Page 1

Veelzijdig Boeren

20 jaar agrarisch natuurbeheer in West- en Midden-Nederland

Het nieuwe stelsel

boeren en bestuurders kijken vooruit

De aanstekelijkheid van agrarisch natuurbeheer

Bureau Buitenland blik vanuit de VS en EU


Op de cover van dit magazine staat een Grutto. Veelzijdig Boerenland schrijft Grutto graag met een hoofdletter want deze intrigerende weidevogel is hĂŠt symbool van het agrarisch natuur- en landschapsbeheer in West- en Midden-Nederland. In brons was de vogel het relatiegeschenk van Veelzijdig Boerenland: van boeren en burgers, die zich met hart en ziel inzetten voor natuur en landschap.

Colofon

Eenmalig magazine ter gelegenheid van de opheffing van Veelzijdig Boerenland, samenwerkingsverband van agrarische natuur- en landschapsverenigingen in West- en Midden-Nederland, 31 maart 2016.

Productie Communicatiebureau de Lynx Rob Janmaat / concept Miranda Koffijberg / hoofdredactie Florien Kuijper, Lotty Nijhuis, Ellen Oomen / interviews M.m.v: Aart van Cooten, Martin Woestenburg / interviews Vormgeving Communicatiebureau de Lynx Miek Saaltink Fotografie Lex Broere / foto’s alle praktijkvoorbeelden, Pieter Hellinga, Teunis Jacob Slob, Jan-Pieter Lokker, Hans Hoek, Arie van den Brand Paul Terwan / p.11, 13, 29, 30, 31, 37, 41, 43, 44, 45, 46 (midden boven) en 49 Erna van der Wal / p. 3 en 34 Irene Vijfwinkel / p. 14, linksonder Janneke Zevenbergen / p. 47 (rechtsboven) Vogelbescherming, Jouke Altenburg / p. 46 (linksonder) en 54


’ANV’s en hun boeren hebben de afgelopen 20 jaar een beweging op gang gebracht: landbouw en natuur vormen inmiddels een vanzelfsprekende combinatie’


Inhoud 10 Teunis J acob Slob over het nieuwe stelsel

aanstekelijkheid van 28 Deagrarisch natuurbeheer

G oed bezig in...

8

18

26

38

35 ‘Bureau Buitenland’ Blik vanuit de VS en EU


Jan Pieter Lokker 20 Over certificering

Arie van den Brand 40 Over vooruitgang en wat er nog te doen is

22

Het agrarisch natuurbeheer ontwikkelde zich vanaf 1975 gestaag. Een overzicht met commentaar van vijf betrokkenen.

Extra creatief zijn 46 Hoe zien ‘doorzetters’ het nieuwe stelsel?

K ijken naar 48 de toekomst

En verder... 6

‘Beste Alex’

14 Stelling: ‘Goed dat alles in één hand komt’ 16 Gedeputeerden over de collectieven 32 Hans Hoek over innovatie 44 De navolging van het Veelzijdig Boerenland-model


Brief

‘Zelfbewust en een tikkeltje eigenzinnig’

Beste Alex, Wat een voorecht om de voorzittershamer van Veelzijdig Boerenland aan jou als landelijk voorzitter over te dragen. En aan de drie provinciale voorzitters in West- en Midden-Nederland. Veelzijdig Boerenland heeft goed werk gedaan. Nu gaan jullie dat werk voortzetten. Met de invoering van het nieuwe stelsel voor Agrarisch Natuur en Landschapsbeheer (ANLb) is de uitvoering aan de Collectieven. Die hebben organisatorisch en geografisch meer body dan de eerdere Agrarische Natuur Verenigingen (ANV’s). Daarom hebben de regionale ANLb-koepels in Noord-, Oost- en West-Nederland vroegtijdig besloten om gezamenlijk op te gaan in één landelijke organisatie. Die landelijke organisatie is Boerennatuur.nl. Je krijgt een stevige klus aan dat landelijk voorzitterschap. Maar een Groninger hoef ik niet aan te sporen om ’de kop d’r veur te holl’n’. De structuur van die nieuwe landelijke organisatie is gebaseerd op twaalf provinciale Afdelingen. De Collectieven binnen de desbetreffende provincie werken daarin samen. Elke provinciale Afdeling voert het overleg met de eigen provincie over (bijvoorbeeld) het provinciaal Beheerplan. Een logisch gevolg van de decentralisatie van groene beleidstaken naar de provincies. Tegen deze achtergrond zijn er ook in Noord-Holland, Utrecht en Zuid-Holland samenwerkings­ verbanden van de Collectieven in die provincies gevormd. Onder voorzitterschap van respectievelijk SjaakHoogendoorn, Henk Jan Soede en Marinus Rooken. Til daar niet te licht aan, mannen! Onze provincies hebben juist baat bij zelfbewuste gesprekspartners. Bij een overdracht hoort een terugblik. Niet uit nostalgie, maar om van te leren. Lange jaren heb ik Veelzijdig Boerenland en zijn voorgangers vanaf de zijlijn gevolgd. Eerst vanuit Zuid-Holland en later als lid van de Raad van Advies, en ten slotte op de kop als voorzitter van onze vereniging van ANV’s. Als ik mijn ervaringen samenvat, dan ben ik ermee ingenomen dat Veelzijdig Boerenland zich altijd een tikkeltje eigenzinnig heeft opgesteld. Daarom was het voorzitterschap juist in de laatste jaren een voorrecht. Bij een tikkeltje eigenzinnigheid hoort bijvoorbeeld de keuze van je samenwerkingspartners. Dat geldt ook voor de nieuwe organisatie. Voor het agrarisch natuurbeheer is LTO in ieder geval een voor de hand liggende keuze; boeren zoeken boeren op. Met een goed verhaal kunnen ze elkaar versterken. Meestal wel - en soms ook niet. Dan komt er een moment, dat je niet blijft polderen en ga je zelfbewust je eigen weg. Vergeet niet, dat voor het agrarisch natuurbeheer de terreinbeherende organisaties (TBO’s) ook natuurlijke samenwerkingspartners zijn. Stop toch geen onnodige energie in discussies over de tegenstelling tussen landbouw en natuur. Landbouw en natuur hebben elkaar juist veel te bieden. Veelzijdig Boerenland heeft er zich altijd voor ingezet om die brug te slaan. Met wisselend succes. Kom op mannen én vrouwen. Aan die brug moet ook in het tijdperk van het nieuwe ANLb-stelsel worden gewerkt. De grondgebonden landbouw verdient een stevige positie in onze samenleving. In het vertrouwen dat jullie met het agrarisch natuurbeheer daaraan bijdragen, draag ik de voorzittershamer graag over.

Pieter Hellinga

scheidend voorzitter van Veelzijdig Boerenland

6


‘Kom op mannen én vrouwen: blijf bruggen slaan tussen landbouw en natuur’

Alex Datema

Pieter Hellinga

Beste Pieter, De wereld waarin we leven verandert, soms zelfs heel snel. Dat is natuurlijk niets nieuws. De kunst is om op de juiste manier en op het juiste moment hierop in te spelen en de bakens te verzetten. Dat vraagt moed, inzicht en daadkracht. Veelzijdig Boerenland en de aangesloten ANV’s hebben altijd moed, inzicht en daadkracht getoond - en ja zeker, ook een tikkeltje eigenwijs zijn hoort daarbij. Het agrarisch natuurbeheer vindt z’n oorsprong in jullie werkgebied en is door de inzet van inspirerende mensen en vooruit strevende ANV’s tot ontwikkeling gekomen. Een volgende fase van het agrarisch natuurbeheer is nu begonnen. Hierbij is een grote stap gezet door veel meer verantwoordelijkheid te leggen bij de mensen en partijen die het moeten doen. Deze ontwikkeling is mede door toedoen van Veelzijdig Boerenland tot stand gekomen. Het getuigt dan ook van moed en inzicht om tot de conclusie te komen dat met het opzetten van collectieven en het oprichten van een nieuwe landelijke vereniging BoerenNatuur.nl, de taak van jullie verenging tot een einde is gekomen. De collectieven, verenigd in BoerenNatuur.nl, pakken het stokje nu over en zullen met moed, inzicht en daadkracht een succes gaan maken van het nieuwe ANLb. De positieve energie en de gedrevenheid die ik voel bij de deelnemende boeren en bestuurders maakt dat we ons zelfbewust en een tikkeltje eigenwijs op kunnen stellen naar onze samenwerkingspartners. Waarbij ons doel zal zijn dat landbouw en natuur weer dichter naar elkaar toe gaan groeien. Veelzijdig Boerenland sluit haar boeken, maar haar werk wordt voortgezet!

Alex Datema

Voorzitter BoerenNatuur.nl

7


Praktijkvoorbeeld

Theo van Leeuwen

Goed bezig in... Zoeterwoude “Ik was hier een van de voorlopers met agrarisch natuurbeheer. Ik werd aanvankelijk door collega-boeren wel met scepsis bekeken. Gelukkig volgden er snel meer. Waarom ik aan agrarisch natuurbeheer doe? Wat is de reden om het niet te doen, dat is voor mij eerder de vraag. Er zijn zoveel mogelijkheden en het ligt zo dicht bij de basis van een boerenbedrijf. Neem een gezonde bodem, die is goed voor de natuur maar zorgt ook voor kwaliteit op je bedrijf. Het is een uitdaging: goed natuurbeheer laten aansluiten op je maaibeheer en het weiden van de koeien. Na jaren leer je uiteindelijk wel wat je moet doen en laten om, binnen de mogelijkheden, succesvol te zijn. En als je ziet dat de natuur zich dan door jouw inspanningen gaat ontwikkelen, dan geeft dat een kick! Door verschraling zie ik nu in de bermen bloemen verschijnen die ik al heel lang niet meer heb gezien. Dat geeft letterlijk kleur aan je bedrijf. Maar ja, agrarisch natuurbeheer kost wel tijd. En dat is ook de makke van het beleid. Als we vandaag iets doen, dan moet er morgen resultaat zijn. Is dat er overmorgen nog niet, dan is het mislukt. Het vergt lef en durf van boeren én beleid om zich in te spannen voor de weidevogels en het ook voldoende tijd te gunnen. Ik ben er niet helemaal gerust op, overigens. Maar ik hoop, verwacht eigenlijk, dat agrarisch natuurbeheer wel een wezenlijk onderdeel blijft van de landbouw. Je ziet dat maatschappelijk verantwoord ondernemen ook in andere sectoren steeds meer aandacht krijgt, het zou raar zijn als dan in de landbouw het tegenovergestelde gebeurt. En er zijn veel meer mogelijkheden dan weidevogelbeheer alleen: waterbeheer, fruit op je erf, een bijenlandschap. Die zijn ook aantrekkelijker, want je ziet sneller resultaat.”

Theo van Leeuwen heeft samen met zijn vrouw Lidia en zoon Freek een kleinschalig melkveebedrijf (50 koeien, 35 ha) en boerenkaas­ makerij. Al dertig jaar doet hij aan agrarisch natuurbeheer, sinds drie jaar ook aan particulier natuurbeheer voor weidevogels.

8


‘Waarom ik aan agrarisch natuurbeheer doe? Wat is de reden om het niet te doen?’

9


Interview

In gesprek met de grondlegger van het agrarisch natuurbeheer

Teunis Jacob Slob

Rentmeesterschap als drijfveer

Melkveehouder Teunis Jacob Slob is een van de bedenkers van het fenomeen agrarische natuurvereniging. In 1994 was hij medeoprichter van

‘Biodiversiteit is een voorwaarde om op termijn verantwoord melk te kunnen produceren’

Den Hâneker. Twaalf jaar was hij voorzitter van Veelzijdig Boerenland. Mozaïekbeheer,

Teunis Jacob Slob is biologisch melk-

2014) leiding aan Veelzijdig Boeren-

plasdras, nestbescherming;

veehouder in Noordeloos (ZH) en al

land, het platform van de agrarische

decennialang bestuurder in organisa-

natuurverenigingen in West- en

op zijn eigen bedrijf doet hij

ties die actief zijn op het gebied van

Midden-Nederland.

het allemaal. In gesprek met

rollen – boer en bestuurder – lopen

Inspiratieprijs

een optimistische boerenbe-

bij hem vaak naadloos in elkaar over.

Ter gelegenheid van zijn afscheid in

Overall uit, pak aan, vergaderen.

2014 als voorzitter van het platform

stuurder die perspectief ziet

Terug op de boerderij trekt hij onmid-

werd een zogeheten inspiratiebijeen-

dellijk zijn laarzen weer aan.

komst gehouden. Daar spraken

in het nieuwe stelsel voor agrarisch natuurbeheer.

10

agrarisch natuurbeheer. Die twee

onder meer Herman Wijffels en In de wereld van het agrarisch na-

Jan Douwe van der Ploeg. Dat zegt

tuur- en landschapsbeheer kent

genoeg. Er is zelfs een prijs naar hem

iedereen Teunis Jacob Slob. Zo gaf hij

vernoemd, de Teunis Jacob Slob Inspi-

als voorzitter twaalf jaar lang (2002-

ratieprijs. Hij mag die prijs, betaald


‘J e neemt een maatregel voor kieviten en dan blijkt dat de veldleeuwerik er ook van profiteert’

door het ministerie van Economische

Slob. En de grutto, kievit en tureluur

voorspelbaar zijn. “Je neemt een

Zaken, voor ‘het meest inspirerende

weten zich in zijn hoek van de Alblas-

maat­regel voor kieviten en dan blijkt

idee op het gebied van agrarisch

serwaard te handhaven. Dat is op

dat de veldleeuwerik er ook van pro-

natuurbeheer’ zelf uitreiken. Voor-

zich al een enorme prestatie. Het is

fiteert. Toen wij hier op ons bedrijf

alsnog drie keer. Slob vindt de naam

niet alleen kommer en kwel.

een poel groeven, kwamen allerlei

van de prijs wat overdreven, te veel

oude zaden weer tot bloei. Garanties

eer voor iets wat hij doet omdat hij

Drijfveer

eigenlijk niet anders kan.

Voelt hij zich nu vooral melkvee-

verrast. Dat neemt niet weg dat je

houder of natuurbeheerder? Beide,

altijd moet proberen conclusies te

Slob is een optimist. Hij kent de

zegt hij resoluut. Zijn grote drijfveer

trekken. Voor natuurbeheer door

uitkomsten van de vogeltellingen.

is om voedselproductie in balans te

boeren wordt veel belastinggeld uit-

Het aantal weidevogels in Nederland

brengen met de omgeving. “Het is en

getrokken. Terecht dat kritisch naar

neemt af. Predatie is een probleem.

blijft belangrijk om voldoende voed-

de effectiviteit wordt gekeken.”

Maar hij gooit het bijltje er niet bij

sel van hoge kwaliteit te produceren,

neer. Kritiek op de effectiviteit van

maar dan graag op een manier dat de

de beheermaatregelen van boe-

volgende generaties ook nog kunnen

ren neemt hij serieus, het is voor

boeren. Voor mij is rentmeester-

hem juist reden om te zoeken naar

schap een belangrijk begrip. Biodi-

nieuwe, effectievere maatregelen,

versiteit is voorwaarde om op lange

samen met natuurorganisaties en

termijn verantwoord en duurzaam

overheden.

melk te kunnen produceren.”

In zijn eigen omgeving ziet hij – on-

heb je nooit, je wordt steeds weer

>

Van plasdras tot mozaïekbeheer

danks de sombere verhalen – licht-

Verrassingen

Melkproductie en natuurbeheer zijn op

puntjes. Het aantal veldleeuweriken

Het mooie van agrarisch natuur-

het bedrijf van Slob volkomen geïnte-

neemt bijvoorbeeld weer toe, zegt

beheer is dat flora en fauna nooit

greerd. Uitgesteld maaien, extensieve begrazing, mozaïekbeheer, plasdras, slootkantbeheer, paddenpoelen; je kunt het zo gek niet bedenken of Slob doet eraan mee. Op het hele bedrijf (110 hectare) worden weidevogelnesten beschermd. Op percelen waar de potentiële natuurwaarden het grootst zijn, heeft de melkveehouder beheerpakketten afgesloten. Het gaat om totaal 35 hectare. De vergoeding die hij hiervoor ontvangt, is een belangrijke economische pijler onder het bedrijf.

