Issuu on Google+

Op weg naar een Klimaatneutraal Wageningen Verkorte versie van de ‘Routekaart Wageningen Klimaatneutraal in 2030’


Klimaatneutraal in 2030, daar wil de gemeente Wageningen voor gaan! Daarom hebben de gemeenteraad en het college van Burgemeester en Wethouders in het voorjaar van 2012 de ‘Routekaart Wageningen Klimaatneutraal in 2030’ vastgesteld. In deze routekaart hebben we als gemeente vastgelegd waar we nu staan qua CO2-uitstoot, welke stappen we al hebben ondernomen, én welke we nog gaan nemen om ons ambitieuze doel te bereiken. Met deze brochure willen we de routekaart, een vrij omvangrijk rapport, breder toegankelijk maken voor een geïnteresseerd publiek binnen én buiten Wageningen. Hierin staan de belangrijkste punten van de routekaart en de belangrijkste stappen die we gaan nemen overzichtelijk op een rij. Maar deze samenvatting is niet het enige. Omdat enthousiaste verhalen van mensen meer zeggen dan alleen cijfers en woorden op papier, laten we daarnaast de wethouder en een aantal ambitieuze inwoners van Wageningen aan het woord. In deze brochure vertellen zij graag welke stappen zij nemen op weg naar klimaatneutraal in 2030.

Inhoud

Inleiding Wat is klimaatneutraal en hoe kun je dat als stad zijn? Energie: gas en elektriciteit Mobiliteit We doen het samen Verklaringen van lokale partners Hoe bereiken we dat (en hoe kunnen we dat bewijzen)? Tussen- en einddoelen

< Energieneutrale woning, Veerweg 141, Wageningen (Origins Architecten)

1 3 6 9 11 12 15 18


Inleiding

Routekaart

Wat willen we bereiken?

De grote ambitie

Wageningen wil in 2030 klimaatneutraal zijn. Dat is best ambitieus, maar de problemen van klimaatverandering vragen om een stevige ambitie. Als we niets doen, stijgt wereldwijd de temperatuur met 6 graden of meer, met grote zeespiegelstijgingen tot gevolg, en de kans dat het klimaat ‘op hol slaat’. Grote inspanning is nodig om de temperatuurstijging onder de 2 graden te houden, een grens die onderzoekers beschouwen als min of meer veilig. Hoe langer we wachten, hoe moeilijker en duurder het wordt. Alle CO2-uitstoot die we nu voorkómen, hoeven we later niet meer ongedaan te maken.

De ambitie klimaatneutraal in 2030 vullen we als volgt in: • Op het gebied van gas en elektriciteit gaan we de helft aan energie besparen. De overblijvende helft van de energie wordt duurzaam opgewekt, dus door wind, water, biomassa en zon. Zoveel mogelijk in Wageningen zelf, de rest als groen gas en groene stroom van buiten. Zie pagina 6. • Qua mobiliteit streven we naar 60% minder fossiele brandstoffen in 2030. Op die korte termijn geheel naar nul lijkt niet haalbaar, dus verleggen we het einddoel van 100% klimaatneutraal noodzakelijkerwijs naar 2050. Zie pagina 9. • Het indirecte energiegebruik blijkt onmogelijk lokaal te meten. We hebben besloten indirect energiegebruik bij de ambitie klimaatneutraal in 2030 buiten beschouwing te laten. Wel proberen we het indirect energiegebruik omlaag te brengen via campagnes en een voorbeeldrol van de gemeente. Zie pagina 3.

Wageningse plannen Nadat we in 2008 kozen voor ‘klimaatneutraal in 2030’, maakten we als gemeente Wageningen een klimaat­ beleidsplan voor 2009-2012. Daarin werkten we meteen al aan CO2-reductie, maar ook aan een plan voor de langere termijn. Daarvoor zijn drie studies gedaan: naar gas- & energiegebruik, naar mobiliteit en naar indirect energiegebruik (via producten). Vervolgens hebben we een participatief proces opge­ start. Met inbreng van raadsleden en andere betrokken Wageningse burgers en ondernemers zijn al die cijfers en scenario’s uit de studies verwerkt tot de Routekaart Wageningen Klimaatneutraal. Die is in het voorjaar van 2012 goedgekeurd door gemeenteraad en B&W. Opvallende uitkomst van de participatie was overigens dat er in Wageningen heel veel ideeën leven en dat er een groot draagvlak bestaat voor de ambitie: klimaat­ neutraal in 2030!

Wat is de beginsituatie? Om te weten of plannen en maatregelen effect hebben, moeten we regelmatig meten en monitoren. Daarom is om te beginnen de uitgangssituatie gemeten, de zoge­ naamde nulmeting. Daaruit blijkt het volgende: • Aan gas en elektriciteit stoot Wageningen jaarlijks 174 kiloton CO2 uit. • Aan brandstoffen voor voertuigen stoten we samen jaar­ lijks 73 kiloton CO2 uit. • Door indirect energiegebruik (het kopen van voedsel, andere producten en diensten) veroorzaken we nog eens 254 kiloton CO2 uitstoot.

Wereld – EU – Nederland – Wageningen Gelukkig wordt op allerlei niveaus over klimaat gesproken, van wereldwijd tot lokaal. Helaas heeft dat nog niet altijd concrete acties tot gevolg. • Mondiale afspraken zijn er nog niet echt gemaakt, maar in de VN-klimaatconferentie van 2010 is wel de 2-gradengrens als doelstelling omarmd. • De Europese Raad streeft naar 80-95% lagere uitstoot van broeikasgassen in 2050, vergeleken met 1990. • In Nederland kiest het kabinet Rutte II voor 16% duurzame energie in 2020. Daarnaast streeft Nederland in internationaal verband naar een volledig duurzame energievoorziening in 2050. • Als gemeente Wageningen streven we naar klimaatneutraal: voor gas en elektriciteit in 2030, en voor mobiliteit in 2050.

Opvallend is dus dat de uitstoot door indirect gebruik (254 kiloton) in dezelfde orde van grootte ligt als die door direct energiegebruik (samen 247 kiloton). 1


“We hebben al een goed begin ge­­maakt voor klimaatneutraal in 2030” Lex Hoefsloot - wethouder gemeente Wageningen

“Wageningen heeft de handschoen opgenomen en besloten om ook zelf iets te doen aan het klimaatprobleem vanuit het principe ‘verbeter de wereld, begin bij jezelf ’. Al tijdens de vorige collegeperiode is gekozen voor het streven ‘Wageningen klimaatneutraal in 2030’, en de gemeen­ teraad stemde daar unaniem mee in. Dat is een grote opgave. We geven graag zelf het goede voorbeeld, bijvoorbeeld met de plannen voor een nieuw stadhuis. En ook het project ‘Energieneutraal wonen’ is een stap in de goede richting. Als het gaat om energiebesparing bij huizen dan kiezen we er in Wageningen bewust voor om niet vele kleine stapjes te nemen, maar lie­ ver een paar grote. In ‘Energieneutraal wonen’ bijvoorbeeld, stimuleren we een klein aantal bewoners om hun huis zo energieneutraal mogelijk te maken. Wij denken dat we daar meer van leren en dat het voor andere bewoners inspirerend is. Bedrijven inspireren en stimuleren Naast concrete maatregelen, is ook het debat hierover belangrijk. We kunnen bijvoorbeeld bij bedrijven nauwelijks maatregelen afdwingen, maar wel stimuleren en inspireren. Daarom vinden we het ook geweldig dat de Woningstichting , die eerst niet zo ambitieus was, sinds kort vol gas geeft en zelfs plannen heeft om een ECO-corporatie te worden. Ook koopt Wageningen UR per 2011 groene stroom en is klimaat bij studenten­ huisvester Idealis een belangrijk punt geworden. En met het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW) hebben we natuurlijk een prachtig en bijna energieneutraal voorbeeldbedrijf binnen de gemeentegrenzen. Wind, zon en biomassa Groene energie heb je niet zomaar. Een particulier kan zijn zonnepanelen tegenwoordig al redelijk snel terugverdienen, maar dat ligt anders voor energie-intensieve bedrijven, met hun zwaar gesubsidieerde energieprijs. Misschien dat het kabinet Rutte II iets aan dit probleem gaat doen. Wat windenergie betreft vergadert de gemeenteraad in 2013 over een voorstel voor mogelijke locaties. Als we het daarover eens zijn, kunnen ontwik­ kelaars aan de slag om op die plekken windmolens te realiseren. Het Wageningse gft wordt al vergist tot groen gas. Auto’s van de gemeente en van het afvalbedrijf tanken dat nu bij het nieuwe tankstation op het industrieterrein.

