate voorkomen zou verwachten.

▸ Angelica gigas ▸ Astrantia major ▸ Knautia macedonica ▸ Verbena bonariensis

Opnemen en herplanten

Omgeving

Beeld uit het zevende groeiseizoen. Echinacea pallida moet nu worden opgenomen en herplant. Opnemen, opdelen en opnieuw uitplanten is een belangrijke beheermaatregel, vooral gericht op het sluitend houden van de bodembedekking. De langzaam groeiende Baptisia australis (vooraan) neemt de ruimte in. Het blad wordt goed aangevreten door insecten. Bretveld: „Het wordt niet echt lelijk. Misschien moeten we anders gaan kijken naar aangevreten blad?”

Doordat het grasveld als het ware doorloopt in het achterliggende weiland, is er een fraaie verbinding met de omgeving gemaakt. De zichtlijn naar het achterliggende landschap heeft een enorm ruimtelijk effect. De ruige beplanting misstaat niet in het landschap. De natuurlijk ogende borders aan weerszijde van het gazon en de boom achter in de tuin versterken die lijn, doordat je blik automatisch het landschap ingezogen wordt. <

TuinenLandschap | 5 | 2014

33


Aanleg en Onderhoud

De Gasconne-runderen zijn grijs tot tarwekleurig met zwarte oorranden, staartpluim en neus. Acht koeien en een kalfje begrazen nu de Gaasperzoom. Volgens Henk Meuleman hebben ze geen hoog aaibaarheidsgehalte vanwege de horens, „mensen vinden die eng.’’

Rund uit Pyreneeën houdt vegetatie Gaasperzoom kort Geen Hooglanders, Dexters of Galloways, in de Gaasperzoom grazen Gasconne-runderen. Een nog onbekend rund voor het begrazen van openbaar groen. Ze worden begeleid door medewerkers van Lindenhoff Open Tuin, daarmee heeft het project ook een sterk maatschappelijk karakter. Tekst en Beeld Miranda Vrolijk

34

TuinenLandschap

| 5 | 2014

D

e meeste mensen kennen het Gasconne-rund van het smakelijke, culinaire biefstukje. Dat het dier ook ingezet kan worden voor de begrazing van openbare groengebieden is relatief nieuw. Groengebied Amstelland heeft er een primeur mee: sinds eind vorig jaar houden acht zoogkoeien en één kalfje de vegetatie van recreatiegebied Gaasperzoom kort. De dieren zijn eigendom van Lindenhoff Boerderij uit Baambrugge, waarmee Amstelland al enige tijd samenwerkt in het groenbeheer. Henk Meuleman werkt als locatiebeheerder bij Recreatie Noord-Holland. Die beheert in opdracht van Groengebied Amstelland het landelijke, open gebied tussen Amstelveen en het AmsterdamRijnkanaal. Dit gebied is zo’n 710 ha groot. Gaasperzoom beslaat daarvan een goede 50 ha en bestaat afwisselend uit

water, weide- en bosgebied. Het grenst direct aan Amsterdam-Zuidoost. „En is daarmee een 100% stadrandgebied, drukbezocht door wandelaars, fietsers en scooters, mede omdat het fietspad in het gebied onderdeel is van de doorgaande infrastructuur. En, niet onbelangrijk, veel mensen laten hier een hond uit.’’ Voorheen zette Meuleman een aannemer in om het grasland in het gebied kort te houden. Die kwam twee keer per jaar langs voor een maaibeurt. Het besluit om de aannemer te vervangen door grote grazers is ingegeven door twee redenen. Ten eerste heeft de beheerder een bezuinigingsopdracht van het bestuur gekregen, door de inzet van de runderen denkt Meuleman daaraan deels te voldoen omdat op de maaikosten wordt bespaard. Daarnaast zorgen de dieren door vraat, verschraling, bemesting en betreding


voor meer ecologische variatie dan wat er met de machine bereikt kan worden. En dat komt de aantrekkelijkheid van het gebied ten goede. Meuleman benadrukt wel dat dit een langetermijnstrategie is. Want om het terrein geschikt te maken voor de runderen, waren heel wat investeringen nodig: veeroosters, afrasteringen en hardhouten klaphekken bij vijf ontsluitingswegen. Daarnaast de bebording en informatiepanelen waarmee de bezoekers op de hoogte worden gesteld hoe ze met de runderen moeten omgaan. „Ter indicatie, de veeroosters hebben ons rond de €3.500 per stuk gekost, om de investeringen terug te verdienen, zijn we een paar jaar verder.’’ Ook de verhoging van de ecologische waarde is een langetermijnplan, omdat het vele jaren duurt voordat de begroeiing zich heeft aangepast aan de veranderde omstandigheden.

