Page 1

1

14|

FMT gezondheidszorg: Vakblad over huisvesting en technologie in de gezondheidszorg

GEZONDHEIDSZORG

UMC Utrecht: revolutie in luchtbehandeling

Ervaringen met conceptrichtlijn luchtkwaliteit in OK’s Woon- en zorgcentrum De Trambaan: “Zo gewoon mogelijk wonen”


Intelligente waterstof peroxide (Hydrogen Peroxide Vapour) desinfectie oplossingen voor o.a.: • Product doorvoer • Isolator toepassingen • Ruimtes en apparatuur HPV Doorvoersystemen

Bioquell | Qube

Onze verschillende doorvoer systemen voorzien in snelle en effectieve cycli tijden waarbij kwaliteit van het proces wordt gewaarborgd

Modulair aseptisch isolator concept voor o.a. steriliteit test, cytoxische bereidingen, ziekenhuis apotheek, etc.

Bioquell | L-3 Multifunctionele HPV generator voor ruimtes tot 75m³. Laat zich eenvoudig koppelen aan apparatuur zoals biologische veiligheidswerkbanken, doorvoersluizen, IVC’s, etc.

Bioquell | Z-2 Ruimtedesinfectie generator tot 500m³

Totaal oplossingen van Bioquell | Tecnilab-BMI

Bioquell | Q10 & RBDS Ruimtedesinfectie generator tot 250m³, wordt ook gebruikt door onze eigen service organisatie voor desinfectie in opdracht voor u.

Onze beproefde waterstofperoxide desinfectie oplossingen waarborgen een totaal gecontroleerd proces waardoor materialen op gevalideerde wijze in- of uitgevoerd kunnen worden, of als middel om ruimtes op een bepaald microbiologisch niveau te brengen cq. te houden. Dit kan enerzijds preventief gedaan worden waarbij gebruik gemaakt wordt van eigen HPV apparatuur of op correctieve basis na uitbraak door gebruik te maken van onze service dienst, welke tot uw beschikking staat! Neem voor meer informatie geheel vrijblijvend contact met ons op

info@bioquell.nl . www.bioquell.nl Residu-vrij | Milieu vriendelijk | Brede effectiviteit | 6-log reductie | Volledig valideerbaar

Brouwer 6 . 5711 LD Someren T +31 (0)493-440706 . info@tecnilab-bmi.nl


V O O R W O O R D

I N H O U D

Vergroening versus Vergrijzing Onlangs publiceerde De Volkskrant een interview met Rudi Westendorp, hoogleraar Ouderengeneeskunde in Leiden en directeur van de Leyden Academie on Vitality and Ageing. Westendorp gaf in dit interview te kennen dat ouderdom veel goeds te bieden heeft; dat ouderen van nu niet te vergelijken zijn met die van enkele tientallen jaren terug. Hetzelfde zal ook weer gelden voor de ouderen over tientallen jaren. De vijftigers van nu gaan op naar de 90. Kinderen die nu geboren worden kunnen zomaar 135 jaar worden. Op de vraag van de journalist hoe het met de pensioenen moet als iedereen straks nog tientallen jaren wil genieten. Westendorp antwoordt daarop dat we voor hetere vuren hebben gestaan “In de jaren veertig en vijftig stond Nederland voor de taak de babyboomers 2,4 miljoen kinderen, te onderwijzen en voor te bereiden op hun plek in de samenleving. Totdat jongeren gaan werken kosten ze de samenleving enorm veel geld.”, aldus Westendorp in De Volkskrant. De vergroening in die periode zorgde in feite voor een zelfde soort problematiek als de vergrijzing in deze tijd. Het grote verschil met die tijd is dat we toen een veel geringer nationaal inkomen hadden. Een oplossing die Westendorp in het interview voorstelt om het hoofd te bieden aan de oplopende kosten die vergrijzing met zich meebrengt: verhoog de pensioenleeftijd naar 70 en op termijn naar 75. Dat zal nog flinke discussies opleveren.

47

RFID in de operatiekamer.

I N

D E Z E

U I T G A V E

Huisvesting: Woon- en zorgcentrum De Trambaan

4

Luchtkwaliteit operatiekamers: Luchtkwaliteit in OK’s

6

Luchtkwaliteit operatiekamers: Modderkolk helpt ziekenhuizen te voldoen aan nieuwe richtlijn

14

Luchtkwaliteit operatiekamers: De totaalaanpak van WTS 15

4

OK monitoring: Deeltjesmeting is een essentieel onderdeel van OK monitoring

16

Veiligheid: Controle hebben en houden

18

Cleanrooms: “Ontzorgen” is het sleutelwoord voor succesvolle groei van Brecon!

20

Instandhouding: Als nieuwbouw nog geen optie is

22

Microbiële veiligheid: Risk management op de

Cor van Litsenburg, Uitgever FMT Gezondheidszorg.

6

vierkante micrometer

27

Luchtbehandeling: Revolutie in luchtbehandeling

30

Luchttechniek: AL-KO opereert met minder lucht.

32

Duurzaamheid: Twintig jaar Vereniging Milieu Platform Zorgsector

34

Huisvesting: Handreiking Kengetallen Zorgvastgoed biedt houvast

36

Kort Nieuws 38 OK Technologie: De operatiekamercockpit

40

OK Technologie: RFID in de operatiekamer

43

Bedrijvenindex 45

40

Agenda 50 Advertentie-index 50

VTDV TD

FMT gezondheidszorg

3


H U I S V E S T I N G

Clustermanager Paula Udding:

Woon- en zorgcentrum De Trambaan: “Zo gewoon mogelijk wonen”

Door: Cor van Litsenburg

Anderhalf jaar geleden is in het Noord Hollandse Nieuwe Niedorp woonzorgcentrum De Trambaan in gebruik genomen. Opvallende zaken in de gemeenschappelijke voorzieningen van deze zorginstelling zijn onder meer de kleurrijke materialen, meubels en decoraties. Ook de in een carré gebouwde appartementen onderscheiden zich in positieve zin. Er is sprake van veel daglicht en royale afmetingen van de vertrekken met grote balkons. 4

FMT Gezondheidszorg


“Na anderhalf jaar is de conclusie dat we in onze opzet zijn geslaagd”.

D

oor de verkoop van het pand waarin de zorginstelling voorheen was gehuisvest, subsidies en goede afspraken met de woningbouwcorporatie, waarvan de nieuwe algemene voorzieningen en de appartementen worden gehuurd, was woonzorggroep Samen, waarvan De Trambaan onderdeel is, in staat ‘iets meer te doen’. FMT Gezondheidszorg sprak met Paula Udding, clustermanager Harenkarspel/Niedorp van woonzorggroep Samen, en kon vaststellen dat De Trambaan een woon- en zorgcomplex van deze tijd is, rekening houdend met wat ouderen op prijs stellen. Clustermanager Paula Udding.

Eigentijdse inrichtingen

“Ik vind het jammer dat er nog steeds zorginstellingen op de institutionele manier worden ingericht, terwijl er zoveel nieuwe eigentijdse inrichtingen mogelijk zijn. En nog veel te vaak het zeil met marmereffect. Er zijn tegenwoordig zoveel andere mogelijkheden. Bewoners voelen zich veel sneller thuis in een gezellige en warme omgeving”, aldus Paula Udding. Ze vervolgt: “Als clustermanager heb je veel inbreng op de inrichting in het complex. Met De Trambaan heb ik kunnen realiseren dat we een woonzorgcomplex hebben gebouwd waarin een fijne sfeer hangt. Het is

allesbehalve een institutionele sfeer geworden. Mensen die hier de eerste keer komen kijken, zijn vaak wat sceptisch, in tweede instantie reageren ze meestal enthousiast. ‘Hier wil ik graag wonen’, riep een mevrouw opgetogen toen ze haar appartement en de voorzieningen had gezien. Ik zou de sfeer hier willen omschrijven als warm, gezellig en modern.” “Bij de realisering hebben we gewerkt met een stuurgroep en in de ontwikkelfase met een projectgroep. Er was sprake van een brede projectgroep die bestond uit gemeente, woningbouwcorporatie Wooncompagnie, Bouwfonds en woonzorggroep Samen. De projectgroep heeft voor het eerste ontwerp een visie op de locatie ontwikkeld, met ondersteuning van AAG. De visie was leidend bij de selectie van de architect. De architect had onze visie bij de eerste presentatie al vertaald. Dit is uiteindelijk gerealiseerd. Uiteraard hebben we ook de cliëntenraad geraadpleegd. Goede samenwerking

Er was sprake van een goede samenwerking met alle partijen. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de wederzijdse ondersteuning en het gezamenlijk optrekken bij het financieren van het project. Denk hierbij aan het verkrijgen van subsidies. De gemeente Niedorp, inmiddels gefuseerd tot Hollands Kroon, Bouwfonds, Wooncompagnie en woonzorggroep Samen hebben voor de realisering van De Trambaan een samenwerkingsovereenkomst gesloten met als doel het ontwikkelen van een toekomstgericht gebouw. Bouwfonds FMT Gezondheidszorg

5


H U I S V E S T I N G

De Trambaan binnentuin. bracht de grond in. De gemeente ondersteunde het initiatief en bracht subsidies aan. Wooncompagnie werd eigenaar van het gebouw. Woonzorggroep Samen huurt de huisvesting en levert de zorg binnen en rondom de locatie.”

BU

In maart 2012 zijn de cliënten van Zorgcentrum Winkelmade in Winkel verhuisd naar het nieuwe woon-en zorgcomplex. In De Trambaan wordt alle zorg aangeboden die nodig is; extramurale zorg, intramurale verzorgingshuiszorg en intramurale (verpleeghuis)zorg met behandeling. De

Trambaan biedt ruimte aan 77 appartementen (allemaal voorzien van vloerverwarming), waar in 28 appartementen intramurale zorg verleend wordt. Tevens zijn binnen het gebouw drie kleinschalige woningen waar in totaal 18 cliënten wonen met een PG indicatie met behandeling. De intramurale appartementen zijn, behalve aan een element waarin onder meer een koelkast en een magnetron zijn opgenomen, niet te onderscheiden van de extramurale appartementen. De appartementen (60 tot 90 m2 met 1 tot 3 slaapkamers) zijn uitwisselbaar. Alle appartementen beschikken over een infrastructuur voor domoticatoepassingen. De uitwisselbaarheid van appartementen en het kunnen bieden van alle vormen van zorg en dienstverlening (inclusief kleinschalig wonen) waren deel van het Programma van Eisen. Het complex zou een ‘gewoon’ appartementencomplex kunnen worden. De kleinschalige woningen zouden ook voor begeleid wonen of andere doelgroepen kunnen worden ingezet. Integratie

Wonen, welzijn en zorg zijn in het complex geïntegreerd. Naast de ouderenzorg die woonzorg-

MAN

www.bussman.nl

Specialist in flexibele huisvesting voor de gezondheidszorg adv FMT Gezondheidszorg.indd 1

6

FMT Gezondheidszorg

03-01-14 12:47


groep Samen verleent, biedt het complex diverse andere (welzijns)voorzieningen. In het complex is ook het wijksteunpunt De Koppeling, dat eveneens door woonzorggroep Samen wordt gehuurd en verhuurd aan partijen zoals Wonen Plus Welzijn, Kern 8 en Jongerenwerk. De faciliteiten, zoals een restaurant, huisartsenpost, apotheek en Zithoek tijdelijke opvang.

vergaderaccommodaties, staan niet alleen ter beschikking aan bewoners van De Trambaan, maar worden ook gebruikt door bewoners uit de wijk en organisaties. Zelfs het college van B-en-W vergadert er. De wisselwerking die hierdoor ontstaat, maakt De Koppeling tot een levendig centrum. De integratie van het woonzorgcomplex in een woonomgeving met een winkelcentrum aan de overzijde van de straat draagt hier uiteraard aan bij. Geslaagd

‘Zo gewoon mogelijk wonen’ is vanaf de start uitgangspunt geweest. “Na anderhalf jaar is de conclusie dat we in onze opzet zijn geslaagd. Overigens geldt hiervoor dat ook wel eens een kritisch signaal wordt vernomen. De in een carré geplaatste appartementen hebben bijvoorbeeld geen overdekte aansluiting op De Koppeling waarin het restaurant is gehuisvest. Net als bij een gewone woning moeten de bewoners even naar buiten om het restaurant te bereiken. In onze visie is het goed om even in de frisse buitenlucht te komen. Niet iedereen is daar altijd blij mee.”

Restaurant.

Feiten en cijfers Investeringskosten gehele project: € 25.332.000 incl. btw Grond: € 1.855.000 Bouw: € 17.559.000 Bijkomende kosten: € 2.196.000 Rest btw: € 3.728.000 24 levensloopwoningen 77 appartementen, waarvan 28 intramuraal, 24 levensloop 18 PG (in drie woongroepen van 6) Wijksteunpunt: 757 m2 bvo Huisartsenpraktijk: 415 m2 Bouwpartners Architect: Just Architects, Amstelveen Interieurarchitect: Harry Karel Aannemer: VBK Bouwmanagement: BBA Heemskerk E-installaties: Technion Adviseurs Constructeur: Goudstikker de Vries Adviseur: AAG

n FMT Gezondheidszorg

7


L uchtkwaliteit

O peratiekamers

Luchtkwaliteit in OK’s In een TNO-project zijn negen bedrijven die zich richten op de luchtkwaliteit in operatiekamers en cleanrooms actief aan de slag gegaan met de nieuwe meetmethodiek volgens de concept VCCN-richtlijn RL-7. Dit heeft, naast een verbeterd inzicht bij de deelnemers, geleid tot aanpassingen en verbeteringen van zowel de richtlijn als het (meet)proces en de (meet)protocollen binnen de deelnemende bedrijven. Daarnaast zijn bij leveranciers, producenten en adviseurs de ogen geopend wat betreft de prestaties van hun luchtbehandelings- en monitoringsystemen en met betrekking tot de mogelijke productaanpassingen die dit met zich meebrengt.

Door: ir. S.P.M. (Stefan) van Heumen en ing. A.A.L. (Roberto) Traversari MBA; TNO Dutch Centre for Health Assets (DuCHA)

8

FMT Gezondheidszorg

G

eruime tijd is er binnen werkgroep 4 van de VCCN gewerkt aan het opstellen van een methode om de luchtkwaliteit in operatiekamers op een eenduidige manier vast te stellen. Met deze methode moet recht worden gedaan aan de doelstelling en de feitelijke prestaties van een systeem. Vanuit de Concept WIP richtlijn “Luchtbehandeling in operatiekamer en opdekruimte in operatieafdeling klasse 1”, wordt richtlijn RL-7 van de VCCN aangewezen als de methodiek waarmee de classificatie van de operatiekamer moet worden bepaald. De VCCN en TNO hebben de handen ineen geslagen en een traject opgezet waarin de opgedane

kennis tijdens de totstandkoming van de richtlijn aan marktpartijen (meetbedrijven) is overgedragen en deze partijen in de gelegenheid zijn gesteld om, onder begeleiding van TNO, ervaring op te doen met de nieuwe VCCN-richtlijn. Het beeld was dat hiermee richtlijn RL-7 op een eenduidige manier zou worden toegepast, meetbedrijven ervaring konden opdoen en eventuele omissies nog konden worden aangepast voordat de richtlijn definitief zou worden vastgesteld. Dit heeft uiteindelijk uitgemond in een zogeheten technologiecluster waarin 9 (meet)bedrijven op een constructieve en open wijze hebben geparticipeerd en van en met elkaar hebben geleerd.


Twee relatief nieuwe ziekenhuizen, het Bernhoven en Antonius Leidsche Rijn ziekenhuis, vonden dit een goed plan en hebben de mogelijkheid geboden om de metingen binnen hun operatieafdeling uit te voeren. Het is helaas niet haalbaar gebleken om alle meetbedrijven in dezelfde operatiekamer metingen te laten uitvoeren, waardoor de resultaten van de verschillende meetbedrijven onderling niet één op één kunnen worden vergeleken. We hopen dat dit op een andere wijze nogmaals te organiseren is. Nieuwe richtlijnen, nieuwe begrippen

Op 30 mei 2013 zijn zowel de concept WIP-

richtlijn “Luchtbehandeling in operatiekamer en opdekruimte in operatieafdeling klasse 1” als de concept VCCN-richtlijn RL-7 “Methode voor testen en classificeren van operatiekamers en opdekruimtes in rust” voor publieke review openbaar gemaakt. De nieuwe richtlijn van de Werkgroep Infectie Preventie (WIP) stelt zoveel mogelijk systeemonafhankelijke prestatie-eisen en geeft zo min mogelijk aan hoe het technisch moet worden uitgevoerd. De gestelde prestatieeisen zijn gestoeld op wetenschappelijk bewijs en expert opinions. Ook sluiten de nieuwe WIP- en VCCN-richtlijn zoveel mogelijk aan bij de Europese opvattingen voor zover daar een eenduidig beeld van is. De VCCN ondersteunt de CEN TC 156 werkgroep 18 “Ziekenhuis ventilatie”, samen met de NEN als secretariaat.

De VCCN-richtlijn geeft ook expliciet aan dat voordat met het classificeren van een operatiekamer kan worden begonnen, herleidbaar moet zijn vastgesteld dat het systeem functioneert zoals dat bedoeld is, dit door alle kritische procesparameters te controleren. Kritische procesparameters zijn parameters die bepalen of een systeem correct functioneert. Dit betreft veelal: • de toe- en afgevoerde luchthoeveelheid, • de verdeling van de afgevoerde lucht over de afvoerroosters, • de temperaturen (regeling), • de inblaas luchtsnelheden, • relatieve vochtigheid (regeling), • integriteit van de filters inclusief de aansluitingen (seals), • etc.

Voor het vaststellen van de prestaties van een luchtbehandelingssysteem van een operatiekamer (OK) of opdekruimte, wordt vanuit de WIPrichtlijn verwezen naar de nieuwe methodiek volgens de VCCN-richtlijn RL-7. Uitgangspunten voor de nieuwe meetmethodiek zijn eenduidigheid, reproduceerbaarheid en eenvoud in de uitvoering. Belangrijke en relevante nieuwe begrippen in de nieuwe richtlijnen zijn: • het beschermde gebied (gebied dat door het systeem wordt beschermd), • de beschermingsgraad (mate van bescherming) en • de hersteltijd (hoe snel wordt een contaminatie verdund/afgevoerd).

Resultaten praktijkmetingen

De operatiekamer wordt geclassificeerd op basis van de mate waarin het systeem het beschermde gebied beschermt. Dit wordt vastgesteld door in het gebied van de omloop (periferie) een contaminatie aan te brengen en zoveel mogelijk constant te houden en vervolgens te bepalen hoeveel maal het beschermde gebied schoner is, of, als het systeem er niet op gericht is een bepaald gebied in de operatiekamer of opdekruimte te beschermen, de tijd die nodig is om de concentratie met een factor 100 te reduceren. Bij nieuwe/net opgeleverde systemen wordt, omdat de methoden en prestatie-eisen al vanaf het ontwerp aan bekend zijn, gemeten inclusief de operatielampen op een gedefinieerde positie. Bij reeds bestaande systemen gelden de prestatie-eisen exclusief de lampen, - waarbij wel sterk wordt aanbevolen om ook inclusief de lampen te meten om inzichtelijk te maken wat het effect van de operatielampen op de prestaties van het systeem is -.

beschermingsgraad en hersteltijd

De deelnemende validatiebedrijven (zie kader) hebben de nieuwe meetmethodiek beproefd in de OK’s van twee onlangs in gebruik genomen ziekenhuizen (het Bernhoven en het Antonius Leidsche Rijn ziekenhuis). Beide ziekenhuizen zijn uitgerust met operatiekamers die voldoen aan de vigerende regelgeving. De operatiekamers in beide ziekenhuizen zijn uitgerust met een verticaal Uni Directional Downflow (UDF) systeem. Het op de vloer gemarkeerde vlak was een projectie van de vorm van het plenum. Voor de helderheid is besloten om dit gebied te zien als het gemarkeerde “beschermde gebied”, wetende dat de kans groot was dat hier niet aan de classificatie X zou kunnen worden voldaan. De doelstelling was ervaring met de methodiek op te doen en mogelijke hiaten in de methodiek bloot te leggen. Tijdens de metingen bleek duidelijk dat er verschillen waren in de voorbereiding. Het leek er soms op dat sommige bedrijven de richtlijn net voor aanvang van de metingen voor het eerst zagen. Andere bedrijven hadden alles al goed voorbereid en tal van “hulpmiddelen” bedacht om de deeltjesmeters en lampen te positioneren. Op deze manier hebben de bedrijven ook veel van elkaar geleerd. Het is bijna een voorwaarde dat de resultaten (beschermingsgraad) van de metingen direct ter plaatse (real-time) worden bepaald. Alleen op deze manier kan worden vastgesteld of op die meetlocatie aan de prestatie-eisen wordt voldaan. Worden de resultaten geschat en pas later uitgewerkt, dan kan blijken dat net niet of juist net wel FMT Gezondheidszorg

9


Het concept van de Flex OK berust op drie unieke elementen: Wandsysteem: Het innovatieve wandsysteem maakt het mogelijk om toekomstige aanpassingen, vooraf in de fabriek uit te voeren. Hierdoor kan het wandelement, buiten de operationele OK-tijden, binnen +/- twee uur vervangen worden. Dit voorkomt productieverlies van een OK.

