Page 1

Jaargang 17

Oktober 1992

Nummer 5

Losse Nummers f 4,95

Magazine voor Internationale Vraagstukken

DYNAMISCH •• OOST-AZIE


.IA8.ll

Inhoud

'

Redadie

R edactioued

Hoofdredactie: Martijn Hop

Aziatische muggen en olifanten Door S.F.Mil ia.

Eladrec~Ktie:

SilvioMilia AmoutNuyt

1

ArjenBoin Elena van der Hoorn Marie-Jose Jonker PeterLingg Heioo Walbroek

China aan de vooravond van veertiende partijcongres Door Ingrid d' Hooghe

Lay-out:

2

A.F. Nuyt Jason Magazine is een tweemaandelijkse uitgave van Stichting Jason

0 mtu iI haar

China als machtsfactor in de Pacific

Dagelijks Bestuur: Voorzitter. Martijn Boelen Vice-voorzitter. Secreuris: Ellen von Koczian Int Secretaris: Otto Jellema Penningmeester: lngeborg van Dijck Fondsenwerving: Richard Louwers PR-coordinatie: Marona van den Heuvel Act. coordinatie: Miehiel de Weger

Stefan Land berger

6 ./ oblwuti11~

Amerikaanse handel en wandel in Oost-Azie Door Ruud Janssens

Algemeen bestuur:

9

Jhr. Mr. A.G.F.M. AJting von Geusau Drs. F.G.H. van den Broek Mr. F.C.M. Caris. M.B.A. Drs. F.G. Cicton Mr. Drs. A.H. Gierveld Mr. F.A.M. van den Heuvel Drs. J.A. de Koning, M. Phil. Mr. R.H. van der Meer Drs. F.J.J. Princen lr. I.W.J.M. Rutten, M.B.A. Drs. E.I. Weterings

Raad van Advies Prof.Dr. W. Dekker, voorzitter F. de Bakker Prof.Dr. J.ThJ. van den Berg Prof.Dr. H. de Haan Prof.Drs. V. HaJberstadt Drs. G.J.J.M. H~yen C.C. van den Heuvel H.A.M. Hoefnagels Mr. J.G.N. de Hoop Scheffer Drs. R.W. Meines R.D. Praaning Drs. W.K.N. Schmelzer Prof.Dr. J.G. Siccarna Prof. Dr. A. van Staden Prof.Dr. H.W. Tromp Drs. L. Weck.e

Sdcbting Juon Laan van Meerdervoort 96 2517 AR Den Haag

llUII Alexander George (red.) Avoiding war. Door Paul 't Hart

15

••w

Cambodja, het land met de straf van Sisyphus Door Silvio Milia

16

500 jaar Columbus 20

I@Mhlii Agenda21? Ook met ambtenaren slaan redden we het niet Door Peter Lingg

21

tel. 070-360 5() 58 fax. 070-363 32 8S De Stichting Jason is nitt aansprakt lij/c voor de mtningen die in bijdragen naar vortn worden gebracht.

Copyright

Druk.: Haagse Drukkerij en

Overname van bijdragen is' leehts toegestaan na toestemming van auteur e n jason Magazine met een bronvermelding naar het volgende voorbeeld. waarbij tussen haakjes de gevraagde gegeven\ moet Lijn ingevuld:

Uitgeversmaatscbappij/Sijthoff Pers

ISSN 0165-8336

"Ondcr"aandc bijdrage van (auteur) is overgenomen uit Jason Mag:uonc, jaargang (nr.). nummer (nr.). (maand. jaar). dat gewijd i ~ aan het thema (thema). Ja,on Magazine is ee n tweemaandelijkse uitgave van Jason. Stichting voor Internationale Vraag~tu~ke n. Den Haag."


Redactioneel

Aziatische muggen en olifanten

Dit magazine biedt een besche iden voorbere iding op he t bezoeken van de confe re ntie waarop Oost-Azië centraal staat. op 22 oktober in De n Haag. Ambtenare n, wetenschappers en nkcnl ieden uit bi nnen- e n buitenland zullen van gedachten wisselen over o.a. de economische relaties van Nederland met landen in Oost-Azië. de toekom tigc ontwikke lingen in Ch ina e n de positie van Japan in de regio. Voor mee r informatie verwijLen we naar de middenpagina · . G este ld mag worden dat e r in Oo!.t-Azië drie grootmachten opereren. zij het op geo-poli tiek. economisch of militair niveau. ieder met verschillende doeleinden e n wisselende intensite it. Over Ch ina. Japan e n de Verenigde Staten zijn e r van de hand van verschillende a ute urs anal yses te lezen. Interessant is het om te zien dat die grootmachte n in Oost-Azië steeds minde r manouvreer-ru imte overhouden tot het eenzijdig bepalen van gebeurtenissen. De V.S . rake n in toenemende mate van Japan a fhankelijk als het gaat om de bepaling van het veiligheidsbeleid in de regio en voor beide landen is China te groot om links te laten liggen. De Volksre publiek op zijn beurt kan zich nie t afsluite n voor de ' kapital istische conste llatic' van nabijgelegen lande n.

politieke beste l door amnestie en overleg. Indonesië geeft de regering van het ex-koloniale moederland een oorvijg. legt uit hoe he t de hulpre latie wi l hebben en tre kt grote aantallen investeerde rs. In Thailand he bben de burgers. na een bloedige slag met de militairen. nu hun eigen volksvertegenwoordigers. De zwakste broeder in dit geheel is ongetwijfeld Cambodja. L.O .teer ze lf!. dat de Verenigde aties in feite tijdelijk he t bestuur van het land op zich hebben genome n. Helaas vcrle nen niet a lle connieterende partijen de We!>pennest toegezegde medewerking. Cambodja. op de grond gevallen en platgetrapt. dat wel.

aast 'de grote drie· betreden de kle inere lande n vaker e n meer zelfbewust het politieke toncel van Oost-Azië. De Filipino's stuurden de Amerikaanse mi litairen naar huis en de nie uwe preside nt Ramos wil de extremisten van links en rechts opnemen in het

Versla vend...

Het beeld van Amerika geeft te denken. alsmede wederom een a rt ikel over de geboden act ie na de United ations Conference on Environment and Development. Het volgende numme r van dit tijdschrift zal gewijd zijn aan de Verenigde aties en dan met name aan vredeshandhavende en -stichte nde act iviteite n van de volke• ren-organisatie.

***

Het lijkt erop dat de redactie in haar onschuld heeft deelgenome n aan een plotseling fè l losgebrande di ~c u ssie over het (hard)drugsbe le id in ederland. In de

pe rs ontbrak echter commentaar zoa b dat naar voren kwam in he t door ons gepubliceerde inte rview met Dr. Sengers - of he t moet het alom vcrgu i ~de plan van de Rotterdamse politic tot vrije verstrekking van he roïne zijn geweest. Enfin. Sengers ze i he t al: ' Met de politie moet men daarover nie t praten'. Met politici wèl. maar met he n valt over drug niet te prate n al!. we afgaan op een resolu ut commentaar van CDA fractievoorzi tter Brinkman: ·vrije vcrwekking van drugs betekent het failliet van de hulpverlening·. Wij raden de lezers aan het geeste lijk gedachte ngoed te verruime n door het volgen van de discuss ic hieromtrent. • S. F. Milia .

Advertenties in Jason M agazine? De hierover is nog a ltijd niet afgerond. Voorlopig wordt de enige reklame in dit tijd chrift gegund aan non-profi t organi satie!.. door het gratis te r beschikking te ste lle n van te nminste de achterpagina. In dit numme r gaat de aandacht vooral uit naar de ovib die .wjuist een actie is gestart ter redding van de regenwoude n; "Kappen me t kappen". De redactie van JM wenst de Nov ib veel • succes. A.F.Nuyt di ~cussie

Fow 0111.1/ag : Dynamisch Oost-A:ie. famastische groeicijfers :eggen niet alles.( F010 J l/S0/1 ) .

}ason Magazine nr. 5. okt. 1992


Gekonkel

China aan de vooravond van het veertiende partijcongres Het veelbesproken bezoek van de hoogbejaarde Chinese "opperste leider in ruste" Deng Xiaoping aan de zuidelijke Speciale Economische Zone Shenzhen, eind januari 1992, was het symbolische startsein voor een nieuwe golf van economische hervormingen. Ruim drie jaar na de tragische gebeurtenissen op het Tiananmen Plein in Beijing en de daaropvolgende periode van bezuinigingen, nadruk op orthodoxe ideologie en internationale isolatie, lijkt China de draad van voor 1989 weer te hebben opgepakt. China is terug op het toneel van de wereldpolitiek, ideologie is naar de achtergrond verbannen en de economie groe it snel. Door Ingrid d' Hooghe Met het oog op het Veertiende Partijcongres. dat naar verwachting dit najaar zal plaatsv inden, is de strijd tussen hervormingsgezinde en orthodoxe facties binnen de Partij hoog opgelaaid. Voor Deng Xiaoping. zijn belangrijkste tegen peter. de 86-jarige planeconoom Chen Yun. en voor vele andere revolutionaire leiders van het eerste uur wordt dit onherroepelijk hetlaatste Partijcongres en zij wi llen allen nog één keer proberen hun stempel te drukken op China 's toekomst. Deng's comeback moet dan ook gezien worden al s een laatste poging om zij n erfeni veilig te stellen. Deng wil bereiken dat het naderende Partijcongres zijn opvattingen over snelle hervormingen vastlegt al s de nieuwe officiële Partijlijn en dat resolute hervom1ers uit zijn factie op sleutelfuncties worden benoemd. zodat uit voering van zijn plannen gegarandeerd is. Ondanks het feit dat hij geen enkele offic iële positie bekleedt, is de 87-jarige Deng nog steeds de machtigste man in China, niet in de laatste plaats omdat hij zich verzekerd weet van de steun van het leger. Als Deng komt te overlijden zal de strijd om de macht in alle hevigheid lo bar ten, want er is nog steeds geen opvolger naar voren getreden die de rol van Deng als 'supre mo' kan overnemen. De voor-

2

Jaso11 Magazi11e nr. 5. okt. 1992

matige Partijsecretarissen Hu Yaobang en Zhao Ziyang waren door hun welwi llende houding tegenover politieke hervorm ingen niet acceptabel voor conservatieve re facties binnen de partij en algemeen wordt aangenomen dat de door Deng al s zijn "opvolger" aangewezen huidige Partijsecretaris Jiang Zemin een te kleine machtsbasis heeft om het zonder patronage van Deng te redden. Het congres van de Chinese Communi stische Partij vindt eens in de vijf jaar plaats en legt de politieke lijn voor de daarop volgende jaren vast. Het congres kiest een nieuw Centraal Comité dat op zijn beurt een nieuw Politburo. het centrum van de macht, kiest. In de maanden voorafgaande aan een congres woedt meestal een felle strijd tussen de ver chiliende facties binnen de Partij. Het Congres kan pa beginnen nadat de trijd binnen het le iderschap is uitgevochten en alle voorstellen zijn geformuleerd. De aanvangsdatum wordt dan ook meestal pas kort tevoren bekend. Het afgelopen jaar is die strijd tu sen de verschillende facties over de politieke en economische lijn van China zeer duidelijk zichtbaar geweest. Behalve de factie van de hervormers onder leiding van Deng Xiaoping, de factie van conservatieve planeconomen onder leiding van Chen Yun, is er

een derde groep die niet over het hoofd gezien mag worden: de neo-conservatieven. Deze factie verwerpt Marxistische ideologie maar houdt vast aan een sterk autoritai r gezag. Zij taan enerzijds ontwikkelingsmogelijkheden voor een vrije-markteconomie à la Taiwan voor, maar zien anderzijds toch ook nog een rol weggelegd voor centrale planning en de staatsindustrie. De zoon van Chen Yun, Chen Yuan, is een belangrijke voorman van deze factie en de positie die hij tijdens het Partijcongres zal weten te verwerven is dan ook een belangrijke indicatie voor de macht van deze groep, die voor een groot deel uit kinderen van de huidige le iders bestaat. Het belangrijkste strijdpunt tussen de drie facties is het tempo van de economische hervormingen en de toelaatbaarheid van sociale en politieke implicaties van die hervormingen. Het was Deng Xiaoping die met zijn bezoek aan de Speciale Economische Zone Shenzhen en zijn stoutmoedige uitspraken over de noodzaak van snellere hervormingen en kapitalistische experi menten, de aanzet gaf tot de terugkeer van de liberalere krachten binnen regering en Partij. Deng had verschillende redenen voor zijn actie. In de eerste plaats werd de discrepantie tussen de officieel gepropageerde lijn en


de economische praktijk alsmaar grote r. De zogenaamde " linksen", de orthodoxe ideologen, leken hun na juni 1989 verworven macht steeds meer te consolideren. De Chinese kranten stonden vol met ideologische theorieën die de bevolking wezen op de noodzaak van voortdure nde klassenstrijd, de gevaren van bourgeois-liberalisme e n de door he t kapitalistische Westen beraamde "vreedzame evolutie". dat wi l zeggen geleidelijke en vreedzame overgang naar kapitalisme en de mocratie. Tegelijkertijd keerde n zij zic h af van de vrije Speciale Economische Zones, het particuliere onderne merschap en effectenbeurzen. Op deze wijze raakten zij steeds verde r verwijderd van de realiteit. De economische zones floreren, privé- e n collectieve ondernemi ngen maken veel meer winst dan de logge staatsondernemingen die me t steeds meer subs idies draaie nde gehoude n moet worden, en regionale autoriteiten, met name die in de rijke zuidelijke kustprovincies, tre kke n zich weinig aan van het centrum. Zij bewijzen lippendienst aan de directieve n uit Beijing maar voeren onde rtussen hun eigen planne n uit. De bevolking, moe en cynisch geworde n van alle politieke verschuivingen en campagnes. heeft het vertrou wen in de Partij verloren e n richt zich op het verwerven van materiële welvaart. In de tweede plaats had de stagnerende economie een nie uwe impuls nodig. Het bezuinigingsprogramma dat in 1988 wegens oververhitting van de economie en een intlatiepercentage van rond de 20% was afgekondigd en na juni 1989 stre ng werd uitgevoerd , had grote nadelige effecten op de economie. De productie daalde, de buitenlandse handel nam af en vele privé-onde rne mingen moesten sluiten. Alhoewel in 1990 en 199 1 gematigde hervormingen weer op gang kwamen, boden de afgekondigde maatregelen onvoldoende stimulans voor de economie. De derde en misschien wel belangrijkste aanleiding voor Deng's comeback echter. was de val van de Communistische Partij in de Sovjetunie en het daaropvolgende uiteenvallen van de Sovjetunie. De resulterende c haos in het buurland deed Deng beseffen dat de Chinese Communistische Partij een nie uwe strategie nodig had, of liever gezegd, moest terugke ren naar de strategie van vóór 1989, wilde zij overleven. De Partij heeft de ste un van de bevolking nodig, e n die steun kan enkel verkregen worden door het volk meer welvaart te bieden. Deng schreef de val van de Sovjetunie niet toe aan het falen van het socialisme; de fout die de hervormers in de Sovjetunie volgens Deng hebben gemaakt is de bevolking geen econom ische welvaart maar wel politieke macht te geven. Uit ontevredenheid over het dagelijkse leven heeft he t volk vervolgens de verworven politieke macht gebruikt om het regime omver te werpen. Volgens Deng's theorie zal de bevolking het systeem niet aanvalle n. zolang men er bete r van wordt e n daarom is hij voorstander van meer econom ische vrijheid, en een milder po litiek en cultureel klimaat. Tegelijkertijd is hij echter een fe l tegenstander van verregai}llde politieke hervormingen of democratisering. Ongeveer een maand na Deng's reis naar het zuiden versche ne n de eerste berichte n over het bezoek in de pers. Op 3 februari plaatste de Engel stalige krant China Dail y

een foto van Deng in Shenzhen, zonder nadere informatie te ver chaffen over zijn verblijf aldaar. Deze verschijning in de media werd gevolgd door berichten in de officiële locale pers in het Zuiden. Op 23 februari ver cheen op de voorpagina van de belangrijkste nationale (en door de Partij gecontroleerde) krant, het Volksdagblad, een artikel waarin werd opgeroepen bepaalde aspecten van het kapitalisti sche systeem, zoals buitenlandse handel , gebruik van buitenlands kapitaal, import van geavanceerde technologie e nzovoorts, over te nemen. De auteur, die onder pseudoniem schreef, telde dat he t kapitalisme niet blind aanbeden, maar ook niet categori sch afgewezen moet worden en dat een verstand ig gebruik van het kapitalisme kan bijdragen aan de Chinese socialisti sche modernisering. De inte rnationale isolatie en de radicale afkeer van kapitalistische methoden in het verleden (lees: in de periode na juni 1989), werden toegeschreven aan onder andere een fo utieve neiging naar " links". Dit opzienbarende artikel werd één dag later gevolgd door een redactioneel commentaar (een belangrijk instrume nt in het Chinese politieke debat) dat pleitte voor een krachtigere en snellere aanpak van de hervormingen. Deze publicaties baarden groot opzien, artike len met een derge lijke stre kking waren na juni 1989 niet meer gepubliceerd . Het was Marxistische ideologie wat de klok gcslagen had en economische ontwikkeling was al die tijd onde rgeschikt gemaakt aan politieke stabiliteit en ideologische zui verheid. Eind maart pas. werd onaangekondigd een verslag van Deng's reis op TV uitgezonden.