2

Of het gaat lukken, klimaatneutraal in 2030? Qua elektriciteit en gas gaan we heel ver komen. In 4 jaar tijd is er al veel gebeurd, vooral in de mentaliteit. Bedrijven zien het belang van energiebesparing en groene energie steeds meer in, en we merken dat er heel veel particulieren actief mee bezig zijn. Het is ontzettend ambitieus, maar we hebben een goed begin gemaakt!”


Wat is klimaatneutraal en hoe kun je dat als stad zijn? Vanaf 2030 levert Wageningen geen bijdrage meer aan verdere klimaatverandering. Dat is het streven. Maar kunnen we dat eigenlijk wel zeggen van een stad, en wat rekenen we dan allemaal wel en niet mee?

Mensen of gemeentegrenzen Klimaatneutraal zijn kun je als gemeente op twee manieren benaderen: • Je ziet je gemeente als geografische eenheid en zorgt dat alle activiteiten binnen je gemeentegrenzen klimaat­ neutraal zijn. Dit noemen we ook wel de grondgebied­ benadering. Voordeel is dat het vrij makkelijk te meten is. Nadeel is dat er ook veel mensen en bedrijven van buiten Wageningen in de gemeente actief zijn, waar je weinig invloed op hebt. Ook blijven mobiliteit buiten de stad en indirect energiegebruik van Wageningse burgers grotendeels buiten beeld. Verder telt het niet mee als je groene energie buiten de stad realiseert. • Je ziet je gemeente als sociale eenheid en zorgt dat alle burgers, organisaties en bedrijven klimaatneutraal worden, ook bij hun activiteiten buiten de gemeente. Dit noemen we ook wel de actorenbenadering. Het is moeilijker te meten, maar je weet wel precies wie je moet aansporen om hun gedrag aan te passen. Als alle burgers, organisaties en bedrijven klimaatneutraal zijn, is je gemeente dat ook.

Als Wageningen kiezen we ervoor onszelf als sociale eenheid te zien, dus voor de actorenbenadering. Het streven is dus dat in 2030 alle Wageningers gemiddeld gezien klimaatneutraal opereren, en daarmee heel Wageningen.

Wat tellen we mee en wat niet? De ambitie richt zich op gebruik van gas, elektriciteit en brandstof voor vervoer, dus direct energiegebruik. Indirect energiegebruik (voor productie en transport van goederen en diensten) tellen we niet mee in onze streef­ cijfers. Dat is namelijk heel lastig te meten, en daarom is het moeilijk te zeggen of je je streven hebt gehaald of niet.

Direct of indirect Er is nog een reden om alleen te kiezen voor direct ener­ giegebruik. Direct energiegebruik van een producent, is indirect energiegebruik van de consument. Bijvoorbeeld: de energie die nodig is voor de productie van een kilo vlees kun je toerekenen aan degene die het opeet, maar je kunt het ook bij de boer meerekenen. De CO2-uitstoot voor het maken van een televisie kun je meetellen bij de koper, maar ook bij de fabriek. Allebei kan niet, dan reken je het dubbel.

3


Wageningen kiest ervoor om de energie mee te rekenen bij degene die iets produceert, dus direct energie­ gebruik. De boerderij of de fabriek is namelijk de plek waar je het meeste invloed kunt uitoefenen op -uitstoot. Nou hebben we in Wageningen niet zo heel veel boeren en fabrieken, maar de bedrijven die er zijn, hopen we ook klimaatneutraal te krijgen. En als gemeente kun­ nen we nou eenmaal niet zo heel veel doen aan wat een fabriek in Azië doet.

Indirect energiegebruik wél verminderen We zagen al dat de CO2-uitstoot door indirect energie­ gebruik substantieel is. Daarom wil de gemeente wél burgers stimuleren hun indirecte energiegebruik te verlagen, bijvoorbeeld door te kiezen voor duurzame voeding en producten. Bovendien gaan we als gemeente ook zélf duurzaam inkopen. In eerste instantie richten we ons op voeding (met name vlees) en bouwmateria­ len, later ook op wonen en (vlieg)reizen. • Voeding Op voedingsgebied is er in Wageningen natuurlijk heel veel kennis en ervaring aanwezig. We zetten in op duur­ zame en gezonde voeding, en vooral op forse reductie van het eten van vlees. Dit doen we door de vele bestaan­ de initiatieven te ondersteunen en samenwerkingen aan te gaan, onder andere door samenwerking met andere gemeenten en de Stichting Natuur en Milieu in de flexi­ tariërcampagne. • Bouwmaterialen We zullen als gemeente zelf de CO2-uitstoot bij de bouw verminderen en ook inwoners oproepen gebruik te maken van natuurlijke, hernieuwbare materialen. • Wonen Op termijn stimuleren we mensen tot duurzame keuzes in huis en tuin. • ( Vlieg)reizen Op termijn zullen we duurzame recreatie stimuleren en met name bedrijven aansporen hun vliegreizen te verminderen.

4


“Spouwmuurisolatie heb je in drie, vier jaar al terugverdiend!” Marc Smijers - adviseert als Smijers EnergieAdvies over energie­neutraal wonen en maakt ook zijn eigen woning energieneutraal

“Ruim een jaar geleden is Wageningen door de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting uitgekozen voor het project ‘Energieneutraal Wonen’. Doel is om twintig woningeigenaren bereid te vinden om in drie jaar tijd energieneutraal te worden. Ik ben in dit project deelnemer en tevens adviseur. Ik woon in een oude boerderij net buiten Wageningen. Toen we hier kwamen wonen, zijn we eerst begonnen met vloerisolatie en vloerver­ warming. Daarna hebben we een houtkachel neergezet. Hout levert als herwinbare energiebron negentig procent van onze warmte, waar­ door ons gasverbruik is gezakt van 3500 naar 400 kuub. Vervolgens hebben we zonnepanelen gelegd – eerst twintig vierkante meter, later nog twaalf panelen erbij – waarmee we 500 kilowatt meer energie opwekken dan we gebruiken. Ook hebben we het dak geïsoleerd en nieuwe kozijnen met HR++-glas gezet. Het is gewoon goed warm te krijgen in huis en we zijn nu bijna energie­neutraal. We gaan de laatste muren nog isoleren en de hout­ kachel vervangen door een pelletkachel; die stook je op houtsnippers en kun je aansluiten op de vloerverwarming, dus dan kan de CV eruit. Het is een voordeel dat ik bijna alles zelf doe. Daardoor bedragen de investeringen in totaal denk ik 35.000 euro. Dat verdienen we terug op de maandelijkse energielasten. Graadje lager Wat mensen zelf kunnen doen? Het belangrijkste is om te kijken waar je kunt besparen door je gedrag aan te passen. Iedere graad die je bij­ voorbeeld lager stookt, bespaart zeven procent energie. En eigenlijk zou je overal waar dat kan moeten isoleren. Van spouwmuurisolatie snap ik überhaupt niet dat het niet overal standaard gebeurt, je hebt het in drie tot vier jaar weer terugverdiend. Andere simpele dingen die je zelf kunt doen, zijn het plakken van radiatorfolie en het isoleren van leidingen; dat is binnen een jaar terugverdiend. Als ik kijk naar Energieneutraal Wonen, dan variëren de investeringen van 15.000 tot 100.000 euro. Zoiets is kansloos voor een hele gemeente. In theorie is het mogelijk om heel Wageningen klimaatneutraal te maken. Ik zie het niet gebeuren dat 18.000 huishoudens op pellets gaan stoken – maar dat is ook de milieudoelstelling niet. Ik zie wel kansen voor een warmtenet zoals dat in Noord-West, maar dan met duur­ zame opwekking en gecombineerd met een optimale isolatie van alle aangesloten woningen. Daarnaast mogen – waar dat kan – windmolens en zonnepanelen uiteraard niet ontbreken. Want ik zie nu al dat er substantieel meer interesse bestaat voor klimaatneutraal worden.”

5


Energie: gas en elektriciteit

Qua gas- en elektriciteitsgebruik lijkt het mogelijk om Wageningen in 2030 klimaatneutraal te krijgen. In een studie uit 2010 naar energie­ gebruik in Wageningen zijn verschillende scenario’s uitgewerkt. De routekaart is gebaseerd op het combinatiescenario: een combinatie van energiebesparing, duurzame energie-opwekking binnen de gemeente en de inkoop van groen gas en groene stroom.

