Issuu on Google+

DELTA. 14 15-04-2010

weekblad van de technische universiteit Delft

>03 Bezuinigingen

>07 Smart cars

>08 Tijdbom

>12 Leren doceren

Career centre

Het college van bestuur liet vorige week weten dat de TU binnen drie jaar 45 miljoen euro moet besparen. Op de werkvloer wordt terughoudend gereageerd op de eerste besparingsplannen van het college van bestuur. “Het zijn nog maar plannen.”

Cars are becoming increasingly stuffed full of sensors, electronics and software that mainly function independently and sometimes contradictorily. Newly appointed professor Edward Holweg pleads for an integrated approach. “Increasing complexity is simply not a sustainable direction to follow.”

Na 22 jaar neemt Jan Vambersky afscheid als hoogleraar constructies van gebouwen. In zijn afscheidsrede wijst hij op een ‘tikkende tijdbom onder de bouw’. “Sommige architecten tarten graag de natuurwetten. Prachtig, maar dit betekent ook dat de constructeur met extra aandacht naar de constructie van een gebouw moet kijken. Die noodzaak is nog niet tot de markt doorgedrongen.”

Hoe leer je studenten ontwerpen? Voor ‘gewone’ docenten is er veel didactische informatie, maar voor ontwerpdocenten niet. Vanuit de universiteit is weinig sturing. “Je doet maar wat. Toen ik op een zeilschool lesgaf over zeilen, hadden we drie dikke ordners over doceerstijlen.” Het project ‘Van gezel tot meester’ moet dat veranderen.

For international students interested in staying and working in the Netherlands after their studies, TU Delft’s Career Centre is the place to go for help and advice. This new, revamped centre will officially open on April 21, offering career-anxious students workshops, walk-in hours, and personal career counselling.

01

>19 English

TUDELTA.14

Wie afgelopen zaterdag door het centrum van Delft liep, kon er niet omheen: de tweede Delftse Levende Etalagedag. Op de foto twee ‘poppen’ die een kasteeltje van suikerklontjes bouwen in de etalage van chocolaterie Leonidas in de Choorstraat. ‘Gezicht van Delft’ Gerwin Hoogendoorn van de Senz-stormparaplu verrichtte

samen met paspop Aphrodite – het boegbeeld van het evenement - de opening op de Markt. (Foto: Sam Rentmeester/FMAX)


DELTA. 14 15-04-2010

02

nieuwsinterview

‘Ik sta mijn mannetje wel’ TUdelta.14 > Jaargang 42 Delta is het informatie- en opinieblad van de TU Delft, verzorgd door een journalistiek onafhankelijke redactie.

> Redactie Frank Nuijens, (hoofdredacteur), Katja Wijnands, Dorine van Gorp, (eindredactie), Saskia Bonger, Tomas van Dijk, Erik Huisman, Connie van Uffelen, Jos Wassink (verslaggeving). > Medewerkers

Willemijn Dicke, Robbert Fokkink, Jorinde Hanse, Dap Hartmann, Auke Herrema, Richard van 't Hof, Christian Jongeneel, David McMullin, Anna Noyons, Edgar van Os, Daan Schuurbiers, Jimmy Tigges, Stephan Timmers, Ellen Touw, Robert Visscher, Pascale Warners, Martine Zeijlstra.

> Foto‘s Sam Rentmeester/ Hans Stakelbeek (FMAX).(info@fmax.nl) > Vormgeving Kummer & Herrman, Utrecht > Lay-Out Liesbeth van Dam > Mededelingen Martin Kers (m.kers@tudelft.nl) > Redactieraad Ir. S. Rozendaal (voorzitter), prof.dr Jeroen van den Hoven, prof.dr.ir. F.W. Jansen, J. Op Den Kelder, mr. J.J. M.Kok, R.H.G. Meijer, T. Niks, prof.dr.B.J. Thijsse, ir. M. Persson, dr.ir. C. Vermeeren > Redactie-adressen Universiteitsbibliotheek Kamer 0.18-0.28 Prometheusplein 1 2628 ZC Delft Postbus 139 2600 AC Delft Tel. 015-278 4848 E-mail: delta@tudelft.nl www.delta.tudelft.nl > ISSN 0169-698x > Druk

TU-promovenda Stephanie ter Borg (26) is deze week geïnstalleerd als VVD-wethouder in de gemeente Barendrecht, waar de regering CO2 onder de grond wil stoppen. Het onderwerp vormt een belangrijk deel van haar portefeuille. “We blijven ons verzetten.” xSASKIA BONGER Hoe ga je ervoor zorgen dat de CO2-opslag er niet komt? “Alle partijen in Barendrecht zijn tegen. Het gemeentebestuur en de gemeenteraad treden gezamenlijk op. Dit wordt ons overigens wel moeilijk gemaakt. De crisis- en herstelwet die vorige week werd aangenomen, verbiedt ons naar de bestuursrechter te stappen om een zaak te beginnen tegen de landelijke overheid. Onze juridische adviseurs zijn nu aan het uitzoeken wat de mogelijkheden zijn. Ze kijken bijvoorbeeld naar de vergunningen. Daarvan moet de gemeente er een hoop verlenen om de CO2-opslag mogelijk te maken. We blijven ons

gezegd dat mijn ambitie in de landelijke politiek ligt, maar ik ga eerst deze nieuwe uitdaging aan. Ik weet niet hoe het allemaal zal lopen.” Je bent 26, hoe bereid je je voor op zo’n ingewikkelde baan? “Ik loop al bijna tien jaar in dit wereldje rond, dus ik sta mijn mannetje wel. Ik heb leeftijd nooit als een belemmering gezien. Van iemand die op zijn vijftigste voor het eerst wethouder wordt, weet je ook niet zeker of hij de juiste ervaring heeft.”

Stephanie ter Borg: “We zullen alle legale middelen aangrijpen om CO2-opslag onder Barendrecht te voorkomen.” (Foto: Sam Rentmeester/FMAX))

verzetten en we zullen alle legale middelen aangrijpen om CO2-opslag onder Barendrecht te voorkomen.” Je studeerde staats- en bestuursrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en deed aan de faculteit Techniek, Bestuur en Management promotieonderzoek naar juridische aspecten in besluitvormingsprocedures rondom infrastructuurprojecten. Waren die keuzes gemaakt met een eventueel wethouderschap in het achterhoofd? “Nee, ik heb staats- en bestuursrecht altijd al interessant gevonden en ik zit al sinds mijn achttiende in de gemeenteraad. Dit jaar was ik

elijsttrekker voor de VVD. We zijn van zeven naar negen zetels gegaan en zijn nu de grootste partij in de raad. Na de verkiezingen hebben we twee informateurs aangesteld, die met alle partijen hebben gesproken. Zij adviseerden de combinatie CDA, ChristenUnie/SGP, VVD. Ik ben daarna als formateur opgetreden.” Je was nog niet klaar met je promotieonderzoek. Zien we je nog terug op de TU, of volgt na het wethouderschap wellicht een overstap naar de landelijke politiek? “Ik was anderhalf jaar bezig met mijn onderzoek, dus er ligt nog geen half proefschrift of zo. Ik heb altijd

Wat wil je de komende jaren als wethouder bereiken? “In mijn portefeuille zitten naast de CO2-opslag ook ruimtelijke ordening, sport en jongeren. Eén van de grootste uitdagingen zal de oprichting van een nieuw jongerencentrum worden. Daar wordt al heel lang over gesproken, maar de vraag is hoe we dat kunnen realiseren in deze financiële crisis. Dat is meteen een ander belangrijk punt: hoe gaan we de financiële gevolgen van de crisis opvangen, welke keuzes gaan we maken? Als VVD zijn we tegen een verhoging van de onroerende zaakbelasting. We willen kritisch kijken naar de taken van de overheid.”

schuurbiers

Herijken

Wegener Nieuwsdruk Twente, Enschede

> Oplage 12.000 > Advertenties H&J uitgevers Postbus 101 2900 AC Capelle aan den IJssel Tel. 010-451 55 10 Fax 010-451 53 80 E-mail:delta@henjuitgevers.nl www.linkmagazine.nl > Abonnement Een abonnement kost 37,50 en kan elk moment ingaan. > HOP Delta werkt samen met het Hoger Onderwijs Persbureau Hein Cuppen, Bas Belleman, Thijs den Otter Tel. 071-523 6151 Fax 071-523 2138 E-mail hop@xs4all.nl > Copyright Delta Auteursrecht voorbehouden. Het is verboden zonder schriftelijke toestemming van de hoofdredacteur artikelen, schema‘s of illustraties geheel of gedeeltelijk over te nemen en/of openbaar te maken, in enigerlei vorm of wijze.

De TU Delft gaat flink bezuinigen. Maar liefst 45 miljoen euro moet er de komende jaren structureel bespaard worden. Dit is toch al gauw zo’n tien procent van de totale jaarlijkse inkomsten. Het college van bestuur (cvb) heeft onlangs al laten doorschemeren dat de organisatorische veranderingen ‘personele gevolgen’ gaan hebben. Toch is grootscheeps verzet van de medewerkers vooralsnog uitgebleven. Weliswaar maakt de studentenraad zich zorgen over de kwaliteit van het onderwijs en is de ondernemingsraad bang dat het niet bij deze ene bezuinigingsronde blijft, maar van massale demonstraties op het Mekelpark is nog geen sprake geweest. Mogelijk is het nog niet tot iedereen doorgedrongen wat de gevolgen van de bezuinigingsplannen zijn, maar het kan ook zijn dat de landelijke discussie over de overheidsuitgaven de geesten al heeft rijp gemaakt voor bezuinigingen. De hele Nederlandse overheid staat immers voor een zware afslankingsoperatie. Dankzij het werk van twintig ambtelijke werkgroepen wordt de omvang van die operatie langzaam duidelijk. De woningmarkt wordt grondig hervormd, de zorg wordt fors duurder, bijdragen aan defensie, Europa en ontwikkelingswerk staan ter discussie, en het mes gaat in het openbaar bestuur. Met die maatregelen in het vooruitzicht lijken de hervormingen op de TU Delft een peulenschil: als er dertig miljard euro van de overheidsuitgaven af kan, dan moet 45 miljoen bij de universiteit ook nog wel lukken. Misschien is het ook zo’n gek idee nog niet om eens kritisch naar de eigen organisatie te kijken. Het cvb spreekt van een ‘herijkingsproces’. Normaal gesproken heb ik niet zoveel op met bestuurdersjargon, maar deze keer zit er wel iets moois in de woordkeuze: het is tijd om het hele apparaat eens grondig door te meten en waar nodig uit te balanceren. Want ambtenarenapparaten blijven gestaag uitdijen zo lang het geld uit de lucht blijft vallen.

Het is de wet van Parkinson: de hoeveelheid werk neemt recht evenredig toe met het aantal beschikbare uren om het af te krijgen. Daarom biedt deze bezuinigingsronde ook kansen om de organisatie efficiënter en slagvaardiger te maken. Winstgevend moet een universiteit niet willen worden. Het is en blijft een organisatie die drijft op gemeenschapsgeld. In ruil daarvoor krijgt de maatschappij hoogopgeleide mensen, kennis, en af en toe dat ene idee dat wat oplevert. Het idee dat universiteiten puur op commerciële basis de broek op kunnen houden, het marktprincipe van ‘u vraagt wij draaien’, vormt een gevaar voor het vrije onderzoek. Maar dat hoeft niet te betekenen dat we niet zorgvuldig met de beschikbare middelen zouden moeten omgaan. Het is nog de vraag of de bestuurders beweging kunnen krijgen in de stugge bureaucratie. Het fascinerende van de professionele bureaucratie is dat ze tegen ieders zin uitdijt. Zij heeft haar eigen wil. Harde besluiten aan de top verwateren al snel in de vele kleine koninkrijkjes die de universiteit rijk is. Over een paar maanden moet duidelijk worden welke concrete maatregelen het cvb voor ogen heeft. Misschien komen de spandoeken dan alsnog te voorschijn. Maar op een gezonde manier afslanken kan ook veel voldoening geven. Daan Schuurbiers reflecteert het komende jaar op het universitaire leven vanaf zijn nieuwe werkplek aan de Universiteit Utrecht.


03

DELTA. 14 15-04-2010

Nieuws

Luchtvaartonderwijs

Nuchter

Investeren

Volgens de luchtvaartindustrie hebben studenten L&R onvoldoende inzicht en vaardigheden om goed te functioneren binnen het bedrijfsleven. Vrijdag 16 april gaat het symposium Aerospace Education 2020 in de Hogeschool van Amsterdam over de vraag hoe het onderwijs beter af te stemmen op veranderingen in de luchtvaart. L&R heeft het dit al gedaan, zegt onderwijsdirecteur ir. Albert Kamp.

‘Duurzame energie, een nuchter verhaal’ is de Nederlandse vertaling van David Mackay’s meest nuchtere en veelomvattende boek over duurzame energie tot nu toe. Helaas is het pdf-document niet groter dan tien pagina’s. Het DRI Energy heeft zich vanwege beperkt budget beperkt tot het voorwoord. De vertaling is bedoeld als aanzet voor het KiviNiria najaarscongres over het thema duurzame energie.

Het hoger onderwijs moet en kan beter. Voor aansluiting bij de wereldtop vijf van kenniseconomieën zijn investeringen onvermijdelijk. Dat schrijft de Commissie Toekomstbestendig Hoger Onderwijs Stelsel in het rapport Differentiëren in drievoud. Die commissie, onder leiding van voormalig landbouwminister Cees Veerman, lichtte in opdracht van ex-minister Plasterk het hoger onderwijs door. Volgens de commissie is onder meer de uitval onaanvaardbaar hoog, laat de kwaliteit van docenten te wensen over, daalt het onder-

x

x www.lr.tudelft.nl/atos

www.withoutthehotair.com www.kiviniria.nl

‘We worden behoorlijk hard aangeslagen’ Binnen de TU wordt terughoudend gereageerd op de eerste besparingsplannen van het college van bestuur. “Het zijn nog maar plannen.” xSASKIA BONGER/CONNIE VAN UFFELEN Het college van bestuur (cvb) liet onlangs weten dat de TU binnen drie jaar 45 miljoen euro moet besparen. In de eerste besparingsplannen werden de onderzoeksinstituten OTB en Dimes met naam genoemd. Wetenschappelijk directeur van OTB Peter Boelhouwer vindt het ‘op zich jammer’ dat het zelfstandige instituut moet samengaan met de faculteit Bouwkunde. “Blijkbaar is het onderzoek dat wij uitvoeren van minder belang. Het aantal onderzoeksvelden waarop wij actief zijn, wordt minder. We zullen ook op de afdeling transport moeten bezuinigen.” In de samenwerking met Bouwkunde valt volgens Boelhouwer ‘inhoudelijk winst te behalen’. “Wij gaan meer in onderwijs participeren en kunnen meer onderzoek doen. Andere onderzoekers kunnen hier ook meer onderzoek doen.” Overigens bestaat er binnen OTB discussie over de vraag of fusie met

Zandbak

een faculteit als Civiele Techniek en Geowetenschappen niet meer voor de hand zou liggen. De onderdeelcommissie heeft aangekondigd een poll te houden. OTB wordt volgens Boelhouwer ‘behoorlijk hard aangeslagen’. “Meer dan tien procent: we moeten naar een nulbegroting, tien procent flexibiliseren en extra bezuinigen door de inpassing bij Bouwkunde. De bezuiniging kan twintig procent zijn, maar ook vijftien of dertig procent.” OTB heeft rond de 120 medewerkers verspreid over zo’n negentig fte’s.