"De fout die de hervormers in de sowjet-Unie volges Deng hebben gemaakt is de bevolking geen economische welvaart, maar wel politiek macht te geven." Was de publiciteit rondom Deng's bezoek e n zijn uitspraken in eerste instantie slechts een teken dat de conservatieve factie haar grip op de media kwijt was, al snel vonden De ng's ideeën hun weg in verschillende officiële interne Partijdocumenten. Begin maart sprak het Politburo zich uit vóór hervormi ngen zoals Deng ze voorstond. Volgens het uitgebreide verslag van deze bijeenkomst van he t Politburo in het Volksdagblad, op zich al een zeldzaamheid na 1989, moest China " honderd j aar krachtig vasthoude n" aan economische he rvormingen en moest men "oppassen voor rechts" maar vooral '" links' de weg versperren". In het Part ij-jargon staat " rechts" voor neigingen naar democratie en kapitalisme. e n " links'' voor nadruk op ideologie, planeconomie e n marxisti sche orthodox ie. Bij het nemen van maatregele n diende men zich niet af te vragen of deze socialisti sch danwel kapitalistisch waren. maar diende men deze te toetsen aan de drie "of's": of een maatregel bijdraagt aan de ontwikkeling van de productiekrachten onder het socialisme, of het de kracht van de socialisti sche staat vergroot e n of het de levenstan-

daard van de bevolk ing zal verbeteren. Op de jaarlijkse zitti ng van het ationale Volkscongres van e ind maart 1992 werd duidelijk dat de hervormers aan invloed hadden gewonnen maar dat tegenstand nog steeds sterk was. Eén van de grootste verliezers van het Volkscongres was Premier Li Peng, wiens regeringsrapport met maar liefst 150 amendementen werd aangenomen. In de amendementen werden o.a. effectenbeurzen, en privé-ondernemingen geprezen en werd aangeduid dat de groei van de economie meer dan de door Li Pe ng voorgestelde 6% mocht bedragen. Tijdens de sluiting van het Congres werd weliswaar opgeroepen "te waken voor linkse neigingen en op te passen voor rechtse neigingen" maar voor de goede verstaander was di t slechts een afgezwakte versie van Deng's uitspraak dat het grootste gevaar van links komt. De conservatieve factie onder leiding van Che n Yun en Li Xiannian gaven zich niet gemakke lijk gewonnen en begonnen na Deng' s media-act een tegenoffensief. Zij poogden de verspreiding van de door Deng geïnspi reerde part ijdocumenten te saboteren e n zijn ideeën uit de media te weren. Z ij kregen daarbij de steun van de hoofdredacteur van het eerder genoemde Volksdagblad, Gao Di, die - constitutioneel gezien volkome n terecht - openlijk het recht betwistte van de gepensioneerde Deng om zich te bemoeien met de nationale politiek. Het feit dat nieuwe vergaande uitsprake n van De ng, gedaan tijdens zijn inspectiebezoek aan de belangrijke grote staatsonderneming Beijing Capita! Iron and Steel Complex, op 22 mei 1992, eerst vem;henen in de Shanghainese krant het Bevrijdingsdagblad, en niet in het nationale Volksdagblad, wijst op krachtig verzet in Be ijing. Tijdens dat bezoek ging Deng weer een stapje verder: hij zou gezegd hebben dat enige mate van chaos onvermijdelijk e n dus geoorloofd is bij het opzetten van een nieuw economisch systeem, dat momenteel wordt aangeduid met de term "socialistische markteconom ie". Foute n gemaakt tijdens het proces van de he rvormingen zouden vergeetlijk zijn, gebrek aan actie zou gestraft moeten worden. De kaarten steeds duidelijker geschud in het voordee l van de hervormers, haastten vele leiders, waaronder Partijsecretaris Jiang Zemin e n Premier Li Peng, zich in ieder geval in woord achter Deng's campagne door in hun speeches snelle en ingrijpende economische hervormingen toe te juichen. Ondertussen verscheen in het Volksdagblad een redactioneel commentaar met de boodschap dat er géén factiestrijd was binnen het leiderschap. voor iedereen het bewijs dat de strijd nog in alle hevigheid woedde. Vooralsnog lijkt he t erop dat Deng's opvattingen de ba is zulle n vormen voor de lijn die op het Veertiende Partijcongres zal worden vastgelegd. Maar met een overwinning voor de economische hervormers beginnen de problemen pas. Bij de hervorming van de econom ie zien de Ch inese leide rs zich voor een groot aantal problemen gesteld, vooral op langere termijn. In de eerste plaats stuiten economische hervormingen vroeg of laat op een gebrek aan politieke hervormingen. Economische ke uze n zij n vaak tegelijkertijd een politieke keuze. Een goed voorbeeld daarvan is het probleem van de staatsin -

jason Magazin e nr. 5. okt. 1992

3


Misschien bracht de:e hoed Deng op andere (economische) gedachten. (Foto: Jason)

duwie. Ruim éénderde van de ~laa t sbedrij­ ven in China lijdt vcrlic!>. nog een!> éénderde ~pech op zijn be!.t quine. de rest maakt winst. Om de staalsindustrie economisch gezond te maken. is men begonnen met het afschaffen van het systeem van de "drie ijzers··. de '"ijzeren rijstkom·· die staat voor een levenslang gegarandeerde baan. gesubsidieerd voedsel. gesubsidieerde huisvesting. en gratis onderwijs en medische .wrg: de "ij;.cren leunstoel" die staal voor een levenslang gegarandeerde posi tie voor hoge 1-.. ader!. en directeuren. of ze nu goed fu nctioneren of niet het "ijzeren loon··. tenslone staat voor gegarandeerd minimum inkomen voor arbeiders of ;.c nu werken of niet. Voor een bevolking die gewend is van de wieg tot het graf door de '>laat ver;.orgd te worden. komen onhlagen en toenemende on1.ekerheid hard aan. In het afgelopen jaar heefl dit bij een aamal bedrij ven al tot grote onrust onder de arbeiders geleid. met name in het oordoosten en het binnenland van China waar veelminder gelegenheid i!. tot het opzetten van een privé-onderneming dan in het Zu iden en waar de bevolking dus veel meer afhankelijk is van de "drie ijzers". Deze zomer werd in de media regelmatig vcrslag gedaan van incidcmen waarbij werknemers de leiding van hun onderneming aanvielen. Zo werd in de provincie Liaoning ten noorden van Beijing. in juni een werknemer geëxecuteerd nadat hij een kaderlid had doodgestoken, die hem tegen zij n zin had wi llen overplaatsen. In de binne nlandse provincie Shanxi werd onlang~ een 27-jarige fabrieksarbeider tot 15 jaar gcv angcni~~traf ve roordeeld nadat hij uit woede over tijn omslag op lijn baas had geschoten. De steu n onder de bevolking voor de economische hervormingen neemt af. Een }aso11 Maga:.i11e nr. 5. okt. 1992

rijmpje onder arbeiders gaat als volgt: voor de communistische revol utie van 1949 hadden we aardewerken rijstkommen, Mao Zedong gaf ons een ijzeren rijstkom en sinds de de hervormingen hebben we een porceleinen rijstkom die er weliswaar mooier uit ziet dan die van aardewerk maar even makkelijk stuk gaat. Een andere hervom1ingsmaatregel met ingrijpende politieke en sociale gevolgen. is hettoestaan van privé-ondernemingen e n vrije markten. In de eerste plaats ve rliest de staat met deze economi che versch ui ving haar greep op de productiemiddelen en op het prijssysteem. Mede als gevolg van het ontbreken van een adequaat belastingsysteem kunnen succesvolle ondernemers binnen korte tijd grote rijkdom vergaren en dit leidt tot ongewenste inkomensver chillen tu en bevolkingsgroepen, bijvoorbeeld tussen staatswerknemers e n privé-handelaren. Miljonairs zijn geen zeldzaamheid meer. De opening van effcctenlx:ur.t:en in Shanghai en Shenzhen. heeft hier nog een handje bij geholpen. Een slimme speculant kan binnen e nkele we ken zijn investering zien verhonderdvoudigen. Effectenbeurzen zijn niet alleen populair bij de bevolking die een totaal van één triljoen aan spaartegoeden te investeren heeft, ook bedrijven staan in de rij om aandelen op de beurs genoteerd te krijgen. De uitgifte van aandelen kan weliswaar een goede methode zijn om kapitaal te vcrgaren en om toezicht te houden op het management , maar beursnotering steil wel enige eisen aan bijvoorbeeld de boekhouding. Het opzenen van een doorzichtige boekhouding en de verplichting om verantwoording af te leggen tegenover aandeelhouders betekent machtsverlies voor de betrokken kade rs en leidt uit-

ei ndelijk tot verminderde invloed van de de staal. Planeconoom Chen Yun en de zijnen vcrzenen zich dan ook sterk tegen uitbreiding van het beurssy teem. Om de groeiende beurzen nog eens extra te rechtvaardigen kwam een Beijing Jeugd Krant recentelijk met het bericht dat Karl Marx zelf in 1864 in London in aandelen had gehandeld en zelfs f400 winst gemaakt had. Een laatste voorbeeld is China 's keuze om prioriteit te leggen bij de economische ontwikkeling van het kustgebied, de grensgebieden en het gebied aan de benedenloop van de Yangzi, zoals vastgelegd in het in het voorjaar verschenen Partijdocument r. 4. Deze concentratie op de makkelijkst te ontwikkelen regio· s betekent dat de achterstand van het binnenland steeds groter zal worden worden. De Chine e leiders zijn zich terdege bewust van deze en vele andere problemen. Politieke hervormingen zijn vooralsnog taboe maar wel werden in bovengenoemd Document r. 4 ook maatregelen aangekondigd om China's bureaucratie aan te pakken door verschillende ministeries samen te voegen, om macht naar de provincies te verschuiven, om Beijings controle over de staatsindustrie te verminderen en om een systeem van sociale zekerheid te ontwikkelen. Verder bepaalde het document de oprichting van twee nieuwe rcgeringsorgane n: het Bureau van Economie en Handel, ressorterende onder de Staatsraad, en een Bureau voor Rurale en Agrarische Hervormingen, eveneens onder de Staatsraad. De hervormingsgezinde Vice-Premier Zhu Rongji. die in het buitenland tot zijn ongenoegen wel eens wordt aangeduid als de "Chinese Gorbatsjov", krijgt de leiding over het eerstgenoemde bureau dat als taak heefl het dagelijkse economische werk te coördine-


ren en noodzakelijke bel>lil>l>ingcn te nemen. Het il> de bedoeling dat Zhu de lijn die Deng heeft aangegeven omzet in concrete maatregelen. Volgens Zhu Rongj i. die effectief de leiding heeft over de hervormingen, wordt de Chinese economie momentcel gekenmerkt door "vijf Snelle Groeiers". te weten het Bruto ationaal Product. industriële productie. krediet. investeringen in onroerend goed en import. door "vijf Gestage Groeiers". agrarische productie. marktverkoop. prijzen. export en aanbod van grondl> toffen. door "één Schaarste", transport, en "één Achterblijver", economische efficiëntie, dat wil 7eggcn lage winstgevendheid. De economische groei over de eerste helft van 1992 bedroeg 12%. het dubbele van de 6% zoals vastgelegd in het Achstc Vijfjarenplan en zoals nog dit voorjaar op het Volkscongres werd voorgcstaan door Premier Li Peng. et zoals eind 1987begin 1988 bestaat het gevaar van oververhitting van de economie en inOatie. Economen maken zich zorgen over de industriële inefficiëntie en het hoge niveau van investeringen zonder voldoende aandacht voor producti viteit. Directeur van Wereldbank voor de afdeling China en Mongolië. Shahid Javed Burki. waarschuwde China onlangs voor deze gevaren en adviseerde China een monetair instrumentarium te ontwikkelen om rente percentages en bankreserves te regu leren.

Zoals uit het boven taande blijkt. i!> het duidelijk dat Deng de strijd zal winnen. maar in hoeverre is niet zeker totdat tijdcnl> het Congres de nieuwe Partijlijn en de samenstelling van het Politbureau en het Centrale Comité bekend zullen worden gemaakt. Lijsten met benoemingen en ontslagen circuleren al maanden binnen de Partij en elke factie lekt zijn eigen voorkeurslij t doelbewu t uit naar de pers in Hongkong. Volgens één van de meest recente Hong Kong publicatie over het Veertiende Partijcongres zou de huidige President van China, Yang Shangkun, worden opgevolgd door Permanent lid van het Politburo Qiao Shi, die wordt beschouwd all> een met de wi nd meewaaiende opportuni t. Conservatieve leden van het Politburo. Song Ping, Yao Yilin en Li Ximing zouden worden vervangen door de verdienstelijke Mini l> ter van Buitenlandse Zaken Qian Qichen. de economische hervormer Zhu Rongj i en de veel gematigder hervom1er Zou Jiahua. Andere rijzende sterren aan het firmament zijn Vice-Premier Tian Ji yun, die zich de laatste maanden een actieve voorstander van de hervormingen heeft getoond. en Generaal Yang Baibing. Secretaris-Generaal van de Centrale Militaire Commissic en halfbroer van President Yang Shangkun. Over het algemeen wordt aangenomen dat de conservatieve Li Peng. die door velen binnen en bui-

ten Chi na ab hoofd:.chuldigc van het bloedbad van 1989 wordt aangewetcn. tijn functie van Premier zal behouden. Sinds enige maanden laat Li 7ich posi tief uit over de economische hervormi ngen en hij houdt de ui tvoering ervan niet tegen. Het doet de hervormers daarom minder kwaad hem te handhaven dan om met zijn ont!.lag hevige wcerl.tand op te roepen bij de conl>ervaticvc factie. Tenslotie is de grote vraag of het Pa rtijcong rc~ 1.ich zal uitlaten over de 1.aak van voonnalig Partij -Secretari ~ Zhao Ziyang. die in j uni 1989 van zijn fu nctie ont heven werd. Alhoewel Zhao's economische politiek in fei te door Dcng in ere is hersteld en enkele van zijn protcgé's bezig zijn aan een comeback valt een politieke rehabilitatie van Zhao voorlopig niet te verwachten. Alhoewel Zhao· s rechterhand en voormalig Iid van het Centrale Secretariaat. Bao Tong, als ~:onde­ bok voor de gebeurtenissen in 1989 is aangewezen en onlangs werd veroordeeld tot 1even jaar gevangenisstraf. zal zijn tcrugl...cer in de politiek nog niet aanvaardbaar ~: ij n voor de • orthodoxe facties.

Drs. I.M.A . d" Hooghe is rerbonden aan het Sinologisch lnstitulll \'On de RijJ..sunilwsiteit te Leiden.

MOVE TOWARD CAPl\ALISM I WE

oF CoURSE, AS WE CH\NESE

/

REIAlN 5oME oF TH(

TRAO\TIONS

of

(oMMUNI)M ...

-l

-

Tht CluUtian Scimc:c Momlor. Uls An&ea Times Syodicatc.

