Page 1

MAGAZINE VRIJZINNIGE ACTUALITEIT OOST-VLAANDEREN

Darya Safai ISLAMISME ONTSLUIERD

Maarten Boudry WAARHEID IN HET POST-TRUTH-TIJDPERK

ISSN0780-2989 › P608277 › VERSCHIJNT TWEEMAANDELIJKS › NIET IN JULI EN AUGUSTUS › JAARGANG 49 › NR. 2 › MAART 2017 › PRIJS LOS NUMMER €4


INHOUD

2  >  maart 2017

VAN DE REDACTIE Beetje hypocriet

3

PLAKKAAT Over het problematisch statuut van dierenrechten Modernisering van het onderwijs?

4 7

ACTUA De zoete wraak van de waarheid John Rawls, Jezus en Mohamed verstopt in een bordspel

9 14

VRAAGSTUK Darya Safai

20

FILOSOOF OVER FILOSOOF Adriaan Beverland

26

MENSELIJK AL TE MENSELIJK ‘La Vie’, Leven in autonomie, vertrouwen in elkaar

30

BAANBREKER Evolutieonderzoek

36

BOEKENREVUE Dwaallicht

38

COLUMN AMADEV!

41

CULTUUR Mooie Voil Jeanetten

42

BLOEDVERWANT Gerry, de wereld als valstrik The Turin Horse, animal laborans

44 45

POËSTILLE Een kus op het toetsenbord

46

CODA De eenvoud van het leven, de onschuld van een kind

47

NIEUWSBRIEF

48

COLOFON

59

DEGEUS


VAN DE REDACTIE

Beetje hypocriet Het was een leuke grap. De Zweedse regering postte een foto waarop een volledig vrouwelijk team poseert bij de ondertekening van een nieuwe wet door viceeersteminister Isabella Lövin, als reactie op de kiekjes van team Trump bij soortgelijke gelegenheden. Een paar dagen later verscheen er een andere foto van die zelfverklaarde ‘eerste feministische regering ter wereld’: op staatsbezoek in Iran, allemaal gekleed in hijab of chador en lange jassen, op audiëntie bij president Rouhani. Beetje hypocriet dus, en dat op meer dan één manier. Als je echt om mensenrechten geeft, doe je dan zaakjes met een regime dat zijn gevangenen martelt, homo’s vervolgt en minderjarigen executeert? Als je echt om vrouwenrechten geeft, waarom zet je dan je eigen waardigheid opzij door je te conformeren aan onderdrukkende en discriminerende kledingvoorschriften? Blijkbaar is het wel oké om tegen het patriarchaat te strijden, maar enkel als het westers is. Dat was ook waarom Masih Alinejad – een Iraanse schrijfster en journaliste, momenteel in ballingschap in het Verenigd Koninkrijk – zich in het Europees parlement zo opwond. Zij riep alle vrouwelijke Europese politici op om niet te plooien naar de discriminerende kledingvoorschriften en bij wijze van protest hun haar onbedekt te laten. Daarop inbinden, is volgens Alinejad een kaakslag voor alle moedige Iraanse vrouwen die dag in dag uit lijf en leden riskeren om gehoord te worden. Zoals de rebelse vrouwen die selfies nemen met onbedekt hoofd en die naar Alinejad sturen, zodat zij ze kan posten op haar facebookpagina Stealthy Freedom. Ook de coverfoto van deze Geus verwijst naar de - vaak heimelijke - strijd van moedige Iraanse vrouwen voor hun vrijheid. Het beeld is van de Iraanse fotografe Newsha Tavakolian, die nog steeds in Teheran woont en werkt. Ze houdt er regelmatig bijeenkomsten waarbij ze vooral vrouwelijke fotografen inspireert. Begonnen als persfotografe, kreeg ze het na de verkiezingen van 2009 moeilijker en moeilijker om haar werk te doen. Ze legde zich dan maar toe op kunstfotografie, om op een andere en subtiele manier kritiek te leveren op de

religieuze moraal en de positie van vrouwen in de Iraanse samenleving. Het leek ons wel passend voor een Geus waarin Darya Safai, nog zo’n onversaagde Iraanse vrouw, haar verhaal uit de doeken doet. Zij heeft de discriminatie, de wraakroepende misogynie en de schendingen van de mensenrechten door de Islamitische Republiek aan den lijve ondervonden. Vanuit België zet ze nu haar strijd voor gelijke rechten voor (niet alleen Iraanse) vrouwen verder. Als je haar verhaal leest, begrijp je de woede van Alinejad omwille van de hypocrisie van die Zweedse politici des te beter. Dan begrijp je meteen ook waarom Darya Safai zich zo opjaagt als Westerse, progressieve feministen bijvoorbeeld het dragen van een boerkini verdedigen, of niet willen inzien dat een hijab voor veel vrouwen hét symbool van onderdrukking is. Met deze cover en het interview met Darya Safai willen we dan ook naar aanleiding van de internationale vrouwendag, jaarlijks op 8 maart, deze harde en gevaarlijke strijd in de kijker zetten. Een dag later, op 9 maart, wijden we onze maandelijkse gespreksavond in het Geuzenhuis trouwens aan het feminisme. Wat is de toekomst van het feminisme? Feminisme lijkt terug mainstream te worden, getuige de grote opkomst op de vrouwenmarsen tegen Trump, of vrouwen als Murielle Scherre, die ongegeneerd okselhaar laten staan als vorm van protest. Tegelijk blijft feminisme voor velen een vies woord, waarmee ze zich liever niet associëren. Intussen woeden er onder feministen bitsige discussies. Zijn genderverschillen louter het gevolg van socialisatie, of speelt onze ‘natuur’ ook mee? Kan Beyoncé een uithangbord voor modern feminisme zijn als ze in elke videoclip in lingerie staat te dansen? Kortom, we need to talk about feminism. We doen dat met Griet Vandermassen (filosofe en auteur van Darwin voor Dames, waarin ze ingaat op de spanningen tussen feministische theorie en evolutietheorie) en Heleen Debruyne (schrijfster, historica en kenner van de geschiedenis van de feministische beweging). Hopelijk tot dan! De redactie


PLAKKAAT

© Shutterstock

Over het problematisch statuut van dierenrechten Dierenrechten zijn bon ton in groene milieus. Meer en meer worden ze als ethische stok achter de deur gebruikt om elke vorm van dierenmishandeling of uitbuiting aan de kaak te stellen. Vraag is of dit soort concepten filosofisch wel zo zuiver zijn als ze doen uitschijnen en of we er ethisch niet meer problemen mee creëren dan oplossen.

4  >  maart 2017

DEGEUS


PLAKKAAT

Door het feit dat dieren hun eigen rechten niet kunnen afdwingen zijn het mensen die dit moeten doen in hun plaats. Het gevolg hiervan is dat als er morgen geen mensen meer zijn, ook alle dierenrechten meteen verdwijnen, ook al zijn er nog dieren BESTAAN DIERENRECHTEN? Bestaat er zoiets als een dierenrecht? Als we de teksten, pamfletten en websites van een aantal filosofen, dierenactivisten, dierenrechtenorganisaties en zelfs politieke partijen (zoals de Partij voor de Dieren, in Nederland) erop nalezen is het antwoord volmondig ja. Ze bestaan net zo echt als mensenrechten en vormen de basis voor dierenwelzijn en dierenethiek. Op zich is dit reeds een problematische vergelijking, omdat het niet erg duidelijk is wat iemand bedoelt met de uitspraak dat mensenrechten bestaan. Ze bestaan in elk geval niet op dezelfde manier als de lucht die u inademt of het licht dat op uw netvlies valt. Mensenrechten zijn immers sociale constructen die niet onafhankelijk van de mens bestaan. Laat me dit illustreren met een voorbeeld. In het boek Justine van D.A.F. de Sade komt Justine op een bepaald moment in de handen van Dom Sévérino, een gewetenloze abt die haar meeneemt naar de ingewanden van de aarde, een diepe kelder ingericht als martelkamer. Justine wordt er op de meest gruwelijke manieren seksueel misbruikt, mishandeld en onteerd. Dom Sévérino daagt Justine uit om hem rationeel te overtuigen om te stoppen met martelen. Echter noch het aanroepen van God, noch het appel op enige menselijkheid of de mensenrechten kan de abt overtuigen tot het staken van zijn gruwelijk spel

DEGEUS

en dit om de eenvoudige reden dat noch God, noch enige menselijkheid, noch mensenrechten daadwerkelijk bestaan in deze diepe kelder onder de grond. Enkel de macht en willekeur van Dom Sévérino zelf bestaan reëel, net zoals de lucht die Justine inademt en de rest, ook mensenrechten, zijn zuiver illusoir. Dit duidt ons op een belangrijk kenmerk van mensenrechten, namelijk dat ze afdwingbaar of opeisbaar moeten zijn om te kunnen bestaan. Er moeten immers wetboeken, rechtbanken, rechters en politie voorhanden zijn om er überhaupt aanspraak op te kunnen maken. In dit opzicht is het bestaan van dierenrechten nog problematischer. Door het feit dat dieren hun eigen rechten niet kunnen afdwingen zijn het mensen die dit moeten doen in hun plaats. Het gevolg hiervan is dat als er morgen geen mensen meer zijn, ook alle dierenrechten meteen verdwijnen, ook al zijn er nog dieren! Dierenrechten bestaan dus enkel bij gratie van het juridisch optreden van mensen en niet zelfstandig en onafhankelijk van de mens.

Onlangs zag ik op Discovery Channel een gruwelijke vertoning van drie leeuwen die een andere leeuw, Kinky Tail, op een afschuwwekkende manier aan zijn einde brachten. Heeft deze leeuw dezelfde rechten als onze leeuw in de zoo? UNIVERSALITEIT? Een tweede probleem met de vergelijking tussen mensenrechten en dierenrechten is het feit dat deze laatste universaliteit missen. Eén van de belangrijkste eigenschappen van mensenrechten is hun universaliteit. Mensenrechten beschermen alle men-

sen over heel de wereld, dit betekent in principe alle leden van de soort homo sapiens, zonder uitzondering. Er is discussie of bijvoorbeeld een foetus een mens is, maar eens geboren gelden mensenrechten voor ieder mens, welke leeftijd, afkomst, kleur, nationaliteit, sekse, enzovoorts men ook heeft. Het heeft lang geduurd voor alle mensen tot één egalitaire groep zijn gaan behoren, maar momenteel telt principieel dat alle mensenrechten gelden voor alle mensen en dit is essentieel (vanuit het klassiek mensenrechtenstandpunt natuurlijk, sommige rechtsscholen zijn het hier niet mee eens). Dit geldt hoegenaamd niet voor dierenrechten. Volgens dierenrechtenactivisten moet de leeuw in de zoo of in het circus goed behandeld worden, mag geen onnodige pijn ondergaan en mag zeker niet mishandeld worden. De leeuw heeft in dit opzicht een aantal basisrechten verworven zoals met respect behandeld worden. Maar geldt dit voor alle leeuwen? Onlangs zag ik op Discovery Channel een gruwelijke vertoning van drie leeuwen die een andere leeuw, Kinky Tail, op een afschuwwekkende manier aan zijn einde brachten. Op een gegeven moment hoorde men een krak, het was de ruggengraat van de onfortuinlijke leeuw die werd gebroken maar nog niet direct leidde tot zijn dood. Na een mislukte achtervolging van zijn broer Mr.T, keerde het drietal terug om Kinky Tail definitief af te maken. Dit horrorscenario duurde ongeveer een kwartier! Heeft deze leeuw dezelfde rechten als onze leeuw in de zoo? Zowel ja als neen antwoorden op deze vraag is natuurlijk hoogst problematisch en vandaar dat dierenactivisten de vraag proberen te ontwijken door te stellen dat wij, als mensen, verantwoordelijk zijn voor het welzijn van de leeuw in de zoo maar niet voor die op de Savanna. Dit is een bijzonder eigenaardig argument, temeer omdat het criterium van pijn bij dierenrechtenactivisten steeds op de eerste plaats komt. De mens moet dieren goed behandelen omdat ze, net als mensen, pijn kunnen ervaren

maart 2017  >  5


PLAKKAAT

en omdat ze zich tegenover de mens niet kunnen beschermen. Maar dit criterium geldt evenzeer voor Kinky Tail. Hij heeft onnoemelijk veel pijn en angst doorstaan en kon zich niet verweren tegen de Majingilane bende. Ik vraag me terloops af vanuit welk empathisch perspectief GAIA trouwens naar deze beelden kijkt?

Als pijn, zowel lichamelijk als geestelijk, het criterium is om dierenrechten te funderen dan moeten ofwel alle dieren dezelfde consideratie krijgen ofwel moet men een soort apartheidsregime installeren; waarbij enkel gedomesticeerde dieren rechten krijgen en andere niet Als pijn, zowel lichamelijk als geestelijk, het criterium is om dierenrechten te funderen dan moeten ofwel alle dieren dezelfde consideratie krijgen ofwel moet men een soort apartheidsregime installeren; waarbij enkel gedomesticeerde dieren rechten krijgen en andere niet. In dit laatste geval ondergraaft men natuurlijk heel het concept van dierenrechten en in het eerste geval staat men voor de vraag of en hoe men het leed en ‘onrecht’ in de natuur dan wel moet bestrijden. Allicht dat niemand van de natuur een reservaat wil maken waar alle lijden verdwenen is, het toont echter wel aan hoe onbruikbaar het contradictorisch concept van dierenrechten is om het leed dat hen door de mens wordt aangedaan, te bestrijden.

HOE ONVERVREEMDBAAR ZIJN DIERENRECHTEN? Een laatste aspect van mensenrechten is haar statuut van onvervreemdbaarheid. Mensenrechten zijn niet verhandelof opschortbaar, maar vormen een

6  >  maart 2017

fundamentele set van basisrechten waar niet op kan worden afgedongen. Hoe onvervreemdbaar zijn echter dierenrechten? Als dieren (gedomesticeerde en/of wilde dieren) een soort fundamentele set van basisrechten hebben, uit wat bestaan die dan juist? Als een vos een kip probeert te vangen, of een kat een muis, of een reiger een kuiken, wie heeft dan het basisrecht op leven, voedsel, goede behandeling? Mensenrechten werken horizontaal, zijn gebaseerd op een minimale consensus en zijn egalitair afdwingbaar voor elke mens. Maar dit is hoegenaamd niet toepasbaar op dieren. De natuur is een amorele jungle waar er ultiem geen basisrechten of belangen bestaan en waar dus ook logischerwijs onopschortbaarheid geen betekenis heeft. Men kan natuurlijk zeggen dat dat nu eenmaal de natuur is, dat de natuur moreel neutraal is, maar dan zegt men evenveel als dat het recht van de sterkste het ultieme dierenrecht is. Verder van een ‘humaan’ dierenrecht kan men in dit opzicht dan niet staan, remember Kinky Tail.

Als dieren een soort fundamentele set van basisrechten hebben, uit wat bestaan die dan juist? Als een vos een kip probeert te vangen, wie heeft dan het basisrecht op leven, voedsel, goede behandeling? Men zou in dezelfde lijn zich kunnen afvragen of de mens (als dier!) niet ook het basisrecht heeft zich te voeden met dieren, net als carnivoren. Het klassieke argument dat de mens ethisch kan kiezen en dus kan terugvallen op niet-dierlijk voedsel als alternatief doet hier niet ter zake. Als dier onder de dieren zou ik mijn ‘basisrecht’ om vlees te eten evenzeer kunnen opeisen als Kinky Tail of de leeuw in de zoo. Als er

massaal veel vlees wordt gegeten in de natuur en wij deel uitmaken van diezelfde natuur, waarom zouden wij dan geen gedeeld recht hebben om ook vlees te mogen eten? Ook hier lijken we onszelf in de voet te schieten wanneer we over basisrechten van dieren spreken en wordt het een onmogelijk ethisch kluwen als we het over onvervreemdbaarheid van dierenrechten hebben.

Dieren worden volledig geïnstrumentaliseerd in functie van menselijke behoeften en belangen en dit gaat gepaard met onnodig veel leed en pijn. Dat we dit laatste zoveel mogelijk moeten reduceren staat buiten kijf Tot slot wil ik elk misverstand wegnemen. Wat de mens momenteel doet met het lot van dieren in de industrie is weerzinwekkend. Dieren worden volledig geïnstrumentaliseerd in functie van menselijke behoeften en belangen en dit gaat gepaard met onnodig veel leed en pijn. Dat we dit laatste zoveel mogelijk moeten reduceren staat buiten kijf en het lijkt me nog altijd de juiste focus voor dierenrechtenorganisaties en actiegroepen. Dat we hiervoor dierenrechten nodig hebben is een andere zaak. Ethisch-filosofisch is het statuut van dierenrechten erg problematisch en van een heel andere orde dan mensenrechten. De termen dierenwelzijn en dierenmishandeling zijn in elk geval op het eerste zicht makkelijker en consistenter te gebruiken, maar ook hier blijft helaas Kinky Tail over onze schouders kijken. Philippe Juliam

DEGEUS


PLAKKAAT

Modernisering van het onderwijs? Vrijdag 13 januari 2017 kondigde de Vlaamse regering het akkoord aan over de hervorming van het secundair onderwijs. Onmiddellijk verschenen er in de pers felle, uiteenlopende reacties gaande van ‘een dode mus en gemiste kansen’ tot ‘een fantastisch akkoord’. Het minste wat we hierover kunnen zeggen is dat er met gemengde gevoelens op het rapport werd gereageerd. Wat opviel is dat de onderwijsverstrekkers eerder teleurgesteld waren. Om een behoorlijke analyse te maken van dit rapport lijkt het me noodzakelijk om even de aanloop tot dit akkoord te schetsen. Waarom dringt deze hervorming zich op? Liggen de oorspronkelijke doelstellingen nog steeds vervat in de huidige conceptnota’s? © Adobe Stock

Deze hervorming slaagt er helaas niet in om de schotten tussen aso/tso/ bso weg te werken We mogen er trots op zijn dat ons onderwijs behoort tot de wereldtop, maar sinds het rapport van de commissie-Monnard in 2009 werd het eveneens duidelijk dat inzetten op vernieuwing en hervorming noodzakelijk is om die toppositie te vrijwaren. Dit rapport van de commissie vormde de aanzet en het vertrekpunt voor de ontwikkeling van het masterplan secundair onderwijs waarin de sterkte-zwakteanalyse verder werd uitgediept en verbreed. Naast de sterke


PLAKKAAT

punten van ons onderwijs werden er niet minder dan 27 werkpunten naar voren gebracht. Hoewel ze één voor één toch wel belangrijk zijn, kan ik er in dit korte bestek niet uitgebreid op ingaan en beperk ik me tot een greep uit de werkpunten: er is nog te veel uitstroom (1 op de 8 jongeren behaalt geen diploma); de verschillen tussen de studierichtingen zijn te groot waardoor leerlingen niet in gelijke mate worden voorbereid op verder studeren of op de arbeidsmarkt; te veel leerlingen moeten hun jaar overdoen en het huidige onderwijssysteem slaagt er niet in om de sociale ongelijkheid en de verminderde slaagkansen die daarmee samenhangen aan te pakken; voor bepaalde vakken worden de eindtermen onvoldoende gerealiseerd; het watervalsysteem is een probleem; en last but not least, internationaal onderzoek toont aan dat zowel onze sterkste leerlingen als de middenmoot minder sterk beginnen te presteren. Het GO! bleef na deze objectieve vaststellingen niet bij de pakken zitten en heeft reeds verschillende maatregelen van het masterplan concreet ingevuld: het M-decreet, duaal leren, het actieplan tegen schooluitval, het STEMactieplan, enzovoort.

Leerlingen, vooral in het bso, voelen zich te weinig erkend. Ik vraag me af hoe een kind zich voelt wanneer het moet overgaan naar de B-stroom. Voelt dat kind zich dan een B-leerling? In het nieuwe akkoord zijn de oorspronkelijke doelstellingen minder ambitieus geformuleerd. Een eerste brede graad stond nog in de oriëntatienota van Smet, en in het masterplan gingen de benamingen aso/tso/ bso verdwijnen, maar in het huidige akkoord blijft van deze doelstellingen weinig tot niets meer over. Toch kunnen we een aantal positieve hervormingen aanduiden. Het huidige akkoord zet in op transparantie en rationalisering van de studierichtin-

8  >  maart 2017

gen (van 29 studiegebieden naar 8 studiedomeinen voor 2e en 3e graad) waardoor het voor ouders en leerlingen duidelijker wordt wat de finaliteit (doorstroom, arbeidsmarkt of beide) is van een bepaald studiedomein.

Ik vind het een spijtige zaak dat er in dit akkoord geen opwaardering opgenomen is van de meer praktische studierichtingen omdat dit gevolgen zal hebben voor de motivatie, het zelfbeeld en de leerkansen van leerlingen Het zalmprincipe waarbij leerlingen door uitbreidingsdoelen de mogelijkheid krijgen om op te klimmen van een praktische naar een meer theoretische/abstracte richting en de invoering van het curriculumdossier van de studierichtingen betekenen een vooruitgang. Ook wordt er in de conceptnota’s aandacht besteed aan een (betere) oriëntatie door het invoeren van basisopties. De regering maakt zich dan ook sterk dat deze hervorming vruchten zal afwerpen waardoor de ongekwalificeerde uitstroom zal verminderen, de aansluiting van het secundair onderwijs met het hoger onderwijs of de arbeidsmarkt zal verbeteren en dat het onze plaats in de PISA-ranking zowel voor sterkere als minder sterke leerlingen zal verstevigen. Maar laten we de kritische vraag stellen of dit wel zo is. Vanuit het licht van het waardenproject van het GO! zijn hier op zijn minst een aantal kritische kanttekeningen te plaatsen. Deze hervorming slaagt er helaas niet in om de schotten tussen aso/tso/ bso weg te werken. Ik vrees dat de problemen waarmee we geconfronteerd worden in de onderwijsvormen bso en in mindere mate tso zullen blijven bestaan. Het is voornamelijk in die onderwijsvormen dat we geconfronteerd worden met schoolmoeheid en verminderde kansen ten gevolge van de socio-economische

achtergrond. Hierbij mogen we niet vergeten dat die leerlingen, vooral in het bso, zich te weinig erkend voelen. Ik vraag me af hoe een kind zich voelt wanneer het moet overgaan naar de B-stroom. Voelt dat kind zich dan een B-leerling? Ik vind het dus een spijtige zaak dat er in dit akkoord geen opwaardering opgenomen is van de meer praktische studierichtingen omdat dit gevolgen zal hebben voor de motivatie, het zelfbeeld en de leerkansen van die leerlingen. Het realiseren van gelijke onderwijskansen en het tegengaan van sociale ongelijkheid, het watervaleffect en het vroegtijdig en ongekwalificeerd schoolverlaten waren nochtans fundamentele doelen van het GO!. Het inzetten op een eerste brede graad had een mooie sociale mix kunnen opleveren en had de leerlingen veel meer tijd kunnen geven om hun talenten te ontdekken met een betere en gerichtere oriëntatie tot gevolg.

Ondanks deze hervorming zal het dus vooral van de directies en leerkrachten afhangen om ons onderwijs sterker te maken We kunnen besluiten dat deze modernisering niet ver genoeg gaat. Het GO! wou immers inzetten op inclusief onderwijs, op het verhogen van kansen en het verbeteren van de kwaliteiten van alle leerlingen. Ondanks deze hervorming zal het dus vooral van de directies en leerkrachten afhangen om ons onderwijs sterker te maken. Zij zullen de randvoorwaarden moeten scheppen zodat het leerproces van de leerlingen, hun persoonlijke ontwikkeling en de ontdekking van hun eigen talenten een vreugdevolle reis kan zijn naar een pluralistische samenleving waarin de menselijke diversiteit als een rijkdom kan worden ervaren. Kurt Beckers

DEGEUS


ACTUA

De zoete wraak van de waarheid OVER POST-TRUTH EN POST-MODERNISME Een voordeel van het presidentschap van Donald Trump is dat we alvast een leuk nieuw eufemisme voor ‘leugens’ hebben bijgeleerd: ‘alternatieve feiten’. Trumps – om het zacht uit te drukken – ambigue relatie tot feiten en waarheden, samen met het ontbreken van deugdelijke, feitelijke informatie in de argumenten van het winnende Leave-kamp bij de Brexit, inspireerde vorig jaar pers en media tot het nieuwe modewoord ‘post-truth’. Leven we vandaag écht in een post-truth-tijdperk? Volgens Maarten Boudry is dat sterk overroepen. Hieronder legt hij uit waarom.

De verkiezing van Trump als volgende Amerikaanse president, ondanks al zijn leugens en vuilbekkerij, is inderdaad een bijzonder verontrustende gebeurtenis, waarover het laatste woord nog niet gezegd is. Maar ook voor Trump zal het moment van waarheid binnenkort aanbreken. De wederwraak van de waarheid belooft zoet te zijn. © Joseph Sohn, Shutterstock

De universele menselijke rede biedt een gedeelde toetssteen om geschillen op te lossen In 1935, toen zich donkere wolken samenpakten boven Europa, schreef de filosoof Bertrand Russell dat de wortels van het fascisme liggen bij de revolte tegen de rede en het misprijzen voor waarheid. De universele menselijke rede biedt een gedeelde toetssteen om geschillen op te lossen. Wie zich tegen haar keert, kan zijn disputen


ACTUA

enkel nog met bataljons en kanonnen beslechten. De ideologieën waarvoor Russell waarschuwde, hebben enkele jaren later tot de grootste ravages van de moderne geschiedenis geleid. Maar in plaats van de rede in ere te herstellen, heeft die nachtmerrie tot een nog dieper wantrouwen geleid voor elke aanspraak op universalisme. De waarden van de Verlichting en wetenschap zouden het laatste Grote Verhaal zijn waarmee we moeten afrekenen, na de verwoestende mythes van religie en ideologie. De rede kreeg het nog zwaarder te verduren.

Als puntje bij paaltje komt, geloven ook postmodernisten hun eigen boutades niet echt In verschillende gedaantes heeft deze denkstroming, vaak aangeduid als ‘postmodernisme’, zich in weldenkende kringen verspreid. Haar credo? De werkelijkheid is een sociale constructie. Waarheid is relatief. Alles is interpretatie en elke interpretatie is even geldig. Er zijn alleen maar perspectieven en objectiviteit is een illusie. Een schare aan postmoderne maîtres-penseurs, voornamelijk van Franse oorsprong, heeft concepten als waarheid en rationaliteit uitgehold, ontbonden, gedeconstrueerd en op andere wijzen platgerelativeerd. De Franse filosoof Michel Foucault bijvoorbeeld, ontleedt ‘waarheid’ in termen van machtsstructuren. Een zogenaamde ‘waarheid’ is louter het product van een interpretatieoorlog, waarbij de overwinnaar zijn dominante discours oplegt aan de verliezer. De postmodernist wil respect opbrengen voor andere waarheden behalve die van het dominante discours, van de machthebbers, van de ‘westerse’ wetenschap. Is het geen vorm van cultureel ‘imperialisme’ om te denken dat wij de waarheid in pacht hebben? Die postmoderne relativeerzucht is in vele geesten binnengeslopen, met name in de academische wereld. De filosoof Allan Bloom verzuchtte ooit: ‘Van één ding kan een professor absoluut zeker zijn: nagenoeg elke student die de universiteit binnenkomt, gelooft

10  >  maart 2017

of beweert te geloven dat waarheid relatief is.’ Maar geloven deze postmoderne warhoofden werkelijk dat ‘waarheid’ niet bestaat, of louter een sociale constructie is? Bemerk de caveat in het citaat van Allen Bloom: ‘of beweert te geloven’. Als puntje bij paaltje komt, geloven ook postmodernisten hun eigen boutades niet echt. Niet alleen is postmodern relativisme zelfondergravend – is het ‘waar’ dat waarheid niet bestaat, of is dat evenzeer een sociale constructie? – maar van zodra je postmodernisten uit hun ivoren toren haalt en met de voeten in de echte wereld plaatst, spat hun waarheidsrelativisme uiteen. Bij velen is dat relativisme gewoon een pose, een kramp waarin ze schieten telkens wanneer hun illusies in het nauw gedreven worden door de werkelijkheid. Niemand doet relativistisch over de wetten van de fysica – althans niet in hart en nieren – wanneer hij zich in een stalen gevaarte vastgespt om met een snelheid van 400 km per uur naar de betonblokken aan het einde van een startbaan te scheuren. Of zoals Richard Dawkins ooit zei: ‘nobody is a social constructionist at 30,000 feet’.

Zoals Richard Dawkins ooit zei: ‘nobody is a social constructionist at 30,000 feet’ Geen zinnig mens denkt dat kankercellen een ‘sociale constructie’ zijn als ze in je eigen lijf beginnen te woekeren. Ook een postmodernist laat zich gewoon behandelen met de beste inzichten van de ‘westerse’ geneeskunde, niet door een evangelische exorcist of een ayurvedische kruidenmenger. Ik herinner me een discussie uit mijn studententijd tijdens een les filosofie, waarbij de docent beweerde dat de unobservables – onwaarneembare entiteiten – in een wetenschappelijke theorie sociale constructies zijn, die pas ‘ontstaan’ wanneer ze binnentreden in een bepaald wetenschappelijk discours. Dat klinkt allemaal spannend. Daarop wierpen

enkele studenten de volgende vraag op: als de pestbacterie pas ontstond in 1894 toen Alexandre Yersin ze ‘ontdekte’, wat was doodsoorzaak dan van die miljoenen mensen in de middeleeuwen? Daar heb ik nooit een helder antwoord op gekregen.

NIEMAND ONTSNAPT AAN WAARHEID Leven we vandaag in een post-truthtijdperk? Oxford Dictionaries riep het begrip uit tot woord van het jaar. Maar volgens mij is de stelling dat we heden in een post-truth-tijdperk leven, sterk overroepen. Misschien is het wel zijn eigen meest treffende – en tevens zelfweerleggende – illustratie: het is een feitenvrije, speculatieve impressie die telkens opnieuw wordt herhaald, tot iedereen ze vanzelf gaat geloven. In de meest fundamentele zin kan de mensheid nooit in een post-truth-tijdperk terecht komen. Dat komt omdat ‘waarheid’ onlosmakelijk verweven is met de structuur van ons kennisapparaat. Niet dat het woord ‘waarheid’ zelf zo onmisbaar is. De filosoof Filip Buekens verdedigt in zijn boek De transparantie van waarheid een minimalistische opvatting van het concept ‘waarheid’. Die positie, die ik ook

DEGEUS


ACTUA

gevordenden. Elk van ons heeft een wereldbeeld, een min of meer coherent netwerk van overtuigingen die we als ‘waar’ aannemen omdat we er geloof aan hechten. We streven allemaal waarheid na, en het is conceptueel onmogelijk om iets te geloven louter en alleen omdat je graag zou willen dat het waar is. Een schare aan postmoderne maîtres-penseurs, heeft concepten als waarheid en rationaliteit uitgehold, ontbonden, gedeconstrueerd en op andere wijzen platgerelativeerd. De Franse filosoof Michel Foucault bijvoorbeeld, ontleedt ‘waarheid’ in termen van machtsstructuren. Een zogenaamde ‘waarheid’ is louter het product van een interpretatieoorlog, waarbij de overwinnaar zijn dominante discours oplegt aan de verliezer. © Ozkok-Sipa

aanhang, probeert het concept ‘waarheid’ tot zijn ware proporties terug te brengen; ‘Geloven dat p waar is’ wil niet meer en niet minder zeggen als ‘Geloven dat p’. De geneste constructie ‘het is waar dat’ is dus strikt gezien redundant.

De opvatting dat er steeds meer irrationaliteit heerst in de wereld, lijkt me op zijn beurt een illusie Dat we bepaalde dingen geloven, en dus voor ‘waar’ aannemen (wat op hetzelfde neerkomt) is een fundamentele eigenschap van ons kennisapparaat, ons brein. Wanneer we worden blootgesteld aan bepaalde zintuiglijke prikkels, dan doen we onwillekeurig bepaalde overtuigingen op. Als ik door het raam kijk en vallende regendruppels zie, dan doe ik automatisch de overtuiging op ‘Het regent’ (Of equivalent: ‘Het is waar dat het regent’). Dat doen we spontaan, zelfs als we er niet bij stilstaan, en zelfs als we het woord ‘waar’ of ‘waarheid’ niet uitspreken. Dat principe van de ‘geloofsonwillekeur’ heb ik uitgebreider besproken in mijn boek Illusies voor

DEGEUS

Postmodernisten zijn er niet in geslaagd om het concept ‘waarheid’ te ondergraven, maar toch is de beweging gevaarlijk POST-ILLUSIE TIJDPERK Allemaal goed en wel, maar zijn er vandaag niet miljoenen mensen die de waarheid op allerlei manieren in de wind slaan? Denk aan dwaallichten die volhouden dat 9/11 een inside job was van Bush en kompanen, dat klimaatopwarming een fabeltje is van groene jongens, dat het geboortecertificaat van Obama vervalst is, of dat Trump al zijn verkiezingsbeloften zal kunnen waarmaken. Hoe kan je zo’n onzin blijven volhouden, in het licht van de manifeste waarheid? Maar ook dwaallichten ontsnappen niet aan het concept ‘waarheid’. Ze zijn er net zo hard aan verknocht als u en ik. Het probleem is niet dat zij onverschillig zijn tegenover ‘waarheid’, of dat dat begrip voor hen is voorbijgestreefd, maar dat ze een compleet andere opvatting hebben van wat die waarheid behelst, en dat ze de klassieke bronnen van kennis wantrouwen (wetenschap, traditionele journalistiek, politieke expertise). 9/11-complotdenkers noemen zichzelf niet toevallig The Truth Movement, met hoofdletter ‘T’. In hun eigen parallelle universum streven zij de waarheid en niets dan de waarheid na. Alleen slaan ze de bal compleet mis. De vraag blijft dan of pseudowetenschap, complotdenken en andere ‘onwaarheden’ aan een opmars bezig zijn. Dat is één manier om het posttruth-tijdperk te begrijpen. Delft de

waarheid steeds meer het onderspit in onze moderne tijd? In de epiloog van Illusies voor gevorderden heb ik gepoogd die vraag te beantwoorden. De opvatting dat er steeds meer irrationaliteit heerst in de wereld, lijkt me op zijn beurt een illusie. Mensen hebben altijd in allerlei vormen van onzin geloofd, alleen valt het nu meer op, doordat ze meer lawaai maken, en doordat we peilingen uitvoeren naar hun opvattingen. Illusies van allerlei slag raken wel degelijk in de verdrukking. Foute overtuigingen zijn als virussen die onze breinen besmetten. Tot voor kort konden ze lustig azen op onze onwetendheid. Er was toch nauwelijks betrouwbare informatie beschikbaar. Maar sinds de opkomst van wetenschap en moderne technologie, komen deze illusies steeds meer in de verdrukking. De teloorgang van onze collectieve illusies, zo voorspelde Sigmund Freud al in zijn essay De toekomst van een illusie uit 1927, is ‘niet te stoppen; hoe meer mensen toegang krijgen tot de schatten van onze kennis, des te meer zal zich de afvalligheid van het geloof verbreiden, eerst alleen van de verouderde en onaangename vormen, maar vervolgens ook van de fundamentele voorwaarden’. Sommige illusies verliezen hun kracht, andere zijn met uitsterven bedreigd en horen straks thuis in een museum van historische curiosa.

