Page 1

WWW.NKBV.NL | APRIL 2015 | NR 2

BE RGS PORT M AGA Z I N E VA N DE KON I N K L I J K E N E DE R L A N D S E K L I M - E N BE RGS PORT V E R E N IGI NG

TOER OP

ThE NOsE

INTERVIEW

Beroepsavonturier Jolanda Linschooten

BERNER OBERLAND

Paradijs voor klimmers en wandelaars

GROARLDAL Slowfood in een vriendelijk dal


EEN NIEUWE ROUTE ONTDEKKEN

Na de donkere winter wil je niets liever dan terugkeren naar de bergen voor een avontuurlijke beklimming in de lentezon. De NKBV heeft je ge誰nspireerd een nieuwe route te gaan bedwingen met uitdagende passages en prachtige vergezichten. Natuurlijk ga je als NKBV-lid goed voorbereid op pad om deze route onvergetelijk te maken. Daar helpen we je graag een handje bij. Naast het beste advies en het grootste assortiment, krijg je altijd 10% korting op bijna alles* bij Bever. Zo ben je altijd goed voorbereid op je volgende avontuur, hoe lang de dag ook duurt. *Kijk voor de voorwaarden op bever.nl/nkbv


^^^ inhoud ^^^

^^^ hoogtelijn 2 2015 ^^^

Actul 7 8

Column Joachim Driessen Parels uit de boekenkast van Hanke Roos 13 Op de Hoogte 68 NKBV voor jou 80 Gespot 82 Vooruitblik & Colofon

Aent 18-39 Berner Oberland 20 Beklimming van de negen 4000’ers 26 Huttentocht Lauterbrunnen 30 Klimmen op de Wellhorn 36 Toeren vanaf het Jungfraujoch

Bergwandelen 40 Mijn bergsportcarrière:

50 58 64 70

Bernina de Mol van Otterloo en Joop Alberts Interview met avonturier Jolanda Linschooten Langs de almhutten in het Grossarldal Rondje Lago die Ledro Klettersteig boven Innsbruck

18

BERNER OBERLAND Een van de bekendste en oudste vakantiegebieden in de Alpen biedt briljante bergsportplekken, zoals de negen 4000’ers, een huttentocht met zicht op de mooiste drieling Eiger, MÜnch en Jungfrau, rotsklimmen op de Wellhorn en freeriden vanaf het Jungfraujoch.

58

Groarldal

Sportklien

Gezond wandelen

62 Nederlands Team over de grens 76 Petzl RockTrip in Turkije

Alpinisme 46 Klim- en bouldertoppers in Yosemite en Colorado

Uitrusting 57 Bever-aanbiedingen 74 Markt & Materiaal

Techniek & Veiligheid 43 Medisch: enkelverstuiking

informatie op: Kijk voor meer www.nkbv.nl l www.hoogtelijn.n bv / nk m co www.twitter. /de.nkbv www.facebook.com

4|

HOOGTELIJN 2-2015

46

THE NOSE

Thuis op de Big Walls

26

HUENTOCHT Lauterbruen Dagenlang topuitzicht


^^^ hoogtelijn 2 2015 ^^^

^^^ redactioneel ^^^

Vader en zn

B er Obernlaenr d

Polderen moet je maar overlaten aan laaglanders. In Zwitserland – hoe moet je polderen daar noemen? – zijn ze er kennelijk niet zo goed in. Dat merkte ik bij de voorbereiding voor deze Hoogtelijn met het aloude Berner Oberland als Accent.

30

wehorn

Weekend in regen, wind en rots

76

PETZL ROCKTRIP Verkenning in Turkije

Peter Jüsy is de zoon van berggids en wildopzichter Adolf Jüsy uit Scharnachtal, met wie ik diverse malen de bergen in mocht trekken. Junior is inmiddels Jagdinspektor van het kanton Berner Oberland, geheel in de voetsporen van zijn vader. Jüsy senior, onderweg altijd met een alpenroostakje in zijn mond, was niet zo gecharmeerd van het oprukkende toerisme. Jüsy junior kampt ook met de voortdurende botsing van belangen tussen het toerisme en de bescherming van de natuur en het wild. De noodzaak daartoe groeit vanwege toenemende activiteiten in de winter, de periode waarin het wild extra kwetsbaar is. Toerskiërs, sneeuwschoenwandelaars, freeriders en ijsklimmers vormen in de winter een reële bedreiging voor een ongestoord verblijf van het wild. In de zomer zijn dat de wandelaars, quadrijders, mountainbikers, hardlopers, rotsklimmers en automobilisten. In het Kiental ging een omvangrijk pilotproject van start, het Naturraum Blümlisalp. Hierbij waren bijvoorbeeld sneeuwschoenlopers nog steeds welkom, maar enkel op gemarkeerde routes. Volgens een Zwitsers ‘poldermodel’ kon iedereen met dit project leven, maar nu heeft Peter Jüsy de stekker eruit getrokken. Hij moet ruim een miljoen frank besparen en kan vijf Wildhüter die met pensioen gaan, niet vervangen. Afspraken met zo veel belanghebbenden vragen om controle en zonder manschappen is dat zinloos, aldus Jüsy. Hij wil dat het kanton nu eenzijdig de natuur- en wildgebieden vaststelt. Daar is geen polderen meer bij.

50

INTERVIEW De grootste bikkel van Nederland

Peter Daalder,

hoofdredacteur peter.daalder@hoogtelijn.nl WWW.NKBV.NL | APRIL 2015 | NR 2

BE RGS PORT M AGA Z I N E VA N DE KON I N K L I J K E N E DE R L A N D S E K L I M - E N BE RGS PORT V E R E N IGI NG

TOER OP

ThE NOsE

64

VAE DI LEDRO

Weg van de drukte in spectaculair Trentino

INTERVIEW

Beroepsavonturier Jolanda Linschooten z-01_HL0215_r01_cover.indd 1

BERNER OBERLAND

Paradijs voor klimmers en wandelaars

GROARLDAL Slowfood in een vriendelijk dal

19-03-15 15:22

Jorg Verhoeven tijdens zijn legendarische vrije beklimming van The Nose in Yosemite, VS. Foto: Jon Glassberg

HOOGTELIJN 2-2015 |

5


LA SPORTIVA ® is a trademark of the shoe manufacturing company “La Sportiva S.p.A” located in Italy (TN)

SURROUND EFFECT Core, Synthesis and Primer are the La Sportiva models dedicated to mountain enthusiasts looking for safety, speed and comfort. They adopt the innovative GORE-TEX® SURROUND technology that embraces the whole shoe and guarantees waterproof shoes and 360° breathability. Surround effect, total comfort.

Core GTX® Surround

Synthesis GTX® Surround

Durably waterproof Highly breathable all around

Primer GTX® Surround

www.lasportiva.com • Become a La Sportiva fan @lasportivatwitt

LICHT, STEVIG EN COMFORTABEL TIJDENS BERGTOCHTEN. DE DETAILS MAKEN HET VERSCHIL. Quality

LOWBNL-15-0013_AD_VantageGTXMid_210x135_RZ.indd 1

since 19

23

Vantage GTX® Mid I Trekking www.lowa.nl

18.03.15 16:34


column nkbv ^^^ column nkbv ^^^ column nkbv ^^^

DRZM NKBV

Thuisbios Toen ik vroeger met mijn ouders naar Zwitserland ging, waren de Eiger, Mönch en Jungfrau de eerste echte bergen die we te zien kregen. Voorbij Bern doemden ze als witte reuzen op en voelde ik de spanning. We zijn in de Alpen!

V

oor ons ging de rit naar Kandersteg, met de autotrein door de Lötschbergtunnel, inclusief spookverhalen in het donker. De fascinerende, bijna zwarte Eigernoordwand die ik door het raampje van de trein kon zien en Station Eigerwand als ik even uit het treintje op weg naar het Jungfraujoch mocht stappen. Vanaf het Jungfraujoch maakten we mooie toerskitochten via de Konkordiaplatz en de Lötschenlücke naar het Wallis. Wij hebben thuis de gewoonte om zo af en toe onze woonkamer om te bouwen tot bioscoop. De haard gaat aan, zitzakken ervoor en met popcorn kijken we dan met z’n allen een mooie film via de beamer. Laatst was dat Nordwand, een fascinerende film uit 2008 over een van de eerste pogingen om de Eigernoordwand te beklimmen in 1936. In de film zijn de geopolitieke aspecten van die tijd verwerkt. De nazi’s zagen in een succesvolle beklimming een kans. Maar het mocht niet zo zijn: het weer sloeg om en Toni Kurz en Andi Hinterstoisser overleefden het niet. Een waargebeurd drama mooi verfilmd. Twee jaar later in 1938 lukte het een Duits/Oostenrijks team alsnog om de ‘Mordwand’ te bedwingen. Of het de nazi’s politiek geholpen heeft, blijft de vraag.

Ook als je geen ambities hebt voor de noordwand is dit stukje Zwitserland de moeite waard. Het weer moet een beetje meezitten en je moet je over de koersstijging van de frank heen zetten, maar dan heeft het gebied veel te bieden. Een mooie combinatie van water en bergen. Niet zo druk als in Wallis, gemoedelijker en voor elk wat wils. Van klettersteigen op de Eggiswand bij Kandersteg tot wandelen naar de Gehrihorn in het Kiental of de jaarlijkse Jungfraumarathon voor trailrunners. Voor de meesten is het nog een paar maandjes wachten tot de zomervakantie met een volgende tocht naar de Alpen. Heb jij je plannen al definitief? Zijn je tochten gepland, je cursus geboekt? Misschien nog even het NKBV-zomerprogramma doorlopen of er iets leuks tussen zit? Tot die tijd genieten we van het voorjaar, met misschien wat weekendjes naar België en Fontainebleau.

Joachim Driessen, voorzitter NKBV mail: voorzitter@nkbv.nl twitter: @jdriessen06

De NKBV streeft naar een duurzame relatie met leden en alle partijen in het veld. Duurzaamheid is ook een kernwaarde als het gaat om natuur, milieu en sociale waarden. We brengen dit zo goed mogelijk tot uitdrukking in een duurzame inkoop en bedrijfsvoering. Hoogtelijn en onze reis- en cursusgidsen drukken we op FSC-papier: papier uit duurzaam beheerde bossen (een keurmerk met goedkeuring van het Wereld Natuur Fonds). Voor onze correspondentie gebruiken we 100% recycled papier. De nieuwe ledenpasjes zijn gemaakt van 100% afbreekbaar pvc. We schenken duurzame koffie (van Peeze), hebben een CO2-neutrale postbezorging en dataopslag, en promoten het reizen per openbaar vervoer naar bergbestemmingen.

BETER DE BERGEN IN MET HET NKBVLIDMTSCHAP Word NKBV-lid!

NKBV-leden profiteren van voordelen en kortingen en ontvangen vijf keer per jaar Hoogtelijn. Met je lidmaatschap draag je bij aan het onderhoud van hutten en paden in de Alpen en het behoud van klimgebieden. Tip je vrienden om ook NKBV-lid te worden. Ze kunnen zich aanmelden op nkbv.nl en zien daar welke voordelen het lidmaatschap hen nog meer biedt.

Opzeggen

Het NKBV-lidmaatschap loopt per kalenderjaar. Wil je je lidmaatschap voor volgend jaar beëindigen? Doe dat dan vóór 1 november op www.mijnnkbv.nl. Na deze datum wordt je lidmaatschap automatisch verlengd voor het volgende kalenderjaar. Je ontvangt per e-mail een bevestiging van je opzegging. Wil je meer weten over het lidmaatschap? Kijk op www.nkbv.nl.

HOOGTELIJN 2-2015 |

7


Een berg bijzondere boeken

Juweeltjes uit de kast van Hanke Roos

Bij het afscheid geeft Hanke Roos me haar visitekaartje. Met de Matterhorn als achtergrond staat er ‘Collector of mountaineering memorabilia’. Kijkend naar haar muren vol bergsportboeken, kaarten en foto’s kun je dat een understatement noemen.

H

ankes belangstelling voor bergsportboeken dateert uit de vroege jaren tachtig. Het boek Annapurna: a woman’s place van Arlene Blum was als eerste kennismaking met bergsportliteratuur meteen het juiste soort boek. Blum beschrijft daarin de 1978 vrouwenexpeditie naar de Annapurna. Hanke legt uit: “Deze expeditie had echt alles in zich wat leidt tot een boeiend expeditieboek: vriendschap, prestaties, succes en tragedie.” De gewekte belangstelling sloeg over in regelrechte fascinatie na het uitkomen van Himalaya-dagboek van Bart Vos in 1988. “De verwijzingen in dit boek openden een nieuwe wereld voor me”, zegt Hanke terwijl ze naar een rijtje duimendikke gebonden boeken in de kast wijst. Daar staan de verslagen van de Everestexpedities van 1921, 1922 en 1924. “Himalaya-dagboek verwees naar veel oude, Engelse bersportliteratuur. Nederlandse vertalingen van de expedities van 1921 en 1924 waren in de jaren tachtig goed en goedkoop verkrijgbaar. Deze nieuwe boeken brachten een sneeuwbaleffect teweeg, elk boek inspireerde tot een volgend boek.”

Integriteit In haar werkzame leven was Hanke Roos tot mei 2012 plaatsvervangend directeur van de Haagse Openbare bibliotheken. Van de reizen die ze uit dien hoofde naar bijvoorbeeld Londen en New York maakte, nam ze steeds weer nieuwe boeken mee. Zo groeide haar verzameling stap voor stap. Destijds was een van haar grootste wensen het boek Mount Everest van Xander Verrijn Stuart. Dezer dagen vind je het boek na één muisklik voor twintig euro op internet, maar toen was er bijna niet aan te komen. “De bibliotheek had het uiteraard in huis en soms kwam ik in de verleiding. Maar integriteit is een groot goed”, lacht Hanke. In 1993 veranderde het verzameltempo. “In dat jaar meldde de Volkskrant dat op de Langebrug in Leiden een zekere Charles Dufour een antiquariaat voor bergsportboeken had. Dit ging niet meer om een of twee boekjes, maar om een hele winkel vol.” Al snel was Hanke vaste klant bij Dufour en nog even later werkte ze er op zaterdagen als vrijwilliger. Als een kind in de

8|

snoepwinkel. “In die tijd begon ik ook hogere eisen te stellen: eerste drukken, stofomslag, uitstekende conditie, een gesigneerd exemplaar. Kortom, van lezer werd ik verzamelaar.”

Boekenvrienden In eerste instantie bleef de verzamelwoede beperkt tot fysieke boekhandels en antiquariaten. Met de opkomst van internet werd het zoeken en opsporen simpeler. Het viel haar op dat iemand op e-Bay steeds op dezelfde boeken bood. Hanke zocht contact met die bieder en hield er een goede boekenvriend aan over. “Dat was Colin Hilton, een voormalig klimmer uit het Peak District.” Het begon met niet meer tegen elkaar opbieden op veilingsites. Ook hielpen ze elkaar met het laten signeren van boeken. De Zweed Göran Kropp vertrok op de fiets uit Zweden naar Mount Everest om de top uiteindelijk zonder mechanische hulp te bereiken. Toen Kropp naar Nederland kwam, nam Hanke voor Colin Hilton zijn boek mee om het te laten signeren. “Dat was het begin van onze huidige samenwerking,” legt ze uit. “We houden elkaar op de hoogte welke schrijvers we zullen ontmoeten en sturen elkaar de te signeren boeken toe.” In 2001 kwam Jamling Tenzing Norgay (de zoon van Everest eerstbeklimmer Tenzing Norgay) naar Nederland om zijn boek In het voetspoor van mijn vader in de winkel van Dufour te presenteren. Hilton kwam met de bus naar Nederland, met een rugzak vol te signeren boeken. Deze kennismaking eindigde met een etentje waarbij ze aanschoven bij Tenzing en zijn vrouw. De vriendenclub breidde zich uit met Bob uit de VS, Alex uit Schotland en Noel en Stuart uit Engeland. Hanke: “We zien elkaar minstens twee keer per jaar bij lezingen, boekpresentaties en mountainfestivals, waaronder het Kendal Mountaineering Festival waar jaarlijks de Boardman & Taskerprijs wordt uitgereikt aan het beste bergsportboek.” Het titelblad van Everest, het grote overzichtsboek van Peter Gillman uit 1993 over de beklimmingsgeschiedenis van deze berg, geeft een kijkje in Hankes verzamelwoede. Tientallen handtekeningen

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST FRANK HUSSLAGE | FOTO’S HANKE ROOS


Colin Hilton Boekenvriend Colin Hilton raakte gefascineerd door het boek Four Miles High van Josephine Scarr dat in 1966 verscheen; de beschrijving van een vrouwenexpeditie die meer dan een jaar duurde. “Hilton was verbaasd dat dit boek zo weinig bekend was en startte een onderzoek. De leden van deze Jagdula expedition naar de Bara Shigri glacier, waar in de Kulu Lahul area Lha Shamma (6433 meter) werd beklommen, waren Josephine Scarr, Barbara Spark, Denise Evans, Nancy Smith en Pat Wood, allen lid van de Pinnacle club samen met Norbu Sherpa, Mingma Tsering, Dawa Tenzing Sherpa en Ang Pemba Sherpa. De leider was Countess Dorothea Gravina. Hilton bezocht de leden van deze expeditie in 2004 (met uitzondering van de expeditieleider, die overleden was), werd overal hartelijk ontvangen, liet zijn en mijn boeken signeren en kreeg een groepsfoto die was genomen bij de Pinnacle club. Hij hoorde dat het boek in het Oostblok populair was geweest als voorbeeld voor de gelijkwaardigheid van vrouwen, er verscheen zelfs een Hongaarse vertaling. Hier komen diverse aspecten van mijn collectie samen: een gesigneerd boek, de oorspronkelijke expeditiekaart, een actuele foto van de dames en de samenwerking en vriendschap met medeverzamelaars.�

van Everestbeklimmers die de top hebben gehaald of deel uitmaakten van de 1953-expeditie vullen het titelblad en de Franse pagina. Er wordt hier serieus geconcurreerd met de muur van Rum Doodle in Kathmandu. Op dezelfde wijze staat ook Everest, Goddess of the Wind van Ronald Faux, 1978, vol met autogrammen. Dat boek heeft Hanke altijd bij zich op reis, al was het maar vanwege het prettiger formaat dan het eerder genoemde Everest.

Erkenning Met haar beroepsmatige achtergrond bij de bibliotheek heeft Hanke haar collectie uiteraard professioneel ontsloten. In een database houdt ze het boekenbestand bij, per boek de auteurs, co-auteurs, beklimmingen, bergen, een korte annotatie, et cetera. Steeds voor vertrek, hetzij op reis hetzij naar een lezing, selecteert ze op basis van dit systeem welke boeken meegaan om te laten

HOOGTELIJN 2-2015 |

9


Aan tafel met Maurice Herzog.

Fascinatie Gevraagd naar haar fascinatie voor boeken en handtekeningen zegt Hanke: “Ik ben geen klimmer. Ik ben een verzamelaar en liefhebber van boeken. Mijn fascinatie voor ‘bergboeken’ zijn de verhalen die daarin worden verteld. De sociale en psychische aspecten. Teamwork, ego’s, tragedie, conflicten, onzekerheid en teleurstellingen. Maar ook beschrijvingen van het landschap en de bevolking. Adembenemend is het verslag van Maurice Herzog over zijn expeditie naar de Annapurna. De Dhaulagiri was het oorspronkelijke doel van de expeditie, maar ze vonden geen veilige route. Vervolgens werden de aanlooproutes naar de Annapurna verkend. Zonder gedetailleerde kaarten of foto’s ontdekten Lachenal en Rebuffat dat de North Annapurna Glacier mogelijkheden bood en werd de top, ten koste van Herzogs vingers, bereikt. Zo iemand wil ik dan ontmoeten. Mijn band met de klimmers is niet de gedeelde ervaring van een route of een berg, maar de verhalen. Een handtekening en de moeite die je moet doen om die te verkrijgen, brengt je in contact met de klimmer en versterkt die band. En mijn ervaring is dat klimmers zeer toegankelijk zijn, graag signeren en vertellen.”

signeren. Daarmee meldt ze zich bij de schrijver of bij een klimmer gerelateerd aan het betreffende boek. “Ik doe het altijd netjes, ik ga in de rij staan met een paar boeken tegelijk en sluit daarna met de volgende twee boeken weer opnieuw achteraan.” Met al haar eigen boeken en de boeken die ze voor vrienden meeneemt, werd ze ooit op het Kendal Mountain Festival aangezien voor een handelaar. Dat was minder prettig. Anderzijds krijgen Hanke en haar gegroeide groepje collega-verzamelaars soms juist erkenning. “Bij een festival in Oakdale, bij Yosemite in 2013, kregen we zelfs een eigen tafel. Een meisje herkende in een van de afgebeelde klimmers haar opa. Die was daar ook aanwezig en al snel stond hij aan onze tafel. En natuurlijk heeft hij zijn handtekening in het boek gezet.”

Keukentafel Zo leidt Hankes verzamelwoede keer op keer tot bijzondere ontmoetingen. Soms spontaan, soms gearrangeerd. Zo liep de ontmoeting in zijn Parijse appartement met Maurice Herzog, eerstbeklimmer van de Annapurna en voormalig Frans minister en burgemeester van Chamonix, via een uitgebreide mailwisseling. Hanke maakte daarvoor en tijdens het bezoek dankbaar gebruik van haar zusters perfecte beheersing van het Frans, een taal die

10 |

HOOGTELIJN 2-2015

ze zelf niet vloeiend spreekt. De door Reinhold Messner gesigneerde boeken zijn daarentegen het gevolg van een toevallige ontmoeting, op het moment dat hij als Zuid-Tiroler bergboer zijn jaks de berg op dreef. En op vakantie in NieuwZeeland ontdekte Hanke dat Edmund Hillary gewoon in het telefoonboek stond. “Ja, we mochten bij hem thuis langskomen. Gelukkig waren een heel stel boeken van mij bij een kennis in Australië. Die stuurde ze op naar een antiquariaat in Auckland en zo zat ik uiteindelijk met een stapel boeken aan de keukentafel van de eerste beklimmer van Mount Everest. Helaas was hij er zelf niet. Zijn vrouw zorgde ervoor dat ik ze een week later voorzien van een handtekening kon ophalen.” Als tegenprestatie laat Hanke altijd een envelop met geld achter die de auteur kan besteden aan zijn eigen stichting of een ander goed doel.

Kwaliteit In de loop der jaren verbreidde Hankes naam en faam zich als kenner van bergsportliteratuur. Daarom werd ze gevraagd door Gerlof Leistra om met hem een bloemlezing over vijftig jaren klimmen op Mount Everest samen te stellen. Dit boek verscheen in 2003 onder de naam De hoogste berg bij uitgeverij Prometheus.


Een van de meest bijzondere ontmoetingen was met Marcus Schmuck, auteur van Broad Peak 8047m, Meine Bergfahrten mit Hermann Bull.. Deze ontmoeting was in Leeds, Engeland, waar hij samen met Fritz Wintersteller de presentatie van Richard Sales boek Broad Peak (2004) bijwoonde. “De Oostenrijkers spraken geen Engels. Ik was een van de weinige bezoekers die Duits sprak. Al snel was ik intermediair. Helaas had ik het Broad Peak boek niet bij me, maar uiteraard mocht ik het wel toezenden. Toen ik het gesigneerde boek terugkreeg, had Wintersteller ook een handgetekende routekaart bijgevoegd: de route zoals die op een foto in het boek was ingetekend, was niet de feitelijk geklommen route. “Hiermee heeft Hanke een heel bijzonder boek in handen. En heeft ze nog boeken op haar verlanglijst staan? Hierop is het even stil. “Filippo de Filippi. Karakoram and Western Himalaya, 1909. Het verslag van de hertog van de Abruzzi en Fanny Bullock Workman, Peaks and glaciers of Nun Kun of een van de andere boeken die ze met haar echtgenoot schreef over hun reizen begin twintigste eeuw in de Himalaya en Karakoram.”

Foto Frank Husslage

Bijzondere ontmoeting

De verzameling is enorm in kwantiteit en in kwaliteit, maar schuift steeds meer naar dat laatste. Ruimtegebrek dwingt haar tot keuzes. Met de groeiende kring verzamelaars waarin ze zich bevindt, groeide de verzamelwoede steeds breder. Haar eindeloze hoeveelheid deels gesigneerde bergsportboeken is aangevuld met briefwisselingen van bergsporters, kaarten die vanuit expedities werden verstuurd en bergplaatjes, een soort voetbalplaatjes avant la lettre, postzegels met klimmers en andere ‘platte stukken’. Alles perfect gedocumenteerd. ‘Collector of mountaineering memorabilia’ is een meer dan terechte vermelding op Hankes visitekaartje.

Duplicaten Als je boeken verzamelt, ontkom je er niet aan dat je dubbele exemplaren krijgt. Je vervangt de paperback door een eerste druk of valt voor een stofomslag. Hanke heeft dus een lijst met duplicaten. Graag stuurt ze liefhebbers een kopie. Geïnteresseerd? Stuur een mail naar hankeroos@gmail.com.

Pareltje “Toen Hoogtelijn opriep om pareltjes in te sturen, heb ik lang geaarzeld. Uiteindelijk koos ik voor The Savage mountain, geschreven door Charles Houston en Robert Bates. Het verslag van de Amerikaanse K2-expeditie in 1953. Deelnemers Dee Molenaar, Peter Schoening, Tony Streather, Robert Bates, Robert Craig, Charles Houston en Arthur Gilkey. Op 7800 meter hoogte werd Art Gilkey ziek en kwam er een spectaculaire reddingsactie op gang. Uiteindelijk verdween Gilkey en konden de overige expeditieleden veilig afdalen. Mijn exemplaar van The Savage mountain is gesigneerd door de expeditieleden. Bon, mijn Amerikaanse vriend die mijn passie voor bergboeken deelt, zou Houston ontmoeten bij een lezing. Ik stuurde mijn boek op en kreeg het gesigneerd door alle expeditieleden terug. Toevallig hadden zij een reünie gepland rond de lezing van Houston.”