The future is here De ‘Flex OK’ is het nieuwe OK-concept van Interflow. Dit concept is een resultante van de twee seminars over de OK van de toekomst, die onlangs door Interflow gehouden zijn. Wensen en eisen van gebruikers, managers, onderzoekers, adviseurs, architecten, de inspectie en andere publieksgroepen hebben wij kunnen vertalen naar innovatieve oplossingen. De Flex OK is toekomstbestendig, biedt maximale flexibiliteit, is eenvoudig aanpasbaar en geeft

Plafondsysteem: Het plafondsysteem is eenvoudig en snel (her) indeelbaar aan te passen aan de toekomstige wensen. Filtermodules, verlichting, stralings- en servicepanelen zijn in een handomdraai te vervangen of te verplaatsen. Luchtbehandeling: Welke plafond- of filterindeling er ook in de OK gekozen wordt, door het gebruik van een alternatief luchtbehandelingsysteem is de afzuiging altijd optimaal. Het Flex OK-concept is geschikt voor zowel nieuwbouw als renovatie. Meer weten over de Flex OK? Neem contact op met Erik Burgmeijer, OK-deskundige bij Interflow. E-mail: erik.burgmeijer@interflow.nl

minimale onderhoudsinspanning (= kosten) tijdens de exploitatiefase. Interflow is onderdeel van BAM Techniek bv

www.interflow.nl


L uchtkwaliteit

O peratiekamers

veel uit omdat per meetpunt minimaal 10 minuten wordt gemeten waardoor fluctuaties uitmiddelen en het effect hiervan op de concentratie in het beschermde gebied snel zichtbaar wordt. Wat ook duidelijk is geworden, is dat een volledige statistische benadering volgens “het wiskundeboekje” noodzakelijk is en de versimpelde methode die in analogie met de benadering uit de NEN-EN-ISO 14644-1 was opgesteld te grof is gebleken en te positieve waarden oplevert. Dit betekent dat ook bij meer dan 9 metingen op één punt niet zomaar het gemiddelde van de afzonderlijke metingen mag worden gelijk gesteld met de waarde waar 95% van de meetwaarden boven zal liggen, de BGx,95 (zie figuur 2). De samenvatting van de statistische benadering is in figuur 3 weergegeven.

Figuur 1. Voor alle in dit ziekenhuis bemeten OK’s ligt het beschermde gebied binnen 20 cm van de projectie van het plenum. aan de prestatie-eisen voor de classificatie wordt voldaan. Dit betekent, of dat er een herhalingsmeting noodzakelijk is, of dat er te veel gemeten is. De validatiebedrijven waren voor aanvang van de metingen sceptisch over de methodiek. Echter naar mate men meer ervaring opdeed en meer gevoel kreeg voor de werking van het systeem en de meetmethode nam het enthousiasme toe. Resultaten

Uit de resultaten van de metingen blijkt dat de beschermingsgraad van 2 op de meeste punten

langs de contouren van het gedefinieerde beschermde gebied niet wordt gehaald (figuur 1). Op een afstand van 20 tot 30 cm binnen de contouren wordt de vereiste beschermingsgraad van 2 (reductie van 100 ten opzichte van de achtergrondconcentratie) wel gehaald. Een paar cm verschuiving van de meetopnemer in het beschermde gebied kan al een groot effect hebben op de beschermingsgraad. Ook is voor de participanten duidelijk geworden dat het vrijwel onmogelijk is om de achtergrondconcentratie heel constant te houden. Dit maakt voor de resultaten echter niet

Figuur 2. Individuele en gemiddelde meetwaarden, en waarde waar 95% van de metingen boven zal liggen.

Bij aanvang waren er ook twijfels over het nut van een “hersteltijdmeting” op het midden van de operatietafel. Het beeld leefde dat bij een luchtsnelheid van 0,25-0,3 m/s en een afstand tussen het emissiepunt en het meetpunt van ca. 1 meter de emissie in maximaal 4 seconden volledig zou zijn afgevoerd. Dit blijkt echter niet zonder meer het geval. Dit wordt veroorzaakt doordat door de luchtstroming (turbulentie) rondom de operatielamp de ingebrachte deeltjes langer blijven “hangen” dan verwacht. Bij metingen bleek niet dat het systeem niet aan de prestatie-eisen voldeed maar dat het veel langer dan de berekende tijd nodig was om de vervuiling af te voeren. Uit de resultaten bleek dat na ca. één minuut een 100-voudige reductie optreedt van het aantal onder de OKlamp gegenereerde deeltjes van 0,5 μm. Verbeteringen processen en producten

Uit het werken met de nieuwe meetmethodiek blijkt dat in OK’s waar het beschermde gebied is gemarkeerd op de vloer, dit meestal niet overeenkomt met de gemeten contouren van het beschermde gebied (met een minimale beschermingsgraad van 2). Veelal is het aanwezige plenum rechtstreeks geprojecteerd op de vloer, zonder rekening te houden met de insnoering van de luchtstroom die vrijwel altijd aanwezig is. De vraag is of en hoe ziekenhuizen het daadwerkelijke beschermde gebied conform de nieuwe WIP-richtlijn gaan markeren, en het chirurgisch team hiernaar gaat handelen bij onder andere de plaatsing van de OK-tafel en de instrumenttafels. Validatiebedrijven zullen hun meetprotocollen en meetrapportages aan moeten passen aan de nieuwe VCCN-richtlijn RL-7. FMT Gezondheidszorg

11


L uchtkwaliteit

O peratiekamers dit niet gemeten. Dit heeft als grote voordeel dat door deze benadering er geen logaritme van nul (is ∞) ontstaat in de formule BGx = -log (Cx/ Cref). Een oneindig hoge beschermingsgraad is onzinnig en zou anders moeten worden afgekapt op een arbitraire waarde. Voor een sample volume van 2,83 liter (0,1 ft3) ontstaat via deze benadering een minimale concentratie van 353 deeltjes/m3, voor een samplevolume van 28,3 liter (1 ft3) 35,3 deeltjes/m3 en voor een samplevolume van 50 liter 20 deeltjes/m3.

Figuur 3. Statistische benadering volgens “het wiskundeboekje”. Adviezen voor aanpassingen van de VCCN-richtlijn

Tijden de drie bijeenkomsten met de validatiebedrijven en de discussies tijdens de meetdagen zijn er in gezamenlijkheid voorstellen aan projectgroep 4 van de VCCN gedaan om de concept richtlijn RL-7 op een aantal punten aan te passen. Zo is voorgesteld om bij de berekening van de beschermingsgraad, in tegenstelling tot de concept richtlijn waarbij wordt aangesloten bij de NEN-

EN-ISO 14644-1, volledig uit te gaan van de algemeen aanvaardbare statistische benadering. De beschermingsgraad is dan de waarde waarbij 95% van de populatie boven deze waarde ligt (de BGx,95). Fluctuaties worden zo beter en op een uniforme manier uitgemiddeld. Daarnaast wordt om recht te doen aan de capaciteitsverschillen van de diverse deeltjestellers (flow van de sampler), altijd minimaal 1 deeltje per samplevolume aangehouden ook al wordt

Figuur 4. Minimale vereiste gegevens in de (meet)rapportage.

Ook is voorgesteld om in meetrapportages bij hoge beschermingsgraadwaarden alleen te spreken over een finale beschermingsgraad van 4 of hoger dan 4, als de waarde van de BGx,95 boven de 4 ligt. Voorkomen moet worden dat er discussies ontstaan over “onze OK is met beschermingsgraad van 4,3 beter dan die van jou met 4,2”. Dit zijn geen significante verschillen. Waar het om gaat is of de bepaalde waarde hoger is dan de vereiste waarde voor die klasse. Vanuit de meetbedrijven was er ook een duidelijke wens om de minimaal in de rapportage vereiste gegevens weer te geven, waardoor het voor de opdrachtgevers eenvoudiger wordt metingen te vergelijken (zie figuur 4). Deze commentaren zijn ingediend bij projectgroep 4 van de VCCN en wij hopen uiteraard dat deze worden overgenomen. Conclusie

Geconcludeerd is dat dit voor alle betrokken partijen een zinvol traject is geweest waarin van en met elkaar is geleerd. Tevens heeft dit voor de validatiebedrijven geleid tot meer inzicht in de richtlijn waardoor deze eenduidig wordt uitgelegd en kan worden uitgevoerd. Wij willen iedereen die in dit project heeft geparticipeerd nogmaals hartelijk bedanken. n Aan het technologiecluster hebben naast TNO de volgende bedrijven deelgenomen: Aero-Dynamiek BV Interflow (onderdeel BAM Techniek BV) Intermicon BV Kalibra International BV Kropman Installatietechniek BV Lighthouse Worldwide Solutions Benelux BV Modderkolk Projects & Maintenance BV Telstar Medical Components BV WTS Benelux BV

12

FMT Gezondheidszorg


L uchtkwaliteit

O peratiekamers

Scherpere prestatie-eisen voor luchtkwaliteit in operatiekamers

Modderkolk helpt ziekenhuizen te voldoen aan nieuwe richtlijn ‘Ziekenhuizen moeten op korte termijn voldoen aan de nieuwe richtlijn die de Werkgroep Infectie Preventie (WIP) heeft opgesteld voor de luchtkwaliteit in operatiekamers. De autorisatie van de richtlijn wordt binnenkort al verwacht.’ Voor veel gebruikers en beheerders van operatiekamers is echter nog onduidelijk of hun OK’s, opdekruimten en installaties wel voldoen aan de nieuwe prestatie-eisen. Oscar Arenz, deelnemer aan de TNO-projectgroep ‘Technologiecluster Meten luchtkwaliteit op Operatiekamers’, helpt ziekenhuizen bij de implementatie van de richtlijn.

I

n het dagelijks leven is Arenz accountmanager Industry & Health Care Solutions bij het Gelderse installatiebedrijf Modderkolk, dat door heel Nederland validatie-, project- en onderhoudswerkzaamheden voor ziekenhuizen en klinieken uitvoert. Als praktijkspecialist werd hij door TNO uitgenodigd om deel te nemen aan de projectgroep ‘Technologiecluster Meten luchtkwaliteit op Operatiekamers’.

Nederland heeft de prestatie-eisen van de Werkgroep Infectie Preventie vertaald naar een meetmethodiek waarmee kan worden gevalideerd dat operatiekamers aan de nieuwe eisen voldoen”, vertelt Arenz, doelend op de zogeheten richtlijn RL-07 ‘Methode voor testen en classificeren van operatiekamers en opdekruimten in rust’. “De uitvoerbaarheid van deze methode hebben we met de TNO-projectgroep uitgebreid beproefd.”

VCCN richtlijn RL-07

Sector in de schijnwerpers

“De Vereniging voor Contamination Control

Tijdens zijn werk voor de projectgroep merkte

Veel gebruikers en beheerders van operatiekamers vragen zich af of hun OK’s en opdekruimten wel presteren volgens de nieuwe richtlijn voor luchtkwaliteit die dit jaar in werking treedt.

door: modderkolk

Arenz dat het onderwerp sterk leeft in de medische wereld, maar dat ziekenhuizen soms worstelen met de manier waarop ze het moeten aanpakken: “De medische sector staat de laatste jaren echt in de schijnwerpers. Ziekenhuizen en klinieken zetten alles op alles om aan de laatste eisen te voldoen. Maar voor het meten en beheersen van de installatieprestaties in de operatiekamers is simpelweg niet altijd voldoende specialistische kennis in huis.” Begrijpelijke rapporten

Ziekenhuizen en klinieken schakelen steeds vaker specialisten als Modderkolk in voor de validatie van operatiekamers, opdekruimten en andere schone ruimtes. Een goede ontwikkeling, vindt Arenz, die echter ook signaleert dat validatierapporten nog te vaak zonder opvolging in een kast of lade belanden. “Om dit te voorkomen schrijven wij onze rapporten in begrijpelijke taal en komen we met heldere samenvattingen en praktische adviezen. Ziekenhuizen willen duidelijkheid: wat moet er precies gebeuren en hoe kunnen we dit voor elkaar krijgen, liefst tegen zo laag mogelijke kosten. Wij geven die duidelijkheid. Bovendien voeren we ook alle overige benodigde inspectie- en onderhoudswerkzaamheden uit. Niet alleen luchttechnisch, maar ook microbiologisch, elektrotechnisch, werktuigbouwkundig... Dat verhoogt de beschikbaarheid van operatiekamers enorm.” Complete dienstverlening

Voor ziekenhuizen voert Modderkolk voornamelijk werkzaamheden uit op het gebied van onderhoud, validatie en inspectie. Maar desgewenst kan het bedrijf ook complete installaties aanleggen. Ziekenhuizen en klinieken die interesse hebben in de adviezen en diensten van Modderkolk kunnen contact opnemen met Oscar Arenz, via 024 – 648 64 00 of oarenz@modderkolk.nl. n 14

FMT Gezondheidszorg


L uchtkwaliteit

O peratiekamers

De totaalaanpak van WTS Door: WTS Benelux B.V.

Ambitieuze plannen, complexe vraagstukken en ingrijpende investeringen hebben met elkaar gemeen dat zij extra aandacht vragen van uw organisatie om met succes tot een einde te kunnen worden gebracht.

M

et de introductie van de nieuwe generatie operatiekamers biedt WTS tevens de methode aan om gericht aan een vooraf gedefinieerd eindresultaat te werken en daarbij de aspecten tijd, geld, kwaliteit, informatie en organisatie van het project beheersen. Van ontwerp tot uitvoering dragen wij zorg voor alle bouwkundige-, werktuigbouwkundige- en elektrische installaties, alsmede alle benodigde apparatuur voor uw operatiekamer. Door de jarenlange ervaring en aantoonbare voorsprong in diverse vakdisciplines is het mogelijk flexibel op klanten wensen in te spelen. Een belangrijke hiervoor wordt gevormd door de samenwerking met de moedermaatschappij (Weiss GmbH) en dochterondernemingen in diverse landen. Wereldwijd zijn er door Weiss en haar dochter ondernemingen sinds 1985 meer dan 8000 operatiekamers gerealiseerd.

WTS ontwerpt, produceert en monteert eigen wand-, plafond- en luchtbehandelingssystemen. Voortdurend wordt er gewerkt aan innovaties, waarbij wij ons voortdurend richten op de laatste ontwikkelingen in de markt. De totale operationele verantwoordelijkheid van de installatie tot kwalificatie wordt door de afdeling projectmanagement gecoรถrdineerd. Gespecialiseerde monteurs zorgen voor een snelle en probleemloze installatie. WTS Benelux B.V. Industiestraat 6A 3371 XD Hardinxveld-Giessendam Telephone: 0184- 615003 Internet: www.wtsbenelux.nl n FMT Gezondheidszorg

15


O K

M O N I T O R I N G

Deeltjesmeting is een essentieel onderdeel van OK monitoring Door: Lighthouse Worldwide Solutions Benelux BV

De nieuwe VCCN Richtlijn 7, voor het testen en classificeren van het beschermd gebied voor operatiekamers en opdekruimten, geeft expliciet aan dat, voordat met het classificeren van een operatiekamer kan worden begonnen, herleidbaar moet zijn vastgesteld dat het HVAC of luchtbehandelingssysteem functioneert conform de specificaties.

D

e kritische procesparameters zijn parameters die bepalen of een systeem correct functioneert. Dit betreft in de praktijk veelal de toe- en afgevoerde luchthoeveelheid, verdeling van de afgevoerde lucht over de afvoerroosters, de temperaturen (regeling), inblaas luchtsnelheden, relatieve vochtigheid (regeling), integriteit van de filters inclusief de aansluitingen en gehele plenum behuizing etc. Het Lighthouse monitoring systeem is een separaat en onafhankelijk meetsysteem, los van de HVAC/GBS sensoren, welke continu deze procesparameters vastlegt, alarmeert, presenteert en rapporteert. De nieuwe concept WIP richtlijn “Luchtbehandeling in operatiekamer en opdekruimte in operatieafdeling klasse 1” heeft een eis opgenomen om de belangrijkste ontwerpparameters te waarborgen voor een juiste functionering van de techniek. Dit onafhankelijk, meestal volgens GaMP gevalideerd systeem, is opgezet voor borging van operationele prestaties van het UDF systeem. Dit is echter slechts een ondergeschikte functie van het OK monitoringsysteem. Wat heeft het immers voor zin om veel energie te stoppen in een juiste luchtbehandeling als de werkprocedures en werk disciplines niet op gelijkwaardig niveau liggen. Gedrag van OK medewerkers bepaalt uiteindelijk of de techniek goed tot zijn recht komt en dus een bescherming biedt aan de patiënt voor verminderde risico’s op Post Operatieve Wond Infecties (POWI). Door IGZ zijn in een VMS Veiligheidsprogramma 4 kwaliteitsindicatoren opgesteld om het aantal POWI’s terug te dringen op de OK, één van deze indicatoren is het aantal deurbewegingen tijdens het steriele venster. Een modern 16

FMT Gezondheidszorg

monitoring systeem is daarom gekoppeld aan het EPD OK management systeem voor automatische ingave van deze “snijtijden”, die automatisch gekoppeld worden aan het type ingreep. Hierdoor zijn uitgebreide rapportages mogelijk zoals bijvoorbeeld het gemiddeld aantal deuropeningen tijdens knieoperaties. Toch geven al deze vastgelegde procesparameters nog steeds niet de kern van het OK lucht behandelingsproces aan, dit is namelijk de reinheid van de lucht, in de omgeving van het infectiegevoelige wondgebied. Beoogde luchtstromingen, vastgelegd tijdens een classificatie van een “lege” OK zijn geheel anders bij een operationele OK. Luchtstromingen veroorzaakt door bewegingen van OK personeel, apparatuur, instrumenten tafel, OK lampen en patiënt veroorzaken extreem hoge stofconcentraties op momenten die ongewenst zijn. Middels een stofdeeltjesteller zijn deze extremen realtime vast te leggen. Uit deze studies blijkt dat het in- en uitlopen van een OK ruimte veel minder verstorende effecten geeft dan het in- en uitlopen uit het UDF flow systeem (beschermd gebied). Het bijplaatsen van apparatuur in het UDF gebied geeft een enorme verstoring in de kwaliteit van de luchtreinheid. Deze apparatuur heeft vaak langdurig “geparkeerd” gestaan op een “schone gang” en wordt tijdens het bij-rijden in het UDF geforceerd “schoongespoeld” door het laminair UDF systeem. Enorme deeltjes concentraties worden waargenomen tijdens deze activiteit. Historische studies tonen aan dat voor dit gesedimenteerd stof een redelijke vaste verdeling bestaat tussen het aantal deeltjes en actieve deeltjes (lees bacteriën). Ook kunnen deeltjestellers, welke geplaatst zijn in het retourkanaal erg veel kwalitatieve informatie verschaffen zoals OK deeltjesconcentraties tijdens rust en bedrijf en effectiviteit van reinigingsprocedures. Ze-


ker in het kader van energie besparing tijdens niet-werkuren is het van belang dat de ruimteclassificatie niet buiten specificaties komt. Hiervoor is toegangscontrole en deeltjesmonitoring een vereiste om gecontroleerd energie te besparen door de HVAC installatie op een “buitenwerktijd� stand te zetten. Kortom een Lighthouse monitoring systeem bewaakt en presenteert de real-time conditie van de proces parameters van het OK luchtbehandelingssysteem, aangevuld met gedrag parameters zoals OK-deurbewegingen en deeltjesconcentraties. Verder wordt door gegevens koppeling naar diverse andere systemen informatie verkregen over type, periode en duur van de ingreep. Presentatie van alle relevante gegevens op schermen in en bij de toegangsdeuren van de OK is een waardevolle optie, alsmede koppeling aan overige veiligheidssystemen (o.a. aarding) en controle van medische gassen systemen.

Lighthouse Benelux is adviseur en leverancier van OK Monitoring Systemen, Cleanroom meetapparatuur en (GMP) monitoring systemen voor alle klasse cleanrooms. Als marktleider in de Benelux bieden we naast alle kennis en kunde ook technische ondersteuning en opleiding voor alle producten en diensten. U kunt bij ons terecht voor levering, service en advies van: - Airborne en vloeistof deeltjestellers; handheld, portable en remote (tbv monitoring systemen) - Oppervlakte scanning probes (voor meting van stofdeeltjes op oppervlakken) - GMP monitoring systemen voor pharma, laboratoria en industrie - OK monitoring systemen in ziekenhuizen - Sensoren voor drukverschil, temperatuur, luchtvochtigheid, luchtsnelheid, etc. - Microbiologische airsamplers en remote airsamplers in monitoring systemen - HEPA/ULPA Filter test apparatuur - On-site kalibratie services voor alle merken van bovengenoemde producten en monitoring systemen - Cleanroom, product- en software trainingen - Huur van cleanroom meetapparatuur Lighthouse Worldwide Solutions Benelux BV Van Heemstraweg 19A, NL-6657 KD Boven Leeuwen, Tel 0487-560811, e-mail: benelux@golighthouse.com www.golighthouse.nl

n FMT Gezondheidszorg

17


V E I L I G H E I D

Controle hebben en houden Patiënten en cliënten moeten erop kunnen vertrouwen dat de zorg veilig is. PHF Services staat voor het creëren en het instandhouden van een veilige werkomgeving.

