Page 1

de puur muziek

21.01.2012 | 20:00 | CONCERTZAAL

brussels philharmonic Zemlinsky & schรถnberg


programma

UITVOERDERs

Alexander von Zemlinsky (1871-1942) Die Seejungfrau I. Sehr mäßig bewegt II. Sehr bewegt, rauschend III. Sehr gedehnt, mit schmerzvollem Ausdruck

Brussels Philharmonic Henry Raudales | concertmeester Gerd Albrecht | dirigent

PAUZE

Arnold Schönberg (1874-1951) Pelleas und Melisande, opus 5

Dit concert wordt opgenomen door Klara en wordt uitgezonden op donderdag 2 februari 2012 om 19u.

2


zemlinsky & schÖNBERG stem van de zeemeermin (gespeeld door de viool) en haar verlangen naar de menselijke wereld. Het tweede deel evoceert de menselijke wereld en het derde deel handelt over het leven van de zeemeermin in de mensenwereld, haar dood en haar uiteindelijke transformatie.

Alexander von Zemlinsky - Die Seejungfrau Alexander von Zemlinsky (1871-1942), geboren in Wenen en gestorven in New York, studeerde aan het conservatorium in Wenen. Hij werkte als dirigent in Wenen, Praag, Mannheim en Berlijn. Hij was leraar en schoonbroer van Schönberg en zo nauw verbonden met de tweede Weense school. Zemlinsky componeerde zes opera’s, twee symfonieën, diverse koorwerken, drie strijkkwartetten en heel wat pianowerken. Zijn composities onderscheiden zich door de pertinente aanwezigheid van een overweldigende emotionele intensiteit en de compositorische techniek van de variatie. Zemlinksy begon zijn loopbaan als beschermeling van Brahms. In ‘Die Seejungfrau’, een muzikaal sprookje gebaseerd op Andersens verhaal van de Kleine Zeemeermin, vond hij zijn eigen stem.

Arnold Schönberg - Pelleas und Melisande, opus 5 Schönbergs in 1899 gecomponeerde Strijksextet ‘Verklärte Nacht’ gaat niet alleen veel verder dan wat in die tijd gebruikelijk was, het bevat ook al het muzikale explosieve materiaal waarmee hij ongeveer tien jaar later de grenzen van de oude esthetiek nadrukkelijk zal doen springen. Hetzelfde geldt voor zijn eerste orkestwerk, het symfonisch gedicht ‘Pelleas und Melisande’, opus 5. Schönberg schreef het in 1902-1903, gebaseerd op een symbolistisch drama van Maurice Maeterlinck, dat Claude Debussy rond diezelfde tijd tot een opera verwerkte. Nog sterker dan in het sextet ‘Verklärte Nacht’ groeit hier de muzikale vorm op autonome wijze boven de verhaallijn uit. En weer zijn het literaire impulsen die aan de basis liggen van muzikale vormgevingen met een buitengewone draagwijdte. De dramatische driehoeksverhouding – een verre herinnering aan Wagners ‘Tristan und Isolde’ – voert Schönberg als het ware in de muziek zelf door. Hij absorbeert de verhaallijn letterlijk in de muzikale structuur van zijn compositie. In zijn zeer interessante analyse van het werk onderkende Alban Berg de voor Schönberg typische meervoudige

Zemlinsky’s symfonisch gedicht ‘Die Seejungfrau’ is geschreven in een romantischtonale stijl waar hij zich, anders dan Schönberg, nooit heeft van afgekeerd. Toen het stuk samen met ‘Pelleas und Melisande’ van Schönberg in Wenen in première ging, oogstte Zemlinsky veel meer applaus dan zijn leerling. De compositie, deels geïnspireerd door zijn traumatische liefdesrelatie met Alma Mahler, is gebaseerd op een verhaal dat handelt over de onschuld, de kwetsbaarheid, de grote verwachtingen en de wreedheid van het lot van de zeemeermin. In het eerste deel worden de diepe geluiden van de onderwaterwereld weergegeven, net als de prachtige zang-

