Gerecyclede metalen cruciaal voor Europese industrie
10
Europa scherpt regels voor autorecycling aan
De Raad en het Europees Parlement hebben bekendgemaakt dat zij een voorlopig akkoord hebben bereikt over de nieuwe verordening inzake circulaire voertuigen.
Lees verder op pagina 6 MRF brengt overheid en industrie
samen
De Metaal Recycling Federatie richt de Metaaltafel op. Hierin werken de overheid, industrie, wetenschap en maatschappij samen aan een circulaire metaalsector.
Lees verder op pagina 8
Circulair Materialenplan in werking
Het Circulair Materialenplan (CMP) is sinds eind 2025 van kracht. Dit vormt voortaan het landelijke beleidskader voor de omgang met secundaire grondstoffen.
Lees verder op pagina 18
2026: nieuwe regels én kansen
Met de eerste Schrootkrant van 2026 begint een jaar waarin de sector opnieuw stevig wordt getest. Nieuwe Europese en nationale regels treden in werking, de druk op circulariteit groeit en ondernemers moeten zich voorbereiden op veranderingen die direct invloed hebben op de dagelijkse praktijk.
Vanaf 1 januari is de ‘Right to Repair’-wetgeving van kracht. Die verplicht fabrikanten om meer onderdelen beschikbaar te maken en maakt reparaties toegankelijker. In andere sectoren, zoals de telecomreparatiebranche, leidt dat tot een duidelijke consolidatie. Volgens betrokken bedrijven neemt het aantal apparaten per consument toe, gebruiken mensen hun devices langer en groeit de afhankelijkheid van technologie. De conclusie is helder: meer reparaties, meer vraag naar kwalitatieve verwerking en een grotere rol voor specialisten in de waardeketen. Ook voor metaal en elektronica-inzamelaars kan dit leiden tot verschuivende volumes en andere soorten instroom.
Parallel daaraan geldt sinds 1 januari voor alle handelaren in goederen het verbod op contante betalingen van 3.000 euro of meer. Hiermee worden schrootbedrijven rechtstreeks geraakt. Contant geld blijft alleen toegestaan tot 2.999,99 euro; alles daarboven moet digitaal. Ook het opsplitsen van betalingen om onder de grens te blijven, is voortaan verboden. Bedrijven moeten hun balieprocessen, interne administratie en klantcommunicatie hierop aanpassen. Digitale betalingen worden de norm, en medewerkers moeten alert zijn op transacties die richting de grens gaan. Voor sommige metaalhandelaren betekent dit een flinke omschakeling.
Tegelijkertijd blijft de discussie over nationale heffingen boven de markt hangen. Eind 2025 sloegen meer dan 8000 bedrijven de handen ineen met de petitie ‘Bescherm onze circulaire economie’. Zij waarschuwden dat
567 miljoen euro extra belasting de sector verder onder druk zet en recycling onrendabel maakt. De gevolgen zijn volgens hen evident: een verslechterde concurrentiepositie, meer afvalexport, verlies van verwerkingscapaciteit en een rem op circulaire investeringen. Vooral de plasticketen laat zien hoe snel een sector kan afbrokkelen wanneer nationale lasten de markt verstoren. In drie jaar tijd verdwenen miljoenen tonnen productiecapaciteit en meerdere recyclers door faillissementen. De boodschap aan Den Haag is duidelijk: zonder een gelijk speelveld en realistische beleidskeuzes blijft de circulaire economie kwetsbaar.
2026 wordt dus geen eenvoudig jaar. Maar het biedt ook kansen. De digitalisering van processen versnelt, traceerbaarheid verbetert, ketens professionaliseren en de vraag naar secundaire grondstoffen blijft structureel hoog. Bedrijven die tijdig investeren in efficiënte administratie, transparante betaalstromen en hoogwaardige verwerking, kunnen juist sterker uit deze periode komen.
Nieuwe regels brengen altijd aanpassingen met zich mee. Maar zoals de sector vaker heeft laten zien: met nuchterheid, vakmanschap en creativiteit is elke verandering ook een kans om te vernieuwen. Op naar een jaar waarin de keten opnieuw bewijst hoe onmisbaar zij is voor een circulaire toekomst! En natuurlijk blijven wij je op de hoogte houden van het
laatste nieuws!
‘Lokale reparatie is veel
Reparatie moet een vanzelfsprekend onderdeel worden van de circulaire elektronicaketen. Dat is de overtuiging achter RepareerSimpel.nl, een nieuw platform dat lokale reparateurs, overheid en retail met elkaar verbindt. Oprichter Floris Durville ziet grote kansen om reparatie structureel te verankeren in bestaande ketens. ‘Het is inefficiënt dat kapotte elektronica door het hele land wordt vervoerd, terwijl er in vrijwel elke wijk een vakbekwame reparateur zit.’
ontbreekt het aan overzicht en structuur. ‘Veel reparateurs zijn vakinhoudelijk goed, maar missen digitale zichtbaarheid, klantcommunicatie en administratieve ondersteuning. Daardoor is de markt versnipperd en voor buitenstaanders ondoorzichtig.’
RepareerSimpel.nl selecteert daarom reparateurs op basis van criteria als kwaliteit, transparantie en klanttevredenheid. Daarbij wordt gebruikgemaakt van online reviews, bedrijfsbezoeken en
je onnodige logistiek en houd je producten langer in gebruik.’
KANSEN Hoewel het platform primair op consumenten is gericht, ziet RepareerSimpel.nl duidelijke kansen voor andere ketenpartijen. ‘Veel winkels zijn sterk verkoopgedreven, terwijl reparatie steeds belangrijker wordt binnen wetgeving en klantverwachtingen. Reparatie kan een volwaardig onderdeel zijn van het businessmodel, in plaats van een lastige bijzaak.’
RepareerSimpel.nl is ontstaan vanuit een denktank die zich richtte op de circulaire economie. Durville ontwikkelde het concept samen met studievrienden, met als uitgangspunt dat reparatie een sleutelrol speelt in het verlengen van productlevensduur en het beperken van e-waste. ‘Reparatie levert directe CO2-besparing op en ondersteunt lokaal vakmanschap. Maar in de praktijk is het voor consumenten én bedrijven lastig om snel een betrouwbare reparateur te vinden. Dat gat proberen wij te dichten.’ Het platform wordt ondersteund door de Gemeente Amsterdam en Stichting OPEN.
VERSNIPPERD AANBOD
Volgens Durville beschikt Nederland over een groot aantal technisch sterke reparatiebedrijven, maar
Wendy Noordzij
Een unieke bladformule voor en door professionals uit de branche. Verschijnt 10 x per jaar.
samenwerking met het Nationaal Reparateurregister. ‘Zo ontstaat een netwerk waarin zowel consumenten als ketenpartijen weten waar ze aan toe zijn.’
PILOT IN AMSTERDAM
De eerste uitrol vindt plaats in Amsterdam. Van de circa 120 elektronicareparatiebedrijven in de stad zijn er inmiddels twintig aangesloten. ‘Dat aantal groeit. Ons doel is landelijke dekking, zodat reparatie een lokaal en laagdrempelig alternatief wordt voor vervanging of centrale retourstromen.’
Voor de circulaire keten is die lokale verankering essentieel, stelt Durville. ‘Elke extra kilometer die een apparaat aflegt, vergroot de milieu-impact. Door reparatie lokaal te organiseren, voorkom
Durville noemt het inefficiënt dat grote retailers defecte apparaten vaak centraal laten opsturen. ‘Dat kost tijd, geld en capaciteit, terwijl er lokaal uitstekende reparateurs beschikbaar zijn. In Amsterdam alleen al zijn er honderden reparateurs, waarvan een aanzienlijk deel gespecialiseerd is in elektronica. Met duidelijke afspraken en kwaliteitsborging kun je daar als retailer prima mee samenwerken.’
PLATFORM ALS SCHAKELPUNT
De werkwijze van RepareerSimpel.nl is opgezet als digitaal schakelpunt. Gebruikers melden welk product defect is, krijgen een overzicht van aangesloten reparateurs met prijsindicaties, garantie en doorlooptijd, en regelen communicatie en betaling via het platform. De reparateur bevestigt vervolgens de opdracht en voert het herstel uit.
Volgens Durville maakt juist die structuur het platform interessant voor opschaling binnen de e-wasteketen. ‘Als reparatie beter georganiseerd is, wordt hergebruik aantrekkelijker en voorspelbaarder. Dat sluit aan bij de bredere beweging richting producentenverantwoordelijkheid en circulaire ketens.’
De eerste resultaten wijzen op concrete behoefte. In de eerste maand na lancering verwerkte het platform al meer dan honderd boekingen. ‘Dat bevestigt dat reparatie geen niche is, maar een ontbrekende schakel in het systeem. De uitdaging is nu om reparatie niet als uitzondering te blijven zien, maar als logische stap vóór recycling.’ Voor de e-waste- en recyclingsector ligt daar volgens hem een duidelijke kans. ‘Wat je kunt repareren, hoef je niet te recyclen. En wat je niet hoeft te recyclen, bespaart grondstoffen. Reparatie hoort daarom net zo goed thuis in de keten als inzameling en verwerking.’
Foto’s: Stichting OPEN en RepareerSimpel.nl
Gezamenlijke uitgave van: Addictive Media en RedactieVisie
OUR NEXT FRIEND: Nederland € 80,00 per jaar excl. 9% btw. Extra nummer € 6,50 excl. btw en verzendkosten). ‘Be our next
Een nieuwe standaard in recycling?
Kun je het plastic van koplampen opnieuw gebruiken in een nieuwe auto? Het chemiebedrijf Trinseo laat zien dat het kan, zonder verlies van kwaliteit. Dat is precies waar ARN naar op zoek is: innovaties die helpen om kunststof uit auto’s vaker te hergebruiken, op hetzelfde kwaliteitsniveau. Wat maakt deze aanpak waarmee Trinseo de ARN Award 2025 won zo bijzonder?
Ieder jaar worden in Europa miljoenen auto’s gerecycled. Elke auto heeft twee koplampen met samen ongeveer veertien kilo kunststof, met een groot aandeel polycarbonaat. Die verdwijnen nu in de shredder, waar ze terechtkomen in een mix waarin tientallen materialen door elkaar zitten. Automotivekwaliteit kunststof terughalen uit zo’n mix is onmogelijk.
Bij traditionele kunststofrecycling wordt het plastic van de koplampen vermalen en opnieuw gesmolten. Dat werkt, maar de kwaliteit gaat omlaag. Door gebruik en veroudering wordt de molecuulketen korter, vervuiling blijft aanwezig en het materiaal is daardoor minder geschikt voor kritische toepassingen.
Toch zijn koplampen bij uitstek geschikt voor hoogwaardige recycling. Analyses van Trinseo en autofabrikanten tonen een opvallende consistentie: ‘80 tot 85 procent van een koplamp bestaat uit drie componenten: polycarbonaat, polypropyleen en polyesters’, zegt Benjamin Porter van Trinseo. Voor demontagebedrijven betekent dit dat een koplamp — als je hem in z’n geheel uitneemt — veel waardevoller kan worden dan een stuk shreddermix.
WASSEN IN PLAATS VAN SMELTEN Trinseo kiest daarom voor een andere oplossing dan smelten. Eerst laten de recyclers de koplampen uit de auto halen en sorteren. Daarna gaat de polycarbonaat-rijke fractie in een bad met oplosmiddel. Dan gebeurt iets opvallends: alleen het polycarbonaat lost op. Coatings, labels, rubber en polypropyleen blijven achter. En dat alles bij kamertemperatuur. ‘Het oplosmiddel herkent als het ware alleen het juiste plastic’, zegt Porter. ‘Alle andere materialen blijven onaangeroerd achter. Zo krijg je een zeer zuivere grondstofstroom terug.’
Het resultaat is polycarbonaat dat weer geschikt is voor PC-ABS, het materiaal waarvan dashboards, middenconsoles en interieuronderdelen worden gemaakt. ‘Dit is geen downcycling maar polymeerherstel’, aldus Johan Koopmans, die bij Trinseo de duurzaamheidsactiviteiten coördineert. ‘Je haalt veroudering en additieven eruit en gaat terug naar hoogwaardige toepassing.’ In tests bij autofabrikanten voldeed dit recyclaat aan alle eisen.
UITGEKIEND SCHEIDEN
Voor een ander pilotproject met ARN werden koplampen handmatig gedemonteerd en met een nieuwe mechanische scheidingstechniek uitgesorteerd in vijf fracties:
• Magnetische metalen;
• Lichte kunststoffen, met rubber en textiel;
• Gevuld polypropyleen;
‘Als je de waardeketen zo inricht dat iedere schakel waarde kan toevoegen, dan komt hoogwaardige kunststofrecycling echt van de grond’
• De polycarbonaat-rijke fractie;
• Niet-magnetische metalen, zoals aluminium en glas.
Trinseo concentreert zich op de polycarbonaat-rijke fractie, omdat die met dissolution-recycling kan worden teruggebracht tot hoogwaardige kwaliteit. In totaal wordt 85 tot 88 procent van de koplamp teruggewonnen. Voor een onderdeel dat normaal gesproken volledig wordt versnipperd, is dit een grote stap richting echte circulariteit. Het overige kunststof – polypropyleen, polyester, rubber – gaat naar andere ketenpartners die daar wél waarde uit halen. Metaalfracties gaan naar de smelter. ‘We zijn geen concurrenten meer, maar complementaire partners’, vindt Porter.
KWALITEIT BOVEN MASSA
Trinseo’s aanpak komt in een tijd waarin veel kunststofrecyclers het zwaar hebben. Nieuw kunststofmateriaal is goedkoop door het grote aanbod van buiten Europa. Voor gerecycled plastic is simpelweg geen markt, tenzij je waarde kunt toevoegen.
Trinseo kiest bewust niet voor concurrentie op prijs, maar op
kwaliteit. Als je recycling zó doet dat het materiaal weer bruikbaar is voor de auto-industrie, ontstaat er een businesscase. Het chemiebedrijf zet daarom meteen grote stappen met deze innovatie: in Azië wordt al gebouwd aan de eerste commerciele fabriek. Een Europese zusterlocatie staat gepland voor 2027-2028.
Dat sluit aan bij een ontwikkeling in Europese wetgeving. Naar verwachting moeten autofabrikanten in Europa vanaf 2030 fors meer gerecycled materiaal gebruiken in nieuwe auto’s, waarvan een deel afkomstig uit hun eigen afvalstroom: een closed-loop. Porter: ‘We verwachten dat de vraag van onze klanten gaat zijn: kunnen jullie PCABS aanleveren uit een automotiveafvalstroom?’
WAT DIT BETEKENT VOOR
DEMONTAGEBEDRIJVEN
Voor demontagebedrijven betekent dit dat lampunits mogelijk een aparte stroom worden. De extra handeling is beperkt: het uitnemen kost doorgaans enkele minuten. Kwaliteit wordt belangrijker. Glasbreuk, kabelmix of ontbrekende delen maken de stroom direct
minder bruikbaar. ARN onderzoekt samen met ketenpartners hoe deze handeling betaalbaar en efficiënt kan worden ingericht: van handmatige demontage tot (deels) geautomatiseerde oplossingen.
