Page 1

Voor pr oef j e

Uzi eteensel ect i eui tons l edenmagazi neVogel s. Wor dl i denont vangdi tpr acht i ge magazi ne5xperj aart hui s.


TEKST NADJA JANSMA

TJIFTJAF Bence Mate/Agami

Vogelbomen zijn ook gul voor mensen

Tandenborstelboom, parapludoorn en zeepbesboom: wonderlijke namen voor bomen die in de Sahel groeien. Ze zijn geliefd bij mensen én bij vogels. Maar hun aantallen nemen af. Vogelbescherming gaat daarom in Mauretanië en Burkina Faso, samen met par tners, deze ‘vogelbomen’ terug brengen in het landschap. En ú kunt helpen!

D

e droge en soms zinderend hete Sahel is van cruciaal belang voor miljoenen trekvogels. Insecteneters verkiezen de savannes zelfs boven het tropische groen dat maar een klein beetje zuidelijker ligt. Dat ontdekten onderzoekers van bureau Altenburg & Wymenga samen met collega’s; zij onderzochten meer dan 300.000 bomen op vogels. De vogels bleken heel kieskeurig te zijn in hun voorkeur voor boomsoorten: in 69 procent van de bomen was geen vogel te bekennen, terwijl 80 procent van de trekvogels in maar negen boomsoorten werd gezien. In doornige bomen, zoals acacia’s en de zeepbesboom – die officieel balanites aegyptiaca heet – huisden vier keer zoveel vogels als in bomen zonder stekels. De doornloze tandenborstelboom bleek nóg populairder, maar die heeft dan ook lekkere bessen om van te smullen.


VO G E LS 05/16•9


ANABOOM M. Watson/ardea.com

De bomen waar vogels het meest van houden zijn ook leveranciers van nuttige producten voor mensen Bomen in de verdediging De onderzoekers beschreven ook waarom vogels doornige bomen verkiezen boven stekelloze soortgenoten. Daar zitten namelijk veel insecten in: voedsel voor veel hongerige trekvogels zoals de (Iberische) tjiftjaf en de grasmus. Bomen in de Sahel hebben altijd veel last gehad van graasdruk door bijvoorbeeld gazellen en giraffen; als reactie daarop komen er veel bomen en struiken voor die zich verdedigen met stekels. In de zuidelijker gelegen tropische zone heeft slaapziekte de aantallen grazers altijd gedrukt. Hier verdedigen bomen zich tegen insecten door chemische stoffen in de bladeren aan te maken: weinig insecten betekent weinig te eten voor vogels. Dat is dus de reden dat veel vogels de droge Sahel verkiezen boven het weelderige groen van zuidelijker streken.

Nuttige bomen voor vogels en mensen Juist die – veelal inheemse – bomen waar vogels hun voedsel vinden verdwijnen in hoog tempo door veranderend landgebruik, zoals intensivering van de landbouw en houtkap voor brandhout. Het is een belangrijke oorzaak voor de achteruitgang van trekvogels. Er is gelukkig een lichtpuntje: de bomen waar vogels het meest van houden zijn ook leveranciers van nuttige producten voor mensen. De balanites bijvoorbeeld, de zeepbesboom, heeft een oliehoudende noot en eetbare vrucht; die olie wordt verwerkt in voedsel en cosmetica. De boom, die zo’n tien meter hoog kan worden, produceert haar vruchten zelfs in droge tijden. De anaboom, een heel geliefde boom bij vogels, wordt ook door lokale boeren zeer gewaardeerd als bron voor veevoer en als bodemverbeteraar. De boom is ook belangrijk voor bijenhouders en boeren omdat hij bloeit aan het eind van het regenseizoen en de boom blad draagt als alle andere bomen kaal zijn. Veel acaciasoorten zijn leverancier van Arabische gom, dat wordt gebruikt als kleefstof bij postzegels en als ingrediënt van snoep. Voortborduren op Living on the Edge Vogelbescherming gaat samen met haar partners Nature Mauritanie, Naturama, BirdLife International en lokale groepen de savanne-


Geen eenmalige hulp Trekkende landvogels zoals wielewaal, grasmus en gekraagde roodstaart zijn niet van één enkel (natuur)gebied afhankelijk, maar van de héle Sahelzone. Daarom is het belangrijk dat we niet