B

innen de gezondheidzorg (waaronder in belangrijke mate de ziekenhuizen) is PHF Services een zeer snel groeiende dienstverlenende partij. Er zijn inmiddels diverse projecten zeer succesvol gerealiseerd, bij o.a. het LUMC, Erasmus MC, UMCG en voor de Zeeuwse Ziekenhuizen. In het bijzonder daar waar het gaat om kritische bedrijfsprocessen, waarin het ziekenhuis dienstverlenend is, dit kan zowel aan de orde zijn binnen de ziekenhuis gelederen, als daarbuiten. Kritische bedrijfsprocessen waarin wij o.a. een rol van betekenis kunnen vormen: • Operatiekamers/Opdekruimten • MRSA ruimten • (GMP) bereidingsapotheken • Centrale Sterilisatieruimten • PET Faciliteit • Laboratoria Het belangrijkste onderscheidend vermogen ten opzichte van de gevestigde dienstverleners binnen de ziekenhuizen betreft de gespecialiseerde multidisciplinaire kennis & kunde die PHF Services bezit, waarin de vertaling van richt,-regelgeving naar de juiste werkomgeving en het in controle hebben en houden van deze omgeving, doorslaggevend zijn in de overtuiging om gebruik te maken van onze dienstverleningsmogelijkheden. PHF Services kan in zijn dienstverlening binnen de gezondheidszorg, verschillende posities innemen, het optreden als: • Gespecialiseerd Advies & Ingenieursbureau 18

FMT Gezondheidszorg

• Aannemer (uitvoerende partij) • Facility Management (in het kader van compliance en instandhouding) Als gespecialiseerd advies & ingenieursbureau worden met enige regelmaat diverse vormen van (technisch/financiële) haalbaarheidsstudies uitgevoerd, welke aan de basis liggen om tot besluitvorming te kunnen overgaan van een investering. Ook het opmaken van bestekken die aan de basis liggen van aanbestedingen, vormen een belangrijk onderdeel van de dienstverlening. Als aannemer (uitvoerende partij) is de organisatie vaak betrokken bij multidisciplinaire projecten, inclusief de daarbij behorende kwalificaties,

door: phf services

waarin PHF Services overall (turnkey) verantwoordelijk is voor de realisatie van een project. Ook binnen het kader van compliance en instandhouding van kritische werkomgeving en de daarbij behorende technische infrastructuur, vormt de dienstverlening Facility Management van PHF Services, een steeds grotere rol binnen de ziekenhuizen. Ook de combinatie van de verschillende dienstverleningsvormen is een trend die gaande is binnen de gezondheidszorg, om daarmee de risico’s; waaronder faalkosten, ook op de langere termijn, te kunnen inperken en 1-aanspreekpunt te hebben in het onder controle hebben en houden van de bedrijfsprocessen. Voor vragen en/of een kennismakingsgesprek, kunt u contact opnemen met de heer E. de Vet , T +31 (0) 71 409 8409 www.phfservices.nl n


Verder kijken dan de deur breed is Alle denkbare oplossingen De hermetisch sluitende schuifdeursystemen van Metaflex Doors voldoen aan de strengste en meest actuele normen. Bovendien leveren wij voor iedere situatie met zijn specifieke eisen een maatwerkoplossing. Door onze voeling met de markt en wat er in de wereld om ons heen gebeurt, zijn wij in staat onze opdracht足 gevers maximaal te ontzorgen. Met duurzame innovaties en een professioneel serviceapparaat. Wilt u ook een sluitend verhaal? Kijk op www.metaflex.nl of bel 0543 - 477 333.


C L E A N R O O M S

“Ontzorgen”

Het sleutelwoord voor succesvolle groei van Brecon! door: brecon

Brecon Cleanroom Systems geniet een groot deel van haar bekendheid als cleanroom bouwer door de continuïteit in het leveren van kwaliteitsproducten binnen de semiconductor industrie. Het werkterrein, van deze snel groeiende onderneming in Noord Brabant, beslaat echter beduidend meer marktsectoren. Zowel in overige industriële segmenten, als ook binnen de gezondheid sector, worden regelmatig succesvolle cleanroom projecten gerealiseerd!

I

nmiddels bestaat de Brecon Groep uit meerdere disciplines, in verschillende vestigingsplaatsen. In Etten-Leur is de hoofdvestiging te vinden, met het centrum van alle bouwactiviteiten: het algemene bedrijfsbureau. Een team van bouwkundig medewerkers is hier dagelijks actief met de planning, inkoop en calculatie. De teamleiders op de verschillende werklocaties worden van uit Etten-Leur aangestuurd. Tevens is hier de productie van eigen raampartijen, kozijnen en plafondsystemen gelokaliseerd, alsmede de productie van gelamineerde gipsplaten met o.a. staalbekleding. Martin Kools heeft hier de dagelijkse leiding als Hoofd Bedrijfsbureau.

In Veldhoven vinden we Brabant Bouw b.v. Dit onderdeel van de Brecon Groep is verantwoordelijk voor alle bouwkundige werkzaamheden, welke vaak ontstaan bij een re20

FMT Gezondheidszorg

novatie of verbouw van bestaande cleanrooms. Ook bij de totstandkoming van nieuwe cleanrooms in bestaande gebouwen, zijn vaak bouwkundige aanpassingen noodzakelijk om het gewenste resultaat te kunnen bereiken. Johan van de Meerendonk is verantwoordelijk voor dit bedrijfsonderdeel. De jongste onderneming van de Brecon Groep is gevestigd in Eindhoven en is sinds oktober actief als Brecon International b.v. De activiteiten van dit bedrijf zijn speciaal gericht op de Health Care sector in Nederland en de export van cleanroom technologie in het algemeen. Het bouwen van O.K. ruimtes in ziekenhuizen of klinieken vraagt een bijzondere aanpak. Ook het verkopen en realiseren van internationale projecten vereist een aangepaste werkmethode in vergelijking met het werken op nationaal niveau. Een joint venture tussen Atrined CleanAir Technology en Brecon Cleanroom


Systems vormt echter een bundeling van kennis en ervaring welke garant staat voor het leveren van kwaliteitsprojecten in de medische sector en op de internationale markt. Geerd Jansen voert directie over deze onderneming. “Onze samenwerking met grote bouwbedrijven en installateurs zorgt ervoor dat ons werkterrein inmiddels veel verder strekt dan de semiconductor sector. De ervaring en de werkmethode binnen dit marktsegment, in de afgelopen 20 jaar, zorgt er voor dat men ons steeds vaker het vertrouwen schenkt voor het bouwen van cleanrooms in de meest uiteenlopende sectoren.” Aldus Bart van Waes, welke samen met partner Frank Moelands, eigenaar-directeur is van Brecon Cleanroom Systems b.v. Zowel Frank als Bart komen uit de praktijk en streven een degelijke en nuchtere aanpak na. Het “down to earth” gedachtegoed is onlosmakelijk verbonden met alle Brecon activiteiten. “We zijn gewend aan de strengste eisen, zowel in de planning als in de uitvoering van grote projecten. Maar we bouwen ook kleinere turnkey projecten voor het midden- en kleinbedrijf. Wij vinden de kwaliteit en het nakomen van afspraken bij dergelijke projecten even belangrijk! De inzet van alle kennis en ervaring van onze mensen, alsmede een goede service, zijn van even groot belang voor een cleanroom van 200 m2 als de mega projecten welke we in de afgelopen decennia hebben gebouwd. Al onze medewerkers hebben hierover hetzelfde idee!”

De Brecon Groep streeft een vooraanstaande internationale positie na in de bouw van cleanrooms in het algemeen en de plaatsing van gespecialiseerde wanden en plafonds in cleanrooms in het bijzonder. Daarnaast worden nieuwe concepten ontwikkeld binnen Brecon International ten bate van de internationale Health Care sector. Onder andere over het ontwerp van een “stand alone” kliniek voor lage inkomenslanden met een O.K. ruimte en verloskamer, is men in gesprek met de World Health Organisation in Geneve. Ook de plaatsing van een Mobiele O.K. Unit, welke voldoet aan de laatste eisen binnen de WIP richtlijn, staat binnenkort te gebeuren in het Midden-Oosten. Met al deze activiteiten lijkt het er op dat we veel meer gaan horen over deze dynamische onderneming! “Ons streven vraagt om professionaliteit en flexibiliteit van ons team. We zijn niet bang te investeren in nieuwe concepten. Dat alles zorgt er voor dat we veel vertrouwen hebben in de toekomst!”, aldus Bart ter afsluiting. Wilt u meer weten over GMP of ISO geclassificeerde cleanrooms van de Brecon Groep? Kijk dan op www.breconinternational.com n

FMT Gezondheidszorg

21


I N S T A N D H O U D I N G

Hoe houd je het operatiecentrum functioneel en veilig?

Als nieuwbouw nog geen optie is In een nieuw te bouwen operatiecentrum kunnen nieuwe medische technologieën en eisen relatief eenvoudig worden geïntegreerd. Maar hoe houd je het huidige operatiecentrum functioneel en veilig wanneer nieuwbouw om wat voor reden (nog) niet aan de orde is?

H

et operatiecentrum is bij uitstek een omgeving waarin veel nieuwe medische technologieën hun intrede doen. Tegelijkertijd wordt er veel aandacht besteed aan het verbeteren van de patiëntveiligheid. Denk aan de introductie van procedures zoals de time-out, maar ook aan nieuwe eisen die van buitenaf worden gesteld aan de fysieke omgeving van het operatiecentrum, inclusief technische installaties.

worden intensiever ingezet voor informatie- en kennisuitwisseling en als middel voor verwerking en opslag van (medische) gegevens. Daarnaast worden ze steeds vaker gebruikt om tijdens de operatie diagnostische informatie toe te kunnen passen. Maar ook in het kader van opleiding, onderwijs en onderzoek spelen multimedia een steeds belangrijkere rol. Patiëntveiligheidseisen

Een mooie uitdaging om nieuwe medische technologieën en veiligheidseisen in deze fysieke omgeving te integreren. Maar wat wanneer nieuwbouw nog lang op zich laat wachten? Bijvoorbeeld omdat de financiering niet rondkomt, omdat gesprekken over fusies nog niet zijn afgerond of omdat er geen besluitvorming plaatsvindt vanwege onvoldoende zekerheid over de consequenties van de gehanteerde volumenormen. Het kan natuurlijk ook zijn dat het OK-complex weliswaar wat ouder is, maar nog niet oud genoeg om te worden vernieuwd. Nieuwe technologieën

De introductie van nieuwe technologieën laat vaak niet meer op zich wachten tot het moment dat er een nieuw ziekenhuis of operatiecentrum wordt gebouwd. Goed zichtbaar is dat bij de introductie van beeldvormende technieken in de operatiekamer. Hybride operatiekamers, operatiekamers met MRI of CT, worden steeds vaker gerealiseerd binnen het bestaande operatiecentrum. Hetzelfde geldt voor multimedia. Deze 22

FMT Gezondheidszorg

Dan zijn er nog de eisen aan de fysieke omgeving die worden gesteld door toezichthoudende organen, beroepsgroepen, koepelorganisaties, gespecialiseerde werkgroepen en verenigingen. Veelal

Door: Ingrid A.W. de Jong en Herman de Bruin, consultants AT Osborne*). Foto’s: AT Osborne/Martin van Welzen Fotografie

met als doel een bijdrage te leveren aan de veiligheid van de patiënt. We noemen er een paar, die grote impact kunnen hebben op de fysieke omgeving van het operatiecentrum. Holding In 2008 wordt ziekenhuizen in het IGZ-rapport ‘Standaardisatie onmisbaar voor risicovermindering in het operatieve proces’ opgedragen de holding uitsluitend nog voor deze functie te gebruiken wanneer deze ruimte deel uitmaakt van de overdracht van de verpleegafdeling naar de operatiekamer. Ziekenhuizen mogen dus geen gecombineerde holding/recovery meer hebben.


Verticale downflow Uit die tijd dateert ook de grote druk op ziekenhuizen om laminaire downflowsystemen toe te passen. Mengende systemen werden in de ban gedaan en veel ziekenhuizen moesten zich ‘op slopershoogte’ begeven om aan de strengere luchtkwaliteitseisen te kunnen voldoen. Op dit moment is het wachten op de nieuwe richtlijn ‘Luchtkwaliteit in operatieafdeling klasse 1’ van de Werkgroep Infectiepreventie (WIP). Daarin wordt naar verwachting een genuanceerder standpunt ingenomen. De richtlijn legt een relatie tussen de aard van de ingreep en de aan de operatiekamer te stellen eisen aan het luchtbehandelingssysteem. Gewrichtsvervangende operaties dienen plaats te vinden in een operatiekamer met een verticale downflow. Schone ingrepen waarbij endoprothesen worden geïmplanteerd, vergelijkbaar met gewrichtsprothesen, bij voorkeur ook. Voor andere ingrepen kan een keuze gemaakt worden tussen verticale downflow of mengende luchtbehandelingsystemen. Interessant is ook dat de voorkeur wordt uitgesproken voor een aparte opdekruimte per operatiekamer. Monitoring Nog een voorbeeld. Er worden in het kader van

patiëntveiligheid eisen gesteld aan het meten, presenteren en vastleggen van omgevingsfactoren in de operatiekamer. Grondlegger hiervan is onder meer het ‘Beheersplan luchtbehandeling voor de operatieafdeling 2005’. Te noemen zijn onder andere de drukhiërarchie, de temperatuur, het aantal deurbewegingen en de status van onderhoud van de medische apparatuur. Enerzijds wordt beoogd daarmee gedrag te beïnvloeden, bijvoorbeeld door het meten van het aantal deurbewegingen. Anderzijds kunnen snel en adequaat (on)veilige situaties goed zichtbaar worden gemaakt, waarop vervolgens snel kan worden gereageerd. Bijna niemand zal moeite hebben de toegevoegde waarde hiervan te erkennen, maar de kostenbatenanalyse is soms een ander verhaal. Een geavanceerd systeem om deurbewegingen te tellen en registreren zonder onderliggende maatregelen om het gedrag te kunnen beïnvloeden, valt onder de categorie ‘wel duur, maar niet goed’. Overigens heeft het ‘Beheersplan luchtbehandeling voor de operatieafdeling 2005’ als grondlegger van de monitoring zelf inmiddels zijn formele status verloren. De beheersplannen die zieken-

huizen de afgelopen jaren op basis hiervan hebben gemaakt, zullen binnenkort getoetst moeten worden aan een nieuw kader. Dat wordt onder meer door de WIP aangereikt, maar is deels ook terug te vinden in het convenant ‘Veilige toepassing van medische technologie in het ziekenhuis’. Keuzes maken

Er is dus een continue stroom aan nieuwe medisch-technologische ontwikkelingen en veiligheidseisen. Wat te doen als er, om wat voor reden dan ook, geen mogelijkheid bestaat om een volledig nieuw operatiecentrum te realiseren of het huidige grondig te renoveren? Om toch gebruik te kunnen blijven maken van een functioneel en veilig operatiecentrum moeten eenvoudigweg keuzes worden gemaakt. Keuzebepalende factoren nieuwe technologie Er spelen allerlei factoren een rol bij de keuze om bepaalde medisch-technologische ontwikkelingen in een bestaand operatiecentrum te implementeren. Nieuwe medische techniek kan nodig zijn om ingrepen beter of efficiënter te kunnen uitvoeren (verbeteringsinvestering). Ook kan nieuwe medische techniek nodig zijn voor het vervangen van verouderde techniek die direct geFMT Gezondheidszorg

23


I N S T A N D H O U D I N G vaar oplevert voor de bedrijfscontinuïteit en/of de veiligheid van patiënt en medewerker (vervangingsinvestering). Daarnaast kan een sluitende businesscase het vertrekpunt zijn om nieuwe medische techniek in een bestaand operatiecentrum te implementeren (uitbreidingsinvestering). Tegelijkertijd kunnen er in het belang van de opleidings- en onderzoeksfunctie van het ziekenhuis redenen zijn om nieuwe medische technologie in het bestaande operatiecentrum te introduceren en de fysieke omgeving daarvoor aan te passen. Aanleiding kan ook verwachte imagowinst van een state-of-the-art-operatiekamer zijn.

levensduur en de te behalen veiligheidswinst? Een belangrijke wegingsfactor is ook of er een alternatief is waarmee het beoogde doel kan worden bereikt. Bijvoorbeeld het aanpassen van een werkwijze.

Om redenen van geld of beschikbare ruimte zullen soms keuzes gemaakt moeten worden tussen meerdere behoeftestellingen, zoals een hybride OK en een operatiekamer voor robotchirurgie. Dan zal een weging van de factoren moeten plaatsvinden. Aan de hand daarvan kan vervolgens een weloverwogen keuze worden gemaakt.

Het stappenplan

Keuzebepalende factoren patiëntveiligheid De keuze voor de te implementeren fysieke patiëntveiligheidseisen wordt ook door verschillende factoren bepaald. Bijvoorbeeld of er sprake is van een wettelijke verplichting of dreiging met sluiting door de IGZ. Of dat de huidige staat van een specifiek onderdeel zo gebrekkig is dat deze een direct gevaar vormt voor de bedrijfscontinuïteit en/of veiligheid voor patiënt en medewerker. Uiteraard al dan niet gevolgd door (aanzienlijke) imagoschade, ook een belangrijke keuzebepalende factor. Ook hier zal vervolgens een weging moeten plaatsvinden voordat besloten wordt de fysieke omgeving daadwerkelijk aan te passen. Zeker wanneer volledige nieuwbouw of renovatie niet aan de orde is en geld niet onbeperkt beschikbaar. Alleen daarom al zullen we aanpassingen ‘op slopershoogte’ zo veel mogelijk moeten voorkomen. Zo’n weging is jezelf een kritische vraag stellen: is het echt nodig? Die is zeker relevant wanneer er geen prestatie-eis wordt gesteld (bijvoorbeeld het aantal KVE’s op locatie X in de OK), maar een eis aan de manier waarop een beoogd doel moet worden gehaald (bijvoorbeeld een verticale-downflowluchtbehandelingssysteem). De uiteindelijk keuze voor een aanpassing van de fysieke omgeving zal altijd mede bepaald moeten worden door een kosten-batenafweging: wat is de te verwachten levensduur van het operatiecentrum en staat de investering in relatie tot die 24

FMT Gezondheidszorg

Gestructureerde aanpak

Duidelijk moge zijn dat er meerdere factoren een rol spelen bij de keuze voor de uiteindelijk door te voeren fysieke aanpassingen. Tegelijkertijd is het gewicht dat aan een factor wordt toegekend van belang voor de daadwerkelijk te maken keuzes. Dat vraagt om een gestructureerde aanpak.

Aan de hand van een stappenplan (figuur 1) kunnen doordachte keuzes worden gemaakt over de introductie van nieuwe medische technologieën en het tegemoetkomen aan patiëntveiligheidseisen, die beide vragen om aanpassingen van de fysieke omgeving van het bestaande operatiecentrum. Uiteraard kunnen de twee soorten keuzes separaat worden behandeld. Enerzijds zullen er voor een deel immers andere stakeholders bij het proces betrokken zijn. Anderzijds zijn de factoren en de weging daarvan vaak van verschillende orden. De methodiek blijft hetzelfde. Wel is het noodzakelijk beide resultaten bij elkaar te brengen om de financiële, technische en ruimtelijke haalbaarheid van de uitkomsten te kunnen toetsen. In dit artikel werken wij het stappenplan uit dat zich richt op alle eisen die door toezichthoudende organen, beroepsgroepen, koepelorganisaties, gespecialiseerde werkgroepen en verenigingen aan de fysieke omgeving van het operatiecentrum worden gesteld. Het resultaat is een overzicht met daarin weloverwogen keuzes over het al dan niet realiseren van fysieke aanpassingen in het bestaande operatiecentrum. Het resultaat kan vervolgens conform bestaande procedures voor bestuurlijke besluitvorming worden aangeboden. Na goedkeuring kan een realisatieplan worden gemaakt. De stappen zien er als volgt uit: 1. Inventariseren gestelde eisen. 2. Toetsen huidige situatie aan gestelde eisen. 3. Vaststellen keuzebepalende factoren en weging. 4. Keuzes maken. 5. Toetsen financiële, technische en ruimtelijke haalbaarheid.

