Issuu on Google+

bio actief 20

Jouw ontmoeting met een dynamische sector

driemaandelijks tijdschrift verschijnt in maart - juni - september - december

“Doorgeven wat je zelf hebt opgebouwd is van het mooiste wat er is.� carlos & sonia


bio actief

voor woord

© Esmeralda Borgo

Jouw ontmoeting met een dynamische sector

Beste lezer, Tijd om vooruit te kijken. Vroeger ging een bedrijf van vader op zoon of van moeder op dochter. Dat is vandaag niet meer zo evident. In heel Europa krimpt de tewerkstelling in de landbouw, de gemiddelde leeftijd van de boer stijgt gestaag en opvolgers worden schaars. Wie gaat er dan binnen 20 jaar voor ons voedsel zorgen? Vele Vlaamse biobedrijven staan ook voor een generatiewissel. In deze Bio Actief lees je inspirerende verhalen van drie biobedrijven die op hun eigen manier hiermee omgaan.

“Tijd om vooruit te kijken” In het jaarverslag lees je wat we met BioForum Vlaanderen vorig jaar gerealiseerd hebben, maar minstens even belangrijk is wat we de komende jaren willen bereiken. Want het is tijd om vooruit te kijken. Samen met onze leden, de Raad van Bestuur en een externe begeleider werkten we een vijfjarenplan uit. We kozen in deze oefening voor BioForum als belangenorganisatie én als maatschappelijke organisatie. Dit plan kreeg de volle steun van onze Algemene Vergadering en gaat van start in 2014. Ook internationaal kijken we mee naar de toekomst. Tijdens een meeting van de EU-Farmers sectorgroup in Dublin spraken we met politici, administratie en de biobeweging over de ontwikkelingen van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid. We kregen ook heel wat inspiratie en tips mee voor onze inbreng in de invulling van het Vlaamse plattelandsbeleid. In het kader van de herziening van de Europese biowetgeving spraken we af om met IFOAM te werken aan een goede strategie over hoe het biolabel zich in de toekomst nog sterker kan maken als hét duurzaamheidlabel voor landbouw en voeding. Veel leesplezier, Kurt Sannen Voorzitter BioForum Vlaanderen kurt.sannen@bioforumvl.be

2

bio actief 20

juni 2013, editie 20 Bio Actief is een uitgave van BioForum Vlaanderen vzw. Bio Actief vind je vier keer per jaar in je brievenbus. BioForum Vlaanderen vzw Quellinstraat 42 2018 Antwerpen t 03 286 92 78 info@bioforumvl.be www.bioforumvlaanderen.be v.u. Kurt Sannen, Asdonkstraat 49, 3294 Molenstede HOOFDREDACTIE Adje Van Oekelen EINDREDACTIE Petra Tas, Lotte Van Boxem FOTOREDACTIE Lotte Van Boxem REDACTIE Adje Van Oekelen REDACTIERAAD EN INHOUDELIJKE EXPERTISE Esmeralda Borgo & Frederic Ghys(Beleid & wetgeving), Elke Denys (Verwerking), An Jamart (Landbouw), Marijke Van Ranst (Verkooppunten & foodservices), Paul Verbeke (Ketenmanager), Martine Van Schoorisse (Biogarantie & Ketenontwikkeling), Lieve Vercauteren (Directeur) FOTOGRAFIE Kobe Van Looveren, Lisa Develtere, Kjell Gryspeert, Joachim Dewilde, Caroline Sjegers, Esmeralda Borgo COVERFOTO Kvl/Creative Nature, ’t Livinushof VORMGEVING Duall MET DANK AAN Jan Lansloot, Dries & Walter Debergh, Magda Rommelaere, Sonia Sucaet, Maarten, Pieter-Jan & Carlos Noë, Charlotte Boone, Bernard Haspeslagh, Vanessa De Raedt, Stefaan Deraeve, Filip Fraeye DRUK Drukkerij De Bie. Gedrukt op gerecycleerd papier met vegetale inkten, in een ecologisch geëngageerde drukkerij. VERZENDING Annemie Lambert, De Brug vzw ABONNEREN Belgische marktspelers krijgen een gratis abonnement. Ben je geen marktdeelnemer, maar wel geïnteresseerd in een jaarabonnement? Maak dan 25 euro over op bovenstaand rekeningnummer met de vermelding ‘Abonnement Bio Actief’. Buitenlandse abonnees betalen 30 euro (bic: TRIOBEBB, IBAN BE30 5230 8012 5311) ADVERTEREN Wil je graag de publicitaire mogelijkheden van Bio Actief kennen? Neem contact op met Sabrina Proserpio, sabrina.proserpio@bioforumvl.be, T 03 286 92 70. Deze publicatie kwam tot stand met de steun van de Afdeling Duurzame Landbouwontwikkeling, van het Departement Landbouw en Visserij.


bio actief 20

6

10

Biosector groeit gestaag

12

Bio, lastenboek of beweging?

17

Tijd om vooruit te kijken

20

 eer dan biowetgeving… M op de bres voor de bio-ondernemer

22

De zin van Biogarantie, anno 2013

24

Biosector klaar voor innovatie

25

Vak- en consumentenbeurzen in 2013

levende sector

De pioniersgeneratie voorbij…

14 lekkere sector

Kansen in de diepvries

18 onderzoekende sector

Chemische pesticiden, safety first?

inhoudstafel 

3


Twaalf ambassadeurs zijn gezicht van de Bioweek

bio flash

BioForum zet opnieuw een Bioweek op touw van 1 tot 9 juni, dit keer met de bio-ondernemer zèlf aan het woord. Twaalf ambassadeurs nodigen het grote publiek uit om de kracht van bio te ontdekken. Een biobakker, een biofruitteler, een biowinkelier, een bio-ijsmaker,... allemaal hebben ze een boeiend verhaal. En zij niet alleen. Er is keuze uit ruim 90 opendeurdagen en activiteiten bij de Vlaamse biobedrijven. Meer dan 130 winkels verdelen exclusieve speelkaarten, die ook worden uitgedeeld aan de treinreizigers in Antwerpen, Leuven en Hasselt.  w ebsite www.bioweek.be

Online databank voor biosector is een succes Marktspelers uit de biosector kunnen sinds najaar 2012 op de website van BioForum Vlaanderen zelf hun vraag of aanbod voor de biosector ingeven. Met succes, zo blijkt! Steeds meer mensen, zo’n 750 unieke bezoekers per maand, vinden hun weg naar deze databank van zoekertjes. Ook voor vacatures en seizoensarbeiders helpt BioForum de ondernemers op weg. meer info www.bfvl.be/netwerk/vraagenaanbod

Stop the Crop maakt film over ggo’s De afgelopen 15 jaar zijn maar twee ggo’s toegelaten voor teelt in Europa, als gevolg van publieke afwijzing van ggo’s. Op dit moment zitten echter wel 25 ggo’s in de pijplijn, in aanvraag door grote multinationals… en Europa wordt steeds soepeler. Daar gaat Stop the Crop iets aan doen; met een film over de lange lijst van negatieve effecten van ggo’s en bijbehorende bestrijdingsmiddelen. bekijk de film stopthecrop.org

4

bio actief 20


Jaarverslag 2012 bij Bio Actief De biosector mag terecht fier zijn op haar bijdrage aan een meer duurzame landbouw en maatschappij. BioForum heeft als 15-koppig personeelsteam, in samenwerking met vele bedrijven en partners, talloze acties ondernomen om de Vlaamse biosector nog sterker te maken. Alle hoogtepunten lees je in het jaarverslag 2012. Als deel van de biosector ontvang je dit jaarverslag in bijlage bij deze Bio Actief, met uitzondering van overheidsbesturen. Je vindt dit jaarverslag uiteraard ook digitaal op onze website.

Actief voor bio, het hele jaar door Jaarverslag 2012

Nieuwe website voor Biogarantie BioForum Vlaanderen en Wallonië lanceren binnenkort een nieuwe website voor Biogarantie. Een webstek waar alle informatie over het Biogarantie-label samenkomt, duidelijk opgesplitst voor professionals en consumenten. Centraal in het concept staan de getuigenissen van Biogarantie-houders en -consumenten. Deze website komt er in het Frans en Nederlands. Binnenkort online www.biogarantie.be

1

 w ebsite www.bfvl.be/netwerk/ overBioForum

De online BioGenietenGids is helemaal vernieuwd Boek uit de biologischdynamische beweging Dit boek vertelt de levensverhalen van enkele gedreven landbouwpioniers. De auteur tovert de rijke geschiedenis van de BD-beweging opnieuw tot leven. In een tijd waarin de landbouw snel industrialiseert, komen BD-boeren met een ander antwoord: zorglandbouw, samenwerking met natuurorganisaties, groenteabonnementen en samenwerkingsvormen, waarbij consumenten participeren in grond, vee of zonnepanelen.

