Page 1

3

Augustus 2011

VEMW is hét kenniscentrum en dé belangenbehartiger voor zakelijke energie- en watergebruikers.

VEMW Journaal

Het nieuwe zwarte goud? pagina 6

Gevolgen gaskwaliteit vragen eerlijker oplossing Een kleine groep van 81 eindgebruikers die is aangesloten op het landelijke hoogcalorische gastransportnet van GTS krijgt de rekening gepresenteerd van de verandering van de gaskwaliteit. Zij moeten – reeds op korte termijn - maatregelen nemen om deze verandering op te vangen. De kosten hiervoor moeten zij zelf ophoesten. Dat is de boodschap van Minister Verhagen (EL&I) aan de Tweede Kamer en de gasnetgebruikers. De gaskwaliteit in Nederland gaat de komende jaren veranderen als gevolg van een teruglopende binnenlandse gasproductie, de import van gas uit nieuwe velden in Rusland en Noorwegen en de aanlanding van LNG in de Europoort (GATE-terminal). De verandering van de gaskwaliteit vormt al vanaf september 2011 een grote bedreiging voor eindgebruikers die rechtstreeks zijn aangesloten op het landelijke hoogcalorische gastransportnet. Lees verder op pagina 6

En verder in dit nummer

2 VEMW wil gewoon eerlijke gastransporttarieven 3 Keuzeverbod voor Nederlandse industrie

In dit nummer o.a. Laat duurzaamheid aan de markt Een kleine groep van 81 eindgebruikers die is aangesloten op het landelijke hoogcalorische gastransportnet van GTS krijgt de rekening gepresenteerd van de verandering van de gaskwaliteit. pag 4

Internationale component steeds belangrijker Het landelijke hoogcalorische gastransportnet van GTS krijgt de rekening gepresenteerd van de verandering van de gaskwaliteit. pag 4

4-5 Meepraten in Brussel. Hoe gaat dat?

8-9 Praktijk van een VEMWlid: Imperial Tobacco

6-7 Innovatie bij een VEMW-lid: Unilever

10 De praktijk: PQ EMEA

11 Column Spoor 12 Nieuw VEMW-lid Verenigingsnieuws VEMW Agenda 2011 Colofon


XXXXXXXXX

Verandering van gaskwaliteit Extra kosten zijn niet alleen investeringen maar ook verlies aan rendement, extra onderhoud, e.d. Het argument dat investeringen nihil zijn wanneer wordt aangesloten op investerings- en onderhoudscycli van de apparatuur is niet doordacht. Daarvoor is een voldoende lange overgangstermijn namelijk een essentiële randvoorwaarde. Voor aangeslotenen op laagcalorisch gas (G-gas) is dat minimaal 10, bij voorkeur 20 jaar. Voor hoogcalorisch gas (H-gas) is dat 5, en bij voorkeur 10-15 jaar.

De gaskwaliteit in Nederland gaat de komende jaren veranderen als gevolg van een teruglopende binnenlandse gasproductie, de import van gas uit nieuwe velden in Rusland en Noorwegen en de aanlanding van LNG in de Europoort (GATE-terminal). De verandering van de gaskwaliteit vormt al vanaf september 2011 een grote bedreiging voor eindgebruikers die rechtstreeks zijn aangesloten op het landelijke hoogcalorische gastransportnet. Uit onderzoek van onder meer VEMW blijkt dat de veranderingen ernstige consequenties kunnen hebben voor de veiligheid, de kapitaalslasten, operationele kosten en de milieubelasting van bedrijven. De conclusies hiervan zijn inmiddels bevestigd door onderzoeken zoals uitgevoerd in opdracht van het ministerie van EL&I. Deze onderzoekers van Arcadis, KEMA en KIWA, stellen dat oplossingen gebaseerd moeten zijn op de laagst maatschappelijke kosten. Er ontbreekt nog veel kennis.

2

Het argument dat investeringen nihil zijn wanneer wordt aangesloten op investeringsen onderhoudscycli van de apparatuur is niet doordacht. Daarvoor is een voldoende lange overgangstermijn namelijk een essentiële randvoorwaarde.

‘Extra kosten zijn niet alleen investeringen maar ook verlies aan rendement en extra onderhoud’ Voor aangeslotenen op laagcalorisch gas (G-gas) is dat minimaal 10, bij voorkeur 20 jaar. Voor hoogcalorisch gas (H-gas) is dat 5, en bij voorkeur 10-15 jaar. Het argument dat investeringen nihil zijn wanneer wordt aangesloten op investerings- en onderhoudscycli. Beleid van de Minister Minister Verhagen wil echter niet verder gaan dan 10 jaar voor G-gas en 1,5 jaar voor