Postmodern relativisme is een vorm van intellectuele zelfontwapening In tijden van massacommunicatie en internet krijgen onze illusies het nog harder te verduren. Onophoudelijk worden ze blootgesteld aan een spervuur van destabiliserende informatie, die steeds meer hun voortbestaan bedreigt. De voornaamste reden waarom het voortbestaan van de Scientologykerk vandaag wordt bedreigd, is het internet. De tijd dat je leden kan afschermen van de buitenwereld en ongestoord indoctrineren, is definitief voorbij. De onfrisse praktijken van de

maart 2017  >  11


ACTUA

Scientologykerk zijn enkele muisklikken verwijderd. Doofpotten zijn niet langer waterdicht. De filosoof Daniel Dennett en de MIT Media Scientist Deb Roy noemen dat The New Transparency, in een stuk voor Scientific American. De wereld is een gigantisch glazen labyrint geworden, waarbij we verder kunnen zien dan ooit, en waarbij iedereen zichtbaar is. Eén enkele klokkenluider met een laptop kan een hele organisatie aan het wankelen brengen. Een dictator die zijn volk vroeger een bepaalde ‘waarheid’ wilde opleggen, moest gewoon zorgen dat hij alle mediakanalen in zijn zak had, dat

De wereld is een gigantisch glazen labyrint geworden, waarbij we verder kunnen zien dan ooit, en waarbij iedereen zichtbaar is. Eén enkele klokkenluider met een laptop kan een hele organisatie aan het wankelen brengen. Maar in het tijdperk van Google en sociale media is zo’n totalitaire controle over elk aspect van onze levens

© Norbert Van Yperzeele

En zelfs dat systeem is niet waterdicht. Een Zuid-Koreaanse activist dropte 100.000 DVD-kopieën van The Interview, een satirische film over het Noord-Koreaanse regime, met luchtballonnen. Het is kwestie van tijd vooraleer het Noord-Koreaanse regime in elkaar zal storten, naarmate informatie naar binnen sijpelt en de bevolking in opstand komt. De verkiezing van Trump als volgende Amerikaanse president, ondanks al zijn leugens en vuilbekkerij, is inderdaad een bijzonder verontrustende gebeurtenis, waarover het laatste woord nog niet gezegd is. Maar ook voor Trump zal het moment van waarheid binnenkort aanbreken, nu hij al zijn knettergekke beloften moet inlossen. Zal hij de muur met Mexico bouwen? Zal hij de steenkoolmijnen in de Rust Belt weer openen? Zal hij erin slagen om moslims de toegang tot het land te ontzeggen? Zal de werkloosheid spectaculair dalen onder zijn bewind? De wederwraak van de waarheid belooft zoet te zijn [zie kaderstuk].

GEVAAR VAN HET POSTMODERNISME

hij volledige controle had over het onderwijs, en dat hij elke dissidente stem meteen genadeloos de kop in kon drukken. Aanvankelijk maakte de opkomst van moderne technologie - transport, communicatie en sociale organisatie - het werk van een dictator zelfs makkelijker. Het is geen toeval dat ‘totalitarisme’ een verschijnsel van de moderniteit is. In een prewetenschappelijke tijdperk had een monarch simpelweg niet de middelen om de totale controle uit te oefenen over al zijn onderdanen.

12  >  maart 2017

opnieuw quasi onmogelijk geworden, zelfs met draconische maatregelen. Enkel het totalitaire regime in NoordKorea slaagt er vandaag in om haar bevolking compleet af te schermen van de buitenwereld, en elk kritisch perspectief te misgunnen. Daarvoor moet ze hen in een openluchtgevangenis opsluiten, en elke buitenlandse inmenging afslaan met de dreiging van nucleaire oorlog. De toegang tot het internet in Noord-Korea is voorbehouden voor apparatchiks en de zeldzame buitenlandse bezoekers.

Postmodernisten zijn er niet in geslaagd om het concept ‘waarheid’ te ondergraven, maar toch is de beweging gevaarlijk. Wie waarheid afdoet als een sociale constructie, zo schrijft Tinneke Beeckman in haar boek Macht en Onmacht, ontwapent zichzelf en wordt verlamd door onmacht en vertwijfeling. Beeckman stelt terecht dat het postmodernisme verantwoordelijkheid draagt voor het verlies van onze intellectuele weerbaarheid tegen elk denksysteem dat aanspraak maakt op waarheid of op normatieve geldigheid. De postmodernist denkt dat hij de overtreffende stap zet na het modernisme, door waarheid en rationaliteit als laatste Grote Verhaal te ontmaskeren, maar in feite maakt hij daarmee alle voorgaande stappen ongedaan. Postmodern relativisme is een vorm van intellectuele zelfontwapening. Een postmodernist die geconfronteerd wordt met een demagoog als Trump, beschikt over geen enkel intellectueel arsenaal om hem te bestrijden. In confrontatie met meer asser-

DEGEUS


ACTUA

tieve denkwijzen, of met gewetenloze leugenaars, moet het postmodernisme zichzelf uiteindelijk wegcijferen als perspectief onder de perspectieven, conform zijn eigen absurde gedachtekronkels. ‘Het denken zelf is aldus weerloos gemaakt’, schrijft Beeckman. Beschikte Saddam Hoessein over massavernietigingswapens, toen Irak werd binnengevallen door de coalitie van Bush en Blair in 2003? In de wereld van het postmodernisme kent die vraag geen ondubbelzinnig antwoord, want geloof in objectieve realiteit is ‘naïef’, en ‘waarheid’ is niets meer een sociale constructie, die steevast tussen aanhalingstekens moet geklemd worden. Werd president Obama geboren in Hawaï, of in Kenia? Kloppen de cijfers van Trump over de stijgende criminaliteit in de VS? Hoeveel moslims sympathiseren met ISIS en andere jihadgroeperingen? Een postmodernist staat bij al die vragen met zijn mond vol tanden.

Dezelfde argumenten waarmee het postmodernisme het geloof in wetenschappelijke objectiviteit heeft ondergraven, worden nu aangewend door klimaatontkenners en creationisten Boeiende lectuur in dat verband is het vertwijfelde essay Why has critique run out of steam? van de Franse socioloog en filosoof Bruno Latour, een spijtoptant van het postmodernisme. Latour is bezorgd dat dezelfde argumenten waarmee het postmodernisme het geloof in wetenschappelijke objectiviteit heeft ondergraven, nu worden aangewend door gevaarlijke extremisten zoals klimaatontkenners en creationisten. Het is alsof onze wapens door de vijand werden buitgemaakt en heimelijk naar hun kamp gesmokkeld, aldus Latour, om tegen ons ingezet te worden. Maar het zijn niettemin wel

DEGEUS

Eens je het respect voor de waarheid hebt verloren, zoals Bertrand Russell schrijft, kan je geschillen enkel nog met dwang en geweld beslechten. © Wikipedia

onze wapens, die wij hebben vervaardigd. ‘Was I wrong to participate in the invention of this field known as science studies? Is it enough to say that we did not really mean what we said? Why does it burn my tongue to say that global warming is a fact, whether you like it or not?’ Latour verdient respect voor zijn eerlijk gewetensonderzoek, hoewel zijn essay nog steeds voldoende krampachtige rationalisaties bevat, en vruchteloze zoektochten naar een ‘derde weg’ die het postmodernisme in zich opneemt maar overstijgt. De bedroevende gevolgen van het postmodernisme zijn des te wranger omdat de beweging aanvankelijk een emanciperende en progressieve ambitie had. Door te onthullen hoe ‘waar-

heid’ slechts een sociale constructie is, een narratief van de heersende elite, beloofde het postmodernisme ons te bevrijden. Onderdrukte minderheden zouden hun eigen ‘waarheid’ kunnen opeisen, als tegengewicht voor het heersende discours van de machthebbers. In werkelijkheid is het net andersom. Het postmodernisme is een geweldig cadeau voor demagogen, populisten, autocraten en leugenaars allerhande. Als de waarheid toch niet bestaat, kunnen we eender wat verzinnen. Postmodernisme bevrijdt niet van de macht, maar maakt ons net weerloos ertegen. Eens je het respect voor de waarheid hebt verloren, zoals Bertrand Russell schrijft, kan je geschillen enkel nog met dwang en geweld beslechten. Maarten Boudry

ADDENDUM Dit artikel werd geschreven in december. Gevraagd of hij na een tiental dagen Trumpiaans beleid nog steeds achter deze passage staat, reageerde Maarten Boudry als volgt: ‘Een expliciete moslimban is ongrondwettelijk en zou meteen verworpen worden door de rechterlijke macht. De huidige executive order van Trump, die immigratie aan banden legt uit zeven moslimlanden, is slechts een halfslachtige omweg die impliciet moslims viseert maar allerlei mogelijkheden openlaat voor islamitische migranten, en dus Trumps verkiezingsbelofte niet inlost. Bovendien is de maatregel totaal niet consequent in de strijd tegen terrorisme (Saoedi-Arabië en Egypte, waar zowat alle 9/11-kapers van afkomstig waren, staan niet op de lijst). Dragers van een Green Card uit de bewuste zeven landen vallen sowieso niet onder de restricties, moslim of niet. Niettemin botst Trump zelfs met deze halfslachtige maatregel al op een gedeeltelijke nietigverklaring van de Federal Judges. Het valt te bezien of deze immigratierestrictie de komende dagen stand zal houden, want nu is het vooral totale chaos. Mijn vermoeden is dat Trump de komende dagen verder moeten inbinden, niet in het minst om dat hij economisch in zijn eigen vel snijdt (zie de reactie van Google en Facebook, waar honderden werknemers mogelijk getroffen zijn).’

maart 2017  >  13


ACTUA

John Rawls, Jezus en Mohamed verstopt in een bordspel DIDACTISCH MATERIAAL VOOR LESSEN NIET-CONFESSIONELE ZEDENLEER EN DE INTERLEVENSBESCHOUWELIJKE DIALOOG IN HET SECUNDAIR ONDERWIJS Vele collega’s niet-confessionele zedenleer zijn op school de trekpaarden van de interlevensbeschouwelijke dialoog. Om deze nieuwe opdracht van de levensbeschouwelijke vakken te vervullen, hebben we nood aan vers didactisch materiaal. Een schooluitstap organiseren naar een kerk, een moskee, synagoge en vrijzinnig ontmoetingscentrum volstaat niet om tieners te behoeden voor stereotypering en onverdraagzaamheid. Moeten we niet alle registers van de didactiek opentrekken om een echte interlevensbeschouwelijke dialoog en verdraagzame samenleving te realiseren? Alleen dan kunnen we het engagement van de erkende levensbeschouwelijke instanties met het officieel onderwijs nakomen. In de schoot van het Nascholingsinstituut werden al heel wat initiatieven genomen: lesmodules voor het basisonderwijs en projecten voor het secundair onderwijs kwamen uit de startblokken. De lerarenopleiding wil ook een steentje bijdragen: aan de Gentse en Antwerpse hogescholen en in de vakdidactiek van de Universiteit Gent ontwikkelden studenten zedenleer didactisch spelmateriaal. De voorbije academiejaren werden werkstukken en bachelorproeven opgeleverd met voorbeelden van good practice en frisse ideeën voor de interlevensbeschouwelijke dialoog.

14  >  maart 2017

DE CONTEXT Voor ik dieper inga op het concrete lesmateriaal, passen enkele bespiegelingen bij deze nieuwe opdracht voor de leerkrachten zedenleer en hun collega’s van de andere levensbeschouwelijke vakken. Want, vrank en vrij gesproken: het is niet eenvoudig om ongelovige Thomassen te leren communiceren met Rome, Jeruzalem en Mekka. En ik vermoed dat collega’s godsdienst de taak vice versa evenmin gemakkelijk vinden. Het is een moeilijke opdracht, een enorme uitdaging. De eerste moeilijkheid is de uitdaging zelf: het hoeft geen betoog dat gewelddadige conflicten op het wereldtoneel de vreedzame dialoog op school doorkruisen. Kan men van het team leerkrachten levensbeschouwing verwachten dat het met succes oproeit tegen de polariserende krachten

DEGEUS


ACTUA

op het wereldtoneel? Wereldnieuws over Duivelsverzen, cartooncrisissen en terreurdreiging weerklinken al decennia tussen de schoolbanken. Ze worden in lessen niet-confessionele zedenleer en in de andere levensbeschouwelijke vakken druk besproken. Mag men daaruit afleiden dat zulke thema’s geknipt zijn voor een

© deMens.nu

i­ nterlevensbeschouwelijke dialoog? Lessen voor gemengde klasgroepen godsdienst-zedenleer die linea recta deze conflictstof behandelen, kunnen polariseren in plaats van verzoenen! In scholen waar de materie explosief is, verkiezen leerkrachten soms om deze thema’s te bespreken in de beslotenheid van hun eigen klas, voor eigen publiek. Hun angst om te mislukken kan hen verlammen om samen met andere levensbeschouwingen initiatieven te ontplooien. Maar hoe lastiger en hachelijker de toestand, hoe duidelijker wordt dat een doordachte pedagogische en didactische aanpak hoognodig is. Pessimisme en zwartkijken kan een excuus worden voor laksheid en hoort niet thuis in het onderwijs. Pedagogisch optimisme is de enige ontsnappingsroute aan de zogenaamde catch-22-situatie: wie met de jeugd wil werken



heeft geen andere optie. De eerste moeilijkheid is dus een opgave en geen beletsel. De tweede moeilijkheid voor een ernstige interlevensbeschouwelijke dialoog is dat de gesprekspartners zich kunnen gedragen als een kruidjeroer-mij-niet zodra de andere over de eigen levensbeschouwing spreekt. Gelovigen zijn soms lichtgeraakt als ze godsdienstkritiek verwarren met godslastering en ongelovigen smaken tegenwerpingen bij gelegenheid als bekeringsdrang. Toch komt ons als vrijzinnig humanist zeker het recht toe om rationele vragen te stellen over het optreden van profeten, over de zin van rituelen en over de oorsprong van geloofsopvattingen. En natuurlijk staat het de gelovige vrij om een ongelovige humanist te bevragen over de emotionele en culturele verankering van zijn moraal, over mogelijke hiaten in zijn zingeving of over netelige onzekerheden in een leven zonder postulaten.

Kan men van het team leerkrachten levensbeschouwing verwachten dat het met succes oproeit tegen de polariserende krachten op het wereldtoneel? Onze vrijzinnig-humanistische leerlingen maken zich best geen illusies over het effect van hun vragen aan gelovige medeleerlingen. Zelfs als hun ratio brandhout zou maken van geloofsartikelen, is dit voor gelovigen zelden een argument om van levensbeschouwing te ruilen. Omgekeerd, zal zelfs de meest intelligent verpakte bekeringsdrang weinig greep krijgen op vrijzinnigen. Dat is omdat de ‘waarheid’ van een levensbeschouwing en de ‘waarde’ ervan verschilt voor de betrokkenen. De interne beleving van een levensbeschouwelijke overtuiging is vrij immuun voor externe kritiek. Ze wordt er vaak door versterkt. Een constructieve dialoog is per definitie

een open dialoog, maar waarbij het niet de bedoeling is om de ander van iets te overtuigen. We zetten verschillende levensbeschouwingen wél samen om levensvragen te onderzoeken en beter te doorgronden. Hoe sterker het referentiekader en de argumentatie van de ander verschilt van het onze, hoe leerrijker de dialoog. Toch moet die immuniteit een stuk doorbroken worden, in de eerste plaats bij zichzelf. Want wie andersdenkenden slechts benadert als gekken, verraders of ‘dwalers’ ontwijkt de dialoog en immuniseert de eigen levensbeschouwing voor kritische bevraging. Een goed geleide dialoog over grote verschillen heen leidt tegelijkertijd tot meer inzicht in de ander én tot groter besef van de eigenheid. De vooraanstaande vrijzinnig humanist Karl Popper schreef dat ‘als de Toren van Babel niet had bestaan, we hem moesten uitvinden.’ Precies dankzij onze verscheidenheid in taal, denken en overtuiging kan een samenleving dynamischer en rijker worden. Dat God de Babyloniërs strafte met een onoverbrugbare spraakverwarring, was volgens Popper een zegen, geen vloek. Twintig jaar na de dood van deze grote filosoof, komen de volkeren die in Babel uit elkaar gingen terug samen in Europa. Dat gebeurt steeds vaker op een planeet die almaar kleiner wordt voor meer mensen. Een interlevensbeschouwelijke dialoog zal nooit uitklaren of Babel echt bestond, maar we kunnen wel met respect voor elkaar discussiëren over de betekenis van het verhaal. Een didactiek uitwerken die deze Babylonische spraakverwarring laat resulteren in respect is geen sinecure. Zulks kan enkel in lessen die gegeven worden ‘vanuit’ de verschillende levensbeschouwingen, en niet in een vak ‘over’ de verschillende levensbeschouwingen. Het vertrekpunt is immers de sterke vertegenwoordiging van de meertaligheid zelf: de levensbeschouwelijke vakken zijn de noodzakelijke, bevoorrechte partners om de dialoog op gang te brengen. En is het niet mooi meegenomen dat we daarbij op zoek gaan naar gemeenschappelijk cultureel erfgoed?

maart 2017  >  15


ACTUA

De interne beleving van een levensbeschouwelijke overtuiging is vrij immuun voor externe kritiek. Ze wordt er zelfs vaak door versterkt. Een constructieve dialoog is per definitie een open dialoog, maar waarbij het niet de bedoeling is om de ander van iets te overtuigen Een derde en laatste moeilijkheid is inherent aan het tolerantiebegrip zelf. Ze valt uiteen in twee vragen: ‘hoe tolerant moeten leraars zijn voor intolerante opvattingen van leerlingen – of zelfs collega’s?’ en ‘op welke manier kan het positief zijn om iets te tolereren dat men niet gewenst vindt?’. Een dialoog met andere levensbeschouwingen kan vastlopen op deze (in)tolerantiedilemma’s. Elke leraar zedenleer is beducht voor jongeren die het principe van vrije meningsuiting inroepen om onverdraagzaamheid te spuien en luid protesteren als hij hen het zwijgen oplegt. De analyse van moraalfilosoof John Rawls kan de eerste vraag ophelderen. In A theory of justice onderzoekt Rawls onder welke voorwaarden een rechtvaardige samenleving intoleranten

moet tolereren. Je kan zijn besluiten projecteren op het mesoniveau van een democratische school of op een klas. Uiteraard moet je volgens Rawls uiterst behoedzaam zijn om meningen te verbieden: elke beknotting blijft een nederlaag voor de vrijheid die in principe één en ondeelbaar is. Je kan meningen niet verbieden omdat ze dom, kwetsend, ranzig of slecht onderbouwd zijn: zulke argumenten typeren dictators. Maar het is volstrekt legitiem om aansporingen tot haat en geweld te verbieden als aantoonbaar de vrijheid of de veiligheid van anderen in gevaar komt. Hier geldt het principe van zelfverdediging. Een tweede maatstaf is het vrijwaren van de vrije discussie in de klas zelf, die je kan vergelijken met het garanderen van de goede werking van de instituties in een democratische rechtsstaat. De raddraaier die zijn medeleerlingen intimideert en de sfeer in de klas verpest waardoor anderen hun mening niet meer durven uiten, moet worden stilgelegd. Of we ingrijpen hangt dus ook af van de reactie van de groep, met andere woorden: van de weerbaarheid en mondigheid van de discussiepartners. De hoeksteen in Rawls’ betoog is evenwel dat de tolerante democraat de censuur zo lang mogelijk moet uitstellen. De vrijheden die men intoleranten intussen geeft zullen hen wellicht overtuigen van een geloof in de vrijheid. Men moet hen tijd geven, hen

© deMens.nu

ernstig nemen en hen – niet meer of minder dan anderen – spreektijd gunnen. We moeten erop vertrouwen dat zij genieten van de vrijheid van meningsuiting en er daardoor op termijn zelf voorstander van worden. Als onze Europese centrumsteden besmet zijn met islamofobie, salafisme en andere fundamentalismen, leid ik uit de hoeksteen van deze theorie af dat de interlevensbeschouwelijke dialoog op school een werk van lange adem is. We denken best aan leerlijnen die een ganse schoolloopbaan bestrijken. De levensbeschouwelijke vakken die, 12 jaar lang, in het basisonderwijs en in het secundair onderwijs worden gegeven kunnen een langetermijnvisie ontwikkelen. Er is evenwel geen systematisch onderzoek gedaan over de manier waarop en met welke overtuigingen, waarden en normen kinderen in interactie gaan met leeftijdsgenoten van andere levensbeschouwingen. Er worden heel veel diversiteitsonderzoeken gepubliceerd, maar deze zijn meestal gericht op sociaaleconomische parameters, zelden op levensbeschouwelijke. De European Values Studies over religie zijn uitsluitend cross-sectioneel: de levensbeschouwelijke overtuiging van Europese bevolkingsgroepen wordt slechts op één moment in kaart gebracht. Longitudinaal onderzoek bij kinderen naar de effecten van trainingsprogramma’s om tolerantie te bevorderen, bestaat niet. Hier is, op Europees niveau, een belangrijke taak weggelegd om onze leerkrachten te ondersteunen.

De hoeksteen in Rawls’ betoog is evenwel dat de tolerante democraat de censuur zo lang mogelijk moet uitstellen. De vrijheden die men intoleranten intussen geeft zullen hen wellicht overtuigen van een geloof in de vrijheid



DEGEUS


ACTUA

De tweede vraag – op welke manier kan het positief zijn om iets te tolereren dat men niet gewenst vindt? – betekent dat we tolerantie kunnen definiëren als het toelaten van gedrag dat we eigenlijk verkeerd vinden. Iemand die zegt dat hij moskeeën tolereert, keurt in essentie moslims af maar reageert niet. Idem voor een christen die atheïstische reclamecampagne op Londense bussen tolereert. Wanneer men iets tolereert dat heel fout is, bijvoorbeeld pedofilie binnen de kerk, dan is die tolerantie zelf fout. Nu hoeft een afkeuring niet van morele aard te zijn: ik kan ook tolereren dat mijn zoon een lelijk kapsel kiest of een collega smakeloos gekleed is zonder dit moreel te veroordelen. Dan is tolerantie een deugd.

De eenvoudige oplossing, die men soms in seculiere kringen hoort, om levensbeschouwingen op te sluiten in de private sfeer, is de facto onrealistisch Een persoon met tolerante kwaliteiten, in de betekenis van de deugd, houdt publieke en private normen uit elkaar. In het eenvoudig voorbeeld zijn kapsels privé en een kwestie van smaak en geen moreel oordeel. Over pedofilie heeft men daarentegen een moreel oordeel. Levensbeschouwingen genereren een scala aan gedragingen dat zich uitstrekt over het private én het publieke domein. In principe kan ons moreel oordeel enkel gaan over normen die min of meer van openbaar belang zijn. Horen dan discussies over het eten van varkensvlees, over het aantal keer dat moet gebeden worden en over kledijvoorschriften niet thuis in een interlevensbeschouwelijke dialoog? Hoort de gedachtewisseling te gaan over wetenschapsonderwijs en evolutietheorie, over het recht van individuen om van levensbeschouwing te veranderen, over de erkenning van religieuze feesten als officiële vakantiedag of over soepele regels voor

DEGEUS

moslims op begraafplaatsen? Wie met dit laatste principieel akkoord gaat, zal noodgedwongen tolerantie moeten opvatten als een vorm van oogluikend toelaten.

dat er een oneindig aantal didactische werkvormen bestaat, focussen we op spelmateriaal als voorbeeld van good practice binnen het beperkte opzet van deze bijdrage.

De Britse filosofe Susan Mendus duidt dit probleem als de paradox van de tolerantie. Zij schrijft dat tolerantie tegelijkertijd een individuele deugd is én een plicht in de samenleving. Bij het eerste ligt het accent op gevoelens, de maatschappelijke plicht kan men eerder afleiden uit een consequentialistische ratio over een leefbare samenleving. De eenvoudige oplossing, die men soms in seculiere kringen hoort, om levensbeschouwingen op te sluiten in de private sfeer, is de facto onrealistisch omdat ze voorbij gaat aan Mendus’ dubbele betekenis van tolerantie. Deze oplossing zet overigens de zin van een interlevensbeschouwelijke dialoog zelf op de helling.

Een gemeenschappelijk onderwijsvak dat louter kennis bijbrengt over levensbeschouwingen en maatschappij en niet aan emotionele vaardigheden werkt, heeft geen schijn van kans om de jeugd toleranter te maken

De leraars die de dialoog organiseren begeven zich in de grijze zone tussen het publieke en het private. Die zone is bovendien volop in beweging. Wat mensen precies tolereren, ook in de betekenis van oogluikend toelaten, heeft zeker met persoonlijkheidskenmerken te maken. Want zal de vader die zich boos maakt over het kapsel van zijn zoon zich niet makkelijker aangesproken voelen door Pegida of door het salafisme? Een gemeenschappelijk onderwijsvak dat louter kennis bijbrengt over levensbeschouwingen en maatschappij en niet aan emotionele vaardigheden werkt, heeft geen schijn van kans om de jeugd toleranter te maken.

DE DIDACTIEK VAN HET SPEL Iedere leraar weet dat er niet één zaligmakende werkvorm is waarmee je een competentie of een lesdoelstelling kunt bereiken. De keuze van een werkvorm wordt bovendien bepaald door de grootte en de aard van de groep en de beschikbare tijd. Didactisch spelmateriaal zal steeds ingebed worden in een groter lesplan en de nabespreking in een onderwijsleergesprek of peer-feedback is wellicht belangrijker dan het spel zelf. Wetende

Het idee van spelend leren is een kind van de Verlichting en de Romantiek. In zijn brieven over esthetische opvoeding stelde Friedrich Schiller in superlatieven ‘dat de mens slechts dan geheel mens wordt als hij speelt’. Jean Jacques Rousseau schreef gesprek en spel hoger aan dan formele lessen. Zijn Emile kende veel weerklank bij Duitse verlichte pedagogen. En sinds Friedrich Fröbel (1782-1852) is creativiteit en spel niet meer weg te denken uit het onderwijs aan jonge kinderen. Leuke werkvormen ontwikkelen de totale persoonlijkheid op sociaal, moreel, levensbeschouwelijk (Fröbel zelf noemde dat ‘spiritueel’) en wetenschappelijk vlak. Educatief spelmateriaal is dus niet nieuw, maar het werd in het onderwijs aan oudere kinderen weleens vergeten. De populariteit van computerspelletjes zorgde voor een vernieuwde belangstelling bij pedagogen en didactici. Ik vermoed dat Super Mario en Lara Croft onderwijsmensen wakker hebben geschud met de realiteit dat ook pubers en adolescenten nog dolgraag spelen. De laatste jaren werd heel veel gepubliceerd over ‘gamificatie’: het aanwenden van spelprincipes in apps, sociale media en wetenschappelijk onderzoek om gedrag op een positieve wijze te sturen. De grotere intrinsieke motivatie die uitgaat van een spel fascineert natuurlijk pedagogen.

maart 2017  >  17


ACTUA

Maar gamificatie is niet onbesproken: critici zien games als een symbool voor technologie die manipuleert. De meeste digitale spelletjes mikken op individuele prestaties, kennen een grote voorspelbaarheid en geven het misleidende idee dat alle inspanningen meetbaar zijn. Bovendien vergt de ontwikkeling van digitaal spelmateriaal hopen technologische kennis en financiële slagkracht: big business met middelen die de lerarenopleiding niet heeft. Geschikt spelmateriaal voor lessen niet-confessionele zedenleer en voor de interlevensbeschouwelijke dialoog moet toegankelijk, onmiddellijk bruikbaar en goedkoop zijn opdat het zijn weg zou vinden naar de klassen. Nog belangrijker is dat ingebouwde motivatie niet exclusief gericht is op de individuele prestatie, maar op het welslagen van de interactie tussen de spelers zelf. Verder is spelmateriaal slechts geschikt voor onze doeleinden als het ruimte laat voor een open einde en er niet kan ‘gewonnen’ worden door individueel te scoren. In de voorgestelde spelen hebben de deelnemers een gezamenlijk doel dat hen voor een uitdaging plaatst. Door deze inzichten kozen de lerarenopleidingen zedenleer ervoor om een aantal bordspelen te ontwikkelen, zeg maar: gezelschapsspelen die als kapstok dienen om de leerlingen zelf aan de slag te krijgen met het onderzoeken van elkaars meningen. Spelregels zitten immers vol moraal. Krijgt men in zijn kinderjaren niet voor ’t eerst een notie van egoïsme, huisjesmelkerij en armoede tijdens een monopoliespel? Kan het bordspel Risk of het kaartspel Machiavelli kinderen bijbrengen wat trouw en verraad is? En leren we onze familie en vrienden niet best kennen tijdens een gezelschapsspel? De didactische voordelen van spelen zijn legio; Mark Prensky, een autoriteit in het onderzoek naar digitale geletterdheid en digitaal spelmateriaal, geeft een opsomming. We bundelen zijn opvattingen: leuke dingen geven een grote intrinsieke motivatie en verhogen de betrokkenheid. De spelers moeten functioneren in een fictieve wereld die hen passioneert.

18  >  maart 2017

Spelregels geven de deelnemers structuur, in een format die pubers gemakkelijker aanvaarden dan opgelegde schoolregels. Spelende leerlingen leren van elkaar. Boeiende spelen kunnen op verschillende niveaus en moeilijkheidsgraden worden gespeeld. Ze bieden dus ruimte voor differentiatie, want de diepgang wordt mee bepaald door de deelnemers. Trial and error is eigen aan spelen en zorgt voor een spontane vorm van feedback. In de fictieve wereld van het spel zijn er conflicten aanwezig die de deelnemers voor een uitdaging plaatsen en vragen naar creatieve oplossingen. Zeker bij niet-competitieve spelletjes zorgt de interactie voor een verbondenheid tussen de speelgenoten. De spelwereld biedt een aanschouwelijk verhaal waarin we emotioneel worden meegesleurd en dat representatief is voor situaties in de echte wereld. De horizontale interactie tussen leerlingen is gegarandeerd en de leerkracht kan zichzelf als coach meer op de achtergrond plaatsen. Vooral dit laatste in Prensky’s waslijst kan – voor ons onderzoekdomein – worden aangevuld met de bevindingen van Gislinde ­Nollet. Zij merkte op dat co-teaching over interlevensbeschouwelijke competenties soms moeilijk loopt omdat de leraren verschillende lesstijlen hanteren. Door de leerlingen zelfstandig in dialoog te laten treden met een spel, kunnen de leraren afstand bewaren en het leerproces van de leerlingen observeren. Zulks biedt meer ruimte voor objectiviteit en bevordert de autonome identiteitsontwikkeling van de leerlingen.

