Issuu on Google+


INHOUD

Woord vooraf 6 Bruno Roger Poging tot een portret 7 Olivier Gabet

Antwerpen-Parijs Collectioneur van gedachten Pamela Golbin Stof voor verhalen Susannah Frankel

9

13

Inspirations Interview met Dries Van Noten Pamela Golbin

38

Inspirations

45

Interieur en exterieur Home Hamish Bowles

238

Fotografie door Koen de Waal

244

Van seizoen tot seizoen Collecties

270

Bijschriften Fotoverantwoording Dankwoord

302 305 306


INTERVIEW MET DRIES VAN NOTEN door Pamela Golbin

tenminste, een soort routekaart die de bezoeker en de lezer wegwijs maakt in de ontwikkeling van een kledingcollectie. Toen ik stukken voor de tentoonstelling koos, werd ik geconfronteerd met dingen die ik twintig jaar geleden ontwierp. Soms had ik daar het vreemde gevoel bij dat bepaalde stukken vandaag perfect zouden passen, even goed of beter zelfs dan sommige van mijn recentere collecties. Dat was vaak een opwindend gevoel en heeft zeker geholpen om mijn aanvankelijke twijfels en aarzelingen te temperen. Waarom neemt kunst in de tentoonstelling zo’n centrale plaats in?

Wat wilt u met dit deel van het boek vooral duidelijk maken? Je kan het omschrijven als een lang verhaal in verschillende thematische hoofdstukken. Eigenlijk illustreert het boek mijn manier van werken, de verbanden die ik leg, intuïtief en emotioneel. Het visuele verbergt een hele reeks lagen. Naast mijn directe inspiratiebronnen voor bepaalde collecties zijn er ook elementen waarop sommige ontwerpen mogelijkerwijs teruggaan, verbanden die ik me pas achteraf realiseerde, zoals de witte vilten onderkraag die aan het Zelfportret met maskers van Léon Spilliaert uit 1903 doet denken. Ik heb het in dit deel niet alleen over mijn inspiratiebronnen maar ook over mijn visie op dingen uit de high en low culture. Mijn ideeën put ik niet alleen uit wat mij aantrekt maar ook uit wat me afstoot. In het boek leg ik uit dat in mijn vocabulaire veel tegenstellingen en uiteenlopende schoonheidsopvattingen zitten. Wat heeft u tijdens het ontstaan van het boek en de tentoonstelling het meest getroffen? Dit project was een uitermate boeiende oefening, omdat ik verplicht werd afstand te nemen van mijn eigen werk en de confrontatie met mijn eigen onzekerheden aan te gaan, in een poging om zo objectief mogelijk te zijn. Er kwamen heel wat twijfels en vragen naar boven… Is mijn werk goed genoeg voor een museum of een tentoonstelling? Kan het zich handhaven naast de oogverblindende kledingstukken uit de collectie van Les Arts Décoratifs? Zullen de mensen zich niet afvragen waarom mijn ontwerpen hier naast toonaangevende kunstwerken staan? Een andere zorg is natuurlijk of de tentoonstelling en het verhaal erachter de bezoekers zullen aanspreken, en in welke zin. Het publiek is vandaag zo divers, zo onderlegd en kritisch dat de gedachte eraan bijna intimiderend is. De tentoonstelling is het resultaat van introspectie, van reflectie over mezelf en mijn manier van werken, en over mijn relatie tot kunst en andere dingen waar ik gepassioneerd mee bezig ben. Zo kan het in lagen aanbrengen en combineren van kleuren, texturen, dessins, volumes, zoals ik dat in mijn collecties doe, een heel intense activiteit zijn. Ik vind het uiterst interessant om dat met een breed publiek te kunnen delen. De tentoonstelling en het boek vormen, dat hoop ik

