__MAIN_TEXT__

Page 1

De Oorlogsgravenstichting in 2013


Foto’s omslag: (voorzijde) (achterzijde)

2

Pelgrimsreizigers tijdens de onthulling van het oorlogsmonument Birma/Thailand op Kanchanaburi War Cemetery Tekeningen OGS workshop Erfgoedweek


De Oorlogsgravenstichting in 2013 Vervulling van een ereplicht, toen, nu en in de toekomst

Een terugblik in woord en beeld.

3


Hoofdkantoor

Zeestraat 85 2518 AA DEN HAAG Postbus 85981 2508 CR DEN HAAG Telefoon: 070-3131080 - Fax: 070-3621546 Websites: www.ogs.nl www.eenlevenverloren.nl www.hetverhaalbewaard.nl E-mail: info@ogs.nl ING IBAN: NL98INGB0000401000 BIC: INGBNL2A ABN AMRO IBAN: NL53ABNA0246244097 BIC: ABNANL2A Kamer van Koophandel Haaglanden 41149180

Kantoor Indonesië

Jalan Panglima Polim Raya 23 Jakarta Telefoon: 00-6221-7207983

Teksten en samenstelling Redactie Foto’s Lay-out en druk 4

: J.J. Teeuwisse : G. Flieringa : Oorlogsgravenstichting en Rob Gieling Fotografie : Drukkerij Van Meurs - Ridderkerk B.V.


Foto Rineke Dijkstra/RVD

“Vrede op aarde begint heel dichtbij. Thuis, in de buurt, op de club, in eigen dorp of stad. Ieder kan, op zijn of haar manier aan die vrede bijdragen door verbindingen te zoeken. Dat vraagt soms een beetje moed en zelfoverwinning. Soms moet weerstand worden overwonnen�. Zijne Majesteit de Koning, Kersttoespraak 2013 5


INLEIDING Op 13 september 1946 werd op initiatief van Dr. A. van Anrooy de Oorlogsgravenstichting opgericht. Namens de Nederlandse overheid onderhoudt de Stichting wereldwijd ongeveer 50.000 graven van Nederlandse oorlogsslachtoffers. Deze graven liggen in meer dan 50 landen, verspreid over vijf continenten. Tevens verzorgt de Stichting ruim 10.000 in Nederland verspreid gelegen graven van militairen van de geallieerde strijdkrachten. Daarnaast houdt de Stichting de nagedachtenis in ere van landgenoten van wie de laatste rustplaats niet (meer) aanwijsbaar is. Hun naam wordt vermeld in een gedenkboek, op een gedenkplaat of een monument. In de database van de Oorlogsgravenstichting, het Slachtofferregister, zijn de personalia van meer dan 180.000 Nederlandse oorlogsslachtoffers opgenomen. Het register geeft een uitgebreid overzicht van Nederlandse oorlogsgraven over de hele wereld. De gegevens in het bestand worden doorlopend geverifieerd en aangevuld. Het vormt een belangrijke vraagbaak voor nabestaanden, belangstellenden, onderzoekers en andere geïnteresseerden. De werkzaamheden worden in Nederland uitgevoerd door 26 medewerkers en gecoördineerd door het hoofdkantoor in Den Haag. Bij de controle van de in Nederland gelegen oorlogsgraven ontvangt de Stichting assistentie van ruim 430 honoraire medewerkers, zogenaamde ‘consuls’. Het kantoor in Jakarta coördineert de werkzaamheden van bijna 130 Indonesische medewerkers van de Stichting in Indonesië. De Nederlandse oorlogsgraven die over de rest van de wereld verspreid liggen, worden regelmatig gecontroleerd en onderhouden met de hulp van de Nederlandse diplomatieke vertegenwoordiging ter plaatse. De aansturing loopt via het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag. Ook werkt de Oorlogsgravenstichting intensief samen met buitenlandse zusterorganisaties. De exploitatiekosten van de Oorlogsgravenstichting worden grotendeels door de overheid gedragen door middel van een doelfinanciering.

6


WOORD VOORAF Geachte dames en heren, Op 4 mei en 15 augustus herdenken wij de Nederlandse oorlogsslachtoffers die sinds 9 mei 1940 voor vrede en vrijheid gevallen zijn. De Oorlogsgravenstichting (OGS) levert hieraan een belangrijke bijdrage door het gedenken van de slachtofDe heer G. Flieringa fers. Naast onze reguliere werkzaamheden waarover u veel in dit jaarbericht kunt lezen, heeft de OGS veel tijd en energie gestoken in een aantal andere belangrijke zaken. Ten eerste hebben we veel discussie gevoerd met onze minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de hoogte van de subsidie voor onze stichting. Door de stijging van onze uitgaven was de jaarlijkse subsidie niet meer toereikend voor alle kosten die voortvloeien uit het beheer en onderhoud van het Nederlandse oorlogsgraf wereldwijd en de ruim 10.000 geallieerde oorlogsgraven in Nederland waarvoor de OGS ook verantwoordelijk is. Wij zijn de minister zeer erkentelijk dat hij heeft besloten om onze kerntaak, dat wil zeggen alles wat benodigd is voor het aanleggen, inrichten, onderhouden en in standhouden van het Nederlandse oorlogsgraf waar ook ter wereld, geheel te dekken met een subsidie vanuit het ministerie. Hiermee zijn we er echter nog niet, want ook onze andere activiteiten zijn naar onze mening van essentieel belang voor de OGS. Met al die bezigheden wordt naar ons gevoel de betekenis van ons werk aangetoond. Deze activiteiten moeten op een andere wijze gefinancierd worden. Wij zijn dan ook met een gespecialiseerd fondsenwervingsbureau bezig om ons op dat gebied te bekwamen. Hiervoor heeft het ministerie ons een eenmalige subsidie verstrekt. Ten tweede zijn wij, zoals zo velen binnen ons werkterrein, ons aan het verdiepen hoe we het draagvlak voor de OGS binnen onze samenleving kunnen stimuleren nu de generatie die de Tweede Wereldoorlog bewust heeft meegemaakt, snel wegvalt. En hoe wij de relevantie van de OGS duidelijk kunnen maken aan de naoorlogse generaties. Generaties waarvoor vrede en veiligheid – gelukkig - de normaalste zaak van de wereld zijn, maar die zich onvoldoende bewust zijn dat hiervoor in het verleden hoge offers zijn gebracht. Wij zijn ervan overtuigd dat 7


wij dit niet alleen kunnen en dat wij u allen, onze huidige achterban, hierbij hard nodig hebben. Wij staan open voor ideeën en ondersteuning om richting te geven aan activiteiten om jongeren aan ons werk te binden. Uw ideeën kunt u via onze website aan ons kenbaar maken. Het afgelopen jaar hebben begunstigers, consuls, medewerkers en vrijwilligers ervoor gezorgd dat jongeren geïnformeerd werden over het werk van de Stichting. Tevens hebben jongeren hun maatschappelijke betrokkenheid getoond door het verzorgen van oorlogsgraven op begraafplaatsen en erevelden. Wij juichen deze initiatieven van harte toe. Oorlogsgraven maken deel uit van ons cultureel en historisch erfgoed. De OGS zorgt ervoor dat die voor altijd bewaard blijven. Het ereveld Loenen op de Veluwe heeft een capaciteit van circa 4000 oorlogsgraven. Dat aantal is nu bijna bereikt. Vandaar dat we plannen hebben gemaakt om ons ereveld uit te breiden met het gedeelde van het bos dat we aangrenzend aan ons ereveld reeds vele jaren geleden hebben aangekocht. Verspreid in Nederland liggen nog vele oorlogsslachtoffers die op ons ereveld herbegraven kunnen worden. De financiën voor de uitbreiding zijn voorhanden en we hopen de werkzaamheden hiervoor in 2014 te kunnen opstarten. Het afgelopen jaar heeft de heer mr. R.S. Croll na twaalf jaar afscheid genomen van de OGS. Zijn laatste bestuursfunctie de afgelopen vijf jaar was president van onze stichting. Graag wil ik hem nogmaals bedanken voor zijn gedreven inzet, betrokkenheid en vele tijd die hij belangeloos aan onze stichting heeft besteed. Het presidentschap is in september overgenomen door de heer mr. J.P.H. Donner, vice-president van de Raad van State. De OGS is vereerd dat hij bereid is gevonden deze functie op zich te nemen. Sinds 30 april 2013 is Koning Willem-Alexander beschermheer van de Oorlogsgravenstichting. Hier zijn wij bijzonder trots op en wij waarderen de hechte band met het Koningshuis zeer. Wij denken met warme gevoelens terug aan de jaren dat Koningin Beatrix beschermvrouwe van onze Stichting was. Haar oprechte belangstelling voor ons werk was ons altijd tot steun. Ik wens u veel leesplezier toe en hoop op vele inspirerende reacties op mijn oproep om mee te denken over de toekomst van de OGS. Oorlogsgravenstichting

G. Flieringa Directeur-bestuurder 8


ACTIVITEITEN Binnenland

Herbegrafenissen Militair ereveld Grebbeberg Totaal aantal slachtoffers op dit ereveld Herbegrafenissen ereveld Loenen Totaal aantal slachtoffers op dit ereveld

:2 : 850 : 33 : 3882

Op het Militair ereveld Grebbeberg zijn 33 grafstenen vervangen. Verspreid over het ereveld zijn nog eens 11 stenen vervangen. De nieuwe stenen zijn vervaardigd uit botticino steen die geleverd wordt door de steenhouwerij Ghirardi in ItaliĂŤ. Onderhoudsbezoeken

De Oorlogsgravenstichting is verantwoordelijk voor het onderhoud aan 12.061 verspreid in Nederland liggende oorlogsgraven. Het gaat hier om 2151 Nederlandse, 7944 gemenebest en 1965 andere geallieerde graven (waaronder Amerikanen, AustraliĂŤrs, Belgen, Britten, Canadezen, Fransen, Nieuw Zeelanders, Polen, Russen). In het verslagjaar zijn de meeste graven eenmaal bezocht door medewerkers van de Stichting om de graven en grafstenen te inspecteren dan wel te reinigen. Naast het reguliere onderhoud aan deze graven, zijn in het verslagjaar verschillende grote en kleine renovatieprojecten uitgevoerd. Renovatie Nederlands erehof in Huisduinen, Den Helder

De Algemene Begraafplaats Huisduinen van de gemeente Den Helder bestaat ruim vierhonderd jaar en is een van de oudste begraafplaatsen van Nederland. Het historische deel van de begraafplaats is van grote cultuurhistorische waarde vanwege de ouderdom maar ook omdat er een aantal belangrijke personen uit de historie van Den Helder begraven ligt. Ook bevindt zich op deze begraafplaats een Nederlands erehof waar 20 oorlogsslachtoffers begraven liggen. Het gaat hier om militairen die gesneuveld zijn in de meidagen van 1940, dwangarbeiders en verzetsstrijders. Het erehof is aangelegd door de Oorlogsgravenstichting en wordt in samenwerking met de gemeente Den Helder onderhouden. De grafstenen waren sterk versuikerd waardoor de opschriften niet goed leesbaar waren en moesten daarom vervangen worden. In het verslagjaar zijn 20 nieuwe botticino-stenen geplaatst met de personalia van de slachtoffers. Een van die slachtoffers is Jan Ludema. Hij was lid van de Orde Dienst (OD) en nam actief deel aan het verzet tegen de Duitse bezetter. Op 22 juni 1943 pleegde hij, samen met H.M. Kok, K. Vreugdenhil en R. Zwinderman een overval op 9


het Arbeidsbureau in Den Helder. Drie van de daders hadden daarbij geladen vuurwapens bij zich. Een in de Arbeidsbeurs op wacht staande politieagent verweerde zich en schoot de overvaller Zwinderman dood. De andere drie konden ontkomen, maar werden in augustus gearresteerd. Zij werden door het Deutsche Obergericht in Den Haag ter dood veroordeeld voor hun aandeel in de overval, het ongeoorloofd bezit van vuurwapens en deelname aan een verzetsorganisatie. Het vonnis werd op 7 januari 1944 op de Waalsdorpervlakte voltrokken. Na de oorlog werd Ludema herbegraven in Den Helder.

Het vervangen van de grafstenen in het erehof in Den Helder

10


Onderhoud geallieerde oorlogsgraven

De Oorlogsgravenstichting en de Commonwealth War Graves Commission (CWGC) hebben onderlinge afspraken gemaakt over het onderhoud van hun oorlogsgraven. Jaarlijks vindt een bijeenkomst plaats, dit verslagjaar op 12 november in Ieper, België, waar onder andere overeengekomen is om de afspraak rondom het reinigen van de Noord Duitse Erevelden van de Oorlogsgravenstichting in Hamburg, Lübeck, Bremen en Hannover in ruil voor het onderhoud aan het CWGC Erehof op de begraafplaats Rusthof in Amersfoort met één jaar te verlengen. Daarnaast is afgesproken dat de CWGC alle grafsteenrenovaties in De borders worden verzorgd Nederland voortaan in eigen beheer gaat uitvoeren. Dit geldt ook voor de periodieke inspecties in Nederland. Per jaar zal ca. 20% van Nederland door medewerkers van de CWGC geïnspecteerd worden. In 2014 zijn Friesland, Groningen en Drenthe aan de beurt. De Oorlogsgravenstichting blijft wel verantwoordelijk voor het reinigen en het dagelijks onderhoud, dat wordt verricht door de gemeente, van de graven. Adoptie Nederlandse oorlogsgraven door particulieren

Jong en oud wordt door de Oorlogsgravenstichting in de gelegenheid gesteld om de zorg voor een ‘adoptie oorlogsgraf’ op zich te nemen. Hiervoor komen graven van oorlogsslachtoffers in aanmerking die in beheer en onderhoud zijn van de Oorlogsgravenstichting en van wie geen nabestaanden meer bekend zijn. De Stichting blijft verantwoordelijk voor het onderhoud. De adoptanten wordt gevraagd aandacht aan het graf te besteden door het te bezoeken en daarop een bloemetje te leggen. De adoptant ontvangt een bevestigingsbrief en een adoptiecertificaat. Adoptie oorlogsgraven door scholen

Een school kan lokaal één of meerdere oorlogsgraven adopteren. In bijna elke plaats in Nederland bevindt zich wel een oorlogsgraf dat voor adoptie in aanmerking komt. Naast een Nederlands oorlogsgraf kan dit ook een geallieerd graf 11


De heer Croll en de leerlingen Tessa en Ruben Larissa, Ruben en Hilde verzorgen de graven onthullen het certificaat

Twee andere leerlingen tonen het certificaat

zijn dat in beheer en onderhoud is van de Oorlogsgravenstichting. Met de zorg voor een adoptiegraf komt de oorlog 'dichterbij' en kan zo een 'gezicht' krijgen. Leerlingen worden direct betrokken bij de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Zij worden bewust gemaakt van verschillende actuele thema's waaronder democratie, vrede en vrijheid. Groep 8 van de CBS Lingelaar in Beesd heeft de drie geallieerde oorlogsgraven op de Oude gemeentelijke begraafplaats aan de Veerweg in Beesd geadopteerd. In deze drie graven liggen zes bemanningsleden begraven van een Britse bom12


menwerper die in Beesd is neergestort in de nacht van 23 op 24 mei 1943. De directeur van de school, Jeroen Veldhuijzen, zorgde ervoor dat ook de leerlingen van de groepen 5, 6 en 7 de onthulling konden bijwonen. Zij zijn het immers die in de toekomst het 'stokje' van de leerlingen van groep 8 moeten overnemen. Ter gelegenheid van deze adoptie ontvingen Tessa en Ruben, twee leerlingen van groep 8 van de Christelijke Basisschool Lingelaar in Beesd, het eerste adoptiecertificaat voor scholen uit handen van mr. Robert S. Croll, president van de Oorlogsgravenstichting,

De leerlingen van de groepen 8 van de Rehobothschool in Barendrecht

Op Remembrance Day reikte de heer J. van Belzen, burgemeester van Barendrecht, namens de Oorlogsgravenstichting, een adoptiecertificaat uit aan Marije en Jelle, de oudste leerlingen van de groepen 8 van de Rehobothschool in Barendrecht. Deze groepen hebben het gemenebest oorlogsgraf van Jack Dawson Green op de gemeentelijke begraafplaats in Barendrecht geadopteerd. De bijeenkomst vond plaats op school in aanwezigheid van de gemeentearchivaris, de heer Hans Onderwater, de consul van de Oorlogsgravenstichting, de heer Van Langevelde en twee vertegenwoordigers van de Oorlogsgravenstichting. Leerlingen van de school brachten instrumentaal het Australische en Engelse volkslied ten gehore. Hierna werden deze ook door alle aanwezigen nog gezongen. Het was een bijzondere bijeenkomst op de dag dat het Britse gemenebest wereldwijd haar oorlogsdoden herdacht. 13


Amerikaanse vrijwilligers

Op zaterdag 20 april voerden zo’n twintig Amerikaanse militairen van de luchtmachtbasis Volkel voor de tweede keer werkzaamheden uit op het Nederlands ereveld Loenen. De luchtmachtmilitairen zoeken van tijd tot tijd plekken in Nederland uit waar ze een handje kunnen helpen. Eerder dat jaar hebben ze op het Amerikaanse ereveld in Margraten gewerkt. Na een korte rondleiding over het ereveld Loenen begonnen de mannen met het ophogen en recht leggen van grafstenen. De vrijwilligers werkten hard en efficiÍnt. De steen wordt aan de kant gelegd, er komt een schep zand, die wordt met een plank waterpas platgeslagen en de steen wordt hierop op een wig teruggeplaatst, zodat hij mooi schuin op de grond ligt. Het project op het ereveld is ongeveer twee jaar geleden gestart met onze eigen medewerkers. Door het grote aantal graven (bijna 4000) verloopt dit werk minder snel dan verwacht. Vorig jaar hadden we een groep jongeren op het ereveld en nu deze Amerikaanse militairen.