3


grammatische passages als korte, hevige onderbrekingen, en door de extremen van de expressie die in abrupt contrast met elkaar botsen, wordt datgene in de praktijk gebracht wat Schönberg een jaar later aan Gustav Mahler beschreef: “Middelmatige gevoelens bestaan niet voor mij.” Dat was zijn compositorische credo. De buitensporige expressiviteit van de compositie bereikt een grens in de voor het eerst op die manier gebruikte kwartintervallen als bouwprincipe, die zo het einde van de tonaliteit inluiden, maar ook in de dichtheid van het thematische web dat streeft naar een vrije vormgeving als absolute muziek, en in de onheilspellende glissandi van de trombones (lang vóór Bartóks ‘Wonderbare Mandarijn’) bij de verklanking van Maeterlincks scène in de onderaardse gewelven van het slot als metafoor voor de angst. Hier zien we voor het eerst de afgronden waarop Schönbergs muziek onverbiddelijk afstevent.

beklemtoning van de autonomie van de vorm. Schönberg doet dat door het web van de thematische verbanden – waarbij hij de thema’s zelfs de waarde geeft van wagneriaanse leidmotieven – door te trekken tot op het niveau van de volledige structuur. Niet alleen kan men het werk interpreteren als programmamuziek en de opeenvolging van de scènes van het drama in grote lijnen herkennen, maar evenzeer kan men het als absolute muziek beschouwen en de volledige structuur van het ongeveer vijftig minuten durende doorgecomponeerde stuk zien als een symfonie in vier delen of zelfs als een reusachtige sonatevorm. Er ontvouwt zich een dicht web van actie, reflectie en commentaar enerzijds en van epische verhaallijnen en partijen met zuiver symfonische, op doorwerkingen lijkende ontwikkelingen anderzijds. De volgorde van de scènes van het drama is weliswaar nog zichtbaar, maar zonder dat ze in de partituur uitdrukkelijk aangegeven moest worden. De muziek volgt niet de handeling van het verhaal, maar heeft haar eigen logica, de muzikale gedachtegang die Schönberg hier nog als synthese van de twee belangrijkste vernieuwingen van de negentiende eeuw bracht: ten eerste het opentrekken van de expressieve mogelijkheden van de muziek door de wagneriaanse operasymfonie (‘toepassing van de muziek op het drama’) en door de programmamuziek, en ten tweede de door Brahms geïntroduceerde techniek van de ‘zich ontwikkelende variatie’ die aan de basis ligt van dat compositorische denken. Door de vermenging van pathos en verval (sterfscène van Mélisande), het spanningsveld tussen autonome vormgeving en pro-

Brussels Philharmonic

4


BIO uitgenodigd door het Festival Musica in Strasbourg en het Festival de Besançon, zijn er verschillende tournees in Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Azië, en concerten in Metz, Venetië, Salzburg (Grosses Festspielhaus) en Wenen (Musikverein).

Brussels Philharmonic werd opgericht in 1935 onder de vleugels van de openbare omroep (NIR). Het orkest concerteerde met grote dirigenten en solisten, en creëerde in de loop van zijn bestaan nieuwe werken van wereldvermaarde componisten als Stravinsky, Messiaen en Francesconi.

De uitgebreide ervaring die Brussels Philharmonic samen met het Filmfestival Gent opbouwde rond filmmuziek, onder meer met de Golden Globe-winnende filmmuziek voor ‘The Aviator’ van Martin Scorsese, wordt intussen internationaal erkend en resulteert in nieuwe projecten zoals de opnames van soundtracks.

De werking van Brussels Philharmonic vertrekt vanuit verschillende reeksen in Brussel, zowel in Flagey, waar het repeteert in de akoestisch tot de wereldtop behorende Studio 4, als in Bozar. Daarnaast is het orkest thuis op de grote podia in Vlaanderen (Concertgebouw Brugge, deSingel, Koningin Elisabethzaal, Muziekcentrum De Bijloke, Kursaal Oostende) en in belangrijke culturele centra als Hasselt, Leuven, Roeselare, Turnhout.

Samen met verschillende partners werkt Brussels Philharmonic aan uiteenlopende cd-reeksen: met Klara rond Vlaamse componisten, met het Palazzetto Bru Zane en dirigent Hervé Niquet rond het repertoire van de Prix de Rome, en met het Filmfestival Gent rond grote filmmuziekcomponisten. In maart 2011 lanceerde het orkest bovendien een eigen label, BXLPHIL recordings, waarmee het referentie-opnames van het grote symfonische repertoire zal maken; de eerste release, ‘La Mer’ van Debussy, kon op internationale bijval rekenen.