‘De bezuiniging kan twintig procent zijn, maar ook vijftien of dertig procent’ Na deze operatie houdt OTB zo’n 70 tot 75 fte’s, schat Boelhouwer. “We hebben ook tijdelijke aanstellingen en proberen het zoveel mogelijk via natuurlijk verloop op te lossen. Overigens zijn het nog maar plannen.” Wetenschappelijk directeur Kees Beenakker van Dimes, het Delfts Instituut voor Microsystemen en Nanoelectronica, reageert gelaten op het nieuws dat zijn instituut straks niet meer vier miljoen euro per jaar krijgt van het cvb. Dat Dimes zich meer in de markt moet zetten als onderzoeksfaciliteit voor het bedrijfsleven ziet Beenakker als ‘een uitdaging’. “We hebben hon-

De netten staan sinds deze week weer strak gespannen op de beachvolleybalvelden van het sportcentrum. Er werd meteen al multifunctioneel gebruik gemaakt van de velden. Deze meisjes bakten er liever zandtaartjes van. (Foto: Sam Rentmeester/FMAX)

derdvijftig projecten lopen vanuit de tweede en derde geldstroom. We kunnen daar wel wat meer geld voor vragen. Er zit een uitdaging in om beschikbaar geld naar je toe te halen.” De ondernemingsraad (or) vindt dat het college van bestuur ‘de herijking’, waarbij meer dan honderd arbeidsplaatsen vervallen, moet bestempelen als een reorganisatie 'code 2'. Dat houdt in dat decanen hun veranderingsplannen pas mogen uitvoeren na instemming van de or en de vakbonden in het lokaal overleg. Daarmee wil de or voorkomen dat de decanen en de universiteitsdienst hun plannen per gebied voorleggen aan de lokale onderdeelcommissies (odc’s). De or zegt de odc’s niet te willen uitsluiten. Ze worden nauw bij de besluitvorming betrokken, omdat ze het dichtst bij de werkvloer staan, aldus de or. Maar de or wil waken voor versplintering en een gebrek aan overzicht bij de medezeggenschap van de komende veranderingen. Studentenraadsfractie Oras vindt dat besparingen niet ten koste mogen gaan van de onderwijskwaliteit, zegt Oras-lid Edske Smit. Hij vreest daar wel voor, met de toenemende studentenaantallen.

x www.delta.tudelft.nl/21096

Spoortunnel zoeksniveau en is de internationale oriëntatie gebrekkig. Er zijn snel maatregelen nodig. De commissie adviseert universiteiten en hogescholen zich te specialiseren. Dat leidt tot meer samenwerking en minder onderlinge concurrentie om studenten. Instellingen die een scherper profiel kiezen worden daarvoor, afhankelijk van hun prestaties, beloond. Zo worden ze minder afhankelijk van het aantal studenten dat ze binnenhalen.

x

www.delta.tudelft.nl/21088

Het wordt nog spannend met de werkzaamheden aan de spoortunnel. Dat meent Werkplaats Spoorzone Delft (WSD), een door Delftse burgers opgerichte vereniging. Maandag 19 april vindt hierover een symposium plaats. Een van de sprekers is Peter Gossink, directeur van het bedrijvenconsortium Combinatie Crommelijn, dat de werkzaamheden uitvoert. Hij vertelt hoe de bedrijvigheid in de stad door kan gaan ondanks de overlast.

x

www.werkplaatsspoorzonedelft.nl

Microscopie tien maal scherper Met nieuwe gratis software, mede ontwikkeld door de TU, en een snelle grafische kaart kunnen medische onderzoekers celstructuren tot tien maal scherper afbeelden. De programmatuur is ontwikkeld door dr. Bernd Rieger (Technische Natuurwetenschappen) in samenwerking met collega’s van de universiteit van Nieuw-Mexico. Het procedé dat ze in Nature Methods beschrijven, verbetert de praktisch haalbare resolutie van optische fluorescentiemicroscopie van tweehonderd tot driehonderd nanometer naar twintig tot dertig nanometer. De truc daarachter, vertelt Rieger, heet lokalisatiemicroscopie: “Op verschillende plaatsen wordt het licht van slechts één fluorescerend molecuul geanalyseerd. En dat gebeurt vervolgens voor heel veel moleculen achter elkaar.” Moleculen van belang zijn gemarkeerd met een fluorescerend label dat na bestraling door een laser oplicht. Handig daarbij is dat de markers niet de hele tijd aanstaan – ze moeten eerst door een andere laserpuls geactiveerd worden. Door nu telkens een heel zwak activeringspulsje te gebruiken worden er van de miljoenen moleculen steeds maar enkele geactiveerd en afgebeeld. Daarna bleekt een sterke

laserpuls de afgebeelde moleculen uit, en komt de volgende set in beeld. Op die manier kan het een dag duren voordat een opname tot stand gekomen is. Die opnametijd is volgens Rieger nu experimenteel teruggebracht tot enkele minuten (hooguit een half uur). Ook de beeldreconstructie is verbeterd met een slim rekenprogramma dat de gegevens van de individuele fluorescentiemolecu-

De techniek is ongeschikt voor toepassing op levend materiaal len ongeveer honderd maal sneller analyseert, zonder daarbij aan beeldkwaliteit in te boeten. Het rekenwerk wordt daarbij uitgevoerd door grafische kaarten zoals die voor de gaming-industrie zijn ontworpen en voor enkele honderden euro’s te koop zijn. De toegankelijkheid zal naar verwachting beelden van structuren binnen cellen in de komende tijd een stuk verbeteren. Er is echter wel een beperking: de cel moet bevroren of chemisch gefixeerd zijn voor de opname. De techniek is vanwege de lange opnameduur ongeschikt voor toepassing op levend materiaal. (JW)

x

Nature Methods, Fast, singlemolecule localization that achieves theoretically minimum uncertainty, 4 april 2010


DELTA. 14 15-04-2010

04

Nieuws

Onvoltooide geschiedenis van de informatietechnologie De digitale wereld zag er nog heel anders uit toen het Nederlands Genootschap voor Informatici (NGI) en de Stichting Historie der Techniek het besluit namen een vaderlandse geschiedenis van de informatietechnologie te schrijven. xFrans Godfroy Personal computers waren pas een jaar of tien in gebruik, internet was een nieuw domein van computerfanaten en Microsoft had net Windows’95 gelanceerd. Dertien jaar zou het duren voordat het einddoel werd bereikt en het initiatief zelf deel van die geschiedenis was geworden. Het overleefde intussen ternauwernood de it-crisis op de beurzen en was nog net voor het uitbreken van de volgende, nog diepere crisis uitgegroeid tot een publicatieklaar product. In december 2008 lag ‘De eeuw van de computer’ eindelijk in de boekwinkel. Helemaal in zwart-wit. Streng en sober. Geen spatje kleur was er aan het binnen- of buitenwerk van de

rijkelijk geïllustreerde uitgave te bekennen: een echt crisisboek. Alleen in het voorwoord wordt de moeizame ontstaansgeschiedenis van het boek zelf aangeroerd. Daarin laat voorzitter Harry Lintsen van de begeleidingscommissie weten dat het uitgerekend de crisis in de it-sector is geweest waardoor het vinden van financiën jarenlang stagneerde. Dat de auteurs, onder redactionele leiding van de Delftse onderzoeker Adriënne van den Bogaard, het werk desondanks volbrachten verdient bewondering. Dat geldt in deze tijd van internationalisering eigenlijk voor iedere wetenschappelijke publicatie die zich focust op de Nederlandse geschiedenis. Maar het geldt zeker als het een themagebied beschrijft waarin Nederland niet buitengewoon opvalt. Intrigerende figuren waren het wel, die Delftse en Amsterdamse pioniers. Cornelis Biezeno en Jan Burgers bijvoorbeeld, die aanvankelijk maar weinig erkenning vonden binnen de Delftse Technische Hogeschool, toen ze in 1924 het International Congress for Applied Mechanics organiseerde. De internationale Zamm-gemeenschap was daar bijeen, de wetenschappers rond het Zeitschrift für Angewandte Mathematik und Mechanik. Het rekenen kwam in die tijd op een hoger plan. Maar de rekenaars

stuitten op hun grenzen. Zo bracht Burgers’ leerling Adriaan van Wijngaarden gedurende de Tweede Wereldoorlog uren door met onmogelijke berekeningen voor Burgers’ onderzoek in de stromingsleer. ‘Het was niet mooi. Het leverde niet de mate van inzicht op die ik wilde’, getuigde Van Wijngaarden later als directeur van het Mathematische Centrum in Amsterdam, het huidige Centrum voor Wiskunde en Informatica. Het centrum werd na de Tweede Wereldoorlog opgericht om in de rekenbehoefte van Nederland

De tijd na 1990 komt er bekaaid vanaf in de wederopbouw te voorzien. Van Wijngaardens eerste taak was het daarvoor een automatisch rekenapparaat te ontwikkelen. Met behulp van studentassistenten ontstond zo de eerste Nederlandse computer, de Arra (Automatische Relais Rekenmachine Amsterdam), die het na twee weken begaf en nooit meer heeft gewerkt. De Testudo, die de Delftse student Willem van der Poel ongeveer tezelfdertijd voor het opticaonderzoek van hoogleraar Bram van Heel ontwikkelde, was trager maar betrouwbaarder. Hij ging na zijn afstuderen aan de slag bij de

PTT en ontwikkelde er de Ptera, een computer met radiobuizen in plaats van relais. Toen die aan vervanging toe was kwam zijn Zebra (Zeer Eenvoudige Binaire Reken Apparaat) op de markt, de eerste in Nederland ontwikkelde computer die in serieproductie kwam. Het boek stopt niet bij die avontuurlijke pionierstijd. Verder gaat het met de opkomst van de programmeertalen en de bijbehorende richtingenstrijd, de overgang van grote naar kleine computers, de opkomst van de software-industrie, de opkomst van de personal computer en de digitalisering van de telecommunicatie. Maar naarmate de tijd vordert, worden de stappen groter en begint de geschiedschrijving hiaten te vertonen. De tijd na 1990 komt er bekaaid vanaf, en sommige onderwerpen die je in een standaardwerk zou verwachten, ontbreken. De oorspronkelijke ambitie - de geschiedenis van de informatietechnologie van Nederland in kaart brengen - is niet waargemaakt. Misschien was dat een onmogelijke opgave. ‘De begeleidingscommissie had méér gewild, onder andere de geschiedenis van de softwaresector, de geschiedenis van e-mail, de geschiedenis van het internet en de geschiedenis van embedded systemen’, schrijft Lintsen in zijn voorwoord. ‘Stof voor verder onderzoek’ luidt de voor de hand liggende

afmaker. De it-bubble die bij de start van het nieuwe millennium uiteenspatte, ontbreekt overigens in Lintsens rijtje uitdagende onderzoeksthema’s. En dat terwijl hij er met zijn commissie zo gevoelig kennis mee heeft gemaakt.

x Adriënne van den Bogaard (red.) - ‘De eeuw van de computer. De geschiedenis van de informatietechnologie in Nederland’, Kluwer 2008, 287 pp, € 49,50

Het ontroerend gevoel van Vincent Icke Vincent Icke schreef een sprankelende ode aan Christiaan Huygens. Het boek zit vol openhartige anekdotes. Volgens de Leidse hoogleraar sterrenkunde en kosmologie is Huygens belangrijker geweest voor de ontwikkeling van de wetenschap dan algemeen wordt aangenomen. xRobert Visscher Het verhaal gaat dat Christiaan Huygens tijdens een saaie kerkdienst naar het slingerende wierookvat keek en zo op het idee kwam voor de slingerklok. Vandaag de dag wordt hij vooral herinnerd door dit slimme inzicht van een slinger die een klok aandrijft. Ten onrechte, vindt Icke. Volgens hem is dit een voorbeeld van de ‘onuitroeibare Hollandse neiging om alleen dingen te onthouden die zichtbaar en onmiddel-

lijk nut hebben’. Icke meent dat de invloed van Huygens veel verder ging in zijn boek ‘De Ruimte van Christiaan Huygens’. Want Huygens’ boek over de slingerklok ‘gaat voor het grootste deel niet over het tastbare uurwerk zelf, maar over de wiskunde en natuurkunde die eraan ten grondslag liggen’. Icke prijst Huygens vooral voor zijn bijdrage aan een omwenteling van de wetenschap. Hij noemt dit de overgang van stelling naar veronderstelling. Niet langer was er alleen maar God waar iedereen zich op kon beroepen en waardoor mensen beweerden de waarheid in pacht te hebben. In plaats daarvan kwam onderzoek centraal te staan. En deed de twijfel steeds meer zijn intrede. Absolute zekerheden brokkelden af, wat volgens Icke een zegen was voor de natuurkunde. 'In de natuurkunde kun je nooit helemaal en voor altijd gelijk hebben', schrijft hij terecht. Naast de opmerkingen over het belang van Huygens voor de ontwikkeling van de wetenschap, doorspekt Icke zijn lofrede met persoonlijke anekdotes. Eerst doet hij een hartstochtelijke oproep aan zijn lezers om vooral zelf een instrument te maken. ‘Al was het alleen maar om ontzag te krijgen voor Huygens en

zijn tijdgenoten.’ Daarna vertelt hij hoe hij op zijn twaalfde verjaardag het boek ‘Bouw je eigen sterrenkijker’ kreeg en met een dik stuk glas en slijppoeder een holle spiegel maakte. ‘Meteen bleek al hoe moeilijk het is om aan goed materiaal te komen, want de omtrek van het glas was geen cirkel maar een enigszins aardappelvormige figuur, wat het slijpen niet makkelijker maakte. Ook bleek dat geduld – in mijn hoofd

Absolute zekerheden brokkelden af, wat een zegen was voor de natuurkunde een schaars artikel – nog belangrijker is dan rond glas.’ Hoe diep Icke zich verbonden voelt met Huygens, wordt daarna duidelijk. ‘Wat een ontroerend gevoel was het om te ontdekken dat driehonderd jaar eerder Huygens en zijn broer bijna net zo moeten hebben gewerkt.’ Dit soort bekentenissen leveren spannende en openhartige teksten op. Icke heeft daardoor een opmerkelijk toegankelijk boek geschreven. Zijn enthousiasme werkt aanstekelijk. De vele uitstekende afbeeldingen in

kleur dragen ook bij aan de klasse van dit boek. Icke legt daarin vaak uit waarom bepaalde oplossingen, zoals bij de slingerklok, zo interessant zijn. Een nadeel van dit boek is dat Icke wel erg vaak herhaalt hoe dol hij is op Huygens. De passages over de tijd waarin Huygens leefde, zijn het enige grote minpunt. Het is duidelijk dat Icke daar niet goed raad mee weet. Hij citeert vrijwel alleen historici die al jaren geleden over Huygens en zijn tijd hebben geschreven. Intussen zijn veel boeken met een interessantere kijk op Huygens verschenen. Als liefhebber zou Icke dat toch moeten weten. In het tweede deel van het boek volgt Icke Huygens in een reis door het universum. Hij toont zich een waardig opvolger van zijn voorbeeld, door de lezer een nieuwe reis voor te schotelen. De reis beslaat een bezoek aan de maan en gaat ook over ‘wonen op Saturnus’. Icke had Huygens graag meegenomen op zijn tocht naar deze planeet ‘met de middelen die wij nu hebben’ Icke: ‘Hoe graag zou ik hem mijn MacBook hebben geleend om door de ringen van Saturnus heen te kijken en achter die ringen de strepen te zien van de wolkenbanken op ‘zijn’ planeet.’

x Vincent Icke, ‘De Ruimte van Christiaan Huygens’, Historische Uitgeverij, 94p., € 20 .

Smaakt dit naar meer? De besproken boeken zijn te vinden op de leestafel in de bibliotheek.


DELTA. 14 15-04-2010

05

Nieuws

Hobbelen

Het stuur draait direct bij de start al los en niet veel later verliest het toestelletje van studievereniging VSV Leonardo Da Vinci een deel van zijn staart. Al hobbelend van het bibliotheekdak vraagt de studievereniging aandacht voor haar ‘Ter Land, ter Zee en in de Lucht’. Het evenement vindt plaats op 30 mei. De studenten organiseren het ter ere van hun dertiende lustrum. Het heet iets anders dan het tvprogramma, namelijk ‘Met volle kracht, vlieg ‘em in de gracht!’ (Foto: Tomas van Dijk)

x

Ontruiming

Ontwerpopleiding

Een gevallen flesje met chemicaliën was er afgelopen vrijdag de oorzaak van dat het gebouw voor biochemie aan de Julianalaan 77 kort na het middaguur ontruimd werd. Een met gasmaskers uitgerust team van de brandweer inspecteerde het etiket op de fles en concludeerde dat de vloeistof (methyl metacrylaat, een grondstof voor plastics) niet giftig was. Daarop zette de bedrijfshulpverlening de ramen tegen elkaar open om de damp weg te laten trekken.