11


Interview

Overname in zicht Teunis Jacob Slob (56) boert in maatschap met zijn vrouw Nelie (52), dochter Anja (26) en Rokus Lakerveld (27) in Noordeloos, in de Zuid-Hollandse Alblasserwaard. Rokus behoort niet tot het gezin, maar hij werkt wel al van jongs af aan op de boerderij mee. Wie het bedrijf later overneemt, is nog niet zeker. Het kan zo maar zijn dat een van de andere dochters nog tot de maatschap toetreedt, zegt Slob. Dat Rokus op de boerderij blijft, is vrijwel zeker. Het bedrijf heeft een omvang van 110 hectare en telt zo’n 125 melkkoeien. De koeien geven gemiddeld 5.200 liter melk per jaar. De totale melkproductie ligt op ruim

‘Ik zeg tegen critici: kom kijken, laten we samen nadenken over hoe we het beter kunnen doen’

600.000 kilo. Sinds 1994 is het bedrijf gecertificeerd als biologisch. Melkproductie en agrarisch

Zijn eigen club, Den Hâneker, was

doel. Hij heeft gevochten voor een

natuurbeheer zijn onlosmakelijk met elkaar

een van de eerste agrarische natuur-

gelijkwaardige positie van het par-

verbonden. Slob: “Ons bedrijf is grondge-

vereniging in het land. Ruim 20 jaar

ticulier natuurbeheer aan die van de

bonden en dat willen we graag zo houden.

later zijn dat er 140. Van Zeeuws-

terreinbeherende organisaties. “Dat

Wij doen geen concessies aan de natuur.

Vlaanderen tot het Groninger

is redelijk gelukt. Bij verkoop van

Dat hebben we pas nog eens in de maat-

Oldambt slaan boeren en burgers de

natuurgronden kunnen ook particu-

schap besproken. Het is belangrijk om, nu de

handen ineen, zij voelen zich samen

lieren een bod doen. De tijd dat Na-

overname in zicht komt, piketpalen te slaan.

verantwoordelijk voor het plat-

tuurmonumenten, Staatsbosbeheer

Iedereen kiest bewust voor de combinatie

teland in hun streek. Steeds meer

en de provinciale landschappen het

van natuurbeheer en biologische melkvee-

activiteiten worden opgepakt, van

monopolie hadden, is achter de rug.

houderij. En niet omdat ik of mijn vrouw dat

de aanleg van een klompenpad tot

Heeft veel tijd en energie gekost. Dat

zo graag willen.”

de productie van duurzame energie,

hoort bij belangenbehartiging. Wie

van nestbescherming tot verkoop

het beleid wil veranderen, moet een

van streekproducten.

visie hebben én geduld.”

Sociale binding

Agrobiodiversiteit

Slob roemt de samenwerking tussen

Dat hij veel leest en vergadert, is te

boeren en burgers in de natuur-

merken. Hij praat zonder te hak-

verenigingen. “Die samenwerking

kelen over systeemontwikkelingen,

geeft sociale binding, ondernemers

synergie-effecten en functionele

worden op een ander been gezet, de

agrobiodiversiteit. Bloeiend Bedrijf

deelnemers zijn trots op hun eigen

is een voorbeeld van een project dat

gebied. En zo ontstaan nieuwe plan-

zich op het derde vlak begaf. Door

nen.”

akkerranden niet te betelen, maar in te zaaien met kruiden, kan het

12

Hij heeft de afgelopen jaren ver-

gebruik van bestrijdingsmiddelen

gaderd, lezingen gegeven, met

omlaag. Slob noemt het project een

ministers overlegd, journalisten te

mooi voorbeeld van een combinatie

woord gestaan. Nee, daar wordt hij

van maatregelen met meer biodiver-

niet moe van. Alles voor het goede

siteit als resultaat.


Er zijn natuurlijk ook kwesties waar

De schaalvergroting in de agrarische

hij teleurgesteld over is. Neem

sector is niet per definitie slecht voor

de vergroening van het Europese

de biodiversiteit, zegt Slob. Wel als

landbouwbeleid. Aan hectarepre-

de schaalvergroting samengaat met

mies geeft de Europese Unie vele

intensivering van het grondgebruik.

miljarden euro’s uit. Begrijpelijk dat

Op zijn eigen bedrijf lopen veel meer

de samenleving daar iets voor terug

koeien dan twintig jaar geleden, hij

wil zien, zegt Slob. “Van de vergroe-

produceert aanzienlijk meer melk.

ning komt echter weinig terecht.

Toch is intensivering van het grond-

Melkveehouders komen nu voor de

gebruik geen sprake, simpelweg

vergroeningstoeslag in aanmerking

omdat de maatschap Slob meer

als zij hun grasland in stand houden.

grond bewerkt. De veebezetting

Een premie voor blijvend grasland.

per hectare is daardoor nauwelijks

Dat vind ik een wel erg magere invul-

toegenomen.

ling van vergroening.”

Dalende tendens

Hij ziet natuurlijk wel wat er in zijn eigen sector, de melkveehouderij, ge-

De kritiek op de effectiviteit van het

beurt. De melkquota zijn afgeschaft

agrarisch natuurbeheer, bijvoor-

en daar is door de sector onmid-

beeld vanuit Wageningen, is niet

dellijk op gereageerd. Meer koeien,

aan Slob voorbijgegaan. Hij heeft er

veel meer melk, stagnerende afzet,

geen moeite mee. Als het bijvoor-

dalende melkprijs. Slob: “Daar maak

beeld gaat om weidevogels is er

ik me wel zorgen over. Willen we dit?

ook daadwerkelijk sprake van een

Wat zijn de gevolgen voor de biodi-

dalende tendens, alle inspanningen

versiteit? Hoe kunnen we de ont-

van boeren en de agrarische natuur-

wikkelingen in goede banen leiden?

verenigingen ten spijt. “Mijn ervaring

Dat zijn vragen die wij met z’n allen

is dat de kritische wetenschappers

moeten beantwoorden. Dan heb ik

serieus bezorgd zijn. Zij maken hun

het over alle betrokken partijen, dus

opmerkingen niet om ons te pesten.

over bedrijfsleven, overheid en maat-

Ik zeg dan tegen onze critici: kom

schappelijk middenveld.”

kijken, blijf niet achter je bureau zit-

‘D e schaalvergroting in de agrarische sector is niet per definitie slecht voor de biodiversiteit’

Toch wil hij graag een kanttekening zetten. Voorkomen moet worden dat

ten, praat met ons, laten we samen

Collectieve aanpak

nadenken hoe we het beter kunnen

Het stelsel voor het agrarische

risch natuurbeheer alleen in de top-

doen. Ik zeg altijd, je hebt pas een

natuurbeheer is gewijzigd. Slob is er

gebieden wordt ingezet. Want dan

probleem als ze niet meer over je

in de laatste jaren dat hij voorzitter

ben je al die goedwillende boeren in

praten.”

was van Veelzijdig Boerenland nauw

de gebieden met minder natuur on-

bij betrokken geweest. Gebiedscol-

middellijk kwijt. Mag niet gebeuren,

lectieven zijn nu verantwoordelijk

zegt hij. “We moeten een slimme op-

voor het natuurbeheer. Hij is bepaald

lossing bedenken zodat deze groep

geen man die alles bij het oude wil

niet buitenspel komt te staan.”

al het beschikbare geld voor agra-

laten. Hij omarmt de ommekeer, ziet

‘E en premie voor blijvend grasland vind ik een magere invulling van vergroening’

kansen, nieuwe perspectieven.

Aart van Cooten

Boeren en betrokken burgers hebben het stuur in handen, ze kunnen meer maatwerk leveren, verwacht hij. “Het collectief heeft de mogelijkheid om het beheer daar te concentreren waar dat het meeste resultaat oplevert. De collectieven kennen het gebied en de boeren, zij hebben de kennis in huis om te komen tot de juiste mix van maatregelen.”

13


Panel

Jan de Groot oud-voorzitter WLTO

‘Sterker door samenwerking’

“Ik ben helemaal in het begin vanuit WLTO betrokken geweest bij de oprichting van de eerste koepel van agrarische natuurverenigingen in West- en MiddenNederland, In Natura. Toen, bijna twintig jaar geleden,

kwamen initiatieven net van de grond. Dan is het goed dat de basis verankerd is in kleine eenheden, de ANV’s en regionale koepels. De tijden zijn nu anders, met andere vormen van financiering, andere verantwoordelijkheden. Daarmee komt ook de noodzaak om in grotere eenheden te gaan werken. Met het agrarisch natuurbeheer ben je sterk afhankelijk van het overheidsbeleid en overheids­ financiering. Als je dan met

verschillende partijen bij de politiek aan tafel zit, dan verzwak je je positie. Door nu in gezamenlijkheid op te trekken sta je veel sterker. En ook wat betreft het efficiënter werken, is het een grote winst dat alle koepels nu samengaan. Wel vind ik het belangrijk dat dit niet ten koste gaat van de eigen identiteit van ANV’s. Bij de oprichting van In Natura hebben we er bewust voor gekozen om alle agrarische natuur-

verenigingen vanuit die eigen identiteit bij elkaar te brengen. Want ANV’s ontplooien allemaal andere activiteiten in regio’s die ook allemaal anders zijn. Zo zoeken sommige ANV’s veel meer verbreding, met de verkoop van producten, bed & breakfasts. Die verschillende activiteiten mogen hier niet onder leiden. Maar als deze eigen identiteit in stand blijft, dan lijkt deze samenvoeging mij een goede ontwikkeling.”

Stelling

“Het is goed dat de belangenbehartiging voor agrarisch natuurbeheer nu bij één organisatie terecht komt.”

Hank Bartelink directeur LandschappenNL

‘Regionale belangen niet vergeten’

“Dat je een landelijke organisatie nodig hebt, is voor mij evident. Er was nu versnippering over meerdere organisaties met dezelfde 14

belangen. Bovendien heb je met EZ, het IPO en BIJ12 te maken, je moet dus landelijk zichtbaar zijn en sturing kunnen geven. Tegelijkertijd is er ook decentralisatie, waardoor het agrarisch natuurbeheer meer bij de provincies is komen te liggen. Je moet de regionale belangen dus niet vergeten en zorgen dat je met een eigen agenda

provinciaal vertegenwoordigd bent. Het is zoals bij LandschappenNL: wij hebben permanent te maken met landelijke belangenbehartiging, maar ook met zaken die bij de provincies liggen. De koepel doet het eerste, de landschapsorganisaties zelf het tweede. Ik kan me voorstellen dat de collectieven straks binnen hun provincie

ook hun krachten bundelen. Wel vind ik het belangrijk dat we met deze nieuwe lobbyclub niet ongewild de conclusie trekken dat agrarisch natuurbeheer iets anders is dan natuurbeheer en iets anders is dan landbouw. Agrarisch natuurbeheer is in mijn ogen veel meer dan een kunstje waar een vergoeding tegenover staat. Het is een voor-


“De collectieven moeten het agrarisch natuurbeheer simpeler en effectiever maken. Natuurlijk moet dat een kans krijgen. En op papier lijkt het een leuke structuur. Maar dat is geen garantie. Ik heb boeren gezien die heel enthousiast waren over het nieuwe stelsel, maar ook boeren

met tegenzin die denken: ik doe maar mee, want anders krijg ik helemaal geen geld meer. Of boeren die afhaken omdat ze het te ingewikkeld vinden worden. En nu wordt Veelzijdig Boerenland al opgeheven, terwijl de inkt na de eerste generatie beheerplannen nog niet eens droog is.

Een koepel is er niet alleen voor de lobby naar Den Haag, maar ook voor zendingswerk richting boeren. Ik heb altijd de overtuiging gehad dat wij natuurbeheerders alleen niet in staat zijn om weidevogels te beschermen. Daar heb je ook agrariërs bij nodig. Maar dan moet er in het veld wel wat gepresteerd worden. Ik heb boeren gezien die met hart en ziel aan de slag gaan en ook goede

resultaten bereiken. Maar ook boeren die geen kuiken groot krijgen. Een lokale koepel kan dan makkelijker inspelen omdat de afstand naar mensen korter is. Natuurlijk, uiteindelijk is het veel slimmer om één stevige belangenbehartiger te hebben, maar alles is nog te jong en fragiel. Het lijkt mij een hachelijke situatie om de ondersteuning vanuit Veelzijdig Boerenland nu al stop te zetten.”

‘Nieuw stelsel nog fragiel’

Krijn Jan Provoost

oud-regiodirecteur Natuurmonumenten Zeeland

Roel Cazemier oud-voorzitter BoerenNatuur

‘

‘Boeren krijgen veel directe invloed’

stadium van duurzame landbouw, zonder afbreuk te doen aan het feit dat een boer ondernemer is en gewoon geld moet verdienen. We moeten niet in de valkuil trappen en loopgraven gaan maken, het is juist een kans om met elkaar in gesprek te gaan. Dan wordt het agrarisch natuurbeheer ook waardevoller.”

“Ik ben het heel erg eens met de stelling. Maar dat laat niet onverlet dat de oude koepels heel erg belangrijk zijn geweest voor het pad naar één organisatie. De collectieven konden pas ontstaan omdat de ANV’s en koepels heel belangrijk werk hebben verzet. Natuurlijk vlogen ze elkaar ook wel eens in de haren, maar ze hebben ook veel nuttigs gedaan. Bijvoorbeeld door gezamenlijk op te trekken richting het ministerie. Maar vooral in de regio zijn ze belangrijk geweest. ANV’s zijn vaak ontstaan

tegen de stroom in: er bestond een grote tegenstelling tussen economie en ecologie. Boeren die iets met natuur gingen doen, die waren verdacht. Daar zat wel degelijk een spanningsveld. Natuurboeren hebben zich echt moeten bewijzen. Dat heb ik ook altijd leuk gevonden aan agrarisch natuurbeheer: je hebt te maken met gedreven, positief ingestelde mensen. Omdat agrarisch natuurbeheer niet vanzelf geaccepteerd werd, zijn de ANV’s en koepels ontstaan. En dankzij hen is agrarisch natuurbeheer nu een seri-

euze tak van sport. Ik denk dat de collectieven met hun nieuwe verantwoordelijkheden echt zelfstandig worden. Je hebt nog wel een belangenvereniging nodig, maar niet meer al die verschillende koepels. Vroeger was sprake van een drielagig model van boer-ANVkoepel. Dat wordt nu een tweelagig model, waardoor boeren veel directer invloed hebben. Dat lijkt me een positieve ontwikkeling.” 15


Interview

In gesprek met drie gedeputeerden over agrarisch natuurbeheer

De provincies verwachten veel van de agrarische collectieven. De nieuwe aanpak leidt hoogstwaarschijnlijk tot meer resultaten op het gebied van flora en fauna. In gesprek met de verantwoordelijke gedeputeerden van Utrecht, Noord-Holland en Zuid-Holland.

Provincies blij met aantreden collectieven Natuurbeheer door boeren is en

gaan regelmatig met boeren het land

in Provinciale Staten van Utrecht.

blijft van groot belang, zeggen de

in om de resultaten van het beheer

“Dan kun je twee dingen doen: ermee

gedeputeerden van Utrecht (Bart

met eigen ogen te aanschouwen.

stoppen of het stelsel verbeteren.

Krol), Zuid-Holland (Han Weber) en

Afgelopen jaren stond de herijking

We hebben bewust voor het laatste

Noord-Holland (Tjeerd Talsma). Zij

van het agrarisch natuur beheer

gekozen.”

zijn in hun eigen provincie portefeuil-

hoog op hun agenda. De belangrijk-

Via de uitvoering van beheermaat-

lehouder natuurbeheer en doen dat

ste vraag was: hoe kan het allemaal

regelen door agrarische collectieven

met veel plezier.

effectiever? De drie gedeputeerden

gaat het resultaat omhoog, is de ver-

Ze overleggen met Veelzijdig Boe-

verwachten veel van de inzet van de

wachting van Krol. “De deelnemers

renland, praten met bestuurders van

nieuwe gebiedscollectieven. En dat

maken afspraken over waar wat

agrarische natuurverenigingen en

moet ook, zeggen ze er alle drie bij,

gebeurt en door wie. Zo kan beter

want het gaat wel om besteding van

worden gestuurd op resultaat. Ze

belastinggeld.

zullen elkaar aanspreken als afspra-

Bart Krol: ‘Beter sturen op resultaat’

Provincie Utrecht

16

controle kan in dit geval resultaat

Gedeputeerde Bart Krol In Utrecht

opleveren.”

is ervan overtuigd dat landbouw en

De collectieven worden ook verant-

natuur geen tegenpolen zijn. Op een

woordelijk voor waterkwaliteit. Dat

gangbaar bedrijf kan een agrarisch

is een nieuw thema in het agrarisch

ondernemer wel degelijk maatrege-

natuurbeheer. Krol is daar blij mee.

len nemen die goed zijn voor natuur

“De kwaliteit van het oppervlak-

en landschap. Honderden boeren

tewater kan en moet beter. Dat

in zijn provincie steken de handen

is trouwens ook een verplichting

uit de mouwen. “De beheervergoe-

vanuit Brussel. De agrarische col-

dingen waren een stimulans om de

lectieven gaan maatregelen nemen.

bedrijfsvoering mede af te stemmen

Bijvoorbeeld door de erfafspoeling

op de natuur. Veel boeren zijn daar

aan te pakken of door mineralen

op ingesprongen. Vaak met succes.

beter te benutten. Ik verwacht daar

Mooi om te zien.”

veel van.”