De Amerikaanse vrijwilligers voor de kapel op het ereveld Loenen

Begunstigers

Met het verstrijken der jaren neemt het aantal begunstigers dat door vergrijzing de Stichting ontvalt, toe. Soms wordt het begunstigerschap dan door een kind, kleinkind of ander familielid voortgezet. Dit gebeurt helaas niet in alle gevallen. Hierdoor loopt het aantal begunstigers snel terug. Wij doen daarom een beroep op onze begunstigers om in hun familie-, vrienden- en kennissenkring mensen te interesseren voor het begunstigerschap. Via onze website kunnen zij zich als begunstiger aanmelden. Op verzoek sturen wij ook graag aanmeldingskaarten toe. 14


Begunstigers krijgen jaarlijks automatisch het Jaarbericht toegestuurd. Daarnaast worden zij actief op de hoogte gehouden van andere activiteiten die de Stichting ontplooit, waaronder de organisatie van pelgrimsreizen en herdenkingen. Verderop in dit verslag vindt u andere voorbeelden van geldelijke ondersteuning van het belangrijke werk van de Oorlogsgravenstichting. Benoeming nieuwe president

De Raad van Toezicht heeft op 16 september uit haar midden mr. J.P.H. Donner benoemd tot president van de Oorlogsgravenstichting. Piet Hein Donner (1948) is sinds februari 2012 vicepresident van de Raad van State. Als minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties was de heer Donner in 2011 één van de sprekers tijdens het symposium dat de Stichting organiseerde bij haar 65-jarig bestaan. Hij toonde zich daarbij een pleitbezorger voor het in stand houden van oorlogsgraven. "Zolang er nabestaanden zijn komt er aan de primaire taak van de Oorlogsgravenstichting, namelijk het gedenken van oorlogsslachtoffers door het aanleggen, inrichten, onderhouden en in stand houden van hun oorlogsgraf, geen einde" aldus minister Donner in 2011. De Oorlogsgravenstichting Mr. J.P.H. Donner was dan ook zeer vereerd dat de heer Donner bereid was als vicevoorzitter tot de Raad van Toezicht van de Oorlogsgravenstichting toe te treden in 2012 en dat hij dit jaar het presidentschap heeft aanvaard. De heer Donner volgde mr. R.S. Croll op die vanaf 2008 president van de Stichting was. Consuldag

Op uitnodiging van de Oorlogsgravenstichting kwamen op 19 september 87 consuls met hun introducés samen in het gemeentehuis van Venray. Na de koffie met cake werden de consuls welkom geheten door de heer J.J.P.M. Gillissen, burgemeester van de gemeente Venray. In zijn toespraak onderscheidde de heer Gillissen drie elementen die aan het onderhouden van oorlogsgraven ten grondslag liggen. Eerbied voor het slachtoffer en zijn nabestaanden, historisch besef en educatie. Met het onderhouden van oorlogsgraven erkennen wij de plicht om te zorgen voor hen die hun leven gaven voor onze vrijheid. Tegelijkertijd vinden de nabestaanden troost in de gedachte dat het graf van hun dierbare goed verzorgd wordt. Daarnaast staan de oorlogsgraven symbool voor een periode en gebeurtenissen die gelukkig ver achter ons liggen. Hierna kreeg de heer G. Flieringa, directeur-bestuurder van de Oorlogsgravenstichting het woord. De heer Flieringa 15


benadrukte dat de consuls voor de Oorlogsgravenstichting zeer belangrijk zijn. "U bent onze 'ogen en oren' in het land" sprak hij. "Daarnaast waarderen wij het enorm dat u ons motto 'Het beste pleidooi voor de vrede is een oorlogsgraf' helpt uitdragen in uw gemeenten. Het betrekken van de jeugd bij het werk van de Oorlogsgravenstichting is daarbij van essentieel belang". Het programma van de consuldag bestond uit een rondleiding over de Duitse begraafplaats in Ysselsteyn en een rondleiding bij Ebben Boomkwekerij in Cuijck. De gezamenlijke lunch werd verzorgd bij de Ebben boomkwekerij. Op de begraafplaats werden de consuls ontvangen door de beheerder van de begraafplaats de heer Karl-Heinz Voigt en zijn vrouw Tarcicia Voigt, leidster van het Jeugdontmoetingscentrum. Twee groepen consuls maakten onder leiding van een gids een wandeling over de begraafplaats en twee groepen bezochten het Jeugdontmoetingscentrum. Met het bezoek aan de begraafplaats kregen de consuls een stukje onbekende geschiedenis in Nederland voorgeschoteld. De gidsen verbaasden de toehoorders door te vertellen dat op de 28 hectare grootte

De consuls tijdens de rondleiding op Ysselsteyn

16


De consuls op een perceel van Ebben

begraafplaats bijna 32.000 slachtoffers begraven liggen. Vanaf de ingang loopt een 800 meter lange weg over de begraafplaats. Aan beide zijden zijn de graven ingericht. Midden op de begraafplaats staat een kruis dat de centrale gedenkplaats vormt. Links van de gedenkplaats staat een carillon dat met giften van nabestaanden van gevallenen is opgericht. Ieder halfuur klinkt een melodie. De wandeling startte bij de Duitse oorlogsgraven uit de Eerste Wereldoorlog. Nederland was toen neutraal en nam aan die oorlog niet deel. Toch zijn in Nederland graven uit die oorlog te vinden. De 85 slachtoffers op Ysselsteyn zijn afkomstig uit Maastricht en omliggende gemeenten waar hun stoffelijke overschotten waren aangespoeld op de oevers van de Maas. De graven zijn ingericht met een natuurstenen kruis waarop de personalia van de slachtoffers vermeld staan. Vele kruisen hebben het opschrift Onbekende Soldaat. Na het bezoek aan de begraafplaats ging het gezelschap terug in de bussen om de reis te vervolgen naar Cuijk waar Boomkwekerij Ebben gevestigd is. Met dit bedrijf is geregeld dat de consuls een rondleiding kregen door de kweektuinen, maar eerst werd de lunch gebruikt in de daktuin van het moderne kantoorpand. Een bustocht onder begeleiding van een deskundige gids leidde langs de uitgebreide kweekpercelen van het bedrijf dat al sinds 1862 actief is. De gids vertelde dat het doel van het bedrijf is om bomen en planten te kweken met een uniek karakter om zo sfeer in de woon-, werk- en leefomgeving van hun klanten te brengen. Met een inspirerende visie op het gebied van beplanting en land17


schapsontwikkeling proberen ze dat te realiseren. Deze zeer geslaagde dag werd afgesloten met een borrel op het dakterras van boomkwekerij Ebben. DNA-onderzoek

Door een bijzondere samenwerking tussen de Bergings- en Identificatiedienst van de Koninklijke Landmacht, het Landelijke Bureau Vermiste Personen van de Nationale Politie, het Nederlands Forensisch Instituut, het Nederlandse Rode Kruis en de Oorlogsgravenstichting bestaat sinds 2008 de mogelijkheid om stoffelijke resten van onbekenden met behulp van DNA techniek te onderzoeken. In het verslagjaar konden de resten van drie oorlogsslachtoffers, twee verzetsstrijders en een represailleslachtoffer, ge誰dentificeerd worden. Als eerste die van verzetsstrijder Nicolaas van der Horst. Tot 2013 lag Nicolaas van der Horst als onbekende Nederlander begraven op de gemeentelijke begraafplaats Wilgenhof in Hoofddorp, gemeente Haarlemmermeer. Op verzoek van de Werkgroep Vermiste Personen Tweede Wereldoorlog zijn de stoffelijke resten, samen met die van twee andere onbekenden, in 2012 opgegraven. Vrijwilligers van de Werkgroep waren namelijk in contact gekomen met een neef van de vermiste Nicolaas van der Horst. Op hun verzoek stond de neef een wangslijmvliesmonster af waarmee zijn DNA bepaald werd. Dit werd vergeleken met de DNA-profielen die van de drie onbekenden waren gemaakt. Dit leverde direct een match op, waarmee de stoffelijke resten van Nicolaas van der Horst gevonden waren. Na overleg met de familie werd besloten de stoffelijke resten van Van der Horst te doen herbegraven op het Nederlands ereveld Loenen op de Veluwe. Ook de resten van de twee onbekenden zijn daar bijgezet. Vervolgens kon op maandag 22 april in het bijzijn van vier zusters een steen geplaatst worden op het graf van verzetsstrijder Nicolaas Corstanje. Tot 2013 lag hij als onbekende Nederlander begraven op de gemeentelijke begraafplaats Rusthof in Amersfoort. Nico Corstanje is tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers doodgeschoten op de Waalsdorpervlakte. Op het ereveld Loenen liggen inmiddels ruim 100 slachtoffers begraven die daar na de oorlog gevonden zijn. Daarom heeft de Oorlogsgravenstichting besloten om ook de stoffelijke resten van Nico De verzetsstrijders Van der Horst (links) en Corstanje 18


op het Nederlands ereveld Loenen op de Veluwe bij te zetten. In zijn welkomstwoord memoreerde de heer Flieringa dat Nico Corstanje het vijfde Nederlandse oorlogsslachtoffer is dat met hulp van DNA-onderzoek geïdentificeerd kon worden. Ook gaf hij aan dat het werk nog niet gedaan is. 'Alleen op het ereveld Loenen liggen al bijna 200 onbekenden begraven' aldus de heer Flieringa. Later deed hij in de uitzending van Hart van Nederland van SBS6 een oproep aan nabestaanden van vermisten om hun DNA-profiel te laten registreren. Na de steen plaatsing zei een 85-jarige zuster van Nico Corstanje: 'We konden nooit afscheid nemen van Nico, dat we na 69 jaar eindelijk aan zijn graf staan, is niet te bevatten'. Hierdoor wordt het belang van de onderzoeken zo veel jaren na de oorlog onderstreept.

De heer Flieringa legt een bloemstuk op het graf van de heer Corstanje

Op 13 november is op het graf van de heer A.T. van Batum op het ereveld Loenen een grafsteen met zijn personalia geplaatst. Van Batum werd op 24 juli 1942 als represaillemaatregel door de Duitse bezetter gefusilleerd op de Waalsdorpervlakte. Na de oorlog kon zijn lichaam niet geïdentificeerd worden en werd hij als onbekende herbegraven op het ereveld Loenen. De identificatie kwam tot stand door middel van DNA-verwantschapsonderzoek. De Amsterdammer Guus van Batum (1899) was machinist van beroep. In december 1941 werd hij gearresteerd voor medeplichtigheid aan diefstal uit een distributiekantoor in Amsterdam-Oost en overgedragen aan de Duitse Sicherheitsdienst. Omdat de bezetter een voorbeeld wilde stellen, werd hij in april 1942 door het Duitse Obergericht ter dood veroordeeld. Van Batum werd gevangen gezet in het Huis van Bewaring in Scheveningen, ook wel “Oranjehotel” genoemd. Op 24 juli 1942 meldde de Duitse bezetter dat het vonnis voltrokken was. 19


Bloemlegging op het graf van de heer Van Batum

Geef de oorlogsslachtoffers een gezicht

De Oorlogsgravenstichting streeft ernaar om alle oorlogsslachtoffers die voorkomen in het Slachtofferregister van de Stichting een gezicht te geven door hun portretfoto daarin op te nemen. Daarnaast kunnen op de website Het verhaal bewaard korte verhalen over de slachtoffers worden gepubliceerd. Bezoekers kunnen, na zich te hebben aangemeld, foto’s, documenten, internetlinks en opmerkingen achterlaten die na controle door een medewerker van de Stichting gepubliceerd worden. Indien u foto’s en documenten heeft en zelf niet beschikt over een computer of de mogelijkheid om te digitaliseren, vraag dan bijvoorbeeld hulp aan de jongere generatie. Op die manier kunt u het verhaal met hem of haar delen en er zo voor zorgen dat de herinnering aan uw dierbare binnen uw familie wordt doorgegeven. Fototentoonstelling Zomaar een oorlogsmonument

In samenwerking met onze vrijwilliger, Jeroen van Zijderveld, heeft de Oorlogsgravenstichting een fototentoonstelling gemaakt die gebaseerd is op het oorlogsmonument in Loosduinen, (gemeente Den Haag) waarop de namen van 24 verzetsstrijders vermeld staan die omgekomen zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog. De tentoonstelling met 24 portretten en 24 levensverhalen van Nederlandse oorlogsslachtoffers heeft tijdens de Open Monumentendagen in het informatiecentrum op het ereveld Loenen gestaan. 20


Aandacht voor de fototentoonstelling 'Zomaar een oorlogsmonument'

Op verzoek van de directie van het Nationaal Monument Kamp Amersfoort is de tentoonstelling daarna tijdelijk te zien geweest in het bezoekerscentrum van het voormalige kamp Amersfoort. Daar trok het veel belangstelling van nabestaanden en andere bezoekers van het herinneringscentrum. Geschiedenis Online Prijs

Op 12 februari was het dan zover, de uitreiking van de Geschiedenis-onlineprijs 2012 in het Nationaal Archief in Den Haag. De jeugdwebsite van de Oorlogsgravenstichting, eenlevenverloren.nl, was met nog vier andere websites genomineerd in de categorie Musea en Themasites. Er waren nog twee categorieën waarin ook elk vijf genomineerden zaten. Uit elke categorie werd er één gekozen. Er bleven er dus drie over en daaruit werd de winnaar gekozen. Jammer genoeg was onze website niet bij de laatste drie, maar spannend was het wel. Hierna volgde de uitreiking van de publieksprijs waarbij het ging om het aantal stemmen dat op een site was uitgebracht. Helaas vielen de site van de Stichting ook hier buiten de prijzen. 21


De Stichting bedankt iedereen die een stem op de website eenlevenverloren.nl heeft uitgebracht. De lovende en waarderende woorden die wij naar aanleiding van deze nominatie hebben ontvangen, vormen een enorme stimulans om op deze wijze door te gaan met het levend houden van de persoonlijke verhalen van Nederlandse oorlogsslachtoffers. Herbegrafenissen

In verband met grafruimingen worden jaarlijks oorlogsslachtoffers overgebracht naar een ereveld en daar herbegraven. In het verslagjaar werden twee militairen herbegraven op het Militair ereveld Grebbeberg en 33 andere oorlogsslachtoffers op het ereveld Loenen. Hiervoor heeft de Oorlogsgravenstichting een samenwerkingsovereenkomst gesloten met de Bergings- en Identificatiedienst (BID) van de Koninklijke Landmacht. Medewerkers van deze dienst voeren de opgravingwerkzaamheden uit. Vervolgens verzorgen medewerkers van de Oorlogsgravenstichting de herbegrafenis op het ereveld. De herbegrafenissen van stoffelijke resten van militairen worden in aanwezigheid van de nabestaanden met beperkte militaire eer uitgevoerd. De Oorlogsgravenstichting stelt nabestaanden, die te kennen geven dat te willen, in de gelegenheid om aanwezig te zijn bij de steen plaatsing op het ereveld Loenen.

Scholieren wonen de herbegrafenis bij van soldaat Jan de Ridder op de Grebbeberg

22


Herdenking Slag in de Javazee

Op 27 februari vond op het ereveld Kembang Kuning te Surabaya traditiegetrouw de herdenking plaats van de Slag in de Javazee. Op die datum in 1942 vond nabij het eiland Bawean ten noorden van Surabaya een langdurige zeeslag plaats tussen Japanse oorlogsschepen en een geallieerde vlooteenheid bestaande uit Amerikaanse, Britse, Australische en Nederlandse marineschepen. Dit eskader stond onder commando van de Nederlandse schout-bij-nacht Karel Doorman. Hij en meer dan 900 andere Nederlandse marinemannen sneuvelden op die dag in een laatste en vergeefse poging om de Japanse invasiemacht tegen te houden: een week later was Java in handen van de Japanse overheerser.

Kapitein-ter-zee Heijboer brengt de eregroet

Meer dan 50 belangstellenden woonden de plechtigheid bij. Onder de aanwezigen bevonden zich Nederlandse toeristen van het cruiseschip ms Rotterdam van de Holland-Amerikalijn, die toevallig op 27 februari Surabaya aandeden op een wereldreis. Herdenkingsapp voor Android en iPad

Op 4 mei en 15 augustus herdenken we Nederlandse oorlogsslachtoffers. Vaak doen we dat bij oorlogsgraven of een oorlogsmonument waarop de namen van de slachtoffers vermeld staan. Met de nieuwe Herdenkingsapp van de Oorlogsgravenstichting kan men ĂŠĂŠn van die slachtoffers voor eventjes virtueel uit de vergetelheid halen. Dat kan op 4 mei en 15 augustus, maar natuurlijk ook op een ander willekeurig moment. Speciaal voor dat moment heeft de Oorlogsgravenstichting de Herdenkingsapp laten ontwikkelen. 23


In het Slachtofferregister, de database van de Oorlogsgravenstichting, zijn meer dan 180.000 Nederlandse oorlogsslachtoffers geregistreerd die omgekomen zijn sinds 9 mei 1940 waar ook ter wereld. Het jongste slachtoffer is 0 jaar, het oudste 102 jaar. Met de Herdenkingsapp kan men een leeftijd selecteren, waarna een slachtoffer wordt gezocht dat bij overlijden zo oud was. Daarna kan hij of zij één minuut herdacht worden. Om het idee te versterken dat men letterlijk even stil staat bij iemand, wordt gesuggereerd de ogen dicht te doen. De telefoon gaat aan het begin en na afloop van die minuut heel eventjes trillen. Na de minuut stilte meldt de app hoeveel slachtoffers er nog meer deze leeftijd hadden bij overlijden en geregistreerd zijn in het Slachtofferregister. Hierna bestaat de mogelijkheid om zelf een naam van een oorlogsslachtoffer te kiezen en ook die te herdenken. Holocaust Memorial Day

Wereldwijd werden op 27 januari de Joden, Roma en Sinti herdacht die tijdens de Tweede Wereldoorlog door de nazi's zijn omgebracht. De herdenking vindt jaarlijks plaats op of rond 27 januari, de dag waarop het concentratiekamp Auschwitz werd bevrijd in 1945. In Europa werden in de jaren 19411945 6 miljoen Joden vermoord, van wie 1 miljoen in Auschwitz. Tijdens de oorlog werden 106.000 Nederlandse Joden via Westerbork weggevoerd, van wie ruim 102.000 door de nazi's zijn omgebracht. Op 15 juli 1942 vertrok de eerste deportatietrein met Het jongetje Hans Stranders aan boord 1137 Joodse Nederlanders vanuit Westerbork naar het Oosten. Na een reis van circa 40 uur arriveerde de trein in het Duitse vernietigingskamp Auschwitz in Polen. Daar werden de ouderen en moeders met hun kinderen direct bij aankomst in de gaskamer vermoord, waarna hun lichamen werden verbrand. De mannen werden geselecteerd en tewerkgesteld in de zware industrie in de omgeving van het kamp. Vanuit Nederland werden 106.000 Nederlandse Joden weggevoerd, van wie ruim 34000 in Sobibor en bijna 57000 in Auschwitz zijn omgebracht. Een van die slachtoffers was het zesjarige jongetje Hans Stranders. Lees over het droevige lot van Hansje op de website hetverhaalbewaard.nl Internationaal Jeugdkamp

Op het Nederlands ereveld Bremen op het Osterholzerfriedhof in Bremen vond een internationale jeugdontmoeting plaats. Op initiatief van de Duitse zusterorganisatie van de Oorlogsgravenstichting, de Volksbund Deutsche Kriegsgrä24


berfĂźrsorge, werd een internationaal kamp georganiseerd waaraan 32 jongeren in de leeftijd van 16 tot 22 jaar uit 7 Europese lidstaten, te weten Letland, Estland, Turkije, Engeland, Polen, Frankrijk en Duitsland hebben deelgenomen.