H-gas, eventueel tot 3,5 jaar. VEMW vindt dat volstrekt onaanvaardbaar. Als de noodzakelijke randvoorwaarde niet wordt ingevuld is het niet langer ‘de meest robuuste oplossing’. VEMW is er niet van overtuigd dat het nemen van maatregelen bij een kleine groep eindgebruikers de oplossing is met de laagst maatschappelijke kosten. Het aanpakken van een kleine groep eindgebruikers, die niet de veroorzaker zijn van het probleem, is bovendien discriminatoir. Het beleid van de Minister is niet consequent. Vorig jaar nog is de kwaliteitsconversiedienst volledig gesocialiseerd als systeemdienst. Het gaskwaliteitsissue wordt niét gesocialiseerd. Bedrijven die toevallig op het internationaal gangbare H-gassysteem zijn aangesloten worden zo financieel tweemaal zwaar getroffen: eerst door te moeten betalen voor een dienst waarvan ze geen gebruik maken en vervolgens voor een kwaliteitsverandering waaraan ze part noch deel hebben. Extra kosten zijn niet alleen investeringen maar ook verlies aan rendement, extra onderhoud, e.d. Het argument dat investeringen nihil zijn wanneer wordt aangesloten op investerings- en onderhoudscycli van de apparatuur is niet doordacht. Daarvoor is een voldoende lange overgangstermijn namelijk een essentiële randvoorwaarde.

VEMW Journaal | Augustus 2011


Opinie

Afschaffen grondwaterbelasting biedt gelijk speelveld Grondwaterbelasting brengt voor de schatkist relatief weinig op (176 miljoen euro begroot in 2011). De meerderheid van de Europese lidstaten kent een dergelijke grondwaterbelasting niet eens. Daar waar landen wel een dergelijke belasting kennen is het grondwater tot wel twintig maal lager belast. Nederland, met haar delta van twee grote rivieren, heeft de hoogste grondwaterbelasting in Europa. De staatssecretaris erkent in zijn brief dat er eigenlijk geen rechtvaardiging is te vinden voor de belasting. Volgens VEMW mist de belasting iedere grond. De grondwaterbelasting, ooit bedoeld om spaarzaamheid te bevorderen, werkt contraproductief. De ‘waterintensieve’ industrie, voorloper op innovatie om water te besparen, kan het geld dat nu wegvloeit naar de schatkist niet besteden aan duurzaamheidsprogramma’s. De belasting drukt zwaar op een kleine groep bedrijven. In de achterliggende jaren hebben verschillende papierfabrieken hun deuren gesloten mede door deze hoge belasting. VEMW steunt de afschaffing van de grondwaterbelasting als een welkome verbetering van de positie van internationaal concurrerende bedrijven. Goed grondwater is een belangrijke vestigingsfactor voor waterintensieve bedrijven. Bedrijven zorgen met hun regionale partners voor een duurzaam beheer van de grondwatervoorraad. Afschaffen van de overbodige grondwaterbelasting stimuleert dit duurzame beheer en is goed voor de concurrentiekracht van de Nederlandse economie. VEMW vindt dat de staatssecretaris nu snel moet komen tot afschaffing. Grondwaterbelasting brengt voor de schatkist relatief weinig op (176 miljoen euro begroot in 2011). De meerderheid van de Europese lidstaten kent een dergelijke grondwaterbelasting niet eens.

VEMW Journaal | Augustus 2011

Daar waar landen wel een dergelijke belasting kennen is het grondwater tot wel twintig maal lager belast. Nederland, met haar delta van twee grote rivieren, heeft de hoogste grondwaterbelasting in Europa. De staatssecretaris erkent in zijn brief dat er eigenlijk geen rechtvaardiging is te vinden voor de belasting. Volgens VEMW mist de belasting iedere grond. De grondwaterbelasting, ooit bedoeld om spaarzaamheid te bevorderen, werkt contraproductief. De ‘waterintensieve’ industrie, voorloper op innovatie om water te besparen, kan het geld dat nu wegvloeit naar de schatkist niet besteden aan duurzaamheidsprogramma’s. De belasting drukt zwaar op een kleine groep bedrijven. In de achterliggende jaren hebben verschillende papierfabrieken hun deuren gesloten mede door deze hoge belasting. VEMW steunt de afschaffing van de grondwaterbelasting als een welkome verbetering van de positie van internationaal concurrerende bedrijven. Goed grondwater is een belangrijke vestigingsfactor voor waterintensieve bedrijven. Bedrijven zorgen met hun regionale partners voor een duurzaam beheer van de grondwatervoorraad. Afschaffen van de overbodige grondwaterbelasting stimuleert dit duurzame beheer en is goed voor de concurrentiekracht van de Nederlandse economie. VEMW vindt dat de staatssecretaris nu snel moet komen tot afschaffing.

3


Laat duurzaamheid Een kleine groep van 81 eindgebruikers die is aangesloten op het landelijke hoogcalorische gastransportnet van GTS krijgt de rekening gepresenteerd van de verandering van de gaskwaliteit. Zij moeten – reeds op korte termijn - maatregelen nemen om deze verandering op te vangen. De kosten hiervoor moeten zij zelf ophoesten. Dat is de boodschap van Minister Verhagen (EL&I) aan de Tweede Kamer en de gasnetgebruikers. VEMW blijft zich verzetten tegen wat de Minister ‘de meest robuuste oplossing’ noemt.

