Jubileumboek 60 jaar Vroom Funderingstechnieken

Page 1

VROOM 60 JAAR DAADKRACHT IN DRAAGKRACHT
4.000 grondgebonden woningen per jaar 28 shovels 15 betonpompen 84 leaseauto’s 179 medew erkers funderingsbalk per dag 500m 500 ton9gietmortelmidigravers 23 mixers 49 FUNDERINGSMACHINES 50heihamershydraulische 3 pile extractors 11 vrachtwagens Powerpacks boormotoren/ vibratoren 110 smartphones 49 Funderingen van betonbouw op 10.000 30 240.000m3 BETONMORTEL PER JAAR GELUIDSMANTELS VAN VADER OP ZOON: FAMILIE PRONK22HET ONTSTAAN6 HET SOCIALE HART VAN VROOM24 ODE AAN DE HEIPAAL26 ‘MIJN COLLEGA’S ZIE IK ALS FAMILIE’68 VAN VADER OP ZOON: FAMILIE BOL74 ‘HET IS MOOI OM TE ZIEN DAT WE IN HET HELE BEDRIJF MET ELKAAR MEELEVEN’76 MEDEWERKERS VAN HET EERSTE UUR40 FEITEN&CIJFERS IN 202272 11 UIT DE OUDE DOOS 2 60 JAAR

Inhoud

Voorwoord 5

Het ontstaan 6

Klaas Vroom 10

Uit de oude doos 11

Memorabele momenten 14 (Be)rekenen op het bedrijfsbureau 16

Van vader op zoon: familie Pronk 22

Het sociale hart van Vroom 24

Ode aan de heipaal 26 Innovaties in materieel 30

Uit de oude doos 34

Samenwerking in wapeningskorven 36

Medewerkers van het eerste uur 40 Betrokkenheid en verbondenheid 46

Aan de directietafel 50

Samenwerking in betonmortel 54

Vroom Betonbouw: een andere tak van sport 58

Partners in prefab funderingen 64

‘Mijn collega’s zie ik als familie’ 68 Altijd onderweg 70

Feiten&cijfers in 2022 72

Van vader op zoon: familie Bol 74

‘Het is mooi om te zien dat we in het hele bedrijf met elkaar meeleven’ 76 Voorliefde voor vibro 82

Oud-machinist Gerrit 85 Liefde voor techniek 88

‘De kilometers variëren tussen de 500 en 2500 per week’ 91 Specialist in zwaar en speciaal transport 92 Team prefab 96

Voorbeeld voor de heiwereld 98

De pioniers van de grondverdringende boorpalen 102

Man van de stalenbuispalen 106

3D animaties 108

Schouder aan schouder 110

De spil in de organisatie 116

Samenwerking in funderingsmachines 118

Vestiging Zuid-Nederland 122

Logo’s door de jaren heen 126

Technische uitdagingen in het groot 128

Diensten 132

Focus op kwaliteit, arbeid en milieu 136

Familie in bedrijf: Raymond en Melvin Oortwijn 140

DE SPIL IN DE ORGANISATIE116 VESTIGING ZUID-NEDERLAND122 TECHNISCHE UITDAGINGEN IN HET GROOT128 VOORLIEFDE VOOR VIBRO82 LOGO’S DOOR DE JAREN HEEN 3VROOM 126
4 60 JAAR

Voorwoord

Het is voor ons een hele eer om op 9 september 2022 het eerste exemplaar van ons jubileumboek aan de grondleggers, de gebroeders Sjors en Meindert Vroom, te mogen overhandigen. Met trots kijken we terug op 60 jaar historie van Vroom Funderingstechnieken, een toonaangevende onderneming in paalfunderingen.

Waar aanvankelijk in 1962 Klaas Vroom vanuit zijn loonwerkersbedrijf bij een van zijn agrarische contacten met min of meer een graafkraan de eerste houten palen verticaal aanbracht, is er sindsdien veel gebeurd.

De eerste jaren bestonden vooral uit noeste arbeid op zes lange werkdagen in de week. Eén belangrijk element was vrijwel vanaf het begin aanwezig en dat was saamhorigheid. Deze saamhorigheid bepaalde de sfeer en zorgde ervoor dat men elke uitdaging steeds weer aanging. Vaak met veel improvisatie werd dan weer de volgende klus geklaard. Elke verdiende gulden werd geïnvesteerd en zo kwam men aan beter en meer materieel.

Dit is de basis voor 60 jaar Vroom. Kernwoorden als saamhorigheid, improvisatie en investeren in het bedrijf hebben het bedrijf laten worden wat het nu is. Anno 2022 bestaat Vroom Funderingstechnieken uit een moderne organisatie, waarin veel kennis aanwezig is die dagelijks wordt ingezet op nieuwe en lopende projecten. Het materieel bestaat uit een groot scala aan funderingsmachines en toebehoren, waarmee zowel grote alsook kleine en uitdagende projecten worden gerealiseerd. De productenrange aan funderingspalen is breed, zodat voor elk project de meest passende oplossing kan worden geboden. Onze opdrachtgevers zijn te vinden in heel Nederland en ook in de omringende landen zijn we desgewenst actief.

Voor het samenstellen van het jubileumboek is gekozen om deze rijke geschiedenis in beeld te brengen en zo mee te nemen naar de volgende generaties. Het is niet geschreven als een klassiek geschiedenisboek. Zowel oud-medewerkers als huidige collega’s, maar ook leveranciers hebben er middels interviews aan bijgedragen. In de interviews komen ze aan het woord over hun werk, de ontwikkelingen die daarbinnen plaatsvinden, hun visie op de toekomst en het vertrouwde Vroom gevoel dat heerst. Eerlijke, authentieke verhalen met ruimte voor een kritische noot, want het is niet alleen maar hosanna. Dank aan hen daarvoor. Geniet van de presentatie van Vroom door de jaren heen, zowel in tekst als in beeld en de ondersteunende fotografie die hiervoor als middel worden gebruikt.

Onze dank gaat ook uit naar onze relaties, onze klanten die ons al die jaren hun vertrouwen hebben gegeven om deelgenoot van hun projecten te zijn, onze leveranciers waarmee wij vaak al decennia optrekken en daardoor ook als een goede partner in de keten kunnen optreden. Ook danken wij iedereen die heeft bijgedragen aan de samenstelling en vormgeving van dit unieke jubileumboek.

Last but not least danken wij vooral alle medewerkers die de geschiedenis de afgelopen 60 jaar hebben vormgegeven door hard te werken met oog en begrip voor elkaar. Goede collegialiteit, saamhorigheid en het investeren in de toekomst vormen anno 2022 nog steeds de basis om de geschiedenis te schrijven voor de volgende 60 jaar. We kijken niet alleen terug, we kijken ook naar de komende 60 jaar! Vroom is klaar voor de toekomst.

Namens de directie,

5VROOM
VROOM ZIJN WE SAMEN!

Het ontstaan

Al op jonge leeftijd kregen Klaas, Sjors en Meindert van hun vader Cornelis Vroom mee dat ze hun handen uit de mouwen moesten steken. Hij was zelf net voor de oorlog begonnen met boeren. Door hard te werken wist hij zijn veebedrijf op poten te zetten. De start van het familiebedrijf Vroom, zoals we dat nu kennen, was hier een logisch vervolg op.

6 60 JAAR
7VROOM

Cornelis werkte eerst in de Zaanstreek als slagersknecht, voordat hij begon met boeren in zijn geboortedorp Middelie. Sjors: ‘Hij trouwde onze moeder, een boerendochter, en huurde hier een boer derijtje. Breed hadden ze het niet en het was hard werken. Als kleine jongens hiel pen we al op jonge leeftijd met vegen en met de koeien. We moesten allemaal wat doen. Toen wij groter werden verschoof zijn werk meer en meer naar het agrari sche loonwerk. Voor een aantal boeren in het dorp, zoals Jaap Worp, deed hij al het landwerk: maaien, hooien, zorgen dat alles van het land werd gehaald. En wij konden hem daar mooi bij helpen.’ Meindert herinnert zich die tijd nog goed, al deden met name Klaas en Sjors het zware werk. ‘Op een gegeven moment veranderde de economie en verschoven de werkzaamheden en ook het werkgebied. Zo werd het bedrijf groter. Ik weet nog goed dat mijn vader in 1959 tegen mij zei ‘Doe jij ook eens wat’. De rekeningen stapelden zich op en daar kreeg hij grijze haren van. Ik ben `s avonds begonnen en heb alle laden van het bureau omgekiept. Rond drie uur `s nachts had ik het een beetje op orde. Die administratie ben ik sinds dien blijven doen in mijn vrije tijd.’

De start van Vroom

Broer Klaas nam het voortouw. Sjors: ‘Hier in de Zeevang werd al heiwerk gedaan en daarvoor werd een nieuwe

machinist gezocht. Of Klaas dat mis schien kon doen? Hij had wel ervaring op ons eigen kraantje, waar we mest mee hapten, maar dat was natuurlijk heel andere koek. In die tijd maakte dat echter niet uit en zo bedacht Klaas na een tijdje dat hij dit werk ook wel voor zichzelf kon doen in de rustigere wintermaanden. Op 1 januari 1962 begon hij voor zichzelf. Dat ging uiteraard niet vanzelf. Zo was ons kraantje helemaal niet geschikt voor heiwerk, dus er moest een andere kraan komen. Eigenlijk kenmerkt dat de beginperiode van Vroom ook wel. De economie trok aan, er was werk genoeg en Klaas was slim en inventief om oplossingen te bedenken als hij ergens tegenaan liep. Zo was hij de eerste die overstapte op een mobiele heistelling, waardoor hij sneller en efficiënter kon werken. Dat werk was fysiek wel zwaarder dan nu en de dagen waren langer, maar we dachten er niet zoveel bij na. We deden het gewoon.’

Twee broers

De eenmanszaak van Klaas verander de in 1965 toen Sjors na zijn militaire dienstplicht met Klaas ging samen werken. Sjors: ‘Burgemeester Drost had er voor veel boerenjongens voor gezorgd dat ze niet in militaire dienst hoefden, omdat ze onmisbaar zouden zijn op het boerenbedrijf. Dat gold ook voor Klaas. Ik zat ook al in de molen om vrijstelling te krijgen, maar toen kreeg

Sjors: ‘Vroeger ging het op gevoel. We heiden tot de paal niet meer verder ging. Als de eerste dan tot veertien meter ging, dan zaagden we de tweede paal wat korter en was het gewoon goed.’

goed en ik regelde de financiering en afhandeling, dus de ene hand waste de andere. Op een gegeven moment werd het werk teveel en daarom stapte ik in 1972 in het bedrijf. De naam veranderden we in Gebr. Vroom.’

Specialisatie

de burgemeester een hartaanval en ging het feest niet door. Na mijn dienstplicht zijn Klaas en ik samen verdergegaan onder de naam Gebroeders Vroom. In die tijd is het bedrijf ook gaan groeien. We kregen meer werk, er kwamen meer heistellingen bij en daarmee groeide ook het aantal medewerkers.’

Drie broers

In al die jaren konden ze rekenen op de financiële kennis van Meindert. ‘Ik werkte bij Ernst & Young accountants en deed de administratie in de avonduren en op zaterdag. Ik ging ook achter het geld aan en vond dat je financieringen niet aan derden over moest laten, dus dat bespraken we met z’n drieën. In afdingen waren mijn broers altijd

De medewerkers kwamen nooit van ver. Sjors: ‘We haalden ze bij andere boeren hier uit het dorp vandaan, spraken ze bij café Ossebaar of op de kermis. De meesten hadden, net als wij, alleen de ambachtsschool doorlopen. Het meeste leerden ze vanzelf tijdens het werk en met wat aanvullende cursussen kwamen we een heel eind. Die cursussen deden we in Purmerend en dat was niet alleen nuttig, maar vooral ook heel gezellig. We kwamen vaak pas diep in de nacht thuis na zo’n cursusdag. Toen de prefab betonpaal zijn intrede deed zijn alle machinisten weer de schoolbanken ingegaan om zich hierin te bekwamen.

In de jaren `70 was het heien van hou ten- en betonpalen ons dagelijks werk. Met die specialisaties hebben we in 1978 de holding opgericht, met daaronder de werkmaatschappijen voor elke tak van sport. Begin jaren `80 zagen we in Zaandam voor het eerst in de grond gevormde palen bij een heibedrijf. Mijn broer Klaas vroeg ‘kunnen wij dat ook?’ en toen zijn we dat zelf gaan ontwikke len. We hadden twee Hitachi ‘s en één daarvan werd omgebouwd tot boorstel

8 60 JAAR

ling. Het eerste project hiermee was het Van der Valk hotel in Tiel. Daar kregen we de vrijheid om het uit te proberen.’ Hoewel de inhoud van het werk niet anders is geworden, is de manier van werken wel veranderd. Sjors: ‘Vroeger ging dat op gevoel. We heiden tot de paal niet meer verder ging. Als de eerste dan tot veertien meter ging, dan zaagden we de tweede paal wat korter en was het gewoon goed. Pas later in de tijd vonden er vooraf sonderingen plaats. Er was wel al een constructeur die berekend had hoe zwaar de palen belast werden en waar ze moesten staan. Door te kalende ren wisten we hoe we ervoor stonden.’

Volgende generatie

In de jaren `90 stroomt de volgende gene ratie in. Zonen van Klaas en Sjors stappen in het bedrijf. Meindert: ‘Klaas had hier een duidelijke visie op. Ze moesten hun strepen écht verdienen. Dat betekent dat

ze veel van de praktijk geleerd hebben en hun eigen weg hierin gevonden hebben. In die jaren hebben ook veel ontwikkelin gen plaatsgevonden. Helaas is onze broer Klaas na een kort ziekbed in 1994 over leden. Daardoor is de overdracht van het bedrijf in een stroomversnelling geraakt.’ De mannen kunnen uren praten over de mooie projecten die ze hebben volbracht. Sjors: ‘Naar het buitenland gingen we in onze tijd nog niet zo veel, maar we hebben in Nederland ontelbare palen de grond in geslagen. Zoals bijvoorbeeld de woningbouw in Purmerend Overwhere of het project bij brug 13 voor het Centraal Station in Amsterdam, waar de tram rake lings langs ons werk reed. En heien op de vierkante meter in een steegje in hartje centrum. Dat vergde veel creativiteit.’

Toekomst

Als Meindert en Sjors terugkijken op de afgelopen 25 jaar aan de zijlijn, dan zijn

ze trots op wat de volgende generatie bereikt heeft. Sjors lacht en zegt: ‘Ze hebben meer verdiend dan wij.’ Volgens Meindert komt dat voor een belangrijk deel ook doordat ze het organisatorisch goed op orde hebben. ‘Dat moet in de huidige tijd ook wel met al die contrac ten. De risico’s zijn nu beter afgedekt. Bij ons gebeurde het nog wel eens dat we iets in de loop van het werk oplosten. Daardoor liepen we ook meer risico.’

Dat het bedrijf nu in een volgende fase terechtkomt, begrijpen ze als geen ander. ‘Als je de vijftig gepasseerd bent, moet je je achter je oren krabben en zorgen dat er opvolging is. Die is helaas niet in de familie gevonden, maar dit is economisch gezien de beste tijd om de continuïteit van het bedrijf te waarborgen’, besluiten zij.

Meindert: ‘Ik weet nog goed dat mijn vader in 1959 tegen mij zei ‘Doe jij ook eens wat’. De rekeningen stapelden zich op en daar kreeg hij grijze haren van.’
9VROOM

Klaas Vroom

DOORGAAN IN DE GEEST VAN DE OPRICHTER

Vlak na de bouwvak in 1994 werd Klaas Vroom opgenomen in het ziekenhuis. Hij overleed op 26 oktober 1994 op 56-jarige leeftijd. Het was een zware slag voor de familie en het verlies kwam ook hard aan bij alle werknemers, met name bij de generatie machinisten en heiers van het eerste uur. Iedereen kende de oprichter van het bedrijf als een man voor wie geen zee te hoog ging. Klaas stond altijd voor iedereen klaar en heeft de firma door alle moeilijke perioden heen geloodst. Hij heeft zich dag en nacht ingezet voor het voortbestaan van het familiebedrijf en niet in de laatste plaats voor het bij elkaar houden van de groep. Doorgaan in de geest van Klaas Vroom, het gebeurt vanzelfsprekend en tot op de dag van vandaag.

10 60 JAAR

Uit de oude doos...

11VROOM
2022 | Windplan Groen | Biddinghuizen

Memorabele momenten...

1962: Het bedrijf wordt opgericht door Klaas Vroom en al snel sluit broer Sjors Vroom aan.

1972: Meindert Vroom sluit zich ook aan bij zijn broers Klaas en Sjors.

1978: Vroom Holding wordt opgericht met daaronder de werkmaatschappijen. Vroom start met stalenbuispalen.

1980: Vroom fundeert de eerste projecten met in de grond gevormde betonnen palen.

1993: Vroom start met prefab betonnen funderingsbalken en vibro-combipalen. Vroom neemt het bedrijf De Jong Kruisland, specialist in boormachines, over.

1974: Vrooms doorbraak met prefab betonpalen.

1995:

De tweede generatie Vroom wordt aandeelhouder: Peter, Randy, Cajo, René en Jeroen Vroom. Vroom neemt het bedrijf MATCOR over.

1990: De tweede generatie Vroom begint werkzaam te worden in het bedrijf.

1992: Vroom verkrijgt de exclusieve rechten in Nederland voor DPA-schroefpalen en start met projecten in Duitsland.

14 60 JAAR
‘62 ‘72 ‘74 ‘78 ‘80 ‘90 ‘92 ‘93 ‘95

1997: Vroom ontwikkelt samen met IHC een geluidsmantel.

1998: Start van Vroom Betonbouw.

2010-2018: Projecten in Polen, Marokko en het Verenigd Koninkrijk.

2004: Vroom breidt zijn specialistische funderingstechnieken uit met betonschroefpalen.

2012-2013: Vroom beëindigt de samenwerking met Euro Beton Meppel en met Hillcon.

2021: Participatie Craft Capital in Vroom Funderingstechnieken.

2006-2007: Vroom neemt Glorie en een deel van het voormalige Nederveen over. Begin van de samenwerking met Hillcon.

2017: Samenwerking met Appel Beton Opmeer en BetonBouwService De Hoop.

15VROOM
‘97 ‘98 ‘04 ‘21‘06 ‘22‘10 ‘12 ‘17

(Be)rekenen op het bedrijfsbureau

Het is altijd hard werken geweest, maar er was een tijd dat Cajo Vroom de constructieberekening en calculatie van alle projecten in zijn eentje verzorgde. Ruim dertig jaar later is dat ondenkbaar en zorgt een team van acht mensen dat alle werkzaamheden van het bedrijfsbureau in goede banen worden geleid. Samen met Pieter Timmer en Stanley Ligthart vertelt hij daar meer over.

Het lag in de lijn der verwachting dat Cajo in het familiebedrijf zou stap pen. ‘Ik werd, na de HTS en een jaar elders gewerkt te hebben, gevraagd door mijn oom Klaas. De werkzaam heden op het bedrijfsbureau moesten worden overgenomen en ik was daar de aangewezen persoon voor. Dat betekende flink aanpoten, maar in de loop der jaren kwam er steeds iemand bij. Inmiddels zijn we met acht mensen.’ Zo kwam Pieter het team twaalf jaar geleden versterken. ‘Eerst als con structeur/calculator en in de afgelopen jaren heb ik steeds meer werk van Cajo overgenomen, om per januari 2022 manager van het bedrijfsbureau te worden. Simpel gezegd leveren wij de input voor het uitbrengen van de offerte. Elke offerte-aanvraag komt dus eerst bij ons. Als wij de constructie berekend hebben en in de calculatie

hebben verwerkt, gaat de informatie door naar de afdeling verkoop.’ Stanley groeide door van stagiair in 2012 tot vaste kracht in het team in 2014. ‘Ook ik begon als calculator/constructeur, maar ging daarnaast ook naar buiten. Zo ben ik op een aantal projecten in Leeds en Luik geweest in de rol van projectlei der. Die combinatie van een construc tieve rol en de projectleiding vind ik leuk. Daarnaast heb ik een aantal proef belastingen gedaan. Dat testen van het draagvermogen van de palen gebeurt niet veel in Nederland, maar je leert er heel veel van. Zo heb ik in de afgelopen jaren een bredere kennis van het bedrijf en de paalfunderingen zelf opgedaan.’

Verschuivingen

Bij het bedrijfsbureau maken ze de constructieberekeningen voor alle soorten palen. Cajo: ‘Behalve de prefab

palen, daarvoor krijgen we de bereke ningen aangeleverd van de leverancier. Voor ons eigen product, de in de grond gevormde palen, berekenen we in principe alles zelf. Daar zijn we ook goed in: we weten wat de mogelijkheden zijn, wat we kunnen toepassen qua wapening en wat het meest economisch is. Die verschillende paaltypes zijn er in de afgelopen decennia bijgekomen. Daarom bieden we de vibropalen en de DPA of DPA-PLUS aan als er geen geluids- en trillingseisen zijn.

Cajo:
‘Het betekende in het begin flink aanpoten, maar in de loop der jaren kwam er steeds iemand bij.’
16 60 JAAR
17VROOM
18 60 JAAR

Met onze eigen in de grond ge vormde palen kunnen we veel projecten aanbieden en daarnaast bieden we ook prefab palen aan.’

Pieter ziet daarnaast een duidelijke verschuiving van focus bij de klant. ‘Toen ik hier begon lag de nadruk op de prijs. Je moest de hele trukendoos opentrekken om het offertebedrag omlaag te krijgen. Tegenwoordig zien we dat de aandacht is verschoven van prijsoptimalisatie naar risicobeheersing. Het werk moet ingepland worden en ook

soepel doorgaan tijdens de uitvoering. Zekerheid en continuïteit waarborgen is belangrijker geworden. We kijken hierdoor verder vooruit en leggen funderingsmachines eerder vast in de planning, waarbij we met elkaar goed moeten blijven kijken of die vastgelegde machine ook de juiste blijft als de details van het project verder worden ingevuld.’ Naast dat de projecten groter zijn dan destijds, zijn ook de opdrachtgevers veranderd volgens Cajo. ‘We werken nu regelmatig voor buitenlandse opdracht gevers. Niet zozeer in onder-, als wel in hoofdaanneming en dat betekent dat er meer van ons verwacht wordt. Daarmee verandert ook onze rol als opdracht nemer. Bij de eerste opdracht met een buitenlandse opdrachtgever is het altijd even zoeken, maar we hebben hier in middels de nodige ervaring in opgedaan.’

Registratie

Tot slot wordt ook de registratie van projecten steeds belangrijker. Stanley: ‘Die registratie doen we al, maar is beperkt. Nu zijn we die (paal) registraties aan het vergelijken met vorige projecten. Welke verschillen levert dat op? En wat zijn dan de variabelen op dat project geweest die deze verschillen kunnen veroorzaken? De verwachting is dat we steeds duidelijker aan moet geven wat we hebben aangebracht en dat zorgt ook voor een betere kwaliteitsrapportage. Hoe we die informatie beter inzichtelijk en toegankelijk kunnen maken voor iedereen binnen het bedrijf is wel een vraag die we onszelf stellen. Daar is niet zomaar een pasklaar antwoord op.’

Uitdagingen

Waar Pieter de taken van Cajo heeft overgenomen, krijgt laatstgenoemde de handen vrij voor specifieke projecten. ‘Ik ben de afgelopen jaren meer verschoven van constructie naar KAM en specifieke projecten en was afgelopen jaar ook be trokken bij een aantal projecten die veel aandacht vroegen. Ik houd me daarnaast ook bezig met de nieuwbouw van een aantal datacenters. Die vraag is groei ende, maar de opstart, de berekeningen die erbij moeten en de boekwerken met documenten vergen veel energie en tijd. De veiligheidseisen en de engineering gaan hier verder dan we gewend waren.’ Pieter ziet de uitdaging ook in de huidi ge bouwtrend. ‘Objecten en gebouwen worden steeds groter en hoger. Als je kijkt naar de windmolens, dan zijn die twee keer zo groot geworden ten opzichte van vroeger. Daarmee gaan er ook vier keer zoveel palen of vier keer zwaardere palen onder. Ook de palen voor hoge flatgebouwen moeten steeds langer en zwaarder worden. Die trend volgen we op de voet en we moeten ons daarin ook verder ontwikkelen, om in de toekomst antwoord te kunnen blijven geven op de vraag uit de markt.’

Theorie versus praktijk

Al die verschillende projecten zorgen ervoor dat geen dag hetzelfde is, volgens Pieter. ‘Op de ene dag kunnen er zomaar veertig calculaties van projecten door mijn handen gaan. Maar het kan ook zijn dat je dagen bezig bent met de berekeningen van één groot project. Toen ik hier net begon als constructeur deed ik een berekening en legde ik die

Pieter: ‘Objecten en gebouwen worden steeds groter en hoger. Als je kijkt naar de windmolens, dan zijn die twee keer zo groot geworden ten opzichte van vroeger. Daarmee gaan er ook vier keer zoveel palen of vier keer zwaar dere palen onder.’

bij Cajo neer ter controle. Naarmate de jaren vorderden kwam ook de ervaring. Ik match nu die theorie aan de praktijk. Als wij het zo berekenen, moeten ze het buiten ook wel zo kunnen maken. Dat is bedrijfsspecifieke informatie die we zelf moeten opdoen in de praktijk. Dat leer je niet op school. Als je alle aspecten van ons werk bij elkaar optelt, dan kun je wel zeggen dat het bij Vroom altijd boeiend en uitdagend is.’

Stanley: ‘De verwachting is dat we steeds duidelijker aan moeten geven wat we hebben aangebracht en dat zorgt ook voor een betere kwali teitsrapportage.’
19VROOM
2006 | IJburg | Amsterdam

IJburg/Zeeburgereiland is het snelst groeiende gebied van de stad. Begin 2018 woonden er ruim 26.000 mensen in 10.000 woningen. Dat aantal stijgt naar 25.000 woningen in 2039.