De lerarenopleidingen zedenleer kozen ervoor om een aantal bordspelen te ontwikkelen, zeg maar: gezelschapsspelen die als kapstok dienen om de leerlingen zelf aan de slag te krijgen met het onderzoeken van elkaars meningen

Om aan levensechte procesdoelen of interlevensbeschouwelijke competenties te werken, lijkt een simulatiespel aangewezen. In hun klassieke vorm – niet gecombineerd met een bordspel – worden simulatiespelen al jaren gebruikt in de lessen niet-confessionele zedenleer. Dat gaat zo: eerst schetst de leraar een conflict over een bepaald onderwerp vanwege belangentegenstellingen. Vervolgens kruipen de leerlingen in de huid van het orgaan dat de knopen doorhakt: ze spelen gemeenteraad, rechtbank, schoolraad enzovoort. De rollen worden verdeeld en er wordt een procedure afgesproken voor de besluitvorming. Dan volgt een nabespreking. Het begrip ‘simulatie’ is hier een instructiemethode die gebaseerd is op een vereenvoudigd model van de sociale werkelijkheid. Leerlingen gaan in concurrentie om bepaalde resultaten te behalen binnen regels en beperkingen. De concurrentie kan plaatsvinden tussen individuele leerlingen of groepen leerlingen, of van alle leerlingen tegen een vooropgestelde maatstaf die ze met coöperatie kunnen bereiken. De emancipatorische kracht van zulke spelen werd in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw volop erkend en zelfs verheerlijkt. De Antwerpenaar Willy Deckers schreef in die tijdsgeest ‘dat kritisch bewustzijn te veel herleid wordt tot kritische rationaliteit en daardoor veel kansen voor bevrijding en emancipatie verloren gaan. In het creatief spel ondersteunen affectieve elementen de ontleding van samenlevingsstructuren op hun ideologische, sociaaleconomische en politieke achtergrond. Het spel maakt de kritische maatschappijanalyse tot een zintuiglijke creatieve confrontatie van de mens met zichzelf’, aldus Deckers. Sluit deze visie niet naadloos aan bij de aandacht voor sociale en affectieve ontwikkeling in de levensbeschouwelijke vakken? Deckers’ euforie uit de sixties moet toch wat worden getemperd: ondertussen gebeurde veel onderzoek naar deze didactiek. Volgens John Hattie zijn simulatiespelen weinig effectief om kennisinhouden bij te brengen.

DEGEUS


ACTUA

Leerlingen zouden feiten, concepten en generaliseringen niet kunnen reconstrueren en slecht onthouden. Niettemin is het effect net iets groter dan van een ex-cathedra les. Verder zijn simulaties effectiever in ‘zwakkere klassen’ dan in ‘sterke klassen’ en slaan ze beter aan bij oudere leerlingen dan jongeren. Het is wel heel hoopgevend dat de effectiviteit voor het bereiken van attitudes veel hoger is, vergelijkbaar met het effect van de meest activerende werkvormen.

Natuurlijk zijn er ook valkuilen. Omdat elk didactisch spelmateriaal een vereenvoudiging is van de werkelijkheid, dreigt stereotypering Natuurlijk zijn er ook valkuilen. Omdat elk didactisch spelmateriaal een vereenvoudiging is van de werkelijkheid, dreigt stereotypering. De boef in de gevangenis van het monopoliespel heeft een tronie … De ontwerper van het spel moet schipperen tussen enerzijds duidelijke en hanteerbare spelregels met prenten, pionnen en karton en anderzijds de complexe werkelijkheid die zij simuleren. Een spel moet leuk blijven en karikaturen zijn nu eenmaal grappiger dan de genuanceerde werkelijkheid. De goede spelontwerper stopt er humor in. Anderzijds is het precies deze humor, in combinatie met de virtuele wereld waarin leerlingen zich bevinden, die fijngevoelige morele problemen of conflictueuze levensbeschouwelijke opvattingen bespreekbaar maakt.

VLUCHTELINGENSPEL EN EILANDSPEL We stellen twee simulatiespelen voor: eentje over de actuele vluchtelingenproblematiek dat geschikt is voor lessen zedenleer en één over het samenleven van verschillende levensbeschouwingen. Het eerste kan zowel in lessen zedenleer gebruikt worden als in gemeenschappelijke lessen met godsdienst. Het tweede, het eilandspel, is geschikt om een interlevens-

DEGEUS

beschouwelijke dialoog op gang te trekken. Het vluchtelingenspel werd ontworpen door laatstejaarsstudenten in de lerarenopleiding van hogeschool AP in Antwerpen. Studenten kregen de opdracht om bejaarde landgenoten te interviewen die tijdens de tweede wereldoorlog als kind op de vlucht gingen. Een tweede reeks interviews gebeurde met kinderen uit het Midden-Oosten die nu in opvangcentra verblijven. Uit deze interviews werden twee verhalen geselecteerd: het verhaal van Henri Meeus die in mei 1940 vluchtte voor de inval van de Duitsers en het verhaal van Omar die op twaalfjarige leeftijd vluchtte uit Aleppo in Syrië. Beide vluchtroutes werden gevisualiseerd op twee ganzenborden: een op een oude kaart van België en een op een actuele kaart van het middellandse zeegebied en Europa. De pionnen waarmee de leerlingen spelen vertegenwoordigen Henri en Omar. Leerlingen ervaren hoe de jongens op hun vluchtroutes meevallers en tegenslagen ondervonden die hen vakjes vooruithelpen of achteruitslaan op weg naar een veilig onderkomen. Het opzet van het spel is beperkt en beoogt eenvoudige perspectiefwissel zodat de leerlingen aanvoelen en begrijpen dat wie gastland is en wie vluchteling is, ooit anders was. Door het accent te leggen op de ervaringen van Henri en Omar als kind, met andere woorden als leeftijdsgenoot, hopen we op een maximale identificatie. Dit didactisch materiaal is geschikt om de empathie van twaalfjarigen te bevorderen. Het thema van dit spel is bovendien een prima ‘brug’ over de verschillende levensbeschouwingen heen. Leerkrachten zedenleer zullen empathie kaderen in het vrijzinnig-humanisme met haar opvattingen over medemenselijkheid en solidariteit. Collega’s islam en Rooms-katholieke godsdienst zullen waarschijnlijk focussen op naastenliefde en charitas. Dat is niet hetzelfde, maar ontegensprekelijk verwant en zeer boeiend om bij elkaar

te onderzoeken. Het tweede spel, ‘Overleven op Overtuigingseiland’, werd in het academiejaar 2014-2015 theoretisch bedacht in de lessen vakdidactiek van de lerarenopleiding wijsbegeerte-moraalwetenschappen van de Universiteit Gent. Het spelopzet was geïnspireerd op de ‘sluier van onwetendheid’ van John Rawls en op de dystopie in ­William Goldings’ roman Lord of the Flies. Rawls’ theorie vertrekt van de vaststelling dat men geen billijke regels kan afspreken voor de samenleving als men de eigenbelangen kent. Daarom bedacht hij een hypothetische ‘sluier der onwetendheid’: tijdens het ontwerpen van de beginselen en de fundamentele rechten en plichten moeten de betrokkenen onwetend zijn over hun toekomstige maatschappelijke positie, over hun talenten en gebreken. Op die manier zullen zij niet weten welke invloed de verschillende alternatieven zullen hebben op hun eigen bijzonder geval en moeten zij de beginselen uitsluitend op basis van algemene overwegingen evalueren. ­William Goldings’ verhaal gaat over een stel schooljongens dat terecht komt op een onbewoond eiland. Alleen door samen te werken en regels af te spreken kunnen ze als groep overleven. In het academiejaar 2015-2016 werd dit spel uitgevoerd, getest en verfijnd in het kader van een bachelorproef in de lerarenopleiding van HoGent door Gislinde Nollet. Het eilandspel voorziet de deelnemers van een aantal willekeurig gedefinieerde virtuele levensbeschouwingen met clusters van geboden, verboden en overtuigingen die ad random onder de spelers worden verdeeld. Het parcours op het eiland voorziet in potentiële conflictzones in het economisch, politiek, sociaal, juridisch en cultureel domein. Doorheen het spel moeten leerlingen een wetgeving opstellen waarin zo goed mogelijk levensbeschouwelijke diversiteit wordt erkend en gefaciliteerd zonder dat het samenleven in gevaar komt. Jan Van Vaek

maart 2017  >  19


VRAAGSTUK

DARYA SAFAI -- °7 april 1975, Teheran -- Heeft de Iraanse revolutie van 1979 actief meegemaakt -- Studeerde tandheelkunde aan de universiteit van Teheran -- Werd in 1999 tijdens de studentenprotesten opgepakt -- Vluchtte via Turkije naar België -- Is sinds 2004 als tandarts actief in het tandheelkundig centrum van Borgerhout -- Voerde met ‘Let Iranian women enter their stadiums’ actie op verschillende sportevenementen tegen het feit dat vrouwen de Iraanse stadions niet mogen betreden -- Publiceerde in 2015 haar biografie ‘Lopen tegen de wind’ © Gerbrich Reynaert


VRAAGSTUK

Darya Safai Cultuurrelativisme mag niet gebruikt worden om de ogen te sluiten Als je bij Google-afbeeldingen de zoektermen women Iran seventies ingeeft dan zou je wel eens voor een verrassing kunnen komen te staan. Ongesluierde universiteitsstudentes, minirokjes op straat, bikini’s op het strand en diepe decolletés op magazinecovers. In die wereld werd Darya Safai geboren. Vier jaar later, na de Islamitische revolutie van 1979 kwam Ayatollah Khomeini aan de macht en stond het leven van Darya Safai en alle andere Iranese vrouwen volledig op zijn kop. Nu, 38 jaar later, is ze tandarts in Borgerhout en vecht ze dagelijks voor de rechten van moslimvrouwen. OPGROEIEN IN IRAN Kun je je nog herinneren hoe het leven was vóór de revolutie? Ik was vier jaar toen de Islamitische revolutie in Iran plaatsvond. Lang heb ik dus niet van mijn vrijheid kunnen genieten. Het eerste wat duidelijk veranderde was het leven van een vrouw.

Je ziet de jongens in je buurt op straat spelen en genieten van het leven en ik als meisje mocht in het beste geval enkel toekijken Vóór de revolutie konden vrouwen heel normaal deelnemen aan de maatschappij en hadden ze heel wat individuele en sociale vrijheden. Ze hadden veel jobkansen, konden goeie posten betrekken en konden zelfs minister worden. Qua gelijke rechten tussen man en vrouw was Iran echt op de goeie weg. En ineens was de

DEGEUS

revolutie er en werden alle wetten afgestemd op de Sharia, ook die met betrekking tot de vrouw. Ik weet nog goed, een van de eerste keren dat ik in contact kwam met discriminatie. Ik was zes jaar en moest voor het eerst naar school. Alle meisjes moesten een uniform dragen, zo een donkerblauwe lange mantel met een broek eronder en een hoofddoek die vooraan helemaal dicht was. Ik keek naar mijn buurjongetje met wie ik altijd speelde en hij had net hetzelfde aan als de dag voordien. Plots merkte ik hoe veel mijn leven veranderd was ten opzichte van het zijne. Het was iets dat ik niet bij naam kon noemen maar het voelde zo onaangenaam. En zo begonnen wij op te groeien in een apartheidssysteem. Hoe werd je behandeld op school? Er werd ons altijd maar meer en meer opgelegd hoe wij ons als keurig meisje moesten gedragen, terwijl ik dat van thuis niet kende. Toen ik negen was moest ik eens luidop lachen in de klas. De directrice tikte mij op de

vingers en vermaande me dat een goed meisje niet hardop lacht. Ook leerden we dat als we een lok haar aan een man lieten zien, we in de hel aan diezelfde lok opgehangen zouden worden en eeuwig zouden branden. Als je dat als kind van negen jaar hoort dan word je natuurlijk bang. Ik vreesde niet alleen voor mijzelf maar ook voor mijn moeder. Thuis droeg zij nooit een hoofddoek en soms kwamen ook eens mannelijke vrienden op bezoek. Dat zijn momenten die door je hoofd blijven spoken en je beginnen te definiëren als persoon. Je had de keuze, ofwel koos je ervoor om een goed meisje te zijn, ofwel was je slecht en werd je uitgestoten. Op die manier creëerden ze een indoctrinatiesysteem waar je nog moeilijk uit geraakte.

Het regime wilde alles wat met de vorige regering te maken had uit de geschiedenisboeken verwijderen Was er veel protest tegen dat systeem? Kort na de revolutie kwamen veel vrouwen, maar ook mannen op straat om tegen de verplichte hijab te protesteren. Het was toen dat de agressiviteit van het regime echt duidelijk werd. Kwam je als vrouw ongesluierd buiten dan werd je opgepakt en veroordeeld. In sommige gevallen werd zelfs de doodstraf uitgesproken. De hijab werd een stuk van de sharia en werd gebruikt om de vrouwen te onderdrukken. Hoe

maart 2017  >  21


VRAAGSTUK

ouder ik werd, hoe meer beperkingen ik voelde. Als kind van twaalf jaar mocht ik plots niet meer fietsen, dat was verboden voor meisjes. Je ziet de jongens in je buurt op straat spelen en genieten van het leven en ik als meisje mocht in het beste geval enkel toekijken. Wij meisjes konden niet meer genieten van het zand, de zon en het water van de Kaspische zee. Er werd ons elke dag meer ontnomen.

Voor mij is het Atomium een symbool voor de vrijheid geworden Hoe was het dagelijkse leven? Het is moeilijk om uit te leggen hoeveel angst er heerste. Op een bepaald moment begon je overal de morele politie te zien. Dat waren zware mannen met lange baarden. Als ik hier in België de politie op straat zie, dan voel ik me veilig. In Iran was dat het tegenovergestelde,

daar was je altijd bang dat je iets verkeerd deed. Zelfs als je in de auto naar muziek luisterde pakten ze je op en namen ze je auto in beslag, omdat muziek verboden was in Iran. Als jong meisje van 17 jaar schoof ik mijn sluier altijd een beetje naar achter. Mijn vriendinnen en ik wilden eens iets anders en probeerden wat te spelen met de mode. Ik had wel zo’n mantel aan maar mijn broek was opgerold tot aan mijn knieën. Zo liep ik over straat en ineens stonden die politiemannen daar en werden wij opgepakt. Ik had zoveel schrik want ik wist heel goed waar ik naartoe gebracht zou worden. Iedereen die wordt opgepakt gaat naar Vozara, een gevangenis in Teheran, en blijft daar tot de rechtbank beslist of je familie een boete moet betalen of je een lichamelijke straf krijgt. Dus stond ik daar. Terwijl de politiemannen met de andere vrouwen bezig waren zag ik een kans om te ontsnappen en begon ik weg te lopen. Een van die mannen

achtervolgde mij en ik wist dat als ik nu gepakt zou worden, er mij iets veel ergers te wachten zou staan. Maar ik zag dat hij vertraagde want hij was een beetje dik en zo kon ik ontkomen. Die man achtervolgt mij nog steeds in mijn nachtmerries.

Sinds de Islamitische Republiek aan de macht is, is Iran één woestijn geworden STUDENTEN IN OPSTAND Wat deed jij om te ontsnappen aan dat leven? Een van de enige rechten die je als vrouw nog had was studeren. Ik studeerde dag en nacht om het diploma tandheelkunde te behalen, ook al wist ik dat mijn jobkansen heel laag waren. Dat was voor veel meisjes zo. Twee derde van de studenten aan de universiteit van Teheran was vrouwelijk. Sinds president Rouhani

‘Het klinkt waarschijnlijk een beetje vreemd, maar voor mij is het Atomium een symbool voor de vrijheid geworden. Ik ga twee of drie keer lopen per week en dan probeer ik er altijd langs te passeren. Dan laat ik mijn haren los en dan weet ik dat ik vrij ben.’ © Gerbrich Reynaert


VRAAGSTUK

aan de macht kwam in 2013 zijn ze begonnen met quota op te leggen. Vanaf dan moest 50 procent van de studenten aan de universiteit mannelijk zijn. Het Westen denkt vaak dat Iran de goeie richting aan het opgaan is onder Rouhani, maar dat klopt helemaal niet. Veel studierichtingen zijn nu ook plots niet meer toegankelijk voor vrouwen. Veel mensen wilden zich tegen de Islamitische Republiek verzetten maar niemand durfde. Toen ik studeerde hielden mijn man en ik geheime vergaderingen op ons appartement met een groep medestudenten. Op die bijeenkomsten spraken we open over de politiek en probeerden we ons het Perzië van voor de revolutie te herinneren. Het regime wilde alles wat met de vorige regering te maken had uit de geschiedenisboeken verwijderen. Uiteindelijk had de geheime dienst ons door en hield ze ons constant in de gaten.

In België mag je alle discussies voeren en politici moeten zich verantwoorden voor hun acties en uitspraken In 1999 maakte je deel uit van de studentenprotesten. Wat was er gebeurd? Toen een van onze kranten werd verboden, kwamen studenten aan de universiteit van Teheran in opstand tegen het regime. Die manifestatie werd hardhandig aangepakt door het leger en er vielen een paar doden. Toen mijn man en ik dat hoorden zijn we naar de campus gegaan om te zien wat er aan de hand was, maar alles was afgesloten. De dag nadien zagen we foto’s in de krant, alles kapotgeslagen, bloed op de muren, een paar studenten die uit het raam geduwd werden. Drie studenten zijn overleden. De moord op andersdenkenden, dat was voor velen de laatste druppel. We beslisten samen met heel veel andere studenten om geen examens

DEGEUS

af te leggen en op straat te komen. Eerst waren dat enkel studenten van Teheran, later kwamen er studenten van andere universiteiten bij en ook niet-studenten begonnen mee te protesteren. Voor de eerste keer durfden wij op te komen voor onze mening. Dat waren de beste momenten van mijn leven. Mensen waren bang, maar liepen hand in hand over straat. Op de vierde dag werd het protest bloedig onderdrukt. Mijn man en ik waren naar huis aan het rijden en werden plots gebeld. Een vriend zei dat wij bij hen uitgenodigd waren om te komen eten. Dat was codetaal voor, ‘ga niet naar huis, de politie zit op jullie te wachten’. Op dat moment stapte mijn man uit de auto en verdween in de menigte, zonder iets te zeggen, zonder afscheid te nemen. Ik wist niet wat ik moest doen. Ik wist niet waar hij was of hoe ik hem kon vinden. Na een paar uur heb ik beslist om naar mijn ouders te gaan om te vragen wat ik moest doen. De dag nadien stond de politie aan onze deur en vroegen ze mijn vader of ik er was. Ik moest mijn kledij aandoen en meekomen. Ze hadden hem beloofd dat ik tegen de middag terug thuis zou zijn. Ik herinner me nog steeds de blik in zijn ogen, alsof hij op dat moment al afscheid van mij nam. Ik werd geblinddoekt weggevoerd en toen ik mijn ogen terug kon openen zat ik in een gang omgeven door cellen. Ik kreeg gevangeniskledij en werd naar een van die cellen gebracht.

Nu de hoofddoek een mode-item geworden is, worden opnieuw meer moslimmeisjes van thuis uit verplicht om gesluierd rond te lopen Je weet dat de geheime dienst tot alles in staat is. Velen kregen zelfs de doodstraf als boodschap aan de manifestanten. Ik werd dagenlang

ondervraagd. Met hoeveel zijn jullie? Wie zijn jullie? Je probeert er natuurlijk niet op te antwoorden maar uiteindelijk krijgen ze het toch eruit gesleurd. Ze vroegen waar mijn man was. Dat was de reden waarom hij plots gewoon verdwenen was. Uiteindelijk heb ik 24 dagen vastgezeten. Ik was op borgtocht vrij, een hele grote borgtocht. Ik zou na een maand opnieuw voor de rechtbank moeten verschijnen om mijn vonnis te horen. Ik wou mijn man terugzien. Ik moest hem vertellen wat er allemaal aan de hand was.

OP DE VLUCHT Hoe heb je hem teruggevonden? Ik kreeg een klein briefje van een vriend. Daarop stond dat mijn man veilig was. Ik vroeg hem om mij in contact te brengen en kort daarop werd ik in de koffer van een auto naar een geheim appartement gevoerd. Daar zag ik hem terug. We wisten dat de tijd aangebroken was om ons vaderland en alles wat we hadden achter te laten en een toekomst tegemoet te gaan die volledig onzeker was. Ik was nog nooit buiten Iran geweest.

Waarom mag je als progressieve mens kritiek hebben op het katholicisme maar niet op het islamisme? De enige manier om Iran uit te geraken is via mensensmokkelaars. Toen we uiteindelijk in Turkije waren was ik opgelucht. We vroegen ons vluchtelingenstatuut aan bij de Verenigde Naties en dan was het wachten op antwoord. Maar in Turkije was het ook niet veilig. De Turkse geheime dienst pakte een aantal mannen op, waaronder ook de mijne. Waarschijnlijk wilden ze een gevangenenruil doen met Iran. Ik heb vanalles ondernomen om hem te redden. Ik wist dat een kennis van mijn man in Frankrijk woonde en via hem heb ik voor ons een Belgisch paspoort kunnen aanvragen.

maart 2017  >  23


VRAAGSTUK

Wij waren zo opgelucht. Het is moeilijk om dat gevoel te beschrijven maar één van de dingen die ik nooit zal vergeten is het moment waarop een Turkse ambtenaar ons zei dat we zeker het Atomium moesten gaan bezoeken. Het klinkt waarschijnlijk een beetje vreemd, maar voor mij is het Atomium een symbool voor de vrijheid geworden. Ik ga twee of drie keer lopen per week en dan probeer ik er altijd langs te passeren. Dan laat ik mijn haren los en dan weet ik dat ik vrij ben. Heb je heimwee naar je vaderland? Dat is een belangrijke vraag. Ik zie het land Iran los van het regime dat al 38 jaar aan de macht is. Vóór de revolutie was het een prachtig land: we hadden badplaatsen, skigebieden. Een uur rijden vanaf Teheran bracht je naar prachtige plaatsen. Sinds de Islamitische Republiek aan de macht is, is Iran één woestijn geworden. Het water is uitgedroogd omdat de regering gewoon niet weet hoe ze een land moet onderhouden. Religie bepaalt wat ze doen, niet de wetenschap.

EEN NIEUWE START Hoe was het om plots Belg te zijn? Wij hadden niets, we moesten helemaal vanaf nul beginnen, zonder familiesteun, zonder familieadvies. Maar we waren met twee en we hadden veel motivatie. Mijn diploma tandheelkunde was niet aanvaard maar ik mocht wel een examen afleggen aan de VUB om te zien hoeveel jaar ik nog in te halen had. Uiteindelijk mocht ik in het vierde jaar beginnen en moest dus nog maar twee jaar bijstuderen. Ik was altijd bang omdat ik de taal niet goed beheerste maar ik had lieve proffen en werd goed begeleid. In 2003 was ik afgestudeerd en twaalf jaar later ben ik nog steeds actief in het tandheelkundig centrum in Borgerhout. Ik heb zelf gekozen om daar te gaan werken omdat ik wist dat daar veel kinderen waren die mijn hulp nodig zouden hebben. Als jonge vluchteling kreeg ik alle

24  >  maart 2017

kansen die ik nodig had. Ik werd behandeld als een echte Belg en daardoor kon ik vooruitgaan. Dat kostte veel moeite, ik beheerste de taal niet en begreep de cultuur nog niet zo goed. Toch ben ik erin geslaagd om een normaal leven op te bouwen. Ik vind dat als je naar België komt, je de plicht hebt om een band op te bouwen met het land. Belg zijn wil niet zeggen dat je enkel mag genieten van je rechten maar dat je de plichten erbij moet nemen. Het systeem dat hier opgebouwd is, een systeem van vrijheid, een land zonder religieuze dogma’s, daar hebben Belgen hard voor gewerkt. Dat zie ik dus ook als mijn taak.

Vergeet nooit dat de hoofddoek een duidelijke betekenis heeft binnen de sharia. Diezelfde sharia schrijft voor dat meisjes vanaf 9 jaar klaar zijn om te trouwen, dat een meisje van 9 jaar in de rechtbank kan veroordeeld worden tot de doodstraf In België mag je alle discussies voeren en politici moeten zich verantwoorden voor hun acties en uitspraken. Daar mogen we nooit mee stoppen. Er zullen altijd vragen zijn die gesteld moeten worden. De dag voor de aanslagen in Parijs heb ik een lezing gehouden over de gevaren van het islamisme. Ik merk dat veel mensen daar niet over willen praten, dat het onderwerp verzwegen wordt uit angst voor racisme. Dat is de reden waarom de situatie aan het escaleren is. Molembeek is nu wereldbekend. Dat probleem is niet op tijd aangepakt. Hadden we vijftien jaar geleden geïnvesteerd in goede begeleiding van de inwoners en een goede opleiding voor de kinderen dan was het probleem vandaag opgelost. Maar we hebben het tegenovergestelde gedaan, we hebben

‘Mensen zeggen dan dat men in België vrij is om te dr moslimvrouwen een hoofddoek dragen uit vrijheid? I bedekt zijn. Ik vraag mij af hoe vaak een moslimmeis gerespecteerde vrouw zich moet gedragen. Kun je dat

onze ogen gesloten en zijn ervan uitgegaan dat de problemen daar wel zouden blijven.

HOOFDOEK: VRIJE KEUZE? Je moet het probleem bij naam durven noemen en er open over discussiëren. Dat is wat ik doe, het probleem voorstellen zoals

DEGEUS


VRAAGSTUK

Maar je krijgt er veel kritiek op. Ik begrijp dat niet. Hoe kunnen zogenaamd progressieve mensen een hoofddoek verdedigen en zelfs vergelijken met witte sokken of een das? Voor mij is het duidelijk welke filosofie er achter een hijab of een hoofddoek zit. Vergeet nooit dat de hoofddoek een duidelijke betekenis heeft binnen de sharia. Diezelfde sharia schrijft voor dat meisjes vanaf 9 jaar klaar zijn om te trouwen, dat een meisje van 9 jaar in de rechtbank kan veroordeeld worden tot de doodstraf. Vorig jaar verscheen op de sociale media van Saoedi-Arabië een meisje die haar boerka had uitgetrokken. Heel veel mensen noemden haar een hoer en dreigden ermee haar te vermoorden. Uiteindelijk is ze opgepakt door de politie en zit ze nu in de gevangenis te wachten op haar vonnis.

De misdaden van het katholicisme zijn grotendeels achter de rug, maar islamisme is een probleem van vandaag. We moeten erover durven praten

ragen wat men wil. Maar denk je nu echt dat Ik zie meisjes in Borgerhout van 6 jaar die volledig sje thuis en in de gemeenschap hoort hoe een dan nog een vrije keuze noemen?' © Gerbrich Reynaert

het is. Velen willen mensen van moslimoorsprong beschermen door niet te veralgemenen en dus zwijgen ze liever en doen ze alsof alles in orde is. Maar zo bescherm je niet, integendeel. Je veroordeelt de hoofddoek omdat het een symbool is voor de onderdrukking van de vrouw.

DEGEUS

Mensen zeggen dan dat men in België vrij is om te dragen wat men wil. Maar denk je nu echt dat moslimvrouwen een hoofddoek dragen uit vrijheid? Ik zie meisjes in Borgerhout van 6 jaar die volledig bedekt zijn. Ik vraag mij af hoe vaak een moslimmeisje thuis en in de gemeenschap hoort hoe een gerespecteerde vrouw zich moet gedragen. Kun je dat dan nog een vrije keuze noemen? Als een ongesluierd moslimmeisje door de straten van Borgerhout wandelt, wordt ze uitgescholden voor hoer. Welk meisje kiest er nu voor om een hoer genoemd te worden? Als je dus de Belgische waarden wil toepassen op de hele maatschappij, hoe kun je dan de hoofddoek vergelijken met witte sokken? Verdienen moslimvrouwen dan niet dezelfde rechten? Je mag cultuurrelativisme

niet gebruiken om je ogen te sluiten. Als je trouwens denkt dat de boerkini een vooruitgang is voor gelijke rechten, dan heb je volgens mij het probleem niet goed begrepen. De boerkini wordt gepromoot als ‘kuise mode’ en dat maakt het probleem net groter. Nu de hoofddoek een modeitem geworden is, worden opnieuw meer moslimmeisjes van thuis uit verplicht om gesluierd rond te lopen. Mensen helpen daardoor het islamisme vooruit zonder dat ze het beseffen. Waarom mag je als progressieve mens kritiek hebben op het katholicisme maar niet op het islamisme? De misdaden van het katholicisme zijn grotendeels achter de rug, maar islamisme is een probleem van vandaag. We moeten erover durven praten. Hoe zou je dat probleem willen oplossen? Ik vind culturele werking heel belangrijk. Via wetgeving kun je dingen opleggen of verbieden maar daardoor is het probleem nog niet opgelost. Ik wil investeren in de kinderen. Elk kind moet leren wat gelijkheid tussen man en vrouw betekent. Ze moeten geconfronteerd worden met religieuze dogma’s en leren hoe ze die kunnen ontkrachten. Als ik naar middelbare scholen ga en ik spreek voor leerlingen van vijtien, zestien jaar, dan merk ik dat hun meningen al grotendeels gevormd zijn. Op een van die lezingen zei de leerkracht achteraf tegen mij dat de meisjes zich naakt voelden zonder hoofddoek. Wie heeft hen dat gevoel gegeven? Jarenlang hebben ze thuis gehoord dat het niet juist is als een vrouw haar haren toont. Dat baart mij zorgen, en daarom wil ik kinderen helpen bij het ontwikkelen van hun eigen kritische denken. Philipp Kocks

maart 2017  >  25


FILOSOOF OVER FILOSOOF

Adriaan Beverland DE GROOTSTE LIBERTIJN VAN ZIJN EEUW Wie had ooit kunnen vermoeden dat mijn bijdrage voor ‘Filosoof over filosoof’ waarin ik het driehonderdjarig overlijden herdenk van de libertijn Adriaan Beverland – die mijn leven gestuurd heeft – plots een actualiteitswaarde zou krijgen in deze achterlijke tijden van pseudo-vooruitgang? Ik niet, maar toch: ‘Een leerkracht Nederlands uit de derde graad van een secundaire school in Diest heeft het verbod gekregen om het gedicht Oh Kut – een ode aan het vrouwelijk geslachtsorgaan – van woordkunstenaar Jules Deelder te bespreken in de klas. Enkele ouders waren naar de directie gestapt omdat ze de les ‘behoorlijk zorgwekkend’ vonden. Temeer omdat de leraar er ook een opdracht aan gekoppeld had: de leerlingen moesten zelf een gedicht maken, maar ditmaal met het mannelijk geslachtsorgaan in de hoofdrol.’ (Het Nieuwsblad, 14/01/2017)

HET LIBERTINISME ALS LEVENSFILOSOFIE Bij van Dale leest men reeds de dubbelzinnigheid van het begrip: ‘libertinisme: dartelheid, wulpsheid’, met ‘libertijns’ als adjectief met dezelfde betekenis. Nochtans vermeldt het substantief een regel hoger wat het moet zijn: ‘libertijn: iemand die zich niet aan bepaalde gevestigde regels van geloof of moraliteit wil houden, syn. vrijdenker, vrijgeest’. Ook internet geeft bij eerste inbreng twee versies die tegenstrijdig zijn. Ten eerste: ‘Libertinisme is een levensfilosofie die absolute individuele vrijheid voorstaat’. Ten tweede: ‘In de praktijk wordt onder <een libertijn> verstaan, iemand die voor seksuele vrijheid staat en wordt vaak geassocieerd met

26  >  maart 2017

SM en bandeloosheid.’ Verklaring voor dit verschil tussen een vrij positieve invulling en een pejoratieve is te wijten aan het feit dat toen de term ‘libertinisme’ in zwang raakte als levenshouding in de 16de en 17de eeuw, van bij aanvang bezwaard werd door een kritisch artikel van Calvijn zelf (1545). De filologen kunnen ons hier niet verder helpen, de filosofen wel.

Geen enkele godsdienst of geen enkele moraal, behalve de eigen ethische attitude, heeft te beslissen over wat iemand met zijn lichaam doet en wat hij samen met andere lichamen beleeft wanneer die daarover dezelfde mening en gevoelens hebben Sinds het hoofdwerk, van de hand van René Pintard, hierover verschenen is (‘Le libertinage érudit dans la première moitié du XVII ième siècle’, 1943), maakt men een onderscheid tussen het ‘zedelijk libertinisme’ en het ‘erudiete’. Het eerste betreft dan de ethische onderbouwing van een gedrag dat vleselijke lust niet schuwt en valt zowat samen met het hedonisme

Adriaan Beverland (1650-1716)

van de Grieken en Romeinen. Het ‘erudiete libertinisme’ staat dan voor het verschijnsel dat intellectuelen op literaire wijze de lichamelijke vrijheden vooropstellen om in te gaan tegen de repressie van lichaamsonderdrukkende religies. In de tijd van het ontstaan dus het katholicisme, nu de islam. Het hoofddoekendebat zou men vanuit dit standpunt kunnen bekijken. Maar een libertijn legt ook geen ‘vrijheid’ op aan

DEGEUS


FILOSOOF OVER FILOSOOF

eist zijn vrijheid op omdat ervan uitgegaan wordt dat de hersenen in staat zijn zelf te oordelen hoe dat lichaam handelt.