38

Mijn eerste idee was een dialoog tot stand te brengen tussen mijn collecties en die van het museum. Pas later ging ik de kunstwerken die me het meest geïnspireerd hebben ook bij het project betrekken. Het is niet mijn bedoeling om als een kopieermachine te functioneren en invloeden te reproduceren; het creatieve proces is een complex mechanisme. Soms is mijn uitgangspunt heel duidelijk, soms is het eerder abstract: een schilderij, een kleur, de gedachte aan een persoon, een gebaar, een geur, een bloem, you name it. Het belangrijkste voor mij is het traject van het eerste uitgangspunt tot aan de afzonderlijke kledingstukken, de uiteindelijke collectie, het resultaat van het werk van een heel seizoen. Een defilé is voor modeontwerpers het ultieme moment om een look of een sfeer te creëren. In het boek en het museum zullen bepaalde overeenkomsten tussen kledingstukken en afbeeldingen opvallen. Deze associaties ontstonden tijdens en soms ook na mijn research in de depots waar de collecties van Les Arts Décoratifs worden bewaard. Doorgaans illustreren de naast elkaar getoonde stukken hoe mijn creatieve proces in gang gezet werd door het werk van anderen. U eigent zich deze invloed dus toe? Absoluut, niet het werk zelf maar wat het voor mij betekent, maak ik me eigen. Het heeft geen zin een replica van iets te maken; ik verwerk de onderliggende boodschap in mijn eigen visie. We plaatsen bijvoorbeeld een jurk van Cristóbal Balenciaga naast een van mijn ontwerpen, zonder dat het een kopie of een hommage is. Het gaat erom geraakt te zijn door iemands oeuvre en dat te transponeren op iets anders. Een proces dat zowel subjectief als persoonlijk is. We willen in de tentoonstelling niet enkel de directe verbanden illustreren. Er zitten zoveel meer invloeden in mijn ontwerpen. Om een idee te geven van de uiteenlopende inspiratiebronnen en invloeden waarop mijn creaties teruggaan, hebben wij ook een beroep gedaan op beeldmateriaal als foto’s en video. Het is belangrijk om te benadrukken dat ik kunst hier niet gebruik als louter decor. Het is de bedoeling verschillende elementen samen te brengen om duidelijk te maken hoe mijn creatieproces functioneert. De schilderijen zijn hier niet opgehangen als illustraties, zij hangen hier omdat zij een wezenlijk deel

39


INTERVIEW MET DRIES VAN NOTEN door Pamela Golbin

tenminste, een soort routekaart die de bezoeker en de lezer wegwijs maakt in de ontwikkeling van een kledingcollectie. Toen ik stukken voor de tentoonstelling koos, werd ik geconfronteerd met dingen die ik twintig jaar geleden ontwierp. Soms had ik daar het vreemde gevoel bij dat bepaalde stukken vandaag perfect zouden passen, even goed of beter zelfs dan sommige van mijn recentere collecties. Dat was vaak een opwindend gevoel en heeft zeker geholpen om mijn aanvankelijke twijfels en aarzelingen te temperen. Waarom neemt kunst in de tentoonstelling zo’n centrale plaats in?