De gaskwaliteit in Nederland gaat de komende jaren veranderen als gevolg van een teruglopende binnenlandse gasproductie, de import van gas uit nieuwe velden in Rusland en Noorwegen en de aanlanding van LNG in de Europoort (GATE-terminal). De verandering van de gaskwaliteit vormt al vanaf september 2011 een grote bedreiging voor eindgebruikers die rechtstreeks zijn aangesloten op het landelijke hoogcalorische gastransportnet. Uit onderzoek van onder meer VEMW blijkt dat de veranderingen ernstige consequenties kunnen hebben voor de veiligheid, de kapitaalslasten, operationele kosten en de milieubelasting van bedrijven. De conclusies hiervan zijn inmiddels bevestigd door onderzoeken zoals uitgevoerd in opdracht van het ministerie van EL&I. Deze onderzoekers van Arcadis, KEMA en KIWA, stellen dat oplos-

4

singen gebaseerd moeten zijn op de laagst maatschappelijke kosten. Er ontbreekt nog veel kennis. Desondanks stellen de onderzoekers nu al dat de meest robuuste oplossing ligt in het aanpassen van de apparatuur van eindgebruikers aan een grotere bandbreedte van gassamenstellingen. De kosten hiervoor zouden niet meer dan 15 – 70 mln euro bedragen. VEMW stelt niet alleen de zeer ruime kosten-bandbreedte ter discussie, maar ook de absolute hoogte van de bedragen. Extra kosten zijn niet alleen investeringen maar ook verlies aan rendement, extra onderhoud, e.d. Het argument dat investeringen nihil zijn wanneer wordt aangesloten op investerings- en onderhoudscycli van de apparatuur is niet doordacht. Daarvoor is een voldoende lange overgangstermijn namelijk een essentiële randvoorwaarde. Voor aangeslotenen op laagcalorisch gas (G-gas) is dat minimaal 10, bij

voorkeur 20 jaar. Voor hoogcalorisch gas (H-gas) is dat 5, en bij voorkeur 10-15 jaar. Minister Verhagen wil echter niet verder gaan dan 10 jaar voor G-gas en 1,5 jaar voor H-gas, eventueel tot 3,5 jaar. VEMW vindt dat volstrekt onaanvaardbaar. Als de noodzakelijke randvoorwaarde niet wordt ingevuld is het niet langer ‘de meest robuuste oplossing’. VEMW is er niet van overtuigd dat het nemen van maatregelen bij een kleine groep eindgebruikers de oplossing is met de laagst maatschappelijke kosten. Het aanpakken van een kleine groep eindgebruikers, die niet de veroorzaker zijn van het probleem, is bovendien discriminatoir. Het beleid van de Minister is niet consequent. Vorig jaar nog is de kwaliteitsconversiedienst volledig gesocialiseerd als systeemdienst. Het gaskwaliteitsissue wordt niét gesocialiseerd. Bedrijven die toevallig op

VEMW Journaal | Augustus 2011


Maatschappij

aan de markt het internationaal gangbare H-gassysteem zijn aangesloten worden zo financieel tweemaal zwaar getroffen: eerst door te moeten betalen voor een dienst waarvan ze geen gebruik maken en vervolgens voor een kwaliteitsverandering waaraan ze part noch deel hebben. Noorwegen en de aanlanding van LNG in de Europoort (GATE-terminal). De verandering van de gaskwaliteit vormt al vanaf september 2011 een grote bedreiging voor eindgebruikers die rechtstreeks zijn aangesloten op het landelijke hoogcalorische gastransportnet.

‘Het argument dat investeringen nihil zijn wanneer wordt aangesloten op investerings- en onderhoudscycli van de apparatuur is niet doordacht’ Minister Verhagen wil echter niet verder gaan dan 10 jaar voor G-gas en 1,5 jaar voor H-gas, eventueel tot 3,5 jaar. VEMW vindt dat volstrekt onaanvaardbaar. Als de noodzakelijke randvoorwaarde niet wordt ingevuld is het niet langer ‘de meest robuuste oplossing’. VEMW is er niet van overtuigd dat het nemen van maatregelen bij een kleine groep eindgebruikers de oplossing is met de laagst maatschappelijke kosten. Het aanpakken van een kleine groep eindgebruikers, die niet de veroorzaker zijn van het probleem, is bovendien discriminatoir. Meer informatie over dit onderwerp staat op het ledendeel van de VEMW-website: tab ‘Gas en WKK’-‘Aansluiting en transport’.

VEMW Journaal | Augustus 2011

5


Een kleine groep van 81 eindgebruikers die is aangesloten op het landelijke hoogcalorische gastransportnet van GTS krijgt de rekening gepresenteerd van de verandering van de gaskwaliteit. Zij moeten – reeds op korte termijn - maatregelen nemen om deze verandering op te vangen. De kosten hiervoor moeten zij zelf ophoesten. Dat is de boodschap van Minister Verhagen (EL&I) aan de Tweede Kamer en de gasnetgebruikers. VEMW blijft zich verzetten tegen wat de Minister ‘de meest robuuste oplossing’ noemt.

