Page 1

dag acht jaar stadsdeel Centrum

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

1


2

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

3


De ene horizon kijkt klaar in de andere. Alle dingen zien elkaar. (Herman de Coninck)

4

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Dag Els, Voor mij ben jij het voorbeeld van waar openbaar bestuur voor staat: betrokkenheid, durf en respect voor waar het in de samenleving om gaat.

Voorwoord Met veel plezier bied ik je het boekje Dag Els aan. Het boekje laat zien hoeveel er in acht jaar stadsdeel Centrum is veranderd en gerealiseerd. Het laat zien hoeveel je, samen met velen, in acht jaar kunt realiseren als je ergens voor gaat! Dat was niet altijd makkelijk met zo’n grote verscheidenheid aan ideeën, meningen, belangen en belevingswerelden. Door jouw passie voor deze stad en al haar inwoners, je vrolijkheid en vriendelijkheid heb je vele mensen betrokken bij de zorg die deze stad vraagt. Voor mij ben jij het voorbeeld van waar openbaar bestuur voor staat: betrokkenheid, durf en respect voor waar het in de samenleving om gaat. Jij brengt buiten naar binnen. Jij neemt geen nee voor waar. Jij gaat voor datgene waarvan jij vindt dat het recht verdient. We zijn er trots op dat alle mensen die we vroegen voor dit boek meteen mee wilden doen. En ik ben er trots op voor zo’n betrokken bestuurder te hebben mogen werken.

Anneke Eurelings

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

5


6

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


acht jaar stadsdeel Centrum

Dag Els Voorwoord • Anneke Eurelings Veiligheid • Job Cohen

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

5 9

Ruimte voor kinderen • Frans Niekel

12

Centrum Schoon • Guus Bakker

14

Monumenten slopen? • Salomé Bentinck

20

1012 Wallen • Felix Rottenberg

24

Blaauwlakenblok • Jaap van Gelder

28

Inspraak in de Nieuwmarkt • Benita Croeze

32

Haarlemmerplein af? • o.a. Meri Barends

36

Hermitage aan de Amstel • Ernst Veen

42

Stadsdichter • Ko van Geemert

46

De LaMar • Joop van den Ende

48

Creatieve topstad • Marcel Wanders

51

Anne Frank boom • Eberhard van der Laan

54

Voor iedereen plezier • Paul Hermanides

58

Overlast verslaafden verminderd • Bea Irik

60

Werelderfgoed • Esther Agricola

64

De Stadsdeelraad • Sarien Zijlstra

68

Het nieuws • Bas Soetenhorst

72

‘Het Roode Koper’ • Hanneke Groensmit

76

7


Dag Els, Wij konden het goed met elkaar vinden. En dat is niet zo gek, Els, want je bent een geweldig leuk mens! Dank je wel voor acht mooie jaren!

8

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Veiligheid Acht jaar stadsdeel­bestuurder, waarvan vier jaar voorzitter. En ik heb ze alle acht meegemaakt. De laatste jaren waren onze contacten het meest intensief, want de burgemeester van de stad heeft een speciaal contact met de voorzitter van stadsdeel Centrum. Dat kan ook niet anders, want zo ergens, dan moeten hier de lijnen strak lopen. Nou, dat deden ze. En wat hebben we als centrale stad en stadsdeel samen vier goede jaren gehad. Dat ‘1012’ een vliegende start kon krijgen, was een gevolg van veel voorbereidende handelingen. We waren een eind op streek met de mogelijkheden die de BIBOB-wetgeving ons bood, het stadsdeel had al krachtig ingezet op schoon en heel, en samen waren we al aan de slag om de drugsoverlast aan te pakken. Nooit zal ik het contrast vergeten tussen de eerste vergaderingen met buurtbewoners op de Wallen, waar felle kritiek op driehoek en stadsdeel werd geuit; en de laatste vergadering, waar bijna alleen maar over koetjes en kalfjes werd gepraat. Maar 1012 is meer dan de Wallen, het is ook een essentieel deel van de Rode Loper. We hebben het vaak gehad over de Beurs van Berlage die het stadsdeel als een molensteen om de nek hing, en die mede dankzij de inspanningen van Carolien Gehrels van de nek van het stadsdeel is afgehaald; en we zijn de afgelopen jaren intensief bezig geweest om de voorwaarden te scheppen voor een entree in de stad die zijn weerga niet kent. Vrijwel iedere vergadering gedurende ons laatste jaar stond in het teken van de familie B., en wat moeten we blij zijn dat in die panden op het Damrak een ander regime gaat heersen. Ik ben er laatst nog een keertje geweest, en je vraagt je verbijsterd af hoe het mogelijk is dat dit in het hart van het centrum van Amsterdam mogelijk was. Kortom: we hebben essentiële stappen gezet op weg naar een mooi Damrak en spannende Wallen, die werkelijk onder controle van het stadsbestuur staan. We hebben het natuurlijk niet alleen gedaan. We hebben geweldig samengewerkt in het Bestuurlijk team 1012, onder leiding van Lodewijk Asscher en met Erik Koldenhof, met onze onvolprezen ambtenaren, van wie ik speciaal Pierre van Rossum en Cees Schot noem – en dan weet ik dat ik anderen ten onrechte niet noem. En ik noem de naam van Ronald Wiggers. Wat een man. Maar het kon ook, omdat wij het goed met elkaar konden vinden. En dat is niet zo gek, Els, want je bent een geweldig leuk mens! Dank je wel voor acht mooie jaren!

Job Cohen

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

9


Veiligheid, terugblik Juli 2006 Een goed voorbeeld van de samenwerking tussen Els en de burgemeester is de aanloop tot het coalitieproject 1012. In de overleggen met de burgemeester werden allerlei zaken besproken op het gebied van Bibob en veiligheid. Nu alweer een paar jaar geleden kon Els aan de burgemeester melden dat Charl Geerts zijn panden aan het stadsdeel te koop had aangeboden. Dat was toen erg nieuw en afgesproken werd om die mogelijkheid nader te onderzoeken. En zo geschiedde. In het vervolg meldde de burgemeester dat er zou worden ingegaan

op het aanbod en dat de centrale stad de aankoop zou regisseren in een groter plan; het opschonen van de Wallen. Dat zou moeten gebeuren als grootstedelijk project. Els reageerde daarop erg ingehouden door de burgemeester veel succes te wensen bij de aanpak. Op dat moment realiseerde hij zich pas het effect van zijn opmerking; het project zou dan moeten worden opgepakt door centraal stedelijke diensten zonder de inzet van het stadsdeel. De aanwezige kennis en kunde van het stadsdeel vond hij onmisbaar bij de aanpak. Het werd dus een coalitieproject.

10

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

11


Ruimte voor kinderen Toeristen zou het niet opvallen. En ook niet-Amsterdammers zullen er niet of nauwelijks bij stilstaan, maar in de binnenstad van Amsterdam wonen vrij veel gezinnen. Amsterdam staat bij velen bekend als de stad van schitterende huizen met uiteenlopende gevels aan karakteristieke grachten. Wie daarlangs loopt ziet ongetwijfeld veel zakenpanden met advocatenkantoren, notarissen, diamantslijpers en verzekeraars. Ook, met name in de rosse buurt, de seksexploitanten, prostituees, smartshops en cafés. De winkelstraten zijn voorzien van luidruchtige gevelverlichting. De kinderen die je in die buurten ziet, zijn vast het kroost van de toerist of de toevallige voorbijganger, zo denken velen. Neen, driewerf neen! Het zijn de kinderen van de binnenstad. Doodnormale kinderen van ouders die in die roerige binnenstad wonen en soms ook werken. Kinderen die lid zijn van clubjes of sportverenigingen. Kinderen die vriendjes en vriendinnetjes zijn en bij elkaar thuis komen. Kinderen die dus ook gewoon naar school moeten en die daarna buiten willen spelen. Bij voorkeur op een veilig plekje, ook als er geen ouderlijk toezicht is. Kinderen die zonder gevaar zouden moeten kunnen oversteken, als zij naar school, naar hun vriendje of club gaan. De kinderen van Els Iping groeiden op in deze omgeving. Samen met haar man Brordus bewoonden zij een prachtig pand aan de Kloveniersburgwal. Beide zonen konden naar hartenlust spelen op het ‘zwarte pleintje’ aan de Dijkstraat of op de Nieuwmarkt. Maar ook op de Lastageweg, waar hun toenmalige school de St. Antoniusschool staat. De school, waarvan ik de afgelopen 10 jaar directeur mocht zijn. Ik koester wel eens de illusie dat de politieke carrière van Els is begonnen op onze school. Daar was zij al enorm betrokken bij de ouderparticipatie, aanvankelijk als lid, maar later als voorzitter van de ouderraad. Zij heeft nog net het afscheid meegemaakt van de Zusters Augustinessen van St. Monica, uit de Warmoesstraat, die toen het bestuur van de school vormden. Ouderbetrokkenheid verkeerde in die tijd in onderwijsland nog in een beginfase. Het wiel moest als het ware nog worden uitgevonden. Medezeggenschapsraden waren weliswaar wettelijk verplicht, maar overal nog aan het aftasten waar precies de grenzen lagen. Ik herinner mij dat Els toen al vrij kordaat en recht door zee was. Zij nam geen blad voor de mond en maakte van haar hart geen moordkuil. Maar zij sprak vanuit de grond van haar hart en bleef altijd correct. Vanzelfsprekend nam zij het op voor haar eigen kinderen, zoals alle moeders, maar verloor daarbij nooit het belang van de andere kinderen uit het oog. Zij heeft een zeer grote en heel constructieve bijdrage kunnen leveren aan de kwaliteit van de participatie van ouders en daarmee aan de totale kwaliteit van de school.

12

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Els heeft het lange tijd volgehouden als voorzitter van de OR en heeft in die hoedanigheid de directie telkens op het hart gedrukt de ‘goede sfeer en kwaliteit uit de tijd van de nonnen’ te bewaren. Nadat haar jongste zoon de school ‘met goed gevolg’, zoals dat heet, had verlaten, had Els zó de smaak te pakken, dat zij zich bij de gemeenteraadsverkiezingen kandidaat stelde. Haar partij won en Els werd portefeuillehouder Onderwijs. Dat was een logische keuze, met haar pedagogische achtergrond. En zo bleef de school vanaf dat moment een professionele relatie houden met Els. Portefeuillehouder Onderwijs en later stadsdeelvoorzitter Els Iping heeft zich sterk gemaakt voor de leefbaarheid in de binnenstad. Haar motto was: de binnenstad van Amsterdam is alleen levensvatbaar als je ervoor zorgt dat kinderen veilig over straat kunnen en zonder zorgen kunnen spelen; als je de wijk aantrekkelijk maakt voor jonge gezinnen. Dat betekent het realiseren van voldoende trapveldjes en speelplekken met uitdagende doch veilige speeltoestellen; het organiseren van peuteropvang en naschoolse activiteiten. Soms betekent het stevig optreden tegen kindonvriendelijke praktijken en moet je iets minder commercieel durven denken. Een stadswijk heeft alleen toekomst als je kinderen de ruimte geeft en als je scholen in zo’n buurt de kans geeft goed onderwijs te bieden. Dat heeft Els, zoals ik het heb ervaren, heel goed gedaan.

Frans Niekel

Dag Els, Een stadswijk heeft alleen toekomst als je kinderen de ruimte geeft en als je scholen in zo’n buurt de kans geeft goed onderwijs te bieden. Dat heeft Els, zoals ik het heb ervaren, heel goed gedaan.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

13


Ruimte voor kinderen, terugblik In 2000 lag er een onderzoeksvoorstel om het project Voorschool met de basisscholen de Parel en de Pool te starten. Dat voorstel is niet ten uitvoer gebracht omdat de scholen bang waren dat hun imago als ‘zwarte school’ teveel nadruk zou kunnen krijgen en de leerlingpopulatie verder zou afnemen. In 2001 is vervolgens een werkgroep geformeerd om de mogelijkheid te onderzoeken voor een brede school Parel en Pool om passende opvang te bieden voor werkende ouders, daarmee een meer gemengde leerlingenpopulatie aan te trekken en de beide scholen te versterken en ontwikkelingskansen voor kinderen te vergroten.

In 2003 werd er een evaluatie gedaan van het eerste jaar brede school en daarin werden een aantal verbeterpunten benoemd, o.a. de moeizame integratie van de brede school binnen de beide basisscholen en de geringe betrokkenheid van leerkrachten vooral door tijdgebrek maar ook actieve betrokkenheid bij het project. Daar is afgelopen jaar zeker vooruitgang in geboekt en door de komst van het nieuwe gebouw wordt de samenwerking, ook fysiek, versterkt. Medio 2003 is er gestopt met de opvang vóór school omdat het niet rendabel bleek, te weinig kinderen én ouders die last hadden van negatieve beeldvorming rond de voorziening.

In 2002 is gestart in het kader van brede school activiteiten met voorschoolse- en naschoolse opvang.

Vanaf 2003 is het project Voorschool begonnen. Beide scholen hebben een samenwerking met een peuter­

14

speelzaal, voor de Parel is dat Bon Bini en voor de Pool de Witte Boei. Het is een intensief leerprogramma, zowel voor de kinderen, leerkrachten als ook de ouders. De oudercomponent is heel belangrijk, vandaar dat er in het gebouw een ouderkamer is gerealiseerd. Eind 2002 werd duidelijk dat Europese Fondsen het mogelijk maakten dat het stadsdeel Amsterdam Centrum de zo gehoopte nieuwbouw kon realiseren op de plek van de afgebroken noodlocatie. De architect kon de laatste puntjes op de i zetten. In maart en april 2003 werd de openbare aanbesteding gedaan en in augustus begon de aannemer te bouwen.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

15


Centrum Schoon Els Iping heeft een geweldige uitstraling. Dat mochten wij, onder­nemers aan het Damrak, al snel ontdekken. Ze was nog maar net aangetreden, als stadsdeelbestuurder wel te verstaan. Dit voorval speelt zich af aan het begin van haar eerste periode, toen ze net een paar stemmen tekort was gekomen om behalve stadsdeelbestuurder ook stadsdeelvoorzitter te mogen zijn. Later heeft ze dat rechtgezet, zoals iedereen weet. Wij hadden haar uitgenodigd voor de actie ‘Amsterdam Schoon’. Ieder van ons had een bezem gekregen van de stadsreiniging en wij zouden collectief het Damrak gaan vegen. Els Iping zou het startsein geven. Het idee was dat zij over het Damrak zou wandelen, en overal waar zij kwam zouden winkeliers naar buiten hollen om de stoeptegels schoon te vegen en het pad voor haar te effenen. Een afstand van ruim 400 meter. Menig mens zou zich er ongemakkelijk onder voelen, zo niet Els Iping. Toen haar duidelijk werd wat van haar verwacht werd, kreeg ze even een blos, maar toen transformeerde zij zichzelf in een koningin. Zij liep haar 400 meter met vaste tred en knikte

16

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Dag Els, En opeens was daar weer die stralende lach, die koningin van toen, met het hart op de juiste plaats en met een diep gevoeld verlangen naar schoonheid. Els Iping, het ga je goed.

iedereen, ondernemers en passanten, stralend toe met een klaterende lach. Amsterdam Schoon, gouden actie, Els blij, ondernemers blij, iedereen blij. Dat heeft niet lang geduurd. De ondernemers schreven een pitch uit op zoek naar het reinigingsbedrijf dat hun straat het meest voordelig schoon kon houden. Dat bleek niet de stadsreiniging te zijn. Vanaf dat moment was het trammelant. Els bleek behalve koningin ook een felle vechtersbaas. Als een leeuwin kwam zij op voor de belangen van ‘haar’ Stadsreiniging. Zoals ze later - toen was ze dus voorzitter geworden - even fel opkwam voor de belangen van ‘haar’ bewoners. Wij ondernemers bleven verweesd achter. Wij zijn uiteindelijk maar gewoon ons werk weer gaan doen, buiten op straat de boel de boel latend. Achteraf gezien was dat een jammerlijke ontwikkeling. En het klopte ook niet met wat Els Iping eigenlijk had willen zijn: onze schoonheidskoningin. Ik schrijf dit zonder enige ironie. Want ook in de jaren dat ondernemers en stadsdeel, Els Iping en Guus Bakker, elkaar nauwelijks wisten te vinden, bleek keer op keer dat zij een onverwoestbare uitstraling had en hield. Uitstraling is een te zuinig woord. Hartstocht en verlangen komt dichter in de buurt. Ergens in haar tweede periode was zij de Beurs van Berlage binnengestapt - een gebouw dat zij met pijn in het hart heeft moeten verkopen - en had een kaartje gekocht om de tentoonstelling ‘Alle schilderijen van Rembrandt’ te bekijken. Die hingen daar in levensgrote kopieën ten toon gesteld. Toevallig loop ik daar ook, zij ziet mij, zij grijpt mij bij de arm en met een alles veroverende zucht zegt zij: ‘Dit gebouw, zo mooi, eindelijk weer eens zo prachtig.’ En opeens was daar weer die stralende lach, die koningin van toen, met het hart op de juiste plaats en met een diep gevoeld verlangen naar schoonheid. Els Iping, het ga je goed.