Krol maakt een kanttekening. Hij

‘Ik verwacht veel van maatregelen die de water­ kwaliteit verbeteren’

ken niet worden nagekomen. Sociale

heeft de kritiek op de resultaten

Provincie Noord-Holland

van het agrarisch beheer natuurlijk

Volgens gedeputeerde Tjeerd Talsma

vernomen. Er zou veel geld worden

van Noord-Holland hebben provin-

uitgegeven aan activiteiten die wei-

cies belangrijke taken op het gebied

nig opleveren. Dat geluid klonk ook

van het natuur-, milieu- en klimaat-


Han Weber: ‘De rol van beleid. Agrarisch natuurbeheer kan

Hij gaat ervan uit dat de resultaten

eraan bijdragen dat de beleidsdoelen

van de maatregelen meer effect

worden bereikt, zegt hij.

sorteren. Talsma: “De eerste berich-

Talsma schetst drie soorten ge-

ten zijn positief, maar dat zegt niet

bieden in het landelijk gebied. De

zoveel. Natuurbeheer is echt iets van

natuurgebieden waar het beheer

de lange termijn. Je kunt niet na een

door terreinbeherende organisaties

jaar nesten tellen conclusies trekken.

wordt uitgevoerd, het overgrote

We houden de ontwikkelingen ko-

deel waar boeren en tuinders op

mende jaren nauwgezet in de gaten.”

moderne wijze het land bewerken en

De provincie geeft ruimte aan de

de gronden waar agrarisch natuur-

collectieven om het beheer naar

beheer centraal staat. Talsma: “Dat

eigen inzicht te organiseren, waarbij

gebeurt vaak in zones rond de echte

de provinciale doelen natuurlijk wel

natuurgebieden. Zo ontstaan zachte

uitgangspunt zijn. “Maar we gaan er

overgangen in het landelijke gebied.

als provincie niet bovenop zitten”,

Daardoor kunnen de doelen in de

zegt Talsma.

echte natuurparels ook beter worden

de provincie verandert ‘

bereikt.”

Provincie Zuid-Holland

De Noord-Hollandse gedeputeerde

Han Weber, gedeputeerde in Zuid-

zet een kanttekening bij het begrip

Holland, draait er niet omheen. De

collectieven. “Veel mensen denken

resultaten van het agrarisch natuur-

bij het woord collectief aan de kol-

beheer waren onvoldoende. “Dat lag

chozen uit de vroegere Sovjet-Unie.

overigens niet aan de boeren. Het

Niets is minder waar. Het gaat om

was allemaal te complex, te veel con-

mensen die samen afspraken maken

troles, er kwam verhoudingsgewijs

over het beheer. De provincie staat

te weinig geld in het veld terecht.

meer op afstand, de regie ligt in de

Alle reden dus om het stelsel te ver-

gebieden. De deelnemers aan de

anderen.”

is dat meer geld wordt ingezet voor

collectieven kennen hun gebied, ze

Van de collectieven verwacht Weber

maatregelen door boeren. “Nog

zien eerder welke maatregelen effect

veel. De uitvoeringslasten gaan fors

belangrijker is dat er meer mogelijk-

hebben en welke niet.”

omlaag en logisch gevolg daarvan

heden zijn om te sturen op resultaat.

‘Niet de regel staat centraal, maar het resultaat’

Voorheen deden boeren wat in hun beschikking stond. Het was allemaal

Tjeerd Talsma: ‘De provincie

regelgedreven, ook de controles. In

staat meer op afstand’

vincie in gesprek met de collectieven.

het nieuwe stelsel gaan wij als proWat gaat goed, wat kan beter? Niet de regel staat centraal, maar het resultaat. Of het nu gaat om slootkanten of om weidevogels.” Volgens de Zuid-Hollandse gedeputeerde verandert de rol van de provincie: “Voor een deel treden wij terug, want we hoeven minder te administreren en te organiseren. Aan de andere stellen we ons juist actiever op. Provincie en collectieven zijn er samen voor verantwoordelijk dat de goede dingen gebeuren. Die rol nemen wij zeer serieus.” Aart van Cooten

‘We zitten er niet bovenop, maar houden wel de ontwikkelingen nauwgezet in de gaten’

17


Praktijkvoorbeeld

Ardy de Goeij

Goed bezig in... Reeuwijk “We zitten in een Natura 2000-gebied.In 2008 vroegen de provincie en de gemeente of we een natuurboerderij wilden beginnen. We zijn toen samen met Staatsbosbeheer om tafel gaan zitten en hebben besloten ervoor te gaan. Nu richten we de percelen in als natuur. Het gaat vooral om slootkanten en een aantal percelen met riet. In december 2015 is onze nieuwe vrijloopstal geopend. De ruige mest gebruiken we weer op het land. Een natuurboerderij past bij ons. We waren al een extensief bedrijf, en toen kwam die vraag. Maar we hebben het gewoon doorgerekend hoor. Een deel van de percelen op de natuurboerderij krijgt de bestemming natuur. Daar krijgen we wel compensatie voor, maar dat geld hebben we helemaal nodig voor het natuurbeheer. Het is dus geen verdienmodel. De koeien geven bovendien minder melk omdat we voor het voer geen kunstmest meer mogen gebruiken. Maar omdat de andere drie boeren in de polder niet meewilden, konden we grond aankopen. Ook mogen we doorgroeien tot 200 koeien. Met meer hectares en meer koeien hebben we toch een toekomstbestendig bedrijf. Alles loopt zoals we het hebben bedacht, in de stal en wat natuur betreft, dus daar ben ik wel trots op. Een stukje natuur dat we vijf jaar geleden al hebben ingericht, is zich nu ook echt aan het ontwikkelen en dat maakt het leuk. We hebben zelfs al een orchidee gezien!” Voorlopig richten we ons op het inrichten van de natuur, en dan kijken we over tien jaar wel weer verder. Je kunt beter één ding goed doen dan twee dingen half. Dit is een mooi gebied, we wilden hier graag blijven. En we kunnen een goede boterham verdienen met onze natuurboerderij. Ik hoop dat het zo blijft, maar ik zie de toekomst positief tegemoet!”

Ardy de Goeij, Natuurboerderij Hoeve Stein, polder Oukoop, Reeuwijk. Ardy de Goeij heeft samen met zijn vrouw Ivanka een extensief melkveebedrijf (135 koeien) in polder Oukoop. Een gedeelte richt hij nu in voor natuur.

18


‘We kunnen een goede boterham verdienen met onze natuurboerderij’

19


Interview

Jan Pieter Lokker

‘O pen je deuren en laat zien wat je doet’ Als voorzitter van de Stichting Subsidistelsel Natuur en Landschap zag Jan Pieter Lokker met eigen ogen

Is het agrarisch natuurbeheer sinds-

hoe boeren zich verenigden in collectieven, in het

dien professioneler geworden?

nieuwe stelsel van agrarisch natuurbeheer. De voormalig gedeputeerde en burgemeester vindt dat het

“Het nieuwe systeem is gebaseerd op vertrouwen, met de boer als waardevol beheerder van natuur en

nieuwe systeem goede mogelijkheden biedt voor een

landschap. Natuurlijk is een professi-

professionaliseringsslag, maar de boer zal tegelijk meer

soms een beetje houtje-touwtje.

naar buiten moeten treden met zijn verhaal.

onaliseringslag nodig, want het ging Nu moeten we Brussel overtuigen dat het nieuwe systeem resultaten boekt. Dat gaat lukken, als het maar goed wordt georganiseerd. Het Programma van Eisen is daarvoor een prima handvat. Wat in de eerste plaats nodig is, is het op een professionele manier bundelen van kennis.

Van 2001 tot 2007 was u gedepu-

van de natuurdoeltypen. Specialisten

Daarvoor moet de samenwerking

teerde Plattelandsbeleid en Euro-

domineerden het veld. Veel onder-

met terreinbeherende organisaties

pese zaken van de provincie Utrecht.

zoekers keken alleen maar naar indi-

worden geïntensiveerd.

Dat was een periode waarin er veel

viduele soorten waarin ze gespecia-

We praten bij het agrarisch natuur-

kritiek kwam op het agrarisch

liseerd waren. Maar landschap gaat

beheer nu over gebiedsontwikkeling.

natuurbeheer.

over het hele leefgebied en heeft ook

De boer maakt daar deel van uit. Het

“Er was een grote tegenstelling tus-

maatschappelijke waarden. Mensen

ideaalbeeld is dat de samenwerking

sen boeren en ‘professionele’ natuur-

genieten van het boerenlandschap

tussen boeren en terreinbeherende

beheerders. Ik heb dit onderscheid

als ze op de fiets rondrijden. Dat is

organisaties over vijf jaar vanzelf-

vanaf het begin niet willen maken.

een andere oriëntatie.”

sprekend is, dat we allemaal ken-

Ik vond het een diskwalificatie van

nis delen. Weg met die polarisatie.

boeren als natuur- en landschapsbe-

We werken aan een gezamenlijke

heerder. Over het geheel genomen

doelstelling om zowel de kwetsbare

vertrouw ik erop dat boeren de kennis en ervaring hebben om de weidevogels in stand te houden. Ze doen het ook goed. Het agrarisch natuurbeheer was toen vooral geconcentreerd op het behoud van individuele natuurkwaliteiten en soorten. Het was de tijd

20

‘Wij zijn partner. Wij vertrouwen boeren als die hun werk doen en helpen als het even niet lukt.’

soorten als het landschap in stand te houden. Dat moet wel ingepast worden in het boerenbedrijf, maar dat kan. Boeren kunnen simpel gezegd in het groeiseizoen werken aan de instandhouding van bijvoorbeeld weidevogels en in de winter aan landschapsbeheer.”


‘Het mag niet zo zijn dat we straks met twaalf soorten kwaliteitshandboeken zitten’

Vindt u de overgang naar het

en diervriendelijk, maar er waren

nieuwe systeem met de collectie-

direct al boeren die heel overtuigend

ven goed verlopen?

stelden dat kalveren die langer bij de

“Ja. Onze certificeerders hebben

moeder blijven uiteindelijk juist meer

de instructie om boeren niet af te

verlatingsangst hebben, en dat het

rekenen of te veroordelen, maar ze

tot meer ziekte kan leiden. Die boe-

verder te helpen. Als er bijvoorbeeld

ren reageerden met ‘ze snappen er

nog geen contact is met terreinbehe-

geen donder van in die Haagse stolp’.

rende organisaties, dan zien wij dat

Dat is helaas maar al te waar. Er zit

als verbeterpunt. In de eerste brie-

echter ook een andere kant aan.

ven verlengen we dan het certificaat,

Boeren mogen wel iets meer van

Is het makkelijker voor boeren om

maar volgend jaar kijken we wel of

zich laten zien. Open je deuren van je

hun verhaal te vertellen?

het verbeterd is. Uiteindelijk kunnen

bedrijf en laat zien wat je doet.

“Het systeem voor agrarisch natuur-

we natuurlijk altijd het certificaat

Als je wilt dat je draagvlak in de

beheer is sterk vereenvoudigd, mede

intrekken, als er sprake is van duide-

samenleving houdt, dan moet je

door gebruik van ict. Daardoor is het

lijke tekortkomingen.

meer naar buiten treden. Vergroot

begrijpelijk geworden en kun je het

We zien het systeem van agrarisch

daarom de toegankelijkheid. Dat is

ook makkelijker uitleggen, ook naar

natuurbeheer als een lerend organis-

inmiddels wel gebeurd in de natuur-

de inwoners van dorpen en steden.

me. Dat doen we niet door boven de

gebieden die door terrein behe-

Uiteindelijk snappen de Tweede

boeren te staan, maar ernaast. Wij

rende organisaties worden beheerd,

Kamerleden het misschien dan ook.

zijn partner. Wij vertrouwen boeren

omdat die merkten dat het draag-

Zij staan op dit moment te ver van de

als die hun werk doen, en gaan hen

vlak verminderde. Bij boeren ging

praktijk. Als ze in het reces bij boeren

helpen als het even niet lukt.”

dat eerst moeizaam. In mijn tijd als

op bezoek gaan, dan wordt alles

burgemeester zijn we in Bodegraven

eerst opgepoetst. Het zou mooi zijn

Wat kunnen boeren nog leren?

meer dan zes jaar bezig geweest om

als er meer permanent contact is.”

“Boeren moeten laten zien wat

het wandelpad het Veldzichtpad te

ze doen. Onlangs werd een motie

realiseren. Nu zie je boeren die thee

Hoe ziet u de toekomst van het

aangenomen in de Tweede Kamer

en boerenappeltaart aanbieden

agrarisch natuurbeheer?

om kalfjes langer bij hun moeder te

aan de wandelaars, of wandelaars

“Als gedeputeerde heb ik samen

laten. Dat klinkt voor de leek logisch

koeien laten knuffelen.”

namens de provincies met minister Cees Veerman van Landbouw eraan gewerkt om beleid en uitvoering over het landelijk gebied naar de provincies te verleggen. Dat is gelukt, en daar ben ik blij mee. Het enige wat we nu tegenkomen, is dat provincies allerlei dingen op hun eigen manier willen regelen. Het mag echter niet zo zijn dat we straks met twaalf soorten kwaliteitshandboeken zitten en twaalf verschillende certificaten hebben. Gelukkig is dat besef er inmiddels wel. Zo kunnen we mijn club ook klein houden. We werken nu met een bestuur van drie man en een kleine club deskundigen. Dat kan alleen door het systeem simpel te houden. We zitten al zeven jaar binnen de begroting.” Martin Woestenburg

‘We moeten Brussel overtuigen dat het nieuwe stelsel resultaten boekt’

21


Blik op het verleden

Ontwikkeling van het agrarisch natuurbeheer in Nederland in vogelvlucht De aanwijzing van 100.000 hectare landbouw-

grond voor agrarisch natuurbeheer stuitte in 1975 op veel weerstand. In de loop van veertig jaar is er veel veranderd - daar droeg de belangenbehartiging van Veelzijdig Boerenland sterk aan bij. Vijf mensen blikken terug: Cees Veerman (oud-minister), Jan Heijkoop (oud-gedeputeerde Zuid-Holland ), Jos Roemaat (Natuurlijk Platteland Nederland), Gerrit-Jan van Herwaarden (LandschappenNL) en Hans Hoek (Veelzijdig Boerenland).

1975

Relatienota (Ministerie van CRM): van 480.000 naar 680.000 ha

1981

natuurgebied waarvan 100.000 ha landbouwgebied

Oprichting Landelijk

in permanente beheersovereen-

Overleg Boerenwerk-

komsten en 100.000 ha landbouw-

groepen in

grond omgezet naar natuur

Relatienotagebieden

1975

1976

1977

1978

1979

1980

1981

1982

Fons van der Stee

1983

Gerrit Braks

1975 – 1981

1985

1981 – 1991 1982

Natuurbeheer overgeheveld van ministerie van CRM naar ministerie van Landbouw

22

1984

1986


Veerman over ANV’s

Jan Heijkoop over de voorlopers

“Landbouw, natuur en landschap horen bij elkaar. In de jaren ’70, ’80 en ’90 zijn ze uit elkaar gegroeid en zijn er spanningen ontstaan door intensivering en schaalvergroting in de landbouw. Het systeem van Agrarische Natuurverenigingen vind ik prima want zij kunnen belangen met elkaar in evenwicht brengen. Ik heb veel bewondering voor mensen als Teunis Jacob Slob die oprecht proberen dit evenwicht te vinden. Dat is enorm waardevol.”

“Veelzijdig Boerenland is een ambitieuze en professioneel opererende organisatie. Mensen als Teunis Jacob Slob zijn enorm deskundig en gedreven. Zij hebben in belangrijke mate bijgedragen aan het succes van agrarisch natuurbeheer. In het begin geloofde men er niet zo in. Boeren waren bang dat het beperkingen in de bedrijfsvoering zou opleveren en ambtenaren, terreinbeherende organisaties en provinciale landschapsorganisaties dachten in scheidingsmodellen: landbouw en natuur dat kon toch niet samen gaan. Voorlopers als Slob hebben er aan bijgedragen dat agrarisch natuurbeheer nu algemeen geaccepteerd is.”