Gasconne-boerderij Dat Groengebied Amstelland voor het relatief onbekende Gasconne-rund heeft gekozen is een samenloop van omstandigheden. Al een paar jaar werkt het groengebied samen met Lindenhoff Open Tuin, dat weer onderdeel is van de gelijknamige boerderij in Baambrugge. Jonathan Vink is directeur van de Open

Tuin, hij legt uit dat dit een productietuin is waar onbekende en ’eerlijke’ groenten en kruiden worden geteeld voor lokale restaurants en consumenten. Zijn team bestaat uit tuinders, hulpverleners én mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. „Verslaafden en mensen die psychisch ziek zijn en daardoor nergens anders aan de slag komen.’’ Al een paar jaar doen zijn jongens ook onderhoudswerkzaamheden in de Gaasperzoom. „Toen ik van Henk hoorde dat Amstelland over natuurlijke begrazing dacht, heb ik hem op ons Gasconne-rund gewezen waarvan wij er hier driehonderd hebben lopen. Ik heb voorgesteld om onze samenwerking uit te breiden.’’ Het Gasconne-rund is een Frans oerrund afkomstig uit de Pyreneeën. Het is gewend aan extreme koude en warme weersomstandigheden en kan zichzelf goed redden. Daarnaast zijn het goede klimmers door de kwaliteit van hun hoeven. Omdat het dier evenmin snel ergens van schrikt, is het geschikt voor het begrazen van openbare gebieden, leggen Vink en Meuleman uit. Uiteraard hebben zij zich laten adviseren door de eigenaar van de koeien, agrariër Dirco te Voortwis van Lindenhoff Boerderij. Momenteel grazen er acht zoogkoeien en één kalfje in het gebied. Die zijn met zorg door de boer uitgekozen op hun rus-

tige, zachtaardige karakter. Daarnaast is er gekozen voor de wat oudere, ervarener koeien, die al meermaals een kalfje hebben gehad en daardoor niet zo snel van streek raken. De dieren worden zo’n vier tot vijf dagen per week door het ’koeienteam’ van Lindenhoff Open Tuin naar de Gaasperzoom geherderd. Van negen uur ’s morgens tot twee uur ’s middags blijven ze daar. Het is de bedoeling dat ze op termijn 24 uur per dag jaarrond het groengebied gaan begrazen. „Maar daarvoor is het nu nog te vroeg’’, zegt Meuleman. „De runderen, de bezoekers en de honden, ze moeten allemaal aan elkaar wennen.’’

Leergeld Toen in oktober 2013 onder grote belangstelling het Gasconne-rund in het gebied werd gelaten, toen nog twaalf stuks, werd wel begonnen met een 24-uurs begrazing zonder herders. „Daarvoor hebben we leergeld betaald’’, zegt Meuleman. Zo’n drie tot vier runderen braken uit, vermoedelijk veroorzaakt door hevige stress. Waarom de dieren op drift zijn geraakt, daarover tasten Meuleman en Vink in het duister. De dieren zijn inmiddels weer terug, maar nu dus onder begeleiding van de medewerkers van Lindenhoff Open Tuin. Geleidelijk aan zal hun aantal >

Voorlopig herderen medewerkers van Lindenhoff Open Tuin uit Baambrugge de Gasconne-runderen. Van 9.00 tot 14.00 uur grazen de dieren in het gebied.

TuinenLandschap | 5 | 2014

35


Vanuit Amsterdam-Zuidoost rij je op de fiets zo de Gaasperzoom in.