HOOGTELIJN 2-2015 |

11


WANDELEN, WAAR DE NATUUR JE UITDAAGT Ontdek de Noor in jezelf PREIKESTOLEN REGIO STAVANGER

WANDEL DOOR HET BIJZONDERE DECOR VAN NOORWEGEN Ontdek al wandelend de mooie combinatie van glooiende bergen en unieke fjorden in Noorwegen. Je hebt keuze uit tal van gemarkeerde routes op elk niveau. Trek van hut naar hut of maak een dagwandeling en geniet van de fantastische vergezichten. visitnorway.com/wandelen Foto’s: Terje Rakke Nordic Life AS Region Stavanger; Roar Klæt; Sverre Hjørnevik - www.fjordnorway.com; Trude Remmel; Frithjof Fure; Håvard Myklebust - visitnorway.com


^^ op de hoogte ^^^ , op de hoogte ^^^ op de hoogte

^^^

ogte voor Op de Ho v.nl. Heb je nieuws kb hoogtelijn@n w.nkbv.nl, mail het naar ww je op nd vi ws eu ni itter. Meer berg Facebook en Tw of volg ons op

Twee Bergsport Awards voor Jorg Verhoeven

Sportklimmer Jorg Verhoeven viel dit jaar dubbel in de prijzen bij de uitreiking van de Bergsport Awards. Verhoeven kreeg de award voor Beste Alpiene Prestatie voor zijn vrije beklimming van The Nose in Yosemite, eind vorig jaar. Daarnaast won hij de award voor de Beste Sportklimprestatie voor de beklimming van de boulder The Wheel of Chaos (8b+) in Rocky Mountains National Park. De Bergsport Awards werden 15 maart in Utrecht uitgereikt tijdens de achttiende Bergsportdag Zomer. De overige awards gingen naar: Beste Jeugdklimmer: Mark Brand Duurzaamheidsproject: Patagonia (100% traceable down) Wandelbestemming: Wallis, Zwitserland Boulderhal: Monk Bouldergym, Eindhoven Klimhal: Grip Klimcentrum, Nijmegen

Vaude nieuwe sponsor NKBV mountainbike prograa

Mountainbiken wint terrein onder Nederlandse buitensporters, ook onder NKBV-leden. Uit recent ledenonderzoek blijkt dat 21 procent van de leden ook aan mountainbiken doet en dat is voor de NBKV aanleiding om, gesponsord door outdoorfabrikant Vaude, een eigen mountainbikeprogramma te beginnen. Tijdens de afgelopen Bergsportdag was op uitnodiging van Vaude de Oostenrijkse fietser Axel Kreuter aanwezig. Hij gaf een presentatie over het zogeheten vertriden, een mountainbikevariant waarbij je steile, technisch zeer moeilijke hellingen afgaat. Dit is anders dan het reguliere downhill mountainbiken omdat daarbij de snelheid centraal staat in plaats van de techniek.

Terugroep stijgijzers

Fabrikant Climbing Technology roept verschillende types stijgijzers terug. Het gaat om de modellen Nevis, Nuptse Classic, Nuptse Semi Automatic, Nuptse Evo Classic en Nuptse Evo Semi Automatic. Plastic bindingen met de batchnummers BATCH N° 7/12 zouden volgens de fabrikant onverwacht kunnen breken. Kijk voor meer informatie over deze terugroepactie op het NKBV Kenniscentrum: bit.ly/1E7R10B.

Solo

column

Klimmers maken fouten. Altijd. Dat is niet altijd erg; de hoogte van een eettafel vormt daarbij de waterscheiding, daarboven moet je oppassen. Alex Honnold beweegt zich in de ruimte ver boven de eettafel. Solo . Het woord ‘solo’ klinkt lieflijk, het geef t een andere lading aan wat er eigenlijk gebe urt. Solo is iets uit de muziek, iets Ital iaans, een mooie vrouwennaam met een volle klas sieke ondertoon. In het klimmen betekent solo , of meer precies free-solo, ongezekerd je weg naar boven zoeken en Honnold is daar een mees ter in. In een documentaire over Honnold zegt een bewonderaar: “In terms of free-sol oing, undoubtedly the greatest free-soloist ever lived is this kid: Alex Honnold.” De verleden tijd in het gebruik van het woord ‘lee fde’ is gelukkig nog niet van toepassing. Honnold bezit het absolute geloof dat het solo beklimmen van pak ’m beet de Half Dome in Yosemite “Well within his capabilities ” is. Zoiets als traplopen voor de gewone mens ; daar ben je ook absoluut zeker van dat je het kunt, elke keer weer. Toch ben ik twee keer van de trap gevallen. Beide kere n gleed ik uit en eindigde met lichte schade op de deurmat. Zo gaat dat, een mens maakt fouten. Honnold is een sympathieke, bescheiden jongen en hoeft naar niemand verantwoording af te leggen - als hij niet van zijn sport leefde. Dat doet hij wel. Het publiek consumee rt zijn prestaties om het daarmee binnen het bereik van het normale te brengen, aang etrokken door het ‘one fault, you die’ prin cipe. Jij, je lichaam, je geest, de rots en de dood op de deurmat.

Ivar Schute

ONDER REDACTIE VAN ERNST ARBOUW | HOOGTELIJN 2-2015 |

13


^^^ op de hoogte ^^^ op de hoogte ^^^ op de hoogte ^^

Expeditienieuws Klimduo Marianne van der Steen en Dennis van Hoek kregen begin februari de zogeheten Herman Plugge Irish Coffee Award voor de beste alpiene prestatie van 2014. De Plugge-award is een prijs die jaarlijks wordt uitgereikt door klimnestor Herman Plugge. De prijsuitreiking vindt plaats in Plugges huiskamer, waarna hij voor prijswinnaars en gasten Irish coffee maakt volgens wat hij zelf noemt “grootmoeders recept”. Van der Steen en Van Hoek kregen de award voor de vrije beklimming van de Moonflowerroute op Mount Hunter in Alaska. Deze Noord-Amerikaanse route was tot dusverre maar één keer eerder helemaal vrij geklommen. Voor zover bekend is Van der Steen de eerste vrouw die de route heeft geklommen.

Foto Timo de Boer

Irish Co Award vr Van Hoek en Van der Stn

Op dezelfde avond dat Marianne en Dennis hun Award in ontvangst namen, kreeg Bas van der Smeede de No Guts No Glory Trofee als erkenning voor zijn prestaties als alpinist en zijn strijd tegen leukemie het afgelopen jaar.

Marianne klimt de A3 lengte in The Vision vrij (Foto Dennis van Hoek)

Politie Pakistan beschermt klimmers

De Pakistaanse regering zet de komende tijd vijftig speciaal getrainde agenten in voor het beschermen van klimmers en trekkers in het noorden van het land. Het besluit volgt op de terreuraanslag op het basiskamp van de Nanga Parbat in juni 2013, waarbij tien klimmers om het leven kwamen. Sinds de aanslag, die werd opgeëist door de Taliban, is het aantal toeristen in Pakistan sterk gedaald. Het is de bedoeling dat de speciale High Altitude Police uiteindelijk wordt uitgebreid tot 100 of zelfs 150 agenten. Verschillende ervaren expeditieklimmers hebben inmiddels vraagtekens gezet bij het Pakistaanse plan. Zo is nog onduidelijk wat een relatief kleine politiemacht precies kan uitrichten tegen terreurdreiging. Een ander punt van kritiek is dat het grootste veiligheidsprobleem voor buitenlandse klimmers met name ligt op de route van hoofdstad Islamabad richting de bergen. Vier dagen nadat de Pakistaanse regering de formatie van de speciale politie-eenheid bekendmaakte, ontsnapte een van de daders van de aanslag in 2013 uit een gevangenis in Gilgit. Een van de andere aanslagplegers werd tijdens zijn ontsnappingspoging gedood.

Lezersreacties Naar aanleiding van het artikel over de Peter Habeler Runde in Hoogtelijn #1 stuurde Henk Weerts ons een aanvulling: ook voor de etappe tussen het Tuxer Joch Haus en Friesenberghaus is volgens hem behoorlijke Trittsicherheit en Schwindelfreiheit vereist. “In de Friesenbergscharte voert het pad over een aantal weliswaar gezekerde, maar smalle stukken. Erg smal, minder dan tien centimeter. Ik raad iedereen aan deze etappe in een groep te doen bij mooi tot redelijk weer, met mensen die al vaker in de Alpen onderweg zijn geweest.” Bij het artikel Met je hond de bergen in – Oog in oog met de kudde (Hoogtelijn #1) is per ongeluk de naam van de fotograaf niet meegekomen. De foto’s bij het stuk zijn gemaakt door Ron Baltus.

14 |

HOOGTELIJN 2-2015


^^ op de hoogte ^^^ op de hoogte ^^^ op de hoogte

^^^

Op 16 februari overleed in Quito (Ecuador) de 71-jarige Frans Visser. Visser was de zoon van het expeditieduo Philip Visser en Jenny Visser-Hooft. Hij introduceerde in 2006 de Jenny Visser-Hooft Pickel, een wisseltrofee voor Nederlandse vrouwen die belangrijke alpiene prestaties hebben geleverd. De pickel werd in 2006 uitgereikt aan Frederieke Bloemers, de eerste Nederlandse vrouw die tot boven de 7200 meter klom. Zij gaf de trofee in 2012 door aan Katja Staartjes. Visser was vanaf begin jaren zestig actief lid van de KNAV, een van de voorlopers van de NKBV. Vanaf 1972 nam hij deel aan expedities in India, Pakistan, Nepal en de Andes.

Tweemans team naar Mount Everest

Peter Boogaard vertrekt 6 april richting Tibet voor een poging Mount Everest via de noordzijde te beklimmen. Opvallend is dat de expeditie van Boogaard uit slechts twee personen bestaat: Boogaard zelf en Namgya Sherpa. Het is naar eigen zeggen de bedoeling de berg in alpiene stijl te beklimmen. Boogaard deed in 2012 ook al een poging op de berg, destijds via de zuidzijde. Je kunt de expeditie volgen via dutcheverest.nl.

Foto Court Haegens

Frans Visser (71) overleden

Nieuwe namen in de Expeditie Academie Nadat het team van de NKBV Expeditie Academie in oktober was uitgebreid met Martijn Seuren en Jan-Thijs Menger zich had teruggetrokken, is er meer veranderd binnen het team. Inmiddels zijn er zes deelnemers. Zo is Jurgen Mesman aangetrokken, een allround klimmer en voormalig lid van het Nederlands ijsklimteam. Daarnaast zijn Dennis van Hoek en Marianne van der Steen toegetreden tot het team van de Expeditie Academie. Beiden ondernamen vorig jaar een trip naar Alaska, maar de Himalaya zal ook voor hen een nieuwe ervaring zijn. Teun van Dijk en Wouter de Vries moesten zich helaas terugtrekken omdat ze de expeditiedata niet konden combineren met hun werk.

sportklimnieuws Een aantal rotsmassieven in onder meer Freyr, Ettringen en Ith zijn dit voorjaar gesloten vanwege de aanwezigheid van broednesten van beschermde roofvogels. In Freyr, Dave en Comblain-la-Tour nestelen slechtvalken, in het Duitse Ettringen zijn de broedende oehoe’s verhuisd van de sector Lonnenloch naar sector Mordor. (Het goede nieuws: de naastgelegen sectoren Bierkeller en Grotten blijven open.) Actuele informatie over sluiting van massieven vind je op nkbv.nl. Houd je bij het klimmen aan lokale aanwijzingen. Naast de broedsluitingen geldt in Freyr in het weekend een verbod op abseilen om steenslag in de routes te voorkomen.

Partners van het Nederlands Team Sportklimmen

Livestream op Lotto NK Boulder Na drie drukbezochte nationale boulderwedstrijden zijn de voorbereidingen voor het Lotto NK Boulder op 23 mei in volle gang. Na de laatste plaatsingswedstrijd op 2 mei weten we wie gaan strijden om de Nederlandse titel. Weten Nicky de Leeuw en Nikki van Bergen hun kampioenschap te prolongeren, pakt Jorg Verhoeven bij de heren het stokje over, of worden we misschien verrast door jong talent? Moedig de deelnemers aan in Delfts Bleau in Delft of bekijk de finale via de livestream op nkboulder.nl.

Foto Sytse van Slooten

Broedende oehoe’s verhuizen nr Mordor

Partners nationale wedstrijden

Mountain Network logo op grijs-blauwe achtergrond

grijs-blauw CMYK: RGB: web:

35 / 15 / 0 / 35 135 / 148 / 169 #8794a9

HOOGTELIJN 2-2015 |

15


Kom naar onze ber en. Je zult enieten!

Pirineus


^^ op de hoogte ^^^ op de hoogte ^^^ op de hoogte

^^^

Vraag & Antwoord

Is er nog ruimte voor nieuwe hallen? Klimhalexploitant Neoliet opende vorig jaar zijn achtste hal – Bolder Rotterdam. Inmiddels wordt er gewerkt aan plannen voor grote nieuwe hallen in Utrecht en net over de grens in Duitsland. Volgens Neoliet manager Rick Verlaan (45) zijn er best nog wat mogelijkheden op de Nederlandse klimmarkt. Jullie openden recent je achtste hal, de plannen voor hal nummer negen en tien zijn in een vergevorderd stadium, op andere plaatsen schieten nieuwe hallen ook ineens uit de grond. Zit klimmen in de lift? “Nou ja, we timmeren redelijk aan de weg. Ik weet niet hoe het bij andere hallen gaat, maar Neoliet zit in elk geval flink in de lift.” Wanneer en hoe zijn jullie begonnen? En hoe zag het Nederlandse klimlandschap er toen uit? “Onze eerste hal is in 1992 gebouwd door Erik Jacobs, in Eindhoven. Dat was de eerste nieuw gebouwde klimhal in Nederland. Er waren destijds wel muurtjes en kleine hallen, de Fabriek in Schiedam en All-in in Utrecht, maar er was nog nooit een gebouw neergezet dat echt was gebouwd als klimhal. Eigenlijk bouwde Erik die hal voor zichzelf. Hij was acht keer Nederlands kampioen sportklimmen en wilde gewoon een plek om te kunnen trainen met z’n vrienden. Wat dat betreft is Neoliet een beetje een uit de hand gelopen hobby. Midden jaren negentig werden ineens overal hallen in Nederland geopend. Ik kom uit Amsterdam, daar openden in 1996 in één keer

drie hallen. De opkomst van al die hallen heeft de ontwikkeling van de klimsport natuurlijk enorm beïnvloed.” Wat is er sinds die tijd veranderd? “De belangrijkste verandering is dat de hallen nieuwe doelgroepen hebben aangeboord. Je kunt geen klimhal exploiteren voor alleen maar hardcore klimmers, dus kwamen de kinderfeestjes, de scholen, de jeugdgroepen. Je moet er natuurlijk ook een beetje een feestje van kunnen maken. Wij investeren zelf veel in jeugd, we hebben een grote jeugdclub, de Neoliet KlimklUP. Als je nieuwe leden en vooral ook jeugd binnenhaalt en je blijft investeren in de sport, en... het belangrijkste... je hebt een topteam om je heen, dan kan het bijna niet misgaan.” Hoe bepaal je eigenlijk in welke plaats je een nieuwe hal opent? Is dat fingerspitzengefühl of gaat daar een rekensom aan vooraf? “Dat kun je maar beter niet op fingerspitzengefühl doen. Je moet kijken naar de plek waar je een hal wilt bouwen: hoe ziet de agglomeratie eruit, wat voor mensen wonen daar? Vanaf ongeveer 50.000

inwoners zou je ergens een hal kunnen starten, maar dan wordt het niet zo’n grote zoals we in Duitsland hebben of die we in Utrecht willen bouwen. Als ergens veel gezinnen met kinderen zitten, scholen en studenten of starters, dan wordt het alweer makkelijker. Een boulderhal is ook weer wat makkelijker omdat de investering minder groot is.” Komt er een moment waarop de Nederlandse klimhallenmarkt is verzadigd? “Er is nog wel ruimte voor nieuwe hallen, en zeker voor boulderhallen. Ik hoor zo nu en dan geruchten. Als die allemaal zouden kloppen, en als dat allemaal door zou gaan, dan kunnen er de komende tijd zomaar vijf, zes nieuwe boulderhallen komen. We zullen zien...” Nog even een vraagje namens de inwoners van Zeeland, Drenthe en Flevoland: er zijn nog drie provincies zonder klimhal. Verwacht je dat dat zo blijft? “Haha. Sorry, ik ben bang van wel. Lastige provincies. Almere zou nog kunnen, maar als je in Drenthe woont, dan ben ik bang dat het hem niet gaat worden...” HOOGTELIJN 2-2015 |

17


VER WEG VAN HET

STADsLEVEN Een van de mooiste panorama’s in de Alpen is de drieling Eiger, Mönch en Jungfrau, bij goed weer al vanaf Bern te zien. Het is een van de briljanten in het Berner Oberland, van oudsher een populair vakantiegebied.

De Engelse bankiersdochter Jemima Morrell was er in 1863 met de eerste tocht van reisorganisator Thomas Cook. Ze doorkruiste het gebied, wandelde in Kandersteg, Grindelwald, Lauterbrunnen, Wengen en Interlaken. En schreef erover in haar Swiss Journal: “De dagen te voet of met de muilezel in de bergen waren schitterend. We waren, ver weg van het stadsleven, te midden van de grote wonderen van de natuur. De verandering was totaal, we lieten alles achter ons, de dagelijkse routine was weg. De herinnering aan tijd en seizoenen was afwezig, we leefden in de gelukzaligheid van het hier en nu in de bergen.” In deze Hoogtelijn doorkruisen we het Berner Oberland. Robert Eckhardt beklimt de negen 4000’ers van het gebied, Noes Lautier maakt een huttentocht met uitzicht op de drieling, Martin Fickweiler en Anne van Leeuwen hebben al klimmend een zeer regenachtig zicht op de Eiger en Mirte van Dijk verkent met haar snowboard het winterlandschap vanaf het Jungfraujoch.

18 |

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST PETER DAALDER | SCHILDERIJ FERDINAND HODLER (1911)


Ber Oberlnaenr d

Het Jungfraumassief en de SchwarzmĂśnch vanuit MĂźrren. Geschilderd in 1911 door de Zwitser Ferdinand Hodler (1853-1918). Olieverf, 72x91 centimeter. Het schilderij behoort tot de collectie van de Hahnloser/Jaeggli Stiftung in Winterthur.

HOOGTELIJN 2-2015 |

19


Beklimming van alle vierduizenders van de Berner Alpen

TOPPENSNELLEN Al in m’n jeugd hadden de vierduizenders van het Berner Oberland een enorme aantrekkingskracht, maar ik kreeg geen kans om hun geheimen te ontraadselen. Ik zag ooit een paar mensen naar een berghut gaan. Het feit dat ze verder gingen dan mijn ouders en ik, gaf het iets romantisch. Ook namen droegen bij aan die sfeer. Ewigschneefäld, wat klonk dat magisch. In mijn verbeelding een landschap waar mensen niet thuishoorden. En Schreckhorn – alsof alle duistere krachten van het gebied erin zijn samengebald. De vierduizenders van het Berner Oberland werden de toppen van mijn dromen.

20 |

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST EN FOTO’S ROBERT ECKHARDT


Op de Grüneggfirn. Doorkijkje over de Grosser Aletschgletscher naar de Grosser Aletschfirn.

is een van de lastigste vierduizenders van de Alpen. In 1976 benaderden we de berg vanuit het oosten, vanaf de Lauteraarzijde. Ik vond dat die kant er vriendelijker uitzag. Maar die ‘vriendelijkheid’ werd ruimschoots teniet gedaan door de enorme dimensies van het gletsjerlandschap waarin hij ligt. Die waren van een andere orde dan we gewend waren. Omdat het Aarbivak nog niet bestond, betraden Frank en ik de indertijd meest verlaten uithoek van de Alpen.

Gerinkel van ijsschroeven

Op weg naar de Gross Grünhorn klim je over de topgraat van de Grünegghorn (3860 m).

I

k herinner me de zomer van 1976 nog goed. Het waren de tijden dat een opvallend groot aantal jonge Nederlandse alpinisten de stap waagde naar zwaardere beklimmingen. Met subsidie van de toenmalige KNAV had ik een stalen pickel aangeschaft. Frank Moll bezat slechts een lange houten pickel. Een ijshamer droegen we bijna altijd aan de klimgordel. Met in de ene hand de pickel en in de andere een ijshaak moest het klimmen ook kunnen. Het materiaal om in ijs mee te zekeren was in die tijd nog onbetrouwbaar. Een complicerende factor was de eerste generatie hoofdlampjes. Deze Pile Wonders hadden de wonderbaarlijke eigenschap dat ze geen licht meer gaven wanneer het erop aan kwam. Gewapend met deze uitrusting beklommen Frank en ik onze eerste ijswanden in de Berner Alpen: we begonnen met de Studerhorn (3638 meter) en vervolgens deden we de Schreckhorn (4078 meter). Vanuit het noordwesten, boven Grindelwald, lijkt de Schreckhorn een ontoegankelijke burcht in een woest Wagneriaans landschap. Het

Frank Molls roman Hoog Verraad gaat niet alleen over Harold Maas’ eenzame laatste uren op weg naar de top van de Nanga Parbat. Er staan ook prachtige sfeerbeschrijvingen in van bergtochten die we samen in de jaren zeventig ondernamen, onder andere hoe Frank ons vertrek uit de Lauteraarhut naar de Studerhorn ervoer. Dit (vrije) citaat is eveneens van toepassing op de aanlooproute naar de Schreckhorn: “Om één uur ’s nachts werden we gewekt door de waardin. Zwijgend aten we muesli en dronken thee, allebei in gedachten verzonken. In het schijnsel van onze koplampjes liepen we door de koude nacht, boven ons een overweldigende sterrenhemel. De Anstieg naar de wandvoet was lang, urenlang strompelden we in het donker over moreneblokken, verspreid over de eindeloze gletsjer. In de schemer konden we de contouren ontwaren van ons doel, het reusachtige ijspantser van de wand. Onderaan de wand bonden we ons aan. Gerinkel van ijsschroeven en musketons, een slok uit

de thermosfles. Boven ons de wand, veel minder steil nu we eronder stonden. De randspleet was lastig. Robert moest hard werken in het overhangende ijs om boven te komen. Ik klom met moeite na. Toen begon het eindeloze ijsklimmen, touwlengte na touwlengte...”

Goede zet Na de Studerhorn beklommen Frank en ik met Kees Kamerling en Nico Boxhoorn de noordoostwand van de Schreckhorn. Weer ploeterden we in het donker over gletsjerijs en moreneblokken. Deze keer nog veel langer: tegen het ochtendgloren hadden we de halve Berner Alpen doorkruist. Kees en Frank vonden een weg door de ijsbreuk onder de wand; Nico en ik klommen naar de wand via de rotsgraat die van het Lauteraarsattel (3125 meter) naar het Nässijoch (3726 meter) leidt. Achteraf een goede zet, want in de afdaling werden we omhuld door dichte nevel en waren onze sporen en de rotsgraat de enige oriëntatiepunten.

Fraaie routecombinatie 1976 was zo’n ouderwets hete zomer. Firn had plaatsgemaakt voor papsneeuw met daaronder een steeds harder wordende laag blank ijs – een zenuwslopende combinatie. Opluchting toen we heel hoog in de wand konden uitwijken naar het vaste gneis van de noordoostkant. Na de top maakten we er een fraaie routecombinatie van, door over de Andersongrat af te dalen. Hoewel ik geen stap op de normaalroute heb gezet, denk ik dat de Andersongrat veiliger en overzichtelijker is HOOGTELIJN 2-2015 |

21


dan de normaalroute. Maar hij zag er wel imposant uit, vooral het onderste, wenteltrapachtige gedeelte dat naar het Nässijoch leidt. Gelukkig vonden we in de nevel onze sporen en op die manier ook de graat die Nico en ik ’s ochtends hadden beklommen. Een nacht op de graat vlak boven het Lauteraarsattel was onvermijdelijk. Net zoals bij beroemde klimmers over wie ik had gelezen, waren bij ons alle ingrediënten voor een

hard bivak aanwezig. Nico verdween vlak voor het vallen van de nacht in een gletsjerspleet. Hij was flink onderkoeld toen we hem eruit takelden. In de bivakzak ontdekte hij dat zijn droge sokken en lange onderbroek in de hut lagen. Het cognacflesje ging rond en Frank maakte hete chocolademelk. Ik viel prompt in slaap en schrok wakker door een enorme klap. Rondom ons donder en bliksem – een onweer was losgebarsten en het begon te hagelen. Die ondervinding, bibberend in

een klamme nylon bivakzak (pre Gore-Textijdperk), leerde me om lijden tot een kunst te verheffen.

Jungfrau Toen Frank Moll en ik in 1983 afdaalden van de Gspaltenhorn konden we nog niet vermoeden dat we drie dagen later de duizend meter hoge noordwand van de Silberhorn zouden doen, die we met een beklimming van de 4158 meter hoge Jungfrau combineerden. Weer drie dagen daarna

DE 9 VIERDUIZENDERS VAN DE BERNER ALPEN De Berner Alpen In de Berner Alpen liggen 9 vierduizenders. Vijf daarvan grenzen aan Berner Oberland: Jungfrau (4158 m), Mönch (4107 m), Schreckhorn (4078 m), Gross Fiescherhorn (4049 m) en (min-of-meer) Hinter Fiescherhorn (4025 m). De overige vier, de Finsteraarhorn (4274 m), Aletschhorn (4195 m), Gross Mönch Jungfrau

Grünhorn (4044 m) en Lauteraarhorn (4042 m), liggen even verderop, richting Wallis. Finsteraarhorn, Jungfrau, Mönch en Gross Fiescherhorn liggen op de grens van de kantons Bern en Wallis, Schreckhorn en Lauteraarhorn liggen volledig op Berner bodem. Aletschhorn, Gross Grünhorn en Hinter Fiescherhorn tenslotte, liggen in het kanton Wallis. Fiescherhörner

Finsteraarhorn

Hinter

Aletschhorn Gross

Lauteraarhorn Gross Grünhorn

Schreckhorn

normaalroutes De normaalroutes in oplopende moeilijkheid: • Hinter Fiescherhorn (4025 meter) • Finsteraarhorn (4274 meter) • Mönch (4107 meter) • Gross Fiescherhorn (4049 meter) • Jungfrau (4158 meter) • Aletschhorn (4195 meter) • Gross Grünhorn (4044 meter) • Schreckhorn (4078 meter) • Lauteraarhorn (4042 meter) (Door de afdaling waardeert Eckhardt de Lauteraarhorn moeilijker dan de Schreckhorn.) Meer informatie Kijk voor meer informatie op Jungfrauregion.ch en MySwitzerland.com.

Jungfrau (4158 meter)

Aletschhorn (4195 meter)

Mönch (4107 meter)

Mijn route: noordwand Silberhorn (3695 meter) en Hochfirn (TD). Tip: beklim de Mönch na de afdaling naar de Mönchsjochhut. Aanraders: Innere Rottalgrat (AD) vanuit de Rottalhut en Rotbrättgrat (D). Normaalroute: Rottalsattel en zuidoostgraat (AD-).

Mijn route: de zuidzuidoostgraat (AD-). Deze is makkelijker gewaardeerd dan de normaalroute: zuidwestrippe (AD). Aanrader: Haslerrippe (AD+). Normaalroute: zuidwestrippe (AD).

Mijn route is de normaalroute: zuidoostgraat/oostgraat (AD-). Tip: je kunt hem doen als ‘Jungfraubahn-daltocht’. Aanraders: Nollen en Lauperroute.