De heer Lagemaat tussen de jongeren op het ereveld in Bremen

In een zeer goede samenwerking tussen de Volksbund, de Gemeente Bremen, de Osterholzerfriedhof en de Oorlogsgravenstichting werden de jongeren geĂŻnformeerd over de historie van de begraafplaats en de bijzonder plek die de oorlogsgraven daarop innemen. Ook kwam de hedendaagse problematiek van schending van mensenrechten in diverse landen in de wereld aan de orde. Op het Nederlandse ereveld kregen de jongeren een toelichting op het werk van de Oorlogsgravenstichting en de ontstaansgeschiedenis van dit ereveld. Ook werd aandacht besteed aan de bijzondere band en het oorlogsverleden van Nederland in IndonesiĂŤ. Vervolgens was het tijd om de handen uit de mouwen te steken door het schoonmaken van de stenen, het weghalen van onkruid en het netjes maken van de graskanten. Jeugdproject op ereveld Loenen

In samenwerking met het bestuur van de Leidse Studentenvereniging Minerva hebben 40 aspirant leden van de vereniging werkzaamheden verricht op het ereveld Loenen. De toekomstige studenten, in de leeftijd van 18 tot 21 jaar, werkten tijdens hun introductieperiode op het ereveld om daarmee hun maatschappelij25


ke betrokkenheid te tonen. Op het ereveld Loenen liggen ruim 500 oorlogsslachtoffers begraven die dezelfde leeftijd hadden als deze studenten. Hiermee groeit het besef dat vrijheid niet vanzelfsprekend is. De werkzaamheden op het ereveld bestonden onder andere uit het ophogen van verzakte grafstenen, het schoonmaken van stenen en het inschilderen van letters op Aspirantleden van Minerva verven de de stenen zodat de namen goed leesbaar tekst op een grafsteen in blijven. Ook kon er geholpen worden met snoeiwerkzaamheden aan struiken en onderhoud aan paden.

De aspirant leden van Minerva met hun begeleiders

Namenwand Joodse oorlogsslachtoffers

In het verslagjaar heeft de Oorlogsgravenstichting de personalia van de Joden en Roma en Sinti die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn omgebracht en van wie de laatste rustplaats niet aanwijsbaar is, verstrekt aan het Auschwitz ComitĂŠ. Het Auschwitz ComitĂŠ heeft het plan opgevat om door middel van het laten adopteren van de namen van de slachtoffers geld in te zamelen voor het oprichten van een namenwand in Amsterdam. 26


Nederlandse Veteranendag

Op zaterdag 29 juni vond in Den Haag de Nederlandse Veteranendag plaats. De dag begon met een plechtigheid in de Ridderzaal, waarna tijdens een ceremoniële medaille-uitreiking op het Binnenhof actief dienende militairen en veteranen onderscheiden werden. Vervolgens startte het Defilé dat werd afgenomen door Z.M. Koning Willem-Alexander. De deelnemers aan het Defilé werden onthaald op het Malieveld. Daar konden bezoekers de hele dag terecht voor gesprekken met veteranen en demonstraties van defensiematerieel. Ook was er een uitgebreide informatiehoek waar onder andere de Oorlogsgravenstichting een stand had ingericht waar heel veel belangstelling getoond werd voor het Slachtofferregister van de Stichting. Onthulling oorlogsmonument Birma/Thailand

Zeventig jaar nadat de spoorlijn in gebruik werd genomen, op 26 oktober, werd door de Nederlandse ambassadeur in Bangkok, Joan Boer, en de oud-president van de Oorlogsgravenstichting, Mr. Robert Croll en nabestaande van één van de slachtoffers, een nieuw oorlogsmonument onthuld op het ereveld Kanchanaburi in Thailand. Op het monument staan de namen vermeld van 73 Nederlandse krijgsgevangenen die tijdens de aanleg en het onderhoud van de beruchte Birmaspoorweg zijn omgekomen en van wie het lichaam nooit is teruggevonden. Bij de onthulling waren ruim 100 nabestaanden van oorlogsslachtoffers, veteranen en hun familieleden aanwezig. Het monument biedt de nabestaanden een plek waar zij hun dierbare kunnen herdenken en bloemen kunnen leggen ter nagedachtenis van hem.

De heren Croll (links) en Boer onthullen het nieuwe monument

27


Ondanks de Conventie van Genève waarin bepaald is dat krijgsgevangenen niet tewerkgesteld mochten worden, werden duizenden geallieerde militairen: aangeduid als prisoners-of-war, waaronder bijna 18.000 Nederlanders, door de Japanners van Java naar elders verscheept om in de Japanse oorlogsindustrie te werken. Ook werden infrastructurele bouwwerken, waaronder spoorlijnen, aangelegd. Een van die spoorlijnen was de Birmaspoorweg. De aanleg van de spoorlijn kostten vele duizenden gevangenen het leven. Zij werden begraven op erevelden in Thailand en Myanmar. Honderden lichamen van geallieerde krijgsgevangenen werden in het geheel niet meer teruggevonden of konden destijds niet geïdentificeerd worden, waaronder die van 73 Nederlanders. En dat terwijl het graf een belangrijk symbool is bij het verwerken van verlies. Door het ontbreken van een graf bleven vele familieleden -vaak tegen beter weten in- hopen op de terugkeer van hun geliefde. Op zaterdag 26 oktober 2013 kregen 73 Nederlandse krijgsgevangenen voor wie geen oorlogsgraf kon worden ingericht, hun naam terug. Daarmee wordt dit stukje Nederlandse geschiedenis vastgezet in ons collectief geheugen en blijft de herinnering aan de oorlogsslachtoffers bewaard.

73 krijgsgevangenen hebben hun naam terug

Het nieuwe monument in Thailand, dat een initiatief was van de Oorlogsgravenstichting, kon gerealiseerd worden door een aanzienlijke financiĂŤle bijdrage van de Koninklijke Vereniging van Leden der Nederlandse Ridderorden en die van de Nederlandse ambassade in Thailand. Ook werden schenkingen van nabestaanden en andere belangstellenden ontvangen. 28


Pasar Malam Indonesia

Van 20 t/m 24 maart werd voor de vierde keer de Pasar Malam Indonesia gehouden op het Malieveld in Den Haag. De Pasar werd georganiseerd door de Indonesische ambassade. Samen met het Veteraneninstuut, het Veteranenplatform, de Bond van Wapenbroeders en de Stichting Herdenking Veteranen in Den Haag had de Oorlogsgravenstichting een informatieve stand ingericht. Deze werd door vrijwilligers van de Wapenbroeders en medewerkers van de Oorlogsgravenstichting bemand. Op deze manier kon de Oorlogsgravenstichting haar werk in IndonesiĂŤ onder de aandacht van de ongeveer 35.000 bezoekers brengen. Ondanks de koude wind was het goed toeven binnen in de tenten en werd de stand goed bezocht. De informatiestand was ingericht met panelen met daarop foto's van de zeven Nederlandse erevelden op Java. Verder waren er fotopanelen opgehangen met daarop informatie over de diensten die de Stichting biedt aan nabestaanden van oorlogsslachtoffers waaronder de pelgrimsreizen die de Stichting organiseert, maar ook het verzorgen van bloem- en kransleggingen op erevelden in het Verre Oosten. Daarnaast konden de bezoekers het Slachtofferregister van de Oorlogsgravenstichting raadplegen. Hierin zijn de gegevens opgenomen van Nederlandse oorlogsslachtoffers. Bij de stand vonden bijzondere ontmoetingen plaats. Zo werden oude schoolvrienden herenigd die elkaar al meer dan 60 jaar uit het oog hadden verloren. Ook kwam een nabestaande in contact met een ooggetuige die hem bijzonderheden over de dood van zijn vader kon vertellen. Regionaal consuloverleg

Gezien het grote belang dat de Oorlogsgravenstichting hecht aan een nauw contact met de consuls, heeft de afdeling Beheer en Onderhoud met ingang van het

De consuls uit de provincie Gelderland voor het gemeentehuis in Duiven

29


jaar 2011 het Regionale Consul Overleg ingesteld. Per maand wordt een provincie bezocht waar de consuls van die provincie worden ontmoet op een centrale plaats om de voortgang van het werk te bespreken en te evalueren. Het doel is te komen tot een actievere werkrelatie tussen de “ogen en oren in het veld” en de organisatie in Den Haag. In het verslagjaar 2013 werden alle provincies bezocht tot grote tevredenheid van de consuls. Het jaar 2013 stond in het kader van de maatschappelijke rol die de consul lokaal kan vervullen, o.a. met betrekking tot de adoptie van oorlogsgraven door scholen. De heer J.W. Tuinman, technisch rechercheur van de Politie ( Landelijke Eenheid Oost) en daarnaast ook DNAen identificatiespecialist en coördinator van de Werkgroep Vermiste Personen in Nederland heeft tijdens deze bijeenkomsten een presentatie gegeven over de werkzaamheden van deze werkgroep. Roemeense oorlogsslachtoffers herdacht

Op zaterdag 8 juni zijn voor het eerst de Roemeense oorlogsslachtoffers herdacht die begraven liggen op de gemeentelijke begraafplaats Rusthof in Amersfoort. Een religieuze dienst waarbij de Roemeens Orthodoxe priester Ioan Dura de twee graven zegende, maakte deel uit van de plechtigheid. De Roemeense ambassadeur in Nederland, Ireny Comaroschi, bedankte in haar toespraak de Nederlandse autoriteiten, de gemeente Amersfoort en de Oorlogsgravenstichting, voor het inrichten en onderhouden van de Roemeense graven. Tot slot legde zij samen met de defensieattaché, kapitein Eugen Craioveanu, een krans ter nagedachtenis van de slachtoffers. Korporaal Chris Seelig van het Fanfare Korps Nationale Reserve blies de Taptoe. Namens de Oorlogsgravenstichting woonde de heer J.J. Teeuwisse de herdenking bij. In haar toespraak verhaalde de Roemeense ambassadeur de wijze waarop de twee slachtoffers in Nederland terechtgekomen zijn. Constantin Bogian en Konstantin Valache zijn op het einde van de Tweede Wereldoorlog aan hun verwondingen overleden in Duitsland. Beiden zijn door het Amerikaanse leger overgebracht naar de oorlogsbegraafplaats in Margraten, Limburg. De Amerikanen hadden destijds het beleid dat geen Amerikaanse gevallenen, maar ook geen gevallenen van bondgenoten, in vijandelijke bodem zouden rusten. Op deze wijze werden er slachtoffers van vele nationaliteiten begraven op de door de Amerikanen aangelegde oorlogsbegraafplaats Margraten. Na de Tweede Wereldoorlog moest Margraten uitsluitend een Amerikaans ereveld worden. De slachtoffers met een andere nationaliteit werden opgegraven en overgedragen aan de Nederlandse autoriteiten. Hierbij waren ook twee Roemenen. De Nederlandse gravendienst die gelegerd was in Amersfoort heeft ervoor gezorgd dat de slachtoffers zijn herbegraven op de gemeentelijke begraafplaats Rusthof in Amersfoort. 30


In 1956 zijn de oorlogsgraven op Rusthof in beheer en onderhoud overgedragen aan de Oorlogsgravenstichting. Sindsdien verzorgt de Stichting in nauwe samenwerking met medewerkers van de begraafplaats de geallieerde en Nederlandse oorlogsgraven op de begraafplaats Rusthof.

Zegening van de twee Roemeense oorlogsgraven

De Roemeense ambassadeur en defensieattachĂŠ leggen een krans

Rondleidingen op begraafplaatsen en erevelden

In het verslagjaar heeft de Oorlogsgravenstichting zeven rondleidingen verzorgd op het ereveld Loenen, vijf op het Militair ereveld Grebbeberg, vier op de begraafplaats Rusthof in Amersfoort en twee op de oude begraafplaats in Gouda.

Scholieren plaatsen een bloem bij het graf van een leeftijdsgenoot

Op woensdag 24 april kregen 33 leerlingen van de katholieke basisschool de Goudakker in Gouda een rondleiding over de oude gemeentelijke begraafplaats aldaar. De rondleiding werd verzorgd door de consul van de Oorlogsgravenstichting in Gouda, de heer P. Streng, samen met vrijwilligers van de Stichting Oude Begraafplaats nodigt hij scholen uit om de begraafplaats te bezoeken. Daar vertelt hij dan over het werk van de Oorlogsgravenstichting. Ook leidt hij de leerlingen langs een 31


Piet Streng vertelt het verhaal van een oorlogsslachtoffer in Gouda

De eindexamenkandidaten luisteren aandachtig naar Jan Heerze

32


aantal oorlogsgraven waar hij het individuele verhaal van het slachtoffer vertelt. Hij vertelde onder andere een verhaal bij het graf van het 12-jarige jongetje Wim Kleinherenbrink die omgekomen is bij een bombardement op 6 november 1944. Daar legden de leerlingen allemaal een bloem ter nagedachtenis van hun leeftijdgenoot. Vervolgens liep de groep langs het graf van de verzetsstrijder Adriaan de Rijke, die na een mislukte overval op het distributiekantoor in Rijpwetering gearresteerd is op 30 april 1944 en vanwege zijn verzetsactiviteiten gefusilleerd is in de duinen van Overveen op 6 juni 1944. Op 11 oktober kregen 22 eindexamenleerlingen van het Rythovius College uit Eersel een rondleiding over het ereveld Loenen. Die ochtend hadden zij eerst een bezoek gebracht aan Bronbeek en daar de tentoonstelling over IndiĂŤ bekeken. In samenwerking met het Museum Bronbeek organiseerde de Oorlogsgravenstichting een rondleiding voor 22 examenkandidaten op het ereveld. De rondleiding van ruim een uur werd verzorgd door de vrijwilliger van de Stichting Jan Heerze, auteur en oud-docent van de Koninklijke Scholengemeenschap Apeldoorn. Het bezoek vond plaats in het kader van het schoolexamen "De koloniale verhouding Nederland - Indonesia". Vanwege het slechte weer begon de rondleiding in het informatiecentrum van het ereveld. Daar is onder andere de ontstaansgeschiedenis van het ereveld te vinden. Ook staat er een boeiende fototentoonstelling opgesteld met portretten van oorlogsslachtoffers. In het centrum is tevens een film over het werk van de Oorlogsgravenstichting te zien. Jan Heerze hield daar een introductie op de rondleiding. In grote lijnen schetste hij de aanleg van het ereveld en de verschillende categorieĂŤn slachtoffers die er sindsdien begraven liggen of herdacht worden. Gewapend met paraplu's wandelden de leerlingen vervolgens onder leiding van Jan Heerze het ereveld op. Ondanks de hevige regenval werd uitgebreid stilgestaan bij een aantal graven van oorlogsslachtoffers die tijdens de Tweede Wereldoorlog in het voormalig Nederlands-IndiĂŤ zijn omgekomen. Verder werd aandacht besteed aan het Tarakanmonument, waar de scholieren het verhaal te horen kregen van 92 KNIL militairen die door de Japanners zijn omgebracht aan boord van een Japans oorlogsschip op 19 januari 1942 ter hoogte van Tarakan. Op 24 november verzorgde Teun Jordaan, vrijwilliger van de Oorlogsgravenstichting, een rondleiding voor een groep van vijftien personen van de protestantse kerkgemeenschap "De Ark" uit Reeuwijk op het Militair ereveld Grebbeberg te Rhenen. De groep bestond uit elf volwassenen en vier jongeren. De kerkgemeenschap bezocht het ereveld in het kader van het thema "De zeven barmhartigheden". De laatste daarvan is "De doden begraven". De rondleiding begon met een wandeling door het bos achter het ereveld waar een bezoek 33


werd gebracht aan een gereconstrueerde loopgraaf. Daarna werd een kazemat (bunker) in het bos bezocht. Vervolgens was er een welkome koffiepauze waarna het gezelschap het ereveld op ging waar werd stilgestaan bij een aantal monumenten o.a. het monument voor 8 R.I. en het grafmonument Postbrug bij Sassenheim. Ook werd er stilgestaan bij een aantal individuele oorlogsgraven. Daar luisterden de deelnemers geboeid naar de verhalen van Teun Jordaan. De rondleiding werd afgesloten met het vertonen van een film in het informatiecentrum van het ereveld.

Teun Jordaan (rechts) en de deelnemers aan de rondleiding

Samenwerking met andere instellingen

De Oorlogsgravenstichting zoekt actief naar projecten waarmee met andere instellingen kan worden samengewerkt. Hiermee kunnen niet alleen kennis, ervaring en onderzoeksresultaten gedeeld worden, maar bijvoorbeeld ook investeringskosten. In tijden van bezuinigingen een belangrijke overweging. Daarnaast stellen subsidiegevers een partnerschap of samenwerkingsovereenkomst vaak als voorwaarde om in aanmerking te komen voor ondersteuning. De Japanse krijgsgevangenenkaarten die het Nationaal Archief heeft laten scannen zijn in het verslagjaar gekoppeld aan het Slachtofferregister van de Oorlogsgravenstichting. Ook is een koppeling tot stand gebracht tussen ons register en de Erelijst der Gevallenen van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie 34


Deze koppelingen wekten de aandacht van de website Netwerk Oorlogsbronnen. In het verslagjaar is geregeld dat de namen van de Nederlandse oorlogsslachtoffers die vielen tussen 1940 en 1949 via de website oorlogsbronnen.nl te vinden zijn. De collectie van de Oorlogsgravenstichting is het op één na grootste bestand van deze website. De samenwerking met het Nationaal Comité 4 en 5 mei op het gebied van de adoptie van oorlogsgraven wordt verder geïntensiveerd. Besloten is om in het handboek adoptie dat scholen ontvangen een hoofdstuk op te nemen Adopteer een oorlogsgraf. Ook zal samen met het Comité een lesbrief Adopteer een oorlogsgraf ontwikkeld worden. Uitreiken Bronzen Schild

In 2011 werd de Oorlogsgravenstichting door de toenmalige Commandant Landstrijdkrachten het Bronzen Schild toegekend. In 2013 heeft luitenant-generaal M. de Kruijf, de huidige Commandant Landstrijdkrachten, aan al het geüniformeerde personeel van de Oorlogsgravenstichting het draaginsigne behorende bij het Bronzen Schild toegekend. In Nederland reikte de algemeen directeur van de Oorlogsgravenstichting het draaginsigne en de oorkonde uit aan de medewerkers op de erevelden in Nederland en aan de bode in Den Haag.