Het nieuwe Delft Product and Proces Design Institute bundelt ontwerpopleidingen op het gebied van chemie, biochemie en procesindustrie. De opleiding is een postacademische, praktijkgerichte scholing van twee jaar. Trainees voeren een concrete ontwerpopdracht in het bedrijfsleven uit, krijgen salaris en mogen zich na hun afstuderen PDEng noemen, professional doctorate in engineering. Bedrijven betalen voor de uitvoering van zo’n ontwerpopdracht rond de vijftigduizend euro. Twintig onderzoeksgroepen binnen

www.vollekrachtindegracht.nl

Studenten bouwkunde willen meer ruimte Studenten bouwkunde vinden in tegenstelling tot het college van bestuur dat hun faculteit wel degelijk meer vloeroppervlak moet krijgen. Ze vrezen dat anders de onderwijskwaliteit ‘ernstig in gevaar’ komt. xSASKIA BONGER De facultaire studentenraad (fsr) van Bouwkunde vindt dat decaan Wytze Patijn en het college van bestuur (cvb) moeten zorgen voor meer werkplekken op de faculteit. De studenten vinden dat de TU haar best moet doen om de 25 miljoen euro die vanuit het Rijk was toegezegd voor nieuwbouw in Delft te houden. Het is momenteel

nog steeds onduidelijk of dat geld gebruikt mag worden voor het verbouwen van oudbouw, of dat Den Haag het zal terugvorderen. De fsr stuurde onlangs een ‘brandbrief’ aan decaan en collegevoorzitter Dirk Jan van den Berg waarin ze het ‘nijpend tekort aan werkruimte’ aan de orde stelt. De studenten reageerden daarmee op het collegebesluit om voorlopig alleen te investeren in het verduurzamen van het gebouw, maar het niet uit te breiden. Studenten die werkplekken zoeken, zouden moeten uitwijken naar het onderwijsgebouw aan de Cornelis Drebbelweg. ‘Zeker voor een studie als bouwkunde, met haar diversiteit aan specialisaties, is voldoende kwalitatief goede werkruimte van enorm belang’, schrijven de studenten. Zij zien dat veel medestudenten studio’s huren buiten de faculteit. Commissaris gebouw Jorick Beijer noemt dat een ‘doodzonde’. In de brief noemt de fsr het ‘een absolute blamage’ dat het gebouw nu fun-

geert als ‘handrem op de uitvoering van het onderwijs’. Het college van bestuur stelde in februari voor dat studenten uitwijken naar atelierruimte in het onderwijsgebouw aan de Cornelis Drebbelweg. Volgens de fsr is dat voor geen enkele bouwkundestudent een plezierig vooruitzicht. “Een ongeïnspireerde sfeer en kwalitatief

Prijsvraag voor studenten voor ideeën voor uitbreiding matige voorzieningen, maar vooral ver weg van waar het eigenlijk allemaal gebeurt, BKCity.” Volgens de studenten moet het universiteitsbestuur actie ondernemen en investeren in meer ruimte op de faculteit zelf, anders ‘komt de onderwijskwaliteit ernstig in gevaar’. Mogelijkheden om uit te breiden zijn er zeker, denkt de fsr. Beijer: “Er

Voor het volgen van practica en projecten moeten zij kijken naar toelatingsregels bij hun opleiding. Dat zegt directeur onderwijs & studentenzaken Anka Mulder in reactie op een discussie – vorige week - tussen de studentenraad (sr) en het college van bestuur over de zogeheten harde knip. De sr stelt dat er veel onduidelijkheid bestaat over de masterinschrijving, de pre-masterregeling, een bezwarenprocedure en het al dan niet laten meetellen van augustusherkansingen voor toelating tot masteronderwijs. De tegenstrijdige antwoorden van collegelid Paul Rullmann en beleidsmedewerker Eric Logtenberg veroorzaakten nog meer onduidelijkheid. Volgens Rullmann kunnen studenten die bijna voldoen aan eisen van hun pre-master zich

inschrijven voor practica, maar volgens Logtenberg moeten studenten eerst aan eisen voor de pre-master voldaan hebben. Een brief die naar studenten zou worden verstuurd, bleek bij faculteiten verschillend te worden geïnterpreteerd. De sr vindt het kwalijk dat de brief daardoor nog steeds niet naar studenten is gestuurd. Mulder stelt dat de hoofdregel van de harde knip helder is: eerst je bachelor halen en dan pas beginnen aan je master. Uitzonderingen zijn in het voordeel van studenten, maar verschillen per geval. Uitzonderingen vallen volgens Mulder onder de hardheidsclausule en worden beoordeeld door de faculteit. Wie bijvoorbeeld de uitslag van zijn laatste vakken nog niet binnen heeft, maar wel nominaal (op schema) studeert, kan een beroep doen op de hardheidsclausule. Mulder vindt een brief voor studenten een goede aanvulling, maar wijst erop dat er op de website van de TU op elk moment informatie is te vinden over de harde knip. (CvU)

x

x www.pdeng.tudelft.nl

delta online Arbeidersmilieu is veel lucht in en om het gebouw. Er zijn slimme oplossingen nodig, zoals tussenverdiepingen. Buiten zou over de parkeerplaatsen heen gebouwd kunnen worden. Dat zijn reële kansen.” De facultaire studentenraad schrijft binnenkort een prijsvraag uit onder studenten om ideeën voor uitbreiding los te krijgen. Beijer realiseert zich dat plannen die hieruit voortkomen nooit meer voor komend collegejaar gerealiseerd kunnen worden. In de tussentijd moet volgens hem wel wat gebeuren aan bestaande faciliteiten waar studenten ontevreden over zijn. De fsr houdt momenteel een enquête die daar meer zicht op moet geven. Decaan Wytze Patijn schrijft in een korte reactie dat hij het eens is met de bevindingen van de studenten en dat hij serieus zal kijken naar de ontwerpen die loskomen uit de prijsvraag. Of hij daarna concrete actie zal ondernemen, schrijft hij niet.

Nog veel onduidelijk over harde knip Bachelorstudenten die de resultaten van hun augustustentamens nog niet weten, kunnen wel al colleges voor hun master volgen.

de faculteiten Technische Natuurwetenschappen (TNW), Werktuigbouwkunde, Maritieme Techniek en Materiaalwetenschappen (3mE) en Techniek, Bestuur en Management (TBM) doen mee aan het instituut. Met de bundeling wil de organisatie de toegang voor het bedrijfsleven vereenvoudigen. Driekwart van de trainees vindt na afronding van de opleiding een baan in Nederland bij aangesloten bedrijven.

Universitair opgeleiden uit een arbeidersmilieu ondervinden veel hinder bij het maken van een carrière. Dat komt vooral doordat zij niet over de juiste netwerken beschikken.

Tandarts Een bezoekje aan de tandarts wordt voor studenten mogelijk een stuk duurder. Het College voor zorgverzekeringen adviseert tandheelkundige zorg voor 18 tot 22-jarigen uit het basispakket te halen.

Bijna-winnaar Universiteiten die vrouwelijke ‘bijna-winnaars’ van de vidi- of vicibeurzen bevorderen tot hoofddocent of hoogleraar, krijgen een premie van 200 duizend euro.

Kwaliteit Hogescholen en universiteiten moeten afgerekend worden op kwaliteit en niet op het aantal afgestudeerden. Dat bepleit de VVD in het vrijdag bekendgemaakte verkiezingsprogramma. De liberalen willen een miljard investeren in hoger onderwijs.

Betrokken Het academisch jaar moet korter. Dan wordt het onderwijs intensiever en raken studenten meer betrokken. Dat betoogt rector magnificus Frans Zwarts in de Groninger universiteitskrant.

Middenmoot

Varsity

Studentenroeivereniging Skadi uit Rotterdam heeft zondag voor de vijfde maal op rij de Varsity – een belangrijke nationale universiteitsroeiwedstrijd in Houten – gewonnen. Daarmee evenaren de Rotterdammers het record van de Leidse roeivereniging Njord, die in 1988 voor de vijfde maal op rij de Varsity won. Traditiegetrouw sprongen Skadi-leden enkel met hun verenigingsdas het water van het Amsterdam-Rijnkanaal in, om de winnaars te feliciteren. (Foto: Jasper Bos) Pagina 10: Sport

Trots op Nederland vindt dat universiteiten ondanks de bezuiniging beter moeten presteren en de middenmoot moeten ontstijgen: “Meer voor minder geld, dat kan! Onze universiteiten moeten tot de top van de wereld behoren.”

Biertje Mogen studentenverenigingen straks geen biertje meer tappen voor bij het eten? Die kans bestaat als de wijziging van de Drank- en Horecawet doorgaat. Gemeenten kunnen dan meer beperkingen aan drankgebruik opleggen. Maar er klinkt veel kritiek.

x www.hardeknip.tudelft.nl

www.delta.tudelft.nl


DELTA. 14 15-04-2010

06

science

opinion please

Energy down the drain Sewage water is regarded as waste, but according to professor Jules van Lier it should be viewed as a valuable source of energy and fertilizers. xTomas van Dijk Western countries are proud of their sewer systems, and for good reason: infectious waters are effectively removed from residential areas and the effluent water from treatment installations is of reasonably good quality. But recently appointed professor, Jules van Lier (wastewater treatment and environmental engineering), believes that the way we deal with our water and waste streams is questionable. By flushing the toilet and mixing that water with all other household waters, prof. Van Lier says: “We dilute our sludge with a factor of hundred.” Subsequently, we aerate the sewage water in treatment installations, in order for aerobic (oxygen consuming) bacteria to break down the organic compounds. But this aeration – pumping air inside the basins - costs lots of energy. Instead, sewage treatment could produce energy. “For this we have to concentrate the sludge and use an anaerobic waste treatment technique that produces methane”, Van Lier says. “And what’s more, by doing so we can also recuperate nitrates and phosphates that we can use as fertilizers.” The professor explains that in the

agro food business, waste streams are already widely being treated through fermentation by methane bacteria in so called biogas plants. “These methane producing bacteria thrive well in waste streams because the temperature is relatively high”, he says. “The optimum temperature for these microorganisms is 38°C. Sewage water is generally much cooler than that. Heating the low-concentrated, large quantities of sewage is out of the question, however, because of the

Experiments with separate collections for faeces and urine are currently being conducted in the Frisian town of Sneek energy requirement. This is why the waste must be concentrated prior to anaerobic treatment.” One way of doing this is through the use of vacuum toilets. Experiments with separate collections for faeces and urine are currently being conducted in the Frisian town of Sneek. Van Lier, and a PhD student from Wageningen University, are working on a technique to treat the highly concentrated waste streams deriving from these kind of toilets. They are using a high pressure fermentation tank, and their goal is not simply to produce methane, but also to produce high quality green gas, which is a gas consisting of almost pure methane. Because of this high pressure, the carbon dioxide, which is normally part of the biogas, largely remains dissolved in the sludge.

“We found that these methane bacteria can survive a pressure of ninety atmosphere”, Van Lier says, “and that’s more than enough. We already obtain high quality gas with ten atmosphere.” The trick now is to make this fermentation process suitable for the black waters that are collected via vacuum sewers. Instead of batch digestion processes, a continuous flow process that can be operated in a decentralized mode is needed. With the support of a TU Delft PhD student, the professor will now try to build a user friendly, continuous flow fermentation tank. Because most sewer systems in the Netherlands date from just after the Second World War, large sections of these aging systems must be replaced in the coming years. According to Van Lier, now is the time for a paradigm shift. Decentralised sanitation, coupled with resource recovery, might be a better solution, he believes. The advantages of this technique are even more obvious for developing countries. Since such countries cannot afford to build sewer systems like we have in the west, why waste the energy that’s locked inside the waste?

Faeces contain energy that can be recuperated. Our sewer systems waste this energy. (Photo: Tomas van Dijk)

Energy devouring searches Last week’s opinion page of New Scientist magazine featured an article by an American physicist, describing the huge energy costs of a simple Google search query. It hardly takes a second to type in a word in Google and hit the ‘search’ button. And while this may seem a trivial act for most people, it most assuredly is not. During that second you consume a huge amount of energy: the equivalent of a 100-watt light bulb burning for one hour, or so James Clarage, a physicist at the University of St Thomas in Houston, has calculated. Clarage reasons that Google’s data centres contain nearly a million servers, each using approximately one kilowatt of electricity (mostly for cooling). So every hour Google’s engine burns through one million kilowatt-hours. Since Google serves up approximately ten million search results per hour, this means that one search has the same energy cost as turning on a 100-watt light bulb for an hour. Following the article on the website is a long list of comments from readers, mostly mocking the statistics and calculations. Clarage’s figures for the number of searches that Google performs were based on information deriving from a consultancy company called Comscore, which specializes in IT. Some critical readers remarked that Google processes almost ten times more searches (their figures are backed up by yet another consultancy firm) and that Google’s servers each use four times less electricity than Clarage states. According to TU Delft professor, Henk Sips, of the parallel and distributed systems section (Electrical Engineering, Mathematics and Computer Science), it is very difficult to calculate exactly how much energy a Google search costs. The 100-watt light bulb comparison does not seem far fetched to him, however. “But”, he adds, “it could easily be wrong by a factor of two. These kinds of calculations are always made on the back of a napkin, because nobody is given access to data about how Google actually functions.” Prof. Sip says that a certain degree of nuance is required. He points out that the hard disks on Google’s servers are also used for its Gmail email service, meaning the 100-watt theory cannot only be accounted for by net searches. “And”, the professor continues, “an increase in the number of searches won’t lead to a linear increase in energy consumption. The servers are continuously indexing websites around the world. They are doing the preparative work, so to say, so that when you type in a query, Google can immediately give you the results.” While they are busy indexing, the servers heat up and then must be cooled. But like Clarage, Prof. Sips also believes that Google’s energy consumption will rise. But whereas the former warns about what will happen when six billion people on Earth have access to internet, Sips is primarily concerned about the effects of video streaming: “Youtube is an energy devourer. In our field of work, we are left wondering how long Google can continue with this service. According to most analysts, the company is losing money with Youtube, but then again, all that comes through the grapevine.” Another influential factor in the future energy consumption of Google queries is the use of optical fibre in internet networks, which is rising. Sending information through optical fibre costs a lot less energy than through copper cables. (TvD)


DELTA. 14 15-04-2010

07

science

come to think of it

Simplifying the smart cars ‘We were not taken very seriously’

Cars are becoming increasingly stuffed full of sensors, electronics and software that mainly function independently and sometimes contradictorily. Newly appointed professor Edward Holweg pleads for an integrated approach.

Delta and Delft Integraal/Outlook often write about innovative ideas that offer big promises for the future. But what has happened to such ideas a couple years on? What for instance has happened to the Delcraftworks’ flying saucer?

xJos Wassink Professor Edward Holweg was as intrigued as everyone else by the recent controversy surrounding Toyota’s apparently malfunctioning brakes and sticking throttles. “The confusion with the brakes concerned the hybrid Prius”, he explains. “In an emergency brake the pedal felt strange, while the automated system switched from the regenerative electromagnetic brake to the mechanical one. The other defect, the stuck throttle, was more serious. Modern throttle systems are electro-mechanical, meaning the gas pedal and the engine’s throttle are only electronically connected. When the brake is activated, the system should be intelligent enough to reset the throttle automatically. But apparently that did not always happen. These cases are illustrative of the present state of built-in automotive control systems, whereby each system not only functions independently of the others, but also sometimes

’Increasing complexity is not sustainable’ even counteract each other. This is what the newly appointed professor of intelligent automotive systems (Mechanical, Maritime and Materials Engineering) aims to change with an integrated approach. In his inaugural lecture, which he will deliver next Friday, prof. Holweg will show how cars - starting with the Model T Ford a century ago - have evolved from purely mechanical systems, via hydraulics (1922) and electro-hydraulics (1971: first anti-lock braking system), to electro-mechanical (drive-bywire) systems. Holweg believes this trend is unstoppable. Yet, there is a limit to the growing complexity. “Increasing complexity is simply not a sustainable direction to follow”, he argues. “My view is therefore focused on simplifying the current vehicle architecture in order to counter the increasing complexity.” He thinks the principle of Global Chassis Control could

Edward Holweg at the ‘quarter car’ test bench. (Sam Rentmeester/FMAX)

make cars both better and simpler. What is Global Chassis Control? “It means you have one set of sensors, connected to one control system that uses one set of actuators to control the entire vehicle.” What role do actuators play? “In the driving direction, the actuators are the traction and brake systems; in the lateral direction, the steering; and vertically, the suspension of the car.” Given the fact that you also work part-time at SKF, a bearing manufacturer, I presume the sensors are placed in the bearings? “That’s correct. Although the best place would be in the tires, because you’d want to measure the x,y,z-forces from the road onto the tires. But since measuring at the tire-road interface is hard to realise, measuring forces in the wheel bearing is second best option. We can actually calculate the three forces on the tire from the three forces and three angular moments we measure in the bearing.” Is Global Chassis Control functioning yet? “Not yet. At SKF, we have a modified BMW that features sensors in the wheel bearings and estimators

that calculate the forces. We’re currently developing and testing ABS software on the wheel test bench at TU Delft. Results so far indicate that the breaking distance is shorter than with conventional ABS-systems, which use the rotation of the tire as an input. In late summer we intend to demonstrate the system in a BMW on a test track where there is lots of asphalt around.” Will industry adopt the concept? “It’s still early days, but BMW for example is working on an integration of subsystems like ABS and ESP [electronic stability control, ed.], having both systems share the same sensors.”

