Jason magazine (1999), jaargang 24 nummer 2

Page 1

Tijdschrift over internationale zaken · jaargang

24 ·

nummer

2

'999

Openbaarheid als 'Noord-Europees speeltje'

Zuid-Afrika en Iran: op weg naar duurzame verandering?

Oorlog in de postmoderne tijd: privatisering en 'uitgevochten staten'

De zwarte schapen van het Kosovo-conflict


Inhoud ) ASON

M agaûnt is htl kwartaalbladt·an d( u ithting JASO N

Redactie drs. I. Fritz, hoofdredacteur K.j. de Boer. adjunct hoofdredacteur drs. G.j. Mentjox, eindredacteur l. A. de jager. eindredacteur mevr. HR. Doets drs. M.J. Fraanje drs. R. Kampherbeek mevr. drs. C.j.lasseur drs. R. van der Maar drs. R. Sandee Tekeningen Theo Mentjox Dagelijks Besluur Voorzitter · j.j.A. Posseth Vice· Voorzitter· D. R. Changoer Secretaris · M. D. Fink Algemene Zaken . mevr. S. E. Plümicke Fondsenwerver · S. V. jansen Penningmeester· E.C.). Cusel! Penningmeesterintern . C.M.S. Bornhaupt Algemeen Bestuur dr. A. Boxhoorn (Atlantische Commissie) drs. T. H.A. Dersigni mevr. drs. N. Y. jaarsma mevr. drs. H. M. Ruijg M. G. H. Ruiter mevr. drs. M. Sie Dhian Ho drs. F. F.j.Q. Smits van Oven mevr. drs. M. Voslamber Raad van Advies prof.dr. W. Dekker, voorzitter dr. W. F. van Eekelen, vice·voorzitter F. de Bakker prof.dr.). Th. j. van den Berg prof.dr. H. de Haan prof.drs. V. Halberstadt drs. G.J.).M. Hayen H.A.M. Hoefnagels mr l.G. N. de Hoop Scheffer R.W. Meines R.D. Praaning prof. dr. j.G. Siccama mevr. drs.l. F. M. Sprangers prof.dr. A. van Staden drs.l. Wecke Adres

11

Openbaarheid als ' Noord -Europees speeltje'

'n Perspektief op die transformasieproses in Suid-Afrika (1983-1999)

IJ

De privatisering van de oorlog

Het toenemend belang van Private Military Companies

Kosovo conflict: who is to blarne?

EI

De NAVO : zelfverdedigingsorgan isatie van ' uitgevochten' staten

Iran op weg naar duurzaame verandering?

Redactioneel Geachte lezer, Voor u ligt een JASON Magazine met een nieuwe hoofdredacteur. Beter is echter te spreken van 'hoofdredactie'. In de nieuwe constructie zal Ilja Fritz formeel hoofdredacteur zijn, terwijl ik de functie van adjuncthoofdredacteur pro forma zal waarnemen. H et komt erop neer, dat llja en ik gezamenlijk 'de kar' van JM zullen trekken. Gelukkig kunnen we daarbij rekenen op een enthousiaste en recentelijk uitgebreide redactie.

Stichting fason Bezuidenhoutseweg 237' 239 2594 AM Den Haag telefoon 070' 360 56 58 fax 070- 363 32 85 E-mail: info@Jason.!O

Van de gelegenheid die zich nu aandient maak ik snel gebruik om de scheidende hoofdredacteur, Hans van der Lee, nogmaals en vast niet te n overvloede te bedanken voor de grote inspanni ng die hij zich jarenlang heeft getroost voor stichti ng en blad.

ISSN 0165·8336

De Stichting foson noch de redactie van fason Magazine is verantwoordelijk voor

Een inspanning die de nieuwe hoofdredactie van een goed

de in de bijdragen weergegeven meningen.

uitgangspunt en een gezond perspectief voorziet.l1ja en ik zullen de door

Abonnementen worden automatisch verlengd. tenzij een schriftelijke opzegging vóór 1 december is ontvangen.

H ans ingezette lijn dan ook geestdriftig voortzetten. l inze de Boer

Ontwerp - Hans van der Jagt, Zeist Druk · Drukkerij lansen B.V., leiden

Foto wo rJ.ant: A mntJty Inttrnational.

IASO N Magazine •

jaargang 24


Naar een gemeenschappelijk Europees asielbeleid

Openbaarheid als 'Noord-Europees speeltje' Rimko van der Maar en Kat ja lasseur

Binnen de Europese Unie klinkt de roep om een Europese aanpak van het asielvraagstuk de laatstejaren steeds luider. Maar van een gemeenschappelijke beoordeling van veiligheid- en mensenrechtensituaties in landen van herkomst van asielzoekers, de grondslag voor een Europees asielbeleid, is nog nauwelijks iets terechtgekomen.

E

en belangrijk knelpunt vormt de openbaarheid. Terwijl ons ministerie van Buitenlandse Zake n onder maatschappelijke en politieke dru k al anderhalf jaar bezig is de kwali teit van zijn openbare algemene ambtsberichten te verbeteren, moet de discussie ove r openbaarheid op Europees niveau nog beginnen. 'De overdracht naar de Unie moet ons de minimale garanties bieden dar we goede, openbare en con troleerbare rapportages krijgen. Op dit moment zijn er geen aanwijzingen dat het die kant uit gaaL' Zal Nederland in het streven naar éé n Europees asielbeleid zij n verbeterde en ope nbare ambtsbe richten moeten opofferen voor gehe ime Europese rapporten van m in dere kwali teit? H et woord is aan het m inisterie va n Buitenla ndse Zaken, Amnesty I nternational en advocaat en universitai r docent Aldo Kuijer. Een half A-4tje over christe nen in Irak. Nou, daar werd je een hoop wijzer van !' Verge leken met een jaar of tien geleden zijn de algemene ambtsberichten in Nederland volge ns René Brui n en Ashley Terlouw van de Afdeling Vluchtelinge n va n Amnesty International 'hele boekwerken' van soms wel 75 pagina's geworden. 'De di scussie van de afgelopen jaren heeft dus wel enig effect ge had', zo stel len zij vast. 'De rubricering is veel efficië nter en overzichtelij ker en de bronvermelding is verbeterd. M aar het kan natuurlijk al tijd beter.' Algemene ambtsberichten beschrijven en beoordelen de alge mene veiligheid- en mensenrechtensituaties in landen van herkomst van as ielzoekers. Vanaf de dag dat algeme ne ambtsberichte n in Nederland openbaar zijn geworde n, ligge n ze voortdu rend onder vuur. H et mini sterie va n Buitenlandse Zaken, vervaardiger van de ambtsberic hten, zou z ich te vaag uitdrukken of onvoldoende bron nen ver melden. Ook is de objectiviteit van Buitenlandse Z aken regelmatig in twij fel ge trokken. Zo

JASO N Magazi ne •

liepen tot voor kort feiten en meningen in het ambtsbericht door elkaar. Voor organisaties al s Am nesty en Vluchtelingenwerk en advocaten Vreemdelingen recht een onoverkomelijk bezwaar. D e inhoud van een algemeen ambtsbericht is van grote invloed op de uitkomst van de as ielprocedure. Niet alleen de Im migratie en Naturalisa tiedienst (IND), maar ook de rec hter blijkt vrijwel altijd blind te vare n op de inhoud van algemene ambtsberichten. Daarnaast gebruikt de staatssecretaris van Ju stitie de ambtsberichten voor het bepalen van het officiële beleid ten opzichte van ee n land. Als de algehele si tuatie daar aan leiding toe geeft, wordt bijvoorbeeld aan asielzoekers, die om individuele (hum anitaire) redenen niet in aanmerking komen voor verblijf in Nede rland, een voorwaardelijke vergun nin g tot verblijf (vvtv) verstrekt. D e onvrede over de totstandkoming en inhoud van algemene ambtsberichten bereikte ruim t\vee jaar geleden ook de Tweede Kamer. In een mot ie- Dittrich c.s. verzocht de Kamer op 26 juni 1997 de Regering ee n commissie in te steUen die op korte termijn voo rstellen zou doen omtre nt alle criteria, waaraa n alge mene ambtsberichten dienden te vo ldoen. D e tijdelijke adviescommissie, di e daarop werd ingesteld , ge noemd naar voorzitter mr M. R. Wijnholt, bracht haar eindverslag uit in oktober 1998. In dit verslag stel t de com missie-Wijnh olt de werkwijze van het ministerie van Buitenlandse Za ken uitgebreid ter di scussie. Om de kwaliteit en objecti viteit van de algemene ambtsberichten te verbeteren, pleit zij voor een aantal maatregelen: onder mee r de publicatie van de ministeriële richtlijnen, scherpere bewaking va n termijnen, hogere eisen va n de skundigheid aan de redacteuren bij Buitenlandse Zaken, maar vooral verwijder ing van beleidsconcl usies uit het ambtsberi cht. Beleidsconclusies vind t de com-

nummer 2 1999

3


tenrapporten van Amn esty International, Human missie een taak voor de ministe r van j ustitie. Zij horen niet thuis in het algemene ambtsbericht, waar ze de Rights Wateh, maar ook van het Amerikaanse ministeobjectiviteit alleen maar 'nodeloos geweld' aandoen. rie van Buitenlandse Zaken, benadrukt Strikker. 'Het Aldo Kuij er, advocaat en als universitair docent verambtsbericht ann o 1999 verschilt qua bronvermelding bonden aan de vakgroep Staats- en Bestuursrecht van hemelsbreed van 1996 of 1997.' We mogen volgens hem de Universiteit Utrecht, betwijfelt of deze maatregelen ook niet buiten beschouwing laten dat Nederland een voldoe nde zullen zijn . 'Ik denk namelijk dat het in de vrij bijzondere positie bekleedt met zijn openbare structuur van het ministerie van Buitenlandse Zaken ambtsberichten . 'Er zijn tal van UNHCR-rapporten (de ingebakken zit dat die verbeteringen er niet echt kun vluchtelingenorganisatie van de VN) die niet openbaar nen komen. ' Ambtenaren van Buitenlandse Zaken ontzijn. Dat geldt evenzeer voor ambtsberichten uit andere Europese landen. Wat daar aan informatie wordt verzabe ren volgens Kuijer de juiste training en opleiding. ' Buitenlandse Zaken zegt: we hebben honderd getuimeld is allemaal vertrouwelijk. We kunnen daaruit du s niet rechtstreeks ci teren.' ge nverklaringen, maar we hebben het zelf niet kunnen vaststellen, dus maken we er geen melding van. Dat geeft ee n ve rtekend beeld. Ze zouden moeten berichten: we hebben honderd ge tuigenverklaringen , maar we Het 'Canadese model' hebben het zelf niet kunnen vaststellen. Dat is hoe je H et veelbesproken alternatief voor het ministerie van een rapport opstelt.' Het probleem ligt volgens Kuijer Buitenlandse Zaken als vervaardiger van algemene ambtsberichten is te vinden in Canada. Daar worden ontege nzeggelijk in de verwevenheid met het normale diplomatieke verkeer. 'B uitenlandse Zaken heeft noodambtsberichten si nd s 1989 opgesteld door een onafhan kelijke instantie, de Immigration and Refugee Board zakelijkerwij s meerdere petten op: het is onze handelspost in den vreemde, het is mense nrec htenrapporteur (IRB ). Een onafhankelijke instantie valt niet onder de en moet ook nog aardige relaties onderhouden in gewopolitieke verantwoordelijkheid van een bewindspersoo n en is du s niet gebonden aan een restrictief toelatingsbene zin. H et is vaak lastig om tegelijkertijd criti cus en leid of eventuele diplomatieke belangen. D e IRB maakt vriend te zijn.' H et ministerie van Buitenlandse Zaken werkt volook geen gebruik van vertrouwelijke informatie, van ge ns Kuijer met incomplete bronvermelding, omd at zij bijvoorbeeld het Canadese ministeri e van Buitenlandse Zaken. De objectiviteit van een ambtsbericht zou daarniet willen dat hun mensen, die vrij moeten kunnen rapporteren wat zij zien, in de betreffende landen moeimee optimaal zijn gewaa rborgd. 'De gedachte erachter lijkheden krijgen. Vooral nu de laatste jaren meer en is toch zuiverder', vindt Kuijer, volgens eigen zegge n ee n groot voo rstander van het 'Canadese model'. meer een relatie wordt gelegd tussen mense nrechten en Ook Amnesty International is altijd voor een onafeconomische steun. 'Maar dan zeg ik: dat is juist tem ee r rede n om het bij Buitenlandse Zaken weg te halen. Als hankelijke instantie gewees t. Ren ĂŠ Bruin en A shley TerBuitenlandse Zaken dit wil doe n dan moeten ze een louw van de Afdeling Vluchtelingen zien het 'Canadese Human Rights Officer op de posten aanstellen, die bui model' echter niet perse als de ideale vervanger va n de Nederlandse werkmethode. 'Het is se mi -o nafhankelijk, ten het normale diplomatieke verkeer rapporteert.' hoor. De IRB, waar de informatie vandaan komt, neemt Voor Ron Strikker, hoofd va n de Afdeling Asiel en ook de beslissingen in asielzake n.' Feiten en beleid zijn Migratie van de Directie Persone nverkeer, Migratie en volge ns hen dus ook in Canada niet helemaal gescheiConsulaire zake n van het ministerie van Buitenlandse den . Voordeel van het 'Canadese model' is weliswaar dat Zake n, is het volkomen vanzelfsprekend dat het ministeer geen sprake is van verwevenheid met ande re takken rie ook werkt met vertro uwelijke bronn en. 'Algeme ne van buitenlands beleid, maar dat speelt 'in 90% va n de ambtsberichten zijn deels gestoeld op openbare bronnen zaken' in Nederland ook niet, denken Bruin en Terlouw. en deels op niet openbare bronnen. Dat is zo en dat za l Liever richten zij zich daarom op de gebreken in het ook wel zo blijven.' Strikker vindt dat we juist de posi tiehuidige Nederlandse systeem. Amnesty wil bijvoorve ontwikkeling van de laatste jaren moeten benadrukken. Zo heeft het ministerie van Buitenlandse Zaken al beeld graag het algemene ambtsbe ri cht inkijken voordat justitie een beleidsstandpunt inneemt. 'Vroeger ver voor het eindadvies van de commissie-Wijnholt een kwam het uit, iedereen kreeg het, we begin ge maakt met de verbe teringen van konden reageren en op een gegeven de kwaliteit, allereerst van de bezetting. mom ent veranderde het beleid, ja of 'Dit vraagstuk is ni et echt ouder dan een Kuijer: nee', aldus Bruin en Terlouw. In de hui jaar of tien', zegt Strikker, 'daar moet je , Ambtenaren dige situatie schrijft de staatssec retaris als departement geleidelijk aan we nnen van justitie zijn beleidsbrief na onten meer aandacht aan schenken. D at is vangst van een nieuwambtsbericht. van BZ ontberen ze ker de afgelopen paar jaren in een 'Het beleid wordt dus vastgesteld zonstroomversnelling gekomen. We hebben der dat een maatschappelijke organisade juiste training zowel de kwantiteit als de kwaliteit van de ti e heeft kunnen reageren. Het politieke bezetting verbeterd.' spel is in Nederland al gespeeld voordat Buitenlandse Zaken maakt bovenen opleiding' Amnesty daar invloed op uit heeft kundien veel meer dan voorheen gebruik van nen oefenen.' De mensenrechtenorgaopenbare bronnen, zoals mense nrech-