Van vader op zoon: familie Pronk

Hij was de zevende medewerker bij Vroom en werkte er ruim 41 jaar. Hoewel Sjaak Pronk als machinist inmiddels al vijftien jaar met pensioen is, blijft de betrokkenheid onverminderd groot. Aan de keukentafel praat hij met zijn zonen Ronald en Sandro, die ook al jaren bij het familiebedrijf werkzaam zijn, nog regelmatig over de mooie projecten uit het verleden en heden.

Sjaak: ‘Na twintig jaar op de kraan, moest ik mijn diplo ma gaan halen. Dat was natuurlijk gek, maar ja het was verplicht geworden.’

Sjaak begon op zijn 22ste. ‘In de begintijd had Klaas Vroom nog koeien in Middelie. Dan moesten we `s morgens eerst de mest eruit rijden, dan ging Klaas melken en daarna gingen we aan het werk. Mijn eerste werk was in het riool in De Rijp. Ik herinner me de eerste rit ernaartoe nog goed. Klaas had een Volvo PV544, zo’n ‘Katterug’. Ik had een broodje mee van huis dat ik mooi in de auto kon opeten na het koeien melken. Maar Klaas reed zo hard, eenmaal in De Rijp had ik mijn broodje nog in mijn hand. Dat was een hele ervaring. Ik had nog zelden in een auto gezeten! Dat eerste werk deed ik samen met Henk Schuurman. Ik moest de palen over de rand heen leggen, zodat zij ze konden pakken. Driekwart jaar later, toen het werk aantrok, zat ik al op de machine, zonder papieren, zonder diploma. Sinds dien ben ik altijd machinist geweest op een P&H-machine, waarmee ik de houten palen de grond in heide met een valblok. Af en toe deed ik ook wel

wat kleine buispaaltjes en betonpalen. Ik vind het geweldig om te zien hoe het bedrijf in al die jaren is gegroeid.’

Jong geleerd Ronald begon op veel jongere leeftijd. ‘Mijn oudste broer Marcel was bevriend met de jongens van Vroom. Op zaterdag waren ze altijd aan het werk op de werf in Middelie en ik mocht ook mee. Ik was tien of elf, denk ik. Op woensdagmiddag en in vakantietijd was ik er ook te vinden. We mochten bij van alles helpen en ome Sjors Vroom had altijd wel wat werkjes te doen, zoals heiblokken schilderen. Daar kregen we geld voor en dat was natuurlijk fantastisch op die leeftijd. Mijn vader zei altijd ‘ga maar goed leren, dan hoef jij niet elke dag zo vroeg je bed uit’, maar uiteindelijk vond ik het leuk om met die machines in de weer te zijn. Ik leerde er ook veel, want als ik zei dat ik iets niet kon, dan zei ome Sjors ‘je kan het wel, je weet alleen nog niet hoe het moet’ en zo heb ik bijvoorbeeld leren

lassen. Ik leerde op dat moment voor draaibankmedewerker, maar tijdens mijn stage ontdekte ik dat het niets voor mij was, want ik zat elke dag in hetzelfde schuurtje. Bij Vroom kon ik het hele land door en zo ben ik in eerste instantie onder de stelling gekomen.’ Na een jaar of twintig op de kraan, moest Sjaak zijn machinistendiploma gaan halen. ‘Dat was natuurlijk gek, maar ja het was verplicht geworden. Ik moest ervoor naar Zaandam’. Ronald vult aan: ‘Ik moest naar het opleidingsinstituut in Amerongen en laten zien wat ik kon. Toen kreeg ik een tijdelijk bewijs en had ik twee jaar de tijd om de theorie te halen en tot slot een algeheel examen te doen. Maar ik mocht wel gewoon op de kraan

22 60 JAAR

aan het werk in de tussentijd. Inmiddels werk ik al jaren op de grootste kraan die we hebben voor de vibropalen. Dat vind ik ook het mooiste werk, want er komt even meer bij kijken en je hebt meer handelingen. Dat trekt me erin aan. Ik zit vaak ver weg, voor windmolenpar ken in de Eemshaven of in Zeeland.’ Doordat Ronald ook machinist is, is er aan gespreksstof met zijn vader geen gebrek. Sjaak: ‘Altijd als we elkaar zien gaat het over het werk. Ik vraag dan waar hij aan de gang is en hoelang de palen zijn enzo. En als er een werk in de buurt is, ga ik wel eens kijken. Maar ik ken niet alle mensen meer en je mag de bouwlo catie ook niet meer vrij op. Maar dan kijk ik vanaf de weg wat ze aan het doen zijn.’

Op kantoor

Waar Sjaak altijd in de houten palen heeft gezeten, begeeft Sandro zich voor hem op onbekender terrein. Sandro: ‘In de zandgebieden kwam mijn vader niet en daar zijn we juist met betonpalen sterk. Daarbij heb ik altijd op kantoor, ook bij klanten en leveranciers, gewerkt en die werkzaamheden zijn hem ook vreemd. Door mijn vader wist ik dat Vroom een goede werkgever is. Ik werkte destijds ergens anders en mijn broer zei me met kantoor te bellen als ik ander werk zocht. En zo is het balletje gaan rollen. Er was een functie die op korte termijn vervuld moest worden en mij sprak het wel aan dat de branche groeiende was en ik daarin mee kon

groeien. Zo ben ik begonnen als bedrijfs leider toen het team nog veel kleiner was dan nu. Daarna is Vroom Betonbouw gegroeid, zijn de prefab heipalen erbij gekomen en zo bouwde ik mijn functie uit. Daar paste de toenmalige functie niet meer bij en zo kreeg ik de kans om directeur van Vroom Betonbouw te worden. Het leuke daarvan is dat ik bij klanten kom en mij aan de andere kant ook bezighoud met de inkoop bij leve ranciers. Ik ben verantwoordelijk vanaf het moment dat de klant belt totdat het geld op onze rekening staat en alles wat daar tussen zit. Daar heb ik plezier in en ik haal er veel voldoening uit.’ Als familie hebben Ronald en Sandro maar zelden met elkaar te maken in

het werk. Ronald werkt met andere producten en is zelden op kantoor, waar dat voor Sandro de thuisbasis is. Sjaak besluit: ‘Het belangrijkste is dat alle drie mijn zonen het goed hebben. Als ik die verhalen over het werk hoor, dan denk ik: wat een verschil met vroeger qua materieel en qua omvang. Het is een prachtig bedrijf geworden!’

Ronald: ‘Als ik zei dat ik iets niet kon, dan zei ome Sjors ‘je kan het wel, je weet alleen nog niet hoe het moet’ en zo heb ik bijvoorbeeld leren lassen.’
23VROOM

Het sociale hart van Vroom

Het bestuur van de personeelsvereniging (PV) van Vroom is anno 2022 vier mensen sterk. Bestuursleden Corali Swart en Arjan Scholten werken, samen met voorzitter Niels Veerman en penningmeester Robbert Tames, aan activiteiten die zoveel mogelijk leden van de PV aanspreken.

24 60 JAAR

De personeelsvereniging werd op 28 november 1971 opgericht door Wim Schoenmaker, Jaap Laan, Dirk de Boer en Wim Schouten. Corali: ‘Destijds wer den er al veel activiteiten georganiseerd voor de toen circa 35 medewerkers, maar er was behoefte om dat meer te professionaliseren. Het doel bij de oprichting is ook nu nog steeds het doel. We richten ons op activiteiten buiten werktijd om het sociale contact tussen de werknemers onderling te vergroten.’

Samenbrengen

De activiteiten van de PV zorgen ervoor dat medewerkers en hun

partners elkaar eens op een andere manier spreken. Robbert: ‘Met de groei van het bedrijf, groeit ook de behoefte daaraan. We hebben mensen op kantoor en mensen buiten. En we hebben meerdere vestigingen. Dat zorgt ervoor dat we elkaar minder vaak zien en spreken. Juist daarom zetten wij ons in om zoveel mogelijk mensen samen te brengen bij onze activiteiten. Gelukkig is ook het overgrote deel van de medewerkers van Vroom lid van de PV, omdat ze daar zelf ook de toegevoegde waarde van zien.’

Activiteiten

Voor die activiteiten komt het bestuur regelmatig buiten werktijd bij elkaar. Corali: ‘Er zijn sinds jaar en dag een paar terugkerende activiteiten. Zo hebben we de jaarlijkse algemene ledenvergadering, één van de vereisten voor het hebben van een vereniging. Veel leuker én goed bezocht is onze Sinterklaasmiddag voor kinderen in de leeftijd van twee tot negen jaar. Daarnaast is er altijd een ge zinsactiviteit. Dan kun je denken aan een dagje weg met het hele gezin. Zo zijn we bijvoorbeeld een keer met z’n allen naar de Efteling geweest, maar het kan ook een dag met gezamenlijke activiteiten in de buitenlucht zijn. Beide activiteiten zijn altijd een groot feest voor het hele gezin.

Maar onze knaller is onze jaarlijkse feest avond voor alle leden en hun partners. Op een externe locatie, vaak met een thema, met een activiteit overdag, lekker eten en daarna een gezellig feest. Die verbinding, niet alleen met de mede werker, maar ook met zijn of haar hele gezin, is belangrijk voor Vroom en de PV.’

Personeelsblad

Robbert: ‘De betrokkenheid proberen we ook te vergroten door ons personeels blad. Jarenlang werd het blad RAM-IN gemaakt door de PV. Er is een aantal jaar geen blad geweest, maar daarna is het vervangen door het Vroom Magazine. Dat is niet de enige verandering, want ook de rol van de PV is veranderd, mede door privacywetgeving. Zo had de PV vroeger bijvoorbeeld een rol bij het bezoeken van zieke medewerkers. Al is dat nu, met zoveel medewerkers, voor ons vierkoppige bestuur ook niet meer te doen. Een deel van deze activiteiten ligt nu bij Personeelszaken.’

Ideeën

De inkomsten van de PV, bestaande uit jaarlijkse bijdragen van de leden en een donatie vanuit Vroom, zijn in die stille coronajaren wel doorgegaan. Robbert:

‘We hebben die twee jaar wel gedacht aan online activiteiten, maar zagen dat met onze medewerkers – waarvan een groot deel zelden achter de pc zit – niet zitten. Dat betekent dat er wat extra geld in de pot zit. We hebben natuurlijk volop ideeën voor nieuwe activiteiten en misschien is het hierdoor wel mogelijk om een overnachting aan ons personeelsfeest te koppelen.’

Uitdagender

De werkzaamheden van de PV zijn een stuk uitdagender geworden. Corali: ‘In de beginperiode van de PV ging het om veel minder medewerkers dan nu en woonden zij allemaal hier in de buurt. Ons streven is om bij een personeels feest voor iedereen vervoer te regelen. Dat was toen eenvoudig: ze konden alle maal in Oosthuizen op de bus stappen. Tegenwoordig komen de medewerkers uit het hele land. Dat maakt het logistiek wel een uitdaging. We proberen het bovendien zoveel mogelijk mensen naar de zin te maken, zodat er ook zoveel mogelijk leden meegaan. Ook dat is een uitdaging. Daarbij wordt het elk jaar weer lastiger om een nóg leuker uitje en een nóg leuker personeelsfeest te orga niseren. Al bruisen we nu, na twee jaar stilte door corona, van de ideeën!’

Corali: ‘We richten ons op activiteiten buiten werktijd om het sociale contact tussen de werknemers onderling te vergroten.’
Robbert: ‘Gelukkig is ook het overgrote deel van de medewerkers van Vroom lid van de PV, omdat ze daar zelf ook de toegevoegde waarde van zien.’
25VROOM
26 60 JAAR

Ode aan de heipaal

Vroom Funderingstechnieken, Vroom Betonbouw, Schokindustrie en kunstenaar Piet van Wijk hebben samengewerkt aan de totstandkoming van kunstwerk ‘Het Palenhuis’ in de Amsterdamse Sluisbuurt op Zeebur gereiland, nabij de Piet Heintunnel. De kunstenaar won een prijsvraag die was uitgezet door de Gemeente Amsterdam. Vroom en Schokin dustrie hebben de volledige fundering voor dit kunstwerk geleverd. Met deze ‘ode aan de heipaal’, een twintig meter hoog huis op palen, wordt gevisualiseerd hoe Amsterdam is gebouwd op miljoenen palen. Zonder deze fundering zou de stad wegzakken in het drassige veen.

Bij de totstandkoming van Het Palenhuis is een geweldige krachten bundeling ontstaan, door diverse partijen uit de funderingsbranche en toeleveranciers die alle een bijdrage hebben geleverd. Zo heeft Vroom Funderingstechnieken de prefab palen geheid waarop de door Schokindustrie geproduceerde prefab funderingsplaat is gemonteerd door Vroom Betonbouw. De stalen palen, het huis en dak zijn geconstrueerd door Linden Staalbouw met het door Tata Steel geleverde staal. Gebr. van ’t Hek heeft Het Palenhuis op de fundering geplaatst. Het kunstwerk is op 28 september 2021 feestelijk onthuld.

27VROOM
2021 | Appartementen IJgenwijs | Amsterdam

Innovaties in materieel

Waar een bedrijf groeit, groeien medewerkers en materieel navenant mee. Als nieuwe paalsystemen, nieuwe technieken en nieuwe wet- en milieuregelgeving vragen om vernieuwing van materieel, dan zijn Jeroen Vroom en Alex Brouwer de juiste mannen voor deze klus.

Jeroen Vroom groeide, net als zijn broers en neven, op met het bedrijf en werkte er van jongs af aan al op de zaterdagen en in de vakanties. ‘Tijdens mijn opleiding HTS Werktuigbouwkunde vroeg mijn vader Sjors me regelmatig om wat te bedenken, berekenen of teke nen. Dat is begonnen met het ontwerpen, tekenen en berekenen van onder andere trompmachines en makelaars voor PD-stellingen. Ik vond dat erg leuk om te doen, maar besefte dat het enige verant woordelijkheid met zich meebracht. Dus wilde het voor mezelf wel goed onder bouwd hebben. Ik wist natuurlijk wel hoe ik wat moest berekenen, maar het ontbrak me nog aan voldoende kennis en ervaring op detailniveau. Ik herinner me een project in Rhoon in 1991, waar we langere vibropalen moesten maken dan eigenlijk kon met het toen beschikbare materieel. Mijn vader had een andere, zwaardere machine ingehuurd om een PD-stelling van te maken en daar moest een bestaande makelaar voor worden aangepast. Ik heb deze makelaar, trekkop en schuiftafel getekend en bere kend, waarbij de delen wel aan elkaar vastgelast moesten worden, anders kon bijvoorbeeld de kniksterkte niet voldoen de gewaarborgd worden. Het project is vervolgens met goed gevolg uitgevoerd.

Tegenwoordig moeten dit soort ontwik kelingen nog beter onderbouwd en be rekend worden dan we destijds deden.’

Opvolging

Nadat Jeroen anderhalf jaar bij een toe leverancier had gewerkt stapte hij in het familiebedrijf. ‘Al snel gingen de senioren met pensioen en kreeg ik de leiding over de materieeldienst. Ik hield me vooral bezig met divers tekenwerk en het afhandelen van de externe keuringen, maar op een gegeven moment ging ik me meer bemoeien met de aanschaf en ontwikkeling van machines, onderdelen en gereedschappen. Ik volgde mijn vader

begin jaren `90 op in de technische commissie funderingsmachines van de branchevereniging NVAF en kwam daardoor ook in aanraking met normen voor materieel en machinerichtlijnen. Daarmee kwamen er ook steeds meer werkprocedures. In mijn optiek is de wereld daar wel in doorgeschoten: voor alles moet een regeltje bedacht worden. Het gezond verstand en het verantwoordelijkheidsbesef worden veel te veel uitgeschakeld. Terwijl je niet alles met regels kunt ondervangen. Ik noem dat schijnveiligheid. Het veilig gebruik van materieel valt of staat met hoe de gebruiker ermee omgaat.’

Ontwikkeling

In zijn nieuwe rol als adviseur werkt Jeroen nauw samen met Alex, die hem als manager materieel is opgevolgd. ‘In de lijn van het toekomstbestendig ma ken van het bedrijf, zijn we hier al een aantal jaar op aan het voorsorteren. Alex komt uit de werkplaats en heeft enorm veel potentie. Het materieelpark groeide en ik kon het ook niet meer allemaal behappen. Ik was steeds meer bezig met vergaderen, administratieve zaken en mensen begeleiden en corrigeren in plaats van met de techniek. Daarbij wilde ik me veel meer toeleggen op de technische verbeteringen en

Jeroen: ‘Je kunt niet alles met regels ondervangen.
Ik noem dat schijnveiligheid. Het veilig gebruik van materieel valt of staat met hoe de gebruiker ermee omgaat.’
30 60 JAAR
31VROOM
32 60 JAAR

ontwikkelingen, onder andere om de fun deringsbranche daadwerkelijk veiliger en arbovriendelijker te maken in plaats van alleen ‘op papier’. Deze rol past daar goed bij. Diverse, vooral administratieve, taken heb ik overgedragen aan een andere Alex: mijn zoon Alex Vroom.’

Alex Brouwer : ‘Ik ben hier, na mijn MTS-eindstage bij Vroom in 2007, blijven hangen. Na diverse functies in de werkplaats kwam ik in 2017 in de functie van projectleider materieel op kantoor terecht en recent ben ik dan manager materieel geworden, als opvolger van Jeroen. Ik heb in de afgelopen jaren ook een actieve rol in een interne werkgroep voor productontwikkeling vervuld, die is gericht op ontwikkeling van paalsys temen met bijbehorend materieel en het bedenken van verbeteringen voor machines. Zo heb ik in het verleden bijvoorbeeld veel testen uitgevoerd met groutinjectiesystemen. Daarvoor ben ik ook regelmatig op projecten geweest om vanuit de materieelkant te zorgen dat het ging draaien. Het was niet ingewikkeld, maar er kwam heel veel bij kijken om het goed te laten werken. Als er één schakel niet goed werkt, dan stagneert eigenlijk alles.’

Uitdagingen

Niet alleen het materieel is enorm uitgebreid, het is ook complexer gewor den. Alex: ‘Nieuw materieel zorgt voor nieuwe uitdagingen. Vergeleken met vijftien jaar terug is het aantal machines toegenomen en hebben we meer werk om het te beheren, te onderhouden en kennis over te hebben. Daarnaast zijn machines een stuk complexer geworden. Dit geldt voor zowel de hydraulische als elektronische systemen. Dat wordt mede ingegeven door milieuwetgeving, gewijzigde normen en gebruikersgemak. Daardoor komen er meer sensoren op, die het gebruiksgemak moeten verbeteren, maar de kans op storingen weer vergroten en ervoor zorgen dat machines tot stilstand komen. Onze ma chines worden immers blootgesteld aan weer en wind, trillingen, grote krachten, (de)montage en transportactiviteiten, etcetera. Kortom: we hebben meer machines, complexere machines, vaker storing, de storingen zijn gecompliceer der en gekwalificeerde mensen worden schaarser. Het is soms een behoorlijke uitdaging om dingen op te lossen.’

Investeringen

Met het oog op de toekomst is de afgelopen jaren veel geïnvesteerd en worden dit jaar en in 2023 nieuwe machines verwacht. Jeroen: ‘We zijn zeer nauw betrokken bij de ontwik keling van zware accu-elektrische funderingsmachines, die geschikt zijn voor het produceren van hele lange funderingspalen. Het wordt in Nederland de grootste machine, waarin heel veel noviteiten verwerkt gaan worden. Dat

betreft vooral modificaties ten opzichte van bestaande type funderingsmachi nes, voortgekomen uit onze jarenlange praktijkervaring. Deels door toenemende regelgeving en machinenormen en deels door het streven naar een ‘emissieloze bouwplaats’. Als Vroom Funderingstech nieken willen wij hierin voorop lopen en hebben wij, zeg maar, aangedrongen bij onze leverancier, met wie wij al een jarenlange relatie hebben, om een en ander te ontwikkelen en bouwen. Op basis van de ons zo vertrouwde en betrouwbare Hitachi-basismachines, waarmee wij al decennia werken.’

Nog niet al het materieel is elektrisch aangedreven. Alex: ‘Het equipment, zoals trilblokken, boorkasten en heihamers, hebben we nog niet anders voorhan

den dan hydraulisch gedreven. Maar daarvoor geldt dat we de ontwikkelingen nauwgezet en actief volgen, omdat we daar ook snel stappen in willen maken. Bij ons materieel is de omloopsnel heid laag en gaat het om veel minder machines per jaar dan bijvoorbeeld bij minigravers. De ontwikkelingen zijn dus kostbaar en dat maakt de investering voor ons als afnemer ook extreem veel hoger. De vraag is dus wie de eerste stap zet en een machine bestelt. Voor een machine van deze grootte en capaciteit zijn wij de eerste afnemer. Het is voor ons een prestigeproject en een enorme stap voorwaarts in het emissieloos bouwen. Het geeft aan waar wij als Vroom voor staan en hoe wij werken aan de toekomst.’

Alex: 'Het geeft aan waar wij als Vroom voor staan en hoe wij werken aan de toekomst.’
33VROOM

Uit de oude doos...

34 60 JAAR
35VROOM

Samenwerking in wapeningskorven

In 2023 bestaat Buig Centrale Steenbergen, in de branche ook bekend als BCS, zeventig jaar. Meer dan de helft van deze bestaansperiode, zo’n veertig jaar, trekt het voormalig familiebedrijf samen op met Vroom. Harry Steenbergen kan zich die eerste kennismaking nog goed herinneren.

Harry begon als jonge jongen in het bedrijf van zijn vader. ‘Mijn vader zei: ‘Ga jij maar kijken of je wat kunt verkopen’, gaf me een oude auto en stuurde me op pad. In Almere kwam ik een in de grond gevormd paalsysteem tegen en zag wapeningskorven liggen. Dit bleek achteraf het begin te zijn van een langdurige samenwerking, want zo kwam ik bij Klaas Vroom in hun houten kantoorkeet in Middelie terecht. Ik weet nog dat ik er rond Kerst kwam om de bekende BCS taart namens ons bedrijf te brengen, als ik het goed heb zat Peter Vroom toen nog op school. Ons eerste gezamenlijke project was een grote opdracht in de buurt van Rotterdam. Het was een project met in de grond gemaakte palen, in samenwerking met Piet van `t Wout, waar wij de wapenings korven en voetplaten voor leverden.’

Die wapeningskorven, met bijbehorende voetplaten, is BCS blijven leveren. ‘Dat doen we tot op de dag van vandaag nog steeds, want dat is een van de specialisaties van BCS. En hoewel beide bedrijven flink zijn gegroeid, is de sa menwerking altijd blijven bestaan. Vanuit

onze productielocaties in Hoogeveen en Veenoord worden de korven aangeleverd op de bouwplaats, de verdere verwer king wordt vervolgens door Vroom gedaan. In de beginperiode werden de wapeningskorven geproduceerd met een stripbeugel. In de loop der jaren zijn onze producten in samenspraak met Vroom doorontwikkeld en werd in plaats van een stripbeugel een spiraal in de korven toegepast. Er was in de beginjaren veel handwerk, tegenwoordig is het productieproces steeds meer ge automatiseerd door de inzet van robots. Door verdere modernisering van onze processen, in combinatie met ons inno vatieve machinepark, verwerkt BCS circa 100.000 ton wapeningsstaal per jaar.’

Veranderingen

BCS produceert wapeningskorven in verschillende lengtes en diameters.

‘Waar vroeger veel vraag was naar standaardproducten is in 2022 de vraag van de klant steeds meer variabel.

Daardoor zie je ook een grote diversiteit in types wapeningskorven. We hebben elkaar in goede tijden en in slechte tijden altijd vastgehouden. In econo

36 60 JAAR

Harry: ‘Dit maakt het voor Vroom en BCS mogelijk, ook in deze tijd met krapte op de arbeidsmarkt, om het proces te versnellen door efficiënt gege vens met elkaar uit te wisselen.’

misch mindere tijden hebben we samen gekeken naar nieuwe alternatieven. Door deze manier van denken is de continuïteit op termijn altijd gewaar borgd gebleven. We zijn steeds in staat geweest met elkaar mee te denken en hebben elkaar altijd het werk gegund.’

Automatisering

Recent zijn er door BCS en Vroom stappen gezet in de ontwikkeling van automatische orderverwerking. ‘Dit maakt het voor Vroom en BCS

mogelijk, ook in deze tijd met krapte op de arbeidsmarkt, om het proces te versnellen door efficiënt gegevens met elkaar uit te wisselen. Deze proces sen dragen vervolgens bij aan het principe om ‘just in time’ te leveren.’

Vertrouwen

Het vertrouwen in de samenwerking is ook gebleven toen Harry het familiebe drijf in 2007 verkocht aan ArcelorMittal. ‘De overgangsfase waarin Vroom nu zit, door het uitblijven van bedrijfsopvolging

vanuit de familie, heeft mij destijds doen besluiten om mijn bedrijf 100% te verkopen aan een van de grootste producenten van staal wereldwijd. Na de verkoop ben ik een ruime periode als directeur actief gebleven en ik ben nu nog steeds als adviseur aan BCS verbonden. Zo kan ik, gelijktijdig met Vroom, het werk overdragen aan een nieuwe generatie. Dat is een natuurlijke gang van zaken en zorgt ervoor dat onze unieke veertig jaar lange samenwer king gecontinueerd kan worden.’

37VROOM
2014 | Aquaduct A1 | Muiden

Medewerkers van het eerste uur

40 60 JAAR

Henk Stuifzand, Dirk de Boer en Wim Schoenmaker: zet ze met z’n drieën om tafel en je krijgt verhalen voor tien. Over hun tijd bij Vroom en bijzondere anekdotes en over het feit dat ze zich tot op de dag van vandaag nauw verbonden voelen met het bedrijf.

