Issuu on Google+


BESPREEKBUREAU MUZIEKCENTRUM DE BIJLOKE GENT J. Kluyskensstraat 2, 9000 Gent Di - vr 10:00 - 12:00 & 13:00 - 17:00, za 13:00 - 17:00 t. 09 269 92 92 e. tickets@debijloke.be w. www.debijloke.be DE BIJLOKE BISTRO Ma - vr 12:00 - 18:00 Op concertdagen ook 2 uur voor en 2 uur na het concert t. 09 277 07 04 e. info@debijlokebistro.be w. www.debijlokebistro.be OP ZOEK NAAR EEN GESCHENK? Doe een concert cadeau in de vorm van een geschenkbon of een ticket naar uw keuze. Te verkrijgen aan onze balie. OP ZOEK NAAR KWALITEITSVOLLE OPNAMES? In de foyer vindt u een selectie opnames u aangeboden door ‘t KLAverVIER, Kasteeldreef 6, 2970 Schilde t. 03-384 29 70 e. info@tklavervier.be AANDACHT! Gelieve uw mobiele telefoon uit te schakelen. Muziekcentrum De Bijloke is mobiel dankzij het partnership met Gent Motors (www.gentmotors.be) COLOFON Tekst programmaboekje | Frederik Styns Inleiding | Frederik Styns & Gunar Letzbor Coverafbeelding | Wenen (rond 1630) Coördinatie programmaboekje | Sophie Cocquyt Verantwoordelijke uitgever | Daan Bauwens © Muziekcentrum De Bijloke Gent


PROTHIMIA SUAVISSIMA ars antiqua austria olv gunar letzbor Markus forster ZA | 15.05.10 | 20:00

09 269 92 92 - tickets@debijloke.be

3


4

PROTHIMIA SUAVISSIMA Programma

uitvoerders

Rupert Ignaz Mayr (1646-1712) Ave Regina Coelorum Antonio Bertali (1605-1669) Prothimia Suavissima: Sonata X Marc’ Antonio Ziani (1653-1715) Alma Redemptoris Mater Antonio Bertali (1605-1669) Prothimia Suavissima: Sonata XI Claudio Monteverdi (1567-1643) Pianto della Madonna

Ars Antiqua Austria:

Pauze Antonio Bertali (1605-1669) Prothimia Suavissima: Chiaccona & Sonata III Heinrich Ignaz Franz von Biber (1644-1704) Chi la dura la vince: Recitativo ‘Voi confuse potenze’ Aria ‘Nel seno chàdora’ Recitativo ‘Si si scusami’ Aria ‘O mio cor’ Aria ‘Non ho, bella più core’ Sonata III

WWW.DEBIJLOKE.BE

Gunar Letzbor Muzikale leiding & viool Barbara Konrad Viool Claire Pottinger-Schmidt Viola da gamba Norbert Zeilberger Orgel & klavecimbel Jan Krigovsky Violone Hubert Hoffmann Luit Markus Forster Altus


TOELICHTING Prothimia Suavissima Frederik styns

Prothimia Suavissima In de 17de eeuw vierde het Italiaanse muziekleven hoogtij. Aan het einde van de 16de eeuw hadden componisten zoals Peri, Caccini en Monteverdi de basis gelegd voor een individuele stijl die het emotionele universum tot in zijn fijnste details ontsluierde. Zoals Vesalius een halve eeuw eerder het fysieke lichaam had ontleed, zo trachtten componisten – gesteund door de experimenten van de renaissance – het emotionele lichaam te doorgronden. Het resultaat was de zogenaamde ‘affectenleer’, een poging om de menselijke emoties te begrijpen, te formaliseren, en muzikaal vorm te geven. Dit nieuwe ideeëngoed werd aanvankelijk toegepast en uitgetest op vocale muziek – instrumenten vervulden een begeleidende rol. Na verloop van tijd ontwikkelde zich echter een zelfstandige instrumentale stijl die een ‘woordloze stem’ gaf aan de zoektocht naar muzikale emotionele overredingskracht. In dit proces speelde de viool een voortrekkersrol. Componisten zoals Uccelini, Fontana, Marini, Cazzati en Farina schreven virtuoze sonates waarin het instrument niet moest onderdoen voor de extreme flexibiliteit van het vocale apparaat. De sonate was de muzikale vorm die het best beantwoordde aan de vroegbarokke esthetiek. Aan de hand van een snelle opeenvolging van trage en levendige delen vertelde de componist een verhaal dat de uitdrukking was van steeds wisselende en contrasterende gevoelens. De sonate was echter geen welomschreven muzikale vorm. Zo verschilde de ‘kerksonate’ in heel wat opzichten van de ‘kamersonate’. De ‘sonata da chiesa’ had een eerder polyfoon karkater en offerde zich op aan sublieme gevoelens van geloof en devotie. De ‘sonata da camera’ was werelds, gesofisticeerd en meestal gebaseerd op dansritmes. In Italië evolueerden deze sonates vrij snel van polyfone werken 09 269 92 92 - tickets@debijloke.be