Internationale component steeds belangrijker De gaskwaliteit in Nederland gaat de komende jaren veranderen als gevolg van een teruglopende binnenlandse gasproductie, de import van gas uit nieuwe velden in Rusland en Noorwegen en de aanlanding van LNG in de Europoort (GATE-terminal). De verandering van de gaskwaliteit vormt al vanaf september 2011 een grote bedreiging voor eindgebruikers die rechtstreeks zijn aangesloten op het landelijke hoogcalorische gastransportnet. Tarievenbesluit Uit onderzoek van onder meer VEMW blijkt dat de veranderingen ernstige consequen-

6

ties kunnen hebben voor de veiligheid, de kapitaalslasten, operationele kosten en de milieubelasting van bedrijven. De conclusies hiervan zijn inmiddels bevestigd door onderzoeken zoals uitgevoerd in opdracht van het ministerie van EL&I. Deze onderzoekers van Arcadis, KEMA en KIWA, stellen dat oplossingen gebaseerd moeten zijn op de laagst maatschappelijke kosten. Er ontbreekt nog veel kennis. Desondanks stellen de onderzoekers nu al dat de meest robuuste oplossing ligt in het aanpassen van de apparatuur van eindgebruikers aan een grotere bandbreedte van gassamenstellingen. De kosten hiervoor zouden niet meer dan 15 – 70 mln

euro bedragen. VEMW stelt niet alleen de zeer ruime kosten-bandbreedte ter discussie, maar ook de absolute hoogte van de bedragen.

VEMW Journaal | Augustus 2011


Primaire doelgroep

34

1 persoon

Primaire doelgroep

26,9 28,8 33,7

34

1 persoon

Strategie en ontwikkeling

Secun

40 35 30 25 20 15 10 18,1 16,9 19,7 20,4 24,7 32,7 18,5 14,5 32,7 32,717,6 19,1 21,2 5 0 2 persoon 3 of meer personen 1 persoon

Secundaire doelgroep

40 35 30 25 20 15 10 32,7 32,717,6 19,1 21,2 18,1 16,9 19,7 18,5 14,5 5 20,4 24,7 32,7 0 1 persoon 2 persoon 3 of meer personen

Secundaire doelgroep

2

gemiddelde huurquote

26,9 28,8 33,7

1 persoon

40 ■ huidig 35 ■ IAH-o30 ■ IAH-125 20 ■ IAH-2 15 10 22,6 22,6 22,6 19,3 28,6 20,1 18,3 18,3 18,3 16,4 28,6 28,6 5 0 2 persoon 3 of meer personen 1 persoon gemiddelde huurquote

40 35 30 25 20 15 10 5 0

40 35 30 25 20 15 10 5 0

gemiddelde huurquote

gemiddelde huurquote

gemiddelde huurquote

0

gemiddelde huurquote

gemiddelde huurquote

zijn aangesloten worden zo financieel tweemaal zwaar getroffen: eerst door te moeten betalen voor een dienst waarvan ze geen Niet-doelgroep gebruik maken en vervolgens voor een kwaliteitsverandering waaraan ze part noch deel hebben.

gemiddelde huurquote

35 30 Kwaliteitscontroledienst 25 Het beleid20 van de Minister is niet consequent. Vorig 15 jaar nog is de kwaliteitsconver10 siedienst volledig gesocialiseerd als 19,3 28,6 28,6 28,6 16,4 22,4 22,4 22,4 5 systeemdienst. Het gaskwaliteitsissue wordt 0 niét gesocialiseerd. Bedrijven die toevallig op 1 persoon 2 persoon

het internationaal gangbare H-gassysteem zijn aangesloten worden zo financieel tweemaal zwaar getroffen: eerst door te moeten betalen voor een dienst waarvan ze geen gebruik maken.

Minister Verhagen wil echter niet verder gaan dan 10 jaar voor G-gas en 1,5 jaar voor H-gas, eventueel tot 3,5 jaar. VEMW vindt dat volstrekt onaanvaardbaar. Als de noodzakelijke randvoorwaarde niet wordt ingevuld is het niet langer ‘de meest robuuste oplossing’. VEMW is er niet van overtuigd dat het nemen van maatregelen bij een kleine groep eindgebruikers de oplossing is met de laagst maatschappelijke kosten. Het aanpakken van een kleine groep eindgebruikers, die niet de veroorzaker zijn van het probleem, is bovendien discriminatoir.

VEMW Journaal | Augustus 2011

‘Bedrijven die toevallig op18,3 14,2 18,3 18,3 het internationaal gangbare meer personen H-gassysteem3 ofzijn aangesloten worden zo financieel tweemaal zwaar getroffen’

Minister Verhagen wil echter niet verder gaan dan 10 jaar voor G-gas en 1,5 jaar voor H-gas, eventueel tot 3,5 jaar. VEMW vindt dat volstrekt onaanvaardbaar. Als de noodzakelijke randvoorwaarde niet wordt ingevuld is het niet langer ‘de meest robuuste oplossing’. VEMW is er niet van overtuigd dat het nemen van maatregelen bij een kleine groep eindgebruikers de oplossing is met de laagst maatschappelijke kosten. Het aanpakken van een kleine groep eindgebruikers, die niet de veroorzaker zijn van het probleem, is bovendien discriminatoir. Het beleid van de Minister is niet conse-

