IPMA Nederland - Vakblad Projectie #4 / 2018

Page 1

Jaargang 25 | nummer 4 | 2018

VAKBLAD VOOR

PROJECTMANAGEMENT

Interview Miriam Kop

“Projectmatig werken is niet gewoon in de zorg”

THEMA

Digitali sering i n de Zorg, Bo uw en Infrastr uctuur

 Achtergrond:

Digitalisering bij de Europese Investeringsbank

IPMA 2018-4.indd 1

 Praktijkcase:

De weg naar een mobiele en duurzame Antwerpse regio

www.ipma.nl Projectie 4-2018

1

27-8-2018 15:11:08


esultaatgerichte verandering komt niet vanzelf. n samenspel van mensen, inzichten en instrumenten. plementeren is daarmee een kunde die je niet kan missen.

Management of Change

nager ben je op zoek om je veranderkunde te verbeteren. kan met onze Change Activation Masterclass:

Activeren van et een rijke online leeromgeving train je in deze masterclass de juiste veranderaanpak, het afstemmen met de sponsor, Verandering

aging te benoemen, de cultuur in te schatten, de veranderverandering komt niet vanzelf. Het is epalen, de verandercommunicatieResultaatgerichte in te richten, de effectivieen samenspel van mensen, inzichten en instrumenten. eten en te werken aan jezelf als “Change Enabler”. is daarmee een kunde die je Verandering implementeren

Activeren van Verandering niet kan missen.

Alsmodules professional die ben je op gehele zoek om je veranderkunde et aan de hand van 18 interactieve het te verbeteren. Dat kan met onze Change Activation ctrum van activeren van verandering afdekken: Masterclass Resultaatgerichte verandering komt niet vanzelf. Ondersteund een rijke online leeromgeving train je in Het is CAM een samenspel van met mensen, inzichten en instrumenten. <afbeelding Topics> deze masterclass het kiezen van de juiste veranderaanpak, Verandering implementeren is daarmee een kunde die je niet het afstemmen met de sponsor, de veranderuitdaging te kan miss benoemen, de cultuur in te schatten, de verandergereedheid te

n sluiten aan bij een scala veranderaanpakken en -modellen bepalen, de verandercommunicatie in te richten, de effectiviteit Als projectmanager ben je op zoek om je veranderkunde te meten en te werken aan jezelf als “Change Enabler”. te verbetere waaronder Kotter, Agile, Bridges en ADKAR. Dat kan met onze Dit doenChange we met vanActivation 20 interactieve Masterclass: modules die het spectrum van activeren van verandering afdekken: s met meer dan 40 instrumenten gehele (methodes en technieken) De onderwerpen sluiten kan toepassen. die je direct in je praktijk Ondersteund met een rijke online leeromgeving train je in deze masterc aan bij een scala van veranderaanpakken het kiezen van de juiste veranderaanpak, het afstemmen met de spons Kotter, Code> Agile, <QR dewaaronder veranderuitdaging te benoemen, de cultuur in te schatten, de verand Bridges en ADKAR. gereedheid te bepalen, de verandercommunicatie in te richten, de effec Je maakt kennis met teit te meten te werken meer dan 50 instrumenten Kijk voor meer opleidingen en en informatie op:aan jezelf als “Change Enabler”. (methodes en technieken)

die je direct in je praktijk kan www.managementofchange.nl/cam Dit doen we met aan de hand van 18 interactieve modules die het geh toepassen. m contact op als je vragen hebtvan of maatwerk spectrum activeren wilt. van verandering afdekken:

<afbeelding CAM Topics> Management of Change Coöperatie UA

035 888 3600 info@managementofchange.nl De onderwerpen sluiten aan bijmeer een scala veranderaanpakken en -mode Kijk voor opleidingen en informatie op: www.managementofchange.nl/cam waaronder Kotter, Bridges ADKAR. Neem contact Agile, op als je vragen hebt ofen maatwerk wilt. Management of Change Coöperatie UA

2

Jer maakt kennis met meer dan 40info@managementofchange.nl instrumenten (methodes en technie 035 888 3600 die je direct in je praktijk kan toepassen. Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 2

<QR Code>

27-8-2018 15:11:09


INHOUD

08

Interview

12

Praktijkcase

18

Achtergrond

Interview met Miriam Kop, als een van de weinigen in de zorg beschikkend over een IPMA B-certificering, over IPMA’s Branchegroep Zorg en de toekomst van de zorgsector.

BAM-directeur Jan van Rensbergen over de Oosterweelverbinding: de weg naar een mobiele en duurzame Antwerpse regio.

Birgitte Keulen, werkzaam bij de European Investment Bank, over de vele, diverse projecten die zij daar financieren en de rol die digitalisering speelt bij die projecten.

En verder 05

VOORWOORD

17

4 VRAGEN

06

CONGRES

22

ACHTERGROND

16

KORT

26

COLUMN

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 3

3

27-8-2018 15:11:11


PROJECTMAN AGERS IN TECHNIEK EN INNOVATIE MAKEN HET V ERSCHIL Technische projecten in goede banen leiden en ook betrokken blijven bij de techniek? In de technische (maak)industrie is dat meer regel dan uitzondering. Wij helpen u graag uw projectmanagementvaardigheden te versterken met cursussen gericht op de verschillende verantwoordelijkheden binnen projecten: Dit najaar gaan de volgende projectmanagementcursussen van start:

Technisch Projectmanager

Technisch Projectleider

Deze cursus ondersteunt u bij uw groei naar een meer volwassen (project)managementrol. Tevens bereidt deze cursus u voor op certificering (PMI, IPMA).

Na afloop van de cursus bent u in staat om, met uw technische achtergrond, de klantwensen op beheerste en effectieve wijze om te zetten naar succesvolle projectresultaten. U heeft (nog) geen management- of strategische taken binnen de organisatie.

Startdatum: woensdag 3 oktober 2018

Startdata: Utrecht: vrijdag 5 oktober 2018 Veldhoven: dinsdag 9 oktober 2018

Technisch Projectengineer

Wilt u meer weten?

Als Project- of Leadengineer bent u samen met anderen verantwoordelijk voor het technisch realiseren van de projectdoelstelling. Tijdens deze cursus wordt u meegenomen in het vakgebied van projectmanagement en groeit u in uw rol als waardevol projectteamlid.

Ga naar onze website www.mikrocentrum.nl of neem contact met mij op. Graag ontmoet ik u tijdens één van onze cursussen. Wilma Kuijpers, tel: 040 – 296 99 33, email: w.kuijpers@mikrocentrum.nl

Startdata: Veldhoven: donderdag 1 november 2018 Utrecht: vrijdag 9 november 2018

4

Save the date: 8 november 2018 Themabijeenkomst: De High Tech Projectmanager ‘Voor en door projectmanagers in de technische industrie’

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 4

27-8-2018 15:11:14


VOORWOORD

Colofon Projectie is een uitgave van Romeo Delta in opdracht van IPMA-NL en verschijnt 6x per jaar. Aanleveren kopij projectie@ipma.nl Advertenties Romeo Delta, René Doppen, (0544) 35 22 35, rene@romeodelta.nl, www.romeodelta.nl

Alles is een Project: de Projectificering van de samenleving

Ledenadministratie ledenadministratie@ipma.nl, (0342) 41 62 34 Abonnement afsluiten rene@romeodelta.nl Commissie Bezwaren Gedragscode Piet Blanksma Uitgever Romeo Delta, René Doppen, (0544) 35 22 35, rene@romeodelta.nl, www.romeodelta.nl

De samenleving verandert in een hoog tempo, vooral door de digitalisering. Producten hebben een steeds hogere omloopsnelheid. Bijvoorbeeld ASML bouwt een beperkt aantal machines per jaar voor de productie van chips. Die machines moeten worden ontwikkeld vanaf de tekentafel. Dat lukt niet in een regulier productieproces, dat gaat projectmatig. In de auto-industrie zie je eenzelfde tendens. Een productielijn bleef in het verleden jaren in stand, nu is dat veel korter.

Redactieraad Prof.dr. Hans Bakker, h.l.m.bakker@tudelft.nl Mimoun El Ouarti, mimoun.elouarti@xs4all.nl Hans Fredriksz, hans.fredriksz@ipma.nl Nassir Mahbubi, smn.mahbubi@gmail.com Laura van Moolenbroek, Jolanda Koopman, projectie@ipma.nl

Niet alleen bedrijven, maar ook andere organisaties moeten zich steeds sneller aanpassen aan nieuwe omstandigheden. Ik noem de plotselinge toename van de aantallen vluchtelingen enkele jaren geleden bijvoorbeeld. De opvang kon niet worden gerealiseerd in het reguliere proces, daarvoor is een projectmatige aanpak gekozen.

Tekst- en eindredactie Guido de Kanter, Jolanda Koopman, Laura van Moolenbroek Vormgeving Chris Nijhof, Romeo Delta

In de praktijk betekent dit dat er steeds meer mensen projectmatig werken, ook al zijn ze er zich nauwelijks van bewust. Het managen van veranderingen is meer en meer een strategische kerncompetentie geworden. Traditionele, hiërarchisch geleide bedrijven hebben moeite het hoofd boven water te houden. Daarentegen zie je steeds meer succesvolle micro-initiatieven, waarbij mensen bottom up zelf het heft in handen nemen. Om deze initiatieven te faciliteren hebben we een andere vorm van sturing nodig. Geen regulier projectmanagement met een start en een eindpunt, maar transitiemanagement die de juiste richting aangeeft. IJk- of meetpunten geven daarbij aan of je op de goede weg bent.