Stap 1: Inventariseren eisen De eerste stap in het proces is het inventariseren van de eisen die door toezichthoudende organen, beroepsgroepen, koepelorganisaties, werkgroepen en verenigingen aan de fysieke omgeving van het operatiecentrum worden gesteld. Gezien de omvang is het belangrijk daarvoor een duidelijke structuur te gebruiken. Bijvoorbeeld door onderscheid te maken in categorieën als ‘bouwkundig’, ‘werktuigbouwkundig’, ‘elektrotechnisch’, ‘medische inrichting’ en ‘organisatie’. Het is niet nodig een aparte categorie ‘beheer en onderhoud’ (inclusief validaties en periodieke metingen) te hanteren. Wel dient dit aspect in de onderscheiden categorieën goed zichtbaar te zijn als subitem. Door deze structuur te hanteren wordt inzichtelijk waar eisen elkaar overlappen, deels mogelijk zelfs tegenspreken of juist heel goed aanvullen. Het resultaat is een toetsingskader, dat gebruikt kan worden bij het uitvoeren van stap 2. Stap 2: Toetsen huidige situatie Stap 2 in het proces is het toetsen van de huidige situatie in het operatiecentrum aan het in stap 1 opgestelde toetsingskader. Vastgesteld wordt in welke mate het operatiecentrum op dit moment aan de eisen voldoet. Dit kan bepaald worden door een rondgang in het operatiecentrum (en de bijbehorende technieklaag), interviews met verantwoordelijken en het bestuderen van documenten zoals validatierapporten en verslagen van IGZ-bezoeken. Er worden in deze fase nog niet bepaald wat wel of niet wordt aangepast. Daarvoor worden de voorbereidingen getroffen in stap 3. Stap 3: Vaststellen keuzebepalende factoren en weging. Stap 3 bestaat uit het vaststellen van de keuzebepalende factoren en de weging. Eerder in dit artikel is een aantal keuzebepalende factoren genoemd en is toegelicht dat bijvoorbeeld de aanwezigheid van alternatieven of een onevenwichtige kosten-batenanalyse de uiteindelijke keuze kan beïnvloeden. Om het geheel te kunnen objectiveren is het belangrijk een rangorde aan de factoren toe te kennen. Hoe hoger het getal, hoe belangrijker de keuzebepalende factor. Door hetzelfde te doen met de wegingsfactoren – hoe lager daar het getal, hoe meer eenvoudigere alternatieven of on-


Zorg voor de Eindgebruiker

Als adviseur van de Eindgebruiker zijn we de intermediair naar beleggers, ontwikkelaars en aannemers. Wij werken voor ziekenhuizen, zorg- en onderwijsinstellingen, overheden en bedrijven. Door onze kennis van het primaire proces van de Eindgebruiker komen we tot haalbare én betaalbare oplossingen voor hun vastgoedvraagstuk. Dit doen wij door het maken van gedegen analyses, slimme financiële constructies en duurzaamheid als verdienmodel in te zetten.

AT Osborne

Utrecht | Brussel | Parijs

We verbinden daarbij alle partijen die belang hebben bij de opgave. AT Osborne lost ruimtelijke vraagstukken op. Onderscheidend is de verbinding tussen plannen en praktijk. U kunt ons inschakelen voor strategische vraagstukken of een second opinion maar ook voor de volledige begeleiding van uw investeringsproject.

diensten, van project- en procesmanagers tot experts op het gebied van techniek, financiën of juridische vraagstukken. Zij zijn snel en op uw maat inzetbaar. De mensen van AT Osborne zijn vindingrijk en daadkrachtig. Met als drive de beste oplossing voor u. Meer weten? Kijk op www.atosborne.nl

AT Osborne is een multidisciplinair bureau met 150 specialisten. Samen leveren zij alle denkbare

Huisvesting & Vastgoed | Infrastructuur, Gebiedsontwikkeling & Milieu


I N S T A N D H O U D I N G Conclusie

Tabel 1. Kwantitatieve onderbouwing.

gunstige kosten-batenanalyses er zijn – ontstaat een kwantitatief overzicht aan de hand waarvan in de volgende stap de feitelijke keuzes kunnen worden gemaakt. Stap 4: Keuzes maken Nu het toetsingskader is vastgesteld, het huidige operatiecentrum hieraan is getoetst en bepaald is met welke factoren en weging de keuzes voor het al dan niet aanpassen van de fysieke omgeving worden gemaakt, kan stap 4 worden gezet. Nu worden de daadwerkelijke keuzes gemaakt. Per eis wordt bepaald welke keuzebepalende factor eraan ten grondslag ligt, wat de waarde daarvan is en welke argumentatie (weging) erbij hoort om de fysieke omgeving al dan niet aan te passen. In tabel 1 is een voorbeeldresultaat weergegeven. Stap 5: Toetsen haalbaarheid Stap 5 is de laatste stap: het toetsen van de gemaakte keuzes aan de financiële, technische en ruimtelijke haalbaarheid. Overigens gaat het in deze stap niet meer om de afzonderlijke eisen zoals in stap 1 tot en met 4, maar om de som van het geheel: zijn de keuzes die het totale plan vormen in financieel, technisch en ruimtelijk opzicht haalbaar? Betrokken partijen

Het is belangrijk dit proces met de juiste stakeholders te doorlopen. Dat betekent dat alle expertise beschikbaar moet zijn om het eisenkader in beeld te brengen, de huidige staat van het operatiecentrum daaraan te toetsen, een objectieve afweging te kunnen maken tussen de verschillende keuzebepalende factoren en het eindresultaat te kunnen toetsen op financiële, technische en ruimtelijke haalbaarheid. Dat vraagt minimaal om vertegenwoordigers uit het primaire proces en vertegenwoordigers van de afdelingen die verantwoordelijk zijn voor het beheer en onderhoud en de medische techniek van het operatiecentrum. 26

FMT Gezondheidszorg

Onze ervaring leert dat deze verschillende disciplines niet zonder meer elkaars taal spreken en over voldoende kennis van elkaars vakgebied beschikken. Dat is een belangrijk risico voor het proces. Zo ontbreekt het de gebruiker in belangrijke mate aan kennis over de daadwerkelijke toegevoegde waarde van de technische voorzieningen om veilig te kunnen werken. Tegelijkertijd heeft de verantwoordelijke voor het beheer en onderhoud niet altijd voldoende kennis van het primaire proces en de toegevoegde waarde die fysieke aanpassingen kunnen hebben bij het bevorderen van de patiëntveiligheid. Betrokken partijen stellen elkaar daardoor niet altijd de juiste vragen. Hierdoor worden de te maken keuzes soms te veel beïnvloed. Maar er gebeurt ook iets interessants wanneer de verschillende disciplines gezamenlijk dit proces doorlopen. Schijnveiligheid kan hierdoor worden voorkomen. Het resultaat zal door de aanpak immers niet uitsluitend een pakket te treffen fysieke aanpassingen zijn, maar een mooie balans tussen fysieke aanpassingen en organisatorische maatregelen. Er wordt niet alleen een deurenteller geïnstalleerd, maar er worden ook ondersteunende maatregelen genomen om het gedrag te beïnvloeden, waardoor het (bijna) niet meer nodig is tijdens de operatie de deur te openen. Bijvoorbeeld door alles vooraf beter op de OK gereed te hebben staan, of af te spreken elkaar tijdens kortdurende ingrepen niet meer af te lossen. Het is dan ook belangrijk in het proces voor die noodzakelijke schakel tussen de verschillende disciplines te zorgen. De schakel die feitelijk als inhoudsdeskundige op beide terreinen zorg draagt voor de vertaling en het bewaken van de argumentatie rondom de te maken keuzes. Iemand die alle disciplines durft te vragen of de uitkomst wel optimaal is.

Ook een bestaand operatiecentrum waar nieuwbouw of grootscheepse renovatie om wat voor reden dan ook niet aan de orde is, krijgt te maken met nieuwe medische technologieën en nieuwe patiëntveiligheidseisen aan de fysieke omgeving van het operatiecentrum. In dit artikel is betoogd dat door het maken van weloverwogen keuzes wel degelijk mogelijkheden bestaan om functioneel en veilig te blijven binnen de financiële, technische en ruimtelijke grenzen, die er nu eenmaal zonder twijfel voor bestaande operatiecentra zijn. Ook zijn er handvatten aangereikt waarmee onderbouwd kan worden waarom niet aan een bepaalde fysieke eis wordt voldaan. Bijvoorbeeld omdat er alternatieven zijn waarmee het achterliggende doel van de fysieke eis alsnog kan worden bereikt. Op deze manier kunnen telkens nieuwe ontwikkelingen en nieuwe eisen worden beoordeeld. Deze kunnen al dan niet leiden tot daadwerkelijke aanpassing van de fysieke omgeving. Zo blijft het operatiecentrum ‘een heel leven lang’ functioneel en veilig zonder dat onverantwoorde beslissingen worden genomen. *)Ingrid de Jong is gespecialiseerd in patiëntveiligheid en renovatie en nieuwbouw van operatiecentra; Herman de Bruin is gespecialiseerd in de implementatie van medische techniek voor onder meer operatiecentra, IC’s en laboratoriumgebouwen. n


M icro b i ë le

veiligheid

Risk management op de vierkante micrometer Het inrichten van BSL-3 laboratoria vergt kennis van regelgeving en specialistische expertise om die te vertalen in technische en bouwkundige specificaties. Stichting Streeklaboratorium voor Microbiologie in Twente en de Gelderse Achterhoek (LabMicTa) in Hengelo onderkende dit bijtijds en nam experts in de arm voor een state-of-the-art lab.

H

et laboratorium met Bio Safety Level 3 (BSL-3) is onderdeel van een geheel nieuw gebouw. Er vindt in dit laboratorium diagnostisch bevolkingsonderzoek plaats naar potentieel epidemische virussen en micro-organismen, waar in geval van besmetting geen of onvoldoende medicijnen of vaccinatie tegen bestaan. Een van de bacteriën die wordt onderzocht, is de Mycobacterium tuberculosis, de veroorzaker van tbc. “Tbc verspreidt zich momenteel snel in Nederland, onder meer door mensen met verre vakantie-

Door: Wilma Schreiber

bestemmingen en nieuwkomers uit risicolanden. Elke regio zou een dergelijk lab moeten hebben, ook vanwege de veiligheid want transport van dergelijk gevaarlijk materiaal is niet zonder risico”, stelt Hugo Huiskamp van Classified Rooms. “Daar komt bij dat er een multiresistente M. tuberculosis is gesignaleerd, die ongevoelig is voor de gebruikelijke geneesmiddelen. Er komen steeds meer problemen op ons af die we niet kunnen beheersen.” Huiskamp raakte betrokken bij het project toen bij Lab-

FMT Gezondheidszorg

27


M icro b i ë le

veiligheid

MicTa de zorg ontstond of het geplande lab wel voldeed aan de vigerende criteria van de World Health Organization (WHO) voor laboratoria. “Om een dergelijk project tot een goed einde te brengen, is specialistische expertise noodzakelijk om de gebruikerswensen te vertalen in de vereiste technische specificaties en een ontwerp dat aan de veiligheidsstandaard voldoet. Daar moet je als opdrachtgever alert op zijn.” Een klimaatplafond werd om die reden geschrapt en verder werd de autoclaaf anders ingebouwd, zodat deze grotendeels buiten het lab kwam te staan in plaats van erbinnen en voorzien van een bioseal om de sluis in de wand af te dichten zodat er geen lucht kan weglekken langs de autoclaaf. Doos-in-doos constructie

Het belangrijkste kenmerk van een BSL-3 lab is dat alle werkzaamheden in containment (ingesloten) uitgevoerd worden vanwege de risico’s voor medewerkers en de omgeving. Er wordt gewerkt met een microbiologische veiligheidskast waar-

in materialen uit de verpakking gehaald worden en handelingen uitgevoerd. Het lab zelf fungeert als een second containment naar de omgeving. “Het is gebouwd als een doos in een doos, met een wand voor de gevel voorzien van voorzetramen. Tevens is een brandscheiding aangebracht, om ook bij brand het lab zo lang mogelijk veilig te houden”, verklaart Michiel van Kooten, technisch directeur van Cleanroom Combination Group (CCG). CCG voerde het hele traject uit: van ontwerp tot realisatie met betrekking tot wanden, vloeren, ramen, kozijnen en vaste inrichting. Huiskamp adviseerde LabMicTa over de bouwkundige, installatietechnische en inrichtingseisen voor een BSL-3 lab en stelde prekwalificatiedocumenten op voor de leveranciers, die op hun beurt vooraf konden aangeven wat haalbaar was en waar een oplossing voor gevonden moest worden. “Het is van belang te weten welk materiaal wel of juist niet gebruikt kan worden, hoe beschreven ruimten gedesinfecteerd moeten worden en wat

Winkels opereert mee Winkels is bij elke operatie aanwezig. Niet als chirurg of assistent, maar als onderdeel van de OK. Want wij hebben onze eigen specialisten die met chirurgische precisie werken aan licht, geluid, stroom, elektrotechniek, water, koeling, warmte en nog veel meer. Zo scheppen wij de voorwaarden voor een succesvolle operatie. We zijn op onze manier onderdeel van het chirurgisch team. Samen zorgen we voor de hoogste resultaten, dag in, dag uit. Technisch teamwork voor een hartverwarmend resultaat.

Mobiele units van Bioquell zorgen voor desinfectie van het BSL-3 lab met behulp van H2O2-damp. de gewenste luchtdichtheid is. Verder gaat het om eisen met betrekking tot bijvoorbeeld de ruimtedrukken en de temperatuurrange, die moeten alle in de specs vermeld worden.” CCG werd door Valtos Architecten gevraagd het gesprek aan te gaan met bouwende partijen. “Ons bedrijf heeft een trackrecord op het gebied van inrichting waar desinfectie moet kunnen plaatsvinden, onder andere in de farmaceutische en biotechnologische industrie, waar sommige ruimten wel acht keer per dag gedesinfecteerd moeten worden”, aldus Van Kooten. Ter illustratie beschrijft Huiskamp een mogelijke calamiteit. “Stel, je stoot een open monster om en het valt op de grond of komt op je mouw. Het risicovolle monster mag dan niet buiten het BSL-3 lab komen, vandaar de tweede veilige zone. Het lab mag ook nooit geopend zijn naar de gangen, er zit altijd een sluis voor met een interlockfunctie. Als er iets gebeurt, moet de ruimte gereinigd en vervolgens gedesinfecteerd worden. Hiervoor bestaat een volledig geprotocolleerd calamiteitenplan.” Residuvrij proces

winkelstechniek.nl

28

FMT Gezondheidszorg

In geval van besmetting is het van belang dat de vlakken goed te reinigen zijn. Vandaar: geen naden en kieren en zo veel mogelijke vlakke overgangen. “Een probleem vormen bijvoorbeeld de labtafel en kastpoten, daaronder krijg je het niet gedesinfecteerd . En je tilt de veiligheidskasten ook niet even op, omdat ze 250 tot 350 kilo zwaar zijn”, zegt Huiskamp. CCG bracht om die reden verzwaarde elementen aan in de wand, zodat de


Sporenstrips

zware kasten aan de wand kunnen hangen en niet op de vloer hoeven te staan. “Zo kan de vloer goed gereinigd worden. Daarnaast is de ruimte volledig vlak beglaasd om de luchtdichting op de gevel te borgen en om deze goed schoon te kunnen maken en te desinfecteren”, licht Van Kooten toe. “Voor het overige is het meubilair verrijdbaar of is de vloer tegen het meubilair opgewerkt zodat daaronder geen vervuiling kan plaatsvinden. De werkbladen hebben geen kitnaden en lopen door in de wand. De kitnaad zit daardoor in het verticale in plaats van het horizontale vlak zodat je de naad niet stukwrijft bij het schoonmaken.” Het desinfecteren kan handmatig, behalve als er sprake is van aerosole micro-organismen of virussen die zich door het gehele laboratorium kunnen hechten. Dan schrijft de WHO voor dat de ruimte ontgast moet worden. Dit gebeurt veelal met waterstofperoxidedamp (H2O2), een residuvrij proces omdat het afbreekt in water en zuurstof - een milieuvriendelijk procedé voor gebruiker en omgeving. CCG gebruikte Trespa Virtuon voor de wanden en vaste meubels, een vlak en inert materiaal dat bovendien geen H2O2 of microbiologische stoffen absorbeert. Ook de overige materialen werden afgestemd op desinfectie. “Je kunt bijvoorbeeld geen koperen leidingen gebruiken, want die breken H2O2 af, wat het desinfectieproces verstoort.”

Qua installatie werd gekozen voor Bioquell. Huiskamp: “Hun proces is eenvoudig te valideren en te handhaven. Statistisch gaat er in zo’n laboratorium een keer in de vijf jaar iets mis. Hoe makkelijker te verifiëren, hoe beter voor de medewerkers.” Proven technology die voor het eerst in een BSL-lab wordt toegepast en voldoet aan de WHO-richtlijnen, stelt Dennis van der Zwan, directeur-eigenaar Tecnilab-BMI en vertegenwoordiger van Bioquell in de Benelux. Zijn bedrijf installeerde het distributiesysteem (onder andere toe- en afvoerleidingen, nozzles in het plafond) waaraan een H2O2 generator gekoppeld wordt die de damp de ruimte inblaast. De apparatuur blijft altijd buiten de containment zone. “Je hoeft dan niet te wachten op de uitslag van de desinfectie, maar kunt de apparatuur snel weer elders inzetten.”

den zich bij de entree van de personensluis. Met een druk op de knop wordt via de nozzles in het plafond H2O2 in de ruimte gespoten en de hele suite gedesinfecteerd. Dit gebeurt volledig geautomatiseerd en wordt in een cycle-validatieplan gevalideerd. Om in dit cycle-validatieplan aan te tonen dat de reductie is bereikt, werkt Bioquell met biologische indicatoren. “Sporenstrips met meer dan 1 miljoen organismen. Deze worden vervolgens geïncubeerd en dan mag er van die populatie maximaal één micro-organisme overblijven”, verklaart Van der Zwan. “Hierdoor wordt een 6 log reductie bereikt, een waarborg voor een effectief desinfectieproces.” In geval van een calamiteit komt Bioquell langs met het apparaat. “LabMicTa hoeft daardoor geen mensen te trainen of apparatuur aan te schaffen of te onderhouden. ” Van der Zwan is ervan overtuigd dat dit project als referentie kan gaan dienen voor nog te bouwen of bestaande BSL-labs en cleanrooms.

De aansluitpunten voor de mobiele unit bevinn

www.fmtgezondheidszorg.nl FMT Gezondheidszorg

29


L U C H T B E H A N D E L I N G

Revolutie in luchtbehandeling Afgelopen zomer nam het UMC Utrecht twee hybride OK’s en één hybride HCK in gebruik. Opzienbarend was dat het ziekenhuis koos voor een nieuw Zweeds systeem voor luchtbehandeling: Opragon (Avidicare voorheen Airsonett). Aan deze beslissing ging een heel traject vooraf, waarin het systeem uitgebreid werd getest. Werktuigbouwkundig ingenieur Aat Builtjes en Gerbrand van Middelkoop, teamleider onderhoud energievoorziening, vertellen over dit unieke project.

