__MAIN_TEXT__

Page 1

De Oorlogsgravenstichting in 2011

1946 - 2011


Foto’s omslag:

(voorzijde) Koningin Beatrix en mr. R.S. Croll

Logo 65 Jaar OGS met margriet Tijdens haar ballingschap in Engeland tijdens de Tweede Wereldoorlog zocht Koningin Wilhelmina naar een symbool om de verbondenheid met haar onderdrukte volk in het bezette Nederland tot uiting te brengen. Zij besloot dat de margriet, een Nederlandse bloem bij uitstek, het beeld moest zijn dat de vereenzelviging met het leed thuis en het geloof in de terugkeer naar het vaderland zou symboliseren.

(achterzijde) Motto 65-jarig bestaan Oorlogsgravenstichting

2


De Oorlogsgravenstichting in 2011 Vervulling van een ereplicht, toen, nu en in de toekomst

Een terugblik in woord en beeld.

3


De Oorlogsgravenstichting in 2011

Hoofdkantoor

Zeestraat 85 2518 AA DEN HAAG Postbus 85981 2508 CR DEN HAAG Telefoon: 070-3131080 - Fax: 070-3621546 Website: www.ogs.nl E-mail: info@ogs.nl ING 40.10.00 IBAN NL98 INGB 0000 4010 00 BIC INGBNL2A ABN AMRO, rek. 24.62.44.097 IBAN: NL53ABNANL2A0246244097 BIC: ABNANL2A Kamer van Koophandel Haaglanden 41149180

Kantoor Indonesië

Jalan Panglima Polim Raya 23 Jakarta Telefoon: 00-6221-7207983

Teksten en samenstelling Redactie Foto’s Lay-out en druk 4

: J.J. Teeuwisse : C.N.J. Neisingh en G. Flieringa : Oorlogsgravenstichting en Rob Gieling Fotografie : Drukkerij Van Meurs - Ridderkerk B.V.


“Uit verhalen over de Tweede Wereldoorlog kennen we indrukwekkende voorbeelden van persoonlijke moed, toen mensen die zichzelf niet moedig achtten, toch voor hun principes bleven staan. Hun keus had grote gevolgen voor anderen en voor henzelf. ...Opnieuw zijn er mensen - ver weg en soms dichtbij - die in actie komen waar onrecht heerst.� Hare Majesteit de Koningin, Kersttoespraak 2010 5


INLEIDING Op 13 september 1946 werd op initiatief van Dr. A. van Anrooy de Oorlogsgravenstichting opgericht. Namens de Nederlandse overheid onderhoudt de Stichting wereldwijd ongeveer 50.000 graven van Nederlandse oorlogsslachtoffers. Deze graven liggen in meer dan 50 landen, verspreid over vijf continenten. Tevens verzorgt de Stichting bijna 10.000 in Nederland verspreid gelegen graven van militairen van de geallieerde strijdkrachten. Daarnaast houdt de Stichting de nagedachtenis in ere van landgenoten, wier laatste rustplaats niet (meer) aanwijsbaar is. Hun naam wordt vermeld in een gedenkboek, op een gedenkplaat of een monument. In de database van de Oorlogsgravenstichting, het Slachtofferregister, zijn de personalia van meer dan 180.000 Nederlandse oorlogsslachtoffers opgenomen. Het register geeft een uitgebreid overzicht van Nederlandse oorlogsgraven over de hele wereld. De gegevens in het bestand worden doorlopend geverifieerd en aangevuld. Het vormt een belangrijke vraagbaak voor nabestaanden, belangstellenden, onderzoekers en andere geïnteresseerden, via internet (www.ogs.nl) raadpleegbaar. De werkzaamheden worden in Nederland uitgevoerd door 26 medewerkers en gecoördineerd door het hoofdkantoor in Den Haag. Bij de controle van de in Nederland gelegen oorlogsgraven ontvangt de Stichting assistentie van ruim 430 honoraire medewerkers, zogenaamde ‘consuls’. Het kantoor in Jakarta coördineert de werkzaamheden van bijna 130 Indonesische medewerkers van de Stichting in Indonesië. De Nederlandse oorlogsgraven die over de rest van de wereld verspreid liggen, worden regelmatig gecontroleerd en onderhouden met de hulp van de Nederlandse diplomatieke vertegenwoordiging ter plaatse. De aansturing loopt via het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag. Ook werkt de Oorlogsgravenstichting intensief samen met buitenlandse zusterorganisaties. De exploitatiekosten van de Oorlogsgravenstichting worden grotendeels door de overheid betaald door middel van een doelfinanciëring.

6


ACTIVITEITEN Binnenland

Herbegravingen Militair ereveld Grebbeberg - Totaal aantal slachtoffers op dit ereveld Herbegravingen ereveld Loenen - Totaal aantal slachtoffers op dit ereveld

:1 : 845 : 28 : 3829

In het verslagjaar zijn op het ereveld Loenen 38 nieuwe stenen geplaatst. Onderhoudsbezoeken

De Oorlogsgravenstichting is verantwoordelijk voor het onderhoud aan 10.825 verspreid in Nederland liggende oorlogsgraven. Het gaat hier om 2151 Nederlandse, 7944 gemenebest en 1965 andere geallieerde graven (waaronder graven van Amerikanen, AustraliĂŤrs, Belgen, Britten, Canadezen, Fransen, Nieuw Zeelanders, Russen). Naast het reguliere onderhoud aan deze graven, zijn in het verslagjaar verschillende grote en kleine renovatieprojecten uitgevoerd. Renovatie Nederlands erehof in Utrecht

Op de R.K. begraafplaats St. Barbara in Utrecht is het erehof grondig gerenoveerd. De twee mobiele ploegen van de Stichting, de Technische Dienst en de Afdeling Groenvoorziening, hebben in samenwerking met medewerkers van de begraafplaats eerst alle beplanting en de grasmat verwijderd. Hierna werden alle

Het stellen van de grafstenen

7


Egaliseren van de ondergrond

stenen van de graven verwijderd om de betonnen funderingen te kunnen vervangen. Vervolgens werden de stenen in nieuwe stelblokken weer teruggeplaatst op de graven. Tot slot werd het hele erehof van een nieuwe grasmat voorzien. Het erehof, dat in 1964 werd aangelegd, wordt, in samenwerking met medewerkers van de R.K. begraafplaats, door de Oorlogsgravenstichting onderhouden. De oorlogsslachtoffers die in het erehof begraven liggen zijn militairen die sneuvelden in de meidagen van 1940, verzetsstrijders, dwangarbeiders en represailleslachtoffers. Alle graven zijn door zorg van de Oorlogsgravenstichting voorzien van een uniforme grafsteen. Jaarlijks organiseert de Stichting 4 Mei-Herdenking Prinsesselaan Utrecht een dodenherdenking in het erehof.

De nieuwe grasmat

8


Renovatie geallieerd erehof Amersfoort

Na intensieve voorbereidingen is onze Engelse zusterorganisatie, de Commonwealth War Graves Commission (CWGC), in november begonnen met een drastische renovatie van het geallieerde erehof op de gemeentelijke begraafplaats Rusthof in Amersfoort. De begraafplaats is van de gemeente Amersfoort, maar ligt op het grondgebied van de gemeente Leusden. Daarom was ook deze laatste gemeente gesprekspartner van de CWGC. Om het erehof een meer open karakter te geven, zijn op verzoek van de CWGC vele bomen gekapt. De Directies CWGC en OGS overleggen op locatie bomen namen niet alleen veel licht weg voor de beplanting, maar drukten ook tegen verschillende grafinrichtingen. Om het geheel te kunnen stroomlijnen was het noodzakelijk om bomen te verwijderen. Na intensief overleg met de betrokken partijen kon hiermee in het verslagjaar een aanvang worden gemaakt. Eerst werden alle grafinrichtingen, stenen en funderingen verwijderd. De grafstenen lagen op het terrein van de begraafplaats in opslag. Al het andere materiaal is afgevoerd. Vervolgens zijn met groot materieel de bomen verwijderd. Omdat de locatie van het erehof geruime tijd een desolate aanblik zal geven, werd dit met behulp van een omheining afgeschermd. Bezoekers van de begraafplaats worden hierop geattendeerd door bekendmakingen. Ook via de website van de CWGC wordt hiervoor gewaarschuwd. De CWGC zal de ingrijpende werkzaamheden voor 4 mei 2012 afronden. De Oorlogsgravenstichting zal in 2012 het Nederlandse erehof renoveren.

Bomen worden met groot materieel verwijderd

9


Koningin Beatrix wordt begroet door de heer Croll

65-jarig jubileum Oorlogsgravenstichting

Op 13 september was het 65 jaar geleden dat de Oorlogsgravenstichting in het leven geroepen werd. De Eindhovense arts, dr. A. van Anrooy, realiseerde zich dat Nederland behoefte had aan een organisatie die zich bezig hield met de registratie van oorlogsgraven. Door zijn werk als hoofd van de Dienst Identificatie en Berging (DIB) van de Koninklijke Landmacht kwam hij direct in aanraking met het leed dat de Tweede Wereldoorlog in Nederland veroorzaakt had. Gedwongen tewerkstelling en de concentratiekampen in Duitsland kostten vele Nederlanders het leven. Na de oorlog maakte de Nederlandse regering het mogelijk de lichamen van de slachtoffers die in Duitsland waren omgekomen te doen overbrengen naar Nederland. Van Anrooy en zijn Dienst verzorgden dat. Dit wierp echter de vraag op 'waar moeten de slachtoffers herbegraven worden?'. Veel nabestaanden kozen voor een graf in hun eigen woonplaats, maar anderen wilden dat het offer dat hun familielid had gebracht, nationaal aandacht zou krijgen. Speciaal voor deze slachtoffers heeft de Oorlogsgravenstichting het ereveld Loenen aangelegd in 1949. Al 65 jaar verzorgt de Oorlogsgravenstichting, namens de Nederlandse regering, het onderhoud van 50.000 Nederlandse oorlogsgraven, wereldwijd. Daarnaast houdt de Stichting de nagedachtenis aan alle gevallenen in ere. Voor de slachtof10


fers voor wie geen laatste rustplaats kon worden ingericht, is een serie gedenkboeken vervaardigd. 42 delen omvat deze serie waarin 130.000 namen vermeld staan. Alleen al de boeken met de namen van de Joodse slachtoffers tellen 29 delen. Speciaal voor deze gedenkboeken is in de kapel op het ereveld Loenen een eikenhouten schrijn geplaatst. Deze schrijn vormt de centrale gedenkplaats voor de slachtoffers zonder aanwijsbaar graf. Om het jubileum te markeren, organiseerde het Bestuur van de Oorlogsgravenstichting een symposium op 7 september met als thema Vrijheid wereldwijd. Als ondertitel is gekozen voor een vrij vertaalde spreuk van Albert Schweitzer "Het beste pleidooi voor vrede is een oorlogsgraf. Oorlogsgraven dienen het besef dat vrede en vrijheid een hoge prijs hebben." Namens de Raad van Bestuur nodigde de heer mr. R.S. Croll, president van de Oorlogsgravenstichting, 250 gasten uit binnen- en buitenland uit om stil te staan bij het jubileum. In de ochtend werd met vertegenwoordigers van internationale zusterorganisaties van gedachten gewisseld over een vorm van toekomstige samenwerking. 's Middags werd een symposium georganiseerd met als bijzondere gast onze beschermvrouwe Hare Majesteit Koningin Beatrix. Tijdens dit symposium werd gediscussieerd over de betekenis van een oorlogsgraf en het belang daarvan voor de samenleving. Gespreksleider was Felix Rottenberg. Piet Hein Donner, Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Jay Winter, Amerikaans historicus en hoogleraar Geschiedenis aan de Yale University en Paul Schnabel, socioloog en directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau, gaven lezingen die aanzetten tot een discussie, geleid door Rottenberg. Ministers, volksvertegenwoordigers, burgemeesters, militairen, vertegenwoordigers van buitenlandse zusterorganisaties van de Oorlogsgravenstichting, vertegenwoordigers van belangenbehartigers van oorlogsslachtoffers, docenten, auteurs en ook PABO-studenten en scholieren woonden het symposium bij. Ook zij leverden een bijdrage aan de discussie over wat instandhouding van een oorlogsgraf inhoudt voor de samenleving. De heer Croll begroette de genodigden en met name Hare Majesteit de Koningin. Hij vertelde zeer vereerd te zijn met haar aanwezigheid. "Daarmee accentueert u de band die u al decennia lang hebt met de Oorlogsgravenstichting. U bent immers onze Beschermvrouwe en daar zijn wij trots op" zo sprak de heer Croll. Hij presenteerde een speciale set postzegels en ansichtkaarten die door PostNL is uitgegeven ter gelegenheid van het 65-jarig jubileum van de Oorlogsgravenstichting en bood Hare Majesteit de Koningin de eerste set aan. Vervolgens legde hij uit dat teveel mensen in Nederland niet weten van het bestaan 11