4

jAS ON Ma gazine •

jaargang 24


'Het beleid wordt vastgesteld zonder nenkomt per definitie vertrouwelijk is', nisatie moet zich voorlopig dus tevreden dat een zegt hij. Over deze geheimhouding stellen met de volgens Bruin en Terlouw loopt op dit moment een procedure bij 'redelijk goede samenwerking' met het maatschappelijke het H of van Justiti e. Kuijer vervolgt: ministerie van Buitenlandse Zaken, dat ' W at is transparancy binnen de EU nou de informatie van Amnesty in de algewaard als men niets wil laten zien. Ook organisatie heeft mene arnhtsherichten altijd zegt mee te geen hele eenvoudige rapporten van vijf wegen. kunnen reageren' jaar geleden.' Ook Amnesty lnternaAls hoofd van de afdeling Asiel en rional houdt vooralsnog niet serieus Migratie van het ministerie van BZ heeft rekening met de prestaties van CIREA. 'l k Ron Strikker een bezoek gebracht aan heb er ooi t een ambtenaar over gehoo rd ', vertelt René het Canadese Immig rati on and Refugee Board. Voor Bruin laatdu nkend, 'die zei dat het helemaal niets was. hem was het een bevestiging van de kwaliteit van de Er moesten steeds zaken bij en af. De ambtsberichten Nederlandse aanpak. 'Wat mij vooral opviel is dat de van CI REA zijn een aftreksel van een aftreksel.' Canadezen het ontzettend jammer vinden dat ze niet Om het streven naar een Europees onderzoeks- en van vertrouwelijke informatie gebru ik kunnen maken. documentatiecentrum voor algemene ambrsberichten Zij zij n er namelijk zeker van dat daarmee de kwaliteit een stevige impuls te geven, is op Nederlands initiatief van hun ambtsberichten verbeterd zou worden.' Nu zijn het 'samenvattingen van kranten en rapporten', zegt in december 1998 besloten tot een zogenaamde High Level Working Group (HLWG). 'We zien het als een Strikker, hoewel 'zeer uitvoerig gedocumenteerd .' In soort proef', vertelt Strikker, 'vooral om nou eens aan te haar eindverslag besteedt ook de commissie-Wijnholt tonen dat we op het vlak van asiel en migratie wel iets uitvoerig aandacht aan het 'Canadese model'. De op Europees niveau tot stand kunnen brengen.' Bovengedachte van een onafh ankelijk instituut in Nederland dien moeten op grond van het actieplan van de Raad heeft volgens de comm issie 'zonder twijfel zijn aantrekvan de Europese Unie en de Europese Commiss ie voor kelijke kanten.' ·M aar evenals Strikker vindt zij de verde tenuitvoerlegging van het Verdrag van Amsterdam trouwelijke informatie van de posten onmisbaar voor de binnen twee jaar na inwerkingtreding van het Verdrag Nederlandse algemene ambtsberichten. Ook wil de com m issie de minister van Buitenlandse Zaken niet de (I mei 1999) maatregelen worden genomen om tot een Europese beoordeling van landen van herkomst te verantwoordelijkheid voor de ambtsber ichten ontnekomen. De HLWG, waa rin zeven Eu-lidstaten zijn men. Onder twee voorwaarden besluit de com missiebetrokken, beoogt een gemeenschappelijke en integrale Wijnholt een onafhankelijk nationaal instituut niet in benadering van de vluchtelingenproblematiek, gericht overweging te nemen. De kwaliteitsverbetering bij Buitenlandse Zaken moet met kracht worden doorgezet en op de belangrijkste landen van herkomst. De groep beperkt zich niet tot louter een beschrijving van de situin Europees verband moet wel serie us werk worden atie in deze landen, maar vraagt zich ook af of vlu chte gemaakt van één onafhankelijk (en liefst openbaar) onderzoeks- en documentatiecentrum. Gezien de huidige ontwikkeli ngen lijkt de laatste voorwaarde echter niet helemaal eerlijk gesteld.

Proeve van Europese bekwaamheid Alle Eu- lidstaten zijn het er over eens: een gemeenschappelijk Europees asielbeleid is een logische consequentie van het streven naar Europese integratie. Maar tot op heden is van deze eensgezindheid niet veel te merken. 'Men praat allang', zegt Strikker, 'maar op het gebied van asiel en migratie is de laatste vijf tot tien jaar op Europees niveau heel weinig bereikt.' Zo ook wat betreft asielinformatievoorziening over de situatie in de landen van herkomst van asielzoekers. Wel vindt sinds 1992 uitwi sseling van informatie plaats in een daartoe opgericht Centrum voo r Informatie, Beraad en Gegevensuitwi sseling inzake asielaangelegenheden ( CIBGA) , in Europa veelal aangeduid al s Cl REA. Van de re sultaten van dit centrum lijkt echter niemand onder de indruk. Strikker geeft toe dat zijn afdeling tot nu toe weinig gebruik heeft gemaakt van de rapporten van CIREA. Aldo Kuijer ergert zich met name aan het vertrouwel ijke karakter ervan. 'De Raad van Ministers vindt dat alle informatie die bij C I REA bin -

JASOH Magaz i ne •

Roep om een Europese aanpak van het asielvraagstuk klinkt de laatste jaren steeds luider.

numm er 2 1999

5


lingenstromen te voorkomen zijn en hoe ze het beste Patstelling kunnen worden verwerkt. Deze aanpak bestaat onder Het enthousiasme binnen de EU over de totstandkomeer uit een onderzoek naar de mogelijkheden voor het ming van de HLWG neemt niet weg dat de discussie over sluiten van terug- en overname-overeenkomsten met de de openbaarheid nog moet worden gevoerd. In hoeverre landen in kwestie, voor versterking van de economische de rapporten van de HLWG openbaar zullen worden is samenwerking met deze landen, voor opvang in de regio niet duidelijk, hoewel opmerkelijk genoeg tot nu toe en voor een betere en actuele informatieverzameling en geen van de betrokken lidstaten om vertrouwelijkheid uinvisseling inzake asiel- en migratiestromen binnen de heeft verzocht. In het streven naar de uiteindelijke vorm van een Europees onderzoeks- en documentatiecenEU. De betrokken lidstaten dragen ieder de verannvoordelijkheid voor het maken van één landenanalyse. trum voor algemene ambtsberichten zal de openbaarNederland concentreert zich op Afghanistan (en Pakiheid ongetwijfeld een moeilijke hindernis worden. Aldo stan en Iran als landen van eerste ontvangst voor Kuijer legt uit: 'Openbaarheid is een Noord-Europees Afghaanse asielzoekers). Het eindverslag van de HLWG speeltj e. In landen als Frankrijk en Spanje kent men zal worden gepresenteerd tijdens de komende bijeengeen Wet openbaarheid van bestuur. Het dreigt daarom komst van de Europese Raad op 15 oktober in Tampere af te drijven van de normen die in Noord-Europa (Finland). Formeel is de taak van de HLWG dan volgemeengoed zijn geworden. De principiële discussies tooid, maar Nederland is er voorstander van dat de die je in Nederland hebt gehad over openbaarheid van groep blijft functione ren. bestuur moeten op Europees niveau van nul af beginStrikker sluit de mogelijkheid niet uit dat de HLWG nen.' En dat kan volgens Kuijer tot grote problemen leiuiteindelijk de basis zal worden van een gemeenschappeden in de Nederlandse rechtscultuur. 'Wat doe je als lijk Europese beoordeling van de landen van herkomst. Brussel de ambtsberichten geheim wil houden, maar de Nederlandse rechter vindt dat dat onverenigbaar is met Maar hoe verhoudt zich dat tot Cl REA? Zoals ook uit het onlangs verschenen advies van de Adviesraad Internatiode Nederlandse procesvoering?' Het vertrouwelijke nale Vraagstukken (ter voorbereiding van de komende karakter van de rapporten van CIREA zijn voor hem een somber voorteken. 'De overdracht naar de Unie moet Europese top) blijkt, is het de bedoeling dat CIREA op ons de minimale garanties bieden dat we goede, openkorte termijn zal worden uitgebouwd tot een centrum bare en controleerbare rapportages krijgen. Op dit voor informatieverzameling in plaats van uitwisseling. 'Het is koffiedik kijken', vindt Strikker, 'maar ClREA had moment zijn er geen aanwijzingen dat het die kant uit gewoon niet de standing, de vaart en het cachet om te gaat. Wat we ervan zien is zelfs buitengewoon verontrustend.' doen wat de HLWG wel heeft gedaan.' De rol van CIRE A Ook de Adviesraad voor Internationale Zaken lijkt evenwel vooralsnog niet uitgespeeld. Zo had CIREA erkent in zijn advies aan de minister van Buitenlandse de leiding over de in juni gehouden conferentie over asiel Zaken het probleem van de openbaarheid. Voor de raad voor rechters uit de Eu-lidstaten, georganiseerd door het Duitse ministerie van Justitie in het kader van het vooris de huidige stand van zaken echter geen belemmering zitterschap van de EU. Voor René Bruin en Ashley Terom de volledige openbaarheid van Europese ambtsberichten aan te bevelen. 'We willen het graag bepleiten', louw een verontrustende onnvikkeling. 'Het zou jammer zijn als Cl REA wordt uitgebouwd', vinden zij. Maar de zegt Strikker, 'maar het is de vraag of het een haalbare kaart is.' Aan de andere kant denkt Strikker dat het niet HLWG zien zij ook niet als het juiste alternatief De kans is groot dat die rapporten te 'beleidsachtig' gaan worden. realistisch is dat Nederland, waar de algemene ambtsNeem bijvoorbeeld Pakistan. 'Dat land wordt gezien als berichten al tien jaar openbaar zijn, zal kunnen instemmen met vertrouwelijke ambtsberichten. 'Dat is moeieen goed derde land om asielzoekers uit Afghanistan op lijk te verkopen. Ik kan me ook niet voorstellen dat het te vangen, daar wordt ook veel geld in gestopt. Maar zou Nederlandse parlement daar makkelijk mee zou indatgene wat over Pakistan wordt bericht dan nog wel stemmen.' Een patstelling lijkt onvermijdelijk. puur informatief zijn? Komt dan nog wel goed naar voren hoe men in Pakistan wordt behandeld?' H et beste H oe de toekomst eruit gaat zien durft Strikker nauwelijks te voorspellen. 'Als men over de alternatief voor CIREA (en eigenlijk voor openbaarheid blijft bakkeleien, dan zuIeen gemeenschappelijke Europese aanlen we nog lang de huidige situatie 'Op het gebied van pak) is volgens René Bruin de VNo 'Bij de behouden', denkt hij . Mogelijk zal het UNHCR hebben ze een gigantische dataasiel en migratie ministerie van Buitenlandse Zaken gebank, hetzelfde geldt voor andere orgaleidelijk meer gebruik gaan maken van nen van de VNo Die zouden gekoppeld Europese rapportages, als meerwaarde is de laatste vijf moeten worden. Bovendien zou je een toegevoegd aan het nationale ambtsbesysteem kunnen bedenken, zodat alle richt. In ieder geval vindt Strikker het leden van de VN informatie kunnen tot tien jaar voor de hand liggen dat een eventueel inbrengen in een dergelijke bank.'Zeker Europees onderzoeks- en documentaop Europees niveau met het oog op de stand van zaken in tiecentrum voor algemene ambtsberichEuropa is Bruin ervan overtuigd dat ten niet onafhankelijk gaat worden, heel weinig bereikt' samenwerking met betrekking tot asiel maar gewoon aan de EU wordt verbongerust bij de VN kan worden ondergeden. Strikker: 'Van een onafhankelijke bracht.

6

JASON Magazine

jaargang 24


Oe

HlWG

zal wellicht de basis worden van een gemeenschappelijke Europese beoordeling van de landen van he rkomst.

instantie zal vrijblijvend gebrui k worden ge maakt. Deze heeft in beginsel ook geen toegang tot vertrouwelijke bronnen. ' H oewel de afdeling Asiel en Migratie sterk zal worden ingekrompen, zal het ministerie van Buitenlandse Zaken van belang blijve n voor de informatievoo rzieni ng van ee n Europees ce ntrum. 'We gaan dan op een iets ander niveau werken', zegt Stra~ker nuchter. D e invuLling van de prakti sche werkwijze in het geval van ee n Europees cen trum voor algemene ambtsberichten is volgens hem het prob lee m niet. H et werkelijke obstakel ligt in het stadium ervoo r.

Internet Amnesty International: http: //www.amnesty.org/ Human Rights Wateh : http://www.hrw.org/home.html UNHCR:

http://www.unh cr.chl

http://members.tripod.co m/-eelava n/ index. h tml

Met de titel 'Ambtsberichten en de feiten' spreekt deze site voor zich.

Verhuisbericht Per '-10- '99 heeft Stichting JASON een nieuw adres Bezuidenhoutseweg 237-239 2594 AM Den Haag telefoon 째7째 ' 36056 58 fax 째70' 363 3285

, ... SON M agazine .

nummer

2

1999

7


'n Perspektief op die transformasieproses in Suid-Afrika (1983-1999) Herman van der Elst

Na die oortuigende oorwinning van die African National Congress (ANC) in die afgelope I999-verkiesing is, nasionaal en internasionaal woorde gebruik om die afloop van die verkiesing in Suid-Afrika te beskryf goed georganiseerd, vryen regverdig, verteenwoordigend, stabiel en die wil van die massas het geseëvier. In kort, die organisasie en verloop van die verkiesing het internasionaal die indruk geskep dat Suid-Afrika inderdaad 'n gevestigde en ontwikkelde demokrasie is. Ter bevestiging van bogenoemde stelling het ekonomiese markte reeds positief gereageer en die waarde van die Rand (Suid-Afrikaanse geldeenheid) het merkbaar standgehou en het selfs tot 'n mate verstewig teen belangrike internasionale geldeenhede soos die Britse pond en die Amerikaanse dollar.

tering tot uiteindelike bankrotskap sou lei. Dit was net 'n kwessie van tyd voordat die doodsklok sou lui. Dit is 'n feit dat die Suid-Afrikaanse ekonomie as 'n ontwikkelde kapitalistiese stelsel funksioneer. 'n Kapitalistiese stelsel kan eenvoudig nie as 'n eiland funksioneer nie. Uiteindelike bankrotskap en ineenstorting van die ekonomie was onafwendbaar, hoewel die Nasionale regering tog altyd 'n front van ekonomiese optimisme probeer voorhou het. Transformasie en drast ie se verandering was noodsaaklik ten einde uit isolasie te breek. Teen die bogenoemde agtergrond van en met die beëindiging van die Koue-oorlog is ane bevrydingsbewegings, ook die ANC, in 1991 ontban. Hierna het onderhandeLings begin wat tot die tweede vreedsame rewolu sie gelei het. Die 1994-verkiesing verteenwoordig hierdie tweede fase van tran sformasie synde die politieke rewolusie waartydens stem reg na alle bevolkingsgroepe uitgebrei is. Hierdie verki esing kan myns insiens beskryf word as 'n emosionele "Uhuru"(bevrydings)-verkiesing waartydens die Pan-Afrikanistiese ideaal verwese ntlik is. Met ander woorde die massas het die juk van Apartheid, kolonialisme en gepaardgaande

een hierdie gunstige scenario kan die volgende vrae tCfeg gevra word: hoe vêr het die politiekekonomiese tran sformasieproses sedert 1994 in Suid-Afrika gevorder en is Suid-Afrika uiteindelik onderweg na politiek-ekonomiese sukses en stabiliteit? Dit is nie moontlik om definitiewe antwoorde op bogenoemde vrae te verskaf !lic, Daar word eerd er gepoog om informasie en riglyne te verskaf wat dit vir die lese r moontlik sal maak om 'n cic opinie te vorm betreffende die antwoorde.