A plane without tail, which emits no carbon dioxide and flies very Delft Outlook, March 2007: quietly. It was with great pride Delcraftworks aims to drag that researchers from TU Delft’s the aerospace sector out of aerospace department, ‘Delcraftthe mire and develop an enviworks’, presented their invention, ronmentally friendly airplane. a blended wing aircraft, at Schiphol For decades, the initiators Airport a few weeks ago, just prior say, nothing essential has to it taking off for China. The plane changed in the design of pasdid not take off silently however, senger planes. but rather with the rumbling of a Boeing. What the researchers had presented was a mockup, which was then shipped to Shanghai, where it will be exhibited at the World Exhibition, which runs from May to October. In 2007, when this department, which focuses its research on innovative, environmentally friendly airplanes, was first started, project leader Meine Oosten stated that the airplane of the future should be tailless, because the tail accounts for much of the air resistance. “Preferably, a plane should be nose-less as well”, he added. The aerospace department promoted its daring project with ads in newspapers depicting a flying saucer. “That saucer wasn’t such a good idea”, says interim project manager, François Geuskens, in hindsight. “The marketing department used that picture to emphasize that we think out of the box at TU Delft. From the start however we made it clear that our goal was not to make a saucer. Nevertheless, the story took on a spin of its own. It’s clear that a saucer is not the right shape for an efficient plane. In industry we were not taken very seriously.” By the end of this year, Delcraftworks aims to have a prototype of an unmanned, blended wing airplane up and running with a wing span of almost two meters. “The design of this airplane, called Zesar (Zero Emission Silent Aircraft Realisation), is in a very late stage”, Geuskens confirms. “We have no parts ready yet, but we have ordered the malls.” Geuskens believes that by 2012 he and his colleagues will have built a prototype twice that size. The first small prototype will run on batteries. The later version will use hydrogen: either by direct hydrogen combustion in special hydrogen jet engines (which still must be developed) or with the intervention of a fuel cell. The researchers presume that substantial progress will be made in technologies for compact hydrogen storage (the problem with this fuel is the huge amount of space it takes up), because as early as 2015 or 2016 they intend to have a manned airplane ready with a span of around eight meters, which can fly 1500 kilometers at a cruising speed of 400 kilometers per hour. After the flying saucer misfortune, the hope is that TU Delft will not place any new ads asking for extraterrestrial pilots. (TvD)

What will the research at TU Delft focus on? “We want to improve the sensors in the bearings, including the estimators to calculate the forces. Perhaps we will also need to modify the bearings to allow for better measurements. Another research focus will be on the development of an electro-mechanical wheel suspension. That’s a project we’ll be doing in collaboration with TU Eindhoven.”

x

Professor Edward Holweg, Intelligent Automotive Systems, inaugural speech, 16 April 2010, 15:00 hrs.

(Artist impression: Delcraftworks)


DELTA. 14 15-04-2010

interview

WIE IS JAN VAMBERSKY De Mondriaantoren in Amsterdam en het kunstwerk ‘Het geheim van de Nano’, maar ook nieuwe projecten als kantoorgebouw De Haagsche Zwaan en het multifunctionele gebouw De Rotterdam van Rem Koolhaas: Jan Vambersky (Lety, Tsjechoslowakije, 1945) is een veelgevraagd constructief ontwerper met een passie voor hoogbouw. Na de hts werkte hij twee jaar als hoofduitvoerder bij een aannemersbedrijf. In 1969 haalde hij cum laude zijn diploma civiel ingenieur aan de Technische Universiteit van Praag. Na zijn immigratie naar Nederland werkte hij eerst twee jaar bij een ingenieursbureau voor de petrochemie. “Daar maakte het niet zoveel uit dat ik nog nauwelijks Nederlands sprak.” In 1972 trad hij als constructeur in dienst bij het ingenieursbureau Corsmit. Daar is hij inmiddels al dertig jaar directeur. Sinds 1988 combineert hij dat werk met een hoogleraarschap constructies van gebouwen in Delft. Vambersky is getrouwd en heeft twee volwassen zoons. (Foto’s: Sam Rentmeester/FMAX)

08


DELTA. 14 15-04-2010

09

interview

’Studenten slaan nieuwe wegen in’ Na 22 jaar neemt prof.dipl.ing. Jan Vambersky afscheid als hoogleraar constructies van gebouwen aan de faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen. In zijn afscheidsrede wijst hij op een ‘tikkende tijdbom onder de bouw’.

Er speelt meer mee. Omdat we verlangen naar hightech snufjes in onze huizen en kantoren, groeit het aantal specialismen. En sommige architecten tarten graag de natuurwetten. Dat is prachtig: zonder zulke ambities krijgen we straks steden die je doen denken aan op elkaar gestapelde bierkratten. Maar al deze ontwikkelingen betekenen ook dat de constructeur met extra aandacht naar de constructie van een gebouw moet kijken. Die noodzaak is nog niet tot de markt doorgedrongen.” In uw afscheidsrede geeft u voorbeelden van wat kan gebeuren als de constructieve veiligheid onvoldoende is gecontroleerd. De noodgedwongen ontruiming van een Amsterdamse gebouwencomplex in 2006. En drie jaar eerder: het instorten van vijf balkons in een appartement in een Maastrichtse nieuwbouwwijk, waarbij twee doden vielen. “Van zulke gebeurtenissen zijn bouwwereld en overheid geschrokken. Er zijn hoopvol stemmende ontwikkelingen: de Vrom-inspectie heeft nuttig onderzoek gedaan, er is een Platform Constructieve Veiligheid opgericht. Maar het is niet genoeg. Er lijkt een schok nodig te zijn om voor fundamentele veranderingen te zorgen. Ik hoop dat die schok niet al te groot hoeft te zijn.”

xJOOST PANHUYSEN Houdt u straks helemaal op met uw werk als hoogleraar? “Ik blijf mijn promovendi begeleiden. Binnen drie jaar hebben ze hopelijk alle vijf hun onderzoek afgerond. De afstudeerders kunnen tot eind 2010 op me rekenen, en ik blijf nog even college geven. Het is leuk werk. Het is altijd een feest geweest om hier te werken.” Wat maakt het leuk? “Zien hoe begaafde, enthousiaste mensen hier komen en uiteindelijk met meer kennis vertrekken dan jij als hoogleraar bezit. Hun gebrek aan ervaring werkt als een voordeel. Ze slaan wegen in die ik onbegaanbaar had verklaard. Een voorbeeld: ik heb lange tijd geroepen dat prefab beton niet goed samen gaat met hoogbouw van boven de negentig meter. Het is geweldig dat je bepaalde bouwonderdelen vooraf in de fabriek kunt produceren, maar naarmate het gebouw hoger wordt, blijkt het steeds lastiger en tijdrovender om die onderdelen met hijskranen naar boven te takelen. Op de bouwplaats beton naar boven pompen is dan sneller. Zo dacht ik er over, maar mijn studenten en promovendi kwamen tot veel optimistischere conclusies. Ze hebben gelijk gekregen. De Haagse torenflat Het Strijkijzer, opgeleverd in 2007 en 132 meter hoog, is afgezien van de onderste verdiepingen helemaal opgebouwd uit prefab beton. In nieuw onderzoek stellen mijn studenten dat prefab beton bij gebouwen van wel tweehonderd meter kan worden toegepast.” Hoe kwam u als student civiele techniek aan de Praagse Technische Universiteit in Nederland terecht? “Via een uitwisselingsprogramma van Iaeste (uitwisselingsprogramma voor studenten om technische ervaring op te doen, red.). Het was begin augustus 1968, en ik kwam voor twee maanden naar Nederland. Maar op een bouwplaats gebeurde een ongelukje. Ze waren damwanden aan het heien en ik zag hoe een groepje mensen tevergeefs probeerde slots van een stapel te trekken: van die stalen profielen waarmee je damplanken met elkaar verbindt. Ik deed enthousiast mee, de stapel kwam in beweging en zo’n slot tikte me op de voet. Niks aan de hand, dacht ik, maar later bleken de middenvoetsbeentjes te zijn gebroken en moest de voet in het gips. Bij het bureau van Iaeste werkte een meisje dat me hielp met het regelen van de verzekeringen. Veertien dagen later – ik kon alweer lopen en fietsen – vielen de Russen het toenmalige Tsjecho-Slowakije binnen om een einde te maken aan de Praagse Lente. Dat Nederlandse meisje dacht: gebroken voet, thuis oorlog – laat ik die arme jongen maar uitnodigen voor een zeilweekend in Veere. We werden verliefd, en dat meisje is nu mijn vrouw.” Bleef u in 1968 in Nederland? “Dat heb ik overwogen. Ik heb gepraat met Dick Dicke, de constructeur van de aula. Ik kon toen nog niet vermoeden dat ik hem twintig jaar als hoogleraar constructieleer zou opvolgen. We kwamen tot de conclusie dat het me drie jaar zou kosten om in Delft mijn studie af te maken: waterbouwkunde was nieuw voor me en ik moest natuurlijk eerst Nederlands leren. In Praag zou ik in een jaar klaar zijn. Daarom gaf Dicke – hij is in 2003 helaas overleden – me het advies om voorlopig terug te gaan naar Tsjecho-Slowakije. Natuurlijk draaiden de Russen in dat land steeds verder de duimschroeven aan. Dat leidde tot een ware exodus. Het werd steeds moeilijker om het land te verlaten. Het is me in 1970 nog maar net gelukt om naar Nederland te komen, via een georganiseerde reis – één van de laatste. Mijn vrouw had me in de tussenliggende periode twee of drie keer bezocht. Ik verliet Tsjecho-Slowakije in de allereerste plaats om bij haar te zijn.”

Er moet een ramp gebeuren voor het tot overheid en bouwwereld doordringt dat er echt iets moet veranderen? “Misschien wel, ja.”

Tien jaar geleden organiseerde u met architect Pi de Bruijn een symposium over de kloof tussen architecten en constructeurs. Bestaat dat probleem nog steeds? “Daar is de laatste jaren verandering in gekomen. Vroeger moest de constructie zoveel mogelijk ‘achter het behang geplakt worden’, nu zijn er stromingen in de architectuur die de constructie juist willen tonen als onderdeel van de architectuur. En bij de grillige free form-architectuur heeft de architect de kennis en kunde van een civiel ingenieur nodig: samen moeten ze de grillige vormen zo weten te kneden dat de krachten die op het gebouw inwerken ook op een goede manier worden afgedragen. Bovendien kan de civiel ingenieur helpen bepalen of de uitvoering van een ontwerp financieel haalbaar is.” Met architecten valt goed samen te werken? “Ja, als de architect het belang van een goede, creatieve constructeur onderkent en niet bang is om in de beginfase ideeën aan de constructeur voor te leggen die technisch misschien niet helemaal blijken te kloppen. Het zijn vooral de grote architecten die zo’n open houding hebben. Zij hebben internationaal naam gemaakt en staan sterk in de schoenen. Eind jaren negentig heb ik als constructief ontwerper met de Italiaanse architect Renzo Piano gewerkt aan het ontwerp voor de Toren op Zuid, het kantoorgebouw van KPN aan de zuidzijde van de Erasmusbrug. Zijn eerste schetsen zaten vol verkeerde perspectieven en andere fouten, maar dat gaf niet: met die schetsen liet hij zien welke kant hij op wilde. Hij durfde fouten te maken en wilde graag met de constructeur te kijken hoe het nog beter kon. Zo kom je tot een bijzonder resultaat. Een mindere architect zou misschien angstvallig dat eerste idee afschermen en zijn ‘kindje’ niet meer willen loslaten.” In uw afscheidsrede wijst u op ‘de tikkende tijdbom onder de bouw’. Ontwerpfouten komen niet meer tijdig aan het licht, met soms ernstige gevolgen. U legt een verband met een aantal structurele veranderingen in de bouw. “Er is in de bouw sprake van versnippering. Steeds meer werk wordt uitbesteed aan onderaannemers. Steeds minder mensen willen nog werken op de bouwplaats, die geldt als dirty, dangerous and difficult. Het zijn ontwikkelingen die je niet tegenhoudt. Door die versnippering worden nu op meer plekken meer fouten gemaakt.

U zegt in de afscheidsrede dat de door u genoemde voorbeelden ‘het toppuntje van de ijsberg’ vormen. ‘De meeste gevallen worden angstvallig in de vertrouwelijke sfeer gehouden vanwege de mogelijke imagoschade, financiële claims en dergelijke.’ “Ja. Dat leert de ervaring. Er moet dus echt meer controle plaatsvinden. In de bouw denkt men tegenwoordig al snel: ach, de controle, dat doet de gemeentelijke dienst Bouw- en Woningtoezicht wel. Terwijl die controle in de allereerste plaats de taak is van de bouwwereld zelf. Helaas heeft Bouwen Woningtoezicht veel te weinig bevoegdheden om zo’n controle af te dwingen. Als ze alle tekeningen en berekeningen van een nieuw gebouw krijgen, zouden ze slechts moeten hoeven kijken of dat pakket aantoonbaar en degelijk is gecontroleerd. Als dat niet het geval blijkt: geen bouwvergunning! Maar in de praktijk moeten die arme lui van Bouw- en Woningtoezicht, die echt hun stinkende best doen, dat pakket zelf controleren, tot het laatste stuk toe. En pas als ze een aantoonbare fout hebben gevonden, mogen ze ingrijpen.” U hebt dit probleem al eerder aangekaart. “In 2004 zei de toenmalige Vrom-minister Sybilla Dekker dat niet een wet, maar meer marktwerking uitkomst kan bieden. Maar marktwerking pakt hier averechts uit. Concurrentie verleidt bedrijven tot kortzichtigheid. Een constructeur moet alles heel snel narekenen, tegen een zo laag mogelijk tarief.” En Bouw- en Woningtoezicht heeft te weinig mensen om al die berekeningen en tekeningen na te pluizen? “Grote steden als Amsterdam en Rotterdam beschikken over een sterke dienst Bouw- en Woningtoezicht, maar als u een elektriciteitscentrale in een kleine gemeente bouwt, heeft het ambtelijke apparaat daar niet de capaciteit om alles te controleren. Ik ben een realist. Dit is geen probleem dat je ooit volledig kunt oplossen. Zolang er mensen zijn zullen ze fouten maken, hoeveel maatregelen je ook treft. Maar als ik naar de huidige situatie kijk, zeg ik: het moet veel beter. Als er morgen een ramp gebeurt door een ontwerpfout in een gebouw, kunnen we niet zeggen: we hebben voldoende gedaan om dit te voorkomen.