Guus Bakker

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

17


18

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Centrum Schoon, terugblik Jaarlijks meet en rapporteert het stadsdeel over de schoon­ heidsgraden in het Centrum. Schoonheidsgraden drukken in cijfers uit hoe schoon de stad is, afhankelijk van vaste criteria. Zo wordt er bijvoorbeeld gekeken naar hoeveel afval er precies op straten en pleinen en rond de glas- en papiercontainers ligt; naar hoeveel afvalbakken te vol raken; naar huisvuil en grof afval dat op een verkeerde tijd buiten staat; naar graffiti op straatmeubilair van het stads­deel en vorig jaar zelfs naar de hoeveelheid sigarettenpeuken op de stoepen. Al twee jaar op rij haalt het stadsdeel hiervoor het rapportcijfer 8.0 en dat houdt in

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

dat er vrijwel geen afval op straat ligt. In 2010 doet de Reiniging er alles aan om deze zogenaamde ‘schoonheidsgraad’ van 8,0 te behouden. Bij de Reiniging wordt zeven dagen per week 16.00 uur per dag gewerkt en dat is nog meer vanaf 1 april, wanneer de nachtreiniging ingaat. De eerste dienst begint om 07.00 uur, de laatste wagens komen om 23.00 uur weer op de Werf in Oostenburg binnen. De nachtreiniging werkt tussen 23.00 en 07.00 uur. Op de grote afvalwagens werken 62 inzamelaars, bij de straat­ reiniging werken 112 schoonmakers

19

en 40 mensen werken in de wijkverzorging, dit zijn de medewerkers die de afvalbakken legen en zwerfafval verwijderen. Per jaar haalt de Reiniging ongeveer 40.000 ton (40 miljoen kilo) restafval op. In een vuilnis­wagen gaat 6.000 kilo afval en in een vuilniszak gemid­ deld 6 kilo. Dagelijks rijden er door de binnenstad 3 ‘grofvuilkiepers’ en een wagen voor het afvoeren van bruin- en witgoed, elek­trische apparaten als koel­kasten en gasfornuizen.


Monumenten slopen? Vanuit station Rokin komt een grote menigte jonge mensen omhoog. De meesten gaan richting BG terrein: naar de Oude Manhuispoort voor college en naar de UB om te studeren. Die laatste groep loopt door het Turfdraagsterpad naar hun universiteitsbibliotheek. Het gebouw is nog niet zo oud, maar het staat er alsof het er altijd heeft gestaan. Het strekt verwelkomend zijn armen uit, de ramen stralen zacht licht uit. Jij en ik gaan ook naar binnen. In de hal met zijn beeldschone trap drinken we een kopje koffie. Overal jongelui met laptops en e-readers. We kijken naar buiten. Ze zijn bezig het Atrium te slopen. De mensa was toe aan een drastische facelift. We zien ook de woningen aan de Binnengasthuisstraat, de corporatie is de woningen nu stuk voor stuk aan het verkopen. Vanwege de populaire ligging zijn het woningen voor studenten en buitenlandse docenten. Zou Aart Jan Hoolsema er nog wonen? We schrijven ons bij de balie in voor een toegangskaartje en gaan de trap op naar boven. We komen terecht in een zee van echte boeken, daartussen zitjes waar mensen liggen en zitten te lezen. Hier kun je eindeloos browsen. Je laten inspireren door de boeken die naast de boeken staan die je eigenlijk zocht. Iedereen is hier muisstil. We gaan verder omhoog. Veel computers en een groot informatiecentrum, hier kun je alle kennis van de hele wereld ontsluiten en de bibliothecarissen helpen je daarbij. Bovenin is alles van film en geluid te zien en te horen in speciale cabines. Er zijn studiezalen waar je mag praten en andere waar je muisstil moet zijn. Goh, als we nog eens jong waren en hier mochten studeren. We gaan weer naar beneden en besluiten nog maar een kopje koffie te drinken. Weet je nog wel, vraag ik jou: toen je net in het dagelijks bestuur kwam en Duco Stadig dreigde hier een grootstedelijk project van te maken als het stadsdeel niet mee zou werken? Jij hebt toen aangegeven dat die zorg onnodig was en je hebt woord gehouden. Weet je nog hoe iedereen tegen de sloop van de gebouwen op deze plek te hoop liep? Sloop van monumenten dat kon niet, dan maar een minder levendig stadshart. En jij, jij hebt altijd vol gehouden dat het BGterrein beter verdiende en je zag dat deze UB heel mooi zou worden. En wat vind je er nu van geworden?

20

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Dag Els, Dat jij volhield en zag dat het goed was, heeft mij geholpen om ook vol te houden. Dank je wel.

Stug volhouden was ons devies, tegen de monumentenlobby in en ook tegen die geluiden binnen de UvA, die twijfelde of hier wel zoveel geld ingestoken moest worden. Tot aan de Raad van State hebben we gevochten. Eerst het bestemmingsplan en toen de monumentenvergunning. Vele alternatieven moesten we onderzoeken, zoals Fortis en de Slijkstraatvariant. Weet je nog, de VOLBG? En de architect Antonio Ortiz? Nederland bracht hem geen geluk, maar uiteindelijk heeft Amsterdam een paar mooie gebouwen aan hem te danken. Dat jij volhield en zag dat het goed was, heeft mij geholpen om ook vol te houden. Dank je wel.

SalomĂŠ Bentinck

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

21


Monumenten slopen? Terugblik 19 september 2001 Besluit gemeenteraad inzake medewerking huisvestingsplan UvA t.b.v. bibliotheek BG terrein. 2002 – 2004 Voorbereiding / vaststelling bestem­mingsplan BG terrein, ontwikkeling bibliotheekplan, begeleid en getoetst door kwaliteitsteam; door de welstand­scommissie in 2004 positief beoordeeld. 2005 Stagnatie bij UvA mede door vragen over totale huisvestings-investeringen in Amsterdam. Oktober 2006 Principeverzoek UvA aan db tot bestuurlijke bereidheid tot medewerking bibliotheekplan. 2007 Beoordeling, advisering, belangen­afweging, politiek-bestuurlijke afstemming en consultatie inzake principe verzoek.

5 februari 2008 Dagelijks bestuur besluit tot een voorlopig standpunt met bereidheid tot medewerking aan plan van de UvA, op basis van de bestuursrapportage ‘Binnengasthuis­ terrein / Een nieuwe bibliotheek voor de Universiteit van Amsterdam’.

30 juni 2008 De UvA vraagt een bouwvergunning en een monumentenvergunning aan. N.a.v. de publicatie bouwaanvraag zijn 32 zienswijzen ingediend. De voor de beoordeling van de aanvragen vereiste adviezen zijn gevraagd.

6 maart 2008 De raadscommissie BWS stemt in meerderheid in met het voorlopig standpunt van het db.

11 september 2008 Negatief advies RACM namens minister OCW.

25 maart 2008 Het db besluit, gehoord de commissie, tot een definitief standpunt en maakt met een brief aan de UvA kenbaar, dat de door de UvA in te dienen formele aanvragen tot het realiseren van een nieuwe bibliotheek op het BG-terrein door het db positief zullen worden behandeld en beoordeeld, gericht op het verlenen van de daartoe benodigde vergunningen.

22

2 december 2008 De ontwerp beschikking monumenten­ (sloop)vergunning, gebaseerd op het principebesluit van 25 maart 2008, is op 2 december 2008 gepubliceerd en voor 6 weken ter inzage gelegd. 16 december 2008 Het db stemt in met de rapportage ‘Binnengasthuisterrein, een nieuwe bibliotheek voor de Universiteit van Amsterdam / Besluitvorming’.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


12 januari 2009 Monumentenbeschikking: vergunning tot de gevraagde sloop van monumen­tale bebouwing. Beroep ingesteld bij Rechtbank. 22 januari 2009 De ontwerp beschikking vrijstelling art. 19 lid 2 WRO gepubliceerd en voor 6 weken ter inzage gelegd. Maart 2009 - maart 2010: beoordeling zienswijzen, aanvullende onderzoeken, motivering vrijstellingsbesluit. 1 maart 2010 Vrijstellingsbesluit art. 19 lid 2 WRO m.b.t. bebouwing binnenhof.Dit besluit is niet zelfstandig vatbaar voor beroep; samenloop met bouwvergunning, die pas is te verlenen als monumentenvergunning onherroepelijk is. 20 mei 2010 Zitting Rechtbank behandeling beroep tegen monumentenvergunning.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

23


1012 Wallen Als Jan Schaefer aan het eind van de jaren tachtig een stadspartij had opgericht, was er nooit een stadsdeel Centrum geweest. Schaefer heeft er wel mee gedreigd. Dat wil zeggen: aangekondigd met een eigen lijst aan stadsdeelverkiezingen in de binnenstad mee te doen, om het werk van raad en bestuur in het centrum te blokkeren. Dit was één van de redenen waarom het college van B&W zo lang gewacht heeft met het instellen van stadsdeel Centrum, die kwam er pas in 2002. Wethouders van de lichting 1998-2002 hadden toen omstandig uitgelegd dat het niet werkte: binnenstadsambtenaren laten aansturen door wethouders die over de hele stad gaan. Gek genoeg is geen moment overwogen om in het centrum te experimenteren met een ander model. Bijvoorbeeld een ambtelijke projectorganisatie die in nauwe samenspraak met bewonersorganisaties en wijkcentra binnen een bestuurlijk mandaat, zou functioneren. Net zoals de stadsregering van Amsterdam in de middeleeuwen, zou het Vroedschap genoemd kunnen worden. Els Iping zou zonder twijfel door bewoners en bedrijven voorgedragen zijn als de eerste Uitvoerend President van het vroedschap. Het zou een groot succes zijn geweest, omdat in dit model de President van het vroedschap vooral aanjaagt, oplost, improviseert en niet gehinderd wordt door geforceerde politieke tegenstellingen. Het ' verpolitieken' van bestuurlijke verhoudingen op het niveau van wijken in de stad is funest voor het bedenken en uitvoeren van slimme plannen. Lees daarom ook het boek van Herman de Liagre Bohl, Amsterdam op de Helling, over de strijd om stadsvernieuwing. Leerzaam zijn de lessen over het functioneren van de projectgroepen in de elf stadsvernieuwsbuurten. Schaefer had tegen de ambtelijke voorzitters gezegd:' Ga aan de slag met de buurt en kom alleen bij me als je ruzie hebt'. Goed, met deze beelden in mijn achterhoofd, heb ik de afgelopen jaren stadsdeelbestuurders geobserveerd. Ik was er niet altijd van onder de indruk. Ze gingen vaak wethoudertje spelen, waren slecht bereikbaar en grepen veel te weinig in als de ambtelijke processen verstopt raakten. Maar er waren in Bos en Lommer, Zuid-Oost, Zeeburg, Noord en Binnenstad ook goede praktijken. Els Iping vond ik zeer effectief toen in 2005 een begin werd gemaakt met het Project 1012, de aanpak van het Wallengebied. Op initiatief van Frank Bijdendijk van Stadgenoot kwamen op 6 maart 2005 alle betrokken partijen in het Bethanienklooster bijelkaar: ambtenaren en bestuurders van het stadsdeel (Annelieze van der Stoel en Els Iping), de leiding van het van Traa team, Jack Cohen de nestor van NV Zeedijk, Ronald Wiggers van Stadsgoed en vertegenwoordigers van het Burgwallenoverleg. Ik was als butler van dienst gevraagd de zaak bij elkaar te houden.

24

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Dag Els, Ik vermoed dat Jan Schaefer haar voor deze cruciale bijdrage vanuit de hemel een ferme schouderklop gezonden heeft.

Zonder dat we het in de gaten hadden werd het Bethanienen-overleg geboren. Meestal vergaderden we op zaterdagochtenden. Dan werd er van gedachten gewisseld met Joop Wijn, toen staatssecretaris van Belastingen of Piet Hein Donner de minister van Justitie. Job Cohen schoof vaak aan, er kwam tempo in. In 2006 na de verkiezingen kreeg 1012 concreet vorm en dat vooral omdat het stadsdeel zeer flexibel opereerde, ambtenaar Cees Schot positie verschafte om als vooruitgeschoven Ambassadeur en kenner van het gebied te opereren. Els Iping vervulde in dit proces precies de rol van Uitvoerende President van de Vroedschap, die zo nodig is. Namelijk visie ontwikkelen, alle partijen betrekken, geen vertraging laten ontstaan en competentie strijd met de centrale stad ten enen male uitbannen. Ik vermoed dat Jan Schaefer haar voor deze cruciale bijdrage vanuit de hemel een ferme schouderklop gezonden heeft.

Felix Rottenberg

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

25


1012 Wallen, terugblik 1997 Instelling Wallenmanager (Freek Salm) naar aanleiding van de Van Traa-enquête. 2001 Wallenmanager en team wordt omgevormd naar het Van Traateam; niet alleen voor de Wallen, maar voor de gehele stad. 2002 Instelling stadsdeel Centrum. Start herinrichting van groot aantal openbare ruimte-projecten in het Wallengebied. 2003 Invoering wet Bibob door Rijksoverheid, mede door ervaringen in Amsterdam. Juni 2004 Conferentie in hotel The Grand met circa 100 ondernemers en bewoners uit het Wallengebied. Vraag: hoe ziet u het gebied over 10 jaar en welke stappen kan de gemeente daarin zetten?

