Page 1

33

trimestrieel - maart 2010

Toelating - Gesloten verpakking Brussel X - Arteveldehogeschool, Hoogpoort 15, 9000 Gent

artevelde magazine

Studenten veroveren internet met virale filmpjes

Wie loopt daar door de gang?

Iets met voeten?


Inhoud Inhoud

4 6

8

11

12 14

17

18 20

De wereld rond Arteveldehogeschool goes international

Kort geknipt

“Niet méér werk, maar erkenning van bestaand werk” Zorgen voor leerzorg in het onderwijs

Studenten veroveren internet met virale filmpjes Digitale media: een besmettelijk virus

In beeld SID-in’s en infodagen

Wie loopt er daar de gang? De professionele rondlopers van de Kantienberg

En de winnaar is: duurzaam ondernemen Bachelors op maat en ritme van de bedrijfswereld

Klimmen als een zalm Voortstuderen groeit verder

Iets met voeten? 2 jaar later: Hanne Vervaeke, Bachelor in de podologie

22

“Welcome to the Voice of Mongolia” Student aan het woord: Marij Dheedene, Bachelor in de journalistiek


COLOFON

Geachte lezer,

Het tweede semester aan de Arteveldehogeschool is uit de startblokken. Traditioneel is dit het moment waarop een nieuwe lichting laatstejaarsscholieren hun toekomst plannen. Welke studiekeuze maken ze volgend jaar?

Verantwoordelijke uitgever

Johan Veeckman Hoogpoort 15 9000 Gent

Redactieraad

Eva Booms Eline Comer Nathalie Cromheecke Kristine De Smet Ruben Dobbelaere Peter-Jan Bogaert Wim Hoste Mia Van Coninckxloo Wouter Viaene

Redactiecoördinatie

Wouter Viaene

Vormgeving

Anne-Sophie De Lembre Rika Devis

Fotografie

Anne-Sophie De Lembre

Advertenties

Kristine De Smet Hoogpoort 15 9000 Gent tel. 09 235 20 47 fax 09 235 20 01

Contact

arteveldemagazine@arteveldehs.be

3

Een goede studiekeuze begint bij goede informatie. En dus duiken kandidaat-studenten in brochures en online info. Kiezen voor een beroep, een opleiding in het hoger onderwijs, is ook kiezen aan welke instelling je die opleiding wilt volgen, en in welke stad. Niet eenvoudig dus. Kandidaat-studenten worden niet aan hun lot overgelaten. In elke Vlaamse provincie vinden studie-informatiedagen plaats waarop instellingen uit het hoger onderwijs hun aanbod presenteren en duiden. Als Arteveldehogeschool zijn wij uiteraard ook telkens van de partij. Wie de smaak te pakken heeft en wil praten met studenten en lesgevers, is welkom tijdens de infodagen op al onze campussen. De eerste infodag van dit academiejaar eind februari was zeer succesvol, en er staan er nog drie op het programma. Kandidaat-studenten die benieuwd zijn naar hoe het er echt aan toegaat in het hoger onderwijs kunnen komen ‘proefstuderen’. Onze bacheloropleidingen nodigen de kandidaat-studenten uit om de lessen bij te wonen. De Arteveldehogeschool zoekt voortdurend naar nieuwe mogelijkheden om oriëntatie en begeleiding te verbeteren. Nieuw dit jaar is de mogelijkheid om individueel studiekeuzeadvies in te winnen tijdens de infodagen op campus Kantienberg. Ideaal voor wie ondanks – of misschien net door – de vele mogelijkheden om het opleidingsaanbod te verkennen, door de bomen het bos niet meer ziet. Leveren al deze inspanningen 100% garantie dat elke nieuwe student de ‘juiste’ opleiding kiest? Neen, maar het blijft belangrijk om een studiekeuze te maken op basis van voldoende en correcte gegevens. Gelukkig kan een student die verkeerd zit, zich nog heroriënteren. Dat betekent niet noodzakelijk dat er een jaar verloren hoeft te gaan. Zo bieden steeds meer van onze opleidingen ook een volledig nieuwe start aan in februari, al dan niet met de mogelijkheid om eind januari drie jaar later af te studeren. Kortom: de Arteveldehogeschool biedt kansen en zet kandidaat-studenten op het juiste spoor.

Johan Veeckman, Algemeen directeur, Arteveldehogeschool


4

arteveldehogeschool goes international

De wereld rond Studeren of stage lopen in het buitenland? Nederland of Senegal? Zit het weer tegen, valt het eten mee en is de taal onbegrijpelijk? Hoe dan ook is een internationale uitwisseling een onvergetelijke ervaring. Niet enkel voor studenten: ook onze lesgevers en andere medewerkers verruimen hun blik ver buiten onze landsgrenzen. En internationalisering betekent uiteraard net zo goed dat de Arteveldehogeschool zelf haar deuren openzet.

Dit academiejaar trekken een kleine 300 studenten van de Arteveldehogeschool naar het buitenland in het kader van hun opleiding. Een blik op de top 3 landen van bestemming: 1. Spanje: dat de Spaanse zon veel studenten lokt, hoeft niet te verbazen. Wat dat betreft volgen we een tendens die voor heel Vlaanderen geldt. Spanje is exotisch én dichtbij. De meeste van onze studenten die ernaartoe trekken, spreken de taal. En dat verlaagt de drempel uiteraard. Spanje kent een lange traditie van studentenuitwisselingen, is erg betrokken bij de Europese ontwikkelingen, en het land is bovendien een deur naar ZuidAmerika. De Spanjaarden staan overigens zelf ook op nummer één wat betreft buitenlandse studenten die uitwisselingsprogramma’s aan de Arteveldehogeschool volgen. 2. Suriname: de combinatie van het Nederlands als gemeenschappelijke taal met een totaal andere cultuur maken Suriname heel aantrekkelijk. Vooral studenten uit onze opleidingen in de gezondheidszorg en het onderwijs doen in Paramaribo en omgeving bijzondere stage-ervaringen op. 3. Finland: de Finnen danken hun bronzen plak in deze top vooral aan hun open houding tegenover buitenlandse studenten. Daarnaast hebben de Finse opleidingen een ijzersterke reputatie en vinden lessen voor internationale studenten er in het Engels plaats.

Dat niet alle studenten gaan voor een populaire buitenlandse bestemming, bewijst journalistiekstudente Marij Dheedene. Het relaas van haar stage bij radiozender The Voice of Mongolia lees je op pagina 22 van dit magazine. Medewerkers zonder grenzen Naast studenten zijn ook medewerkers van de Arteveldehogeschool actief buiten onze landsgrenzen. Vorig academiejaar ging het om een 200-tal internationale trips. En dan hebben we het niet over vakanties uiteraard! Het gaat grotendeels om medewerkers die lesgeven aan buitenlandse onderwijsinstellingen of die in het buitenland internationale projecten voorbereiden. Andere redenen zijn internationale symposia, buitenlandse stages, en de zogenaamde “strategische allianties”. Met vijf strategische partners wereldwijd smeedt de Arteveldehogeschool structurele banden. Het gaat om Turkije, Ecuador, Vietnam, Canada en ZuidAfrika. Elke strategische alliantie omvat veel meer dan mobiliteit, en is ook gericht op professionalisering en onderzoek. Internationalisering + Ook via internationale modules (IM) en intensieve programma’s (IP) profileert de Arteveldehogeschool zich als internationale speler. Beide opleidingstypes zijn naar een internationaal studentenpubliek

gericht. Grofweg kan je stellen dat IP’s kortlopend zijn (minimaal 10 werkdagen) en IM’s variëren van een paar maanden tot een jaar. Ze focussen op een specifiek thema en zijn soms disciplineoverschrijdend. De lesaanpak varieert van afstandsleren, over praktijk en groepswerken via Skype, tot klassieke lessen met een internationaal studentenpubliek. De Arteveldehogeschool is de drijvende kracht achter meer dan tien van dergelijke internationaal gerichte initiatieven. Bridges in Education Een typisch voorbeeld is Bridges in Education, een internationale module van drie maanden die georganiseerd wordt in Gent en gericht is naar buitenlandse studenten uit lerarenopleidingen in het secundair, lager en kleuteronderwijs. Deze module wil studenten leren functioneren in en werken met heterogene en interculturele groepen. De aanpak is zeer divers: workshops, lezingen, seminaries, praktijkoefeningen, stage … Voertaal is Engels en sommige lessen verlopen samen met de reguliere studenten van de Arteveldehogeschool. De deelnemers bundelen hun eigen ervaringen op weblogs en in portfolio’s. Meer info over Bridges in Education op http://project.arteveldehs.be/llo/ international/index.htm.


De uitdaging: Bologna 2020

5

Tien jaar na de historische Bologna-conferentie kwamen de Europese ministers van onderwijs in 2009 samen in Leuven. Een van de besluiten van die nieuwe conferentie is dat tegen 2020 twintig procent van de studenten in het hoger onderwijs aan een internationale uitwisseling moet deelnemen. “Een mooi streefcijfer”, zegt Petra Gillis van de dienst internationalisering van de Arteveldehogeschool, al heeft ze haar bedenkingen. “Uitwisselen is tweerichtingsverkeer. Als we willen dat meer van onze studenten ervaring kunnen opdoen in het buitenland, dan zullen ook wij extra moeten investeren in programma’s waarmee we internationale studenten aantrekken. Enthousiasme om dat te doen is er zeker, maar de financiering wordt wellicht een heikel punt.”