Vlnr. De heren Kelderman, Willemsen en Vlnr. De heren Mulder, Reusken, Flieringa en Bouhof Flieringa voor het Bronzen Schild op het op het ereveld Loenen Militair ereveld Grebbeberg

35


Uitbreiding ereveld Loenen

Het ereveld Loenen dat in 1948 is aangelegd, heeft een beperkte begraafcapaciteit. Deze capaciteit wordt vermoedelijk eind 2015 bereikt. Om ook in de toekomst begrafenissen en herbegrafenissen op Loenen te kunnen laten plaatsvinden is een uitbreiding van het ereveld noodzakelijk. Daarom heeft de Oorlogsgravenstichting enkele jaren geleden 16,8 hectare extra natuurgebied met de bestemming begraafplaats aangekocht. In opdracht van de Stichting hebben de landschapsarchitecten Karres en Brands een ontwerp voor de uitbreiding van het ereveld Loenen uitgewerkt en het bestuur heeft dit ontwerp al in 2009 goedgekeurd. In 2011 en 2012 zijn alle benodigde vergunningen, waaronder de natuurwetvergunning in het kader van Natura 2000, aangevraagd en verkregen. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft een eenmalige subsidie voor de realisatie van deze uitbreiding verstrekt waarmee het project in het najaar van 2014 uitgevoerd kan worden. Veteranenbegraafplaats

Vanuit de Veteranenwereld is een verzoek gekomen om op een gedeelte van het bos waarin de uitbreiding van het Ereveld zal worden verwezenlijk ook een veteranenbegraafplaats in te richten. In samenwerking met het Veteraneninstituut wordt de haalbaarheid van zo een begraafplaats onderzocht. De verwachting is dat in de loop van 2014 hierover meer duidelijkheid komt. Vriendenstichting

Op 15 augustus, de dag waarop nationaal het definitieve einde van de Tweede Wereldoorlog herdacht wordt, is in Apeldoorn de Stichting Vrienden van de Oorlogsgravenstichting opgericht. De president van de Oorlogsgravenstichting, de heer mr. R.S. Croll tekende ten overstaan van notaris mr. H. Bonga de oprichtingsakte. De Stichting Vrienden van de Oorlogsgravenstichting gaat het gedachtegoed van de Oorlogsgravenstichting ondersteunen en uitdragen en helpen fondsen De heer Croll tekent de stichtingsakte 36


te werven om activiteiten van de Oorlogsgravenstichting die buiten het reguliere budget van de Stichting vallen mogelijk te maken. U kunt hierbij onder andere denken aan het verfraaien van oorlogsgraven en erevelden, het gedenken van oorlogsslachtoffers zonder aanwijsbaar graf, het publiceren van een jaarbericht, het houden van herdenkingen, het organiseren van grafadopties, het inrichten van (foto-)tentoonstellingen, het maken van voorlichtingsfilms en het verder ontwikkelen van de websites. Daar waar de Oorlogsgravenstichting garant staat voor het onderhoud van oorlogsgraven, geven de extra activiteiten inhoud aan het motto 'Het beste pleidooi voor vrede is een oorlogsgraf'. Dat de Oorlogsgravenstichting met haar extra activiteiten in een behoefte voorziet, bewees de onthulling van het Tarakanmonument op het Nederlands ereveld Loenen op de Veluwe in 2012. Daar onthulden Wieteke van Dort en Harrie Berghout in het bijzijn van ruim 250 nabestaanden een monument met de namen van 92 KNIL militairen van wie de laatste rustplaats niet aanwijsbaar is. De heer Berghout zei hierover: "Het is weliswaar geen graf, maar op het monument staat de naam van mijn vader en daar kan ik eindelijk bloemen leggen ter ere van hem." Workshop Erfgoedweek

In het kader van de Erfgoedweek van 22 tot 26 april heeft de Oorlogsgravenstichting workshops gegeven op het Corderius College in Amersfoort. ’s Morgens kregen 34 leerlingen uit groep 8 onder leiding van Jeroen van Zijderveld, vrijwilliger van de Oorlogsgravenstichting, een rondleiding over de gemeentelijke begraafplaats Rusthof in Amersfoort. Daar bezochten zij de geallieerde en Nederlandse erehoven. In samenwerking met Remco Reiding van de Stichting Russisch ereveld Amersfoort werd ook een bezoek gebracht aan het Russische ereveld aldaar. Zo kregen de leerlingen diverse verhalen te horen over individuele oorlogsslachtoffers. Tijdens de rondleidingen kregen zij de opdracht om met hun iPad een foto te maken van een willekeurig Nederlands oorlogsgraf. Deze foto’s werden ’s middags gebruikt bij de workshop. Voorafgaand aan de workshop kregen de leerlingen van een andere vrijwilliger van de Oorlogsgravenstichting, Jacques Lorsheijd, uitleg over de jeugdwebsites Een leven verloren en Het verhaal bewaard. Aan de hand van de eerder gemaakte foto gingen de leerlingen vervolgens zelf aan de slag. Via de jeugdwebsite zochten zij de gegevens van het slachtoffer op van wie zij het graf gefotografeerd hadden. Daarna kregen zij de opdracht om hun gevoelens en ervaringen van die ochtend op te schrijven en die later met verf te verbeelden op een houtje plankje. Drie VWO-leerlingen van het Corderius College assisteerden de medewerkers en vrijwilligers van de Oorlogsgravenstichting. 37


Jeroen van Zijderveld geeft een rondleiding op de begraafplaats Rusthof in Amersfoort

Jacques Lorsheijd volgt de verrichtingen van de leerlingen van het Corderius College

38


Op het Russisch Ereveld in Leusden, gelegen naast de Amersfoortse begraafplaats Rusthof, liggen 865 Russische oorlogsslachtoffers. 101 voornamelijk Oezbeken belandden als krijgsgevangenen in Kamp Amersfoort, waar er 24 tijdens hun verblijf overleden. De overige 77 werden in april 1942 gefusilleerd. Na de oorlog kwamen er nog eens 691 overledenen bij die aan het einde van de oorlog door de Amerikanen uit Duitse krijgsgevangenschap zijn bevrijd en die alsnog in Duitse ziekenhuizen waren bezweken. Aanvankelijk lagen deze slachtoffers begraven op de Amerikaanse oorlogsbegraafplaats in Margraten. Omdat in Amersfoort al een groep Sovjetrussen begraven lag, werd besloten hen daar bij elkaar te brengen. Het Russisch ereveld is in beheer onderhoud van de Oorlogsgravenstichting.

Remco Reiding geeft uitleg op het Russisch ereveld

39


IndonesiĂŤ Inspectiebezoek

Van 15 juni tot 24 juni brachten de president, mr. R.S. Croll, en de algemeen directeur, G. Flieringa, een inspectiebezoek aan de erevelden in IndonesiĂŤ. De erevelden lagen er zeer goed verzorgd bij. Van de gelegenheid werd gebruik gemaakt om het personeel voor al haar inspanningen te bedanken. Tijdens deze inspectiereis is ook Ambon War Cemetery dat in beheer en onderhoud is van onze Engelse zusterorganisatie de Commonwealth War Graves Commission (CWGC) bezocht. Op dit ereveld liggen te midden van ca. 1800 gemenebest slachtoffers ook 185 Nederlandse oorlogsslachtoffers begraven. Het ereveld wordt mooi onderhouden, maar als gevolg van de ongeregeldheden tussen christenen en moslims ontbreekt op dit ereveld het Cross of Sacrifice. Uitreiken Bronzen Schild

In 2011 werd de Oorlogsgravenstichting door de toenmalige Commandant Landstrijdkrachten het Bronzen Schild toegekend. In 2013 heeft luitenant-generaal M. de Kruijf, de huidige Commandant Landstrijdkrachten, aan al het geĂźniformeerde personeel van de Oorlogsgravenstichting het draaginsigne behorende bij het Bronzen Schild toegekend. Tijdens de jaarlijkse inspectiereis hebben de heren Croll en Flieringa aan alle medewerkers op de Nederlandse erevelden op Java het draaginsigne en een bijbehorende oorkonde uitgereikt.

De heer Croll te midden van de medewerkers op het ereveld Ancol

40


De medewerkers op het ereveld Leuwigajah

Op het ereveld Pandu

De heren Croll, Da Costa, Flieringa en Steenmeijer te midden van de medewerkers op het ereveld Menteng Pulo Op het ereveld Kalibanteng

Op het ereveld Candi

En op het ereveld Kembang Kuning

41


Medaille uitreikingen

In het verslagjaar reikte de heer P. Steenmeijer, directeur IndonesiĂŤ van de Oorlogsgravenstichting, vier medailles uit aan Indonesische medewerkers van de Stichting. De heer Purwadi, opzichter van het ereveld Pandu, kreeg op 3 januari een gouden medaille voor zijn 35-jarig jubileum. De heer Suparto, chauffeur van de directie en fotograaf, De heer Steenmeijer speldt de heer Purwadi de gouden medaille op ontving op 20 augustus eveneens een gouden medaille. Een dag later ontving de heer Rachmat Subarkah, letterzetter op het ereveld Menteng Pulo, een zilveren medaille voor zijn 25-jarig jubileum. Tot slot reikte de heer Steenmeijer op 28 augustus een gouden medaille uit aan de heer Kasmani, medewerker van het ereveld Kalibanteng. Alle jubilarissen ontvingen ook een oorkonde, een jubileumgratificatie en een selamatanmaaltijd.

De heer Kasmani ontvangt de oorkonde

42


De heer Steenmeijer overhandigt de heer Rachmat Subarkah de toempeng

De heer Steenmeijer toont de gouden medaille van de heer Suparto

43


Bezoeken aan erevelden

Op 21 februari bracht Zijne Excellentie drs F.C.G.M. Timmermans, minister van Buitenlandse Zaken, een officieel bezoek aan het Nederlands ereveld Menteng Pulo in Jakarta. Hij werd begeleid door de Nederlandse ambassadeur in Indonesië, mr. T. de Zwaan. De minister en zijn delegatie werden ontvangen door de directeur van onze Stichting in Indonesië, de heer P. Steenmeijer. Bij het vlaggenmonument legde de heer Timmermans samen met de defensieattaché, kapiteinter-zee P. Heijboer, een krans ter nagedachtenis van de gevallenen. Op 3 juli brachten de Indonesische minister van Research en Technologie, Professor Dr. Gusti Muhammad Hatta en de directeur van het Eijkman Instituut, Professor Dr. Sangkot Marzuki, en familieleden van de eerste Indonesische directeur van het indertijd befaamde Eijkman Instituut, Professor Dr. Achmad Mochtar, een bezoek aan het ereveld Ancol in Jakarta. Professor Mochtar werd tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Japanners gedwongen om een vaccin tegen malaria te ontwikkelen maar werd daarbij verdacht van sabotage. Op 3 juli 1945 werd Professor Mochtar geëxecuteerd. Hij ligt begraven in het verzamelgraf Antjol te Jakarta. De aanwezigen legden bloemen op het graf waarna een Islamitisch gebed werd uitgesproken.

De herdenkingsplechtigheid bij het graf van professor Mochtar

44


In de periode 21 tot 29 augustus bracht een delegatie van het Regiment Huzaren van Boreel een bezoek aan de Nederlandse erevelden op Java waar huzaren begraven liggen die gevallen zijn in Nederlands-IndiĂŤ. Zo werden bezoeken gebracht aan de erevelden Menteng Pulo te Jakarta, Leuwigajah te Cimahi, Pandu te Bandung, Candi te Semarang en Kembang Kuning te Surabaya. Daar werden kransen gelegd door de leider van de delegatie de regimentscommandant, kolonel Rob van Zanten, en de oud-regimentscommandant, luitenant-kolonel b.d. Jack Johan. Op 30 september bezochten stafleden van de Deutscher Akademischer Austausch Dienst (DAAD) het Nederlands ereveld Ancol in Jakarta. DAAD is het grootste agentschap voor de internationale uitwisseling van studenten en academici. Sinds haar oprichting in 1925, heeft DAAD meer dan 1,5 miljoen geleerden in Duitsland en daarbuiten ondersteund.

Minister Hennis en schout-bij-nacht Bekkering leggen een krans

Op 11 oktober bracht de minister van Defensie, Hare Excellentie J. Hennis-Plasschaert, vergezeld van een kleine defensiedelegatie, een bezoek aan het ereveld Kembang Kuning in Surabaya. De Nederlandse ambassadeur de heer mr. T. de Zwaan, schout-bij-nacht Ben Bekkering, de defensieattachĂŠ, kapitein-ter-zee P. Heijboer, alsmede enkele Indonesische marineofficieren vergezelden haar daarbij. 45


Namens de Oorlogsgravenstichting werd het gezelschap begeleid door de toekomstige directeur Indonesië, de heer R.C.J.M. van de Rijdt. Bij het Karel Doormanmonument legde de minister samen met schout-bij-nacht Bekkering een krans ter nagedachtenis van de gevallenen waarna een minuut stilte in acht werd genomen. Op 22 november bracht de minister-president, Zijne Excellentie M. Rutte, een bezoek aan het ereveld Menteng Pulo in Jakarta. De premier werd begeleid door de Nederlandse ambassadeur in Indonesië, mr. T. de Zwaan. Ook waren aanwezig de Indonesische minister van handel, de heer Gita Wirjawan, en de Indonesische ambassadeur in Nederland, mevrouw Retno Marsudi. De gasten werden op het ereveld ontvangen en begeleid door de directeur van onze Stichting in Indonesië, de heer P. Steenmeijer. De heer Rutte verkoos om in een ongedwongen sfeer kennis te nemen van het werk van de Stichting in Indonesië. Na een welkomstwoord en een inleiding van de heer Steenmeijer in de Simultaankerk volgde onder klokgelui een rondgang over het ereveld. Via het Columbarium liep het gezelschap naar het vlaggenmonument, waar de minister-president een krans legde namens het Koninkrijk der Nederlanden. Na de kranslegging volgde een minuut stilte, waarna de gasten een bloemetje kregen uitgereikt om die bij

Minister-president Rutte legt een krans op het ereveld Menteng Pulo

46


Premier Rutte alleen met zijn gedachten op het ereveld in Jakarta

een graf of monument te leggen. De rondgang over het ereveld werd voortgezet langs o.a. het graf van de generaal Spoor. De heer Rutte, die banden heeft met het voormalig Nederlands-Indië maar zelf voor het eerst in Indonesië was, toonde grote belangstelling voor het werk van de Stichting en zei het een voorrecht te vinden om een Nederlands ereveld in het buitenland te mogen bezoeken. Bij zijn vertrek nam de premier afscheid van de aangetreden bemanning van het ereveld en bedankte hen voor het goede werk dat zij verrichten. Directiewisseling

Op 1 december trad de heer Peter Steenmeijer af als directeur Indonesië van de Oorlogsgravenstichting. In de periode van 28 oktober tot 8 november reisde hij met zijn opvolger, de heer R.C.J.M. van de Rijdt, langs alle zeven erevelden op Java. Zij werden daarbij vergezeld door de echtgenote van de heer Steenmeijer, Margot Steenmeijer-Luijke, en de heer Rudy da Costa, hoofd technische zaken van het kantoor te Jakarta. Op alle erevelden hielden de aftredende en de nieuwe directeur een afscheidsdan wel kennismakingstoespraak. De medewerkers op de erevelden konden op deze wijze afscheid nemen van de heer en mevrouw Steenmeijer en kennismaken met de heer Robbert van de Rijdt als directeur Indonesië. De nieuwe directeur werd op de hoogte gebracht van de bijzonderheden en lopende projecten op de erevelden. 47


Robbert van de Rijdt ontvangt de sleutel van het kantoor van Peter Steenmeijer

Een afscheidslied voor Peter Steenmeijer

48


Peter en Margot Steenmeijer nemen afscheid

Een selamatanmaaltijd ter ere van Peter Steenmeijer

Kennismaking met de nieuwe directeur Indonesie

Peter Steenmeijer neemt afscheid van de heer Sunari

Met ingang van 1 december 2013 is de heer R.C.J.M. van de Rijdt benoemd tot directeur Indonesië van de Oorlogsgravenstichting. Robbert van de Rijdt is geboren in Tomohon, Indonesië in 1957. Hij is opgegroeid in Limburg en volgde na de HBS-B de officiersopleiding op het Koninklijk Instituut voor de Marine in Den Helder. Tijdens zijn loopbaan als marineofficier is hij meerdere malen uitgezonden geweest en heeft hij verschillende functies binnen de logistieke dienst vervuld. Robbert van de Rijdt heeft na een carrière van 35 jaar de Koninklijke Marine verlaten als kapitein-luitenant-ter-zee. Zijn laatste functie was beleidsadviseur bij de Directie Materieel Organisatie Robbert van de Rijdt van het ministerie van Defensie in Den Haag. 49


Aantal bezoekers in 2013 per ereveld:

Ereveld Ancol 559 Ereveld Menteng Pulo 1107 Ereveld Pandu 2079 Ereveld Leuwigajah 1048 Ereveld Candi 343 Ereveld Kalibanteng 430 Ereveld Kembang Kuning 1227 Totaal 6.793 Europa

Inspectie en onderhoudsbezoeken erevelden Duitsland, Frankrijk en Oostenrijk Bremen, Hamburg, Osnabrück Frankfurt am Main, Lübeck Hannover, Düsseldorf, Salzburg