Wie met iedereen die dat wil de liefde bedrijft, kan dat. Wie dat met niemand of met een trouwe partner wil doen, kan dat ook. Dat is dezelfde vrijheid

anderen. Hoe dan ook is dit erudiete libertinisme niet los te koppelen van een kritiek op de religie. Het feitelijke libertinisme, dat de seksuele vrijheid huldigt en een erudiet libertinisme, dat vanuit een atheïstisch standpunt de vrijheid over zichzelf opeist, hebben een filosofisch materialisme als gemeenschappelijke basis. De mens is een lichaam met een bepaalde materialiteit. De geest, deel van dat lichaam,

DEGEUS

De invulling van die vrijheid is dus dat waarover het gaat. Ze betekent dat geen enkele godsdienst of geen enkele moraal, behalve de eigen ethische attitude, te beslissen heeft over wat iemand met zijn lichaam doet en wat hij samen met andere lichamen beleeft wanneer die daarover dezelfde mening en gevoelens hebben. Dat heeft voor gevolg dat een libertijn zijn tegendeel kan zijn, een puritein, wanneer dat puritanisme niet ingegeven wordt door externe morele dwang, maar door een eigen beslissing. Wie met iedereen die dat wil de liefde bedrijft, kan dat. Wie dat met niemand of met een trouwe partner wil doen, kan dat ook. Dat is dezelfde vrijheid. De libertijn is gewoon iemand die als filosofie onderhoudt dat men geen externe bevelen te krijgen heeft. In die zin is er een verwantschap met de anarchist. Dat die vrijheid ook een seksuele dimensie heeft is gewoon een gevolg van zijn visie op lichamelijkheid, waartoe ook behoort dat men graag beslist wat men eet, drinkt, rookt of hoe men zich kleedt. Sport en lichaamsbeweging doet men uit plezier of doet men niet. Gezondheidsregels zijn immers ook surrogaten van morele dwang, evenals de mode. Ook het recht op sterven, euthanasie, eist men op, zelfs nog voor men halfdood is. Evenals de beslissing het leven door te geven of een abortus te plegen. Allemaal aspecten van de libertijnse lichamelijke vrijheid. En ik herhaal, ook die vrijheid niet nemen, behoort tot de vrijheid. En vrijheid nemen is een zaak van de geest. Laat ons zeggen dat een libertijn iemand is die zijn buur een pleziertje gunt wanneer

hij ziet dat de slaapkamergordijnen midden in de dag gesloten worden en zou verkiezen dat ze open blijven voor een niet-voyeuristische inkijk.

ADRIAAN BEVERLAND Er is nog een belangrijk gegeven bij het verband met en verschil tussen het zedelijk en het erudiete libertinisme. De erudiete libertijn is ervan overtuigd dat de zedelijke niet-libertijn een hypocriet is of een hormonaal gestoorde. De stelling van Adriaan Beverland, waarmee hij veel wind deed opwaaien, was dat iedereen zonder uitzondering een begerig libidinaal wezen is. Ja, meer dan tweehonderd jaar voor Freud. Hij was zo goed als de eerste om dat te stellen. De thema’s in zijn boeken liegen er niet om: Eros is een belangrijke god in de mythologie; het is de natuur van het dier; ook alle mensen van kindsbeen af; niemand is kuis; feesten en kunst hebben een erotische band; misstappen van de clerus; en alle vormen van perversiteit, om maar een greep uit zijn thema’s te nemen. De bevestiging van de belangrijkheid van deze duistere vrijdenker kreeg ik maar toen ik vernam dat ik geciteerd werd in het hoofdwerk over de Vroege Verlichting door Jonathan Israël: Radicale Verlichting. Hoe radicale Nederlandse denkers het gezicht van onze cultuur voorgoed veranderden. Hierin heeft hij de stelling onderbouwd dat men vanaf de tweede helft van de zeventiende eeuw over ‘Verlichting’ kan spreken in het voetspoor van Spinoza, de vader van het moderne vrije denken. Hij behandelt Adriaan Beverland als de eerste vrijdenker die een bijdrage geleverd heeft aan de seksuele emancipatie van de vrouw, meer bepaald in het hoofdstuk Vrouwen, filosofie en seksualiteit: ‘Spinoza zelf toonde weinig belangstelling voor seksuele zaken en toch werd zijn naturalistisch stelsel, paradoxaal genoeg, de intellectuele basis voor de veruit belangrijkste vooruitgang op weg naar de emancipatie van de geslachtsdrift, inclusief die van de vrouwen, die zich in de tijd van de Vroege Verlichting voordeed.’ En meer specifiek over onze held van de vrije gedachte: ‘Adriaan Beverland was

maart 2017  >  27


FILOSOOF OVER FILOSOOF

de eerste die een radicaal standpunt ontwikkelde over dit onderwerp en die evenals degenen die na hem kwamen, uitging van een spinozistische stellingname.’

De stelling van Adriaan Beverland, waarmee hij veel wind deed opwaaien, was dat iedereen zonder uitzondering een begerig libidinaal wezen is Israël vat de conclusie waartoe ­Beverland gekomen is als volgt samen: ‘In het bijzonder valt op zijn conclusie dat het verlangen naar seksuele genoegens fundamenteel in ieder mens zit en dat welke vorm dit verlangen ook aanneemt en hoe het ook wordt onderdrukt, dit verlangen een universele menselijke trek is. Eén consequentie is dat volgens Beverland een puriteinse houding en ascese, welke vrome rechtvaardiging daar ook aan wordt gegeven, altijd ontstaat uit onwetendheid, huichelarij en hypocrisie. Een tweede conclusie is dat vrouwelijke zedigheid en kuisheid altijd niets meer is dan een opgelegde of zelfgekozen gevangenschap en een

vorm van misleiding, en dat in principe alle vrouwen, niet minder dan mannen, op zoek zijn naar genot en sensualiteit. Volgens deze redenering is er geen enkele vrouw die ‘zuiver’ en kuis is van geest. De vrouwelijke sekse kent dezelfde hartstochten als wij, stelt Beverland, maar is gedwongen die meer te onderdrukken, omdat seksuele begeerte in vrouwen in het algemeen wordt veroordeeld als zijnde in strijd met vrouwelijke zedigheid. Daarom kunnen vrouwen alleen binnen de beperkingen van het huwelijk toegeven aan hun begeerten.’ Beverland kreeg geen applaus van de protestantse clerus voor deze emancipatiegedachte. Integendeel, hij belandde eerst in de kerker en werd daarna, in 1679, verbannen naar Engeland. Al bestaan er ergere oorden om naartoe te moeten, het heeft hem toch levenslang dwars gezeten dat hij niet terug mocht. Als hem dat op 13 februari 1693 toch toegelaten wordt, is zijn financiële toestand van die aard dat hij niet meer in de mogelijkheid is te verhuizen en uit brieven blijkt ook dat hij het niet volledig vertrouwt. Als libertijn is hij overigens gestorven; een traktaat waarin hij zijn vroegere opvatting herriep moet enkel gelezen worden als een strategie om te mogen terugkeren. Nochtans was Beverland een rechtschapen burger die zijn werk deed als humanist. De humanisten uit de 16de en 17de eeuw hadden de zware taak op zich genomen de kennis van de klassieke oudheid, die doorheen de middeleeuwen in grote mate verloren was gegaan, terug in de bekendheid te brengen door de oorspronkelijke teksten te bestuderen en te publiceren, voorzien van commentaar. Onze libertijn was meer geïnteresseerd in het hemelse van de vrouw dan in hemellichamen. Fysica was aan hem niet besteed. Evenmin interesseerde hij zich in metafysica, het speculatieve denken wanneer de natuurkunde het voor bekeken houdt. Wel was hij bezeten door het aardse, door de materie der dingen en vooral door de aantrekkingsmechanismen van het vlees. Beverland was een Zeeuwse licentiaat



De Prostibulis Veterum

in de rechten die met zijn diploma geen eerbaar advocaat werd, maar zijn verstand scherpte op het bestuderen van erotische geschriften uit de Oudheid. En dit dan nog ter staving van een zonderlinge versie van het Bijbelse scheppingsverhaal. De duivel zou Eva ertoe aangezet hebben de vrucht van de boom van Adam te plukken en samen op te eten. Volgens Beverland moet dit allegorisch gezien worden als de liefdesdaad tussen Adam en Eva. Door zich over te geven aan de lust, overtraden de aartsouders de goddelijke wet en volgde de straf, de erfzonde, die dan moet begrepen worden als de erotische prikkel die vanaf de geboorte bij iedere sterveling aanwezig is. Ik meen dat men het belang dat Beverland aan deze stelling hechtte niet te ernstig moet nemen. Het past in de geest van die tijd om, na Hobbes en Spinoza, aan Bijbelkritiek te doen. Het handschrift gebleven corpus dat onze vrijdenker hierover samenstelde, moet eerder als een Thesaurus Linguae Eroticae gezien worden, een erotisch woordenboek, waarin met de zorg van een humanistisch filoloog de klassieke talen bestudeerd worden, in casu het erotisch vocabularium. Wat men er wel mag in zien, is zijn opvatting dat de erotische lust polymorf pervers is, dus los van de voortplantingsmoraal en bevredigingzoekend waar bevrediging te vinden valt, hoe menselijk, al te menselijk die variabelen ook zijn.

DEGEUS


FILOSOOF OVER FILOSOOF

atheïsme te kunnen betichten. Ik heb toch niet alle theologen belachelijk gemaakt? Alleen het ongedierte ertussen verfoei ik. Ze lijken op varkens, wanneer men van één de oren wast, beginnen ze alle te knorren en te huilen. Ik ben niet gewoon om recht te springen voor die vertegenwoordigers van de Heilige Militie. Ik heb ze wat lectuur gevraagd om de tijd te doden. Weet je wat ze me brengen? De Bijbel verdomme! Geef mij maar Iuvenalis en zijn satiren: tunc nuda papillis prostitit … (Sat. VI. vs 122): de geile ­Messalina, eega van keizer Claudius, ging zich prostitueren, naakt, de borsten met goud versierd ...’

Van dit handschrift, De Prostibulis Veterum (‘Over de Bordelen der Antieken’), werkte hij hoofdstuk II om tot een autonoom boekje en liet het drukken in 1678 onder de titel die we afgekort in het Nederlands Over de Erfzonde zouden noemen. In 1679 verscheen een verbeterde uitgave. Het drukken maakte echter dat de tekst, die in manuscript reeds onder vrienden van hand tot hand gegaan was, plots toegankelijk werd voor lekenogen, niet ingewijden in de ars amandi, met name de theologen. Wanneer hij zijn plan te kennen geeft om zijn volledig manuscript te laten drukken, gaan de poppen pas goed aan het dansen. Dit vernemen we vooral uit de brieven die van Beverland bewaard gebleven zijn, geschreven vanuit de studentenkerker waar hij in afwachting van zijn proces, op 26 oktober 1679, belandt. Zo schrijft hij bijvoorbeeld dat ‘ieder zijn mening mag hebben als men hem maar toelaat zijn visie te huldigen’. Maar laten we Beverland zelf even aan het woord via zo’n brief aan zijn vriend: ‘Mijn beste Niclaas, Verwonder u niet over mijn laattijdige brief. Ik zit al zes dagen opgesloten in de kerker. Ik kon vermoeden dat de geschokte heren zich zouden wreken. Maar dat het zo erg zou zijn … dat wist ik niet. Om mij te beschuldigen spannen ze hinderlagen. Ze sturen verklikkers en roddelaars. Ze laten ook wijn aanrukken om mijn tong wat losser te maken om mij dan van

DEGEUS

Op 25 november 1679 wordt Beverland veroordeeld tot een geldboete van honderd zilveren dukaten, verbanning uit Holland en West-Friesland, schrapping van de studentenrol en het inleveren van zijn manuscript traktaat De Prostibulis Veterum. Zijn manuscript werd dus nooit gedrukt. Beverland kende de voordelen van de censuur. Over het gedrukte hoofdstuk schrijft hij in een brief dat de drukkers het op prijs zouden stellen dat het boekje door de censuur verboden wordt, om zo hun winsten te zien groeien.

Beverland kreeg geen applaus van de protestantse clerus voor deze emancipatie gedachte. Integendeel, hij belandde eerst in de kerker en werd daarna, in 1679, verbannen naar Engeland Omdat het volledige manuscript niet gedrukt werd, is het in de vergetelheid geraakt, samen met de auteur. Het heeft ongeveer 300 jaar geduurd vooraleer Leopold Flam (VUB) hem aanhaalt in zijn Filosofie van de Eros, ik zelf er een licentieverhandeling over schrijf en Rudolf De Smet de transcriptie van het handschrift als doctoraat aflevert en er een aantal artikels aan wijdt. Dit werk wordt vandaag verder gezet door de jonge

uitmuntende filoloog Tim Wauters. Moraal van dit verhaal: niet gedrukt worden kan het leven na de dood met driehonderd jaar uitstellen. De man verdient verdere studie. Hij is een schakel in de geschiedenis van de filosofie en wel binnen een beweging die mij het meest bezig houdt, namelijk dat tot op vandaag de westerse filosofie de meid gebleven is van de theologie, zoals de middeleeuwers het graag zagen, waar eigenlijk geloofsvragen op een wat complexere manier behandeld worden, van Socrates-­ Plato-Aristoteles over Descartes via Kant naar Hegel enzovoort. Een andere lijn had kunnen zijn: Democritos-Epicuros over Gassendi via Spinoza naar Nietzsche en zo naar Onfray en Sloterdijk. Het is in deze tweede lijn dat Beverland zijn steentje bij te dragen heeft. Intermezzo. Bijkomende actualiteit: het VRT-programma Van Gils & ­Gasten belt me zo pas om mijn visie te geven op de Brusselse muurschilderingen: stel je voor, een diersoort die zich stoort aan het beeld van zijn eigen voortplantingsorganen! Vertel dat eens aan een ezel. Naar aanleiding van de tweehonderdjarige herdenking van het overlijden van Markies de Sade in 2014, publiceerde KUL-onderzoeker Lode ­Lauwaert een interessant boek over deze grootste libertijn van de achttiende eeuw. Hij brengt daarin de interpretaties samen die andere filosofen over deze bizarre figuur gegeven hebben. Hij besluit dat de Sade de laatste libertijn is, maar dat is een brug te ver. Het libertinisme heeft het vandaag hard te verduren, maar het is niet dood. Een typische KUL-wijze van wetenschapsbeoefening: de zonde bestuderen in een ontsmette ruimte. De jezuïeten hebben op dezelfde wijze Marx bestudeerd. Maar enfin, het wordt nog bestudeerd. Aan de VUB is de studie van de geschiedenis van het vrije denken bijna uitgedoofd. Dat zal in het management niet passen. Willem Elias Libertijn op rust

maart 2017  >  29


MENSELIJK, AL TE MENSELIJK

‘La Vie’, Leven in autonomie, vertrouwen in elkaar Een nieuwe methodiek voor CBAW HET HOEFT NIET ALTIJD ZELFSTANDIG WONEN TE ZIJN! Nog geen jaar geleden reageerde iedereen geschokt op het overlijden van Jordy, die van ontbering stierf in een tentje op de Gentse Blaarmeersen. Helemaal alleen, compleet aan zijn lot overgelaten. Na een jeugd zonder hoogtepunten in een instelling was Jordy op zijn achttiende duidelijk niet klaar voor een leven op eigen benen. Hoe kon dit gebeuren? Het is een problematiek die velen van ons bezighoudt. De Cocon, Jeugdhulp aan Huis vzw, stelde vast dat jongeren dikwijls niet klaar zijn om op hun achttiende zelfstandig te gaan wonen, maar dat een dwingende maatregel hen soms in die positie duwt. Daarom heeft De Cocon een nieuwe methodiek ontwikkeld waarbij de focus ligt op het herstel van het netwerk van de jongere, het aanleren van enkele noodzakelijke vaardigheden om op eigen benen te staan en een groepswerking, waarbij jongeren die in hetzelfde schuitje zitten ervaringen kunnen uitwisselen. Een humane aanpak, die meer slaagkansen biedt aan jongeren om een succesvol leven te kunnen leiden. De Cocon, Jeugdhulp aan Huis, werkt al sinds 2013 aan een nieuwe methodiek om de problemen op te vangen van jongeren die op de rand van de meerderjarigheid zitten, en een ver-

30  >  maart 2017

hoogd risico op thuisloosheid hebben. De methodiek geeft invulling aan de werkvorm ‘Contextbegeleiding voor autonoom wonen’ (CBAW). De benaming geeft al aan dat de context een

DEGEUS


MENSELIJK, AL TE MENSELIJK

belangrijke rol speelt. Onze nieuwe methode probeert een stabiele thuis en een kwaliteitsvolle toekomst voor deze groep jongeren te creëren. Een belangrijk uitgangspunt daarbij is dat zelfstandig wonen kan, maar niet noodzakelijk hoeft. De jongere kan er ook voor kiezen om terug naar huis te gaan, of om in te wonen bij een vriend(in), zus, broer of ander familielid. Omdat we die mogelijkheden open houden, kunnen we bij de keuze van de uiteindelijke woonvorm samen met de jongere en zijn of haar netwerk kijken naar wat hij of zij zelf wil en aankan.

In onze methodiek proberen we – en dat is het bijzondere eraan – het sociaal en familiaal netwerk te herstellen en te verstevigen. Daarnaast proberen we vaardigheden aan te leren en te trainen die nodig zijn om een stabiele thuis uit te bouwen. Tenslotte voorzien we ook een ondersteunende groepswerking.

WAAROM EEN NIEUWE METHODIEK? We stelden ons de vraag of we jongeren op de rand van meerderjarigheid die zelfstandig moesten gaan wonen wel een echte kans gaven. Onze ervaring met begeleid zelfstandig wonen leerde ons immers dat een aantal jongeren

zelfstandig wonen niet aankon, maar door een dwingende maatregel geen andere keuze had. Dit werd bevestigd door tal van rapporten, onderzoeken en getuigenissen van (ex-)jongeren. Het Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting richtte zich in haar rapport Strijd tegen armoede, een bijdrage aan politiek debat en politieke actie 2011 op jongeren die de bijzondere jeugdbijstand verlaten. Deze focus is interessant, omdat er eerder al werd vastgesteld dat veel daklozen op een vroeger moment in hun leven verbleven in een gevangenis, een psychiatrische instelling of ­– bijzonder opvallend – ­­ in een instelling voor bijzondere jeugdzorg.

Vanuit onze ervaring met begeleid zelfstandig wonen stelden we ons de vraag of we jongeren op de rand van meerderjarigheid die zelfstandig moesten gaan wonen wel een echte kans gaven

Een belangrijk uitgangspunt is dat zelfstandig wonen kan, maar niet noodzakelijk hoeft. De jongere kan er ook voor kiezen om terug naar huis te gaan, of om in te wonen bij een vriend(in), zus, broer of ander familielid. © Gerbrich Reynaert

DEGEUS

Het Steunpunt stelde vast dat de overgang naar een zelfstandig leven en volwassenheid inderdaad erg moeizaam verloopt bij jongeren die een voorziening voor bijzondere jeugdzorg verlaten: ‘Ze staan er meestal alleen voor en worden geconfronteerd met uitdagingen rond bijvoorbeeld huisvesting, werk en inkomen waartegen ze niet opgewassen zijn en waarop ook de maatschappij hen geen adequaat antwoord biedt. Wanneer jongeren een voorziening voor bijzondere jeugdzorg verlaten, staan velen onder hen er alleen voor. Dit is vaak een onbedoeld neveneffect van hun plaatsing, die gepaard gaat met breuken in hun familiaal en sociaal netwerk, hun schoolloopbaan en hun parcours in de jeugdhulpverlening. De achttiende verjaardag kondigt zich beloftevol aan, maar blijkt in werkelijkheid een opeenvolging van beproevingen op verschillende levensdomeinen: familiaal en sociaal netwerk, huisvesting, inkomen,

maart 2017  >  31


MENSELIJK, AL TE MENSELIJK

opleiding en werk en de volwassenenhulpverlening.’ Het blijkt verre van evident om aan een menswaardig inkomen boven de armoedegrens en een fatsoenlijke huisvesting te komen. Bovendien stelden Sharon Van Audenhove en Freya Vander Laene vast dat de grote meerderheid van de jongeren – of ze nu een instellingsverleden hebben of niet – op 18 jaar nog niet klaar is om zelfstandig te leven. Het probleem is dat jongeren die uit de bijzondere jeugdzorg komen, vaak geen andere keuze hebben: ‘Jongeren met een lastig parcours achter de rug krijgen de boodschap om hun eigen boontjes te doppen. Omwille van verschillende redenen is het voor deze kwetsbare jongeren immers moeilijker dan voor andere jongeren om het pad naar volwassenheid af te leggen. Voor hen verloopt dit proces abrupter, in een te haastig tempo en houdt het meer risico’s in. Van deze jongeren wordt verwacht dat zij, in vergelijking met veel van hun leeftijdsgenoten, in een kort tijdsbestek zowel sociaal-cultureel als materieel-economisch onafhankelijk zijn en verantwoordelijkheid dragen. De meerderjarigheid is een juridische constructie die niet noodzakelijk overeenstemt met de sociologische realiteit. De kwetsbare jongvolwassenen dragen figuurlijk een rugzak. De vele tegenslagen en moeilijkheden die hun pad reeds hebben gekruist en het gebrek aan een beschermend en ondersteunend netwerk, maken hen extra kwetsbaar tijdens de transitieperiode van minderjarigheid naar meerderjarigheid’ (Zie: Van Audenhove Sharon, Vander Laene Freya, Eindelijk vertrokken? Jongeren uit de bijzondere jeugdbijstand op weg naar volwassenheid,

ZELFSTANDIG WONEN KAN, MAAR HOEFT NIET! Dankzij een innovatief project dat werd goedgekeurd door het Agentschap Jongerenwelzijn, konden we de verplichting om te werken aan zelfstandig wonen achter ons laten. In onze nieuwe methode is de voornaamste betrachting dan ook om een stabiele thuis te creëren voor deze groep jongeren – ­ wat die ook mag zijn. Wanneer jongeren bij ons in CBAW instromen, gaan we aan de slag. We nemen de tijd om samen met hen alle mogelijkheden te bekijken in functie van de keuze van de woonvorm en toekomstmogelijkheden.

Onze vaststelling was dat we weten dat vele jongeren zelfstandig wonen niet aankunnen, maar dat het vaak lijkt alsof er geen alternatief bestaat en deze jongeren daarom gedwongen worden om zelfstandig te gaan wonen Toen we begonnen met het ontwikkelen van onze nieuwe methodiek, dachten we nog dat zelfstandig wonen voor de meeste jongeren de realiteit zou zijn. Twee en een half jaar later weten we dat dit slechts opgaat voor 27% van de gevallen. Sommigen gaan zelfstandig wonen, maar beslissen nadien om bijvoorbeeld terug thuis te gaan wonen. Anderen maken de omgekeerde beweging. Onderstaande taart toont de uiteindelijke woonvorm aan:

TJK 2010/4, Larcier, Brussel, 2010). Conclusie: we weten dat veel jongeren zelfstandig wonen niet aankunnen. Maar omdat het vaak lijkt alsof er geen alternatief is, worden ze in die situatie gedwongen. Voor een grote groep jongeren werkt de klassieke aanpak van begeleid zelfstandig wonen dus onvoldoende. Voor hen zijn we op zoek gegaan naar iets anders.

23%

3% 3% 22%

broer of zus familielid vriend(in) zelfstandig wonen

8% 14%

De achttiende verjaardag kondigt zich beloftevol aan, beproevingen op verschillende levensdomeinen: fami opleiding en werk en de volwassenenhulpverlening.’

27%

thuis zoekend residentieel

32  >  maart 2017


MENSELIJK, AL TE MENSELIJK

gangspoort en Voorzieningenbeleid en De Cocon) als positief ervaren. Maar dan stelt zich al snel de vraag in hoeverre de begeleiding dan verschilt van thuisbegeleiding. Het antwoord ligt in de fundamenteel andere focus van de begeleiding. Thuisbegeleiding vertrekt vanuit het gezin en de opvoedingssituatie, met de ouders als opvoedingsverantwoordelijken. Bij Contextbegeleiding in functie van autonoom wonen vertrekken we vanuit het autonoom wonen van de jongere, en daarbij wordt diens hele context (die ruimer is dan het gezin) betrokken. De relatie is hier niet meer jongvolwassene versus opvoedingsverantwoordelijke, maar de focus ligt op wederzijdse verbondenheid die gekoppeld wordt aan een wederzijdse verantwoordelijkheid. De verantwoordelijkheden liggen hier anders en ‘gelijkwaardiger’. De verantwoordelijkheden zijn herschikt, waardoor er een nieuwe context en nieuwe begeleidingsmogelijkheden ontstaan. Aanmelders moeten zich dus voortaan bij de keuze voor thuisbegeleiding of CBAW enkele belangrijke vragen stellen: ‘Wie heeft de hulpvraag? Is autonoom wonen een oplossing voor de ‘echte’ problemen? Welk mandaat is wenselijk voor de hulpverlener?’

FOCUS OP HERSTEL EN UITBOUW VAN SOCIAAL EN FAMILIAAL NETWERK

, maar blijkt in werkelijkheid een opeenvolging van iliaal en sociaal netwerk, huisvesting, inkomen, © Gerbrich Reynaert

THUISWONENDE JONGEREN IN CBAW? ‘Zelfstandig wonen kan, maar hoeft niet’, bleek een eenvoudig en noodzakelijk uitgangspunt in de zoektocht naar een stabiele thuis. Het feit dat ook jongeren die thuis blijven wonen binnen deze methodiek geholpen kunnen worden, werd door de toenmalige projectstuurgroep (bestaande uit vertegenwoordigers van het kabinet Welzijn, de afdelingen Preventie- en verwijzersbeleid, Intersectorale toe-

DEGEUS

Binnen de methode zetten we heel sterk in op het herstel en de uitbouw van het sociaal en familiaal netwerk van de jongere. Zo’n netwerk zorgt voor steun en ondersteuning, helpt om een toekomst op te bouwen en vormt een buffer bij tegenslagen. We weten dat mensen met een sterk netwerk minder vatbaar zijn voor stress en depressies, en traumatische ervaringen en tegenslagen beter kunnen verwerken. Ze staan ook stabieler in het leven. Problemen maken nu eenmaal deel uit van het leven, en we merken dat personen die een beroep kunnen doen op anderen veel beter in staat zijn om problemen aan te pakken dan personen die het gevoel hebben er alleen voor te staan.

Problemen zijn onderdeel van het leven, en we merken dat personen die een beroep kunnen doen op anderen veel beter in staat zijn om problemen aan te pakken dan personen die het gevoel hebben er alleen voor te staan Jongeren die het moeilijk hebben om een stabiele thuis uit te bouwen, hebben dikwijls weinig sociale contacten. Belangrijke personen uit hun omgeving zijn verdwenen, of het contact is in die mate verslechterd dat ze denken er niet op te kunnen terugvallen. Hoe meer sociale steun een jongere ervaart, hoe makkelijker het is om een stabiele thuis uit te bouwen. Binnen de methodiek spreken we van sociale ondersteuning wanneer er een of meer mensen zijn op wie een jongere beroep kan doen voor praktische, materiële of emotionele steun. Zowel wanneer het goed gaat met de jongere als wanneer het niet goed gaat.

AUTONOMIE EN HET NETWERK De methodiek loodst jongeren in de richting van autonomie. Dat is echter geen synoniem van zelfstandigheid. Autonomie vertrekt vanuit wederkerigheid, zelfstandigheid vanuit op zichzelf staan. Autonomie houdt rekening met de afhankelijkheid van de jongere. Maar de jongere is niet alleen afhankelijk van zijn context, maar die sociale context is op haar beurt ook afhankelijk van de jongere. Het gaat hier dus om een wederzijdse verbondenheid die gekoppeld wordt aan een wederzijdse verantwoordelijkheid. Dat is de inzet: verbondenheid en verantwoordelijkheid in evenwicht brengen. Ik geef iets en ik krijg iets terug. Steun aanvaarden is voor jongeren geen evidente stap omdat ze zich schamen voor hun problemen. Of omdat de conflicten in het verleden zo destructief waren dat ze niet meer weten hoe ze een bepaalde relatie terug op de rails kunnen zetten en herstellen. Het vergt

maart 2017  >  33


MENSELIJK, AL TE MENSELIJK

durf en verantwoordelijkheidszin om hulp te vragen. Dit besef is fundamenteel in onze methode: hulp of steun vragen is normaal en menselijk. Ik dacht dat ik alles alleen kon, maar ik zie nu in dat niemand dat kan. De relatie met mijn papa is nu weer oké. Hij werkt soms nog op mijn zenuwen, maar hij helpt me als het nodig is. (W, 17 jaar)

Vele van onze jongeren hebben heel wat negatieve ervaringen in het verleden met hun sociaal en familiaal netwerk. Ondanks deze ervaringen is de betrokkenheid van de meeste jongeren op hun ouders groot en omgekeerd Veel van onze jongeren hebben heel wat negatieve ervaringen in het verleden met hun sociaal en familiaal netwerk. Vaak zijn er bijvoorbeeld negatieve ervaringen met hun ouders. Desondanks is de betrokkenheid van de meeste jongeren op hun ouders groot. En omgekeerd ook! Maar zowel de ouders als de jongeren weten vaak niet op welke manier ze het best terug met elkaar in contact kunnen komen. De methode zet hier voluit op in. Het gaat zoals gezegd niet alleen over de ouders, maar over de brede sociale context van de jongere (gezin, familie, vrienden, buurt, onderwijs, werk, clubs, verenigingen, enzovoort).

EEN GOEDE OF SLECHTE CONTEXT: VOORBIJ HET SIMPLISME Op het eerste zicht klinkt de toenemende vraag om de context te betrekken in de bijzondere jeugdzorg paradoxaal. De jongere in kwestie zit immers in de bijzondere jeugdzorg omwille van een problematische opvoedingssituatie, die door zijn/haar context – zijn of haar sociale omgeving, zeg maar – juist in de hand wordt gewerkt. Deze spanning is evenwel een valse

34  >  maart 2017

spanning. De context van een cliënt is nu eenmaal zijn of haar context, en hiermee moet de cliënt het doen. Een negatief waardeoordeel helpt niemand vooruit en is zelfs misplaatst. Mensen die deel uitmaken van deze context indelen met labels als ‘goed’ of ‘slecht’ is te simpel. Daarom stellen we bij het in kaart brengen van de context twee vragen. Enerzijds vragen we welke relatie – goed, slecht of neutraal – de jongere heeft met personen uit zijn/ haar netwerk. Anderzijds staan we stil bij de invloed van deze relatie op het probleem van de jongere (positief, negatief of neutraal). Het is belangrijk om die twee zaken los te koppelen. Zo kan een cliënt bijvoorbeeld aangeven dat hij een goede relatie heeft met een vriend, maar tegelijkertijd samen met deze vriend drugs gebruikt. Een positieve relatie met een negatieve invloed dus. In dit geval zullen we proberen om die negatieve invloed bij te sturen naar een neutrale of misschien wel positieve invloed.

FOCUS OP VAARDIGHEDEN Een tweede focus van onze methodiek is dat we vaardigheden gaan trainen en aanleren die mensen nodig hebben in het alledaagse contact met de samenleving. Die worden geformuleerd in de vorm van ontwikkelingstaken, die gerelateerd zijn aan de eisen en verwachtingen van de samenleving ten aanzien van een specifieke leeftijdsgroep. Wil je op een aanvaardbare manier functioneren in de samenleving, moet je die ontwikkelingstaken op een positieve manier doorlopen. We kunnen ze als volgt formuleren (ontleend uit Spanjaard Han, De vertrektraining, intensief ambulante hulp gericht op competentievergroting en netwerkversterking, SWP, Amsterdam, 2005, 2009): vormgeven aan veranderende relaties in het gezin; participeren aan onderwijs of werk; zinvol invullen van vrije tijd; creëren en onderhouden van een eigen woon- en leefsituatie; omgaan met autoriteiten en instanties; zorg dragen voor gezondheid en uiterlijk; opbouwen en onderhouden van sociale contacten en vriendschappen; vormgeven aan intimiteit en seksuele

relaties. Dit is een grove indeling, maar dat maakt het makkelijk om informatie te verzamelen en te structureren die gebruikt wordt voor de diagnose, indicatiestelling en de evaluatie van de hulpverlening. Tijdens de begeleiding gaan de hulpverlener en de jongere dus doelgericht aan de slag om de nodige praktische, communicatieve en sociale vaardigheden te trainen. De begeleider fungeert daarbij als rolmodel of zet anderen als rolmodel in, en richt zich op het verbeteren van de communicatie tussen de jongere en zijn of haar netwerk. Bovendien wordt het sociale netwerk van de jongere geactiveerd. We leren de jongere (en soms zijn context) met cognities en emoties om te gaan en hoe hij zijn familiaal en sociaal netwerk kan benutten, maar ook onderhouden. De centrale doelstelling bij dit alles is dat de jongere na onze hulp verder kan in het leven en dat hij of zij, zo veel mogelijk autonoom en met steun uit de eigen omgeving, kan deelnemen aan de samenleving.

EEN ONDERSTEUNENDE GROEPSWERKING Eén jaar geleden zijn we gestart met de groepswerking. Eén keer per maand komen jongeren in een CBAW-traject samen met enkele begeleiders, om te leren van elkaar en vaardigheden in te oefenen. We zien de groepswerking als een duidelijk onderdeel van de methodiek. Participatie aan de groepswerking is geen breekpunt in de begeleiding, maar wordt als vanzelfsprekend voorgesteld en sterk gestimuleerd. Jongeren die deelnemen aan de groepswerking gaven aan het als een grote meerwaarde te ervaren. Ervaringen kunnen delen met lotgenoten zorgt voor (h) erkenning, biedt informele leerkansen en betekent een grote steun. Jongeren geven aan dat ze in de groepswerking beter begrepen worden door de andere deelnemers, omdat deze vaak gelijkaardige dingen hebben meegemaakt. Een positief neveneffect van de groepswerking is dat jongeren elkaar ook naast de maandelijkse bijeenkomst ontmoeten. Ze spreken af in hun privécontext en motiveren en steunen

DEGEUS


MENSELIJK, AL TE MENSELIJK

elkaar tijdens moeilijke momenten. Zo werd een van de jongeren geschorst op school. Zelf hechtte hij hier weinig belang aan, maar enkele andere jongeren motiveerden hem om zich op school te verontschuldigen en een nieuwe kans te vragen. Ze besloten samen te komen en via een rollenspel de jongere voor te bereiden op het gesprek.