■ ■ ■

22

2

Ni ■ ■ ■ ■

22

2

Niet-doelgroep

40 40 ■ huidig 35 35 ■ IAH-o 30 30 Als de noodzakelijke randvoorwaarde niet Het beleid van de Minister is niet consequent. Vorig jaar nog is de kwaliteitsconver25 25 ■ IAH-1 wordt ingevuld is het niet langer ‘de meest quent. Vorig jaar nog is de kwaliteitsconversiedienst volledig gesocialiseerd als 20 20 ■ IAH-2 robuuste oplossing’. VEMW is er niet van siedienst volledig gesocialiseerd als systeemdienst. Het gaskwaliteitsissue wordt 15 15 overtuigd 10 dat het nemen van maatregelen bij systeemdienst. Het gaskwaliteitsissue wordt niét gesocialiseerd. Bedrijven die toevallig op 10 19,3 28,6 28,6 28,6 16,4 22,4 22,4 22,4 14,2 18,3 18,3 18,3 24,7 32,7 32,7 de 32,7 21,2 22,6 20,1 18,3 18,3 18,3 5 22,6 Bedrijven een kleine groep eindgebruikers oplosniét22,6 gesocialiseerd. die toevallig op het internationaal gangbare H-gassysteem 5 0 sing is met 0de laagst maatschappelijke koshet internationaal gangbare H-gassysteem zijn aangesloten worden zo financieel twee1 persoon 2 persoon 3 of meer personen 1 persoon 2 persoon 3 of meer personen

ten. Het aanpakken van een kleine groep eindgebruikers, die niet de veroorzaker zijn van het probleem, is bovendien discrimina40 toir.

maal zwaar getroffen: eerst door te moeten betalen voor een dienst waarvan ze geen gebruik maken en vervolgens voor een kwaliteitsverandering waaraan ze part noch deel ■ huidig hebben. ■ IAH-o Het gaskwaliteitsissue wordt niét gesociali■ IAH-1 seerd. Bedrijven die toevallig op het interna■ IAH-2 tionaal gangbare H-gassysteem zijn aangesloten worden zo financieel tweemaal zwaar getroffen: eerst door te moeten betalen voor een dienst waarvan ze geen gebruik maken en vervolgens voor een kwaliteitsverandering waaraan ze part noch deel hebben.Het gaskwaliteitsissue wordt niét gesocialiseerd. Bedrijven die toevallig op het internationaal gangbare H-gassysteem zijn aangesloten worden zo financieel tweemaal zwaar getroffen: eerst door te moeten betalen voor een dienst waarvan ze geen gebruik maken,

7

■ ■ ■ ■


Gevolgen verandering gaskwaliteit vragen eerlijker oplossing Een kleine groep van 81 eindgebruikers die is aangesloten op het landelijke hoogcalorische gastransportnet van GTS krijgt de rekening gepresenteerd van de verandering van de gaskwaliteit. Zij moeten – reeds op korte termijn - maatregelen nemen om deze verandering op te vangen. De kosten hiervoor moeten zij zelf ophoesten. Dat is de boodschap van Minister Verhagen (EL&I) aan de Tweede Kamer en de gasnetgebruikers. VEMW blijft zich verzetten tegen wat de Minister ‘de meest robuuste oplossing’ noemt.

De gaskwaliteit in Nederland gaat de komende jaren veranderen als gevolg van een teruglopende binnenlandse gasproductie, de import van gas uit nieuwe velden in Rusland en Noorwegen en de aanlanding van LNG in de Europoort (GATE-terminal). De verandering van de gaskwaliteit vormt al vanaf september 2011 een grote bedreiging voor eindgebruikers die rechtstreeks zijn aangesloten op het landelijke hoogcalorische gastransportnet.

‘De gaskwaliteit in Nederland gaat de komende jaren veranderen als gevolg van een teruglopende binnenlandse gasproductie’

zoekers nu al dat de meest robuuste oplossing ligt in het aanpassen van de apparatuur van eindgebruikers aan een grotere bandbreedte van gassamenstellingen. De kosten hiervoor zouden niet meer dan 15 – 70 mln euro bedragen. VEMW stelt niet alleen de zeer ruime kostenbandbreedte ter discussie, maar ook de absolute hoogte van de bedragen. Extra kosten zijn niet alleen investeringen

maar ook verlies aan rendement, extra onderhoud, e.d. Het argument dat investeringen nihil zijn wanneer wordt aangesloten op investerings- en onderhoudscycli van de apparatuur is niet doordacht. Daarvoor is een voldoende lange overgangstermijn namelijk een essentiële randvoorwaarde. Voor aangeslotenen op laagcalorisch gas (G-gas) is dat minimaal 10, bij voorkeur 20 jaar. Voor hoogcalorisch gas (H-gas) is dat 5, en bij voorkeur 10-15 jaar. Minister Verhagen wil echter niet verder gaan dan 10 jaar voor G-gas en 1,5 jaar voor H-gas, eventueel tot 3,5 jaar. VEMW vindt dat volstrekt onaanvaardbaar.

Tarievenbesluit Uit onderzoek van onder meer VEMW blijkt dat de veranderingen ernstige consequenties kunnen hebben voor de veiligheid, de kapitaalslasten, operationele kosten en de milieubelasting van bedrijven. De conclusies hiervan zijn inmiddels bevestigd door onderzoeken zoals uitgevoerd in opdracht van het ministerie van EL&I. Deze onderzoekers van Arcadis, KEMA en KIWA, stellen dat oplossingen gebaseerd moeten zijn op de laagst maatschappelijke kosten. Er ontbreekt nog veel kennis. Desondanks stellen de onder-

8

VEMW Journaal | Augustus 2011


Kennis en ervaring Als de noodzakelijke randvoorwaarde niet wordt ingevuld is het niet langer ‘de meest robuuste oplossing’. VEMW is er niet van overtuigd dat het nemen van maatregelen bij een kleine groep eindgebruikers de oplossing is met de laagst maatschappelijke kosten. Het aanpakken van een kleine groep eindgebruikers, die niet de veroorzaker zijn van het probleem, is bovendien discriminatoir. Tarievenbesluit Het beleid van de Minister is niet consequent. Vorig jaar nog is de kwaliteitsconversiedienst volledig gesocialiseerd als systeemdienst. Het gaskwaliteitsissue wordt niét gesocialiseerd. Bedrijven die toevallig op het internationaal gangbare H-gassysteem zijn aangesloten worden zo financieel tweemaal zwaar getroffen: eerst door te moeten betalen voor een dienst waarvan ze geen gebruik maken.

