

TEKST Sanne Schuhmacher
REGY Tamara Schoppert SPUL Raymond Muller Mats Voshol




Oer de foarstelling
Daar is het diepe. En dit is de duikplank. Durf jij er vanaf?


Foar de foarstelling

Plûns is in byldzjende, fantasyrike beukerfoarstelling oer dingen doarre dy’st earst noch net doardest. Oant de knibbels? Oant dyn nâle? Tegearre kopke ûnder? Plûns!



Bekijk voor jullie bezoek aan Plûns de dansvideo “Ik doar-doch”.
Dans & zing mee! Zo vervul jij tijdens de voorstelling een échte heldenrol.







Oer it lesmateriaal Plûns gaat over twee jongens die elkaar ontmoeten vlak voordat hun eerste zwemles begint. De één heeft er zin in, de ander ziet overal gevaren. Een verhaal over jezelf of een ander bang praten. En dat durven niet betekent dat je iets meteen gaat doen. Mag je wankelen voordat je een stap zet?

In deze handleiding lees je hoe jouw leerlingen hun eigen wankelheld ontwerpen én hem voor een logeerpartijtje meenemen in de Wankeltas.
Wanneer alle opdrachten zijn lukt ontvangt iedereen het WANKELDIPLOMA!

LES 1 WANKELFREON
Maak met de leerlingen een wankelheld. Geef voorbeelden zoals: slungel-klungel benen, wiebelbillen, bibberhandjes of een linksfaler die alleen maar rechtsaf durft.
Materialen meneer Onhandig

Hoi! Ik bin WankelWillie. Kinne jimme freontsjes foar my meitsje?



Materialen mevrouw Slungelbeen washandje rietjes foam vellen chenille draad restjes stoffen kralen voor de knieën/ elle bogen/nek vilt voor de cape vilt voor de cape wol en of watten foam stickers wiebeloogjes middel/ groot wiebeloogjes klein schaar en textiellijm schaar en lijm
voorbeelden vind je op de hierna...pagina



Laat je leerlingen een passende naam bedenken voor hun wankelvriend.

Stel je wankelheld voor aan je buren. Wie is dit? Wat lukt jouw held (nog) niet of wat durft jouw held niet? Hoe oefenen jullie dit samen?


Sytse Sink
Bange Bauke

Kluts.
Twifel Tjerk


LES 2 WANKELTOCHT
Meitsje yn it boarterslokaal in parkoersopstelling. Kinne alle learlingen harren wankelheld befrije út it spinreach?
Gebruik deze QR voor het Haaienlied!

• Wiebelbrug langs de haaien
• Lavasprongen
• Slingerende donkertunnel
• Dropdrekweg
• Stinkende klimrots
• Spinnenweb met wankelhelden
Les 3 Wankelwurd
Luister naar de tekst van het lied: ‘Ik doar-doch’ uit de voorstelling.


1. Plûns - Ik doar-doch
doar-doch flink-hip dûk-nocht spring-djip jei-nei
flean-gean swim-heech lef-stean ............ ............
• Kunnen jullie samen de ketting langer maken met nieuwe woorden?
• Klap alleen het ritme van de dans door op je knieën (2x) en daarna in je handen te klappen (2x). Lukt het jullie om een woordenrap te maken op dit ritme?
• Verzin samen met je leerlingen een Wankelverhaal.
Wiebelbrug Wobbelbrug Lavasprongen Spronklava
Spinnenweb
Webberweb
“Oh nee,” zegt WankelWillie. “Ik moet over de ………… maar hij wiebelt zo raar! Hoe kan ik oversteken?” Willie ademt diep in. “Hmm …ik heb een beetje bibber in mijn benen. Maar ik denk dat ik een grote …………… moet maken om de lava over te komen!”
Na 20 sprongen ziet hij een kronkelige rivier in de verte. “Ik denk dat ik flinke durfadem nodig heb en veel zwemlef!” Aan de andere kant van de rivier staat een …….