Informatie als certificaat en categorie staan nu beter aangeduid en uitgelegd. Met speelse icoontjes, een frisse look en moderne gebruiksvriendelijkheid is dit nu een volwaardige webgids voor bio. De papieren catalogus wordt niet meer uitgegeven. Een papieren ‘teaser’ van de BioGenietenGids wordt verspreid over heel Vlaanderen en lokt met leuke foto’s en ideetjes mensen naar de online webgids. Bedrijven die in de BioGenietenGids staan, krijgen een A4­affiche waarmee ze zichzelf als ‘trots bedrijf in de BioGenietenGids’ kunnen profileren naar hun eigen klanten.  d e aarde zal weer vruchtbaar zijn Ellen Winkel, Uitgever VBK Media, beschikbaar bij Standaard Boekhandel

website www.biogenietengids.be

bioflash

5


• levende sector

De pioniers­generatie voorbij… De biosector staat voor een generatie­ wissel, vele pioniers die de sector mee groot hebben gemaakt, gaan met pensioen of beginnen daar stilaan aan te denken. Het aantal boeren in Vlaanderen is boven­ dien de laatste jaren drastisch gedaald. De vraagt dringt zich op: wie gaat er binnen twintig jaar voor ons voedsel zorgen? En welke toekomst hebben de Vlaamse biobedrijven? En dat terwijl jonge starters geen grond of voldoende kapitaal vinden. Drie bedrijven vertellen hoe zij met deze generatiewissel omgaan.

Fotografie: Lisa Develter (cullinan) — KVL/CREATIVE NATURE (livinushof & dischhof)

6

bio actief 20


’t Livinushof wat  boerderij met groenteteelt, sociale tewerkstelling & thuisverkoop wie  Carlos & Sonia, Pieter-Jan & Maarten wanneer  omgeschakeld in ’98 waar  Sint-Margriete hoeveel  2 voltijdse Sonia en Carlos kozen 17 jaar geleden met hun boerderij voor een duurzame toekomst, met bio als vertrekpunt. Carlos had als gangbare akkerbouwer zijn beroepsfierheid verloren, had niets meer te zeggen over de prijs... Ook voor zoon Pieter-Jan is er geen andere weg: “Het is biologisch boeren of anders niet. Maar ik ben zeker niet gepusht door mijn ouders. Het is een bewuste keuze.” De overname is nog niet concreet, wel is de familie al twee jaar aan het voorbereiden. Sonia: “Na de opleiding van Pieter-Jan bij Warmonderhof was voor ons ‘het hek van de dam’. Na zijn stage was het duidelijk dat hij in het bedrijf wilde stappen. Ook de jongste zoon Maarten begint interesse te tonen.”

Er zijn diverse manieren om een bedrijf over te laten en dat ligt voor elk bedrijf anders. “Daarvoor krijgen we begeleiding van de boekhouder. De bedrijfsstructuur is veranderd naar een landbouwvennootschap. Alle onroerend goed blijft nog even zoals het is, want daar is ook andere familie bij betrokken. Dat kunnen we beter niet in één keer overlaten, dan wordt het voor Pieter-Jan financieel te zwaar”, vindt Sonia.

“Doorgeven wat je zelf hebt opgebouwd is van het mooiste wat er is.” Vaak wordt er te laat gedacht aan het voortbestaan van een bedrijf. “Je moet er op tijd aan beginnen”, beaamt Carlos. “En zien dat je bedrijf voldoende rendeert, anders is het niet interessant voor overnemers.” En daar zit een probleem volgens Sonia: “Dat is onze vraag naar de toekomst: eigenlijk zou je als

boer van je producten een volwaardig inkomen moeten halen. Het eigenlijke werk van de boer blijft ondergewaardeerd, je moet al extra activiteiten uitbouwen om voldoende omzet te halen. Terwijl wij een basisproduct leveren dat in de winkels zonder problemen verkocht wordt. Dat is niet fair, ook niet voor de volgende generatie.” En dan is het tijd om los te laten… “Je moet het uit handen kunnen geven, maar toch ook nog even toekijken.”, lacht Carlos. “Wij werken vanuit het besef dat je hier niet voor altijd bent, dat je een doorgeefluik bent voor de volgende generatie”, zegt Sonia. “Maar het is een complex verhaal: sociaal, persoonlijk, juridisch, financieel, bedrijfsstructuur… Alles moet kloppen voor je écht kan loslaten.”

 m eer weten www.livinushof.be

levende sector

7


Cullinan wat  restaurant met Biogarantie wie  Jan & Lutgarde wanneer  sinds 2003 waar  Antwerpen hoeveel  2,5 voltijdse Jans passie voor bio en macrobiotiek dateert van de jaren ’70. Hij maakte professionele omzwervingen in de biosector van het OostWest Centrum tot hoofd van de biologische afdeling van Brava, tot hij in 2003 met zijn vrouw het restaurant begon. “Na 40 jaar ervaring in de biosector kan ik makkelijker loslaten. Je wordt rustiger en je merkt dat alles meer vanzelf gaat.” Aanvankelijk zou iemand van de familie van Jan het restaurant overnemen. “Ze heeft even in de zaak gewerkt, maar de stap naar zelfstandige in de horeca was een stap te ver.” Bovendien maakt de familie van een zelfstandige vaak de minst evidente momenten van dichtbij mee: “Hier zijn al vier inbraken geweest, of een koelkast die kapot

8

bio actief 20

gaat… Dan denk je twee keer na voor je een zaak overneemt.” “Op 1 juli ga ik met pensioen, dat staat vast. Natuurlijk moet je dat op tijd voorbereiden”, vertelt Jan. “Samen met de boekhouder ging ik op zoek naar de beste structuur om de overname zo eenvoudig mogelijk te maken. De eenmanszaak is dan omgevormd naar een vennootschap.”

“Onze vaste klanten zijn een grote troef.” Als je geen opvolger hebt, moet je op zoek naar externe overnemers. “Dat is de moeilijkste stap in het proces, want het is niet omdat je goed kan koken, dat je een restaurant kan runnen”, vindt Jan. “We beginnen met geïnteresseerden te praten en ook mijn klanten zijn nu op de hoogte.” “Wij zijn een buitenbeentje in de horeca en 95% Biogarantie. In het begin hebben ze het ons niet makkelijk gemaakt, maar ik zie deze keuze nu als een belangrijke troef. Wij zijn niet gelegen in een uitgaansbuurt en toch hebben wij veel vaste klanten. Dat maakt

ons minder gevoelig voor de crisis. Ik serveer ook wat mijn klanten verwachten. Ik zorg voor een constante kwaliteit en voor vegetarisch of glutenvrij als ze dat wensen.” Jan: “Natuurlijk is de beste optie dat het restaurant verder kan bestaan zoals het nu is. Dus zijn we nog even op zoek, maar stilaan vallen alle puzzelstukjes in elkaar.”  m eer weten www.restaurantcullinan.be


’t Dischhof wat  kaasmakerij wie  Walter, Magda & Dries wanneer  omgeschakeld in ’86 waar  Keiem/Diksmuide hoeveel  4 voltijdse Magda en Walter zetten in ’86 de stap naar biologische melkveeteelt. De ouders van Dries zijn boeren in hart en nieren. Om hun biomelk te valoriseren zijn ze gestart met de kaasmakerij. “Met weinig middelen hebben ze de stal omgebouwd tot kaasmakerij. Met het ‘Keiems Bloempje’ hebben ze uiteindelijk de wind in de zeilen gekregen en na tien jaar konden ze alle melk van 45 koeien verwerken.” “In 2002 hebben mijn oudste zus en schoonbroer de melkkoeien overgenomen. Voor mijn ouders was de combinatie boerderij én kaasmaken een zware opdracht,” vertelt Dries. “Ik was op mijn 18e absoluut niet klaar om in het bedrijf te stappen.” Maar gaandeweg besefte Dries dat de ingenieursopleiding hem te eng was. “Terwijl je op een bedrijf zoveel facetten van jezelf kan ontwikkelen. Maar als ik geen 300% ‘ja’ kon zeggen, dan deed ik het liever niet.”

Dries: “Na mijn tweede jaar studies heb ik gekozen om ervoor te gaan. Ik volgde een specialisatiejaar ‘kaasmaker’ in Frankrijk met vier maanden stage. Dat was echt een droom.” Maar daar stopt de voorbereiding niet volgens Dries. “Ik ben van nature een twijfelaar en op een bedrijf kom je vaak jezelf tegen. Dus heb ik na mijn studies avondschool gevolgd voor bedrijfsbeheer, voor assertiviteit, communicatie op de werkvloer… Zo’n dingen moet je ook leren.”