Vooral zelf besparen Het combinatiescenario komt er grofweg op neer dat we in Wageningen 50% energie gaan besparen, dat tot 25% duurzaam wordt opgewekt binnen Wageningen, en dat we het restant buiten Wageningen groen inkopen. Zelf duurzaam opwekken heeft zeker de voorkeur boven inkoop van buiten, maar of die 25% werkelijk lukt, heb­ ben we als gemeente niet geheel zelf in de hand. Het maximaal haalbare lijkt 9% zon, 2% overig (biomassa en asfalt) en 14% wind, maar vooral bij windenergie zijn we afhankelijk van veel factoren. Als er minder opgewekt kan worden binnen de gemeente, zullen wij daarnaast windmolens moeten bouwen buiten Wageningen, of zal het aandeel dat elders ingekocht wordt groter moeten zijn.

Bedrijven: isoleren en duurzaam opwekken Bedrijven zijn verantwoordelijk voor veel meer CO2-uitstoot dan huishoudens. Kenmerkend voor Wageningen is het grote aantal onderwijs- en onder­ zoeksinstellingen. Vooral de oudere gebouwen zijn energetisch gezien niet meer van deze tijd: grote, hoge ruimtes, slecht geïsoleerd. Om CO2-gebruik terug te dringen, is het in dergelijke gebouwen nodig om te iso­ leren, energiezuinige verlichting te installeren en over te stappen op energiezuinige (ICT-)apparatuur. Overigens is in de Wet Milieubeheer vastgelegd dat bedrijven boven een bepaald energiegebruik verplicht alle maatregelen moeten nemen die binnen 5 jaar zijn terugverdiend. In ons scenario gaan we er voor bedrijven gemiddeld vanuit: • dat er 50% minder warmtevraag is door isolatie, • dat de resterende warmte bij 70% van de bedrijven via een warmtepomp of warmte-/koudeopslag wordt gerea­ liseerd, • dat de helft van de bedrijven 50% minder stroom voor verlichting gebruikt, • dat alle bedrijven die veel warm water gebruiken daarvoor een zonneboiler inzetten, • dat alle bedrijven 20% energie besparen op hun appa­ ratuur (verlichting en verwarming niet meegerekend). 6

De gemeente werkt samen met bedrijven aan een bedrijven­netwerk op dit gebied en we bieden gratis de milieubarometer aan als monitoringsinstrument.

Bestaande woningen: isoleren en duurzame warmte In ons scenario voor 2030 gaan we voor bestaande woningen uit van: • alle woningen goede isolatie, • in 90% van de woningen een duurzame warmteinstallatie (bijvoorbeeld warmtepomp of warmtekracht­ koppeling, individueel of collectief te realiseren), • in 70% van de woningen een zonneboiler, • overal waar dat kan zonnepanelen, • 20% energiebesparing door zuinige apparatuur. Als eerste stap beginnen we met ingrijpende maat­ regelen in een beperkt aantal woningen (omdat dat beter werkt dan beperkte maatregelen in een groot aantal woningen). Hieraan werken we al door 20 woningen grondig aan te pakken in het project ‘Energieneutraal wonen’, waarin coalities ontstaan van woningeigenaren en bedrijven als architecten, aannemers en installateurs. (zie kader hiernaast)


Gemeente zit niet stil “Als gemeente zijn we begonnen met een groep woningeigenaren die graag hun woning energieneutraal willen maken, de echte voorlopers”, zo vertelt Sanne Meelker, beleidsadviseur energiebeheer bij de gemeente. “We hebben in 2011 een coalitie gevormd met gemeente, woning­ eigenaren, adviseurs en bedrijven voor de uitvoering van het project ‘Energieneutraal Wonen’. Inmiddels, eind 2012, zijn er adviezen opgesteld voor alle 32 deelnemende woningen. De eigenaren gaan nu met de bedrijven om de tafel voor de uitvoering. Sommige mensen zullen veel zelf doen, anderen laten het uitvoeren.” De 32 woningen zijn allemaal verschillend, en dat maakt dat dit project niet zo eenvoudig op te schalen is. Meelker: “Daarom zijn we aan de slag gegaan met een wijkgerichte aanpak. We hebben drie wijken uitgekozen met minstens 45 woningen van hetzelfde type: een deel van de Roghorst, de Hoef en een stuk Gruttoweide-Kievitsweide. Bedrijven konden consortia vormen met bijvoorbeeld een architect, een energieadviseur, een bouwbedrijf en een installateur. Met zo’n consortium konden ze voor zo’n wijk een plan maken om dergelijke woningen energieneutraal te krijgen. Als gemeente hebben we als voorwaarde gesteld dat minstens 10% van de bewoners mee moest praten met

Belangrijke spelers in de bestaande woningmarkt zijn uiteraard de Woningstichting en studentenhuisvester Idealis, waarmee we prestatieafspraken maken.

Nieuwbouw: klimaatneutraal Alle nieuwbouw vanaf nu, voor bedrijven én woningen, moet voorbereid zijn om energieneutraal te kunnen zijn in 2030. Dan maakt het qua CO2-uitstoot niet meer uit hoeveel woningen of bedrijven er bij komen in Wageningen. Hierbij zijn de normen van het Wageningse beleid voor Duurzaam Bouwen en Duurzame Gebieds­ ontwikkeling (DuGo-beleid) leidend.

Duurzame bronnen

• Zon Door de dalende zonnepaneelprijzen ligt grootschalige zonne-energie zonder subsidie in het verschiet voor particulieren. Het scenario gaat er van uit dat 40% van de woningen met een schuin dak op één dakvlak zonne­ panelen heeft en dat 85% van alle platte woningdaken ermee vol ligt. Van de bedrijven heeft 60% hun platte dak voor 85% met zonnepanelen bedekt.

zo’n aanpak.” Eind 2012 hebben er ontwerptafels plaatsgevonden met die bewoners en de consortia. “We hopen dat er tegen de zomer van 2013 concrete plannen liggen voor de drie woning­types.” “Nog iets abstracter is een visie op verwarming in de toekomst”, zo legt Meelker uit. “Maar dat neemt niet weg dat we er samen met netbeheerder Liander over nadenken. Gaan we bijvoorbeeld over op lagetemperatuurverwarming, en zo ja, wat voor consequenties heeft dat dan voor renovaties en nieuwbouw? Kan de gaskraan op een gegeven moment helemaal dicht? Het kan per wijk verschillen.” Dit proces zal nog even lopen, maar gemeente en Liander kijken met grote spelers als Wageningen UR en de Woning­ stichting waar er binnenkort of op termijn grote herstructureringen plaats gaan vinden, bouw­ projecten of vervanging van riolering bijvoorbeeld. “Zo kunnen we misschien al kansen pakken om de gewenste eindsituatie dichterbij te brengen”, aldus Meelker. www.wageningenwoontduurzaam.nl

• Bodem Warmte-/koudeopslag in de bodem is zeker een haalbare optie. Geologisch gezien is in Wageningen aardwarmte niet interessant. • Biomassa Groenafval uit Wageningen wordt ingezet in een bio-energiecentrale. GFT wordt vergist. Er wordt gekeken naar mogelijkheden voor vergisting van biomassa in het Binnenveld. • Overig Ideeën voor energie uit de Rijn (warmte dan wel waterkracht) bekijken we met interesse. Energie uit asfalt lijkt haalbaar, maar levert geen substantiële CO2-vermindering op. • Groene stroom/groen gas Alle energie binnen Wageningen opwekken is niet haalbaar. Het streven is dat voor de overige energiebehoefte 95-100% van de huishoudens en bedrijven in 2030 groene stroom en groen gas met het Milieukeur inkoopt.

• Wind De gemeenteraad heeft ingestemd met het streven naar Wind in Wageningen. De Raad vindt het daarbij van belang dat er voor de locaties voldoende draagvlak is onder de inwoners, dus het is nog niet bekend hoeveel windenergie er binnen Wageningen gaat lukken. Als we 14% windenergie willen halen betekent dat 25 MW wind­ energie, wat neerkomt op 8 à 10 molens. Over locaties zijn nog geen besluiten genomen.