Communitymanagement Signum Marketing, Arie van Loopik, avanloopik@signummarketing.nl ISSN: 1570-9655 Dit vakblad is uitsluitend gericht op vakbeoefenaren en anderen die op grond van hun professie belang hebben bij de in dit blad gepubliceerde vakinformatie. Sinds 2011 is er een gewijzigde abonnementenwet van kracht voor consumenten. Deze is niet van toepassing voor abonnementen op vakinformatie, die uit hoofde van beroep of bedrijf zijn aangegaan.

De moderne, eigentijdse projectmanager is ondernemend en wendbaar. Lenig inspelend op verwachte en onverwachte ontwikkelingen, werkend naar de realisatie van doelstellingen. Gebruikmakend van de veelheid aan methoden en technieken die ter beschikking zijn, op maat gemaakt voor een specifieke situatie.

© IPMA-NL Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze ook, zonder schriftelijke toestemming vooraf van de uitgever. 

Dat zijn wat we noemen ‘Betere Projecten’, bijdragend aan een ‘Betere Wereld!’

Business partners

Fred Bons, Voorzitter IPMA-NL

Kennispartner

€16,91

World leading publisher

incl. BTW

ISBN: 978 90 8753 720 3 Auteur: Gunther Verheyen

Projectie 4-2018

5

of Standards, Best Practices & Methods nieuw

VOOR BESTELLINGEN IPMA 2018-4.indd 5 www.vanharen.net

MOF

ABC of ICT

ISO 27000

IT

service

€31,75 incl. BTW

27-8-2018 15:11:15


Congres Projectmanagement in de Zorg: ge Op 29 mei vond in Rotterdam de tweede editie van het congres Projectmanagement in de Zorg plaats. Thema was dit jaar ‘Van vaardigheid naar vak’. Gastheer was deRotterdamseZorg, een regionaal samenwerkingsverband van ziekenhuizen en instellingen die actief zijn op terreinen als ggz en thuis- en jeugdzorg. deRotterdamseZorg is gevestigd in de Science Tower, een in 2012 verbouwd kantoorgebouw dat sindsdien een “‘business environment’ in combinatie met hoogwaardige laboratoria” is voor allerhande bedrijven en het Erasmus MC. De Science Tower bood het congres een toepasselijk en dynamisch decor.

6

Het programma omvatte parallelsessies en plenaire keynotes, onder andere van projectadviseur en schrijver Michiel van der Molen. Zijn pakkende betoog omschreef de ontwikkeling naar meer agile manieren van werken, die volgens hem onontkoombaar zijn in de steeds sneller veranderende wereld. Die overgang kan volgens Van der Molen alleen plaatsvinden als medewerkers het volle vertrouwen krijgen. Autoritaire manieren van aansturen zijn passé.

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 6

27-8-2018 15:11:19


CONGRES

rg: gestaag naar professionalisering Het congres werd afsloten met de prijsuitreiking voor de Projectmanagementorganisatie van het jaar. John van Rouwendaal, voorzitter van de Stichting Projectmanagement in de Zorg, overhandigde de prijs aan Mathilde Muis, die bij de Tilburgse Amarant Groep verantwoordelijk is voor de implementatie van programma- en projectmanagement.

Werken aan cliëntperspectief

Samenhang tussen projecten De kern: Zorgprogramma’s; Het centrum van onze werkzaa mheden

De bloemblaadjes: waarde creërende en waarde ondersteunende programma’ s

Eerder op de dag presenteerde De steel en bladblaadjes: randvoorwaarden Mathilde Muis al het Zonder deze elementen hebben succesverhaal ‘Van Excellijst naar de (zorg)programma’s geen stev ige basis en programmabloem’. In een boeiend kunnen zij niet groeien relaas liet zij zien hoe de Amarant Onze programmabloem Groep haar projectmanagement ontwikkelde van een wirwar van projecten die (zorg)medewerkers veel tijd kosten en waarin niemand meer overzicht heeft naar gerichte sturing met middelen als een bootcamp, een centrale plaats om elkaar, online en ‘live’, te ontmoeten, en een zogenoemde programmabloem, die de samenhang tussen projecten weergeeft.

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 7

7

27-8-2018 15:11:21


“Projectmatig werken

8

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 8

27-8-2018 15:11:23

i


Auteur: Guido de Kanter

is niet gewoon in de zorg” Als een van de zeer weinige projectmanagers in de zorg beschikt ze over een IPMA B-certificering. Daarnaast heeft Miriam Kop zitting in IPMA’s Branchegroep Zorg (in oprichting). Een branchegroep die tot stand kwam omdat er in de zorg relatief weinig ervaring is met projectmatig werken en er nog grote efficiëntiewinst te boeken is. Hoe helpt het zijn van ‘IPMA B’er’ Miriam Kop? Hoe kijkt ze aan tegen de enorme veranderingen die de komende jaren op de zorgsector af zullen komen? En wat verwacht ze van de Branchegroep Zorg? Ze begon haar werkende leven als fysiotherapeut, maar de organisatorische en beleidsmatige kant van de zorg trokken van lieverlee steeds meer aan haar. “Ik vond dat leuk, als enige in mijn team”, herinnert Miriam Kop zich. Zo rolde ze na tien jaar de consultancy in, om in 2005 verder te gaan als zelfstandig projectmanager in de zorgsector. Haar recentste projecten zijn voornamelijk landelijke verandertrajecten, waarin Kop acteert tussen partijen als de overheid, zorginstellingen en andere belangengroepen. “Ik ben IPMA B gaan doen vanuit de wens om mezelf verder te professionaliseren als projectmanager”, vertelt Miriam Kop. “Ik werk in een omgeving waarin ik weinig andere projectmanagers om me heen heb, dus ik moet mijn eigen ontwikkeling stimuleren. Ik heb toen bewust voor IPMA B gekozen en niet voor een methode. Dat het op competenties gebaseerd is, vond ik heel prettig.” “IPMA Certificering heeft een eigen, specifieke aanpak om te certificeren. Deze aanpak levert naast het certificaat ook veel inzicht op. Het IPMA-certificeringstraject verlangt dat je je project analyseert aan de hand van competenties. Daardoor ging ik anders naar projecten kijken: los van de inhoud, in het bijzonder naar hoe je de onderwerpen hebt gemanaged. Zo kijk je haast nooit. Meestal ben je vooral gefocust op het behalen van resultaten. Maar reflecteren op hoe je nou precies gemanaged hebt, is een geweldig proces.” Het begin van het certificeringstraject was moeizaam, vertelt Kop: “De steeds terugkerende vraag ‘wat heb jíj nu gedaan waardoor het goed ging?’ vond ik best frustrerend. Ik dacht vooral: ‘ik heb goede mensen om me heen gehad’. Daarbij had ik ook steeds het idee: ‘mijn projecten zijn ánders. Die gaan niet echt projectmatig. Die passen niet in de standaardplaatjes. De theorie gaat over een heel ander wereldje.’ Ik zei tegen mijn docent: volgens mij heb ik dít niet gedaan en doe ik dát heel anders. Toen gaf hij

voorbeelden uit mijn casus en zei: ‘Je doet het allemaal al. Je handelt strategisch, je doet aan stakeholdermanagement, je managet risico’s. Je geeft er alleen op je eigen manier vorm aan.’” “Eigenlijk zou je het een vorm van intervisie kunnen noemen: hoe ben je bezig geweest, welke keuzes heb je gemaakt? Zou je het weer zo zou doen of niet? En waarom? Bewustwording van hoe je denkt en handelt. Het heeft me een andere gerichtheid opgeleverd.”