Overzicht zaal met genodigden

van de Oorlogsgravenstichting. Op zich is dat wel begrijpelijk omdat we steeds verder verwijderd raken van de personen die begraven liggen op de erevelden. Was het vroeger een zoon, zuster of vader. Tegenwoordig zit er tenminste ĂŠĂŠn of twee generaties tussen. Daar komt bij dat de Oorlogsgravenstichting haar werk in grote bescheidenheid uitvoert. Misschien wel te grote bescheidenheid. "Daar moet verandering in komen" aldus de heer Croll. Naast haar primaire taak, het aanleggen, inrichten, in standhouden en verzorgen van oorlogsgraven, moet ook het besef dat Vrede en Vrijheid niet vanzelfsprekend zijn, uitgedragen worden. De Stichting kan daaraan een bijdrage leveren. Tevens dient te worden nagedacht over de plaats en taak van de Stichting in de toekomst. Daarom opende de heer Croll het symposium met de vraag 'Oorlogsgravenstichting 65 jaar en ... hoe nu verder?' Om op deze vraag te reageren had de Stichting drie sprekers uitgenodigd, die ieder vanuit hun eigen vakgebied antwoord zouden geven op die vraag. Ook was er voor twee korte intermezzo's gezorgd. De dichteres Ellen Deckwitz (1982) droeg het zelf geschreven gedicht Broer en Leeuw voor. Dat gaat over een man die het graf van zijn broer bezoekt: een Utrechtse verzetsstrijder die omkwam bij de bevrijding in 1945. Vincent van Amsterdam en zijn zus Jeanine brachten met accordeon en viool een Sonate in G deel 1 van de Italiaanse componist Giuseppe Tartini ten gehore. Felix Rottenberg introduceerde de sprekers en leidde het debat na de pauze. 12


Hare Majesteit bewondert de bijzondere set postzegels

De koningin ontmoet ouderen‌

‌ en jongeren tijdens het symposium

Felix Rottenberg treedt op als gespreksleider

Sprekers op het podium. Van links naar rechts: dr. Schnabel, dr. Winter, mr. Croll en Rottenberg

13


Bij de voorbereiding van het symposium in Den Haag kreeg de heer E.F. Jacobs, voorzitter van de projectgroep, van het bestuur van de Oorlogsgravenstichting de opdracht om jongeren nadrukkelijk te betrekken bij de herdenking van het 65-jarig bestaan van de Stichting. Zij moesten betrokken worden bij de vraag Wat is het belang van een oorlogsgraf? Op deze manier wil het bestuur uitdrukkelijk de verbinding naar de toekomst leggen. Studenten van verschillende Pabo opleidingen in Nederland en bovenbouwleerlingen van het voortgezet onderwijs namen deel aan het debat na de pauze. Gespreksleider Felix Rottenberg had de jongeren van tevoren gevraagd na te denken over de rol die de Oorlogsgravenstichting zou kunnen spelen bij het gedenken en herdenken van oorlogsslachtoffers. Hier kwamen enkele opvallende conclusies en aanbevelingen uit.

De leden van de stuurgroep bijeen. Zittend van links naar rechts: de heer Hilderink, mevrouw Van Lanschot en de heer Neisingh (voorzitter) en staand de heren Flieringa (links) en Jacobs (voorzitter projectgroep).

Karlijn Magnus, studente aan de Pabo in Vlissingen, pleitte voor het verstrekken van meer achtergrondinformatie aan leerlingen zodat zij meer te weten kunnen komen over de gebeurtenissen tijdens oorlog. Dit zorgt ervoor dat herdenken een soort natuurlijke plaats krijgt in hun leven. De Oorlogsgravenstichting heeft met de verhalen van oorlogsslachtoffers op haar Jeugdwebsite (Een leven verloren) hiervoor de handvatten aangereikt. Ook de verhalen in de films van de 14


Stichting met de titel 'Want elk graf heeft z'n verhaal' dragen bij aan het empathisch vermogen van jongeren in belevenissen van oorlogsslachtoffers en hun nabestaanden. Jan Bartelings van de Stichting 18 september 1944 Eindhoven vertelde over een project waarbij veteranen die onder oorlogsomstandigheden gediend hebben, middelbare scholen bezoeken om daar hun verhaal te vertellen. Dit initiatief maakt duidelijk dat het dichtbij brengen van de geschiedenis een belangrijke rol kan spelen bij het bewust maken dat vrede en vrijheid niet vanzelfsprekend zijn. Karlijn sloot af met een laatste observatie. Het belangrijkste is dat kinderen zich bij herdenkingen kunnen inleven in wat er is gebeurd en dat zij snappen dat het verschrikkelijk geweest is wat er heeft plaatsgevonden. Door bij deze verschrikkingen stil te staan en de slachtoffers te herdenken zeggen we: "We zullen het niet toelaten - hoe hoog de prijs ook is - dat dit weer een keer gebeurt."

Karlijn Magnus vertelt over haar ervaringen als docente

15


Voorafgaand aan het symposium was op initiatief van de Oorlogsgravenstichting in de ochtend van 7 september een conferentie belegd waarvoor zusterorganisaties uit andere landen werden uitgenodigd. Afgevaardigden van de Amerikaanse, Belgische, Britse, Duitse, Franse en Poolse organisaties gaven gehoor aan deze uitnodiging en waren eerder naar Den Haag gekomen om te praten over gemeenschappelijke onderwerpen. Afgesproken werd om na te gaan op welke wijze gezamenlijk de herdenking van het begin van de Eerste Wereldoorlog - in 2014 - gestalte kan worden gegeven. Europees is de Oorlogsgravenstichting de jongste en de kleinste oorlogsgravenorganisatie, mede doordat Nederland tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) neutraal bleef. Een betere plek om een oorlogsgravenconferentie te beleggen, had echter niet gekozen kunnen worden: het Vredespaleis in Den Haag.

Groepsfoto van deelnemers aan de oorlogsgravenconferentie

Overzicht van de vergaderzaal

16

De heer Croll licht zijn standpunt toe, de heer Flieringa luistert aandachtig toe


Het symposium van de Oorlogsgravenstichting werd kosteloos georganiseerd door ROSTRA Congrescommunicatie in Den Haag. De aanwezigheid van Hare Majesteit de Koningin legde grote verantwoordelijkheid op de schouders van de organisatie. ROSTRA organiseert echter regelmatig grote internationale congressen in Nederland met belangrijke gasten uit binnen- en buitenland. De Oorlogsgravenstichting prees zich gelukkig met zo een professionele en ervaren partner als ROSTRA Congrescommunicatie. Het symposium werd mede gefinancierd door het Prins Bernhard Cultuurfonds, de leden van de Duits-Nederlandse Handelskamer, de gemeente Den Haag, de Ludovica Stichting, het ministerie van Defensie, het Nationaal Fonds voor Vrijheid en Veteranenzorg (Vfonds) en andere bijdragen. AD Bewaarbijlage

Om het werk van de Oorlogsgravenstichting breed onder de aandacht te brengen, verscheen bij het Algemeen Dagblad van zaterdag 3 september een bijlage waarin het wereldwijde werk van de Stichting centraal stond. Naast een voorwoord van mevrouw M. Veldhuijzen van Zanten-Hyllner, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, stond in de krant ondermeer een interview met de heer G. Flieringa, algemeen directeur van de Oorlogsgravenstichting, een gesprek met een 11-jarige scholiere die een oorlogsgraf heeft geadopteerd, een reportage met een deelnemer aan de OGS-pelgrimsreizen, een relaas over het Slachtofferregister en de identificatie van onbekenden met behulp van DNA techniek en een interview met een consul. Kortom, een kijkje achter de schermen van de Oorlogsgravenstichting. Deze bijlage werd mogelijk gemaakt met bijdragen van honderden gemeenten in Nederland, adverteerders en andere sponsoren. Adoptie Nederlandse oorlogsgraven

In het verslagjaar zijn de mogelijkheden om een Nederlands oorlogsgraf te adopteren uitgebreid. Was het aanvankelijk alleen mogelijk om een graf op het ereveld Loenen of het Militair ereveld Grebbeberg te adopteren, nu is het ook mogelijk om een Nederlands oorlogsgraf dat in beheer en onderhoud is van de Stichting en dat op een reguliere begraafplaats ligt te adopteren. Hiervan is, zowel in het binnen- als in het buitenland, inmiddels gebruik gemaakt. De adoptanten bezoeken het graf en plaatsen er periodiek een bloemetje op. De Stichting wil hiermee de aandacht voor het Nederlandse oorlogsgraf bevorderen. Beregeningsinstallatie Militair ereveld Grebbeberg

Op het Militair ereveld Grebbeberg werd in juli begonnen met de voorbereidende werkzaamheden voor de aanleg van een beregeningsinstallatie. In opdracht van het Commando Diensten Centra van het ministerie van Defensie installeerde het bedrijf Aquaco op het ereveld een geheel nieuw sproeisysteem. Met behulp van 17


een kleine graafmachine werden sleuven getrokken op het ereveld waarin het nieuwe ondergrondse systeem aangelegd werd. Begin augustus waren de werkzaamheden gereed. Met de aanleg van deze installatie ging een lang gekoesterde wens van de Oorlogsgravenstichting in vervulling. Al vele jaren bestond bij de Oorlogsgravenstichting namelijk de wens voor een nieuw beregeningssysteem op het ereveld. Een systeem dat minder overlast zou geven aan bezoekers en een installatie die voldoet aan de Arbo-wet. Tot die tijd werd het ereveld besproeid met behulp van ondergrondse waterputten waarop bovengronds slangen en sproeikoppen aangesloten werden. Het aansluiten en verplaatsen van dit systeem was een zwaar en arbeidsintensief karwei. Het voldeed daarmee niet meer aan de geldende arbeidsomstandighedenwet. Het nieuwe ondergrondse beregeningssysteem heeft als extra voordeel dat dit 's nachts aangezet kan worden, zodat nabestaanden en andere bezoekers van het ereveld geen hinder meer ondervinden van het sproeien. Het trekken van sleuven voor de aanleg van de leidingen Consuldag

In alle gemeenten in Nederland waar zich oorlogsgraven bevinden, zijn op verzoek van de Oorlogsgravenstichting contactpersonen aangesteld. Deze zogenaamde consuls worden benoemd door het college van Burgemeester en Wethouders en zijn zeer belangrijk voor de Stichting. Zij bewaken de oorlogsgraven, rapporteren regelmatig over de onderhoudstoestand en houden de Stichting op de hoogte van belangrijke informatie en gebeurtenissen die spelen in hun gemeente. Jaarlijks organiseert de Stichting een consuldag om haar erkentelijkheid ten opzichte van de consuls te tonen. In samenwerking met de gemeente werd dit jaar een bezoek gebracht aan Apeldoorn. 200 consuls en hun introducĂŠs werden daar ontvangen in het stadhuis waar zij werden toegesproken door de burgemeester van Apeldoorn, de heer mr. G.J. de Graaf. De heer De Graaf sprak zijn grote waardering uit voor de vrijwilligers die de consuls zijn. De zorg voor het Nederlandse oorlogsgraf is zeer belangrijk. 18


Het registreren van de consuls in het stadhuis van Apeldoorn

Na deze formele opening van de dag ging het gezelschap van bijna 200 mensen met touringcars naar het ereveld Loenen, alwaar de consuls op bijzondere wijze werden geïnformeerd over de ontstaansgeschiedenis van het ereveld. Onder leiding van Jan Heerze, Jan Marechal en Loek Schreurs, allen (oud) docenten van de Koninklijke Scholen Gemeenschap (KSG) in Apeldoorn, kwamen verschillende aspecten van het ereveld Loenen op indrukwekkende wijze aan bod. Jan Marechal vertelde de consuls het verhaal van de vredesmissies van na W.O. II waaraan Nederland deelnam en waarbij helaas ook slachtoffers te betreuren waren die hun laatste rustplaats op Loenen hebben gevonden, waarmee duidelijk werd dat het ereveld en de Oorlogsgravenstichting nog steeds een actieve rol spelen voor de Nederlandse samenleving. Jan Heerze lichtte in de kapel het lot toe van de 130.000 slachtoffers van W.O. II die geen aanwijsbaar graf hebben. Op indringende wijze wist hij de consuls aan zich te binden met het verhaal van Claartje van Aals die als verpleegster werkte in de Joods psychiatrische inrichting het Apeldoornsche Bosch. Alle 1500 patiënten en 50 medewerkers, waaronder Claartje zelf, werden gedeporteerd naar Auschwitz. Niet één van hen overleefde. Loek Schreurs legde aan de hand van het verhaal van Gerard Putter uit hoe de 19


Oorlogsgravenstichting tot op de dag van vandaag bezig is met het helpen opsporen van vermisten uit de Tweede Wereldoorlog. Gerard Putter is zo’n slachtoffer die na vele jaren als “onbekende Nederlander” op Loenen begraven te hebben gelegen uiteindelijk in 2009 door middel van DNA onderzoek weer als Gerard Putter te boek is komen te staan. Voor zijn zoon en dochter, die na bijna 70 jaar weer hun vader terugvonden, was dat een onvergetelijk moment.

Toelichting bij de graven op het ereveld Loenen

Ook de film in het informatiecentrum van ereveld Loenen maakte op de consuls grote indruk. Het aangrijpende verhaal van Timo Smeehuijzen, een jonge soldaat die sneuvelde tijdens een vredesmissie, laat je na het zien ervan niet meer los. Helaas was het programma te uitgebreid om langer op het ereveld te blijven, hoewel het schitterende weer en de prachtige ligging van het ereveld te midden van bos en hei daar zeker toe uitnodigden. De reis werd voortgezet naar Doesburg waar de consuls een lunch werd voorgeschoteld. Een eerste moment om 20


oude kennissen te ontmoeten en met elkaar in ontspannen sfeer te kunnen bijpraten. Na de lunch ging de reis verder naar het Openluchtmuseum in Arnhem. Traditioneel Nederland zoals het er een jaar of honderd geleden uitgezien heeft, een prachtig museum om zeker nog eens terug te komen. Na de afsluitende borrel werd het alweer tijd om huiswaarts te keren. De Stichting vond het een zeer geslaagde consuldag; zij hoopt volgend jaar de consuls weer in grote getale terug te zien.