Carwon : Er heerst in het Westen ll'el enige scepsis m·er economische hen·ormingen in China. } ason Maga zine nr. 5. okt. 1992

5


Onstuitbaar

a als machtsfactor in de Pacific De Volksrepubliek China streeft naar een vreedzame internationale en regionale omgeving, om zo het ambitieuze economische hervormingsproces, dat in december 1978 van start ging als de Vier Modemiseringen (die van de landbouw, de industrie, het leger en de sector van wetenschap en technologie) te kunnen laten slagen. Het hervormingsproces, dat streeft naar verviervoudiging van het BNP en het inkomen per hoofd van de bevolking in het jaar 2000, lijkt, na het geruchtmakende bezoek van Deng Xiaoping aan Zuid-China in januari van dit jaar, nu met hernieuwde energie ter hand te worden genomen. Dit ten koste van de sinds 1989 ondernomen pogingen van de conservatieve fractie om terug te keren naar een door centrale planning gedomineerde commando-economie. Door Stefan Landsberger

Het succes van de modem i eringen moge blij ken uit de volgende cijfers: het gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking op het pl atteland steeg in de periode 1978- 1990 , in constante prijzen, van RMB 134tot RMB 630, een stijging met een factor van 3,7; het gemidde lde stedelij ke inkomen nam in dezelfde periode toe van RMB 6 15 tot RMB 2. 140, dus met een factor van 2,5. [I I Een vreedzame regionale omgev ing veronderstelt goed nabuurschap van de kant van de Vo lksrepubliek. In die zin kan dan ook het afzien van ideologische en militaire steun aan regionale onafhankelijkheid bewegingen in de regio, maar ook daarbu iten, al een belangrij ke bijdrage aan vreedzame verhoudingen worden gezien, een koer die in het begin van de jaren '80 is ingeslagen en die een einde maakte aan de actieve Chineese bemoeieni s met de interne aangelegenheden van derde landen. (Voor de goede orde, de acti viteiten van Scndero Luminoso - Lichtend Pad in Peru worden op geen e nkele wijze door China ge tcund. maar vinden hun in pi rat ie in de Chinese MaoĂŻstische ideologie zoals die opgeld deed ten tijde van de Culturele Revolutie.) 6

}ason Magazine nr. 5. okt. 1992

Bovendien spant men zich in om met zoveel mogelijk landen. zowel binnen als buiten de regio, goede betrekkingen aan te knopen. Van oudsher kwam dit al voort uit de Chine e pogingen Taiwan in internationaal opzicht te isoleren. [2 1 Goede economische betrekkingen kunnen ook goede politieke betrekkingen tot gevo lg hebben. Een goed voorbeeld hiervan zijn de ChineesZuidkoreaanse relaties, die, na vanaf 1986 lange tijd informeel e n economi sch van aard te zijn geweest, s inds kort offic ieel zijn aangegaan. Het Chineese bu itenlandse en veiligheidsbeleid. zoals dat vanaf het begin van de jare n vorm heeft gekregen, wordt dan ook in toenemende mate ingegeven door cconomiche overwegingen. Een recent voorbeeld zijn de contacten met de Association of SoulhEast Asian Nations (ASEAN) en de afzonderlijke landen die in de ASEAN veren igd zijn, die in de afgelopen jaren tot stand zijn gekomen. Maar ook het aanhalen van de betrekkingen met Vietnam en Laos kunnen zo geĂŻnterpreteerd worden. evenals de ontluikende relatie met Zuid-Korea, die overigens ten koste zal gaan van die met het ideologisch en economisch zo goed als fall iete oord-Korea, een

¡go

oude, maar in hoge mate onberekenbare bondgenoot. Haaks op deze ontwikkelingen lijken de problemen te staan die de jaarlijkse toekenning van de Most Favored Nation (MFN)-status voor de Verenigde Staten in toenemende mate veroorzaken. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken James Baker 111 leek, tijdens zijn laatste bezoek in november 199 1, nog iedere politieke concessie van de zijde van Peking te moeten bevechten om toekenning van de MFN-status aan China voor het Amerikaanse Congres te kunnen rechtvaard igen. Het laat zich echter aanzien dat, nu de macht van de hervormers weer aan het toenemen is, in Peking het besef zal doorbreken dat het toch vanuit het economisch eigenbelang noodzakelij k is dat de grootste buitenlandse afzetmarkt voor Chinese produkten toegankelijk blijft. Daarnaast staan ook diverse andere vormen van nauwe samenwerking binnen en buiten de regio op stapel, die een voornamelijk economi eh karakter hebben. Te noemen vallen het Asian Pacific Economie Cooperation Forum (APEC}, waarbinnen alle aan de Pacific gelegen landen zij n verenigd; de toetreding van zowe l China al Tai wan tot de


GA 1T (Ge neral Agreement on Tariffs and Tradc): maar meer in het bijzonder nog de Chinese Economi chc Gemeenschap (een door Taiwan voorgesteld economisch samenwerkingsverband. dat nu nog bestudeerd wordt, waari n. in eerste instantie. Zuid-China me t Hongkong, Taiwan en Singapore zitting zullen nemen). Desalniettemin bestaan er potentiele gevaren voor de labiliteit in de regio. zowel ingegeven door economische als door politiekc ontwikkelingen: Economische gevare n voor stabiliteit zijn allereerst connieten die voortkome n uit de wens c.q. noodzaak natuurlijke reserves te waarborgen. in het bijzonder eilande ngroepen in de Z uidchine e Zee zoals de Spratly's, die door vcrscheidene lande n worden betwist en waar grote hoeveelheden fosfor. olie en aardgas worden vermoed. In het kader van de APEC heeft China voorgesteld deze reserves in gcmee nschappelijk verband te exploreren en. indien commercieel verantwoord. te exploiteren. [3] De Se nkaku (Diaoyutai, of Pe cadoren) kunnen daarentegen tot een politiek conniet leiden. waarbij China mogelijk samen met Taiwan, tegenover Japan zou komen te staan. Ve rde r kunnen er conn ieten ontstaan door economi sche conc urrentie, voortkomend uit de krachtige economische groei van ande re landen in de regio, in het bijzonder Indonesië. Thailand e n Maleisië. Politieke gevaren voor de Mabi liteit in de regio komen voort uit: eventuele onregelmatigheden in de aanloop naar de te rugkeer van Hongkong onde r Chinees bestuur in 1977: tegen deze cventualteit ple it he t gegeven dat de aanslui ting van Hongkong bij de Volksrepubliek, volgend het 'ee n land, twee systeme n '-principe. in de ogen van Pe king een blauwdruk moet vormen voor de terugkeer van Taiwan onder centraal Chinees gezag; eventuele Chinese militaire ouvertures in de richting van Taiwan, die voornamelijk zouden worde n ingegeven door een toeneme nd streven naar onafhankelijkheid van de opposit ie beweging DPP ( Democratisch Progressieve Partij). d ie actief is op het eiland sinds het opheffen van de staat van beleg in 1988; 141 een meer ui tgesproken rol van Japan in de regio, en de Chinese reactie daarop; en eventue le ambities van China om in het machtsvacuum dat is ontstaan door de verminde ring van de Amerikaanse en Sowjetpresentie, een s ignificante rol te spelen.

Is China een regionale machtsfactor om rekening mee te houden ? Het antwoord hierop kan nie t anders zijn dan een volmondig: ' Natuurlijk'. Het is het grootste land in de regio. maar daarnaast ook nog eens een economische re us die aan he t ontwaken is. en als zodanig een potentieel economisch zwaartepunt, dat in de volgende eeuw gestalte zal kunnen krijgen. Dit potentieel blijkt eens te meer nu de hervormingen weer ter hand worde n genome n, en Zuid-China. in het bijzonder he t in hoge mate verhongkongiseerde e n vertaiwaniseerde Kanton, al voorbeeld voor de rest van de natie wordt hooggehouden. Daar heeft het he rvorming beleid, ondanks de kille conservatieve wind die de afgelopen jare n uit Peking heeft gewaaid. duidelijk wortel

ge choten. Daar kan men ook. zij het dan nog slechts in embryonale vorm, een gl imp waarnemen van een volledig gemoderniseerd China. Deng Xiaoping heeft niet voor nie ts de wens uitgesproken dat Kanton binnen twintig jaar de ' Vijfde Tijge r' moet worden, naast Zuid-Korea, Singapore. Hongkong en Taiwan. Bovendien is China een land dat zich steeds meer ktaannaaki voor marine-ac tivite iten die tot ver buite n de eigen te rritoriale wate re n kunne n reiken. De ontwikkelingen van een 'blauw water-marine '. voorzien van vliegdekmoede rschepen [5], ter vervanging van wat nu in essentie een zeemacht is met kustwacht-functies. een wens die sinds het eind van de j aren '70 door Pek ing wordt gekoeste rd. moet dan ook voomarnelijk worden gezien vanuit de optie k van eventuele verdedig ing van aanspraken op natuurlijke hulpbronnen. Hetzelfde ge ldt voor de pogingen die Pe king onderneemt om de hand te leggen op de zogenaamde air-refueling- technologie voor de luchtmacht: om he t bereik van de luchtmacht in de Zuidchinese Zee te vergroten is China al begonnen met de aanleg van een landingsbaan e n daarmee gepaard gaande facilite iten op de Paracel-eilande n.

"Fuqiang, het land weer sterk maken, geldt als een der hoofddoelen van het huidig moderniseringsbeleid." Ook mag nie t worden vergete n dat China een nucleaire capaciteit heeft. Di ver e schattingen van het totale nucleaire ar e naal levere n de volgende cijfers op: acht ICBMs (CSS-4) met een kernladingvan 5 megaton en een bereik van 12.900 km ; zes iC BMs (CSS-3) me t een kern lading van 3 megaton en een berei k van 7.000 km ; 60 IRBMs (CSS-2) met een kernlading van 2 megaton en een bereik van 2700km: 50 MRBMs (CSS- 1) me t een kernlading van 20kiloton en een bereik van 1.1 00 km: 12 SLBMs (CSS -3) met een kernlading van 2 megaton e n een geschat bereik van 2.200 tot 3.000 km; en ruim 1.300 stuks tactische slagveldwapcns. [6] Hoewel de langverwachte Chinese toetreding tot het on-Prolife ratie Ve rdrag in maart van dit jaar heeft plaatsgevonde n, zijn e r nog geen stappen gezet op het te rrein van nucleai re ontwapening. De Chinese posi tie is in wezen vergelijkbaar me t de Franse: zolang de nucleaire arsenalen van de Ve re nigde Staten en de voormalige Sovjetunie nog niet tot een acceptabel ni veau zijn teruggebracht. blijft het noodzake lijk een e igen nucleaire vcrdedig ings- dan wel vergeldingscapaciteit te handhaven. Ook op het gebied van de handel in en overdracht van nucleaire technologie en goede re n, die in het verleden onde r andere plaatsvonden in de richting van Pakistan, Iran, Algerije en Syrië, is tot nu toe nog geen concreet resultaat van toetreding tot het NPV waar te nemen. Plannen voor he t efficiënter, en ook mobiele r maken van het Volksbevrijdingsleger, e n de feitelijke groei van het defensiebudget, zulle n de buurlanden niet echt tot rust kunnen stemmen; sinds 1989 is de defcnsie be-

groting toegenomen met de helft. tot een bedrag van US$ 6,8 miljard in 1992. Het lijkt bovendien niet waarschijnlijk dat deze groei in defe nsiegelde n in de Chinese activiteiten in de inte rnationale wapenhandel zal doen afnemen. Aan het begin van het hervormingsproces, in 1978, werd nog geste ld dat de modemisering van het Chinese leger budgettair ne utraal moest zijn. De wapenexporthandel werd al snel door kinderen van hoge Partij-kaders gemonopoliseerd. die zich op grond van hun fam iliebetrekkingen aan de matige inv loed of controle van de politiek konden onttrekke n. Deze sector bleek de meest aangewezen bron van inkomsten voor militaire modc miseringsfondsen of voor hoogwaardige militaire technologie. China heeft zich in mondiaal opzicht genesteld op de vierde plaats van landen die wapens leveren; in de wapenstroom naar de De rde Wereld neemt China ze lfs de derde plaats in. In de goede oude tijd , toen de wereld nog gemakkelijk in supermogendheden e n hun strategische invloedssferen kon worden ingedeeld. werd Chi na e igenlijk altijd beschouwd als de de rde grote mogendheid, zonde r dat het dat, in termen van feitel ijke economische prestaties of mi litaire macht, ook werkelijk was. aannatc China zich in economische e n politieke zin vcrder ontwikke lt . ne me n de e igen aspiraties te n aanzien van de status van de grote mogendheid toe. Weliswaar bevindt het land zich in militair en economisch opzicht dan nog wel in de schaduw van Japan, maar China zou Ch ina nie t zijn als het nie t meer ambieerde. Fuqiang, het land weer 'rijk e n ste rk maken' , zoals in de dagen van he t kcizcrreik, geldt per slot van rekening als één de Vier van de hoofddoelen van Moderniseringen. en dat streven heeft dan ook duidelijke militaire e n politieke connotaties. Volgens sommige waarne me rs zal Chi na, indien he t nu weer ingeslagen pad van hervormingen met succes en zonder verdere haperi ngen wordt gevolgd. voor het jaar 2000 de belangrijkste economi sche, en daardoor ook politieke macht op het Aziatische continent zijn geworden. Als zodanig za l dan een geduchte conc urre ntie met Japan e n andere, pote ntiële economische grote mogendheden in de regio, worden aangegaan. Daarnaast is he t interessant om vast te stelle n dat binnen China al geruime tijd wordt gedacht over een niet al te verre toekomst waarin de Communistische Partij niet meer als zodanig actief za l zijn. De inspiratie voor een ideologie ter vcrvangi ng van het communisme werd in de tweede helft van de jaren '80 vooral gezocht en gevonden in het 'nco-autoritaire model', geïnspireerd op de politiekautoritaire systemen van state n als ZuidKorea, Singapore, Taiwan en Hongkong, de 'Vier Tijgers'. 171 a het 'Tian·anmen Incident' in juni 1989 was iedere twijfel aan het communisme enige tijd anathema. Maa r de afgelopen twee jaar is men weer voorzichtig begonnen met het formule re n van een politie k alternatief voor het tijdperk na Deng Xiaoping, nu in de vorm van he t zogenaamde 'neo-conservatismc'.l8] Beide theorieën gaan uit van de vorming van een. in politiek opzicht. autoritair bestuur, waarbinnen de macht van de regerende Partij gewaarborgd zou blijven. gekoppeld aan een econom isch

jason Magazine nr. 5. okt. 1992

7


lais~ez-faire-bele id: het ·neo-corhervatisme ·. en dat i~ een saillant detail. ~chrikt echter terug van de door de ·Vier Tijgers· toegepaste. volledige privatisering van de staatsindu trie.

191 De politieke gevolgen van een dergelijk ideo l ogi~che ont-wikkeling L.ullen ingrijpend L.ijn. De mogelijkheid van een politieke component ter aanvulling van de Chinese Economische Gemeenschap in oprichting zou de machtsverhoudingen in de regio op een • zeer vérstrekkende wij;e herschikken..

Drs. S. Landsberger is t·erbonden aan het Sinologisch lnstilllut ran de Rijksuniversiteitte Leiden. Dit artikel is overgenomen met toestemming ran auteur en redactie uit lret j uninummer 1992 van de lmernationale Spectawr. maandblad mor imemationale politiek van lret Nederlands lmtituut I'Oor /mernationale Betrekkingen Clingendael te Den

8

} ason Magazine nr. 5. okt. 1992

Haag.

ent Wc,tvoew Prcss.l991). bl7 79-117.

-.on ::-.

(5 ( Chona ovef"eegt on dit \Crband O\Cf te gaan tot de aan\Ch:of '""de Val)ag. het t"'eede vloegdek onoede~hop '.m de Ru'""'he NoordeloJlc Vloot.

11 /.oe llong Kong Trade Dc\clopment Councol Rc..carch Dcpanment. 'China\ Con,umcr Marl. et·. in Tr.odc Dcvclopmcnt,, maan 1992. bit. l 121 llocrboJ "'ordt door de Voll,rcpublocl de zogenaamde e \ clu"votcot..clau'ule gch:onteerd. die onhoudt dat een land dat Tao.,an officoeel crkem. geen banden met Pe loog kan onderhouden. l.o "erdcn. nadat Chona on <eptember 199 1 de Balto..che Staten h:od erkend . de betrellongen met Letland on fcbru.on I 992 verbroken. omdat Riga ontvanke lijk bleek voor de dollar doplomacy die door Taowan ""erd gevoerd. en de opemng van een Tuiw~mcc\ comulaat -gcncra~tl toc ~tond . Zie Chimo Altucll. rc'pec tievclijk januari 1992. bit 23. en februari 1992. bit 6.1 en B.B.C.: Summary of Wo rld Broadcasts. FE 1.114(26 februari 1992).Al\1. 131 llaaJ.., op dit vooNel staa t een op 25 fcbruan 1992 dtKor de Pem1anente Commi"oe van het ationale Voll.. \Congrc' aangenomen "'Cl. "'aarin de Spratl)-. Paracelen Pc...:adoren-colandcngroepen tot Chinees grondgebied "'orden \Crllaard ZoeFarEastem Economie Revie ... 12 maan 1992. bltl!-9. 141 Z oe Roben G. Sutter. 'The U.S.- PRC-Tai"an Triangular Rclutoonshop Aftcr Tiananmen ·. on Richard H. Yang (cd.). China·, Military: The PLA on 1990/ 1991 ( Boulder.

161 Z oe onder andere Jane·, Speci:ol Repon . China in Cro-,c,. noc Role of the Mili tairy (Coul<hon: Jane'' lnfotm1:otoon Group Ltd .. 19119) blz 109-116: en Western Europcan Sccunt): Dcfence lmplocatoon' of the pcoplc's Republoc of Chona·, Evolving Geopolitocal Sotuatoon. repon 'ubonottcd Jt the Thiny-Fifth Ordcnary Se'"on of the A'\Cmbl) of the Wc,tcm European Unoon. 6 november 1989. bit 19. 36-27.29. 171 Zie Harold Watcnnan. 'Which W:o y to go? Four Strategie' for Demoeratint ion in Chinco.c lntcllcctual Circle~ · on Chinalnfonn:otion. vol 5. no.l (Summc r 1990). bit 14-33. (8( Zie Barry Sautman. · Sircos of thc Strongman: o co- Authoritarianism in Recent Chinese Politica I Thcory·. in: Thc China Quancrly 129 (maan 1992). bil 72- 102. 191 Dot 'alt te verklaren uit het feot deal de staatsondu,tnc door de venegen.,oordogers van de Cbinese Commun"tosche Panij nog wordt ge7.Jen als de economische voor polotoel..e macht. Zie Willem van Kemanade. 'Chona: ·w ee, moediger met hervonningcn ·. in NRC llandcl,blad. 24 apnl 1992.

ba.'"


I

obhztnting

erikaanse handel en wandel • m Oost-Azië De politieke aanwezigheid van de Verenigde Staten in Oost-Azië is niet van vandaag of gisteren. De Filipijnen waren gedurende de eerste helft van deze eeuw een kolonie van de V.S. , de Japanse grondwet werd nagenoeg gedicteerd door een Amerikaanse generaal en de oorlog in Vietnam hield jarenlang de Amerikaanse gemoederen verhit. Over de huidige stand van zaken vertelt Ruud Janssens.