Henk was als chauffeur 47 jaar in dienst, toen hij met pensioen ging. ‘Eigenlijk met vervroegd pensioen, want een maand voor mijn pensioen werd mijn wagen verkocht’, steekt Henk lachend van wal. ‘Ik weet nog dat ik op mijn eerste werkdag `s avonds om half twaalf thuis kwam. Mijn moeder Aaf was al het hele dorp rond geweest om te kijken waar ik was. Ze was niet gewend dat ik later dan vijf uur thuis was, maar het werk was nog niet af, dus gingen we door. Ik ben niet altijd chauffeur geweest hoor, maar ben ‘s zomers begonnen in het loonwerk en dan gingen we `s winters heien. Daarna kwam ik achtereenvolgens op de bakwagen en de dieplader om daarna houten palen te transporteren. De eerste vrachtwagen die er kwam was voor mij bestemd.’ Een van medewerkers van het eerste

Henk:

uur op kantoor was Wim. ‘Ik ben in 1969 begonnen en heb in de veertig jaar van mijn dienstverband verschillende functies gehad. Ik begon bij Klaas Vroom op de slaapkamer. Hij zei ‘In dit boek schrijf ik alles op en daar staat de telefoon’ en weg was hij. Ik heb nog nooit een paal geheid, maar ik heb er wel voor gezorgd dat er ontelbare palen de grond in zijn gegaan. In de beginfase was het vooral agrarisch loonwerk. Ik herinner me nog dat een van onze medewerkers in Bovenkarspel stond te heien, maar er moesten hooibalen geperst worden. Die collega heb ik toen opgehaald, want mo biele telefoons bestonden nog niet. Niet veel later is het agrarisch loonwerk over gedragen aan Koopmans, zodat we ons volledig op het heiwerk konden richten.’ Dat heien begon met houten palen. Wim: ‘Maar al snel kwamen de eerste betonnen paaltjes en ook de eerste stelling die dat werk aankon. Dat was voor ons toen een gigantische kraan, maar vergeleken met wat er nu op de bouw staat is het een Dinky Toy. Dat was begin jaren `70 en toen kreeg je ook die hele hoos van nieuwbouw en zo is Vroom gigantisch gegroeid.’

Dirk was één van de laatsten die nog met houten palen in de weer was. ‘Ik ben een jaar na Henk, in 1968 begonnen. Toen Vroom nog veel

loonwerk deed, kwamen we veel bij boerenbedrijven. Klaas kwam dan het erf op en vroeg aan de boer waar zijn zoon was. Als boerenzoon ging je dan de volgende ochtend naar kantoor, waarop Klaas vroeg wat je verdiende, daar wat bovenop deed en je morgen kon beginnen. In die tijd was een paar tientjes meer in de week veel geld, dus ging je graag bij Vroom aan de slag.’

‘Eigenlijk ging ik met vervroegd pensioen, want een maand voor mijn pensioen werd mijn wagen verkocht.’
Dirk: ‘We hadden er eentje, die kwam op gelakte schoentjes onder de stelling staan. Die was natuurlijk na een dag alweer weg.’
41VROOM

Vroom mentaliteit

Wim lacht: ‘Vroom is groot geworden door de boerenjongens. Begin jaren `70 werd het werk in de agrarische sector steeds minder en zo kwamen die jongens, die gewend waren om aan te pakken, beschikbaar. Die mentaliteit van samen de schouders eronder zetten en hard werken is kenmerkend voor Vroom.’ Toch was er wel eens een vreemde eend in de bijt, volgens Dirk. ‘We hadden er eentje, die kwam op gelakte schoentjes onder de stelling staan. Die was natuur lijk na een dag alweer weg. Maar er zijn er veel die net als wij tientallen jaren bij Vroom hebben gewerkt of er nu nog werken. Als je eenmaal bent opgenomen

in de Vroom-familie ga je ook niet zo snel weg. We hadden het leuk samen en met onze eigen ploeg waren we goed op elkaar ingespeeld. Nog steeds voelt het als een warm bad als we samenkomen.’

Zware belading

Als chauffeur haalde Henk de palen uit Duitsland, België en Luxemburg op. ‘Er was destijds veel werk in Groningen, Friesland en hier in de omgeving. Daar bracht ik die palen dan heen. De rijtijdenwet was toen nog een lachertje.

Henk: ‘Ik heb 42 jaar Scania gereden en we hebben uitge rekend dat ik in al die jaren circa vier miljoen kilometer heb afgelegd.’

In eerste instantie moesten we in een boekje de rijtijden en rusttijden bijhou den, daar kon je nog goed mee sjoeme len. Later moesten we een kaart in de tachograaf doen. Dan reed ik eerst op de kaart van mijn broer en stopte ik pas bij Duitsland mijn eigen kaart erin. We reden standaard te zwaar beladen terug. De wagen kon dat prima aan, maar de Duitse wetgeving was strenger dan de Nederlandse. Ik ben wel eens aangehou den en moest een deel van mijn lading achterlaten. Dan reed ik eerst naar de grens bij Elten om mijn lading tijdelijk te dumpen en haalde ik de achtergelaten lading weer op. Om het vervolgens in Elten weer allemaal bij elkaar op de wagen te laden, want in Nederland was die belading geen probleem. Zo heb ik in Luik ook wel eens voor het gerecht ge staan vanwege te zware belading. Ik heb 42 jaar Scania gereden en we hebben uitgerekend dat ik in al die jaren circa vier miljoen kilometer heb afgelegd.’

Veranderingen

Henk had niet alleen met veranderingen te maken op het gebied van wetgeving, in de loop der jaren zagen de mannen

van het eerste uur het bedrijf ook groei en en veranderen. Wim: ‘In mijn functie regelde ik van alles. Ik was aangenomen voor kantoortijden van acht tot vijf, maar ik begon altijd eerder en was nooit om vijf uur klaar. Inmiddels is het bedrijf zo groot dat de werkzaamheden specialistischer zijn geworden en de taken zijn verdeeld over verschillende mensen.’ Dirk vult aan: ‘Ik stroomde door van onder de stelling tot machinist. Daar waren toen geen papieren voor. Je deed het gewoon en als je er aanleg voor had, dan bleef je op de kraan. Later kwamen er meer regels en met die regels moesten we de schoolbanken in, voor ons VCA-diploma bijvoorbeeld.’

Betrokkenheid

Als oud medewerkers en ereleden van de personeelsvereniging zijn zij nog steeds graag geziene gasten bij activiteiten. Dirk: ‘Op zaterdag is het vaste prik: koffie in de werkplaats in Middelie.’ Henk is op donderdag veel bij Sjors Vroom te vinden: ‘Samen met Sjors en Gerrit Roelofs ben ik dan met de oude tractortjes in de weer.’ Voor Wim ligt dat anders: ‘Ik weet uit ervaring dat mensen aanwaaien om bij te kletsen op een moment dat het niet uitkomt en ik wil ze op kantoor in Oosthuizen vooral niet van hun werk afhouden.’

Wim besluit: ‘We zijn met elkaar opge groeid en ze hebben ons altijd het gevoel gegeven dat we het bedrijf met elkaar hebben opgebouwd. Dat maakt dat we ons nog steeds nauw verbonden voelen en tot op de dag van vandaag betrokken zijn bij het wel en wee van Vroom.’

Wim: ‘We zijn met elkaar opgegroeid en ze hebben ons altijd het gevoel gegeven dat we het bedrijf met elkaar hebben opgebouwd. Dat maakt dat we ons nog steeds nauw verbonden voelen en tot op de dag van van daag betrokken zijn bij het wel en wee van Vroom.’

42 60 JAAR
43VROOM
2001 | P&H Stelling | Oosthuizen
44 60 JAAR
2004 | P&H Stelling | De Rijp
45VROOM

Betrokkenheid en verbondenheid

Wat Randy Vroom en Jerry Mast gemeen hebben? Ze zijn er als je ze nodig hebt. Betrokken als ze zijn pakken ze op wat er blijft liggen, bijten ze zich vast in complexe zaken en hebben ze in de loop der jaren diverse functies bekleed. Elke dag hetzelfde werk is voor beiden een straf en misschien is dat precies waarom ze elkaar zo goed gevonden hebben.

Randy werkt er inmiddels 31 jaar. ‘Ik ben bij Vroom gaan werken om mijn vader te helpen, die was druk en ik ben gaan doen wat hij nodig vond. Destijds woon de ik nog thuis en zo ben ik het bedrijf ingerold. Helaas is mijn vader na mijn eerste drie jaar in het bedrijf overleden. Dat was een harde klap en het gemis was groot. Ik heb in het begin gewerkt als uitvoerder en projectleider en heb veel geleerd van de mannen buiten, van de nieuwe ontwikkelingen van paalsyste

men en de projecten in het buitenland. Op een gegeven moment kwam ik op kantoor terecht en deed ik bedrijfs leiding, planning en inkoop. Inmiddels liggen de operationele verantwoorde lijkheden bij Niels Bakker en ben ik me meer gaan richten op de commercie. Ik pak bij voorkeur projecten op waar ik bij het gehele project betrokken blijf. Dat zijn over het algemeen de wat meer specialistische projecten waarvan ik weet dat er tijdens het traject nog wel

Randy: ‘Dat we elkaar daarbij onderling wel eens de waarheid vertellen, hoort daar ook bij. Maar als dan de lucht weer geklaard is, kunnen we weer samen verder.’

wijzigingen door ons moeten worden ge daan. Dit lossen we samen met het team op om de klant tevreden te stellen. Die betrokkenheid is onze meerwaarde. Mijn geluk is dat ik weet hoe alle hazen lopen en die verbanden kan gebruiken om het werk in de planning, inkoop en uitvoe ring zo efficiënt mogelijk te maken. Al die verschillende werkzaamheden vind ik ook het leukst. Als ik elke dag hetzelf de moet doen, word ik doodongelukkig.’

Van buiten naar binnen Ook Jerry heeft al van alles gedaan bij Vroom. ‘Op mijn zeventiende werkte ik met mijn vader in de funderingstechniek in de stalenbuispalen. Ik werkte destijds als zzp’er al veel voor de eerste genera tie Vroom. In 1999 ben ik uiteindelijk in dienst gekomen en in 2001 kreeg ik een ernstig auto-ongeluk op weg naar mijn werk. Toen ik weer hersteld was, hebben we samen gekeken naar de mogelijk heden en ben ik van de bouwplaats af naar kantoor gegaan. Daar heb ik eerst Cajo Vroom ondersteund bij KAM om in de daaropvolgende jaren KAM-coördi nator te zijn. Daarna werkte ik nog als

46 60 JAAR

projectleider en als personeelsplanner. Die planning rondkrijgen voor de zomer periode was altijd bijzonder. Die maakte ik samen met Randy en Fred Klaver onder het genot van een goed glas wijn.’

Tevreden

Beide mannen beseffen dat ze het werk niet zonder het team kunnen doen. Randy: ‘Ik vind het belangrijk dat de klant en diens opdrachtgever tevreden zijn, maar ik wil ook dat ze in de bouwput en bij ons op kantoor tevreden zijn. Dat we elkaar daarbij onderling wel eens de waarheid vertellen, hoort daar ook bij. Maar als dan de lucht weer geklaard is, kunnen we weer samen verder.

Eigenlijk werkt dat met een klant ook zo: gezamenlijk optrekken als partners, als team, en met elkaar opbouwend bezig zijn. Dat wederzijds begrip krijg je alleen maar door veel met elkaar in contact te blijven en je in elkaar in te leven. Dat besef moest bij mij wel groeien, want tot 2007 wist ik alles beter. Door een traject van persoonlijke ontwikkeling is dat verbeterd. Dat is niet alleen

voor anderen, maar ook voor mezelf een positieve ontwikkeling geweest.

En gelukkig leer ik nog elke dag.’

Jerry vult aan: ‘Die verbondenheid met elkaar is belangrijk. Daar worden we met z’n allen een beter team van.

Ik heb in veel verschillende functies gewerkt en heb daardoor veel mensen zien groeien. Dat ik een aantal daarvan daar zijdelings bij heb mogen helpen vind ik mooi. De laatste jaren heb ik gewerkt met Daphne Visser en Joost Kieft en ik ben er enorm trots op hoe zij hun werk hebben voortgezet toen ik in 2020 onverwachts uitviel.’

Re-integratie

Want Jerry viel niet alleen in 2001 uit, maar ook in 2020. ‘Ik kreeg de akeligste vorm van corona die denkbaar is en heb kantje boord gelegen. Nog steeds ondervind ik daar hinder van in het dagelijks leven. Maar hoe het bedrijf in het algemeen en de familie Vroom in het bijzonder met mij en mijn gezin heeft meegeleefd is fantastisch. Dat is niet in woorden uit te drukken. Het intensieve contact tussen Randy en mijn vrouw

Diana in de periode dat ik in coma lag, het fijne en oprechte contact tijdens mijn revalidatie en de flexibiliteit en op lossingsgerichtheid bij het re-integreren zijn ongekend. De betrokkenheid zit `m in de kleine dingen: van bellen en langs komen tot het zoeken naar oplossingen.’

Jerry had gedacht weer snel aan het werk te kunnen, maar dat was niet realistisch. ‘Ik begreep ook best dat mijn werk niet kon blijven liggen en daarom is het opgedeeld en onderge bracht bij verschillende mensen, die dat fantastisch hebben opgepakt. Ze hebben vanaf het begin gezegd: ‘Maak je geen zorgen en focus op jezelf, wij lossen het op kantoor wel op’. Ik weet nog dat ik voor het eerst weer op kantoor kwam, gewoon om even bij te praten.

Diana bracht mij en was bij het gesprek. Ze kreeg uit handen van Peter Vroom een armbandje cadeau, omdat hij het zo knap vond hoe zij die periode had doorstaan en dat hij het waardeerde dat ze iedereen op de hoogte had gehouden. Ik ben veranderd na mijn ziekbed, maar wat niet veranderd is, is mijn hart voor het bedrijf. Waar dat aan ligt? De grootte van het materieel en hoe wij de zaken op orde hebben, maar vooral aan de

teamspirit. Inmiddels heb ik een nieuwe functie in het bedrijf, in de marketing en communicatie. Het is de zoveelste functie, maar zolang ik mensen kan verbinden, met een team kan samen werken en me zo verbonden voel als met Vroom, maakt dat niet zo heel veel uit.’

Toekomst

Waar de toekomst in het familiebedrijf voor Jerry weer een nieuwe invulling heeft gekregen, is het voor Randy kijken waar hij de aankomende jaren toege voegde jaren waarde kan leveren. Randy: ‘Kijk, als je meer twintigers en dertigers in het bedrijf krijgt, dan verandert de dy namiek. Zij doen het weer op hun manier en het is mooi om ze de ruimte te geven om verder te groeien en te ontwikkelen. Ook bij de klant zie je de verschuiving naar een jongere generatie, dan moet je er ook mensen van die leeftijd tegenover zetten, omdat die elkaar toch beter be grijpen. Ruimte geven vind ik aan de ene kant niet zo eenvoudig, mijn betrokken heid is groot en ben ik een control freak. Maar aan de andere kant zijn er in ons bedrijf veel kundige mensen, waardoor ik er ook alle vertrouwen in heb dat ik mijn werkzaamheden kan overdragen.’

Jerry: ‘Hoe het bedrijf in het algemeen en de familie Vroom in het bijzonder met mij en mijn gezin heeft meegeleefd is fantastisch. Dat is niet in woorden uit te drukken.’
47VROOM
2021 | Windplanblauw | Swifterbant

Aan de directietafel

Sinds de intrede van de ‘derde generatie’ in de vorm van Craft Capital, in oktober 2021, bestaat de directie van Vroom Holding Nederland B.V. uit Peter Vroom, Niels Bakker en Theo van Putten. Hoe kijken zij terug op wat er bereikt is en wat zijn de speerpunten voor de toekomst?

In januari 1993 kwam Peter Vroom in het familiebedrijf: ‘Toen mijn vader Klaas in 1994 overleed, trad ik in zijn voetsporten en voerde ik, samen met mijn ooms Sjors en Meindert, de directie. In 1997 traden zij uit en vanaf dat moment vormden Cajo en ik een tweekoppige directie. Enige jaren later volgde een financieel directeur, die in 2013 werd opgevolgd door Theo van Putten. In 2019 kwam Niels Bakker het directieteam versterken. Sinds het aantreden van Craft Capital heeft Cajo zich als directielid teruggetrokken.’

De rolverdeling is ondanks deze wijzigin gen niet sterk veranderd. Peter: ‘Binnen de directie is Niels verantwoordelijk voor Operatie, KAM en Materieel. Theo focust zich op Financiën, Personeelszaken en IT. Mijn rol als algemeen directeur ligt op het gebied van de commercie, marketing en het bedrijfsbureau. Wat in al die decennia onveranderd is, is onze manier

van werken. We zijn oplossingsgericht, hebben graag de regie in handen en hebben de kennis in huis om uitdagin gen aan te gaan. Ik herinner me dat ik net in het bedrijf was gestart en met een stapel Duitse folders naar Duitsland reed in mijn Volkswagen Golf. Het eerste project dat ik daar binnenhaalde was een project met buisschroefpalen die we op dat moment nog helemaal niet in ons assortiment voerden. De Duitse vertaling was kennelijk anders dan wij het bedoeld hadden. Het was even slikken. Desondanks besloten we het toch te gaan doen. Het project in Bremen hebben we in drie fases afge rond. Het is typerend voor het karakter van ons bedrijf. Als er een probleem is, dan verzinnen wij er een oplossing voor. Zo zijn veel dingen ontstaan, juist doordat we er tegenaan liepen.’

Theo vervolgt: ‘Vroeger ging dat eenvoudiger dan nu. Het is kenmer kend voor onze medewerkers dat ze

innovatief en zelfredzaam zijn. Dat wordt tegenwoordig steeds meer aan banden gelegd, omdat creatieve oplossingen ten koste kunnen gaan van kwaliteit of veiligheid en we meer en meer vast leggen in procedures om die kwaliteit en veiligheid juist te waarborgen. Maar de daadkracht die ons als organisatie kenmerkt heeft er absoluut voor gezorgd dat we staan waar we nu staan.’

Peter: ‘Het is typerend voor het karakter van ons bedrijf. Als er een probleem is, dan verzinnen wij er een oplossing voor.’
50 60 JAAR
51VROOM

Betrokken

Ondanks dat de mannen aan de direc tietafel zitten, zijn de lijntjes kort en zijn ze nog regelmatig op de bouwplaats te vinden. Niels nog het meest: ‘Feeling houden met wat er op de bouwplaats ge beurt is belangrijk. Dat is waar we klant waarde creëren en ons geld verdienen. Soms kom ik om een bepaald onderwerp te bespreken en ook vaak om aan te ho ren hoe het gaat. Ik vind die gesprekken altijd heel waardevol en vind het mooi om te zien waar we mee bezig zijn.’ Peter zit veel bij de klant en blijft de projecten ook volgen: ‘Zeker bij grotere projecten of wanneer er veel wijzigin gen zijn. Bij bijzonderheden bezoek ik het project, zodat ik op de hoogte blijf van wat er speelt. Dat maakt het ook bij de afronding beter praten met de klant, omdat ik precies weet hoe het gelopen is. Dat is belangrijk, want de klant staat voor ons centraal.’

Buitenland

Als het gaat om opdrachten in het buitenland volgde Peter ze in het begin van A tot Z. ‘De eerste keer dat we onze jongens naar het buitenland stuurden was dat echt nog wel spannend. Het was voor iedereen nieuw; dan moet je het wiel nog uitvinden. Als je de weg en de regels in het land weet, dan gaat elk project beter en zijn ze beter overdraag baar binnen je organisatie. Tegenwoor dig is er een grote groep medewerkers die die buitenlandse projecten juist heel leuk vindt, dus de koudwatervrees is wel

over. Waar voorheen elk detail over mijn bureau ging, zie ik nu behoorlijke docu menten met diverse werkplannen voorbij komen waar ik nauwelijks weet van heb. Dat er in die twintig jaar zoveel lerend vermogen is, vind ik een succes voor onze organisatie. Het kenmerkt onze po sitie en wie we zijn. Naast de buurlanden België en Duitsland hebben we onze in breng gehad in onder andere Engeland, Polen, Marokko, Sint Maarten en India.’

Speerpunten

Als we kijken naar de toekomst dan zijn er wat Niels betreft twee belangrijke speerpunten. ‘Aan de ene kant is dat personeel. Het werven van nieuwe medewerkers is echt een enorme uitdaging. Vroeger deed de planner dat erbij. Inmiddels is er een recruiter die volledig gefocust is op het werven van nieuwe medewerkers. Dat is een uitdaging vanwege de huidige algehele personeelskrapte, die in de bouw nog meer een rol speelt. Belangrijk is dat je de mooie eigenschappen van het beroep duidelijk uitdraagt. Het buiten werken met een grote mate van vrijheid en zelfstandigheid, waarbij je op veel locaties komt te werken met de meest uiteenlopende machines en technieken, maken het best een sexy vak. Verder zijn er bij Vroom altijd weer ontwikkel- en doorgroeimogelijkheden, waardoor het uiteindelijk een fantastisch beroep is. Vraag dat maar aan de mensen die hier vaak al tientallen jaren werken! We investeren in onze mensen en zij kunnen

Niels: ‘Wij werken met mensen en met materieel. Het materieel is uiteindelijk vervangbaar. De mensen niet, die zijn uniek.’
52 60 JAAR

zich bij ons blijven ontwikkelen. Op die manier houden we de achterdeur dicht. Aan de andere kant vergroten we ook het veiligheidsbewustzijn. Daarvoor houden we verschillende trainingen. We hebben begin 2022 op de Safety Culture Ladder veiligheidstrede 3 behaald en daar zijn we supertrots op. Beide speerpunten zijn gericht op de menselijke kant van het bedrijf. Dat is ook het belangrijkst. Wij werken met mensen en met materieel. Het materieel is uiteindelijk vervang baar. De mensen niet, die zijn uniek.’

Digitalisering

Wat Theo betreft staat digitalisering ook hoog op de agenda. ‘Het doel van automatisering moet zijn dat het de informatiestroom verbetert en het werken efficiënter maakt. Daarnaast is het een goede manier om vast te leggen dat je aantoonbaar en continue kwaliteit levert. Heel veel dingen, zoals urenverantwoordingen en projectmap pen, worden hier van oudsher nog op papier bijgehouden en aangeleverd. Dat moet anders en beter kunnen. Vooral nu iedereen ook zelf een smartphone bezit, kunnen er meer zaken digitaal. Dat vergt aanpassingsvermogen van iedereen, we moeten met onze tijd meegaan. Dat doen we met onze producten, dus ook met onze wijze van werken.’

Specialisten

Vanuit commercieel oogpunt ligt de nadruk op het specialisme. Peter: ‘We willen ons echt presenteren als specialist en etaleren onszelf daarom

als kennisbedrijf. We denken aan de voorkant mee, daar hebben we ook een sterk bedrijfsbureau voor. Daardoor trekken we ook andere opdrachtgevers aan. Opdrachtgevers die steeds meer inkopen op zekerheid, betrouwbaarheid en een hogere mate van veiligheid. Daarmee zien we ook dat er een groeiende groep van buitenlandse opdrachtgevers is en van projecten met een hogere moeilijkheidsgraad. Zowel op de bouw zelf en vooral ook in de begeleiding en het papierwerk eromheen. We zijn in al die jaren enorm gegroeid en hebben meer kennis en kunde aan boord. Dat spreekt ook een hoger segment opdrachtgevers aan.’

Toekomst

Met Craft Capital aan boord verandert er aan de organisatie zelf nauwelijks iets, volgens Peter. ‘Die samenwerking merk je niet direct in het bedrijf. Het raakt meer de beleidskant dan het operatione le deel van het bedrijf. Wij blijven direc tie voeren en de kennis van het bedrijf en de kennis van de markt ligt bij ons als organisatie. Als aanvulling daarop hebben we een mooie partner waarmee we strategisch kunnen sparren. Zoals over hoe de economische ontwikkelin gen zijn en waar we marktonderzoek naar kunnen doen. We merken onder andere dat we hierdoor meer en beter naar de toekomst kunnen kijken. Op het moment dat wij beter in staat zijn om die toekomst te ‘voorspellen’ versterken we onze positie alleen maar meer.’

Theo: ‘Het is kenmerkend voor onze medewerkers dat ze innovatief en zelf redzaam zijn. Dat wordt tegenwoordig steeds meer aan banden gelegd, omdat creatieve oplossingen ten koste kunnen gaan van kwaliteit of veiligheid.’

53VROOM

Samenwerking in betonmortel

54 60 JAAR

De tweede generatie van de familie Droog van Albeton deed al zaken met de eerste generatie van de familie Vroom en zo werken deze familiebedrijven al meer dan veertig jaar samen. Tegenwoordig zijn Heimen en Jeroen Droog als derde generatie werkzaam in het bedrijf en is de samenwerking nog steeds intensief.

De opa van Heimen en Jeroen is het bedrijf gestart. Heimen: ‘In 1968 begon hij een betonmortelcentrale in de Bijlmermeer, daarna is het bedrijf verhuisd naar de Cruquiusweg en sinds 2014 zijn we gevestigd aan de Ankerweg in Westpoort. We zijn altijd in Amsterdam gebleven, omdat hier veel werk voor ons is. Ook Vroom heeft altijd veel projecten in de regio groot Amsterdam, waar wij betonmortel lossen in de stationaire mixer of in de pomp bij een DPA-stel ling. Zo hebben we samengewerkt bij de bibliotheek van Amsterdam, het Conservatorium en de Pontsteiger, maar ook bij de Amsterdam Logistic Cityhub, waar Vroom met zeven stellingen stond te draaien en wij 30.000 m³ betonmortel mochten leveren.’

Albeton levert aan projecten in het hele land. ‘We hebben een belang in Bollenbeton in Hillegom en LBC in Leeuwarden, waardoor we ook andere regio’s goed kunnen bedienen.’

Intensief

Door de jarenlange samenwerking zijn de bedrijven goed op elkaar ingespeeld. ‘De samenwerking is intensief. We hebben continu contact met elkaar. We werken met een halffabricaat dat beperkte tijd vloeibaar blijft, dat vergt goede afstemming. Die afstemming gebeurt met de machinisten en dat gaat heel soepel. Vooraf weten we natuurlijk wel hoeveel kuub we ongeveer per dag moeten afleve

ren, maar pas als er gebeld wordt gaan we dat in orde maken en afsturen. Onze nieuwe centrale is één van de modernste betoncentrales van Nederland en na het telefoontje is onze betonwagen binnen een paar minuten vol. Soms komt er een kink in de kabel: omdat er file op de ringweg staat of aan de kant van Vroom, omdat een pomp kapot gaat. Dan is het een kwestie van de telefoon pakken en elkaar informeren. De lijnen zijn heel kort en we weten wat we aan elkaar hebben.’