Regelgericht naar risicogericht Miriam Kops huidige project is De Zorg Brandveilig, dat ze sinds 2014 leidt en waarin vijf branches in de zorg en Brandweer Nederland met elkaar samenwerken. “Dit project is eigenlijk het gevolg van een brand in 2011 bij Rivierduinen, een ggz-instelling”, vertelt Miriam Kop. “Bij die brand hebben ze niet iedereen uit het gebouw kunnen redden. Er waren drie doden te betreuren. Dat had veel impact.” “Naderhand concludeerde de Onderzoeksraad voor Veiligheid: het naleven van de regels is niet voldoende, we moeten van regelgerichte naar risicogerichte brandveiligheid. Want Rivierduinen had aan de regels voldaan.” “Het verschil is: bij regelgerichte brandveiligheid kijk je of de faciliteiten op orde zijn – hangen er blusmiddelen, kun je vluchten, dat soort aspecten. Je loopt een checklist na. Afvinken maar. Bij risicogerichte brandveiligheid kijk je wat er mogelijkerwijs zou kunnen gebeuren. Risico’s dus, en die liggen in andere aspecten dan waar de wetgeving op checkt.” “Je hebt te maken met kwetsbare cliëntenpopulaties, zoals mensen met een psychiatrische aandoening, dementie of een handicap. Daar zijn mensen bij die bewust of

<

n

INTERVIEW

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 9

9

27-8-2018 15:11:24


onbewust brand maken. Er is een groep die bewust drangers of detectie-apparatuur saboteert. Soms omdat ze in verwardheid denken: ‘ik word bespioneerd’. Of mensen die ’s nachts willen frituren, een zakje om de brandmelder doen en dan toch in slaap vallen. Of een brandmelder waarvan het glas om de haverklap wordt ingeslagen. Dus daar plaatst de zorginstelling een kastje omheen. Maar als het echt nodig is, heeft niemand de sleutel.” “Dit zijn echte praktijkvoorbeelden. Ik las laatst een blog van een psychiatrisch verpleegkundige die bij een ontruiming tien mensen naar buiten moest zien te krijgen. Het ging om mensen die in principe mobiel zijn. Maar de eerste was levensmoe en wilde bij wijze van spreken de brand in lopen, een ander wilde eerst nog een kopje koffie, de derde wilde naar bed. Niet de handigste plek als er brand is.” “Dus het is een populatie die risico’s meebrengt. Wat je dan moet doen is scenario’s uitdenken. Je wilt al nagedacht hebben voordat de brand uitbreekt. Daarbij maken de praktijkvoorbeelden die ik je net gaf de sector heel creatief. Men doet er alles aan dat er zo weinig mogelijk slachtoffers vallen. Maar er blijven dingen die je niet hebt kunnen bedenken, en daar zitten de risico’s die je blijft lopen.”

Bijhouden “Naar aanleiding van de brand had Rivierduinen al de WAR-systematiek ontwikkeld: Waarschuwen, Assisteren, Redden. Welke cliënten zijn er in huis en wat houdt dat in als er brand uitbreekt? Die kennis hebben we benut en verder uitgebouwd.” “Daarnaast hebben we een online platform ontwikkeld, www.dezorgbrandveilig.nl. Die bevat een kennisbank met alle informatie over risicogerichte brandveiligheid. Met goede praktijkvoorbeelden ter ondersteuning van zorginstellingen die niet voorop lopen, om te laten zien dat het kan.” “Je wordt steeds wijzer”, zegt Miriam Kop, gevraagd wie zorgt dat de site over tien jaar nog actueel is. “Al bij de opzet hebben we het zo ingericht dat iedereen zijn eigen branchepagina kan bijhouden. Kennis wordt erop gezet door twee mensen van elke branche, ook als ik weg ben als aanjager. Dat missen ze straks. Maar zij hebben inlogcodes, zij moeten nieuwe informatie erop blijven zetten. Dat hebben ze al gedaan sinds de start en tot op heden werkt dit concept. Tien jaar geleden heb ik in een ander project een platform gecreëerd op basis van dezelfde elementen, en dat draait nog steeds.”

10

Branchegroep Zorg “De zorg staat aan de vooravond van enorme veranderingen”, stelt Miriam Kop, gevraagd naar het doel van IPMA’s Branchegroep Zorg. “De samenleving verandert, technologie zal op grote schaal in de zorg haar intrede doen, de zorg kampt met steeds grotere tekorten aan werknemers. Kortom: je móét dingen anders gaan doen. Er zullen omslagen moeten plaatsvinden en ik denk dat er veel winst te halen valt uit projectmatig werken.” “Maar precies daarover maken we ons ook zorgen”, voegt Miriam Kop toe. In haar interview in Projectie 2/2018 schetste Willy Schuurman, eveneens lid van de Branchegroep Zorg, hoe projecten vaak ad hoc van start gaan: “Iemand ziet de noodzaak voor iets en hup! We stropen de mouwen op en beginnen. [Met] slechte planning.” Miriam Kop herkent dit wel: “We zijn inderdaad nogal doenerig. Enthousiasme in de zorg is er volop. Als we het gevoel hebben dat iets beter is voor patiënten of cliënten, dan gaan veel mensen vanuit zingeving gewoon aan de gang. Dat is gelijk ook het mooie van in de zorg werken: je weet waarvoor je het doet.” “Dus er gebeurt veel, maar een deel daarvan is weinig effectief, terwijl projecten in de zorg wel grote inspanningen van heel veel mensen vragen. Zorgprofessionals moeten zich uit hun zorgtaken vrijmaken om bij projecten betrokken te zijn.” “Als je het vanuit projectmanagementvaardigheden gaat bekijken: veel meer resultaat bereiken, resultaat dat je ook echt beoogd had, zonder dat het veel meer inspanning gaat kosten. Want die tijd heb je niet. Er mag eigenlijk niet meer werktijd weglekken in de zorg, want we hebben al zulke tekorten aan werknemers.” “Er zijn mensen die al goed werk gedaan hebben op het vlak van projectmanagement in de zorg. Het zou geweldig zijn als je daarover kennis kunt delen. We zijn aan het kijken op welke manier we dat het beste kunnen gaan doen. Daarbij zijn we ervan overtuigd dat het belangrijk is dat er goed aangestuurd wordt, dus we zullen goed projectmanagement allereerst op de agenda moeten krijgen bij bestuurders. Want er is voor hen winst te behalen die de organisatie en de zorg ten goede komt. Wij kunnen bruikbare tips en gezichtspunten aanreiken voor projectmatig naar de zorg kijken. Visie meegeven waar ze echt mee aan de slag kunnen. De ervaring leert dat je niet zo veel bestuurders nodig hebt om toch een groot deel van de zorg te bereiken. In het najaar willen wij de bestuurders van zorgorganisaties gericht gaan benaderen.”

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 10

27-8-2018 15:11:25


INTERVIEW

Je maakt vooraf bewust je keuzes en je kunt onderweg bijsturen, maar je weet van tevoren niet precies waar je uit gaat komen. Je wordt er wel telkens een ervaring rijker door en je krijgt er steeds weer nieuwe kennis bij. En dat blijven leren is niet alleen voor mij belangrijk. Dat je manieren vindt om de ontwikkelingen bij te blijven houden gaat de komende tijd de kunst worden.”

>

“Ook voor uitvoerenden in de zorg zal het steeds belangrijker worden om projectmanagementvaardigheden te hebben. Daarbij is het een breedgedragen gevoel dat zorg een andere wereld is dan ICT. Terwijl het moderne projectmanagement veel methodieken ontleent aan de ICT. Het is interessant om van andere branches te leren, maar de zorg vraagt een vertaalslag. Daar willen wij graag ondersteuning bij bieden. Want projectmatig werken is niet zo gewoon in de zorg.”

Technologische ontwikkelingen Toch gaat diezelfde ICT onvermijdelijk steeds belangrijker worden in de zorg. Gevraagd welke technologische ontwikkelingen Miriam Kop op de zorgsector af ziet komen, noemt ze als eerste robotisering: “In chirurgie wordt dat soort technieken nu al toegepast, vooral bij operaties op afstand. Daarnaast rukt kunstmatige intelligentie op: data-analyse gaat delen van de zorg vervangen. Een goedgevulde database stelt sommige diagnoses beter dan een arts. Je hebt consumententechnologie die de zorg in zal trekken. Apps en wearables, zoals horloges met allerhande sensoren. Maar denk ook aan een matras dat van alles waarneemt of aan slim incontinentiemateriaal waarmee Petra Billekens, ook IPMA-branchelid, zich bezighoudt. e-Health maakt zorgverlening en monitoren op afstand mogelijk dankzij mobiele apparaten. De Googles van deze wereld trekken de gezondheidszorg in en zullen deze omwoelen, want zij hebben de data.” “In projectmanagement in de zorg ga je met heel technische partijen te maken krijgen. Technische afdelingen in de zorg zijn niet altijd state of the art en ze zijn zeker niet gewend om dit soort veranderingen zomaar mee te managen. Dat gaat nog een hele verandering worden.”