DELTA. 14 15-04-2010

10

lifestyle

Een goede kameel kwijlt Waarom heeft een snelle kameel kleine voeten en is er spanning tussen toerisme en religie? Journaliste Saskia Konniger beantwoordt deze vragen in haar Studium Generale-lezing ‘Dagelijks leven in India’. xRobert Visscher

Joost Noordhoff in actie voor het hoogste zaterdagteam van Obvius. In de competitiewedstrijd tegen Aeolus Oledo verloor hij zijn enkelspel, maar wist hij later met Mark Versteegh de herendubbel te winnen.(Foto: Sam Rentmeester/FMAX)

De Oude Vier van studentenroeivereniging Skadi uit Rotterdam won zondag voor de vijfde maal op rij het hoofdnummer van de Varsity. Het Delftse Laga plaatste zich op het Amsterdam-Rijnkanaal bij Houten wel voor de finalerace, maar eindigde daarin als zevende. Er is echter hoop voor de toekomst, gezien de prestaties van de Jonghe Acht. Het talentvolle Laga-octet leverde een unieke prestatie door in het nog jonge seizoen na de Head en de Heineken roeivierkamp ook de Varsity te winnen. “Een hoogtepunt in onze historie”, aldus de jubelende voorzitter Joost van der Weiden. Voor de rugbyers van vierdeklasser Thor staat wellicht ook een hoogtepuntje op stapel. Zondag begonnen zij in elk geval uitstekend aan de promotie/ degradatiecompetitie. Aangemoedigd door een flinke schare meegereisde supporters werd in het Overijsselse Hengelo Dragons met 37-7 verslagen. Captain Francis Ndonga, zelf goed voor één try, blikte met voldoening terug: “Dragons was veel sterker dan de andere tegenstanders van het afgelopen seizoen. Gelukkig wisten wij vroeg te scoren en geruime tijd het initiatief vast te houden. Daarna hebben we onze voorsprong goed verdedigd.” Lars Delhez, met drie try’s, en Geert Wanders, met drie conversies en twee penalty’s, hadden een groot aandeel in de zege. Bij winst op The Elephants, komend weekend, is terugkeer naar de derde klasse binnen één seizoen een feit. In een andere poule verdedigt het tweede team van DSR-C juist zijn status als derdeklasser. Ook deze ploeg begon de nacompetitie goed door in Hoorn met 38-0 te zegevieren over RC West Friesland. DSR-C 2 speelt zijn tweede p/d-duel over twee weken in Delft, tegen de Wild Rovers. Voor het hoogste mixed zaterdagteam van studententennisvereniging Obvius ging de voorjaarscompetitie met haperingen van start. Na de afgelasting van de openingswedstrijd, een week eerder, haalde afgelopen zaterdag de tweede wedstrijd, tegen Aeolus Oledo, het einde niet. De Delftenaren begonnen niettemin goed, met een simpele zege (6-2, 6-3) van Anne-Joy de Graan. Na de twee verloren confrontaties door Sjoerd Noordhoff ( 4-6, 6-2, 4-6) en het dameskoppel De Graan/Fiere (4-6, 6-2, 3-6) trok het herendubbelduo Noordhoff/Versteegh (6-4, 6-2) de stand weer gelijk, waarna de strijd gestaakt moest worden. Doordat er op het sportcentrum slechts één vaste en één gedeelde baan beschikbaar was voor deze wedstrijd, was er om half acht ’s avonds niet genoeg tijd meer over om aan het mixed dubbel te beginnen. Die partij wordt op een latere datum alsnog gespeeld. De ambities van het team dat in de tot ‘eredivisie’ omgedoopte regiohoofdklasse uitkomt, zijn vooralsnog bescheiden: “We zien wel wat het wordt”, zegt clubcommissaris Joor Arkesteijn. “We hebben een sterk team en we hopen ergens bovenin te eindigen, maar ik weet niet wat voor teams de andere verenigingen uit deze poule hebben opgesteld.”

x Tips? Jimmy.tigges@hetnet.nl

stephan

Sport

Vier jaar geleden wilde Saskia Konniger een artikel schrijven over de kamelenmarkt vlakbij het Indiase heiligdom van Pushkar. Tussen vijftigduizend brullende dieren sprak ze kamelenhandelaar Sampat. Ze werden tot over hun oren verliefd. Konniger trok met hem in een huifkar door de woestijn van Rajasthan. “Hij was eigengereid, onconventioneel en slim”, zegt ze. “We openden totaal andere werelden voor elkaar.” Het is een van de vele avonturen die Saskia Konniger beleefde in het land waar zij sinds 2005 aan verknocht is. Over haar ervaringen vertelt zij tijdens de Studium Generale-lezing ‘Dagelijks Leven in India’ op 19 april. Konniger is freelance journaliste en is wetenschappelijk onderzoeker bij Museum Volkenkunde Leiden. Kamelen zijn sinds haar reis door de woestijn een open boek voor Konniger. “Ik weet waar je op moet letten bij het kopen van een kameel. Ze moeten kleine voeten hebben, want dan zijn ze snel. Grote voeten maakt ze log. De ogen moeten nat zijn en het beest dient uit de mond te kwijlen. Dat is een teken van gezondheid. Bij het racen op een kameel is het belangrijk om je goed vast te grijpen.” De relatie met kamelenhandelaar Sampat kwam op een nare manier tot een einde. “Toen ik weer naar India reisde om hem te zien, was hij overleden”, zegt Konniger. “Op zijn brommer geschept door een vrachtwagen.” Over deze ingrijpende gebeurtenissen schreef ze het boek ‘Club Karma’. Konniger verbleef de afgelopen vijf jaar een aantal maanden per jaar in India. Daar viel haar onder meer de

De ogen moeten nat zijn en het beest dient uit de mond te kwijlen. (Foto: Saskia Konniger)

frictie tussen religie en toerisme op. “Van oudsher komen veel toeristen naar Pushkar. Hippies, maar ook touringcars vol toeristen. Rond het heiligdom geldt een aantal regels: het is verboden drugs te gebruiken, vlees te eten en met slippers de tempel te betreden. Een paar jaar geleden raakte een Fins meisje in een psychose, waarschijnlijk door drugsgebruik. Ze liep naakt een heilig meer in. Dat was een grote belediging voor Indiase gelovigen. Er ontstond discussie of toeristen nog wel welkom waren. De priesters leven van de uitgaven van de toeristen. Uiteindelijk kozen ze daarom voor een pragmatische oplossing. Iedereen bleef welkom. Maar het voorval liet wel het spanningsveld zien.” Het viel Konniger ook op hoe Indiase mannen tegen vrouwen aankeken. “Ik heb veel jonge mannen gesproken. Zij vinden vaak dat de vrouw een ondergeschikte positie heeft aan de man. Ze hebben grofweg twee beelden van vrouwen. De goede vrouw is aseksueel en dienstbaar. De slechte vrouw is heel seksueel. Dat beeld wordt bevestigd in Bollywoodfilms. Westerse vrouwen

zien ze wel als seksuele wezens, onder meer dankzij televisieseries als Baywatch. Hierdoor worden westerse vrouwen soms lastig gevallen op straat. Ik merk dat veel jongens een liefdeshuwelijk willen met een zorgzame vrouw, waar ze ook een seksuele relatie mee hebben. Maar die combinatie kan niet, denken ze. Want met een seksuele vrouw wil je geen relatie. Dat is heel verwarrend.” Dit jaar wil Konniger weer naar India. “Voor Museum Volkenkunde onderzoek ik de positie van NoordIndiase zelfstandige goudsmeden. Door de groeiende middenklasse kregen zij de afgelopen jaren een grotere afzetmarkt. Ik ben benieuwd hoe het nu met ze gaat in de kredietcrisis.”

x

Studium Generale lezing ‘Dagelijks Leven in India’ van Saskia Konniger, 19 april 20.15 uur, Het Prinsenhof, Oude Delft 183. www.saskiakonniger.nl


DELTA. 14 15-04-2010

hoe overleef ik...

… zo ongezond mogelijk? Een vette bek en liters bier; voor de geest mag het studentenleven nog zo lekker zijn, het lijf doet het geen goed. Dus in deze overlevingscursus: hoe haal ik zo veel mogelijk vitaminen uit zo ongezond mogelijk voedsel? Van de jongeren tussen de 20 en 29 jaar, jij dus, zegt 54 procent gezonder te willen eten. Ja, ja. Want ondertussen is dat óók de groep die vét ongezond eet. Dat gebrek aan vitaminen is niet zo best voor je. Wat worst case scenario’s? Hoofdpijn, slechte weerstand, vermoeidheid, depressie en - als je het echt bont maakt - eczeem op de geslachtsdelen, scheurbuik, dementie en loszittende tanden. Iemand een worteltje? Het goede nieuws: vet heb je nodig. Alleen, niet te veel. En in de juiste vorm. Onverzadigde vetten zijn gezond, en zitten onder andere in noten, olijfolie en avocado’s. De verzadigde moet je mijden, want die verhogen je cholesterol. Maar dat zijn ook – surprise – de lekkerste; in snacks, koek, roomboter en vet vlees.

Ja, ik wil Alle beetjes helpen. Dus zeg ja tegen die komkommer onder je filet americain, neem wat sla onder je shoarma en laat voor één keer de salami van je pizza. Diepvriespizza op de planning? Je hebt vast nog wel een verse tomaat liggen om de boel te pimpen.

Health junkie Junk bewust! Liever pizza dan patat, liever Chinees dan pizza en liever Japans dan Chinees. Je verbaast je trouwens over hoe snel je toch nog aan de schijf van vijf komt, zelfs met junkfood. Kijk eens op www.voedingscentrum.nl. En eet er lekker een patatje bij – maar wel uit de oven natuurlijk.

Chop-chop Koop je groenten en fruit niet voorgesneden en eet ze zo vers mogelijk. Uit die paar gram die je eet, kun je maar beter zo veel mogelijk vitaminen halen. Wok of kook ze kort, en het liefste in de magnetron. Doordat je dan maar weinig water hoeft te gebruiken, blijven in water oplosbare vitamines als vitamine C grotendeels behouden. Bijna nog makkelijker dan eten bestellen!

An apple a day… …keeps the doctor away. Ook gelezen dat fruit helemaal zo gezond niet is? Geloof het niet! Al schijnt ook van de laatste berichten, dat fruit veel kankersoorten tegengaat, niet alles te kloppen. Speel het safe en kies gewoon elke dag een andere soort: de gezondheid zit ‘m in de diversiteit aan vitaminen en mineralen. Geldt ook voor groente, trouwens.

Voer je kater Niets kost zoveel energie als een flinke nacht doorhalen. Bijtanken dus! Nee, niet met nog meer bier – en de paracetamol kun je maar beter helemaal laten zitten als je nog iets van je lever over wilt laten. Kill de kater met voeding. Water, ten eerste. En een stevig ontbijt. Als je verbranding op gang komt, breekt je lijf de alcohol sneller af. Vitamine C spoort de lever aan, dus drink een sapje. Laat de koffie voor wat ‘ie is (daarmee onttrek je alleen maar nog meer vocht aan je lichaam) en probeer een bananensmoothie met honing. De banaan en melk kalmeren je maag, de honing krikt je bloedsuikerspiegel op. Bovendien bevatten bananen magnesium en kalium, en daar heb je na een avond stevig drinken niet veel meer van over. Neem tot slot een stevige, zoute soep om het vocht aan te vullen. Trucje: maak ‘m lekker pittig, dat verdooft.

Uit een potje Altijd slim: slik multivitaminen. Maar wat op de verpakking staat is waar: ze vervangen geen groenten en fruit. De vezels en mineralen uit eten zijn namelijk net zo belangrijk. Wel een handige versterking: groenten en fruit uit een flesje. Maar dat moet je maar net willen betalen. (JH)

x eetmeter.voedingscentrum.nl

11

lifestyle

Polderen op de studentenredactie sTUDelta wordt niet gemaakt door de vaste Delta-redactie, maar door vijftien TU-studenten. Na een crashcourse journalistiek schrijven gaan ze binnenkort de campus en de Delftse binnenstad in, om te beschrijven wat studenten nu écht bezighoudt. xMARTINE ZEIJLSTRA De eerste redactievergadering moet nog plaatsvinden, maar er zijn al grootse plannen voor sTUDelta. Studente luchtvaart- en ruimtevaarttechniek Olga Motsyk (26) wil bijvoorbeeld meer relevante informatie voor internationale studenten in de speciale studenteneditie. “Als internationale student is het lastig integreren in Delft. Nederlandse studenten doen vaak samen leuke dingen. Voor hen is het logisch hoe het studentenleven in elkaar steekt, voor ons niet. Vooral niet omdat de meeste informatie over het studentenleven in het Nederlands is. Je hoort alleen van feestjes als iemand het toevallig tegen je zegt”, zegt de Oekraïense studente, die coördinator is van de Engelstalige artikelen van sTUDelta. “Dat moet veranderen, anders mengen ze nooit met Nederlandse studenten. Daar kunnen we met deze sTUDelta een begin mee maken.” Daarom worden de meeste artikelen in sTUDelta in het Engels geschreven. Mariska van der Boon (22), vijfdejaars civiele techniek en coördinator van de Nederlandstalige artikelen, denkt aan een artikel over Koninginnedag. Zodat ook buitenlanders begrijpen waarom de ene helft van Nederland de zolders uitmest en oude spullen verkoopt aan de andere helft.

De redactie van sTUdelta met Olga Motsyk (staand, tweede van rechts) en Mariska van der Boon (zittend op muurtje, schuin achter Motsyk). (Foto: Sam Rentmeester/FMAX)

Motsyk wil een verhaal over de dream teams, studentenprojecten op de TU. “Daarbij werken internationale studenten en Nederlandse studenten wel samen. Veel internationale studenten denken dat meewerken aan Dreamteams veel tijd in beslag neemt terwijl het niets aan je studie toevoegt. Maar het is juist goed om als student te leren samenwerken.” Ook wil Motsyk een artikel wijden aan de moeilijkheden die buitenlandse studenten ondervinden bij het zoeken naar een bijbaan. “Iedere internationale student moppert over het feit dat hij maar tien uur per week mag werken. Terwijl veel baantjes op de universiteit twaalf uur in beslag nemen. Dat is al vier jaar zo, maar er verandert nooit iets. Ik wil weten waarom niet.” Dat Delta door een redactie van professionele journalisten wordt gemaakt, verbaast de studentes. “Ik dacht altijd dat Delta voor en door studenten gemaakt werd”, zegt Van der Boon. “Studenten weten toch het beste wat er op de campus leeft?” Motsyk knikt geestdriftig. “Ik heb me meteen aangemeld bij de redactie van Delta na het lezen van sTUDelta, vorig jaar. Ik wilde dolgraag artikelen schrijven voor studenten op de Engelstalige pagina's van Delta.”

De mogelijkheid om mee te doen aan de nieuwe editie van sTUDelta grepen de twee dan ook met beide handen aan. Of hun ideeën het blad halen, weten ze niet. “Het moeten vooral kwalitatief goede stukken worden”, zegt Van der Boon. Moeilijke beslissingen gaan de twee coördinatoren niet uit de weg. “Maar die beslissingen maken we niet alleen. We willen dat internationale en Nederlandse studenten de krant interessant vinden. En om dat te bereiken willen we veel overleggen met de andere redactieleden,” zegt Motsyk als volleerd polderaar. “Is dat typisch Nederlands, veel overleggen?” Doorgewinterde journalisten zijn Van der Boon en Motsyk niet, nieuwsgierig zijn ze wel. Van der Boon wil bijvoorbeeld graag weten wat de concrete gevolgen van de komende overheidsbezuinigingen voor studenten zijn. Ze wil mee op excursie naar Frankrijk om het graf van Leonardo da Vinci te bezoeken. “Ik kan het niet alleen beschrijven, maar ook participeren. Ik ben per slot van rekening een TU-student, waardoor ik ook mee kan doen aan alle technische aspecten van de masterclass.”

x

sTUDelta verschijnt 27 mei.

time out

Filmstation Een mooiere locatie voor een filmfestival kun je bijna niet bedenken: de Noorderbioscoop, komend weekend, wordt gehouden in het voormalige Rotterdamse Station Bergweg. Eigenlijk is het ‘gewoon’ een ludieke actie van deelgemeente Rotterdam Noord, om te laten zien dat Station Bergweg dé plek is voor een nieuw filmtheater in de stad. Dat punt heeft ze bij voorbaat al gemaakt, want een filmischer decor is nauwelijks denkbaar. Het voormalige station staat al jaren – sinds RandstadRail de Hofpleinlijn overnam – leeg, al kun je er nog wel uitstappen. Niet voor niets heet het voluit ‘Noorderbioscoop Episode 1.0’; dit feestje is voor herhaling vatbaar. In drie dagen tijd toont het festival twee prereleases (‘Les barons’ en ‘Win/win’, twee hits van de laatste

editie van het Internationaal Film Festival Rotterdam), absurde films (waaronder ‘The Imaginarium of Doctor Parnassus’ en ‘Let the Right One in’) en een programma culinaire films, met onder andere ‘The Good, the Bad and the Ugly’. Nog leuker: op zaterdagavond is er een discofeestje, met Gudith, Pavlov Disco en EchoEcho DiscoShow. Thuis een filmpje kijken op de bank is duurder, want voor de filmvoorstellingen betaal je een symbolisch bedrag van vijftig cent, voor het feestje drie euro. “Omdat het een filmfestival is voor iedereen”, vindt de organisatie. Al is het voor studenten met OV-jaarkaart natuurlijk geknipt, want bij hoeveel party’s stap je uit ín de feestlocatie? (JH)

x

Noorderbioscoop, van vrijdag 16 t/m zondag 18 april in Station Noord, Bergweg 6, Rotterdam. Op vrijdag beginnen de films om 21.00 uur, op zaterdag om 16.30 uur (aanvang feest: 22.00 uur) en op zondag om 13.30 uur. www.noorderbioscoop.nl


DELTA. 14 15-04-2010

12

reportage

Sturen met Hoe leer je studenten ontwerpen? Voor ‘gewone’ docenten is er veel didactische informatie, maar voor ontwerpdocenten niet. Het project ‘Van gezel tot meester’ moet daar verandering in brengen. xConnie van Uffelen Bouwkunde maakt bij ontwerpoefeningen veelvuldig gebruik van - meestal jonge - gastdocenten. Zij hebben vaak hier hun master gehaald en mogen na minimaal twee jaar praktijkervaring, doceren bij de TU. “Ze zijn hartstikke goed, niks mis mee, maar ze hebben geen didactische kennis opgebouwd”, zegt onderwijskundige Mirjam Bril van Onderwijskundig Centrum Focus. Daar is een verklaring voor: didactiek is volgens Bril altijd gericht op college geven. “Nooit op leren ontwerpen, dat is een andere tak van sport. Er is bij verschillende opleidingen wel kennis over ontwerpdidactiek, maar die is niet centraal gebundeld.” Toch geven docenten al jaren ontwerponderwijs. “We kijken allemaal de kunst een beetje van elkaar af”, zegt Elise van Dooren, ontwerpdocent bij Bouwkunde. “We weten welke docenten we in onze studietijd goed vonden en welke niet. Dat probeer je dan na te doen. Er lopen hier kanjers van docenten rond, dus er is best wat kennis aanwezig, maar er zijn maar weinig mensen die het op papier hebben gezet.” Jonge gastdocenten zoals Tjalling Homans blijken daar in de praktijk tegenaan te lopen. Hij heeft een

Tijdens een groepsassistentie van gastdocent Tjalling Homans (lichte blouse) passeren diverse concepten de revue. (Foto's: Sam Rentmeester/FMAX)

eigen ontwerpbureau en was tot drie jaar geleden student aan de TU. Al ruim een half jaar geeft hij onderwijs in bouwtechnisch ontwerpen. Dat doet hij één dagdeel per week in een schakelsemester voor hts'ers.