Jongeren die deelnemen aan de groepswerking gaven aan het als een grote meerwaarde te ervaren. Het delen van ervaringen met lotgenoten zorgt voor (h)erkenning, biedt informele leerkansen en betekent een grote steun voor de jongere We merken dat kwetsbare jongeren in hun groei naar autonomie dikwijls geconfronteerd worden met isolement, uitstelgedrag, of niet komen tot actie en groei in een sociaal netwerk. Bedoeling van de groepswerking is dat jongeren leren van elkaar en steun vinden bij elkaar. Dit sluit aan bij de getuigenissen van jongeren zoals weergegeven door CACHET vzw in het rapport Sur ma Route (2015): ‘Jongvolwassenen met een jeugdhulpgeschiedenis geven aan dat ze veel steun ervaren van anderen met een vergelijkbaar parcours. De (h)erkenning van personen die hetzelfde doormaken of hebben doorgemaakt, zorgt ervoor dat ze zich minder alleen voelen, biedt perspectief en positieve voorbeelden om zich aan op te trekken wanneer het wat minder gaat. Ervaringen uitwisselen is niet enkel leuk omdat de trajecten veel raakpunten hebben. Jongvolwassenen leren ook veel uit elkaars verhaal en voelen zich, en dat is misschien nog het belangrijkste van al, begrepen.’ De groepswerking mag dan een plaats zijn waar jongeren van elkaar leren, ook wij hebben hier – misschien nog het meest ­– uit geleerd. De feedback naar elkaar, het inzicht in hun leefwereld en de feedback op onze methode

DEGEUS

zijn ongelooflijk waardevol voor ons werk.

DE METHODE OP ZICH De hulp duurt maximaal 11 maanden. De frequentie en intensiteit van de contacten variëren, maar gemiddeld zijn er wekelijks drie tot vier contacturen met de jongere en zijn context. Deze intensiteit is noodzakelijk: zowel om vaardigheden te trainen als om te werken aan een herstel van het netwerk. De methodiek steunt op drie pijlers: een netwerkanalyse, een competentieanalyse en het doelenplan. We werken op maat van de jongere en zijn situatie, en willen ons inzetten om met verschillende partners samen een plan uit te werken. Het einddoel voor CBAW is dat de jongere een stabiele thuissituatie heeft. Deze thuis wordt uitgebouwd door vaardigheden te trainen die verbonden zijn met de ontwikkelingstaken waarmee de jongere wordt geconfronteerd. Er worden tussendoelen opgesteld die gericht zijn op taakverlichting, het laten afnemen van stressoren of het aanwenden en of toevoegen van beschermende factoren. Dat laatste is belangrijk omdat het onder andere gaat om het activeren en onderhouden van een kwaliteitsvol netwerk dat de jongere duurzaam bijstaat. Resultaten beklijven veel beter als de jongere wordt ondersteund door een duurzaam netwerk.

Het einddoel voor CBAW is dat de jongere een stabiele thuissituatie heeft Dit proces verloopt volgens een bepaalde fasering en is zeer intensief. Door middel van een competentieanalyse gaan we op zoek naar wat jongeren kunnen, kennen en laten zien in functie van hun ontwikkelingstaken. We brengen stressoren en protectieve factoren in kaart en bespreken mogelijke pathologieën. Het begeleiden en/of behandelen van pathologieën vraagt om specifieke expertise. Hiervoor werken we steeds samen met andere experten.

In de netwerkanalyse brengen we de verschillende partners van de jongeren in kaart, welke relatie ze met hen hebben en welke invloeden zij hebben op hun probleem. Hoe kunnen we deze relaties gebruiken, aanboren, afbouwen of invloeden bijsturen? We koppelen mensen uit het netwerk vervolgens aan de doelen die jongeren voorop stellen. Samen met de jongere gaan we op zoek naar wat werkt voor deze jongere. Vandaar dat er tijdens de begeleidingsduur permanent wordt geëvalueerd. Hebben de gezette stappen gewerkt? Waarom wel, waarom niet? Wat kunnen we in de toekomst anders doen?

De methode is nog vrij nieuw, maar het feit dat niet zelfstandig wonen kan, maar niet hoeft, betekent voor ons – maar vooral voor de jongere – een grote meerwaarde De methode is nog vrij nieuw, maar het feit dat niet zelfstandig wonen kan, maar niet hoeft, betekent voor ons – maar vooral voor de jongere – een grote meerwaarde. Werken aan herstel en uitbouw van een familiaal en sociaal netwerk is niet makkelijk, maar zo nodig. We zijn hoopvol dat we dankzij deze methode jongeren een echte kans kunnen geven. Anouk Pieters, Wim Taels en Jolien Zuallaert Anouk Pieters is coördinator Pedagogische Thuisbegeleiding en CBAW bij De Cocon, Jeugdhulp aan Huis Wim Taels is directeur De Cocon, ­Jeugdhulp aan Huis Jolien Zuallaert is begeleidster ­Pedagogische Thuisbegeleiding en CBAW bij De Cocon, Jeugdhulp aan Huis

maart 2017  >  35


BAANBREKER

Evolutieonderzoek ONTSTAAN VAN GENEN, COMPLEXE NETWERKEN EN PRAKTISCHE TOEPASSINGEN In Baanbreker proberen we telkens een baanbrekend onderzoek of baanbrekende nieuwe technologie te belichten. Deze keer richten we onze blik op het Vlaams Instituut voor Biotechnologie en op de Gentse onderzoeker Steven Maere in het bijzonder. Het VIB is een onderzoeksinstituut dat zich bezighoudt met de zogenaamde levenswetenschappen (hoofdzakelijk biologie en de eindeloze vertakkingen ervan zoals moleculaire biologie, biotechnologie, bio-engineering; maar ook neurowetenschap en medische wetenschap). Het instituut is multidisciplinair en werkt nauw samen met de universiteiten van Gent, Leuven, Antwerpen, Brussel en Hasselt. In totaal werken er 1470 wetenschappers uit meer dan 60 landen samen aan projecten van het VIB. Het interessante aan VIB is dat ze fundamenteel (theoretisch) wetenschappelijk onderzoek verrichten naar de moleculaire bouwstenen van het leven, én dit ook vertalen naar farmaceutische, landbouwkundige en industriële toepassingen. Het werk van Steven Maere (UGent) is wat dit betreft exemplarisch: het is in de eerste plaats gericht op het verdiepen van de evolutietheorie – het

begrijpen van de fundamenten van het leven. Maar op termijn kan het ook erg toepasbare resultaten opleveren, onder andere in de strijd tegen kanker en in de plantenbiotechnologie.

De ontwikkeling van kanker en de veredeling van planten zijn in essentie evolutionaire processen GENEN EN EVOLUTIE Steven Maere onderzoekt de basismechanismen van evolutie. Zijn aandacht gaat uit naar de evolutie van complexe netwerken – samenwerkingsverbanden van grote groepen genen. Daarmee bevindt hij zich op vrijwel onontgonnen terrein. Evolutieonderzoek richtte zich vooral op de eenvoudige kenmerken. Maar dankzij de beschikbaarheid van

krachtige computers en nieuwe, ingenieuze algoritmen kan Maere met zijn team nu onderzoek doen naar de evolutie van een grote groep kenmerken tegelijkertijd. Naast het louter begrijpen van de werking van evolutie – de basis van alle leven – heeft evolutieonderzoek nog een ander belang. Bacteriën, parasieten en virussen ontwikkelen vaak resistentie tegen bestaande medicijnen. Om te begrijpen hoe dat gebeurt, is een dieper inzicht in de werking van evolutie noodzakelijk. Ook de ontwikkeling van kanker en de veredeling van planten zijn in essentie evolutionaire processen.

EVOLUTIE DOOR WILLEKEURIGE VERANDERINGEN VAN HET GENETISCH MATERIAAL Darwin beschreef evolutie als het doorgeven van veranderingen van de ene generatie op de andere. Vandaag weten we dat die wijzigingen veroorzaakt worden door veranderingen in het DNA. Meestal hebben die mutaties, willekeurige veranderingen in de letters van het DNA, geen of zelfs een negatief effect. Maar heel af en toe komt er een mutatie voor die de drager ervan een voordeel oplevert. Zorgt dat voordeel ervoor dat de drager meer nakomelingen krijgt dan de concurrentie, dan kan het kenmerk zich in de loop van de generaties verspreiden in de populatie. Dat proces wordt natuurlijke selectie genoemd. Op die manier verwerft een soort nieuwe kenmerken. Ogen, oren, hersenen, het immuunsysteem … alle onderdelen van ons lichaam zijn het resultaat van honderden miljoenen jaren natuurlijke selectie en evolutie.

PREHISTORISCH DNA Hoe een nieuwe eigenschap, en dus een nieuw, werkzaam stuk DNA, schijnbaar uit het niets kan ontstaan, blijft een van de grote onopgeloste vragen uit de evolutietheorie. Zulke



DEGEUS


BAANBREKER

innovaties lijken tegenstrijdig met het principe van geleidelijke verandering, waarbij bestaande eigenschappen traag evolueren naar een andere vorm. Toch weten we dat er tijdens de evolutie van het leven heel wat ‘uitvindingen’ gebeurden.

We weten niet goed welke processen aan de basis liggen van deze ‘evolutionaire innovatie’. Eén van de grootste problemen is dat er nagenoeg geen prehistorisch DNA en eiwitten bewaard zijn We weten niet goed welke processen aan de basis liggen van deze ‘evolutionaire innovatie’. Eén van de grootste problemen is dat er nagenoeg geen prehistorisch DNA en eiwitten bewaard zijn, zodat men niet kan onderzoeken hoe deze oude exemplaren verschillen van de hedendaagse versies. Dat is vooral jammer omdat we nog steeds niet in detail begrijpen hoe nieuwe stukken DNA en eiwitten ontstaan zijn. Ook wat dit vraagstuk betreft, verrichtte Steven Maere, samen met andere wetenschappers van het VIB, KU Leuven, UGent en Harvard, baanbrekend onderzoek. In 2012 slaagden ze erin om, door een combinatie van de nieuwste technieken in de biologie, DNA en eiwitten van prehistorische gistcellen te reconstrueren.  Zo konden ze nagaan hoe genen ontstaan en gedurende meer dan 100 miljoen jaar evolueerden naar hun huidige vorm.  Kevin Verstrepen (VIB/KU Leuven): ‘Deze resultaten geven een antwoord op een vaak gebruikt argument van tegenstanders van de evolutietheorie: dat de kans op het ontstaan van een nieuwe eigenschap, en dus een werkzaam nieuw stuk DNA, vergelijkbaar is met de kans dat een moderne jumbojet zich spontaan zou assembleren uit een paar brokstukken … Veel wetenschappers stelden voor dat

DEGEUS

nieuw functioneel DNA niet uit het niets ontstaat, maar geleidelijk wordt gebouwd uit een kopie van een reeds bestaand stukje functioneel DNA. Door de reconstructie van een stukje prehistorisch DNA dat verschillende keren tijdens de evolutie gekopieerd was, konden we de veranderingen bestuderen die geleidelijk tot nieuwe functies leiden.’

basis gelegd voor het begrijpen van evolutie. Maar de realiteit is een stuk ingewikkelder. Genen zijn betrokken in ingewikkelde, complexe netwerken. Een verandering in één onderdeel kan een hele waterval aan veranderingen in het hele netwerk met zich meebrengen. Bovendien blijkt ook de sturing van die netwerken in grote mate onderhevig te zijn aan selectie.

Steven Maere: ‘Uit tientallen DNAcodes hebben we via complexe algoritmes de oude DNA-code kunnen voorspellen. Deze stukjes prehistorisch DNA hebben we nagebouwd om zo de overeenkomstige oude eiwitten aan te maken.’

Steven Maere en zijn team brengen in kaart hoe die netwerken evolueren. De studie naar het gedrag van complexe netwerken van genen is nog onontgonnen terrein. Door gebruik te maken van krachtige computers en ingenieuze differentiaalvergelijkingen, hoopt Maere het effect van mutaties op die netwerken na te kunnen bootsen.

Karin Voordeckers: ‘We hebben heel specifiek gezocht naar hoe gisten zich hebben aangepast om verschillende suikers af te kunnen breken. We vonden dat het oer-gen voor het eiwit dat instaat voor de vertering van maltose, een suiker in graan, tijdens de evolutie een aantal keer gekopieerd werd. Het DNA van sommige kopieën is lichtjes gewijzigd, waardoor nieuwe eiwitten ontstonden die andere suikers kunnen afbreken. Door deze veranderingen te modelleren in de overeenkomstige eiwitten begrijpen we nu hoe slechts enkele wijzigingen in het DNA konden leiden tot de ontwikkeling van nieuwe activiteiten in deze eiwitten.’ De wetenschappers denken dat dit soort verdubbelingen van het DNA heel vaak aan de basis liggen van het ontstaan van schijnbaar ‘nieuwe’ eiwitten. Of, anders gezegd: de jumbojet wordt geleidelijk gebouwd uit een kopie van een reeds bestaand vliegtuig.

EVOLUTIE VAN DE EVOLUTIETHEORIE Meer dan 200 jaar na zijn dood is Darwins evolutietheorie dus zelf nog in volle evolutie. Tot voor kort gebeurde het onderzoek naar de mechanismen van evolutie vooral op het niveau van één enkel gen. De vraag was hoe veranderingen van een kenmerk (vaak het eiwit dat gecodeerd werd door het gen) een invloed had op de reproductiekansen (fitness) van de dragers ervan. Die aanpak heeft al een solide

In 2012 slaagden Steven Maere en zijn team erin om DNA en eiwitten van prehistorische gistcellen te reconstrueren CONTRASTRATEGIE TEGEN EVOLUTIE VAN ZIEKTEVERWEKKERS EN KANKER Het werk van Steven Maere is in de eerste plaats gericht op het verdiepen van de evolutietheorie – het begrijpen van de fundamenten van het leven. Maar op termijn kan het ook erg toepasbare resultaten opleveren. Evolutie heeft immers ook enkele schaduwzijden. Het systeem van mutatie en natuurlijke selectie wordt door virussen, bacteriën en parasieten gebruikt om weerstand te ontwikkelen tegen bepaalde geneesmiddelen. Ook de ontwikkeling van kanker is in essentie een evolutionair proces. Door beter inzicht te verwerven in het verloop van de evolutie kan de wetenschap nieuwe strategieën ontwikkelen om die problemen het hoofd te bieden. Ook in de plantenbiotechnologie kan evolutionair onderzoek voordeel opleveren, bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van planten met verbeterde opbrengsteigenschappen. Bron: VIB

maart 2017  >  37


BOEKENREVUE

Dwaallicht ONBEHAAGLIJK ONBEHAGEN In de essayreeks Nieuw licht, een initiatief van de Nederlandse filosofen Coen Simon en Frank Meester, proberen enkele Nederlandse denkers aan de hand van een klassieke tekst nieuw licht te werpen op onze tijd. Schrijver, essayist en columnist Bas Heijne (1960), wiens beschouwend werk recentelijk werd bekroond met de P.C. Hooft-prijs, kreeg Das Unbehagen in der Kultur (1930) voorgeschoteld, het cultuurpessimistische werk dat Sigmund Freud op zijn drieënzeventigste schreef. In zijn Onbehagen hangt Heijne een zwartgallig beeld op van de hedendaagse mens – niet van onze tijd. De initiatiefnemers, schrijft hij, hadden hem ook aangemoedigd om vooral zijn eigen koers te varen. Maar in zijn bevlogen essay vertrekt Heijne van hun idee dat ‘cultuur in de opvatting van Freud mogelijk wordt gemaakt door een wisselwerking tussen het lust- en het realiteitsprincipe’ en dat ‘de bestaande sociale praktijk een ondersteuning is geworden van het lustprincipe’.

Geluk is volgens Freud niet voor de mens weggelegd Als interpretatie van Freuds cultuurtheorie is dat nogal kort door de bocht. In Freuds dualistische model van de menselijke psyche – libido, levensdrift, Eros versus agressie, doodsdrift, Thanatos – is het streven naar maximale lustvermeerdering tot mislukken gedoemd, omdat het eigen lichaam, de buitenwereld en sociale verhoudingen onlust blijven veroorzaken. Daarom wordt het lustprincipe vervangen door het bescheidener realiteitsprincipe. In Das Unbehagen in der Kultur projecteerde Freud dit mensbeeld op maatschappij en cultuur. Eros probeert mensen in almaar grotere groepen te verenigen (gezin, stam, dorp, natie, continent, mensheid), maar dat lukt alleen als seksuele en agressieve driften worden ingeperkt. De libido geraakt deels gesublimeerd in kunst, agressie wordt inwaarts gericht en omgezet in een voor de beschaving belangrijke instantie: het geweten, schuldgevoel. Culturele vooruitgang gaat onvermijdelijk gepaard met onbehagen

38  >  maart 2017

veroorzaakt door geluksverlies, onlust, leed. Het onbehagen komt onder meer tot uiting in misdaad, rellen, oproer, revolutie en oorlog. Geluk is volgens Freud niet voor de mens weggelegd. In het gesimplificeerde beeld dat Heijne halverwege zijn Onbehagen van Freuds cultuurtheorie schetst, ontbreken geweten en schuldgevoel als bron van onbehagen in mens en cultuur.

IDEALISME Heijne, geboren en getogen in het Amsterdam van de jaren zeventig en tachtig, groeide op in een tijd en sociaal milieu die hoopgevend waren. Hij vond, schrijft hij, het gewoon vanzelfsprekend dat de wereld almaar rationeler geordend werd op basis van de ideeën van de Verlichting. Man en vrouw, wit en zwart – iedereen zou gelijkwaardig en even gelukkig worden. Agressieve vormen van groepsgeest zoals virulent nationalisme en religieus fanatisme, zouden als sneeuw voor de zon verdwijnen. Honger, armoe en ziekte zouden wereldwijd voor eens en altijd uitgeroeid worden. Heijne besefte wel dat er nog behoorlijk wat mensen wa-

DEGEUS


BOEKENREVUE

ren die zich dit optimistische mens- en wereldbeeld niet eigen hadden gemaakt, maar dat was voor hem slechts een kleine struikelblok op de weg die de geschiedenis hoe dan ook moest volgen.

Bij verlichting dachten mijn klasgenoten en ik aan Philips, Eindhoven Lang niet iedereen komt in een hoopgevend milieu ter wereld. Dat waarin ik (geboren in 1945) opgroeide was eerder deprimerend. De wederopbouw kwam traag op gang, mijn ouders hadden moeite om de eindjes aan elkaar te knopen en hielden hun kinderen kort. Hogere studies waren uitgesloten. Ook de buitenwereld was streng en bestraffend. Langharig tuig als ik werd om de haverklap door de politie geïntimideerd. Vanwege een kruimeldiefstal brulde een kinderrechter me op mijn zestiende toe dat ik voor galg en rad opgroeide. Vrouwen, kinderen en arbeiders hadden te weinig rechten, huishoudelijk geweld werd vaak doodgezwegen, abortus zoveel mogelijk bestraft, homo’s beschimpt en vervolgd, cafés afficheerden volkomen legaal hun interdit aux étrangers. Geen sprake van Verlichting, zelfs niet op school. Bij verlichting dachten mijn klasgenoten en ik aan Philips, Eindhoven. De oorlog kabbelde voort in een door vijandbeelden verdeelde samenleving: verzetsstrijders tegen collaborateurs, Amerikanen tegen Russen, rechts tegen links. Vrede ging gepaard met crisis en oorlog. Direct naoorlogs geweld tegen etnische Duitsers in Oost-Europa, tegen joden in Polen en de Sovjet-Unie, tegen Palestijnen in Israël. Daarop volgden de Koreaanse oorlog (1950-53), de Cubacrisis (1962), de Zesdaagse oorlog (1967), de Jom Kipoeroorlog (1973), de Vietnamoorlog (1955-1975 met in 1968 de slachtpartij in My Lai), de bloedbaden in Sabra en Shatila (Beiroet, 1982), dat alles overkoepeld door de Koude Oorlog met de voortdurend aangewakkerde angst dat de gedoodverfde vijand alsnog kernkoppen zou afvuren. In zijn Onbehagen heeft Heijne het alleen over recentere conflicten.

In Heijne’s beeld van de hedendaagse, beschaafde mens worden onze lichamelijke en geestelijke bewegingsvrijheid, ‘dus onze humaniteit’, steeds verder afgevlakt door almaar strengere beheersing en controle ONTNUCHTERING Ondertussen is Heijne ervan overtuigd geraakt dat zijn optimistisch humanisme op fundamentele wijze achterhaald is. Zijn vooruitgangsgeloof kreeg een eerste deuk toen hij in 1994 Joseph Conrads Heart of Darkness (1899) vertaalde, die apocalyptische tocht naar het hart van de Congo en de mens. Niet alleen de ‘wilde’ maar ook de geciviliseerde mens – in de persoon van Kurtz, de ivoorhan-

DEGEUS

delaar die beschaving denkt te brengen – is in wezen een barbaar. (Conrads roman werd trouwens de inspiratiebron voor Francis Ford Coppola’s Apocalypse now (1979) met Marlon Brando in de rol van een in Vietnam opererende Mr. Kurtz.) In 1994 moet Heijne’s idealisme nog een flinke knauw gekregen hebben met de genocide in Rwanda, al vermeldt hij die alleen terloops als ‘burgeroorlog’. Wat hier verder ook van zij, in Heijne’s beleving keerden vanaf dat jaar virulent nationalisme, benauwd groeps- en superioriteitsdenken, racisme en moslimhaat langzaam maar zeker terug. Uiteindelijk schreef hij nog over weinig anders, al bleef hij geloven dat zijn aanzwellende verlichtingskritiek slechts een correctie was op het optimistische wereldbeeld dat hem met de paplepel was ingegoten. Pas met de aanslag op Charlie Hebdo (Parijs, januari 2015) stierf er iets in hem. De schellen vielen Heijne van de ogen en hij besefte dat die terreurdaad niet onmenselijk was maar ‘juist heel erg menselijk’. Geen ‘uiting van een bepaalde cultuur, maar het falen van cultuur, van wat beschaving heet, het wegvallen van iedere remming en ieder realiteitsbesef.’ Heijne’s Onbehagen is, anders dan dat van Freud, nogal actualiteitsgebonden.

Wat deed Freud en wat doet Heijne veronderstellen dat de psychoanalytische cultuurtheorie universeel is, voor alle tijden en culturen geldt? Radicaalislamitisch terrorisme, dat dixit Heijne het realiteitsprincipe voorgoed ongedaan heeft gemaakt, komt veel vaker aan bod dan armoe, vluchtelingen, hongersnood of klimaatopwarming. Hedendaagse cultuuroptimisten krijgen te horen dat zij het volgende slachtoffer kunnen zijn. Terrorisme uit vroegere tijden en staatsterrorisme van alle tijden – ze blijven onvermeld.

VAN NATURE NIET TOT VERLICHTING IN STAAT In Heijne’s beeld van de hedendaagse, beschaafde mens worden onze lichamelijke en geestelijke bewegingsvrijheid, ‘dus onze humaniteit’, steeds verder afgevlakt door almaar strengere beheersing en controle. Zijn onbehagen in de cultuur gaat ‘terug op een afvlakking van vrijheid, het bureaucratiseren van emoties en waarden, niet zozeer het onderdrukken van vrijheid, maar het inperken van bewegingsruimte.’ De werkelijkheid is ook te onoverzichtelijk, te ingewikkeld geworden, en de rede wordt ingeruild tegen emotie en volkswil. Kenmerkend voor het hedendaags onbehagen is de ‘permanent ontevreden burger, die niet langer een algemeen belang erkent en ook geen geduld meer heeft voor wat Freud het realiteitsprincipe noemt’. De burger speelde met de in naam van vrijheid ontmantelde oude gezagsstructuren ook zijn bedding kwijt. Door en door egocentrisch als hij is, verwend en onverdraagzaam,

maart 2017  >  39


BOEKENREVUE

zonder realiteitsprincipe, is hij een makkelijke prooi voor het populisme, van Brexit tot Trump. Dat Freuds psychoanalyse geen wetenschap is, deert Heijne niet. Freuds ware inzichten waren ‘die van een filosoof en kunstenaar’, en de man wierp nieuw licht ‘op onze innerlijke tegenstrijdigheden, ons verlangen naar liefde en onze hang naar geweld’. Maar wat deed Freud en wat doet H ­ eijne veronderstellen dat de psychoanalytische cultuurtheorie universeel is, voor alle tijden en culturen geldt? Is het niet veel waarschijnlijker dat ze de cultuur en de neuroses van de Weense bourgeoisie tijdens het interbellum weerspiegelt, alsook het elitaire pessimisme van de bejaarde Freud?

Mensen zijn menselijk, dus vatbaar voor beschaving, menselijkheid en onmenselijkheid. De Mona Lisa is niet humaner dan Little Boy Geen wetenschap, maar volgens Heijne zou Freuds cultuurtheorie nu toch verwetenschappelijkt zijn door nieuwe kennis over de mens, met name de biologische en neurologische ontdekkingen over ‘de natuurlijke grenzen van onze vrijheid’. Als product van de evolutie is de mens niet in staat het verlichte mensbeeld te realiseren. We hebben wel ‘goede’ eigenschappen, zoals ‘onze natuurlijke neiging tot sociabiliteit’, maar onze basisreacties, angsten en verlangens zijn evolutionair ingesleten in een ver verleden. De mens kan zichzelf nooit blijvend overstijgen, blijft al te menselijk. Heijne zegt te weten dat evolutionaire psychologie – die menselijk gedrag ‘verklaart’ door reductie tot verondersteld gedrag van verre voorouders – aan behoorlijk wat kritiek blootstaat, maar die kritiek ‘bevalt hem maar half’ – ‘bevallen’, niet ‘overtuigen’. Hij erkent dat de evolutionair-psychologische kennis ‘ongetwijfeld grote lacunes en misvattingen bevat’, maar concludeert zonder enig argument dat ze ons mensbeeld ingrijpend heeft veranderd en manipulatief tegen ons wordt gebruikt. Van dat laatste geeft Heijne twee allesbehalve overtuigende voorbeelden. Dat mensen die in casino’s bijna alles verspeeld hebben toch blijven gokken, is niet bepaald nieuws. Dat menselijk gedrag wordt beïnvloed door onbewuste, subliminale factoren, werd in 1957 al overtuigend aangetoond door Vance Packard in The Hidden Persuaders.

GEVALLEN ENGELEN Heijne kon met zijn al te rooskleurige mens- en wereldbeeld moeilijk anders dan bedrogen uitkomen. Mensen zijn menselijk, dus vatbaar voor beschaving, menselijkheid en onmenselijkheid. Mensen maken en vernietigen sublieme en afgrijselijke producten en culturen. De Mona Lisa is niet humaner dan Little Boy, de Amerikaanse atoombom op Hiroshima. De beschaving elimineert onmenselijkheid

40  >  maart 2017

niet, ze probeert ze in de mate van het mogelijke aan banden te leggen.

Idealen als die van de Verlichting zijn er om nagestreefd te worden, maar alleen bij benadering bereikbaar, met veel vallen en opstaan Je kunt met Heijne betreuren dat mensen zichzelf niet blijvend kunnen overstijgen, maar daarom de mens demoniseren is net zo goed een ontkenning van de realiteit. Idealen als die van de Verlichting zijn er om nagestreefd te worden, maar alleen bij benadering bereikbaar, met veel vallen en opstaan.

DE WERELD OP DE SOFA Freuds cultuurtheorie is opvallend antropocentrisch. Hij dwong cultuur en beschaving in het keurslijf van zijn dualistische mensbeeld, zonder veel rekening te houden met maatschappelijke en sociaaleconomische (wan)toestanden. Volg je Freud, dan worden mensen niet door cultuur en maatschappij bepaald, maar andersom. Ook Heijne heeft in onderhavig boek weinig oog voor sociaaleconomische en maatschappelijke factoren. Hij belicht de beschaafde mens, niet de maatschappij. Heijne’s onbehagen geldt blijkbaar alleen het oppervlakkige, egocentrische en niet toekomstgerichte leven van de hedendaagse mens. Machthebbers, ideologie en politiek blijven buiten schot.

Heijne heeft in onderhavig boek weinig oog voor sociaaleconomische en maatschappelijke factoren Dat het in welvaart badend deel van de wereld almaar meer op een pretpark lijkt; dat iedereen beroemd en altijd happy moet zijn; dat je alles meteen moet willen (‘vandaag besteld, morgen in huis’); dat sparen wordt bestraft en lenen beloond; dat mensen koest gehouden worden door constante behoeftebevrediging, met hebbedingen, leute en consumptie; dat verkleuterde media brood en spelen eerder aanmoedigen dan bekritiseren – dat alles ergert en bezwaart velen onder ons. Je moet ook geen linkse rakker zijn om te snappen welk sociaaleconomisch model, welke ideologie hier baat bij heeft. Maar alleen de mens met de vinger wijzen is te simpel en contraproductief. Gie van den Berghe Heijne Bas, 'Onbehagen. Nieuw licht op de beschaafde mens', Amsterdam, Ambo/Anthos: 2016 (vijfde druk), 94 blz. (met inbegrip van een uittreksel uit Sigmund Freuds 'Unbehagen', en de voor- en nawoorden) ISBN 978 90 263 3543 3.

DEGEUS


COLUMN

AMADEV! Beste lezer, Terwijl ik dit schrijf is Donald Trump aan zijn derde werkdag als 45ste president van de Verenigde Staten begonnen. Terwijl u dit leest is hij, wie weet, reeds afgezet of neergekogeld door een averechtse patriot, alles is mogelijk met de hulp van God. De brulboei is dus aan de macht en heeft en passant de slogan van het Vlaams Belang ‘Eigen volk eerst!’ moeiteloos en overtuigend gekaapt. Dat er de dag na zijn eedaflegging driemaal meer volk – vrouwvolk dan nog – in Washington kwam demonstreren, wees hij uiteraard als fake news van de hand. Ik vond het beklijvend, zoveel vrouwen die hun vuist opstaken tegen de middelvinger van de pussygraaier. Alleen vrouwen kunnen de planeet redden, omdat ze nu eenmaal andere mensen zijn dan mannen. Daarom, en met volle overtuiging: Alle Macht Aan De Vrouwen, AMADEV! Wij, mannen, worden geregeerd door onze testosteron: de smeerolie voor alle smeerlapperijen. Al als foetus besefte ik: hier ben ik thuis, in de buik van een vrouw. Wij mannen dringen ons met 300 tot 500 miljoen zaadcellen per ejaculaat op aan die éne eicel die de vrouw slechts nodig heeft om het leven in al zijn glorie vorm te geven. Op kille winteravonden vraag ik me dikwijls af: wat is er toch van al die miljoenen verdwaalde broertjes van mij terecht gekomen? Veertien was ik, toen ik – al zeg ik het zelf – een geniaal traktaat, een manifest opstelde tegen de ongebreidelde verwekking van de homo sapiens sapiens. Lang nog voor Etienne Vermeersch het licht zag en overbevolking de grootste bedreiging voor ons voortbestaan noemde, poneerde ik de stelling dat een goede planeet, net als een goede Tjeef, een dode planeet is. Alle leven is chaotische woekering. Dode materie is de normale materie. Leven in het heelal is een afwijking. En al die kernexplosies, die constante vuurzee in de kosmos: dat is enkel besteed aan wat niet leeft. Wie zal het deren? Daarom stelde ik in mijn thesis dat de menselijke voortplanting dringend moest worden stopgezet. Dat kon vrij eenvoudig door een driestappenplan: 1. de algehele seksuele onthouding; 2. (bij het falen van 1.) massale promotie van de coïtus interruptus (vóór het zingen de kerk uit); 3. (bij het falen van 1. en 2.) massacastratie (deze laatste ingreep zou ook nog bijdragen tot het ontstaan van een ongelooflijk eunuchenkoor en, bovendien, blijkt uit recent wetenschappelijk onderzoek dat een eunuch gemiddeld tot wel 19 jaar langer leeft dan een niet-gecastreerde man – reken uit, uw voordeel! (Current Biology, 2012). Maar, zo werpt de kritische lezer op, heeft de geschiedenis niet al voldoende aangetoond dat vrouwen aan de macht

DEGEUS

even gevaarlijke (lees: mannelijke) trekken tonen? Ik geef toe, er zijn enkele voorbeelden. Iulia Aggripina, Lucrezia Borgia, Catharina de’ Medici, Mary Tudor: machtige vrouwen die qua moordlust niet moesten onderdoen voor hun mannelijke collega’s. Maar, het zijn uitzonderingen, die de regel bevestigen. Alhoewel … In mijn klein maar dramatisch bestaan werd ik zelf ooit direct geconfronteerd met de machtswellust van een machtige dame. Dat zit zo. Na de Jom Kipoeroorlog in 1973 zag het er even naar uit dat de V.S. en de Sovjet-Unie hun kernarsenaal kwistig zouden uitwisselen. Ik was nog jong en wilde wat. Dus zou ik samen met mijn toenmalige boezemvriend Guido B. emigreren naar een veiliger plek. Dagen bogen we ons over de wereldkaart. Slechts één locatie op deze woelige aarde leek ons honderd procent safe. Dat waren de Falkland Eilanden. Guido merkte weliswaar op dat het een verschrikkelijk eenzame plek was, met onophoudelijke stormen en ijzige winters, waar bovendien geen aantrekkelijk vrouwvolk liep en evenmin een echte trappist kon gedronken worden. Maar: veilig! Wij daar dus naartoe. We hebben er zelf jaren aan een blokhut getimmerd. En op een avond (ik weet het nog goed: 21 mei 1982) zaten we vredig op ons bankje samen een pijp te roken (jawel, dat was toen nog trendy) en tuurden de eindeloze oceaan af. En wat zagen we? Een reusachtige oorlogsvloot naderde onheilspellend ons ballingsoord. Ik nam de verrekijker en zag een vastberaden vrouw op de voorplecht van een fregat. Maggie Thatcher, The Iron Lady! Het ging heel snel. Margaret gaf het bevel om een exocetraket op ons af te vuren. Ik deed vliegensvlug mijn broek uit om ermee, bij wijze van overgave, als witte vlag te zwaaien. ‘Idioot!’ riep Guido, ‘je hebt een zwarte broek aan!’. We konden nog net het hoofd bukken toen de raket even verderop in ons achtertuintje explodeerde. ‘Vrouwen aan de macht, waar haal je het uit’ riep hij nog. En toen ging alle licht uit. Willem de Zwijger


CULTUUR

Mooie Voil Jeanetten ANDRÉ VAN SCHUYLENBERGH WENST U EEN VROLIJK CARNAVAL TOE! Carnavalscènes. Waar hebben we dat nog gezien in de kunstgeschiedenis? Inderdaad, bij James Ensor. Zijn kunde om weliswaar Oostendse mombakkesen expressiever te schilderen dan ze al per definitie zijn, heeft gemaakt dat hij een van de weinige echte vernieuwers in de Belgische kunst mag genoemd worden met internationale allure. Onze impressionist wees nog in de negentiende eeuw via deze thematiek de weg naar het expressionisme (1905). En wat meer is, ook naar het surrealisme (1924). Daar waar het Frans(talig)e surrealisme literair intellectualistisch is met al eens verfijnde droombeelden, is het Vlaams surrealisme volks, grotesk met al eens een verwijzing naar grollen en grappen. Het lichaam en zijn – als naturalistische symboliek gebruikte – afvoersubstanties worden precies niet vermomd weergegeven. Ensor was er een meester in. Zich meten met dit picturale genie is riskant. Dat is ook niet de bedoeling van André Van Schuylenbergh. Een knipoog als hommage volstaat. Het carnavaleske kan op zich ook een vervaarlijke valkuil zijn voor artistiek sentiment. De professionele spektakelvorm die uit dit volksfeest gesproten is, de clown, lijkt me één van de moeilijkste onderwerpen uit de schilderkunst. Een landschap, een stilleven, een naakt, een portret met eender welke emoties op het gelaat, een goed kunstenaar wordt verondersteld het genre onder de knie te krijgen. Maar een clown! Iedereen kent de afschuwelijk clichématige voorstellingen van de clown met traan en rode opzetneus. Met Chaplin, de keizer in dit genre, als meest gereproduceerde voorbeeld. Maar er een goed schilderij van maken, dat is een ander paar mouwen. Na Ensor is dit zelden gezien, uitgezonderd

42  >  maart 2017

bij Jos Verdegem. En kijk, André Van Schuylenbergh kan het ook. Al heeft hij tot de herfst van zijn loopbaan gewacht om het aan te durven. Met succes.