Het gerenoveerde dak van het paviljoen op het ereveld in Düsseldorf

De bovengenoemde erevelden zijn in het verslagjaar eveneens bezocht door de twee mobiele ploegen van de technische dienst van de Stichting. Zij hebben daar alle grafstenen en monumenten grondig gereinigd. Tevens werden tientallen grafstenen vervangen, werden letters op de monumenten geverfd en werden kleine reparaties uitgevoerd. In het verslagjaar is ook het Nederlands ereveld in Orry-la-Ville geïnspecteerd. Hierbij is vastgesteld dat de beplanting op het ereveld gerenoveerd dient te worden. Op het ereveld in Orry-la-Ville liggen 114 Nederlandse oorlogsslachtoffers begraven die vanuit heel Frankrijk op dit ereveld geconcentreerd zijn. Op gedenkplaten in het paviljoen staan de namen van 108 oorlogsslachtoffers vermeld die elders in Frankrijk begraven liggen. Hun graven konden niet worden overgebracht. Het ereveld is aangelegd door de Oorlogsgravenstichting en ingewijd op 3 mei 1958. Sindsdien wordt het onderhouden door onze Franse zusterorganisatie, l' Office National des Anciens Combattants. De tuinmannen die deze organisatie aanstelde, hadden een grote mate van zelfstandigheid bij het onderhouden van het ereveld. Met name de laatste vaste opzichter van het ereveld, bracht bijzonder fraaie, maar onderhoudsintensieve beplanting aan. Toen hij vervangen werd door een ambulante medewerker die ook op andere locaties werkzaamheden moest verrichten, liep de kwaliteit van het onderhoud zienderogen terug. Dit had niets te maken met de inzet van de nieuwe medewerker, maar alles met de arbeidsintensieve beplanting op het ereveld. 50


Het insteken van groen voor de graven ter bescherming van de bloembollen

Inspectie van het Nederlands ereveld in Frankfurt am Main

Het Nederlands ereveld Hannover na het uitgevoerde onderhoud door de CWGC

51


HERDENKINGEN Nederland

In 2013 hebben bestuursleden de Oorlogsgravenstichting vertegenwoordigd bij de volgende plechtigheden en bijeenkomsten ter herdenking van oorlogsslachtoffers. 25 april Den Haag 4 mei Amsterdam 4 mei Den Helder 4 mei Loenen 4 mei Rhenen 4 mei Soesterberg 15 mei Kapelle 26 mei Margraten 28 mei Rhenen 15 augustus Den Haag 13 november Den Haag 18 november Ysselsteyn

ANZAC Day Herdenking op de begraafplaats Westduin Nationale Herdenking op de Dam Herdenking van de gesneuvelden van de Koninklijke Marine en de Koopvaardij Herdenking van alle Nederlandse oorlogsslachtoffers op het ereveld Loenen Herdenking gevallen militairen op het Militair ereveld Grebbeberg Herdenking van de gesneuvelden van de Koninklijke Luchtmacht Herdenking op het Frans Militair ereveld Memorial Day Herdenking op het Amerikaanse ereveld 2e Pinksterdagherdenking 8 R.I. 1940 Herdenking capitulatie van Japan bij het Indisch monument Remembrance Day op de begraafplaats Westduin Volkstrauertag op het Soldatenfriedhof

4-meiherdenking ereveld Loenen

Voorafgaand aan de dodenherdenking op het ereveld Loenen verzorgden ds. J.W.C. van Driel en pastoor H.W.J.M. Rekveld een oecumenische dienst voor de kapel op het ereveld. De dienst werd muzikaal ondersteund door de organist mevrouw J.E. Tolman-Jochems en Marc en Eline Dammers op de altsaxofoon en dwarsfluit. Ook het koor Con Spirito onder leiding van de heer A.J. van Dalen verleende haar medewerking. Pastoor Rekveld sprak een overweging uit die in het teken van vrede stond. “Vrede wereldwijd, is het een droom of zal het ooit werkelijkheid zijn?” vroeg de pastoor. “Voor het ontstaan van vrede is vertrouwen nodig. Vertrouwen in de overheid en vertrouwen bij burgers onderling. Om vrede te vinden moeten we wantrouwen wegnemen. Liefde en gerechtigheid maken de vrede sterker. Vrijheid is gestoeld op wederzijds vertrouwen. Hiervoor 52


moeten we in gesprek gaan en elkaar zo aanzetten tot vrijheid wereldwijd”. Hierna droeg Lobke Slief het gedicht ‘Wat is vrijheid?’ voor. Hieronder volgen twee strofen: Vrijheid kan geluk verwerven. Andersom dan lukt dat niet. Net zoals genot zal sterven, zonder vrijheid komt verdriet. Vrijheid zetelt in je wezen waarmee jij dit leven leeft. Vrijheid hoeft nooit iets vrezen, van wat jij aan anderen geeft. Tot slot sprak ds. Van Driel de zegen over de aanwezigen uit.

Vervolgens kreeg dr. M.J. Cohen, voormalig politicus en oud-burgemeester van Amsterdam, het woord. Zijn toespraak stond in het teken van het ‘weten’. De heer Cohen begon zijn toespraak met een alinea uit een toespraak die Harry Mulisch uitsprak op 4 mei 2000 bij het oorlogsmonument aan de Apollolaan in 53


Amsterdam. Mulisch zei: “Wie iemand verloren heeft, bij voorbeeld door een verkeersongeluk, ergens op een straathoek, zal de rest van zijn leven op die hoek iets zien dat niemand anders ziet. Als hij er langs komt, zal zijn gezicht verstrakken, alleen het zijne. Dat geldt voor alle straathoeken, voor alle huizen waarin gemoord is, en waarin wij misschien zelf wonen: wij zien niet meer wat er ooit te zien was.” En Mulisch verhaalt wat hij daar, rond de Apollolaan, in de oorlog heeft gezien en meegemaakt. Hij eindigt aldus: “Op een dag zal er niemand meer zijn, die al dat onzichtbare nog ziet. Wie er iets van gezien heeft, zoals nog velen hier veel verschrikkelijker taferelen hebben gezien, kan het niet vergeten; maar zij die er niets van hebben gezien, zoals al vele anderen hier, zullen het eigenlijke nooit werkelijk weten. Misschien moeten wij hen gelukkig prijzen.” De heer Cohen vervolgde “Ik ben geboren in 1947, en mag mij gelukkig prijzen tot de laatste groep te behoren. Daarom geldt ook voor mij: ik weet van ‘het eigenlijke’ niet uit eigen ervaring. En met mij talloze medeburgers, die, evenals ik, op 4 mei stilstaan bij hen die door oorlogshandelingen om het leven zijn gekomen. Oorlogshandelingen van zeer verschillende aard: vermoorde joden zoals mijn grootouders, maar ook verzetsstrijders, en militairen, die in de meidagen van 1940 zijn gesneuveld. Het ereveld in Loenen is een bijzondere plaats om al diegenen die het leven lieten, te gedenken, in de De heer Cohen tijdens zijn toespraak eerste plaats uit eerbetoon aan de slachtoffers en hun nabestaanden. Nabestaanden die soms niet weten waar hun geliefden begraven zijn. Hier, op dit ereveld liggen al bijna tweehonderd onbekenden. Heel soms kan die anonimiteit alsnog worden opgehelderd, zoals onlangs van de verzetsstrijders Corstanje en Van der Horst. Een wereld die mede mogelijk is gemaakt door hen die wij vandaag gedenken, die hun leven hebben gegeven voor datgene waar wij dagelijks van genieten, voor de vrijheid die wij dagelijks, teug na teug, inademen. Omdat wij niet weten wat zij hebben meegemaakt. Omdat wij ‘het eigenlijke’ niet uit eigen ervaring kennen, daarom is het, in de tweede plaats, goed te gedenken en ons te bezinnen. Door bij elkaar te komen, zoals wij vandaag bij elkaar zijn gekomen. Om ons, ieder met zijn en haar eigen herinneringen en ervaringen, te bezinnen op wat wij, die niet hebben meegemaakt, normaal zijn gaan vinden, wat eigenlijk helemaal niet normaal is: Vrijheid. Bezinning daarop brengt ons iets dichterbij 54


‘het eigenlijke’ en doet ons werkelijk gevoelen hoe gelukkig wij kunnen zijn in een vrij land.” Hierna sprak aalmoezenier P. van Lier een overdenking uit met het thema “Vrijheid spreek je af”. Aalmoezenier Van Lier begon en eindigde zijn toespraak met een strofe uit een gedicht van Randwijk: Wij staan tesaam voor het gericht voor goed of kwaad te kiezen, een volk dat voor tirannen zwicht zal meer dan lijf en goed verliezen dan dooft het licht. Het is het slot van een gedicht dat hij schreef om de gevallen kameraden uit het verzet te gedenken. In Amsterdam te vinden op een monument voor van Randwijk. Geen borstbeeld van deze verzetsman en journalist, geen plaquette met zijn afbeelding, maar een tekst om hem te herinneren. Een tekst die dan weer direct een eerbetoon is voor de mensen met wie hij in de WOII in het verzet heeft gezeten. Zij hebben door inzet van heel hun persoon en met vrees voor hun eigen leven heel wat levens gered. Door mensen een onderduikadres te geven, persoonsbewijzen te verschaffen, over de grens te helpen, ondergrondse bladen te drukken enz. Een eerbewijs aan álle mensen die zich tegen de Duitse inval en de bezetting hebben verzet, burgers en militairen. Met erkenning mogen we vandaag de gevallenen gedenken. Allen die hun leven hebben gegeven om de draak van de terreur te bestrijden. Zij die dit hebben gedaan in de veertiger jaren. Maar ook meer recent in de strijd tegen de Taliban in Afghanistan. Op talloze plaatsen in Nederland heeft het herdenken een gezicht gekregen. Als ik me beperk tot recente vredesoperaties en het ereveld hier - ik noem slechts één naam - Sld.1 Timo Smeehuijzen omgekomen in Afghanistan op 15 juni 2007. Met zijn naam en de namen die leven in uw herinnering krijgt de strijd tegen onrecht een gezicht. Wordt ook voelbaar welk offer gebracht wordt door militairen en burgers die zich verzetten tegen terreur: Nederlanders, Afghanen en de militairen van de andere naties die actief zijn in Afghanistan en allen die waar ook ter wereld strijden tegen terreur. Het lijden van allen die slachtoffers zijn van terreur. Het verdriet ook dat blijft bij familie, vrienden in allerlei verband, de collega's, dorp en stadgenoten. Niemand is een eiland” aldus aalmoezenier Van Lier. 55


De 4-meiherdenking op het ereveld Loenen is geadopteerd door de Koninklijke Scholengemeenschap Apeldoorn (KSG). Xyrian ten Napel, Daniel Spruijt en Christian Ran vertelden het verhaal van Apeldoorner Gerrit Kroon die omgekomen is tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De leerlingen van de KSG, vlnr. Daniel Spruijt, Bibi van Alfen, Christian Ran, Bas de Blocq van Scheltinga, Eva van Mourik, Xyrian ten Napel.

Gerrit Kroon, geboren en getogen in Apeldoorn, volgde lager onderwijs aan de De Koningschool. Daarna voltooide hij de opleiding PBNA en verwierf hij het architectendiploma. Vanaf dat moment was hij werkzaam in het aannemersbedrijf van zijn vader. Tijdens de mobilisatie in 1939 was hij als militair ingekwartierd bij de weduwe Bor en haar dochter Driekske in het Betuwse Ochten. Hij kwam de oorlogsdagen van mei 1940 ongeschonden door. In 1942 zag hij kans uit Nederland te ontsnappen. Via allerlei sluiproutes in Frankrijk en Spanje kwam hij uiteindelijk in Engeland terecht. In de rang van sergeant volgde Kroon in Londen een opleiding bij het Bureau Bijzondere Opdrachten (BBO) met de bedoe56


ling te zijner tijd boven bezet gebied te worden gedropt als geheim agent. Dat gebeurde inderdaad op 28 augustus 1944. Het vliegtuig waarmee hij gedropt zou worden, werd echter door de Duitsers neergeschoten. Bij het verlaten van het brandende vliegtuig raakte Gerrit ernstig gewond. Hij werd door de Duitsers gearresteerd en na verhoor opgesloten in kamp Vught. In september 1944 is hij overgebracht naar het beruchte concentratiekamp KL. Neuengamme. Van daaruit volgde transport naar Sandbostel. Enkele dagen voor de capitulatie van de Duitsers overleed hij aan longontsteking en uitputting. Na de oorlog is zijn lichaam overgebracht naar Nederland en herbegraven op het ereveld Loenen. Tot slot werden namens 17 organisaties kransen gelegd bij het beeld De Vallende Man. De leerlingen van de KSG Bibi van Alfen, Bas de Blocq van Scheltinga en Eva van Mourik assisteerden hierbij. De laatste krans werd gelegd namens de Oorlogsgravenstichting door de heren mr. R.S. Croll en G. Flieringa, respectievelijk president en algemeen directeur van de Stichting. De Regionale Politiekapel Noord- en Oost-Gelderland, onder leiding van de heer A. van Arendonk, verzorgde de muzikale omlijsting. Een stille rondgang over het ereveld sloot de herdenkingsbijeenkomst af. Alle aanwezigen kregen van medewerkers van de Stichting een tulp aangereikt die zij tijdens de rondgang op een graf konden leggen.

Kranslegging koepelkrans namens veteranenorganisaties

De heren Croll en Flieringa leggen een krans namens de Oorlogsgravenstichting

57


Kranslegging namens de Engelandvaarders

Kranslegging koepelkrans namens (ex-)rijksgenoten uit de (voormalige) overzeese delen van het Koninkrijk der Nederlanden

Aanwezigen bekijken de kransen bij het centrale monument

4-meiherdenking Militair ereveld Grebbeberg

Op het Militair ereveld Grebbeberg in Rhenen herdacht de krijgsmacht alle militairen die sinds 1940, waar ook ter wereld voor het Koninkrijk der Nederlanden zijn gevallen, dan wel zijn omgekomen bij de uitvoering van de militaire dienst. Generaal-majoor M.J.H.M. van Uhm, plaatsvervangend Commandant Land58


strijdkrachten, trad op als gastheer. De vaandelwacht bestond uit zeven militairen van 11 Infanteriebataljon Air Assault Garderegiment Grenadiers en Jagers uit Schaarsbergen. Het vaandel symboliseert de verbondenheid met het vorstenhuis en het Nederlandse volk. Namens het Koninklijk Huis woonden Hare Koninklijke Hoogheid Prinses Margriet, haar echtgenoot professor mr. Pieter van Vollenhoven en hun zoon Zijne Hoogheid Prins Pieter Christiaan de herdenking bij. Ook waren honderden nabestaanden en belangstellenden aanwezig bij de plechtigheid. De humanistische geestelijke verzorger van Defensie, mevrouw C. van Hastenberg, sprak een overdenking uit.

Het intreden van het vaandel en de vaandelwacht

59


De plaatsvervangende commandanten brengen een eregroet

60


Mevrouw Van Hastenberg spreekt een overdenking uit

“Laten we stil staan op deze plek. Onze voeten op deze grond. Schouder aan schouder, verbonden. Laat de stille, witte stenen, de wind, de bomen, de aarde spreken. De gevallenen die wij vanavond gedenken is het woord ontnomen” zo begon mevrouw Van Hastenberg haar overdenking. Deze stond in het teken van ‘dienen’. De bereidheid om jezelf opzij te zetten voor een ander. Daarnaast verhaalde zij over de grote leegte die het sneuvelen van een dierbare teweeg bracht en de impact daarvan op het achterblijvende gezin. Als voorbeeld nam zij korporaal Jacobus Vermeer die op het ereveld begraven ligt en zijn zoon Teun die achterbleef met zijn moeder. Hun verhaal is te zien en horen in het informatiecentrum op het ereveld en gaat op die manier niet verloren. Hun verhaal wordt bewaard en is tot in lengte van jaren voor een ieder waarneembaar. Mevrouw Van Hastenberg vervolgde: “Als zesjarige jongen gaat Teun in 1945 voor het eerst naar school. `Teun, die heeft geen vader, die is gesneuveld in de strijd.´ En dat was alles wat er over werd gezegd. Een maand later wordt Nederland bevrijd. Opbouwen, werken en niet terugblikken. Stilzwijgen. Het zelf maar verwerken, of niet…”. Op 4 mei worden diegenen herdacht die vanaf het begin van de Tweede Wereldoorlog tot het heden als gevolg van oorlogssituaties en tijdens vredesoperaties het leven hebben verloren, in actief verzet tegen onrecht en geweld, in een strijd voor vrijheid en gerechtigheid. Ook wordt stilgestaan bij de slachtoffers die vielen in noodlottige situaties tijdens de uitoefening van de militaire plicht zoals in ´t Harde en in Eindhoven. Zij die hun leven hebben gelaten omwille van de ander, het hogere, de dienst. 61


Alle gevallenen die op het Militair ereveld Grebbeberg herdacht worden, dachten in de chaos, in de verwarring, in de strijd, ongetwijfeld aan hun thuis. Aan hun ouders, hun partner, hun kinderen. Hun dierbaren. Hun geliefden. Hun naasten. En toch nam Jacob Vermeer met haast afscheid van zijn vrouw en zoon van een half jaar oud als zijn verlof is ingetrokken om stelling te nemen en de Duitsers te weren. Een jong gezin, en toch, hij ging. En toch. Het eigen leven ondergeschikt maken aan een groter goed. Vrijheid. Vrijheid voor je eigen nageslacht. Vrijheid voor komende generaties. Vrijheid van het Nederlandse volk. Veiligheid en toekomst voor onderdrukte bevolkingsgroepen. En toch. Omwille van de man of vrouw die naast je strijdt. De man of vrouw die ook gaat. Voor wie je door het vuur zou gaan, omdat zij dat ook voor jou zou doen. In Nederland leven nabestaanden van gevallen militairen, gewonden, veteranen. “Dat er ruimte mag zijn en blijven voor hun verhalen. Voor hun verwerking. En tegelijkertijd vraagt het ons om de ruimte die de stilte laat vallen te vullen met hún verhalen. Opdat het niet verloren gaat. Deze dienstbaarheid, deze bereidheid, deze verbondenheid” aldus mevrouw Van Hastenberg. Zij eindigde met enkele dichtregels van Esther Jansma: Er is ruimte in mijn hoofd Van stilte die de doden maken Ik moet wel praten. Vervolgens droegen de drie leerlingen van het Van Lodenstein College in Kesteren, Willeke Duim, Cobie Waasdorp en Gerlinde Weststrate gedichten voor. Willeke Duim declameerde het gedicht Vandaag: Vandaag, doe je vrijheid niet alleen, Maar met mensen om je heen. Regels, om de vrijheid te behouden, Dat is ook, wat zij toen wensen zouden. Vandaag, zo veel verschillende mensen, Zo veel bij elkaar, elk met andere wensen. Ieder zijn eigen normen, waarden en rechten, Maar daarvoor hoeven wij niet te vechten. Want vrijheid doe je samen, Vrijheid spreek je af.