Verloop van die transformasieproses in Suid·Afrika Die tranformasieproses in Suid-Mrika kan in drie vreeclsame fases van wat 'n mens sou noem, 'n rewolu sie verdeel word, naamlik ekonomiese, politieke en sosiomaatskaplike bewuswo rding van die massas. Die ekonomiese rewolu sie het plaasgevind in die tydperk tusse n 1983 en 1989 waartydens die regerende Nasionale Party (N P) besef het dat die isolasie van die Suid-Afrikaan se ekonomie in die vorm van sanksies en di sinves-

8

JASON Magazine

jaargang 24


, Suid-Afrikaanse ekonomie: massa uitvloei van kundigheid (brainonderdrukking afgewerp. Ondanks die drain) na veral Engeland, Australië, "Uhuru"- kenmerke (wat meestal met 'n kwessie van tyd Nieu-Seeland, Kanacla en di e VSA. Vangeweld geassosieer word) van die vervoordat die doodsklok uit 'n internasionale perspektief het kiesing het alles relatief vreedsaam en Suid-Mrika du s verarm. Sulke tenden se geloofwaardig verloop. Die politieke sou lui.' 10k beslis nie buitelandse beleggings nie. rewolusie het plaasgevind. Ook was daar Op hierdie stadium is dit belangrik om 'n gesonde opposisie. Teenoor die 62 te vermeld dat ek nie die bewering maak perse nt van die ANC kon die NP byvoordat die insinking in die ekonomie slegs toegeskryf kan beeld daarin slaag om 20 perse nt van die stemrne te verword aan swak bestuur deur di e regeri ng nie. Faktore enig en die I nkhata Vryheids Party (IVP) kon IQ perse nt soos die ekonomie se kri sis in Suid-Oos Asië en die van die steun trek. Die res van die stemme is verdeel Înternasionale resessie het ook 'n rol gespeel. NicrcmÎn onder die kleiner opposisiepartye. het die ekonomiese agteruitgang in Suid-Afrika plaasDie ANC het du s geen tweederdemeerdeheid gekry gevind tydens die bewind van die ANC. I n 'n land soos nie en daar was 'n relatief sterk o pposisiebeweging. Nederland sou geen regering 'n kan s ge had het om 'n Vanuit 'n Westerse perspektief sou dit 'n wenresep vir 'n volgende vcrkiesing met 'n vergrote meerderheid te wen suksesvolle demokrasie wees. Op die korttermyn het me. buitelandse kapitaal die land binnegestroo m en die ekoAan die positiewe kant het politieke geweld dramanomie het 'n merkbare oplewing getoon. Ondanks die relatief stabiele afloop van die 1994 ties afgeneem en Suid-Afrika het onder leiding van President Mandela weer 'n volwaardige plek in die verkiesing en die korttermyn oplewing in die ekonomie internasionale gemeenskap ingeneem. Die belangrike is die harde feite dat die waarde van die Rand tussen gevolg van die 1994 verkiesing is dat swartmense hull e 1995 en 1999 'n dramatiese insinking beleef het. Krimi status en men swaardigheid in die vorm van politieke naliteit het die hoogte ingeskiet wat weer daartoe gelei bemagtiging na jare van onderdrukking teruggekry het. het dat investeringsvertroue gedaal het. Terloops die Die politieke rewolusie (bevryding) het plaasgevind. kriminaliteit sou dalk bestempel kon word as ju is een van d ie geweldsaspekte van die bovermelde Uhuru-verskynsel, net in 'n ander vorm as wat dit op ander plekke in die vasteland van Afrika na vore gekom het. Die Die gevolge van die 1999 nasionale verkiesing transfo rmasieproses in so mmige staatsdepartemente is gekenmerk deur korrup sie, nepotisme en wanbestuur. Die verkiesing van 1999 verteenwoordig myns insiens die derde fase van tran sformasie synde die sosio-ekonoOok het die insinking in die ekonomie, verhoogde kri minaliteit en di sfunksionele regeringstrukture gelei tot miese rewolu sie (bevryding ofbemagtiging). Ons staan

Kriminaliteit het die hoogte ingeskiet.

JASO H M agaz in e •

nummer 2 1999

9


Alhoewel Mandela respek afgedwing het binne sowel swart as blanke geledere was hy egter nooit een pragmatis gewees nie.

du s op die vooraand van die sosiale rewolusie. Die uitslag van die '999 verkiesing het aan die Mbeki-regering 'n duidelike mandaat gegee om hierdie derde fase van transformasie deur te voer en kan as volg saamgevat word cn dan afsonderlik bespreek word: Die ANC kon deur 'n koalisie met die Minority Front Cn klein politieke party met een se tel) daar in slaag om 'n tweederdemeerderheid in die regering te behaal. Die rol van opposisiepartye word toenemend gemarginaliseer deurdat die ANC se magsbasis drama ties (ongeveer 5 persent) gestyg het. Die Mande/a-era is bûindig.

lmplikasies van 'n ANC tweederdemeerderheid Bogenoemde gebeure plaas die ANC in 'n magsposisie wat oorbekend in Afrika is en wat al in vele gevaUe katastrofale gevolge ge had het. Die vraag kan gestel word: Wat presies impliseer 'n ANC tweederdemeerderheid vir die toekoms van Suid-Afrika? Tot die 1999 verkiesing het die ANC nie 'n rweederdemeerderheid gehad nie en was die Party nie by magte om die grondwet van die land te wysig nie. Artikel 74 van die grondwet maak voorsiening vir die wysiging van die Grondwet. Die wysiging van die gro ndwet is dan oo k die belangrikste kwessie waarop die vrees vir 'n tweederde meerderheid berus. Opposisieparty se ve rkiesingsveldtog was dan ook gebou op hierdie vrees. Dit word naamlik bepaal dat die grondwet deur 'n tweederde meerderheid gewysig kan word. Die uitslag beteken dat die ANC nou by magte is om die grondwet te wysig. Die ANC is dus nou in staat om mag verder te se ntraliseer wat 'n negatiewe invloed op 'n gesonde demokrasie en ekonomiese ontwikkeling kan hé. Die A NC sou nou byvoorbeeld di e magte van provinsiale rege rings kon

10

IASOH Ma gazine _

beperk, beleid van regstellende aksie strenger implementeer en meer se ntrale beheer oor die ekonomie uitoefen. l ets wat na di e vorige verkiesing nie moontlik was nie. In effek sou dit beteken dat die invloed van opposisiepartye verder kan verminder. Wat egter in gedagte gehou moet word, is dat die grondwet reeds edike kere gewysig is sedert dit in werking ge tree het en dat 'n tweederdemeerderheid wel daarvoo r verkry is met behulp van onder andere die Inkatha Vryheidsparty (IVP). O ok is die grondwet grotendeels in ooreenstemming met dit wat die ANC wil hé. Die ANC was tog di e grootste party in die grondwetskrywende proses. Dit is du s onwaarskynlik dat die ANC nou die grondwet sou wou wysig op 'n manier wat werklik benadelend is en verdere on rus buitelands en binnelands sou verwek. Inderwaarheid het die ANC dus reed s voor die verkiesing in feite 'n tweederde meerderheid gehad met steun van die IVP soos wat hy tydens sekere wysigings in die grondwet nodig gehad het. Die ANC het origens ook genoeg steun in alle rege ringstrukture om besluite te kan neem sonder om die grondwet te wysig. Die vrees binne opposisiegeledere dat die ANC die grondwet na willekeur saI wysig is myns insiens ongegrond. Die afleiding kan ten slotte gemaak word dat die ANC tweederde meerderheid nie 'n drastiese invloed op die konstitusionde funksionering van SuidAfrika sal hê nie. Dit is eerder 'n simboüese teken vir bevryding van onderdrukking.

Gemarginaliseerde opposissie Een van die vereistes vir 'n geslaagde demokrasie is 'n gesonde opposisie wat as wigte en teenwigte dien. Na afloop van die 1999 verkiesing is dit in Suid-Afrika nie meer die geval nie. Die grootste opposisieparty is die Demokratiese Party (op) met ongeveer 1 0 perse nt steun. Ondanks die ge noemde gematigde ANC beleid bly dit kommerwekkend dat een party oor soveel mag

jaargang 24


, Die transformasieproses in sommige was die beloftes van ee n miljoen hui se binne vyf jaar, meer we rksgeleenthede, herverdeli ng van grond en effektiewe is gekenmerk deur mediese dien ste vi r almal. Die beloftes mernis Ie by die feit dat Afrika se geskon hoegenaamd ni e optimaal ve rwesenki ede ni s deurspek is van onsuksesvolle lik word nie. D aar is wel hui se gebou, korrupsie, nepotisme eenpartystate wat gckenmerk is deur daar is wel werksgeleenthede geskep, disfunksionele regerings, nepoti sme, en wanbestuur.' maar dit het hoege naamd nie by die korrupsie, kriminaliteit, wanbestuur, geste lde doelwitte gekom nie. Trouens in oneffektÎwireit en ekonomiese agteruitsommige opsigte het die werksgeleenrgang. Hier dink mens aan voorbeelde hede ve rminder en die vooruitsigte wat laasgenoemde soos Angola, M osambiek, Zimbabwe, Kongo, Ethiopië en Rwanda ensovoorts. Persepsueel sou dit du s beter betref, lyk op di e langtermyn nie goed nie. Tydens die Mandela-era, moet' 'n mens toegee, was daar egter die gcwces het as die ANC nie 'n tweederdemeerderheid ge kry het nie. Dit veral ook in di e lig van sienings wat inrernasionale ekono mi ese insinking, vera! die van d ie Oos-Asiatiese lande, met daarby 'n toename in die krioo r hierdie saak in Europa en d ie VSA bestaan. Die minaliteit. Dit alles is aspekte wat ni e deur Mand ela gevaa r is dat Suid -Afrika vanuit 'n W esterse perspe ktief opge1os is nie. Misdaadbekamping en ekonomiese gesic n kan word as nog 'n kandidaat in die ry van ekoopheffing sal derhalwe hoë prioriteit tydens die Mbeki nomiese en politieke mi slukkings in Afrika. bewind geniet. Daar sal dus 'n klemverskuiwin g moet Alhoewel, soos reed s gesê, die ANC se tweederdemeerderheid eerder 'n si mbool vir bevryding en mag is plaasvind vanaf emos ionele politieke bevryding en veren waarskynlik, altans vir nou, geen werklike gevaar soening na konkrete resultate in terme van sosio-e konomiese ontwikkeling en opheffing van die agtergeblcwe inh ou nie , sou 'n meerderheid van tussen 50 perse nt en massas. 60 perse nt dalk gu nstiger gewees het. Dit sal naamlik eerstens buitclandse investe ringsvenroue bevorder het en tweeden s 'n fondasie vestig vir 'n geson de demokra riese stelsel waarbinne die opposisie magsvergrype deur d ie regerende party effektief kan blootstel en selfs kan voorkom. beskik en dat die invloed van die opposisie inderwaarheid sedert die vor ige verkicsing verminder het. Die bekom-

staatsdepartemente

Die einde van die Mandela -era Die einde van die Mandela-era beteken dat die euforie van die politieke rewolusie (bevryding) verby is. SuidAfrika staan tans op die vooraand van die sosio-ekonomiese rewo\usie waarin Thabo Mbeki, die opvolger van Mandela 'n belangrike rol sal speel. Kenmerkend van Mandela as persoon is die onbetwisbare versoeningsrol wat hy gedurende sy termyn as Staatspresident vertolk het. Nasionaal en internasionaal was daar bykans gee n kr itiek op die beleid van die magiese figuur Mandela nie. Alhoewel hy re spek afgedwing het binne sowel swart as blanke geledere was hy egter nooit 'n pragmatis in terme van sos io-ekono miese ontwikkeling gewees nie. H y was dus nooit werkli k aktief in besluitneming en gerig op re sultate in terme van sosioekonomiese opheffing nie. H y het eerder volstaan by sy rol as nasionale versoener en sim bool va n politieke bevryding waarin hy baie su ksesvol was. In terme van re su! tate was Mandela eerder die persoon wat besluite bekragtig het en 'n positiewe beeld na d ie buitcland uitgedra het. Gedurende sy ampstermyn kon Mandela dus daa ri n slaag om eenheid te bewerkstellig, politieke geweld drasties te laat afneem, die demokrasie na alle bevolkingsgroepe uit te brei en Suid-Afrika se plek na jare van isolasie in die internasionale gemeenskap te verse ker: bes lis pryse nswaardig. Daar was egter geen dramatiese ekonomiese groe i en sos io- maatskaplike opheffi ng van die agtergeblewe gemeenskappe nie. Mens d ink byvoorbeeld aa n die I994-verki esi ngsbeloftes wat ni e nagekom is ni e. Daar

I"SO M M agazi ne

Tha ko Mbeki

In teenstelling met Mandela is Mbeki 'n meer "hands o n"-persoon wat hom sterker sal toele op resu ltate in terme van sos io-ekonomiese groei. Miskie n sou ' n mens kon se dat Mbeki beter toegerus is om die ekonomiese problematiek van Suid-Afrika te onderken en aa n te pak. H y is met 'n MA graad in eko nomie aan die Universiteit van Sussex akademies geskool in ekono-

nummer

2

1999

11


, Mandela : hy was nooit miese sake. H y het dus deeglike kennis van ekonomiese wisselwerking en sal sy kennis aanwend om die sosio-maatskaplike rewolusie te bespoedig.