5


6

TOELICHTING naar triosonates. In de triosonates kwam de nadruk te liggen op de melodiestemmen (meestal twee violen). De middenstemmen werden opgeslorpt door de basso continuo, en het gebruik van grote en kleine tertstoonaarden werd courant. Ten noorden van de Alpen (Oostenrijk en Zuid-Duitsland) volgde de evolutie van de sonate een eigen dynamiek; in tegenstelling tot in Italië werd voortgebouwd op de canzona. De meeste kamermuziek voor strijkers werd er geschreven voor 4 of 5 stemmen (voor zowel violen als viola da gamba’s) en was duidelijk geïnspireerd door de polyfone traditie. Er werd geëxperimenteerd met de expressieve mogelijkheden van gewaagde modulaties, maar nooit werd de lineaire structuur van de polyfone schrijfwijze uit het oog verloren. Uiteraard was er ook plaats voor virtuoze passages, en vaak werden – ter contrast – korte homofone passages ingelast. De gebalde expressiviteit werd extra kracht bijgezet door vrije improvisatie. Deze muziek was bedoeld voor een geleerd publiek dat openstond om met een scherpe geest en scherpe zintuigen actief de vaak doorwrochte polyfone wendingen te ontcijferen. De bundel ‘Prothimia Suavissima’ (‘Zoetste genot’) van de naar Wenen uitgeweken Italiaan Antonio Bertali is hiervan een schitterend, nagenoeg onbekend voorbeeld. Antonio Bertali (1605-1669) genoot zijn muzikale opleiding in zijn geboortestad Verona. Van 1620 tot 1624 was hij er violist aan de Accademia Filarmonica, daarna vertrok hij naar Wenen. Op het hoogtepunt van zijn carrière was hij kapelmeester aan het Weense hof. Hij bekleedde deze prestigieuze positie van 1649 tot aan zijn dood in 1669. Vijf jaar na zijn aanstelling werd hij in de adelstand verheven, een eer die ook andere violisten zoals Biber en Schmelzer te beurt viel. Ofschoon Bertali heel wat muziek geschreven heeft, is slechts een klein deel van zijn oeuvre bewaard gebleven. Aan het hof van Wenen focuste hij zich voornamelijk op dramatische werken zoals opera’s en oratoria. Op het vlak van religieuze muziek was hij samen met componisten zoals Sances, Draghi, Kerll, Schmelzer en Biber, een van de meest belangrijke muzikale persoonlijkheden uit het 17de-eeuwse Oostenrijk. Ook Bertali’s instrumentale muziek illustreert op voortreffelijke wijze de keizerlijke pracht en praal WWW.DEBIJLOKE.BE