7


“We willen ook als proeftuin fungeren voor onderzoek naar nieuwe technieken voor zonne-energie” Louise Vet - directeur Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW) “Bij de realisatie van ons nieuwe gebouw dat in 2011 in Wageningen werd opgeleverd, gingen we uit van een integrale visie op duurzaamheid. Niet een groen sausje over je bedrijf, maar vanaf het begin alles zo duurzaam mogelijk. Dat bestaat wat ons betreft overigens uit meer dan het energie­ gebruik en CO2-uitstoot. Wat ons betreft heeft duurzaamheid drie poten: afval=voedsel, energie komt van de zon en biodiversiteit. Maar als we ons hier nu even beperken tot energiegebruik van onze organisatie, dan is onze ambitie natuurlijk om energieneutraal te worden. Als we een kantoor waren, was dit al gelukt, maar met alle apparatuur in onze laboratoria zijn we er nog niet. We proberen natuurlijk om te beginnen zo min mogelijk energie te gebruiken. Zo ging de ontwikkeling van ledlampen zo snel, dat we vlak voordat overal in het gebouw de lampen geïnstalleerd zouden worden, nog het roer hebben omgegooid en overal led-lampen hebben genomen. Dat oogt ook nog eens veel mooier dan die logge TL-bakken. Van de zomer was ik bij de juwelier, de vitrines waren zo heet door de lampen dat ze de airco aan moesten zetten. Dat snap ik nou niet! Zet er nou ledlampjes in, dat kost een fractie van de energie, en je kunt ook nog eens kiezen voor precies die kleur licht waar je juwelen het mooist in uitkomen. Bedrijven inspireren en stimuleren Uiteraard gebruiken we allerlei vormen van zonne-energie. Zo hebben we ‘traditionele’ PV-zonnepanelen, gebouwgeïntegreerde PV, zonne­ boilers voor warm water, en thermische zonnepanelen die ’s zomers water opwarmen dat we diep (300 meter) ondergronds opslaan om ’s winters het gebouw te verwarmen. Maar we willen ook als proeftuin fungeren voor onderzoek naar nieuwe technieken. We krijgen bijvoorbeeld binnenkort experimentele ronde zonnepanelen. Door een met de zon meedraaiende lens met holle spiegel wordt het zonlicht op één punt geconcentreerd, zodat je maar een kleine zonnecel nodig hebt, maar dan wel een hele goede met een heel hoog rendement. Als het goed is, kan dat qua kosten concurreren met een pv-paneel, maar in tegenstelling tot pv zijn bij dit paneel alle materialen gemakkelijk te recyclen. Een ander leuk onderzoek vindt plaats op ons groene dak: elektriciteit uit planten. Dat is nog redelijk pril, maar veelbelovend. Op het dak doen we experimenteel onderzoek met een vegetatiedak. We bestuderen onder andere hoe verschillende vegetaties de tempera­ tuur in het gebouw beïnvloeden en hoe ze regenwater opvangen en vast­ houden. Groen is heel belangrijk in een stad. Een groen dak koelt in de zomer, houdt warm in de winter, houdt regen langer vast, filtert de lucht, produceert zuurstof, is goed voor vogels en andere beestjes en je platte dak gaat ook nog eens twee keer zo lang mee. En het leuke is: met ons groene dak, de binnentuin en de houtwal met stekelstruiken in plaats van een hek met prikkeldraad, is er op ons terrein nu meer biodiversiteit dan toen het nog een weiland was. Op deze manier kan elk bedrijventerrein zo veel mooier zijn, ook voor de mensen die er werken!” 6


Mobiliteit

Klimaatneutraal worden op het gebied van mobiliteit is lastiger dan voor gas en elektriciteit. Uit de studie die hiernaar is gedaan blijkt dit per 2030 niet haalbaar, zelfs niet bij zeer krachtige inspanning. Daarom hebben we de ambitie voor 100% CO2-reductie voor mobiliteit opgeschoven naar 2050.

Minder, maar schoner autorijden; meer fiets en OV Een gangbare aanpak in mobiliteitsland is een drietraps­ raket: verminderen, verschuiven en verduurzamen. Als we in 2030 10% minder kilometers maken, van de resterende autokilometers 20% verschuiven naar fiets en OV, en de overgebleven autokilometers voor de helft vervangen door schoner rijden, dan levert dat een reduc­ tie op van 64%. Minder kilometers Om de mobiliteit tegen te gaan is mobiliteitsmanage­ ment bij bedrijven belangrijk: carpoolen, thuiswerken, teleconferencing. Ook kan een bedrijf werken aan een schoon wagenpark of (financieel) OV en fiets stimuleren. Ook kunnen we als gemeente de openbare ruimte slim­ mer inrichten qua wegen en voorzieningen. Fiets en OV Ook voor alternatief vervoer is de inrichting van de openbare ruimte essentieel. Verbeterd openbaar vervoer, fietsroutenetwerken en aandacht voor fietsparkeren kunnen bewoners en werkenden verleiden de auto te laten staan. Schoner rijden CO2 kan gereduceerd worden door Het Nieuwe Rijden, zuinige auto’s, of door auto’s die geen fossiele brand­ stoffen meer gebruiken. Als alle Wageningse auto’s rijden op groen gas, groene stroom of – in de toekomst wellicht - waterstof, zijn we ook klimaatneutraal. De komende jaren richten we ons om te beginnen op groen­ gas en elektrisch rijden op groene stroom.

Groen gas uit afval

In 2012 is in Wageningen een tankstation geopend voor groen gas bij de rotonde bij industrieterrein Nudepark.

Elektrisch rijden Eind 2012 staan er vijf oplaadpalen voor elektrische auto’s in Wageningen en dit aantal groeit geleidelijk. De intentie bij elektrisch rijden is om voor elke koper van een elektrische auto een oplaadpaal op een geschik­ te plek in de buurt te plaatsen, in samenwerking met de stichting E-laad. Bij meer elektrische auto’s zullen we beleid ontwikkelen voor oplaadpunten voor elektrische auto’s.

Parkeerbeleid Het weren van vervuilende auto’s uit (een deel van) de stad lijkt een paardenmiddel. Wel kunnen we prijs­ prikkels gebruiken, zoals variabele tarieven voor parkeer­vergunningen voor auto’s naar gelang hun energielabel.

Wat is groen gas? Groen gas is iets anders dan LPG. LPG ontstaat bij productie en behandeling van aardgas en aardolie en is een fossiele brandstof. Groen gas is biogas uit afval, opgewaardeerd tot aardgaskwaliteit (zie www.orangegas.nl van het bedrijf dat ook het groen gas in Wageningen levert). Het concept van groen gas werkt hetzelfde als bij groene stroom: in feite tank je gewoon aardgas, maar via certificaten wordt er elders groen gas in het aardgasnetwerk gepompt. De reden dat er niet echt groen gas uit de pomp komt, is omdat niet iedere leverancier een vergister heeft staan. Wel maakt OrangeGas gebruik van groen gas afkomstig uit lokale projecten (dus tank je groen gas, dan wordt ter compensatie biogas in het net gepompt met een herkomst uit de buurt).

Groen gas is Nederlands gas dat is opgewekt door afval­ stromen te vergisten, zoals GFT, rioolslib, mest en resten uit de voedingsindustrie. Groen gas wordt geïnjecteerd in het aardgasnet. We denken dat 10% van de voertuigen op groen gas kan rijden, en het is op kortere termijn technisch en financieel haalbaar dan elektrisch rijden.

9


“Het is voor mij echt de lol om de auto voor 10 of 15 euro vol te tanken!” Jeroen van Arkel - rijdt op groen gas

“In 2007 waren mijn vrouw en ik toe aan een nieuwe auto. We zochten een auto die groot genoeg was voor het gezin, maar ook goedkoop in gebruik. Daarnaast vonden we het leuk om een nieuwe techniek uit te proberen. We hebben allerlei mogelijkheden vergeleken en zijn toen uitgekomen bij het rijden op groen gas, biogas uit afval, opgewaardeerd tot aardgaskwaliteit (zie kader vorige pagina). Dat is schoon, stinkt niet, is milieuvriendelijk en ook nog eens goedkoop. In aanschaf was onze auto ¤5000 duurder dan standaard, maar ‘toen hebben we maar geen schuifdakje genomen’. Niet dat we echt een schuifdak wilden. Ik wil maar zeggen dat mensen vaak heel rationeel naar de tank kijken, maar vervolgens heel irrationeel naar zaken als metal­ lic lak en schuifdak. En de extra investering die een auto met gastank kost, heb je binnen afzien­ bare tijd weer terugverdiend. Je betaalt ongeveer een euro per kilo gas en rijdt daarop iets verder dan op een liter benzine. Dus ook als je niet als eerste aan het milieu denkt, is rijden op groen gas een goede keuze. In het begin moesten we in Ede of in Nijmegen tanken, maar inmiddels kan het door het hele land – ook in Wageningen. En tegenwoordig geeft je iPhone precies aan bij welke tank­ stations je terecht kunt. Ook in heel Europa kun 10

je groen gas tanken, Nederland is wat dat betreft helemaal geen koploper. Duitsland, Italië en Zwitserland zijn er zelfs al veel verder mee dan wij. Voordelig! Auto’s die rijden op groen gas zijn al in heel veel modellen leverbaar, maar je kunt ook gewoon een gastank in laten bouwen in een benzineauto. Het aantal mensen dat op groen gas rijdt, wordt mondjesmaat meer. Elektrisch rijden krijgt meer aandacht, maar ik denk ook dat rijden op groen gas potentie heeft in de toekomst; afval heb je toch. Maar dan moet er wel meer aandacht voor komen, in de vorm van bijvoorbeeld publiciteit vanuit de overheid. Want mensen weten vaak niet wat het is. En het moet ook voordelig blijven, daar kijkt iedereen toch als eerste naar. Sinds de zomer is bijvoorbeeld onze wegenbelasting om-hoog gegaan. Daardoor betalen we meer dan een auto die elektrisch rijdt, terwijl we op groen gas netto minder CO2 uitstoten. Maar verder ben ik heel positief. En het is voor mij echt de lol om de auto voor 10 of 15 euro vol te tanken!”


