Skip to main content

Poppunt Magazine 74

Page 42

“IK HOU NIET ENKEL VAN HET TACTIELE VAN DIE SYNTHS, MAAR OOK VAN DE SOUND DIE ZE VOORTBRENGEN, VOORAL DAN VAN DE ‘ELEKTRICITEIT’ DIE ERIN ZIT EN DE KLEINE AFWIJKING.”

Het moet een avontuur zijn om je songs live gespeeld te krijgen. Toch intimiderend, die batterij aan synths die je steeds moet meesleuren?

Glenn: “Dat valt wel mee, hoor. Onze huidige live set-up bestaat uit enkele monofone synths: MOOG Prodigy, ARP Odyssey, Oberheim SEM, Roland System 101, een TTSH (dat is een clone van de semimodulaire ARP 2600) en de Buchla Music Easel, een synth die Mich bij paper hats heeft geïntroduceerd. Verder gebruik ik een tweekanaals drumsynth (de Frontline X-2) en de polyfone Oberheim Matrix 1000 racksynthesizer.”

Prachtig wat hier staat. Vandaag kan je al die instrumenten ook softwarematig gebruiken. Nooit gedacht om het jezelf wat makkelijker te maken?

Glenn: “Neen, zeg. Ik ga analoog all the way. Ik hou niet enkel van het tactiele van die synths, maar ook van de sound die ze voortbrengen, vooral dan van de ‘elektriciteit’ die erin zit en de kleine afwijking. Van mijn MOOG zijn er misschien een paar duizend gemaakt, maar die klinken – voor een geoefend oor – toch allemaal anders. De sleet, het gebruik … het heeft allemaal een invloed op de sound van je instrument. Vervang dat door een soft-synth en je krijgt een dertien-in-een-dozijnklank. Geef mij maar genuine vintage. Het betekent wel dat er live het een en ander kan mislopen, maar dat nemen we erbij. Het vergroot het avontuur alleen maar.”

“Daarnaast gebruiken we ook instrumenten die niet worden aangestuurd. Mijn vrouw, Ann, ontfermt zich naast het tweaken of massacreren van synthesizers over het Korg orgel en het Solina String Ensemble. Yannick speelt op een vintage Rogers drumkitje: een erg fijne klank met lekkere cimbalen. En dan zijn er nog de elektrische gitaar en basgitaar.” “Verder gebruiken we een aantal effecten zoals een AKG BX-5 reverb, een RE-20 delay (de digitale pedaalversie van de RE-201 tape delay, red.), een Ibanez AD202, een Ekdahl Moisturizer (een spring reverb waarvan de veren blootliggen en die nog kan gemoduleerd worden door LFO en filter, red.), een compressor met gate – de Alesis 3630 – en een Sherman Filterbank.”

Goed. Leid ons eens rond. Wat zien we?

Glenn: “Het hart van de set-up is de Akai MPC 1000, een sequencer/sampler die ondertussen al erg lang meegaat. Ik maak nog steeds op dezelfde manier muziek als 16 jaar geleden. Ik ben dat zo gewoon. De MPC1000 still does the job. Ik gebruik hem vooral als sequencer, en in zeer beperkte mate als sampler. In de huidige paper hats-set zitten een handvol samples, zoals een aantal percussieve sounds, een gelaagde synthklank en een paar stemklanken. De MPC stuurt hoofdzakelijk al de andere synths. Het concept is eigenlijk best eenvoudig: ik maak sequences aan waarin ik alle tracks eigenhandig inspeel: beats en melodielijnen die naar de synthesizers gestuurd worden. Ik giet de aparte sequences dan in een songstructuur.”

“Naast de MPC gebruik ik ook een analoge step sequencer van Analogue Systems en enkele andere eurorack-modules om de TTSH en de System 101 extra aan te sturen. We mixen alles live op podium met een 24-kanaals Soundcraft 200B mixer. Daar komen ook een paar micro’s van de drums op toe, zodat we die kunnen accentueren met reverb en delay. Via de mixer kunnen we enkele extra zaken routen. Zo kan ik bijvoorbeeld de kick van de drumsynth gebruiken om de compressor of de gate op de Oberheim SEM aan te sturen.”

- 42 -


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook