__MAIN_TEXT__

Page 1

_1J87

.JAABGANG 12

N;tJIDIER2

Magazine voor Internationale \Tcla~tukken


J ason Magazine is een tweemaandelijkse uitgave van de Stichting Jason, gericht op jongeren die zich interesseren voor internationale politiek. In elk nummer wordt aan de hand van een aantal artikelen getracht een evenwichtig en gevarieerd beeld te geven van een internationaal politiek vraagstuk. De redactie onthoudt zich hierbij van iedere politieke stellingname. Redactieleden kunnen echter wel op persoonlijke titel een artikelen schrijven. Wie wil reageren op in Jason verschenen artikelen, of denkt zelf een bijdrage te kunnen leveren, wordt verzocht te schrijven naar: Redactie / secretariaat Jason, Alexanderstraat 2, 2514 JL Den Haag. Telefoon: 070-605658. Postgiro: 3561025. Bank: 456855548.

Overname van in Jason Magazine verschenen artikelen kan slech ts geschieden in overleg met de redactie. REDACTIE JASON-MAGAZINE Hoofdredacteur: Huib van Olden. Redactieleden: Hans-Paul Andriessen, Chiel de Leeuw, Sam Muller, Eugèn van de Pas, Gert-Jan Stempher, Eric Thomas. DAGELIJKS BESTUUR Voorzitter: Piet Hein Coebergh. Vice-voorzitter: Raymond van der Meer. Secretaris: Willemijn van Sandick. Penningmeester: Frank van den Heuvel. Fundraiser: Philip Hartman. Public Alfairs: Christiaan Weiland. Algemene Zaken: Simone Madunic. ALGEMEEN BESTUUR Mr. H.M.P. van Campenhout. F.C.M. Caris. Mr. P.H. Goedhart. Mr. M.C. de Groene. M.C.A. Huisman. Drs. R. Hillebrand. A.M. Knaapen. H.C. van Olden. Drs. A.M. van der Togt Drs. J.C. de Vries. J . P. Westholf. Drs. D. H. Zandee.

Leden van het Dagelijks Bestuur zijn tevens leden van het Algemeen Bestuur. RAAD VAN ADVIES H. J . M. Aben. Dr. A. M. C. Th. van Heel-Kasteel. C. C. van den Heuvel. R. C. Spinosa Cattela. Drs. E. J. van Vloten. Drs. M. A. van Drunen Littel.

INHOUDSOPGAVE

REDACTIONEEL Pag. 1 POLITIEKE KLIMAAT NA DE DOOD VAN MAO: OPKLARINGEN MET HIER EN DAAR EEN BUI. Drs. W. L. van Woerkom-Chong, wetenschappelijk medewerkster aan de Rijksuniversiteit in Leiden. Pag. 2 EEN SUPERMACHT DIE EIGENLIJK GEEN SUPERMACHT WILDE ZIJN. Interview met Tony Saige, China-deskundige verbonden aan de Leidse universiteit. Pag. 9 CAMPAGNE TEGEN BOURGEOIS-LIBERALISME KAN HERVORMINGEN NIET TERUGDRAAIEN. Wicher Slagter vanuit Peking over de laatste verwikkelingen. Pag. 14 ZAKENDOEN IN CHINA, KWESTIE VAN VEEL GEDULD EN VEEL INSPANNING. Interview door Gert-Jan Stempher en Eugen van de Pas, redacteuren van Jason Magazine. Pag. 17 EINDE VAN SCHOUDERVULLING-LOZE TIJDPERK IN HET HEMELSE RIJK. Door H. Kalmann, directeur-eigenaar van Bara bv in Bunschoten. Pag. 19 VS EN WEST-EUROPA ONDERHANDELEN IN NONNENKLOOSTER IN VELDHOVEN. Verslag van een simulatiespel door Gert-Jan Stempher, redactielid van Jason Magazine. Pag. 23


1

China met grote stappen voorwaarts? Dit voorjaar verscheen er in China een nieuw boek met verzamelde toespraken en commentaren van de charismatische partijleider Deng Xiaoping. Het bevat tweeĂŤntwintig toespraken van de 82-jarige Deng over zijn acht jaar oude hervormingsbeleid. Uit dit boek komt hij naar voren als een groot hervormer en tegelijkertijd als een overtuigd communist. Zijn hervormingen hebben voornamelijk betrekking op het grote zorgenkind van China: de economie. China kampt met een enorm financieringstekort en een tekort op de betalingsbalans. Daarnaast schreeuwt de bevolking om meer welvaart. Deng heeft gezorgd voor meer economische vrijheden. De produktie in de industrie en de landbouw gaat met sprongen vooruit. Sinds kort genieten de chinezen van enkele luxe produkten, in steeds meer huiskamers tref je een televisie aan. Op politiek gebied is Deng veel terughoudender. De studenten die eind vorig jaar de straat op gingen voor meer democratie, stuurde hij met lege handen terug naar de collegebanken. Deng houdt zo rekening met de conservatieve vleugel in de partij die de economische hervormingen al veel te ver vinden gaan. Daarnaast wil hij ook trouw blijven aan zijn eigen communistische principes. De strijd tussen hervormingsgezinden en conservatieven in China wordt door partijleider Deng met zijn grote macht en aanzien binnen de perken gehouden. Zal zijn opvolger hiertoe ook in staat zijn of zal de balans naar een van beide richtingen doorslaan? De economische hervormingen geven aan het buitenland de kans om met China zaken te doen. China is vooral geĂŻnteresseerd in de technische know how en de consumptiegoederen van het Westen. Ook Nederland ziet nu kans om de relatie met China, die na de levering van duikboten aan Taiwan verslechterd was, te verbeteren. China zoekt weliswaar toenadering op economisch gebied tot de Verenigde Staten en West-Europa, op politiek gebied wil zij echter haar handen vrij houden. De onafhankelijke positie die zij inneemt tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie wil zij blijven behouden. In deze Jason Magazine vindt u achtergronden bij de huidige ontwikkelingen in China, ontwikkelingen die in de toekomst verstrekkende gevolgen kunnenhebben. H. P. ANDRIESSEN


2

Politieke klimaat na de dood van Mao: opklaringen met hier en daar een bui Gedwongen door het tumult rond de studentendemonstraties van de afgelopen maanden in enkele grote steden, wijl.en de Chinese leiders de bevolking opnieuw met klem op de grenzen waarbinnen afwijkende meningen in China geventileerd mogen worden. Het ontslag van Hu Yaobang als~ Generaal van de Chinese Communistische Partij (CCP) op 16 januari j.L, en de verwijdering uit de partij van enkele prominente met Hu geassocieerde critici van het huidige politiekesteIsel, worden over het a1gemeen geduid als tekenen dat ])eng opnieuw onder grote druk staat van conservatieve tegenstanders. Zij vinden ])engs houding tegenover afwijkende ideeĂŞn en praktijken te tolerant en wijl.en zijn liberaliserende beleid aan als hoofdoorzaak van politieke dissensie, ongeregeldheden in de economie en culturele verwestering. Naar verluidt zou Hu Yaobang, in het kader van Dengs beleid om het leiderschap op alle niveau's te verjongen, terugtreden tijdens het 13de partijcongres later dit jaar. Maar conservatieve facties zouden gebruik h ebben gemaakt van de studentendemonstraties om Hu voortijdig te verwijderen. Hu stond bekend als voorstander van een rap moderniseringstempo en stak zijn waardering voor de successen van kapitalistische landen niet onder stoelen of banken. Ook moet de zuiveringspolitiek, die de regering sinds 1983 voert ten aanzien van de partij, Hu vele vijanden hebben opgeleverd. Het is zeker dat hij zich de woede van de conservatieven op de hals heeft gehaald door zich te verzetten tegen de uitbreiding door de conservatieve facties van de "Campagne tegen Spirituele Vervuiling" in 1983-'84 (zie beneden).

Hervonningen Sinds het begin van de huidige machtsperiode van Deng JGaoping in 1978, wordt zijn beleid gekenmerkt door de prioriteit die wordt verleend aan economische hervormitJ.gen, gecombineerd met een zigzagkoers in de politieke sfeer: perioden van liberalisering worden gevolgd door perioden van hernieuwde inperkingen van opbloeiende vrijheden.

Dit artikel is geschreven door drs. W. L. van Woerk om-Chong, wetenschappeJ1ĂŻk medewerkster aan het Documentdtiecentrum voor het Huidige China van de Rijksuniversiteit in Leiden.

De recente studen tenreJlen in Peking.

Voorbijgangers kijken belangstellend toe.


3

Hu Yaoba.ng poseerde tijdens een bezoek aan Frankrijk naast de supersnelle TGV-

trein. Symbool voor zijn (te) snelle hervormingsplannen?

Indien men Dengs politieke beleid als overwegend liberaliserend aanmerkt, kan men als meest opvallende interpuncties daarin aanwijzen: de beeindiging van de Democratische Beweging in 1979, de "Campagne tegen Spirituele Vervuiling" in 1983'84 en momenteel het spervuur van kritiek op democratisch gezinde intellectuelen als de schrijver-journalist Liu Binyan, Su Shaozhi, en Fang Lizhi. Zowel Liu als Fang zijn uit de CCP verwijderd. Een veel gebruikte uitleg van deze zigzagkoers op politiek gebied luidt, dat Deng de economische hervormingen, die hij ziet als de sleutel tot China's modernisering, uit alle macht tracht door te voeren onder de druk die van tegengestelde kanten op hem wordt uitgeoefend: van "conservatieve" zijde enerzijds en van "extreme hervormingsgezinden" anderzijds. Om de economische hervormingen doorgang te laten vinden moet Deng, volgens deze uitleg, extreme hervormingsgezinden, zoals de democraten, geregeld tot de orde roepen, om tegenstanders van de hervormingen niet in de kaart te spelen. Daarbij komt dat Deng ook persoonlijk de meningen van extreme hervormingsgezinden vermoedelijk te ver vindt gaan. Zijn beleid richt zich primair op vergroting van de

materiêle welvaart van de Chinese bevolking en reorganisatie van bestaande politieke instituten zoals het staats- en partij-apparaat, zonder de aard van deze instituten fundamenteel te willen aantasten.

Experimenten De kern van Deng Xiaoping's hervormingspolitiek wordt gevormd door het program van de "Vier Moderniseringen": modernisering van de landbouw, de industrie, wetenschap en technologie, en het leger. Tot nu is Deng er redelijk goed in geslaagd om het hoofd te bieden aan tegenstand. De tegenvallende economische groei van de afgelopen jaren in China, de lage kwaliteit van vele produkten, schaarste, en de slechte arbeidsmoraal onder de bevolking hebben bij de Chinese leiders geleid tot het inzicht, dat structurele veranderingen in de economie geboden zijn om de verstarring, veroorzaakt door overcentralisering en bureaucratisering, te doorbreken. Men experimenteert met marktmechanismen en de openstelling van China voor buitenlandse investeringen, als aanvulling op de centrale planeconomie. Er bestaat echter geen duidelijke consensus binnen de leiding over de mate waarin en de snelheid waarmee op

de (wereld)markt georiênteerde hervormingen doorgevoerd dienen te worden, en hoever de economische en politieke decentralisering mag gaan. Daarbij spelen niet alleen macro-economische overwegingen een rol (partil!le hervormingen kunnen, in een verstard steisel als het Chinese, alras leiden tot algehele ontwrichting, indien men niet behoedzaam te werk gaat), maar ook politiek-ideologische overtuigingen, waarbij Deng onder anderen wordt geconfronteerd met verdedigers van de Maoïstische erfenis. Dengs economische en politieke hervormingen hebben ook de posities ondermijnd van onder meer kaders in de lagere echelons van de partij, met name in de communes, van het leger, en de industriële departementen, die de concrete uitvoering van Dengs hervormingsbeleid hardnekkig tegenwerken.

Tegenstand in leger (1) Een belangrijke bron van tegenstand voor Dengs hervormingsplannen is vanaf het begin het Volksbevrijdingsleger geweest, waarin zich velen bevinden die de Maoïstische erfenis zijn toegedaan. Zij zien ongaarne de statusverlaging onder Deng van zowel de ideeên van Mao Zedong, als de persoon van Mao Zedong zelf (2). Ook vinden verscheidene legerleiders dat de modernisering van het leger niet hoog genoeg is gewaardeerd in het "Vier Moderniseringen" program, waarin dit onderdeel pas op de laatste plaats komt. In 1984 en 1985 heeft Deng het leger ingrijpend gekortwiekt, zowel budgettair als wat betreft manschappen, hoewel de financil!le besnoeiing beperkt is gebleven tot 300.000 yuan in plaats van de oorspronkelijk geplande 1 miljoen yuan. De politieke invloed van het leger werd eveneens drastisch beperkt, allereerst door een reorganisatie van de regionale gezagsstructuur, die een ondermijning betekende van de sterke regionale banden van enkele sleutelfiguren in de militaire leiding. Bij deze reorganisatie werd tevens het aantal oudere officieren met de


4

! • Nadat hij geruime tijd niet meer. in het openbaar was gezien, verspreidde het Chinese persagentschap deze foto van Hu Yaobang als straatveger, als teken van zijn val uit de hoogste partij-organen.

helft teruggebracht, en werden ,jongere, beter opgeleide, en professioneel competentere" officieren aangesteld. Ten tweede werd in september 1985 de legervertegenwoordiging in het Politburo sterk verminderd. Van de acht legerofficieren bleven er slechts twee over, en deze zijn aanhangers van Deng. Een tegenslag voor Deng was wel, dat de Commissie voor Militaire Zaken nooit zijn voorstel heeft willen accepteren om Hu Yaobang aan te stellen als voorzitter van de commissie.