werklike opheffing van die allerarmste gemee nskappe. Hier is drie terme van belang synde nasiebou, nasionalisme en in terme van integrasie. Dit kan byvoorbecld bereik word deur gemeenskaplike nasionale sosio-ekonomiese si m hole. '0 Verdere prioriteit is die staDoelstellings biliseri ng van ekonomi ese groei om die Die sos io- maatskaplike rewolusie vind land aan lokliker te maak vir buitelandse ontwikkeling investeerders. Dit beteken dat mi sdaad plaas onder die vaandel van wat Mbeki en geweld na alle waarskynlikheid hoë selfs ge noem het, die African Renai sgewees nie. ' prioriteit sal word. Dit kan ook beteken sance. Dit sa! gerig wees op konkrete dat die private se ktor intensiewer by die resultate op die volgende terreine: tran sformasieproses betrek gaan word. Die Afrikanisering van die staatsdiens om diens/ewering te OfThabo Mbeki werklik al die doelwitte kan bereik, versnel. is nie sekee nie. 111 die eerste plek kan geen rege ring die utopia op aarde bewerkstellig nie. In die tweede plek 'n Verbintenis tot diens/ewering ter bereiking van die vermoet Mbeki rekening hou met die rewolu sione re geledinge in sy party. Die sen timente van rasse haat - die kiesingsbe/oftes wat reeds in 1994 gemaak is. keer dan teen die blankes wat nou hoofsaaklik binne die 'n Verbintenis tot ekoTlomiese g roei en bemoediging van buiopposisiepartye opereer - is tag binne sy party aanwete/andse investering. sig. Ter wille van versoening sa! hy die geledinge moet kalmeer. Trouens hy sal ook die vakbondbeweging, Cosatu, in toom moet hou. Reed s vroeg in sy bewind Die vestiging van 'n gevoel van Suid-Afrikanisme. Dus 'n voortsettingvan die versoeningsro/ wat Mande/a begin het. wat nou enkele maanden oud is, het hy te kampc met Uitreiking na Afrika. Dit beteken onder andere dat Suiddreigemenre van grootskaalse stakings en betogi ngs in die vervoerbedryf (spoo rweë) en die goudmynbedryf Afrika 'ti groter rol sal moet speel, byvoorbeeld by die bemiddeling in Afrika konflike. Suid-Afrikaal1se troepe het reeds Die goudverkope van Brittanje en die voorneme van die 'n bemiddelingsro/ in Lesotho gespeel (of/aasgenoemde werInternasiona!e Monetère Fonds (IMF) om ook tot go udk/ik die gewenste rem/tate bewerkstellig het en ofdie ingryverkope oor te gaan, is allesbehalwe goe ic nuus vi r arbeidstabiliteit in Suid-Afrika. En onrus in die werk is ping daar wys was, is origens nog 'n vraag). Mbeki het ook reeds toestemming gegee dat Suid-Afrikaanse troepe 'n dit wat die buitelandse se nuweeagtige beleggers allerbemiddelingsrol sal speel in die konflik in die Kongo. Die min s soek. Langtermynbeleggings vanuit die buiteland voorwaarde is dat '1] vredesooreenkoms bereik moet word en is nog skaars. Buitelanders is tans netto kopers van Suid- Afrikaanse aandele, maar die gerief is dat 'n mens die Suid-Afrikaanse magte dus s/egs die rol va n '1] vredesmag sal vervul. - as sa ke nie goed Iyk ni e - die aandele gou kan verkoop en korttermynbelggings gou kan onttrek. Dit is nic iets wat Suid-Mrika nou vir sy ekonomiese klimaat soe k Toekomsvisie me. Om 'n toekomsvisie vir Suid-Afrika tydens die MbekiNogtans is Suid-Afrika basies ekonomies gesond en bewind te maak, soos reeds gesê, is problematies. Wat behoort hy die ekonomiese reu s van Afrika te wees-met 'n gematigde beleid van Mbeki binne 'n ru stige ekonoegter se ker is, is dat die Mbeki- regering ten doel het om woorde te omvorm tot dade, iets wat nie tydens die miese binnelandse en buitelandse klimaat behoort hy Mandela- regering gebeur het nie. dit te bereik. Ter sa mevatting kan die stelling met reg gemaak word dat die Mbeki regering verbind bly tot die volgefltrm(l l/ V(l n d" Eist ij 'n dosmt in PolitirJ/r Wämslwppr aa n di, Pot,hifstrQOmsr houe oorgang na demokrasie op alle vlakke van die samelewing. Dit implisee r armoedevermindering en die Uniw rsitát v ir Chris/di;" Hou Ondrrwys.

'n pragmatis

Vacature Internationaal Secretaris Bin nen het Dagelijks Bestu ur van de Stichting jASON is de functi e van Internationaal Sec retaris vrij gekomen. Wij zoeken daa rom een enth ousiaste gemotiveerde jongere die zich bezig za l gaan houden met onder andere de organ isatie van de activiteiten (nationaal en internationaal) van JASON . Bent u geïn teresseerd? Stuur dan zo spoed ig mogeli jk een motivatiebrief met cv naar : Stichting JASON, t.a.v. J.J.A. Posseth Bezuidenhoutseweg 237-239 2594 AM Den Haag

12

JASO H M agaz in e _

jaargang 24


De privatisering van de oorlog Het toenemend belang van Private Military Companies

Gerard Mentjox en Ronaid Sandee

Sinds de tweede helft van dejaren tachtig zijn in een aantal Westerse landen

Private Military Companies (PMC) ontstaan. In tegenstelling tot de 'Dogs of War', de huurlingen oude stijl zoals Mike Hoare en Bob Denard, zijn de nieuwe PMÓ geen avonturiers, maar professioneelgeleide bedrijven die een scala aan (militaire) diensten aanbieden variërend van special operations, intelligence en daadwerkelijke gevechtshandelingen tot het opruimen van mijnen en het exploiteren van natuurlijke hulpbronnen.

D

e pmc's schuwen de media nier. Vaak zijn ze voorzien van eigen webpagina's en kleurige

reclamefolde rs. De laatste maanden is veel geschreven over activitei ten van huurlingen in de oo rl og tusse n Ethiopië en E ritrea, waar Russ ische en Ockraïnse

huurlingen elkaar bestreden met modern Ru ssisch wapentuig. De pmc Sandline zou gevraagd zijn door het uck om strij ders in het noorden van Albanië op te leiden. ]n Kosovo streden aan Servische zijde huurlingen uit onder andere de Russ ische Federatie, Denemarken en

Finland.

Executive Outcomes en Sandline International Twee bedrijven onderscheiden zich van de overige. Het betreft ten eerste het Zuid-Mrikaanse bedrijf Executive Outcomes (EO), dat onderdeel uitmaakt van de Strategic Resources Corporation (S RC) H olding, en het aan EO gelieerde Sandline In ternational. Dit bedrijf, dat gevestigd is op de Bahamas maar opereert vanuit een kanroor in Londen, kwam twee jaar geleden in opspraak door een mislukte operatie in Papoea Nieuw-Guinea en het afgelopen jaar nog ontsrond er commotie in het Engelse parlement over een mogelijke leveri ng van wapens aan Sierra Leone door Sandline. Executive Outcomes werd in 1989 in Zuid-Afrika opge richt doo r Luitenan t- Kolonel Eeben BarIow. Barlow werkte onder andere voor een afdeling va n één va n de Zuid- Afrikaanse inlichtinge ndiensten (het Civil Cooperation Bureau) in Europa en was onder andere

IASO N Maga zine .

belast met het verspreiden va n desinformatie en het oprichten van postbus-bedrijven. EO kon binnen korte tijd beschikken over een database met enkele duizenden militairen, veelal afkomstig van beruchte Zuid-Afrikaan se eenheden als het 32'" Bataljon (Buffclbataljon) da t in Angola streed tegen de M PLA van de hui d ige president Dos Santos en de paramilitaire 'anti' terreur eenheid Koevoet. In Zuid-Mrika zelf maakte hct in dood snood verkerende apartheidsregime rot 1994 gebruik van de diensten va n EO. ln 1993 kreeg EO een contract om in Angola regeri ngstroepen te trainen en de wingebieden van de westerse ol ie- en mijnindustrie te beschermen. De operatie werd een succes en kreeg al spoedig een vervolg in Sicr-

1 Xl Cl 11\ 1

Ol 'TC lIummer:1

'999

O\fI'~

'3


ra Leone. In '995 hielpen huurlingen van EO de verdreven regering van pre sident Kabbah weer in het zadel. In de media kwamen vooral berichten naar buiten over de zeer lucratieve

contracten die

EO

afsloot. Naast grote

sommen geld zou het bedrijf in ruil voor zijn diensten concessies verwerven om delfstoffen (vooral diamantmijnen) te exploiteren. EO is hiertoe in staat door een sl.imme holdingcon struetÎe. Eo-o prichter Barlow was al in zijn vorige leven bezig met het oprichten van nep-bedrijven en postbusbv's. Als directeur van EO zette hij deze activiteiten voort. EO behoort tot een conglomeraat waarbij tenminste twee holdings horen en meer dan veertig andere bedrijven, waaronder een luchtvaartmaatschappij en een ingenieursbureau. De Franse inlichtingendienst moest onlangs toegeven dat men de draad was kwij tgeraakt bij het volgen van EO. Het ging hen allemaal ielS te sneL

• • T . . . .'.T JO • • '

teur van Heritage Oil en directeur va n een uitgeverij die weer voor vijftig procent eigenaar is van het dagblad The Guardian. Buckingham zou wel eens de spil kunnen zijn in het moderne huurlingendom. Naast een zelfde sleutelfiguur en gelijke adresgegevens zijn er nog meer zaken die EO aan Sandline verbinden. Opvallend is in ieder geval dat zowel EO als Sandline ongeveer eenzelfde miss ion-statement hebben. Bij EO is de hoofdtaak: 10 provide highly ski/led and conjiden-

tial military advisor services, Sandline gaat iets verder: Sandline International is a Private Military Company which specialises in problem re solution and the provision of associated c01lSu/ting services. Problem re solution is in dezen een eufemisme voor het verrichten van gevechtshandelingen.

Andere Private Military Companies

Waar EO en Sandline niet terugdein ze n om voor deelname aan (offensieve) gevechtshandelingen (men heeft hiervoor de beschikking over een ruim arsenaal aan overwegend Ru ss ische wapensystcmen) gaan andere Het einde van EO Private Military Companies veelal niet verder dan het lnmiddels is bekend geworden dat EO zij n activiteiten trainen van buitenland se regeringstroepen. Vooral Amerikaanse bedrijven al s Military Professional per 3' december [998 heeft gestaakt. Volgens een volstrekt ongeloofwaardig persbericht zou EO zijn opgeheResources I nc. (MPR' ), Vinnell, DynCorp, Betac en het ven omdat vrede en stabiliteit in Afrika grond zou hebEngelse Defence Systems Limited (OSL) zijn overal in de wereld actief in het trainen van militairen. ben gevat, Het is waarschijnlijker dat EO is gestopt vanwege de strengere wetgeving in Zuid-Afrika. De M PRI werd in 1987 opgericht. Het telt in het bestuur Zuid-Mrikaanse regering beschouwt huurlingenlegers een groot aantal Amerikaanse ge neraals bd (buiten immers als 'de gesel van Mrika', terwijl het land juist als dienst, red. ). MPRI kan gezien worden als een verlengstuk vredesstichter wil functioneren, van de Amerikaanse buitenlandse politiek. MPRI is actief Barlow had al eerder zijn functie als directeur overop de Balkan en in Angola. In Angola nam MPR' in '997 gegeven aan Nick van den Bergh, die de succesvolle de taak over van EO in de bestrijding van de UNITA veroperatie van EO in Angola leidde. Van den Bergh kwam zetsbeweging, maar pas nadat president Clinron druk in 199 7 in het nieuws wegens zijn nauwe betrokkenheid had uitgeoefend op zijn ambtgenoot Dos Sanros van bij een o peratie van Sandline I nternational in Papoea Angola. Nieuw-Guinea, waar hij een huurlingenleger leidde, Opvallend was de rol die MPR I in 1995 in Kroatië speelde. Lange tijd was het Kroatische allegaartje geen Dit geeft eens te meer aan dat Sandline en EO nauw gelieerd zijn. partij voor het Servische leger totdat MPRI het Kroatische leger ging trainen. Binnen korte t ijd waren de Kroaten in staat om een professioneel offensief tegen de Serviërs in te zetten en heroverde men de Krajina. HoeLink tussen EO en Sandline Een aantal bedrijven van de houdstermaatschappij van wel dit officieel wordt ontkend, wordt de voormalige bevelhebber van de Amerikaanse landstrijdkrachten, EO, de holding SRC, opereert vanuit hetzelfde Londense kantoor als waar Sandline en Heritage generaal Carl Vuono, de huidige direcOil (opdrachtgever voor de Angola-opeteur van MPRI, gezien als de strateeg ach'Bij de huurlingratie) zijn gevestigd; Plaza 107, 535 ter de herovering van de Krajina. King's Road, Chclsea, Londen. Sandline Vinnell doet vooral zaken met de is momenteel uiterst actief in de media. bedrijven Saoedische regering, Betac is gespecialiseerd in geheime opdrachten die nauw Het bedrijf staat onder leiding van lt-kol komt steeds gelieerd zijn met de Amerikaanse SpeTim(othy) Spicer, in Bosnië was hij persvoorlichter van generaal Sir Mi chael cial Forces en DynCo rp leverde onlangs waarnemers voor Ko sovo. Daarnaast is de naam van Rose. het bedrijf Airscan, de quasi particuliere Het lijkt erop dat Sandline de taak Anthony Buckingham dekmantel van de C IA, actief in vele lanvan Executive Outcomes heeft overgeden. Airscan bewaakt in opdracht van nomen: bij beide huurlingen-bedrijven Chevron de Angolese olie-enclave komt steeds de naam van Anthony Bucterug_ ' Cabinda. Voorheen werd deze taak ook kingham terug. Buckingham is een oud vervuld door EO. sAs-officier. Hij is onder andere direc-

14

IASOH M agazi ne _

jaargang:14


, Bedrijven als EO zouden heeft de internationale gemeenschap Alle genoemde Amerikaanse bedrij(lees: de Amerikaanse regering) na ven werken nauw sa men met de Ameridolgraag door de VN Somalië geen zin meer om de vingers te kaanse overheid. De activiteiten van branden. Bovendien zijn huurLingen deze organisaties worden vaak gecoördigoedkoper. 22 maanden EO in Sierra officieel worden neerd door de inlichtingendienst van het Leone kostte 35 miljoen dollar, terwijl Pentagon, de Defense Intelligence ingehuurd als een VN macht die acht maanden bleef 47 Agency (DIA). Huurlingenorganisaties miljoen dollar kostte. Het probleem op worden zo gebruikt om werk op te knapdit moment is dat landen hun huurlinpen dat de Amerikaanse overheid (sinds vredesmacht. ' genorganisaties zelf moeten betalen. Zo het debacle in Somalië) niet meer zelf is Sierra Leone nog 16 miljoen dollar wil of kan doen uit vrees voor het verlies schuldig aan EO. De oplossing ligt volgens Shearer voor van Amerikaanse levens. In Centraal-Afrika worden de de hand: bedrijven als EO zouden dolgraag door de VN organisaties gedc;cltc::lijk betaald door leiders als Mocsofficieel worden ingehuurd als vredesmacht. De VN wileveni en Kabila, en gedeeltelijk door de grondstoffenlen op dit moment echter nog niets weten van dergelijke kartels wier belangen ze veiligstellen. schimmige organisaties. Het Engelse Defence Systems Limited (DSL) beveiligt over de gehele wereld de belangen van multinationals als BP en Chevron. Daarnaast beschermde DSL tijden s de rellen in Zaïre/Kongo vele Westerse ambassades waaronder die van Groot- Brittannië, de Verenigde Internet Staten en Zweden. Verder zorgt DSL voor de bescherming van NGO'S en vN-hulporganisaties bij operaties in Bob Denard: http://www.bobdenard.com/ M et de nodige understatement: een bekende avonturier'. den vreemde. Executive Outcomes: http://www.eo.com/ De toekomst van huurlingenorganisaties Op een besloten congres, georganiseerd door de DIA, waren de aanwezige PMC'S en overheidsfunctionarissen het met elkaar eens. De activiteiten van PMC'S zullen de komende jaren sterk toenemen in frequentie en impact. Ordehandhaving wordt zo steeds verder geprivatiseerd. Volgens huurlingen-deskundige David Shearer zal in Afrika in de toekomst steeds vaker gebruik worden gemaakt van particuliere beveiligingsorgani saties. De meeste oorlogen zijn immers intern, waardoor gezamenlijk internationaal ingrijpen moeilijk is. Daarnaast

Sandline International: http://www.sandline.com/site/index.html MPRI : http://www.mpri.com/

http://rvI4.ecn. purdue.edu/ -cromwell/lt/ terror.html Een alleraardigste website voor eenieder die altijd alles heift willen weten van vrijheidsstrijders, terroristen en huurlingen. De vele links zijn keurig gerubriceerd. Voorzichtigheid bij bepaalde websites absoluut geboden!