VOLGENDE STAP
De verwachting is dat dissolutionrecycling niet bij koplampen zal blijven. Trinseo werkt samen met ARN en Zweko aan een tweede project: scooters. Windschermen van scooters die zijn gemaakt van polycarbonaat of PMMA, de zijdelen van
KENNISUITWISSELING EN SAMENWERKING
ARN biedt dagelijks een podium aan alle betrokken stakeholders op het gebied van autorecycling en draagt daarmee bij aan kennisuitwisseling en samenwerking.
Kijk voor meer interessante artikelen op: https://arn.nl
ABS. Als demontagebedrijven deze stromen apart inleveren, kan het materiaal worden teruggebracht naar hoogwaardige toepassingen, legt Koopmans uit. ‘Het materiaal kan vervolgens opnieuw worden ingezet in windschermen, vizieren van helmen, of andere hoogwaardige toepassingen.’
Nu duidelijk is dat polycarbonaat met behoud van kwaliteit terug te winnen is, ontstaan nieuwe kansen voor andere kunststofstromen die vandaag nog als laagwaardige fractie eindigen. Volgens Trinseo ligt de sleutel bij voorspelbare inputstromen, duidelijke sorteerrichtlijnen en samenwerking tussen partijen. ‘Als je de waardeketen zo inricht dat iedere schakel waarde kan toevoegen, dan komt hoogwaardige kunststofrecycling echt van de grond. Dit is geen experiment meer. Dit is de opmaat naar een nieuwe standaard.’
Foto: ARN
Bron: ARN
‘Veilige batterijrecycling wordt een belangrijk speerpunt’
IT-Recycling in Veghel haalt in heel Nederland afgedankte IT-apparatuur op en verwerkt die veilig, gecontroleerd en volgens vaste technische normen. Het bedrijf combineert on-site datavernietiging met hoogwaardig hergebruik en demontage. ‘De volumes blijven groeien door technologische vernieuwing en strengere regelgeving’, aldus mededirecteur Jeroen Stabel.
Bedrijven die hun afgedankte IT-apparatuur verantwoord willen laten verwerken, komen steeds vaker uit bij gespecialiseerde verwerkers. Een van die partijen is IT-Recycling in Veghel. Het bedrijf haalt in heel Nederland afgedankte elektronica op en verwerkt die op een veilige en gecontroleerde manier. Mededirecteur Jeroen Stabel vertelt: ‘We verzamelen in heel Nederland afgedankte IT-apparatuur bij bedrijven en verwerken
technische normen van CENELEC. Die schrijven voor dat apparaten altijd eerst worden beoordeeld op mogelijkheden voor een tweede of derde leven. Stabel legt uit: ‘Deze schrijven bijvoorbeeld voor dat we, voordat we recyclen, eerst onderzoeken of de apparatuur nog een tweede of derde leven kan krijgen. Als dat niet lukt, kijken we naar hergebruik van componenten. Pas wanneer herstel niet meer mogelijk is, wordt de apparatuur bij ons gedemonteerd en als grondstof teruggebracht in de keten.’
De leeftijd van apparatuur bepaalt vaak of hergebruik of recycling haalbaar is. ‘Onze klanten zijn bedrijven die apparatuur opnieuw aanbieden aan eindgebruikers, vooral buiten de Benelux. Een systeem van zes tot zeven jaar oud levert hier meestal niets meer op, maar in andere landen is er nog wel belangstelling voor.’
die in ons magazijn. Desgewenst kunnen we eerst de data vernietigen. Hiervoor hebben we zeven shredders, waarvan er drie in onze vrachtwagen zijn ingebouwd. Hiermee kunnen we op locatie bij klanten harde schijven vernietigen.’
HERGEBRUIK
De verwerking gebeurt volgens de
NEDERLAND ALS KOPLOPER
Nederland behoort volgens Stabel tot de landen met veel elektronische afvalstromen per inwoner. ‘Wij willen graag het nieuwste van het nieuwste. Daardoor ontstaat relatief veel elektronisch afval per inwoner.
De Nationale DenkTank berekende dat Nederland gemiddeld 22 kilo e-waste per persoon per jaar produ-
ceert, tegenover 15 kilo in Europa.’ Dat volume groeit verder door technologische vernieuwing. ‘De overstap van Windows 10 naar 11 is
tijd merkt hij dat nieuwe ontwerpen ook nieuwe hindernissen met zich meebrengen. ‘Neem bijvoorbeeld de geïntegreerde batterijen in smart-
andere sectoren. Stabel benadrukt dat retailers daar een belangrijke rol kunnen spelen. ‘Er bestaan oplossingen, zoals speciale inzamelkratten voor batterijen, zodat dit op een veilige manier kan gebeuren.’ Zijn advies is om actief samen te werken met ketenpartners. ‘Mijn tip voor retailers is vooral: ga het gesprek aan met partners om samen oplossingen te vinden. De klant weet vaak niet waar hij met zijn spullen terechtkan. De meerwaarde zit in het ontzorgen.’
NIEUWE REGELS
Stabel verwacht dat nieuwe regelgeving bedrijven dwingt om bewuster met de inzameling en verwerking van elektronica om te gaan. ‘Bedrijven moeten meer inzicht krijgen in hoe hun keten omgaat met data en recycling. Ook retailers zullen daar waarschijnlijk mee te maken krijgen.’ Hij verwijst naar de nieuwe Cyberbeveiligingswet. ‘Deze richtlijn legt bedrijven een zogeheten ketenzorgplicht op: ze moeten kunnen aantonen dat ook hun leveranciers passende maatregelen hebben genomen om data te beveiligen en incidenten te voorkomen.’
BEWUSTWORDING ALS KANS
De grootste kansen voor de toekomst liggen volgens Stabel bij bewustwording rond verantwoord omgaan met elektronica.
daar een goed voorbeeld van: veel oudere systemen zijn niet compatibel en moeten worden vervangen.’
ROL VAN FABRIKANTEN
Over de rol van fabrikanten is Stabel kritisch. ‘Ze houden nog weinig rekening met recyclebaarheid. Smartphones zijn bijvoorbeeld zo compact en complex gebouwd dat ze moeilijk uit elkaar te halen zijn. Zeker als je snel wilt recyclen, is het een uitdaging om bijvoorbeeld de batterij te verwijderen. Daar is nog veel te verbeteren.’
IT-Recycling zoekt daarom actief het gesprek met producenten. ‘We hebben contact met grote IT-bedrijven, zoals HP. Zij werken actief aan het verlengen van de levensduur van apparatuur, maar we bespreken ook wat er daarna mee moet gebeuren. Hoe kunnen we het makkelijker maken om producten uit elkaar te halen en sneller terug te brengen naar grondstof?’ Tegelijker-
phones en tablets. Deze vragen om nieuwe technieken om die batterijen efficiënt te verwijderen.’
VEILIGE BATTERIJSTROMEN
EN EEN ROL VOOR RETAILERS
De groei van apparaten met lithium-ionbatterijen raakt ook
‘Consumenten moeten weten dat verouderde apparatuur ingeleverd moet worden. De retail speelt daarin een belangrijke rol, door consumenten te informeren, inzameling mogelijk te maken en zekerheid te bieden over datavernietiging.’
‘Zet in op een circulaire elektronicaketen’
Stichting OPEN heeft samen met de Taskforce Circulaire Elektronicaketen een gezamenlijke brief gestuurd aan de informateur van het nieuwe kabinet. In de brief roeit de taskforce het nieuwe kabinet op om vol in te zetten op een circulaire elektronicaketen, als essentieel onderdeel van de transitie naar een circulaire economie.
De oproep komt voort uit de overtuiging dat huidige systemen rondom elektronica, van ontwerp en gebruik tot afdanking en recycling, te gefragmenteerd zijn en onvoldoende gericht op het behoud van waardevolle grondstoffen en het maximaal benutten van bestaande apparaten. Een circulaire elektronicaketen is volgens de taskforce niet alleen belangrijk voor duurzaamheid, maar ook voor de economische en strategische positie van Nederland.
ducten die reparatie, hergebruik of recycling in de weg staan.
INFORMATIE EN ONDERWIJS
– Investeer in goede voorlichting over circulaire principes, onder meer door dit al bij scholen onderdeel te maken van onderwijsprogramma’s.
De taskforce is een initiatief van Stichting OPEN en werkt aan een actieagenda met concrete stappen om een circulaire elektronicaketen te realiseren. De agenda moet medio 2026 gereed zijn en vormt een routekaart voor beleid, innovatie en samenwerking in de keten. Naast de eigen activiteiten van de taskforce is helder overheidsbeleid nodig om de transitie te versnellen. Daarom roept de Taskforce het nieuwe kabinet expliciet op tot actie.
FOCUS OP LEVENSDUURVERLENGING
In hun brief benadrukken de
CONCRETE AANBEVELINGEN
In hun brief doen de deelnemende organisaties een reeks concrete aanbevelingen om de transitie mogelijk te maken, waaronder:
VERANKER CIRCULAIRE TRANSITIE OP MINISTERSNIVEAU
– Zet de circulaire economie structureel onder een minister met expliciete bevoegdheden om doelen rond levensduurverlenging, reparatie en hergebruik te verbinden aan klimaat- en economische doelstellingen.
BEVORDER REPARATIEVRIENDELIJK
BELEID EN EUROPESE SAMENWERKING
– Neem binnen de EU een voortrekkersrol in producteisen die reparatie en circulariteit stimuleren, en voer ambitieuze ecodesignregels in.
– Harmoniseer uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV)-systemen binnen Europa gericht op circulaire doelen.
LEVENSDUURVERLENGING EN HERGEBRUIK STIMULEREN
– Houd producten langer in gebruik via verplichte transparantie over levensduurverwachting.
– Maak tweedehands en refurbished producten aantrekkelijker (bijvoorbeeld via een lager btw-tarief).
– Versterk het recht op reparatie en investeer in infrastructuur voor reparatie, reuse-initiatieven en sociale ondernemingen.
PRODUCEREN MET HET EINDE VAN DE LEVENSDUUR IN GEDACHTEN
– Breid producentenverantwoordelijkheid uit met expliciete doelstellingen voor hergebruik.
– Zorg voor effectieve handhaving tegen illegale of inferieure pro-
Jungheinrich behaalt hoogste CDP-score voor klimaatbeleid
ELEKTRIFICATIE
Jungheinrich heeft de hoogste beoordeling A behaald in de klimaatbeoordeling van CDP. Met deze score behoort de intralogistieke dienstverlener uit Hamburg tot de best presterende bedrijven wereldwijd op het gebied van klimaatbeleid en transparantie.
deelnemers dat een focus op levensduurverlenging, reparatie en hergebruik niet alleen bijdraagt aan een betere benutting van grondstoffen, maar ook de strategische autonomie van Nederland kan vergroten door minder afhankelijk te zijn van buitenlandse grondstoffenleveranciers.
De A-score staat binnen het CDP-beoordelingssysteem voor ‘leadership’ en is voorbehouden aan bedrijven die hun uitstoot aantoonbaar verminderen en hierover transparant rapporteren. In 2025 ontving slechts vier procent van de bijna 20.000 beoordeelde bedrijven deze hoogste waardering.
Volgens CDP onderstreept de beoordeling de rol van Jungheinrich als klimaatpionier. Sinds de eerste deelname in 2021, toen het bedrijf een
B-score behaalde, zijn de milieuprestaties stapsgewijs verbeterd. Na een B-score in 2024 volgt nu de hoogste beoordeling.
‘SERIEUZE VERANTWOORDELIJKHEID’
CEO Dr. Lars Brzoska noemt de score een bevestiging van de ingezette koers: ‘De CDPscore laat zien hoe serieus Jungheinrich zijn verantwoordelijkheid op het gebied van duurzaamheid neemt. De hoogste beoordeling A bevestigt onze consequente route richting netto nul.’
Jungheinrich heeft ambitieuze klimaatdoelstellingen geformuleerd die zijn gevalideerd door het Science Based Targets-initiatief. Het bedrijf streeft naar netto nul uitstoot in 2050 voor Scope 1, 2 en 3. In 2024 werd de uitstoot met 5,8 procent verminderd ten opzichte van het jaar ervoor.
Een belangrijk speerpunt is de elektrificatie van het servicewagenpark. In Nederland is inmiddels ruim een kwart van de servicebussen volledig elektrisch. Wereldwijd wil Jungheinrich tegen 2028 circa 2.000 elektrische servicebussen inzetten. Daarnaast speelt circulariteit een grote rol: in het revisieproces van heftrucks wordt tot 99 procent van de materialen hergebruikt of gerecycled.
OVER CDP CDP is een internationaal beoordelings- en openbaarmakingsprogramma dat bedrijven en steden beoordeelt op hun klimaat- en milieuprestaties. De scores lopen van A tot D- en zijn gebaseerd op openbaar gerapporteerde gegevens over onder meer uitstoot, reductiemaatregelen en transparantie.
Duitse autodemontage maakt zich op voor grote groei
In Duitsland zijn autofabrikanten verantwoordelijk voor de inname en verwerking van afgedankte auto’s. Zij sluiten hiervoor contracten met zo’n 800 gecertificeerde demontagebedrijven. Een van de koplopers is Autorecycling Kempers in het Duitse plaatsje Meppen, net over de grens bij Emmen, zo blijkt uit een artikel van ARN.
Met ruim 50 miljoen auto’s heeft Duitsland het grootste wagenpark van Europa. ‘Jaarlijks worden ongeveer 300.000 voertuigen professioneel gedemonteerd’, vertelt Peter Kempers, oprichter en eigenaar van Autorecycling Kempers. ‘In vergelijking met andere landen is dat een relatief laag aantal. De reden hiervoor is dat er onvoldoende zicht is op de voertuigen die zijn afgemeld voor demontage. Het is in Duitsland voor een particulier mogelijk om een afgedankte auto af te melden, zonder dat deze bij een erkend autodemontagebedrijf terechtkomt. Daarnaast bestaat er in Duitsland geen regeling voor de afhandeling van schade bij een total loss auto. Dit verklaart waarom op dit moment veruit de meeste afgedankte auto’s vanuit Duitsland op export gaan.’
EUROPESE VERORDENING
Volgens Peter gaat de nieuwe Europese verordening voor afgedankte auto’s de situatie veranderen. ‘Hiermee ontstaat een Europees systeem voor de registratie van voertuigen. Elk voertuig krijgt een certificaat als het voldoet aan de APK-eisen. Is dat niet het geval, dan volgt de kwalificatie van ‘afval’ en mag het voertuig niet worden geëxporteerd vanuit Duitsland. We verwachten hiermee een toename van autowrakken naar de autodemontagebedrijven naar minimaal 1 miljoen stuks.’