Meningsverschillen Tussen de partijleiders onderling bestaan grote meningsverschillen ten aanzien van de snelheid en de reikwijdte van de hervormingen. Men kan twee hoofdgroepen onderscheiden: ten eerste degenen tot wie Chen Y un behoort, die geregeld bezwaar aantekenen om economische redenen. Zij waarschuwen dat een te snel hervormingstempo destabiliserend kan werken. Tevens is deze groep gekant tegen een te grote rol van de marktsector. Alleen wanneer de leidende rol van de centrale planning is gewaarborgd, kan de economische ontwikkeling geregeld verlopen, hoewel de markt een belangrijke bijdrage kan leveren aan het verlevendigen van de Chinese economie, aldus deze groep. illustratief in dit verband is Chen Vuns metafoor van de. relatie van de markt-sector tot de plan -economie als een vogel in een kooi: als de kooi geheel is gesloten, heeft de vogel niet genoeg ruimte om te v liegen, maar indien de kooi te wijd wordt opengezet, vliegt de vogel weg. Chen Yun is met name zeer beducht voor teruggang van de graanproduktie, wanneer de boeren overgaan op teelt van meer winstgevende gewassen, of werk gaan zoeken in de lucratieve nieuwe plattelandsindustrie<!n. De toegenomen invloed ván zijn groep op dit moment blijkt uit de hernieuwde aandacht in de media voor graanproduktie. Voornoemde groep vreest eveneens vergroting

van de regionale verschillen tussen het arme achterland enerzijds, en de kustgebieden anderzijds, die zich onder invloed van de huidige politiek sneller ontwikkelen. Daarbij komt de bezorgdheid om de toegenomen corruptie sinds de economische liberaliseringen en de contacten met het buitenland. De Chinese economie is reeds in zoverre gedecentraliseerd, dat sinds het succes van het "verantwoordelijkheidssysteem" (zie beneden) op het platteland, ook in de steden individuen en collectieven meer ruimte tot ondernemen hebben gekregen. In de leiding bestaat echter nog steeds onenigheid over de decentralisering van de bedrijfsvoering in de industriÈ!le staatsbedrijven, getuige de discussies omtrent de in te voeren faillissementswet, die het failliet gaan van staatsbedrijven (voorheen ondenkbaar in het Chinese beeld van een socialistische samenleving!) mogelijk zou maken (3).

Corruptie De tweede groep binnen de leiding is, nog sterker dan de eerste, verontrust over de toename van corruptie. Met deze groep worden namen geassocieerd als Peng Zhen, Hu Qiaomu, en Deng Liqun. Zij wijten de corruptie direct aan de liberaliseringen en de invloed van het buitenland, bron van "decadente bourgeois ideel!n en

praktijken". De corruptie onder partijkaders maakt het de partij bijzonder moeilijk om haar reputatie onder de bevolking te herstellen, wat Deng regime zeer kwetsbaar maakt. Dengs tegenstanders maken hiervan gebruik om druk uit te oefenen ten gunste van een strikter politiek en ideologisch beleid. De hervormers intussen ontkennen het verband van de toegenomen corruptie met de hervormingen, en spannen zich in om de strijd tegen corruptie zoveel mogelijk uit handen te houden van de conservatieven, die in staat zijn om opzettelijk de totale hervormingsinspanning in discrediet te brengen. Terwijl Deng zich tracht te ontdoen van de Maoïsten, van wie zeer velen tijdens de Culturele Revolutie omhoog zijn geschoten in het overheids- en partijapparaat (in de politieke retoriek "links" genoemd), moet hij tegelijkertijd een krachtig beleid voeren tegen corruptie en verwestering (de strijd tegen "rechts"), om het initiatief te behouden op de conservatieven.

Twee campagnes In dit licht moeten de twee campagnes worden gezien, die beide in 1983 werden gelanceerd: de "Partij Rectificatie Campagne", die drie jaar zou duren, en de "Campagne tegen Spirituele Vervuiling" (4). De eerste, een zuiveringsactie gericht


5

o 'l HI n '

.

Deng Xiaoping richt zlïn beleid vooral op een versterking van de materieJe welvaart van de Chinezen .

~- ~

i~-=3 ·1. '-4 t.J.1! !

tegen "links" in de partij, was een logisch onderdeel van Dengs strijd tegen de erfenis van de Culturele Revolutie, en lag als zodanig in de lijn der verwachting. De "Campagne tegen Spirituele Vervuiling" daarentegen veroorzaakte zowel binnen als buiten China een schok: zij werd niet alleen binnen de partij gevoerd, maar woedde ook daarbuiten, met een felheid die deed denken aan de heksenjachten van de Culturele Revolutie. Tijdens het Tweede Plenum van het Twaalfde Centrale Comité (oktober 1983) rou Deng Xiaoping hebben gezegd, dat hij onder "spirituele vervuiling" verstond: "het verspreiden van allerlei decadente en gedegenereerde ideologieén van de bourgeoisie en andere uitbuitende klassen, en het verspreiden van gevoelens van wantrouwen ten aanzien van de socialistische en communistische zaak, en het leiderschap van de Communistische Partij". Tot de gelaakte ideel!n behoren onder meer de gedachte, dat ook in een socialistische samenleving vervreemding rou kunnen bestaan (bijvoorbeeld van de burger ten opzichte van de politiek, en van de arbeider van de produktie), en "humanisme". De "Campagne tegen Spirituele Vervuiling" mondde echter uit in acties tegen intellectuelen, een groep die Dengjuist wil rehabiliteren om de

moderniseringen te doen slagen, en personen met westers beïnvloede kleding- en haarstijlen (hoge hakken, wijde broeken, lang haar, permanent). De campagne dreigde zelfs over te slaan naar het platteland, waar de bevolking plotseling vreesde dat de hervormingen zouden worden teruggedraaid. Om te voorkomen dat de campagne de economie in gevaar zou brengen, werd in midden november 1983 verklaard dat de campagne beperkt moest blijven tot de ideologische sfeer en dat zij "niets te maken had met wetenschap en de economie". Pas in februari 1984 slaagde Hu Yaobang erin om de uit de hand gelopen campagne onder controle te krijgen. Sommigen menen dat het conservatieve leiders als Hu Qiaomu en Deng Liqun zijn geweest, die achter de intensivering van de campagne zaten. Deng had immers oorspronkelijk een campagne van beperkte omvang op het oog om de partijdiscipline te vergroten en zijn tegenstanders een stap voor te zijn. Dat de conservatieven er daarentegen bijna in slaagden om het vertrouwen in de economische hervormingen een zware slag toe te brengen, moet ook voor Deng een zeer onaangename verrassing zijn geweest.

dat de economie en wetenschap en technologie alleen kunnen opbloeien in een ondogmatische sfeer van vrije discussie. Toch zijn er duidelijke grenzen aan wat hij hierbij toelaatbaar acht: het socialisme, de "democratische dictatuur van het volk", het leiderschap van de partij, en het Marxisme-Leninisme en het Denken van Mao Zedong staan buiten kijf. Deng formuleerde deze "Vier Basisprincipes" in maart 1979, mede om zijn standpunt duidelijk te maken ten aanzien van de Democratische Beweging en de Muur van Democratie in Peking, die hij tot dan toe oogluikend had toegestaan. De reden hiervoor zou zijn geweest, dat de kritiek van de Democratische Beweging op de "Bende van Vier" en Hua Guofeng, Deng een steun in de rug gaf in zijn strijd tegen deze Maoïstische erfgenamen. Toen Deng politiek steviger in het zadel zat, maakte hij een abrupt eind aan de Democratische Beweging en de Muur van Democratie. De leiders werden gearresteerd, en later tot zware gevangenisstraffen veroordeeld. Ook werden de grondwettelijk gewaarborgde" Vier Grote Vrijheden" (onder meer om grote straatdebatten te houden en muurkranten op te hangen) afgeschaft. Nog afgezien van de druk die de conservatieven op hem uitoefenen, mag men aannemen dat Deng zelf overtuigd is van de waarde van de Vier Basis Principes. Als revolutionair van het eerste uur ziet hij het socialisme als de enige manier om van China een moderne natie te maken, en daartoe is het onbetwiste leiderschap van de partij onontbeerlijk, hoezeer Deng ook tracht om naast de partij andere instituten, zoals de regering, de gerechtshoven, en de bedrijven meer autonome beslissingsbevoegdheid te geven. Democratiseringsvoorstellen waarbij vrije verkiezingen en een vrije drukpers naar westers model worden gepropageerd, worden niet alleen door de conservatieven, maar ook door Deng zelf verworpen.

Onzorgvuldig Vemieuwingsvoorstellen Deng Xiaoping is ervan overtuigd,

Dit alles heeft Dengs houding tegenover de Democratische Beweging be-


6

Sinds 1978 heeft Deng een zware strijd gevoerd tegen de "Bende van Vier' ~ In die strijd bleef geen middel onbeproefd.

paald, en be誰nvloedt momenteel zijn kritiek op intellectuelen als Liu Binyan en Fang Lizhi, die, zo meent Deng, het partijgezag ondergraven. Liu Binyan was tot zijn ontslag journalist bij het Volksdagblad en schrijver, wiens verhalen over misstanden in de partij gepresenteerd worden als ware gebeurtenissen, en die ook als zodanig worden geaccepteerd (5). De kritiek op zijn "rapportage-literatuur"luidde onder meer, dat hij als journalist niet zorgvuldig genoeg te werk was gegaan bij het natrekken van zijn gegevens! Liu werd gesteund door Hu Yaobang, met wie hij betrekkingen onderhield sinds de jaren vijftig, toen Hu topleider was in de Chinesejeugdliga, en Liujournalist voor de "Chinese Jeugdkrant". Liu werd ook al weggezuiverd in 1958 tijdens de "Anti-rechtsen Campagne", die volgde op de "Honderd Bloemen"periode. Fang Lizhi, astrofysicus en tot zijn ontslag op 12 januari 1987 vice-president van de Chinese Universiteit voor Wetenschap en Technologie te Hefei in de provincie Anhui, wordt verweten, dat hij directe verantwoordelijkheid draagt voor de studentendemonstraties. Tijdens toespraken aan diverse universiteiten heeft hij de studenten opgeroepen niet langer te buigen voor de machthebbers. Democratie van bovenaf "vergund" is geen democratie, aldus

Fang. Het zijn de machthebbers die hun positie te danken hebben aan het volk, en die verantwoording aan het volk dienen af te leggen (6). Hu Yaobang zou zich hebben gecompromitteerd door zich niet te distantil!ren van de debatten over democratie en intellectuele vrijheid eind 1985 aan voornoemde universiteit, waarin Fang Lizhi een belangrijke rol speelde.

Kandidaten Een vooraanstaand intellectueel die zich, in tegenstelling tot bovengenoemden, niet iconoclastisch opstelt, maar wiens idel!n desalniettemin zeer omstreden zijn, is Su Shaozhi, directeur van het Instituut voor Marxisme-Leninisme-Denken van Mao Zedong van de Academie van Sociale Wetenschappen. Su is voorstander van vrije verkiezingen voor leidinggevende posities, om te beginnen in de partij en in het Nationaal Volkscongres, waarbij kandidaten dingen naar de gunst van de kiezer. Terwijl de huidige leiding de schijn tracht te bewaren van unanieme meningen en officil!le consensus, zou Su liever een erkenning zien van het bestaan van verschillende belangengroepen in de samenleving. Sinds de revolutie van 1949 presenteren zowel staat als partij zich als vertegenwoordigers van het volk, zonder dat er instituten zijn ontwikkeld die de bevolking in staat stellen om staat en partij daadwerkelijk te controleren en om uiteenlopende me-

ningen democratisch te uiten. Su is voorstander van meer zeggenschap voor vakbonden en andere intermediaire groepen tussen de staat en de partij enerzijds, en de individuele burger anderzijds, om de belangen van verschillende groepen te behartigen. Ook heeft hij (tevergeefs) de oprichting van een apart, onafhankelijk Constitutioneel Hof voorgesteld (7). Su wijst erop, dat de rol en functie van een Communistische Partij die aan de macht is fundamenteel verschilt van die van een Communistische Partij tijdens de revolutionaire strijd. De corruptie in de partij is ook Su een doorn in het oog. Maar in tegenstelling tot de conservatieven, die menen dat de corruptie wordt veroorzaakt door de economische hervormingen, meent Su dat zij het gevolg is van het feit dat de hervorming van de politieke structuur geen gelijke tred heeft gehouden met de economische. Juist het gebrek aan democratische controle maakt dat kaders misbruik kunnen maken van de hervormingen om zichzelf en hun connecties te verrijken en om zwarte handel en speculatie te bedrijven. Su waarschuwt dat het succes van de economische hervormingen zelfs zal afhangen van tijdige politieke hervormingen.