/loE kOM J!J AA"" DIE }(NA I'I'E VEI?PLEEGS TeI? ?

JAS ON Magazi ne _

nummer 21999

15


Kosovo conflict: who is to blame? dr. Edwin Bakker

In I987, more than ten years ago, the Economist described Kosov o as a possible Lebanon in the Balkans (I8-7-I987). The article was published one year after the coming to power ofSlobodan Milosev ic; a man who many see as the one to blamefor the present 'Kosovo conflict'. But is he the only one and the one most responsible? In this article, I list a number ofactors who have been directly or indirectly involved in the Kosovo crisis ofthe last decade and/or the current Kosovo conflict. The historical background and the critical description ofthe role ofactors other than Slobodan Milosevic and the Yugoslav regime aims to broaden the question of 'who is to blame' and to assist the reader injudging whether the current President of the Federal Republic ofYugoslavia and 'Belgrade' are the only ones to blame and/or other actors as w eil.

Dr Edwテ始 BaHtr

ij ij rtsrarrhtr at tht Sfud;(((rI.trum t/(I<)r VrtdtJtlr/l/lgJ/uHtn

ut Nijmtgm Univmily.

I will start this attempt by giving an overview of the historica! context of the present 'Kosovo co nflict'. T his conflict I define in two parts: as an inner-state co nfl ict (civil war) between representatives of the Kosovo Albanians and the Serb and Yugoslav authori ties fo llowing th e arm ed uprising of the Kosovo L ibc, ation Army (KLA) in Sp,ing 1998; and as all international conflict following the mili tary intervention hy NATO in March

1999ツキ

Historical context Based on the definition mentioned above, the roots of the 'Kosovo-co nfl ict ' were planted in 1912. 1 0 (his year, Kosovo, more than 500 years after the Battle at Kosovo Polje (1389), becamc agai n part of the territo,y of Se, bia after the defeat of th e Ottoman E mpire in th e Balkans by a coali tion of Serbs, Montenegr ins, G reeks and Bulga,ia ns. The yea, '912 was also the yea, of independen ce of a modern Alb anian state. Th is state was

IASOH Magazine 窶「

created, insisted by the Gre at Powers, notably A ustriaH ungary wh ich viewed the expa nsion of Serbia with great alarm. H owcvcr, the late date of Alban ian statehood compared to the fou nding of modern Serbia (1829) resu lted in a somewhat truncated state wi th large Albanian minorities in neighbour ing countries where they co nstituted local majorities in border areas. The largest of th ese minori ti es fo und itselfin Kosovo within the boundaries ofthe Serb Ki ngdom. Afte, the chaos of the Balkan W a, and W orld W a, j , the victorious Serbs and 'their' 'Kingdom of Serbs, eroats and Slovenes' (sinee 1929 called Yugoslavia) attcmptcd to get a fi rm grip on Kosovo and change thc ethnic balance to thei, advantage. They used fou, different means to achieve this. Fi rst, they attempted te assim ilate the Albanian population. They aimed to 'Serbanise' the Albanians by closing Albani an schools and maki ng education in Serbi an compulsary. Second, they tried to cha nge the ethni c balanee by (,e-) coloni sing the territory w ith Serb settlers, especially war veterans. I n the years between 1918 an d 1928, some 5ツー.000 Serbs and M o ntenegr ins settled in Kosovo ( Vickers 1998: 105- 107). T he third way to gain more co ntrol over the

jaargang 24


republica n prerogativcs. This compromise was conregion was simply to kill Albanians. Re sponsible for hrutal murders and even (he looting and burning of firmed in the 1974 Constinltion, whi ch made Kosovo an alitonomOliS province within th e Serbian Yligos lav whole villages were thc so-called 'Chetniks', irregular Serb troop s created (0 ensurc Serb dominarion in the Republi c. This Autonomous Kosovo was ruled by a prcnewly acquired territorÎes. Figures of the number of dominantly Albanian Communist leadership and de Albanians who lost their lives in the aftermath of World facto was granted many of the powers of a Yugos lav Republi e. War I vary. There is more clarity on the numbers related Why then did Belgrade not go one step further and to the fourth way ro try ra crcare a prcdominantly Se rb grant the regio n the status of a repllblic? There were Kosovo. This method is c10sely linked to the third and and still are - four reasons for the Serb and Yugoslav characteri sed hy terror aimed (0 force Albanians ro leavc the region in the grcatc st possible numbers. Today, we authorities not te change their policy. First, thc Serbs feared that Kosovo, once granted the statu s of a republi c, would label th ese actions as 'cthnic cleansing'. Accorwould scek to incorporate Albani an inhabited territorics ding to Ma\colm ('998: 286) some 90.000 to '50.000 in Maccdonia, M ontenegro and Scrbia to its territory. Albanians left Kosovo for Turkey. A mu eh smaller numSecond, they feared that a 'Greatcr Kosovo', tlllIS estabber fled to Albania. Other sourees speak of some half a million Kosovo Alhanians who were forced to flee or lished, wOlild eventually separate and seek a union with Albania te beco me part of a 'G reater Albania'. As a emigratc (Poulton, 1996: 108- 109). As a result of assimirepublic, Kosovo would have thc formal Constitutional lation policies, colonisation, brutal repression and forced right to Icavc the federation. Third, thc Scrbs realiscd emi gration as previously referred to, the Serbian population (excluding Montenegrins) increased sign ificantly; that a loss of abou t I. 5 million inhabitants when Kosovo would leave Serbia, would mean that from a little less than a quarter in 1919 to their sta tu s of primus inter paris among almost forry per ce nt in '927 (Bard '996 : the Yugoslav republics would be in jeop'The third way 20, quoted in Derrez '999: 43)· ardy. Finally, the 'Ioss' of Kosovo as a forUnsurprisingly, given their experiento gain more control cc following World War I, thc Kosovo mal part of Scrbia would mcan thar thc Albanians experienccd the Serb-domiSerbs were to lose a region whieh has a over the region nated Yugoslav State as oppressive. lot of emotional vallIe to this cthnic During World War 11, this gave ri se to group as th ey regard Kosovo as the cradIe was simply loeal support for incorporation in the of the Serb nation, with many sites in its ltalian puppet Kingdom of Albania territory th at are of great value to th e to kilt Albanians. ' after Yugoslavia's di sintegration in 1941 Serb Orthodox Chureh. consisting of the Albanian- inhabited Despire far-reaching political and territories. It also allowed for support to eonstitlltiona! conccssions by Bclgradc, many Albanians were not satisfied with the compromise thc authorities and Kosovo Albanian irregulars te expel thc Serb and M omenegrin se ttlers who had eome to reached. Throughout the '9 70S and '980s the - in the eyes of the Serbs ungrateful and 'maximalist', if not se pthe region after ' 9 , 8. aratist - Kosovo Albanians con tinued te demand the After the war, the territories th at had been ann exed by Albania were reve rted to the former Yugoslav state status of a republic for their provincc. Hundreds of dissithis time not a 'Se rb' Kingdom but a multi-e thnie dents suffered long term s of imprisonment for th eir socialist federal state headed by Marshall Tito. During politica! acrÎvities. Riots occurred throughout thc 1980s. Police and security forces shot a number of demon stra thc post-war era, the official statu s of Albanians in Yugoslavia saw major improvemems. For the first time, tors. But Serbs and Montenegrins beca me vi ct.Îm s of Albanians were recogni sed as a di stinct nati onal group. murder with a nationalist political background, to~. Many of the former Serb and Montenegrin se ttlers Faced witll a worsening economic situation, and increasexpelled during th e war, were not allowed te return. ing political instability in the province, many of them M oreover, Albanian- Ianguage schools were opened, left for other parts of Yugoslavia or tried to find work abroad. 1t was Serbian di ssatisfaction against thi s state and Albanian was reeogni sed as an offieiallanguage of Tito's Yugoslav Socialist State. However, dcspite the of affairs that caused the ri sc ofScrbian nationalisI11. ncw policies, di strust between the Albanians and the Thc subsequent ri se of Slobodan Mi!oscvic in thc latc 1980s is intimately connected with thi s ri sc of Yugoslav State was dee ply roo ted while all form s of Albanian nationalist activity were heavily penalised . nationalism. Under his leadership th e perceived thrcat In the late 1960s, as a result of politica! and demoto Serbs in Kosovo and the statu s of an autonorn ous graphi e changes, Serbs and Momenegrins in Kosovo province was counteracted. Many agree th at the Serb graduaUy lost their dominanee in the Kosovo political nati onalism - stirred and abused by Milosevic - ultiand administrative apparatus. Less repression and more mately led ro the violent di sintegration ofYugoslavia, to frecdom soo n led to large scale Albanian dcmon strations the acutc repression in Kosovo in the 1990s, and to th e recent violent escalation of the confli ct. caHing for Kosovo to be granted the status of a Yugoslav Republi c, similar to M ontenegro, Slovenia, Maeedonia, Thc end of autonomy, the discrimination in fi elds etcetera. As aresuit, Constitutional amendments in such as employment, education and health care, as weil 1968 granted the regions of Kosovo and Vojvodina so me as the increasingly brutal opprcssion of A1banians in

IASO N M agazi ne •

nummer 2 1999

17


, Albanians in Kosovo Kosovo led ra the crcatioo of a so-called • European Union 'parallel society). Albanians morc or !ess created One could blame rhe European Union wÎthdrcw from rhe Scrb-dominated for its laek of a clear un ified poliey state into a society run by (hem selves. a so-called towards former Yugoslavia from the They did not partieipate in Yugoslav and moment di sintegration of the cou ntry 'parallel society" Serb elections and organised schools and became evident until today. 1t has acted hospitals of [heir Qwn. This non-violent as a lame duck. EU policies almost always came ra late and were to half-hearted or resistance did not escalare when Croatia and Bosnia were in flames. Thc situation continued (0 too careful, partly due to the fact that perceived national economic and political interests were often given a remain rclativcly calm even after (he Dayton agreement higher priority than the larger European security interat which Ko sovo seemed {a have been sacrificcd in order ra at least ohtain a solution for Bosnia and H erzeest. Against this background, it is remarkable to see that, at present, all EU member states, including those govina. In the years between 1995 and 1998 there were so me signs of a possible agreement berween (he th at are nor members of NATO, have su pported NATO Yugoslav State and [he moderate Kosovo Albanian military intervention led by the United States. leadership. H owevc r, (he implementation of for instance an agreement on reopening Albanian schools, • German government was delayed and frust rated despite increasing pressure One could blame the German government for hav ing from the United States and EU member states. started to infringc upon the principle of the non-violation of internationaUy recognised state boundaries by Due to the lack of concrete success, the strateg)' of bcing the first major state to recognise the indepennon-violen ce and looking to the omside world for supdence of Slovenia and Croatia. lts 'Alleingang' forced port if not recognition of an independent Kosovo of the moderate Kosovo Albanian leadership failed. Radi eal other European Union members to follow, often rcluctantly. Thus, Bonn supported separatism, a political elements gaincd more and more public support from the increasingly frustrated Kosovo Albanians. Tensions trend that would eventually leave large pans of Yugoslavia in ruin s. Seeing almost all former Yugoslav increased and repression grew even more brutal at the Republies brealcing their tics with Belgrade. it strengtheve of the outbreak of civil war in 1998. ] n early sp ring the same year, the Kosovo Liberation Army took up ened the earlier mentioned Serb belief that granting arms against the Serb paramilitary units. The KLA won Kosovo the status of republic or even restoring autonothe first battle, but lost the second whcn they attemptmy would lead to loss of their historical heartland. ed to operate like an army instead of a guerriUa band. They won both bartles in the sense that the Ko sovo • ' International community' betore ' Oayton' One could blame the 'international community' in the case was put high on the international agenda and because of the overreaction of Serb forces that resulted period before the 1995 Dayton Agreement for being in pictures of burning villages and refugees th at went over-occupied with the situation in Croatia and Bosnia while ignori ng the ten sions in Kosovo. Dcspite reports around the world. These pietures indireetly led to the enforcing of the agreement between Milosevic and rhe of harsh repression and warnings by diplomats and scholars th at the situation in the formerly autonomous West to station OSCE observers in the region, to rhe province could rapidly deteriorate, there was linie pressubsequent attacks by NATO and widespread public support for these militaryactions in NATO member sure on Belgrade to change its policies towards Kosovo. states. • 'International community' at ' Oayton'

Who is 10 blarne? Back to the main question: who is to blamc for the present Kosovo conflict? When asked thi s question, most people - as least in the West - would probably point at Slobodan M ilosevic or the regime in Belgrade. Howcver, an answer th at appreciates the complexiry of thc situation cannot be th at straightforward. In order to shed a different light on the que stion, 1 have tried to list a wide ran ge of key aetors th at may be direetly or highly indirectly to 'blame' for the current Kosovo conflict. I have added some actors that one might not expect on such a list (with the intention to look at the question of blame from as many different angles as possible). Ensuing, ] have placed them in alphabctic order as to avoid the suggestion of any seque nce of signiflcance or importance:

