Page 1

CROSSBILL GUIDES

VELUWE De Natuurgids

wandel- en fietsroutes • flora en fauna • landschap • waarnemingstips

Dirk Hilbers


VELUWE De Natuurgids

wandel- en fietsroutes •

flora en fauna •

landschap •

waarnemingstips

Dirk Hilbers


CROSSBILL GUIDES: VELUWE De Natuurgids Eerste druk: 2017

Idee, tekst en organisatie: Dirk Hilbers Redactie: Marjolein de Graaf, Cees Hilbers, Riet Hilbers Eindredactie: MK teksten Illustraties: Horst Wolter Kaarten: Alex Tabak Ontwerp: Oscar Lourens Druk: Drukkerij Tienkamp, Groningen ISBN 978-94-91648-11-3 Š Stichting Crossbill Guides, Arnhem

Dit boek is bewust en met trots gedrukt op een zo duurzaam mogelijke manier: in Nederland met waterloos off-set op FSC-gecertificeerd papier.

Niets aan deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, microfilm, fotokopie, scan of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Stichting Crossbill Guides en de auteur hebben hun uiterste best gedaan om de informatie in dit boek volledig, correct en accuraat te laten zijn. Dit wil zeggen dat de grootst mogelijke zorg is besteed aan de achtergrondinformatie, het voorkomen van flora en fauna, de loop van de routes en de informatie omtrent de toegankelijkheid van de routes. Desondanks zijn vergissingen mogelijk en situaties kunnen veranderen. Neem altijd de geboden en verboden in het veld in acht en blijf je gezond verstand gebruiken. Stichting Crossbill Guides noch de auteur kan aansprakelijk gehouden worden voor schade die voortvloeit uit het gebruik van dit boek. Dit boek is gedrukt in samenwerking met de KNNV Uitgeverij. SAXIFRAGA foundation

Dit boek is mede mogelijk gemaakt door de inzet, informatie en/of financiĂŤle steun van de onderstaande partijen; Stichting Crossbill Guides dankt iedereen zeer hartelijk. In het dankwoord op pagina 316 worden zij nader genoemd.


CROSSBILL GUIDES FOUNDATION Dit boek is het product van de non-profitorganisatie Stichting Crossbill Guides. Met de publicatie van ecologische natuurreisgidsen willen wij meer mensen enthousiasmeren voor natuur en draagvlak creëren voor natuurbescherming. De Nederlandse natuur is uniek en haar bescherming verdient onze permanente zorg. Met dit boek willen we laten zien wat de natuur van de Veluwe zo bijzonder maakt. En natuurlijk hoe je dit zelf ‘in het veld’ kunt ervaren! Voor meer informatie, ga naar www.crossbillguides.org.


INTRODUCTIE OVER DEZE GIDS Voor je ligt de Crossbill Guide Veluwe, door onszelf met enige bravoure dé natuurgids genoemd. Hij is speciaal geschreven voor mensen voor wie de natuur meer is dan een levend decor; voor mensen die in de natuur iets wil ontdekken, meemaken, beleven. Als dat voor jou geldt, dan zit je met dit boek goed. Dat ‘iets’ vullen we vervolgens zo breed mogelijk in. Van vogels, planten en vlinders kijken tot wild observeren en het ‘lezen’ van het landschap. Van het wildernisgevoel tot natuurbeleving met kinderen – het is ons doel om een zo’n compleet mogelijke gids voor natuurliefhebbers te maken, zowel voor actieve buitenmensen als voor de comfort-minnende leunstoelreiziger. Met andere woorden: dit boek geeft je zowel achtergronden en mooie foto’s en illustraties als de concrete routebeschrijvingen en praktische tips over hoe, wanneer en het waar je flora en fauna vindt. Volgens Crossbill Guides draait het daarbij altijd om de context. Die maakt het interessant en daarmee kun je de natuur op waarde schatten. Daarom hebben we ook onze naam Crossbill Guides gekozen. Als er één vogel is wiens uiterlijk schreeuwt om context, dan is het wel de kruisbek (Crossbill in het Engels). De vreemd gedraaide snavel (zie ons logo en de foto op pag. 158) lijkt in eerste instantie misvormd. Het is echter een zeer handige, specialistische aanpassing aan het voedsel van de kruisbek. De snavel fungeert als een soort tang waarmee de vogel de lamellen van dennenkegels openwrikt om de zaden eruit te eten. Meerdere soorten dennenappels betekent ook meerdere soorten kruisbekken. En doordat dennenbomen het ene jaar veel en het andere jaar weinig kegels dragen, zwerven de Europese kruisbekken over het continent, op zoek naar de plekken met de beste dennenappeloogst. Vandaar dat je ze soms veel en soms weinig tegenkomt op de Veluwe. Dat is het soort context dat we graag willen bieden in de Crossbill Guides. Door de context te geven, zie je ook waarom de stuifzanden, de heidevelden, de sprengen, de vennen en de blauwgraslanden van de Veluwe zo bijzonder en beschermingswaardig zijn. Gelukkig zijn er mensen die dit doen – al die gebieden beschermen en beheren. Hoewel er verschillen zijn in de benadering van natuurbeheer en -behoud is de kern van al die natuurorganisaties hetzelfde: het in stand houden en waar mogelijk herstellen of uitbreiden van de bijzondere natuur en het bijzondere landschap van de Veluwe. In deze gids willen we tenslotte ook laten zien wat deze organisaties voor de natuur en daarmee voor ons doen. Ze verdienen de steun van iedereen, zodat we vandaag, morgen en alle dagen die volgen, onze wandelschoenen aan kunnen trekken en de schoonheid van de Veluwe kunnen ervaren.

4


INTRODUCTIE LEESWIJZER Dit boek bestaat uit vier delen die door de verschillend gekleurde zijbalken op de pagina’s gemakkelijk van elkaar te onderscheiden zijn. De eerste twee delen over het landschap en de flora en fauna, zijn beschrijvend. De laatste twee zijn praktisch: routes en toeristische informatie. Het landschapsgedeelte beschrijft de verschillende ecosystemen, de geologische en historische ontstaansgeschiedenis van de Veluwe, de natuurbescherming en de processen die de natuur bedreigen. Centraal in dit onderdeel van het boek staat de landschapstekening van pagina 18 (en binnenkant van de cover), die aangeeft waar op de Veluwe de verschillende landschappen te vinden zijn en hoe ze zich tot elkaar verhouden. Het flora- en faunagedeelte laat zich lezen als een catalogus van het Veluweleven: de zoogdieren, vogels, reptielen, amfibieën en ongewervelden en de flora. In deze hoofdstukken hebben we in korte tekstkaders wat tips gegeven om de bijzondere soorten zelf te vinden. Het kerndeel van dit boek is de routesectie. Het duizelingwekkend aanbod aan wandel- en fietspaden op de Veluwe is in deze gids teruggebracht tot de 22 mooiste routes, waarvan de landschappelijke bijzonderheden uitgebreid beschreven worden, inclusief de zoogdieren, vogels, reptielen, vlinders en libellen die je onderweg tegenkomt. De mooiste routes – is dat niet wat subjectief? Tot op zekere hoogte wel, maar niet helemaal. Onder ‘mooiste’ verstaan we de plekken waar de landschappen het meest intact zijn en waar zeldzame plant- en diersoorten te vinden zijn. Of anders gezegd: die routes die langs die plekken voeren waar natuurbeheerders zelf het meest trots op zijn. Afhankelijk van het type landschap is er gekozen voor wandel- dan wel fietsroutes. Als de fiets het verkozen transportmiddel is, dan zijn er afstappunten beschreven met korte wandelingetjes die je naar de beste plekken voeren. Vice versa zijn op sommige wandelroutes fietsalternatieven in de kaart ingetekend. Om deze beide uit elkaar te houden, zijn wandelingen consequent met een rode lijn ingetekend en fietsroutes met een blauwe. Waar mogelijk zijn de routes lekker lang gemaakt, zodat je een volle dag onder de pannen kunt zijn. Kunt – het hoeft niet. Waar het padenstelsel het toeliet, zijn verkortingen aangegeven, zodat je de route ook in op kunt delen in enkele korte trajecten. Tot slot vind je in het laatste gedeelte vooral veel praktische informatie over natuur en natuurbeleving op de Veluwe. Van vervoer tot duurzaam toerisme en van verblijfsaccommodatie tot natuurbeleving met kinderen. Kortom, met deze gids in de hand ben je klaar voor de Veluwe!

LEGENDA ROUTEKAARTEN Startpunt 1 Routepunt

Wandelroute Fietsroute Bushalte Treinstation Kasteel / Landhuis Informatiepunt Parkeerplaats / Extra startpunt Restaurant Café / Theehuis / Lunchroom Hotel Camping Bungalowpark Landschap Geologie Ecologie Zoogdieren Vogels Reptielen / Amfibieën Libellen Vlinders Insecten Planten Bomen Fietsroute Wandelroute

5


INTRODUCTIE

6


INTRODUCTIE

INHOUDSOPGAVE LANDSCHAP De Veluwe in vogelvlucht Geologie Landschap van de Veluwe Rivierengebied De Veluweflank De stuwwal De centrale Veluwe Natte heide en heidevennen Polderlandschap Geschiedenis Prehistorie en bronstijd Romeinse tijd Vroege middeleeuwen Potstalcultuur Oprichting van malen en marken De Veluwe verwoestijnt De Veluweranden bloeien op Jacht en landgoederen Klein Zwitserland Einde van de markenwet Nieuwe bestemmingen voor de centrale Veluwe Het leger verovert de Veluwe De Tweede Wereldoorlog Midden 20ste eeuw Opkomst van de natuurbescherming Natuurbescherming en -herstel Natuurbeheerders op de Veluwe

11 12 14 18 20 24 30 38 50 54 60 61 62 62 63 64 65 66 69 71 73 73 74 74 76 77 78 82

FLORA EN FAUNA Zoogdieren Vogels Lijst van vogels op de Veluwe Reptielen en amfibieĂŤn Vlinders Libellen Overige insecten en ongewervelden Flora Bomen en struiken Enkele typische planten

87 88 92 101 105 109 112 114 117 124 128

ROUTES Route 1: Oldenaller en Arkemheen Route 2: Tussen zand en Zuiderzee Route 3: De polders bij Oldebroek Route 4: Elspeter Struiken en Noorderheide

133 135 143 151 155

7


INTRODUCTIE

8

Route 5: Staverden en het Speulder- en Sprielderbos Route 6: Kootwijkerzand en omgeving Route 7: Tongerense Heide en Wisselse Veen Route 8: Met de fiets over Kroondomein Het Loo Route 9: De Dassenberg Route 10: Het Beekbergerwoud Route 11: Planken Wambuis Route 12: Het Nationale Park De Hoge Veluwe Route 13: Zwerven over het Deelense Veld Route 14: Het Deelerwoud Route 15: Veteranenbos en Arnhemse Heide Route 16: Het Renkums Beekdal Route 17: De Heelsumse Beek, Doorwerth en de Duno Route 18: De Arnhemse buitenplaatsen Route 19: De Beekhuizense Beek omhoog Route 20: Middachten en de Onzalige Bossen Route 21: Empese en Tondense Heide Route 22: Rondje Brummen

159 168 176 183 190 194 196 202 210 216 220 223 231 239 249 258 266 269

PRAKTISCHE INFORMATIE Reizen naar de Veluwe Op stap op de Veluwe Op pad met een lichamelijke beperking Buiten de paden gaan Op pad met honden Voorbereid op pad: teken Voorbereid op pad: wilde dieren Voorbereid op pad: de elementen Accommodatie kiezen Hotels Campings en bungalows Veluwse gastronomie CafÊ’s en restaurants Verantwoord toerisme Het Veluwejaar De bucket lists De 10 mooiste bossen De 10 mooiste bomen De 10 mooiste herfstroutes De 10 beste wildobservatiepunten De 10 beste wildroutes De 8 mooiste bloeiende heidevelden De beste excursies De natuur in met kinderen Verder lezen Gebiedenregister Dankwoord Fotoverantwoording

277 277 277 279 279 279 280 281 281 282 282 283 284 284 286 288 294 294 296 298 300 302 303 304 308 312 315 316 318


INTRODUCTIE TEKSTKADERS Geologie: het Veluws landschap in vijf grote bedrijven Eik en Beuk – strijd der titanen Grafheuvels en de Veluwse oernatuur Beekbergerwoud – de teloorgang van het laatste oerbos Korhoen – enemy of the state Ecoducten, corridors en faunapassages De wolf terug in Nederland? Verboden plantengebieden

17 34 61 72 73 80 91 123

OBSERVATIETIPS Naaldbosvogels kijken Loofbosvogels kijken Heidevogels kijken De beste vogelroutes De beste reptielen- en amfibieënroutes De beste vlinderroutes Vlinders kijken De beste libellenroutes Libellen kijken

93 94 95 97 108 110 111 113 113

9


TITEL HOOFDSTUK

10


LANDSCHAP

Vanuit het vuile raam van de treincoupé zie ik alleen maar bos en heide. Dicht loof en paarse velden flitsen met 130 km per uur langs mijn zichtveld. Een kwartier lang alleen natuur. Dan mindert de trein vaart en rijdt de provinciestad binnen. De conducteur bevestigt de aankomst op mijn bestemming en ik pak mijn rugzak en loop naar de uitgang. Sissend openen de deuren van de trein en dan valt de warme lucht over me heen, vol van de geuren van heidebloesem en de weeïg-zoete lucht van humus en bosgrond. Zelfs midden in deze stad voel je de aanwezigheid van de wildernis. Ik loop het station uit en sla rechtsaf. Slechts een paar honderd meter vanaf het perron verruil ik de beschutting van de huizen voor die van een serie eeuwenoude eiken langs een beek. Het landschap is liefelijk en verzorgd, maar ik weet beter. Vanaf hier is het drie volle dagen lopen door almaar ruiger terrein voordat ik weer in de bewoonde wereld ben. Beste lezer, je hebt een boek in handen over de Veluwe dus het zal geen verrassing zijn dat het bovenstaande geen beschrijving is van Alfred Russel Wallace op expeditie in de Amazone, of John Muir wanneer hij de Redwoods van Californië ontdekt. De treinreis is die van Ede-Wageningen naar Arnhem. De beek is de Jansbeek, de eeuwenoude eiken staan in Sonsbeek en in drie volle dagen lopen kom je het bos weer uit bij Nunspeet of Harderwijk, afhankelijk van de route die je kiest. Maar waar het om gaat, is dat het zomaar een hedendaagse versie van Wallace of Muir had kunnen zijn. Zonder overdrijving of geromantiseer, kun je drie dagen lang zonder bos en heide te verlaten (het oversteken van een enkele weg daargelaten) dwars door de natuur trekken. Op de Veluwe. En dat is uniek in ons land en ook daarbuiten behoorlijk bijzonder. De Veluwe is zowel in zijn omvang als in zijn aard heel bijzonder. De stuifzanden, de heides, de oude boskernen en sprengenbeken maken het tot een ongeëvenaard gebied. Maar het is ook overdonderend. Duizenden kilometers wandel- en fietspad. Welke moet je kiezen om die Veluwenatuur zelf te ervaren? Het mooiste is natuurlijk om zelf in de huid van Wallace te kruipen. Rugzak op en ontdekken maar, alsof het gebied nog nooit in kaart is gebracht. Maar dat is voor weinigen weggelegd. Voor alle anderen is er dit boek. Uit de veelheid van mogelijkheden heb ik, samen met de beheerders van de Veluwe, die routes uitgezocht waar je de mooiste en meest diverse landschappen, flora en fauna kunt vinden.

Bloeiende beenbreek bij een zomeronweer op het Deelense Veld, Hoge Veluwe (route 13)

11


DE VELUWE IN VOGELVLUCHT

DE VELUWE IN VOGELVLUCHT

Tegenoverliggende pagina: Overzicht van de Veluwe met ligging van de routes (pag. 133 en verder)

12

De Veluwe is het grootste aaneengesloten gebied van zandheuvels en stuwwallen in Nederland. Het ligt vrijwel exact in het midden van ons land. Sterker nog het ‘zwaartepunt van Nederland’, uitgerekend door het kadaster, ligt in de gemeente Ermelo op de West-Veluwe. Het Veluwemassief ligt als een lens op het laagland. Het is een droog ‘eiland’ te midden van het natte rivierengebied in het zuiden en oosten en de Veluwerandmeren in het noorden, die ooit de oever waren van de Zuiderzee. Het hoogste punt van de Veluwe ligt in het zuidoosten en is 110 meter hoog – na het Zuid-Limburgse heuvelland het hoogste punt van Nederland. Terwijl het Veluwemassief bestaat uit zandduinen en stuwwallen – droog en voedselarm – zijn de randgebieden exact het tegenovergestelde – nat en voedselrijk. Daardoor vullen de natuur van de centrale Veluwe en die van de periferie elkaar prachtig aan. Een Yin en Yang van de Gelderse natuur. Hetzelfde geldt voor de cultuur. Een blik op de kaart hiernaast laat zien dat het Veluwemassief bovenal bos (groen) en heide (paars) is. Het grijs van de dorpen en steden, en daarmee de Veluwecultuur, bevindt zich vooral langs de randen van het plateau. Een dorpje ‘midden op de Veluwe’ heb je bijna niet, enkele buurtschappen daargelaten. Het massief zelf is daarmee een van de dunst bevolkte gebieden van Nederland. En een van de natuurrijkste. De Veluwe is één enorm natuurgebied dat weer is opgedeeld in kleinere terreinen die grotendeels in het bezit zijn van natuurorganisaties, Defensie, Staatsbosbeheer en particuliere landgoedeigenaren. Over de centrale Veluwe ligt een uitgebreid netwerk van wandel- en fietspaden. Verharde wegen daarentegen zijn er weinig. Die combinatie van uitgestrekte natuurgebieden, weinig bebouwing en landbouw en een beperkt aantal wegen, maakt het gebied uniek. In het laagland rondom de Veluwe is het een stuk drukker, maar het landschap is hier over het algemeen aangenaam en kleinschalig. Dorpen, boerenland, landgoederen en tal van kleine natuurgebiedjes wisselen elkaar af. Hier vind je de natuur van de beekdalen, gescheiden door drogere zandruggen, met moerassen, weiden, en kleine bossen en heideterreinen. Ook liggen hier enkele van de grotere plaatsen, zoals Barneveld, Ede en Apeldoorn. Langs de rivieren en de Randmeren is het landschap het meest open, met enkele mooie, vogelrijke polders en uiterwaarden. Hier vind je ook de meeste steden, zoals Wageningen, Arnhem (de grootste stad in het gebied), Brummen, Hattem, Elburg, Harderwijk en Nijkerk (en Doesburg, Zutphen, Deventer en Zwolle aan de oostkant van de IJssel). Zonder uitzondering zijn deze plaatsen groot geworden door hun ligging aan het water, die scheepvaart en daarmee handel mogelijk maakte. Tegenwoordig is de Veluwe vanwege de schitterende en uitgestrekte natuur terecht een van de belangrijkste toeristische bestemmingen van Nederland.


DE VELUWE IN VOGELVLUCHT Kampen

Lelystad

Zwolle

3 Hattem

Wezep Oldebroek

Elburg

m

A28

Nunspeet

Heerde

se

l

nd

IJs

lu Ve

ra we

Wapenveld

‘t Harde

n e re

Harderwijk

Epe

2

7 4

Ermelo

Elspeet

5

Uddel

8

Garderen

9

Nijkerk Voorthuizen

Deventer

Kro o n d o m e i n H et Lo o

Putten

1

Vaassen

Apeldoorn

A1

6

10

Ko otwi j ke rza n d Barneveld

Crossbill HQ•

A12

18

16 Wageningen Renkum

rri j n

A50

17

Brummen

Ve l u w ezo o m Dieren

15

20 19 Velp

l

Ede

22

A50

14

12

11

Nede

13

Rheden

Arnhem

se

Hoge Ve l u w e

IJs

A30

Veenendaal

Zutphen

21

A12

13


GEOLOGIE

GEOLOGIE Het is het mooist als je vanuit Duitsland over de A12 richting Arnhem rijdt. Zo ter hoogte van de brug over de IJssel zie je hem oprijzen boven het vlakke UNIEK: EUROPA’S MOOIST BEWAARDE rivierenland: het Veluwemassief. Best indrukSTUWWALLENLANDSCHAP wekkend, zeker voor ons laaglanders. Zwitsers, De Veluwe is, samen met de Utrechtse en NijZuid-Duitsers of Limburgers zullen misschien niet meegse Heuvelrug, het meest intacte stuwwalerg onder de indruk zijn. Maar voor hen zijn er de lenlandschap van Europa. Doordat Nederland stuifzanden en het enorme hobbelige duinenlandeen delta is en geen rotsige ondergrond heeft, schap van de Midden-Veluwe die het landschap konden hier de perfecte stuwwallen worden opeen exotische toon geven. In beide gevallen zijn geworpen. Vergelijkbare gebieden vind je ook het voorbeelden van een bijzondere geologie. in Noord-Duitsland, Polen en verder oostelijk, maar daar zijn de heuvelruggen uit het Saalien (de voorlaatste ijstijd) allemaal weer overgebulldozerd door het landijs uit de laatste ijstijd. Dat ijs heeft Nederland niet bereikt en daarom zijn de Nederlandse stuwwallen zo gaaf gebleven.

Opstuwing van de ijskap, waarbij telkens een nieuw laagje keileem van onder de ijskap wordt opgeduwd en schuin in de stuwwal komt te liggen. De meeste bronnen op de Veluwe bevinden zich op de contactzone van deze keileemlagen.

HET SAALIEN – LANDIJS IN NEDERLAND Het verhaal van de Veluwe begint zo’n 160 duizend jaar geleden, in de voorlaatste ijstijd, het Saalien. Het landijs kroop toen zo ver naar het zuiden dat het de helft van Nederland bedekte. Ten noorden van de lijn Haarlem – Utrecht – Nijmegen was de wereld wit. Of waarschijnlijk eerder grijs, door het vele steengruis en puin dat met het gletsjerijs vermengd was. Deze grens vormde geen rechte lijn. Meerdere ijstongen staken uit naar het zuiden (zie tekening op de tegenoverliggende pagina). Hun gewicht was zo groot dat ze de bodem waarop ze lagen naar de randen wegduwden en zo de stuwwallen opwierpen die nu het skelet van de Veluwe vormen: de zuidelijke, oostelijke en noordwestelijke heuvelruggen. De Veluwe is, samen met de Utrechtse Heuvelrug, het Montferland (ten oosten van Zevenaar) en de Nijmeegs-Kleefse Heuvelrug, één groot complex van stuwwallen en dekzanden en is daarmee het grootste min of meer intacte ijstijdenlandschap van West-Europa. Dit landschap is niet alleen speciaal vanwege zijn reliëf en bodem. Doordat de ondergrond voedselarm is en daarmee niet bijster geschikt voor landbouw, is het in het heuvelruggenlandschap het gebied waar je de grootste bosgebieden, stuifzanden en heides vindt. Eén blik op de kaart bij het weerbericht en je ziet de stuwwallen direct als donkere, beboste vlekken terug. Het tijdperk van het Saalien duurde lang. Maar liefst 110 duizend jaar, van ongeveer 240 duizend tot 130 duizend jaar geleden. Tussen 180 en 130 duizend jaar geleden was de Veluwe de frontlijn van het ijs. Dat ijs lag niet stil – ijstongen verlegden en verlengden zich en krompen ook weer ineen. De Veluwse stuwwallen zijn dan ook niet gelijktijdig ontstaan maar na elkaar, waarbij de jongere de oudere weer deels verlegde. De bodem die hierbij afgezet werd is leem, dat fijngewreven en in plakken bevroren onder aan de ijsmassa kleefde. De harde plakken leem gleden over de zachtere, onbevroren onderlaag, braken af en werden in schuine lagen aan de kant geduwd, als een gigantische, scheve spekkoek. Het verschil tussen leem en zand is groot. Zo groot dat je de leemgron-

14


GEOLOGIE den (de stuwwallen met veel hoogopgaand loofbos, beken en hellingen) gemakkelijk kunt onderscheiden van de zandgronden, waar je uitgestrekte heidevelden, naaldbossen en zandverstuivingen vindt. Er groeit wel naaldbos en heide op de stuwwal, maar dat is een stuk weelderiger. HET IJS TREKT ZICH TERUG Het einde van het Saalien was een belangrijke periode voor het Veluwse landschap. Met het smelten van de grote gletsjers in de Alpen zwollen de rivieren enorm. Vóór het Saalien stroomden de rivieren allemaal naar het noorden af door het dal waar nu de Eems stroomt. Maar die weg was nog steeds geblokkeerd door enorme gletsjers. Dit gold ook voor het westen want hier lagen de stuwwallen van het Veluwe-Nijmegen complex – toen nog één geheel. Gevangen in een cul-de-sac ontstond er een enorm smeltwatermeer, dat uiteindelijk zo groot werd dat het door de westelijke barrière heen brak en de heuvelrug tussen Arnhem en Nijmegen volledig wegspoelde. Zo ontstond de Gelderse Poort – het punt waar de rivier tussen het zuidelijk en noordelijk deel van de stuwwal heen stroomt. Met het verdwijnen van het ijs ontstonden op het Veluweplateau zelf ook grote smeltwatermeren vanwaar het water een uitweg naar beneden zocht. Dit was vooral het geval in het centraal-zuidelijke en in het noordelijke deel. In het zuiden zijn de smeltwatermeren bij Wolfheze door de stuwwal heen gebroken en hebben in de wilde uitstroom naar het Rijndal een enorme waaier van sedimenten neergelegd. Dit is de zogeheten spoelzandwaaier of sandr, waar later de Renkumse en Heelsumse

Maximale ijsbedekking in de voorlaatste ijstijd met de ligging van de stuwwallen Asymmetrische dalen op de Veluwezoom (route 19)

15


LANDSCHAP VAN DE VELUWE

LANDSCHAP VAN DE VELUWE Hoewel je, een beetje zwervend over de Veluwe, gemakkelijk het gevoel kunt krijgen dat er geen eind komt aan de bossen en heidevelden, is de natuur verre van eentonig. Je vindt telkens weer

RIVIERENGEBIED Waar: Zuid- en oostrand van de Veluwe. Routes: 16, 17, 19 en 21 Pagina: 20 Bodem: Rivierklei, rivierzand. Landschap: Ruige weilanden, oeverwallen, moerasbos, oude rivierarmen. Natuur: Rijke vogelwereld van moerasbossen en rivierarmen. Bijzondere flora op de rivierduinen en (heel lokaal) oude akkers. Historie: Steenfabrieken en kleiputten, waar de klei voor de bakstenen werd gewonnen.

VELUWEFLANKEN Waar: Op de flanken van de Veluwe en bij Staverden. Routes: 1, 2, 3, 5, 7, 10, 19, 20, 21 en 22 Pagina: 24 Bodem: Afwisselend. Rijke, vochtige bodems, dekzandruggen, veen, kwelwater-gevoed moeras. Landschap: Coulisselandschap met hagen en bosjes, akkers en bloemrijke weiden. Natuur: Veel kleine natuurgebiedjes, bossen en oude lanen. De meest bijzondere gebieden zijn restanten natte heide, beekdalgrasland, elzenbronbos en blauwgrasland. Bescherming: Staat onder druk door versnippering en vermesting, maar veel herstelwerkzaamheden worden uitgevoerd en lokaal wint de natuur weer terrein. Historie: Veel landgoederen en kleine agrarische gemeenschappen.