Top 10 bestemmingen

S ur

e a nj

in a

m

l

e

Fin

Se

ne

ga

Sp

Studenten Arteveldehogeschool in het buitenland (academiejaar 2009-2010)

d

Turki j

e

la n

Zu

Du

it s

n

la n d

Zw ede id

fr

-

A

a

N ede

n je

Ned rl a

e rl a n d

en

rij

k

29

Suriname

25

Finland

21

Duitsland

20

Frankrijk

19

Nederland

19

Zuid-Afrika

18

Sweden

17

Turkije

13

Senegal

9

Redenen buitenlandse studie of stage 44% van de studenten studeren voor minstens 3 maanden aan een Europese hogeschool of universiteit (Erasmus-studie). 15% van de studenten lopen stage voor minstens 3 maanden aan een buitenlandse instelling of organisatie in Europa (Erasmus-stage). 36% van de studenten lopen stage in een instelling of organisatie in een land in ontwikkeling. 5% van de studenten lopen stage op eigen initiatief een aantal weken of maanden bij een buitenlandse instelling of organisatie (binnen of buiten Europa).

Buitenlandse ‘uitwisselings’studenten aan Arteveldehogeschool (academiejaar 2009-2010)

an

k r ij k Tu rk

its Du

ij e

la n d

D

Fi nl

a

nd

F

k ra n

Aantal studenten

Spanje

nd

Fr

Portuga l N oo rw eg

a Sp

ik

Land

Top 5 bacheloropleidingen (in % van totaal aantal instromende ‘uitwisselings’studenten) 36% communicatiemanagement + journalistiek

Land

Aantal studenten

Spanje

27

Nederland

20

Frankrijk

12

Turkije

9

18% onderwijs (kleuteronderwijs + lager onderwijs + secundair onderwijs)

Litouwen

7

11% grafische en digitale media

Estland

6

Finland

6

Duitsland

6

Portugal

6

Noorwegen

5

11% verpleegkunde 10% bedrijfsmanagement

en

Top 10 landen van afkomst

E s tl a

nd

L

u it o

w

Wouter Viaene


K ORT GE K NI P T Student scoort in wereldwijde Hugo Boss-ontwerpwedstrijd De 21-jarige Thibault Verougstraete uit Sint-Martens-Latem werd eind 2009 een van de 10 winnaars van een ontwerpwedstrijd rond de bekende flacon van Hugo Boss. Thibault is laatstejaarsstudent in de afstudeerrichting Crossmedia-ontwerp van de bacheloropleiding in de grafische en digitale media aan de Arteveldehogeschool. Hugo Boss daagde via de wedstrijd ontwerpers van over de hele wereld uit om een reclamebeeld te creëren voor de Hugo-flacon. ‘Travel snapshots’ was het opgelegde thema. Een jury met onder anderen internationale experts in grafisch ontwerp, illustratie en fotografie, koos tien winnaars uit 2 400 inzendingen. Student Thibault Verougstraete deelt de eer met ontwerpers uit onder andere Zuid-Korea, Australië en Columbia. Ze ontvingen elk 500 dollar. 

www.hugocreate.com.

Pioniers behalen diploma na februaritraject Eind januari dit jaar vond de proclamatie plaats van studenten die begonnen aan hun opleiding tot kleuteronderwijzer in februari 2007. Op dat moment startte deze opleiding als eerste aan de Arteveldehogeschool met een driejarig traject dat loopt van februari tot eind januari. Het merendeel van de starters in februari, zijn studenten die zich willen heroriënteren na een foute studiekeuze bij de start van het academiejaar in september. Groot voordeel van een ‘herstart’ in februari is dat de studenten geen half jaar verliezen. En ook afstuderen op dit moment van het jaar heeft voordelen: vergeleken met juni, zijn er in februari veel minder kersverse kandidaten voor jobs. Ondertussen hebben ook drie andere opleidingen van de Arteveldehogeschool hun studieprogramma zo opgebouwd, dat studenten probleemloos kunnen starten in februari, en idealiter afstuderen eind januari drie jaar later. Het gaat om de bacheloropleidingen in de verpleegkunde, het bedrijfsmanagement en het sociaal werk.

Methodisch werken in de gezondheidszorg Een essentiële competentie van elke gezondheidswerker is methodisch werken: doelgericht werken en bewust kiezen voor een systematische en procesmatige aanpak in functie van de concrete zorgsituatie. Bij uitgeverij Garant verscheen hierover begin 2010 het boek ‘Methodisch werken in de gezondheidszorg’. De zeven auteurs zijn allen verbonden aan diverse bacheloropleidingen van de Arteveldehogeschool, en zijn lid van de Werkgroep Competentiegericht Onderwijs Gezondheidszorg binnen onze hogeschool. Voorzitter van deze werkgroep is Marleen Lauwers, arts en actief in de opleiding Bachelor in de vroedkunde. Het boek is niet enkel bestemd voor studenten uit alle opleidingen in de gezondheidszorg, het is ook een interessant naslagwerk voor zorgverstrekkers in het werkveld. Daarnaast is het een ankerpunt in de context van interdisciplinair samenwerken. ISBN: 9789044124484


10 jaar StaP Op 2 februari 2010 gingen Directeur-generaal van het Vlaams Secretariaat van het Katholiek Onderwijs Mieke Van Hecke (foto) en Tom Dekeyzer, beleidsmedewerker van Vlaams Minister van Onderwijs Pascal Smet, in debat over de samenwerking tussen lerarenopleidingen en stagescholen secundair onderwijs. Aanleiding van het debat was de tiende verjaardag van StaP, een uniek partnerschap tussen de Arteveldehogeschool en secundaire scholen. In 2000 richtte de opleiding tot leraar secundair onderwijs van de Arteveldehogeschool samen met een tiental secundaire scholen StaP op. Bedoeling was om als gelijkwaardige partners een nieuw samenwerkingsmodel voor stages uit te werken. Tien jaar later telt StaP 56 secundaire scholen en draagt het project een bijzonder kwaliteitsmerk van de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO). 

oso.arteveldehs.be/10jaarStaP

Meer SWITCH-trajecten dan u denkt Werk en studies combineren is niet vanzelfsprekend, zeker niet als er een gezinsleven bijkomt. Om de combinatie werk en een bacheloropleiding toch mogelijk te maken, biedt de Arteveldehogeschool een aantal SWITCH-trajecten aan. In nummer 32 van dit magazine (november 2009) werden enkele opleidingen die een dergelijk traject organiseren niet vermeld. Bij deze de volledige SWITCHlijst: Bachelor in het office management (afstandsleren, keuzetraject General management assistant), Bachelor in het bedrijfsmanagement (afstudeerrichting Accountancy-fiscaliteit), Bachelor in het onderwijs: kleuteronderwijs, Bachelor in het onderwijs: lager onderwijs, Bachelor in het onderwijs: secundair onderwijs, Bachelor in het sociaal werk (DELTA), Bachelor in de verpleegkunde (afstudeerrichting Ziekenhuisverpleegkundige), Bachelor in de vroedkunde.

H C !T

SW

Veel succes voor al wie via een SWITCH-traject zijn professionele toekomst een nieuwe wending geeft! 

www.arteveldehs.be/switch

Leerstoel Jos Willems opnieuw vinger aan de digitale pols

Focus op kwaliteit in de vroedkunde tijdens vierde Leerstoel Francine Gooris

De European PR Education en Research Association (Euprera) en de opleiding Bachelor in het communicatiemanagement van de Arteveldehogeschool organiseerden op 25, 26 en 27 februari 2010 samen het Euprera Spring Symposium, een driedaagse boordevol nieuwe webinzichten en actuele cases. De Leerstoel Jos Willems vormde het Nederlandstalige luik van het symposium op donderdagvoormiddag 25 februari. Onder de noemer ‘De Magie van Sociale Media’ maakte het talrijk opgekomen publiek kennis met wat deze webtoepassingen concreet betekenen voor merken en organisaties.

Op 25 en 26 februari 2010 organiseerde de opleiding Bachelor in de vroedkunde van de Arteveldehogeschool een wetenschappelijk symposium over kwaliteit in de vroedkunde. Titularis was de Australische Nicky Leap, vroedvrouw en lesgever aan de University of Technology in Sydney. De Amsterdamse gynaecologe Marion Heres was uitgenodigd als keynote speaker. Het symposium kaderde in de tweejaarlijkse Internationale Leerstoel Francine Gooris, die in 2010 aan zijn vierde editie toe was.

www.eupreraspringsymposium.org

www.arteveldehs.be/LeerstoelFG.


Zorgen voor leerzorg in het onderwijs

“Niet méér werk, maar erkenning van bestaand werk” Gewoon en buitengewoon onderwijs zijn vandaag twee gescheiden sporen. Er is samenwerking, maar die loopt niet optimaal en ze is vaak gebaseerd op vrijwillige inzet en enthousiasme. Het ‘leerzorgkader’ wil gewoon en buitengewoon onderwijs structureel op elkaar afstemmen. Vertrekpunt is niet langer het probleem, maar wel de noden van een kind. Arteveldemagazine legde zes stellingen over leerzorg voor aan drie betrokkenen uit het werkveld.