Groepsfoto consuls

Regionaal consuloverleg

Gezien het grote belang dat de Oorlogsgravenstichting hecht aan een nauw contact met de, voor haar functionerende, consuls, heeft de afdeling Beheer en Onderhoud met ingang van het verslagjaar het regionale Consul Overleg ingesteld. Per maand wordt een provincie bezocht waar de consuls van die provincie worden ontmoet op een centrale plaats om de voortgang van het werk te bespreken en te evalueren. Het doel is te komen tot een actievere werkrelatie tussen de “ogen en oren in het veld� en de organisatie in Den Haag. In het verslagjaar 2011 werden alle provincies bezocht, tot groot genoegen van de consuls. Op alle bijeenkomsten werden de consuls welkom geheten door de heer W.R. Broer, manager Beheer & Onderhoud van de Oorlogsgravenstichting. Hij gaf een presentatie over het werk van de Oorlogsgravenstichting in het algemeen en in Nederland in het bijzonder. Hij vertelde daarbij dat de consuls van onschatbare waarde zijn voor de Stichting. Hoewel Nederland niet zo groot is, 21


De heer Broer geeft een presentatie

is het ondoenlijk om vanuit Den Haag ruim 12.000 Nederlandse en geallieerde oorlogsgraven in het oog te houden. In elke gemeente in Nederland waar zich oorlogsgraven bevinden, is daarom een contactpersoon aangesteld. Deze contactpersoon, de zogenaamde consul, belichaamt de 'ogen en oren' van de Stichting in de desbetreffende gemeente. Op verzoek van de Stichting wordt de consul officieel benoemd door het College van Burgemeester en Wethouders. Hierdoor wordt het nationale belang om oorlogsgraven in stand te houden lokaal bevestigd. Na de presentatie van de heer Broer, ging de heer D. Lagemaat, inspecteur van de Stichting, in op een aantal praktische zaken betreffende de controle van oorlogsgraven. Grafwijzer ereveld Loenen

Op zaterdag 30 april werd op het Nederlands ereveld Loenen, gemeente Apeldoorn, een funeraire informatiezuil in gebruik genomen. In opdracht van de Oorlogsgravenstichting plaatste de firma Abecon een funeraire infozuil, de zogenaamde grafwijzer, op het ereveld Loenen. De grafwijzer produceert een looproute naar de laatste rustplaats van een oorlogsslachtoffer op het ereveld. Gebruik van de grafwijzer Hiermee is het vinden van een graf veel eenvoudiger ge22


worden. Ook andere bezoekers van het ereveld kunnen de grafwijzer gebruiken. Zij kunnen een lange of korte wandelroute uitprinten aan de hand waarvan zij een wandeling over het ereveld kunnen maken. Op de wandelroutes zijn enkele interessante plekken gemarkeerd en aan de achterzijde van de uitdraai is daarover meer informatie te vinden. Ook bevat de grafwijzer een reactiemodule. Nabestaanden en bezoekers van het ereveld kunnen direct na hun bezoek een indruk of boodschap achterlaten. Herbegrafenissen

In verband met grafruimingen op reguliere begraafplaatsen worden jaarlijks circa 30 oorlogsslachtoffers herbegraven op een ereveld. Hiervoor heeft de Oorlogsgravenstichting een samenwerkingsovereenkomst gesloten met de Bergings- en Identificatiedienst (BID) van de Koninklijke Landmacht. Medewerkers van deze dienst voeren de opgravingwerkzaamheden uit. Vervolgens verzorgen medewerkers van de Oorlogsgravenstichting de herbegrafenis op het ereveld. Het ministerie van Defensie heeft besloten de herbegrafenissen van stoffelijke resten van militairen in aanwezigheid van de nabestaanden en met beperkte militaire eer uit te voeren. Ook spreekt een geestelijke een overdenking uit. De Oorlogsgravenstichting stelt nabestaanden, die te kennen geven dat te willen, in de gelegenheid om aanwezig te zijn bij de steenplaatsing op een ereveld. Op donderdag 3 november werden in aanwezigheid van zijn familie, vrienden en andere belangstellenden de stoffelijke resten van de Engelandvaarder sergeant F.J. Hoogewooning herbegraven op het Nederlands ereveld Loenen, gemeente Apeldoorn. De kist met zijn resten werd door militairen van het 17e Pantserinfanteriebataljon naar het graf gedragen. Aanvankelijk lag sergeant Hoogewooning begraven in Wassenaar. Op verzoek van zijn familie is hij na de oorlog overgebracht naar Heemstede en herbegraven in het familiegraf op de gemeentelijke begraafplaats aldaar. In verband met het vervallen van de grafrechten kwam het graf in aanmerking voor ruiming. De Oorlogsgravenstichting heeft de familie toen voorgesteld de stoffelijke resten van sergeant Hoogewooning te doen herbegraven op het ereveld Loenen. De Bergings- en Identificatiedienst van de Koninklijke Landmacht verzorgde deze herbegrafenis. Identiteit onbekende soldaat Grebbeberg vastgesteld

Tot maart 2011 lag er op het Militair ereveld Grebbeberg een onbekende soldaat begraven die in de meidagen van 1940 op de Grebbeberg gesneuveld is in de strijd tegen Duitse troepen. Direct na de strijd, op 17 mei 1940, werd begonnen met de concentratie, identificatie en het begraven van de gevallenen op het Grebbekerkhof, thans het Militair ereveld Grebbeberg. Na de werkzaamheden 23


waren 42 graven ingericht met het opschrift Onbekend. Van sommige graven bestond al wel een vermoeden wie daarin begraven zou kunnen liggen, maar de meeste onbekenden moesten nader onderzocht worden. Tegenover deze 42 graven van onbekenden stonden 46 vermisten. Al in 1940 is men begonnen met de identificatie van deze onbekenden. In de meeste gevallen werden de graven opnieuw geopend om zeker te stellen dat er geen bijzonderheden en/of persoonlijke bezittingen over het hoofd waren gezien aan de hand waarvan de identiteit zou kunnen worden vastgesteld. Ook in het voorjaar van 1941 en 1942 zijn nog opgravingen voor identificatieonderzoeken uitgevoerd. Deze onderzoeken resulteerden destijds in het oplossen van 41 gevallen. Er bleef aldus ĂŠĂŠn graf geregistreerd als Onbekend. Door middel van DNA-onderzoek is nu vastgesteld dat dit soldaat W.F. Brummelhuis is.

De kist met de resten van soldaat Brummelhuis worden naar het graf gedragen

Afscheid nemen

Familie, genodigden en belangstellenden rond het graf

Eindelijk een naam!

Kamerleden brengen bezoek aan Militair ereveld Grebbeberg

Op vrijdagochtend 8 april bezocht een delegatie van de Vaste Kamercommissie voor Defensie op uitnodiging van de Oorlogsgravenstichting het Militair ereveld Grebbeberg in Rhenen. De delegatie bestond uit de kamerleden mevrouw W.J.H. Lodders en de heren A. Bosman en A. Mulder van de VVD en de heren M.M. Hernandez en W.R.F. Kortenoeven van de PVV. Zij werden die dag begeleid door de adjunct-griffier van de Vaste Kamercommissie voor Infrastructuur 24


en Milieu de heer M.Y. Israel. De Tweede Kamerleden werden ontvangen in het hotel 't Paviljoen vlak bij het ereveld. Daar kregen zij een presentatie over het werk en de doelstelling van de Oorlogsgravenstichting van de heer G. Flieringa, algemeen directeur van de Stichting. Ook kwamen in het kader van de bezuinigingen de financiĂŤn van de Stichting aan de orde. Tijdens de presentatie legde de heer Flieringa uit dat de Oorlogsgravenstichting een overheidstaak uitvoert en daarvoor een doelfinanciering ontvangt van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties volgens een vastgestelde subsidieregeling. De heer Flieringa lichtte toe wie aan de hand van de statuten van de Oorlogsgravenstichting worden aangemerkt als oorlogsslachtoffer. Ook gaf de heer Flieringa een overzicht van de verschillende oorlogsgraven die wij onderscheiden, waaronder Rijksgraven. Dit zijn graven in eigendom van het Rijk, en die worden onderhouden door de Oorlogsgravenstichting. Nieuwe oorlogsgraven zoals die van Dave Steensma en Jeroen Houweling zijn bijvoorbeeld Rijksgraven. Er zijn ook Stichtingsgraven, dit zijn graven die door de familie in beheer en onderhoud zijn overgedragen aan de Oorlogsgravenstichting. Tot slot kennen wij particuliere graven. Deze graven zijn in beheer en onderhoud van de families zelf. De heer Flieringa nodigde de Kamerleden vervolgens uit voor een bezoek aan het ereveld en het Informatiecentrum. Daar konden zij in de praktijk kennis maken met het belangrijke en zinvolle werk van de Oorlogsgravenstichting.

De kamerleden Hernandez(links) en Mulder luisteren naar de verhalen

25


Onderscheiding voor Oorlogsgravenstichting

Op 17 oktober onthulden luitenant-generaal R.A.C. Bertholee, Commandant Landstrijdkrachten, en mr. R.S. Croll, president van de Oorlogsgravenstichting, op het Militair ereveld Grebbeberg in Rhenen het Bronzen Schild. Het Bronzen Schild is de hoogste groepswaardering die de Commandant Landstrijdkrachten kan toekennen en wordt alleen bij hoge uitzondering uitgereikt. Sinds de instelling, 55 jaar geleden, is dat zeven keer gebeurd. De Oorlogsgravenstichting is de eerste instelling buiten de Landmacht organisatie die het Schild ontvangt. Hiermee spreekt de Landmacht waardering uit voor de wijze waarop de medewerkers van de Oorlogsgravenstichting wereldwijd hun werkzaamheden uitvoeren. Voor de Koninklijke Landmacht, die bij de strijd tijdens de Tweede Wereldoorlog maar ook daarna grote personele verliezen te betreuren had, is deze betrokken taakvervulling van groot belang. Ook in de huidige tijd, waarin bij het handhaven van recht en vrede nog steeds slachtoffers te betreuren zijn, is de buitengewone toewijding van de Oorlogsgravenstichting een steun voor de families, vrienden, collega’s en commandanten. Onthulling Marinegedenkplaat

Op 29 maart werd op het Nederlands ereveld Kembang Kuning te Surabaya (Indonesië) de Marinegedenkplaat onthuld met daarop de namen van 39 marinemannen die in de periode 1945-1957 in Nederlands-Indië en Nederlands Nieuw-Guinea om het leven zijn gekomen en van wie de laatste rustplaats niet aanwijsbaar is. De onthulling werd verricht door de heer mr. de Zwaan, Hr.Ms. ambassadeur in Indonesië, en de President van de Oorlogsgravenstichting, mr. R.S. Croll. De algehele leiding van de ceremonie was in handen van de heer Peter Steenmeijer, directeur Indonesië van de Oorlogsgravenstichting. De gedenkplaat Ambassadeur De Zwaan wijst de heer Croll op een detail 26


Kranslegging bij de Marinegedenkplaat

was een initiatief van de Oorlogsgravenstichting en is mede mogelijk gemaakt door financiĂŤle bijdragen van de familie C.J. den Besten, de heer G.Th.J.M. de Groof en deelnemers aan de Lamers-Van Nass Golf Trofee. De belangstelling voor de onthulling van de gedenkplaat was groot. Ambassadeur De Zwaan ging in zijn toespraak terug naar de periode toen hij als ambassadeur in Afghanistan was gestationeerd. Hij was onder de indruk van de inspanningen die werden getroost om de stoffelijke resten van omgekomen militairen terug te geven aan hun nabestaanden. Bij al het verdriet om hun gemis, zo zei hij, hielp het te weten dat zij een laatste rustplaats hebben. Maar voor deze 39 marinemannen was dat helaas niet mogelijk. Zij werden nimmer teruggevonden. De heer Croll benadrukte in zijn toespraak het belang van de mogelijkheid om iemand ook na zijn dood bij de naam te kunnen noemen. Daartoe is een plaats nodig waar het slachtoffer kan worden herdacht, waar bloemen kunnen worden gelegd, waar de naam zichtbaar en tastbaar is aangebracht. Voor de nabestaanden van deze 39 marinemannen vormt dit nieuwe monument die gedenkplaats. 27


Open Monumentendagen Loenen

In het weekend van 10 en 11 september vonden de Open Monumentendagen plaats. In twee dagen ontving de Stichting 177 bezoekers. Thema dit jaar was: Nieuw gebruik - Oud gebouw. Dit geldt ook voor de kapel op het ereveld Loenen. Deze kapel was oorspronkelijk gebouwd voor het houden van uitvaartdiensten. Tot 1966 werd de kapel daarvoor ook gebruikt. Mede door het plaatsen van een schrijn - in 1972 - met 42 gedenkboeken waarin de namen staan van 130.000 Nederlandse oorlogsslachtoffers van wie de laatste rustplaats niet aanwijsbaar is, kwam het accent op de herinnering te liggen. Sinds die tijd kan gesproken worden van een gedachteniskapel. Pas in 2009, bij de begrafenis van sergeant-majoor Leijsen op het ereveld, is de kapel weer voor een uitvaart gebruikt. Jan Heerze, oud-docent van de Koninklijke Scholengemeenschap in Apeldoorn en auteur, verzorgde als vrijwilliger zaterdag en zondag rondleidingen in de kapel. In 2008 heeft de gemeente Apeldoorn het ereveld Loenen vanwege de bijzondere cultuurhistorische en architectonische waarde aangemerkt als gemeentelijk monument.

Jan Heerze geeft uitleg in de kapel

28


Postzegels erevelden Indonesië

In het kader van de 65-jarige herdenking van het einde van de Tweede Wereldoorlog in Zuidoost-Azië heeft de Stichting in samenwerking met PostNL een set postzegels met ansichtkaarten uitgegeven met afbeeldingen van de Nederlandse erevelden op Java in Indonesië. De set postzegels en ansichtkaarten kost € 3,95 en is verkrijgbaar via de Stichting. U kunt het bedrag overmaken op onze bankrekening 24.62.44.097 onder vermelding van postzegels Indonesië. De postzegels worden dan zo spoedig mogelijk toegestuurd.