VRIJ NAAR HET DEVIES VAN KARL POPPER: CARNAVAL VIEREN IS EEN ‘MORAL DUTY’ André toont ons de omgekeerde weelderigheid zoals deze in het carnaval aan bod komt. Twee van de zeven hoofdzonden vieren overigens bot: de wellust en de gulzigheid. Met de andere vijf wordt de draak gestoken. Hij koos zijn carnvaleske scènes overigens uit foto’s van het jaarlijks feestgebeuren. Dit bepaalt al zeer sterk het beeld. Hij gebruikt hiervoor geen

André Van Schuylenbergh, Voil Jeanetten © Foto: Gilles Va

documentaire fotografie die verslaggeving beoogt en waar de voyeuristische fotograaf geniepig een soort sluipschutterspositie inneemt. Wel die van amateurs die de pret van hun vrienden willen vastleggen of enthousiast zijn voor het vrolijke jolijt van de Aalsterse spotternij. Ook weleens van beroepsfotografen die hun deskundigheid in het memoreren van plechtige communieen trouwfeesten met plezier even toepassen op de zottigheid van het leven. Dat maakt dat de personages poseren en met franke blik, al dan niet doorheen hun ‘vezozje’, in de lens kijken: ‘ier zemmen’, om een existentialistische gedachte even in het Oilsjters om te zetten (pas de nieuwe versie van Jan Louies zijn ‘diksjoneir’ gekocht). Deze drieste directheid ontketent een hoge graad van participatie en samenhorigheid, basis voor de volksleute.

DEGEUS


CULTUUR

van selfies waarvoor men in de roos moest kunnen schieten, was echter in een voor hem ongewoon coloriet: de wat droeve beige-grijzen van de Tuy- en Borremansachtigen. De Van Schuylenbergh-kleur is terug. Hoera, driewerf hoera op de werf: felle blauwen, hitsige roden, ongebroken witten of witten die met kleur opgelicht zijn, uitgesproken zwarten … De feestpret kan niet op: ‘Oilst ajoin en bier mè schoim’!

an Schuylenbergh

Een schilder neemt uiteraard maar een aantal van de fotografische gegevens over. Daarin verschilt verf van lichtinval. Het is deze selectie die het kunstwerk maakt. André doet het per definitie op zijn manier. Met zijn gekende vlotheid schermt hij met zijn penseel het doek vol slierten feestelijkheid. Voil Jeanetten op hun best. Toeters en bellen en een droge haring in een vogelmuit, samen met vrouwelijke lingerie, inbinders van de natuurlijke wulpse exuberanties, een van ‘t zolder gehaalde lampenkap, en een versleten paraplu, worden dik geconterfeit. Hoewel André, zoals gezegd, voor een volbloed carnavalist (die zelf stulpmaskers vervaardigd heeft en al eens een affiche ontwierp) vrij laat het carnaval als thema ingelijfd heeft, was er toch een recente aankondiging. Met zijn Tir Will van vorig jaar, zat hij al op de kermis. Deze reeks, die vertrok

DEGEUS

Let wel – anders zou het geen kunst zijn – hij doet dit met een hedendaagse gelaagdheid. Samen met het florissante beeld smokkelt hij dubbelzinnig een ethische boodschap in de ‘kabas’. Tussen de kleurigheid door kan men ook de keerzijde lezen van het satirische feest. De aanleiding voor dit volkse gebeuren is het tekort van ’t één en het teveel van ’t ander. Vreugde heeft vaak haar pijnlijke oorsprong. Als de kerk nodig is om de waarheid te zeggen, is er een ernst die haar verzwegen heeft. In die zin sluit André Van Schuylenbergh goed aan bij wat ik graag de ‘Wrange Vrolijkheid’ noem in de kunst, de stroming die de grijze stroom in de schilderkunst overspoelde met een even groot kritisch gehalte. Bij André is dit slechts een vleugje, want het feest is – hoewel op doek vastgelegd – niet in te tomen. Of om het met Chaplin te stellen: elke dag zonder lach is een verloren dag.

Het is goed dat André Van Schuylenbergh de ‘Voil Jeanetten’ vereeuwigd heeft. Misschien zullen ze verboden worden in deze politiek correcte tijden die het lachen pogen te verleren. Wat struisvogelveren, op klompen kletterend hotsen, nu en dan een sinaasappel werpen, maakt van de Gilles van Binche respectabel werelderfgoed. Aalst Carnaval is geen erfgoed. Het is een kritische verbeelding van de actualiteit met een rijk verleden. De tijdelijke omkering van de waarden en hiërarchieën is er de kern van: meester wordt slaaf en omgekeerd, man vrouw, vrouw man. Voor het op zijn kop zetten van een hiërarchie bestaat er een minder vriendelijk woord: anarchie. Daar zijn velen bang van. Carnaval Aalst was al voorwerp van beperkingen, maar dat kan zich nog uitbreiden. Als er geen zwarte piet in vol ornaat ‘Sintje Merten’ mag vergezellen, dan is het niet uitgesloten dat de organisatie ter bescherming van de transgenderproblematiek ‘de Voil Jeanette’ een belediging vindt. Geen getreur, zonder verbod is geen overtreding mogelijk, weet filosoof Georges Bataille ons te vertellen. Het moeten is de vader van het carnaval, maar moeder veegt er haar ‘…’ aan. Willem Elias P.S. ‘…’ naar believen in te vullen tijdens de carnaval-periode.

André Van Schuylenbergh, Voil Jeanetten © Foto: Gilles Van Schuylenbergh


BLOEDVERWANT

Gerry DE WERELD ALS VALSTRIK ‘De eeuwige stilte van de eindeloze ruimten beangstigt mij.’ (Blaise Pascal, Pensées) In de woestijn verdwalen, is de weg kwijtraken in het leven. Gus Van Sants Gerry laat twee vrienden – ­allebei Gerry genaamd – van het gebruikelijke pad afwijken om een onherbergzaam landschap te verkennen. Ze dringen door in de wildernis, waar geen toeristen met buiktasjes lopen, maar in hun overmoed verdwalen ze. Voor ze het goed en wel beseffen, worden tijd en ruimte vijanden. De toon voor de meditatieve sfeer van de film is op dat moment al gezet door Arvo Pärts Spiegel im Spiegel, een stuk voor piano en viool zo schraal als een woestijnlandschap, met een langzaam tempo en grote zeggingskracht, een bespiegeling op oneindigheid die in long takes wordt verdergezet. Om in leven te blijven, zien de twee Gerry’s zich verplicht om werktuiglijk Still uit Gerry

handelingen te verrichten: ‘s nachts vuur maken, overdag hun hoofd beschermen tegen de zon en bovenal eindeloos blijven stappen. De ongelukkigen marcheren bergop en bergaf om overzicht te krijgen, ze lopen door het mulle zand en klauteren over rotsachtig terrein. In een lang aangehouden zijwaartse travelling voeren de jongemannen een pas de deux op, een choreografie voor twee wandelaars, waarbij in een extreme close-up enkel de bewegingen van hun hoofd te zien zijn. De ritmisch op en neer dansende en over elkaar heen schuivende hoofden wisselen subtiel van positie in deze visuele mantra. Met het synchrone geluid van de voetstappen erbij evolueert de long take tot een bezwerend klanklandschap. Naarmate de tijd verstrijkt, slaan wanhoop en gelatenheid toe. Uren veranderen in dagen. Het gebrek aan water laat zich gelden. De zoektocht naar een uitweg verzandt in een mar-

telgang, waarbij de wind geselt en de zon brandt. Uiteindelijk worden de twee vrienden herleid tot schimmen van zichzelf, die zombiegewijs verder schuifelen in een omgeving die vóór zonsopgang het karakter aanneemt van een studie van blauw, grijs en roze. Een desoriënterende camera en luchtspiegelingen roepen mentale verwarring op. De film varieert op lange shots van het voortjagende wolkendek en op totaalbeelden van de oneindig doorlopende wildernis. Die beelden dienen niet zozeer een esthetisch doel, maar beklemtonen de wereld als valstrik. Overgeleverd aan de onverschillige, ‘onleesbare’ en unheimliche natuur moet de mens het onderspit delven. Ive Verdoodt Gerry (Gus Van Sant, 2002). Verscheen op DVD met Nederlandse ondertitels bij Entertainmentone.


BLOEDVERWANT

The Turin Horse ANIMAL LABORANS ‘De enige oorzaak van het ongeluk van de mens is dat hij niet weet hoe hij stil in een kamer kan blijven.’ (Blaise Pascal, Pensées) Als er iets is wat de twee hoofdpersonages uit Béla Tarrs The Turin Horse (2011) beheersen, dan is het wel de kunst om rustig in een kamer te blijven. Zo ontsnappen ze tot op zekere hoogte aan het perpetuum mobile van het menselijk bestaan en de gevaren van de buitenwereld. Maar van de weeromstuit worden ze in hun afgelegen boerenwoonst ongenadig teruggeworpen op zichzelf. Aan hen openbaart het leven zich in zijn naakte essentie. In lange ononderbroken takes ondergaan vader en dochter de zwaarte van de routineuze handelingen om zichzelf in stand te houden: opstaan, aankleden, water halen, aardappels koken, eten, het paard voederen en naar bed gaan. De taal lijkt daarbij sinds lang geslonken onder de sleur: hun modus vivendi is een somber verstommen. Tarr toont de mens als animal laborans, het arbeidende dier. De inspanningen van de personages lijken op de dwangarbeid van gedetineerden die eindeloos dezelfde taak vervullen. De uitentreuren terugkerende activiteiten zijn enkel gericht op de noodzakelijke stofwisseling van het levensproces. Dit blijkt nog het duidelijkst uit het exclusieve dieet van aardappels waarop de man en het meisje teren. Die worden in de schil gekookt, op het bord gepeld, als een weerbarstig houtblok met de hand gekliefd en vervolgens opgeschrokt. Behalve een snuifje zout is er niets wat het voedsel op smaak brengt. Het enige wat in deze primitieve omgeving van tel lijkt, is het fundamentele onderscheid tussen ‘rauw’ en ‘gekookt’. Een oppositie waarvan het belang zich hevig opdringt als de waterput onverhoopt

DEGEUS

Still uit The Turin Horse

droog blijkt te staan. Weinig onderscheidt de personages van het zieltogende paard in de stal. Slapend en grafsteengrijs ligt ook de man welbeschouwd al op zijn sterfbed. Mens en dier wachten lijdzaam op wat onvermijdelijk komen moet. Op zoek naar verstrooiing staren zowel vader als dochter langdurig door het raam, beiden evenzeer verstild door vista’s van oneindigheid. Onafgebroken gijzelt een stormwind het huis. Het suizelende geluid lijkt een verre bloedverwant van Mihály Vigs repetitieve soundscape. Zo verschijnt een universum van een ondraaglijke onverschilligheid, waarin Gods zwijgen oorverdovend aanvoelt.

uiteindelijk moet ook hij bekennen dat hij niet weet wat er aan de hand is. ‘Morgen proberen we het opnieuw’, gromt de man. De film dooft langzaam uit als het beeld uitvloeit naar het zwart van de eeuwige nacht en de onmogelijkheid om te leven. Ive Verdoodt Béla Tarr, The Turin Horse (Hongarije/ Frankrijk, 2011). Oorspronkelijke titel: A torinói ló. Verkrijgbaar op DVD en Blu-ray met Engelse ondertitels bij Artificial Eye. Nog tot 7 mei 2017 loopt in Eye Filmmuseum Amsterdam de tentoonstelling Béla Tarr - Till the End of the World.

Tarrs protagonisten belanden in een neerwaartse spiraal. In de laatste sequentie gaat na zonsondergang de olielamp uit. Het meisje doet een poging om haar opnieuw aan het branden te krijgen. Het advies van de vader luidt: haal sintels uit het vuur. Maar

maart 2017  >  45


POËSTILLE

Een kus op het toetsenbord The Last Night of the Earth Poems was de laatste gedichtenbundel van Charles Bukowski (1920-1994) die tijdens zijn leven verscheen. De oorspronkelijke versie dateert van 1992, de Nederlandse vertaling onder de titel De laatste nacht van de aarde volgde pas in 2014 (Amsterdam, ­L ebowski Publishers).

zijn, wereld te handhaven: ‘ik heb altijd op een / egoïstische manier geschreven om / mezelf te plezieren. / door dingen op te schrijven was ik / beter in staat om / met ze te leven.’

Vier vertalers, F. Starik, Stella Bergsma, Dirk-Jan ­A rensman en Bernard Wesseling, stonden in voor het overzetten van de honderdzestig relatief eenvoudige gedichten. Misschien school de moeilijkheid juist in die eenvoud, want hoe concreter een tekst is, hoe minder speling de vertaler (m/v) heeft. Mythe en metafysica laten meer mogelijkheden open.

Met schrijven wist hij zelfs, paradoxalerwijze, een writer’s block te overwinnen: ‘ik ben verwend door de / makkelijke manier waarop ik / dingen heb gemaakt, / en nu is er deze / ellendige / stemming. [ ] schrijven was mijn fontein / der jeugd, / mijn hoer, / mijn liefde, / mijn gok.’

Wel is al eerder kritisch, en vaak niet ten onrechte, opgemerkt dat dit verticalisme ook een methode is om een banale tekst het aanzien van poëzie te verlenen. Ook bij Bukowski zijn tekstfragmenten aan te stippen die nodeloos over vele korte regels zijn uitgewaaid. Teksten die zich laten lezen als korte, psycho-realistische verhalen in de ik-vorm (soms in de je-variante) als autobiografisch proza. En inderdaad, dit werk is ook grotendeels de autobiografie van een illusieloos iemand die boven ‘les formes fixes’ en de ‘gevestigde orde’, de zelfkant van de samenleving verkoos, iemand die zich soepel bewoog in de marginale wereld van alcohol-, gok- en seksverslaafden. Titels als Erections, ejaculations, exhibitions and general tales of ordinary madness (1972) en Love is a Dog from Hell (1977) spreken voor zich. Hoewel sommige mensen zijn binnenste aan scherven sloegen, is de hel voor Bukowski niet ‘de anderen’, zij wordt ‘stuk voor stuk / steen voor steen / rondom / jou / gebouwd’. Schrijven had voor Bukowski ook een therapeutische waarde, het was een middel om zich mentaal in de, in

46  >  maart 2017

het kost een hoop wanhoop ongenoegen en desillusie

CHARLES BUKOWSKI VERDICHTTE EEN PROZAÏSCH BESTAAN

De honderdzestig gedichten beslaan vierhonderdachttien bladzijden. Dat komt doordat het ‘verticale’ gedichten zijn die ogen als opsommingen waarin veel adempauzes zijn ingelast, als partituren voor het declameren. In de ‘modernistische’ poëzie geldt het procedé vrijwel als een formeel criterium. Het spoort aan tot langzaam en gearticuleerd lezen. Geïsoleerd krijgen woorden meer gewicht, krijgen de korte strofes nadruk, als oases in het wit. Het gedicht schept, stelde Paul Rodenko in één van zijn lucide essays, zijn eigen vorm.

POËZIE

‘de goden hebben mij verwend’ zegt hij nog in hetzelfde gedicht en ‘schrijven over een / writer’s block / is beter dan helemaal niet / schrijven.’

om een paar goede gedichten te schrijven. het is niet voor iedereen weggelegd hetzij om ze te schrijven of zelfs maar

Hij schreef gemakkelijk, met het te gemak van iemand die regelvrij lezen. is en voor die vrijheid een eigen vorm heeft gevonden. De vrijheid vond hij niet via een college creative writing. In het gedicht onder deze titel constateert hij dat het advies van de professor over wat je moet doen en laten om schrijver te worden ‘standaardspul was / dat nergens toe zou / leiden’ en dat alle studenten in die collegezaal gedoemd waren creatief te mislukken – op één na, ‘en zelfs die ene / zou 50 jaar moeten worden / voor er ook maar de geringste / acht op zijn werk / werd geslagen.’ Ook die laatste vaststelling is autobiografisch: pas in 1971 kreeg hij aandacht, na de publicatie van Post Office, zijn eerste roman. En na vijftig jaar heeft hij ook met een kus zijn schrijfmachine bedankt nadat hij er een paar gedichten had ‘uitgerost’. Daaruit, en uit ‘poëzie’ – overigens een in alle opzichten voorbeeldige toepassing en illustratie van zijn techniek – blijkt dat schrijven van goede gedichten ook voor hem geen sinecure was. Renaat Ramon

DEGEUS


CODA

De eenvoud van het leven, de onschuld van een kind OVER KUSLICHT EN STRAATMORSE Vandaag, tussen bank en winkel, sta ik te wachten op groen licht. Er komt een meisje naast me staan, eerste leerjaar vermoed ik, alles erop en eraan, mollige lachwangetjes, pijpekrullen, en ook alles er af wat er bij zevenjarigen af hoort te zijn, zoals de voorste melktandjes en het vel van haar linkerknie. Zonder ogenschijnlijke aanleiding zegt ze heel spontaan ‘dag meneer’ en ik reageer al even direct ‘oh, wat een leuke verrassing dat jij goeiedag zegt’ ... meer aanleiding heeft ze niet nodig om het ganse verhaal te doen ... ‘Het was gisteren wel slecht weer hé? Ik ben op weg naar huis vijf keer omgewaaid. En dat komt omdat mijn opa vergeten was om mij af te halen, en het deed een beetje pijn maar na een nachtje rust was het over’ ... en toen was er groen licht voor voetgangers, oude mannen en kleine meisjes ... ocharme opa, die nu wel met schuldgevoelens zal zitten, en dat nachtje rust toch veel meer vertelt dan nachtrust ... ik wou haar nog zoveel vragen, ze leek het leven zo goed te begrijpen ... ik heb liever rood licht, licht waarvoor je moet stilstaan en tijd hebt om eens rond te kijken ... kuslicht noemden mijn vriendin en ik het toendertijd, veel beter dan elkaar kussen kon je in die wachttijd niet doen. Hoe langer ik erover nadenk, hoe zekerder ik het weet: ‘Ik hou van verkeerslichten!’ Ze bieden veel mogelijkheden. Je kan er veiligheid vinden, wachten op groen en dan pas oversteken, zodat de kans klein is dat je platgereden wordt. Of als je een beetje rebels, kwaad of tegendraads bent lekker door het rood lopen onder het motto ‘doe elke dag iets wat niet mag’. Maar vooral omdat ze met de regelmaat van een klok onvoorspelbaar zijn. Aan, uit, rood, groen, in een eindeloze opeenvolging, maar nooit op het moment dat het voor jou past. Als je de spelregels volgt, valt de gewone wereld stil bij rood, je stap wordt stopgezet, je blik mag afdwalen, het doel hoeft even niet voor ogen gehouden te worden. Al de rest is plots weer toegelaten. Zoals pain perdu gewonnen brood is, zo is verkeerslicht temps perdu. Oranje is het twijfellicht, als kleur twijfelend tussen rood en geel, als waarschuwing tussen rood en groen, als gedachte tussen zwart en wit. Oranje is grijs. Het licht van de lichte paniek. Licht van soms, bijna en misschien, van mogen maar niet moeten, of een beetje moeten, van straks en had ik het niet gezegd. De onduidelijke vorm van blauw, geen zwaailicht maar zwalplicht. Een licht dat knippert waar afgeweken wordt van het gewone zonder de wereld ernstig te verstoren, een bocht naar links of rechts, een tractor of takelwagen. Oranje is een variatie op blauw, soms het voorspel, vaker het naspel ervan, hetzelfde thema

DEGEUS

maar zachter, uitdovend. Piano, pianissimo, calando. Fel blauw is de tragedie, moord en doodslag, bloed op de baan, oranje voor de opkuis na het drama of een putje in de weg, een zachte berm. Oranje is ook grenslicht, niet stoppen maar vertragen, of langzaam op gang komen, licht van avondgloed en morgenstond. Inkeer of belofte, er was of er zal … Enkele dagen later, op de fiets na een late vergadering: vermoeidheid krijgt een aangename bijwerking als je bijna thuis bent, het moeten valt weg en maakt plaats voor allerlei invallen, niet gehinderd door een heldere geest. Als renners die de eindmeet zien, zetten je gedachten een eindspurt in, snel en met een kracht die ze door uitputting niet meer mogen hebben, een slalom over het wegdek, met af en toe een valpartij. Mijn tijdelijke obsessie voor verkeerslichten, hand in hand met zo’n vermoeidheid die gedachten laat zwerven, doet me bedenken dat ik in de overdaad van kleur het vierde verkeerslicht nog niet genoemd heb. Vergeten omdat het kleurloos licht is. Enerverend getik bij rood, zenuwslopend geratel bij groen. Het verkeerslicht voor blinden, welhaast een namaakboom met namaakspecht. Het lijkt verwarrend om te horen waar het geluid vandaan komt, maar het is makkelijker dan het lijkt. Probeer maar: met een beetje oefenen lukt het wel: ogen dicht bij zo’n tiklicht en luisteren, als je denkt dat het signaal betekent dat je mag oversteken, toch maar even stiekem gluren of je juist gegokt hebt, ik wil je niet onder een aanstormende bus jagen. Toch is er een absurditeit waar ik niet uit geraak. ’s Nachts tikken die verkeerslichten namelijk niet. Er zijn volgens mij nochtans redenen genoeg om ’s nachts als blinde de straat op te gaan, het is wel wat kouder en de meeste winkels zijn gesloten maar voor de rest: minder storend lawaai, minder volk op het voetpad ... eigenlijk minder van alles zodat het beter verteerbaar en hanteerbaar is. Waarom stoppen die dingen dan met tikken als het nacht wordt? Niet voor de omwoners, die zijn er niet op de ringweg. Omdat er minder blinden op straat zijn? Misschien, maar er zijn ook minder niet-blinden op straat en toch blijven de lichten wel branden. Ach, wellicht hoef ik straks niet meer zo nodig een antwoord op deze prangende vraag, na een nachtje rust.

Dirk Dekempe

maart 2017  >  47


MAGAZINE VRIJZINNIGE ACTUALITEIT OOST-VLAANDEREN

De nieuwsbrief verschijnt tweemaandelijks. In deze nieuwskatern vindt u de activiteiten terug van maart t.e.m. april 2017. De volgende nieuwsbrief verschijnt op 1 mei 2017. Bijdragen hiertoe worden ten laatste op 27 maart 2017 verwacht op onze redactie.

NIEUWSBRIEF

psychotherapeute. Deelname: prijs nog niet gekend bij ter perse gaan van dit nummer Informatie en inschrijving: cindy.vdab@gmail.com Locatie: De Bevoorrading, Alfred Nichelstraat 14, Aalst

DRONGEN VRIJDAG 28 APRIL, 20:00,

DEINZE

AALST

ZATERDAG 29 APRIL, 14:00, ZONDAG 12 MAART 2017, 10:00

WOENSDAG 15 MAART 2017, 20:00 De Aalsterse Geuzen ... geen klein bier

HVV-HUMANISTISCH VERBOND AALST Een voordracht over de vrijzinnigheid in en rond Aalst door Jan Louies, welbekende Aalsterse Geus, leraar zedenleer aan het Lyceum Aalst, auteur van den Oilsjtersen Diksjoneir en voorzitter van de biervereniging De Objectieve ProefAjuinen. Deelname: € 2 - kansenpas: € 1 Info en inschrijving: koen.wijnant@gmail.com Locatie: Centrum Netwerk, Houtkaai 15, Aalst

Ethische vragen rond voedsel HVV OOST-VLAANDEREN I.S.M. HOGESCHOOL GENT Een intergenerationeel gesprek tussen studenten van de Hogeschool Gent en vrijzinnige ouderen van HVV Aalst. Deelname: gratis Info en inschrijving: liliane.vangysegem@telenet.be - 0474 17 56 68 Locatie: Netwerk, Houtkaai 15, Aalst

DONDERDAG 20 APRIL 2017, 19:30 Workshop rond geluk Evelien Van Dyck WILLEMSFONDS AALST Interactieve workshop ‘Happiness Habits. De wetenschap naar geluk, vertaald in dagelijkse gewoontes’  door  Evelien Van Dyck, creatief

MAANDAG 1 MEI 2017, 10:00 Kunstenaarssalon 2017

Carina Van Cauter

VERMEYLENFONDS DE BRUG I.S.M. CULTUURPLATFORM DRONGEN EN CURIEUS GENT-WEST

WILLEMSFONDS DEINZE Het Willemsfonds Deinze nodigt u uit op een lezing door advocate Carina Van Cauter. Zij zal praten over de hervorming van het erfrecht. Deelname: gratis Info en inschrijving: Annie Mervillie - 0476 46 67 26 willemsfondsdeinze@telenet.be of Bart Provijn 0474 07 83 79 - bart.provijn@telenet.be Locatie: Koetshuis, Ooidonkdreef 28, Deinze

ZATERDAG 29 APRIL 2017, 20:00 DONDERDAG 16 MAART 2017, 14:00

ZONDAG 30 APRIL,10:00,

Lezing over de hervorming van het erfrecht

Jan Louies

48  >  maart 2017

Graag ook overschrijven op het rekeningnummer van Willemsfonds Deinze: BE52 4427 6014 8109 Locatie: Zaal Palace, Markt 32, Deinze

Toneelvoorstelling ‘Bal van de pompiers’ WILLEMSFONDS DEINZE Het Willemsfonds Deinze woont de voorstelling bij van Bal van de Pompiers van theatergroep Vooruit Deinze. Bal van de Pompiers is een toneelstuk van Max Frisch, in een regie van Patrick Snoeck. Biedermann is op zijn hoede door de krantenberichten over brandstichtingen in de stad. Ze verlopen telkens volgens hetzelfde patroon: een landloper belt aan met de vraag om onderdak en steekt dan binnen de kortste keren het huis in brand. Tegen alle waarschuwingen in, biedt Biedermann op een dag toch onderdak aan een opdringerige landloper … Deelname: € 8,5 (vanaf 20 ingeschreven personen) Info: Annie Mervillie - 0476 46 67 26 willemsfondsdeinze@telenet.be of Bart Provijn 0474 07 83 79 - bart.provijn@telenet.be Inschrijven uiterlijk tegen 15 april 2017.

Tijdens de Week van de Amateurkunsten worden individuele kunstenaars en verenigingen die in hun vrije tijd artistiek en creatief bezig zijn in de kijker gezet. De kunsttentoonstelling wordt gecureerd door plastisch kunstenaar MaRf. Vernissage op vrijdag 28 april, 20:00 Deelname: gratis Info en inschrijving: www.vermeylenfonds.be, zie rubriek: ‘alle activiteiten’ Locatie: De Campagne, Gijzelstraat 12, Drongen

GENT VRIJDAG 3 MAART 2017, 20:00 Leesclub De Avonduren bespreekt ‘De ontheemden’ van Amin Maaluf (Libanon) UPV GENT-EEKLO Deelname: € 10 Info en inschrijving: Geert Boxstael upvgenteeklo@gmail.com - 0496 53 99 79 Gezien het beperkte aantal plaatsen, gelieve eerst in te schrijven en bij bevestiging te storten op BE 28 671 121 826 920 Locatie: Kapittelstraat 11, Gent

DINSDAG 7 MAART 2017, 13:30 Muziekclub Capriccio bespreekt ‘De late strijkkwartetten van

DEGEUS


AGENDA

van Beethoven: kwartet nr. 12’ UPV GENT-EEKLO Deelname: € 11 Info en inschrijving: Geert Boxstael upvgenteeklo@gmail.com - 0496 53 99 79 Gezien het beperkte aantal plaatsen, gelieve eerst in te schrijven en bij bevestiging te storten op BE 28 671 121 826 920 Locatie: Antwerpsesteenweg 348, Sint-Amandsberg

DINSDAG 7 MAART 2017, 13:30 Going English? Wie betaalt de rekening? Ad Verbrugge VERMEYLENFONDS GENT Een debat over de verengelsing van het hoger onderwijs. Ad Verbrugge is keynotespreker, filosoof, muzikant en doceert sociale- en culturele filosofie en filosofie van de economie aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Daarnaast is hij medeoprichter en voorzitter van de vereniging Beter Onderwijs Nederland (BON).

PANEL - Prof. Guido Van Huylenbroeck, academisch directeur Internationalisering - Prof. Ann Buysse, onderwijsdirecteur FPPW - Prof. Hendrik Vos, vakgroep Politieke Wetenschappen - Prof. Koen De Bosschere, expertisecentrum Durf Ondernemen & Voorzitter Opleidingscommissie Computerwetenschappen - Zoë Van Damme, studentenvertegenwoordiger Gentse Studentenraad & lid Sociale Raad UGent  - Moderator: Marc Reynebeau (o.v.) - Mogelijkheid om na te praten met een lekker glas. Deelname: gratis  Info en inschrijving: 09 223 02 88 fabjen@vermeylenfonds.be Locatie: Faculteit Letteren en Wijsbegeerte, Blandijnberg 2, Auditorium A, Gent

WOENSDAG 8 MAART 2017, 14:00 Wegwijs in de wereld van de smartphone Jonathan Blondelle GENTSE GRIJZE GEUZEN Wat is het verschil tussen iOS (Apple), An-

DEGEUS

droid (Google) en Windows (Microsoft)? Wat kost een ‘goede’ smartphone? Wat zijn, naast de prijs, de belangrijkste aandachtspunten bij aankoop? Welke apps bieden een meerwaarde in ons dagelijks leven? In deze sessie maakt u kennis met de diverse mogelijkheden van de smartphone en krijgt u enkele handige tips die van nut kunnen zijn mocht u een toestel willen aankopen. Ook staan we stil bij het veiligheids- en privacyaspect. Wie reeds een smartphone heeft kan deze meebrengen. Deelname: € 2 Info en inschrijving: 09 233 52 26 - gent@demens.nu Locatie: Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent

DONDERDAG 9 MAART 2017, 20:00 We need to talk about ... feminism Heleen Debruyne en Griet Vandermassen GEUZENHUIS GENT Wat is de toekomst van het feminisme? Feminisme lijkt terug mainstream te worden, getuige de grote opkomst op de vrouwenmarsen tegen Trump, of vrouwen als Murielle Scherre, die ongegeneerd hun okselhaar laten staan als vorm van protest. Tegelijk blijft feminisme voor velen een vies woord, waarmee ze zich liever niet associëren. Intussen woeden er onder feministen bitsige discussies. Zijn genderverschillen louter het gevolg van socialisatie, of speelt onze ‘natuur’ ook mee? Kan Beyoncé een uithangbord voor modern feminisme zijn als ze in elke videoclip in lingerie staat te dansen? Kortom, het is tijd dat we eens praten over feminisme. Dit panelgesprek maakt deel uit van onze reeks ‘We need to talk about ...’. Elke eerste donderdag van de maand gaan we in gesprek rond een actueel thema. We nodigen daarbij een aantal experts uit die geen controverse uit de weg gaan en vragen hen om het kluwen van meningen te ontwarren. Er is ruimte voor interactie met het publiek en na het gesprek kan iedereen verder nakaarten aan de bar. Deelname: gratis. De plaatsen zijn beperkt! Wil je zeker zijn van een plaats schrijf je dan in Info en inschrijving: philipp@geuzenhuis.be Locatie: Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent.