TOELICHTING van het Weense hof rond 1650. Uit Bertali’s bundel ‘Prothimia Suavissima’ (gepubliceerd in 1672) horen we tijdens dit concert enkele sonates. De sonates in deze bundel zijn geschreven voor 3 of 4 stemmen en basso continuo. Stilistisch leunen ze nog nauw aan bij de Italiaanse canzona – het vroegste puur instrumentale genre dat bestond uit contrasterende delen die elkaar zonder onderbreking opvolgden. De beschrijving van het basinstrument ‘Et Basso ad Organum’ doet vermoeden dat deze sonates voor kerkelijk gebruik bedoeld waren. De stilistische grenzen tussen kerk- en kamersonates waren echter bijzonder vaag; zo vinden heel wat sonates uit ‘Prothimia Suavissima’ hun oorsprong in wereldlijke dansritmes. In tegenstelling tot de virtuoze vioolmuziek van tijdgenoten die koortsachtig op zoek waren naar nieuwe klankmogelijkheden en expressieve nuances, benadrukten de sonates van Bertali vooral de sensuele rijkdom van de klank. Bertali – afgesneden van de Italiaanse muzikale mode – ontwikkelde een stijl die getuigt van een intellectuele diepte en een rijke sonoriteit. Dankzij violist Gunar Letzbor en Ars Antiqua Austria geniet deze muziek een welverdiende revival! Monteverdi, Ziani, Mayr, Biber Het vocale luik komt deze avond van de componisten Monteverdi, Ziani, Mayr en Biber. Claudio Monteverdi’s (1576-1643) ‘Lamento d’Arianna’ is een voortreffelijk voorbeeld van de Italiaanse monodie uit de vroegbarok. Dit lamento is het enige overgebleven fragment uit zijn muziekdrama ‘Arianna’. In deze opera toonzette Monteverdi het dramatische verhaal van ‘Ariadne en Theseus’ uit de Griekse en Romeinse mythologie. Door het onverwachte en avontuurlijke gebruik van chromatische wendingen wist Monteverdi de weeklacht van Arianna op uiterst emotionele en expressieve wijze te toonzetten. Het ‘Lamento d’Arianna’ kende reeds tijdens Monteverdi’s leven een groot succes, en werd beschouwd als een toonvoorbeeld van de ‘seconda pratica’. Dit succes zette Monteverdi ertoe aan om een aantal verschillende versies van het werk te maken. Zo verscheen een vijfstemmige versie in zijn vijfde madrigaalboek, en maakte hij er een religieus so09 269 92 92 - tickets@debijloke.be

7


8

TOELICHTING lomotet van met als titel ‘Pianto della Madonna’. In dit motet rouwt Maria om haar overleden zoon Jezus. Het gaat hier om een zogenaamd contrafact, d.w.z. een compositie waarvan de muziek ontleend is aan een andere compositie (in dit geval het ‘Lamento d’Arianna’), maar waarvan de tekst verschillend is. Zoals Arianna ooit weende om haar verloren geliefde, zo weent Maria voor haar overleden zoon… Minder bekend is het werk van Marc’ Antonio Ziani (1653-1715) en Rupert Ignaz Mayr (1646-1712). Ziani werd geboren in 1653. Hij kreeg muzikaal onderricht van zijn oom Pietro Andrea Ziani en was van 1686-1691 kapelmeester aan het hof van hertog Ferdinando Carlo di Gonzaga in Mantua (het hof waar ook Monteverdi werkzaam geweest was). In 1700 werd hij vicekapelmeester aan het hof van Leopold I in Wenen, en op 1 januari 1712 promoveerde Karel VI hem tot kapelmeester. De muzikale stijl van Ziani was beduidend verschillend van die van zijn voorgangers: de instrumentale partijen vervulden niet langer een louter begeleidende rol, maar werden solistisch behandeld. Dit gaf aanleiding tot een stijl die getuigde van een uiterst vloeiende melodische stemvoering. Rupert Ignaz Mayr was afkomstig uit het Oostenrijkse stadje Scharding. Hij was kamer- en hofmusicus aan het episcopale hof van Freising. Van 1678 tot 1683 bekleedde hij een analoge positie aan het hof van prins en bisschop Marquard II van Eichstadt. In 1685 werd hij aangesteld als hofviolist aan het hof van Max Emanuel (München). Later werd hij er de ‘Primus Violinista’. Een van Mayrs belangrijkste werken is de bundel ‘Sacri concentus’: een verzameling van vier psalmen, vier Maria-antifonen en vier religieuze liederen. Elke compositie getuigt van Mayrs vermogen om religieuze teksten op heel subtiele wijze te toonzetten. De virtuoze instrumentale partijen tonen Mayrs interesse in de muzikale mogelijkheden die de sterk evoluerende virtuoze speeltechniek bood. Tot slot van het concert muziek van Heinrich Ignaz Franz von Biber (1644-1704). Biber staat onder andere bekend als een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de stylus phantasticus, getuige hiervan de derde sonate voor viool en basso WWW.DEBIJLOKE.BE