Walter: “Onze kopzorgen zijn nu heel wat minder. Ik ben erg blij dat de overname achter de rug is. Vaak zijn mensen al bijna 70 jaar en hebben ze er nog niet eens aan gedacht. Dan is het te laat.” Dries beaamt dat zijn ouders goed kunnen loslaten: “Ik kan mijn eigen ding doen. En ik heb van mijn ouders de vrijheid gekregen om fouten te maken, ook niet onbelangrijk!”  m eer weten www.dischhof.be

“Je verbinden met een bedrijf doe je niet zomaar, dat is een levenskeuze.” Magda: “In 2008 is Dries als zelfstandige op het bedrijf begonnen, dus heb ik een stap terug gezet en ben in het rusthuis gaan werken.” In 2012 heeft hij uiteindelijk alles overgenomen. Ook de structuur van het bedrijf is grondig veranderd en overgegaan naar een bvba. “Gelukkig was de eerste splitsing al gebeurd en moest ik maar één tak overnemen en dus ook minder onroerend goed. Zo was het doenbaar voor mij alleen”, vertelt Dries.

 M eer info BioForum werkt aan een brochure waarin nog andere verhalen van bedrijfscontinuïteit aan bod komen. Vragen? Contacteer An Jamart, coördinator landbouw, an.jamart@bioforumvl.be, t 03 286 92 65.

levende sector

9


• sector in cijfers

Vlaamse biosector groeit gestaag Onlangs verscheen het rapport ‘De biologische landbouw in 2012’, de jaarlijkse barometer van de Vlaamse biosector. In de periode 2008-2012 is het areaal met 41% toegenomen, ook het aantal boeren, verwerkers en verdelers steeg met 30%. Het marktaandeel van biologische versproducten steeg van 1,3% naar 1,9%. Eind 2012 telde Vlaanderen 299 bioboerderijen, die samen een oppervlakte van 4939 ha (+8% in vergelijking met 2011) bewerken. Daarvan is 1316 ha in omschakeling. Verder staan nog 601 verwerkers, verdelers, importeurs en verkooppunten onder controle. Deze mooie cijfers bewijzen dat het Strategisch Plan voor de biologische landbouw zijn vruchten afwerpt. Toch blijft Vlaanderen het ‘kleine biobroertje’ in Europa. Het Europese aandeel bio voor de 27 lidstaten lag in 2011 op 5,62% (9,5 miljoen ha) van de totale oppervlakte landbouwgrond. In Vlaanderen is dit aandeel maar 0,8%. Het is dankzij de sterke Waalse bioproductie (50.125 ha bewerkt door 980 biotelers in 2011) dat het Belgische bio-aandeel in het totale areaal toch nog 4% bedraagt. In Vlaanderen is een hele inhaalbeweging nodig én mogelijk om aan te sluiten bij het Europese peloton. De spectaculaire groei in Frankrijk is hierbij ongetwijfeld een interessante bron van inspiratie. Frankrijk is één van de succesverhalen in Europa: na jarenlange stagnatie groeide het areaal met 75% tussen 2007 tot 2011. Deze

10 bio actief 20

groei loopt parallel met het strategisch plan ‘Agriculture biologique: horizon 2012’, in 2007 gelanceerd door de Franse Minister van Landbouw. Enkele opvallende acties waren een structuurfonds om de afzetketens te ontwikkelen, stimuleren van onderzoek en voorlichting, verplichte opname van bio in de catering bij overheids­ instellingen, harmonisatie van de biowetgeving en financiële ondersteuning bij de omschakeling. De totale bestedingen aan bioproducten in België bedroegen vorig jaar 417 miljoen euro. De groei zette zich, na een iets minder jaar in 2011, verder door en bedroeg 7%. De stijging was groter in Vlaanderen (+12%) dan in de rest van België, waardoor de achterstand deels werd weggewerkt. De klassieke supermarkt is het grootste afzetkanaal met bijna 45% van de biomarkt, maar moet terrein prijsgeven aan de groep ‘speciaalzaak, biowinkel en overige’ met 31,5% marktaandeel. Opvallend is dat de verkoop van bio meer gediversifieerd is dan van gangbare voeding. m eer info Je kan het volledige rapport raadplegen en bestellen op www.vlaanderen.be/landbouw/studies Een overzicht van de cijfers vind je op www.vlaanderen.be/landbouw/cijfers


Evolutie 2008 - 2012

6.000

800

700

aantal bedrijven

aantal hectares

bron: Departement Landbouw en Visserij

5.000 600 4.000 27 %

10 % 3.000

20 %

16 %

500

30 % 400

300 2.000 200 1.000 100

0

0 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012   areaal in omschakeling

  aantal marktdeelnemers, excl. producenten

  areaal biologisch

  aantal productiebedrijven

Omzetcijfers 2008 - 2012

mio Euro

bron: GfK Panelservices Benelux 500

400

300 279

315

378

390

417

200

100

0 2008 2009 2010 2011 2012

sector in cijfers 11


• vragende sector

Bio, lastenboek of beweging? wie  ondernemers, consumenten & beleid wat  over de evolutie van bio van boerenhanden naar politiek en experts waarom  de biobeweging moet van onderuit blijven werken

12

bio actief 20

Bio, dat zijn boeren en verwerkers die opereren binnen een wettelijk lastenboek. Maar bio is meer dan dat. Wanneer we terugblikken op de historiek van bio, dan blijkt dat bio al veel langer bestaat dan zijn wettelijke lastenboeken.


Van onderuit Bio is ontstaan vanuit een beweging van consumenten en producenten die zich, tijdens de eerste helft van de vorige eeuw, niet konden vinden in de gang van zaken. Toen het gebruik van kunstmeststof en pesticiden gangbare praktijk werden, zetten ze zich af van de nieuwe agro-industrie en kozen om deze trend niet te volgen. Na enige tijd ontstond de behoefte om zich te onderscheiden van de gangbare voedingssector. Om duidelijk te maken dat zij kozen voor een landbouw in samenwerking met het omringende ecosysteem, moesten ze hun producten herkenbaar maken. In verschillende landen zagen privélastenboeken, waaronder Biogarantie, het levenslicht. Vanaf dan moesten bioproducten voldoen aan normen en onafhankelijke controleorganisaties kregen de taak om toe te zien op de strikte naleving ervan. In ’91 haalde de biobeweging een nieuwe overwinning met erkenning via de Europese Verordening 2092/91 die alle minimum vereisten bevatte voor plantaardige bioproductie en in 1998 werd die aangevuld voor dierlijke productie. Dankzij deze wettelijke bescherming, mochten enkel de producten die voldeden aan die bepalingen, onder de naam ‘biologisch’ op de markt komen. In 2007 werd de Europese biowetgeving herschreven in een nieuwe verordening, die vandaag nog van kracht is.

Van bovenuit Intussen wordt die wetgeving verder verfijnd. Dit gebeurt op initiatief van de Europese Commissie, die hierover in overleg gaat met de bevoegde ambtenaren van de lidstaten in de SCOF (Standing Committee on Organic Farming). Om voldoende wetenschappelijke basis te voorzien, consulteren zij sinds enkele jaren ook een groep experts, de EGTOP (Expert Group for Technical advice on Organic Production). En zo zien we dat bio, dat ooit z’n oorsprong had in een terechte verontwaardiging van producenten en consumenten, een zaak van politiek en experts wordt. Terwijl het de ondernemers waren die met hun traditionele

kennis bepaalden hoe bio vorm moest krijgen, gebeuren de meeste beslissingen vandaag boven hun hoofden. En ook al is de bescherming van de term ‘biologisch’ een goede zaak, door bio tot op het niveau van de politiek te tillen, wordt het lastenboek ook kwetsbaar. Ambtenaren, ministers en parlementsleden zitten niet dagelijks met de handen in de bodem. Voor een aantal van hen betekent bio enkel ‘geen chemie gebruiken’. Maar bio is véél meer. Het is werken met de bodem en met de biodiversiteit in al z’n facetten, en in respect voor de eigenheid van wat de natuur te bieden heeft. Van boerenhanden naar experts, politiek en… lobbygroepen die niets met bio te maken hebben, maar die staan te springen om hun product als ‘bio’ te verkopen. Nu de EGTOP zich buigt over de regels voor kasteelt én een evaluatieproces is opgestart met het oog op aanpassing van de biowetgeving, halen sommigen alles uit de kast om allerlei vormen van substraatteelt erkend te krijgen. Het zal hen worst wezen dat substraatteelt strijdig is met de basiskenmerken van bio, waarbij bodem en biodiversiteit dé uitgangspunten vormen.