ZATERDAG 11 MAART 2017, 14:00 Algemene vergadering WILLEMSFONDS VZW Het bestuur van het Willemsfonds nodigt je uit op de algemene ledenvergadering: hét moment om met jou van gedachten te wisselen over de koers die onze vereniging vaart. Want jouw mening telt! Dit jaar is het trouwens een erg bijzondere algemene ledenvergadering, want de raad van bestuur van het Willemsfonds vzw en de algemeen voorzitter worden (opnieuw) verko­zen. Kom dus stemmen en bepaal wie de koers van onze vereniging uitzet. Of wil je niet aan de zijlijn maar zélf aan het roer van onze vereniging staan? Stel je dan kandidaat als bestuurslid. Op onze website, www.willemsfonds.be, lees je in de rubriek ‘In de kijker’ hoe je dit doet. Ontvangst met koffie vanaf 13:30. De algemene vergadering start om 14:00. Gratis toegang Info en inschrijving: info@willemsfonds.be 09 224 10 75 (gelieve in te schrijven vóór 6 maart 2017) Locatie: Lakenmetershuis, Vrijdagmarkt 24-25, Gent

ZONDAG 12 MAART 2017, 11:00 Literaire matinee Brecht Decoene WILLEMSFONDS GENT Brecht Decoene (1980) is afkomstig van Roeselare, woont in Gent en studeerde daar moraalwetenschappen. Hij is leraar moraal, schrijft opiniestukken voor Knack.be en De Standaard, geeft geregeld lezingen over kritisch denken en is kernlid van Het Denkgelag. Complottheorieën zijn alomtegenwoordig en worden meestal afgedaan als fantasieën van verwarde geesten. Feit, fictie en complot zijn bovendien brandend actueel. Denken we in dat verband maar aan wat er vandaag gebeurt in de V.S. Toch zijn er hardnekkige theorieën die over de gehele wereld een blijvende aantrekkingskracht blijven uitoefenen. Van de moord op JFK tot de aanslagen van 9/11; iedereen heeft er een mening over gevormd op basis van allerhande media. Maar hoe betrouwbaar zijn die media? Hoe kunnen we feit van fictie onderscheiden? Het Willemsfonds nodigt u uit voor een filo-

maart 2017  >  49


AGENDA

sofische lezing van deze jonge moraalfilosoof met 10 jaar ervaring in het spreken voor en filosoferen met groepen. In zijn boek Achterdocht tussen feit en fictie leert hij de lezer kritisch om te gaan met complottheorieën. Hoewel niet iedereen ze even serieus neemt, lijken complottheorieën toch meer op de voorgrond te treden. Blind voor complotten mogen we niet zijn, maar zoals alle theorieën moeten ook deze kritisch benaderd worden. Op een bevattelijke wijze geeft de auteur een inleiding tot de studie van complottheorieën. Decoene geeft ook enkele vuistregels mee om complotdenkers tegemoet te treden. Dit alles wordt uitgebreid toegelicht met beeldmateriaal. Deelname: € 4 (WF-leden), € 5 (niet-leden) Info en verplichte inschrijving: adrien.devos@vrt.be 09 220 55 15 Locatie: Lakenmetershuis, Vrijdagmarkt 24-25, Gent

DONDERDAG 16 MAART 2017, 14:00 Filmcyclus ‘Zingeving & Verscheidenheid’: The theory of everything GENTSE GRIJZE GEUZEN I.S.M. FENIKS Stephen Hawking studeert in de jaren 60 natuurkunde aan de  Universiteit van Cambridge, waar hij probeert een doctoraat te behalen en verliefd wordt op Jane Wilde, een studente literatuur, hoewel hij atheïst is en zij christen. Maar de wereld van de intelligente Stephen stort in wanneer hij te horen krijgt dat hij aan ALS lijdt en nog slechts twee jaar te leven heeft. Dit weerhoudt Jane er niet van met hem te trouwen, en samen gaan ze de strijd aan met de ongeneeslijke ziekte. Deelname: gratis Info en inschrijving: 09 233 52 26 - gent@demens.nu Locatie: Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent

DINSDAG 14 MAART 2017, 20:00

VRIJDAG 17 MAART 2017, 19:30

Lezing ‘Domheid als methode’

Hoe Fair is Smart? Workshop over Fairphones

Matthijs Van Boxsel WILLEMSFONDS VZW Matthijs van Boxsel is Régent du Collège de Pataphysique en hoofdredacteur van De Encyclopedie van de Domheid die inmiddels in zestien landen is vertaald. Hij studeerde Nederlands en Literatuurwetenschap, en voltooide zijn studie met een scriptie over de domheid. De Topografie van de Domheid en Handboek Bâtafysica zijn twee recente publicaties van hem. Zijn lezing gaat over het bestrijden van domheid. De morosoof brengt de domheid ten val door haar in taal en gebaar te imiteren. Om te voorkomen dat de domheid hem besmet dient hij zich volgens Flaubert echter te bedienen van ‘een condoom van hoogmoed en poëzie’. De dinsdaglezingen zijn een organisatie van Studium Generale. Het Willemsfonds biedt deze lezing met korting voor Willemsfondsleden aan. Met je ticket krijg je ook een editie van Karakters, literatuur en filosofie in zakformaat, geschreven door Matthijs Van Boxsel. Deelname: € 5 (leden) - € 8 (niet-leden) Info en inschrijven: flora.vandenheuvel@willemsfonds.be Locatie: Miry Concertzaal, Conservatorium, Biezekapelstraat 9, Gent

Jan-Willem Loggers VERMEYLENFONDS GENT We zijn steeds meer afhankelijk van elektronica. De toestellen die ons toegang geven tot de virtuele wereld zijn heel erg reëel: ze kosten geld, verbruiken energie, worden geassembleerd in enorme fabrieken in het globale Zuiden en draaien op steeds zeldzamere mineralen. Berichtgeving over de uitbuiting van arbeiders, ongezonde arbeidsomstandigheden en de manier waarop mineralenhandel conflict in stand houdt blijft niet uit. Maar we kunnen niet meer zonder. Dus is er nood aan elektronica met propere handen, die eerlijker is voor iedereen. Deze hands-on workshop leert je alles over de Fairphone. Jan-Willem Loggers (Fairphone Amsterdam) brengt Fairphones en schroevendraaiers mee. Zo kan u zelf ervaren hoe makkelijk het is om de telefoon uit elkaar te halen. Deelname: gratis Info en inschrijving: fabjen@vermeylenfonds.be 09 223 02 88 Locatie: Geuzenhuis, Scheldezaal, Kantienberg 9, Gent

ZATERDAG 18 MAART 2017, 10:00 Van Nu & Straks Het Vermeylenfonds nodigt u van harte uit

50  >  maart 2017

op een nieuwe Van Nu & Straks - dag. Deze editie vindt plaats in het Vredeshuis in Gent, waar wij het jaarverslag 2016 en het jaarplan 2017 presenteren. Nadien laten wij Dirk ­Barrez, journalist, maatschappelijk vernieuwer en auteur aan het woord over zijn nieuw boek TRANSITIE. Onze welvaart van morgen. Daarin toont hij ons een hoopvol toekomstbeeld van een duurzame wereld. In het kader van ons tweejaarlijks thema duurzaamheid in de economie bieden wij u tevens vier sofalabs aan. Tijdens deze interactieve workshops kunt u vragen stellen, mee discussiëren en nadenken over de thema’s als burgerinitiatieven, fairphone, deeleconomie en duurzaam aankoopbeleid van lokale besturen. We eindigen zoals steeds met een glas op de vriendschap! Deelname: gratis Info en inschrijving: fabjen@vermeylenfonds.be 09 223 02 88 Locatie: Vredeshuis, Sint-Margrietstraat 9, Gent

ZATERDAG 18 MAART 2017, 10:00  Science Meets Society  FONDS LUCIEN DE CONINCK I.S.M. VLAAMS INSTITUUT VOOR BIOTECHNOLOGIE Wetenschap en technologie spelen een steeds grotere rol in onze moderne maatschappij. Desondanks krijgen antiwetenschappelijke gedachten wereldwijd steeds meer gehoor. In sommige gevallen, zoals bij de evolutietheorie, nucleaire energie en ggo’s, moeten wetenschappers vechten tegen grote weerstand. Waar vinden het gebrek aan begrip en het demoniseren van de wetenschap hun oorsprong? Cognitieve, sociale en ideologische vooroordelen vormen en beperken de omgang met complexe wetenschappelijke en technologische problemen. Wetenschappers op hun beurt, hebben de neiging om de ‘irrationele’ zorgen en gevoeligheden van het publiek te negeren in hun research en communicatie. Daardoor wordt de kloof tussen wetenschap en maatschappij steeds groter. In dit seminarie trachten we manieren te vinden om deze kloof te dichten. We gaan op zoek naar de factoren die de publieke steun van wetenschap beïnvloeden en we discussiëren over hoe we complexe wetenschappelijke onderwerpen kunnen presenteren aan leken. Met deze bijeenkomst brengen we wetenschappers, studenten, journalisten en

DEGEUS


AGENDA

beleidsmakers samen.

ZONDAG 19 MAART 2017, 10:00 - 15:00

DINSDAG 21 MAART 2017, 19:30

Profundo Gent

Filosofisch gesprek: ‘Vrijheid van meningsuiting, hoever willen we gaan?’

Het hele programma kunt u bekijken op onze website: www.geuzenhuis.be Deelname: € 10 (inclusief lunch) Info en inschrijving: elisabeth.stes@vib.be (inschrijven kan tot 13 maart 2017) Locatie: Liberaal Archief, Kramersplein 23, Gent 

ZATERDAG 18 MAART - ZATERDAG 1 APRIL 2017 Theatervoorstelling ‘Bertolt Brecht. Herinneringen aan tijden van vroeger, vandaag en morgen’ Multatuliteater WILLEMSFONDS GENT Dit jaar is het 60 jaar geleden dat Bertolt Brecht, schrijver van toneel, poëzie, literatuur, opera en film overleed. Hij was een van de belangrijkste geëngageerde Duitstalige schrijvers van vorige eeuw. Daarom wil het Multatuliteater volgend seizoen een project op poten zetten rond deze grote meneer. Multatuliteater was een van de eerste gezelschappen in Vlaanderen die zijn toneelstukken heeft gespeeld. We willen met het tekstmateriaal van Bertolt Brecht aan de slag gaan. Het wordt een collagevoorstelling met gedichten, liederen, toneelteksten… Brecht moest in de jaren 30 vluchten uit Duitsland. Hij leefde 17 jaar in ballingschap. In de voorstelling willen we onderzoeken hoe actueel zijn teksten nu nog zijn, in een tijd waarin we dagelijks met de vluchtelingenproblematiek geconfronteerd worden. Via interviews, gesprekken, lectuur, beeldmateriaal, willen we op zoek gaan naar de verhalen, de getuigenissen van vluchtelingen, mensen die net als Brecht hun land moesten verlaten.

SPEELDATA: zaterdag 18 maart 2017, 20:15 zondag 19 maart 2017, 15:00 donderdag 23 maart 2017, 20:15 vrijdag 24 maart 2017, 20:15 zaterdag 25 maart 2017, 20:15 donderdag 30 maart 2017, 20:15 vrijdag 31 maart 2017, 20:15 zaterdag 1 april 2017, 20:15 Deelname: € 10 (WF-leden, leden Open Doek, studenten), € 11 (standaardtarief) Info en inschrijving: info@willemsfonds.be Locatie: Lakenmetershuis, Vrijdagmarkt 24-25, Gent

DEGEUS

VC GEUZENHUIS I.S.M. ORBIT VZW Het Geuzenhuis neemt deel aan het interlevensbeschouwelijk project ‘Profundo’ van Orbit vzw. Op deze interlevensbeschouwelijke dag zal het VC Geuzenhuis de vrijzinighumanistische levensbeschouwing en gemeenschap vertegenwoordigen. Het project is er om het interculturele en interlevensbeschouwelijke samenleven in Gent in de verf te zetten en te bevorderen. Er staan drie levensbeschouwelijke locaties centraal die afzonderlijk of in één geleid bezoek kunnen bezocht worden. Een ideale gelegenheid om eens achter de gevels te kunnen kijken en andere levensbeschouwelijke gemeenschappen van binnenuit te leren kennen. Het idee is om af te wijken van traditionele formules en een echte ontmoeting, dialoog en wederzijdse (informele) kennismaking op de eerste plaats te zetten.

PROGRAMMA: 10:00 11:30 12:30

14:00

Bezoek aan de Gurdwara van de Sikhs, Kortrijksepoortstraat 49 b1 Bezoek aan het vrijzinnig centrum Geuzenhuis, Kantienberg 9 Brunch en lunchcauserie. Tijdens een brunch spreken we over de rol van de imam, pastoor, vrijzinnig-humanistisch consulent en voorganger bij de Sikhs Bezoek aan de OLV Sint-Pieterskerk, Sint-Pietersplein

Deelname: gratis. U dient enkel in te schrijven als u de volledige wandeling wil meevolgen. Info en inschrijving: thomas@geuzenhuis.be 09 220 80 20

DINSDAG 21 MAART 2017, 13:30 Muziekclub Capriccio bespreekt spectraalcompositie: dé inventie van de Franse twintigste eeuw UPV GENT-EEKLO Deelname: € 11 Info en inschrijving: Geert Boxstael upvgenteeklo@gmail.com - 0496 53 99 79 Gezien het beperkte aantal plaatsen, gelieve eerst in te schrijven en bij bevestiging te storten op BE 28 671 121 826 920 Locatie: Antwerpsesteenweg 348, Sint-Amandsberg

HVV ZAHIR Mag gelijk welke mening zich uiten in naam van de vrijheid van expressie, of dienen we toch bepaalde restricties te voorzien? Wat met uitzonderlijke, afwijkende, ophitsende of zelfs haatzaaiende meningen? Wie bepaalt trouwens wat gematigd en extreem is? Tijdens deze filosofische oefening krijgt u, in openheid en met respect, de kans om uw gedachten hieromtrent filosofisch te uiten en andere meningen te ontmoeten. Deelname: gratis Info en inschrijving: Gustaaf De Meersman videokontakt.gdm@telenet.be - 09 330 35 77 Locatie: Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent

WOENSDAG 22 MAART 2017, 14:00 Panelgesprek over een andere economie gevolgd door wandeling door Rabot VERMEYLENFONDS GENT I.S.M. LDC TEN HOVE EN SAMENLEVINGSOPBOUW GENT Lets, Torekes, Pluimen, Banco Palmas, Buen Vivir, BNG: een andere economie … ook in Gent! Na een aantal inspirerende voorbeelden uit het Zuiden keren we terug naar Gent met Torekes, Pluimen en LETS. In het panel: Marika Laureyns (Pluimen & Torekes) en Filip ­François (LETS), moderator is Marc Coucke. Na deze inspirerende middag banen we ons een weg door de andere economie van de Rabotwijk: Torekes, De Site, de Sociale Kruidenier en Eetcafé Toreke. Als Plezante Doener gidst Annemie De Vos u doorheen alle schakels die deze woonwijk tot een transitie-utopie maken. We vertrekken om 16:00 aan LDC Ten Hove, aansluitend op de gespreksnamiddag, richting De Site Tondelier Rabot. Marika Laureyns, uit het namiddagpanel, vergezelt ons samen met Annemie De Vos op tocht. Deelname: gratis Info en inschrijving panelgesprek: ldc.ten.hove@ocmw.gent Info en inschrijving wandeling: fabjen@vermeylenfonds.be Locatie: LDC Ten Hove, Begijnhofdries 15, Gent

maart 2017  >  51


AGENDA

WOENSDAG 29 MAART 2017, 20:00 Filmvoorstelling ‘Demain’ VERMEYLENFONDS GENT I.S.M. CURIEUS Is een optimistisch verhaal de beste manier om de ecologische, economische en sociale crisis op te lossen? Cyril Dion en Mélanie Laurent vertrokken samen met een vierkoppig team naar tien verschillende landen waar ze pioniers ontmoeten die landbouw, energie, economie, democratie en opvoeding heruitvinden. Door deze positieve en concrete initiatieven samen te brengen, ontdekken ze hoe de wereld van morgen er uit zou kunnen zien. Deelname: niet gekend bij het ter perse gaan van dit nummer Info en inschrijving: raf.burm@telenet.be Locatie: Studio Skoop

ZATERDAG 1 APRIL 2017, 10:00 Betuttelen of ondersteunen? Ouderen in de zorg HVV NATIONAAL I.S.M. HVV GENT, GENTSE GRIJZE GEUZEN, GG ZOTTEGEM, GG EEKLO, HVV DE GEUZEN LOCHRISTI, HVV OOST-VLAANDEREN Deze lezing is een onderdeel van een tweeluik over ouderen in de zorgsector:

1 april: ‘eenzaamheid bij ouderen’ 22 april: ‘zelfredzaam en hulpbehoevend’ Een panel van experten buigt zich over deze thema’s. We verwelkomen u vanaf 9:30 met koffie en thee. Deelname: nog niet gekend op datum van publicatie Info en inschrijving: secretariaat@h-vv.be 03 233 70 32 of hvv.gent@geuzenhuis.be - 09 220 80 20 Locatie: Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent

DONDERDAG 6 APRIL 2017, 19:00 Talking Dinner: De Armeense keuken VERMEYLENFONDS GENT Een talking dinner bestaat erin dat we samen koken en eten. Ondertussen vertellen onze Armeense gastheer en gastvrouw over de ingrediënten, de culturele achtergrond van hun land en over België. Narine Barseghyan en Ashot Davtyan zijn reeds 33 jaar samen en hebben 3 kinderen. Ze zijn allebei afkomstig van Jerevan en daar vertrokken ze in 1991 richting Rusland. Zij verlieten hun land op het ogenblik dat de USSR uiteenviel en er een oorlog uitbrak rond

52  >  maart 2017

het conflict over Nagorno-Karabach, tussen Armenië en Azerbeidzjan. Van 1991 tot 2000 verbleven zij in Rusland, waarna zij naar België verhuisden. Narines en Ashots geloof maakt deel uit van de Armeens-apostolische Kerk, een zelfstandige kerk, gesticht in Armenië en tijdens de Talking Dinner zullen we enkele gebruiken/gerechtjes leren kennen die in Armenië typisch zijn voor de Paasperiode. Ook onze eigen opgevulde wijnbladeren zullen niet ontbreken. Deelname: € 15 (leden) en € 20 (niet-leden) Info en inschrijving: kathleen.devos@stad.gent 0498 18 07 89 Locatie: De Buurtloods, Patrijsstraat 10, Gent

VRIJDAG 7 APRIL 2017, 20:00 Leesclub De Avonduren bespreekt ‘Het boek der fluisteringen’ van Varujan Vosganian (Roemenië) UPV GENT-EEKLO Deelname: € 10 Info en inschrijving: Geert Boxstael upvgenteeklo@gmail.com - 0496 53 99 79 Gezien het beperkte aantal plaatsen, gelieve eerst in te schrijven en bij bevestiging te storten op BE 28 671 121 826 920 Locatie: Kapittelstraat 11, Gent

DINSDAG 11 APRIL 2017, 13:30 Muziekclub Capriccio bespreekt ‘Heidense middeleeuwen: een historische en muzikale duiding’ UPV GENT-EEKLO Deelname: € 11 Info en inschrijving: Geert Boxstael upvgenteeklo@gmail.com - 0496 53 99 79 Gezien het beperkte aantal plaatsen, gelieve eerst in te schrijven en bij bevestiging te storten op BE 28 671 121 826 920 Locatie: Antwerpsesteenweg 348, Sint-Amandsberg

DONDERDAG 13 APRIL 2017, 14:00 Filmcyclus ‘Zingeving & Verscheidenheid’: Bienvenue chez les Ch’tis GENTSE GRIJZE GEUZEN I.S.M. FENIKS Philippe Abrams werkt als directeur van een postkantoor in Salon-de-Provence en is getrouwd met Julie die graag naar de  Côte d’Azur wil verhuizen. Philippe stelt zich kan-

didaat voor overplaatsing en vermeldt op het formulier ten onrechte dat hij invalide is om meer kans te maken. Hij valt door de mand en wordt gestraft. Als straf moet hij twee jaar naar Bergues, in het noorden van Frankrijk. In de rest van Frankrijk leven veel vooroordelen over deze streek. Maar hij ontdekt al snel dat het er niet zo slecht is als hij dacht. Deelname: gratis Info en inschrijving: 09 233 52 26 - gent@demens.nu Locatie: Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent

DINSDAG 18 APRIL 2017, 19:30 Filosofische babbel: ‘Is de mens een ziek dier en/of schuilt er een wolf in elk van ons?’ HVV ZAHIR Hoe kijken we naar onszelf als mens? Kunnen we leven met de wijze waarop we ons gedragen of liggen we ermee overhoop? Gaan we zo ver in onze kritiek op ons menselijk gedrag, dat we ons ziek verklaren? Zo ja, hoe komen dan tot die diagnose? Laten we ons, in de veralgemening, niet teveel leiden door het wangedrag van bepaalde mensen? Verliezen we niet vaak de vele positieve acties en menselijke gedragingen en realisaties uit het oog? Een filosofische babbel die, zoals steeds trouwens, vraagt om een open geest naar de inbreng van elke deelneemster en deelnemer. Deelname: gratis Info en inschrijving: Gustaaf De Meersman - videokontakt. gdm@telenet.be - 09 330 35 77 Locatie: Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent

VRIJDAG 21 APRIL 2017, 20:00 Tentoonstelling ‘Circle of life’ Linda Lacombe KUNST IN HET GEUZENHUIS Schilderen is voor Linda Lacombe zich uitdrukken en zich positioneren, niet verbaal maar beeldend. Haar ‘werkterrein’ is het grensgebied tussen figuratie en abstractie. Haar thematische insteek zijn menselijke relaties en evolutie. Het zijn niet de uiterlijke verschijningsvormen die tot thema worden in het werk, wel de innerlijke werelden van mensen. Circle of life weerspiegelt een kijk op de kringloop van het leven. De rode draad in de ten-

DEGEUS


AGENDA

toonstelling zijn de kenmerkende fases, opeenvolgende gebeurtenissen en bijhorende emoties in een mensenleven. Diverse groeifasen met eigen accenten krijgen een plaats: de oorsprong, menselijke relaties, de levensweg, mijlpalen, de pijn van het zijn, de complexe wereld waarin we leven, het loslaten en opnieuw beginnen …. De tentoonstelling wordt ingeleid door Filip Verneert. De tentoonstelling loopt van zaterdag 22 april t.e.m. zondag 30 april 2017 Openingsuren: weekdagen van 9:00 tot 16:30 | vr. tot 16:00 ( op weekdagen graag een seintje vooraf ) Zaterdag en zondag van 14:00 tot 17:00 Meer info: martine@geuzenhuis.be - 09 220 80 20 Locatie: Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent

VRIJDAG 21 APRIL ZATERDAG 22 APRIL 2017, 20:00 Voorstelling ‘Vergiet’ Theater Spontaan WILLEMSFONDS GENT Theater gebracht door jongeren voor alle leeftijden. Ik steek mijn hoofd in de diepvries. Dan blijft het langer goed. Een oude schoenmaker zou zijn herinneringen graag sorteren. Momenten om bij te houden en om weg te gooien. Maar een hoofd valt niet te besturen. Wat als je geheugen lekt? Tickets: € 8,5 euro (WF-leden) - € 10 (standaardtarief) Info: tickets beschikbaar vanaf 4 maart via www.theaterspontaan.be Locatie: Lakenmetershuis, Vrijdagmarkt 24-25, Gent

ZATERDAG 22 APRIL 2017 Groepsuitstap tentoonstelling ‘Timeless beauty’ in het GalloRomeins museum Tongeren KUNST IN HET GEUZENHUIS Hoe maquilleerden dames zich tweeduizend jaar geleden? Welke sieraden droegen ze? Authentieke objecten, intrigerende teksten van Romeinen, auteurs en sensuele foto’s van wijlen kunstfotograaf Marc Lagrange brengen je in de ban van vrouwelijk schoon. Een professionele gids loodst ons door deze boeiende tentoonstelling. Deelname: € 15 Info en inschrijving: martine@geuzenhuis.be 09 220 80 20

DEGEUS

Storting op rekeningnr: BE38 0013 0679 1272 met als mededeling ‘ Timeless beauty’ + aantal personen. De storting is het inschrijvingsbewijs. Opgelet plaatsen zijn beperkt. Inschrijven kan tot 10 april. Locatie: afspraak om 9:00 in het St-Pietersstation Gent

ZATERDAG 22 APRIL 2017, 10:00 Betuttelen of ondersteunen? Ouderen in de zorg HVV NATIONAAL I.S.M. HVV GENT, GENTSE GRIJZE GEUZEN, GG ZOTTEGEM, GG EEKLO, HVV DE GEUZEN LOCHRISTI, HVV OOST-VLAANDEREN Dit is de tweede lezing van het tweeluik over ouderen in de zorgsector. Een panel van experten buigt zich vandaag over thema’s als zelfredzaamheid en hulpbehoevendheid. We verwelkomen u vanaf 9:30 met koffie en thee. Deelname: prijs nog niet gekend bij ter perse gaan van dit nummer Info en inschrijving: secretariaat@h-vv.be 03 233 70 32 of hvv.gent@geuzenhuis.be - 09 220 80 20 Locatie: Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent

ZONDAG 23 APRIL 2017, 10:50 Uitstap naar Machelen aan de Leie WILLEMSFONDS GENT Gegidst bezoek Raveelmuseum, maaltijd in café Tonneke, wandeling doorheen de dorpskom (3,7 km). Ridder Roger Raveel (1921 – 2013) wordt als één van de belangrijkste Belgische kunstenaars na de tweede wereldoorlog beschouwd. Zijn werk is niet in de bekende kunsthistorische hokjes te catalogeren. De voedingsbodem van Raveels kunst is zijn onmiddellijke omgeving, wat niet betekent dat Raveel lokaal gebonden zou zijn. De dingen om hem heen krijgen in zijn schilderijen, tekeningen, objecten en installaties, een universele betekenis: de man, de vrouw, de planten, de fietskar, de reclame, de technologie, worden in tijd en ruimte gezien. Vlak naast de kerk, in Machelendorp, bevindt zich het Roger Raveelmuseum, ontworpen door Stéphane Beel. Deze bekende architect slaagde er in om de vroegere, beschermde pastorie te integreren met moderne bouwkunst. Het werd een museum waarin de kunst van Raveel zich thuis voelt.

Een ervaren gids zal ons loodsen doorheen een fantastische collectie van meer dan 200 schilderijen, een 500-tal tekeningen en een volledige verzameling grafiek van Raveel. Na het bezoek worden we verwacht in het 100 meter verder gelegen café Tonneke voor, naar verluidt, één van Raveels lievelingsgerechten: ‘biefstuk friet’. Na deze stevige maaltijd is het tijd geworden om even de benen te strekken en worden we uitgenodigd voor een bewegwijzerde wandeling doorheen de dorpskern van het pittoreske Machelen aan de Leie. Vermits een deel van het parcours ook langsheen weilanden verloopt, is stevig schoeisel toch wel een aanrader. Deelname: enkel museumbezoek (met gids): € 10 (WF-leden), € 12 (niet-leden); museumbezoek + middagmaal: € 37 (WF-leden), € 40 (niet-leden) Inschrijving: reservatie pas definitief na storting van het correcte bedrag op rekening BE51 0011 2535 1762 met opgave van het aantal personen en vermelding: ‘bezoek Raveel’ Locatie: Roger Raveelmuseum, Gildestraat 8, Machelen-Zulte

ZATERDAG 29 APRIL 2017, 14:00 Poëzie verbindt ... SOLIDARITEIT I.S.M. DE CENTRALE EN POËZIECENTRUM, MET DE STEUN VAN STAD GENT EN IMD OOST-VLAANDEREN Poëzie verbindt ... Dat is de leuze van stadsdichter David Troch, Nerkiz Sahin en Johan De Vos. Met jongeren van 18 tot 30 jaar werkten zij aan een poëzieproject tussen oktober 2016 en april 2017. Het resultaat van deze sessies wordt voorgesteld op het publieks­ evenement in het Poëziecentrum. Iedereen welkom! Kostprijs: gratis, busvervoer van/naar haven Gent inbegrepen Info en inschrijving: www.vermeylenfonds.be 0477 93 56 13 Locatie: Poëziecentrum, Vrijdagmarkt 36, Gent

GERAARDSBERGEN DONDERDAG 9 MAART 2017, 20:00 Voordracht ‘Denken zoals het genie Leonardo da Vinci’ Ir. Bernard Lernout UPV GERAARDSBERGEN

maart 2017  >  53


AGENDA

Door zijn fascinatie voor het wonderkind van de renaissance, Leonardo da Vinci, ontwierp onze spreker een instrument: het Leonardo kompas. Vier richtingen staan symbool voor de vier intelligenties die nodig zijn om als universeel mens beter te functioneren: ratio - relatie - passie - actie. Bernard Lernout verwerkt tijdloze en recente inzichten over persoonlijke groei tot een geheel van handige mindmaps en praktische tips. We leren kijken zoals da Vinci dat deed. We onderzoeken de mogelijkheden van de zeven principes die aan de basis liggen van da Vinci’s inventiviteit en ontdekken wat we daar als hedendaagse mens nog van kunnen leren. Deelname: gratis Info en inschrijving: contact.upv_ brems.dominique@telenet.be - 054 58 76 84 Locatie: Liberaal Gebouw, Markt 47, Geraardsbergen

ZONDAG 19 MAART 2017, 10:00 6e stripfestival BD Geraardsbergen WILLEMSFONDS GERAARDSBERGEN Net zoals vorig jaar zijn we weer met een stand aanwezig op het eerstkomende stripfestival van Geraardsbergen. Samen met de organisatoren staat het Willemsfonds Geraardsbergen in voor een wedstrijd, die jong en oud moet kunnen boeien. Tijdens de afsluitende receptie worden de prijzen overhandigd, samen met een Willemsfondstrofee, een beeldje in koper (ontwerp: Luc Govaert, secretaris; uitvoerder: Hugo Carion, smid). Haal de jongeren even weg van hun tablet, smartphone, facebook … en laat hen kennismaken met de wondere wereld van het stripverhaal! Deelname: € 3 (-12 jaar: gratis) Info: secretaris Luc Govaert - 0479 41 95 76 luc-govaert@telenet.be Locatie: JC De Spiraal, Zakkaai 29, Geraardsbergen

DONDERDAG 30 MAART 2017, 20:00 De UK en de EU na het referendum Ivan Ollevier (buitenlandcorrespondent VRT) UPV GERAARDSBERGEN

54  >  maart 2017

Deze lezing gaat dieper in op de relatie tussen de UK en de EU. In juni stemde het UK in een referendum over zijn lidmaatschap van de Europese Unie. Wat zijn de factoren die tot deze stemming geleid hebben? In de UK heeft de aansluiting met de EU altijd wel tot spanningen geleid. In 1975 was er een eerste gelijkaardige stemming en later zorgde deze thematiek voor een kloof tussen de conservatie partij van Thatcher. Hoe zien het land en de EU er politiek nu uit? Deelname: gratis Info en inschrijving: pv_dominique.brems@telenet.be Locatie: Liberaal Gebouw, Markt 47, Geraardsbergen

DONDERDAG 13 APRIL 2017, 20:00 Voordracht: ‘Het nieuwe denken in de fysica: de kwantumrevolutie en de wondere wereld van de kwantummechanica’ Prof. Em. dr. Gaston Moens

veel grote en kleine EU banken en de vertraging in het hervormen van de Europese bankensector beperken de kredieten aan de reële economie, en fnuiken zo het economisch herstel. Het oplossen van de bangelijke posities van banken is geen simpele taak. Een sterk hefboom effect van uitstaand bankkrediet in een steeds meer globale banksector heeft een katalyserende rol gespeeld bij het overbrengen van economische en financiële schokken wereldwijd. De belangrijkste vraag die onze banktoezichter, de ECB, daarom wakker houdt is of sommige banken een dergelijk hefboom effect hebben dat ze de stabiliteit van heel het banksysteem, en bij uitbreiding dat van heel de economie, in gevaar kunnen brengen. Dergelijke banken moet je dan verplichten om dat risico af te bouwen. Deelname: gratis Info en inschrijving: upv_dominique.brems@telenet.be Locatie: Liberaal Gebouw, Markt 47, Geraardsbergen

UPV GERAARDSBERGEN In deze lezing krijgt u een historische inleiding tot de kwantumrevolutie. Die begint in 1911 wanneer de rijke en vooruitstrevende industrieel, Ernest Solvay, de allereerste Solvayraad samenroept in hotel Metropole. Uit heel Europa kwam toen een kleine groep van topwetenschappers naar Brussel om na te denken over de problemen binnen hun vakgebied. Deze Solvayraden hebben een cruciale rol gespeeld in de ontwikkeling van de moderne fysica. Verder worden in deze voordracht enkele merkwaardige aspecten van de kwantummechanica behandeld. Deelname: gratis Info en inschrijving: contact.upv_ brems.dominique@telenet.be - 054 58 76 84 Locatie: Liberaal Gebouw, Markt 47, Geraardsbergen

DONDERDAG 27 APRIL 2017, 20:00 De EU integratie, welke stappen vooruit, of terug? Prof. dr. Peter Claeys (Macro-Economie, VUB) UPV GERAARDSBERGEN Indien de economische groei in Europa achterop blijft, dan is dat vooral het gevolg van de aanhoudende problemen in de financiële sector. De uiterst zwakke kapitaalbasis van

HERZELE ZATERDAG 29 APRIL 2017, 7:30 Daguitstap naar Antwerpen WILLEMSFONDS HERZELE De voormiddag omvat een bezoek aan het Centraal station met wandeling in de buurt, het Zuiderterras en een bezoek aan het historisch centrum. ’s Middags nemen we gezamenlijk de lunch. In de namiddag bezoeken we het schipperskwartier, ’t Eilandje en het dakterras van het MAS. Rond 16:00 zijn we te gast bij de stadsbrouwerij De Koninck en daarna hebben we nog wat vrije tijd in de omgeving van de Meir. Deelname: nog niet gekend bij ter perse gaan van dit nummer Info en inschrijving: Christine Glorieux 0478 23 56 05 - christine.glorieux@telenet.be Locatie: parking, Kerkplein, Herzele

LOKEREN DINSDAG 7 MAART 2017, 19:30 Geleid bezoek aan kunstgalerij De Vuyst WILLEMSFONDS LOCHRISTI

DEGEUS


AGENDA

Als tweede activiteit voor 2017 trekken wij op dinsdag 7 maart 2017 naar kunstgalerij ‘De Vuyst’ waar we om 19:30 verwacht worden. Parkeren kan op de markt, de straten tussen markt en galerij of voor de gelukkigen in de nabijheid van de galerij. De galerij is in volle voorbereiding voor een grote kunstveiling op zaterdag 11 maart 2017, waardoor alle zalen een maximaal aantal kunstwerken bevatten. Eén van de veilingverantwoordelijken zal ons een deskundige rondleiding geven die een beeld moet geven over het reilen en zeilen van een kunstgalerij; we zullen tevens, aan de vooravond van een belangrijke veiling, een idee krijgen van de aard, de diversiteit en de belangrijkheid van het aangeboden werk. Na het bezoek plannen wij een evaluatiemoment, met een in de prijs inbegrepen drankje, in brasserie ‘Den Abazjoer’, Kerkstraat 2. Deelname: € 5 (WF-leden), € 8 (niet-leden) Info en inschrijving: robertsteens@hotmail.com 09 355 81 98 Uw inschrijving is slechts geldig als u het correcte bedrag overschrijft op rekening BE93 9731 1031 1767 van Willemsfonds Lochristi. Locatie: kunstgalerij ‘De Vuyst’, Kerkstraat 46, Lokeren

OUDENAARDE MAANDAG 6 MAART 2017, 20:00 Wijndegustatie VC LIEDTS I.S.M. DE WIJNRANK Deelname: € 25 Info en inschijving: info@vcliedts.be Locatie: VC Liedts, Parkstraat 2 – 4, Oudenaarde

VRIJDAG 10 MAART 2017, 20:30 Liedts unplugged (‘unexpected visitors’) VC LIEDTS Intiem optreden van 2 lokale muzikanten! Deelname: € 5 Info en inschijving: info@vcliedts.be Locatie: VC Liedts, Parkstraat 2 – 4, Oudenaarde

in het prachtige Liedtskasteel.