STUWWAL Waar: Meest prominent aan de zuid- en oostrand en bij Putten-Ermelo. Routes: 5, 8, 16, 17, 18, 19, 20 en 22 Pagina: 30 Bodem: Leem. Landschap: Hoogopgaande bossen, vooral beuken en eiken-berken, maar lokaal ook essen, elzen en esdoorns. Kleine weiden en heideterreinen. Natuur: Bijzondere flora en fauna van oude, ongestoorde bossen. Heideterreinen zijn rijk aan flora en fauna. Historie: Veel grafheuvels duiden op vroege bewoning. Recente geschiedenis van de schapenhouderij, jacht en malebossen (gemeenschapsbossen).

Z-O

rivierengebied

18

Veluweflank

stuwwal

zandlandschap


LANDSCHAP VAN DE VELUWE

nieuwe landschappen met andere dier- en plantensoorten – je moet er alleen een beetje oog voor hebben. Het landschap van de Veluwe zit eigenlijk best logisch in elkaar. Dit zijn de belangrijkste landschapstypes. Op de volgende pagina’s worden ze uitgebreider beschreven.

ZANDLANDSCHAP, VENNEN EN VENEN Waar: Westelijke en centrale Veluwe. Routes: 2, 4, 6, 7, 9, 11, 12, 13, 14en 19 Pagina: 38 en 50 Bodem: Zand. Landschap: Uitgestrekte heidevelden en naaldbos. Lokaal landbouwenclaves, oude eiken-berkenbossen, natte heide en vennen. Natuur: Met name de flora en fauna van natte heide, vennen en stuifzanden zijn heel bijzonder. Ook de uitgestrektheid van de bossen en heides is speciaal. Historie: Schapenhouderij en potstalcultuur. Hakhoutbossen.

POLDERLAND Waar: Aan de Randmeren. Routes: 1, 2 en 3 Pagina: 54 Bodem: Zeeklei en veen. Landschap: rRietmoeras, polders, meren. Natuur: Heel rijk aan vogels, dankzij de bijzondere moerassen in de polders en Randmeren. Bescherming: De belangrijkste gebieden zijn beschermd, maar staan onder druk door watertoerisme. Historie: Dorpen zijn oorspronkelijk gericht op visserij op de Zuiderzee, op het boeren in de polder en op de schapenhouderij op de Veluwe.

N-W

Z-O

N-W

vennen en venen

zandlandschap

stuwwal

Veluweflank

polderland

19


DE STUWWAL

DE STUWWAL LANDGOEDEREN, SPRENGEN EN OUDE PARKBOSSEN Er ligt een krans van beken en beekjes rondom de Veluwe. Op de stuwwal, aan de randen van het Veluweplateau stroomt het grondwater aan alle kanten uit de bodem. Als droogte het thema is van de centrale Veluwe, dan is water dat van de Veluwerand. Water

eiken-berkenbos

beukenbos

EIKEN-BERKENBOS • Oude eiken-berkenbossen hebben een prachtige, dichte varenlaag. • Unieke geschiedenis van het spaartelgenbos (zie pag. 48). • Rijk aan herten en zwijnen.

Z-O

N-W

akker

BEUKENBOS • Hoogopgaande bomen en prachtige lanen. • Malebossen met kronkelige stammen. • Veel holen waar spechten en uilen in broeden.

beukenbos

AKKER • Rijke geschiedenis van de potstalcultuur (schapenbemesting). • Veel bloemen en vlinders in de zomer. • Groot aantal muizen en roofvogels in de winter.

N-W

akker beukenbos

30

Z-O

‘groene’ heide


DE STUWWAL

in sprengen en beken, water dat de oude bossen voedt, en water waaromheen vanaf de 17e eeuw, een volledige economie is opgebouwd. Overal stonden watermolens die graan maalden of papierpulp maakten. Later zijn de beken, verfraaid met watervallen en vijvers, de trots geworden van de vele landgoederen die aan de Veluweflank ontstonden. De stuwwallen zijn dan ook het majestueuze deel van de Veluwe. Letterlijk zelfs bij Paleispark Het Loo bij Apeldoorn. Rondom de hele Veluwe ligt een ring van fraaie landhuizen en landschapsparken. ‘GROENE’ HEIDE • Anders dan de heide op de zandgronden: met veel braam, brem en gaspeldoorn. • Rijk aan reptielen en vogels.

beukenbos

SPRENGKOP EN BEEK • Beekjes met steile kanten. • IJsvogels en bijzondere planten.

sprengkop en elzenbroekbos

BOS EN GRASLAND LANGS DE BEEK • Hoogopgaand bos, met veel verschillende boomsoorten. • Rijk aan bosvogels. • Mooie voorjaarsflora.

beekbegeleidend bos en grasland

31


DE STUWWAL DE STUWWAL Het kan haast niet missen – wie voor het eerst van Rheden naar de Posbank wandelt, of vanaf het Arnhemse Sonsbeek Park omhoogloopt naar Warnsborn, is onder de indruk. De machtige bossen op de glooiende hellingen, de meanderende beken met her en der een watervalletje. Via niet geheel toevallige doorkijkjes door het lover schitteren kasten van landhuizen je tegemoet. Dit is het Geldersche Arcadië, verwijzend naar het klassiek Griekse ideaalbeeld van de natuur, dat vooral zinnenstrelend is. Hier is het goed toeven. De term ‘Geldersch Arcadië’ heeft nu betrekking op de zone Wageningen-Arnhem-Dieren, waar de stuwwal de meest spectaculaire glooiingen heeft. Maar wie op de Noord-Veluwe zijn neus om de hoek heeft gestoken bij Oud Groevenbeek (bij Ermelo), Zwaluwenburg (‘t Harde) of Cannenburgh (Vaassen) weet dat er overal rondom de Veluwe prachtige buitenplaatsen en kasteeltjes staan. Op en tussen deze landgoederen liggen buurtschappen met akkertjes en kleine heidevelden, die de stuwwalzone tot een heel afwisselend landschap maken. Toch zal je op een wandeling hier vooral het bos opvallen – schitterend, statig, majestueus beukenbos. DE STUWWAL IN HET KORT Bomen van 35 tot 40 meter hoog zijn geen uitzondering. Routes: 5, 8, 9, 16, 17, 18, 19, 20, 22 De kronen zijn hoog, en de stammen recht. In de bossen Ligging: Zuid- en Oost-Veluwe en Noordweststaan en liggen behoorlijk veel dode bomen, vol met tonVeluwe. derzwammen. Voor de natuur zijn die van enorme waarde Landschap: Uitgestrekte eiken-berkenbossen – enerzijds doordat insecten op het dode hout afkomen en beukenbossen, ‘groene’ heide, akkers, en anderzijds vanwege de holen. Vleermuizen, bosuilen, sprengkoppen en sprengenbeken, bekenbos. bonte vliegenvangers, spechten en boommarters brengen Topgebieden: Speulder- en Sprielderbos, hier hun jongen groot. Kroondomein Het Loo, Nationaal Park Op de Veluwse stuwwallen ligt een van de belangrijkste Veluwezoom, Middachten, landgoederen concentraties oud, natuurlijk bos van heel Nederland. tussen Wageningen en Arnhem. Het Speulder- en Sprielderbos, Kroondomein Het Loo, de Bijzonderheden: Elspeter Struiken, de Imbosch, de Onzalige Bossen – ze • Heuvelachtig, mooi wandelgebied. hebben stuk voor stuk hun plaats in de hall of fame van • Majestueuze lanen en monumentale bomen. de Nederlandse bossen en vertonen duidelijk een aan• Rijke historie van landgoederen en tal eigenschappen van oerbossen. Toch hebben deze sprengeneconomie. bossen een lange geschiedenis van menselijk gebruik. Juist dit gebied is het langst en meest intensief bewoonde SOORTEN gedeelte van de Veluwe. Van grafheuvels en Celtic Fields edelhert, ree, wild zwijn, boommarter, das uit de prehistorie naar schapenteelt en koninklijke jachtgrote bonte specht, middelste bonte specht, partijen in de recente geschiedenis, het heeft allemaal kleine bonte specht, zwarte specht, groene een stempel gedrukt op de Veluwse stuwwallen. Van alle specht, fluiter, bonte vliegenvanger, grauwe tijdlagen van de geschiedenis zijn nog steeds prachtige vliegenvanger, gekraagde roodstaart, voorbeelden te vinden in het landschap. bosuil, grote gele kwikstaart, ijsvogel Daarmee is de Veluwse stuwwal net zozeer een cultuurringslang landschap als een plek waar je nog oude bossen en nadubbelloof, dalkruid, paarbladig goudveil tuurlijke overgangen van droog naar moeras kunt tegenkomen. Zelfs in een aangelegd gebied als het Arnhemse Park Sonsbeek kun je alle natuurlijke bostypes van de Veluwerand terugvinden, inclusief de zo typische flora en fauna.

32


DE STUWWAL

OUDE BOSSEN OP DE HEUVELRUG Het beste kun je de natuurlijke overgangen op de heuvelrug nog zien als je van Velp de stuwwal van de Veluwezoom opwandelt, zoals in route 19. In tegenstelling tot de centrale Veluwe kom je hier heel veel verschillende soorten bos tegen, die ieder in hun eigen zone op de stuwwal groeien. Bovenop, waar de bodem het droogste is, zwaaien eiken en berken de scepter, her en der met wat beuken. Dit bostype lijkt veel op de eikenbossen op de zandgronden van de centrale Veluwe (zie pag. 48), maar vanwege de lemige bodem is er meer beuk te vinden. Op de droge stuwwaltoppen voeren deze twee grote concurrenten, eik en beuk, hun titanenstrijd uit. Her en der groeien wat lariksen, dennen en sparren, een restant van de bosbouwperiode van begin 20ste eeuw. Op de bodem van de eiken-berkenbossen groeien veel bosbes en adelaarsvaren die samen de volledige bosbodem kunnen bedekken. Behalve voedsel levert deze ondergroei dekking aan het wild. Dassen maken er graag hun burcht. De eikenbossen hebben een rijk insectenleven. In Nederland zijn er alleen al veertig soorten insecten bekend die gallen produceren in eiken. Daar bovenop komen nog eens tal van andere kevers, vliegen, wespen en motten. De berken hebben een zachte bast en rotten nogal snel, waardoor er spleten en kleine holtes in ontstaan, die in trek zijn bij kleine vogels als matkoppen en boomkruipers die erin broeden. Op de hellingen van de heuvelrug winnen de beuken het van de eiken. Op de meest beschaduwde, ongestoorde hellingen bestaat het bos zelfs volledig uit beukenbomen. Ook hier geldt dat de oude bomen vanwege de vele holtes ideaal zijn voor vogels en marters, al vind je hier andere soorten dan in het eikenbos (zie pag. 48). De ondergroei is enorm beperkt door de zure bodem en het verstikkende blad. De Nederlandse

Steile heuvelrug met beukenbos bij Doorwerth (route 17)

Boommarter

33


GESCHIEDENIS

GESCHIEDENIS Op eenmaal maakte een begroeide heuvel, die in cirkelvormigen loop een vruchtbaren Eng insloot, een afscheiding tusschen de welige landstreek en de plaats, waar de aarde nog woest en ledig is. Daar, zo verhaalt het landvolk, had men, in vroegere eeuwen, woningen willen timmeren; maar de geest, die in nevelen over de woeste heide voortzweeft had geroepen: “ Voort, (weg van hier) huizen” Laat deze plek woest blijven. Ottho Gerhard Heldring. De Veluwe: Eene wandeling – 1841

Grafheuvel bij Renkum (route 16)

60

Zo kwam, volgens het volksverhaal, het dorp Voorthuizen aan zijn naam. Gebouwd aan de rand van de Veluwe waar, aldus de schrijver, het landschap vruchtbaar en lieflijk is: “Dan eens voerde een holle beschaduwde weg, in zijne kronkelingen langs een’ bloeijenden moestuin, dan weder bood ons een bloemrijk kampken of weide een vriendelijk uitzigt op een’ groenenden of rijpenden akker van verschillend graan...” Dat is nog eens wat anders dan het ‘woest en ledig land’, een referentie aan het moment in het scheppingsverhaal voordat God de aarde had gedecoreerd met het leven en de mens. Maar de romantiek kreeg snel grip op de taal en ‘woest en ledig’ werd al snel wat het nu ook nog is: een geuzennaam voor de wilde schoonheid van de zandverstuivingen, heide en het grillig kreupelhout. De naam ‘Veluwe’ refereert ook aan dit beeld. Historici koppelen de naam Veluwe aan Falwe, waar ook het Engelse fallow land (verlaten, braakliggend land) vandaan komt. Of, een alternatieve, maar verge-


GESCHIEDENIS lijkbare verklaring is de herkomst van het Germaanse Felwa dat vaal betekent, naar de kleur en armoede van de zandbodem en als tegenhanger van Betuwe, dat batig – vruchtbaar – land betekent. De herkomst van deze namen wordt overigens betwist.

GRAFHEUVELS EN VELUWSE OERNATUUR Archeologen kijken graag in de grafheuvels, maar biologen zijn meer geïnteresseerd in wat eronder zit. Zo’n kunstmatige heuvel is voor oernatuur wat vernis is voor een schilderij. Eronder blijft de oude bodemstructuur vol met pollen, sporen, humus en in- en uitspoelingslagen intact. Onder veel grafheuvels op de Veluwe zijn zogenaamde bruine bosbodems gevonden. Dit is een rijk bodemtype dat duidt op lange, ongestoorde bosontwikkeling. Op dit soort bodemtypes groeien linden, esdoorns, haagbeuken en eiken – boomsoorten die nu slechts een marginale rol spelen in de Veluwse bossen omdat de bodem inmiddels te zuur, voedselarm en droog is – een gevolg van vele eeuwen boskap, plaggen steken en begrazing.

RENDIEREN EN RAATAKKERS – DE PREHISTORIE EN BRONSTIJD Toch was deze streek niet altijd zo kaal. Een alternatieve verklaring voor de naam Veluwe is zelfs dat het ‘drinkpoel in het bos’ zou betekenen. Bos was er zeker. Na de laatste ijstijd ontstonden er dichte wouden op de Veluwe. Het werd een boseiland in een zee van moeras, want zowel de Rijn- als de IJsselvallei stond met hoogwater volledig blank. Aan de noordzijde lagen slikken en veenmoerassen die langzaam overgingen in de getijdenmoerassen aan de Zuiderzee-oever. Daarom is juist de Veluwe al vroeg bewoond geraakt. In het moeras kon je niet leven, maar op de droge Veluwe wel. De eerste bewoners waren jager-verzamelaars en leefden zo’n 15000 – 8000 v. Chr., dus nog voordat de sporen van de laatste ijstijd helemaal verdwenen waren. Mammoeten en rendieren waren waarschijnlijk de voornaamste prooien, maar vondsten uit die periode zijn schaars en alle kennis over die periode is enigszins speculatief. In de bronstijd (3000 – 800 v. Chr.) begon men te boeren en eindigde het zwervende bestaan. Opnieuw was het plateau en niet de vallei de verkozen plek. Daar kon je een huis neerzetten en was er voldoende wild, water en landbouwgrond om een goed TASTBAAR VERLEDEN: PREHISTORIE bestaan op te bouwen. In de prehistorie was de Veluwe relatief dichtHet meest geliefd waren de plekken op de heuvelrug: bevolkt. Op de heuvelruggen vind je nog grote droog, maar met bronnen dichtbij en een vruchtbare aantallen grafheuvels uit die tijd. Nauwelijks leemgrond die ook nog eens gemakkelijk te bewerken meer herkenbaar zijn de raatakkers (Celtic was. Rondom lag bos, waar men vee hoedde en jaagde Fields) waarop de vroege bewoners de grond op zwijnen, reeën, herten, oerossen en wisenten. Enkele bewerkten. duizenden grafheuvels zijn de belangrijkste restanten uit De meeste restanten zijn te zien bij Ermelo die vroege maar duidelijk intensieve bewoningsperiode. (Route 5) en de omgeving van Renkum en WolfWaarschijnlijk was de Veluwe zelfs een van de dichtstbeheze (routes 16 en 17). Raatakkers zijn slecht volkte gebieden van West-Europa. Overigens waren de zichtbaar in het bos, maar liggen onder andere in het Renkums Beekdal en bij de Gortelseweg meeste nederzettingen niet permanent. Na enkele jaren, bij Vaassen. wanneer de bodem was uitgeput, verkasten de bewoners naar een nieuw gebied. Grote aantallen grafheuvels – een goede indicatie voor intensieve bewoning – zijn te vinden tussen Wageningen en Arnhem, met name bij de Renkumse en Heelsumse Beek, in de Speulder- en Sprielderbossen bij Ermelo en Putten, en bij het Uddelermeer en Kroondomein Het Loo. Op sommige plekken zijn ook restanten te vinden van vroege landbouw. Akkerbouw vond plaats min of meer vierkante veldjes, omzoomd door een aarden wal – de zogeheten raatakkers of Celtic Fields.

61


TITEL HOOFDSTUK

86


FLORA EN FAUNA De natuur kent geen landen. De grens van Nederland met Duitsland betekent niets voor planten en dieren. Een heggemus die zijn nest rondom het drielandenpunt heeft gemaakt, heeft maar één territorium. Er zijn wel grenzen in de natuur, maar die lopen anders. Zo ligt Nederland voor het overgrote deel in het ‘oceaanland’ – oftewel de Atlantische ecoregio. Die loopt ongeveer van het noordpuntje van Portugal over Noord-Spanje, West-Frankrijk, Vlaanderen, Nederland, Noord-Duitsland en West-Denemarken tot de zuidwestpunt van Noorwegen. Ierland en Engeland horen daar ook bij. Zuid-Limburg daarentegen, is biologisch een ander land. Zou je het puntje ten zuiden van Sittard van ons land afknippen, dan zou Nederland een aanzienlijk deel van zijn biodiversiteit verliezen. In de Atlantische ecoregio komen veel plant- en diersoorten voor die je uitsluitend in (een deel van) deze regio tegenkomt. Voor sommige van die soorten is Nederland internationaal van groot belang. Planten als beenbreek, gaspeldoorn en dopheide zijn voorbeelden van Atlantische soorten. Ook bepaalde ecosystemen vind je alleen in de Atlantische regio. Sommige zelfs alleen in en rondom Nederland, zoals stuifzanden, natte en droge laaglandheides, zeekleipolders en blauwgraslanden. Dit zijn de soorten en landschappen die Nederland, samen met een puntje Vlaanderen en een reepje NoordDuitsland, uniek maken. Op de Veluwe vind je behoorlijk veel van deze Atlantische soorten. Maar er is meer. Er zijn ook generalisten, die je op heel veel plekken in Europa tegenkomt, zoals struikhei en grasklokje. Verder tref je op de Veluwe een mooie collectie noorder- en zuiderlingen aan. Dit zijn de soorten die voor Nederlanders erg bijzonder zijn, maar internationaal wat minder opzien baren. Het naaldbos op de voedselarme, snel afkoelende Veluwse zandbodem is bij uitstek een ‘noordelijk’ habitat. Veel bomen zijn zelfs oorspronkelijk uit Scandinavië gehaald. Bij de ondergroei van rode en blauwe bosbessen zal een Zweed of Fin zich thuis voelen. De meeste noordelijke soorten zijn op de Veluwe echter zeldzaam. Slechts hier en daar vind je ze – de broedende sijsjes en barmsijsjes, de fijne bloemen van zevenster en de tapijten van stekende wolfsklauw. Met een beetje zon op de stuifzanden en droge duinen wordt het op de Veluwe ook snel heet, zeker op de zuidhellingen. Ideaal voor mediterrane soorten. Veel zijn het er niet, maar er zijn enkele typische warmteminnaars, zoals blauwvleugelsprinkhaan en kleine schorseneer. Bij ondiepe vennetjes en beekjes vliegen mediterrane types als beekoeverlibel en vuurlibel. In dit hoofdstuk bespreek ik de typische planten en dieren van de Veluwe.

Burlend edelhert op de Elsberg (route 22)

87


ZOOGDIEREN

ZOOGDIEREN De Veluwe is wild spotten. Wie wil er niet een majestueuze twaalf-ender zien (edelhert met een groot gewei met 12 vertakkingen), met damp uit de neus in de vroege ochtendzon? Of een zwijn dat het pad oversteekt met een karavaan gestreepte biggetjes achter zich aan? Een roedel moeflons dicht tegen elkaar gepakt op een mistige winterochtend?

Van boven naar beneden: Ree, edelhert, moeflon

Er is geen plek in Nederland waar dit beter kan dan op de Veluwe. Toch is wild zien niet gegarandeerd. Je moet er wel wat voor doen. Op pagina 300-304 staan de beste wildkijkplekken. Dit zijn de big five: Ree Met het formaat van een grote hond is het ree de kleinste van de wilde grazers in Nederland. De mannetjes hebben een klein, naar voren staand gewei. In tegenstelling tot de andere soorten is het ree het enige hoefdier dat je in (vrijwel) het hele land kan aantreffen. Ze zijn algemeen op de gehele Veluwe, maar de hoogste aantallen zitten aan de randen, waar de combinatie van veel dekking in kleine bossen en voldoende voedsel op grazige weilanden en akkers, ideaal is. Edelhert Met het formaat van een paard is het edelhert het grootste hert van ons land. De mannetjes hebben een groot en breed gewei dat ieder jaar afgeworpen wordt om het jaar erop terug te groeien, maar dan iets groter. Het is een algemene misvatting dat er ieder jaar een tak bij zou groeien en dat zo de leeftijd van het hert is af te lezen. Het aantal vertakkingen steigt wel met de jaren, maar hangt af van hoe goed het hert doorvoed is. Hertenmannen krijgen geen buikje maar een groot gewei. Edelherten waren in het begin van de 20ste eeuw vrijwel uitgestorven in ons land. Ze werden voor de jacht geïmporteerd uit Duitsland en losgelaten in Kroondomein Het Loo en op De Hoge Veluwe. Doordat de Veluwse natuurgebieden aan elkaar geknoopt werden, zijn edelherten inmiddels op de hele Veluwe te zien. Buiten de Veluwe zijn ze alleen te vinden in de Oostvaardersplassen en het Weerterbos, hoewel in het oosten van ons land regelmatig zwervers uit Duitsland opduiken. Moeflon Net als het damhert is de moeflon op de Veluwe uitgezet voor de jacht. Dit wilde schaap ziet er met zijn bruine vacht heel wat wilder uit dan de Veluwse heideschapen – zeker de rammen met hun grote gekromde horens. Van oorsprong leeft de moeflon op Corsica en Sardinië. Op de Veluwe komen ze voor in het Nationale Park De Hoge Veluwe, Noorderheide, landgoed Hoog Deelen en het Wekeromse Zand.

88


ZOOGDIEREN Wild zwijn Het wild zwijn is de voorouder van ons varken, maar dan, zoals dat hoort bij een wild beest, met veel stug, donker haar. Zwijnen wroeten de bodem om op zoek naar voedsel en hun karakteristieke ‘geschoffel’ is vaak te zien. Aangezien één zwijn behoorlijk wat grond om kan woelen (de reden dat boeren niet blij met ze zijn) lijken er meer te zijn dan er in werkelijkheid rondlopen. Wilde zwijnen komen op de hele Veluwe voor. Daarbuiten vind je ze vooral in Limburg (met name Meinweg), het Rijk van Nijmegen en in Twente. Damhert Het damhert houdt, voor wat betreft zijn formaat, het midden tussen edelhert en ree. De mannetjes zijn gemakkelijk te herkennen aan het platte gewei. Man en vrouw hebben meestal witte vlekjes op de rug (ree en edelhert hebben een effen bruine rug). Veel damherten op de Veluwe zijn echter donker bruingrijs, tegen zwart aan. Damherten komen op veel plekken in Europa voor, maar zijn daar overal uitgezet voor de jacht. Oorspronkelijk komen ze uit Turkije en het Midden-Oosten. De enig overgebleven oorspronkelijke populatie leeft in de bergen bij Antalya. Op de Veluwe komt het damhert met name voor in het Deelerwoud, op de Arnhemse Heide, en bij de Elspeter Struiken en Noorderheide. Daarbuiten wordt hij ook wel gezien, doordat ze zich langzaamaan verspreiden vanuit deze gebieden. Waar damherten veel voorkomen, zoals in het Deelerwoud, worden reeën weggeconcurreerd. Buiten de Veluwe komen damherten met name voor in de duinen. Wisent De Veluwse pr-machine spreekt graag van de ‘big five’, in navolging van de Afrikaanse safari’s. Maar er is zojuist een zesde aan de lijst toegevoegd – de wisent. Dit enorme dier is de Europese tegenhanger van de Amerikaanse bison. In 2016 is een kleine populatie van vijf wisenten uitgezet in de buurt van Kootwijk in het kader van de natuurlijke begrazing van de heide (zie pag. 306). ANDERE ZOOGDIEREN Het blijft verbazingwekkend, zo ongelofelijk verborgen als de meeste zoogdieren leven. Tal van muizen, vleermuizen en roofdieren als marterachtigen leven op en rond de Veluwe. Ze jagen en worden bejaagd, markeren hun territoria, ruziën om de wijfjes, paren en brengen hun jongen groot. En je ziet er vrijwel niets van! Alsof ze in een parallel universum leven. Dwergmuisjes klimmen in strohalmen in de akkers, dassen leven samen in uitgebreide families in hun burchten en houden er een volledig padenstelsel op na dat ze iedere avond aflopen op zoek naar voedsel. Boommarters rennen van boom tot boom over smalle beukentakken – en allemaal net buiten ons zicht. Des te mooier als je er toch ineens een glimp van opvangt. Meestal is dat als je er het minst op beducht bent. Als je ’s avonds terug naar de camping wandelt en snel iets over de weg ziet rennen en bedenkt – dat was een das! Een van de hele zeldzame keren dat ik op de Veluwe een wezel zag, was naast de snelweg toen ik in de file stond!

Van boven naar beneden: Wild zwijn, damhert, wisent

89


VOGELS

VOGELS Een mooie, zonnige winterdag. Route 2, van Harderwijk naar het Hulshorsterzand, maar dan in omgekeerde volgorde, dus eerst langs de Randmeren en dan over het zand. Vanaf de vogelhut zie ik een ijsvogel in het strogele riet. GroeSPECTACULAIR pen zwanen en eenden schuilen in het riet aan de Winter: Duizenden eenden, ganzen en zwaandere kant van het water. Verderop zitten er meer, nen op de Randmeren. De eenzaamheid van ontelbaar meer, vermengd met honderden futen en het winterlandschap met de raven, klapeksters duizenden eenden van allerlei soorten. Kolganzen en blauwe kiekendieven. trekken in brede V-formaties over. Alles om je heen Maart-april: Baltsende raven, haviken en toetert, snatert, piept en fluit. buizerds boven de heide. Een half uur later op het zand – niets dan het zachApril-mei: Grutto’s en andere weidevogels te geruis van het stuivende zand en de zware roller in de polders. Als het blad net uitloopt en je van een koppeltje raven: dat is de vogelwereld van overal bonte vliegenvangers, gekraagde roodde Veluwe. Vol en divers aan de randen, karig maar staarten en spechten kunt zien en horen. bijzonder in het centrum.