H

un verhaal begint in 2009 als testen voor een hartkatheterisatiekamer (HCK) een risico op vervuiling in het patiëntengebied aan het licht brengen. “Bij het wegrollen van de Cboog bleek er een vacuüm te ontstaan in de holle ruimte van de rails die buiten het patiëntengebied steken. Door de luchtsnelheid wordt er vervolgens lucht van buiten het steriele gebied mee

naar binnen gezogen. In die luchtstroom kan een bacterie meeliften en in het wondgebied terechtkomen. Dat is niet wat je wilt als je in geval van een calamiteit moet omschakelen van een HCKprocedure naar een operatieve ingreep. Dan moet je niet steriel maar supersteriel kunnen werken”, zegt Builtjes. Een traditioneel systeem, bestaande uit bijvoor-

Door: Wilma Schreiber

beeld een 3x3 plafond waar de rails voor de Cboog onderdoor lopen tot in de periferie, voldeed niet. Het OK-plafond vergroten zou tot onevenredig grote luchthoeveelheden leiden. Een andere beperkende factor waren de afmetingen en het gewicht van de op de markt verkrijgbare apparatuur. “Het geheel moet goed stabiel opgehangen kunnen worden om zeer nauwkeurige beelden te kunnen maken. Echter, alles wat onder het OK-plafond komt te hangen, verstoort de luchtstroom. Al met al een hele uitdaging”, verklaart Van Middelkoop. Airshowers

Voor deze kwestie speelde, was het Zweedse bedrijf Avidicare een keer langs geweest om hun Opragon-systeem te presenteren: een reeks airshowers om de rails heen. “Hun verhaal klonk revolutionair: het systeem gebruikte 30 procent minder ventilatielucht dan een traditioneel 3x3 plafond en leverde toch een schonere OK op. Sterker nog: de hele OK zou zo schoon zijn als het normaal afgebakende vlak”, aldus Van Middelkoop. “Dat betekent meer ruimte voor de tafels met instrumentarium, implantaten en dergelijke die nu altijd in het kleine gebied onder het plenum moeten worden gepropt. Plus kleinere luchtbehandelingkasten, minder benodigd verHybride HCK met Siemens C-boog en Opragon. 30

FMT Gezondheidszorg


testen uitgevoerd en gekeken naar het effect van warmtelast en externe vervuiling in het buitengebied”, vertelt Van Middelkoop. “In rust is de OK helemaal schoon, maar wat gebeurt er met het binnengebied als iemand niest? Hoe snel voert het buitengebied vuil af?” Gaandeweg de testen ontdekten Builtjes en Van Middelkoop een omissie in het systeem: de bescherming van de patiënt door de ‘luchtdouches’ bleek niet 100 procent. De Zweden reageerden razendsnel: “Nog voor we in Amsterdam geland waren, kregen we een telefoontje dat ze het systeem zouden aanpassen. Inmiddels is een extra rand aangebracht om indringing van lucht vanuit het buitengebied tegen te gaan, waarmee dit probleem werd verholpen.” Rookproeven

Een van de twee HOK’s die is uitgerust met Philips C-boog en Opragon. mogen en een lager energieverbruik. Je praat toch al snel over duizenden kWh minder per jaar.” In eerste instantie was er binnen het UMC Utrecht weinig draagvlak. “De vraag was of het systeem echt werkte. Bovendien voldeed het niet aan de Nederlandse WIP-richtlijnen (Werkgroep Infectie Preventie) die de IGZ hanteert als professionele standaard; de luchtsnelheden wijken bijvoorbeeld af. Hoe reageert de Inspectie en de markt in Nederland erop als wij zo’n systeem gaan installeren? Dat zorgde voor een zekere huiver”, zegt Builtjes. “Maar we wilden ook niet verder met het huidige systeem in onze OK toen dat niet supersteriel bleek.” Het management zag voldoende potentieel en vaardigde een delegatie af naar Zweden: een manager en technicus van de HCK, deskundige infectiepreventie, anesthesioloog, adviseur bouw, projectleider, werktuigbouwkundig engineer en teamleider onderhoud. “Er is bewust gekozen voor een grotere groep van gebruikers en technici omdat de beslissing voor een nieuw systeem niet achter de tekentafel genomen mag worden”, aldus Builtjes. Doel: Nederlandse validatietesten loslaten op het Opragon-systeem. Naast een bedrijfsbezoek werd een standaard OK in Angelholm en een hybride OK in Lund bezocht. Intermicon werd ingehuurd om de validatietesten uit te voeren in een OK in het Deense Varde. “Daarbij legde Airsonett ons geen enkele restrictie op. We hebben getest hoe het systeem reageerde op luchtsnelheden op de tafel, allerlei microbiologische

Aan de hand van rookproeven werden de luchtstromingen zichtbaar gemaakt. “Om een OK te reinigen, is een bepaalde hoeveelheid lucht nodig. Bij het wondgebied van de patiënt moet de lucht een zekere snelheid hebben. Traditioneel wordt de lucht met 0,25 tot 0,3 meter per seconde door het CG-doek (luchtverdeeldoek onder het OK-plafond) geblazen”, zegt Builtjes. “Om de lucht gericht naar beneden te krijgen, is ook een temperatuurverschil tussen het OK-plafond en de periferie nodig. Het Opragon-systeem werkt alleen op basis van het beschreven temperatuurverschil. Het waarborgen van dit temperatuurverschil stelt hoge eisen aan het ontwerp van de technische installatie (koel- en verwarmingscapaciteit) en de bijbehorende regeltechniek. De warmte die OK-personeel, lampen en apparatuur afgeven, heeft een negatieve invloed op de luchtstroming. Daar moet je een balans in vinden.” Bijna irreëel, zo omschrijven Builtjes en Van Middelkoop hun eisen aan het systeem. “We hebben op en rond de OK-tafel kacheltjes neergezet tot een equivalent van vijftien personen. We wilden zien hoe ver we konden gaan voor het systeem zou bezwijken. Immers, elk probleem zou een deceptie betekenen en het draagvlak binnen het UMC Utrecht aantasten. Nu konden we echt achter het systeem gaan staan.” Op basis van de bevindingen kreeg de projectgroep groen licht van het locatiemanagement. Volgende zorgpunt was de weerstand in het land. Om deze het hoofd te bieden, werden IGZ en TNO uitgenodigd om kritische vragen te stellen. Op basis van dit gehele voortraject besloot het management uiteindelijk om één hybride HCK en twee hybride OK’s met bijbehorende opdekruimte en twee kleine plenums te voorzien van

Opragon-systemen. De plaatsing gebeurde door AL-KO, onder supervisie van Avidicare; Johnson Controls trad op als meet- en regelbedrijf. De engineering werd gedaan door UMC Utrecht, Avidicare en ULC; in dit proces moest onder andere een oplossing gevonden worden voor de beperkingen qua uitsparing in de betonvloer van de TD-ruimte boven de OK voor de luchtkanalen. Builtjes: “Een technische kwestie die we na de eerste keer hebben opgelost.” De validatie bleef de verantwoordelijkheid van het UMC Utrecht. Het nieuwe systeem bevatte enkele uitdagingen op dit vlak. Builtjes: “Het systeem zuiverde de lucht in de hele OK zo snel dat het moeilijk bleek om de achtergrondconcentratie (omgevingsvervuiling), nodig om de beschermingsgraad te bepalen, vast te houden. Dat maakte het proces moeilijker te valideren.” Afgelopen zomer werd het nieuwe systeem in de hybride OK’s en HCK in gebruik genomen. “Ik ben benieuwd naar de reacties uit het land op dit systeem en onze ervaringen”, stelt Van Middelkoop. “Het systeem van een plafond staat of valt met de regeltechniek, die moet je goed hebben. De nieuwe WIP-richtlijnen die eraan zitten te komen, hebben eenzelfde denkrichting als ons validatieproces: meten en beoordelen op prestatie in plaats van op voorgeschreven techniek.” n

Parallel traject, andere uitkomst UMC Utrecht is tevens een project gestart voor de vervanging van alle bestaande OK’s, 21 in totaal. Ook daar stond het ziekenhuis voor de keus: traditioneel of Zweeds? En ook hier werd niet over één nacht ijs gegaan. “In een leegstaande OK hebben we een Opragon-systeem opgehangen en TNO onder verantwoordelijkheid van een Zwitserse architect-luchtbehandelingdeskundige testen laten doen, voor zowel een traditioneel plafond als het Opragon-systeem”, vertelt Builtjes. “De conclusie was dat de systemen elkaar niet veel ontlopen, ze zijn beide goed.” In dit geval koos het management uit financieel oogpunt en vanwege het grotere afbreukrisico (alle OK’s uitrusten met een nieuw systeem) voor het traditionele systeem.

FMT Gezondheidszorg

31


L U C H T T E C H N I E K

AL-KO opereert met minder lucht… AL-KO Luchttechniek BV te Roden biedt naast de Duitse AL-KO Therm luchtbehandelingskasten ook het OPRAGON lucht inblaassysteem van Avidicare (Zweden) voor OK’s aan.

it, voor Nederland, nieuwe inblaassysteem sluit goed aan op het leveringspakket van AL-KO in ziekenhuizen en zorg gerelateerde instellingen. Hygiëne uitvoering, eenvoud, een laag energieverbruik en lage exploitatiekosten zijn kernwoorden uit de visie van AL-KO aldus directeur ing. Anne Rozema van AL-KO.

D

aan de kwaliteit van de luchtbehandeling in de OK. In Scandinavië zijn alle vele OK’s met OPRAGON lucht inblaassystemen uitgerust. Mede met de komst van de nieuwe WIP richtlijnen in 2014 verwacht Rozema dan ook een explosieve groei van deze systemen in Nederland.

AL-KO promoot en verkoopt al jaren lang de AL-KO AT4 Hospitair luchtbehandelingskasten voor de ziekenhuizen en zorginstellingen. Deze luchtbehandelingskasten zijn hygiënisch verantwoord gebouwd en afgewerkt conform VDI 6022, zijn voorzien van een hygiëne certificaat en kenmerken zich ook door een bijzonder laag energieverbruik en lage exploitatiekosten. Het nieuwe OPRAGON lucht inblaassysteem sluit hier uitstekend op aan.

Het OPRAGON lucht inblaassysteem is ontworpen voor installatie in het verlaagde plafond van operatiekamers die gebruikt worden voor infectiegevoelige ingrepen. Het systeem wordt voorzien van gekoelde, H14 HEPA gefilterde lucht afkomstig uit een externe luchtbehandelingskast die is uitgerust met een batterij voor verwarming en koeling. De lucht wordt in de ruimte ingebracht door meerdere ‘lucht douches’. Het unieke design, gecombineerd met de grotere dichtheid van de koelere lucht, creëert een operatieve zone met ultra schone lucht onder de Opragon, gebruik makend van het TAF-principe (Temperature controlled Air Flow).

Een laag energieverbruik en lage exploitatiekosten komen voort doordat het OPRAGON lucht inblaassysteem ca. 40% minder lucht verplaatst dan de grote traditionele plenums voor OK’s. Dit vertaalt zich in kleinere LBK’s en dus lagere energiekosten zonder dat er concessie worden gedaan Filtersectie AL-KO Hospitair LBK.

32

FMT Gezondheidszorg

Door ing. Anne Rozema, AL-KO Luchttechniek BV

ing. Anne Rozema.

Het OPRAGON lucht inblaassysteem is een 2 temperaturen systeem dat de hele OK en de opdekruimte voorziet van HEPA gefilterde lucht. De temperatuur gestuurde neerwaartse luchtstroming zorgt voor een optimaal hygiënisch resultaat met zeer lage partikel- en kiemgetallen in de gehele OK.

maximaal 2°C). De middenzone (de OPRAGON 8 of OPRAGON 12) beschermt het wondgebied tegen de kiemen van het operatieteam daar direct omheen, met HEPA gefilterde lucht. De buitenzone wordt eveneens voorzien van HEPA gefilterde lucht. De toevoerlucht wordt ingeblazen over het gehele oppervlak van het plafond en alleen laag afgezogen in 4 hoeken of wanden. Zo ontstaat een, op temperatuur gecontroleerde, downflow van HEPA gefilterde lucht in de gehele ruimte.

De totaal benodigde luchthoeveelheid is daarbij beduidend lager dan met een groot traditioneel plenum, met alle daaraan gekoppelde voordelen. Het systeem werkt op basis van een bepaalde, zelf door het personeel in te stellen ruimtetemperatuur en een licht koelere middenzone (Δ T van

De voordelen van het systeem zijn legio. • Er is een kleinere totale luchthoeveelheid benodigd: - In een standaard OK maximaal 6.400 m³/h. - In een standaard opdekruimte (voor 1 à 2 OK’s) circa 2.500 m³/h.


in het middengebied ontstaan worden direct neerwaarts en zijwaarts afgevoerd en komen niet in een turbulente luchtstroming van de periferie terecht zoals bij een plenum met lage EN hoge afzuiging. • De kansen op een (exogene) postoperatieve wondinfectie worden, uiteraard bij het juiste kledinggedrag en OK discipline, met het OPRAGON systeem aanzienlijk verminderd.

Voorbeeld van een TAF (Temperature controlled Air Flow) installatie in een OK complex.

- Voor een ruime opdekmogelijkheid IN een (grote) OK zelf circa 1.600 m³/h. • Kleinere lucht behandelingskast en eenvoudiger kanalenwerk. • Eenvoudiger meet- en regeltechniek, dus ook eenvoudiger beheer- en beheersmogelijkheden. • Lagere exploitatielasten. • Geen aanvullende koeling of verwarming in de OK nodig, de buitenzone binnen de OK wordt voorzien van maximaal twee graden warmere (HEPA gefilterde) toevoerlucht. Deze lucht verzorgt de warmtehuishouding in de OK middels een tweetal voelers in de wand. Deze luchtstroming wordt nooit warmer of kouder dan de ingestelde temperatuur. De kernzone is gegarandeerd daaraan gekoppeld. • Ook bij hogere gewenste ruimtetemperaturen (bijvoorbeeld 28°C bij kinderen, brandwonden etc.) een gegarandeerde neerwaartse luchtstro-

ming (uni directioneel, conform ISO 14644). • Aangezien het middengebied (de OPRAGON 8 of de OPRAGON 12) kleiner is dan een plenum van ruim 9 m² en het kanalenwerk minder ruimte inneemt, zijn er meer mogelijkheden voor het monteren van operatielampen, pendels en monitoren naar de wens van de gebruikers. Dit is zeker belangrijk voor endoscopische en Hybride OK’s. • Het systeem voldoet volledig aan de in Nederland en internationaal (ISO 14644) gestelde eisen ten aanzien van de werking en het eindresultaat op het niveau van de operatie- en steriele instrumententafel. • Vooral de plaats van de operatielamp is belangrijk. Deze wordt bij voorkeur buiten de OPRAGON gemonteerd, zodat alleen de lampen zelf en alleen tijdens gebruik binnen de kritische zone hangen. • Partikels en kiemen die, tijdens een ingreep,

Voor een interventie of Hybride OK is het OPRAGON systeem uitermate geschikt omdat de lucht inblaasroosters als een soort circuit rondom de rails van de plafondapparatuur wordt geïnstalleerd. Dit is ook zo uitgevoerd bij OK-HCK van het UMCU. Afhankelijk van de grootte van de ruimte en de gekozen configuratie met de apparatuur wordt het aantal inblaasroosters (en dus de totale luchthoeveelheid) bepaald. Ook deze ruimte wordt daarmee volledig voorzien van HEPA gefilterde lucht met een neerwaarts stromingspatroon. Rozema heeft inmiddels ook meerdere LCC (Life Cycle Cost) berekeningen gemaakt voor een systeem met OPRAGON lucht inblaassysteem in combinatie met AL-KO AT4 Hospitair luchtbehandelingskasten t.o.v. van de meer klassieke systemen. Natuurlijk is iedere situatie weer anders maar, naast alle eerdere genoemde voordelen, is het exploitatie technisch ook aantrekkelijk om deze systemen toe te passen. n

OK met een OPRAGON lucht inblaassysteem.

FMT Gezondheidszorg

33


D U U R Z A A M H E I D

Twintig jaar Vereniging Milieu Platform Zorgsector

Het werk is nog steeds niet gedaan In 2014 bestaat de Vereniging Milieu Platform Zorgsector twintig jaar. En het werk is nog steeds niet gedaan, aldus directeur Adriaan van Engelen. “Binnen instellingen is behoefte aan zorgspecifieke informatie over duurzaam inkopen. Daarnaast vraagt de samenleving steeds meer om transparantie over de milieuperformance van zorgorganisaties.”

T

erugkijkend concludeert Van Engelen dat er in de twintig jaar veel verbeterd is op het gebied van milieu in de bedrijfsvoering. Zo werden onder meer de normen aangescherpt voor afval, water en energie. Wel constateert hij een tweedeling in cure en care. “Ziekenhuizen kennen veel milieuthema’s, hebben doorgaans ook een functionaris die ervoor zorgt dat de bedrijfsvoering qua milieuzaken voldoet aan de heersende wetgeving. In verzorgingshuizen ontbreekt zo’n functionaris en worden zaken meer ad hoc aangepakt. Soms heel goed maar vaak ook niet. De laatste tien jaar zijn de ontwikkelingen daar wat stil blijven staan.” Een van de redenen daarvoor is dat de bedrijfsvoering in verzorgingshuizen eenvoudiger is: een laboratorium ontbreekt en er zijn veel minder gevaarlijke stoffen. “Dat vergt minder regels en protocollen dan bijvoorbeeld bij de behandeling van kankerpatiënten. Vandaar dat in de care minder kennis aanwezig is over het onderwerp.” Toch is het wel wenselijk dat verzorgingshuizen meer kennis vergaren, vanwege de opgelopen achterstand. Sturing ontbreekt en de aandacht voor het onderwerp hangt af van de belangstelling van de facilitair manager in kwestie. “Dat is jammer, want als je wat aandacht geeft aan energiebesparing, bespaar je in het eerste jaar snel zo’n 10 procent op de kosten. Daar zijn genoeg voorbeelden van. Daarna kun je verder met afval, voedsel en de rest van de bedrijfsvoering en is het tijd een vijfjarenplan op te stellen.” Volgens Van Engelen ontstaat er in de care langzaamaan 34

FMT Gezondheidszorg

meer interesse. “Vooral op directieniveau is een bewustwordingsslag aan de gang. In sommige huizen gebeurt veel, in andere weinig. Men voldoet wel aan wet- en regelgeving, maar niet vanuit de overtuiging dat duurzame bedrijfsvoering iets bijdraagt in maatschappelijk opzicht.” Voldoende instrumentarium

De cure kent meer processen en heeft daardoor meer met milieuwetgeving te maken. Die sector kan het onderwerp ook makkelijker oppakken, omdat er altijd een afdeling facilitair en techniek is, die jaarlijks een plan maakt voor onderhoud, renovatie en vernieuwing. “In de care wordt veel onderhoud uitbesteed. Er is daardoor minder kennis aanwezig en dat zie je terug in de interne bedrijfsvoering. Toch zal het de komende jaren met dezelfde mensen moeten gebeuren”, aldus Van Engelen. Die hoeven het wiel niet opnieuw uit te vinden, er is voldoende instrumentarium op de markt. Zo ontwikkelde het Milieu Platform Zorgsector (MPZ) met instellingen het milieumanagementsysteem de Milieuthermometer Zorg aan de hand van een maatregellijst, als basis voor duurzame bedrijfsvoering. Op dit moment bestaat het ledenbestand van het MPZ voor tweederde uit ziekenhuizen en ggzinstellingen (driekwart van alle ziekenhuizen is vertegenwoordigd) en voor een derde uit instellingen. Van Engelen ziet de care nadrukkelijk als doelgroep. “Onze kennis is geschikt voor hen. Maar instellingen hebben ook procesmensen nodig die de bedrijfsvoering innoveren. Mensen met

Door: Wilma Schreiber

visie en een planmatige aanpak, daar is een tekort aan. De directeur kan dat, maar heeft geen tijd. Als een instelling beschikt over de juiste mensen, gebeurt er veel, anders minder.” Waar liggen kansen voor de care? Van Engelen wijst allereerst naar de Milieubarometer, een monitoringprogramma voor de kosten van afval,

Werkgroep Monitoren De Werkgroep Monitoren vergelijkt met een groep van dertig instellingen jaarlijks de milieuprestatie met elkaar met de Milieubarometer van Stichting Stimular. Zo kunnen op een reeks van meer dan vijftig indicatoren de milieuprestaties vergeleken worden, en de beste scores als best practices onderling worden gedeeld.


energie, afvalwater en dergelijke. “Als je maatregelen neemt, kun je daarin jaarlijks bijhouden welke kosten je bespaart. Met de bijbehorende benchmark voor de sector is ook te zien welke punten je organisatie het beter of minder goed doet dan branchegenoten. Een goede tool om met beperkte tijd en kosten snel tot een plan van aanpak te komen om het milieu te verbeteren en kosten te besparen.” De eerdergenoemde Milieuthermometer Zorg helpt organisaties bij het in kaart brengen van wat er al gebeurt qua duurzame bedrijfsvoering en vertaalt dit in zinvolle acties. “Zorginstellingen hebben vaak tien tot twintig verschillende locaties. Als je niet weet wat de kosten per locatie zijn, weet je ook niet of die hoog of laag zijn, of waar je het best maatregelen kunt nemen”, stelt Van Engelen. “Als één locatie bijvoorbeeld minder doet aan afvalscheiding dan elders, kun je je afvragen of de instructies daar wel goed zijn. Als het watergebruik ergens relatief hoog is, kun je nadenken over waterbesparende douchekranen of andere maatregelen.”

De nieuwe HYGIENE bedrijfsafwasautomaten

Zorgspecifieke informatie

Het MPZ heeft in zijn bestaansgeschiedenis altijd gefocust op milieuwetgeving en een belangrijke rol gespeeld om met de overheid tot bruikbare regels te komen. Zes jaar geleden ontstond de behoefte om zaken meer te structureren en naar een zorgsysteem te werken. Dit resulteerde vorig jaar in de Milieuthermometer Zorg, een certificeerbaar systeem in samenwerking met Stichting Milieukeur. Van Engelen: “Een handzaam model voor medewerkers en voor directies om met één boodschap de duurzame bedrijfsvoering van schoonmaak, keuken, technische dienst en inkoopafdeling te regelen.” De Milieuthermometer kent drie niveaus: goud, zilver en brons. Vorig jaar zijn vier ziekenhuizen gecertificeerd, waaronder Ziekenhuis Amstelland dat goud behaalde. “Op dit moment zitten zes andere ziekenhuizen in dit traject en ik verwacht dat er komend jaar nog minstens tien zorginstellingen bij komen. Deze winter haken ook de eerste care-instellingen aan.” De komende tijd blijft het MPZ zich vanzelfsprekend richten op het ondersteunen van de leden omdat de implementatie van maatregelen voor een duurzame bedrijfsvoering over de hele breedte wordt ingezet. Een tweede agendapunt is het ontwikkelen van zorgspecifieke informatie over duurzaam inkopen. Dit in samenspraak met inkopers en andere partijen, met als doel bij het inkoopproces milieu- en sociale thema’s mee te nemen. “Bijvoorbeeld met behulp van uitsluitingscriteria. Dat je geen producten zoals zware metalen meer wilt, bijvoorbeeld verchroomd meubilair, omdat er schadelijke stoffen bij vrijkomen. Of juist door voorkeurscriteria: dat je bij het vervangen van verlichting selecteert op energieverbruik, lange levensduur en van total costs of ownership uitgaat. Of meer functioneel inkopen en licht leasen en het onderhoud bij de installateur neerleggen, die zal je dan geen slechte lampen verkopen.” Een derde speerpunt is transparantie: meer openheid over de milieuperformance van instellingen, deze zichtbaarder en beter bespreekbaar maken. “Er zijn maar heel weinig instellingen die een milieuverslag maken voor het publiek. Terwijl dat wel iets van deze tijd is om daarover te communiceren. Vanuit het MPZ willen we dat aanjagen. Ik verwacht ook dat dit binnen nu en vijf jaar een nieuwe eis wordt. Daar kun je op wachten of nu actie ondernemen en het zelf sturen.”