29


Ter gelegenheid van het 65-jarig bestaan van de Oorlogsgravenstichting gaf PostNL deze speciale set postzegels uit. De eerste set werd aangeboden aan Hare Majesteit de Koningin op 7 september 2011. Deze bijzondere set postzegels is uitsluitend verkrijgbaar bij PostNL via de website (www.postnl.nl)

Rondleidingen op erevelden voor scholieren

In het verslagjaar is de Stichting begonnen met het organiseren van bezoeken van scholieren aan het Militair ereveld Grebbeberg in Rhenen. Op verzoek van de Regionale Scholengemeenschap Stad en Esch in Meppel verzorgde de Stichting voor 200 leerlingen rondleidingen langs de oorlogsgraven op het ereveld. Bij sommige graven werd stilgestaan waar een medewerker van de Stichting het

De leerlingen krijgen een uitleg bij het verzamelgraf op het ereveld

30


verhaal van de desbetreffende militair vertelde. Ook werd stilgestaan bij de monumenten op het ereveld. In het informatiecentrum op het ereveld bekeken de scholieren de permanente tentoonstelling 'Daar spraken wij nooit over'. Hierin staan drie Nederlandse militairen centraal. Hun levensverhaal wordt in een algemeen historisch kader geplaatst en audiovisueel toegelicht aan de hand van vier thema's: jeugd en interbellum, mobilisatie en de strijd in mei 1940, de naoorlogse periode en het verwerkingsproces. Daarnaast wordt aandacht besteed aan de verwerking van oorlogsleed door militairen en nabestaanden, de geschiedenis van deze oorlogsbegraafplaats en de huidige vredestaken van Defensie. Na afloop bekeken zij films over soldaat Migchelbrink en het Militair ereveld Grebbeberg. Samenwerking met andere instellingen

De Oorlogsgravenstichting zoekt actief naar projecten waarmee met andere instellingen kan worden samengewerkt. Hiermee kunnen kennis, ervaringen en onderzoeksresultaten gedeeld worden, maar bijvoorbeeld ook investeringskosten. In tijden van bezuinigingen een belangrijke overweging. Op 15 augustus werden door het Nationaal Archief in Den Haag de scans van de Japanse krijgsgevangenenkaarten en een Engelse vertaling daarvan online gezet. De Oorlogsgravenstichting heeft contact opgenomen met Nationaal Archief en voorgesteld om de internetlink naar de kaarten bij de personalia van de oorlogsdoden in het Slachtofferregister op te nemen. Hiermee wordt de informatievoorziening aan de nabestaanden van deze slachtoffers verbeterd.

Scan van een Japanse krijgsgevangenenkaart

31


Er bestaat al jarenlang een samenwerkingsverband met Amoetat Akevoth, een in Israel gevestigde stichting die gegevens verzamelt en onderzoek doet naar de geschiedenis van de Nederlands-Joodse families en hun erfgoed. De verzamelde gegevens worden geplaatst op de website van de Stichting Akevoth. Via die site is ook het In Memoriam-bestand te raadplegen. De werkzaamheden worden uitgevoerd door 26 vrijwilligers afkomstig uit Israel, Nederland, België, Engeland en Amerika. In december stond Akevoth stil bij haar eerste lustrum met een viering in het Joods Historisch Museum in Amsterdam. Op de erevelden in Indonesië bevinden zich vele verzamelgraven. Vaak is de ontstaansgeschiedenis van zo een graf niet bekend. Hierdoor is het vaak ook niet duidelijk wie er in het verzamelgraf begraven liggen. Met het Indisch Herinneringscentrum (IHC) wordt een onderzoeksproject opgestart om de geschiedenis van deze verzamelgraven in kaart te brengen. Naast de namen van de slachtoffers worden ook de omstandigheden waaronder de slachtoffers omgekomen zijn onderzocht. Via de website van de Stichting kan gezocht worden in het Slachtofferregister. Slachtofferregister van de Oorlogsgravenstichting

In de database met de personalia van oorlogsslachtoffers, het Slachtofferregister, dat te raadplegen is via onze website zijn de zoekmogelijkheden uitgebreid. Naast het zoeken op naam, begraafplaats, plaats, gemeente, land en monument is het nu ook mogelijk te zoeken op geboorteplaats, overlijdensplaats en categorie. Daarnaast hebben wij aanvullende informatie toegevoegd aan het register. Nu kan ook gezocht worden op categorie, bijvoorbeeld militairen (een grote wens van het Veteraneninstituut). Voorts is de mogelijkheid gecreëerd om een portretfoto van de slachtoffers en enkele bijzonderheden toe te voegen aan het Slachtofferregister. Op dit moment moeten medewerkers van de Stichting dat verzorgen, maar het is de bedoeling dat op termijn nabestaanden en bezoekers van de website dit zelf kunnen doen. Hiermee wordt het register interactiever gemaakt. 32


TNO onderzoek grafstenen

Alle grafstenen die de Oorlogsgravenstichting in Europa gebruikt zijn gemaakt van kalkzandsteen. De liggende steen op het ereveld Loenen is gemaakt van Vaurion, de staande steen, zoals die onder andere in gebruik is op het Militaire ereveld Grebbeberg, is gemaakt van Cluny. Zowel Cluny als Vaurion zijn sedimentaire kalkstenen en hebben een licht witte tot gele kleur. De afgelopen jaren werd de Stichting veelvuldig geconfronteerd met kapotte grafstenen met name bij de Cluny-steen. Omdat de oorzaak hiervan niet duidelijk was, voerde TNO -op verzoek van de Stichting- hiernaar een onderzoek uit. Kennis van het veld (groeves en toepassing), microscopische beoordeling, en beproeving van de duurzaamheid (bestandheid tegen vorst, zoutkristallisatie, etc.) werden bekeken, niet alleen vanuit onderhoudsaspecten, maar ook vanuit economische overwegingen. Onderzoek heeft uitgewezen dat deze steensoorten niet weervast zijn. Met name de Clunysteen kent dit probleem waarvan ook de dichtheid (porositeit) onvoldoende is. Hierdoor dringt vocht tot diep in de steen door wat bij vorst kan leiden tot het breken van de steen. Vaurion kent een type genaamd Roche Jaune dat vorstvrij is en daardoor ook buiten toegepast kan worden. Als alternatief voor de Cluny-steen werd de Botticino-steen voorgedragen. Botticino is een marmerachtige steensoort afkomstig uit Italie. Ook deze steen is door TNO onderzocht. Het type Botticino Classico kent een hoge dichtheid en is goed bestand tegen weersinvloeden. Extra voordelen van deze steen zijn de duurzaamheid en de ongevoeligheid voor aangroei van algen en mossen, hetgeen onderhoudstechnisch een pluspunt is. Uitbreiding ereveld Loenen

Om het mogelijk te maken ook in de toekomst (her-)begrafenissen op het ereveld Loenen te laten plaatsvinden is gezien de beperkte capaciteit van het huidige ereveld uitbreiding noodzakelijk. Enkele jaren geleden heeft de Stichting daarom 17 hectare extra natuurgebied met de bestemming begraafplaats aangekocht. Door de firma Karres en Brands is een mooi ontwerp van de uitbreiding ereveld Loenen uitgewerkt en dit ontwerp is in 2009 door het bestuur van de Oorlogsgravenstichting goedgekeurd. In 2010 zijn alle benodigde vergunningen, waaronder de natuurwetvergunning in het kader van Natura 2000, aangevraagd en verkregen. Hierdoor is het mogelijk aan te vangen met de uitbreidingswerkzaamheden. Het streven is dat de eerste herbegrafenissen in het jaar 2014 mogelijk zijn op het nieuwe gedeelte van het ereveld in Loenen. Veteranen bezoeken Nederlands ereveld

Tijdens de Militaire Motorbedevaart naar Lourdes bezochten vijftig militaire motorrijders onder leiding van vlootaalmoezenier J. Wolters het Nederlands ereveld Orry-la-Ville. Daar werden de Lourdes gangers verwelkomd door kolonel 33


J.M. a Campo, de defensieattachĂŠ van de Nederlandse ambassade in Parijs, en de heer B. van Marken, oud-president van de Oorlogsgravenstichting. In zijn toespraak ging de heer Van Marken in op het belang van het onderhouden van oorlogsgraven. “Tegenover de man, de vrouw of het kind- burger en strijdende- voelden wij het als onze plicht om hun lijden en sterven in herinnering te houden. Deze plicht was vlak na de oorlog voor de directe nabestaanden en de Nederlandse bevolking in het algemeen vanzelfsprekend. Het oorlogsgravenwerk past daarin. Maar hoe zal het gesteld zijn met de volgende generaties, de kleinkinderen en achterkleinkinderen als het ware. Frappant is het, maar eigenlijk ook begrijpelijk, te mogen constateren dat onze erevelden meer dan ooit een rol spelen bij ons beleven van vrede en vrijheid. Het aantal mensen dat wij ontvangen groeit gestadig zoals uit onze bezoekersregisters blijktâ€? aldus de heer Van Marken. Na de toespraak werd namens de deelnemers een krans gelegd bij het centrale monument De vallende man.

Kranslegging namens de deelnemers aan de Motorbedevaart

34


Groepsfoto met de motoren bij de ingang van het ereveld

Voorbereiding Monument Tarakan

In het verslagjaar stelde de Commissie Monument Tarakan voor het op te richten monument met de namen van 92 KNIL-militairen die zijn omgebracht bij Tarakan en die daar in zee zijn gegooid, te plaatsen op het ereveld Loenen van de Oorlogsgravenstichting om zo de nabestaanden in Nederland een plek van troost en bezinning te bieden. Samen met leden van de Commissie werd op het ereveld naar een geschikte plek gezocht. Het monument werd onthuld op 19 januari 2012.

De heer Flieringa leidt de leden van de Commissie rond op het ereveld

35


Want elk graf heeft z’n verhaal deel 3 Europa

Pia Media B.V. legde dit jaar de laatste hand aan een nieuwe documentaire over het werk van de Oorlogsgravenstichting. De film geeft een overzicht van de 11 Nederlandse erevelden elders in Europa, die door de Stichting zijn aangelegd en door haar onderhouden worden. Nabestaanden en andere betrokkenen vertellen de verhalen van Nederlandse oorlogsslachtoffers die er hun laatste rustplaats hebben gevonden. De Stichting beheert in Duitsland zeven erevelden. In Oostenrijk, Frankrijk, Engeland en Noorwegen is één Nederlands ereveld. Daarnaast zijn er ook in andere Europese landen individuele oorlogsgraven, die door de Stichting zijn ingericht en worden onderhouden. De documentaire werd op locatie opgenomen in de genoemde landen. Ook op Sicilië werden opnamen gemaakt. Daar sneuvelde kapitein-luitenant ter zee J.J.M. Sterkenburg door een Duitse voltreffer op de brug van Hr. Ms. Soemba, waarover hij het commando voerde. Overste Sterkenburg ligt begraven op het Britse ereveld in Syracuse. De film zal rond 4 mei 2012 in première gaan. Vanaf die dag zal de film ook via de Stichting op DVD te koop zijn. Website voor de jeugd

Om de Jeugdwebsite van de Oorlogsgravenstichting onder de aandacht te brengen van de doelgroep is samenwerking gezocht en gevonden met de Stichting Gastdocenten WOII, het Landelijk Steunpunt Gastsprekers WOII-heden en het Veteraneninstituut (vi). Deze organisaties verzorgen bezoeken aan scholen waarbij een overlevende van een Japans interneringskamp, een overlevende van een Duits concentratiekamp of een veteraan de leerlingen vertelt over zijn of haar ervaringen tijdens de oorlog. Zij verspreiden daarbij de folder die de Stichting met financiële hulp van het Nationaal Comité 4 en 5 mei en het Nationaal Fonds voor Vrijheid en Veteranenzorg heeft kunnen laten maken. Er worden ook nog een presentatiewand en een lesmodule op basis van de Jeugdwebsite ontwikkeld. 36


Indonesië Inspectiebezoek

Het jaarlijkse inspectiebezoek van de heren mr. R.S. Croll, president, en G. Flieringa, algemeen directeur van de Oorlogsgravenstichting, vond plaats in de periode van 20 t/m 30 maart. Onder begeleiding van de directeur Indonesië en het hoofd technische zaken van het kantoor in Jakarta werden alle zeven Nederlandse erevelden op Java bezocht. Aansluitend brachten de heren Croll en Flieringa een werkbezoek aan de Britse erevelden Chungkai en Kanchanaburi in Thailand, waar 2210 Nederlanders begraven liggen. Daar werd geconstateerd dat een aantal bronzen platen aan vervanging toe is, die door tussenkomst van de CWGC zullen worden vervangen.