Wat is leerzorg? Eerst en vooral: er wordt al tien jaar aan gesleuteld, maar het decreet rond het leerzorgkader is er nog niet. De vorige Vlaamse regering keurde in 2008 een voorontwerp van decreet goed en volgens zijn kabinet heeft huidig minister van Onderwijs Pascal Smet hieromtrent “nog geen bijkomende standpunten ingenomen”. En dus legt het voorontwerp ook vandaag nog de lange advies- en beslissingsweg af. Waarover gaat het? Buitengewoon en gewoon onderwijs blijven bestaan en zullen intenser samenwerken. De huidige acht types buitengewoon onderwijs worden vervangen door een matrix van vijf leerzorgniveaus, elk opgedeeld in clusters en doelgroepen (zie afbeelding). Hoe hoger het leerzorgniveau, hoe meer de omgeving moet worden aangepast om een leerling optimaal te ondersteunen. Niveaus I en II zijn exclusief verbonden met het gewoon onderwijs, vanaf niveau III is een keuze mogelijk tussen buitengewoon en gewoon onderwijs. Vanaf leerzorgniveau III wordt niet gewerkt naar een diploma maar volgens een individueel curriculum. Niveau V betreft kinderen die tijdelijk niet kunnen schoollopen, bv. door ziekte. De clusters bepalen door welke beperking een kind participatieproblemen ervaart. De doelgroepen dienen vooral om de vergelijking met het huidige systeem te kunnen maken en vertrekken van diagnoses.

Cluster 1

Cluster 2

Cluster 3

Cluster 4

Leerzorgniveau III

Leerzorgniveau IV

Leerzorgniveau V

buitengewoon onderwijs

Leerzorgniveau II

gewoon onderwijs

Leerzorgniveau I

gewoon onderwijs

8

A. leerlingen met een lichte verstandelijke handicap; B. leerlingen met een leerstoornis; C. leerlingen met een matige, ernstige of diepe verstandelijke handicap; D. leerlingen met een motorische beperking; E. leerlingen met een visuele beperking; F. leerlingen met een auditieve beperking; G. leerlingen met een gedrags- of emotionele stoornis; H. leerlingen met een pervasieve ontwikkelingsstoornis


9

Marijke Wilssens is opleidingscoördinator van de bachelor-nabacheloropleidingen Buitengewoon onderwijs en Zorgverbreding en remediërend leren aan de Arteveldehogeschool.

Karolien Van Gassen is leerlingenbegeleider in de Broederschool Biotechnische in Sint-Niklaas (technisch en beroepssecundair onderwijs). Ze is oud-studente van én kersverse lesgever in de bachelor-nabacheloropleiding Zorgverbreding en remediërend leren.

Vera Henckens is leraar kleuteronderwijs, geeft les in het eerste leerjaar in OOBC De Nieuwe Vaart in Gent (buitengewoon basisonderwijs), en begeleidt als mentor studenten Buitengewoon onderwijs.

Stelling 1: Leerzorg betekent meer werk voor de leraar Karolien: De bezorgdheid om nog meer werk leeft bij heel veel collega’s in het gewoon onderwijs. Soms zijn ze ronduit woedend, maar dat komt vooral omdat ze het nieuwe systeem niet kennen. Wat doorsijpelt in de leraarskamer mist vaak omkadering. Marijke: De mythe van de extra werkdruk wordt versterkt door de vakbonden die zich tegen het toekomstige decreet hebben gekeerd. Die angst voor meer werk blokkeert vaak het debat. De huidige wetgeving Buitengewoon onderwijs dateert van de jaren ‘70 van de vorige eeuw, aanpassingen

zijn logisch en noodzakelijk. Bedoeling van het leerzorgkader is net dat de wet wordt aangepast aan de huidige onderwijssituatie in de praktijk. Zorg op maat zou beter ondersteund kunnen worden. Niet meer werk dus, maar erkenning voor werk dat ook nu al gedaan wordt.

automatisch vergroot. Marijke: En dat is ook de bedoeling. Door de zorg wettelijk te verankeren en weg te halen bij de goodwill van enkelen, ga je de concentratie van kinderen met zorgnoden net tegen. Vandaag gebeurt heel veel op vlak van zorg, maar in het gewone onderwijs gaat het veelal over goed bedoelde, maar onvoldoende gestuctureerde ondersteuning. Binnen het leerzorgkader verdwijnt voor kinderen met ernstige, complexe onderwijsbehoeften het verplichte streven naar de eindtermen in het gewone onderwijs, zoals dat nu al in het buitengewoon onderwijs het geval is. Ook een gewone school zal – in samenspraak met ouders en het Centrum voor Leerlingenbegeleiding (CLB) – kunnen gaan voor zorgmaatregelen en/of een individueel handelingsplan voor bepaalde leerlingen. Karolien: Nu blijven sommige leerlingen in het gewone onderwijs omdat hun ouders enkel focussen op het diploma dat eraan vast hangt. Dat is uiteraard een verkeerde motivatie. Uitgangspunt moet zijn: wat is goed voor het kind en welke omgeving stimuleert

Stelling 2: Er zullen magneetscholen ontstaan Karolien: De school waar ik werk heeft een goede naam op vlak van zorg, en trekt daarom meer dan andere scholen kinderen met zorgnoden aan. Als het leerzorgkader wordt opgenomen in alle scholen, wordt het draagvlak

Leerzorg in praktijk: de test! In 2009 werden 8600 leerlingen bij wijze van test “ingeschaald” volgens de criteria van het leerzorgkader. Enkele belangrijke conclusies: er wordt geen grote verschuiving verwacht tussen gewoon en buitengewoon onderwijs, ook nu reeds volgen bepaalde leerlingen in het gewoon onderwijs een individueel traject, en er is nood aan een mentaliteitswijziging: uitgangspunt zijn de specifieke onderwijsbehoeften van het kind, niet het “etiket” dat op een kind kleeft. Marijke Wilssens vertegenwoordigde de Arteveldehogeschool als promotor van dit grootschalig onderzoek dat samen met professoren van de Universiteit Antwerpen en onderzoekers van het Vrij Centrum Leerlingenbegeleiding Regio Gent werd uitgevoerd.


10 hem of haar het meest binnen de eigen mogelijkheden. Vera: Een kind om foute redenen te lang in het gewone onderwijs houden, kan nefaste gevolgen hebben. Maar het omgekeerde gebeurt ook: er zijn net zo goed ouders die hun kind omwille van de zorg koste wat het kost in het buitengewoon onderwijs willen houden. En dat terwijl die kinderen mits een minimale begeleiding perfect kunnen functioneren in het gewone onderwijs! Hen omringen met goede voorbeelden van leeftijdsgenoten werkt net stimulerend. Het is triestig te zien hoe kinderen met problematische thuissituaties soms ten onrechte in het buitengewoon onderwijs terechtkomen. Vaak zijn het de gezinnen die zorgbehoevend zijn, niet de kinderen op zich. Stelling 3: Zonder doorstroom van informatie lukt het niet Vera: Klopt. Als een ventje van zes wordt doorverwezen naar het buitengewoon onderwijs, zou ik graag overleggen met zijn vorige juf om precies te weten waarom hij wordt doorverwezen en welke inspanningen er al geleverd zijn. Marijke: Soms vinden dergelijke gesprekken plaats, maar zeker niet systematisch. Bij leerzorg is het de bedoeling dat voor alle leerlingen waarvan een diagnose gesteld is – vanaf de overgang van zorgniveau I naar zorgniveau II, wat betekent dat er nood is aan compensatie en dispensatie voor het kind – een gemotiveerd verslag wordt opgesteld door het CLB, in samenspraak met ouders en leerkrachten. Zo’n verslag moet een recht worden van kinderen en hun ouders. En scholen moeten het recht krijgen dat verslag in te kijken en bij te sturen. Karolien: Zo krijg je als toekomstige school een schat aan bruikbare informatie over iemand, nog voor je die persoon hebt ingeschreven. En in een gemotiveerd verslag staat niet enkel wat er allemaal fout loopt,

maar eerst en vooral wat iemand goed kan. Als een bepaalde aanpak al is geprobeerd en niet bleek te werken, dan lees je dat ook in het verslag. Dan hoef je als nieuwe school in diezelfde aanpak alvast geen energie te stoppen. Vera: Inderdaad, ik illustreer het nut van zo’n document met een bestaand voorbeeld: een kind in het vijfde leerjaar kan compleet niet uit het hoofd rekenen. Met een rekenmachine lukt het wel perfect, dus mag hij die in de klas gebruiken. Eenmaal in het middelbaar blijkt een rekenmachine voor een bepaalde leerkracht wiskunde totaal onaanvaardbaar. Resultaat: de jongen is “gebuisd”. Als in een gemotiveerd verslag zou staan dat die jongen een rekenmachine nodig heeft, zoals iemand anders een bril, dan kan geen enkele weldenkende leerkracht weigeren hem een rekenmachine te laten gebruiken. Stelling 4: Leerzorg vraagt extra vorming van leraars Vera: Als bijvoorbeeld kleuterleidsters door observatie tijdig problemen detecteren, kan er heel kort op de bal gespeeld worden. Dus ja, in alle basisopleidingen tot leraar zouden problematieken als autisme en ADHD behandeld moeten worden. Uiteraard zonder dat de aspirant-leraars zich erin moeten specialiseren! Marijke: Twee opmerkingen. Ten eerste zit het leren herkennen van specifieke onderwijsbehoeften bij die problematieken tegenwoordig wel degelijk in onze initiële lerarenopleidingen vervat. Ten tweede merken we dat er de laatste tien jaar veel meer wordt doorverwezen, naar het buitengewoon onderwijs, maar ook naar therapeuten, zorgleerkrachten enzovoort. De uitdaging bestaat erin studenten niet enkel te leren hoe ze problemen kunnen herkennen en benoemen, maar vooral hoe ze er