Boven: Bonte vliegenvanger Onder: Havik

92

BOSVOGELS Het is een beetje een open deur, maar de Veluwe is een van de kerngebieden voor bosvogels in Nederland. Voor vogelliefhebbers uit het westen zijn de bossen dan ook een van de grote trekkers van het gebied. Een weekendje Veluwe betekent een grote kans op havik, sperwer, zwarte specht, fluiter, bonte vliegenvanger en gekraagde roodstaart (naast heidevogels als raaf, wespendief, nachtzwaluw en boomleeuwerik). Maar dan moet je wel op de juiste plek zijn want het ene bos is het andere niet. Voor veel vogels geldt: hoe ouder de bossen, hoe beter. Onder de bosvogels zijn veel holenbroeders en holen vind je in bossen waar voldoende dode stammen en takken zijn – oud bos dus. Verder is de ondergroei van belang. In oude eikenbossen, moerasbos en sommige oude naaldbossen groeien veel struiken en varens. De boomsoort maakt ook veel uit. Naaldbossen hebben een totaal andere vogelwereld dan loofbossen. Eikenbossen verschillen duidelijk van beukenbossen. Bij veel kleine vogels zijn oude berken favoriet, omdat die van nature veel spleten en gaten hebben. Gekraagde roodstaarten, bonte vliegenvangers en matkoppen zitten graag in loofbossen met een flink aandeel oude berken. Sijzen zijn juist gek op sparren en lariksen. Gemengde bossen scoren dan ook meer punten dan ‘pure’ loof- en naaldbossen. Last but not least – veel bosvogels houden van overgangen. Een goed ontwikkeld eikenbos is leuk, maar veel beter is het als er een beukenlaan doorheen loopt. Bos aan de rand van weiden of heides levert nog meer op, helemaal als die overgang niet te strak is, maar loopt via een struikenrijke ‘zoom’. Dáár is het te doen. Dit soort mooie plekken vind je vooral aan de zuidelijke Veluwerand, de oude buurtschappen tussen Epe en Apeldoorn en de omgeving Staverden-Ermelo-Putten. Echte eiken- en beukenbosvogels zijn grauwe vliegenvangers, boomklevers en fluiters. De laatste hoor je het vaakst in oud eikenhakhout.


VOGELS De hoogste aantallen fluiters zitten op de Veluwe, meer specifiek op de Veluwezoom en Kroondomein Het Loo. TYPISCHE BOSVOGELS Ook glanskoppen zijn vogels van de oude eiken-beukenNaaldbossen: fitis, goudhaan, vuurgoudbossen. Een veel zeldzamer soort van dit soort bossen is haan, kuifmees, zwarte mees, kruisbek, sijs, de kortsnavelboomkruiper, waarvan er enkele paren op barmsijs, goudvink, draaihals, kortsnavelde Zuid-Veluwe voorkomen (een enorm contrast met de boomkruiper gewone boomkruiper die werkelijk overal zit). Loofbossen: middelste bonte specht Open bossen met verspreide eiken, berken en dennen (parkbossen met eik), kleine bonte specht, zijn favoriet bij gekraagde roodstaarten en bonte vlie(meest in parkbossen), appelvink, grauwe vliegenvanger, bonte vliegenvanger, gekraagde genvangers. Grauwe vliegenvangers zie je hier ook vaak, roodstaart, zwarte specht, boomklever, glanszolang er maar voldoende oude bomen staan met veel kop, matkop (berk) nestholtes. Moeras- en parkbossen: groene specht, De schitterend gekleurde appelvinken met hun grote wielewaal (zeldzaam) snavels houden zich vooral op aan de Veluwerand, het Alle bostypen: alle mezen, vink, boomkruiper liefste boven in bomen. De omgeving Putten-Ermelo, de oostrand van de Veluwe en Nationaal Park De Veluwezoom hebben de hoogste dichtheden. De goudvink broedt in alle bossen van de Veluwe, al is hij wat schaarser in het zuidwesten. In het najaar trekt hij naar de natte bossen aan de randen van het massief waar hij zich tegoed doet aan de elzenproppen. De bijzondere vogelwereld van oude dennenbossen is wat diffuser – vogels zijn soms in het ene gebied en dan weer in het andere te vinden. Goede plekken zijn het Nationale Park De Hoge Veluwe, Deelerwoud, Planken Wambuis en Kroondomein Het Loo. De meeste zaadetende naaldbosvogels (kruisbek, barmsijs, sijs) zijn vooral in de winter te vinden, al is de bescheiden broedpopulatie op de Veluwe voor Nederlandse begrippen behoorlijk groot. De pure dennenbossen zijn minder in trek, maar gemengde bossen met sparren en lariks herbergen vuurgoudhaan (naast de veel wijder voorkomende goudhaan), sijs en kruisbek. Dennenbossen waar wat eik en berk is ingemengd zijn juist ideaal Goudvink voor zwarte mees. NAALDBOSVOGELS KIJKEN Half-afdwingbaar geluk – dat vat de kunst van het naaldbosvogels vinden wel redelijk samen. Geluk omdat alle zaadetende soorten (sijs, barmsijs, kruisbek) nogal invasie-achtig voorkomen. Het zijn vogels van het noorden en oosten van Europa die alleen in grote aantallen naar de Veluwe komen als er weinig voedsel is in de eigen streek. Na zo’n winter blijven er meer ‘hangen’, tenminste als er hier wel genoeg voedsel is. Aangezien de dennenappel-oogst van plek tot plek en van jaar tot jaar verschilt, wisselen de aantallen en plekken met naaldbosvogels ook. Toch kun je het een beetje afdwingen. Gebieden met verschillende naaldboomsoorten zijn rijker dan die waar alleen grove den staat. Lariks en douglas scoren hoge ogen. Verder zijn de randen van zulke plekken het beste, simpelweg omdat je meer zicht hebt. De dennenappel-eters zitten nu eenmaal op de toppen en uiteinden van takken want daar is het meeste te halen. Die plekken zijn moeilijk te zien als je midden in het bos staat. Heb je de juiste plek, dan is het een kwestie van contact-roepjes herkennen. Buiten het broedseizoen trekken de vogels in groepjes op en zijn met continue korte piepjes met elkaar in contact. Als groep is dat een aardig gekwetter, wat weer het teken is om de verrekijker te pakken.

93


REPTIELEN EN AMFIBIEËN KIKKERS EN PADDEN De algemene soorten in Nederland zijn de bruine kikker en de gewone pad. Op de Veluwe kom je die dan ook het meeste tegen. Het zijn allebei soorten die behoorlijk goed tegen droogte kunnen. Zolang er een dikke strooisellaag van dode bladeren in het bos ligt (en dat is in de loofbossen zeker zo), kunnen de volwassen dieren hier goed overleven. Op vochtige, milde avonden in het voorjaar trekken ze naar poelen en beken om te paren. Rond juni verlaten de kleine padjes het water – twee momenten die vanwege de massaliteit spectaculair kunnen zijn. Een stukje zeldzamer is de ‘groene kikker’, die van de bruine en heikikker is te onderscheiden doordat hij geen bruine vlek achter het oog heeft (en natuurlijk de groene kleur, al is dat wel wat verraderlijk – sommige groene kikkers kunnen behoorlijk bruin zijn). Dé groene kikker bestaat overigens niet. Er zijn drie erg op elkaar lijkende soorten: de poelkikker, de meerkikker en een kruising tussen die twee – de bastaardkikker. Op de Veluwe komt zowel de poelkikker als de bastaardkikker vrij algemeen voor. De Veluwe heeft speciale betekenis voor de rugstreeppad – dit kleine HAZELWORM Habitat: Overgang bos naar droge en natte heide. Trefkans: Vrij hoog op paden en open plekken. Herkenning: Pootloze hagedis. Als een slang, maar glad glimmend lichaam (schubben nauwelijks zichtbaar). Ogen met oogleden (in tegenstelling tot slangen) en een stomp gezicht, waardoor voor een reptiel hoog aaibaarheidsgehalte. ZANDHAGEDIS Habitat: Droge heide. Trefkans: Vrij hoog. Herkenning: Fors met zware kop. Vaak contrastrijke tekening – de mannetjes hebben (zeker in de lente) veel groen.

LEVENDBARENDE HAGEDIS Habitat: Heide op leemgrond, schraal grasland, veen, natte heide. Trefkans: Redelijk. Herkenning: Kleiner, egaler en slanker dan zandhagedis, met langere staart. Tekening is variabel, maar nooit zo groen als zandhagedis en zonder, of met hele kleine, oogvlekken.

106


REPTIELEN EN AMFIBIEËN padje, direct herkenbaar aan de lichte streep over de rug, vind je op natte, zandige plekken. In Nederland komt hij veel voor in de duinen, het bovenstroomse gedeelte van de grote rivieren en op de Veluwe. De Hoge Veluwe en het Deelerwoud zijn goede plekken voor deze soort. Tot slot de knoflookpad – ook een bijzonder sujet. Dit dier is een echte graver. Het is de meest noordelijke vertegenwoordiger van een groep pad-achtigen die zich aangepast hebben aan het leven in droge terreinen. Hij kan zich als geen ander ingraven in het zand. Daarom zul je hem ook zelden zien. Knoflookpadden komen voor in zandige gebieden niet ver van stilstaande, voedselrijke wateren. Langs de IJssel liggen veel dekzandruggen met plassen erbij waar enkele van de belangrijkste populaties knoflookpadden van Nederland te vinden zijn. REPTIELEN Op de Veluwe kun je vier soorten hagedissen en drie soorten slangen tegenkomen. Het zijn allemaal dieren die genoeg zonplekken nodig hebben om zich op te warmen, maar zich ook moeten kunnen terugtrekken GLADDE SLANG Habitat: Droge heide. Trefkans: Laag. Herkenning: Egaal grijs met donker ‘masker’. Sommige exemplaren hebben een donkere nek en een dubbele rij donkere vlekken op de rug. Ronde kop.

ADDER Habitat: Vochtige tot droge heide, venen. Trefkans: Laag. Herkenning: Plompe, doorgaans kleine slang met brede, donkere zigzag-tekening op de rug. Door verticale pupil en uitstekende ‘wenkbrauw’ heeft de adder het gevaarlijke uiterlijk dat bij zijn giftigheid past.

RINGSLANG Habitat: Meertjes, beken en hun oevers. Ook bos en hei rondom voortplantingswater. Trefkans: Lokaal en in juiste tijd en met goed weer hoog. Anders vrij laag. Herkenning: Slank met donkergrijs lijf en opvallende, crèmekleurige ring bij nek en over mond.

107


TITEL HOOFDSTUK

132


INTRODUCTIE

ROUTES

In dit deel zijn 22 routes uitgeschreven waarvan ik durf te stellen: dit zijn de allermooiste natuurroutes op de Veluwe. Hier zie je het meest. Hier vind je de crème de la crème, de must-sees van het gebied. De routes zijn zo samengesteld dat ze, gezamenlijk, alle landschappen van de Veluwe omvatten, van stuifzanden en droge heides tot landgoederen, beken, sprengen en moerassen aan de Veluwerand. Waar passend zijn uitstapjes gemaakt naar het nabijgelegen rivierengebied en het polderland aan de Veluwerandmeren, die door hun enorme contrast met de natuur van het Veluwemassief, een schitterende aanvulling zijn. De routes zijn er ook op gericht om zoveel mogelijk van de bijzondere flora en fauna te zien. Tenminste zolang terreinen niet zo kwetsbaar zijn dat ze beter niet te veel bezocht worden. Verder beginnen de routes indien mogelijk bij treinstations en bushaltes zodat je er ook met het openbaar vervoer kunt komen. Dit deel brengt je dus naar de beste plekken. Dan heb je de vogels, vlinders, het wild of de orchideeën nog niet gevonden. Net zo belangrijk als het ‘waar’ is het ‘wanneer’ en het ‘hoe’ – hoe gedragen dieren zich, waar houden ze zich op, hoe verraden ze hun aanwezigheid? Daarover vind je meer in de kadertjes in het flora- en faunahoofdstuk. In de soortenkaders op de routepunten is een indicatie gegeven van de periode waarin de soort in het gebied te vinden is. Voor flora, vlinders en libellen is dit in maanden: bijvoorbeeld bosanemoon (3-4) wil zeggen dat je in maart (3) en april (4) bosanemonen kunt zien bloeien. Voor vogels is gekozen voor de w (= winterhalfjaar; grofweg half oktober tot maart), z (= zomerhalfjaar, afhankelijk van de soort van maart - mei tot augustus - september), vj (voorjaar; maart-mei) en m (migratie oftewel de trektijd, die tussen maart en mei in het voorjaar tussen augustus en oktober in het najaar valt). Bij het uitzetten van de routes was het soms logisch om binnen de terreinen van één beheerder te blijven. Op de Hoge Veluwe bijvoorbeeld. En op Kroondomein Het Loo en de Empese en Tondense Heide. Vaker was het juist beter om grenzen over te gaan. Het verhaal van de Veluwezoom wordt zoveel completer als je de bronbossen van Middachten meeneemt. De natuur van de Heelsumse Beek laat zich het beste beleven door hem van bron tot monding te volgen, waarbij Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, Geldersch Landschap & Kasteelen en particuliere grondeigenaren afwisselend je gastheer zullen zijn. Al deze organisaties zijn betrokken bij de samenstelling van de routes, en hebben deze routebeschrijvingen verrijkt met verhalen over ‘hun’ gebieden. Veel van de gekke lusjes in de routes zijn het resultaat van een enthousiaste boswachter die mij daar op een niet te missen zeldzaamheid of ecologische attractie wist te wijzen.

De fiets is ideaal om de randzone van de Veluwe te ontdekken, zoals hier bij Oldenaller (route 1)

133


ROUTE 4: ELSPETER STRUIKEN EN NOORDERHEIDE

PUNT 6 zomereik, beuk, grauwe els, ratelpopulier, paardenkastanje, tamme kastanje, robinia, jeneverbes

Neem na de vijver het paadje linksaf. Het leidt over de dam aan de onderzijde van het stuwmeertje. De dam zelf is ook een aparte plek door de vele boomsoorten die erop geplant zijn.

6

Eenmaal terug steek je de Lankertsweg over en ga je rechtdoor, door een weinig inspirerend naaldbos. Neem de tweede afslag rechts. Na 300 meter verandert het bos in een geweldig mooi beuken-malebos. Net als het eerder genoemde eikenbos (punt 3) is ook dit een oud ‘geriefs’bos waar lokale bewoners onder strikte voorwaarden hout mochten kappen. Die voorwaarden zorgden ervoor dat het bos niet volledig werd weggekapt. Ook in het begin van de 19e eeuw, toen vrijwel de gehele centrale Veluwe bedekt was met heide en stuifzand, was dit een beukenbos zoals nu, al had het wel een opener en struikachtiger karakter als gevolg van het intensieve gebruik. Typisch zijn de kronkelige stammen, die de bomen de bijnaam van ‘dansende beuken’ bezorgden.

PUNT 7 boommarter zwarte specht, fluiter (z), grauwe vliegenvanger (z), bonte vliegenvanger (z), sijs (w), kruisbek

Kruisbek

158

7

Het pad leidt vlak bij Elspeet het bos uit. Sla direct na het wildrooster linksaf. Steek dan de Vaassenseweg over en neem daarna de eerste links om terug te komen op het beginpunt. Dit laatste deel van de wandeling leidt afwisselend door beuken-malebossen en naaldboomplantages.


ROUTE 5: DOOR HET SPEULDER- EN SPRIELDERBOS

ROUTE 5: STAVERDEN EN HET SPEULDER- EN SPRIELDERBOS DE MEEST DIVERSE ROUTE VAN DE NOORD-VELUWE fietsroute 40 km met diverse korte wandelingen tussen 2 en 5 km

Natte heides met gentianen en orchideeën. Een verstild beekdal waar ’s ochtends vroeg de reeën grazen tussen de valeriaan. Een grillig beukenbos met een tapijt van teer dalkruid. Oude landhuizen, vreemde kraters in het bos, een curieuze traditie met witte pauwen. Zomaar een greep uit de vele aspecten van deze route, die de meest afwisselende van de hele WAT KUN JE VERWACHTEN? noordelijke Veluwe is. Er is hier zo veel te zien dat het • Fantastische oude bossen met ‘dansende eigenlijk te veel is om in één dag te doen. beuken’. Deze fietsroute leidt je door drie verschillende Veluw• Superroute voor paddenstoelen en herfstse landschappen: de stuwwal met een van de oudkleuren. ste bossen van Nederland, uitgestrekte heidevelden • Grote kans op wild en kans(je) op vliegend met veel vogels en enkele zeldzame planten, en een hert. prachtig coulisselandschap in het dal van de langste • Afwisselend landschap van bos, heide, buurtschappen en beekdalen. beek van de Veluwe: de Staverdense Beek. Hier lig• Rijke historie en ijstijdengeologie. gen ook de Leemputten, in beheer bij de gemeente • Prachtige flora. Ermelo, met een hele bijzondere plantengroei, waaronder veel wilde orchideeën. Dit gebied is afgesloten voor het publiek, maar er zijn wel jaarlijks excursies in de Leemputten, die we van harte aanraden (zie www.glk.nl/evenementen). Op sommige terreinen liggen de mooiste delen een eindje van het fietspad af. Hier heb ik korte wandelingen beschreven. Heb je geen fiets maar wel een auto?: op de kaart staan parkeerplaatsen aangegeven van waaruit je de beste plekken ook via kortere wandeBospoel in het Speulder- en lingen kunt verkennen. Sprielderbos

159


ROUTE 5: DOOR HET SPEULDER- EN SPRIELDERBOS Startpunt: NS-station Ermelo / Parkeerplaats aan de Oude Telgterweg. Vanaf het NS-station, volg je de Dr. van Dalelaan, daarna de Heidelaan en bij de T-splitsing sla je rechtsaf, de Oude Telgterweg op. Na de brandweerkazerne, waar de weg naar rechts het spoor over gaat, sla je linksaf het fietspad op (hier is ook de parkeerplaats). Neem vervolgens het eerste pad naar rechts, de heide over. De Groevenbeekse Heide is een apart terrein, strak gelegen tegen de woonkern van Ermelo. Hardlopers, fietsers en hondenbezitters maken er allemaal dankbaar gebruik van en toch is het ook voor natuur nog een interessant gebied. Het is een zogenoemde ‘groene heide’, gelegen op leemgrond aan de rand van de stuwwal, en heeft daarmee een andere flora en fauna dan de ‘zandheides’ midden op de Veluwe.

1

PUNT 1 grasmus (z), groene specht, veldleeuwerik, boompieper (z), zwarte specht, fluiter (z), grauwe vliegenvanger (z), bonte vliegenvanger (z), sijs (w), kruisbek gaspeldoorn (11-5), brem (5-6), kruipbrem (5-7), welriekende agrimonie (6-8), grasklokje (6-10)

Aan de andere kant van het heideterrein, sla linksaf (let op de massa’s witte klaverzuring in april-mei) en ga dan rechts, naar het landgoed Oud Groevenbeek. Het Roode Kooper

Ermelo De Zwarte Boer Sta

8

Peacock’s

ver de nse

7

Be ek

1

5 N303

Erm e l o s e heide

Schaapskooi De Schapedrift

10 Staverden

6 N302

4

2

9

Leemputten

14

3

Theehuis Oud Groevenbeek

Drie

13

Speuld

12

11

Boshuis Drie

S p e u l d e rh e i d e 16 De Hop-eest

Putten

17

S p e u l d e r- e n S p ri e l d e rb o s

15 U d d e l e rm e e r

Houtdorp Landal Greenpark Heihaas Bilderberg Het Speulderbos Veluws Bospark

Krachtighuizen

160

Koudhoorn

De Hertshoorn

Garderen

0

2 KM


ROUTE 5: DOOR HET SPEULDER- EN SPRIELDERBOS Het jugendstilhuis van Oud Groevenbeek is de schitterende kern van een oud landgoed met loofbos met prachtige eiken, velden en een beek. Het landgoedpark is zo aangelegd dat de lanen altijd uitkijken op het landhuis en bijgebouwen. Lange tijd was het landgoed zelfvoorzienend en verbouwde zijn eigen groenten. Nog steeds worden in de kas druiven geteeld voor de zelfgemaakte wijn: de Château Oud Groevenbeek. Er is ook een theehuis op Oud Groevenbeek.

2

Vervolg je weg over de beek en langs het zwembad. Sla vervolgens linksaf en steek de N-weg schuin over. Neem achter het benzinestation het fietspad naar rechts. Je volgt nu zo’n 2,5 km de Laakweg door het Speulder- en Sprielderbos tot je bij de Postweg bent. Sla hier linksaf. Deze weg volg je tot over de doorgaande weg (Drieërweg) tot aan de schaapskooi. Het Speulder- en Sprielderbos is een van de grote PUNT 3 boscomplexen op de Veluwe. Hoewel de mooiste ree, wild zwijn, edelhert, boommarter plekjes voor de terugweg bewaard worden (punt 15 en 16), zwarte specht, kleine bonte specht, groene krijg je op deze doortocht ook al een en ander mee van dit specht, appelvink, goudvink, vuurgoudhaan, grote woud. ’s Ochtends vroeg is de rust en de zware, zoete fluiter (z) geur van douglassparren en humus overweldigend. In dit gedeelte van het woud speelt bosbouw een belangrijke rol, maar deze wordt nu toegepast met oog voor de natuur: geen kaalkap meer, maar selectieve uitdunning. Stap voor stap vervangen inheemse boomsoorten als eik en beuk de monotone naaldhoutplantages. Dit komt de vogelwereld ten goede: vrijwel alle soorten van oude bossen zijn hier te vinden – stop van tijd tot tijd om te kijken en te luisteren. Als je vroeg in het bos bent, maak je een goede kans enkele van de zeldzamere soorten te vinden. Het is ook niet ondenkbaar dat een ree, zwijn of edelhert je pad kruist. Koekoek

3

De fraai gerestaureerde schaapskooi (nog in functie!) markeert de overgang van het bos naar de open hei. Je staat hier aan de rand van de stuwwal en vanaf de grafheuvels die voor de schaapskooi liggen, heb je een formidabel uitzicht over het beekdal van de Staverdense Beek. En daarachter, bij helder weer, zie je zelfs de stuwwal tussen Apeldoorn en Nunspeet. Een weids uitzicht dat nog indrukwekkender wordt als je je bedenkt dat dit slechts het smalste deel van het Veluwemassief is. Wat een enorm gebied – de Veluwe is dan ook het grootste aaneengesloten bos- en heidegebied van West-Europa. De schaapskooi, geëxploiteerd door stichting Schapedrift Ermelo, is een tamelijk nieuw gebouw, gebaseerd op de klassieke schaapskooien elders op de Veluwe. Naast 400 schapen en lammeren heeft het een bezoekerscentrum en café (open vanaf het middaguur).

4

161


ROUTE 5: DOOR HET SPEULDER- EN SPRIELDERBOS De Ermelose Heide is een nadere verkenning meer dan waard. De veldleeuwerik jubelt er in de lente, de klapekster jaagt in het verstilde winterlandschap en jaarrond zie je in de loop van de ochtend roofvogels opstijgen uit het naburige bos om te gaan jagen. Het is ook een fantastische plek voor reptielen en insecten in de zomer. Zeker op zonnige ochtenden, als het nog rustig is, vind je regelmatig hagedissen en slangen op de paden en in open plekken in de hei. In het noordelijke deel liggen enkele prachtige eikenstrubben, waar in de zomer het vliegend hert te vinden is, die afkomt op de hars van de boom. Kom een keer op een zomeravond terug bij de schaapskooi om te kijken en luisteren naar de nachtzwaluwen die jagen boven de heide.

PUNT 5 klapekster (w), veldleeuwerik (veel), roodborsttapuit (z), koekoek (z), havik, buizerd, torenvalk, raaf, nachtzwaluw (z) adder (zeldzaam), gladde slang (zeer zeldzaam), hazelworm, zandhagedis, levendbarende hagedis eikenpage (7-8) vliegend hert (7)

5

Aan de andere kant van de heide ligt (zie kaart) een historisch interessante plek. Bij de parkeerplaats naast de N-weg zijn de resten ontdekt van een Romeins expeditiekamp – de noordelijkste die bekend is in Nederland.

6

Steek de weg over en ga linksaf naar het landgoed Leuvenum. Het fietspad komt uit op de openbare weg. Het eerste deel van dit stuk gaat door een wat monotoon productiebos, maar later kom je langs oude eikenbossen en een kleinschalig landschap met eikenwallen, weiden (nat) en bosschages. ’s Ochtends vroeg zijn op de weiden vaak edelhert en ree te vinden.

7

Bruine vuurvlinder

PUNTEN 7 EN 8 ree, edelhert fluiter (z), bonte vliegenvanger (z) dalkruid (5-6), lelietje-van-dalen (5-6), gewone salomonszegel (5-6), roze winterpostelein (5-7), wijfjesvaren, dubbelloof

Ga rechtsaf, langs restaurant ‘de Zwarte Boer’.

In de sprengen en in het bos langs de weg is een rijke bosflora te vinden. Met name de tapijten van dalkruid zijn prachtig rond eind mei-juni. Bij de T-splitsing met het oude kerkje van Staverden, sla je linksaf. Tegenover het landgoed Staverden, ga je linksaf en wandel je het stukje dat aangegeven staat op de kaart.