We doen het samen

Klimaatneutraal worden, dat kunnen we als gemeente niet alleen. In de aanloop naar deze Routekaart, hebben we zo veel mogelijk partijen in Wageningen mee laten denken. Daaruit bleek al dat burgers en bedrijven mee willen denken en mee willen doen en dat zij de gemeente zelfs oproepen deze ambitie samen met de stad te realiseren.

Geen beleids-, maar uitvoeringsplannen Zo’n gezamenlijke aanpak is nieuw voor de gemeente. Niet centraal studeren en sturen, maar samen met de ‘energieke samenleving’ experimenteren, leren en opschalen. De rol van de gemeente zit hem dan meer in het losmaken van de dynamiek. Gevolg is dat we geen nieuwe klimaatsbeleidsplannen gaan opstellen. In plaats daarvan maken we samen met anderen uitvoe­ ringsplannen. Dat kunnen kortlopende actieplannen of projecten zijn, maar ook bijvoorbeeld een strategie voor de langere termijn.

Met wie?

Wat doet de gemeente dan wel? Er blijft een rol voor de gemeente. We kunnen: • capaciteit vrijmaken om meedoen te stimuleren en te ondersteunen, • koplopers beter in beeld brengen, en op termijn wellicht een coalitie met hen vormen, • burgers en bedrijven actief betrekken, bijvoorbeeld via een burgerpanel of informatiebijeenkomsten, • initiatieven ondersteunen en faciliteren, • op een positieve manier energieverspillers wijzen op hun gedrag, • ambassadeurs zoeken en zijn, • monitoren of activiteiten effectief zijn.

Lokaal Duurzaam Energiebedrijf Wageningen? In diverse gemeenten die werken aan een klimaatneu­ trale toekomst, is een Lokaal Duurzaam Energiebedrijf opgericht. In de Utrechtse en Gelderse Vallei hebben inwoners en bedrijven besloten om het op regionale schaal aan te pakken, en is de coöperatie ValleiEnergie opgericht. Deze coöperatie koopt naar verwachting vanaf medio 2013 centraal groene stroom en groen gas in en verkoopt dit in deze regio. Van deze groene stroom en dit groen gas zal steeds meer ook zelf in deze regio worden opgewekt. Als gemeente ondersteunen we dit initiatief van harte.

Zonder volledig te willen zijn, hebben de volgende actoren in ieder geval een belangrijke rol: Bedrijven en instellingen Wageningen UR, Wagenings Ondernemers Contact, grote energiegebruikers, voorbeeldbedrijven als NIOO, het bedrijvenplatform (i.o.) Bestaande bouw Woningstichting, Idealis, particuliere woningeigenaren, Verenigingen van Eigenaren, deelnemers SEV-project ‘Energieneutraal wonen in Wageningen’, wijkcentra, bewonerscommissies, bouw- en installatiebedrijven, makelaars, EPA-adviseurs, Transition Towns Vallei Nieuwbouw projectontwikkelaars, Woningstichting, Idealis, bouwen installatiebedrijven, particuliere woningeigenaren, CPO-groep Ecowijk De gemeente zelf gemeenteraad, B&W, management, ambtenaren, Platform Duurzaam Wageningen (duurzaamheidsmeter) Mobiliteit Fietsersbond, autodealers, tankstations, fietsenzaken, bedrijven in vervoer-/transportsector, overige bedrijven en instellingen (mobiliteitsmanagement), wijkcomités Duurzame energieprojecten ValleiEnergie, St. Windenergie Wageningen en St. Zonne-energie Wageningen, bedrijven en huis­ houdens met dak, grondeigenaren en omwonenden windenergielocaties, Transition Towns Vallei Groene stroom bedrijven en instellingen, huishoudens, ValleiEnergie, Transition Towns Vallei Voeding St. Food Valley, horeca, detailhandel, voedselprodu­ centen, Rijn IJssel Vakschool, Wageningen UR en kennisinstellingen, bedrijven en instellingen met maal­ tijden/kantines, huishoudens/consumenten, Platform Duurzaam Wageningen, Transition Towns Vallei Communicatie scholen, het Groene Wiel, kerken, Platform Duurzaam Wageningen, Transition Towns Wageningen, Solidez en andere maatschappelijke organisaties.

11


Verklaringen van lokale partners

De ambitie voor een klimaatneutraal Wageningen wordt breed gedragen. Wageningse bedrijven, instellingen en maatschappelijke organisaties vertellen over wat zij bijdragen. Op www.wageningen.nl/klimaat zijn de volledige verklaringen te vinden.

BBLTHK: ‘Wij hebben ook als instelling een grote verantwoordelijkheid voor de ‘Umwelt’. We bestaan er van en leven er zelf in.’ ‘Wij denken en doen actief mee in gremia hier in de stad om ideeën handen en voeten te geven. Daarnaast zijn we in onze organisatie bij voortduring bezig met besparen en hoe we dingen slimmer kunnen doen in het kader van deze actualiteit.’

‘FrieslandCampina ondersteunt – als “toekomstig inwoner van Wageningen” met 400 medewerkers in het nieuwe FrieslandCampina Innovation Centre op de Campus van Wageningen UR – uw initiatief Klimaatneutraal 2030 van ganser harte.’ ‘Ook wij hebben de aanpak van global warming hoog op onze duurzaamheids­ agenda staan.’ ‘Meer dan 20% van de elektriciteit die wij benutten in onze fabrieken in Nederland is reeds afkomstig van duurzame energie (wind, zon en groengas) m.n. van onze eigen melkveehouders. In onze productieketen zijn jaren geleden al harde targets gesteld voor energie efficiency verbetering van 2 % per jaar …’

‘Wepro Special Projects is, als ter zake gespecialiseerd onderdeel van de Wepro Group, een vurige pleitbezorger van verduurzaming. Niet voor niet luidt onze pay-off: “Duurzaam denken, durven en doen!” Zo snel en zoveel mogelijk omschakelen naar duurzame energie, daar waar het kan. Wepro geeft vorm aan die drive op een aantal manieren.’

12

‘Keygene onderschrijft het belang van beheersing van CO2 en zal zeker een bijdrage hieraan leveren.’ ‘Keygene staat daarom achter de ambitie “Wageningen klimaatneutraal in 2030.” ‘Wij hebben gemerkt tijdens het Ecoprofit project dat vooral uitwisseling van informatie tussen de verschillende bedrijven zeer waardevol was. Wij hopen daarom dat bij het opstellen van de routekaart er ruimte is voor ‘kruisbestuiving’ tussen de verschil­ lende deelnemende bedrijven, om zo met elkaar informatie uit te wisselen en van elkaar te leren.’

‘Kinderopvang Wageningen ziet voor zichzelf een rol weg gelegd ten aanzien van het terugdringen van de uitstoot van broeikassen. Immers, wekelijks bezoeken ruim 1.000 kinderen in de leeftijd van 0 tot 12 jaar onze opvanglocaties. Wij zien het als onze verantwoordelijkheid deze kinderen het besef bij te brengen dat iedereen op de een af andere manier zijn of haar steentje kan bijdragen aan de toekomst van onze planeet.’ ‘In het verlengde hiervan onderschrijven wij de ambitie Wageningen klimaatneutraal in 2030.’

‘Het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW) is met grote ambities op het gebied van integrale duurzaamheid naar Wageningen gekomen en is er trots op zich als voorloper op dit gebied te hebben bewezen.’ ‘Wij hebben als ecologen een ‘missie’ om de maatschappij te stimuleren en te enthousiasmeren mee te gaan in deze transitie naar een duurzamere samenleving waar “klimaatneutraal zijn” een onderdeel van is.’ ‘Laten we met voorlopers en een faciliterende gemeente de handen ineenslaan om Wageningen op het gebied van integrale duurzaamheid op de kaart te zetten.’

Noldus Information Technology ‘neemt duidelijk een eigen verantwoordelijkheid in het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen’ ‘Wij vinden de ambitie Wageningen klimaatneutraal in 2030 een uitstekend streven.’ ‘In de komende vijf jaar proberen we onze CO2-uitstoot verder te verminderen. De overblijvende CO2 uitstoot willen we compenseren. Verder willen we onze inspanningen op het gebied van duurzaamheid uitbreiden naar de rest van onze wereldwijde organisatie en willen we de duurzaamheid van onze leveranciers stimuleren.’