Toekomst

Heimen: ‘Onze nieu we centrale is één van de modernste betoncentrales van Nederland en na het telefoontje is onze betonwagen binnen een paar minuten vol.’

Volgens Heimen is er in de samenwer king in al die jaren niet veel veranderd. ‘Dat loopt goed en prettig en de lijnen zijn zo kort dat het voelt alsof we kleine bedrijven zijn gebleven. Maar we zien wel dat er, vanwege geluid en trilling, steeds meer verschoven is naar DPA palen. Met in de grond gevormde palen ben je ook veel flexibeler. Vooral in de stad wordt hier veel voor gekozen. In onze ogen is Vroom een van de eerste die met deze paalsoorten ging werken. De bouwvolumes nemen de komende jaren alleen maar toe en Vroom is een bedrijf dat veel aankan. Ik verwacht en hoop dat we ook de volgende decennia samen op blijven trekken.’

Familiebedrijf

Hoeveel kubieke meter Albeton aan Vroom heeft geleverd? ‘We hebben dat opgezocht in ons systeem en komen tot circa 600.000 kuub in totaal. Als je dat omrekent is het zo’n 15.000 m³ per jaar. In 2021 steekt er één dag met kop en schouders boven uit: op 2 juli hebben we 711 m³ weggebracht, verdeeld over negentien stellingen. Een topscore!’

Heimen ziet veel overeenkomsten tussen beide familiebedrijven. ‘Net als wij zitten ze er bij Vroom ook kort op en weten ze precies wat er gebeurt. Familiebe drijven kijken naar de lange termijn en niet alleen naar de korte. En dus moet er soms een stap extra gezet worden. Met elkaar meedenken, bereid zijn om bijvoorbeeld op zaterdag door te gaan en een flexibele instelling, zorgen ervoor dat we als bedrijf een klik hebben. We werken oprecht samen en daar bedoel ik mee dat onze relatie dusdanig is dat we alles tegen elkaar kunnen zeggen. Een partnerschap op basis van vertrouwen is ons veel waard.’

55VROOM
2022 | 41 woningen Grasbuurt | Delft

Vroom Betonbouw: een andere tak van sport

Tussen het begin van de heiwerkzaamheden met houten palen en het ontstaan van de afdeling Betonbouw zit een flinke tijd. Dick Reijnders is sinds 1995 bij de afdeling Betonbouw betrokken en zorgt er als projectleider voor dat alles in goede banen wordt geleid. Sandro Pronk kwam Vroom veertien jaar geleden versterken en is sinds begin 2022 directeur Vroom Betonbouw.

Dick: ‘Klaas Vroom heeft zo’n 28 jaar geleden gesprekken gehad met één van de eerste producenten van prefab balken. Hij wilde het aanbod van Vroom verbreden. De start daarvan lag in handen van montageteam Peter Kramer en Peter Waaksma en al snel werd Jan Hoff toegevoegd. Peter Kramer en Jan Hoff vervullen deze rollen nog volop. In het begin waren het een paar werkjes, nu wordt er jaarlijks zeventig kilometer fundering gemonteerd.’

heien, maar ook de fundering en in som mige gevallen de prefab vloerelementen erop leggen. Dat wij een totaalpakket aanbieden én daarbij paalsystemen voeren, onderscheidt ons in de branche.’

Samenwerkingsverbanden

Sandro: ‘Dat wij een totaalpakket aanbieden én daarbij paalsystemen voeren, onderscheidt ons in de branche.’

In 1998 werd Vroom Betonbouw in het leven geroepen als nieuwe werkmaat schappij onder de holding. Sandro: ‘We richten ons primair op projecten waarin we onze prefab funderingsconstructies en traditioneel betonwerk aan kunnen bieden. Dat is een totaalpakket van Vroom, dus inclusief alle soorten palen. Dat komt omdat we zien dat klanten meer dan ooit ontzorgd willen worden. Ze willen niet alleen dat we de palen

Door deze andere tak van sport kennen ze bij Vroom Betonbouw verschillende samenwerkingsverbanden. Sandro: ‘We hebben met diverse partijen partner contracten, waarbij we alle woningen voor die opdrachtgever verzorgen. We werken doorgaans als onderaannemer voor de aannemer die in opdracht van veelal woningbouwcorporaties projecten uitvoert. Zo’n grote opdrachtgever is bijvoorbeeld BAM Wonen Nieuwbouw Concepten, die op jaarbasis zo’n 1.000 woningen bouwt. Wij verzorgen voor al die woningen de complete fundering, dus zowel de heipalen als de funderings balken. We produceren deze elementen en brengen ze aan op de bouwlocatie.’

Dick vervolgt: ‘Wat wij aanbrengen in de markt is ongeveer 3.000 woningen per jaar. Maar we hebben ook projecten in de utiliteitsbouw, waaronder datacenters en bedrijfspanden. We zijn de tweede speler in de markt in prefab funderingen. En daarin zijn we lekker groeiende, zo legden we in 2021 zo’n zeventig km aan balken. Doorgaans komt onze fundering op onze eigen palen, maar het gebeurt ook wel eens dat we die op palen van een andere partij leggen. Al heeft het zeker voordeel om alles bij Vroom onder te brengen. Kijk alleen maar naar de afstemming die daardoor veel efficiënter verloopt.’

Verbeteringen

Die afstemming is ook op het gebied van maatvoering beter geworden. Dick: ‘In de beginfase waren we veel meer aan het aftasten. Wat gaat goed, wat kan beter? We zien nu dat we niet alleen enorm gegroeid zijn, maar ook veel sneller zijn geworden in ons werk. Er is een flinke

58 60 JAAR
59VROOM
60 60 JAAR

Dick: ‘Je hebt grip op wat je zelf organiseert en daarom werkt het in onze hectiek veel beter als mensen bij ons in dienst zijn.’

ook flexibeler, want we hebben altijd alles bij ons. We zijn in veel opzichten een stuk professioneler geworden.’

Groei

verbetering gekomen toen we met eigen maatvoerders gingen werken. Tot die tijd kwam er een andere partij om in te me ten, maar als die maatvoering niet klopt, liggen de balken verkeerd en hebben wij een probleem met de opdrachtgever. Nu hebben we twee maatvoerders in dienst die een wezenlijk verschil maken voor ons werk. Het maakt ons werk een stuk minder foutgevoelig en makkelijker. Ook de logistieke kant is verbeterd. Vroeger ging iedereen met eigen auto naar het werk en zorgden wij voor een container met alle materialen op de bouwplaats, zoals een betonmolen en kruiwagen. Tegenwoordig is de bus volledig uitgerust en dat maakt ons

Op basis van de vraag vanuit de markt ontstaan er ook nieuwe producten. Sandro: ‘Of we met prefab beton ook portieken (entrees) konden maken, was zo’n vraag. En daar hebben we een oplossing voor geboden. Door dat in een aantal fases van het project te doen hebben we er erva ring mee opgedaan en ontstaat er een nieuw product in ons aanbod.’

Met de groei van opdrachtgevers en producten, groeide ook het team mee. Sandro: ‘We zijn van zes man gegroeid naar twintig man, daarbij horen ook de mannen die de prefab palen heien.

Van een modelleur die in Tekla het project uitwerkt en toevoegt aan het BIM-model, tot de jongens op de bouw die alle prefab werkzaamheden, van palen tot funderingen, doen en ook het in het werk gestort beton verzorgen. Zo zijn we al een paar jaar aanpassin gen aan bestaande panden aan het

doen, bijvoorbeeld voor de datacenters waar Cajo Vroom veel werk voor ver richt. Op die locaties wordt juist geko zen voor in het werk gestort beton om ze gereed te maken voor de toekomst.’

Kansen

Om niet alleen afhankelijk te zijn van woningbouw, wordt ook gekeken waar de kansen voor Vroom Beton bouw liggen. Sandro: ‘We hebben het afgelopen jaar een pilotproject in de utiliteitsbouw gedaan. In het heiwerk zien we dat we daar heel veel werk scoren, maar in prefab funderingen nog te kort.

Onze focus ligt nu, mede door de grote contracten, op de woningbouw, maar het is wel zaak om ook de kansen in de utiliteitsbouw te vergroten, zodat we een betere spreiding krijgen. Juist door die pilot te doen, zien we of dat succesvol voor ons kan zijn. Nu we daar een antwoord op hebben kunnen we daar in de toekomst ook meer de focus op leggen. Het is Vroom-eigen om het gewoon te gaan doen en dan te kijken of het kans van slagen heeft.’

Regie

Wat ook kenmerkend is voor de bedrijfsvoering is het in handen willen houden van de regie. ‘In tegenstelling tot de andere disciplines in ons bedrijf is het werk bij Betonbouw heel anders georganiseerd. Enerzijds is het statisch omdat het om prefab gaat, maar ander zijds is het juist heel dynamisch omdat onze mensen dagelijks op een ander project staan. Zo werken ze regelma tig op meerdere projecten tegelijk. Daarom is die regie houden ook belangrijk en doe ik de planning zelf.

Je hebt grip op wat je zelf organiseert en daarom werkt het in onze hectiek veel beter als mensen bij ons in dienst zijn. Dan kun je veel beter sturen op hoe en wanneer het werk gedaan wordt. Betonbouw is niet alleen een andere tak van sport, maar ook een hele mooie als je het mij vraagt’, besluit Dick.

61VROOM
2021 | Distributiecentrum Campus A58 | Roosendaal

Partners in prefab funderingen

De samenwerking tussen Appel Beton en Vroom is ruim vijftien jaar geleden ontstaan. Sinds de komst van Wido de Jong, als directeur bij Appel Beton in 2014, is de samenwerking geïntensiveerd. Was het bedrijf, producent van prefab betonproducten, tot die tijd nog vooral leverancier, sindsdien worden projecten in comaking met elkaar opgepakt in een exclusieve samenwerking.

Die samenwerking is in 2015 vastgelegd in een overeenkomst. Wido: ‘In 2015 is Appel Beton overgenomen door De Hoop Terneuzen en is het onderdeel geworden van een groot familiebe drijf. Appel Beton en Vroom hebben elkaar nodig in de branche en vullen elkaar goed aan. Wij nemen projecten aan waarbij we de expertise voor maatvoering, montage en heiwerk bij Vroom neerleggen en andersom zijn wij vaste leverancier van prefab betonnen funderingsbalken en bergingsvloeren. Dat we elkaar versterken zie ik ook terug in de volumes die we samen realiseren. Dat lag destijds zo’n 1.000 woningen per jaar lager dan nu. Nu maken we zo’n zeventig km aan funderingsbalken per jaar, in samenwerking met Schokin

dustrie in Zwijndrecht, die ook tot De Hoop behoort. Vroom monteert deze funderingsbalken. Omgerekend zijn dat een kleine 3.000 woningen per jaar.’

Seriematige woningbouw, maar ook maatwerk

De samenwerking richt zich vooral op de seriematige woningbouw. ‘We realiseren de fundatie van veel rijtjeshuizen zoals we die in Nederland kennen, maar we zijn ook goed in maatwerk. In 2021 hebben we bijvoorbeeld de basis gelegd voor een bedrijfshal voor Lely Industries in Maassluis. Het betrof een complex project, zowel in productie als in monta ge. Balkafmetingen waren afwijkend en we hebben voor dit project ingewikkelde poeren geproduceerd. De afgelopen

64 60 JAAR

jaren zijn diverse andere aansprekende projecten gerealiseerd, waaronder het Landal Strand Resort Ouddorp Duin en het Palenhuis in Amsterdam.’

Totaalpakket

Doordat de producten en diensten elkaar aanvullen bieden ze klanten een totaalpakket. ‘Dat is een sterk punt in gesprekken met klanten, want wij kunnen het gehele funderingstraject uit handen nemen en de klant ontzorgen. Dat doen we vanaf de prijsvorming en engineering tot en met de uitvoering. We hebben daarvoor nauw contact met Sandro Pronk, Dick Reijnders, Lars van Vuure en Raymond Dekker. Het is daarbij een grote plus dat Vroom alle paalsys temen in haar assortiment heeft. Zo

Wido: Aan die West-Friese nuch terheid moest ik in het begin wennen, maar het werkt prettig: er is een discussie, we lossen het samen op en gaan daarna weer vrolijk verder met elkaar.’

komen we altijd tot de beste oplossing. Doordat we zo nauw samenwerken zijn er ook regelmatig discussies. Het voelt zo eigen dat we elkaar onomwonden de waarheid kunnen zeggen. Aan die West-Friese nuchterheid moest ik in het begin wennen, maar het werkt prettig: er is een discussie, we lossen het samen op en gaan daarna

weer vrolijk verder met elkaar.’ De vraag naar prefab funderingen is volgens Wido sterk toegenomen. ‘En dat zal ook zo blijven in de toekomst, is mijn verwachting. Meer klanten kiezen voor prefab oplossingen. De snelheid, constante kwaliteit, veiligheid en continuïteit in een toekomst met minder vakmensen zijn de grote voordelen van prefab oplossingen. We hebben voor de tweede helft van 2022 enorm veel werk en dat betekent dat beide organisaties in zo’n intensieve periode dagelijks contact met elkaar hebben.’

Nieuwe weg

Dat Vroom, met het aan boord halen van Craft Capital, een nieuwe weg is ingeslagen, ervaart Wido als positief.

Natuurlijk vroeg ik me af wat deze stap voor onze samenwerking zou betekenen, maar het is me snel duidelijk geworden dat Vroom hiermee een stap heeft gezet waarmee de continuïteit is geborgd en de middelen om te investeren en te innoveren verder toenemen. In de samenwerking verwacht ik dan ook geen verandering, maar wat ik wel al ervaar is dat we samen naar de toekomst kijken en daar ook een strategie voor bepalen. Craft Capital kijkt op een andere manier naar onze markt dan wij gewend zijn. Door daar samen over na te denken ben ik ervan overtuigd dat we ons marktaandeel kunnen vergroten en uiteindelijk naar 4.000 woningen per jaar kunnen groeien.’

65VROOM
2018 | Distributiecentrum VSH | Zeewolde
68 60 JAAR

Yacup:

‘Mijn collega’s zie ik als familie’

Hij is een man van de praktijk: Yacup Macit werkt sinds jaar en dag als machinist op de funderingsmachine vanuit de vestiging in Wijchen. Met veel plezier gaat hij dagelijks met zijn team op pad en heeft hij volgens eigen zeggen het mooiste beroep dat er is.

Met zijn Woltman machine werkt Yacup vibro-SD palen en betonschroefpalen de grond in. Yacup: ‘Ik werk hier sinds 2007. Net als veel anderen in het bedrijf ben ik in de bouwput onder de stelling begon nen. Vervolgens ging ik aan de slag op de graafmachine en tegenwoordig werk ik als kraanmachinist. Die stappen heb ik gemaakt doordat Frits Verhoeven mij motiveerde om door te groeien in het bedrijf. Hij zag dat ik meer in mijn mars

had, maar de Nederlandse taal is moei lijk voor mij. Ik ben heel blij dat ik die kans heb gekregen en dat Frits me dat duwtje gegeven heeft. Het geeft ook aan hoe we met elkaar omgaan als collega’s. Ik denk dat dat ook de reden is dat ik me hier al snel thuis voelde . De combinatie van buiten werken met de gezelligheid van de ploeg is geweldig. Wat ik nu doe vind ik het mooiste werk dat er is.’

Teamwork

Yacup:

‘De combinatie van buiten werken met de gezelligheid van de ploeg is geweldig. Wat ik nu doe vind ik het mooiste werk dat er is.’

Waar mogelijk wordt er gewerkt in vaste teams. ‘Dat werkt ook het lekkerst, want dan raak je goed op elkaar ingespeeld. Wij werken met handmatige pompen en zijn dan altijd met z’n vieren. Het gaat sneller als iedereen weet wat hij moet doen. We zijn ook een hecht team en helpen elkaar. Ik werk vaak samen met nog een Turkse en twee Nederlandse collega’s. Zij helpen mij ook met de taal als er formulieren moeten worden ingevuld bijvoorbeeld. Het is fijn om te weten dat we het echt samen doen.

Mijn collega’s zie ik soms vaker en langer dan mijn eigen vrouw, daarom zie ik mijn collega’s ook als familie.’

Dat niet alle projecten vlekkeloos gaan, weet Yacup als geen ander. ‘Dan is het een lekker idee dat ook dat project eindig is en je daarna weer met frisse moed aan een nieuwe opdracht op een nieuwe locatie kan werken. Die afwisse ling van projecten door het land vind ik prettig en het maakt het werk ook leuk. Je zit toch elke keer weer in een andere omgeving. Soms dichtbij huis, soms samen met je ploeg ver weg in de kost. Dat schept ook wel een andere band met collega’s als je na het werk samen nog wat eet of nog even een film kijkt.’

Vrijheid

Een van de voordelen van het werk is de vrijheid die hij daarin heeft. ‘Over het algemeen krijgen we veel vrijheid om ons werk uit te voeren. Maar dat is niet altijd zo. Bij grote projecten, veelal voor

buitenlandse opdrachtgevers, verloopt alles volgens strenge regels. Er wordt dan ook op alle punten gecontroleerd. Ze kijken dan nog net niet over onze schouders mee. Aan de ene kant is dat wennen, maar je leert er ook weer van. Zo was ik in 2016 voor een project naar Engeland. Dat was zwaar. Niet alleen was het heel slecht weer, ook de aannemer was ontzettend streng. Ik was blij toen dat project was afgerond. Al geeft het ook veel voldoening als zo’n opdracht ook weer tot een goed einde is gebracht.’

69VROOM

Altijd onderweg

Het gebeurt niet vaak dat Fred Klaver en Marcel Hoogeweg beiden op kantoor te vinden zijn. Doorgaans reizen zij het hele land door, onderweg naar de projecten die zij onder hun hoede hebben. Ook Sjoerd Dreijer begint de smaak van het onderweg zijn te pakken te krijgen.

70 60 JAAR

Wie welk project onder zijn hoede krijgt, wordt door de planning bepaald. Fred, al 41 jaar werkzaam bij Vroom: ‘Er wordt gekeken naar de werkdruk, maar ook of het op de route ligt. Als je al werken in Groningen hebt, dan krijg je ook de andere opdrachten in die omgeving. Dat is het meest efficiënt.’ Marcel, gestart in 2017: ‘Doorgaans gaan we meerdere werken per dag langs. Het beheer van zo’n project is heel breed. Zodra het project in uitvoering gaat is het tot aan de eindafrekening onder onze hoede. Het komt erop neer dat wij controleren of er aan de randvoorwaar den wordt voldaan, zodat onze jongens op de bouw daadwerkelijk aan het werk kunnen. Dat doen we natuurlijk niet al leen, er is bijvoorbeeld veel overlap tus sen het werk van een werkvoorbereider en projectleider, maar voor veel zaken zijn wij wel het eerste aanspreekpunt.’

Afwisseling

De mannen zijn het er unaniem over eens wat het leukste is aan hun werk. ‘De afwisseling’ klinkt het volmondig. Marcel: ‘Elk project is in een andere fase en dat maakt het elke dag weer een uitdaging. Tegenwoordig kunnen we gelukkig veel zelf onderweg regelen met ons mobieltje of laptop. Bij een werkgever als Vroom is het hard werken, maar heb je naast de verantwoordelijkheden ook een hoop vrijheden. Hoe en wanneer je het doet maakt niet uit, als je je werk maar goed en op tijd doet. Er gaat een hoop goed

en er gaat ook wel eens wat mis. Dat brengt soms stress, maar ik had de overstap naar de funderingsbranche al veel eerder dan in 2017 moeten maken.’

Doorgroeien

Fred vult aan: ‘Ook de samenwerking onderling onder alle projectleiders en met onze leidinggevenden is ontzettend goed. We ondersteunen elkaar en kunnen altijd op elkaar rekenen. Iedereen is recht streeks aanspreekbaar en dat vind ik heel waardevol. Vroeger werkte ik direct onder de familie Vroom. In de loop der jaren zijn er wel meer verschillende functies geko men, maar eigenlijk is de organisatie nog steeds heel plat. Dat is niet het enige wat veranderd is. Zelf werkte ik eerst onder de kraan en daarna op de kraan, voordat ik zo’n twintig jaar geleden als projectleider aan de slag ging. Die ruimte om te groei

en is kenmerkend. Er zijn er bij Vroom meer met zo’n lange staat van dienst. Ik denk dat dat veel zegt over het bedrijf.’

Sjoerd beaamt dat: ‘Ik ben anderhalf jaar geleden gestart als werkvoorbereider en focus me op de windmolenparken. Inmiddels ga ik ook steeds vaker op pad langs de werken, zo’n één à twee dagen per week op dit moment. Die afwisseling tussen de werkvoorbereiding en project leiding vind ik leuk en ik ben blij dat ik deze kans krijg. Ik vraag ook tussentijds regelmatig aan mijn leidinggevende wat er nodig is voor de volgende stap in mijn carrière, zo laagdrempelig gaan we hier met elkaar om. Het doel is om in de toekomst volledig buiten de deur te zijn, net als Fred en Marcel.’

Die windmolenparken zijn een recentere tak van sport. Sjoerd: ‘Het voordeel van de windmolenparken is dat ze in de basis de zelfde kenmerken hebben. De werkvoor bereiding hiervan neemt zo’n twee weken in beslag, maar daarna is de doorlooptijd van deze projecten langer. Toen ik hier begon had ik geen enkele ervaring in de branche, maar de klik met de mensen was er al snel en over de verschillende paalsoorten leer je dan vanzelf. Voor mij zit de uitdaging echt in het contact met

de mensen en ervoor zorgen dat zij hun werk goed kunnen doen. Ik denk dat je een betere projectleider bent als je ook de werkvoorbereiding hebt gedaan.’ Ook Fred ziet daar het voordeel van. ‘Doordat ik ver schillende functies heb bekleed, gaat dit werk mij beter af. Ik weet hoe het er op de bouw aan toegaat en weet wat ze nodig hebben. Dat maakt het werk makkelijker en maakt ook dat je dezelfde taal spreekt.’ Hoewel het volgens de mannen nog steeds ‘ons kent ons’ is, zijn er ook dingen veranderd in de manier van werken. Fred: ‘Vroeger kon je ook mondeling met elkaar afspraken maken. Tegenwoordig moet alles op papier worden gezet en zijn mensen ook mondiger geworden. Qua werk is het vooral drukker geworden. Inhoude lijk verschilt het niet veel van hoe we vroeger werkten, al zijn er natuurlijk wel veel paalsoorten bijgekomen.’

De mannen zijn het er unaniem over eens wat het leukste is aan hun werk. ‘De afwisseling’ klinkt het volmondig.
71VROOM
72 60 JAAR Feiten&cijfers in 2022 Funderingsbalken voor 4.000 grondgebonden woningen per jaar 15 betonpompen 84 leaseauto’s 179 medew 500 ton 3 pile extractors 11 vrachtwagens 49 GELUIDSMANTELS
73VROOM 28 shovels erkers funderingsbalk per dag 500m gietmortel 9 midigravers 23 mixers 49 FUNDERINGSMACHINES 50 hydraulische heihamerspowerpacks boormotoren/ vibratoren 110 smartphones Funderingen van betonbouw op 10.000 funderingspalen van Vroom 30 240.000m3 BETONMORTEL PER JAAR

Van vader op zoon: familie Bol

Dat er bij Vroom meerdere generaties van één familie aan het werk zijn én dat ze soms ook terugkomen na een uitstapje bij een ander bedrijf, toont aan dat werken bij Vroom onder je huid kruipt. Dat blijkt ook uit het verhaal van vader Jaap, zoon Youri en neef Michael Bol.

De vader van Jaap werkte, net als zijn oom Ruud en oom Nico, bij Vroom. Ook zijn aangetrouwde oom Berry Oortwijn en diens zoons werken er. Jaap: ‘Aan de zondagse koffietafel bij opa en oma Bol in de Purmer ging het altijd over heiwerkzaamheden. Mijn broer Erik en ik kregen het dus met de paplepel ingegoten en zo zijn we er ook ingerold. In 2022 werk ik hier 37 jaar. Er was een tijd dat er meer Bol’en dan Vroom’en in het bedrijf werkzaam waren. Net zoals bijna iedereen begon ik onder de stelling, in mijn geval eerst bij Gerrit Meester, daarna bij oom Nico Bol, die zat in de houten palen, vervolgens bij Henk de Vries en tot slot bij Fred Klaver.’

Jaap had veel verschillende functies. ‘Door inzet en ervaring kun je hier veel bereiken en doorgroeien. Zo werd ik

projectleider en inmiddels ben ik kwali teitscontroleur van in de grond gevormde palen en bouwputten. De vrijdagen breng ik door met nieuwe medewerkers. Na de ‘wasstraat’ neem ik ze mee naar de kraan waar ze `s maandags aan de slag gaan. Tussentijds hebben we meerdere evalu aties met de nieuwe medewerker en de ploeg en door mijn andere taken kom ik regelmatig op de werken en hoor ik ook hoe het gaat. Ik heb echt de leukste en meest afwisselende baan in het bedrijf.’

In vaders voetsporen

Youri begon zijn carrière bij Vroom als stagiair. ‘Ik deed MTS Bouwkunde en draaide tien weken in de werkvoorberei ding mee. Maar na die tien weken wist ik wel dat het kantoorwerk niks voor mij was, hoewel ik de werksfeer en de mentaliteit bij Vroom wél heel prettig

74 60 JAAR

vond. Een jaar later moest ik twintig weken stage lopen en deed dat weer bij Vroom. Ik zou in die stage de maatvoer der ondersteunen met het uitzetten van de funderingen, maar die nam al snel ontslag. Cajo Vroom vroeg me of ik het ook alleen kon en zo heb ik mijn stage volbracht. Daarna ben ik in dienst geko men en dat is alweer tien jaar geleden. Na vier jaar maatvoering had ik het wel gezien. Je bent altijd alleen op stap en ik ben wel een teamspeler die houdt van de gezelligheid van het werken in een ploeg. Die teamgeest miste ik en vond ik wél toen ik als shovelmachinist aan de slag kon in het team van Erwin Spruijt, waar ik nu nog steeds zit.’