Oktober 2004 Vaststelling plan van aanpak ‘gebiedsgerichte aanpak noordelijke burgwallen’, officiële start van het project door aanlichten Oude Kerk door portefeuillehouder gebiedsgerichte aanpak Els Iping en wethouder Hester Maij. Voorjaar 2005 Notitie VVD stadsdeel Centrum: ‘Naar een trendy Burgwallengebied’ door Teun van Hellenberg Hubar en Gerard Smink. Pleidooi voor een extra stap bovenop de gebiedsgerichte aanpak: een economische transformatie door actieve verwerving van vastgoed. Voorjaar 2005 Eerste bijeenkomst Bethaniënberaad onder leiding van Felix Rottenberg. Zomer 2005 Instelling Coördinatieteam Wallen (CTW), met als oogmerk de bestuurlijke aanpak van de georganiseerde criminaliteit vorm te geven.

26

Maart 2006 Invoering autoluwe Wallen, na 13 jaar planvorming. Juni 2006 Weigering vergunningen Charles Geerts n.a.v. Bibob-screening. Na verschillende zienswijzegesprekken biedt Charles Geerts zijn gehele portefeuille te koop aan. Najaar 2006 Bethaniënberaad betrekt Lodewijk Asscher bij aanpak, gezien financiële aspecten rond koop Geerts-panden. Februari 2007 Evaluatie plan van aanpak gebiedsgerichte aanpak noordelijke Burgwallen door dagelijks bestuur. Conclusie: ‘Waar wij in 2004 constateerden dat er sprake is van een dreigende verstoring van de functiebalans, kunnen wij nu concluderen dat de balans danig verstoord is.’

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Zomer 2007 Ondertekening convenant Emergo, mede naar aanleiding van een werkbezoek van toenmalig minister Donner van Justitie aan het Wallengebied. September 2007 Verkennende gesprekken tussen Van Traa-team, CTW over gebiedsgerichte aanpak noordelijke burgwallen leiden tot de eerste concept-notitie ‘Grenzen aan de handhaving’. Oktober 2007 Aankoop Geertspanden door NV Stadsgoed. December 2007 Instelling Coalitieproject 1012. Betrokken bestuurders Job Cohen, Els Iping, Lodewijk Asscher en Erik Koldenhof geven een persconferentie in hotel Krasnapolsky waarin doelstellingen worden geschetst.

Juli 2008 Aankoop Schellingpanden in Singelgebied door Principaal/De Key. December 2008 Vrijgave inspraak strategienota Coalitieproject 1012 ‘Hart van Amsterdam’. 25 juni en 2 juli 2009 Vaststelling van de strategienota door respectievelijk de stadsdeelraad en de Gemeenteraad. September 2009 Aankoop Barazanipanden door NV Stadsgoed. 5 januari 2010 Vaststelling Uitvoeringsprogramma Coalitieproject 1012 in het dagelijks bestuur van stadsdeel Centrum en het College van B&W.

April 2008 Aankoop Holtman-panden (Oudekerksplein) door Ymere.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

27


Dag Els, Die dans als symbool voor onze samenwerking zal ik mij altijd blijven herinneren.

Blaauwlakenblok In een stad als Amsterdam wordt voortdurend wel ergens gerenoveerd. Dat gaat gepaard met veel problemen en uitdagingen, die vaak samenhangen met de belangen van de verschillende partijen. In bijna alle gevallen zijn overheid, bewoners en woningcorporatie drie van die partijen. Als er één stadsvernieuwingsproject is dat symbool kan staan voor de problemen en uitdagingen van elk ander project, dan is dat de renovatie van het Blaauwlakenblok. Het is niet voor niets dat dit project een looptijd heeft die verhindert dat één of enkele personen zich kernprobleemeigenaar kunnen noemen of centrale oplosser, een looptijd ook die bepaalt dat Els en ik, ondanks twee raadsperiodes, niet meer waren dan schepen die in de nacht passeren. Wij erfden een project dat mede dankzij Duco Stadig als secretaris van de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties, dus nog voor zijn wethoudersperiode, na jaren praten was vlotgetrokken. Er zijn inmiddels grote stukken van de renovatie gereed, maar onze opvolgers kunnen elkaar nog jaren met het Blaauwlakenblok bezighouden. Kunnen, want Els en ik spraken elkaar veel vaker over andere zaken. Het Blaauwlakenblok is een symbool, alleen al door zijn looptijd van enkele decennia, een looptijd die mede geworteld is in het verzet van bewoners en krakers tegen de bouw van de parkeergarage van De Bijenkorf en die daardoor vooral werd bepaald door intensief, frequent en aanvankelijk door wantrouwen gedomineerd overleg. Maar er is meer dat dit project bijzonder maakt. Zo bezitten corporatie en overheid veel van de in het blok aanwezige panden, maar ook de doelgroep van het 1012-beleid is eigenaar, het studentencorps en een kloostergemeenschap. Er zijn veel monumenten, die niet altijd in de oorspronkelijke staat konden worden behouden (wie wil er wonen in een woning waar het plafond ongeveer 1 meter 75 hoog is) en in een enkel geval zelfs werden gesloopt. Er zijn veel, nu nog beperkt toegankelijke binnenstraatjes, waar zelfs nieuwbouw is gepleegd. De verscheidenheid aan exploitanten van de bedrijfsruimten is zeer groot. De bereikbaarheid voor de aannemer en zijn manoeuvreerruimte was minimaal. En altijd waren er tegenvallers.

28

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


De rode draad in de gesprekken tussen jou en mij waren dit soort tegenvallers. Dat ze er zijn in binnenstedelijke projecten is niet erg bijzonder, maar wie gaat ze betalen? Bijna steeds staan overheid en eigenaar, in ons geval overheid en corporatie dan tegenover elkaar. Immers, dat jij als een leeuw vocht om het percentage sociale huurwoningen in je stadsdeel op peil te houden, ontnam de corporatie de mogelijkheid tegenvallers op te vangen door een andere doelgroep te kiezen. Wij hebben bijvoorbeeld inzake het samenvoegen van woningen zelfs de rechter wel eens gezocht, in het Blaauwlakenblok zijn wij tot een oplossing gekomen. Vergelijkbare discussies waren er over de monumentale status van panden en hoe die te handhaven. Jij herinnert je ongetwijfeld ook nog langdurige discussies, vooral met de stadsdeelraad, over het blok aan de Czaar Peterstraat en onze gesprekken over het blok aan de Hoogte Kadijk. Ook in dit geval liep het Blaauwlakenblok nog relatief soepel. Als wij het erover eens waren dat tegenvallers mede veroorzaakt werden door overheidsbeleid probeerden wij compensatie te zoeken, binnen een project of daarbuiten. Dat was niet eenvoudig, omdat de zoektocht zich noodgedwongen beperkte tot mogelijkheden binnen het stadsdeel. En bestuurlijke opvattingen (ik noemde al sociale huur, maar het hotelbeleid of al dan niet vastgelegd beschermd stadsgezicht hoort daar ook bij), door jou hardnekkig en vol overtuiging verdedigd, hielpen ook niet altijd. Vele uren hebben wij onder vier ogen of in grote gezelschappen gezocht naar mogelijkheden om gezamenlijk verbeteringen in de stad tot stand te brengen. Lang niet altijd werden wij het eens, soms werd je erg boos. Dat heeft onze contacten echter nooit beĂŻnvloed. Het Blaauwlakenblok werd, mede door jouw grote betrokkenheid, niet alleen een symboolproject voor stadsvernieuwing, het werd ook een project, waar bewoners en huurders van bedrijfsruimtes erg tevreden over zijn, een project van trots en blijdschap, waar jij graag mensen over vertelt. En dus is het niet toevallig, dat een (deel)oplevering van dit project werd begeleid door de enige keer dat wij met elkaar gedanst hebben. Die dans als symbool voor onze samenwerking zal ik mij altijd blijven herinneren.

Jaap van Gelder

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

29


Blaauwlakenblok, terugblik Wat er in het Blaauwlakenblok komt: • 108 woningen, waarvan: 34 sociale huurwoningen 20 atelierwoningen sociale huur 54 vrije sector woningen •  30 ateliers •  9 winkels Wat het project inhoudt: •  Herontwikkeling van het gebied •  Bewonersparticipatie •  Overdracht van bouwrijpe panden •  Sluitende begroting en financiering Wat het stadsdeel wil bereiken: •  Behoud en herstel • Verbetering van leefbaarheid en veiligheid • Pilot duurzaam bouwen in monumenten Participanten: • Bewonersvereniging Blaauwlakenblok • Woningbouwvereniging De Key, ontwikkelaar en beheerder •  Stadsdeel Centrum

30

Tijdspad: 1400 Oudste opgraving in Blaauwlakenblok 1500 Oudste baksteenhuis Blaauwlakenblok 1960 De Bijenkorf wil Blaauwlakenblok slopen voor een kantoor en parkeergarage 1970 De zusters Augustinessen redden Blaauwlakenblok van sloop 1975 Blaauwlakenblok wordt gekraakt 1979 Legalisatie van de bewoners 1981 Sociaal Fonds Bouwnijverheid neemt het project op zich maar komt er niet uit 1983 Gemeente koopt Blaauwlakenblok 1990 Met de bewoners wordt een raamovereenkomst gesloten waarin alle rechten en plichten over en weer zijn vastgelegd 1999 Besluit tot behoud & herstel 2001 De Key stapt in een samenwerkingsovereenkomst om de panden te verbouwen en nadien te beheren. 2002 Start bouw 2004 Oplevering fase 1 2007 Oplevering fase 2 2011 Laatse oplevering

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Financiën: Totale kosten € 41.000.000,– (41 miljoen) Opbrengsten uit huur en koop € 19.000.000,– (19 miljoen) Tekort € 22.000.000,– (22 miljoen) Hoe de tekorten zijn weggewerkt: • De bewoners leverden vierkante meters in voor meer woningen • De bewoners stemden in met meer vrije sectorwoningen • Monumentenzorg maakte veel geld voor het blok vrij • Het ontwikkelingsbedrijf stelde de grondprijs laag • De Key en stadsdeel Centrum leverden een forse financiële bijdrage

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

31


Inspraak in de Nieuwmarkt Het verhaal van de opknapbeurt van de Nieuwmarkt begon voor mij op dinsdag 26 oktober 2004 in het BethaniĂŤnklooster. In die tijd was ik voorzitter van de ondernemersvereniging Nieuwmarkt en had ik vernomen dat er op 6 oktober 2004 al een informatiebijeenkomst was geweest over deze opknapbeurt. Deze was nodig omdat de Nieuwmarkt intensief werd gebruikt; hierdoor was er slijtage aan de openbare ruimte ontstaan en er was sprake van overlast door de vele geparkeerde fietsen. Hiervoor zouden 213 fietsnietjes worden geplaatst, een aantal parkeerplaatsen worden opgeheven, de taxistandplaats-indeling zou volgens landelijke richtlijnen worden ingedeeld en de terrasindeling zou worden herzien. Dit laatstezorgde bij de ondernemers voor veel onrust. Een klein aantal ondernemers zou er qua vierkante meters terras op vooruit gaan met de nieuwe indeling, maar het grootste aantal zou er op achteruit gaan. De bijeenkomst van 6 oktober had behoorlijk wat vragen opgeroepen bij

32

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Dag Els, Het resultaat is een prachtig, open en minder rommelige Nieuwmarkt!

de ondernemers, die een gedeelte van hun broodwinning zagen verdwijnen. Derhalve toog het bestuur van de ondernemersvereniging naar de bijeenkomst van 26 oktober om te horen welke antwoorden Els Iping zou geven. Tijdens deze avond bleek dat de bewoners ook onrustig van de plannen waren geworden; Piet Seijsener, de toenmalige voorzitter van de bewonersraad, gaf namens de bewoners aan ook niet helemaal tevreden te zijn met de plannen. De bewoners hadden graag in een vroeger stadium meegedacht over de nieuwe invulling van het plein. Na zijn betoog heeft Els een pauze ingelast en gezegd dat ze na de pauze met een antwoord zou komen. Haar voorstel na de pauze was, dat er een platform zou kunnen worden opgericht met belanghebbenden van het plein die dan onder leiding van de rayonmanager zouden overleggen over de nieuwe invulling ervan. Het platform bestond uit een vertegenwoordiging van bewoners, ondernemers, de Flesseman en de politie en kwam maandelijks bijeen om te bespreken hoe het plein schoner en minder rommelig moest worden, maar tegelijk begaanbaar en overzichtelijk moest blijven. Na uitvoerig overleg bleken de verschillende partijen minder van mening te verschillen dan in eerste instantie werd verwacht. Al snel bleek er een basis voor overeenstemming gevonden te zijn. Zo werd één van de eerste zaken die door Anina Kist geopperd werd, namelijk het weghalen van de groene hekken, met veel enthousiasme ontvangen door de overige partijen. Dit werd van tevoren door niemand verwacht. Uiteindelijk is er na maanden een voorstel gemaakt aan het stadsdeel over het weghalen van de hekken, de terrasindeling, het omdraaien van de banken en tafels aan de zuidkant van het plein, de plekken voor de fietsnietjes, parkeerplaatsen en de taxistandplaatsen. Alle partijen waren hier tevreden over en wilden het platform dan ook behouden om in de toekomst te kunnen evalueren en overleggen over de uitstraling van het prachtige plein. Op 12 maart 2006 is het plein feestelijk geopend door Els Iping en bewoonster Aafke Mebius. Zoals Els het zelf verwoordde: ‘De wijze waarop de plannen voor de opknapbeurt tot stand zijn gekomen, verdient navolging en er is alles uitgehaald wat er uit te halen viel.’ Met als resultaat een prachtig, open en minder rommelige Nieuwmarkt!

Benita Croeze

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

33


Inspraak in de Nieuwmarkt, terugblik Aanleiding In 2003 waren de wethouders Iping en Frankfurther te gast bij de Bewonersraad Nieuwmarkt, waar hen werd gevraagd naar de mogelijkheid tot opknappen van het plein. Het plein is rommelig en er is een fietsprobleem. De wethouders vroegen daarop aan ambtenaren een voorstel voor te bereiden.

Plan 1 opknapbeurt en inspraak Presentatie van het plan op woensdag 6 oktober 2004. Algemene reactie was: het kost te veel terrasruimte en nietjes voor de terrassen of de deur wil niemand. De ondernemersvereniging startte een handtekeningenactie. De aanwezigen vonden het plan van het stadsdeel nog steeds slecht en konden het beter. Els Iping besloot daar, op dat moment, om de bewoners en ondernemers te vragen om de uitdaging aan te gaan en met een beter plan te komen.

Planontwikkeling met de buurt In 3 maanden is door de buurt en de ambtenaren een alternatief plan ontwikkeld, dat verder ging dan het vorige

(de groene hekken werden weggehaald en de kosten bedroegen niet 5 ton, maar 1,1 miljoen), maar dat de steun had van iedereen in het platform. Er was een compromis gevonden voor de terrassen, er kwamen banken bij, nietjes werden bijgeplaatst en langs het plein en de stoepen komt een hardstenen stoeprand.

Persbericht DB Op 26 mei 2005 heeft het dagelijks bestuur van stadsdeel Centrum ingestemd met het voorstel voor een opknapbeurt van de Nieuwmarkt. Het dit jaar en begin volgend jaar uit te voeren voorstel is het resultaat van intensief overleg met de ondernemers en bewoners. Cruciaal hierbij is dat de verschillende gebruikers elkaar niet in de weg zitten. Met andere woorden: als het plein haar aantrekkelijke karakter wil behouden voor alle gebruikers moet het begaanbaar en overzichtelijk blijven.

Uitvoering De werkzaamheden starten in oktober 2005 en duren tot april 2006, waardoor het klaar zal zijn als het terrassenseizoen weer begint.