,8

I ASO H Magazine _

One eould blame the politieal leaders and diplomats bchind the Dayton Agreement for not being able or wilJing to settIe all major cri ses in former Yugoslavia. In particular the Kosovo issue was carefully avoided so as to make possible an agreement on BosnÎa and Herzegov ina. This created a fertile soil for radi cal e1emcnrs within the Ko sovo Albanian community. 'Dayton' also reh abilitated Milosevic as a partner of the international co mmunity and implicitly gave him a free hand to carry out his 'e thnic programme' within the territory of what remained of the Federal Republie ofYugoslavia. • ' International community' after ' Oayton'

One could blame the 'international community in the years following the Dayton Agreement for issuing many warnings stating that the conflict in Kosovo would escalate, while not doing enough to prevent such escalation. The politica! pressu re on Belgtade to start negoti-

jaargang 24


threats, to intervene milirarily if th e situation in Kosovo would continue to escalate. Contrary to winning the war, creating su eh escalation was within the power of the KLA. One could also argue that NATO thrcats rai sed false expecrations among radi cal Kosovo AJbanians that rhe West would support th eir light for an independent Kosovo. AJthough the threat of NATO air strikes were successful in forcing Milosevic to acce pt thc stati oning of international moni to rs in auturryn of 1998 , it also put the allian cc's credibility at stakc \vhcn it appeared that monitors were not enough to scttl e the co nflict. Wh en this beca me cleu r, NATO co uld only start bombing or choose ra lose face. Thc laner was not an option, particularly at the cve of its 50th anniversary and the welcoming of ncw NATO members. Today, many blame N ATO for not having used the proper military instrument. The allian ce is blamed for havi ng neglected the build up of ground forces in the region to make clear to Bclgrade thar the flrst signs of'e thn ic cleansing' would immediately lead to air strikes and the use of grou nd forces. 1t should, however, be noted that NATO as a policy maker does not exist, as it is the instrument of the political leaders ofits member states.

ations with the moderate Kosovo Albanian leadership was not particularly strong: no far-reaching economic sa nctions th at would impress Milosevic and his regime were included. Morcover, the international co mmunity co ntinued to be preoccupied with Bosnia and Croatia. Thc enforcement of th e Dayton Agreement and the final stages of solving the confli ct in Croatia (the Prevlaka peninsuIa and Eastcrn Slavonia) continued to dominate the political agenda at the expe nse of Kosovo. This only changed as a resulr of the violent cscalation of th e Ko sovo co nflict in 1998 following thc actions ofthc Kosovo Liberation Army in spring of th at year. The threat of military interven tion lcd to the stationing of international monitors, but no concrere political and military measure s were raken to prepare for a possible nex t step in case monitori ng might proof to be not enough to reverse the cscalation of the co nfli ct. • Kosovo Alban ian moderate leaders

One could blame the moderate leaders of the Ko sovo Albanians for holding on to a territorial solurion for the region and even the idea of all independent Kosovo in the future . One could also blame them for trying to 'usc' the international co mmunity to fuIftl these 'maximalist' political goals. More serious has been their call for a boycott of Serb and Yugoslav elections. As a result of this boycott, nco -communist and nati onalist Sc rb parties had little trouble to win successive Serb and Yugoslav elcctions. The Albanian vote could have made a difference, particularly in 1993 when the moderate Serb politician Milan Panic had a chance to win over Slobodan Milosevic in the election for the Scrbian presidency. In the Yugos lav Republic of M ontenegro, for instance, thc votes of th c Muslim and AJbani an min ori ry helped the coming to power of Djukanovic, the proWestern and anti-Mi losevic political leader who won thc 1997 presidential elections by a n3rTOw margi n of 6.000 votes.

·OSCE

Gne could blame OSCE (and arher trans- nati onal organisations) fo r cutting lines of communication with Milosevic and the regime in Belgrade by suspending the membership of the Federal Republic ofYugoslav ia. By doing 50, OSCE restri cted its role and hampered th e possibility of dialogue after the confli ct had escalated. • Rambouillet

One could blame the diplomats and political leaders behind the Rambouillet 'negotiations' for presenring a 'dictatc' instead of allowing real negotiations. Moreover, one could blame them for drawing up a 'dictate' they knew Yugos lavia wou1d not sign. Onc could eve n argue that ' Rambouillet' was nothing more than the creation of a justification or permit for NATO air srrikes.

• Kosovo liberation Army

The Kosovo Liberatioll Army call be blamed for bcing dire ctly re sponsible for the violent escalation of the • Russian government Kosovo conflict as a result of their guerill a activities in early 1998. The KLA started a civil war it could nor win. One could blame the government of the Russian FederIr provoked an over- reaction by Serb para military units arion for its 'Njet- politics'. Throughout the Yugoslav thar was particularly harmful to the civilian population crisis, 'Moscow' has obstru cted many well-intcnded whi ch the KLA could not defend. The actions of the KLA interventions of different kinds ro deal with the probalso rcsultcd in incrcasi ng support in Serbia for Miloselems in former Yugoslavia. Subsequcnt Russian governments, thu s, fru strated a more ullified international vic's tough stand on Kosovo. Ey intcntionally aimin g for an escalation of the Kosovo co nflict and poliey toward s the rcgioIl, including by continuing its actions after the staKosovo. Their inflexibility in the UNSC ti oning of international monitors, the 'The KLA comributed to the bankruptcy of the UN KLA tried to trigger a military inrervenwas instrumental in causing the lack of ti on by the lnternational Community. started mandate fo r NATO military actions. Moscow's pro-Serbia and anti-intcrvcna civil war tion stand concerning the Kosovo co n• NATO One could blame N ATO for making it fli ct might also have given Milosevic thc rclatively easy for the KLA to force thc it could not win.' idea that NATO would never dare to alliance into action. NATO limited its launch air strikes. room for maneuve r by issu ing too many

JASO N Ma gaz i ne

!lummer 2 1999

19


answers even though the Serb and Yugoslav leadership • Serb opposition One could blame the Serb opposition for its opporin Belgrade - and in particular Slobodan Milosevic tunisti c policies (in particular Vuk Draskovic), its lack seems to carry primary responsibility for th e conflict in of unity (with the exception of the short-lived Zajedno Kosovo. Evidence of this responsibility might prove to alliance) and its unclear political course. As aresult, the be strong enough for the Yugoslav Tribunal in The pro-western and democratie parties have H ague to bring the current President of never been able to present themselves as the Federal Republic of Yugoslavia to trian alternative to neo-communist and 'The most al for his knowledge of and support to nationalist poli tics. In particular the colwar crimes and possible crimes against lapse of the Zajedno coalition has con' intelligent' reaction humanity. The question remains whether tributed to extreme disiUus ionment and he is the only one to blarne. Co uld it be, political apathy among the pro-western would be that those who have witnessed and condemocratie part ofSerbia's society. demned these crimes, but who have not to atkknowledge used fully or adequately their political, • Serb and Yugoslav voters economic and/or military powers, are to Despite the above-mentioned lack of an th at the question blame as weU and to the same extent? alternative and despite the limited access In th is article I have mentioned a to free media, one could blame - at least number of actors who have played a sigis unanswerableo' a part of the Serb and Yugoslav voters nificant role in the Kosovo conflict. for having elected and re-elected politiMenrioning them does not mean th ey are cal leaders who led the country into three wars and necessarily to blame for the conflict along with Milosebrought its citizens economic and political misery. vic and his regime in Belgrade. My sole intention was (Q Some might argue that these people simply get the govcome up with some, perhaps provoking, ideas that may ernment they deserve and all consequences it entails. shed a different light on attempts to answer the questi on 'who is to blame?'. I believe that the list is clearly headed by Slobodan Milosevic and the regime in Bel• Serb paramilitary and irregular farces grade. Not only are they the ftrst ones to blame for the One could blame Serb paramilitary and irregular force s for their over- reaction to KLA guerrilla attacks. They are present escalation of the conflict, th ey can also be responsible for the pictures of refugees and burning vilregarded as the main actors responsi ble for stirring up ethnic tensions in the region as weU as for the gradual lages th at found their way around the world. These pictures proved very harmful to Yugoslavia's image and escalation of these tensions in the past decade. allowed the demonisi ng of Serbia by Western med ia and politicians. Ir remains unclear to what extent th ese forces acted on their own acco unt. Some of them are known to have close links to the political establishment in Belgrade.

Referentes and blbllography • Un ited Stat es

One could blame the United States for its °Alleingang' in the Ko sovo conflict, in particular in the last two years. Many sec 'Rambouillet' and the recent NATO air strikes as all American product. 'Washington' received a lot of criti cism for accepting the KLA as ane of th e represe ntatives of the Kosovo AJbanians in RambouiU et. This acceptance, together with above-mentioned repeated threats (mainly by u.s. politicians) to intervene militarily, may have strengthened the perception among radi eal Kosovo Alb:mians that they were supported by the West.

Detrez, R., '999 . Kosovo. De uitgestelde oorlog. Antwerpen: Houtekiet.

TheEconomist, ,8-r'987 Malcolm, N., '998. Kosovo. A shorl hislory. London: Macmillan. Poulton, H ., '996. 'The Albanian question in the Balkans In: Kosovo - Kosova.

Contlusion Who is to blarne? When asked in relatian to a longstanding, highly co mplex confli ct such as in the case of Kosovo, probably the most 'intelligent' reaction would be to ackknowledge that the question is unanswerable. Trying (Q answer the question without singling out one particular actor forces one to look at the Kosovo co nfli ct and its histori cal background from many different angles. Posing th is question may lead to surprising

20

Bart!, P., '996 . 'Kosovo - Mythos und Realitaet ', In: Der Balkan in Europa. Hardten, E . eoa., red., Frankfurt am Main: Peter Lang. Pp. '5 - 30.

JASOIII M agazi ne •

Confrontation or coexistence. Duijzings, G.,Janjic, D. and Maliqi, Sh., red., Nijmegen: Peace Research Center. Pp. 104-II4. Vickers, M., '998. Between Serb andAlbanian. A history of Kosovo. London: Hurst & Company.

jaargang 24

O •


De NAVO: zelfverdedigingsorganisatie van 'uitgevochten' staten Ronaid Kampherbeek

Velen beschouwen de recente politiek van de NAVO t.a. v. de Balkan als buitengewoon riskant en menen dat nieuwe taken van de NAVO z.oals 'out ofarea operations' en humanitaire interventies opnieuw overwogen z.ouden moeten worden.

N

gaat ten onder', aldus de Volkskrant-redacteur Arie Elsaarmate het confli ct om Kosovo langer duurde, hout, die enige tijd geleden deze stelling voor de Atlanhad het bondgenootschap steeds meer moeite tische Commissie verdedigde en zich daarin later het thuisfront te overtuigen van de noodzaak gesteund zag door J. L. H eldring in zijn column Dezer van luchtaanvallen. De NAVO werd aanzienlijk in haar Dagen (N RC Handelsblad, ,6-2-'99). Daarnaast zijn er handelingsvrij heid beperkt door het gebrek aan eensgein de afgelopen jaren in Nederland diverse critici zindheid onder de regeringen van de verschillende lidgeweest onder wie Frits Bolkestein en Maarten van staten. De relatief grote steun voor de luchtaanvallen in Rossu m die niet zozeer tegen de NAVO als organisatie, lidstaten als Groot-Brittannië en Nederland sto nd als wel tegen de geplande uitbreiding ervan waren. Zij tegenover het wegbrokkelen van die ste un in zuidelijke vreesden dat de organisatie enkel aan slagvaardigheid en lidstaten als Italië en Frankrijk. Menig Westers politiefficiëntie zou inboeten en dat de stabiliteit in Europa cus of generaal zal de - toch onverwachte- beslissing van met de uitbreiding geenszins zou zijn gebaat. Servië om zich terug te trekken uit Kosovo als een Toch heeft de NAVO ook zonder grote vijand of nieugeschenk uit de hemel hebben ervaren. In een artikel in we taken als 'out of area operations' voldoende bestaansNRC Han delsblad(30-7-'99) omschreef generaal-majoor recht, maar alleen dàn wanneer zij zich ziet als zelfverb.d. J. Schaberg de problematiek als volgt: 'De NAVO is dedigingsorgani satie en deze visie koppelt aan een in Kosovo door het oog van de naald gekropen. Europa zorgvuldige politiek van geleidelijke uitb reiding. is een ramp bespaard gebleven, maar nog zo'n affaire De NAVO heeft onder de bevolking van de diverse zou het einde betekenen van vijftig jaar Westers defenoude, nieuwe en potentiële lidstaten veel siebeleid.' De animo onder de lidstaten krediet als zelfVerdedigingsorga nisatie. om opnieuw in een soortgelijk conflict Om verdere verdeeldheid in de toeko mst betrokken te geraken lijkt vrijwel nih il. 'Er schuilt - met als uiterste conseque ntie het uitDaarmee komt de politiek van de humaeenvallen van het bondge nootsc hap wel degelijk een nitaire interventie als nieuwe opdracht tegen te gaan, zou de NAVO zich meer als voor de organisatie op losse schroeven te idealistisch streven staan. Waarheen met de NAVO? zodan ig moeten profileren. Vooralsnog hebben de nieuwe lidstaten al moeite ge noeg met het lidmaatschap van de Draagkracht in de geplande Niet alleen de nieuwe, maar ook de oude NAVO. Draagvlak voor NAvo-toetreding uitbreiding taken van de NAVO staan ter discussie. Al bestaat voornamelijk onder de regerin gen van die landen. Zo had er in T sjechië enige jaren zien verscheidene critici geen toekomst meer weggelegd voor de NAVO, geen referendum gehouden moeten worvan de NAVO den over de toetredi ng. Ook in kandihet feit dat haar oude rivaal sinds de val van de Muur niet meer bestaat. 'Een naar het Oosten.' daat-lidstaten als Bulgarije en Slowakije bondgenootschap dat zijn vijand kwijt bestaat tot op heden grote twijfel over toetreding tot de NAVO. Velen in deze raakt, heeft geen bestaansgrond meer en

JASON Magazin@ •

nummer:1

'999

21


landen menen dat dit niets minder zou betekenen dan na de Ru sse n opnieuw overgeleverd te worden aan een buitenlandse mogendheid. Bovendien hebben de NAVOacties tege n Servië in deze landen ook niet bepaald bijgedrage n tot een vergroti ng van het draagvlak.