Muziekdirecteur Michel Tabachnik is sinds 2008 een sleutelfiguur in de werking van Brussels Philharmonic. Op een creatieve en publieksvriendelijke manier combineert hij het grote orkestrepertoire met de muziek van de 20ste eeuw. Zijn credo: “We zijn geen museum, wel een platform voor levende muziek.” Samen met het orkest zorgde Tabachnik voor warm onthaalde concerten in binnen- en buitenland.

Gerd Albrecht

Ook op internationaal vlak verovert Brussels Philharmonic een eigen plaats, te beginnen met een residentie in het Parijse Cité de la Musique en jaarlijkse concerten in het Concertgebouw Amsterdam. Voor het seizoen 10-11 en 11-12 werd én wordt het orkest

Gerd Albrecht (° 1935, Essen) had al een brede opleiding genoten in muziekwetenschap, kunstgeschiedenis en filosofie voordat hij aan zijn dirigentenopleiding begon. Hij

5


startte zijn carrière in 1958 in de opera van Stuttgart, waarna betrekkingen volgden in Mainz en Lübeck. Later kreeg zijn carrière een internationale dimensie door zijn werk als dirigent in Zürich, Tokio en Kopenhagen. Hij zorgde voor een primeur door als eerste niet-Tsjech het Tsjechisch Filharmonisch Orkest te dirigeren en hij werd ook regelmatig als gastdirigent gevraagd bij de Staatsoper van Wenen. Met Brussels Philharmonic nam hij eerder al werken op van Victor Ullmann. Albrecht heeft een grote interesse voor hedendaagse muziek, zoals blijkt uit zijn uitvoering van Henzes opera ‘Gogo no eiko’ met het Orchestra Nazionale della RAI en de wereldpremière van ‘La Hija del Cielo’ met het Helsinki Philharmonic Orchestra. Daarnaast zet hij zich onvermoeibaar in om meer jonge mensen te betrekken bij klassieke muziek, inspanningen waarvoor hij in 2006 bekroond werd met de Hermann-Voss-Kulturpreis.

6


zondag 11 maart 2012: unesco muziekdag in de bijloke dere, Henri-Jacques De Croes, Georg Friedrich Haendel en Georg Philippe Telemann zetten de Gentse invalshoek in een breder Zuid-Nederlands en West-Europees perspectief.

Sinds juni 2009 is Gent opgenomen in de selecte lijst van ‘Unesco Creative Cities Network’. Samen met Bologna, Sevilla en Glasgow maakt Gent de club ‘Creative Cities of Music’ compleet. Een unieke titel. Een initiatief kon niet langer uitblijven, vond Muziekcentrum De Bijloke. En dus is er op zondag 11 maart de eerste Unesco Muziekdag.

De Accademia degli Astrusi uit Bologna focust dan weer op het oeuvre van Padre Martini. Bij ons niet zozeer bekend als componist, maar des te meer als leraar van Mozart.

Die dag slaan Sevilla, Bologna en Gent de handen in elkaar voor een unieke muzikale uitwisseling. Het concept is eenvoudig: we putten uit het ontzettend rijke muzikale patrimonium dat alle steden hebben opgebouwd. Iedere stad selecteert een ensemble, gespecialiseerd in oude muziek, en laat het grasduinen in het renaissance en barokke erfgoed van de eigen regio.

Ook Sevilla zet, net als Gent, met het Orquesta Barroca de Sevilla, in op een 18de-eeuws programma. De Andalusische traditie van Juan Francés staat er tegenover het toenmalige Europa met werken van J.S. Bach, G.F. Haendel, Domenico Scarlatti en Pietro Locatelli. Kort samengevat: virtuoze muziek uit de laat-barok in Europa, in drie bijzondere concerten. En dat op één dag, én voor een wel erg zachte prijs. Een unieke kans om drie Europese topensembles op een dag aan het werk te zien. Met als toetje een Grand Finale, met de drie ensembles samen op het podium. Het volledige programma vind je op www.debijloke.be