62


Ter nagedachtenis van de gevallen werden door 25 organisaties kransen gelegd. Namens de Krijgsmacht legden generaal-majoor M.J.H.M. van Uhm en commandeur dr.ir. A.J. de Waard een krans bij het Leeuwenmonument. Namens de Oorlogsgravenstichting werd een krans gelegd door mevrouw drs. M.R. van Lanschot-van Vloten, lid van de Raad van Toezicht van de Oorlogsgravenstichting, en de algemeen directeur, de heer G. Flieringa.

Generaal Van Uhm (rechts) en commandeur De Waard leggen een krans namens de Krijgsmacht

Mevrouw Van Lanschot en de heer Flieringa leggen een krans

Prinses Margriet en mr. Pieter van Vollenhoven maken onder leiding van de heer Willemsen een rondgang over het ereveld

63


Herdenking Utrecht

Het ComitĂŠ 4-meiherdenking Erehof Prinsesselaan organiseerde in het Nederlandse erehof op de R.K. Begraafplaats St. Barbara in Utrecht een dodenherdenking. Tientallen nabestaanden en belangstellenden woonden de herdenking bij. Centraal tijdens de herdenking stond het overlijden van de Utrechtse verzetsman Adam van der Pijl. Adam is 29 jaar als hij op 21 september 1944 naar een konvooi gevangenen kijkt dat aan zijn winkel in de Potterstraat in Utrecht voorbij trekt. Adam weet dat het kijken naar zo een transport niet mag, maar hij kan zijn nieuwsgierigheid niet bedwingen. Een van de bewakers ziet hem kijken en schiet hem neer. Adam bezwijkt later aan zijn verwondingen en wordt begraven in het familiegraf op de R.K. Begraafplaats in Utrecht. Na de oorlog is zijn lichaam overgebracht naar het Nederlandse erehof in Utrecht dat in beheer en onderhoud is van de Oorlogsgravenstichting. De zoon van Adam, Adri van der Pijl, is nog steeds op zoek naar het verhaal van het overlijden van zijn vader. Het antwoord op de vraag waarom zijn vader die dag is doodgeschoten, heeft hij nooit gehad.

Leerlingen van het VCL leggen een krans bij het grafmonument in Den Haag

64


Herdenking Den Haag

Op 10 mei organiseerde de Stichting Herdenking Militaire Erehof ’s-Gravenhage een herdenking in het Militaire erehof op de gemeentelijke begraafplaats aan de Kerkhoflaan in Den Haag. In het erehof liggen 167 Nederlandse militairen begraven die grotendeels zijn omgekomen in de strijd tegen de Duitse troepen die de residentie aanvielen in de meidagen van 1940. Tientallen nabestaanden, belangstellenden en genodigden woonden de herdenking bij. Leerlingen van het Vrijzinnig-Christelijk Lyceum (VCL) in Den Haag, die het erehof geadopteerd hebben in het kader van het programma van de Oorlogsgravenstichting Adopteer een oorlogsgraf, droegen gedichten voor. Scouts van de Nico Steenbeek Groep uit IJsselstein assisteerden bij de kransleggingen. IndonesiÍ 4-meiherdenking

Op het Nederlands ereveld Menteng Pulo te Jakarta vond de jaarlijkse dodenherdenking plaats. De plechtigheid werd georganiseerd door de Oorlogsgravenstichting in samenwerking met de Nederlandse ambassade in Jakarta. De directeur IndonesiĂŤ van de Stichting, de heer Peter Steenmeijer, ontving 133 belangstellenden, waaronder 41 leerlingen van de Nederlandse Internationale School (NIS), op het ereveld.

65


Onder klokgelui liepen de aanwezigen naar het centrale vlaggenmonument waar vijf kransen werden gelegd ter nagedachtenis aan de Nederlandse oorlogsslachtoffers die vielen in de Tweede Wereldoorlog, in militaire conflicten daarna en tijdens vredesmissies. De eerste krans werd gelegd door de Nederlandse ambassadeur, mr. T. de Zwaan, namens het Koninkrijk der Nederlanden. Vervolgens werden kransen gelegd namens het ministerie van Defensie door de assistent defensieattachĂŠ, sergeant-majoor F. Rambi, namens het Veteranenplatform door de heer Q. Gorkink, en namens de Nederlandse Zakengemeenschap en de Nederlandse Club in Jakarta door respectievelijk de heer E. Bouma en mevrouw M. Mol. Tot slot legde de directeur van de NIS, de heer S. Fisser, een krans namens de NIS. De muzikale omlijsting werd verzorgd door twee hoornblazers van de Indonesische marine. Surabaya

Ook op het Nederlands ereveld Kembang Kuning in Surabaya werden op 4 mei de Nederlandse oorlogsdoden herdacht. De herdenking werd daar georganiseerd door de Oorlogsgravenstichting in samenwerking met het Nederlandse consulaat in Surabaya. De consul, mevrouw S. Pangkey, legde in aanwezigheid van een grote groep belangstellenden namens het Koninkrijk der Nederlanden

Mevrouw Pangkey spreekt de aanwezigen toe

66


een krans ter nagedachtenis van de slachtoffers, aan de voet van het Karel Doormanmonument. Bij aanvang van de plechtigheid werd de scheepsbel van Hr.Ms. Java geluid. Deze bijzondere bel wordt, sinds de overdracht daarvan in 2006, gebruikt bij elke bijzondere gebeurtenis op het ereveld. Op 15 augustus vormde het Nederlands ereveld Menteng Pulo te Jakarta zoals gebruikelijk de passende omlijsting voor de jaarlijkse herdenking van het einde van de Tweede Wereldoorlog. Ruim 40 belangstellenden, voornamelijk afkomstig uit de Nederlandse gemeenschap, woonden de plechtigheid bij. De directeur Indonesië van onze Stichting, de heer Peter Steenmeijer, heette in de Simultaankerk op het ereveld de aanwezigen welkom. In zijn toespraak ging de heer Steenmeijer in op de betekenis van de 15e augustus aan de hand van een kort historisch overzicht van het verloop van de Tweede Wereldoorlog in Zuidoost Azië. Die datum betekende weliswaar het einde van een wereldomvattende oorlog maar luidde in het voormalige Nederlands-Indië niet een periode van vrede in, integendeel: tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd die direct volgde op de Tweede Wereldoorlog lieten duizenden landgenoten het leven. Na een stille tocht over het ereveld werden drie kransen gelegd bij het vlaggenmonument. De heer Plomp legde de eerste krans namens het Koninkrijk der Nederlanden. De assistent-defensieattaché, sergeant-majoor Fred Rambi, legde de tweede krans namens het Ministerie van Defensie, terwijl de heren Douwe Sol en René Mouwen de derde krans legden namens de Stichting Herdenking 15 augustus 1945. De kransleggingsceremonie werd gevolgd door een minuut stilte, waarna alle aanwezigen bloemen kregen uitgereikt om neer te leggen bij individuele graven. Bij het vallen van de duisternis kwam een eind aan de stemmige herdenking. Ook in Den Haag bij het Indisch Monument werd stilgestaan bij de capitulatie van Japan op 15 augustus 1945. Ondanks het slechte weer woonden vierduizend mensen de herdenkingsplechtigheid bij. Namens de Oorlogsgravenstichting legde de heer mr. R.S. Croll, president van de Oorlogsgravenstichting, een krans ter nagedachtenis van de oorlogsslachtoffers die in Nederlands-Indië zijn omgekomen tijdens de Japanse bezetting. Buitenland

Van een aantal Nederlandse ambassades en consulaten in den vreemde ontving de Stichting berichten van op 4 mei gehouden herdenkingen en andere herdenkingsplechtigheden. Net als voorgaande jaren is er een duidelijke toename waar te nemen van jongeren die de herdenkingsbijeenkomsten bijwonen. Een bijzonder positieve ontwikkeling die de betekenis van de herdenkingen onderstreept 67


en de organisatoren stimuleert om hiermee door te gaan. Duitsland

Op alle Nederlandse erevelden in Duitsland: Bremen, Düsseldorf, Frankfurt am Main, Hamburg, Hannover, Lübeck en Osnabrück werden kransen gelegd ter nagedachtenis van de oorlogsslachtoffers. De Nederlandse ambassadeur in Duitsland woonde traditiegetrouw de dodenherdenking in het voormalige con-

Kranslegging op het ereveld in Bremen. Vlnr. Wybren Kats - Frans Peter Wethmar - Hylke Boerstra (Honorair Consul) - Isa Nolle (Landesgeschaftsfuehrer VDK) - Lea Miesener en Ilse Kyritz.

centratiekamp Sachsenhausen bij. Sachsenhausen

In de Gedenkstätte Sachsenhausen organiseerde de Nederlandse ambassade in Berlijn de nationale dodenherdenking. Voor de vierdemaal op rij sprak een Duitse gastspreker tijdens de herdenkingsplechtigheid. De herdenking werd door 250 personen bijgewoond. Zijne excellentie M. Krop, de Nederlandse ambassadeur in Berlijn, stond in zijn overdenking stil bij het door het Comité 4 en 5 mei gekozen thema ‘Vrijheid spreek je af’. Na twee minuten stilte werd gezamenlijk het eerste couplet van het Wilhelmus gezongen. De Nederlandse scholiere Evelien van der Heijden (10 jaar) droeg met heldere stem het nationaal gedicht ‘Nachtelijke overdenkingen’ van Roos Reinartz voor. 4 mei, ik lig in bed maar kan niet slapen 68


Beelden flitsen door mijn hoofd Foto’s die ik zag op tentoonstellingen kransen onder monumenten, een man tegen een muur, zijn ogen gesloten in gebed het kamertje in mijn ooms schuur de lucht zwaar van herinneringen Zo’n klein kamertje zo’n klein belangrijk kamertje een kamertje dat levens heeft gered Ik knip mijn nachtlampje aan en kijk om mij heen mijn laptop, mijn volle kledingkast ik schaam mij er opeens voor Mijn heftigste herinneringen zijn die van een ander Mevrouw H. Allewijn van de Nederlandse Kerk in Berlijn besloot de plechtigheid in Sachsenhausen met een overdenking en het gebed Onze Vader. Düsseldorf

We waren per trein naar Düsseldorf gegaan en vanaf het station naar het Friedhof Stoffeln gelopen, een wandeling van ongeveer veertig minuten. (Wij deden er anderhalf uur over!) Maar het was prachtig weer en we waren ruim op tijd ter plaatse. Na diverse keren het graf van mijn vader te hebben bezocht, was dit de eerste maal dat wij er tijdens de dodenherdenking waren. Het was voor ons en de circa honderdvijftig andere bezoekers een indrukwekkende aangelegenheid. Eerst waren er toespraken van de Nederlandse consul, drs. F. van Beuningen, en de burgemeester van Düsseldorf, mevrouw Gudrun Hock en daarna het gebed geleid door dominee Roggeband. De twee minuten stilte werden aangekondigd door het signaal van de hoornblazer en afgesloten door het signaal Wilhelmus. Vervolgens werden er kransen gelegd namens het Consulaat-Generaal der Nederlanden, de Oberbürgemeister van Düsseldorf en de Nederlandse kerk in Duitsland. Na de plechtigheid was er een rondgang over het ereveld en volgde een wandeling naar Biergarten Stoffeln alwaar alle genodigden een voortreffelijke koffie-en broodtafel werd aangeboden. Na afloop volgde weer de wandeling terug naar het station het geen dit keer wel binnen de gestelde tijd werd afgelegd. Al met al een zeer goed georganiseerde en enerverende dag die ons nog lang zal bijblijven, met dank aan OGS. Bovenstaand verslag ontvingen wij van de heer en mevrouw Heespelink

69


Frankfurt am Main

Afgelopen zaterdag 4 mei hebben mijn man en ik de dodenherdenking op het ereveld in Frankfurt am Main bijgewoond. Dit was voor ons de eerste keer. De herdenkingsdienst met de prachtige bloemstukken en bloemenkransen, de mooie toespraak, het gedicht dat door een 9-jarig meisje werd voorgedragen, de militairen van de Koninklijke Marechaussee die als erepost aanwezig waren, en de aanwezigheid van veel nabestaanden, heeft op mijn man en mij grote indruk gemaakt. Na afloop van de plechtigheid hebben wij met alle aanwezigen in een nabijgelegen hotel koffie gedronken. Dat was een heel prettige en ook weer indrukwekkende ervaring door de vele, zeer persoonlijke verhalen die wij van nabestaanden te horen kregen. Wij hebben van de herdenkingsdienst een aantal foto’s gemaakt. Waarvan ik er een paar mee stuur. Ook namens mijn man wil ik de Oorlogsgravenstichting complimenteren en bedanken voor het prachtige werk wat zij doet. En wij hopen dat u, ondanks de bezuinigen, in staat zal zijn dit in de toekomst op dezelfde wijze te kunnen blijven doen. Bovenstaand verslag ontvingen wij van de heer en mevrouw Ipenburg

De honoraĂ­r consul spreekt de aanwezigen toe

70


Osnabrück

Op het Nederlands ereveld in Osnabrück kwamen enkele nabestaanden, een afvaardiging van het NL/D Legerkorps, van reservisten van 10 Natres batajon en Duitse reservisten bijeen om de Nederlandse oorlogsslachtoffers te herdenken. Namens verschillende organisaties werden kransen gelegd bij het centrale monument. De herdenking werd muzikaal omlijst door een trompetter en een doedelzakspeler.

Canada, Calgary

's Morgens om 10.00 uur werd een dodenherdenking gehouden in Calgary. Hierbij zijn de oorlogsgraven van Adam Jansen en Henderinus J. van Vliet op de City Cemetery Burnsland en het oorlogsgraf van David B. Heymans op de Joodse begraafplaats "Chevra Kadisha Cemetery" bezocht. De honorair consul, mevrouw I. Bakker, legde bloemen op de graven. Hong Kong, SAR

Op het Sai Wan War Cemetery kwam een groot aantal in Hong Kong woonachtige Nederlanders, waaronder zo’n 25 schoolkinderen, hun ouders en leerkrachten bijeen voor de nationale dodenherdenking. Na een inleiding door de Nederlandse consul-generaal, zijne excellentie W. Mohr, droegen de scholieren Perlei Toor, Merel van Buuren en Yanou van Raad ieder een gedeelte voor van het gedicht “Nachtelijke Overdenkingen” van Roos Reinartz. Namens de Stichting Herdenking 15 augustus 1945 werd, door tussenkomst van de Oorlogsgravenstichting, een krans gelegd door consul-generaal Mohr en de majoor der 71


Koninklijke Marechaussee O. Tervoort gevolgd door twee minuten stilte. Nadat een trompettist van de Hong Kong Police Force de Last Post had geblazen werden door de schoolkinderen witte rozen neergelegd bij de graven van de Nederlandse oorlogsslachtoffers. Op het gemenebest ereveld liggen 72 Nederlandse slachtoffers en twee Nederlanders liggen op het Stanley Military Cemetery in Hong Kong. Deze erevelden worden onderhouden door de Commonwealth War Graves Commission.

Consul-Generaal Mohr met de schoolkinderen

Oslo

De dag startte regenachtig, maar dit veranderde in de loop van de namiddag. De graven lagen er heel netjes bij, mede te danken aan de door de Oorlogsgravenstichting verzorgde bloemen en het werk van de opzichter van de begraafplaats, de heer Roger Larsson. Tussen 19.30 tot 19.45 uur arriveerden circa 70 gasten die de dodenherdenking wilden bijwonen. De Nederlandse ambassadeur, zijne excellentie R. van Rijssen, hield een toespraak. Hierna werden de muzikanten verzocht de taptoe te blazen. Na de taptoe volgden twee minuten stilte en het eerste couplet van het volkslied. De ambassadeur en zijn echtgenote legden als eerste de krans geassisteerd door twee leerlingen van de Nederlandse school in 72


Oslo. Gevolgd door de defensieattachĂŠ, luitenant-kolonel P. Teeuw, met 3 leerlingen en tot slot de voorzitter van de Nederlandse club in Oslo, mevrouw K. de Groot samen met een leerling. Tot slot kreeg eenieder de gelegenheid om een roos om op een graf neer te leggen.

Kransleggingen op het Nederlands ereveld in Oslo

73


PELGRIMSREIZEN Sinds 1969 organiseert de Stichting jaarlijks pelgrimsreizen voor nabestaanden van Nederlandse oorlogsslachtoffers naar erevelden in het Verre Oosten met het doel hen in de gelegenheid te stellen de graven van hun dierbaren te bezoeken. Naast het bezoek aan het ereveld wordt tijd uitgetrokken voor het bezichtigen van diverse culturele bezienswaardigheden. De nadruk ligt echter op het verwerkingsaspect van de reis. Een bijzondere factor van deze reizen is namelijk het gemeenschappelijke doel. Het is de ervaring van de Oorlogsgravenstichting dat nabestaanden door het deelnemen aan een groepsreis die bestaat uit lotgenoten zich sneller op hun gemak voelen en beter hun gevoelens onder woorden kunnen brengen en uiten. Op die manier krijgt het gemis van een familielid een eigen plaats in hun leven. In 2013 werden twee reizen georganiseerd. Een naar IndonesiĂŤ met als bestemming Jakarta, Bandung, Cimahi en Semarang, en een naar Thailand. Op de bezochte erevelden werd een herdenkingsplechtigheid gehouden met een kranslegging namens de pelgrimsgroepen bij het centrale monument. Aan de reizen naar IndonesiĂŤ en Thailand namen in totaal 55 reizigers deel. De pelgrimsreizen werden mede mogelijk gemaakt door het Nationiaal Fonds voor Vrede, Vrijheid en Veteranenzorg (Vfonds) dat meedeelt in de opbrengsten uit de BankGiroLoterij. Deelname aan deze loterij wordt daarom van harte aanbevolen. Van 2 tot 12 juni bracht de gecombineerde Jakarta/Bandung/Semarang pelgrimsgroep bezoeken aan de erevelden op Java. Er werden namens de groep kransen gelegd op het ereveld Ancol door mevrouw A. de Jong en de heer P. Steenmeijer, op het ereveld Menteng Pulo door mevrouw L.A. van Herkhuizen, mevrouw G.J. Abspoel-van Herkhuizen, mevrouw I.L. van Nieuwenhoven-Tessensohn en mevrouw S.M.L.W. van der Meer-van Nieuwenhoven, op het ereveld Pandu door mevrouw L. Feirabend Londt-Schultz en mevrouw H.E. Smith, op het ereveld Leuwigajah door mevrouw G. Croes en de heer E. Croes, op het ereveld Kalibanteng door mevrouw J.H. van der Mevrouw De Jong en heer Steenmeijer Spek en mevrouw Ch. Hendriks-van Dam. leggen een krans namens de groep 74


Ter gelegenheid van de onthulling van een nieuwe Nederlands oorlogsmonument op het Kanchananburi War Cemetery organiseerde de Oorlogsgravenstichting een pelgrimsreis naar Thailand van 23 oktober tot 1 november. De Stichting Herdenking Birma-Siam De deelnemers aan de pelgrimsreis naar Indonesië Spoorweg en Pakan Baroe Spoorweg (SHBSS) organiseerde een reis voor veteranen en hun nabestaanden naar Thailand in dezelfde periode. De groepen kwamen op 26 oktober samen op het ereveld in verband met de onthulling van het monument. Namens de groep van de Oorlogsgravenstichting werd op het ereveld Chungkai de krans gelegd door mevrouw H.T. de Jong – Wouters, mevrouw S. de Jong, mevrouw S. van Pomeren – de Jong en de heer R. de Jong. Op het ereveld Kanchanaburi werd namens de nabestaanden slachtoffers monument de krans gelegd door Olivier Croll en mevrouw C.H. van Kuijk – Hanssens, namens de overige nabestaanden werd een krans gelegd door de heer K.A. de Haan en mevrouw A.J.M. de Haan – Wittermans.

