Issuu on Google+


Yara Merts Edo Mulder Martijn Koot Vijf februari tot vijf juli Achtentwintig mei


6


Inhoudsopgave Voorwoord

7

Amsterdam Museum

13

Leerdoelen

19

Mijn eerste week

23

Projecten

27

Mijn 5 maanden

39

Conclusie leerdoelen

43

Uitleg vormgeving

47

Bronvermelding

51


8


Voorwoord


10


11

Het begin

Nou. Dit is dan het begin. Het begin van mijn eerste stageverslag. Dit word toch wel anders dan mijn vorige verslagen. Ten eerste omdat dit mijn eerste stage is die ik zal afronden (ga ik vanuit) en omdat ik nog nooit een verslag heb gemaakt waarbij ik heb gelet op de lettertype grootte, de interlinie, de spatiering, de regelafstand, de tekst/beeldverhouding en ga zo maar door. Ik heb nog nooit een verslag gemaakt als grafisch vormgever. En eerlijk gezegd, dacht ik ook niet dat ik dat ooit ging maken voor ik aan deze opleiding begon. Vroeger wilde ik namelijk alleen juf worden. Dat was het. In mijn gedachten was ik namelijk alleen goed in de omgang met kinderen. Ik speelde ook met de vriendinnetjes van mijn zusje (die zo’n 4/5 jaar jonger is dan dat ik ben). Dus nadat ik mijn havo diploma heb behaald (0 onvoldoendes en in 1 keer, wat toch gezegd mag worden) was het vanzelfsprekend dat ik naar de Pabo ging. Dat avontuur heeft zo’n halfjaar geduurd. Want na de derde week les, hadden we gelijk stageweek. En vanaf daar hadden we iedere donderdag stage. Wat te doen is. Als je lerares wilt worden. Ik kreeg een basisschool in Heerhugowaard toegewezen. Ik mocht stage lopen in groep 8. Ja. Kinderen die zo’n 5 jaar met mij scheelden en klaargestoomd moesten worden voor het middelbaar onderwijs. Ik moest gelijk lessen voorbereiden, geven en het liefst zoveel verschillende als het maar kon. Daar ben ik erachter gekomen dat ik goed met kinderen kan omgaan maar dat ik het lesgeven niets vond. Met een rood hoofd en al stamelend gaf ik rekenen en biologie. Na zo een tijdje door te zijn gegaan, had ik uiteindelijk eind november de moed opgeraapt en ben ik met de opleiding gestopt. Ik eindige dus met een halfjaar te hebben verspilt en helemaal verward over wat ik nu wel wilde studeren. Ik besloot mijn tijd niet verder te gaan verspillen en had besloten om in augustus alweer naar een andere opleiding te gaan en tot die tijd bij de Albert Heijn te gaan werken. Na een paar opendagen te hebben bezocht ging ik bij het Grafisch Lyceum Utrecht kijken. Omdat de afstand mij niet zo heel veel uitmaakte en als ik maar iets leuks vond. En na verschillende gesprekken met studenten en leraressen, leek dit mij best leuk om te doen. Dus daarna ben ik informatie gaan opzoeken en heb ik mij ingeschreven. Dat het een Mbo-opleiding was boeide me niet zoveel, het leek mij een leuke opleiding. Ik was wel zenuwachtig voor de intake. Ik had nog niet echt een portfolio en wilde wel graag aangenomen worden. En het liefst ook nog in de springersklas zodat ik meer met havisten zat. Maar die zenuwen waren voor niets. Na een korte intake, waarbij mijn kleurrijke werk afstak tegen de andere die alleen de toelatingsopdrachten had gedaan, kreeg ik al de uitslag. Ik was aangenomen.

Foto boven: Ik en mijn vriend. Foto linksonder: Fotohokje met vriendinnen Foto rechtonder: In Berlijn bij de East Side Gallery met een vriendin


En toen was ik aangenomen. Dag Albert Heijn, hallo opleiding, toekomst en doel in het leven. Ik wilde niet weer een opleiding niet afmaken zoals de Pabo en daarom had ik me ook voorgenomen mijn best gaan doen en er wat van te gaan maken. Ook al zou het tegen vallen, ik zou het alsnog afronden. Dus ik had braaf alle boeken gekocht die op de lijst stonden, een nieuwe pc laptop (want die raden ze op de open dag aan) en alle stiften, pennen etc. Kortom ik was er fysiek klaar voor, met al mijn spulletjes en mijn OV om de wereldreis iedere dag af te leggen. Maar mentaal was ik er nog niet klaar voor. Ik moest helemaal alleen, naar een nieuwe en grote school en daarbij was het ook nog helemaal in Utrecht. En ik ben geneigd om eerst de kat uit de boom te kijken voordat ik mijn ware aard laat zien. Achteraf, als je mijn klasgenootjes spreekt, kwam ik ook heel anders over dan dat ik nu tegen hun doe. Of dat heel positief is valt soms te betwijfelen. Maar eigenlijk vielen de eerste dagen nog wel mee, ik was niet heel spraakzaam en we hadden excursies (musea bezoeken en op het stand van Scheveningen schetsen en drinken). Maar na de eerste week begon het. Omdat ik HAVO had gedaan, zat ik wel in een springersklas. Wat betekende dat ik twee jaar in één moest doen. Ik zat bijna van 8 tot 5 op school (de reistijd van 3 uur heen en weer niet meegerekend). Terugkijkend was het juist fijn om zolang op school te zitten. Je was er niet voor niets en je was ook echt met veel bezig. Want nadat ik het eerste jaar met een groot succes (0 onvoldoendes!) had afgerond, brak het tweede jaar aan. En dat was gewoon weer regulier. Wat betekende dat we een vreselijk rustig tempo volgde en meer niet dan wel op school zaten. Wat voor mij erg irritant was omdat ik op bepaalde dagen langer in de trein zat dan op school. Niet heel motiverend.