Van Herwaarden over vergoedingen

“In de beginjaren van Veelzijdig Boerenland was de aandacht vooral gericht op het versterken van de financiële positie van het agrarisch natuurbeheer – wat nodig was om het uit de vrijwilligerssfeer te halen. Veelzijdig Boerenland speelde ook een belangrijke rol bij het enthousiast maken van boeren voor agrarisch natuurbeheer. Zeker in de beginperiode en ook nu nog, is het niet vanzelfsprekend dat boeren aan agrarisch natuurbeheer doen. Veelzijdig Boerenland heeft boeren enorm weten te enthousiasmeren en bleef daar continue aan trekken. Ook toen er veel kritiek kwam op het agrarisch natuurbeheer. Ze heeft hierin echt een voortrekkersrol vervuld.”

Oprichting ‘In Natura’

Natuurbeleidsplan:

Van Aartsen richt

als koepel voor ANV’s

introductie Ecologische

natuurbeleid op meer

in West- en Midden-

Hoofdstructuur (EHS)

outputsturing

Nederland

1990

1987

1988

1999

1995

1989

1990

1991

1992

1993

1994

1995

1996

1997

1998

1999

> Piet Bukman

Jozias van Aartsen

1991 – 1994

1994 – 1998

1991

Haijo Apotheker

1998 – 1999

1997

Opkomst eerste

Naast grondaankoop

milieucoöperaties

door Rijk, ook stimulering natuurbeheer door particulieren

Aantal ANV’s

9

15

44

1994

1995

1997

69 231999


Veerman over leefbaarheid

Roemaat over nieuwe stelsel

Van Herwaarden over aanpak Veelzijdig Boerenland

Roemaat over professionalisering

“In mijn tijd als minister heb ik het agrarisch natuurbeheer altijd een warm hart toegedragen. Het is nogal onder druk komen te staan door het kritische rapport van de Raad voor Leefomgeving. Die kritiek nam ik met een korrel zout, want ik vond de benadering nogal eenzijdig. Agrarisch natuurbeheer gaat niet alleen over behoud van soorten, maar ook om de leefbaarheid van het platteland. Denk hierbij aan het behoud van voorzieningen en sociale cohesie. Agrarische Natuurverenigingen spelen daarin een essentiële rol. Landschap en natuur kunnen niet alleen door natuurorganisaties onderhouden worden.”

“Veelzijdig Boerenland is echt een voorvechter geweest voor een beter systeem van agrarisch natuurbeheer. We zijn nu al toe aan het derde stelsel voor agrarisch natuurbeheer, na het Programma Beheer en het SNL. We zijn steeds op zoek naar verbetering. Met diverse partijen zijn we al vier jaar bezig om het nieuwe stelsel vorm te geven en de collectieven van de grond te krijgen. Ik zou Veelzijdig Boerenland typeren als een organisatie van de lange adem en rustige diplomatie.”

“Veelzijdig Boerenland zette zich in de loop van de tijd steeds meer in voor de noodzakelijke professionalisering van de ANV’s. Ze liep voorop in kennisontwikkeling en onderwijs, daarin heeft ze een grote rol gespeeld, onder andere met de ontwikkeling van een handboek voor het kwaliteitssysteem.”

“Mijn neef heeft een boerenbedrijf in de Alblasserwaard. Hij moest eerst niet zo veel van agrarisch natuurbeheer hebben, maar uiteindelijk is hij ‘omgegaan’. De kentering kwam door het persoonlijk contact met vertegenwoordigers van Veelzijdig Boerenland, zij wisten hem enthousiast te maken. Dat is de kracht van organisaties als Veelzijdig Boerenland: het persoonlijke contact van boer tot boer. Tegelijkertijd opereren ze ook op het hoogste niveau en zitten ze aan tafel bij het ministerie en de provincies. Het is knap dat ze op alle niveaus goed op weten te treden.”

2000

2002

2007

2003

Invoering Investerings-

Programma

Oprichting

Oprichting

budget Landelijke Gebieden

Beheer treedt

BoerenNatuur

Natuurlijk

(ILG). Uitvoering natuur-

in werking

(regio Noord-

Platteland

beheer komt op

(SAN & SN)

Nederland)

Nederland (NPN)

provinciaal niveau

1999

2000

2001

2002

Laurens Jan Brinkhorst

1999 – 2003

2003

2004

2005

2006

Cees Veerman

2003 – 2007

2007

Gerda Verburg

2007 – 2010

2004

NPN is zelfstandige organisatie (los van LTO). Heeft vier regionale koepels: NP West, NP Limburg, NP Oost en BoerenNatuur (regio Noord)

Aantal ANV’s

24

78

97

2000

2002

104 2004

2008

106 2007


Hoek over Goede contacten

Heijkoop over uitdagingen

Roemaat over voortrekkersrol

Veerman over evenwicht natuurlandbouw

“Binnen West-Nederland hebben we altijd gezorgd voor een goed contact met de drie gedeputeerden. Ik kan wel zeggen dat we alle tijd dat ik hier zit met alle gedeputeerden goed overweg konden. Ook hebben we er altijd voor gezorgd dat we in beeld zijn bij de statenleden. Bij het begin van een nieuwe statenperiode vonden de statenleden een notitie in de post met daarin aandachtspunten voor de komende periode. Door alle goede contacten zijn we de provincies vooral als een partner gaan zien.“

“Ik zie veel toekomst in het agrarisch natuurbeheer. Het gaat om bevlogen mensen die hun beste beentje voorzetten. Boeren moeten wel oog hebben voor wat er verandert en scherp blijven in kennis, want dat is nodig om resultaat te boeken. De uitdaging voor de komende tijd is om resultaten te laten zien en om burgers te betrekken, zodat het iets van het hele platteland wordt. Ook is het belangrijk te werken aan een constructieve relatie met terreinbeheerders, provinciale landschappen en provincies zelf.”

“Veelzijdig Boerenland heeft mijns inziens het meest impact gehad op provinciaal niveau. Daar lagen voor haar ook de grootste belangen, en daar heeft ze zich het meest op gericht. Regelmatig trok Veelzijdig Boerenland ook op landelijk niveau aan de bel, zoals recent rond de fosfaatrechten. Ook in het weidevogelbeheer, waar het in West- Nederland natuurlijk veel over gaat, speelde ze een voortrekkersrol.”

“In de samenleving heeft men door dat er iets kostbaars verloren gaat als het platteland leegloopt. Er is een brede steun voor het behoud van boeren, landschap en natuur. Kijk naar de populariteit van boeken als ‘Dit is mijn erf’ en ‘Boerenbloed’. Agrarische natuurverenigingen proberen het platteland in de benen te houden. En om belangen in evenwicht te brengen en te houden. Kijk, een boer is een zelfstandig ondernemer die inkomen moet kunnen verdienen en daarvoor speelruimte krijgen; hij moet daarbij wel rekening houden met dierenwelzijn, natuur en landschap.”

2014

2010

Invoering SNL

2009

2010

Aanvang nieuwe

2011 - 2013

GLB-periode

Discussie over

inclusief

vergroening GLB

vergroening

2011

2012

Henk Bleker

2010 – 2012

2013

2014

Sharon Dijksma

2012 – 2015 2013

Verantwoordelijkheid voor

2015

2016

Martijn van Dam

2015 – 2016 2016

Start ANLB 2016

natuurbeheer schuift van rijk naar provincies

200 2013

25


Praktijkvoorbeeld

Gert-Jan de Jong

Goed bezig in... Eemnes “Ik heb in twaalf jaar tijd al van alles gedaan, eerst vanuit het PSAN-pakket, later vanuit SNL. Ik zoek naar nesten en doe aan uitgesteld maaibeheer, werk met een sloot met verhoogd slootpeil. Ook beheer ik ongeveer 25 hectare grond van Natuurmonumenten waaronder ook plasdras-gebieden. In het verleden heb ik ook al eens kuikenstroken ingericht op verzoek van Mozaïek op Maat, kuikens geringd voor Nederland Gruttoland en meegedaan aan verschillende onder­ zoeken. Het geeft gewoon een kick als het lukt. Als je ziet dat het goed gaat, dan is het net sport: je wilt nog meer winnen. We zitten hier op een soort eilandje, en eigenlijk doet de hele buurt mee, dat motiveert ook. Je kunt zelf wel je best doen, maar als kuikens aan de andere kant van de sloot alsnog plat gemaaid worden, heeft het weinig zin. Als boer moet je toch een beetje vanuit je gevoel aan agrarisch natuurbeheer meedoen. Want als er is afgesproken dat je tot 1 juni moet wachten met maaien, maar de kuikens zijn dan nog niet weg, dan moet je ook nog een paar dagen langer willen wachten. Dát is goed agrarisch natuurbeheer en dat moet in je zitten. Je hebt ook boeren die zeggen: 1 juni is 1 juni. Maar als je het doet, dan moet het ook effect hebben, vind ik. Natuurlijk zit er ook een financiële drive achter. Voor zwaar beheer heb je nou eenmaal ook een onkostenvergoeding nodig, want het kost arbeid en levert minder kwaliteitsgras op voor je koeien. Maar als je een beetje je best doet, dan kun je én een modern melkveebedrijf zijn én wat doen voor de weidevogels. Dat laten we hier zien. En daar ben ik trots op!”

Gert-Jan de Jong, melkveehouder in Eemnes, bestuurslid Ark en Eemlandschap. Gert-Jan de Jong runt een melkveebedrijf met 100 melkkoeien en 75 ha in Eemnes. Al twaalf jaar zet hij zich in voor weidevogels.

26


‘Als kuikens 1 juni nog niet weg zijn, moet je langer willen wachten. Dát is goed agrarisch natuurbeheer’

27


Over motivatie

De aanstekelijkheid van agrarisch natuurbeheer

Wat drijft boeren om bloeiende randen aan te leggen naast hun akkers, of om slootkanten te beschermen? Is het de subsidie of gaan er andere motieven achter schuil?

28


Theo Koekkoek, voorzitter van de

Natuurlijk is het geld belangrijk want

Raad van Commissarissen van Agri-

je moet er veel voor doen én laten,

firm, is akkerbouwer en pluimvee-

dus ik vind compensatie op zijn plek.

houder. Hij zaait akkerranden in en

Maar het mooie is dat je ziet dat het

zorgt voor groenbemesting. Hij kan

ook echt werkt. Wij hebben hier 100

het houden bij alleen de akkerranden

broedparen per 100 hectare, lande-

waar hij subsidie voor krijgt, maar

lijk gezien het hoogste gemiddelde

liever zaait hij ook de laatste paar

op agrarisch land. Collega-boeren

kopakkers nog in. Gewoon omdat

die ‘besmet’ zijn zeggen: ‘Wat heb ik

het mooi is. “Je ziet dat er van alles

vroeger veel kapot gemaakt, doordat

groeit en bloeit, dat werkt aansteke-

ik niet wist dat er grutto’s en kieviten

lijk. Als je er eenmaal mee bezig bent

op mijn land zaten. Eenmaal om,

ga je meer zien én doen.”

houd je niet meer op met agrarisch

‘L idmaatschap van een agrarische natuur­v ereniging is motiverend: samen de schouders eronder’

natuurbeheer.” Aanstekelijk – het is precies de term die opduikt in promotieonderzoek

Inpassing in bedrijfsvoering

uit 2009 naar de motivatie van boe-

Onderzoekster Lokhorst ontdekte

ren voor agrarisch natuurbeheer van

dat de motieven om aan gesubsidi-

Anne Marike Lokhorst. Zij consta-

eerd beheer te doen, anders zijn dan

teerde dat hoe sterker de intentie

voor niet-gesubsidieerd beheer. Bij

van iemand is om aan gesubsidieerd

gesubsidieerd beheer is de rationele

beheer toeneemt, hoe meer zijn

afweging tussen positieve en nega-

intentie groeit om ook aan niet-

tieve punten belangrijk. Boeren die

gesubsidieerd beheer te doen. Ofwel:

(ook) voor niet gesubsidieerd beheer

voor wie eenmaal aan de gang gaat,

kiezen, doen dat vanuit morele over-

smaakt het naar meer.

wegingen en het beeld dat ze hebben

gelen financieel inpasbaar zijn in het

van zichzelf. Zij zien zich als beheer-

bedrijf, of de prijsontwikkelingen in

georiënteerde boeren en ervaren

de markt.

Besmettingsgevaar Melkveehouder Betty Blok uit doet

een sociale en persoonlijke norm om

al bijna 20 jaar aan agrarisch natuur-

aan natuurbeheer te doen. Uiter-

Zekerheid

beheer en herkent de aanstekelijk-

aard hangt de motivatie ook sterk

Freek van Leeuwen is medewerker

heid. Blok is medewerker, adviserend

af van de context, zoals of maatre-

bij Veelzijdig Boerenland en biolo-

bestuurslid en voormalig bestuurder

gisch melkveehouder vertelt: “Ik zie

van ANV/Collectief De Hollandse

dat voor de meeste boeren subsidie

Venen. “Subsidie was voor mij aan-

niet de belangrijkste drijfveer is.

vankelijk een belangrijke motivatie om aan agrarisch natuurbeheer te gaan doen, maar later kwam het écht vanuit gevoel. Er is bijna niets mooier dan over je land te lopen en dan een weidevogelnest te ontdekken. Alle boeren in de omgeving waar ik woon doen ook aan agrarisch natuurbeheer, het lijkt wel een virus.

‘A lle boeren in de omgeving waar ik woon doen aan agrarisch natuurbeheer, het lijkt besmettelijk’

Voor een kleine groep is het wel een behoorlijke financiële poot in hun bedrijf, maar voor de meesten spelen andere motieven de boventoon, zoals verantwoordelijkheidsgevoel en gewoonte. De subsidie is ook slechts kostendekkend. Wat het lastig maakt is dat de bedrijfspraktijk en het gewenste natuurbeheer steeds >

29


Over motivatie

Meters maken met de middengroep Volgens Theo Koekoek (Agrifirm) zijn er drie categorieën boeren. “De eerste groep van 20 % zijn de early adopters ofwel de kartrekkers. Zij doen al jaren aan agrarisch natuurbeheer vanuit passie voor de natuur, geld speelt daarbij een ondergeschikte rol. Een tweede, nu hard groeiende middengroep van 60 tot 70 % wordt aangestoken door de early adopters. Voor hen zijn financiële prikkels belangrijk, ze helpen hen over de streep.

Betty Blok: ‘Ben je eenmaal om, dan hou je niet meer op met agrarisch natuurbeheer’

Dan is er nog een slinkende groep van zo’n 10 tot 20 % van boeren die zeggen ’ik heb er niets mee’. Financiële compensatie zal hen niet over de streep trekken. De middengroep is het meest interessant voor de overheid. Die beheert het grootste grondoppervlak, dus daar zijn meters te maken.”

30

meer uiteen lopen. Natuur is steeds

zelf hun prijs bepalen.”

moeilijker in te passen in de bedrijfs-

Die spagaat tussen iets willen en

voering. Wij zijn met ons kaasbedrijf

afhankelijk zijn van de markt, ziet

een uitzondering want we kunnen

ook Aad van Paassen. Als senior-be-

vragen voor de kaas wat we willen.

leidsmedewerker bij Landschappen

Maar boeren die melk produceren

NL kent hij het agrarisch natuurbe-

voor de wereldmarkt kunnen niet

heer al jaren van nabij. “Voor boeren


Van Paassen van LandschappenNL ziet dat ANV’s ook motiverend werken omdat de slagingskans van agrarisch natuurbeheer groter is als het door meer boeren in een gebied wordt gedragen. “Eén van de randvoorwaarden voor effectief weide-

‘B oeren die een publieke belofte hadden gedaan, verbeterden hun beheer’

vogelbeheer is namelijk dat je het gebiedsgericht, dus samen, aanpakt.” Zie ook de rol die vrijwilligers kunnen spelen niet over het hoofd, benadrukt hij. “Een enthousiaste vrijwilliger kan een boer ‘aansteken’, zeker als die vrijwilliger ook nieuwsgierig is naar hoe een boer zijn bedrijf runt. Dan is het gemakkelijker om met elkaar ook over andere zaken te praten.”