Blijven leren Na het behalen van IPMA B stokte de honger naar nieuwe kennis bij Miriam Kop niet. Sinds dit voorjaar volgt ze een Master of Health Administration (“noem het maar een health MBA”), die ze in 2019 hoopt af te ronden. “Een gezondheidszorgorganisatie leiden, dat is iets wat ik nog nooit gedaan heb. Op managementvlak had ik al best wel wat skills, al ben je nooit uitgeleerd. Ik merk dat ik ook nu weer heel veel dingen bijleer.” “Verdiepen en verbreden en kijken wat de toekomst je brengt, dat is het leuke van je blijven ontwikkelen”, vindt Miriam Kop. “Bij technische ontwikkelingen weet je niet wat ze gaan brengen, en dat weet je bij je eigen ontwikkeling ook niet. Je brengt een bal aan het rollen... Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 11

11

27-8-2018 15:11:27


DE WEG NAAR EEN MOBIELE EN DUURZAME ANTWERPSE REGIO

De Oosterweelverbinding De Oosterweelverbinding vormt met een budget van 3,5 miljard euro één van de grootste infrastructuurprojecten in Europa. De Oosterweel maakt de Antwerpse Ring volledig rond, met een bijkomende tunnel onder de Schelde, een nieuw aansluitingspunt in de zuidelijke haven en gestapelde tunnels onder het Albertkanaal. Het viaduct ter hoogte van het Sportpaleis wordt afgebroken en vervangen door tunnels en sleuven. De Oosterweel moet zorgen voor vlotter en veiliger verkeer op de Antwerpse Ring en aantakkende snelwegen en minder sluipverkeer op het lokale wegennet. ‘Dit artikel is deel 1 van een tweedelige reeks’ De Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel (BAM), een naamloze vennootschap van publiek recht, werd in 2003 door de Vlaamse overheid opgericht voor de realisatie van het Masterplan Mobiliteit Antwerpen. Een programma van multimodale infrastructuurprojecten waaronder de Oosterweelverbinding. Begin 2018 zijn de werken voor de Oosterweelverbinding gestart op de linkerscheldeoever, 20 jaar nadat het plan voor het rond maken van de Antwerpse ring voor het eerst op papier werd gezet. Het project kent een bewogen geschiedenis. In 2006 werd het consortium Noriant geselecteerd in een DBFM-procedure voor de realisatie van de Oosterweelverbinding met een brug over de haven (de ‘Lange Wapper’). In 2008 kregen actiegroepen massaal steun voor hun verzet tegen de plannen en brachten ze, na een Antwerps referendum, de overheid ertoe om te opteren voor een tunnelvariant. In 2016 dreigde eenzelfde scenario met de inmiddels uitgewerkte tunnels. De historische omslag in het Oosterweeldossier kwam er in 2017 met het Toekomstverbond: een nieuwe relatie tussen overheid en burgerbewegingen, tussen mobiliteit en leefbaarheid was geboren. Dit artikel gaat over dit kantelmoment en de impact op het beheren van megaprojecten in een stedelijke context.

Auteur

Jan Van Rensbergen

Jan van Rensbergen is Algemeen Manager bij de Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel (BAM), opgericht door de Vlaamse regering voor de realisatie van het Masterplan Mobiliteit Antwerpen uit 2000.

12

Verkeersinfarct in het economische hart van Vlaanderen De Antwerpse regio is een sterk verstedelijkt gebied met 1,5 miljoen inwoners. De regio produceert 17% van het Belgische BBP, goed voor ongeveer 60 miljard euro aan goederen en diensten. De Antwerpse haven geeft, direct en indirect, werk aan bijna 150 duizend mensen. De stad fungeert als motor voor cultuur en toerisme en vervult een sterke centrumfunctie voor zorg en onderwijs. Antwerpen is een belangrijke draaischijf op het vlak van logistiek. 70 procent van alle producten komt België binnen via de Antwerpse haven. Ruim 60 procent van de Europese koopkracht bevindt zich binnen een straal van 500 kilometer rond Antwerpen. De regio is ook een belangrijk knooppunt in het Europese TEN-T-kernnetwerk. Liefst drie van de negen corridors van het Europese kernnetwerk komen langs Antwerpen. Deze enorme bedrijvigheid genereert veel verkeersbewegingen en veroorzaakt ernstige mobiliteitsproblemen in de Antwerpse regio. Antwerpen staat al jaren in de top vijf van de ergste filesteden van Europa. De negen drukste snelwegsegmenten in België liggen allemaal op de Antwerpse ring, waar in elke rijrichting dagelijks meer dan 130 duizend voertuigen passeren, waarvan bijna 25 procent vrachtwagens. De stijgende transportkosten als gevolg van de dagelijkse files vormen een structureel knelpunt voor de economische groei. De globale economische en maatschappelijke kost van de mobiliteitsproblemen in de Antwerpse regio wordt geraamd op 360 miljoen euro per jaar. Sluipverkeer dringt door tot diep in de stad en zorgt voor overlast en verkeersonveiligheid. De wagen heeft met meer dan 70 procent een zeer dominante positie in het verplaatsingsgedrag.

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 12

27-8-2018 15:11:27


fotocredit Leo de Bock

PRAKTIJKCASE

Jan van Rensbergen op de werkvloer

De stedelijke uitbreiding zorgde ervoor dat de stad aan beide kanten van de ring verder groeide, gaandeweg ook dichter naar deze ring. Heel wat wijken binnen, maar ook buiten de ring kampen met een tekort aan publieke groene ruimtes. De beschikbare groengebieden zijn niet verbonden en vaak afgesneden van de stad door de Antwerpse ring.

De loopgravenstrijd De Antwerpenaar beleeft zijn omgeving deels met een negatief gevoel: povere luchtkwaliteit, gebrek aan publiek groen, te veel sluipverkeer, geluidsoverlast, … met het verkeer als grootste bron van ergernis. Burgers en actiegroepen opperden dat de huidige ring niet langer thuishoorde in de nabijheid van de stad en kantten zich tegen ieder initiatief dat de ring op zijn huidige locatie

zou bestendigen. Integendeel: zij pleitten voor de aanleg van een grote ring, ver weg van de kernstad. Meerdere procedures werden ingespannen om het project Oosterweel, dat de ‘kleine’ ring voor goed zou bestendigen, tegen te houden. De overheid zag het rondmaken van de Antwerpse ring dan weer als een van de cruciale en prioritaire maatregelen in haar masterplan om de mobiliteitsproblemen in de regio aan te pakken en zo de leefbaarheid te verhogen. De extra Scheldekruisende capaciteit zou de fileproblematiek grotendeels oplossen en het rondmaken van de ring zou de stad ontlasten van sluipverkeer. De positieve maatschappelijke baten van het Oosterweelproject van meer dan 14 miljard euro onderbouwden deze visie. Naarmate de mobiliteitsproblemen verder toenamen, steeg de overlast en bijgevolg ook het draagvlak voor de actiegroepen om de ring te verplaatsen. De actiegroepen groeiden uit tot burgerbewegingen die met gemak duizenden mensen konden mobiliseren voor hun ideeën. Tegelijk steeg de noodzaak om het probleem definitief op te lossen. Overheid en burgerbewegingen zaten in een Catch-22.

<

Bovenop de mobiliteitsproblemen kampt de regio met ernstige problemen op het vlak van milieu en gezondheid. Met zijn concentratie aan industrie, verstedelijking en transport vormt de Schelde- en Maasdelta in Europa een ‘hot spot’ op het vlak van luchtkwaliteit. Dit zorgt voor belangrijke gezondheidsproblemen. Dagelijks worden in Antwerpen meer dan 60 duizend mensen blootgesteld aan overdreven verkeerslawaai, en kampen ongeveer 30 duizend inwoners met ernstige slaapstoornissen.

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 13

13

27-8-2018 15:11:28


De Oosterweelverbinding maakt de Antwerpse Ring, de R1, volledig rond

De doorbraak De basis voor de doorbraak werd in 2016 gelegd door Alexander D’Hooghe, de intendant voor leefbaarheidsmaatregelen in de Antwerpse Ringzone. Hij slaagde erin om alle actoren samen te brengen in een echte dialoog, in een veilige omgeving, waarin gaandeweg overeenstemming groeide over de te bereiken doelstellingen. De stilstand in loopgraven werd verlaten voor een proces van gezamenlijk zoeken naar maatregelen en oplossingen. Pionierswerk waar het proces van participatie opgeschaald werd naar co-creatie, het benutten van ieders expertise en creativiteit vanaf de prille fase van conceptvorming en haalbaarheidonderzoek. Het verrijken van een gebiedsgerichte aanpak, door vanaf het begin de probleemstelling te delen en aan te vullen met de inzichten en beleving van burgerbewegingen en andere actoren met een sterke terreinkennis, om zo de projectdefinitie en de scope van maatregelen in lijn te brengen met de maatschappelijke verwachting. Het is uniek hoe via een zeer breed participatief traject, op de schaal van een grootstedelijk gebied, een match gevonden werd tussen de leefbaarheidsverwachtingen van de bewoners en de noodzaak van een robuuste mobiliteitsinfrastructuur. Op 15 maart 2017 sloten de overheden en de burgerbewegingen het Toekomstverbond. Het verbond zet in op vier fundamenten voor mobiliteit en leefbaarheid : - Een ring voor de stad - Een ring rond de stad - Een ambitieuze modal shift - Een overkapping van de volledige ring

14

Tegelijkertijd formuleert het Toekomstverbond het engagement om met elkaar te blijven samenwerken. Het Toekomstverbond richt een Werkgemeenschap op waar overheden, burgers, besturen en andere maatschappelijke actoren een forum vinden voor co-creatie en participatie bij de initiatie en uitwerking van projecten en maatregelen op het vlak van mobiliteit en leefbaarheid. In haar doctoraat aan de Universiteit Antwerpen brengt Eva Wolf de mechanismen van conflictescalatie in beeld, met Oosterweel als case. Ze concludeert dat gestreefd moet worden naar beleid dat rechtvaardig omgaat met maatschappelijke meerstemmigheid. Rechtvaardigheid in relaties, procedures en inhoud. Draagvlak is altijd vluchtig, terwijl we rechtvaardigheid in de lange weg van beleidsvoorbereiding naar beleidsuitvoering in de hand hebben. (“De Waarde van Weerstand”, 2017, Pelckmans Pro). Ze geeft hiermee de essentie weer van het Toekomstverbond.