22 |

HOOGTELIJN 2-2015

Gross en Hinter Fiescherhorn (4049 en 4025 meter) Mijn route: noordwestgraat (Fieschergrat; AD). Tip: de noordwestgraat is op diverse plekken te bereiken. De afdaling naar Ewigschneefäld kan lastig zijn. Normaalroutes: beide toppen vanaf Fieschersattel (3923 m) respectievelijk PD+ en PD-. Fieschersattel vanuit zuidwesten (AD-); vanuit oosten (PD).


deden we de befaamde Lauperroute op de Grosshorn. Voor deze 1300 meter hoge route vertrokken we pas bij het eerste daglicht uit de Schmadrihut en om vijf uur ’s middags waren we al terug in het dal. Als ik aan die week in Berner Oberland terugdenk, behoort deze tot een van de gelukkigste van mijn klimbestaan. We stonden op bergtoppen waar we als jongetjes tegenaan hadden gekeken. Voor ons was de Jungfrau de volmaakte berg. Vanuit het noorden was de opeenstapeling van hangende gletsjers en ijstorens, met daarin ingebed de duizend meter hoge ijswand van de Silberhorn, een waanzinnig imponerend schouwspel.

Silberhornhutje Niet alleen de Jungfrau oefende een enorme aantrekkingskracht op me uit, maar ook het Silberhornhutje (2663 meter) aan de voet van de noordwand. Dat hutje wordt weinig bezocht omdat je bijna tweeduizend meter moet stijgen om er te komen. Hier is de romantische sfeer van het klassieke alpinisme uit de 19e eeuw nog steeds tastbaar. Zo moest een berghut zijn, had ik me altijd voorgesteld. Een primitieve ruimte met de geborgenheid die nodig is om aan de vooravond van een grote beklimming in de juiste sfeer te komen. De Silberhorn (3695 meter) is een van de exclusiefste toppen van de Alpen. Afgelopen zomer zag ik dat er niet veel ijs meer is in de Silberhornnoordwand. Eigenlijk kun je er tegenwoordig alleen maar op via de Rotbrättgrat. De enige afdaling loopt nog altijd via de top van de Jungfrau. Voordat je op de Jungfrau bent, moet je eerst afdalen naar de Silberlicka en dan nog

Gross Grünhorn (4044 meter) Mijn route is de normaalroute: via de Grünegghorn (3860 meter) en zuidwestgraat (AD-). Aanrader: overschrijding Gross Grünhorn met beide Fiescherhörner.

Gross Fiescherhorn, op de noordwestgraat.

eens 500 meter omhoog via het Silbergrätli. We klommen beiden in het donker, zonder touw. Ik herinner me nog dat ik Frank lange tijd kwijt was, het was alsof ik alleen in die wand klom. Het doet me nu denken aan het moment na de start van de Elfstedentocht: eerst stond ik met duizend man in de Frieslandhal en even later schaatste ik in het donker moederziel alleen op het zwarte ijs buiten Leeuwarden.

project, want daar begint de eentonige Hochfirn naar de Wengen Jungfrau (4089 meter), die alle energie uit ons zoog. Naar mijn mening is dat de tiende vierduizender van de Berner Alpen. Hij voldoet aan alle criteria die de UIAA (de Union Internationale des Associations d’Alpinisme ) gebruikt om vast te stellen wat een officiële vierduizender is...

Tiende vierduizender

Frank en ik hadden een groot aantal van de toppen die we vanaf de Jungfrau zagen, beklommen, maar ik had toen nog maar drie van de negen Berner Alpen-vierduizenders gedaan. De derde was de Aletschhorn (4195 meter) met Dries Nijsen, het jaar daarvoor. Na een aantal prachtige Dolomietenbeklimmingen had Dries het in zijn hoofd gezet om zijn eerste vierduizender te beklimmen. Dat we daarvoor achthonderd kilometer moesten omrijden, was slechts een detail. We deden het wel in stijl, namelijk met een bivak op 3600 meter, vlak onder de Mittelaletschlücke.

Drie kilometer onder me twinkelden de lichtjes van Interlaken, een feeëriek schouwspel dat een beetje troost bood in het donker. In het eerste ochtendlicht, hoog in de wand bij een steile sérac, bonden Frank en ik ons aan. Bovenin zaten een paar lastige stukjes, want ook toen al kwam er rots tevoorschijn. En wat voor rots: drytoolen avant la lettre in aan elkaar gevroren kolengruis. Frank had inmiddels een ijsbijl, maar hanteerde ook nog steeds zijn houten pickel. Het Silbergrätli – het klinkt zo tam en onschuldig – was de crux van ons

Aletschhorn

Schreckhorn (4078 meter)

Lauteraarhorn (4042 meter)

Finsteraarhorn (4274 meter)

Mijn route: noordoostwand (TD-) - via de Andersongrat omlaag. Tip: Andersongrat (D) omhoog in plaats van de normaalroute. Vanaf Aarbivak via de rotsgraat die van het Lauteraarsattel (3125 meter) naar het Nässijoch (3726 meter) leidt. Geen alpiene problemen in het donker! Aanraders: noordoostkante (D+) en zuidpijler (TD-). Normaalroute: zuidwestgraat (AD+).

Mijn route: een variant van een in 1908 geopende route door de oostwand van de zuidoostgraat (TD-). Tip: op de normaalroute zijn sneeuwcondities cruciaal. Bij Neuschnee en warme temperaturen lawinegevaarlijk. Aanrader: zuidwestgraat (TD). Normaalroute: zuidwandcouloir en zuidoostgraat (AD).

Mijn route was de normaalroute: zuidwestflank en noordwestgraat (PD+). Tip: overnacht buiten het seizoen in het romantische oude Finsteraarhornhutje (Winterraum). Aanrader: de lange zuidoostgraat (D).

HOOGTELIJN 2-2015 |

23


de silberhorn is n van de exclusiefste toen van de alpen Het Silberhornhutje met het markante Rotbrätt.

Lauteraarhorn Ik ga weer met Frank en ditmaal in gezelschap van Bas Gresnigt. Het was mijn derde keer in de Lauteraarhut. Deze keer wilden we een route klimmen door de wilde oostwand. Onderaan die enorme wand waren we het overzicht geheel kwijt en besloten we het eerste het beste ijscouloir in te gaan. Nogal heroïsch dachten we dat we misschien wel een eerste beklimming hadden uitgevoerd. Na grondige studie van de wand kwam ik tot de conclusie dat we waarschijnlijk een variant klommen van een in 1908 geopende route door de oostwand van de zuidoostgraat. Ook die lange zomer van 1983 was heet en droog. De afdaling via de normaalroute werd een horrorproject: we moesten lange stukken blank ijs met het gezicht naar de wand afklimmen, wat moeilijker was dan de afdaling van de Schreckhorn via de Andersongrat. Een prettige bijkomstigheid: in 1983 stond hier het Aarbivak!

Wil je ook een vierduize nder beklimmen in Berner Oberland maar doe je dat liever onder begeleiding? Kijk dan op bergsportreizen.nl en klik op Hoogalpiene beklimmingen.

de Gross Fiescherhorn (4049 meter). Vanuit het Fieschersattel (3923 meter) zijn beide toppen via hun normaalroutes vrij makkelijk. In 2012 klom ik met Martijn Seuren de noordwestgraat, een landschappelijk zeer fraai alternatief voor de normaalroute. Nadat we beide Fiescherhörner hadden gedaan, vonden we de afdaling aan de kant van het Ewigschneefäld veel lastiger dan alle teksten uit de klimgidsjes doen vermoeden. Ik had mijn laatste Berner Alpen-vierduizender beklommen. Tijdens de lange, zware tegenstijging vanaf het Ewigschneefäld bedacht ik dat een stuk romantiek uit mijn jeugd was verdwenen: ‘Ewigschneefäld’, het klonk in mijn jeugd zo magisch en nu liep ik er op de terugweg naar de Mönchsjochhut te zwoegen.

Robert Eckhardt in het Silberhornhutje.

De laatste vijf

De Hinter Fiescherhorn (4025 meter) is, net als de Gross Grünhorn, vanuit geen enkel dal te zien. Hij is onlosmakelijk verbonden met

Foto Frank Moll

In de nadagen van mijn klimcarrière wilde ik proberen om alle 82 vierduizenders van de Alpen te beklimmen; oude en nieuwe klimmakkers werden gemobiliseerd. In de laatste week van september 2011 stond ik op drie daarvan, de Gross Grünhorn (4044 meter), de Mönch (4107 meter) en de Finsteraarhorn (4274 meter). Alle drie met Kees Kamerling, met wie ik 35 jaar daarvoor de Schreckhorn deed, en twee jonge klimmers, Niels Weijsenfeld en Henk Kruse. Wat ik me vooral van die drie tochten herinner, is dat de normaalroutes zo mooi zijn, vooral die van de Gross Grünhorn met zijn woeste aanlooproute. Frank Moll voor het Silberhornhutje.

HOOGTELIJN 2-2015 |

25


Elke dag taart Vier dagen uitzicht op Eiger, Mönch en Jungfrau

Hoog boven Lauterbrunnen in het Berner Oberland, heb je een ongeëvenaard uitzicht op het beroemde Dreigestirn van de Berner Alpen: Eiger, Mönch en Jungfrau. Dat is niet de enige traktatie op deze relaxte trektocht, want toppensnellers kunnen hun lijstje aanvullen, fotografen komen geheugenkaartjes te kort en de Lobhornhut is een kinderparadijs met een meertje om de hoek.

26 |

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST NOES LAUTIER | FOTO’S ROBERT ECKHARDT EN NOES LAUTIER


Eiger, Mรถnch en Jungfrau en de Lobhornhut. (Dag 1)

HOOGTELIJN 2-2015 |

27


Rotstockhut (2039 m) met de Bütlasse (3192 m). (Dag 3)

Rondom de Lobhörner Vanuit de Lobhornhut kun je verschillende wandelingen maken, zoals een rondje om de Lobhörner die uit vier markante rotstorens bestaan. Als er nog sneeuw ligt of als het regent kun je beter een ander doel kiezen, want de graat tussen de Klein Lobhorn en de Sulegg is smal en geëxponeerd. De moeilijkheidswaardering is T4 (zonder sneeuw) en voor een rondje ben je zo’n vijf uur onderweg. Veel korter (zo’n tweeënhalf uur heen en terug) is de makkelijke wandeling naar de Bällehöchst (2095 meter), die ook bij matig weer prima te doen is, of een heen-en-weertje naar de Sulegg (2413 meter, circa twee tot tweeënhalf uur), de huisberg van de hut.

Dag 2: Lobhornhut – Pension Suppenalp

D

e belangrijkste reden om naar het Lauterbrunnendal te gaan, is zonder twijfel het uitzicht op de hoge bergen, dat zich niet beperkt tot het beroemde Dreigestirn. Als je de fascinerende Muur van Lauterbrunnen bekijkt, zou je niet zeggen dat niet één berg in deze imposante en brede rij de 4000 meter haalt. Tijdens de wandeling van Sulwald via de Rotstockhut naar Stechelberg kun je al deze toppen zien. De hier beschreven route, die zeer geschikt is om met kinderen te doen, is slechts een van de mogelijkheden. Wie hoogtemeters wil maken, raad ik de route via de Schilthorn aan (dan natuurlijk niet met de kabelbaan!), die flink wat pit toevoegt met enkele gezekerde en steile passages.

Dag 1: Sulwald – Lobhornhut De kabelbaan van Isenfluh naar Sulwald wordt door acht vrijwilligers gerund, gezellige krasse knarren die geen zin hebben om achter de geraniums te zitten. In de cabine van de kabelbaan kun je een kleine koe transporteren. Een grote kan ook, maar die staat dan met haar kop in de frisse buitenlucht. In het Sulwald Stübli, het restaurantje bij het bergstation, zijn ze niet altijd geïnteresseerd in gasten. Geen probleem, want we hoorden over de uitstekende reputatie van de Lobhornhut en dat is maar anderhalf uur lopen.

Kinderhut Vanaf de eerste stap op het heerlijke pad kunnen we de Eiger, Mönch en Jungfrau, het beroemde Dreigestirn, zien. De route is goed gemarkeerd en het pad is prachtig: door een bos, langs een beek en door frisgroene alpenweiden. Bij boerderij Suls (1903 meter) gaat het rechtsaf naar de Lobhornhut die op een fantastisch uitzichtpunt staat, met vlakbij een meertje dat zeer geliefd is bij kinderen. In de hut leren ze meteen hoe het huttenleven is, want de wasbak met twee kranen staat buiten en er is een ouderwets – maar wel schoon – toilet, type houten poepdoos. Dit is een echte kinderhut, waar het in het weekend altijd druk is. Oordoppen mee dus. Zoek je rust, dan kun je er beter buiten de schoolvakanties overnachten. Op het gezellig drukke terras eet iedereen taart. “Lisa’s Griesskuchen mit Rahm. Vers uit de oven, nog nooit gegeten. Proberen?”, vraagt mijn reisgenoot Elly. Later horen we dat huttenwaardin Lisa Emmenegger-Biner haar plaats afstaat aan Irène Beck Tamang. Hopelijk laat ze haar recepten in de keuken achter.

28 |

HOOGTELIJN 2-2015

Op de etappe van de tweede dag passeren we twee knooppunten waar verschillende routes elkaar kruisen. Dat zorgt bij Sousläger en Allmendhubel kortstondig voor enige drukte. Van de hut gaat de route eerst terug naar boerderij Suls. Het lekkere uitzichtrijke pad dat volgt, gaat flink op en neer: aan het eind van de dag staat er zo’n zevenhonderd meter stijgen en dalen op de teller. De berghellingen staan in juni en juli vol bloemen en kruiden. Voor een mooie frambozen- of bosbessenoogst moet je hier in augustus en begin september zijn. Eind september treedt de herfst in en dan kleuren de blaadjes van de bosbessenstruiken diepdonkerrood en lijken de hellingen in vuur en vlam te staan. Restaurant Allmendhubel ligt midden in het skigebied van Lauterbrunnen en is vanuit Mürren per kabelbaan bereikbaar. Als je trek hebt, kun je de kleine omweg naar het restaurant maken: een groot, typisch wintersportrestaurant met prima taart. In de originele botanische tuin kun je je plantenkennis bijspijkeren. Het gezellige, kleinschalige Pension Suppenalp ligt een half uurtje verderop. Daar piept en kraakt alles van ouderdom, maar de kamers zijn ruim en de dekbedden lekker. Er is zelfs een douche, waarmee deze kruising tussen een berghut en een pension enorm stijgt op de schaal van trektochtenluxe. Op de vraag waarom er met dit mooie weer zo weinig wandelaars in Suppenalp zijn, antwoordt huttenwaard Andy Locher: “Goeie vraag. Ik weet het echt niet. In de zomer is dit hier hobby, daar kan ik onmogelijk van leven. In de winter is het veel drukker.”

Via Sousegg Minder uitzichtrijk maar even mooi is het alternatief via Sousegg en Chantbach naar Sousläger en vervolgens naar Suppenalp. Er is wel een addertje onder het gras: zo lang er te veel sneeuw ligt, wordt de brug over de beek bij Chantbach niet geïnstalleerd. Even informeren dus.

Dag 3: Suppenalp – Rotstockhut Na een half uur lopen bereiken we Im Schilt, een sfeervol bergrestaurant met een hele rij oversized koeienbellen aan de gevel. De Schiltbach iets verderop is voorzien van een prima brug en dan gaat het linksaf omhoog via een makkelijk pad naar de brede grasgraat van de Wasenegg, die we een eind volgen. Het hoogteverschil tussen de Chlyni Nadla en de Grossi Nadla, twee ‘topjes’ in de graat, is slechts elf meter, maar uiteraard dalen we tussendoor een stukje af. Keuzes zijn er ook, want bij Im Schilt kun je rechtdoor gaan en dan bij Tistelwang linksaf naar de Rotstockhut. Deze staat tegenover de Schilthorn, beroemd vanwege het draairestaurant waar de James Bondfilm On her Majesty’s Secret Service werd opgenomen. Klein maar fijn is van toepassing op deze hut die op de grens ligt van groen en grijs, van sappige weiden en moeizame gruispaden. Wie van de andere kant komt, van de Sefinenfurgge


(2612 meter) of de Rote Härd (2683 meter), is maar al te blij zodra de hut opdoemt. Die twee bergpassen zijn trouwens mooie doelen als je vanuit de hut de benen wilt strekken. Niet vanwege het vermoeiende pad, maar om de bergen aan de andere kant te zien, waaronder de Blüemlisalphorn (3663 meter).

Lekker ambitieus De meest ambitieuze optie om van Suppenalp naar de Rotstockhut te lopen, is via de Schilthorn. De kaart toont meerdere mogelijkheden maar één ding is zeker, wie deze uitdaging aangaat zonder gebruik te maken van de kabelbaan, maakt heel wat hoogtemeters. Informeer wel even naar de route van Im Schilt naar de Rotstockhut, want die kon in 2014 niet worden gedaan.

Dag 4: Rotstockhut – Stechelberg Op de vrij steile afdaling door het Sefinendal naar Stechelberg wordt het zicht op de bergen gedomineerd door een brede muur van rotswanden. De duistere Gspaltenhorn-noordoostwand (3436 meter) is de imposantste blikvanger; die wand is bijna net zo hoog als de Eigernoordwand. De oriëntatie is simpel: gewoon de bordjes ‘Stechelberg’ volgen, begeleid door het heerlijke geluid van de Sefinen Lütschine, die meestal vriendelijk kabbelt maar bij een stroomversnelling plotseling aanzwelt tot een donderend geraas. Als je meer avontuur aan de trektocht wilt toevoegen, kun je halverwege de afdaling bij Im Tal (1259 meter) rechts afslaan en via Berghotel Obersteinberg (1778 meter, verlichting met kaarslicht en petroleumlampen) naar de Schmadrihut (2262 meter) lopen, daar overnachten en vervolgens naar Stechelberg afdalen.

Pension Suppenalp is een kruising tussen een berghut en een pension.

In dit bivakhutje moet je zelf koken, op een houtkachel, en er zijn twaalf slaapplaatsen. Hier zit je recht onder de Muur van Lauterbrunnen: de ijswanden van onder andere de Lauterbrunnen Breithorn (3403 meter), de Grosshorn (3754 meter) en de Mittaghorn (3892 meter). Of je nu via de Schmadrihut afdaalt naar het dal of rechtstreeks, je komt onherroepelijk uit bij Hotel Stechelberg dat strategisch ligt, aan het einde van de weg door het Lauterbrunnendal.

De Lobhornhut is heel geschikt voor kinderen.

Extra: Kandersteg of Grindelwald Je kunt de huttentocht makkelijk uitbreiden door van de Rotstockhut via de Sefinenfurgge (2612 meter), het Hohtürli (2778 meter) en de Blüemlisalphut (2834 meter) naar Kandersteg af te dalen. Of loop van Stechelberg door (of neem de bus) naar Lauterbrunnen en dan via Wengen (1274 meter), Kleine Scheidegg (2061 meter) en de Eigertrail (een wandelpad dat onder de Eigernoordwand door loopt) naar Grindelwald.

vierdaagse huttentocht in het Berner Oberland Route

Karakter: een makkelijke wandeling met korte etappes die je kunt uitbreiden met de beklimming van een topje of een wandeling naar een bergpas. Veel bloemenweiden,

restaurants en berghutten met zelfgebakken taart. De telkens wisselende uitzichten op het Dreigestirn van de Berner Alpen en de Muur van Lauterbrunnen maken de tocht bijzonder.

Markering

Naar het beginpunt: neem de postbus Lauterbrunnen – Isenfluh, dan de kabelbaan Isenfluh – Sulwald (hele jaar dagelijks). Kijk voor meer informatie op sbb.ch en isenfluh.ch. De voordeelpassen voor het Zwitserse openbaar vervoer kun je downloaden via SwissTravelSystem.com.

Swisstopo 1:25.000, nr. 1228 Lauterbrunnen, en 1248 Mürren.

• Dag 1: Sulwald (1530 meter) – Suls (1903 meter) – Lobhornhut (1955 meter) T2, 1.30 uur, 465 meter stijgen, 50 meter dalen. • Dag 2: Lobhornhut (1955 meter) – Chüebodmi (1712 meter) – Sousläger (1704 meter) – Allmendhubel (1893 meter) – Pension im Suppenalp (1852 meter) T2, 3.40 uur, 680 meter stijgen, 695 meter dalen. • Dag 3: Pension Suppenalp (1852 meter) – Im Schilt (1946 meter) – Wasenegg (2155 meter) – Poganggen/ Rotstockhut (2039 meter) T2, 2 uur, 425 meter stijgen, 245 meter dalen. • Dag 4: Rotstockhut (2039 meter) – Ozen (1582 meter) – Im Tal (1259 meter) – Stechelberg (910 meter) T2, 3.20 uur, 225 meter stijgen, 1340 meter dalen.

De markering op de route is goed. Er zijn bordjes en rood-witte verfstrepen.

Kaarten

Overnachten

In alle berghutten is een lakenzak verplicht. Ook moet je reserveren en afzeggen als je onverhoopt toch niet kunt komen. • Suls-Lobhornhut (op 1955 meter) is een drukke (kinder)hut met 24 slaapplaatsen. Meer informatie op lobhornhuette.ch of via +41 (0)79 656 53 20. • Pension Suppenalp (op 1852 meter) heeft kamers voor 1 tot 5 personen. Meer informatie op suppenalp.ch of via +41 (0)33 855 17 26. • Rotstockhut (op 2039 meter). Kijk voor meer informatie op rotstockhuette.ch of bel +41 (0)33 855 24 64 of +41 (0)78 818 59 38 (mobiel).

Meer informatie

Kijk voor meer informatie op myswitzerland.com, jungfrauregion.ch en noeslautier.nl.

Moeilijkheidswaardering bergpaden

Ga naar nkbv.nl/kenniscentrum en zoek op Moeilijkheidsgraden bergpaden. Daar vind je uitleg over de gradering T1 tot en met T6.

Periode

De beste periode om de huttentocht te maken, is van juli tot en met september.

Wil je onder begeleiding een Alpentraverse maken van Adelboden naar Lauterbrunnen, kijk dan op bergsportreizen.nl en klik op Alpiene tochten/huttentochten. Dit is een van de zwaarste huttentochten uit het NKBV-aanbod. Vertrekdatum 20 juli 2015.

HOOGTELIJN 2-2015 |

29


Casper ten Sijthoff halverwege Kundalini met de Engelhorn op de achtergrond.

30 |

HOOGTELIJN 2-2015


Uitslapen kan altijd nog

WKEND WAIORS Het doel van ons weekendtripje naar Berner Oberland is duidelijk: zo veel mogelijk klimmen in één weekend. Het liefst lange routes; sportklimmen kan altijd nog en we zijn niet voor niets in Zwitserland. Met welgeteld twee hele dagen plus een paar uurtjes op donderdagmiddag en zondagochtend hebben we precies genoeg tijd voor twee flinke toeren plus wat extra’s.

TEKST ANNE VAN LEEUWEN | FOTO’S MARTIN FICKWEILER | HOOGTELIJN 2-2015 |

31


Om op de parkeerplaats van de Wendenstöcke de nacht enigszins droog door te komen, moeten we alle zeilen bijzetten.

Om half zeven ’s morgens staan we onderaan de zuidwand van de Hintisberg, de prachtige tweehonderd meter hoge kalkwand torent boven ons hoofd de lucht in.

O

p het programma staan in elk geval de Wellhorn op vrijdag, Wendenstöcke op zaterdag en uitslapen en koffiedrinken op zondagochtend, voor we om twaalf uur met de trein terug naar huis gaan om maandag weer fris en uitgeslapen achter ons bureau te kruipen. Dat is de spirit van de weekend warrior: doordeweeks op kantoor en in het weekend knallen.

Sherlock Holmes in de regen Het regent als we op donderdagmiddag aankomen op het station in Meiringen. Om de tijd te doden, bezoeken we het piepkleine Sherlock Holmesmuseum. Het is een hele ervaring. In een kamertje van enkele vierkante meters is het hele interieur van 221B Baker Street nagebouwd, inclusief bloemetjesbehang en scheikundig kabinet. Na alles te hebben bekeken met audiotour staan we na een kwartier weer buiten. Het plan is om meteen omhoog te lopen, richting de instap van de Wellhorn, en daar te bivakkeren zodat we vrijdagochtend bij het eerste licht kunnen klimmen. Helaas moeten we onze strategie veranderen: het regent dikke druppen en het ziet ernaar uit dat dit nog wel even zo blijft. Vroeg onderaan de route zijn heeft dus geen zin, de rots zal nog te nat zijn om te beklimmen. We besluiten daarom de nacht door te brengen in Meiringen en van daaruit vroeg op pad te gaan. Dat geeft ons een comfortabeler nacht en de rots iets meer tijd om

32 |

HOOGTELIJN 2-2015

te drogen. Keerzijde is wel dat we op deze manier nog minder tijd hebben. Onze doelroute is lang: de Gletsjersymfonie telt 28 touwlengtes en 750 hoogtemeters. Om die afstand voor zonsondergang te overbruggen, moeten we bij het eerste licht al lang en breed in de wand zitten. Met ons nieuwe plan gaan we dat niet halen, zeker niet omdat er in de namiddag alweer regen is voorspeld. We kiezen daarom een alternatieve route (Kundalini) die beduidend minder lang is en enkele tientallen meters naar rechts op dezelfde wand zit. Zo blijven we toch nog een beetje in de sfeer van onze initiële route.

Gletsjersymfonie Vrijdagochtend gaat om 05:30 uur de wekker, een kwartier later zitten we in de auto. Het is droog, maar de natte weg verraadt dat het kortgeleden nog heeft geregend. Bij de parkeerplaats drinken we snel een kop koffie voor we met lichte bepakking omhoog lopen. Dat scheelt. Dik anderhalf uur later staan we onderaan de wand. De zon schijnt, maar de onderkant is nog zwart van het vocht. Onmogelijk om zo in te stappen. Na een dik halfuur is de rots een stuk minder donker en gaan we ervoor. Toch is de tweede lengte, een 6b+, natter dan gedacht, dus doet Casper er even over om boven te komen. Ik hoor een vreugdekreetje als hij het natte stuk voorbij is. Wanneer ik nakom, bewonder ik hem om zijn moed, want dit is glibberen en glijden. Het is spannend, zowel treden als grepen zijn nat en alles voelt onzeker. Gelukkig vind ik een struikje waaraan ik me omhoog kan trekken en zo kom ik uiteindelijk zonder uitglijden bij het relais. Cas vertelt dat hij de lengte klom zonder gebruik te maken van de plaatselijke flora. Respect! Gelukkig gaat de zon steeds harder schijnen en wordt de route steeds droger en wij warmer.

We schrikken op van luide knallen, de Rosenlauigletsjer onder ons warmt op en een deel ervan stort onder luid geraas de diepte in. De hele dag horen we het concert van de gletsjer – krakend en stortend ijs, stromend water, vallende stenen. Elke keer zijn de geluiden anders, in een ander ritme en met een andere melodie. In combinatie met de straaljagers van het Zwitserse leger die af en toe met een oorverdovend geluid overvliegen, snap ik de benaming Gletsjersymfonie.