Wat wilt u met dit deel van het boek vooral duidelijk maken? Je kan het omschrijven als een lang verhaal in verschillende thematische hoofdstukken. Eigenlijk illustreert het boek mijn manier van werken, de verbanden die ik leg, intuïtief en emotioneel. Het visuele verbergt een hele reeks lagen. Naast mijn directe inspiratiebronnen voor bepaalde collecties zijn er ook elementen waarop sommige ontwerpen mogelijkerwijs teruggaan, verbanden die ik me pas achteraf realiseerde, zoals de witte vilten onderkraag die aan het Zelfportret met maskers van Léon Spilliaert uit 1903 doet denken. Ik heb het in dit deel niet alleen over mijn inspiratiebronnen maar ook over mijn visie op dingen uit de high en low culture. Mijn ideeën put ik niet alleen uit wat mij aantrekt maar ook uit wat me afstoot. In het boek leg ik uit dat in mijn vocabulaire veel tegenstellingen en uiteenlopende schoonheidsopvattingen zitten. Wat heeft u tijdens het ontstaan van het boek en de tentoonstelling het meest getroffen? Dit project was een uitermate boeiende oefening, omdat ik verplicht werd afstand te nemen van mijn eigen werk en de confrontatie met mijn eigen onzekerheden aan te gaan, in een poging om zo objectief mogelijk te zijn. Er kwamen heel wat twijfels en vragen naar boven… Is mijn werk goed genoeg voor een museum of een tentoonstelling? Kan het zich handhaven naast de oogverblindende kledingstukken uit de collectie van Les Arts Décoratifs? Zullen de mensen zich niet afvragen waarom mijn ontwerpen hier naast toonaangevende kunstwerken staan? Een andere zorg is natuurlijk of de tentoonstelling en het verhaal erachter de bezoekers zullen aanspreken, en in welke zin. Het publiek is vandaag zo divers, zo onderlegd en kritisch dat de gedachte eraan bijna intimiderend is. De tentoonstelling is het resultaat van introspectie, van reflectie over mezelf en mijn manier van werken, en over mijn relatie tot kunst en andere dingen waar ik gepassioneerd mee bezig ben. Zo kan het in lagen aanbrengen en combineren van kleuren, texturen, dessins, volumes, zoals ik dat in mijn collecties doe, een heel intense activiteit zijn. Ik vind het uiterst interessant om dat met een breed publiek te kunnen delen. De tentoonstelling en het boek vormen, dat hoop ik

38

Mijn eerste idee was een dialoog tot stand te brengen tussen mijn collecties en die van het museum. Pas later ging ik de kunstwerken die me het meest geïnspireerd hebben ook bij het project betrekken. Het is niet mijn bedoeling om als een kopieermachine te functioneren en invloeden te reproduceren; het creatieve proces is een complex mechanisme. Soms is mijn uitgangspunt heel duidelijk, soms is het eerder abstract: een schilderij, een kleur, de gedachte aan een persoon, een gebaar, een geur, een bloem, you name it. Het belangrijkste voor mij is het traject van het eerste uitgangspunt tot aan de afzonderlijke kledingstukken, de uiteindelijke collectie, het resultaat van het werk van een heel seizoen. Een defilé is voor modeontwerpers het ultieme moment om een look of een sfeer te creëren. In het boek en het museum zullen bepaalde overeenkomsten tussen kledingstukken en afbeeldingen opvallen. Deze associaties ontstonden tijdens en soms ook na mijn research in de depots waar de collecties van Les Arts Décoratifs worden bewaard. Doorgaans illustreren de naast elkaar getoonde stukken hoe mijn creatieve proces in gang gezet werd door het werk van anderen. U eigent zich deze invloed dus toe? Absoluut, niet het werk zelf maar wat het voor mij betekent, maak ik me eigen. Het heeft geen zin een replica van iets te maken; ik verwerk de onderliggende boodschap in mijn eigen visie. We plaatsen bijvoorbeeld een jurk van Cristóbal Balenciaga naast een van mijn ontwerpen, zonder dat het een kopie of een hommage is. Het gaat erom geraakt te zijn door iemands oeuvre en dat te transponeren op iets anders. Een proces dat zowel subjectief als persoonlijk is. We willen in de tentoonstelling niet enkel de directe verbanden illustreren. Er zitten zoveel meer invloeden in mijn ontwerpen. Om een idee te geven van de uiteenlopende inspiratiebronnen en invloeden waarop mijn creaties teruggaan, hebben wij ook een beroep gedaan op beeldmateriaal als foto’s en video. Het is belangrijk om te benadrukken dat ik kunst hier niet gebruik als louter decor. Het is de bedoeling verschillende elementen samen te brengen om duidelijk te maken hoe mijn creatieproces functioneert. De schilderijen zijn hier niet opgehangen als illustraties, zij hangen hier omdat zij een wezenlijk deel

39


48

49


48

49


FRANCIS BACON Verminking, verdraaiing, vervorming. Een genadeloze kijk op het menselijk lichaam en het vleselijke. De verrassende combinatie van echte huidskleur en ‘verschoten’ kleuren. Extreme emoties: tranen en gelach, afschuw en vreugde. Het atelier van de kunstenaar. Het eerste gevoel van walging wordt omgezet in een uiting van aanvaarding en schoonheid.