BIOGRAFIE continuo die we deze avond te horen krijgen. De stylus phantasticus ontstond vanuit de drang om de vocale expressie en het drama van de vroege Italiaanse opera’s instrumentaal te imiteren. Om dit doel te bereiken werd onder andere gebruik gemaakt van exuberante versieringen, plotse tempowijzigingen en een avontuurlijk harmonisch verloop. Eveneens typerend was het gebruik van dissonante harmonieën en repetitieve ritmische structuren en akkoordenschema’s. De composities bestonden vaak uit één deel, maar werden gekarakteriseerd door een opeenvolging van snelle en trage passages (zowel in twee- als drieledige maatsoorten). De stylus phantasticus kende bijgevolg een rapsodisch karakter, en getuigde van een muzikale eenheid die het resultaat was van diversiteit en uitbundigheid. Dankzij haar expressieve reikwijdte en virtuoze flexibiliteit was de viool een instrument dat uitermate geschikt was om een concreet antwoord te bieden op de idealen van de stylus phantasticus. Naast instrumentale muziek schreef Biber ook heel wat religieuze vocaalinstrumentale werken. Minder bekend is ‘Chi la dura la vince’, een van Bibers drie opera’s. ‘Chi la dura la vince’ werd gecomponeerd rond 1690 en opgedragen aan aartsbisschop Johann Ernst graaf von Thun und Hohenstein. De opera speelt zich af in het oude Rome ten tijde van keizer Tiberius en verhaalt over Arminio die zijn echtgenote Segesta uit de gevangenis wil bevrijden. Verschillende avance- en liefdesgeschiedenissen spelen door elkaar, terwijl Erchino, de harlekijn, de intriges persifleert. Arminio slaagt erin Segesta te bevrijden, en Calligola, de man die Segesta voortdurend het hof heeft gemaakt, wordt door de keizer gestraft. Als blijkt dat realiteit en fantasie door elkaar gaan lopen, wordt het de harlekijn Erchino te heet onder de voeten…

09 269 92 92 - tickets@debijloke.be

9


10

BIO Ars Antiqua Austria Ars Antiqua Austria werd opgericht in Linz in 1995 met als doel de Oostenrijkse barokmuziek van onder het stof te halen en uit te voeren op barokinstrumenten. In de barokperiode werd de muziek aan het keizerlijke hof van Wenen beïnvloed door de Italiaanse en Franse vormentaal, en later ook door de Spaanse ceremoniële muziek. Tevens zijn in deze muziek kenmerken aanwezig van zowel de Slavische als de Hongaarse volksmuziek, vermengd met Alpijnse geluiden. De vaste kern van Ars Antiqua Austria bestaat uit acht muzikanten, onder leiding van Gunar Letzbor. Dankzij het onderzoek naar de Oostenrijkse barokmuziek van Gunar Letzbor voerde het ensemble verschillende composities voor de eerste maal opnieuw uit sinds eeuwen. Gunar Letzbor Gunar Letzbor studeerde compositie, directie en viool in Linz, Salzburg en Keulen. Zijn ontmoetingen met Nicolaus Harnoncourt en Reinhard Goebel ontvlamden een passie voor authentieke instrumenten en historische uitvoeringspraktijk. In 1995 richtte Gunar Letzbor Ars Antiqua Austria op. Als solist maakte hij talrijke opnames (waarvan verschillende wereldpremières), met werk van Mozart, Bach, Biber, Muffat, Aufschnaiter, Viviani, Schmelzer, Weichlein, Vejvanovsky, Vilsmayr en Conti. Letzbor speelde op alle grote festivals voor oude muziek in Europa. Hij is tevens een gereputeerde vioolleraar en schreef zijn eigen vioolmethode ‘Geiger – Geige – Geigen’, uitgegeven bij Helbing. Markus Forster Markus Forster werd geboren in Innsbruck en genoot zijn muzikale opleiding aan het Mozarteum en vervolgens aan de Weense universiteit (bij Helene Karusso en Walter Moore). Hij is een vaak gevraagd solist voor de grote oratoria en passies van Bach en Haendel, en stond reeds op de planken met o.a. het Orfeo Baroque Orchestra, Ars Antiqua Austria en Musica Aeterna Bratislava. Markus Forster is ook vaak te gast op international muziekfestivals, en werkte mee aan talloze operaproducties.