De heren Croll en Flieringa leggen een krans op het ereveld Kanchanaburi

Bezoeken erevelden Ancol, Menteng Pulo en Kembang Kuning

Op 6 februari bracht de heer A. Aboutaleb, burgemeester van de gemeente Rotterdam, een bezoek aan het ereveld Ancol. Hij werd begeleid door de Nederlandse ambassadeur, mr. T. de Zwaan. Rotterdam, een zusterstad van Jakarta, adviseert en helpt bij de bouw van een zeewering aan de Noordkust van Jakarta en bij het bestrijden van de regelmatig voorkomende wateroverlast door hevige regenval in de stad. De delegatie was met name geïnteresseerd in de nieuwe zeewering bij het ereveld Ancol. Daar kregen zij onder andere tekst en uitleg van de heer P. Steenmeijer, directeur Indonesië van de Oorlogsgravenstichting. Op 14 maart brachten leden van de Erfgoedreis uit Nederland een bezoek aan het ereveld Menteng Pulo. Zij toonden ruime belangstelling voor de gebouwen, monumenten en geschiedenis van het ereveld. 37


Op 15 juni werden TV-opnamen gemaakt door de VPRO op het ereveld Kembang Kuning in Surabaya. Deze beelden worden verwerkt in de achtdelige documentaireserie ‘Van Dis in Indonesië’ die in maart 2012 zal worden uitgezonden. De bekende schrijver en televisiemaker Adriaan van Dis belicht in elke uitzending een bepaald onderwerp onder de noemer “sporen van Nederland die betekenis hebben in het moderne Indonesië”. Op 17 juni brachten 76 leerlingen van de British International School in Jakarta in het kader van een geschiedenisles een bezoek aan het ereveld Menteng Pulo. De Directeur Indonesië van de Oorlogsgravenstichting gaf een korte voordracht over het werk van de Stichting in Indonesie. Een rondgang over het ereveld rondde het bezoek af. Op 15 november bezocht mr. E. Kronenberg, secretaris-generaal van het ministerie van Buitenlandse Zaken het ereveld Menteng Pulo. Hij werd daarbij vergezeld door de Nederlandse ambassadeur, mr. T. de Zwaan. De heer Kronenburg legde een krans bij het Vlaggenmonument. In de periode van 14 t/m 24 november brachten leden van een Erfgoedreis georganiseerd door het Indisch Herinneringscentrum werkbezoeken aan alle Nederlandse erevelden op Java. Alle bezoekers werden rondgeleid door de heer P. Steenmeijer, directeur Indonesië van de Oorlogsgravenstichting.

Leden van de Erfgoedreis leggen een krans

38


De heren Neisingh (links) en Kelder nemen afscheid

De heren Kronenberg, De Zwaan en Steenmeijer in het columbarium

Voor de rondleiding geeft de heer Steenmeijer een toelichting

Leerlingen van de BIS

39

Rondgang door het columbarium

39


Medaille uitreikingen

In het verslagjaar heeft de heer Steenmeijer zeven medailles uitgereikt aan Indonesische medewerkers van de Stichting. De heer Tugino, medewerker op het ereveld Pandu, en de heren Ihun Taryana en Rushady, medewerkers op het ereveld Leuwigajah, kregen een gouden medaille in verband met hun 35-jarig dienstverband bij de Stichting. De heer R. da Costa, hoofd technische dienst van het kantoor in Jakarta, de heren Nurali en Abdul Rojak, medewerkers op het ereveld Ancol, en de heer Hadi Karmana, medewerker op het ereveld Leuwigajah, kregen voor hun 25-jarig dienstverband een zilveren medaille. Naast de medaille ontvangen de jubilarissen, een oorkonde en een gratificatie. Tijdens de traditionele selematanmaaltijd kregen zij de tumpeng (het topje) van de nasi kuning aangeboden.

De heren Nurali en Abdul Rojak

De heer Steenmeijer biedt de heer Ihun Taryana de tumpeng aan

De heer Steenmeijer overhandigt de heer Hadi Karmana de oorkonde

De heer Steenmeijer speldt de heer Rushady de medaille op

40


De heren Steenmeijer en Tugino

De heer Steenmeijer feliciteert Rudy da Costa

Betonnen graftekens

De vervanging van de houten graftekens op de Nederlandse erevelden op Java door betonnen exemplaren verloopt voorspoedig. Inmiddels zijn bijna 14.300 betonnen graftekens geproduceerd en geplaatst ter vervanging van houten exemplaren. Het vervaardigen en bewerken van betonnen graftekens wordt door de Stichting in eigen beheer uitgevoerd. Hiermee wordt op termijn niet alleen een besparing op de kosten verwacht, maar wordt ook een daadwerkelijke bijdrage geleverd aan het terugdringen van de vraag naar tropisch hardhout. Overzicht van werkzaamheden op de erevelden: Ancol

- Maken betonnen kruisen - Aanleg opvangbakken regenwater - Aanleg nieuwe sproeileiding - Afwerking en verfraaiing talud zeewering - Bouw uitkijkpost op de nieuwe zeewering - Schoonmaken afvoergoten

Het talud van de zeewering

De uitkijkpost op de zeewering

41


Menteng Pulo

- Maken betonnen kruisen - Vergroting capaciteit opvangbakken voor sproeiwater - Plaatsing toegangshek parkeerplaats

De Simultaankerk in de steigers

Het nieuwe toegangshek van de parkeerplaats

Pandu

- - - -

Maken betonnen kruisen Aanleg drainage Vervanging betonnen tegels voetpaden Vervanging houten zitbanken door betonnen

Het resultaat, een onderhoudsvrije bank

42

Het vervaardigen van de betonnen zitelementen


Leuwigajah

- Maken betonnen kruisen - Bestrijden engerlingen - Bouw kantoor opzichter - Uitbreiding magazijn - Renovatie werkplaats letterzetters

Candi

- Maken betonnen kruisen - Tegengaan erosie taluds - Verbetering afwatering en drainage

Schade aan de grasmat veroorzaakt door engerlingen

Kalibanteng

- Maken betonnen kruisen - Afbreken buitenmuur in verband met verbreding openbare weg - Opbouwen nieuwe buitenmuur - Vernieuwing toegangspoort - Vernieuwing parkeerplaats Het bestrijden van engerlingen

In verband met de verbreding van de openbare weg is de muur van het ereveld verplaatst

Kembang Kuning

- Maken betonnen kruisen - Renovatie hoofdvoetpad - Reparaties in verband met werking grond - Uitdiepen waterput - Verbetering hoofdafvoergoten - Vervanging OGS wapen op vlaggenmast 43


Het resultaat

Het verbeteren van de hoofdafvoergoten

Aantal bezoekers in 2011 per ereveld:

Ereveld Ancol Ereveld Menteng Pulo Ereveld Pandu Ereveld Leuwigajah Ereveld Candi Ereveld Kalibanteng Ereveld Kembang Kuning

848 983 1222 1086 404 376 1343

Totaal6262 Europa

Inspectie en onderhoudsbezoeken erevelden Duitsland en Oostenrijk - - - - - - - -

maart Bremen maart Hamburg maart Osnabr端ck april D端sseldorf april Frankfurt am Main april L端beck juli Hannover september Salzburg

De bovengenoemde erevelden zijn in het verslagjaar eveneens bezocht door de twee mobiele ploegen van de technische dienst van de Stichting. Zij hebben daar alle grafstenen en monumenten grondig gereinigd. Tevens werden tientallen grafstenen vervangen, letters op de monumenten geverfd en kleine reparaties uitgevoerd. 44


HERDENKINGEN

Overzicht van het ereveld in L端beck

Nederland

In 2011 hebben bestuursleden de Oorlogsgravenstichting vertegenwoordigd bij de volgende plechtigheden en bijeenkomsten ter herdenking van oorlogsslachtoffers. 25 april Den Haag 4 mei Amsterdam 4 mei Den Helder 4 mei Rhenen 4 mei Soesterberg 14 mei Kapelle 27 mei Margraten 15 augustus Den Haag 13 november Den Haag 13 november Ysselsteyn

ANZAC Day Herdenking op de begraafplaats Westduin Nationale Herdenking op de Dam Herdenking van de gesneuvelden van de Koninklijke Marine en de Koopvaardij Herdenking van de gesneuvelden van de Koninklijke Landmacht Herdenking van de gesneuvelden van de Koninklijke Luchtmacht Herdenking op het Frans Militair ereveld Memorial Day Herdenking op het Amerikaanse ereveld Herdenking capitulatie van Japan bij het Indisch monument Remembrance Day op de begraafplaats Westduin Volkstrauertag op het Soldatenfriedhof 45


4-meiherdenking ereveld Loenen

De jaarlijkse dodenherdenking op het Nederlands ereveld Loenen werd bijgewoond door bijna 1500 nabestaanden, genodigden en belangstellenden. De lokale omroep RTV Apeldoorn heeft van de herdenking filmopnames gemaakt en diezelfde middag en avond uitgezonden op tv. ’s Morgens werd door het beraad van Kerken te Loenen een oecumenische dienst opgedragen voor de kapel op het ereveld. Dominee J.W.C. van Driel en pastoor H.W.J.M. Rekveld leidden de dienst die muzikaal werd ondersteund door het Con Spirito koor en organiste mevrouw J.E. Tolman.

Pastoor Rekveld draagt de dienst op

Voorafgaand aan de herdenking bood de president van de Oorlogsgravenstichting, mr. R.S. Croll, zijne excellentie mr. J.P.H. Donner, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de eerste set postzegels aan die de Stichting in het kader van de 65e herdenking van het einde van de Tweede Wereldoorlog in samenwerking met PostNL heeft uitgegeven. Op de drie postzegels en ansichtkaarten staan afbeeldingen van de Nederlandse erevelden in IndonesiĂŤ. Hierna 46


overhandigde de heer Croll het eerste exemplaar van het boek 'Elk mens telt' aan de heer mr. G.J. de Graaf, burgemeester van de gemeente Apeldoorn. Dit boek is geschreven door Jan Heerze, oud-docent van de Koninklijke Scholengemeenschap in Apeldoorn. In het boek verhaalt de schrijver over de ontstaansgeschiedenis van de oorlogsbegraafplaats in Loenen. Ook neemt hij de lezer mee langs een aantal graven van bekende en minder bekende Nederlanders die op het ereveld begraven liggen.

Minister Donner bekijkt de set postzegels

47


Burgemeester De Graaf toont het nieuwe boek

De openingstoespraak werd verzorgd door zijne excellentie mr. J.P.H. Donner, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Zijn toespraak stond in het teken van herdenken, gedenken en eren. De heer Donner wees erop dat de meeste oorlogsslachtoffers het leven ontnomen werd, al wordt vaak eerbiedig gesproken over zij die hun leven gaven. “De meesten werd het ontnomen zonder dat hen ook maar iets gevraagd werd of zonder dat zij maar enige keuze hadden gemaakt of zelfs konden maken” aldus de heer Donner. Hij wees met name op de Joodse burgers die werden gedeporteerd, de Nederlanders die hier of in Nederlands-Indië naar kampen werden afgevoerd, burgers die omkwamen door oorlogsgeweld, moordzucht of honger, mannen die werden weggehaald om in Duitsland te gaan werken. “Ook wie in het gevecht, in het verzet of in de koopvaardij omkwam, koos niet om het leven te geven, al was er in die gevallen wel de bereidheid het leven in te zetten voor anderen of althans de verontwaardiging om nee te zeggen tegen het onrecht dat men zag en te helpen met risico voor eigen leven” sprak de heer Donner. Op het ereveld Loenen zijn de lichamen van een aantal bijeen gebracht, maar wat ons aan hen en aan de velen die elders of in een naamloos graf liggen herinnert, is meer dan een graf en een naam. Het is aan de samenleving om die herinnering levend te houden door te herdenken, gedenken en eren. Het werk van de Oorlogsgravenstichting is het gedenken van oorlogsslachtoffers. De heer Donner vervolgde: Gedenken is niet gericht op het verleden, maar op heden en toekomst. Gedenken blijft als herinnering en herdenken vervagen”. Door de oorlogsslachtoffers te herdenken, te eren en te gedenken geven wij betekenis aan hun strijd, moed, leed, volharding en verlies. 48


Minister Donner spreekt de aanwezigen toe

Hoofdkrijgsmachtpredikant Van der Meulen

Hierna sprak de heer P.M. van der Meulen, hoofd krijgsmachtpredikant, een overdenking uit die in het teken stond van het nemen van verantwoordelijkheid voor het welzijn van iemand anders. Hij bracht als voorbeeld het bijbelverhaal van Kaïn en Abel in herinnering. “En de HEERE zei tot Kaïn: Waar is Abel, uw broeder? En Kaïn zeide: Ik weet het niet; ben ik mijn broeders hoeder?” Kaïn had Abel zojuist gedood en zei dat hij wel wat beters te doen had dan op zijn broer te passen. Toch waren er tijdens de oorlog velen die anders handelden. Zij kwamen op voor de belangen van anderen en toonden zich zo verantwoordelijk voor hun medemens, zelfs al kostte dat hun zelf het leven. “Deze onbaatzuchtige houding verdient respect” aldus dominee Van der Meulen. 49


De 4-meiherdenking op het ereveld Loenen is geadopteerd door de Koninklijke Scholengemeenschap Apeldoorn (KSG). Eline Boot, Levine Gabriëls, Christian Ran en Niki Tielbaard droegen teksten en gedichten voor.

Leerlingen van de KSG. Van links naar rechts: Levine Gabriëls, Christian Ran, Michel Koldenhof, Niki Tielbaard, Nynke Diks, Jan Geerten Pennink en Eline Boot.