worden uitgebreid zodat de runderen rustig aan hun nieuwe leefgebied kunnen wennen. Niet alleen de runderen hebben een gewenningsperiode nodig, ook de gebruikers van het gebied moeten wennen aan de nieuwkomers. De meeste mensen vinden het prima dat er runderen grazen, in het begin trok de Gaasperzoom zelfs twee keer zo veel bezoekers door de aanwezigheid van de Gasconnes. Toch zijn er ook bezoekers die de komst van de dieren met gemengde gevoelens hebben aangezien, met name hondenbezitters. Dit bleek nog maar eens uit de laatste informatiebijeenkomst die Groengebied Amstelland voor de omwonenden organiseerde. Het onderwerp ’honden’ stond bovenaan de lijst van vergaderpunten. Meuleman legt uit dat honden er officieel niet mogen loslopen, „dat mocht ook al niet toen de runderen er nog niet graasden, toch gebeurt het en daar hebben we nooit echt een probleem van gemaakt. Op de informatiepanelen vragen wij mensen om hun hond aan te lijnen en dat vinden ze moeilijk.’’ De beheerder geeft aan dat het loslopen van honden in principe geen probleem is. Hij verwacht wel van hondenbezitters dat ze hun honden onder appel houden bij het passeren van de Gasconnes, zodat ze niet de kudde instuiven. „Want dan kan het zijn dat een hond een trap krijgt.’’

36

TuinenLandschap

| 5 | 2014

Maatschappelijk Omdat de runderen worden begeleid door de medewerkers van Lindenhoff Open Tuin heeft het Gasconne-project in de Gaasperzoom ook een sterk maatschappelijk karakter. Inmiddels hebben zich bij dit ’koeienteam’ vrijwilligers uit de buurt aangesloten. „Maatschappelijke participatie in optima forma’’, zegt Vink. De medewerkers van Lindenhoff Open Tuin onderhouden eveneens de beplanting, de bomen, de sloten en het riet in het gebied. De werkzaamheden lopen uiteen van het snoeien van de beplanting tot het frezen van de ruiterpaden. Zo veel mogelijk wordt met de hand gedaan. Vink legt uit dat het arbeidsintensieve

buitenwerk zijn medewerkers goed doet. „Het appelleert aan het leven, waarin ze zo lang verdoofd zijn geweest.’’ Door het werk in het groen in Gaasperzoom krijgen ze de nodige ervaring om later wellicht door een loonbedrijf of groenvoorziener te worden aangenomen. Groengebied Amstelland behandelt Lindenhoff Open Tuin daarom ook als een ’gewone’ aannemer met een contract, werkbeschrijving en resultaatverplichting. Daarbij stelt Amstelland zich wel flexibel op maar wanneer de medewerkers van Vink het werk niet afkrijgen, dan moet hij zelf een aannemer inhuren om het af te maken. „Behalve hulpverlener, ben ik nu dus ook ondernemer.’’ <

De veeroosters zijn zo gebruiksvriendelijk mogelijk gemaakt: twee stalen strippen zorgen ervoor dat ook rolstoelers en kinderwagens het gebied kunnen betreden.


Werk in uitvoering

Wat Wie

Tekst en beeld Copijn

Boomspecialisten

Zelf een bijzondere aanlegof onderhoudsklus voor deze rubriek? Mail naar

pbennink@hortipoint.nl

Verplanten moeraseiken Copijn Boomspecialisten Met een zelfontwikkelde Caterpillar verplantmachine verplaatsen de boomspecialisten van Copijn 21 moeraseiken aan de Gageldijk in Utrecht. De bomen worden in opdracht van de gemeente Utrecht verplant om plaats te maken voor een fietspad. De verplantmachine was oorspronkelijk een ’army scraper’ die door het Amerikaanse leger werd gebruikt voor de aanleg van landingsbanen en kazerneterreinen. Al in 1973 heeft Copijn

Boomspecialisten deze omgebouwd tot verplantmachine en voorzien van een verplantschop. Sindsdien zijn er duizenden bomen mee verplant. De moeraseiken zijn 30 jaar oud, zo’n 12-14 m hoog en hebben een stamdiameter van 40 cm. De bomen worden in één keer met kluit door de Caterpillar opgetild en getransporteerd. Deze kluiten hebben een doorsnede van 4 m en de bomen wegen in totaal zo’n 15-20 ton. <

Tuin nLandschap | 5 | 2014

37


Machines en Gereedschap

Nieuwe R-Serie: achterop bij A De nieuwe R-serie van Avant vult het Avant programma aan met traditioneel bediende knikladers en komt daarmee tegemoet aan gebruikers die vasthouden aan bediening vanaf het achterste chassis. De stabiliteit en veelzijdigheid zijn niet veranderd, alleen de bediening.

O

mdat veel mensen gewend zijn aan knikladers waarbij je achterop zit, komt Avant nu ook met een serie knikladers waarbij de cabine op het chassisdeel achter de knik staat. De R-serie is een aanvulling op het gewone programma van Avant met de kenmerkende bediening vanaf het voorste chassisdeel. De Avant waarbij je voorop zit, is onder andere ontwikkeld om beter zicht op je werk te hebben en directer met je gereedschap te kunnen werken. De besturing vanaf het voorste chassis werkt echter heel anders dan zoals traditioneel vanaf het achterste chassis gebeurt. Het voordeel van de nieuwe R-serie is dan ook dat deze voor veel mensen een herkenbare techniek heeft.