zelf mee kunnen omgaan. Komen tot een diagnose is één zaak, leraren dienen er echter vooral hun aanpak op te leren afstemmen. Karolien: Daar worstelen veel leerkrachten inderdaad mee. Als ze bij mij aankloppen, is het vaak met een heel concrete vraag: leerling x heeft dit of doet dat, hoe moet ik dat aanpakken? Ze verwachten van mij als leerlingenbegeleider geen theorieën over leerzorg, maar specifieke antwoorden. Marijke: Leerkrachten die recent afgestudeerd zijn, zijn vertrouwd met de nieuwe aanpak van zorg op school. Maar dat is nog iets anders dan als jonge leraar in een leraarskamer vol oude rotten hardop durven zeggen: “Jullie aanpak is globaal goed, maar voor dit kind niet ideaal, laat ons het zus of zo eens proberen.” Wie vernieuwing wil brengen in de onderwijswereld, dient soms op te boksen tegen clichés. Wij ondersteunen leraren om dit zorgzaam te proberen. Stelling 5: Leerzorg komt er niet Marijke: Of en wanneer het decreet leerzorg er komt, en welke naam het precies zal dragen, valt nu nog niet te voorspellen. Helaas weten we nog niets van de plannen van de nieuwe onderwijsminister, hij moet zich nu ook inwerken in dit dossier. Karolien: De essentie van het debat is niet of er een decreet komt en hoe het zal heten. Het gaat erom dat in de voorstellen die nu op tafel liggen voor iedereen die in het gewoon en het buitengewoon onderwijs werkt, heel bruikbare elementen inzitten. En die moeten we met beide handen grijpen en toepassen!

Wouter Viaene

Meer weten? Download het onderzoek op www.ond.vlaanderen.be/leerzorg.


Digitale media: een besmettelijk virus

11

Studenten veroveren internet met virale filmpjes Een lerares opent het verjaardagsgeschenk van haar leerlingen: twee hamstertjes. Ze schrikt, gooit het pakje op de grond en springt er bovenop. Op het internet was een filmpje met dit eenvoudige scenario goed voor meer dan 1 000 000 kijkers. De maker is Astrid De Ruddere, een studente uit de afstudeerrichting Multimediaproductie van de opleiding Bachelor in de grafische en digitale media aan de Arteveldehogeschool. De 21-jarige studente uit Ieper slaagde erin surfers op het internet te laten twijfelen over de echtheid van het filmpje. Zodanig dat ze het massaal doorstuurden naar vrienden. Het resultaat: in een mum van tijd haalde dit filmpje (op verschillende sites samen) meer dan 1 miljoen kijkers. Zelf benieuwd? Surf naar YouTube en zoek op ‘students surprise teacher birthday’.

De opdracht “De studenten uit onze afstudeerrichting Multimediaproductie kregen de opdracht met een viraal filmpje zoveel mogelijk bezoekers te lokken,” zegt Dany Dhondt, lesgever in de opleiding Bachelor in de grafische en digitale media van de Arteveldehogeschool. “Alvorens aan de slag te gaan, moesten ze stilstaan bij de vraag ‘Wanneer stuurt iemand iets door?’ ”

De maker “Als je nieuwsgierigheid wil wekken, moet je dat met iets actueels doen. En tegenwoordig zitten jongeren alsmaar meer met hun gsm te filmen, ook in de klas. Dus vertrok ik van dat thema”, verklaarde Astrid De Ruddere in Het Nieuwsblad. Haar filmpje werd immers niet enkel een megahit op het internet, het woekerde ook als een virus door de traditionele media. Van De Standaard tot Het Laatste Nieuws, van Studio Brussel tot het VTM-Journaal, overal doken de hamsters op. Wat zijn virals? Virals zijn een hedendaagse variant op de klassieke mond-aan-mondreclame. Het gaat om filmpjes die zich razendsnel over het internet verspreiden. Tegenwoordig trachten heel wat bedrijven aan de hand van dergelijke filmpjes virale webcampagnes op te zetten.

Kwaliteit boven kwantiteit Het aantal kijkers mag dan wel de ultieme maatstaf zijn in de reclamewereld, aan de Arteveldehogeschool primeert kwaliteit boven kwantiteit. En dus werden de filmpjes ook naar vorm en inhoud gequoteerd. Twee voorbeelden van filmpjes die (nog) geen miljoen kijkers haalden, maar zeker de moeite waard zijn:

Citaat: selder eten vergt meer energie dan je eruit haalt http://vimeo.com/8638070

Samengevat: aardappelen nemen wraak op kok http://www.youtube.com/watch?v=SSXE1k3FH00


12 xxx


13

SID-in’s en infodagen Ga ik voor hoger onderwijs? Welke opleiding ligt me het best? En voor welke stad en welke instelling kies ik dan? Typische vragen waarmee laatstejaars in het secundair onderwijs kampen. Om die te beantwoorden, organiseren de CLB’s (Centra voor Leerlingenbegeleiding) en het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming in elke Vlaamse provincie studie-informatiedagen, kortweg SID-in’s. De Arteveldehogeschool is op elke SID-in aanwezig. Kandidaat-studenten kunnen bij onze stand terecht met al hun vragen. Niet enkel over de inhoud van de opleidingen, maar over al wat bij studeren komt kijken, van studiebegeleiding tot de zoektocht naar een kot. Meer info op www.ond.vlaanderen.be/sidin.

Wie tijdens een SID-in de smaak te pakken heeft, maar graag specifieke info wil over een opleiding en het leven op een bepaalde campus, kan terecht op onze infodagen op zaterdag 24 april, zaterdag 26 juni en zaterdag 4 september 2010. Meer info? Check www.arteveldehogeschool.be.


14

De professionele rondlopers van de Kantienberg

Wie loopt daar door de gang? Ze zijn altijd bezig, doen hun job ongelofelijk graag en malen dagelijks heel wat kilometers af in de gangen van campus Kantienberg, de nieuwe campus van de Arteveldehogeschool die in september 2009 de deuren opende. Maak kennis met Dani, Jimmy, Chris, Eric, Marleen en Karin. Ze lopen rond, mét de glimlach. En zorgen voor de beamer, het afsluiten van de deuren, nette gangen, de koffie, het uitlenen van spuiten en pillen en zoveel meer.

Campus Kantienberg is een prachtig gebouw. Met enorm veel gangen en trappen. Soms worden die bevolkt door horden studenten, op weg naar de volgende les of een bezoekje aan de mediatheek. Gangjongeren, meneer. Je kent ze wel. Soms dorstig naar kennis en vaardigheden, soms gewoon dorstig. Of hongerig. Dan weer oogt de campus opmerkelijk rustig. Maar dat is slechts schijn. Altijd is er wel iemand die passeert. Een zoekende student – zo zijn er wel meer – een lector die tijd doodt, een ijverige medewerker met dossiers onder de arm. Ze duiken plots op en even snel verdwijnen ze in de anonieme massa die alweer aanzwelt. Vermagerd Je hebt ook professionele rondlopers op Kantienberg. Medewerkers in wiens jobprofiel het staat dat ze moéten rondlopen. Tijdens de werkuren, dan nog wel. Dani Baert (44) is er zo een. AVMverantwoordelijke. Voor de quizzers: AVM staat voor audiovisueel materiaal. “Ik zorg ervoor dat lokalen uitgerust zijn met dvd’s, beamers en een geluidsinstallatie”, licht hij toe in de technische ruimte achteraan aula A3 waar hij aan het experimenteren is met nieuwe videotoepassingen. “Ik leer graag bij. Wil echt weten hoe iets in elkaar zit en wat ik ermee kan doen.” Lap, het interview met Dani moet onderbroken worden. Een dringende interventie. Een collega krijgt zijn powerpointpresentatie niet op groot scherm getoverd. “Sorry,

Jimmy Coryn en Dani Baert (rechts): “De inhoud is prioritair. Techniek moet ondersteunend werken, op de achtergrond blijven.”

dit gaat voor.” Dani snelt naar het lokaal en fikst het probleem in no-time. Mét de glimlach. “Ja, ik help mensen graag”, straalt hij. “De inhoud is prioritair. Techniek moet ondersteunend werken, op de achtergrond blijven. Het heeft geen zin dat ik zeg dat ik morgen zal passeren: de les moet kunnen beginnen.” Lectoren zijn hem daarvoor dankbaar, de studenten ook. “Dat respect voel ik. Het is een van de redenen waarom ik het graag doe. En ik vind het ook niet erg om iets zogezegd onnozels op te lossen. Ik heb liever dat ik het zelf doe, dan iemand die zit te prutsen waardoor het probleem verergert.” Een toffe job, dus. “Ik werk graag in een leeromgeving. Dat stimuleert mij”, zegt hij. “Ja, soms steek ik wel iets op van de lessen. Als het bijvoorbeeld net gaat over beeld en

film, spits ik m’n oren en denk ik: dat is goed uitgelegd en zo heb ik het ook begrepen.” Zestig lokalen heeft hij onder zijn hoede. Veel van z’n tijd gaat naar hulp aan collega’s in nood. “Ik doe wel wat kilometers in het gebouw”, lacht hij. “Ik ben al drie kilo vermagerd.” Verloren lopen doet hij niet meer in de Kantienberg, maar soms twijfelt hij wel even of hij nu links of rechts moet. “De campus is niet altijd intuïtief ingericht. Ik moet nog vaak nadenken.” Net als iedere medewerker vindt hij het gebouw prachtig om in te werken, maar heeft hij nog wat op z’n verlanglijstje staan, zoals die zonwering in de lokalen van de toren zodat dat het echt donker kan zijn, waardoor dat éne filmpje of straffe powerpoint ten volle tot zijn recht komt.