Oost-Alië i een belangrijke regio voor de Verenigde Staten. Eind vorig jaar schreef James A. Baker 11 1. toen nog Amerikaans minister van Buitenlandse Zaken: "The Asia-Pacijic region is now America· s large st trading partner. America' s trans-Pacijic commerce is 11011' more rhan $300 hiliion in omwol twolWI)' trade - neorly one-third lorger than that acToss the Atlant ie. The Unired States exports more to Thailand than to the S01•iet Union. more 10 l ndonesia rhan to centraland eostem Europe and more 10 Singapore rhan to Spaif1 or ltaly." Ook al ziet Baker op handelsgebied Oost-Azië als één regio, op po litiek gebied ligt dat anders. Vergeleken met West-Europa is er bijvoorbeeld geen overkoepelende organisatie als de AVO of de EG. alhoewel er sinds kort een poging tot algemeen overleg wordt ondernomen in de Association for Pacific Economie Cooperation (APEC), een samenwerkingsverband tussen Australië. Nieuw Zeeland. de ASEA . Volksrepubliek China, Taiwan. Hong Kong. Japan. Zuid-Korea. Canada en de V.S. Een ander verschil met Europa is dat de Koude Oorlog nog niet helemaal voorbij lijkt te lijn in Oost-Azië. met de

aanwezigheid van staten als oord-Korea. Vietnam en China. Het Amerikaanse beleid in Oost-Azië i geen regio-omvattend beleid, maar bestaat uit bilaterale betrekkingen met de diverse landen. De algemene teneur van de Amerikaanse aanpak is du idelijk: voor vrij handel, voor het verdedigen van Amerikaanse (handels-) belangen en voor mensenrechten. Maar omdat de landen in Oost-Azië zo sterk verschi llen van een communistisch China, tot een opkomend industrieel land al Zuid-Korea. tot een industriële grootmacht als Japan verschilt het Amerikaanse beleid binnen de regio in veel gevallen. Sinds de Sovjetunie als vijand is weggevallen is het opstellen van een Amerikaans vei ligheidsbeleid niet makkelijker geworden. u de grote vijand verdwenen is, is het politiek onhoudbaar geworden om de hoge defensie-uitgaven op het bestaande pei l te handhaven. zeker gezien de economische crisis waarin de Verenigde Staten zich bevinden. Bij een vermindering van de Amerikaanse militaire aanwezigheid in Oost-Azië is het niet ondenkbaar dat de di verse internationale spanni ngen zullen oplopen. Eventue le conn ieten zu llen voorname lij k van lokaal karakter zij n, waarbij

een Amerikaans ingrijpen niet voor de hand ligt. Een toename van de spanning kan nadelig zijn voor de grote Amerikaanse handelsbelangen in de regio. Om de spanningen in Oost-Azië te verminderen en tegelijkertijd Amerikaanse troepen te kunnen terugtrekken is het van belang dat de Verenigde Staten internationaal overleg in de regio stimuleren. Dat overleg zal meer moeten omvatten dan het uitvechten van handelsconnicten, zoals nu het geval is. De bescherming van de Amerikaanse nationale markt door het instellen van handelsbeperkingen en het verlangen van veranderingen in andere landen is niet de juiste benadering in een tijd waarin multinationale ondernemingen zo'n grote rol spelen. De internationale economische vraagstukken kunnen beter worden opgelost vanu it een sterke economie. Daarom zouden vooral de binnenlandse problemen in de Verenigde Staten moeten worden aangepakt, om te komen tot beter lager- en middelbaar onderwijs, een betere infrastructuur, beter management en een lager overheidstekort. Wanneer aan deze kwesties aandacht wordt besteed, hoeft een Amerikaanse president in zijn verkiezi ngsstrijd ook niet meer het bui tenlands beleid op lange-termij n op te offeJ ason Magazine nr. 5, okt. 1992

9


ren aan de stemmen d ie hij op korte te rmijn nodig heeft. De bet rekkingen met Japan zijn zeer belangrijk voor de Verenigde Staten. In Japan zijn 60.000 Amerikaanse militairen gelegerd, waarmee het de belangrijkste militaire standplaats van de Verenigde Staten in Oost-Azië is. Sinds de Tweede Wereldoorlog zijn daarover nauwelijk s proble men geweest met de J apanners . Minstens zo belangrijk als de stabiele militaire relatie zij n de handelsbetrekkingen. Na Canada is Japan het land waar de Verenigde Staten het meeste handel mee drij ft. Bovendien financieren Ja panne rs een belangrijk deel van het Amerikaanse begrotingstekort. Toch is de re latie met Japan ni et zonder problemen. De oorzaak van de onderlinge spanningen is het handelsoverschot dat Japan met de Verenigde Staten heeft e n de economische crisis. Regelmatig. en zeker in verkiezingstijd. wordt gedaan alsof uitsl uitend het terugbrengen van he t handelstekort met Japan de noodzake lijke verbetering van de Amerikaanse economie in zou houden. De veronde rste lling is dat als er mi nde r belemmeringen zouden zijn om produkten in Japan te verkopen de Amerikaanse economische crisis en het handelstekort vanzelf worden opgelost. Dit is een veel te simpele oplossing. Ofschoon e r zeker handelsbelemmeringen zijn in Japan (net zoals in de Verenigde Staten trouwens). valt het bijvoorbeeld te betwij felen of Japanners wel zo geïnteresseerd zijn in de huidige Amerikaanse produkten. Zo zijn met name Ame rikaanse auto's te groot voor de Japanse wegen en verbruiken ze teveel brandstof vergeleken met J apanse e n Europese auto's. Bovendien zal bijvoorbeeld General Motors. de grootste Amerikaanse autofabrikant, pas eind 1995 een auto op de markt brengen me t het stuur aan de rechterkant. aangepast aan de Japanse verkeerssituatie. Multinationale ondernemingen maken de situatie nog gecompliceerder. Een bedrijf dat oorspronkelijk Japans of Amerikaans was, hoeft dat nu niet meer te zij n. Dat bleek onlangs toen het plaatsje Greece in de staat ew York een graafmachine aanschafte. In de traditie van " Buy American" werd beslote n geen Komat su graafmachine aan te schaffen ook a l was die 15.000 dollar goedkoper maar een John Deere. Naam e n oorsprong van de bedrijven bleken echter misleidend te zijn. De Komatsu werd in lllinois gebouwd. terwij l de John Deere in Japan werd geassembleerd. Dit is geen uitzondering. gezien bijvoorbeeld het belang van IBM Tokio in he t Amerikaanse IBM-concern e n gezien het feit dat Honda de grootste producent van auto's in de Verenigde Staten is. He t be lang van de handelsbele mmeringen wordt trouwens overschat. Volgens het General Accounting Office, de Rekenkamer van het Amerikaanse Congres. veroorzaken handelsbelemmeringen slecht vijf procent van het handelstekort. Het is ook niet correct om de Amerikaanse economische problemen te koppelen aan het Japanse succes: de Japanse ex port naar de Verenigde Staten bedraagt nie t meer dan zes procent van de jaarlijkse produktie van de Amerikaanse economie. Amerikaanse politici blijven echter hun verwij ten richten aan het adres van Japan, 10

jason Magazine nr. 5. okt. 1992

het zogenoemde "Japan-bashing". Zowel de voormalige Republikeinse presidentskandidaat Pat Buc hanan als de voormalige De mocratische kandidaten Bob Ke rrey e n Jerry Brown keerden zich tegen " het Japanse gevaar". Toch bracht he t ze geen stemmen op. Al eerder, uit een opiniepeiling in 1990, was gebleke n dat slechts bij drie procent van de Amerikanen he t handelsconflict met Japan invloed op het stemgedrag had, terwijl problemen als inflatie (werd door 35% van de kiezers belangrijk gevonden) en het creëren van banen (was voor 30% van de kiezers belangrijk) bepalend waren. Uit een recente opin iepeiling van de Wall Street Joumal en het te levisiestation NBC werd duidelijk dat slechts 19 procent van de Amerikanen Japan de schuld geeft van de economische malaise, terwijl 53 procent de schuld legt bij Amerikaanse managers en vakbonden. In dit geval lijken de kiezers beter op de hoogte te z ijn van de ware problemen dan de politici. Op korte term ijn moet het bela ng van Japan-bashing niet worden overschat. De militaire en economische band tussen de Veren igde Staten en Japan blijft sterk. De culturele tegenste llingen ru ssen beide landen mogen echte r nie t veronachtzaamd worden. Er is sprake van een groot onde rling wantrouwen zoals bijvoorbeeld bleek in 1988 toen President Bush een verdrag met de Japanner voor de gezame nlijke ontwikkeling van een militair vliegtuig (de FSX) openbrak , omdat het Congres dacht dat de Japanners te vee l de beschikking over Amerikaanse technolog ie zouden krijgen en er te weinig werk en technische vindingen voor terug zouden geven. Sindsdien zijn de verhoudingen niet echt verbeterd. Hatelijke opme rkingen worden over en weer geplaatst en kunnen op lange termijn wel degelijk de relaties verslechteren. Een recent dieptepunt was de uitspraak van Yoshio Sakurauchi , de voorzitter van de Japanse T weede Kamer, die zei dat Amerikaanse arbeiders lui e n grotendeels ongeletterd zijn,

"Militaire aanwezigheid van de V.S. in Oost-Azie kan andere landen ervan weerhouden conflicten te beginnen." waarop Senator Ernest F. Hollings aan Ame rikaanse fabri eksarbeide rs voorstelde om een paddestoelvormige wolk te tekenen en daaronder te schrijven: "Made in America by

lazy and illiterate workers and tested in Japan " . He t zou goed zijn als Ame rikaanse po litici zich eens het belang van de relatie me t Japan gaan realiseren en niet alleen uitgaan van bijvoorbeeld min of meer lokale belangen in Michigan (waar de a uto-industrie zware klappen te verwerken heeft gekregen). Japanners investeren ook op grote schaal in de Verenigde Staten, waarbij onder andere fabrieken worden opgezet waarin Ame ri kaan e arbeide rs werken. Japanners zien dientengevolge ook graag een ste rk Amerika, iets dat verstevigd wordt door het gemeenschappelijk veiligheidsbelang. Bovendien hebben de Japanners Amerikaanse staatsobligaties in do llars gekocht en een zwak Amerika

me t een lage dollar betekent groot financieel verlies voor de Japanners. Juist een Amerikaanse president zou een leidende rol moete n spele n bij he t veroordelen van anti-Japanse sentime nten. Dat is in schrille tegenstelling met het gedrag van Bush die afgelopen januari naar Japan ging met een delegatie die voor een belangrijk deel bestond uit anti -Japanse autofabrikanten te rwijl hij uitriep te gaan voor "jobs, jobs, jobs", suggererend dat vooral Japan schuld had aan de Ame rikaanse werklooshe id. Onlangs kondigde president Bush aan dat er ongeveer 150 F-16 jachtvliegtuigen aan Taiwan zulle n worden verkocht. Daarmee offerde Bush een bestaand buitenlands beleid op aan binnenlandse problemen e n het winnen van ste mme n voor de nadere nde verkiezingen.Sinds de reis van President ixon naar China in 1972 is de positie van de Volksrepubliek in het Amerikaans buitenlands beleid steeds voornamer geworden, terwijl die van T aiwan afnam. In 1979 verzekerde het Congres Taiwan nog dat de Ve re nigde Staten altijd "genoeg" wapens zoude n leve re n om het land in staat te stelle n zich te verdedigen. In 1982 tekenden echter de Amerikaanse en Chinese regering een verdrag waarin Washington beloofde de wapenhandel met Taiwan te verminde ren. Bush, op dat moment vice-president en voormal ig ambassadeur in China, had zic h nadrukke lijk ingezet voor dit akkoord. Toen in 1989 de betogingen op het Plein van de Hemelse Vrede met geweld werden beëindigd, was de publie ke opinie in de Ve renigde Staten geschokt. In het Congres werd het mensenrechte nbeleid van China veroordeeld . Er werd tevens gewezen op het feit dat China wapens verkocht aan landen als Birma en Syrië e n kernwapentechnologie aan Algerije leverde. Een ander bezwaar was dat de Chinese textiel industrie de Amerikaanse bedreigde door produkten in werkkampen te laten make n. President Bush wilde echter de handelscontacten me t China gaande houden. Hij wees e r op dat China te be langrijk is om te negeren. China zit in de Veiligheidsraad, kan een voorname rol spe le n in het oplossen van reg ionale conflicten (het land heeft banden me t meerdere Cambodjaanse groeperingen en contact met beide Korea's) en kan helpen de internationale wapenhandel te beheersen. Bovendie n is Bush van me ning dat de Chinese politiek beïnvloed kan worden via voortdurende economische contacten. James Bake r omschreef dat als volgt: "The natura/ partner

of market-oriented economics is politica/ pluralism. The pub/ie accountability that is the hallmark of demoeratic politica/ systems is also the hest check against tyranny and aggression." De verande ringen van het politieke systeem zouden moeten gaan plaatsvi nden via de Natura) Economie Te rritories, ook wel de Chinese Economische Gemeenschap genoemd, zoals de Chinese provincie Guangdong in relatie met Hongkong. He t Congres kon zic h niet vinde n in de opvattingen van Bush en Baker en probeerde in 199 1 China de Most Favored Nation-status te onthouden (ondanks de te rm is dat de normale handelsstatus die elk land met de V .S. heeft). President Bush sprak zij n veto uit over dit initiatief e n in het Congres kon geen twee-


De Amerikaanse regering streeft naar een blijvende militaire aanwe:il(heid in de Pacific. ( Foto S.F. Milia) derde meerde rheid worde n gevonden om het ve to te doorbreken. Die tweede rde meerde rheid werd voorkome n door sterk lobbyen van Bush. daarin geste und door pressiegroepen als de Ame rikaanse textielimporteurs. vliegtuigfabrikanten (die een grote order uit China hadde n gekregen) en graanexporteurs (China is de grootste afnemer van Ame rikaans graan). Met de te un van deze economische pressiegroepen kon de Amerikaan e regering handel blijven gebruiken als een politiek instrument. Met de mogelijke verkoop van de F16's aan Taiwan is dit pro-Chinabeleid van Bush plotseling doorbroken. China beschouwt Taiwan al s een Chinese provincie e n wil nie t dat het land verder bewapend wordt. De Chinese regering dreigt met opzegging van de samenwe rk ing met de Verenigde Staten in de Veiligheidsraad en met hervatting van wapenvcrkoop aan totalitaire regimes. De verkoop van F- 16's aan Taiwan garandeert daarentegen drieduizend bane n in Texas. een staat die belangrijk is voor de mogelijke herverkiezi ng van Bush. Het beleid van Bush in Azië is door de jaren heen .. veelzijdig.. geweest. Inzake China is het de bedoeling he t land politiek te ve randeren door handel te drijven. In het geval van Vietnam mocht e r juist geen handel gedreven worden. Sterke r nog. Transav ia werd vorig jaar verboden om een Boeing 737 aan Vietnam te verhuren. uit angst voor overdracht van hoogwaardige technologische ke nni s. De Ve re nigde Staten voorkomen tevens. door hun veto-recht , dat Vietnam steu n krijgt van instanties als het Internationaal Monetair

Fonds. Vietnam moet politie k verande rd worden door geen handelmet he t land te voere n. De offïciële reden voor het Amerikaan beleid was niet de verloren oorlog in Vietnam, maar de Vietnamese inval in Cambodja in 1978 en het tegelijke rtijd geslote n verdrag tussen Vietnam en de toe nmalige Sovjetunie (waarbij de Sovj ets gebruik mocht maken van luchtmacht- en marinefacilitei ten in Vietnam). Al voorwaarde voor een verbete rde relatie stelt de Amerikaan e regering dat de s ituatie in Cambodja tot een oplossing moet komen. Maar er is een andere kwestie inzake Vietnam d ie in de Verenigde Staten veel gevoeliger ligt. Er zijn nogal wat Ame ri kaanse burgers en Congreslede n die e r van overtuigd zijn dat e r zich nog Amerikaanse krijgsgevangene n in Vietnam bevinden. Deze kwestie. de zogenoemde " Pri oners of War/Mis ing in Action''-kwestie (POW/MIAkwestie). moet eerst opgelost worden voordat er sprake zal zijn van een echte verbetering van de relaties. De voormalige onafhankelijke presidentskandidaat H. Ross Pe rot haa lde deze kwestie in de verkiezingsstrijd nog aan. om aan te geven dat de Amerikaanse regering zich niet echt inzet voor haar landgenoten. Washington heeft overigens niet alleen maar conniete n met naties in OostAzië. Met de ASEA landen bestaan er goede relaties. zowel op het gebied van handel als inzake militaire veiligheid. Cambodja blijft een probleemgebied, waar de Amerikaanse regering zich echter nie t expliciet mee bemoeit, maar vcrtrouwt op de Verenigde Naties.