Uitzicht op de Rosenlauigletsjer Wanneer Martin stopt om foto’s te maken, heb ik even tijd om rond te kijken. Aan de


de hele dag horen we het concert van de gletsjer Gerke Hoekstra in het onderste deel van Kundalini met de Rosenlauigletsjer op de achtergrond.

ene kant zie ik de Rosenlauigletsjer die zich zichtbaar steeds verder terugtrekt. Volgens de topo uit 2010 kun je nog boven de gletsjer klimmen, maar dat kan nu al niet meer. Onder ons ligt een grote plaat waar ooit de gletsjer was en nu in kleine beekjes water stroomt. Aan de andere kant zie ik het groene dal van Rosenlaui en de pieken van de Engelhorn tegenover me. Helaas is de route zelf niet zo fraai als het uitzicht en de bijbehorende gletsjermuziek. Het is een samenraapsel van een enkele fraaie lengte met verder veel gerommel. Hopelijk is onze initiële route een stuk mooier. Na de eerste lengtes gaat alles

op elkaar lijken, zeker omdat de hele wand uit naar rechts aflopende bandjes bestaat. En mijn voeten beginnen pijn te doen. Dat kan er natuurlijk ook mee te maken hebben. De hele dag dreigen de wolken, maar we houden het droog en klimmen gestaag door. Iets na het middaguur staan we op de top en kunnen we aan mijn minst favoriete bezigheid beginnen: abseilen. Dat is hier spannend, of nee, ronduit eng. Het terrein is niet steil en ook nog eens heel los. Een verhoogd risico op vastzittende touwen en steenslag dus. Weggedoken onder onze rugzakken zien we

grote blokken langssuizen. omdat we de ankers moeilijk kunnen vinden, moeten we midden in de wand stand maken. Gelukkig hebben we een veiligheidsexpert in ons midden die ons snel en probleemloos naar beneden loodst. Even later zijn we weer bij de auto. Precies op tijd voor een flinke plensbui naar beneden stort.

Wendenstöcke De regen verandert in storm. We zijn moe, we willen eten en slapen. Morgen is het weer een lange dag: Excalibur op de Wendenstöcke. We willen onderaan de wand bivakkeren, maar dat is nog best HOOGTELIJN 2-2015 |

33


ENGINEERED FOR THE HIGHEST PERFORMANCE


lastig als de wereld om je heen vergaat en je alleen een plastic zeil, wat touw en vier wandelstokken hebt. Twee van ons halen stenen om het zeil vast te leggen, de andere twee zorgen voor de constructie. We hebben allemaal een goed regenpak, maar geen waterdichte schoenen. Het duurt dus niet lang voor we allemaal natte en ijskoude voeten hebben. We zijn er helemaal klaar mee. Verbeten werken we door en met vereende krachten lukt het ons uiteindelijk om enigszins droog en uit de wind te liggen. Snel wat eten en ‘naar bed’. De hele nacht luisteren we naar het samenspel tussen regen, wind, donder en bliksem. Zaterdagochtend worden we gewekt door koeienbellen. Dat klinkt veelbelovend. En het is droog! Helaas is de vreugde van korte duur. De wand zit verstopt achter een dikke wolkendeken. Nog meer regen op komst en alles is al nat. We wringen onze slaapzakken en matjes uit, proppen alles in de auto en vertrekken. Op naar een troostrijke Kaffee mit Kuchen.

Verregende medeslachtoffers Natuurlijk laten we ons niet zomaar uit het veld slaan, dus gaan we na de koffie naar de mooiste sportklimspot van Berner Oberland. Na een uurtje rijden bereiken we Lehn, een sportklimgebied vlakbij Interlaken dat vooral uit loodrecht tot licht overhangende rots bestaat. Het gebied telt iets meer dan honderd routes, vooral hoge zessen en zevens, en de waardering is heel Zwitsers (lees: snoeihard). De zanderige kalk is zacht en blijft lang nat, wat natuurlijk niet in ons voordeel werkt. Dat het hier niet regent, betekent kennelijk niet dat we er dus kunnen klimmen. Het is moeilijk om een droog stukje rots te vinden en we zijn niet de enigen. Al snel maken we vrienden met verregende medeslachtoffers en wordt het toch nog reuze gezellig. Onze nieuwe vrienden maken ons attent op routevarianten die de natte grepen omzeilen. Zo maken we toch nog een hoop plezier én klimmeters.

Hintisberg Onze geplande uitslaap- en koffieochtend is veranderd in een hit-and-run klimactie naar de Hintisberg. Echte weekend warriors halen alles uit hun weekend, dus worden ook onze laatste uurtjes in Zwitserland benut. Dat lukt goed, want om 6:30 uur staan we onderaan de wand. De route is de mooiste van het weekend, onze kers op de taart. Het klimmen is loodrecht, precies uitdagend genoeg en niet te lang. En dan het uitzicht. Dat van de Wellhorn was prachtig, maar het uitzicht van de Hintisberg is fenomenaal. We kijken uit op de legendarische reuzen Eiger, Mönch en Jungfrau. Ik denk niet langer aan mijn bed. Hier doe ik het voor.

Klimmen rond meiringen Reis Meiringen ligt dik 800 kilometer rijden van Utrecht en is prima per auto of trein te bereiken. Het openbaar vervoer is er goed. (SwissTravelSystem.com)

Accommodatie Het dorp telt talloze hotels en een aantal grote campings. Een bijzondere plek om te overnachten vonden wij in Gadmen, een dik kwartier rijden vanuit Meiringen. Onderaan de imposante wanden van de Wendenstöcke runt berggids Felix zijn simpele, maar prachtige camping waar hij een aantal avonden per week de heerlijkste pizza’s bakt.

Klimmen Rond Meiringen kun je een leven lang klimmen en is er voor ieder wat wils: een klettersteig op Tälli, lange behaakte routes op de Wellhorn, alpien avontuur op het graniet van Handegg, luchtige routes op de Wendenstöcke, sport-

klimmen in Lehn of Lammi: er is te veel om op te noemen. Bij slecht weer kun je je zelfs vermaken in de prima klimhal.

Overige activiteiten Meiringen is een echt bergsportdorp. Je kunt er eindeloos wandelen of skiën. Toeristische outdoortrekpleisters zijn de Aareschlucht, de Reichenbachwatervallen en de Rosenlaui Gletscherschlucht. Het piepkleine Sherlock Holmesmuseum is leuk voor de liefhebber, maar je bent er na een uurtje wel klaar.

Topo’s

• Schweiz Extrem Ost (2013), uitgeverij Filidor, ISBN 978-3-906087-43-6 • Schweiz Plaisir Ost (herdruk 2012), uitgeverij Filidor, ISBN 978-3-906087-28-3

Meer informatie Kijk op Haslital.ch, Jungfrauregion.ch en MySwitzerland.com.

Wanneer de eerste zondagsklimmers bij het massief aankomen, zijn wij al lang en breed boven. Verbaasd kijken ze hoe we in rap tempo abseilen, als bezetenen alles inpakken en wegsprinten naar de auto. Precies op tijd staan we op het perron.

Bekaf maar vol energie Maandagochtend zit ik weer braaf achter mijn bureau, en alleen mijn geschaafde handen – oké, ik ben ook bekaf – herinneren me aan ons avontuur. Een collega kijkt ernaar en vraagt of ik in de tuin heb gewerkt. Ik vertel kort wat ik heb gedaan en vraag daarna hoe haar weekend was. Ze heeft heerlijk uitgeslapen. Even ben ik jaloers, maar ik bedenk al snel dat, hoe vermoeiend ook, dit is waar ik mijn energie uit haal. Op naar volgend weekend! HOOGTELIJN 2-2015 |

35


Freeriden in de Jungfrauregion

Happen

naar adem

Het is precies zeven uur in de ochtend wanneer Stephan en ik op het station van Grindelwald vanuit de ijzige kou de verwarmde trein instappen. Als de deuren achter ons sluiten, voelt het alsof de historie zich voor ons opent: de reis naar de Top of Europe en het avontuur over de flanken van het Jungfraumassief weer naar beneden. In de trein naar de top bereid ik me voor op windvlagen van 70 kilometer per uur, bevriezing van neus en ledematen en ademhappen als een vis vanwege de ijle lucht.

I

n het opkomende zonlicht zien we de oranje zonnestralen achter de scherpe randen van de bergketen oprijzen. “Is dat de Eiger?” vraag ik ongeduldig aan Stephan. “Nee, nog niet.” Na tien minuten kan ik mijn ongeduld niet bedwingen en vraag er nog een keer naar. Niks. Ik sta te popelen om de beroemde berg eindelijk in het echt te kunnen bewonderen. De mooiste verhalen, de indrukwekkendste beklimmingen en de heftigste avonturen komen ervandaan. Hier, waar wij nu met onze gordels, lawine-airbags, splitboard en ski’s naartoe reizen, in ’s werelds hoogst gelegen treinverbinding: de Jungfraubahn. Terwijl mijn gedachten afdwalen naar de oranje zonnestralen die langzaam veranderen in roze lichtbundels, stel ik me voor hoe het is om op de graat waar het licht vandaan komt, te balanceren. “Kijk!” roept Stephan opeens. Hij wijst naar de graat. “Dat is de Eiger.”

Naar een ander level We blijven een paar dagen in Grindelwald, het centrum voor beklimmingen en afdalingen van onder andere Eiger, Mönch en Jungfrau. Normaalgesproken start je als fanatieke wintersporter in een skigebied. Dat heeft Grindelwald ook, maar vandaag brengen we het freeriden letterlijk naar een ander level. En daarom slaan we het skigebied deze keer over: we dalen af over de imponerende Aletschgletsjer, waar alpinisten en freeriders zich verenigen. De Jungfraubahn, die in 1912 is gebouwd, brengt je in een klein uur van de Kleine Scheidegg maar liefst 1400 hoogtemeters verder naar het Jungfraujoch op 3454 meter. De weg naar de zogeheten Top of Europe loopt letterlijk dwars door de bergen, waardoor je een hele tijd in het donker en in spanning wacht op het veelbelovende vergezicht. Ik voel dat de druk op mijn oren toeneemt wanneer we het laatste deel van de tunnel intuffen. “Letten jullie op als je zometeen de

36 |

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST EN FOTO’S MIRTE VAN DIJK


gn zorgen over je conditie of technische vrdigheden

trein uitstapt?” zegt onze gids met een bloedserieuze frons op zijn gezicht. Stephan en ik weten niet zo goed wat hij bedoelt, maar ik zet mezelf schrap voor windvlagen van 70 kilometer per uur, acute bevriezing van mijn neus en ademhappen als een vis vanwege de ijle lucht. Daar gaan we.

Ontspannen focus Met 100 procent focus stappen we de trein uit en lopen we richting de tunnel die ons direct naar de gletsjer leidt. Er staat een hek voor. “Ehm...” zegt Stephan. Maar de gids geeft ons een goedkeurende knik en daarmee toestemming om over het hek te klimmen. Dat begint al geheimzinnig. Ik zie een licht-

puntje, dat moet de uitgang zijn. Jas dicht, helm vast, snowboard in de houdgreep en achter de gids aan. Ik sta nog geen vijf seconden buiten in de krakende sneeuw, heftig verblind door het felle zonlicht na al die donkere geheimzinnigheid, wanneer ik plotseling een enorm luide brul hoor echoën. “Wat is er? Wat gebeurt er? Waar moet ik heen?” roep ik naar Stephan. “Ik weet het niet!” is het antwoord. Het duurt slechts een fractie van een seconde, wennen aan het licht en de echo van de brul, maar op deze hoogte en in deze omgeving staan je lichaam en geest op scherp. Ik kijk om me heen. Het is adembenemend indrukwekkend. Links en rechts van ons lopen de scherpe pieken tot aan de horizon, glimmend in het zonlicht. In het midden worden de massa’s gescheiden door de enorme sneeuw- en ijsplaat van de Aletschgletsjer die als een golvende zee zijn hoogtemeters inlevert. “Stephan...?” zeg ik zacht. “Ja, dit is fantastisch...” fluistert hij terug. En de brul? Dat bleek een vreugdekreet van onze gids, een soort jodelahietie of een hakuna matata. Niks aan de hand. Geen gevaarlijke wind, geen dodelijke kou en geen ademhappen. Onze alertheid is veranderd in een ontspannen focus.

Lopen, hiken, afdalen, prikken

De beroemde Jungfraubahn brengt ons naar de Top of Europe.

Het terrein waarin we ons bevinden valt onder de noemer hoogalpiene. Je hebt de juiste materialen nodig, een goede voorbereiding en de nodige kennis van het gebied en de tocht. Onze route loopt vanaf het Jungfraujoch (3454 meter) over de Konkordiaplatz en buigt voor de Dreieckhorn (3811 meter) af naar het westen. Tot de Schinhorn (3797 meter) wordt het terrein steeds vlakker, waardoor je de vellen weer onder je ski’s moet plakken om de route tot aan het zadel, de Lötschenlücke (3184 meter), omhoog te hiken. Deze hike loopt nagenoeg gelijk aan de hoogtelijn en duurt ongeveer twee uur. Vanaf de HOOGTELIJN 2-2015 |

37


Nog geen kaarten?

Koop nu!

16 EN 17 MEI 2015 OUTDOOR VALLEY

KlImMeN eN kAnOën ReIs vAn SaHaRa nAaR NoOrDpOoL OoG iN oOg mEt wIlDe dIeReN En nOg vEeL mEeR!

www.expeditiejunior.nl/kaartverkoop


Lötschenlücke heb je opnieuw een fantastische uitloper van de gletsjer in het vooruitzicht. Dat is waar de ‘echte’ afdaling begint, met de Aletschhorn in de rug en de Breithorn voor je. De frisse bries op het zadel komt precies op het juiste moment. Na twee uur lopen zijn we toe aan twee dingen: eerst een flinke slok water. Dan de afdaling over de Langgletsjer. De sneeuw glimt, de pieken stralen en wij druipen van het zweet. Tien minuten later en met de vellen weer in onze rugzakken zijn we klaar om de sneeuw in te duiken.

Zoveel emoties Tijdens de afdaling, die technisch niet ingewikkeld is, horen we regelmatig stenen langs de steile wanden naar beneden kletteren. Omdat de Langgletsjer relatief breed is, zijn er maar weinig punten waar je echt alert moet zijn op steenlawines. We skiën en snowboarden heel gemoedelijk terug naar de bewoonde wereld, zonder haast en met hier en daar een pauze om van het uitzicht te genieten en het volgende stuk van de route te bekijken. Dit gebied roept meer verschillende soorten emoties in me op dan ik ooit had gedacht op één dag te ervaren. En hoewel de tocht van begin tot eind een genot voor lichaam en geest is, krijg ik als snowboarder vlak voor het bergdorpje Blatten toch net wat meer te verduren dan mijn collega’s op ski’s. Door een platte uitloper van het dal ben je namelijk genoodzaakt om jezelf met skistokken 30 tot 45 minuten vooruit te prikken. Ach, dat is dan weer goed voor de conditie... Toch?

Het topje van de Eiger steekt fier boven de wolken uit.

De verhalen en impressies die ik hoorde over deze regio blijken niet overdreven of verzonnen. Het is alleen al een avontuur om de treinrit te maken, het uitzicht te bewonderen en de ijle lucht in te ademen. Je bevindt je in hoog alpien terrein, maar als je kunt freeriden of toeren, hoef je je tijdens de hier beschreven tocht geen zorgen te maken over je conditie of technische vaardigheden. Actie, avontuur, historie en cultuur: wij hebben het hier gevonden.

Freeriden in de Jungfrauregion Reis/Vervoer Vanaf Utrecht rijd je met de auto in ongeveer acht uur naar Grindelwald (870 kilometer). Met de trein duurt deze reis, met twee tot vier keer overstappen, gemiddeld tien uur. Om bij het Jungfraujoch te komen, stap je in Grindelwald in de trein naar Kleine Scheidegg. Daar start de historische Jungfraubahn en volgt ze haar spoor tot aan de Top of Europe. De verbinding tussen Grindelwald - Kleine Scheidegg - Jungfraujoch is populair, dus er gaan regelmatig treinen.

Kaart Swiss Topo Landeskarte Schweiz - 1249 Finsteraarhorn - 1:25000 Swiss Topo Landeskarte Schweiz - 1268 Lötschental - 1:25000

Meer informatie, online

De Lötschenlücke.

Kijk voor meer informatie over de regio en de mogelijkheden op jungfrau.ch, grindelwald.ch, swisstravelsystem.com en loetschental.ch.

HOOGTELIJN 2-2015 |

39


Jubileumtegel De NKBV stuurde dit jaar een jubileumtegel naar alle leden die 50 jaar of langer lid zijn van de vereniging. Uiteraard telden de jaren bij de voorlopers van de NKBV, de Koninklijke Nederlandse Alpen Vereniging (KNAV) en de Nederlandse Bergsport Vereniging (NBV) daarbij mee. Van deze 201 leden is driekwart – 153 mensen om precies te zijn – al meer dan 50 jaar lid. In de periode daaropvolgend, ontving het bureau een flinke stapel enthousiaste brieven vol herinneringen aan meer dan vijftig jaar bergavonturen. Ook Prinses Beatrix liet via haar persoonlijk assistent mevrouw L.H. Haverkamp Begemann weten dat ze de toezending van de tegel zeer waardeert. Ze bedankt NKBV-directeur Robin Baks hartelijk voor het tegeltje en de aardige brief die ze van hem mocht ontvangen.

Bernina,

Mijn bergsportcarrière

kind van de bergen

I

n de hal vallen meteen knipsels op van hotels met de naam Bernina. Op tafel een sticker van het KNAV-Arbenbivak uit 1977, een Zwitsers vlaggetje, de NKBVwandtegel en een serie foto’s uit een grijs klimverleden. In de hoek van de kamer een Bernina naaimachine, ooit dienst gedaan in het Amsterdamse atelier waar Bernina de Mol van Otterloo bruidsjaponnen en andere haute couture maakte. Op haar vest draagt Bernina een broche: een zilveren pickel met touw, gekregen van de bekende klimster Annie Roelfsema die het sieraad kreeg na 25 jaar vakantievieren in Zermatt.

Naam: Bernina de Mol van Otterloo-Schippers Leeftijd: 90 Woonplaats: Den Haag

Bernina voor een schilderij van de Zwitserse schilder Goz met de Dom en de Täschhorn.

40 |

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST EN FOTO’S PETER DAALDER

NKBV-lid sinds: 1948 Beroep: gepensioneerd eigenaar van een atelier voor haute couture Motto: “Na ieder topje is er altijd nog een hoger topje” Inspirerend boek: Solo durch grosse Wände van Cathérine Destivelle Eerste berg: “De Riffelhorn in 1939 met mijn vader” (2927 meter)


Naam: Joop Alberts Leeftijd: 92 Woonplaats: Utrecht

NKBV-lid sinds: 1960 Beroep: gepensioneerd chef eindredactie en plv. secretaris Centrale Ondernemingsraad VNU Inspirerend boek: Aus dem Leben eines Bergsteigers van Julius Kugy Motto: “Bergen blijven lokken en de toppen blijven lonken” Eerste berg: “De Ortler in 1961” (3905 meter)

Bernina is vernoemd naar de berg in oostelijk Zwitserland. In de zomer van 1924 beklom haar vader, ir. J.S. Schippers de 4049 meter hoge berg. Later dat jaar werd zijn dochter geboren. De jonge vader praatte net zo lang op het stadhuis totdat de ambtenaar Bernina als naam accepteerde. “Ik heb wel eens gedacht: waarom heet ik geen Marietje?, wanneer mijn klasgenootjes me Beertje noemden.” Later was Schippers bijna dertig jaar secretaris van de KNAV en ging het gezin vaak naar de bergen. “We waren echte rotsklimmers. 4a haalde ik wel, achter een gids dan”, vertelt Bernina, die ook sneeuwtoppen beklom maar zich meer thuis voelde in de rots. Op haar zesde was ze al in Grindelwald en op een enkele uitzondering na, is ze Zwitserland trouw gebleven. “De bergliefde is er echt ingepompt.” Toen ze een jaar als au pair werkte, koos Bernina voor Genève waar ze goed Frans leerde en dicht bij de bergen zat. Later maakte ze zich verdienstelijk voor het Rendez-vous Hautes Montagnes, een internationale klimstersclub. Vanaf haar jeugd houdt ze een dagboek bij en een toppenboek waarin ze alle beklimmingen nauwgezet vastlegde. “Het enige wat ik jammer vind, is dat ik de Matterhorn nooit heb beklommen. Een keer was het weer te slecht en we zijn nooit teruggegaan. Dat is zonde.” Gaat Bernina nog steeds de bergen in? “Ja, zomer en winter. Vaak in Evolène, waar we een huis huren met de kinderen en kleinkinderen. Ik loop dan nog een paar uur; de bergen en de berglucht houden me op de been.”

Joop Alberts met zijn favoriete boek van de ontdekker van de Julische Alpen.

Mijn bergsportcarrière

‘De Brenta heeft mijn hart gestolen’ J

oop Alberts is nog steeds een gepassioneerd liefhebber van de bergen. Hoewel hij er pas op zijn 38e mee begon, bezocht hij tot en met 1997 elk jaar de bergen. Zo’n twintig jaar leidde hij huttentochten voor de Nederlands Christelijke Reis Vereniging, waarbij hij veel in Oostenrijk en Zuid-Tirol kwam. Hij had een sterke voorkeur voor de Dolomieten, vooral voor de Brenta: “Dat gebied heeft echt mijn hart gestolen.” “Mijn vrouw Ineke ging wel eens mee naar de bergen, maar zij hield meer van de zon en de zee en van verre landen”, vertelt Joop. “We gingen tweemaal per jaar weg. Eenmaal zonder elkaar en de andere keer samen.” Van hun reizen maakten ze dia’s. Van de 10.000 dia’s die keurig gerangschikt in dozen staan, bekijken ze er af en toe nog een aantal.

Joop is opgeleid tot onderwijzer en studeerde daarna theologie. Hij kwam niet op de kansel terecht maar in de uitgeverij waar hij zijn vrouw leerde kennen. Hij was onder andere chef eindredactie bij de Geïllustreerde Pers en stapte later over naar de afdeling Sociale Zaken van VNU, waar hij de laatste zes jaar werkte als secretaris van de Centrale Ondernemingsraad. “Na mijn zestigste ben ik gestopt met het begeleiden van huttentochten maar ging ik met twee vaste kameraden, Nans Ottens en Wim Feijten, de bergen in. Want die bleven trekken. Je leeft dan in zo’n andere wereld. Af en toe beklommen we een topje, soms met een gids als het wat lastiger werd.” Op zijn 75e kreeg Joop last van zijn knie waarna hij stopte met bergwandelen. ”Daarna heb ik me gemeld als corrector voor Hoogtelijn. Dat was hoofdzakelijk taalkundig, maar door mijn jaren bergervaring kon ik ook inhoudelijk mijn bijdrage leveren.” HOOGTELIJN 2-2015 |

41


medisch ^^^ medisch ^^^ medisch ^^^ medisch ^^^ medisch sche de Medi geschreven door mail Deze rubriek isde NKBV. Vragen? Stuur een Commissie van kbv.nl of kijk op nkbv.nl/ naar medisch@n onder het kopje Medisch. kenniscentrum 

ENKELVERSTUIKING Het enkelgewricht is onbetwistbaar een meesterwerk van anatomisch vernuft. Ironisch genoeg is het ook een van de meest blessuregevoelige gewrichten. Met name klim- en bergsporters zijn gevoelig voor letsels aan het enkelgewricht.

H

et enkelgewricht bestaat uit verschillende botstructuren die bij elkaar worden gehouden door zogenaamde ligamenten. Deze stevige banden zorgen voor mechanische stabiliteit, ze geleiden de beweging van de botten en geven signalen door aan het zenuwstelsel over de mate van beweging. Als je je enkel verstuikt, worden de ligamenten opgerekt. Bij een lichte vorm van verstuiking treden er kleine scheurtjes op, bij een ergere vorm kunnen de ligamenten volledig doorscheuren. Het bot kan zelfs breken als de krachten zo groot zijn dat de ligamenten ze niet meer kunnen absorberen.

Eerste hulp Als iemand zijn enkel verzwikt, is het belangrijk dat je allereerst ernstig letsel uitsluit. Ga na of het gevoel in zijn voet |nog intact is en of hij zijn tenen nog kan bewegen. Controleer daarnaast of er een hartslag te voelen is over de grote bloedvaten in de voet. Bij verlies van gevoel, beweging en bloedvoorziening is er sprake van een noodgeval en moet je snel medische hulp zoeken. Een breuk kun je meestal uitsluiten door op de botstructuren (zie figuur) te drukken. Als die druk geen pijn doet en de enkel nog kan worden belast,

dan is de kans op een breuk klein. De enkel is dan verstuikt waarbij een of meerdere ligamenten zijn beschadigd. Eerste hulp bij zowel een breuk als verstuiking, bestaat uit het fixeren van het enkelgewricht door middel van een spalk. Om zwelling tegen te gaan, kun je de kneuzing het best behandelen met ijs en de enkel onder lichte druk intapen.

enkelgewricht juist. Doordat de klimschoenen vaak erg strak zitten, wordt het enkelgewricht namelijk samengedrukt waardoor de ondersteunende ligamenten geen krachten meer kunnen absorberen. Door te stretchen en met specifieke krachttraining kunnen zowel klim- als bergsporters de kans op een enkelverstuiking verkleinen.

Preventie Voor klim- en bergsporters zijn preventieve maatregelen belangrijk. Zo zijn stevige bergschoenen die het enkelgewricht ondersteunen, belangrijk voor wandelaars. Voor klimmers is het anders: de klimschoentjes die zij dragen, verzwakken het

Spalk in de webshop

Met de Sam Splint kun je geblesseerde ledematen spalken. In het Handboek Sam Splint wordt uitgelegd hoe je de spalk moet gebruiken. Prijs: € 14 (spalk) en € 5,40 (boek). Kijk op nkbvwebshop.nl. Malleolus medialis (knobbel aan de binnenzijde van de enkel)

Malleolus lateralis (knobbel aan de buitenzijde van de enkel)

Arteria tibialis posterior (dit bloedvat loopt direct achter de malleolus medialis) Os naviculare (het bot op de overgang van het onderbeen naar de voet)

Os metatarsale V (buitenste middenvoetsbeen in het verlengde van de kleine teen)

Arteria dorsalis pedis (het bloedvat loopt over het os naviculare in de richting van de grote teen)

TEKST PAUL VAN DER VOORT | ILLUSTRATIE TOON HEZEMANS | HOOGTELIJN 2-2015 |

43


THE FUTURE OF E XPLOR AT ION THE SEAMLESS FUSION OF LIGHTWEIGHT AND PROTECTION D I S C O V E R F U S E F O R M ™ A T T H E N O R T H F A C E .C O M


Boulderen in Colorado en de beklimming van The Nose

NOTHIN’ BUT

SUNsHINE Katha en ik klimmen ons hele leven al. We begonnen jong in een van de toen nog zeldzame klimhallen en belandden snel in het wedstrijdklimcircuit. Langzaam klommen we een weg omhoog tot de wereldtop. Natuurlijk blijven we in wedstrijden onze grenzen verleggen, maar het is ook ‘gewoon’ werk geworden. De andere helft van ons klimmersleven speelt zich, zoals de Amerikanen dat zo mooi zeggen, out there af.