Splijtzwammen Al deze ideel!n werken als splijtzwammen in de toch al verdeelde Chinese leiding, en alleen al daarom


7

-,

Deng Xiaoping tijdens een bezoek aan de Verenigde Staten.

gaan ze Deng Xiaoping te ver. Het is geen toeval dat zijn Vier Moderniseringen alle de economische onderbouw betreffen. Momenteel luidt het officiele standpunt, dat de weg naar het socialisme noodzakelijkerwijs begint met uitbreiding van de produktiekrachten. Pas als er in materieel opzicht genoeg is om aan ieders behoefte te voldoen, is er een basis aanwezig om het socialisme verder te ontwikkelen. Maar dat is pas van later wrg (8). Met dit goed Stalinistische uitgangspunt tracht Deng het probleem van economische ontwikOntwrichting keling in een naar het socialisme Mao's opvolgers zagen zich gesteld strevende samenleving te ontdoen voor de enorme taak, om de econovan zijn polariserende, Maoïstische mische en sociale ontwrichting van aspecten. de Chinese samenleving te herstelSinds 1978 voert Deng een niet aflalen. Hua Guofeng trachtte dit te doen tende strijd op het ideologische front tegen de erfenis van Mao Zedong, zo- door middel van een ambitieus, op grootschalige projekten en importen als gerepresenteerd door de "Bende gebaseerd moderniseringsprogram, van Vier" onder leiding van Mao's gecombineerd met Maoïstische retoweduwe, en door Hua Guofeng, riek, om zowel de Maoïsten als de Mao's zelfaangewezen opvolger. hervormingsgezinden terwille te Mao Zedong is altijd een voorstander geweest van economische ontwikke- zijn. ling en modernisering, maar in de la- Deng Xiaoping wist Hua politiek naar de achtergrond te verdringen, tere periode van zijn leven begon hij zich ernstig zorgen te maken over het door op ideologisch terrein overwinningen te behalen op de Maoïsten in corrumperende effect van economi1978. In drie grote debatten wist sche voorspoed en sociale ongelijkDeng steun te krijgen voor drie uitheid. Het staats- en partij-apparaat gangspunten, die een breuk betekenwaren in zijn ogen bolwerken ge. den met de voorafgaande periode: worden van verstarring en elitarisme, broeinesten van een nieuwe geniet dogma's en persoonsverheerlijking, maar "de praktijk is het enige priviligeerde "klasse". Zoals Mao tijcriterium voor waarheid"; gebroken dens de "Grote Sprong Voorwaarts" moet worden met de ontstane prakvan 1958 wilde bewijzen, dat door pure wilskracht en inzet China's eco- tijk om "iedereen te laten eten uit één grote pot"; economische ontwiknomische achterstand in recordtijd kon worden ingehaald, zo meende keling is gebonden was aan economihij de gevestigde bureaucratische be- sche wetten. Dit laatste was duidelijk langen te kunnen bestrijden door een overwinning op het Maoïstische vanaf 1966 een massale aanval te lan- voluntarisme. Eind 1978 was Deng zover, dat het ceren op "vijanden van het volk". "verantwoordelijkheidssysteem" als Daarbij zette hij grote groepenjeugleidend principe in de economie aandige Rode Gardisten in, die moesten optreden als verdedigers van de revaard werd, dat sindsdien de hoeksteen is van China's hervormingsprovolutionaire erfenis. De "Culturele Revolutie", zoals deze campagne gramma. Het impliceert op twee mawerd genoemd, mondde uit in fananieren een breuk met de Maoïstische tieke heksenjachten op andersdenerfenis: het is anti-egalitaristisch, en het impliceert een groeiend aandeel kenden en een gewelddadige factiestrijd, waar uiteindelijk het leger een van marktmechanismen als reguleeind aan maakte. Pas in 1976 werd de rende factoren in de economie, waar "Culturele Revolutie" beeindigd ver- voorheen bureaucratische decreten prevaleerden (9). Bovendien propaklaard, en omgedoopt tot de "tien jaren van chaos". geert Deng een grotere rol voor "des-

kundigen", degenen met een specialistische opleiding.

Vrij verkopen Het "verantwoordelijkheidssysteem" op het platteland houdt in, dat boerenhuishoudens op basis van produktiecontracten werken, en na afdracht aan de staat van een afgesproken gedeelte van de produktie de rest mogen verkopen op de vrije markt. In de stad zou het nieuwe stelsel moeten bewerkstelligen, dat ook industriele staatsbedrijven zelf verantwoordelijk worden voor kapitaalverwerving, marketing, winsten en verliezen, terwijl voorheen de staat dit alles voor zijn rekening nam. Het is gebleken, dat invoering van dergelijke hervormingen in de stad op zeer grote weerstanden stuit bij die instellingen, wier invloed berust op het intact blijven van de centrale planning, zoals de industriele departementen en de partijcomité's in de bedrijven. Sinds 1978 luidt het officiele partijstandpunt, dat de door Mao gepropageerde "klassenstrijd" voorbij is, en dat na de socialistische revolutie geen gevaar meer bestaat voor het ontstaan van nieuwe gepriviligeerde klassen. Uitbuiting en vervreemding, sleutelthema's in de Marxistische maatschappijvisie, vormen na de socialistische revolutie geen probleem meer, zo luidt het (10). Hiermee probeert men de weg te openen naar een herstel van sociale harmonie, gebaseerd op meer welvaart. Dengs methode om bureaucratische verstarring en machtsmisbruik te bestrijden verloopt langs lijnen van geleidelijkheid,langs juridische en organisatorische weg, en niet langs de weg van "spontane" massacampag-


8

Het " Verantwoordelijkheidssysteem " op het platteland houdt in, dat boeren na afdracht aan de staat van een afgesproken gedeelte van de produktie de rest mogen verkopen op de vnïe markt.

ver kan gaan als democratisch gezinde groepen zouden willen, indien hijzelf daar al toe bereid zou zijn. Niet voor niets worden momenteel in de pers aanhoudend de Vier Basis Principes benadrukt. Hoewel conservatieve leiders als Peng Zhen en Deng Liqun zich momenteel nadrukkelijk in de media manifesteren, schijnen de hervormers de storm redelijk goed doorstaan te hebben. Het is te hopen dat de hervormingspogingen ook in de toekomst niet voortijdig zullen stranden door vergaande economische ontwrichtingen of politiek tumult. In zijn oncomfortabele middenpositie zal Deng, zowel economisch als politiek, gebonden blijven aan het motto: twee stappen voorwaarts, één stap terug.

nes. Daartoe propageert hij de scheiding van de beslissingsbevoegdheid van staat en partij, rehabilitatie van het rechtssysteem en de gerechtshoven en het zich terugtrekken van de partijcomitci uit de dagelijkse besluitvorming van de staatsbedrijven.

Hoge verwachtingen Inmiddels is gebleken dat Dengs beleid met name bij de jeugd hoge verwachtingen heeft gewekt, niet alleen in materieel, maar ook in democratisch opzicht. De Democratische Beweging, en ook de studentendemonstraties van de afgelopen tijd, waren zo niet geïnspireerd, dan toch gestimuleerd door (geruchtenpver) discussies aan de top over politieke hervorming. Deng Xiaoping, in ieder geval tot voor kort, wordt door menige jongere als kampioen van de strijd tegen de conservatieven gezien. Het blijkt dat in de praktijk Deng niet zo-

Noten 1. Grotendeels gebaseerd op: A. J . Saich , 1986. 2. Zie literatuurlijst no. 1, en Schram 1984.

5. Zie literatuurlijst no. 3.

3. T. Vosbein. "Bankruptcy·The Limit of Reform in China?" China Information, Leiden , Winter 1986-'87, vol . 1, no. 3, pp. 1-8.

Information , Leiden , 1986. vol. 1, no. 2. 8. Mackerras 1982. 9. Schram 1984. 10. Mackerras 1982; literatuurlijst no. 1.

4. A. J . Saich, 1984.

6. Zie literatuurlijst no. 2.

7. Interview met Professor Su Shaozhi, in China

Beknopte literatuurlijst. 1. Beijing Review, no. 27, 6 July 1981, pp. JO-39: "On Questions Of Party HistoryResolution On Certain Questions In The History Of Our Party Sinee The Founding Of The People's Republie Of China", (27 June, 1981). 2. Fang Lizhi: vertalingen van delen van zijn toespraken verschenen in The International HeraId Tribune van 20 en 21 januari 1987. 3. Liu Binyan en Perry Lind (eds.): People of Monsters? And Other Reportage Literature From China Af ter Mao, Bloomington: Indiana U.P., 1983. 4. C. Maekerras, "Chinese Marxism Sinee 1978", J ournal of Contemporary Asia, vol. 12, no. 4, 1982, pp. 398-414. 5. A. J. Saieh, "The Reform Programme in the Year of the Tiger", China Information, Leiden, 1986, vol. 1, no. 1, pp. 8-15. 6. A. J . Saich, "Party Consolidation and Spiritual Pollution in the People's Republie of China", Communist Affairs, vol. 3, no. 3, July 1984, pp. 283-289. 7. S. Schram, Ideology and Poliey in China Sinee the Third Plenum, 1978-84, Contemporary China Institute, London: Researeh Notes and Studies, no. 6, 1984.


9

Een supermacht die eigenlijk geen supermacht wilde zijn '!bny Saige, een specialist op het terrein van de buitenlandse politiek van China, is als wetenschappelijk medewerker verbondenaanhetSinologisch Instituut te Leiden. Sam Muller sprak met hem over de Chinese buitenlandse politiek, met name naar de plaats die China inneemt in de driehoek Verenigde Staten-80v;iet-Unie-China. Volgens Sa.ige is de Chinese visie op de wereld en de plaats die het land inneemt afkomstig van Mao Zedong. Saige: "Formeel heeft China altijd gezegd dat het nooit een wereldmacht wil zijn. Mao kwam in het begin van de jaren zeventig met de zogenaamde "Drie werelden visie". Volgens die visie was de wereld in drieĂŤn verdeeld: De Eerste Wereld bestaat uit de twee supermachten Amerika en Rusland, de Tweede Wereld bestaat uit de aanhang van de supermachten in West- en OostEuropa en Japan. Tenslotte heb je de Derde Wereld. China ziet zichzelf als een van de leiders van de Derde Wereld en heeft dus geen ambities om een derde supermacht te worden. In deze visie zijn de twee supermachten het grootste gevaar voor stabiliteit in de wereld. Maar als je gaat kijken welke van de twee supermachten als de grootste dreiging wordt gezien, dan valt op dat ideeĂŤn hierover aan verandering onderhevig zijn. Om dit duidelijk te maken ga ik eerst een beetje terug in de geschiedenis".

Kentering Saige: "Zeker tot aan de jaren zeventig werden de VS als de grootste vijand gezien. Dat kwam door de oorlogen die de VS voerden in Korea en Vietnam. Twee factoren veranderen echter de mening van China. Ten eerste werd het China duidelijk dat de VS de oorlog in Vietnam nooit zouden kunnen winnen. Bovendien begon in de VS zelf de oppositie tegen de oorlog sterker te worden. Het idee dat de VS een expansionistische mogendheid waren, bleek niet helemaal meer te kloppen. Het tweede punt betrof de SovjetUnie. In 1969 woedde er een kleine

grensoorlog tussen de Sovjet-Unie en China. Omstreeks dezelfde tijd vond de Sovjet invasie van Tjechoslowakije plaats. Hierdoor is het strategisch denken van China veranderd. Het expansionisme van de Sovjet-Unie werd meer gevreesd dan dat van de VS. Dit is een keerpunt geweest voor de buitenlandse politiek van China en heeft de politiek in de jaren tachtig sterk bepaald". "Voorbeelden van de kentering waren het geheime bezoek van Kissinger aan China. Kort daarop bezocht ook Nixon China. Nog veel belangrijker was echter dat de partij in China omstreeks 1974 de noodzaak van een moderniseringsplan voor de Chinese economie begon in te zien. Zonder buitenlandse investeringen zou dit niet mogelijk zijn, en voor die buiten-

Moderniseringen in Peking: Chinezen m assaal onder de droogkap.

landse investeringen was het noodzakelijk dat China een meer open politiek ging voeren en meer contacten met het buitenland zou hebben. Om deze redenen ging China werken aan betere relaties met West-Europa en in zekere zin ook met de VS. Samenvattend zou je kunnen zeggen dat China's houding ten opzichte van de rest van de wereld aan de ene kant bepaald werd door strategische aspecten van buiten en aan de andere kant door economische problemen van binnen uit".

Chinese kaart Saige: "In Washington spreekt men, wanneer het gaat over de betrekkingen met China, wel eens van de "China-kaart" en hoe die het beste tegen de Sovjet-Unie kan worden


10

De Historische Opening: het bezoek van de Amerikaanse president Nixon aan Mao

Zedong.

wostok echter met een aantal concessies. Ten eerste bleek de Sovjet-Unie bereid om te praten over een terugtrekkng van haar troepen uit Afghanistan. Ten tweede bleek Moskou bereid tot een troepen- en wapenreductie langs de Chinees-Russische grens. Hij zei echter niets over Kampuchea, behalve dat "de Sovjet-Unie inzag dat China een gerechtvaardigd belang had in de oplossing van dit probleem",

Schok voor Peking

uitgespeeld. China heeft het spelletje altijd op een heel handige manier mee gespeeld. Bij problemen in de relatie tussen Washington en Peking vond de Chinese regering steeds de . tijd gekomen om weer eens met de Russen te gaan praten over een eventuele toenadering. Met als gevolg bijvoorbeeld dat de VS de wapenleveranties aan Taiwan stopten en de "two China Policy" wat minder stringent toepasten. Zo zie je dat hoewel China zegt dat ze geen wereldmacht wil zijn, de praktijk op andere feiten wijst. China manoeuvreert op een handige wijze als een onafhankelijke macht tussen de twee supermogendheden door".