De kalme benadering van Cambodja is een uitzondering in het beleid van de regering Bush. Over het algemeen worden de spanningen in de regio niet venninderd. met een harde politie k ten opzichte van Vietnam, een mak kelijk veranderend China-beleid en een strategie te n opzichte van Japan waarin het handelsconniet benadrukt wordt. Met een afnemende Amerikaan e militaire aanwezigheid is er een kans dat de spanningen in de regio alleen maar toenemen. De Verenigde Staten hebben op he t ogenblik 130.000 militairen in Oost-Azië. Minister van Defensie Richard Che ncy heeft aangekondigd dat de troepenomvang e ind 1992 me t twaalf procent zal zijn afgenome n. Tevens zal zo rond 1995 he t aantal Amerikaanse marineschepen dat wereldwijd in de vaart is van 600 naar 350 zijn gebracht. u de Koude Oorlog ten einde is en de Amerikaanse econom ie wel en ige s teu n kan gebruiken. lijkt dit een verstandige besluit. Maar de Verenigde Staten waren niet alleen vanwege de dreigi ng van de Sovjetunie militair aanwezig in de Stille Oceaan. Er zijn alle rlei mogelij ke reg ionale connic te n. zoals tussen China en Taiwan of oord- en ZuidKorea of over diverse ei landen in de Stille Oceaan. die Amerikaanse belangen kunnen schaden. Het Amerikaanse Ministerie van Defensie pleitte dan ook in zijn be leidsvoornemens van 1990 voor een permanent sterke Amerikaanse aanwezigheid in Oost-AL:ië: " .. . our military presence sets the stage for ow· economie ini'Oh•ement in this regirm. With a

Vermig op pagina 14

Jason Maga:Jne nr. 5. okt. 1992

11


JASONCOJ 'Understandin Main Theme: Dutch and European re lations with the Far East, developments in this region , and the role and position of the countries of the Far East in the world; mainly from an economie per pective. Date: October 22nd The economies of the Far Eastem countries, Japan , South Korea, Taiwan, lndonesia and Singapore have been booming. The consequences are feit over the world. Still, these countries are deeply historically divided amongst cachother and the fast progress came only at considerable cost to their societies. The past year the countries of the Far East were faced with turmiol in their relationships towards cachother and international suspicion of their aspirations and methods. How does this all affect Dutch trade? What should be our reaction tothese developments? Let's try to understand the Far East.

Program: I0.00

coffee

10.30

opening address- Prof. Bintoro Tjokroamidjojo, Indonesian Ambassador to The Netherlands.

Introduetion lectures: 10.45

11 . 15 11.45

12. 15

12

' Dutch foreign economie policy towards Far Eastem countries' Mr. F.P.R. van ouhuys, Dutch Ministry of Economy, Dep. Director-General Foreign Economie Relations. ' Comparing US and EC economie policy towards the Far East' Mr. T. Richard, Trade Policy Officer US mission to EC. 'EC policy towards Japan ' Mr. J. Wilson, Commission of the European Communities, Directorale General Extemal Relations- Unit Japan. lunch

}ason Magazine nr. 5. okt. 1992


~FE

,. '

eFarEast' Wo rks hops: 13.00- 14.15 and 14.15- 15.30 ' Philips and trends in Asia' - Prof. ir. J.A. Dinklo (Philips International, Corporale Planning & Strategy) 'Banking and stock-exchanges in the Far East' - Jhr. Mr. J.F.Th. van Valkenburg (ABN-AMRO, International Desks), ' Akzo and developments in the Far East'- Mr. W.E. Kuisdom (Akzo, Geografical Department), ' P1T Telecom entering the Far East' Ing. F.B. Menting (P1T Te lecom, Business Relations Asia), ' Politica! and Strategie Developments in the Far East' - Mrs. drs. Chr. I. Jansen (Dutch Foreign Ministry, Dir.-Gen. Politica! Affairs, Eastern Asia and Pacific), 'China 's potential andrecent developments' - Drs. S.R. Landsberger (Si nologicallnstitute, RU Leiden), (workshops continued ) 'Cultural diffe rences in management: Europe vs Far East' Drs. J. de Bie ( lnstitute fo r the Tropics), 'Japanese cconomy and intlucnee on the Far East' - Drs. W. Ruigrok ( Erasmus University, Rotterdam School of Management, Department of Strategie Management & Business Environment Erasmus). 15.30

tea

16.00

Final speech ' Dutch competitiveness, and Far Eastern business' expansion to Europe ' Prof. dr. P.H.A.M. Verhaegen, Di rector of Economie Affairs - VNO

17.00

Drinks

J ason Conference

'Understanding the Far East' Date: October 22nd Location: Head Office VNO, The Hague

Economically speaking, rhe Japanese mighr wel/ imend Europeans ro sir up a roof .. (foto; Sijrhoff Pers) )ason Magazine nr. 5, okt. 1992

13


Vervolg van pagina /I

rota/ rwoway transPacijic rrade exceeding 300 bil/ion dollars annually. a/most 50 percent more than ow· transArlontic rrade, iris in our own best imeresr ro help preserve peace and srabiliry." Aan het begin van dit jaar lekte een geheim rapport van het Pentagon uit waari n mogelijke conflicte n op wereldniveau na de Koude Oorlog werden beschreven: de "seven deadly scenarios". Eén van die scenario's hield een oorlog met Noord-Korea als atoommacht in. Ook de onderminister van Buitenlandse Zaken voor Azië, Richard H. Solomon, sprak deze vrees uit: "We view nuclear prolif-

erarion on rhe Koreon peninsulo as rhe number one rhrear ro srabiliry in Easr Asia.'' Misschien is die vrees wat afgenomen sinds Noord-Korea heeft ingestemd met een internationale inspectie van zijn nucleaire programma e n het land nog terker geïsoleerd is geraakt door de recente toenadering van China en Zuid-Korea, ofschoon beide ontwikkelingen geen enkele garantie bieden op een reële vermindering van de Noordkoreaanse dreiging. Voorts zijn er problemen rond een aantal ei landgroepen in de Stille Oceaan. Deze ei landgroepen kunnen het grondgebied van een land vergroten, ofschoon meestal marginaal, maar belangrijker is dat e r een claim op aanwezige grondstoffen kan worden gelegd. Hoe belangrijk deze aanspraken worden gevonden blijkt wel uit de "redding" van het Japanse ei land Okinotorishima. Dit eiland, twee rotsblokken die 2.100 kilometer uit de Japanse kust liggen en die bij vloed zestig centimeter boven de zee uitsteken, werd verstevigd met betonblokken, zodat het grondgebied niet verloren zou gaan en de claims op grondstoffen in de omliggende oceaanbodem geldig bleven. De operatie nam drie jaar in beslag en kostte 240 miljoen dollar. Een ander voorbeeld, waarbij vooral nationalisme een rol speelt, is de al veertig jaar durende twist tussen Tokio en Moskou over wie de rechtmatige bezitter van de Koerillen is; een twist die nog steeds officiële diplomatiek betrekkingen en een vredesverdrag tussen beide landen in de weg staat (aan het einde van de Tweede Wereldoorlog hebben de Japanners alleen een overgave getekend). Het is vooral China dat de meest omstreden aanspraken maakt. Het Chinese Volkscongres heeft in februari de Senkaku eilanden opgeëist, die nu in bezit van Japan zijn (de eilanden liggen 300 kilometer ten westen van Okinawa). Het Volkscongres dreigde zelfs met de eventueel inzet van militaire middelen als de eis niet gehonoreerd wordt. Andere eisen betreffen de Paracel eilanden (in de Golf van Tonkin) en de Spratly eilanden (in de Zuidchinese Zee). Vooral de Spratly eilanden zijn erg gewi ld omdat er waarsch ijnlijk o lie te vinden is. Frankrijk, Engeland e n Japan hebben hun aanspraken op de eilanden opgegeven, maar de Filipijnen, Maleisië, Taiwan, Brunei, Vietnam en China betwisten elkaar nog steeds de soevereiniteit over de ei landen of een aantal daarvan. In juli 1991 zijn de laatstgenoemde landen overeengekomen dat er geen geweld zal worden gebruikt om de eilanden definitief te claimen. 14

}ason Magazine nr. 5, okt. 1992

Onlangs heeft China echter een "soevereiniteits post" op één van de eilanden ingericht, ondanks vooral Vietnamese protesten. De Volksrepubliek heeft vorig jaar ook het eerste Chinese vliegdekschip in de vaart genomen, dat specifiek gericht lijkt tegen de macht van Japan. Een andere Chinese actie die specifiek tegen Japan gericht lijkt i de aanschaf, onlang , van de technologie om vliegtuigen in de lucht te kunnen bijtanken. Ofschoon Japan s lechts ongeveer anderhalf procent van zijn Bruto ationaal Produkt aan defens ie besteed, betekent dit toch dat door zijn economische succes Japan a l jarenlang na de Verenigde Staten en Rusland het hoogste defensiebudget in de regio heeft. Met de vermindering van de Russische en Amerikaanse militaire rol in Oost-Azië en de bereidheid om Japanse troepen overzee in te zetten (zij het alleen voor vredestaken in het kader van de Verenigde aties), veroorzaakt dit niet alleen onrust in China, maar ook bij Zuid-Korea, een land dat in principe aan de zijde van Amerika e n Japan staat. De Koreaan e ang t is gebaseerd op de ervaringen tussen 1905 tot 1945 toen het land door de Japanners was bezet. Zuid-Korea is zijn leger op het ogenbl ik aan het inkrimpen en geeft meer uit aan de marine, hetgeen een duidelijk teken is dat e r een verschuiving is in defensieprioriteit van Noord-Korea naar Japan.

"Een structureel probleem is de relatie tussen de binnenlandse en buitenlandse politiek van de Verenigde Staten." De vrees voor Japan wordt nog eens versterkt door het transport van plutonium, vanui t Frankrijk, waardoor dit land uiteindelijk een net zo grote plutoniumvoorraad krijgt als zowel de Amerikanen als de Russen hebben in hun kernwapens. Tokio zegt het plutonium alleen te willen gebruiken voor vreedzame doeleinden, namelijk energieopwekking, maar het blijft mogelijk om e r atoomwapens mee te produceren. Zolang Japan doorgaat met het plutoniumproject zal er in de regio onzekerheid blijven bestaan over de uiteindelijke Japanse motieven. Als de Verenigde Staten zich inderdaad op grote schaal uit Oost-Azië zullen terugtre kken, dan bestaat er de mogelijkheid dat de instabiliteit zal toenemen. Een eventueel confl ict zou kunnen betekenen dat de Verenigde Staten alsnog moeten ingrijpen. In dat geval is het vanuit economisch en militair perspectief toch verstandiger om een aanzienlijke troepenmacht in Oost-Azië te houden. Een bijkomend probleem is echter dat het niet zo duidelijk meer is wanneer de Verenigde Staten militair zullen moeten ingrijpen. Voorheen werd elk verlies van de Verenigde Staten of een Amerikaanse bondgenoot gezien als winst voor het communisme. Tegenwoordig zal het meer gaan om lokale conflicten, waarin het niet altijd makkelijk zal zijn om Amerikaanse belangen te zien.

Een aanzienlijke militaire aanwezigheid van de Verenigde Staten in Oost-Azië kan bijdragen tot een terughoudendheid van andere landen om conflicten te beginnen. Toch is het waar chijnlijker dat de Amerikaanse mil itaire aanwezigheid zal afnemen, omdat het minder duidelijk is geworden wat het Amerikaans belang bij een conflict in Oo I-Azië is en het grote Amerikaanse overheidstekort dwingt tot bezuinigen. De beste manier om de spanningen in Oost-Azië te laten afnemen is door internationaal overleg. Daarbij moeten met name de kwesties China-Taiwan, Noord- en ZuidKorea en de diverse confl icten over eilandgroepen ter sprake worden gebracht. Een ander belangrijk discussiepunt zijn de handel conflicten . Het probleem met de handelsconflicten i dat het om landen gaat die qua industrieel ontwikkelingsniveau sterk verschi llen. Het Amerikaanse conflict met China gaat om produkten die in werkkampen geproduceerd worden en daarom met een lage prijs oneerlijke concurrentie op de Amerikaanse markt vormen. Een harde aanpak lijkt hier op zijn plaats om de Amerikaanse werkgelegenheid te beschermen. In het conflict tussen de Verenigde Staten en Japan ligt het anders. Hier gaat het vooral om multinationale ondernemingen, de zwakke concurrentiepositie van de Verenigde Staten en de oneigenlijke verwijten van met name Amerikanen aan Japanners. Om deze problemen op te lossen zou het beter zijn meer aandacht aan de binnenlandse problemen van de Verenigde Staten te sche nken, zoals het grote overheidstekort, slecht lageren middelbaar onderwijs en een slechte infrastructuur. Een net zo tructureel probleem is de relatie tussen de binnenlandse politiek en buitenlands beleid van de Verenigde Staten. George Bush, oorspronkelijk een president wiens sterkste punt de internationale politiek was, heeft het afgelopen jaar onder druk van de economische depressie en de naderende verkiezingen zijn buitenlands beleid op de helling gezet. Eerst werd Japan beschuldigd de problemen in de Amerikaanse economie veroorzaakt te hebben en onlangs werd het tienjarig China beleid van Bush overboord gezet door de verkoop van moderne gevechtsvliegtuigen aan Taiwan. Een dergelijke politiek zal niet bijdragen aan het onderling vertrouwen in OostAzië. En bij een vermindering van Amerikaanse militaire aanwezigheid en de noodzaak van toenemend internationaal overleg in de regio is dat nu juist wat nodig is.. •

Drs. R. lanssens is verhonden aan her Amerika Inrituur van de Universiteit van Amsterdam.


Boeken Alexander George (red.). A 1·oiding War: Prohlems of Crisis Managemelll. Boulder: Westl'iew Press 1991. ISBN 0-8133-1232-9 hard; 0-8133-1233-7 phk: 590 pp.

A lexander George heeft in zijn boek een keur van vooraanstaande deskundige n bijeengebracht, die zich in ruim 23 hoofdstukken op verschillende manieren buigen over vraagstukke n van cri sisbeheersing. De studie beoogt ervaringen met succesvolle en niet-succesvolle c risisbeheersing in kaart te bre ngen en met elkaar te vergelijke n. De inzet daarbij is het lere n voorkomen van ongewenste oorlogen (' inadve rtent war' ). Wie de gebeurte nissen van de afgelopen twee jare n in het voorma lige O o tblok in he t hoofd heeft e n de studie onder redactie van George leest, kan nie t anders dan beame n wat de redacteur opmerkt over de re levantie van een de rgelijke studie in het post-Koude Oorlog tijdperk. George. e meritus hoogleraar aan Stanford Unive rsity. voert onder meer de volgende redenen aan waarom internationale crisi -behee rsing onve rmijde lijk een belangrijk vraagstuk op de politieke. mil itaire e n wetenschappel ijke agenda 's zal blijven. Ten eerste he t feit dat de s upermachte n na 1945 relatief succesvol zijn geweest in he t voorkomen van oorlog. beslist geen garantie vorn1t dat de rge lijke confrontaties ook in de toekomst ac hte rwege zullen blijven. Om dit te bereiken is een continue e n doe lbewuste inspanning nodig. waarbij een belangrijke plaats die nt te worden ingeruimd voor het zorgvuldig leren van de ervaringen van de afgelopen 45 jaar. Ten tweede geldt dat de ve randere nde politieke. strategische en militaire context van de verhoudingen tussen enerzijds Rusland en de ande re Gcmenebest State n e n anderzijds de Verenigde State n bepaald niet bete ke nt dat de stabi liteit van he t inte rnationale systeem is toegenomen. Williams merkt in een van de laatste hoofdstukken van het boek in navolg ing van Mcarshe imer op dat het heel goed mogelijk is dat we over een aantal jaren de periode 1946- 1990 niet meer aanduiden als de Koude Oorlog maar als de Lange Vrede. Met het verdwijnen van de tweepolige milita ire blokstructuur is de onoverzichte lij khe id e n onvoorspelbaarheid van het Europese militaire-politieke toneel sterk toegenomen, met alle risico ·s van voortdure nde turbule ntie e n lokale en regionale militaire conflicten vandien. Een de rde rec htvaardiging voor een studie over internationale c ri sis-beheer ing is dat de ontwikkelingen in de militaire technologie e n daaraan gere lateerde veranderingen in de opste lling tactiek van met name nucleaire strijdkrachten ertoe hebben gele id dat de risico' s van ongewilde escalatie van een eenmaal ontstane c risissituatie ste rk zijn toegenomen. Het bock bevat vijf 'case studies' van onopzette lijke oorlogen. die stuk voor stuk associaties oproepen me t Grie kse tragedie . waarbij de hoofdrolspelers hun nood lot tege-