De eerste vruchten Het Toekomstverbond zorgt ervoor dat de overheid haar aanpak verbreedt en opschaalt, en definieert hiertoe het “Werkplatform” : een gecoördineerde aanpak van alle betrokken overheidsorganisaties. Anderhalf jaar na het afsluiten van het Toekomstverbond kunnen de eerste vruchten geplukt worden van de nieuwe manier van samenwerken. Ringstructuren Begin 2018 startten de werken voor Oosterweel op de linkeroever. Deze bevatten meteen belangrijke modal-shift maatregelen zoals 9 kilometer aan nieuwe fietspaden,

15

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 14

27-8-2018 15:11:32


PRAKTIJKCASE

Slim naar Antwerpen groepeert communicatie en gedragsgerichte maatregelen om gebruikers te stimuleren om over te stappen op alternatieve vervoersmodi. Meer dan 80 bedrijven zijn partner en helpen actief mee in het omschakelen van woon-werkverkeer. Routeplan 2030 werkt maatregelen uit voor een duurzame mobiliteit in de Antwerpse vervoerregio waar meer dan 30 gemeenten deel van uitmaken. De uitwerking ervan verloopt volledig volgens de principes van het Toekomstverbond.

een P+R gebouw aan de rand van de stad en extra traminfrastructuur. Daarnaast verbeteren de werken ook sterk de leefbaarheid in het gebied met geluidsschermen en –bermen, nieuwe groengebieden en ecologische verbindingen. Op de rechteroever zijn tal van werken lopende die het terrein klaarmaken voor de bouw van de Oosterweeltunnels en het verdiepen van de R1. Denken we maar aan de aanleg van leidingentunnels op grote diepte, de bouw van pompstations en het slopen en saneren van constructies en sites. De noodzakelijke ingrepen om via de R2 in de haven een ring rond de stad te realiseren voor het doorgaande verkeer en het havenverkeer, het zogenaamde HaventracÊ, zijn in kaart gebracht. Het eerste projectencluster is ondertussen toegewezen. Een ambitieuze modal split Diverse grote projecten zijn vandaag lopende voor de uitbreiding van het tram- en fietsnetwerk in Antwerpen. Het project Noorderlijn verbindt het stadscentrum via de tram met het Eilandje en met een grote Park & Ride in het noorden van de stad. Een nieuwe fietsbrug over het Albertkanaal schakelt fietsostrades van het noorden en oosten aan het stedelijke fietsnetwerk. Extra treinaanbod wordt versneld uitgerold, met onder meer een verdubbeling van frequenties uit het oosten en een nieuwe noord-zuidas Puurs-Essen. Bruggen over het Albertkanaal worden verhoogd en verbreed en verhogen zo de capaciteit van de waterweg.

15 IPMA 2018-4.indd 15

Een overkapping van de volledige ring Zes ontwerpteams van internationale klasse werkten elk voor een deel van de volledige ringzone een stedenbouwkundig Masterplan uit. Het Masterplan formuleert hun visie op lange termijn voor een bepaald deel van de stad, maar identificeert tevens prioritaire projecten en stapstenen die meteen aangepakt kunnen worden. De Vlaamse overheid, de stad Antwerpen en de Antwerpse haven hebben voor de eerste fase van overkapping een budget van maar liefst 1,25 miljard euro voorzien. De projecten voor deze eerste fase zijn inmiddels geselecteerd. Waar mogelijk worden deze projecten samen of onmiddellijk aansluitend met de aanleg van de Oosterweelverbinding gerealiseerd. Zo zal op bepaalde plaatsen de Antwerpse Ring niet alleen verhuizen van een viaduct naar een open sleuf onder het maaiveld, maar komt er ook onmiddellijk een dak op. Zo verdwijnt grotendeels de hinder van de snelweg voor de omgeving en komen er tegelijk nieuwe ruimtes en mogelijkheden voor de stad en haar bewoners. Denk maar aan parken, sportvelden of ruimte voor nieuwe fietspaden, woningen en kantoren.

Conclusie Het conflict rond Oosterweel is de bron gebleken van een ongekende dynamiek. Het Toekomstverbond markeert een historische omwenteling in de ontwikkeling van Antwerpen. Antwerpen heeft resoluut en onomkeerbaar gekozen voor een toekomst als duurzame en leefbare metropool. Tegelijk pakt Antwerpen het mobiliteitsinfarct in de regio op een slimme en duurzame wijze aan. <

Meer informatie : www.oosterweelverbinding.be www.overdering.be www.toekomstverbond.be www.routeplan2030.be www.sna.be

Projectie 4-2018

15

27-8-2018 15:11:34


KORT

Save the Date: het IPMA Jaarcongres komt er weer aan!

Voor wie meer wil lezen of zelf een blog wil schrijven

Houd 1 november a.s. alvast vrij in uw agenda, want dan vindt het IPMA Jaarcongres 2018 plaats. Het thema dit jaar is ‘Wendbaar projectmanagement als ‘transformer’ van organisaties en professie, wie verandert wie nu eigenlijk?’. Ook dit jaar zijn er weer veel interessante keynote lezingen, vooraanstaande praktijkcases en is het congres natuurlijk het uitgelezen moment om te netwerken met vakgenoten. Aanmelden kan via ipmajaarcongres.nl.

Projectie van voor tot achter gelezen en eigenlijk nog niet genoeg gehad? Op de website (www. ipma.nl/blog) zijn wekelijks blogs te vinden over ervaringen en actuele onderwerpen uit het vakgebied. Sinds kort vind je daar bovendien ook de nieuwe rubriek ‘Leden in het zonnetje’, waarin IPMA-leden worden geïnterviewd door andere leden omdat ze iets interessants gedaan hebben of bijvoorbeeld een bijzonder talent hebben. Heb je zelf een goed verhaal, gedachten over het thema van Projectie of een mooie ervaring die je graag wil delen in de vorm van een blog? Mail dan naar blog@ipma.nl

Nieuwe inrichting IPMA-bestuur IPMA-NL heeft een (gedeeltelijk) nieuw bestuur. Tijdens de Algemene Ledenvergadering van 17 mei en met een diner op 11 juli j.l. is er officieel afscheid genomen van bestuursleden Robbert van Alen (Leden & Communities), Ben Holland (Penningmeester), Marco Buijnsters (Events & Awards) en Leon van Lierop (Secretaris). Om het ontstane gat op te vullen zijn er gelukkig ook twee nieuwe bestuursleden aangetreden: John Mentink en Marcel Vilain. De nieuwe inrichting van het IPMA-bestuur ziet er daarmee als volgt uit:

- John Mentink is de nieuwe Penningmeester en ad interim secretaris; - Marcel Vilain heeft de portefeuilles Business Partners en Bedrijfsleden voor zijn rekening gekregen. En: - Jozina Tol: Leden & Communities - Ans Oude Geerdink: Awards, Professie & Certificering - Mimoun El Ouarti: Events, Marketing, Communicatie & Media - Steven Nijhuis: Onderzoek & Onderwijs - Fred Bons: Voorzitter IPMA

v.l.n.r. Marco Buijnsters, Robbert van Alen en Ben Bolland tijdens de ALV

16

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 16

27-8-2018 15:11:36


4 VRAGEN AAN…

…Marcel Vilain Tijdens de Algemene Ledenvergadering van 17 mei traden er drie bestuursleden af, maar werden ook twee nieuwe bestuursleden verwelkomd. Marcel Vilain is een van hen. Marcel (53) genoot tijdens de ALV van het prachtige uitzicht, dat niet alleen de haven van Rotterdam toonde, maar tot zijn genoegen ook het stadion van Feyenoord, waar hij regelmatig te vinden is. Het stadion ligt gelukkig niet ver van zijn woonplaats Capelle aan den IJssel.

1

Wat doe je, naast je bestuursfunctie, in het dagelijks leven? “Naast mijn bestuursfunctie voor IPMA-NL werk ik bij Blue Bricks, waar ik Managing Director ben. Dit bedrijf richt zich op het realiseren van succesvolle projecten bij gemeenten, de Rijksoverheid en in de profit sector.”

2

Waarom heb je je voorgesteld als IPMA-NL bestuurslid? “Ik vind dat projectmanagement echt een vak is waar we trots op mogen en moeten zijn. Ik merk dat dat de laatste tijd meer en meer onderschat wordt. Ik heb er daarom voor gekozen om niet langs de zijlijn te gaan staan maar zelf actief in het veld aan de slag te gaan.”

3

Wat verwacht je van je rol als bestuurslid? “Ik verwacht dat we gezamenlijk het vak meer op de kaart gaan zetten. Op zo’n manier dat we ook echt resultaten gaan zien. Niet alleen overleggen maar ideeën in de praktijk brengen. Dat moet naar mijn idee de focus hebben de komende drie jaar.”

Marcel Vilain

ga je je precies mee 4 Waar bezig houden? “Ik ga me bezighouden met de portefeuilles Business Partners en Bedrijfsleden. Naast het continueren en verder activeren van de relatie met de bestaande partners ga ik me er vooral op richten om nieuwe partners en bedrijfsleden te binden aan de vereniging en onze ambitie om hét kennisplatform voor projectmanagement te worden. Ik vind het belangrijk dat de toegevoegde waarde van IPMA-NL voor duidelijk is voor alle leden, organisaties en opdrachtgevers.”

