MEERSTEMMIGHEID
VAN TIJDELIJKE EXPO NAAR DEKOLONIAAL MUSEUM
100 X CONGO In 2020 was het precies 100 jaar geleden dat de basis werd gelegd voor de Congolese kunstcollectie van de stad Antwerpen. Dat gebeurde met een aankoop bij kunsthandelaar Henri Pareyn en een schenking van minister van Koloniën Louis Franck. Voor Afrika-conservator Els De Palmenaer en het hele MAS-team de geknipte aanleiding om met een meerstemmige kijk op die collectie terug te blikken, en wel met een expo in twee parcours. Een eerste belicht de (koloniale) relaties tussen Europa en Afrika, en meer bepaald tussen België en Congo. Een tweede parcours toont 100 voorwerpen van verschillende volken en regio’s uit Congo. Met Nadia Nsayi van het MAS kijken we terug op de ervaringen én de uitdagingen voor de toekomst. Katrijn D’hamers
Nadia, u bent als tijdelijke curator beeldvorming aan boord gekomen bij het MAS. U heeft de expo 100 x Congo mee vormgegeven. Wat was uw rol? Nsayi: “Het MAS wou samenwerken met een tweetalige curator die een sterke affiniteit heeft met Congo én met de Congolese diaspora. Ik moest in deze functie het expoteam, en bij uitbreiding het MAS-team, zowel praktisch als inhoudelijk versterken. Mijn curatorfunctie was complementair aan die van de MAS-conservator Afrika-collecties en curator van de expo, Els De Palmenaer. Ik kon nieuwe kennis van buiten de museumsector inbrengen − voorheen was ik opiniemaker en beleidsmedewerker Congo bij Broederlijk Delen en Pax Christi Vlaanderen – en ook mijn expertise rond (de)kolonisatie en mijn uitgebreide netwerk kwamen erg goed van pas. Bovendien was mijn Congolese afkomst een troef. Mijn positie vergemakkelijkte zo de communicatie met partners in Congo en opende de deur voor contacten met personen en groepen uit de Afrikaanse diaspora in België.”
10
“De steun van MAS-directeur Marieke van Bommel en van Leen Beyers, hoofd van het curatorenteam, was cruciaal voor mijn functie. Zij ijverden bij het stadsbestuur voor de aanwerving van een tijdelijke curator beeldvorming. Dat gaf het expoproject een nieuwe richting. Een van de reacties spreekt boekdelen: ‘Door de nieuwe functie heeft het MAS zwarte personen kunnen bereiken, bv. gidsen en stagiairs. Zonder die functie zou kritiek op de expo misschien harder zijn geweest. Nu waren de grootste vlammen al gedoofd toen de expo opende. In de context van Black Lives Matter (BLM) zou het museum zonder die nieuwe curator een probleem gehad hebben.’” Hoe verzekerde het team de meerstemmige en kritische blik? Nsayi: “Niet enkel intern rezen vragen over de gewenste aanpak; ook extern hoorden we bezorgdheden. ‘Waarom wordt de collectie nu pas getoond?’, ‘Met wie wordt er samengewerkt?’ en ‘Kan een musea zulke objecten wel tentoonstellen?’ Verschillende (jonge) mensen gaven ook