Terug naar de oorsprong Bio-ondernemers en consumenten dreigen vervreemd te geraken van het lastenboek dat hen net moet beschermen. Ze zijn in elk geval niet langer ‘standaardmaker’, maar ‘standaardnemer’. Tijd voor de biobeweging om terug op de voorgrond te treden, nieuwe wegen te zoeken om haar eigenheid te benadrukken en banden te smeden met haar consumenten. CSA en korte keten initiatieven zijn alvast interessante antwoorden. En natuurlijk heeft ook het Biogarantie-lastenboek hierin een rol te spelen. Concrete tip Laat van je horen! BioForum verdedigt de belangen van haar leden bij het beleid. Neem contact op met Frederic Ghys, vervangend beleids­ medewerker, frederic.ghys@bioforumvl.be, t 03 286 92 66

vragende sector 13


• lekkere sector

Kansen in de diepvries Veel mensen associëren bio met vers, meestal groenten en fruit. Het bredere gamma is vaak niet goed gekend en bepaalde segmenten zijn in het aanbod zelfs onderontwikkeld. Het diepvriesassortiment is zo een segment: weinig beschikbaar in bio en relatief weinig referenties… maar groeiend en vol potentieel. 14

bio actief 20

Marktschets van diepvriesbio Het marktaandeel van bio binnen alle diepvriesproducten op de markt ligt rond 1% en ongeveer 4,8% van de mensen koopt op jaarbasis minstens 1 biogroente uit de diepvries. Dit toont aan dat er weinig beschikbaarheid is, maar dat de kopers van diepvriesbio wel vrij trouw zijn aan hun producten. Ook van leveranciers vernemen we een redelijk stabiele verkoop de laatste jaren. In verschillende supermarkten vind je wel bioproducten in de diepvries, maar juist in de biowinkels is het diepvriessegment vaak stiefmoederlijk behandeld. Heel wat winkels hebben


© Joachim Dewilde

“We zien in Vlaanderen een groeiend aantal bioboeren dat over de noodzakelijke professionele competenties én aangepaste mechanisatie beschikt. We zijn vaak verwonderd over de kwaliteit die ze ons leveren.” Bernard Haspeslagh, directeur Ardo-groep

geen diepvriesaanbod of plaatsen het in de hoek, met enkele referenties. Vaak is de diepvries de plek voor overschotten, al dan niet verwerkt, in aanbod. Het is voor vele winkeliers dan ook niet evident. Een kleine winkel heeft al weinig ruimte voor verswaren, laat staan een assortiment diepvries. Ook het ontvangen van nachtelijke leveringen is voor diepvries niet ideaal. Niet elke leverancier is voorzien op diepvriestransport tijdens openingsuren. Het aanbod diepvriesproducten bij de groothandel is vaak beperkt tot een klein gamma groenten, pizza’s, ijs, vleesvervangers en frieten. Niet evident dus om hiermee een voldoende interessant aanbod te installeren in de winkel. Maar is het de kip of het ei, de leverancier of de winkel? Een ruim aanbod diepvries past niet alleen goed binnen een breed segment, het komt ook tegemoet aan de huishoudelijke realiteit bij vele gezinnen, waarbij een voorraad in de diepvries handig van pas komt. Een diepvriesaanbod kan de seizoenen overbruggen en overschotten een plek geven. Bij professionele verwerking of in grootkeukens biedt diepvries een praktisch voordeel.

Biogroenten in de diepvries, enkel voor grote spelers? De totaalproductie van biogroenten voor de diepvries bedraagt naar schatting 16.000 ton afgewerkt product.

Goed om weten Verplichte vermeldingen op de verpakking • het woord ‘diepvries’ moet verkoopbenaming aanvullen; • datum van minimale houdbaarheid; • houdbaarheid bij de eindverbruiker thuis, op welke temperatuur en in welke installatie; • ‘na ontdooiing niet opnieuw invriezen’. Bewaring • permanent onder – 18°C; • voor ambulante handel en verkoop voor directe consumptie – 9°C (softijs – 5°C); • een kortstondige afwijking van 3°C mag, als de veiligheid van de voeding niet in het gedrang komt; • een regelmatige (dagelijkse) controle van de temperatuur is noodzakelijk en moet geregistreerd worden (tenzij je recht hebt op versoepeling van HACCP) • diepvriesinstallaties groter dan 10 m2 moeten uitgerust zijn met een automatisch registratiesysteem. Ontdooien • in een koelinstallatie van ten hoogste 4°C of 7°C; • ontdooide producten moeten binnen de 24 uur geconsumeerd worden; • ook voor consumenten wordt aangeraden om in de koelkast te ontdooien, dit is ook positief voor het energieverbruik.

De belangrijkste groenten zijn bonen, spinazie, erwten, wortelen, knolselder, rode kool, witte bonen, prei, maïs, rode biet en schorseneren. Met uitzondering van rode kool, prei en knolselder komen de groenten voor de verwerking voor zo’n 95% uit het buitenland. Vooral Nederland en Duitsland zijn belangrijke leveranciers van diepvriesgroenten. Door de regionale concentratie en de schaalgrootte van de bedrijven in sommige streken (bv. de Nederlandse polders) kunnen groenten er met maximale efficiëntie geteeld worden. Alles is optimaal op elkaar afgestemd: teeltplanning en -begeleiding, werkzaamheden op het veld met vaak zeer gespecialiseerde machines, logistiek. Externe bedrijven (bv. Green Organics) worden ingeschakeld om grote volumes in korte tijdspanne probleemloos aan te leveren. Dit laatste is cruciaal omdat de verwerkingsinstallaties voor deze grote volumes groenten voor diepvries, een hoge capaciteit hebben in verhouding tot de hoeveelheden die in bio worden verwerkt. Bovendien liggen de productiegebieden vaak in gebieden met lage ziekte- of onkruiddruk ( jonge bodems, zeewind). De nabije ligging van de industrie die groenten verwerkt biedt ongetwijfeld kansen voor de Belgische biologische groentetelers. Nochtans zijn de huidige bioboeren in Vlaanderen weinig geneigd om contracten af te sluiten met deze verwerkende bedrijven. Reden hiervoor is een zeker wantrouwen door mindere ervaringen in het verleden. Daarnaast telen Vlaamse telers vaak kleinere volumes, die betere prijzen opleveren op de versmarkt dan voor diepvries. Bovendien liggen deze bedrijven teveel gespreid om met een efficiënte teelt- en oogstorganisatie te komen tot grote aanlevervolumes op korte tijd.

Meer info Meer weten over de markt voor groenten bestemd voor diepvries? Bekijk de Marktstudie Groenten op www.bfvl.be/ biosector/marktinformatie of neem contact op met ketenmanager Paul Verbeke, paul.verbeke@bioforumvl.be, T 03 286 92 68



lekkere sector 15


Bioleveranciers diepvriessector

Producenten van diepvriesproducten Ardo

www.ardo.com

groenten en kruiden

Belgian Natural Ice Cream Production

www.bnip.be

roomijs (geit en koe) en sorbet

Bellona Patis NV

www.bellona.be

afbakbrood

Bio-Unique Bioline Europe

diepvriesfruit, groenten, aardappelbereidingen www.bioline.be

diepvriesassortiment: pizza, lasagne, bereide maaltijden, vegetarische bereidingen, groenten,…

Crop’s

www.crops.be

bereide maaltijden, fruit en groenten

CSM Bakery Supplies Europe (Molco)

www.csmglobal.com

afbakbrood

d’Arta

www.darta.com

groenten

De Boom

bioslager-deboom@skynet.be

diepgevroren vlees en bereide maaltijden

De Trog bvba

www.detrog.be

afbakbrood

Delemeat

www.delemeat.be

vlees

Delexim

www.deleximfruits.com

aardbeien, frambozen, bosbessen en abrikozen

Dujardin Foods NV

www.dujardin-foods.com

groenten en groentenmixen, kruiden

Eurofreez NV

eurofreez.com

aardappelproducten

Glace Co Belgium

www.biogood.be

roomijs

Herbafrost nv

www.herbafrost.be

kruiden

La vie est belle

www.lavieestbelle.be

vegetarische burgers in grootverpakking

Lantmännen Unibake Londerzeel

www.lantmannen-unibake.be

afbakbroden enkel in opdracht

Marine Harvest Pieters NV

www.marineharvest.com

vis

Panesco Europe

www.panesco.be

afbakbrood; croissant

Pasfrost

www.pasfrost.be

groenten en groentenmixen

PinguinLutosa NV

www.pinguinlutosa.com

groenten en aardappelproducten

Pittman Seafoods

www.pittmanseafoods.com

zalm

Ranson

www.ranson.be

diepvriesfruit

Groothandelaars met diepvriesassortiment BioFresh NV, afd. versvoeding

www.biofresh.be

groothandel met diepvriesassortiment: groenten, frieten, pizza, roomijs en sojaijs en vegetarische specialiteiten, vis,…