moet gaan zonder dat zij bij machte lijken te zijn het onheil af te wende n. Het gaat dan om de Krimoorlog ( 1854- 1857), de Eerste We reldoorlog . de oorlog tussen Ame rika en China in Korea, de Suez oorlog ( 1956) e n de Zesdaag e oorlog ( 1967). He t kan ook anders -en beter, volgens George e n de zijnen. De studie behande lt namelijk ook drie voorbeelden van crises die niet op oorlog uit liepen: de Sovjet-blokkade van Berlijn ( 1948- 1949), de Cubaanse rakettencrisis ( 1962) en de Ch ineesRussische grensconflicten ( 1969). Volgens de aute ur was dit te danke n aan prudent crisis managemem door de betrokken bes lu itvorme rs. Goed cri is management vereist volgens George een geïntegreerde politiek-militaire aanpak, die kan worde n bereikt indien een aanta l in het boek uitgewerkte princ ipes wordt gevolgd. Het zijn stuk voor stuk verstandige princ ipes, maar het grote probleem is natuurlijk dat de complexe e n gespannen context van een inte rnationale crisis vaak grote belemme ringen opwerpt voor een onbevooroordeelde en onberispelijke naleving van derge lijke princ ipes. Een aantal steeds terugkerende barrières op weg naar effectieve crisisbeheersi ng worden door George c.s. in aparte the matische hoofdstukken besproken: he t gebruik van strategieën, de rol van systemen van strategische informatievoorzie ning, die pgewortelde opvattingen over de aard en de mogelijkheden van onde rhandelingen; militaire routines e n standaardprocedures die een eigen leve n kunnen gaan leiden; en de e ffecten van de in crisis optredende psycho logische stress op het functioneren van politieke gezagdragers. De belangrijkste bijdrage van deze studie is dat zij op basis van een betre kkelijk strak stramie n veel van de kennis bijeenbrengt die in de loop der jare n is opgedaan over de oorzaken van succes en falen van pogingen tot crisisbeheersing. De expert op dit te rre in zal bij het lezen van het zoveelste vers lag van de crisis van 19 14 of de blokkade van Be rlijn misschien een gevoel van déja vu aanvankelijk nie t kunnen onderdrukke n. Dat wordt echter te n de le weer weggenomen dankzij het fe it dat de a uteurs van de ' case studie ' te rug zijn gegaan naar de origine le bronnen en hebben gewerkt op basis van een min of meer vast same nste l van onde rzoeksv ragen. Al te platgetreden paden worden daardoor over het algemeen met succes vermeden. He t boek is zeer goed leesbaar. in schril contrast met de vele overwegende speltheoretische publikaties die in de laatste jaren op dit terrei n zijn versche ne n en die uitblinken door mathematische krachtpatserij. Deze leesbaarhe id draagt e r samen me t de praktijkgerichte oriëntatie van de redacteur e n de auteurs toe bij dat dit boek voor een veel breder dan alleen het zuiver wetenschappelijke publie k ge chikt is. Wie iets wil wete n over crisis management in de internationale politie k tot en met 1990 en slechts één boek kan of wil aanschaffen, vindt in deze studie een serie uze kandidaat. Wie echter op zoek is naar diepgaande beschouwingen over de nieuw ontluike nde proble men van stabilite it en c ris isbeheersing op het sne l vcranderende were ldtoneel. zal

behoudens een uitste kend hoofdstuk van W illiams over de noodzaak van een nieuw veilighe idssysteem voor Europa in deze studie weinig van zijn gading vinde n. De aute urs van deze studie kan men het nauwelijks verwijten: de produktietijd van boeken is doorgaans zo lang, dat de meeste van he n wellicht de pen al hadden neergelegd toen de Golfc ris is uitbraak, om over coup e n revolutie in de voormalige Sovjet Unie maar nie t te spreken. •

Dr. Paul 't Hart is l'erbonden aan de vakgroep Bestuurskunde \'all de Rijksu11iversiteit Leiden en lid l'an het Crisis Onder:oek Team.

GEZOCHT: Bestuursleden en

andere actievelingen m/v

die zich met enthousiasme in willen zetten voor de stichting Jason.

Ben je jong, student en geinterresseerd? Bel dan 070- 3605658

} ason Magazine nr. 5, okt. 1992

15


J>ztinhoop

Cambodja, het land met de straf van Sisyphus Er schijnen in onze hedendaagse wereld een aantallanden te zijn waarover de wrekende goden een voorlopige vloek uitspraken vanaf het moment dat ze naast andere een plek kregen in het moderne systeem van staten. De vloek materialiseerde zich na kortere of langere tijd in voortdurende marteling door dood en verderf. In Afrika is Angola zo ' n land, in AziĂŤ Cambodja.

Door Silvio Milia Nietsontziende burgeroorlogen kenmerk(t)en deze landen. Voor de eige n bevolking is het buiten de landsgrenzen als vluc hteling relatief vei liger, daarbinnen komt het bestaan neer op 'slaaf' of 'soldaat', met beiden een lage overlev ingskans. Wat overblijft is een gedesintegreerde samenleving. Zowel Angola als Cambodja bevinden zich hopelijk op een keerpunt ten goede. De strijde nde partijen hebben al dan niet onde r invloed van he t wegvallen van de Oost-West tegenste lling de ruimte geopend tot geweldloze verwezenlijking van hun doele n. In Cambodja lijken de Vere nigde Naties in de gedaante van de UNT AC (United Nations Transitional Authority in Cambodia) enige greep te krijgen op een vreedzaam proces van wede ropbouw e n democratisering. De opgave van de UNT AC is niet gering: de he rvestiging van 350 duizend Cambodjaanse vluchtelingen die zich al dan niet in kampen aan de grens met Thailand bevinden, het grotendeels ontwapenen van de soldaten van de drie nog vigerende verzetsgroepen (de Republikeinse pa rtij o. l.v. Son Sann, de Monarchisten o.l.v. Prins Norodom Sihanouk en de gevreesde Rode Khmer o. l.v. Khieu Samphang), alsmede die van het huidige regeringsleger en he t oprui me n van de landmijne n, waarmee he t land lette rlijk bezaaid is. Als alles goed gaat kan dit uitmonde n in het voorbereiden van en toezicht houden op democratische verkiezingen. Eerst zal een Hoge 16

Jason Magazjne nr. 5, okt. 1992

Nationale Raad, same n me t de UNTAC, tijdelijk de regering van Cambodja overnemen. In die HNR hebben de vier bove ngenoemde partije n zitting. De UNT AC zal voor een periode van 18 maanden het bestuur van Cambodja op zich nemen.

De historie van Cambodj a laat zic h beeldend beschrijve n als de worsteling van een volwassen man om overeind te blijven in de hitte van twee vuren: Thailand e n Vietnam. De enige oploss ing bleek vaak het ingraven van het eigen lichaam , weg onder he t zand. Gedurende de twaalfde en dertie nde eeuw van onze jaartelling bereikte het zogenoemde Khmer-rijk door de gestage uitbouw onde r het bestuur van verschille nde vor ten een hoogtepunt. Dat rijk omvatte grotendeels het grondgebied van het huidige Vie tnam e n Laos, alsmede Thailand. Angkor werd het politieke e n religie uze centrum van een samenleving gebaseerd op waterbeheers ing, Boeddhistisch prieste rschap e n tempels. S urplussen aan tarwe, rijst of maĂŻs werden verzameld ten die nste van de staat en religie uze hoogwaardigheidsbeklede rs, die als beschermhe re n van de talloze tempelcomplexen te vens advise urs van de vorsten waren. Een verslag van een Chinese di plomaat die in 1296 in Angkor was maakt gewag van grote aantallen slaven, meest uit overwonnen bergvolke n. Vanwege het feit dat slaven in oude inscripties een prominente ro l spele n mag misschien

voorzichtig worde n geconcludee rd dat de Cambodjaanse samenleving zich opbouwde via de opname en aanpassing van overwonnen volkeren. He t Indi ase karakter van he t leven tot dan toe in het gebied van de Khmer (brah manisme, kasten, Hindu-vorste ndom) verande rde onder Jayavarman V Il in een meer eigen, Khme r-boeddhi stische versie. Onder diens bestuur we rden in het Khme r-rijk een groot aantal 'openbare werken ' uitgevoerd : wegen, rustplaatsen, waterreservoirs en te mpelcomplexen. Ver van Angkor werden steden gesticht, in feite het bijeenbrengen van mensen in randgebieden ten dienste van de staat. Uit inscriptie blijkt dat er sprake was van een hoog ontwikkelde bureaucratie met vergaande controle over de vestiging en dienste n van de bevolking. In de volgende eeuwen werd het grondgebied van he t Khmer-rijk geleidelijk kleiner; de gevolgen van oorl ogen met de Thais ble ven aanvankelijk beperk t door een zekere sociaal-culturele verme nging van beide volkeren. Laos ontstond als zelf tandige entiteit. Van meer invloed waren de veroveringen door Vie tnamese volkeren. Handel werd in het Khme r-rijk bepale nd. Phnom Pe nh werd in de vijftiende eeuw de hoofdstad op een strategisch kruispunt van handelsroutes e n rivieren (Mekong en Tonle Sap). Er ware n inte nsieve handelscontac ten met China. Ook voor Europeanen bleek het gebied interessant , met name Portugezen en Spanjaarden name n deel aan de levendige hande l.


In de zeventiende eeuw drukte Vietnam een stempel op de verdere geschiedenis van Cambodja; het uitgestrekte kustgebied van de Mekong-delta werd door de Nguyenkrijgsheren ingelijft. Vietnam ontnam Cambodja havens en handel en plaatste het in een isolement in de Oost-Aziatische regio door de controle over de Golf van Thailand. Het Khmer-volk in de veroverde gebieden werd ge-Vietnamiseerd. Van het Khmer-rijk bleef niet meer over dan een bufferstaat, overgeleverd aan de grillen van Thaise en Vietnamese heersers, waarbij de laatsten zich onderscheidden door een meer aggressieve benadering. Cambodja was een plek voor Vietnamese kolonisten en bestuurders. De 'Cambodjaanse' handels-economie kwam ten goede aan de twee machtige buren en bestond uit (traditionele) produkten als ivoor. dierenhu iden, vis, cardamom, peper en hout oorten. De onbeduidende rest van het Cambodjaanse leven centreerde zich rond de zgn. kompong (aanlegplaatsen) aan bevaarbare rivieren en meren, de door rijst-cultuur gedomineerde dorpsgemeenschappen en oerwoud-dorpen. Tussen 1830 en 1840 ondernamen de Vietnamezen drastische pogingen om de ·achterlijke' Cambodjanen te ontdoen van hun culturele identiteit door aan het maatschappelijk leven Sino-Confusiaanse normen op te leggen. Uit verslagen uit die tijd blijkt dat de Vietnamezen vervolgens hun handen vol hadden aan Cambodjaans 'guerilla-verzet' . In 1863 riep de Cambodjaanse proforma koning Doung de hulp in van een neutrale derde part ij. Het was de sprong van een kat in het nauw. die resulteerde in het wisselen van de stu iver tussen Vietnam en Frankrijk. Cambodja bleef, als onderdeel van een groter Frans lndochina, tot 1953 onder Frans gezag. Tot 1970 is prins Norodom Sihanouk, als telg uit een Cambodjaans vorstengeslacht, staatshoofd. Hij propageert een Boeddhisti eh-socialisme met trouw aan koning en vaderland. Onder de plattelandsbevolking genoot hij grote populariteit, opgebouwd door middel van een traditioneel patronage-systeem. Bijzonder lastig was hij voor mededingers naar zijn macht. Voor subtiliteiten bleef echter steeds minder plaats; voor de oppositie was hij niet rood genoeg en vormde zijn bewind een doelwit van het onder de naam Rode Khmer opererende verzet. Voorde regering van de V.S., diep in de Vietnam-oorlog betrokken. was hij te rood. In maart 1970 werd de pro-Westerse regering van Lon Nol in het zadel geholpen en konden de Amerikanen ongestoord proberen het Noord-Vietnamese verzet te breken door intensieve bombardementen en grondoffensieven in het oosten van Cambodja. Lon Nol zorgde voor slachtpartijen onder de Vietnamese minderheid in Cambodja. Sihanouk loot een verbond met de Rode Khmer die echter in 1975 het land in handen kregen en er tot 1979 in huishielden. Onder leiding van Pol Pot en Khieu Samphang werd Cambodja herschapen in één groot werkkamp. Om in de kortst mogelijke tijd tot een nieuwe staatssamenleving te komen werd het land niet bestuurd, maar beterroriseerd. Vergelijkingen met Mao's Grote Sprong Voorwaarts en Culturele Revolutie zij n hierbij instructief. Hoewel ook Vietnam een communistische regering had boterde het niet en begon Pol Pot een grensoorlog,

gesteund door China. De Sovjet-Unie nam Vietnam voor zijn rekening. Dit keer besloten de Vietnamese 'krijgsheren' tot de bezetting van heel Cambodja en installeerden zij een regering naar eigen model. Van 1979 tot 1989 stond Cambodja onder 'be cherming' van Vietnam. Cambodjaanse handelsactiviteiten richtten zich voornamelijk op de oosterbuur. Voor veel Cambodjanen bracht de bezetting een einde aan de terreur, sommigen danken hun relatief welvarende positie aan de Vietnamese broodheer. Het is de vraag of deze in tien jaar opgebouwde gevestigde belangen in de context van een nieuw Cambodja passen. Vooral de Rode Khmer houden vol dat de huidige Cambodjaanse regering geen bestaansrecht heeft, omdat zij slechts marionetten van Hanoi zijn. Met het voorafgaande mag duidelijk zijn geworden dat Cambodja zich in een desastreuze toestand bevindt. De infrastructuur van het land is grotendeels vernietigd; wegen, waterwerken, bruggen, elektriciteitsvoorziening, openbare gebouwen, alles wat een hedendaagse samenleving kan doen desintegreren en het bestuur over het land doet verlammen. Dat begon al met de Amerikaanse bombardementen tussen 1969 en 1973 en de strijd om de macht door de Rode Khmer. In de daaropvolgende jaren onder Pol Pot werd dat nog erger; steden werden, zo al niet verwoest, ontdaan van hun bevolking. Stadsmensen werden landsmensen, de rest was overbodig. Er zijn schattingen dat momenteel zo'n 65% van de bevolking bestaat uit vrouwen, waarvan een groot deel weduwen. De weinige 'bouwstenen' die er in al die jaren van oorlog voorkwamen dienden slechts de voortzett ing van oorlogshandelingen. Voedsel en menskracht kwamen in handen van de verschillende partijen. De UNTAC

kan ook nu nog weinig ondernemen tegen het roven van voedsel en materiaal door soldaten (ook die van het regeringsleger). Onderdeel van die oorlogshandelingen was het leggen van mijnen; V.N.-militairen hebben een schatting gemaakt van vier miljoen, exclusief zgn. booby traps. Dagelijks vallen er slachtoffers. Cambodja zit opgescheept met een collectief oorlogstrauma; onder het Rode Khmer-bewind werden families uit elkaar gehaald en gedecimeerd, samenwerking was gedwongen en loonde zeker niet, sommige leeftijdsgroepen zijn op de gehele bevolking gezien ondervertegenwoordigt, veel jonge Cambodjanen kennen geen ander bestaan dan dat van oldaat, de mensen uit de vluchtelingenkampen moeten weer een volwaardige plek zien te vinden. Het is een vergissing te denken dat met vrede alléén de samenleving weer de oude is en klaar voor de wederopbouw van het land. Het desastreuze beeld valt overigens op bescheiden wijze te relativeren. Er zijn streken waar de landbouw weer op gang komt. Bij industriële activiteiten kan gewezen worden op bijvoorbeeld rubberproduktie en textielbedrijven, hetwelk bijdraagt aan de beperkte export. Er zijn privé-ondernemingen, die echter nauwelijks de werknemers duurzaam kunnen voorzien in hun bestaan. 1n Phnom Penh is 'business booming', waarvan de vruchten dan helaas slechts ten goede komen aan een kleine groep stedeli ngen. Luchtverbindingen met hoofdsteden in de regio zijn hersteld en er is enige belangstelling van buitenlandse zakenlieden. Juist de nabijgelegen landen in de regio doen geenszins slechte zaken en dat benadrukt de droeve toestand van Cambodja. Het recente jaarrapport van de UNCTAD (United Nations Council on Trade and Development) signaleert dat de export van

THAILAND

CAMBODIA

... CJ

,e ." 'C '90

......"....,"

) ason Magatine nr. 5, okt. 1992

17


o .a. Thailand, Maleisië en S ingapore in 1991 met flinke percentages toenam. Ook de invoer in die landen groeide. Samen met Z uid-Korea, Taiwan en Hong Kong nam hun aandeel in de wereldexport toe tot meer dan 10 procent. In meer algemene zin stelt het rapport dat deze landen een ste rke bijdrage kunnen leveren aan de groei van de wereldhandel. Of Cambodja in de toekomst in een dergelijke opsomming zal voorkomen valt slechts met grote moeite voor te stelle n. Onder leiding van de U T AC zal Cambodja voorzien moeten worden van vrede en veiligheid, een democratisch gekozen regering en een in principe ongebonden bestuursapparaat. Vervolgens zal de fakkel overgenomen moe ten worden door de ASEAN (Association of South-East Asian Nations), waarvan naast Thailand, Maleisië en Singapore, ook Indonesië, Brunei en De Filipijne n lidstaat zijn. De sociaal-economische ontwikkeling van Cambodja, maar ook Vietnam, zou gebaat zijn bij een op term ijn lid worden van de organisatie. Het zou, symbolisch gezien, de geografische cirkel die de ASEAN-lidstaten vormen rond maken. Een dergelijke voortgang zou passen in het perspectief van de op het wereld-politieke niveau aan belang winnende regionale organisaties. De complexiteit, omvang en kosten van de vredesoperatie in Cambodja vormen een zware uitdaging van het vermogen van de V om vrede en veiligheid op de were ld te bevordere n. Met een recent beroep op ' regionale verantwoordelijkheden' wil secretaris-generaal Boutros Ghali in elk geval voorkomen dat de volke ren-organisatie overbelast raakt. Een ander argument tot een meer actieve inbreng van de ASEAN volgt uit de s impele 'wie A zegt, moet ook B zeggen' -constatering. Het waren namelijk de regeringen van ASEAN-lidstaten die in 1982 ten zeerste aandrongen op de vorm ing van een Cambodjaanse regering in ballingschap. samengeste ld uit de Monarchi stische. Republikeinse e n Rode Khmer facties, om daarmee zeker te zijn van internati onale steun. ln 1988 vervolgens vond de eerste zgn. Jakarta lnformal Meeti ng plaats tussen Sihanouk, Son Sann, Khieu Samphang e n Hun Sun, premier van de op Vietnam georiënteerde regering. Bij het in toom houden van de vier partijen, die allen uit zijn op een verbreding van hun machtsbasis, moet ASEA diplomatie goede dienste n kunnen bewijzen. De bemoeienis van de ASEAN me t de situatie in Birma vormt wellicht een voorschot op wat er mogelijk is. De huidige militaire staatsraad is nog altijd vcrantwoordelijk voor de onderdrukking van de eigen nie tBirmaanse minderheden en blokkeert democratische hervormingen in he t land. Onder druk van ASEAN-diplomatie werd in april dit jaar de samenstelling van de staatsraad gewijzigd en kwamen enkele dissidenten vrij . Deze 'outward look ' van de ASEAN-Ianden geschied overigens wel me t en ige boter op het hoofd van een indiv iduele lidstaat als Indonesië. In mei 199 1 lanceerde de Maleisische mi nister-president Moharned een plan tot de vorming van een East Asian Economie Grouping (EAEG). Naast de ASEAN zouden landen als Japan en Chi na, alsmede Birma. Cambodja e n Vietnam deel moeten uitmaken van deze 'grouping'. Er werd benadrukt dat