GROEIENDE SECTOR
Zo’n 800 bedrijven in Duitsland hebben een certificering, maar slechts een klein deel verwerkt substantieel volume. ‘In Duitsland bestaan opmerkelijk genoeg weinig autodemontagebedrijven’, vult Ayton Kempers, zoon van Peter aan. ‘Van de 800 gecertificeerde bedrijven doet 80% van de bedrijven minder dan 100 sloopauto’s per jaar. Dit zijn traditioneel meestal sleepbedrijven. De overige 20% bestaat grotendeels uit schrootbedrijven. Ons bedrijf is vergund om jaarlijks maximaal 10.000 voertuigen te demonteren. Driekwart van onze werkzaamheden bestaat momenteel uit de demontage van testauto’s en schadevoertuigen. De overige kwart van onze werkzaamheden bestaat uit de demontage van afgedankte voertuigen. We verwachten dat deze verdeling over enkele jaren precies omgekeerd zal zijn.’
Peter legt uit hoe Kempers werkt: ‘We hebben direct contact met nagenoeg alle autofabrikanten. Het voordeel van deze intensieve samenwerking is dat we met sommige merken kunnen meedenken over het productieproces en design for recycling. Testauto’s komen bij
samenwerking gezocht met verzekeraars en organiseren al enkele jaren workshops op ons bedrijf. Het bedrijf ClaimParts biedt de mogelijkheid van gebruikte onderdelen bij reparatie waarbij de garage direct een CO2-certificaat ontvangt met de bespaarde CO2-uitstoot. Er
KENNISUITWISSELING EN SAMENWERKING
ARN biedt dagelijks een podium aan alle betrokken stakeholders op het gebied van autorecycling en draagt daarmee bij aan kennisuitwisseling en samenwerking.
Kijk voor meer interessante artikelen op: https://arn.nl
DEMONTAGEFABRIEK VAN DE TOEKOMST
Peter en Ayton kijken vooruit. Door de nieuwe regelgeving verwachten zij sterk groeiende volumes. ‘We bereiden ons erop voor om grote aantallen afgedankte auto’s gestroomlijnd te demonteren. Dat gaan we doen in een nieuwe demontagefabriek met een 100 meter lange werkplaats. Aanvullend bouwen we een nieuw warehouse op 1,2 hectare grond. Dankzij onze contacten met bedrijven die directe leveranciers zijn van de eindfabrikant weten we aan welke recyclaten
ons altijd per gesloten transport binnen. Wij demonteren het voertuig op korte termijn en documenteren dit zorgvuldig.’
AUTOBATTERIJEN
Autorecycling Kempers telt ongeveer 80 medewerkers en verwerkt jaarlijks een groeiend aantal elektrische voertuigen. ‘Jaarlijks doen we er nu al tussen de 1.500 en de 2.000”, zegt Peter. Direct naast het bedrijf staat de grootste batterijrecyclingfabriek van Europa, inmiddels onderdeel van PreZero.“Deze fabriek verwerkt jaarlijks maximaal 60.000 ton aan batterijen. Wij kunnen de batterijen diep-ontladen en bij hen aanleveren. PreZero kan dit zelf ook doen en beschikt over een enorme verwerkings- en opslagcapaciteit.’
GEBRUIKTE ONDERDELEN
Ayton en Peter volgen de internationale ontwikkelingen nauwlettend. ‘We zien internationaal veel ontwikkelingen. Zo is er veel vraag naar onderdelen uit Frankrijk omdat autobedrijven verplicht de optie van een gebruikt onderdeel moeten aanbieden bij reparatie en herstel. We hebben in Duitsland de
is inmiddels meer bewustzijn van de mogelijkheden en we zijn meer naar elkaar toegegroeid.’
Ayton bevestigt dit: ‘Het is het herstelbedrijf dat de consument moet overtuigen van een gebruikt onderdeel. Als dit een gunstige prijs oplevert voor de klant, de garage marge oplevert en de verzekeraar geld bespaart, is dit voor iedereen ook economisch gezien een winwin situatie. In Engeland is met deze werkwijze al veel ervaring opgedaan en de resultaten zijn positief.’
er behoefte is. Nieuwe regelgeving zal het hergebruik van kunststoffen en purschuim uit stoelen bevorderen. In deze nieuwe markt willen we als bedrijf een prominente rol spelen.’
Volop ontwikkelingen dus in een land dat bekendstaat om zijn gründlichkeit. ‘Duitse mensen lopen liever geen risico. Dat maakt dat nieuwe projecten veel voorbereidingstijd nodig hebben. Maar als het eenmaal loopt, dan gaat het ook van een leien dakje’, besluit Peter.
Bron en foto: ARN
Jan Peter Balkenende ontvangt visieboek Stichting OPEN
In het visieboek ‘Van producentenverantwoordelijkheid naar maatschappelijke verantwoordelijkheid’ schetst Stichting OPEN de noodzaak van de transitie naar een circulaire economie en welke stappen hiervoor nodig zijn. Jan Peter Balkenende (voorzitter van de Raad van Advies van Stichting OPEN) nam een exemplaar in ontvangst.
De wereld verandert razendsnel. Technologie, digitalisering, klimaatverandering en geopolitieke verschuivingen dwingen ons om fundamenteel anders te kijken naar de manier waarop we omgaan met grondstoffen. Het maakt de Nederlandse ambitie om in 2050 volledig circulair te zijn alleen maar urgenter.
Tegen deze achtergrond beschrijft het visieboek niet alleen de noodzaak van de transitie naar uitgebreide maatschappelijke verantwoordelijkheid (UMV) maar laat het ook zien welke stappen er nodig zijn om de circulaire doelen van 2050 te halen en om daarmee een duurzame toekomst te garan-
ervaring met producentenverantwoordelijkheid voor elektronica. Die systematiek heeft gezorgd voor goed georganiseerde inzameling en recycling van afgedankte apparaten, maar bereikt volgens OPEN steeds vaker zijn grenzen. De nadruk ligt vooral op afvalbeheer, terwijl de grootste milieuwinst juist eerder in de keten te behalen is.
deren. Het visieboek is een oproep tot daadkracht en toont aan dat we voor een uitdaging staan die alle stakeholders aangaat – producenten,
Visieboek Stichting
OPEN in het kort
• Van EPR naar UMV: uitbreiding van producentenverantwoordelijkheid naar gedeelde maatschappelijke verantwoordelijkheid
• Focus op de hele levenscyclus: ontwerp, gebruik, hergebruik en recycling
• Minder afhankelijkheid van schaarse grondstoffen
• Lessen uit 25 jaar producentenverantwoordelijkheid benutten voor de volgende stap
• Samenwerking essentieel: overheid, bedrijfsleven, consumenten en maatschappelijke organisaties
• Doel: een circulair en toekomstbestendig systeem voor elektronica in 2050
eenvoudiger kunnen worden hergebruikt of gerecycled. Dat vraagt niet alleen om technologische innovatie, maar ook om andere economische prikkels, duidelijke regelgeving en betere samenwerking binnen en tussen ketens.
GEDEELDE VERANTWOORDELIJKHEID
Een belangrijk uitgangspunt van het visieboek is dat de circulaire transitie niet kan worden gedragen door producenten alleen. Overheden spelen een cruciale rol via wetgeving, normering en handhaving. Bedrijven zijn nodig voor innovatie, ketensamenwerking en investeringen. Consumenten beïnvloeden de levensduur van producten via gebruik en afdanking, terwijl maatschappelijke organisaties bijdragen met kennis, monitoring en bewustwording.
overheden, bedrijven, consumenten én maatschappelijke organisaties. De conclusie is dan ook glashelder: dit is hét moment om samen te bouwen aan een circulaire toekomst voor elektronica.
WAT IS NODIG VOOR TRANSITIE?
Jan Vlak (directeur Stichting OPEN) licht toe: ‘In ons visieboek schetsen we wat er op het gebied van producentenverantwoordelijkheid nodig is om de transitie naar een circulaire samenleving te realiseren. Ook laten we zien hoe de lessen uit 25 jaar producentenverantwoordelijkheid kunnen bijdragen aan een bredere maatschappelijke verantwoordelijkheid. Want om deze transitie te laten slagen, is uiteindelijk de inzet van iedereen nodig.’
INHOUD VISIEBOEK
In het visieboek bouwt Stichting OPEN voort op ruim 25 jaar
Daarom pleit Stichting OPEN voor een verbreding naar uitgebreide maatschappelijke verantwoordelijkheid (UMV). Deze benadering kijkt niet alleen naar wat er gebeurt nadat een product is afgedankt, maar naar de volledige levenscyclus: van ontwerp en materiaalkeuze tot gebruik, hergebruik en recycling.
TOENEMENDE DRUK OP GRONDSTOFFEN
Het visieboek schetst hoe digitalisering, elektrificatie en de energietransitie leiden tot een sterk toenemende vraag naar elektronische apparaten en daarmee naar schaarse en kritieke grondstoffen. Tegelijkertijd groeit de afvalstroom van afgedankte elektronica. Dit legt volgens Stichting OPEN een structurele kwetsbaarheid bloot in het huidige lineaire systeem. Een circulaire economie vraagt daarom om producten die langer meegaan, beter repareerbaar zijn en
Stichting OPEN benadrukt dat alleen een gezamenlijke verantwoordelijkheid kan leiden tot een robuust en toekomstbestendig circulair systeem voor elektronica.
De Metaal Recycling Federatie (MRF) richt de Metaaltafel op. De overheid, industrie, wetenschap en maatschappelijke organisaties slaan de handen ineen voor een toekomstbestendige, circulaire metaalsector in ons land, met als doel dat deze essentiële sector niet verder vastloopt en onze economie kan blijven versterken.
De Metaaltafel levert concrete beleidsaanbevelingen voor Den Haag en Brussel: versnelling van einde-afvalcriteria, normering van gerecycled materiaal en het schrappen van belemmerende regels. Zo blijft Nederland op koers voor de doelen van een circulaire economie in 2030 en 2050. Demissionair staatssecretaris Aartsen steunt het initiatief
Europa scherpt regels voor autorecycling aan
De Raad en het Europees Parlement hebben medio december bekendgemaakt dat zij een voorlopig akkoord hebben bereikt over de nieuwe verordening inzake circulaire voertuigen. Deze verordening vervangt de huidige End-of-Life Vehicles-Richtlijn en de 3R-typegoedkeuringsrichtlijn.
ringsrichtlijn. De verordening gaat over de gehele levenscyclus van voertuigen en moet leiden tot meer circulariteit in de voertuigketen. De verordening legt hogere eisen op aan ontwerp, demontage en materiaalgebruik. Hierdoor worden voertuigen beter recyclebaar en kunnen meer grondstoffen – zoals
De Raad en het Europees Parlement hebben medio december bekendgemaakt dat zij een voorlopig akkoord hebben bereikt over de nieuwe verordening inzake circulaire voertuigen. Deze verordening vervangt de huidige End-of-Life VehiclesRichtlijn en de 3R-typegoedkeu-
staal, aluminium en zeldzame aardmetalen – binnen Europa behouden blijven. Ook worden minimumpercentages gerecycled plastic verplicht en worden systemen voor producentenverantwoordelijkheid in alle lidstaten aangescherpt en geharmoniseerd.
EXPORT
De nieuwe regelgeving moet illegale export van afgedankte voertuigen naar landen buiten de EU terugdringen, waardoor meer autowrakken binnen een gecontroleerde, duurzame recyclingketen terechtkomen. Er komt duidelijker onderscheid tussen oude voertuigen en autowrakken. Alleen voertuigen die nog aantoonbaar rijwaardig zijn, mogen worden geëxporteerd buiten de EU. Overheden zullen hier strikter op gaan controleren.
De verordening gaat gelden voor meer voertuigen dan alleen voor auto’s en lichte bedrijfswagens. Er komen ook regels voor onder andere zware bedrijfsauto’s, bussen en L-categorievoertuigen (motorfietsen, bromfietsen en lichte vierwielers).
VOLGENDE STAPPEN
Het voorlopig akkoord wordt momenteel technisch en politiek afgerond. De formele goedkeuring door het Europees Parlement wordt verwacht in februari, gevolgd door instemming van de Raad later in het voorjaar van 2026. Twintig dagen hierna wordt de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de EU gepubliceerd. Vanaf twee jaar later treden de nieuwe regels gefaseerd in werking.
Foto: ARN
Bron: ARN
en ziet het ‘als een belangrijk instrument om beleidsvernieuwing te versnellen’.
MRF-voorzitter Willeke Ketting: ‘Metaalrecyclers maken Nederland schoner en weerbaarder, maar lopen vast in regels die de circulaire economie afremmen. Met de Metaaltafel zorgen we dat beleid eindelijk gelijke tred houdt met de alsmaar versnellende innovatie in onze sector.’
DEELNEMERS
Aan de Metaaltafel nemen relevante partijen deel die zich inzetten voor het gebruik van circulaire metalen, zoals metaalrecyclers (MRF), industrie en afnemers (Bouwakkoord Staal, FME, ONL, Stichting OPEN, ARN en Metalen Verpakkingen Nederland) en overheid (ministerie IenW). Deelname is interessant voor relevante bedrijven in de bouw, infrastructuur, energie, hightech en defensie, de ministeries EZ en KGG, de omgevingsdiensten en toezichthouders zoals ILenT en RVO en kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties waaronder TNO en CE Delft.
De metaalrecyclingsector verwerkt jaarlijks 7,5 miljoen ton schroot en voorkomt daarmee 14 miljoen ton CO2-uitstoot. Door slimmer om te gaan met wat we al hebben, boekt Nederland pas écht vooruitgang. De Metaaltafel zorgt voor beleid dat dat mogelijk maakt, in plaats van tegenhoudt.
Recyclingbijdrage voor vijf jaar verlengd
De recyclingbijdrage op auto’s is per 1 januari 2026 opnieuw algemeen verbindend verklaard voor een periode van vijf jaar. Dit betekent dat voor alle personen- en lichte bedrijfsauto’s die voor het eerst op de Nederlandse markt worden gebracht, verplicht een recyclingbijdrage moet worden afgedragen. Dit bedrag is voor 2026 vastgesteld op €22,50 per auto.
Als vervolg op de bestaande avv heeft het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat de recyclingbijdrage ook voor de periode 2026-2030 algemeen verbindend verklaard. Voor alle personen- en bedrijfsauto’s met een toegestane maximum massa van niet meer dan 3.500 kg, die in Nederland op de markt worden gebracht, wordt een recyclingbijdrage betaald. Met de recyclingbijdrage wordt het collectieve systeem voor de inzameling en verwerking van deze afgedankte voertuigen gefinancierd. Dankzij de avv draagt iedereen bij, ook voor voertuigen die via gebruikte import op de markt komen.
VERWACHTE KOSTEN De hoogte van de recyclingbijdrage wordt ieder jaar vastgesteld en wordt bepaald door de totale verwachte kosten voor autorecycling om te slaan naar de voertuigen die voor het eerst
in Nederland op de markt worden gebracht. Met de recyclingbijdrage lukt het om samen met autodemontage-, shredder- en recyclingbedrijven een nuttige toepassing van ruim 98 procent van het gewicht van de auto te realiseren.
STAATSCOURANT
De algemeen verbindend verklaring is verleend aan Stichting Auto Recycling. De uitvoering van de regeling ligt bij ARN (Auto Recycling Nederland). De toewijzing van de AVV is op 16 december gepubliceerd in de Staatscourant 2025, 42741 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen.