Alleen bij Miele

Bedrijfsafwasautomaten met verswatersysteem! • Kortste programmaduur 5 minuten • 85°C naspoeltemperatuur • Programma's voor thermische desinfectie • Efficiënte reiniging op twee beladingsniveau's • Geschikt voor twee korven 500 x 500 mm • Beste hygiënische reinigingsresultaat Info: (0347) 37 88 84 www.miele-professional.nl www.mijnvaatwasserkiezen.nl

n FMT Gezondheidszorg

35


H U I S V E S T I N G

Handreiking Kengetallen Zorgvastgoed biedt houvast De nieuwe publicatie Handreiking Kengetallen Zorgvastgoed, samengesteld door de Stichting Adviescentrum voor Zorghuisvesting (AcvZ), geeft bestuurders, overheden en financiers houvast op het moment dat er gebouwd of gerenoveerd moet worden. Overigens zijn niet alleen bestuurders blij met de handreiking; ook financiers, overheden en zelfs architecten gaan, zo verwachten de samenstellers, dankbaar gebruiken maken van de informatie. Het eerste exemplaar van de Handreiking werd op donderdag 21 november overhandigd aan Michel van Schaik, directeur Gezondheidszorg van Rabobank Internationaal.

Z

orginstellingen, ontwerpers en bouwers zijn tegenwoordig zelf verantwoordelijk voor het vraaggericht realiseren van zorgvastgoed en dragen zelf de financiële risico’s. Maar hoe weet je als eindverantwoordelijke, of als financier, of er op de juiste manier en vooral ook toekomstbestendig wordt gebouwd? Het document bevat definities, kosten en richtgetallen, die aansluiten bij de nieuwe ontwikkelingen in de bouw en in de zorg. Te denken valt daarbij aan kengetallen vloeroppervlakte, een bouwkostenindex, informatie over aanbestedingsvormen en een overzicht over de aanbestedingsresultaten de afgelopen vijf jaar. Het is een vervolg op de nota’s die tot 2008 werden uitgebracht door het Bouwcollege, dat namens de overheid belast was met het toezicht op de zorgbouw. Na het afschaffen van de wettelijke regels kwamen deze nota’s te vervallen.

Vrijheid

Het is het eerste wapenfeit van de nieuwe stichting AcvZ. Voorzitter Jan van der Kruis stak bij de presentatie van de Handreiking niet onder stoelen of banken dat hij trots is op het resultaat. Hij blikte terug om aan te geven waarom er juist op dit moment behoefte is aan deze handreiking. 36

FMT Gezondheidszorg

“In het verleden hadden we de bouwkostennota. Wie in de negentiger jaren een grote investering wilde doen, moest een zwaar traject doorlopen. Je moest aantonen dat er behoefte aan was en dat het ook nog eens een topprioriteit had in het gebied waar je was gevestigd. Het betekende het verzamelen van flink wat informatie, maar bovendien een lang traject langs allerlei instanties zoals de Inspectie voor de Volksgezondheid, de provincie en de zorgverzekeraar. De plannen werden getoetst en daarna volgde het Ministerie van VWS. Na het doorlopen van dit traject kwam de beoordeling door het College Bouw. Bij al dit voorgaande was de financiering maar een klein onderdeel. Vanaf pakweg 2000 volgde de liberalisering. Die vrijheid voelde als een student die voor het eerst op kamers ging. Dit resulteerde in een toename van innovatie, efficiency en klantgerichtheid, maar tegelijkertijd werden er allerlei fouten gemaakt”, zegt Van der Kruis, die bij zijn toespraak op dit punt is aangeland in de tegenwoordige tijd. “We zien ook nu nog in de pers regelmatig verhalen van bestuurders die fouten hebben gemaakt, puur vanwege gebrek aan kennis. De financiering is verworden tot hoofdzaak en alles wordt daaraan ondergeschikt gemaakt.

Door: Gerrit Tenkink

Ook lagere overheden hebben hun rol nog niet gevonden in de ruimte die de centrale overheid heeft gelaten. De gedachte dat de partijen elkaar vanzelf vinden, is iets te optimistisch. Het gaat niet vanzelf. Een gevolg van onzekerheid is dat investeerders extra voorzichtig zijn geworden voor wat betreft investeringen.” Nu de Handreiking er ligt, is een logische vraag of we nu weer bezig zijn om alles in regeltjes en procedures vast te leggen? Gaat dat niet ten koste van creativiteit? “Volgens Van der Kruis is dat zeker niet het geval. “Er blijven plannen op de plank liggen vanwege die onzekerheid. Dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn. We geven algemene richtlijnen aan, maar daaromheen is er veel ruimte voor creativiteit.” Toegevoegde waarde

Ook Michel van Schaik is vanuit zijn positie als financier blij met de Handreiking: “Ook voor ons is het belangrijk ons te verdiepen in de toekomst. Kijkend naar de toekomst moet je je verleden kennen en weten wat er achter je ligt”, zo liet Van Schaik zijn toehoorders weten, waarbij hij duidelijk aangaf het te waarderen dat de sa-


bureau leverde zelf ook een bijdrage aan de totstandkoming van het boekwerk, maar is ook vast van plan er gebruik van te maken. EGM-directeur Martin van den Berg: “Ik zie de handreiking als een mooi instrument waaraan wij onze eigen ideeën kunnen spiegelen.” (Meer informatie: www.stichtingacvz.nl) n

AcvZ wil brug slaan De Stichting Adviescentrum voor Zorghuisvesting (AcvZ) is per 1 juni 2013 opgericht. “We willen vanuit een onafhankelijke positie werkzaamheden ondersteunen van partijen die betrokken zijn bij het bouwen in de zorg. Dit vindt plaats in zowel individuele projecten alsook in sectorale en generieke vraagstukken via kennisoverdracht, advisering, second opinion, regioverkenning en haalbaarheidsonderzoek. Tevens wil het AcvZ een portal bieden om kennis die in het veld wordt ontwikkeld beschikbaar te stellen op een centrale plaats”, zegt AcvZ-secretaris Jan Pleunis.

AcvZ-voorzitter Jan van der Kruis. menstellers van het boek de goede ervaringen en kennis vanuit het verleden hebben meegenomen in de handreiking. “Wij zijn ook op zoek naar het antwoord hoe de zorg er uit ziet in 2025, want de doorlooptijd van een zorggebouw is toch al gauw 20 tot 30 jaar en voor ons is het ook interessant om te weten of de debiteur ook over 20 jaar nog aan zijn verplichtingen kan voldoen. De essentiële vraag voor de bankier is of de investering ook waarde toevoegt voor de burger. Die toegevoegde waarde is een garantie dat de investering op termijn terug wordt betaald. Wij zijn ook op zoek naar handvatten en objectieve maatstaven. Dat geeft ons houvast”, aldus Van Schaik, die tot slot de samenstellers van het boek verzekerde zeker gebruik te gaan maken deze handreiking.

in ontvangst. Hij vindt het van groot belang dat de relatie tussen enerzijds zorginhoud en -behoefte en anderzijds bouwkundige eisen en financiële randvoorwaarden meer zichtbaar wordt. Dit werd tijdens het voormalige bouwregime aangestuurd op centraal niveau, maar ook bijvoorbeeld bij de regionale zorgverzekeraars. Een extra dimensie voor het belang ervan is gelegen in de stabilisatie van de zorgconsumptie. Krimpscenario’s zijn nu actueler dan groeimodellen. Voor de precisie in de besluitvorming over toekomstige projecten acht hij de Handreiking zeer welkom. Ook hij roept, net als Van Schaik, het AcvZ op het niet bij een eenmalig document te laten. In samenspraak met het veld zullen voor de toekomst nieuwe onderzoeksthema’s moeten worden geagendeerd.  

Niet eenmalig

Spiegelen

Ook Joop Hendriks, voorzitter Raad van Bestuur van het Bronovo Ziekenhuis nam een exemplaar

De uitreiking van de handreiking vond plaats ten kantore van EGM architecten in Dordrecht. Het

Voorzitter Jan van der Kruis benadrukt dat hij en zijn mede-bestuursleden er alles aan willen doen om de stichting uit te bouwen tot een gezaghebbend orgaan. ”Wij hopen als stichting bestuurders houvast te geven. We willen een brug slaan tussen hoe het vroeger was en hoe het nu in het liberale tijdperk verder moet. De liberalisering is goed geweest, maar het maakt bestuurders ook onzeker. Er blijven bouw- en renovatieplannen op de plank liggen vanwege onzekerheden. De bouwproductie daalt volgens het CBS van 1 miljard naar 800 miljoen euro per jaar. Dat kan niet de bedoeling zijn. Met deze nieuwe stichting hopen we ook de bouw in de zorg een impuls te geven”, aldus voorzitter Jan van der Kruis. “Op korte termijn hebben we een afspraak bij de Vereniging van Toezichthouders om een plek te krijgen in hun opleidingstraject. Bovendien gaan we binnenkort op bezoek bij de Inspectie Gezondheidszorg. Wij zijn ervan overtuigd dat wij een toegevoegde waarde zijn voor wat betreft het bouwen in de zorg. Er wordt namelijk ook de komende jaren veel gebouwd en gerenoveerd. We gaan er steeds meer naar toe dat niet alles wordt vastgelegd in regelgeving, maar wel in kwaliteitsborging. Dat geeft veel onzekerheid. En wij hopen die onzekerheid weg te kunnen nemen.”

FMT Gezondheidszorg

37


KORT NIEUWS

Compacte labelprinter Duranmatic introduceert de CL-S321 van Citizen. Een eenvoudig te gebruiken, duurzame labelprinter met bewezen kwaliteit en duurzaamheid. Deze printer is zowel thermisch als thermal transfer te gebruiken. De CL-S321 zorgt voor een kostenefficiënte printoplossing die geschikt is voor branches, zoals de productie, industrie en de zorgsector. Een van de belangrijkste kenmerken van de printer is dat hij volledig EPL 2 compatibel is. Standaard is deze printer voorzien van een snelle USB 2.0, RS-232 serieel en 10/100 MB ethernet-interface die network printing mogelijk maakt. Zo kan de printer makkelijk geïntegreerd wor-

Test met Ultra-HD streaming

den in oude en nieuwe printerapplicaties. Met 4-inches per seconde levert de printer snelle afdrukken, met de optie om zowel thermisch als thermal transfer (lint) af te drukken. Voor meer informatie: www.duranmatic.nl n

Shell Live Award voor Dovideq Het bedrijf Dovideq Medical heeft als eerste ter wereld een volautomatische endoscooptester ontwikkeld, waardoor vertraging op de operatiekamer (OK) voorkomen kan worden. De feedback van gebruikers van de Scopecontrol is zeer positief. Op dit moment wordt de Scopecontrol reeds gebruikt in zeven ziekenhuizen. Ook de belangstelling vanuit het buitenland is groot met interesse uit o.m. de VS, Canada, Australië, Engeland en Duitsland. Ook het grote publiek heeft vertrouwen in de innovatie van et bedrijf uit Deventer, getuige het feit dat Dovideq Medical er inmiddels een crowdfunding campagne in slaagde om binnen drie dagen de benodigde investering voor serieproductie binnen te halen. De Live Award is onderdeel van LiveWire. Een internationaal Shell-programma dat in Nederland wordt uitgevoerd door Syntens, Innovatienetwerk voor 38

FMT gezondheidszorg

ondernemers. Zij worden beoordeeld op innovatie, ondernemingsplan en de groeipotentie van hun onderneming.

n

In december 2013 organiseerden Waag Society, SURFnet en UMC Utrecht de geslaagde pilot Future Operations: voor het eerst werd een operatie live gestreamd in Ultra-HD (4K) kwaliteit beeld & geluid – vanuit de operatiekamer naar een collegezaal. In het project CineGrid Medical, waar deze pilot een onderdeel van is, draait het om toepassing van 4K-technologie in de medische sector. Zowel beeld als geluid zijn van veel betere kwaliteit: vier keer zo scherp als de huidige standaard HD-beelden. Hierdoor wordt het mogelijk om een operatie op afstand te volgen zonder een detail te missen. Voor medische studenten en professionals potentieel een enorme vooruitgang. Het ‘haarscherpe’ beeld en geluid van 4K helpt bij de ontwikkeling van nieuwe innovaties: larger-than-live videoconferencing, ‘second opinions’ door medische professionals op afstand of extreem gedetailleerde wetenschappelijke visualisaties ten behoeve van onderwijs. Ook de verbinding met de Rijksuniversiteit Groningen werkte goed: daar keken en luisterden stafleden, medici en studenten mee. Via een lichtpad van SURFnet werden beeld en geluid vanuit Utrecht naar Groningen verzonden, zonder kwaliteitsverlies of vertraging. Een lichtpad is een rechtstreekse, supersnelle verbinding tussen twee locaties.

n


Slimme rollator

Facilitaire organisaties gemiddeld gewaardeerd met 7,3 Sinds 2010 presenteert Stichting Facility Performance Standard (FPS) jaarlijks de klanttevredenheidsindex. Deze index is gebaseerd op de klanttevredenheidscijfers verkregen conform de FPS-methodiek. De klanttevredenheidsonderzoeken bij kantoorhoudende organisaties laten voor dit jaar een indexcijfer zien van een 7,3. Met een 7,3 gemiddeld is het imagocijfer 0,2 rapportpunt hoger dan het resultaat in 2012 (7,1). Hiermee is een stijgende trend zichtbaar over de afgelopen jaren. De index biedt facilitaire organisaties de moge-

lijkheid om de tevredenheid van eindgebruikers te vergelijken met marktgemiddelden. Het indexcijfer is gebaseerd op het ‘imagocijfer’ (eindoordeel op basis van de gemeten diensten) voor de totale facilitaire organisatie van verschillende kantoorhoudende organisaties in Nederland.

n

Zorg@lly Zorg@lly is een smartphone voor schoonmakers, uitgerust met specifieke applicaties gebaseerd op wensen en behoeften van zorgorganisaties. De software is volledig te integreren met diverse facilitaire servicedesksystemen. Binnen de zorg is behoefte aan goede registratie van processen. Dankzij goede registratie kan niet alleen snel worden ingespeeld op veranderingen, maar is ook altijd duidelijk wat wanneer op welke manier is schoongemaakt. Zo kan ook beter bepaald worden wanneer

er weer een reiniging plaats moet vinden en vindt er dus niet onnodig teveel, of juist onverhoopt te weinig schoonmaak van bepaalde ruimten of bedden plaats.

n

Verbreding benchmarkaanbod in de zorg Hospitality Consultants voert al jaren facilitaire benchmarks uit bij GGZ-instellingen en ziekenhuizen en start in 2014 ook met een benchmark voor V&V-instellingen. Flexibiliseren en onderscheiden ten tijde van krimp zijn de uitdagingen voor zorginstellingen. De benchmarks zijn een goed hulpmiddel voor het maken van weloverwogen keuzes. De huidige deelnemers benadrukken dat de benchmark hen in staat stelt op de juiste thema’s te sturen en effectieve en toekomstgerichte keuzes te maken. De benchmarks in de zorg zijn gebaseerd op de NEN 2745, het NZA rekeningschema en afgestemd op specifieke brancheaspecten. Met deelname aan de benchmark verkrijgen zorginstellingen door

De wereldwijde researchafdeling van Siemens ontwikkelt een hightech rollator, die mensen met verminderde cognitieve functies veilig door openbare gebouwen kan leiden. Luchthavens en winkelcentra kunnen een problematische omgeving zijn voor ouderen, omdat in de drukke gebouwen obstakels of borden moeilijk te zien zijn, wat kan leiden tot ongelukken. Overigens wordt het nieuwe systeem niet alleen ontworpen om het dagelijks leven van bejaarden makkelijker te maken, het kan ook worden gebruikt in industriële omgevingen. De ontwikkeling van de slimme rollator is onderdeel van het door de EU gesubsidieerde DALi-project. Het hart van de rollator

kengetallen en ratio’s objectief inzicht in de kosten, het service level en de tevredenheid over de facilitaire dienstverlening, inkoop en huisvesting.

n

(c-Walker) wordt gevormd door een soort ‘menselijk’ navigatiesysteem. En is uitgerust met diverse beeldsensoren, waaronder de Kinect-sensor, die Microsoft heeft ontwikkeld voor de X-box. Deze sensor stelt het mobiele systeem in staat om zijn ruimtelijke omgeving in real time in de gaten te houden. Geholpen door al die ‘ogen’ weet de c-Walker altijd waar hij is, maar ook waar obstakels zich bevinden, in welke richting mensen zich bewegen en zelfs wat er op waarschuwings- en informatieborden staat. Siemens wil deze technologie ook in industriële omgevingen inzetten.

n FMT Gezondheidszorg

39


O K

T E C H N O L O G I E

De operatiekamercockpit

Hoe een dashboard en ‘rapportcijfer patiëntveiligheid’ leiden tot sturing van gedrag en proces en dus tot patiëntveiligheid

De algehele (juridische) verantwoordelijkheid voor een operatie - inclusief anesthesie - ligt bij de operateur. Deze eindverantwoordelijkheid wordt door een aantal recente uitspraken binnen het tuchtrecht onderstreept. Deze past bovendien binnen de tijdgeest, waarbij patiënten of nabestaanden eerder geneigd zijn hun recht te halen, wanneer er vermijdbare medische fouten zijn gemaakt. En dat gebeurd vanzelfsprekend bij de persoon die hen of hun dierbare heeft geopereerd. Deze verantwoordelijkheid betekent dat de operateur uiteindelijk ook eindverantwoordelijk is voor nagenoeg alle facetten van patiëntveiligheid op de OK.

O

ok de inspectie voor de gezondheidszorg lijkt deze lijn te volgen. Niet voor niets zegt de IGZ in haar rapport van juni 2013 dat ‘… per 1 april 2013 de inspectie daarom het beleid hanteert dat bij verwisselingen [van de te opereren zijde] tijdens een operatie, in beginsel een tuchtklacht wordt ingediend tegen de operateur, tenzij uit onderzoek blijkt dat een correcte veiligheidscheck dit niet had kunnen voorkomen’. Uiteraard is een verwisseling, waarbij bijvoorbeeld aan een verkeerd been wordt geopereerd of een ooglens met verkeerde sterkte wordt geïmplementeerd, een extreem geval met zeer veel schade voor de patiënt, maar deze stellingname van de IGZ markeert wel een duidelijke toegewezen verantwoordelijkheid aan de operateur. De praktijk

rateur zich meer en meer bewust wordt van deze verantwoordelijkheid, en hier ook naar acteert. ‘De operateur staat te snijden, dus die heeft er helemaal geen oog voor of die OK-deur open of dicht gaat’, was in het verleden een veelgehoord argument, waarom de operateur eigenlijk geen invloed of zicht zou hebben op de deurbewegingen binnen zijn of haar OK. Toch lijkt dit argument tegenwoordig in veel gevallen niet meer op te gaan. Wie tijdens een heupimplantaat ongewenst de OKdeur opent, zal dit in veel gevallen aan den lijve ondervinden, door de scheldkanonnades die door de orthopeed worden afgevuurd. Onder andere bij orthopedie is men zich inmiddels zeer goed bewust van de invloed van bepaalde factoren op de patiëntveiligheid en indirect dus ook op het eindresultaat van de verrichting.

