Page 1

BREIEN KNITTING BREIEN KNITTING BREIEN KNITTING


Breien vanuit het Engels is niet zo moeilijk !

We spreken in de meeste gevallen al wel een mondje Engels, maar het begrijpen en kunnen werken met de werkbeschrijving van een Engelstalig breipatroon is net anders. Deze “gids” stelde ik samen door uren door mijn oh zo grote verzamenling tijdschriften te bladeren. De bedoeling was om zo volledig mogelijk te zijn. Ik maak me natuurlijk geen illusies en neem aan dat er nog wel engelse breitermen zijn die ik hier niet heb opgenomen. In elk boek of tijdschrift staat altijd een lijst met “abbreviations” (afkortingen). Deze lijst bevat de meest gebruikte afkortingen met uitleg die in elk breipatroon terug te vinden zijn. Daarnaast bestaan er ook nog eens apparte lijstjes, “special abbreviations”. Dat zijn de afkortingen van breihandelingen speciaal vereist voor dat specifieke patroon. Het eerste werkstuk zal wat opzoekwerk vereisen maar het zal U verbazen hoe snel U de termen onder de knie heeft. Veel succes en vooral veel plezier!!


Afmetingen breinaalden UK

belgië

US

14 13 12 11 10 9 8 7 6 5 4 3 2 1 0 00 000 -

2 mm 2 ¼ mm 2 ½ mm 2 ¾ mm 3 mm 3 ¼ mm 3 ½ mm 3 ¾ mm 4 mm 4 ½ mm 5 mm 5 ½ mm 6 mm 6 ½ mm 7 mm 7 ½ mm 8 mm 9 mm 10 mm 12 mm 15 mm 20 mm 25 mm

0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 10 ½ 11 13 15 17 19 36 50

Omzettabel Van g naar ounces Van ounces naar g Van cm naar inches Van inches naar cm Van m naar yards Van yards naar m

x x x x x x

0,0352 28,35 0,3937 2,54 0,9144 1,0936


AAA

alt

approx

AAA abbreviation(s) accessories Afghan alternate alternately amount of yarn approximately apron Aran knitting armhole

afkorting(en) accessoires deken – plaid – sprei - sjaal elke 2e naald afwisselend benodigde hoeveelheid garen ongeveer schort - voorschoot Aran eilanden voor de kust van Ierland = Iers breien – zie afbeeldingen armsgat

BBB B1

beg

bet BO

B

border st

BBB slide a bead up close to work baby weight back background colour ball ball band basket beads beginning beginners) between blocking bind off = cast off bobbin(s) bobble bodice bonnet border border stitch brooch bulky weight button(s) buttonhole buttonhole band

glij een parel dicht tegen het breiwerk aan baby garen – dun garen rugpand achtergrondkleur bol (wol) garenwikkel mand - korf parels beginnend met aanduiding van moeilijkheidsgraad – voor beginnende breisters tussen het vierkant – recht maken van gebreide lapjes afkanten plastic visje(s) om een kleine hoeveelheid garen op te winden / spoel(en) nop onderlijfje vrouwenmuts (met banden onder de keel) rand (ingebreid) kantsteek broche aanduiding van gewicht van heel dik garen (naald 6 en dikker) knoppen - knoop knoopsgat strook breiwerk waar de knoopsgaten in komen


CCC CA – CB - …

CCC color A – color B cable calculating yarn cardigan cast off cast off in ribbing

CB CC CF

cl(s) cm CN CO

cont

cable back contrasting colour cable forward chain stitch challenging chart chunky weight circular knitting circular needle cluster cloak centimetre(s) cable needle cast on collar colour cone(s) continue continental knitting cotton cotton bud cravat cross crossed stitch = twisted stitch

kleuren A,B,C … kabel uitrekenen hoeveel garen nodig voor het werkstuk vest afkanten het werk afzetten zoals de steken v.h.boordpatroon (ribbing) van 1 r en 1 av … zich voordoen kabelnaald achter werkstuk contrastkleur kabelnaald voor werkstuk kettingsteek (=borduursteek) – zie afbeeldingen aanduiding van moeilijkdeidsgraad – voor ervaren breisters teltekening aanduiding van gewicht van dik garen rondbreiwerk – rondbreien rondbreinaald steken die bij elkaar horen mantelcape centimeter(s) kabelnaald opzetten kraag - boordje kleur kegel(s) verdergaan garen in linkerhand en rechternaald haalt de draad om de steken te maken katoen stofknoop das kruisen gekruiste - verdraaide steek