Tot slot werden namens 17 organisaties kransen gelegd bij het beeld De Vallende Man. De leerlingen van de KSG Nynke Diks, Levine Gabriëls, Michel Koldenhof en Jan Geerten Pennink assisteerden hierbij. De laatste krans werd gelegd namens de Oorlogsgravenstichting door de heren mr. R.S. Croll en G. Flieringa, respectievelijk president en algemeen directeur van de Stichting. De Regionale Politiekapel Noord- en Oost-Gelderland, onder leiding van de heer F. de Wever, verzorgde de muzikale omlijsting. Een stille rondgang over het ereveld sloot de herdenkingsbijeenkomst af. 50


De heren Croll en Flieringa leggen een krans

Minister Donner legt een krans

Rondgang langs de graven

Kranslegging namens oorlogsgetroffenen

4-meiherdenking Militair ereveld Grebbeberg

Op het Militair ereveld Grebbeberg herdacht de krijgsmacht alle militairen die sinds mei 1940, waar ook ter wereld voor het Koninkrijk der Nederlanden zijn gevallen, dan wel zijn omgekomen bij de uitvoering van de militaire dienst. Prinses Margriet en prof. mr. Pieter van Vollenhoven woonden de herdenking bij. De overdenking van staflegerpredikant luitenant-kolonel ds. C. Smit was getiteld ‘Gekend te zijn’ en stond in het teken van de identificatie van de laatste onbekende militair begraven op het Militair ereveld Grebbeberg eerder dit jaar. 51


Prinses Margriet en prof.mr. Pieter van Vollenhoven

Staflegerpredikant Smit spreekt een overdenking uit

52

52


“Onder zware beschietingen verliet soldaat Willem Franciscus Brummelhuis in de meidagen van 1940 zijn stelling. Het was het laatste dat men van hem vernam. Totdat zijn naam kon worden verbonden aan de laatste onbekende soldaat op dit ereveld: soldaat Willem Franciscus Brummelhuis. Bij name genoemd. Gekend. Met het noemen van deze naam herdenken en eren wij alle militairen en burgers die als gevolg van oorlogssituaties en tijdens vredesoperaties het leven hebben verloren in actief verzet tegen onrecht en geweld in een strijd voor vrede, vrijheid en recht. We herdenken de slachtoffers die vielen tijdens de uitoefening van hun militaire plicht zoals in ‘t Harde en Eindhoven. We herdenken hen die naam en leven is ontnomen op grond van redeloze haat; die uit de geschiedenis en het leven moesten worden weg gegumd, omdat ze anders waren, tot zondebok gemaakt. We herdenken de kinderen, vrouwen, mannen die ongewild ten prooi zijn gevallen aan nietsontziend oorlogsgeweld”.

Overste Steendam, de projectcoördinator van de herdenking, en drie leerlingen van het Van Lodenstein College in Kesteren: Henriët van Blijderveen, Wijnanda van Leeuwen en Lieneke van Zetten

53


Vervolgens droegen drie leerlingen van het Van Lodenstein College in Kesteren, Henriet van Blijderveen, Wijnanda van Leeuwen en Lieneke van Zetten gedichten voor. Lieneke declameerde het gedicht getiteld De Soldaat: Hij zat daar aan het einde van de straat en voelde nog hoe de aarde beefde Hij dacht aan zijn gevallen kameraad die nog in zijn gedachten leefde De oorlog was al jarenlang voorbij en had zijn vrijheid meegenomen Vergeefse strijd - en nu was hij verlaten en alleen, verloren dromen Plotseling klonk er een kleine stem Hij zag een meisje, ze riep van ver De zon brak door de wolken boven hem Spelende kinderen, zonder ster Hij zag het licht stilaan verdwijnen en toen begreep zijn ziel misschien waarom de zon was blijven schijnen nadat zij de oorlog had gezien

Mevrouw Van Lanschot en de heer Flieringa leggen een krans

54


Namens de Koninklijke Landmacht legde generaal-majoor M. de Kruif een krans bij het Leeuwenmonument. Namens de Oorlogsgravenstichting legden mevrouw drs. M.R. van Lanschot-van Vloten, bestuurslid, en de heer G. Flieringa, algemeen directeur, een krans.

Generaal-majoor De Kruif brengt de eregroet

Rondgang langs de graven onderleiding van de opzichter van het ereveld de heer Willemsen

55


Op 10 mei organiseerde de Stichting Herdenking Militaire Erehof ’s-Gravenhage voor de tweede keer een herdenking in het Militaire erehof op de gemeentelijke begraafplaats aan de Kerkhoflaan in Den Haag. In het erehof liggen begraven of worden herdacht 167 Nederlandse militairen die grotendeels omgekomen zijn in de strijd tegen de Duitse troepen die de residentie aanvielen in de meidagen van 1940. Tientallen nabestaanden, belangstellenden en genodigden woonden de herdenking bij. Leerlingen van het Vrijzinnig Christelijk Lyceum in Den Haag, die het erehof geadopteerd hebben, droegen gedichten voor. Scouts van de Nico Steenbeek Groep uit IJsselstein assisteerden bij de kransleggingen.

Erewacht bij het monument

56


Stille rondgang langs het grafmonument

IndonesiĂŤ 4-meiherdenking

Op 4 mei vond op het ereveld Menteng Pulo de jaarlijkse Dodenherdenking plaats. De plechtigheid werd georganiseerd door de Stichting in samenwerking met de Nederlandse ambassade in Jakarta. De heer Steenmeijer, Directeur IndonesiĂŤ van de Oorlogsgravenstichting in Jakarta, ontving 125 belangstellenden, waaronder ruim 30 leerlingen van de Nederlandse Internationale School (NIS), op het ereveld. Na een rondgang onder klokgelui over het ereveld werden bij het centrale vlaggenmonument vijf kransen gelegd ter nagedachtenis aan de Nederlandse oorlogsslachtoffers die vielen in de Tweede Wereldoorlog, in militaire conflicten daarna en in vredesmissies. De eerste krans werd gelegd door mevrouw drs. Annemieke Ruigrok, tijdelijk zaakgelastigde in Jakarta, namens het 57


Koninkrijk der Nederlanden. Vervolgens werden kransen gelegd namens het ministerie van Defensie door de defensieattaché kapitein ter zee Pieter Heijboer, namens het Veteranenplatform door de assistent-defensieattaché adjudant Armand Rameckers, en namens de Nederlandse Zakengemeenschap en de Nederlandse Club in Jakarta door respectievelijk de heren Jim Schuurmans en Hans Zewald. Tot slot legde de adjunct-directeur van de NIS, de heer Sander Fisser, een krans namens de NIS. De muzikale omlijsting werd verzorgd door een hoornblazer van de Marinierskapel der Koninklijke Marine. Na de kransleggingen kwamen de aanwezigen bijeen in de Simultaankerk. Twee leerlingen van de NIS, Rutger van Laarhoven en Richard Ruijgrok, lazen daar een zelf geschreven gedicht voor. Vervolgens kreeg de adjunct-directeur van de NIS het woord. De heer Fisser zei in zijn toespraak o.a.: “We lijken er heden ten dage soms niet bij stil te staan wat de offers zijn geweest, welk verdriet is geleden, de schier oneindige hoeveelheid tegenslagen die is verwerkt, het onvoorstelbare aantal obstakels dat is genomen. En dat allemaal om juist te kunnen leven in vrijheid, om te mogen zijn, om te mogen verschillen van mening, om te mogen leren, om te mogen helpen, om te mogen falen, om te mogen…”.

Mevrouw Ruigrok houdt een toespraak

58


Vervolgens sprak mevrouw Ruigrok de aanwezigen toe. Ze wees erop dat vrijheid meer is dan eigenbelang en solidariteit, en niet mag stoppen bij de landsgrenzen. “Voor echte vrijheid zal solidariteit, nationaal en internationaal, hoog op de agenda moeten blijven staan. Vrijheid en solidariteit kunnen niet zonder elkaar, ze zijn onlosmakelijk met elkaar verweven. Vrijheid maak je met elkaar”, aldus de tijdelijk zaakgelastigde. Na de toespraken werden het 1e en 6e couplet van het Wilhelmus gezongen. Vervolgens, nadat de aanwezigen de gelegenheid hadden gekregen om de tekeningen en gedichten te zien die in de afgelopen weken door leerlingen van de NIS waren gemaakt, en die aan de wand van de Simultaankerk hingen, legde de echtgenote van de defensieattaché, mw. Anja Heijboer-Van Rijs, in het Columbarium een handboeket bij de urn van de Onbekende Soldaat. Bij de uitgang van het Columbarium kregen alle aanwezigen een bloem uitgereikt die men kon leggen bij een graf. Bij het vallen van de duisternis kwam een eind aan de Dodenherdenking in Jakarta.

Kranslegging

Surabaya

Mevrouw Heijboer legt bloemen bij de urn van de onbekende soldaat

Ook op het ereveld Kembang Kuning werden de Nederlandse oorlogsdoden herdacht op 4 mei. Daar werd de herdenking georganiseerd door de Stichting in samenwerking met het Nederlandse consulaat aldaar. De consul, mevrouw S. Pangkey, legde in aanwezigheid van 23 belangstellenden namens het Koninkrijk der Nederlanden een krans ter nagedachtenis van de slachtoffers bij het Karel Doormanmonument. Vervolgens werd een gedicht voorgedragen door de 13-jarige Mara Pompen. De heer Anton van Apeldoorn hield een korte toespraak. Namens de Oorlogsgravenstichting werden de aanwezigen verwelkomd door de opzichter de heer J.G.B. Leuwol. 59


Mevrouw Pangkey legt een krans

Herdenking einde Tweede Wereldoorlog op het ereveld Menteng Pulo te Jakarta

Op 15 augustus vond op het ereveld Menteng Pulo te Jakarta de jaarlijkse herdenking plaats van het einde van de Tweede Wereldoorlog. De directeur Indonesië van de Oorlogsgravenstichting, de heer Peter Steenmeijer, ontving ongeveer 40 belangstellenden in de Simultaankerk op het ereveld. Na het welkomstwoord en een historisch overzicht door de heer Steenmeijer sprak de Tijdelijk Zaakgelastigde in Indonesië, mevrouw A. Ruigrok, de aanwezigen toe. Vervolgens werden bij het Vlaggenmonument drie kransen gelegd door respectievelijk mevrouw Ruigrok namens het Koninkrijk der Nederlanden, de defensieattaché, kapitein ter zee P. Heijboer, namens het ministerie van defensie, en de heer Onno Koopmans namens de Stichting Herdenking 15 augustus 1945. 60


De kransen bij het centraal monument

De heer Fisser, mevrouw Ruigrok en ktz Heijboer leggen een krans

Kinderen luisteren aandachtig naar de toespraak

Ook bij het Indisch Monument in Den Haag werd stilgestaan bij de capitulatie van Japan op 15 augustus 1945. De minister-president, de heer M. Rutte, en de staatssecretaris van het ministerie van VWS, mevrouw M. Veldhuijzen van Zanten-Hyllner, legden namens de Nederlandse regering een krans bij het Indisch Monument ter nagedachtenis aan de omgekomen slachtoffers. Ook werden namens andere organisaties kransen gelegd. De heer G. Flieringa, algemeen directeur van de Oorlogsgravenstichting, en Nicolaas Orie, leerling van het Vrijzinnig Christelijk Lyceum te Den Haag, legden samen een krans namens de Oorlogsgravenstichting. 61


Buitenland

Van een aantal Nederlandse ambassades en consulaten in den vreemde ontving de Stichting berichten van op 4 mei gehouden herdenkingen en andere herdenkingsplechtigheden. Net als voorgaande jaren is er een duidelijke toename te constateren van jongeren die de herdenkingsbijeenkomsten bijwonen. Een bijzonder positieve ontwikkeling die de betekenis van de herdenkingen onderstreept en de organisatoren stimuleren om hiermee door te gaan. Duitsland

De Nederlandse ambassade in Berlijn organiseerde een herdenking in het voormalige concentratiekamp Sachsenhausen. Het programma begon om 19.30 uur met een bijeenkomst in de "Versammlungsraum" van waaruit de groep van ruim 100 aanwezigen zich in stille tocht naar de "schietkuil" verplaatste. Nadat iedereen had plaatsgenomen blies de trompettist het hoornsignaal "Geeft Acht". Vervolgens heeft Harer Majesteits Ambassadeur Marnix Krop namens de Nederlandse regering een krans gelegd. Aansluitend werd het hoornsignaal "Taptoe" gegeven, gevolgd door 2 minuten stilte. Ter afsluiting van de 2 minuten stilte werd het eerste couplet van het Wilhelmus gespeeld. Vervolgens werden de kransen en bloemen gelegd namens oud-gevangenen KZ Sachsenhausen, de Vereniging Kinderen van Verzetsdeelnemers 1940 - 1945, namens Kamp Amersfoort, namens Kamp Vught en Gemeente Vught, namens de stad Oranienburg en namens de Nederlandse Kerk Berlijn. Op het Nederlands ereveld Frankfurt am Main werd een herdenking georganiseerd. De heer R. Martin, de honorair consul, sprak een overdenking uit. Namens het Koninkrijk der Nederlanden legde hij een krans bij het beeld van de Vallende Man en het drieluik op het ereveld. 40 nabestaanden en belangstellenden woonden de herdenking bij.