Wie veel op de OK komt, zal merken dat de ope-

*) Bo Wiesman (b.wiesman@newcompliance.nl) is directeur van NewCompliance, het bedrijf dat in samenwerking met de vijf genoemde ziekenhuizen, heeft bijgedragen aan het tot stand komen van de OK-Cockpit. 40

FMT Gezondheidszorg

Lastig hierbij is wel dat veel factoren die direct invloed hebben op de patiëntveiligheid vaak niet zo eenvoudig inzichtelijk zijn als eigenlijk zou moeten, en ‘verstopt’ zitten in verschillende bronsystemen. Op deze manier is het dus voor de operateur lastig om zich daadwerkelijk te vergewissen van de status van zo’n in-

Door: Drs. Bo Wiesman*)

dicator. Bovendien gaat het niet om een paar factoren, maar moet de operateur op een veelvoud aan uiteenlopende indicatoren letten. Enkele voorbeelden: • Is het drukverschil in de operatiekamer op orde? • Is de temperatuur van de patiënt oké? • Zijn de medische gassen in orde? • Is de antibiotica op tijd gegeven? • Heeft de patiënt allergieën? En dit zijn maar vijf van de talloze parameters die direct invloed hebben op de patiëntveiligheid. Voordat de operateur zich van al deze zaken op de hoogte kan stellen, is de dag al voorbij. Complete inzage in alle kritische parameters is dus eigenlijk een onmogelijk opgave… en toch is de operateur eindverantwoordelijk! De OK-Cockpit

Zodoende ontstond in het Gelre Ziekenhuis Apeldoorn, het Antonius Ziekenhuis Sneek, het Zaans Medisch Centrum, het VUmc en het Zuwe Hofpoort Ziekenhuis het idee voor een ‘operatiekamer-cockpit’. Doel was om zoveel mogelijk re-


De nieuwe SPEED bedrijfsafwasautomaten

De operatiekamer-cockpit zoals deze in gebruik is in het Antonius Ziekenhuis in Sneek. De kleurstelling heeft een duidelijke functie. Voor alle niet-kritische velden is de kleur blauw gekozen. Alle kritische velden zijn groen (indicator is oké), oranje (indicator vereist extra aandacht) of rood (alarm). levante factoren rondom patiëntveiligheid samen te brengen op één display, zodat de operateur, als ware als een piloot, middels een dashboard een overzicht heeft van de kritieke indicatoren. Dit zijn dus zeer uiteenlopende factoren, variërend van de correcte ontharing van de patiënt tot een juiste plenumtemperatuur. Om een dergelijke cockpit te realiseren, moest data uit verschillende bronnen worden verkregen. Luchtvochtigheid en status medische gassen moesten opgehaald worden uit het gebouwbeheersysteem van respectievelijk Siemens en Johnson Controls, de temperatuur van de patiënt uit het PDMS van Metavision, de deurbewegingen uit het draadloze deurtelsysteem van NewCompliance en de data met betrekking tot het tijdstip van een gift antibiotica uit Chipsoft. Niet alleen moest al deze data uit de genoemde bronnen worden verkregen, er diende ook ’kruisverbanden’ gelegd te worden tussen deze systemen. Bijvoorbeeld: een deurteller alleen zegt niet zoveel. Het interesseert immers niemand of de schoonmaak dertig of veertig keer in- en uit is gelopen. Een deurteller is dus pas relevant zodra deze wordt gekoppeld aan het ‘start incisie’ en ‘sluiten wond’- tijdstip dat wordt geregistreerd in Chipsoft. Dat mag bovendien niet achteraf gebeuren, maar moet real-time plaatsvinden, aangezien de deurteller ten tijde van incisie zichtbaar moet zijn op de OK. Zodoende was er dus een actieve koppeling nodig, waarbij variabelen uit Chipsoft naar het deurtelsysteem werden gestuurd, en het draadloze deurtelsysteem op zijn beurt ook weer deurtellingen per ingreep terugstuurde, voor koppeling aan het patiëntendossier. Bovenstaande uitgangspunten in acht genomen, is vervolgens door de vijf participerende ziekenhuizen in samenwerking met de industrie de ‘OK-Cockpit’ ontwikkeld. Deze OK-Cockpit is een flexibel web-based softwareplatform, waarbinnen elk participerend ziekenhuis uiteindelijk de mogelijkheid kreeg een cockpit naar eigen ontwerp te ontwikkelen. Vanwege verschillen in aantallen en type verrichtingen, en vanwege verschillen in de bestaande ziekenhuissystemen, (maar natuurlijk ook vanwege verschil in opvattingen), wilde elk participerend ziekenhuis net iets andere factoren tonen in de cockpit. Bovendien wilde men binnen elk OK-complex ook verschillende cockpits aan

Alleen bij Miele

Bedrijfsafwasautomaten met verswatersysteem! • Kortste programmaduur 5 minuten • beladingsniveau‘s • Geschikt voor twee korven 500 x 500 mm • Uitstekend hygiënische reinigingsresultaat Info: (0347) 37 88 84 www.miele-professional.nl www.mijnvaatwasserkiezen.nl

FMT Gezondheidszorg

41


O K

T E C H N O L O G I E

Op deze schermafbeelding is duidelijk te zien welke verschillende parameters er worden weergegeven in het Antonius Ziekenhuis Sneek.

verschillende gebruikersgroepen tonen. Zo kwam er een grote cockpit (met alle beschikbare variabelen) op de OK, kwam er een mini-cockpit (met bijvoorbeeld alleen deurtellingen en drukverschil) op kleine displays voor de OK deur, en kwam er een overzichtbord met alleen zaken rondom luchtkwaliteit van alle OK’s op de gang. Rapportcijfer patiëntveiligheid

Hoewel een dashboard alle factoren real-time weergeeft, is dit wel altijd een momentopname. Zodoende was er ook behoefte aan een ‘eindrapport’ na de operatie. Op deze manier kan het operatieteam zien of daadwerkelijk alle kwaliteitsindicatoren binnen de norm zijn gebleven. Om het bewustzijn binnen het operatieteam op een zo doeltreffend mogelijke wijze te verhogen, werd het ‘rapportcijfer patiëntveiligheid’ geïntroduceerd. Het operatieteam, en meer specifiek de operateur, zien dus aan het eind van de OK direct een rapportcijfer op het scherm. In dit rapportcijfer dat kan variëren van nul tot tien, zijn alle kwaliteitsfactoren verdisconteerd. Zowel het rapportcijfer als de verschillende factoren afzonderlijk zijn bovendien terug te vinden in de ‘black box’, een tool waarin alle registraties van de verschillende operaties met elkaar vergeleken kunnen worden. Eerste resultaten

De OK-Cockpit is de afgelopen maanden in alle vijf de participerende ziekenhuizen geïmplementeerd. Het resultaat laat zich raden: door het grotere bewustzijn zijn er op tal van processen die zich afspelen rondom de OK al aanpassingen doorgevoerd, terwijl het systeem pas net in gebruik is. Enkele aanpassingen die gedaan zijn: • In een ziekenhuis doet men de gift antibiotica voor orthopedie niet meer op de OK, aangezien men opmerkte dat bij orthopedie de antibiotica vaak te vroeg werd gegeven (omdat men bij orthopedische operaties erg lang 42

FMT Gezondheidszorg

Buiten de OK geven kleine displays een mini-cockpit weer, waarin slechts een beperkt aantal parameters worden weergegeven, zoals het aantal deurbewegingen, de ingreep en het gegeven of er een implantaat plaatsvindt. Doordat de operatiekamerdeuren (van de firma Metaflex) ook zijn gekoppeld aan de cockpit, worden deze automatisch vergrendeld zodra de starttijd van de operatie is ingevoerd (in het ZIS van Chipsoft).

bezig is met het voorbereiden van de patiënt); • Bij een ziekenhuis kwam men erachter dat de vochtigheidssensoren niet goed gekalibreerd waren; • Bij een ziekenhuis heeft men het opdekken aangepast, om het aantal deurbewegingen bij implantaten terug te dringen. Deze eerste resultaten zijn slechts het laaghangende fruit en vormen het begin van een continue kwaliteitverbeterproces op de OK binnen deze ziekenhuizen. Hoewel de technische systemen welke invloed hebben op de patiëntveiligheid binnen ziekenhuizen inmiddels in hoge mate geoptimaliseerd zijn, kan dit niet nog gezegd worden over het gedrag en de processen rond de patiëntveiligheid. Het lijkt er dan ook op dat hier de grootste uitdaging ligt voor de komende jaren. Met de OK-Cockpit is hier een begin mee gemaakt…

n


O K

T E C H N O L O G I E

Gegarandeerd alle apparatuur bij de hand

RFID in de operatiekamer Op dinsdag 19 november jl. hebben de beroepsverenigingen KIVI en BMTZ gezamenlijk een avondsymposium georganiseerd, getiteld ‘RFID in de operatiekamer: hoe te (b/z)orgen dat alle apparatuur aanwezig is?’

D

e focus van de bijeenkomst lag op RFIDtoepassing in de zorg met het best-practice voorbeeld van DORA: Digital Operating Room Assistant. De reden om voor dit thema te kiezen, is dat zowel KIVI Biomedische technologie als de beroepsvereniging voor biomedisch technologen in de zorg (BMTZ) op zoek zijn naar ontwikkelingen waarmee de technologie de zorg intrinsiek veiliger maakt. DORA past hier uitstekend bij. Hoe kan de technologie bijdragen aan het “ik werk hier veilig, of ik werk hier niet” principe. Dit onder andere als tegenwicht voor de steeds toenemende proceduredruk, welke vaak

primair als doel heeft te controleren of men werkt volgens afspraak. Dit terwijl in onze ogen de technologie hier nog beter ondersteunend of zelfs leidend kan zijn, zodat afwijkingen in proces “niet meer gemaakt kunnen worden” en zorgprofessionals bovendien minder verplichte checklisten in hoeven te vullen. Het publiek bestond uit 30 ingenieurs met een achtergrond in de biomedische technologie, zowel werkzaam binnen het ziekenhuis als daarbuiten. Bijzonder interessante lezingen waren er van Annetje Guédon (TU Delft), Aart-Jan de Koning

Door: Dirk Theunissen, bestuurslid Biomedisch Technologen in de zorg en René Drost, voorzitter KIVI Biomedische Technologie

(DoubleSense) en Marlies Overvelde (Reinier de Graaf ziekenhuis). Apparatuurcheck

Annetje Guédon beschrijft als onderzoekster aan de TU Delft Biomechanical Engineering afdeling Minimal Invasive Surgery and Interventional Techniques, haar rol in het project. Zij gaat in op aspecten van de ontwikkeling van het systeem. Het doel van DORA is: het verbeteren van patiëntveiligheid en efficiëntie van processen in de OK. Eerdere onderzoek stelt dat er in 87% van de operaties incidenten optreden met apparatuur.

FMT Gezondheidszorg

43


O K

T E C H N O L O G I E Het DORA systeem in het Reinier de Graaf ziekenhuis in Delft: de iPad aan de muur. Groen: alle parameters binnen de gestelde grenswaarden; Rood: in alarm. Techniek

Vervolgens ging Aart-Jan de Koning in op de techniek achter het systeem. Aart-Jan is directeur van DoubleSense. Zijn onderneming heeft ervaring met tracking&tracing in de zorg en daarbuiten. Aart-Jan schetst de problematiek rond het werken met veilige apparatuur in operatiekamers. Hij vertelt dat de technologie (onder de naam LogiSense) in staat is om real time te bepalen welke apparatuur zich in de afzonderlijke operatiekamers bevindt en of deze apparatuur veilig te gebruiken is. Een andere toepassing is het beheren van infuuspompen. Deze kunnen gemakkelijk worden teruggevonden en een val van een pomp wordt automatisch doorgegeven aan het onderhoudsbeheersysteem. De Koning: “Het toepassen van actieve RFID in de zorg zal de komende jaren een enorme vlucht gaan nemen”.

nisch fysicus in opleiding bij het Reinier de Graaf ziekenhuis, over de ervaringen in de praktijk. Zij schetst de pilot in vier OK’s met in totaal 100 apparaten. Een chirurgisch team kan op een scherm aan de muur eenvoudig en snel zien of de aangesloten apparatuur in de OK veilig (groen scherm) of onveilig (rood scherm) is. Een waardevol resultaat van de nieuwe werkwijze is dat de medisch specialisten veel bewuster zijn of de medische technologie in de OK veilig is. Maar er is nog werk aan de winkel. Overvelde: “Deze pilot is een stap in de richting om de veilige inzet van medische apparatuur eenvoudig te borgen”.

KIVI en BMTZ kijken terug op een zeer waardevolle avond. Dirk Theunissen: “Slimme technologie lijkt de oplossing te kunnen zijn als het gaat om het intrinsiek veiliger maken van de sterk meChecklists kunnen die aantallen met de helft redisch technologische omgeving in het ziekenhuis. duceren, alleen vraagt dat extra tijd en moeite om Een nog te beantwoorden vraag is wie is er verze correct in te vullen. Geautomatiseerde checkantwoordelijk wanneer het systeem waar de gelists zouden daarvoor ideaal zijn. Guédon: “Zo bruiker op gaat vertrouwen faalt en de iPad in dit is het DORA project begonnen, wij willen graag geval onterecht groen is? Er ligt een grote uitdatechnologie gebruiken om automatisch procesging voor de industrie als het gaat om standaarsen te monitoren in de OK en de informatie over- De praktijk zichtelijk weer te geven aan het personeel”. Als derde spreker vertelt Marlies Overvelde, kli- disatie van het systeem voor intrinsiek veiligere adv. 9 x 12,8 cm:advertentie 9 x 12,8 cm 12-01-2009 11:22 Pagina 1 technologie, niemand is immers geholpen met drie typen RFID protocollen en evenzoveel iPads in een OK. Voor ingenieurs in de zorg ligt er een uitgelezen kans om hun expertise van kwaliteitsprocedures om te zetten in technologische oplossingen”. n

Medisch elektrische scheiding met gezond verstand

KIVI Het Koninklijk Instituut Van Ingenieurs KIVI is de beroepsvereniging van ingenieurs en techniekstudenten. Het netwerk behartigt de belangen van ingenieurs en ondersteunt haar leden in hun beroepsuitoefening. KIVI NIRIA telt momenteel 23.000 leden. Leden zijn werkzaam in alle sectoren en disciplines, waaronder de gezondheidszorg.

Compacte energiezuinige trafo(verdelers) voor medisch elektrische scheiding in geclassificeerde ruimten volgens NEN1010-7/A3 en netwerkisolatoren voor scheiding van data-installaties volgens IEC60601-1

Informatie: info@geveke-besturingstechniek.nl

44

FMT Gezondheidszorg

BMTZ BMTZ is de beroepsvereniging voor biomedisch technologen in de zorg. De vereniging behartigt de belangen van biomedisch technologen door het organiseren van nascholing, ontwikkeling van het beroep en door te participeren in het landelijke debat rondom de veilige en effectieve toepassing van medische technologie. Biomedisch technologen zijn breed opgeleide professionals die zich als ingenieurs (WO) inzetten voor kwaliteit, veiligheid en effectiviteit van medische technologie in een zorginstelling.


B E D R I J V E N I N D E X Adviesbureau

Fleminglaan 10 2289 CP Rijswijk Postbus 1211 2280 CE Rijswijk T: +31 (0)88 - 374 0000 F: +31 (0)88 - 374 0010 E: contact@deerns.nl I: www.deerns.nl _______________________________

A. P. (Alex) de Block de Block Consultant Duizendblad 16 - 8607 EA Sneek T:  +31 (0)6 417 480 88 F: +31 (0)8 471 990 78 E: alex@deblockconsultant.nl I: www.deblockconsultant.nl _______________________________

Goudsbloemvallei 31 Postbus 417- 5201 AK ‘s-Hertogenbosch T: (073) 641 13 00 / F: (073) 642 43 16 I: www.swebru.nl _______________________________

DWA installatie- en energieadvies Duitslandweg 4 2411 NT Bodegraven T: 088 – 163 53 00 E: dwa@dwa.nl I: www.dwa.nl ______________________________

Volantis B.V. Sint Jansweg 20c (Villa Flora) Postbus 470 5900 AL  VENLO T: 077 - 351 55 51
 F: 077 - 354 87 41
 E: venlo@volantis.nl _______________________________

alarmering Valstar Simonis Veraartlaan 4 2288 GM Rijswijk T: 070 307 22 22 F: 070 307 22 07 E: rijswijk@valstar-simonis.nl I: www.valstar-simonis.nl _______________________________

VAN LOOY GROUP NV Noordersingel 19 B – 2140 Antwerpen T: +32 3 235 35 08 E: info@vanlooy.com I: www.vanlooy.com _______________________________

EGM adviseurs Wilgenbos 20 3311 JX Dordrecht T: +31(0)78 633 06 60 E: info@egm.nl I: www.egm.nl T: twitter@EGMarchitecten.nl _______________________________

Twynstra Gudde Postbus 907 3800 AX Amersfoort T: 033 4677777 F: 033 4677666 E: info@tg.nl I: www.twynstragudde.nl _______________________________

OK Consultancy Nederland (OKCN) Postbus 2102 5202 CC ’s-Hertogenbosch T: (0)73 62 34 381 E: info@okcn.nl I: www.okcn.nl

2 double you bv, Nieuweweg Noord 314B-15, 3905 LX Veenendaal Tel. 0318-66 88 44 Mail: info@2doubleyou.nl Web: www.2doubleyou.nl _______________________________

Smits van Burgst Raadgevend Ingenieursbureau Baron de Coubertinlaan 8 2719 EL Zoetermeer T: 079-3427147 E: info@smitsvanburgst.nl W: smitsvanburgst.nl

airconditioning

Trane Airconditioning B.V. Postbus 58 3760 AB SOEST T:  +31 35 6039 300 _______________________________

Carrier Airconditioning Benelux BV
 Rijndijk 141
 2394 AG Hazerswoude-Rijndijk
 T: +31 (0) 71 – 341 71 11 
 E: info@carrier.nl
 I: www.carrier.nl/klimaatoplossingen _______________________________

afbouw (droge)

Fermacell BV Loonse Waard 20  6606 KG Wijchen Postbus 398 6600 AJ Wijchen  T: +31 (0)24 649 51 11 F: +31 (0)24 649 51 26 E: fermacell-nl@xella.com  I: www.fermacell.nl

New Bridges (Softamed Nederland B.V.) Calandstraat 44 3316 EA Dordrecht T: (078) 654 87 87 F:(078) 654 87 88

architecten

RS |Roeleveld-Sikkes Architects Alexanderstraat 1 2514 JL Den Haag T:  +31 70 346 9508 F: +31 70 361 7442 E: office@roeleveld-sikkes.eu I: www.roeleveld-sikkes.eu

Artès architecten Hereplein 6 Postbus 949 9700 AX GRONINGEN T: 050-318 21 02 E: info@artes.nl I: www.artes.nl _______________________________

EGM architecten Wilgenbos 20 3311 JX Dordrecht T: +31(0)78 633 06 60 E: info@egm.nl I: www.egm.nl T: twitter@EGMarchitecten.nl _______________________________

de Jong Gortemaker Algra Las Palmas, Wilhelminakade 310 3072 AR Rotterdam Postbus 51113 3007 GC Rotterdam T: 0102973030 E: info@djga.nl I:  www.djga.nl _______________________________

FMT Gezondheidszorg

45


B E D R I J V E N I N D E X T: +31 (0)495-57 44 35 F: +31 (0)495-57 44 36 I: www.vetrotech.nl Alberts & Van Huut B.V. Keizersgracht 169 1016 DP Amsterdam T: +31 (0) 20 - 6220082 E: info@albertsenvanhuut.nl I: www.albertsenvanhuut.nl _______________________________

2 double you bv, Nieuweweg Noord 314B-15, 3905 LX Veenendaal Tel. 0318-66 88 44 Mail: info@2doubleyou.nl Web: www.2doubleyou.nl

BESCHERMINGSTRANSFORMATOREN

Geveke Besturingstechniek Barajasweg 60 - 1043 CP Amsterdam Postbus 820, 1000 AV Amsterdam T: 020-5829111 / F: 020-5822496 E: info@geveke-besturingstechniek.nl

cleanrooms

Cleanroom Combination Group bv Postbus 87, 5570 AB Bergeijk T: 0497 - 55 65 65 E: info@cleanroomcg.nl I: www.cleanroomcg.com

communicatie

Mpluz Kerkhofstraat 21 - 5554 HG Valkenswaard T: 040 - 20 89 227 - F: 040 - 20 89 245 E: Info@Mpluz.nl I: Mpluz.nl

Blygold Nederland B.V. Postbus 10, 3991 KA Houten, T: 030 634 43 10 F: 030 634 43 11

deuren

BOUWMANAGEMENTBUREAU

InterBouwconsult bv. Duwboot 9 - 3991 CD Houten T: 030 6361009 E: info@interbc.nl I: www.interbouwconsult.nl

BRANDWEREND GLAS

VETROTECH SAINT-GOBAIN BENELUX Hulsenweg 21, 6031 SP Nederweert Postbus 15, 6000 AA Weert

46

FMT Gezondheidszorg

Metaflex Doors Europe Postbus 300 - 7120 AH Aalten  Nederland tel: +31 (0)543-477333 fax: +31 (0)543-477222 I: www.metaflex.nl _______________________________

corRosiebescherming

beveiliging

Ascom (Nederland) B.V. Postbus 40242 - 3504 AA Utrecht T:. (030) 240 91 03 / F: (030) 241 19 46 E: info@ascom.nl I: www.ascom.nl

Besam Nederland B.V., Postbus 8155, 6710 AD Ede T: 0318 - 69 89 69 E: info@besam.nl I: www.besam.nl _______________________________

Vestiging Doorwerth Record Automatische Deuren B.V. Cardanuslaan 30 Postbus 67, 6865 ZH Doorwerth T 026-3399777 F 026-3399770 info@record-automatischedeuren.nl www.record-automatischedeuren.nl Vestiging Oosterhout Record/Van Nelfen Deurtechniek Houtduifstraat 6 Postbus 565, 4900 AN Oosterhout T 0162-447720 F 0162-447730 _______________________________

Berkvens B.V. Postbus 2 - 5710 AA - Someren T: 0493 49 91 11 F: 0493 49 62 95 E: info@berkvens.nl _______________________________

Vari-Doors Schuifdeursystemen gedistribueerd door: Berkvens B.V.                                                       tel. +31 (0) 493 499 911                                            Limburgia B.V.                                                      tel. +31 (0) 493 441 410 _______________________________

KONE Deursystemen B.V. Accustraat 21, Veenendaal Postbus 94, 3900 AB Veenendaal T: 0318 - 53 23 33 F: 0318 - 53 23 39 E: deursystemen@kone.com I: www.kone.com/nl _______________________________