De deelnemers aan de pelgrimsreizen van de Stichting Herdenking Birma-Siam Spoorweg en Pakan Baroe Spoorweg en de Oorlogsgravenstichting op het ereveld Kanchanaburi

75


UIT DE INGEKOMEN POST “Ik heb van Edwin, onze zoon en onderwijzer op de Willemsschool, vernomen dat de Willemsschool het oorlogsgraf van mijn oom heeft geadopteerd. Ik ben erg blij dat, zeker gezien de familielijn Edwin - Jacob, de school de zorg op zich heeft genomen om in de toekomst voor het graf van Jacob te zorgen”. “Wat fijn om al zo snel van u te mogen horen. Ik ben nog onder de indruk van ons bezoek aan het graf van mijn grootvader gister. Die oorlog is al zo lang geleden, mijn moeder was nog maar een klein meisje toen haar vader werd weggevoerd. Zij is nu op een leeftijd dat er op de een of andere manier steeds vaker over wordt gesproken, wat voor mij aanleiding was om eens te proberen iets uit te gaan zoeken”. “Afgelopen zaterdag zijn we teruggekomen uit Myanmar. We hebben de begraafplaats in Thanbyuzayat bezocht en troffen deze uitstekend onderhouden aan”. “Hierbij stuur ik U een foto van wijlen mijn vader J.A.Wamsteeker, voor toevoeging aan het slachtofferregister. Neem aan dat U de foto elektronisch zo kunt manipuleren, dat hij past. Gaarne het origineel t.z.t. retour. Ik voeg nog even een klein C.V.-tje van mijn vader toe. Als ik er over een tijdje niet meer ben, zal er niemand meer zijn die zich mijn vader nog herinnert. Hij glijdt dan weg in de geschiedenis. Ik begrijp, dat mijn verhaaltje geen officiële plek heeft bij de OGS, maar misschien kan het toch in een mapje worden opgeslagen”. “Wij zijn afgelopen zomer op de erebegraafplaats in Surabaya geweest. Ik vond het heel bijzonder daar te zijn. Wij hebben op de begraafplaats veel foto’s gemaakt. Ook om te laten zien aan mijn tante, zij is nu 85. Zij is ernstig ziek, maar vond het prachtig de foto’s te zien en mooi dat wij daar waren geweest”. “Ik ben u dankbaar dat u zoveel tijd en energie wilt steken in de geschiedenis van één enkele overledene. Voor zover ik weet beschikt de familie niet over een pasfoto. Ik heb binnen de familie een oproep geplaatst, maar verwacht daar (helaas) niet veel van”.

76


“We vonden het leuk je weer te hebben ontmoet in Bronbeek. Het was een gezellige bijeenkomst met een indrukwekkende documentaire. Wij (Corry en mijn zoon Will jr.) hebben de pelgrimsreis naar Thailand mee mogen maken. Heel emotioneel... denkend dat mijn vader in die jungle op een gegeven moment zijn leven moest laten”. “Morgen willen we met een aantal leerlingen om rond kwart voor drie naar de begraafplaats gaan. We hebben vandaag een bloemstukje gemaakt dat we op het adoptiegraf gaan plaatsen”. “Hartelijk dank voor Uw beste wensen. Wederkerig wens ik U en de Uwen een gezegend maar vooral gezond 2014 toe. Tevens vriendelijke dank voor de snelle en perfecte rectificatie van de naam op het kruis van mijn overleden broer en voor de toegezonden foto”. “Ik zal eens verder op de website van uw stichting kijken, ik heb al iets gelezen over het adopteren van een oorlogsgraf bijvoorbeeld. Ik ben nu al zo blij verrast met uw reactie, uw goede werk moet vooral doorgaan en ik zal eens zien op welke manier ik uw stichting kan en wil steunen”. “Via deze weg willen we jullie nogmaals hartelijk danken voor de geweldige reis die we onder jullie leiding hebben gemaakt. Wij hebben van elke dag ontzettend genoten. Hoewel geboren in Indië waren we nog nooit terug geweest naar de tropen, maar nu kwamen er weer allerlei herinneringen uit je jeugd naar boven. Heel bijzonder. De organisatie was perfect met een mooi wisselend programma, waarbij natuurlijk de gebeurtenissen rond het monument zeer indrukwekkend waren. Wij hadden nog nooit een groepsreis meegemaakt, maar door de gemeenschappelijke achtergrond werd het toch gauw een 'groep' en hebben we het erg naar onze zin gehad.”

77


DIENSTVERLENING Bloemlegging en graffoto's

Sinds jaar en dag verzorgt de Oorlogsgravenstichting op verzoek van nabestaanden en belangstellenden bloem- en kransleggingen op de erevelden in IndonesiĂŤ en Thailand. Op onze website www.ogs.nl vindt u onder de link Dienstverlening uitgebreide informatie over de diensten die wij verzorgen. In het verslagjaar hebben wij op de erevelden in Thailand 126 bloemstukjes geplaatst. In IndonesiĂŤ voerden wij in totaal 1170 bloemleggingen uit en werden er 65 kransleggingen verzorgd. Op verzoek van nabestaanden maakten wij 1078 graffoto's.

78


PUBLICITEIT en INFORMATIE Website Oorlogsgravenstichting (www.ogs.nl)

De website van de Oorlogsgravenstichting is sinds 28 november 2002 online. In het verslagjaar telde de website 576.511 bezoekers (een bezoeker is een bezoekend z.g. IP-adres aan de OGS website van openen tot sluiten) tegen 436.159 in 2012. Het jaartotaal van de geregistreerde hits is gedaald van 5.862.453 in 2012 tot 5.027.038 in 2013. Bezoeken aan het Slachtofferregister worden apart gemeten. Dit heeft invloed op de hoogte van het aantal bezoekers en de geregistreerde hits. Bezoekers die het register veelvuldig raadplegen (voor werk, hobby of anderszins) komen niet meer via de website binnen. Zij gebruiken een directe link. In 2013 is het Slachtofferregister 58.667 keer geraadpleegd (in 2012 was dat 52.202) wat 808.086 hits opleverde. DVD, films ‘Want elk graf heeft z’n verhaal’

In opdracht van de Oorlogsgravenstichting heeft Pia Media BV een concept ontwikkeld om door middel van films het werk van de Stichting onder de aandacht van een breed publiek te brengen. Nabestaanden van oorlogsslachtoffers vertellen over het verlies van een dierbare en de impact dat dit gemis heeft gehad op hun verdere leven. Persoonlijke, indringende herinneringen van nabestaanden vormen de leidraad van de films. Recente opnamen van graven en erevelden worden afgewisseld met foto's van de slachtoffers met hun familieleden en beelden van historische gebeurtenissen. Aan de hand hiervan wordt de betekenis en het belang van het werk van de Oorlogsgravenstichting in beeld gebracht. Erevelden zijn geen verzameling graftekens, maar locaties waar individuele slachtoffers begraven liggen en herdacht worden. De films zijn te koop op DVD. Deel 1 van de film ‘Want elk graf heeft z’n verhaal’ gaat over het werk van de Stichting in Indonesië. Op de DVD staat als extra een registratie van de onthulling van de bronzen platen met de namen van 915 marinemannen die een zeemansgraf vonden bij na de Slag in de Javazee op 27 februari 1942. De DVD kost € 6,50. Deel 2 gaat over het werk van de Stichting in Nederland. Op de DVD staat als extra registraties van de dodenherdenking op het Ereveld Loenen en het Militair ereveld Grebbeberg van 4 mei 2009. De DVD kost € 6,50.

79


Deel 3 gaat over het werk van de Stichting in Europa. In dit deel worden nabestaanden geïnterviewd van oorlogsslachtoffers die begraven liggen op erevelden in Duitsland, Frankrijk, Oostenrijk en Italië, maar ook van slachtoffers die zijn omgebracht in Duitse concentratiekampen. Op de DVD staat als extra een impressie van het Jubileumsymposium ter gelegenheid van het 65-jarig bestaan van de Stichting in aanwezigheid van Hare Majesteit de Koningin in 2011. De DVD kost € 6,50 incl. verzendkosten in Nederland. Deze film werd mede mogelijk gemaakt door Pia Media BV en het Vfonds. Genoemde bedragen kunt u overmaken op het IBAN rekeningnummer NL53ABNA0246244097 ten name van de Oorlogsgravenstichting in Den Haag, onder vermelding van 'DVD Indonesië’, ‘DVD Nederland' of ‘DVD Europa’, en uw naam en adres. U ontvangt de bestelde DVD dan binnen een week na ontvangst van de betaling. Lezingen

De mogelijkheid bestaat om voor het middelbaar onderwijs, verenigingen, gezelschappen e.d. een PowerPoint presentatie te houden over het werk van de Oorlogsgravenstichting. Presentatiewand Jeugdwebsite

Om de jeugdwebsite Eenlevenverloren.nl onder de aandacht van de doelgroep te brengen, heeft de Stichting een presentatiewand laten maken. Deze wand wordt kosteloos ter beschikking gesteld en kan worden opgezet in bijvoorbeeld bibliotheken, buurthuizen, clubhuizen, gemeentehuizen, heemkundekringen, oudheidskamers, scholen, wijkcentra. Voorlichtingsstand ‘De Oorlogsgravenstichting’

Organiseert u een reünie of bijeenkomst en beschikt u over voldoende ruimte (ca. 4 bij 2 meter) dan kunnen wij de voorlichtingsstand plaatsen en informatie verstrekken over het werk en doelstelling van de Stichting. Nadere inlichtingen over deze activiteiten zijn verkrijgbaar bij de afdeling Voorlichting. 80


TER INFORMATIE Herbegravingen in Nederland

Om te voorkomen dat stoffelijke resten van oorlogsslachtoffers verloren gaan, streeft de Oorlogsgravenstichting ernaar de in Nederland verspreid liggende particuliere oorlogsgraven bij ruiming, onvoldoende onderhoud of om andere redenen gewenst over te brengen naar het Militair ereveld Grebbeberg te Rhenen of het ereveld Loenen. Hieraan zijn voor nabestaanden geen kosten verbonden. Ook de nieuwe grafinrichting komt voor rekening van de Stichting. Voorts zijn voor graven op de erevelden geen onderhoudskosten of grafrechten verschuldigd. Militairen, gesneuveld in de meidagen van 1940, worden overgebracht naar het Militair ereveld Grebbeberg, de overige militairen en de burgerslachtoffers naar het ereveld Loenen. Wanneer men de overbrenging van een oorlogsgraf wenselijk acht, kan men zich wenden tot de afdeling Beheer en Onderhoud van de Oorlogsgravenstichting. Adreswijzigingen

Adreswijzigingen zijn bij voorkeur op te geven door middel van de bekende verhuiskaart, per e-mail of eventueel telefonisch. Omdat acceptgiro’s per computer worden verwerkt, kunnen eventuele wijzigingen niet via deze formulieren worden doorgegeven. Wij vragen hiervoor uw begrip.

Herbegrafenis met beperkte militair eer van soldaat P.J. Litjens op het Militair ereveld Grebbeberg in Rhenen

81


FINANCIËLE STEUN De Oorlogsgravenstichting ontvangt voor de uitvoering van haar werkzaamheden een doelfinanciering van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). Deze subsidie maakt ongeveer 93% uit van onze jaarlijkse begroting. Met het ministerie is een regeling afgesproken waarin vermeldt staat waaraan wij de ontvangen subsidiegelden mogen uitgeven. De geldende regeling is gepubliceerd in de Staatcourant van 20 juni 2013 en staat bekend onder de naam “Regeling Subsidiëring Oorlogsgravenstichting 2013”. Daarnaast ontvangt de Stichting van een groep trouwe begunstigers periodiek bijdragen en giften die ongeveer 7 % van onze begroting uitmaken. Ook ontvangen wij soms legaten en bijzondere schenkingen. Eens per jaar bieden wij aan het ministerie van BZK een financieel jaarverslag inclusief een accountantsverklaring aan. De accountant controleert, conform de eis van het ministerie, de Stichting. Het jaarverslag is de verantwoording van het bestuur van de Stichting voor haar uitgaven en haar gevoerde beleid naar het ministerie. Met dit jaarverslag en de accountantsverklaring wordt door de Stichting voldaan aan de openheid die tegenwoordig van een Stichting zoals die van ons mag worden verwacht. Bovendien publiceren wij jaarlijks een jaarbericht dat onder andere wordt toegezonden aan begunstigers van de Stichting. Met ingang van 1 januari 2014 is een ANBI verplicht om in verband met transparantie bepaalde gegevens op internet te publiceren. Via een link op onze website www.ogs.nl zijn deze ANBI gegevens te lezen of te downloaden. Beschikt u niet over internet dan kunnen wij u deze informatie op verzoek toesturen. Neemt u hiervoor contact op met onze afdeling Financiën. Deze is bereikbaar onder telefoonnummers 070-3131091 en 070-3131090. In de vorm van giften, bijdragen van nabestaanden en legaten ontvingen wij een bedrag van € 398.172. De specificatie van dit bedrag is: Collectebussen Loenen en Grebbeberg 9 Legaten Periodieke en andere bijdragen 25 Bijdragen voor het Leven Totaal opbrengst 2013

82

€ 4.270 € 238.526 € 144.826 € 10.550 € 398.172


Soms ontvangt de Oorlogsgravenstichting legaten en aparte giften waaraan door de schenker voorwaarden verbonden zijn bij de besteding daarvan. In het verslagjaar ontvingen wij in totaal â‚Ź 36.198. Deze schenkingen worden door de Stichting gebruikt voor speciale projecten. In 2013 kon hierdoor een bijdrage geleverd worden aan het nieuwe monument op het Kanchanaburi War Cemetery. Op dit monument worden de namen genoemd van 73 slachtoffers omgekomen tijdens de aanleg en onderhoud van de Birmaspoorweg en van wie de lichamen nooit zijn teruggevonden; een collectezuil op het militair ereveld Grebbeberg; de kosten voor deelname aan de onderwijsbeurs en de renovatie van het bord Engelandvaarders. De Stichting is de goede gevers bijzonder dankbaar!