De recyclingbijdrage staat los van de beheerbijdragen voor EV-batterijen. Zie voor meer informatie over dit systeem en de resultaten van batterijrecycling de informatie op https:// arn.nl/batterijen/.
Bron/Foto: ARN
Wecycle Awardkrant toont kracht van samenwerking
Met de Wecycle Awardkrant 2025 zet Wecycle concrete praktijkvoorbeelden van circulariteit in de schijnwerpers. De uitgave laat zien hoe samenwerking tussen producenten, gemeenten, retailers, inzamelaars en recyclers leidt tot betere inzameling, meer hergebruik en hoogwaardige recycling van afgedankte apparaten, lampen en batterijen. De rode draad: wat afzonderlijk onmogelijk lijkt, lukt wél samen.
De Awardkrant is opgezet als een ode aan de winnaars van de Wecycle Awards, maar fungeert tegelijkertijd als illustratie van wat uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV) in de praktijk mogelijk maakt. Door producenten financieel en organisatorisch verantwoordelijk te maken voor de
werd uitgereikt aan WD Trading uit Krimpen aan den IJssel. Het CENELEC-gecertificeerde recyclebedrijf zag de ingezamelde hoeveelheid apparaten in één jaar groeien van 116.000 kilo naar 747.000 kilo, een stijging van bijna 544 procent.
Volgens bedrijfsleider Mark de Koning kwam die groei niet vanzelf. WD Trading investeerde gericht in professionalisering, certificering en bewustwording bij klanten. Door actief uit te leggen dat afgedankte apparaten en metalen waarde vertegenwoordigen en door klanten te ontzorgen in sortering en verwerking, nam het aantal inleveringen explosief toe. Het voorbeeld laat zien hoe vakmanschap en ketensamenwerking direct bijdragen aan hogere volumes én betere kwaliteit van metalen stromen.
afvalfase van hun producten, ontstaat ruimte voor structurele investeringen in inzameling, sortering, hergebruik en recycling. Juist voor metalen is dat van groot belang, omdat de waarde en herbruikbaarheid sterk afhangen van de manier waarop producten worden ingezameld en verwerkt.
INZAMELING ALS FUNDAMENT
Voor metaalrecycling begint kwaliteit bij de bron. Afgedankte elektrische en elektronische apparaten bevatten uiteenlopende metalen, variërend van staal en aluminium tot koper en kleinere hoeveelheden kritische metalen. Hoe beter en schoner deze stromen worden ingezameld, hoe groter de kans op hoogwaardige terugwinning.
Een concreet voorbeeld daarvan is de Wecycle Award voor mobiele milieustraten, die werd toegekend aan Saver en de gemeenten Capelle aan den IJssel en Noordenveld. Met mobiele inzamelpunten, zoals de GRIP-wagen in West-Brabant en de Milieukraam op de weekmarkt in Capelle aan den IJssel, wordt inzameling letterlijk naar inwoners toegebracht. In Noordenveld rijdt het mobiele scheidingsstation langs elf dorpen, waar maandelijks gemiddeld 500 bezoekers samen zo’n 2.500 kilo aan apparaten, snoeren en klein e-waste inleveren. Het resultaat: minder bijplaatsingen, schonere stromen en meer bewustwording.
GROEI DOOR PROFESSIONALISERING
Dat inzameling en recycling ook economisch perspectief bieden, blijkt uit de Wecycle Award voor grootste groei in inzameling, die
Award voor hun inzet op hergebruik van witgoed. Het bedrijf repareert inmiddels zo’n 1.000 wasmachines en koelkasten per maand. Apparaten die technisch in orde zijn, krijgen een tweede leven via kringloopwinkels; wat niet meer te redden is, wordt zorgvuldig gedemonteerd en gerecycled.
Zo blijven metalen en onderdelen zo lang mogelijk in de kringloop, terwijl huishoudens toegang krijgen tot betaalbare, duurzame alternatieven. Het voorbeeld onderstreept dat hoogwaardige recycling en hergebruik elkaar versterken, mits de keten goed is ingericht.
PRODUCENTENVERANTWOORDELIJKHEID IN DE PRAKTIJK
Een terugkerend thema in de Awardkrant is de kracht van uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. Stichting OPEN organiseert en regisseert namens producenten en importeurs de inzameling en verwerking van afgedankte apparaten, lampen en batterijen, inclusief zonnepanelen en fietsaccu’s.
ZICHTBAARHEID BIJ DE CONSUMENT
Ook retailers spelen een sleutelrol in de keten. Albert Heijn ontving een Wecycle Award voor zichtbaarheid en bijdrage aan circulariteit. Uit onderzoek blijkt dat één op de drie Nederlanders zich een Wecycleinlevermeubel in een Albert Heijnwinkel herinnert, meer dan bij welke andere retailer ook. Met duizenden inleverpunten, herkenbare communicatie en een consistente inrichting maakt de supermarktketen inzameling onderdeel van het dagelijkse winkelbezoek.
Die zichtbaarheid zorgt ervoor dat apparaten, lampen en batterijen niet in het restafval verdwijnen, maar beschikbaar blijven voor hergebruik en recycling. Voor metaalrecyclers betekent dit een stabielere aanvoer van beter gescheiden materialen.
VAN RECYCLING NAAR HERGEBRUIK
De Awardkrant laat nadrukkelijk zien dat de keten verder gaat dan recycling alleen. Holland Circulair uit Boxtel ontving een Wecycle
In 2024 werd samen met ruim 30.000 inleverpunten een recordhoeveelheid van 255 miljoen kilo ingezameld.
UPV zorgt voor één landelijk systeem met duidelijke kwaliteitseisen, een gelijk speelveld en transparante verantwoording. Dat maakt investeringen in inzameling, hergebruik en recycling mogelijk en legt de basis voor verdere opschaling.
METAAL ALS SLEUTELGRONDSTOF
Metalen spelen een centrale rol in de circulaire economie. Lampen worden bijvoorbeeld al zeer hoogwaardig gerecycled: in 2024 werd 86 procent van alle ingezamelde lampen gerecycled, ruim boven de wet-
telijke doelstelling. Dankzij goed scheidbare materialen zoals glas, metaal en elektronica blijven waardevolle grondstoffen behouden.
De Awardkrant benadrukt dat hergebruik steeds urgenter wordt, mede door Europese regelgeving zoals het recht op reparatie en de wens om minder afhankelijk te worden van grondstoffen uit andere werelddelen. Recycling blijft daarbij het fundament, maar de toekomst vraagt om meer: waarde creëren door apparaten, onderdelen én metalen opnieuw in te zetten.
INSPIRATIE VOOR DE SECTOR
Hoewel de Wecycle Awards winnaars in het zonnetje zetten, is de bredere boodschap bedoeld voor de hele keten. Van gemeenten en retailers tot recyclers en producenten: circulariteit vraagt om samenwerking, professionalisering en gedeelde verantwoordelijkheid.
Zoals Jan Vlak, algemeen directeur van Stichting OPEN, stelt: ‘Alleen samen kunnen afgedankte producten veilig worden ingezameld, waarde behouden en hergebruik mogelijk maken. De Wecycle Awardkrant 2025 laat zien dat die samenwerking niet alleen milieuwinst oplevert, maar ook economische en maatschappelijke waarde creëert. Daarmee vormt deze de basis voor een toekomstbestendige, circulaire metaalrecyclingketen.’
Gerecyclede metalen cruciaal voor Europese industrie
De Europese circulaire ambities zijn helder, maar de echte uitdaging ligt in de uitvoering. Dat werd duidelijk tijdens een hoogwaardig evenement over de aankomende Circular Economy Act (CEA), dat in Brussel werd georganiseerd door Recycling Europe. Beleidsmakers, industrie, ngo’s en experts gingen met elkaar in gesprek over hoe Europa zijn circulaire doelstellingen kan vertalen naar schaalbare, industriële oplossingen.
VAN WETGEVING NAAR SAMENWERKING
De bijeenkomst werd geopend door Europees commissaris Jessika Roswall, die benadrukte dat de transitie niet alleen draait om regelgeving, maar vooral om samenwerking in de keten. Volgens Roswall moet de CEA economische groei loskoppelen van grondstoffengebruik, met stabiele en geharmoniseerde regels, stevige handhaving en prikkels die circulariteit belonen. Zij wees daarbij op een aantal urgente knelpunten:
Volgens Olivier François biedt de CEA een unieke kans. ‘Dit is hét moment om de vraag naar gerecyclede materialen te vergroten en barrières voor het vrije verkeer ervan binnen de interne markt weg te nemen,’ stelde hij. Voor de schroot- en metaalrecyclingsector raakt dat direct aan markttoegang, kwaliteitseisen en investeringszekerheid.
betere inzameling van WEEE, versterking van de markt voor gerecyclede materialen, snellere erkenning van ‘endof-waste’-statussen en een betere afstemming tussen recyclers en producenten al in de ontwerpfase van producten.
EÉN WET, VEEL SECTOREN
In het eerste panel, ‘One Act, many sectors: Boosting
circular value chains’, stond de sectoroverstijgende impact van de CEA centraal. Hugo Sancho benadrukte dat Europa zijn soevereiniteit kan versterken door de vraag naar primaire grondstoffen terug te dringen via ecodesign, hergebruik en reparatie. Namens de Europese Commissie gaf Caspar Klos aan dat momenteel breed input wordt opgehaald, met aandacht voor harmonisatie van uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (EPR), markten voor gerecyclede materialen en end-of-wastecriteria. EURATEX pleitte via Ekaterina Stoyanova voor een stabiel en handhaafbaar kader dat investeringen stimuleert en administratieve lasten beperkt. Ook vanuit de apparaten- en afvalverwerkingssector klonk een duidelijke boodschap. APPLiA wees op het belang van het volledig afvangen van WEEE-stromen en het borgen van kwaliteit van recyclaat, terwijl Sophie Sicard van PAPREC het belang onderstreepte van lokale vraag, een sterke interne markt en consistentie tussen EU-wetgeving.
STRATEGISCHE GRONDSTOF
Het tweede panel richtte zich specifiek op gerecyclede metalen en hun rol in de industriële autonomie van Europa. Galloo wees via Emmanuel Katrakis op overcapaciteit in de staalrecycling en pleitte voor betere dialoog in de keten. Minimum recycled content (MRC) moet volgens hem aansluiten op kwaliteitsvereisten en
technische haalbaarheid, en niet rigide worden vastgelegd in wetgeving. Eurometaux benadrukte het belang van productontwerp, soepele intra-Europese afvaltransporten en een betere koppeling tussen afvalwetgeving, de Critical Raw Materials Act (CRMA) en de CEA. Daarbij werd ook gewezen op de complexiteit van MRC-eisen in onder meer de batterijsector.
MRC VOOR END-OF-LIFE VEHICLES
Vanuit de Europese Commissie gaf het Joint Research Centre toelichting op een lopende haalbaarheidsstudie naar MRC voor end-oflife vehicles, waarvan de resultaten eind 2026 worden verwacht. De studie kiest voor een data-gedreven, integrale benadering over de hele waardeketen. Tegelijk klonk er een kritische noot vanuit milieuorga-
nisaties. European Environmental Bureau waarschuwde dat Europa ‘zich niet uit de groeiende vraag kan recyclen’ en riep op tot hogere inzamelpercentages voor zowel autowrakken als elektronica, geharmoniseerde verwerkingsstandaarden en maatregelen om het totale materiaalgebruik te verminderen.
HELDERE CONCLUSIE
De rode draad van het evenement: de circulaire transitie kan alleen slagen als sectoren daadwerkelijk samenwerken. Recycling Europe benadrukte in de afsluiting dat juist het samenbrengen van beleidsmakers, industrie, recyclers en kritische stemmen essentieel is om te komen tot een veerkrachtige, concurrerende en circulaire Europese industrie.
Bedrijfsleven blijft steken bij recycling
Hoewel medewerkers van Nederlandse bedrijven het belang van Zero Waste onderschrijven, blijft de praktijk grotendeels beperkt tot afvalscheiding en recycling. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van Multiscope in opdracht van PreZero, uitgevoerd onder 1.049 werkende Nederlanders.
Bijna driekwart van de ondervraagden (72 procent) zegt bekend te zijn met het begrip Zero Waste en vindt het belangrijk dat hun organisatie hiernaar streeft. Grote bedrijven lopen daarin duidelijk voorop: 51 procent van de medewerkers bij grote organisaties vindt het belangrijk om koploper te zijn op het gebied van Zero Waste, tegenover 30 procent bij bedrijven tot 1.000 medewerkers.
Tegelijkertijd ontbreekt het binnen veel organisaties aan duidelijk eigenaarschap. Eén op de vijf respondenten weet niet wie binnen het bedrijf verantwoordelijk is voor circulaire bedrijfsvoering. Waar die verantwoordelijkheid wel is belegd, ligt die vooral bij het topmanagement (34 procent), met name bij grotere bedrijven.
IFAT München positioneert ‘green defense’ als strategische factor
De circulaire economie ontwikkelt zich in rap tempo van milieuthema tot strategisch instrument voor nationale grondstoffenzekerheid. Dat blijkt uit de IFAT Circularity Monitor, een representatief onderzoek van YouGov in opdracht van IFAT München. Ruim zeven op de tien Duitsers (73 procent) beschouwen circulariteit als belangrijk voor de nationale grondstoffenveiligheid.
Volgens de organisatie achter IFAT München raakt het onderwerp aan een veel bredere agenda dan alleen duurzaamheid. ‘Mensen begrijpen dat circulariteit meer is dan milieubescherming – het is onderdeel van onze groene defensie,’ stelt beursdirecteur Phil-
lip Eisenmann. ‘In een wereld waarin meer dan 90 procent van onze grondstoffen wordt geïmporteerd, wordt grondstoffensoevereiniteit een veiligheidsvraagstuk. Milieutechnologie vormt daarmee de ruggengraat van economische weerbaarheid.’
GRONDSTOFFEN ALS MACHTSFACTOR
Met het begrip ‘green defense’ voegt IFAT München een nieuwe dimensie toe aan het debat over strategische autonomie. Waar de term tot nu toe vooral werd gebruikt in militaire context, wordt deze nu breder ingezet voor de samenleving als geheel, met nadruk op ecologische stabiliteit, economische veerkracht en grondstoffenzekerheid.
Ambassadeur b.d. Wolfgang Ischinger, voorzitter van de München Security Conference, benadrukt het geopolitieke belang van circulariteit. ‘Grondstoffen zijn machtsmiddelen. Afhankelijkheid betekent kwetsbaarheid. Als we zeldzame aardmetalen terugwinnen uit afgedankte producten in plaats van ze tegen hoge kosten te importeren, versterken we onze technologische soevereiniteit. Door staal, aluminium en koper in omloop te houden, verkleinen we de impact van marktverstoringen. Zo wordt de circulaire economie een factor voor geopolitieke stabiliteit.’
Dat sentiment leeft ook breed in de samenleving: 57 procent van de Duitsers ziet circulariteit
expliciet als middel om de afhankelijkheid van import te verminderen.