60

61


FRANCIS BACON Verminking, verdraaiing, vervorming. Een genadeloze kijk op het menselijk lichaam en het vleselijke. De verrassende combinatie van echte huidskleur en ‘verschoten’ kleuren. Extreme emoties: tranen en gelach, afschuw en vreugde. Het atelier van de kunstenaar. Het eerste gevoel van walging wordt omgezet in een uiting van aanvaarding en schoonheid.

60

61


66

Francis Bacon, creatie op basis van het boek A Pictorial History of Soccer van Dennis Signy, 1967. Rechterpagina: collectie dames winter 2009-2010.

67


66

Francis Bacon, creatie op basis van het boek A Pictorial History of Soccer van Dennis Signy, 1967. Rechterpagina: collectie dames winter 2009-2010.

67


86

87


86

87


126

MichaĂŤl Borremans, Lakei, 2010. Rechterpagina: in de coulissen bij het defilĂŠ van de collectie heren winter 2003-2004.

127


126

MichaĂŤl Borremans, Lakei, 2010. Rechterpagina: in de coulissen bij het defilĂŠ van de collectie heren winter 2003-2004.

127


152

Bloemencreatie van Azuma Makoto, foto door Shiinoki. Rechterpagina, op de voorgrond: collectie dames zomer 2007; op de achtergrond: Christian Dior, avondjurk May, zomer 1953.

153


152

Bloemencreatie van Azuma Makoto, foto door Shiinoki. Rechterpagina, op de voorgrond: collectie dames zomer 2007; op de achtergrond: Christian Dior, avondjurk May, zomer 1953.

153


166

Pablo Picasso, Stier, 1945. Linkerpagina: collectie dames zomer 2012. Pagina 162: collectie dames zomer 2012. Pagina 164, op de voorgrond: Crist贸bal Balenciaga voor Eisa, Spanje, manteljurk, winter 1956-1957; op de achtergrond: collectie dames zomer 2012. Pagina 165: collectie dames zomer 2012.

167


166

Pablo Picasso, Stier, 1945. Linkerpagina: collectie dames zomer 2012. Pagina 162: collectie dames zomer 2012. Pagina 164, op de voorgrond: Crist贸bal Balenciaga voor Eisa, Spanje, manteljurk, winter 1956-1957; op de achtergrond: collectie dames zomer 2012. Pagina 165: collectie dames zomer 2012.

167


174

Graciela Iturbide, La Frontera, Tijuana, Baja California, 1990. Rechterpagina: bloes, Spanje, 16e eeuw. Pagina 168: collectie dames zomer 2005. Pagina’s 170-171: collectie dames zomer 2005. Pagina 172: collectie dames zomer 2000. Pagina 173: damesmantel, Griekenland of de Balkan, omstreeks 1900.

175


174

Graciela Iturbide, La Frontera, Tijuana, Baja California, 1990. Rechterpagina: bloes, Spanje, 16e eeuw. Pagina 168: collectie dames zomer 2005. Pagina’s 170-171: collectie dames zomer 2005. Pagina 172: collectie dames zomer 2000. Pagina 173: damesmantel, Griekenland of de Balkan, omstreeks 1900.

175


ORIENTALISM Reizen in het echt en in de verbeelding. De energieke chaos van lukraak gecombineerde prints en flarden van patronen. Kledingstukken die op het lichaam zijn verschoven. Japan en de kunst van de kimono. Het Chinese keizerrijk, Mantsjoekwo, kostbaar porselein. De langoureuze jaren 1920. De sensuele, soms opzichtige wereld van Kees van Dongen. Boudoirbelles en discoballen.

212

213


ORIENTALISM Reizen in het echt en in de verbeelding. De energieke chaos van lukraak gecombineerde prints en flarden van patronen. Kledingstukken die op het lichaam zijn verschoven. Japan en de kunst van de kimono. Het Chinese keizerrijk, Mantsjoekwo, kostbaar porselein. De langoureuze jaren 1920. De sensuele, soms opzichtige wereld van Kees van Dongen. Boudoirbelles en discoballen.