Een schenking maakte de plaatsing van een zitbank op het ereveld in Hannover mogelijk

Schenken met belastingvoordeel

Een fiscaal aantrekkelijke manier van schenken is periodiek schenken. Met een periodieke schenking is uw bijdrage jaarlijks geheel aftrekbaar van uw belastbaar inkomen. Sinds januari 2008 kan dit alleen nog als de instelling waar u 83


een schenking aan doet een Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI) is. De periodieke schenking heeft een minimale duur van vijf jaar. De Oorlogsgravenstichting is door de Belastingdienst aangemerkt als ANBI. Hierdoor zijn wij vrijgesteld van schenkings- en successierecht voor erfenissen en schenkingen die wij ontvangen in het kader van het algemeen belang. Met een periodieke schenking kunt u uw gift verhogen zonder dat het u extra geld kost! Rekenvoorbeeld

Stel, u geeft jaarlijks € 100 aan de Oorlogsgravenstichting en u zit in het 42% belastingtarief. U besluit er een periodieke schenking van te maken. U verhoogt uw jaarlijkse schenking van € 100 naar € 172. Via uw aangifte stort De Belastingdienst 42% terug op uw rekening: € 72. De schenking 'kost' u dus geen € 172, maar € 100. Resultaat: u geeft jaarlijks nog steeds € 100, maar de Oorlogsgravenstichting beschikt over een bedrag van € 172! Sinds 1 januari 2014 is een notariële akte voor een periodieke gift met belastingvoordeel niet meer nodig. Volstaan kan worden met een onderhandse overeenkomst die vanaf de website van de belastingdienst kan worden gedownload. Deze overeenkomst bestaat uit twee formulieren (1 exemplaar voor de schenker en 1 voor de begunstigde) deze moeten door beide partijen worden ingevuld en ondertekend. Voor algemene informatie over de periodieke schenking met een onderhandse overeenkomst verwijzen wij u naar de website van de Belastingdienst (www. belastingdienst.nl/giften) Als u interesse heeft in deze wijze van schenken, of een formulier van ons wenst te ontvangen, neemt u dan contact op met mevrouw J. Slappendel, tel. 0703131090 of e-mail jslappendel@ogs.nl. Automatische incasso

In verband met de kosten die verbonden zijn aan het gebruik van een acceptgirokaart geven wij u in overweging de jaarlijkse bijdrage aan de Stichting (of een periodieke betaling voor een bloemlegging) voortaan middels een automatische incasso te voldoen. Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met mevrouw J. Slappendel-IJmkers. Betalingen vanuit het buitenland

Regelmatig ontvangt de Stichting cheques, al dan niet in buitenlandse valuta, ten behoeve van de betaling van bloem-/kransleggingen of als begunstigerbijdrage. 84


In voorkomende gevallen verzoeken wij u geen cheques te gebruiken omdat de incassokosten die ons hiervoor in rekening worden gebracht hoog zijn. Voor internationale overboekingen zijn de volgende bankgegevens van de Oorlogsgravenstichting van belang: ABN Amrobank IBAN: NL53ABNA0246244097, BIC-code: ABNANL2A Verandering in het Europese betalingsverkeer

Met ingang van 1 februari 2014 is het betalingsverkeer in de Euro landen overgegaan op IBAN en SEPA betalingen en incasso’s. Wat verandert er hierdoor voor de begunstigers van de Stichting? De oude acceptgirokaarten kunnen vanaf 1 februari 2014 niet meer door onze bankinstellingen verwerkt worden. Hiervoor in de plaats is een nieuw acceptgiroformulier gekomen. De OGS is al met verspreiding van deze formulieren begonnen in december 2013. Mocht u nog een oud model acceptgiro van onze stichting in uw bezit hebben dan verzoeken wij u deze aan ons terug te zenden met het verzoek om een nieuw model acceptgiro. Heeft u de OGS een machtiging verleend om jaarlijks in een bepaalde maand uw bijdrage automatisch te incasseren dan blijft deze machtiging van toepassing. Om te voldoen aan de nieuwe Europese richtlijnen moet er een uniek nummer bij uw machtiging vermeld worden. De OGS maakt al gebruik van een uniek nummer namelijk uw relatienummer. Dit nummer bestaat uit 8 cijfers en ziet u op uw afschrift terug. Vanaf februari 2014 ziet u bij de afschrijving van uw jaarlijkse bijdrage voortaan ook het Incasso id van de OGS namelijk NL05ZZZ411491800000 Verder zijn wij verplicht u te melden wanneer de afschrijving plaats gaat vinden. Dit doen wij op het moment dat u zich aanmeldt als begunstiger van onze stichting. U krijgt dan van ons een bevestigingsbrief waarin staat dat wij elk jaar aan het eind van de door u gekozen maand het bedrag van uw rekening af zullen schrijven. Bent u al begunstiger en heeft u deze brief niet meer dan verzoeken wij u contact op te nemen met mevrouw J. Slappendel, zij kan u dan vertellen op welk tijdstip uw bijdrage wordt afgeschreven. Mevrouw Slappendel is te bereiken op op het telefoonnummer 070-3131090 of per e-mail jslappendel@ogs.nl

85


ORGANISATIE Beschermheer:

Zijne Majesteit de Koning Op dinsdag 30 april 2013 ondertekende Koningin Beatrix de akte van abdicatie, waarmee zij afstand deed van de Troon. Hiermee ging het koningschap over op haar oudste zoon Kroonprins Willem-Alexander, die diezelfde dag in de Nieuwe Kerk in Amsterdam is ingehuldigd als Koning der Nederlanden. Met de abdicatie kwam voor Koningin Beatrix ook een einde aan 33 jaar beschermvrouwschap van de Oorlogsgravenstichting en werd Koning Willem-Alexander beschermheer. Raad van Toezicht per 31 december 2013

President: Vice-voorzitter: Algemeen secretaris:

Mr. J.P.H. Donner, vice-president Raad van State J.A. van Diepenbrugge, luitenant-generaal der Koninklijke Landmacht b.d. C.N.J. Neisingh, generaal-majoor der Koninklijke Marechaussee b.d.

Overige leden:

Jhr. W.L. den Beer Poortugael, Partner Tyche Groep Prof. dr. E.J.J.M. Kimman S.J., hoogleraar Ethiek en Economie VU Amsterdam en RU Nijmegen Mevrouw drs. M.R. van Lanschot-van Vloten Raad van Advies:

Voorzitter: Mr. G.J. de Graaf, lid Eerste Kamer der Staten-Generaal Leden die een ministerie vertegenwoordigen

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: Mevrouw Drs. A.Th.B. Bijleveld-Schouten, Commissaris van de Koning in Overijssel Buitenlandse Zaken: Drs. W.A. van Ee, Directeur Consulaire Zaken en Migratiebeleid Defensie: Mr. F.H. Herman de Groot, Plv. Secretaris-Generaal Infrastructuur en Milieu: Vacant Volksgezondheid, Welzijn en Sport: Vacant 86


Overige leden:

C.G.A. Cornielje, commissaris van de Koning in Gelderland Mr. E.F. Jacobs, oud-ambassadeur Mevrouw Mr. S.M.L.M. Spoor, advocaat-generaal Ressortsparket Amsterdam Mr. W.H. Zoomers, generaal-majoor der Koninklijke Landmacht b.d. Staf hoofdkantoor per 31 december 2013

Directeur-bestuurder: Manager beheer en onderhoud: Manager dienstverlening en ondersteuning: Hoofd financiën en automatisering: Hoofd archief, necrologie, PR en Voorl:

G. Flieringa Drs. W.R. Broer Mevrouw K.A. Fernhout, BA M.H. van der Draai J.J.Teeuwisse

Medewerkers:

L. Bouwhuis; N.W.S.M. van Dijk; J.G. Groenestein; A. Harrewijn; mevrouw E. Honkoop; R.R. Jankisingh; D. Lagemaat; mevrouw R.G. Lalmohamed-Garib; mevrouw B.S. Lelieveld-van der Zee; mevrouw H. Nanda-Gayadin; P. Raatgever; F.A. Schuling; mevrouw J. Slappendel-IJmkers; B. Verhaaf. Opzichters erevelden Nederland:

Ereveld Loenen, Apeldoorn: H.J.M. Mulder Militair ereveld Grebbeberg, Rhenen: C. Willemsen Medewerkers:

H. Bouhof; C.H. Kelderman; mevrouw J.W. Mulder-Bresser; G.J. Reusken; mevrouw C. Willemsen-Kooij. Staf kantoor Jakarta per 31 december 2013

Directeur Indonesië: R.C.J.M. van de Rijdt Medewerkers:

R. da Costa; mevrouw C.S. Buss-Darmaun; mevrouw J. Darmanto; mevrouw A. Pohan; mevrouw R. Sugiyanti; mevrouw A. Winarni. Opzichters erevelden Indonesië per 31 december 2013

Ancol, Jakarta: Candi, Semarang: Kalibanteng, Semarang: Kembang Kuning, Surabaya:

D. Purwadi E.B. Listyanto Y. Sunari A.R.M. Soekarjono 87


Leuwigajah, Cimahi: F. Tuhumury Menteng Pulo, Jakarta: E. Bharka Pandu, Bandung: Purwadi Onder leiding van deze opzichters zijn nog ruim 110 Indonesische werknemers werkzaam op de zeven Nederlandse erevelden op Java. Bestuursmutaties

Afgetreden leden:

Drs. M.J. Boereboom Mr. R.S. Croll Mevrouw Drs. M.T.G. van Daalen C.G.J. Hilderink, generaal-majoor der Koninklijke Luchtmacht b.d. Mr.B.J.M. Baron van Voorst tot Voorst

Aangetreden leden: Mevrouw Drs. A.Th.B. Bijleveld-Schouten, Commissaris van de Koning in Overijssel Drs. W.A. van Ee, Directeur Consulaire Zaken en Migratiebeleid Afscheid president

Op 12 december nam tijdens een druk bezochte receptie in het statige pand van de firma Hoogsteder & Hoogsteder aan de Lange Vijverberg in Den Haag de Oorlogsgravenstichting afscheid van de heer mr. Robert Croll, oud-president van de Stichting. De heer Croll maakte sinds 1999 deel uit van het bestuur van de Oorlogsgravenstichting. In 2008 werd hij benoemd tot president. In die functie richtte hij op 15 augustus 2013 de Stichting Vrienden van de Oorlogsgravenstichting op. De heer Croll werd toegesproken door de heren G. Flieringa en mr. J.P.H. Donner, respectievelijk directeur-bestuurder en president van de Oorlogsgravenstichting. De receptie werd bijgewoond door bestuursleden en medewerkers van de Stichting, (oud-)politici, leden van het Corps Diplomatique, leden van de krijgsmacht en vertegenwoordigers van aanverwante instellingen en organisaties. De heer Flieringa bedankte de heer Croll voor de jarenlange samenwerking. Hij ging in op de rol van de president als voorzitter van het bestuur van de Stichting. Ook memoreerde hij de inspectiereizen die zij samen maakten naar erevelden in het Verre Oosten. Als herinnering aan zijn tijd als president van de Oorlogsgravenstichting overhandigde de heer Flieringa de heer Croll een OGS stropdas waarin de voornamen van alle medewerkers van de Stichting geborduurd zijn. Ook bedankte de heer Flieringa mevrouw Croll en overhandigde haar een grote bos bloemen. 88


Vervolgens kreeg de vicepresident van de Raad van State mr. J.P.H. Donner en opvolger van de heer Croll het woord. De heer Donner heette de heer en mevrouw Croll en hun dochters van harte welkom. Hij begon zijn toespraak met het in het Engels toespreken van de buitenlandse gasten. Hierna richtte hij het woord tot de heer Croll wiens presidentschap getekend werd door veranderingen. de heer Croll heeft in die tijd leiding gegeven aan een overgangstijd in het bestaan van de Stichting. Overgang van tijden van financiële ruimte naar financiële krapte; overgang van een Raad van Bestuur naar een Raad van Toezicht en Advies; overgang van herdenken van het verleden naar gedenken in de toekomst. Bij ieder van de drie transformaties stond de heer Donner even stil. Zoals alle instellingen met publieke functie kreeg de Oorlogsgravenstichting de afgelopen jaren te maken met het verschijnsel dat de overheid de tering naar de nering moest zetten. De minister besloot om de subsidie niet te verhogen totdat het eigen vermogen behoorlijk was afgenomen. Pas daarna kon er gesproken worden over een verhoging van de subsidie. Op het moment dat dit punt was bereikt, waren de rijksfinanciën dermate veranderd dat een verhoging van de subsidie niet meer zo vanzelfsprekend was. Onder leiding van de heer Croll is het uiteindelijk gelukt om toch een subsidie verhoging te realiseren. Wél zal de Oorlogsgravenstichting in de toekomst een deel van haar inkomen uit sponsorgelden moeten zien te verwerven. Maar niet alleen op het punt van de middelen is de wereld in verandering. Ook de governance ligt onder een vergrootglas; niet alleen bij banken en woningbouwcorporaties, maar bij alle instellingen die uit publieke middelen worden gefinancierd. De heer Croll heeft zich ingezet om ook de Oorlogsgravenstichting te laten voldoen aan de ´Code Cultural Governance´. Het heeft tot zijn laatste functiewisseling binnen de Stichting geleid; die van bestuur naar toezicht. Maar middelen en organisatie zijn slechts logistiek. Het gaat om de missie. Vanaf het eerste moment heeft de heer Croll dan ook de vraag aan de orde gesteld naar de betekenis en zin van het onderhouden van oorlogsgraven en het gedenken van oorlogsslachtoffers als de nabestaanden zelf verdwijnen. Hoe leggen we de jeugd van nu uit dat het belangrijk is om de graven te onderhouden en hoe betrekken we ze daarbij? Ook het symposium bij het 65-jarig bestaan van de Oorlogsgravenstichting stond in het teken van die vraag. Het nieuwe motto: ‘een oorlogsgraf, het beste pleidooi voor de vrede´, is een eerste vrucht van de bezinning daarover. De komende jaren zal daarop moeten worden voortgebouwd.

89


De heer Croll toont het geschenk dat hij kreeg van de medewerkers van de Stichting in IndonesiĂŤ

In de afgelopen vijf jaar is het gelukt om binnen de Oorlogsgravenstichting de aandacht geleidelijk iets minder exclusief op het herinneren van het verleden te richten en meer op het gedenken van oorlogsslachtoffers als vingerwijzing voor de toekomst; ‘het oorlogsgraf als beste pleidooi voor de vrede’. Het begin is er. Er is discussie en er wordt nagedacht, maar het zal praktische gevolgen moeten hebben. Anders worden oorlogsgraven tot versteende monumenten van het verleden en niet tot levende herinnering die ons helpen bij de vragen van vandaag en van morgen; het oorlogsgraf als baken in de zee van het dagelijkse bestaan. Pas dan worden de slachtoffers waardig herdacht en heeft hun offer blijvend nut. Het is de verdienste van de heer Robert Croll dat hij mede de aanzet heeft gegeven voor het tijdig aan de orde stellen van die vraag. Om die prestatie en alle andere verdiensten die de heer Croll in de afgelopen vijftien jaar heeft gehad voor het werk van de Stichting overhandigde de heer Donner hem de zilveren penning van de Oorlogsgravenstichting. Bestuur, directie en medewerkers wensen de heer Croll en zijn gezin veel goeds toe. 90


De heer Donner (links) toont de heer Croll de zilveren OGS-penning

Prof. Mr. Drs. J.P. Balkenende, oud minister-president

Mevrouw Ir. J.M. Leemhuis-Stout, voorzitter ComitĂŠ 4 en 5 mei

Generaal b.d. L. Noordzij, voorzitter Veteranen Platform

Mevrouw Croll ontvangt een bos bloemen van de heer Flieringa

91


Afscheid directeur Indonesië

Van 2001 tot 1 december 2013 was Peter Steenmeijer het gezicht van de Oorlogsgravenstichting in Indonesië. Samen met zijn echtgenote, Margot Steenmeijer-Luijke, heeft hij duizenden nabestaanden, autoriteiten en bezoekers rondgeleid op de Nederlandse erevelden op Java. De periode dat Peter Steenmeijer als directeur Indonesië verantwoordelijk was voor het beheer en onderhoud van de erevelden in Indonesië kenmerkt zich door vernieuwing, innovatie, kwaliteit en duurzaamheid. De Oorlogsgravenstichting heeft veel te danken aan de inzet en gedrevenheid die Peter Steenmeijer aan de dag legde bij de uitvoering van de diverse renovatieprojecten. Centraal bij zijn aanpak om deze projecten tot een goed einde te brengen stond de procesbeheersing en procesharmonisatie. Samen met zijn medewerkers heeft hij ervoor gezorgd dat de infrastructuur van de erevelden zodanig verbeterd is dat het voortbestaan van de erevelden voor de komende decennia verzekerd is. Mede voor zijn grote en bijzondere verdiensten voor de Oorlogsgravenstichting werd Peter Steenmeijer in 2011 benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Ook in Indonesië werden de verdiensten van Peter Steenmeijer erkend. In 2008 werd aan hem en zijn echtgenote een adellijke titel van het Vorstendom Solo op MiddenJava toegekend. In juni 2013, gedurende de jaarlijkse inspectiereis, had de heer mr. R.S. Croll, president van de Oorlogsgravenstichting, de heer Steenmeijer de zilveren OGS penning overhandigd tijdens een afscheidsreceptie op de Nederlandse ambassade in Jakarta. Peter en Margot zijn inmiddels verhuisd naar Nederland en wonen in Weert. Peter en Margot Steenmeijer

92


93


Op 16 januari 2014 namen directie en medewerkers van de Oorlogsgravenstichting in Nederland afscheid van Peter en Margot Steenmeijer. Tijdens een gezellig samenzijn op het kantoor van de Stichting in Den Haag namen de medewerkers, maar ook vrienden en bekenden afscheid. De heer G. Flieringa, directeurbestuurder van de Oorlogsgravenstichting noemde in zijn toespraak een aantal zaken die door de inzet en gedrevenheid van Peter Steenmeijer van belang zijn geweest voor de Stichting. Zoals het, samen met zijn echtgenote Margot Steenmeijer-Luijke, rondleiden van duizenden nabestaanden, autoriteiten en bezoekers op de Nederlandse erevelden op Java en diverse renovatieprojecten die door hem begeleid en tot een goed einde zijn gebracht. Een van die grote projecten was de realisatie van de nieuwe zeewering bij het Nederlands ereveld Ancol. Ook Peter Steenmeijer nam het woord en bedankte iedereen voor de prettige samenwerking in de afgelopen 12,5 jaar. Uit handen van de heer Flieringa kreeg de heer Steenmeijer een aantal artikelen, die hij gezien het andere klimaat in Nederland zeker goed kan gebruiken, te weten een OGS sjaal, paraplu en een puzzel van het Ereveld Loenen. De Oorlogsgravenstichting is zeer veel dank verschuldigd aan Peter en Margot Steenmeijer. Bestuur, directie en medewerkers van de Oorlogsgravenstichting wensen hun nog vele jaren in goede gezondheid toe.

Vrienden en bekenden nemen afscheid van Peter en Margot Steenmeijer.

94


Overlijden opzichter ereveld Kembang Kuning

Op dinsdag 7 mei is de heer J.G.B. Leuwol, opzichter van het Nederlands ereveld Kembang Kuning in Surabaya, op 59-jarige leeftijd onverwachts overleden. De heer Leuwol was van 2001 tot en met 2008 opzichter van het ereveld Leuwigajah en van 2009 tot 2013 van het ereveld Kembang Kuning. Met ingang van 14 mei is de heer Sunari, opzichter van het ereveld Kalibanteng, tijdelijk als opzichter van het ereveld Kembang Kuning aangesteld. De opzichter van het ereveld Candi, de heer Eko, is tijdelijk belast met de leiding over de erevelden Kalibanteng en Candi. Per 1 juni heeft de Oorlogsgravenstichting de oud-opzichter de heer Soekarjono, die vijf jaar geleden met pensioen is gegaan, voor een jaar aangesteld als opzichter van het ereveld Kembang Kuning. Met het overlijden van de heer Leuwol verliest de Oorlogsgravenstichting een actieve en betrokken opzichter op wie nooit tevergeefs een beroep werd gedaan. Drie dagen eerder leidde hij nog de dodenherdenking op 'zijn' ereveld. Door de vriendelijke en respectvolle wijze waarop de heer Leuwol zijn medewerkers benaderde, werd hij een geliefd leider. In de loop der jaren heeft hij zich een betrouwbaar en loyaal opzichter getoond. In de Indonesische krant Radar Surabaya van 8 mei 2013 werd een artikel over hem gepubliceerd. Wij wensen zijn vrouw en kinderen veel sterkte toe bij het verwerken van het verlies.

De heer Leuwol begeleidt bezoekers op het ereveld.

De heer J.G.B. Leuwol (foto: A. van Apeldoorn)

95


Profile for Oorlogsgravenstichting

Oorlogsgravenstichting Jaarbericht 2013  

Oorlogsgravenstichting Jaarbericht 2013  

Advertisement