VEMW Journaal | Augustus 2011

Minister Verhagen wil echter niet verder gaan dan 10 jaar voor G-gas en 1,5 jaar voor H-gas, eventueel tot 3,5 jaar. VEMW vindt dat volstrekt onaanvaardbaar. Als de noodzakelijke randvoorwaarde niet wordt ingevuld is het niet langer ‘de meest robuuste oplossing’. VEMW is er niet van overtuigd dat het nemen van maatregelen bij een kleine groep eindgebruikers de oplossing is met de laagst maatschappelijke kosten. Het aanpakken van een kleine groep eindgebruikers, die niet de veroorzaker zijn van het probleem, is bovendien discriminatoir.

‘Minister Verhagen wil echter niet verder gaan dan 10 jaar voor G-gas en 1,5 jaar voor H-gas, eventueel tot 3,5 jaar’ Het beleid van de Minister is niet consequent. Vorig jaar nog is de kwaliteitsconversiedienst volledig gesocialiseerd als systeemdienst. Het gaskwaliteitsissue wordt niét gesocialiseerd. Bedrijven die toevallig op het internationaal gangbare H-gassysteem zijn aangesloten worden zo financieel tweemaal zwaar getroffen: eerst door te moeten betalen voor een dienst waarvan ze geen gebruik maken en vervolgens voor een kwaliteitsverandering waaraan ze part noch deel hebben.

Minister Verhagen wil echter niet verder gaan dan 10 jaar voor G-gas en 1,5 jaar voor H-gas, eventueel tot 3,5 jaar. VEMW vindt dat volstrekt onaanvaardbaar. Als de noodzakelijke randvoorwaarde niet wordt ingevuld is het niet langer ‘de meest robuuste oplossing’. VEMW is er niet van overtuigd dat het nemen van maatregelen bij een kleine groep eindgebruikers de oplossing is met de laagst maatschappelijke kosten. Het aanpakken van een kleine groep eindgebruikers, die niet de veroorzaker zijn van het probleem, is bovendien discriminatoir. Het beleid van de Minister is niet consequent. Vorig jaar nog is de kwaliteitsconversiedienst volledig gesocialiseerd als systeemdienst. Het gaskwaliteitsissue wordt niét gesocialiseerd. Bedrijven die toevallig op het internationaal gangbare H-gassysteem zijn aangesloten worden zo financieel tweemaal zwaar getroffen: eerst door te moeten betalen voor een dienst waarvan ze geen gebruik maken en vervolgens voor een kwaliteitsverandering waaraan ze part noch deel hebben.

Meer informatie over dit onderwerp staat op het ledendeel van de VEMW-website: tab ‘Gas en WKK’‘Aansluiting en transport’.

9


Tips

Praktijk

Praktijk van een VEMW-lid

PQ EMEA Wat is PQ EMEA? PQ EMEA is een internationaal opererend bedrijf, onderdeel van PQ inc., en maakt industrieel glas en een scala aan daarvan afgeleide producten, zoals waterglas, grondverbeteringsmiddel en grondstoffen voor waspoeder en tandpasta. Sinds kort is waterglas ook bekend als het middel waarmee het lek in de kerncentrale in Japan is gedicht. PQ heeft circa zestig productielocaties verdeeld over Noord en Zuid Amerika, Europa, Zuid-Afrika en Azië. PQ EMEA opereert met ca 15 productielokaties

Hoe is de energie- en watersituatie? Glas maken is een energie-intensief proces. PQ verbruikt per jaar ongeveer 80 miljoen m3 gas en 70 GWh aan elektriciteit. Dit komt overeen met een energierekening van 25 à 30 euro miljoen/jaar. Na de fusie tussen Ineos en PQ in 2008 is er veel werk gemaakt

van het stroomlijnen van de energiecontracten die op verschillende locaties worden gehanteerd. Op watergebied gebeurt dit overigens nog niet. Dat is de volgende stap die moet worden gemaakt. Joost begon met energieinkopen voor PQ in 2008. Dat was in dezelfde periode dat de prijzen in de energiemarkt in korte tijd enorme piekten. “Dan moet je over ‘stalen zenuwen’ beschikken. Grijp je in of niet? De prijzen kunnen immers blijven stijgen. Maar wat omhoog gaat, moet ook weer eens naar beneden. Dat is ook wat er gebeurde. Als nieuwkomer in het inkoopvak was dat een ervaring om niet gauw te vergeten”, aldus Joost. Nu is er een veel stabielere markt, hoewel de prijzen alweer een stijgende trend vertonen.