12

Maar naast dat, kwam er natuurlijk wel iets nieuws op onze weg. Stage. Het meedraaien in het echte bedrijfsleven en leren hoe het in de ‘echt wereld’ werkt. Omdat mijn SLB’er Jessica van der Hout nogal bekend stond om haar warrigheid (sorry, Jessica) kregen we de map met alle informatie redelijk laat en van een invaller die ons geen toelichtende informatie gaf. Uiteindelijk hebben we wel informatie gekregen die week daarop en toen was het grootte moment aangebroken. De zoektocht naar een stageplek waarvan jij dacht dat het wel leuk/goed was. Ikzelf had geen idee waar ik moest beginnen. Terwijl de meeste filterde op hun woonplaats, kon mij dat niet zo heel veel schelen. Natuurlijk had ik liever iets in de buurt dan 5 uur te moeten reizen maar ik zo het er wel voor over hebben. Ik vond dat een leuke en goede stageplek voor moest gaan. En er waren nou niet bepaald zoekfilters met ‘leuk’ en ‘leerzaam’ dus ik moest iets zien te vinden in die honderden bedrijven die bij school ingeschreven stonden. Door een gesprek met Jessica kwam ik uit bij een bedrijf in Utrecht en een paar andere bedrijven dus die schreef ik op. En nadat ik mijn briefje in geleverd had, verdween “stage” even uit mijn hoofd. Tot we de uitslag terug kregen. Ik was gekoppeld aan For Sale. Een reclame bureau dat verantwoordelijk is voor reclames van de Autoweek, reclamefolders en waar voornamelijk mannen werkte. Iets waar ik mijn eerste stage liever niet liep. Dus gelijk een gesprek met mijn SLB’er aangevraagd en ook zij zag me daar niet helemaal zitten. Maar voordat we naar het BBC (het bureau dat stages voor ons zocht en ons koppelde) moesten we eerst een vervangende stageplek hebben. Na een tijdje te hebben nagedacht kwam Jessica op het Amsterdam Museum. Ze liet me de site zien en het zag er leuk en gezellig uit (vooral Het


13

Kleine Weeshuis). Dus ik besloot er gewoon voor te gaan. Bij het BBC aangekomen gingen ze eerst natuurlijk checken of er nog een plek vrij was. En wat de specificaties waren. ‘Wij zoeken een leuke en vlotte stagiaire’. En er was nog een plek vrij. Maar dan zou ik wel For Sale moeten bellen om te vertellen dat ik niet kwam omdat zij al een brief hadden gevraagd. Dat leek mij weinig moeite voor een leukere stageplek, in mijn ogen. Dus zo gezegd, zo gedaan. Diezelfde dag belde ik For Sale nog om te zeggen dat ik niet meer kwam en het Amsterdam Museum om een afspraak te maken. De week na het belletje had ik een afspraak in het Amsterdam Museum en mijn sollicitatie gesprek. Netjes gekleed en met een goed verzorgde portfolio, kwam ik daar aan en ontmoette Edo Mulder. Nu mijn praktijkbegeleider. En eigenlijk vanaf de eerste woorden kreeg ik al een voorgevoel dat ik aangenomen zou worden. En na een gesprek over wat ik allemaal had gemaakt en hoe het museum een beetje in elkaar steekt, kreeg ik ook die woorden te horen. Ik was aangenomen en mocht 5 maanden lang in een museum waarvan iedereen weleens de naam heeft gehoord, lopen. Natuurlijk moest ik wel nog een keer terugkomen om een aantal stage contracten te laten

ondertekenen en moest ik vanuit het museum ook contracten ondertekenen. Om zo officieel stagiaire te zijn bij het museum. En zo kwam ik er ook achter of ik stagevergoeding kreeg en hoelang ik zou werken. Waarvan ik allebei niet veel verwachtte. Maar ook dat viel mee. Werktijden van 9 tot 5 uur en een fijn bedrag per maand. En daarbij kwam ook nog eens dat mijn praktijkbegeleider humor had en waarmee ik wel 5 maanden zou kunnen overleven ook al zou ik van 8 tot 9 moeten werken. De laatste afspraak, van de contracten, was in december en dus duurde het nog wel even voordat het echte werk begon. Ik had genoeg tijd om mijn schoolwerk af te maken en om me voor te bereiden op 5 maanden gewoon een ‘normale’ baan te hebben. En eerlijk gezegd, ook al zou ik mijn klasgenoten missen, ik had er best zin in en behoefte aan. Even geen school, maar het ‘echte’ werk. Met stageverslag en al.

Foto op pagina 10: De meiden van mijn klas. Foto onder op pagine 11: Mijn SLB’er Jessica van der Hout


14


Amsterdam Museum


16


17

Volgens mij kan je met recht (en trots) zeggen dat dit een van de meest ingewikkelde bedrijven is waar iemand stage kan lopen. Ten eerste omdat het gebouw al een verhaal op zich is, ten tweede omdat er rond de 200 mensen werken en ten derde omdat het stiekem niet 1 museum is maar een stuk of 4. We doen namelijk ook soms dingen voor het Bijbels Museum, Ons’ Lieve Heer op Solder, Museum Willet-Holthuysen en Cromhouthuizen.