DDD dec

DDD cuff decrease decrease at begin and end of the row description dye lot

DK

double knitting

dm st

drop 4

double moss stitch do not join double pointed needles draw through a loop draw through one or more loops dress drop st 4 rows

duplicate

drop a stitch dubble strand duffle coat duplicate stitch

DPN – dpn

dye

mouwboord – manchet minderen minderen aan het begin en aan het einde van de toer - rij beschrijving verfbad aanduiding van gewicht van garen, vooral in de UK en Australië en Amerika –gelijk aan 2 draden van 3ply garen. Vroeger werden 2 garensoorten samengevoegd, vandaar de naam“dubbel breien”- tegenwoordig dus in één draad verwerkt Amerikaanse moss stitch – zie afb tel deze steek niet mee naalden zonder knop door een lus trekken draad door één of meerdere lussen halen jurk laat de eerstvolgende steek 4 rijen neer. Vang met de rechter naald deze steek terug op thv de 5e rij en brei deze recht en omvat daarbij de 4 losse draden die ontstonden. laat een steek vallen dubbele draad houtje-touwtjejas maassteek gebruikt om op het breiwerk tekeningen aan te brengen in de vorm van de tricotsteek (zie afb) verfstof – kleur


EEE

EEE edge edge stitch edging border embroidery embroidery stitch english knitting

EOR

end of row even numbered row(s) experience required eyelet

kant – rand kantsteek boord – rand van het werkstuk borduursel - borduren borduursteek stijl van breien waarbij het garen in de rechterhand gehouden wordt, en om de naald gewikkeld wordt bij het maken van een steek aan het eind van de naald – toer – rij even genummerde rijen, dus 2,4,6 … aanduiding van moeilijkheidsgraad; wat ervaring is vereist kleine decoratieve opening, een “oog”

FFF f

fbf

fin

foll(s)

FFF facing Fair isle knitting

fasten off fasten off securely front, back, front fibre(s)

met deze kant naar je toe jaquard = breien met verschillende kleuren waarbij de kleur die je niet gebruikt meegevoerd wordt achter het werk afhechten stevig afhechten 1 steek 3x breien, in voorlus, in achterlus, in voorlus vezel(s)

finish fingering weight finishing = making up flat knitting following / follows french knot frill fringe(s) frogging front fulling

eindig babygaren – zie baby weight = dunne wol afwerken breien met twee naalden volgende / volgt soort borduursteek – zie afbeeldingen geplooide strook - kraag franje(s) uithalen van steken voorpand vervilten


GGG g g st – gar st

gr

GGG gram garter stitch gathering gauge gloves Group gusset

gram ribbelsteek (alle naalden recht) bij elkaar nemen /samenbrengen stekenproef – proeflapje van 10cm x 10cm handschoenen groep inzetdeel - spie

HHH

HHH hank head hem hood

streng garen hoofd zoom capuchon

III in(s) inc inc into

III inch(es) increase increase into intarsia

JJJ

1 inch = 2.54 cm meerderen in 1 steek 2 steken breien, 1 in voorste lus en 2e in achterste lus inbreien van figuren

JJJ jacket jaquard knitting

jas inbreien met meerdere kleuren in één naald, waarbij de kleuren die niet gebreid worden aan de achterkant meegevoerd worden. Er ontstaat een dubbel dik breiwerk


KKK k1 K–k k 2 tog k 2 tog tbl k 3 tog k 3 tog tbl k tbl k wise kfb kfbf

kpk

KKK 1 knit knit knit 2 stitches together knit 2 stitches together trough back of the loop knit 3 stitches together knit 3 stitches together trough back of the loop knit into back of the loop knit wise knit into front and back of stitch knit into front, back and front of next stitch knit up knitting knitting needle knitwork [knit1,purl1,knit1] all into next stitch

LLL

1 steek recht recht (i.p.v. averecht) brei 2 steken recht samen brei 2 steken recht samen door achterlus brei 3 steken recht samen brei 3 steken recht samen door achterlus gedraaid recht breien als zou je de steek recht breien 2x breien in 1 steek; 1x in voorlus en 2e maal in achterlus brei recht, averecht, recht in de volgende steek rechtbreiend opnemen breien breinaald breiwerk [1r,1av,1r] in volgende steek