Nabestaanden op het ereveld in Frankfurt am Main

62


Consul Wethmar legt een bloemstuk

Tijdens de herdenking op het ereveld in Hamburg waren 35 personen aanwezig. De Honorair Consul R. Wethmar heeft de aanwezigen begroet en las een gedicht voor. Dominee R. Dijkman-Kuhn sprak een overdenking uit. “De 4e mei is bij uitstek de dag, om al die weerloze mensen in herinnering te roepen, die het offer werden van die onvoorstelbare onmenselijkheid, van die wrede vreemde bezetting en van die gruwelijke wereldwijde oorlog. En daarom gaan vandaag onze gedachten uit naar die miljoenen Joden, de Roma en Sinti, de krijgsgevangenenen, de in Duitsland te werk gestelden, de homosexuelen en de gehandicapten van toen. Naar hen, die geen enkele kans hadden tot leven of overleven. Maar vandaag staan wij ook stil bij hen, die de moed hadden, in opstand te komen tegen het onrecht. Die zich inzetten voor hen, die weerloos waren. De soldaten op het slagveld, de mensen van verzet, degenen, die onderduikers gastvrij opnamen. De kunstenaars, dichters, predikanten en politici, al de moedige woordvoerders tegen de dood en voor het leven. Bij hen staan wij stil, die met inzet van hun eigen leven het leven van anderen dienden. Die stierven voor anderen. Bij hen ook, die vandaag hun leven inzetten voor anderen. In Afghanistan, in de arabische wereld, wereldwijd“. 63


Nabestaanden op het ereveld in Hamburg

Mevrouw Dijkman spreekt een overdenking uit

De kransen

Ook op de Nederlandse erevelden in Bremen, D端sseldorf, Hannover, L端beck en Osnabr端ck werden kransen gelegd ter nagedachtenis van de oorlogsslachtoffers. Frankrijk

In aanwezigheid van ongeveer honderd belangstellenden en onder prachtige weersomstandigheden vond op 4 mei om twee uur de herdenking plaats op het Nederlandse ereveld Orry-la-Ville. Gastheer was de Nederlandse ambassadeur in Parijs, de heer mr. H.H. Siblesz. Vier Nederlandse leerlingen van de Internationale School in Parijs assisteerden bij de kranslegging. 64


India

Op het Britse ereveld in New Delhi waar ook Nederlandse oorlogsslachtoffers begraven liggen of herdacht worden, werd een dodenherdenking georganiseerd. In aanwezigheid van ruim 50 leden van de Nederlandse gemeenschap in India legde de Nederlandse ambassadeur mr. B.H. Hiensch een krans ter nagedachtenis van de slachtoffers.

Leden van de Nederlandse gemeenschap op het New Delhi war cemetery

Ambassadeur Hiensch legt een krans

65


Rusland

De Nederlandse gemeenschap hield in Moskou op de Vvedenskoje begraafplaats de jaarlijkse dodenherdenking. Bij de gedenksteen van de oorlogsheld Gerrit van der Waals, die in 1948 overleed in een KGB-gevangenis, stonden ongeveer 36 Nederlanders stil bij de dood van hun landgenoten in oorlogssituaties en vredesmissies sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Bij het monument werd de Taptoe gespeeld, gevolgd door twee minuten stilte. Vervolgens werd het Wilhelmus gezongen. De Nederlandse ambassadeur Ron Keller legde een krans bij de gedenksteen. In zijn toespraak zei hij: ,,In Van der Waals herdenken we de helden en heldinnen die vochten voor vrijheid en gerechtigheid''.

Het gedenkteken voor luitenant Van der Waals

66


PELGRIMSREIZEN Sinds 1969 organiseert de Stichting jaarlijks pelgrimsreizen voor nabestaanden van Nederlandse oorlogsslachtoffers naar erevelden in het Verre Oosten met het doel hen in de gelegenheid te stellen de graven van hun dierbaren te bezoeken. Naast het bezoek aan het ereveld wordt tijd uitgetrokken voor het bezichtigen van diverse culturele bezienswaardigheden. De nadruk ligt echter op het verwerkingsaspect van de reis. Een bijzondere factor van deze reizen is namelijk het gemeenschappelijke doel. Het is de ervaring van de Oorlogsgravenstichting dat nabestaanden door het deelnemen aan een groepsreis die bestaat uit lotgenoten zich sneller op hun gemak voelen en beter hun gevoelens onder woorden kunnen brengen en uiten. Op die manier krijgt het gemis van een familielid een eigen plaats in hun leven.

De deelnemers aan de Jakarta-Bandungreis

67


Kranslegging namens de groep

In 2011 werden drie reizen georganiseerd. Twee pelgrimsreizen naar Indonesië met als bestemming respectievelijk Jakarta, Bandung en Semarang en één naar Myanmar. Op de bezochte erevelden werd een herdenkingsplechtigheid gehouden met een kranslegging namens de pelgrimsgroepen bij het centrale monument. Aan de reizen naar Indonesië en Myanmar namen in totaal 50 reizigers deel. De pelgrimsreizen werden mede mogelijk gemaakt door het Nationaal Fonds voor Vrijheid en Veteranenzorg die meedeelt in de opbrengsten uit de BankGiroLoterij. Deelname aan deze loterij wordt daarom van harte aanbevolen. De eerste pelgrimsreis naar de erevelden in Semarang vond plaats van 8 tot 17 mei. De groep bestond uit 15 deelnemers. Op 10 mei vond het officiële bezoek plaats aan de erevelden Kalibanteng en Candi. Na een welkomstwoord door de heer Steenmeijer en een woord van bezinning door aalmoezenier J.W. Schutte, legden mevrouw C. Hendriks en de heer F.H.D. Roukens namens de pelgrimsgroep een krans aan de voet van het Vrouwenmonument op het ereveld Kalibanteng. De kranslegging werd gevolgd door een minuut stilte en individuele bloemleggingen. Op het ereveld Candi vond een soortgelijke ceremonie plaats rond het centrale monument; daar werd de krans gelegd door mevrouw I.H.B.M. van Gerven en de heer H.R.P. Aangenend. 68


De tweede pelgrimsgroep van dit jaar was de gecombineerde groep met bestemming Jakarta en Bandung die in de periode van 10 t/m 19 juli. Met deze reis gingen 22 deelnemers mee. Op 11 juli bracht de Jakartagroep een officieel bezoek aan de erevelden Menteng Pulo en Ancol. De krans op ereveld Menteng Pulo werd door de heren A.G. van Haver en H.A. Leidelmeijer gelegd en op ereveld Ancol door de dames E.J. Loriaux-Runtuwene en W.J.C. Rossi-Loriaux. De Bandunggroep bracht op 12 juli een officieel bezoek aan de erevelden Pandu en Leuwigajah. De krans op het ereveld Pandu werd gelegd door de heer H.M. Verhoeve en mevrouw K.H. Verhoeve en op het ereveld Leuwigajah door de heren W. Sanderse en J.P. Sanderse. Aalmoezenier Theo Raaijmakers hield bij de vier erevelden een korte dienst.

De deelnemers aan de Semarangreis

69


Kranslegging namens de groep

Myanmar

Ook werd een pelgrimsreis naar Myanmar (Birma) georganiseerd van 21 tot 30 november met een bezoek aan het Ereveld Thanbyuzayat. Aan deze reis namen 13 nabestaanden deel. Voorafgaand aan het individueel grafbezoek werd bij het centrale monument, het Cross of Sacrifice, een korte herdenkingsplechtigheid gehouden waar dominee A. Altena een overdenking uitsprak. Namens de deelnemers legden mevrouw J.M.M. Nieuwenhuys en de heer F.A.Ch. Kosian een krans bij het monument.

70


UIT DE INGEKOMEN POST "De OGS-Pelgrimsreis die mijn vrouw en ik vorige maand hebben mogen meemaken was een geweldige ervaring. Allereerst natuurlijk omdat ik daardoor in de gelegenheid was gesteld om het graf van mijn vader te bezoeken op Ancol. Heel bijzonder, een gevoel van "mission accomplished" blijft mij bij. De eerste keer dat ik mijn vader's dood heb kunnen herdenken. Al heb ik geen herinneringen aan hem - ik was 3 jaar toen hij werd opgepakt toch vind ik het heel waardevol dat ik daar op Ancol, bij het verzamelbord met zijn naam, heb kunnen stilstaan, bloemen gelegd en gestrooid."

Verzamelbord Bandjermasin op het ereveld Ancol

71


"Hartelijk dank voor het toesturen van de foto's. Ik heb ze al aan mijn moeder laten zien, zij is er erg blij mee. Wij hebben de herbegrafenis als een zeer bijzondere dag ervaren. Door het prachtige ceremonieel en de bijzonder aardige ontvangst en zorgvuldigheid waarop de ceremonie zich voltrok, denken we ondanks de droevige aanleiding, met veel plezier aan deze dag terug. Ook hartelijk dank voor de toezegging dat uw stichting goed voor het graf zal zorgen, dat stellen wij zeer op prijs." "In augustus 2011 was ik met vakantie in Frankrijk. Eindelijk had ik de gelegenheid het ereveld in Orry-la-Ville te bezoeken, waar de naam van mijn grootvader op een van de gedenkplaquettes staat. Ik was erg onder de indruk - helemaal alleen op het ereveld, en voor het eerst zo dicht bij mijn opa. Het veld was keurig onderhouden, er heerste een serene rust. Ik wil mijn waardering uitspreken voor het goede werk dat uw Stichting al jaren doet en u danken voor het feit dat op deze manier de herinnering aan onze grootvader bewaard blijft." "Heel veel dank voor de buitengewoon snelle reactie op mijn verzoek. Fantastisch! Ik moet u zeggen dat het zien van de interneringskaart van mijn vader, vooral de Japanse lettertekens, onverwachte emotie bij mij teweeg bracht. Ik wist niet van het bestaan van die kaarten af, dus ook niet dat ze online gezet zijn." "Tot grote tevredenheid is mijn opa door de OGS herbegraven op de Grebbeberg. Mijn vader heeft tot aan zijn overlijden de contacten met de OGS onderhouden. Ik zal het begunstigerschap van mijn vader overnemen." "Ik kwam afgelopen zondag in het infocentrum van het ereveld te Rhenen tot een aantal verrassende ontdekkingen toen ik uw computer raadpleegde. Een broer van mijn moeder, dus een oom van mij, is in de 2e wereldoorlog om het leven gekomen als varensgezel. Mijn oom is met name vermeld op het monument dat is geplaatst in Frankfurt am Main. Dit is dus allemaal nieuwe informatie voor ons, waar wij nu al zeer blij mee zijn en waarvoor wij onze grote dank aan u uitspreken." "Het is wel wat aan de late kant, maar ik wil toch nog mijn dank uitspreken voor de snelle uitvoering van de correctie van het grafteken. En dat er voor een nieuwe foto nogmaals bloemen zijn gelegd, waardeer ik nog meer."

72


"Nu mijn ouders ouder worden vind ik het juist zo belangrijk dat ook de volgende generatie de kans heeft om de stichting te steunen en het goede werk voort te helpen zetten. Mijn vraag is dus simpel, hoe kan ik de stichting steunen zoals mijn ouders dat ook al jaren doen?!" “Op uitnodiging van "Initiative Eckerwald" zijn wij (4 kinderen van Franz Fontaine) op 8 mei jl. aanwezig geweest bij een herdenking van de slachtoffers uit o.a. het kamp Dautmergen, een buitenkamp van Natzweiler. In dit kamp is onze vader, Franz Fontaine, op 14 november 1944 gestorven. In 2008 is op het KZ Friedhof Schömberg een monument geplaatst waarop de namen van zes Nederlanders vermeld staan.”

73


DIENSTVERLENING Bloemlegging en graffoto's

Sinds jaar en dag verzorgt de Oorlogsgravenstichting bloem- en kransleggingen op de erevelden in IndonesiĂŤ en Thailand. Op onze website www.ogs.nl vindt u onder de link Dienstverlening uitgebreide informatie over de diensten die wij verzorgen. In het verslagjaar hebben wij op de erevelden in Thailand 150 bloemstukjes geplaatst. In IndonesiĂŤ voerden wij in totaal 1357 bloemleggingen uit en werden er 48 kransleggingen verzorgd. Op verzoek van nabestaanden maakten wij 1272 graffoto's.

74


PUBLICITEIT en INFORMATIE Website Oorlogsgravenstichting (www.ogs.nl)

In het verslagjaar heeft de Stichting technische problemen gehad met het beheer van de website. Deze zijn inmiddels gelukkig opgelost. Toch blijkt dit invloed te hebben gehad op het bezoekersaantal. In het verslagjaar telde de website 404.403 bezoekers (een bezoeker is een bezoekend z.g. IP-adres aan de OGS website van openen tot sluiten) tegen 545.210 in 2010. Het jaartotaal van de geregistreerde hits is teruggelopen van 7.969.811 in 2010 tot 5.771.155 in 2011. DVD

In opdracht van de Oorlogsgravenstichting heeft Pia Media B.V. een film gemaakt over het werk van de Stichting in Europa. Deze film is deel 3 in de serie ‘Want elk graf heeft z’n verhaal’. In dit deel worden nabestaanden geïnterviewd van oorlogsslachtoffers die begraven liggen op erevelden in Duitsland, Frankrijk, Oostenrijk en Italië, maar ook van slachtoffers die zijn omgebracht in Duitse concentratiekampen. De film is verkrijgbaar op DVD en te bestellen bij de Oorlogsgravenstichting in Den Haag. De kosten bedragen € 12,95 incl. verzendkosten in Nederland. Deze film werd mede mogelijk gemaakt door bijdrage van Pia Media B.V. en het Nationaal Fonds voor Vrijheid en Veteranenzorg. Ook de films over het werk van de Stichting in Indonesië (deel 1) en over het werk in Nederland (deel 2) zijn op DVD verkrijgbaar. Deze kosten € 6,50 per stuk. Genoemde bedragen kunt u overmaken op bankrekening 24.62.44.097 ten name van de Oorlogsgravenstichting in Den Haag, onder vermelding van 'DVD Indonesië’, ‘DVD Nederland' of ‘DVD Europa’ en uw naam en adres. U ontvangt de bestelde DVD dan binnen 1 week na ontvangst van de betaling. Voorlichtingsstand ‘De Oorlogsgravenstichting’

Organiseert u een reünie of bijeenkomst en beschikt u over voldoende ruimte (ca. 4 bij 2 meter) dan komen wij graag informatie geven over het werk en doelstelling van de Stichting. Nadere inlichtingen zijn verkrijgbaar bij de afdeling Voorlichting. Lezingen

De mogelijkheid bestaat om voor het middelbaar onderwijs, verenigingen, gezelschappen e.d. een PowerPoint presentatie te houden over het werk van de Oorlogsgravenstichting. Nadere informatie is verkrijgbaar bij de afdeling Voorlichting. 75


TER INFORMATIE Herbegravingen in Nederland

Om te voorkomen dat stoffelijke resten van oorlogsslachtoffers verloren gaan, streeft de Oorlogsgravenstichting ernaar de in Nederland verspreid liggende particuliere oorlogsgraven bij ruiming, onvoldoende onderhoud of anderszins over te brengen naar het Militair ereveld Grebbeberg te Rhenen of het ereveld Loenen. Hieraan zijn voor nabestaanden geen kosten verbonden. Ook de nieuwe grafinrichting komt voor rekening van de Stichting. Voorts zijn voor graven op de erevelden geen onderhoudskosten of grafrechten verschuldigd. Militairen, gesneuveld in de meidagen van 1940, worden overgebracht naar het Militair ereveld Grebbeberg, de overige militairen en de burgerslachtoffers naar het ereveld Loenen. Wanneer men de overbrenging van een oorlogsgraf wenselijk acht, kan men zich wenden tot de afdeling Beheer & Onderhoud van de Oorlogsgravenstichting.