OPROEP TOT DUIDELIJKE
RANDVOORWAARDEN
De industrie staat klaar om die rol te vervullen, stelt Anja Siegesmund, bestuursvoorzitter van de BDE. ‘Onze bedrijven zijn bereid te investeren, maar strategieën alleen bieden geen zekerheid. Wat nu nodig is, zijn heldere grondstoffendoelen, bindende recyclingquota en een publieke inkoop die circulaire materialen bevoordeelt. Daarmee versterken we zowel de concurrentiekracht als de grondstoffenzekerheid van Duitsland.’
Voor de schroot- en recyclingsector onderstreept dit de toenemende strategische waarde van secundaire grondstoffen. Metaalrecycling wordt daarmee niet alleen een economische activiteit, maar ook een pijler onder nationale weerbaarheid.
BREED DRAAGVLAK
BIJ BEDRIJVEN
Ook vanuit het bedrijfsleven klinkt optimisme. Slechts 10 procent van de ondervraagde Duitsers vreest negatieve effecten van een circulaire economie voor bedrijven. Onder besluitvormers is het vertrouwen nog groter: 88 procent verwacht dat een consequent doorgevoerde circulaire economie kan bijdragen aan economisch herstel.
‘Deze cijfers geven rugwind’, aldus Siegesmund. ‘Ze laten zien dat er maatschappelijk draagvlak is voor beleid dat duurzaamheid koppelt aan veiligheid. Green defense is geen abstract concept, maar een concrete opdracht.’
IFAT MÜNCHEN 2026
Tijdens IFAT München, van 4 tot en met 7 mei 2026, staat de ecologische, economische én veiligheidsdimensie van circulariteit centraal. De beurs profileert zich nadrukkelijk als platform waar technologie, kennisdeling en beleidsdiscussie samenkomen. Voor de schrootsector biedt dit een uitgelezen kans om de rol van recycling in grondstoffenzekerheid en strategische autonomie zichtbaar te maken.
Meer informatie over IFAT München is te vinden via ifat.de.
Van der Spek Vianen, uw betrouwbare partner in op- en overslag, verkleinen, zeven, breken en scheiden van uw producten.
RECYCLING
HEEFT U NOG BONNENBOEKJES NODIG, OF KAN UW HUISSTIJL EEN VERFRISSING GEBRUIKEN ?
Wij kunnen bonnenboekjes, enveloppen, visitekaartjes, brief- en factuurpapier en nog veel meer voor u verzorgen
Voor meer informatie: wilfred@addictivemedia.nl
Sorteren en laden op het schrootterrein
Op het schrootterrein van Kovošrot Group CZ in Praag draait alles om tempo, precisie en betrouwbaarheid. Daar werkt machinist Vítzslav Weis al meer dan vijftien jaar in de metaal- en schrootrecycling. Sorteren, laden, het voeden van de schrootschaar en onderhoud: het hoort allemaal bij zijn dagelijkse werk. Sinds de komst van de Sennebogen 830 G is dat werk overzichtelijker en efficiënter geworden.
Weis werkt met de machine soms tot zestien uur per dag. ‘Dat vraagt veel van een kraan, maar deze kan het zonder problemen aan’, zegt hij. Laden van vrachtwagens en wagons, het sorteren van verschillende metaalfracties en het aanvoeren van materiaal naar de schrootschaar volgen elkaar in
hoog tempo op. In die hectiek is een snelle reactie en nauwkeurige bediening essentieel. Juist daarin onderscheidt de 830 G zich, volgens de ervaren machinist.
INTUÏTIEVE BEDIENING MET SENCON
Een belangrijk verschil met eerdere generaties is het Sencon-bedieningssysteem. Dit systeem werkt via een tablet in de cabine en geeft de machinist volledige controle over de machine-instellingen. Weis gebruikt het dagelijks om functies naar zijn hand te zetten. Van radio en klimaatregeling tot de gevoeligheid van de joysticks: alles is via het touchscreen aan te passen.
Met het K17-werkuitrusting heeft de 830 G een bereik tot zeventien meter. Dat levert vooral op drukke of onoverzichtelijke plekken winst
op. ‘De uitrusting is duidelijk langer. Ik hoef de machine veel minder vaak te verplaatsen’, legt Weis uit. Bij het laden van wagons of het werken in grote schrootbergen scheelt dat tijd en bewegingen. Het resultaat is een vloeiender werkproces en minder onnodige manoeuvres op het terrein.
MULTIFUNCTIONEEL INZETBAAR
Op het terrein van Kovošrot Group wordt de 830 G voor uiteenlopende taken ingezet. De machine werkt met schrootscharen, sorteergrijpers en bij het laden van transportmiddelen. De robuuste bouw, nauwkeurige hydrauliek en gebruiksvriendelijke bediening maken de kraan tot een vaste waarde in de dagelijkse operatie. ‘De machine doet alles wat ik vraag, en dat zonder gedoe’, vat Weis samen.
Een brede groep organisaties heeft in een gezamenlijke verklaring de EU-instellingen opgeroepen om de ambitie van de nieuwe
End-of-Life Vehicles
Regulation (ELVR) volledig te behouden. Volgens de ondertekenaars zijn sterke doelen voor gerecycled plastic, een robuuste mirror clause en duidelijke vraag naar EU-gerecyclede kunststoffen noodzakelijk om de overgang naar een circulaire automotivesector te versnellen.
De organisaties wijzen erop dat de voorstellen voor 25 procent gerecycled plastic en 25 procent
afgewezen, omdat dit volgens de verklaring het vertrouwen van investeerders schaadt en de uitrol van noodzakelijke technologieën vertraagt.
STRUCTURELE VRAAG
NOODZAKELIJK
De verklaring benadrukt dat er een structurele vraag moet zijn naar gerecyclede kunststoffen die binnen de EU worden geproduceerd. Daarom pleiten de organisaties voor minimumeisen voor EU-made recyclaat in voertuigen, onderdelen en componenten die in de EU worden vervaardigd. Dit recyclaat moet afkomstig zijn van post-consumer plastic afval dat in de EU is
afgewezen. Derogaties zouden volgens de verklaring leiden tot juridische onduidelijkheid en risico op ontwijking, en daarmee het effect van de verordening afzwakken.
ROBUUSTE MIRROR CLAUSE
In de verklaring wordt daarnaast gewezen op het belang van een sterke mirror clause, die moet zorgen voor volledige gelijkwaardigheid van regels tussen EU- en niet-EU-producenten. Als post-consumer afval uit derde landen meetelt voor de recycled-contenteisen, moet worden gegarandeerd dat dezelfde normen gelden voor milieu, traceerbaarheid en kwaliteit.
rentie ontstaat. Tegelijkertijd mag de regeling geen dubbele lasten opleggen aan Europese recyclers. De verklaring benadrukt dat audits voor alle aanbieders van gerecycled materiaal duidelijk moeten worden onderscheiden van de mirror clause, die uitsluitend wordt toegepast om te controleren of materiaal van buiten de EU aan EU-equivalente eisen voldoet.
OPROEP AAN DE EU-INSTELLINGEN
De gezamenlijke verklaring besluit met een appel aan de EU om de ambitieuze recycledcontent-doelen, het gebruik van EU-made recyclaat en een sterke
closed-loop recycling in voertuigen een belangrijk instrument zijn om circulariteit te stimuleren. Het verlagen van deze doelen zou investeringen in recycling ondermijnen. Ook een verlenging van de implementatieperiode naar 120 maanden wordt
ingezameld en gerecycled. Een dergelijke eis moet investeringen stimuleren, de markt voorspelbaarder maken en de afhankelijkheid van geïmporteerde gerecyclede polymeren verminderen.
Tijdelijke uitzonderingen op deze eisen worden
De ondertekenaars noemen dit essentieel in een markt waarin de import van zowel virgin als gerecyclede polymeren blijft toenemen. De mirror clause moet volgens hen voorkomen dat EU-recyclers worden benadeeld en dat oneerlijke concur-
Recht op reparatie dreigt papieren belofte te blijven
Consumenten in de Europese
Unie officieel krijgen in juli het recht om elektrische apparaten te laten repareren in plaats van ze te vervangen. Volgens de Europese Commissie kan deze zogeheten right to repair-wetgeving leiden tot minder elektronisch afval, een lagere CO2-uitstoot en een potentiële besparing voor consumenten van circa 12 miljard euro. Op papier lijkt dat een belangrijke stap richting een circulaire economie.
In de praktijk zijn er echter grote vraagtekens bij de uitvoerbaarheid. Fabrikanten maken reparatie van elektronica nog altijd onnodig ingewikkeld, waardoor het recht op reparatie vooral een juridisch principe blijft.
‘REPARATIE WORDT ACTIEF ONTMOEDIGD’
voorschrijven dát reparatie mogelijk moet zijn, blijft onduidelijk hoe toegankelijk en betaalbaar die reparatie moet zijn. Dat geeft fabrikanten ruimte om reparatie formeel toe te staan, maar praktisch te ontmoedigen.
ECONOMISCH ONHAALBAAR
De kennis en technologie om apparaten te repareren bestaan al, maar de economische prikkel ontbreekt vaak. ‘Waarom zouden fabrikanten kiezen voor reparatie als vervanging eenvoudiger en winstgevender is?’ is een veelgehoorde vraag in de sector. Zolang onderdelen schaars of duur zijn en toegang tot software wordt beperkt, blijft reparatie voor veel consumenten geen reëel alternatief.
clause volledig te handhaven. Alleen zo kan volgens de ondertekenaars worden gezorgd voor een gelijk speelveld, hoogwaardige recycling en een robuuste basis voor een competitieve, circulaire Europese industrie.
Volgens Martine Hardeveld Kleuver schiet de huidige wetgeving tekort zolang er geen aanvullende eisen worden gesteld. ‘Zonder strengere regels blijft het recht op reparatie een papieren belofte’, stelt zij. Reparateurs lopen in de dagelijkse praktijk tegen tal van obstakels aan: softwarelocks die vervangende onderdelen blokkeren, reserveonderdelen die bijna net zo duur zijn als een nieuw apparaat en producten die zodanig zijn verlijmd dat demontage nauwelijks mogelijk is. Hoewel de nieuwe Europese regels
Dat heeft directe gevolgen voor onafhankelijke reparateurs. Zij zien hun positie verzwakken, terwijl de stroom afgedankte elektronica blijft groeien.
OPROEP TOT AANGESCHERPTE REGELS
Om het recht op reparatie daadwerkelijk effectief te maken, zijn volgens Hardeveld Kleuver aanvullende maatregelen nodig. Zij pleit onder meer voor:
• een maximumprijs voor reserveonderdelen;
• een verbod op softwarelocks die reparatie blokkeren;
• ontwerpeisen die verlijming beperken en demontage vergemakkelijken;
• verplichte beschikbaarheid van onderdelen en reparatiehandleidingen.
Zonder dergelijke ingrepen zal het gedrag van fabrikanten volgens haar niet structureel veranderen. Consumenten blijven nieuwe apparaten kopen, reparatiebedrijven verdwijnen en de afvalberg groeit verder.
GEVOLGEN VOOR RECYCLING EN GRONDSTOFFEN
Voor de recyclingsector, waaronder metaal- en elektronicaschrootverwerkers, betekent een zwak recht op reparatie dat waardevolle producten te snel in de afvalfase belanden. ‘Dat vergroot de druk op recyclinginstallaties en leidt tot extra verliezen van kritieke grondstoffen die bij langer gebruik of hergebruik behouden hadden kunnen blijven.’
Het recht op reparatie kan een belangrijk instrument zijn voor een circulaire economie, maar alleen als overheden durven doorpakken. ‘Dat vraagt om duidelijke ontwerpeisen, eerlijke prijzen voor onderdelen en het wegnemen van digitale blokkades. Zonder die keuzes blijft reparatie vooral een recht op papier – met de rekening voor consument, reparateur en milieu.’
mirror
AVV voor elektrische apparaten toegekend aan Stichting OPEN
Staatssecretaris Thierry
Aartsen van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) heeft de Algemeen Verbindend Verklaring (AVV) voor elektrische apparaten met ingang van 2 januari 2026 toegekend aan Stichting OPEN. Dit betekent dat Stichting OPEN de komende vijf jaar verder kan bouwen aan een circulaire elektronicaketen.
Stichting OPEN (bekend van het netwerk van Wecycleinleverpunten) regelt sinds 2021 namens alle producenten en importeurs de inzameling en de recycling van afgedankte elektrische en elektronische apparaten, batterijen, lampen en zonnepanelen. De nieuwe AVV garandeert een langjarige organisatorische en financiële basis waarmee Stichting OPEN invulling geeft aan de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV). Hierdoor kan Stichting OPEN de landelijk
dekkende inzamelstructuur in stand houden en verder investeren in hoogwaardige recyclingtechnieken.
HERGEBRUIK EN INNOVATIE
Stichting OPEN richt zich naast haar kerntaken (inzameling en recycling) steeds meer op de voorbereiding voor hergebruik van afgedankte elektrische apparaten. Samen met ketenpartners werkt Stichting OPEN aan verschillende pilots die hergebruik stimuleren. Succesvolle pilots kunnen een vervolg krijgen op een grotere schaal om zo bij te dragen aan de transitie naar een circulaire economie. Daarnaast wordt er de komende jaren ook veel geïnvesteerd in onderzoek, innovatie en verschillende samenwerkingsverbanden met marktpartijen om de inzameling niet alleen verder te vergroten maar ook kwalitatief te verbeteren. Dit leidt tot meer kansen voor hergebruik en zorgt ervoor dat waardevolle
t atat S teel in d e t eleg R aaf :
materialen kunnen worden teruggewonnen als hergebruik niet langer mogelijk is.
SAMENWERKING
Directeur Jan Vlak van Stichting OPEN: ‘Ik zie deze toekenning als een blijk van vertrouwen in wat we in gang hebben gezet om toe te werken naar een circulaire elektronicaketen. De AVV geeft duidelijkheid naar de markt en zorgt voor een gelijk speelveld voor producenten. Wij gaan de komende jaren verder met het verbeteren van de inzameling en nog meer inzetten op voorbereiding voor hergebruik. Natuurlijk kunnen we het niet alleen. Daarom blijven wij de samenwerking zoeken met al onze partners in de keten. Ook kijken we uit naar wetgeving die ons verder vooruit helpt, zoals de wettelijke afgifteplicht voor afgedankte elektrische apparaten (AEEA) die hopelijk op 1 juli 2026 ingaat.’
De internationale staalmarkt staat onder grote druk. Door toenemende overcapaciteit, scherpe concurrentie uit met name China en een dreigend einde van de huidige Europese beschermingsmaatregelen, komt de toekomst van de sector in Europa op het spel te staan. Over deze ontwikkelingen sprak De Telegraaf met Ronald de Haan, directeur Markets, Pricing & Services bij Tata Steel Nederland.