Het museum

Bij een museum stage lopen is toch wel een beetje anders dan wat leraren je vertellen over stage lopen bij een bedrijf. Want in de plaats van dat je klanten krijgt die hun wensen vertellen, krijg je hier opdrachten van een andere afdeling binnen het museum. De ene opdracht krijg je van de afdeling Marketing en Communicatie en de andere opdracht krijg je van Educatie. Je werkt dus wel met veel verschillende mensen, maar al die mensen zie je weer in de kantine om half 1 en ze werken (bijna) allemaal onder hetzelfde dak. Wat best wel lekker is. Als je iets niet goed begrepen hebt of ergens tegen aan loopt, bel je diegene op of loop je er heen. En dan is er het feit dat ik stage loop in een historisch gebouw. Wat stiekem best wel gaaf is. Als ik naar mijn ‘werkplek’ wil moet ik door de zalen heen lopen waar de bezoeker ook door loopt. En omdat het pand uit 3 gebouwen bestaat, heb je met elke verdieping een ander niveau van gebouw naar gebouw. Dus ik loop gemiddeld op een dag zo’n 20 trappen op en af. En het museum ligt midden in de stad. Gewoon aan de Kalverstraat. Tussen alle winkels. En maar 5 minuten vanaf Amsterdam Centraal met de tram. Het gebouw zelf is ongeveer in de middeleeuwen gebouwd en het was eerst een klooster. Daarna werd het in 1579 een weeshuis, tot halverwege de 20e eeuw. Het museum zelf begon in 1926 in de Waag op de Nieuwmarkt in Amsterdam. En sinds 1975 zit het museum in het gebouwencomplex waar het nu nog steeds zit.

Mijn begeleider

Het gebouw en mensen zijn dus supertof. Maar de meest belangrijke factor was mijn praktijkbegeleider, Edo Mulder. Want met hem zou ik het meeste mee samen werken en hij moest mij begeleiden door mijn eerste stage. Maar ook hier had ik geluk mee want Edo bleek een hele aardige vent met humor te zijn. Een persoon waarmee ik het wel goed zou kunnen vinden. En waardoor ik niet met tegenzin naar mijn stage zou gaan. Al met al, heb ik op alle fronten geluk met deze stage plek. Ik heb een best wel coole locatie, de tijden zijn voor mij prima te doen, de opdrachten die ik tot nu toe heb gedaan zijn heel leuk en mijn praktijkbegeleider is een toffe peer. Perfect voor een eerste stage.

Foto boven op pagina 14: Ingang van het Amsterdam Museum bij de Kalverstraat 92. Dat was ook de ingang van het weeshuis Foto onder op pagine 8: Expositie op een zaal in het museum.


18


Leerdoelen


20


21

Plannen

Ik wil niet meer een dag van te voren nog ontzettend stressen voor een deadline. Ik wil, het liefst, alles strak geregeld hebben, zodat ik nog wel wat werk moet doen de dag ervoor, maar niet 50 procent daarvan. Tot nu toe heb ik met school projecten het meestal laten afhangen op de laatste week. Wat het jaar daarvoor de laatste dag was. Maar daarentegen ben ik lakser met het bijhouden achteraf. Met logboeken. Ik wil dus beter worden in het plannen en bijhouden van projecten en opdrachten. Ik wil tenminste voor het einde van mijn stage, 40% van op de opdrachten en projecten eindigen met een logboek en beginnen met een planning.

Adobe programma‘s

Ik wil meer kunnen dan alleen iets uitsnijden, iets naar 300 dpi zetten, naar CMYK omzetten en in zwart/wit zetten in PhotoShop. Ik wil het liefst zonder een internet tutorial een foto mooi kunnen bewerken of een gedeelte van een foto in een andere kunnen zetten zonder dat je ziet dat het met de computer gedaan is. Nu weet ik, door stageverslagen van stagiaires die hier eerder hebben gelopen, dat we in het algemeen niet veel met PhotoShop gaan werken. Maar omdat ik gewoon wel meer kennis van programma’s op wil doen, schaaf ik dit doel bij naar voornamelijk sneltoetsen leren van programma’s en beter worden in Illustrator en InDesign. Ik wil dus meer kennis verkrijgen over de programma’s. Ik zou zeggen dat ik nu ongeveer 65% Illustrator en InDesign beheers en 40% PhotoShop. Ik wil aan het eind kunnen zeggen dat ik zo’n 80/75% van InDesign en Illustrator beheers en 50% van PhotoShop.

Zelfvertrouwen

Ik wil meer vertrouwen hebben in mijn eigen werk, voordat andere zeggen dat het goed is. Tot nu toe maak ik iets en pas nadat een leraar/begeleider heeft beoordeelt kan ik zelf pas zeggen of ik het nou wel of niet mooi vind. En meestal omdat het mijn werk is, vindt ik het niet zo gauw mooi. Maar ik wil gewoon kunnen zeggen of ik het goed doe, of dat het mooi is. En ik wil vertrouwen hebben in het feit dat ik het wel kan. En dat het niet gek is als ik iets toegewezen krijg. Ik wil aan het eind trots zijn op het werk dat ik gemaakt hebt. En ik wil tijdens mijn stage zo’n 50% meer mijn mening proberen te geven en een mening te vormen over mijn eigen werk.

Foto boven op pagina 20: Ik, samen met de meiden van mijn klas. Foto midden op pagina 20: Ik, samen met een vriendin in Berlijn, bij de East Side Gallery. Foto onder op pagina 20: Ik, samen met mijn vriend.