212

213


214

Bernard Frize, Club, 2006. Rechterpagina: collectie dames winter 2012-2013. Pagina 212: collectie dames winter 2012-2013. Pagina 216, op de voorgrond: collectie dames zomer 2006; op de achtergrond: geprinte stof, collectie winter 2012-2013. Pagina 217, op de voorgrond: Eugene Robert Richee, Louise Brooks, 1928; op de achtergrond: jurk, China, 1800-1850.

215


214

Bernard Frize, Club, 2006. Rechterpagina: collectie dames winter 2012-2013. Pagina 212: collectie dames winter 2012-2013. Pagina 216, op de voorgrond: collectie dames zomer 2006; op de achtergrond: geprinte stof, collectie winter 2012-2013. Pagina 217, op de voorgrond: Eugene Robert Richee, Louise Brooks, 1928; op de achtergrond: jurk, China, 1800-1850.

215


228

229


228

229


256

257


256

257


266

267


266

267


Heren en dames W 1986-1987 Navy

Heren en dames Z 1987 Olympia 1920

Heren en dames W 1987-1988 Rich Men-Poor Men

Heren en dames Z 1988 Plain Tales from the Raj

Heren en dames W 1988-1989 Not to be Modern

Heren en dames Z 1989 Le Grand Bazar

Heren en dames W 1989-1990 The Sound of Music

Heren en dames Z 1990 Paradisus Terrestris

Heren en dames W 1990-1991 No Place Like Home

Heren en dames Z 1991 Morocco

Heren en dames W 1991-1992 Plastic

CHRONOLOGIE Deze tijdlijn biedt een overzicht van alle Dries Van Notencollecties tot 2014. De eerste elf collecties werden in showrooms voorgesteld. De kledingstukken, voor zowel mannen als vrouwen, werden gepresenteerd aan de hand van sfeerbeelden. Op de eerste vier shows — tijdens de mannenmodeweken in Parijs — was vooral herenkleding te zien, maar ook enkele dameslooks. Sinds 1993 worden de mannen- en vrouwencollecties afzonderlijk voorgesteld. Dat gebeurt vier keer per jaar: twee voor de zomer (Z) en twee voor de winter (W). Dries vroeg zijn vriend, tevens huismodel en commercieel medewerker, Etienne Russo om te helpen bij zijn eerste show. Sindsdien worden alle defilés van Dries Van Noten geproduceerd door Etienne, die is uitgegroeid tot een van de meest succesvolle producers van evenementen ter wereld.

270

271


Heren en dames W 1986-1987 Navy

Heren en dames Z 1987 Olympia 1920

Heren en dames W 1987-1988 Rich Men-Poor Men

Heren en dames Z 1988 Plain Tales from the Raj

Heren en dames W 1988-1989 Not to be Modern

Heren en dames Z 1989 Le Grand Bazar

Heren en dames W 1989-1990 The Sound of Music

Heren en dames Z 1990 Paradisus Terrestris

Heren en dames W 1990-1991 No Place Like Home

Heren en dames Z 1991 Morocco

Heren en dames W 1991-1992 Plastic

CHRONOLOGIE Deze tijdlijn biedt een overzicht van alle Dries Van Notencollecties tot 2014. De eerste elf collecties werden in showrooms voorgesteld. De kledingstukken, voor zowel mannen als vrouwen, werden gepresenteerd aan de hand van sfeerbeelden. Op de eerste vier shows — tijdens de mannenmodeweken in Parijs — was vooral herenkleding te zien, maar ook enkele dameslooks. Sinds 1993 worden de mannen- en vrouwencollecties afzonderlijk voorgesteld. Dat gebeurt vier keer per jaar: twee voor de zomer (Z) en twee voor de winter (W). Dries vroeg zijn vriend, tevens huismodel en commercieel medewerker, Etienne Russo om te helpen bij zijn eerste show. Sindsdien worden alle defilés van Dries Van Noten geproduceerd door Etienne, die is uitgegroeid tot een van de meest succesvolle producers van evenementen ter wereld.

270

271


9789401414739