Weinig sturing Homans verbaast zich er over dat er vanuit de universiteit weinig sturing is voor ontwerpdocenten. “Een georganiseerd kijkje bij elkaar in de keuken bijvoorbeeld. Zien hoe anderen het doen. Je doet maar wat. Toen ik op een zeilschool lesgaf over zeilen,

hadden we drie dikke ordners over doceerstijlen.” Voordat hij bij de TU begon met doceren, sprak hij met drie docenten over hun aanpak. “Daar heb ik veel van geleerd, bijvoorbeeld over het nut van het werken in groepjes. Je houdt studenten betrokken. Studenten werken aan elkaars ontwerpen, leren alternatieven bedenken en leren argumenteren. Het was een goede lesvoorbereiding om met die docenten te praten.” Zijn ervaring als student is dat veel docenten uitgaan van de gedachte

dat studenten aan een universiteit veel zelf moeten ontdekken. “Docenten geven weinig sturing en stellen vooral veel vragen, maar er zijn meer methoden om sturing te geven. Ik denk dat docenten erbij gebaat zijn als ze leren wanneer ze welke lesmethode kunnen gebruiken. Wanneer moeten studenten zwemmen en wanneer geef je sturing? Je bent geen slechte ontwerper als je af en toe wat sturing krijgt.” Homans had vaak het gevoel dat hij als student alleen maar hoorde dat een ontwerp goed of fout was. “Het heeft bij mij lang geduurd voordat ik snapte hoe je moest ontwerpen. Ontwerpen is niet alleen puur intuïtief, je kunt het leren. Er zijn ontwerpregels. Ontwerpen is als dichten: een dichter kan misschien best dichten, maar als hij de taal niet spreekt wordt het lastig. Hetzelfde geldt voor ontwerpen: je moet gereedschap hebben. Hoe ver ga je in je uitleg of sturing?”

Onontgonnen

Luisteren, vragen stellen en samenvatten zijn volgens Elise van Dooren (midden) erg belangrijk in het contact met studenten.

Om wat licht in deze duisternis te werpen zetten Mirjam Bril en Elise van Dooren een project op met de titel ‘Van gezel tot meester’. Daarin worden studenten tijdens hun master alvast een beetje opgeleid in didactiek. “Als je ze na twee jaar praktijkervaring inhuurt als docent heb je ze meteen didactisch en inhoudelijk goed geschoold“, zegt Bril. Van Dooren dook in de literatuur, maar ontdekte dat er wereldwijd

maar weinig onderzoek naar ontwerpdidactiek is gedaan en dat hier ook maar weinig over op papier staat. “Er is wat te vinden over het ontwerpproces, over creativiteit en over algemene onderwijskunde, maar het onderwerp ‘studenten leren ontwerpen in een opleiding’ is behoorlijk onontgonnen.” Ze maakte een samenvatting van de literatuur over ontwerpprocessen. “Bij ontwerpen draait het om een open en complexe, vage opgave. Het is geen kruiswoordpuzzel met een precies aantal spelregels: je kunt echt alle kanten op. Die opgave los je op door er een zogeheten concept aan te verbinden.”

‘Je bent geen slechte ontwerper als je af en toe wat sturing krijgt’ Neem de bibliotheek van de TU. “Je ziet als het ware een opgetild landschap, waar de bibliotheek onder is geschoven. Dat is een soort concept. Constructie, materiaal, ruimte, functie en de stedelijke omgeving waar het gebouw wordt ingepast: alles wordt ten dienste van dat concept opgelost.” Wat veroorzaakt nu bloed, zweet en tranen? “Het formuleren van het concept en het ambacht van het vak”, zegt Van Dooren. “Als je als ontwerper een voorlopige beslissing neemt - bijvoorbeeld op ruimtelijk gebied - moet je kijken naar de


DELTA. 14 15-04-2010

13

reportage

een touwtje gevolgen voor constructie, materiaal, functie en stedelijke omgeving. Dat proces wil je studenten bijbrengen. Een ervaren ontwerper weet in die vijf groepen tegelijk te werken, een student pakt er maar eentje. Die is bijvoorbeeld alleen met ruimte bezig en kijkt pas wanneer dat af is naar constructie. Studenten moeten leren switchen.”

Dubbel eng Volgens Van Dooren hebben studenten nu vaak geen idee wat ze moeten doen als ze gaan ontwerpen. “We doen het wel voor, maar vertellen eigenlijk niet zo heel goed wat we doen. Dat maakt het voor een student dubbel eng. Als docenten zich dat niet ongelooflijk goed realiseren, kunnen ze ontzettend veel schade aanrichten. Er zijn docenten die te veel negatieve kritiek geven. Ongetwijfeld uit goede bedoelingen, maar studenten kunnen daardoor hun zelfvertrouwen verliezen.” Met ‘Van gezel tot meester’ wil Van Dooren praktisch materiaal voor docentencursussen ontwikkelen. In september begon de module met een training voor een eerste groep van negen masterstudenten die in het laatste semester voor hun afstuderen zitten. Gedurende dit semester kregen ze meer, maar kleinere ontwerpoefeningen. In het eerste kwartaal liepen ze tweemaal per week een dagdeel stage bij een groep eerstejaars bachelorstudenten. Parallel daaraan kregen ze werkcolleges didactiek. In de eerste drie weken van hun stage observeerden de stagiairs

docenten om erachter te komen waarom die doen wat ze doen. “Een docent die naar hun oordeel te veel uitlegde, had sterk het gevoel dat studenten zo het meeste leerden, omdat ze als eerstejaars nog niets over ontwerpen weten”, zegt Van Dooren.

Stage-ervaringen Zesdejaars studente Loes Goebertus zag als stagiair hoe de docent die zij observeerde niet bang was stiltes te laten vallen. “Dat is soms heel goed. Op een gegeven moment ging ik zelf lesgeven en ging mijn docent mij observeren. Daaruit bleek dat ik studenten het niet goed liet merken als een ontwerp goed was. Dat is toch iets wat je een beetje vergeet.” Wel stelde Goebertus studenten vragen over hun keuzes, om ze te dwingen na te denken en ze actief te houden. ‘Sturen met een touwtje’,

‘We doen het wel voor, maar vertellen eigenlijk niet zo heel goed wat we doen’ noemt Mirjam Bril dat. “We waren getraind op vragen stellen, maar wat ik daarna weer niet deed was met ze doorpraten”, zegt Goebertus. “Toen ik dat wist, probeerde ik er op te letten. Dat werkte. Daar leer je veel van.” Tijdens werkcolleges didactiek wisselden de studenten stage-ervaringen uit. “In mijn groep kregen alle studenten opdrachten om drie ont-

Gastdocent Tjalling Homans bespreekt met bachelorstudenten wat zij moeten ontwerpen.

werpvarianten te maken met telkens een ander uitgangspunt”, zegt Goebertus. “Ze werden gedwongen er op meer manieren naar te kijken. Dat is ook een manier van sturen: je zegt niet wat ze moeten doen, maar je laat het ze allemaal onderzoeken.” Behalve hun ervaringen bespraken studenten ook thema’s zoals het ontwerpproces, het schrijven van een handleiding, het beoordelen van studenten, groepsinstructies en individuele assistenties. Bij die laatste onderwijsvorm schuift een docent aan bij een groep van tien

studenten die aan hun eigen ontwerp werken. Van Dooren legt uit dat zij bij zo’n individuele assistentie altijd eerst luistert en kijkt naar wat studenten hebben gedaan. “Je stelt vragen om te kijken of je alles als docent begrepen hebt. Vervolgens – en dat is voor stagiairs heel moeilijk – probeer je als docent meteen door te stoten naar de kern van je assistentie. Al vragenstellend en een klein beetje uitleggend probeer je daar wat minuten aan te besteden. Je rondt af met een samenvatting en de vraag of studenten verder kun-

nen.” Verder oefenden stagiairs in groepjes van drie. De een speelde een docent, de ander een student en de derde observeerde hen. “De student had dan bijvoorbeeld niets gedaan of kwam een kwartier te laat luidruchtig binnen en moest een leuk verhaal ophangen om dit goed te praten”, legt zesdejaars student Jop Alberts uit. “Het was als docent zaak om daar een oplossing voor te vinden. Als observator moest je vertellen wat je denkt dat goed ging, wat mis ging en wat anders had gekund. Gelukkig heb ik in mijn stage niet dit soort situaties gehad, dit waren vrij extreme voorbeelden.”

Terughoudend Of Alberts en Goebertus docent willen worden, weten ze nog niet. Ze zien wel, tegen de tijd dat ze de vereiste twee jaar werkervaring hebben. Alberts vindt het leuk om mensen te helpen als die ergens mee zitten. “Bij doceren moet je een dialoog aangaan met je studenten. Als je later met opdrachtgevers spreekt is het ook niet zo dat je zegt hoe het moet. Je legt je ideeën voor en samen kom je tot een oplossing. Bij dit doceren leer je terughoudend te zijn.” Inmiddels volgt een tweede groep masterstudenten de module ‘Van gezel tot meester’. In september start een soortgelijke maar kortere cursus voor docenten. Gastdocent Tjalling Homans had er destijds graag gebruik van gemaakt. “Dat docenten niet meer sturing durven geven, komt wellicht doordat dat ze niet goed weten hoe ze les moeten geven. Ploeteren hoort erbij, ontwerpen is een eindeloze zoektocht. Je moet in ieder geval gereedschap hebben, net zoals een dichter taal moet hebben.”

Elise van Dooren (midden) luistert aandachtig naar ontwerpplannen van studenten.


DELTA. 14 15-04-2010

H&J Uitgevers_2x70_zw-w 14

service

Aankondigingen Algemeen Vakken Alle ingenieurs krijgen ooit met intellectueel eigendom te maken. Het Delft Centre for Entrepreneurship biedt hierover een keuzevak aan voor masterstudenten en aio’s in het 4e kwartaal. In dit vak leer je de verschillende vormen van Intellectueel Eigendom kennen en gebruiken. Inschrijving kan via Blackboard: WM0781TU. Voor meer informatie kun je contact opnemen met Susan Tate, S.C.Tate@tudelft.nl. Projectvoorstellen wetenschappers gezocht Stichting Imagine Life Sciences is voor de scholierenwedstrijd (4/5 Havo en 4/5/6 Vwo) van 2010-2011 op zoek naar wetenschappers die ons kunnen steunen en hun enthousiasme voor hun vak willen uitdragen door het indienen van een projectvoorstel. Voor meer informatie kijk op www.foundationimagine.org of mail naar info@ foundation-imagine.org.

Studenten Camaretten De inschrijving voor het cabaretfestival Camaretten is weer geopend. Zie www.cameretten. nl voor meer informatie. Nationale Denktank De werving voor de Nationale Denktank 2010 is gestart. Het

thema van 2010 is ‘Vertrouwen in een veranderende samenleving’. De Nationale Denktank zoekt ‘maatschappelijke ingenieurs’ uit alle studierichtingen die creatieve antwoorden hebben op de vraag hoe de overheid interactie met burgers beter kan vormgeven. De deadline voor inschrijving is 16 mei. Zie www.nationale-denktank.nl voor meer informatie. Groninger Studenten Cabaret Het 24ste Groninger Studenten Cabaret Festival zoekt deelnemers. Ken jij iemand die klaar is voor deze uitdaging of zie je jezelf wel op het podium staan? Trek jij volle zalen? Twijfel niet en meld je voor 17 mei aan voor de selecties via www.gscf.nl. Innovatie Challenge De Club van Maarssen nodigt studenten en young professionals uit om met innovaties te komen voor Deltametropool Nederland tijdens het Olympisch jaar 2028. Een prijs van 10.000 euro wordt uitgereikt op het World Congress on Information Technology op 25-27 mei. Zie www.clubvanmaarssen.nl/ innovatiechallenge voor meer informatie. DeltaCompetition Royal Haskoning, de Delta Alliance en Rotterdam nodigen studenten over de hele wereld uit om creatieve oplossingen te bedenken om de deltasteden van de wereld aan te passen aan

14-05-2004

14:02

Voor advertenties bel met:

de gevolgen van klimaatverandering. Studenten hebben tot 15 juni de tijd om hun oplossingen in te sturen. Drie winnaars ontvangen 3000 US dollar en mogen hun oplossing presenteren tijdens de Deltas in Times of Climate Change conferentie 2010 in Rotterdam. Zie www. deltacompetition.com voor meer informatie. James Dyson Award De James Dyson Award is een internationale design award die de nieuwe generatie van design ingenieurs huldigt, aanmoedigt en inspireert. De award wordt uitgereikt aan een student, wiens ontwerp het beste aantoont dat hij in staat is anders te denken en een product kan ontwikkelen, dat meer gewild is en beter werkt. De winnaar ontvangt 10000 pond en de deadline is 1 juli. Zie www.jamesdysonaward.org voor meer informatie. Student Research Conference Tijdens de Student Research Conference op 14 en 15 oktober op de Universiteit Leiden krijgen alle Nederlandse en Vlaamse bachelorstudenten de kans om hun onderzoek voor een breed publiek te presenteren. Dien je onderzoeksbeschrijving in tot 1 mei via www.vsnu.nl/SRC.

Student and Career Support Informatie Bij Student and Career Support

kun je terecht voor een bezoek aan een studentendecaan, een studentenpsycholoog, het Career Centre met studiekeuzeadviseurs en loopbaanadviseurs, en het Informatiecentrum. Voor de studentenpsychologen geldt dat het eerste contact loopt via het Open Spreekuur op dinsdag- of donderdagochtend van 11.30-12.30 uur. De studentendecanen en de loopbaanadviseurs houden een inloopspreekuur op dinsdag van 11.30-12.30 uur en de studiekeuzeadviseur op donderdag van 11.30-12.30 uur. Het Informatiecentrum (begane grond) is geopend van 9.00–17.00 uur. Er is documentatie beschikbaar over WO- en HBO-opleidingen, arbeidsmarkt, studie- en beroepskeuze, buitenlandse studies, enz. Bij de balie, telefonisch of via de email kun je een afspraak maken met een van de medewerkers. Bezoekadres: Jaffalaan 9a (ingang Mekelweg); tel. 0152788004. e-mail: studentandcareersupport@tudelft.nl website: www.studentandcareersupport.tudelft.nl Sociale Vaardigheden Leer voor jezelf op te komen, meer ontspannen gesprekken te voeren en effectiever met anderen om te gaan in de training Sociale Vaardigheden. Aanmelden en meer informatie op www.smartstudie.tudelft.nl.

Online huurprijs check Is jouw huurprijs redelijk? Check www.huurcommissie. nl voor meer informatie en om helderheid te krijgen over huren en geschillen tussen huurder en verhuurder. WorkNtravel WorkNtravel is een jong bureau dat bemiddelt tussen vrijwilligers/stagiair(e)s en bedrijven. WorkNtravel is op zoek naar Nederlandse stagiair(e)s die stage willen lopen in Suriname. Meer informatie via info@ bluefrogtravel.net. International Office Het International Office, Jaffalaan 9a, is op werkdagen geopend van 9.00-17.00 uur. Je kunt ook vragen stellen via internationaloffice@tudelft.nl of telefonisch (015-2788012) een afspraak maken.

x Delta Inleveren kopij Bijdragen van faculteiten, diensten en overigen voor de rubriek “Aankondigingen” in Delta ontvangt de redactie graag per e-mail: delta@tudelft.nl. Bijdragen dienen zo beknopt mogelijk te zijn. De redactie behoudt zich het recht voor om in te korten. Aanleveren vóór vrijdag 14.00 uur.