34

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

35


Haarlemmerplein af? Lieve Els, Wij hopen dat wij je zo mogen noemen, want voor ons ben je een persoon die om mensen geeft. De eerste keer dat wij met je te maken kregen was dat, na vele wethouders voor je, er één kwam die vond dat er gebouwd moest worden op het Haarlemmerplein. Jij hebt de beslissing genomen om te beginnen met bouwen, ondanks de procedures die er nog liepen. Daardoor is er veel veranderd op het Haarlemmerplein. Mensen geloven er weer in dat er gebouwd gaat worden, na de halfzachte beloftes dat het er wel een keertje komt. Er lopen nog wat procedures, maar wij hebben er het volste vertrouwen in dat het gaat lukken: dankzij jouw inspanning komt er een Haarlemmerplein dat als een van de mooiste pleinen van Amsterdam wordt gezien. We kennen je als wethouder die niet boven de mensen stond, maar de persoon die er voor de mensen was. Je praatte met iedereen heel gewoon. Dat is een verademing in de hedendaagse politiek, waarin politici zich ver boven de burger verheven voelen. Toen je na de eerste paalviering ’s avonds naar huis wilde gaan, bleef je staan om gewoon een praatje te maken, hoe blij je was dat er wat gebeurde op het Haarlemmerplein. Wij hopen dat je erbij bent als het gebouw officieel geopend wordt. Ook is er iets waardoor je als lief persoon tevoorschijn kwam. Dat was in de Rietvinck bij een receptie, na de verbouwing van de keuken. Je kreeg een bos bloemen, en kwam daarmee naar onze moeder toe en je gaf ze aan haar met de woorden “U heeft ze meer verdiend dan ik”. Die woorden gaven zo een blijk van waardering voor de mensen die iets voor de buurt betekend hebben. Zij was daar erg trots op. Els, wij hopen dat je in je tijd als wethouder toch ook genoten hebt en niet alleen moest strijden. En we wensen je alle goeds toe in alles wat je nu gaat doen.

Meri Barends Willy Alberts Piet Alberts Lies Loots

36

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

37


38

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Haarlemmerplein af? Terugblik Al ruim 30 jaar ontwikkeling noordzijde Haarlemmerplein, maar hoe lang nog … In het in 1981 vastgestelde bestemmings­ plan Haarlemmerbuurt is voor het eerst bebouwing van de noordzijde van het Haarlemmerplein mogelijk gemaakt, met daarin onder andere een volwaardig theater op verzoek van de buurt. In 1986 sneuvelt het bestemmingsplan door de aangescherpte eisen van de Wet Geluidhinder. Vanaf dat moment zijn er verschillende bouwplannen ontwikkeld, waaronder één in een drievoudige studieopdracht. Dit heeft in 1992 geleid tot een grondexploitatie en het bijbehorende Stedenbouwkundig Programma van Eisen waarbij naast sociale woningen, een parkeergarage en een winkel, aan de geluidsgevoelige kant een theater of bioscoop is gesitueerd. In deze laatste functies waren The Movies, theatergezelschap de Trust en Warner Brothers geïnteresseerd. In 1999 wordt

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

hiervoor een bestemmingsplan vastgesteld dat in 2001 weer door de Raad van State vernietigd wordt door het ontbreken van een niet nodig geachte Milieu Effect Rapportage. De ontwikkelaar Heijmans acht een bioscoopplan dan niet meer rendabel. Het dagelijks bestuur van het stadsdeel wil op het plein een ’buurtvriendelijke invulling met allure’, stelt in 2003 nieuwe stedenbouwkundige uitgangspunten vast en brengt een nieuw bestemmingsplan in procedure. Ondertussen werkt de Amsterdamse architect Dick van Gameren aan een plan met 69 woningen, waarvan 22 Wibo­ woningen, 215 ondergrondse parkeer­ plaatsen en 1.250 m² commerciële voorzieningen in de plint met ‘uitstraling naar het plein’. Een gedeelte van de buurt komt dan tegen de ontwikkeling in opstand en maakt gebruik van alle mogelijke juridische

39

middelen om het plan tegen te houden. Dit heeft niet kunnen voorkomen dat de portefeuillehouder Bouwen en Wonen van het stadsdeel op 11 november 2006 de eerste damwand heeft ingetrild. Toen de bouw in 2008 was gevorderd tot het casco van vier ondergrondse parkeerlagen, op het maaiveld afgedekt met een betonnen vloer, heeft de ontwikkelaar samen met het stadsdeel besloten een bouwstop in te lassen om de resultaten van de verschillende procedures bij de Raad van State en de rechtbank af te wachten. Als we uitgaan van een goede afloop kan eind 2010 de bouw weer verder. In 2012 is het dan genieten geblazen van een bijzonder bouwblok aan een bijzonder, opnieuw ingericht plein, en… met daaronder een bergbezinkbak.


40

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

41


Dag Els, Veel dank; ik wens je een mooi en inspirerend nieuw hoofdstuk toe in je leven.

Hermitage aan de Amstel De realisatie van de Hermitage Amsterdam is mede tot stand gekomen door een voorbeeldig stadsdeel Centrum o.l.v. zijn voorzitter Els Iping. Van begin af aan toonden het stadsdeel en vele gemeentelijke diensten hun interesse voor het ambitieuze plan om het 17e eeuwse verpleeghuis de Amstelhof na ruim 300 jaar te transformeren tot een modern 21e eeuws publieksvriendelijk museum. Het stadsdeelbestuur stelde zich inspirerend en stimulerend op en nam het initiatief om de hele infrastructuur rondom de Hermitage te vernieuwen. En het mag ook wel eens gezegd worden: we genoten volop medewerking. “Dit particuliere initatief”, zei Els, “ kan een zeer positieve invloed hebben, niet alleen voor het stadsdeel maar ook voor de hele stad.” Ook háár inzet was dat dit project moest slagen. De droom van de initiatiefnemers om van de Amstelhof een dynamische dependance te maken van het wereldberoemde museum in St.-Petersburg werd ook hun droom. Daar waar problemen opdoemden werden oplossingen gezocht en gevonden. Toen alle voorbereidingen, vergunningen, aanbestedingen en de financiën rond waren werd op 9 mei 2007 op feestelijke wijze in de kerkzaak van de Amstelhof het laatste document getekend door Els Iping namens de Gemeente en door bestuur en directeur van de Stichting Hermitage aan de Amstel. Ook werd die dag het startsein gegeven voor de verbouwing. De volgende dag begonnen de bouwwerkzaamheden van aannemersbedrijf de Gebr. de Nijs, geleid door projectleider-bouwmeester van de Hermitage, Pieter van Empelen. Jaren van voorbereiding en overleg waren hieraan voorafgegaan met o.a. de architecten Hans van Heeswijk en Evelyne Merkx en vele gemeentelijke diensten, alsmede de buurtvereniging Tussen Weesper en Amstel. Voor bijna alle zaken werden oplossingen gevonden en werd overeenstemming bereikt, behalve over één punt: de wens van de Hermitage om aan de oorspronkelijke vlaggenmast, die horizontaal geplaatst is vanuit de top van de timpaan aan de voorgevel, de Hermitage vlagbanner loodrecht naar beneden te laten hangen. Els Iping was niet te vermurwen.

42

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Wat dus voor 99% overheerst is dat wij een enthousiaste, inspirerende en motiverende voorzitter van het stadsdeel hebben meegemaakt, die bovenal hartelijk en vriendelijk is. Op 19 juni 2009 werd de Hermitage Amsterdam feestelijk geopend in aanwezigheid van de staatshoofden van Rusland en Nederland en vele andere gasten uit binnen- en buitenland. En zie hoe het voormalige verpleeghuis er nu bij ligt en zich weerspiegelt in het water van de Amstel. De gemeente heeft met het aanleggen van een grote steiger ook een open aanzicht voor de Amsterdamse en andere bezoekers gerealiseerd. Pers en publiek reageerden enthousiast en kwamen in grote getale. De eerste tentoonstelling over het Russisch Hof heeft meer dan 700.000 bezoekers getrokken. Een onverwacht groot aantal. Els Ipings visionaire voorspelling dat dit initiatief een positieve uitstraling zou geven aan het stadsdeel, en dus aan de stad, is volledig uitgekomen. Persoonlijk heb ik de beste herinnering aan een driedaags bezoek aan St.-Petersburg enige jaren terug met Els Iping en zoon en collega Anne Lize van der Stoel; een kennismakingsbezoek in het bijzonder met het moedermuseum aldaar. Hun grote enthousiasme bij het zien van zoveel kunstwerken en de gedachte dat selecties van deze werken naar Anmsterdam zouden kunnen komen, maakten Els bijna euforisch. Els, veel dank; ik wens je een mooi en inspirerend nieuw hoofdstuk toe in je leven.

Ernst W. Veen

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

43


Hermitage aan de Amstel, terugblik Besloten werd tot nieuwbouw, waarna eigenaar de Diaconie der Hervormde Gemeente (de Diaconie) een passende bestemming zocht voor de Amstelhof. Voorwaarde was, dat de bestemming een maatschappelijke en/of culturele zou zijn. Na een aantal geslaagde tentoon­stellingen in De Nieuwe Kerk uit het bezit van de Hermitage in Sint-Peters­burg (drie miljoen kunstobjecten!) vatte het idee post om een

permanente vestiging van dit museum in Amsterdam te realiseren. Toen in 2001 gebouw Neerlandia per direct werd afgekeurd voor verpleegzorg besloot de Stichting Hermitage aan de Amstel hierin bij wijze van pilot de eerste fase van de Hermitage Amsterdam te realiseren. Een jaar na de opening in februari 2004 mocht van een succes gesproken worden: Grieks Goud (archeologie) en Nicolaas en Alexandra (laatste tsarenpaar) trokken in

44

een relatief klein gebouw als Neerlandia maar liefst 225.000 bezoekers. Op dat moment zijn de verbouwplannen voor de Hermitage Amsterdam (Amstelhof inclusief Neerlandia) doorgerekend en komt de begroting uit op € 39,5 miljoen. Verwacht wordt, dat de financiering eind 2005 rond zal zijn. Evenals dat tijdens de tentoonstelling in De Nieuwe Kerk het geval was, zal € 1,00 van ieder verkocht entreebewijs bestemd zijn voor de Hermitage in Sint-

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Petersburg, die zich na de wending geconfronteerd zag met een enorme investeringsachterstand.

met de autonome ontwikkeling, dat wil zeggen de ontwikkeling zonder komst van de Hermitage aan de Amstel.

Om de effecten van een plan op het milieu in kaart te brengen, is een zogeheten Milieu Effect Rapportage (MER) opgesteld. Conclusie van de MER is dat de invloed van het plan op de verkeerstoename en daarmee samenhangende uitstoot van gassen te verwaarlozen is in vergelijking

Beleid van de Stichting Hermitage aan de Amstel is het vervoer over water te bevorderen. Ideaal zou zijn een afmeervoorziening tegenover de Ossenpoort, de toekomstige hoofdingang aan de Amstel. Dit was op dat moment niet mogelijk, omdat op die plaats

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

45

woonboten lagen. Door de stichting is één woonboot verworven en door een andere rangschikking van de overige boten kon toch de huidige steiger aan de voorzijde gerealiseerd worden, nog juist voor de opening in 2009 Op de gevel aan de Amstelzijde is met bescheiden letters duidelijk gemaakt, dat de Hermitage aan de Amstel zich in dit gebouw bevindt.


Stadsdichter Een periode in mijn leven – van 2002 tot 2005 – ben ik door mijn werk als voorlichter (pardon, communicatieadviseur, ik ben aan die naam nooit helemaal gewend geraakt) in de gelegenheid geweest jouw activiteiten van nabij te volgen. Tot mijn schande moet ik bekennen dat ik me niet zo heel veel van de door jou genomen besluiten herinner – dat ligt geheel aan mij, zo veel is zeker. Wat ik me trouwens nog wel meen te herinneren, is dat al deze besluiten onveranderd mochten rekenen op ongenuanceerd geknor in Het Parool. Er is echter wel degelijk één beslissing die ik me als de dag van gisteren herinner en die me heel veel plezier heeft gedaan. Ik doel dan op je besluit, in 2005, om een stads(deel)dichter aan te stellen. Met Adriaan Jaeggi was ik bevriend geraakt. In 2005 schreef hij onder de titel Geef ons een stadsdichter! een artikel in Het Parool waarin hij zijn verbazing verwoordde over het feit dat Amsterdam geen stadsdichter had. Ik introduceerde Adriaan bij jou, Els, nadat ik gehoord had dat je wel voelde voor een stads(deel)dichter, en in no time was het geregeld. Adriaan zou er later over schrijven: “Als Amsterdammer ben ik heel tevreden over mijn stadsbestuur: ik hoefde maar om een stadsdichter te vragen en binnen het jaar had ik er een. Het repareren van de put in de stoep voor onze deur duurde langer. Dat heb ik ten slotte óók maar zelf gedaan.” Op 25 januari 2006, tijdens het Gedichtenbal in Paradiso, werd hij door jou benoemd. Ik was werkelijk trots op je, en op Adriaan. Hij las voor uit zijn eerste stadsgedicht, dat zo eindigt (Smartlap voor Amsterdam): ‘Ik rij je voor je kloten als je niet uitkijkt bij het oversteken maar dat betekent niet dat ik niet van je hou Wij drijven als planeten uit elkaar maar ook na honderd miljard jaar als het Kalfje zijn deuren sluit hou ik nog van je geloof me maar’ Natuurlijk volgde de discussie of Adriaan zich wel stadsdichter mocht noemen, hij was immers benoemd door een stadsdeelbestuurder. We hebben er regelmatig smakelijk om gelachen. Twee jaar lang voorzag hij gebeurtenissen, vieringen, inwoners en straten van Amsterdam van poëtisch commentaar. In 2008 werd hij ziek, op 10 juni overleed hij en op 12 juni stond zijn laatste gedicht in Het Parool, met dit als laatste couplet:

46

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Dag Els, Ik wens je nog een heel gelukkig, en als het aan mij zou liggen: politicivrij bestaan, met veel poëzie.

‘Verlaat me als ik zorgen heb Alleen ben of arm als een luis Maar denk aan me op het kerkhof En onderweg naar huis’ Beste Els, het zal je duidelijk zijn dat deze brief aan jou ook een beetje voor Adriaan bestemd is. Ik weet zeker dat je dat niet erg vindt. Ik wens je nog een heel gelukkig, en als het aan mij zou liggen: politicivrij bestaan, met veel poëzie. Hartelijke groet & tot gauw in de Plantage, elders in het centrum, dan wel op een andere plek in de door ons allebei zo geliefde stad,

Ko van Geemert

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

47


Dag Els, By the way, De LaMar gaat op 28 november open. Ik verwacht je in een mooie jurk!