Belofte maakt schuld die vooral aan agrarisch natuurbe-

Onderzoekster Lokhorst vermoedde

heer doen vanuit een economische

dat ook het publiekelijk laten weten

motivatie, speelt inpassing in de

dat je aan agrarisch natuurbeheer

en verkoop. Als ik het publiek beloof

bedrijfsvoering uiteraard een grote

doet, een motiverende factor is. Ze

dat ik biologisch produceer en met

rol. Bij een lage prijs voor melk op

nam de proef op de som. Van een

respect voor natuur en landschap,

de wereldmarkt, willen sommige

groep van 58 boeren die zich inzetten

dan moet ik dat ook waarmaken.

melkveehouders zoveel mogelijk

voor agrarisch natuurbeheer, kreeg

Belofte maakt tenslotte schuld,

melk produceren en dan is er minder

tweederde een persoonlijk rapport.

nietwaar?”

ruimte voor agrarisch natuurbeheer.

Hierin stond aan welke soorten

Aan de andere kant zijn er dan ook

natuurbeheer ze bijdroegen en hoe

melkveehouders die juist blij zijn

ze dat deden in vergelijking met

met de zekerheid van inkomsten via

anderen. Een eerste groep boeren

agrarisch natuurbeheer.”

mocht het rapport zelf thuis bestu-

Samen de schouders eronder

Ellen Oomen

deren. Een tweede groep boeren ontving het rapport in het dorpshuis,

Een belangrijke drijvende kracht

waar ze het met anderen konden

achter het doen aan agrarisch na-

vergelijken. Daarna spraken ze zich

tuurbeheer, is het lidmaatschap van

uit over welke mogelijkheid ze zagen

een agrarische natuurvereniging of

om het eigen beheer te verbeteren.

collectief. Dat werkt motiverend,

Een derde groep boeren kreeg geen

concludeerde WUR-onderzoeker

rapport, dit was de controlegroep.

William van Dijk in een onderzoek

Na een jaar bleek dat de boeren uit

naar psychologie van agrarisch natuur-

groep 2, dus zij die in het openbaar

Bronnen

beheer. Leden van ANV’s voelen zich

een belofte hadden gedaan, hun be-

• W illiam van Dijk, the Ecology and Psychology

gesteund en óndersteund. Betty

heer hadden verbeterd. Zij vergroot-

Blok beaamt dit: “Het maakt uit of je

ten hun oppervlakte aan niet gesub-

• Anne Marike Lokhorst (et al.), What’s in

ergens samen de schouders onderzet

sidieerde natuur en gingen meer tijd

it for me? Motivational Differences between

of alleen. Wat ook zeker motiverend

besteden aan natuurbeheer.

Farmers’ Subsidised and Non-Subsidised Conser-

werkt is dat een ANV boeren enorm

“Je publiekelijk commiteren aan

vation Practices, 2011,

kan ontzorgen. Ze kan helpen bij alle

agrarisch natuurbeheer helpt zeker

Applied Psychology: an international

administratieve zaken, zodat de boer

in je motivatie”, beaamt Freek van

kan doen wat hij of zij het liefst doet,

Leeuwen. “Ik voel zelf die druk met

buiten op het land aan het werk zijn.”

de Wilde Weide kaas die ik produceer

of agri-environment schemes, 2014

Review • Anne Marike Lokhorst, Using commitment to improve environmental quality, 2009

31


Interview

Innovatie: directeur Hans Hoek noemt het de rode draad in de geschiedenis van Veelzijdig Boerenland. In de bijna twintig jaar dat de koepel bestond heeft het agrarisch natuurbeheer zich continu ontwikkeld en geprofessionaliseerd. Tot op het laatst. “Met de oprichting van de collectieven hebben we een belangrijke innovatieslag gemaakt.”

Continu blijven vernieuwen Persoonlijke drive

gingen. Er is veel geëxperimenteerd

Mozaïek op Maat. Daarin gingen de

Innovatie is voor Hans Hoek, sinds

met plas-dras, met mozaïekbeheer,

boeren samen experimenteren met

2007 directeur van Veelzijdig Boeren-

met maaidata. Dat soort experimen-

vernatting, maaidata en inrich-

land, een breed begrip. Het woord

ten leidde voortdurend tot nieuwe

tingsmaatregelen. Ze keken niet

roept het beeld op van technologi-

inzichten, die steeds verder werden

individueel maar gezamenlijk hoe

sche hoogstandjes, maar voor Hoek

ontwikkeld en uitgerold. Continu

in een gebied het beheer het meest

gaat het verder dan dat. “Er zijn wel

verbetermanagement zou je het kun-

effectief kan worden uitgevoerd.

experimenten met bijvoorbeeld gps

nen noemen.”

Die gebiedsaanpak bleek goed te

of drones bij de bescherming van

werken. Je zou het zelfs kunnen zien

nesten. Maar innovatie gaat voor mij

Professionalisering

over alles wat gericht is op het ver-

Volgens Hoek zijn projecten het be-

heerplan dat nu door de collectieven

beteren van het agrarisch natuurbe-

langrijkste vehikel voor innovaties.

wordt opgesteld.”

heer: meer resultaat, professionelere

In projecten wordt een innovatieve

uitvoering. Een voortdurend proces

praktijk getoetst en vertaald naar

Anders denken

van vernieuwing dus.”

een breder toepasbaar instrument.

Het project Bloeiend Bedrijf, dat

Innovatie ontstaat in de praktijk, is

Veelzijdig Boerenland zette daarom

Veelzijdig Boerenland samen met het

de overtuiging van Hoek, want daar

een effectieve projectorganisatie op.

Louis Bolk Instituut initieerde, vindt

zit de kennis en de kunde.

Projecten zijn ook belangrijk voor

Hoek een ander mooi voorbeeld van

“De meeste ontwikkelingen in het

belangenbehartiging en de vertaling

hoe zich een nieuwe manier van

agrarisch natuurbeheer zijn geba-

naar beleid. Want aantonen is altijd

denken en werken ontwikkelde. In

seerd op de persoonlijke ‘drive’ van

sterker dan beweren.

een gelegenheidscollectief zaaiden

boeren en agrarische natuurvereni-

“Neem bijvoorbeeld het project

bijna zeshonderd akkerbouwers

als de voorloper van het gebiedsbe-

functionele akkerranden in. Deze randen trekken insecten aan die de natuurlijke vijand zijn van de veroorzakers van ziekten en plagen in het gewas. Hoek: “Dit project paste uitstekend bij de ontwikkeling van

‘Juist jonge boeren zijn heel gemotiveerd voor natuurbeheer. Overigens wel met andere argumenten dan vroeger.’ 32

vergroeningsmaatregelen in de akkerbouw. Wat mij bij bezoeken in het veld vooral opviel was dat de boer op een andere manier ging denken en


‘Agrarisch natuurbheer is nu bijna vanzelfsprekend, dat is misschien wel de grootste innovatie’

handelen. Hij kwam regelmatig de

omdat ze vaak direct langs sloten

trekker uit om in het gewas te kij-

liggen. Dit past mooi bij de ver-

ken, ontwikkelde meer ecologische

plichtingen van de Waterschappen,

kennis en werd zich meer bewust

gelet op de Kaderrichtlijn Water. En

van de beperking van het gebruik

dat kan weer een vehikel zijn om

van bestrijdingsmiddelen. A new

de gesprekken tussen boeren en

frame of mind.”

waterschappen op gang te krijgen.

Telefoontjes van burgers

‘D e meeste ontwikkelingen zijn gebaseerd op een persoonlijke ‘drive’

Dit vind ik ook een belangrijke innovatie, als je bedenkt dat waterbe-

Innovatie zit hem ook vaak in de

heer een steeds belangrijker thema

niet voorziene spin-off van een pro-

wordt waarin nog veel te doen is

Naar gebiedsniveau

ject. “Bij Mozaïek op Maat gingen

en waarin boeren een belangrijke

Dat het gebied zelf meer verant-

de beheerders vaker samen om de

rol hebben”, stelt Hoek. “En erg

woordelijkheid krijgt, is een van de

tafel zitten en kregen er aardigheid

leuk is dat we heel wat telefoontjes

belangrijkste ontwikkelingen van

in om de zorg voor de natuurlijke

hebben gekregen van burgers die

de afgelopen jaren. Hoek: “Het is

en landschappelijke waarde van

de bloeiende akkerranden erg mooi

ons jarenlang een doorn in het oog

hun gebied op zich te nemen. Bij

vonden. Op verschillende plaatsen

geweest dat het grootste deel van

Bloeiend Bedrijf bleek dat akker-

zijn de akkerranden als aandachts-

iedere beschikbare euro op ging aan

randen ook een belangrijke uitwer-

punt meegenomen in wandel- en

overhead, ten koste van het budget

king hadden op de waterkwaliteit,

fietsroutes.”

voor de uitvoering. De uitwerking >

33


Interview

‘Er is veel geëxperimenteerd met plasdras, met mozaïekbeheer en met maaidata’

alternatieve boeren die er aardigheid in hadden, maar inmiddels is het een serieus onderdeel van de boerenactiviteit. “Het is nu bijna vanzelfsprekend dat je als boer aandacht hebt voor natuur, landschap en waterbeheer”, aldus Hoek. “Juist bij jonge boeren zie je die omslag heel duidelijk, viel mij op bij een bijeenkomst die wij speciaal voor hen organiseerden. Ze zijn bezig met schaalvergroting en een efficiënte bedrijfsvoering, maar ook heel gemotiveerd voor natuurbeheer. Overigens wel met andere argumenten dan vroeger. Boeren hebben veel meer maat‘Akkerranden trekken natuurlijke vijanden aan van veroorzakers van gewasziekten en plagen’

schappelijk bewustzijn gekregen, zijn veel meer bezig met hun ‘licence to produce’.”

van het nieuwe stelsel is een ant-

woordelijkheid in het gebied meer

woord op een groot deel van onze

resultaat geeft”, zegt Hoek. “De

Het is een verandering van de

wensen: meer zelfstandigheid en

collectieven, en daarmee de ver-

tijdsgeest. Maar ook dat beschouwt

verantwoordelijkheid, in combinatie

schuiving van bedrijfs- naar gebieds-

Hoek als een goede ontwikkeling,

met een verschuiving van overhead-

niveau, zie ik als een grote innovatie

een ‘maatschappelijke innovatie’.

taken.”

in het agrarisch natuurbeheer.”

“Tegenwoordig is er veel meer aan-

Het opschalen van het agrarisch na-

Per 1 januari is een landelijke orga-

dacht voor het leggen van verbindin-

tuurbeheer naar collectieven vraagt

nisatie opgericht. Ook daarmee

gen tussen boer en burger. Vanuit

veel van verenigingen en stichtin-

maakt het agrarisch natuurbeheer

het beleid, maar ook bij die boeren

gen. Hoek: “Meer dan de overheden

een belangrijke slag, vindt Hoek. “De

en burgers zelf. In deze ontwikkeling

waren wij ons er van bewust van

nieuwe landelijke organisatie wordt

hebben we als Veelzijdig Boeren-

dat daar een ingrijpende transitie

‘lean and mean’ ingevuld, maar heeft

land een belangrijke rol gespeeld als

en professionaliseringsslag voor

wel één brievenbus en één deurbel en

belangenbehartiger en verbinder. We

nodig was. Met het project Stichting

geeft de collectieven de gelegenheid

zijn nu zo ver dat agrarisch natuurbe-

Collectief Agrarisch Natuurbeheer

om gemeenschappelijk in te zetten

heer bijna vanzelfsprekend is. Dat is

(SCAN) speelden we daar een belang-

op belangenbehartiging.”

voor mij wel de grootste innovatie.”

rijke rol in.” bereidde Veelzijdig Boerenland de

Maatschappelijk bewustzijn: de grootste innovatie

regionale collectieven voor op hun

Vergeleken met het natuurbeheer

nieuwe taakuitvoering. Dat project

van Staatsbosbeheer of Natuurmo-

kwam niet zomaar uit de lucht val-

numenten is het natuurbeheer door

len. “De laatste jaren hebben we op

boeren een jonge tak van sport. In

alle mogelijke plaatsen laten weten

de jaren tachtig was agrarisch na-

dat meer zelfstandigheid en verant-

tuurbeheer iets voor een handjevol

Samen met de andere koepels en LTO

34

Florien Kuiper


Bureau Buitenland

‘Van een afstand zie je hoe goed we het hier in Nederland hebben geregeld’ Hoe kijkt ‘het buitenland’ aan tegen het Nederlandse agrarische natuurbeheer? We vroegen het Maarten Fischer, voormalig programmaleider van de Taskforce Multifunctionele Landbouw, en vertegenwoordigers vertegenwoordigers van het het Directoraat Landbouw van de EU.

Montana VS Maarten Fischer verruilde in 2013 zijn werkplek bij de Taskforce, in het kleinschalige polderlandschap rond Zegveld, voor een nieuw bestaan met zijn gezin in de bergen van Montana in de Verenigde Staten. Hij is voor twee weken op werkbezoek in Nederland. Als hij vanaf Schiphol met zijn huurauto door het hem vertrouwde landschap rijdt, realiseert hij zich weer hoe goed alles hier is geregeld. “We klagen veel in Nederland”, zegt hij bij een glas water (koffie is te veel voor een maag met een jetlag), “maar daardoor zijn we wél steeds bezig om dingen beter te maken. In Montana is dat wel anders: gaten in de weg, een zorgstelsel dat amper van de grond komt, er is niemand die het actief oppakt.”

Stimuleren versus straffen De drang om dingen beter te doen en te regelen ziet hij terug in hoe in Nederland het agrarisch natuurbeheer is georganiseerd. “De manier waarop de Nederlandse overheid de functieverweving in de landbouw heeft gestimuleerd, om te zorgen dat zowel de individuele boer als de maatschappij er beter van worden, dat is uniek in de wereld. In Montana legt de wetgever natuurbeschermende maatregelen gewoon op en hebben boeren het maar te doen. Van enige compensatie voor extra werk of voor schade is geen sprake. In Nederland is gekozen voor een stimulerende aanpak en compensatie, dat is bijzonder.”

‘Het waren de ANV’s die de zaadjes legden voor verdere vebreding van de landbouw’

35


Bureau Buitenland

‘Ik wens de collectieven minder papierwerk toe en meer ruimte voor eigen ondernemerschap’ Verslaving Van afstand kijkend, ziet hij ook de keerzijde van het subsidiestelsel. “Subsidies leiden tot een zekere passiviteit bij de ontvangers. Ik vond het in de tijd dat ik voor de Taskforce werkte ook lastig dat de discussie tussen landbouw en natuur te veel vanuit de financiering en te weinig vanuit de inhoud werd gevoerd. De onderhandelingen over geld en bijbehorende administratieve vereisten, leidden af van de discussie waar het echt om gaat.”

Eenoog koning In de Verenigde Staten staat de verbrede landbouw - op directe verkoop van producten na - nog in de kinderschoenen. Fischer werd dan ook al snel gezien als dé deskundige op dit vlak. “In het land der blinden is éénoog koning ”, zegt hij lachend. Fischer ging in Montana zelf aan de slag met het geven van cursussen Multifunctionele Landbouw en het opzetten van een regionaal zorglandbouwprogramma. Inmiddels is hij Chief Operating Officer (COO) van de thuiszorgorganisatie A Plus Healthcare. Hij kwam daarbij vrijwel

36

geen agrarisch natuurbeheer tegen. “Niemand zet het onderwerp tot nu toe op de politieke agenda. Het gaat hier ook vrijwel nooit over problemen met mineralenhuishouding en milieubelasting waar we in Nederland zo druk mee zijn. Misschien is de natuur daarvoor in Montana ook wel te overvloedig aanwezig.”

Zaadjes Maar juist vanuit het agrarisch natuurbeheer kwam in Nederland een verdere verbreding op gang, constateert hij. “Het waren de sterke koepels van agrarisch natuurbeheer zoals Veelzijdig Boerenland en hun leden, die de zaadjes legden voor andere functies op de boerderij: educatie, streekproducten, zorg.” Die verbreding zou ook boerenbedrijven in Montana wel eens kunnen helpen, denkt Fischer, want sommige, ook de voor Nederlandse begrippen zeer grote bedrijven, houden amper het hoofd boven water, terwijl toerisme en de lokale bevolking alsmaar toeneemt.