Uitbreiding met 'uitgevochten' staten D e kracht van de NAVO, zowel ten tijd e van de Koud e O orlog (met het Wa rschaupact als duidelijke tegenstander) als in het afgelopen decennium, schuilt in het feit dat de lidstaten voor het ove rgrote deel 'uitgevoc hten' staten zijn. Di t betekent niet dat zij ni et meer bij militai re co nflicten betrokken zullen raken, maar dat zij elkaar niet meer zullen bevechten ove r traditionele 'casus bell;', zoals aansprake n op elkaars grondgeb ied. Ze zijn 'uitgevochten', omdat derge lijke traditionele co nfli cten reeds in het verleden hebben plaatsgevonden. In de ee rste plaats betekent dit, dat deze lande n zic h alleen zullen mobilise ren wanneer zij menen dat de status quo in gevaar wordt gebracht. In de tweede plaats weten zij zic h - in de meeste gevallen letterlijk omringd door staten die evenzeer tevreden zijn met de statu s qu o en zich daarom met elkaar ve rbinden. Dit verschijnsel va n democratieën die zich bij elkaar aa nsluiten wo rdt in de literatuur wel omsc hreve n als een 'Pacific Union' van 'posthistori sche' of 'postm oderne' state n. In essentie zou de NAVO dus gezien kunnen wo rd en als ee n organisatie waarin ' uitgevoc hte n' staten zic h met elkaar verbind en om zic h te wapenen tegen andere, nog niet 'uitgevochten' staten. De orga nisatie zou cr dan mee kunnen vo lstaan zich als een soo rt fort op te stellen, in zichzelf ge keerd en zich wein ig met de buitenwereld bemoeiend. Toch is dit niet wat er gebeurt. Er schuilt daarom wel degelijk ee n idealisti sch streven in de ge plande uitbreiding van de NAVO naar het Oosten, en evenzeer in de uitbreiding van de EU. D eze politiek kan niet worden afgedaan als louter machtspolitiek. Welbescho uwd heeft een land als H ongarije na de Koude O orl og militair gezie n weinig waarde voor de NAVO, terwijl het economisch gezie n vooral ee n blok aa n het Eu- been lijkt te zij n. Moreel gezien kan en wil het bondge nootschap niet slechts haar eigen ve iligheid koesteren en andere staten, waarmee sterke historische en culturele banden bestaan, aan hun lot over laten. D e uitbreiding van de NAVO is du s politiek wenselij k, maar ook problematisch. D e vraag of een toe treding succesvol kan zijn, hangt namelijk af van ve rsc hei de ne factoren. Zo moet worden gekeken naar de legitimiteit van de - dem ocratisch gekozen - rege ringen; de mate va n ' uitgevochten'-zijn, d.w.z. de mate va n verzadigi ng wat betreft hun territorial e aspi raties en, als extra complicerende facto r voor veel M idden- en Oosteuropese staten: hoc wordt omgegaan met de etnische minderheden in het betreffende land? Hier ligt misschien wel de belangrij kste bijdrage die de NAVO op politiek gebied kan levere n: het stellen van voorwaarde n aan het ve rkrij gen van lidmaatsc hap van wat wel de 'verzadigde uni e' ge noemd zou kunnen wor-

22

JASO N M agaz in e •

den , om zo de kandidaatlidstaten te dwinge n hun onderlinge en interne onenigheden bij te leggen. Wan t zolang deze staten elkaars grondgeb ied blij ve n betwisten of zolang minderheden in deze staten zich gedwongen voelen (door inperking van hun rechten of andersoortige discriminatie) afscheiding en/of aansluiting bij het moede rland na te streven, blijven zij ' histori sche' state n waarmee de NAVO als 'posthistorische' organisatie bij voorkeur ni et in zee zou moeten gaan. H oewel de situatie van minderheden in Midden- en Zuidoost-Europa gecompliceerd is, hebben bijvoorbeeld H ongarije en Roe menië enkele jaren ge leden de onderlinge banden sterk aa ngehaald vanwege het vooruitzicht van NAvo- lidmaatschap. H et betrof hier onder mee r garanti es van Roemee nse zijde betreffende de rec hten van de ca. 1,5 milj oe n H ongaren op haar grondgebied, terwijl van H ongaarse kant de westgrens van Roemenië werd erkend. Sinds de NAvo-beslissing om Roeme ni ë niet mee te laten doe n in de eerste uitbreidingsronde, zijn de relaties tu sse n beide landen echter weer onder druk komen te staan.

ZeI fve rd ed i gi ngsorga nisa tie Wanneer de NAVO zich duidel ijker manifesteert als orga nisatie die de status quo handhaaft, zal zij niet alleen intern sterker staan, maar ze ker oo k naar buiten. Een zelfverdedigi ngso rga nisati e zal bij Ru sse n en Chinezen mee r vertrouwen wekken dan ee n in hun ogen naar believen ' humanitair ingrijpend' militair bondgenootsc hap. Intern kan zo' n ze lfverdedigingsorganisatie op een veel bredere steun onder de bevolking rekenen, ook in de nieuwe lidstaten. Polen, Tsjechen en H ongaren zijn per slot van rekening geen lid geworden om zich als NAvo- leden direct in een conflict als 'Kosovo' te storten, maar juist om van confli cten verlost te zijn. Dit alles betekent geenszi ns dat de NAVO niet-lede n aa n hun lot zal overl aten: via ee n ge leidelijke en zo rgvuldige uitbreiding kunnen steeds meer staten worden 'bi nnenge haald', mits ze voldoen aan de voorwaa rden van 'u itgevoc hten'-zijn en democratisch bestuur. M et deze voo rwaarden in het achterhoofd is bijvoorbeeld Roe menië, mede met het oog op verbetering van de betrekkingen met H ongarije, een goede kandidaat voor een nieuwe uitbreidingsro nde. Immers, alleen al aa n het voorkomen en beheerse n van confli cten bÎnnen de uitgebreide NAVO zal de orga nisatie ook in de volge nde eeuw de handen vol hebben, ee n taak die al leszins het voortbestaan van de NAVO - als zelfverdedigingsorganisatie - rechtvaardigt. deze voorwaarden in het achterhoofd is bijvoorbeeld Roemenië, mede met het oog op ve rbetering va n de betrekkingen met H ongarije, ee n goede kandidaat voor een nieuwe uitbreidingsronde. Immers, allee n aan het voorkomen en beheerse n van co nflicten binnen de uitgebreide NAVO zal de organisatie oo k in de volgende eeuw de handen vol hebben, een taak die alleszins het vóó rtdurende bestaan van de NAVO - als zelfverdedigingsorganisatie - rechtvaardigt.

jaargang 24


Iran op weg naar duurzame verandering? Hans van der lee

De massale studentenprotesten vanjulijl. z ijn de meest recente uiting van groeiende ontevredenheid in de Islamitische R epubliek Iran. Is er hoop op verandering? Zo ja, z al deze duurzaam zijn ? En wat houdt zij dan in? Dit artikel geeft een overz icht van de ontwikkelingen, met nadruk op de periode sinds het aantreden in augustus 1997 van president Khatami. Het is mede gebaseerd op een veertiendaagse st udiereis naar I ran, die de auteur in juli 1999 maakte.

hamenei, schaam je' en 'Khamenei, treed af' roepen duizenden Iraanse studenten en hun sympathisanten in koor. H et is maandag 12 juli, omstreeks half vijf in de m iddag. Plaats van handeling is niet de D uinweg in Den H aag, waar de Iraa nse ambassade is gevestigd, maar de Univers itei t van Teheran. H et is de vijfde dag van de grootste protesten tegen het regime sinds de Islamitische Revolutie van 1979. Aanleiding zijn het verschijningsverbod op de krant Sa/aam en de dood van een 'sn ldent' op dezelfde plek drie dagen ee rder. H oe kwam het zover? Voor een goed begrip van de huidige situatie, behandel ik in kort bes tek achtereenvolgens de voorgesch iedenis, de pe riode vanaf '979, de staatsinrichting van Iran en de machtsstrijd die op dit moment gaande is.

Voorgeschiedeni s De laatste sjah van PerziĂŤ, Mohammed Reza Pahlavi, regeerde sinds 1941, nadat zijn pro-Du itse vader door de Geallieerden was verjaagd. Tijdens de periodeMossadeq ( premier van 195 I -' 53), waarin de olieindustrie werd genat ionaliseerd, verbleef hij in het buiten land. Na een staatsgreep met steun van Engeland en de Veren igde Staten, keerde de sjah terug en consolidee rde zijn mac ht. De v.s . nam de rol van grote steun en toeverlaat ove r van Engela nd. Iran we rd gezien als een belangrij k regionaal bolwerk tege n het communisme en een stabilise rende factor in de regio; het land ontving daarom vanaf de jaren '60 grote hoeveelheden adviseurs, geldelijke steun en wapens.

IASON Magazine _

De latere Leider, ayatollah Ruhollah Khomeini, was in de jaren '60 al een belangrijke tegenstander van de sjah. Toen ook publiceerde hij de door hem aangehangen leer van de vali faqih, die de basis vormt van de islamitische republiek. I n 1963 werd hij verbannen en vestigde hij zich ee rst in Irak, later in Frankrijk. Van 1965 - '77 kende het land relatieve politieke stabiliteit en aanzien lijke economische groei, als gevolg van hoge olie-inkomsten. Wel verhevigde de repressie door het politie- en veiligheidsapparaat. Eind 1977 braken er onlusten uit, door ontevredenheid over de economische terugval en de repress ie door het regime. Een jaar late r waren demon straties en stakingen wijd verspre idi honderdd uizende n gingen de straat op. D e brede opposi tie omvatte ruwweg d rie strom ingen : links (communistisch tot sociaal-democratisch), rechts (liberaal) en islamitisch- fundamentali stisch (conservatief tot gematigd). De laatste stroming werd geĂŻnspireerd door Khomeini, die met zijn uitlatingen vanu it Parijs de loop der gebeurten issen stuurde.

Revolutie De groe iende onrust werd gewapenderhand bestreden, met als gevolg honderden - zo niet duizenden - doden en gewonden, massale arrestaties, executies en martelingen. Maar de rust keerde niet terug. Dit zorgde ervoor dat de sjah in januari 1979 het land verliet. O p I februa ri keerde Khomei ni als een he ld terug ui t zijn ballingschap en nam tien dagen later daad werkelijk de macht over. D e islamitisch- fundamentalistische oppositie bleek het best georganiseerd en buitte dit uit door de overige groeperingen te overvleugelen.

Ilumm er 1

1999

23


Twee maanden later werd de Islamitische Republiek Iran uitgeroepen, nog steeds de enige theocratie ter wercld. Het hoogste gezag werd gevestigd in de vali faqih , een religieuze leider benoemd door de sji'itische geestelijkheid. De eerste was Khomeini ( 1979-'89). Een gekoze n president k"ram aan het hoofd te staan van de uitvoerende macht. Tevens werd een eenkamerparlement (Maj/is) van 270 leden ingesteld, dat in maart en mei 1980 voor het eerst direct werd gekozen. De Islamitische Republikeinse Partij (IRP), d ie werd gezien als de partij van Khomeini, kreeg circa 60 zetels, maar verwierf daarna snel de absolute meerderheid door het coöpteren van veel niet-partijgebonden leden. In juni 1989 overleed Khomeini. D e Raad van Experts, de geestelijkheid, wees de zittende president Ali Khamcnei aan als diens opvolger, welke functie hij nog steeds bekleedt.

keer). De meerderheid, en daarmee het voorzitterschap, is nog steeds in handen van de conservatieven. Hoofd van de uitvoerende macht is de president, die eveneens voor vier jaar wordt gekoze n (de eerstvolgende keer in 2 00I). Sinds het afschafTen van de functie van premier in 1989 is de president tevens de regeringsleider. Deze stelt een kabinet sa men, dat vervolge ns in een hoorzitting minister voor minister het vertrouwen van het parlement moet verkrijgen . De rechterlijke macht staat onder leiding van een hoge functionari s, die wordt benoemd door de vali faqih. E r zijn een hoge raad, hoven van beroep en provinciale rechtbanken. Op hetzelfde niveau als deze laatste fungeren zogenoemde 'revolutionaire rechtbanken', met van oorsprong vergaande bevoegdheden inzake politieke misdaden. Een belangrijk deel daarvan hebben zij si nds 1997 moeten afstaan aan de provinciale rechtbanken. Er bestaat in Iran gee n onafhankelijk Openbaar Ministerie: aanklager en rechter zijn verenigd in één persoon. Een invloedrijk orgaan is de Raad van Wachters (Sh/lra-e-Nigahban, opgericht in 1980). Deze houdt toezicht op de verkiezingen en stelt de kandidatenlijsten daarvoor vast. Verder toetst zij nieuwe wetgeving aan de grondwet en de islamitisc he grondbeginselen; deze kan worden verworpen of teruggezo nden voor amendering. Zij telt twaalf leden: zes hoge gees telijken benoemd door de vali faqih en zes leken-juriste n benoemd door het parlement, op voordracht van het hoofd van de rechterlijke macht. Het Comité voor de Juiste Toepassing van de lslamitische Orde (Shura-ye Tashkis-e Maslahat-e Nezam, opge ri cht in 1988) bemiddelt tussen het parlement en de Raad van Wach ters in ee n geschil over wetgeving.

Staatsinrichting Hieronder volgt een (niet uitputtend ) overzicht van de belangrijkste staatsi nstellingen. De wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht van de Islamitisc he Republiek Iran zijn alle verantwoording schu ldig aan de vali faqih (Leider), die voor het leven wordt aangewezen door de Raad van Experts. In theo ri e voorziet de grondwet in de mogelijkheid om de hoogste leider van de macht te ontzetten, bijvoorbeeld wanneer die niet meer geestelijk gezo nd is of zich sc huldig maakt aan grof machtsmisbruik. I n praktijk is dit nog niet aan de orde geweest. H et parlement (Majlis, voluit Islamitische Raadge vende Vergadering) is de wetgevende macht en wordt voor vier jaar ge kozen (in februari 2000 voo r de zesde

Maandagmiddag 12 juli: demonstratie op het terrein van de universiteit van Teheran. Even later barstte de menigte uit in een spreekkoor tegen Khamenei. En keLe toehoorders wilden niet he rkend worden.

l ASOH Ma gaz i ne

_

jaargang 24


hun vrijheid); de in het land gebleven intellectuelen, journalisten en kunstenaars (vanwege de ce nsuur); arbeiders en ondernemers (moe van de stagnerende economie); en, het belangrijkst, de jeugd. Khatami staat bekend als een hervormer. Kijken we naar zijn daden tot nog toe, dan wordt duidelijk dat hij de ministeries van Binnenlandse Zaken en Cultuur ziet als dĂŠ instrumenten voor het vormgeven van de politieke en sociale infrastructuur voor een civil society, die door de conservatieven wordt gezien al s een regelrechte bedreiging van de theocratie.

Permanente leden zijn de president, de voorzitter van het parlement, het hoofd van de rechterlijke macht en de zes juristen uit de Raad van Wachters; tijdelijk lid is de minister of het hoofd van de organisatie die belast is met de kwestie die in het geding is.