Wat zijn de belangrijkste factoren die voor China betere betrekkingen met deSovjet-Uniein de wegstaan? Saige: "China heeft altijd gezegd dat

er drie grote stuikelblokken zijn voor de verbetering van de relaties tussen de twee landen. Ten eerste is er het probleem Afghanistan. Ten tweede is er de concentratie van Sovjet-troepen en wapens in Mongolil! en langs de grens met China. Het derde probleem is het probleem KampucheaVietnam. Tot heel recent heeft China al deze drie problemen als even belangrijk beschouwd, en een oplossing van elk van deze drie problemen gel!ist. Het antwoord van Moskou was altijd dat het in alle drie de gevallen ging om onafhankelijke staten, die de hulp van de Sovjets hadden ingeroepen. Moskou kon dus niet eenzijdig beslissingen nemen over eventuele terugtrekking van troepen. Wel konden zij praten over de troepen langs de Chinese grens. In september vorig jaar kwam Gorbatsjov in een redevoering in Wladi-

Saige: "Deze toespraak kwam als een schok voor de regering in Peking. Zij had zich er op ingesteld dat de Sovjet-U nie voet bij stuk zou houden, en niet tot concessies bereid zou zijn. Het heeft dan ook een maand geduurd voordat China met een reactie kwam. In een tv-interview met een Amerikaanse ornroepmaatschappij zei Deng Xiaoping dat de Chinese regering na deze toespraak de drie problemen had losgekoppeld, en nu de nadruk heel duidelijk legde op het probleem rond Kampuchea. China weet dat dit het moeilijkst op te lossen probleem is en door hier de nadruk op te leggen, zette China de Sovjet-Unie verder onder druk. Het lijkt er dus op dat China geen echte haast maakt met een accoord met de Sovjet-Unie. Het is echter mijn persoonlijke mening dat de problemen tussen China en de Sovjet-Unie makkelijker op te lossen zijn dan de problemen tussen China en de VS. Het is vrijwel zeker dat de Russische troepen niet voor altijd in Afghanistan zullen blijven. Voorts is er een toename te zien van accoorden tussen China en de SovjetUnie op cultureel en onderwijsgebied. In dit klimaat lijkt mij een grote troepenmacht aan de Chinese grens om "de Chinese dreiging een halt te kunnen toeroepen" niet van het grootste belang, en is een troepenvermindering aan de grens te verwachten. Als laatste blijft dan het probleem Kampuchea over. Ik denk goede banden met China voor Rusland op de lange termijn van meer waarde is dan de banden met Vietnam".

De Chinese leider Deng Xiaoping wil


11

Economische moderniseringen staan bovenaan de lijst van Deng Xiaoping. Tijdens zlïn buitenlandse reizen bezoekt hij dan ook talrijke fabrieken .

echter niet verder gaan dan een goede handelsrelatie met de SovjetUnie. Het is een interessante vraag wat de opvolgers van Deng zullen verstaan onder een goede relatie met Rusland".

Welke problemen staan een goede relatie met de VS in de weg? Saige: "De relatie tussen de Verenigde Staten en China wordt eigenlijk maar beheerst door één probleem: de kwestie Taiwan. Deze zaak is veel moeilijker op te lossen is dan de drie problemen die de relatie met de Sovjet-Unie beheersen. De VS ondersteunen de regering in Taiwan zowel politiek, militair, als economisch. Maar zowel voor China als voor Taiwan is een "Two China Policy" eigenlijk onaanvaardbaar. Volgens beide partijen is er maar één China".

Oostelijk pact Heeft China ooit de ambitie gehad om een soort verdedigingsblok te vormen met de overige landen in Azil!, om zo een machtsblok in het Oosten te crei!ren? Saige: "Van gedachten over een formeel pact, vergelijkbaar met bijvoorbeeld de NAVO, is mij niets bekend. Er zijn echter wel sterke informele banden tusen China en een aantal landen om haar heen, als tegenwicht voor een eventuele Sovjet-expansie in het Oosten. Als voorbeeld noem ik Japan, waar sterke economische banden, ook militair-strategische banden mee ontstaan zijn. China was in de jaren zestig een sterke tegenstander van de nauwere banden tussen Japan en de VS. Nu ziet China die banden als een belangrijk strategisch tegenwicht tegen de dreiging van de Sovjet-Unie. Een tweede voorbeeld is de goede relatie die China met Thailand heeft. Thailand is vanwege Vietnam van grote strategische waarde voor China. Onlangs heeft China tegen een vriendenprijs een grote hoeveelheid tanks aan Thailand geleverd. Als laatste land noem ik Indonesië waarmee China vooral op econo-

misch gebied samenwerkt. Er is echter één factor die, en dat geldt voor bijna alle Aziatische landen, een samenwerking met China in de toekomst moeilijker zal maken. Dat is het feit dat China, vanwege haar grote grondstoffenpotentieel, in de toekomst steeds meer een economische concurrent zal worden. Het probleem is dat de meeste landen rondom China ongeveer dezelfde soort grondstoffen hebben. Daarnaast is er natuurlijk ook nog de diep in het verleden gewortelde angst voor "het Grote Chinese Keizerrijk. Samenvattend kan je zeggen dat China ten eerste Vietnam wil isoleren, en ten tweede de (verdere) Sovjet-expansie in het Oosten een halt wil toeroepen. Dit betekent dat zij betere relaties met de landen om haar heen moet creëren. De meeste landen om en nabij China zijn om strategischeen economische redenen zeker bereid tot een vorm van samenwerking met China. Dit alles gaat echter niet zo ver als een soort pact".

China en Europa Wat valt er te vertellen over de verhouding tussen Europa en China ? Saige: "Het is erg interessant dat binnen de "drie werelden politiek" zowel West- als Oost-Europa binnen de Tweede Wereld vielen. China hoopte te kunnen bereiken, dat de beide Europa's zich los zouden maken uit de invloedsfeer waarin zij liggen en een progressieve rol zouden spelen in de

wereldpolitiek. Dat denkbeeld leefde in het begin van de jaren zeventig, toen China nog een vrij revolutionaire buitenlandse politiek voerde. Langzamerhand is China echter van deze visie afgestapt en nu ligt de nadruk meer op de economische samenwerking. China is druk bezig om betere banden met Oost-Europa te krijgen, los van de Sovjet-Unie. Landen zoals Roemenië en Joegoslavië, die toch al een wat onafhankelijkere buitenlandse politiek voeren, zijn goede voorbeelden. Zoals gezegd: In verband met de problemen waarmee de Chinese economie te kampen heeft, wordt het voor China steeds belangrijker om uit haar politieke isolement te komen. Zowel van West- als Oost-Europa heeft China technologie nodig. Hongarije is een belangrijk studie-object voor de Chinese regering. De economische hervormingen die dit land heeft doorgevoerd kunnen een goed voorbeeld zijn voor de Chinse economie. Zo zie je dat China haar houding ten opzichte van Europa langzaam aan het veranderen is". Saige: "Waar China vroeger afwijzend stond tegenover een wapenakkoord tussen de VS en de SovjetUnie over Europa, juicht zij zo'n akkoord nu toe. Haar enige vrees is echter dat een vermindering van Sovjettroepen en SS-20's aan de Westeuropese grenzen zal leid en tot een verm eerdering aan de Chinees-Russischegrens. Je kunt dus zeggen dat zich in China


12

Ondanks alle hervormingen berust de economie van China nog grotendeeld op "people 's power "

in de jaren tachtig een "herontdekking van W est-Europa heeft afgespeeld. In het begin van de jaren zeventig waren de VS hèt land om technologie vandaan te halen en om handelsrelaties mee aan te knopen. Het bleek echter al snel dat in deze betrekkingen een sterk strategisch en militair aspect zat. Indachtig de problemen uit de jaren vijftig met de Sovjet-Unie, is dat iets dat China nooit meer wil. Met West-Europa bleek het echter wel mogelijk om zuiver handelsbetrekkingen te onderhouden" . Weinig ervaring Saige: "In het begin waren er echter heel weinig mensen in China, die ervaring hadden in het buitenland. Zo was men nog niet doordrongen van het feit dat er verschillen zijn tussen Belgen, Nederlanders en Duitsers. Het feit dat deze drie landen lid waren van de EG maakte hen voor China ongeveer hetzelfde. Het Europese parlement zat in Brussel, dus dáár moest men zijn als men zaken wilde doen. West-Europa werd teveel vergeleken met China en Brussel werd teveel als Peking gezien. Gelukkig is daar nu zo langzamerhand verandering in aan het komen. China probeert haar relaties op het gebied van de handel en de technologie zo veel mogelijk te spreiden, om zo het gevaar van een te grote afhankelijkheid van één land, en het daarbij behorende gevaar van chantage, te voorkomen. Door wwel met West- als Oost-Europa betrekkingen aan te gaan, bereikt China twee doelen. Ten eerste kan zij op deze manier Europa als één blok

tegen de twee supermachten gebruiken. Ten tweede kan zij hiermee haar onafhankelijkheid van de VS onderstrepen. Uit Europa haalt zij kwalitatief gelijkwaardige technologieén, wnder dat de VS (of de SovjetUnie) haar onder druk kan zetten".

Hoe staat China ten opzichte van de Derde Wereld. Is de politiek op dit terrein te vergelijken met die van de twee supermachten? Saige: "Ook ten aanzien van de politiek inzake de Derde Wereld landen is er een kentering in de Chinese houding merkbaar. Om terug te komen op de Drie Werelden Politiek: China heeft altijd gezegd dat zij een Derde-Wereldland is, en zichzelf binnen die groep een leidersrol heeft toebedeeld. De meeste revolutionaire bewegingen in de wereld zijn afkomstig uit de Derde Wereld, waar een strijd tegen kolonialisme en neokolonialisme wordt gevoerd. Vooral in de begin jaren zeventig was er in China sprake van grote retoriek over het steunen van deze bewegingen. Een probleem was echter dat de Sovjet-Unie dezelfde doelen nastreefde. Omdat beide landen in die tijd niet bepaald op goede voet met elkaar stonden, werden er in China met betrekking tot de Derde Wereld hele irrationele beslissingen genomen. Als een bepaalde beweging door Moskou werd gesteund, dan moest China tegen deze beweging zijn. De beweegredenen voor steun aan bepaalde groepen in de Derde Wereld waren meer anti-Sovjet dan pro-Derde Wereld gericht".

Weinig invloed Saige: "De kentering is tegen het einde van de jaren zeventig begonnen. Beslissingen worden niet meer puur door een anti-Sovjet-houding bepaald. De materiele steun van China aan de verschillende revolutionaire groepen in de vorm van adviseurs, wapenleveranties, geldelijke steun, en dergelijke is sterk afgenomen w niet gestopt. Ten aanzien van Afrika is het zo, dat de verwachtingen die veel Afrikaanse landen hadden van de steun die zij van China wuden krijgen, niet of nauwelijks zijn uitgekomen. Als voorbeeld noem ik hier de TanZam Railway, een spoorlijn van Tanzania naar Zambia, die China beloofd had te bouwen, maar waar weinig van terecht is gekomen. Op wereldniveau is de invloed van China in de Derde Wereld in vergelijking met de invloed van de VS en de Sovjet-Unie erg klein. Wel is het zo dat China in de landen om haar heen (bijvoorbeeld in Thailand) via gunstige leningen en wapenleveranties voor een vriendenprijsje invloed aan het kopen is". De Drie-Werelden- Visie is voor de buitenlandse politiek die China in de jaren zeventig heeft gevoerd erg bepalend geweest. Kunt u factoren noemen die bepalend zijn voor de buitenlandse politiek in dejaren tachtig en kunt u een prognose doen van de te voeren politiek? Saige: "De Drie-Werelden-Politiek is in de jaren zeventig niet helemaal uitgevoerd. China heeft zich verbaal wel aan deze politiek gewijd, maar feitelijk heeft zij niet veel ondernomen om deze politiek uit te voeren. In de jaren tachtig echter is zij, zeker in de regio, actief begonnen om deze politiek uit te voeren. China wordt nu pas echt een gedeelte van de driehoek Sovjet-Unie-VS-China en raakt meer en meer betrokken bij de wereldpolitiek. Daarmee raakt zij ook steeds meer door gebeurtenissen in de wereld beïnvloedbaar, eigenlijk tegen haar eigen wil in. China raakt steeds meer verbonden in een soort globale orde, en dit


13

Taiwan, het "andere China", dat eveneens daimt het "echte China" te zijn.

wordt dan ook steeds meer bepalend voor haar buitenlandse politiek. Die politiek zal, ook voor China zelf, steeds minder bepaalbaar en voorspelbaar zijn, en China zal in de toekomst hetzij direct, hetzij indirect, wel wat vaker moeten handelen onder druk van andere landen. De tweede verandering die zal plaatsvinden heeft betrekking op de economische relaties van China. Ook hier is het zo, dat China steeds meer betrokken en beïnvloed raakt door de wereldeconomie. De hervormingspolitiek was, zoals ik al eerder heb gezegd, gericht op meer buitenlandse investeringen in China. De economische relaties met het buitenland hebben hun weerslag op de politiek die gevoerd wordt. Een duidelijk voorbeeld hiervan is de kwestie van het aftreden van Hu Yaobang, die zich de afgelopen maanden heeft afgespeeld. Bij deze politieke beslissing heeft duidelijk meegespeeld of het vertrouwen van buitenlandse investeerders niet geschaad zou worden. Een ander voorbeeld is de tex-

tielhandel van China. China is een van de grote textielexporteurs van de wereld. Haar beleid ten aanzien van deze export wordt duidelijk beïnvloed door de GATT (General Agreements on Tarrifs and Trade - red.) en daarmee de rest van de textiel exporterende landen. Het klimaat van de besluitvorming is dus veranderd. Als ik dan nog verder denk dan de jaren tachtig, en de jaren negentig in ga, dan voorzie ik één enorm probleem in de buitenlandse politiek: de kwestie-Taiwan. Zo als u weet krijgt China in 1997 Hongkong terug, en er is net een overeenkomst gesloten waarbij China in 1999 Macao terugkrijgt. Het grootste grondgebiedprobleem wat dan nog overblijft is dat van Taiwan. Voor de generatie van Deng Xiaoping is het van het allergrootste belang dat Taiwan terugkomt bij China. Als dit echt een eis blijft in China, dan hangt het er erg van af hoe China dit wil gaan realiseren. De manier waarop China dit probleem in de toekomst zal oplossen kan hele zware

implicaties hebben voor de relatie van China met bijvoorbeeld de VS en

Japan. Tot nu toe heeft China, in al haar besprekingen met de andere landen om haar heen de kwestie-Taiwan nauwelijks aangeroerd, maar nu de problemen met betrekking tot Hongkong en Macao zijn opgelost, kan China niet meer om deze kwestie heen. Daarbij komt dat er in Taiwan zelf een steeds sterker wordende "Taiwan Beweging" aan het ontstaan is die Taiwan als een onafhankelijke staat wil zien. Er komt in Taiwan een steeds sterkere roep om democratie en om vermindering van de invloed van de vasteland-Chinezen (die op veel belangrijke regeringsposten zitten). Aan de ene kant stelt Peking de annexatie van Taiwan als een eis, en aan de andere kant is de roep om een soevereine staat Taiwan binnen Taiwan zelf steeds sterker aan het worden. Hierin zal China hele moeilijke beslissingen moeten nemen".