WIELEWAAL Marc Guyt/Agami

landschappen in Mauretanië en Burkina Faso herstellen en goede vogelbomen planten. Dat gebeurt zowel bij lokale boeren als in de natuurgebieden rondom de belangrijke wetlands. De lokale bevolking profiteert ervan door de inkomsten uit onder meer de olienoten. Het project is een vervolg op Living on the Edge; met steun van de leden van Vogelbescherming en de Nationale Postcode Loterij wisten we tussen 2011 en 2015 het landgebruik in veertien gebieden in vier Afrikaanse landen te verduurzamen. Nature Mauritanie, sinds juni 2016 officieel BirdLife Partner, Naturama en Local Conservation Groups deden samen met de lokale bevolking veel ervaring op met het gebruik van natuurlijke hulpbronnen. In de nieuwe projecten gaan we nóg meer energie steken in het uitbreiden van biodiversiteit en het nemen van maatregelen om het inkomen van mensen te vergroten. Dat kan bijvoorbeeld door betere markttoegang voor de producten te creëren. Zo maken we van natuurbescherming en duurzame ontwikkeling een sterk duo.

alleen zelf nieuwe projecten starten, maar ook anderen enthousiasmeren. Lokale natuurbeschermingsgroepen spelen een cruciale rol bij het betrekken van boeren en de lokale overheid. Zoals Souleymane Ould Seyni, president van de Site Support Group bij Lac du Mal in Mauretanië het zegt: “We waarderen de samenwerking met Nature Mauritanie, omdat het niet gaat om eenmalige hulp, maar kansen biedt om blijvend ons inkomen en onze zekerheid te verbeteren. We zien de omgeving groener worden!” Bomen die voedsel bieden aan vogels en inkomsten aan mensen: mooier kan het bijna niet. Helpt u ons mee? •

Daniëlle van Oijen van Vogelbescherming schrijft een blog op www.vogelbescherming.nl over haar ervaringen in de Sahel.

GEEF VOOR VOGELBOMEN In het project Living on

the Edge zijn in vier landen 150.000 bomen geplant. Samen met de lokale bevolking hebben we duurzaam beheer van deze bomen opgezet. Deze succesvolle aanpak krijgt een vervolg in Mauretanië en Burkina Faso. Met 20 euro kunnen we 20 vogelbomen kweken en planten. Helpt u mee? www.vogelbescherming.nl/ vogelbomen of maak uw gift over op NL 44 INGB 0000 65 65 00 o.v.v. vogelbomen.

foto: Michiel vd Bergh

Geweldig! Kijk op

VOG E LS 05/16•11


Op www.erikvanommen.nl/vogels vindt u meer achtergrondinformatie over dit artikel. In het volgende nummer van vogels: de torenvalk.

Roodborst Erithacus rubecula PASPOORT Klein bolrond vogeltje ter grootte van een huismus. Een van onze bekendste en meest geliefde tuinvogels. Borst is meer oranje dan rood. VLUCHT Snel en over korte afstanden vliegend. GELUID Zeer gevarieerd en melodieus; een parelend lied als een watervalletje. BROEDGEBIED Tuinen en parken, tot midden in stadscentra. BROEDSEL Broedt van eind april tot in juli en bouwt een goed verborgen nest tussen planten en struiken, in hagen, ook op en in de grond. Maakt gebruik van halfopen nestkasten. Legt 5 – 6 eieren en broedt die in 2 weken uit. Jongen verlaten na 12 – 15 dagen het nest. Jonge vogels zijn bruin gevlekt van kleur. Volwassen vogels tolereren buiten broedseizoen geen soortgenoten met een rode kleur. VOEDSEL Zoekt op de bodem naar insecten, larven, poppen, spinnen, wormpjes, slakjes enz. Komt minder snel op de voedertafel. TREK Gedeeltelijk standvogel. Ander deel van onze broedvogels trekt naar Zuid-Europa en zelfs NoordAfrika. Vogels uit Scandinavië overwinteren bij ons. BESCHERMING De roodborst is gebaat bij een dicht begroeide tuin met hagen van bijvoorbeeld klimop of wingerd. Strooi ’s winters voedsel op de grond; speciaal voer verkrijgbaar in de winkel van Vogelbescherming, maar ook meelwormen en ongekookte havermout zijn gewild. tekst: Hans Peeters

Roodborst op schop, aquarel

Lastig rood op een rond vogeltje Roodborsten zijn opvallende verschijningen in de tuin. Bij ons komen ze meestal rond 21 september weer terug uit Scandinavië. Ze vergezellen me dan regelmatig als ik in de tuin aan het werk ben. Ze zijn niet op zoek naar vriendschap, maar natuurlijk alleen geïnteresseerd in de insecten die ik tijdens het spitten blootleg. Roodborsten zijn rondborstige vogeltjes met opvallend grote ogen; het maakt ze erg aaibaar.