Wendbaarheid Tekst en beeld Marein Kolkmeijer

38

TuinenLandschap

| 5 |2014

Je kunt met de R-serie heel dicht tegen een muur aan werken en er zonder deze te raken vooruit van weg rijden. Bij de

gewone Avant zit je weliswaar op het voorste chassisdeel maar dit hangt deels over de knik heen naar achteren, waardoor de bestuurdersstoel of achterzijde van de cabine bij het nemen van een bocht buiten de draaicirkel van de wielen uit draait. De Avant machines in de R-serie kragen niet uit bij het nemen van een bocht en zijn daarom nog wendbaarder en nog geschikter om in smalle, kleine ruimtes te manoeuvreren. Ook rijd je gemakkelijker achteruit. De bediening en de manier van rijden zijn wel anders dan bij de gebruikelijke Avant machines maar de techniek en de opties van de nieuwe machines zijn gebaseerd op de 500 en 600 series. Dit betekent dat het motorvermogen, het hydraulisch systeem, de meeste opties en vele aanbouwmogelijkheden hetzelfde zijn als de verwante Avant modellen. <


Star knikscharnier In tegenstelling tot veel knikladers is bij de Avant het knikscharnier niet pendelend uitgevoerd. Dit levert grotere stabiliteit omdat de hele machine bijdraagt aan het tegengewicht. Dankzij dit starre ontwerp is het kantelrisico aanzienlijk kleiner.

Laadarm Met de laadarm ingetrokken en de last dicht bij de machine worden de stabiliteit en de veiligheid van de machine aanzienlijk verhoogd tijdens het transporteren van de last. De uitgestrekte laadarm biedt de voordelen van een betere reikwijdte.

Aanbouwgereedschappen Uiteraard kunnen de machines in de R-serie beschikken over de meer dan 100 verschillende aanbouwgereedschappen uit het Avant programma. Het standaard half-automatisch snelwisselsysteem is optioneel ook hydraulisch verkrijgbaar.

vant Avant R20, R28 en R35 Motor Kubota 3 cilinder - 3 cilinder 4 cilinder Diesel Vermogen 17kW/20 pk - 21 kW/28 pk 28 kW/37,5 pk Hefvermogen 50 kg - 900 kg - 1.050 kg Rijaandrijving hydrostatisch 4w Extra hydr. functie 31 l/min - 36 l/min 66 l/min Draaicirkel buiten 205 cm Prijzen vanaf â&#x201A;Ź22.020 (excl. btw)

Motorvermogen Het motorvermogen, het hydraulische systeem en de capaciteit van de R28 zijn vergelijkbaar met de Avant 528 en dat van de R35 met de Avant 635. Binnenkort komt er nog de R20 die vergelijkbaar is met de Avant 520.

Snelkoppelsysteem Aansluiting van de gereedschappen op het hydraulische systeem gebeurt met een veilig snelkoppelsysteem. Hierbij worden alle ventielen tegelijk in handeling en aangekoppeld en vergrendeld aan de extra hydraulische functie.

â&#x2013;¸ www.avantbenelux.be info@avantbenelux.be

TuinenLandschap

| 5 |2014

39


Leveranciersnieuws De informatie in deze rubriek is verstrekt door de leveranciers

Modulair elektrisch voertuig Mankar heeft, samen met een loonbedrijf, de Segway ontwikkeld, een zelf balancerend, elektrisch aangedreven voertuig voor de module onkruidbestrijding chemisch. Mankar noemt dit het 80-20 Electric Green Concept. De gedachte achter het concept is dat 20% van het openbare

oppervlak 80% ongewenste items bevat als zwerfafval en onkruid. Segway is voor meerdere doeleinden geschikt, zo is het mogelijk om onkruid te beheersen of te branden, afval op te zuigen, blad te blazen of zout te strooien. De verschillende taken zijn snel en efficiënt uit te voeren.

Het assortiment van Suniq is aangevuld met Anemone en Canna. Suniq is een assortiment planten met XXL bloemen. De Canna is een stevige doorbloeier die ongeveer 50 cm hoog wordt. Vanaf mei tot de eerste vorst kan genoten worden van de grote bloemen.