15 Veiligheid Wie kan meespreken over licht en donker, is Jimmy Coryn (32), de conciërge van de Kantienberg. “Mijn werkuren lopen van zes tot negen ’s morgens en van vijf tot acht ’s avonds”, zegt hij. Jimmy opent en sluit. Hij zorgt dat de eerste medewerkers of studenten binnen kunnen en kijkt nauwlettend toe of er ’s avonds niemand achterblijft. Hij checkt of alle ramen en deuren gesloten zijn. “Ik doe zo’n uur tot anderhalf uur over m’n toer”, zegt de professionele rondloper bij uitstek. Het gebouw kent hij ondertussen als z’n eigen broekzak. De gangen ruiken vertrouwd, hij weet ook welke trap naar welke bestemming leidt. De school is beetje een tweede thuis. Letterlijk,

want hij woont met z’n gezin in een appartement boven de Arteveldeshop, een winkel met studiemateriaal. “Het is er huiselijk. Maar als het nodig is, ben ik vlug op m’n werk (lacht).” Werk en privé lopen wat door elkaar bij Jimmy. “Zeker de eerste maanden, met de verhuis en de werklui die hier ook ‘s nachts en in alle vroegte bezig waren.” “Ik ben als een goede huisvader voor dit gebouw”, zegt de voormalige medewerker toezicht bij het Gentse gerechtsgebouw. “Veiligheid is m’n ding. Wie ’s avonds schrik heeft om alleen naar de garage te gaan, begeleid ik graag.” ’s Nachts wordt een alarmsysteem aangeschakeld, maar ook Jimmy waakt. “Hoor ik een verdacht

Eric over Chris: “Ik heb nog nooit zo’n straffe madam geweten met zo veel kracht.”

geluid, dan spring ik meteen uit mijn bed om te controleren wat er gaande is.” Zo heeft hij al een paar al te nieuwsgierige nachtelijke bezoekers afgeschrikt. Het verhaal over wat studenten – neen, niet van de Arteveldehogeschool – (bijna) deden op een onchristelijk uur in de lift, is niet voor publicatie vatbaar. Jimmy heeft sinds kort ook een hond. Een brutaal kwijlend monster dat hij met moeite in bedwang kan houden? Neen, gelukkig niet. Het is een chichu, een kleine donzige viervoeter die eerder charmeert dan chargeert. “Cadeau gekregen van het poetspersoneel. Ze hadden hem buiten in de vrieskou gevonden, alleen en achtergelaten. Ze vonden dat ik zo’n waakhond best kon gebruiken.”

Schrobschuurmachine Dat brengt ons naadloos bij Chris De Groote (52) en Eric De Pourck (47), het poetsduo dat alle gangen, van ‘de nul’ tot de tiende verdieping, boent. Samen met acht collega’s van het poetsteam doen ook zij dagelijks hun kilometers. Sinds een paar weken hebben ze de hulp van een industriële schrobschuurmachine, een soort autootje. “Je kan er zo’n tien kilometer per uur mee halen”, zegt Eric. “Maar dat is zinloos. Je moet grondig poetsen, niet crossen.” Eric is nieuw op de hogeschool. “Vroeger onderhield ik machines bij een industrieel schoonmaakbedrijf. Hier is het veel aangenamer, en ook gezonder. En ik heb er een toffe collega bij (verwijst naar Chris). Ik heb nog nooit zo’n straffe madam geweten met zo veel kracht. Ze sleurt met emmers en kasten. In het begin droeg ze alles alleen, dat was geen zicht voor mij als man. Maar allez, nu deelt ze haar emmers (lacht).” Voor Chris was de nieuwe campus een hele aanpassing, dat geeft ze grif toe. “Ik poetste voordien in twee kleinere campussen die sinds de komst van Kantienberg verdwenen zijn. Ik was er vaak de eerste en de laatste aanwezig, en ik was op de hoogte van waar lectoren en studenten mee bezig waren. Ik had veel verantwoordelijkheid.” Campus Kantienberg is, zeker de eerste weken, een verhaal van groter en voor haar een stukje anoniemer. “Ik heb met pijn in het hart afscheid genomen van mijn vorige werkplek. Maar ik wil niet te veel meer klagen. Ondertussen heb ik m’n draai wel gevonden. Het gebouw is ‘de max’, we werken nu met beter materiaal, ik heb er toffe collega’s bij gekregen en we krijgen nu ook verantwoordelijke taken”, zegt Chris. En de poetsploeg krijgt respect voor haar werk. Chris: “Het contact met studenten is cruciaal. Als ze je kennen, zijn ze veel properder. Door die waardering beginnen we elke dag met een glimlach aan onze taak.” Alleen die witte muren, die o zo gevoelig zijn voor het stevig schoeisel van de studenten … daar moet volgens Chris en Eric nog iets op worden gevonden.


16 800 tassen Tijd voor een koffiepauze. Marleen Lamot (55) schenkt ons een tas uit en komt er even bijzitten. Een uitzondering, normaal loopt de immer opgewekte Marleen ook altijd wel ergens rond, duwt ze haar karretje van hot naar her om vergaderingen te voorzien van dampende koffie, hete thee of fris water. Met een koekje, op aanvraag. En als er iets te vieren viel, brengt ze de lege flessen discreet naar de juiste afvalbak. Haar uitvalsbasis is de ‘ontspanningsruimte’ op de tweede verdieping, zoals de koffiekamer of het lectorenlokaal officieel heet. Samen met haar collega Martine Vlaeminck maakt ze hier de dienst uit. Marleen: “Ik zet hier de koffie klaar, zorg dat de pot soep dagelijks naar boven komt en waak erover dat alles netjes blijft. Ik kuis vier keer per dag de tafels af en veeg tweemaal per dag de vloer”, zegt ze. “De mannen zijn over het algemeen properder dan de vrouwen”, zegt Marleen Lamot. En o wee als je een tas ‘vergeet’ af te ruimen, dan kan je een vermanende vinger van Marleen krijgen. “Oh, ik plaag graag”, lacht ze. “Ik heb eigenlijk geen klagen.” Of toch? “Ik moet zeggen: de mannen zijn over het algemeen properder dan de vrouwen.” Ja, ook voor haar was de verhuis naar campus Kantienberg een hele aanpassing. “Ik zat er wel wat mee in, dat klopt. Ik kwam van de campus ‘gezondheidszorg’ en kende daar iedereen, en dan kreeg ik er veel onbekend volk bij. En ik hoorde ook de verhalen dat die anders zouden zijn.” Maar ondertussen heeft Marleen meer dan haar plek gevonden. “Ik ben happy. Iedereen valt echt mee”, straalt ze. “Misschien dat er nog hier en daar een bloemetje op de vensterbanken kan, of ergens nog een grote kast in het midden met wat plaats voor suiker, melk en lepeltjes, maar dat zijn details. Dat komt wel in orde.” Marleen is toegewijd, anders kan je het niet omschrijven. Ze houdt verloren voorwerpen bij en redt radeloze medewerkers wiens locker plots potdicht blijkt uit de nood. ‘s Ochtends is ze altijd vroeg op post: “Om half acht komen de eerste medewerkers toe, en ik wil ze dan echt wel een kopje warme koffie kunnen aanbieden om de dag goed te beginnen.” En dat er op de Kantienberg grote koffieslurpers rondlopen, weet Marleen als geen ander. “Het record is 800 tassen op één dag, dat zie ik aan het aantal pakken koffie dat ik open. Dat was begin januari, tijdens de examenperiode. Blijkbaar hebben lectoren evenveel stress als studenten”, lacht ze.