De LaMar Wij hebben elkaar leren kennen bij de totstandkoming van het grootste project van de VandenEnde Foundation, de herbouw van het theater dat onder de nieuwe naam ‘DeLaMar’ zal bijdragen aan het culturele aanbod van de stad Amsterdam. Indertijd heeft de gemeente ons benaderd voor de toekomst van het ‘Nieuwe de la Mar Theater’ en de voormalige bioscopen Calypso en Cinerama. De plannen die toen zijn uitgewerkt hebben geleid tot een concreet project dat, door de ligging tussen bewoonde huizen en appartementen in het hartje van de stad, verre van eenvoudig was. Jij hebt het initiatief van de VandenEnde Foundation voor de stad Amsterdam met veel liefde en respect behandeld terwijl je daarnaast ook een welwillend oor had voor de belangen van de omwonenden, in het bijzonder van de bewoners die hun woningen dienden te verlaten. Het moet me van het hart dat ik altijd het gevoel heb gehad dat jij, naast je kritische en formele opstelling, nooit uit het oog hebt verloren dat het hier om een geweldig initiatief ging -en gaat- dat in het belang is van onze stad. Jij hebt je verantwoordelijkheden met zorg genomen en daar wil ik je, mede namens Janine, hartelijk voor bedanken. By the way, De LaMar gaat op 28 november open. Ik verwacht je in een mooie jurk!

Joop van den Ende

48

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


De LaMar, terugblik Stadsdeel Centrum en de NV Hollandais (eigendom van de gemeente Amsterdam) verhuurden het Nieuwe De la Martheater en de bioscopen Cinerama/Calypso aan de Marnixstraat naast het Hotel Americain. Na een mislukte poging om er een Nationaal Film Theatercomplex van te maken (het te grote financieringstekort was onoplosbaar), is door de Gemeente Amsterdam aan Joop van den Ende gevraagd een onderzoek te doen naar de mogelijkheden van een vernieuwd theatercomplex. Door de - in dit soort opdrachten ervaren - architect Arno Meijs wordt een veelbelovende studie gedaan. De Amsterdamse Kunstraad geeft een positief advies, inclusief een aantal voorwaarden, aan het College van B&W. Er wordt voor de verdere uitwerking een Convenant opgesteld en de schetsen worden verder uitgewerkt.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

Definitief ontwerp

Eerste paal

Eind 2005 stopt de exploitatie en begin 2006 wordt het definitieve ontwerp gepresenteerd. Om de ‘puzzel voor gevorderden’ te kunnen oplossen heeft de VandenEnde Foundation nog twee aangrenzende panden moeten aankopen, is het aantal zalen van drie teruggebracht naar twee en zijn nog veel meer aanpassingen gedaan. Maar de hoofdopzet is in stand gehouden: één zaal die zoveel mogelijk aan de sfeer en de programmering van het vroegere Nieuwe de la Mar theater (met ruim 600 stoelen) zal herinneren en één grotere zaal (met bijna 950 stoelen) voor de vrije producties. De gevel van de vroegere Spieghelschool, later het Nieuwe De la Mar theater, wordt gereconstrueerd, de gevel en de kap van het voormalige Maison Stroucken, later de Cineramabioscoop, is tijdens de bouw blijven staan en wordt gerestaureerd. Het deel daartussen is volledig vernieuwd.

In goede samenwerking tussen de VandenEnde Foundation, de architecten Arno Meijs en Jo Coenen en het stadsdeel zijn een aanzienlijk aantal procedures doorlopen en talloze problemen opgelost, zodat in 2007 met de sloop gestart kon worden en de eerste paal in september 2008 de grond in kon gaan. Sindsdien vordert de bouw gestaag en op 28 november 2010 zullen de eerste voorstellingen plaatsvinden.

49

Amsterdam is dan weer een nieuw, particulier gefinancierd en geëxploiteerd theater rijker. Hiermee krijgt het theaterkwartier Leidseplein e.o. een zeer goede extra impuls.


Dag Els, Het klinkt gek Els, maar ik hoop dat we je niet te veel gaan missen.

50

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Creatieve topstad Ach ja... die creatieve topstad… daar geloofden we allemaal in… en misschien af en toe nog wel. Je voelt in de aanhef de marketingmannen rond de tafel schurken. De ene gelooft in creativiteit, de andere gelooft dat de top een belangrijke aanjager kan zijn, weer een ander gelooft dat de gemeente stedelijke en internationale allure dient te hebben. Voor je het weet staat de term creatieve topstad op papier. Daarna komt de visie op papier, is de uitdaging gesteld en gaan we erin geloven … maar dan moeten er nog mensen zijn die ’t gaan realiseren, al die visie … Gelukkig zijn er meestal mensen te vinden die willen bouwen aan die visie, die hun schouders rechten en groeien onder de druk van de visie. Want dat is natuurlijk de echte winst, dat je als burger kan groeien onder de vleugels van een idee, in de schaduw van een visie, dat je je zeker kunt wanen en durft te dromen en te investeren omdat je gelooft dat wat je wilt gewenst is. Dan hoop en bid je dat de agenda hard en overtuigend is, dat er niet te veel getwijfeld wordt aan de visie, dat er eenduidigheid is en dat je veilig bent en niet overgeleverd aan de waan van de dag van de democratie. Soms lukken dan de dingen, soms voel je dan dat er vaart gemaakt kan worden. Soms voel je dat de obstakels dan zorgvuldig overwogen opgeheven kunnen worden en dat de visie tot leven komt. Soms kan je dan even in de waan zijn dat de droom die je had voor jezelf en je omgeving, dat die droom misschien wel echt aan ’t worden is. Dat de dingen kloppen en dat je morgen resultaten kunt boeken. Amsterdam is af en toe zo’n stad, zo’n stad waar dingen kunnen omdat er mensen zijn die in de visie geloven en dom en eigenwijs genoeg zijn om door te douwen als ’t even moeilijk is. Mensen die risico’s nemen en hun positie in de waagschaal stellen, vooruit stappen als stilstaan of achteruit stappen eenvoudiger is. En dan is ’t gaaf leven in zo’n stad, zo word je een deel van de stad en zo wordt de stad een deel van jou. Maar soms gaan er ook mensen na een tijdje weg, en dan hoop je dat je gedachten nog welkom zijn en dat de toekomst niet plots heel anders is. Dan hoop je dat de visie verder gedragen wordt door de volgende generatie. Dan hoop je dat de wegen splitsen, maar niet de richting ervan. We zullen het zien Els, we zullen zien hoe de wereld draait. Het klinkt gek Els, maar ik hoop dat we je niet te veel gaan missen.

Marcel Wanders

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

51


Creatieve topstad, terugblik Het centrum van Amsterdam is door de gemengde concentratie van kunstinstellingen, horeca, media- en entertainmentbedrijven en creatieve zakelijke dienstverleners en, last but not least, de historische omgeving het brandpunt van de creatieve sector in de Amsterdamse regio. Het gaat om vaak kleine ondernemingen die werkzaam zijn in bijvoorbeeld de reclamesector, webdesign en filmproducties. In 2009 was eenderde van alle creatieve werknemers in Amsterdam werkzaam in de binnenstad, in totaal bijna 13.000. Maar de binnenstad is niet alleen van belang als vestigingslocatie, maar ook om te netwerken, klanten en relaties te ontmoeten en om inspiratie te vinden. Creatieven maken veel gebruik van voorzieningen als cafés, theaters, clubs, restaurants, muziekpodia, et cetera. Daarmee geven zij een aanzienlijke impuls aan de stedelijke economie. De binnenstad

is dus ook de plek waar je verrast wordt door toevallige ontmoetingen, feesten, exposities en festivals. Het hart van de compacte metropool Amsterdam. Hierin onderscheidt de binnenstad zich van de andere stadsdelen. Omdat de creatieve sector belangrijk is voor de aantrekkelijkheid van Amsterdam als internationale vestigingslocatie, was de binnenstad in de afgelopen jaren een belangrijke schakel in de Topstad-ambitie om als Amsterdam tot de Europese top 5 van vestigingssteden door te dringen. Zeker als het gaat om het scheppen van een goed ontmoetings- en vestigingsklimaat. De deelraad van stadsdeel Centrum wilde deze goede uitgangspositie behouden en versterken. Het in 2007 vastgestelde integrale actieprogramma Creatieve Binnenstad 2007-2010 gaf vorm aan de manier waarop de deelraad van Centrum dit wilde bereiken en ondersteunde daarmee de ambities uit het Programakkoord. In de

52

voorbereiding daarvan is gesproken met een groot aantal creatieve ondernemers, die bevestigden dat de binnenstad voor hen een belangrijke plek is die moet bruisen, maar ook leefbaar moet blijven. Het actieprogramma vormde enerzijds het beleidskader en anderszijds de aanzet tot deelprojecten en –acties die moeten leiden tot versterking van de binnenstad als creatieve vestigings- en ontmoetingslocatie. Een bruisende binnen­ stad versterkt de aantrekkelijkheid van Amsterdam als internationale topstad. Vanuit het actieprogramma zijn vele initiatieven uit de stad financieel onder­ steund. Een ander belangrijk speerpunt was het realiseren van klein­schalige bedrijfsruimtes, vooral in het oostelijke deel van de binnenstad. Dit blijkt vaak lastig, omdat er weinig ruimte is voor nieuwbouw en bestaande gebouwen vaak niet aan de gestelde eisen voldoen.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

53


Anne Frank boom De Amsterdamse Binnenstad is van iedereen. Natuurlijk vooral van de mensen die er wonen maar ook van de mensen die er werken. Die hebben allerlei verschillende belangen die vaak lastig te verenigen zijn. Nog lastiger wordt het omdat de binnenstad tegelijk van alle andere Amsterdammers is, die daarvan ongeregelde maar vaste gebruikers zijn. Alle aanspraken kunnen heftig botsen. Sinds de binnenstad een eigen door de bewoners gekozen deelraad Centrum heeft, krijgt de voorzitter daarvan dit alles op het brood. Je hoeft geen politicoloog te zijn om te begrijpen dat de bewoners gemakkelijk zeggen dat de voorzitter te snel zwicht voor de bedrijven en de gebruikers, terwijl de laatste in hem/haar de verpersoonlijking van het eigen belang van de bewoners zien. Overeenstemming bereiken alle betrokkenen vaak maar over één ding: die stadsdeelvoorzitter doet het niet goed. Els Iping was vier jaar deze officiële pineut. Zeker waar bomen schaars zijn, blijf je er van af. Er zijn plaatselijke en landelijke bomendeskundigen, vaak verenigd in stichtingen, die eigenaren en overheden bij iedere kapbeslissing nauwlettend en met grote deskundigheid volgen. Deskundigen waren het er over eens dat de Anne Frankboom ziek is, maar verschilden over de vraag hoe ziek precies. Die vraag naar de resterende levensduur is verbonden met de vraag wat het mag kosten aan bijvoorbeeld monitoring en beveiliging om het leven te verlengen. Eigenaren en overheden staan daarom al gauw onder de verdenking van boombeschermers dat ze bomen te gemakkelijk kappen. Ook als de geschiedenis van Anne Frank geen rol had gespeeld, zou er over de toekomst van deze prachtige boom heftig gediscussieerd zijn. Maar de geschiedenis van Anne Frank speelde wel een rol. Deze kastanjeboom was in haar onderduikperiode misschien wel symbool van de vrijheid die haar ontnomen was. Terwijl zij op haar beurt symbool is van de Holocaust als de afschuwelijkste misdaad die de mensheid ooit heeft getroffen. Het eventueel voortijdig kappen van de Anne Frankboom was dus garant voor een conflict. Els Iping was maar uit op één ding: een verantwoorde afweging van al deze respectabele belangen, verreweg het liefst met behoud van de boom maar niet tegen elke prijs. Zij durfde zonder aarzeling onafhankelijk deskundigenonderzoek en mediation aan, waarmee ze liet zien dat het niet om competenties of prestige maar om feiten en redelijk overleg moest gaan. Een mediator voelt wie oplossingen zoekt en wie problemen maakt. Wel, Els Iping was duidelijk op zoek naar oplossingen voor alle obstakels die er lagen. Dat her en der in de buitenwereld het beeld bestond van een drammerige voorzitter die wilde kappen, was totaal onjuist maar bracht haar niet van haar stuk.

54

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Dag Els, Wij Amsterdammers moeten ons misschien maar even gaan schamen voor de beeldvorming die jou ten deel viel, maar in ieder geval kunnen we zeggen: merci Els!

De boom is uiteindelijk niet gekapt, maar voor naar schatting tien tot vijftien jaar gered. Daar hebben velen (zoals de omwonenden, de Bomenstichting, de deskundigen en vooral de speciaal opgerichte Stichting tot behoud van de Anne Frankboom) een belangrijke verdienste aan. Maar het was nooit gelukt zonder de redelijkheid en verantwoordelijkheid van Els Iping. Als Els Iping in de andere binnenstadskwesties deze redelijkheid en verantwoordelijkheid net zo goed heeft weten te combineren, moeten wij Amsterdammers ons misschien maar even gaan schamen voor de beeldvorming die haar ten deel viel, maar in ieder geval kunnen we zeggen: merci Els!

Eberhard van der Laan

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

55


Anne Frank boom, terugblik Op 13 augustus 2004 ging er een bewonersbrief uit aan het bouwblok Westermarkt, Keizersgracht, Leliegracht. Hierin werd een informatieavond aangekondigd over de gezondheidstoestand van de boom, staande in de tuin van Keizersgracht 188: de ‘Anne Frankboom’. Op 22 november 2004 werd een informatie­ avond gehouden waarin de keuring van september 2004 met lichtbeelden uit de doeken werd gedaan. Conclusie was dat de boom tot een volgende keuring in maart 2005 kon blijven staan. Op 4 mei 2005 werden er zes nazaten van de Anne Frankboom op de Nieuwe Oosterbegraafplaats onthuld. Bij de plaats waar deze bomen staan ligt een plaquette met de namen van de Anne Frankstichting en stadsdeel Centrum. In maart 2006 is de kapvergunning verleend aan de eigenaar van de boom in de tuin van

Keizergracht 188. Op de kapvergunning werd bezwaar gemaakt door een aantal buurtbewoners en hun adviseurs. De bezwaarden kregen per brief tot 1 januari 2008 de tijd om een alternatief plan te presenteren. In november 2007 verscheen er een rapportage van Pius Floris Boomverzorging dat er in één jaar tijd een afname te zien was van gezond hout van 36% naar 28%. Op 13 november 2007 is tot de kap op 21 november 2007 besloten, in samen­ spraak met de eigenaar en met de Anne Frankstichting. Door de bezwaarden is vervolgens een voorlopige voorziening gevraagd. De rechter besloot dat de kap geschorst zou worden tot 1 februari 2008.

gekeken moest worden naar een eventueel alternatief en dat eventuele noodmaatregelen voorbereid en getroffen moesten worden. Op voordracht van het stadsdeel en met instemming van de Bomenstichting is vervolgens de heer Eberhard van der Laan benaderd als mediator. In het mediationtraject is een aantal extra onderzoeken afgesproken en is een onafhankelijke boomdeskundige gevonden. Op 17 december 2007 heeft de Stichting i.o. Support Anne Frank Tree haar plan tot behoud van de boom gepresenteerd. Het plan behelsde de aanleg van een bokconstructie om de boom op te kunnen vangen mocht hij breken, gecombineerd met een veteranensnoei.

De voorzieningenrechter oordeelde ook dat in overleg met alle betrokkenen

56

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Op 2 januari 2008 is er een bijeenkomst geweest van deskundigen met Eberhard van der Laan als mediator. In deze bijeenkomst werd een aantal uitgangs­ punten geformuleerd: • Het risico van breuk lijkt te overzien tot de periode dat de boom in het blad komt. Na het in blad raken van de boom in mei neemt de breukgevoeligheid toe; • De levensverwachting wordt door de deskundigen bepaald op een periode tussen vijf en vijftien jaar - mits een een aantal maatregelen genomen wordt.

hoorcommissie besloten de kapvergunning in stand te houden. De eigenaar van de boom heeft vervolgens te kennen gegeven geen gebruik te maken van de kapvergunning om de Stichting i.o. Support Anne Frank Tree de gelegenheid te geven de constructie aan te leggen en verdere maatregelen te treffen. Op 8 april 2008 startte het stutten van de boom.