Cleyland

www.cleyland.be

groothandel met diepvriesassortiment: groenten, frieten, pizza, roomijs en sojaijs en vegetarische specialiteiten

Frudicom NV

www.frudicom.be

groenten (verdeler)

Marma

www.marma.be

groothandel met diepvriesassortiment: groenten, aardappelproducten, ijs, vis, pizza en vleesvervangers

Diensten voor diepvries Northfreeze

www.nortfreeze-group.com

opslag van diepvriesproducten

Sivafrost nv

www.sivafrost.be

opslag en verpakken van diepvriesproducten

16 bio actief 20


• vooruitkijkende sector

‘Tijd om vooruit te kijken…’ De Raad van Bestuur heeft samen met de leden nagedacht over wat de prioriteiten zijn voor BioForum Vlaanderen de komende vijf jaar. Dat leidt niet tot revolutionaire veranderingen, maar wel tot een scherpere focus, met vier algemene doelstellingen: 1. s ectororganisatie: we zijn er voor alle bio-ondernemers en zetten in op netwerking en ondersteuning van onze leden 2. k walitatieve groei: meer biobedrijven maar zonder in te boeten op de principes die aan bio ten grondslag liggen 3. b  io als kwaliteitsmerk: erkende voortrekkersrol voor duurzame landbouw en voeding 4. b iobeweging: samen met anderen, in eigen land en internationaal, het maatschappelijk debat over voeding beïnvloeden Op 24 april 2013 keurde De Algemene Vergadering deze doelen formeel goed en dacht meteen na over de rol van de sector in dit plan. Een greep uit hun reacties:

“In het CSA-netwerk is heel wat gediscussieerd over de rol van bio en of het belangrijk is om lid te zijn van BioForum, dan is het aan jou als bio-ondernemer om mensen over de streep te trekken.” “Profileer jezelf op evenementen niet als bedrijf maar als biobedrijf.”

“In de dioxinecrisis ging de groei te snel, daar waren we als sector niet echt op voorzien. Je moet zorgen dat iedereen kan blijven volgen.” “Hoe zorg je dat duurzaamheid bij bio geen lege doos is, zoals bij zoveel bedrijven tegenwoordig?”

“We moeten vooral communiceren over de dingen waarin we al duurzamer zijn dan de rest.” “Er is nog werk te doen in de keten: al die schitterende verhalen van de producent, die vind je vaak niet terug in de winkel.”

“Je moet als beweging in de maatschappij staan.”

Meer info  Je vindt het volledige vijfjarenpan bij deze Bio Actief en online op www.bfvl.be/netwerk/ overBioForum/vijfjarenplan

ontmoetende sector vooruitkijkende sector 17


• onderzoekende sector

Chemische pesticiden… — safety first? wie  voor biologische ondernemers & hun klanten wat  EFSA bracht studie uit over invloed van chemische p ­ esticiden op humane gezondheid waarom  hun schadelijkheid kan nog onvoldoende worden gemeten

In de biologische teelt zijn een 20-tal natuurlijke gewas­beschermingsmiddelen onder strikte voorwaarden toegelaten. Een gangbare landbouwer heeft keuze uit maar liefst 600 synthetische producten. De Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) publiceerde onlangs de resultaten van controles op aanwezigheid van residu’s op groenten en fruit. Bioproducten zijn geteeld zonder chemische pesticiden. Volgens Elke Denys, coördinator verwerking van BioForum, moeten bio-ondernemers daar meer mee uitpakken in hun communicatie.

18

bio actief 20


Wat zegt de studie van EFSA? Elke Denys  Volgens EFSA worden op 50% van de onderzochte stalen van gangbaar fruit en groente, residu’s teruggevonden; volgens het FAVV is dat zelfs bij 80%. Dergelijke concentraties wijzen doorgaans op het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen binnen de toegelaten grenzen. Lage concentraties kunnen ook het gevolg zijn van drift of kruisbesmetting tijdens transport (bijvoorbeeld residu’s die achterblijven op transportbanden). Hoewel eerder uitzonderlijk kunnen hierdoor ook residu’s voorkomen op bioproducten. Bij gemiddeld 2,8% van de stalen, is het gehalte residu’s hoger dan de toegestane limiet, de zogenaamde MRL. Dit percentage kan verschillen naar gelang het product; op sla bijvoorbeeld wordt deze limiet in 3,8% van de gevallen overschreden. Dit lijken lage percentages maar het gaat hier wel over producten waar de wettelijk toegestane norm overschreden is. Deze wettelijk toegestane norm is gebaseerd op toxicologische data en beoogt de gezondheid van mens en milieu te handhaven. Uiteindelijk moet je er van uitgaan dat als je residu’s boven deze norm aantreft, deze producten niet met zekerheid veilig zijn. Een overschrijding wijst meestal op fraude (te hoog gebruik van producten of gebruik van verboden producten). Overschrijding van de MRL komt voor bij slechts 0,9% van de bioproducten. De genoemde percentages hebben betrekking op stalen genomen op het veld, bij het verwerkend bedrijf, de veiling of in de winkel. Indien de MRL overschreden wordt, wordt het product indien mogelijk uit de handel gehaald. Bioproducten ondergaan extra controles en worden sowieso geblokkeerd bij de minste aanwezigheid van residu’s, los van het feit of de MRL overschreden wordt.

© Kjell Gryspeert — wieltjeshoeve

Maar bij 97% van de gangbare producten bestaat er geen gevaar voor de consument? Elke Denys  Dat is niet per se waar. EFSA heeft een risicoanalyse uitgevoerd. Van de producten waarop residu’s zijn teruggevonden, gingen de onderzoekers na hoeveel een consument er gemiddeld van eet en ze toetsten deze waarden aan de ADI en de ARfD maten. De ADI (Acceptable Daily Intake) is een maat waarmee je het risico inschat op lange termijn: hoeveel mag iemand binnenkrijgen per dag zonder schadelijke effecten op lange termijn. De ARfD (Acute reference Dose) is een maat voor toetsing van schadelijke gevolgen op korte termijn: hiermee bepaal je de hoeveelheid stof die een consument mag binnenkrijgen in een korte tijdsperiode. In de risico-analyse komt EFSA tot het verbluffende resultaat dat ook als de hoeveelheid residu’s onder de toegestane limiet (MRL) blijft, er op korte termijn wel een risico zou kunnen bestaan. Die MRL volstaat dus niet. Deze situatie doet zich bijvoorbeeld voor bij Carbufuraan op sla of Endosulfan op tomaten. Zo zijn er een zestal pesticiden waarbij de huidige MRL onvoldoende bescherming biedt.

Nog een heel belangrijke kanttekening is dat deze studie enkel het risico bekijkt voor de mens en niet stil staat bij de mogelijke schade die deze chemicaliën aanrichten op bijvoorbeeld de bijenpopulatie. Mag je ervan uitgaan dat in de meeste gevallen de aanwezigheid van residu’s op groente en fruit zo klein is dat we als consument geen risico lopen? Elke Denys  Zelfs dat is nog maar de vraag. Er is al heel lang sprake van de zogenaamde cocktaileffecten. Heel wat producten bevatten verschillende chemische stoffen. Bovendien eten we veel verschillende producten op een dag en worden we ook via drinkwater, via onze omgeving en via de atmosfeer blootgesteld aan chemische stoffen. Het gecombineerde effect van al deze stoffen is heel weinig gekend. Hoewel de nieuwe wetgeving duidelijk stelt dat dit effect in rekening moet gebracht bij het inschatten van de risico’s, ontbreekt het aan methodologie. Daarom werkte EFSA voor het eerst een pilootonderzoek uit en kwam tot de conclusie dat ze over te weinig gegevens beschikt over het echte gebruik van pesticiden. Het gecombineerde effect kan dus nog niet in kaart gebracht worden. Bovendien zou je deze tests moeten uitvoeren met alle mogelijke combinaties van stoffen... en dat zijn er onnoemelijk veel. Een consument moet beseffen dat, zolang er geen gestandaardiseerde tests zijn, residu’s — in welke hoeveelheid ook — dus best schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid. Beleidsmakers passen voor voorverpakte, bereide voeding voor jonge kinderen wel al het voorzorgsprincipe toe. Voor voeding verkocht als babyvoeding wordt een heel strikte grens gehanteerd. Maar op verse groente of fruit of vers bereide babymaaltijden in ziekenhuizen of kribbes, is die grens er niet. Een onlogische redenering. En een grote schending van het voorzorgsbeginsel. Bio is dus een beter alternatief? Vermijd je met bio elk risico op residu’s? Elke Denys  Ja, bio is een slim alternatief want het bevat heel wat minder residu’s. Er zijn immers amper pesticiden toegelaten. Bovendien worden er in de biosector in verhouding meer controles en staalanalyses uitgevoerd: de wetgever eist een verplichte controle, uitgevoerd door bevoegde controleorganisaties. Bij de minste aanwezigheid van residu’s worden in Vlaanderen de betreffende bioproducten geblokkeerd en wordt er een onderzoek ingesteld naar de oorsprong van de residu’s. In Vlaanderen is zelfs een maximum grens vastgelegd waarboven de ondernemer een sanctie krijgt en het product gedecertificeerd wordt. Het product mag dan niet meer als bio verkocht worden. Deze grens is 1,5 keer de LOQ, dat is de kleinste hoeveelheid die nog kan gemeten worden. Er komen dus heel zelden bioproducten in de winkel met residu’s.