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 17

17

27-8-2018 15:11:37


Projecten met een hoop nullen, en soms met nullen en enen Als ik naar Nederland ga, voelt het soms een beetje alsof ik naar de toekomst reis. Sinds ik in Luxemburg voor de Europese Investeringsbank werk, realiseer ik me… soms kan Nederland erg efficiënt en futuristisch lijken.

18

Illustratie van een project van het Oostenrijkse bedrijf AVL. Zij voeren met een lening van de EIB een research, development & innovation project uit op het gebied van hybride en elektrische aandrijfsystemen voor personenauto’s. Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 18

27-8-2018 15:11:38


ACHTERGROND

Ik gebruik zelf graag Citymapper om een reistraject te plannen of ik kijk op rijdendetreinen.nl om zeker te weten dat de trein rijdt en op tijd is. Nederland heeft, in vergelijking met andere landen, meer open data, en dat helpt. Dankzij open data kunnen we bijvoorbeeld om files heen plannen en rijden, waardoor de stress op de infrastructuur (en die van jezelf) afneemt. Door het opengooien van data kunnen slimme startups nieuwe diensten bedenken, die je zelf misschien nooit bedacht zou hebben. Verhuizen naar het buitenland helpt om je bewust (en misschien ook trots) te maken van datgene waarmee je eigen land voorop loopt.

Financieren Bij de European Investment Bank (EIB) lenen we geld uit aan een hele rits verschillende projecten. Ons geld is geduldig; we doen vooral langetermijninvesteringen in grote overheidsprojecten die ook goed zijn voor het milieu (en klimaat!), maar steeds vaker investeren we ook in innovatieve bedrijven, klein en groot. Waarin we investeren, is voor ons heel belangrijk – een beetje zoals het motto van dit blad “betere projecten voor een betere wereld”. We volgen EU-beleid en dat gaat er vandaag de dag steeds meer om dat alles slimmer (lees: meer digitaal), schoner (vooral door het financieren van openbaar vervoer, maar ook door technologie zoals elektrisch vervoer) en veiliger moet worden. Ook veiligheid gaat tegenwoordig steeds meer over digitalisering, aangezien geautomatiseerde transport- en hulpsystemen, zoals verkeersmonitorsystemen, reizen veiliger kunnen maken.

Mijn collega’s bij andere afdelingen van de bank kijken vooral naar de financiële haalbaarheid van een project, voordat de EIB een lening verleent. Op mijn afdeling ‘Projecten’ kijken we – met ingenieurs en economen – naar het project vanuit een technisch, maatschappelijk en milieuoogpunt. Over het algemeen zijn de projecten die de Bank steunt vrij groot, met andere woorden: veel nullen! Maar de laatste jaren steunen we ook vaker kleinere projecten met meer en meer digitale componenten. Dus dan moeten we behalve naar de nullen, ook naar de nullen en enen kijken.

Voorbeelden van over de hele wereld De EIB financiert projecten in de EU, maar ook daarbuiten. We kunnen zien dat de rest van de wereld een inhaalslag maakt. Ze nemen best practices over en bouwen voort op onze, en elkaars, ervaring. Als ik metroprojecten in India bezoek, zie ik dat ze bepaalde fasen waar we in Europa doorheen moesten, gewoon overslaan. Ze hebben daar vanaf het begin een enkel chipkaartsysteem voor alle openbaar vervoer in een stad van miljoenen. Hoelang het in Nederland geduurd heeft om OV-chipkaart in te voeren! Maar als het er eenmaal is, werkt het fantastisch en nu kan ik trots aan collega’s laten zien dat wij één kaart hebben voor het hele land. Een voorbeeld van iets wat ik nog niet eerder gezien had, kwam ik tegen in Kaunas, de tweede stad van Litouwen. Daar hebben ze een app voor blinde mensen die ze vertelt welke bus zojuist voor hun neus gestopt is. Daarmee geef je mensen veel meer onafhankelijkheid! We moeten blijven kijken naar waar men elders ter wereld mee bezig is, want daar valt wat van te leren. Digitalisering heeft veel verschillende toepassingen in de infrastructuur en bij sommige daarvan zijn wij betrokken. In België ondersteunen we met onze lening het vervangen van 70.000 lampen door LED-verlichting langs 2700 kilometer snelweg. Niet alleen de verlichting zelf is efficiënter, maar je kan ook het inschakelen van de verlichting aan de verkeerssituatie koppelen. Dat was met de oude technologie inefficiënt omdat die lampen er even over doen om op volle sterkte te komen. In Noord-Italië adviseren we bij het creëren van ‘bufferzones’ bij havens. Dat zijn plekken waar vracht tijdelijk kan worden opgeslagen, die in realtimeverbinding staan met een informatiesysteem. Dat systeem helpt erbij de vracht pas op het juiste moment naar de haven te laten komen. Zo kun je efficiënter met de wegcapaciteit omgaan, en zoiets is ook voor luchtvracht toepasbaar.

<

Een paar voorbeelden in mijn dagelijkse leven; ik heb tegenwoordig een elektrische auto en kan in Nederland meestal, zonder problemen, een snellaadstation vinden; zonder te plannen. Maar, op het op het stuk tussen Brussel en Luxemburg moet ik goed opletten dat ik bij Namen (150 km van Luxemburg) de afslag niet mis om te laden, daarna is het een soort ‘fast charging’-woestijn. En, in de file in België, denk ik aan de Nederlandse intelligente transportsystemen (ITS); die zijn van een ander niveau. Sterker nog, mijn collega’s houden een soort informele ranking bij van het gebruik van ITS in de EU, en daarbij staat Nederland bovenaan in bijna alle categorieën. Ook een mooi voorbeeld: vorige week vertelde een collega dat hij had gehoord over een fantastische on-demand busdienst in landelijke gebieden in Nederland, die wordt gereden door, vaak gepensioneerde, vrijwilligers. Ik realiseerde me pas even later dat hij het gewoon over de “Buurtbus” had. Dit is natuurlijk geen nieuw concept, maar het gebruik van informatietechnologie maakt dit soort systemen makkelijker om te implementeren en veel efficiënter. Digitalisering van mobiliteit is al een hele tijd aan de gang!

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 19

19

27-8-2018 15:11:38


Een kijkje achter de schermen bij het metrobesturingssysteem in Bangalore, India

In de Oekraïne zijn we nu aan het kijken naar een project om technologie te installeren, die in Nederland ook al gebruikt wordt, om het gewicht van vrachtwagens met zogenaamde Weigh-In-Motion (WIM) systemen te meten, waardoor alleen overbeladen trucks naar meetstations moeten. Te zwaar beladen vrachtwagens zijn een probleem voor de kwaliteit van het wegdek. Als er alleen steekproeven zijn, is de pakkans te laag en diezelfde steekproeven kosten ook tijd aan mensen die zich wel aan de regels houden. Met deze nieuwe technologie kun je die twee problemen in één klap oplossen. In Slovenië en op andere plekken worden tolvignetten geïntroduceerd, die ervoor zorgen dat vrachtwagens alleen betalen voor de tijd waarop ze daadwerkelijk op de weg zitten; de eerste stap naar “Anders Betalen voor Mobiliteit” in Slovenië! En in juni hebben we een lening van 500 miljoen euro aan FIAT Chrysler ondertekend om onderzoek en ontwikkeling op het gebied van elektrische mobiliteit en zelfrijdende auto’s te ondersteunen. Daarnaast zijn er leningen aan bedrijven om hen te steunen nieuwe batterijen en supercapacitoren te ontwikkelen.

Uitdagingen bij digitalisering Dit zijn maar een paar voorbeelden, sommige zijn niche oplossingen, maar andere hebben de potentie om echte gamechangers te zijn. We zijn nu al omgeven met slimme en digitale infrastructuur, en dit zal in de komende jaren alleen maar groeien. Wat kunnen, behalve veiliger en zuiniger met energie, de gevolgen van dergelijke systemen zijn? We moeten ons ook bewust zijn van de bredere consequenties en nadenken over wat de nadelen kunnen zijn en hoe we die verminderen.