22


Eerste week


24


25

Natuurlijk is de eerste week het spannends. En voor mij was het niet zozeer spannend omdat ik nu bij een ‘echt’ bedrijf ging werken maar omdat het een museum was. En een museum, vooral Amsterdam Museum, staan bekend om hun ingewikkelde constructie van gangen. En omdat ik er al twee keer eerder was geweest, voor contracten ondertekenen en mijn sollicitatie, had ik al een beetje een indruk gekregen van de mogelijkheden om te verdwalen. Amsterdam Museum bestaat namelijk uit 3 panden, allemaal met verschillende niveaus. Vandaar mijn zenuwen. Maar met alle geluk kwam ik mijn eerste dag gelijk aan met mijn praktijkbegeleider Edo Mulder, hoofd (en enige werker) van het grafisch atelier. Dus met zijn hulp hadden we onze ‘werkplek’ al snel gevonden maar de eerste dag werd ik voorgesteld aan iedereen en rondgeleid. Zelfs nu, aan het eind van deze week, kan ik je niet vertellen waar ik allemaal ben geweest en wie ik allemaal heb ontmoet. Ik kan nu de weg naar de kantine en uitgang vinden en daarmee ben ik voor nu tevreden. Die dag heb ik ook hooguit 15 minuten achter mijn Mac gezeten. Er stonden namelijk 3 vergaderingen op de planning, in allemaal verschillende zalen. Van de Regentessezaal en het ‘hok’ tot de kantine. Dus mijn eerste dag was vooral het in me opnemen van de hoeveelheid mensen die hier werkten, de gangen en tot de conclusie komen dat ik niet de enige stagiaire was met zijn/haar eerste dag. De week die daarna volgde ging redelijk snel voorbij. In vergelijking met naar school gaan, kon ik nu ‘uitslapen’. Ik maakte dagen van 9 tot 5 en kon vooral wennen aan achter een iMac zitten. Ik heb een paar kleine opdrachtjes die week gedaan, zoals een banier maken voor een evenementenbeurs tot de afmetingen in een technische tekeningen zetten. En daarnaast heb ik tijd gehad om mijn stage boek goed door te lezen en te beginnen met een klein onderzoek hoe ik het mogelijk kan printen en presenteren. Tot nu toe vind ik het een prettige werksfeer. Met muziek, meezingen en grapjes maken. Maar natuurlijk ook serieus het bijwonen van vergaderingen en besprekingen. Ik ga hier wel aan wennen, denk ik.

Foto boven op pagina 22: Mijn prakteikbegeleider, Edo Mulder Foto midden op pagina 22: Mijn werkplek in Amsterdam Museum


26


Projecten


28


29

Van Oostsanen

Het boekje Van Oostsanen was het eerste, echte projectje wat ik mocht doen binnen het Amsterdam Museum. Ik kreeg een mail met alle informatie erin en een opzetje van een van de schrijvers van de teksten. Dat was het. Voor de rest mocht ik zelf weten waar ik alles neerzetten en hoe. Ik had ook contact met de ‘opdrachtgever’ van dit boekje. En nadat ik de eerste opzet klaar had, zijn we nog een paar keer bij elkaar gaan zitten om tekstuele fouten eruit te halen en nog even kritisch naar de final touches te kijken. Van Oostsanen is een project dat gaat om het werven van donateurs om de schilderijen en gewelfschilderingen van Van Oostsanen te restaureren. Uiteindelijk moeten die producten als een tentoonstelling in het Amsterdam Museum, Stedelijk Museum Alkmaar en Sint Laurenskerk in Alkmaar komen. Er zijn niet alleen boekjes gemaakt, maar ook brochures en flyers. In de talen Frans, Duits, Spaans, Russische, Italiaans, Engels, Nederlands en Portugees.

Scan deze QR code en zie Van Oostsanen digitaal.


30


31

Muus animatie

Dit was een project die eigenlijk bedacht was om mij en de stagiaire van de afdeling Audio Visueel samen te laten werken. De bedoeling was dat we een kort reclame filmpje moesten maken voor Het Kleine Weeshuis, met in de hoofdrol de mascotte. Muus de muis. Omdat het een digitaal muisje is, werd de conclusie al snel getrokken dat we moesten animeren en veel zelf zouden gaan ‘maken’. We hebben zelf het storyboard bedacht, contact gezocht met de afdeling marketing en via tutorials geleerd hoe we het muisje konden laten bewegen. Ik kan helaas niet het eindproduct laten zien omdat dit verslag eerder ingeleverd moest worden dan dat wij het afkregen. Maar ik kan wel mijn moodboard laten zien, de sfeer die we wilde. En ik kan het muisje laten zien. De bedoeling was dat het filmpje afgespeeld werd op drie schermen boven de kassa van het museum.

Scan deze QR code en zie een test filmpje.


zoek alle engelen en teken ze in het altaar!

bt KijK of je alle engelen he blad en rd oo tw gevonden met dit an

6 5

1

3

Ontwerp je eigen Oud-Hollandse tegel en stuur hem op!

Je kunt je werk bij de kassa van Ons Lieve Heer op Solder inleveren. Je kunt ook een foto maken en deze opsturen naar Voor alle leeftijden! Geef de volgende informatie als je meedoet aan de wedstrijd: Naam/ Leeftijd / Adres/ Email

32

2

4


33

Familie programmering

Dit was een onverwacht project waarbij ik de leiding kreeg. Het begon met een bespreking voor deze opdracht waar mijn praktijkbegeleider bij was. Dus ik ging er vanuit dat ik wel wat moest doen, maar dat de opdrachtgever het meer aan Edo zou gaan vragen dan aan mij. Dat was dus niet zo. Ik werd verantwoordelijk voor alle opdrachten en producten die ik moest maken. Er werd dus eens in de week een bespreking gehouden, waarbij Edo niet aanwezig was. Het was best wel een verantwoordelijkheid. En terwijl dit stageverslag al ingeleverd moet worden, ben ik waarschijnlijk nog met dit project bezig. De bedoeling was dat ik opdrachten ging vormgeven voor een familie rondleiding door Ons’Lieve Heer op Solder. En omdat deze rondleiding deel uit maakte van een grotere rondleiding langs andere musea, moest ik ook een plattegrond van de grachtengordel maken. Waarlangs de andere musea stonden. De opdrachten voor OHLoS bestonden uit 5 opdrachten. Waarbij één er al gemaakt was en twee andere het belangrijkst waren.