8

De hooilanden van de Staverdense Beek vormen een bloemig lint tussen de oude landgoedbossen van Staverden. Dit is hoe vroeger veel beekdalen geweest moeten zijn in Nederland – tjokvol echte koekoeksbloem, grote ratelaar en boterbloem. Het omliggende loofbos, onderdeel van landgoed Staverden, is ook oud, met een goed ontwikkelde bosbodem en een bijzondere flora en fauna. Een deel ervan is nu bosreservaat, wat betekent dat er geen hout meer gewonnen wordt of beheer wordt gepleegd, buiten het vrij houden van de paden

PUNT 9 bonte vliegenvanger (z), havik, groene specht, zwarte specht oranjetip, landkaartje (5-9) echte koekoeksbloem (5-8), grote ratelaar (5-7), dalkruid (5-6), dubbelloof

162

9


ROUTE 5: DOOR HET SPEULDER- EN SPRIELDERBOS

St av e rd en se Be ek

9 Staverden

10

Terug op de weg, sla linksaf en de eerste rechts (Uddelermeerweg) om het landgoed van Staverden te bezoeken. Landgoed Staverden is beroemd om zijn witte

10 pauwen. De hertogen van Gelre kregen ieder jaar

Landhuis Staverden, Ermelo

PUNT 10 ijsvogel, grote gele kwikstaart, groene specht, middelste bonte specht, appelvink

een witte pauwenveer van Staverden die zij op de hoed droegen. Alle landgoedeigenaren waren contractueel verplicht om witte pauwen te fokken. Deze traditie wordt vandaag de dag nog voortgezet, al is het nu de commissaris van de Koning die de veer krijgt aangeboden. De pauwenveer prijkt ook in het wapen van gemeente Ermelo. Een wandeling door de tuinen en langs de beek raad ik je van harte aan. Met wat geluk tref je er een ijsvogel. Ga verder over de Uddelermeerweg. Bloemige weiden, oude beukenlanen, stukjes elzenbroekbos,

11 een ree in de bosrand – als nietsvermoedende fietser denk je:

prachtig. Maar er is hier meer aan de hand. Achter de bomen zie je riet, veenmos en uitgestrekte velden met waterdrieblad. Dit zijn de beekdalgraslanden van de Staverdense Beek. Het reservaat is niet toegankelijk, maar op een paar plekken kun je naar de rand ervan lopen en vang je een glimp op van wat er te vinden is (in juni kun je er onder begeleiding in – zie pag. 304). De naam leemputten verraadt al een beetje waarom deze rijkdom juist hier te vinden is: de leem die hier in de voorlaatste ijstijd is neergelegd, werd afgegraven. De daardoor ontstane putten vulden zich met water, deels regen- en deels grondwater, dat achterbleef op het leem. Omdat de leem mineraalrijk en basisch is, kon hier een vegetatie ontstaan die veel

163


ROUTE 5: DOOR HET SPEULDER- EN SPRIELDERBOS

Bloemrijk grasland langs de Staverdense Beek

TE ZIEN VANAF DE WEG echte koekoeksbloem (5-8), grote ratelaar (57), waterdrieblad (5-6), moeraswederik (5-7)

weg heeft van die van kalkrijke duinvalleien. Op sommige plekken verveende de bovenlaag en ontstonden blauwgraslanden, natte heidevegetaties en zelfs kleine stukken hoogveen – een unieke afwisselingen van vegetaties die op één punt gelijk zijn: ze hebben een enorm rijke flora.

Sla linksaf de Oude Dijk op en dan weer linksaf de Harderwijkerweg in die je terugleidt naar de Uddelermeerweg, die je recht oversteekt. Vlak voor je bij de weg bent, kun je aan de rechterhand nog over

12 een groot ven uitkijken – daarachter liggen de leemputten – het

botanisch meest buitengewone natuurgebiedje van het Veluwemassief, waar maar liefst 39 soorten bedreigde (Rode Lijst) planten staan, 7 soorten orchideeën, klokjes- en draadgentianen, parnassia en nog veel meer. Je kunt er alleen onder begeleiding inkomen (zie pag. 304). Steek de weg over en neem het fietspad dat dwars over de Speulderheide voert. PUNT 13 kievit, tureluur (m), groenpootruiter (m), wulp (m), raaf, roodborsttapuit (z), geelgors (z), grauwe vliegenvanger (z) levendbarende hagedis, hazelworm

Grote delen aan weerszijden van het fietspad zijn

13 behoorlijk nat, met broedende kieviten en, in de

trektijd, andere weidevogels. Levendbarende hagedissen zijn bij zonnig weer makkelijk te vinden langs het pad en met wat geluk vind je er ook een hazelworm. Aan de andere kant van de heide liggen opnieuw een aantal grafheuvels – dit deel van de Veluwe was enkele duizenden jaren voor Christus tamelijk dicht bevolkt. Het aanlokkelijkste gedeelte van de Speulderheide ligt aan de

14 noordkant, waar de vegetatie speciale planten en vlinders herbergt. Je kunt er in een kort rondje (2 km) naartoe wandelen vanaf de

164


ROUTE 5: DOOR HET SPEULDER- EN SPRIELDERBOS picknickbank en het informatiebord aan de rand van het dennenbos. Volg de kleine gele palen. Na een paar honPUNT 14 derd meter zie je op het pad overal de holletjes van de gentiaanblauwtje (6-7), heideblauwtje (6-9), heidezandbij, een bijna knuffelbare – want harige – bij bruine vuurvlinder (5-8) die in holletjes in zandgronden haar nesten heeft. Let op heidezandbij waar je loopt; zorg dat je de kolonie niet vertrapt. zandblauwtje (6-8), gevlekte orchis (6-7), Verderop ga je twee keer een klaphek door. Het mooiste moeraswolfsklauw, klokjesgentiaan (7-9), natte heideterrein ligt aan weerszijden van het tweede heidekartelblad (5-6), grondster (6-9), klaphek en de bijzondere planten groeien op natte plekbrede wespenorchis (7-8) ken langs het pad. Het is een kwetsbare vegetatie, blijf dus op het pad. Dit gebied wordt maar weinig bezocht. Toch is het beroemder dan je zou denken. De spectaculaire luchtlandingsscènes uit de beroemde film ‘A bridge too far’, over de Slag om Arnhem zijn opgenomen in dit gebied. In de Tweede Wereldoorlog zelf zijn hier geen geallieerden geland. Dat kwam doordat de Duitsers veel kleine greppels hadden gegraven in de heide om te voorkomen dat vliegtuigen zouden landen. Inmiddels zijn de greppels door de hoge heidepollen in het landschap lastig terug te vinden. Ga via de Hessenmeerweg naar de Garderenseweg en sla hier linksaf. Na 1 km sla je rechtsaf de Peppelseweg in. Op dit rulle bospad zul je over een lengte van 800 meter de fiets aan de hand moeten nemen tot de aansluiting met het fietspad. Dit is de moeite absoluut waard. Na ongeveer honderd meter door weinig opzienbarend produc-

15 tiebos stap je een bos als een kathedraal binnen. De meeste geluiden vallen weg, het licht wordt gefilterd, terwijl het zicht juist weidser wordt. Knoestige oude stammen, deels omgevallen en gepokt met tonderzwammen, elders juist grillig omhoog kronkelend naar het licht. Dit is het genre bos waar het woord ‘woud’ voor is uitgevonden – eeuwenoud, verstild, nederig-makend en mysterieus. Dit is een van de malebossen die het Speulder- en Sprielderbos zo speciaal maakt. Als gemeenschappelijk bezit waren de malebossen beschermd tegen overexploitatie, zelfs in de tijd dat grote delen van de Veluwe waren kaalgegraasd. De gebruikers van de malebossen konden een beperkte hoeveelheid hout oogsten. De grillige ‘dansende’ stammen

Links: Heidezandbij Rechts: Kolonie van heidezandbijen op de Speulderheide

165


ROUTE 7: TONGERENSE HEIDE EN WISSELSE VEEN

ROUTE 7: TONGERENSE HEIDE EN WISSELSE VEEN WANDELEN LANGS VENNEN EN VENEN wandelroute 18 km, te verkorten naar wens / fietsroute 17 km

Voedselarme moerassen heb je in verschillende varianten en allemaal zijn ze zeldzaam geworden. Het speciale van deze route is dat hij je langs twee verschillende voedselarme ‘wetlands’ voert die pal naast elkaar liggen: het vennengebied van de Tongerense Heide en het venige beekdal van het Wisselse Veen. Ze hebben een verschillende flora en fauna, maar allebei zijn ze rijk aan bijzondere soorten. Naast wild kun je WAT KUN JE VERWACHTEN? hier op zoek naar reptielen en zeldzame planten. • Buitengewoon vennengebied en Het is ook een van de rijkste libellengebieden van beekdalmoeras. de Veluwe. • Bijzondere libellen, flora en kans op reptielen. Wat deze twee gebieden extra mooi maakt, is de in• Prachtige oude buurtschappen en een fraai tacte, natuurlijke overgang tussen beide moerasgecoulisselandschap. bieden. In een recent natuurontwikkelingsproject is de waterstand en -kwaliteit van het Wisselse Veen weer hersteld, waardoor je je in de natuur van vroeger waant. Dit Ot-en-Siengevoel wordt nog eens versterkt door de prachtige kleine oude buurtschappen van Tongeren, Wissel en Gortel die rondom het gebied liggen. Je kunt het gebied zowel op de fiets als te voet ontdekken en beide hebben hun charme. Wil je de kern van het ecologisch opmerkelijke vennen- en veengebied bekijken, dan raad ik je de wandeltocht aan, maar als je van alles wat mee wilt krijgen, dan is de fiets de betere keuze. In dat laatste geval: stap van tijd tot tijd af en loop de op de kaart weergegeven heen-en-weertjes. In de volgende routebeschrijving ga ik uit van de wandeltocht, maar ik heb een fietsalternatief in de kaart meegegeven. Tongerense Heide

176


O l d e b ro e k s e Heide

N309

N795

Tongeren

N309

12

Epe 11 13

10

To n g e re n s e Heide

ad

1 sp

7

9

Wi s s e l s e Ve e n

en

8

Va

nM

an

6

4

3

2

5

Schaveren

G o rte l s e Heide

Emst De Wildhoeve

Gortel

Kro o n d o m e i n H et Lo o Niersen 0

2 KM

Vaassen

177


TITEL HOOFDSTUK

276


PRAKTISCHE INFORMATIE

REIZEN NAAR DE VELUWE Auto: Drie oost-west snelwegen ontsluiten de Veluwe: de A28 in het noorden (Amersfoort-Harderwijk-Zwolle), de A1 over het centrale deel (Amersfoort-Barneveld-Apeldoorn) en de A12 in het zuiden (Utrecht-Arnhem). Wie van zuid naar noord reist of vice versa, reist via de A50 (Arnhem-Apeldoorn-Zwolle) langs de oostflank of via de A30 (Ede-Barneveld) langs de westrand van de Veluwe. Vervolgens brengt een serie rechte, doorgaande provinciale wegen je verder op de Veluwe. Maar dan houdt het snel op. Er zijn relatief weinig kleine weggetjes die met de auto begaanbaar zijn. De wegen die er zijn, brengen je doorgaans naar een parkeerplaats van waaruit je te voet of met de fiets verdergaat. Trein: Een groot deel van de Veluwe is goed per trein bereikbaar, met goede wandel- en fietsmogelijkheden direct vanaf het station. De hoofdlijnen van de NS lopen min of meer parallel aan die van de snelwegen: er is een noordlijn, een ‘dwarsdoorlijn’ (maar die stopt niet op de Veluwe zelf) en een zuidlijn. Dit betekent dat de vertrekpunten van de tochten op de Noord-Veluwe (routes 1, 2, 3 en 5) goed te bereiken zijn met de trein, evenals die langs de zuidlijn (routes 17, 18, 19, 20 en 22). Grote delen van de centrale Veluwe zijn niet gemakkelijk bereikbaar met de trein. Daarvoor moet je verder per bus. Bus: Syntus is het busvervoerbedrijf dat rijdt op de Veluwe. Vrijwel alle plaatsen en doorgaande wegen zijn met buslijnen verbonden, zo niet allemaal. Dat wil niet zeggen dat alle startpunten van de routes zijn voorzien van een handig op- of afstappunt, maar wel veel. Bij de routes staat vermeld of er een busdienst is, met halte erbij. Voor de juiste lijn, zie www.syntus.nl. Of check gewoon de openbaarvervoerplanner www.9292.nl (ook als app verkrijgbaar). OP STAP OP DE VELUWE Te voet: Verreweg de beste manier om de Veluwe te verkennen is te voet. De duizenden kilometers wandelpad (niet overdreven) brengen je in de haarvaten van het gebied. En te voet heb je alle tijd om goed om je heen te kijken. De meeste paden zijn in prima staat en uitstekend gemarkeerd, maar sommige kunnen, met name in het winterhalfjaar, erg nat zijn. Denk bijvoorbeeld aan de paden in het rivierengebied, waar vooral na een recente hoogwaterperiode de dikke rivierklei een fijne uitdaging biedt voor diegene die de was mag doen. Ook op plekken waar vennen of beken liggen, kunnen paden overstroomd zijn wanneer regen de waterstand tijdelijk heeft verhoogd. In de zomer kunnen de zandverstuivingen een uitdaging zijn. Het rulle zand loopt zwaar en met warm weer is het juist op het zand moordend

Herfstwandeling op de Veluwe

277


PRAKTISCHE INFORMATIE

Onderweg op de Tongerense Heide

Mountainbikers en Schotse hooglanders

278

heet. Lokaal is de heuvelrug net hoog en steil genoeg om de hartslag omhoog te brengen, maar verder is het allemaal erg gemakkelijk wandelen. De routes door het uitgestrekte polderlandschap bij de Randmeren in het noorden zijn wat saai voor een wandeling. Daar is de fiets een betere optie. Met de fiets: De fiets is meestal second best. Toen we de routes voor dit boek beschreven, waren er veel stukken waarop zoveel te zien was dat je alleen maar bezig was met op- en afstappen. Wandelen is dan relaxter en nog sneller ook. Helemaal omdat de fietspaadjes vaak smal zijn en er, zul je altijd zien, net een peloton racefietsers met grote snelheid achteropkomt, wanneer je in de rem knijpt voor een interessant beest. Toch zijn er goede redenen om de fiets te nemen. Op sommige plekken op de Veluwe liggen de mooiste spots net wat te ver uiteen om te voet aan elkaar te knopen. Of het landschap is zo uitgestrekt dat het met een wandeltempo wat saai is, maar met de fiets juist prachtig. In onze routes hebben we in die gevallen voor de fiets gekozen. Vaak met kleine wandelingetjes op de meer aantrekkelijke plekken. Mountainbiken: Als je onder mountainbiken verstaat: lekker rustig fietsen, maar dan met een mountain-bike – prima. Als het betekent dat je van een smal, steil en met boomwortels overgroeid pad van de heuvelrug af wilt stuiteren, dan is mountain-biken totaal ongeschikt voor het soort natuurbeleving waar deze gids over gaat. Veel beheerders zitten een beetje met mountainbikers in hun maag (al willen ze dat niet altijd toegeven) vanwege de herrie die onlosmakelijk verbonden lijkt te zijn met deze sport, die nogal wat verstoring met zich meebrengt (en ergernis bij andere bezoekers). Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer hebben om die reden speciale mountainbikeroutes (ATB) uitgezet. Met de auto: Goed nieuws voor iedereen die zoals ikzelf met enige gewetenswroeging de auto pakt omdat het zo’n goede rijdende schuilhut voor fotografie is: op de Veluwe kun je hem rustig laten staan. De auto is hier helemaal niet geschikt. Er zijn maar weinig kleine weggetjes waar je met de auto kunt komen. Die er wel zijn, zijn, op die doordeweekse novemberochtend na wanneer het plenst van de regen, veel te druk bereden om ontspannen langs te zondagsrijden. Wel is de auto een geschikt middel om naar startpunten van routes te gaan. En in een enkel geval (bijvoorbeeld route 22) kan die in plaats van de fiets als middel dienen om verschillende korte wandelingetjes aan elkaar te rijgen. Te paard: Dat schijnt ook een prachtige manier te zijn om de Veluwe te verkennen, maar daar heb ik geen ervaring mee. Er zijn veel ruiterroutes dus er valt veel te verkennen, maar de eerste vogelaar of vlinderaar die het paard als favoriet vervoermiddel kiest, moet nog geboren worden. Wel schijnt het makkelijk te zijn om wild van dichtbij te zien, omdat paarden niet als bedreigend worden ervaren. Langlaufen: Voor die twee dagen per jaar dat het kan: fantastisch! Zeker in het heuvelachtige gebied ten westen en oosten van Arnhem is langlaufen een wintersprookje.


PRAKTISCHE INFORMATIE OP PAD MET EEN LICHAMELIJKE BEPERKING Rul zand, modderige paadjes, fietspaden waar de boomwortels doorheen komen – het gemiddelde pad is voor mindervaliden een moeilijke of onneembare hindernis. Sommige terreineigenaren hebben speciale paden voor mindervaliden gemaakt. In Het Nationale Park De Hoge Veluwe ligt het drempelloze, 4,1 km lange Landschappenpad rondom de Franse Berg, in het hart van het gebied. Ook zijn de musea rolstoelvriendelijk en heeft het Park, geheel in stijl met het fietsenplan, witte rolstoelen beschikbaar voor rondom het bezoekerscentrum. Verder heeft De Hoge Veluwe speciale rolstoelfietsen waarmee (met begeleider) alle fietspaden van het Park te bezoeken zijn. Zie www.hogeveluwe.nl. Staatsbosbeheer heeft twee mindervalidenroutes aangelegd: Rolstoelpad Nunspeet (2 km), start bij het bezoekerscentrum, Plesmanlaan 2, Nunspeet. Wandelroute schaapskooi Hoog Buurlo (1 km) niet voor rolstoelen, maar een route met verhalen over de schaapskooi voor blinden en slechtzienden. Kaarten en mp3-spelers zijn te leen bij het informatiepunt van Staatsbosbeheer in bungalowpark Hoenderlooo, Krimweg 140, Hoenderloo. Natuurmonumenten heeft een rolstoelroute uitgezet bij Oud Groevenbeek (op route 5). Deze route van ongeveer 5 km voor rolstoelgebruikers en slechtzienden start vanaf de parkeerplaats op de Puttense weg tussen Ermelo en Putten. Verder zijn er twee korte rolstoelroutes van 1 en 2 km uitgezet in de Leuvenumse Bossen. Beide starten op de parkeerplaats aan de Poolseweg. In Paleispark Het Loo zijn voor rolstoelgebruikers drie routes uitgezet, variërend van 4 tot 7 km. Mindervaliden hebben gratis toegang. De paden zijn overigens niet geasfalteerd, maar wel verhard. BUITEN DE PADEN GAAN Op sommige stuifzandgebieden na is het op de hele Veluwe verboden om van de paden af te gaan. En met goede reden. In veel gevallen betekent van de paden gaan verstoring van wild. Zwijnen en herten kunnen, volledig aan het oog onttrokken, dicht langs het pad liggen. Verlaat je het pad, dan is de kans dat je ze opjaagt groot. Natte terreinen op de heide zijn extra kwetsbaar omdat de zeldzame flora niet tegen betreding kan. OP PAD MET DE HOND Je denkt misschien een hond te hebben, maar de natuur ziet een wolf – een wild roofdier dat zorgt voor stress, verlaten nesten en vee en wild dat zich steeds verder terugtrekt in het bos. Er gaan iedere dag duizenden keren meer honden de Veluwe op dan er ooit wilde roofdieren kunnen overleven. Om de natuur die stress te besparen, moeten honden in de aangelijnd zijn. De meeste natuurbeheerders hebben duidelijke regels omtrent honden. Op de meeste plekken mogen ze aangelijnd mee, soms zijn ze helemaal

279


PRAKTISCHE INFORMATIE niet toegestaan (o.a. op sommige klompenpaden en Paleispark Het Loo). Er zijn terreinen waar ze wel mogen loslopen – een gastvrij gebaar van de beheerder. Op de klompenpaden (die over de privéterreinen van boeren gaan) zijn honden vaak niet toegestaan, omdat ze de schapen en het vee van de boer verstoren. Op de bordjes staat aangegeven wat wel en niet mag. Respecteer deze regels. Allereerst natuurlijk omdat honden behoorlijk wat stress kunnen veroorzaken bij vogels en wilde dieren. Beheerders en particulieren kunnen hun terreinen alleen openstellen wanneer de verstoring beperkt blijft. Daarnaast is het voor de hond zelf ook wel zo veilig. Vrij loslopende runderen, paarden en zwijnen kunnen onvoorspelbaar op honden reageren, zeker als ze jongen hebben.

Grutto in weidevogelreservaat Arkemheen

280

VOORBEREID OP PAD: TEKEN Het enige dier op de Veluwe dat een reëel gevaar vormt, is kleiner dan een speldenknop: de teek. Neem hem heel serieus. Teken zitten in hoog gras, varens, bosbesstruiken en lage bomen. Ze leven van bloed en laten zich vallen wanneer er een been of poot langs de vegetatie strijkt. Vervolgens kruipen ze naar de warmere en vochtiger streken van het lichaam waar de huid dun is en daar bijten ze zich vast. Dit is allemaal geen enkel probleem (je voelt er niets van) ware het niet dat sommige teken besmet zijn met een bacterie (Borrelia) die de ziekte van Lyme kan veroorzaken. Lyme is een chronische ziekte die in ernst verschilt van persoon tot persoon, maar als je pech hebt, kan het je leven behoorlijk verzieken. Reden dus om heel goed uit te kijken. Teken vermijden: Teken loop je op van lente tot herfst in de gebieden met veel wild, op plekken met struikhoge vegetatie – bijna overal op de Veluwe dus. Open beukenbossen en stuifzanden zijn tamelijk teek-arm; dennen- en eikenbossen met pijpenstrootje, adelaarsvaren en bovenal bossbessen hebben er juist heel veel. Blijf je op de brede paden, dan is de kans gering, maar even 10 meter het bos in voor een plasje en het is raak. Ook het plukken van bosbessen levert in dezen dus risico’s op. Als je een serieuze tocht gaat ondernemen in de risicotijden en -gebieden: draag een lange broek en stap over je ijdelheid heen en stop je broekspijpen in je sokken. Teken verwijderen: De kans dat een teek besmet met de Borreliabacterie (de schatting is dat ongeveer 30% van de Veluwse teken besmet is) je de ziekte van Lyme bezorgt, wordt aanzienlijk zo’n 24 uur na de beet. Desalniettemin wordt de besmettingskans slechts op 1-3% geschat. Het officiële advies is om na je wandeling uitgebreid je lichaam (met name de intieme delen, voeten, buik, knieholten, oksels) goed te controleren. Ik zou daaraan willen toevoegen om eerst al even de teken van je broekspijpen af te halen als je een stukje door bosbesstruiken hebt gelopen. Als je een teek weghaalt (wat een pijnloze exercitie is), moet je uitkijken dat het monddeeltje niet achterblijft. Gebruik nooit alcohol. De officiële manier is met een speciale tekentang (in iedere drogist verkrijgbaar), maar dat is wel een gemodder. Gewoon tussen je nagels vastpakken en lostrekken is bij ons nog nooit misgegaan. Dat officiële advies


PRAKTISCHE INFORMATIE overigens vind je terug op www.lymenet.nl en www.tekenradar.nl. Symptomen, diagnose en behandeling van Lyme: Lyme is prima te behandelen met antibiotica, maar alleen als je er vroeg bij bent. En het rottige van de ziekte is dat de symptomen nogal wisselen en klachten redelijk vaag zijn. Vanwege de ernst van de ziekte is het goed om het zekere voor het onzekere te nemen en je bij twijfel vroegtijdig te laten behandelen. De symptomen die vaak optreden (maar dus niet altijd) zijn een rode ronde vlek of cirkel rond de beet (in plaats van een rood vlekje op de plek van de beet) en hoofdpijn, stijve nek, koorts, spierpijn of vermoeidheid. Als deze zich voordoen – naar de dokter. Die kan dan een bloedtest doen. Helaas is een negatieve uitkomst van deze test geen garantie dat je vrij van Lyme bent. Symptomen, testresultaten en de verdere ontwikkeling van klachten leiden samen tot de diagnose. Voor meer informatie, check www.lymenet.nl. VOORBEREID OP PAD: WILDE DIEREN Behalve de bovengenoemde teek is er geen enkel dier dat een reëel gevaar vormt. OK, een adderbeet is iets om zeer serieus te nemen, maar in de praktijk is het risico vrijwel nul (tenzij je actief naar adders gaat zoeken, wat overigens verboden is). Wilde zwijnen worden nog wel eens als gevaarlijk weggezet, maar ook hier zijn in de praktijk het aantal incidenten vrijwel nul. Een zeug met biggen is, in het nauw gedreven, inderdaad potentieel gevaarlijk. Maar probeer maar eens een zeug met jongen in het nauw te drijven (terwijl je op het pad blijft)! En aangezien je je hond keurig aanlijnt (zie pag. 279), zal ook hier geen probleem optreden. Schotse hooglanders zien er gevaarlijk uit, met hun oerachtige haarbos, enorme horens en (de stieren) in het oog springende mannelijkheid. Ze lopen ook niet voor je weg, stier noch koe. Ook hier geldt – loop er rustig langs en de dieren doen niks. Zorg opnieuw dat de hond aangelijnd en dicht bij je is, en er is niets aan de hand.

Winter in Nationaal Park de Veluwezoom

VOORBEREID OP PAD: DE ELEMENTEN Nederlanders, zeker stadsmensen, hebben de neiging wat nonchalant met risico’s in de natuur om te gaan. Misschien is het ons Calimeronatuurgevoel dat ons parten speelt. Het idee dat natuur in Nederland toch niets voorstelt. Wie vanuit dit idee besluit om hij 25 graden en een onbewolkte lucht in een T-shirtje en bleke winterarmen eens 10 kilometer door het Kootwijkerzand te gaan lopen, zal daar nog lang spijt van hebben. Idem bij min 5 graden in een stevige westenwind. Je bent wel meteen van het zwartekuikensyndroom af. Wandelen en fietsen over de Veluwe is zonder enig gevaar (op teken na), maar gebruik wel je gezonde verstand. Stuifzanden en velden met pijpenstrootje zijn zwaar terrein om door te lopen en beslaan vaak grote gebieden die volledig aan de elementen zijn overgeleverd. Zorg dus voor voldoende bescherming tegen zon en regen, en uiteraard voldoende water en voedsel. En ga niet op pad tijdens onweer! Oude bossen met veel dood hout worden weleens afgesloten tijdens en

281


PRAKTISCHE INFORMATIE na flinke stormen. Dan kunnen dode takken of zelfs hele bomen naar beneden komen en kun je dus maar beter wegblijven.