Herbegrafenis met militaire eer van de resten van sergeant Hoogewasning op het ereveld Loenen.

Adreswijzigingen

Adreswijzigingen zijn bij voorkeur op te geven door middel van de bekende verhuiskaart, per e-mail of eventueel telefonisch. Omdat acceptgiro’s per computer worden verwerkt, kunnen eventuele wijzigingen niet via deze formulieren worden doorgegeven. Wij vragen hiervoor uw begrip. 76


FINANCIËLE STEUN De Oorlogsgravenstichting ontvangt voor de uitvoering van haar werkzaamheden een doelfinanciering van het Ministerie Van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). Deze subsidie maakt ongeveer 93% uit van onze jaarlijkse inkomsten. Met het ministerie is een regeling afgesproken waarin vermeld staat waaraan wij de ontvangen subsidiegelden mogen uitgeven. De geldende regeling is gepubliceerd in de Staatcourant van 25 februari 2010 en staat bekend onder de naam “Regeling Subsidiëring Oorlogsgravenstichting 2011”. Daarnaast ontvangt de Stichting van een groep trouwe begunstigers periodiek bijdragen en giften die ongeveer 7 % van onze inkomsten uitmaken. Ook ontvangen wij soms legaten en bijzondere schenkingen. Eens per jaar bieden wij aan het ministerie van BZK een financieel jaarverslag inclusief een accountantsverklaring aan. De accountant controleert, conform de eis van het ministerie, de Stichting. Het jaarverslag is de verantwoording van het bestuur van de Stichting voor haar uitgaven en haar gevoerde beleid naar het ministerie. Met dit jaarverslag en de accountantsverklaring wordt door de Stichting voldaan aan de openheid die tegenwoordig van een Stichting zoals die van ons mag worden verwacht. Bovendien publiceren wij jaarlijks een jaarbericht dat onder andere wordt toegezonden aan begunstigers van de Stichting. In de vorm van giften, bijdragen van nabestaanden en legaten ontvingen wij een bedrag van € 204.396 De specificatie van dit bedrag is:

Collectebussen Loenen en Grebbeberg 7 Legaten Periodieke en andere bijdragen 6 Bijdragen voor het Leven Totaal opbrengst 2010

€ 4.610 € 49.524 € 147.062 € 3.200 € 204.396

Verantwoording van contant ontvangen giften:

Dhr. E.W. te M. Fr. € 15; Mw. H. W.-N. te B. B. € 20; Mw. H.-E. te R. € 20; Per kas ontvangen in verband met verkoop boekje Mijn Oorlogskroniek € 45. Soms ontvangt de Oorlogsgravenstichting legaten en aparte giften waaraan door de schenker voorwaarden verbonden zijn bij de besteding daarvan. In het verslagjaar ontvingen wij in totaal € 16.010. Deze schenkingen worden door de 77


Stichting gebruikt voor speciale projecten. In 2010 kon bijvoorbeeld met het bedrag van € 5.111,53, ontvangen van de opgeheven Officiersvereniging Frank van Bijnenkazerne, de liggende grafstenen van de oorlogsslachtoffers J.A. van Bijnen (verzetsnaam Frank) en S. Esmeijer (verzetsnaam Paul) op de nieuwe gemeentelijke begraafplaats in Driebergen vervangen worden. De Stichting is de goede gevers bijzonder dankbaar!

Het gemeenschappelijke graf van Paul en Frank

Schenken met belastingvoordeel

Een fiscaal aantrekkelijke manier van schenken is periodiek schenken met een notariële akte. Met een periodieke schenking is uw bijdrage jaarlijks geheel aftrekbaar van uw belastbaar inkomen. Sinds januari 2008 kan dit alleen nog als de instelling waar u een schenking aan doet een Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI) is. De periodieke schenking heeft een minimale duur van 5 jaar. De Oorlogsgravenstichting is door de Belastingdienst aangemerkt als ANBI. Hierdoor zijn wij vrijgesteld van schenkings- en successierecht voor erfenissen en schenkingen die wij ontvangen in het kader van het algemeen belang. Met een periodieke schenking kunt u uw gift verhogen zonder dat het u extra geld kost! Rekenvoorbeeld

Stel, u geeft jaarlijks € 100 aan de Oorlogsgravenstichting en u zit in het 42% belastingtarief. U besluit er een periodieke schenking van te maken. U verhoogt 78


uw jaarlijkse schenking van € 100 naar € 172. Via uw aangifte stort De Belastingdienst 42% terug op uw rekening: € 72. De schenking 'kost' u dus geen € 172, maar € 100. Resultaat: u geeft jaarlijks nog steeds € 100, maar de Oorlogsgravenstichting beschikt over een bedrag van € 172! Bij een periodieke schenking vanaf € 150 per jaar neemt de Oorlogsgravenstichting de notariskosten voor het opmaken en passeren van de akte voor haar rekening. Als u interesse heeft in deze wijze van schenken, neemt u dan contact op met mevrouw J. Slappendel, tel. 070-3131090 of e-mail jslappendel@ogs.nl, zij stuurt u dan het aanvraag/volmachtformulier toe. Betalingen vanuit het buitenland

Regelmatig ontvangt de Stichting cheques, al dan niet in buitenlandse valuta, ten behoeve van de betaling van bloem-/kransleggingen of als begunstigerbijdrage. In voorkomende gevallen verzoeken wij u geen cheques te gebruiken omdat de incassokosten die ons hiervoor in rekening worden gebracht hoog zijn. Voor internationale overboekingen zijn de volgende bankgegevens van de Oorlogsgravenstichting van belang: ABN AMRO, rek. 24.62.44.097 IBAN-nummer: NL53ABNANL2A0246244097 BIC-code: ABNANL2A Automatische incasso

In verband met de kosten die verbonden zijn aan het gebruik van een acceptgirokaart geven wij u in overweging de jaarlijkse bijdrage aan de Stichting (of een periodieke betaling voor een bloemlegging) voortaan middels een automatische incasso te voldoen. Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met mevrouw J. Slappendel-IJmkers. Begunstigers

Met het verstrijken der jaren neemt het aantal begunstigers dat door overlijden de Stichting ontvalt, helaas toe. Gelukkig wordt het donateurschap dan in veel gevallen door de kinderen of kleinkinderen voortgezet. Ook anderszins stellen wij de werving van begunstigers op hoge prijs. Wij doen hierbij een dringend beroep op alle lezers ons daarbij te helpen. Via onze website kunnen nabestaanden en belangstellenden zich als begunstiger aanmelden of door middel van een aanmeldingskaart die wij u graag op verzoek toezenden (tel. 070-3131090). Begunstigers krijgen jaarlijks het Jaarbericht toegestuurd, tevens worden zij actief op de hoogte gehouden van andere activiteiten die de Stichting ontplooit, waaronder de organisatie van pelgrimsreizen en herdenkingen. 79


ORGANISATIE Beschermvrouwe:

Hare Majesteit de Koningin Samenstelling Raad van Bestuur per 31 december 2011:

President: Vice-president: Algemeen secretaris:

Mr. R.S. Croll, president van de rechtbank Zwolle-Lelystad J.A. van Diepenbrugge, luitenant-generaal der Koninklijke Landmacht b.d. C.N.J. Neisingh, generaal-majoor der Koninklijke Marechaussee b.d.

Leden die een ministerie vertegenwoordigen:

Mevrouw drs. M.T.G. van Daalen, directeur consulaire zaken, ministerie van Buitenlandse Zaken; mevrouw mr.drs. S. Voortman, directeur bestuurlijke en juridische zaken, ministerie van Financien; mr. B.J.M. baron van Voorst tot Voorst, namens de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Overige leden:

Jhr. W.L. den Beer Portugael, Partner Tyche Groep FinanciĂŤle Dienstverlening B.V.; C.G.A. Cornielje, commissaris der Koningin in de provincie Gelderland; mr. G.J. de Graaf, burgemeester van Apeldoorn; C.G.J. Hilderink, generaal-majoor der Koninklijke Luchtmacht b.d.; mr. E.F. Jacobs, oud-ambassadeur; prof. dr. E.J.J.M. Kimman s.j., hoogleraar Ethiek en Economie UvA; mevrouw drs. M.R. van Lanschot-van Vloten; mevrouw mr. S.M.L.M. Spoor, advocaat-generaal Ressortsparket Amsterdam; mr. W.H. Zoomers, generaal-majoor der Koninklijke Landmacht b.d. Dagelijks Bestuur per 31 december 2011:

Jhr. W.L. den Beer Portugael; mr. R.S. Croll; J.A. van Diepenbrugge; C.G.J. Hilderink; prof.dr. E.J.J.M. Kimman s.j.; mevrouw drs. M.R. van Lanschot-van Vloten; C.N.J. Neisingh.

80


Staf hoofdkantoor per 31 december 2011

Algemeen directeur: G. Flieringa Manager beheer & onderhoud tvs plv. AD: Drs. W.R. Broer Manager dienstverlening en ondersteuning: Mevrouw K.A. Fernhout, BHRM Hoofd financiën en automatisering: M.H. van der Draai Hoofd archief, necrologie pr&voorlichting: J.J. Teeuwisse Medewerkers:

L. Bouwhuis; N.W.S.M. van Dijk; J.G. Groenestein; A. Harrewijn; mevrouw E. Honkoop; R.R. Jankisingh; D. Lagemaat; mevrouw R.G. Lalmohamed-Garib; mevrouw B.S. Lelieveld-van der Zee; mevrouw H. Nanda-Gayadin; P. Raatgever; F.A. Schuling; mevrouw J. Slappendel-IJmkers; B. Verhaaf. Opzichters erevelden Nederland:

Ereveld Loenen, Apeldoorn: H.J.M. Mulder Militair ereveld Grebbeberg, Rhenen: C. Willemsen Medewerkers:

H. Bouhof; C.H. Kelderman; mevrouw J.W. Mulder-Bresser; G.J. Reusken; mevrouw C. Willemsen-Kooij. Staf kantoor Jakarta per 31 december 2011

Directeur Indonesië: P. Steenmeijer Medewerkers:

R. da Costa; mevrouw C.S. Buss-Darmaun; mevrouw J. Darmanto; mevrouw A. Pohan; mevrouw R. Sygiyanti; mevrouw A. Winarni. Opzichters erevelden Indonesië per 31 december 2011

Ancol, Jakarta: D. Purwadi Candi, Semarang: Eko Boedi Listyanto Kalibanteng, Semarang: Y. Sunari Kembang Kuning, Surabaya: J.B. Leuwol Leuwigajah, Cimahi: F. Tuhumury Menteng Pulo, Jakarta: E. Bharka Pandu, Bandung: Purwadi Onder leiding van deze opzichters zijn nog ruim 120 Indonesische mensen werkzaam op de zeven Nederlandse erevelden op Java.

81


Bestuursmutaties

Afgetreden leden:

J.J.P. Boosman, oud hoofdkrijgsmachtrabbijn; mevrouw drs. M.W. Gout, commandant van het Commando DienstenCentra, ministerie van Defensie; G.L.J. Huijser, generaal der Infanterie b.d.; Monseigneur F. Kuttschr端tter, vicaris-generaal van het Militair Ordinariaat

Aangetreden leden: Mr. E.F. Jacobs, oud-ambassadeur; Mevrouw mr. S.M.L.M. Spoor, advocaat-generaal Ressortsparket Amsterdam; Personeelsmutaties

In het verslagjaar hebben de dames T. Eversteijn en M.D. Hekelaar de Stichting verlaten.

82


Om de Jeugdwebsite 'Het leven verloren' onder de aandacht van de doelgroep te kunnen brengen, heeft de Stichting een presentatiewand laten maken. Hiertoe werd de Stichting in de gelegenheid gesteld door subsidies die zij ontvangen heeft van het Nationaal ComitĂŠ 4 en 5 mei in Amsterdam en het Nationaal Fonds voor Vrijheid en Veteranenzorg (vfonds). Op verzoek kan deze wand tijdelijk geplaatst worden op een school, in een bibliotheek, of een verenigingsgebouw. Nadere inlichtingen zijn verkrijgbaar bij de afdeling Voorlichting.

83


HET BESTE PLEIDOOI VOOR VREDE IS EEN OORLOGSGRAF

OORLOGSGRAVENSTICHTING

Profile for Oorlogsgravenstichting

Oorlogsgravenstichting Jaarbericht 2011  

Overzicht van werkzaamheden van de Oorlogsgravenstichting in 2011. Onderhouden van oorlogsgraven en erevelden.

Oorlogsgravenstichting Jaarbericht 2011  

Overzicht van werkzaamheden van de Oorlogsgravenstichting in 2011. Onderhouden van oorlogsgraven en erevelden.

Advertisement