Meer info Neem contact op met Elke Denys, coördinator verwerking, elke.denys@bioforumvl.be, t 03 286 92 60

onderzoekende sector 19


• stimulerende sector

Meer dan biowetgeving…

Op de bres voor de bio-ondernemer wie  voor bio-ondernemers wat  hoe functioneert de belangenverdediging op Vlaams en Europees niveau waarom  BioForum Vlaanderen verdedigt als enige organisatie voluit de biobelangen

BioForum voluit voor biobelangen Net als andere organisaties doet BioForum aan belangenverdediging. BioForum is de enige die 100% voor bio kiest. Dat is duidelijk voor onze gesprekspartners op alle terreinen. Waar mogelijk werken we samen met anderen, steeds met de belangen van de biosector voor ogen. Resultaten zien we meestal niet op korte termijn: wetgevend werk is een traag proces. Maar dat is geen reden om op te geven. Zo denken we al na over MAP 5 terwijl we MAP 4 gunstig trachten te beïnvloeden. BioForum zetelt in vele adviesraden en bij elke beslissing gaan we na welke impact dit heeft op een biobedrijf. Zoveel mogelijk bepalen we onze standpunten samen met onze leden. In de praktijk duiken soms problemen

20 bio actief 20

op met bestaande wetgeving. Als een bedrijf dit meldt, gaan we op zoek naar de juiste manier om dit aan te kaarten. Op federaal niveau zetelen we in het Raadgevend Comité van het Federaal Agentschap Voedselveiligheid en in de Adviesraad inzake voedingsbeleid en gebruik van andere consumptieproducten. Op Vlaams niveau verdedigen we de belangen van de biosector in de SALV (Strategische Adviesraad Landbouw en Visserij), het platform Landbouwonderzoek, de OMAP (Opvolgingscommissie Mestactieplan), diverse adviesraden en comités.

De Europese biowetgeving De biowetgeving is Europese wetgeving. Dit heeft als voordeel dat die in alle lidstaten gelijk is. Het bemoeilijkt wel het doorvoeren van wijzigingen omdat je rekening moet houden met ieders eigenheid, klimaat,... De biowetgeving onderscheidt een bioproduct van een gangbaar product. De opvolging en het inschatten van de impact van elke wijziging is dus een belangrijke taak. Momenteel wordt de Europese biowetgeving herzien, een proces waarbij ook de mening van de sector telt. We zoeken daarbij naar

een evenwicht tussen behoud van de kwaliteit van bio en de mogelijkheid tot groei. De EU-wetgeving moet streng zijn en toch ruimte laten voor flexibiliteit. We volgen deze wetgeving op via verschillende kanalen. Eén van de belangrijkste spelers is de koepelorganisatie IFOAM EU. Zij verdedigt haar standpunten rechtstreeks bij de Europese ambtenaren, commissarissen en parlementsleden. Voor haar standpunten doen wij steeds onze inbreng.

Europa luistert naar de lidstaten Beslissingen op Europees niveau, worden uiteraard afgetoetst bij de lidstaten. Voor biolandbouw gebeurt dat in Vlaanderen bij de Afdeling Duurzame Landbouwontwikkeling (ADLO) van het Departement Landbouw en Visserij van de Vlaamse Overheid, onder de bevoegdheid van Vlaams minister-president Kris Peeters. De Europese Commissie organiseert regelmatig overleg met de bevoegde ambtenaren uit de lidstaten. Tijdens deze overlegmomenten worden belangrijke knelpunten en kansen besproken en wordt er gestemd over wijzigingen of aanvullingen aan de


uitvoeringsverordeningen. De Europese wetgeving komt aan bod, alsook de internationale context van import en export van bioproducten. Zo was er recent een stemming waarbij een aantal regels over controle zijn vastgelegd. Ook voorstellen over additieven of gewasbeschermingsmiddelen komen ook aan bod. Voor zulke beslissingen wint de Europese Commissie eerst advies in van de EGTOP (Deskundigengroep voor technisch advies over biologische productie). BioForum doet haar uiterste best om de agenda van deze vergaderingen op te volgen en het standpunt van onze leden mee te geven met de Belgische vertegenwoordiging, bestaande uit het Vlaamse, Waalse en Brusselse Gewest. Iedere lidstaat heeft een aantal stemmen. Lidstaten zoals Duitsland, Frankrijk, Italië, het Verenigd Koninkrijk, Spanje en Polen hebben beduidend meer stemmen dan België. Als er zaken onze marktspelers benadelen, probeert BioForum die altijd op de agenda te plaatsen. Toen bleek dat onze buurlanden de veevoederwetgeving anders interpreteerden, hebben we dit meteen aangekaart. Ook andere landbouworganisaties zijn betrokken. Ben je lid van Boerenbond, weet dat ook daar jouw stem als bioboer van tel kan zijn.

‘horizontale wetgeving’, zoals de wetgeving rond voedselveiligheid en autocontrolesystemen, gewasbeschermingsmiddelen of het mestactieplan. Dit is wetgeving die voor alle ondernemers in de landbouw of voedingsindustrie van toepassing is. Een autocontrolesysteem implementeren of het al dan niet verplicht rapporteren van gewasbeschermingsmiddelen beïnvloedt jouw dagelijkse werking. Deze wetgeving geldt voor alle bedrijven, maar is soms onbedoeld contraproductief voor een biobedrijf. Zo was bijvoorbeeld MAP 4 helemaal afgestemd op het gebruik van kunstmest, waardoor bioboeren problemen kregen omdat ze stalmest gebruiken. En dan verdedigt BioForum de belangen van bio.

 Concrete tip Heel veel lobbywerk waarbij jouw mening telt! Als lid van BioForum Vlaanderen heb je een betekenisvolle invloed. Interesse? Meld je aan op www.bfvl.be/lidmaatschap

Contact BioForum Vlaanderen, Frederic Ghys, vervangend beleidsmedewerker, frederic.ghys@bioforumvl.be, t 03 286 92 66 ADLO Vanessa De Raedt, vanessa.deraedt@lv.vlaanderen.be, t 02 552 78 86 Elfi Laridon, elfi.laridon@lv.vlaanderen.be, t 02 552 79 19 Marie Verhassel, marie.verhassel@lv.vlaanderen.be, t 02 552 78 77

Vlaamse beslissingen De Europese wetgeving is in zekere mate flexibel. Sommige productieregels, zoals voor konijnen, zijn regionaal vastgelegd. Ook het controlesysteem is een regionale bevoegdheid. In de EU-wetgeving staan enkel basisvoorwaarden, bv. dat de marktspeler jaarlijks controle moet ondergaan. Het is aan de lidstaten om controleorganen te erkennen en extra criteria op te leggen. Op Vlaams niveau wordt dit bepaald via het Besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2008 en enkele ministeriële besluiten. Ook dit besluit ondergaat momenteel een herziening om enkele praktische zaken die nadelig zijn voor sommige bedrijven weg te werken.

Met enige trots stellen wij u de nieuwe huisstijl van onze gesmaakte collectie voor.