TEKST EN ILLUSTRATIES ERIK VAN OMMEN

VOGELSTEKENENMETERIK Eerst schilder ik de schaduw op buik en borst en daaroverheen komt het rood.

Opzet van een standaard roodborst in eenvoudige vormen. Het is opvallend hoe rond het lichaam van een roodborst is. Hier zijn lichaam en staart even groot als twee koppen. De vogel heb ik schematisch getekend over de eenvoudige cirkels en daarna geschilderd met aquarelverf.

^ Vogels zijn, afhankelijk van de temperatuur,

dunner of dikker dan de standaardvorm; de roodborst is daarop geen uitzondering. ‘s Zomers zijn de vogeltjes slanker dan in de winter. Bij kou zetten ze hun veren op om warm te blijven. Deze roodborst lijkt daardoor bijna meer op een bolletje dan op een vogel.

< Aquarelstudies van een roodborst. Het rood van een roodborst is lastig met aquarel te schilderen. Je moet de kleur fris houden, maar voor je het weet wordt die door het mengen vaal of vies en kun je weer opnieuw beginnen.

Het rood voor de roodborst: ik gebruik meestal alleen cadmiumrood, cadmiumgeel en gele oker voor het heldere rood. Voor de schaduwkleur meng ik cadmiumrood met cobaltblauw en rauwe omber.

VOG E LS 05/16â&#x20AC;˘13


De mysterieuze terugval van de wilde eend

foto: Jeroen Stel/Kina

H

et dreigt mis te gaan met onze vertrouwde wilde eend. Nee, bang voor volledig uitsterven hoeven we niet te zijn, maar met een achteruitgang in aantal broedparen van zo’n 30% sinds de jaren tachtig wordt die vertrouwde wilde eend opeens veel minder algemeen. Dus komt Vogelbescherming in actie. We zijn er immers niet alleen voor de bedreigde of uitstervende soorten. Ons motto is ook ‘houd algemene vogels algemeen’.

Oogverblindend in de herfst Juist nu is het genieten van wilde eenden: na hun dubbele rui zijn de vogels prachtig op kleur. En ook al behoorlijk onrustig, want de balts begint vroeg bij Anas platyrhynchos. Uitgedost met hun oogverblindende, iriserende groene koppen – het effect van een samenspel van pigment en veerstructuur – zwarte staartveren in een leuke krul en metaalblauwe spiegel, sloven de mannen zich uit voor de dames. Halzen strekken,


Gesnater in de sloten; de prilste voorbode van het voorjaar komt met jonge eendjes. Zo’n plaatje dat al eeuwen bekend is. Maar misschien niet blijft. Want wilde eenden in de sloot zijn niet langer vanzelfsprekend. TEKST MONICA WESSELING

koppen en staarten schudden, borsten prononceren en water in het rond spatten. Te midden van al dit tumult maakt zíj rustig haar eigen keuze. Nog vóór de jaarwisseling worden de huwelijken gesloten en dagelijks bekrachtigd met een vrijpartij. Niet dat daarvan jongen komen; bevruchting is er nog niet bij.

Rhaeb, pioe, gepiep en gemekker Ze zijn mooi, maar niet direct muzikaal, die pronte woerden. Veel verder dan

rhaeb en pioe komen ze niet. Nee, dan de dames! Mevrouw snatert, een wilde eend waardig; zij piept, mekkert en rhaeb’t ook nog. De vrouwelijke suprematie op dit vlak is opvallend en zeldzaam in de vogelwereld. Anatomisch lijkt het ook moeilijk verklaarbaar. Want in tegenstelling tot de woerden bezitten de wijfjes geen verbeende trommel op de plek waar de luchtpijpen zich splitsen; de plek waar bij zangvogels het zangapparaat zit. >>