Boon Edam Nederland B.V. Postbus 26, 1135 ZG Edam Ambachtstraat 4, 1135 GG Edam T: 0299 38 08 08 F: 0299 37 28 59 I: www.boonedam.nl _______________________________

Limburgia Utiliteitsdeuren B.V. Postbus 65, 5710 AB Someren Broekstraat 1, 5711 CT Someren T: 0493 441 410 - F: 0493 441 429 E: info@limburgia.nl I: www.limburgia.nl

domotica

Van Dorp zorg en welzijn Koraalrood 161 - 2718 SB  Zoetermeer 0900-9070707 I: www.vandorpzorgenwelzijn.nl

elektrotechniek

Bender Benelux BV Takkebijsters 54 - 4817 BL BREDA T: +31-76-5878713 F: +31-76-5878927 E: benderbenelux@benderbenelux.com I: http:/www.benderbenelux.com _______________________________

ITBB Toppers in techniek. It Dok 19 - 8447 GL HEERENVEEN T: 0513-650088 E: info@itbb.nl I: www.itbb.nl _______________________________

E.ON Benelux Dr. Holtroplaan 2-28 - 5652 XR Eindhoven I: www.eon.nl/zakelijk


facilitymanagement

hang- en sluitwerk

Egemin Consulting NV Baarbeek 1 - 2070 Zwijndrecht T: +32 3 641 12 12 F: +32 3 641 13 13 E: info@egemin.be I: www.egemin.com

ASSA ABLOY Nederland B.V. Postbus 40 - 4940 AA Meerval 3 - 5 - 4941 SK Raamsdonksveer T: +31 (0)88 - 639 46 00 F: +31 (0)88 - 639 46 75 E: info@assaabloy.nl I: www.assaabloy.nl

GEBOUWBEHEERSYSTEMEN

huisvesting

Priva Zijlweg 3, 2678 LC De Lier Postbus 18, 2678 ZG De Lier T: +31 (0)174 522 600 F: +31 (0)174 522 700 E: contact.priva@priva.nl I: www.priva.nl ______________________________

Sauter Building Control Nederland BV Postbus 20613, 1001 NP Amsterdam T: 020 - 587 67 00 I: www.sauter-controls.com ______________________________

Honeywell Building Solutions Lange Amerikaweg 55, 7332 BP  Apeldoorn Postbus 243, 7300 AE Apeldoorn T: + 31 (0) 55 549 499 F: + 31 (0) 55 542 728 E: Info.hbs.nl@honeywell.com I: www.honeywell-buildingsolutions.nl

GROOTHANDEL

Technische Unie B.V. Bovenkerkerweg 10-12 1185 XE Amstelveen Postbus 900 1180 AX Amstelveen T: 020 - 545 03 45 F: 020 - 545 02 50 E: communicatie@technischeunie.com I: www.technischeunie.com

Wagenbouw B.V. Rivierdijk 2 - 3361 AP Sliedrecht Postbus 98 - 3360 AB  Sliedrecht T: 0184 – 411 766 E: info@wagenbouw.nl I: www.wagenbouw.nl _______________________________

Grontmij Nederland B.V. De Holle Bilt 22 - 3732 HM De Bilt T: +31 30 220 79 11 E: info@grontmij.nl I: www.digitaaldossierzorgvastgoed.nl _______________________________

Bussman Verhuur B.V. IJzerwerf 1 - 6641 TK  Beuningen T: 024 - 6790100 F: 024 - 6790101 E: info@bussman-verhuur.nl I: www.bussman.nl

ICT

luchtbehandeling

Royal HaskoningDHV George Hintzenweg 85 Postbus 8520 3009 AM Rotterdam www.royalhaskoningdhv.com

it & software

Ultimo Software Solutions bv Waterweg 3 - 8071 RR Nunspeet T: +31(0)341 – 423737 F: +31(0)341 – 421172 E: info@ultimo.net I: www.ultimo.net/nl

KLIMAATPLAFONDS

MEDISCHE APPARATUUR

klimaattechniek

Mindray Medical International Drs. W. van Royenstraat 8 3871 AN Hoevelaken The Netherlands T: 033-25 44 911 - F: 033-25 34 280 Mobile: 06-12 333 467 _______________________________

ITBB Toppers in techniek It Dok 19 - 8447 GL HEERENVEEN T: 0513-650088 E: info@itbb.nl I: www.itbb.nl

Detron Healthcare Solutions Postbus 313 - 4940 AH Raamsdonksveer T: 073 - 750 15 32 E: info.healthcare@detron.nl

Ingenieursbureau Wolter & Dros B.V. Rijksstraatweg 59 -7231 AC  Warnsveld T: 0575 - 58 15 00 F: 0575 - 52 91 22  I: www.wolterendros.nl

HygroTemp B.V. Edvard Munchweg 25 - 1328 MA Almere T: +31(0)36 5383020 F: +31(0)36 5377551 E: info@hygrotemp.nl I: www.hygrotemp.nl

Interalu Nederland BV. Seeligsingel 7 - 4811 CN Breda T: 0031 – (0)76 513 99 97 F: 0031 – (0)76 514 19 79 E: : info@interalu.eu I : www.interalu.eu

landschapsarchitecten

ingenieursbureaus

Altena Group Postbus 135, 5140 AC  Waalwijk  Keurweg 10,  5145  NX  Waalwijk                                                       T: (+31) 0416 670 700 
 F: (+31) 0416 670 709
 E: post@altena.com _______________________________

MTD Landschapsarchitecten Postbus 5225 5201 GE  ’s-Hertogenbosch T: 073-6125033 F: 073-6136665 E: vandenakker@mtdls.nl I: www.mtdls.nl

Toshiba Medical Systems Nederland  Postbus 119, 2700 AC Zoetermeer  Zilverstraat 1, 2718 RP Zoetermeer  T: 079- 368 99 99  F: 079-3689090  E: tmsnl@tmse.nl  I: www.toshiba-medical.nl _______________________________

Stöpler Instrumenten & Apparaten B.V. Middenwetering 1, 3543 AR Utrecht Postbus 2445, 3500 GK Utrecht T: 030 264 49 11 F: 030 261 37 66 E: info@stopler.nl I: www.stopler.nl FMT Gezondheidszorg

47


B E D R I J V E N I N D E X MEDISCHE PERSLUCHT

Berko Kompressoren Havenweg 14 - 6603 AS Wijchen T: 024 - 641 11 11 - F: 024 -642 15 72 E: info@berko-perslucht.nl I: www.berko.eu _______________________________

MEDISCHE PRODUCTEN

B.Braun Medical B.V. Postbus 659, 5340 AR Oss Euterpehof 10, 5342 CW Oss T: +31 (0)412 67 24 11 F: +31 (0)412 67 24 90 E: info.bbmnl@bbraun.com I: www.bbraun.nl

MEDISCHE VACUUM

NOODSTROOM Interflow De Stek 15 1771 SP Wieringerwerf T. (0227) 60 28 44 F. (0227) 60 31 65 info@interflow.nl _______________________________ Elinex Power Solutions Wolweverstraat 15 2984 CE Ridderkerk T: +31 180 415 711 E: info@elinex.com I: www.elinex.com

ontwikkelaar Partner van Dräger BOGE KOMPRESSOREN B.V. Spaceshuttle 8B, 3824 ML Amersfoort T: +31 33 456 15 86 F: +31 33 453 01 36 E: benelux@boge.com I: http://www.boge.com/nl _______________________________

MEDISCHE gassen

C-AIR Technics BV Elleboog 12 6713 KP Ede T: 0318-647115 F: 0318-647713 E: info@c-air.nl I: www.c-air.nl

medische gassendistributie systemen

Dräger Medical Netherlands B.V. Postbus 874 2700 AW Zoetermeer T: +31 793 464 800 F: +31 793 422 747 E: gms@draeger.com I: www.gasmanagementsystems.nl

48

FMT Gezondheidszorg

BAM Utiliteitsbouw bv Contactweg 60 1014 BW  Amsterdam T: (020) 410 84 10 F: (020) 410 84 11 E: noordwest@bamutiliteitsbouw.nl I: www.bamutiliteitsbouw.nl

OPLEIDINGEN

Dräger Medical Netherlands B.V. Postbus 874 - 2700 AW Zoetermeer T: +31 793 464 800 F: +31 793 422 747 E: gms@draeger.com I: www.gasmanagementsystems.nl

oproepsystemen Vanguard Healthcare Rob van Liefland Benelux & Nordic E: rvanliefland@vanguardhs.com M: +31 6 54 78 58 76 W: www.vanguardhs.com

NETWERKINFRASTRUCTUREN Linde Healthcare Benelux De keten 7 Postbus 325, 5600 AH Eindhoven T: +31 40 28 25 825 - F: +31 40 28 16 875 I: www.linde-healthcare.nl

Vokes-Air BV Nijverheidsweg 15, 3401 MC IJsselstein Postbus 309, 3400 AH IJsselstein T : 088-8653427 - F : 088-8653400 E : infonl@vokesair.com www.vokesair.com _______________________________

mobiele operatiekamers

C-AIR Technics BV Elleboog 12 - 6713 KP Ede T: 0318-647115 - F: 0318-647713 E: info@c-air.nl I: www.c-air.nl

www.interflow.nl

Hogeschool Rotterdam G.J. de Jonghweg 4-6 3015 GG Rotterdam T: 010 794 48 90 I: http://gezondheidszorgtechnologie.nl

OPERATIEKAMERS

Verkerk Groep Postbus 49 - 3330 AA Zwijndrecht T: 078 610 77 00 E: info@verkerk.com I: www.verkerkgroep.nl

PARKEER­VOOR­ZIENINGEN

Forehand Netwerken Driemanssteeweg 174 3084 CB Rotterdam T: 010-240 41 21 / F: 010-240 41 20 E: info@forehand.nl I: www.forehand.nl

Cleanroom Combination Group bv Postbus 87, 5570 AB Bergeijk T: 0497 - 55 65 65 E: info@cleanroomcg.nl I: www.cleanroomcg.com _______________________________

Brecon International Postadres: Postbus 555 Kroonstraat 6 4870 AN Etten-Leur T: 31 (0)88 287 46 46 E: info@breconinternational.com I: www.breconinternational.com

Spark Nieuwstraat 4 - 2266 AD Leidschendam T: 070-3177005 E: info@spark-parkeren.nl I: www.spark-parkeren.nl


sanitair

Sanitair Consultancy Nederland Van Abcoudehof 73 3911 BM RHENEN T: 06 -204 241 51 veening.scn@veening.org

Vestiging Oosterhout Record/Van Nelfen Deurtechniek Houtduifstraat 6 Postbus 565, 4900 AN Oosterhout T 0162-447720 F 0162-447730

TOTAALINRICHTING

verlichting

Philips Nederland B.V. Divisie Lighting Postbus 90050 - 5600 PB Eindhoven T: Licht infoservice: +31 (0) 40 27 87 500 E: lichtmail@philips.com I: www.lighting.philips.nl

stralingswering

wasmachines

Miele Professional Postbus 166, 4130 ED Vianen T: 034-73 78 884 F: 034-73 78 429 www.miele-professional.nl E: professional@miele.nl

waterbehandeling

INTEC shielding Waarderweg 44, 2031 BP Haarlem Postbus 141, 2000 AC Haarlem T: 023 531 9039 / F: 023 531 4821
 E: intec@intos.nl I: www.intec.nl

telecare systemen

Tunstall Healthcare Oslo 28 - 2993 LD Barendrecht T :0180-696 696 / F: 0180- 696 699 E: marketing@tunstall.nl I: www.tunstall.nl

Rooms For Care bv Postbus 87 - 5570 AB Bergeijk De Waterlaat 2 – 5571 MZ Bergeijk T +31 (0)497 – 55   61 11 E info@rooms-for-care.nl I www.rooms-for-care.nl _______________________________

Heijneman Medical BV Postbus 408 3400 AK IJsselstein T: 088 11 81 000 / F: 088 11 81 081 E: info@heijnemanmedical.nl I: www.heijnemanmedical.nl _______________________________

Vestiging Doorwerth Record Automatische Deuren B.V. Cardanuslaan 30 Postbus 67, 6865 ZH Doorwerth T 026-3399777 F 026-3399770 info@record-automatischedeuren.nl www.record-automatischedeuren.nl

verpleegoproep

ADT Fire & Security  Hoofdkantoor Vlierbaan 6-12  2908 LR Capelle aan den IJssel T:  +31(0)88 - 260 28 99  F: +31(0)88 - 260 24 90 M: +31(0)6 – 525 35 302 E: dvzijl@tycoint.com I: www.adtfireandsecurity.nl

vloeren

THERMOHARDENDE KUNSTSTOFFEN

Bolidt Kunststoftoepassing BV Nijverheidsweg 37 3341 LJ Hendrik Ido Ambacht T: 078 - 684 54 44 E:TOEGANGSTECHNIEK info@bolidt.nl / I: www.bolidt.nl

Waldmann B.V. Lingewei 19 - 4004 LK Tiel T: +31-344-631019 F: +31-344-627856 I: www.waldmann.com

INTOS interieurmakers Waarderweg 44, 2031 BP Haarlem Postbus 141, 2000 AC Haarlem T: 023 531 9039
 F: 023 531 4821
E: intos@intos.nl I: www.intos.nl

Vacuümpompen / vacuüminstallaties

Becker Druk- en Vacuümpompen B.V. Postbus 573, 8440 AN Heerenveen Eurolaan 11, 8466 SM Nijehaske T: 0513-651800 / F: 0513-651855 E: info@beckerdvp.nl I: www.beckerdvp.nl

BWT Nederland B.V. Energieweg 9, 2382 NA Zoeterwoude T +31 (0)88 750 90 00 F +31 (0)88 750 90 90 www.bwtnederland.nl _______________________________

Pure Water Group Korte Hei 3 4714 RD  Sprundel T: 0165 348 252 F: 0165 348 254 I: www.purewatergroup.com

Nora flooring systems B.V. Belgiëstraat 14 5171 PN Kaatsheuvel T: 0416-286140 I: www.nora.com/nl

wandbekleding

Vescom Nederland B.V. Sint Jozefstraat 20, 5753 AV Deurne Postbus 70, 5750 AB Deurne T: +31 493 350 767 F: +31 493 350 779 E: nederland@vescom.com I: www.vescom.nl

FMT Gezondheidszorg

49


COLOFON

AGENDA FEBRUARI Nationaal Bouwdebat 3 februari 2014, Media Plaza, Utrecht Inlichtingen: www.vnuexhibitions.com VSK 2014 3 – 7 februari 2014, Jaarbeurs, Utrecht Inlichtingen: www.vsk.nl LED Expo 2014 3 – 6 februari 2014, Jaarbeurs, Utrecht Inlichtingen: www.elektrotechniek365.nl Seminar ‘Brandveiligheid van gebouwen’ 24 februari 2014, IMF, Tiel Inlichtingen: www.imf-online.com

MAART NEN-EN 15221 Facility Management training 4 maart 2014, Utrecht Inlichtingen: www.nen.nl Aqua Nederland 18 – 20 maart 2014, Evenementenhal Gorinchem Inlichtingen: www.evenementenhal.nl Light & Building 2014 30 maart – 4 april 2014, Messe Frankfurt

VTDV TD

Inlichtingen: http://light-building. messefrankfurt.com/frankfurt/en/besucher/willkommen.html

APRIL Hannover Messe 2014 7 – 14 april 2014, Hannover Inlichtingen: www.elektrotechniek365.nl Emergency Expo 2014 8 – 10 april 2014, Ahoy, Rotterdam Inlichtingen: www.emergencyexpo.nl Renovatiebeurs 2014 9 – 11 april 2014, Brabanthallen, Den Bosch Inlichtingen: www.renovatiebeurs.nl NVTG congres 10 -11 april 2014, Oosterpoort, Groningen Inlichtingen: www.nvtg.nl 6-daagse ‘Verdiepingsopleiding voor de Facility Manager’ 24 april , La Vie, Utrecht Inlichtingen: www.sbo.nl

MEI Vakbeurs Welkom in de zorg 14 – 15 mei 2014, Jaarbeurs, Utrecht Inlichtingen: www.welkomindezorg.nl

ISSA/INTERCLEAN Amsterdam 6 – 9 mei 2014, Rai, Amsterdam Inlichtingen: www.rai.nl

JUNI Nationaal Congres Gastvrijheidszorg 2014 12 juni 2014, Reehorst, Ede Inlichtingen: www.zorgmetsterren.nl

50

SEPTEMBER

Volg FMT Gezondheidszorg via Twitter: twitter.com/fmtmagazine FMT Gezondheidszorg wordt gemaakt met medewerking van o.a. NVTG, VTDV en KIVI NIRIA. FMT Gezondheidszorg verschijnt 10x per jaar.

Eindredactie: Wim van Gurp

Dutch Green Building Week 22 – 26 september 2014, Inlichtingen: www.dgbc.nl

OKTOBER World of Technology & Science 30 september – 3 oktober 2014, Jaarbeurs, Utrecht Inlichtingen: www.hetinstrument.nl IFHE congres 12 – 16 oktober 2014, Buenos Aires, Argentinië Inlichtingen: www.ifhe.info

FMT komt tot stand met redactionele medewerking van: Ir. René Drost CEIM Mw. B. (Barry) S. van der Graaf W. (Wim) van Gurp H. (Henk-Jan) Hoekjen Prof. dr. ir. J (Jos) Lichtenberg Dr. ir. M. (Masi) Mohammadi Ing L. (Leo) van Namen Ing. G. (Fred) T.J.M. Penders Ir. H. (Henk) C. Postema G. (Gabriël) van Neerven Drs. F (Floor) Scholten W. (Wilma) Schreiber G. (Gerrit) Tenkink F. (Frank) van Wijck W. (Wim) Wijdenes Fotografie: Jasper Scheffers, Peter Bouritius. e.a.

Infosecurity 2014 29 – 30 oktober 2014, Jaarbeurs, Utrecht Inlichtingen: www.infosecurity.nl

Vormgeving: Peter Bouritius Advertenties: T +31 (0)513 68 48 08 E sales@fmtgezondheidszorg.nl Medische Technologie: Jacques Beelen T +31 (0)6 51108895 Druk: Scholma Druk ISSN 1873 - 8877 Abonnementen: Nederland: e 110,00 België e 117,50 Buiten Europese Unie: e 169,50

AL-KO Luchttechniek BV

32

Metaflex Doors

19

AT Osborne

25

Miele Professional

35,41

Brecon International

20

Modderkolk 14

Bussman Verhuur BV

6

PHF Services

Cleanroom Combination Group

52

Technilab-BMI 2

Geveke besturingstechniek

18

44

Winkels Techniek

28

Interflow 10

WTS Benelux B.V.

15

Kalibra 13

Zorg & ICT

51

FMT gezondheidszorg Gezondheidszorg

Bezoekadres: Bogardeind 219 5664 EG Geldrop

Uitgever: Cor van Litsenburg

ADVERTENTIE-INDEX

Lighthouse Worldwide Solutions Benelux BV

FMT Gezondheidszorg is een uitgave van: Van Litsenburg BV Eendenven 14 5646 JN Eindhoven T +31 (0)40 29 30 186 M: +31 (0)653 310657 E info@fmtgezondheidszorg.nl I www.fmtgezondheidszorg.nl

16

Losse nummers e 15,95 Een abonnement kan op elk gewenst moment ingaan. Een abonnement wordt automatisch verlengd, tenzij tenminste twee maanden voor het einde van de abonnementsperiode schriftelijk wordt opgezegd.

Disclaimer: Van Litsenburg BV heeft deze uitgave op de meest zorgvuldige wijze samengesteld. Van Litsenburg BV en haar auteurs kunnen echter op geen enkele wijze instaan voor de juistheid of volledigheid van de gegevens. Uitgever en auteurs aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor schade, van welke aard dan ook, die het gevolg is van handelingen en/of beslissingen die gebaseerd zijn op de informatie in deze uitgave.


HĂŠt kennisplatform voor mensgerichte zorginnovatie

EPD/ECD

Domotica

eHealth

25 t/m 27 maart 2014 Jaarbeurs Utrecht

Hoofdmediapartner:

e aan g d a b s g n a g e o is t Vraag uw grat ng a g e o t / l n . t ic n -e via www.zorg #zict14

Sponsoren:


De klant als focus

Klinische farmacie Isala, Zwolle

We hebben de kennis, de ideeën, de materialen... CCG Holding bestaat uit een groep gespecialiseerde bedrijven die zich richten op de inrichting en realisatie van hoogwaardige interieurs en geclassificeerde ruimtes en algemene bouw met een focus op de zorg, farma en biotech-markt. Alle bedrijven werken autonoom maar zullen daar waar mogelijk hun gezamenlijke kennis en vaardigheden voor uw project inzetten. Vanaf engineering, via project management en realisatie, tot en met maintenance. Van A/B ruimtes, OK’s of nucleaire hotlabs tot en met medium en low care ruimtes; de volledige inrichting in één hand. De bedrijven stellen zich graag aan u voor:

cleanroomcg.com

gebebouw.nl

rooms-for-care.nl

rfc-products.nl ccgholding.nl


Fmt 1 2014lowres  
Advertisement
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you