Canna is verkrijgbaar in de kleuren geel, wit, roze, rood en oranje. De Anemone groeit goed in een pot op het terras, maar ook in de volle grond. De grote bloemen hebben een roze kleur. Het hart van de bloem is goudgeel van kleur. De winterharde Anemone bloeit van juli tot aan de eerste vorst.

▸ Mankar | (06) 51 62 95 77 | www.mankar.nl

▸ Suniq | www.suniq-XXL.com

Systeem voor strakke vloer

Grote werktuigen vervoeren

Intercodam komt met een systeem waarbij losse keramische tegels in combinatie met een pvd klikdraagmat gelegd worden. Het systeem is ontwikkeld om los op een vlakke, strakke ondergrond te leggen. De pvc draagmat wordt los op de ondergrond gelegd en door een kliksysteem aan elkaar

verbonden. De keramische tegels van 11 mm dikte passen hier in. Een ander systeem van Intercodam is tegels in combinatie met verstelbare tegeldragers. Dit systeem is geschikt voor verschillende tegeldikten en een ongelijke ondergrond. Door de dragers te verstellen ontstaat een vlakke vloer.

▸ Intercodam Tegels | (06) 53 39 89 28 | www.intercodam.com

44

Canna en Anemone XXL

TuinenLandschap

| 5 | 2014

Veldhuizen introduceert een werktuigdrager voor grote werktuigen. De drager heeft een laadvermogen van 8,5 ton en twee luchtgeveerde assen van 6 ton met abs. Voor werktuigen die breder zijn dan 3 m, moet ontheffing aangevraagd worden bij iedere gemeente. Veel brede werk-

tuigen zijn daarom opklapbaar. Voor de machines die dat niet zijn, heeft Veldhuizen de drager ontwikkeld. Deze heeft een afmeting van 6 x 2,55 m en een laadvloerhoogte van 53 cm. Tijdens het laden zakt de laadvloer naar 18 cm, waardoor werktuigen tot 6 m getransporteerd kunnen worden.

▸ Veldhuizen Wagenbouw | (0346) 25 96 00 | www.veldhuizen.eu


Kort

Aluminium op teak Met de Chios collectie buitenmeubelen wordt de standaard omgedraaid. In plaats van een aluminium onderstel en een houten zitting heeft de Chios stoel een teakhouten onderstel en een zitting vervaardigd uit één stuk antracietkleurig aluminium. Voor het onderstel van de stoel kan gekozen worden uit een variant met of een variant zonder armleuningen. Het teakhout is massief en duurzaam en de stoelkuip is ergonomisch gevormd. Optioneel zijn kussens verkrijgbaar. De tafel heeft een Compact blad en tapse poten van het massieve teakhout. De tafel is leverbaar in 90 of 100 cm breed en 180 of 240 cm lang. Chios is ontworpen door Marcel Wolterinck.

De Regionale Uitvoeringsdienst Noord-Holland Noord is verhuisd naar een nieuw kantoor in Hoorn. RUD NHN is voortgekomen uit een fusie tussen de milieudiensten Regio Alkmaar, West-Friesland, Kop van Noord-Holland, zes gemeenten en de provincie Noord-Holland. ▸ RUD NHN | (088) 102 13 00 | www.rudnhn.nl

MTD Products Nederland (voorheen WOLF Garten Nederland) heeft Jan Maarten Haverkamp benoemd als Sales Director. Haverkamp was voorheen werkzaam bij Gardena en Husqvarna. ▸ MTD Products Nederland | (073) 523 58 50 | www.mtdproducts.eu

Branchevereniging Sport en Cultuurtechniek (BSNC) heeft Ben Moonen aangesteld als directeur. Moonen is al sinds 2004 actief binnen de vereniging en volgt interim-directeur Marcel Sturkenboom op. Sturkenboom neemt opnieuw zitting in de Raad van Advies. ▸ BSNC | (06) 22 52 85 23 | www.bsnc.nl ecoDynamic heeft KOMO keurcertificaten ontvangen voor alle Stabilizer verhardingssoorten. Het totale productieproces is gecertificeerd en alle producten die gebruikt worden bij de vervaardiging van Stabilizer zijn gekeurd en voldoen aan alle wettelijke en vastgelegde kwaliteits- en milieueisen. ▸ ecoDynamic | (030) 221 31 51 | www.eco-dynamic.eu