ROTTERDAM SCHOOL OF MANAGEMENT ERASMUS UNIVERSITY

MSc in

Supply Chain Management

H & J Uitgevers Postbus 101 2900 AC Capelle aan den IJsel T (010) 451 55 10 F (010) 451 53 80 E delta@henjuitgevers.nl

Neem contact op met Hennie de Ruyter of met Mireille van Ginkel voor nadere informatie

GRATIS HYPOTHEEKGESPREK BIJ U THUIS (OOK IN DE AVOND) • Voor starters die inzicht willen in alle subsidiemogelijkheden • Voor doorstromers op de woningmarkt • Voor mensen die willen oversluiten Kortom bel ons: 015 215 78 00 voor een goede uitleg en deskundig advies! Oosteinde 25 • 2611 VA Delft • info@vwadviseurs.nl • www.vwadviseurs.nl

Announcements Students SIFE Delft Looking for something new? Students in Free Enterprise Delft offers you the opportunity to combine social entrepreneurship with your academic knowledge. With the support of companies like Unilever, Heineken, HSBC, KPMG, Schiphol and Philips we create projects to help people all around the world. Do you also have a head for business and a heart for the world? We are looking for new participants now! Check www. sifedelft.nl or mail your motivation to info@sifedelft.nl.

Student and Career Support

11-12 May 2010 Master Orientation Days

Information The student psychologists and the central student and careers councilors are located

Sign up for a Supply Chain Management info session

• Obtain a supply chain management degree in one year

at Jaffalaan 9A. Office hours: Monday-Friday from 9.00-17.00 hrs. You can direct your inquiries or make an appointment at the Front Office or by phone: 0152788004. For an initial appointment with one of the student psychologists you should first come to one of the open office hours: Tuesdays and Thursdays from 11.30-12.30 hrs. The open office hours of the Student and Career counselors are on Tuesdays from 11.30-12.30 o’clock. More information on www.studentandcareersupport.nl. International Office The International Office, Jaffalaan 9a/visitor’s entrance at Mekelweg, office opening times Monday to Friday 9.00–17.00 hrs. Appointments and enquiries can be made by email: internationaloffice@tudelft.nl or by phone: 015-2788012.

Minimaatjes

• No business bachelor required Studiebeurzen van € 5.000,voor ’n aanvullend studiejaar filosofie, ethiek of theologie. Aanvragen vóór 30 april 2010. Zie: www.thomasmore.nl.

SIGN UP: www.rsm.nl/studysupplychain

AC-HOP de vakbond voor Universiteitspersoneel. Voor informatie kijk dan op www. AC-HOP.nl.

Jan Peter leidt een noodhulpproject na een natuurramp. Hij hoeft niet na te denken over het bieden van hulp. En jij?

Bel 0900 – 9585 en help mee voor g 5 per maand.

WWW.ARTSENZONDERGRENZEN.NL

Yoga geeft je rust, leert je ontspannen en je eigen grenzen zoeken in een fraai zaaltje in gebouw Delftstede, Phoenix-

straat 66. Informatie: www. johanmolenbroek.nl/yoga, 0152783086 of j.f.m.molenbroek@ tudelft.nl. Spelregels minimaatjes. Minimaatjes zijn niet toegankelijk voor het bedrijfsleven. Voor commerciële aanbiedingen en advertenties: H&J Uitgevers (adres in colofon). Minimaatjes zijn maximaal 200 tekens lang. Inleveren vóór vrijdag 14.00 uur via e-mailadres delta@ tudelft.nl.

Pag


DELTA. 14 15-04-2010

service

15

Ben jij het talent dat anders naar problemen kijkt?

Waar veel bedrijven de crisis louter als een bedreiging zien, zien wij er al vanaf het begin óók kansen in. Een crisis kan ook de start van groei zijn. Om dat te zien moet je vooruit kunnen kijken. Vooruitkijken, of het vermogen om anders naar een probleem te kijken, is een talent van mensen. Een bijzonder talent dat niet iedereen heeft. Het is dus de kunst om dat bijzondere talent te vinden én te houden. Dat doen we bij Deloitte. Ondanks de economische situatie hebben we ook in 2009 volop in talent geïnvesteerd. In totaal hebben we ruim 400 high performers als nieuwe collega’s verwelkomd. Ook dit jaar is er weer volop ruimte voor toptalent. Kijk op www.werkenbijdeloitte.nl/talent voor alle vacatures.

Laat niemand je tegenhouden.

© 2010 Deloitte, Member of Deloitte Touche Tohmatsu


DELTA. 14 15-04-2010

16

service

MASTER’S INFORMATION EVENT 22 APRIL WWW.MASTEREVENT.TUDELFT.NL You can’t change the world in an hour. But you can start here.

Programme Each of the faculties will be offering its own unique Master’s Information Event programme. 17.00 - 17.30

Special introduction for HBO students in the Auditorium of the Aula building, Lecture Room B

At the faculties

17.45 - 18.45

1st round

18.45 - 19.15

Break or change of location to another faculty

19.15 - 20.15

2nd round

register now at www.masterevent.tudelft.nl

13-10-2009 11:24


DELTA. 14 15-04-2010

17

service

Agenda Deze week Vrijdag 16 april Wetenschapsagenda • Thermal Actuation for Precision Micro Motion and Positioning. Promotie van ir. S.L. Paalvast. Promotoren: prof.ir. R.H. Munnig Schmidt en prof. dr. P.M. Sarro. 10.00 uur. • Formation and Transport of Bubbles in Microfluidic Systems. Promotie van ir. V. van Steijn. Promotoren: prof. dr.ir. C.R. Kleijn en prof.dr.ir. M.T. Kreutzer. 12.30 uur. • Intreerede van prof.dr.ir. E.G.M. Holweg, faculteit 3mE. 15.00 uur.

Eettafels University Rotterdam. See www. eur.nl/hope for more information.

Dinsdag 20 april Studium Generale • 12.45 uur -
Deze lunchlezing gaat over de persoon Galilei. Wie was die illustere man achter de natuurkunde?
Faculteit TNW, zaal E, Lorentzweg 1 toegang en lunch gratis. • 20.15 uur -
Lezing ‘Democratie en openbaar bestuur in Nederland’ door Adriaan Weterings. We lijken een heel democratisch volkje, maar hoe zit het nou werkelijk? Het Meisjeshuis, Oude Delft 112, Delft - toegang gratis.

Zondag 18 april International Student Church Students of all denominations are invited to our ecumenical
service every Sunday at Raamstraat 78, 11.30 hrs followed by tea/coffee. The services are led by the chaplains Reverend W. Stroh and Father Avin, and are supported by student leaders. More information on www.iscnetherlands.nl.

Maandag 19 april Wetenschapsagenda • All-aromatic Liquid Crystal Thermosets and Composites Thereof. Promotie van M. Iqbal, MSc. Promotoren: prof. dr.ir. S. van der Zwaag en prof. dr. T.J. Dingemans. 10.00 uur. • Modelling Risk Control Measures in Railways. Analysing how designers and operators organise safe rail traffic. Promotie van ir. J. van den Top. Promotor: prof.dr. A.R. Hale. 12.30 uur. • Curved open-channel flows. A numerical study. Promotie van ir. W. van Balen. Promotoren: prof.dr.ir. W.S.J. Uijttewaal en prof.dr.ir. G.S. Stelling. 15.00 uur. Studium Generale 20.15 uur -
’Het dagelijks leven in India’. Saskia Konniger doet verslag van haar ervaringen als correspondent wonend en werkend in India. Het Prinsenhof, ingang Oude Delft 183, Delft toegang gratis. Congres Spoorzone Op maandag 19 april zal er een congres worden gehouden over de Spoorzone. Diverse sprekers zullen belichten hoe de Spoorzone gebruikt zal kunnen worden. Entree bedraagt 10 euro per persoon. Aanmelden kan via www.aanmelder.nl/ delft_bouwt_aan_je_toekomst. Bij het kaartje zijn lidmaatschap van het WeSD en twee consumpties inbegrepen. HOPE Inspirational Lecture On the 19th of April from 13.0014.30 hrs an inspirational lecture of the series ‘Encounters with Exceptional Entrepreneurs’ will be given by dr. Iqbal Quadir in the L-Building of Erasmus

Yes!Delft Van 15.30-19.00 uur vindt het Netwerk Event van Yes!Delft plaats in Lijm&Cultuur, Rotterdamseweg 270. Zie www. yesdelft.nl/NetworkEvent2010. aspx voor meer informatie.

Woensdag 21 april Studium Generale 20.15 uur - 
’Democratie in Nederland: Balkenende en het Binnenhof’. Coen Vermeeren interviewt Peter Middendorp, auteur van ‘De lachende derde’, een beschrijving van ministerpresident Balkenende. DOK, Vesteplein 100, Delft - toegang gratis. Opening Career Centre The Career Centre has officially started during the fall of 2009. On the 21st of April you will be able to attend a selection of workshops (personal branding, CV check, etc.) and hear about our plans for the future. The day will end with a festive toast and live music. Smartstudie English workshops 21st of April: Mindmapping Speedreading www.smartstudie.tudelft.nl

Donderdag 22 april Wetenschapsagenda • Ensemble-based data assimilation schemes for atmospheric chemistry models. Promotie van A.L. Barbu, Diplome d’etu. Promotoren: prof.dr.ir. A.W. Heemink en prof.dr.ir. P.J.H. Builtjes. 10.00 uur. • Mechanical Characterization of Flexible and Stretchable Electronic Flexible. Promotie van L. Wang, MEng. Promotor: prof.dr.ir. L.J. Ernst. 12.30 uur. • Integrated control of mixed traffic networks using model predictive control. Promotie van ir. M. van den Berg. Promotoren: prof.dr.ir. J. Hellendoorn en prof.dr.ir. B. de Schutter. 15.00 uur.

April Golfcursus Alexander Hemmes, derdejaars TB student, golft al vanaf zijn

Help mee in de strijd tegen kindersterfte Word nu lid van Unicef Bel 0800 1133

tiende jaar en sinds twee jaar in Jong Oranje. Sinds het begin van het academisch jaar geeft hij golfles bij Sport & Cultuur. Met ingang van 19 april start er een nieuwe, 7-weekse cursus voor beginners. In groepen van ongeveer vijf personen leert men de basistechnieken. Voor ballen en clubs wordt gezorgd. De lessen van een uur vinden plaats op maandag en woensdag om 17.30 en 18.45 uur op het Sportcentrum, Mekelweg 8. Meer informatie: www.snc.tudelft.nl of bel 015-2782442. Mijnbouwkundige Vereeniging Van 19 t/m 24 april zal de Halflustrumweek plaatsvinden van de Mijnbouwkundige Vereeniging. Het hoofdevenement van de week is een internationaal symposium met als thema ‘How smart technology pushes today’s limits’ op 20 april. Zie www.lustrum-mv.nl voor meer informatie. Poetry Slam Op 26 april, 10 mei en 17 mei vinden van 20.30-23.00 uur de eerste drie rondes van Poetry Slam Delft plaats in café De PeliCaan, Verwersdijk 47. De finale vindt plaats op 7 juni. Toegang is gratis. Zie www.dichterbijdebar.nl voor meer informatie. WISV Christiaan Huygens Op 27 april organiseert Wiskunde en Informatica Studievereniging 'Christiaan Huygens' een symposium met als titel 'Cloud your Identity, Distribute your Life'. Op dit symposium worden de nieuwe ontwikkelingen van peer-2-peer samenwerking, gedistribueerde systemen, cryptologie en vooral de privacygevolgen en wetgevingsprocessen hiervan behandeld. Meer informatie is te vinden op http://symposium2010.nl. Hidde Nijland Symposium Op 28 april vindt het Hidde Nijland symposium over ‘Elektrisch Vervoer’ plaats op de TU Delft. Inschrijven kan via de website www.hiddenijlandsymposium.nl. De kosten voor academisch personeel bedragen 85 euro en voor studenten 10 euro.

x Delta inleveren kopij Bijdragen van faculteiten, diensten en overigen voor de rubriek “Agenda” in Delta ontvangt de redactie graag per e-mail: delta@ tudelft.nl. Bijdragen dienen zo beknopt mogelijk te zijn. De redactie behoudt zich het recht voor om in te korten. Aanleveren vóór vrijdag 14.00 uur. Alle promoties, intree- en afscheidsredes genoemd in deze agenda vinden, tenzij anders vermeld, plaats in de Aula van de TU, Mekelweg 5, Delft.

Alcuin Oude Delft 55-57 Ma t/m do geopend van 18.0019.30 uur. Tijdens het hockeyseizoen ook op zondag geopend van 18.00-19.00 uur. Dagelijks daghap maaltijd, op ma., di. en do. ook een luxe maaltijd. Alle maaltijden zijn inclusief soep. Daghap 3 euro, luxe 4,10 euro. Koornbeurs Voldersgracht 1 Om mee te eten bij de eettafel van de Koornbeurs moet je je even inschrijven. Dit kan op www.koornbeurs.nl/eettafel tot 14.00 uur op dezelfde dag. We eten elke dag om 18.30 uur. Deze manier van eten is tijdelijk, maar nog steeds erg gezellig en lekker.

Eettafel geopend ma. t/m vr. van 17.30-19.30 uur. Basismaaltijd 3,60 euro, soep 0,30 euro, toetjes v.a. 0,30 euro, fruit v.a. 0,40 euro. Inl. www.koornbeurs.nl/ eettafel. Sociëteit De Bolk Buitenwatersloot 1-3 Onze open eettafel is geopend ma. t/m do. De maaltijd begint om 18.30, waarna er gezamenlijk gegeten zal worden. Vegetariërs en groepen wordt verzocht (voor 14.00 uur) te bellen. De prijs voor de maaltijd is 4,00 euro, inc. soep en toetje. Tyche Oude Delft 123 Eettafel geopend van 18.0019.30 uur. Basis 3,50 euro, luxe 4,30 euro, xluxe 4,80 euro. Dagelijks soep. Vegetarische

variant beschikbaar. English menu available: www.delftschestudentenbond.nl. Sint Jansbrug Oude Delft 50-52 Ma. t/m vr. geopend van 17.30-19.30 uur. Dagschotel (incl. salade) 3,40 euro, fruit 0,25 euro, toe 0,30 euro, luxe toe 0,85 euro, bier en fris 1,10 euro. Het menu staat ook op www. jansbrug.nl.

Find the complete menu at www. jansbrug.nl. Wolbodo Verwersdijk 102 Soup is served at 18.30h. Everyday meat, vegetarian and vegan. Everyone is welcome. A meal costs 4,00 euro. www. wolbodo.nl

Open from Monday to Friday from 17.30-19.30 hrs. Daily dish (incl. salad) 3,40 euro, fruit 0,25 euro, dessert 0,30 euro, beer and soda 1,10 euro.

x www.eettafels.tudelft.nl

Webspace nodig? Gratis Windows Server 2008 web hosting en .nl domeinnaam Ga naar: http://www.gratiswindowshosting.nl

Spoorzone_110x150_v1:Opmaak 1 13-04-10 14:31 Pagina 1


DELTA. 14 15-04-2010

18

Delta in English

New apartments

Less interest

Minor decisions

Timpaan, a property development company, plans to build 200 new student apartments on the site of the Pauwmolen business park in Delft. Most of the housing complex’s apartments will contain two rooms and a small bathroom. Some apartments will be larger, however, so that students can live in groups or also use their apartments as offices for new start-up companies. The building work is expected to begin in 2011 and be completed by late 2012 or early 2013.

The information day held last month for prospective BSc students was slightly less well-attended than the previous year, when a record 3,217 Dutch high school seniors toured the campus. This year 3,057 students made the trip to Delft, a drop of 5 percent. It is however too early to say whether this will also translate into a 5 percent drop in new enrolments at TU Delft, says Corien Sluis, of TU Delft’s marketing department: “But it is a good indication, although other issues also play a role.”