Bosuil

ACCOMMODATIE KIEZEN Als ik alle pagina’s in dit boek zou vervangen met een korte beschrijving van de overnachtingsplekken op de Veluwe, zou ik niet genoeg ruimte hebben om alle mogelijkheden te presenteren. De Veluwe is nu eenmaal een populaire bestemming. Dat betekent nog niet dat zoeken naar een duurzame, milieu-/natuurvriendelijke accommodatie eenvoudig is. Dé methode om hierop te selecteren, is te zoeken op bedrijven die zijn aangesloten op het Greenkey-label (www.greenkey.nl). Hier laten bedrijven zich vrijwillig keuren op een serie milieu- en duurzaamheidsnormen die verdergaan dan de wettelijk voorgeschreven normen. Greenkey-bedrijven zijn dus goed bezig, maar je kunt de redenering niet omdraaien – er zijn een hoop bedrijven die om uiteenlopende redenen niet meedoen met Greenkey, maar natuur en milieu wel hoog in het vaandel hebben. Naast je budget en het type accommodatie dat je wenst, zou ook je actieradius een belangrijke overweging moeten zijn. Heb je een auto tot je beschikking, dan kun je gemakkelijk de gehele Veluwe bereiken vanaf één locatie. Een beetje centraal gelegen accommodatie is dan wel prettig. Is je actieradius kleiner, dan is de keuze voor de randen beter, omdat het landschap hier afwisselender is en je dus veel meer opties hebt in de buurt. Ideaal zijn dan de randen van (of dorpen rondom) de grotere plaatsen (Arnhem, Ede, Apeldoorn, Harderwijk, Nijkerk, Putten, Ermelo) – enerzijds omdat je dan dicht bij faciliteiten zit, en anderzijds omdat vanuit hier je met het openbaar vervoer gemakkelijk verder de Veluwe op kunt (zie pag. 277). HOTELS Geheel in de landgoederentraditie van de regio, is er een groot aanbod aan prachtige, in het bos gelegen hotels, die van alle mogelijke luxe zijn voorzien en toch ook een landelijk karakter weten te behouden. Daarnaast zijn er in de dorpen en steden ook tal van kleinere, eenvoudigere overnachtingsmogelijkheden. Bij de onderstaande hotels staat de Veluwenatuur hoog in het vaandel. Zij hebben de uitgave van deze gids en bijbehorende app mede ondersteund. Ik heb in de lijst ook gezet bij welke route het hotel gelegen zich bevindt. Hun locaties zijn ook op de routekaarten weergegeven. Bilderberghotel Klein Zwitserland route 16, 17 Heelsum, T 0317 - 319104, www.bilderberg.nl Bilderberghotel Wolfheze route 17 Wolfheze, T 026 - 3337852, www.bilderberg.nl Bilderberghotel De Buunderkamp route 16, 17 Wolfheze, T 026 - 4821166, www.bilderberg.nl Bilderberghotel Oosterbeek route 16, 17, 18 Oosterbeek, T 026 - 3396333, www.bilderberg.nl Bilderberghotel Residence Groot Heideborgh route 6 Garderen, T 0577 - 462700, www.bilderberg.nl

282


PRAKTISCHE INFORMATIE Bilderberghotel De Keizerskroon Apeldoorn, T 055 - 5217744, www.bilderberg.nl Bilderberghotel Het Speulderbos Garderen, T 0577 - 461546, www.bilderberg.nl Gasterij ‘t Hilletje Kootwijk, T 0577 - 459399, www.gasterij-hilletje.nl Postillion Amersfoort Veluwemeer Amersfoort, T 0341 - 356464, www.postillionhotels.com Landgoed Rhederoord De Steeg, T 026 - 4959104, www.restaurant-rhederoord.nl Landgoedhotel Het Roode Koper Leuvenum-Ermelo, T 0577 - 407393, www.roodekoper.nl Van der Valk Harderwijk Harderwijk, T 0341 - 801010, www.hotelharderwijk.nl De Zwarte Boer Ermelo, T 0577-407395, www.dezwarteboer.nl

route 8 route 5 route 6 route 1 route 20 route 5 route 2 route 5

CAMPINGS EN BUNGALOWS Ook aan campings en bungalowparken is op de Veluwe geen gebrek. Voor een heerlijke, relaxte vakantie zijn ze ideaal. Eén stap buiten de deur danwel tentdoek en je staat midden in de natuur. Een eekhoorn in de boom en een egel in het gras – wat wil je nog meer? Of je nu zoekt naar een alles-erop-en-eraan-familiecamping of bungalow, of juist een eenvoudige even-weg-van-alles-natuurcamping – je hebt een uitgebreide keuze. Veel campings en bungalows op de Veluwe hebben een sterke band met de Veluwenatuur. De volgende bedrijven zeker – zij hebben de uitgave van deze gids en bijbehorende app mede ondersteund. Ik heb er ook bijgezet bij welke route uit dit boek het bedrijf ligt. Op de kaarten bij de betreffende routes zijn deze campings en bungalows ook weergegeven. BUNGALOWPARKEN ZONDER KAMPEERGELEGENHEID Bungalowpark Hoenderloo route 12, 13 Hoenderloo, T 055 - 3781808, www.bungalowpark-hoenderloo.nl Landal Greenpark Heihaas route 1 Putten, T 0341 - 351253, www.landal.nl Landal Greenpark Rabbit Hill route 6 Nieuw Milligen, T 0577 - 456431, www.landal.nl Veluws Bospark route 5 Putten, T 0341 - 351361, www.veluwsbospark.nl

Boomklever

BUNGALOWPARKEN MET KAMPEERGELEGENHEID De Hertenhorst route 12, 13, 14, 21, 22 Beekbergen, T 055 - 5061343, www.hertenhorst.nl De Houtzagerij route 11, 12, 13 Otterlo, T 0318 - 591201, www.wijewerelt.nl Vakantieoord Het Caitwickerzand route 6 Uddel, T 0577 - 456295, www.caitwickerzand.nl De Wildhoeve route 7, 8 Emst, T 0578 - 661324, www.wildhoeve.nl

283


PRAKTISCHE INFORMATIE Het Verscholen Dorp Harderwijk, T 0341 - 820227, www.verscholendorp.com

route 2

CAMPINGS Buitenplaats Beekhuizen / Restaurant WOODZ route 19 Velp, T 06 - 57148000, www.buitenplaatsbeekhuizen.nl Camping De Hertshoorn route 5 Garderen, T 0577 - 461529, www.hertshoorn.nl Camping Warnsborn route 18 Arnhem, T 026 - 4423469, www.campingwarnsborn.nl Natuurkampeerterrein De Harskamperdennen route 6 Kootwijk, T 0318 - 456272, www.harskamperdennen.nl Staatsbosbeheer Nieuw Soerel Nunspeet, T 030 - 6977749, soerel@staatsbosbeheer.nl Staatsbosbeheer Drie Ermelo, T 030-6977749, drie@staatsbosbeheer.nl Staatsbosbeheer Kootwijk Kootwijk, T 030-6977749, zanderdennen@staatsbosbeheer.nl Als je van rust en eenvoud houdt, dan kun je verder kijken naar het aanbod van natuurcampings op www.natuurkampeerterreinen.nl en www.logerenbijdeboswachter.nl. VELUWSE GASTRONOMIE Gastronomie is hot. Terwijl boeren een krappe eeuw geleden nog met veel pijn en moeite een schamel korenschoofje aan de barre zandbodem ontfutselden, zijn hun boerderijtjes nu omgetoverd tot rustieke of zelfs chique restaurants, waar de meest fantastische maaltijden geserveerd worden. Juist deze historische context maakt de revival van streekproducten extra interessant. De Veluwe heeft inmiddels een flinke en ook groeiende reeks uitstekende streekproducten, waaronder twee zeer goede bierreeksen: de Veluwse Schavuyt van brouwerij De Vlijt uit Apeldoorn en ‘de beesten’ (Oehoe, Wild Zwijn, Edelhert, Valk, et cetera) van de Heidebrouwerij uit Ede. Ook zijn er wijnen, vleesproducten, kazen, broden en groentes die allemaal van de Veluwe afkomstig zijn. Let op: dat wil niet zeggen dat ze ook dier-, natuur- en milieuvriendelijk (EKO) geproduceerd zijn. Sommige wel, andere niet. Zie www.visitveluwe.nl. Vanwege de aandacht rondom eten worden er inmiddels ook een drietal zogeheten ‘smaakevents’ georganiseerd: de Wilddagen in Vierhouten, Lepeltje-Lepeltje en Eten op Rolletjes. Zie opnieuw www.visitveluwe.nl. Uit het grote aantal cafés, lunchrooms en restaurants licht ik de volgende uit. Ze liggen aan de routes en hun locaties zijn op de betreffende routekaarten aangegeven. CAFÉ / LUNCH Bakkerij Tom van Otterloo route 20 De Steeg, T 026 - 4952306, www.bakkerijtomvanotterloo.nl Bezoekerscentrum Sonsbeek route 18 Arnhem, T 026 - 4450660, www.molenplaatssonsbeek.nl

284


PRAKTISCHE INFORMATIE Bezoekerscentrum Veluwezoom route 19, 20 Rheden, T 026 - 4955511, www.natuurmonumenten.nl Carolinahoeve route 20 De Steeg, T 0313 - 414214, www.decarolinahoeve.nl Kasteelcafé De Zalmen route 17 Doorewerth, T 026 - 3341238, www.dezalmen.nl Koepel de Kaap route 19, 20 Rheden, T 026 - 4952453 Lunchroom de Beken route 16 Renkum, T 0317 - 358442, www.debeken.com MAMS Coffee & more route 18 Arnhem, T 026 - 3828307, www.mamscoffee.com Theeschenkerij Hoeve Klein Mariëndaal route 18 Arnhem, T 026 - 3796687, www.hoevekleinmariendaal.nl CAFÉ / RESTAURANT Bilderberghotel Klein Zwitserland route 16, 17 Heelsum, T 0317 - 319104, www.bilderberg.nl Bilderberghotel Wolfheze route 17 Wolfheze, T 026 - 3337852, www.bilderberg.nl Bilderberghotel De Buunderkamp route 16, 17 Wolfheze, T 026 - 4821166, www.bilderberg.nl Bilderberghotel Oosterbeek route 16, 17, 18 Oosterbeek, T 026 - 3396333, www.bilderberg.nl Bilderberghotel Residence Groot Heideborgh route 6 Garderen, T 0577 - 462700, www.bilderberg.nl Bilderberg Kasteel Doorwerth route 17 Doorwerth, T 026 - 3333420, www.bilderberg.nl Bilderberghotel De Keizerskroon route 8 Apeldoorn, T 055 - 5217744, www.bilderberg.nl Bilderberghotel Het Speulderbos route 5 Garderen, T 0577 - 461546, www.bilderberg.nl Boshuis Drie route 5 Ermelo, T 0577 - 407206, www.boshuisdrie.nl De Garage route 6 Radio Kootwijk, T 088 - 0001585, www.garage-radiokootwijk.nl Gasterij ‘t Hilletje route 6 Kootwijk, T 0577 - 459399, www.gasterij-hilletje.nl Houtplaats route 19, 20 Rheden, T 026 - 4465593, www.restauranthoutplaats.nl De Houtzagerij route 11, 12, 13 Otterlo, T 0318 - 591201, www.wijewerelt.nl Landgoed Rhederoord route 20 De Steeg, T 026 - 4959104, www.restaurant-rhederoord.nl Landgoed De Schovenhorst route 5 Putten, T 0341 - 351207, www.schovenhorst.nl Monsieur Jacques Museumrestaurant route 12, 13 Otterlo, T 0318 - 591657, www.monsieurjacques.nl Paviljoen De Posbank route 19, 20 Rheden, T 026 - 4950930, www.paviljoendeposbank.nl

285


PRAKTISCHE INFORMATIE Peacock’s Restaurant Ermelo, T 0341 - 553059, www.peacocksrestaurant.nl Postillion Amersfoort Veluwemeer Amersfoort, T 0341 - 356464, www.postillionhotels.com Restaurant De Peerdestal Ellecom, T 0313 - 415758, www.depeerdestal.nl Restaurant Garage Royal Arnhem, T 06 - 14791474, www.garage-royal.nl Restaurant Planken Wambuis Ede, T 026 - 4821251, www.plankenwambuis.nl Hotel Landgoed Het Roode Koper Leuvenum-Ermelo, T 0577 - 407393, www.roodekoper.nl NB: reserveren voor lunch en diner gewenst Restaurant WOODZ / Buitenplaats Beekhuizen Velp, T 06 - 57148000, www.buitenplaatsbeekhuizen.nl De Rotterdammer Stroe, T 0342 - 441903, www.derotterdammer.nl De Schaapskooi Schapedrift Ermelo, T 0577 - 407254, www.schapedrift.nl Stadsvilla Sonsbeek Arnhem, T 026 - 4465200, www.stadsvillasonsbeek.nl Het Station Putten Putten, T 06 - 12203608 Theehuis Landgoed Oud Groevenbeek Ermelo, T 0577 - 407047, www.natuurmonumenten.nl Van der Valk Harderwijk Harderwijk, T 0341 - 801010, www.hotelharderwijk.nl De Zwarte Boer Ermelo, T 0577 - 407395, www.dezwarteboer.nl

route 5 route 1 route 20 route 12 route 11 route 5 route 19 route 6 route 5 route 18 route 1 route 5 route 2 route 5

INFORMATIECENTRA De Schaapskooi Schapedrift route 5 Ermelo, T 0577 - 407254, www.schapedrift.nl Museonder – De Hoge Veluwe route 12 De Hoge Veluwe, T 0800 - 8353628, www.hogeveluwe.nl Informatiecentrum Renkums Beekdal route 16 Renkum, T 0317 - 318183m www.renkumsbeekdal.nl Bezoekerscentrum Sonsbeek route 18 Arnhem, T 026 - 4450660, www.molenplaatssonsbeek.nl Informatiecentrum Veluwezoom routes 19, 20 Rheden, T 026 - 4979100 www.natuurmonumenten.nl VERANTWOORD TOERISME “Take nothing but your photo, leave nothing but your footprint” is het beroemde adagium dat ‘ethisch’ natuurtoerisme samenvat. Voor de Veluwebezoeker is dit van extra groot belang. Waar zo’n honderd jaar geleden nog geen hond kwam (letterlijk en figuurlijk), komen nu jaarlijks meer dan twaalf miljoen mensen op bezoek. Wat een eeuw geleden nog als waardeloze woeste grond werd gezien, blijkt nu een toeristische goudmijn. Al die liefde voor de natuur is geweldig, maar niet geheel wederzijds. Vogelonderzoeker Rob Bijlsma onderzocht op het Mosselse Zand (route

286


PRAKTISCHE INFORMATIE 11) het effect van recreatie op bodembroedende vogels in een opengesteld en een afgesloten gedeelte van het gebied (De Levende Natuur, 2006). Resultaat: het effect van toerisme is enorm en verre van positief: veel broedvogels die in het afgesloten gedeelte voorkomen, zijn in het toegankelijke deel verdwenen. Toch heeft de liefde voor natuur ook zijn positieve kanten: meer aandacht en waardering voor het beheer ervan. Hier enkele tips om jouw bezoek positief te laten zijn voor de natuur. Wel doen: De beheerders van de Veluwe werken hard om hun gebieden aantrekkelijk te maken voor natuur én bezoeker. Dat kost veel geld en dat komt slechts ten dele uit de belastingpot. Ondersteun deze partijen. Word lid van Natuurmonumenten en het Geldersch Landschap en Kasteelen, neem een jaarkaart van Het Nationale Park De Hoge Veluwe, word ‘vriend van’ dat bijzondere landgoed. Staatsbosbeheer realiseert concrete natuurprojecten met behulp van giften via de stichting buitenfonds (www.buitenfonds.nl). Je kunt op deze site kiezen aan welk project je wilt doneren. Maar je kunt ook directer ondersteunen – zelf natuurbeheer uitvoeren. Op www.natuurwerkdag.nl vind je projecten door heel Nederland, dus ook op de Veluwe, waar je je handen uit de mouwen kunt steken. Door middel van je aankopen tijdens je verblijf op de Veluwe, kun je je uitspreken voor de natuur. Het is misschien een open deur, maar koop biologische producten (onder andere EKO-keurmerk) en liefst ook lokale. Let wel op dat ook niet-duurzame bedrijven meeliften op de lokaleproductenhype. Die kippenfarm met 1,5 miljoen dieren levert absoluut een lokaal product. Ook een natuurproduct als IJsselmeerpaling komt uit de regio. Een traditioneel product bovendien. Maar de paling is ook een enorme bedreigde diersoort. Gerookte paling is wat dat betreft niet minder slecht dan gruttodrumsticks – beter van afblijven dus. Niet doen: Allereerst, volg de aanwijzingen op van de ge- en verboden die op de bordjes langs de paden staan: honden aan de lijn (zie pag. 279), niet ’s nachts het gebied in, blijf op de paden, geen afval weggooien, geen muziekapparaten het gebied in, niet wild kamperen, geen planten of paddenstoelen plukken, et cetera. Dit klinkt allemaal wat paternalistisch, maar met jaarlijks 2 miljoen bezoekers en een enorm fijnmazig wandelpadennet is die Veluwe lang niet zo eindeloos als de romantische brochures doen geloven. Om die reden hebben veel beheerders rustgebieden voor het wild ingesteld. Respecteer ook die en blijf eruit. Gebruik daarnaast je gezonde verstand als je op pad gaat. Stel je op als gast in de natuur en vermijd verstoring van kwetsbare gebieden. Meer specifiek: natte heides en venen hebben een zeldzame flora die kwetsbaar is voor bertreding. Je doet echt niet veel kwaad als je een klein paadje inloopt om tien meter verder een beenbreek te fotograferen langs het pad, maar wel als je vervolgens dwars door de vegetatie heen struint. Zand- en fietspaden zijn weliswaar bedoeld om overheen te lopen en/of te fietsen, maar voor hazelwormen, slangen en hagedissen zijn het ideale zonplekken. Kijk dus uit op zonnige voor- en najaarsochtenden. Mocht je onverlet een hert- of reekalf langs het pad tegenkomen, laat het liggen en loop verder. Het moederdier heeft het niet verlaten en wacht tot jij weg bent voordat het naar haar kalf teruggaat.

287


PRAKTISCHE INFORMATIE Rechterpagina boven: Gaspeldoorn in bloei in maart Rechterpagina beneden: Massale bloei van bosanemoon

De Veluwezoom hartje winter

HET VELUWEJAAR De Veluwe kent vijf maanden rust en zeven maanden waarin de natuur een spectaculaire show opvoert. Tussen het diffuse groen van de ontluikende berken in april en het naar beneden dwarrelen van het laatste goudbruine beukenblad in het midden van november, val je van de ene verbazing in de andere. In de overige periode is de Veluwe stil en eenzaam. Op de arme zandgronden komt het voorjaar relatief laat op gang. Terwijl het rivierengebied al groen kleurt, is het op het Veluwemassief nog dor en grauw. Pas in de laatste week van maart slaat het om. Vanaf de rijke bodems aan de voet van de stuwwal overspoelt een vloedgolf van groen de bossen – eerst langs de bosranden en zo naar het interieur van het bos. De invasie van broedvogels volgt kort daarop. Wanneer het loof dichter wordt, beginnen ook de wilde planten van de heidevelden en beekdalen in bloei te komen en zijn vlinders en libellen overal te vinden. De zomer is een magische tijd. Iedere week komen wel weer een paar nieuwe soorten tevoorschijn om zich te laten bewonderen. Tegen het einde van de zomer, wanneer de soortenparade langzaam minder wordt en de eerste vogels alweer beginnen weg te trekken, volgen er drie grote encores: allereerst komt eind augustus de heide in volle en indrukwekkende bloei, gevolgd door de bronstijd van de edelherten in de tweede helft van september. Als grande finale verkleuren de bladeren en komen overal paddenstoelen de grond uit, die ook even snel weer verdwijnen. En dan, zo tegen 15 november, treedt de grote winterrust weer in, wanneer de Veluwe zo prachtig ingetogen is. Januari tot half maart: Hartje winter. In geen ander jaargetijde is het verschil tussen het zandige Veluwemassief en het rivierengebied en de Randmerenzone zo zichtbaar. De Veluwe is een zee van rust. Wat raven, veel klapeksters, een blauwe kiekendief en in sommige jaren veel sijzen, barmsijzen en kruisbekken, maar verder is het vooral stil. Het is een prima tijd om wild te kijken. En bovenal, om lange wandelingen in de sneeuw of door de berijpte heide te maken.

MIJN FAVORIETEN: JANUARI TOT HALF MAART 1 - Polders bij Oldebroek (route 3) Waanzinnig veel vogels, vooral ganzen. 2 - Kootwijkerzand (route 6) Schitterend als de rijp de buntgraspollen wit kleurt in het grauwe zand. 3 - Planken Wambuis (route 11) Veel wild, roofvogels en klapeksters. 4 - Het Deelerwoud (route 13) De koude, stilte en eenzaamheid zijn nergens tastbaarder dan hier. 5 - Van zand tot Zuiderzee (route 2) Groot verschil tussen de stilte en leegte van het zand en het vogelgekwetter langs de Randmeren. Mooie afsluiting in historisch Harderwijk.

288


PRAKTISCHE INFORMATIE Half maart tot half april: De wintervogels zijn nog steeds aanwezig, maar de lente roert zich. Een goede tijd voor de standvogels (spechten, uilen, boomleeuweriken), die beginnen te roepen. De voorjaarsflora begint zich te tonen en de gaspeldoorns staan volop in bloei. Heikikkers baltsen uitbundig. MIJN FAVORIETEN: HALF MAART TOT HALF APRIL 1 - Middachten en de Onzalige Bossen (route 20) Voorjaarsflora en spechten. 2 - Arkemheen en Oldenaller (route 1) Voorjaarsflora en grutto’s kijken in Polder Arkemheen. 3 - Het Nationale Park De Hoge Veluwe (route 12) Nog even geen afscheid van de winter, maar wel heikikkerkoren, baltsende raven, zingende boomleeuweriken en hinnikende dodaarzen. 4 - De Heelsumse Beek, Doorwerth en Duno (route 17) In het zuiden is het voorjaar vroeg en op Kasteel Doorwerth de chocolademelk warm. IJsvogels en grote zaagbekken bij de rivier. 5 - Cortenoever (route 22) Weidegeelsterren en andere zeldzame voorjaarsflora zoeken. Half april tot mei: De schoonheid van het vroege voorjaar! Dit is de tijd om de Veluweranden en stuwwallen te bezoeken voor de voorjaarsflora. Massa’s bosanemonen en speenkruid, dotterbloemen in de sloten en goudveil in de bronnetjes. Tegen het einde van mei tonen de witte boslelietjes (lelietje-van-dalen, salomonszegel, daslook en dalkruid) hun tere bloempjes op leemhoudende bosbodems. Ook mag je een wandeling door de bremheides met de bloeiende brem MIJN FAVORIETEN: HALF APRIL TOT MEI Moeilijk kiezen!: 1 - Rondje Brummen (route 22) Rijke voorjaarsflora. Goede kans op wielewaal en ringslang. 2 - Polders bij Oldebroek (route 3) Tjokvol sterns, zomertalingen, grutto’s, et cetera. 3 - Arkemheen en Oldenaller (route 1) Een zee van boshyacinten en andere voorjaarsbloemen en een polder die ouderwets vol zit met vogels. 4 - Middachten (route 20) Toproute voor voorjaarsflora en mooie, frêle beukenbossen. 5 - Speulder- en Sprielderbossen (route 5) Schitterende beukenbossen net in blad. Goede alternatieven zijn de Dassenberg, Kroondomein Het Loo en Elspeter Struiken (routes 4, 8 en 9). 6 - Het Nationale Park De Hoge Veluwe (route 12) De warm wordende heide laat zijn eerste bijzonderheden zien: lentevuurspinnen, slangen en hagedissen. Alternatief is de Planken Wambuis (route 11).

289


PRAKTISCHE INFORMATIE

Onder:Zwarte stern Beneden: Heivlinder op grondster

en gaspeldoorns niet missen, evenals een wandeling door de beukenbossen, die nu een zachte groene gloed van jonge blaadjes hebben. De trekvogels zijn terug en zingen je tegemoet. Dit is het moment om gekraagde roodstaarten en bonte vliegenvangers te zien. Veel vogels die later in het jaar een wat verborgen bestaan leiden, laten zich nu goed bekijken. Juni: De bomen zitten vol in het blad, maar het loof is nog fris. De nachtzwaluwen zijn terug en de korte nachten zijn subliem. Een geweldige tijd om vroeg of laat op pad te zijn. De broedvogels laten zich nog prima zien, het vlinderseizoen is nu goed begonnen en iedere dag komen er nieuwe planten in bloei. Het is gewoon zonde om nu niet buiten te zijn.

MIJN FAVORIETEN: JUNI 1 - Kroondomein Het Loo (route 8) Schitterende bossen, zwijnen met jongen, bosparelmoervlinders beginnen te vliegen en het dalkruid en de rietorchissen bloeien in de Motketel. 2 - Renkums Beekdal (route 17) Veel bijzondere planten in een prachtig landschap. De riviernatuur is op haar mooist. Kans op rallen in de avond. 3 - Het Nationale Park De Hoge Veluwe (route 12) Parade van bijzondere vlinders, libellen, reptielen en een aantal zeldzame planten. 4 - Staverden en de Leemputten (route 5) Zeldzame flora met veel orchideeën (het best te zien via een excursie; pag. 304). En vergeet niet nachtzwaluwen te gaan luisteren, bijvoorbeeld op de Ermelose Heide of het Herikhuizerveld! Juli: Terwijl de natuur op de heuvelruggen en de Veluweflanken langzaamaan in de zomerrust begint te komen, volgt nu dé toptijd voor de natte heide. In juli (vanaf eind juni eigenlijk) staat alles in volle bloei en beginnen allerlei vlinders, libellen en andere insecten te vliegen. Overal komen sprinkhanen tevoorschijn en onderstrepen met hun gekras wat je eigenlijk al wist: het is hoogzomer. ’s Avonds en ’s nachts hoor je de reeën blaffen. Je maakt ook een kans om dassen, steen- en boomMIJN FAVORIETEN: JULI 1 - Kroondomein het Loo (route 8) Bosparelmoervlinders en vliegende herten kijken, en wilde zwijnen tussen de manshoge vingerhoedskruiden bespieden. 2 - Het Deelense Veld (route 13) Dé avonturenzwerftocht met een waanzinnige hoeveelheid aan bijzondere planten, vlinders, libellen en reptielen. Beenbreek bloeit volop. 3 - Dassenberg en Aardhuis (route 9) Naast wild grote kans op vliegend hert. 4 - Tongerense Heide (route 7) De vennetjes staan schitterend in bloei. Overal vliegen libellen, waaronder leuke soorten als witsnuiten en beekoeverlibellen.

290


PRAKTISCHE INFORMATIE marters te zien, omdat de jonge dieren het nest verlaten en nieuwe territoria zoeken. Augustus: Drukkend warm, fel licht en uitgebleekte landschappen. De meeste planten hebben nog maar een paar bloemen – de vlinders raken langzamerhand sleets en afgevlogen. En dan ineens begint de natuur aan een doorstart. De heide gaat massaal bloeien, overal kruipen er libellen uit het water en een hele nieuwe generatie vlinders spreidt de vleugels. Augustus is een topmaand om de heide en de stuifzanden te bezoeken. MIJN FAVORIETEN: AUGUSTUS 1 - Kootwijkerzand (route 6) De ‘Atlantische woestijn’ in optima forma – bloeiende heide in het kale zand. Op zoek naar blauwvleugelsprinkhaan en kleine heivlinder. 2 - Posbank en Herikhuizerveld (route 19 en 20) De paarse heuvels zijn spectaculair. Kijk uit naar zadelsprinkhanen. 3 - Het Nationale Park De Hoge Veluwe (route 12) Prachtige heidebloei en massa’s vlinders. Kans op kommavlinders en zadelsprinkhanen. 4 - Staverden en het Speulder- en Sprielderbos (route 5) Lekker afwisselend, met zware loofbossen en mooie heidevelden. Nog even klokjesgentianen kijken op het Speulderveld. September: De bladeren in de bossen beginnen langzaam te verkleuren en de schaduwen gaan lengen. De paarse gloed van de heide dooft geleidelijk aan uit en een heerlijke nazomerkalmte daalt over de Veluwe. Behalve voor de rust, is september dé periode van de bronst (soms uitlopend tot begin oktober). September is ook de eerste van de twee paddenstoelenmaanden, en de tijd van de witte wieven (flarden grondmist) na een koele nacht. MIJN FAVORIETEN: SEPTEMBER 1 - Het Nationale Park De Hoge Veluwe (route 12) Bronsttijd. Burlende edelherten zijn vaak goed te zien en te horen vanaf de uitkijkpunten op de wildweiden. Ook een mooie tijd om adders te zoeken. 2 - Het Deelerwoud (route 14) Bronsttijd. Mooi om zelf te bekijken, maar nog mooier als je met een excursie meegaat. 3 - Rondje Brummen (route 22) Ook hier bronst bij de Elsberg en ook mooie paddenstoelen op de landgoederen en vogels langs de IJssel. Er zijn nog veel meer bronstkijkopties – zie pag. 300-303. 4 - Polders bij Oldebroek (route 3) Trekvogels kijken langs de Randmeren. Met een beetje geluk zie je een visarend of reuzenstern. 5 - Tongerense Heide (route 7) Sta voor dag en dauw op en geniet van de grondmist boven de vennen.