B

uitenklimmen motiveert. Het geeft rust en plezier en vormt een mooie tegenpool voor de harde trainingen en stressvolle wedstrijden. Natuurlijk kiezen we zelf voor die onrust en stress, omdat we het leuk vinden, maar we hebben die tegenpool wel nodig. Oostenrijkse studenten hebben veel tijd. Of misschien beter: nemen veel tijd. Onze

46 |

studie komt op de tweede plaats en duurt daarom iets langer dan gemiddeld, maar het biedt ons de mogelijkheid om zoveel te reizen als we willen en de mooiste plekken op aarde te zien. En te klimmen. Amerika bijvoorbeeld. Een land vol unieke klimbestemmingen, waarvan mijn vriendin Katha Saurwein en ik er al heel wat hebben gezien. Zo maakten we in de winter van 2012 roadtrip van zes maanden door het

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST JORG VERHOEVEN | FOTO’S JON GLASSBERG


midwesten en bezochten we klassieke gebieden zoals Joshua Tree, Hueco Tanks en Moab. In 2014 stond Colorado op het programma, waar we een maand de tijd namen om het Rocky Mountains National Park (RMNP) te verkennen. Dit gebied ligt net buiten Amerika’s klimmetropool Boulder, een stad met een passende naam, want voor boulderaars een walhalla. Het RMNP ligt vol grote granieten blokken, die eindeloze mogelijkheden bieden en waar je een leven lang kunt klimmen zonder je te vervelen.

Nothin’ but sunshine in een winterstorm De toeristen die naar het nationale park komen voor de uitbundige natuur en haar wildlife kijken je raar aan als je zo’n grote zwarte doos omhoog sleept. Ze weten niet wat crashpads zijn. Zodra die zwarte doos na een behoorlijke wandeling – het gebied ligt op 3500 meter hoogte en de aanloop varieert van een tot drie uur – eindelijk onder de boulder ligt, kan de pret beginnen. Het duurt even voor we onze vrienden met wie we op stap zijn, kunnen bijhouden. We hebben een paar dagen nodig om te acclimatiseren en onze zachte klimhalhuid moet nog aan de scherpe rots wennen. Wanneer we eindelijk lekker in vorm te komen, blijken de eerst zo onmogelijke boulders nu ineens wel te doen. Katha heeft haar zinnen gezet op een van de klassiekers van het gebied, Nothin’ but sunshine die als een moeilijke 8B staat gewaardeerd. Het aantal dames dat 8B heeft geklommen, is op twee handen te tellen. Voor Katha is niet alleen de graad belangrijk, maar ook de zoektocht naar de grens van haar kunnen. Na een aantal dagen werk, waarin ze langzaam vooruitgang boekt en uiteindelijk alle afzonderlijke passen maakt, ben ik ervan overtuigd dat het haar binnenkort gaat lukken. Maar dan slaat het weer om. Eerst is het dertig graden, wat het erg lastig maakt om de kleine grepen vast te houden, en dan is het ineens min tien. Raar weer hebben ze hier.

Katha klimt de 8B Onze laatste dagen besteden we aan het sneeuw- en ijsvrij krijgen van de boulders. We hopen dat de winterstorm ophoudt ons boulderleven zuur te maken. Letterlijk de allerlaatste dag proberen we het nog één keer en tot mijn grote bewondering vecht Katha zich door de kou en de sneeuw in de grepen en maakt ze de moeilijkste passen die ze ooit heeft gemaakt. Ze klimt de boulder, een paar uur voordat het vliegtuig naar huis gaat. Terwijl voor Katha de trip voorbij is omdat de universiteit op haar wacht, mag ik nog een tijdje blijven. Op mij wacht iets heel anders: Yosemite Valley...

Op dag drie ben ik vrij van stress en faalangst

Thuis bij ‘El Cap’ In 2013 beklom ik een maand lang de bigwalls van Yosemite, weken die ik nooit zal vergeten. Een eenzame vierdaagse beklimming van de duizend meter hoge El Capitan was de bekroning van mijn trip. En ik wist dat ik terug zou komen. Precies een jaar later sta ik na een autorit van twintig uur, van besneeuwd Colorado naar zonnig Californië, tot mijn grote voldoening opnieuw onder ‘El Cap’. Ik voel me hier thuis, tussen de talloze luidruchtige toeristen die met de komst van de eerste koude dag het dal leeg achter zullen laten, en de rangers die het park met man en macht ‘beschermen’ tegen boosdoeners zoals HOOGTELIJN 2-2015 |

47


Onze zachte klimhalhuid moet nog aan de scherpe rots wennen

De aanloop naar de boulders varieert van een tot drie uur.

48 |

wildkampeerders en basejumpers. Yosemite Valley is een bijzondere plek. Een plek die iedereen gezien wil hebben, maar waar alleen klimmers van kunnen houden die het gladde en gespleten graniet ooit hebben vastgehad. Ik zou er bijna poëtisch van worden...

pauzes in het dal. Omdat ik denk hier meerdere dagen voor nodig te hebben, betekent dit dat ik een hoop materiaal mee moet nemen om in de wand te slapen, te eten en tussen de lengtes uit te rusten.

The Nose

Changing Corners en The Great Roof

Mijn doel staat vast: een vrije, niet artificiële beklimming van The Nose. Deze route is de eerste die ooit werd geopend op de massieve wand die heel passend El Capitan heet: duizend meter graniet rijst vanuit het dal loodrecht omhoog, voorzien van spleetsystemen waarlangs elk jaar honderden klimmers een weg omhoog proberen te vinden. The Nose is waarschijnlijk de bekendste klimroute op aarde en de vijfhonderd man die per jaar een beklimming wagen – waarvan de helft het niet haalt en af moet afdalen – doen dit met technische hulpmiddelen, zoals haken, friends en ander materiaal. Omdat ik een vrije beklimming wil maken, kan ik die materialen alleen als zekering gebruiken. Mijn doel is de 32 touwlengtes te klimmen, zonder tussentijdse

De volgende drie weken doe ik niets anders dan klimmen. Om de route en de touwlengtes eerst te kunnen bestuderen, is materiaaltransport naar de top van de wand mijn grootste bezigheid. ’s Avonds loop ik in het donker omhoog naar mijn tent op de top van El Cap, bivakkeer in het idyllische grotje dat ik heb gevonden om de volgende dag bij het eerste daglicht tweehonderd meter te abseilen, om vervolgens een manier te vinden om de moeilijkste klimmeters – met bijna een kilometer lucht onder mijn voeten – vrij te kunnen klimmen. Dan moet ik om een uur of negen weer omhoogklimmen naar de top en te voet het dal weer in. Het grote probleem is dat deze lengte, genaamd Changing Corners, ’s ochtends al vroeg in de zon komt te liggen, wat de rots zo glad

HOOGTELIJN 2-2015


Voor Katha is niet alleen de graad belangrijk, maar ook de zoektocht naar de grens van haar kunnen.

maakt dat deze moeilijke passage vrijwel onbeklimbaar is. Een andere lengte die voor moeilijkheden zorgt is The Great Roof, een veertig meter lange dunne spleet onder een imposant dak, waar slechts enkele vingertoppen houvast in de gladde wand vinden. Ik ben al redelijk gewend aan het spleetklimmen – wat vooral voor een sportklimmer in het begin niet even makkelijk is – en toch heb ik nog steeds moeite met sommige ‘makkelijke’ lengtes die Lynn Hill, de legendarische klimster die The Nose als eerste vrij klom, waarschijnlijk met haar ogen dicht kan.

Just my luck Voor mij, hebben slechts drie anderen The Nose in zijn geheel vrij geklommen. Veel sterke klimmers hebben het geprobeerd, maar faalden. Ook de Huber-broers, Yuji Hirayama en Leo Houlding

Katha klimt de boulder (8B).

slaagden er niet in. Wie ben ik dan om het wel te kunnen? Een of andere klimmer uit het platte Nederland. Zo kijken de Amerikanen naar me, wanneer ik hen vertel dat ik een poging ga wagen en mijn kansen best positief inschat. Lachend wensen ze me “Good luck”. En precies dat geluk krijg ik, wanneer een kort winterstormpje de temperaturen in het dal flink laat dalen en de klimcondities dus flink stijgen, voor ik begin november aan mijn klim begin. Ik trek er vijf dagen voor uit en neem dus veel eten en water voor mij en mijn partner mee. Als de eerste twintig touwlengtes rond een uur of drie ’s middags met succes achter me liggen, stijgt mijn motivatie. Die nacht slaap ik onrustig, terwijl ik doorgaans door de vermoeidheid prima slaap op mijn portaledge. Ik merk dat ik zenuwachtig ben voor de lengtes die nog gaan komen. Ik ben bang dat al het werk van de laatste weken niet genoeg was en dat mijn doel te hoog gegrepen is. Mijn hoofd maakt er een zooitje van en de volgende dag betaal ik de prijs: om zes uur ’s ochtends kost het me moeite om me klaar te maken voor de route. Met knikkende knietjes vecht ik me door de zwaarste passages van dag twee. De rest van de middag brengen we door op een twee meter brede richel op achthonderd meter hoogte. Prima uitzicht, muziek, veel te eten en een hoop lol doen me weer beseffen waarom ik hier ben: Yosemite is meer dan harde routes en wanden klimmen. Bigwall life is het leven waarvan ik houd. Ik voel me thuis in de wand.

De top Op dag drie klim ik met veel plezier de sleutellengte. Ik ben vrij van stress, prestatiedruk en faalangst. Een paar uur later bereiken we de top en besef ik dat ik net een van mijn grootste doelen heb bereikt. Naast een gevoel van blijdschap, vermoeidheid en geluk vind ik het bijna jammer dat het nu voorbij is. Er is niets mooiers dan te werken aan iets wat je wilt bereiken. Confucius had gelijk: de weg is het doel. HOOGTELIJN 2-2015 |

49


50 |

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST ERNST ARBOUW | FOTO’S LAURENS AAIJ


Heel veel moeite (en een beetje halleluja) Avonturier, fotograaf en auteur Jolanda Linschooten

Is Jolanda Linschooten de grootste bikkel van Nederland? Ze schiet in de lach: “Doe even normaal zeg…” Zet haar tochten en expedities op een rij, van de oversteek van de ijskap in Groenland tot een 2000 kilometer lange hardlooptocht door Groot-Brittannië, en je hebt je antwoord.

“I

k zat bij de atletiekvereniging in Castricum en op een bepaald moment vroeg de trainer: ‘Wat is je droom?’ Iedereen in de groep moest vertellen wat zijn hardloopdroom was. Tot mijn eigen verbazing riep ik: ‘Hardlopen in de bergen!’ Ik kwam veel in de bergen, maar nu had ik het dus voor mezelf uitgesproken”, zegt Jolanda Linschooten (48). Ze is, in min of meer willekeurige volgorde, auteur, fotograaf en beroepsavonturier. En ultraloper dus. Linschooten vertelt hoe ze zich een paar jaar na de ‘droomsessie’ bij de atletiekclub inschreef voor de Grand Raid du Tour des Dents Blanches, een hardloopwedstrijd van 55 kilometer rond de Dents Blanches in de Franse Alpen. “Ik zou een reportage over de wedstrijd maken voor een hardlooptijdschrift, dus daar stond ik in het startvak. Cameraatje mee. Ik wist niet eens of ik het ging halen – 55 kilometer, magisch ver boven de marathon. Nou ja, uiteindelijk won ik dus.”

Keerpunt Alaska “Ik wilde altijd al ‘iets’ met bergen”, vertelt ze. “Berggids worden, of huttenwaard of zo. Veel buiten zijn. Later. Ooit.” Linschooten werkte in het speciaal onderwijs en de bergen bleven beperkt tot de schoolvakanties. Dat veranderde in 1999, toen ze een paar maanden verlof nam voor een expeditie door Canada, van Prudhoe Bay in het noorden tot Cordova in het zuiden, 1600 kilometer op de mountainbike, te voet en met de kano. In haar boek Keerpunt Alaska beschrijft ze hoe tijdens de tocht langzaam het besef

groeide dat ze haar leven drastisch moest omgooien. Naar buiten, niet later en ooit, maar nu. Linschooten beschrijft in het boek de tocht door Alaska tegen de achtergrond van het recente overlijden van haar moeder. Daarbij schrijft ze ook over haar jeugd – over de alcoholverslaving van haar moeder, over het misbruik door haar stiefvader en over haar biologische vader die ze niet kent. “Mijn moeder heeft eigenlijk altijd – bewust of onbewust – een leven geleefd dat ze niet wilde. Op haar sterfbed, letterlijk dat bed in de huiskamer, vroeg ze: ‘Was dit het nou?’ Een verschrikkelijk moment, maar ook een enorme schop onder mijn kont. Ik had altijd gezegd: ‘later, dan ga ik meer naar buiten.’ Na het overlijden van mijn moeder drong het steeds meer tot me door dat ik het nu moest doen, niet later, ergens in de toekomst.” Door de achtergrond is Keerpunt Alaska niet alleen een expeditieverslag, maar ook een indringend, persoonlijk verhaal geworden. “Er is veel materiaal in de prullenbak gegaan. Ik heb

ook lang getwijfeld of ik het onderliggende verhaal wel wilde opschrijven. Dat boek is mijn mijlpaal, mijn diploma voor mezelf.”

Naar buiten Linschooten besloot na de tocht door Alaska haar leven om te gooien; in plaats van haar vaste onderwijsbaan ging ze schrijven, fotograferen en, vooral, naar buiten. Naast ontelbaar veel korte tochten voor reportages en artikelen, ondernam ze verschillende expedities. In 2006 trok ze te voet, solo dwars over IJsland. Een jaar later stak ze als eerste Nederlandse vrouw de ijskap van Groenland over. Ze trok in haar eentje door de ijskoude wildernis van arctisch Canada en maakte met haar partner Frank twee lange kano- en survivaltochten door Yukon en de North-West Territories. Daarnaast loopt ze regelmatig berg- en ultramarathons. In 2010 eindigde ze als tweede vrouw in de beruchte Marathon des Sables, een race van 250 kilometer in zes dagen door de Marokkaanse Sahara. Een jaar later won ze de TDS – voluit Les HOOGTELIJN 2-2015 |

51


HANWAG SCHOENEN MET DE BESTE PASVORM VERKRIJGBAAR BIJ Hanwag gebruikt inmiddels vijf verschillende leesten. Naast de standaard leest is er de Wide-leest waarbij de schoen aan de voorvoet een aantal millimeter breder is. Voor mensen die juist een smallere voet hebben dan de standaard leest bestaat er de Narrow-leest. De Bunion-leest is speciaal ontworpen voor mensen met een hallux valgus; een scheefstand van de grote teen. Hij biedt precies daar waar nodig meer ruimte en neemt zo de druk op de grote teen weg. Als laatste is de StraightFit leest toegevoegd. Die geeft platte en brede voeten meer ruimte dij de tenen, waardoor de grote teen in een rechte stand kan staan.

WIDE leest

BANKS WIDE LADY GTX速

nARROW leest

Tatra NARROW Lady GTX速

normale leest

ARROW LADY GTX速

STRAIGHT FIT leest

BACAL II LOW

BUNION leest

Belorado Bunion Low GTX速

Jaap Bijzerweg 10 3446 CR Woerden Tel: 0348-421648 info@zwerfkei.nl www.zwerfkei.nl


‘Het is niet zo dat ik het opzoek: hè fijn, een dieptepunt’ Traces des Ducs de Savoie, een 112 kilometer lange race die deel uitmaakt van de UltraTrail du Mont Blanc (UTMB). Daarnaast haalde ze onder meer een vierde plek op de Grand Raid de la Réunion (160 kilometer) en werd ze in 2011 Nederlands kampioene op de 100 kilometer in Winschoten.

Land’s End – John O’Groats In het voorjaar van 2013 liep Linschooten door Groot-Brittannië, van Land’s End in het zuiden van Engeland naar John O’Groats in het uiterste noorden van Schotland – bijna 2000 kilometer hardlopen in veertig dagen, voor een groot gedeelte buiten gebaande wegen en paden. Onderweg sliep ze in een tentje dat ze meedroeg in een rugzak. “Het is een heel bekende route, een soort Pieterpad van Groot-Brittannië. Het leek me gaaf om daar een trailrunvariant van te bedenken, dus heb ik de kaart gepakt en de mooiste route door de berggebieden en de heuvels, de fells uitgestippeld.”

Het lijkt een absurde onderneming, bijna 2000 kilometer rennen, gemiddeld vijftig kilometer per dag. Een tocht waarvoor zelfs doorgewinterde ultralopers terugdeinzen. “Ja, dan heb je één kilometer gelopen. En dan moet je er nog 1999. Bizar gevoel”, zegt ze. Het is een afstand die zo onwezenlijk groot is, dat het je normale voorstellingsvermogen te boven gaat. “Het is een lijn op de kaart, een getal, maar je hebt er geen gevoel bij. Je weet ook niet wat veertig dagen lopen met je doet. Of het eigenlijk wel kan. Maar ja, je weet dat je heel veel getraind hebt.” De belangrijkste voorwaarde voor een dergelijke lange run, naast heel veel trainingsuren, is onverwoestbaar optimisme. “Tijdens zo’n reis word je er elke dag met je neus op gedrukt. Zodra je de fout maakt om even je optimisme los te laten, gaat het ook direct niet goed. Mentaal. Dan ga je je zorgen maken: oh mijn god, wat ik nu voel, betekent dat… En dat ik

morgen niet…, en... en... Je leert heel snel om dat los te laten, want het loopt niet lekker. En het is onzinnig.”

Stug doorlopen Je moet leren je ‘zeurstem’ te negeren, legt Linschooten uit. Ze zet een klagerig stemmetje op: “‘Ik wil stoppen, het is nog hartstikke ver, ik ben zo moe...’ Maar daar moet je dus niet naar luisteren. De beste manier om dat te doen, is zorgvuldig analyseren wat er aan de hand is. Ben ik nog heel? Heb ik ergens pijn? Is er een gezondheidskwestie? Als dat allemaal niet het geval is, dan ben je gewoon moe en dat is geen reden om te stoppen.” Stug doorlopen is niet hetzelfde als dom doorstampen. “Er zijn natuurlijk altijd momenten. Dan loop je urenlang in de regen, met windkracht zeven. Dan moét je ergens een pas over, waar je je met handen en voeten vast moet houden omdat het daar boven windkracht negen is. Dan ben HOOGTELIJN 2-2015 |

53


‘Ik wilde ‘iets’ met bergen. Veel buiten zijn. Later. Ooit’ Herschel: van de Arctic naar Akersloot In de winter van 2009 trok Linschooten door het uiterste noorden van Canada, in haar eentje, met als enige gezelschap Herschel, een vijf jaar oude sledehond uit een kennel in het plaatsje Inuvik. Na een maand in de arctische wildernis waren de twee zo aan elkaar gewend, en gehecht, dat zomaar afscheid nemen geen optie meer was. Herschel, een kruising tussen een Alaskan Malamute en een Siberische husky, moest mee naar Nederland, maar dat bleek onder meer vanwege alle noodzakelijke inentingen nog wel wat voeten in de aarde te hebben. Uiteindelijk keerde Linschooten alleen huiswaarts terwijl Herschel in Inuvik bleef. Pas na vier maanden kon ze naar Canada vliegen om de hond op te halen.

je koud en nat en je weet dat je door moet. Je kunt geen pauze houden want daarvoor heb je te weinig kleren aan. Op zo’n moment moet je wel even bij jezelf te rade gaan. Waar ben ik nou eigenlijk mee bezig? Ik moet gewoon zorgen dat ik voor vandaag een goeie plek vind. Dat ik uit deze shit kom. Vergeet het schema en de rest.” Ze vindt veel houvast aan schema’s. “Dat heb ik denk ik overgehouden aan vroeger. Het is ook wel weer leerzaam om te merken dat die controle en discipline je inderdaad

54 |

HOOGTELIJN 2-2015

ergens brengen. Tegelijkertijd merk je dat je af en toe echt moet loslaten. Het is heel bevrijdend om af en toe tegen jezelf te zeggen: ‘Vergeet het schema’. Maar,” voegt ze eraan toe, “Het duurt even voor je daaraan mag toegeven. Niet leuk meer. Als je daar naar luistert, kom je nergens.”

Hangbuiken Linschooten vertelt dat ze onderweg regelmatig verbaasde blikken kreeg. “Met de wandelaars die je onderweg

tegenkomt, heb je al snel normaal contact. Die begrijpen wat je doet, ook al ga je in een ander tempo. Je maakt even een kort praatje en dan ga je weer door.” Minder soepel was het contact met wat ze noemt ‘kerels die met hun buik tegen de bar hangen’. “Dan kom je zeiknat de pub binnen en moet je in je zweetkleren aan de bar bestellen. Sta je daar tussen de dikke buiken. ‘Oh, je bent zeker naar John O’Groats aan het rennen.’ Dan sla ik dicht. Dan heb ik echt geen zin om daar op in te gaan. Het voelt toch een beetje als een veroordeling: daar heb je weer een idioot die haar persoonlijke crisis van zich af wil rennen.”

Iets kleiners Na de run door Groot-Brittannië wilde Linschooten in de zomer van 2014 opnieuw een lange, zware afstand lopen. Per se geen race, vertelt ze: “Daar had ik


“In Schotland heb ik voor het grootste deel op het kompas gelopen, buiten de paden, dwars door het terrein. Ik dacht: dit is een wandelpad. Dat wordt een makkie.” Dat bleek tegen te vallen: “Ik heb nog nooit zo’n slecht pad gezien. Een en al grote keien. Door alle wandelaars is het pad voor een groot deel weggesleten. Wat overblijft zijn de grote stenen – enorm vermoeiend om op te rennen. Nou ja, even los daarvan: het was geweldig. Het landschap is zo groots, je verdwijnt als mens. Grote weidse bergen. Alles in de omgeving brult de stilte.”

Hallelujaverhalen

dit jaar geen zin in. Nog. Juist het rennen zonder wedstrijdelement is extra uitdagend omdat het in de allereerste plaats om je eigen motivatie gaat.” Ze lacht: “Als ik zou weten waarom ik loop, dan zou ik er misschien wel mee stoppen. De vraag waarom je dingen doet, of het nou om hardlopen gaat of over andere dingen in je leven, zorgt in elk geval dat je de dingen niet uit automatisme doet. Je moet jezelf elke keer vragen: wil ik dit eigenlijk wel? Dat vind ik mooi.” Uiteindelijk werd het de Kungsleden, een langeafstandwandelpad in Noord-Zweden, 450 kilometer rennen in een week. “Ik wilde iets kleiners. Iets compacters. Iets van een week. Dan voelt de Kungsleden heel behapbaar.” Ze zegt het zonder spoor van ironie.

“Ik hoor vaak van andere lopers dat langeafstandlopen zo geweldig is en dat het je tot verheven gedachten brengt. Dat soort hallelujaverhalen herken ik helemaal niet.” Ze lacht opnieuw: “Ik heb nooit verheven gedachten. Je hoort alleen de hallelujakant, maar uiteindelijk is het vooral heel veel moeite en een klein beetje halleluja.” Dieptepunten, moeite, innerlijke strijd – het hoort er allemaal bij. “Het is niet zo dat ik de dieptepunten opzoek. Of dat ik ze aangrijp: hè fijn, een dieptepunt. Ik ga natuurlijk weg met het idee dat het allemaal één groot hoogtepunt mag zijn. Ik zou het liefst de hele tijd in een flow lopen waarin alles vanzelf gaat. Maar ja, dat gebeurt niet. Jammer.”

Zelf oplossen “Soms zeg ik tegen mezelf: waar hebben we het nou over. Ik ben alleen maar nat en koud. Alle moeite, alle dieptepunten, alle ellende – het is natuurlijk geen echte ellende. Of misschien is het wel ellende, maar dan is het in elk geval ellende die ik zelf heb gekozen. Dat is heel bevrijdend. Ik heb het zelf gekozen, dan kan ik het ook zelf oplossen. En er komt altijd een moment dat ik denk: fantastisch, wat fijn dat ik hier loop, in plaats van: dit doe ik dus nooit meer.”

Wie is… Jolanda Linschooten Jolanda Linschooten (1966) is schrijver, fotograaf, avonturier en ultraloper. Na haar studie werkte ze als leerkracht in het speciaal onderwijs, tot ze in 2000 haar baan opzegde voor een bestaan als fulltime beroepsavonturier. Ze trok op de fiets, te voet en per kano dwars door de wildernis van Alaska, ze maakte verschillende tochten door Noord-Canada en in 2007 stak ze als eerste Nederlandse vrouw de Groenlandse ijskap over. Als ultraloopster haalde ze de tweede plaats in de Marathon des Sables en werd ze eerste in de 112 kilometer lange Ultra-Trail du Mont Blanc/TDS. In 2013 rende ze in haar eentje 2000 kilometer dwars door Groot-Brittannië, van Land’s End in het zuiden van Engeland tot John O’Groats in het noorden van Schotland. Een jaar later rende ze solo over de 450 kilometer lange Kungsleden in Noord-Zweden. Over haar run door GrootBrittannië schreef ze het boek Niet de race maar de reis dat half april verschijnt bij uitgeverij Luitingh-Sijthoff. In mei geeft ze theaterlezingen over Niet de race maar de reis in Houten, Heiloo en Rijen. Linschooten is te volgen op jolandalinschooten.nl en op Twitter via @JolandaLinschoo.