Biowetgeving versus ‘horizontale wetgeving’ Als bio-ondernemer moet je niet alleen voldoen aan de biowetgeving. Je bent als ondernemer onderhevig aan alle wetten en plichten die dan gelden. BioForum Vlaanderen doet daarom ook belangenverdediging bij de

www.jessenhofke.be Drink matig, doch regelmatig.

stimulerende sector 21


© lisa develtere

• werkende sector

De zin van Biogarantie — anno 2013

22 bio actief 20


wie  voor Biogarantie-houders wat  Directeur Lieve Vercauteren in gesprek met nieuwe Biogarantie-voorzitter, Filip Fraeye, over zijn visie en plannen waarom  Biogarantie moet zich klaarmaken voor de toekomst Lieve Vercauteren  Je bent net voorzitter geworden van Biogarantie vzw, dat is een hele tijdsinvestering. Waarom is Biogarantie zo belangrijk voor jou? Filip Fraeye  Als bedrijfsleider van Biofresh Belgium besef ik meer dan wie ook dat het Biogarantie-label essentieel blijft, zowel voor de Belgische bioconsument als voor de marktspeler. Biofresh is fier dat een aantal pioniers in de biosector vandaag nog actief zijn voor de bewaking van Biogarantie. Eén van de grondleggers van onder meer Biogarantie, Dirk Thienpont, vorig jaar met pensioen gegaan, is nog steeds als freelance op pad om bioverwerkers te ondersteunen. Biogarantie vzw heeft niet alleen een geschiedenis als vereniging en als voortrekker, maar blijft zich onderscheiden in het hedendaagse biolandschap. Toen de continuïteit van het Biogarantie-label door het nieuwe Europese biolabel openlijk in vraag werd gesteld, heb ik mijn engagement opgenomen. Ik wil aan de federale kar trekken van Biogarantie vzw, omdat ik er rotsvast van overtuigd ben dat het behoud van dit label troeven biedt op korte én lange termijn. Lieve  Met de verplichting van het EU-label, vragen bedrijven zich misschien af of een Belgisch privélabel nog zin heeft. Waarom moeten we het behouden? Filip  Uit cijfers blijkt dat het EU-label lang niet zo bekend is als veel privélabels. De verplichting sinds juni 2012 om het EU-label te gebruiken is erg positief voor de Europese biomarkt, maar de bekendheid is nog een zorg. De privélabels blijven bij ons en in de buurlanden met veel enthousiasme in gebruik. De combi met het Europese label geeft een maximale herkenbaarheid. Natuurlijk hoor ik ook wel een paar argumenten om het privélabel niet te gebruiken: de bijkomende kost voor de royalty’s, dat één Europees label duidelijker zou zijn voor iedereen, de beperkte plaats op de verpakking,… Maar de inkomsten van de royalty’s besteden we keurig aan het lastenboek en de marketing van het Biogarantie-label. Uit GFK-cijfers blijkt Biogarantie veruit de hoogste bekendheid te genieten bij consumenten, en groeit hierin nog steeds sneller dan het Europese label. En als je een ‘dubbellogo’ gebruikt van het Biogarantie-label en het EU-label, valt het plaatsgebruik op de verpakking best mee. Ondanks het feit dat Biogarantie vzw nog actief op zoek is naar extra profilering, zijn er vandaag al een aantal punten die een belangrijke meerwaarde betekenen:

1. Biogarantie kan extra eisen stellen wanneer we als sector vinden dat de EU-wetgeving een bepaald aspect te ruim formuleert. Witloof die niet geforceerd wordt in volle grond, kan bijvoorbeeld een EU-label krijgen, maar enkel grondwitloof kan een Biogarantie-label krijgen. Zulke tweesporen zijn hopelijk niet meer nodig, maar het is van essentieel belang dat de mogelijkheid blijft bestaan, want de Europese regels voor bio hebben we niet altijd in de hand. 2. Biogarantie is een Belgisch label. Het geeft verbinding met het product en ik ben zeker dat dit een troef is voor de consument. 3. Biogarantie herbergt in de naam ook een duidelijke boodschap, namelijk de garantie op bio. Dit kan ook de toenemende herkenbaarheid van het label verklaren. 4. Biogarantie kan omwille van het Belgische karakter ook meerwaarde betekenen voor duurzaamheid. Bio is in principe duurzaam, maar een Biogarantie-label houdt in dat er toch een selectie gebeurde en een soort bewaking is van dit aspect. Iedere Biogarantie-houder neemt zich bovendien extra duurzaamheid voor met het duurzaamheidcharter dat ze ondertekenen. 5. Tenslotte kan het Biogarantie-label bij een mogelijk kwaliteitsprobleem een manier zijn om het verschil aan te duiden. Je kan dan melden dat producten met het Biogarantie-label gevrijwaard zijn, daar waar je dit met het EU-label niet kan doen. Lieve  Wat is voor jou de grootste troef van Biogarantie? Filip  Dé grootste troef is de geschiedenis van het label: Biogarantie staat mee aan de bakermat van de Europese wetgeving. België is een kleine speler maar toch belangrijk vanwege de centrale ligging en Brussel natuurlijk. Wij mogen fier zijn op onze Vlaamse en Waalse producenten. Ook kunnen we waakzaam de Europese ontwikkelingen steeds aftoetsen aan het Biogarantielastenboek. Lieve  Wat is de grootste uitdaging? Filip  Een gerichte en professionele aanpak van de marketing van het Biogarantie-label. Samen met BioForum Vlaanderen en Wallonië werken wij hieraan als ‘nationaal team’, en dit is naast een challenge ook enorm boeiend. Wij willen échte getuigenissen brengen van consumenten en marktspelers en zo werken aan uitbreiding en groei voor Biogarantie. Lieve  Is internationale samenwerking met de andere Europese privélabels belangrijk, en waarom? Filip  Wat ons bindt is het Europese label, dat we als erg positief percipiëren. Elf Europese privé-biolabels verenigden zich onder de Leading Organic Alliance (LOA). Daarin wisselen we kennis uit, houden we nieuwe wetgeving aan het licht, bespreken we profilering. Maar wij laten elkaar autonoom beslissen, en dat is natuurlijk terecht.

Binnenkort online www.biogarantie.be

werkende sector 23


© Lisa Develtere — dimabel

• innoverende sector

Biosector klaar voor innovatie wie  voor verwerkers wat  BioForum heeft zeven operationele doel­ stellingen klaar om verwerkers te ondersteunen met innovatie waarom  innoveren is belangrijk om als sector te groeien

Op 22 februari sloot BioForum Vlaanderen de haalbaarheidsstudie af, die de innovatiemogelijkheden in de biologische verwerkingsindustrie in kaart brengt. Na een kwalitatieve analyse van de sector werden zeven operationele doelstellingen en concrete acties vooropgesteld. Acties die de sectororganisatie zelf zal ondernemen, maar die ook voor de bedrijven als leidraad kunnen dienen. Tijdens het slotseminarie, waar zowel onderzoekers als bedrijven aan deelnamen, bleek waarom die doelstellingen zo belangrijk zijn.

Technologische knowhow en professionalisme bij bedrijven stimuleren Er is heel wat kennis aanwezig bij onderzoeksinstellingen, alleen bereikt die niet altijd de biobedrijven. BioForum zal in de toekomst meer inzetten op een goede valorisatie van deze kennis en knowhow.

24 bio actief 20

Omgekeerd kan het gevoerde onderzoek nog meer gestuurd worden uit de bedrijfswereld, ook de biologische bedrijfswereld. De uitbouw van een onderzoeksplatform waarin zowel bedrijven als onderzoekscentra in vertegenwoordigd zijn, is hierin een belangrijke actie. Naast de technologische knowhow kunnen bedrijven ook ondersteuning krijgen voor hun ondernemerschap en professionalisme. De biosector kent een groot aantal kleine KMO’s, vaak familiebedrijven met maximum een vijftal werknemers. De kleinschaligheid van die ondernemingen is vaak een drempel voor groei. Via het aanbieden van gerichte opleidingen wil BioForum die drempel wegwerken.

Flexibiliteit kan een troef zijn voor de bio-ondernemer Veel producenten en verwerkers hebben elk seizoen overschotten die ze niet via de reguliere kanalen kunnen afzetten. Via flexibele samenwerking en flexibele verwerkingseenheden zouden die toch kunnen gevaloriseerd worden tot een lekker en volwaardig eindproduct. Een voorbeeld van flexibele werkplaatsen zijn de sociale werkplaatsen. Een flexibele werkplaats kan producten in kleine hoeveelheden afnemen van verschillende ondernemers en op verschillende manieren verwerken. Zo bied je ook deels een oplossing aan voedselverliezen.