Support Anne Frank Tree heeft te kennen gegeven de boom te willen behouden. De Bomenstichting heeft daarbij te kennen gegeven zich na afloop van de procedures terug te trekken. Op 3 januari 2008 vond de hoorzitting van bezwaarden plaats en heeft het dagelijks bestuur op basis van het advies van de

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

57


Dag Els, Ik heb veel respect voor mensen die zo veel tijd, energie en passie stoppen in het besturen van onze stad.

Voor iedereen plezier Hans van Mierlo zei het al: het is een meisje en we noemen haar Els. Weliswaar een andere partij, een andere functie, en een land in plaats van de stad, maar wel ook een aimabele vrouw met visie, charme en doorzettingsvermogen. Ik kende Els al uit de theaterwereld en vriendenkring. Toen zij overstapte als voorzitter van de bewonersvereniging naar de bestuursfunctie voor het stadsdeel Centrum wist ik als voorzitter van de hoofdstedelijke horeca dat wij op geduchte tegenstand konden rekenen als wij het belang van de horeca-exploitanten boven die van de bewoners zouden laten gelden. Zeker toen Els in de tweede periode voorzitter werd van het stadsdeel hebben wij interessante gesprekken gevoerd over horeca, economie en de balans tussen toeristen, ondernemers en bewoners. De afkeer die sommige ondernemers jegens Els koesterden bleek vaak ongegrond of op zijn minst overdreven. Ik vind dat na de ‘periode Iping’, Amsterdam en het centrum nog steeds fantastische ervaringen te bieden heeft. Het is en blijft onderscheidend ten opzichte van andere (kleine) wereldsteden. Als ik terugkom van een reisje ben ik altijd weer enthousiast en voel ik mij hier het beste op mijn plaats. Ik ben een trotse Amsterdammer. Net als Job Cohen, onze echte Burgemeester, heeft Els in het centrum de boel bij elkaar gehouden. Natuurlijk ging dat gepaard met confrontaties maar uiteindelijk, om in horecatermen te spreken, werd de soep nooit zo heet gegeten als die werd opgediend. Een openheid voor argumentatie van de ander heb ik bij Els altijd ontmoet. Ondanks dat ik ondernemer ben in hart en nieren voel ik mij zeer betrokken bij de maatschappelijke en politieke ontwikkelingen in de stad. Ik heb veel respect voor mensen die zo veel tijd, energie en passie stoppen in het besturen van onze stad. Vaak wordt onderschat wat een enorme aanslag dit moet zijn op een persoonlijk leven. Je staat als bestuurder in de spotlights, zoals Amsterdam het uithangbord is van Nederland, is het centrum dat voor Amsterdam. De ontmoetingen die ik had met Els over belangenverschillen eindigde vaak in een gemeenschappelijk gevoel over het heden en de toekomst van onze prachtige stad en dan speciaal het centrum. Wij deelden de liefde voor de meest intieme metropool waarin het zo belangrijk is om onvermoeibaar bruggen te slaan tussen cultuur en commercie, tussen allochtonen en autochtonen, tussen bewoners en gebruikers en een gezonde vorm van ontmoeting te creëren waardoor meer begrip ontstaat voor de ander. Paul Hermanides 58

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Voor iedereen plezier, terugblik Terrassenbeleid 2008

Culturele Horeca

In maart 2008 is het terrassenbeleid vastgesteld. Het oude beleid stamde uit 1992 en was aan vernieuwing toe. In het nieuwe terrassenbeleid zijn duidelijke regels opgenomen voor terrassen en is ruimte opgenomen voor maatwerkterrassen. Sinds de invoering van het beleid is het aantal terrassen in de binnenstad toegenomen.

In het Horecabeleidsplan werd ook een voorstel voor een nieuwe horeca-categorie voor culturele instellingen gedaan. Deze nieuwe categorie ‘Horeca C’ was in eerste instantie alleen bedoeld voor culturele instellingen waarbij horeca-activiteiten een belangrijk onderdeel van de culturele programmering zijn. Bij vaststelling van het horecabeleidsplan heeft de deelraad aangegeven deze nieuwe horeca-categorie ook voor musea mogelijk te willen maken. Na ruim een jaar discussie lijkt er nu een oplossing te zijn gevonden om Culturele Horeca mogelijk te maken.

Horecabeleidsplan 2008 In het horecabeleidsplan is onder meer gekeken waar verruiming van sluitingstijden, extra horecavestigingen en verruiming in vierkante meters mogelijk is. Daarbij is rekening gehouden met de gevolgen voor het woon- en leefklimaat, de openbare orde en veiligheid.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

Terrassenbeleid Jordaan Voor de Jordaan is gebiedsgericht terrassenbeleid vastgesteld. Voor terrassen gelden verschillende tijden. Voor terrassen aan grote straten en aan pleinen gelden

59

sluitingstijden van 01.00 uur doordeweeks en 02.00 uur in het weekend. In smalle straten waar de stoep niet breed genoeg is om 1.50 meter doorloopruimte voor voetgangers over te houden mag, indien weinig autoverkeer, een doorloopruimte van 1 meter worden gehanteerd. Deze terrassen hebben een sluitingstijd van 23.00 uur. Over de sluitingstijden van terrassen in de Jordaan is veel discussie onder bewoners en ondernemers. In september 2009 is een buurtonderzoek gedaan om te kijken wat bewoners en ondernemers van de sluitingstijden vinden en of bewoners overlast van terrassen ervaren. Besloten is het terrassenbeleid voor de Jordaan niet aan te passen, maar wel een vervolgonderzoek te houden in september 2010. De deelraad heeft aangegeven dat bij dit vervolgonderzoek meer aandacht moet zijn voor de groep die overlast ervaart.


Overlast verslaafden verminderd Dat moet een gedenkwaardige avond geweest zijn, die avond eind 2006, dat de bewoners van het Wallengebied te hoop liepen tegen Burgemeester, de Wethouder Zorg en de voorzitter van stadsdeel Centrum, om in alle toonaarden hun beklag te doen over de overlast van verslaafden. Voor Els Iping was dit oud nieuws. Al jaren was haar bestuurlijk standpunt dat zelfs bewoners en ondernemers in het oude stadshart recht hebben op een leefbare buurt. Het ging er die avond zo fel aan toe dat de luide klacht van de bewoners wel een aansporing was de overlast van verslaafden zeer grote prioriteit te geven. De bewoners hadden immers met hun eerste schouwresultaten keihard aangetoond dat er een grens bereikt was. En zo werd het project Zorg en Veiligheid Wallengebied geboren. Els trok de regie naar het stadsdeel toe. Het dagelijks bestuur gaf de bestuurlijke opdracht om desnoods op onorthodoxe wijze, zonder bevoegdheden, de zaak aan te pakken. En daar zaten we dan in februari 2007: een kersverse coÜrdinator veiligheid en een gloednieuwe bestuursadviseur. In zeer korte tijd waren we er achter dat een ongelooflijk groot aantal partijen actief was om dit schone projectdoel te bereiken. Ook was al snel helder dat er binnen al die organisaties, soms van hoog tot laag, talent was om langs elkaar heen te werken. Ook was het niet moeilijk om uit te vinden dat er veel wil tot samenwerking was, maar dat regelgeving dit niet altijd makkelijk maakt. Zeker was ook dat binnen al die organisaties medewerkers met grote betrokkenheid zich wilden inzetten. De timing van de opdracht was perfect. Overal heerste de mentaliteit om gewoon de zaken op straat goed aan te pakken. Voor het plan om met een testgroep van zo’n 150 overlastplegers te beginnen was iedereen zo te vinden. Kijken wat haalbaar was per individu: zo mogelijk zorg, zo nodig repressie. Maanden voordat het bestuurlijk contract tussen stadsdeel Centrum, gemeente, politie, OM, DWI en GGD werd getekend, was de eerste wasstraat al een feit. De lijst van 170 mensen die deze gezamenlijke straatactie opleverde was de start van een onorthodoxe samenwerking om hen van zorg, inkomen, woning, verzekering en dagbesteding te voorzien. Politie met daderregie, Stadstoezicht en Zorgveldwerk in opdracht van GGD hielden de mensen op straat in de gaten. DWI, politie en GGD deden veel achter de schermen. Zorgaanbieders, zoals Streetcornerwork, namen risico door mensen op dagbesteding te zetten zonder dat de administratie rond was. Het werd een spannende tijd, die zomer 2007. Het bleek een ongelooflijk taaie materie. Problemen zaten in kleine hoekjes. Alles begint met een geldig identiteitsbewijs. Maar wie betaalt dat en loodst je door de bureaucratie heen bij vermissing? Mag je iemand toelaten op de dagbesteding, ook als hij geen uitkering heeft? Mag de zorg de politie bellen en mag de politie vragen beantwoorden? Allemaal kleine puzzels. Samen goed voor veel stroperigheid.

60

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Dag Els, Het gezegde luidt: Succes heeft vele vaders. In dit geval was er toch echt maar één moeder en dat ben jij.

Elke maand rapporteerden we aan de bestuurder. De bewoners en ondernemers uit het gebied troffen wij in het integrale burgwallen overleg, alwaar de ontvangst gereserveerd positief was. Misschien moet je het ronduit afwachtend noemen. In het najaar 2007 kwamen de eerste kleine successen: de dagbestedingprojecten raakten overtekend en uit eigen beweging begonnen de verslaafden het spreekuur op politiebureau Beursstraat te bezoeken om hun zorgtraject op orde te houden. Heel voorzichtig begon de buurt te zeggen dat ze er iets van merkten. Er kwamen zelfs complimenten. De rest is geschiedenis. Ook in 2008 en 2009 en 2010 worden de nieuwe verslaafde veelplegers in het gebied op dezelfde wijze aangepakt. Nepdope dealers kunnen evenmin ongestoord hun gang gaan. Met de schouwen volgt de buurt het werk op de voet. Nu in 2010 weten we dat de meldingen drugsoverlast gehalveerd zijn en het percentage actieve overlastplegers in een zorgtraject 80% is. Zij hebben hun zelfrespect weer terug. Van de groep van 190 APV veelplegers die in 2006 nog actief was, zijn nu nog maar acht personen actief. Eind 2009 telt de politie in de binnenstad slechts 47 actieve APV veelplegers ten opzichte van 190 actieve APV veelplegers op de peildatum (1 januari 2007). Els. Het gezegde luidt: Succes heeft vele vaders. In dit geval was er toch echt maar één moeder en dat ben jij.

Bea Irik

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

61


Overlast verslaafden verminderd, terugblik 2006 De aanpak van de drugsgerelateerde criminaliteit en overlast in het Wallen­ gebied is al jarenlang prioriteit, maar de problematiek duurt onverminderd voort. In 2006 is de maat voor bewo­ners en ondernemers vol. De overlast op straat in het Wallengebied is ondanks enorme inspanningen en hoopvolle plannen nog te hoog. De objectieve en subjectieve veiligheids­cijfers zijn overduidelijk: hoewel een verbetering zichtbaar is, scoort het Wallengebied nog steeds ‘rood’ in de veiligheidsindex, ligt het ver onder het Amsterdamse gemiddelde, en op de terreinen van drugs en overlast is helaas nog geen verbetering zichtbaar. 2007 Ambtswoninggesprek. Stadsdeel Centrum neemt de regie en ontwikkelt een aanpak à

la Zuidoost. Het adagium van Elvira Sweet – ‘Je kunt het beste de regie hebben als je geen bevoegdheden hebt’ - is daarbij leidend. Dit betekent een balans tussen repressie én zorg en zorgen voor voldoende samen­hang en intensiteit in de aanpak, specifiek voor het Wallen­gebied. Niet alleen de leefbaarheid en veiligheid wordt zo verbeterd, maar eveneens een menswaardig bestaan voor de verslaafden. Bea Irik, oud-wethouder Zorg, wordt gevraagd hierbij te helpen en zij zorgt voor afstemming tussen de onwaarschijnlijke hoeveelheid partners die een rol heeft in de aanpak van de drugsproblematiek. Veel is al in gang gezet, maar het gaat om de uitwerking, de snelheid en de merkbaarheid op straat. Er worden afspraken gemaakt over spreiding van opvangvoorzieningen over

62

de gehele stad. Er komen honderden plaatsen bij. Tot die tijd wordt het aantal voorzieningen in Centrum bevroren en daarna is sprake van een geleidelijke vermindering. Er worden afspraken gemaakt met de opvanginstellingen en waar nodig en mogelijk worden zij ondersteund. En er worden afspraken gemaakt over de persoonsgerichte anapak. 2008 en 2009 De inspanningen beginnen langzaam zichtbaar te worden. De persoons­gerichte aanpak draait op volle toeren en 190 overlastgevers worden in kaart gebracht. Een kleine twee jaar later komen nog maar 8 personen wel eens in beeld bij de politie, in plaats van meerdere malen per dag! Dagbesteding (zorgboerderijen), opvang en inkomen … Het draagt allemaal bij.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Ook enorme inspanningen van de politie op straat, de zogenaamde wasstraatacties, het verplaatsen van camera’s, de vliegende brigade … Er komt veldwerk, collega’s die op alle tijden en overal daklozen en verslaafden op straat opzoeken en ze helpen onderdak te vinden en met andere zaken… ‘naar zorg toe geleiden’. En niet te vergeten het spraakuurtje van de politie, DWI en de zorgpartners, waar daklozen en verslaafden vrijwillig naar toe komen om afspraken te maken! Eerst op bureau Beursstraat en later bij de Gastenburgh. En het begint merkbaar te worden. Er wordt minder paars gescoord met de Veiligheidsschouwen in kleur. Jarenlang lopen bewoners, onder­nemers, politie en medewerkers van het stadsdeel, bij nacht en ontij door het gebied om

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

overlastindicatoren te tellen… verslaafden, dealers, overlast­gevende bezoekers, condooms, spuiten, menselijke ontlasting … Het idee erachter is dat zo een objectieve meting ontstaat over een langere periode over de overlast in het gebied. Maar vooral bewoners en ondernemers merken het op. Voorzichtig komen er positieve geluiden, onmiddellijk gevolgd door opmerkingen als ‘keep up the good work’; vooral niet de aandacht laten verslappen nu. Het wordt alsmaar beter, en ook de veiligheidsindex staat anno 2009 lager dan ooit. Er wordt een begin gemaakt met de aanpak van (nepdope) dealers. 2010 De aanpak van (nepdope) dealers gaat door en wordt geïntensiveerd. In het voorjaar van 2010 wordt de Geïntegreerde Voorziening

63

geopend. De aanpak wordt voortgezet en ook andere overlastgevers worden aangepakt …


Dag Els, Jouw pand, naast een berucht cafe, met atelier van manlief, in en uitlopende zonen, katten, gasten en wat al dies meer zij, heeft de Italiaan geconfronteerd met de informaliteit van onze volksvertegenwoordiging en onze stadsdemocratie: vanuit het hart en dicht op de mensen.