LLL

2LT

2 stitches left twist

LH – lh LN long t

lace knitting Lazy Daizy stitch leave remaining stitches left hand edge, at the level of difficulty left hand left needle long taile method

lp(s) LT

loop stitch loops, to pick up loop(s) left twist

met rechter naald achter linker naald, sla 1e steek over en brei 2e steek recht door achterlus, steek rechter naald in de achterlussen van beide steken en brei ze recht samen breiwerk maken met kant; omslagen en samenbreien = soort borduursteek – zie afb laat resterende steken rusten de linker rand van het werkstuk moeilijkheidsgraad linker kant – hand – breinaald linker breinaald opzetten door een lus te maken en vervolgens steken op te zetten met de losse draad en de draad aan de bol lussen steek opnemen lus(sen) brei in achterlus van de 2e steek op de linker naald, brei vervolgens de twee 1ste steken op de linkernaald recht samen door de achterlus, laat beide steken van de naald glijden


MM m M1 – m1 m1k

M1L M1p m1p

M1R

MB MC

ML mm moss st

MMM metre(s) make one st by picking up the loop lying between st just worked and next st and knitting into back of it make one twisted to the left make one purl wise make 1 st by picking up the loop lying between st just worked and next st and purling into back of it make one twisted to the right making up = finishing make a bobble main colour measurement measures miss a stitch = skip a stitch make loop millimetre(s) moss stitch = seed stitch

meter(s) meerder 1 steek door de horizontale draad tussen 2 steken op te nemen en deze verdraaid recht te breien

meerder 1 steek gedraaid naar links meerder 1 averechte steek meerder 1 steek door de lus tussen de net gebreide steek en de volgende steek op te nemen en deze averecht te breien door achterlus meerder 1 steek gedraaid naar rechts afwerken maak een nop hoofdkleur afmeting afmetingen één steek overslaan maak een lus millimeter(s) gerstekorrel

NNN

No

NNN neck needle gauge needle(s) next row number

hals naalddikte naald – naalden – toer – toeren volgende rij – volgende toer nummer

OOO oz

OOO odd numbered row(s) overskirt ounces

oneven genummerde rijen 1,3,5 … overrok 28,35 g


PPP P–p p wise p2sso p2tog p3tog tbl

psso pat(t) PB pfb – pfbk

PM pnso

prev

psso

PPP purl purl wise pass 2 slipped stitches over purl two stitches together purl3 stitches together trough the back of the loop pass slipped stitch over pattern pattern stitch place beat purl into front and back of stitch pick up stitches pin(s) plain …ply ( 2-ply, 3ply…) place marker pass next stitch over point protector pompom(s) press stud previous previous row project pass slipped stitch over pullover purl into back

averecht alsof je averecht zou breien afgehaalde 2 steken over gebreide steek halen brei 2 steken averecht samen brei 3 steken gedraaid averecht samen (door achterlus)

afgehaalde steek over gebreide steek halen patroon patroonsteek plaats parel brei 1 steek averecht in voor- en achterlus steken (weer) opnemen – r of av steken opnemen aan de rand van het breiwerk speld(en) recht …draads bv 2 draads, 3 draads garen plaats merkteken haal de steek over de volgende steek naaldpuntbeschermer pompon(nen) drukknoop vorige vorige rij - toer project afgehaalde steek over gebreide steek halen trui gedraaid averecht breien

QQQ qt

QQQ quantity

hoeveelheid


RRR

RRR

2RT

2 stitches right twist

rem rep rev rev st st

rejoin remain – remaining repeat reversing reverse stocking stitch

RH

RN rnd(s)

RS RT Rw(s)

right hand rib ribbing 1x1 – ribbing 2x2 ribbon right hand edge right side row right needle round(s) round knitting row counter right side facing right twist ruffle row(s)

brei 2 st r samen maar laat ze op de naald, steek rechter naald tussen de 2 steken en brei de 1e r, laat pas dan de steken van de naald glijden begin terug bij overblijvende – resterende herhaal averechte kant tricotsteek waarvan de averechte kant de goede kant van het werk is rechterhand – rechterkant – rechter breinaald boordsteek aantal steken recht afgewisseld met een aantal steken averecht boordsteek breien; 1X1 1st r en 1st av / 2X2 2st r en 2st av lint - band de rechter kant van het werkstuk rechte toer rechter breinaald toeren – rijen rondbreien op een rondbreinaald of op 4 naalden rijn - toerenteller goede kant van het werk naar je toe rechtse draai plooien - rimpelen rijen – toeren – naalden (aantal)