Machtsstrijd

De heerse nde politieke elite - die in deze structuur opereert - is een verbond van politiek actieve geestel ijkheid en technocraten die hun macht consolideerden tu sse n 1979-'81. Inmiddels blijkt steed s duidelijker dat er binnen de elite uiteenlopende meningen bestaan over kwesties op cultureel, economisch, politiek, sociaal en Recente ontwikkelingen veiligheidsterrein. Wie zijn de belangrijkste spele rs in Hoe heeft de president het gedaan si nds zijn aantreden de huidige machtsstrijd en waar ligt hun machts- en twee jaar geleden? Er is sprake van wisselend succes, politieke basis? maar resultaat cn richting van de hervormingen zijn hoopgevend. AyatoLlah Ali Khamenei (1940), sinds tien jaar de Leider, behoorde tot het gevolg van Khomeini in ballingOp het gebied van cultuur lijkt het belangrijkste resultaat een opener klimaat voor vrijheid van meningsschap en bekleedde diverse functies voordat hij in 1981 uiting (mer name politieke di scussie) in de geschreven president werd. De macht van hem en zijn aanhangers berust op de strijdkrachten, de polirie- en veiligheidspers, hetgecn zich mede uitte in de oprichting van nieudiensten, de rechterlijke macht en het 'eliwe kranten. a het verschijningsverbod tekorps' de Islamitische Revolutionaire voor de krant Salaam in juli, werd in het Khameini: Garde (IRC ). Belangrijke steu n is te vinparlement echter een wet ingediend den onder ondernemers en technocraten waarmee de conservatieven de persvrij 'zijn grondwettelijke met banden met de regering, veteranen en heid weer dra sti sch willen inperken. oorlogsweduwen die overheidstoelagen Onduidelijk is op dit moment hoe dit in macht is groot, ontvangen, de ondernemers van de bazaar de praktijk zal uitpakken. van Teheran en de religieuze stichtingen, Verder was de laatste twee jaar goed zijn politieke basis waarin grote bedragen om-gaan. merkbaar dat de persoonlijke vrijheid is Iran-wa/chers verschillen van mening toegenomen. In winkels is weer Westerover de vraag of Khamenei een aartsconechter niet,' se popmuziek re horen, op straat gedraagt men zich - voorzichtig - weer se rvatief is die zelf actief deelneemt aan de huidige machtsstrijd dan wel iemand wat vrijer. die onder de gegeven omstandigheden het evenwicht Op het gebied van openbaar bestuur behaalde de pretussen de facties probeert te bewaren. Zo lang de consident in februari van dit jaar een grote overwinning in se rvatieve n hem met succes voor hun kar spannen, is dit de \'erkie zingen voor de plaatselijke raden (ongeveer echter een academische discussie. Zijn g rondwettelijke vergelijkbaar met onze gemeenteraden). Voor de eerste macht is groot, zijn politieke basis echter nier. keer werd gebruik gemaakt van een bepaling in de Bovendien neemt een deel van de heerse nde geeste grondwet die daarin voorziet. Bij elkaar opgeteld zijn lijkheid hem niet helemaal se rieu s, omdat zijn religieu ci rca 200,000 personen raadslid, het overgrote meren deel daarvan is hervormingsgezind. De Raad van Wachze kwalificaties onvoldoende zou den zijn voor een aanwijzing tot Leider. Hij was destijds een hoja/oleslam ters probeerde deze kandidaten te weren van de kieslijs(gees telijke in de 'rang' onder die van ayatoLlah) en werd ten. Zonder succes: er waren pcr raad zoveel hervorna de opvolging verheven tot ayatollah. Normaliter vermingsgezinden kandidaat gesteld, dat deze onmogelijk krijgt men de titel ayatoLlah pas na jarenlange, aanvulallemaal konden worden geweerd. lende theologische studie en het, eveneens jarenlang, Gevolg is, dat de verantwoordelijkheid voor het vervullen van bijvoorbeeld een functie als voorganger lokaal bestuur en lokale wetgeving is verschoven naar de van het gebed op vrijdag (de heilige dag van de week) in nieuw ingestelde raden, weg van het nationale parleeen belangrijke moskee. ment, de provinciale gouverneurs en de plaatselijke Hojatoleslam Mohammed Khatami ( 1943) is presimoskeeĂŤn (van waaruit de lokale milities, de komi/ehs, dent sinds 1997. Hij was parlementslid voordat hij in opereren). Nu al zijn posi tieve resultaten zichtbaar op 1982 werd benoemd to t ministe r van Cu ltuur, welke de meeste terreinen waarover de raden zeggenschap funct ie hij gedurende tien jaar uitoefende. Hij stapte op hebben verkregen: het benoemen van burgemeesters, toen de conservatieven in 1992 de vertrouwenskwestie het toezien op de uitvoering van overheidstaken, het wilden stellen en werd daarna directeur van de Nationale plannen van sociale voorzieningen en economische ontBibliotheek. wikkeling, het stimuleren van de bouw van culnlrele en Zijn politieke basis bevindt zich onder groepen als sportvoorzieningen, en het controleren van uitgaven en vrouwen (die lijden onder religieuze beperkingen van inkomsten van gemeenten.

JAS ON Ma g az i ne

•

nummer 2 1999

25


de politie- en veiligheidsdiensten in Teheran (ee n maand later ingewilligd door Khamenei); overdracht van de zeggenschap ove r het politie- en ve iligheidsapparaat aan het ministerie van Binnenlandse Zaken; en opheffing van het verschijningsverbod van Sa/aam. Ook in juli 1999 werd de veroordeling wegens 'corruptie' van de ex-burgemeester van Teheran Karba schi in hoger beroep bevestigd. D e geva ngenisstraf werd echter verminderd van vijf naar twee jaa r, het verbod op het uitoefenen va n ee n openbare functie van twintig naar tien jaar en de lijfstraf werd omgezet in een geldboete. En Karbaschi 's opvolge r is de hervorm er M orteza Alviri, voormalig havik en oud-officier va n de IR G. Veel hoge militairen zijn beduidend minder progressief, ge tuige de brief van vierentwintig van hen aan president Khatami die op 19 j uli we rd gepubliceerd en waarin zij indirect dreigden met een staatsgreep: 'We would like to express our utmost respect for your excellency and to deciare th at our patience has run out'. Was getekend door onder meer acht comm anda nten van leger, luchtmacht en marine va n de IRG, zes commandanten van reguliere lege rdivisies en twee ge neraals van de ge nerale staf. Kort daarna schreve n circa 100 officieren als steunbetuiging een tegen brief.

Conclusie Gematigd optimisme lijkt gerechtvaardigd. D e haviken studentes bekijken hun tentamenresultaten, di e zijn va n gisteren, zoals de nieuwe burge mees ter van Teheran opgehan ge n aan de hekken van het un iversiteitsterrein. en de uitgever van Sa/aam (een van de bezetters van de Amerikaanse ambassade in 1979), zijn de hervormers adat zijn voorganger Nouri vorig jaar het veld va n vandaag en morgen. En de studenten die in juli moest ruimen, ove rleefde ministe r va n Binnenl andse massaal protesteerden, zijn de kinderen van de huidige Zaken Mohajerani in mei ternauwern ood wĂŠl een motie geestelijke en technocratisc he elite, die deso ndanks van wantrouwen in het parlement. H ij was ervan blijk hebben gegeven van zel fs tandig en kritisch denkbeschuldigd voorstander te zijn van een scheiding tusvermogen. Waar is het hun om te doe n? ln eerste instantie om sen religie en politiek, en va n nauwere banden mer de v.s. meer ind ividuele vrijheid, vrijheid van meningsuiti ng en persvrijheid. Tegelijkertijd tikt er ee n tijdbom. In 111 juli dit jaar was de wereld via de internationale grote lagen van de bevolking groeit de ontevredenheid media ge tuige van de grootste demonstraties sinds de over het feit dat Iran econo misc h zo goed als aa n de l slamitische Revolutie van 19 79. Wat was er aan de grond zit. H et is waar, een liter benzine kost er dan kzij hand? Jn eerste instantie betoogden stud ente n van de subsidie nog steeds maar twintig ce nt, maa r de inflatie universitei t van Teheran tege n het verbod va n de krant bedraagt dit jaar 40 proce nt en de ] raa nse rial is sinds de Sa/aam. Maar in de nacht van 8 op 9 jul i sloeg de vlam in de pan: leden van de plaatselijke militie drongen de revolutie honderdvoudig in waarde vermind erd. In de universi teitscampus binnen en doodden een aanwezige afgelopen twintig jaar verdubbelde de bevolking, waarva n momenteel tweederde deel 25 jaar of jonger is (circa demonstrant. Dit leidde tot een sit-in op het universi40 miljoen personen ). Officieel is de werkloosheid 30 teitsterrein en in de daarop volgende dage n tot massale procent en gezien de grote groep jongeren die in de proteste n in de hoofdstad en steden als Ahwaz, lVlaskomende jaren op de arbeidsmarkt zijn had, Rasht, Shiraz en Tabriz. In totaal gingen zeker enkele tienduizenden de straat intrede doet, zal die nog dramatisch in op. H et geweld dat volgde, leidde tot circa omvang toenemen. 'De geest D e 'studenten van juli' wilden ook twinti g doden, honderden gewonde n en uiting geven aan hun ongeduld met Khatais uit de fles duizenden arrestaties. mi in zake de trage voo rtgang van de herVanaf IJ juli gold een demonstratieveren kan niet vormingen. Aanl eiding voor het ongenoebod. Op 14juli organiseerden de conservagen was het sti lzwijgen va n de president ti even een tegendemonstratie door enkele tijdens de studentenprotes ten. Om zijn meer terug. ' tiendu izenden aanhangers. Diezelfde dag politieke draagvlak in de aanloop naar de formuleerde de studentenraad zijn eisen, parlementsverkiezinge n va n februari 2000 waarond er: het ontslag van het hoofd van VLakbij is het business as usual:

26

IASOH Magazine _

jaargang 24


op zijn minst in stand te houden, is de verwachte lichte opleving van de economie door de huidige hogere olieprijs een gunstige bijkomstigheid. Gaat het land door op de ingeslagen weg? Veel, zo niet alles, hangt af van het verloop en het resultaat in februari. Vrije en eerlijke verkiezingen kunnen worden gedwarsboomd doo r de Raad van Wachters, die de kieslijst vaststelt en die, zoals gezegd, wordt gedomineerd door de conservatieven. Net als bij de raadsverkiezinge n zal men pogen hervormingsgezinde kandidaten te weren. Als de meerderheid in het parlement overeenkom stig de verwachting inderdaad ove rgaat naar de ht!rvormers, dan zullen de co nservatieven een belangrij ke steunpilaar van hun macht kwijtraken. Khatami's modernise ring kan dan verder gestalte krijgen, onder meer door het geleidelijk vervangen van conservatieven door hervormers op belangrijke posten. Of de conservatieven het zover laten komen, is nog maar de vraag. Een politieke worsteling over de kandidaatstelling is zonder meer te verwachten. En het manipuleren of ongeldig verklaren van de uitslag is wereldwijd ee n beproefd middel om een ongewenst resultaat te voorkomen . Ten slotte is ook een militaire machtsgreep ten gunste van de conservatieven heel wel mogelijk. Maar zelfs als dat so mbere scenario bewaarheid wordt, dan nog zal dit uiteindelijk slechts een tijdelijke

terugval blijken te zijn. De keiharde repressie di e wellicht voor de deur staat, kan nog talloze slachtoffers eisen, maar zal uiteindelijk niet effectief zijn. De afgelopen twee jaar heeft de bevolking immers geroken aan de vrijheid en die laat men zich niet meer afnemen. Als gevolg zal de Islamitische Republiek Iran binnen de bestaa nde staatsinrichting een drastische metamorfose ondergaan. De geest is uit de fles en kan niet meer terug.

Hum

W il

Ja Lu iJ FOlldlrtdu(/tur Offui/lt Puh/i{u/its IlIj Sdu Uitgt1.'""

111 1990-'9;/ til ' 998-'99 'WW hlj'Ooo/JrrJurlrur..,,,"

JAM)N

M "!." รป,,r,

Internet http://www.let.leidenuniv.nlItcimo/ internet.htm

Vele links naar onder meer Iraanse media en sites op gehieden van religie en cultuur. http://www.iranian.comlWebGuide/ index.html

Ook. hJ'er veel links, maar dan vooral naar Iraanse sites,

Deze publicati e is mogelijk gemaakt door:

M.A.O.C. Gravin van Bylandt Stichting

kpU I I

-$ I

NATO Information Service

IASa ,. Magazi ne โ ข

numm er 2 1999

27


Al bij na

25

jaar informeert de stichting JASON ove r de ach tergronden van de interna tionale economie, politiek

en ve il igheid. Zij richt zich daarbij vooral-maar nier uitsluitend-op jonge ren in de leeftijd van 18 tot 35 jaar. is waarde nvrij: niet gebonden aan enige pol itieke stromi ng of gebaseerd op ee n levensbeschouwelijke

JASON

grondslag. JASON

is neutraal: draagt bij aan me ningsvormi ng, maar heeft zelf geen meni ng.

JASON

is evenwichtig: laat altijd de voo rs en tege ns zien, laat altijd de voor- en tegenstanders aa n het woord.

,ASON

is ve rhelderend: één activiteit of artikel geeft in ko rt tijdbes tek een zo volled ig IllUgd ijk beeld van een

actueel internationaal ondenverp.

De stichting weet zich daarbij gesteu nd door des kundigen ui t de ambtenarij, het bedrijfs leven, de journali stiek, de politiek en de wetenschap, die optreden op activiteiten of schrijven in het kwartaalbladJAsoN Magazin~. Ee n stukje geschiede nis:' .. D~jaren )0 waren in Nederland een periode van politie/u polarisatie. Mmingsvorming

over hedendaagse internationale politiek werdgedomineerd door groepen uit het actiewezm. Tmeinde te voorzien in een duidelijke behoefte van jongeren aan meer evenwichtige informatie, richtte een groepje studmten enjongeren in 1975 he/jong Atlantisch Samenwerkings Orgaan Nederland op, kortweg JASON . Concentreerde de stichting zich in de eerstejarm opAtlantische samenwerking en Vrede en Veiligheid, gaandeweg verbreedde zij haaractiviteÎten tot het gehele spectrum van de intemationale bet rekkingetl. De val van het Ijzeren Gordijn en de omwentelingen in de Sovjet-Unie en Oost-Europa veranderden de missie van JASON nog verf/er. ' Anno 1999 is 'JASON' geen afk orti ng meer, maar een merkn aam. De stich ting organisee rt halfjaarlij ks ee n congres en daarnaast versch illende klei nere activite ite n. Dit voorjaar vonden er twee fora plaats, over de Nederlandse wapenexport en ove r de toekomst van de krijgsmach t, alsmede een cong res over mensenrechten. Een jaarnbonnement op JASON M agazine kost al jaren slechts fJo,-. Daarvoor ontvangt u ook uitnodigingen voor de activi teiten (waarvoor bij grotere eve nementen een deelnameprijs geldt). Voor een abonne ment ku nt u onderstaande kaart invullen. Stichting JASON 0 Bezuidenhoutseweg 2370239 0 2594 AM Den Haag telefoon 070 ·3605658

r-------------------------

Antwoordkaart

-------------------------,

Ondergetekende abonneert zi ch op JASON Magazine en ontvangt voor t30,OO vier nummers van voornoemd maga zine alsmede uitnodigingen vo or de acti viteiten van de sti chting JASON. Naa m Ad res Post code Woonplaat s Telefoon Handtekening Deze antwoordkaart in een enveloppe zonder postzegel sturen naar Stichting JASON. Antwoordnumm er 107 11,25 0 1 wa Den Haag. U wordt verzo cht te wachten met betaling totdat u een acceptgiro wordt toegezonden .