“Kleinere bedrijven laten zich al snel afschrikken door de kost van wetenschappelijk onderzoek; nochtans zijn er tal van mogelijkheden om wetenschappelijke ondersteuning te vinden zonder dat dit handenvol geld hoeft te kosten.” Charlotte Boone, wetenschappelijk adviseur Flanders’ FOOD

Duurzaamheid van de biologische verwerking? Uit de kwalitatieve analyse bleek dat de verwerker zich ziet als een duurzame ondernemer en ook de consument verwacht dat bioproducten duurzaam geproduceerd zijn. De duurzaamheidinitiatieven in de gangbare voedingsindustrie vormen echter een uitdaging voor de biologische voedingsindustrie omwille van hun impact. De biologische voedingsindustrie kan het zich niet langer permitteren om niet zelf met een kritische blik de eigen duurzaamheidcriteria te bekijken.

 M eer info Alle operationele doelstellingen en acties vind je op onze website in het eindrapport: ‘Kansen en bedreigingen voor de biologische verwerking van voeding’.

Concrete tip Heb je een idee voor innovatie? Check dan zeker bij BioForum of je in aanmerking komt voor innovatiesubsidies. Neem contact op met Elke Denys, coördinator verwerking, ­ elke.denys@bioforumvl.be, t 03 286 92 72


• ontmoetende sector

Vak- en consumenten­ beurzen in 2013 Grijp in 2013 de kans om jouw bedrijf in de kijker te zetten: er is een mooi aanbod van vakbeurzen en evenementen voor consumenten die stuk voor stuk gewijd zijn aan boeiende thema’s zoals duurzaamheid, biologische voeding en gezondheid. Zeker niet te missen dus! Enkele praktische info en tips om een efficiënte keuze te maken:

© Caroline Sjegers

► Probeer zeker te weten te komen wie het doelpubliek is. Voor de beurzen waar BioForum Vlaanderen ervaring mee heeft, staat dit vermeld in het overzicht, zodat je de inrichting en de bezoekersinfo van je stand en de producten juist kan kiezen. ► Waar wordt dit event en/of deze beurs aangekondigd? Enkel regionaal, enkel via bepaalde kanalen? Krijg je zelf materiaal om je deelname aan te kondigen op jouw website of voor de bedrijfscommunicatie? ► Bij twijfel kan je ook altijd een deelnemer van vorige edities bevragen. Een deelnemerslijst van vorige edities blijft meestal beschikbaar op de website van een beurs.

Meer info Een overzicht van de beurzen vind je op www.bfvl.be/nieuws/beurzen_2013 Contact Heb jij ervaring met een beurs/event dat niet in het overzicht staat, laat het ons weten. Martine Van Schoorisse, coördinator beurzen, martine.vanschoorisse@bioforumvl.be, t 03 286 92 69

ontmoetende sector 25


van horen zeggen

“Biologische landbouw krijgt dikwijls het verwijt dat het minder opbrengt dan gangbare landbouw. Maar als je het landbouwonderzoek historisch bekijkt en je neemt 100 euro, dan is er 99 euro naar gangbaar gegaan en 1 euro naar biologisch. Vanuit die vergelijking doet biologisch het extreem goed.” — Jos De Clercq Natlandhoeve, in opiniestuk ‘Biologisch is nog niet goed genoeg’, De Wereld Morgen 10 maart 2013

“Met het oog op een verdere, kwalitatieve groei van onze biosector is het belangrijk dat bioboeren continu beroep kunnen doen op kennis, zodat ze hun biologische bedrijfsvoering voortdurend kunnen optimaliseren. Dit draagt bij tot het vervullen van de rol van bio als incubator voor verduurzaming en innovatie.” — kris peeters Minister van Landbouw www.bfvl.be/nieuws/vlaanderen_steunt_ccbt

“Landbouw weegt op twee manieren op de waterkwaliteit in Vlaanderen: door de grote hoeveelheid mest en het pesticidengebruik. Om de Europese normen inzake waterkwaliteit te halen, moet de landbouw dringend grote stappen zetten in de richting van een agro-ecologische landbouwmodel.” — Jeroen Gillabel Bond Beter Leefmilieu, analyse MIRA rapport 15 april 2013

“Politiek noch technologie hebben tot nu de klimaatverandering kunnen keren. Hopelijk zal het vanuit de vele alternatieven van onderuit gebeuren. Alle sociale vernieuwing is door een kleine minderheid in gang gezet. We overwaarderen vaak technologische innovatie ten nadele van sociale innovatie.” — Harald Welzer over zijn project ‘Futurzwei’, De Standaard 25 april 2013

26 bio actief 20

“Honger is sociaal geproduceerd en wordt in standgehouden door beleidskeuzes die uitgaan van de wetten van de vrije markt. Honger is dus geen technologisch, maar een politiek vraagstuk” — prof Eric A. Goewie in opiniestuk ‘Bevordert biologische landbouw honger in de wereld?’, De Wereld Morgen 5 maart 2013


Wat betekent BioForum voor jou? BioForum Vlaanderen vzw is de sector­ organisatie van de biologische landbouw en voeding. BioForum vertegenwoordigt en ondersteunt alle ondernemers die in de biosector actief zijn. BioForum’s experten zorgen voor hun respectievelijke sectorgroep: producenten, verwerkers en verkooppunten. Foodservices zijn nog geen aparte doelgroep, maar krijgen ook aandacht. Sectorgroepen vormen een directe link ­tussen de sector en BioForum. De Raad van Bestuur bestaat voor het grootste deel uit bedrijfsleiders uit de biosector. Interesse om ook jouw stem te laten horen? We horen het graag!

5 redenen om lid te worden van BioForum Vlaanderen Jij beslist mee In actie voor jouw belangen Persoonlijk advies Voordelen voor jouw bedrijf Versterk je netwerk

Interesse in lidmaatschap? Bekijk de tarieven en meld je aan op www.bioforumvlaanderen.be/lidmaatschap

Stefaan

© lisa develtere

Gedreven mannen en vrouwen… … ik heb ze gekend. In mijn Afrikaans periode. Kijkend in de ogen van een onzekere wereld. We zaten vaak rond tafel. Zoekend naar oplossingen. Maar ook lachend om de glinster in de guitige ogen van een deugniet. Over de rand van het raam nieuwsgierig glurend naar zijn toekomst. Onwillekeurig inspirerend tot oordeelvrije uitspraken. ‘Als je snel wil gaan, ga dan alleen’. Is mogelijk. ‘Als je ver wil komen, ga dan samen’. Kan ook. Je voelde het meteen, hier klopt een gemeenschappelijk hart.

“Als je ver wil komen, ga dan samen.” Gedreven mannen en vrouwen… ik heb ze gekend. Terug op Europese grond. Biopioniers. Hun geïmproviseerd standje, hun winkel die eruitzag als een huiskamer. Je wist het meteen. Die werken vanuit de grond — ook letterlijk — van hun hart. Je voelde het meteen. Ze weten waar ze naar toe willen. Een toekomst met overgave en inzet voor vele generaties. Ze gaven tastbare voorbeelden, bewerkten aarde tot je van de grond kon eten, maakten seitan onder de hangplantjes achter de kassa, verkochten meer dan alleen maar opbrengst. Een kleurrijke bende die zich losweekte van het grijze ‘korte-termijn-gelijk’. Deze gedachten slopen bij me binnen toen ik mijn eerste vergadering in Antwerpen bijwoonde. Gedreven mannen en vrouwen… Ik leer ze kennen. Dit keer georganiseerd en met goed geformuleerde doelstellingen. Samen rond een tafel. Je voelde het meteen. Dit is een uniek forum. Een ‘Bio-Forum’. Hier willen ze ver komen, samen. Kleurrijk en met glinster in de ogen kijkend naar de toekomst.

S tefaan Deraeve bestuurslid BioForum Vlaanderen en bedrijfsleider La Vie est Belle www.lavieestbelle.be

www.bioforumvlaanderen.be info@bioforumvl.be — t 03 286 92 78 stem uit de sector 27


foto © www.franktoussaint.be • vu: Kurt Sannen, Asdonkstraat 49, 3294 Molenstede

Ik maak bio omdat het werkt.

Koen Busschots

bio fruit en groenteteler, Lier - Koningshooikt

“Mijn grond behandel ik met veel respect, want de bodem is mijn voornaamste werkmiddel, net als bij elke bioboer. Vaak zeggen mensen ‘bij jou groeit alles’. Het vergt natuurlijk jaren werk om de bodem goed te krijgen. Zeker bij extreme klimaatsomstandigheden merk je het verschil: bij regen spoelt mijn grond niet weg en bij droogte houdt de bodem voldoende vocht vast voor de gewassen.”

Ontmoet Koen tijdens de Bioweek van 1 tot 9 juni. www.bioweek.be De Bioweek is een campagne van BioForum Vlaanderen, met steun van:


Bio Actief 20