Minder papierwerk Voor het Nederlandse agrarisch natuurbeheer hoopt hij dat er in de

toekomst meer ruimte komt voor innovatie en daarmee voor ondernemerschap. “Ik weet dat er prachtige ideeën leven voor allianties tussen boeren, burgers en natuurbeheerders, bijvoorbeeld om samen lange corridors in het landschap voor weidevogels te realiseren. Vanuit de Taskforce hielden we ook sessies over innovatie in deze sector, maar merkten dat boeren door de administratieve rompslomp nauwelijks

ruimte hadden voor vernieuwing. Ik wens de collectieven dan ook minder papierwerk toe en meer ruimte voor eigen ondernemerschap. Dat een boer kan zeggen: ik kan met mijn bedrijf rendement halen in de landbouw, maar ook in de productie van natuur en landschap. En dat hij of zij op een creatievere manier kan bepalen hoe hij dat realiseert.” Miranda Koffijberg

Verenigde Staten: vrijwel geen agrarisch natuurbeheer In de staat Montana doet vrijwel geen enkele boer officieel aan ‘agrarisch natuurbeheer’. Natuurgebieden zijn ook van een een andere maat dan in Nederland. Het zijn enorme gebieden waar, aldus Fischer, “op tijd hekken omheen zijn gezet om ze te beschermen”. Veel gebieden, in de vorm van ‘national parks’, ‘national forests’ en ‘state parks’, zijn in handen van de overheid. Medegebruik - al dan niet agrarisch - is hier vaak wel mogelijk, boeren laten er hun kuddes grazen en voor 20 dollar mogen particulieren er hout oogsten. Daarnaast zijn er veel Land Trusts, organisaties zonder winstoogmerk die land verwerven en beheren om het voor altijd te behouden ten gunste van de gemeenschap. Veel boeren, zeker zij die geen opvolging kunnen vinden, verkopen land aan deze Trusts. De focus ligt niet op natuurbehoud maar op het openhouden van het landschap en het agrarische gebruik ervan, zonder nieuwe dreiging van bebouwing. Fischer: “Veel landeigenaren verdienen geld met subsidies eenvoudigweg door land in eigendom te hebben of bepaalde gewassen te verbouwen. Daar zit erg weinig ‘publiek rendement’ in. Zelfs bij deze Land Trusts is er weinig sprake van echte stimulans voor natuur- of landschapsvriendelijke boeren, en dat is in andere Staten vergelijkbaar.”


EU Brussel Het Directoraat-Generaal Landbouw en Plattelandsontwikkeling van de Europese Commissie in Brussel kijkt vol spanning en verwachting naar Nederland, zegt Mariusz Migas, het afdelingshoofd van Unit F1 binnen DG landbouw en Plattelandsontwikkeling. “Nederland is echt een geval apart in deze context binnen de EU. Niet alleen de invoering van de agrarische collectieven is een unieke aanpak binnen het Plattelandsbeleid in de EU, ook de resultaatgerichte focus van het agrarisch natuur beheer is innovatief. Tot nu toe kenden we alleen afrekening op basis van activiteiten op perceelsniveau. We zijn dan ook erg benieuwd wat de impact zal zijn van de gecombineerde nieuwe aanpak. Ook zijn we benieuwd welke vereenvoudiging van de administratie het systeem van collectieven gaat opleveren. Zakendoen met 40 collectieven in plaats van 14.000 individuele boeren betekent natuurlijk een enorme lastenvermindering in administratie.” Sabine Osaer, programmamanager van het Nederlandse plattelandsontwikkelingsprogramma bij de Europese Commissie, vult aan: “We zijn echt

heel hoopvol dat vooral de combinatie van het al bestaande beleid op basis van ‘donkergroene’ maatregelen, de focus op gebieden waar het meest resultaat voor biodiversiteit te behalen valt, met de nieuwe collectieve aanpak veel meer impact zal hebben. Het nieuwe systeem kan zo ook bijdragen aan een meer positieve beeldvorming van samenwerking binnen de agrarische sector.” Mariusz Migas: “De aanpak van Nederland is zo innovatief dat het nodig was de Europese wetgeving aan te passen wat betreft bepaalde controleaspecten. Dat heeft het voordeel dat als andere lidstaten het voorbeeld van Nederland willen overnemen, de wetgeving hiervoor al is aangepast. Ik weet dat enkele landen zeer geïnteresseerd zijn om de Nederlandse aanpak over te nemen, mits die de komende jaren effectief blijkt natuurlijk. Het idee is geweldig, dus als het werkt wordt het een success story en zal het zeker navolging krijgen. Binnenkort organiseren we binnen de Europese Commissie een lunchlezing waarbij het nieuwe Nederlandse systeem voor agrarisch natuurbeheer hét agendapunt is.

Franse landbouwminister Le Foll bezoekt ANV Water, Land & Dijken ( januari 2014)

‘W e kijken vol spanning en verwachting naar Nederland’ Leren van andere landen Mariusz Migas: “Nederland is niet te vergelijken met andere EU-landen vanwege haar intensieve en hoog productieve landbouw. Die heeft gevolgen voor de relatief kleine, die heeft gevolgen voor relatief kleine, door het land verspreide, natuurgebiedjes. We zoeken met elkaar steeds naar oplossingen die passen bij de specifieke situatie en problemen van elke lidstaat. Er is geen one size fits alloplossing, daar verschillen de problemen en de situatie van de landbouw in de verschillende EU-landen te veel voor. We zoeken juist

naar maatwerk, customized solutions.” Elvira Bakker, plaatsvervangend afdelingshoofd, merkt op: “Laatst sprak ik met een agrarisch journaliste uit Nederland. Wat mij enorm opviel was dat zij erg weinig wist van de nieuwe Nederlandse aanpak rond collectief agrarisch natuurbeheer en het plattelandsontwikkelingsprogramma in Nederland in het algemeen. Hier valt echt nog werk te verrichten. Niet alleen de pers, maar zeker ook de Nederlandse bevolking zou hier meer van op de hoogte moeten zijn.” Ellen oomen

37


Praktijkvoorbeeld

Jan Geijsel

Goed bezig in... Ouderkerk aan de Amstel “Ik heb een kleine kudde Limousins. De kalveren lopen een half jaar bij hun moeder. De mannelijke dieren gaan na twee jaar naar de slacht en de vrouwelijke dieren probeer ik in het fokkerijcircuit bij collega’s te plaatsen. Daarnaast beheer ik al 15 jaar een perceel van zo’n 8 hectare, het ‘Landje van Geijsel’. Ik zet het land in het voorjaar drie tot vier maanden plasdras. Duizenden vogels sterken in dit gebied een week of zes aan voordat ze elders hun nesten gaan bouwen. Vooral heel veel grutto’s. In juni krijg ik een vergoeding voor de opbrengstderving, voldoende om niet in de rode cijfers te belanden. Vroeger had ik een melkveebedrijf, maar ik heb geen opvolger. Toen heb ik mijn melkquotum verkocht en ben ik dit gaan doen. Deze vorm van natuurbeheer gaat goed samen met zoogkoeien; later in het jaar gaat de stromest uit de potstal op het land, en dat is weer goed voor het bodemleven. Bovendien zijn de omstandigheden hier ideaal. Het gebied is groot genoeg om deze flinke aantallen vogels te kunnen trekken. En het is een poldertje apart: geen enkele buurman heeft er last van dat ik de boel hier plas-dras zet. De provincie is momenteel eigenaar van de polder. Zij wil het gebied komend jaar opnieuw inrichten. Ik heb er wel zorgen over of dat op de goede manier gebeurt. Gelukkig wordt het belang van het landje breed gedeeld. Ik ben nu 75, zolang ik gezond blijf zou ik dit wel willen doen. Of ik trots ben? Dat vind ik niet het goede woord, door toevalligheid ben ik hier boer geworden. Maar dankzij het Landje van Geijsel gaat de vogelstand niet achteruit, en heel Amstelland profiteert daarvan. Dat geeft wel veel voldoening.”

Jan Geijsel heeft een zoogkoeienbedrijf (Limousin) van 15 koeien en beheert daarbij 8 hectare natuur. Zijn ‘Landje van Geijsel’ is een begrip onder vogelaars.

38


‘Dankzij het Landje van Geijsel gaat hier de vogelstand niet achteruit, daar profiteert heel Amstelland van’

39


Interview

In gesprek met Arie van den Brand

We zijn goed op weg

Arie van den Brand is geen onbekende in de wereld van het agrarisch natuurbeheer. Nieuwsgierig naar zijn mening over de resultaten van twee decennia agrarisch natuurbeheer, interviewden we hem op zijn boerderij in West-Friesland. Gaat het agrarisch natuur- en landschapsbeheer in Nederland ‘De taal is vergroend, de budgetten nog niet‘

de goede kant op? “Er is veel vooruitgang geboekt, maar we zijn er nog niet.”

40


‘Vroeger was de vraag: hoeveel liter melk geeft jouw koe? Nu hoor ik: hoeveel grutto’s heb jij per hectare?’

Wat vindt u van de discussie rond

De focus ligt op intensivering en

dit punt is een enorme vooruitgang

het rapport van de Raad voor de

schaalvergroting en dat is voor

geboekt.”

Leefomgeving?

biodiversiteit niet gunstig. Dat zie je

“Hier in de polder waar ik woon zijn

terugkomen in de cijfers.

De consument moet meebetalen

boeren en vrijwilligers heel actief in

We zijn wel op de goede weg, maar

aan het agrarisch natuurbeheer?

weidevogelbescherming, met rede-

de echte paradigmawisseling moet

“De rekening voor agrarisch natuur-

lijk veel succes. Los van wat overheid

nog komen. Bij het ministerie van

beheer ligt nu echt nog te veel bij de

en samenleving vinden zie je vaak bij

Economische Zaken en de EU komt

boeren. Een fundamentele vraag is:

boeren een intrinsieke motivatie en

vergroening nu echt in het hart van

gaan we naar een systeem van full

passie voor natuurbeheer. Dan heb

het debat op tafel. Dat is een verbe-

cost accounting voor de consument?

ik het niet alleen over weidevogels,

tering, maar we zijn er nog lang niet.

Betaal ik voor mijn pak melk of zak

maar ook over slootkantenbeheer.

De taal is vergroend, de budgetten

aardappels de meerprijs die de boer

Het meest stevig zie je dit terug bij de

nog niet.

nodig heeft om netjes voor natuur en

biologische boeren, al is ook de gang-

Bij In Natura spraken we twintig

milieu te zorgen? Daar moet uitein-

bare landbouw er gepassioneerd

jaar geleden al over vergroening,

delijk de echte paradigmawisseling in

mee bezig, samen met vrijwilligers.

over een landbouw die zich naast

worden gerealiseerd.

Ik zie wel vooruitgang: dertig jaar

voedselproductie ook richt op het

geleden vroeg men aan elkaar op een

leveren van groene diensten aan de

verjaardagsfeestje hoeveel liter melk

samenleving. Het gaat hierbij niet

geeft jouw koe? Nu hoor ik de vraag:

alleen om het subsidiëren van boeren

hoeveel grutto’s heb jij per hectare?

om dingen níet te doen. Het gaat

Het lastige is dat je tegelijkertijd zit

vooral om een samenleving die be-

met een landbouwsysteem dat ge­richt

taalt voor diensten die zij graag wil,

is op zo veel mogelijk productie.

bijvoorbeeld een mooi landschap. Op

>

‘H et is afwachten hoe het nieuwe stelsel voor agrarisch natuurbeheer uitkleurt’

41


Interview

Arie van den Brand (1951) is ere-voorzitter van de Groep van Brugge, een onafhankelijke denktank over landbouw en plattelandsontwikkeling met 50 leden uit diverse Europese landen, www.groupedebruges.eu. Van 2002 tot 2004 was hij Tweede Kamerlid voor Groen Links. Hij hield zich onder meer bezig met de portefeuilles landbouw en natuurbeheer. Ook was hij van 1997 tot 2001 directeur van In Natura, een koepelorganisatie van agrarische natuurverenigingen

‘De vraag is: voelt een boer zich in het nieuwe stelsel nog mede-eigenaar?’

in West-Nederland. Sinds 2004 is hij senior green consultant en biologisch hoogstamfruitteler van oude rassen. Daarnaast is Van den Brand bestuurslid van het internationale Institute for Agriculture and Trade Policy en voorzitter van ‘Van Eigen Erf’.

We zijn er nog lang niet. Daarvoor

Hoe kijkt u terug op een paar decen-

moeten hele andere prijsvormings-

nia agrarisch natuurbeheer?

mechanismes ontstaan. Kunnen we

“Het meest essentiële resultaat is dat

andere landen in de EU stimuleren

er een stevige organisatiestructuur is

om te kiezen voor full cost accounting?

ontwikkeld. Hierin is Nederland echt

Dit moet in EU-verband, anders lig-

een voorloper, in andere Europese

gen we er op de internationale markt

landen kennen ze dit niet. Ik schat

zo uit. “

dat op 90% van de agrarische grond in Nederland een ANV zit. Belangrijk

‘D e gangbare en biologische landbouw waren compleet verschillende werelden, nu is er wederzijdse belangstelling’

42

Ziet u nog meer vooruitgang?

is ook dat dit een coöperatieve struc-

“Veel natuurorganisaties zijn gaan

tuur is, daarin onderscheidt Neder-

inzien dat een andere manier van

land zich. In het buitenland kijkt men

landbouw mogelijk is. De biologi-

naar Nederland hoe die coöperaties

sche land- en tuinbouw is hierin een

nu werken. In Ierland en Denemar-

voorloper en het beste laboratorium

ken zie je ze nu ook ontstaan. De

voor verduurzaming dat we hebben.

coöperatieve structuur biedt veel

Het laat zien dat een andere manier

ruimte voor kennisoverdracht.

van denken en praktijk aantoonbaar

Mensen nemen makkelijk een kijkje

beter is voor biodiversiteit en een

bij elkaar in de keuken. Neem de

gezonde bodem. Ook is het mooi om

tuinbouwstudieclubs, die staan aan

te zien dat de gangbare en biologi-

de basis van het enorme succes van

sche landbouw meer naar elkaar toe

de glastuinbouw in Nederland.

zijn gegroeid. Twintig jaar geleden

Een ander belangrijk resultaat is dat

waren dit twee compleet verschil-

er flink wat ANV’s zijn waar ook bur-

lende werelden. Nu is er wederzijdse

gers welkom zijn als lid of vrijwilliger.

belangstelling en gaan gangbare

Dit laat zien dat agrarisch natuur-

boeren kijken bij biologische col-

beheer meer regionaal verankerd

lega’s. Ook in studieclubverband is er

is in de samenleving en een breder

meer uitwisseling.”

maatschappelijk draagvlak kent.


De afgelopen twintig jaar hebben

boeren in Syrië die wegens klimaat-

we volop kennis, ‘technieken’ en

verandering de afgelopen 5 jaar hun

methodes ontwikkeld. Bijvoorbeeld

land moesten verlaten.

hoe maaidata doorwerken op jonge

In de samenleving is sowieso veel

vogels, wat de effecten zijn van

te weinig kennis over wat er speelt

plas-dras situaties. Dat is winst. In

in land- en tuinbouw. Een generatie

bepaalde gebieden zijn aantoonbaar

terug had iedereen wel een familielid

vogels teruggekeerd. Als je twin-

in de landbouw. Nu niet meer en dat

tig jaar geleden in Zeeland kwam

zie je terug in de basiskennis over

waren er een paar boeren bezig

voedsel en waar het vandaan komt.

met akkerranden. Die werden door

Een belangrijke opdracht voor de

hun collega’s voor gek verklaard.

komende jaren is: hoe maken we

Ze waren bang dat die akkerranden

zichtbaar waar boeren en tuinders

nieuwe insecten zouden aantrek-

mee bezig zijn? Gelukkig is er vanuit

ken die plagen veroorzaakten. Het

stad al vernieuwde interesse in plat-

tegenovergestelde bleek waar, de

teland, steeds meer wereldsteden

insecten bleken een positief effect

hebben boerenmarkten. En burger-

te hebben op de gangbare akker-

organisaties als Slow Food en Youth

bouw. Als je nu door Zeeland rijdt zie

Food Movement werken wereldwijd

je overal kleurrijke akkerranden die

meer en meer met boeren samen.”

‘Een belangrijk opgave is: hoe maken we zichtbaar waar boeren en tuinders mee bezig zijn?’

niet alleen mooi zijn voor burgers en recreanten, maar ook bijdragen aan

Heeft de vergroening van het GLB

behoud en verbetering biodiversiteit.

invloed op agrarisch natuurbeheer?

Dat vind ik vooruitgang.”