Terug van weggeweest

Michael is sinds kort terug van weg geweest. ‘Ook ik kende Vroom al via

mijn vader. Toen ik lang geleden thuis kwam te zitten, stuurde hij me naar het kantoor van Vroom en de volgende dag kon ik beginnen. Jaap Laan had gezegd dat ik wel op de shovel kon, maar ik kende alleen de houten palen stellinkjes waar mijn vader op zat. Toen zag ik op de bouw ineens die Hitachi KH230-3GLS. Wat een machine! Na 25 jaar op de shovel hield ik het eind 2021 voor gezien. Ik wilde wel eens ergens anders kijken. Ik had mijn werkkleren teruggegeven en Randy Vroom, met wie ik altijd goed contact heb, zei ‘Ik bewaar ze wel voor je, je bent zo weer terug’. Hij had gelijk, want al na een halfjaar realiseerde ik me dat het rode Vroom-bloed toch door mijn aderen stroomt. De manier van werken, de sfeer, de mentaliteit: ik vond dat niet bij mijn nieuwe werkgever. Bij Vroom heb je

veel vrijheid en als jij goed bent voor het bedrijf, dan is het bedrijf goed voor jou. Dat uitstapje was goed om te ontdekken dat het gras bij de buren niet groener is.’

Teamwork

Youri en Michael werken in een vast team. Youri: ‘Daardoor raken we goed op elkaar ingespeeld. Doordat we hele dagen – en in de kost ook hele avonden – met elkaar doorbrengen, leer je elkaar goed kennen. We weten precies wat we aan elkaar hebben en gaan er echt met z’n allen voor. Wat langer doorwerken, een korte pauze onder de machine in plaats van in de keet, we zorgen er samen voor dat het werk af komt. Dat teamwork maakt het werken hier ook zo leuk.’

Jaap: ‘Aan de zondagse koffietafel bij opa en oma Bol in de Purmer
ging het altijd over heiwerkzaamheden. Mijn broer Erik en ik kregen het dus met de paplepel ingegoten en zo zijn we er ook ingerold.’
75VROOM

‘Het is mooi om te zien dat we in het hele bedrijf met elkaar meeleven’

76 60 JAAR Gertruud:

Bij Vroom kan niemand om het vijfkoppige team van Personeelszaken heen. Veelal is zowel het eerste als het laatste contact van een mede werker met iemand van deze afdeling. Gertruud Duijn en Daphne Visser vertellen over de groei van het team, het werk én de uitdagingen.

Gertruud werkt nu ruim 22 jaar als medewerker personeelszaken. ‘Ik heb het 40-, 50- en nu het 60-jarige jubileum meegemaakt. Dat vind ik best bijzonder. In de loop der jaren is mijn functie behoorlijk uitgebreid, maar ook veranderd. Mijn focus ligt op de verzui mende medewerkers: van kort verzuim tot bedrijfsongevallen en langdurig zieken. In de afgelopen twee corona jaren was de uitdaging extra groot.’

Betrokken

Wat het personeelsbeleid volgens Ger truud kenmerkt is de menselijke maat. ‘We vinden het belangrijk om goed con tact met onze medewerkers te hebben en ze te betrekken bij onze organisatie. Ook als ze tijdelijk niet kunnen werken, om welke reden dan ook, willen we er zoveel mogelijk voor ze zijn. Het is mooi om te zien dat we in het hele bedrijf met elkaar meeleven. Ik denk ook dat dat typerend is voor Vroom. En ik denk dat medewerkers zich daardoor ook mak kelijker uit durven spreken. We willen graag een veilige werkomgeving bieden, waarin juist ruimte is voor het persoon lijke verhaal van de medewerker. We proberen altijd samen op zoek te gaan

naar een oplossing en daarin gaan we soms best ver. Of het nu om persoonlijke aangelegenheden gaat, om een re-inte gratietraject na ziekte of om duurzame inzetbaarheid op de lange termijn.’

Opleidingen

Daphne werkt nu ruim drie jaar op de afdeling als opleidingscoördinator.

‘Toen ik hier begon was deze functie er nog niet, maar door wetgeving en eisen vanuit onze opdrachtgevers zijn die opleidingen steeds belangrijker geworden. Ik heb eerst, samen met mijn manager, alle functies en opleidingen in kaart gebracht. Welke opleidingen zijn er verplicht bij indiensttreding? En welke kunnen we medewerkers bieden om hun functie beter uit te oefenen of om eventueel door te groeien? We hebben veel verschillende soorten functies met de daarbij behoren de opleidingsvereisten, die in een opleidingsplan zijn opgenomen. Dat plan kijkt steeds twee jaar vooruit en wordt elk jaar weer actueel gemaakt.’ Onderdeel van het opleidingsplan zijn onder andere de opleidingsdagen.

‘We beginnen elk nieuw jaar met onze scholingsdagen. Daarin doen we met

Gertruud:

name de verplichte opleidingen als TCVT, BHV en VCA. Door hier twee verplichte dagen van te maken, zorgen we er zoveel mogelijk voor dat iedereen aan de verplichte opleidingen voldoet en hoeven we gedurende het jaar zo min mogelijk mensen uit de planning te halen.’

Wasstraat

Een aantal jaar geleden is er gestart met de zogenoemde wasstraat. Gertruud: ‘Nieuwe medewerkers worden op deze manier in één dag op velerlei vlak klaargestoomd voor hun nieuwe werk bij Vroom. Je moet dan denken aan een arbeidsvoorwaardengesprek, een intrede- en bodemsaneringkeuring, het aanmeten van bedrijfskleding en een introductietraining waarin Daphne de veiligheidsaspecten van het werken rondom een funderings machine benoemt. Zo gaat iedereen met eenzelfde basis aan het werk.’

Digitalisering

Tijden veranderen en dus bewegen de werkzaamheden van de dames mee. Daphne: ‘Voorheen schreef ik bijvoor beeld de gevolgde opleidingen bij in de boekjes van de medewerkers en

‘We vinden het belangrijk om goed contact met onze medewerkers te hebben en ze te betrekken bij onze organisatie.’
77VROOM

kregen zij daar dan weer een kopietje van. Dat is sinds twee jaar allemaal gedigitaliseerd en medewerkers hebben een pasje gekregen. Als ze op de bouwplaats gecontroleerd worden, kunnen ze die pas tonen en kan de controleur in het systeem opzoeken of ze aan de opleidingseisen voldoen. Ook kregen medewerkers op de bouw plaats vroeger een filmpje te zien over veiligheid, voordat ze de bouwplaats mochten betreden. Sinds april 2019 is dat vervangen door de Generieke Poort Instructie (GPI). Het is een jaarlijkse digitale toets, die ze middels een linkje gewoon thuis kunnen doen, over veilig heid voor de funderingsbranche. Ik vind het goed dat er vaker wordt stilgestaan

bij de veiligheid dan eens in de tien jaar tijdens de verplichte VCA-opleiding.’ Ook op het gebied van communica tie met de medewerkers is er veel veranderd. Gertruud: ‘In 2014 zijn we overgestapt naar BouwInfosys. Dat systeem maakt communiceren met alle medewerkers vanuit onze afdeling veel eenvoudiger. Zo kunnen ze zelf inloggen en hun loonstroken en jaaropgaaf down loaden, maar kunnen ze ook hun verlofaanvraag in het systeem doen. Tot die tijd was het sturen van de loonstroken per post een enorm tijdrovende klus.’

Toekomst

Gertruud en Daphne zijn het erover eens dat hun werk nooit hetzelfde zal

Daphne: ‘Voor mij zit de uitdaging ook in het verbeteren van de processen rondom de opleidingen. En ik zou nog meer aandacht willen hebben voor de begeleiding van medewerkers als ze eenmaal bij ons werken.’

zijn. Daphne: ‘Voor mij zit de uitdaging ook in het verbeteren van de proces sen rondom de opleidingen. En ik zou nog meer aandacht willen hebben voor de begeleiding van medewerkers als ze eenmaal bij ons werken.’

Gertruud besluit: ‘We verwachten dat er in de toekomst alleen maar meer weten regelgeving komt en dat betekent voor ons meer ‘papier’- en regelwerk. Het maakt het werk niet alleen uitda gend, maar ook enorm afwisselend.’

78 60 JAAR
79VROOM
2015 | Pontsteiger | Amsterdam
82 60 JAAR

Voorliefde voor vibro

Waar de één liever boort, heeft de ander een grote voorliefde voor het heiwerk. Niels Veerman en Sjors Koole houden van de herrie en het geweld dat het werken met vibropalen met zich meebrengt. Het werken op de grote funderingsmachine is hun grote passie.

Niels werkt bijna 28 jaar bij Vroom en net als zovelen begon hij onder de heistelling. ‘Dat was bij Joop van der Wal, die nu eigenaar is van Trainings centrum Crescendo in Hoorn, waar wij ook opleidingen volgen. Mijn eerste ervaring op de kraan deed ik op terwijl ik bij Berry Oortwijn onder de stelling stond. Het was toen bloedheet en de kraan had geen airco, dus Berry zei ‘Wat denk je ervan als ik de ochtenden draai en jij in de middag op de kraan gaat?’ Ik was toen een jaar of twintig en vond het prachtig, maar in deze tijd is dat natuurlijk ondenkbaar. We moesten destijds ook onze machinistenpapieren al hebben, maar vaak zaten we dan al op de kraan voordat het diploma op zak was. Zo ook in mijn geval. Tegenwoordig is er voor machinisten een opleiding van drie à vier maanden, maar in mijn tijd ging je twee jaar lang één avond in de week naar school en had je daarna vier weken lang praktijkles in Harderwijk. Als het gaat om opleiden en veiligheid is er echt veel veranderd in al die jaren.’

Grootste funderingsmachine

Niels nam de funderingsmachine 21 jaar geleden over van Fred Klaver. ‘De ma chine was toen net een jaar oud en Fred

werd projectleider. Ik werd op kantoor geroepen en er werd me gemeld dat ik vanaf dat moment op die kraan moest draaien. Het was destijds ons grootste materieel met de meeste power. Ik hei dan ook met name palen in het langere segment van dertig tot veertig meter. Inmiddels zijn er veel grotere machines gekomen. Ik geloof dat ik op de ranglijst gedaald ben van de eerste naar de vijfde plek.’ Inmiddels heeft hij zicht op een nieuwe machine. ‘Aan het eind van dit jaar komen er twee accu-elektrische funderingsmachines en één daarvan is voor mij. Dat zal wel even wennen zijn. Niet dat het werk verandert, maar

je moet wel meer nadenken over je energieverbruik vanwege die battery packs. Het is echt een top-of-the-bill machine, dus ik verheug me erop. Kom ik ook weer met stip op één te staan van grootste materieel’, lacht Niels.

Waar Niels zijn sporen al ruimschoots verdiend heeft, staat Sjors nog aan het begin van zijn carrière. ‘Ik begon op mijn 21e en werk hier inmiddels vijf jaar. Ik ben begonnen bij Edwin van de Giessen en ben eigenlijk vrij snel van onder de stelling doorgeschoven naar de shovel en daarna op de funderingsmachine terechtgekomen. Martijn Steenstra

83VROOM

kwam op de bouwplaats in Zeewolde en vertelde dat er een plek was vrijgeko men. Ik kon mijn boeltje pakken en de volgende dag stond die machine voor me klaar in Utrecht. Ik wilde het wel eerst proberen, voordat ik definitief de overstap zou maken. Kijk, in de shovel ben je nog een beetje mobiel en stap je wat vaker in en uit, maar op de kraan is dat natuurlijk niet zo. Maar ik had er wel feeling voor en vond het eigenlijk

Sjors: ‘Niemand kijkt op z’n klokje, omdat hij naar huis moet. We maken langere dagen en op vrijdag zijn we lekker op tijd thuis voor het weekend.’

gelijk leuk. Mijn droom was het altijd al, ik had alleen niet gedacht dat het zo snel zou gaan. Toch was het even wennen, ik had het ontzettend naar mijn zin bij mijn oude ploeg en nu lag de verantwoordelijkheid ineens bij mij met een nieuwe ploeg, terwijl ik de jongste van het stel was. Gelukkig kennen we elkaar allemaal wel. We zien en spreken elkaar regelmatig, bijvoorbeeld op de vrijdagmiddag op kantoor en we staan ook altijd voor elkaar klaar. Dat maakte die overstap ook wel makkelijker.’

In de kost

Waar Sjors het wel lekker vindt om in de kost te zitten, vindt Niels dat helemaal niks. Niels: ‘Toen ik zijn leeftijd had, vond ik het ook geen probleem. Ik heb vroeger wel anderhalf jaar in de Eemshaven in Groningen gezeten. Maar mijn kinderen waren maar één keer klein en daar heb ik veel van gemist. Het gebeurt nog steeds wel eens, maar niet meer zo

vaak en ook niet meer zo lang als toen.’ Sjors vult aan: ‘Ik vind het juist relaxter werken. Niemand kijkt op z’n klokje, omdat hij naar huis moet. We maken langere dagen en op vrijdag zijn we lekker op tijd thuis voor het weekend. Door die lange dagen heb ik al flink wat draaiuren gemaakt. Die worden door PZ allemaal genoteerd en dat was vroeger niet zo. Vooral bij projecten in de petrochemie of in datacenters zeggen

die draaiuren meer over je ervaring dan leeftijd dat doet. Bij die projecten wordt ook de regelgeving gehanteerd die in het land van de opdrachtgever geldt. Dat werkt wel eens tegen ons, omdat wij gedreven zijn om het project binnen de deadline op te leveren.’

Niels geeft daar een voorbeeld van: ‘Ik werkte eens op een project voor een Zweeds bedrijf. Die keken vanuit Zweden op de camera’s bij het project mee en zagen dat het mistig was. Volgens hen te mistig om te werken en dus werd het werk stilgelegd, terwijl ik wel met meer mist had gewerkt. Ik had echt niet aan het werk gegaan als het niet verantwoord was, maar in dit geval zag ik het probleem niet. Er is veel verbeterd op het gebied van veilig heid. Zonder helm op de bouwplaats gebeurde vroeger regelmatig, maar nu is dat helemaal geen vraag meer. Je hebt `m gewoon op. Ook wij willen heel thuiskomen. Net zoals dat wij er net zo hard van balen als iets niet volgens planning verloopt. Wat mij betreft is een klus pas geslaagd als we veilig en vlot de dag doorkomen met z’n allen en gewoon lekker gewerkt hebben.’

84 60 JAAR

Oudmachinist Gerrit

Inmiddels is Gerrit Roelofs al vijtien jaar uit dienst, maar nog steeds heeft hij warme herinneringen aan zijn 45 jaar als machinist bij Vroom. Niet alleen aan het bedrijf, maar ook aan zijn vriendschap met Klaas Vroom denkt hij met veel plezier terug. Gerrit: ‘Ik kende Klaas al en voer destijds op een kustvaarder. Regelmatig kwam Klaas bij mijn moeder in Oosthuizen om te vragen wanneer ik weer terugkwam, omdat hij iemand nodig had voor op de trekker. Eenmaal weer thuis, ging ik bij Klaas in de kost. We molken eerst de koeien en gingen daarna aan het werk. Eerst werkte ik op de trekker, toen op de mestmachine en later op de eerste heimachine, een klein kraantje eigenlijk, een Bedfordje. We gingen naar smid Barend de Haan in Kwadijk om er hei-ogen op te lassen en van de aannemer, Piet Hamstra, kregen we het eerste heiblok om de

eerste houten palen, die ik nog helemaal moest afschillen, voor hem te heien. Dat was bij de Coöperatie in Kwadijk.’

Klaas en Gerrit waren dikke vrienden.

‘Toen ik 39 was zei Klaas: ‘Je rookt te veel en je drinkt te veel bier, je moet een racefiets kopen, dan gaan we fietsen’ en zo geschiedde. Op de woensdagen reden we naar Enkhuizen en in het weekend richting Durgerdam. En we maakten lange tochten: vijf keer Luik-Bastenaken-Luik en samen vijftien keer de Elfstedentocht op de fiets. Na het overlijden van Klaas, op veel te jonge leeftijd, ben ik daarmee doorgegaan. Ik heb die tocht wel dertig keer gereden. Ook hebben we de ronde van Andalusië gefietst. De eerste keer toen ik dertig jaar in dienst was. Klaas zei: ‘Ik kan je wel een gouden klokkie geven, maar wat dacht je ervan om samen de Ronde

van Andalusië te fietsen?’ Met een ploeg van negen man zijn we dat gaan doen. Machtig mooi. In Jerez de la Frontera proefden we sherry, terwijl we daarna nog 110 km moesten fietsen. Het was een prachtige reis, die we nog een keer over hebben gedaan en nu ga ik er weer naartoe om met een bus langs alle bezienswaardigheden te gaan.’

Gerrit ging op zijn 64e met vervroegd pensioen. ‘Ik ben al die jaren met veel plezier naar mijn werk gegaan en heb altijd ontzettend genoten van de fietstochten met Klaas. De familie Vroom voelt als familie, we hebben vroeger ook regelmatig op Peter en Randy gepast en komen nog steeds bij elkaar over de vloer.’ Nog één bijzondere anekdote wil Gerrit kwijt: ‘In Zaandam aan de Oostzijde kreeg ik een nieuwe kraan, een Hitachi KH300-GLS. Een prachtige machine. Klaas was net overleden, maar hij had er wel voor gezorgd dat die kraan er kwam. Ik sloeg er de eerste paal mee aan de Zaan in Zaandam.’

Gerrit: ‘Klaas zei
‘Je rookt te veel en je drinkt te veel, je moet een racefiets kopen, dan gaan we fietsen.”
85VROOM

Liefde voor techniek

Als kleine jongen stak René Vroom regelmatig op zijn driewieler de weg over van zijn huis naar de werkplaats in Middelie. Toen zijn stuur was stuk gegaan gingen ze dat in de werkplaats voor hem lassen. Het was zijn eerste kennismaking met wat later zijn werkplek zou worden.

88 60 JAAR
89VROOM

René groeide op met het bedrijf: ‘De mannen uit de werkplaats kwamen vroeger altijd bij mijn moeder thuis aan de keukentafel koffiedrinken en op latere leeftijd werkte ik hier op zaterdagen en in vakantietijd’, vertelt hij daarover. Maar het moment waarop hij daadwerkelijk besloot dat hij in het familiebedrijf wilde stappen, kwam pas later. ‘Toen ik voor mijn theorie-examen op mijn brommertje door Alkmaar reed, passeerde ik onderweg een grote bouwplaats waar we aan het heien waren. Ik had dat nog nooit in levenden lijve gezien en was onder de indruk van de grootte van het materieel. Ik besloot ter plekke dat ik in het familiebedrijf wilde stappen. Dat gebeurde dan ook na mijn studie werktuigbouw kunde. Het was juist de techniek die me zo enorm aantrok: de machines zelf, het repareren, het lassen.’

Sinds 1995 is René bedrijfsleider Materieelbeheer. Hieronder vallen onder andere de transportafdeling, de service van het machinepark, investeringen en werkvoorbereiding ten behoeve van de komende projecten. ‘Ik ben begonnen als monteur en best wel snel door mijn vader doorgeschoven, omdat degene die destijds de transportafdeling leidde zijn werkzaamheden wilde afbouwen. Die transportplanner-stoel kwam dus onver wacht vrij en beschikbaar. Hij zei niet letterlijk bekijk het maar, maar ik mocht

het wel zelf regelen en met behulp van de eigen chauffeurs is dat toch goed ge lukt. Daarnaast heb ik deels de taken van mijn vader overgenomen, toen hij aftrad. Gelukkig kwam kort daarna mijn broer Jeroen er ook bij en samen bestierden we vanaf 1995 de materieeldienst. Des tijds waren er twee à drie monteurs en een paar chauffeurs en dat hebben we flink uitgebreid tot circa 25 man. Ook op kantoor is er behoorlijk wat veranderd. Eerst zaten we met z’n tweeën, nu zit er tien man. Het is heel snel gegaan.’

Groei

Hoe die groeispurt kwam? Volgens René was het een samenloop van omstandig heden. ‘Enerzijds kwam er vers bloed in het bedrijf. Vijf jonge jongens met de neuzen in de goede richting, die elkaar bovendien goed aanvulden. En anderzijds trok het werk ook aan in die tijd. Dat betekende meer materieel en dus ook meer medewerkers. Maar we hebben ook mindere tijden gekend. Als er wat minder werk is ga je ook buiten de landsgrenzen kijken en zo kwamen er bijvoorbeeld uitdagende projecten in Duitsland, België, Engeland en Marokko. Als ik terugkijk ben ik wel heel trots op wat we tot nu toe bereikt hebben, op wat voor bedrijf we zijn en hoe we gegroeid zijn. Het is mooi om te zien dat mensen Vroom-bloed hebben, trouw zijn aan hun werkgever en dat we met elkaar mooie resultaten kunnen boeken.’

Transport Wat René betreft gaan investeringen in materieel tevens gepaard met de investering in mensen. ‘Als wij investeren in een nieuwe vrachtwagen, laat ik de chauffeur ook meedenken over de beste oplossing. Uiteindelijk ervaart de chauffeur in de praktijk wat het beste werkt. Samen komen we tot de beste ideeën en op die manier kan hij beter en met meer plezier zijn werk doen.’ Ook het transport van het materieel valt onder de verantwoordelijkheid van René. ‘Dat vervoer regelen we deels zelf, maar als we de beschikbaarheid niet hebben,

werken we daarvoor al jaren samen met een aantal partijen. Voor 2023 staat een nieuwe dieplader in bestelling. Dat maakt ons hopelijk nog flexibeler in onze planning. Het is ook de kracht van eigen transport dat onze chauffeurs weten hoe ze moeten laden en dat ze zuinig zijn op het materieel. Voor de exceptionele transporten zijn transportvergunningen nodig, die tien werkdagen verwerkings tijd nodig hebben bij de RDW. Toen ik net in het bedrijf begon was dat een stuk gemakkelijker dan nu. Tegenwoordig is ook het vervoer zwaarder, breder en hoger en er is meer controle dan

René: ‘Als ik terugkijk ben ik wel heel trots op wat we tot nu toe bereikt hebben, op wat voor bedrijf we zijn en hoe we gegroeid zijn.’
90 60 JAAR

voorheen. Tevens komen er steeds meer beperkingen in het wegennetwerk voor. Dat maakt het voorbereidingswerk voor onze transportplanner een stuk complexer, maar je hebt ook meer eer van het werk als het weer gelukt is.’

Flexibiliteit

Als René naar zijn team kijkt, dan valt hem vooral de flexibiliteit op. ‘Vroeger waren mensen minder mondig, dan deden ze gewoon wat hen werd opgedragen. Tegenwoordig is dat wel

wat anders en is er meer discussie en weerwoord. Dat kan ook positief zijn, omdat het andere en soms betere ideeën oplevert. Veel medewerkers hier in Middelie zijn nog steeds bereid een stap extra te zetten als dat nodig is. `s Middags leeg terugkomen en dan nog even volladen, zodat ze de volgende ochtend gelijk weer de weg op kunnen, is goud waard. Dat iemand 47 jaar lang op zijn eigen vrachtwagen heeft gereden en dat tot op de laatste dag met veel enthousiasme heeft gedaan, vind ik

mooi om te zien. Dat betekent dat hij het echt naar zijn zin heeft gehad bij ons.’

Opvolging

Dat er nu opvolging is gezocht in de vorm van Craft Capital, vindt René een belangrijke stap voor een stabiele toekomst. ‘Ik doe dit werk nu dertig jaar en ik kan me voorstellen dat er ook wel wat anders is na Vroom. Ik heb dat alleen nog niet op het netvlies, maar op den duur komt er vast iets wat mis schien nog wel leuker is. Dat betekent

dat ik me langzaamaan ga richten op opvolging voor mijn functie. Wat daar voor nodig is? Vertrouwen, interesse en een beetje Vroom-bloed. Iemand moet voldoende interesse hebben in bouwmaterieel en de technieken die wij in huis hebben en vervolgens de juiste inzet tonen. Dat Vroom-bloed moet door de aderen stromen. Dat hoeft niet te betekenen dat iemand het exact moet doen zoals ik. Anders hoeft niet slechter te zijn. Dat hebben mijn broers, neven en ik destijds wel bewezen.’

Dirk Spruit: ‘De kilometers variëren tussen de 500 en 2500 per week’

Al vanaf zijn negentiende is Dirk Spruit vrachtwagenchauffeur. Bij zijn toen malige werkgever werd hij regelmatig verhuurd aan Vroom en dus was de overstap snel gemaakt. ‘Ik rijd al mijn hele leven op de vrachtwagen: een bakwagen met aanhangwagen. Eerst verreed ik mini-heistellingen en reed ik vooral in de regio groot Amsterdam, maar tegenwoordig rijd ik door heel Nederland en ook België om bijvoorbeeld shovels, containers en graafkraan tjes op de juiste plek te brengen.’

Een nieuwe vrachtwagen is voor Dirk in bestelling: ‘Een Scania, met een slaap cabine. Nu ik steeds vaker langere en verdere ritten heb - en de regelgeving en handhaving van de rijtijden is verscherpt –

is dit een welkome aanvulling. Die wagen hebben we in overleg samengesteld en voldoet weer aan de nieuwste normen.’

Dat geen dag hetzelfde is, vindt hij heer lijk. ‘De planning bepaalt waar we naar toe gaan. Dus variëren de kilometers ergens tussen de 500 en 2500 per week. Die afwisseling vind ik erg leuk aan mijn werk. Soms is het een verrassing waar ik naartoe ga, want dan worden de plannen op het laatste moment gewijzigd. Een ander leuk aspect is het contact met collega’s. We kunnen alles tegen elkaar zeggen en dat maakt het gewoon lekker werken. Om met dit materieel te werken vind ik ook een pluspunt. Het is weer eens wat anders dan brood of hout vervoeren’, besluit hij met een lach.

91VROOM

Specialist in zwaar en speciaal transport

92 60 JAAR

Van jongs af aan was Klaas Brouwer in het familiebedrijf te vinden. Als hij uit school kwam liep hij direct naar de werkplaats naast hun huis, want daar gebeurde altijd wel iets. Het was dan ook niet verwonderlijk dat hij op zijn zeventiende op de loonlijst kwam als bijrijder. Inmiddels is hij sinds 2006 samen met zijn zus Susan eigenaar van Brouwer Zwaar en Speciaal Transport.