14

Campagne tegen bourgeois-liberalisme kan hervormingen niet terugdraaien De Chinese leider Deng Xiaoping heeft zijn politiek eens omschreven als een politiek van "twee stappen vooruit, één stap terug", daarmee aangevende hoe hij voortdurend moet schipperen tussen de verschillende fracties binnen de Commwrlstische Partij. Dat er thans sprake is van een grote stapterug,kanaangeentwijfelmeeronderhevigzijn:Departij wordt nu geteisterd door de hevigste fractiestrijd sinds tien jaar. Binnen de partij staan aan de ene kant de ,,hervonningsgezinden", onder aanvoering van premier Zhao Ziyang en aan de andere kant de "reactionairen", die terug willen naar de commwrlstische praktijk van de jaren '50. Voornaamste exponenten van deze vleugel zijn Peng Zhen, voorzitter van het Nationaal Volkscongres en de "economische expert"Chen Yun. Deze fractiestrijd wordt goed gereflecteerd in de Chinese media, waarin thans een felle campagne tegen "bourgeois-liberalisatie" wordt gevoerd. In dit artikel heb ik getracht een overzicht te geven van het verloop en de achtergronden van deze campagne tegen "bourgeoisliberalisatie"in de Chinese media in de afgelopen twee maanden. De recente studentendemonstraties overtuigden de oude garde binnen de partij ervan, dat een voortzetting van de liberalisatiepolitiek zich uiteindelijk tegen henzelf zou richten. Ingrijpen was dus noodzakelijk. Gebruikmakend van de gelegenheid die de studentendemonstraties boden, werd partijleider Hu Yaobang in januari afgezet en werd een campagne tegen "bourgeois-liberalisatie" op touw gezet (met "bourgeois-liberalisatie" worden westerse waarden en democratische ideeên bedoeld). De "hervormers" waren in het defensief gedrongen. Premier en voorlopig partijleider Zhao Ziyang stelde in een rede op 29 januari van dit jaar grenzen aan de campagne, door te zeggen dat de campagne zich voornamelijk zou dienen te beperken tot de partij. Maar desondanks bleven de conservatieven zich militant opstellen. Zelfs hebben zij de strijdbijl van de klassestrijd die sinds 1978 begraven leek te zijn, weer opgegraven: "Sommige kameraden zijn bang voor excessen in de klassestrijd, maar zijn daarbij van het ene uiterste in het an-

dere vervallen. Zij menen dat men de klassestrijd niet tot leidraad moet maken, maar verwaarlozen daarbij iedere vorm van strijd, in het bijzonder de strijd tegen "bourgeois-liberalisatie". Zij menen, dat klassestrijd en ontwikkeling elkaar uitsluiten en aangezien zij de ontwikkeling tot beleidsprioriteit hebben verheven, is de strijd tegen bourgeois-liberalisatie volgens hen niet op zijn plaats; eigenlijk beschouwen zij iedere vorm van strijd als een belemmering voor ontwikkeling". Een weinig verbloemde aanval op de hervormers en op Zhao Ziyang, wiens positie blijkbaar niet erg stevig is.

Deng spreekt Gedurende al die tijd had Deng Xiaoping, de Chinese leider , zich niet in het openbaar uitgesproken. Pas op 16 februari sprak Deng zich in het openbaar uit, maar in een heel vreemde vorm: in de Renmin Ribao verscheen de tekst van eeen lange redevoering, die Deng heeft gehouden in ... 1962. De eerste vraag die rijst, is: Waarom spreekt Deng zich op zo'n indirecte

De schijver van dit artikel, Wicher SJagter, is student Sinologie aan de universiteit van Leiden. In het kader van een uitwisselingscampagne tussen Nederland en China studeert hij gedurende een jaar Moderne Chinese Geschiedenis aan de universiteit van Peking.

manier uit? Blijkbaar liggen veel punten te gevoelig om zich direkt over uit te spreken. Als Deng zijn openlijke steun zou uitspreken over deze of gene fractie, zou dat alleen maar polariserend werken; hetgeen erop wijst dat de fractiestrijd bijzonder hevig is. De redevoering van Deng is in feite een aanval op Mao, die door zijn "avonturistische" politiek het land in een crisis had gebracht. Bovendien wordt Hu Yaobang, de kampioen van de "hervormers", vergeleken met Mao; één van de voornaamste verwijten tegen Hu was immers diens eigenzinnige optreden. Deze twee punten kunnen worden uitgelegd als steun aan de "conservatieven"; maar er is meer. Zo waarschuwt Deng in zijn redevoering tegen massacampagnes; dit is in feite gericht tegen "conservatieven" zoals Peng Zhen c.s., die een voorkeur hadden voor dergelijke van bovenaf gedirigeerde massacampagnes. Ook betoont Deng zich in zijn speech een tegenstander van strakke centrale planning, hetgeen ook de hervor-


15

China's sterke man, Deng Xiaoping.

volk al het vaandel der beschaving hoog gehesen en een belangrijke bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van wetenschap en techniek. Sommige mensen zeggen, dat je van je land moet houden zoals een kind, dat van zijn moeder houdt hoe lelijk ze ook is. Maar in ons geval is dat absoluut niet nodig, omdat China waarlijk een groots land is!"

CultuUNlOn.servatieven

mers een argument in handen geeft. Zo geeft Deng aan beide partijen argumenten in handen, zonder zelf echt partij te kiezen; wat op het eerste gezicht misschien weinig lijkt op te lossen. Maar door zichzelf op deze wijze boven de partijen te plaatsen heeft hij een basis gecrei!erd voor compromisen en zo gezien is de publikatie van de speech een hint aan de "conservatieven" om hun campagne tegen "bourgeois-liberatisatie" niet al te ver door te drijven. De campagne is inderdaad beperkt gebleven en wordt vooral verbaal uitgevochten. Niettemin staan er dagelijks artikelen met waarschuwingen tegen "bourgeois-liberalisatie" in de Chinese media. Daarin ligt het accent op het belang van "eenheid en stabiliteit" en het "vasthouden aan de vier fundamentele principes". Dat zijn: Het leiderschap van de Communistische Partij, trouw aan het Marxistisch-Leninisme, de socialistische weg en de democratische dictatuur van het proletariaat.

Winst voor leger Het leger lijkt ook belangrijk aan invloed gewonnen te hebben. Het leger heeft steeds een belangrijke rol gespeeld in de Chinese politiek, al heeft Deng Xiapping de afgelopen jaren getracht de rol van het leger wat terug te dringen. Het leger is steeds een bolwerk van mao誰stische orthodoxie geweest en een belangrijke "conservatief" als Peng Zhen heeft goede banden met het leger. Nu wordt het leger opeens veelvuldig genoemd in de pers en op de televisie, wat wijst op een toegenomen invloed van het leger. Verder is een duidelijke nationalistische toon te bespeuren in veel artikelen, dit vooral als reactie op de "blinde verering voor alles wat westers is", en op degenen die tot voor kort pleitten voor "totale verwestering". "Het Chinese volk heeft het vermogen om het hoogontwikkelde peil van andere landen in te halen. Toen Europa nog in de donkere Middeleeuwen verkeerde, had het Chinese

Ook op het gebied van cultuur zijn de "conservatieven" actief en hier zijn zelfs al enige slachtoffers gevallen. Riu Hinu, uitgever van het belangrijkste literaire tijdschrift van China, werd van zijn taak ontheven omdat hij een controversieel verhaal in het tijdschrift had opgenomen. En ook de schrijver Zhang Xianliang, die in zijn romans het taboe van de sexualiteit doorbroken heeft, is inmiddels in de ban gedaan. Beide schrijvers worden ervan beticht teveel onder invloed te staan van het "bourgeois liberalisme", maar in feite is hun grootste fout dat zij de "donkere kant van de samenleving" te veel belichten. Vanaf nu wordt van schrijvers weer verwacht, dat zij zich concentreren op de positieve kanten van de socialistische samenleving. Daarmee is het klimaat van (relatieve) artistieke vrijheid, bekend onder de lyrische naam "Laat Honder Bloemen bloeien, laat Honderd Scholen redetwisten", definitief om zeep geholpen. "We houden nog steeds onveranderd vast aan de "Honderd Bloemen" -politiek, maar pas wanneer de problemen van het "bourgeois-liberalisme" overwonnen zijn, kan de "Honderd Bloemen" -politiek werkelijk worden uitgevoerd. Alleen wanneer we vasthouden aan de socialistische weg en het leiderschap van de partij op het gebied van kunst en cultuur, kunnen we werkelijk "honderd bloemen laten bloeien en honderd scholen laten redetwisten". Met andere woorden: Er wordt gedaan alsof alles bij het oude blijft, maar ondertussen worden schrijvers en kunstenaars gemuilkorfd. Zelfs hebben de "conservatieven" hun aanvallen gelanceerd op de economische hervormingen, maar op dit gebied hebben ze nog niet zoveel successen geboekt. De positieve resulta-


16

ten van de economische hervormingen zijn immers evident, wat ook de "conservatieven" niet kunnen ontkennen. Bovendien worden de economische hervormingen het krachtigst verdedigd door de "hervormers", in tegenstelling tot het gebied van kunst en cultuur, waar zij de

"conservatieven" min of meer hun gang laten gaan. In ieder geval hebben de "hervormers" het nodig gevonden om te dreigen met straf voor degenen, die het hervormingsbeleid blokkeren: "We moeten ervoor zorgen, dat het hervormingsbeleid en de open-deurpolitiek soepel worden uitgevoerd en dit is thans het leidende principe bij het handhaven van de partij-discipline. We moeten bij dit werk het accent leggen op het bestraffen en corrigeren van die mensen, die het hervormingsbeleid frustreren en blok-

keren". Opinie-onderwek Het is duidelijk, dat de "conservatieven" op allerlei wijzen oude waarden trachten te doen herleven. Wat is nu echter de respons van de bevolking hierop? In het algemeen kan gezegd worden, dat het grootste deel van de bevolking hier onverschillig tegenover staat en dat de "herleving" van oude warden een kunstroatig karakterdraagt. Dit probleem wordt ook door het regime zelf erkend. Een opinie-onderzoek onder studenten heeft het volgende uitgewezen: Sommige studenten hebben verwarde politieke denkbeelden. Zij vinden, dat China van het kapitalisme moet leren; zij vinden het socialistische systeem absoluut niet superieur aan het kapitalistische systeem; de beschaving en tradities van het Chinese volk zijn volgens hen het produkt van een dociel volk en alleen door" totale verwestering" kan het land deze historische last van zich afschudden; volgens hen is het Marxisme slechts één filosofische school uit velen en is het denken van Mao Zedong een combinatie van "stalinistisch dogmatisme met een boerenideologie"; en zij vinden het puur dogmatisme óm het marxisme en het denken van Mao Zedong tot leidende ideologie te maken enz. enz. Dit opinie-onderzoek is nota bene uitgevoerd op de Renmin-universi-

teit in Peking, een kweekschool voor toekomstige partijkaders. De campagne tegen "bourgeois-liberalisatie" ondervindt dus weinig sympathie onder de bevolking. De klok van de hervormingen en opendeur-politiek kan nu eenmaal niet meer worden teruggedraaid. Voor10-

pig dient de anti-campagne in eerste instantie om de oude garde binnen de partij tevreden te stellen. Als deze oude garde eenmaal van het toneel verdwenen is, is de kans groot, dat deze campagne tot een historische vergissing bestempeld zal worden. Maar hoe lang zal dat nog duren?