▸ Borek | (013) 528 88 66 | www.borek.eu

Boeken Het boek Bodem onder het landschap vertelt hoe Nederland eruit zou zien als de natuur haar gang zou gaan. De bodem bepaalt het landschap om ons heen. Het boek verklaart de grote verscheidenheid in natuur en landbouwgebruik aan de hand van de bodem. Verschillen worden geïllustreerd met foto’s en sprekende voorbeelden. ▸Bodem onder het landschap | ISBN 978-9-08740-181-8 | €24,95

Sommige planten versterken elkaar en zorgen voor een harmonieuze tuin. Het boek De tuinplanten Mix & Match gids laat zien welke planten naast elkaar geplant worden en welke planten beter uit elkaar gehouden kunnen worden. De eigenschappen van de planten zijn eenvoudig te vergelijken. ▸De tuinplanten Mix & Match gids | ISBN 978-9-05210-917-6 | €16,95

In de zakboekenreeks Veilig Werken is de beknopte weten regelgeving beschreven aan de hand van voorbeelden. Er zijn vijf boeken verschenen: Gevaarlijke stoffen (ISBN 978-9-06720-534-4 | €22,50), Analyse van ongevallen (9789-06720-554-2 | €19,50), Geluid en Trillingen (978-9-06720543-6 | €17,50), Veiligheid en gedrag (978-9-06720-556-6 | €19,50) en Fysieke belasting (978-9-06720-563-4 | €19,50).

De Amstelveense heemparken zijn eilanden van nostalgie. Wandelen in het Dr. Koos Landwehrpark, het Dr. Jac. P. Thijssepark of heempark De Braak wordt leuker met het boek Dwalen door betoverend heemgroen in de hand. Het boek bevat informatie over de heemparken en over de bomen en planten in de parken. ▸Dwalen door betoverend heemgroen | ISBN 978-9-46022-272-6 | €14,95

TuinenLandschap | 5 | 2014

45


Agenda

Cursussen

Huis & Tuin Beurs, t/m 2 maart, Leeuwarden. ▸ www.huis-tuin-beurs.nl

Stinzenplanten Lezing door Heilien Tonckens, 2 maart, Leiden. ▸ www.hortusleiden.nl

Florall Beurs, 4 en 5 maart, Gent, België. ▸ www.florall.be

Landscape & Garden Vakbeurs voor landschap en tuin, 4 t/m 6 maart, Kiev, Oekraïne. ▸ www.pe.com.ua

Stinzenplanten en andere vroege bloeiers Zondagwandeling, 9 maart, Leiden. ▸ www.hortusleiden.nl

NK Maasheggenvlechten 9 maart, Beugen. ▸ www.maasheggen.nl

House and Garden Beurs voor tuin- en landschapsinrichting, 13 t/m 16 maart, Moskou, Rusland. ▸ www.garden-expo.ru

Afrikaanse liefdeslelie en meer Afrikaanse schonen Bollenweekend, 15 en 16 maart, Utrecht. ▸ www.uu.nl/botanischetuinen

Vakmanschap | vakmanschap in uitvoering Lezing, 21 maart, Houten. ▸ www.makeblijde.nl

Freisinger Gartentage 10 t/m 12 mei, Freisinger, Duitsland.

▸ www.freisingergartentage.de

Dag van de stadslandbouw Congres, 14 t/m 17 mei, Utrecht. ▸ www.dagvandestadslandbouw.nl

Dag van de projectontwikkeling 'Ruimte voor vakmanschap en ondernemerschap', 15 mei, Den Bosch. ▸ www.dagvandeprojectontwikkeling.nl

NatuursteenVakdag 23 mei, Harderwijk. ▸ www.brancheplatformnatuursteen.nl

IABR-2014 Urban by Nature Tentoonstelling over architectuur en stadslandschappen, 24 mei t/m augustus, Rotterdam.

Kies je verdienmodel Workshop, 3 maart, Middelharnis. ▸ www.gt.nl/kiesjeverdienmodel

Motorzagen 1, lichte velling Cursus, 3 t/m 5 maart, Biddinghuizen. ▸ www.degroenepraktijk.nl

SVS-inspecteur Cursus en examen, 6 en 7 maart, 30 en 31 oktober, diverse locaties. ▸ www.keurmerk.nl

Sketchup Terugkomdag, 7 maart, Utrecht. ▸ www.tuinontwerpen3d.nl

EHBO herhaling Cursus, 10 maart, Alkmaar.