WWW.DEBIJLOKE.BE


HUISMEDEDELINGEN seizoen 2010-2011: seizoensbrochure + start ticketverkoop

Het einde van het concertseizoen 2009-2010 komt stilaan in zicht. Tijd dus om de blik te richten op het komende seizoen! Indien u de nieuwe seizoensbrochure nog niet ontvangen heeft, dan kan u ze telefonisch of per email aanvragen. U kan ze ook meenemen aan de ticketbalie. U kan uw abonnement nu reeds vernieuwen of een nieuw abonnement aankopen. De verkoop van losse tickets start op dinsdag 1 juni. Wist u trouwens dat u bij aankoop van een abonnement een podiumhopper ontvangt? Deze podiumhopper is een geschenkbon ter waarde van € 5 die u kan gebruiken bij een van onze cultuurburen: NTGent, Vooruit, Handelsbeurs en Vlaamse Opera. En ook voor de jazzliefhebbers is er goed nieuws! Bij aankoop van een jazzabonnement ontvangt u twee gratis tickets voor het eerste deel van het Gent Jazz Festival (naar keuze op 8, 9, 10 of 11 juli). Niet te missen dus!

18-22 juli: sint-baafsabdijconcerten

Tijdens de Gentse Feesten organiseren Muziekcentrum De Bijloke Gent en de Dienst Feestelijkheden van de Stad Gent een unieke concertreeks in de historische refter van de SintBaafsabdij. Speciaal voor de Sint-Baafsabdijconcerten vroeg het Muziekcentrum aan vijf internationaal gerenommeerde topsolisten om het podium te delen met jonge talenten waarin ze 200% geloven. Het resultaat mag er zijn! Vijf concerten waarin vijf ‘meesters’ een muzikaal gesprek voeren met vijf ‘leerlingen’. Een ware ontdekkingsreis! Ontdek op onze website het volledige programma! Reserveer nu uw plaats voor een van de Sint-Baafsabdijconcerten in het bespreekbureau, via 09 269 92 92 of via www. debijloke.be. Voor uw reservatie betaalt u slechts 5 euro. Dit bedrag krijgt u meteen als korting terug bij uw eerstvolgende boeking voor een concert uit het nieuwe seizoen van Muziekcentrum De Bijloke!

09 269 92 92 - tickets@debijloke.be

11


12

BiNNENKORT DO | 20.05.10 20:00 |

ZA | 12.06.10 20:00 | MA.XS

Symfonisch 3+

deFilharmonie, Jaap van Zweden

Silke Avenhaus (piano), Antje

(dirigent)

Weithaas (viool), Gustav Rivinius

Laureatenconcert Koningin Elisabeth

(cello)

Wedstrijd piano

Beethoven, Ravel, Brahms Z0 | 18.07.10 15:00 | VR | 21.05.10 20:00 |

Sint-Baafsabdijconcerten

Miry / Miry +

Pascal Schumacher (vibrafoon),

Keller Quartett

Francesco Schlimé (piano)

Beethoven, Ligeti

Dialogues

ZA | 22.05.10 20:00 |

MA | 19.07.10 15:00 |

East of Eden / East of Eden +

Sint-Baafsabdijconcerten

Ensemble Sarband

Ustad Sayeeduddin Dagar (zang),

Geboorte en hemelvaart van de

Bert Cornelis (surbahar)

profeet Mohammed

Drupad

VR | 28.05.10 20:00 | Exploration

DI | 20.07.10 15:00 |

Daan Vandewalle (piano)

Sint-Baafsabdijconcerten

Graupner, Stravinski, Busoni, Sorabji

Christine Busch (viool), Olivier Marron (cello)

ZO | 06.06.10 20:00 |

Schulhoff, Britten, Glaser, Ravel

Symfonisch 3 / 3+ Brussels Philharmonic, Michel Ta-

WO | 21.07.10 15:00 |

bachnik (dirigent), Herbert Schuch

Sint-Baafsabdijconcerten

(piano)

Kristian Bezuidenhout (pianoforte),

Korngold, Bruckner

Esther Yoo (viool) Beethoven, Haydn, Kreisler, Bach

DO | 10.06.10 20:00 | MA.XS François Fernarndez (viool), Rainer

DO | 22.07.10 |

Zipperling (cello), Bojan Vodenitsja-

Sint-Baafsabdijconcerten

rov (pianoforte)

Skip Sempé (klaveceimbel), Olivier

Speelplezier bij Haydn

Fortin (klavecimbel) A.-L. Couperin, F. Couperin, Rameau, Scarlatti

WWW.DEBIJLOKE.BE


ars antiqua austria