Werelderfgoed Deze zomer reist een Nederlandse delegatie naar Brasilia om, zoals iedereen hoopt, aldaar mee te maken dat de 17e eeuwse grachtengordel van Amsterdam officieel op de Unesco Werelderfgoedlijst wordt geplaatst. Het is jammer dat je niet meer in je hoedanigheid van bestuurder hierbij aanwezig zal zijn, maar als Amsterdammer zul je ongetwijfeld de champagne ontkurken zodra het goede nieuws onze stad bereikt. Amsterdam op de Werelderfgoedlijst is een van de kronen op je werk, een streven waar je met grote liefde en ambassadeurschap aan hebt gewerkt. Dat het behoud van de binnenstad geen sinecure is, heb je tijdens je bestuursperiode, soms tegen wil en dank, mogen ervaren. Deze weken is in het Stadsarchief een prachtige tentoonstelling te zien van de oudste foto’s van Amsterdam. Ze toont op overrompelde wijze dat de stad ingrijpend en soms onherkenbaar is veranderd, alle inspanningen van monumentenzorg ten spijt. Het is een van de paradoxen van ons werk. Alleen door mee te bewegen met maatschappelijke, economische en politieke veranderingen kan de stad behouden blijven. Maar welke stad? Voor monumentenzorg is het altijd de kunst om op zoek te gaan naar unieke en universele waarden. Naar het genetisch materiaal dat onvervreemdbaar is van het ‘object’ dat permanent op de snijtafel ligt. Amsterdam is in feite een grote openbare anatomische les. Snijden, wroeten, analyseren, repareren, vernieuwen en dan weer dichtnaaien. En iedereen weet het beter! De oratie van Vincent van Rossem, ambtenaar en hoogleraar, ging over ‘stedenschennis’. Hij liet genadeloos zien dat de beslissingen waar we later zo gemakkelijk spijt van hebben op het moment zelf met de grootste overtuiging worden genomen: de sloop van de beurs van Zocher, het platgooien van Kattenburg en straks het BG-terrein. Maar wat is wijsheid? Als het ons al lukt te leren van het verleden, hoe verenigen we dat dan met visionaire toekomstbeelden? Hoe houden we de stad levend?

64

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Het mooie van Unesco is dat zij de stad heeft gedwongen de zgn. outstanding universal value van Amsterdam onder woorden te brengen. Wat maakt de grachtengordel van Amsterdam zo uniek? Natuurlijk is dat meer dan stedenbouw en architectuur alleen, het is de onvermijdelijke combinatie van factoren. Het historische momentum, het gesternte waaronder de grachtengordel kon worden gebouwd, was de unieke combinatie van goed bestuur, daadkrachtige entrepreneurs, immigranten, kunstenaars en vrijdenkers. De ondernemende, tolerante en creatieve cultuur die toen heerste, wordt nog altijd gevoeld in Amsterdam. Een wonder op zichzelf, om voor altijd te koesteren. Ik weet nog goed toen de heer Barbato, Italiaanse afgezant van Icomos, het belangrijkste adviesorgaan van Unesco, op inspectie was in Amsterdam. Jij was er alle drie dagen zo veel als mogelijk bij. Een van de hoogtepunten, naast natuurlijk het Paleis op de Dam en huis Bartelotti, was de ontvangst bij jou thuis. Het stadspaleis van een bestuurder, zo moet Barbato zich hebben afgevraagd, hoe ziet dat er nu uit? Jouw pand, naast een berucht cafe, met atelier van manlief, in en uitlopende zonen, katten, gasten en wat al dies meer zij, heeft de Italiaan geconfronteerd met de informaliteit van onze volksvertegenwoordiging en onze stadsdemocratie: vanuit het hart en dicht op de mensen.

Esther Agricola

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

65


Werelderfgoed, terugblik Voordracht grachtengordel voor de Unesco Wereld­erfgoedlijst (Een kwestie van een lange adem) Op 29 januari 2009 heeft de Staat der Nederlanden de Amsterdamse grachtengordel voorgedragen bij Unesco te Parijs voor aanwijzing als Werelderfgoed. Daar is een jarenlang traject aan vooraf gegaan. In 2006 wordt stadsdeel Centrum erbij betrokken. Hierna volgt het overzicht met enkele belangrijke data en mijlpalen vanaf 2006.

Mei 2006 De Voordracht voor Nederlands erfgoed is weer mogelijk met het vertrek van Rick van der Ploeg uit het Werelderfgoedcomité te Parijs. Een werkgroep wordt geïnstalleerd met als doel de afspraak van 1999 te herbevestigen, waarin Amsterdam zich akkoord verklaart met de voordracht. Daarnaast moet er een gebiedsdocument worden opgesteld met de geldende regels en verantwoordelijkheden binnen de gemeente Amsterdam ter bescherming en instandhouding van het beoogde Werelderfgoed.

66

Juli 2006 Het dagelijks bestuur gaat op 11 juli 2006 akkoord gegaan met de herbevestigings­ brief naar de Minister van OCW (mw. M.J.A. Verhoeven) inzake de voordracht. (De planning was toen nog om de voordracht voor februari 2008 in te dienen, waarna aanwijzing in 2009 zou kunnen plaatsvinden.) November 2007 Het dagelijks bestuur stemt op 20 november in met het Gebieds­document ‘De zeventiende-eeuwse grachtengordel

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


van Amsterdam’ en met de concept aanbiedingsbrief aan de Minister van OCW t.b.v. de nominatie van het gebied voor de Werelderfgoedlijst. Augustus 2008 Els Iping brengt een bezoek aan het Werelderfgoed De Beemster en wordt rondgeleid door burgemeester Harry Brinkman. September 2008 Het dagelijks bestuur en het College van B&W stellen op 8 september 2008 het Managementplan vast. Oktober 2008 Er worden convenanten tussen de gemeente Amsterdam, stadsdeel Centrum en het Hoogheemraadschap ondertekend. December 2008 Het Kabinet stemt op 5 december 2008 in met de voordracht.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

Januari 2009 Per koerier wordt op 29 januari 2009, namens de Staat der Nederlanden, een fraaie kist met de voordracht bestaande uit het managementplan, nominationdocument, background topics en vele bijlagen aangeboden aan de Unesco organisatie te Parijs. Maart 2009 De krant Stadsdeelnieuws brengt een Unesco-special uit, die huis aan huis wordt verspreid. De Unesco-website is in de lucht. April 2009 Het dagelijks bestuur stelt (als siteholder) het Bureau Werelderfgoed in. Het Bureau gaat op 1 september 2009 van start. Mei - juni 2009 Er vinden op 14 mei en op 3 juni twee Unesco-stadsdeelgesprekken plaats (respectievelijk in de Amstelkerk en in Felix Meritis), met een inleiding van Els Iping.

67

September 2009 De heer G. Barbato (ICOMOS vertegen­ woordiger) bezoekt van 23 tot en met 25 september Amsterdam. Bureau Werelderfgoed verzorgt samen met BMA het weekprogramma. Els Iping neemt ook actief deel en houdt een voordracht. Januari 2010 Unesco is thema van de nieuwjaarsreceptie van stadsdeel Centrum in Paradiso. Els Iping neemt deel aan het Platform Werelderfgoed Nederland. De eerste Unesco-nieuwsbrief van Bureau Wereld­ erfgoed gaat uit. Augustus 2010 De aanwijzing is een feit?!


De stadsdeelraad Acht jaar geleden kwamen Els Iping en ik elkaar voor eerst tegen – beiden beginners in het democratisch proces, beiden met een passie voor de binnenstad. Het zou eindelijk eens goed geregeld moeten worden in het hart van Amsterdam, en het nieuwe stadsdeel AmsterdamCentrum bood daartoe nieuwe mogelijkheden. Negenentwintig raadsleden en drie dagelijks bestuurders vormden samen het nieuwe openbaar bestuur van de binnenstad; in feite allen pioniers in het onontgonnen gebied van de binnenstadspolitiek, zonder noemenswaardige ervaring, omringd door nieuwe gezichten. Els werd dagelijks bestuurder, ik raadslid - in de oppositie. Bestuur en raad moesten hun weg vinden in hun respectievelijke taken – enerzijds het uitvoeren van stadsdeelbeleid en daarover transparant verantwoording afleggen, en anderzijds de kaders stellen en het bestuur controleren. Dat was in aanvang voor niemand gemakkelijk, mede vanwege diverse incidenten, variërend van het ontslag van een vooraanstaand onderwijsambtenaar tot het voornemen om een zaailing om te hakken, instortende panden in de zomermaanden en stevige bezuinigingen in de welzijnsector. De kritische vragen van de oppositie aan het bestuur waren niet altijd een toonbeeld van fijnbesnaardheid – soms leek de kerntaak het vooral niet eens te zijn met de zittende coalitie -, de wijze waarop bestuurders omgingen met kritische kanttekeningen bij de bestuursstijl getuigde niet altijd van politiek Fingerspitzengefühl. Els’ aanpak wisselde van vriendelijke en bedachtzame uitleg tot nauw verhulde kribbigheid wanneer de steun van de raad niet snel werd gevonden. Zo kon tijdens de begrotingsbesprekingen van oktober 2003 uit haar mond worden opgetekend: “Heb ik goed begrepen dat de heilige drie-eenheid voor u bestaat uit God, Pim en Allah? Ik heb dat anders geleerd.” Vanuit de raad werden indringende teksten tot haar gericht, bijvoorbeeld over het ‘vlaggenbeleid’. Een parafrase: ‘Dat een aantal ambtenaren en agenten plus een hoogwerker – en daarmee bedoelt men niet de hoofdcommissaris, want die zou hebben gezegd: “Doe het zelf maar” – waren ingezet om een paar internationale vlaggen van hotel Krasnapolski af te halen, doet onze naam geen goed.’ Wij allen ontdekten ook dat we het nooit iedereen naar de zin konden maken, en ondervonden al spoedig dat de binnenstadspolitiek bij voortduring onder het vergrootglas van de media werd geanalyseerd: talloos waren de artikelen in kranten en de items op de lokale tv over het stadsdeel – en natuurlijk met name over wat er nu weer fout was gegaan. Al snel ontwikkelden ook sommige raadsleden de neiging om het debat niet te voeren tijdens de daarvoor bedoelde raads- en commissievergaderingen, maar via die media. Dat alles vergde van alle betrokkenen het nodige aanpassingsvermogen – en soms een dikke huid. Met name voor Els is het niet altijd makkelijk geweest als aanvallen op door de raad aangenomen

68

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Dag Els, Ik vertrouw er op dat jij jouw kenmerkende bevlogenheid en vasthoudendheid zal blijven inzetten voor de publieke zaak, zoals je dat ook de afgelopen acht jaar hebt gedaan

besluiten op haar persoonlijk werden gericht; niet altijd bleek de raad collectief in staat om dergelijke aanvallen te pareren. Dat Els - ondanks deze voortdurende druk – gewoon haar werk bleef doen, illustreert haar inzet en doorzettingsvermogen. Met de veranderde samenstelling van raad en coalitie in de tweede periode – Els was inmiddels stadsdeelvoorzitter, ik raadsvoorzitter - veranderde ook Els’ techniek om de raad mee te krijgen. Zo ademen de raadsnotulen van juni 2009 een nieuwe sfeer: ‘Mevrouw Iping is blij dat de doelstellingen door de raad worden gesteund... Ze is blij met het draagvlak, maar vraagt de raad om toch nog eens goed naar deze besluiten te kijken...’ En uit de commissie Bouwen en Wonen van april 2008: ‘Mevrouw Iping zal met plezier een preadvies maken, maar zij constateert dat de partijen heel divers denken. Het is aan het dagelijks bestuur om een samenhangende richting aan te geven.’ Al doende ontdekten we dus: C’est le ton qui fait la musique. En dat, kunnen we nu constateren, heeft vruchten afgeworpen. Steeds vaardiger laverend tussen soms felle discussies bouwde Els een grote dossierkennis op, een groeiend geduld voor de deelraad, en het vermogen die raad steeds vaker ruimte te geven voor suggesties. Zo slaagde zij er met verve in om veel voorstellen goedgekeurd te krijgen. Intussen bleef zij een zekere eigenzinnigheid niet schuwen; en de raad – minstens zo eigengereid, laat daar geen misverstand over bestaan! – bood haar daartoe ook regelmatig de ruimte. Zoals het aanvankelijke wantrouwen jegens het stadsdeel geleidelijk plaatsmaakte voor een begin van verbondenheid en gedeelde verantwoordelijkheid, zo ontwikkelde de verhouding tussen die jonge deelraad en bestuur zich van onwennig tot stabiel en volwassen. En: gebaseerd op die gedeelde passie om de bewoners, ondernemers en bezoekers een nóg betere binnenstad te bieden. Daarmee weerspiegelt de ontwikkeling in de stadsdeelverhoudingen de professionele ontwikkeling van Els Iping. Ondanks dat soms weerbarstige democratische proces delen we een sterke betrokkenheid bij dit meest bijzondere, interessante en uitdagende stukje Amsterdam. Een stadsdeel met een enorm lokaal, maar zeker ook regionaal en landelijk belang en een uitstraling die de landsgrenzen verre overstijgt. Els heeft aan dat unieke karakter een belangrijke bijdrage geleverd, gedurende een lastige periode. Dat daarvoor tijdens de laatste raadvergadering van de

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

69


afgelopen periode uit alle richtingen complimenten werden gegeven, illustreert de waardering die is gegroeid voor haar vasthoudendheid, haar kennis en haar overduidelijke liefde voor het centrum van Amsterdam. Zelf noemde zij samenwerking het geheim: met het gemeentebestuur, met bewoners en ondernemers, met instellingen en diensten. We kunnen nu vaststellen dat het die samenwerking is waardoor het stadsdeel erin slaagde - ondanks beperkte bevoegdheden – de vanzelfsprekende spil te worden van belangrijke ontwikkelingen in de binnenstad, en concrete projecten vlot te trekken en nieuwe ontwikkelingen in te zetten, van het Rembrandtplein en de Leidsebuurt tot het Blaauwlakenblok en de Wallen. Als raadsvoorzitter heb ik de afgelopen vier jaar met plezier samengewerkt met Els. Persoonlijk stemt het mij hoopvol dat iedereen het belang onderschrijft van de door haar zo krachtig gepropageerde balans tussen wonen, werken en recreëren. Én het maakt me razend nieuwsgierig naar de periode die voor ons ligt; de vraag hoe we die balans bewaren, moet vooral felle debatten blijven opleveren. Die komende periode zullen wij die beiden niet ‘van binnenuit’ meemaken. Maar ik ben ervan overtuigd dat Els Iping haar liefde heeft gevonden in besturen en beleid uitvoeren. En ik vertrouw er op dat zij haar kenmerkende bevlogenheid en vasthoudendheid zal blijven inzetten voor de publieke zaak, zoals zij dat ook de afgelopen acht jaar heeft gedaan. Daarvoor past hier een oprecht woord van dank – namens de raad van stadsdeel Centrum.