In Gent werkt De Bijloke samen met B’Rock, in Sevilla gaat het Orquesta Barroca de Sevilla aan de slag en Bologna brengt de Accademia degli Astrusi in stelling. Alle ensembles spelen ook één werk dat een weerspiegeling is van de internationale Europese stijlen die in de 17de en 18de eeuw opgang maakten: het concerto grosso opus 6, nr. 1 in G van Georg Friedrich Haendel. Het toenmalige Europa ligt er stilistisch in vervat. En Haendel zelf is het ultieme toonbeeld van die Europese stijl: geboren in Duitsland, en aan het werk in Italië en Londen. Het concert van Gent, en dus van B’Rock, heeft een 18deeeuws programma. Het ensemble verdiept zich in het barokke repertoire van Jacques (Jakob) Loeillet, een telg uit de beroemde Gentse familie. Loeillets collega’s Pieter van Mal-

ZONDAG 11 MAART | CONCERTZAAL 16:00 | B’Rock (Gent) 19:00 | Accademia degli Astrusi (Bologna, Italië) 21:00 | Orquesta Barroca de Sevilla (Sevilla, Spanje) 22:15 | Grand Finale

Dagticket: € 25 / € 10 (-18) Ticket voor 1 concert: € 10 / € 5 (-18)

INFO & TICKETS 09 269 92 92 | tickets@debijloke.be | www.debijloke.be Bespreekbureau | J. Kluyskensstraat 2, 9000 Gent | Di - vr 10:00 - 12:00 & 13:00 - 17:00 | za 13:00 - 17:00

7


binnenkort ZO | 22.01.12 | 16:00 Marc Mauillon Guillaume de Machaut VR | 27.01.12 | 20:00 Cantus Cölln Kuhnau, J.S. Bach WO | 01.02.12 | 15:00 | UITVERKOCHT Ronald Brautigam Van Beethoven, Mendelssohn, Satie, Debussy DO | 02.02.12 | 20:00 | MAETERLINCK Maeterlinck Kwartet Milhaud, Lekeu, Debussy VR | 03.02.12 | 20:00 Brussels Philharmonic, Vlaams Radio Koor, Octopus Symfonisch Koor, Michel Tabachnik (dirigent), Vadim Repin (viool) Berg, Debussy ZA | 04.02.12 | 20:00 deFilharmonie, Philippe Herreweghe (dirigent), Viktoria Mullova (viool) Brahms, Schubert DO | 09.02.12 | 20:00 Nabla / Joachim Brackx Pàli Consort o.l.v. Benjamin Glorieux Crank o.l.v. Andreas Böhlen Bijloke-Manufactuur Bespreekbureau Muziekcentrum De Bijloke Gent J. Kluyskensstraat 2, 9000 Gent Di - vr 10:00 - 12:00 & 13:00 - 17:00 | za 13:00 - 17:00 09 269 92 92 | tickets@debijloke.be | www.debijloke.be

ZA | 11.02.12 | 20:00 Symfonieorkest Vlaanderen, Guy Van Waas (dirigent), Ning Kam (viool) Fauré, Saint-Saëns, De Boeck, Strauss WO | 15.02.12 | 20:00 Krassport Portico Quartet Jazz DO | 16.02.12 | 20:00 Me La Amargates Tu Sefardische liederen VR | 17.02.12 | 20:00 Les Plaisirs du Parnasse Kamermuziek van Gabrieli, Piccinini, Marini, Vierdank e.a. ZA | 18.02.12 | 20:00 | UITVERKOCHT The Hilliard Ensemble Muziek op teksten van Petrarca en Dante ZO | 19.02.12 | 20:00 deFilharmonie, Michaël Pas (acteur) Pulcinella, KIDconcert DO & VR | 01 & 02.03.12 | 18:00-23:30 En Avant Mars / Voorwaarts Maart Festival

v.u. | Daan Bauwens • tekst | Johan Van Acker © | Muziekcentrum De Bijloke Gent info@debijloke.be Muziekcentrum De Bijloke is mobiel dankzij het partnership met Gent Motors (www.gentmotors.be)

Brussels Philharmonic - Pelleas und Melisande  

De jonge Arnold Schönberg was rond de vorige eeuwwisseling nog niet bekeerd tot de atonaliteit. Hij was in de ban van Wagner en de overdaad...