De job van mijn leven Een laatste bezoekje brengen we aan Karin Vermeiren (42), verantwoordelijke materiaalbeheer gezondheidszorg. Achter de grote schuifdeuren van de vijfde verdieping gaat een nieuwe wereld open. Het is haar materiaalruimte, een twintig meter lange baan waar ze dagelijks in rondloopt. Zoals in het echt: kasten, bakjes en schuiven vol met spuiten, buisjes, pillen, schorten, gips en alles wat studenten logopedie, audiologie, podologie, ergotherapie, verpleegkunde en vroedkunde nodig hebben voor hun praktijklessen. Ook testmateriaal wordt hier uitgeleend, net als rolstoelen, praktijkkoffers … “Ik ben dolgelukkig met deze ruimte”, zegt Karin. “Vroeger moest ik het doen met een lokaaltje van vier bij vier meter waar alles op elkaar gestapeld was, nu kan ik alles overzichtelijk bijhouden én rondlopen.” Meer dan vijfhonderd dozen telde Karin bij de verhuis, die zijn ondertussen netjes uitgepakt en uitgestald. En ook de 28 bedden met levensechte poppen voor de praktijklokalen heeft ze nu onder haar hoede. Ze zorgt ervoor dat de inhoud van de oefenboxen voor de Karin Vermeiren: “Ik ben dolgelukkig oefenmomenten in het vaardigheidscentrum met deze ruimte.” klopt. Ook voor de aankoop van oefenmateriaal zoals gips kunnen de studenten in de materiaalruimte terecht. “Het is een cliché, maar ik heb echt de job van mijn leven gevonden”, straalt ze. “Het is hier altijd een va-et-vient. Ik zie heel veel collega’s en studenten passeren en iedereen is supervriendelijk. Ik ben zelf ook heel leergierig en altijd benieuwd naar nieuwe toepassingen of naar nieuwe spulletjes die binnenkomen.” Het grootste geheim zit in de diepvriezer, in de spoelruimte. Wat het is, dat moet je haar maar eens vragen. Als je even tijd hebt en rondloopt in campus Kantienberg. Peter-Jan Bogaert


17

Bachelors op maat en ritme van de bedrijfswereld

En de winnaar is: duurzaam ondernemen De toekomst is aan ondernemers die oog hebben voor mens, milieu en maatschappij. Eerder dit academiejaar organiseerde de Arteveldehogeschool in samenwerking met het bedrijfsleven voor de derde keer de ‘Week van het duurzaam ondernemen’. Opvallendste gast was een Nederlander die bewees dat innovatie en duurzaamheid hand in hand gaan. Komend academiejaar wordt de week – onder het motto kort en krachtig, maar duurzaam – ingekort tot een tweedaags evenement.

Onderwijs en bedrijfsleven zijn geen gescheiden werelden. Stages en tewerkstelling linken opleidingen en werkveld het meest zichtbaar, maar de onderlinge verbondenheid gaat veel verder. Via de opleidingsadviesraad waken vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven erover dat de opleiding aansluit bij de beroepspraktijk. Dat geldt voor alle professionele bacheloropleidingen, maar zeker de opleidingen Bachelor in het bedrijfsmanagement en Bachelor in het office management zijn sterk verbonden met het bedrijfsleven. Terugkerende initiatieven zorgen voor een continue kruisbestuiving tussen opleidingen en werkveld. Een ervan is de Week van het duurzaam ondernemen, komend academiejaar ingekort tot een tweedaags evenement. Uitgangspunt is dat winst essentieel blijft, maar dat de manier waarop die vergaard wordt, aan belang wint. Onze bacheloropleidingen in het bedrijfsen office management beseffen dat en trekken mee aan de kar. In maart 2011 worden de tweedejaars van de opleidingen twee dagen ingewijd in duurzaam ondernemen. Dat dit initiatief door de Arteveldehogeschool wordt georganiseerd, is geen toeval. De missie van de hogeschool beklemtoont herhaaldelijk het belang van maatschappelijk engagement en het streven naar kwaliteit. Voor meer informatie, mail annemarie.vanonsem@arteveldehs.be.

Groene goeroe laat studenten het licht zien Dit academiejaar was de meest opvallende gast tijdens de Week van het duurzaam ondernemen ongetwijfeld Ruud Koornstra. Deze flamboyante Nederlander noemt zichzelf geen groene ondernemer, maar een ‘verstandige ondernemer die durft doordenken’. Volgens Koornstra is duurzaam ondernemen een manier van kijken. De ooit succesvolle televisiemaker is op missie om de wereld ervan te overtuigen dat duurzaam ondernemen enkel winnaars Ruud Koonstra kent: consument, producent © Corbino fotografie én milieu. Koornstra pleit voor het afzetten van oogkleppen. Hij beweert dat de oplossingen voor heel wat mondiale bedreigingen voor het rapen liggen, én dat er met duurzaam ondernemen geld te verdienen valt. De LED-lamp is zijn lichtend voorbeeld van hoe het anders kan. De energiezuinige lamp is gezien haar lange levensduur financieel aantrekkelijk. En sinds LED-lampen ook warm licht kunnen uitstralen, hoef je als klant van dit duurzaam artikel ook helemaal niet in te binden op luxe. Geen lucht maar feiten Dat Ruud Koornstra een vlotte spreker is, is een understatement. En dat onze studenten vooraf terughoudend waren omwille van zijn goeroe-achtige bekeringsdrang, is dat net zozeer. Maar Koornstra wist de kritische toehoorders te overtuigen. Zijn vooruitstrevende en creatieve visie bleek niet gebaseerd op lucht, maar op feiten. Benieuwd welke innoverende kleppers we in 2011 mogen verwachten! Wouter Viaene


18

Voortstuderen groeit verder

Klimmen als een zalm “Een professionele bachelor vóór een master is een verrijking!” Daarover zijn Annelies en Ida het eens. Annelies volgt de masteropleiding in het sociaal werk aan de Gentse universiteit. Ida keerde na een gevarieerde studie- en werkloopbaan terug naar de Arteveldehogeschool, als medewerker weliswaar. “Maar dat betekent niet dat studeren een afgesloten hoofdstuk is. Ik wil blijven bijleren.” Arteveldemagazine op de zalmtrap.

Om te paren keren zalmen terug naar hun geboortegebied. Instinctief zwemmen ze honderden kilometers stroomopwaarts. Is de stroming te sterk, dan bekopen ze het met hun leven. Dankzij een zalmtrap kan dat voorkomen worden. Het principe: via een trap wordt het te overwinnen hoogteverschil opgedeeld in treden die wel haalbaar zijn. En zo slaagt een zalm erin zelfs een waterval te beklimmen. En wat is de link met het onderwijs? Het ‘watervaleffect’ is gekend in de onderwijswereld: leerlingen of studenten mikken te hoog en ‘zakken’ nadien naar een lager onderwijsniveau. Typisch is de waterval van algemeen onderwijs, via technisch, naar beroepssecundair onderwijs. Een vergelijkbaar fenomeen doet zich voor in het hoger onderwijs. Studenten die niet slagen aan de universiteit starten nadien vaak aan een hogeschool. Analoog met het principe van de zalmtrap, kan die negatieve redenering compleet omgedraaid worden. Door onderwijsniveaus op elkaar te laten aansluiten, kunnen studenten stapsgewijs groeien. Een voorbeeld is de overgang via een schakelprogramma van een professionele bacheloropleiding naar een masteropleiding. Een schakelprogramma duurt meestal één studiejaar.

Verder studeren als een vis in het water Zowat de helft van wie een bachelordiploma behaalt aan de Arteveldehogeschool, studeert verder. Dat betekent niet dat die studenten allemaal naar de universiteit trekken. “Bij voortstuderen in het hoger onderwijs, wordt klassiek gedacht aan de stap van een bachelor naar een master”, zegt Eva Booms, verantwoordelijk voor het uitstroom- en alumnibeleid aan de Arteveldehogeschool. “Maar de mogelijkheden om verder te studeren zijn veel ruimer. Een op drie van onze studenten die verder willen studeren, gaat voor een master. Een op tien kiest voor een extra bacheloropleiding en een op vijf gaat voor een banaba, wat staat voor bachelor-nabacheloropleiding.” De Arteveldehogeschool biedt drie bachelorna-bacheloropleidingen aan en organiseert daarnaast twaalf postgraduaten en een hele reeks bijscholingen. Keuze genoeg dus. De motivatie om een bijkomende opleiding te volgen, hangt af van het type opleiding. Veel voorkomende redenen zijn: betere tewerkstellingskansen, verdieping van de vakkennis en persoonlijke verrijking. Of hebben ze gewoon nog geen zin om te gaan werken? “Onze doorsnee bachelorstudenten zijn 20 of 21 als ze hun diploma behalen. Sommigen voelen zich op dat moment inderdaad nog niet rijp om de stap naar werk te zetten, maar dat betekent niet dat ze niet bewust voor verdieping of verbreding kiezen. Bovendien combineert meer dan 60 procent van onze afgestudeerden hun extra opleiding met een job. Een aantal van onze bacheloropleidingen hebben onder de noemer ‘SWITCH’ zelfs specifieke trajecten uitgewerkt voor wie werk en studie wil combineren.” Meer over onze SWITCH-trajecten op www.arteveldehs/switch en op pagina 7 van dit magazine.


19

“IK WIL ME CONTINU VERDIEPEN”

“PRAKTISCHE BAGAGE HELPT OM VERBANDEN TE ZIEN”

Wie haar bomvolle cv bekijkt, kan moeilijk geloven dat Ida Veldeman nog maar 30 is. “Ja, ik heb al veel gedaan,” zegt ze, “maar zowel in mijn studieloopbaan als in mijn werkervaring zit een duidelijke lijn.”