SSS s2togkpo

seaming

sk

sk2 with bead

sk2po – sk2tog po – sk2p

skpo - skp

sl sl 1 wyib sl 1 wyif sl knot sl st sl1 slip st k slip st p

SSS slip next 2 stitches as though to knit 2 together, knit 1, then pass 2 slipped stitches over, so leaving centre stitch on top safety pin seam seaming secure seed stitch = moss stitch selfedge stitch selfedge sewing shape Shisha stitch shoulder size skip specified number of stitches of the previous row and work into next stitch slip 1 stitch, knit 2 stitches together with bead pushed forward. Pass the slipped stitch over the bead slip one stitch, knit two stitches together, pass slipped stitch over skein skill level skip a stitch skirt slip one stitch, knit one stitch, pass slipped stitch over slip slip 1 stitch with yarn in back slip 1 stitch with yarn in front slip knot slip stitch slip one sleeve slip stitch knitwise slip stitch purlwise

haal 2 steken af als zou je ze recht samen breien, brei 1 steek recht, haal de 2 afgehaalde steken over de gebreide steek.

veiligheidspin zoom - naad aan elkaar naaien maak goed vast gerstekorrel kantsteek zelfkant naaien vorm(en) Shicha = Urdu/Hindi voor glas-spiegel. = de steek die het mogelijk maakt spiegeltjes op textiel vast te naaien schouder maat sla het aangegeven aantal steken over en brei verder in de volgende steek

haal 1 steek af, brei 2 steken r samen met de parel dicht tegen het werk aangeschoven. Haal de afgehaalde steek over de parel heen.

haal 1 steek af, brei 2 steken recht samen, haal afgehaalde steek over gebreide steek machinaal gewikkelde bol wol ervaringsniveau één steek overslaan rok haal 1 steek af, brei 1 steek recht, haal afgehaalde steek over gebreide steek afhalen breng draad achter het werk en haal dan 1 steek af breng draad voor het werk en haal dan 1 steek af een lus die je maakt om steken op te zetten een steek afhalen 1 steek afhalen mouw steek recht afhalen – als zou je hem recht breien haal steek af als zou je hem averecht breien


sp(s)

ssk

ssp

sssk st st st(s)

space spare needle square slip 2 stitches one at the time, knit 2 slipped stitches together slip 2 stitches one at the time, purl 2 slipped stitches together through back of loops slip, slip,slip, knit stocking stitch – stokinette stitch stitch(es) stitch cast of stitch holder swatch

ruimte reservenaald vierkant haal 2 steken één voor één recht af, steek de linkernaald weer in deze 2 steken en brei ze recht samen haal 2 steken één voor één af, zet ze weer op de linkernaald en brei ze recht samen

haal 3 steken één voor één recht af, steek de linkernaald weer in deze 3 steken en brei ze recht samen tricotsteek steek – steken afgekante steek stekenhouder – voor het tijdelijk “parkeren” van steken klein lapje – proeflapje


TTT T 5L

tape meas tapestry n tbl template

tog

Tw2R – T2R

TTT twist 5 sts to the left tab needle tabart tailcoat tammy tape measure tapestry needle tassel through the back of the loop template tension = gauge texture texture knitting thread end time(s) together toggle through trousers turn turn the work twist 2 sts to the right twist stitches twisted stitch

zet 2 st op een kabelnaald en hou deze voor het werk, brei 2 st recht, 1 st av, brei dan de 2 st op de kabelnaald recht maasnaald herautsmantel jacquet schotse platte muts - baret lintmeter tapisserienaald kwastje door achterlus (gedraaid breien) sjabloon stekenproef textuur het breien van speciale 3D effecten bv kabels, noppen … draadeinde maal – keer samen pin door broek keren draai het werkstuk brei recht in de 2e steek op de linker naald, brei dan de 1ste steek en laat beide steken samen van de naald glijden steken kruisen verdraaide – gekruiste steek

UUU UUU under unravel

onder ontrafelen, losknopen


VVV

VVV variegated yarn

garen met meerdere kleuren

WW

WWW weaving in

work as giv

WP

WS wyib wyif

weight with RS – WS facing wooden beads work as given for work even - straight worsted weight wrap yarn round next stitch wrap wrong side row wrong side facing with yarn in back - behind with yarn in front

inweven; 2 panden via de gebreide lussen aan elkaar zetten. Deze lussen zijn de laatst gebreide steken van de panden. gewicht met goede – verkeerde kant naar je toe houten parels ga tewerk als voor…. ga door in patroon zonder minderen of meerderen aanduiding van gewicht van garen: de meest gebruikte en meest populaire dikte. zet volgende steek van de linker- naar de rechter breinaald (zonder te breien), wind de draad rond de steek en zet steek terug op linker naald omslag averechte toer – rij verkeerde – averechte kant van het werk naar je toe met draad achter het werkstuk met draad voor het werkstuk