Hoe heeft VEMW je kunnen helpen? “Ik heb veel gehad aan de VEMW kennis over mijn rechtspositie als gebruiker. Dat heeft mij enorm geholpen bij een technisch probleem met een van onze leveranciers wat uiteindelijk ook in ons voordeel is beslist. Bij onze energie-inkopen worden we geadviseerd door een brooker. Die aanwezige kennis van VEMW gebruiken we hier dus niet voor. Meer informatie over dit onderwerp staat op het ledendeel van de VEMW-website: tab ‘Gas en WKK’‘Aansluiting en transport’.

Rekenmodel waterkosten Met het VEMW Rekenmodel Waterkosten 2011 krijgt u inzicht in de waterketenkosten binnen uw bedrijf. Niet alleen krijgt u inzicht in uw huidige waterkosten, maar wordt ook een inschatting gemaakt van uw toekomstige waterkosten, indien een aantal beleidsvoornemens van de overheid tot uitvoering worden gebracht. Maak gebruik van dit handige VEMW rekenmodel. Kijk op het ledendeel van de VEMW-website onder ‘VEMW voor ú!’.

Rekenmodel waterkosten Met het VEMW Rekenmodel Waterkosten 2011 krijgt u inzicht in de waterketenkosten binnen uw bedrijf. Niet alleen krijgt u inzicht in uw huidige waterkosten, maar wordt ook een inschatting gemaakt van uw toekomstige waterkosten, indien een aantal beleidsvoornemens van de overheid tot uitvoering worden gebracht. Maak gebruik van dit handige VEMW rekenmodel. Kijk op het ledendeel van de VEMW-website onder ‘VEMW voor ú!’. Vragen? Stel ze aan uw VEMWadviseur Eric Picard: 0348 48 43 70 of ep@vemw.nl

10

VEMW Journaal | Augustus 2011


Persoonlijk

Leiding geven aan jezelf Grondwaterbelasting brengt voor de schatkist relatief weinig op (176 miljoen euro begroot in 2011). De meerderheid van de Europese lidstaten kent een dergelijke grondwaterbelasting niet eens. Daar waar landen wel een dergelijke belasting kennen is het grondwater tot wel twintig maal lager belast. Nederland, met haar delta van twee grote rivieren, heeft de hoogste grondwaterbelasting in Europa. De staatssecretaris erkent in zijn brief dat er eigenlijk geen rechtvaardiging is te vinden voor de belasting. Volgens VEMW mist de belasting iedere grond. De grondwaterbelasting, ooit bedoeld om spaarzaamheid te bevorderen, werkt contraproductief. De ‘waterintensieve’ industrie, voorloper op innovatie om water te besparen, kan het geld dat nu wegvloeit naar de schatkist niet besteden aan duurzaamheidsprogramma’s. De belasting drukt zwaar op een kleine groep bedrijven. In de achterliggende jaren hebben verschillende papierfabrieken hun deuren gesloten mede door deze hoge belasting. VEMW steunt de afschaffing van de grondwaterbelasting als een welkome verbetering van de positie van internationaal concurrerende bedrijven. Goed grondwater is een belangrijke vestigingsfactor voor waterintensieve bedrijven. Bedrijven zorgen met hun regionale partners voor een duurzaam beheer van de grondwatervoorraad.

Afschaffen van de overbodige grondwaterbelasting stimuleert dit duurzame beheer en is goed voor de concurrentiekracht van de Nederlandse economie. VEMW vindt dat de staatssecretaris nu snel moet komen tot afschaffing. Grondwaterbelasting brengt voor de schatkist relatief weinig op (176 miljoen euro begroot in 2011). De meerderheid van de Europese lidstaten kent een dergelijke grondwaterbelasting niet eens. Daar waar landen wel een dergelijke belasting kennen is het grondwater tot wel twintig maal lager belast. Nederland, met haar delta van twee grote rivieren, heeft de hoogste grondwaterbelasting in Europa. De staatssecretaris erkent in zijn brief dat er eigenlijk geen rechtvaardiging is te vinden voor de belasting. Volgens VEMW mist de belasting iedere grond. De grondwaterbelasting, ooit bedoeld om spaarzaamheid te bevorderen, werkt contraproductief. De ‘waterintensieve’ industrie, voorloper op innovatie om water te besparen, kan het geld dat nu wegvloeit naar de schatkist niet besteden aan duurzaamheidsprogramma’s.

Spoor Column

Efficiency-verbetering blijft altijd noodzaak!

VEMW ondersteunt nieuwe investeringen, als ze noodzakelijk zijn. Efficiencyverbeteringen blijven echter onverkort nodig. Waarom? Monopolyde bedrijven zoals de watersector en de energienetwerken, kunnen altijd weer hun kosten doorbelasten naar de gebruiker, als ze er maar hard genoeg voor vechten. Marktpartijen hebben deze mogelijkheid niet. Bij monopolyde bedrijven ontbreekt de druk om écht het maximale uit de bedrijfsvoering te halen. Voor een efficiënt systeem is het absoluut noodzakelijk dat toezichthouders en gebruikersorganisaties monopolyde netwerkbedrijven maximaal onder druk kunnen zetten. Zodat ook zij, net als marktpartijen,

VEMW Journaal | Augustus 2011

continu kritisch staan tegenover hun eigen efficiency. Als dat niet gebeurt, krijgen we een ongecontroleerde stijging van tarieven. Een aantal voorbeelden: • In de hele discussie over investeringen in smart grids heb ik het terugdringen van netwerkkosten nauwelijks gehoord. • Verouderde netwerken verhogen de onderhoudskosten. Meer intensieve samenwerking tussen leverancier en dienstverlener moet dit onderhoud slimmer, dus goedkoper, laten verlopen. • Men wil meer ondergrondse hoogspanningsleidingen. Deze kosten per km 3 á 5 keer meer dan bovengrondse leidingen. Er is te veel bereidheid om dit prijsverschil zo maar te accepteren.