VOG E LS 05/16•23


foto: Konrad Wothe/Nature in Stock

Een exclusief Hollands mysterie Schrale of rijke zangkunsten, ze worden tegenwoordig minder gehoord. Okay, ons land telt nog steeds zo’n 350.000 broedparen, maar een kleine dertig jaar geleden waren dat er nog een half miljoen. “Dan bekruipt je toch het gevoel ‘verdorie, alwéér zo’n vogel van het boerenland’. Het aantal overwinterende wilde eenden is sinds 1990 zelfs met 40 procent gedaald. In veel Natura 2000-gebieden wordt de norm voor wilde eenden niet eens gehaald”, zegt Ruud Foppen, onderzoeker bij Sovon Vogelonderzoek en Vogelbescherming Nederland. Foppen vindt het belangrijk om zo snel mogelijk de oorzaken te achterhalen. “Pas dan kunnen we beschermen. Er zijn vreemde dingen gaande. Zo daalt alleen bij ons, en niet in de ons omringende landen, het aantal broedparen en lijkt het kleinere aantal overwinteraars niet te linken aan – zoals je zou verwachten – de klimaatverandering.”

‘Tussen die kuikenfase en de volwassenheid gaat het ergens mis.’ prof. Ruud Foppen Raadsels rond kuikenoverleving Er is nog veel onduidelijk, maar helemaal met lege handen staan onderzoekers en beschermers gelukkig niet. Met het doorrekenen van bestaande gegevens is inmiddels duidelijk dat de oorzaak van de daling van het aantal broedvogels niet zit in een slechter broedresultaat. Uit elk succesvol nest lopen nog steeds ruim acht jongen weg. Foppen: “De overleving van de volwassen dieren is dankzij de verminderde jachtdruk zelfs verbeterd. Het moet dus ergens tussen die jonge-kuikenfase en de volwassenheid mis gaan.” Meer roofdieren, minder insecten Opgroeien vraagt veiligheid en vreten

en het is niet duidelijk waaraan het schort. Het aantal belagers – snoek, blauwe reiger, buizerd, ooievaar – lijkt te zijn gestegen, “maar we weten ook dat er in de insectenwereld heel wat aan de hand is. Waterverontreiniging en gifstoffen zoals neonicotinoïden hebben de hoeveelheid insecten enorm doen dalen. Een belangrijk gegeven; eendenkuikens groeien immers groot op waterinsecten.” Meer onderzoek is nodig; Sovon Vogelonderzoek en Vogelbescherming Nederland zoeken samen naar financiering. Want die wilde eend, die doodgewone wilde eend, moet vooral doodgewoon blijven! •

VOGE LS 05/16•25


TEKST MONICA WESSELING

KIJKTIP2

BLAUWE KIEKENDIEF Jeroen Stel/Kina

Als haring met hagelslag: de vogels van het winters Dwingelderveld! Hun combinaties zijn net zo vreemd. Abnormaal switchen van klapekster naar grote zilverreiger en van blauwe kiekendief naar zwarte mees.

Vreemde combinaties in Dwingelderveld

H

et is geen alledaagse exercitie, deze winterwandeling op het Dwingelderveld. De landschappelijke variatie – bos, heide, plas, akker en veld – brengt vogels bijeen die ‘officieel’ niet samen horen. De wandeling begint door een sparrenbos met zwarte mees, goudhaan, vuurgoudhaan plus soms havik en sperwer. Al snel is daar de es; een door Natuurmonumenten hersteld akkercomplex vol granen en kruiden. Volop zaden en daarmee vele vinken, geelgorzen, groenlingen, putters en ringmussen. Patrijzen zijn er helaas niet meer, het verlokkend voedsel ten spijt.

Een gemis, maar blauwe kiekendief en smelleken, beide jagend op kleine zangers, maken veel goed. De kiek vanuit de kenmerkende kantelende surveillance, afgesloten met een stootduik; het smelleken jakkerend en bij verrassing toeslaand. Torenvalken en buizerds jagen op muizen, reeën verschijnen in het schemerlicht. Net gewend aan de openheid, of de lach van de groene specht en het geroffel van de grote bonte weerklinken. Op mooie zonnige winterda-

gen beginnen de hormonen al op te spelen. In het rijke gemengde bos naast de vier soorten spechten ook alle zeven mezensoorten en een bijna buitensporig aantal goudvinken, warm rood in het zachte winterlicht. Het is zaak in dat bos de oren goed te spitsen; kruisbekken spotten gaat op het gehoor. Een metaalachtig kiep is het teken voor speuren, hoog in de dennen waar de kruisbek op onrijpe kegels foerageert. Na het bos de open heide, met alweer andere bewo-

ners. Klapeksters jagen vanuit lage boomtoppen, barmsijzen jongleren met elzenpropjes en een blauwe kiekendief grijpt een muis. En alsof dit alles nog niet voldoende soorten heeft opgeleverd, is er als apotheose ook nog een waterpartij compleet met ijsvogel, grote zaagbek, nonnetje, wintertaling, krak-, kuif- en tafeleend, blauwe reiger en grote zilverreiger. Neem vooral ook even een kijkje bij de voedertafel van het bezoekerscentrum. Bekijk vogels en verstrekt voedsel; wie weet brengt het u op een idee.