‘Het Platform Duurzaam Wageningen ziet al jaren een eigen verantwoordelijkheid en rol ten aanzien van het terugdringen van broeikasgassen.’ ‘Wij zien onze rol vooral op het gebied van onze communicatiefunctie en het bij elkaar brengen van spelers op dit gebied.’ ‘Het Platform onderschrijft de ambitie van harte.’

‘Rijn IJssel streeft naar een zo hoog mogelijke norm van duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord onder­nemen.’ ‘Voor Rijn IJssel locatie Marijkeweg in Wageningen ligt met name de uitdaging in het verduurzamen van huisvesting en het terugbrengen van het energiegebruik in het algemeen. Een organisatiebreed beleid hiervoor is nog in ontwikkeling. Rijn IJssel is bezig het onderwijs duurzaam in te richten.’ ‘Bij het aanscherpen van de ambitie en het bepalen van de weg ernaartoe zou gezamenlijk moeten worden gezocht naar een goede balans in de elementen: People .. Planet .. Profit’

Translation Towns Vallei: ‘De doelstelling van het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen past geheel in de visie van Transition Towns Vallei (TTV)’ ‘Onze organisatie onderschrijft dan ook de ambitie van Wageningen klimaatneutraal in 2030. Wij werken hieraan vanuit de invalshoek van het stimuleren van burgerinitiatieven, dat wil zeggen dat wij uitgaan van de kracht van de lokale gemeenschap en willen aansluiten bij wat op lokaal niveau mogelijk en wenselijk is.’ ‘Wij verwachten dat de gemeente hierin faciliterend werkt en TTV ziet als volwaardige partner in het realiseren van de routekaart.’

‘Menzis vindt het belangrijk, gezien haar maatschappelijke verantwoordelijkheid, om maatschappelijk verantwoord te ondernemen.’ ‘Menzis streeft naar een klimaat neutrale bedrijfsvoering, actieve vermin­ dering van de afvalproductie en het gebruik van duurzame materialen en grondstoffen.’ ‘Menzis heeft een duurzaam verdienmodel en stelt daarbij de mens centraal.’ ‘Menzis onderschrijft deze ambitie (‘Wageningen klimaatneutraal in 2030’). Tevens heeft Menzis haar eigen doelstellingen op het gebied van milieu geformuleerd.’

Idealis: ‘Energiebesparing en duurzaamheid staan bij Idealis hoog op de agenda.’ ‘Idealis zet zich vanwege de ernst en urgentie van de klimaatproblematiek krachtig in op verschillende manieren.’ ‘Idealis sluit zich aan bij de ambitie “Wageningen klimaatneutraal in 2030” en is daarmee partner van de gemeente Wageningen op dit gebied.’ ‘Niet alleen in onze eigen complexen, maar ook voor de eigen organisa-tie is energiebesparing een belangrijk aandachtspunt. Als extra ambitie hebben we vastgesteld dat Idealis in 2012 een CO2 neutrale organisatie is.’

MARIN: ‘Als modern research instituut zijn wij niet alleen bezig met de hydrodynamica, maar ook met het klimaat. Al enige jaren denkt MARIN met de gemeente Wageningen mee over het klimaatbeleid. Voorbeeld daarvan is deelname in de denktank van het project “Wat krijg ik nou op mijn dak” met betrekking tot het realiseren van 2MW aan zonne-energie capaciteit op bestaande daken in de gemeente.’ ‘Het beleid van MARIN is om, binnen voor MARIN gehanteerde economische doelen, zo klimaatneutraal mogelijk te worden.’

‘RSG Pantarijn voelt zeker verantwoordelijkheid voor het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen.’’ Daar waar wij een bijdrage kunnen leveren, zullen we dat zeker niet nalaten.’ ‘Indien de gemeente initiatieven ontplooit dan zullen we die zeker welwillend beschouwen en daar waar mogelijk onze medewerking aan verlenen.’

Wageningen UR: ‘Vanuit haar missie heeft Wageningen UR duurzame ontwikkeling als dragende filosofie. Naast het operationeel maken van duurzame ontwikkeling in onderwijs en onderzoek, ziet Wageningen UR duurzaamheid ook als belangrijk uitgangspunt voor haar bedrijfsvoering.’ ‘Sinds maart 2009 wordt de ambitie “voorlopen” nagestreefd.’ ‘De huidige houding van Wageningen UR met betrekking tot duurzaamheid kenmerkt zich door vooral veel te doen.’ ‘Met haar partners streeft Wageningen UR er naar om actief de zaken op te pakken die bijdragen leveren aan de voorlopersambitie. Gemeente Wageningen is één van die partners.’

13


“Wij hebben de ambitie een ECO-corporatie te worden” Lex Janssen - directeur De Woningstichting

“Tot 2011 hebben we al verschillende projecten uitgevoerd om woningen energiezuiniger te maken. In 2012 hebben we daar weer een kwaliteitsslag in gemaakt. Een voorbeeld is ons complex in De Haverlanden. Huurders konden ervoor kiezen zonnepanelen te laten plaatsen. Daarvoor werd een huurverhoging in rekening gebracht, waarbij de Woningstichting garandeerde dat mensen dat terugverdienen op hun energielasten. Die woningen hebben nu energielabel A++. Zeventig tot tachtig procent heeft meegedaan.” Op weg naar een ECO-corporatie “De Woningstichting heeft de ambitie om, wat we zelf noemen, een ECOcorporatie te worden. Om dat te bereiken zetten we dit soort projecten de komende jaren voort. We hebben in december 2012 in ons ondernemings­ plan vastgesteld de komende vijf jaar twintig miljoen euro te investeren in zonnecollectoren. Andere projecten zijn de inkoop van groen gas voor de collectieve cv-installaties van onze stapelbouw en de renovatie van 1500 woningen. Ook doen we een aantal experimenten. Bijvoorbeeld met warmte-koudeopslag in Rustenburg/Torckdael. We gaan een eigen energiecentrale met aardwarmte realiseren die voor volledige verwarming moet zorgen. In de zomer slaan we de warmte uit de woningen én uit de nabijgelegen gracht op in de grond, in de winter halen we het er weer uit. Natuurlijk hoort ook een goed intern milieubeleid bij een ECOcorporatie. We hebben bijvoorbeeld zonnepanelen op het dak van ons kantoor. Ook hebben we net een nieuwe installatie die warmte uit­wisselt tussen verschillende delen in het gebouw, een compleet klimaatsysteem op een derde van het vermogen van het oude systeem. En iedereen heeft zijn eigen koffiekopje, om de vaatwas te beperken en daarmee de milieu­belasting te verlagen.” Verantwoordelijkheid “Ik vind dat je als woningstichting in een gemeente als Wageningen de verplichting hebt om je nek uit te steken. Want het is een gemeente die bewust leeft, meer dan gemiddeld. Bovendien, en dat is misschien wel belangrijker, is het energieaandeel in de totale woonlasten van huur­ ders de laatste jaren steeds groter geworden. Als woningstichting kunnen wij een bijdrage leveren door onze woningen hierop aan te passen, zodat ze zuiniger omgaan met energie en energie terugwinnen. Zo kunnen we het voor huurders goedkoper maken.” “Ik denk dat de Woningstichting één van de weinige partijen is die echt grootschalig een bijdrage levert aan de ambities van de gemeente om klimaatneutraal te worden. Het is crisis. Bedrijven zijn daardoor toch wat terughoudend. Kansen zie ik nog in het toe­passen van kennis die Wageningen heeft op het gebied van duurzaamheid. Ik denk dan bijvoor­ beeld aan de universiteit, die kennis wordt nu eigenlijk niet toegepast in Wageningen zelf. Het zou goed zijn als een wereldwijd toonaangevend instituut als de WUR Wageningen als proeftuin zou gebruiken. De bevol­ king van Wageningen is daar ook voorstander van. Zij zijn erg betrokken bij natuur en milieu en bij maatschappelijke vraagstukken.”

14


Hoe bereiken we dat (en hoe kunnen we dat bewijzen)? Als gemeente en samenwerkingspartners zullen we alles uit de kast moeten halen om dit ambitieuze doel te bereiken. Financiële instrumenten, maar ook sociale en juridische. Vervolgens moeten we laten zien dat het werkt: dat onze CO2-uitstoot daadwerkelijk lager wordt. Daarvoor zullen we het energiegebruik goed monitoren en alle maatregelen regelmatig evalueren.