2000 2003 2006 2007 2007 2009 2010 2010 2011 2011 2013 2014

Eigen bedrijf Outdoorfoto, freelance fotograaf en auteur South Nahanni River kanotocht, Canada, met Frank van Zwol Solo voettocht van veertig dagen over IJsland Eerste Nederlandse vrouw op ski’s over de Groenlandse ijskap Vierde plek Grand Raid de la Réunion, 160 kilometer Solo sleetocht met husky Herschel door arctisch Canada Tweede plek Marathon des Sables (woestijnrace van 6 etappes, 250 kilometer) Yukon River kano- en survivaltocht, Yukon Territories, met Frank van Zwol Winnaar Ultra-Trail du Mont Blanc/TDS, 112 kilometer Nederlands kampioen 100 kilometer Solo trailrun over 2000 kilometer dwars door Groot-Brittannië Solo over de Kungsleden, trailrun van 450 kilometer in een week

HOOGTELIJN 2-2015 |

55


Uw troef voor een perfecte vakantie! www.saalbach.com

de JOKER CARD! De JOKER CARD van Saalbach Hinterglemm is tijdens uw vakantieverblijf bij alle JOKER CARD-partners geldig. Uw voordelen zijn: >> >> >> >> >>

Onbeperkt gebruik van alle geopende kabelbanen in Saalbach Hinterglemm Montelino’s belevenispad op de Kohlmais berg Kodok op de Reiterkogel rondwandeling op de Zwölferkogel bike > adidas-freeridepark op de Reiterkogel > X-Line op de Schattberg > milka line op de Kohlmais > Z-line op de Zwölferkogel

>> >> >> >> >> >> >> >> >> >>

tennisbanen Saalbach Hinterglemm Boemeltrein „talschlusszug“ Teufelswasser-waterpark aan het einde van het dal wandelbus in Saalbach Hinterglemm openluchtzwembad Saalbach 10 wandeltochten per week o.l.v. een gids Alpenbloemenpad op de Reiterkogel lezing met dia´s streekmuseum/skimuseum Vele kortingen

informatie + boekingen VVV Saalbach Hinterglemm A-5753 Saalbach Hinterglemm Tel: + 43 (0) 6541/6800-68 Fax: + 43 (0) 6541/6800-69 contact@saalbach.com www.saalbach.com


Speciaal voor NKBV-leden

UITGERUST DE BERGEN IN

Als bergsporter laat je niets aan het toeval over. Laat je daarom bij Bever adviseren over de laatste high-end-kleding en -materialen. Als NKBV-lid krijg je op vertoon van je ledenpas 10% korting in de winkels van Bever. Shop je liever online, stuur dan eerst een kopie of foto van je NKBVledenpas naar webservice@bever.nl. Vermeld in de mail je naam, adres,

telefoonnummer en eventueel je Bever Cardnummer. Zodra de NKBV-korting aan je Bever Card is gekoppeld, ontvang je een bevestiging en kun je ook online gebruikmaken van 10% korting in de webshop van bever.nl.*

ELK SEIZOEN ONDER ZEIL De Sierra Designs Convert 2 is een solide vierseizoenentent voor twee personen die je zelfs zonder haringen kunt opzetten. De opening is bijzonder groot en dankzij de geïntegreerde luifelstokken houd je neerslag buiten de deur. Wil je je wintermateriaal of andere natte spullen buiten de binnentent opslaan, dan kun je een afgesloten vestibule aan de tent koppelen. De ventilatie is optimaal waardoor condensvorming tot een minimum wordt beperkt. Wil je gewicht besparen, dan laat je de vestibule gewoon thuis.

Technische details: + Capaciteit: 2 personen + Gewicht: 2.07 kg (excl. vestibule van 310 gram) + Binnententruimte: 2.95 m² + Maximale hoogte: 99 cm + Lengte: 221 cm + Breedte: 142 cm (deur) / 124.5 cm (achterzijde) + Grootte vestibule: 1.15 m²

prijs

€ 499,95

Materiaal: + Stokken: 4 stokken, type DAC NSL + Stokdiameter: 9.6/9/8.5 mm + Gewicht stokken: 660 gram + Buitendoek: 20D polyester ripstop, silicone/1200mm PE, FR + Grondzeil: 30D nylon ripstop, WR/3000mm PE, FR + Binnentent: 40D nylon ripstop, ademend

NKBV-leden betalen

€ 449,95

LICHTGEWICHT GEÏSOLRD Dankzij de taps toelopende vorm en de single layerconstructie houdt Sea to Summit het gewicht en het pakvolume van de Ultra Light Insulated slaapmat minimaal. De mat biedt goede demping en ondersteuning op oneffen ondergrond en is extra isolerend dankzij de ThermoLite® vulling.

prijs

€ 124,95

NKBV-leden betalen

+ Afmetingen: 183x 55 cm + Pakvolume: 10x23 cm + Gewicht: 440 gram

€ 112,45

* Kijk voor de voorwaarden op Bever.nl/nkbv.

HOOGTELIJN 2-2015 |

57


Slowfood

op z’n best

Wandelen in het Grossarldal

Door de hoge dichtheid aan bemande hutten is er op veel plekken in het Grossarldal veel te zien en te proeven. Ook de goede wandelfaciliteiten maken dit gebied geschikt voor jong en oud, met tochten van zeer uiteenlopende zwaarte.

W

ie zich zeventig kilometer ten zuiden van Salzburg door de Liechtensteinklamm wurmt, komt in het Grossarldal terecht, een prachtig groene en brede vallei, die naar het zuiden toe steeds smaller wordt. Voor de nog vierduizend bewoners is de gang door de kloof meteen ook de enige toegangsweg. Achter in het dal begint het Nationale Park de Hohe Tauern, het eerste nationale park in Oostenrijk, dat met 1834 vierkante meter het grootste natuurreservaat van Oostenrijk is.

58 |

Al met al een gebied dat heel geschikt is voor toerisme, iets wat de inwoners van Grossarl en Hüttschlag – de enige dorpen in het dal – al vroeg begrepen hebben. Met als resultaat vierhonderd kilometer goed onderhouden wandelroutes, veertig bemande almhutten, een goed opgezette website met wandelingen in vijf zwaarteklassen en last but not least het BergGesundproject, een initiatief van samenwerkende accommodaties en gediplomeerde buitensportinstructeurs waarbij je als gast gratis kunt deelnemen aan onder andere begeleide bergwandelingen, klettersteigs en parapentprogramma’s.

Het dal der Almen Een druilerige dag met laaghangende bewolking in Grossarl. Het is eind september. Wat een tocht boven de boomgrens had moeten worden, wordt een bezoekje aan de Karseggalm, een op zestienhonderd meter hoogte gelegen bergweide, met bemande almhut. Zo kunnen we met eigen ogen zien waarom het Grossarldal ook

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST EN FOTO’S LEX VAN DEN BOSCH


Willi in zijn kaasmakerij.

wel het Tal der Almen wordt genoemd en hoe het leven op de bergweide eruitziet. In de Karseggalm maakt Wilhelm Gruber het hele zomerseizoen lang verschillende soorten traditionele kaas. En zo moet het eigenlijk altijd zijn gegaan in de drieënhalve eeuw oude almhut; ‘even’ de melk naar beneden brengen is immers nooit een optie geweest op de bergweide. “Zeg maar Willi”, roept de nog vrij jonge boer joviaal, terwijl hij ons de hand toesteekt. Hij heeft een gezonde kleur op zijn wangen. Achter hem zien we een donkere ruimte met een centrale vuurplaats. Een grote koperen ketel dampt boven het vuur. Nu het seizoen ten einde begint te lopen en er minder gasten komen voor een lunch en een kijkje bij het kaasmaken, is Willi weer vaker alleen op de alm. Ook zijn schoonouders, die hem veel helpen in de zomermaanden, zijn alweer teruggegaan naar het dal. Buiten zijn het vooral de koeien die hem nu nog gezelschap houden.

proeven. En hij is goed, heel goed, veel lekkerder dan ik eerder in het dal bij het ontbijt proefde. Pittig en toch subtiel van smaak. “Sauerkäse is erg vetarm, je moet hem met veel boter op je brood eten, een laag die net zo dik is als de plak kaas zelf.” Van Willi hoef je geen afslankadviezen te verwachten. Behalve Sauerkäse maakt de bergboer ook andere soorten kaas zoals Ölkäse, een heerlijk smeuïge kaas die onder olie wordt bewaard, en Knetkäse, een soort gerookte en gemalen Alpenparmezaan, die wel wat aan de Zwitserse strooikaas uit het bekende kartonnen busje doet denken. Ook Schnittkäse staat op zijn repertoire. Op een mooi

Schnaps und Käse Willi laat ons meekijken hoe het kaasmaken in zijn werk gaat. Interessant om te zien, want alles gaat met de hand. Daarna haalt hij een fles schnaps tevoorschijn, Vogelbeerschnaps. “Het is nog een hele kunst om deze van lijsterbessen gemaakte sterke drank goed te stoken”, vertelt hij bij het vullen van de glazen. “Maar het is wel een traditie waar de mensen aan hechten. Net als aan mijn kaasmakerij, want het is nu eenmaal gebruik in de omgeving om op Heiligenabend (kerstavond) met z’n allen Vogelbeerschnaps met Sauerkäse te nemen.” Uiteraard laat Willi ons de kaas ook HOOGTELIJN 2-2015 |

59


Willi maakt de kaas in grote koperen ketels boven een houtvuur.

opgemaakt Jausebrettl serveert Willi ons zijn zelfgemaakte kazen met een lekker stuk brood, samen met gerookte worst en een flink stuk Speck. Het is allemaal van een bijzondere kwaliteit. Slow food op z’n best. En hoewel zijn producten in wezen exclusief zijn, zijn de prijzen die hij voor de kazen rekent, daar beslist niet naar. Net als vrijwel alle andere boeren in de omgeving heeft Willi in de winter daarom ook een bijbaan in het dal. Willi: “Ik ben wel een beetje een speciaal geval, in de winter werk ik als ober in een hotel, maar de meeste collega’s verdienen hun geld dan in het skistation.” En zo zijn er meer hutten in het Tal der Almen waar je terechtkunt voor een goed bord eten en een kijkje in de keuken. Beslist een aanrader om er eens een in je tocht op te nemen.

Koude tocht Wanneer ik de volgende morgen de gordijnen opentrek, zijn de straten nat. Het is grijs buiten. Gelukkig zie ik dat de wolken zijn opgetrokken uit het dal. En wat blijkt? Er is vannacht sneeuw

Niemand de kloof door De eerste bewoners van het Arldal zullen wel over de bergen zijn gekomen, want het is vrijwel ondenkbaar dat ze door de Liechtensteinklamm trokken. Pas toen er in 1566 een weg langs de wand van de smalle kloof werd aangelegd, werd het dal ontsloten, wat vooral nodig was om de kopererts af te voeren die in het dal gevonden werd. Het bijzondere was dat al het verkeer door de Liechtensteinklamm de poort in het tolhuis moest passeren, waardoor men volledige controle over de toegang naar het dal had. Als in de ‘buitenwereld’ pest uitbrak, werd het Grossarldal hermetisch afgesloten. Pas in 1860 is de tolheffing gestopt. Het houten huis is gelukkig bewaard gebleven, al hoef je er na de aanleg van Wachterbrücke in 1987 niet meer doorheen te rijden.

60 |

HOOGTELIJN 2-2015

gevallen op de berg. Tot ver onder de boomgrens, misschien wel tot 1500 meter hoogte. Dat wordt dus door de sneeuw lopen vandaag. Onze eerste sneeuw van het seizoen! Na een laatste check van de weerberichten gaan we op pad. Heel best zal het weer vandaag niet worden, maar met een kleine aanpassing van de route zullen we de tocht naar de Saukaralm waarschijnlijk wel kunnen doen. Vanaf de parkeerplaats van Grund moeten we eerst maar bij de Weissalm zien te komen. Als we boven de alm nou eerder naar het westen afbuigen en het topje van de Gründegg overslaan, kunnen we via de meertjes bij Trögl de Saukaralm misschien wel bereiken.

Witte Weissalm De klim van vierhonderd hoogtemeters naar de Weissalm (1723 meter) valt mee. Weliswaar belanden we al halverwege in de sneeuw, maar het pad is goed te belopen en veel meer dan wat lichte neerslag komen we niet tegen. Na een opwarmertje met koffie en warme chocolademelk in de hut lopen we door naar de Ellmaualm (1794 meter), waar we wat lunchen met een stevig bord Käseknödel. En dan wordt het leuk, echt leuk! Nog voor we boven op de rug zijn, begint het weer op te klaren. En snel ook. Binnen een kwartier lopen we onder een nog maar halfbewolkte hemel. Een perfect moment om onze neuzen over een ruggetje te steken en zicht te krijgen op de meertjes bij Trögl. Fraai hoe ze er in het versbesneeuwde landschap bij liggen. Helemaal voor ons alleen. Dit hadden we niet willen missen.

Gevallen soldaat Later ontmoeten we toch nog mensen op de berg. Vanuit de verte zien we hoe een lange sliert soldaatjes afdaalt over de oostflank van de Karriedel (2018 meter). Ze komen onze kant op. Als we de


We lunchen met een stevig bord Käseknödel en dan wordt het leuk. Echt leuk!

Online informatie over het Groarldal Op grossarltal.info vind je veel informatie over het Grossarldal. Onder het kopje ‘Wandern im Tal der Almen’ en door in de tekst vervolgens de link ‘Wanderangebot’ aan te klikken, vind je wandel- en trekkingroutes ingedeeld naar zwaarte, terrein en lengte in vijf categorieën. Van korte ommetjes tot zware dagtochten van 14 uur en bijna 3000 meter hoogteverschil per dag en meerdaagse tochten. Op berg-gesund.at vind je meer informatie over het bijzondere BergGesundinitiatief met gratis activiteiten in het Grossarldal en deelnemende logeeradressen.

militairen uiteindelijk passeren, is het lint gebroken. Een paar jongens kunnen het tempo duidelijk niet volgen. Ook bij ons gaat het niet helemaal vlekkeloos op de hellingen van de Karriedel. Als we voor de steile Saukarkopf uitkomen, beseffen we dat we de route op een of andere wijze zijn kwijtgeraakt. Na wat turen op de kaart en een doorsteek kunnen we het pad naar de Saukaralm gelukkig weer oppikken. Niet lang daarna strijken we neer op het zonovergoten terras van de hut op de Saukaralm, die met 1850 meter de hoogste is uit de omgeving. Over een groene zuidhelling bewegen we ons vervolgens terug naar het dal.

Overhangende gentiaan Het is een heldere en koude nacht geweest. Vanaf de parkeerplaats bij Hallmoosalm (1300 meter), net even voorbij Hüttschlag, zijn we op weg voor een rondje via de Kreuzeck (2204 meter) en de Draugsteintörl (2077 meter). Nu het vroeg in de morgen is en we nog ver buiten bereik van de zonnestralen lopen, zijn de planten bedekt met een dunne laag rijp. In de berm van de onverharde bosweg zien we de lange overhangende halmen van de herfstgentiaan. De opvallende blauwe laatbloeier moet tegen een flinke portie nachtvorst bestemd zijn, want als we de bosweg hebben verlaten, kraakt het ijs onder onze voeten. De eerste hut die we vandaag passeren, staat op de Karteisalm (1661 meter). Aangezien een verblijf op de alm voor de eigenaar steeds moeilijker te combineren is met zijn boerenbedrijf en bijbaan in het dal, is de alm de laatste tijd steeds vaker onbemand. Als we even later de hoek omgaan en de eerste zonnestralen opvangen, zien we dat de boer wel wat jong vee op de bergwei heeft achtergelaten. Het zijn koeien die hij nog niet hoeft te melken en waar hij verder weinig omkijken naar heeft. Het meest aanhankelijke exemplaar komt even bij ons langs voor een knuffelpartij.

Zicht rondom En dan krijgen we de Kreuzeck in het vizier, het eerste topje van vandaag. Door de glasheldere atmosfeer lijkt de boomloze berg bedrieglijk dichtbij, maar het geelgekleurde bordje vertelt ons toch echt dat we nog vijftig minuten te gaan hebben. En inderdaad duurt het nog driekwartier voor we onze rugzak bij het kruis kunnen afdoen voor een pauze. Maar wat een zicht! Met een blikveld rondom is bij helder weer elke serieuze berg in de omtrek zichtbaar, van de Dachstein in het oosten tot de Grossglockner in het westen. Na een stukje afdalen over de oostflank traverseren we halverwege de helling richting de Draugsteintörl. Zo hebben we mooi zicht op de Tappenkarsee (1778 meter), een meer van anderhalve kilometer lang, wat buitengewoon groot is voor water op hoogte in de Europese bergen. Vanaf de Draugsteintörl zetten we de daling in naar het dal.

Twee kapiteins op één alm De laatste stop van de dag maken we bij de Draugsteinalm (1778 meter), een plek met maar liefst twee bemande almhutten; de Steinmannhütte en de Schrambachhütte. Het zijn hutten die de alm ook meteen in twee kampen verdelen. De herders Sepp en Kathi kunnen namelijk niet goed overweg met Hans en Maria van de overkant, een boerenechtpaar met zeven kinderen dat beheerder en eigenaar is van de Schrambachhut. En dan te bedenken dat ze elkaar al decennialang op de alm tegenkomen. Dit jaar zal het ’t zevenenvijftigste jaar zijn dat Sepp het vee hoedt op de Draugsteinalm. Gelukkig kan de jongere generatie het beter met elkaar vinden. In beide hutten wordt kaas en boter gemaakt en beide hutten moeten het hebben van de voorbijtrekkende wandelaars. Voor ons is het geen probleem om in beide hutten wat te nuttigen. Na een goed bord Jause bij Maria, drinken we nog een glaasje met de herders. Ze zwaaien ons uit wanneer we teruggaan naar het dal. HOOGTELIJN 2-2015 |

61


Met trots presenteert de NKBV het Nederlands Team: (van achteren naar voren, van links naar rechts) Jorg, Vera, Maarten, Nikki, Ulf (trainer/coach), Teun, Tim, Daan, Mark, Don, Eva, Pauline, Lisa, Mette, Isabelle, Leto, Sam, Manon, Kyan, Mischa, Paul. (Niet op de foto: Nicky en Myrthe.)

g Team tch Climbin te Volg het Du ats k voor de la op Faceboo r de wedstrijden. ve informatie o

ORANjE Nederlands Team Sportklimmen 2015

ON TOUR Als je deze zomer in de bergen bent voor een bergsportkamp, mooie wandeling of uitdagende beklimming, is de kans groot dat je leden van het Nederlands team kunt zien klimmen tijdens een van de World Cups of klimfestivals. Er zijn 24 wedstrijden Lead of Boulder waarin je deze helden in actie kunt zien. Kijk op de kalender en wie weet ben je een keer in de buurt om deze toppers aan te moedigen!

Het Nederlands team komt uit in de disciplines Boulder (korte routes zonder touw) en Lead (lange, moeilijke routes waarbij de klimmers worden gezekerd). De senioren klimmen binnen hun eigen specialisme, Jong Oranje en Te Jong Oranje komen uit in beide disciplines.

Oranje - Boulder

Oranje - Lead

Jong Oranje

Jorg Verhoeven (29, Innsbruck) Behoeft deze winnaar van twee Bergsport Awards nog introductie? Zie pagina 46-49!

Nikki van Bergen (22, Amsterdam) Won vanaf 2009 elke nationale leadwedstrijd waaraan ze deelnam en pakte het afgelopen jaar de titel op zowel het Lotto NK Boulder als het Lotto NK Lead.

De klimmers van Jong Oranje trappen het wedstrijdseizoen af met de European Youth Cup in het Oostenrijkse Dornbirn. Het volle programma met voornamelijk wedstrijden in Oostenrijk, wordt eind augustus afgesloten met het Jeugd WK Lead in Arco, ItaliĂŤ.

Maarten Nieuwenhuijsen (20, Rotterdam) Nieuw in het Nederlands team. Klom afgelopen zomer een indrukwekkende reeks 8A-boulders in de Zuid-Afrikaanse Rocklands. Nicky de Leeuw (26, Innsbruck) Won vijf keer het Lotto NK Boulder en veroverde in 2009 het wereldrecord dyno. Vera Zijlstra (26, Oosterhout) Won zes keer het Lotto NK Boulder en eindigde in het afgelopen World Cup-seizoen Boulder in de top 15.

62 |

Teun Keusters (20, Tilburg) Vertegenwoordigt Oranje voor het eerst bij de senioren en zette al vier nationale jeugdtitels Lead op zijn naam. Tim Reuser (21, Rotterdam) Zette op zestienjarige leeftijd al de Nederlandse titel bij de senioren op zijn naam en werd in 2014 eerste bij alle nationale leadwedstrijden, inclusief het Lotto NK Lead.

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST NAOMI PERSOON | FOTO BYRYAN PHOTOGRAPHY

Daan Groskamp (19, Haarlem) Don van Laere (15, Leidschendam) Eva Vink (18, Eindhoven) Leto Cave (12, Angerlo) Lisa Sanders (16, Best) Mark Brand (16, Amsterdam) Mischa Radt (12, Almere) Pauline Schreurs (16, Venlo) Sam Swalue (13, Enschede)


IFSC wedstrijdkalender 2015 9-10 mei

European Youth Cup (Lead)

Dornbirn (AUT)

14-16 mei

European Championship (Boulder)

Innsbruck (AUT)

30-31 mei

IFSC World Cup (Boulder)

Toronto (CAN)

30-31 mei

European Youth Cup (Lead)

Imst (AUT)

5-6 juni

IFSC World Cup (Boulder)

Vail (USA)

6-7 juni

Youth Color Climbing Festival

Imst (AUT)

12-14 juni

European Youth Championship (Lead, Speed)

Edinburgh (GBR)

20-21 juni

IFSC World Cup (Boulder, Speed)

Chongqing (CHN)

26-27 juni

IFSC World Cup (Boulder, Speed)

Haiyang (CHN)

Om ervaring op te doen in het internationale wedstrijdcircuit, komt het team van Te Jong Oranje deze zomer twee keer in actie: op het Youth Color Climbing Festival begin juni en de Petzen Climbing Trophy half juli. Isabelle van der Heijden (12, Purmerend) Kyan van Haasteren (12, Nijmegen) Manon Knops (11, Delden) Mette van Liempd (12, Eindhoven) Myrthe van der Pol (11, Noordwijk) Paul Brand (12, Amsterdam)

4-5 juli

European Youth Cup (Boulder)

Laengenfeld (AUT)

10-12 juli

IFSC World Cup (Lead, Speed)

Chamonix (FRA)

10-12 juli

European Championship (Lead, Speed)

Chamonix (FRA)

10-12 juli

Petzen Climbing Trophy (Lead, Speed, Boulder) Petzen (AUT)

17-18 jul

IFSC World Cup (Lead)

Briançon (FRA)

21-22 juli

European Youth Championship (Boulder)

L’Argentière la Bessée (FRA)

31 juli-1 aug

IFSC World Cup (Lead)

Imst (AUT)

8-9 augustus

European Youth Cup (Lead)

Mitterdorf (AUT)

14-15 augustus

IFSC World Cup (Boulder)

München (GER)

begeleidingsteam

21-22 augustus

IFSC World Cup (Lead)

Stavanger (NOR)

28 augustus-6 september IFSC World Youth Championship

Arco (ITA)

26-27 september

IFSC World Cup (Lead)

Puurs (BEL)

10-11 oktober

IFSC World Cup (Lead, Speed)

(KOR)

17-18 oktober

IFSC World Cup (Lead, Speed)

Wujiang (CHN)

14-15 november

IFSC World Cup (Lead)

Kranj (SLO)

Te Jong Oranje

Het Nederlands Team wordt bijgestaan door: Ulf Lennertz (coach/trainer senioren) Michiel Nieuwenhuijsen (trainer/coach senioren) Mathieu Ceron (trainer/coach (Te) Jong Oranje) Aukje van Weert (coach/trainer (Te) Jong Oranje)

HOOGTELIJN 2-2015 |

63


De zorgeloosheid Rondje Lago di Ledro

In drie dagen wandelen we van hut naar hut in het Valle di Ledro. De meeste toeristen zijn onderweg blijven steken rond het Gardameer, waardoor het in het Valle di Ledro heerlijk rustig is. Een prachtige vallei in een spectaculair berglandschap waar de geschiedenis als een ochtendmist tussen de bergtoppen is blijven hangen.

64 |

van Italië

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST FEMKE WELVAART | FOTO’S RIK BURGER EN STEFANIA ORADINI


N

og een paar meter klimmen en dan mag ik op mijn broodjes aanvallen. We startten vanochtend vroeg vanaf Rifugio al Faggio en wandelden bijna duizend hoogtemeters omhoog naar onze lunchplek, Bocca dell’Ussol. Met een geweldig 360-graden uitzicht kijk ik naar de Dolomieten aan de ene kant en het dal waaruit ik zojuist omhoogklom aan de andere. In de verte zie ik Malga Gui, de kleine stal waar een handvol varkens nieuwsgierig naar ons toe scharrelde. Het was een fijne tussenstop in de stilte van het dal en de aangename ochtendzon. We komen onderweg meerdere malge tegen: het zijn kleine stallen hoger in de bergen, waar boeren of herders van juni tot september hun koeien, geiten of varkens hoeden. Aan het einde van de zomer dalen ze weer af naar het dal waar de dieren overwinteren. Dan is het feest in Pieve, waar de boeren hun koeien schoonschrobben, oppoetsen en bijknippen voor de jaarlijkse koeienshow.

Herders op de verlaten berg Dat het melkvee ’s zomers hoog in de bergen leeft, heeft meerdere voordelen: er is veel en vers gras dus de dieren krijgen genoeg te eten en al grazend houden ze de bergrug schoon. Wel zijn er steeds minder van dit soort zuivelboerderijtjes in het Valle di Ledro en blijven steeds meer boeren in het dal wonen terwijl hun kudde hogerop logeert. De boeren rijden dan dagelijks op en neer tussen hun huis en het zomerverblijf van hun dieren. Maar niet alle malge liggen even gunstig aan een bergweggetje. In dat geval

De laatste meters naar het topkruis van Bocca dell’Ussol.

Xxxxx

Xx

HOOGTELIJN 2-2015 |

65


huren de boeren vaak een herder in die zich ’s zomers op de verlaten berg ontfermt over de dieren.

Mountainbikers in Rifugio Nino Pernici.

Mijn maag knort. Voor me lonkt het topkruis op 1878 meter en ik weet dat daar de eerste beloning volgt: vanaf Bocca dell’Ussol zie ik de Adamello en Brenta en het pad dat we oostwaarts gaan volgen. Het wordt een urenlange wandeling over de oostelijke bergkam tussen het Valle dei Concei aan de ene kant en de laagvlakte van Riva aan de andere. Via de Gavardina (2047 meter) en de Dosso de la Torta (2156 meter) volgen we onze weg naar de Bocchetta dei Slavazi (2048 meter), Tofino (2149 meter), Corno di Pichea (2138 meter) en tenslotte de Mazza di Pichea op 1879 meter waar we afdalen naar de Bocca Trat op 1582 meter en het laatste stukje licht stijgen naar de warmte van Rifugio Nino Pernici op 1600 meter.

Italiaans gekwetter Wat een contrast. Gisteren was ik nog in Nederland en vertrok ik naar Verona om vanaf daar met een huurauto naar het Lago di Ledro te rijden. In een paar uur tijd wisselde ik de Hollandse klei in voor het licht stijgende pad tussen Mezzolago en Rifugio al Faggio. Na de drukte rond het Gardameer waar we met de auto kruip-door-sluip-door van de ene verkeersopstopping in de andere terechtkwamen, vielen we rond het Lago di Ledro in het vacuüm van Valle di Ledro. Hier kun je eindeloos wandelen met eerst het turquoise meer ver onder je en dan de verderop gelegen Dolomieten recht voor je. We lopen uren over smalle paadjes, alsmaar stijgend en dalend, dan weer klauterend, met aan weerszijden een geweldig panorama. Soms lopen we met beperkter uitzicht vlak onder de bergkam langs, in de loopgraven uit de Eerste Wereldoorlog. Deze paden hoog langs de bergflank beschermden de soldaten tegen het vijandelijke vuur. Bij zonsondergang ploffen we op het terras van Rifugio Nino Pernici. Zodra de vogels ophouden met kwetteren, jaagt de temperatuur ons naar binnen. Bij het openen van de deur rollen we in het drukke Italiaanse geluid van wandelaars, mountainbikers en locals die zich in de berghut tegoed doen aan wijn, polenta met goulash of gesmolten kaas, en een straffe espresso voor toe. De fietsbroeken en -shirtjes hangen te drogen boven de houtkachel, het hoofd van een aanstaande bruidegom zakt steeds lager boven het tafelblad en in al dit rumoer sloft de grote Berner Sennenhond tussen de tafels door, op zoek naar een verloren stukje brood of een argeloze aai over zijn bol. Als de als monnik verklede bruidegom echt niet meer kan, vertrekt het vrijgezellenclubje om via de korte route in een klein uurtje af te dalen naar huis. Misschien dat ze er in deze toestand langer over doen. Maar niemand maakt zich zorgen: de mannen kennen de omgeving en de ‘monnik’ heeft de route vaker gelopen.