De revolutio naire carrière van Teng Hsiao-ping


17

Zakendoen in China, kwestie van veel geduld en veel inspanning In het voorjaar van 1984 sprak Jason Magazine met burgemeester Peper van Rotterdam. Hij was eind 1983 de leider van een delegatie Rotterdammers naar hun zusterstad Shanghai. Peper was hoopvol gestemd over de kansen van het Nederlandse (Rotterdamse) bedrijfsleven, op deze potentieel immensemarkt. Jasongingdriejaar latervoorukijkenofdeze hoop gerechtvaardigd bleek. Daartoe spraken wij met drs G. C. Vaandrager (in '83 ook lid der delegatie) en J. Verolme, respectievelijk adjunct-secretaris en stafmedewerker van de KamervanKoophandel van Rotterdam. Zijhoudenzichonder meer bezig met het opzetten van het Rotterdam Commercial Representative Office (R.C.R.O.) in Shanghai, dat op 16 mei door premier Lubbers geopend zal worden. De eerste vraag was wat het R.C.R.O. in Shanghai is en wie nam het initiatief nam voor dat kantoor. "Het is een initiatief van de KvK te Rotterdam. Het RC.RO. is een steunpunt voor Nederlandse ondernemingen die in China zaken willen doen. Het biedt hen de volgende faciliteiten: verrichten van marktonderzoek, voorbereiden en begeleiden van bedrijfsbezoeken, verzorgen van follow-up werkzaamheden en het beschikbaarstellen van kantoorruimte. Tot nu toe hebben zich zo'n 25 bedrijven voor dit project aangemeld; zij betalen tienduizend gulden, waarna zij gebruik mogen maken van wat het RC.RO. biedt. De directeur van het RC.RO. Shanghai, de heer Koppelaar, is gespecialiseerd in Nederlands-Chinese betrekkingen. Hij spreekt vloeiend Chinees (Mandarijn), heeft veel contacten met Chinese verantwoordelijken is bovendien getrouwd met een Chinese vrouwen heeft familie in China, hetgeen zeer belangrijk is voor entrees in dat land. Informele contacten zijn onontbeerlijk om de Chinese markt te penetreren. Maar het begint al veel eerder. Een simpel voorbeeld: het bespreken van een hotelkamer of het bestellen van een taxi geeft al problemen in Shanghai met z'n 14 miljoen inwoners. Als je vanuit Nederland een kamer in een hotel gereserveerd hebt,

moet je niet gek opkijken als bij aankomst deze kamer aan een ander vergeven blijkt te zijn. Dat kan voorkomen worden door iemand van het office persoonlijk aan de balie van het hotel een kamer te laten reserveren. Het verschil in culturen geeft zoveel misverstanden, dat opvang en begeleiding van Nederlandse zakenlieden noodzakelijk is gebleken. De aangesloten bedrijven mogen zeven dagen per jaar een beroep doen op de heer Koppelaar en zijn staf; tevens is er voor hen kantoorruimte met de nodige communicatiemiddelen beschikbaar".

Beingthere Driejaar geleden was burgemeester Peper (Jason Magazine 1984, nr. 2) optimistisch gestemd over de toekomst van de Nederlands-Chinese handel. Watis de huidige stand van zaken? "Al sinds 1978 heeft Rotterdam een goede relatie met haar zusterstad. In eerste instantie was deze slechts van culturele aard, maar nu wordt zij ten bate van de handel uitgebouwd. We zien dat de Chinezen daar veel waarde aan hechten; niet alleen in Shanghai, doch ook in de rest van China. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Verenigde Staten, waar dit soort

Deze bijdrage is geschreven door Gert-Jan Stemph er en Eugen van de Pas, redacteuren van Jason Magazine.

De Rotterdamse China-deskundigen. Links drs. G. Vaandrager en rech ts J. Vero/m e.

culturele banden geen verdere invloed hebben op de handel. Het is gebleken dat onze handelscontacten met de Chinezen langs deze weg versterkt kunnen worden. Ondanks de politieke geschillen tussen Nederland en China heeft onze relatie (Shanghai-Rotterdam) goed stand gehouden. Deze stevige band is vooralsnog belangrijker dan allerlei handelsstatistieken. Het is namelijk een kwestie van "being there" voor wanneer "het" daar mocht gebeuren. De vraag is natuurlijk of de Chinese markt ooit helemaal open gaat. Het kan best het land blijven met de "eeuwige toekomst". In ieder geval is het een kwestie van geduld en inspanning".

Het afgelopenjaar moet voor u niet bemoedigend zijn geweest; de export naar China is gevoelig teruggelopen (35%minder). (In 1985 was de export naar China 0,4% van onze totale export en in 19860,3%. Red.) "Ja, het ging ze te snel. De Chinese autoriteiten hebben aan de rem getrokken. Door de schijnbare liberalisatie kwam de markt in een stroomversnelling; dat vergt zeker in een geplande economie grote aanpassingen. Mijn persoonlijke mening (Vaandrager -red.) is, dat een cen-


18 ..tillill~fI SHANGHAI UNION BUILDING

...

-

.r. ..... III.lhl 窶「

窶「 "'''''''.ol. = .:==::'="-

nees van nature zakelijk. Wat ook opvalt in de onderhandelingen is, datje niet al te omzichtig te werk moet gaan. Een direkte aanpak verdient aanbeveling.

traal geleide economie niet Chineeseigen is. Chinezen zijn van origine zakenlui. Daarom kan zo'n markt zich w snel ontwikkelen. Vandaar dat de autoriteiten ingrepen. Toch zie je als je een tijdje niet in China bent geweest, bij terugkomst in dat land dat de welvaart groeiende is, aan bijvoorbeeld de manier van kleden en het straatbeeld".

Wat ons opvalt is dat u geen cijfers met betrekking tot de handel met China noemt. U benadrukt dat door te zeggen dat statistieken in deze niet zo belangrijk zijn. Dat klinkt niet al te sterk, u bent tenslotte al een tijdje bezig. Zouden uw inspanningen niet beter gericht kunnen zijn op handelspartners met grotere belangen nu? "Dat weetje natuurlijk nooit. Daarvoor moet je het eerst proberen. Het is natuurlijk zo dat 1% van de handel met Duitsland, in geld uitgedrukt, meer is dan de hele handel met China. Maar in potentie is China de grootste markt. Je zou de parallel kunnen trekken met de ontwikkeling van Japan. De Chinezen zijn nu erg bezig met het vergaren van kennis (via studentenuitwisseling e.d.). Als ze in de toekomst de zo verkregen technologie kunnen combineren met hun enorme leger goedkope arbeidskrachten, wordt het een gigantische, misschien wel de grootste, economische macht. Nogmaals, of dat gebeurt weet je niet, maar je moet erbij zijn.

Liefde en de porlemonnaie Is er sprake van selectie van handelspartners door China? Bijvoorbeeld Japan, dat China als haar vanzelfsprekende markt ziet. "Japanners zitten overal, zeker in Azii!. Geliefd zijn ze in China niet, maar net als in de rest van de wereld gaat de liefde daar ook door de portemonnaie. Volgens ons is er geen sprake van een selectief beleid op andere dan economische gronden. Wel zijn contacten en beter nog goede informele relaties, enorm belangrijk. Een goede relatie zal je waarschuwen wanneer een nieuwe concurrent met een scherpere prijs komt. Je krijgt dan de kans een nieuw aanbod te doen; ze gaan niet meteen met je con-

Heeft de Walrus-affaire met Taiwan nog zijn invloed op de betrekkingen? "De politieke verhoudingen zijn weer als daarvoor. De relatie tussen de zustersteden heeft er niet onder geleden. De zaak is afgedaan, men heeft het er niet meer over".

Bent u in de handel met Chinezen corruptie tegengekomen? Het Shanghai Union BUlテ重ing, het gebouw waarin het R.CR.a. kantoorruimte heeft gehuurd.

current in zee. Wat wel een rol kan gaan spelen is de wgenaamde compensatiehandel (countertrade). Wij hebben hier in Rotterdam daarom een office for countertrade opgezet. De Sovjet-Unie hanteert het principe van dejoint-venture in de handel met het buitenland. Ziet u deze trend ook in China? "Ook de Chinezen zijn happig op joint-ventures. Vooral om op die manier kennis te vergaren. Meer gebruikelijk is echter de joint-investment als bedrijfsvorming. Tot nu toe zijn het met name Amerikaanse bedrijven die de know-how en het kapitaalleveren. De Chinezen leveren de arbeidskrachten. Door export vanuit China verkrijgen ze de w felbegeerde harde valuta. Van deze valuta mag maar een deel door de buitenlandse vennoot worden overgeheveld naar het moederbedrijf.

Chinese zakenman Hoe moeten wij ons de Chinese zakenman voorstellen? "Die bestaat niet. Zaken doe je met bureaucraten, een chef van een bepaalde afdeling. Bovendien gaat dat meestal per produkt: er is per produkt een bepaalde functionaris waarmee je handelt en deze man neemt ook de beslissingen. Maar het feit dat het bureaucraten zijn wil niet zeggen, dat ze niet zakelijk zijn; integendeel. Zoals wij al zeiden is de Chi-

"Nee, ons zijn daar geen gevallen van bekend. Nu is natuurlijk ook de Chinees niets menselijks vreemd. Wij zijn het echter niet tegengekomen".

Tot sJot: hoe zal China en de handel daarmee zich ontwikkelen? "Daar kun je heel academisch over filosoferen, maar er is in feite geen peil op te trekken. Ontwikkelingen in China kunnen snel omslaan, kijk maar naar de liberalisatie van de laatste tijd. Afgezien van het feit dat deze door de westerse pers opgeblazen is - die liberalisatie ging namelijk minder ver dan je volgens de westerse pers zou moeten geloven (dat merk je pas als je de Chinese kranten leest) - dus afgezien daarvan is de liberalisatie die er wティl was weer aardig teruggebracht".

Twee jaar krediet "En wat betreft ons project, het Rotterdam Commercial Representative Office, dat gaat tot nu toe goed. Het is dan ook een uniek project. In Nederland is het volstrekt ongewoon dat industriei!n zich bundelen om een buitenlandse markt te veroveren. Wel zie je dit bijvoorbeeld in de agrarische sector (de zuivelpromotie), maar in de industrie is dit volkomen ongebruikelijk. Het is geen exclusieve Rotterdamse aangelegenheid; het R.C.R.O. is niet alleen voor Rotterdamse, maar voor alle Nederlandse bedrijven. Over twee jaar weten we meer; zo lang namelijk krijgt het R.C.R.O. Shanghai krediet (van gemeente en Kamer van Koophandel). Daarna moeten ze self-supporting zijn".


19

Einde van schoudervulling-loze tijdperk in het Hemelse Rijk ..China gooit zijn grenzen open". Dat was deeuforistische kreet aan het einde van de jaren zeventig, toen de eerste tekenen van liberalisering van de Chinese politiek zichtbaar werden. Opening,endan vooral naar het Westen. Van alle kanten begon het grote dringen om binnen te glippen tussen de kieren van die andere Chinese muur die de grote leider had opgericht. Cultuurdragers volgden de tennisspelers, evenals politici. technici en zakenlieden. Ook wij, bescheiden toeleveraars van confectie werden onrustig bij de gedachte aan de mogelijkheden in het overbevolkte wereldrijk.

Dit artikel is geschreven door H. Kalmann, directeur-eigenaar van Rara bv in

Bunschoten.

Het verdwijnen van de Mao-pakjes betekende het einde van het schoudervulling-loze tijdperk in het hemelse Rijk.

Als toeleveraar zit je in de meest kwetsbare hoek van het economisch bestel. Als de ondernemingen die je produkten verwerken gaan verdwijnen - een proces dat in Nederland toen nog in volle gang was - dan helpen schitterende produktiemethodes noch inventiviteit. Als er geen colberts meer worden gemaakt, dan kun je geen schoudervullingen meer slijten; niemand zet die dingen voor het mooi in een bloemenvaas. Om te overleven waren wij gedwongen steeds meer - en verder weg - te exporteren. Geen gemakkelijke taakstelling bij een produkt dat laag in prijs ligt, maar hoog in volume.

Mao-pak In die moeilijke jaren waren wij er ook toe overgegaan om de machines waarmee wij onze produkten vervaardigden - en die wij zonder uitzondering zelf hadden ontwikkeld en gebouwd - samen met onze know-how naar die markten te verkopen, die door de hoge transportkosten voor onze mooie schoudervullingen gesloten bleven. De veranderingen in China kwamen voor ons precies op tijd en had interessante bijverschijnselen. De grenzen gingen open - althans, zo leek het - en daarmee verdwenen de uniforme blouses, die naar de grote Roerganger waren genoemd en waarin geen plaats was voor ónze produkten of enig ander mode-accessoir. Een miljard Chinezen, en allemaal zouden zij binnenkort toch tenminste één paar schoudervullingen nodig hebben. Dat was het visioen

van de kleine industrieel. Onze eerste stap leidde naar onze overheid en haar instellingen, in de verwachting dat zij het nationale levensbelang van de schoudervullingen-export zou inzien. Economische Zaken en Kamers van Koophandel verwezen ons eensgezind naar een particuliere onderneming die, zoals men zei, "haar sporen ruimschoots verdiend had" met handelsbemiddelingen in het Verre Oosten.

Niets gehoord Deze onderneming - laten wij haar gemakshalve "Sietnam" noemen verzocht ons na een kort kennismakingsgesprek alle gegevens over onze firma en haar produkten (brochures, collecties, prijzen) in veelvoud toe te zenden. Als wij eerst

maar in de Sietnam-molen zaten, zou alles vanzelf gaan. Twee jaar lang wachtten wij op bericht. Toen wij uiteindelijk op bescheiden toon telefonische navraag deden, bood men ons excuses aan. Men was in het verleden ietwat arrogant geweest, men was met hele grote projekten bezig geweest - vliegtuigen, vrachtschepen, baggermolens - en had daarom te weinig aandacht aan onze schoudervullingen besteed. Men had evenwel ontdekt dat hoogmoed voor de val komt en door enkele interne reorganisaties was men nu wèl in staat zich voor ons artikel in te zetten. Onze bescheiden waren inmiddels in het ongerede geraakt, maar als wij bereid waren deze nog eens op te sturen dan .... Dat was nu twee jaar geleden. Sinds-


20

China, een land van ontelbare fietsen.

onze zouden hiervoor steeds dezelfde stafleden ingeschakeld moeten worden. En die zijn thuis ook onmisbaar. No joint-venture dus.