“Jazeker. De vergroening is enorm

Een ander belangrijk resultaat is dat

belangrijk. Positief in de nieuwe

de grote natuurorganisaties twee

regelgeving is dat er nieuwe contro-

Wat verwacht u van het nieuwe

decennia terug tégen de landbouw

lemechanismes ontwikkeld zijn. Boe-

stelsel voor agrarisch natuurbe-

waren. Er was toen een complete

ren gaan nu zelf meer controleren,

heer?

scheiding tussen landbouw en na-

waardoor budget dat eerst ging naar

“Ik zie dat er veel enthousiasme is om

tuurontwikkeling. Nu is er een veel

externe controle, nu wordt ingezet

tot nieuwe organisatiestructuren

genuanceerdere benadering en trek-

voor agrarisch natuurbeheer. Boeren

te komen, maar zou echt een jaar af

ken de natuurorganisaties en boeren

hebben meer verantwoordelijkheid

willen wachten om te zien hoe het

meer gezamenlijk op. Toen was

gekregen en dat werkt natuurlijk

nieuwe stelsel uitkleurt. Ik vraag me

echt het idee: laat die boeren maar

altijd motiverend.

af of de schaalvergroting naar col-

intensiveren dan creëren wij aparte

De taal is veranderd en er is een

lectieven niet leidt tot een te grote

gebieden voor natuurontwikkeling.”

nieuw begrippenapparaat; dat is

afstand. Voelt de boer zich straks

nodig om tot andere wetgeving te

nog wel mede-eigenaar? Het posi-

Is er voldoende kennis over agra-

komen. Ook is er ander type van

tieve van de schaalvergroting is dat

risch natuurbeheer?

betrokkenheid van de civil society

het potentie biedt om bijvoorbeeld

“Tijdens mijn Tweede Kamerlidmaat-

in Brussel. Burgers kunnen meer

een deal te sluiten met een water-

schap tien jaar geleden viel me de

invloed uitoefenen en ook bijvoor-

schap. In de wereld van het agrarisch

enorme onkunde in de Vaste Ka-

beeld IFOAM, de Europese koepel

waterbeheer ligt volgens mij een

mercommissie op ten aanzien van

van biologische landbouw, heeft nu

grote opdracht voor de ANV’s.”

landbouw en agrarisch natuurbe-

echt een serieuze plek aan tafel. Dat

heer – en die liep van links tot rechts.

is de winst van de afgelopen vijf jaar.

Inmiddels is er gelukkig een ander

Het zijn kleine stapjes. Zeker in het

type debat waarin verschillende

licht van de huidige bredere discussie

visies vanuit de samenleving op

binnen de EU. De vraag leeft: houden

verduurzaming van de landbouw zijn

we de EU in de benen? Terecht waar-

geïntegreerd. Maar agri en food zijn

schuwt de LTO voor de tendens van

politiek ondergewaardeerd, ook in-

dreigende renationalisering.”

Ellen Oomen

ternationaal. Denk aan de miljoenen

43


Achtergrond

Hoe het model van ‘Veelzijdig Boerenland’ navolging kreeg

Veelzijdig Boerenland, toen nog ‘In Natura’, zette eind jaren negentig de trend in belangenvertegenwoordiging voor agrarisch natuurbeheer. Niet veel later klonk ook in Noord-Nederland de roep om als agrariërs meer samen op te trekken. Vanuit het noorden reisden Nerus Sytema en consorten af naar het westen en brachten het organisatiemodel van In Natura mee naar huis.

‘Over de Afsluitdijk mee naar Noord-Nederland’ via de Afsluitdijk mee naar NoordNederland genomen. Voor ons was belangrijk dat we er de status van rechtspersoonlijkheid mee kregen: je spreekt af dat de federatie, de vereniging, een bepaald mandaat heeft, zodat je ook krachtig kunt opereren.” En zo was het vrij snel in kannen en kruiken, zeker ook met dank aan een paar enthousiaste voortrekkers. Sytema, die sindsdien bestuurssecretaris van BoerenNatuur was. “Ik herinner me nog dat Arie van den Brand een heel inspirerend verhaal hield bij onze oprichtingsvergadering. Het In de jaren negentig was Nerus Syte-

in het westen, waar In Natura werd

is allemaal begonnen met mensen

ma beleidssecretaris bij de NLTO. Het

opgericht”, vertelt Sytema. “We

zoals hij en Teunis Jacob Slob, beiden

was de tijd dat in Noord-Nederland,

dachten: dat is een organisatievorm

van In Natura. Ook bij de ANV’s in

net als in het westen, het agrarisch

die ons misschien ook prima past,

Noord-Nederland zaten inspirerende

natuurbeheer van de grond kwam. Er

dus we zijn toen op bezoek gegaan

mensen die de aanzet hebben gege-

werden ANV’s opgericht, een stuk of

- op 14 september 2000, ik weet het

ven voor meer samenwerking. Zulke

twintig in totaal - hij kwam er regel-

nog. Dat eerste gesprek werd met-

mensen heb je nodig voor de uitstra-

matig over de vloer.

een de aanleiding voor de oprichting

ling van de vereniging. Uiteindelijk

van BoerenNatuur. Frank Kuipers

zijn boeren toch de beste ambassa-

en Albert Corporaal van Veelzijdig

deurs om andere boeren enthousiast

Organisatiemodel gaat mee naar huis

Boerenland legden ons uit hoe hun

te maken voor natuurbeheer. Zeker

“Hier in het noorden volgden wij met

organisatie in elkaar zat. Dat model

als het mensen zijn waar ze respect

belangstelling de ontwikkelingen

hebben we toen vanuit Den Oever zo

voor hebben.”

44


‘H et begint met de boeren die het werk doen, maar als je wilt professionaliseren heb je een organisatie nodig’ West en Noord trekken samen op Uiteindelijk ontstonden er koepels door heel Nederland, vijf in totaal. “Maar West en Noord gingen voorop in de strijd”, vertelt Sytema “Dat heeft te maken met de ontwikkeling van ANV’s. Rond de eeuwwisseling waren er in Noord en West veel meer ANV’s dan elders in Nederland. De koepels hebben zich daar dan ook het sterkst ontwikkeld. In de andere regio’s was gewoon veel minder agrarisch natuurbeheer, ook omdat

nooit echt goed uit de verf gekomen.

de koepels nauw samen met de

dat beheer in het begin heel erg was

LTO is misschien wel belangrijker ge-

Vogelbescherming en Landschaps-

ingestoken op weidevogels.”

weest in die gezamenlijke nationale

beheer Nederland. Dat had ook een

belangenbehartiging, als het gaat

zakelijk motief, want de Postcode-

Als ‘beste jongetjes van de klas’ -

om thema’s die alle boeren raken,

loterij wilde het alleen als landelijk

“Zo voelden we het wel!” - zochten

bijvoorbeeld het fosfaatbeleid.

project financieren. Maar uiteindelijk

Veelzijdig Boerenland en BoerenNa-

Het is dan verleidelijk om vanuit je

heeft dit project de basis gelegd voor

tuur elkaar vaak op. “Daardoor ga je

eigen deelgroep te lobbyen, vanuit

het nieuwe collectieve stelsel.”

vanzelf op elkaar lijken. We hebben

intensief en extensief bijvoorbeeld.

elkaar wel altijd gestimuleerd om

Maar dat is riskant, want je hebt de

Het laat zien waarom de koepels zo

zelfstandig te werken en ons eigen

kans dat de overheid je tegen elkaar

belangrijk zijn, stelt Sytema, want

geluid te laten horen, maar ik zie

uitspeelt.”

het agrarisch natuurbeheer was

tussen ons meer overeenkomsten

zonder die projecten als Nederland

dan verschillen. Dat geldt voor onze

Koepels doorslagggevend

ambities en hoe we boeren bena-

Op ecologisch gebied deden de

gekomen. “Koepels zijn bijna door-

deren en motiveren. Wel denk ik

koepels vooral hun eigen ding, maar

slaggevend. Het begint natuurlijk

dat Veelzijdig Boerenland altijd wat

af en toe waren er ook gezamen-

altijd met de mensen aan de basis,

onafhankelijker van LTO is geweest

lijke projecten. Niet zonder succes.

de boeren die het werk doen. Veel

dan BoerenNatuur. Wij zijn wat te-

“Een goed voorbeeld is het project

individuele boeren zijn echte am-

rughoudender geweest met het uit-

Nederland Weidevogelrijk om tot een

bassadeurs, maar als je wilt profes-

dragen van een eigen mening. Maar

gerichte aanpak van het weidevogel-

sionaliseren heb je een organisatie

verder vermoed ik dat de verschillen

beheer te komen. Hiervoor werkten

nodig. De koepels hebben daaraan

Weidevogelrijk misschien niet verder

lokaal groter zijn dan bovenlokaal.

echt een stoot gegeven. Onze koe-

Boeren in Noord-Nederland verschil-

pel heeft bijvoorbeeld pas nog een

len niet zoveel van die in West-Ne-

rapport over collectief weidevogel-

derland.”

beheer uitgebracht. De resultaten

Lobbyen

zijn goed, en dat laat je dan ook zien. Het is essentieel voor profes-

Het is ook belangrijk niet al teveel je

sionalisering én maatschappelijke

eigen weg te gaan, meent Sytema,

acceptatie – en zoiets lukt alleen als

want dat gaat ten koste van het

koepel.”

gezamenlijke belang. De koepels trokken daarom ook nationaal op,

lotty Nijhuis

via Natuurlijk Platteland Nederland. Maar, biecht hij op: “Eigenlijk is dat

‘West en Noord gingen voorop in de strijd’ 45


Doorzetters

Extra creatief zijn Grootschalige akkerbouw, bollenteelt, een zeer waterrijk slagenland-

teus Spelt ANV Noorderpark

schap: niet in elk gebied in West- en Midden-Nederland kan weidevogelbeheer de pijler onder het agrarisch natuurbeheer zijn. ANV’s in de Hoeksche Waard, West-Utrecht en Hillegom moesten altijd extra creatief en vasthoudend zijn. Hoe kijken deze ‘doorzetters’ naar de toekomst?

Jan Hoogeveen ANLV Geestgrond

erfbeplanting aanleggen, gemeenten plantten beukhagen en ligusters langs doorgaande wegen. Zo kreeg je mooie wegkruiphoekjes voor de patrijs.”

‘Gewoon doen’ “Wij spreken over bollenvogels”, stelt Jan Hoogeveen, voorzitter van de Agrarische Natuur- en Landschapsvereniging (ANLV) Geestgrond. “Er zitten hier veel bollenboeren. We hebben niet zoveel met weidevogels, en we zijn geen akkerbouwers. Dus begon onze ANLV een bollenvogelproject voor vogels als de veldleeuwerik, gele kwik en patrijs. De patrijs gaat landelijk achteruit, maar hier zien we in het najaar acht tot tien koppels. Hij staat niet voor niets in ons logo.” Eerder organiseerde de vereniging voor de bollenvogels herstelprojecten voor de bijna geheel verdwenen heggen en hagen. “Bij boeren en tuinders konden we

De ANLV legde ook boerenwandelpaden aan, al mogen die officieel geen ‘wandelpad’ heten. De bollentelers laten wandelaars wandelen over het kopeind van de bollenpercelen. “Maar één dag per jaar mag het niet. Daarmee hou je een éénjarig contract.” En is het wandelpad officieel geen wandelpad. “Zulke projecten zijn goed voor ons imago”, vindt Hoogeveen. “Geld is niet zo belangrijk. Als je het gewaardeerd krijgt, komt de betaling ook wel. Mensen waarderen het dat ze over het terrein kunnen wandelen. Daarom moet je zoiets gewoon doen. Want het is veel makkelijker om kleine stapjes te nemen.” Hoogeveen was in 1995 oprichter en voorzitter van de ANLV Santfoorde bij Wassenaar en Voortschoten, verhuisde in 1997 naar Hillegom om daar oprichter en voorzitter te worden van ANLV Geestgrond. “We hadden overlegstructuren nodig.” Nu, bijna twintig jaar later, is hij bestuurslid van het nieuwe Groene Klaver Collectief, de samenwerking van de verenigingen Geestgrond, Wijk en Woude, Ade en Santvoorde. In het nieuwe collectief komt er een derde herstelplan voor de heggen en hagen. Hoogeveen denkt ook de bollenvogels en de wandelpaden als kleine projecten in te brengen, naast het reguliere agrarische natuurbeheer. “De collectieven krijgen in het nieuwe systeem wel meer te organiseren, het wordt lastiger. Financiële middelen blijven beperkt. Daardoor staat er wel meer druk op.”

46

‘W e doen projecten voor vleermuizen, zwaluwen, steenuilen en onderhoud van landschapselementen’ “In West-Utrecht gaat het vooral om weidevogelbeheer. In het Noorderpark gaat het voornamelijk om waterdoelen, landschaps- en botanisch beheer”, vertelt voorzitter Teus Spelt van de Agrarische Natuurvereniging (ANV) Noorderpark, die een kleinschalige pensionstalling runt voor paarden en pony’s in Groenekan. Het gebied van de vereniging ligt ten noorden van de stad Utrecht. Het is een slagenlandschap op een westelijke uitloper van de Utrechtse Heuvelrug. “We hebben de afgelopen jaren niet mee kunnen doen aan weidevogelbeheer via de SNL-regeling, maar hebben projecten uitgevoerd om het biotoop van vleermuizen te verbeteren, een zwaluwenwand aangelegd, steenuilkasten opgehangen op boerenerven en landschapselementen onderhouden.” Daarom koos de ANV Noorderpark in 2014 voor een collectieve samenwerking in het oosten, met ANV Kromme Rijnstreek, ANV Vallei en Horstee,


Janneke Zevenbergen Stichting Rietgors

ANV Binnenveld, LTO Noord Utrecht en Utrechts Particulier Grondbezit in het Collectief Agrarisch Natuurbeheer Utrecht Oost. Dat ging niet zonder problemen. “Afgelopen maanden heeft het Collectief Utrecht Oost beheerovereenkomsten afgesloten en ingevoerd in het nieuwe computerprogramma SCAN Office. We liepen daarbij tegen de nodige systeemfouten aan. Dat heeft veel tijd gekost, en dat was vervelend. Maar ik ga ervan uit dat we het meeste werk nu gehad hebben. Nu moeten we met de boeren aan de slag.” Spelt denkt dat het nieuwe collectief wel wat kan betekenen voor de deelnemende boeren. “We hanteren het voordeur-achterdeur-systeem. Via de voordeur sluiten wij één contract met de provincie voor zes jaar. Via de achterdeur sluiten we contracten met de boeren, en daarin kunnen we flexibel zijn. Voor de boeren zijn wij nu het contact, dat is veel dichterbij. Een aantal boeren is huiverig om in allerlei regelgeving te vervallen, maar dat doen wij nu voor hen.” De ANV Noorderpark bestaat op 21 september 2016 tien jaar. Daarmee zijn ze een van de jongste verenigingen in de provincie Utrecht. Spelt denkt dan ook te kunnen leren van de andere verenigingen in het collectief. “De verbreding in de landbouw en streekproducten, dat staat hier nog in de kinderschoenen.”

bezig met weidevogelbeheer, want een klein gedeelte van de Hoeksche Waard, die overwegend uit akker-

‘Brede samenstelling is belangrijk’

bouw bestaat, is aangewezen als kerngebied voor weidevogels. “De provincie Zuid-Holland heeft als prioriteit weidevogelbeheer, maar voor ons was het akkerrandenbeheer

De agrarische natuurvereniging Stich-

te belangrijk om door onze vingers te

ting Rietgors in de Hoeksche Waard is

laten glippen”, vertelt Zevenbergen.

een wat vreemde eend in de bijt tussen

“We gaan het akkerrandenbeheer

andere ANV’s.

voortzetten, maar wel met een

“Rietgors is een heel brede stichting”,

financiering die behoorlijk afwijkt van

vertelt Janneke Zevenbergen, voorzit-

de landelijke regeling. De helft wordt

ter van zowel Rietgors als de nieuwe

gefinancierd met Europees geld, van

Coöperatie Collectief Hoeksche Waard

de andere helft betalen de provincie

(CCHW). “In de stichting zitten LTO

Zuid-Holland, het waterschap Hol-

Noord-afdeling de Hoeksche Waard,

landse Delta en de regio ieder een

Hoekschewaards Landschap, de Wild

derde deel. Ook de gemeenten in de

Beheer Eenheid Hoeksche Waard,

Hoeksche Waard nemen een deel van

Nederlandse Bond van Plattelands-

de regionale financiering voor hun re-

vrouwen ‘Vrouwen van nu’ en het

kening, en we benaderen bedrijven en

samenwerkingsverband van de vijf

organisaties in de Hoeksche Waard.

gemeenten in de Hoeksche Waard.”