66 |

HOOGTELIJN 2-2015


Dierenarts en reddingswerker Rifugio Nino Pernici was tijdens de Eerste Wereldoorlog het officierenverblijf van de Oostenrijkers, nu is het de berghut van de Italiaanse bergsportvereniging. Het is er gezellig en ik voel me welkom. Het eten is goed, de stapelbedden zijn comfortabel en de badkamers schoon. De vader van de huidige eigenaar is dierenarts. “Van muggen tot olifanten”, antwoordt hij lachend als ik hem vraag welke dieren hij verzorgt. Hij vertelt dat alle dieren die in de omringende bergen gewond raken of ziek worden, worden opgehaald door een helikopter. En als er toeristen onderweg stranden, wordt hij ook opgeroepen. “Vroeger waren dat er een stuk of vier, vijf per seizoen”, vertelt hij. “Maar de laatste jaren moeten we wel twintig keer uitrukken om verdwaalde, onderkoelde of gewonde toeristen op te pikken.”

Botanisch erfgoed De volgende ochtend lopen we terug naar Mezzolago waar we twee dagen geleden de huurauto achterlieten. We nemen niet de kortste route naar het dal maar kiezen voor een route door het bos, langs Malga Dromaè waar net een flinke kudde geiten de berg afstuift. We lunchen met uitzicht op het turquoise meer en lopen het laatste stuk via het Botanische Pad naar de parkeerplaats op 815 meter. Dit is een ecologisch zeer interessant gebied: hier gaat het submediterrane klimaat van het Gardameer dat een

Nieuwgierige geiten bij Malga Dromaè en varkens uit de stal van Malga Gui.

paar kilometer verderop ligt, over in het alpiene klimaat van de bergen. Langs het Botanische Pad vind je bijzondere plantensoorten zoals wilde orchideeën, lelies, gentianen, pioenen, witte narcissen, alpenrozen en goudgele ranonkels. Het zijn de kwetsbare overblijfselen uit het pre-Kwartaire tijdperk (1,5 miljoen jaar geleden). Deze soorten overleefden hun noorderlijker gelegen soortgenoten omdat dit zuidelijke deel van de bergen lang vrij bleef van sneeuw en ijs. Zo werden de toppen een soort eilandjes waar de inheemse plantensoorten ongestoord konden groeien. Toen het ijs ook deze toppen bereikte, stuwde het de zaden van de bijzondere planten naar beneden, richting Mezzolago. In de Botanische tuin van Dromaè kun je al deze bijzondere bloemen zien en ruiken. Wij kiezen het pad erlangs en vervolgen onze route naar de bewoonde wereld. Om half twee zijn we weer bij de auto. Dan rijden we terug naar Verona en staan we diezelfde avond alweer met beide voeten op de Hollandse bodem. Met spierpijn, een leeg hoofd en een rugzak vol indrukken.

Wandelen in het Valle di Ledro Bereikbaarheid

Accommodatie

Het Valle di Ledro ligt op 1100 kilometer rijden vanaf Utrecht. Je kunt ook vliegen op Verona en vanaf daar met een huurauto in twee uur naar het Valle di Ledro rijden. Reken meer tijd als je langs het Gardameer wilt rijden. Je rijdt dan iets om en bij mooi weer is het er erg druk.

In de hier beschreven tocht liggen Nino Pernici en Rifugio al Faggio mooi op de route: • Rifugio Nino Pernici Bocca di Trat, 38066 Riva del Garda TN, Italië Telefoon: +39 0464 505090 E-mail: rifugiopernici@hotmail.it • Rifugio al Faggio 38067 Ledro TN, Italië Telefoon: +39 0464 591100 E-mail: info@hotelalfaggio.com

De tocht De hier beschreven tocht kun je in 3 dagen doen, inclusief heen- en terugreis (als je kiest voor vliegen op Verona). • Op dag 1 start je in Mezzolago en wandel je in een paar uurtjes naar Rifugio al Faggio. Zie het als een opwarmer voor de volgende dag. Reken op twee tot drie uur wandelen. • Op dag 2 wandel je van Rifugio al Faggio via Bocca dell’Ussol over de bergrug stijgend en dalend naar Bocca di Trat en Rifugio Nino Pernici. Reken op minimaal 6 uur, uiteraard afhankelijk van fysieke gesteldheid en tempo en de hoeveelheid lunchen tussenstops. • Op dag 3 wandel je vanaf Rifugio Nino Pernici terug naar de auto in Mezzolago. Je kunt het heel kort maken, dan ben je in een kleine twee uur beneden, of uitgebreider via het Botanische Pad. Wij kozen de middenweg en deden er vier uur over.

Meer informatie Kijk voor meer informatie over het gebied en de regio op vallediledro.com en visittrentino.it/nl.

HOOGTELIJN 2-2015 |

67


Foto Harald Swen

^^^ de nkbv voor jou ^^^ de nkbv voor jou ^^^ de nkbv

Goed nieuws over de klimgebieden rond Nederland

Poetsen en boren

Het afgelopen jaar is er flink geboord en gepoetst in de klimgebieden rond Nederland. Zo zijn onder meer routes in Beez, Freyr, Hotton, Comblain la Tour en Sy met steun van de NKBV gesaneerd of nieuw behaakt. Een korte update. Evenementen 

Op 9 mei wordt de opening van Comblain la Tour vorig jaar, feestelijk gevierd. Op 12 september is er in Durnal een klimchallenge waar tien koppels van KBF, CAB en NKBV proberen zo veel mogelijk klimmeters te maken. Meer informatie over deze evenementen vind je op nkbv.nl. 

Nieuw in België Roche aux Corbeaux is toegevoegd aan de zestien gebieden waar je met de NKBV-klimjaarkaart kunt klimmen. Het is een klein rotsmassief langs de Ourthe met ongeveer dertig routes verdeeld over twee sectoren. In Beez is een in de vergetelheid geraakte rots onder de klimop vandaan gehaald en alle veertien routes op de Aiguilles de Noble zijn (her)behaakt. Op nkbv.nl vind je topo’s van beide massieven. Scan onderstaande QRcodes of type de lange URL’s nkbv.nl/fileupload/sportklimmen/ klimgebieden/Roche_aux_Corbeaux.pdf  en nkbv.nl/fileupload/sportklimmen/ klimgebieden/Aiguilles_du_Noble.pdf. 

68 |

HOOGTELIJN 2-2015

Facelift Freyr In Freyr is door Olivier Coenen, Marc Bott en de beheerder van het gebied Marc DeBaecke veel werk verricht. Zo plaatsten ze op cruciale passages in routes op de Merinos, Tête de Lion, Pape en Jeunesse extra haken om ze minder gevaarlijk te maken. Op de Tête de Lion zijn veel routes compleet herbehaakt. Hierdoor kwamen er een aantal interessante lijnen en combi’s bij, zoals de veertig meter lange combi van Focquet en R2. Uit het bovenste deel van de Pape verwijderden ze veel losse rots waardoor er minder steenslaggevaar is bij het klimmen van de uitklimlengtes. Al blijft het beter om hier niet op drukke dagen te klimmen. Wil je voor het klimmen naar de wc, dan zijn er twee nieuwe composteringstoiletten naast de Refuge Duchesne. Gooi er niets in wat niet snel afbreekbaar is.

Ondersteuning van de klimgebieden

De mogelijkheden om in België te klimmen zijn flink groter dan enkele jaren geleden. Met de klimjaarkaart draag je bij aan de kosten voor pacht en onderhoud van deze klimgebieden. In ruil hiervoor kunnen NKBV-leden op zeventien van de grootste en mooiste klimmassieven van België klimmen. Schaf de klimjaarkaart aan via je profiel in MijnNKBV.nl. Kijk voor meer informatie op nkbv.nl/sportklimmen en klik op ‘Klimmen in België’. Omdat de klimgebieden in kwetsbare natuur liggen, gelden er specifieke regels voor de toegang, het gedrag van de bezoekers en waar je het best kunt parkeren. Kijk op nkbv.nl/sportklimmen/klimgebieden/klimmen-in-belgie.  


voor jou ^^^ de nkbv voor jou ^^^ de nkbv voor jou ^^^

Workshops Wil je de bergen in met het gezin of vrienden maar ben je nog wat onzeker? De kennismakingsworkshops van de NKBV geven je een goed beeld van wat er allemaal bij een bergsportvakantie komt kijken. Met de verdiepingworkshops vergoot je je kennis en leer je nieuwe technieken. Kies een van de volgende workshops en schrijf je in via bergsportreizen.nl. april 18 19 19 26

Tukhut Slechts 40 km ten zuiden van Luik, in de Belgische Ardennen, kun je de sfeer proeven van een echte berghut. In Sy vind je de NKBV-Tukhut, een ideaal uitgangspunt voor klimmers, wandelaars en mountainbikers. Als NKBV-lid kun je voor slechts 7 euro in de Tukhut slapen. Je kunt zelfs een introducé meenemen; niet-leden betalen dan 15 euro. Kijk voor meer informatie over de hut op tukhut.nl.

Nieuwe topo’s in de webshop

In de NKBV-webshop vind je alle topo’s van klimgebieden in de buurt van Nederland. Sinds kort zijn daar ook de topo’s van de Duitse klimgebieden in het Teutoburgerwoud en het Odenwald verkrijgbaar. Kijk op nkbvwebshop.nl.

Vogelbroed Je las het al op pagina 15: een aantal rotsmassieven in Freyr, Ettringen en Ith zijn dit voorjaar gesloten vanwege broednesten van beschermde, zeldzame roofvogels. Kijk op nkbv.nl voor het laatste nieuws over de sluiting van massieven.

Ettringen

In 2014 werden in Ettringen maar liefst tachtig nieuwe routes geopend waardoor het totaal aantal routes nu 1506 is. Dat niet al deze routes opvulling zijn, bewijzen met name de toevoegingen van Andi Eisenhauer in de sector Mordor: stuk voor stuk toplijnen.

Je weg vinden met GPS Weerkunde in de bergen Klettersteig voor gezinnen met kinderen van 8 -14 jaar Klettersteig

mei 8-10

Twt m met de @NKBV Ineke Hengelo (@Inekehengelo) 16 mrt. Het was weer een succes #Bergsport beurs @NKBV pic.twitter.com/MN5LSXWn04 Marte Rozendaal (@marterozendaal) 15 mrt. Inspirerende presentatie van Jorg Verhoeven & top informatie over onze geplande C1-cursus! #klimmen #alpine #hiking

Eerste Hulp en Zelfredzaamheid in de bergen 9 On the Edge in a portaledge 10 Weerkunde in de bergen 17 Klettersteig Emscherpark, Duisburg 29-31 Bergwandelen Ardennen voor gezinnen met kinderen van 2-7 jaar 30 Klettersteig 30 Basis alpiene touwtechnieken 30 Hoogteziekte 31 Basis alpiene touwtechnieken 31 Klettersteig voor gezinnen met kinderen van 8-14 jaar 31 Weerkunde in de bergen

Ernst van der Leij @ErnstvanderLeij 21 feb. Met @NKBV ‘Gegenrecht’ krijg je ook korting bij Duisburger Hütte. #2572m #zwartepiste #ski skihuette.dav-duisburg.de/ index.php/de/

juni 5-7 6 6 6 7

Koen @koentador 14 feb. Booked my alpine course to climb #GrossVenediger yesterday, thanks to @NKBV bergsportreizen.nl/ print-trip.asp?id=78 Looking forward!

7

Bergwandelen Ardennen Weerkunde in de bergen Klettersteig Basis alpiene touwtechnieken Klettersteig voor gezinnen met kinderen van 8-14 jaar Basis alpiene touwtechnieken

Titia Tweets @titiastweets 20 feb. Geboekt! Nog 15 weken te gaan #andcounting voor start @NKBV #vreemdevoettocht Abruzzo, Majello & Gran Sasso :-) Onno Kruitwagen @OKworx 15 feb. Onvergetelijke week gehad met de @NKBV in Zweden. #sledehonden

Ernst Arbouw @ErnstArbouw 12 feb. Website @gearlimits vergeleek 10 verzekeringen voor bijzondere sporten. Best uit de test: de @nkbv. bit.ly/1zanukW @hoogtelijn Marianne v.der Steen @dersteen 31 jan. @dersteen and suddenly ranked 5th! www.iceclimbingworldcup.org ALLsportsradio @sportsradionl 28 jan. Ze hangt ergens in Zwitserland aan een waterval te bungelen, maar @dersteen @NKBV heeft het op www.allsportsradio.nl/ player over WK IJsklimmen! Siked @SikedClimbing 24 jan. Siked voor de kwalificatie van #Boulder1 @Boulderhal Sterk! @NKBV #getsiked HOOGTELIJN 2-2015 |

69


Klettersteig op de Nordkette

HET MIsTE TE DAK Is VAN KALK Elk jaar fotograferen duizenden toeristen het bekende Goldene Dachl in de binnenstad van Innsbruck. Op veel van die foto’s is hoog boven het Gouden Dak de Nordkette te zien, een ruwe bergketen van kalk. Voor ons is dat het mooiste dak van de stad.

70 |

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST PETER DAALDER | FOTO’S AART MARKIES


Aan de stille ‘Karwendelkant’ van de Innsbrucker klettersteig.

Berggids Rudi Wisch aan het begin van de klettersteig, hoog boven Innsbruck.

D

e hoofdstad van Tirol noemt zich ook maar meteen de hoofdstad van de Alpen. Er zijn in elk geval maar weinig grotere plaatsen waar de bergen zo voor het grijpen liggen als bij Innsbruck. Het verklaart ook de populariteit van de stad (120.000 inwoners) waar zo’n 40.000 studenten naartoe trekken. Velen kiezen voor de stad aan de Inn vanwege de uitgebreide sportmogelijkheden en -faciliteiten op loop- en fietsafstand. Het bekendste sportstadion is de Bergiselspringschans, jaarlijks te zien tijdens het Vierschansentoernooi. Op televisiebeelden lijken de sporters rechtstreeks naar het kerkhof van Innsbruck te vliegen. Sinds een paar jaar staat er een nieuwe schans, gebouwd door de beroemde Engelse architecte Zaha Hadid. Zij bouwde een uitzichtplatform op de toren, waarop we oog in oog staan met ons doel: de klettersteig op de Nordkette, de grijs-zwarte kalkrotsen ten noorden van de stad.

Enorme speeltuin van kalksteen We lopen met lichte rugzakken naar het Congress, midden in de stad op een steenworp afstand van de Hofburg waar keizerin Maria Theresia, keizer Maximilian en aartshertog Ferdinand II resideerden. Hebben zij wel eens gewandeld in de bergen? Of geklommen? We zijn maar twee haltes verwijderd van die enorme speeltuin van kalksteen. We stappen in de Hungerbahn, een treintje dat de stad verbindt met de noordoever van de Inn. In station Hermann Buhl, genoemd naar de in Innsbruck geboren beroemde bergbeklimmer, stappen we over op de gondel. Nog een etappe hoger zijn we op 2269 meter op de Hafelekar. Van daaraf razen de betere mountainbikers in de zomer naar beneden, waar het ’s winters een paradijs is voor goede snowboarders.

Forse instap Het begin van de klettersteig ligt een beetje verscholen achter een terras, een weerhutje en nog zo wat bouwsels die horen bij een bergstation. We moeten uitkijken voor de verse zomersneeuw op een kleine helling, maar staan dan ineens op een plateautje, hoog boven de stad. De springschans lijkt niet meer dan een krulletje in het groen. Het Gouden Dak is niet te zien en het vliegveld is nauwelijks meer dan een lucifer beton tussen de groene heuvels.

Het is boven stil, alleen de alpenkauwen laten van zich horen. Een paar wolken kringelen langzaam uit het dal omhoog. Berggids Rudi Wisch is een rustige man, zoals je dat van een berggids verwacht. Hij controleert de klimgordels en de klettersteigsets, spreekt af met Manuel Lampe van het plaatselijke toeristenkantoor dat die achteraan loopt en waarschuwt voor de eerste zeer forse stappen. Hier begint de Hannes Gasser Klettersteig, genoemd naar de oprichter van de Alpinschule Innsbruck. De instap is inderdaad lastig. Hoe komen kleine mensen hier naar boven?

Open en dicht Het gaat meteen loodrecht omhoog. Duidelijke grepen, ijzeren pinnen of stapjes, een staaldraad om de karabiners van de klettersteigset aan te klikken. Dat doen we deze dag honderden keren in eenzelfde cadans: linker karabiner open, links inhaken en dicht, rechter karabiner open, rechts inhaken en dicht. Het kalksteen is nog koud, hier en daar ligt sneeuw, die wat onverwacht is gevallen tijdens een paar uur noodweer een dag eerder. We klimmen eigenlijk op de meest zuidelijke rug van het Karwendelgebergte, maar omdat de keten aan de noordkant van Innsbruck ligt, heeft die de naam Nordkette gekregen. Het aardige van een klettersteig is dat je voortdurend bezig bent. De volgende greep, de karabiners open en dicht klikken, kijken waar je je voeten zet. Maar er is meer om te bekijken. Rupsen kruipen als harige treintjes tussen de steentjes. Bloemetjes die zomaar uit de rotsen piepen, even kleurig en teer als de bergen grijs en hard zijn. Dat laatste blijkt ’s avonds als we talloze putjes in onze knieën zien, gestoten aan het harde kalksteen. Ook de handschoenen zijn geen overbodige luxe hoewel de handen wel warm worden. Het lijkt zo eenvoudig, rustig klimmen langs de HOOGTELIJN 2-2015 |

71


GORE-TEX SURROUND SCHOENEN ❚ Rondom volledig waterdicht en perfect ademend ❚ Houden de voeten comfortabel droog en ook koel ❚ Optimaal klimaatcomfort bij normale tot hogere temperaturen ❚ Innovatieve zoolstructuur met aan beide zijden ventilatie

OUTDOOR SCHOENEN VOOR ZON ÉN REGEN

X-SO 30 Men GTX®

X-SO 30 Lady GTX® Ausgestattet mit

Uitgerust met:

TM

www.meindl.de

hienveld 1-2 fc.adv 27.3.2003 14.33 B&R Pagina 1 mei_Anz_XSO_muspptex_210x135_JAN15.indd 1

29.01.15 14:49

Wij verzetten bergen voor u

WIJ VERZETTEN Specialist in ngen i r e k e z r e v t r o p bergs BERGEN VOOR U adv.heinfield_210x135.indd 1

W.A. Hienfeld b.v. Postbus 75133, 1070 AC Amsterdam T 0031 (0)20 - 5 469 469 F 0031 (0)20 - 6 427 701 E info@hienfeld.nl Voor informatie: Koninklijke NKBV te Woerden

18-03-15 15:29


staalkabel, maar het kost inspanning. Langzaam rolt de eerste zweetdruppel van onder de helm naar beneden. Ook die helm is noodzakelijk. Een paar keer tik ik tegen een rotspuntje, hoe voorzichtig ik ook probeer te zijn.

Over de kam De route loopt precies over de kam van de Nordkette, van oost naar west. We lopen nu met de zon in de rug. Afwisselend zien we de stad ver in de diepte aan weerszijden van de bruinblauwe Inn en aan de andere kant klauteren we in het grote stille niets van het Karwendelgebergte. In de verte zien we de toppen van het Zillertal, Ötztal, Pitztal en de Zugspitze. De lucht is helder na de bui van een dag eerder en het zicht is ver. Het valt op dat er half juli nog veel sneeuw in de bergen ligt. Al snel bereiken we het eerste van drie topkruizen, de Seegrubenspitze op 2350 meter. We schrijven onze namen in het topboek dat ook hier keurig is opgeborgen in een ijzeren houder. We nemen een paar slokken en een mueslireep en beginnen aan het volgende stuk.

Scherpe rotsen Het zicht op de prachtige omgeving is onze beloning op de klettersteig van de Nordkette.

Van beneden leek de kam één streep, maar de werkelijkheid is altijd anders. Kleine stukjes afdalen, meteen weer omhoog, voortdurend gezekerd door de kabel en de klettersteigset. Rudi legt uit hoe je gezekerd makkelijk in de lijn kunt hangen om een foto te maken en waarschuwt nog maar eens dat de klettersteigset wel veiligheid en zekerheid biedt, maar feitelijk niet bedoeld

is om een schuiver mee te maken. De scherpe rotsen nodigen daar ook niet toe uit dus letten we goed op waar handen en voeten houvast vinden. Manuel die enthousiast zijn korte broek heeft aangedaan, staat te bibberen. De wind zoekt de gaten in de wand en perst daar al fluitend de lucht doorheen. Een paar passen verder is het aangenaam en verwarmt de zon de rotsen. Nu begrijpen we waarom er nadrukkelijk gewaarschuwd wordt bij kans op onweer. Dan zit je hier, op een kam met honderden meters staalkabel en tientallen ijzeren grepen en voetsteunen, als een rat in de val.

Schnitzel met friet Het is zo’n contrast. Het onaangetaste maanlandschap aan de rechterhand en een paar stappen verder als we weer aan de andere kant klimmen, het Inntal bezaaid met huizen, wegen, e en treinspoor en industrie. Geen wonder dat de dure wijken van Innsbruck net één verdieping hoger liggen, iets boven de drukte en de gejaagdheid die bij een stad horen. Wij horen niets en vergapen ons aan een landend vliegtuig dat in het dal een mooie bocht draait. We staan op de Kemacher (2480 meter). Dan volgt de Westliche Sattelspitze op 2369 meter en vanaf dat moment fantaseren Rudi en Manuel over een schnitzel met friet, straks op het terras van het bergrestaurant. Maar we moeten nog afdalen over een brokkelig pad en hebben goed anderhalf uur alleen aandacht voor de knikkende knieën, een dag na aankomst uit het laagland.

Klettersteig Innsbruck Hannes Glasser klettersteig Voor de volledige Hannes Gasser klettersteig staat vier uur plus anderhalf uur voor de afdaling. Hoogtes vanaf 2269 tot 2480 meter. In 2008 is de route volledig gerenoveerd en verbeterd, onder andere met een geheel nieuwe Seufzerbrücke. Uitgebreide informatie vind je op klettersteig.com/ knordkette/default.html.

Route De afstand van Utrecht naar Innsbruck is 895 kilometer. Vliegen naar de stad aan de Inn kan vanaf verschillende vliegvelden in Nederland.

Kaart • Alpenvereinskarte 31/5 Innsbruck, 1:50.000, prijs € 10,50. • Alpenvereinskarte 5/1 Karwendelgebirge West, 1:25.000, prijs € 10,50.

HOOGTELIJN 2-2015 |

73


Warme Armen

Weg met de wind

Draag de losse mouwen van The North Face wanneer het nog wat fris is als je vroeg begint. Wordt het tijdens je run steeds warmer, dan schuif je de warmers naar beneden of doe je ze af en berg je ze makkelijk weg.

De Houdini windbreaker van Patagonia is al jaren een succes en het merk veranderde er in al die jaren nauwelijks wat aan. Het jasje houdt de wind tegen en is erg licht – that’s it. Hij doet wat hij moet doen. Wel kwam Patagonia onlangs ook met de Alpine Houdini: een iets steviger gebouwd superlicht wind- en waterdicht jack speciaal geschikt voor klimmers.

Prijs Seamless Arm Warmers: € 33 Meer informatie: thenorthface.nl

Gewicht: 113 gr (men’s medium) Prijs: € 100 Meer informatie: patagonia.com

MARKT & MATERI L SKYRUING] [

Het hardloopseizoen komt er weer aan. Misschien ben je zelfs al in training voor een rondje in de bergen? Skyrunning is hardlopen of trailrunning in de bergen. Er zijn meerdere wedstrijdvormen, zoals de skymarathon, de ultramarathon, de Vertical Kilometer en het WK Skyrunning. De NKBV sloot zich vorig jaar aan bij de International Skyrunning Federation (ISF) en organiseert onder meer de Vertical K in Fully.

1

2

Hl vl shirtjes 3

4

Functionele kleding is essentieel: je zweet veel als je rent en je wilt niet dat dat vocht in je shirt blijft hangen. Daarom zijn hardloopshirtjes altijd ademend en hebben ze maar weinig om het lijf. Er is geen tekort aan merken die dit soort shirtjes maken, deze drie zijn slechts een greep uit de mogelijkheden. De Actinium van Arc’teryx bijvoorbeeld, ademt goed dankzij het Viente-materiaal. Het shirt is verkrijgbaar in gedekt blauw of zwart en in twee opvallende kleuren, zoals deze groene. De runningbroek Soleus van Arc’teryx heeft drie mesh zakken en veel stretch. Ook Houdini’s Fast Track Tee van Vapor Stretchmateriaal ademt als de beste. Tijdens een high-intensity workout bleef onze redacteur behoorlijk droog. The North Face ten slotte, ontwierp het runningshirt Better Than Naked van Flashdrymateriaal. Het merk werkte naden en stiksels op belangrijke punten weg zodat ze niet gaan schuren tijdens langere runs. 1 Prijs Better Than Naked (The North Face): € 55

Meer informatie: thenorthface.nl

2 Prijs Fast Track (Houdini): € 50

Meer informatie: houdinisportswear.com

3 Prijs Actinium (Arc’teryx): € 40 4 Prijs Soleus (Arc’teryx): € 70

Meer informatie: arcteryx.com

74 |

HOOGTELIJN 2-2015 | ONDER REDACTIE VAN SIETO VAN DER HEIDE

Kilometervreter La Sportiva ontwierp de Ultra Raptor voor de langere trails. De neuzen zijn iets breder dan gemiddeld zodat je tenen meer ruimte hebben tijdens die lange dagen en ze zijn verstevigd omdat je schoenen op een trail nu eenmaal meer te verduren hebben dan op de weg.

Prijs: € 128,95 Meer informatie: mountainrunning.com en sportiva.com


Gn last van de zon Hoog in de bergen heb je altijd een zonnebril nodig, of je nu over de gletsjer gaat of op de paden rent. Niet elke zonnebril is voor alle activiteiten geschikt. Julbo maakt zonnebrillen die specifiek zijn ontworpen voor trailrunners. Zoals de Groovy voor dames of de Venturi voor heren. Beide modellen zijn uitgevoerd met de nieuwe Zebra Light glazen.

Prijs: Groovy € 139,95 - Venturi € 134,95 Meer informatie: julbo.ch

MYTHISCHE RUGZAK VOL HONING Zonder mouwen Hoog in de bergen is een extra laagje vaak fijn. Het Rab Vapourrise Flex vest biedt die extra warmte voor je bovenlijf en ademt goed dankzij het Pertex Equilibrium buitenmateriaal.