34


35

Flyer Museum Jeugd Universiteit

Tijdens een vakantie van Edo, kwam een medewerker van het museum naar mij toe, met de vraag of ik voor de meivakantie een flyer kon maken voor Museum Jeugd Universiteit. Museum Jeugd Universiteit is een project van verschillende musea. De bedoeling is om hoog begaafde kinderen een aantal colleges aan te bieden langs musea verspreid over een halfjaar. Hier krijgen ze gewoon een college van hoger niveau en met opdrachten. Hiervoor kwam er altijd een flyer vanuit MJU zelf, maar omdat het vorig jaar een groot succes bleek te zijn besloten ze geen algemene flyer meer uit te brengen maar de musea het zelf te laten doen. Ik heb de flyer moeten maken voor het Amsterdam Museum, Bijbels Museum en Ons’Lieve Heer op Solder. Daarbij kregen de kinderen die mee zouden doen ook nog een rondvaart op een boot langs de grachten van Amsterdam. Als voorbeeld had ik de oude flyer. Maar zowel ik als de opdrachtgever vond die rommelig en onoverzichtelijk. Ik mocht dus geheel mijn eigen draai eraan geven maar wel een beetje van de huisstijl van Amsterdam Museum erin stoppen. Dit was dus een geheel zelfstandige opdracht, waarbij Edo me alleen heeft geholpen met het bestellen van de flyer toen die af was. Ik heb hier vaak contact gehad met de opdrachtgever, zowel per mail als besprekingen. En ik vond het ook een leuk project om te doen, omdat ik wel aan criteria moest voldoen maar waar ik zelf het uiterlijk mocht bepalen.

Foto boven op pagina 32: Dit was de oude flyer Foto onder op pagina 32: Dit is mijn flyer, de nieuwe


DOE MEE EN MAAK KANS OP DE MUUS PAKKET PRIJS Maak je eigen Muus Helicopter.

A

b

Knip langs de gestipp elde lijnen. Vouw dan A naar achteren en B naa r voren. Vouw daarna C en D naar achteren en E als laat st. Kleur Muus in en gee f hem leuke wieken. Je helicopter is nu

klaar om op te stijgen.

c

D

Uiterste inleverda tum: dinsdag 7 mei 2013 Je kunt je werk bij de kassa van het Amsterdam Museum inleveren. Je kunt ook een foto maken en deze opsturen naar rsvp@amsterdamm useum.nl Voor alle leeftijden

!

E

36

Geef de volgende informatie als je meedoet aan de wed strijd: Naam/ Leeftijd / Adre s/ Email amsterdammuseu m.nl

/kinderen


37

Muus Awards

Samen met de familieprogrammering voor Ons’ Lieve Heer op Solder, werd me gevraagd om nog kleurplaten/bouwplaten te maken voor de Muus Awards. De Muus Awards is onderdeel van Het Kleine Weeshuis. De bedoeling is dat kinderen na het bezoeken van het museum, op de site naar de kindersectie gaan en daar de kleurplaten/bouwplaten uitprinten van de Muus Awards. Zodra ze deze ingekleurd hebben en gemaakt hebben, kunnen ze deze opsturen naar het museum. Of een foto ervan maken. En per Award (meestal gaat het van vakantie tot vakantie. Zoals de meivakantie, de zomervakantie en daarna de herfstvakantie) word één winnaar gekozen die een prijzenpakket van Muus kreeg. Voor deze opdracht was me alleen meegegeven dat ze zoveel mogelijk wilde hebben voor de komende vakanties maar ook voor de meivakantie. Dus één moest ik er af hebben voor de meivakantie en de rest had niet echt haast. Samen met mijn praktijkbegeleider hebben we gekozen voor een bouwplaat voor de meivakantie, die een beetje een zonnig tintje had. Omdat de opdrachtgevers (Team familieprogrammering) al verbaasd waren dat de helikopter lukte als bouwplaat, waren ze enthousiast en daarop heb ik voort geborduurd. Uiteindelijk heb ik ook al één voor de kerstvakantie gemaakt. Ook een beetje een bouwplaat die ze zelf moeten versieren. Een kerstengel. Leek me wel toepasselijk.

Foto boven op pagina 34: De Muus Award voor de meivakantie Foto onder op pagina 34: De Muus Awards voor de kerstvakantie