Het was de opa van Klaas die het bedrijf in 1938 begon. ‘Mijn vader Jos was enig kind en in die tijd was het logisch dat hij het bedrijf over zou nemen. Dat heeft hij altijd samen gedaan met mijn moeder Corrie. Maar ook voor mijn zus, broer Ruud en mij was dat de natuurlijke weg. Mijn zus begon op kantoor en mijn broer begon als bijrijder en later als chauffeur. Ik had op mijn zeventiende nog geen rijbewijs en ging aan de slag als bijrijder op de vrachtwagen. Meestal ging ik dan met mijn vader mee. Die had me kennelijk vaak nodig’, glimlacht Klaas.

Samenwerking

Klaas was twintig jaar chauffeur en zestien jaar geleden nam de derde generatie het familiebedrijf officieel over. ‘In 2011 viel er wat werk weg en heb ik contact gezocht met René Vroom. Wij kunnen al het materieel van Vroom vervoeren en daardoor is die samenwer king van de grond gekomen. Dat was in het begin veel minder werk dan nu en dat is logisch. Je moet eerst ervaren wat je aan elkaar hebt, dat vertrouwen moet groeien. De uitdaging van ons werk zit `m erin dat je voor 90% van het vervoer een ontheffing moet hebben en dat je je ook goed verdiept in de locaties waar je naartoe moet. Daarvoor werken we nauw samen met Lars Appel om de locaties goed in kaart te brengen. En bij twijfel sturen we mijn broer om te gaan kijken. Die is met zijn zoon Jim een nieuw bedrijf

gestart en verzorgt alle begeleidingen van ons transport. We vullen elkaar mooi aan en werken nog altijd veel samen.’

Tijdsdruk

De factor tijd is misschien nog wel het lastigste van het werk en is iets waar beide partijen tegenaan lopen. ‘De ont heffing verkrijgen voor dit soort vervoer, van circa 120 tot 140 ton, duurt sowieso tien werkdagen bij de RDW en dat maakt dat je minder flexibel bent. Een ontheffing kan ook niet gewijzigd worden, dus als er een kraan stuk gaat is dat wel een uit daging. Ook neemt de drukte op de weg toe. We hebben beperkte tijden waarin we mogen rijden – buiten de spitstijden om – en we zien dat het steeds drukker op de weg wordt. Laatst moest er een funderingsmachine van Groningen naar Vlissingen en dan laden we om negen uur, zodat we tussen tien en drie uur kunnen rijden. Dat is best een korte tijd voor zo’n afstand. Dan moet echt alles meezitten. De funderingsmachines brengen wij van werk naar werk en dan komt het voor dat we `s nachts of heel vroeg in de ochtend gaan rijden. Dat kan alleen als het afle veradres op een afgelegen locatie is, want in een woonwijk kan dat natuurlijk niet.’

Toekomst

Van de ene vrachtwagen van opa is het bedrijf uitgegroeid tot een bedrijf met vijftien auto’s. ‘Die rijden tegenwoordig grotendeels voor Vroom. Het zijn veelal

diepladers, want materieelwagens heb ben ze zelf ook. Al komt het voor dat er met een machine ook acht materieelwagens mee moeten. Daar rijden dan ook wagens van mij bij. Die planning doe ik zelf en als ik afwezig ben neemt mijn zoon Robin, die op een dieplader rijdt, die taak van mij over. We hebben als fa milie graag zelf de regie over het bedrijf.’ Door al die ritten hebben de werknemers van beide bedrijven veel contact met elkaar. ‘We zien de mannen op de bouw regelmatig en zijn inmiddels met elkaar vergroeid. Wat me opvalt is dat ze het altijd goed op de rit hebben bij Vroom. Bij laden en lossen hoeven we nooit te wachten en weet iedereen precies wat er moet gebeuren. Dat we zo op elkaar ingespeeld zijn, komt door de intensieve samenwerking. We staan soms best voor uitdagingen qua transport of krappe locaties, maar het geeft altijd weer een goed gevoel dat dingen ook gaan zoals we ze samen bedacht hebben.’

Klaas: ‘Van de ene vrachtwagen van opa is het bedrijf uitgegroeid tot een bedrijf met vijf tien auto’s. Die rijden tegenwoordig grotendeels voor Vroom.’

93VROOM
2018 | 34 woningen | Blaricum

Team prefab

Als machinist van prefab betonpalen en stelleur van prefab balken verwerken Albert de Graaf en Peter Kramer kant-en-klaar materiaal dat op de bouw aangeleverd wordt. Dat doen ze al jaren en wat hen betreft verandert daar in de toekomst niets aan.

96 60 JAAR

Al zit Albert al 36 jaar in het vak, hij is het nog steeds niet zat. ‘Ik heb jarenlang samen met mijn vader in zijn bedrijf ge werkt, waarvan de eerste zeventien jaar onder de stelling. Vanaf begin jaren `80 ging dat bedrijf onder de vlag van Vroom verder en zorgden we voor funderingen van houten palen en betonpalen. In 1993 hield mijn vader het voor gezien en stopte de samenwerking met Vroom. Via omzwervingen kwam ik bij een bedrijf terecht dat in 2004 door Vroom werd overgenomen en zo kwam ik hier weer binnen. Dat eindigde in 2014 toen een deel van de prefab-afdeling werd afge stoten. Gelukkig werd ik in 2015 weer ge beld en mocht ik weer terugkomen. Daar hoefde ik niet lang over na te denken. Dit werk, specifiek met de betonpalen, is mijn lust en mijn leven. Sinds een kleine twintig jaar doe ik dit werk niet meer onder de stelling, maar als machinist.’

In de loop der jaren is Albert er qua ma terieel op vooruit gegaan. ‘In de begintijd moest ik met mijn Hitachi 230 eerst tweeënhalf uur opbouwen voordat we konden heien. Toen die machine in 2019 op was, kreeg ik een gloednieuwe Junt tan PMx25, die specifiek geschikt is voor betonpalen. Nu haal ik twee hendeltjes over en we kunnen aan de slag. Het werk is er lichter en leuker van geworden.

Op deze machine is alles elektronisch in te stellen en er zitten hulpmidde len op die ik voorheen niet had. Ik heb een halfuur vanaf de treeplank meegekeken met de machinist en ben daarna zelf in de cabine geklommen.’

In al die jaren is er volgens Albert veel veranderd. ‘Vooral op het gebied van veiligheid zijn er grote stappen gemaakt. Nu moet alles volgens het boekje. Dat vind ik een positieve ontwikkeling, want zo doet iedereen het werk zo goed en veilig mogelijk. Ik ben daar ook wel scherp op en meld het ook als zich onveilige situaties voordoen.’

Prefab balken

Voor Albert is het zaak de palen zo goed mogelijk en binnen de marges de grond in te krijgen. ‘Daar wordt mijn werk wel een stuk overzichtelijker door, ja’, steekt Peter van wal. Als stelleur van prefab balken kwam Peter in 1993 bij Vroom binnen. ‘Daarvoor was ik metselaar, maar door een bedrijfsongeval was ik afgekeurd. Ik kreeg de mededeling dat ik maar op zoek moest naar kantoorwerk, maar dat was niks voor mij. Ik wilde graag weer buiten werken. Een neef van mij was hier toen bedrijfsleider en zo hebben we samen een functie gevonden die nog steeds goed bij me past. Vroeger was iedereen produc tiemedewerker bij Vroom, tot de directeur aan toe, maar sinds we onder een CAO vallen heb ik de officiële functienaam stelleur en ben ik ook voorman geworden.’

Diversiteit

Wat Peter betreft is de diversiteit in zijn werk het allerleukste. In het afgelopen jaar heb ik van Winschoten tot Knokke gewerkt. En hoewel het werk niet ver andert, is elke locatie toch weer anders.

Zo zijn we aan de A20 bij Maassluis voor de Lely Campus aan de slag. Dat is een gigantisch project. Qua heiwerk niet het grootste project van Vroom, maar voor ons als betonbouw wel enorm. Ik ben daar een half jaar aan het werk geweest.’

Net als Albert werkt Peter altijd met één andere collega. Een externe machinist op een telekraan buiten beschouwing gelaten. ‘Ik heb het getroffen met mijn collega. We werken al vijftien jaar samen en we weten precies van elkaar wat er moet gebeuren. We hebben aan een half woord genoeg en we kunnen van elkaar op aan. Dit jaar zitten we veel in de kost, maar andere jaren werken we juist weer dicht bij huis. Die afwisseling is prachtig. Je rijdt elke keer weer een andere kant op. Dat avontuur houdt het wel spannend.’ Ook Peter ziet de veranderingen op de bouwplaats. ‘Gelukkig heb ik in ons bedrijfsonderdeel nooit een ernstig ongeval meegemaakt, maar het werk is ook een stuk veiliger geworden. De ISO-certificering en de toetreding tot de Veiligheidsladder geven aan dat we goed

bezig zijn op dit gebied. En je ziet ook aan simpele dingen dat we professio neler zijn geworden. Toen ik hier begon liep iedereen nog in overalls. Of je kon van die afgekeurde spijkerbroeken ophalen op de werf in Middelie, die bij de dump vandaan kwamen. Tegenwoor dig lopen we er allemaal keurig bij in uniforme Vroom-werkkleding. Dat ziet er toch een stuk verzorgder uit.’

Peter: ‘Die afwisseling is prachtig. Je rijdt elke keer weer een andere kant op. Dat avontuur houdt het wel spannend.’
Albert:
‘In de begintijd moest ik met mijn Hitachi 230 eerst tweeënhalf uur opbouwen voordat we konden heien. Nu haal ik twee hendeltjes over en we kunnen aan de slag.’
97VROOM

Voorbeeld voor de heiwereld

Sinds Craft Capital een belang heeft genomen in Vroom, is er een Raad van Advies opgericht. Twee leden uit de voormalige Raad van Commissarissen - Thijs de Nijs en Niels Huber - hebben hier zitting in, samen met Pieter Leyssius van Craft Capital.

‘Vroom is Vroom en moet vooral Vroom blijven’, steekt Pieter van wal. ‘Het is teke nend voor een bedrijf als Vroom dat het op eigen initiatief destijds een Raad van Commissarissen (RvC) heeft aangesteld. Daar was Vroom niet toe verplicht, maar het geeft aan dat het bedrijf open staat voor constructief advies van buitenaf en kritisch is op eigen beleid en bedrijfsvoe ring. Sinds september 2021 zijn wij aan boord gestapt van dit prachtige bedrijf, omdat er geen opvolging in de familie te vinden was. Als extern aandeelhouder is het aan ons om Vroom met raad en daad bij te staan voor een succesvolle toekomst.’

Jarenlange samenwerking

Thijs kwam Peter Vroom regelmatig tegen. ‘Ik heb in mijn bouwkundig leven veel met Vroom samengewerkt. Die samenwerking gaat zeker 45 jaar terug.

In gesprek met Peter ging het wel eens over de bedrijfsvoering. Ook in ons familiebedrijf, met daarin destijds tien familieleden, werden we wel eens ge confronteerd met problemen en daarom is er een RvC ingesteld. Ik heb Peter uitgelegd wat een plezier ik daarvan had, omdat ze ons af en toe bij kop en kont pakten om de goede dingen te doen. Een jaar of zes geleden vroeg Peter mij

of ik in de RvC van Vroom zitting wilde nemen. En dat heb ik gedaan. Met de samenwerking met Craft Capital is die RvC opgehouden te bestaan. In plaats daarvan is er een Raad van Advies (RvA) gekomen, waarvoor Niels en ik gevraagd zijn. Er is voldoende financiële expertise en Niels en ik hebben juist een andere invalshoek. Wij brengen kennis mee over het hebben van een familiebedrijf en het werk in de bouw.’

Ervaring uit het veld Hoewel de RvA geen formele rol heeft, zijn de kwartaaloverleggen altijd

waardevol. Niels: ‘Het ergste wat Vroom kan gebeuren is dat een plan nog beter wordt. Het is goed voor elke directie om een klankbord te hebben. Om advies te krijgen van mensen die de juiste vragen stellen en die op een andere manier naar je bedrijf kijken. Daar wordt een bedrijf alleen maar beter van. Als RvA staan we aan de vooravond van de komende succesvolle zestig jaar van het bedrijf. Sinds 2016 mag ik vanaf de zijlijn meedenken met dit mooie bedrijf en dat doe ik met veel plezier. Elk familiebedrijf is anders, maar er zijn veel raakvlakken. Ervaring uitwisselen en praten over

98 60 JAAR

trends in de markt die veel breder zijn dan alleen de funderingstechniek, zorgt ervoor dat je samen verder komt.’

Thijs vult aan: ‘Mijn ervaring is dat als je ergens voor gaat zitten, de oplossing zel den komt. Een oplossing voor een pro bleem kun je niet forceren. Door afstand te nemen en erover te praten met ande ren, komen er vaak allerlei ideeën naar boven die bijdragen aan de oplossing.’

Huidige markt

Als Pieter naar de huidige markt kijkt, zijn er genoeg uitdagingen. ‘De coronacrisis, prijsstijgingen, beschik baarheid van materiaal en mensen en de oorlog in Oekraïne zijn een paar van die onderwerpen die bij onze vergaderingen de revue passeren. In de dagelijkse business heb je vaak weinig

tijd om daar over na te denken. Het werk gaat voor. In onze strategische sessies gaat het over deze onderwerpen, maar ook over de verduurzaming van de industrie of de positie in de markt en hoe we die kunnen verstevigen.’ ‘De hele wereld is erg complex en in beweging. Op sommige zaken heb je geen invloed en op andere kun je op tijd voorsorteren. In de RvA zit drie man met een schat aan ervaring, waaruit de directie kan putten. Dat zorgt voor interessante gesprekken met verschillende invalshoeken, een soort ‘pingpong’ sessies waar veel ideeën en oplossingen uit voortkomen’, aldus Niels.

Toekomst

Wat Pieter betreft heeft Vroom een ster ke en ervaren directie, een ongelooflijk betrokken familie en een sterke en

dominante positie in de markt. ‘Verder leeft er een no-nonsense cultuur, die oplossingsgericht, eerlijk, oprecht en transparant is. We zijn erg trots dat we in Vroom hebben mogen investeren.’

Niels: ‘De kracht van het bedrijf zit `m in de verschillende disciplines: kennis, machinerie, organiseren, verkopen, logistiek én het huishoudboekje op orde hebben. De familieleden in het bedrijf zijn complementair aan elkaar en dat zorgt ervoor dat het een fantastisch bedrijf is met een mooie historie, maar vooral met een mooie toekomst in het vooruitzicht.’

‘Ik zie ze nog zo voor me in de begin periode: noeste werkers die soms met bescheiden materieel heel veel werk verzetten. In de afgelopen dertig à veertig jaar hebben ze enorm geïnvesteerd om dat bescheiden heibedrijf te transfor meren naar een top-3, mogelijkerwijs top-1 speler in de branche. Je kunt stellen dat ze een voorbeeld zijn voor de heiwereld’, besluit Thijs.’

Niels: ‘Om advies te krijgen van mensen die de juiste vragen stellen en die op een andere manier naar je bedrijf kijken. Daar wordt een bedrijf alleen maar beter van.’
99VROOM
2020 | Pontkade | Amsterdam
102 60 JAAR

De pioniers van de grondverdringende boorpalen

Ze trekken door het hele land van bouwplaats naar bouwplaats. Soms blijven ze een paar dagen, soms wekenlang, maar elke keer weer zorgen ze er met hun team voor dat de klus geklaard wordt. Een beetje pionieren noemen Erwin Spruijt en Bas Kieft dat, omdat geen werk hetzelfde is en elk werk zijn eigen uitdagingen heeft.

Bas werkt nu zo’n vier jaar bij Vroom: ‘Eerst werkte ik elders, maar daar zat ik steeds meer op kantoor. Dat hele dagen achter een bureau zitten vond ik helemaal niks. Toen zei mijn vader, die hier op kantoor werkt, dat ik eens bij Vroom moest kijken. Ik wilde eerst weten wat het werk inhield, dus ben ik bij een werk gaan kijken en dat vond ik wel interessant. Daarna ben ik twee weken mee geweest, onder andere met Erwin in Amsterdam, en vervolgens besloot ik om hier aan het werk te gaan. Zo ben ik begonnen in de lift, toen bij de groutpomp en daarna doorgegroeid naar de boorkraan waar ik nu op zit. Dat is sneller gegaan dan de bedoeling was, doordat er een plek vrij kwam. Waar Erwin veelal de wat grotere projecten uitvoert, werk ik vaker in kleinere ruimtes met minder palen.’ Erwin is al langer in dienst. ‘Nu zo’n vijftien jaar en ook begonnen onder de stelling, om al na een paar maanden shovelmachinist te worden. Daar had ik het erg naar mijn zin, maar toen ik mijn machinistenpapieren mocht halen, ben ik dat gaan doen. Zo ben ik eerst als in valmachinist aan de slag gegaan. Dat in vallen heb ik bijna zeven jaar volgehou den. Als een vliegende keep stond ik de ene keer onder de stelling en zat ik de

Bas: ‘We doen van alles, van utiliteitsbouw tot woningbouw, maar het kunnen ook bruggen zijn.’

andere keer weer op de kraan. Die afwis seling vond ik super, al heb ik nu alweer zo’n zeven jaar een eigen boorkraan.’

Samenwerken

Vooral de vrijheid en het buiten werken spreekt beide mannen aan in hun vak. Erwin: ‘Het mooie van werken met dit soort palen is dat er wat meer haken en ogen aan zitten dan bij andere paalsoorten. Dat geeft meer sjeu. Het betekent ook dat we als een goed geoliede machine moeten samenwerken, want als er een schakel in het team niet lekker functioneert, dan heeft dat invloed op het hele team. We nemen samen de planning voor de dag door, maar overleggen ook tussentijds om die samenwerking goed te houden.’

Die samenwerking beperkt zich niet tot het eigen team. Erwin: ‘Alles wat er bij het werk nodig is, regelen we door

gaans zelf. Van het afroepen van het beton, het bestellen van prefabpalen en rijplaten, tot het afvoeren van afvalma terialen. Onze cabine is ook een beetje ons kantoor waar we administratieve werkzaamheden uitvoeren.’ Bas vult aan: ‘We moeten veel vooruitdenken. Zeker met combipalen, die moeten we vaak in de ochtend voor tien uur afroepen voor de volgende dag. Als je ze dan hebt afgeroepen moet je er ook voor zorgen dat je de volgende dag zover bent. Je bent dus enerzijds bezig met het werk dat die dag gedaan moet worden, maar in je hoofd zit je al een dag verder.’

Projecten

Bas: ‘We doen niet alleen DPA-PLUS, maar ook DPA schroefpalen en groutinjectiepalen, dus eigenlijk allerlei soorten in de grond gevormde en grondverdringende palen. Die worden

Erwin: ‘Het mooie van werken met dit soort palen is dat er wat meer haken en ogen aan zitten dan bij andere paalsoorten.’

veelal binnenstedelijk gebruikt, omdat het minder overlast voor de omgeving veroorzaakt en geschikt is voor kleinere bouwplaatsen. Ik ben nu in Amsterdam Slotervaart bezig, tussen de bewoonde flats. Dan is de keuze voor dit soort trillingsarme en geluidsvriendelijke paalsoorten snel gemaakt. We doen van alles, van utiliteitsbouw tot woningbouw, maar het kunnen ook bruggen zijn. Vorige week stond ik aan een kademuur te werken. Mijn machine is compacter, waardoor ik eigenlijk altijd alleen met mijn eigen team op een werk sta.’

Erwin: ‘Het komt bij mij regelmatig voor dat we met meerdere machines en teams op een bouwplaats staan. Vorig jaar bijvoorbeeld stonden we in Alblasserdam met zes machines in 24 weken 6800 palen te verwerken. Dat zijn gigantische projecten. Die grote werken vergen meer coördinatie, zo spreken we met elkaar een soort routing af, zodat we elkaar niet in de weg staan en het werk veilig gebeurt. Maar in de pauzes zoeken we elkaar juist weer op voor de gezelligheid. Plezier in je werk hebben is belangrijk, maar leuke collega’s om dat werk mee uit te voeren is misschien nog wel belangrijker!’

103VROOM
2021 | Appartementencomplex The Bow | Amsterdam
106 60 JAAR

Man van de stalenbuispalen

Sjakko Bikker is bij Vroom verantwoordelijk voor de afdeling Stalenbuispalen. Daartoe behoren het opstarten, de uitvoering en afronding van de projecten waar dit paalsysteem wordt ingezet. Sjakko kwam begin 2022 in dienst. Helemaal nieuw is hij niet voor het familiebedrijf, want tot die tijd verzorgde hij dit werk ook voor Vroom, maar dan bij het bedrijf waaraan Vroom deze werkzaamheden uitbesteedt.

Sjakko begon 29 jaar geleden onderaan de ladder in de buispalentechniek. ‘Ik had toen nooit gedacht dat ik ooit op kantoor zou belanden. Maar toen ik dertig werd kreeg ik die kans bij mijn vorige werkgever. Ik wilde het best een periode proberen en dat beviel ontzettend goed. Ik leerde veel in die jaren. Van de prijsop bouw tot het bijhouden van de marges en de cijfers. En hoe meer inzicht ik kreeg, hoe meer plezier ik erin kreeg. Toch was dat plezier ook precies de reden om in 2022 de overstap naar Vroom te maken.’

Overstap

Sjakko had al ruim twintig jaar veel contact met de mannen van Vroom. ‘De projectleiders en Randy Vroom belden mij als zij buispalen nodig hadden. Ik voerde die projecten voor ze uit, zodat zij het los konden laten. Daardoor leerde ik het bedrijf vanaf een afstandje al kennen. Ik was inmiddels 52 en werkte dertien of veertien uur op een dag en ik had het niet meer naar mijn zin bij mijn werkgever. Ik ging niet meer met plezier naar het werk en kwam na een lange dag chagrijnig thuis. Toen stelde Niels Bakker mij recht voor mijn raap de vraag: ‘Wat moeten we doen om jou met een rode trui te laten

lopen?’ en zo ben ik hier terecht gekomen en mag ik hier gewoon mijn eigen ‘winkel’ draaien. Dat ik al met veel nieuwe collega’s telefonisch contact had gehad scheelde wel, maar ik voelde me direct ontzettend welkom en heel erg thuis.’

Warm bad

De eerste kennismaking met de Vroom-cultuur kwam al voordat hij begonnen was. ‘Niels belde me afgelopen winter om te vragen waar ik was. Kwam hij naar Bleiswijk om erwtensoep te brengen. En er werd met Kerst al aan me gedacht, terwijl ik pas op 1 januari gestart ben. Die kleine attenties vind ik heel bijzonder. Hier vinden ze dat gewoon, maar ik heb zoiets in mijn hele carrière nog nooit meegemaakt.’

Dat Sjakko in Zuid-Holland woont, was voor hem wel een dingetje. ‘Daardoor heb ik wel even getwijfeld. Buiten filetijden om is het te doen, maar anders zit je veel in de auto. Die auto mocht ik trouwens helemaal zelf samenstellen met een vast budget. Ook zoiets waar ik van opkeek.

En ik heb de vrijheid om mijn eigen dagen in te delen. Dan ga ik bijvoorbeeld `s middags eerder van kantoor om nog langs een werk te gaan en omzeil zo de

files. Daarin krijg ik alle support en ook dat vertrouwen is wel wennen. Wat ik ook als prettig ervaar is het meedenken op financieel gebied door Theo van Putten. Ik vind het heel interessant om me met de cijfers bezig te houden. Wat is de marge, waar kunnen we groeien?

Theo helpt me daarbij, maar kijkt ook achter de schermen mee. Niet om mij te controleren, maar wel als ruggensteun. Dat is een heel rustgevend idee.’

Toekomst

Wat Sjakko betreft groeit de markt voor de stalenbuispalen onder de vlag van Vroom als nooit tevoren. ‘Nu hebben we de machines niet zelf in huis om dat werk te doen en besteden we het uit. Dat moet natuurlijk gedaan worden volgens onze hoge standaard. Daar zie ik ook op toe, bijvoorbeeld als het gaat om de veiligheid, maar wat mij betreft is hier nog voldoende ruimte voor verbetering. Door het uitbesteden zie je op de projecten gele, groene en paarse kranen staan in plaats van rode. Het is mijn streven om die steeds meer te vervangen door onze eigen rode kranen en onze eigen rode mensen. Die uitdaging ga ik de komende jaren graag aan!’

Sjakko: ‘Toen stelde Niels Bakker mij recht voor mijn raap de vraag: ‘Wat moeten we doen om jou met een rode trui te laten lopen?’
107VROOM

3D animaties

Door de jaren heen zien we dat mensen steeds meer visueel zijn ingesteld. Het lezen van (lange) teksten spreekt steeds minder tot de verbeelding, waardoor kennis- en informatieoverdracht ach terblijft. Daarnaast neemt de instroom van jonge mensen in de bouwwereld toe. Die zijn minder of nog helemaal niet bekend met de diverse funderingstechnieken. Deze doelgroep willen we ook beter en passender informeren.

Om hierin te voorzien hebben we 3D animaties gemaakt van onze belangrijkste producten en diensten. Op deze manier kunnen we boven en ín de grond in ongeveer twee minuten laten zien wat een bewuste funderingstechniek inhoudt en hoe een bepaalde dienst hier ondersteu nend aan kan zijn. We laten zien wat de diverse paalsystemen in de bodem ‘doen’ en leggen de techniek en toepassingsmogelijkheden uit.

De combinatie van beeld, muziek, tekst, titels, voice-over en de duur van de animaties zorgen ervoor dat deze niet alleen informatief, maar

ook prettig zijn om naar te kijken en luisteren. De 3D animaties zijn in drie talen (Nederlands, Engels en Duits) op onze website beschik baar en kunnen worden gevonden onder de categorieën ‘Producten’ en ‘Diensten’.

Met deze QR-code kun je de 3D animaties op ons YouTube kanaal bekijken.