20

Privacy is een issue natuurlijk. Met verkeersmonitorsystemen kun je iedereen, altijd en overal, volgen. Kun je straks met zelfrijdende auto’s controleren waar je partner gisteravond was? Krijg je straks automatisch een boete, zodra een tolsysteem aan jouw nummerplaat ziet dat je sneller dan met de toegestane snelheid van tolpoort 1 naar tolpoort 2 bent gereden? Moet de politie in staat zijn om digitaal jouw auto tot stilstand te brengen? Misschien… met de juiste waarborgen, maar, hoe gaat dat in landen waar de rechtsstaat niet automatisch gegarandeerd is? Nu al worden dergelijke systemen in minder liberale landen gebruikt om dissidenten te controleren. Cybersecurity is ook zo’n issue. Stel dat je aan de overheid alle informatie en controle over jouw mobiliteit toevertrouwt, maar dat iemand het systeem hackt. Het kunnen controleren van straatverlichting of, erger, auto’s zelf, kan hele schadelijke gevolgen hebben. Dat brengt ons bij een ander probleem: het gebruik van technologie in de publieke sector moet wel gepaard gaan met het bezitten van de relevante skills. Dat is niet altijd het geval, omdat dergelijk talent voor de overheid soms moeilijk aan te trekken en te behouden is. Dat kan leiden tot de aanschaf van dure technologie die vervolgens niet of suboptimaal wordt gebruikt, nog afgezien van mogelijke problemen met bijvoorbeeld databescherming. Wat zijn de effecten van al deze slimme technologie die continu over ons woon-werkverkeer leert? Kijk bijvoorbeeld naar het concept van zogenoemde ‘olifantenpaadjes’ bij stadsplanning – daarbij kijkt men eerst waar mensen het liefst bijvoorbeeld een park doorkruisen, om vervolgens het uitgesleten paadje te bestraten. Met technologie die constant kijkt (en

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 20

27-8-2018 15:11:38


ACHTERGROND

opslaat) hoe mensen bewegen, en daarvan leert om op basis daarvan beslissingen te nemen, kan het verleidelijk zijn om de bestaande situaties door technologie te laten faciliteren. Maar daartegenover staan menselijke planners en politici die mensen misschien juist in een andere richting willen leiden, of op z’n minst een zetje willen geven in een andere en hopelijk betere richting.

Effecten op de maatschappij Dit is natuurlijk nog lang niet het einde. De digitalisering is eigenlijk pas net begonnen. Digitalisering van de economie in het algemeen, dus niet alleen van mobiliteit, maakt meer telewerk mogelijk. Dan hoeven we minder te reizen, maar er is meer nodig om onze maatschappij minder afhankelijk te maken van fossiele brandstoffen. De uitdagingen voor de komende jaren zijn groot en daarvoor is samenwerking nodig, dus een beetje Nederlandse poldermentaliteit zal geen kwaad kunnen. Als je samenwerkt, zijn hele grote veranderingen mogelijk. Energie en mobiliteit zullen onderling veel sterker verbonden raken en dankzij de meer innovatieve projecten die we adviseren en (hopelijk) financieren, hoop ik aan de versnelde invoering van nieuwe technologieën te kunnen < bijdragen.

Birgitte Keulen. Ik ben ingenieur, jurist en econoom en werk sinds 2015 voor de Europese Investeringsbank op de Projects/ Mobility-afdeling. Tot voor kort hield ik me hier bij de EIB voornamelijk bezig met mobiliteitsprojecten in de stedelijke omgeving en de railsector. Sinds kort werk ik daarnaast steeds meer aan projecten in rurale omgevingen buiten Europa. Daarnaast ben ik coördinator voor de Cleaner Transport Facility (CTF), een initiatief met de Europese Commissie. Het doel daarvan is om vervoer sneller schoner te maken door investeringen te laten plaatsvinden in het toepassen van alternatieve brandstoffen, infrastructuur en aanverwante technologie. Hiervoor heb ik tien jaar gewerkt als adviseur voor grote infrastructuurprojecten (bij Horvat & Partners). In midden 2012 ben ik met sabbatical gegaan. Toen heb ik in rap tempo economie gestudeerd, heb ik nog wat consultancy projecten gedaan, een paar startups geholpen en stage gelopen bij een bedrijf dat zich met competition policy bezighoudt (CEG).

“DE UITDAGINGEN VOOR DE KOMENDE JAREN ZIJN GROOT EN DAARVOOR IS SAMENWERKING NODIG, DUS EEN BEETJE NEDERLANDSE POLDERMENTALITEIT ZAL GEEN KWAAD KUNNEN” < Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 21

21

27-8-2018 15:11:40


MICHIEL VAN DER MOLEN IN GESPREK MET ANS OUDE GEERDINK:

Is de projectmanager binnen de zorg een verlengstuk van het management? Over ‘verdraaide organisaties’ ging het in de keynote van Michiel van der Molen op het congres Projectmanagement in de Zorg dat op 29 mei in Rotterdam plaatsvond. Over de onafwendbare ontwikkeling naar meer autonomie en minder regels voor de zorgprofessionals, oftewel agile. Essentieel hiervoor, zo betoogde Van der Molen, is dat het lijnmanagement veel meer gaat opereren vanuit vertrouwen in die professionals. Aansluitend had Ans Oude Geerdink de kans om met Michiel van der Molen te spreken. Niet alleen is Oude Geerdink bestuurslid van IPMA Nederland, ze is ook een van de drijvende krachten achter IPMA’s branchegroep zorg (in oprichting). Een tweegesprek over vertrouwen en de ingewikkelde relaties tussen verzekeraars, management, de projectmanager, zorgprofessionals, hun patiënten en collega’s. Een van de kernonderdelen in Michiel van der Molens keynote was het fenomeen dat hij de ‘verdraaide organisatie’ noemt, een term die Van der Molen op zijn beurt heeft overgenomen van Wouter Hart, die er een boek over schreef. De verdraaiing binnen zorgorganisaties zit hem in de loyaliteit van de professionals, die in de eerste plaats ligt bij de patiënt of cliënt; op de tweede plaats ook nadrukkelijk bij collega’s, en pas daarna bij het management, dat, in de ogen van veel professionals, vooral de belangen van de zorgverzekeraars behartigt. Die laatste leggen regeldruk op. Van der Molen: “Je hoort verhalen van zorgprofessionals dat het vergeten van één vinkje als fraude kan worden bestempeld. Genoeg mensen in de zorg worden daar gek van.

auteur

Guido de Kanter

22

Het leidt tot sabotage. Men vult formulieren in niet conform de werkelijkheid, maar ‘zoals ze het willen horen, anders kan ik niet werken’. Wouter Hart schrijft: ‘Het uitvoeren van de indicatiestelling wordt belangrijker dan aansluiten bij wat de cliënt in het hier en nu nodig heeft.’” Daarnaast schetste Michiel van der Molen in zijn keynote de ontwikkeling die hij zich ziet voltrekken in projecten in de zorg. Van een aanpak die hij gekscherend GHHW noemde, Gewoon Heel Hard Werken (“Vanuit betrokkenheid en idealisme kom je heel ver, en als het niet werkt zet je gewoon een tandje bij”), volgt de eerste stap naar wat Van der Molen ‘klassiek projectmatig werken’ noemt: een paradigma van planmatigheid, beheersing en controle. Deze aanpak wordt door de zorgprofessional vaak ervaren als weer een ander onderdeel van de opgelegde regeldruk. De tweede stap is naar agile projectmatig werken. Het vooraf maken van gedetailleerde plannen begint achterhaald te raken. De wereld verandert zo snel, dat tegen de tijd dat je het aan het uitvoeren bent, het plan al achterhaald is. Van der Molen: “Agile zegt: al doende leert men. We gaan het zo snel mogelijk in de praktijk brengen; daar leren we van. We kijken wel hoe het werkt, hoe mensen erop zullen reageren. En we blijven constant stapjes zetten.”

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 22

27-8-2018 15:11:40


ACHTERGROND

Ans Oude Geerdink: “Deze stap-voor-stap-aanpak lijkt mij ook beter aan te sluiten op de manier van werken binnen de zorg. Onze samenleving is sterk veranderd. De kenniseconomie vraagt nieuwe aanpak, omdat je steeds vaker met nieuwe dingen bezig bent. Daarbij voel ik het heel erg schuren omdat het management blijft hangen in zijn oude rol, terwijl de wereld veranderd is. Hoe moeten we daarmee omgaan?” Michiel van der Molen: “Ik moet denken aan een boek van Daniel Pink, Drive, dat schetst hoe management zich ontwikkeld heeft. Het oudste managementparadigma is autoritair: ik ben de baas, je moet doen wat ik zeg. Top-down, hiërarchisch, verplichtend. Dit kan eeuwenlang gewerkt hebben, maar dat doet het om allerlei redenen steeds minder.” “Daarna kreeg je: manipuleren, of laten we het met een minder negatieve term gedragsbeïnvloeding noemen. Het bevel alleen was niet meer voldoende; men ging middelen inzetten als afdelingen HR en interne communicatie. De doelen bleven onveranderd, maar men ging op andere manier sturen. Veel bedrijven zitten in deze tweede fase.” “In de derde fase kwamen we erachter dat ook dat niet werkt. Wie is de chef om te weten waar iedereen naartoe moet? Dat is niet de slimste aanpak. Hij zal mensen de ruimte moeten geven om hun eigen weg te vinden. Dan zitten we in de wereld van coalities en samenwerkingsverbanden en daarin wordt horizontale samenwerking steeds belangrijker. Dat zie je binnen organisaties, tussen organisaties: ik heb mijn behoefte, jij hebt jouw behoefte; kunnen we samen iets bereiken? Dat is de netwerksamenleving.” “De meeste organisaties opereren met combinaties van deze paradigma’s. Op dit onderdeel het ene, op dat onderdeel het andere. Als projectmanager moet je dat eerst in kaart brengen, want het heeft gevolgen voor hoe je je project aanpakt. De klassieke projectaanpak is sterk top-down. En agile projectmatig werken, wat ik ook wel ‘hybride agile’ noem, gaat ook nog sterk uit van manipuleren en beïnvloeden. Binnen een kader geef je mensen ruimte.”