Wat kunnen we doen? Kosten en baten Het is duidelijk dat we als stad, om klimaatneutraal te worden, moeten beginnen met investeren. In elk geval bij isolatie en duurzame energieopwekking is duidelijk dat deze investeringen zichzelf terugverdienen door de besparing die ze opleveren. De terugverdientijd varieert uiteraard per maatregel. In dit licht is het slimmer om te kijken naar de ‘total cost of ownership’, de totale kosten van het eigenaarschap, dus aanschaf-/aanlegkosten plús het energiegebruik over de hele levensduur van een huis of apparaat. Die valt bij duurzame maatregelen en produc­ ten al snel gunstiger uit. Het probleem zit hem vooral in het zoeken van geld voor de eerste financiering. Bovenop de baten van besparing komen natuurlijk de voordelen voor toekomstige generaties, die minder last

hebben van klimaatverandering. De ethische vraag is of dat soms ook niet iets extra’s mag kosten. Voor de uitwerking van de ambitie ‘klimaatneutraal in 2030’ reserveert Wageningen jaarlijks ¤250.000 extra ten opzichte van 2008 (startjaar van de ambitie). Wat kunnen we als gemeente daarnaast doen op financieel gebied? • Onze eigen organisatie klimaatneutraal maken Huisvesting, wagenpark, inkopen, en dergelijke. Dit pakt de gemeente in elk geval op vanwege haar voor­ beeldrol. • Partijen helpen financiering te vinden voor investeringen Hierin kan de gemeente een faciliterende rol vervullen. • Garant staan voor leningen Dit kost in principe niets, maar betekent wel een risico; de gemeente is hier daarom terughoudend in. • Een revolverend fonds instellen met lage rente De aflossingen die terugvloeien in het fonds, kun­­nen ­weer geïnvesteerd worden in andere projecten; het vraagt wel een flink aanvangskapitaal en bij een lening­ looptijd van bijvoorbeeld 15 jaar betekent dit een fikse aanslag op de gemeentekas. Voorlopig wacht de gemeente op mogelijke provinciale en landelijke initiatieven.

15


• Leningen laten terugbetalen via de onroerendezaak­ belasting (OZB) Deze mogelijkheid onderzoeken we momenteel samen met andere gemeenten. Voordeel is dat een lening voor bijvoorbeeld isolatie woning­gebonden wordt, en dat bij verkoop de betaling dus eenvoudig door de volgende eigenaar wordt overgenomen. • Subsidies geven We willen dit alleen toepassen in uitzonderlijke gevallen. • Provinciale, landelijke of Europese subsidies aanvragen Hiervan willen we zo veel mogelijk gebruik maken. We ontvangen bijvoorbeeld subsidie voor zonne-energie in bestaande bouw en voor ‘Energieneutraal wonen’. • Sturen door tariefdifferentiatie We kunnen bijvoorbeeld schonere auto’s minder laten betalen voor hun parkeervergunning, en vervuilende auto’s meer; deze regeling is budgetneutraal. Hiervoor onderzoekt de gemeente de mogelijkheden.

Netwerken en communiceren Als gemeente zullen we ook sociale instrumenten inzetten. Een goed voorbeeld is een convenant: stevige afspraken met wederzijdse voordelen, zodat iedereen zich graag aan die afspraken houdt. Vrijwillig, maar niet vrijblijvend. Een voorbeeld zijn de prestatieafspraken met woningcorporaties. Een ander sociaal instrument is communicatie. Wij en alle andere betrokken partijen kunnen mensen aanzetten tot klimaatneutraal gedrag. Uit de gedrags­ wetenschappen kunnen we leren dat mensen zich graag aansluiten bij ‘normaal’ gedrag; dus zullen we energiezuinig als normaal gedrag moeten presenteren. Bovendien weten we dat mensen gevoeliger zijn voor spijt (‘u verspilt nu energie’) dan voor kansen benutten (‘u kunt nu energie besparen’). Verder moeten we het gewenste gedrag zo gemakkelijk mogelijk maken. Wetten en regels Als gemeente gaan we een klimaattoets hanteren bij al onze gemeentelijke besluiten. Daarmee voorkomen we dat besluiten een negatief klimaateffect hebben. Als gemeente kunnen we ook nog stappen zetten door bestaande wetten en regels beter te handhaven. Zo zijn bedrijven boven een bepaald energiegebruik verplicht om energiemaatregelen te nemen die zich binnen vijf jaar terugverdienen. Als gemeente is het onze taak om bedrijven daar aan te houden. Zelf kunnen we ook regels of verordeningen inzetten om energiebesparing, duurzame energie of duurzame mobiliteit te stimuleren. Er zijn ook wel bestaande regels of procedures die duurzaamheid ontmoedigen; als gemeente doen we ons best deze aan te passen. Dat is echter niet altijd mogelijk doordat er soms ook andere belangen spelen, bijvoorbeeld bij monumenten.

16


Met de Rijksstroom mee Voor snel resultaat zal de Rijksoverheid de juiste omstandigheden moeten creëren. In plaats van een gevoel van ‘tegen de stroom in’, kunnen we dan ‘met de stroom mee’ roeien op de route naar klimaatneutraal. Samen met andere ambitieuze gemeenten op dit gebied – verenigd in het Landelijk Themateam Klimaatneutrale Steden en in het Klimaatverbond – pleiten we daarom bij het Rijk voor: • het uitstralen van een gevoel van urgentie, • financiële prikkels in de juiste richting (bijvoorbeeld ‘de vervuiler betaalt’), • aanscherping van normen, wetten en regels.

Hoe gaan we dat meten? Klimaatmonitoring is nog in ontwikkeling, dus we kunnen niet eenvoudigweg aanhaken bij een bestaand systeem om te meten hoeveel minder CO2 we uitstoten na al deze maatregelen. Toch kunnen we wel een aantal dingen meten. Gas en elektriciteit Het gas- en elektriciteitsgebruik en de bijbehorende CO2-uitstoot zijn eenvoudig te volgen via ‘Energie in beeld’ van netbeheerder Liander. Hiermee kunnen we inzoomen tot op postcodeniveau. Agentschap NL (onderdeel van het ministerie van Economische Zaken) verzamelt gegevens voor klimaat­ monitoring voor lokaal en regionaal klimaatbeleid. Dit is nog in ontwikkeling.

Per project zullen we een nulmeting doen en resultaten bijhouden via metingen en eventueel enquêtes. Uiteindelijk hopen we een instrument te hebben waarin deze drie typen monitoring samenkomen, en ook men­ sen en bedrijven zelf hun gegevens kunnen invoeren. Zo’n ‘Wageningse kapstok’ kan inspirerend werken. Mobiliteit Voor een nulmeting van CO2-uitstoot door mobiliteit is gebruik gemaakt van MobiliteitsOnderzoek Nederland (MON), andere gegevens en enquêtes. Dit willen we herhalen na een zinvolle periode, bijvoorbeeld in 2015. Indirecte emissies Zoals al gezegd zijn indirecte emissies (CO2-uitstoot door de aankoop van producten) onmogelijk te meten. Daarom tellen we deze niet mee in de monitoring. Wel zullen we per project of campagne de vorderingen meten.

Dynamische routekaart Deze routekaart staat niet in steen gebeiteld. Inzichten veranderen, wetten, technieken en financiële omstandigheden ook. Daarom zullen we elke vier jaar de vorderingen evalueren en in de gemeenteraad de doelen vaststellen voor de vier jaar erna. Maar één ding blijft staan: de ambitie om in 2030 een klimaatneutrale stad te zijn!

17


Tussen- en einddoelen Voor 2015, 2020 en 2030 (en qua mobiliteit voor 2050) hebben we concrete tussen- en eind-doelen gesteld. Hier een overzicht. Categorieën: EB = energiebesparing DE = duurzame energie GS = groene stroom en groen gas VB = voertuigbrandstoffen IE = indirecte emissies/indirect energiegebruik MIX = diverse categorieën

2015

18

Categorie Wat?

Hoe?