108 60 JAAR
109VROOM

Schouder aan schouder

Hoewel Peter en Randy Vroom in hun jeugd elk hun eigen weg gingen, groeiden ze tijdens het werk in het familiebedrijf steeds verder naar elkaar toe. In de afgelopen dertig jaar hebben zij schouder aan schouder samengewerkt en daarbij ook menig buitenlands project opgepakt en afgerond.

110 60 JAAR
111VROOM

Na al die jaren van samenwerken weten Randy en Peter goed wat ze aan elkaar hebben. Randy: ‘We hebben aan een half woord genoeg en waar de een tekort schiet vult de ander aan. We leerden elkaar in al die jaren steeds beter ken nen en hebben elkaars krachten steeds weten te benutten. Dat wil niet zeggen dat we het altijd met elkaar eens zijn en dat spreken we ook naar elkaar uit. Toch zijn we het in de basis vaak met elkaar eens. We reageren ook vaak hetzelfde of zeggen regelmatig exact wat de ander denkt. En al hebben we intern wel eens een discussie: naar de buitenwereld toe vormen we een onvoorwaardelijk front.’

Peter lacht: ‘Mensen haalden ons ook nog wel eens door elkaar. Dan was Ran dy net op de bouw geweest en kwam ik niet veel later aan. Dan vroegen ze zich af hoe hij zich zo snel had omgekleed.’

Buitenland

Hoewel ze veel afzonderlijk van elkaar op pad zijn, trekken ze ook in letter lijke zin naar elkaar toe. Peter: ‘Sinds de komst van Niels Bakker zijn we gaan ‘samenwonen’ en delen we een kantoorruimte. Al vanaf het prille begin trokken we er samen op uit. Bij ons eerste project in Duitsland in 1993 kwam Randy tijdens de zomervakantie mee.

De jaren erna volgden nog meerdere buitenlandse projecten samen. In Duitsland, België, Polen, Marokko en Engeland bijvoorbeeld. Die samenwer king in het buitenland is ook de rode draad in onze gezamenlijke carrière. Randy zorgde voor het uitvoerings technische gedeelte - wat kan er wel en wat niet - en de begeleiding van de jongens, en ik voor de financiële en contractuele kant. Eens zaten we in een klein vliegtuig in India en hadden we enorm slecht weer onderweg. Toen hadden we beiden het idee dat ons laatste uur geslagen had en hebben we elkaar even diep in de ogen gekeken. We waren de enige twee Nederlanders aan boord tussen allemaal Indiërs. De volgende dag gingen wij, nuchtere Hollanders, gewoon aan het werk. Maar de Indiër die met ons mee was gereisd was nog steeds van de schrik aan het bekomen. Het is slechts één van de vele verhalen van onze reizen samen. We kunnen er een fraai boek mee vullen.’

Inzicht

Die buitenlandse reizen hebben de mannen ook veel gebracht. Randy: ‘Het is leerzaam, omdat het je wereld en je denkbeeld vergroot. Je leert alles meer in een perspectief te zien. Om een voor beeld te noemen: wij waren blij dat we drie nieuwe Friese medewerkers hadden aangenomen, in het Midden-Oosten werden er vliegtuigen met honderden medewerkers tegelijk uit India ingevlo gen. Dat anders en groter denken heeft ons veel gebracht bij het aansturen van ons bedrijf. Daarnaast hebben we samen ook diverse trainingen gevolgd om aan onze persoonlijke ontwikkeling en groei te werken. Daar hebben we ieder op onze eigen manier veel van geleerd. Soms houden we elkaar een spiegel voor en wijzen we elkaar op punten die in de trainingen naar voren zijn gekomen. Dat samen optrekken in het buitenland en tijdens dit soort

trajecten doet me realiseren dat het fijn is om te weten dat er iemand is die je onvoorwaardelijk kent en steunt.’

Amsterdam

De openingsfoto van dit artikel, gemaakt op het NSDM-terrein in Amsterdam, is op verzoek van de mannen hier gemaakt. Randy: ‘Amsterdam heeft een bijzondere plek in ons hart. Het voelt als onze thuishaven. We hebben er met z’n allen

Peter: ‘Het is fantastisch hoe onze neven en wij, met elkaar en ieder met zijn eigen expertise, de schouders eronder hebben gezet.’
112 60 JAAR

zoveel prachtige opdrachten mogen vervullen die mede hebben bijgedragen aan de groei en bloei van ons bedrijf. Persoonlijk word ik er altijd blij van om hier te zijn aan het water. Ruimte geeft uitzicht én inzicht. Het is ook een bewuste keuze om hier aan het IJ ons zestigjarig jubileum te vieren. Onze zus stelde de Kromhouthal voor en het is de

perfecte locatie: een stoere, industriële plek in de stad waar het allemaal begon voor Vroom, die bovendien goed past bij ons soort bedrijf en onze mensen.’

Jubileum

Waar het zestigjarig jubileum reden geeft voor een feestje was dat bij het vijftigjarig jubileum allesbehalve het geval. Randy: ‘De markt was niet rooskleurig en we waren kritisch op de uitgaven. We hadden eigenlijk besloten om geen feest te geven. Maar het zat me dwars. De medewerkers konden er niets aan doen dat de markt zo slecht was. Bovendien hadden zij er hard voor gewerkt. Ik had een boot gezien, de Ju les Verne, en vertelde aan Peter dat we daarop wel een personeelsfeest konden organiseren. Met ons vijven, broers en neven, hebben we de koppen bij elkaar gestoken en unaniem besloten tóch een feest te geven. Het bleek een topbe sluit, dat heel goed past bij ons DNA.’

DNA

Als je Peter vraagt wat dat Vroom-DNA dan is, dan is hij daar duidelijk in: ‘Verbondenheid en betrokkenheid zijn voor ons heel belangrijk. Persoonlijke aandacht gaat wat mij betreft boven zakelijk gewin. Het is prachtig wat wij met álle Vromen voor elkaar hebben gekregen en welke projecten wij samen hebben afgerond. Dat maakt me ook minder emotioneel in de participatie van Craft Capital in Vroom. Een goede en duurzame toekomst van ons bedrijf is voor ons doorslaggevender dan de wens dat het volledig in handen van de familie blijft. We willen de continuïteit waarborgen en ervoor zorgen dat alle

medewerkers het goed hebben en zich kunnen blijven doorontwikkelen en kunnen groeien, net als het bedrijf zelf. De wetenschap dat dat met deze stap geborgd is, geeft mij een gerust gevoel.’

Vooruitblik

Ook bijna dertig jaar na dato wordt er nog met veel lovende woorden over hun vader Klaas Vroom gesproken en dat doet de broers goed. Peter: ‘Natuurlijk denken wij er ook over na wat wij straks zelf achterlaten. En dat is een goede basis voor de toekomst. Een professionaliseringsslag op vele fronten: door de juiste talenten aan te trekken, door het veiligheidsbewustzijn te vergroten en het kennisniveau naar een hoger niveau te tillen. Verder door in te zetten op verbreding van onze werkzaamheden en het meedenken met onze klanten in het voortraject. We hebben een stevig fundament gelegd om het bedrijf weer een generatie verder te brengen en hebben hiermee gezorgd voor de algehele continuïteit. Dat doen we natuurlijk niet alleen. Het is fantastisch hoe onze neven en wij, met elkaar en ieder met zijn eigen expertise, de schouders er al die jaren onder hebben gezet. Dat we complementair aan elkaar werken, allen met een rood hart, is goed en belangrijk geweest voor het succes van ons bedrijf. Al hadden we dat uiteraard ook nooit gekund zonder de fantastische groep medewerkers.’

Randy: ‘Amsterdam heeft een bijzondere plek in ons hart. Het is onze thuishaven.’
113VROOM
2016 | Petrochemische terugwin installatie | Rotterdam Pernis

De spil in de organisatie

Wie het hoofdkantoor van Vroom in Oosthuizen binnenstapt, maakt als eerste kennis met het team van de receptie en administratie. Vaak is Judith Wijte er aan de balie te vinden, maar als zij even van haar plek is, komen haar collega’s van het administratieteam, waar Olga Fabriek ook onderdeel van is, als een geoliede machine in actie.

Als receptioniste/telefoniste heeft Judith al veel mensen te woord gestaan in de 29 jaar dat ze bij Vroom werkt. ‘Ik ben voor veel mensen het eerste aanspreekpunt. Ik neem de telefoon aan, ontvang het bezoek en bied administratieve ondersteuning aan de afdeling verkoop. Vroeger waren mijn taken veelomvattender, maar met de groei van het bedrijf namen ook de werkzaamhe den toe en is mijn rol daarin duidelijker afgebakend. Zo typ ik alle offertes en de bijbehorende planningen uit. Dat deed ik vroeger allemaal handmatig. Gelukkig hebben we daar nu sjablonen voor, zodat ik niet op elke pagina alle contactgege vens meer hoef te typen. Tot een paar jaar geleden bracht ik ook het bezoek

naar de vergaderruimtes en voorzag ik hen van koffie, maar dat wordt nu bijna altijd door de collega’s zelf gedaan. Dat is fijn, want daar heb ik eigenlijk de tijd niet meer voor. De variatie in mijn werk zorgt ervoor dat ik snel moet kunnen schakelen. Dat is soms best lastig, maar dat maakt het ook elke dag weer leuk.’

Administratie

Het werk van Olga, ook al dik twintig jaar in dienst, ligt in het verlengde van dat van Judith: ‘Als de offerte een opdracht wordt, dan kom ik in beeld en werk ik de opdrachtbevestigingen uit. Als dan het werk gestart is, zorg ik dat het project ook in fases gefactureerd wordt. Voor heen deed ik dit werk alleen, maar

116 60 JAAR

tegenwoordig werk ik hiervoor samen met Anne Bakker. Daarin hebben we een grote mate van zelfstandigheid. Natuurlijk moeten we ons werk in het voortraject met veel partijen afstemmen, maar als de opdracht bij ons ligt, bepalen we zelf de planning. Spoedjes daargelaten natuurlijk, want ook die zijn er in ons werk.’

Veranderingen

Niet alleen is er meer werk gekomen, er komt tegenwoordig ook meer ‘papier werk’ bij kijken. Olga: ‘Er zijn bijvoorbeeld meer paaltypes bijgekomen en het administratieve werk van onze vestiging in Wijchen wordt nu ook centraal door ons gedaan. En een groot verschil met vroeger is dat facturen nu onderbouwd moeten worden met verantwoording vanuit de uitvoerders van de werken.’

Judith vult aan: ‘Op kantoor is het aantal medewerkers in de loop der jaren verdriedubbeld. Dat betekent ook dat er meer mensen meekijken in het offer

tetraject. Daardoor is de voorbereiding grondiger, maar is het verwerkingstraject ook langer. Eigenlijk hebben wij heel veel interne opdrachtgevers.’

De grootste verandering is volgens Judith de berg aan papier: ‘Vroeger ging alles per post. Dan kreeg ik `s ochtends één of twee kratten vol met post en was ik daarmee uren zoet. En we hadden een kettingprinter met voor elke afdeling een andere kleur papier. Die papierrol hebben we wat keren verwisseld op een dag. Wat dat betreft

zijn de offerte-aanvragen per mail een stuk overzichtelijker, al komen alle offertes en opdrachten bij ons ook nog wel in fysieke dossiermappen, omdat men dat prettiger vindt werken.’

Sfeer

Wat volgens de dames kenmerkend is voor Vroom is de gemoedelijke sfeer. Olga: ‘Deuren staan hier altijd open

en iedereen wordt gewoon met de voornaam aangesproken. Die laagdrem peligheid en de open cultuur vind ik heel prettig. Ik merk wel dat ik niet iedereen meer ken, zoals dat vroeger wel het geval was. Gelukkig komen veel jongens van buiten op vrijdagmiddag nog naar kantoor. Zo zie en spreek je elkaar toch weer even.’ Het familiegevoel van vroe ger ervaart Judith nog steeds. ‘Het is net alsof we met elkaar zijn opgegroeid. We hebben meer een mannencultuur, maar ik hou wel van die mentaliteit en duidelijkheid. Trouwens, in de afgelopen jaren is ook het aantal vrouwen in het bedrijf flink vermeerderd!’

Judith: ‘Ik ben voor veel mensen het eerste aan spreekpunt. Ik neem de telefoon aan, ontvang het bezoek en bied administratieve ondersteuning aan de afdeling verkoop.’
Olga: ‘Deuren staan hier altijd open en iedereen wordt gewoon met de voornaam aangesproken. Die laagdrem peligheid en de open cultuur vind ik heel prettig.’
117VROOM

Samenwerking in funderingsmachines

De samenwerking met Woltman Piling & Drilling Rigs duurt al vele decennia. Waar het bedrijf in eerste instantie oude Americans voor Vroom repareerde en ombouwde, begon het in 1998 met het bouwen van funderingsmachines. Henk Woltman vertelt meer over die samenwerking.

118 60 JAAR

Henk: ‘Ik weet nog wel dat Sjors hier kwam met rupsplaten die moesten worden opgelapt, omdat er iets was afgebroken. Hij had ze gewoon op de voorstoel van zijn Mercedes gelegd en naar ons gebracht.’

Ook Woltman is van origine een familiebedrijf. Henk: ‘Mijn vader Jaap had een aannemersbedrijf in de grond-, weg- en waterbouw, maar richtte in 1989 Woltman technisch handelsbedrijf op en maakte de overstap naar onderhoud en reparatie van materieel. Zijn eerste opdracht kreeg hij van Sjors Vroom: het bouwen van een makelaar voor een bestaande machine, waar ook een heiblok en schuiftafel in kon en voorzien van een extra lier. Sjors had van ons gehoord, nadat we voor een andere klant een kraan hadden gerepareerd en zo zijn we in de wereld van de funderingen ge rold. Ik weet nog wel dat Sjors hier kwam met rupsplaten die moesten worden op gelapt, omdat er iets was afgebroken. Hij had ze gewoon op de voorstoel van zijn Mercedes gelegd en naar ons gebracht.’

Stroomversnelling

In de jaren `90 volgden de ontwikkelingen elkaar in rap tempo op. ‘In 1995 maakten we ons eerste prototype van een 4017 heistelling. En het jaar daarop hebben

we er daar een aantal van geleverd. In 1997/1998 hebben we vervolgens twee hele grote funderingsmachines gebouwd voor de HSL- en Betuwelijn en ook twee kleine boorstellingen. In 2000 kwam de vraag van Vroom voor een nieuwe boor stelling. De 7528-D was een stuk groter, want waar de andere rond de zestig ton was, woog de 7528-D rond de honderd ton. Aanleiding voor deze nieuwe machi ne was de verschuiving in werk. De palen werden langer en dus moest ook de ma kelaar langer worden. Dat betekende dat de basis zwaarder moest zijn. De bouw hiervan is een prachtig voorbeeld van de samenwerking tussen onze bedrijven: wij weten hoe we ze moeten bouwen en Vroom weet wat er nodig is om het werk aan te kunnen. Er zijn meerdere gesprekken geweest met Sjors en Jeroen en daarin is altijd op een constructieve manier naar oplossingen gezocht. Ook de machinist werd er bij betrokken en met elkaar hebben we een prachtige machine gemaakt. Inmiddels zijn er daar al meer dan vijftig van gebouwd.’

Maatwerk

Dat het bouwen van funderingsmachines maatwerk is, blijkt uit het verhaal van Henk. ‘Eigenlijk worden onze machines in het veld verkocht. Bij de ontwikkeling van een nieuwe machine geldt dat de eerste klant mede bepaalt hoe het eindresultaat gaat worden. Er zijn nog wel details later in te vullen, zoals een hijslier links of rechts, maar de basis staat dan vast. Zo kwam Jeroen ook met de vraag voor betonpompen. Hij had een slechte ervaring met pompen uit Italië en zo hebben we die hier in huis ontwikkeld, net als boorkasten en registratiesystemen. De focus ligt bij onze machines altijd op de compact heid. Dat maakt ze makkelijk voor transport. In een paar uur tijd kunnen ze dan weer bedrijfsklaar zijn. In 2021 hebben we een kleine boormachine, een 35DR, doorontwikkeld en afgeleverd.’

Opvolging

Ook het familiebedrijf van Henk was op zoek naar opvolging. ‘Mijn broer Hans en ik hebben wel zoons, maar er is flink kapitaal nodig en we wilden ons meer bewegen op internationaal vlak. In 2016 hebben we het bedrijf verkocht aan Dieseko Group, een mooie club in de branche. Daar ben ik tot december 2021 werkzaam geweest en heb ik Vroom als klant overgedragen aan een collega. Als ik terugkijk op onze samenwerking dan zie ik een club gedreven mensen die weten wat werken is en wat je daarvoor moet doen. Ze hebben echt eigen ideeën, die we altijd in samenspraak hebben uitgewerkt. Ook als er problemen waren hielden ze het hoofd koel en werd dat altijd constructief opgelost. Er was een basis van vertrouwen en gelijkwaardigheid, waardoor we open en eerlijk met elkaar konden samenwerken. Ik kijk daar met veel plezier op terug!’

119VROOM
2021 | De Overbrugging | Langedijk

Vestiging Zuid-Nederland

Net voor het veertig jarig jubileum in 2001 werd door Vroom de vestiging Zuid-Nederland opgericht. De komst van deze vestiging had alles te maken met de wens om meer paalsystemen aan te bieden. Projectmanager Frits Verhoeven, projectleider Leon Klaassen en projectvoorbereider Dave Liefting vertellen meer over het reilen en zeilen in de vestiging in Wijchen.

122 60 JAAR
123VROOM

Er werd in 2000 gestart met één team. Leon: ‘Dat team werd overgenomen van een ander bedrijf in deze regio en had al veel ervaring in de betonschroefpalen. Er werd een pand gehuurd in Malden en eind 2000 ben ik zelf bij Vroom gestart. In 2008 verhuisden we naar ons eigen pand in Wijchen, waar we nog altijd gevestigd zijn. Dat was ook het moment waarop ik naar kantoor ben doorge schoven als projectleider. De locatie is ideaal, we hebben hier een modern pand met kantoor, kantine, eigen werkplaats, werf en opslagruimte. Inmiddels werken we met zeven ploegen, vijf vibro-SDen twee betonschroefploegen.’

Ook Frits begon in 2000 bij Vroom. ‘Mijn vader werkte hier toen en ik stopte met school. Dus ook aan deze kant van het land wordt het Vroom-bloed doorgege ven van vader op zoon! Ik begon net als Leon buiten, maar door de groei ben ik in 2016 op kantoor terechtgekomen. De eerste maand gingen Leon en ik elke dag samen op pad. Hij nam me mee naar de projecten en droeg op die manier zijn kennis en projecten aan me over. Hij beheert nu de projecten met vibro-SD palen en ik die met betonschroefpalen. Daarvoor reizen we het hele land door en sturen we de ploegen aan. De projecten zelf, inclusief al het voorbereidende en afrondende werk, komen via het hoofdkantoor.’

Praktijkervaring

Dave is in 2017 in dienst gekomen.

‘Ik ben gelijk als projectvoorbereider voor mortelschroef en vibro-SD aan de slag gegaan op kantoor in Oosthuizen. Omdat dit de projecten zijn die vanuit Wijchen worden uitgevoerd, merkte ik al snel dat het een stuk prettiger werkt als ik ook regelmatig op het kantoor in Wijchen ben. Ik zie en hoor meer en krijg daardoor een betere binding met het team. Rufus Jaspers werkte vanuit deze vestiging eerst op de machine en

werd daarna werkplaatschef, maar is nu naar kantoor gekomen en neemt steeds meer taken van de projectvoorbereiding van mij over, zodat ik me meer kan ontwikkelen als projectleider. Dat traject loopt inmiddels een jaar. Het ontbreekt me vooral aan praktijkervaring en daar wordt nu aan gewerkt. Als ik op kantoor zit blijft het theoretisch en zijn het gewoon een heleboel palen op een stuk papier. Als ik op de bouw sta, kan

ik die theorie aan de praktijk koppelen. Daardoor leer ik ook wat ik volgende keer beter kan doen. Het is in dit vak in het algemeen en bij Vroom in het bijzonder zo dat je het werk, ongeacht je functie, gewoon moet doen om ervaring op te doen en ervan te leren.’

Leon vult aan: ‘Frits en ik zijn beiden in de bouwput begonnen. Toen wij naar kantoor doorschoven, misten wij de kantoorervaring. Bij Dave ontbreekt juist de praktijkervaring. Zoals ik destijds Frits heb begeleid, helpen we ook Dave. We zitten regelmatig samen om hem wegwijs te maken. Dan pakken we er een tekening bij en nemen die samen door om het project te laten leven. Toen ik alleen op kantoor werkte vond ik het lastig dat ik niemand had om mee te overleggen. Nu kan ik met Frits sparren en dat werkt heel fijn. Op die manier zien we de samenwerking met Dave ook graag in de toekomst.’

Dat Frits en Leon uit de praktijk komen, zorgt soms nog wel eens voor een uitdaging. Frits: ‘We hebben beiden onze papieren en dus komt het nog wel eens voor dat we op de bouw in moeten vallen. Datzelfde geldt ook nog regelmatig voor Rufus. Het kost gewoon wat tijd voordat je bij Vroom losgeweekt bent van je oude functie. Uiteindelijk is het `t belangrijkst dat het werk doorgaat. En dat betekent dat we zelf inspringen als er een mannetje te kort is. Die flexibiliteit en inzet horen bij

Dave: ‘Als ik op kantoor zit blijft het theoretisch en zijn het gewoon een heleboel palen op een stuk papier. Als ik op de bouw sta, kan ik die theorie aan de praktijk koppelen.‘
124 60 JAAR

het Vroom-DNA. Natuurlijk is het dan wat drukker voor ons, maar het is ook wel mooi om af en toe weer eens met elkaar op de bouw te werken. Al moet het niet te vaak gebeuren, want dan gaat het ten koste van onze andere werkzaamheden.’

Teamspirit

Alle jongens komen `s ochtends naar de werkplaats toe. Frits: ‘Ze parkeren hun auto achter het hek, pakken een bak koffie en stappen in de werkbus om samen naar projecten te rijden. Op vrijdagmiddag proberen wij hier zoveel

mogelijk te zijn. Dan komen ook de ploe gen die in de kost zitten terug en zijn we beschikbaar voor overleg en natuurlijk ook een kletspraatje. Ook zorgen we er voor dat ze dan de spullen kunnen laden waar ze om gevraagd hebben. Dan staat de bus gelijk weer klaar voor vertrek op maandagochtend. Veel van onze jongens zitten voor langere tijd in de kost. We zitten bijvoorbeeld voor vibro-SD veel bij Rotterdam-Botlek en Moerdijk, maar ook rondom Schiphol, omdat daar de bedrijfsterreinen zijn waar de grote distributiecentra gebouwd worden.’

Over het algemeen werken de ploegen maar met twee paalsystemen. Leon: ‘De jongens hier kennen dit werk als hun broekzak en zijn goed op elkaar ingespeeld. Ook wij weten precies wat we aan iedereen hebben en wat we wel en niet kunnen vragen. Daarnaast doen wij ook de begeleiding van DPAen vibro-projecten, waardoor we de jongens, met Oosthuizen als thuisbasis, goed hebben leren kennen. Doordat we allemaal voor hetzelfde gaan, een stapje extra zetten als dat nodig is en er voor elkaar zijn, voelt het als familie. Vorig jaar heb ik een kort uitstapje naar een ander bedrijf gemaakt, maar ik ben ook weer teruggekomen, want ik heb die jongens echt gemist.’

Frits vult aan: ‘Hier in Wijchen zijn wij verantwoordelijk voor het reilen en zeilen en op de bouw zijn dat de ploegen

zelf. Je hebt daardoor een bepaalde mate van vrijheid, maar iedereen heeft ook een groot verantwoordelijkheidsge voel. Dat dat gewaardeerd wordt, merken we aan verschillende dingen. We lopen er allemaal keurig bij in bedrijfskleding, overuren worden netjes uitbetaald en op vrijdag mogen de jongens die in de kost zitten in werktijd terug naar Wijchen rijden, om maar een paar voorbeelden te noemen. Leon en ik dragen er ook zelf aan bij, met af en toe wat lekkers bij de koffie als we bij een project langsgaan, een schouderklopje als ze goed bezig zijn of een luisterend oor voor wie dat nodig heeft. Bij Vroom doen we het echt samen, de betrokkenheid zit in iedereen. Dat is goud waard.’

Leon: ‘De jongens hier kennen dit werk als hun broek zak en zijn goed op elkaar ingespeeld. Ook wij weten precies wat we aan iedereen hebben en wat we wel en niet kunnen vragen.’
Frits: ‘Uiteindelijk is het `t belang rijkst dat het werk doorgaat. En dat betekent dat we zelf inspringen als er een mannetje te kort is.’
125VROOM

Logo’s door de jaren heen...

126 60 JAAR
127VROOM

Technische uitdagingen in het groot

Van een shovel tot een mixer en van een heiblok tot een kraan: als er een hydraulisch of elektrisch probleem is, dan weet het team van veertien monteurs dat vaak op te lossen. Voor monteurs Arjan Scholten en Bram van der Linden is het werk dan ook vaak ad-hoc en is geen dag hetzelfde.

128 60 JAAR
129VROOM

Arjan: ‘Een deel van de storingen is te voorkomen door goed gebruik van het materieel en door preventief onderhoud. Daarmee verklein je de kans op stilstand en het aantal transportbewegingen.’

Als er een storing op de bouwplaats is, gaat bij Arjan direct de telefoon. ‘In eerste instantie probeer ik de storing telefonisch op te lossen, door ze op locatie stap voor stap door de handelingen heen te loodsen. Lukt dat niet, dan betekent het doorgaans dat ik die kant op moet om het probleem op te lossen. Doordat ik tijdens mijn veertig jaar bij Vroom ben meege groeid met het materieel heb ik veel storingen al eens aan de hand gehad. Ik weet niet alles, maar wel heel veel.’