18

Jason Magazine nr. 5. okt. 1992

een Aziatische reactie geboden was op de Europese economische eenwording en de orth Amcrican Free Trade Area ( AFTA). Cambodja zou in een de rgelijke conste llat ie zeker een van zwakkere broeders zijn. maar gegeven de wederopbouw en onder voorwaarde van politieke stabiliteit ook een land van economische innovatie. Zulk een perspectief hebben volk en bestuurde rs van Cambodja nodig, hoewel in schrille tegenspraak met de huidige stand van zaken. Bovendien bagatelli eert het EAEGplan de huidige politieke verhoudingen en aspiraties van de deel te nemen lande n. Daarin vallen genoeg netelige kwesties te onderscheide n (vgl. de artt. van Landsberger en Schmidt in dit magazine). He t Maleisische plan behelst in fei te een ' rally around the Asiatic flag' tegenover een dreiging van buite naf. Dat laatste was overigens een belangrijk, zonie t hèt, motieftot de vorming van de ASEA in 1967; de dreiging destijds van ' het rode gevaar' en daarom van harte ondersteund door de V.S. Nu dfe dreiging in de geografische c irkel van ASEA -landen ontegenzeggelijk is afgenomen ligt het voor de hand dat de verdragsorganisatie het zwaartepunt verlegt naar een economische vormgev ing van de regio. In dat belang passen uitnodigingen tot lidmaatschap aan de (toekomstige) regeringen van Cambodja e n Vietnam. Dat laatste land profiteert al e nigzins van een zekere arbeidsverdeling in he t Oost-Aziatische gebied; firma 's in Hong Kong bijvoorbeeld besteden (delen van) hun

"De sociaal-economische ontwikkeling van Cambodja zal gebaat zijn bij een op termijn lid worden van de ASEAN." produktie ui t aan recent gevormde, goedkope produktie-bedrijfjes. De liberalisering van de handel door de Vietnamese regering begint kleine vruchtjes af te werpen, ondanks de nog a ltijd van kracht zijnde, inv loedrijke Amerikaanse handelsboycot. Ie ts dergelijks moet ook voor een tot rust gekomen Cambodja tot de mogelijkheden behoren. aast de agrarische sector (uitvoer van bv. vis, rubber, hout, rijst, maïs, palm-olie. tabak en peper) zal dan een sector van lichte, arbe idsintensieve industrie he t land van een economische basis voorzien. Naast binnen landse voorwaarden (vrede, democratische regering) zijn e r echter buitenlandse zaken aan te duiden die van invloed kunnen zijn op de po litie ke en economi sche ontwikkeling van Cambodja. Historisch bepaalde gegevenheden spelen hierbij zeker een rol. a tien jaar fysie ke, militaire aanwezigheid valt enige Vietnamese machtsuitoefening over Cambodja, ook na de terugtrekk ing van de troepen. niet te ontkennen. Die troepen vormden in elk geval de vijand. die in september 1989 in feite de Cambodjaanse strijdende partijen achterliet in een mac ht svacuum dat snel gev uld werd met de chaos van hun eigen onderlinge strijd. Bovendien zal de Vietnamese regering niet graag zie n dat een Cambodjaanse economische ontwikkeling ten koste gaat van de eigen

mogelijkheden. In dat opzicht is voor beide landen. indien zij lid zouden worden van de ASEAN, niet veel meer weggelegd dan een gedwongen nabuurschap, te vergelijken met de verhoudigen tussen Griekenland en Turkije. Verhoudingen die regelmatig verzuren, maar in toom gehouden worden door overleg in multinationale organen. Daarnaast heeft Thai land voornamelij k in het noordwesten van Cambodja, waar grote gebieden worde n gecontroleerd door de Rode Khmer, enkele politieke tentakels. Over de lange grens met Cambodj a wordt er door Thais veel geld verdiend me t illegale wapenhandel. De Rode Khmer betalen e n dus wordt er geleverd. Even illegaal, maar daarom niet minder winstgevend is de door de Rode Khmer beheerste handel in edelstenen en tropisch hout. Het zou gaan om opbrengsten van e nkele miljoenen dollars per maand. Sommige UNTAC-officials hebben wel de vrees uitgesproken dat de Rode Khmer bezig zijn een 'vijfde onzic htbare strijdmacht ' te vormen, door de aanleg van geheime wapendepots en de in telling van een nietregulier leger. In documenten uit 1988 stelt Pol Pot dat zijn partij uite indelij k toch terugkeerd op de zetel der macht: via deel name in een coalitie-regering, via handel, via een 20 %-vertegenwoordiging in een parlement è n, het be langrijkst van alles, via vergroting van de politieke basis van 2000 naar 5000 dorpsgemeenschappen (in heel Cambodja zijn dat e r ongeveer 8000). Door 'inter-persoonlijke contacten' zouden ande re dorpsgemeenschappen zich moeten scharen onde r autoriteit van de Rode Khmer. Hun weigering om tot op heden U TAC-militare n en -burgerfunctionarissen in de door hen gecontroleerde gebieden toe te laten geven in elk geval aan de laatstgenoemde strijdmethode substantie. In die optiek biedt de komst van de UNT AC de Rode Khmer een welkome adempauze, waarin het mogelijk is de huidige machtsbasis min of meer ongestoord te consolide ren. Geboden is een actieve stellingname van de nieuwe Thaise (burger)regering. Alle contacten met de Rode Khmer moeten worden afgebroken en contr ole van het gre nsverkeer moet serieus te r ha nd worden genome n. Nu is het duidelijk dat in Bangkok de democratie gezegevierd heeft , maar de vraag is in hoeverre de nieuwe regering in staat zal zijn Thaise generaals, die als een soort onderkoningen het bestuur van verre provincies in handen hebben, tot de orde te roepen.

Japan is in historisch opzicht opvallend afwezig als het gaat om een rol van betekenis. of het moet de steun zijn die het gedurende de Tweede Wereldoorlog geeft aan antiFra ns verzet. In het huidige tijdsgewricht is het daarentegen zinnig om een Japanse betekenis voor het (post-)UNTAC Cambodja te schetsen. Het na-oorlogse Japan als de motor van (Oost-)Azië; boeken vol zijn er over geschreven. Er kan gerust gesteld worden dat de economiën van landen als Zuid-Korea, Indonesië en Thailand gemodelleerd zijn door J apanse nijverheid. Bre ng schade toe aan de motor en de onderdelen van het Aziatisch vehikel zullen minder soepel lopen. Zèlfs een pol itiek zwaargewicht als China leent tussen 1990 en 1995 een slordige zes miljard dollar


van J apan. voor de uitvoering van grote infrastruc turele projecten (ele ktricite itscentrales. telecomm un icatieverbindingen). Met een geleidelijke reductie van de Amerikaanse troepenmacht in Oost-Azië is het niet ve rwonderlijk dat e r Japanse stemmen opgaan om zich begeven op he t terrein van de ' high polities· in het gebied . Japanse wetenschappers en politici haasten zich te zeggen dat iedere vergelijking met het verleden overtrokken is en wijzen op een aantal additionele factore n. naast bovengenoemde. Japan leven een aanzienlijke bijdrage aan het budget van de V. .. heeft feitelijk een economisch overwicht in Oost-Azië en bevorden regionale samenwerking als een waarborg voor vrede en veilighe id. Een succesvolle Japanse bemoeienis met de wederopbouw van Cambodja zou een 'cenificate of approval' kunnen zijn tot het verkrijgen van een zete l in de Veiligheidsraad, of anderszins een materialisering van de Japanse zorg om veiligheid. De Japanne rs hebben het 'cenificate' in feite reeds in hande n: het hoofd van de UNTAC is landgenoot Yasushi Akashi. Na de nipte goedkeuring door de Diet van wetsvoorstellen tot de inzet vandeSelf Defense Force voor V. .-doeleinden. staat nie ts meer een Japanse militaire aanwezigheid in Cambodja in de weg. Onlangs ging een eerste contingent Japanse militairen naar het land. Wat zij in elk geval me t zich meebrengen is hoogwaardige technie k en deskundigheid op he t gebied van wapenbeheersing en surveillance en dat is in het wespennest Cambodja een welkome verterking ter uitvoering van de vredestaken.

De Cambodjaanse taan moet verdeelt worden over vier kinderen en wel onde r streng toezic ht van een kinderjuf. De moei lijkheid echter is dat de panijen minder ont vankelijk worden voor druk van buitenaf: in de Hoge ationale Raad hebben de vier in feite eenzelfde legitimering van handelen. Bovendien wordt het verdere verloop van de wederopbouw meer en meer een 'Cambodjaanse territoriale aangelegenheid '. de 18 maanden V.N.c uratele zijn sne l voorbij. Omdat een verlenging van het V.N.-mandaat alleen al uit budgettair opzicht moeilijk haalbaar zal zijn. is een · follow-up ' door gezamenlijke inspanning van Japan en ASEA -lidstaten geboden. De regeringen van ASEA -lidstaten hebben zich in het verleden in feite gecommitteerd aan verdere diplomatieke inspanningen en Japan wil graag een rol van bete kenis vcrvullen in het bevordere n en in stand houden van vrede in de regio. •

Gezinsherenif?ing - voor zover mogelijk - is een belanwijk onderdeel in de wederopbouw van Cambodja (Foto Jason)

Sih'io Milia is eindredacteur bij Jason Maf?a: ine. j ason Magazine nr. 5, okt. 1992

19


merika

500 jaar Columbus De laatste der Vanomani's in het laatste stukje regenwoud ... (Foto: Michel Peilander /HH)

20

Jason Magazine nr. 5, okt. 1992


oorgaan

Agenda 21? Ook met ambtenaren slaan redden we 't niet De VROM-ambtenaar aan de telefoon: Sorry schat, ik moet de komende eeuw overwerken. Nee ... nee .. ik moet Agenda 21 "vertalen" naar Nederlands beleid .... Hallo, hallo schatje .... ?! Met deze tekst en cartoon op de uitnodiging organiseerde de NOVIB en de ADO (Alliantie voor Duurzame Ontwikkeling) op 25 september in de roodpluche theaterzaal Oudaen te Utrecht een drietal politieke debatten. Door Peter Lingg.

Titel van dit drie liuik ( I): Redde n we ' t me t Agenda 2 1? Doel van dit alles: Op tafe l zien te krijgen wat er na de te rugkeer van de grote VN-milieuconferentie (2) in Brazi lie in j uni jl.. in ederland kikkerland aan nie uwe (politie ke) acti vite ite n e n overheidsbeleid tot stand zij n gebracht , e n te vene me n wat de ambities zij n van onze po litici en bestuurders. Ve rmoedelijk onder he t motto ' alle goede dingen kome n in drie' hadden de organisatore n het volgende programmaconcept samengeste ld. Achtereenvolgend waren e r drie debatten gepland over drie dubbele thema's, met panels bestaande uit e lk drie verschillende partijen, te wete n: de rijksoverheid. he t parlement en de mi lieu- e n Derde Wereldbewegi ng. In praktijk waren op het podium aanwezig topambtenaar Walie rHunier van VROM (directeur Directie planning), topambte naar Strategische Schlingeman van BuZa (Hoofd Speerpuntenprogramma mi lie u). S lingenberg van Landbouw en Visserij (seniorbelcidsmedewerker afdeling Internationale Zaken). het kame rlid Pitstra van G roen Links (V VD e n D'66-ster meldde n zich op hetl aat st af) en zes vertegenwoordigers van dive rse natuur-.

milieu en ontwikkelingsorganisaties (3). Dit alles onder de leid ing van Mevrouw Lubbi, be le idsmedewerkste r bij de NOVIB. In de zaal waren zo' n 70 belangste lle nde n aanwezig. w.o. veel de kundig-geacht publie k. De Volkskrant ope nde die dag op de voorpagina met het hoofd artikel "CDAmini tcrs tegen sche rper milie ubeleid" (4). En half septe mber konde n we in de Troonrede 1992- 1993 lezen: " Leden van de State nGeneraal. Beelde n van gewe ld, honger. rascisme e n verwaarlozing van het milie u bereiken ons iedere dag. Z ij late n ons niet onberoe rd . Ons antwoord moe t zijn hulp ..... maar ook zorg dragen voor het behoud van onze eigen rechtsstaat e n voor de kracht van onze economie". Het inte rnationale milie uvraagstuk wordt langzamerhand uitgespeeld als eigen Iijke veroorzaker (!) van allerlei ellende, met in de rol twee lastige zwarte (rooie) pieten, de PvdA 'ers A ide rs e n Pronk aan de ene kant. versus het nationale economische bela ng e n zijn besche rmengele n, de C DA'ers Bukman. Anctriessen e n Maij-Weggen. Voldoende actuele stof tot diskussie e n een mooi debat dunkt mij.

He t debat zou dus gaan over wat wij nu concreet bere id zijn te doen in Nede rland zelf en daarbuiten op het terre in van duurzame ontwikkeling, ge 誰nspireerd door Agenda 2 1, en ook ondertekend door de Nederlandse regeringsdelegatie in Rio. Na he t lezen van de recente kranten en he t bijwone n van deze debatte n, ga je j e toch meer en meer afvrage n wie er nog tot deze ' wij-groep' behoort, e n wie zich nie t daarbij kan of wenst te laten reke nen? De kloof tussen bedoeling en praktijk wordt namelijk grote r, en de kloof tussen milieu, landbouw en economie voortdurend opgefokt. Politici, bestuurders en aktivisten rondom deze mate rie bij e lkaar brengen kan heel zinvol e n informatie f zijn, tenslotte gaat he t bij de implementatie van Agenda 2 1 om ge誰ntegreerd overhe idsbeleid waar maar liefst zeker vijf ministeries bij betrokken zijn (VROM , BuZa, L&V, V&W e n EZ als penningmeeste r van de club)) e n waarmee wij Nederlande rs de kome nde jare n in het dagelijkse leven te maken zulle n krijgen, althans dat is de bedoeling van Agenda 2 1! En behalve zinvol e n informatief kan het vooral ook leuk zijn om in een theaterzaal