MIX

Gem. organisatie klimaatneutraal vanaf 2012

Energiebesparing, DE, 100% duurzame elektriciteit, compensatie resterend energiegebruik

MIX

Aantal klimaatneutrale bedrijven

Idem

MIX

Aantal klimaatneutrale huishoudens

Idem

MIX

Beleid duurzame gebiedsontwikkeling consequent toegepast

- Inzet van diverse sturingsinstrumenten - EPC-handhaving en toezicht op nakomen DuGo-afspraken

MIX

Realisatie voorbeeldprojecten duurzaam bouwen

Wijk met EPL van minimaal 8,5, enkele klimaatneutrale woningen, enkele voorbeeldwoningen, duurzaam bedr.terrein

MIX

Vergaande samenwerking tussen belangrijkste partners

Afstemming en overleg, voorbeelden andere gemeenten, pilots, opzetten samenwerkingsvorm(en)

EB

Gem. 16 % energiebesparing in 2012 t.o.v. 2008

Fysieke maatregelen en gedragsmaatregelen

EB

Dimmen openbare verlichting in min. 1 wijk

Invoeren, rekening houdend met sociale veiligheid

EB

Kwantitatief en kwalitatief versterkte handhaving op Effectieve inzet extra capaciteit, o.a. sluiting supermarkt­ energie bij bedrijven koelingen en open winkelpuien

EB

Forse jaarlijkse groei energiezuinige partic. woningen

EB

Prestatieafspraken met woningcorporaties

EB

Energieadvies voor >50% van huishoudens met lage Door Team Energie en Afval i.s.m. Solidez inkomens

DE

Gem. biomassastromen (snoeihout) in bio-energie installaties

Via regionale biomassacentrale. Schoon snoeiafval liefst toepassen binnen Wageningen

DE

2 MW zonnepanelen op bestaande platte daken

Uitvoering van het IKS2-zonne-energieproject ‘Wat krijg ik nou op mijn dak?!’

VB

Structurele CO2-reductie door mobiliteits­ management gem.

Uitvoering van het reeds lopende mobiliteitsmanagementproject regio Zuidelijke Vallei/WERV

VB

Structurele CO2-reductie door mobiliteits­ management andere organisaties

Uitvoering van het reeds lopende mobiliteitsmanagementproject regio Zuidelijke Vallei/WERV

VB

Groengastankstation, groengasauto’s (min. 6 van de gem. zelf )

Gem. heeft 9 groengasauto’s aangeschaft, groengastank­ station 2012, communicatiecampagne vanaf 2012 richting bedr. en burgers.

VB

Oplaadpalen aanwezig en eerste elektrische auto’s op de weg

4 oplaadpalen in Wageningen. 2011: eerste auto’s (Postservice en Wageningen UR) op de weg, communicatiecampagne voor 2015 richting bedr. en burgers

IE

Gem. koopt 100% duurzaam in

Reeds opgenomen in beleid, aan implementatie wordt gewerkt

IE

Gebruik duurzame bouwmaterialen

- Opnemen in bestekken en aanbestedingseisen voor grond-, weg- en waterbouw (GWW) - Opnemen in DuGo-beleid - Stimuleren van pilots, m.n. agromaterialen in samenwerking met WUR


2020 Categorie

Wat?

Hoe?

MIX

Klimaatneutrale huisvesting gem.

Zoveel mogelijk ‘energieneutraal’ door energiebesparing en duurzame energie, eventueel restant door groene stroom en/of groen gas

MIX

Klimaatneutrale nieuwbouw

Toepassing en handhaving landelijke aanscherping normen

VB

5% minder verplaatsingen

-  Stimuleren van mobiliteitsmanagement bedr. met o.a. Het Nieuwe Werken, teleconferenties, stimuleren reductie vliegverkeer -  Maatregelen in de ruimtelijke inrichting (plaats van voorzieningen, ligging van wegen)

VB

10% verschuiving van auto naar bijv. fiets of OV

- Stimuleren mobiliteitsmanagement bedr. - Verbetering infrastructuur fiets en OV - Aanpassingen parkeerbeleid

VB

25% CO2-reductie door schoner rijden

- Campagnes voor groen gas en elektrisch rijden - Bevorderen Het Nieuwe Rijden, auto’s in categorie A en B, rijden op benzine met bijmenging van bijv. bio-ethanol - Beleid voor schone voertuigen, o.a. oplaadpalen - Verbeteren de stedelijke inrichting - Stimuleren stadsdistributie i.c.m. duurzaam vervoer

IE

Minder dierlijke eiwitconsumptie

- Aanpak i.s.m. andere gemeenten en landelijke organisaties (vega-weekdag / flexitariër-concept) - Activiteiten Food Valley voor verduurzaming van voedselsystemen i.o.m. Rijk - Lokale/regionale samenwerking - Aansluiten bij landelijk beleid en campagnes - Goed voorbeeld gemeente

IE

Duurzame (reg.) voedselproductie en -consumptie

- Aansluiten bij lok./reg. campagnes voor duurzame, regionale voedselvoorziening - Goede infrastructuur streekproducten - Activiteiten tegen voedselverspilling - Actieve communicatie klimaatbewuste voeding - Goed voorbeeld gemeente

IE

Meer duurzaam gedrag Wageningers op gebied van wonen en (vlieg)reizen

- Lobby bij Rijk voor o.a. ‘de vervuiler betaalt’ - Aansluiten bij landelijke en lokale campagnes voor duurzaam wonen en reizen - Actieve communicatie over mogelijkheden klimaatbewust wonen en reizen

19


2030

20

Categorie

Wat?

Hoe?

MIX

Gem. accommodaties klimaatneutraal (scholen, sport- en culturele accommodaties)

- Zoeken naar geschikte financiële constructies - Klimaatambitie in meerjarenonderhoudsplannen

EB

20% minder elektriciteitsgebruik t.o.v. 2008 bij zowel partic. als bedr.

- Bevorderen kennis en bewustwording via milieu-educatie, en i.s.m. milieu-organisaties en bedr. - Stimuleren slimme meters en andere monitoring - Stimuleren en (mede-)organiseren effectieve actie-/communicatievormen zoals scholenwedstrijden

EB

Alle woningen in Wageningen minimaal schilisolatie en HR 107 ketel

DE

40% vd bestaande woningen WKO/warmtepomp

DE

45% vd bestaande woningen WKK/microWKK

DE

70% vd bestaande woningen zonneboiler

EB

Alle bedr. energiebesparingsmaatregelen en gemid- - Handhaven verplichte energiemaatregelen deld 50% reductie warmtevraag - Stimuleren dat bedr. zelf klimaatneutraal worden - Stimuleren/faciliteren/samenwerken duurzaamheidsnetwerk van bedr.

EB

50% vd bedr. gemiddeld 50% reductie elektriciteitsvraag voor verlichting

idem

DE

70% vd bedr. duurzame voorziening warmtevraag door bijv. WKO/warmtepomp

idem

DE

Alle bedr. met relevante warmwatervraag hebben een zonneboiler

idem

DE

Realisatie van windenergie in Wageningen

Windmolens op minimaal één locatie in Wageningen

DE

Realisatie van windenergie buiten Wageningen

Financiering door Wageningse burgers en bedr. van wind­­mo­lens buiten Wageningen

DE

40% woningen met puntdak 1 zijde vol zonnepanelen Periodieke grootscheepse campagnes als dit financieel aantrekkelijk is

DE

85% platte daken appartementen/flats vol zonnepanelen

Idem

DE

60% bedr. met een plat dak voor 85% vol zonnepanelen

Idem

DE

Realisatie zoveel mogelijk overige duurzame energie Toepassen waar mogelijk van o.a. kleine windturbines en energie uit asfalt

GS

95% inkoop groene stroom heel Wageningen

- Periodieke campagnes - Waar mogelijk meenemen bij andere acties/activiteiten - Slotcampagne vanaf 2028

GS

95% inkoop groen gas heel Wageningen

Idem

VB

10% minder verplaatsingen

Geïntensiveerde aanpak, mede op basis van de resultaten en evaluatie van de aanpak t/m 2020

VB

20% verschuiving auto naar bijv. fiets of OV

Idem

VB

50% reductie door schoner rijden

Idem

VB

Invoering groene zone Wageningen

Alleen schone auto’s toegestaan in Wageningen (P+R-terreinen aan rand van de stad, met shuttleservice door schone voertuigen)

IE

Voorbeeldfunctie Wageningen voor duurzame en gezonde voeding

Aanpak op basis van resultaten en evaluatie van de aanpak t/m 2020

IE

Voorbeeldfunctie Wageningen voor duurzaam wonen en recreëren

Aanpak op basis van resultaten en evaluatie t/m 2020


2050 Categorie

Wat?

Hoe?

VB

100% schone voertuigen

Geïntensiveerde aanpak, mede op basis van de resultaten en evaluatie van de aanpak t/m 2030

Colofon

Klimaatneutraal Wageningen – Goed op weg Februari 2013 Brochure gebaseerd op het rapport ‘Routekaart Wageningen Klimaatneutraal in 2030’ te downloaden op www.wageningen.nl/klimaat Samenvatting Marjel Neefjes, Communicatiebureau de Lynx Interviews Lotty Nijhuis en Marjel Neefjes, Communicatiebureau de Lynx Ontwerp Het Lab ontwerp + advies, Arnhem Fotografie portretten Guy Ackermans Fotografie omslag Stijn Poelstra | Stijnstijl Fotografie Overige foto’s Shutterstock Meer informatie G  emeente Wageningen, Ine Botman, ine.botman@wageningen.nl, 0317-492921



Op weg naar een Klimaatneutraal Wageningen