▸ www.kunsthal.nl

▸ www.onderwijsgroepnwh.nl

Fleurig Beurs, 11 t/m 15 juni, Bennekom (Ede).

Veiligheid van speelgelegenheden Cursus, 10 maart, Utrecht.

▸ www.fleurig.nl

▸ www.keurmerk.nl

Demo-Dagen 10 en 11 september, Arnhem, Papendal.

VOL VCA Cursus, 10 maart, Biddinghuizen.

▸ www.demo-dagen.nl

▸ www.degroenepraktijk.nl

Festival of Plants 13 t/m 15 juni, 13, 14 september, Heers, België.

Hertificering B-VCA Cursus, 11 maart, Biddinghuizen.

▸ www.hex.be

▸ www.degroenepraktijk.nl

Dromen in Zuid-Limburgse tuinen Open tuinen, 14, 21, 22 juni, ZuidLimburg.

EMVI-Gunnen op waarde Cursus, 12 maart, 7 mei, diverse locaties. ▸ www.crow.nl

▸ www.zuidlimburgsedroomtuinen.nl

Beeldgericht werken Regiobijeenkomst CROW, 12 maart, Hoorn.

Nationale tuinweek 14 t/m 21 juni, talloze groene initiatieven in Nederland en Vlaanderen.

▸ www.levende-stad.nl

▸ www.groei.nl

Gebiedsontwikkeling nieuwe stijl

Praktijkcongres, 12 maart, Amsterdam. ▸ www.congresgons.nl

Directievoering Meerdaagse cursus, 12 maart, Deil. ▸ www.groenetechnieken.nl

Verantwoord eenvoudig kapbeleid Cursus, 12 maart, Driebergen. ▸ www.ekootree.nl

Green survival Lezing, 12 maart, 23 april, Leiden, Den Haag (23/4) ▸ educatie@hortus.leidenuniv.nl

Bomen en recht Basiscursus, 13 maart, 18 september, Cuijk. ▸ www.cobra-adviseurs.nl

Transitie in Groen Werkconferentie, 13 maart, Baarn. ▸ www.groenepedagogen.nl

VTA Cursus, 13 en 14 maart, Arnhem. ▸ www.degroenepraktijk.nl

Social Media Strategie NIMA Expert Class, 14 maart, regio Amsterdam. ▸ www.nima.nl

Veilig werken langs de weg Cursus, 14 maart, Biddinghuizen. ▸ www.degroenepraktijk.nl

Snoeicursus 17 maart, Aalsmeer. ▸ www.belle-epoque.nl

Bomenbeheer van A tot Z Cursus, 18 maart, Doorn. ▸ www.ocbor.nl

Colofon Tuin en Landschap is een tweewekelijkse uitgave van de Stichting Vakinformatie Siergewassen en BDUmedia, Vak- en Publieksmedia, Issnnummer 016 533 50 Schipholweg 1 Postbus 9324, 2300 PH Leiden www.tuinenlandschap.nl Secretariaat: Linda Laman en Alice Hoogenboom (071) 565 96 78 tuinenlandschap@hortipoint.nl

Redactie Bakker hoofdredacteur 06 35 11 56 17 / wbakker@hortipoint.nl ▸ Peter Bennink vakredacteur (071) 565 96 53 / pbennink@hortipoint.nl ▸ Ralph Mens vakredacteur (071) 565 96 52 / rmens@hortipoint.nl ▸ Miranda Vrolijk vakredacteur (071) 565 96 56 / mvrolijk@hortipoint.nl ▸ Alice Hoogenboom redactie-assistent (071) 565 96 79 / ahoogenboom@hortipoint.nl ▸ Gerdien de Nooy fotograaf ▸ Marrit Molenaar, Jenny Mostert, Carolyne de Vries Lentsch, Jolanda de Wekker bureauredacteuren ▸ Bert Hassing, John Jennissen vormgevers ▸ Wendy

▸ Basisvormgeving

46

TuinenLandschap

| 5 | 2014

Gerrie van Adrichem

Abonnementenservice Aanvraag en wijziging abonnement naar BDUmedia, afdeling Vak- en Publieksmedia Postbus 67, 3770 AB Barneveld (0342) 49 48 44 abonnementen@bdu.nl Abonnementsprijs per jaar: €240 (excl. 6% btw). Studenten en scholieren €180 (25% korting, excl. btw). Buitenlandse abonnees betalen een toeslag voor portokosten. Abonnementen kunnen op elk gewenst tijdstip ingaan, lopen automatisch door, tenzij uiterlijk 2 maanden voor de vervaldatum is opgezegd bij de abonnementenservice. Dit kan schriftelijk, telefonisch of per e-mail. Ook voor informatie over een lopend abonnement kan contact worden opgenomen met de abonnementenservice. Voor inhoudelijke vragen en opmerkingen en voor vragen aan externe auteurs kunt u contact opnemen met de redactie.