It’s that time of year again, when approximately 1,500 students must choose their minor subjects for the coming academic year. On Monday 26 April a special minor information session will be held at the Aula Congress Centre, and already some 600 students have registered to take part. Students can visit the information market and join faculty presentations on the minors. Once they have decided on a minor, the students then enrol via the minor registration system. Registration is open from 3 May to 31 May 2010. A Master Information

Surviving an earthquake in Delft Iran, Turkey, Haiti, Chile. Seemingly faraway disasters and civil unrest are often local tragedies for TU Delft international students. A Chilean student on the quake back home and the aftershocks in Delft. xVICTOR GABRIEL GUADALUPE MEDINA For a Chilean PhD student, life in Delft is usually as regular as that of any other international student. And so it was, until a month ago when a massive earthquake and subsequent tsunamis hit Chile. That horrible day - 27 February – of deeply intense worry about my family back home was an experience I wish on no one. Yet in some sense normal life in Chile has always been related to natural disasters. The long piece

‘An emotional rollercoaster ride of worry, fear, impotency and finally relief’

pÉpette

of land that is my country stretches along a fault line between the Nazca plate and the South America plate, which every fifty years or so produces a big shake or earthquake. Chile then is a country in which past natural disasters are part of our collective memory. Chileans grow up experiencing small shakes nearly every year - nothing to worry about, just something normal. But this time of course it was different. Not only the first massive earthquake

(Illustration: Victor Gabriel Guadaloupe Medina)

to occur in my lifetime, but a tragedy that hit Chile while I was living abroad. Thousands of kilometres from home, all I could do was just watch helplessly. But what, for international students in Delft, is the anatomy of a disaster at home? Disaster day starts at 8 a.m. with text messages from Chilean friends relating the bad news. Then the desperate search for news starts. Chilean news broadcasts via internet, CNN, Dutch TV, while frantically trying to connect to family via Skype. An entire day passes without a word from my family. Are they alive? More news watching and hopeless waiting. An emotional roller-coaster ride of worry, fear, impotency and finally relief, for me, communication with one of my brothers. By the end of that fateful day I finally hear that all my family is safe. This is part one, the opening act. But what comes next, post-disaster day, is equally distressing, the restless stressful feeling of being abroad, of being powerless to help your family and fellow countrymen. Days pass, more information appears. Total chaos at home. Massive structural damage, two mil-

lion people left homeless, hundreds dead. Thousand of volunteers gather to help on the ground, but you, in your faraway land, in Delft, cannot be one of them. Instead, regular life goes on: your studies demand attention, deadlines and exams loom. From here, it is impossible to imagine that areas where I travelled just a year ago are now completely destroyed. It’s impossible to imagine what friends, family and all victims of the earthquake were forced to live through, impossible to share in their collective grief. Helplessness, guilt, regret, these are emotions for the ‘lucky ones’ abroad. Being here there is not much we can do. We send emails and tell friends and associates how they can help, where they can donate. We hold fundraising events and even write articles like this one. It’s something, but you continue to live with the feeling that you want to, that you must do something more.

Poll Natural disasters, wars, civil unrest. When tragic events strike countries around the world, should the university have a policy in place for providing special assistance (psychological counselling, special academic/exam support and relief, etc) to the TU Delft international students from the affected countries? Let us know your opinion briefly for publication on Delta’s letters page (please include your name, study and country of origin). Reply to: d.mcmullin@ tudelft.nl

x Donations to aid Chile’s reconstruction efforts can be made at: http://chileayuda.com/international-donations

Event will also be held on Thursday 22 April for third-year BSc students and fourth-year students in higher professional education. Study advisors, MSc students and coordinators will be on hand to answer questions and offer in-depth information about TU Delft’s various degree programmes.

Searching for 45 million TU Delft must save 45 million euro over the next two to three years. In an in-depth interview with Delta last week, TU Delft President, Dirk Jan van den Berg, explained how and why these savings must be achieved. “Of course, simply laying off people is something we want to limit as far as possible”, Van den Berg states. When asked by the interviewer how the university arrived at this figure of saving 45 million euro, the president replied: “Let’s be clear here: you said ‘saving’ 45 million. In fact it’s actually a bit subtler than that. Indeed, part of that figure will come through savings, in order to once again get our expenditures in line with our revenues. But part of this will also come by freeing up funds for investing in the university, in education and research, but also in the quality of our facilities. This is not really saving per se, but rather spending your money in other ways.” But where exactly will this 45 million euro come from? Van den Berg: “That amount is actually very simple: we now have a budget deficit for 2010 of 13 to 14 million euro, together with an incoming first wave of funding of approximately 345 million euro. If we do nothing about this, the deficit will only grow. We must clear up this deficit. In addition, we have set aside approximately 30 million euro – or approximately ten percent of the first wave of funding – to really start re-investing in this university. You must have an amount to focus

on – 45 million euro – to be able to start working towards. I don’t know how fast this process will go, but it will start in 2011 and the intention is that, by the end of 2013, we can say: we once again have a balanced budget, and we now have a sum of money to spend in other ways.” The president was then asked about the strong comments made by Michael van Lith, chairman of TU Delft’s Student Council, who was quoted in a recent Delta as saying that: “The university’s Executive Board has absolutely no clear vision for the coming ten to twenty years. It’s the wrong way around. The Executive Board puts the question to the faculties, and then the faculty deans pass it on to the department heads, and so on. Why doesn’t the Executive Board come up with its own future vision?” To this charge, President Van Den Berg replied: “There is an enormous amount of vision at this university, just look at the recent institutional plan. That is ambition and it is an image that will not change due to this situation, but at a certain moment concrete measures must emerge to give effect to this vision. I don’t believe you can say there is no vision here. When asked specifically about the Executive Board’s vision, the president answered: “There is an institutional plan in which people can read about the direction the university is taking, right? I think you must be a bit careful about the Executive Board devising too many things itself, because you need support to implement measures. You create support through the process of participation, in which people are able to come up with things themselves.” (CvU/DM)


DELTA. 14 15-04-2010

Self-aware Only one-third of all Dutch university students plan to search for jobs immediately following graduation. The rest will wait until they find the ideal job: that is, a job that offers training and career development opportunities and a sufficient number of vacation days. These findings come from a survey conducted by Talentive, an organisational consultancy firm, and were published in Trouw newspaper. Researcher Frits Korten was quoted in Trouw as saying: “We call these students Generation Y: those born between 1975 and 1990. A characteristic

19

Delta in English

of this generation is their powers of estimation: they are extremely self-aware and know what they are worth.” And according to Korten, these students can afford to be critical, because soon much of the baby-boomer generation will retire: “Companies must therefore do their best to recruit these graduates.”

Travel first

No mates

Dutch high school students are now more likely to take a year off to travel before heading to university or polytechnics, according to figures released by Statistics Netherlands (CBS). Ten years ago, more than 90 percent of all high school students went directly into higher education after graduating from high school. But since then, that figure has continuously dropped. In 2008, less than 83 percent of these students immediately enrolled in higher education programmes.

The UK is currently hosting the annual ‘Shine! – International Student Awards’, which were started in 2002 to showcase the contributions international students make to their university communities. For this year’s competition, students had to write a ‘letter home’ in English about their non-academic achievements in the UK. Everardo Gutiérrez-Enríquez, from Mexico, and a student at the University of Huddersfield, wrote in this letter that when he started his studies he was definitely a ‘Billy no mates’ but that he then got involved in

on-campus societies and his social life changed. 'I’m so very popular and as happy as a pig in mud’, he wrote. Zengguo Jin, an international student at the University of Southampton, wrote that she’s different, because 'most Chinese students don’t normally take part in societies and talk to British people, because they’re too shy', while adding that 'it’s not the British who think Chinese students’ English is poor; it’s the Chinese who think their English is poor.' This year’s Shine award winner will be announced on 22 April.

Jobs in NL, but Dutch required For international students interested in staying and working in the Netherlands after their studies, TU Delft’s career centre is the place to go for help and advice. This new, revamped centre will officially open on April 21, offering careeranxious students workshops, walk-in hours, and personal career counselling. xOLGA MOTSYK TU Delft’s career centre emerged from the need for a centralized career service point for international students. “The idea used to be that international students would leave after their studies, but in the recent years more and more of them have expressed the desire to stay”, explanes David Kramer, a project assistant at the centre. “Of course the centre also offers career advice for Dutch students, but in practice internationals tend to need it more: Dutch students will try their own thing and if they hit a wall, they’ll ask for help, while international students need that initial push out the door to get rolling.” Additionally, the Immigration and Naturalisation Service (IND) website and its immigration laws can be daunting and most information about the job market is only available in Dutch, which poses an extra challenge for international stu-

’Be seen, be heard, be pro-active about your career’ dents. Thus, when the need for a centre for orientating international students on the Dutch/European career market became increasingly apparent, Caroline Scheepmaker, senior counsellor at the centre, was able to acquire funding as part of a university-wide initiative to create a more efficient administration. Scheepmaker assembled a team of four counsellors (two Dutch, one international and one senior counsellor), who along with the central student administration counsellors, staff the career centre.

The revitalised career centre opens on April 21. (Photo: Hans Stakelbeek/FMAX)

So what kind of help can students get from the career centre? Kramer: “In a nutshell, our job is to make sure that students are so well-prepared for the Dutch job market that they will be convincing enough for potential employers to want to hire them despite the hassle associated with taking on non-EU employees.” The centre offers a wide range of services to achieve this, from immigration advice and information on how and where to learn Dutch, to help with writing CV's and cover letters, and advice on how to do well at an interview. The centre’s regularly scheduled walk-in hours have been quite popular thus far: normally, 2-3 students come by per day, but on one occasion, around 40 students showed up during the CVcheck open hour. Besides the walk-in hours, the centre offers various workshops. “Having had lots of requests from international students for workshops on how to do interviews, we held one and it was very successful”, explains international career counsellor, Rally Schwachöfer. “In future we’re planning a 3-step workshop: the first part will be about immigration issues, the second part about creating perfect CVs and cover letters, and the third about finding and promoting skills. This last step

is particularly important, as many international students do not think about how to promote themselves.” The career centre also offers the option of scheduling an appointment for private counselling. Schwachöfer: “We’re here for students as much as we can be, as long as there’s still room in the agenda planner.” Additionally, the career centre will provide a beacon of alternative solutions for issues that cannot be solved within its walls, such as learning Dutch, networking, and orientation on the job market. So is the career centre the first place to run to for help when you’re ready to begin a job search? Not if you haven’t done a bit of homework first. “We don’t present students with a picture-clear job future on a silver platter”, Kramer says. “Students coming to us should’ve done a bit of research first. We expect a dialogue where we can fine-tune things. Students expecting us to hold their hand and do the job hunt for them are showing a serious lack of commitment on their part. We’ll ask them to come back when they’re better prepared.” The effort a student is willing to put into language skills in order to secure a job in the Netherlands is equally important. “The first step to any job search is to find out your

strengths and weaknesses and make up your mind about what you want”, adds Schwachöfer. “And the biggest problem international students face when looking for a job is that they don’t speak Dutch. Sometimes students come in and say, ‘I want to stay in the Netherlands’, and then you ask them, ‘Why? What do you expect from your stay and finding work here, and if you

Finally, be pro-active about your own career. “Be seen, be heard, and don’t wait until the end of your studies to be active”, Kramer adds.” As an international student you already stand out, so make yourself seen by joining study societies, networking with groups, attending conferences and career events. The possibilities are endless and your career is in your own hands.”

‘Your career is in your own hands’ don’t speak Dutch, how do you see yourself doing that?’ If they can’t give a clear answer, they may be making the wrong choice.” Kramer, an American and TU Delft MSc graduate, recalls his personal experience in searching for and securing a job in the Netherlands: “In a time of financial crisis, employers are automatically going to pick the candidate who speaks Dutch. If I could give one piece of advice to international students wanting to stay in the Netherlands after their studies, it would be to learn the language; if a potential employer sees that you’ve been here five years and still don’t speak the language, what does that say about your work ethic?"

x Learn more about career opportunities at the official opening of the career centre on April 21, from 15:00-18:00, Jaffalaan 9a - everyone is welcome. Additional info at: careercentre. tudelft.nl


DELTA. 14 15-04-2010 achterkant

00 20

dream teams Naam: Edwin de Vries (21, TB) Dreamteam: Delta Lloyd Solar Boat Team (deltalloydsolarboat.nl) Functie: Team manager Alle begin is moeilijk, kan Edwin de Vries beamen. Samen met zijn team wil hij de Frisian Solar Challenge 2010 winnen. “We hebben inmiddels veel sponsoring, tijdens de race hebben we zelfs een vloot auto’s om de boot te volgen.” Dat was in het begin wel anders. “Ik heb in maart een plek op watersportbeurs Hiswa geregeld, om publiciteit en sponsors te werven. Alleen moest de boot daar aantrekkelijk gepresenteerd worden. En de beurs was al een week later.” De boot stond nog op een aftands frame. “Functioneel, maar het zag er niet uit.” Besloten werd zelf een mooi frame te bouwen. “Een plank van tweeënhalve meter op de fiets vervoeren is geen goed plan”, weet hij inmiddels. “Die plank is wel honderd keer op de grond gevallen op weg van de Gamma naar de TU, en mijn handen lagen open.” Een zaag en een likje witte verf zorgden uiteindelijk voor twee mooie pilaren om de boot uit te stallen. “Een snelle, low budget oplossing, maar het zag er goed uit. En, dat mag ook wel, voor zo’n hightech zonneboot.” (EvO)

as in olde times

Ant art Huize Gerrit, Van Hasseltlaan 80-89, has a new tradition: each new housemate must bring a handful of ants with them. For some time now, an Antwork has been displayed on top of the refrigerator in the student house’s communal living room: it’s a small box made of transparent plexiglas sheets with blue-colored gel between them. The gel contains food for the ants, which dig tunnels in search of this food. The ever-expanding tunnel system also serves as a decorative art piece, which can be illuminated from below. Leon Derks, a mechanical engineering student, came across the Antwork on a website for gadgets. “I wanted to buy it as a surprise, but then I thought I better ask my housemates first.” Research was hastily conducted. “On youtube there are accelerated videos showing Antworks that were filmed over a period of two months. You can then see how the beautiful tunnels are made.” The housemates used an old cooking pan and spoon to capture the first ants. “The kit’s special ant trapping canister proved to be impractical – it sure wasn’t invented in Delft.” There are also videos online showing how to catch ants, says housemate Marleen van Beuzekom: “But you can also buy ants at the pet shop, with the benefit of this being that you then know how old and what race they are.” Derks: “We want to add other races to the ant community, to see if they work together or just fight. We also have a magnifying glass for studying the ants closely.” A piece of paper is placed across the transparent roof: “The roof has four air holes in it, but a few ants quickly discovered them. A couple of ants died and were brought to the top by the other ants, so that we could remove them.” (JT/DM)

Edwin de Vries: “Een plank van 2,5 meter met de fiets vervoeren, was geen goed plan.” (Foto: Richard van ’t Hof)

willemijn dicke

TU Delft Marathon

Kriep

Artful ants at work. (Photo: Hans Stakelbeek/FMAX)

Met acht collega’s van de faculteit TBM deden we in estafettevorm mee aan de marathon in Rotterdam, afgelopen zondag. Twee teams van vier man die de marathon gingen volbrengen, ieder dus tien kilometer. Het vierde jaar op rij waren wij de enige TU Delftaanwezigheid in het estafettestartvak. Dit jaar liepen we nog in een zelf bedrukt katoenen T-shirt. Dat kan beter dachten we, en met dit stukje wil ik u van deze branding opportunity doordringen: ook uw onderzoek kan wereldwijd op media-aandacht rekenen. Ten eerste zijn daar de toeschouwers, overal en langs het hele parcours. Ook ik werd aangemoedigd alsof ik de volledige, heroïsche afstand zou lopen. Voelde ik me de eerste meters nog een beetje beschaamd - ik riep naar iedereen: ‘sorry, ik loop maar tien kilometer’ - al gauw besloot ik te genieten. Op mijn rug stond nu een bescheiden zelf geknutseld TU-logo, maar volgend jaar zal dat anders zijn. Uw onderzoek, plan of ontwerp, al dan niet driedimensionaal, past op onze outfit. We zijn

bereid om nano-shirts te dragen, zonnecellen op ons hoofd, en demonstraties van dijkpatrouillegames op onze rug. De mogelijkheden zijn onbegrensd, wat ons betreft. Maar er is meer dan de juichers langs de weg. Voor de wereldwijde media geldt niet alleen het parcours, maar ook het verhaal vooraf en nadien. We dachten om met de Superbus - als die dan af zou zijn - naar de start te komen. Als er vertraging optreedt in het gereedmaken van de Superbus, is de Nuna is ook goed, die schijnt sneller te zijn dan de Superbus. We zijn uiteraard ook bereid om met de hipste industriële ontwerpen op ons hoofd te lopen. Desnoods halen we op Plakkies de eindstreep. Wat ik wil zeggen: het maakt ons niet uit in tijden van herstructurering en bezuiniging. Nu, meer dan ooit, moeten we deze branding opportunity ten volle benutten en daarom vraag ik u: laat ons weten wat we voor u kunnen doen, tijdens de Rotterdamse marathon volgend jaar.


Delta TU Delft