38


39

Vijf Maanden


40


41

Mijn 5 maanden bij het Amsterdam Museum zijn ontzettend hard gegaan. Ik kan me nog herineren dat ik ontzettend zenuwachtig in het begin was. Zou ik het wel leuk vinden? Zijn er geen intimiderende mensen om me heen? Is mijn stagebegeleider wel aardig? Kan ik het werk wel aan? Die zenuwen waren echt voor niets. Ik heb zo genoten van deze stageperiode. De mensen, het werk en de omgeving was echt geweldig. Mijn stagebegeleider was tijdens het eerste gesprek al ontzettend aardig en gewoon heel rustig en normaal. Niets engs of intimiderend. Hij gaf me al gelijk het gevoel alsof ik bij het museum hoorde. En hij gaf me ook gewoon echt opdrachten die gedrukt zouden worden en gebruikt zouden worden. Wat best wel een tof gevoel geeft. Als je aan een boekje werkt en wetend dat die daarna gedrukt zal worden. Dat was even wat anders dan de opdrachten van school, die alleen goed voor je portfolio waren. De mensen en de sfeer bij het museum waren gewoon echt heel goed en fijn. De manier van omgang, de altijd vriendelijk en begripvolle sfeer en het bijna nooit alleen zitten aan de kantine tafel. En dat ze nooit willens en wetens naar tegen je doen. Misschien wel, maar dat zal wel door stress en deadlines komen. En daarbij kwam ook nog dat ik gewoon stage liep in het centrum van Amsterdam. Gewoon in de Kalverstraat. Als ik zou willen kon ik gewoon na mijn werk nog mijn hele kledingkast vullen. Het was ook maar 5 minuutjes met de tram vanaf Amsterdam Centraal en naar Amsterdam was het maar 50 minuutjes. Wat een stuk lekkerder was in vergelijk met 1 uur en 20 minuten naar Utrecht en dan nog 10 minuten naar de bus en met de bus. Wat betekende: uitslapen! Maar daar deed ik het niet voor. Ik heb er veel voor over om gewoon een goede stage te hebben. En toevallig had ik een goede stage, was die niet te ver weg en waren de mensen gewoon heel aardig. Ik heb ook ontzettend veel gemaakt in mijn stageperiode, vind ik zelf. Zo heb ik voor een aankomende tentoonstelling (in samenwerking met Stedelijk Museum Alkmaar en de Grote Kerk Alkmaar) een boekje gemaakt om sponsoren te werven voor restauratie van de schilderijen en houtwerk van Van Oostsanen. Ik heb ook meegewerkt aan een reclame filmpje van Muus de muis voor Het Kleine Weeshuis. En ik heb opdrachten gemaakt voor een rondleiding in Ons’ Lieve Heer op Solder voor kinderen van 4 tot 12. En nog veel meer tussendoor. Even hier een tekstbordje aanpassen, even daar nog een flyer in elkaar zetten of een banier voor een evenementenbeurs. Ondanks dat ik vast zat aan een huisstijl, heb ik wel van alles gemaakt en gedaan. Van boekjes, naar flyers, naar plaatjes voor op het web, naar kleurplaten tot tekstbordjes. Ik heb tekst geplakt op speciale bordjes, ik heb dingen uitgesneden, ik heb musea bezocht (Ons’ Lieve Heer op Solder en Bijbels Museum) en ik heb dingen mogen bestellen bij de drukker. Ik heb ontzettend veel geleerd van het bedrijfsleven van het Amsterdam Museum. De slechte dingen, zoals tussendoor veel kleine opdrachtjes, verkeerd geleverde teksten, deadlines die verschuiven, miscommunicatie en servers die eruit liggen waar al je werk op stond. Maar ook de goede dingen zoals de viering van 125 jaar Ons’ Lieve Heer op Solder, je gedrukte werk in handen hebben, mensen met jouw flyer zien, door het museum lopen om bewegwijzering in kaart te brengen, zelf gecontacteerd worden door medewerkers, samenwerkingen met stagiaires en andere. Het was gewoon een hele leuke ervaring. Een echte aanrader voor een eerste stage! Als je tenminste een gezellige en goede stageplek zoekt.


42


43

Conclusie Leerdoelen


44


45

Ik denk dat ik over het algemeen gesproken best veel aan mijn leerdoelen heb gedaan. Wat eigenlijk ook de bedoeling is daarvan. Maar ik had verwacht dat het net zoals op school, gewoon achteraf wat verzinnen was en niet zoveel aandacht daaraan besteden. Maar dat is dus niet zo. Misschien komt dat ook door mijn praktijkbegeleider, maar ik heb toch best wel vooruitgang geboekt. Mijn leerdoelen verzinnen was niet zo heel moeilijk. Ik vind dat ik altijd wel verbetering kan gebruiken en in mijn werkhouding waren er wel 3 grote dingen die er voor mij uitsprongen. Het formuleren daarentegen was wat moeilijker. Hoe moest ik duidelijk maken hoe ik wilde groeien in mijn leerdoelen en hoe ik dat aan moest geven. Na even wat geprobeerd te hebben kwam ik uit bij percentages. Ik bedacht me dat als ik aangaf hoever ik dacht te zitten en hoever ik wilde komen in percentages, het een stuk duidelijk zou zijn voor mij en voor Edo om me ermee te helpen. Om nog het nog even kort samen te vatten, dit waren mijn leerdoelen: •

Plannen Ik wil niet meer een dag van te voren nog ontzettend stressen voor een deadline. Ik wil, het liefst, alles strak geregeld hebben, zodat ik nog wel wat werk moet doen de dag ervoor, maar niet 50 procent daarvan. Adobe programma’s Voornamelijk het leren van snel toetsen van programma’s en beter worden in Illustrator en InDesign. Ik wil dus meer kennis verkrijgen over de programma’s. Zelfvertrouwen Ik wil meer vertrouwen hebben in mijn eigen werk, voor dat andere zeggen dat het goed is.

In week 3 heb ik mijn leerdoelen met Edo besproken zodat hij me ook kon helpen. En door hem zijn we ook veel meer met andere programma’s gaan werken zoals Evernote en Wunderlist. En heeft hij ook een nieuwe opdracht bedacht zodat ik meer samen ging werken maar ook met programma’s waar ik nog nooit van had gehoord. Zoals After Effects.Wat best wel vet was. En met die nieuwe opdracht moest ik ook samen gaan werken en het vanaf het begin helemaal opzetten. Op de volgende pagina’s zal ik per onderdeel/onderwerp gaan uitleggen hoe we het aangepakt hebben en hoe ik, volgens mijzelf, erin gegroeid ben.