291


PRAKTISCHE INFORMATIE Vergeet ook niet de vogeltrek, die nu in volle gang is. Op de Veluwe zelf merk je er niet zoveel van, behalve dan dat lijsters, piepers en tapuiten trekken over de heide, en andere leuke soorten als steltlopers en roofvogels door het IJsseldal en langs de Randmeren trekken.

Koperwieken

Oktober: In oktober verkleuren de bossen. De mooiste herfstkleuren vind je in de tweede helft van de maand en dan vooral in de beukenbossen- en lanen en in de gemengde bossen onder aan de heuvelrug. De lage zon in combinatie met de bruin verkleurende adelaarsvarens is ook een herfstklassieker. Een mistige, vroege ochtend, liefst als er verder geen mens in de buurt is, is het moment om buiten te zijn. Het is ook een toptijd voor paddenstoelen. De porseleinzwammetjes op dode beukenstammen zijn prachtig. Dit is het moment voor een lange herfstwandeling en dan aansluitend de zon zien zakken in een glas Veluwse Schavuit. Aan het einde van de maand begint de damhertenbronst en komen de eerste wintergasten terug – klapeksters op de heide en de zwanen en ganzen op de Veluwerandmeren.

MIJN FAVORIETEN: OKTOBER 1 - Speulder- en Sprielderbos (route 5) Schitterende herfstkleuren in het ‘dansende’ beukenbos. Heerlijke bosgeuren in het dennen arboretum van Schovenhorst. 2 - Elspeter Struiken (route 4) De prachtige vlammende beukenbossen en oranje oplichtende velden met pijpenstrootje. 3 - Middachten en de Koningslaan (route 20) Prachtige herfstlanen, mooie adelaarsvarenbossen en heel veel paddenstoelen. 4 - De Arnhemse buitenplaatsen (route 18) Magnifieke bomen in allerlei herfstkleuren. Culinaire escapades volop mogelijk. 5 - Tussen zan en Zuiderzee (route 2) De eerste kleine zwanen en andere watervogels op de Randmeren en de herfstkleuren langs de Hierdense Beek. November: November is de piekmaand voor kleine en wilde zwanen, die grazen op de fonteinkruiden in de Veluwemeren. Het zijn er soms wel duizenden. In het eerste deel van de maand kunnen de herfstkleuren nog steeds prachtig zijn. Het hangt een bee tje af van de herfststormen – zodra het eind oktober of begin november flink gaat waaien, is het snel gedaan met de bladerpracht. Als de stormen uitblijven, worden de kleuren alleen maar dramatischer. Tegen het midden en einde van de maand kleuren de lariksen geel en verkleuren de pijpenstrootjes oranjebruin. De intense rust en stilte op de centrale Veluwe, met name op mistige en regenachtige dagen, is overweldigend. November heeft ook het staartje van het paddenstoelenseizoen.

292


PRAKTISCHE INFORMATIE

MIJN FAVORIETEN: NOVEMBER 1 - Polders bij Oldebroek (route 3) Duizenden zwanen en grote aantallen eenden en ganzen. 2 - Arnhemse Heide (route 15) Bronst van damherten en kans op raaf, blauwe kiekendief en klapekster. 3 - Heelsumse Beek (route 17) Prachtige bossen en uiterwaarden vol met ganzen, eenden, kramsvogels, koperwieken en grote zilverreigers. 4 - Planken Wambuis (route 11) Zalige zwerftocht, zeker in de mist, als de lariksen verkleuren en de zwijnen, reeën en edelherten hun kop boven een dampend veld uitsteken. 5 - Speulder- en Sprielderbos (route 5) Kalend beukenbos prachtig in mistig weer. En verder elk van de bij oktober genoemde herfstwandelingen, zolang de kleuren goed zijn. December: December is als november, maar zonder de glans van de herfst en de massaliteit van de zwanen op de Randmeren. Als het lekker koud wordt, stroomt het rivierengebied vol met kolganzen. Zelfs midden op de Veluwe zie je ze in grote aantallen overvliegen, trekkend van Nederrijn naar IJssel en vice versa. Verder is het op de heide stil en verlaten, een enkele raaf en klapekster daargelaten. In het berkenstruweel vind je sijsjes, in het naaldbos kruisbekken en op de ruige graslanden maak je goede kans op roofvogels. December is altijd en overal eetmaand en er is geen reden om daar op de Veluwe van af te wijken. Niets zo goed om de eetlust op te wekken als een lange wandeling. Neem wat nette (en droge!) kleding mee en kies een route die eindigt bij een goed restaurant. MIJN FAVORIETEN: DECEMBER 1 - Het Nationale Park De Hoge Veluwe (route 12) Raven, klapeksters, prachtige vliegdennen en eindelijk eens tijd om het Kröller-Müllermuseum te bezoeken. 2 - Het Deelerwoud (route 14) Zalige zwerftocht, goed te combineren met een hapje en drankje. Mooie kansen op roofvogels. 3 - Kootwijkerzand en omgeving (route 6) Met mist lijkt het zandlandschap echt eindeloos. Bijzondere ervaring. 4 - Heelsumse Beek (route 17) Grillige bomen, uiterwaarden vol vogels en opwarmen bij Kasteel Doorwerth. 5 - De Dassenberg (route 9; pas na 15 december toegankelijk) Schitterende paddenstoelenbomen (opnieuw prachtig in de mist) en uitgestrekte heides. Klapeksters, roofvogels en lekker eten om de hoek!

293


PRAKTISCHE INFORMATIE

DE BUCKETLISTS Wat vogelaars vijftig jaar geleden al hadden is nu een must voor iedere zichzelf respecterende reiziger: de bucketlist. Oftewel een afstreeplijst van dingen die je gezien moet hebben. Dit boek haakt aan bij deze trend. Hier zijn mijn lijstjes met de beste wildobservatiepunten, de meest memorabele van de monumentale natuurplekken en andere ‘must sees’. Sommige ervan zijn klassiekers die je in de meeste boekjes tegenkomt, maar veel andere zijn echte ‘geheimtips’.

3

2 9

1

10 6 5 4

7

Oud malebos bij de Dassenberg (route 9)

294

DE 10 MOOISTE BOSSEN

8

1 - De Dassenberg: loofbos met beuk en eik (route 9) Het meest ‘oerige’ stukje bos op de Veluwe. Dikke oude beuken, met veel staand en liggend dood hout. Tonderzwammen groeien als klimhaken aan de dikke stammen. Op open plekken in het bos komt de nieuwe generatie er al weer aan. Prachtig! Niet toegankelijk in de herfst! 2 - Dansende bomen in het Speulder- en Sprielderbos: beukenmalebos (route 5) Het beroemdste ‘dansende bomenbos’. Als je ergens een eenhoorn verwacht te zien, dan is het hier. Grillige vormen van eeuwenoude beuken geven een feeërieke sfeer. Vooral prachtig in voorjaar en najaar, met lage zon en een beetje mist. 3 - Vierhouterbos en Elspeter Struiken: eikenhakhout en beukenmalebos (route 4) Nog een dansend beukenbos, maar daarnaast ook een paar prachtige eikenbestanden met hakhoutstoven (zie pag. 48). Ook die hebben grillige vormen. De rust maakt deze plek fenomenaal! 4 - Natuurbos in het Renkums Beekdal: loofbos met beuk, eik, es en els (route 16) Hoewel klein in oppervlakte, zijn er langs de Renkumse Beek een aantal prachtige stukken met een oerbos-achtig karakter. Dankzij de voedselrijke bodem hebben veel bomen indrukwekkende formaten bereikt. Ook vind je hier veel verschillende boomsoorten bij elkaar, waaronder elzen, essen en wintereiken. 5 - De Duno: gemengd loofbos met haagbeuk (route 17) De bossen op landgoed De Duno groeien op vruchtbare lössbodems, maar zijn in de Tweede Wereldoorlog voor een belangrijk deel kapotgeschoten. Dit maakt het bosgebied nu erg bijzonder. Oude, vooroorlogse bomen wisselen af met jongere exemplaren, waaronder veel, voor de Veluwe, zeldzame haagbeuken. Langs de beken staan esdoorns, essen en elzen wat het tot een rijk en divers bos maakt. 6 - Onzalige Bossen: eiken-berkenbos (route 20) Alleen vanwege de naam al wil je hier struinen. De Onzalige Bossen bestaan uit oud eiken-berkenbos met een dichte ondergroei van adelaarsvaren, doorsneden door majestueuze beukenlanen. Zalig in de najaarszon.


PRAKTISCHE INFORMATIE 7 - Hallenbos van Sonsbeek: beukenbos (route 18) Schuine banen zonlicht langs hoge, kaarsrechte pilaren van beukenstammen. Het Hallenbos van Sonsbeek is als een natuurlijke kathedraal en dat is precies zoals landgoedeigenaar Van Heekeren het bedoeld had toen hij in 1817 het bos liet aanplanten. Nu, twee eeuwen later is het bos op zijn mooist. Bijzonderheid: in het dal staan bomen van ruim 45 meter hoog – de hoogste beuken van Nederland. 8 - Rhederoord: loofbos met beuk, tamme kastanje en wintereik (route 20) Nog zo’n landgoedbos met indrukwekkend hoge bomen. De rand onderaan de stuwwal is schaduwrijk dus de bomen moeten de hoogte in en door de vruchtbare lössbodem kan dat ook. Vandaar dat in het bos aan de rand van De Steeg op het landgoed Rhederoord een uitzonderlijke hoeveelheid hoge eiken, beuken, tamme kastanjes en esdoorns groeit. 9 - Eikenbossen van Maanschoten: eikenhakhout (route 6) Al is het alleen maar vanwege de schok dat hier bomen van 2500 jaar oud zouden staan. Dat blijkt toch niet zo te zijn (zie pag. 173), maar dat maakt niet uit wanneer je in het bos de sfeer proeft van de kronkelige eikenclusters op de oude stuifduinen. 10 - Rivierbos van Cortenoever: hardhoutooibos met populier, esdoorn en iep (route 22) Dit bos hoort thuis in de categorie bijzonder-maar-landschappelijk-niet-zo-spectaculair. Dat ligt er voornamelijk aan dat het maar klein is en niet zo goed toegankelijk. Hardhoutooibossen (typisch voor de droogste, zandige delen van de uiterwaarden) hebben, als ze ongestoord zijn, juist machtige bomen en een rijke flora. Bij Cortenoever krijg je een indruk van dit bostype waarvan er nog maar een paar snippertjes in ons land bewaard zijn gebleven. Voor de ecologische fijnproever.

Beukenbos bij Rhederoord (route 20)

Eikenhakhout bij Maanschoten (route 6)

295


PRAKTISCHE INFORMATIE DE 10 MOOISTE BOMEN

10 4

7

2 1 6

8 5

3

9

Eikenstoof bij Maanschoten

296

1 - Vliegdennen van het Kootwijkerzand: grove den (route 6) Vliegdennen zijn unieke, oude bomen die spontaan op het zand zijn ontkiemd en hier de harde wind en geselingen van het stuivende zand hebben doorstaan. Nergens zijn ze zo mooi als op het centrale deel van het Kootwijkerzand, waar de oude knoestige wortels het zand vasthouden waar het elders al is weggeblazen. Zo staan de bomen op een troon van zand in de uitgestrekte zandvlakte. 2 - De eikenstoven van Maanschoten: zomereik (route 6) De eikenstoven bij Maanschoten zien er bizar uit. Door horizontale takken die zijn ondergestoven, heeft de boom zichzelf als het ware gekloond, waardoor er grillige ‘stoven’ van eiken ontstonden. De mooiste liggen in oude zandverstuivingen, met de grootste aantallen grote boomclusters tussen Nieuw-Milligen en de A1. De eikenstoof van Maanschoten, omtrek 36 meter (!), spant letterlijk de kroon. 3 - Poortwachtersbomen: tamme kastanje (route 18) Deze twee oeroude kastanjes hebben indrukwekkende stammen, vol met gaten en spleten. Desondanks zijn de bomen nog steeds vitaal. De twee ‘poortwachtersbomen’ aan weerszijden van het pad staan onder Arnhemmers bekend als ‘Hans en Grietje’. De iets kleinere, maar nog steeds imposante kastanje, die iets afzijdig staat is dan, jawel… de heks. De bomen komen laat in blad (als alle kastanjes) en kleuren knalgeel in oktober. 4 - Twaalf Apostelen op Wilbrinkbos: beuk De 12 Apostelen is één beuk in het Wilbrinkbos net boven Voorthuizen. Het bijzondere aan deze boom is dat hij bestaat uit ongeveer 12 aan elkaar gegroeide stammen die samen een muur van boom vormen. Hij staat op een oude stuifduin.


PRAKTISCHE INFORMATIE 5 - De Wodanseiken van Wolfheze: zomereik (route 17) Met een leeftijd van rond de 500 jaar (de schattingen lopen uiteen) zijn de Wodanseiken van Wolfheze een icoon. Ze zijn beroemd gemaakt door de romantische schilders Creemers (twee broers, zie pag. 234) die ook de naam Wodanseik hebben bedacht. In het bos rondom de bomen staan veel meer eiken die ongeveer even oud zijn en even mooi, maar die toevallig niet op het doek zijn beland en daarom geen naam hebben gemaakt. 6 - Vliegdennen van De Wet: grove den (route 12) In de omgeving van het monument voor Generaal de Wet op de Hoge Veluwe staat een grote collectie magnifieke vliegdennen. In de winter met mist zijn ze schitterend net als op een (na)zomeravond in tegenlicht, wanneer ze uittronen boven een zilvergouden zee van buntgras. De vliegdennen op het Pampelse Zand, even verderop, zijn ook niet misselijk. 7 - Hoogste boom van Nederland: douglasspar Op enkele landgoederen is in de 18e en 19e eeuw geÍxperimenteerd met de aanplant van naaldbos, zo ook in Paleispark Het Loo. De douglassparren die ergens tussen 1860 en 1870 geplant zijn, hebben het inmiddels officieel geschopt tot de hoogste bomen van Nederland. De hoogste is 50,3 meter hoog en groeit in een bosje met meerdere giganten, net achter de stallen. De douglasspar komt uit het westen van de Verenigde Staten en Canada. Daar stonden ooit bossen met reuzen van 120 meter hoog, maar die zijn helaas gekapt. Schuin tegenover de douglassen in het Paleispark staat een van de hoogste wintereiken van Nederland. 8 - De jeneverbessen van de Loenermark (route 22) De trolachtige vormen van de jeneverbes spreken tot de verbeelding. De jeneverbes is een zeldzame, inheemse struik van de droge heide en voormalige stuifzanden. Op de Loenermark staan enkele schitterende struwelen. Andere prachtige voorbeelden bevinden zich op het Caitwickerzand, de Hoge Veluwe en de Oldebroekse Heide. De laatste zijn de mooiste, maar groeien helaas op een militair oefenterrein waar je niet mag komen. 9 - Philemon en Baucis: zomereik (route 19) De twee machtige zomereiken aan de Herikhuizerweg zijn ongeveer 500 jaar oud. In tegenstelling tot veel andere oude eiken zijn Philemon en Baucis behoorlijk hoog, wat erop duidt dat ze in hun jonge jaren in de schaduw zijn opgegroeid. Het verhaal achter de naam van de prachtige eiken vind je op pagina 252. 10 - Mammoetbomen op Schovenhorst: grove den (route 5) Er staan een paar mammoetbomen (sequoia’s of redwoods) in het pinetum op landgoed Schovenhorst. Er zijn er drie die 41 meter hoog zijn. Ze hebben een fantastische dikke zachte bast. Mammoetbomen groeien van nature aan de westkust van de VS en zijn beroemd om hun fenomenale afmetingen. De hoogste meet 115 meter. Dit is een kort bomenlijstje is eigenlijk een eervolle vermelding van het hele oeuvre van monumentale bomen op Schovenhorst. Het zijn er namelijk teveel om op te noemen.

Baucis en Philemon

De oudste robinia van Nederland staat op de binnenplaats van Kasteel Doorwerth (route 17)

297


PRAKTISCHE INFORMATIE DE 10 MOOISTE HERFSTROUTES (OKTOBER-NOVEMBER)

4

9

3 5

6

10

1 7

8 2

Speulder- en Sprielderbos

298

1 - Koningslaan op de Veluwezoom (route 20) Dit is altijd al een van de mooiste lanen op de Veluwe, maar helemaal in de herfst. De beukenlaan is uitzonderlijk smal en loopt over een golvend terrein, waardoor er bijzondere doorkijkjes ontstaan die smeken om gefotografeerd te worden. Extra pluspunt – de bossen eromheen staan vol met adelaarsvarens, die ook mooi verkleuren in de herfst. De landgoederen Heuven, Rhederoord en Middachten liggen ook op de route en hebben veel paddenstoelen. 2 - Sonsbeek en de Arnhemse Buitenplaatsen (route 18) Mooier nog dan bossen in de herfst zijn de landgoederen. Vanwege de vele uitheemse boomsoorten die allemaal weer anders verkleuren, is het herfstpalet hier extra divers. De Arnhemse Buitenplaatsenroute komt langs schitterende oude bomen die ieder hun eigen kleurenpad naar het definitieve verval afleggen. Daarnaast liggen hier ook enkele van de mooiste beukenbossen van het gebied, die eind oktober vlammend oranje kleuren. Tot slot, niet onbelangrijk voor een herfstroute, er zijn voldoende gelegenheden om wat te eten of te drinken. 3 - Speulder- en Sprielderbossen (route 5) Samen met de volgende route is dit de beukenroute pur sang. Op zonnige dagen in eind oktober en begin november lijken ze wel in brand te staan. De finishing touch wordt geleverd door de grillige stammen. Als je het uit kunt kienen, ga dan wandelen op een nevelige ochtend. Waterig zonnetje erbij en je verwacht ieder moment dat er een elfje naar beneden komt dwarrelen. 4 - Elspeter Struiken (route 4) Ook de Elspeter Struikenroute voert door een prachtig ‘dansend’ beukenbos. Let hier op de groepjes marmerwitte porseleinzwammetjes op dode beukentakken. En er is meer! Het mooie van de Elspeter Struiken is de combinatie van grillig eikenbos en goudgeel-oranjekleurige velden van pijpenstrootje. 5 - Paleispark Het Loo De parkachtige bossen van Paleispark Het Loo (onderdeel van Kroondomein Het Loo) worden extra majesteitelijk in de herfst. De mooie gebouwen, het vallende blad in de sprengen en vijvers en enkele mooie beukenlanen zorgen voor een speciale atmosfeer. 6 - Landgoederen Brummen en Loenermark (route 22) De afwisseling is de grote kracht van het gebied ten westen van Brummen. De bomenlanen van beuk en Amerikaanse eik zijn oranje en rood, en contrasteren met de gele berken. Op op de Loenermark liggen uitgestrekte bossen met adelaarsvaren en de Elsberg wordt een goudgele zee van pijpenstrootje. 7 - Doorwerth en De Duno (route 17) Onder aan de heuvelrug bij Doorwerth worden de haagbeuken en essen spectaculair geel in de herfst. In combinatie met het kasteel Doorwerth is dit een top-herfstbestemming. Mis de Italiaanse Weg niet – een van de oudste lanen op de Veluwe.


PRAKTISCHE INFORMATIE 8 - Het Renkumse Beekdal (route 16) Enigszins vergelijkbaar met Doorwerth. De variatie in boomsoorten geeft een rijk herfstkleurenpalet. 9 - Buurtschap Tongeren (route 7) Als de zon al bijna aan de horizon staat dan ogen de buurtschappen met hun verspreid liggende, oude boerderijtjes tussen de statige lanen extra gezellig. Buurtschap Tongeren is vanwege de oude eiken en beuken naar mijn idee het mooiste. 10 - Planken Wambuis (route 11) De droge zandgronden met de grote hoeveelheden dennenbos zijn voor herfstkleuren wat minder aantrekkelijk. Planken Wambuis is een uitzondering vanwege de beukenlanen die door de open heide lopen, de lariksen (mooi geel verkleurend) en de velden van pijpenstrootje. Met name het gedeelte rondom Oud Reemst is prachtig. Let wel op – de vrijstaande beukenlanen verliezen bij stevige wind wel snel hun blad.

Porseleinzwammen

299


PRAKTISCHE INFORMATIE

10

9

3 4

2 6

1

7 5 8

Wild kijken op De Hoge Veluwe

DE 10 BESTE WILDOBSERVATIEPUNTEN 1 - Wildbaanweg – De Hoge Veluwe Herkenbaar aan de parkeerstrip aan de oostkant van de weg. Dit is waarschijnlijk de meest beroemde wildobservatieplek van heel Nederland. Iedere keer als de media een item over de hertenbronst maken, wordt hier gefilmd… Meestal is dan de muur van fotografen en telelenzen het thema en komen de burlende herten niet aan bod. Maar die fotografen staan er niet voor niets! Zeker een keer kijken en luisteren dus, zowel naar de edelherten als de fotografen. Ook buiten de bronst zijn er vaak edelherten te zien. 2 - Wildpark Aardhuis – Kroondomein Het Loo Soorten: edelhert, ree, wild zwijn, vos Niet geheel wild, maar wel indrukwekkend en met vrijwel Afstand: dichtbij zekerheid wild aan te treffen – het wildpark bij het AardTrefkans: vrijwel zeker huis. Voor verdere toelichting, zie pagina 305. Locatie: N344 ten westen van Apeldoorn, 1 km Vanaf 2018 zal de wildobservatie in het wildpark anders ten westen van de afslag naar Hoog Soeren georganiseerd worden; zie www.kroondomeinhetloo. nl. 3 - Wildobservatiepunt – Planken Wambuis Soorten: edelhert, ree, wild zwijn Verhoogd uitkijkpunt met een weids uitzicht over velden Afstand: vrij ver weg en heide. Door de weidsheid (het is ook landschappelijk Trefkans: heel hoog een prachtig punt) en de grote wild-dichtheid is het hier Locatie: Planken Wambuisweg, 750 meter vaak raak. Er zitten veel wilde zwijnen (na de moeflon ten zuidoosten van kruispunt met Koeweg het lastigste waar te nemen dier van de Veluwe big-five). Vanwege diezelfde weidsheid is de kans dat het wild ver weg zit ook nogal groot. Een verrekijker is wenselijk.

Soorten: edelhert (bronst) Afstand: vrij dichtbij Trefkans: heel hoog Locatie: Wildbaanweg, 1,5 km ten zuiden van Kröller-Müller Museum

300


PRAKTISCHE INFORMATIE 4 - Bosje van Staf – Hoge Veluwe Het uitkijkpunt bij het Bosje van Staf op de Hoge Veluwe is de beste plek om moeflons te zien. Op de meeste avonden komen ze uit de bossen en lopen naar de wildweide aan de westkant van het Bosje van Staf (zie kaart op pag. 203). Je ziet hier ook vaak edelherten en soms reeën, Verrekijker is wel nodig; telescoop nog beter. Er is geen hut aanwezig. 5 - Wildkijkpunt Elsberg – Veluwezoom De Elsberg heeft een mooie, in een heuvel verzonken, uitkijkpost met een prachtig uitzicht over de heide. In het najaar is dit een hele goede plek om de edelhertenbronst te zien. Ook een goede plek, maar dan zonder faciliteiten, is een paar honderd meter verderop langs de Burgermeester Bloemersweg. 6 - Dassenberg – Kroondomein Het Loo Net als de Elsberg biedt ook de Dassenberg uitzicht vanaf een heuvel over een aflopend heideveld waar in de vroege ochtend en avond vaak wild te zien is. De Dassenberg heeft vier verhoogde uitkijkpunten. Twee uitkijkpunten liggen langs het pad aan de noordkant van de heide (zie route 9) en twee langs de weg. Er is geen wildkijkhut. 7 - Observatiehutten Schuilkelder en Millehamel – De Hoge Veluwe Niet ver van het bezoekerscentrum liggen twee wildobservatiehutten. De mooie observatiehut Millehamel kijkt uit op een wildweide met reeën, vrouwelijke en jonge edelherten (kaalwild) en soms ook moeflons. Het is ongeveer 1 km lopen vanaf het bezoekerscentrum. De schuilkelder is een hut die uitkijkt over een zoelplaats (modderbad) en wildakker en ligt net ten noorden van de Pampel. 8 - Herikhuizen – Veluwezoom Een open wildkijkhut geeft zicht op een voormalig weiland met ruïne van een boerderij. ’s Avonds en ’s ochtends zie je er vaak wilde zwijnen en reeën. Ook vossen komen regelmatig langs bij Herikhuizen en een enkele keer zelfs dassen. 9 - Hoog Buurlo Wildobservatiescherm dat uitkijkt over een wildweide en gemakkelijk vanaf de weg te bereiken is, ook voor rolstoelgebruikers. Tijdens de bronst is dit ook een goede plek. 10 - Haelberg De Haelberg is aantrekkelijk omdat het een hoge observatietoren is van waaruit je een groot gebied kunt overzien. Tijdens de bronst maak je goede kans op burlende edelherten. Er is een boekje verschenen met nog meer wildkijkpunten; zie pag. 313.