YYY y2rn – 2yo yrn2 yarn yb(k) yd(s) yfrn yfwd = yf yo(n) yrn

YYY yarn round needle twice to make two stitches yarn yarn to the back of work yard(s) yarn forward and around needle to make one yarn forward / to front of work yarn over(needle) yarn round needle

draad 2 maal rond naald slagen om 2 steken bij te maken garen – draad draad achter het werkstuk brengen 0,91m draad langs voorkant over naald leggen om een steek bij te maken garen – draad aan voorkant (voor) het werkstuk garen – draad over (naald) garen – draad rond (om) naald slaan


KABELS Cable 8 back = C8B = 8 sts right cable CR 3 LP = 3 sts left purl cable C 4 BP = 4 sts right twist = T 4 B Dit om te zeggen dat elk boek of tijdschrift wel zijn eigen vorm van afkorten heeft. Een paar dingen zijn vasten binnen het geheel van afkortingen en die geef ik eventjes mee. Zo staat de “C” altijd voor “cable” (kabel) en dat is ook zo voor het woordje “twist” (draai). Ook belangrijk is te weten dat “B” binnen het geheel altijd de afkorting is voor “back”. Dus bij het breien en vormen van de kabel moet de kabelnaald achter het breiwerk worden gehouden. Staat er het woordje “right” (rechts) dan wil dat hetzelfde zeggen. Zo geldt dat ook voor de letter “F” dat voor het woord “front” staat en wil zeggen dat je bij het breien van de kabel de kabelnaald met steken voor het breiwerk moet houden. Hier is de aanhanger in sommige beschrijvingen het woordje “left”. B = back = right

en

F = front = left


zet x steken op kabelnaald, houdt voor / achter werk, brei x steken recht/averecht, brei x steken recht/averecht van kabelnaald C2B slip next stitch onto cable needle, hold at back of work, knit 1, then knit 1 from cable needle C2F slip next stitch onto cable needle, hold at front of work, knit 1, then knit 1 from cable needle C3B slip next stitch onto cable needle, hold at back of work, knit 2, then knit 1 from cable needle C3F slip next 2 stitches onto cable needle, hold at front of work, knit 1, then knit 2 from cable needle C4B slip next 2 stitches onto cable needle, hold at back of work, knit 2, then knit 2 from cable needle C4F slip next 2 stitches onto cable needle, hold at front of work, knit 2, then knit 2 from cable needle C6B slip next 3 stitches onto cable needle, hold at back of work, knit 3, then knit 3 from cable needle C6F slip next 3 stitches onto cable needle, hold at front of work, knit 3, then knit 3 from cable needle C8B slip next 4 stitches onto cable needle, hold at back of work, knit 4, then knit 4 from cable needle C8F slip next 4 stitches onto cable needle, hold at front of work, knit 4, then knit 4 from cable needle CR4L slip next 3 stitches onto cable needle, hold at front of work, purl 1, then knit 3 from cable needle CR4R slip next stitch onto cable needle, hold at back of work, knit 3, then purl 1 from cable needle CR5L slip next 3 stitches onto cable needle, hold at front of work, knit 2, then knit 3 from cable needle CR5R slip next 2 stitches onto cable needle, hold at back of work, knit 3, then knit 2 from cable needle CR3LP slip next 2 stitches onto cable needle, hold at front of work, purl 1, then knit 2 from cable needle CR3RP slip next stitch onto cable needle, hold at back of work, knit 2, then purl 1 from cable needle CR4LP slip next 3 stitches onto cable needle, hold at front of work, purl 1, then knit 3 from cable needle CR4RP slip next stitch onto cable needle, hold at back of work, knit 3, then purl1 from cable needle C 3 BP slip next stitch onto cable needle, hold at back of work, knit 2, then purl 1 from cable needle C 3 FP slip next 2 stitches onto cable needle, hold at front of work, purl 1, then knit 2 from cable needle C 4 BP slip next 2 stitches onto cable needle, hold at back of work, knit 2, then purl 2 from cable needle C 4 FP slip next 2 stitches onto cable needle, hold at front of work, purl 2, then knit 2 from cable needle

Handboek breien uit het Engels  
Handboek breien uit het Engels  
Advertisement