Plannen

Dit was voor mij wel de belangrijkste leerdoel. Omdat ik altijd al wat lakser was met logboeken en planningen en dat ook eigenlijk niets nieuws voor mij was. Maar het was wel iets waar ik altijd al aan heb willen werken. Gewoon goed plannen en geen gezeur achteraf. Maar volgens Edo was mijn doel bij dit leerdoel wat moeilijk te bereiken. Omdat we ook best vaak opdrachtjes tussendoor krijgen en met deadlines waardoor je niet een planning kan maken. Maar met de grote projecten was het wel mogelijk. Dus bij het begin besefte ik al een beetje dat planningen maken van 40% van al mijn opdrachten het niet zou worden. Ik zou gewoon proberen het zoveel mogelijk wel te doen. Maar voor mezelf was ik wel al geslaagd bij 20% van de projecten. Om dit wat makkelijker te maken introduceerde Edo mij tot Evernote en Wunderlist. Evernote is een digitaal programma waarbij je al je notities, foto’s en opnames kan opslaan en het makkelijk via steekwoorden kan zoeken. Ook als je per ongeluk een naam van een winkel heb gefotografeerd in een groepsfoto, kun je op die naam zoeken. Erg handig tijdens vergaderingen en random inspiratie momenten. Wunderlist daarentegen is gewoon een digitaal to-do lijstjes programma. Je kan voor elke categorie die je zelf bedenkt een lijstje maken. En dat lijstje kan je ook delen met andere Wunderlist gebruikers. Zo heb ik een categorie ‘Werk’ gemaakt en daarin al mijn opdrachten gezet. Dit heb ik gedeeld met Edo zodat die zelf eventueel iets toe kon voegen en het kon zien als ik iets af had. En natuurlijk de urenbriefjes. Ik hield ze netjes elke dag bij zodat het voor mij als een soort logboek functioneerde. Ik schreef gewoon op aan welke projecten ik die dag had gezeten en hoe lang ik had gewerkt.

46

Adobe programma‘s

Als ik een top 3 had moeten maken stond deze op de laatste plaats. Niet omdat het niet belangrijk was, dat is het overduidelijk wel omdat je de programma’s moet beheersen om een goede vormgever te worden. Maar omdat ik voor mezelf de andere twee punten belangrijker vond in mijn eigen ontwikkeling. En omdat ik de meeste programma’s al redelijk beheers door de lessen op school. In overleg met Edo hebben we voor dit punt een nieuw projectje gemaakt. Een Muus de Muis (mascotte voor Het Kleine Weeshuis) animatie filmpje. Zodat ik een beetje kennis kon maken met After Effects en Flash. En daarbij heeft Edo iedere keer iets over Photoshop te vertellen als ik langs loop. In de trant van ‘Ken je deze tool al?’ of ‘Weet je hoe je dit doet?’. Zo leert hij me toch een beetje meer van PhotoShop ondanks dat het in de meeste projecten niet zo vaak voor komt. Ik moet zeggen dat ik mijn doel niet echt haal qua PhotoShop. Wel qua InDesign en Illustrator, omdat ik die intensief gebruik en als ik niet weet hoe ik iets voor mekaar krijg ik het opzoek of aan Edo vraag. Ik kan nu veel makkelijker een document opstellen, een pdf maken en met de pen tool overweg. Ook in InDesign. Ik weet niet zo heel veel van Flash of After Effects moet ik bekennen. Dat deed de AV stagiaire voornamelijk, maar ik weet wel wat de programma’s ongeveer doen en wat je ermee kunt bereiken als je er goed geoefend in bent. Ik wil wel iets ermee gaan doen, omdat het me hele interessante programma’s lijken waarbij ik mijn kennis kan vergroten over veel meer dan alleen iets vormgeven. Maar daarvoor moet ik er meer in mijn vrije tijd mee bezig zijn.


47

Zelfvertrouwen

Van de drie leerdoelen, was deze het moeilijkst om te realiseren. Voorname omdat het over je eigen mening gaat en we binnen het Amsterdam Museum werken met een huisstijl. En die huisstijl moet je maar net mooi vinden, want anders maak je producten die je zelf nog steeds niet echt mooi vind maar wel bij de huisstijl passen. Ik merk wel dat ik wat opdrachten hier krijg waarbij je wel een beetje rekening moet houden met de huisstijl maar waarbij je ook een eigen inspraak hebt. Deze opdrachten waren zeer fijn om te maken, omdat ik gewoon net wat meer vrijheid had. Daarnaast merkte ik wel dat ik het ontwerp van mijn stageverslag best snel af had omdat het mijn eigen ding was, mijn uitlaat klep. En dat miste ik wel. Begrijp me niet verkeerd, binnen een museum werken is ontzettend leuk. Maar ik mis de vrijheid een beetje en de mogelijkheid om aan mijn vertrouwen te werken. Al word er wel gezegd dat wat ik doe, ook goed doe. Wat altijd prettig is om te horen, vooral van vakmensen. Dit punt wil ik dan ook gewoon nog even vast houden en misschien meenemen naar mijn volgende stage. Omdat ik hier niet zo in geslaagd ben als in de andere en ik deze wel voor mezelf belangrijk vind. En daarbij is het ook wel iets waaraan ik kan werken in mijn vrije tijd omdat ik het voornamelijk nodig zal hebben in de grafische wereld. En natuurlijk op mijn volgende stage.