“Toen ik begon aan de opleiding Bachelor in het sociaal werk, stond ik niet stil bij een mogelijk vervolg aan de universiteit. Maar tijdens mijn bachelorstudies raakte ik zo gebeten dat ik me verder wilde verdiepen in het sociaal werk”, zegt de 22-jarige Annelies De Pauw. In 2008 studeerde ze aan de Arteveldehogeschool af als maatschappelijk assistent. Na een schakeljaar volgt ze nu de Master in het sociaal werk aan de Gentse universiteit.

Voor de klas staan is een vorm van acteren “Na mijn opleiding secundair onderwijs wilde ik aanvankelijk actrice worden. Ik speelde in het NTG (Nederlands Toneel Gent, n.v.d.r.), maar zag ook hoe moeilijk het was om als acteur op lange termijn op een voor mij uitdagende manier de kost te verdienen. Onder het motto ‘voor de klas staan is ook een vorm van acteren’ besloot ik de opleiding tot leraar secundair onderwijs te volgen aan de Arteveldehogeschool.” En dat was nog maar het begin. Nadien volgde het diploma Master in de sociale en culturele antropologie aan de Katholieke Universiteit Leuven en een hogere beroepsopleiding Management en Agogiek. Combinatie werk en studies Vandaag werkt Ida als ondersteunend medewerker in de opleiding ‘Bachelor in het onderwijs: secundair onderwijs’ aan de Arteveldehogeschool, de opleiding waar ze zelf haar eerste diploma hoger onderwijs behaalde. Voordien was ze onder andere regiocoördinator bij het OostVlaamse diversiteitscentrum en HR-adviseur rond tewerkstelling van kansengroepen. “Ook tijdens mijn studies heb ik altijd gewerkt: als hostess, als repetitor, bij een marketingadviesbureau, als begeleider van studenten met een handicap enzovoort.” De scheiding tussen studeren en werken heeft Ida nooit gekend. Van Thaise massage tot Chinese geneeskunde “Ik heb even als lerares in het secundair onderwijs gewerkt, maar dat leek niets voor mij. Lesgeven in het hoger onderwijs zie ik me ooit wel nog doen. Ik hou van uitdagingen en van positieve competitiviteit. Ik wil me continu verdiepen. Ook in mijn vrije tijd volg ik cursussen, van Thaise massage tot Chinese geneeskunde. Momenteel trek ik als jonge moeder veel tijd uit voor mijn dochtertje. Maar dat betekent niet dat studeren een afgesloten hoofdstuk is. Ik wil blijven bijleren. En bovendien: ik hou van examens!”

Merk je een verschil tussen studeren aan de hogeschool en de universiteit? “De sfeer op de campus Sint-Anna van de Arteveldehogeschool was fantastisch. Doordat we vaak in kleine groepen werkten, verliep het contact met medestudenten en met lectoren heel spontaan. Die campus is zo ingericht dat er verschillende ruimtes zijn waar je ‘s middags gezellig kan samenzitten. En er is een leuke tuin!” “Aan de universiteit zijn de lesgroepen groter. Dat maakt het contact wat moeilijker, maar het lukt best hoor. In mijn schakeljaar volgde ik vakken met eerste-, tweede- en derdejaars uit de academische bachelors. En persoonlijk contact met een prof die voor een auditorium van vierhonderd man staat, is natuurlijk moeilijk. Nu ik de master volg, heb ik ‘maar’ les met een honderdtal medestudenten. Veel profs trachten de lessen bovendien interactief te maken en sporen ons aan om vragen te stellen. Maar voor een vol auditorium is dat niet altijd evident.” “Ook de lesinhouden zijn anders. Aan de universiteit krijg je minder les, de theorie is iets abstracter en er wordt meer zelfstandigheid en zelfstudie verwacht.” Had je achteraf bekeken liever een academische dan een professionele bacheloropleiding gevolgd? “Neen, ik ben blij dat ik tijdens mijn opleiding aan de Arteveldehogeschool praktijkervaring heb kunnen opdoen. De praktische bagage die ik verworven heb tijdens mijn stage komt vaak van pas, bijvoorbeeld om linken te leggen binnen het theoretische kader dat ik nu voorgeschoteld krijg.”

Wouter Viaene


20

Twee jaar later: Hanne Vervaeke (24) Bachelor in de podologie

Iets met voeten? “Podologie, wat is dat?” Het was de meest voorkomende reactie die Hanne Vervaeke kreeg toen ze in 2005 de opleiding Bachelor in de podologie begon. Vijf jaar later heeft ze een eigen praktijk, maar diezelfde vraag staat nog steeds op nummer één. Podologie is onbekend. “Maar toekomstgericht”, voegt Hanne er enthousiast aan toe. En neen, we hebben het niet over pedicure!

“De verwarring tussen podologie en pedicure doet de haren van elke podoloog rechtop staan. Pedicure is voetverzorging. Als podoloog doe je veel meer dan dat. Je bent net zo goed een bewegingsanalist die kijkt hoe voeten biomechanisch bewegen. Je onderzoekt, analyseert en herstelt problemen die hun oorzaak vinden bij de voet. Heel wat rugklachten zijn daar een typisch voorbeeld van. Helaas is podoloog vandaag nog geen erkend beroep. Sinds kort ben ik bestuurslid van de Federatie van Belgische Podologen die ijvert voor erkenning van het beroep. Zolang die er niet is, kunnen schoonheidsinstituten ongestraft uitpakken met misleidende ‘pedicure-podologie’behandelingen die nergens op slaan.” Aan het woord is de 24-jarige Hanne Vervaeke uit Zwevegem die in 2008 haar diploma Bachelor in de podologie behaalde aan de Arteveldehogeschool. De erkenning Doordat het beroep van de podoloog niet officieel erkend is, kan je na een consultatie bij een podoloog niets terugvorderen van het ziekenfonds. “Die financiële drempel zal sommigen ervan weerhouden een podoloog te raadplegen”, zegt Hanne. “Anderzijds betekent het ook dat wie wel op consultatie komt, er bewust voor kiest en gemotiveerd is. Het gaat om mensen die geld en aandacht willen besteden aan

hun gezondheid. Zo’n mensen verder helpen, geeft uiteraard veel voldoening.” Het verschil Wie met voetproblemen bij een orthopedist gaat, kan wèl rekenen op een gedeeltelijke terugbetaling door het ziekenfonds. Maar dat is niet het enige verschil. “Een orthopedist kijkt naar je voet en stuurt je met een voorschrift naar een orthopedische schoentechnieker die een zool voor je maakt. In dat geval krijg je een prefabzool die aan jouw voet is aangepast. Als podoloog werk ik al snel drie uur aan een

“Ik ben mijn eigen baas. De vrijheid die dat oplevert is fantastisch.” paar zolen, maar die zijn dan ook volledig op maat van de patiënt. En voor ik aan een zool begin kijk ik niet enkel naar de voet, maar ook naar de knieën, de heupen en de rug. Podologen en orthopedisten zouden eigenlijk perfect kunnen samenwerken. In de praktijk gebeurt dat helaas zelden.” Multidisciplinair denken Met heel wat andere (para)medische beroepen verloopt de samenwerking wel uitstekend. In Zwevegem heeft Hanne een

eigen zelfstandige praktijk boven een groepspraktijk van vier huisartsen. Behalve Hanne, huizen er onder hetzelfde dak ook enkele psychologen, een kinesist, een osteopaat, een logopedist en een diëtist. “Die letterlijke concentratie maakt doorverwijzen eenvoudig. En het verlaagt de drempel naar een multidisciplinaire aanpak die net essentieel is voor heel wat medische problemen. Zelf heb ik ook al verschillende patiënten doorverwezen.” Baas in eigen praktijk Momenteel werkt Hanne 2 à 3 dagen per week in haar eigen praktijk. “Dat varieert van week tot week. In drukke periodes kan het best zijn dat ik ook op zondag zolen aan het maken ben. Maar dan kies ik daar zelf voor, ik ben mijn eigen baas. De vrijheid die dat oplevert is fantastisch. En dat geldt ook voor de variatie in mijn werk. Mijn patiënten zijn zowel kindjes met een fout gangpatroon, als mensen die onaangepaste schoenen dragen, sporters die kampen met overbelasting, en diabetici die komen voor een check up.” Jobs combineren Hanne werkt ook met diabetici in de voetkliniek die verbonden is aan het Universitair Ziekenhuis van Gent. “Daar ben ik elke donderdagmiddag aan de slag. Mensen met diabetes kunnen lijden aan neuropathie. Dit betekent dat hun zenuwen aangetast zijn, waardoor hun


21 voeten ongevoelig worden. Een klein steentje in een schoen kan daardoor leiden tot een ernstige wonde die maar moeilijk geneest. Een andere doelgroep van de voetkliniek zijn reumapatiënten die wonden krijgen doordat vergroeiingen van de voet op bepaalde plaatsen een te grote druk veroorzaken.” En dat is niet alles: wekelijks werkt Hanne ook één dag als podoloog in een groepspraktijk in het Nederlandse Hulst. “Dat was de eerste job die ik na mijn studies deed, aanvankelijk vier dagen per week, nu nog één. De combinatie van de verschillende werkplekken is leerrijk, maar toch hoop ik me op termijn 100% op mijn eigen zelfstandige praktijk te kunnen focussen.”