VRIJDAG 14 APRIL 2017, 20:00

‘De eeuw van onze kinderen is moeilijk classificeerbaar. Het is zeker geen literaire autobiografie, maar eerder een filosofisch-antropologisch werk van een geëngageerde intellectueel die teruggrijpt in de tijd om beter vooruit te kunnen zien. In de peinzende indianenblik van de levensloopdenker die Rik Pinxten is, wisselen niet alleen tele- en groothoeklens elkaar voortdurend af, maar zijn ook vele werelden, en zeker niet alleen de westerse, prominent aanwezig. Een tour de force wat mij betreft.’ Dixit Walter Lotens in De Wereldmorgen. Deelname: nog niet gekend bij het ter perse gaan van dit nummer Info en inschijving: info@vcliedts.be - 055 30 10 30 Locatie: VC Liedts, Parkstraat 2 – 4, Oudenaarde

ZONDAG 26 MAART 2017, 20:00 Boekvoorstelling: ‘De Bijbel, een Vrij Zinnige Lezing’ Ludo Abicht VC LIEDTS I.S.M. VERMEYLENFONDS OUDENAARDE EN WILLEMSFONDS Wie Michelangelo, Dante, Bach, Marx of de Verklaring van de Rechten van de Mens vanuit hun wortels wil begrijpen kan ook vandaag en morgen de Bijbel niet negeren. Ludo Abicht herlas de Bijbel, kritisch, nietdogmatisch, empathisch. Onze taal (het Nederlands) is doorspekt met uitdrukkingen uit de Bijbel. Onze geschiedenis en filosofie zijn doorvlochten van het christendom.  Grote delen van de wereldliteratuur staan vol verwijzingen naar het Oude en het Nieuwe Testament. Westerse waarden vinden hun wortels in de Bijbel. Kortom, wie de bijbel niet kent, begrijpt grote mijlpalen, monumenten en verhalen van de westerse geschiedenis en cultuur niet. Deelname: gratis Info en inschijving: info@vcliedts.be - 055 30 10 30 Locatie: VC Liedts, Parkstraat 2 – 4, Oudenaarde

MAANDAG 10 APRIL 2017, 20:00 Wijndegustatie

         MAANDAG 20 MAART 2017, 20:00 Lezing door Rik Pinxten VC LIEDTS I.S.M. VERMEYLENFONDS OUDENAARDE Rik Pinxten stelt zijn meest recente boek voor

DEGEUS

VC LIEDTS I.S.M. DE WIJNRANK Deelname: € 25 Info en inschijving: info@vcliedts.be Locatie: VC Liedts, Parkstraat 2 – 4, Oudenaarde

Geheugenklachten en dementie Prof. dr. Jan Versijpt (dienst neurologie, UZ Brussel) UPV OUDENAARDE ‘Waar heb ik mijn sleutels gelaten?’ ‘Hoe heet die collega ook alweer?’ Veel mensen op hogere leeftijd hebben wel eens problemen met hun geheugen. Er bestaat enig bewijs dat geheugenklachten bij mensen van 55 jaar en ouder wel verband houden met een slechtere prestatie van het geheugen en dat het een eerste indicatie kan zijn van toekomstige cognitieve achteruitgang en dementie bij ouderen. In een lezing doet prof. dr. Jan Versijpt de actuele kennisstand rond geheugenklachten en dementie uit de doeken. Deelname: vrije bijdrage wordt doorgestort aan het Kinderkankerfonds Info en inschrijving: info@vcliedts.be - 055 30 10 30 Locatie: VC Liedts, Parkstraat 2 - 4, Oudenaarde

ZONDAG 23 APRIL 2017, 14:00 Erfgoeddag VC LIEDTS I.S.M. STAD OUDENAARDE Het VC organiseert een workshop rond zorg i.s.m. Vesalius Hogeschool en het Rode Kruis ter ere van de erfgoeddag. Deelname: gratis Info en inschijving: info@vcliedts.be Locatie: VC Liedts, Parkstraat 2 – 4, Oudenaarde

ZONDAG 23 APRIL 2017, 14:00 Tweede Geefplein in en rond het VC Liedtskasteel VERMEYLENFONDS OUDENAARDE I.S.M. CANAVIA Het August Vermeylenfonds Oudenaarde en jeugdhuis Canavia toveren het Liedtspark voor de tweede keer om tot GEEFPARK. Je kan er bruikbare spullen weggeven en/of meenemen. Van huis-, tuin-, en keukenmateriaal tot kledij, speelgoed, boeken, meubeltjes … alles (uiteraard in goede staat) is welkom! Heb je een schaar op overschot? Of eentje nodig? Borden te veel? Of juist te weinig? Dozen vol babyspullen? Of een papfles te kort? Kom gerust naar het Liedtspark en doe mee met onze actie.

maart 2017  >  55


AGENDA

Deelname: gratis Info: info@vcliedts.be - 055 30 10 30 Locatie: VC Liedts, Parkstraat 2 - 4, Oudenaarde

ging die vooral bezig is met vorming en lobbywerk.  Dit in een gebied waar de landbouw bedreigd wordt door mijnbouw.

RONSE

Voor zijn verblijf in Ronse is een gans programma ineengestoken door diverse partners. Ook de vrijzinnige gemeenschap is uitgenodigd om hieraan deel te nemen.

WOENSDAG 8 MAART 2017, 20:00 Straffe madammen: vrouwendag – literair gesprek tussen Saskia De Coster en Lara Taveirne WILLEMSFONDS RONSE I.S.M. HVDM EN VLAAMS FONDS VOOR DE LETTEREN Op 8 maart vieren we internationale vrouwendag. Reden genoeg voor het VC De Branderij, huisvandeMens en het Willemsfonds om de handen in elkaar te slaan en ‘straffe madammen’ uit te nodigen! Auteurs Saskia De Coster en Lara Taveirne trakteren het publiek op een literair gesprek waarin de vrouw centraal staat. Ze praten over hoe het is om een ‘vrouwelijke’ auteur te zijn; over positieve/negatieve ervaringen, pijnlijke of hilarische belevenissen, over de vrouwelijke personages in hun boeken enz. Beide auteurs zullen eveneens een passage lezen uit een roman over een vrouwelijk personage dat hun is bijgebleven en hier verder op ingaan. Aan de start van de avond krijgt het publiek eveneens de kans om een vraag te noteren voor de auteurs. Tijdens het gesprek zullen enkele vragen aan bod komen en worden beantwoord door de dames. Het gesprek wordt in goede banen geleid door Dirk Leyman, literair journalist bij De Morgen, en wordt muzikaal omkaderd door de jonge, getalenteerde muzikante Fauve ­Debuysscher. Het belooft een spetterende ‘girls night out’ te worden en dus hebben we er ook graag mannen bij! Deelname: € 5 Info en inschrijving: ronse@demens.nu - 055 21 49 69 Locatie: CC De Brouwerij, Priesterstraat 13, Ronse

VRIJDAG 17 MAART 2017, 19:30 Een gast uit Burkina Faso HVDM I.S.M. VC DE BRANDERIJ Bernard groeide op in een landbouwersgezin in Imiougou, een klein dorp van de gemeente Kongoussie. Daar is hij plaatselijk verantwoordelijke van ODJ, een jongerenbewe-

56  >  maart 2017

In de filmzaal van brasserie de Harmonie op de markt van Ronse vertonen we de film Moolaadé. Erna is er tijd en ruimte voorzien voor gesprek en ontmoeting met onze jonge gast uit Burkina Faso. De film zelf is niet de eerste de beste. Als winnaar van de Un Certain Regard Award in Cannes 2004, werd Moolaadé door veel critici gezien als de beste film van het filmfestival. De film behandelt moeilijke maar zeer relevante thema’s: vrouwenrechten, besnijdenis, culturele en religieuze tradities, vluchtelingen, emancipatie, vrijdenken en dwarsdenken binnen strakke levensbeschouwelijke kaders. Deelname: gratis Info en inschrijving: ronse@demens.nu - 055 21 49 69 Locatie: Brasserie Harmonie, Grote Markt 10, Ronse

DINSDAG 21 MAART 2017, 20:00 Lezingenreeks kritisch denken Stefaan Blancke

Amazone de sjamaan Karamakate. Theo verblijft dan al lange tijd in het gebied, maar is ernstig ziek en op zoek naar een zeldzame, geneeskrachtige plant. De sjamaan, wiens volk vermoord en verdreven is door blanken, vergezelt het tweetal in de hoop overlevende stamleden te vinden. Wat volgt is een zowel fysiek als mentaal enerverende en uitputtende tocht over het water, geschoten in adembenemend fraaie zwart-witbeelden. Deelname: € 2 Info en inschrijving: ronse@demens.nu - 055 21 49 69 Locatie: Brasserie Harmonie, Grote Markt 10, Ronse

ZONDAG 26 MAART 2017, 10:30 De Smaak van Zeezout – literair en filosofisch zondagsaperitief Tony Van Den Bossche en Alex Vertenten HVDM I.S.M. VC DE BRANDERIJ EN WILLEMSFONDS RONSE Een muzikaal omkaderde voorstelling van het poëzieboek De Smaak Van Zeezout. Na het voorleesmoment kan er vanzelfsprekend gezellig nagepraat worden met een glaasje! Deelname: gratis Info en inschrijving: ronse@demens.nu - 055 21 49 69 Locatie: VC De Branderij, Zuidstraat 13, Ronse

HVDM I.S.M. VC DE BRANDERIJ Stefaan Blacke komt praten over creationisme in Europa. Deelname: € 2 - voor leden van VC De Branderij is de lezing gratis Info en inschrijving: ronse@demens.nu - 055 21 49 69 Locatie: VC De Branderij, Zuidstraat 13, Ronse

DONDERDAG 23 MAART 2017, 19:30 Filmvoorstelling ‘El Abrazo De La Serpiente’ HVDM I.S.M. VC DE BRANDERIJ, AUGUST VERMEYLENFONDS, TRAP RONSE, VORMINGPLUS, NATUURPUNT Een Colombiaanse film die teruggaat naar een tijd waarin beelden alleen in zwart-wit bestonden en de wereld nog veel kleurrijker was. Een reden voor regisseur Cirro Guerra om zijn verhaal in zwart-wit vast te leggen. In de vroege jaren 1900 ontmoeten de Duitse ontdekkingsreiziger Theo (gespeeld door de Belgische acteur Jan ‘Borgman’ Bijvoet) en zijn lokale gids Manduca in de jungle van de

ZONDAG 23 APRIL 2017, 10:00 Lentefeest en Feest Vrijzinnige Jeugd Decrolyschool HVDM I.S.M. VC DE BRANDERIJ Op zondag 23 april zetten de leerlingen van het eerste en het zesde leerjaar hun beste beentje voor om hun lentefeest/feest vrijzinnige jeugd te vieren. Dit jaar komt er een speciale gast om de kinderen een onvergetelijke dag te bezorgen! Nadien kunnen de feestelingen en hun familie genieten van een receptie aangeboden door VC De Branderij. Deelname: gratis Info en inschrijving: ronse@demens.nu - 055 21 49 69 Locatie: CC De Ververij, Wolvestraat 37, Ronse

SINT-NIKLAAS DONDERDAG 30 MAART 2017, 19:30 Boekbespreking: ‘Big Brother in Europa’

DEGEUS


AGENDA

Raf Jespers VRIJGEZIND HVV SINT-NIKLAAS Advocaat Raf Jespers is al meer dan 30 jaar actief in strafrecht en vreemdelingenrecht. Hij is ook lid van de Liga voor Mensenrechten. Hij schreef o.m. Je rechten bij openbare actie en De uitbouw van de Europese repressie. Hij zal zijn boek Big Brother in Europa bespreken en actualiseren. Dit boek beschrijft de afbraak van burgerrechten en vrijheden, niet in het minst onze privacy, en dit onder het mom van bescherming van de waarden van onze samenleving. Hij bekijkt dan ook kritisch het Europees charter voor de bescherming van de fundamentele rechten. Een eye-opener voor kritische denkers. Deelname: gratis Info en inschrijving: bertduellaert@outlook.com Locatie: Huis van de Mens, Stationsplein 22, Sint-Niklaas

WAARSCHOOT VRIJDAG 10 MAART 2017, 20:00 Guido D’hont interviewt Geertrui Daem VERMEYLENFONDS WAARSCHOOT I.S.M. BIBLIOTHEEK WAARSCHOOT MET DE STEUN VAN HET VLAAMS FONDS VOOR DE LETTEREN Geertrui Daem is naast schrijfster en beeldend kunstenaar ook actrice en vertelster. Ze schrijft proza en theater. In haar verhalen heeft ze het bij voorkeur over mensen die meer van het leven verwachtten dan ze gekregen hebben. Geertrui Daem heeft een eigen en eigentijdse plaats ingenomen in de traditie van de sociale roman in Vlaanderen. Guido D’hont zal Geertrui Daem interviewen over haar twee meest recente boeken. Deelname: € 5 Info en inschrijving: 09 250 59 50 of 0499 14 59 30 Locatie: Bib Waarschoot, Nieuwstraat 6, Waarschoot

ZELZATE ZATERDAG 18 MAART 2017, 9:30 Rondvaart Kanaal GentTerneuzen met etentje VERMEYLENFONDS ZELZATE

DEGEUS

9:30 13:00 13:15

Vertrek aan lokaal Noorderlicht Terug aan lokaal Noorderlicht middagmaal (optioneel) Keuze uit frieten met vol-au-vent of frieten met stoverij

Deelname: Enkel rondvaart (incl. drank en tapas): € 22 (leden) en € 25 (niet-leden) / rondvaart + middagmaal: € 35 (leden) en € 40 (niet-leden) Info en inschrijving: info@avf-zelzate.be - 0478 39 72 29 Locatie: Noorderlicht, Marktstraat 2, Zelzate en Kanaal Gent-Terneuzen

ZONDAG 2 APRIL 2017, 10:00 Ontbijt - theateruitstap

ZOTTEGEM WOENSDAG 20 MAART 2017, 10:00 Opera ‘La Traviata’ met bezoek achter de schermen GRIJZE GEUZEN ZOTTEGEM Begeleid bezoek achter de schermen van de Gentse opera. Aansluitend wonen we de opera La Traviata bij. Deelname: prijs nog niet gekend bij ter perse gaan van dit nummer Info en inschrijving: erna.van.dorpe@gmail.com 0477 55 60 60 Locatie: Vlaamse Opera Gent, Schouwburgstraat 3, Gent

WILLEMSFONDS LOCHRISTI

10:00 11:30 13:15

Uitgebreid ontbijt Comedyshow: voorprogramma + David Galle Afsluiter met een drankje (cava/Augustijn) + 2 hapjes

Deelname: € 25 (alles inbegrepen) Info en inschrijving: robertsteens@hotmail.com 09 355 81 98 Locatie: ‘t Klooster, Kerkstraat 64A, Zelzate

ZOMERGEM VRIJDAG 28 APRIL 2017, 19:30 Lezing: ‘Vrijmetselarij, de grote onbekende (of toch niet)?’ Prof. dr. Jean Paul Van Bendegem HUIS VAN DE MENS EEKLO I.S.M. VC ZOMERLICHT In deze lezing is het de bedoeling om het curieuze fenomeen van de vrijmetselarij te verduidelijken. Er wordt ingegaan op de achtergrond en de geschiedenis. De situatie in België vroeger en vandaag wordt belicht. En uiteraard wordt ons verteld wat er nu precies gebeurt op een vrijmetselaarszitting. Professor van Bendegem is reeds meer dan dertig jaar vrijmetselaar en spreekt dus uit eigen ervaring over dit onderwerp. Voldoende tijd voor vragen wordt voorzien. Deelname: € 5 (leden) - € 8 (niet-leden) Info en inschrijving: eeklo@demens.nu - 09 218 73 50 Locatie: Basisschool De Zandloper, Zandstraat 25, Zomergem

DONDERDAG 23 MAART 2017, 19:30 Filosofisch café Alex Klijn HVV ZOTTEGEM-ZWALM-HERZELE Een aangename kennismaking met filosofie, bij een goed glas en in tof gezelschap. Neem deel aan een gesprek en onderzoek mee een filosofische vraag. De begeleider speelt de rol van Socrates: door vragen te stellen zet hij aan tot nadenken en zorgt hij voor evenwicht tussen filosofische diepgang en ontspannen gesprek. Alex Klijn begeleidt filosofische cafés, cursussen rond het brein en mindfulness. Verbondenheid creëren loopt als een rode draad door zijn werk en zijn leven. Samen dialogeren, mediteren, filosoferen ... om hoofd en hart op één lijn te krijgen. Dit onder het milde motto: ‘be the change you want to see in the world.’ Deelname: € 3 ( glas wijn inbegrepen) Info en inschrijving (gewenst): zottegem@demens.nu 09 326 85 70 Locatie: HuisvandeMens, Hoogstraat 42, Zottegem

ZATERDAG 22 APRIL 2017, 10:30 Rondvaart Gentse zeehaven en stadswandeling GRIJZE GEUZEN ZOTTEGEM Deelname: prijs nog niet gekend bij ter perse gaan van dit nummer Info en inschrijving: erna.van.dorpe@gmail.com 0477 55 60 60 Locatie: plaats van afspraak nog niet gekend bij ter perse gaan van dit nummer

maart 2017  >  57


AGENDA

WOENSDAG 8 MAART 2017, 19:30 Vuile Tongen, een cultuurgeschiedenis van het roddelen Elwin Hofman GRIJZE GEUZEN ZOTTEGEM Bekent u het maar. U heeft onlangs nog eens geroddeld. Dat is nochtans niet van uw gewoonte. Normaal gezien bent u principieel tegen al dat geroddel. Maar deze ene keer heeft u zich eens laten gaan. Ach ja, had de vrouw van de baas niet zo nodig moeten aanzetten met de zoon van de burgemeester (ze kon zijn moeder zijn), u zou er precies niet over spreken. Maar toch, u voelt zich wat schuldig. Waarom eigenlijk? Of ze nu juist zijn of niet, roddels hebben belangrijke gevolgen voor groepen en individuen. Roddelen onderhoudt en vernietigt sociale relaties, manipuleert reputaties, brengt ontspanning en informatie, zorgt voor sociale controle. Net omdat roddels zo’n enorme effecten kunnen hebben, zijn we ze gaan vrezen en voelen we ons schuldig als we roddelen. Maar dat is niet altijd zo geweest. In deze lezing licht de spreker toe hoe we in de afgelopen tweeduizend jaar roddelden, hoe we daarover nadachten en hoe de gevolgen van roddels doorheen de tijd veranderd zijn. Deelname: € 3 (leden) - € 5 (niet-leden) - studenten gratis Info en inschrijving: zottegem@demens.nu - 09 326 85 70 Locatie: lokaal dienstencentrum, Deinsbekestraat 23, Zottegem

DONDERDAG 23 MAART 2017, 14:00 Cinema Kreim Freis: ‘Achter de wolken’ GRIJZE GEUZEN ZOTTEGEM De Grijze Geuzen Zottegem verwelkomen je graag één donderdagmiddag per maand voor Cinema Kreim Freis: ‘ne goeie film, e klapke en e stikske torte’. We bekijken een boeiende film door een existentiële bril: een fijne ontmoeting, mét koffie, thee, een stukje taart en een goeie babbel. Deze maand: Achter de wolken. Ooit waren Emma en Gerard geliefden, maar het leven liep anders. Zij trouwde met zijn beste vriend. Vijftig jaar later vinden ze elkaar terug en worden opnieuw verliefd. Kan je aanknopen

58  >  maart 2017

met wat je vijftig jaar eerder achterliet? Het verhaal van een overweldigende laatste liefde, beleefd met de intensiteit van de eerste. Met de fantastische Chris Lomme en Jo De Meyere. Deelname: € 3 (leden) - € 4 (niet-leden) Info en inschrijving: zottegem@demens.nu - 09 326 85 70 Locatie: lokaal dienstencentrum, Deinsbekestraat 23, Zottegem

DONDERDAG 13 APRIL 2017, 14:00 Cinema Kreim Freis: ‘La stanza del figlio’ GRIJZE GEUZEN ZOTTEGEM Deze maand: La stanza del figlio (de kamer van de zoon), een prachtig en ingetogen familiedrama over hoe het leven van een gelukkig Italiaans gezin compleet door elkaar wordt geschud wanneer de zoon plotseling door een noodlottig ongeluk om het leven komt. Regisseur Nanni Moretti won hiermee de Gouden Palm in 2001 op het filmfestival van Cannes. Deelname: € 3 (leden) - € 4 (niet-leden) Info en inschrijving: zottegem@demens.nu - 09 326 85 70 Locatie: lokaal dienstencentrum, Deinsbekestraat 23, Zottegem

VASTE ACTIVITEITEN VC LIEDTS

Elke maandag om 20:00 Workshop hatha yoga, ingericht door het Willemsfonds Oudenaarde (geen yoga op schoolvrije dagen).

Elke maandag om 14:00 en elke woensdag om 19:30 Bridgewedstrijd. Organisatie: Liedts Bridge Club.

Elke dinsdag om 19:30 Lessen ‘tai chi’ (geen les op schoolvrije dagen). Organisatie: VC Liedts.

Openingsuren VC Liedts: van maandag tot donderdag van 9:00 tot 12:00 en van 13:30 tot 15:30, vrijdag op afspraak. Info en locatie: VC Liedts - Parkstraat 2-4, Oudenaarde 055 30 10 30 - info@vcliedts.be - www.vcliedts.be.

VASTE ACTIVITEIT VC DE BRANDERIJ

Elke eerste en derde woensdag van 19:30 tot 21:00 Bijeenkomst van SOS Nuchterheid, zelfzorg bij verslaving. SOS Nuchterheid is een vrijzinnig en humanistisch zelfzorg initiatief en is een lidvereniging van deMens.nu Info SOS Nuchterheid: 0486 25 66 71 info@sosnuchterheid.org - www.sosnuchterheid.org Info en locatie: De Branderij - Zuidstraat 13, Ronse 055 20 93 20 - de.branderij@skynet.be.

VASTE ACTIVITEITEN VC GEUZENHUIS

Elke woensdag en vrijdag om 20:00 Bijeenkomst van SOS Nuchterheid, zelfzorg bij verslaving (alcohol en andere verslavingen). Aarzel niet om een afspraak te maken. De lotgenoten uit uw buurt verwelkomen u van harte. Uw contactpersonen: Eddy - 0494 65 19 84 (woensdag) Cynthia - 0477 65 72 11 (vrijdag) Locatie: Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent.

VASTE ACTIVITEITEN VC ZOMERLICHT

Elke tweede vrijdag van de maand, 19:30 Bordspel-, borrel- en praatavond Gratis toegang. Info en locatie: VC Zomerlicht vrijzinnig.zomerlicht@telenet.be - 0475 31 79 67 Weldadigheidstraat 30, Zomergem.

Elke dinsdag om 20:00

DIGITALE NIEUWSBRIEF

Bijeenkomst SOS Nuchterheid (ook tijdens de schoolvakanties).

Met het verdwijnen van de maandelijkse nieuwsbrief, maken wij werk van een digitale versie. Indien u graag op de hoogte blijft van het reilen en zeilen van de Oost-Vlaamse vrijzinnige gemeenschap, stuur ons dan uw e-mailadres door naar admin@geuzenhuis.be.

De vrijzinnig baron Liedts bibliotheek is te bezoeken na afspraak via 055 30 10 30 of info@vcliedts.be (uitgezonderd op wettelijke feestdagen en tijdens de vakantieperiodes). Uitlenen is mogelijk voor leden.

DEGEUS


COLOFON

Hoofdredactie: Fred Braeckman

LIDVERENIGINGEN VC-G

Eindredactie: Griet Engelrelst, Thomas Lemmens Redactie: Kurt Beckers, Freia De Buck, Frederik Dezutter, Philipp Kocks, Karim Zahidi Vormgeving: Gerbrich Reynaert Druk: New Goff

Fred Braeckman

Griet Engelrelst

Thomas Lemmens

Kurt Beckers

Gerbrich Reynaert

Philipp Kocks

Frederik Dezutter

Freia DeBuck

Karim Zahidi

Verantwoordelijke uitgever: Wim Taels p/a Kantienberg 9, 9000 Gent Werkten aan dit nummer mee: Maarten Boudry, Dirk Dekempe, Willem Elias, Philippe Juliam, Pierre Martin Neirinckx, Anouk Pieters, Renaat Ramon, Wim Taels, Gie van den Berghe, Jan Van Vaek, Norbert Van Yperzeele, Ive Verdoodt, VIB, Jolien Zuallaert. Cover: Magnum © Newsha Tavakolian (Iran) De Geus is het tijdschrift van het Vrijzinnig Centrum-Geuzenhuis vzw en de lidvereni­g ingen en wordt met de steun van de PIMD verspreid over Oost-Vlaanderen. Het VC-Geuzenhuis coördineert, ondersteunt, bundelt de Gentse vrijzinnigen in het Geuzenhuis, Kantienberg 9, 9000 Gent 09 220 80 20 – f09 222 70 73 admin@geuzenhuis.be www.geuzenhuis.be U kan de redactie bereiken via Thomas Lemmens, thomas@geuzenhuis.be en Griet Engelrelst, griet@geuzenhuis.be of 09 220 80 20.

De verantwoordelijkheid voor de gepubliceerde artikels berust uitsluitend bij de auteurs. De redactie behoudt zich het recht artikels in te korten. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag gereproduceerd of overgenomen worden zonder de schriftelijke toestemming van de redactie. Bij toestemming is bronvermelding – De Geus, jaargang, nummer en maand – steeds noodzakelijk. Het magazine van De Geus verschijnt tweemaandelijks (5 nummers).

Met de steun van IMD

DEGEUS

LIDMAATSCHAPPEN Kunst in het Geuzenhuis €12 op rekening IBAN BE38 0013 0679 1272 van Kunst in het Geuzenhuis vzw met vermelding ‘lid KIG’. Grijze Geuzen €12 op rekening IBAN BE72 0011 7775 6216 van HVV Ledenrekening, Pottenbrug 4, 2000 Antwerpen met vermelding ‘lid GG + naam afdeling (bv. lid Gentse Grijze Geuzen)’. Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging €12 op rekening IBAN BE72 0011 7775 6216 van HVV Ledenrekening, Pottenbrug 4, 2000 Antwerpen met vermelding ‘lid HVV + naam afdeling (bv. lid HV Gent)’. Vermeylenfonds €15 (-26 jarigen gratis) op rekening IBAN BE50 0011 2745 2218 van Vermeylenfonds vzw, Tolhuislaan 88, 9000 Gent met vermelding ‘lidgeld naam, voornaam, geboortedatum, M of V’. Willemsfonds €15 op rekening IBAN BE39 0010 2817 2819 van WF Ledenrekening, Vrijdagmarkt 24-25, 9000 Gent met vermelding ‘lid WF’.

ABONNEMENTEN De Geus zonder lidmaatschap: €16 op rekening IBAN BE54 0011 1893 3897 van het VC-Geuzenhuis met vermelding ‘abonnement Geus’. Prijs per los nummer: €4. Het Vrije Woord gratis bij lidmaatschap HVV en GGG. Combinaties van lidmaatschappen met of zonder abonnementen zijn mogelijk.

De Cocon vzw, Jeugdhulp aan huis info: 09 222 30 73 of 09 237 07 22 info@decocon.be - www.decocon.be De Maakbare Mens info: 03 205 73 10 info@demaakbaremens.org www.demaakbaremens.org Feest Vrijzinnige Jeugd vzw info: Thomas Lemmens - 09 220 80 20 thomas@geuzenhuis.be Feniks vzw info: www.plechtigheden.be huisvandeMens - 09 233 52 26 gent@deMens.nu Fonds Lucien De Coninck vzw info: www.fondsluciendeconinck.be fondsluciendeconinck@gmail.com Humanistisch Verbond Gent info: B. Walraeve - 09 220 80 20 hvv.gent@geuzenhuis.be Humanistisch - Vrijzinnige Vereniging Oost-Vlaanderen info: T. Dekempe - 09 222 29 48 hvv.ovl@geuzenhuis.be Gentse Grijze Geuzen info: R. Van Mol - 0479 54 22 54 rvanmol@hotmail.com Kunst in het Geuzenhuis vzw info: Martine Ledegen - 09 220 80 20 martine@geuzenhuis.be SOS Nuchterheid vzw In Gent, woensdag en vrijdag (alcohol en andere verslavingen). info: 09 330 35 25(24u op 24u) info@sosnuchterheid.org www.sosnuchterheid.org UPV Gent Info: Geert Boxstael geert.boxstael2@telenet.be Van Crombrugghe’s Genootschap info: 09 233 90 08 info@vcg.be www.vcg.be Vermeylenfonds Oost-Vlaanderen info: 09 223 02 88 info@vermeylenfonds.be www.vermeylenfonds.be Willemsfonds Oost-Vlaanderen info: 09 224 10 75 info@willemsfonds.be www.willemsfonds.be Werkgemeenschap Leraren Ethiek vzw info: info@digimores.org www.digimores.org

PARTNER De Geus van Gent open van ma t.e.m. vr vanaf 16:00 zaterdag en zondag vanaf 19:00 info: www.geuzenhuis.be 09 220 78 25 - geusvangent@gmail.com huisvandeMens Gent Het centrum biedt hulp aan mensen met morele problemen. U kan er terecht van ma t.e.m. vr van 9:00 tot 16:30 De hulpverlening is gratis! info: Sint-Antoniuskaai 2, 9000 Gent 09 233 52 26 - f 09 233 74 65 gent@deMens.nu

maart 2017  >  59


WE

met

ED

TO

UT

BO

KA

TAL

NE

Griet Vandermassen & Heleen Debruyne

FEMINISM DO 9 MAART 2017 20:00

Gratis toegang Info en inschrijving

philipp@geuzenhuis.be hvv.gent@geuzenhuis.be 09 220 80 20 Kantienberg 9, 9000 Gent www.geuzenhuis.be

GENT

De Geus maart 2017  
De Geus maart 2017  
Advertisement