Prijs: € 89,95 Meer informatie: rab.uk.com

handige ‘Bra finder’ Vrouwen die trailrunnen hebben de juiste ondersteuning nodig. Een goed passende sportbeha is dus belangrijk. Odlo ontwierp varianten voor activiteiten met een lage, gemiddelde en hoge intensiteit. Voor trailrunning is de Sportsbra met voorsluiting het meest geschikt. Via odlo.com kun je met de ‘Bra Finder’ de juiste beha vinden.

Prijs: € 60 Meer informatie: odlo.com

Johan Koelman en zijn blauwe verschoten rugzak zijn al heel wat jaren onafscheidelijk: bij sportklimtochten gaat hij mee, maar ook naar de klimmuur en naar het werk. Twintig jaar geleden kocht hij hem tweedehands, voor 25 piek. Johan weet dus niet hoe oud hij precies is. Wat hij wel weet: hij is onverwoestbaar. Het enige wat hij er ooit aan hoefde te verstellen, was de gesp aan de heupband: de typische Berghaus buckle was gebroken, maar kon eenvoudig worden vervangen. Goede herinneringen? Volop! Zoals die keer dat een pot honing in de rugzak brak en er bijen op afkwamen. Eén dag lang veranderde de rugzak in een bijenkorf, maar ’s avonds was hij helemaal schoon. Hoogtelijnredacteur Ico spotte het duo deze zomer bij Ceüse. “Moet je niet eens een nieuwe kopen?”, vroeg hij Johan. Maar die haalde zijn schouders op. “Deze rugzak is no-nonsense en doet zijn werk prima. Waarom zou ik hem dan afdanken?” Nieuwsgierig geworden naar de precieze leeftijd van de tas ging Ico op onderzoek uit. Hij stuurde een mail naar Berghaus in de hoop dat een van de medewerkers de rugzak kon dateren. “Het is waarschijnlijk een vroege AB of Delta rugzak uit de late jaren zeventig of begin jaren tachtig”, was aanvankelijk het antwoord. Een foto van de achterkant van de rugzak gaf uiteindelijk de doorslag: “Het is een oude Cyclops. Een icoon onder de Berghausrugzakken. Voor het eerst op de markt gebracht in 1975 en ’s werelds eerste rugzak met een intern frame.”

Johan Koelman Geb ber ruik j des gspor ij ook Mai tijds tmater onver hoo l het o heeft iaal d woest gte doo at d baar lij ns! rst e ta n@n aan kbv ? nd .nl

HOOGTELIJN 2-2015 |

75


Reizend klimmersfestival in Turkije

IN DE RIj met DE GODEN Heel even denk ik dat ik op een gezellige klimborrel ben beland. Klimmers in alle soorten en maten staan geanimeerd met elkaar te praten. Er is een buffet vol lekkers en iedereen heeft een drankje in zijn hand. Het enige wat nog ontbreekt is een achtergrondmuziekje. En misschien wat beweging. Kijk ik langer, dan zie ik dat de klimmers in een lange rij staan, die zich kronkelend een weg door de ruimte baant.

I

k sluit achteraan in de rij om op mijn ontbijt te wachten. Naast ‘gewone’ klimmers zoals ikzelf, staan ook de ware goden van het vrijklimmen – Nina Caprez, Melissa Le Nevé, Daniel Woods en Sean Villanueva – gewoon in de rij. We lachen om de afschuwelijke oploskoffie die ze hier serveren en babbelen geduldig verder tot we drie kwartier later aan de beurt zijn voor onze omelet. Die is het wachten waard: elke ochtend en helemaal alleen maakt de ‘omeletman’ voor iedereen die daarop wachten wil een heerlijk baksel. Ontspannen klopt hij een eitje los, snippert rustig wat fijngesneden kruiden in het bakje, pakt een beetje feta, nog wat stukjes tomaat en om het af te maken een snufje zout en peper. Dan gaat de mix de pan in en klopt hij in alle rust zijn volgende eitje los.

Petzl RocTrip 2014 Ik ben op het jaarlijks terugkerende klimmersfeestje van Petzl: de Petzl RocTrip. Dit jaar geen vaste spot zoals gebruikelijk, maar een rondreizend circus langs een aantal grote klimgebieden in Oost-Europa. Traditie is om een potentieel interessant sportklimgebied te kiezen, daar samen met lokale klimmers routes te openen en zo het gebied op de kaart te zetten. In 2011 stond China op het programma en in 2012 viel de eer ten deel aan Patagonië. Dit jaar zoekt Petzl het iets dichter bij huis en is Oost-Europa aan de beurt. Zoals gezegd, is het dit jaar een beetje anders dan anders, omdat er niet één, maar meerdere klimgebieden worden aangedaan. Erwan Le Lann, de man achter dit evenement, vertelt dat hij onmogelijk kon kiezen tussen de verschillende gebieden die Oost-Europa rijk is en dat hij daarom besloot ze maar allemáál op te nemen. In wat een logistieke nachtmerrie moet zijn geweest, trok de karavaan van Petzlatleten, lokale klimmers en iedereen die maar mee wilde reizen dit jaar langs Macedonië, Bulgarije en Griekenland, om uiteindelijk aan te komen in Turkije. Daar sluit ik me aan om de laatste week van dit

76 |

HOOGTELIJN 2-2015 | TEKST ANNE VAN LEEUWEN | FOTO’S STIJN VAN HULLE


Koken, Geyikbayiri.

DWS-taxi, Yara sali.

reizend klimmersfestival mee te maken. Wachtend totdat ons reisteam compleet is, vermaak ik me een dag in het historische centrum van Antalya.

Groots Geyikbayiri Op een half uur rijden van het drukke Antalya ligt het voor menig Nederlander welbekende Geyikbayiri. De enige toeristen die hier komen, zijn klimmers. Hoewel het relatief dicht bij de stad ligt, voelt Geyikbayiri als het einde van de wereld. Naast de rotsen, granaatappelbomen en een handjevol campings is hier niet veel. Voor mij is dit ook meteen de charme van het gebied. Zodra we uit de bus stappen, worden we vriendelijk begroet door de eigenaar van de camping waar we overnachten. We krijgen sterke Turkse thee, die je alleen kunt drinken met zes scheppen suiker. De manier om hier te overnachten is in een van de karakteristieke guesthouses: houten huisjes met enkel een bed en matras. Eigenlijk een soort houten tentjes dus. Wie wil, kan ook zijn eigen tent opzetten of slapen in een pension. Dit klimmersparadijs werd in 2000 ontsloten door de Nederlandse Züleyha Geels en haar Turkse man Öztürk Kayikci. Zij waren de drijvende kracht achter de ontwikkeling van dit nu grootste sportklimgebied in Turkije. Inmiddels telt Geyikbayiri meer dan 1000 routes, in alle mogelijke gradaties. De zomers zijn er te warm om iets te kunnen doen, maar in de wintermaanden is het gebied een populaire klimbestemming. Alle sectoren zijn binnen twintig minuten te voet te bereiken en vluchten naar Antalya zijn goedkoop, net als accommodatie, eten en restaurants. Ook het klimmen is er niet mis. De grijs-rode kalkrots is van uitstekende kwaliteit en de routes zijn vriendelijk behaakt, wat het gebied toegankelijk maakt voor klimmers van elk niveau. De steilere routes bevatten een eindeloze mix van oranje tufas in alle mogelijke soorten en maten. Hier moet iedereen zijn driedimensionale trukendoos van foothooks, kneebars en toehooks aanspreken. De minder steile routes zijn ook prachtig, ze zitten vol randjes en pockets en vereisen een goede techniek en balans om boven te komen.

Kersvers Citdibi

Said Belhaj, Olympos.

Hoewel ik nog wel even in Geyikbayiri had willen blijven, moeten we door en vertrekken de volgende dag naar het kersverse Citdibi, vorig jaar geopend door een hele bups topklimmers. Citdibi bestaat uit een licht overhangende wand vol eindeloos, soms wel 50 meter lang, blauwgrijs tufsteen. Vanaf Geyikbayiri ben je in 45 minuten op de parkeerplaats. Vanaf daar is het nog een kwartier omhoog lopen. De klif ligt op 1000 meter hoogte en kijkt uit over een prachtig HOOGTELIJN 2-2015 |

77


Defy Convention. Introducing the new era in technologically advanced mountain footwear. Built the Arc’teryx way.


Enzo Oddo en Sean Villanuava spelen een spelletje schaak.

in citdibi heb je n stel goede biceps nodig Daila Ojeda, Citdibi.

berglandschap. Door de hoogte, en doordat een deel van het klimgebied in een kloof ligt, is Citdibi een ideale bestemming op warmere dagen. Afgezien van een lokaal barretje en de camping/hut Masal Refuge zijn er op dit moment nog nauwelijks faciliteiten.

vlakbij het strand. Het is er razend druk en het is vechten om een route. Duidelijk dat dit een populaire bestemming is en dat hier veel wordt geklommen. Hier en daar is het wat glad, maar dat doet geen afbreuk aan het gebied.

De gemiddelde klimmer heeft in Citdibi niet veel te zoeken, maar met een stel goede biceps en onderarmen kun je hier naar hartenlust je skills testen op een zee van overhangende stalactieten. Het gebied telt 70 routes, variërend van 10 tot 150 meter, het merendeel boven de zevende graad. Hier proberen de topklimmers elkaar af te troeven door als eerste een van de vele onbeklommen projecten te toppen of een van de vele achten te onsighten. Hoewel er niet veel routes zijn onder de zevende graad, lukt het me toch om een paar prachtige en technische 6c’s te vinden. Als mijn onderarmen na een lange dag aanvoelen alsof ze eraf vallen, is het tijd om te vertrekken. We gaan naar Olympos.

Deep Water Solo in Yarasali

Tonsai Beach-sferen in Olympos Wat twee uur rijden had moeten zijn, wordt meer dan vier uur zigzaggen door een stoffig, bergachtig landschap, over smalle, soms onverharde wegen. Overdag klimmen, ’s middags afkoelen in de zee, en ’s avonds uit eten, muziek en kampvuur. Zo ziet een doorsneevakantie in Olympos er hoogstwaarschijnlijk uit. Het gebied biedt de gemiddelde klimmer ruim voldoende mogelijkheden met een dikke driehonderd routes, maar vanaf 7c stokt het aanbod. Waar Geyikbayiri uitblinkt in relaxte afzondering, heeft Olympos weer een heel andere sfeer. Ik heb me laten vertellen dat het een min of meer succesvolle variatie is op de stijl van Tonsai Beach in Thailand. Houten hutjes, afgewisseld met restaurantjes, toeristische winkeltjes en fruittentjes. Vergeet vooral niet het voor je neus vers geperste granaatappelsap te proberen voordat je gaat klimmen; gegarandeerd dat je je in no time weer helemaal fris en fruitig voelt na dat feestje van gisteravond.

Populair Cennet De volgende ochtend maak ik voor het eerst kennis met de ‘omeletman’ en na nog iets langer wachten (niemand weet waarop) gaan we eindelijk naar de rotsen. We starten in Cennet, een van de hoofdsectoren van Olympos. De wand is licht overhangend, wederom van de karakteristieke grijs-roze kalk en bevindt zich

De dag die ik al de hele week met angst en beven tegemoet zag, is aangebroken: vandaag ga ik voor het eerst deep water solo’en (DWS). DWS is klimmen zonder touw waarbij je, als je valt, ‘veilig’ in het water terechtkomt. Yarasali is een uur varen vanaf het strand in Olympos. Dankbaar maken we gebruik van de afstand om even een uurtje slaap in te halen na het feestje van gisteravond. Binnen een kwartier ligt iedereen te ronken. Aangekomen bij de rots krijgen we een uitgebreide instructie van de lokale alleskunner Mümin Karabas – topklimmer, gids, kok en schipper – over hoe we veilig in het water moeten plonzen. De techniek is simpel: armen gekruist voor de borst en benen ferm gesloten om de edele delen niet te kneuzen. Pofzakken en brillen mogen niet mee, wat het DWS voor mij als brildrager een extra dimensie geeft. Met kleine bootjes varen we naar de rots en klauteren we een voor een de rots op. De route traverseert naar rechts, op elkaar vallen kan dus niet, maar de onderarmen worden op de proef gesteld. Verzuurd laat ik me in het water vallen. Na al dat klimmen met touwen is DWS een heerlijke, speelse afwisseling. Ik klim tot zover ik durf en spring dan in het aangename water. Ik zwem een paar slagen weg van de routes en steek mijn hand op. Ik word aan boord gehesen en teruggebracht naar de moederboot voor een nieuwe ronde. Zo vermaken we ons tot de zon ondergaat.

Loswrikken De week wordt volledig in stijl afgesloten wanneer bij vertrek blijkt dat het anker vastzit. Twee uur lang vaart de boot voorzichtig van links naar rechts in de hoop zo het anker los te woelen van de zeebodem. Het bier en het eten is inmiddels op, maar traditiegetrouw blijft de sfeer uitstekend en lijkt niemand zich druk te maken. Dit is Turkije. Na een lichte schok kan het anker gelicht worden en varen we in het volledige duister terug naar de lichtjes van de bewoonde wereld. HOOGTELIJN 2-2015 |

79


op Twitter Volg @hoogtelijn nieuwtjes van voor de laatste zijn welkom ps Ti de redactie. v.nl. op hoogtelijn@nkb

Zon n de zuidzijde van de Mont Blanc Op een druilerige februaridag in Utrecht voel ik de Italiaanse zon op mijn huid en ruik ik de droge aarde. Ik krijg zin om ook mijn fiets te pakken. Of te wandelen. Ik wil ook naar die warme hut met de frisse wind door het raam en het zicht op het groepje wandelaars dat in de verte zigzaggend omhoog loopt. Ik heb zin in vroeg opstaan, eindeloze vergezichten, Italiaanse gastvrijheid en gezelligheid. Weijdert laat ons in Valpelline - Zomer in de bergen opnieuw de schoonheid van het Italiaanse berglandschap zien. “Op een gegeven moment word je als alpinist door je leeftijd ingehaald”, leidt hij zijn boek in, “en raken grote beklimmingen buiten bereik.” In Valpelline probeert hij te achterhalen wat een leven lang klimmen voor hem heeft betekend. Hij keert terug naar de bergen waar hij zich van jongs af aan zo thuis voelde. Tijdens zijn wandelingen en beklimmingen denkt hij terug aan vroeger, aan de mensen van wie hij houdt en de klimmers die hem ontvallen zijn. Vertellend over liefde en kameraadschap laveert Weijdert tussen de bergen en zijn herinneringen. Voor wie het gebied, de bergen en hun hutten goed kent, zal het boek een feest der herkenning zijn. Wie deze regio en de mensen over wie Weijdert vertelt minder goed kent, blijft hangen in andermans memoires, maar kan wel genieten van Weijderts minutieuze beschrijving van geuren, kleuren en emotie. [Femke Welvaart]

Valpelline - Zomer in de bergen, Robert Weijdert Uitgave: Uitgeverij Robert Weijdert, 2015, www.weijdert.nl ISBN: 978-90-823345-0-0 Prijs: € 19,50

80 |

^^^ gespot ^^^ gespot ^^^ gespot

Wandelfilms

Bouw je eigen hut Ja, dit jaar gaan er maar liefst twee films in première waarin (berg)wandelen de hoofdrol speelt. Het gaat om Wild (première was 26 februari), met in de hoofdrol naast Reese Witherspoon de Pacific Crest Trail. Verder kunnen we uitkijken naar A Walk in the Woods, naar het gelijknamige – hilarische – boek van Bill Bryson (première 20 augustus) met de sterrencast Robert Redford, Nick Nolte en de Appalachian Trail!

Een van onze redactieleden spotte deze 3-in-1 berghut in de Legoschappen. De berghut met open haard, tafel en stoelen staat in een landschap van een zelf te bouwen berg met grot. Dat de bebaarde avonturier-met-helm ook een quad tot zijn beschikking heeft, vinden we uit sportief en duurzaamheidsoogpunt dan wel weer jammer. Lego Creator 31025 Berghut Prijs: vanaf € 35,00.

The Naked Mountainr Wat moet je doen als je net de Matterhorn hebt beklommen? Laat jezelf fotograferen. Naakt. Alleen in een dergelijk moment van glorie, en zonder kleren natuurlijk, kun je zien wie je werkelijk bent: een man die excelleert, een man die op 110 procent leeft – nee wacht, niet een man maar een Geroepene. Dat ongebruikelijke en, laten we eerlijk zijn, onbruikbare advies, krijgt auteur Steve Sieberson de avond voor hij de Hörnligraat beklimt van een excentrieke Engelsman met de fabelachtig mooie naam J. LeRoy Harrington-Pumphrey. Sieberson, in het dagelijks leven jurist en hoogleraar aan een Amerikaanse universiteit, schrijft in zijn inleiding dat The Naked Mountaineer geen ‘typisch bergsportboek’ is. Geen heroïek of grote technische prestaties, maar een verzameling van weinig alledaagse ontmoetingen en avonturen op – meestal – vrij alledaagse bergen. Verhalen vertellen is een kunst – een kunst die niet alle schrijvende klimmers even goed verstaan. Sieberson verstaat die kunst wel. Omdat hij schrijft over bijzondere gebeurtenissen op doodgewone, herkenbare bergen, en omdat hij schrijft met een lading zelfspot die in de meeste bergsportliteratuur ver te zoeken valt, is The Naked Mountaineer een verademing. Lezen dus. [Ernst Arbouw]

Kathmandu in 1978 Wie vaker in Nepal is geweest, weet dat het land in rap tempo moderniseert. De hoofdstad Kathmandu groeit dicht. En in dalen die je vroeger alleen te voet kon

HOOGTELIJN 2-2015 | ONDER REDACTIE VAN FRANK HUSSLAGE EN ICO KLOPPENBURG

The Naked Mountaineer – Misadventures of an Alpine Traveler, Steve Sieberson Uitgave: University of Nebraska Press, 2014 ISBN: 978-0-8032-4879-3 Prijs: $ 19,95

bereiken, rijden nu bussen of jeeps. Terugdraaien is geen optie, maar op internet is een reis in de tijd wel mogelijk. Via de QR-code of http://goo.gl/CDgYbR kun je prachtige filmbeelden bekijken die de Nederlandse kunstenaar Ed van der Kooy maakte in 1978. Een tijd dat de ringroad van Kathmandu nog uitgestorven was en de trek rond Annapurna een avontuur.


^^^ gespot ^^^ gespot ^^^gespot ^^^ gespot ^^^

gespot

Pr Alpinisme

Kunstwandelen

Het is altijd een interessante vraag bij extreme klimfoto’s: hoe is het beeld tot stand gekomen? Is het geënsceneerd? Jumart de fotograaf aan een statische lijn? Is er een helikopter gebruikt? De Brit Jon Griffith antwoordt stellig: nee! Alle foto’s in zijn boek Alpine Exposures zijn authentiek en eerlijk. Gemaakt tijdens de beklimmingen zelf, met de door hem meegezeulde spiegelreflex. En daarmee plaatst Jon zich in een select groepje: hij is zowel een zeer ervaren alpinist als een kundig beeldmaker. Wat te meer bewezen wordt door het ontbreken van zware digitale bewerkingen achteraf; de foto’s zijn krachtig van zichzelf. Het formaat van het boek is lekker groot, het papier fraai dik en de stijlvolle druk doet eer aan zijn werk. De tekstjes bij de afbeeldingen – in Engels, Frans en Duits – geven diepgang en maken het naast koffietafelboek ook tot een quasi gids. We krijgen een mooi kijkje in de afgelopen tien jaar van Jon Griffiths leven, waarin de passie voor het pure alpinsime van het papier spat. Wat Jon nog niet beheerst, is de kunst van het kiezen. In de beperking toont zich de meester en als je zelf je darling niet kunt killen, zoek dan een professionele redacteur. Het grote publiek zal halverwege het 290 pagina’s tellende werk een geeuw niet kunnen

Wandelen in een schilderij. Kan dat? Zeker, en het levert weer een zeer fraai boek op waarin een regio in schilderijen en foto’s is vastgelegd. Vorig jaar beschreven we al de schilderijen van Graubünden. In deze editie laat de beknopt beschreven historie van het gebied je letterlijk en figuurlijk in de voetsporen van de schilder stappen. Zo kijk en loop je mee met Paul Klee, Caspar Wolf, Ferdinand Hodler, Alexandre Calame en zestien andere schilders. Het idee om zo een regio te ontdekken is van het echtpaar Richter dat het Berner Oberland via schilderijen vertaalde naar veertien wandeltochten. Resultaat is een serie tochten in de fraaie berglandschappen zoals die zijn vastgelegd door de schilders. De auteurs voegen aan de gekozen schilderijen historische gegevens toe en geven aan wat de schilders in hun tijd aantroffen op de plaats waar hun schildersezel stond. Bekende bergen als de Eiger, Mönch en Jungfrau zijn veel geschilderd, ook de Wetterhorn is populair, evenals het Lauterbrunnental. Heel vaak is ook de Niesen, bijna een perfecte driehoek, geschilderd met de Thunersee op de voorgrond. De kunstwandelingen variëren tussen de twee en ruim vijf uur met hoogteverschillen van maximaal 900 meter. Er is ook een tocht waarbij je alleen afdaalt (vanaf de Niederhorn op de Beatenberg) en één waarbij je vanaf Meiringen alleen klimt naar Grosse Scheidegg en onderweg Rosenlaui en de Reichenbach bezoekt. Heinrich Rieter schilderde de watervallen van Giesbach in 1820 en schreef daarover: “Waar de natuur zo groots en geweldig is dat het op je gemoed werkt.” [Peter Daalder]

onderdrukken. De beeldselectie had veel strenger gekund en het cameragebruik is weinig afwisselend. Voor de ambitieuze alpinist – en voor de Nederlandse wannabes – maakt dat echter helemaal niets uit. Alpine Exposures is een groot feest van herkenning, een meesterwerk vol inspiratie voor toekomstige tochten. Hopelijk komt er snel een tweede editie, en dan ook met meer opnames van buiten Chamonix. Ik kijk er nu al naar uit. [Menno Boermans]

Alpine exposures, Jon Griffith Uitgave: www.alpineexposures.com ISBN: 9781910240137 Prijs: € 45,00

Trainingfun, ehm, -Spass

Van onze oosterburen weten we dat ze hun zaken voor elkaar hebben. Trainen doen ze gründlich – Gimme Kraft zet de trend – maar ze hebben er ook lol in! Dat blijkt ten minste uit het filmpje dat we op het web vonden over het Duitse jeugdteam. Via de QR-code of http://goo.gl/3KpWYH zie je de meest speelse, aantrekkelijke en vernieuwende trainingsvormen die je maar kunt bedenken.

Dirigent sterft ‘op de top’ De Israëlische dirigent Israel Yinon is tijdens een concert dat hij dirigeerde, getroffen door een hartaanval en kort daarna overleden. De 59-jarige musicus werd op 29 januari onwel tijdens het dirigeren van het Luzerner Hochschulorchester met de Alpensymfonie van Richard Strauss en viel voorover. De symfonie was halverwege, ‘op de top’ van de berg: de climax van het stuk. Volgens zijn dochter stierf hij “terwijl hij deed waarvan hij het meest hield en waaraan hij volledig was toegewijd; de muziek.” (Volkskrant, 3 februari 2015)

Topvrouw in spijkerbroek “Ha, ha, als je heel diep in mijn hart kijkt dan zou ik het liefst in spijkerbroek, trui en bergschoenen naar het werk gaan.” Nienke Meijer, voorzitter college van bestuur Fontys Hogescholen en Topvrouw van het jaar 2014, in Eindhovens Dagblad.

Wandern wie gemalt – Auf den Spuren bekannter Gemälde im Berner Oberland, Ruth Michel Richter en Konrad Richter Uitgave: Rotpunktverlag, Zürich, www.rotpunktverlag.ch ISBN: 978-3-85869-431-7 Prijs: € 34,00 HOOGTELIJN 2-2015 |

81


^^^ vooruitblik ^^^ vooruitblik ^^^ vooruitblik Hoogtelijn 3-2015 verschijnt 5 juni

FST OP DE MAERHORN

Colofon

Hoogtelijn is het officiële tijdschrift van de Koninklijke Nederlandse Klim- en Bergsport Vereniging (NKBV). Het verschijnt vijf keer per jaar. De redactie staat open voor bijdragen van leden en derden waarbij de redactie het recht heeft, zonder opgave van redenen, de bijdragen niet te plaatsen. Het al dan niet op verzoek van de redactie aanbieden van artikelen aan Hoogtelijn impliceert toestemming voor openbaarmaking en verveelvoudiging ten behoeve van de elektronische ontsluiting van Hoogtelijn. Overname van (delen uit) artikelen is alleen toegestaan na schriftelijke toestemming van de redactie van Hoogtelijn.

Redactie

Peter Daalder (hoofdredacteur) Femke Welvaart (eindredacteur) Ernst Arbouw, Mirte van Dijk, Sieto van der Heide, Frank Husslage, Marieke van Kessel, Ico Kloppenburg, Anne van Leeuwen, Bram Munnichs, Florian van Olden, Ivar Schute.

Medewerkers

Jody Hagenbeek, Christine Tamminga, Arnold Tang, Peter Uijt de Haag, Milka van der Valk Bouman (correctie), Saskia Gottenbos (cartografie), Toon Hezemans (cartoons).

MET N BABY IN DE WILDERNIS

Redactie-adres

NKBV, t.a.v. Hoogtelijn, Postbus 225, 3440 AE Woerden hoogtelijn@nkbv.nl, www.hoogtelijn.nl

Advertentie-exploitatie

ManagementMedia BV Postbus 1932, 1200 BX Hilversum Tel. 035-6232756, fax 035-6232401 Peter Dierdorp, Olger Kooring, Maikel van Wiggen peter.dierdorp@managementmedia.nl olger.kooring@managementmedia.nl maikel.vanwiggen@managementmedia.nl

Vormgeving

Studio ManagementMedia, Edith van de Giessen (art director), Anita Baljet

Druk

Senefelder Misset, Doetinchem Oplage: 37.000 ISSN: 1387-862X

Los abonnement

Niet-leden kunnen zich abonneren op Hoogtelijn voor € 22,50 per jaar. Kijk op nkbvwebshop.nl.

Koninklijke Nederlandse Klim- en Bergsport Vereniging

DE KAT-WALK ROND KITZBÜHEL 82 |

HOOGTELIJN 2-2015

DE SEVEN SUITS VAN SLBACH

Bellen 0348-409521 Bezoeken Houttuinlaan 16-A, 3447 GM Woerden Schrijven Postbus 225, 3440 AE Woerden Fax 0348-409534, info@nkbv.nl Betalen Bank: IBAN NL84RABO0161417213 BIC RABONL2U


Een verfrissend

geluksgevoel!

• 1000 KM WANDELWEGEN • 11 ZOMERBERGLIFTEN • 379 KM2 NATUURPARK


Hoogtelijn 2-2015  

In de lente-editie van Hoogtelijn doorkruisen we onder meer het Berner Oberland. Zo maken we een huttentocht bij Lauterbrunnen, gaan we een...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you