Lopen is hip In dat geval zal Hanne ook haar werk in een gespecialiseerde loopwinkel in Gent moeten laten. Daar geeft ze elke zaterdag deskundig advies over de aankoop van de juiste schoenen. “Sinds Start to Run en gelijkaardige initiatieven, stijgt de populariteit van lopen enorm. Helaas beginnen heel wat mensen eraan met meer enthousiasme dan gezond verstand. Het merendeel van de klanten klopt bij de speciaalzaak aan nadat ze pijn hebben ondervonden bij of na het lopen. Veelal kochten ze hun loopschoenen voordien lukraak in een grote winkelketen. Sommigen lopen niet eens met loopschoenen, dat is uiteraard om problemen vragen. Elke voet is anders. De ene loper heeft baat bij een neutrale schoen, de andere bij een antipronatieschoen die voorkomt

Hanne Vervaeke:“Sinds Start to Run en gelijkaardige initiatieven, stijgt de populariteit van lopen enorm. Helaas beginnen heel wat mensen eraan met meer enthousiasme dan gezond verstand”

dat de voet naar binnen valt. Daarom zorg ik als specialist voor advies op maat.” Blijven leren Podologie is een relatief jonge discipline die nog volop evolueert, beseft Hanne. “Dat maakt het net boeiend. Ik wil blijven leren, weten welke onderzoeken er gebeuren en de resultaten ervan gebruiken in mijn praktijk. In januari van dit jaar heb ik aan de Arteveldehogeschool nog vier sessies van een bijscholing gevolgd rond de rol van de podoloog bij topsporters. De kennis die ik daar opdeed is veel breder toepasbaar dan enkel bij sportlui. In de marge ging het zelfs over de Crocs en teenslippers, een ware plaag.” Misschien één die ook u binnenkort kennis laat maken met een podoloog? Wouter Viaene


22

Student aan het woord: Bachelor in de journalistiek

‘Welcome to the Voice of Mongolia’ Dat de hoofdstad Ulaanbaatar is, was me bijgebleven na een spelletje Trivial Pursuit. Dat er veel paarden waren. En dat de grote veroveraar Djengis Khan er ooit zijn thuisbasis had. Veel meer wist ik niet over Mongolië toen ik er in juni 2009 naartoe vloog. Mijn missie: twee maanden stage bij radiozender The Voice of Mongolia.

‘Welcome to the Voice of Mongolia in English, this is Marijke, from Ulaanbaatar, the capital of Mongolia’, was mijn vaste openingszin. The Voice of Mongolia is een onderdeel van de Mongolische openbare omroep. Tijdens mijn stage werkte ik mee aan de productie van Engelstalige programma’s. Op woensdag was ik gastvrouw van de Mongolische versie van Vlaanderen Vakantieland. Op vrijdag mocht ik het economische en politieke klimaat in Mongolië onder de loep nemen. Gevoelige maag Mijn eerste week was vooral gericht op research. Zowat elke medewerker van de Mongolian National Broadcaster

die een mondje Engels sprak, werd ingeschakeld om mij te introduceren in de recente geschiedenis van het land. En bij elk gesprek hoorde eten en drinken. Dat Mongolië geen land is voor gevoelige magen, mocht ik aan den lijve ondervinden. Een voorbeeld van de lokale delicatessen? Gefermenteerde merriemelk die na het drinken gist in je maag … Te paard op reportage Om mijn ‘Vlaanderen Vakantieland goes Mongolia’ voor te bereiden, ging ik regelmatig op minitrip door Mongolië. Ulaanbaatar is één van de meest chaotische steden in Azië. Het was telkens een verademing om de drukte achter mij te laten en met een rugzak vol

De vaste journalisten vonden het fantastisch dat Marij te paard op reportage wilde gaan. “Voor hen was het banaal.”

eten en opnamemateriaal naar het uitgestrekte platteland te trekken. De vaste journalisten vonden het bovendien geweldig dat ik op stap wou gaan. Voor hen was het behoorlijk banaal en alledaags om te paard op reportage te gaan. Ik vond het machtig! Attractie van de dag Mongolië werd vorige zomer zwaar getroffen door hevige regens. Veel Mongoliërs verloren hun hebben en houden, en heel wat kinderen werden uit veiligheidsen gezondheidsoverwegingen geëvacueerd naar het platteland. Tijdens mijn stage kreeg ik de kans om mee te reizen met een UNICEF-konvooi dat onder andere kledij en speelgoed uitdeelde. Wat ik zag, trof me zwaar. Maar ik was ook blij omdat ik de kinderen een fijne tijd kon bezorgen: weinigen hadden ooit een blonde – naar Mongolische normen – reuzin in levende lijve gezien. Ik werd de attractie van de dag. Onvergetelijk Mijn trip naar Mongolië was een droom die uitkwam. En ik kan er nog een cliché aan toevoegen: het was een uitdaging. Eén met veel verantwoordelijkheid, die ik met beide handen heb gegrepen. Ik heb heel wat geleerd over het land én over radio maken. Kortom, mijn tijd in Mongolië zal ik nooit vergeten. De smaak van gefermenteerde merriemelk evenmin. Marij Dheedene


Levenslang leren aan de Arteveldehogeschool Postgraduaten Postgraduaat Autismespectrumstoornissen Postgraduaat Begeleider professionalisering voor leraren en school Postgraduaat Business Event Management Postgraduaat Diabeteseducator Postgraduaat European Fluency Specialist Postgraduaat Hippotherapie Postgraduaat Lactatiekunde Postgraduaat Mindfulness Based Treatment Approaches Postgraduaat Neurologische taal- en spraakstoornissen Postgraduaat Leidinggevende in de kinderopvang Postgraduaat Vroegdetectie en vroegbegeleiding van ontwikkelingsstoornissen Postgraduaat Stomatherapie en wondzorg

BaNaBa’s Bachelor na bachelor in de creatieve therapie Bachelor na bachelor in het onderwijs: buitengewoon onderwijs Bachelor na bachelor in het onderwijs: zorgverbreding en remediërend leren

www.arteveldehs.be/compahs

Bijscholingen Sociaal werk Bemiddelen in het sociaal werk Sociaal-juridische hulpverlening Social Casework Hulp bieden aan kinderen en jongeren in rouw Bijscholing over migratie - ‘No place like home’ Leraren en scholen Opleiding vakmentor (secundair onderwijs) Opleiding klasmentor (basisonderwijs) Gesubsidieerde nascholingsprojecten: Techniek is ‘chic’ en School Met Aandacht voor Cultuur en Kunst (SMACK) ICT – bijscholing in open aanbod (REN) Gezondheidszorg Initiatie toegepast wetenschappelijk onderzoek in afstandsleren Referentieverpleegkunde – zorgverlener diabetes type 2 Interdisciplinair gedeelde diabeteszorg: verdiepingsmodule voor huisartsen en diabeteseducatoren Neonatologie Neurologische zorg Paediatric rehabilitation Palliative and end of life care Cognitieve revalidatie Intervisie stottertherapie COCAO Begeleiding van topsporters Podoloog als assistent bij voetchirurgie

¡ TCH SW

Als ‘t aan jou lag, had je de SWITCH al gemaakt. SWITCH, da’s studeren en werken combineren

Een bacheloropleiding combineren met je job of je gezin? Dat kan, met de SWITCH-trajecten van de Arteveldehogeschool. www.arteveldehs.be/switch


Lid van de Associatie Universiteit Gent

PROFESSIONELE BACHELORS BEDRIJFSMANAGEMENT - accountancy-fiscaliteit - financie- en verzekeringswezen - marketing - rechtspraktijk

OFFICE MANAGEMENT - general management assistant - sales management assistant - HR management assistant

COMMUNICATIEMANAGEMENT - commerciële communicatie - public relations en voorlichting

JOURNALISTIEK GRAFISCHE EN DIGITALE MEDIA - crossmedia-ontwerp - multimediaproductie - grafimediatechnologoie - grafimediabeleid

© Steven Meert

ONDERWIJS: KLEUTERONDERWIJS ONDERWIJS: LAGER ONDERWIJS ONDERWIJS: SECUNDAIR ONDERWIJS SOCIAAL WERK - maatschappelijke advisering - maatschappelijk werk - personeelswerk - sociaal-cultureel werk - syndicaal werk - sociaal beleid

ERGOTHERAPIE LOGOPEDIE EN AUDIOLOGIE - logopedie - audiologie

PODOLOGIE VERPLEEGKUNDE

- kinderverpleegkunde - psychiatrische verpleegkunde - sociale verpleegkunde - ziekenhuisverpleegkunde

VROEDKUNDE

BACHELOR NA BACHELOR

in de creatieve therapie in het onderwijs: buitengewoon onderwijs in het onderwijs: zorgverbreding en remediërend leren

BACHELOR EN MASTER

Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie (i.s.m. UGent)

MASTERS

verpleegkunde en vroedkunde (i.s.m. AUGent) sociaal werk (i.s.m. AUGent)

www.arteveldehogeschool.be


Arteveldemagazine 33  

maart 2010

Advertisement
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you