Soorten: edelhert, ree, moeflon Afstand: vrij ver weg Trefkans: hoog Locatie: eind van Reemsterweg Soorten: edelhert (bronst) Afstand: soms vrij ver weg, soms dichtbij Trefkans: redelijk Locatie: einde Schaapsallee bij Eerbeek; zie kaart op pag. 270 Soorten: edelhert, ree, wild zwijn Afstand: soms vrij ver weg Trefkans: redelijk Locatie: zie Dassenbergroute, pag. 190 Soorten: edelhert, ree, moeflon Afstand: dichtbij Trefkans: hoog Locatie: dicht bij bezoekerscentrum van De Hoge Veluwe Soorten: ree, wild zwijn, vos Afstand: vrij dichtbij Trefkans: hoog Locatie: zijweg van de Snippendaalseweg, niet ver van Bezoekerscentrum Veluwezoom; zie kaart op pag. 250 Soorten: edelhert (bronst), ree, wild zwijn Afstand: soms vrij ver weg, soms dichtbij Trefkans: redelijk Locatie: aan de Alverschotenweg tussen Hoog Buurlo en Assel Soorten: edelhert, ree, wild zwijn, vos Afstand: vrij ver weg Trefkans: redelijk hoog Locatie: pad dat vertrekt vanaf pannenkoekrestaurant de Ossenstal, Epe

301


PRAKTISCHE INFORMATIE DE 10 BESTE WILDROUTES

3 9

2

7

8

5

6

1 4

Wildweide met reebok

302

10

1 - Deelerwoud: edelhert, damhert, wild zwijn (route 14) Dit is een van de eerste gebieden waar de jacht werd afgeschaft. Loop deze wandeling in de ochtend of avond, wees stil en de kans is erg groot dat je wild ziet. Ik heb zelden deze route gelopen zonder wild te zien. 2 - Kroondomein Het Loo: wild zwijn, edelhert, ree, vos (route 8) Het oudste landgoed op de Veluwe. Met name wilde zwijnen zijn algemeen en steken met regelmaat de paden over. Enkele wildweiden op de route trekken vaak zwijnen en herten aan. 3 - Elspeter Struiken: edelhert, ree, damhert, kleine kans op moeflon en wild zwijn (route 4) Buiten De Hoge Veluwe is dit het enige gebied waar alle ‘big five’ aanwezig zijn. Niet altijd makkelijk om ze te zien, maar wees er vroeg bij en je maakt grote kans op een of meerdere soorten. 4 - Arnhemse Heide: damhert (route 15) Wellicht de makkelijkste plek om damherten te zien. ’s Avonds komen ze uit de bosjes en trekken de velden op. 5 - Kootwijkerzand: edelhert, wild zwijn, kleine kans op wisent (route 6) Opnieuw een omgeving waar gewoon veel wild zit, met name edelhert, ree en wild zwijn. Best opmerkelijk aangezien de bodem erg arm is. Voor het wild moet je niet op het zand zijn (daar is niets voor ze al trekken ze er ’s nachts wel overheen en laten mooi hun sporen achter). In de bossen eromheen zit des te meer. 6 - Planken Wambuis: ree, edelhert, wild zwijn (route 11) Planken Wambuis is goed om wilde zwijnen te zien, ook maak je een goede kans op edelherten. Erg leuk is de omgeving van Ginkel, waar de met hagen omzoomde weilanden veel reeën aantrekken. Je ziet ze ’s ochtends vroeg. 7 - Speulder- en Sprielderbos: edelhert, wild zwijn, ree (route 5) Vergelijkbaar met Kootwijk – gewoon een omgeving waar veel wild zit. Je maakt een goede kans op overstekend wild op de paden. In het coulisselandschap van Leuvenum staan op de velden vaak edelherten en/of reeën. ’s Ochtends vroeg, naturellement. 8 - Beekhuizense Beek: ree, wild zwijn (route 19) De eiken-berkenbossen met kleine weitjes in dit deel van de Veluwezoom hebben een hoge concentratie reeën en wilde zwijnen. Relatief vaak zie je ze ook midden op de dag. Vos, das en boommarter zitten er ook, maar je moet erg veel geluk hebben wil je die zien. 9 - Landgoed Tongeren: wild zwijn, edelhert, ree (route 7) Net als Ermelo en Kootwijk is de Tongerense Heide een goede plek om herten en zwijnen te zien. In hoeverre ze doortrekken naar het Wisselse Veen is een beetje de vraag. Daar zijn wel vaak reeën. 10 - Rondje Brummen: ree, edelhert (route 22) Los van de herten op de Veluwezoom, is het coulisselandschap van Leusveld en Voorstonden een topplek voor reeën, die vaak in de velden en bosranden te vinden zijn.


PRAKTISCHE INFORMATIE DE 8 MOOISTE BLOEIENDE HEIDEVELDEN (HALF AUGUSTUS TOT HALF SEPTEMBER) 1 - Herikhuizerveld (route 19 en 20) De heide van de coverfoto van dit boek. Vanwege de prachtige glooiingen, verspreid staande bomen en dichte heidevegetatie is het Herikhuizerveld dé plek om van de bloeiende heide te genieten. Als je de heide voor jezelf alleen wilt hebben, moet je wel vroeg zijn, want er komen veel mensen op dit natuurspektakel af. 2 - Noorderheide (route 4) Prachtig vanwege de eenzaamheid. Hier komen maar weinig mensen, waardoor je het rijk alleen hebt. Ook een prima plek om herten te zien. 3 - Hoge Veluwe (route 12) Houd je van uitgestrekte paarse zeeën of juist kleine purperen postzegels tussen de grillige eiken? Wil je ‘ pure’ heidevegetaties of juist een kleurig palet met zand en buntgras? De Hoge Veluwe is de plek. Alle smaken droge heide komen hier aan bod. Ook een goede plek om heidezeldzaamheden als kommavlinder en zadelsprinkhaan te zien. 4 - Caitwickerzand (route 6) De schoonheid van de heide van het Caitwickerzand is dat de heide niet aaneeingesloten is, maar dat zandduinen, velden met buntgras en struikheide elkaar afwisselen. Het zachte grijsgroen van het buntgras, het gelige zand en de paarse heide vormen een prachtig, contrastrijk mozaïek. 5 - Loenermark (route 21) Zo aantrekkelijk omdat het kleine, glooiende heidevelden zijn tussen de oude eikenbossen. Ook met prachtige jeneverbessen. 6 - Tongerense Heide (route 7) Hemelsblauwe vennetjes tussen de paarse heide vormen een prachtige combinatie. De meeste vennetjes zijn overigens omrand met een knalgroene watervegetatie met witte veenpluisbollen. Die maken het alleen maar mooier. 7 - Ginkelse Heide en Planken Wambuis (route 11) De aantrekkingskracht hier ligt enerzijds in de grote oppervlakte heide (de grote paarse zee) en anderzijds in de schaapskudde. De witte dieren steken mooi af tegen de donkere heide. Opkomende zon, beetje mist erbij en het plaatje is compleet. 8 - Ermelose Heide (route 5) Ook op Ermelose Heide is het de combinatie van glooiend land, dichte heidevegetatie en een schaapskudde die het gebied zo prachtig maakt tijdens de bloei van de heide.

2

8

6

4

7

3

5

1

Bloeiende heide met schapen op het Herikhuizerveld

303


PRAKTISCHE INFORMATIE

2 1

3

4

DE 10 BESTE EXCURSIES Dit is onze top 10 van mooiste excursies voor volwassenen op de Veluwe. Voor activiteiten voor kinderen, zie pag. 308. Naast de hier genoemde trips zijn er nog meer activiteiten en excursies te vinden op de websites van de beheerders: www.natuurmonumenten.nl, www.staatsbosbeheer.nl, www.hogeveluwe.nl, www.kroondomeinhetloo.nl en www.glk.nl.

6 7 8

5

10 9

Wanneer: juni Reserveren: ja Kosten: ja Info: www.glk.nl Wanneer: mei-juli Reserveren: ja Kosten: ja Info: website beheerders

Wanneer: jaarrond Reserveren: ja Kosten: ja Info: website beheerders

304

1 - Staverden – de Leemputten Velden vol met orchideeën, beenbreek en andere zeldzame planten – in juni zijn de Staverdense leemputten op hun mooist. Dit kwetsbare natuurgebied is een van de rijkste plaatsen (zo niet de allerbeste plek) voor wilde planten op de Veluwe (zie route 5 voor meer informatie). Het hart van dit natuurgebied is niet toegankelijk, maar er zijn ieder jaar enkele excursies waarin je met de boswachter dit spectaculaire gebied ingaat. De excursies worden verzorgd door Geldersch Landschap en Kasteelen en zijn een absolute must voor plantenliefhebbers. 2 - Nachtzwaluwexcursies De bosrand die zwart aftekent tegen de rode, snel donker wordende avondlucht, de warmte van de zomeravond en de stilte die slechts doorbroken wordt door een blaffend ree en wat krekels. En dan is daar plotseling het hypnotiserende rollende geluid van wat misschien wel de meest vreemde bewoner van de Veluwe is: de nachtzwaluw. Deze sperwer-grote vogel lijkt in niets op een zwaluw, behalve dat hij in de lucht met de bek wijd open op insecten jaagt. Het is spectaculair om in het bijna-donker deze grote vogel om je heen te zien vliegen, plotseling landend op het zandpad, om er even later weer vandoor te gaan. Omdat je hem overdag nooit zult zien en ’s nachts de heide niet op mag, is deze toch vrij algemene heidevogel lastig te vinden. Er zijn een paar plekken waar je zelf tegen de schemering kunt gaan kijken, zoals op de Ermelose Heide (route 5), de Regelsbergen (route 6), het Uddelsche Buurtveld (route 8) en het Herikhuizerveld (routes 19 en 20). Het is zeker zo leuk om met een speciale nachtzwaluw-excursie mee te gaan die in het seizoen hier en daar door de beheerders wordt georganiseerd. Check de websites van de beheerders of googel op ‘nachtzwaluwexcursie Veluwe’ en de mogelijkheden dienen zich vanzelf aan. Mocht je zelf gaan: zorg dat je stil bent en schijn niet met de zaklamp op de nachtzwaluwen. 3 - Wildexcursies met de boswachter Zelf wild kijken is fantastisch, maar je maakt de meeste kans als je met een gespecialiseerde gids meegaat, die ook nog eens alle bijzonderheden over de dieren en het gebied kan vertellen. Wildkijkexcursies worden georganiseerd in het Nationale Park De Hoge Veluwe (www.hogeveluwe.nl), het Deelerwoud (www.natuurmonumenten.nl). Daarnaast is het, onder andere op de terreinen van Staatsbosbeheer,


PRAKTISCHE INFORMATIE

Wildobservatiepost op Planken Wambuis

mogelijk om een plek te reserveren in wildobservatiehutten die voor het algemene publiek gesloten zijn (www.staatsbosbeheer.nl). 4 - Wild spotten bij het Aardhuis Wanneer: jaarrond Het wildpark bij het Aardhuis (onderdeel van KroondoReserveren: nee mein Het Loo) is een omheind natuurterrein van 42 ha Kosten: ja met bossen, heides, een wildweide en een observatieLet op: onderstaand programma geldt alleen toren met ervoor een voederplaats. Op het terrein is het voor 2017 gemakkelijk wild kijken – sterker nog, het is maar zelden dat je er geen wild ziet. Ook vossen worden regelmatig gezien en zelfs op de das maak je in de schemering een kansje. In juli is het vliegend hert hier bijna gegarandeerd. Tegen een vergoeding kun je het park bezoeken, maar nog leuker is het om dit te doen met een natuurgids tijdens een anderhalf uur durende wandeling. Deze tochten zijn in maart tot en met oktober op elke zaterdag en zondag om 11:00 en 13:30 uur, en op woensdag om 13:30 uur. In de mei-, zomer- en herfstvakanties zijn de excursies dagelijks. Aanmelden is niet nodig; er wordt verzameld voor het Aardhuis. Vanaf 2018 wordt het Aardhuis omgevormd tot het bezoekerscentrum van Kroondomein Het Loo. De bovenstaande activiteiten in het wildpark worden dan anders. Informatie over het ‘nieuwe’ Aardhuis vind je te zijner tijd op www.kroondomeinhetloo.nl. 5 - Nacht- en avondwandelingen Wanneer: jaarrond, meest zomer In de meeste natuurgebieden mag je na zonsondergang Reserveren: ja niet komen, behalve tijdens georganiseerde avond- en Kosten: ja nachtwandelingen. Een prachtige gelegenheid om de Info: website beheerders Veluwe eens op een totaal nieuwe manier te ervaren. Er zijn dan andere dieren actief. Maar bovenal, je gebruikt andere zintuigen veel intensiever nu je niet meer goed op je zicht kunt vertrouwen. Staatsbosbeheer organiseert vollemaanwandelingen in hun gebieden. De Hoge Veluwe heeft haar avondwandelingen en nachtsafari’s, Natuurmonumenten een midzomernachtwandeling op de Veluwezoom en het Geldersch Landschap en Kasteelen een schemerwandeling op de Loenermark.

305


PRAKTISCHE INFORMATIE 6 - Vroege Vogelconcert Hoge Veluwe Dit is echt iets speciaals! De zon is net op, overal zingen de fluiters, boomleeuweriken en zanglijsters en dan beginnen de tonen van een cello en viool. Even lijkt het een tegenspraak, maar dan draagt de muziek de zang van de vogels. Of is het andersom? Het Vroege Vogelconcert op De Hoge Veluwe is een bijzondere synergie van vogelzang en klassieke muziek. Onder aan de Franse Berg, op de overgang van bos naar heide, beleef je de langzame verandering in de muziek, met telkens andere vogels en andere instrumenten. En dat alles in die speciale ochtendsfeer, want het Vroege Vogelconcert vindt plaats voor dag en dauw, voordat het park voor reguliere bezoekers opengaat. De muziek is speciaal voor deze dag gecomponeerd. Een unieke ervaring! 7 - Historische wandeling door Sonsbeek Wanneer: jaarrond Verschillende organisaties organiseren vanuit de historiReserveren: ja sche watermolen in Sonsbeek excursies door het park. Kosten: ja De rijke historie van de watermolens, de buitenplaatsen Info: www.molenplaatssonsbeek.nl en de Tweede Wereldoorloggeschiedenis komen doorgaans aan bod, naast uiteraard de bijzondere flora en fauna van dit schitterende landgoed. Het excursieaanbod wisselt, dus kijk vooraf eerst op de website om te zien wat er op stapel staat. 8 - Ringslangen bij zwembad Beekhuizen Wanneer: april-oktober Het voormalige openluchtzwembad Beekhuizen bij Velp Reserveren: ja functioneerde tot 1988. Toen werd het gesloten en na Kosten: ja twaalf jaar leegstand gekraakt. De bewoners hebben de Info: www.zwembadbeekhuizen.nl gebouwen en het terrein vervolgens omgetoverd tot een klein natuurparadijs. Met stenen zijn oevers gemaakt in de bassins waarlangs een bijzondere vegetatie is ontstaan met onder andere rietorchis. IJsvogels en grote gele kwikstaarten zijn er stamgast, maar de trots van Beekhuizen is toch wel de grote populatie ringslangen. De gemeente Rheden erkende de bijzondere status van Beekhuizen en in de formele herbestemming was het idee van de bewonersgroep om bewoning te combineren met duurzaam behoud van het terrein als natuurgebied het winnende plan. Daarin staat ook dat vanaf 2016-17 het terrein deels voor het publiek opengesteld wordt. Ook zijn er regelmatig excursies begeleid door RAVON (dĂŠ specialisten in reptielen, amfibieĂŤn en vissen in Nederland) om de ringslangen en hun omgeving te bekijken. De kans om de slangen te zien, hangt sterk af van het weer en de tijd van het jaar, maar je maakt zeker een goede kans! 9 - Wisenten spotten Wanneer: jaarrond April 2016 was het moment. Toen werden vier wisenten Reserveren: ja (Europese bizons) uitgezet op een stuk van de HarsKosten: ja kamp. Wisenten zijn imposante beesten. Ooit liepen ze Info: www.wisentopdeveluwe.nl rond in de Nederlandse bossen, maar ze zijn in de oertijd al verdwenen. Na de Eerste Wereldoorlog waren ze zelfs bijna uitgestorven. Alleen in het oerbos Bialowieza in Oost-Polen kwaWanneer: tweede helft mei Reserveren: ja Kosten: ja Info: www.hogeveluwe.nl

306


PRAKTISCHE INFORMATIE

Radio Kootwijk men ze nog voor. Na uitgebreide fokprogramma’s zijn ze weer terug in Nederland. De Veluwse kudde is de tweede in het land (de eerste loopt in de Kennemerduinen). De dieren grazen in het militaire oefenterrein de Harskamp, dat alleen toegankelijk is onder begeleiding. ’s Zomers zijn er dagelijks excursies en de rest van het jaar tweede keer per week (met een pauze in het najaar vanwege de bronsttijd). Aangezien de mater familias van de kleine kudde is gezenderd, is de kans vrij groot dat je op de excursie de dieren ook ziet. Maar er is meer! De excursie wordt geleid door ervaren IVN-natuurgidsen, er zit veel ander wild (onder andere zwijnen, reeën en herten) en je stapt een gebied in waar je anders met geen mogelijkheid kunt komen. Excursies duren circa drie uur, van 15:30 – 18:30 uur; in de winter ’s ochtends. In 2016 werd er een klein treintje gebruikt voor de excursies, voor 2017 zijn de excursies (ook) te voet. De precieze vorm waarin de excursie wordt gegoten, ontwikkelt zich nog. Check de website, ook om te reserveren. 10 - Radio Kootwijk Wanneer: jaarrond Het is een surrealistische plek, ideaal voor een James Reserveren: ja Bondfilm. Het ouderwets-futuristisch radiogebouw van Kosten: ja Kootwijk staat midden in de woeste gronden. Toch is Info: www.staatsbosbeheer.nl dat best logisch, omdat het oorspronkelijk (in 1918) ge-

bouwd werd voor het maken van radiocontact met Nederlands-Indië via de lange golf. Voor lange golftransmissie waren gebouwen van 200 meter hoog nodig en het lege gebied bij het Kootwijkerzand was daarvoor ideaal. De schitterende architectuur van deze historische plek voor Nederlandse radiocommunicatie is met een gids te bezichtigen.

307


PRAKTISCHE INFORMATIE

DE NATUUR IN MET KINDEREN Maak je kind tot een woudloper. Het Wereld Natuur Fonds heeft raak geschoten door de kinderleden uit te roepen tot ranger. Stoere buitenlui op zoek naar coole dieren, dat wil iedereen. Ieder kind in elk geval. Hier volgen een aantal tips. Verder zijn er waanzinnig veel kinderuitjes op de Veluwe – hieronder de natuurgerelateerde attracties. SPOREN AFGIETEN Nergens kan dat beter dan op de Veluwe; allereerst natuurlijk omdat er veel wild zit, maar ook omdat de prenten zo goed zichtbaar zijn in nat zand. Natte paden en stuifzandterreinen waar je vaak prenten van wild kunt zien, zijn te vinden op routes 2, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 11, 12, 14 en 15. Een goede beschrijving van het maken van een gipsen afgietsel vind je op www.outdooridee.com. EEN VAKANTIEDOEL Het idee is simpel. Kies vooraf een of meer beesten die je kinderen graag willen zien en zet de vakantie (mede) in het teken van het vinden ervan. Zo’n beest moet natuurlijk wel een beetje spectaculair zijn en het vinden ervan moet een haalbare kaart zijn, maar ook weer niet te eenvoudig. Extra mooi is het als de zoektocht een beetje spannend is. Dat je een stuk moet sluipen, extra stil moet zijn of op een gekke tijd op pad moet. Bonuspunten als op het moment suprême je kind het dier eerder ziet dan jij (dat werkt overigens ook bij wildexcursies voor volwassenen). Het is niet erg als de missie de eerste keer niet lukt (je beleeft tenslotte altijd wel wat) en het vergroot alleen maar de wens om de volgende keer wel succes te hebben. Als je dan maar beet hebt. Uitstekende ‘missies’ zijn: edelherten en zwijnen, klapekster in de winter, nachtzwaluwen in juni-juli (donker en extra laat op!), vliegend hert in juli (vrijwel zeker tijdens een excursie in wildpark het Aardhuis). Botanische missies zijn meer voor de gevorderde liefhebber, alhoewel zonnedauw als vleesetende plantje ook vaak hoge ogen scoort. Op de juiste plekken (zie onder andere route 1, 12, 13 en 21) zijn ze gemakkelijk te vinden. SOORTENLIJST AANLEGGEN Je kunt zo’n vakantiedoel ook anders aanvliegen. Wie op hoogtijdagen van een plaatjesrage weleens boodschappen doet, weet dat niets zo aanstekelijk is als een verzameling aanleggen. Sommigen blijven erin hangen en worden vogelaar. Hoeveel soorten kun je op de vakantie zien? Welke missen we nog en waar kunnen we die scoren? Vogels en vlinders lenen zich hier perfect voor – ze zijn redelijk goed herkenbaar, ze zijn mooi en het aantal soorten is overzichtelijk. Wel vereist dit wat voorbereiding, want het is niet leuk om met je kind de hele vogelgids van Europa te moeten doorploegen (of erger, de vlindergids) om bij iedere spectaculaire arend, gier of ibis te moeten zeggen dat die nu juist niet voorkomt op de Veluwe. Beter is het

308


PRAKTISCHE INFORMATIE om een lijstje te hebben (liefst met plaatjes) van de soorten waarop je grote kans maakt en die ook nog eens gemakkelijk te herkennen zijn. Weet wel waar je aan begint; voor je het weet, heb je een vogelaar gecreëerd! Moet je de rest van het jaar ieder weekend voor dag en dauw op pad. OERRR Natuurmonumenten heeft een enorm uitgebreid kinderprogramma onder de naam OERRR. Voor 3 leeftijdscategorieën (0-3; 4-8 en 9-12 jaar) zijn er allerlei doe-tips, maar ook excursies en evenementen. Ook zijn er speciale OERRR-kinderroutes uitgezet, onder andere in Planken Wambuis (zowel ingang Oud Reemst als ingang Otterlo achter de Wije Werelt). Op www.natuurmonumenten.nl vind je een indrukwekkend aantal natuurspeeltips. Van dingen maken als insectenhuisjes en bramenijs, tot rauwdauwdingen als modderglijbanen aanleggen. Voor de wetenschappers in de dop zijn er proefjes zoals temperatuur meten met een krekel-thermometer. Een aanrader! Zie www.natuurmonumenten.nl. KINDERACTIVITEITEN OP DE SCHAAPSKOOI: VELUWEZOOM, LOENERMARK EN ERMELO Voor de kleinsten een gegarandeerde hit, lammetjes aaien. Dit kun je doen bij de schaapskooi van Heuven (Nationaal Park de Veluwezoom; www.schaapskudde.nl), De Loenermark en de schaapskooi van Ermelo (www.schapedrift.nl). De schaapskooien organiseren nog meer acitiviteiten, zowel schaap-gerelateerd als schaapvrij. Zo biedt de ruime boerderij bij de schaapskooi van Ermelo (kinder)activiteiten, als paddenstoelen knutselen, schapenwol vilten, maar ook wildkijkexcursies.

OERRR, het kinderprogramma van Natuurmonumenten

Apenheul Adres: J.C.Wilslaan 21, Apeldoorn De Apenheul is helemaal gespecialiseerd in apen. Het Info: www.apenheul.nl is een groen en open park, waarin de helft van de apen losloopt tussen de mensen (de brutale doodshoofdaapjes zijn al sinds jaar en dag hét boegbeeld van het park). De overige soorten hebben ruime verblijven. Ook zijn er veel apekooi-achtige speeltoestellen voor kinderen. De Apenheul is een stichting (non-profit) die zich inzet voor het behoud van apen. Burgers’ Zoo Adres: Antoon van Hooffplein 1, Arnhem De Arnhemse dierentuin Burger’s Zoo is een fenomeen. Info: www.burgerszoo.nl Het is een van de meest gerenommeerde dierentuinen ter wereld. Bijzonder omdat het vanaf de oprichting in 1913 door Johan Burgers een familiebedrijf is. De dierentuin heeft naam gemaakt door als eerste ter wereld de zogenoemde ecodisplay te maken – een hal waarin een volledig ecosysteem is nagemaakt, waarin dieren vrij rondlopen. Als bezoeker wandel je hier doorheen en zie je tropische vogels, planten en reptielen, en woestijndieren. In de ‘Ocean’ zwemmen de roggen en haaien boven je hoofd. Burger’s Zoo is ook beroemd om zijn mensapen, met name de chim-

309


PRAKTISCHE INFORMATIE pansees waarnaar uitgebreid onderzoek is gedaan door Nederland’s meest beroemde bioloog, Frans de Waal. KLIMBOSSEN EN NATUURSPEELTERREINEN Garderen, Ermelo en Apeldoorn hebben ieder hun eigen klimbos – een omheind stuk bos waarin allerlei avontuurlijke klimtrajecten door de bomen zijn aangelegd. Gezekerd met kabels kunnen kinderen op een veilige manier door de boomkruinen klauteren. Er zijn parcoursen voor verschillende leeftijden en moeilijkheidsgraden. Voor meer informatie: Klimbos Garderen Putterweg 81, Garderen T 0577-460707, www.klimbosgarderen.nl Klimbos Apeldoorn J.C. Wilslaan, Apeldoorn T088-5546636, www.klimbos.nl Klimbos Ermelo Drieërweg 125, Ermelo T 0341-553905 www.klimbosermelo.nl Minder spectaculair wellicht, maar ook prachtig én gratis zijn de natuurspeelterreinen die op verschillende plekken te vinden zijn. Hutten bouwen, speeltoestellen, hindernisbanen – je vindt het hier. We hebben ze niet zelf uitgetest, maar hier is een greep uit de mogelijkheden: Natuurspeelterrein Watertorenweg, Harderwijk Speelbos Landgoed Schovenhorst Garderenseweg 93, Putten T 0341-351207, www.schovenhorst.nl Natuurspeelplaats De Paardenspeelwei Kluizenaarsweg, Velp Waterspeelplaats In Het Matenpark, Gijsbrechtgaarde 30, Apeldoorn Cool Nature natuurspeelplek Beekdalpark, Bronbeeklaan, Arnhem

Boomkruipers

310

KINDERACTIVITEITEN OP DE HOGE VELUWE De Hoge Veluwe is door het wild spotten en de witte fietsen al een leuke bestemming met kinderen, maar daarnaast heeft het park ook regelmatig speciale kinderactiviteiten, zoals aangepaste wildkijkexcursies, kamperen in het park, het natuurtheater, et cetera. Het aanbod verschilt van seizoen tot seizoen. Kijk op www.hogeveluwe.nl en filter op kinderactiviteiten.


PRAKTISCHE INFORMATIE

Sporen afgieten met gips

KINDERACTIVITEITEN VAN STAATSBOSBEHEER Ook op de terreinen van Staatsbosbeheer worden volop activiteiten voor kinderen georganiseerd. Hulpboswachter worden, natuurtheater, vollemaanwandelingen, ze zijn allemaal (ook) voor kinderen bedoeld. Kijk op www.staatsbosbeheer.nl/activiteiten en filter op ‘kinderen’. Kijk ook even op www.wisentopdeveluwe.nl. Toen ik deze gids schreef, waren er plannen in de maak om speciale trips voor gezinnen te organiseren naar de wisenten bij Kootwijk (zie pag. 306). In het Renkums Beekdal loopt vanuit het bezoekerscentrum een kabouterroute. Die route loopt toevallig door een van de mooiste bosgebieden van het beekdal (zie punt 2 van route 17) – ideaal dus voor het hele gezin! KINDERACTIVITEITEN VAN HET GELDERSCH LANDSCHAP EN KASTEELEN Ook de stichting Geldersch Landschap en Kasteelen organiseert allerlei kinderactiviteiten op haar terreinen. Naast het op-stap-met-deboswachter aanbod, heeft het GLK vanwege haar grote hoeveelheid landhuizen en kastelen een speciale focus op historische activiteiten. Zoek-de-schat is er een van. Als jouw zoon graag eens een echte ridder wil zijn of je dochter jonkvrouw (of vice versa), ga dan eens buurten bij het GLK. Allemaal ter lering ende vermaeck, uiteraard. Zie www.glk.nl en selecteer op kinderen en familie. KINDERACTIVITEITEN VAN PALEIS HET LOO De kinderactiviteiten op Paleis Het Loo behouden hun koninklijke tint. Er is een speurtocht en een audiotour die speciaal voor kinderen is ingericht. In een enquête onder kinderen zelf, is Paleis Het Loo uitgeroepen tot een kidsproof museum. Zie www.paleishetloo.nl.