11


Agenda

Vereniging

Korting voor VEMW leden!

Nieuw VEMW-lid: Brinks Metaalbewerking Nederland’. Wij zijn een Europese nichespeler met grote series. Wij doen veel voor de auto-industrie. Brinks Metaalbewerking zit in het Twentse Vriezenveen en heeft zo’n 150 man personeel. Wij draaien 24/7 en zitten aan het middenspanningsnet met drie eigen trafo’s.

Wat is uw functie hier?

Directeur Eigenaar Ton de Bruine

Wat is Brinks Metaal? Brinks Metaalbewerking is een toeleverancier van hydraulische componenten. Wij boren en frezen in metaal. Ik noem ons ook wel eens ‘de gatenmaker van

Ik ben algemeen directeur, tevens eigenaar. Energieonderwerpen doe ik er bij. Wij kopen onze energie in via de Stichting Energie Inkoop Metalektro (STENIM) van de FME. Dus daar heb ik niet zo’n omkijken naar.

Waarom is Brinks Metaal VEMW-lid geworden? Hier in Twente hebben we jaarlijks

17-18 mei Training Introductie in de Energiemarkt 18 maart VEMW Contactdag bij Döhler

enkele keren last van spanningsuitval. Geen spanningsdipje, maar gewoon geen spanning voor enkele uren. Dat betekent voor ons productieverlies à 20.000/uur plus alle claims daar nog bij. Bij de FME hadden ze niet die expertise in huis om mij hiermee te helpen. Door de NMa ben ik naar VEMW doorverwezen. Ik ben meteen lid geworden. VEMW heeft deze kwestie goed opgepakt. Zij inventariseerde in de regio of er nog meer bedrijven hetzelfde probleem hadden. Dat bleek inderdaad het geval. VEMW voerde ook al gesprekken met Enexis. Dit heeft tot nu toe nog niet het probleem opgelost, maar dat gaat ongetwijfeld gebeuren. Enexis voelt zich in ieder geval niet op zijn gemak met de VEMW-aandacht.

25 maart VEMW Contactdag bij Bakkersland 8 april VEMW Energielunch 13 mei VEMW Energielunch 10 juni VEMW Energielunch 23 juni VEMW Ledenvergadering en VEMW Energiedag, Building blocks for the Bio-based Economy (bij Coca Cola)

Kijk voor meer informatie en aanmelding op de website www.vemw.nl onder activiteiten.

Verenigingsnieuws VEMW Benchmark Inkoop Energie Deelnemers aan de Benchmark Inkoop Energie van VEMW ontvingen begin april hun resultaten. Een recordaantal van 152 VEMW-leden deed mee. Gezamenlijk zijn zij goed voor inkoop van 3,7 TWh aan elektriciteit en 3,5 miljard m3 aan gas. De Benchmark geeft inzicht in de eigen inkoopprestaties. Voor de deelnemers organiseerde VEMW in mei een feedback sessie. Voor meer info: Eric Picard ep@vemw.nl of 0348484370.

Colofon

VEMW Energiedag in teken van duurzaamheid DE VEMW Energiedag staat dit jaar geheel in het teken van duurzaamheid. Duurzaamheid is ‘hot’. Veel leden hebben in de ledenenquête aangegeven dit tot één van de belangrijkste issues te rekenen voor de komende jaren. De klimaatdiscussie en de voorzieningszekerheid dwingen tot emissiereductie en energiebesparing. De VEMW Energiedag sluit hier met het thema ‘Building Blocks for the Bio-based Economy’ direct op aan.

Aan de totstandkoming van deze uitgave is de uiterste zorg besteed. Voor informatie die onvolledig of onjuist is opgenomen, alsmede voor de gevolgen van activiteiten die ondernomen worden op basis van deze informatie aanvaarden wij geen aansprakelijkheid.

‘VEMW Journaal’ is een uitgave van de Verenig-

Reacties

VEMW: Houttuinlaan 8,

ing voor Energie, Milieu en Water (VEMW).

Als u wilt reageren op artikelen

3447 GM Woerden

‘VEMW Journaal’ wordt verspreid in een oplage

of zelf interessant nieuws te

Tel 0348-48 43 50

van ca. 2.000 exemplaren onder VEMW-leden en

melden heeft, kunt u zich wenden

desk@vemw.nl / www.vemw.nl

relaties en verschijnt ieder kwartaal.

tot VEMW, Thessa de Ridder,

Druk:

De Swart, Den Haag

tel 0348-48 43 57.

Opmaak: SD Communicatie, Rotterdam

ISSN 1389-7691

VemW Journaal 3, 2011  

VemW Journaal 3, 2011