.l

dien hebben we, opnieuw, niets meer van Sietnam vernomen. Maar stil gezeten hebben wij in die periode geenszins. We zochten verder naar instellingen of ondernemingen die ons zouden kunnen helpen bij de eerste stappen op de Chinese markt. Samen met een collega - een toeleveraar van de confectie-industrie die ons produkt meer aanvulde dan beconcurreerde - trokken we de stoute schoenen aan en besloten deel te nemen aan een beurs van confectie-accessoires en -machines in Dalyan, een provincieplaats enkele honderden kilometers westelijk van Peking.

No joint-venture Zonder vastomlijnde plannen vloog ik naar Hongkong. We hadden de mogelijkheid schoudervullingen dan wel machines en know-how te verkopen, ofwel een joint-venture met een Chinese onderneming aan te gaan. Ik koesterde een voorkeur voor de joint-venture, maar dat idee werd mij in Hongkong sten stelligste ontraden. Iedereen met wie ik sprak zei: no joint-venture. China-kenner No. 1 werd Tony, de Hongkong-Chinees die zich na ons eerste informatieve gesprek direct

Eten en drinken De beurs werd gehouden in een hotel ietwat buiten de stad, prachtig gelegen in de heuvels dicht bij de zee. De beursvloer was in twee zalen, elk ongeveer ter grootte van een gymnastieklokaal in een Nederlandse school. Er waren ongeveer veertig Europese en Japanse exposanten. Twee k eer per dag was het een uur lang erg druk. Dan werden enkele bussen met bezoekers aangevoerd: middelbare scholieren en personeel uit bedrijven uit de omtrek die, als figuranten in een film, voor belangstellende beursbezoekers speelden. Zij namen alles aan folders en monsters mee wat zij konden bemachtigen. Behalve bij ons, want Tony ruimde deze atributen op vöör de invasie.

Er was echter ook een veertigtal beals onze agent beschouwdde en mij zoekers- afgezanten van diverse dan ook bij het gehele Chinese avon- provincies - die wèl wisten waar tuur terzijde stond. Ook hij kende al- het om ging. De kunst was om zoveel leen voorbeelden van pogingen tot mogelijk van deze Vips naar je stand samenwerking met Chinese onderte krijgen. Tony slaagde daar wonnemingen die mislukt waren. Ik derwelin. dacht: ik zie wel. Voor mij was het onmogelijk deze En ik zag inderdaad, reeds op de mannen te kwalificeren. Er waren er vliegreis naar mijn eindbestemming. bij die, ook naar westerse maatstaHet is in China op dit ogenblik niet ven, keurig gekleed waren, meestal mogelijk om vliegtuigplaatsen voordriedelig. Maar anderen liepen in uit te boeken. Wie onderweg drie knalgele windjacks met een rugzak maal moet overstappen, moet drie op de rug, waarin de zakelijke bekeer voor het loket in de rij gaan scheiden waren gestopt. Later bleek staan temidden van schrikwekkend dat juist zij vaak een beslissende stem hadden. hoeveelheden vriendelijke maar vastberaden Chinezen, die het plan Elke middag en elke avond werd er hebben om een plaats in jouw vliegzeer uitvoerig gegeten en gedronken. tuig te bemachtigen. Als je eindelijk Tientallen schotels werd geplaatst op ticket en instapkaart in handen hebt, h et draaiende middenstuk van de tawordt de vlucht afgelast en de reizifel. De gerechten waren exotisch en veelal exquise. De eters werden ger verder aan zijn lot overgelaten. steeds onderbroken door toespraken Zonder Tony was ik er nooit gekovan onze Chinese vrienden, waarin men. Toen viel mijn beslissing: no joint-venture. Niet, omdat ik er vanzij hun blijdschap uitten over de uit ging dat de wat gebrekkige organieuwe mogelijkheden van Oostnisatie van het luchtverkeer model Westcontacten. Als wij als gastheren zou staan voor het gehele organisatie- optraden werden wij geacht soortgepeil in dit land, maar om heel prakti- lijke redevoeringen af te steken. sche redenen. Je kunt niet drie, vier, Tony had het druk om naar alle kanten te vertalen. vijf keer per jaar moeite en tijd aan een dergelijke expeditie spenderen. Na het tiende feest-eten wist men het Bij een kleinere onderneming als de uiteraard wel en wreef men zich, bij


21

In China is nu ruimte voor moderne kleding en de bijbehorende accessoires.

het aan tafel gaan, niet meer in de handen met de gedachte: fijn, we gaan Chinezen. Maar het was zinloos om het kalm aan te doen en weinig te eten. Zodra je bord leeg was zorgden de aanzittende Chinezen voor een nieuw stuk zeeêgel, Pekingeend of zeekomkommer. Er was geen ontkomen aan. De door ons meegenomen drank vond gretig aftrek. Ik dacht: zo moet het in Amerika zijn gegaan toen de blanken trachtten zaken te doen met behulp van vuurwater voor de Indianen. Maar van invloed op de gang van zaken was het drinken bepaald niet.

Verwaarloosd Elke dag sleepte Tony de belangrijkste functionarissen naar onze stand, totdat bleek dat twee groepen van inkopers serieuze belangstelling hadden: die van het district Shanghai en van de gastprovincie Dalyan. Uren achter elkaar vuurden zij gerichte vragen op mij af, die ik, met Tony als tolk, trachtte te beantwoorden. Later bleken er evenwel nog veel misverstanden te bestaan. Dat was allemaal in juni. De gedelegeerden van beide groepen zeiden bij het afscheid: onze beslissing valt eind juli, dan moet je misschien nog een keer komen. Ik verkeerde in de veronderstelling dat dit de Chinese versie was van het "U hoort nog van ons". Op de terugweg bedacht ik dat de reis wel bijzonder leerzaam was geweest, maar dat het voor het overige niet mijn beste investering was geweest in tijd en geld. Groot was daarom de verbazing toen ik begin augustus uitnodigingen ontving uit Shanghai en Dalyan om w gauw mogelijk voor afsluitende besprekingen nog eens langs te komen. Ik vloog weer naar Hong-Kong en vandaar met Tony naar Shanghai. Vanuit het hotel volgde een 80 kilometer lange autorit over hele en half-zachte wegen tussen verbijsterende hoeveelheden fietsers, kippen, buffels, eenden en paarden door naar de eerste klant in een zwaar verwaarloosd fabriekje.

Onderhandelen De onderhandelingen verliepen eerst niet veel anders dan zij bij ons

zouden hebben gedaan. Bieden en vraag, het ophelderen van misverstanden. De cijfers die men op de beurs genoteerd had kwamen niet overeen met wat ik nu noemde. Of de afwijkingen door vertaalfouten waren ontstaan of dat mijn Tony sommige cijfers opzettelijk mooier had doorgegeven of dat de partners hun eigen notitities verkeerd hadden geïnterpreteerd, kon ik niet achterhalen. De kans dat dit laatste het geval was leek mij wel groot; mijn indruk was dat hun schrift met zijn duizenden verschillende karakters iets minder exact is dan het onze en daardoor misvattingen in de hand werkt. Veel moeilijkheden rezen bij het vastleggen van secundaire leveringsvoorwaarden. Een accreditief, zo werd gesteld, mocht van overheidswege slechts een looptijd van drie maanden hebben. Dat was voor ons te weinig. Voor ons wu de levertijd

pas ingaan (zoals bij handel met overzee gebruikelijk) als de accreditief gesteld was. Daar tussen het tijdstip van verzenden en aankomst van dit document vaak twee à drie weken liggen, zouden wij feitelijk slechts een levertijd van ruim twee maanden hebben, terwijl wij er vier nodig hadden voor de bouw van de machines. Toen ik liet weten dat ik de opdracht op geen andere manier kon accepteren werd dit porbleem opgelost. Daaromeen een algemeen advies aan een ieder die zaken met China wil doen: voet bij stuk houden. De ambtelijke beperkingen (waar bij de onderhandelingen steeds mee geschermd wordt) sluiten een zeker soepelheid niet uit. Toen ik vroeg het contract te tekenen, was men zeer verbaasd. De hoogste baas, wiens handtekening hierbij onmisbaar was, zou pas over vier dagen beschikbaar zijn. Zo lang zou ik mij d us in Shanghai moeten


22

Over hele en half-zachte wegen tussen ossekarren door op weg naar een fa briek op

h et Chinese platteland.

vermaken. Dat weigerde ik. Tonyen ik zouden eerst naar Dalyan gaan om daar de zaken af te handelen en daarna terug komen om het contract te tekenen.

Onderdelen Het bedrijf in Dalyan maakte een uitstekende indruk: modern en effici!!nt ingericht. Men had al eerder machines en know-how in het Westen gekocht, maar juist dat bemoeilijkte de onderhandelingen. Men wilde leren van de fouten uit het verleden. Vorige machine-aankopen hadden grote problemen opgeleverd omdat er te weinig reserve-onderdelen waren meegeleverd. Dat zou niet nog eens gebeuren. Het liefst had men gezien dat wij alle machines in tienvoud in losse onderdelen mee wuden leveren. Uiteraard voor de bedongen prijs van ĂŠĂŠn machine. Tony, die de zaken op het laatste ogenblik stuk zag lopen, was aan de rand van een instorting. Alle onderhandelingen, zowel hier als voorheen in Shanghai, werden steeds onderbroken door korte toespraken. Als het overleg over een bepaald punt was afgesloten, stond er altijd wel iemand op die verklaarde hoe belangrijk het was dat wij weer een obstakel hadden overwonnen op weg naar het grote einddoel: de be!!indiging van het schoudervullingloze tijdperk in het Hemelse Rijk. Van mijn kant moest ik dan altijd met een korte speech danken voor het in mij gestelde vertrouwen.

Maar nu stond ik op en vroeg het woord. Ik vertelde dat ik het aan de ene kant wel jammer vond dat ik zo'n lange reis had gemaakt zonder tot zaken te kunnen komen, maar dat ik toch blij was in de Volksrepubliek wveel mensen te hebben ontmoet die ik voortaan als mijn vrienden zou mogen beschouwen. Ik deelde verder mee dat ik zo spoedig mogelijk wilde vertrekken omdat voor ons arme kapitalisten "time nu eenmaal money is". Daarna gaf ik iedereen de hand. De verbijstering was van de anders zo onbewogen gezichten van de aanwezigen af te lezen. Tony lag met zijn hoofd op tafel en leek zachtjes te snikken.

Inde auto Toen ik een half uur later in mijn hotel in bad zat, liet Tony mij weten dat onze gesprekspartners ons voor een afscheidsdiner in de stad hadden uitgenodigd. Per auto werden wij opgehaald voor de rit naar het restaurant. Maar plotseling stopte de wagen langs de kant van de weg. De radio werd aangezet en wij luisterden naar een nieuwslezer. Op een bepaald ogenblik ging iedereen in de handen klappen en geluiden uitstoten, die alleen maar "hoera" konden betekenen. Zojuist had de provinciale nieuwsdienst medegedeeld dat bedrijf X - onze gastheren - aan de lange reeks van zakelijke successen een nieuwe triomf had kunnen toevoegen, door het sluiten van een overeenkomst met een belangrijk

Nederlands bedrijf op textielgebied. Over het afbreken van de onderhandelingen werd niet meer gesproken. Het was mij duidelijk dat dit zonder gezichtsverlies voor onze partners niet mogelijk was. Zij hadden de bedragen voor de aankoop van onze machines toegewezen gekregen voor de onderhandelingen waren begonnen. Het niet gebruiken van deze gelden zou zonder meer een afgang zijn. Ik heb van deze wetenschap bij de gesprekken de volgende dag geen misbruik trachten te maken. Maar wij werden het eens op voor mij aanvaardbare condities. Op de thuisreis haalde ik in Shanghai het contract op, mèt de ontbrekende handtekening. Met twee orders voor de levering van twee complete schoudervullingen-fabrieken kwam ik naar huis.

Land ligt open Aanbetalingen en accreditieven kwamen op tijd binnen. Maar nog waren niet alle moeilijkheden van de baan. De accreditieven bevatten fouten. Voor een van machines was een breedte van 25 cm. genoteerd in plaats van 250, zoals ik had opgegeven. Hoewel het duidelijk was dat hier sprake was van een verschrijving, stond ik op correctie, omdat ik in het verleden met schade en schande had geleerd wat er gebeuren kan als men zich niet helemaal aan de letters van het papier houdt. Tony huilde door de telefoon dat alles alsnog mis zou lopen, omdat een accreditief in China niet veranderd kan worden. Maar ik bleef bij mijn eis en ook dit probleem werd opgelost. Straks moeten onze monteurs naar China om de machines te plaatsen en in gebruik te stellen. Ook dat zal nog wel moeilijkheden opleveren. Tussen de machines verpakken wij duurzame levensmiddelen, waarop de Hollandse magen van onze mensen zijn berekend. Maar als wij ons werk goed doen en alles naar wens verloopt, ligt het land voor ons open. China heeft dertig provincies en een miljard inwoners. Ik denk dat Sietnam de afzetmogelijkheden voor ons produkt heeft onderschat.


23

VS en West-Europa onderhandelen in nonnenklooster in Veldhoven Het wit besneeuwde Veldhoven had niet veel weg van het subtropisch Franse eiland Guadeloupe. Maar het tot conferentiecentrum verbouwde Koningshof bood Jason uitstekend onderdak voor een weekend simulatiespel. Dit voonnalige nonnenklooster met zijn langgerekte gangen en met kleurenzónes ingedeelde afdelingen, was een waar doolhof, maar het zorgde wel voor een aparte sfeer voor het spel Zo'n veertig mensen, merendeels studenten, hadden zich aangemeld om gedurende een weekend de onderhandelingen tussen West-Europa en de Verenigde Staten na te spelen. Er waren drie onderwerpen: "Verlenging ABM-verdrag", "Transfer of technology"en ,,Anti-terrorisme-maatregelen".