We vinden het belangrijk voeling te hebben onder andere de gemeenten,

Stiching Rietgors deed goede ervarin-

vanwege de ondersteuning die zij ons

gen op met deze brede samenstelling,

bieden.”

dus de nieuwe coöperatie werd op dezelfde leest geschoeid. martin woestenburg

Het meest succesvolle project van Rietgors was het akkerrandenbeheer, zegt Zevenbergen. “In 2005 hebben we de eerste akkerranden aangelegd. We begonnen met een pilot van maximaal tweehonderd kilometer akkerranden, en dat is uitgegroeid naar vijfhonderd kilometer.” CCHW houdt zich nu ook 47


Interview

De toekomst van het agrarisch natuurbeheer

…volgens Huub K eulen

Directeur Rabo Groenbank

Agrarisch natuurbeheer heeft een goede marketing nodig probleem te zijn. Waar ik met het

aan het agrarisch natuurbeheer.

nieuwe stelsel wat benauwd voor

Terwijl het de boeren zijn die het

ben, is dat sommige gebieden er niet

in de praktijk grotendeels moeten

in zitten. Agrarisch natuurbeheer

vormgeven.”

zou denk ik heel Nederland moeten beslaan. We moeten ervoor waken dat het stelsel niet verder versobert. En ik zou er ook voor willen pleiten om boeren meer ruimte te geven. Altijd hebben boeren en tuinders een belangrijke rol gehad in het behoud en de ontwikkeling van natuur. Dat is ook een natuurlijke, vanzelfspreken-

Wat vindt u van de veranderingen? “In het algemeen denk ik dat het goed is dat een subsidieregeling van tijd tot tijd herzien wordt, zoals nu met het agrarisch natuurbeheer is gebeurd. Dat hoeft op zich geen 48

de rol geweest. Daarin speelden de agrarische natuurverenigingen, en dus ook Veelzijdig Boerenland, een belangrijke rol. En is er veel knowhow ontstaan. Nu worden er van bovenaf steeds meer eisen gesteld

Wat zou u graag zien? “Ik ben er wel een voorstander van dat de markt meer voor agrarisch natuurbeheer gaat betalen. We moeten naar mijn mening meer mogelijkheden zoeken voor continuïteit in de financiering, zonder dat boeren direct weer afhankelijk zijn van subsidie. Je kunt boeren die extra stappen zetten best financieel stimuleren, maar ik denk dat een subsidiegedreven systeem op lange termijn minder houdbaar is. Er bestaan al allerlei voorbeelden in de regio waarbij alle


komt nog een intro + foto’s ?

partijen voordeel hebben. Dat kan op nog veel meer plekken toegepast worden. Ik ben daarbij ook voorstander van een publiek-private-samenwerking, dus een samenwerking tussen overheden, burgers en bedrijven. Je woont samen in een regio, je moet

‘A grarisch natuurbeheer zou denk ik heel Nederland moeten beslaan’

dan ook samen verantwoordelijkheid nemen voor het agrarisch natuurbeheer. Én het samen financieren. Ik denk dat het dan ook dichter bij de burger komt te staan. We zouden bij-

en het is afwachten hoe het agra-

jaar opnieuw, laten zien wat je doet

voorbeeld meer richting het Engelse

risch natuurbeheer via collectieven

en dan ben ik er van overtuigd dat

systeem kunnen, waarbij de burger

straks uitwerkt. Ik denk dat het be-

de burger ook wil bijdragen. En de

via een jaarlijkse bijdrage aan een

langrijk is dat we kijken wat de markt

burgers dan ook op allerlei manieren

trust of via entreegeld meebetaalt

zou kunnen en willen. Daarvoor

betrekken bij het beheer in de regio.

aan het beheer. En heel belangrijk:

moet je het agrarisch natuurbeheer

Ik zou graag zien dat we met z’n allen

dat ook normaal vindt.”

eerst goed zichtbaar maken. Pas dan

zo’n systeem bouwen.”

krijg je ook alle handen op elkaar.

Wat hoopt u voor de toekomst? “Persoonlijk vind ik agrarisch natuurbeheer van groot belang, maar ik denk dat het in de markt onderschat wordt. Het nieuwe stelsel is nog pril,

Daar heb je een goede marketing voor nodig. Ik denk dat wij daarvoor met zijn allen aan de lat staan: de collectieven, agrariërs zelf, het bedrijfsleven. Je moet voortdurend, elk

49


…volgens Frank B erendse Hoogleraar natuurbeheer en plantecologie aan Wageningen Universiteit

Een eerste stap naar Regionale Natuurnetwerken Wat vindt u van de veranderingen? “Het nieuwe systeem is een eerste, belangrijke stap gezet naar het werken in grotere eenheden, met meer samenhang tussen natuurgebieden en het agrarische landschap. Zo kan beheer daar plaatsvinden waar dat het meest effectief is. In de jaren negentig, de tijd dat ik als onderzoeker naar Wageningen kwam, deed een substantieel deel van de boeren al wel aan agrarisch

natuurbeheer. Ondanks dat ging de

een publicatie in Nature die voor veel

dramatische afname van weidevo-

commotie en emotie zorgde. De vol-

gels gestaag door. Het was aanlei-

gende vraag was: hoe moet het dan

ding tot een grootschalig onderzoek

wel? Uit vervolgonderzoek bleek een

in 2000, op honderd boerenbedrij-

aantal factoren cruciaal: voor wei-

ven. We vergeleken steeds twee

delandschappen was dat een hogere

bedrijven die qua omvang, bedrijfs-

grondwaterstand in combinatie met

voering, grondsoort en dergelijke

minder bemesting, voor akkerland

vergelijkbaar waren; één met en één

bleek het terugdringen van insec-

zonder beheerovereenkomst. De

ticiden doorslaggevend. Ook bleek

uitkomst was ontnuchterend: er was

het herstel van akker- en weidevo-

vrijwel geen verschil. Het leidde tot

gels veel beter te gaan als je kunt

…volgens J aco de G root

Jonge boer, medeondernemer op biologische melkveehouderij BoerBert in Woerden

Je moet mensen boerennatuur laten ervaren waar het het meeste effect heeft.

praktische hobbels te nemen. Het

Maar voor ons betekent de nieuwe

intekenen gaat niet altijd goed: je

beheerperiode minder weidevogel-

moet er als boer kort op zitten.”

beheer. Wij hebben zes jaar plas-dras en kruidenrijk grasland gehad, maar in de komende beheerperiode zijn de kerngebieden voor weidevogelbeheer verschoven, waardoor enkele percelen komen te vervallen. De collectieven hebben voor- en nadelen: ik vind het goed dat er één aanspreekpunt is, maar het is ook wel erg bureaucratisch geworden. Als je een leuk idee hebt dan valt het

Wat vind je van de veranderingen? “Op zich is het natuurlijk een goede zaak dat beheer daar wordt gedaan 50

niet mee om dat in de plannen mee te nemen, dat moet nu over tien schijven. Ook zijn er nog wel wat

Wat zou je graag zien? “Een positieve ontwikkeling vind ik dat de waterschappen zijn aangehaakt bij de collectieven. Bij ons in het Groene Hart speelt water een grote rol, dus dat biedt nieuwe kansen. 80% van ons land is geen aandachtsgebied voor weidevogels meer, het is mooi dat daar nu ook wat mogelijk is vanuit waterkwaliteit. Ik zie daar meer mogelijkheden: natuurlijk slootschonen, onderwaterdrainage en waterpeilbeheer


werken met grotere eenheden. Het heeft lang geduurd voor dit tot het ministerie doordrong. In 2011 vroeg

‘Ook zie ik voor me dat bedrijfsleven en burgers financieel zullen bijdragen aan deze netwerken’

het kabinet de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur (Rli) om advies over het nieuwe natuurbeleid. In het advies ‘Onbeperkt Houdbaar’ (2013) pleitten we voor beheer in gro-

natuurlijk meer kans van slagen als

tere eenheden, zogenoemde Regio-

bijvoorbeeld het voor weidevogels

nale Natuurnetwerken. Ook gaven

beheerde perceel tegen een weide-

we aan dat het echt anders moest

vogelreservaat van Staatsbosbeheer

met het agrarisch natuurbeheer. Dat

aanligt.”

heeft geleid tot een brief van Sharon Dijksma aan de Kamer met het idee van de collectieven, waarbij boeren gezamenlijk, bij wijze van offerte, een plan indienen bij de provincie. En nu is het dan zo ver dat dit nieuwe systeem in werking zal treden. Ik ben daar erg optimistisch over.”

Wat zou u graag zien? “Het zou mooi zijn als de terreinbeherende organisaties in de toekomst ook een rol zouden gaan spelen in het agrarisch natuurbeheer, als samenwerkingspartner van de boeren. Een beheerovereenkomst heeft

bijvoorbeeld kunnen veel bijdragen aan de natuur. Als het gaat om weidevogels ben ik bang dat er te hoge verwachtingen worden gewekt. Nuchter bekeken moeten we met minder geld voor meer resultaat

Wat hoopt u voor de toekomst? “Uiteindelijk zie ik Regionale Natuurnetwerken voor me, met een democratisch gekozen bestuur waarin niet alleen overheid, boeren en natuurbeschermingsorganisaties, maar ook burgers en bedrijven een stem hebben. Vergelijkbaar met de Waterschappen. Ook zie ik voor me dat bedrijfsleven en burgers financieel zullen bijdragen aan deze netwerken. De overheid heeft immers steeds minder middelen. En met natuur in je eigen regio heb je als burgers meer affiniteit. Dat betekent

natuurlijk ook dat die burgers invloed zullen krijgen op het beheer en dat je wellicht regionale verschillen krijgt in het soort natuur dat zal ontstaan. Ik vind dat niet erg, vroeger ging het er in een Drents esdorp ook anders aan toe dan in Brabant, dat heeft geleid tot verschillen die we nu heel karakteristiek vinden.”

‘I k zou het mooi vinden als het begrip natuur wat breder wordt opgevat’

gaan zorgen. Als de weidevogelstand over een paar jaar met 5% is gedaald, met 10% minder budget, dan vind ik dat we als boeren trots kunnen zijn. Maar leg dat maar eens uit! Als je als overheid en maatschappij weidevogels belangrijk vindt, moet daar ook een reële compensatie tegenover blijven staan, vind ik. Ik ben daar wat feller in dan bijvoorbeeld mijn vader, ik denk eerder: heeft het nut? Levert het wat op voor het bedrijf? Ik zie dat wel meer bij de jongere generatie: die kijkt wat commerciëler. Maar ook wel weer wat breder dan vroeger.”

Wat hoop je voor de toekomst? “Ik zou het mooi vinden als natuur wat breder wordt opgevat. Wij hebben regelmatig open dagen op het bedrijf en ik laat de mensen graag zien wat we doen. Ik geloof heel erg dat je mensen de boerennatuur moet laten ervaren. Langs een mooie akkerrand kun je een wandelpad aanleggen, maar vogels moet je juist met rust laten. Dat wil niet zeggen dat ze niet belangrijk zijn, maar in het verleden ging het weleens te veel alleen maar over weidevogels.

Natuur gaat voor mij bijvoorbeeld ook om aandacht voor erfinrichting, of het zichtbaar maken van oude structuren in het landschap. Zoals een oude melkhoek, met sloten en bosjes voor de beschutting eromheen. Een boer schuift dat economisch gezien het liefst vlak, maar het is mooi om dat te behouden en daar het verhaal bij te vertellen.”

51


Praktijkvoorbeeld

Bureau Veelzijdig Boerenland

Waar ben je trots op? Laura Slijper | office manager “Ik ben op een andere manier naar het boerenland gaan kijken. Ik kom niet uit de agrarische wereld, in het begin hoorde ik termen

Dave Dirks

waar ik nog nooit van had gehoord. Neem een pestbosje, ik had geen idee wat dat was. Nu rijd ik langs een weiland en denk ik: daar heb je er weer een!”

Dave Dirks | adviseur Zuid-Holland/projecten “600 akkerbouwers hebben meegedaan aan de demo Bloeiend Bedrijf. Ik zag bij hen een stukje vertrouwen ontstaan dat zij door de natuurlijke plaagbestrijding vanuit bloemrijke akkerranden minder bestrijdingsmiddelen hoefden te gebruiken. Bij ongeveer 75% van de agrariërs is het uiteindelijk gelukt, daar ben ik wel trots op.”

Wouter Hakkeling | adviseur Noord-Holland en Utrecht/projecten “Het mooiste vond ik de samenwerking tussen collectieven in NoordHolland. Daar staan de neuzen echt dezelfde kant op en ontstaan veel innovatieve ideeën. Tegenwoordig wordt steeds meer van boeren verwacht, ik zie het nu als uitdaging om agrarisch natuurbeheer te blijven combineren met inkomsten. Zolang boeren eerlijk gecompenseerd worden, blijft agrarisch natuurbeheer mogelijk.”

Astrid Manhoudt | beleidsmedewerker “Mijn mooiste herinnering? Met ANV’s het veld in, waarbij de grutto’s om je hoofd vliegen, alarmerend omdat ze pullen hebben. Daar doen we het tenslotte voor. Het is nu de uitdaging voor collectieven om door te zetten, ook als het natuurbeheer er eerst nog niet op vooruit gaat. Maar het geeft vertrouwen als je ziet hoever ze al zijn gekomen.”

Freek van Leeuwen | beleidsmedewerker “Een paar jaar geleden bracht het PBL een vernietigend rapport uit over agrarisch natuurbeheer. Als belangenbehartiger lagen we toen wel op ons gat. Het moest fundamenteel anders, maar niemand had een idee hoe. Nu is er een nieuw stelsel, in grote lijnen zoals wij het voor ogen hadden. We hebben ons respect terugverdiend. Daar ben ik wel trots op.”

Hans Hoek | directeur “Het agrarisch natuurbeheer is nadrukkelijk geprofessionaliseerd: er is meer maatschappelijk draagvlak en we zijn voor overheden een vanzelfsprekende partner. Daar ben ik trots op. Het is nu aan de collectieven. Ze moeten doen waar boeren sterk in zijn: collectiviteit. Als ze krachten bundelen zal dat hun individuele positie én het agrarisch natuurbeheer versterken.”

52

Laura Slijper


Freek van Leeuwen Hans Hoek

Astrid Manhoudt

Wouter Hakkeling

53


De Lieuw

De Rotgangs

Frisse Wind

West Friesland BES

Tussen Y en Dijken Waterland

HaarlemSpaarnwoude

Haarlemmermeer De Amstel

Geestgrond

Van Ade Stag

Santvoorde

Wijk en Wouden

Vechtvallei

De Utrechtse De Hollandse Venen Venen

Ark en Eemlandschap Vallei en Boerderij

Noorderpark

De Wetering

Leusder Horstee

De Parmey

Weide en Waterpracht Lange Ruige Weide Lopikerwaard De Bonnen

Vockestaert

Kromme Rijnstreek

Weidehof Krimpenerwaard Den HĂĄneker Stichting SNL Benschop

Voorne Putten

De Rietgors

Boer & Groen

Werkgebieden ANV’s in West- en Midden-Nederland


In dit magazine:

De collectieven moeten gaan doen waar boeren sterk in zijn: collectiviteit. Een belangrijke opdracht is: hoe maken we zichtbaar waar boeren en tuinders mee bezig zijn? Meer koeien, dalende melkprijs. Willen we dit? Wat is het effect op de biodiversiteit? Hoe leiden we de ontwikkelingen in goede banen? In de wereld van het agrarisch

waterbeheer ligt een grote opdracht voor de ANV’s. Het zou mooi zijn als de terreinbeherende organisaties ook een rol gaan spelen in het agrarisch natuurbeheer, als samenwerkingspartner van de

We moeten ervoor waken dat het stelsel niet verder versobert. Ik zou er voor willen

boeren.

pleiten boeren meer ruimte te geven. De

vraag leeft: houden we

de EU in de benen? Stop toch geen onnodige energie in

discussies over de tegenstelling tussen landbouw en natuur.

Er zijn veel meer mogelijkheden dan weidevogelbeheer alleen: waterbeheer, fruit op je erf, een bijenlandschap. Ik zie regionale Natuurnetwerken voor me met een democratisch gekozen bestuur van overheid, boeren en

Een fundamentele vraag is: gaan we naar een systeem van full cost accounting voor de consument? We kijken vol spanning en natuurbeschermingsorganisaties, burgers en bedrijven.

verwachting naar het nieuwste stelsel in Nederland.

Veelzijdig Boeren  

Eenmalig uitgave, uitgedeeld tijdens de slotbijeenkomst van Veelzijdig Boerenland. Het magazine geeft een terugblik op 20 jaar agrarisch nat...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you