De huidige vrijwaringsregeling, die invoer van staal buiten de EU beperkt met een heffing van 25 procent, loopt op 30 juni 2026 af. Zonder nieuwe maatregelen kan goedkoop staal van landen buiten de EU, zoals China, de Europese markt overspoelen. ‘Eigenlijk voldoet de huidige vrijwaringsregeling al niet meer’, zegt Ronald de Haan. ‘Die heffing van 25 procent kunnen Chinese staalproducenten gemakkelijk opvangen in de prijzen. Die is dus eigenlijk te laag.’ Om de Europese markt te beschermen, werkt de Europese Commissie aan een nieuw voorstel dat dit kwartaal wordt verwacht.
HOGERE INVOERHEFFING EN SLUIPROUTES VOORKOMEN
Tijdens een consultatieronde konden alle betrokken partijen met een voorstel komen voor een nieuwe staalmaatregel. Tata Steel Nederland pleit voor hogere invoerheffingen van 50 procent voor landen buiten de EU en duidelijke regels over het land van oorsprong, om sluiproutes te voorkomen. Ronald: ‘Wij moeten voorkomen wat er gebeurd is in de kledingindustrie. Dat Chinese kleding eerst naar Vietnam wordt verscheept en er een ander herkomststickertje op zit.’
STRUCTURELE OVERCAPACITEIT
Naast dumping uit China kampt de industrie wereldwijd met een structureel probleem: overcapaciteit. Vorig jaar werd 1.850 miljoen ton staal geproduceerd, terwijl slechts 65% van de capaciteit werd benut. Volgens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) loopt de overproductie de komende drie jaar verder op tot 725 miljoen ton. Ronald: ‘De maximale invoerquotum moet naar
het importniveau van voor corona, dat was toen vijftien procent. Nu ligt dat voor sommige producten op wel veertig procent. We willen niet dat de markt helemaal afgesloten wordt voor staal buiten de Europese Unie. Een open markt, houdt ons innovatief.’
Bron: Tata Steel
Het hele artikel (paywall) is te lezen op de website van De Telegraaf.
Nieuwe instapvariant moet emissievrije stadslogistiek versnellen
Volvo Trucks breidt zijn elektrische truckgamma uit met een nieuwe 14-tons versie van de Volvo FL Electric. Het model is ontwikkeld als compacte, emissievrije stadswerker, gericht op distributie, lichte afvalinzameling en andere stedelijke logistieke taken.
De truck komt beschikbaar in meerdere wielbases, asconfiguraties en batterijopstellingen, zodat transporteurs het voertuig kunnen afstemmen op hun specifieke werkgebied. De vorm en plaatsing van de batterijen zijn zo gekozen dat ze de opbouwmogelijkheden niet hinderen. Bovendien kan
De Volvo FL Electric behoort tot de eerste modellen van Volvo die volledig elektrisch beschikbaar kwamen. Dankzij de compacte afmetingen, het lage geluidsniveau en het ontbreken van uitstoot is het voertuig populair in binnensteden waar ruimte en emissies steeds kritischer worden. De nieuwe 14-tons uitvoering vormt een instapmodel binnen de FL Electric-serie, met een aangepaste batterijconfiguratie voor stedelijke inzet.
TAILOR-MADE VOOR DE STAD Volgens Jan Hjelmgren, Head of Product Management bij Volvo Trucks, is de nieuwe variant ontworpen voor maximale wendbaarheid en efficiëntie. Hij zegt hierover: ‘Dit is een perfecte inner-city workhorse met geen uitstoot aan de uitlaat. Je zou alleen zoveel batterijcapaciteit moeten kopen als nodig is voor de taak, om de productiviteit in termen van laadvermogen en winstgevendheid te maximaliseren.’
de breedte van het voertuig worden beperkt tot 2,4 meter, wat de wendbaarheid in krappe stadsstraten vergroot.
BREDER ELEKTRISCH AANBOD
De nieuwe batterijconfiguraties worden toegepast in meerdere elektrische Volvo-trucks, variërend van de 14-tons FL Electric tot de 16- en 18-tons FL Electric en de FE Electric met een GCW tot 26 ton. De elektrische FLen FE-modellen zijn sinds 2019 verkrijgbaar en worden inmiddels in Europa, het Midden-Oosten, Afrika, Azië en Australië ingezet.
Volvo heeft momenteel acht elektrische truckmodellen in productie en verkocht wereldwijd al meer dan 5.700 elektrische trucks. Met de nieuwe 14-tons FL Electric wil het merk verdere stappen zetten richting stille, emissievrije stedelijke logistiek.
‘Invoerrechten staan opnieuw op scherp’
De aankondiging van nieuwe Amerikaanse invoerheffingen op Europese goederen zorgt voor groeiende onzekerheid op de internationale handelsmarkten. Volgens een analyse van ABN AMRO dreigt een verdere escalatie van de spanningen tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie, waarbij handelstarieven steeds nadrukkelijker worden ingezet als geopolitiek drukmiddel.
zogenoemde Turnberryakkoord van juli vorig jaar geldt voor Europese importen een tarief van 15 procent, met diverse uitzonderingen, wat neerkomt op een effectief tarief van circa 11 procent. Een extra universeel tarief van 10 procent zou de tariefdruk verdubbelen. Bij een verhoging naar 25 procent zou het nominale tarief oplopen tot circa 40 procent, hoger dan het niveau dat momenteel geldt voor China. ABN AMRO spreekt in dit
Aanleiding voor de nieuwe tariefdreiging is een militaire oefening van Europese landen in Groenland. President Trump kondigde daarop een extra invoerheffing van 10 procent aan op goederen uit onder meer Denemarken, Duitsland, Frankrijk en Nederland, ingaand per 1 februari. Indien geen akkoord over Groenland wordt bereikt, zou dit tarief per 1 juni worden verhoogd naar 25 procent.
TARIEFDRUK FORS HOGER
De voorgestelde heffingen komen bovenop bestaande Amerikaanse tarieven. Sinds het
verband van een duidelijke escalatie, waarbij tarieven niet langer alleen economische maar ook geopolitieke drukmiddelen zijn.
JURIDISCHE ONZEKERHEID
De nieuwe tarieven zullen naar verwachting worden gebaseerd op de International Emergency Economic Powers Act (IEEPA). Ook eerdere Amerikaanse tarieven waren hierop gestoeld, maar die wettelijke basis wordt momenteel getoetst door het Amerikaanse Hooggerechtshof. ABN AMRO acht de kans reëel dat het Hof deze tarieven ongeldig verklaart. Dat
betekent echter niet automatisch dat de heffingen verdwijnen: ze kunnen dan worden vervangen door zogeheten ‘section 122 tariffs’, die tijdelijk tarieven tot 15 procent toestaan voor maximaal 150 dagen. Een verdere opschaling naar 25 procent zou juridisch lastiger worden, zeker op korte termijn.
EU BERAADT ZICH
Binnen Europa wordt gewerkt aan een reactie. Daarbij liggen twee opties op tafel: directe vergeldingsheffingen tot maximaal 30 procent op circa 93 miljard euro aan Amerikaanse importen, en het opschorten van de uitvoering van het handelsakkoord dat in juli vorig jaar werd gesloten. Dat akkoord voorzag onder meer in ‘zero for zero’tarieven voor bepaalde exportproducten. De toon vanuit Europese politici is steviger dan tijdens eerdere handelsconflicten, al waarschuwen vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven voor escalatie en het risico van een spiraal waarin alle partijen verliezen. Bij verdere escalatie zou de EU kunnen grijpen naar het anti-coercion instrument (ACI). Daarmee kan Brussel de Amerikaanse handel in diensten raken, bijvoorbeeld door beperkingen op markttoegang, opschorting van intellectueleeigendomsrechten of uitsluiting van openbare aanbestedingen. ABN AMRO wijst erop dat de EU een handelsoverschot
p aladin e nvi R o t ech neemt R& l R ecycling ove R
heeft in goederen, maar een tekort in diensten, mede door de dominante positie van Amerikaanse technologiebedrijven. Juist daar zou de EU de VS pijn kunnen doen, al vraagt inzet van het ACI brede politieke consensus.
GEVOLGEN
De onzekerheid rond de tarieven raakt Europese exporteurs op een moment dat de uitvoer naar de VS al onder druk staat. In november lag de EU-export circa 20 procent lager dan een jaar eerder. ABN AMRO schat dat een extra tarief van 10 procent het Europese bbp met 0,3 tot 0,5 procentpunt kan drukken als dit langere tijd van kracht blijft. Een mogelijk scenario is ‘backloading’, waarbij exporteurs leveringen uitstellen in afwachting van tariefwijzigingen.
Voor Nederland geldt dat het huidige relatief gunstige effectieve tarief van circa 7 procent grotendeels zou verdwijnen bij een algemene verhoging. Ongeveer 60 procent van de Nederlandse export naar de VS bestaat uit in Nederland vervaardigde producten met een hoge toegevoegde waarde. Op korte termijn kan de vraag in sectoren als machines en chemie op peil blijven, maar op langere termijn verwacht ABN AMRO dat hogere tarieven de vraag drukken en ook indirecte effecten optreden via andere EUlanden.
Bron: ABN AMRO
Amerikaanse ITAD- en recyclingdienstverlener zet eerste stap in Europese expansie
De Amerikaanse ITAD- en recyclingdienstverlener Paladin EnviroTech heeft het Nederlandse R&L Recycling B.V. overgenomen. Met de acquisitie vestigt Paladin zich voor het eerst in Europa en creëert het bedrijf een Europees platform voor IT asset disposition (ITAD) en duurzame terugwinning van materialen.
De overname van R&L Recycling markeert een belangrijke mijlpaal in de internationale groeistrategie van Paladin. Volgens het bedrijf groeit de behoefte van grote, wereldwijd opererende klanten aan ITAD-diensten die regionaal zijn georganiseerd en voldoen aan Europese regelgeving, waaronder grensoverschrijdende afval- en milieuwetgeving.
‘De uitbreiding naar Europa is al langer een strategische prioriteit voor Paladin en R&L Recycling is de ideale partner om die stap te zetten’, zegt Brian Diesselhorst, CEO van Paladin EnviroTech. ‘R&L brengt decennialange operationele erva-
ring mee, diepgaande kennis van Europese wet- en regelgeving en een klantgerichte aanpak die goed aansluit bij onze cultuur.’
STRATEGISCHE LOCATIE IN NEDERLAND
R&L Recycling is gevestigd in Helmond en beschikt over circa 12.000 vierkante meter aan operationele ruimte. De locatie in Nederland fungeert volgens Paladin als een strategische toegangspoort tot de Europese Unie, juist nu regelgeving en duurzaamheidseisen binnen de sector verder worden aangescherpt.
Het bedrijf werd ruim 25 jaar geleden opgericht door Raymond van Melis en heeft in die periode een sterke positie opgebouwd binnen de Europese recycling- en ITAD-markt. R&L staat bekend om zijn gestructureerde bedrijfsvoering, focus op milieubeheer en langdurige klantrelaties.
CONTINUÏTEIT EN INVESTERINGEN
Na de overname blijft R&L Recycling opereren onder de huidige
Met één hand vast, met één hand vrij
Aan het eind van het jaar lijkt de wereld even te vertragen. Alsof de kalender uitademt en wij de ruimte krijgen om naast ons eigen spoor te gaan staan. In die ruimte is nadenken geen eindstation maar een tussenstation. Het helpt ons te zien wat werkte, te erkennen waar we struikelden, en het pad naar voren lichter te maken. Niet zwaarder denken, maar gerichter: met één hand vasthouden wat goed is, met de andere hand vrij om uit te reiken naar het nieuwe.
Die houding is minder een grote theorie dan een kleine discipline. Vasthouden is niet vastklampen. Het is trouw blijven aan wat waarde draagt: relaties, partnerschappen, vakmanschap, zorg voor elkaar. Loslaten is niet weggooien. Het is afscheid nemen van wat ons belemmert: verouderde techniek, ineffectieve routines, gewoonten die ooit hielpen maar nu remmen. Uitreiken is geen roekeloze sprong. Het is nieuwsgierig, uitnodigend, en samen op pad gaan naar nieuwe verwerkingsmogelijkheden, samenwerkingsverbanden en technologie die betekenis toevoegt.
Zo ontstaat een vriendelijke asymmetrie: we zijn loyaal naar het goede dat er al is, en ruimhartig naar kansen die nog moeten landen. Nadenken vertelt ons wat te bewaren; voordenken bepaalt waar we de deur openen.
DE BRUG NAAR DUURZAAMHEID EN CIRCULARITEIT
kunnen leunen.
LOSLATEN VAN VEROUDERDE TECHNIEK EN WERKWIJZEN Loslaten is soms pijnlijk maar bijna altijd bevrijdend. Denk aan de papieren begeleidingsbrief. Deze is arbeidsintensief en foutgevoelig. Loslaten is erkennen dat een methode die gisteren efficiënt leek, vandaag waarde vernietigt. Het betekent: overstappen op gestandaardiseerde elektronisch verstuurde formulieren, met de elektronische begeleidingsbrief. Elk losgelaten gebruik geeft ruimte voor een betere gewoonte.
UITREIKEN NAAR NIEUWE KANSEN
naam. Ook het bestaande managementteam blijft aan boord. Paladin is van plan te investeren in infrastructuur, technologie en verdere groei van de Nederlandse vestiging, die tevens zal dienen als basis voor verdere Europese expansie.
Raymond van Melis ziet in de samenwerking kansen voor verdere ontwikkeling. ‘Paladin brengt internationale schaal, expertise en een langetermijnvisie op milieuvriendelijke oplossingen. Dat stelt ons in staat sneller te groeien, terwijl we trouw blijven aan onze inzet voor verantwoorde recycling en grondstoffenterugwinning.’Volgens Van Melis blijft de ondernemende cultuur van R&L behouden en ontstaan er nieuwe kansen voor medewerkers, klanten en partners.
Met deze overname positioneert Paladin zich nadrukkelijker als internationale speler in ITAD en duurzame materiaalterugwinning, met Nederland als springplank naar verdere uitbreiding binnen Europa.
Duurzaamheid is ons doel: binnen grenzen waarde behouden. Circulariteit is de manier waarop: stromen sluiten, kwaliteit hooghouden, tijd als bondgenoot gebruiken. In de autorecyclingketen is dat dagelijks werk. Een wereld van precisie en praktijk, waar veiligheid, materiaalwaarde en samenwerking elkaar in evenwicht houden. Juist hier wordt ‘vasthouden–loslaten–uitreiken’ concreet.
VASTHOUDEN AAN RELATIES EN PARTNERSCHAPPEN Wat morgen lukt, begint vaak bij wie we gisteren al vertrouwden. De lijnen tussen demontagebedrijven, inzamelaars, recyclers, producenten en kennispartners zijn geen formaliteit; ze zijn de infrastructuur van verbetering. Wie elkaar kent, kan sneller schakelen: een afwijking in een vloeistofstroom wordt eerder gemeld, een zending met gemengde kunststoffen wordt niet genegeerd maar samen uitgezocht. Kwaliteit groeit op de bodem van vertrouwen. Vasthouden betekent hier: afspraken scherp houden, elkaars context begrijpen, transparant zijn. Het resultaat is minder frictie, hogere zuiverheid en een keten waarin partijen op elkaar
Uitreiken is de beweging die volgt op trouw en moed. Trouw aan de relatie, moed om het vertrouwde los te laten. In de praktijk betekent dit nieuwe scheidingsroutes voor kunststofmixen; hoogwaardige regeneratie van koelmiddelen; stateof-health-diagnostiek voor batterijen; remanufacturing van e-motoren en power electronics; data-uitwisseling die detail én privacy kan dragen. Het is ook: keten overstijgende verbanden zoeken. Uitreiken zegt: ‘We hebben iets te bieden en iets te leren – zullen we het proberen?’