Sarien Zijlstra

70

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


De stadsdeelraad, terugblik Els heeft in de acht jaar dat zij in het dagelijks bestuur van stadsdeel Centrum zetelde de belangen van vrijwel alle beleidsportefeuilles behartigd. Haar portefeuilles waren onder meer: •  Beheer van de openbare ruimte •  Welzijn en onderwijs • Algemeen Bestuurlijke & Juridische Zaken •  Veiligheid •  Bouwen en Wonen •  Stedelijke Ontwikkeling •  Coördinatie Wallen •  Horeca •  Evenementen •  Monumenten & archeologie Portefeuilles die zij niet heeft beheerd waren: herinrichting van de openbare ruimte en financiën. Aan de stadsdeelraad heeft zij vele stukken en kwesties voorgelegd ter bespreking en veelal besluitvorming.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

Een bloemlezing: • Vele besluiten over onderwijshuisvesting, w.o. ten behoeve van de scholen: De Eilanden, De Parel, De Pool, St. Aloysius, Dr. E. Boekman (nevenvestiging De Kleine Reus), 14de Montessori. • Wonen boven winkels (o.a. in de Kalverstraat (initiatief Kalverliefde) en op de Nieuwendijk) • Plan van Aanpak Czaar Peterbuurt • Bestemmingsplannen (wijzigingen): Zeeburgerpad, Leidse- en Weteringbuurt 1998 voor het project uitbreiding van de Stadsschouwburg en voor inpandige parkeergarage Keizersgracht, Haarlemmerbuurt-/plein, Artis, Groot Waterloo • Welstandsnota • Nota Wonen • Anne Frankboom en boom in de Zanddwarsstraat • Blaauwlakenblok • Steigerdoekenreclame • Strategische positie van de onroerendgoedportefeuille • Wienerterrein • Nota ‘Opgroeien in de binnenstad’

71

• Krediet voor het realiseren plan Haarlemmerplein • Nota 'Opgroeien in de Grote stad': kaders voor het Jeugdbeleid in de binnenstad • Bouwplan Hermitage • Nota Wonen met Zorg en Dienstverlening • Nieuwe De La Martheaters • Beurs van Berlage • Wat betreft het project 1012 een strategienota en aankopen onroerend goed in Wallengebied e.o. (1012) • Terrassen (Jordaan) • Aanwijzing tot beschermd rijksmonument van het nationaal Monument op de Dam • Hotelbeleid • Horecabeleidsplan • Delegatie projectbesluit


Het nieuws In het najaar van 2007 werd ik als verslaggever van Het Parool losgelaten op de Amsterdamse stadspolitiek. Op de ochtend van mijn eerste dag wachtte een klus die betrekking had op Els Iping. ‘PvdA en GroenLinks in het Amsterdamse stadsdeel Centrum hebben vannacht de VVD buiten de coalitie gezet’, luidde de eerste zin van het stukje dat ik schreef. Het zou niet het laatste artikel zijn dat ik wijdde aan Els Iping. Evenmin was het het eerste stukje in Het Parool waarin haar niet optimale relatie met Anne Lize van der Stoel aan bod kwam. Vier dagen later was ik co-auteur van een portret waarin de ene na de andere tegenstander haar wegzette als toonbeeld van vertrutting en onredelijkheid. Weer een week later vroeg Paul Arnoldussen, destijds een soort ombudsman van Het Parool, zich in de krant af of we daarmee over de schreef waren gegaan. De maand daarop volgde een vraaggesprek waarin de stadsdeelvoorzitter haar kant van het verhaal over het voetlicht bracht. “Het maakt me wel eens ongelukkig”, verzuchtte ze over alle kritiek. “Vóór het herfstreces was ik aan het eind van m’n Latijn.” Op de begeleidende foto was ze met vuilniszakken in de weer op straat. De stadsdeelvoorzitter houdt de buurt schoon! Daarna kruisten we minder geregeld elkaars pad, maar af en toe was het raak. Er was een column waarin ik de VVD van hypocrisie betichtte – het stadsdeel besturen en tegelijkertijd het beleid hekelen – en een stuk waarin ik de liberalen een verkiezingsslogan aan de hand deed, mede naar aanleiding van het ijsjesincident met Eric van der Burg: “Laat Els haar karwei afmaken.” Tussen de bedrijven door werd ‘de stadsdeelpolitiek’ in het algemeen op de voorpagina tot nummer één gebombardeerd in een top 10 van bestuurlijke fiasco’s. Paul van der Steen illustreerde het met een grote tekening van Els Iping. Je zou geneigd zijn te denken: blij dat ze verlost is van die zure zeurpiet. Maar hier sta ik, te midden van vrienden, vriendinnen, collega’s en kennissen die afscheid nemen van Els Iping als stadsdeelvoorzitter. “Ik weet dat ze uw bijdrage heel erg zal waarderen”, schrijft Anneke Eurelings in de brief waarin ze mij om een bijdrage vroeg. Zou het echt? Natuurlijk, een bestuurder moet tegen een stootje kunnen. Dat geldt zeker voor de burgemeester van de nationale huiskamer. Maar alles kent z’n grenzen. Zoveel begrip kun je niet van iemand verlangen. Waarom toch? Het enige dat ik kan bedenken is een artikel uit augustus 2009. Ik citeer uit eigen werk: ‘Alle ophef is bovenal het gevolg van het oprichten van stadsdeel Centrum. Het hart van Amsterdam is van heel Nederland. Als de plaatselijke bevolking haar eigen bestuurders kan kiezen, is het onvermijdelijk dat die vooral fungeren als doorgeefluik van hun kiezers: de bewoners. Dat leidt tot conflicten over sluitingstijden, terrassen, evenementen, musea et cetera.

72

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Dag Els, Je bent een vrouw met een groot hart.

Ook Ipings voorganger, Anne Lize van der Stoel, was omstreden vanwege haar regeldrift. Menig ondernemer kreeg een waas voor ogen als de VVD-politica ter sprake kwam. Bij Ipings opvolger zal het niet anders zijn. De voorzitter van stadsdeel Centrum is continu bezig met een evenwichtsact. Uit een enquête van het gemeentelijke onderzoeksbureau O+S komt het staverbod op terrassen naar voren als een zeer gehate maatregel. Tegelijkertijd klagen de ondervraagden over regels die niet gehandhaafd worden. Zie daar maar wijs uit te worden. En dan is al het gedoe ook een luxeprobleem. Zolang actiegroepen als Ai!Amsterdam grote groepen verontwaardigde burgers op de been brengen die hun recht opeisen om staand bier te drinken, valt het wel mee met de economische crisis. Ondertussen verkeert Iping in een hopeloze positie. Zodra ze ergens wil ingrijpen of handhaven, wordt ze weggezet als onverdraagzame regelfetisjist. Dat biedt gouden kansen voor ondernemers. Wie een probleem heeft met het stadsdeel hoeft het alleen maar aan de grote klok te hangen.’ Als dat het is wat mij deze eer verschaft, is Els Iping een vrouw met een groot hart. Ik vraag me af of ik zo ruimhartig zou zijn. Dus als dit stuk het boekje niet haalt, heb ik daar alle begrip voor.

Bas Soetenhorst

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

73


Het nieuws, terugblik De pers en Amsterdam Centrum; al sinds het mislukte referendum over de komst van een stadsdeel binnenstad is er een rare verhouding tussen de media en het stadsdeel. Iedereen wil over de gave en positieve dingen van de binnenstad - de huiskamer van Amsterdam - schrijven, maar het stadsdeel kán gewoon niet deugen. Als de burgemeester het zegt: applaus. Als het stadsdeel hetzelfde zegt: boegeroep. Om met de NRC te spreken: “Het minst gewenste bestuursorgaan van Nederland”. Verder geldt in de binnenstad het nabijheidsprincipe. Veel journalisten wonen in de binnenstad van Amsterdam, en wat in je eigen buurt gebeurt is vaak de moeite van een persvraag waard. Zo is de beruchte garageverordening via AT5 terechtgekomen bij TROS Radar en werd het ‘staand drinken’ een landelijk item na een succesvolle campagne van een protestgroep.

Maar hoe het óók werkt: in 2007 maakte het stadsdeel bekend dat het Jordaanfestival op last van stadsdeel, brandweer en politie moest verkassen naar een andere plek. De stad was even te klein: dat er ieder jaar opstootjes waren, alle portieken werden volgepist en het festival gewoon té populair werd op die plek, dat deed er even niet toe. Toen eenmaal bekend werd dat het festival gewoon verder kon groeien op een andere plek - de Appeltjesmarkt - verscheen de organisator met een brede glimlach op AT5 om via een ‘primeur’ deze locatie te tonen aan het publiek. Ook in de kroeg haalde AT5 alleen maar positieve ‘Voxpop’ op: we kunnen weer gezellig Likkie Lakkie zingen! … ofwel: bedankt en graag gedaan. Els Iping. Ze hield zich dapper staande tijdens alle slechte pers, en oogstte bij haar tegenstanders stiekem lof over de manier waarop ze omging met alle kritiek. In haar afscheidsportret op AT5 (dat lang niet elke vertrekkende bestuurder krijgt

74

trouwens) kreeg ze hiervoor zelfs - een beetje - lof van een van de roergangers van protestbeweging Ai!Amsterdam. Laten we het nog één keer zeggen: Els Iping wilde nooit het staand drinken verbieden, maar alleen een instrument nodig had om overlast van horecaterrassen te bestrijden. Een genuanceerd verhaal, te genuanceerd misschien voor de draaikolk die de Amsterdamse pers heet. Bovenal bleef Els Iping altijd zichzelf. Het befaamde ‘mooning’-incident op de Dam? Els lachte bijna het hardste om de grap. Haar vermeende slechte imago bij de omzaagplannen voor de Anne Frankboom? De reactie: “Ze vinden me toch al een soort van kruidenvrouwtje”. Bovenal heeft Els - met haar onderwijsgeschiedenis uitermate veel geduld met journalisten die het onderwerp niet helemaal snappen én stelt ze zich altijd netjes voor aan de meegereisde cameraman of fotograaf. Zoals het hoort.

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

75


‘Het Roode Koper’ Het Roode Koper is een prachtig Engels landhuis gelegen in de bossen op de Veluwe. Het was jouw lievelingsplek voor conferenties met het dagelijks bestuur en het MTC. Daar was het waar we de begrotingen/bezuinigingen voorbereidden. Discussieerden over de toekomst van het centrum. Over onze idealen en verwachtingen. Over de organisatie of over het DB. Hoe we met elkaar om wilden gaan. Het DB met elkaar en het DB met MTC. We spraken over allerlei zaken die ons bezighielden. Elkaar overtuigen dat iets prioriteit had en dat de organisatie daarmee echt aan de slag moest. Dat waren dagen van brainstormen, wikken en wegen, en besluiten. Maar daar tussendoor leerde je elkaar beter kennen, onze achtergronden en persoonlijke ervaringen door de verhalen aan tafel. Of tijdens een wandeling door het bos. Op die momenten hoorde ik waarom je voor de politiek had gekozen. Je kwam uit het culturele domein en daar had je het zeer naar je zin. Grote vraag was dus eigenlijk: hoe kwam je hier terecht? Je vertelde dat iemand uit jouw directe omgeving op enig moment tijdens een discussie over de stad waarin je je betrokken voelde, tegen je zei: “Neem dan die verantwoordelijkheid. Ga de politiek in. Dáár kan je zorgdragen voor de stad!” En je vond dat hij gelijk had en je nam je verantwoordelijkheid. En dat is zo’n kernwoord dat past bij jou. Verantwoordelijkheid nemen en gaan voor de inhoud. Niet voor jezelf maar voor de binnenstad en de stad. Dát is een grote kracht. Je had in de beide periodes de zwaarste portefeuille. Ook de meest in het oog springende en meest complexe. Met moeilijke opgaven. De eerste periode speelde in jouw portefeuille bijvoorbeeld: je wilde een grote inhaalslag om de achterstand van het onderhoud aan de schoolgebouwen aan pakken. Het schoonmaken en schoon houden van de stad. En het bewaken van het culturele en monumentale erfgoed van de stad. Maar ook aandacht voor de jongeren en kinderen in de stad. Je hebt altijd gestreden voor hun positie en plek in een drukke, maar prachtige stad. Dáár moeten ook zij kunnen wonen. En natuurlijk het vlottrekken van het Blaauwlakenblok en de start van de Marnixtheaters. Het lukte je ook om daar je resultaten en succes te behalen. Het centrum is schoner. De kinderen krijgen les in fatsoenlijke schoolgebouwen en kinderen en jongeren hebben meer plek gekregen. In en rond het Roode Koper speelde dit allemaal. Je bleek een geweldige pleitbezorgster van alle hierboven genoemde zaken. Het is jou gelukt om jouw visies over te brengen. Door jouw leiderschap kreeg je heel veel voor elkaar wat eerst maar niet van de grond kwam. Dit boekje getuigt ervan. De vlammende betogen die je hield, jouw overtuigingskracht en gepassioneerdheid voor de inhoud, maakte dat mogelijk. Wij, DB/ MTC, werden meegenomen en wilden jouw visies

76

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Dag Els, Je verdient veel respect en waardering. Maar ik weet dat het je daarom niet gaat. Je hebt gewerkt voor de stad en je verantwoordelijkheid genomen.

graag tot uitvoering brengen. Want je had ook oog voor de organisatie. Je wist wat je vroeg. Je stimuleerde de medewerkers en daarom wilde men graag voor je werken. En als het lukte, was je altijd de eerste om de betrokken medewerkers de credits te geven. Zo zit jij in elkaar. En dat doet iedereen ook goed. Je had oog voor anderen en bleef ook zo jezelf. Maar je kon ook heel goed luisteren en vragen stellen. Ik weet dat je mensen kon raken door je oprechte belangstelling, je warmte en compassie met hen. Dat zij een ander beeld kregen van politici. Immers wordt daar vaak argwanend naar gekeken omdat zij ‘met iets anders bezig zijn’. Zo ben jij niet. En ondertussen hebben we ook heel veel plezier gehad. Ik herinner me natuurlijk ons zingen en de vrolijkheid over anekdotes over Amsterdam, families, vrienden en natuurlijk ook ons werk waar we voor gingen. Maar ook herinner ik me dat je met zoveel trots en geluk kon vertellen over Brordus, Ruben en Joris. We begrepen al gauw dat zij jouw ankers waren. Els, je hebt in die acht jaar zoveel bereikt. Kleine en grote zaken. Zaken waar mensen geen idee van hebben, en waar jij ook niet mee te koop liep, maar die waanzinnig belangrijk zijn en gewaardeerd werden. Voor mij ben je heel belangrijk geweest. Niet alleen als stadsdeelsecretaris heb ik geweldig met je gewerkt, maar ook persoonlijk vond ik het heerlijk met en voor je te werken. Voor een inspirerende politica die later mijn baas werd en waar ik trots op kon zijn. Inspirerend omdat je keihard werkte voor je idealen en daardoor voor de ontwikkeling van de stad. Omdat je zo integer bent, steeds strijdend met open vizier en liet zien dat deze wijze van politiek bedrijven mogelijk is. Je verdient veel respect en waardering. Maar ik weet dat het je daarom niet gaat. Je hebt gewerkt voor de stad en je verantwoordelijkheid genomen. Amsterdam mag en zal heel trots op je zijn.

Hanneke Groensmit

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

77


Ik heb gezocht naar wist ik maar wat Geef mij nu eindelijk Wat ik altijd al had (Herman de Coninck)

78

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum


Colofon Uitgave • stadsdeel Centrum Met medewerking van • Anneke Eurelings, Martien Maten & Ronald Koen Ontwerp • Werf3 19 april 2010 Aan deze uitgave kunnen geen rechten worden ontleend. Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

79


dag 80

Els Iping – acht jaar stadsdeel Centrum

Dag Els _ acht jaar stadsdeel centrum  

Boekje ter gelegenheid van het afscheid van Els Iping, stadsdeelvoorzitter van Amsterdam Centrum, op 15 april 2010.