Exploitatie BDUmedia, afdeling Vak- en Publieksmedia ▸ Wiljo Klein Wolterink mba uitgever (0342) 49 42 63 Advertentie-exploitatie BDUmedia, afdeling Vak- en Publieksmedia ▸ Gert-Jan Bloemendal media adviseur (0342) 49 48 07 / g.bloemendal@bdu.nl ▸ Ron van de Hoef verkoopleider (0342) 49 42 63 / r.v.d.hoef@bdu.nl Druk BDUprint

©BDUmedia, 2011 Alle rechten voorbehouden Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder voorafgaande toestemming van de uitgever. Algemene voorwaarden op alle aanbiedingen, offertes en overeenkomsten van BDUmedia zijn van toepassing de voorwaarden, welke zijn gedeponeerd ter Griffie van de Arrondissementsrechtbanken en de KvK. Uitgever en auteurs verklaren dat dit blad op zorgvuldige wijze en naar beste weten is samengesteld; evenwel kunnen uitgever en auteurs op geen enkele wijze instaan voor de juistheid of volledigheid van de informatie. Uitgever en auteurs aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor schade, van welke aard ook, die het gevolg is van handelingen en/of beslissingen die gebaseerd zijn op bedoelde informatie. Lezers worden met nadruk aangeraden deze informatie niet geïsoleerd te gebruiken, maar af te gaan op hun professionele kennis en ervaring en de te gebruiken informatie te controleren.


Foto Gerdien de Nooy

Groene Gast

Janneke van den Bos U bent oprichter van stichting Groen Cement, wat is dat? „Groen Cement bestaat nu vijf jaar. Ik werk twintig jaar in de kinderopvang en heb de stichting opgericht vanuit de zorg over het feit dat kinderen steeds meer verwijderen van de natuur. Kinderen worden zo dikker en krijgen een motorische achterstand. Zelf ben ik opgegroeid in de polder, natuur en groen zijn vanzelfsprekend voor mij. Maar wie zorgt er later voor de natuur?”

Wat is het doel van Groen Cement?

Janneke van den Bos is voorzitter van Groen Cement en directeur Kinderopvang ZON!

„We leggen een verbinding tussen iedereen die een relatie heeft met kinderen en natuur. Er zijn heel veel natuurorganisaties, maar ze zijn slecht vindbaar. Het doel is dan ook om de professional uit de groenhoek en die uit de kinder-

hoek met elkaar te verbinden, vandaar de naam Groen Cement.”

vormgeven van groen pedagogisch beleid.”

Wie zijn er bij aangesloten?

Waarom richten jullie je vooral op de kinderopvang?

„Wij hebben zo’n 150 vrijwilligers of groene metselaars zoals we ze noemen. Die komen uit uiteenlopende richtingen. Er zitten landschapsontwerpers tussen, juristen, schrijvers, zzp’ers en mensen die zich met eetbaar groen of moestuinen bezighouden.”

Welke activiteiten organiseren jullie? „We hebben 2014 uitgeroepen tot jaar van de Groene Kinderopvang. Dit is een soort kapstok om allerlei activiteiten aan op te hangen. We willen het groene denken zo een grote impuls geven. Ook gaan we bijvoorbeeld een loket opzetten voor de kinderopvang die praktische hulp nodig heeft bij het

„De kinderopvang is laaghangend fruit, omdat hier nog ruimte is om bezig te zijn met groen en natuur. In het basis- en middelbaar onderwijs zijn allerlei regels en wordt maar een kwartier per week aandacht besteed aan natuur. We hebben een kwaliteitsmerk gelanceerd voor groene kinderopvang. Dat krijgt een kinderopvang wanneer deze aan bepaalde kenmerken voldoet, zoals een natuurlijke buitenruimte waar wordt gezaaid en geoogst, en samenwerking met natuurorganisaties. Je kunt beginnen met een tegel eruit te halen en zaad in de grond te doen. Het hoeft niet heel ingewikkeld te zijn.” <

TuinenLandschap | 5 | 2014

47



TEL_05-2014