LICHT EN RICHTING
Eindejaar leent zich voor zachtheid, niet voor strengheid. We hoeven onszelf niet te veroordelen om vooruit te komen. Het is genoeg om helder te zijn: wat houden we vast, wat laten we los, waar reiken we naar uit? In die volgorde. Want zonder trouw wordt vernieuwing grillig; zonder afscheid wordt ze onmogelijk; zonder nieuwsgierigheid wordt ze leeg.
Laat dat de toon van het nieuwe jaar zijn: relaties als ruggengraat, afscheid als opluchting, vernieuwing als uitnodiging. Nadenken als middel – een korte, eerlijke blik – en dan de stap naar voren. In de autorecyclingketen betekent dat meer waarde die blijft, minder waarde die verdwijnt. Met één hand vast, met één hand vrij. Zo wordt het volgende jaar geen sprong in het duister, maar een kamer waarin het licht net iets eerder aangaat.
ARN-expert Thorsten Friedrich Bron en foto: ARN
COLUMN
Elektrische overslagmachine speelt sleutelrol in emissievrije bedrijfsvoering
Met de ingebruikname van een volledig CO2-neutrale schrootwerf zet Schrott Wetzel een nieuwe standaard in de Europese recyclingsector. Op de locatie in Mannheim – de grootste vestiging van het bedrijf – draait de bedrijfsvoering sinds kort volledig emissievrij. Een centrale rol daarin is weggelegd voor de elektrisch aangedreven Sennebogen EQ-Balancer.
Schrott Wetzel behoort al decennialang tot de grootste schroothandelaren van Duitsland. Sinds de jaren vijftig is het familiebedrijf actief in grootschalige metaalrecycling, met vestigingen in Duitsland en Zwitserland. Alle locaties beschikken over trimodale ontsluiting via spoor, weg en water. Vanuit onder meer Mannheim exporteert het bedrijf schroot voor staalproductie naar diepzeemarkten, waaronder Turkije en landen in het Verre Oosten.
ZONNE-ENERGIE ALS FUNDAMENT
De vestiging in Mannheim, strategisch gelegen aan de Rijn, vormt het speerpunt van de duurzaamheidsambities. Door te investeren in een fotovoltaïsch systeem met een vermogen van 2,4 megawatt wordt circa 80 procent van de elektriciteitsbehoefte op eigen terrein opgewekt. De resterende 20 procent is afkomstig van gecertificeerde groene stroom. Daarmee is de schrootwerf volledig CO2-neutraal in gebruik.
De keuze voor elektrisch materieel sluit daar naadloos op aan. De Sennebogen EQ-Balancer past volgens het bedrijf perfect binnen dit concept van emissievrije logistiek en verwerking.
BEWEZEN INZETBAARHEID
Sinds mei 2023 heeft de EQBalancer al 4.700 draaiuren gemaakt. Daarmee heeft de machine zich volgens Schrott Wetzel bewezen als betrouwbaar ‘duurloopapparaat’ binnen een intensieve schrootomgeving. De machine versterkt een bestaande vloot van SENNEBOGEN-overslagmachines, waaronder meerdere 875 E-, 855 E- en 835 G-modellen.
Voor de hoge beschikbaarheid speelt ook de ondersteuning van
servicepartner Schlüter Baumaschinen een belangrijke rol.
TWEE MACHINES VERVANGEN Functioneel vervangt de stationaire EQ-Balancer twee eerdere machines. De overslagmachine verzorgt het laden van wagons, voedt de schrootschaar en verwerkt inkomend materiaal. Dankzij een reikwijdte van maar liefst 32 meter kan het schroot bovendien hoger worden gestapeld, wat de efficiëntie op het relatief compacte terrein vergroot.
‘De machine heeft door zijn uitrusting een enorm bereik. We kunnen het schroot nu veel hoger opslaan’, aldus Adem, machinist op de locatie in Mannheim.
LAAG ENERGIEVERBRUIK
De kracht van de EQ-Balancer zit in het mechanisch uitgebalanceerde ontwerp. Elke beweging van de giek wordt gecompenseerd door een direct gekoppeld contragewicht aan de achterzijde van de machine. Daardoor is aanzienlijk minder energie nodig voor de bediening. Ondanks de lange giek en het zwa-
re werk in de schrootverwerking ligt het energieverbruik rond de 75 tot 80 kWh per uur. Dat maakt de machine bijzonder geschikt voor elektrische inzet op grote schaal.
STRATEGISCHE INVESTERING
Volgens eigenaar Tino Wetzel, derde generatie binnen het familiebedrijf, was de keuze voor de nieuwe machines strategisch. ‘Deze behoren tot de beste investeringen die we de afgelopen jaren hebben gedaan. De EQ-Balancer combineert een hoge verwerkingscapaciteit met extreem lage operationele kosten. Dankzij het grote bereik kunnen we zowel de schrootschaar voeden als het verwerkte materiaal erachter laden – werkzaamheden waarvoor eerder twee machines nodig waren.’
Nieuwe kaders voor metaalrecycling
Het Circulair Materialenplan (CMP) is sinds eind 2025 van kracht. Daarmee is het Landelijk Afvalbeheerplan 3 (LAP3) officieel vervallen. Het CMP vormt voortaan het landelijke beleidskader voor de omgang met afvalstoffen en secundaire grondstoffen en sluit aan bij de bredere ambitie om de Nederlandse economie circulair in te richten.
Het plan is vastgesteld door de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat en geldt voor overheden, toezichthouders én bedrijven. Waar het LAP3 vooral was gericht op de afvalfase, kijkt het CMP nadrukkelijk naar de gehele materiaalcyclus. Dat betekent dat niet alleen inzameling en verwerking worden meegenomen, maar ook ontwerp, gebruik, hergebruik en hoogwaardige recycling van materialen.
MEER HOUVAST VOOR
VERGUNNINGVERLENING
Voor metaalrecyclers verandert het CMP in de eerste plaats het juridische toetsingskader. Bij vergunningverlening, toezicht en handhaving moeten bevoegde gezagen vanaf nu het CMP toepassen. Het plan
bevat landelijke uitgangspunten en minimumstandaarden voor de verwerking van verschillende
materiaalstromen, waaronder metalen. Daarmee wordt beoogd om meer uniformiteit te creëren tussen regio’s en om te voorkomen dat lokaal uiteenlopende eisen worden gesteld.
In de praktijk betekent dit dat vergunningaanvragen van metaalrecyclingbedrijven explicieter worden getoetst aan landelijke normen. Tegelijkertijd biedt het CMP meer duidelijkheid over wat als aanvaardbare verwerking wordt gezien, wat voor bedrijven zorgt voor grotere voorspelbaarheid.
NADRUK OP HOOGWAARDIGE RECYCLING Een belangrijk uitgangspunt van het CMP is dat recycling zo hoogwaardig mogelijk moet zijn. Niet elke vorm van recycling is automatisch
wenselijk; het behoud van materiaalkwaliteit staat centraal. Voor
steeds belangrijker worden voor afnemers in industrie en maakbedrijven.
Het CMP onderstreept dat metalen waardevolle grondstoffen zijn die zo lang mogelijk in de keten moeten blijven circuleren. Dat kan betekenen dat verwerkingsprocessen, scheidingstechnieken en kwaliteitsborging zwaarder meewegen bij beoordeling door toezichthouders.
RUIMTE VOOR INNOVATIE EN EXPERIMENTEN
Ten opzichte van het oude LAP3 biedt het CMP meer expliciete ruimte voor experimenten. Bedrijven krijgen onder voorwaarden mogelijkheden om nieuwe verwerkings- of scheidingstechnieken te testen, zonder direct vast te lopen op bestaande regels. Voor metaalrecyclers kan dit relevant zijn bij de ontwikkeling van technieken voor complexere of samengestelde metaalstromen, zoals restfracties uit elektronica, voertuigen of bouw- en sloopafval.
Deze experimenteerruimte is bedoeld om innovatie te stimuleren, zolang milieu- en veiligheidsbelangen geborgd blijven.
VERSCHUIVING NAAR DE VOORKANT VAN DE KETEN
Het CMP kijkt niet alleen naar wat er gebeurt als materialen afval worden, maar ook naar keuzes die eerder in de keten worden gemaakt.
de metaalsector sluit dat aan bij bestaande praktijk, waarin schone, goed gesorteerde metaalstromen
Productontwerp, materiaalkeuze en demontage spelen een grotere rol in de beoordeling van circulariteit. Voor metaalrecyclers kan dit betekenen dat zij vaker betrokken raken bij gesprekken met producenten, bijvoorbeeld over ontwerpkeuzes die latere recycling vergemakkelijken.
Daarmee verschuift de rol van de metaalrecycler geleidelijk van eindverwerker naar ketenpartner.
WAT BETEKENT DIT CONCREET VOOR DE SECTOR?
Vanaf 2026 krijgen metaalrecyclingbedrijven te maken met:
• toepassing van het CMP bij nieuwe en bestaande vergunningen;
• meer aandacht voor kwaliteit en bestemming van recyclaten;
• duidelijkere landelijke kaders in plaats van regionale verschillen;
• extra kansen voor innovatie binnen vastgestelde randvoorwaarden.
Het CMP verandert daarmee niet van de ene op de andere dag de dagelijkse praktijk, maar zet wel een nieuwe richting uit. Voor de metaalrecycler betekent dat enerzijds scherpere aandacht voor kwaliteit en verantwoording, en anderzijds meer erkenning van de sector als onmisbare schakel in de circulaire economie.
Foto’s: Archief Schrootkrant
Centrale coördinatie en marktwerking versterken de circulaire economie
Een model met één producentenorganisatie (PRO) is de meest effectieve en efficiënte manier om de Uitgebreide Producentenverantwoordelijkheid (UPV) uit te voeren. Dat blijkt uit een analyse van Strategy&, de strategieconsultancytak van PwC.
Het rapport, uitgevoerd in opdracht van Stichting OPEN, vergelijkt Europese marktmodellen en concludeert dat centrale coördinatie in combinatie met marktwerking de grootste bijdrage levert aan innovatie, bewustwording en circulaire groei.
PwC onderzocht hoe producentenorganisaties in verschillende Europese landen de wettelijke producentenverantwoordelijkheid vormgeven. Daarbij werden systemen met één, twee en meerdere PRO’s met elkaar vergeleken. De studie laat zien dat de inrichting van producentenorganisaties rechtstreeks invloed heeft op de prestaties van UPV en de effectiviteit van beleid.
MEER DAN RECYCLINGDOELEN
De analyse toont aan dat de waarde van producentenor-
ganisaties verder gaat dan het behalen van inzameldoelen.
Uitvoering van UPV via PRO’s blijkt een krachtig instrument om innovatie te stimuleren en de circulaire economie te versterken.
Ongeveer tachtig procent van de totale kosten van een PRO gaat naar contracten met inzamelaars en verwerkers. Daarmee is concurrentie volledig ingebouwd in het systeem, ook bij één producentenorganisatie. Het rapport neemt zo de zorg weg dat één PRO-model zou leiden tot inefficiëntie of gebrek aan marktwerking.
‘De analyse van PwC laat eigenlijk gewoon zien dat samenwerking werkt’, zegt Steven van Eijck, voorzitter van Stichting OPEN. ‘Eén organisatie die verantwoordelijkheid neemt, creëert duidelijkheid, kwaliteit en innovatie. Dat is precies wat we nodig hebben om de circulaire economie verder te brengen.’
HELDERE STRUCTUUR
Ook algemeen directeur Jan Vlak benadrukt het belang van een heldere structuur: ‘In landen met meerdere producentenorganisaties ontstaat versnip-
pering, hogere complexiteit en een ongelijk speelveld. Er wordt dan boven de PRO’s een nieuwe instantie ingesteld om samenwerking te coördineren. Dat bevestigt de behoefte aan sturing, maar maakt het systeem onnodig duurder en minder effectief.’
Volgens PwC leidt het Nederlandse model, waarin centrale coördinatie wordt gecombineerd met marktwerking in de uitvoering, tot kwaliteit, innovatie en bewustwording. Daarmee vormt het een stabiele en toekomstbestendige basis voor de uitvoering van producentenverantwoordelijkheid binnen de circulaire economie.
Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat bekijkt in opdracht van de Tweede Kamer of de huidige UPV-systemen in Nederland nog voldoende bijdragen aan de circulaire ambities. Stichting OPEN zal de bevindingen uit de PwC-analyse delen met het ministerie en andere betrokken partijen, om zo bij te dragen aan verdere modernisering en versterking van het UPV-beleid.
Volvo FH opnieuw beloond met vijf sterren in Euro NCAP-veiligheidstest
Volvo Trucks heeft opnieuw de maximale score van vijf sterren behaald in de veiligheidstest van Euro NCAP. Dit keer gaat het om twee varianten van de Volvo FH met standaardcabine. Daarmee zijn nu alle door Euro NCAP geteste Volvotruckmodellen bekroond met de hoogste veiligheidsscore.
De Volvo FH met standaardcabine sluit aan bij eerdere Volvo-modellen die al vijf sterren ontvingen. Het gaat om de Volvo FM 4x2 trekker, Volvo FM 6x2 rigid, Volvo FH 4x2 trekker, Volvo FH 6x2 rigid, Volvo FH Aero 4x2 trekker en Volvo FH Aero 6x2 rigid.
Volgens Roger Alm, president van Volvo Trucks, bevestigt de beoordeling dat veiligheid een kernwaarde blijft. ‘We hebben opnieuw het bewijs gekregen dat veiligheid altijd onze prioriteit is. Dat betekent niet dat we achteroverleunen. We blijven innoveren om chauffeurs en andere weggebruikers zo goed mogelijk te beschermen.’
CITY SAFE-CRITERIA
Alle zes modellen voldoen daarnaast aan de zogenoemde City Safe-criteria van Euro NCAP. Die beoordeling is gebaseerd op zicht vanuit de cabine en de prestaties van actieve veiligheidssystemen, die zijn ontworpen om kwetsbare verkeersdeelnemers te beschermen in stedelijke verkeerssituaties.
Euro NCAP introduceerde in 2024 voor het eerst een veiligheidsbeoordeling voor zware bedrijfswagens. Volvo Trucks was toen de eerste fabrikant die direct de maximale score van vijf sterren
behaalde. Een vijfsterrenbeoordeling betekent dat het voertuig voldoet aan of beter presteert dan de gestelde eisen op het gebied van rijondersteuning en het voorkomen van aanrijdingen.
De veiligheidsvisie van Volvo Trucks is gericht op een toekomst zonder ongevallen. Het bedrijf blijft daarom werken aan systemen die niet alleen beschermen bij een incident, maar ook risico’s vroegtijdig herkennen en ongevallen helpen voorkomen.