HOE ER TE KOMEN De gelopen wandeling is de rode wandelroute (4,5 km) startend bij bezoekerscentrum Dwingelderveld (www.natuurmonumenten.nl/dwingelderveld). Vanaf het centrum op de asfaltweg even linksaf en even verderop rechtsaf. Met openbaar vervoer naar bezoekerscentrum: fietsend foto: Jaap Schelvis/Buiten-Beeld

vanaf NS Hoogeveen (14 km), of met bus en belbus (0900 0400359) vanaf Meppel of Hoogeveen. Per auto: Benderse 22, 7963 RA Ruinen

VOGE LS 05/16•29


TEKST NICO DE HAAN

NICOSCOOP

Buikschuiver met duivelsoren “

D

aar, net achter dat graspolletje, daar zitten er vier!” De oooh’s en aaah’s zijn niet van de lucht. “Prachtig, dat geel met de zon erop, geweldig!” Ik sta met een aantal deelnemers aan onze jaarlijkse excursie naar Texel in de Slufter te genieten van een groepje strandleeuweriken. De euforie is groot, want lang niet altijd lukt het om deze bijzondere wintergast op te sporen. Zijn naam suggereert dat je tijdens een willekeurige strandwandeling een goede kans maakt op een ontmoeting met een strandleeuwerik, maar niets is minder waar. Deze vogels moet je op speciale plaatsen zoeken. Strandleeuweriken zijn hier alleen in de wintermaanden en alleen op hele speciale plekjes. Dat maakt elke ontmoeting dan ook weer tot een absoluut hoogtepunt van een excursie. Kale plekken dicht bij zee met een schaarse begroeiing, of waar aanspoelsel ligt: daar kun je strandleeuweriken zien. Elke keer als ik in het winterhalfjaar op Texel de Slufter in loop gaat mijn bloeddruk omhoog door mijn optimistische strandleeuwerikenverwachting. Net voordat je de laatste duinenrij passeert stuit je op zo’n plek met korte zilte begroeiing. Ogenschijnlijk is er geen vogel te zien en bijna alle toeristen lopen deze onopvallende leeuweriken met open ogen voorbij. Alleen als je heel goed kijkt is er kans dat je ze ontdekt. Ze schuiven stilletjes op een schokkerige manier over de bodem op zoek naar zaden. Ik verbaas me altijd over hun perfecte schutkeur. Als je in een vogelboek kijkt spat het geel van de kop er van af, maar pas van heel dichtbij wordt dat goed zichtbaar. Ze zijn niet groter dan een mus, overwegend bruin met een lichte onderzijde, die niet echt opvalt omdat ze ’buikschuivend‘ voor-

STRAND a l te r L E EU W E R I K W

So e

st

n ge ber

g /A

am

i

De strandleeuwerik jaagt mijn bloeddruk omhoog uit gaan. Gelukkig steken ze af en toe waakzaam de kop even omhoog en dan zie je hun mooie gele kin, het zwarte maskertje en die ‘duivelsoortjes’. Het zijn de verlengde zwarte veren van de zijkruin.

Nico de Haan vertelt over zijn persoonlijke vogelbelevenissen.

Meestal zie ik strandleeuweriken in groepjes van enkele tot tientallen exemplaren. Daar zitten soms sneeuwgorzen of zelfs ijsgorzen tussen en het is een hele sport om die ook te ontdekken. We blijven minstens een kwartier kijken; dan is het tijd om afscheid te nemen, al lukt dat maar moeizaam. Onwillekeurig raak je helemaal in de ban van deze stiekeme vogels; zouden ze die oortjes echt van de duivel hebben gekregen?

VOGE LS 05/16•4 3

Vogels winter 05/2016  

U ziet een selectie uit ons ledenmagazine Vogels. Word lid en ontvang dit prachtige magazine 5x per jaar thuis.

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you