}ason Magazine nr. 5, okt. 1992

21


een politiek de bat te e nsceneren, niet hoofdzakelijk te r amusement. maar om menselijke waarden en percepties van waarheid en leugen, prete ntie en realiteit. e tc. zic h met elkaar te laten mete n. He t theater als plaats bij uitstek waar het publiek Lelf moet oordelen wat de ware aard van het spel en de spelers is. Helaas. het werden geen 路open' dcballc n. Oorspronkelijk was dus een debauerend trio gepland, het werd een ongelijk eentweetje, me t daarbij I ambtenaar tegenover twee activi ten/lobbyi sten. Een op papier voldoende ogend concept kreeg door de afwezigheid van een derde partij, de politici, e n een departement in oppositie, een te eenzijdig karakter. a ieders korte inleiding ontstond al snel de vorm van een spervuur van kritiek e n vragenmonoloog van de groene e n ont wikkelingsacti viste n ric hting de drie aanwezige ambtenaren. die geacht werden het bele id van hun ministers te moeten verantwoorden, wat irreeel is. Zo werden zij hoofdzakelijk in een verdedigende rol gedrukt waarop ze alledrie anders reageerden. He t ging allemaallijken op wat in het Engels heet 'hureaucrat-hashing", vrij vertaald 'ambte naartje slaan路. Hierop hadde n de organi atoren vermoedelijk niet gerekend, laat staan de overheidsdienare n zelve. He t publiek werd hierbij de verliezende partij. Wijzer kon het publiek er namelijk niet van geworden zijn. behalve dat bestaande beelde n eventueel werden bevestigd van ambtenaren die ogenschijnlijk nie ts of niet voldoende hun best doen. He laas zie t de werkomgeving van de VROM- en DG IS-ambtenaar er niet meer zo simpel uit. dat je inderdaad zulk soort conclusies LOU kunnen trekke n. Schlingeman parrcerdc als e nige de vele vragen op meestal duide lijke wijze e n liet zich niet in de hoek slaan:" ee. geen welwaar of niet-waar diskussie. dit ... is zo" en noemde feiten, of hij zei eerlijk dat hij van he t gevraagde niets wist. en gebruikte inzake de financiering van de GEF (zie hie ronder) zelfs de boze woorde n " Ik zweer dat ederland hierin juist zwaar vooroploopt!", en liet daarmee de vragensteller ver achter zich. Walle r- Huntcr verschool zich meer en meer achte r pro forma opmerkingen en reageerde op de kritiek met neergeslagen hoofd en pessimisme:"Hct is nog te vroeg om iets conc reets te zeggen. wc wete n eigelijk nog nie t wat we nu gccreeerd hebben". Slingerman, de e nige aanwezige persoon die in dit verband tot de opposi tie gerekend kon worde n. mompelde meestal onverstaanbaar voor zich uit, nie t bewu t dat e r een publiek voor hem zat e n herhaalde diverse malen hoe complex he t toch allemaal niet was! Vergeef me mijn cynisme, maar met dit laatste type me ns zoals hij zouden we nooit wegen. stoplic hte n, waterleidingen en rioleringe n hebben gekregen, want dat is alle maal veels te complex . Het e nige aanwezige kamerl id Pitstra hoefde zich uberhaupt niet in he t zweette werken. Gezien het onde rwerp speelde hij voor eigen publiek. Het vcrbaasde me gewoon dat er van de C DA-d epartementen die oppositie voeren tegen m.n. Aiders en VROM . door de organi satore n notabene maar I ambtenaar uitgenodigd was, die ook nog eens de Lwakste broede r van het geheel bleek te zijn. Verder hadden er absoluut pol it ici van C DA. VVD en

22

} ason Magazine nr. 5. okt. 1992

D'66 moete n verschijne n, koste wat kost. Ee n les voor een volgende keer hoop ik. O ndanks he t feit dat er dus in het uitgevoerde concept van de dcballen het een en a nder goed scheef Lal werd er gelukkig af en toe ook nog inhoudel ij k op zaken ingegaan. Hie ronde r volgt een korte compilatie van de drie behandelde the ma 's: The ma I. Landbouw e n tropische bossen. Over du urzame ontwikkeling, he t hoofdconcept van de U CED, werd gezegd dat niet-duurzame landbouw helaas nog te goedkoop is om volledig vervangen e n o f beconc urreerd te worden door o.a. biologische landbouw. Toch z ulle n vraag- e n aanbodmechanismen de onvermijdelijke wegen zijn om milie uvriendelijkere produ ktiemethoden economi sch duu rzaam te make n. Sturing hierbij is nodig. want de huidige gangbare landbouwprodukten hebben lage prijzen omdat milieuschade (mest. kunstmest. pesticide n. etc.) absoluut niet in de prijs verdiskonteerd is. e n de EG jaarlijks me t circa 30 miljard gulden de huidige grootschalige nie t-biologi c he produkt iemethoden in haar lidstaten blijft subs idieren. Reallocatie of he t vrijmake n van nieuwe financieen, nieuwe sturingsmechanismen zoals omschakel- en braakleggingspremies, e tc. zulle n he t EG-beleid meer moeten gaan kenmerken als het gaat om de aanbodzijde te regule re n. Ook he t meer stimuleren aan de vraagzijde (de consument) van 'du urzamelandbouwprodukten' moet tot het EG-landbouwbeleid gaan behore n. Over tropische bossen is niet gedebatteerd.

"Het conflictmodel tegenover de overheid is voor actievoerend Nederland niet meer automatisch toepasbaar."

The ma 2. Financie ring e n demografische factoren. Het nieuw gccreeerde groene VN-fonds voor duurzame ontwikkeling, de GEF (G iobal Environmental Facil ity). vraagt om financiele bijdragen van alle ondertekenaars. ede rland betaalt naast 0,7% van het B P voor inte rnationale samenwerking nu ook extra 0.1% BNP voor dit fond . Ook de GEF bevindt zich nog in een politieke fase, want wie betaalt wat mee, en wie krijgt dit geld onder welke voorwaarden? Vandaar de extra noodzaak om de V -commissie die dit fonds gaat behe ren ste rk te make n. Vo lgens ins iders wordt er veel gegoocheld en gemani pu leerd me t begrotingsposte n op de ' rekening ontw ikkelingssamenwerking 'om het alle maal mooier te late n lijken dan het is. Daarom zijn volgens Schlingeman zijn collega-ambtenaren bezig om de eigen ontwikkelngsbijdragen zuiverde r en anders te berekene n. Ove r bevolkingspolitiek werd evenmin gedeballeerd. Thema 3. Consumptiepatronen en instituties. Het nieuwe beleid komt in ederland met name terecht bij de bovenge-

noemde vier ministe ries. Waller-Hunte r deelde mee. dat zonder een maatschappelijk draagvlak voor het beleid van Aide rs er geen strengere wetgeving komt. e n zal de weerstand die via Andries e n. Bukman en MaijWeggen geventi lleerd wordt. gehandhaafd blijven. Een oproep dus aan o.a. aktievoerend, studerend en bewust-consume rend Nederland dat er helaas geen reden van optimisme was, en ste un voor Aiders hard nodig is. Het nieuw gevonde n superwoord 'milieugebruik ruimte' heeft volgens een aantal activiste n nog grote vaaghede n. Een van de publicksvragen hie rover was: " Waarheen gaat volgens VROM de 'vrijgekomen ' milieugebruiksruimte, wanneer milieubewust geworden Nede rland zichzelf wat meer indamt? Wie krijgt dan die ruimte?" Een le uke vraag, die niet beantwoord kon worden door de deskundigen. Afs luitend: Tussen actievoerend en ambtelijk ederland leek deze dag veel onbegrip te bestaan voor elkaar, e n onwe tendheid omtrent elkaar werk, bewegingsruimte en verschillende rationaliteiten. Ik laat de politici hier buiten mijn beschouwi ng want die speelden hierbij geen ro l van betekenis. Ik weet echter dat dit nie t altijd en overal zo is. Veel ambtenaren waren namelijk voorheen zel fnog activist bij een of andere club, kregen o.m. vanwege hun de kundigheid een baan aangeboden bij de overheid, e n onderhouden goede contacte n met actievoere nd Nede rland. Maar het een en ander verbaasde me wel. Ik dacht dat het stadium van hokjesdenken bij professionele actievoerders en he t eigen gelijk en gezichtspunt hanteren, inmiddels gepasseerd en gedaueerd was. Of dat men elkaar beter kende in elkaars bedoelingen en ook wat de probleme n e n weerstande n zijn die elk tegenkomt in zijn/haar organisatie en werkomgeving. De losse flodders e n de eenzijdige kritische toon richting ambtenare n stelden teleur en gingen ten koste van de kwaliteit van het debaueren. Het zou vcrder ook interessant gewee t zijn om te zie n, als de drie overheictsvertegenwoord igers zich wat meer op hun gemak hadden kunnen voelen, hoe zij onderling met e lkaar in debat hadden kunne n geraken. Dan zoude n misschien de meer fundame ntele probleme n op tafel zijn gekomen, die vermoedelijk heel veel me t verborgen macht te maken hebben. He laas is he t nie t zover gekome n. Kritiek geven op een falende. tele urstellende of bureaucratische overheid is heel belangrijk. Ongenuanceerde kritiek geven op de overheid is heel makkelijk. terwijl genuanceerde kritiek geven op een overheid die steeds meer eisen inwilligt (VROM en Ontwikkelingssamenwerking zijn hiervan concrete voorbeelden) heel moeilijk kan zijn. Probleem voor actievoerend Nederland hierbij is volgens mij o.a., dat het connietmodel tegenove r de overheid nie t meer automatisch toepasbaar is, en dat de problemen waar het inmiddels om gaat, inderdaad zodanig ingewi kke ld zijn geworden dat van geen enke l individu (lees ambte naar) geeist kan worden dat hij/zij alles overziet, beheerst en oplost. Anderzijds bespeurde ik bij de aanwezige overheidsfun ctionarissen een onderschatting van de externe ste un en deskundigheid die zij kunnen ontvangen voor hun beleid en beleidsveld van deze milie u- e n ontwikke lingsorga-


nisaties. en van de fï nanciele. organisatorische en institut ionele steun en samenwerking die deze organisaties daarbij hard nodig hebben. Ik hoop dat het soort publieke debat als hierboven beschreven niet meer al te vaak voorkomt. omdat het soort debat als dit dan overbodig wordt. als zoiets niet beter wordt georganiseerd. voorbereid en gestructureerd. Verder zou het geen kwaad doen als debattere nde panijcn van tevoren goed nadenken wat zij nu werkelijk weten van elkaar. en daardoor tijdens een debat geen onjuiste voorstelling van zaken geven. of nutteloze vragen stellen. Ditmaal was het in Utrecht geen open debat en de zaalgordijnen van het theater Oudacn sloten zich dan ook zonder echt applaus. Volledig terecht. • Peter Lingg is redacteur hij Jason Maga:ine

NOTEN l) Agenda 2 1 liet Jctocprogr:tmma \OOr m oloeu en ont" oHe· long. een va n de re'ult,oten van de U'ICED. Age nda 2 1 beschn)ft de mohcuprohlemen doe onze aarde bedrcogen en de actieprogramma'' doe n<O<xl7llkc hJk liJn om d oe bedre ogong af te "enden. liet docu ment be\31 \Ier dele n e n 'ccn og hoofd· stukken. tct.1men boJna 500 pagona,. Begin 1993 " biJ VROM/BuZ.1 een \OIIedogc •cnaling in he t edcr land' be" hikbaar. (2) U CED: Unoted Natoon' Con ference on Envoronme nt and Development. " e lke plaatwond on Juno 1992 on Rio de Janeoro. 1ie hiervoor Ja\On nr 3) Deel ne me,..,: Woc n nga <Piatfonn Boologi..chc L ondbou" en Voeding). Knc•eld ( atuu rbe-chcnnong en Were ld , atuur Fond\). Konland ( I Z F.TI. Bo,chman (We rkgroe p Medl'c hc Ontwi t.t.e hng"·"nell\• ert.ong). )pch (WISE) e n Ru yter (Fricnd> ofthc Ean h lntcn uotional). (

4) Hoofdalinca van dot anit.c l: De C DA-mini"cr Andnc"cn. Maij en Bukman hebben tevergccf; ge pro bee rd het nie uwe milie ubeleid, plan (NMP2) tegen te houden. He t CDA-trio. dat een groot dee l van het milie ubeleid uitvocn . vrcc\1 dat PvdA mini,tcr Alde,.., van Mohc ubehccr hen voor de voe te n gaat lopen met een o•emu at aan -chcrpcrc maatregele n.

Zal al het gekll'aa/.. l'Oor een schoner milieu succes hehhen ? ( Foto: Peter Lingg)

jaso11 Magazine nr. 5. okt. 1992

23


Index laatste drie nummers: In Jason Magazine 92/2 "Europa ten prooi aan nationalisme", analyseerde Koen Koch de oude problemen van Oost-Europa, liet Theo van der Voort ons de nieuwe positie zien van de Orthodoxe kerk, bezocht Amout Nuyt een verkiezingsbijeenkomst van de Noorditaliaanse separatist Umberto Bossi nabij Milaan, ontleedde Leendert-Jan Bal het oude zeer van de Duitse minderheden, beschreef Jaap van Donsetaar het dilettantisme en de dreiging van extreem-rechts in Nederland en pleitten Peter Kooijmans en Femando Sousa, ieder op eigen wijze, voor de zaak Oost-Timor.

In Jason Magazine 92/3 "Eén wereld, één probleem" , behandelde Frans Bevort de Japanse stijl van ontwikkelingshulp, beschreef Chudi Ukpabi de uitdagingen, die het Afrika van na de apartheid te wachten staan, schetste Jan Miehiel Otto het leven van Anwar Sadat, stak Antonio Perez Manzano de Rio Grande over, zag Marnix Lamberts nieuwe kansen voor ontwapening in de derde wereld, betreurde Arthur van Buitenen de macht en onmacht van NGO 's in het UNCED-proces, interviewde Peter Lingg OESO-topman Louis Emmerij en werd Herman de Lange kroniekschrijver van de afschrikking. In Jason Magazine 92/4 "Het tekort van Nederland", haalde Silvio Milia de krenten uit de pap, vond Karst Bouwer Nederland opnieuw uit, legaliseerde psychiater Sengers de drugs, karakteriseerdeErwin Muller het Nederlandse terrorisme, werd Neerlands diplomatie ineens handjeklap, informeerde Fisseka-Tsion Mengistu ons beter over Ethiopië, keek Amout Nuyt achter afbladderende Praagseverf, besprak Peter Lingg 'de Nederlandse' wereld scenario 's en besloot Herman de Lange zijn affschrikkings ge chiedenis.

Deze publicatie werd mede mogelijk gemaakt door:

24

Aegon

Internationale-Nederlanden Group

Amev

NATO Wormation Service

AT&T

Philips

Delta Lloyd

Royal Dutch/Shell

Jason Magazine nr. 5. okt. 1992


Wat is Jason? De Stichting Jason is in 1975 door jongeren opgericht om te voorzien in een duidelijke behoefte van jongeren aan evenwichtige informatie over internationale vraagstukken. Jason is niet gebonden aan enige politieke partij en heeft geen levensbeschouwelijke grondslag. Jason informeert op twee manieren. Door het tweemaandelijks uitgeven van dit blad en door het organiseren van activiteiten, zoals buitenland-borrels, congressen, excursies, fora en uitwisselingen. Recente onderwerpen van Jason Magazine waren: de internationale vluchtelingenproblematiek, het Middellandse Zeegebied en de nieuwe veiligheidsproblematiek in internationale betrekkingen (Engelstalige editie). Wil je meer informatie over de activiteitenen/of een gratis proefnummer? Bel 070- 3 60 56 58 of schrijf naar: Stichting Jason, Laan van Meerdervoort 96, 25 I 7 AR Den Haag. Voor nadere informatie kun je ook de hieronder vermelde personen bellen.

Jason Contactpersonen Amsterdam Patriek de Vries 101 2 PV AMST ERDAM 020-6262041

Leiden Erica Zwaan Korte Hanse nstraat I Oa 23 16 BP LEIDEN 07 1-2 15870

Maastricht Erik-Jan Goris S int Annadal I Oh 62 14 PA MAASTRICHT 043-477392 Marcel Caubo Orleansplein 19b 62 17 LB MAASTRIC HT 04 3-472863

Groningen

Carin Tiggeloven Morsweg40 A 23 12 AE LElDE

Frederik Smits van Oyen Lopende Diep 14 97 12 NW GRONINGEN 050-7 17902

Patricia Kampschrc ur Morsweg 24a 23 12 AD LElDE 07 1- 143889

Skander van den Heuvel Turftoren traat 59 97 12 B G roningen 050- 12551 8

Utrecht

Rotterdam

Sandra Genet lbblaan 165 3582 ZC Utrecht 030-51 206 1

Carolien v.d. Kerkhof Oostzeedijk 148b 3063 BJ ROTTERDAM 0 I0-4330654

Tessa van Waaning Van Lidt de Jeugdestraat 9 3581 GG UTRECHT 030-3 15008

Stephanie de Biecourt Pannekoekstraat 74d 3011 LK ROTTERDAM 0 10-4 14 1584


fOT()- ANP

Bosnische Nina is één van de vele kinderen die hun vaderland - het

korte termijn onwaarschijnlijk is, is er extra geld nodig om Nina en al

voormalige Joegoslaviê - hebben moeten ontvluchten.

die anderen te kunnen blijven bijstaan. De gezamenlijke hulporganisa-

Deze vluchtelingetjes hebben hun huis, haard en in vele gevallen hun

ties hebben hiervoor een speciaal gironummer geopend: 777.

ouders achter zich gelaten in de hoop ergens een plekje te vinden waar

Het Nationaal Fonds Kinderhulp beveelt deze inzamelingsactie van

de alledaagse werkelijkheid niet wo rdt bepaald door nietsontziend

harte bij u aan: Kinderhulp doet een beroep op iedereen die zich het

krijgsgeweld. W aar ze, naast de noodzakelijke levensbehoeften, wat

lot van naar Nederland gevluchte kinderen als Nina aantrekt.

rust, warmte en genegenheid kunnen krijgen.

W ant zonder hulp redden ze het niet.

In Nederland wordt momenteel getracht een aantal van die plekjes te creêren. Zo is Nina voorlopig opgevangen in de Koning Wille m I kazerne in Den Bosch. Daar worden alle beschikbare middelen ingezet om haar en haar lotgenootjes te helpen. Aangezien de vluchtelingenstroom nog steeds groeit en terugkeer op

Nationaal Fonds Klnderhulp, Brlnkpoorutraat 32, 7-4 11 HS Deventer, Tel.: 05700-11899.

Profile for Stichting Jason

Jason magazine (1992), jaargang 17 nummer 5  

Jason magazine (1992), jaargang 17 nummer 5  

Advertisement