OVER EURO NCAP
Euro NCAP (European New Car Assessment Programme) werd opgericht in 1996 en is uitgegroeid tot de Europese standaard voor het beoordelen van voertuigveiligheid. De organisatie wordt ondersteund door meerdere Europese overheden en de Europese Unie. Bij de beoordeling van trucks worden veiligheidssystemen per onderdeel gescoord en samengevoegd tot een eindscore van één tot vijf sterren, waarbij vijf sterren de hoogste beoordeling is.
‘Van Stort naar Start’ breidt uit naar vijf milieustraten
Een samenwerking tussen Gemeente Amersfoort en Stichting OPEN heeft geleid tot veelbelovende inzichten voor het beter hergebruiken van kleine elektronische apparaten. In een pilot ‘Van Stort naar Start’ is getest hoe gerichte sortering op de milieustraat bijdraagt aan de transitie naar een circulaire economie. De aanpak lijkt effectief en krijgt nu navolging op vijf andere milieustraten in Nederland.
de apparaten die als afval worden ingeleverd alsnog hergebruikt kan worden. In Amersfoort ging het om zo’n vijf procent. Dat geeft zicht op het hergebruikpotentieel bij milieustraten in heel Nederland.
BELANG VAN KETENSAMENWERKING
‘Vijf procent van de apparaten die als afval worden ingeleverd en alsnog geschikt blijkt voor hergebruik geeft op landelijke schaal een prachtige besparing op de behoefte aan nieuwe grondstoffen en het
Inwoners van Amersfoort konden afgedankte laptops, desktops, gamingapparatuur en adapters apart inleveren op de milieustraat. Medewerkers van het Kringloopcentrum Amersfoort-Leusden sorteerden de geselecteerde apparaten, waarna sociale werkplaats Road2Work zorgde voor controle, eventuele reparatie en verkoop of hergebruik. In korte tijd werden ruim 1.500 apparaten ingezameld. Stichting OPEN hergebruikt al veel apparaten en onderdelen. Deze pilot laat zien dat een deel van
beperken van CO2-uitstoot’, aldus de voorzitter van Stichting OPEN, Steven van Eijck. ‘Deze pilot laat zien dat vroegtijdig sorteren en goede ketensamenwerking direct bijdragen aan nog meer hergebruik.
Wethouder Willem-Jan Stegeman (Economie en circulariteit): ‘De pilot leert ons dat deze praktische aanpak tot minder verspilling en meer hergebruik leidt. Die inzichten gebruiken we voor het nieuwe milieubrengstation. De pilot levert bovendien niet alleen Amersfoort
wat op, ook bij milieustraten in andere gemeenten krijgen onze ervaringen een vervolg. Daarmee zetten we met elkaar flinke stappen op weg naar een duurzamere economie.’
De pilot laat zien dat drie elementen essentieel zijn voor succesvol hergebruik: duidelijke communicatie naar inwoners, betrokkenheid van medewerkers op de milieustraat en een goed afgestemde logistiek en verwerking. Tijdige sortering kan schade aan apparaten voorkomen en verhoogt de kwaliteit van wat ingezameld wordt.
Erik Schalk zegt namens Road2Work: ‘Het succes zit in de samenwerking. Road2Work verbindt lokale inzameling aan een landelijke afzetmarkt. Door een gecertificeerd proces zijn wij in staat in apparaten een tweede leven te geven met de garantie dat alle data vernietigd is. Schaalgrootte en professionaliteit maakt dat hergebruik net zo gewoon wordt als het kopen van een tweedehands fiets.’
VERVOLG
De resultaten van de pilot vormen nu de basis voor een vervolgproject op vijf andere milieustraten in Nederland. Daarbij zetten we ook in op scherpere dataverzameling om preciezer het effect van gescheiden inzameling op hergebruik en circulariteit te meten.
Van Eijck: ‘De kracht van deze pilot is dat het de waarde van samenwerking in elke schakel van de keten zichtbaar maakt. Door met elkaar vroeg te sorteren, de e-waste zorgvuldig te behandelen en apparaten opnieuw in te zetten, draagt de keten direct bij aan het opbouwen van een circulaire economie.’
ThePhoneLab opent nieuwe vestiging in Eindhoven
ThePhoneLab opent op dinsdag 9 december zijn zestiende vestiging in Eindhoven. Voor de snelgroeiende reparatiespecialist vormt de stad een logische volgende stap: Eindhoven staat al jaren in de landelijke top zes qua websitebezoekers en geldt als technologisch hart van Nederland.
Eindhoven is een regio waar technologie diep in het dagelijks leven verweven is. Dankzij Brainport, de Technische Universiteit Eindhoven en een breed ecosysteem van design- en techbedrijven groeit het aantal elektrische apparaten per consument verder. Dat maakt ook de vraag naar onderhoud en reparatie groter. Oprichter Boris Blijham zegt hierover: ‘Alles in Eindhoven ademt technologie. Apparaten zijn onmisbaar voor werk, communicatie, mobiliteit en zelfs het dagelijks leven thuis. Ik zeg daarom weleens: je telefoon is de afstandsbediening van je leven.’Volgens hem is juist die afhankelijkheid de reden waarom
J.G. van der Stoopweg 21 2396 BH Koudekerk aan den Rijn Tel. 0348 - 42 03 99 info@lasbedrijfalphen.nl
snelle en betrouwbare reparaties essentieel zijn.
REPARATIEMARKT VERANDERT Blijham verwacht dat 2026 een belangrijk jaar wordt voor de sector. ‘We zien een consolidatieslag’, zegt hij. ‘Veel kleine reparateurs stoppen volgens hem omdat het steeds lastiger wordt om op de hoogte te blijven van alle innovaties, onderdelen en kennis die nodig zijn om moderne apparaten te repareren. Tegelijkertijd neemt de vraag toe doordat consumenten hun apparaten langer gebruiken en het aantal devices per persoon blijft stijgen.’ Vanaf 1 januari is bovendien nieuwe Europese ‘Right to
Repair’-wetgeving in werking getreden. Deze wet verplicht fabrikanten om onderdelen toegankelijker te maken. Volgens Blijham leidt dat tot meer reparaties en dus tot een grotere rol voor gespecialiseerde partijen zoals ThePhoneLab.
BRABANT BELANGRIJKE GROEIREGIO Eindhoven is de derde Brabantse vestiging, na Breda en Tilburg. De winkel wordt geleid door storemanager Saïd Alkadiri, die al jaren in Eindhoven woont en ervaring heeft met een eigen reparatiewinkel. Door meerdere locaties binnen één regio kan ThePhoneLab efficiënter roosteren en overal dezelfde kwaliteitsstandaard bieden. ‘Door meerdere winkels in één regio kunnen we flexibel roosteren en klanten overal dezelfde hoge kwaliteit bieden’, aldus Blijham.
Werkbezoek
FNP aan Bolhuis Metaalrecycling
De Friese Nationale Partij (FNP) bracht onlangs een werkbezoek aan Bolhuis Metaalrecycling. Aanleiding was de verhuizing van het bedrijf én de manier waarop Bolhuis Metaalrecycling inzet op recycling, veiligheid en opleiding.
DE STERKSTE SCHAKEL IN RECYCLING
Lasbedrijf Alphen is de grootste lokale producent van containers in Nederland, met vestigingen in Woerden, Alphen aan den Rijn en Rotterdam. Als één van de weinige aanbieders in de markt produceren wij al onze containers zelf. Bent u een bouwer, transporteur of afvalverwerker die hoge eisen stelt aan materiaal? Wij leveren een echt Nederlands kwaliteitsproduct en garanderen korte levertijden.
CONTAINERS OP MAAT
Lasbedrijf Alphen is dé specialist in de bouw, reparatie en constructie van containers. We hebben meer dan 50 jaar ervaring, werkplaatsen in Alphen aan den Rijn, Rotterdam en Woerden, en maken nog een echt Nederlands kwaliteitsproduct. Als één van de weinige aanbieders in de containermarkt produceren wij al onze containers zelf.
Bolhuis Recycling was gevestigd op bedrijventerrein De Lauwers en verhuisde dit jaar naar De Meander 3, aan de overkant van de straat. De verhuizing betekent volgens Johan Bolhuis vooral een grote stap vooruit op het gebied van veiligheid. Op de oude locatie stonden containers, voertuigen en materialen dicht langs de openbare weg. ‘Dat kwam de veiligheid niet ten goede.’ Op de nieuwe locatie is het bedrijf ‘van de weg af’ en is er meer overzicht en werkruimte voor opslag, sortering en logistiek.
De FNP spreekt haar waardering uit voor de manier waarop Bolhuis Metaalrecycling onderneemt. De partij noemt het bedrijf ‘meer dan een oud-ijzer-boer’ en prijst de inzet op innovatie, veiligheid en maatschappelijke betrokkenheid.
‘Schrap nationale heffingen die onze circulaire economie breken’
Een brede coalitie uit de afval-, recycling- en materiaalketens slaat alarm in Den Haag. Het plan om de sector € 567 miljoen extra belasting op te leggen, bedreigt volgens hen de circulaire economie, kost groene banen en duwt Nederlandse bedrijven richting het buitenland. Met de petitie Bescherm onze circulaire economie roepen zij kabinet en Tweede Kamer op om onmiddellijk in te grijpen.
Een groot aantal ketenpartners –samen goed voor meer dan 8000 bedrijven en 600.000 medewerkers – waarschuwt dat de voorgenomen lastenverzwaring desastreuze gevolgen heeft. De belastingen voor de sector zijn nu al aanzienlijk hoger dan in andere Europese landen. De extra heffing maakt recycling onrendabel, verhoogt kosten voor burgers en bedrijven en remt investeringen in circulariteit af.
De coalitie benadrukt dat de keten dagelijks werkt aan het sluiten van kringlopen. Juist daarom moet het kabinet volgens hen stoppen met lasten die de sector verder verzwakken.
AFBROKKELENDE CONCURRENTIEPOSITIE
Volgens de ketenpartners dreigt Nederland grip te verliezen op zowel (kritieke) grondstoffen als verwerkingscapaciteit. Hogere lasten voor afvalverwerkers leiden
automatisch tot hogere lasten voor recyclers en producenten. Daardoor verslechtert de businesscase in de gehele keten.
Het gevolg: massale afvalexport, verplaatsing van recyclingactivitei-
ruim een kwart van de startcapaciteit; extra heffingen brengen die positie in gevaar.
PLASTICKETEN KRAAKT
De plasticketen fungeert als waarschuwend voorbeeld. Neder-
en ruim een kwart van de totale recyclingcapaciteit.
Tegen de achtergrond van stijgende wereldwijde vraag naar plastic en internationale concurrentie om circulaire technologie te ontwikkelen, vormt dit een directe bedreiging voor de Nederlandse maak-, recycling- en afvalindustrie. Zonder ingrijpen verliest Nederland kennis, banen en de mogelijkheid om klimaat- en circulaire doelstellingen te halen. De coalitie benadrukt dat nationale heffingen niet alleen de plasticketen treffen, maar alle materiaalketens.
ten naar het buitenland, verlies van groene banen, minder investeringsruimte voor circulaire innovaties en een grotere afhankelijkheid van het buitenland. Ook CO2-opslagproject Aramis komt onder druk te staan.
De afvalsector vertegenwoordigt
land behoorde jarenlang tot de Europese top in plasticproductie en -recycling, maar die positie brokkelt snel af. In slechts drie jaar tijd verdwenen: 3 miljoen ton productiecapaciteit, meer dan tien recyclers door faillissementen
GEVOLGEN VOOR BURGERS
De lastenverzwaring treft ook huishoudens direct. Burgers gaan naar verwachting minstens € 40 extra afvalstoffenheffing betalen – zelfs wanneer zij afval goed scheiden. Een nationale heffing in de afval-
en materiaalketens legt de rekening bij burgers neer, zonder dat dit leidt tot betere recycling of zichtbare verduurzaming.
In zijn Industriebrief erkent minister Karremans (EZK) dat circulaire grondstoffen essentieel zijn. Hij benadrukt dat betere inzameling, sortering en verwerking nodig zijn.
Volgens de ketenpartners is de extra belasting echter precies het tegenovergestelde van wat nodig is. De heffing maakt circulaire ambities onhaalbaar, omdat afvalstromen naar het buitenland verplaatsen zodra Nederland te duur wordt.
Nationale normen en heffingen verslechteren het speelveld en versnellen het vertrek van bedrijven en investeringen die essentieel zijn voor de circulaire economie.
OPROEP
De ketenpartners vragen om vijf directe maatregelen:
• Schrap heffingen die de circulaire transitie beperken; zoek dekking buiten de materiaalen afvalketens.
• Zorg voor een gelijk speelveld: geen extra zware CO2-heffing voor de afval- en recyclingsector.
• Geen verhoging van de afvalstoffenbelasting en een vrijstelling voor sorteerresidu dat hoort bij goed uitgesorteerd circulair materiaal.
• tijdelijk de druk op recyclers, onder andere via subsidies, compensaties en lagere energiebelasting voor producenten van circulair plastic.
• Gebruik het Klimaatfonds om het prijsverschil tussen fossiele en circulaire materialen te verkleinen.
AANGEBODEN: AKS BV voor al uw gebruikte overslagmachines! Bent u op zoek naar een goede gebruikte machine of grijper? Bel Paul: 06 82056471. Of mail naar: info@aksbv.com. Big bags nieuw/ gebruikt. Tel: 06 51075693. Mail: pwdroog@kpnmail.nl
Diverse soorten afzetcontainers direct uit voorraad leverbaar! Zowel nieuwe als gebruikte. Interesse? Neem gerust contact met ons op voor meer informatie. SCHENKgroep Nijmegen tel: 024-3482593 mail: verkoop@schenkgroep.nl
Geef hier uw gratis korte advertentie op voor uitgave 2 - 2026
Rubriek(en) (a.u.b. aankruisen). n Aangeboden n Gezocht n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n
Uw bedrijf onder de aandacht van alle metaalrecyclers in Nederland en België?
Schroot! biedt u het podium
Via onze diverse kanalen brengen wij uw bedrijf graag voor het voetlicht van de markt.
NIEUWSBRIEF
Verschijn in onze maandelijkse nieuwsbrief met een banner of advertorial en bereik linea recta de mailboxen van de metaalrecycler. Ingebed in het laatste nieuws uit de branche, met volop aandacht voor uw boodschap.
BEDRIJFSPROFIEL
Of krijg een plek op onze vernieuwde website met een bedrijfsprofiel bij het leveranciersoverzicht. Laagdrempelig bereikbaar en meteen aanklikbaar voor uw (potentiële) klanten en voorzien van uw logo, bedrijfsomschrijving, productfoto en de optie tot link naar uw bedrijfsfilm.
Of informeer naar onze andere promotiemogelijkheden, zoals exclusieve partnermailings, advertentiemogelijkheden of een banner op de homepage. Neem vrijblijvend contact op met Willfred Wubs, Tel: 06-20479538 of via e-mail wilfred@addictivemedia.nl Kijk ook op onze website: schrootkrant.nl of scan de QR-code.