<

“Volledig agile is een stap verder in de richting van: we kunnen niet alles zelf, we moeten het met andere partijen samendoen en een deel van onze mensen moet in die samenwerking gaan zitten. Die moeten we vertrouwen geven.”

Michiel van der Molen Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 23

23

27-8-2018 15:11:41


“Dan kunnen er ontzettend mooie dingen gaan gebeuren, maar je weet ook dat het soms mis zal gaan. Vergelijk het met de voortplanting van konijnen. Een ontzettend succesvolle soort, die twee generaties per jaar voortbrengt. Maar ze zijn ook erg kwetsbaar, dus gaat er weleens eentje dood.” “Als je denkt: ‘Dat agile loopt zo’n vaart niet; je moet gewoon planmatig werken en degelijkheid is het belangrijkste’, denk dan even aan het lot van de dinosaurus en het succes van het konijn. Deze ontwikkeling is niet tegen te houden. De klassieke aanpak brokkelt af, is niet meer acceptabel.” “De ontwikkeling van projecten richting agile kun je niet los zien van ontwikkelingen in de lijnorganisatie zelf. Je kunt niet, los van de verhoudingen in de lijn, zomaar je projecten agile inrichten. Dat spanningsveld van de verdraaide organisatie, die je in de zorg heel sterk ziet en die zowel voor managers als voor professionals frustrerend is, maakt het tot een ongelooflijke uitdaging.”

“Dus het begint met het erkennen van de angst om de controle te verliezen, en die is reëel. Stel, ik ben directeur van een ziekenhuis. Dan heb ik contracten met een zorgverzekeraar, en dan weet ik: als ik bepaalde dingen niet doe, krijg ik mijn geld niet meer. Dan ben ik dus met handen en voeten gebonden. Ik sta met rug naar de patiënten, terwijl ik zeg dat ik het omgekeerde doe. Maar als ik persoonlijk zo’n functie zou hebben, dan zou ik ook niet zeggen: ‘Beste professionals, hier hebben jullie een globaal mandaat; ga maar samen met gebruikers kijken waar je uitkomt.’ Dus ik kan dat niet veroordelen. Het begint met begrijpen.” Ans Oude Geerdink: “Wat is volgens jou de grootste belemmering voor agile werken binnen de zorg?” Michiel van der Molen: “De grootste belemmering is het spanningsveld met de zorgverzekeraar. Die maakt dat de behoefte aan controle bij het opdrachtgevend management heel groot is.”

<

24

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 24

27-8-2018 15:11:41


“Het dichten van de kloof met het opdrachtgevend management is de afgelopen 15 jaar mijn missie geweest. En ik zie in heel veel organisaties echt grote stappen vooruit. Ik denk dat er in het denken en in het handelen van lijnmanagers al heel veel veranderd is.” Ans Oude Geerdink: “Naast het denken in businesscases?” Michiel van der Molen: “Ja. ‘Waarom doen we het eigenlijk?’ Dat die vraag centraal staat is ontzettend goed.” “Ik zie dat heel veel managers daar wel echt mee bezig zijn. De laatste 10 jaar zaten mijn opdrachtgevers vooral in de publieke dienstverlening, zoals de belastingdienst, het kadaster, het UWV en de NS. Allemaal organisaties met een publieke taak en stuk voor stuk complexe organisaties. Ik zie daar de betrokkenheid bij opdrachtgevers, die het ook beter wíllen doen. En stappen zetten.” Ans Oude Geerdink: “Heb je een advies voor IPMA?” Michiel van der Molen: “Nederigheid. Daarmee bedoel ik: de valkuil van ons projectmanagers –ik ben er zelf jarenlang een geweest– is te denken dat we het weten. Als ik van daaruit naar opdrachtgevers acteer – zo van: ‘ik begrijp het, maar jij als opdrachtgever nog niet’, oftewel de neiging die we hebben om opdrachtgevers op te voeden, dan bevestigen we op een ander niveau in feite het idee dat wij de leiding hebben. Dat is de paradox. We bevestigen daarmee de misvatting dat projectmanagers eigenaar zijn van het project.” “Mij heeft het enorm geholpen om een aantal jaren lijnmanager te zijn. Dat kan ik iedere projectmanager van harte aanraden. Want het is makkelijk oordelen over opdrachtgevers als je nooit in hun positie bent geweest.”

is als ik mezelf vind en dat hij er een verdomd goede reden voor heeft. Nagaan waar we elkaar werkelijk kunnen bereiken, en dat is iets anders dan dat ik denk te weten hoe de ander zijn werk moet doen.” “De bereidheid om te leren is voor mijzelf het meest verrijkend en het biedt de meeste opening voor anderen om ook te leren. Als ik zelf die bereidheid toon, heb ik meeste kans dat mijn opdrachtgever bereid zal zijn om ook van mij te leren.”

>

<

ACHTERGROND

OVER DE GEÏNTERVIEWDE Michiel van der Molen is projectmanager, trainer-coach en spreker. Daarnaast schrijft hij boeken over projectmanagement, waaronder de bestseller Projectmanagement voor opdrachtgevers: De vier principes van succesvol opdrachtgeverschap.

“Werkelijk proberen te begrijpen hoe komt het nou dat die manager van de zorginstelling, of van de belastingdienst, of het UWV – handelt zoals hij handelt. Ervan uitgaande dat het net zo’n competente persoon Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 25

25

27-8-2018 15:11:43


COLUMN

De digitale transformatie van Royal HaskoningDHV: een mooie reis Waar eerst nog sprake was van een digitale evolutie ervaren nu veel bedrijven het rollercoastereffect van digitale transformatie. Digitale transformatie gaat over zakelijke transformatie en de impact van technologieën en de toenemende digitalisering van bedrijfsprocessen op mens, bedrijf en zelfs maatschappij en wordt vaak omschreven als een complexe reis met vele uitdagingen Innovatie zit in ons DNA en wij hebben deze uitdagingen al in een heel vroeg stadium omarmd. Veel mensen vragen me hoe we dit hebben aangepakt. Zonder perfect werkende digitale technologie is digitale transformatie onmogelijk. De eerste stappen in dit proces betroffen dan ook het met elkaar verbinden en het optimaliseren van de essentiële digitale processen binnen ons bedrijf. Inmiddels mogen we deze state-of-the art noemen. Daarnaast hebben we onze eigen expertise gekoppeld aan bewezen transformatiemodellen en hebben we een eigen digitale transformatiestructuur opgezet. Een heldere en stapsgewijze aanpak, met daarin opgenomen aspecten zoals onze doelstellingen, ons talent, onze organisatiestructuur, onze producten en diensten en ons innoverend vermogen. In nauwe samenwerking met onze klanten blijven we verder bouwen aan ons transformatiemodel.

In dit transformatiemodel spelen onze medewerkers een grote rol. Een succesvolle digitale transformatie vraagt immers ook om een menselijke transformatie. Onze mensen zijn zeer hoog opgeleid en hebben veel talent op het gebied van engineering en consultancy. Zij staan open voor verandering en om hen te ondersteunen hebben we een grootschalig en inspirerend programma opgezet, waarin co-creatie een heel belangrijke rol speelt. Met trots kan ik zeggen dat dat al mooie resultaten heeft opgeleverd. Om onze wereldwijde transformatie verder te bevorderen hebben we recent ook een Digitale Academie opgezet. Hiermee bouwen we een community op met medewerkers die optimaal geïnformeerd en betrokken zijn bij de digitale transformatiereis van Royal HaskoningDHV. Medewerkers uit alle uiteenlopende disciplines die doorlopend van elkaar leren en elkaar informeren. Ons doel hiermee is om wereldwijd een voorloper in de markt te blijven.

ONZE MENSEN ZIJN ZEER HOOG OPGELEID

Auteur

Sabine Schilleman

Global Lead Digitale Transformatie | Royal Haskoning DHV Email: Sabine.schilleman@rhdhv.com Linkedin: https://www.linkedin.com/ in/sabine-schilleman-60bab11

26

Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 26

IN 27-8-2018 15:11:44


Projectprofessionals in Nederland bereiken?

Maak gebruik van de IPMA media kanalen • Vakblad Projectie • Digitale nieuwsbrief • IPMA website • Social Media INFO: Romeo Delta MultiMedia BV IPMA 2018-4.indd 27

Projectie 4-2018

• 7130 AC LICHTENVOORDE • Telefoon 0544 - 35 22 35 • www.romeodelta.nl

27

27-8-2018 15:11:46


MASTER PROJECT MANAGEMENT

MEESTER COMPLEXE PROJECTEN Onderscheid u met de enige in Nederland geaccrediteerde Master of Science in Project Management. • Mastertitel (MSc) en certificeringen (o.a. IPMA en PMI) • Toonaangevende docenten uit de praktijk en wetenschap • Onze studenten beoordelen ons met uitstekend !

28

WWW.MPM.HU.NL Projectie 4-2018

IPMA 2018-4.indd 28

27-8-2018 15:11:49