Voor Bram ligt dat anders. ‘Ik heb in Middelie mijn vaste werkplek en doe voornamelijk reparaties en onderhoud in de werkplaats. Dan moet je denken aan funderingsmachines, heiblokken, trilbokken, boormotoren, aggregaten en alle randzaken. Het stekkertje en de hydraulische slang horen ook bij het

equipment. Ik werk hier nu vijf jaar, maar weet nog lang niet alles. Het lijkt me heel uitdagend om meer de kant van service op te gaan en ter plekke storin gen te verhelpen, maar daarvoor moet ik eerst nog veel meer kennis opdoen.’

Elektronica

Het werk van de monteurs is in al die jaren flink veranderd. Arjan: ‘Er is veel meer elektronica gekomen. Vroeger hadden we geen multimeter, nu kan ik niet meer zonder zo’n meter de deur uit. Ook in de heiblokken, dat waren allemaal dieselblokken, zat nauwelijks elektronica. Als ik de zekeringkast van de oude American of nu van de nieuwe kraan open doe, dan zitten er zestig zekeringen meer in. Die hebben allemaal een functie. Door de elektronica staat de kraan eerder preventief stil, doordat een sensor een afwijking constateert.

Dat heeft als voordeel dat de motor niet in de soep draait. Vroeger waren we veel meer aan het sleutelen en konden we meer provisorisch oplossen. Maar met elke nieuwe machine kunnen wij steeds minder zelf. Wij kunnen hooguit 20% van de elektronica uitlezen en daardoor moeten we steeds meer hulp van buitenaf inschakelen. Daarnaast is het voor ons ook veel drukker gewor den. Niet omdat er meer storingen zijn, wel omdat er veel meer materieel is gekomen. Een deel van de storingen is te voorkomen door goed gebruik van het materieel en door preventief onderhoud. Daarmee verklein je de kans op stilstand en het aantal transportbewegingen.’

Luisteren

Het werk van de monteurs bestaat niet alleen uit de handen vuil maken.

Arjan: ‘Ik zorg altijd dat ik al vroeg op de locatie ben waar een reparatie moet worden uitgevoerd. Dan zitten we om half zeven aan de koffie en ga ik vragen stellen. Wat gebeurde er nu eigenlijk?

Gaandeweg het gesprek komt dan al snel het antwoord op wat er fout ging en waarom de machine dus in storing ging. Soms hebben ze het zelf niet door, maar geven ze het antwoord al. Ik moet dus ook goed kunnen luisteren en tussen de regels door kunnen lezen. Door tussen de jongens in te staan komt vaak het antwoord én de oplossing al snel.’

Verbeteringen

In hun dagelijkse werk komen ze ook verbeterpunten tegen. Arjan: ‘Bijvoor beeld een stekkertje dat heel ongelukkig geplaatst is. Vanuit de fabriek is het prima, maar voor ons gebruik is het vra gen om problemen. Als het dan voor een tweede keer stuk gaat, dan passen we het aan. Zo doen we nog veel aanpassin gen aan ons materieel, zolang het de CEnorm niet beïnvloedt. Soms vraagt een machinist wel eens om een aanpassing,

130 60 JAAR

maar als dat gevolgen heeft voor de CE-norm dan kan dat gewoon niet. Want als het dan fout gaat, wordt daar als eerste naar gekeken. Gelukkig kan ik ze altijd wel uitleggen waarom iets niet kan.

Ik denk ook dat mijn ervaring ervoor zorgt dat ze mij op mijn woord geloven. Dat vertrouwen moet je opbouwen.’

Bram: ‘De normeringen en certificerin gen zijn ook veel belangrijker geworden. Dat heeft natuurlijk als doel om het werk in zijn geheel veel veiliger te maken en dat is een van de belangrijk ste aandachtspunten van ons werk.’

Toeval

Arjan rolde bij toeval in zijn werk. ‘Ik kwam vervroegd uit militaire dienst en kon de tijd, tot ik weer als auto monteur aan het werk ging, bij Vroom overbruggen. Sjors sprak mij aan en ik

vertelde dat ik automonteur was. Hij liet weten nog een monteur te zoeken voor dieselblokken. Ik dacht dat het de grote blokken van vrachtwagens waren.

Ik had nog nooit een heiblok gezien en wist bij wijze van spreken niet eens wat de onder- of bovenkant was. Het contrast met de autobranche was groot.

Ik ging van sleutel 10 naar sleutel 36, de schuur was donker en de vloer niet vlak. Het was een hele omschakeling, maar ik wilde niet alleen maar in een garage sleutelen. Hier kon ik ook op pad voor reparaties en dat trok me enorm.’

Ook voor Bram was het stom toeval. ‘Ik had geen technisch diploma en er kwam een vacature voor leerling monteur. Ik sleutelde in mijn vrije tijd altijd al aan mijn brommertje en die interne opleiding zag ik wel zitten. De eerste dag kwam ik thuis met vetspetters in mijn gezicht en

Bram: ‘Ik vind het `t mooiste als ik iets binnen een bepaalde tijd af krijg, waardoor de boel weer kan draaien. Als er iets tussendoor komt met spoed en snel weer weg moet, geeft dat veel voldoening.‘

liep ik krom van het tillen. Ik wilde me wel bewijzen. Ik heb het eerst een week aangekeken en toen viel eigenlijk alles op z’n plek. Het bevalt me hier onwijs goed. Ik vind het `t mooiste als ik iets binnen een bepaalde tijd af krijg, waardoor de boel weer kan draaien. Als er iets tussendoor komt met spoed en snel weer weg moet, geeft dat veel voldoening. Zo verlopen maar weinig dagen zoals we ze gepland hadden. Soms zijn er ook repa raties waarbij ik niet gelijk weet waar ik moet beginnen. Het mooie is dan dat we met een hecht team werken. Er is altijd

wel iemand die er ervaring mee heeft of de oplossing bedenkt. Je kan altijd iemand aanspreken of bellen. Zo helpen we elkaar en leer ik steeds meer.’

131VROOM

Diensten

Vroom Funderingstechnieken is gespecialiseerd in verschillende disciplines van fundering. Dankzij de brede expertise en jarenlange ervaring op funderingsgebied wordt Vroom vaak in een vroegtijdig stadium betrokken bij complexe en specialistische funderingswerkzaamheden. Wij hebben hiervoor de volgende dienstverlening ontwikkeld.

waarmee de opdrachtgever ook gead viseerd kan worden over economisch interessante alternatieven, die mogelijk in aanmerking komen. Bijvoorbeeld vibropalen in plaats van prefab beton palen. Of DPA-schroefpalen in plaats van betonschroefpalen. Wanneer dit interes sant is kan het aanvullende betonwerk tot begane grond peil worden aange boden, aangenomen en uitgevoerd.

Engineering

Advies en onderzoek

Op verzoek verricht Vroom Funderings technieken onderzoek of geeft advies. Bijvoorbeeld over de diverse paalsyste men die in aanmerking kunnen komen, over aanvullende betonwerkzaamheden, dan wel een uitgekiende combinatie van paalsysteem en betonwerk. Zowel constructief, economisch als uitvoe rings- en milieutechnisch doorgelicht.

Vroom Funderingstechnieken kent elk type paalsysteem door en door en heeft een ruime praktijkervaring opgebouwd

Vroom Funderingstechnieken ontwerpt en rekent op aanvraag de aangeboden funderingsconstructie door, berekent het grondmechanisch draagvermogen en geeft technische adviezen op het gebied van paalsystemen en uitvoering. Vroom Funderingstechnieken gaat veel verder dan alleen het financieel doorre kenen van een aanvraag. In voorkomen de gevallen kan een funderingstechniek worden geadviseerd die wellicht hogere funderingskosten met zich meebrengt, maar uiteindelijk een belangrijke tijdwinst oplevert in de realisatie van de totale funderingsconstructie, waardoor

de aannemer een kortere doorlooptijd van het gehele bouwproject kan realise ren. De engineers van Vroom Funde ringstechnieken kunnen meedenken en adviseren in het ontwerpstadium en in het te kiezen paalsysteem, bijvoorbeeld in een bebouwde omgeving, waarbij rekening wordt gehouden met het be perken van geluids- en trillingsoverlast. Vroom Funderingstechnieken biedt een breed scala aan paalsystemen en houdt met alle variabelen rekening om tot de beste oplossing te komen. Bijvoorbeeld over paal-vloercombinaties waarbij een paalmatras aanzienlijke besparingen kan opleveren, het funderen in verontreinigde grond of door de toepassing van verschillende paalsystemen binnen één project.

Geluidsreductie

Vroom Funderingstechnieken stond mede aan de wieg van diverse ontwikke lingen die zich richten op het beperken van geluid. Waar nodig worden geluid reducerende maatregelen getroffen, zoals het aanbrengen van geluidsman

132 60 JAAR

tels. Ook kan worden uitgeweken naar een ander, geluidsarm paalsysteem.

Eigen meetdienst

Een correcte maatvoering voorkomt onnodige discussie: vooraf en achteraf. Bijvoorbeeld over de te gebruiken piket ten, het uitzetten van het palenplan, de uitvoering van het heiwerk of de laatste update in het tekenwerk. Het uitvoerend bouwbedrijf weet bovendien van meet af aan waarvoor Vroom verantwoordelijk is. Als u dit wilt, kan Vroom al in offertesta dium adviseren over de maatvoering. Dit verbetert de voortgang van het project. Vroom Meetdienst heeft haar kracht in eerste instantie bewezen in de maatvoe ring van projecten, waarin Vroom Fun deringstechnieken de funderingspalen aanbrengt en waar ook de aanvullende (prefab) funderingsconstructie wordt ge leverd en gemonteerd. Wij kunnen hierbij maatvoering van het heiwerk, met of

zonder de prefab fundering aanbieden. De maatvoerder van Vroom Meetdienst maakt deel uit van het bouwteam en zorgt dat het maatvoeren, op basis van de actuele situatie en tekeningen, nauwkeurig en in goed overleg met de opdrachtgever wordt voorbereid en uitgevoerd. Bij prefab funderingsbalken kunnen ankergroepen al tijdens de productie worden geplaatst. In de beton fabriek worden ankergroepen tot op de millimeter nauwkeurig gepositioneerd in de mal. Op de bouwplaats levert dit tijdwinst en een perfecte maatvastheid op. Op de bouwplaats worden de prefab funderingsbalken onder begeleiding van onze maatvoerder op de ankermaat gesteld. De combinatie maatvoering, heiwerk en een prefab fundering kent als belangrijkste winstpunt dat Vroom als enige partij verantwoordelijk is voor de juiste maatvoering in deze eerste en belangrijke fase van het bouwproces.

Doormeten palen

De integriteit van heipalen is controleer baar. Door het akoestisch doormeten komen afwijkingen in beeld. Met behulp van computerprogramma's en aan de hand van sonderingsonderzoek en het bodemprofiel kan berekend worden of mogelijke afwijkingen het draagvermo gen negatief beïnvloeden. In opdracht meet Vroom Funderingstechnieken alle palen ultrasoon door, zodat de integriteit van elke paal gerapporteerd kan worden. Bij het akoestische doormeten brengt een slag met een kunststof hamer op de paalkop een geluidsgolf in de paal. Een versnellingsopnemer neemt de reflexen

vanuit de paalschacht op en stuurt dit naar een verwerkingseenheid, waarbij het signaal wordt gefilterd en versterkt. De schokgolf loopt door de paal in de lengterichting tot aan de paalpunt en weer terug tot aan de paalkop. De snelheid waarmee dit gebeurt is afhankelijk van de elasticiteitsmo dulus en de dichtheid van het beton. De loopsnelheid van de ingebrachte schokgolf bedraagt voor in de grond gevormde palen tussen de 3700 en 4000 m⁄sec en voor prefab betonpalen tussen de 4000 en 4400 m⁄sec.

133VROOM
2010 | Kaden Wilhelminahaven | Eemshaven

Focus op kwaliteit, arbeid en milieu

136 60 JAAR

Op het gebied van kwaliteit, arbeid en milieu (KAM) zijn er de afgelopen decennia flinke stappen gemaakt. Toch spelen deze drie pijlers op de achtergrond altijd al een rol in het bedrijf. KAM veiligheidskundige Albert Strijk, KAM coördinator Jory de Groot en KAM adviseur Cajo Vroom vertellen daar meer over.

Eind jaren `80 is door de petrochemie de Veiligheids Certificering Aannemers (VCA) gelanceerd. Albert: ‘Zij vonden dat het veiligheidsbewustzijn en het veilig werken belangrijker moesten worden, mede ingegeven door de vele arbeids ongevallen die plaatsvonden op diverse bouwplaatsen. Dat is later overgenomen door alle grote bouwmaatschappijen.’ Ook bij Vroom is veiligheid al lange tijd een belangrijk aspect. Cajo: ‘Mijn vader is vroeger begonnen met het maken van een veiligheidsfilmpje. Dus ook hij was er al mee bezig, maar het is steeds professioneler geworden. Vroom Funderingstechnieken heeft procedures voor veilig werken opgesteld en funderingsmaterieel aangepast om daar zo veilig mogelijk mee te kunnen werken. Met name omdat het, met het groeien van het bedrijf en het groter en zwaarder worden van het materieel, steeds belangrijker wordt. Je moet er niet aan denken dat er ongevallen gebeuren tijdens het werk.’

VCA en opleidingen

Door je te laten certificeren als bedrijf, toon je aan dat je de veiligheid en kwa liteit kunt borgen. Albert: ‘Dat betekent dat er elk jaar een audit plaatsvindt. Eens in de drie jaar een uitgebreide en in de tussenliggende jaren een surveil lance. Tussendoor houdt het eigenlijk nooit op, want het is een continu proces om de veiligheid en de gezondheid van de mensen, en alles wat daarmee te maken heeft, te blijven verbeteren. Daar naast zorg ik ervoor dat de verplichte opleidingen voldoen aan de eisen die wij eraan stellen. Om een voorbeeld te geven: de opleiding werken op hoogte was toegespitst op de bouw, maar wij werken niet op daken of steigers. In overleg met de opleider is die opleiding aan onze wensen aangepast. Gefocust op het werken op platforms en liften en het gebruik van een harnasgordel, het aanhaken en al dat soort dingen om het risico op vallen te voorkomen.’

Procedures

Kwaliteit heeft volgens Cajo ook te maken met het volgen van procedures. ‘Daarmee bedoel ik dat we wel van alles kunnen bedenken, maar dat we er vooral voor moeten zorgen dat het ook zo gedaan wordt. Als bedrijf stellen we middelen ter beschikking om veilig te kunnen werken en leggen we uit hoe en wanneer medewerkers die middelen moeten gebruiken. Uiteindelijk ligt er ook een verantwoordelijkheid bij de gebruiker. Als we procedures met elkaar afspreken, van de ‘wasstraat’ en inwerkperiode tot het volgen van opleidingen en het monitoren van medewerkers, dan is het aan Albert om

Albert: ‘Het is een continu proces om de veiligheid en de gezondheid van de mensen, en alles wat daarmee te maken heeft, te blijven verbeteren.’
137VROOM

Cajo: ‘Met onze werkmentaliteit is niks mis, maar het moet wel verantwoord ge beuren. Als iets al ja renlang goed gaat en dat de reden is dat het altijd zo gedaan wordt, dan schuilt daar ook een gevaar in. We willen niet dat nieuwe medewerkers daarin meegaan.’

Niet alleen de overheid, maar ook opdrachtgevers kunnen een aantal eisen stellen. Albert: ‘Dat we minimaal VCAgecertificeerd zijn of aan de ISO-9001 norm voldoen, bijvoorbeeld. Onze jongste certificering in het eerste kwartaal van 2022 is de Safety Culture Ladder, waar we trede 3 hebben behaald.’

Arbowet

Jory is in 2020 afgestudeerd als middelbaar veiligheidskundige en gelijk bij Vroom aan de slag gegaan: ‘Mijn opleiding is volledig gericht op Arbowetgeving. Daar waar de overheid het beleid heeft bepaald, wordt de uitvoering en naleving daarvan bij de bedrijven neergelegd. Het is aan mij om de letter van de wet te vertalen naar onze praktijk. In die Arbowetgeving zijn regelmatig wijzigingen op details, niet zozeer op hoofdlijnen. Het is dan altijd de kunst om goed te lezen hoe die wet geïnterpreteerd moet worden. Ik spit het tot op de bodem uit om daar zeker van te zijn. Hoewel ik dit werk in elk bedrijf kan uitoefenen, heb ik bewust gekozen voor Vroom. Niet alleen omdat ik dit een prachtige branche vind, maar ook omdat het hier, als het fout gaat, ook écht foute boel is en dat wil ik voorkomen.’

Mensenwerk

te controleren of het ook daadwerke lijk gaat zoals het is afgesproken. Bij datacenters en windmolenparken ligt het veiligheidslevel hoger dan bij de overige projecten. Dan is het aan KAM om dat veiligheidslevel over te brengen aan de medewerkers van dat project. We willen niet alleen zelf dat het werk veilig gebeurt, vanuit de overheid wordt hier ook steeds meer de nadruk op gelegd.’

‘Veiligheid valt of staat met houding en gedrag’ vervolgt Albert. ‘Als we consta teren dat er dingen niet goed gaan, dan ga ik het gesprek aan. Wat beweegt iemand om zich niet aan de procedure te houden? Met goede argumenten tijdens een gesprek, zie ik dat zo iemand vaak tot een ander inzicht komt.’ ‘En dat moet ook’ aldus Cajo ‘want met onze werkmentaliteit is niks mis, maar het moet wel verant

woord gebeuren. Als iets al jarenlang goed gaat en dat de reden is dat het altijd zo gedaan wordt, dan schuilt daar ook een gevaar in. We willen niet dat nieuwe medewerkers daarin meegaan. Daarom is die opleiding en instructie voor het doen van werkzaamheden en bij aanvang van het dienstverband ook zo belangrijk. Om ze te laten zien hoe het hoort. We komen als KAM ook regelmatig op de bouw. Niet alleen om te controleren, maar ook om zichtbaar en aanspreekbaar te zijn.’ Volgens Albert is er wel een cultuuraan passing gaande in het bedrijf. ‘Vroeger golden er minder strenge regels en je ziet dat de nieuwe generaties zich nu ook meer bewust zijn van hun veiligheid en gezondheid. Ze willen ook graag weer veilig thuiskomen.’

Milieu

Ook op het gebied van milieu worden er stappen gemaakt. Jory: ‘Bij KAM contro leren we bijvoorbeeld in hoeverre een V&G-plan, een plan voor verontreinigde grond, van de hoofdaannemer voldoende is. Is dat niet het geval, dan zorgen we er, in overleg met hun veiligheids kundige, voor dat het verbeterd wordt. Maar er zijn ook zaken betreffende het milieu die buiten ons om gaan. Zo ligt het milieuvriendelijker maken van het materieel bij materieelbeheer.’

Toekomst

Het meebewegen met wat de wet voorschrijft, wat de opdrachtgever graag wil en wat Vroom belangrijk vindt, zorgt ervoor dat het werk van de KAM-afdeling steeds belangrijker wordt. Cajo besluit: ‘We zien dat er steeds meer nadruk op die veiligheid ligt in ons werk. Bij de bouw van de datacenters staat

Jory: ‘Mijn opleiding is volledig gericht op Arbowetgeving. Daar waar de overheid het beleid heeft bepaald, wordt de uitvoering en naleving daarvan bij de bedrijven neergelegd. Het is aan mij om de letter van de wet te vertalen naar onze praktijk.’

veiligheid vaak als eerste agendapunt genoteerd. Het geeft mij veel voldoe ning als we erin slagen dat werk naar tevredenheid af te ronden. Dat neemt niet weg dat de bewustwording van veiligheid een continu proces is, waar altijd ruimte blijft voor verbetering.’

138 60 JAAR
139VROOM

Familie in bedrijf: Raymond en Melvin Oortwijn

De broers Raymond en Melvin Oortwijn verschillen slechts één jaar in leeftijd en zijn beiden machinist op een vibrostelling. Daarmee zijn ze in de voetsporen van hun vader Berry Oortwijn getreden.

140 60 JAAR

Raymond ging al op jonge leeftijd aan de slag bij Vroom. ‘Ik had een krantenwijk, maar was dat al snel zat. Ik vroeg mijn vader, die hier al werkte, of er ook werk voor mij was en zo begon ik op de za terdagen in de werkplaats in Middelie. Ik was toen zestien en nog te jong om mee te gaan naar de bouwput. Maar af en toe ging ik wel mee met mijn vader en reed ik een dagje op de shovel. Ik ging des tijds een dag in de week naar school in Zaandam en werkte de rest van de week. Toen ik eenmaal achttien was, draaide ik volop mee op de bouw en begon ik onderaan de stelling. Ik werk hier alweer ruim dertig jaar, waarvan de laatste 23 jaar als machinist op de vibrokraan.’

Hoewel Melvin een jaar ouder is, kwam hij pas later bij Vroom werken. ‘Ik had bedacht dat ik wat anders wilde doen en volgde twee jaar lang de Landbouw school. Daarna had ik geen zin meer om te leren en stopte met de opleiding. Zo kwam ik hier en toen zeiden ze: ‘Je kan wel naar de machinistenopleiding’. Daar had ik natuurlijk helemaal geen zin in, want ik was helemaal klaar met leren. Toch ben ik nog twee jaar naar de avondschool in Zaandam gegaan en zo ben ik ook, van onder de stelling, uiteindelijk op de vibrokraan terecht gekomen als machinist.’

Verschuivingen

De broers zijn echte aanpakkers. Raymond: ‘Toen we jong waren hielpen we geregeld mee in het boerenbedrijf van vrienden. We konden eerder tractor rijden dan fietsen, bij wijze van spreken. En we zijn van huis uit gewend om aan te pakken, wat voor werk er ook gedaan moet worden. Die mentaliteit van toen is tegenwoordig zeldzaam. Veel jongens die nu beginnen, komen van school en hebben nog nooit hun handen vuil gemaakt of op een machine gereden.’

Net als hun vader destijds, werken beiden tegenwoordig op een vibrostel ling. Melvin: ‘Daarmee realiseer ik veelal funderingen voor windmolenprojecten, zoals nu in Biddinghuizen. Mijn machine is daar ook meer geschikt voor dan die van mijn broer. Je moet vaker demonteren en opbouwen met dit soort projecten. De werkzaamheden zijn ook enorm verschoven ten opzichte van zo’n twintig jaar geleden. Toen werkte ik vooral binnenstedelijk, maar nu kom ik door de regelgeving eigenlijk nooit meer in de stad en doe ik met name industriële projecten.’ Ook Raymond

realiseert met name funderingen in de industrie. ‘Ik werk de hele zomer van 2022 aan een fundering bij een tankterminal in de Botlek. Daar gaan palen van zo’n 33 meter de grond in. Op zo’n kale vlakte werken is natuurlijk minder leuk dan hartje Amsterdam, maar aan de andere kant vonden we in die tijd als jonge jongens alles nog leuk.’

Veiligheid

Niet alleen de wet- en regelgeving is veranderd, ook wordt er veiliger gewerkt dan voorheen. Raymond: ‘Dat is ook wel weer goed, want achteraf bezien waren we wel een stelletje cowboys met z’n allen, we klommen rustig zonder tuigje overal op. Maar soms is die veiligheid ook wat overtrokken. Dan moet je bijvoorbeeld altijd een veiligheidsbril op of lange kleding aan, ook als je in de cabine zit. Bij een aantal opdrachtgevers wordt daar streng op gehandhaafd en loopt er dagelijks een veiligheidsmede werker op de bouw. Dat was in het begin wel wennen, maar nu weten we beter hoe we daarmee om moeten gaan. Soms moet je een beetje meebewegen om het voor jezelf makkelijker te maken.’

Melvin vult aan: ‘Die controle is er ook bij de windmolenprojecten. Omdat wij er als eerste starten, worden we nauwgezet in de gaten gehouden. Tegen de tijd dat er andere partijen op het terrein aan de slag gaan, zien we ze weinig meer, om dat ze dan weten wat onze werkwijze is.’

Toekomst

Waar Melvin de toekomst op de kraan voorlopig wel voor zich ziet, ziet Raymond dat anders. ‘Het is zwaar werk. Je bent de hele dag gefocust en werkt in allerlei omstandigheden. Die verantwoordelijkheid voor de ploeg,

van ophalen tot thuisbrengen aan toe, is groot. Ik weet ook niet zo snel wat ik dan zou willen doen, maar mensen opleiden bijvoorbeeld, zoals Jaap Bol doet, lijkt me ook wel wat.’ Melvin: ‘Van oudsher zijn er veel boerenjongens in het bedrijf gekomen, van vader op zoon. Dat is tegenwoordig wel anders. Raymond heeft alleen maar meiden en ik heb, naast een dochter, één zoon. Of die hier komt werken? Hij is nu aan het leren voor kraanmachinist, maar hij wil daarna doorleren voor uitvoerder. Hij zei altijd dat hij niet zo vroeg zijn bed uit wilde, al gebeurt dat nu in zijn stage ook. Ik zou het hem ook niet afraden, want zonder al te veel diploma’s kun je hier toch aardig je geld verdienen. Maar je moet er wel aanleg voor hebben. Je moet een beetje machinegevoel en inzicht hebben en vooral niet bang zijn om hard te werken en je handen vuil te maken.’

Melvin: ‘Van oudsher zijn er veel boerenjon gens in het bedrijf gekomen, van vader op zoon. Dat is tegenwoordig wel anders.’
Raymond: ‘Toen we jong waren hielpen we geregeld mee in het boerenbedrijf van vrienden. We konden eerder tractor rijden dan fietsen, bij wijze van spreken.’
141VROOM

COLOFON

Dit is een uitgave van Vroom Funderingstechnieken. Eerste exemplaar uitgereikt op 9 september 2022.

Realisatie: ZAAQ Media Redactie: Janine Klein

Eindredactie: Walter Bakker

Beeldredactie: Jerry Mast

Vormgeving: Robert Swart, Thijs van Paridon Fotografie: Rick Leeman, Babiche Tervoort, Mike Raanhuis Druk: Drukkerij Rijser

www.vroom.nl

Voor het gebruik van beeldmateriaal van derden is eerder toestemming verkregen in het kader van andere publicaties van Vroom Funderingstechnieken.

Disclaimer en copyright

Aan de inhoud van deze uitgave kunnen geen rechten worden ontleend. Het is alleen toegestaan artikelen uit deze uitgave geheel of gedeeltelijk over te nemen na toestemming van de redactie.