Conclusie

Terug kijkend, vind ik dat ik boven verwachtingen veel aan mijn leerdoelen heb gedaan. Niet alleen voor de vorm even aan het einde van de maand, maar iedere dag heb ik netjes mijn uren briefje ingevuld, hield ik Wunderlist bij, werkte ik intensief met Adobe programma’s en deed ik het zonder er echt bij stil te staan. Het plannen sloop er gewoon bij in, wat erg prettig is. Nu moet ik dat alleen nog volhouden en flink toepassen. Het was wel logisch dat ik veel met Adobe bezig zou zijn, maar ik het niet echt verwacht dat ik er nog zoveel bij kon leren. Wat ik eigenlijk best fijn vind, omdat het dus nooit saai werd. En dat er nog zoveel andere programma’s bestaan die ik (ooit) kan ontdekken, is een hele geruststelling. Ik ben nooit uitgeleerd en zou dat ook niet willen zijn. Het liefst zie ik mezelf ook later gewoon nog naar cursussen gaan of online tutorials volgen. Ik zal dat ook wel moeten doen, als bijvoorbeeld CS 12 er is. Maar ook gewoon voor de andere programma’s. De beste hoef ik niet te zijn. Ik hoef mijn leerdoelen ook niet voor 100% te halen. Ik ben geen perfectionist en ik blink ook niet uit in één bepaald onderdeel. Ik wil gewoon goed zijn. Ik wil werk maken waarop mensen kunnen vertrouwen dat het goed is. Ik wil mijn leerdoelen halen zodat het goed is en ik er tevreden mee ben. Ik wil een stabiel niveau hebben en geen uitblinkers of missers hebben. Natuurlijk zal ik naast de boot vissen of het net niet zijn, maar ik wil dat zoiets komt doordat iemand anders een uitblinker heeft, na zijn vele missers. En dat mijn werk wel goed is. En dat dat ook blijft. Ik wil ook meegaan met de tijd. Ik wil ook websites kunnen maken, apps en als de tijd zover is van die futuristische hologram programma’s. Ik kan zeggen dat ik mijn leerdoelen wel gehaald heb. In percentages zou ik het niet weten, omdat ik het een wel kan zeggen maar de ander zal het anders zeggen. Maar ik heb oog voor de toekomst en er vertrouwen in. Als ik blijf werken aan mijn leerdoelen, kom ik er wel. Misschien niet gelijk en misschien nooit groots, maar ik kom er wel op mijn manier. Als ik maar aan mezelf blijf werken en het nooit opgeef. Leerdoelen zullen blijven bestaan, misschien anders verwoord, maar ik zal altijd blijven leren.


48


Concept Uitleg


50


51

De weg

Mijn concept is de weg. En voornamelijk de spreekwoordelijk weg, die je moet afleggen. Al is het van jong naar oud of van kind naar volwassen. Want wij, de studenten, moeten ook een weg afleggen. Van student naar een meewerkend iemand in een bedrijf. En ik wilde dat symbolisch vastleggen met een soort bewegwijzering in mijn stageverslag. De pijltjes staan naar de kant waarop je moet kijken en bij elk hoofdstuk komt er een pijltje bij, omdat het een ‘nieuwe weg’ is en een nieuw hoofdstuk. Voor de rest komen de driehoekjes terug in het voorblad en in een soort omlijsting. Omdat ik stage loop in een museum heb je te maken met schilderijen. En die worden ‘beschermd’ door hun lijst. Ik wilde mijn werk en foto’s ook beschermen met een lijst. Om toch een element van mijn stage terug te laten komen, samen met het feit dat we in het museum heel erg bezig zijn met bewegwijzering en al. En omdat ik houd van een vast patroon, is de omlijsting de driehoekjes geworden in het kleurenpalet dat ik gekozen heb.

Kleuren

De kleuren die ik heb gekozen staan voornamelijk voor frisheid en nieuw. Omdat dit mijn eerste stageverslag is wilde ik een lichte indruk geven en toch een soort verband creëren. De schrijfstijl in mijn verslag is ook licht en luchtig en de kleuren moesten daarop aansluiten. En de combinatie geel, blauw, roze en wit is goed. Ik heb expres voor foto’s in het zwart/wit gekozen. Omdat dat toch altijd wel een chiquere uitstraling geeft en het in een mooi contrast tegen mijn kleurenpalet staat. Ik wil het fris en simpel houden.

Tekst

Voor mijn broodtekst heb ik gekozen voor Times New Roman. Omdat een Seriflettertype voor een geprinte broodtekst altijd het beste te lezen is. Na verschillende naast elkaar te hebben vergeleken vond ik ook Times New Roman het best bij mijn ‘look’ passen. Het paste bij de uitstraling van de zwart/wit foto’s en om zwart te vermijden maar geen hysterische uitstraling te hebben, heb ik gekozen voor een grijstint als kleur. Voor mijn headers en kopjes, heb ik juist voor een sierlijke Serif-lettertype gekozen. Dit is om te laten zien dat je niet perse Sans en Serif moet hebben. En ik heb voor de duidelijkste kleur, roze, gekozen om af te steken en om het passend te laten zijn bij het illustratieve van de lettertype. Het formaat dat ik wilde en gebruik is een tijdschrift formaat. Het is handzaam en groot genoeg om foto’s op een mooie manier te laten zien en ik wilde een soort

Formaat

van tijdschrift ervan maken, omdat mensen tegenwoordig meer tijdschriften lezen dan boeken. De bindingwijze moet hierbij dus aansluiten en daarom word het gewoon gebonden door middel van lijm en de rug. Het materiaal is dus normaal papier, waarbij de cover wat dikker zal zijn dan de normale pagina’s binnen in. De indeling wil ik simpel houden. Ik begin bij het begin, vertellend over mij, mijn school, voor mijn stage, daarna mijn stage, mijn eerste week, de projecten en een

Indeling

samenvatting over de laatste 5 maanden. Als een soort weg gaat het door mijn tijdschrift heen.


52


Bron vermelding


54


55

Sites

http://issuu.com/search?q=stageverslagen%20grafisch%20lyceym%20utrecht http://www.behance.net/ http://inspirationfeed.com/ http://inspirationfeed.com/inspiration/print-inspiration/60-professional-examplesof-stationery-design/ http://stageverslag.com/#/menu http://www.toxel.com/ http://www.blurb.com/ https://kuler.adobe.com/

Boeken Stageboek - GLU Illustrations Now Volume 3 - Julius Wiedemann

Mensen Edo Mulder Jessica van der Hout Klasgenoten 3VA2


58


Yara Merts Stageverslag 3VA2


GLU - Stageverslag