311


PRAKTISCHE INFORMATIE

VERDER LEZEN Wie zich na of naast dit boek verder in de Veluwe wil verdiepen, heeft een schat aan bronnen tot zijn beschikking. Dit is een greep uit de opties: BOEKEN VOOR MEE IN HET VELD Soorten op naam brengen doe je niet met dit boek. De velgidsen van de KNNV Uitgeverij (www.knnvuitgeverij.nl) zijn dan ook een uitstekende aanvulling. Je hebt KNNV-veldgidsen over zoogdieren, vogels, reptielen en amfibieën, vlinders, nachtvlinders, libellen, sprinkhanen en krekels, wilde planten, paddestoelen (2 delen), mossen, korstmossen en diersporen. Voor vogels kun je naast de zeer goede Vogelgids van Europa van Lars Svensson (Kosmos Uitgevers; ISBN 9789021563626) ook kiezen voor de fotogids Alle Vogels van Europa van Frédéric Jiguet (KNNV Uitgeverij; ISBN 9789050115940) of de veel handzamere, maar toch heel complete Zakgids Vogels van Nederland van Luc Hoogenstein, Ger Meesters en Jip Louwe Kooijmans (KNNV Uitgeverij; ISBN 9789050113489). BOEKEN VOOR THUIS OP DE BANK Achtergrondinformatie vind je in de volgende boeken: Ontdek de Veluwe – S. Dijkhuizen, H. Schimmel en R. Westra, 1976. IVN i.s.m. de VARA. Een oudje uit mijn geboortejaar, maar nog steeds erg goed en vaak in antiquariaten te vinden. Het Kootwijkerzand, Staatsbosbeheer 100 jaar natuur voor iedereen – Gerrit de Graaf, 1999. ISBN 9068252186. Uitgebreide achtergronden over het Kootwijkerzand en de relatie van dit gebied tot de oprichting van Staatsbosbeheer in 1899. Kroondomein Het Loo – H. Bleumink en J. Neefjes, 2010. Uitgeverij Matrijs. ISBN 9789053454138. Dit boek geeft je alle historische informatie over Kroondomein Het Loo. Geldersch Arcadië, Atlas van een buitenplaatsenlandschap – Geldersch Genootschap, 2011. Uitgeverij Matrijs. ISBN 9789053454282. Voor een mooi inzicht in de geschiedenis en ontwikkeling van de buitenplaatsen tussen Renkum en Dieren is dit het boek om te pakken. Natuur in Sonsbeek, Zijpendaal en Gulden Bodem, KNNV-afdeling Arnhem. ISBN 9789087881696. De natuur en de flora en fauna van deze drie buitenplaatsen in Arnhem, zoals deze zijn onderzocht in de inventarisaties van de KNNV-afdeling Arnhem. Veluwse beken en sprengen, een uniek landschap – Menke et al., 2007. Uitgeverij Matrijs. ISBN 9789053453179. Dit is een lijvig boek over de geologie, geschiedenis, ecologie en natuur van de Veluwse beken en sprengen. De Oosterbeekse en Doorwerthse beken – Ruud Schaafsma, 2011. Uitgeverij Matrijs. ISBN 9789053453971. Een uitgebreide geologische en landschappelijke beschrijving van de beken van Oosterbeek en Doorwerth, inclusief wandelroutes.

312


PRAKTISCHE INFORMATIE De Renkumse en Heelsumse beekdalen – Ruud Schaafsma, 2012. Uitgeverij Matrijs. ISBN 9789053454626. Als de voorgaande, maar nu de Renkumse en Heelsumse beekdalen. Historische boselementen, geschiedenis, herkenning en beheer – P. Jansen en M. Van Benthem, 2005. Stichting Probos, Geldersch Landschap en Kasteelen en Waanders Uitgevers. ISBN 9040089671. Een diepgaande beschrijving van Nederlandse bossen (dus niet alleen de Veluwe!) als historisch én ecologisch landschap, inclusief het beheer ervan. Het Hoge Veluweboek – W.H. Nijhof en E. Pelzers, 2010. W-books en Stichting Het Nationale Park De Hoge Veluwe. ISBN 9789040076725. De geschiedenis van Het Nationale Park De Hoge Veluwe in handzame tekstjes. Natuur in Nederland – Frank Berendse, 2011. KNNV-uitgeverij. ISBN 8789050113762. Een prachtig overzicht van de Nederlandse landschappen vanuit een biogeografisch perspectief. Militairen op de Veluwe, een geschiedenis van landschap en bewoners – I. Van der Vlis (red), 2012. Uitgeverij Boom. ISBN 9789461052735. De titel zegt het al – de volledige Veluwse defensiegeschiedenis in één handzaam boek. Vogels van de Veluwezoom – Vogelwerkgroep Arnhem en omstreken, 2008. ISBN 9789081248310. Een uitgebreide soort-voor-soort beschrijving van alle regelmatig voorkomende vogels op de ZuidoostVeluwe, opgetekend door de vogelkenners uit het gebied. Atlas van Wildobservatieplaatsen van de Veluwe – Vereniging het Edelhert. Eigen beheer. De beste 52 wildkijkplaatsen op de Veluwe beschreven, inclusief de dieren die je er kunt vinden. KAARTEN, WANDELGIDSEN EN -APPS In de bezoekerscentra, VVV’s en boekhandels kun je een keur aan kaarten vinden om te fietsen en te wandelen. De serieuze wandelaar raad je aan om de overzichtskaarten van de gehele Veluwe over te slaan en te kiezen voor detailkaarten van het gebied. Overigens zijn er maar weinig die voldoende detail hebben om je een idee te geven van het soort terrein dat je kunt verwachten. Het meest geschikt daarvoor is de 1:50.000 stafkaart van de Zuid-Veluwe, die in eigen beheer is uitgegeven door Stap voor Stap, de Arnhemse reisboekhandel. Helaas is deze kaart er alleen van een deel van de Zuid-Veluwe. Het Nationale Park De Hoge Veluwe heeft een eigen kaart uitgegeven die voor een gering bedrag bij de ingangen van het Park te verkrijgen zijn. Er is een flink aantal wandelgidsen van de Veluwe op de markt gebracht. De meeste zijn uitstekend in de zin dat ze je een groot aantal wandelopties verschaffen en dat met doorgaans accurate routeomschrijvingen. Ze zijn echter zeer mager in het aangeven wat de betreffende routes het wandelen waard maakt, waardoor je maar op de gok een route moet kiezen en hopen dat het een aantrekkelijke is. Een betere optie is om de route-app van Natuurmonumenten te downloaden. Die laat je de natuur veel beter beleven, maar heeft weer als nadeel dat je op de terreinen

313


PRAKTISCHE INFORMATIE van Natuurmonumenten blijft en daarmee maar een gedeelte van de Veluwe bezoekt. Sommige andere terreinbeheerders zijn ook apps aan het ontwikkelen. Daarnaast heeft de app Natuur in NL ook enkele mooie routes op de Veluwe. Onbescheiden en, toegegeven, niet geheel onpartijdig: al deze apps halen het niet bij onze eigen Crossbill Routes app. Je kunt met deze app onder meer routes uit dit boek downloaden. Erg handig voor onderweg. WEBSITES Naast de websites van de Veluwse natuurorganisaties, raad ik de volgende websites aan: www.sovon.nl: De website van de vogelonderzoekorganisatie van Nederland. Hier kun je achtergronden en aantalsgegevens van alle vogels van Nederland zien. www.vogelbescherming.nl: Ook op de website van de Vogelbescherming kun je van iedere vogelsoort in Nederland informatie vinden. www.zoogdiervereniging.nl: De website van de zoogdieronderzoekorganisatie van Nederland. Hier kun je achtergronden en aantalsgegevens van alle zoogdieren van Nederland zien. www.floravannederland.nl: Veel informatie en filmpjes van de wilde planten van Nederland. www.wilde-planten.nl: Nog meer informatie over Nederlandse flora. www.ravon.nl: de website van de onderzoeksorganisatie van reptielen, amfibieën en vissen van Nederland. De meest recente gegevens van alle Nederlandse soorten. www.vlindernet.nl: Actuele informatie over dag- en nachtvlinders van Nederland. www.libellennet.nl: Idem voor libellen. www.waarneming.nl: Dé website om je eigen waarnemingen in te voeren en te bekijken welke flora en fauna er recentelijk is gezien op de plekken waar jij naartoe wilt gaan. www.topotijdreis.nl: Briljant! Website van het kadaster waarin je ingescande historische, lokale kaarten van heel Nederland kunt zien. Met de schaalbalk kun je kaarten van tot 200 jaar terug bekijken. www.mijngelderland.nl: Enorm uitgebreide website met duizenden ‘verhalen’ waarin allerlei aspecten van het landschap en de geschiedenis van Gelderland inzichtelijk worden gemaakt. www.wildernistrek.nl en www.centrumvoornatuurfotografie.nl: Goede websites voor natuurfotografieminnend Nederland. Vol met tips. www.birdpix.nl en www.nederpix.nl: Wat waarneming.nl is voor soortenwaarnemingen zijn deze websites voor vogel- respectievelijk natuurfotografie. Hier plaatsen en becommentariëren fotografen hun mooiste foto’s. Ook uitstekend om weg te dromen bij de Veluwefoto’s. www.visitveluwe.nl en www.hetbestevandeveluwe.nl: Dé twee toeristische platforms voor de Veluwe. Beide zijn goede startpunten om je te oriënteren voor je bezoek aan de Veluwe.

314


PRAKTISCHE INFORMATIE GEBIEDENREGISTER Arkemheen 54, 56-57, 59, 78, 97-99, 135-139, 280, 289 Arnhemse Heide 89, 95, 220-222 Asselse Heide 193 Avegoor; 262 Beekbergerwoud 28, 72-73, 81, 194-195 Beekhuizense Beek 249-253 Beekhuizerzand 81, 143-146 Biljoen 71, 251, 256-257 Bloemkampen 57, 146-147 Caitwickerzand 43, 49, 171, 297, 303 Cortenoever 100, 117, 123, 270-271, 295, 289 Dassenberg 190-193, 289, 290, 293, 294, 301 De Dikke Bart 173 De Harskamp 17, 53, 74, 173-174, 306-307 De Motketel 37, 189, 290 Deelense Veld 11, 52-53, 112, 208, 210-215, 290 Deelerwoud 40, 49, 288, 291, 293, 302, 304 Drontermeer 152 Elsberg 274, 291, 298, 301 Elspeter Struiken 32, 49, 65, 89, 155-158 294, 292, 298, 302 Ermelose Heide 52, 62, 63, 162, 290, 303 Ginkelse Heide 67, 75, 196-197, 223, 230, 303 Groevenbeekse Heide 36, 160 Heelsumse Beek 15, 61, 69, 231-238, 289, 293 Herikhuizerveld 35, 36, 65, 254, 258-259, 291, 303 Hierdense Beek 37, 65, 96, 146-150, 292 Hoge Veluwe 11, 40, 46, 70, 72, 73, 75-78, 81, 84, 88, 93, 97, 105, 108- 110, 113, 116, 123, 202-2015, 279, 287, 290-293, 297, 300-06, 310 Hulshorsterzand 41, 43, 45, 81, 92, 145, 148-150 Imbosch 32, 65, 274 Kasteel Doorwerth 83, 231, 236-237, 298, 293, 297 Koningslaan 69, 71, 263-264, 292. 298 Kootwijkerveen 52, 53, 112, 170, 172-173 Kootwijkerzand 17, 40-45, 47, 73, 82, 108-110, 168-175, 281, 288, 291, 293, 296, 302, 307 Kroondomein Het Loo 32, 35, 46, 49, 53, 61, 65, 69, 74, 77, 79-81, 83, 88, 93, 110, 111, 115, 183-193, 290, 300-302, 315 Landgoed Duno 64, 76, 231-238, 294, 298 Landgoed Groevenbeek 32, 70, 160-161, 279 Landgoed Gulden Bodem 242, 246 Landgoed Heuven 265, 298, 309 Landgoed Sonsbeek 11, 32, 68, 75, 239-245, 295, 298, 306

Landgoed Schovenhorst 70, 73, 167, 292, 297, 310 Landgoed Zijpendaal 68, 70-71, 239, 242, 245 Landgoed Zwaluwenburg 27, 32, 70, 154 Leusveld 27, 78, 109-111, 273, 302 Loenermark 64, 65, 83, 273-274, 297, 298, 303, 305, 309 MariĂŤndaal 242, 247, 248 Middachten 17, 35, 71, 85, 117, 133, 260-262, 289, 292 Mosselse Zand 81, 199, 286 Mosterdveen 52, 53, 112 Nationale Park de Hoge Veluwe: zie Hoge Veluwe Nieuw Reemst 200 Nijkerkernauw 56, 138-139 Noordberg 235-236 Noorderheide 88, 89, 155-158, 303 Oldebroekse Heide 84, 116, 297 Oldenaller 29, 81, 97, 117, 132, 135, 140-142, 289 Onzalige bossen 32, 64, 65, 263-264, 294 Oosterwolder Polder 99, 152-154 Oud Reemst 36, 46, 197, 201 Paleispark Het Loo 31, 71, 83, 279, 280, 297, 298 Planken Wambuis 36, 40, 43, 46, 49, 64, 66, 72, 81, 93, 95, 97, 109, 110, 196-201, 288, 293, 299, 300, 302, 303, 305, 309 Posbank 32, 95, 249, 254-257, 264-265, 291 Puttense Polder 57, 136-138 Radio Kootwijk 174, 307 Renkums Beekdal 61, 108, 113, 223-230, 290, 294, 311 Soerense Broek 28, 81, 275 Speulder- en Sprielderbos 61, 64, 65, 82, 97, 159167, 289, 291-294, 302 Staverden 18, 83, 92, 97, 146, 159, 161-164, 290, 291, 304 Stroese Heide 69, 169-170, 175 Tongerense Heide 52, 72, 108, 112-133, 128, 176-182, 278, 290, 291, 302, 303 Uddelermeer 16, 61, 146, 186-187 Uddelse Buurtveld 185-186 Veluwemeer 80, 143, 148 Veteranenbos 220-222 Vijverberg 242, 246-247 Voorstonden 78, 272-273, 302 Warnsborn 32, 70, 239, 242, 246-247 Wekeromse Zand 43, 81, 83, 88 Wisselse Veen 28, 81, 113, 176-179, 302 Wolhezerheide 233-234

315


PRAKTISCHE INFORMATIE

LOFZANG Je hebt weten en weten. Als bioloog, bewoner van Arnhem en schrijver van natuurreisgidsen wist ik natuurlijk al voordat ik met deze gids begon hoe bijzonder de Veluwe is. Toen ging ik aan de slag, liep een jaar lang rond over de Veluwe en sprak tientallen beheerders en kenners van het gebied. En daarna wist ik pas wat ik daarvoor allemaal niet wist. Dit is de plek waarop ik de personen bedank die mij op deze ontdekkingsreis hebben begeleid en zonder wie dit boek niet tot stand had kunnen komen. Allereerst mijn grote dank aan Merijn Biemans van Natuurmonumenten en mede-initiatiefnemer van dit boek. Zonder Merijn’s onvermoeibare inzet om dit project met mij van de grond te tillen, was dit boek er niet geweest. Verder wil ik alle beheerders van de Veluwse natuurgebieden bedanken die mij met raad en informatie hebben bijgestaan: Mirte Kruid, Herman Veerbeek, André ten Hoedt, Wim Niemeyer en Ellen ter Stege van Natuurmonumenten; Laurens Jansen, Jaël Bergwerff en Rianne Roeters van Staatsbosbeheer, Arthur Ebregt en Cindy Timmer van Kroondomein Het Loo, Henk Ruseler van Het Nationale Park De Hoge Veluwe en Theo Meeuwissen, Leo Cleiren en Sabine Grit van het Geldersch Landschap en Kasteelen. Verder hebben de provincie Gelderland en de Veluwse gemeenten mij van suggesties en inhoudelijk commentaar voorzien: Bas Nijenhuis en Bram Vreugdenhil (provincie Gelderland), Annet Rosenboom, Jeroen Glissenaar en Robin Driessen (gemeente Arnhem), Nienke Moll (gemeente Rheden), Robert Grob (gemeente Brummen), Roelof de Graaf (ge-

316


PRAKTISCHE INFORMATIE meente Apeldoorn), Henk Posthuma en Geesje Swinkels (gemeente Epe), Mark Karsemeijer en Jan van den Broek (gemeente Nunspeet), Jeroen Sopers en Jannita la Roi (gemeente Oldebroek), Hanneke Annink (gemeente Harderwijk), HenkJan Zwart (gemeente Ermelo), Liesbeth Janssen (gemeente Nijkerk), Tessa Felix (gemeente Putten), Sander van Nieuwenhuizen (gemeente Barneveld), Jochem van Gooswilligen en Carlo van Rijswijk (gemeente Ede) en André Menting (gemeente Renkum). De inhoud van dit boek is uitgebreid gecontroleerd door vogelonderzoeker, vogel- én Veluwekenner Henk Sierdsema, vlinder- en libellenexpert (en Crossbill-medewerker) Albert Vliegenthart, de ecologen (en Crossbill-medewerkers) Kim Lotterman en Alex Tabak, biogeoloog (en Crossbill-medewerker) Gino Smeulders en natuurfotograaf, Veluwekenner Koos Dansen en Wim Braakhekke, kenner van het Renkums Beekdal en eindredacteur Maureen Kemperink (MK Teksten). Ook mijn ouders, Kees en Riet Hilbers, hebben als potentiële gebruikers, het manuscript uitgebreid van commentaar voorzien. Mijn dank is groot! Verder mijn grote dank aan alle Crossbill Guides-medewerkers, die zich, vaak vrijwillig, hebben ingezet voor dit boek: Horst Wolter, Kim Lotterman, Alex Tabak, Albert Vliegenthart, Bouke ten Cate, Joke Winkelman, Theo Verstrael, Dennis Wansink en Mart Wolter – heel veel dank voor jullie inzet. Hetzelfde geldt voor onze duurzame drukker in Groningen, Henk Tienkamp - enorm veel dank voor je expertise, het meedenken en natuurlijk het prachtige eindresultaat. Alle fotografen die hun beeldmateriaal ter beschikking hebben gesteld, maken het boek compleet. Zie hiernaast. Parallel aan dit boek is ook een app gemaakt – een project dat nauw verbonden is aan dit boek en dat met evenveel enthousiasme is geproduceerd door Rudi Alberda, Erna Timmerman en Robert Hofstra van onze partnerorganisatie Knowlogy. Verder grote dank aan Constant Swinkels en Alwin Hardebol voor hun soortbeschrijvingen voor de veldgids in de app en Harmen Liemburg voor het design van de iconen. Met kennis, enthousiasme en expertise kom je er helaas niet. Er is ook geld nodig. Ik dank dan ook van harte alle partijen die financieel hebben bijgedragen aan deze gids: provincie Gelderland, de bovengenoemde Veluwegemeenten en natuurbeheerders, het Prins Bernard Cultuurfonds, het Waterschap Vallei en Veluwe en het Veluwefonds voor de logistieke ondersteuning. Ook hebben de Recron Gelderland en een groot aantal horecaen accommodatiebedrijven bijgedragen aan dit boek. Hun locaties staan weergegeven op de kaarten in het boek en in de lijst op pagina 282-286. Tot slot wil ik de twee mensen bedanken die het nauwste met dit project zijn verbonden. Marjolein de Graaf die mij zoveel regelwerk uit handen heeft genomen zodat ik mij volledig op het schrijven van het boek kon concentreren, en mijn partner en vormgever (van app en boek), Oscar Lourens, die aan zoveel van mijn vaak onmogelijke vormgevingswensen tegemoet wist te komen, en even zoveel andere subtiel naar de prullenbak wist te verwijzen. Nu het schrijfwerk op zijn einde is, wordt het weer tijd voor een lange heidewandeling. Maar eerst een lekker Veluws biertje! Winterkoning Dirk Hilbers, januari 2017

317


PRAKTISCHE INFORMATIE

FOTOVERANTWOORDING Nummers verwijzen naar de pagina’s. b = boven m = midden o = onder l = links r = rechts.

Archief Staatsbosbeheer: 74 (b+o) Crossbill Guides / Hilbers, Dirk: cover, 15, 23, 27, 28 (b), 33 (b), 34, 37 (b), 41, 42 (b+o), 43 (b+o), 45, 46 (b), 47 (b+o), 48 (b), 49, 53, 57 (o), 60, 62, 64, 66, 67, 69, 71 (b), 78, 79, 81, 84, 85, 107 (b), 108, 109 (b), 110, 111, 112, 113, 114 (b+o), 116 (o), 118 (b+o), 119, 120 (b+o), 121, 122, 123, 128 (3e en 4e), 129 (2e en 3e), 130 (2e, 3e en 4e), 131 (3e), 137, (l), 138 (b+o), 143, 146, 147, 150 (b), 154, 155, 157 (b), 162, 163, 164, 165 (l+r), 166, 167, 168, 170 (b+o), 171, 172, 175, 176, 178, 179, 180, 182 (l+r), 183, 186 (r), 187, 188, 190, 192, 194, 196, 199, 202, 209, 210, 211-212, 215 (ol), 217 (l+r), 218-219, 220, 222 (l+m), 223, 225, 226, 227 (o), 229 (b+o), 230, 231, 233 (o), 235 (b), 236, 238, 243 (b), 244 (o), 245, 247 (b+o), 248, 252 (l+r), 253, 255 (b), 257, 258, 260 (b+o), 261 (b+o), 262 (b+o), 263 (o), 264, 266, 267, 268 (l+r), 271, 274, 275, 276, 278 (b+o), 289 (b), 290 (b), 292 (o), 293, 294, 295 (b+o), 296, 297 (b+o), 300, 305, 307, 309, 310, 311, 312 Crossbill Guides / Ten Cate, Bouke: 28 (o), 106 (m), 107 (m+o), 130 (b), 135, 150 (o), 282 Crossbill Guides / Vliegenthart, Albert: cover, 42 (m), 52, 106 (b), 115, 186 (l), 200 (b), 208 Dansen, Koos: cover, 22 (l), 37 (o), 56, 57 (b), 58 (b), 70, 90, 92 (o), 93, 94, 96, 100, 101, 102 (b+o), 103 (b+o), 104 (b+o), 137 (r), 139, 157, 161, 189, 198, 204, 214, 227 (b+m), 233 (b), 237, 239, 241, 243 (o), 244 (b), 255 (ol+or), 263 (b), 269, 272, 280, 281, 283, 289 (o), 290 (b), 292 (b), 316 Huttinga, Jan: 71 (o), 88 (o), 89 (b) Kemner, Renate: 254, 291 (b), 303 Kunen, Maartje: 301 Mager, JĂśrg: 193 Natuurmonumenten / Koster, Hans: 133, Natuurmonumenten / Joosten, Pauline: 141, 142 Saxifraga / Dekker, Hans: 89 (o), 129 (o) Saxifraga / Meininger, Peter: 131 (3e) Saxifraga / Straaten, Jan van der: 26, 128 (1e en 2e), 131 (1e en 2e) Saxifraga / Vastenhouw, Bart: 22 (r) Saxifraga / Verhagen, Marijke: 129 (b) Saxifraga / Zekhuis, Mark: 91 Smits, Stijn: cover, 10, 36, 40, 48 (o), 58 (b), 59, 65, 73, 86, 88 (m), 89 (m), 98, 99, 105, 116 (bl+br), 159, 166, 174, 185, 215 (or), 249, 251, 291 (o), 298, 299, 302 Uchelen, Edo van: 88 (b), 106 (o), 151, 153, 206, 207, 288 Veerbeek, Herman: 46 (b), 200 (o), 215 (b), 216, 235 (o), 270 Verdurmen, Edwin: 83 Zekhuis, Mark: 29, 33 (o), 35 (b+o), 44, 92 (b), 95 (b+o), 109 (o), 158, 173, 201, 222, 256, 265, 273 Alle illustraties door: Crossbill Guides / Wolter, Horst

318


PRAKTISCHE INFORMATIE

STICHTING CROSSBILL GUIDES Stichting Crossbill Guides is een Nederlands-Europese non-profitorganisatie ter vergroting van publieksbetrokkenheid bij natuurbescherming. Een van de projecten van Crossbill Guides is het uitbrengen van een serie Engelstalige natuurreisgidsen, die op dit moment de meest uitgebreide van Europa is. De Veluwegids is de eerste van een serie over Nederlandse natuurgebieden. De organisatie is gevestigd in Arnhem, op de flank van de Veluwe. De volgende gidsen zijn in de Crossbill Guides serie verschenen: Western Andalucía - From Huelva to Málaga – Spain Eastern Andalucía - From Córdoba to Cabo de Gata – Spain Canary Islands I - Lanzarote and Fuerteventura – Spain Canary Islands II - Tenerife and la Gomera – Spain Cévennes and Grands Causses – France Eastern Rhodopes - Nestos, Evros, Dadia – Bulgaria and Greece Extremadura – Spain Finnish Lapland Hortobágy and Tisza river floodplain – Hungary Iceland Kempen & Maasland – België (Nederlandstalig) Lesbos – Greece Loire Valley - Loire, Brenne and Sologne – France North-east Poland - Biebrza, Bialowieza, Narew and Wigry Spanish Pyrenees and the steppes of Huesca – Spain In voorbereiding: South Portugal - Algarve and Alentejo – Portugal Dordogne – France Provence and Camargue – France

319


ROUTE-APP VELUWE Download de gratis app ‘Crossbill Routes Veluwe’ en ontdek de mooiste natuurroutes van de Veluwe met je smartphone* Met de seizoensgebonden informatie, beleef je de natuur ieder jaargetijde anders.

Met ingebouwde filteroptie, kies je zelf wat jij wilt weten en zien. Veluwe

Met de in de app opgenomen veldgids, leer je de soorten van de Veluwe kennen.

Ve luw e

Ve lu we

V e lu w

e

Crossbill Routes

VELUWE

Met behulp van heldere waarnemingstips, ontdek je planten en dieren.

* Eenmaal gedownload functioneert de app zonder internetverbinding, zoek Crossbill Routes Veluwe in Google Play Store of App Store.


Veluwe

Immense stuifduinen en paarse heidevelden, oude bossen met kromme stammen en knoestige, met paddenstoelen bedekte takken, kabbelende beekjes waar de ijsvogels met een noodgang overheen schieten – de Veluwe is een uniek Nederlands natuurgebied. Met deze gids ontdek je de Veluwenatuur optimaal. Uit de duizenden kilometers fiets- en wandelpad zijn 22 fiets- en wandel-

routes geselecteerd die je langs de meest bijzondere plekken voeren. Van de Randmeren in het noorden, over de stuwwallen en zandgronden van het Veluweplateau tot het coulisselandschap en de rivieren in de vallei, alle aspecten van de Veluwe komen aan bod. Uitgebreide achtergrondinformatie en tips om wild, flora en fauna te vinden maken deze gids compleet.

• De 22 beste wandel- en fietsroutes • Tips om wild, vogels, vlinders, libellen, reptielen en amfibieën te vinden • Natuur beleven met kinderen • De beste plekken voor bloeiende heide, herfstkleuren, wild kijken en nog veel meer • Uitgebreide informatie over landschap, geschiedenis, geologie, flora en fauna • De beste plekken in ieder jaargetijde

www.crossbillguides.org

Veluwe - De Natuurgids | www.crossbillguides.org  

Immense stuifduinen en paarse heidevelden, oude bossen met kromme stammen en knoestige, met paddenstoelen bedekte takken, kabbelende beekjes...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you