Dit verslag is geschreven door Gert-Jan Stempher, redactielid van Jason Magazine.

Al deze onderwerpen werden eerst door een deskundige toegelicht, voordat de deelnemers zich met volle overgave op hun rol konden storten. Op vrijdagavond was generaal b.d. G . Berkhof uitgenodigd om de problemen rond het ABM-verdrag toe te lichten. Behalve op het ABM-verdrag ging hij in op de liberalisatie binnen de Sovjet-Unie onder Gorbatsjov. Berkhof heeft niet veel vertrouwen dat deze hervormer zich zal kunnen handhaven. "De laatste jaren is er erg veel in defensie geïnvesteerd. Daarom kan nu op de defensiebegroting bezuinigd worden ten gunste van "consumptie". Na 1992 is er evenwel een nieuwe forse investering in de defensie vereist, wil de Sovjet-Unie zich ten opzichte van de VS kunnen blijven handhaven. Dit zullen de werkelijke moeilijke jaren worden voor de hervormers in de Sovjet-Unie", aldus de generaal.

taire ingrijpen van de VS en eisten dat over dergelijke acties eerst uitvoerige afspraken gemaakt worden. Na deze uitbarsting van meningsverschillen werd de zitting voor intern overleg geschorst. In de tweede ronde nam "Kohl" wat gas terug om de onderhandelingen te redden en stelden de Verenigde Staten een "consultatieplicht" voor, alvorens zij tot militair ingrijpen overgaan.

Drie groepen Op zaterdagochtend werd "Transfer of technology" toegelicht door Philips-woordvoerder dr. F . Tutschik. De heer L. Visser, medewerker van het Instituut Clingendael, behandelde de anti-terroristische maatregelen. Daarna kreeg iedere deelnemer een enveloppe met een persoonlijke opdracht en kon het spel beginnen. Ik besloot om de Amerikanen van de anti-terrorismegroep te volgen. De interne deelgroep van de Verenigde Staten moest gezamenlijk standpun-

ten bepalen voor de eerste ronde van onderhandelingen met West-Europa. Nadat men aanvankelijk onwennig in andermans huid was gekropen, ontstond er al gauw een heftige discussie tussen "admiraal Crowe" en het "ministerie van justitie" over militair ingrijpen tegen staatsterrorisme. Admiraal Crowe, een man van de harde lijn met als motto: "Let's bomb!he bastards" stond tegenover de meer gematigden van Justitie. Men kwam er niet uit, waarna de kwestie aan "president Reagan" werd voorgelegd. Zijn oordeel luidde: "De Verenigde Staten behouden zich het recht voor eigenmachtig tegen staatsterrorisme op te treden en sluiten daarbij militair geweld niet uit".

Meningsverschil Dit was eigenlijk de enige stelling waarmee de VS de eerste ronde ingingen. Op andere punten namen zij een afwachtende houding aan. Europa, onder leiding van de uitstekende "Kohl", was in de voorronde slagvaardiger geweest en kwam al direct met concrete voorstellen. Al gauw bleek dat men het wel eens zou worden over algemene zaken, zoals het uitleveren van g~gevens en intensievere samenwerking. De militaire acties van de VS tegen Libiê bleken echter het grote struikelblok van het weekeinde. "Kohl" en de Franse minister van buitenlandse zaken veroordeelden het mili-

Wandelgangen Er bestond ook een heuse pers, in de vorm van een tv-ploeg, die net zoals in het echt voor de deur van de vergaderzaal stond te wachten op het laatste nieuws. Om de paar uur was er een nieuwsuitzending, waarin de politici hun standpunten mochten toelichten en elkaar soms uit te tent lokten met provocerende uitspraken. Het was grappig te zien dat de namaak-Reagan een treffende gelijkenis vertoonde met de echte president. Zo was hij niet alleen slecht geïnformeerd. Terwijl zijn ondergeschikten tot vier uur 's nachts onderhandelden over een compromis, lag the president hirnself allang op één oor. Verder was er een overijverige, op publiciteit beluste "Mitterrand", die niet voor de camera was weg te slaan. De echte beslissingen werden evenwel 's avonds laat in de bar of in de wandelgangen genomen. Tot diep in de nacht werd op een informele wijze gelobbied .en 0llderhandeld. Zo kon


24

;....../- ""

..... "".:.

• •

.

.

.

~

-

--

- - ==..--~---

De traditionele familiefoto van deelnemers aan een topconferentie.

men een alom flirtende vrouwelijke "minister Van den Broek" aantreffen. Met name de toch niet meer zo piepjonge (echte!) redacteur van Elseviers Magazine bleek van haar bijzonder gecharmeerd. Op de laatste dag bleek de afwachtende houding van de Verenigde Staten en het vasthouden aan het standpunt over militair ingrijpen succes op te leveren. Dit keer hadden de VS hun huiswerk wèl goed gedaan en kwamen zij met concrete voorstellen. Europa, moegestreden en op zoek naar een akkoord, legde zich neer bij een standpunt dat inhield, dat militaire acties niet uitgesloten zijn. Overigens was Engeland 's nachts al dicht tegen de grote broer aan gekropen. Daarna gingen ook Italil!, Frankrijk en Duitsland één voor één door de knie!!n. Zij konden uiteindelijk alleen enige wijzigingen aanbrengen in de slotverklaring.

Meer begrip Zelf had ik aanvankelijk nogal wat bedenkingen over het nut van een simulatiespel. Na twee dagen met uitsluitend Amerikanen opgetrokken te zijn ging ik mij echter ook een beetje Amerikaan voelen. Tijdens intern overleg riep iemand: "Ik word een beetje ziek van die weifelachtige Europeanen. Zij missen een mondiale visie". Ik kon mij hierin volledig vinden. Vorig jaar had ik tijdens een bijeenkomst op de Amerikaanse ambassade over internationaal terrorisme een discussie met Brian J enkins, director of the Rand Corporation. Als Europeaan had ik grote bezwaren tegen het militair ingrijpen van de Verenigde Staten in Libil!. Europa was immers ernstig in verlegenheid gebracht. De VS hadden dit nooit zonder toestemming van Europa mogen doen. Nu kon ik mij echter volledig achter het

standpunt van de Verenigde Staten plaatsen dat zij niet voortdurend verantwoording hoeven af te leggen aan Europa. Zo werd voor mij duidelijk dat een simulatiespel meer begrip voor en inzicht in andermans standpunten oplevert. Dit uitstekend georganiseerde en door iedereen met enthousiasme gespeelde simulatiespel was zeer geslaagd. Het is iedereen aan te raden om op soortgelijke wijze te ervaren hoe internationale politieke onderhandelingen gevoerd worden. Dat het spel de werkelijkheid goed benaderde bleek toen "Mitterrand" weer eens ruzie had met "Schultz" en hem een krachtige uitspraak ontlokte. De aanwezige Haagse Post-verslaggever sprong van zijn stoel en riep: "Verdomd, dat zei de echte Schultz ook!"


WATISJASON

Voor nadere informatie kun je ook de volgende contactpersonen bellen:

Jason is in 1975 opgericht door een aantal jongeren om te voorzien in een duidelijke behoefte van jongeren aan evenwichtige informatie over internationale vraagstukken. Jason is niet gebonden aan enige politieke partij en heeft geen levensbeschouwelijke grondslag. Jason informeert op twee manieren. Ten eerste door de uitgifte van dit blad, dat eens per twee maanden verschijnt. In elk nummer staat een internationaal-politiek thema centraal. Recente thema's waren "Verkiezingen en veiligheidsbeleid", Wapenbeheersingsoverleg tussen Oost en West", "Internationaal terrorisme", en de "Atlantische betrekkingen",

Ten tweede informeertJason door het organiseren van tal van activiteiten, zoals conferenties, debatten, lezingen, studiedagen, simulatiespelen, uitwisselingen en de buitenland-borrel.

Amsterdam: Madeleine de Bree 020-837104. Delft: Steven Kroon, 015-125677. Den Haag: Mariano Cantarella, 070-834278. Den Helder: Pieter Blank, 02230-25175. Eindhoven: Robert van den Heuvel, 040-833147. Groningen: Patricia Alma, 050-144195. Leiden: Henri-Paul Schreinemachers, 071-120236. Nijmegen: Michiel Bussink, 08350-24654. Rotterdam: Jan-Jaap Bouma, 010-4132021 , Martijn Gurp, o1O-414086l. Utrecht: Yvonne Abrahamsen, 030-432190. Willem Fukkink, 030-322038.

De activiteiten van Jason hebben veel belangstelling gekregen van jongeren, maar ook van de nationale en regionale pers.

Jason Magazine is verder verkrijgbaar bij de volgende boekhandels: Delft: Waltman T.H. Boekhandel A.P. Standaard Boekhandel Den Haag: Boekelier (Venestraat) Bruna (Noordeinde) Eindhoven en regio: HugoJonkers Luda Boekhandel T.H. Boekhandel van Pierre/ Luda Kantoorboekhandel Jan Daams (Geldrop) Boekhandel Van de Moosdijk (Nuenen) Groningen: Wristers Boomker Boekhandel Scholtens Boekhandel Leiden: Jongbloed Kooyker VanGinsberg Nijmegen: Dekker van de Vegt Academische Boekhandel Rotterdam: Donner E. V.R. Utrecht: Wristers Broesse Kemink

Voor wie een meer compleet overzicht wenst van de activiteiten van Jason ligt op het secretariaat van Jason informatie-materiaal gereed.

r--------------------------------------------------------------------------87 / 2

Ik abonneer mij hierbij op Jason Magazine en ontvang tegen betaling van f 30.- zes nummers in de komende twaalf maanden.

Naam: Adres: Woonplaats: ....... ...... .... .... .. ..... ........... ................ ......................... . Telefoon: ................................ ... .......................... .............. ....... ... (U wordt verzocht te wachten met betaling totdat u een acceptgirokaart wordt toegezonden)


INDEXJASON 1986 86/3. Raketten op tafel: Wapenbeheersingsoverleg tussen Oost en West. Dr. A. van Sladen:

Ontwapening na '45: lang lijst van verwachtingen en teleurstellingen.

Dr. P. B. R. de Geus: West-Europa praat indirect mee bij onderhandelingen in Genève.

Paul Nilze:

START-talks waiting for Soviet attitude chan-

ge. Mr. P. J. Walchers:

Bij MBFR-besprekingen in Wenen is nu het Warschau Pact aan zet.

Drs. D. Zandee:

Europese Ontwapeningsconferentie ,.litan ie

zonder ei nd "?

86/4. Internationaal terrorisme. Drs. A.J. J ongmafl:

Mohammed Abuleil: (interview) Dr H Sondaal en Mr. H. van Poorten: Ronnie Naftaniijl: (interview) Robert Oakly: (interview)

Terrorisme onderdeel van gewelddadig menselijk gedrag. "Weet u, wij Palestijnen hebben niets te verliezen", Europa en het terrorisme: Geen compromissen mogelijk. " Isra~l richt vergeldingsacties op zenuwcentra terrorisme". Amerikanen zijn belangrijkste doelwitten voor terroristen .

86/5. Good news? Cheap 00. Bad news? Cheap 00. Mahm oud S. Rabbani: OPEC and the crash of the oil prices. E.J. Denekamp: The strategie role of petroleum lor the West. Anthony H. Cordesman: The Gulf and the search lor strategic stability .

Pieter J. Kuisen:

A ,Julure" for the physical oilma r ket and oil futures. Pe/er OdelJ (intervie w): Cheap oi! good news? Cheap oli bad news? Drs. G.H.B. Verberg: Is the world oil -market controlled by a carte!. Ir. L.C. van Wachem: Positie van Shell in Zuid-Afrika.

86/6. De Atlantische betrekkingen: Hoe breed is de oceaan? Drs. A. w.M. Gerrits: Breuk in Westen zou voor Kremlin ook veel nadelige gevolgen hebben. Dr. P.M.E. Volten: G ebrek aan vertrouwen staat betere (interview) samenwerking in de weg. Drs. J.J.M. Penders: Vrees voor akkoorden "over Europa maar zonder Europa". Alan Jury / Kevin Harris: "Europa moet eerst orde op (interview) eigen zaken steIJe n ". WiJJjam Stolt: What Americans think about western Europe. Gert-Jan Stempher: Verslag van conferentie over inte rnationaal terrori5me.

87/1. De strijd tegen het kwade: Ideaal en macht van de islam. G.A. Wiegers:

Jihad veel rijker begrip dan alleen gewapende strijd of Heilige Oorlog.

Dr. NecmeHin Erbakan: Islam moel wereldwijd het goede over het kwade laten zegevieren. Michael Stein:

Oorlog Iran-Irak onvermijdelijk gevolg van tegenstelling Perzen-Arabieren.

Dr. Herman Beek:

Theorie van de islam kent geen verschil t ussen kerk en staat.

Dr.

L.c.

BiegeJ:

Islamitisch fundamentalisme spreekt vooral jongeren aan.

._----------------------------------_._-------------------------------------, Kan ongefr. verzonden worden.

Jason Antwoordnummer 2187 2500 ZJ Den Haag

Profile for Stichting Jason

Jason magazine (1987), jaargang 12 nummer 2  

Jason magazine (1987), jaargang 12 nummer 2  

Advertisement